Download Slash 2 (pdf) - Technische Universiteit Eindhoven

tue.nl

Download Slash 2 (pdf) - Technische Universiteit Eindhoven

april

2012

SLASH

Magazine van

de Technische

Universiteit

Eindhoven

Bedrijven over

het TU/e

Bachelor College

De Opdracht:

bouwen

aan energieneutraal

wonen

/bijlage

Universiteitsfonds

Eindhoven

Marjan Minnesma:

‘Nederland

staat er niet

best op’


28 02

forward/

Maaike Kroon (1980), jongste vrouwelijke professor van Nederland, voltijdhoogleraar

Scheidingstechnologie en wereldverbeteraar. Hield haar intreerede op 2 maart 2012.

m.c.kroon@tue.nl

Tekst Astrid Bons foto’s Vincent van den Hoogen

Touwtjes

stevig in

handen

‘Mensen hebben hoge verwachtingen

van me en ik begin

net. Ja, dat geeft druk maar dat

is prima. Mijn onderzoeksgroep

doet het goed, ik ben hier gesetteld

en heb mijn droombaan.

Stress krijg je pas als de

druk te hoog is en je geen grip

hebt op de situatie. Ik heb de

touwtjes stevig in handen.’

Wereldverbeteraar

‘Ik wil de wereld beter en schoner

maken. Dat kan door efficiëntere

en schonere processen te ontwikkelen

voor de industrie. Chemicaliën

maken uit biomassa, energie

halen uit de zon, CO 2

-uitstoot verminderen.

Ook privé ben ik volop

duurzaam bezig. Mijn droom is

een eigen boerderijtje waar we als

gezin geheel zelfvoorzienend zijn.’

2046

‘Toen ik hier begon kreeg ik

een medewerkerspas, geldig

tot 2046. Ik schrok me

rot. Ik kan hier tot m’n 65 e

blijven. Dat is nog langer dan

dat ik tot nu toe geleefd heb.

Ik wil nog veel bereiken op

deze positie. Maar 35 jaar

op dezelfde plek werken,

nee. In de toekomst zie ik

mezelf ook wel een eigen

bedrijf opstarten.’

Wat?

Procestechnoloog?

‘Leerlingen op een middelbare

school weten echt niet wat een

procestechnoloog doet. Daarom

geef ik voorlichting. Als je de

studiemogelijkheden op technisch

gebied niet kent, neem je die ook

niet mee in je studiekeuze.’

Rolmodel

voor meiden

‘Ik ben een rolmodel voor

meiden, maar niet uniek daarin.

Andere vrouwen hebben lang

geleden de weg al voor mij

vrijgemaakt. Natuurlijk hoop ik

op meer meiden in technische

studies. Het is in het werkveld

prettig om met gemengde

groepen te werken.’

Op pagina 39

backward/ met prof.

Herman Beijerinck


SLASH

no.2

april 2012

28

De Opdracht

16/17

Ingezoomd

Flat Plank Tyre Tester

34/35

planner/

verkenner

Sander en Sander

08 12 20

Marjan Minnesma

(stichting Urgenda) over

de ‘City of Tomorrow’.

Het TU/e Bachelor

College levert

ingenieurs die van alle

markten thuis zijn.

Hoe verplaatsen

mensen zich?

MoVeLab modelleert.

19

De vonk

Jeanne Dekkers

37

Alumni

/bijlage

Universiteitsfonds

Eindhoven

colofon

Slash is het magazine voor externe

relaties en alumni van Technische

Universiteit Eindhoven en verschijnt

drie keer per jaar.

Gehele of gedeeltelijke overname

van artikelen uit Slash is alleen toegestaan

na overleg met de redactie

en met bronvermelding. Voor het

gebruik van foto’s of illustraties is

toestemming van de maker nodig.

www.tue.nl/slash

RedactieadresTechnische Universiteit

Eindhoven, Communicatie

Expertise Centrum, Postbus 513,

5600 MB Eindhoven, e-mail slash@

tue.nl, Tel (040) 247 33 30/247 29

61 Hoofdredacteur Han Konings

Eindredactie en coördinatie

Communicatie Expertise Centrum

TU/e (CEC), Bladconcept Maters

& Hermsen Journalistiek, CEC.

Beeldredactie en vormgeving

Maters & Hermsen Journalistiek

Redactieadviesraad drs. Steef

Blok, prof.dr. Carlijn Bouten, mr.drs.

Ben Donders, drs. Herman van

Hoeven, prof.dr.ir. Gerrit Kroesen,

dr.ir.Peter van Overbeeke, prof.dr.ir.

Maarten Steinbuch Drukwerk

Schrijen-Lippertz, Voerendaal

Wilt u adverteren in Slash? Meer

informatie bij H&J Uitgevers, Tel

(010) 451 55 10

Wilt u Slash ontvangen?

Meld u aan op www.tue.nl/slash

ISSN: 2212-8468

keep in

touch

Interesse in samenwerking met

de TU/e, in studeren, werken

of promoveren aan de TU/e,

of het contact onderhouden

als alumnus? Alstublieft, onze

contact gegevens.

Samenwerking (strategisch

partnership, contract research)

TU/e Innovation Lab,

+31 (0)40 247 48 22,

Innovationlab@tue.nl

Werken of promoveren

Dienst Personeel en Organisatie

+31 (0)40 247 20 90, jobs@tue.nl

Ontwerpers opleidingen

Stan Ackermans Institute

+31 (0)40 247 24 52, sai@3tu.nl

Studeren (bachelor, master)

Onderwijs en Studenten Service

Centrum, +31 (0)40 247 47 47,

studeren@tue.nl

Alumni

Alumni Office,

+31 (0)40 247 34 90,

alumninet@tue.nl

Persvoorlichting

en Communicatie

Communicatie

Expertise Centrum

+31 (0)40 247 48 45,

cec@tue.nl, www.tue.nl


04

05

Tekst Tom Jeltes foto Vincent van den Hoogen

Slim pakje voor

couveusekindjes

Bedrading

voor ECG

Gebruikt in dit prototype,

maar toekomstige

versies zullen draadloos

zijn. Dat verbetert het

zicht op de baby en verkleint

de kans op vals

alarm door gerommel

aan de bedrading.

Mutsje

Hier is nog ruimte voor

sensoren om de temperatuur,

ademhaling en

het zuurstofgehalte in

het bloed van de baby

te monitoren.

Maskertje

Om de ogen van

de baby te beschermen

bij lichttherapie.

Kan makkelijk op en af.

Dierenhoofdjes

Op verzoek van ouders,

die graag willen dat hun

couveusekindje net als

andere kinderen vrolijke

kleding kan dragen.


s.bouwstra@tue.nl

nr.2 april 2012 / MAGAZINE VAN de

Ernstig zieke of te vroeg geboren baby’s komen vaak in een couveuse terecht.

Kritieke lichaamsfuncties als hartslag, temperatuur, ademhaling en zuurstof in het

bloed worden dan voortdurend in de gaten gehouden met elektronische apparatuur.

Het Smart Jacket, in opdracht van het Máxima Medisch Centrum ontworpen door

ir. Sibrecht Bouwstra van de TU/e-faculteit industrial Design, integreert de benodigde

elektronica in een vrolijk babypakje.

Borstbandjes

met klittenband

Hiermee kan het Smart

Jacket ‘stressloos’

worden aangetrokken.

Tegelijk blijft de borst

van de baby bloot, waardoor

de baby nog steeds

huid-op-huidcontact

kan maken met een van

de ouders. Een blote

buik is ook belangrijk

voor lichttherapie.

Elektrodes

voor elektrocardiografie

(ECG)

Gemaakt van met zilver

gecoate nylondraad

voor de vereiste geleidende

eigenschappen.

Het Smart Jacket heeft

drie elektrodes aan de

rugzijde en drie aan de

buikzijde. De elektrodes

zijn zo geplaatst dat altijd

een combinatie van

twee elektrodes contact

kan maken met de babyhuid,

zonder dat de

elektrodes aan de huid

hoeven worden geplakt.

Schouderbandjes

met

klittenband

Zorgen ervoor dat het

pakje op zijn plek blijft,

zonder dat het strak

aangetrokken hoeft

te worden.

Groen en

wit katoen

Dit materiaal voelt

prettig op de huid, is

ademend en wasbaar.

De kleur is unisex en

vrolijk. De stof is zo

dun mogelijk gehouden,

zodat de baby er

comfortabel op ligt.


06

07

memo/

TU/e + UU + UMC Utrecht

De TU/e gaat een strategische alliantie aan met

de Universiteit Utrecht en het UMC Utrecht. De focus

in de samenwerking ligt op duurzame energie,

medische beeldverwerking, stamcellen en regeneratieve

geneeskunde. Gezamenlijk optrekken

vergroot de kansen op verwerving van nationale

en Europese middelen voor onderzoek en R&Dfaciliteiten.

Met dit preferred partnership zetten

de drie instellingen een belangrijke stap naar intensieve

en structurele samenwerking.

TU/eXperience

3 juni 2012

Kom jij ook? Van 12.00 tot 17.00 uur

www.tuexperience.nl

Beleef de TU/e

tijdens de

TU/experience

2012

Op zondag 3 juni 2012, tijdens de

Dutch Technology Week, vindt van

12.00 tot 17.00 uur de jaarlijkse

TU/eXperience plaats; de dag

waarop je de TU/e kunt beleven.

Je kunt interessante lezingen

bijwonen, een spetterende show

bezoeken en zelf proeven doen of

ondergaan. Laat je op deze dag

(samen met je familie en vrienden)

inspireren.

Kijk voor een uitgebreid overzicht

van het totale programma op

www.tue.nl/tuexperience.

TU/e-eredoctoraat voor

informaticapionier David Harel

De TU/e reikt vrijdag

27 april tijdens haar

Dies Natalis een eredoctoraat

uit aan professor

David Harel.

Harel is een pionier op

het gebied van informatica.

De meeste software-

en systeem ­

ont wikkelaars

wereldwijd gebruiken

bijvoorbeeld zijn visuele

modelleringstechniek,

de zogenaamde Statecharts.

David Harel bekleedt

momenteel de

William Sussman leerstoel

aan het Weizman

Institute for Science.

Op 26 april houdt de

TU/e een symposium

ter ere van Harel, genaamd

‘Pioneers of

Computer Science:

from Turing to Harel’. In

zijn keynote toespraak

zal David Harel ingaan

op het verband tussen

zijn onderzoek en dat

van Alan Turing, door

velen gezien als de

grondlegger van de moderne

informatica. Harel

beschouwt veel van zijn

werk als een voortzetting

van Turings werk.

TU/e en Philips Research samen in medische beeldvorming

De TU/e en Philips Research

bundelen faciliteiten en intensiveren

hun onderzoek naar

medische beeldvorming.

Hiermee leggen zij een concrete

basis voor een nationaal valorisatieprogramma

op dit gebied binnen

de topsectoren Life Sciences

& Health en High Tech Systems &

Materials. Henk van Houten, General

Manager Philips Research,

en Arno Peels, bestuursvoorzitter

van de TU/e, ondertekenden hiertoe

een contract.

Op dit moment beschikken zowel

Philips Research als de TU/e over

aparte onderzoekslaboratoria

voor chemie, radiochemie, biologische

en medische beeldvorming.

In de loop van 2012 verplaatsen

45 onderzoekers van de TU/e hun

onderzoek en apparatuur naar de

High Tech Campus.


nr.2 april 2012 / MAGAZINE VAN de

Moleculaire

zelfassemblage

in Nature

Vici voor Harry van Zanten

Prof.dr. Harry van Zanten

ontvangt een Vici-subsidie van

NWO. De mathematisch statisticus

krijgt de prestigieuze subsidie

van anderhalf miljoen euro voor

zijn voorstel getiteld Grondslagen

van de niet-parametrische Bayesiaanse

statistiek.

Van Zanten is hoogleraar Statistiek

aan de TU/e en onderzoeker

bij onderzoeksinstituut Eurandom.

Hij doet onderzoek naar

het gebruik van Bayesiaanse statistiek

bij complexe statistische

problemen. Er is volgens hem op

dit moment nog weinig of geen

fundamenteel begrip van de mogelijkheden

en beperkingen van

dit soort statistische procedures.

Onderzoekers van de

TU/e zijn erin

geslaagd een proces

van moleculaire

zelf assemblage over

verschillende routes

te volgen en te sturen.

