JUBILEUM 30UWSTUK - the Aceh Books website
JUBILEUM 30UWSTUK - the Aceh Books website
JUBILEUM 30UWSTUK - the Aceh Books website
Transform your PDFs into Flipbooks and boost your revenue!
Leverage SEO-optimized Flipbooks, powerful backlinks, and multimedia content to professionally showcase your products and significantly increase your reach.
<strong>JUBILEUM</strong><br />
<strong>30UWSTUK</strong><br />
opgeleverd bij de<br />
gelegenheid van net<br />
50-JARIG BESTAAN DER<br />
„LOGE D EL T<br />
loor<br />
W^m. S. B. Klooster<br />
(Br.'.<br />
Reaenaar)<br />
op 22 Octooer 1938
BIBLIOTHEEK KITLV<br />
0219 2977
)Gf O] 'l fl^-twS'<br />
JUB ILEUM<br />
BOUWSTUK
<strong>JUBILEUM</strong><br />
BOUWSTUK<br />
opgeleverd bij de<br />
gelegenheid van het<br />
50-JARIG BESTAAN DER<br />
„LOGE D EL T<br />
loor<br />
AV^n. S. B. Klooster<br />
(Jjr.'.<br />
.Redenaar)<br />
op 22 Octoter 1938
Achtbare<br />
Meester,<br />
Zeer Achtbare, Zeer Waarde Brs.'.<br />
1 oen in dit land meer dan een halve eeuw geleden de<br />
bijlslag der pioniers klonk, die alles scheen te overstemmen,<br />
klonk in het hart van enkele mannen, her en der door het<br />
gewest verspreid, plotseling luider nog de drieslag van hun<br />
maçonnieke wezen, zochten stoere handen de handen van<br />
broeders in een greep, die tintelde van kracht en verlangen<br />
om óók hier in Deli tezamen geestelijk te beleven, wat hun<br />
ziel reeds in het Moederland had beroerd, en om tezamen<br />
de lichten brandende te houden, die zij in hun binnenst<br />
meedroegen toen zij vol ondernemingslust naar dit nauwelijks<br />
ontgonnen, jonge gebied ten arbeid waren gegaan.<br />
Handen en harten vonden elkaar, en in het eind van het<br />
jaar 1886 waren er zes Brs.-., die een klein maar sterk deel<br />
vormden van den keten, welke de aarde omspant.<br />
Zij besloten een oproep te plaatsen in het Medansch dagblad,<br />
de „Deli Courant", teneinde andere Brs/. V. - . M/.,<br />
mogelijk nog in de Residentie der Oostkust van Sumatra<br />
elders verspreid, uit te noodigen voor het bijwonen eener<br />
bijeenkomst, waar men zou kunnen komen tot de oprichting<br />
van een Maçonnieke Sociëteit. De oproep is te vinden in<br />
de „Deli Courant" van 16 November 1886. Hij was onderteekend<br />
door de Brs. 1 . Scherer, Gransberg, Fischer, van der<br />
Hout, Bakkers en Pabst. Éere zij hun nagedachtenis! En<br />
op 29 November van dat jaar had ten huize van Br/. Seherer,<br />
des avonds te negen uur, de eerste vergadering van<br />
Delische Brs/. V/. M/. plaats.<br />
Het eerste jaarverslag vermeldt, dat een twintigtal Brs/.<br />
aan den oproep gehoor gaf. Met de Deli zoo kenmerkende<br />
voortvarendheid werd in de „comparitie" ten huize van
— 4 —<br />
Br/. Scherer op dien 29sten November, nu 52 jaar geleden,<br />
aanstonds het besluit geslagen, dat men niet zou volstaan<br />
met de oprichting van een Maçonnieke Sociëteit, doch dat<br />
men streven zou naar de oprichting van een Loge, ter<br />
voorbereiding van welk doel eene commissie werd samengesteld.<br />
Deze commissie wijdde zich allereerst aan het ontwerpen<br />
eener begrooting voor den bouw van een eigen huis.<br />
Br/. Wijnhoff teekende een ontwerp voor een klein,<br />
bescheiden, maar voor dien tijd toch nog zeer voldoende,<br />
Loge-gebouw en een „kapitalist", zooals het in de oude stukken<br />
heet, doch van wien wij niet vermeld vinden of hij al<br />
dan niet een Br/, was, bleek bereid het huis te doen zetten<br />
en aan de Loge te verhuren op zoodanige wijze, dat zij<br />
binnen weinig jaren eigenaresse van het pand worden kon.<br />
Terstond ving men aan den Serdangweg aan met den<br />
bouw, en op 20 October 1888 kon de Loge, die inmiddels<br />
haar constitutiebrief, no. 66, verkregen had, haar eigen<br />
huis inwijden. Door giften van de Brs. . in Deli, doch ook<br />
van Brs/. op Java en den Overwal, waren de gelden voor<br />
de versierselen en de verdere stoffeering bijeengebracht.<br />
De inwijding der Loge Deli — die toen 24 leden telde —<br />
had plaats in tegenwoordigheid van den Ged/. van den<br />
Gr/. Nat/., die den Tempel wijdde en de L/. L/. ontstak.<br />
Na deze plechtigheid vereenigden de Brs/. zich aan een<br />
Tafelloge, waarbij van vele zijden diepe vreugde en voldoening<br />
uitgesproken werd over het bereikte resultaat, terwijl<br />
aan een drietal Brs/. het Meesterschap van Eer werd<br />
aangeboden, namelijk:<br />
aan Br/, F. H. Gottlieb, Deputy of <strong>the</strong> United Grand<br />
Lodges of England, Deputy of <strong>the</strong> Royal Prince of Wales<br />
Lodge in <strong>the</strong> East of Penang;<br />
aan Br. . E. A. Thompson, Grand Master of <strong>the</strong> Lodge<br />
Zettland in <strong>the</strong> East of Singapore;<br />
en aan Br/. J. H. F. Zimmerman, afgevaardigde van de<br />
Loge „De Ster in het Oosten".<br />
Het was eerstgenoemde Br/., die de jonge Loge Deli een<br />
der grooteL/. schonk.
