Views
3 years ago

Nieuwsbrief AK_jaargang 1_december 2010 - PCS

Nieuwsbrief AK_jaargang 1_december 2010 - PCS

Som van lamplicht in mol

Som van lamplicht in mol Als de intensiteit van het groeilicht (PAR, in micromol/m²/s) bekend is en de branduren van de belichting geregistreerd zijn, kan iedereen hieruit de lichtsom (dagsom) berekenen. Lichtsom = intensiteit x tijd. De lichtsom is dan het aantal fotonen in mol of micromol dat op een bepaald oppervlak is gevallen over een bepaalde periode. We gebruiken micromol als het gaat om kleine aantallen fotonen (bijvoorbeeld 80 micromol/m²/s). Maar als het gaat over langere tijd worden de getallen erg groot en dan is het makkelijker om mol te gebruiken in plaats van micromol, want dat scheelt zes nullen. Een rekenvoorbeeld: intensiteit 80 micromol/m²/s x 8 uur x 60 minuten/uur x 60 seconden/minuut x 0,000001 (mol/micromol) geeft 2,3 mol/m²/dag. Een complicatie is dat telers de belichting soms dimmen of gedeeltelijk uitschakelen (dus op 25, 50, 75 of 100% draaien). Het belichtingspercentage moet daarom voor ieder tijdstip geregistreerd zijn en in de berekening verwerkt worden. Overigens kan de intensiteit van lampen verminderen door veroudering en daarom kan een teler niet eeuwig vertrouwen op een eenmalige meting. Omrekenen van joule naar mol Zoals hiervoor beschreven worden sommige metingen gedaan in de energie-eenheden joule of watt, en andere metingen in micromol fotonen. Om ze te kunnen vergelijken, moeten ze dezelfde eenheid hebben en moeten we ze dus omrekenen. Het omrekenen van joule naar micromol (of andersom) kan alleen met een conversiefactor. Deze is afhankelijk van de lichtkleur en verschilt daarom per lichtbron; zelfs verschillende LED's hebben een verschillende omrekenfactor. Daglicht varieert in lichtkleursamenstelling, maar voor diffuus daglicht geldt dat gemiddeld 1 joule = 4,6 micromol. Omgekeerd geldt dat 1 micromol = 0,22 joule. Voor kunstlicht zijn de volgende conversiefactoren een goede benadering (de werkelijke conversiefactoren zijn sterk afhankelijk van het type lamp): 6 • bij SON-T = 1 joule is 4,95 micromol; • bij rode LED's =1 joule is 5,5 micromol; • bij blauwe LED's =1 joule is 3,9 micromol; • bij 90% rode en 10% blauwe LED's =1 joule is 5,4 micromol. In tabel 2 zijn omrekeningen gegeven van lichtintensiteit en lichtsom voor SON-T en LED's. Let erop dat lichtdata altijd weergegeven moeten worden met een eenheid erbij en dat duidelijk moet zijn of het gaat om straling of licht, intensiteit of som, over welke periode, enz. Tabel 2. Voorbeeld berekening met SON-T en LED licht (LED is 90% rood en 10%blauw) Literatuur: Nederhoff, E. & Marcelis, L. (2010). Rekenen aan licht bij belichting. Hoeveel daglicht en lamplicht in micromol. Wageningen Universiteit. Onder Glas Magazine nr. 4, jaargang 7 (2010), pp. 11 NIEUWSBRIEF - ADVIESDIENST KLIMAATREGELING

