Handreiking Investeren in gebiedsontwikkeling nieuwe stijl

gebiedsontwikkeling.nu

Handreiking Investeren in gebiedsontwikkeling nieuwe stijl

PROVADA 2012

Handreiking Investeren in gebiedsontwikkeling nieuwe stijl

Door: Ariënne Mak

Het ministerie van I&M bood Tjeerd Talsma (Gedeputeerde Ruimtelijke Ordening en Milieu, Provincie

Noord-Holland) het eerste exemplaar van haar handreiking 'Investeren in Gebiedsontwikkeling

Nieuwe Stijl' aan. Wat zijn nieuwe samenwerkingsvormen en verdienmodellen voor

toekomstbestendige ontwikkeling? De handreiking biedt visie en praktijkvoorbeelden. In een

rondetafeldiscussie werd de vertaalslag gemaakt naar actuele projecten als Crailo en rolinvulling van

partijen. 1

1 Bron: http://www.provada.nl/congressen_detail2012.php?congres_id=138

1


HOOFDPUNTEN INVESTEREN IN GEBIEDSONTWIKKELING NIEUWE STIJL

Hou de focus van het afgelopen decennium op publiek-private samenwerking en een integrale

aanpak bij gebiedsontwikkeling vast, en bouw die uit. De focus moet breder zijn dan vastgoed

alleen. Bij gebiedsontwikkeling nieuwe stijl krijgt - naast bestaand en tijdelijk gebruik - het beoogde

gebruik in de uiteindelijke exploitatiefase expliciet de aandacht. Hoe? Daarvoor geeft de publicatie

handreikingen en aanbevelingen.

In de publicatie staat hoe nieuwe vormen van samenwerking en financiering kunnen worden

gerealiseerd. De essentie ervan is het bewerkstelligen van innovatie en kostenbesparing in

gebiedsontwikkeling door de koppeling van vastgoed, gebruik en de zogenoemde ‘stromen’ van

bijvoorbeeld energie, water, afval en data.

Volgens Donné Slangen (directeur Gebieden en Projecten van IenM) zijn de gepresenteerde

innovaties een aanvulling op de huidige manier van werken. “De verschillende manieren van

gebiedsontwikkeling blijven naast elkaar bestaan, maar dan wel in een integrale aanpak met nieuwe

partners en nieuwe verdienmodellen.” Jan Fokkema van NEPROM deelde die opvatting: “We

moeten niet doorschieten naar ‘alles-wordt-anders’. Het belangrijkste bij gebiedsontwikkeling

nieuwe stijl is een grotere focus op het bedienen van de consument op de woning- en retailmarkt.”

Praktische lessen:

- Betrek partijen uit de exploitatiefase en koppel vastgoed, gebruik en stromen vroegtijdig.

Hierdoor ontstaan mogelijkheden voor kostenbesparing en verduurzaming;

- Zet bij stedelijke ontwikkeling in op duurzaamheid, leefbaarheid en bereikbaarheid. Benader

mobiliteit integraler; laat mobiliteitsstromen goed op elkaar aansluiten;

- Innovatie staat of valt bij politiek draagvlak en het vermogen om betrokkenen met elkaar te

verbinden. Ook zijn een brede scope en een lange termijn benadering hiervoor van groot

belang;

- Betrek de samenleving bij stadsontwikkeling en pas duurzame technieken situatie specifiek

toe.

Zie ook:

- http://www.gebiedsontwikkeling.nu/actualiteit/verslagen/focus-moet-breder-zijn-danvastgoed-alleen/

- De publicatie is te downloaden op: http://www.gebiedsontwikkeling.nu/wetenschap-enpraktijk/themas/andere-realiteit/investeren-in-gebiedsontwikkeling-nieuwe-stijl/

Reactie Provincie Noord-Holland

Talsma stelt dat publicatie richting geeft om ‘de motor weer draaiende te krijgen’. Hij onderschrijft

de aanbevelingen om te investeren in kleine stapjes, nieuwe samenwerkingsvormen aan te gaan en

naar nieuwe wegen te zoeken. Over hoe gebiedsontwikkeling ervoor staat drukt hij zich echter

genuanceerder uit dan de publicatie: “Gebiedsontwikkeling is niet defect, maar gestagneerd.” Niet

zonder trots benadrukt hij dat Noord-Holland er zo slecht nog niet voorstaat. De ‘luxe’ van Noord-

Holland is de woonbehoefte in de regio Amsterdam, wat draagvlak geeft voor projecten zoals Crailo,

Bloemendalerpolder en Westflank (Haarlemmermeer).

Wat betreft de in de publicatie aanbevolen ‘nieuwe samenwerking’ constateert Talsma dat zich

reeds een verandering in de praktijk aftekent: “Het wantrouwen dat voorheen heerste tussen

publiek en privaat maakt plaats voor een bereidheid om samen te werken en te kijken waar de

mogelijkheden liggen; zie de Bloemendalerpolder.”