— 5 —<br />
Vermelding verdient nog, dat Br/. Pabst de inwijdings-<br />
Loge als V/. Mr/, heeft geleid.<br />
Aldra verheugde de Loge Deli zich in een goeden groei.<br />
Hoewel uiteraard in een maçonnieke gemeenschap het<br />
accent, wat het ledental betreft, eerstopdequaliteit<br />
en dan pas op de quantiteit vallen mag, stemde de<br />
groote belangstelling voor de Vrijmetselarij tot voldoening.<br />
Het leden-tal bevond zich gedurig in een stijgende lijn, totdat<br />
het tenslotte de ruim honderd benaderde, om welk<br />
aantal het bijna steeds, tot'nu toe, geschommeld heeft.<br />
Toen de Loge in 1913 haar vijf-en-twintig jarig bestaan<br />
vierde, kon men dan ook reeds spreken van een opgewekt<br />
maçonniek leven ter Oostkust. Er zijn nog enkele oudere<br />
Brs/. in ons midden aanwezig, die bij dat zilveren jubileum<br />
tegenwoordig waren. Zij behouden de herinnering aan<br />
een schoon en harmonisch feest. De plechtigheid der herdenking<br />
in den T/. werd door de Zusters bijgewoond, en na<br />
afloop van dit gedeelte begaf men zich gezamenlijk naar<br />
Hôtel de Boer, waar men zich aan een buitengewoon geanimeerd<br />
feestdiner vereenigde, dat met de muziek van het<br />
Elite Trio werd opgeluisterd en dat tot vroeg in den ochtend<br />
moet hebben voortgeduurd.<br />
»<br />
Maar er wachtte ernstig en moeilijk werk. Meer en meer<br />
werd de behoefte gevoeld aan de oprichting van een nieuwen<br />
T/. De oude was te klein voor het groeiend ledental.<br />
Echter, de geldmiddelen waren niet van dien aard, dat dit<br />
alles gemakkelijk ging. De bouw werd opgedragen aan Br/.<br />
Lachner, die groote zuinigheid betrachtte en er, ondanks<br />
de minder ruime beurs der Loge, in slaagde een gebouw te<br />
plaatsen, dat aan redelijke eischen zeer goed voldeed. Het<br />
is het gebouw, waarin wij thans nog samen zijn.<br />
De datum der inwijding viel op 15 Juli 1916. De ritueele<br />
opening had des avonds om zeven uur plaats. Te half negen
kwamen de Zusters in den Voorhof bijeen, om daar te worden<br />
toegesproken. Vervolgens werd de T/. bezichtigd en<br />
daarop vereenigde men zich in den Voorhof aan een gezamenlijk<br />
souper.<br />
Het lied, dat bij deze inwijdings-plechtigheid door den<br />
Tempel klonk, was dat bekende Vrij metselaars-vers, door<br />
Br/. W. A. Mozart gecomponeerd:<br />
In diesen heiligen Hallen<br />
Kennt man die Rache nicht.<br />
Und ist der Mensch gefallen<br />
Führt Liebe ihn zur Pflicht.<br />
Dan wandelt er, an Freundes Hand,<br />
Geschütz und froh in 's bessere Land.<br />
*<br />
De schepping van onzen bouwmeester Br/. Lachner<br />
voldeed door de jaren heen zeer goed. Weliswaar heeft men,<br />
toen de geldmiddelen wat ruimer vloeiden, in den loop der<br />
tijden hier en daar nog verbeteringen en uitbreidingen aangebracht,<br />
maar als geheel zijn toch niet veel veranderingen<br />
noodig gebleken. Toen ons Loge-gebouw in 1916 gereed<br />
gekomen was trok het, mede door zijn bijzondere architectuur,<br />
uiteraard zeer de publieke aandacht, Medan telde nog<br />
niet vele fraaie en groote gebouwen; ons Logegebouw werd<br />
dan ook in de plaatselijke pers uitvoerig beschreven.<br />
Zoo wijdde de „Sum. Post" van 14 Juni 1916 er een artikel<br />
aan dat aldus begon: ,<br />
„Het nieuwe gebouw der Vrij metselaar sloge wordt,<br />
niet alleen wat de uiterlijke architectuur, doch ook<br />
wat de constructie en de versiering van het inwendige<br />
betreft, een zeer merkwaardig Delisch bouwwerk, te<br />
danken aan den architect Lachner. De opdracht tot<br />
het ontwerpen van een nieuw Loge-gebouw was, gezien<br />
de bestemming van dit bouwwerk, natuurlijk iets
._ 7 —<br />
zeer bijzonders. En de heer Lachner, die met bijzondere<br />
