EEN LEVENS GEUR TEN LEVEN

stromenvankracht

De Bijbel spreekt van de enorme invloed die wij hebben op anderen, een levensgeur verspreidend ten leven, of een doods lucht ten dode. Er staat niet: een levensgeur, een geur VAN leven, maar een levensgeur TEN leven; leven voortbrengend, scheppend, helend, vernieuwend. Er staat niet: een doods lucht, de stank van een kadaver, maar een doods lucht TEN dode; dodelijk, vernietigend. Onze invloed naar buiten, de geur die wij verspreiden, is positief, verkwikkend, verfrissend, zegenend, of negatief, verderfelijk.

kist werd geopend en zij zag haar zoon. Hij was blind aan een

oog, mistte een arm en een been. Toen begreep zij!

Er was in haar huis geen plaats voor een beschadigd mens, een

kapotgebroken stakker. In zoveel gemeenten en communiteiten

is er ook geen plaats voor zwaar beschadigde mensen. De

wrede afstandelijkheid, voor vele jaren, of voor altoos,

tegenover een falend lid in ons midden, een voorganger die een

fout maakte omdat hij het niet meer wist, hij wordt uitgestoten

en krijgt van ons nooit meer een kans. Hij wordt bedolven

onder onze stenen. Jezus wierp de zondaar niet weg, schopte

hem niet in een hoek, liep niet hautain van hem vandaan,

maakte niet een lijst met zijn onvolkomenheden, maar zocht

hem op, ging naast hem liggen in het slijk, daalde af in de afgrond

van zijn nood, maakte zich aan hem gelijk, raapte hem

op, zette hem op zijn voeten terug, sloeg Zijn armen om hem

heen, reinigde hem, wies hem, nam hem zijn besmette klederen

af die Hij daarna Zelf aandeed, terwijl de zondaar Zijn

smetteloos kleed aan mocht doen, Hij heelde zijn hart, wies de

tranen van zijn ogen en bracht hem naar het huis bij Zijn

Vader, nu alle christelij ke huizen voor hem gesloten waren. Al

die tijd had Hij nog geen woord gesproken, geen verwijt doen

horen, geen opgestoken vinger, geen beschuldigende Bijbeltekst

listig uit zijn verband gerukt naar het hoofd geslingerd,

niets, niets van dat alles. Hij bracht hem bij de Vader en als de

verbaasde zondaar zijn eerste woorden wil stamelen: Vader, ik

heb gezondigd .. . , ik ben niet waard ... , stel mij maar gelijk aan

de staljongens ... , zoals de verloren zoon haperend sprak, liet de

Vader hem niet toe deze zin af te maken, hij wilde daar niets

van horen, hij kuste zijn mond dicht, de lippen toe voor

verdere woorden, nam zijn hand en bracht hem naar de

feestzaal. Over zijn schouder, terloops, in het voorbijgaan van

de "goede" zoon met zijn "hoge moraal" (de eigenlijke

"verloren zoon") zei hij: Wij moeten feestvieren en vrolijk zijn,

want uw broeder hier was dood en is levend geworden, hij was

verloren en is gevonden" (Luk. 15:32). Voor de Samaritaan

was hij een vreemde, voor de oudste zoon is hij "uw broeder",

die gered werd. Het gaat om "uw broeder", die gered wordt.

Het gaat om "uw broeder" in de Gemeente Gods. Het gaat

altijd om een broeder, een zuster, een lid dat lijdt. Dat fysiek in

nood is of moreel in de versukkeling. Hij is niet weg te snijden

35

More magazines by this user
Similar magazines