Reumaverpleegkundige - Verpleegkundigen & Verzorgenden ...

venvn.nl

Reumaverpleegkundige - Verpleegkundigen & Verzorgenden ...

Reumaverpleegkundige

© Copyright AVVV Utrecht, maart 2004

Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd bestand, of

openbaar gemaakt, in welke vorm dan ook, zonder schriftelijke voorafgaande toestemming van de

AVVV. Voor het overnemen van gedeelte(n) uit deze uitgave voor welk doeleinde dan ook, dient

men zich tot de AVVV te richten.


Reumaverpleegkundige

Nederlandse Vereniging van Verpleegkundigen en Verzorgenden in

de Reumatologie (NVVR)


Inhoudsopgave

Voorwoord 7

1 Verantwoording 8

2 Positionering van de reumaverpleegkundige 9

2.1 Inleiding

2.2 Ontwikkeling

2.3 De organisatie van het beroep

2.4 Autonomie in het handelen

3 Zorgvragers en zorgvragen 11

3.1 Inleiding

3.2 De oorsprong van de zorgvragen

3.3 Kenmerken van de groep zorgvragers

3.4 Aard van de zorgvragen naar urgentie en complexiteit

3.5 Effecten van de zorgvraag voor gezondheid en bestaan

3.6 Settings

4 De betekenis en meerwaarde van de reumaverpleegkundige 13

4.1 Inleiding

4.2 Betekenis en meerwaarde

- op het terrein van reumazorg

- voor de zorgvrager

- voor medeprofessionals

- binnen gezondheidszorgorganisaties

- binnen de gezondheidszorg

5 Taakgebieden, kerntaken en competenties 15

5.1 Inleiding

5.2 Zorgvragergebonden taken

- de vraag naar verpleegkundige zorg introduceren en verkennen

- verpleegkundige diagnosen vaststellen

- het beoogde resultaat van de verpleegkundige zorg formuleren

- verpleegkundige interventies plannen

- verrichten van verpleegkundige interventies

- begeleiden: informeren, instrueren en adviseren ter bevordering van zelfmanagement

- preventie en voorlichting geven

- coördineren

- evalueren van reumazorg

5.3 Professiegebonden taken

- de deskundigheid in eigen beroepsmatig handelen en dat van collegae bevorderen

- consultatie

- de kwaliteit van verpleegkundige reumazorg waarborgen en bevorderen

- de beroepsuitoefening professionaliseren

5.4 Organisatiebonden taken

- bijdragen aan het beleid m.b.t. reumazorg van de zorginstelling

- bijdragen aan bedrijfsvoering en beheer van de organisatie-eenheid

- samenwerken

- het (mede) ontwikkelen van richtlijnen en protocollen


Bijlagen 30

Begrippenlijst

Lijst van gebruikte afkortingen

Geraadpleegde literatuur

Opstellers beroepsdeelprofiel


Voorwoord

Waarom dit beroepsdeelprofiel?

De verpleegkundige beroepsuitoefening beweegt mee met de dynamiek in de hedendaagse

gezondheidszorg. Een dynamiek die op gang wordt gehouden door continu veranderende

zorgvragen, ontwikkelingen in medisch-technisch handelen en de voortdurend bewegende

arbeidsmarktsituatie.

Hierdoor zien wij momenteel een grote verscheidenheid aan vormen van verpleegkundige

beroepsuitoefening.

De talrijke differentiaties en specialisaties, en de daarvoor benodigde opleidingen, roepen echter

een beeld op van verbrokkeling en gebrek aan samenhang. Dit wordt in de hand gewerkt door het

benadrukken van een ieders bijzonderheid en het veronachtzamen van de gemeenschappelijkheid

in het verpleegkundig beroep. Ook de argumenten om het bestaan van een differentiatie of

specialisatie te verklaren zijn divers, en ondergraven daardoor juist het bestaansrecht ervan.

Binnen lidorganisaties van verpleegkundigen bestaat daarom grote behoefte hun

beroepsuitoefening te beschrijven en te verantwoorden door middel van beroepsdeelprofielen. De

uniformiteit daarin laat elke differentiatie of specialisatie tot haar recht komen. En alle

beroepsdeelprofielen tezamen dragen bij aan samenhang en transparantie van de verpleegkundige

beroepsstructuur.

In het verlengde hiervan wordt gezocht naar passende vormen van kwalificering door middel van

opleidingen en naar registratie als bekrachtiging en erkenning van de positie die men inneemt

binnen het beroepenveld en de gezondheidszorg. Om die reden zijn deze beroepsdeelprofielen

evenzeer van belang voor overige beroepsbeoefenaren, de wetgever, de algemene beroepsgroep,

overheid (VWS), onderwijsinstellingen, werkgevers en vakbonden.

AVVV

Utrecht, 2004

7


1 Verantwoording

1.1 Inleiding

In Nederland heeft 1 op de 10 mensen een reumatische aandoening. Hiermee is reuma

volksziektenummer 1. Het is een chronische ziekte die zowel van de zorgvrager als van zijn

omgeving veel aanpassingen kan vragen. Specialistische verpleegkundige zorg is hierbij zeer

wenselijk.

In de afgelopen jaren zijn er ontwikkelingen geweest in de medische behandeling van reumatische

aandoeningen en in het verpleegkundige vakgebied, die hebben geleid tot veranderingen in de

beroepsuitoefening van reumaverpleegkundigen. Deze ontwikkelingen zullen de komende jaren

doorgaan.

Daarnaast wordt de zorg in de thuissituatie en op de afdelingen in instellingen complexer doordat

er een verschuiving plaats vindt van klinische naar poliklinische en eerste lijnszorg.

Bovenstaande ontwikkelingen hebben ertoe geleid dat het aantal reumaverpleegkundigen is

uitgebreid en dat hun taak en functie volledig betrokken is in de reumazorg.

Deze ontwikkelingen maken het noodzakelijk om zowel binnen de eigen beroepsgroep als ook

daarbuiten duidelijk te maken wie de reumaverpleegkundige is en wat men van haar kan en mag

verwachten. Met dit beroepsdeelprofiel wil de beroepsgroep een stap zetten naar een verdere

professionalisering..

1.2 Betekenis van dit beroepsdeelprofiel

Het voorliggende beroepsdeelprofiel is een verbijzondering van het verpleegkundig beroepsprofiel.

Het geeft een expliciete beschrijving van de beroepsuitoefening als reumaverpleegkundige, zodat

alle betrokkenen hiervan een helder beeld krijgen.

De essentie van het verpleegkundig beroep komt herkenbaar terug in het referentiekader, gevormd

door de taakgebieden, kerntaken en competenties uit het beroepsprofiel.

De verbijzondering wordt zichtbaar in de specificering of uitbreiding van taakgebieden, kerntaken

en competenties binnen de context waarin de reumaverpleegkundige haar beroep uitoefent.

De beschrijving van de context, de zorgvragen en de zorgvragers vormt tevens een basis voor

legitimering en validering. Het gaat dan om het onderscheid ten opzichte van andere

verpleegkundigen en andere hulpverleners in de gezondheidszorg, en om de toegevoegde waarde

ten opzichte van al bestaande vormen van verpleegkundige beroepsuitoefening. Hiermee worden

aanknopingspunten ontwikkeld die leiden tot de positionering van de reumaverpleegkundige

binnen een deelgebied van de verpleegkundige beroepsuitoefening.

De terminologie die in dit document wordt gehanteerd, sluit aan bij de ontwikkelingen binnen de

verschillende zorgsectoren en het huidige opleidingsstelsel.

Om recht te doen aan het grote aantal vrouwelijke verpleegkundigen is ervoor gekozen de term

verpleegkundige in de tekst met de vrouwelijke vorm aan te duiden. Hiermee worden zowel mannen

als vrouwen bedoeld.

In navolging van het beroepsprofiel gebruiken we de werkveldoverstijgende term zorgvrager.

Hiermee worden, afhankelijk van het werkveld, mannelijke en vrouwelijke patiënten, cliënten of

bewoners bedoeld. Voor de leesbaarheid gebruiken we de term zorgvrager in de mannelijke vorm.

8


2 Positionering van de reumaverpleegkundige

2.1 Inleiding

Dit hoofdstuk geeft een beschrijving van de ontwikkeling van reumaverpleegkunde en een duiding

van autonomie in handelen.