voorliefde dit werk ondernam, is daarin dermate<br />
geslaagd, dat — naar wij vernamen — dit loge-gebouw<br />
waarschijnlijk het model zal worden voor verderen<br />
logebouw in Nederlandsch-Indië.<br />
De heer Lachner is niet alleen architect, doch werkt<br />
zelf practisch mede, waarbij hij blijk geeft van zeer<br />
artistieke gaven. Er zijn dingen, die hij onmogelijk aan<br />
toekangs kon overlaten, en zoo is bijvoorbeeld het<br />
beeldhouwwerk arbeid zijner eigene handen".<br />
Aan het einde van dit artikel merkt de schrijver in de<br />
„Sumatra Post" dan nog op:<br />
„Uit het hier medegedeelde zal de lezer, hopen wij,<br />
den indruk behouden, dat het nieuwe logegebouw een<br />
stuk architectuur van eigenaardige beteekenis wordt,<br />
een Medansche merkwaardigheid. Is het niet mogelijk<br />
dat de T.\, vóór hij in gebruik wordt genomen of ingewijd,<br />
des avonds ter bezichtiging wordt gesteld voor<br />
het publiek? Of is dat niet vereenigbaar met den ritus<br />
der Vrijmetselarij? 't Zou jammer zijn! In alle geval<br />
hopen wij, dat foto's en teekeningen zullen worden toegezonden<br />
aan een of ander bouwkundig tijdschrift in<br />
Nederland, opdat men in patria kunne zien, dat ook<br />
hier in Indië de architectuur de nieuwe paden bewandelt<br />
en bouwwerken van aes<strong>the</strong>tische waarde vermag<br />
voort te brengen".<br />
Het was mijn collega Vierhout, die dit schreef. Ik geloof<br />
niet, dat aan zijn wensch tot openstelling van den Tempel<br />
voor het publiek gevolg is gegeven. In ieder geval blijkt uit<br />
dit perscommentaar van een niet-Vrij metselaar al wel voldoende,<br />
hoezeer ook buiten onzen kring de oprichting van<br />
het nieuwe Loge-gebouw als een zeer bijzondere gebeurtenis<br />
werd beschouwd.<br />
Toen de T.\ gereed was werd besloten den naam van<br />
Br/. Lachner in het gebouw te vereeuwigen, terwijl hem
— 8 —<br />
later een oorkonde zou worden uitgereikt, de gevoelens<br />
van dankbaarheid der Loge Deli vertolkend jegens den<br />
bouwmeester. Voorts ontving Br.-. Lachner als herinnering<br />
een gouden horloge, dat hem echter ontstolen werd,<br />
waarop hem, bij het veertigjarig bestaan der Loge, een<br />
nieuw horloge ten geschenke gegeven is, waarin eene<br />
inscriptie was gegraveerd.<br />
De dochter van den V. . Mr. . in 1916, Erna Lusink, heeft<br />
den eersten steen voor dit gebouw gelegd.<br />
Er werden bij de inwijding vele geschenken gegeven, zoowel<br />
door Brs.'. als van de zijde der Zrs. Het waren onze Zrs.,<br />
die het vaandel schonken. De M. . d.\ G.\ was een geschenk<br />
der Brs.'., evenals de looper en de beide sfinxen in den T.\,<br />
terwijl een der Brs. - . een groot bedrag beschikbaar stelde<br />
voor de meubileering van ons gebouw.<br />
Zoo heerschte er algemeen een groote mate van samenwerking<br />
en offervaardigheid; zoo droeg ieder zijn steen tot<br />
den opbouw van dezen T.\ bij.<br />
* *<br />
#<br />
Kwamen die eigenschappen in 1916, bij deze gewichtige<br />
gebeurtenis voor de Loge Deli, wel bijzonder krachtig tot<br />
uiting, gelukkig zijn zij ook in andere jaren gedurende de<br />
halve eeuw van haar bestaan immer'aanwezig geweest.<br />
Wie de inwendige, de geestelijke historie onzer Werkplaats<br />
over de afgeloopen vijftig jaren in beschouwing<br />
neemt, kan dit met voldoening constateeren.<br />
En zonder twijfel is zulks voor een belangrijk deel te<br />
danken aan het voordeel, dat de Loge in àl dien tijd geleid<br />
werd door V.-. Mrs.-., die met vele gaven van hoofd en hart<br />
de Broederschap naar hunne beste krachten op voortreffelijke<br />
wijze hebben geleid.<br />
Het is dan ook met gedachten van groote erkentelijkheid,<br />
dat wij hier op dezen jubileumdag hunne namen memoreeren.<br />
