Movir Veerkracht - Gezonde ideeën over werk en leven - Voorjaar 2014

movir

Het magazine “Veerkracht”. Een periodieke uitgave van Movir, waarin zij aandacht besteedt aan haar preventie en re-integratiedienstverlening. Het blad moet meer bekendheid geven aan alle diensten die Movir haar verzekerden biedt, naast het verzekeringsproduct.

nummer 5 / voorjaar 2014

gezond

ondernemerschap

ergonomische

werkplek

Wat doet een

medisch adviseur

Dokter,

hoe is ‘t met u?

Resultaten

klantonderzoek


VEERKRACHT INHOUD

PR

preventie

BA

back on track

re

re-integratie

CA

case

PR

preventie

/ 03 column / 04 Preventie: de juiste houding

/ 06 Re-integratie: Zinvol bijdragen aan arbeidsherstel

/ 08 BACK ON TRACK: LIEZBETH SMANT / 10 CASE: Dokter,

hoe is ‘t met u? / 11 Preventie: De werkdruk van de

Nederlandse huisarts / 12 preventie: Van sponsor tot

gezinsman / 14 Onderzoek: Resultaten klantonderzoek

arbeidsongeschikten

Veerkracht is een uitgave van arbeidsongeschiktheidsverzekeraar Movir voor haar verzekerden.

In Veerkracht staat de dienstverlening rondom onze preventie en re-integratie centraal.

© Copyright 2014. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveel Voudigd, opgeslagen,

of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.


3

VEERKRACHT gastcolumn

gastcolumn

Gezond

ondernemerschap

loont

‘Wij zijn ervan

overtuigd dat

gezond ondernemerschap

van vitaal

belang is

voor iedere

professional.’

De wereld verandert, en de arbeidsmarkt verandert

mee. Zzp’ers vormen - als ondernemende

professionals - de voorhoede van deze nieuwe

arbeidsmarkt. Zzp’ers bieden de markt kwaliteit en

flexibiliteit in een tijd waarin aan beide van deze

aspecten veel behoefte is. Het is niet voor niets dat

deze groep professionals de laatste jaren fors is

toegenomen. Naast de traditionele zelfstandigen

zoals medici, advocaten en notarissen, nemen met

name de ‘nieuwe’ professionals in aantallen toe:

interim-managers, marketeers, ict’ers, bedrijfsadviseurs.

Steeds meer organisaties laten zich

graag tijdelijk ondersteunen door competente en

gedreven zelfstandig professionals.

Juist deze zelfstandigen missen vaak een sparringpartner

of klankbord. Daarin levert FNV

Zelfstandigen een bijdrage. Denk aan het bieden

van professioneel advies, een inspirerend netwerk

en collectieve en individuele voorzieningen die

aansluiten bij hun wensen en behoeften. Daarnaast

zetten wij ons in voor de lobby in Den Haag en in

‘de polder’. Vernieuwing vraagt namelijk ook om

innovatie van de arbeidsverhoudingen en passende

wet- en regelgeving.

Wij zijn ervan overtuigd dat gezond ondernemerschap

van vitaal belang is voor iedere professional

en adviseren daarin op uiteenlopende vlakken.

Duurzaam succesvol ondernemen vraagt namelijk

niet alleen om de goede competenties en het

goede netwerk, ook vitaliteit en gezondheid zijn

essentiële ingrediënten. Daarin hebben wij Movir

ook als partner gevonden. Immers, inkomenszekerheid

is voor zelfstandigen van belang, maar zeker

zo belangrijk is de aandacht voor preventie: juist

ook voor ondernemers geldt dat ze met veel passie

en gedrevenheid hun vak willen uitoefenen en hoe

dan ook willen voorkomen dat zij door ziekte thuis

komen te zitten.

Als Partner in Gezond Ondernemerschap bieden

wij onze leden hierbij ondersteuning op maat:

het voorkomen van problemen en het zoeken naar

echte oplossingen, dat is waar FNV Zelfstandigen

en Movir elkaar gevonden hebben.

Henk Wesselo / directeur FNV Zelfstandigen

co

column


PR

Preventie

Joris Rotteveel,

tandarts-endodontoloog

Joseph Wouters,

ergonoom

‘De juiste Houding’

Joris Rotteveel uit Nijmegen meldt zich eind 2012 bij Movir. Hij is

na de studie tandheelkunde en een drie jaar durende differentiatie

werkzaam als tandarts-endodontoloog en kreeg last van werkgerelateerde

pijnklachten. Een ergonoom wordt ingeschakeld

en na grondig onderzoek en rigoureuze aanpassingen van de

werkplek is het tij gekeerd voor Joris. De klachten zijn verdwenen,

tot op de dag van vandaag.

Rotteveel: ‘Ik heb een geweldige baan als gedifferentieerd

tandarts. Tandartsen verwijzen patiënten aan mij door voor

een technisch moeilijke wortelkanaalbehandeling, gebits letsel,

wortelpuntoperatie en het oplossen van problemen in de

diagnostiek zoals onbegrepen pijnklachten.

Mijn agenda is vooral gevuld met moeilijke wortelkanaalbehandelingen.

Deze duren gemiddeld 1 tot 2,5 uur, wat een

lange concentratie en inspanning van mij als endodontoloog

vereist. De voldoening van mijn werk dreigde minder te

worden door opkomende lichamelijke klachten. Na een dag

werken had ik regelmatig pijn in handen, armen en schouders.

In mijn omgeving ken ik al collega’s met beroepsgerelateerde

klachten en mogelijke arbeidsongeschiktheid tot gevolg.

Dat was een absolute nachtmerrie voor mij, ik wilde nog

heel wat jaren dit vak uitoefenen. Nét in die periode viel het

magazine Veerkracht van Movir op de mat. Daarom heb ik

eind 2012 Movir gebeld.’

Na de melding van Rotteveel schakelt Movir ergonoom

Joseph Wouters in. Wouters: ‘Als ergonoom ben ik gespecialiseerd

in het opsporen van de oorzaak van lichamelijke

klachten door verkeerde belasting van het lichaam. Ik werk als

onafhankelijk deskundige al meer dan 25 jaar voor Movir en

heb in die jaren veel tandartsen begeleid. Het fijne aan deze

casus was dat er nog geen sprake was van arbeidsongeschiktheid.

Als mensen zich in een vroegtijdig stadium

melden is er vaak nog van alles mogelijk.