2.2 Ontwikkeling reumaverpleegkundige

Tot halverwege de jaren tachtig waren er bij provinciale Kruisverenigingen

districtsverpleegkundigen Reuma Revalidatie in dienst. Zij werkten transmuraal, hadden contacten

met diverse werkvelden, instanties en leveranciers van revalidatiematerialen, en organiseerden

bijscholingen in verband met deskundigheidsbevordering. Daarnaast hadden zij ook contact met

individuele patiënten en deden huisbezoeken, samen met wijkverpleegkundigen. Door

reorganisaties en taakverschuiving is de functie van deze districtsverpleegkundige verdwenen.

In het begin van de jaren 1990 werd door de overheid en de gezondheidszorg het belang van

preventieve gezondheidszorg binnen de gezondheidszorg onderkend. Door het verdwijnen van de

districtsverpleegkundige bleek op dit gebied een lacune in zorgverlening te zijn. De reumapatiënt

had geen aanspreekpunt meer en verpleegkundigen waren onvoldoende op de hoogte van nieuwe

inzichten en ontwikkelingen binnen de reumazorg. Deze lacune leidde ertoe dat de vraag naar

gespecialiseerde reumaverpleegkundige toenam.

Een andere ontwikkeling die leidt tot een toename in vraag naar verpleegkundige reumazorg en

begeleiding is de vergrijzing van de bevolking en de daarmee gepaard gaande toename van het

aantal chronisch zieken, met de nodige specifieke zorg.

Zorgvragers hebben, naast de behoefte aan specifieke, deskundige verpleegkundige zorg, behoefte

aan ondersteuning op het gebied van maatschappelijke regelgeving. De reumaverpleegkundige is

in staat om zorgvragers in psychosociale zin op te vangen en contacten te leggen met de diverse

zorgverleners. De noodzaak om continuïteit in zorg aan te brengen en te houden, vertaalt zich in de

behoefte aan advisering en coördinatie. De consultfunctie van de reumaverpleegkundige is hiervan

een logisch gevolg.

2.2.1 De organisatie van het beroep

Aanleiding tot de oprichting van een Vereniging van Verpleegkundigen en Verzorgenden in de

Reumatologie (NVVVR) ontstond tijdens het tweede Internationale Congres voor professionele

hulpverleners in de Reumatologie (Leuven, 1988). Hier werd benadrukt dat professionele zorg aan

reumapatiënten zich onderscheidt van die aan andere categorieën patiënten. Om deze

professionalisering vorm te geven is een eigen vereniging noodzakelijk. Het is belangrijk de

verschillen duidelijk te maken aan de eigen beroepsgroep én aan andere disciplines. Daarnaast is

het van belang de aandacht voor en kennis van de specifieke verpleegkundige aspecten te

vergroten.

Als voorloper van de vereniging werd in 1988 het Netwerk van Verpleegkundigen en Verzorgenden

in de Reumatologie opgericht, dat op 2 mei 1991 is overgegaan in de Nederlandse Vereniging van

verpleegkundigen en Verzorgenden in de Reumatologie (NVVVR).

De NVVVR maakt deel uit van de Nederlandse Vereniging voor Reumatologie (NVR). In deze

vereniging zijn diverse beroepsgroepen vertegenwoordigd, zoals medici, maatschappelijk

werkenden, ergotherapeuten, fysiotherapeuten, verpleegkundigen en verzorgenden.

De NVR werkt nauw samen met de Reumapatiëntenbond (overkoepelend orgaan van alle

reumapatiëntenverenigingen) en het Reumafonds.

De doelstellingen van de NVVVR zijn als volgt geformuleerd:

• het profileren van de verpleegkundige zorg aan de patiënt

• het bevorderen van de deskundigheid van de leden.

Kernactiviteiten zijn:

• onderhouden van collegiale contacten met als doel kennis en ervaring uit te wisselen

• inventariseren van bijscholingsbehoeften en (mede) organiseren van bijscholing

• op de hoogte blijven en rapporteren van ontwikkelingen in onderzoek, behandeling en

9


verzorging van reumapatiënten

• onderhouden van contacten en samenwerken met medici en paramedici

• onderhouden van contacten met het Reumafonds en de Reumapatiëntenbond.

Met aandacht voor deze aspecten beoogt de NVVVR te werken aan het verbeteren van de kwaliteit

van verpleegkundige zorgverlening aan de reumapatiënt.

2.3 Autonomie in handelen

De reumaverpleegkundige is autonoom voor wat betreft: het geven van instructie, educatie,

informatie, (psychosociale) begeleiding, mantelzorgondersteuning en bevordering van het

zelfmanagement van de zorgvrager. Deze kan vaak zonder verwijzing en indicatiestelling door de

reumaverpleegkundige bezocht worden. De reumaverpleegkundige bepaalt in overleg met de

zorgvrager de duur en frequentie van de hulpverlening.

De reumaverpleegkundige kan een zelfstandig (poliklinisch) spreekuur voeren en is autonoom in de

beslissingen die zij neemt. Daarnaast handelt zij zelfstandig bij deskundigheidsbevordering en het

geven van consulten voor de eigen en andere disciplines. Ook stelt zij zelfstandig procedures en

protocollen op voor het te voeren zorgbeleid voor zorgvragers met reumatische aandoeningen.

De werkzaamheden van de reumaverpleegkundige zijn in toenemende mate gebaseerd op

wetenschappelijke bewijsvoering. De reumaverpleegkundige werkt zo mogelijk mee aan

wetenschappelijk onderzoek.

10


3 Zorgvragers en zorgvragen

3.1 Inleiding

Dit hoofdstuk geeft een beschrijving van zorgvragen, zorgverlener, zorgverlening, zorgvrager en

zorgcontext, als onderbouwing van een specifieke vorm van beroepsuitoefening.

3.2 De oorsprong van de zorgvragen

Reuma is een verzamelnaam voor meer dan honderd pijnlijke, niet-traumatische aandoeningen en

chronische ziekten aan het ‘bewegingsapparaat’: de gewrichten en omliggende weefsels.

Belangrijke oorzaken die tot het ontstaan van zorgvragen leiden, zijn als de draaglast de

draagkracht van de zorgvrager overschrijdt. Dit kan op somatisch, psychisch of sociaal gebied en

heeft veelal te maken met onvoldoende aanpassingen aan de eisen die de ziekte stelt

(copingmechanisme).

De meest voorkomende zorgvragen zijn algemeen en sociaal-psychologisch van aard. Vragen

komen voort uit:

• ADL en HDL

• maatschappelijke problemen.

3.3 Kenmerken van de groep zorgvragers

Zorgvragers met reuma vallen onder de zorgcategorie ‘chronisch zieken'. Iedereen kan reuma

krijgen, ongeacht leeftijd, levenswijze of geslacht. Over het algemeen komt de aandoening meer

voor bij ouderen en vrouwen. Eén op de tien Nederlanders (ruim 1,6 miljoen) heeft langdurige

reumatische klachten.

Reumatische aandoeningen zijn blijvend van aard, onomkeerbaar, en achteruitgang en

beperkingen van de lichamelijke mogelijkheden zijn onvoorspelbaar en veroorzaken daardoor

onzekerheid over het verloop van de ziekte. Het gaat om langdurige klachten van pijn,

vermoeidheid en stijfheid, met na verloop van tijd een toename van de lichamelijke beperkingen.

De gevolgen van reuma strekken zich dan ook uit tot alle facetten van het leven: gezin, werk, vrije

tijd, relaties.

Doordat de oorzaak van de meeste reumatische ziekten niet bekend is en volledige genezing nog

niet mogelijk is, geeft dit voor een groep reumapatiënten aanleiding tot een zoektocht naar andere

(alternatieve) hulpverleners.

Overeenkomstige kenmerken van zorgvragers (Lindert, e.a. 2001) zijn:

1) Reumapatiënten hebben een grote behoefte aan informatie. Goede telefonische

bereikbaarheid van de hulpverlener is belangrijk, maar ook een snelle toegang tot de specialist.

2) Veel behoefte aan informatie met betrekking tot uitslagen van onderzoeken, gebruik, werking

en eventuele bijwerkingen van medicatie, mogelijkheden zorg, etc.

3) Een zorgvrager met een reumatische aandoening heeft wisselend te maken met verschillende

disciplines: huisarts, reumatoloog, fysiotherapeut, ergotherapeut, podotherapeut, diëtist, etc.