Waar voorheen

werd gedacht dat de

moleculen als vanzelf

de juiste structuur

vormen, laat dit

onderzoek zien dat

de assemblage verschillende

routes kan

volgen, met verschil­

Vandaar dat hij binnen zijn Viciproject

theorieën wil ontwikkelen

die het mogelijk maken om optimale

statistische procedures te

ontwerpen en deugdelijke procedures

te onderscheiden.

lende resultaten;

in dit geval links- en

rechtsdraaiende

polymeerketens. De

nieuwe inzichten zijn

van groot belang voor

het begrip van supramoleculaire

polymeren,

waarin kleine

verschillen in de

manier waarop

moleculaire bouwblokjes

zijn gestapeld,

grote invloed

hebben op de materiaaleigenschappen.

De resultaten staan

online op de site van

het toonaangevende

tijdschrift Nature, en

zullen ook in de papieren

editie verschijnen.

Eerste auteur

van het artikel is ir.

Peter Korevaar (25),

die promotieonderzoek

doet

onder begeleiding

van dr. ir. Tom de

Greef en prof.dr.

Bert Meijer,

770.000

euro

NWO heeft 770.000 euro beschikbaar

gesteld voor een vijf jaar durend onderzoek

aan de TU/e en de Rijksuniversiteit

Groningen naar de geschiedenis

van duurzaam Nederland vanaf 1850.

Op basis van de uitkomsten van dit onderzoek

zal gekeken worden welke levenskwaliteit

toekomstige generaties

kunnen verwachten door de keuzes die

de huidige generatie maakt. Prof.dr.ir.

Harry Lintsen (62), emeritus hoogleraar

Techniekgeschiedenis, geeft tot en

met 2016 leiding aan dit onderzoeksprogramma,

dat de Monitor Duurzaam

Nederland als uitgangspunt heeft, zoals

die door het Centraal Bureau voor

de Statistiek vorig jaar is gepubliceerd.


08

09

kopstuk/

Het milieuactivisme borrelt bij

haar dicht onder de oppervlakte –

maar dan vooral als voorvechter

van verandering, en mét een

alternatief. marjan Minnesma

neemt met haar stichting

Urgenda concrete initiatieven,

die door bedrijfsleven en overheid

massaal worden opgepikt.

Voor de TU/e maakt ze een plan

voor een duurzame toekomst:

City of Tomorrow.

Marjan Minnesma

Directeur stichting Urgenda


nr.1 november 2011 / MAGAZINE VAN de


xx 10

xx 11

kopstuk/

Tekst Chriz van de Graaf foto’s Frank Ruiter

MMinnesma werd in 2011 door dagblad Trouw

uitgeroepen tot meest invloedrijke duurzame

Nederlander, en liet daarmee prominenten

als Wubbo Ockels, Herman Wijffels

en Pieter Winsemius achter zich. ‘Het is een

eervolle verkiezing die me een zekere status

geeft. Ik kan het gebruiken om ons werk

beter te doen, dat is het belangrijkste.’

Ze was als kind al van de bloemetjes en

de bijtjes en wilde dierenarts worden. Ze

werkte bij Shell, Novem en Greenpeace, en

hoe meer ze wist over de toestand van de

aarde, hoe meer ze ontdekte dat de beste

wetenschappers het meest ongerust zijn,

over energie, klimaat en grondstoffen.

‘We krijgen een gigantische schaarste en

niemand is erop voorbereid. Er is een

cognitieve dissonantie tussen weten dat het

misgaat en intussen maar doordenderen.

Als je de boeken leest over beschavingen die

ten onder gingen, dan zie je dat mensen

ziende blind het ravijn in lopen. Die weg

slaan wij nu ook in.’

spraakmakend

‘De klimaatscenario’s

van serieuze wetenschappers

worden

telkens ingehaald door

de werkelijkheid: het

blijkt altijd nog slechter

te gaan dan ze hadden

voorzien.’

‘Terwijl de hele wereld

CO 2 aanwijst als oorzaak

van klimaatverandering,

bouwt Nederland

kolencentrales en

verbreedt de snelwegen.

Dat is vervreemdend

– zelfs landen als

India en China zetten

versneld in op duurzaamheid.

De meeste

Europese landen zien

de noodzaak. Nederland

kijkt intussen de

andere kant op.’

‘Zo’n uitverkiezing

heeft bijvoorbeeld tot

gevolg dat mensen die

vroeger zeiden: ‘kom

maar langs’, nu bij mij

op bezoek komen.’

Inspirerend optimisme

De mensheid heeft een glasheldere opdracht,

als het aan Minnesma ligt: ‘Binnen tien jaar

moeten we om, of het wordt voor de generaties

na ons zeer onaangenaam. Dat betekent:

als de donder over op duur zame energie, zorg

voor zoetwater en sluit de kringloop.’

Ze combineert gedrevenheid met een inspirerend

optimisme. ‘Ik kan niet toekijken

hoe we ten onder gaan. Onmogelijk. Ik moet

op mijn sterfbed tegen mijn kinderen kunnen

zeggen: je moeder heeft er alles aan gedaan.

Ze was misschien niet altijd thuis,

maar dat was voor het hogere doel. Ik hoop

dat tegen die tijd het tij is gekeerd en dat ik

daar mijn steentje aan heb bijgedragen.’

Haar belangrijkste vehikel om bij te dragen

is op dit moment Urgenda, een actieorganisatie

voor duurzaamheid en innovatie die

Nederland sneller duurzaam wil maken. De

stichting werkt aan concrete oplossingen.

Aan rapporten waarmee bedrijven en overheden

snel kunnen overstappen op duurzaam.

Aan initiatieven voor duurzaam

voedsel en duurzaam transport. Dat alles

om direct bij te dragen aan duurzaamheid

en de geesten rijp te maken om ‘straks met

reuzenstappen de zaak om te gooien.’

Practice what you preach

De laatste maanden bezocht ze regelmatig

de TU/e. Van het universiteitsbestuur kreeg

ze de vraag: hoe doen we het op de duurzame

schaal? En wil je een plan maken waarmee

het beter kan?

Het antwoord op de eerste vraag was teleurstellend.

‘De universiteiten in Nederland

staan er niet best op’, stelt Minnesma. ‘Ik zie

er niet één die integraal duurzaam is, op het

gebied van water, afval, catering, gebouwen

of materialen. Er komt langzaam iets op

gang om gebouwen anders te ontwerpen en

te bouwen. Langzaam.’

Dit staat in schril contrast met de ambities

die universiteiten en opleidingen aan de dag

leggen. Vooral de technische universiteiten

zien zichzelf als technologische sleutel in de

ontwikkeling van duurzame oplossingen,

voor energie en transport bijvoorbeeld. Zo

ook de TU/e. ‘Practice what you preach’, zegt

Minnesma. ‘Een universiteit moet waarachtig

zijn. Als je onderwijst dat nieuwe gebouwen

energieneutraal moeten worden, doe

het dan zelf ook: bouw ze. En inspireer anderen.

De universiteit heeft veel contacten met

bedrijven: daag hen uit een stapje verder te

gaan. En leidt studenten op die straks in de

bedrijven een ander geluid laten horen.’

The City of Tomorrow

De TU/e werkt aan nieuwe technologieën en

technieken waarmee de wereld duurzamer


nr.2 april 2012 / MAGAZINE VAN de

Loopbaan Marjan Minnesma

Marjan Minnesma

(Wormerveer 1966)

is directeur van

Urgenda, een organisatie

met het doel

Nederland sneller

duurzaam te maken.

Ze krijgt een steeds

prominentere rol in

het maatschappelijk

debat over dit onderwerp,

getuige haar uitverkiezing

in dagblad

Trouw tot meest

invloedrijke persoon

in duurzaamheid in

Nederland.

Minnesma behaalt

een MBA voordat ze in

Utrecht in recht en filosofie

afstudeert. Ze

doet ervaring op in

management bij uiteenlopende

organisaties,

zoals Slot &

Partners, interim

management and consultancy,

NOVEM,

Greenpeace, IVM en

de Vrije Universiteit

Amsterdam. Ook is ze

sinds 2004 directeur

van DRIFT (Dutch

Research Institute

for Transitions), een

onderzoeksinstituut

dat zich richt op

duurzame transities.

wordt, vooral op het gebied van duurzame

mobiliteit, energie en energieneutraal bouwen.

Het plan van Urgenda voor de TU/e,

‘The City of Tomorrow’, bepleit dat deze inspanningen

zichtbaar worden. Om studenten

te enthousiasmeren. Om bezoekers

en publiek te informeren. En om aan jezelf

en de buitenwereld te laten zien waar je

voor staat en waar je naartoe moet. De City

of Tomorrow moet vandaag al op de campus

bestaan, is het uitgangspunt.

‘Als je hier nu rondloopt, denk je niet: dit is

de meest revolutionaire campus van Nederland’,

stelt Minnesma vast. ‘Alles zit nu binnen

in de gebouwen, wij willen dat eruit ha-

‘Als de

donder over

op duurzame

energie’

len. Zet de zonnepanelen waar je aan

werkt buiten en vertel wat ze doen. De TU

Eindhoven heeft de grootste warmte-koudeopslag

van Europa, dat weet niemand.

Transporteer bezoekers van het station

met futuristische wagentjes naar de TU/e.

Laat mensen weten: wij werken aan de technologie

van morgen.’

Het plan gaat ook over onderwijs en onderzoek.

De vernieuwing van de bachelor is

een uitgelezen kans om duurzaamheid

overal in het onderwijs te brengen. Het zal

de TU/e voor studenten aantrekkelijker

maken. Daarnaast zijn ze zich straks als

ingenieurs in de samenleving al bewust van

het belang van duurzaamheid. Ook het

onderzoek aan de universiteit biedt volop

kansen in te zetten op duurzame energie,

mobiliteit en gebouwen.

‘Als de TU/e ‘The City of Tomorrow’

helemaal uitvoert, steekt het wat betreft

duurzaamheid met kop en schouders uit

boven de andere universiteiten’, stelt Minnesma.

‘Het is ambitieus – de TU/e steekt

haar nek uit. De wil is er; van bestuur tot

studenten. Dat kan nog heel wat moois opleveren.’


12

13

achtergrond/

Bachelor College leidt niet

tot ‘ir. light’

Dr.ir. Lex Lemmens, de eerste Dean van het Bachelor College waar de TU/e in

september mee van start gaat, vertelt over de laatste stand van zaken. Slash

onderzocht of ook het bedrijfsleven zit te wachten op ingenieurs die van alle

markten thuis zijn. Ja. Bedrijven verwachten meer dan technische kennis alleen.


Tekst Enith Vlooswijk en Frits van Otterdijk Illustratie valezski

nr.2 april 2012 / MAGAZINE VAN de

De tropenuren die Lex Lemmens al

sinds maanden draait, lijken geen

vat op hem te krijgen. Met veel elan

en enthousiasme somt hij de resultaten op

die inmiddels al zijn geboekt. ‘De voorbereidingen

lopen veel vlotter dan ik bij aanvang

verwachtte. Ik heb veel medewerking gekregen

omdat iedereen begrijpt dat veranderingen

noodzakelijk zijn.’

In de media wordt het vernieuwen van het

bacheloronderwijs vaak uitgelegd als het

uitkleden van een studie, waarmee het

makkelijker scoren is voor de student. Het

zou leiden tot een ‘ir. light’. Hoe kijkt u tegen

die kritiek aan?

‘Ik durf te beweren dat geen enkele universiteit

B-types gaat afleveren. Om het even bij

onszelf te houden: we hebben ervoor gezorgd

dat de eindkwaliteit van de bacheloropleiding

hoger kan zijn dan momenteel het

geval is door een grote keuzeruimte te maken

van 45 studiepunten. Als een student

ervoor kiest om binnen die 45 punten nog

veel meer disciplinaire vakken te kiezen,

neemt de kwaliteit toe in de diepte. Maar

ook door verbreding binnen die

45 punten is een kwaliteitsverbetering

mogelijk. Een aantal mensen zal nog intuïtief

denken dat hierdoor sprake is van verdunning

of vermindering van kwaliteit,

maar als je doorvraagt kunnen ze niet

volhouden dat de kwaliteit van de opleiding

inboet. Echt niet’.

Toch is niet iedereen er gerust op. Architectuurstudenten

aan de TU/e vrezen het

ergste en ze worden hierin gesteund door het

bestuur van hun unit.

‘Je moet de schrik wegnemen. Door aan te

tonen hoe je te werk gaat. Architectuurstudenten

kunnen hun hele keuzeruimte vullen

met architectuurvakken. Niemand zal

ze daarbij tegenhouden. We zullen dat zelfs

stimuleren als dat hun carrièreperspectief

is. Verder moet je ook duidelijk maken hoe

de kwaliteit wordt geborgd door examencommissies.