Onze beste gevoelens reizen naar hen toe, voor zoover<br />
zij hier te lande of in het Moederland toeven, en wij
— 9 —<br />
eereh met weemoed de nagedachtenis van diegenen onder<br />
hen, die ons naar het E.'. O. - , zijn voorgegaan.<br />
Onze W.'. werd in de afgeloopen jaren door twee-entwintig<br />
V.:. Mrs.:, geleid, namelijk de Brs.'. Pabst, A. S. Siewertsz<br />
van Reesema, G. J. A. Schotman, S. de la Parra, W. I.<br />
Hubers van Assenraad, C. I. L. van Schmid, Stemport, G. C.<br />
Klerk de Reus, H. J. Stoof. J. Gaster, G. J. A. Meesters, R.<br />
Römer, H. Ph. Kuyp, M. J. Lusink, P. C. Woudsma, J. J. van<br />
der Laan, A. L. A. van Unen, P. van Loo, M. de Wolff, J. F.<br />
Poser, P. de Haan en A. Pakvis.<br />
Verschillende dezer Brs . hanteerden twee niet opvolgende<br />
keeren den M.', d. - . G.\ Den längsten tijd, namelijk<br />
niet minder dan acht jaren, is Br.'. Lusink V.". Mr.'.<br />
geweest. Br/. Woudsma volgt met vijf jaren op de Brs.-.<br />
Meesters en Römer, die zes jaren de leiding hadden.<br />
Zij allen zijn in hun arbeid bijgestaan door een lange<br />
reeks Bestuursleden en Officieren, die eveneens veel in het<br />
belang der W. . en de door haar in het leven geroepen instellingen<br />
hebben gedaan. Ook zij mogen hier dankbaar<br />
worden herdacht.<br />
Was hun taak in den aanvang moeilijk, de arbeid der<br />
W.\ nam in den loop der jaren steeds in omvang toe. In<br />
het begin werden slechts weinig comparities gehouden. Er<br />
zijn jaren met slechts drie comparities. Later werd dit aantal<br />
vrij geregeld gesteld op één comparitie per maand. De<br />
omstandigheid, dat men toen zooveel minder bijeenkwam<br />
dan thans het geval pleegt te zijn, valt niet te wijten aan<br />
mindere belangstelling voor het maçonnieke samenzijn. De<br />
meeste Brs.". waren in dien tijd in de cultures werkzaam,<br />
en deze planters konden toen nog niet altijd zóó gemakkelijk<br />
en veelvuldig naar Medan komen, als thans voor velen<br />
gelukkig is weggelegd, nu men over automobielen en goede<br />
wegen beschikt, die de afstanden korter hebben gemaakt.<br />
Met de ontwikkeling van het gewest ziet men dus ook het
— 10 —<br />
aantal comparities groeien. Meer en meer wordt de Loge<br />
een geestelijk centrum, waar intensieve kracht van uit<br />
gaat, meer en meer ook wijdt men zich, in de laatste vijfentwintig<br />
jaren, aan maatschappelijk werk.<br />
Talloos zijn de instellingen ter Oostkust, die door de Loge<br />
werden opgericht, tot de oprichting waarvan zij als zoodanig<br />
den stoot gaf of die haar ontstaan te danken hebben aan<br />
de activiteit van Brs.-. persoonlijk, waarbij zeer vaak —<br />
ja, men kan wel zeggen meestal — samenwerking gezocht<br />
en verkregen werd met belangstellenden uit andere geestelijke<br />
richtingen in dit land, volgens de beginselen van<br />
verdraagzaamheid, die ons streven behooren te sieren, en<br />
met het oog voortdurend gericht op het algemeen belang.<br />
Als voorbeelden van vruchten van het maatschappelijk<br />
werk, uit onzen maçonnieken kring gesproten, noem ik: de<br />
Openbare Biblio<strong>the</strong>ek, het Hulpfonds voor Behoeftige<br />
Europeanen, Pro Juventute, de Arbeidsbeurs, de Fröbelschool,<br />
het Hüttenbach-studiefonds, de Medansche Schoolvereeniging,<br />
de afdeeling Medan van het Alg. Ned. Verbond,<br />
de Anti Woeker Vereeniging, de Hoogere Burger School. En<br />
er zouden nog tientallen andere vereenigingen of instellingen<br />
hier ter kuste te noemen zijn, tot de oprichting<br />
waarvan maçons het initiatief namen of waarbij zij in de<br />
leiding zaten, soms nóg zitting hebben, en al hun krachten<br />
wijden aan het goede werk.<br />