Goede afstemming tussen deze zorgverleners is essentieel, vooral met betrekking tot het

verstrekken van medicijnen.

4) Reumapatiënten willen door hun zorgverleners serieus genomen worden. Doordat reuma een

'onzichtbare’ ziekte is, hebben veel reumapatiënten het gevoel dat ze zich moeten verdedigen

tegenover de buitenwereld. Het is dan ook extra belangrijk voor ze dat de zorgverlener hen

serieus neemt. Daarnaast vinden zij het belangrijk dat de reumatoloog bij elk bezoek aandacht

heeft voor hun verhaal en dat hij zich verplaatst in hun leefwereld. Ze willen graag dat de

huisarts en de reumatoloog aandacht besteden aan de psychosociale aspecten van reuma.

5) Reumapatiënten willen invloed hebben op de zorg die ze krijgen. Zo willen ze bijvoorbeeld:

• meebeslissen over een behandeling

• de mogelijkheid hebben om van arts te wisselen

• zelf bepalen hoe het persoonsgebonden budget wordt besteed.

11


3.4 Aard van de zorgvragen naar urgentie en complexiteit

Een reumapatiënt heeft (al of niet zichtbaar) meestal pijn, kan lichamelijke deformaties hebben en

mogelijk functieverlies. Hij heeft fysiek vaak last van stijfheid en moeheid en kan niet meer alle

lichaamsfuncties uitoefenen. Om die reden staat reuma ook wel bekend als de ziekte van het lijden.

Of een zorgvraag acuut of complex is, is afhankelijk van het veld (1 e of 2 e lijn) en de individuele

situatie van de zorgvrager. De complexiteit van zorgvragen wordt bepaald door de:

• aard van de reumatische aandoening

• fase waarin de ziekte zich bevindt

• psychosociale situatie van de zorgvrager

• mate van integratie van ziekte en sociale steun.

Urgentie ontstaat door acute verandering in de situatie van de zorgvrager, wat van de

reumaverpleegkundige acuut handelen vraagt op het gebied van extra zorginzet, extra

hulpmiddelen, coaching, participatie. Voorbeelden hiervan zijn allergische reactie op medicatie,

nefrotisch syndroom bij SLE, pulmonale hypertensie bij systemische sclerose. Ook hierin kan

onderscheid gemaakt worden naar urgentie in handelen afhankelijk van de setting waarin de zorg

wordt verleend.

3.5 Effecten van de zorgvraag voor gezondheid en bestaan

De zorgvrager met reuma moet een evenwicht vinden tussen de gevolgen van de ziekte en de

behandeling en de eisen die hij aan zijn leven en levensstijl stelt. Het leven aanpassen aan de

chronisch ziekte is geen eenvoudige opgave. Het is een voortdurend proces van afwegingen maken

tussen persoonlijke wensen, ambities en keuzes en aanpassingen die de ziekte eist (Pool, 2001).

De impact die reuma op de mens en zijn dagelijks leven heeft, is uniek van aard. Door stoornissen

en beperkingen raakt het dagelijks leven van de zorgvrager ontwricht. Dit veroorzaakt weer sociale

problemen. Het sociale netwerk krimpt, wat weer kan leiden tot een sociaal isolement. Het

verborgen karakter van de ziekte, waardoor het ziektebeeld door de sociale omgeving niet als

zodanig wordt herkend, kan het sociale isolement van de zorgvrager versterken: de zorgvrager

bevindt zich hierdoor in een vicieuze cirkel.

Op korte en lange termijn kunnen de effecten voor de zorgvrager zijn:

• verandering van het rolpatroon

• verandering van het zelfbeeld

• verlies van autonomie en zelfstandigheid

• angst en onzekerheid door de diagnose en de onvoorspelbare toekomst.

3.6 Settings

De reumaverpleegkundige kenmerkt zich door het bewerkstelligen van continuïteit en is daardoor

zichtbaar binnen meerdere settings. In ziekenhuizen, die beschikken over een reumapoli, ligt de

concentratie van zorg hoger. Afhankelijk van de setting verschuift het accent van de reumazorg en

de samenwerking met andere disciplines.

Reumaverpleegkundigen werken:

• intramuraal: ziekenhuizen, revalidatiecentra, verpleeg- en verzorgingshuizen

• extramuraal: thuiszorg en huisartsenpraktijk

• transmuraal: spreekuren waarin samenwerking tussen ziekenhuizen en thuiszorg

plaatsvindt.

12


4 De betekenis en meerwaarde van de reumaverpleegkundige

4.1 Inleiding

In dit hoofdstuk geven we antwoord op de vraag wie de reumaverpleegkundige is, wat zij doet en

waar zij zich mee onderscheidt van andere verpleegkundigen en andere hulpverleners in de

gezondheidszorg. Het accent ligt daarbij op de toegevoegde waarde ten opzichte van al bestaande

vormen van verpleegkundige beroepsuitoefening.

4.2 Betekenis en meerwaarde

4.2.1 Binnen het domein van de reumaverpleegkundige

De reumaverpleegkundige verleent en begeleidt complexe patiëntenzorg in situaties, waarbij voor

het analyseren en oplossen van verpleegproblemen specifieke kennis en vaardigheden op het

gebied van reumazorg vereist zijn.

Reumatische aandoeningen zijn chronische ziekten. Een aantal zorgvragen komt voort uit het

chronisch ziek zijn en komt grotendeels overeen met zorgvragen van andere patiënten met

chronische ziekten. Deze zorgvragen liggen op het gebied van bestaansproblemen en hebben

betrekking op het leven en het sociale netwerk van de patiënt (Pool, 1998). Belangrijke opgave

waarvoor de zorgvrager zich gesteld ziet, is het vinden van een evenwicht tussen de gevolgen van

de ziekte en de behandeling en de eisen die deze aan hun leven stellen. Zelfmanagement waarmee

autonomie zo optimaal mogelijk blijft, is voor zorgvragers essentieel. Vanuit deze visie worden

zorgvragen door reumaverpleegkundigen benaderd.

Aanverwante beroepsgroepen, zoals artsen en fysiotherapeuten behandelen reumatische ziekten

en stoornissen en dragen daardoor bij aan herstel. Deze behandeling betreft vaak een deel van de

totale behandeling. De reumaverpleegkundige heeft naast haar eigen bijdrage, die vooral tot uiting

komt in advies, instructie, voorlichting en begeleiding van de zorgvrager, een belangrijke taak in de

coördinatie van de totale zorg. Zij stemt zorgverlening en behandelingen van medeprofessionals in

een multidisciplinair verband op elkaar af. Zij heeft als enige een totaalbeeld van de zorg die een

zorgvrager wordt geboden. Daarin streeft zij optimale continuïteit in zorgverlening na.

Op het gebied van reuma zijn overlappingen bekend met andere beroepsgroepen, zoals de

kinderverpleegkundige zorg. Ook is er een kleine overlap met de longverpleegkundige en met de

wondverpleegkundige.

4.2.2 Voor de zorgvrager

Op het gebied van reumatologische aandoeningen presenteert de reumaverpleegkundige zich aan

een zorgvrager en diens familie als een hulpverlener die:

• beschikt over specifieke kennis en vaardigheden met betrekking tot reumatologische zorg

• zorg, begeleiding, instructie en voorlichting geeft bij de behandeling van reuma en de

gevolgen daarvan voor het dagelijkse leven

• als coördinator fungeert voor alle disciplines die bij de zorg van de reumatologische

zorgvragers zijn betrokken.

4.2.3 Voor medeprofessionals

Op het gebied van reumazorg presenteert de reumaverpleegkundige zich aan medeprofessionals

als:

• kennisdrager en -overbrenger intra-, extra- en transmuraal

• motor achter coördinatie en afstemming van zorg door verschillende disciplines

• uitvoerder van relevant verpleegkundig onderzoek in de praktijk

• ondersteuner in het zorgproces en uitvoerder van deskundigheidsbevordering

• beroepsbeoefenaar die bepaalde taken van de medisch specialist (zoals huisarts,

reumatoloog) overneemt, op basis van haar deskundigheid en specialisatie.