5

VEERKRACHT Preventie

Joris vond het prima als ik een dagdeel observeerde

tijdens behandelingen. Dat heb ik dan ook gedaan.

Zo’n locatieonderzoek geeft heel veel inzicht. Ik zie

de gebruikte instrumenten, de instrumenthantering,

de houding, de interactie met assistentes en patiënt.

Zo krijg ik een samenhangend beeld.’

Locatieonderzoek

Wouters: ‘Het eerste wat mij tijdens het observeren

opviel, is dat Joris zijn nek constant overbelastte

tijdens patiëntbehandelingen. Als de nek met regelmaat

meer dan 25 graden gebogen wordt, kunnen

klachten ontstaan. Deze tandarts werkte met zijn

nek in een buiging van 40 tot 60 graden en bij het

gebruik van de microscoop werd het hoofd en vooral

ook de kin naar voren gebracht. Direct gevolg is een

te zware belasting van de nek en schouders. Toen ik

dat zag, wist ik al direct dat daar winst voor hem te

behalen was.’

Rotteveel vertelt: ‘De behandelunit waarmee ik werk

is een standaardunit. Niet afgestemd op mijn persoonlijke

situatie. De stoel waarop de patiënt ligt kan

bijvoorbeeld onvoldoende omhoog. Ik moet constant

in een onnatuurlijke, vervelende houding zitten om

goed zicht te hebben.’ Wouters vult aan: ‘Goed zicht

is essentieel voor een tandarts. Dat wordt bijvoorbeeld

beïnvloed door het type lamp dat gebruikt

wordt en het wel of niet dragen van een op het werk

afgestemde bril. In dit specifieke geval werden de

nek, schouders en rug te veel belast omdat het

zicht niet optimaal was. Hiervoor waren grofweg vier

oorzaken: Rotteveel is lang, hij had een verkeerde

afstand tot zijn werkterrein, de patiënt lag te laag en

zijn hulpmiddelen waren onvoldoende toereikend.’

De eerste verbeteringen

Rotteveel: ‘Wouters adviseerde een andere stoel

aan te schaffen. Als tandarts doe je de behandeling

vrijwel altijd zittend. De gasveer van mijn stoel was

te laag waardoor ik een verkeerde houding aannam.’

Daarnaast merkte Wouters op dat de microscoop

van Rotteveel onvoldoende was in te stellen. Na

analyse van de optometrist werd het oculairhuis van

de microscoop aangepast, waardoor de microscoop

gebruikt kon worden vanuit een rechtopzittende positie.

Voor werkzaamheden zonder microscoop werd

een bril met lage prisma’s gemaakt; zo kon hij vanuit

een ontspannen rechtopzittende houding werken.

Concrete aanpassing

De praktijkeigenaar besloot toevallig in die periode

de complete behandelunit te vervangen. Rotteveel

is daar blij mee: ‘De unit waarop ik werkte is voor

rechtshandigen, ik ben linkshandig. Al het instrumentarium

zat op de verkeerde plaats. De boor hangt

rechts terwijl ik hem in mijn linkerhand nodig heb.

Daardoor moest ik extra ver reiken om de boor te

kunnen pakken, of ik moet ‘m steeds overpakken.

De afzuiger, die vooral door de assistente gebruikt

wordt, zit standaard links, naast het hoofd van de

‘Goed

zicht is

essentieel

voor een

tandarts.’

‘Het belang

van

oefeningen

wordt vaak

onderschat.’

patiënt. Maar als linkshandige behandelaar zit ik

daar. Niet handig, de unit werkte tegen. Na installatie

van de aangepaste unit kan ik nu veel makkelijker

instrumenten pakken en ook mijn assistente zit op

een logische plaats. Daarnaast kan de patiënt veel

hoger liggen waardoor ik minder moet buigen om

in de mond te kunnen kijken. Ik kan bovendien de

voorkeursinstellingen opslaan, zodat ik na een vrije

dag met één druk op de knop alle instellingen weer

goed kan zetten.’

Andere aanpassingen

Ongeveer 75 procent van de tijd werkt Rotteveel met

behulp van de microscoop. Het zicht dat hij had, had

zijn assistente niet. Daardoor kon hij niet optimaal

worden geassisteerd tijdens een groot deel van de

behandeling. Dit zorgde ervoor dat hij extra handelingen

zelf moest verrichten.

Op advies van de ergonoom besluit hij ook dit aan

te pakken. Er wordt een extra monitor aangeschaft

waarop de assistente tijdens het behandelen kan

meekijken en zodoende bijna hetzelfde beeld krijgt

als Rotteveel. Hierdoor wordt de samenwerking

nog beter.

Fysieke versterking

Rotteveel kreeg daarnaast een serie oefeningen om

tijdens pauzes uit te voeren. Wouters: ‘Het belang

van oefeningen wordt vaak onderschat. Het heeft

twee effecten: enerzijds werkt het ontspannend, anderzijds

werkt het spierversterkend. Ik adviseer vaak

oefeningen die tegengesteld zijn aan de inspanning

van een behandeling.’

Toekomst

Om terugkeer van klachten te voorkomen is het

noodzakelijk om bij geen van de ingezette verbeteringen

te verslappen. Het gevaar is volgens Wouters

dat je terugvalt in oude routines: ‘Als je jaren op een

bepaalde manier je behandelingen hebt gedaan, is

de kans groot dat je terugvalt. Constante bewustwording

van je houding is essentieel. Daarom instrueer

ik ook altijd de tandartsassistent(e) zodat hij/zij de

houding van de tandarts in de gaten houdt.’

Wouters adviseert daarnaast om veel te bewegen

en te sporten. ‘Als tandarts werk je in een statische

houding, dit heeft verzuring van de spieren tot gevolg.

Met beweging maak je spieren los.

Daarnaast is sport essentieel voor het versterken

van je spieren. Stel samen met een fysiotherapeut

een trainingsschema op en investeer zo in een

gezonde toekomst.’

Rotteveel over de huidige situatie: ‘Gelukkig bleken

de diverse aanpassingen vrij snel effect te sorteren.

Ik kan mensen met beginnende pijnklachten aanraden

om in een vroegtijdig stadium een expert in

te schakelen. In mijn geval heeft het zeker geholpen

om optimaal mijn vak uit te oefenen. Nu en in

de toekomst!’