In het Bachelor College komt

een adviescommissie Examens met daarin

vertegenwoordigers van alle examencommissies.

Die gaan met elkaar praten over de

kwaliteit van de keuzepakketten.’

Een pretpakket kunnen studenten dus

wel vergeten?

‘Ja, maar het wordt wel een prettiger pakket.

Het gaat meer aansluiten bij je eigen belangstelling.

Als je bijvoorbeeld scheikunde

volgt en je wilt eigenlijk ondernemer worden,

kun je jezelf daarop binnen de keuzeruimte

goed voorbereiden. Dan kies je daarvoor

15, 30 of zelfs 45 studiepunten waarin

je dat gaat uitwerken. Hetzelfde geldt voor

iemand die zich helemaal wil richten op procestechnologie.

Iedereen is vrij in zijn keuze,

de examencommissie controleert of de

juiste pakketten erin zitten.’

Wat betekent het voor de aansluiting van

een bachelor op een master?

‘Vooral dat we onze eigen bachelors eindelijk

op dezelfde manier bekijken als de buitenlandse

studenten en een deel van de

hbo’ers die hier in de master instromen.

Dus niet letten op welke vakken ze precies

hebben gevolgd. Maar gewoon kijken wat ze

hebben gedaan, wat ze willen gaan doen en

met hen afspraken maken wat ze tijdens

hun master moeten doen.’

Docenten zullen studenten gaan coachen.

Is dat inmiddels geaccepteerd?

‘Dat is geen gemakkelijk dossier. Docenten

hebben dat op deze manier nog niet gedaan.

Ze coachen wel in een eindproject of zo,

maar dat is niet hetzelfde als coachen op de

keuzes die gemaakt moeten worden met beroepsbeelden

in het vizier. Ik ben nu bezig

met een rondje langs de opleidingsdirecteuren.

Zij zullen mensen moeten selecteren

die coachen leuk vinden om te doen en dat

ook kunnen. Er is ook de afspraak gemaakt

dat de tijd die wordt besteed aan coachen,

wordt gezien als onderwijstijd. Daardoor leg

je geen extra beslag op de onderzoekstijd

van de docenten. Een docent besteedt nu bijvoorbeeld

ongeveer achthonderd uur aan

onderwijs en dat wordt straks zevenhonderd

uur, plus honderd uur coaching. Deze

weg moet je voorzichtig gaan, maar wel op

tempo, want de eerste intakegesprekken

met de nieuwe studenten zijn al in juni. Het

zal leiden tot een betere selectie aan de

poort.’

Dr.ir. Lex

Lemmens:

‘Geen pretpakket,

wel

een prettiger

pakket.’


14

15

achtergrond/

NXP Semiconductors

‘Ingenieur moet technologie kunnen

volgen over grenzen heen’

Dr.ir. Marcel Pelgrom, onderzoeker

bij NXP Semiconductors,

zet een kanttekening bij een

brede opleiding van technische

studenten. ‘De universiteit moet

niet in de valkuil van de middel bare

scholen vallen en basisvakken opofferen.

Ik benadruk dat aspect,

omdat ik in Nederland een probleem

zie. Ik geef zelf les aan studenten

en zie dat ze wel een stuk

mondiger zijn, allerlei presentatietechnieken

beheersen, maar er

zijn vierdejaars die amper weten

wat een logaritme is. In de basisvakken

heeft men wel wat veren

gelaten.’

Pelgrom heeft zelf gestudeerd aan

Stanford, waar hij ook vakken

kreeg als economie en ondernemen.

‘Dat is heel waardevol. Alleen

kwamen mensen uit het bedrijfsleven

naar de universiteit om die

vakken te geven. Dan luisterde je

bijvoorbeeld naar iemand die vertelde

hoe het ondernemen eraan

toegaat in Silicon Valley. Bij het

onderwijs in die vakken zou ik dus

bij voorkeur een sterke band willen

zien met de industrie.’

‘Tijdens sollicitatiegesprekken kijken

we bij NXP goed of iemand de

technische basiskennis op orde

heeft. Verder moeten werknemers

flexibel zijn, meebewegen met het

bedrijf en met technische inzichten.

Ook op hun 35ste of 40ste moeten

ze nog bereid zijn om een aantal

avonden in de boeken te gaan zitten

om bij te leren. Hoewel de basisvaardigheden

die wij vragen niet

wezenlijk anders zijn dan vijftig jaar

geleden, is er een verschuiving van

de extremen in de techniek: in mijn

studietijd was 1 megahertz enorm

hoogfrequent. Nu praten we over 1

terahertz, een miljoen keer hoger.

De techniek is over vroegere grenzen

gegroeid, waardoor verschijnselen

zich anders gedragen. Als

ingenieur moet je mee over de

grenzen van disciplines. Automotive

was bijvoorbeeld vroeger

het terrein van werktuigbouwers,

nu bestaat een auto voor een groot

deel uit elektronica.’

DSM

‘Ingenieurs moeten risico’s

leren inschatten voor de klant’

‘Mijn ervaring is dat je aan de

TU/e veel vakinhoudelijke

kennis opdoet en in de praktijk pas

echt leert deze toe te passen’, vertelt

ir. Martijn Rotman, manager

Maintenance bij DSM. ‘Ik denk dat

veel chemici daar moeite mee

hebben: iets op laboratoriumschaal

bedenken en uitrekenen

is iets heel anders dan op de

schaal van de petrochemische

industrie. Hier leer je pas echt

risico’s inschatten, scenario rekenen,

weten wat het betekent voor

de klant als iets stukgaat: ga je

repareren of vervangen? Ik denk

dat het helpt als studenten tenminste

een half jaar bedrijfservaring

opdoen.’

‘Onze eisen zijn veranderd de laatste

jaren; we vragen meer op organisatorisch

en communicatief vlak.

We zoeken mensen die goed communiceren

met zowel proces operators

als managers. Als studenten

hun kennis opdoen in het bedrijfsleven,

leren ze ook dat soort vaardigheden.

Dat hoeft dan niet ten

koste te gaan van technische kennis.

We merken wel dat nieuwe ingenieurs

minder parate kennis

hebben dan zo’n tien jaar geleden.’

Capgemini

‘Werknemers moeten

zelfkennis hebben’

‘Sollicitanten krijgen bij ons

eerst een intelligentietest:

alleen wie bovengemiddeld

scoort, mag verder de sollicitatieprocedure

in’, vertelt Desirée Willemsen,

manager Corporate

Recruitment van Capgemini Nederland.

‘Vervolgens kijken we naar

motivatie en drijfveren. Medewerkers

moeten voortdurend aan hun

eigen ontwikkeling werken, want de

techniek en maatschappelijke ontwikkelingen

staan niet stil. Je moet

initiatief tonen en ambitieus zijn.’

’Daarnaast zoeken we mensen die

met hun voeten in de modder willen

staan, die het leuk vinden om

met techniek bezig te zijn en goed

willen worden in hun vak. Het lijkt

soms of opleidingen zich steeds

meer richten op ‘strategisch bezig

zijn’. Ik hoor young professionals

bijvoorbeeld vaak zeggen dat

ze zich graag bezighouden met

strategie en met wat de klant wil.

Dat is pas later aan de orde, het is

belangrijk om eerst de techniek in

de vingers te krijgen.’

‘We willen dat mensen het vermogen

hebben naar zichzelf te kijken.

Als je zelfkennis hebt, ligt er een

wereld voor je open.’


nr.2 april 2012 / MAGAZINE VAN de

Essent

‘Zolang de ingenieurs maar geen bedrijfskundigen worden’

‘We kijken naar het

opleidings niveau en de afstudeerrichting’,

zegt Björn Luijters,

resource manager/lead

recruiter Techniek bij Essent. ‘En

naar de persoonlijkheid: wat voor

motivatie heeft iemand, is iemand

proactief en een goede gesprekspartner

voor teamleden, stakeholders

en het management? Ik denk

dat de opleiding aan dat soort zaken

kan bijdragen. Leren studenten

hoe ze hun kennis kunnen

toe passen in het bedrijfsleven?

Weet iemand dat we onderhoudsprocessen

optimaliseren, omdat

het handen vol geld kost als een

installatie uitvalt?’

Luijters ziet dat er steeds meer

‘moderne’ opleidingen zijn, zoals

technische bedrijfskunde, die net

niet de ‘harde techneut’ afleveren

waar Essent behoefte aan heeft.

‘Het is heel goed als iemand een

vervolgstudie als Sustainable

Technology heeft gedaan, maar

wij hebben ook behoefte aan

échte technische kennis als werktuigbouwkunde,

elektrotechniek

en chemische technologie. Dat

een studie ook aandacht besteedt

aan maatschappelijke context,

toont hoe dingen werken in de

praktijk, vind ik heel goed. Zolang

de ingenieurs maar geen bedrijfskundigen

worden. Wel vinden we

het belangrijk dat studenten een

stuk zelfbewustwording doormaken,

leren van welke context ze

deel uitmaken en welke rol ze

willen innemen.’

‘We zijn nu een hypermoderne

centrale aan het bouwen in

eemshaven. Onze mensen die er

nu werken, kiezen ervoor iets op

te bouwen wat technisch indrukwekkend

is. Mensen met een

technisch hart, die zoeken we.

uiteindelijk gaat het om de techniek,

want als een energiecentrale

niet draait, kun je ook geen eigen

energie verkopen.’

DAF Trucks N.V.

‘Bolleboos moet

beter communiceren’

‘Communicatie’ is momenteel

het sleutelwoord bij DAF

Trucks, vertelt Maurice Klaassens,

manager Employer Branding. ‘Op

alle afdelingen wordt meer ingezet

op communicatie. Het idee erachter

is dat veranderingen van onderaf

moeten komen: als op de

werkvloer blijkt dat een werkproces

efficiënter kan, dan moeten

mensen van verschillende niveaus

onderling goed kunnen communiceren

om dat te bewerkstelligen.’

Volgens Klaassens is het een

ontwikkeling van de laatste drie,

vier jaar die je bij alle automotive

bedrijven ziet. ‘Bollebozen kunnen

achter hun computerscherm wel

mooie dingen bedenken, zoals

een motor die de helft schoner

is, maar past het ook binnen

het productiesysteem? Van

techneuten wordt daarom steeds

meer een bedrijfskundige component

gevraagd.’

‘Onze eisen zijn niet veranderd van

‘specialist’ naar ‘generalist’, maar

je ziet wel een verschuiving in die

richting. Wat dat betreft juichen

wij de verandering aan de

TU/e toe. Volgens ons zijn de

ingenieurs opleidingen nog lang

niet op het punt aangekomen dat

ze te generalistisch zijn.’

ASML

‘Inburgeren in bedrijfscultuur

kost jonge ingenieurs

nog veel tijd’

Dr.ir. Ramin Badie, onder

meer coach van technisch

talent bij ASML, wordt direct enthousiast

als het gaat over de opleiding

van jonge ingenieurs.

‘Studenten die bij ons komen, missen

heel veel kennis over hoe het

er in de industrie aan toegaat. Hoe

werken we, welke onderwerpen

pakken we aan, welke zaken laten

we links liggen, met welke snelheid

toetsen we dingen? In de hightech

industrie heerst een andere cultuur

en het duurt lang voordat jonge

ingenieurs ingeburgerd raken.’

Over het algemeen blijkt dat

mensen na anderhalf jaar veel

gerichter te werk gaan dan toen ze

binnenkwamen, vertelt Badie.

‘Als ze al tijdens hun studie meer

ervaring opdoen binnen het bedrijfsleven,

win je aan snelheid. Ze

zouden direct veel meer voor elkaar

krijgen. Eigenlijk moeten bepaalde

vakken in het curriculum

samen met het bedrijfsleven worden

opgezet. Ik geef bijvoorbeeld

af en toe gastcolleges aan de

universiteit. Zo krijgen studenten

een link met wat er in de hightech

industrie gebeurt, terwijl het

bedrijfsleven profiteert van de

ideeën van binnen de universiteit.’

‘Wij zoeken ingenieurs met de

potentie om verbaal sterk te worden,

met een grote welwillendheid

om integraal te werken. Studenten

moeten een kritische geest hebben,

creatief zijn. We selecteren

behoorlijk op wat iemand tijdens

de studie heeft gedaan, zoals de

stage.’


16

17 ingezoomd/

Planking

Tekst Tom Jeltes

Beeld Rien Meulman

In het Automotive

engineering Science

Lab staat één van de

oudste meetopstellingen

van de TU/e: de

Flat Plank Tyre Tester.