13


4.2.4 Binnen zorgorganisaties

Door de aanwezigheid van de reumaverpleegkundige kan de zorgorganisatie kwalitatief betere

reumazorg aanbieden. Dit bereikt ze door zich te presenteren als de beroepsbeoefenaar die:

• deze specifieke zorg coördineert en organiseert

• op basis van signalen van zorgvragers, huisartsen, medisch specialisten, apothekers,

verpleegkundigen, etc. nieuwe zorgproducten ontwikkelt

• protocollen ontwikkelt voor betreffende zorg

• haar deskundigheid aanwendt bij het vaststellen, bijstellen en uitvoeren van beleid

• verpleegkundig onderzoek naar de eigen organisatie vertaalt en implementeert.

Voor de coördinatie van zorg werkt de reumaverpleegkundige niet alleen binnen haar eigen

instelling samen met andere hulpverleners, maar ook met hulpverleners die werkzaam zijn in

andere instellingen. Dit is inherent aan de complexiteit van zorg met betrekking tot reumatische

aandoeningen. Dit maakt duidelijk hoe groot de coördinerende functie van de

reumaverpleegkundige is. Voor de zorginstellingen heeft het een meerwaarde dat de

reumaverpleegkundige, die de zorgvrager het beste kent, met hen in overleg treedt.

4.2.5 Binnen de gezondheidszorg

Op het gebied van reuma presenteert de reumaverpleegkundige zich binnen de gezondheidszorg

als:

• hulpverlener die consulten verleent aan andere gezondheidszorgwerkers, waardoor de

(verpleegkundige) zorg zowel intra-, extra- als transmuraal geoptimaliseerd wordt

• gesprekspartner voor overheid, ziektekostenverzekeraars, leveranciers en

patiëntenvereniging

• professional die voorwaarden realiseert en procedures ontwikkelt.

14


5 Taakgebieden, kerntaken en competenties

5.1 Inleiding

In samenhang met voorliggende onderwerpen wordt in dit hoofdstuk een beschrijving gegeven

van de deskundigheid van een reumaverpleegkundige.

Deze deskundigheid manifesteert zich op 3 taakgebieden, te weten:

• Zorgvragergebonden taken: de verzameling van taken die verbonden zijn aan het

primaire proces, de directe zorgverlening

• Professiegebonden taken: de verzameling van taken die verbonden zijn aan behoud,

ontwikkeling en kwaliteit van professionele beroepsuitoefening

• Organisatiegebonden taken: de verzameling van taken die verbonden zijn aan beleid en

beheer met betrekking tot voorwaarden voor de directe zorgverlening in een

zorgorganisatie of in een organisatie-eenheid.

Elk taakgebied is te beschouwen als een verzameling van kerntaken rond een aspect van zorg,

waarvoor een reumaverpleegkundige verantwoordelijkheid draagt. Een kerntaak is op te vatten als

een verzameling van inhoudelijk samenhangende en kenmerkende werkzaamheden van de

reumaverpleegkundige.

Als ordening bij de taakgebieden wordt gebruik gemaakt van zogeheten kernopgaven. Een

kernopgave heeft betrekking op een opgave of probleem, waarvoor een reumaverpleegkundige

zich in haar beroepsuitoefening gesteld ziet en waarop zij geacht wordt adequaat te reageren. De

kernopgaven en kerntaken geven richting aan een of meerdere competenties. Een competentie

wordt in dit profiel omschreven als:

Een - continu te onderhouden en te ontwikkelen - combinatie van vaardigheden, kennis, attitudes en

persoonskenmerken, nodig om in een bepaalde werksituatie adequaat, effectief en efficiënt te handelen.

De competenties – geformuleerd in termen van gedrag en resultaten – beschrijven de vermogens

van een reumaverpleegkundige om taken en opgaven in haar beroepsuitoefening op een

adequate, proces- en productgerichte wijze aan te pakken.

Elke competentie wordt gecompleteerd met opsommingen van concreet en waarneembaar

handelen en gedrag, die representatief zijn voor het competente gedrag. In feite geeft een

competentie aan wat een reumaverpleegkundige doet, in welke situatie en met welk doel. Zoals de

begripsomschrijving aangeeft, berust competent gedrag op een samenhangend gebruik van

onderliggende vaardigheden, kennis, attitudes en persoonskenmerken.

Reumaverpleegkunde bouwt voort op het al aanwezige competentieniveau in de

basisverpleegkundige beroepsuitoefening en de - door opleiding en beroepservaring - verkregen

expertise. Taken en competenties die daartoe gerekend mogen worden, zijn niet meer opgenomen

in dit profiel. Het handelingsrepertoire van een reumaverpleegkundige kenmerkt zich door de voor

iedere gezondheidszorgwerker geldende methodische beroepsuitoefening en beroepsmatig

handelen, maar omvat daarnaast specifieke vaardigheden, procedures en handelingen.

5.1.1 Zorgvragergebonden taken

Context en opgaven

Zorgvragers met een reumatische aandoening moeten een evenwicht vinden tussen de gevolgen

van de ziekte en de behandeling en de eisen die zij aan hun leven en hun levensstijl stellen (Pool,

2001). Het zelfmanagement van de zorgvrager is vooral gericht op een zo normaal mogelijk leven

met de ziekte; met andere woorden het vinden van bovengenoemd evenwicht. Hulp wordt

geboden door onder andere arts(en), reumaverpleegkundigen, fysiotherapeuten en

ergotherapeuten. Goede coördinatie en multidisciplinaire samenwerking is voorwaardelijk voor een

goede zorgverlening.

Het is tegen deze achtergrond en met deze wetenschap dat de reumaverpleegkundige zich een

15


eeld dient te vormen van de aard van de zorgvraag en de behoefte aan gespecialiseerde zorg.

De reumaverpleegkundige zal tijdens het verpleegkundig handelen steeds rekening moeten

houden met de specifieke problemen, voorkomend bij zorgvragers met reuma. Bij de zorgvrager

met reuma zijn altijd meerdere verpleegkundige diagnoses gelijktijdig aanwezig die onderling

samenhangen. Behandeling van een diagnose kan een andere diagnose zowel positief als negatief

beïnvloeden.

De reumaverpleegkundige zal door analyseren uit een veelheid van elkaar beïnvloedende factoren

de juiste keuzen moeten maken in het licht van de bestaans- en de gezondheidsproblemen van de

zorgvrager. Het spreekt voor zich dat de wens van de zorgvrager hierbij van groot belang is. Hij

wordt dan ook in het afwegingsproces betrokken. Met name gezondheidsaspecten ten opzichte

van bestaansaspecten (kwaliteit van leven) zijn in een behandeling niet altijd in voordelige zin met

elkaar te verenigen. De keuze van de reumaverpleegkundige is erop gericht om op het juiste

moment de juiste interventie aan te bieden.

De ziektebeelden reuma hebben een wisselend karakter. Dit betekent dat de zorgvrager de ene dag

fysiek tot meer in staat is dan een andere dag. De reumaverpleegkundige staat voor de opgave haar

zorg steeds aan te passen aan de ‘wisselende’ mogelijkheden van de zorgvrager. Zorgvragers met

een reumatische ziekte vinden het belangrijk dat een verpleegkundige oog heeft voor dit aspect

van zorg.

De opgaven, waarvoor de reumaverpleegkundige staat bij het uitvoeren van zorg, bestaan uit een

continue mix voortkomend uit diverse doelgroepen, op uiteenlopende momenten klinisch en

poliklinisch, binnen verschillende instellingen (transmuraal, intramuraal, extramuraal). Dit alles

beïnvloedt de manier waarop ze de interventies kan uitvoeren.

A. Kerntaak: De vraag naar verpleegkundige zorg introduceren en verkennen

De reumaverpleegkundige verkent en beoordeelt de vraag van de zorgvrager, zodat zij zich een

beeld kan vormen van de aard van de zorgvraag en de behoefte aan zorg. Ze gaat na op welke wijze

de zorgvrager zijn situatie beleeft en welke verwachtingen en vragen er bestaan. Deze informatie

krijgt ze van de zorgvrager, van andere disciplines en via eigen observaties. In bepaalde situaties

dient de reumaverpleegkundige zich ook te baseren op andere bronnen, zoals naasten. In een

kortdurende of acute situatie zal het verzamelen van gegevens zich vooral concentreren op de

meest noodzakelijke informatie. In andere gevallen zal dit meer uitgebreid plaatsvinden. Met deze

informatie krijgt de reumaverpleegkundige inzicht in de feitelijke of potentiële gezondheid- of

bestaansproblemen van de zorgvrager en stelt zij de verpleegkundige diagnoses. Zo nodig verwijst

de reumaverpleegkundige, eventueel in overleg met de behandelend arts, de zorgvrager naar

andere hulpverleners.