VEERKRACHT re-integratie

6

Een dag uit het leven van een medisch adviseur

Zinvol bijdragen

aan

arbeidsherstel

Jan Hoevenaars is verzekeringsarts en al bijna 20 jaar

medisch adviseur bij Movir. Samen met de re-integratiebegeleiders

uit zijn team helpt hij arbeidsongeschikte

verzekerden om hun beroep weer op te pakken.

‘Tegen kwart voor acht ben ik op kantoor. Ik begin

altijd met het beoordelen van medische dossiers van

personen die een verzekering bij Movir hebben aangevraagd.

Voor de meeste mensen geldt dat ik Movir kan

adviseren dat ze kunnen worden geaccepteerd voor

een verzekering. Soms echter heeft iemand helaas

meer kans om arbeidsongeschikt te worden. Dan bekijk

ik of hij met een premietoeslag of een uitsluitende

clausule toch verzekerd kan worden.

Intussen word ik regelmatig gebeld. Eerst door een

psycholoog die een arbeidsongeschikte advocaat

begeleidt. Deze verzekerde leek in eerste instantie

op te knappen, maar krijgt nu steeds meer ernstige

klachten van zijn depressie. Aansluitend bel ik daarom

ook met deze verzekerde en uit het gesprek blijkt dat

de psycholoog zich terecht zorgen maakt. Ik spreek

daarom met verzekerde af dat hij vandaag nog

contact opneemt met zijn huisarts. Hij zal mij of de reintegratiebegeleider

vervolgens laten weten wat deze

als beleid voorstelt.

Ook belt een van onze ergonomen die op bezoek is

geweest bij een huisarts die de laatste tijd slechter is

gaan horen. Het plan is nu om uit te proberen hoe een

elektrisch versterkte stethoscoop bevalt. Omdat bovendien

de akoestiek in zijn spreekkamer slecht is, zal

er volgens de ergonoom ook nog zeker winst behaald

kunnen worden met geluiddempende plafond- en

wandbekleding. Wij besluiten het advies te volgen en

de aanpassing van zijn spreekkamer te vergoeden.

Dan start het multidisciplinaire overleg. Samen met

de arbeidsdeskundige en de re-integratiebegeleider

bespreken we een aantal verzekerden die arbeidsongeschikt

zijn. Wij bekijken wat de mogelijkheden zijn

voor re-integratie. Ook gaan we na of het inschakelen

van een deskundige (bijvoorbeeld een psycholoog of

ergonoom) bij kan dragen aan een sneller arbeidsherstel.

Bij arbeidsongeschiktheid spelen meestal meerdere

factoren een rol. Met de re-integratiebegeleider

en arbeidsdeskundige proberen we deze factoren in

kaart te brengen.

Dit doen we ook bij een jonge ICT’er. Hij heeft veel

kennis van softwaretechniek maar heeft enkele

belangrijke klanten verloren door niet goed met ze te

communiceren. Nu zit hij met spanningsklachten thuis

en mist hij zelfvertrouwen. De kans op een succesvolle

werkhervatting zal toenemen als hij zijn communicatievaardigheden

kan vergroten. We besluiten om hem in

contact te brengen met een coach op dit gebied.

In de middagpauze geef ik een lunchworkshop voor

de re-integratiebegeleiders over het onderwerp “pijn”.

Bij Movir vinden we het belangrijk dat alle medewerkers

zich blijven ontwikkelen. Als medisch adviseur

kan ik daaraan bijdragen door mijn kennis met de reintegratiebegeleiders

te delen. Dit vergroot hun inzicht

waardoor zij nog beter in staat zijn een verzekerde te

ondersteunen bij hun terugkeer in het arbeidsproces.


Jan Hoevenaars,

verzekeringsarts en medisch adviseur

bij Movir

re

re-integratie

Dagelijks na de lunchpauze bespreken wij als

medisch adviseurs onderling enkele complexe

dossiers. Meestal betreft dit aanvragen van een

verzekering door personen die bekend zijn met

ernstige aandoeningen of aandoeningen die op

een langere termijn vrijwel zeker functioneringsproblemen

gaan veroorzaken. Vandaag wordt

een dossier ingebracht van een nog jonge notaris

die twee jaar geleden borstkanker heeft gehad.

Na bestudering van de gedetailleerde gegevens

die wij van haar behandelend specialist hadden

ontvangen, bleek dat zij een relatief goede prognose

had. Wij besloten dat het mogelijk was om

haar een polis aan te bieden met bijzondere voorwaarden.

Dergelijke verstrekkende adviezen geef

ik als medisch adviseur pas af als het geanonimiseerde

dossier met de andere medisch adviseurs

is besproken.

het leven. Al deze aspecten vallen nu dus voor

haar weg. Ik kan dan ook goed begrijpen dat zij

mij vraagt haar te helpen om toch nog zo lang

mogelijk aan het werk te blijven als medisch specialist.

Ik heb haar verteld dat dit alleen kan als aan

enkele voorwaarden wordt voldaan. Allereerst is

er veel draagvlak nodig bij de ziekenhuisstaf, haar

collega-radiologen en haar medewerkers. Dan zijn

er aanpassingen nodig in haar werktaken en op de

werkplek. Interventies zal zij in principe niet meer

kunnen doen. Wel kan zij zich met aanpassingen

meer gaan richten op echo’s, het coachen van medewerkers

en het begeleiden van co-assistenten.

Tijdens de diensten moet er wel een achterwacht

beschikbaar zijn. Wij spreken af dat zij eerst samen

met een arbeidsdeskundige het gesprek met haar

collega’s aangaat en dat wij daarna opnieuw contact

hebben.

‘Naast

sociale

status

en sociale

contacten

geeft werk

ook structuur

aan

het leven.’

De receptioniste belt mij vervolgens want vanmiddag

heb ik een gesprek met een verzekerde op

ons kantoor in Nieuwegein. Zij is een nog jonge

radioloog die na een ernstig verkeersongeval

blijvend in een rolstoel is beland. Omdat zij vanwege

haar handicap een aantal kerntaken van

haar beroep niet meer kan doen, is zij in theorie

blijvend beroepsarbeidsongeschikt. Dat is voor

haar uiteraard een regelrecht drama. Werken geeft

voldoening en energie. Naast sociale status en

sociale contacten geeft werk ook structuur aan

Al met al een volle dag waarin ik me realiseer hoe

afwisselend mijn werk als medisch adviseur is.

Samen met andere medewerkers van Movir zorg

ik niet alleen voor financiële zekerheid voor onze

verzekerden. Veel belangrijker nog: door goed te

luisteren en in te spelen op hun persoonlijke situatie

ben ik in staat om op hele concrete en zinvolle

wijze bij te dragen aan hun terugkeer naar werk.