Met de Flat Plank Tyre

Tester kan het effect van

wegdek oneffenheden,

de invloed van de scheefstand

van het wiel en

de optredende krachten

bij inparkeren worden

onderzocht.In deze

bandentester speelt een

zeven meter lange plank

de rol van het wegdek.

Terwijl de plank over de

autoband beweegt, meet

de Tyre Tester de krachten

op het wiel. De gegevens

worden gebruikt

voor computersimulaties

van autobanden.


nr.2 april 2012 / MAGAZINE VAN de

7

meter

de totale lengte

van de plank


(advertentie)

Tim Groeit ®

En jij?

Persoonlijke groei, dat vinden wij belangrijk. Groeien als mens,

groeien als professional. Wij bieden jou als embedded

software of hardware expert de ruimte en de mooiste merken.

Zodat jij Groeit ® .

Onze arbeidsvoorwaarden en ons Employment Benefi t Program

zijn uitstekend. Zeker zo belangrijk is dat je bij TOPIC een unieke

kans krijgt om jezelf te ontwikkelen in de top van de markt. Onze

software en hardware professionals werken voor en bij klanten

zoals ASML, Océ, Philips en TomTom. Op dat allerhoogste

niveau kun jij je talent en ambities optimaal ontwikkelen. Op dat

niveau kun je wérkelijk groeien. Als professional en als mens.

Wij bieden je de kans. Zodat jij Groeit ® .

TOPIC zoekt Software- & Hardware-engineers. Interesse?

Kijk snel op www.topic.nl voor onze vacatures.

Topic.

Blijf groeien

2012.0144 Adv Software Engineer tbv Slash!.indd 1 3/1/12 4:42 PM


19

De vonk/

j.p.t.dekkers@tue.nl

nr.2 april 2012 / MAGAZINE VAN de

‘In een ontwerp gaan ratio

en intuïtie samen’

Ze studeerde in 1978 af aan de faculteit Bouwkunde en twee jaar geleden,

in 2010, keerde Jeanne Dekkers er terug als deeltijdhoogleraar.

Daarnaast is Dekkers directeur-architect van haar eigen architectenbureau.

Bij haar studenten pleit ze voor poëtisch ingenieurschap,

waarin ratio en intuïtie samenkomen.

Waarom de keuze voor

architectuur?

‘Na mijn middelbare

school twijfelde ik tussen

de Kunstacademie en de

studie natuurkunde. Bij

natuurkunde was ik gefascineerd

door het onderzoek

waarmee je dieper

in de materie kunt doordringen.

Dingen ontdekken

die nog niet bekend

zijn. Dat leek me fantastisch.

Een combinatie met

mijn creatieve kant vond

ik in de architectuur. Een

gebouw is een zeer zichtbaar

iets, achter de gevel zitten allerlei

processen verborgen. Een gebouw kun je

vergelijken met het menselijk lichaam,

een uiterlijk waarachter vele complexe

processen plaatsvinden.’

Wat zou een basisvaardigheid voor de

architect moeten zijn?

‘Het handmatig schetsen van een ontwerp.

Dat beschouw ik als een vorm van nadenken.

Je kunt op die manier je verbeelding

volledig tot uitdrukking brengen, alternatieven

afwegen en zo op zoek gaan naar

de essentie van de oplossing. Dat klinkt

misschien ouderwets, maar het houdt je

kritisch en alle losse elementen smelten

zo samen tot één geheel.

Een computerprogramma is

een hulpmiddel en nog niet zo snel als

de geest van een ontwerper. Ik vind dat

studenten het schetsen nog steeds goed

dienen te beheersen.’

Wat betekent globalisering voor

de architectuur?

‘Het heeft de betekenis van architectuur

wezenlijk veranderd. De verbondenheid

van het ontwerp met een bepaalde plaats of

cultuur, of met gebruik van materialen is

ontwricht geraakt. Kijk bijvoorbeeld naar

een land als India, waar grote glazen kantoorpaleizen

worden neergezet. Die blijken

dan volledig ongeschikt

te zijn voor het

daar heersende klimaat.

De vanzelfsprekende

relaties tussen

plaats en materiaal

zijn door de architect

terzijde geschoven. In

een duurzame wereld

moet de architect zich

herbezinnen op haar

taakstelling. Globalisering

moet weer

plaatsmaken voor

kritisch regionalisme.’

Vanwaar een

pleidooi voor poëtisch

ingenieurschap?

‘Ik zie het als mijn taak

om studenten op te leiden

tot excellente architecten, ontwerpers en

onderzoekers, die in staat zijn een nieuwe

wereld te verbeelden vanuit een bestaande

context. Naast technische kennis van het

vak, dienen ze ook inzicht te krijgen in de

meer intuïtieve aspecten van het ontwerpen.

Ik wil ze leren om ratio en intuïtie

samen te brengen in een ontwerp. En dan

met projecten die gericht zijn op duurzaamheid

of hergebruik, de actuele thema’s die

bepalend zijn voor de huidige architectuur

en de toekomst van studenten.’


20

21

achtergrond/

Wie gaat

waarheen

en waarom?

Met gebruikmaking van nieuwe dynamische modellen wil prof.dr.

Harry Timmermans het verplaatsingsgedrag van mensen in de

stad kunnen voorspellen. Hierdoor kunnen beleidsmakers steden

beter laten functioneren, worden wegen beter benut en wordt het

gebruik van het openbaar vervoer beter in kaart gebracht. Met als resultaat

dat de CO 2

-uitstoot kan verminderen. Op dit moment wordt

de input voor deze modellen verzameld via het MoVeLab, een website

waar deelnemers hun beweegpatroon vastleggen.

Hoeveel verplaats je je

vanuit je woning in

een week? Naar het

werk, sportterrein,

tandarts, supermarkt, et cetera.

En allemaal via andere routes,

met diverse vervoersmiddelen,

op verschillende tijdstippen.

Wat verandert er wanneer

iemand merkt dat hij om kwart

over acht ’s ochtends altijd in

een file terechtkomt? Welk gevolg

heeft het veranderen van

een buslijndienst of de invoering

van nieuw parkeerbeleid?

Welke verkeersstromen ontstaan

er bij het ontwikkelen

van een nieuwe woonwijk? Zijn

mobiliteitspatronen positief te

beïnvloeden door het verstrekken

van intelligente reisinformatie

of reisadviezen? Welk

effect heeft de keuze voor een

bepaald vervoersmiddel op

de mobiliteit?

Dynamisch model

Het complexe verplaatsgedrag

van een bevolking kan momenteel

nog niet goed voorspeld

worden. Met gebruikmaking

van een subsidie van de European

Research Council wil

bouwkundehoogleraar Harry

Timmermans daar met zijn

groep Urban Planning meer

zicht op krijgen. Daarbij maken

ze gebruik van een nieuwe gene-

ratie activity based models.

Timmermans: ‘Dit zijn grootschalige

computermodellen

waarmee je het gedrag van mensen

in de gebouwde omgeving

op verschillende tijdstippen van

de dag simuleert, daarbij rekening

houdend met de vervoersmiddelen

die ze hanteren, de

routes die ze volgen en hoelang

ze ergens blijven.’

Het nieuwe aan deze

onderzoeks techniek is dat er een

dynamisch model wordt gemaakt

voor langere tijd. ‘Voorheen

waren onderzoeken gebaseerd

op een gemiddelde dag, een

sta tische dag. Maar wat is de

wisselwerking tussen de verschillende

dagen? Een verkeersopstopping

op dinsdag kan gevolgen

hebben voor het gedrag

op woensdag. En hoe verschillen

weekend- en werkdagen? Wij

zijn wereldwijd de eersten die de

stap maken van een statisch

naar een dynamisch model.’

Algoritmes

Als input voor deze modellen

zijn zeer veel gegevens nodig.

‘We nodigen mensen uit om

deel te nemen aan dataverzameling

via de website MoVeLab, die

samen met bureau Marketing

Bytes is ontwikkeld.’ Drie maanden

lang draagt een deelnemer

een gps-apparaat, waarmee zijn


Tekst Norbine Schalij foto lars van den brink/bewerking Maters&hermsen

nr.2 april 2012 / MAGAZINE VAN de

locatie op verschillende tijdstippen

wordt bepaald, nog niet de

activiteit of vervoerswijze. De

groep Urban Planning heeft

samen met de Design Systems

Group computeralgoritmes ontwikkeld

die zo goed mogelijk uit

de gps-gegevens, gekoppeld aan

informatie over de functie van

de locaties, het gedrag interpreteren.

Er wordt een dagelijkse

agenda van de deelnemers op

MoVeLab gezet die eens in de

zoveel tijd aangepast of bevestigd

moet worden wanneer de

interpretatie niet klopt. De deelnemers,

in Eindhoven zijn het

er nu 160, krijgen een vergoeding

voor de moeite. Inmiddels

‘Een

verkeersopstopping

op dinsdag

kan

gevolgen

hebben voor

gedrag op

woensdag’

is er in Rotterdam een tweede

groep gestart met 50 deelnemers,

die hopelijk uitgroeit tot

200 participanten. Beide studiegebieden

worden een jaar lang

gevolgd om ook seizoensinvloeden

mee te kunnen nemen.

Sociaal verkeer

‘Anders dan bij onderzoek

elders in de wereld is dat ons

algoritme leert van de veranderingen

die de deelnemers doorvoeren’,

vertelt Timmermans.

‘Dit unieke leeralgoritme maakt

dat we aan het eind van de drie

maanden die een proef duurt,

beter kunnen aangeven wat de

activiteit en het vervoersmiddel

was en de respondenten minder

hoeven te veranderen.’

Met de resultaten van dit project

kunnen uiteindelijk overheden

en planningsorganisaties hun

voordeel doen. Met de modellen

kunnen beleidsmakers steden

beter laten functioneren. Wegen

worden beter benut en het gebruik

van het openbaar vervoer

komt veel beter in kaart, wat zal

leiden tot een vermindering van

de CO 2 -uitstoot. Maar nu is het

nog een puur wetenschappelijk

project waar twee postdocs en

zes promovendi aan werken. Zij

zijn nu halverwege hun onderzoek.

Ieder bestudeert een eigen

onderdeel van de dynamiek, zoals

de gebouwde omgeving, sociale

netwerken, invloed van

reisinformatie, economisch beleid,

energiegebruik en langeen

kortetermijnontwikkeling.

Timmermans: ‘Traditioneel

gaat mobiliteitsonderzoek van

bouwkunde en civiele techniek

over woon-werk-verkeer. Want

dat veroorzaakt primair de

spitsproblemen. Maar tegenwoordig

realiseren onderzoekers

zich dat sociaal verkeer

veertig procent van alle bewegingen

uitmaakt. Wij kijken

naar de wisselwerking voor het

hele gezin, met het sociale netwerk,

in een hele week. Wie

haalt wanneer de kinderen van

de crèche? Wat zijn parkeertarieven

en hoe hoog is de benzineprijs?

Dat is het bijzondere van

wat er in dit project gebeurt. We

accumuleren de gevolgen van

verschillende beleidsvormen.’

Zie ook: www.movelab.nl


(advertentie)

3TU.

School for Technological Design

STAN ACKERMANS INSTITUTE

U loopt er in uw bedrijf ongetwijfeld regelmatig tegenaan: technische en/of

logistieke vraagstukken die alleen via een gedegen, ontwerpgerichte aanpak

verantwoord zijn op te lossen. In zo’n situatie kunt u een beroep doen op de

expertise van 3TU.School for Technological Design, Stan Ackermans Institute.

Technologisch vraagstuk

of ontwerpopdracht?

Het Stan Ackermans Institute verzorgt tweejarige ontwerpersopleidingen voor afgestudeerde ingenieurs. In

het tweede jaar van de opleiding voert de technologisch-ontwerper-in-opleiding een ontwerpopdracht uit,

zowel voor als binnen het bedrijfsleven. De technologisch-ontwerper-in-opleiding wordt daarbij uiteraard

begeleid door deskundigen van het Stan Ackermans Institute. Ook andere vormen van samenwerking, waarbij

uw werknemer gedetacheerd wordt bij het Stan Ackermans Institute, zijn bespreekbaar.

Succes

De ontwerpersopleidingen bestaan sinds 1986 en hebben inmiddels ruim 3000 ontwerpers afgeleverd.

De meeste ontwerpers zijn in dienst getreden bij het bedrijf waar zij hun ontwerpopdracht uitvoerden en

bekleden daar nu veelal leidinggevende functies.

Nieuwe opleidingen

Vanaf september 2011 zijn zes nieuwe ontwerpersopleidingen gestart, waaronder Automotive Systems Design

en Smart Energy Buildings and Cities.