Competentie

Om de gevolgen van reuma en de daarmee samenhangende behandeling op gezondheid en

bestaan van de zorgvrager te signaleren en te herkennen, verzamelt, analyseert en interpreteert de

reumaverpleegkundige continu en op systematische wijze gegevens van de zorgvrager en zijn

gezondheidssituatie, en maakt daarbij gebruik van specifieke hulpmiddelen, zodat de zorgverlening

optimaal wordt afgestemd op de zorgvraag.

Dit betekent in concreet handelen en gedrag dat de reumaverpleegkundige:

• een anamnese afneemt met gebruik van standaarden: het verzamelen, selecteren,

interpreteren en controleren van de gegevens bij de zorgvrager of naasten (heteroanamnese)

• het verzamelen van gegevens aanpast aan de omstandigheden van de zorgvrager, het doel

van de zorgverlening en de aard van de problematiek

• deze bevindingen controleert bij zorgvrager of diens naasten en andere zorgverleners

gezondheidsbedreigende factoren signaleert

• zich een totaalbeeld vormt van de situatie van de zorgvragers en naasten

• veranderingen in de verpleegkundige zorgvraag herkent, in de omgevingsfactoren en

complexiteit van interventies, waardoor de indicatiestelling en zorgtoewijzing moet worden

16


ijgesteld

• een inschatting maakt van de complexiteit van de situatie en de hiervoor vereiste

deskundigheid van zichzelf, maar ook die van anderen beoordeelt

• in overleg met de behandelend arts, de zorgvrager verwijst naar andere disciplines of

instanties bij herkenning van andersoortige zorgvragen

• minder complexe taken aan verzorgenden en verpleegkundigen delegeert, waarbij zij zelf

de rol van regisseur behoudt. In deze rol gaat het om het vaststellen en bewaken van

zorgresultaten en zorgtrajecten

• gegevens op een transparante en toegankelijke wijze schriftelijk vastlegt en hierbij rekening

houdt met de rechten van de zorgvrager.

B. Kerntaak: Verpleegkundige diagnoses vaststellen

Aan de hand van de verzamelde gegevens stelt de reumaverpleegkundige in samenwerking met de

zorgvrager de verpleegkundige diagnoses vast. Zij realiseert zich dat gezondheid- of daaraan

gerelateerde bestaansproblemen verweven en complex zijn. Te onderscheiden zijn acute

(bijvoorbeeld toename van pijn), langdurige (bijvoorbeeld verlies van mobiliteit), chronische

(bijvoorbeeld dreigend verlies van autonomie), actuele of potentiële problemen. Om de juiste

verpleegkundige diagnoses vast te stellen analyseert en interpreteert zij een veelheid van elkaar

beïnvloedende factoren en trekt hieruit conclusies.

Competentie

De reumaverpleegkundige formuleert in eenduidige typeringen de verpleegproblemen en -

diagnosen van de zorgvrager en maakt daartoe gebruik van gestandaardiseerde en

(wetenschappelijk) onderbouwde observatie- en diagnoseschema´s en van gegevens uit

diagnostische tests en onderzoeken, zodat gerichte keuzes gemaakt kunnen worden in doelen van

zorg en behandeling.

Dit betekent in concreet handelen en gedrag dat de reumaverpleegkundige:

• verpleegkundige diagnoses vaststelt op basis van de (on)mogelijkheden en de vermogens

van de zorgvrager met reuma en zijn context en deze beargumenteert

• uitgaat van (standaard) procedures, maar deze aan de zorgvrager aanpast

• de samenhang en wisselwerking van de problematiek analyseert en hierin prioriteiten

aangeeft

• waar nodig de problematiek herbenoemt, zodat deze toegankelijk wordt voor beïnvloeding

• gebruik maakt van algemeen aanvaarde omschrijvingen van verpleegproblemen bij een

reumatische aandoening

• daar waar de aanwezige procedures niet toereikend zijn, zelf ontwerpt procedures om de

juiste verpleegkundige diagnoses in beeld te krijgen

• gebruik maakt van gezond verstand, ervaring en intuïtie

• los van richtlijnen en schema’s tot vermoedens van problemen en achterliggende oorzaken

komt

• de zorgvrager hierbij betrekt, zodat de afstemming tussen het oplossen van gezondheid- en

bestaansproblemen naar wens van de zorgvrager plaatsvindt. Hierbij is het belangrijk om

problemen naar haalbaarheid in te delen en de voordelen van interventies uit te leggen,

zodat de motivatie wordt bevorderd.

C. Kerntaak: Het beoogde resultaat van de verpleegkundige zorg formuleren

Doelgerichte zorg aan zorgvragers met een reumatische aandoening stoelt op haalbare en

meetbare resultaten, met een onderscheid naar resultaten op korte en lange termijn. De

reumaverpleegkundige formuleert het beoogde resultaat van de zorgverlening en geeft hierin

prioriteiten aan.

Het ziekteproces fluctueert en - afhankelijk van de gediagnosticeerde reumatische aandoening -

zullen de resultaten gericht moeten zijn op reduceren of erger voorkomen, op het integreren van de

ziekte in het leven en op zelfmanagement. Het verpleegkundig handelen richt zich op de actuele

situatie waarin flexibiliteit in handelen belangrijk is. Het beoogde eindresultaat wordt beschreven in

17


termen van concreet en haalbaar gedrag, rekening houdend met het beschikbare repertoire van

interventiemogelijkheden.

Competentie

Om richting te geven aan de verpleegkundige zorg formuleert de reumaverpleegkundige - in

overleg met de zorgvrager - het gewenste resultaat van de zorgverlening in relatie tot

geconstateerde problemen en geeft hierin prioriteiten aan.

Dit betekent in concreet handelen en gedrag dat de reumaverpleegkundige:

• in overleg met de zorgvrager het beoogde resultaat formuleert, rekening houdend met de

condities waaronder, de termijn waarop en de weg waarlangs dit gebeurt

• in samenwerking met de zorgvrager, naasten en andere disciplines afstemming zoekt over

beoogde resultaten

• rekening houdt met de totaalsituatie van de zorgvrager

• prioriteiten aangeeft in te behalen resultaten

• in overleg met zorgvrager de beoogde resultaten herformuleert, indien de situatie

verandert

• verslag legt van de zorg volgens de geldende professionele en wettelijke standaarden.

D. Kerntaak: Verpleegkundige interventies plannen

De reumaverpleegkundige gebruikt een breed scala aan interventies om doelgerichte verandering

in de situatie van de zorgvrager te bewerkstelligen. Deze kunnen in intensiteit variëren van het

geheel overnemen van de zorg tot het ondersteunen van de zorgvrager door voorlichting. Met

name interventies op psychosociaal gebied en in het bijzonder de AIV, dat samen met begeleiding

uitgroeit tot patiënteneducatie. Dit betekent dat de reumaverpleegkundige stapsgewijs en

gedragsmatig werkt naar de gezamenlijk beoogde gedragsverandering: zelfmanagement. De keuze

voor een interventie is onder meer afhankelijk van het beoogde resultaat en de steeds wisselende

mogelijkheden van de zorgvrager.

In deze fase worden de beoogde resultaten, de verpleegkundige interventies, de afspraken met

andere disciplines en de evaluatiemomenten in overleg met de zorgvrager vastgelegd in een

verpleegplan. Bij het plannen van de zorg kan de reumaverpleegkundige te maken krijgen met

belangen van anderen, zoals die van de instelling en andere disciplines (reumatoloog,

fysiotherapeut, ergotherapeut enz.), die haar kunnen beperken in het kiezen van verpleegkundige

interventies. Dit omdat de andere disciplines in vergelijking tot de reumaverpleegkundige meer

gericht zijn op gezondheidsproblemen en wat minder op bestaansproblemen.

Gezondheidsaspecten zijn ten opzichte van bestaansaspecten niet altijd in een behandeling in

positieve zin met elkaar te verenigen. De aanwezigheid van andere disciplines kan de

reumaverpleegkundige beperken of juist nieuwe mogelijkheden bieden in het kiezen van

verpleegkundige interventies.

Tot slot houdt de reumaverpleegkundige rekening met de betaalbaarheid van interventies: kosten

en planning van eigen en andere disciplines en de opnameduur.