Een prachtig vak!’

* De voorbeelden in dit

artikel zijn realistisch

maar fictief, dit om

de anonimiteit te waarborgen.


8

ba

back on track

back on

track:

LIEZBETH SMANT

Liezbeth Smant, apotheker in

Roosendaal, overkwam waar iedereen

voor vreest: ze kreeg de diagnose

kanker. Wat doet de diagnose en

de behandeling met je, lichamelijk

en mentaal? Liezbeth had geluk, de

kanker verdween waardoor ze kan

terugkijken op 2 intense jaren.

‘In oktober 2011 voelde ik voor het eerst een

knobbeltje in mijn borst en had er direct geen goed

gevoel over. Via de huisarts kwam ik op de mamapoli

terecht. De radioloog stelde me al snel gerust, ik

hoefde me geen zorgen te maken, maar mijn intuïtie

zei iets heel anders. De chirurg, waarmee ik ook

een afspraak had, belde ter plekke de radioloog om

toch een punctie uit te voeren. Zowel de eerste als

de tweede punctie gaf geen heldere uitslag. Toen ik

direct door kon voor een derde punctie, ‘s middags

om vijf uur, wist ik al ‘dit is vast mis’.

Toen ik voor de uitslag kwam, vroeg de chirurg direct

bij binnenkomst: ‘Bent u alleen?’ Dat was wel een

duidelijke aankondiging van slecht nieuws. Inderdaad,

de diagnose luidde: kwaadaardig.

Een heel intens moment. En ik was alleen, want mijn

man zat voor zijn werk enkele dagen op zee. Ik belde

zijn werk dat ik hem echt nodig had. En ik mailde

naar mijn eigen collega’s, bang om mijn emoties niet

te kunnen bedwingen als ik het ze zou vertellen. Die

avond volgde een emotioneel gesprek met mijn man

via de satelliettelefoon. Gelukkig had zijn werk direct

een boot laten sturen, zodat hij binnen enkele uren

terug kon keren. De schrik was ook zo groot omdat

de ziekte in onze (grote) familie niet echt voorkomt,

in tegenstelling tot hart- en vaatziekten.

Binnen een week werd ik ingepland voor een operatie.

En gek genoeg voelde ik me na de operatie

direct beter. Alsof er iets was weggehaald dat me

langzaam steeds zieker had gemaakt, zonder dat ik

het had gemerkt. Ik voelde me na de operatie echt

opgelucht. Na tien dagen kwam de uitslag. Twee

agressieve tumoren waren verwijderd. Mijn lymfeklier

was ook aangetast en ik had de pech dat ik bij

de ongeveer 15 à 20% hoorde die het Her2neu-eiwit

had. Hierdoor was mijn borstkanker extra agressief

en had ik een jaar extra chemo nodig.

De periode van bestralingen duurde zes en een

halve week. Dagelijks op en neer naar Vlissingen,

naar het bestralingscentrum. Hier werd fantastisch

voor me gezorgd en alles was heel goed geregeld.

Het is een taxirit van ruim drie kwartier. Ik kan me

herinneren dat ik eens misselijk werd. Zelf dacht ik

dat het gewoon wagenziekte was, maar het kon ook

een bijwerking van de bestraling zijn. Na aankomst

zei de verpleegkundige: ‘Het maakt ons niet uit

wat de oorzaak is, we gaan gewoon ons best doen

om uw misselijkheid weg te nemen.’ En ook het

verbinden van de brandwonden werd door hen heel

zorgzaam gedaan.

Wat je vooral merkt in deze periode, is dat de kanker,

of eigenlijk de nabehandeling, je hele leven en


9 VEERKRACHT back on track

dagritme gaat beheersen. Je leven staat letterlijk

in het teken van de ziekte. Dankzij mijn man leerde

ik spaarzaam met mijn energie om te gaan. Als je

‘s avonds met elkaar aan tafel wilt eten, moet je ‘s

middags gewoon je rust pakken en niet nog even

allerlei huishoudelijke klusjes doen.

Na de bestraling startte de chemotherapie. 2 x 3

maanden en nog een extra jaar in verband met

de Her2neu. Dit was de moeilijkste en zwaarste

tijd. Het verschilt per persoon, maar ik had pech

dat ik veel last had van alle bijwerkingen. Door

de chemo zwakte ik steeds verder af en voelde

me zieker worden in plaats van beter. De eerste

chemo veroorzaakte misselijkheid en malaise, van

de tweede kuur werd ik heel moe. Ik dacht er goed

aan te doen mijn conditie op peil te houden door te

gaan wandelen. Dit lukte echter nauwelijks meer.

Gelukkig kwam mijn huisarts er toevallig achter en

stuurde me door naar een oncologische fysiotherapeut.

Deze heeft me toen heel goed ondersteund.

Het viel me ook zwaar omdat het aan je omgeving

bijna niet is uit te leggen. Men verwacht dat je je

steeds beter gaat voelen, maar ik voelde me

steeds slechter.

Dankzij Jessica (red. Jessica Smulders is re-integratiebegeleider

bij Movir) kwam ik in contact met

een mental coach. Ook die heeft fantastisch werk

gedaan in de zware periode van de chemo’s.

Toen ik in april 2013 klaar was, was er acceptatie.

Ik was gewoon blij dat ik er nog was. Die laatste

chemo kan ik me nog goed herinneren. Mentaal

vier je een feestje, want het is de laatste, maar

lichamelijk kun je nog helemaal niets aan.

Gelukkig ben ik in enkele maanden goed hersteld.

Mijn man stelde voor een elektrische fiets te kopen

en dat ding bleek een zegen; ik was weer mobiel!

Zowel lichamelijk als mentaal heb ik een enorme

comeback gemaakt in de zomer, zodat ik in september

weer kon gaan beginnen met werken.

Dat viel in het begin nog niet mee, maar ook hier

ging het met sprongen vooruit. En nu fiets ik twee

keer per week 32 km naar mijn werk.

Terugkijkend weet ik dat het geen kwestie van wilskracht

maar van geluk is om kanker te overleven.

Het is een prestatie om het vol te houden, maar of

het slaagt is een kwestie van geluk of pech. Wat

me daarnaast heeft geholpen is de hulp van anderen.