Zoo werden den loop der vijftig jaren door het arbeiden<br />
van Brs.'. buiten den Getanden Rand veel zegen verspreid.<br />
De activiteit ontwikkelde zich in gelijke, ja wellicht nog<br />
sterker mate, b i n n e n den Getanden Rand, in de oplevering<br />
van bouwstukken over geestelijke onderwerpen,<br />
waaraan in verdraagzaamheid belangwekkende besprekingen<br />
werden vastgeknoopt. Bij het nagaan der notulen<br />
treft het, dat het scala van opvattingen en meeningen<br />
vroeger vaak nog veelkleuriger was dan thans. Mogelijk<br />
vond dit mede zijn oorzaak in het feit, dat tot enkele jaren<br />
vóór het veertigjarig bestaan der Loge Deli vele en velerlei<br />
nationaliteiten in onzen broederkring vertegenwoordigd<br />
waren. Wij tellen nu nög wel buitenlandsche Brs.'. in ons
— 11 —<br />
midden, maar niet meer in zóó uitgebreiden getale als voorheen.<br />
Een veertien-tal jaren geleden kwam daarin eene beperking,<br />
toen de Engelsche Brs.-., ter kuste aanwezig, een eigen<br />
Loge konden oprichten, de Lodge Ionic, met welke jongere<br />
zuster nog altijd een buitengewoon hartelijke en waarlijk<br />
broederlijke verstandhouding bestaat.<br />
Jammer genoeg heeft de aansluiting van Inheemschen<br />
of Chineezen slechts uiterst zelden plaats gehad. Een Chineesch<br />
lid heeft de Loge nimmer gekend. Tot voor kort<br />
telde zij nog slechts één Inheemsch lid. Gelukkig prijzen<br />
wij ons de vorige maand een tweeden Inheemschen Br.-, te<br />
hebben mogen inwijden. De aansluiting van Inheemsche of<br />
Chineesche Brs.-., altijd gaarne gewenscht, vond blijkens<br />
vroegere uitspraken, die wij in het archief konden nagaan,<br />
steeds bezwaar in de minder rijpe geestelijke ontwikkeling<br />
van eventueele candidaten, een bezwaar dat in de tegenwoordige<br />
tijden van een toenemend aantal intellectueelen<br />
bij dien groep, ook hier ter Oostkust, intusschen hoe langer<br />
hoe meer verdwijnen zal.<br />
Meermalen is deze aangelegenheid onderwerp van bespreking<br />
in de comparities geweest. Trouwens, organisatorische<br />
problemen, waarmede wij ons thans eveneens nog<br />
vaak in de bijeenkomsten moeten bezighouden, zooals de<br />
toelating van Zrs. tot den Tempel bij speciale gelegenheden,<br />
de quaestie der contributie-regeling etcetera, — daar is,<br />
blijkens de vergeelde papieren van de Loge Deli, in dit opzicht<br />
niets nieuws onder de zon. Deze zaken komen met<br />
de regelmaat van een klok weer terug.<br />
Laat ik daar niet langer bij stil staan, want hoe gewichtig<br />
dergelijke vraagstukken van organisatorischen aard ook<br />
mogen zijn, zij maken niet het wezen der Loge Deli uit,<br />
en nauwelijks de historie want zij worden immers nimmer<br />
geschiedenis, omdat men er nooit over uitgepraat<br />
raakt!<br />
* #<br />
*
— 12 —<br />
Wijden wij nog een oogenblik onze aandacht aan de geschiedenis<br />
van onze W.\ dan naderen wij thans tot het<br />
hoogtepunt, dat twaalf jaar na den bouw van den nieuwen<br />
T.'. plaats had, de herdenking van het veertigjarig bestaan.<br />
Verschillende der thans hier aanwezige Brs/. hadden<br />
het voordeel, daar getuige van te zijn. Zij zullen zich herinneren<br />
dat zoowel de plechtigheid in den T/. als het daarop<br />
volgende feestmaal bijzonder geslaagd verliepen en zich<br />
vooral kenmerkten door een geest van groot vertrouwen in<br />
de toekomst der Vrijmetselarij.<br />
De toenmalige Br. . Redenaar kon toen dan ook getuigen<br />
dat de Loge Deli „krachtiger staat dan ooit". „Die kracht",<br />
aldus deze Br/., „die van haar uitgaat zoowel naar binnen<br />
als naar buiten, blijve onverzwakt. Laat een ieder op dezen<br />
herdenkingsdag in zijn binnenste de plechtige belofte afleggen,<br />