Meer informatie

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met drs.ir. Pieter de Bock, 040 – 247 4166 of

p.f.d.bock@tue.nl. Op www.3tu.nl/sai vindt u meer informatie over de ontwerpersopleidingen van het

Stan Ackermans Institute.


nr.2 april 2012 nr.2 / april MAGAZINE 2012 VAN / MAGAZINE de VAN de

/Bijlage

Universiteitsfonds

Eindhoven

Geef

om aan

Jaarcampagne 2012 van het

Universiteitsfonds Eindhoven (UFe)


24 / bijlage / universiteitsfonds eindhoven

www.tue.nl/ufe

ufe@tue.nl

Geef om de

TU/e, geef aan

het UFe

Het Universiteitfonds Eindhoven (UFe) geeft u de kans iets terug te doen

voor de universiteit waar u studeerde. Het officieel met de ANBI-status

(Algemeen Nut Beogende Instelling) als ‘goed doel’ erkend fonds stimuleert

wetenschappelijke en studieactiviteiten van de TU/e en ondersteunt

sportieve en culturele evenementen en studiereizen. In de komende jaren

wil het UFe met name projecten steunen op de strategic areas Health,

Energy en Smart Mobility en verdere internationalisering van de

universiteit stimuleren. Uw hulp kan daarbij het verschil maken.

Het UFe steunt wetenschappelijk

onderzoek door bijvoorbeeld het

uitreiken van stimuleringsprijzen

aan vooruitstrevende projecten

op het gebied van de strategic areas van

de TU/e. Zo loofde het UFe vorig jaar onder

meer drie Anniversary Awards uit ter gelegenheid

van het 55-jarig bestaan van de

TU/e. Ook organiseert het fonds in nauwe

samenwerking met het bedrijfsleven symposia

of lezingen en ondersteunt het naast

de wetenschap ook sport-, muziek-, dansen

theaterevenementen in en rond Eindhoven.

Doel is het studentenklimaat te verbeteren

en de aantrekkingskracht van de

‘smartest region’ te vergroten. Verder

steunt het UFe studiereizen en internationale

uitwisselingen zodat studenten hun

opgedane kennis kunnen toetsen in een internationale

(bedrijfs)context.

Samen met SFSE

In vijf jaar tijd wil het Universiteitsfonds de

jaarexploitatie ophogen tot een bedrag van

250.000 euro. De fusie van het UFe met de

Stichting Fonds Studentenvoorzieningen

Eindhoven (SFSE), die aan het begin van dit

collegejaar plaatsvond, is daartoe een eerste

stap. Eric van Schagen, UFe-voorzitter en

algemeen directeur bij Simac, is verheugd

over de fusie. ‘Het heeft voordelen voor beide

partijen. Het betekent om te beginnen

een toename van ons vermogen. Daardoor

zijn we in staat om naast onze gebruikelijke

exploitatie, die zo rond de 80.000 euro ligt,

weer veel extra te doen.’

Iets terugdoen voor de universiteit

Een actie op de lustrumdag van de TU/e

leverde het fonds ruim 50 alumni als

nieuwe donateur op. De jaarcampagne is

een vervolg op deze actie, met de bedoeling

vele alumni aan het UFe te binden. Van

Schagen: ‘Samenwerking met donateurs en

sponsors wordt steeds belangrijker. Vooral

daar waar de overheid geen ondersteuning

biedt. Daarom willen we onze alumni aanspreken

op hun gevoel om iets terug te doen

voor de universiteit. Ik merk dat dit verantwoordelijkheidsgevoel

bij veel alumni leeft.

Aan ons de taak onder de aandacht te brengen

hoe zij daar iets mee kunnen doen.’ Ook

werkt het UFe samen met het bedrijfsleven.

Omdat het Universiteitsfonds Eindhoven

erkend is als ‘goed doel’ bieden donaties fiscale

voordelen.

Publiciteit

Het fonds zal bij activiteiten van alumni

steeds zichtbaar zijn om de ondersteunde

projecten onder de aandacht te brengen en

alumni te stimuleren donateur te worden.

Doet u ook mee? Geef om de TU/e, geef aan

het UFe. Op de website www.tue.nl/ufe vindt

u alle mogelijkheden.


De droom van

Massimo Mischi

Dr.ir. Massimo Mischi, universitair

hoofddocent bij Signal Processing

Systems aan de faculteit

Electrical Engineering, heeft een

methode bedacht waarmee pijnloos

en efficiënt een tumor in de

prostaat gelokaliseerd kan worden.

Door microbubbels in de

bloedbaan te spuiten die als contrastvloeistof

fungeren, kan met

behulp van ultrasound zichtbaar

worden of er sprake is van prostaatkanker,

de meest voorkomende

vorm van kanker bij mannen.

Deze techniek zorgt voor een betere

diagnose en behandeling,

Massimo Mischi

minder overbodige biopten en

operaties en het bespaart kosten.

Het UFe wil Mischi 15.000 euro

schenken voor een proefopstelling

om simpele bloedvatstructuren

na te maken en te onderzoeken

wat de relatie is tussen de

structuur van de haarvaten en

een ultrasound signaal. Mischi

heeft nog grotere plannen: ‘Met

een ultrasound scanner, die ongeveer

300.000 euro kost, kunnen

we de aannames bij de proefopstelling

testen bij patiënten. De

tumor en de mate van agressiviteit

worden namelijk in een ultrasound

scanner meteen zichtbaar.

Dan zou het onderzoek veel sneller

verlopen dan nu het geval is’,

aldus Mischi.

Projectnaam:

prostate cancer

detection by

contrast

ultrasound

diffusion

imaging

Bedrag:

€ 15.000

doel:

Proefopstelling

om bloedvatpatronen

te

detecteren

Verhoogde

winkans met

elektrischE

raceauto

Ieder jaar bouwt University Racing Eindhoven (URE) een nieuwe

racewagen. Dat is een vereiste voor deelname aan de internationale

Formula Student.

Samen met TU/e-hoog -

leraren en -docenten werken

zo’n 60 studenten elk

jaar aan een nieuwe en verbeterde

racewagen. Teammanager

Thomas Hafkamp is een UREfanaat

in hart en nieren. Minstens

70 uur per week steekt de

derdejaarsstudent in het raceteam.

‘De piek ligt rond de wedstrijden

maar ook met de inschrijving

hebben we het druk.

Een startbewijs voor de Formula

Student moet je namelijk verdienen

door onder meer deelname

aan een quiz.’

Nieuwe elektromotor door

sponsorbijdragen

Formula Student bestaat uit 14

officiële evenementen verspreid

over de gehele wereld. URE

neemt deel aan de wedstrijden

op de circuits Silverstone (Engeland)

en Hockenheim (Duitsland).

Ook doet het URE mee aan

de Formula Student Electric in

Oostenrijk. ‘Uiteraard rijden wij

als dé Automotive Universiteit

van Nederland met een elektrisch

aangedreven auto’, benadrukt

Hafkamp. ‘Dat rijdt sneller

en efficiënter maar is ook duurder.

Daarom kwam de bijdrage

van het UFe als geroepen.’

www.universityracing.nl

Projectnaam:

University

Racing

Eindhoven

(URE)

Bedrag:

€ 4.500

doel:

Bouw van

snellere

elektrische

racewagen ten

behoeve van de

Formula

Student

competitie


Projectnaam:

Top it Green

Bedrag:

€ 18.333

doel:

Wind energiesysteem

dat

wordt

geïntegreerd

in het dak

Projectnaam:

Festival

Muziek op de

Dommel

Bedrag:

€ 5.000

doel:

Gratis

toegankelijk

festival

Zie voor het complete

programma

www.muziekopdedommel.nl

‘We worden gezien,

dat motiveert enorm’

Onderzoekleidster Rossella

Ferraro ontving vorig jaar met

haar team een UFe Anniversary

Award voor het windenergieproject

‘Top it Green!’

‘We worden gezien, dat motiveert

enorm.’

De Italiaanse Marie Curie

Fellow dr.ir. Rossella Ferraro

werkt samen met

haar team en met collega-alumnus

dr.ir. Alexander Suma aan

het Top It Green project. Doel is

‘Zonder Universiteitsfonds

geen Muziek op

de Dommel’

‘Voor Muziek op de Dommel is

het Universiteitsfonds zeer belangrijk.

Zonder het UFe geen

festival’, meent organisator Erik

de Jong die vanuit het Eindhovense

Studenten Muziek Gezelschap

Quadrivium initiator is

van dit studenteninitiatief.

‘Naast geld, draagt het UFe ook

bij via genodigden voor het VIPterras.’

energie op te wekken door woningen

uit te rusten met louvredaken

die wind opvangen tussen

het zolderplafond en de dakbedekking.

Via een geïntegreerd

kanalensysteem wordt de wind

samengeperst om versneld een

turbine aan te drijven. Hierdoor

wordt genoeg energie opgewekt

voor een gezinswoning.

Open Sky Lab

Het Top It Green team verwacht

eind 2012 een prototype van het

Integrated Roof Wind Energy

System (IRWES) op het dak van

Een traditie geboren

Met de derde editie op komst is

een traditie geboren. Tijdens dit

gratis toegankelijk festival op de

Dommel vlakbij het Van Abbemuseum,

presenteren amateurkoren

en -orkesten uit Eindhoven

en omgeving zich aan een

breed publiek. ‘Iedereen reageert

buitengewoon positief. Vorig

jaar zijn naar schatting rond

de 8000 personen komen luisteren.

Daaruit blijkt wel dat er behoefte

is aan toegankelijke klassieke

muziek’, meent De Jong.

Studentencultuur

Het UFe steunt dit project

omdat het de studentencultuur

van de TU/e in verbinding

brengt met de stad Eindhoven

en haar bewoners en omdat

Vertigo te kunnen plaatsen. Dit

‘Open Sky Lab’ laat zien en beleven

wat opvang van wind kan

betekenen voor onze dagelijkse

energievoorziening.

dit evenement bijdraagt aan

de veelzijdigheid van de stad

Eindhoven.

Dineren op de Dommel

De Jong roept iedereen op om te

komen dineren bij Muziek op de

Dommel in 2012. ‘Daarmee maakt

u het festival mede mogelijk en

krijgt u bovendien een mooi beeld

van de studentenactiviteiten die

het Universiteitsfonds steunt.’


ufe@tue.nl

www.tue.nl/ufe

universiteitsfonds eindhoven / bijlage / 27

Hoe kunt u het UFe

ondersteunen?

15.000 euro voor

RoboCup Dutch

Open 2012

Het UFe sponsort het

robotvoetbalteam

Tech United van de

TU/e en daarmee de

RoboCup Dutch

Open 2012. Deze vijfdaagse

internationale

robotica-competitie

wordt gehouden van

25 tot en met 29 april

in Eindhoven. Daar

demonstreren zo’n

250 deelnemers uit

diverse landen hun

laatste robot-technologie

aan zo’n 2500

bezoekers per dag.

Dr.ir. René van de Molengraft,

technisch directeur

van Tech

United, is tevens organisator

van de RoboCup

Dutch Open.

‘De financiële bijdrage

van 15.000 euro is

erg fijn, maar daarnaast

zijn we dankzij

het UFe eerder op de

hoogte van andere

projecten, omdat die

ook door het fonds

gesteund worden.

www.robocupdutchopen.nl

Donateur worden

Wilt u donateur worden

en (jaarlijks) een bedrag

doneren aan het UFe,

vul dan de bijgevoegde

antwoordkaart in of ga

naar www.tue.nl/ufe.

Daar vindt u mogelijkheden

om éénmalig te

doneren via IDeal of om

jaarlijks te doneren. Ook

andere mogelijkheden

van doneren worden

daar beschreven.

Bedrijfssponsor

worden

Ondersteunt u de doelstellingen

van het UFe?

Wilt u met uw bedrijf

bijdragen aan het waarborgen

en versterken

van de wetenschap en

industrie in de regio

Eindhoven? Word dan

sponsor. Sponsor zijn

betekent onder meer dat

uw bedrijf naamsvermelding

krijgt in UFeflyers,

in presentaties,

in het UFe-jaarverslag

en op de website. Daarnaast

kunt u deelnemen

aan UFe-lunches en

heeft u toegang tot UFeevenementen.

Ook heeft

u toestemming om uw

sponsoring in uw eigen

media te vermelden.

Giften opnemen in

uw testament

De stichting Universiteitsfonds

Eindhoven,

waar fondsen op naam,

erfenissen en legaten

zijn ondergebracht, is

erkend als algemeen

nut beogende instelling

(ANBI) en daarom geheel

vrijgesteld van successierecht.