Ik had zelf nooit gedacht aan een oncologische

fysio of mental coach. Anderen hebben me erop gewezen

en dat heeft me veel gebracht. De hulpvraag

stellen is essentieel!’

‘Die laatste

chemo

kan ik me

nog goed

herinneren.

Mentaal

vier je een

feestje, want

het is de

laatste, maar

lichamelijk

kun je nog

helemaal

niets aan.’


CA

case

Dokter,

hoe is ‘t met u?

Prisca Kool,

zelfstandig bedrijfsarts

‘Ik was al tien jaar niet op wintersport geweest.

Dus keurig een week op les, veilig skiënd achter

de leraar aan. Mijn zoontje van 7 was er bij,

samen met zijn vriendje en een vriendin van mij.

Het was erg gezellig, zeker de laatste dag.

Wij verwenden onszelf met een uitgebreide

lunch en een goed glas wijn.

Toen we weer op de latten stonden en vanaf de

piste de skibus net konden zien, ging het mis.

Eén ski bleef in een verse hoop sneeuw steken,

de ander gleed verder. Het knapte ergens, ik

lag in een split. Letterlijk, mijn been in een hoek

van 90 graden.

Onderaan de piste stond een ambulance

klaar die mij direct naar het ziekenhuis heeft

gebracht. De diagnose was snel gemaakt:

kruisband afgescheurd en scheurtje in de

meniscus. De artsen wilden mij direct opereren.

Toch heb ik ervoor gekozen geen operatie te

ondergaan, wij zouden immers de volgende

dag naar huis gaan.

De Nederlandse artsen vonden een operatie

niet nodig. Je kan na zo’n uitslag thuis gaan

zitten om te revalideren, want mijn beroep kon ik

natuurlijk niet behoorlijk uitoefenen op krukken.

Ik heb wat familie en vrienden gebeld en kreeg

vanuit allerlei kanten hulp aangeboden.

Mijn vader bleek bereid om mij 2 maanden

lang van en naar mijn werk te rijden. Dat was

eigenlijk best een mooie tijd. In deze hectische

tijden komt het vaak niet tot een goed gesprek,

zelfs niet met je eigen vader. Nu sprak ik hem

tijdens een lange autorit soms 2 uur achter

Prisca Kool (50) is

zelfstandig bedrijfsarts

voor gemeentes,

ziekenhuizen en het

MKB. Op de laatste dag

van haar skivakantie

scheurt zij de kruisband

van haar rechterknie.

Door haar veerkracht

hervat zij direct bij

thuiskomst haar werk.

‘Bij

tegenslag

is er ook

nog veel

mogelijk.’

elkaar. Mooie bijkomstigheid van een tijdelijke

beperking! Vervoer naar mijn werk was dus

geregeld. Fijn, want thuis zitten is niks voor mij.

Maar eenmaal op het werk aangekomen was ik

ook niet mobiel. Zeker omdat ik spreekuur houd

op verschillende afdelingen.

Ik huurde een opvouwbare scootmobiel.

Paste precies in de kofferbak en mijn privéchauffeur

zette hem dan in elkaar. Toen ik

overwoog dat ding te huren belde ik Movir, ze

vonden het een fantastisch idee en hebben de

kosten ook vergoed.

Collega’s moesten wel lachen hoor, om die

scootmobiel. Dan whatsappten ze een foto van

een oud vrouwtje in precies zo’n zelfde scootmobiel.

Ik had er van tevoren niet over nagedacht

hoe cliënten zouden reageren. Die komen

bij mij als bedrijfsarts omdat ze zelf klachten

hebben of (dreigen) vast te lopen. Hoewel ik

het nooit heb besproken denk ik dat het voor

sommigen een motiverende factor was. Zo van,

bij tegenslag is er ook nog veel mogelijk.

De dokter gaf zelf het goede voorbeeld; je kunt

meer dan je denkt. En gesprekken beginnen

anders: ‘Dokter, hoe is het nu met u? Ik ben

altijd gefascineerd door de gevolgen van een

ziekte. Niet zozeer medisch, maar vooral sociaal.

Wat doe het met je privé, op je werk en in je

hoofd? Nu heb ik het in zeer beperkte vorm zelf

eens ervaren.

Dit jaar ben ik niet op wintersport gegaan.

Ik durfde het nog niet aan. Volgend jaar willen

wij naar Lapland. Het is daar wat vlakker.

Misschien start ik met langlaufen of pak ik

de slee bij een laag heuveltje.’


Van onderzoek tot resultaat

De werkdruk

van de Nederlandse

huisarts

pr

preventie

Sophie van der Voort,

huisarts in opleiding

Vorig jaar kon u in Veerkracht lezen over ons

onderzoek onder huisartsen. Aanleiding was

een toename van burn-outklachten bij met name

vrouwelijke en jonge huisartsen. We wilden inzicht

krijgen in stressfactoren om zo aanknopingspunten

te vinden om arbeidsongeschiktheid te voorkomen.

We waren blij verrast door de hoge respons van

ruim 20%. Daaruit bleek wel dat het onderwerp

de huisartsen bezig houdt. In het najaar van

2013 hebben we daarom twee specifieke preventiemiddelen

geïntroduceerd: de online scan

‘Werkplezier- werkdruk’ en het geaccrediteerde

programma ‘Werkplezier & werkdruk, hoe houd

ik balans’ dat werd ontwikkeld door Ascender.

Werkplezier-werkdruk scan

Deze scan is een zelfdiagnosemiddel, ontwikkeld

in samenwerking met Elestia. Deze analysetool is

beschikbaar voor alle huisartsen, ook als zij niet

bij Movir zijn verzekerd. Over de periode oktober

2013 – januari 2014 hebben bijna 400 huisartsen

de scan ingevuld. De tussentijdse meting die we

deden levert enkele belangrijke inzichten op.

Sophie van der Voort: ‘De test leverde bij mij

gelukkig een lage stressscore op. Maar ik zie de

bui van zware administratieve taken en moeizame

combinatie van werk en privé al hangen. Ik denk

dat je niet vroeg genoeg kunt stilstaan bij deze

stressrisico’s, die op termijn leiden tot scheefgroei

en, in het ergste geval, overspannenheid of burnoutklachten.

Ik probeer hierop te anticiperen door

me bewust te zijn van de eigen invloed die ik heb

op mijn arbeidsomstandigheden. Als ‘nieuwkomer’

op de arbeidsmarkt heb ik nog de mogelijkheid

een aanstelling en praktijk te kiezen die bij me

past qua populatie, omvang en werkroosters.’