Met betrekking tot interventies van de reumaverpleegkundige is onderscheid te maken naar:

• interventies die voortkomen uit de vastgestelde verpleegkundige diagnoses en behoren tot

het autonome aandachts- en competentiegebied van de reumaverpleegkundige, zoals het

zelfstandig voeren van een verpleegkundig spreekuur en het opstellen van een

voorlichtingsplan

• handelingen die voortvloeien uit problemen waarvan het aandachts- en

competentiegebied gedeeld wordt met andere disciplines en uit hun diagnostische en

therapeutische werkzaamheden, zoals leefstijladviezen

• signalering van problemen, waarvan de behandeling buiten haar aandachts- en

competentiegebied valt, zoals verdenking op medische problemen: conditieverlies,

excacerbaties, standsafwijkingen van gewrichten. Voor deze problemen verwijst ze de

zorgvrager door naar de betreffende disciplines.

18


Competentie

Om het beoogde resultaat van zorgverlening te behalen kiest en plant de reumaverpleegkundige -

in overeenstemming met de vastgestelde diagnoses en in relatie tot de geformuleerde doelen van

zorg en prioriteitstelling – interventies, en houdt daarbij rekening met de mogelijkheden van de

zorgvrager, zodat deze kan vertrouwen op deskundige en adequate behandeling en de gevolgen

hiervan.

Dit betekent in concreet handelen en gedrag dat de reumaverpleegkundige:

• een keuze maakt uit bestaande interventies, waarvan de doelmatigheid al is bewezen

• een keuze maakt uit nieuw ontwikkelde, alternatieve interventies

• de keuze voor interventies beargumenteert en verantwoordt met gebruik van

wetenschappelijke kennis, klinische expertise, protocollen, richtlijnen en standaarden

• creatief te werk gaat wanneer geprotocolleerde zorg niet mogelijk is

• nieuwe procedures ontwikkelt om tot de juiste keuzen van verpleegkundige interventies te

komen

• rekening houdt met de gewenste zorgresultaten en de mogelijkheden van de zorgvrager

• het belang, tijdstip en werkwijze van de interventie uitlegt aan de zorgvrager

• volgens professionele standaarden een plan van zorg opstelt en evalueert.

E. Kerntaak: Verrichten van verpleegkundige interventies

De reumaverpleegkundige kan zorg verlenen aan zorgvragers met een reumatische aandoening in

verschillende situaties, op uiteenlopende momenten, binnen verschillende instellingen. Ze werkt

zowel met een individuele zorgvrager als met gezinnen of groepen. Zij handelt in crisissituaties en

binnen wettelijke kaders. Hiervoor hanteert ze een breed scala aan interventies variërend van het

uitvoeren binnen de richtlijnen en de mogelijkheden van de organisatie tot het formuleren van

noodzakelijke voorwaarden vanuit de organisatie.

In een cyclisch proces verantwoordt de reumaverpleegkundige haar keuze voor de genomen

interventies, legt de gegevens vast en rapporteert hierover. Zij kan omgaan met knelpunten in de

fysische omgeving, het sociale netwerk en op het gebied van de levensbeschouwing van de

zorgvrager. Dit loopt uiteen van het signaleren tot het nemen van initiatieven om de knelpunten op

te lossen.

Competentie: Observeren en signaleren

De reumaverpleegkundige observeert, analyseert en interpreteert behoeften van de zorgvrager die

het uitgangspunt vormen voor de verpleegkundige zorgverlening. Deze observaties vinden plaats

binnen haar eigen zorgverlening en die van andere disciplines. Daarnaast heeft ze een rol in het

signaleren van gezondheidsbedreigende factoren.

Dit betekent in concreet handelen en gedrag dat de reumaverpleegkundige:

• behoeften van de zorgvrager, de veranderingen hierin of in de gezondheidstoestand

herkent (bijv. beperkingen bij het uitvoeren van de ADL, pijn en vermoeidheid)

• gerichte observaties uitvoert op pijn en ziekteactiviteiten m.b.v. meetinstrumenten zoals

HAQ, VAS, DAS

• potentiële en feitelijke reacties op gezondheid- of daaraan gerelateerde

bestaansproblemen signaleert (bijv. ineffectief copinggedrag, overbelasting van de

mantelzorg

• gezondheidsbedreigende factoren signaleert en hierop adequaat reageert (bijv. advisering

bij werkomstandigheden, therapieontrouw).

Competentie: Verlenen van verpleegkundige zorg

De reumaverpleegkundige verleent volgens planning zorg, rekening houdend met de

mogelijkheden en beperkingen van de zorgvrager, met als resultaat dat de verpleegkundige doelen

worden behaald.

Door het wisselende en chronische karakter van reuma zal de reumaverpleegkundige haar zorg in

overleg met de zorgvrager elke keer waar nodig bijstellen en gebruik maken van een dosis

creativiteit.

19


Dit betekent in concreet handelen en gedrag dat de reumaverpleegkundige:

• geheel of gedeeltelijk de zorg overneemt die de zorgvrager anders zelf zou hebben

uitgeoefend om in zijn persoonlijk functioneren te kunnen voorzien, waarbij zij creatief is in

haar zorgverlening als de situatie daarom vraagt

• het sociale netwerk van de zorgvrager betrekt bij de zorgverlening.

Competentie: Verpleegtechnisch handelen

Om onderzoek en behandeling van reuma te ondersteunen, verricht de reumaverpleegkundige

volgens voorschrift verpleegtechnische en diagnostische interventies, gebaseerd op gestelde

diagnoses en de te behalen resultaten, zodat de zorgvrager onderzoek en behandeling van reuma

ervaart als integraal onderdeel van de zorgverlening. Hiermee wordt gedoeld op zowel

voorbehouden, als op overige handelingen en verrichtingen die niet voorbehouden zijn maar wel

risicovol.

Dit betekent in concreet handelen en gedrag dat de reumaverpleegkundige:

• volgens voorschriften verpleegtechnische handelingen uitvoert voor haar eigen

diagnostische en therapeutische werkzaamheden en die van andere disciplines

• medicatie toedient

• probleemoplossend handelt bij complexe reumazorg, als gevolg van complicaties t.g.v.

ziekte, medicatie of plotseling afnemende ADL

• machtigingen aanvraagt t.b.v. hulpmiddelen en behandelingen

• vitale functies van de zorgvrager bewaakt.

F. Kerntaak: Begeleiden, informeren, instrueren en adviseren ter bevordering van

zelfmanagement

De reumaverpleegkundige richt zich op het bevorderen van kennis en inzicht van de zorgvrager,

waardoor diens eigen vermogen wordt vergroot. Informatie is algemeen van aard en kan gaan over

het uitvoeren van onderzoek en behandeling, de rechten en plichten van de zorgvrager, de functie

en de deskundigheid van andere disciplines. Bij adviseren gaat het om deskundige suggesties en

raad vanuit een individueel gerichte vraag.

Bij begeleiden gaat de reumaverpleegkundige in eerste instantie uit van een ondersteunende

benadering. Zij wordt tijdens haar poliklinisch spreekuur (vaak) geconfronteerd met zorgvragers en

hun naasten met tekorten in kennis- en vaardigheden, hetgeen misverstanden en een gevoel van

onzekerheid kan doen ontstaan. Deze misverstanden kunnen aanleiding geven tot

therapieontrouw. Voor naasten is het feit dat de zorgvrager een reumatische aandoening heeft niet

gemakkelijk. Vaak moeten zij dit zelf leren accepteren, terwijl zij tegelijkertijd voor de taak staan de

zorgvrager te ondersteunen en hem bij bepaalde activiteiten te ontlasten. Dit gevoel kan versterkt

worden als zij horen welke behandelingen de zorgvrager moet ondergaan. De kans bestaat dat ze in

hun rol als naasten te kort schieten (ineffectieve coping). De meeste interventies die de

reumaverpleegkundige uitvoert liggen dan ook op het psychosociale gebied.

Competentie

Om de kennis en het inzicht, het zelfmanagement en de onafhankelijkheid van de zorgvrager te

behouden en te bevorderen, begeleidt, informeert, instrueert en adviseert de

reumaverpleegkundige de zorgvrager bij/over diens behandeling en het verloop van zijn ziekte,

zodat de zorgvrager meer betrokken raakt bij zijn behandeling en meer controle heeft op de

voortgang daarin. Dit bevordert zijn autonomie, zelfmanagement en de kwaliteit van leven van de

zorgvrager en zijn naasten.