Dat betekent

dat er geen

belasting wordt geheven

over de vermogensoverdracht.

Uw erfenis

of legaat komt zo volledig

ten goede aan het

door u gekozen doel.

Meer informatie

Wilt u meer weten over

de mogelijkheden donateur

te worden, overweegt

u sponsoring of

wilt u meer weten over

de mogelijkheden voor

een nalatenschap ten

gunste van het UFe, dan

kunt u contact opnemen

met het UFe, via telefoonnummer

040-

2474141 of via ufe@tue.

nl. Meer informatie:

www.tue.nl/ufe.

10.000 euro voor

interactieve tafel

Het nieuwe TU/e-gebouw

MetaForum

wordt voor studenten

en medewerkers het

middelpunt van de

campus met bibliotheek-

en studentenvoorzieningen,

met

onder andere duizend

studieplekken en de

mogelijkheid digitale

informatie te raadplegen.

Eén van de

vernieuwende technische

hulpmiddelen

is een interactieve

tafel, waar meerdere

mensen tegelijkertijd

digitaal informatie op

het scherm kunnen

raadplegen. De samenhang

tussen onderzoek

en

onderzoekers, thema’s,

publicaties en

onderwijs wordt zichtbaar

via open source

software. Het UFe wil

de aanschaf van één

zo’n interactieve tafel

met 10.000 euro

ondersteunen.

Doorstart

binnen

vakgebied

‘Het heeft me een doorstart

binnen mijn vakgebied

opgeleverd’, blikt dr.ir.

Jannie Wijnen (Biomedische

Technologie), terug

op het winnen van de Marina

van Damme beurs in

2010 voor haar strijd tegen

borstkanker. Het Universiteitsfonds

kan deze beurs

jaarlijks uitreiken dankzij

een ‘fonds op naam’ van de

inmiddels tachtigjarige dr.

ir. Marina van Damme. Zij

wil met haar prijs jonge

vrouwelijke ingenieurs in

de wetenschap of het bedrijfsleven

stimuleren om

zich verder te verdiepen of

te verbreden in hun loopbaan.


28

29

De opdracht/


Tekst Enith Vlooswijk fotografie Vincent van den Hoogen

nr.1 nr.2 november april 2012 2011 / MAGAZINE VAN de

Energie neutrale

wijken: vooral

een kwestie

van willen

Maak de Nederlandse woonomgeving

energieneutraal.

Of het nu gaat om splinternieuwe

vinexwijken of om arbeidershuisjes uit de

jaren dertig, binnen tien jaar moet hun

energierekening nihil zijn.

Twee hoogleraren, twee studenten,

twee vertegenwoordigers van het

bedrijfsleven en twee uur de tijd om samen

te bedenken hoe dit valt te realiseren.


30

31

De opdracht/

anaf 2020 mogen we in Europa

uitsluitend nog energieneutrale

gebouwen neerzetten,

heeft Brussel besloten.

‘Energieneutraal’ houdt in

dat gebouwen voorzien in

hun eigen, groene energie

voor een aangenaam binnenklimaat, een

warme douche, brandende lampen en een

werkende computer. Slash doet er graag nog

een schepje bovenop. Wat moet er gebeuren

om álle nederlandse wijken, ook de bestaande,

binnen tien jaar energieneutraal te krijgen?

Waterkrachtturbine in dakgoot

Als het uitsluitend een technische opgave

zou zijn, dan hadden de discussiepartners

het zo gepiept. Gespreksleider Lucas Asselbergs,

hoofd Studium Generale van de TU/e,

vraagt bij aanvang alle ideeën te noteren op

roze post-its. Binnen de kortste keren hangt

het schrijfbord er vol mee. Sommige suggesties

liggen voor de hand: betere isolatie,

zonnepanelen, zonneboilers, kleinschalige

windenergie, koude-warmteopslag…

Daarnaast wordt er gesproken over energieproducerende

gevels en ramen, muren die

zijn geplamuurd met materialen die warmte

aan hun omgeving onttrekken of afgeven,

het terugwinnen van warmte uit douchewater

en het winnen van warmte bij de

opwekking van elektriciteit uit biologisch

materiaal. En wat te denken van miniwaterkrachtturbines

in onze dakgoten?

Het aanbod van lokaal en centraal opgewekte

elektriciteit moet in de wijk van de toekomst

slim worden afgestemd op de vraag van de bewoners.

Deze afstemming gebeurt met behulp

van ‘smart grids’, elektriciteitsnetwerken die

automatisch inspelen op fluctuerende behoeften.

Deze maken het bijvoorbeeld mogelijk dat

wasmachines automatisch aangaan wanneer

de stroomkosten laag zijn. En dat de overtollige

elektriciteit van bewoner A vanzelf terechtkomt

bij de buren als die stroom tekortkomen.

In sommige wijken zal een en ander wat

moeilijker te realiseren zijn, geeft Han

Over verwarmen

Bloemers: Bij veel mensen springt om

vier uur de verwarming aan, omdat ze

om vijf uur misschien thuis zijn. Ook als

dat helemaal niet zo is. Het zou natuurlijk

veel makkelijker zijn als ik straks bij

het wegrijden met mijn smartphone

mijn verwarming alvast kon aanzetten.

Dorman: Of uitzetten, als je dat vergeten

bent.

Greunsven: Er wordt nu al gewerkt aan

systemen die de verwarming uitschakelen,

zodra zich geen mobiele telefoon

meer in de woning bevindt. Dit soort

toepassingen gaan er zeker komen.

Willy Heussen

Senior

Accountmanager bij

Eneco.

‘Duurzaamheid moet

een plaats krijgen in

bestemmingsplannen.

Grondgebied om

de huizen heen is te

gebruiken voor opwekking

van energie.

Bewoners moeten

een extra prikkel krijgen

om te investeren,

bijvoorbeeld door een

garantsysteem voor

energie besparing.’

Marije

Dorman

Masterstudente aan

de faculteit

Bouwkunde, afdeling

Bouwfysica.

‘Wat betreft passieve

energiebesparing

kunnen we meer

doen dan isoleren.

We moeten nadenken

over de traditionele

functies van een huis.

Misschien kunnen we

beter beneden slapen

dan boven bijvoorbeeld.’

Joost

Greunsven

Masterstudent aan

de faculteit Electrical

Engineering, afdeling

Electrical Energy

Systems.

‘Een opslagsysteem

maken voor lokaal geproduceerde

elektriciteit

is heel duur. In een

duurzame toekomst

willen we echter ook

naar elektrisch vervoer

toe. De accu van de

auto kunnen we dan

gebruiken als opslagcapaciteit,

waarmee

we al een deel van dit

probleem oplossen.’


nr.2 april 2012 / MAGAZINE VAN de

Slootweg, hoogleraar Smart Grids, aan.

‘Kun je bijvoorbeeld zonnepanelen in een

historisch centrum monteren?’

‘Ik vind dat de financiën nog onderbelicht

zijn’, verzucht Willy Heussen, senior accountmanager

bij Eneco. ‘Mensen moeten in die

technologie investeren, maar projectontwikkelaars

kiezen daar nog niet voor.’

Groene btw

De rest van het gezelschap snapt het probleem.

Financiële prikkels zijn onmisbaar

om bewoners, woningbouwcorporaties en

projectontwikkelaars een duw in de duurzame

richting te geven. Variabele energieprijzen

kunnen mensen bijvoorbeeld aansporen

hun energiegebruik af te stemmen op het

aanbod van lokaal opgewekte energie. Han

Slootweg oppert belastingmaatregelen. ‘Het

btw-tarief kan worden aangepast aan de

energiezuinigheid van apparaten als wasmachines

en stofzuigers. En we zouden de overdrachtsbelasting

kunnen afstemmen op het

energielabel van een gebouw. Dat valt zo te

regelen dat het de overheid niets kost.’

Woningbouwcorporaties moeten investeren

in groene maatregelen als zonnepanelen,

en de hoogte van de huur zou

afhankelijk kunnen worden van het energielabel

van de woning. Willy Heussen weet

uit ervaring dat het soms moeilijk is om

huurders te bewegen akkoord te gaan met

dergelijke maatregelen. ‘Hen kun je over de

streep trekken door te garanderen dat de

energierekening met een bepaald percentage

omlaag gaat. Zo niet, dan krijgen ze de

huurverhoging terug.’

Utopisch idee

Tijdens de pauze mogen de deelnemers

gekleurde stickers plakken op de post-its

met ideeën. Groen staat voor ‘meteen doen’,

blauw voor ‘iets complexer te realiseren’ en

geel voor ‘mooi, maar utopisch idee’. Na de

pauze is er één post-it met zowel groene als

gele stickers. Er staat: ‘bewustwording’.

Zoals de Nederlander zijn afval braaf scheidt,

zo moet het volgens de deelnemers ook dood-

Over windenergie

Heussen: Wij werken in Rotterdam-

Zuid om een wijk energieneutraal te

maken. Met alles wat we hier noemen

aan maatregelen kom je een heel eind,

maar als je één windmolen in de wijk

zet, is het in een keer geflikt.

Nelissen: Je kunt niet in elke wijk een

windmolen plaatsen. Je kunt trouwens

ook een windturbine in het dak van een

gebouw integreren. Net als bij Vertigo,

het gebouw van de faculteit Bouwkunde.

Dorman: Dan krijg je in elk geval geen

klachten over horizonvervuiling.

Over bewustwording

Greunsven: Het maatschappelijke

aspect, de bal aan het rollen krijgen,

is belangrijker dan de techniek.

Heussen: De zachte kant moeten we

aanpakken.

Nelissen: Als Nederland dat niet heel

snel inziet en gaat dóen, zie ik het zwart

in voor onze concurrentiepositie. Dan

zijn we straks als enige in Europa afhankelijk

van de olieproducerende landen.

Elphi Nelissen

Decaan faculteit

Bouwkunde en hoogleraar

Building Sustainability

aan de TU/e.

Directeur van Nelissen

Ingenieursbureau B.V.

‘Hoe vaak is het niet te

warm als de verwarming

aanstaat, of te

koud als er gekoeld

wordt? Met installatietechnologie

kunnen we

warmte en koude slimmer

benutten; bijvoorbeeld

‘s zomers

nachtelijke koelte door

een gebouw ventileren,

zodat er ‘s ochtends

minder koeling nodig is.’

Han Slootweg

Hoogleraar

Smart Grids aan de

TU/e, Manager innovatie

Enexis B.V.

‘Er moeten ‘energiegemeenschappen’

komen

om lokaal

opgewekte energie buiten

de markt om uit te

ruilen. Op het moment

dat ik teveel energie

heb en jij te weinig, ruilen

we. Opslag van

energie zal altijd geld

kosten. Als iemand zijn

wasmachine een uur

later aan zet omdat het

dan waait, hoef je niets

op te slaan.’

Bob Bloemers

Manager Duurzame

Energie bij

Kuijpers Ecopartners/

Installaties.

‘Ik zie veel kansen in de

geothermie. Als je water

van zo’n honderd

graden op vier tot vijf

kilometer diepte uit de

bodem haalt, kun je dat

koppelen aan een generator

om er stroom

mee op te wekken. Met

de restwarmte van

70 graden verwarm

je oude woningen

en wat overblijft,

kan naar de nieuwbouwwijken.’


32

33

De opdracht/

Over stimuleren

Bloemers: Als de huurprijs van een

woning inclusief het energieverbruik

is, wordt een woningbouwcorporatie

gemotiveerd te investeren in zaken

als zonnepanelen.

Nelissen: Ik betwijfel of dat mensen

stimuleert om minder energie te

gebruiken.

Bloemers: Je kunt werken met bandbreedte:

een gezin van vier personen

mag zoveel kilowattuur gebruiken en

daarboven ga je betalen.

Heussen: En bij een bepaalde bandbreedte

word je bestraft of juist

beloond.

Greunsven: Hmmm, daar zie ik een

nadeel in: als je elektrische auto’s

gebruikt, verbruik je meer energie,

terwijl je toch duurzaam bezig bent.

Het ligt dus nog best complex.

normaal worden om energiezuinig te leven

en werken. Dat hoeft niet moeilijk te zijn.

Maar als Bob Bloemers over de A2 naar Amsterdam

rijdt, ziet hij met lede ogen aan dat

’s avonds vaak de lampen nog branden in lege

kantoorgebouwen. En als het erop aankomt,

zegt Elphi Nelissen, kiezen veel mensen eerder

voor een grotere huiskamer dan voor

energiebesparende maatregelen, ook al besparen

die op langere termijn veel geld.