Programma ‘Werkplezier & werkdruk,

hoe houd ik balans’

In deze cursus worden in twee modules van elk

1 dagdeel op compacte wijze de nieuwste wetenschappelijke

inzichten op het gebied van overspanning

en burn-out, de herkenning van signalen, preventie

en curatie behandeld. Daarnaast heeft iedere

deelnemer een individueel coachingsgesprek en

een follow-up met behulp van het online coachingsprogramma.

Deelnemers die de training al hebben

gevolgd kwamen met uiteenlopende doelstellingen:

‘handvatten om met stress om te gaan, leren

begrenzen en de juiste balans tussen werk en privé

te vinden’ waren een aantal herkenbare motivaties.

Dick Freriks, directeur van Ascender, ziet meer

voordelen: ‘De meerwaarde zit naast het opdoen

van kennis en vaardigheden ook in de onderlinge

herkenning en uitwisseling van ervaringen.

Deze wordt door de deelnemers als zeer positief

en behulpzaam ervaren.’

Resultaten werkplezier-werkdruk scan

Van alle huisartsen die de scan invulden, kwam

eenderde uit op een verhoogd stressniveau;

bij vrouwen komt dit vaker voor dan bij mannen

(38% tegenover 27%).

Ongeveer de helft ervaart regelmatig druk door

de eisen van zorgverzekeraars, taakverzwaring

vanuit de overheid, het aantal patiënten in korte

tijd en de hoeveelheid administratieve taken.

Van alle deelnemers geeft 36% aan dat hun

privéleven lijdt onder de werkdruk. Een kwart

piekert thuis regelmatig over het werk.

Ook opvallend is de invloed van het aantal

werkzame jaren; huisartsen die fris begonnen

zijn of juist al langer dan 20 jaar hun professie

uitoefenen, ervaren minder stress dan de groep

die 5 tot 10 jaar werkzaam is. Zij laten vaker

een verhoogd stressniveau zien.

‘De meerwaarde

zit

ook in de

onderlinge

herkenning

en uitwisseling

van

ervaringen.’

Huisartsen kunnen

nog steeds gebruikmaken

van het pre -

ventieprogramma.

Ga voor meer

informatie naar

movir.nl/werkplezierwerkdruk


VEERKRACHT preventie

12

Van sponsor

tot gezinsman

Herman belt met Elestia naar aanleiding van het artikel

‘Nieuwe balans voor Jeroen’ in Veerkracht nummer 4.

Hij vertelt dat hij al lange tijd twijfelde om te bellen en

dat het artikel hem had gestimuleerd de telefoon te

pakken. De kortdurende en doelgerichte sessies van

een coachingstraject spraken hem zeer aan. Herman

is financieel specialist en daarnaast reservist die van

tijd tot tijd op missie gaat. Hij is op zoek naar hulp in

verband met zijn gezinssituatie. Elestia verwijst hem

na dit telefoongesprek door naar coach Ruud Backus.

Daar kan hij nog dezelfde week terecht.

Ruud Backus vertelt over

zijn coachingservaringen

met Herman.

‘Ik ben militair in hart en nieren’, zegt mijn cliënt

Herman en kijkt me daarbij doordringend aan.

Vanaf zijn binnenkomst observeer ik hem: gespierd,

zelfverzekerde tred, kiest meteen een stoel, zit met

gestrekte rug en leunt naar voren op zijn ellebogen,

kijkt mij vorsend aan. Hij wekt de indruk dat hij mij

de maat komt nemen. Dat probeert hij vervolgens

ook door enkele provocerende opmerkingen tussen

de regels van zijn verhaal door. Ik reageer er niet

op, blijf gewoon luisteren en laat hem nog even in

het ongewisse over wie hij tegenover zich heeft

zitten. Even later stel ik kort achter elkaar, gezien zijn

non-verbale reactie, twee rake vragen. Hij laat een

berustende stilte vallen. Nu is de maat genomen.

Een man als Herman wil eerst ervaren dat een coach

verder kan kijken dan hijzelf. Om daar achter te komen,

daagt hij de coach uit. Als die goed weerwoord geeft,

ontstaat het vertrouwen om zich over te geven aan

de coaching. Pas dan kunnen we aan de slag met

zijn hulpvraag.

Herman is van middelbare leeftijd en loopt vast in zijn

gezin. De communicatie met zijn vrouw is moeizaam,

en naar zijn zonen reageert hij vooral als ze iets niet

goed doen. Zijn gezin is geen bron van vreugde meer

voor hem. Hij wil in de coaching graag kritisch kijken

naar zijn eigen gedrag en op zoek naar verbetering.

Op mijn vraag wat hij zijn gezin biedt, is zijn eerste

antwoord: geld. Ze zitten ruim in de materiële

voorzieningen. Daarnaast heeft hij een duidelijke

mening over hoe de dingen horen te zijn en hij is er niet

terughoudend in om de andere gezinsleden daarvan

op de hoogte te brengen. Hij koppelt het uiten van zijn

affectie aan hoe de anderen zijn visie verwerkelijken.

Prestaties worden beloond, slordigheden of gebrek

aan inzet niet getolereerd. Als ze allemaal nou eens

gewoon zijn opvatting zouden volgen en uitvoeren….

‘Je gedraagt je niet als een gezinsman maar als een

sponsor met een reglement’, hou ik hem voor. Hij is

er even beduusd van. Vindt van zichzelf dat hij het

beste voor heeft met zijn gezin en zich daarvoor inzet.

Dat erken ik. We zijn het erover eens dat de intentie

goed is. Maar de methode niet. Conclusie: we moeten

dus op zoek naar een andere aanpak.

Als huiswerkverzoek had ik hem gevraagd: ‘welke

‘gekkigheid’ kun jij uithalen zodat er meer ontspanning

in het gezin komt?’ Dat vond Herman wel een mooie

opdracht. Hij hield wel van een dolletje. Een week later

vertelde hij me wat hij had uitgespookt. Er was weer

eens uitgebreid gelachen. De ontspanning was voor

iedereen in het gezin voelbaar geweest. Gevraagd

naar zijn eigen beleving merkte hij op dat hij weer

meer verbondenheid met zijn gezinsleden had

gevoeld. En ja, ik mocht inderdaad benoemen dat

hij zich wat gelukkiger voelde. En dat hij dat bereikt

had zonder reglement!