Dit betekent in concreet handelen en gedrag dat de reumaverpleegkundige:

• de zorgvrager en zijn naasten informeert, instrueert en adviseert over:

o de behandelingen

o medicatie

o de patiëntenrouting

o de rechten en plichten van een zorgvrager en zijn naasten

20


o de taak, functie en deskundigheid van de reumaverpleegkundige en wat men van

haar kan verwachten

o de taak, functie en deskundigheid van hulpverleners van andere disciplines

o het raadplegen van andere disciplines

o de mogelijkheid van een second opinion,

o de mogelijkheid van klachtenbehandeling

o lotgenotencontact en patiëntenvereniging

• advies en instructie geeft over praktische zaken zoals hulpverleningsmogelijkheden en

hulpmiddelen

• instructies geeft die leiden tot gedragsverandering

• gesprektechnieken en educatiemiddelen aanpast aan het niveau en verwerkingsproces van

de zorgvrager

• de omgeving van zorgvragers beïnvloedt, waardoor deze veiliger wordt

• een klimaat schept waarin preventie kan gedijen en gebruik maakt van

interventiemethoden die de zorgvrager stimuleren tot gewenst gedrag

• het sociale netwerk van zorgvragers met reuma begeleidt

• psychosociale zorg verleent bij het verwerken van de ziekte (verlieservaring) en daaruit

voortkomende problemen, het aanvaardingsproces en het aanpassingsproces. Dit kan

gedragverandering tot gevolg hebben, zoals: aanpassingen in de leefstijl, therapietrouw,

verbetering van keuzes die de gezondheid in stand houden

• zelfstandig een verpleegkundig spreekuur voert

• de zorgvrager begeleidt bij:

• het leggen en onderhouden van contacten

• het omgaan met de eigen beperkingen en mogelijkheden op het terrein van zelfzorg

gerelateerd aan de reumatische aandoening

• het sociaal functioneren met reuma

• de communicatie van een zorgvrager met derden ondersteunt of deze overneemt door te

fungeren als intermediair

• de zorgvrager en naasten doorverwijst naar andere hulpverleners van de eigen en andere

disciplines

• groepsprocessen met een therapeutisch karakter stuurt en begeleidt bij activiteiten en

interactie

• zorg draagt voor het leefklimaat en de samenstelling van de groep.

G. Kerntaak: Preventie en voorlichting geven

Bij preventie gaat het om het signaleren en voorkomen, dan wel het in een zo vroeg mogelijk

stadium aanpakken van gezondheid- of daaraan gerelateerde bestaansproblemen en de gevolgen

hiervan, ter voorkoming van erger. Bij voorlichting gaat het om informatieverschaffing over

specifieke onderwerpen om problemen te voorkomen en goede leefgewoonten te bevorderen. Dit

kan zowel groeps- als individueel gericht plaatsvinden.

Er wordt een onderscheid gemaakt tussen primaire preventie (voorkomen dat een gezondheid- of

daaraan gerelateerde bestaansproblemen ontstaat), secundaire preventie (opsporen van een

gezondheid- of daaraan gerelateerde bestaansprobleem in een vroeg stadium) en tertiaire

preventie (verbeteren van het functioneren en verminderen van het lijden van zorgvragers).

Competentie

Om risico’s voor de gezondheid en complicaties van onderzoek of behandeling te verminderen en

om verergering van bestaande of herhaling van eerder opgetreden gezondheidsproblemen te

voorkomen, past de reumaverpleegkundige primaire, secundaire en tertiaire preventie toe.

Dit betekent in concreet handelen en gedrag dat de reumaverpleegkundige:

• specifieke kenmerken van risicopopulaties, symptomen van en reacties op ziekten of

stoornissen kan signaleren en interpreteren, en op basis hiervan primaire preventie toepast

• vroegtijdig en pro-actief interventies uitvoert, waarbij zij keuze maakt uit verschillende

beïnvloedingsmethoden, zo mogelijk gebaseerd op wetenschappelijke inzichten

• een situatieanalyse maakt op basis waarvan besloten wordt dat GVO nodig is

21


• cursussen aan zorgvragers met een reumatische aandoening verzorgt. Daarbij gaat het om

kennis vergroten, vaardigheden verbeteren, de self-efficiency verhogen en de positieve

coping optimaliseren op het gebied van autonomie, leefregels, behoud of vergroten van de

lichamelijke conditie, hulpmiddelengebruik, omgaan met sociaal netwerk

• een passend G.V.O- model en voorlichtingsmaterialen (secundaire preventie) kiest

• op verzoek meewerkt aan landelijke of plaatselijke onderzoeksprogramma’s en een bijdrage

levert aan de uitvoering van deze programma’s. Daarbij werkt zij zonodig samen met

andere professionals, patiënten en patiëntenvoorlichters zoals, thuiszorg, GG&GD,

patiëntenverenigingen en het reumafonds

• op basis van een programmatische aanpak informatie, voorlichting en advies geeft aan

individuen en groepen met als doel om bij zorgvragers en diens naasten een gezonde

leefstijl te bevorderen.

H. Kerntaak: Coördineren

Hoewel de reumaverpleegkundige vaak een solofunctie bekleedt, werkt zij voor de continue

uitvoering van de zorg frequent samen met verzorgenden, basisverpleegkundigen, gespecialiseerd

verpleegkundigen (liaison, diabetes, decubitus, kinderen), praktijkverpleegkundigen,

reumaverpleegkundigen die werkzaam zijn in een andere setting en verpleegkundigen in de

thuiszorg.

Professionals van andere disciplines waarmee zij frequent samenwerkt zijn onder andere medisch

specialisten als reumatoloog, neuroloog, revalidatiearts en internisten. Daarnaast werkt zij onder

andere samen met apotheker, diëtist, laboranten, doktersassistent, ergotherapeut, fysiotherapeut,

geestelijke verzorging, huisarts, maatschappelijk werker, psycholoog, psychiater,

patiëntenvoorlichting, pedicure, orthopedisch schoenmaker en podotherapeut.

Verder heeft zij veelvuldig contact met instanties als medisch adviseurs bij

verzekeringsmaatschappijen, patiëntenverenigingen, inkoop firmanten en automatisering.

De reumaverpleegkundige zal niet altijd betrokken kunnen zijn bij de directe, individueel gerichte

uitvoering van zorg. Daarnaast is er het gegeven dat start en vervolg van zorg niet permanent in

één setting plaatsvindt. Uit oogpunt van kwaliteit van zorg is een goede verbinding en

communicatie tussen zorginstellingen (ziekenhuis, thuiszorg, verzorgingshuizen, enz.) van

essentieel belang.

Het realiseren van continuïteit in en coördinatie van reumazorg is een belangrijke graadmeter voor

de kwaliteit van de zorg en hierin vervult de reumaverpleegkundige een inhoudelijke regiefunctie.

Competentie

De reumaverpleegkundige coördineert de zorgverlening van alle betrokken disciplines, zodat de

zorgvrager continu, op elkaar afgestemde, multidisciplinaire en op zijn welzijn gerichte zorg

ontvangt.

Dit betekent in concreet handelen en gedrag dat de reumaverpleegkundige:

• samenwerkt, verwachtingen bespreekt en afstemming zoekt via besprekingen met

zorgvrager, collega’s, andere disciplines en eventueel relevante anderen uit zijn directe

omgeving

• ervoor zorgt dat de juiste activiteiten op het juiste moment door de juiste persoon worden

verricht

• overlap van activiteiten voorkomt

• contacten onderhoudt met andere disciplines voor de uniformiteit, continuïteit en

coördinatie van de (totale) verleende zorg

• een werkplanning maakt waarin zij prioriteiten benoemt

• ervoor zorgt dat de zorgvrager tijdig naar de juiste hulpverlener wordt doorverwezen

• de verleende zorg en gegeven adviezen vast legt in de eigen administratie/het

verpleegkundige dossier

• aan derden schriftelijk rapporteert over de verleende zorg

• voor de zorgvrager als casemanager in multidisciplinair verband optreedt (schakel binnen

de zorgketen)

22


• deel neemt aan samenwerkingsverbanden en netwerken, met beroepsgenoten en andere

deskundigen

• adequaat omgaat met feedback, waardering en kritiek, daarbij haar eigen mening geeft en

opkomt voor haar eigen positie

• als contactpersoon fungeert tussen relevante disciplines of instellingen

• op een proactieve wijze concrete aanwijzingen aan zorgvragers, naasten en zorgverleners

geeft over de mensen en middelen die aangewend moeten worden om de zorg te

realiseren.