Laat uw energie niet zomaar buiten stromen! Warmteverliezen in een serre zijn een gekend fenomeen. Door gebruik van schermen wordt dit verlies al voor een deel ingeperkt. Veel warmte gaat echter verloren door kieren en spleten waar nauwelijks aandacht aan besteed wordt. Hoeveel warmte zou er overigens door dergelijke kleine gaten kunnen ontsnappen? Niet veel denkt u? Laat de infraroodcamera het voor u uitzoeken. Verwarmen kost geld Nu de maandgemiddelden opnieuw onder de 10°C zakken, wordt de verwarmingsknop op een hogere stand gezet. In sommige teelten is het nu eenmaal ontoelaatbaar dat de serretemperatuur te ver wegzakt. Een extra temperatuurstoot is daarom nodig om de minimumtemperatuur in de serre te behouden. Het prijskaartje dat hier aan vast hangt is echter voor velen een doorn in het oog. De energieprijzen van gasolie, gas en extra zware olie gingen sinds begin 2009 gestaag de hoogte in. Het spreekt voor zich dat het instellen van hogere buistemperaturen daarom een wel doordachte keuze moet zijn. Het zo efficiënt mogelijk inzetten van de geïnvesteerde warmte sluit daarbij nauw aan. De teler blijft echter steeds afhankelijk van zijn serreconstructie. Zonder extra maatregelen als schermen zou de toegediende extra warmte al snel door de constructie naar buiten uitstralen. Bij een geschermde situatie is dit al een pak minder en spreekt men van een warmteverlies van ongeveer 6,5 W/m²/°C temperatuurverschil tussen binnen en buiten (GlasReg, KHK). Dit wil zeggen dat we voor 1 ha serre die we in de winterperiode (gemiddelde buitentemperatuur van 5°C) op 20°C willen houden, zo een 975 kW nodig hebben. Indien dit warmteverlies een hele dag plaatsvindt, dan hebben we hier reeds een verbruik van 23,4 MWh of omgerekend in huidige gasprijzen goed voor 470 EUR extra energiekost. Een goede reden dus om extra inspanningen te leveren om het warmteverlies zo veel mogelijk te beperken. Detectie van warmteverliezen Het hermetisch afsluiten van een serre is zo goed als onmogelijk en misschien ook wel niet gewenst. Er zijn dan ook meer warmtelekken in een serre dan men zou vermoeden. Aan sommige van deze lekken is weinig te verhelpen. Andere koudebruggen en warmteverliezen zijn echter niet toe te wijzen aan de serreconstructie en zorgen voor oncontroleerbare ventilatie en warmtelekkages. Een veel voorkomend voorbeeld hiervan situeert zich in isolatie en afdichtingsstroken tussen de beglazing. Het zijn warmteverliezen die meestal nauwelijks met het blote oog zichtbaar zijn. Ze kunnen echter een opmerkelijke bijdrage hebben in het warmteverlies en de energiebesparing daardoor drastisch verminderen. Een warmtebeeldcamera kan hier soelaas bieden. 7 Figuur 1 & 2: Het ontbreken van een klein deel isolatie bij verwarmingsbuizen is op beide foto’s duidelijk zichtbaar met een infraroodopname. Op de linkse foto zien we een buis vertrekkende van de stookketel die slechts gedeeltelijk werd geïsoleerd. Op de rechtse foto zien we in de twee linkse buizen de aanvoertemperatuur en in de twee rechtse buizen de retourtemperatuur. Bij alle vier de buizen werd op een tussenpunt een deel van de isolatie weggehaald maar nooit teruggeplaatst. Er konden bij deze opnames temperatuurverschillen tot 60°C gemeten worden. Kostbare warmte die door dergelijke lekkages verloren gaat. JAARGANG 1, DECEMBER 2010

Nieuwsbrief AK_jaargang 2_maart 2011 - PCS
Nieuwsbrief AK_jaargang 1_juni 2010 - PCS
Nieuwsbrief zomer 2010 - A7Westergo
integraal waterbeheer op land- en tuinbouwbedrijven - PCS
Nieuwsbrief januari 2010 - VNRgemeenten.nl
Nieuwsbrief december 2010 - A7Westergo
Zie de Spaansen Nieuwsbrief van maart 2010.
Nieuwsbrief - november - 2010 - Netwerk Dorpen
Nieuwsbrief Beekrandenbeheer (maart 2010) - Watering De ...
Nieuwsbrief Mei 2010 - VC de Hilver
Nieuwsbrief 3 december 2010 - NtVP
omnyacc nieuwsbrief 4e 2010.indd
Nieuwsbrief algemeen mei 2010 - Heigo
Oktober, 2010 NIEUWSBRIEF - IDUT
Nieuwsbrief OOGcontact uitgave nr.1 2010
Nieuwsbrief juni 2010 - Project Actief Randenbeheer Brabant
Nieuwsbrief Rietdekkers - sept 2010.pdf - Hba
Nieuwsbrief november 2010 - project Gentse Kanaalzone
NIEUWSBRIEF juli 2010 , Nr. 1, jaargang 11
Van Alckmaer Nieuwsbrief Nummer 3 - oktober 2010
Nieuwsbrief juni 2010 [ PDF, 701,52 Kb] - Slac
Nieuwsbrief januari 2010 Jaargang 8 -Nr.2 - De Stopnaolden
Chateau van de maand NIEUWSBRIEF APRIL 2010 - Wijndomein ...
Nieuwsbrief september 2010 - Vorsselmans
Nieuwsbrief maart 2010 (PDF, 781 kB) - Gemeente Hardenberg
NIEUWSBRIEF CENTRE FIERS ET FORTS APRIL 2010 Er ...
Nieuwsbrief Kappers januari 2010.pdf - Hba
Nieuwsbrief augustus 2010 - The Hunger Project