dat ook hij daartoe zijn steen zal bijdragen".<br />
Zoo sprak de Br/. Redenaar tien jaar geleden, in een jubileum-bouwstuk<br />
dat voorts hoofdzakelijk aan de ritualistiek<br />
en de symboliek was gewijd, twee facetten der Vrijmetselarij,<br />
die vooral in d i e n tijd de bijzondere belangstelling<br />
genoten en waarvan toen, naar het mij voorkomt, méér<br />
studie werd gemaakt dan thans bij vele der jongere Brs/.<br />
het geval pleegt te zijn.<br />
Hoezeer zulks ook te betreuren valt, omdat de ritualistiek<br />
en de symboliek, als men er dieper in delft, een allerrijkst<br />
complek mij naderen blijkt, waaruit stoffen van groote<br />
wijsheid en schoonheid worden geput, — begrijpelijk en verklaarbaar<br />
schijnt mij dit wel.<br />
Iedere tijd heeft zijn eigen problemen, en de onze is<br />
zoozeer van groote, benauwende en soms verwarrende<br />
geestelijke en maatschappelijke vraagstukken overstelpt,<br />
dat men in zijn nerveuzen drang naar de hervinding van<br />
het evenwicht dikwijls tijd noch lust gevoelt tot diepe en<br />
gezette studie naar de herkomst en de vele beduidenissen<br />
der symbolen en ritualen, doch eerder geneigd wordt ze<br />
slechts te aanvaarden en te ondergaan — uitsluitend<br />
om door de intuïtieve inspiratie van handeling en teeken,<br />
en het in die gewijde, verstilde sfeer beluisteren van het
— 13 —<br />
eigen hart, de innerlijke harmonie te zoeken, die ons nader<br />
brengt tot het Licht.<br />
Hier kom ik op het moeilijke onderwerp der geestelijke<br />
historie van onze Loge. Van haar uitwendige historie<br />
heb ik U hiervoren getracht een vluchtige schets te<br />
geven, de meest opvallende geschiedkundige feiten memoreerend,<br />
vermijdend het détail, dat dit bouwstuk te uitvoerig<br />
maken zou.<br />
Data en feiten liggen vast, zij zijn onveranderlijk en niet<br />
vatbaar voor subjectieve beoordeeling, zoolang het commentaar<br />
er buiten gehouden is.<br />
De geestelijke geschiedenis der Loge valt minder gemakkelijk<br />
aan de hand van objectief historisch materiaal na<br />
te gaan, en indien men zich hier al toe zet, dan ontkomt<br />
men toch nimmer geheel aan een persoonlijken toets in de<br />
waardemeting van zulk een in menig opzicht abstract<br />
begrip als de wendingen des geestes in een broedergemeenschap<br />
over het verloop van een halve eeuw.<br />
Ook zijnerpractische bezwaren. De geestelijke<br />
welstand van de Loge zou voor een aanzienlijk deel moeten<br />
worden nagegaan uit de opgeleverde bouwstukken, en daarvan<br />
vindt men in ons archief helaas zeer weinig uit den<br />
vroegeren tijd.<br />
Maar wat daar dan nog aanwezig is geeft toch alle aanleiding<br />
om met voldoening te spreken over een geestelijken<br />
groei, die uiteraard zijn perioden van inzinking heeft<br />
gekend, doch waarvan de curve gestadig<br />
opwaartswijst.<br />
De hier, in onze comparities, besproken onderwerpen<br />
waren van vele en velerlei aard, maar altijd stonden zij op<br />
een goed peil, altijd blijken zij ingeleid door een Br/., die<br />
met ernst en toewijding aan zijn werkstuk gearbeid had.<br />
Waren het vroeger zeer vaak zaken van maatschappel<br />
ij k e n aard, die de aandacht vroegen, later bewoog
— lernen<br />
zich meer op het gebied van symboliek en ritua-<br />
1 i s t i e k, terwijl het mij toeschijnt dat in de laatste tien<br />
jaar wijsgeerige en religieuze problemen in het<br />
centrum der belangstelling hebben gestaan, hetgeen natuurlijk<br />
niet zeggen wil, dat toen aan onderwerpen van<br />
anderen aard in het geheel geen bouwstukken zijn gewijd.<br />
Altijd was er groote afwisseling en variatie in de zaken,<br />
die van achter den G/. K/. werden voorgebracht. Niettemin<br />
merkt men in bepaalde perioden eene speciale voorliefde<br />