Om het tij te keren, denken de zes, zijn

‘energieambassadeurs’ belangrijk: mensen

en instanties die het goede voorbeeld geven.

Zoals Elphi Nelissen, die ‘hordes studenten’

rondleidt door haar bijna energieneutrale

woning. Ook de universiteit

heeft volgens haar een belangrijke voorbeeldrol.

‘Wat mensen zien tijdens hun

studie gaan ze ook kopiëren als ze straks

keuzes moeten maken. De twintigers

van nu zijn degenen die over vijf jaar een

woning kopen of bouwen.’

De Nederlandse overheid, vinden de zes,

slaat een modderfiguur als het gaat om die

aanjagersrol. In vergelijking met de omringende

landen investeert Nederland weinig in

groene energieopwekking. Terwijl in landen

als Spanje en Duitsland velden vol zonnepanelen

en windmolens langs de snelwegen

liggen, blijft Nederland achter. Een overmaat

aan regels draait parti culiere initia tieven

bovendien nogal eens de nek om.

‘De makke hier in Nederland is de inconsistente

politiek’, zegt Slootweg. ‘Links zet een

aantal stapjes en zodra rechts aan de macht

komt, stort de hele boel weer in elkaar. In

Duitsland heb je al zo’n twintig jaar zekerheid

over wat je voor een windmolen krijgt,

dat is hier politiek niet haalbaar. In Denemarken

worden geen centrales meer gebouwd

die de warmte niet nuttig gebruiken.

Wij laten de restwarmte zo in de zee lopen

en verstoken vervolgens kostbaar aardgas

om gebouwen te verwarmen.’

Aan de technologie zal het niet liggen, concluderen

de zes brainstormers aan het einde van

de middag. Nederland heeft alle kennis en

kunde in huis om De Opdracht binnen enkele

decennia te verwerkelijken. Maar we moeten

het wel willen. Zoals Slootweg zegt: ‘We moeten

gewoon meters maken, mensen, duurzame

meters!’


nr.2 april 2012 / MAGAZINE VAN de


28 34

35

Tekst Chriz van de Graaf foto Peter Strelitski

Beiden rondden ze een TU/e-studie af. De

planner koos een logisch pad. De verkenner

bewandelde een alternatieve weg.

Planner

Sander van ’t Noordende

Leeftijd

48

Functies:

• Group Chief Executive

of Accenture’s Management

Consulting

Group. Hij leidt één

van de drie takken van

het bedrijf.

• Penningmeester van

de European Hockey

League, een Europese

hockeycompetitie

voor clubteams.

Studies:

• 1981-1987 Technische

Bedrijfskunde aan

de TU/e.

‘Ik voel me vooral

betrokken bij de

mensen in het bedrijf.’

Accenture

Na mijn studie aan de TU/e ben ik bij

Accenture gaan werken en daar werk ik

inmiddels 25 jaar. Ik voel me vooral betrokken

bij de mensen in het bedrijf. Laatst

deed ik een test om mezelf te leren kennen.

Ik ben een ‘explorer’, maar wil dan wel

iedereen daarin met me meenemen. Dat is

voor mij het belangrijkste: in een prettige

sfeer met collega’s resultaten boeken. Het

team is voor mij altijd nummer 1.

New York & VS

Ik woon in New York, in de wijk Hell’s

Kitchen. Het is dicht bij kantoor, dicht bij

Central Park en dicht bij Times Square en

Broadway met alle theaters. Het is een

dynamische plek in een stad die nooit stilstaat,

dat is wel eens vermoeiend. Mijn partner

komt uit Venezuela en hij woonde in

florida, ik in Amsterdam. We wilden samenwonen,

keken op de kaart en kwamen in het

midden uit. Ongeveer. Ook voor mijn werk is

New York een belangrijke stad omdat we er

grote klanten hebben. Veel van onze aandeelhouders

wonen in dit deel van de VS.

Reizen

In mijn nieuwe job binnen Accenture, als

Group Chief Executive, ben ik eerst overal

op de wereld gaan kijken bij de teams waar

ik verantwoordelijk voor ben. Ik wil de mensen

zien en ik wil horen waar ze mee bezig

zijn. De sfeer proeven. Ik vind het leuk om te

bedenken waar ik nu weer eens naartoe zal

gaan. In het afgelopen jaar ben ik naar alle

14 regio’s geweest: Australië, Japan, Korea,

China, India, Latijns Amerika, Noord Amerika,

Canada, Europa – ga zo maar door. En

daarnaast vind ik het dan ook nog eens leuk

om kerst in Zuid-Amerika door te brengen.

Jacht- en Braadgenootschap

Sinds 1982 komen we elke winter samen

met Het Culinair Jacht- en Braadgenootschap

‘Broodje Kroket’ van het Eindhovens

Studenten Corps. Dan gaan we samen

eten en vertellen elkaar dezelfde verhalen

van toen die we steeds mooier maken. Het

zijn allemaal mensen met uiteenlopende

opleidingen en carrières – het is heel leuk

om te zien hoe levens verlopen.


Tekst Astrid Bons foto Bart van Overbeeke

nr.2 april 2012 / MAGAZINE VAN de

Verkenner

Sander Halin

Leeftijd

27

Functie

• Eigenaar Runnersworld

Eindhoven.

Studies

• 2004-2011 TU/e:

Scheikundige

Technologie

(cum laude).

‘Pas een maand van tevoren

wist ik of de overname van

de winkel doorging. Anders was

promotie ook leuk geweest.’

Passie

Al voor hoogleraar Jaap Schouten mij een

promotieplek aanbood, had ik mijn keuze

gemaakt. Ik volgde mijn passie: hardlopen.

Ik ben nu eigenaar van Runnersworld in

Eindhoven. De overname was een eenmalige

kans die ik heb gegrepen.

Afwisseling

Bij mijn studiekeuze twijfelde ik tussen een

sportgerichte opleiding en scheikunde. Het

werd dat laatste. Dat bood wat afwisseling

naast al het sporten dat ik toch al deed. In

mijn studententijd deed ik naast de studie

bestuurswerk voor studievereniging Japie,

ik zat in de faculteitsraad en in diverse com-

missies. Het hardlopen ben ik er altijd naast

blijven doen. Om mijn studie te bekostigen

werkte ik bij Runnersworld.

Minor ondernemerschap

Tijdens de bachelor volgde ik de minor ondernemerschap.

Ik vond boekhouden en

administratie leuk. Die kennis gebruik ik

natuurlijk in mijn huidige werk. Met de

materialenkennis vanuit de opleiding begrijp

ik uiteraard waarom shirts op een bepaalde

manier geweven zijn en hoe schokdemping

in een hardloopschoen werkt. Ik

kom nog wel op de TU/e. Ik ben net klaar

met mijn master, dus ik ben nog regelmatig

op de campus te vinden. In de borrelruimte

van studie vereniging Japie bijvoorbeeld.

Basis

Stel dat ik over vijf jaar iets heel anders wil.

Dan heb ik een goede basis als scheikundig

technoloog. Maar voorlopig zie ik genoeg

uitdaging in de winkel. Ik sta vier dagen in

de zaak. Administratie, inkopen, verkopen,

schoonmaken, ik doe veel zelf. Daarnaast

probeer ik vier tot vijf keer per week te lopen.

Binnenkort wil ik de marathon lopen in Wenen

of Berlijn. De marathon van Eindhoven?

Dat is geen optie. In de maanden ervoor

is het veel te druk in de winkel.


36

5x1/

nr.2 april 2012 / MAGAZINE VAN de

5 1 X

minuut

Slash spitte voor

u door de

stapel meest

recente proefschriften

en lichtte

er vijf voor u uit.

Dat betekent dat

u vijf minuten

leestijd kwijt bent

aan het opnemen

van informatie

waar u anders

uren aan had

moeten besteden.

Dunne lagen voor

efficiëntere zonnecellen

Gijs Dingemans deed onderzoek naar de toepassing van ultradunne laagjes op het oppervlak

van silicium zonnecellen met als doel het rendement te verhogen. Net zoals antireflectiecoatings

worden gebruikt om de optische verliezen te verminderen, kunnen zogenaamde

passivatielaagjes worden toegepast om de elektronische verliezen terug te dringen. Dingemans

keek in het bijzonder naar aluminiumoxide – een materiaal dat enorm in de belangstelling staat

sinds een wetenschappelijke doorbraak aan de TU/e in 2006. Er zijn inmiddels zes patenten

aangevraagd, en de technologie gaat waarschijnlijk op grote schaal toegepast worden om

industriële zonnecellen tot twee procentpunten efficiënter te maken.

Een zwevend

platform op

permanente magneten

Trillingen zijn funest voor veel precieze apparaten,

zoals microscopen. Jeroen Janssen ontwikkelde

een trillingsisolatiesysteem dat

gebaseerd is op de kracht tussen permanente

magneten, in plaats van lucht of mechanische

veren. Deze magneten zijn sterk genoeg om

730 kg te laten zweven in de lucht. Het ontwerp

hiervan is zodanig dat vloertrillingen het zwevende

platform niet bereiken. Het systeem is

volgens Janssen bedoeld voor een nichemarkt

die extreme eisen aan prestaties stelt. Het gaat

om een proof-of-principle; voor eventuele industrialisatie

moeten er nog enkele ontwerpslagen

gemaakt worden, maar er is al interesse

van de hightech industrie.

Zonlicht

concentreren met

fluorescente coatings

In fluorescerende golfgeleiders wordt zonlicht

door kleurstoffen geabsorbeerd en bij langere

golflengte weer uitgezonden. Een plastic plaat

geleidt het uitgezonden licht naar zonnecellen

die zijn aangebracht aan de vier randen van de

geleider. Dit systeem is in potentie beduidend

goedkoper dan standaard zonnepanelen,

doordat het zonlicht wordt samengebracht op

een kleiner oppervlak van zonnecellen. Om de

efficiëntie verder te verhogen, bracht Shufen

Tsoi de kleurstof in een lijnenstructuur aan en

ontwierp ze een rij lenzen waarmee het zonlicht

direct op de kleurstof wordt gefocust.

Milieuvriendelijk

water ontharden

met polymeren

Op veel plaatsen in de wereld bevat het leidingwater

meer kalk en magnesium dan goed is

voor apparatuur zoals wasmachines. Het water

wordt daarom ‘onthard’ met onthardingszout,

maar dat is slecht voor het milieu en kan

een grauwe kleur geven aan de was en zorgen

voor aanslag op de vaat. Sjoerd van Nispen

heeft een stof ontwikkeld die de kalk bindt bij

lage temperatuur en weer afgeeft bij een hogere

temperatuur. Het gaat om een nieuw soort

ionenbinder, een zogeheten micel, gemaakt

van polymeren. Een wasmachine die is voorzien

van een onthardingsunit met deze stof kan

de kalk dus uit het koude leidingwater halen, en

later weer afgeven aan het warmere afvalwater.

Restmonomeren

verwijderen met CO 2

Restmonomeren zijn moleculen die overblijven

doordat monomeermoleculen niet volledig

worden omgezet in polymeer. Restmonomeren

stinken, zijn giftig en kunnen na

verloop van tijd uit het polymeer in de omgeving

terecht komen en zo een gevaar voor de

gezondheid vormen. De bestaande technieken

om het gehalte aan restmonomeer te verlagen

kosten veel energie en tijd en ze zijn maar beperkt

effectief. Marijke Aerts werkte aan een

methode om koolstofdioxide (CO 2

) te gebruiken

om restmonomeren te verwijderen. Bij bepaalde

druk en temperatuur krijgt CO 2

namelijk

bijzondere eigenschappen waardoor het restmonomeer

in de CO 2

gaat zitten en gemakkelijker

uit het polymeer verwijderd kan worden.


37

alumni/

nr.2 april 2012 / MAGAZINE VAN de

Feestelijke oprichting

Alumni Kring Amsterdam

Op initiatief van het Alumni

Office is op donderdag

19 januari de Alumni Kring

Amsterdam opgericht.

De Kring vormt een netwerk

van alumni dat zich onder

meer gaat richten op activiteiten

op het gebied van

loopbaan, zakelijk netwerken

en coaching. Het is de bedoeling

dat meerdere kringen

in het land zullen volgen.

65 TU/e-afgestudeerden waren

bij de oprichting aanwezig.

CvB-voorzitter Arno

Peels sprak namens de TU/e

over de ambities van de universiteit

en wat alumni daarbij

kunnen betekenen.