De keer daarop vertelt hij me, met zichtbare

boosheid, dat hij een aanvaring heeft gehad met zijn

zoon. ‘Ik zal nooit worden zoals jij wil dat ik moet zijn’,

had zijn zoon tegen hem gezegd, toen Herman de

zoveelste opmerking maakte over diens luiheid.

Wat een brutaliteit. En Herman foeterde nog even

door over ‘die nietsnut die zijn leven verkwanselt’.

Maar hij had zijn tegenmaatregelen genomen: de

andere kinderen hadden een behoorlijk bedrag van

hem gekregen en deze zoon niet. Die krijgt het later

wel een keer, zodra hij iets nuttigs heeft gedaan.

‘Ik vind dat jouw zoon wel lef heeft’, zei ik hem, ‘van wie

heeft hij dat?’ Nou ja, Herman dacht toch wel van hem.

‘Dus ergens lijkt hij wel op jou?! Hij neemt jou in ieder

geval serieus: hij vindt jou de moeite waard om je te


Ruud Backus,

coach bij Elestia

PR

PREVENTIE

melden dat hij er anders over denkt. Dat is

heel wat beter dan dat hij niets zou zeggen

en jou zou laten barsten’. Zo had Herman het

nog nooit bekeken. We hebben hier een tijd

over doorgepraat. Uiteindelijk heb ik Herman

uitgenodigd om zijn zoon, in plaats van kritiek,

zijn vertrouwen te geven. Kijk maar eens wat dat

oplevert, want met kritiek, hoe terecht ook, kom je

op dit moment niet veel verder.

Na de nodige aarzelingen heeft Herman dat

gedaan. Ze hebben samen een biertje gedronken

en Herman heeft tegen zijn zoon gezegd dat hij

hem graag wil ondersteunen, ook als dat tegen zijn

eigen normen in zou gaan (al moest het natuurlijk

niet te gek worden). Zijn actie heeft een goed effect

gehad. Ze communiceren nu duidelijk beter met

elkaar, en hoewel ze het lang niet altijd met elkaar

eens zijn, is er wel ruimte gekomen voor respect

en verbondenheid.

Herman en ik zijn verder gaan inventariseren

wat hij aan zijn gezinsleden zou willen geven.

Zonder een rol te gaan spelen en zonder zichzelf

te verloochenen. Hij kwam vooral met praktische

ideeën: zijn jongste wat vaker naar de sport

brengen, af en toe eens een biertje drinken met

de oudste, en als de vrouw van huis is lekker met

zijn zonen naar de McDonalds. De binding die dit

oplevert en het samen genieten ervaart hij als een

duidelijke verbetering. De sfeer in het gezin is

meer ontspannen.

Leidraad voor ‘de betere methode’ die we gevonden

hebben, is dat positiviteit meer oplevert in de

gezinssituatie dan kritiek hebben. Zoals Herman het

zelf verwoordt, staat de sponsor nu geparkeerd en

heeft zijn vaderschap meer ruimte gekregen.

Herman heeft gekozen voor preventieve coaching.

Dat is een verstandige zet geweest. Nu heeft hij

in vier sessies veel bereikt en erger voorkomen.

Hij zat vol goede bedoelingen maar het leverde

hem niet op wat hij wilde. Door het aangaan van

het coachproces weet hij zijn goede bedoelingen

nu om te zetten in veel effectiever gedrag. Liefde

voelen voor je vrouw en kinderen is niet genoeg.

Zij moeten die ook kunnen ervaren. Herman is

daar door een paar coachsessies flink in gegroeid.

Zowel hijzelf als zijn gezin plukken daar nu de

vruchten van.’

‘Zijn gezin

is geen

bron van

vreugde

meer

voor hem.’

Elestia is de onafhankelijke

coaching & counselingservice

voor Movirverzekerden

en hun

inwonende gezinsleden.

Elestia is 24/365 telefonisch

en online beschikbaar.

Hoogopgeleide

coaches en counselors

bieden ondersteuning

bij tal van vraagstukken.

Zowel telefonische

als online counseling is

mogelijk. Ook worden tot

6 face-to-facegesprekken

per kalenderjaar aangeboden.


14

on

onderzoek

Resultaten klantonderzoek

arbeidsongeschikten

Bevestiging van

uw juiste keuze!

Wellicht bent u al jaren bij Movir verzekerd. Of misschien

nog maar net. Zolang u niet arbeidsongeschikt bent geweest,

is het interessant om te weten hoe de dienstverlening

wordt ervaren door anderen die arbeidsongeschikt raken.

En als u wel arbeidsongeschikt bent of bent geweest,

is de kans aanwezig dat ook uw feedback is verwerkt in

het jaarlijkse tevredenheidsonderzoek dat wij houden

onder arbeidsongeschikte verzekerden.

38% van de verzekerden beoordeelt onze dienstverlening

in 2013 met een negen of tien. En 48% geeft

aan dat het ‘zeer waarschijnlijk’ is dat zij Movir zullen

aanbevelen bij vrienden of collega’s.

Dat zijn enkele van de opmerkelijke uitkomsten uit

het jaarlijkse klanttevredenheidsonderzoek onder

verzekerden die langdurig arbeidsongeschikt zijn of

waren. De uitkomsten zijn nóg positiever dan in de

vorige meting van 2012. De tevredenheidsscore is

gemiddeld een 8,0.

Zowel bij arbeidsongeschikte als gere-integreerde

verzekerden is de tevredenheid iets gestegen ten

opzichte van 2012. 72% beoordeelt de dienstverlening

rondom hun arbeidsongeschiktheid met het cijfer acht

of hoger. En 38% geeft zelfs een negen of tien. Relaties

die zijn gere-integreerd scoren een fractie hoger dan

arbeidsongeschikte relaties. Oudere verzekerden

(55+) scoren iets hoger in tevredenheid dan jongere

verzekerden. Onder relaties die gere-integreerd

zijn geeft slechts 1,5% een onvoldoende voor de

dienstverlening van Movir.

Eens met de beslissing

Een belangrijk aspect is de vraag in hoeverre

verzekerden het eens zijn met de beslissing over de

hoogte van hun arbeidsongeschiktheidsuitkering.

Hierin zit een veelvoorkomend vooroordeel

verscholen, namelijk dat de verzekeraar probeert

zo min mogelijk schade uit te keren. 96% van de

ondervraagden is het eens met de vaststelling van

het arbeidsongeschiktheidspercentage door Movir.