voor zekere facetten van ons geestelijk leven op,<br />
gelijk ik daareven nader heb aangeduid.<br />
Dit houdt natuurlijk ten nauwste verband met de omstandigheden,<br />
door welke wij in het profane leven worden<br />
beinvloed.<br />
Toen het jonge Deli nog zulk een braak terrein was<br />
voor sociaal werk, waaraan anderen zich destijds weinig<br />
gelegen lieten liggen, ging de dadendrift van den practischen<br />
planter-V/. M/. als vanzelve sterk die richting uit.<br />
De veelvuldige arbeid naar buiten schiep de behoefte aan<br />
bezinning op het werk i n de Loge en de schoonheden van<br />
de Vrijmetselarij binnen den Getanden Rand, hetwelk<br />
leidde tot diepere bestudeering van symbolen en ritualen.<br />
In de derde geestelijke periode, welke wij t h a n s nog<br />
beleven, werden de Brs/. als het ware opgeschrikt door luid<br />
gerucht buiten de Tempelpoort: het gerucht van moreelen<br />
en materieelen nood in het profane bestel, het gerucht van<br />
toenemende verwarring, het dof gebulder van kanonnen<br />
ook, en het sabelgekletter op het werkelijke slagveld en in<br />
de politiek zoowel als in het oeconomisch leven, terwijl als<br />
gevolg daarvan zich in de wereld een groote geestelijke<br />
verbijstering voltrok, die e e r s t tot diep verval en ernstige<br />
verwording leidde, om later langzaam, en in velerlei vorm,<br />
regeneratie te zoeken en ten deele te vinden. Ten d e e 1 e!<br />
Want nog steeds tasten honderdduizenden in het duister<br />
rond, vervreemd van hun geloof of vervolgd om hun geloof,<br />
vervreemd van zichzelf soms in een wereld, die van dringende<br />
vragen vervuld is maar nergens een antwoord schijnt<br />
te kunnen geven, dat de klank heeft van harmonie.
— 15 —<br />
Men zou geneigd zijn te meenen dat deze periode van<br />
geestelijke reactie in de Loge kort na 1914 reeds aangevangen<br />
zou moeten zijn, toen de wereldbrand uitbrak. Dit<br />
echter is niet het geval; en zulks ligt ook weer voor de hand<br />
als men bedenkt, hoe deze ontzettende feiten van den oorlog<br />
Gode zij dank aan Nederland voorbij gingen.<br />
En hoewel weemoed en droefenis de Vrijmetselaren toen<br />
ook hier hebben vervuld, de overtuiging in de eenmaal<br />
veroverde geestelijke idealen bleef hecht en stevig; het<br />
zoeken van nieuwe wegen tot diepere bezinning was geen<br />
behoefte, wijl men wél de verschrikking maar niet<br />
den t w ij f e 1 kende, en — biddend om vrede — de verzekerdheid<br />
in zich droeg van een toekomstigen, beteren grond<br />
van internationale harmonie.<br />
Eerst de bittere teleurstelling, die wij daaromtrent later<br />
hebben ervaren, het wankelen en in elkander storten van<br />
waarden die ons eeuwenlang lief zijn geweest, de algemeene,<br />
nog immer voortdurende, steeds ernstiger geworden<br />
geestelijke crisis hebben ons, ook in de Loge Deli,<br />
gedurende de laatste tien jaren merkbaar geleid tot een<br />
krachtige her-oriëntatie en een steeds weer opnieuw toetsen<br />
onzer beginselen aan de wereld, maar vooral ook aan onszelf.<br />
Moet men dit nu zien als een teruggang: die drie perioden<br />
in onze geestelijke historie van éérst sterke activiteit, opbouw<br />
in de maatschappij, daarna maconnieke studie en<br />
levendige belangstelling voor de schoonheid onzer symbolen<br />
en ritualen, en tenslotte: een nieuw tasten en zoeken, een<br />
ons wenden tot wijsgeerige of religieuze beschouwingen en<br />
disputen, een ons oriënteeren omtrent geestelijke stroomingen<br />
van allerlei richting en aard?<br />
Ik heb het antwoord al gegeven toen ik daarstraks zeide,<br />
dat de curve van onze geestelijke historie, ondanks hare<br />
incidenteele inzinkingen, gedurig opwaarts wijst.