TU /e-alumnus Sander van

’t Noordende, topman bij

organisatieadviesbureau

Accenture wilde graag als

gastheer optreden. ‘Als je

aan een universiteit hebt gestudeerd

waar je veel aan

hebt te danken, dan vind ik

het vanzelfsprekend dat je

ook iets terugdoet’. Een interview

met Van ’t Noordende

leest u in de rubriek ‘Planner/

Verkenner’ (pag. 28-29)

in deze Slash.

Alumnibijeenkomst:

Energy,

what’s in it

for me and

my company?

Op zaterdag 21 april vindt de jaarlijkse

alumnibijeenkomst plaats in het Auditorium

van de TU/e. Het thema van deze

middag is Energy.

Samenwerkingsverbanden

In samenwerking met de alumniverenigingen

en de faculteiten biedt de universiteit een

podium voor samenwerkingsverbanden

tussen onze wetenschappers en bedrijven,

gericht op innovatie en duurzaamheid.

Programma

In de openingslezing geeft prof.dr.ir. Niek Lopes

Cardozo, hoogleraar kernfusie, een overzicht

van het onderzoek voor de bouw van ITER

(grote kernfusiecentrale in Frankrijk) en enkele

voorbeelden van bedrijven die, uit soms onverwachte

hoek, met technische innovaties een

bijdrage daaraan leveren.

V.l.n.r. Accenture-topman Sander van ’t Noordende, directeur Alumni Office TU/e Herman van Hoeven, CvB-voorzitter Arno Peels.

Emeritus hoogleraar Djan Khoe, onder de aanwezigen de oudste alumnus, en de – op dat moment – laatst afgestudeerde student

Diana Henning snijden de taart aan. Foto Peter Strelitski

Alle alumni ontvangen

na registratie in

alumninet diverse

voordelen, zoals korting

op de executive

cursussen van TIAS

Nimbas, korting op de

TU/e-sportkaart en

sport faciliteiten, toezending

van de Slash

en Alumni Online en

Colleges na de studie

toegang tot de universiteitsbibliotheek.In

2012 worden hieraan

vouchers toegevoegd

waarmee alumni vakken

kunnen volgen

aan de TU/e (maximaal

2 vakken per

alumnus). Deze vouchers

kunnen gebruikt

worden voor

deelname aan het regulier

onderwijs. De

vouchers zijn persoonlijk,

hebben een

uniek nummer en zijn

geldig tot 2 jaar na het

afstuderen.

Ook krijgen alumni die

geregistreerd zijn in

alumninet 15 procent

korting op de hoorcolleges

op audio cd van

Home Acadamy.

Home Acadamy organiseert

uiteenlopende

hoorcolleges en lezingen

met topsprekers

en neemt deze op

met live publiek.

Meer informatie op

www.tue.nl/alumnus.

Daarna start een parallel programma met

onder meer:

• presentaties van een aantal wetenschappers

en bedrijven over (toekomstige) innovaties

• speeddates met jonge TU/e-start ups op het

gebied van energie

• een markt met bedrijfspresentaties en

sprekers

• projecten waarin studenten een leidende

rol spelen (bijvoorbeeld het University

Racing Team)

Natuurlijk is er tijdens de Alumnidag veel

ruimte om te netwerken en andere alumni

te ontmoeten.

Meer informatie vindt u op de website:

www.tue.nl/alumnus. Ook kunt u daar

uw keuze voor de diverse programmaonderdelen

aangeven. Iedere alumnus mag een

introducé meenemen.


38

opinie/

m.c.d.p.weggeman@tue.nl

m.c.kroon@tue.nl

/column

/gesteld

‘Promoveren of wielrennen,

iedereen verwacht toch

dat je uiteindelijk een

echte baan gaat zoeken.’

Stelling bij het proefschrift ‘Tissue-Engineered

Heart Valves for Minimally Invasive Surgery’

van Petra Dijkman

Handelsland

of

kennisland?

‘Bij conflicten

kan het

belangrijk

zijn te weten

dat de werkelijkheid

ook

maar een

model is.’

‘In discussies

wordt vaak

‘ja, maar…’

gebruikt,

terwijl er

‘nee, want…’

wordt

bedoeld.’

Nederland-handelsland of Nederlandkennisland?

Er wordt al jaren op het hoogste

niveau over geschreven en vergaderd, maar

het leidt tot niets. Even leek het de goede

kant op te gaan met de oprichting van het

zwaar bemande Innovatieplatform, maar dat

is na een paar jaar in schoonheid gestorven.

We blijven een volk van handelaars, dat zijn

we al ruim 400 jaar, en onze nationale competentie

is geld tellen. Met uitzondering van

Amerika, wordt er nergens ter wereld zó veel

over geld gepraat als in Nederland, of beter

gezegd: als in Holland. Zelfs als Hollanders

op vakantie zijn, praten ze over geld.

‘Laat men zich onder de rivieren maar bezighouden

met kennis als ze denken dat dat iets

oplevert. Wij blijven gewoon geld tellen’, zei

de Hollandse bankman, die een uitgebreide

lunchmeeting had met een HoHa (Hoge

Haagse ambtenaar). Toen werd in het zuiden

Brainport ineens uitgeroepen tot de slimste

regio ter wereld, en nog erger: ze waren daar

plannen aan het maken om in 2020 samen

met overheden, bedrijven en kennisinstellingen

van Brabant en Limburg één groot

kennisland te maken. ‘Dat gaat uit de hand

lopen’, zei de Hollandse bankman, ‘dat moeten

we een halt toe roepen. Straks gaan we

nog op Duitsland lijken en dan is het enige

wat nog telt: vakdeskundigheid. Ik mag er

niet aan denken!’

De HoHa dacht dapper mee en zei: ‘Aan

de salarissen van de ingenieurs kan het niet

liggen. Een ingenieur verdient nog minder

dan een doctorandus in de communicatiewetenschappen,

dus dat zit wel goed. Wat

we nog wel kunnen doen om ervoor te zorgen

dat de wingewesten geen eigen kenniseconomietje

maken, is de ingenieursstudie

fors duurder maken, dus we schaffen de

basisbeurs voor de master af. Hun masters

duren twee jaar, dus moeten ze twee keer

die 3200 euro extra lenen, terwijl ze ook

nog eens een jaar later dan andere

studenten aan het werk kunnen om geld te

verdienen. Als dat die fietsenmakers en vonkentrekkers

niet aanmoedigt om dan maar

liever econoom of accountant te worden,

weet ik het niet meer.’

‘Briljant idee’, riep de bankier euforisch,

‘snijdt het mes aan twee kanten. Én minder

ingenieurs én meer inkomsten voor het ministerie

als ze toch techneut willen worden.’

‘Houdoe Brainport!’, schertste de HoHa, ‘want

dat zeggen ze daar: houdoe.’

Mathieu Weggeman,

hoogleraar Organisatiekunde

Stelling bij het proefschrift

‘Reachability

Problems in Scheduling

and Planning’ van

Christian Eggermont

‘Even in

markets of

technological

advanced

products the

packaging

is often more

important

than the

content.’

Stelling bij het proefschrift

‘Analog MIMO

Spatial Filtering’ van

Johan van den Heuvel

Stelling bij het proefschrift

‘The Development

of Algebraic

Proficiency’ van

Irene van Stiphout

‘Je verdwaalt het ergst als

je de weg denkt te weten.’

Stelling bij het proefschrift ‘Deposition and

Characterization of Thin Films for 3D Lithium-ion

Micro-Batteries’ van Jos Oudenhoven

‘Het enige

duurzame

aan de

‘duurzame

samenleving’

zijn de eeuwig

durende

discussies

erover.’

Stelling bij het proefschrift

‘Extended Analytical

Charge Modeling

for Permanent-Magnet

Based Devices’ van

Jeroen Janssen


39

Herman Beijerinck (1945), ‘educator’, ondernemer, kritisch columnist en professor

atoomfysica en kwantumelektronica. Hield zijn afscheidscollege op 9 december 2011.

h.c.w.beijerinck@tue.nl

Tekst Astrid Bons foto Vincent van den Hoogen

Promotie

op proefontwerp

‘Ik verdenk collega’s ervan dat het

proefontwerp van hun promovendus

toch een vorm van ‘Hirschindex’

tripperij is. Teveel aandacht

voor publicaties. Bedrijven willen

geen publicaties maar patenten,

prototypes, procesvensters. Als

promotor van een proefontwerp

ben je dienstbaar, speelt je ego

geen rol.’

Overal mee

bemoeien

‘Mijn tijd bij de U-raad was een uitdaging.

Ik ging universiteitsbreed

werken en mocht me overal mee

bemoeien. Lekker de boel openbreken.

Dat wat ik kwijt wilde,

gooide ik de wereld in. Waarom

zit er bijna nooit een hoogleraar

in de U-raad? Minachting, angst

of luiheid?’

‘Educator’ en

ondernemer

‘Terugkijkend op mijn carrière moet

ik vaststellen: ik ben meer een ‘educator’

en ondernemer dan een

wetenschapper. Ik wil steeds iets

nieuws opzetten. Het bezit van de

zaak is het einde van het vermaak.’

Droom

‘De School of Medical Physics and

engineering Eindhoven (SMPE/e) is

een droom die is uitgekomen. Het

is een begrip geworden. We hebben

contact met 30 procent van de ziekenhuizen

in Nederland. Klinische

Informatica en Medical Engineering,

ik ben trots op die opleidingen. Daar

heb ik hard voor gewerkt.’

Veertig

‘Mijn ervaring zou ik

graag inzetten in de raad

van toezicht van een

ziekenhuis of hogeschool.

Mijn mening ventileer ik in

mijn column in Cursor,

daar zit nog groei in. En

geef me maar een column

in de NRC. Robert Dijkgraaf

en Vincent Icke als

bron van inspiratie. In de

tussentijd blijf ik reizen en

conferenties bijwonen.

Man, ik voel me veertig!’

Je bent

misbaar

‘Mijn tips aan starters.

Eén: neem na zeven jaar

een ‘sabbatical’. Dat is

essentieel voor je productiviteit!

Trek je niks

aan van het gezeur

eromheen. Je bent

wel degelijk misbaar.

Twee: Volg eens per jaar

een coachingstraject

buiten de faculteit. Je

ontdekt weer dat je

samen met collega’s

voor hetzelfde strijdt.

En je bent even weg uit

de dagelijkse zorgen.’

Op pagina 2

forward/

met prof.

Maaike Kroon


atterij 250 b.c.

nr.2 april 2012 / MAGAZINE VAN de

Tekst Tom Jeltes foto getty images

Batterijen zijn onmisbaar voor de moderne

samenleving, en met de opkomst van het elektrisch vervoer

en autonome micro-apparaatjes neemt het belang van

goede batterijen alleen maar toe. Een overzicht van een

lange ontwikkeling waarin de TU/e inmiddels een

belangrijke rol speelt.

250 voor Christus:

In Mesopotamië worden aardewerken

potten, voorzien van elektrodes

van ijzer en koper en gevuld met

een zuuroplossing, mogelijk

gebruikt als galvanische cellen om

zilver mee af te zetten.

1895-1905:

Ontwikkeling van oplaadbare

nikkel-cadmiumbatterijen,

onder anderen door

Thomas Edison.

1800:

Alessandro Volta krijgt het

patent op de eerste moderne

batterij, opgebouwd

uit om en om gestapelde

plakjes zilver en zink, met

hiertussen karton of textiel

gedrenkt in een elektrolyt

(een stroom geleidende

vloeistof).

a

1989:

Eerste nikkel-metaalhydridebatterijen

(NiMH)

komen op de markt.

Baanbrekend onderzoek

naar metaalhydrides van

Philips Research vormt

hiervoor een belangrijke

grondslag. Onder meer

elektrisch aangedreven

hybride auto’s zijn

uitgerust met NiMHbatterijen.

1866:

Georges Leclanché legt de

basis voor de huidige nietoplaadbare

batterijen met

de eerste zink-mangaanoxidebatterij

van 1,5 volt.

1859:

Gaston Planté experimenteert

met elektrodes

van lood en loodoxide en

bouwt de eerste loodaccu.

Het is de eerste oplaadbare

batterij en levert een

spanning van een paar volt.

Loodaccu’s worden nog

steeds veel gebruikt, onder

meer in auto’s.

1991:

Marktintroductie van

oplaadbare lithiumionbatterijen

(Li-ion).

2004 - heden:

TU/e-onderzoeksgroep

Energy Materials & Devices

van prof.dr. Peter Notten

werkt aan Li-ionbatterijen

voor micro-elektronica,

gebaseerd op driedimensionale

dunne siliciumlagen.

Deze geïntegreerde

batterijen moeten

piepkleine autonome

(medische) apparaatjes van

stroom voorzien.

More magazines by this user
Similar magazines