2


Toepassing van de aanbevelingen in de praktijk

Dat de werkwijze met het oog op de exploitatiefase nogal wat vraagt in praktijk, illustreert de

aardwarmtecentrale in Den Haag Zuidwest. De officiële opening vond afgelopen week plaats. 4000

woningen en ook bedrijfsruimtes worden op aardwarmte aangesloten. Het is het eerste project in

Nederland dat op grote schaal aardwarmte gebruikt voor het verwarmen van woningen en

bedrijven. 2 Maar daar ging nogal wat aan vooraf. Eric Muller (Aardwarmte Den Haag): “Het betreft

een samenwerking (vof) tussen de gemeente, woningcorporaties en energiebedrijven. Dat betekent

nogal wat; partijen moeten dit zien zitten. Er wordt samengewerkt vanuit verschillende startpunten:

voor de gemeente spelen politieke ambities, voor corporaties is het beperken van de woonlasten

belangrijk en voor de energiebedrijven ligt de focus bij rendement. Basis voor de samenwerking zijn

de gedeelde baten die een duurzame energievoorziening met zich meebrengt: het perspectief op

een hogere woningwaarde en lagere energielasten voor de bewoner.” “Dat woonlasten breder

worden benaderd dan de huur of hypotheeklast, is een voorbeeld van wat met Gebiedsontwikkeling

nieuwe stijl wordt bedoeld,” stelt Gert-Joost Peek (Fakton); “Duurzaamheid als parameter voor

succes.”

Taak van provincie en Rijk

“Wat kan de provincie betekenen voor het vlottrekken van gebiedsontwikkeling?” vraagt Peek aan

de gedeputeerde. Talsma ziet een tweeledige rol voor de provincie weggelegd in ruimtelijke

ontwikkeling. In de eerste plaats is dat het wegnemen van belemmeringen, zoals knellende en

overbodige afspraken en voorwaarden. Hiervan was sprake bij de herontwikkeling van Crailo.

Tweede taak is om in contact te blijven met de gemeente. “Maar als een ontwikkeling eenmaal

loopt, dient de provincie terug te treden en de verantwoordelijkheden bij de betrokken partijen te

leggen”, vindt Talsma. Verder benadrukt hij dat de rol van de provincie maatwerk is per project.

Dat maatwerk ook voor andere partijen geldt, illustreert de rol van het RVOB in de herontwikkeling

van voormalig defensieterrein Nieuw Hembrug. Martine de Vaan (RVOB): Dat het RVOB hier zelf een

actieve rol in aanneemt, is deels strijdig met de terugtredende beweging van het Rijk uit RO. Maar

aangezien het niet lukt de grond te verkopen, zien wij ons hiertoe genoodzaakt.”

Het volgen of creëren van marktvraag

Naast duurzaamheid en taakverdeling, kwam ook het bekende thema vraaggestuurd ontwikkelen in

deze wat diffuse discussie naar voren. Net als bij het debat ‘Hoe kan de gemeente vraaggestuurd

ontwikkelen faciliteren?’ leidde dit thema tot discussie. Moet je de vraag van de consument volgen,

of vraag creëren door innovatie? Yvonne van Remmen (Ministerie van Infrastructuur en Milieu) legt

de nadruk op het laatste, onderbouwd met de notie dat Apple-producten ook niet zijn ontwikkeld

vanuit de vraag. Ook Peek stelt dat innovatie vanuit de vraag lastig is. Anderzijds moet de overheid

hierin niet voorschrijven, maar zekerheden bieden en zo ruimte laten aan innovatie vanuit de markt,

vonden de deelnemers. Bert Uitterhoeve (Gemeente Haarlemmermeer) vindt dat de gemeente

marktpartijen helpt door de focus te beperken (“je kunt niet honderd procent scoren”), maar op de

punten waar zij zich op richt helder en specifiek te zijn.

Kern van de beschreven aanpak is volgens de deelnemers lange termijn denken. Harold Lek (VINU)

stelt dat hierin ook de moeilijkheid zit: “De in de publicatie beschreven aanpak gaat uit van een

lange termijn cashflow, terwijl de praktijk veelal gericht is op korte termijn winst. Welke partijen

kunnen dit aan? En hoe verhoudt zich dit tot de tendens van ontwikkeling in kleine stapjes, met

projectgroottes van 5 à 10 woningen? Wie de trekkersrol op zich zal nemen, was dan ook een vraag

die onbeantwoord bleef.

2 Bron: http://www.koninklijkhuis.nl/nieuws/nieuwsberichten/2012/mei/prins-van-oranje-opentaardwarmtecentrale-in-den-haag/

3


5 juni 2012

Organisatie: provincie Noord-Holland

Deelnemers rondetafeldiscussie:

Gert-Joost Peek, Fakton

Tjeerd Talsma, Gedeputeerde Ruimtelijke Ordening en Milieu, Provincie Noord-Holland

Martine de Vaan, RVOB

Yvonne van Remmen, Ministerie van Infrastructuur en Milieu

Bert Uitterhoeve, Gemeente Haarlemmermeer

Daan Klaase, Fakton

Harold Lek, VINU

Hans Groot, Provincie Noord-Holland

Eric Muller, Aardwarmte Den Haag

4

More magazines by this user
Similar magazines