— 16 —<br />
Naar mijne persoonlijke gevoelens is er geen sprake van<br />
een teruggang, van een vermindering of verzwakking van<br />
ons geestelijk peil.<br />
Integendeel.<br />
Het zoeken en tasten, het her-waardeeren onzer maconnieke<br />
idealen, heeft ons juist dieper bewust gemaakt<br />
van hun b ij zondere schoonheid en<br />
onvergankelijkheid.<br />
De stroomingen, in onze Loge merkbaar geworden, van<br />
wrjsgeerigen of van religieuzen aard, hebben elkander tenslotte<br />
niet de bedding betwist, om schuimend en kolkend<br />
tot een maalstroom te worden, waarin de Waarheid, die wij<br />
allen zoeken, voor goed verloren en ten onder zou gaan. Zijhebben<br />
elkander gevoed tot een krachtigen breeden<br />
stroom, die zich juist in den laatsten tijd merkbaar afteekent,<br />
van opgewekt geestelijk leven, gericht op de onaangetast<br />
gebleven groote idealen en tradities der Vrijmetselarij,<br />
als daar zijn: broederlijke verdraagzaamheid, arbeid<br />
aan ons zelf om een beter mensch te worden, en vooral het<br />
onophoudelijk gezamenlijk ons oriënteeren op het Licht,<br />
dat is, was en komen zal: het Licht van de Zielekracht, de<br />
geheiligde Wijsheid en de hemelsche Schoonheid, dat ons<br />
een eeuwige inspiratie vormt voor het werk aan den<br />
ruwen steen in ons binnenste, voor het betrachten van de<br />
hoogste levenskunst, de Koninklijke Kunst van den Vrijmetselaar.<br />
Dat wij vele malen hebben gefaald, en nog dikwijls falen<br />
— het is ons allen maar àl te goed bekend, wij zijn het<br />
ons diep en ernstig bewust.<br />
Maar struikelende in het duister hebben wij het Licht<br />
zien schijnen en aan moed of overtuigingskracht om dat<br />
nader te komen ontbreekt het ons niet, h o e z e e r wij soms<br />
nog mogen twijfelen of bedroefd terneer gezeten zijn. Want<br />
wij g e 1 o o v e n in dat Licht. En in dat geloof vinden wij<br />
immer de bezieling om onversaagd verder te gaan op het<br />
dikwijls moeilijke maar naar edel doel gewende pad.<br />
Dit overwegende op den dag van ons gouden jubileum,<br />
Brs/., meen ik dat de Loge Deli met dankbaarheid en'
— 17 —<br />
voldoening mag terug zien op de periode, die achter haar<br />
ligt en die zoowel wat de uiterlijke als de innerlijke historie<br />
betreft ons een lichtend spoor doet aanschouwen, een spoor<br />
dat nooit meer kan worden uitgewischt.<br />
* *<br />
Nu wenkt de toekomst.<br />
Rondom ons heen ziend in de profane wereld zijn de omstandigheden<br />
onder welke wij moeten arbeiden zwaarder<br />
dan ooit.<br />
Wij zullen deswege krachtig voort moeten gaan met de<br />
bezinning op onze geestelijke maçonnieke waarden, en de<br />
bewustwording van het feit wat het zeggen wil: V r ijmetselaar<br />
te zijn; welke persoonlijke, broederlijke en<br />
maatschappelijke verplichtingen zulks medebrengt; hoe wij<br />
die geestelijke waarden het best kunnen aanwenden voor<br />
de bereiking van innerlijke harmonie, die vanzelve haar<br />
goede afstraling vinden zal in onze profane omgeving, opdat<br />
wij op deze wijze er toe medewerken, dat de mensen<br />
zichzelve terugvindt in Hooger Licht, en — tot bezinning<br />
komend — in eene zuivere levenshouding streeft naar de<br />
goede dingen, ieder op zijn wijze en in edele verdraagzaamheid.<br />
Dit Brs.\ is een moeilijke, maar schoone taak: een taak<br />
van uitstraling onzer eeuwige idealen.<br />
Wij kunnen haar alléén vervullen, wanneer in onszelf het<br />
Licht der liefde en offervaardigheid brandt, indien wij<br />
onzen plicht als Vrijmetselaar altijd-door, onder iedere omstandigheid<br />
en in elk milieu, indachtig zijn.<br />
Eerst dan kunnen wij, door ons voorbeeld in de uitoefening<br />
van de Levenskunst, ook anderen stemmen tot harmonie.<br />
Laat ons, Brs. , op dezen Jubileumdag, terugziende op en<br />
inspiratie puttend uit het lichtend spoor van ons verleden,<br />
de toekomst moedig en sterk tegemoet gaan.<br />
Laat ons den blik onafgewend houden van het Licht.
— 18 —<br />
Laat ons Kracht, Wijsheid en Schoonheid putten uit dit<br />
Licht.<br />
Laat ons onzen plicht indachtig zijn en getuigen van<br />
het Licht, dat door de duisternis nooit kan worden overwonnen.<br />
Laat ons, Brs.'., beloven dat wij er ernstig naar zullen<br />
streven altijd en overal waarachtige Vrijmetselaars te zijn.<br />
Laat ons in verdraagzaamheid tezamen bouwen aan den<br />
T.'. der Menschheid!<br />
Zoo moge het zijn.<br />
Achtb. :. Mr. , het houn>stul( is opgeleverd.<br />
O. van Medan.<br />
October 1938.
TYP DELI COURANT