Vrijwel iedereen is dus van mening dat Movir een juiste

afweging maakt en een reële inschatting van de mate

van arbeidsongeschiktheid.

Aanbevelen

Aan de respondenten hebben we ook gevraagd of

zij bereid zijn Movir aan te bevelen bij vrienden,

collega’s of familie op basis van hun ervaringen.

De antwoorden (op een schaal van 1 tot 10) leiden

tot een zogenaamde Net Promotor Score (NPS).

Deze score komt uit op +38, een zeer hoge waardering.

48% gaf aan dat het ‘zeer waarschijnlijk’ is dat

zij Movir zullen aanbevelen bij vrienden of collega’s.

Verbeterpunten

Om te beoordelen waar de dienstverlening kan

worden verbeterd, is van alle aspecten gekeken hoe

belangrijk men ze vindt en hoe hoog ze gewaardeerd

worden. Daaruit kwamen vooral de aspecten nazorg

en terugvalpreventie naar voren. Deze aspecten

krijgen in de toekomst dan ook extra aandacht in

onze dienstverlening.


15

Een-op-eenbegeleiding

Uit het voorlaatste onderzoek in 2012 kwam als

verbeterpunt naar voren dat arbeidsongeschikten

graag één vast aanspreekpunt willen tijdens

hun arbeidsongeschiktheid. Daarom zijn we

in 2013 gestart met de zogenaamde eenop-eenbegeleiding.

Eerst in pilotfase en sinds

eind vorig jaar als vaste werkwijze.

Re-integratiebegeleider Jan de Rooij vertelt over

dit proces: ‘Om eerlijk te zijn was ik nogal

sceptisch toen we met deze werkwijze gingen

starten. Ik twijfelde of we de belofte aan onze

verzekerden om altijd een vaste contactpersoon

te hebben, wel zouden kunnen waarmaken.

Daarnaast is er nog een ander aspect: wanneer je

de vaste contactpersoon bent, bouw je veel meer

een band op met de verzekerde. Dat is aan de ene

kant winst, omdat je zo nóg meer hoort over wat de

verzekerden bezig houdt en daardoor beter kunt

inspelen op hun persoonlijk herstel. Maar vooraf

was ik bang dat het zou kunnen leiden tot minder

objectieve beoordelingen.’

Na enkele maanden ervaring met de nieuwe

werkwijze komt Jan op zijn mening terug: ‘Ik merk

inmiddels dat het eigenlijk veel meer voordelen

heeft. Het praat makkelijker omdat je het gesprek

oppikt waar je de vorige keer bent gestopt. Dat

is voor beide partijen heel prettig. Zoals gezegd

bouw je een band op en kunt veel sneller en adequater

inspelen op de situatie omdat je de situatie

van a tot z kent.’

En de nadelen: ‘De bereikbaarheid is goed te organiseren.

We zetten onder onze correspondentie

wat onze werkdagen zijn en verzekerden houden

er vaak rekening mee. Ook zij zien het voordeel

van het vaste aanspreekpunt en bellen daarom

het liefst op een dag dat ze jou kunnen spreken.

De angst dat ik minder objectief zou zijn, bleek

ongegrond. De verbeterde communicatie schept

meer duidelijkheid over wederzijdse verwachtingen

waardoor de objectiviteit niet in het

gedrang komt.’

‘Door haar

betrokkenheid

was

het veel

makkelijker

om samen

te werken.’

Ervaringen van een verzekerde advocaat*

met een-op-eenbegeleiding

‘Na een auto-ongeluk, waarbij mijn auto total

loss raakte, bleek in de daaropvolgende periode

dat ik meer moeite had mij te concentreren op

mijn werkzaamheden. Ik was down en verloor

mijn interesse in zowel mijn werk als vrijetijdsbesteding.

En dat terwijl ik ruim 25 jaar met veel

plezier fulltime werkzaam was in de advocatuur.

Ik participeerde in diverse stichtingen en clubs,

zodat ook mijn vrije tijd ‘zéér’ gevuld was. Na het

auto-ongeluk bleek dat het steeds moeilijker werd

interesse in mijn clientèle op te brengen en de

verschillende zaken te onthouden. In de loop van

de tijd nam de spanning toe bij zittingen en werd

de afkeer van mijn beroep steeds groter. Dankzij

collega’s kon mijn werk deels worden overgenomen

en vulde mijn secretaresse ‘hiaten’ in mijn

werk zo mogelijk in. Psychologische hulp, coaching,

vakanties, gedoseerd werken, niets hielp

echter voor langere tijd. De afkeer en de onvrede

namen steeds meer toe.

Bij mijn contacten met Movir merkte ik in de loop

van de tijd dat ik steeds dezelfde contactpersoon

had. Zowel schriftelijk als telefonisch werd naar

haar verwezen. Dat werkte erg prettig; Yvonne

kende mijn specifieke situatie en de daaruit voortvloeiende

problematiek. Daardoor hoefde ik veel

minder uit te leggen. Door haar betrokkenheid

was het veel makkelijker om samen te werken

aan oplossingsrichtingen vanuit mijn probleemsituatie.

Dit had zeker een positieve invloed op

de manier waarop ik naar mijn probleemsituatie

keek. ‘Niet bij de pakken neer zitten, maar kijken

wat je eraan kunt doen’. Ik werd daarbij geholpen

door de ondersteuning van mijn psycholoog en

coach. Het was Movir in geen enkel opzicht ‘te

veel’ om nieuwe mogelijkheden aan te boren en

daarvoor open te staan. Met Yvonne werd vervolgens

beoordeeld of de geboden hulp daadwerkelijk

‘soelaas’ bood, of dat deze beter beëindigd

kon worden. De aanpak bij Movir is vanaf het eerste

telefoontje al prettig, de telefonistes antwoorden

alsof je ‘bekend bij hen’ bent. Deze houding

wordt voortgezet in de persoonlijke aanpak van

de re-integratiebegeleider. Dit heeft in elk geval

een enorm positieve uitstraling op mij gehad.’

* Op verzoek van verzekerde vermelden we geen

persoonsgegevens.


Redactie

Yvonne Bosma

Peter Gordijn

Lisette Nacinovic

Maarten de Rooij

Anita Versteeg

Eindredactie

Bas Jongeling

Fotografie

Bastiaan van Musscher

Ontwerp en opmaak

Heldergroen

Drukwerk

DEAbrummelkamp

veerkracht@movir.nl

(030) 607 87 00

More magazines by this user
Similar magazines