I. Kerntaak: Evalueren van reumazorg

Het evalueren van reumazorg heeft betrekking op het beoordelen van de effecten ervan en op de

kwaliteit (zoals efficiëntie en effectiviteit) van de zorgverlening, de samenwerking met andere

disciplines en de tevredenheid van de zorgvrager over de organisatie van de zorg. Hierin wordt

onderscheid gemaakt in twee aandachtgebieden:

• het beoordelen van de effectiviteit van de reumazorg en deze op basis van concrete

praktijkervaringen actualiseren

• de toegepaste materialen en producten of groep van overeenkomstige producten op hun

effectiviteit (laten) beoordelen en op basis van concrete toepassingsgegevens het gebruik

ervan heroverwegen of producenten adviseren over verbeteringen.

De uitkomsten van deze evaluaties vormen de basis voor borging en bevordering van de kwaliteit

van reumazorg.

Met het verpleegplan – dat de diagnoses, resultaten en interventies omvat – als referentiekader,

gaat het vooral om het beoordelen van het effect van de verpleegkundige reumazorg. Deze

evaluaties kunnen aanleiding geven om het plan bij te stellen en om taken opnieuw te verdelen.

Bezien vanuit het totale zorgproces – dat zich binnen meerdere settings voltrekt - gaat het vooral

om het beoordelen van de continuïteit in zorgverlening, de samenwerking met andere disciplines

en de tevredenheid van de zorgvrager over de organisatie van de zorg. Deze evaluaties leveren

gegevens op voor maatregelen ter bevordering van de kwaliteit van de reumazorg zowel op

instellingsniveau als daarbuiten. Hierbij kan gedacht worden aan verdergaande

kwaliteitsverbetering op gebieden als gegevensverzameling, diagnosestelling, interventies en

samenwerking bij zorgverlening.

Competentie

Om overzicht te houden op het proces van zorgverlening en om de kwaliteit van de zorgverlening

te beoordelen, evalueert de reumaverpleegkundige (zowel tussentijds als na afloop) de effecten en

efficiëntie van de reumazorg aan de hand van het opgestelde verpleegplan, zodat de zorg optimaal

blijft afgestemd op de zorgvraag en een basis wordt verkregen voor verdergaande verbetering.

Dit betekent in concreet handelen en gedrag dat de reumaverpleegkundige:

• nagaat wat het effect is van de uitgevoerde verpleegkundige interventies, zowel tussentijds

als na afloop

• evaluatiecriteria, die gericht zijn op de reumazorg, toepast of nieuwe criteria opstelt

• tussentijdse en niet voorziene veranderingen signaleert en op basis hiervan het

verpleegplan bijstelt.

• rapporteert over de verleende zorg en zijn effecten in het daarvoor bestemde

patiëntendossier

• relevante gegevens rapporteert aan andere behandelende disciplines, bijvoorbeeld aan de

verpleegkundige betrokken bij de directe zorgverlening, zowel intramuraal, transmuraal als

extramuraal, de behandelende arts, de revalidatiearts, de diëtist, de maatschappelijk

werkende, de psycholoog, psychiater enz.

• de in de toekomst gewenste veranderingen in reumazorg inventariseert.

5.2 Professiegebonden taken

Context en opgaven

Registratie als verpleegkundige ex artikel 3 Wet BIG brengt impliciet de verplichting met zich mee

23


de eigen deskundigheid te behouden en verder te ontwikkelen. Dit vereist een permanente

investering van de reumaverpleegkundige om zich op de hoogte te houden van nieuwe

ontwikkelingen op haar vakgebied en deze toe te passen. Naast haar eigen ontplooiing als

professioneel beroepsbeoefenaar, levert zij een bijdrage aan de kwaliteit van de zorgverlening en

de professionalisering van het verpleegkundig beroep en in het bijzonder dat van de

reumaverpleegkundige.

De reumaverpleegkundige vertegenwoordigt een differentiatie in verpleegkundige

beroepsuitoefening en haar deskundigheid is gebaseerd op specifieke – op reumazorg gerichte –

kennis, vaardigheden en attituden. Het bestaan en voortbestaan als differentiatie impliceert tevens

dat bedoelde deskundigheid niet of in mindere mate aanwezig is bij niet-reumaverpleegkundigen.

Dit stelt de reumaverpleegkundige voor de opgave andere beroepsbeoefenaren die betrokken zijn

bij reumazorg te laten delen in haar deskundigheid.

A. Kerntaak: De deskundigheid in eigen beroepsmatig handelen en van collegae

bevorderen

Competentie: ontwikkeling eigen deskundigheid en die van de eigen beroepsgroep

De reumaverpleegkundige investeert in de ontwikkeling van haar eigen deskundigheid en werkt

actief mee aan de bevordering van de deskundigheid van de beroepsgroep, zodat de kwaliteit van

haar beroepsuitoefening als reumaverpleegkundige in overeenstemming blijft met de vraag en met

de ontwikkelingen in beroep en gezondheidszorg.

Dit betekent in concreet handelen en gedrag dat de reumaverpleegkundige:

• een leerhouding ontwikkelt en deze uitdraagt, wat tot uiting kan komen in:

o zelf leermogelijkheden zien en gebruiken

o reflectie op het eigen handelen

o zelf tekorten in kennis of vaardigheden aanvullen

• de leer- en ontwikkelingsbehoeften van reumaverpleegkundigen inventariseert en deze

inbrengt in het leer- en opleidingsbeleid van haar werkgever

• bij- en nascholingen volgt, bijvoorbeeld die van de beroepsvereniging

• congressen, symposia, klinische lessen en patiëntenbesprekingen bijwoont

• relevante Nederlandstalige en internationale vakliteratuur op het gebied van reumazorg e.d.

leest

• inhoudelijk bijdraagt aan scholing van collegae of stagiaires door het verzorgen van

klinische lessen, het houden van een presentatie en het schrijven van publicaties

• optreedt als werk- of praktijkbegeleider bij het inwerken van nieuwe collega’s en stagiaires

• de grenzen van de eigen deskundigheid hanteert en zo nodig consult vraagt

• zich kritisch opstelt

• meewerkt aan wetenschappelijk onderzoek en de toepassing van onderzoeksresultaten in

het beroepsmatig handelen

• eigen onderzoek verricht.

• participeert in regionale en landelijke netwerken

• lid is van de beroepsvereniging NVVVR.

Competentie: Deskundigheid van anderen bevorderen

De reumaverpleegkundige werkt actief mee aan de verspreiding van kennis en vaardigheden met

betrekking tot reumazorg, zodat de deskundigheid van andere hulp- en zorgverleners op het

gebied van reumazorg wordt bevorderd

Dit betekent in concreet handelen en gedrag dat de reumaverpleegkundige:

• relevante en praktisch bruikbare vakliteratuur beoordeelt en bespreekt om een zo groot

mogelijk kennisdraagvlak te bewerkstelligen

• actuele literatuur en informatie over de nieuwste ontwikkelingen op het vakgebied

verspreidt

• meewerkt aan intercollegiale ondersteuning door middel van lezingen en het schrijven van

publicaties, het organiseren van themabijeenkomsten en scholingen

24


• nieuwe ontwikkelingen en stromingen in het beroep en de beroepspraktijk aan de orde

stelt en deze zonodig implementeert

• hulp- en zorgverleners informeert en instrueert over toepassing van interventies - die

reumazorg ondersteunen - binnen hun eigen handelingscontext

• hulp- en zorgverleners informeert en instrueert over toepassing van materialen en

producten bij reumazorg binnen hun eigen handelingscontext.

B. Kerntaak: Consultatie

De reumaverpleegkundige treedt op als consulent en geeft inhoudelijke adviezen aan andere

hulpverleners, zoals verpleegkundigen, medici en paramedici, over hulp en zorgverlening aan

zorgvragers met een reumatische aandoening. Deze consulten zijn zowel zorgvragergebonden als

niet-zorgvragergebonden. Door het registreren van de aard van de consultaties kunnen

tekortkomingen en problemen in de zorgverlening worden opgespoord.

Competentie

Om de zorgverlening door andere medewerkers van eigen en andere disciplines te verbeteren

verleent de reumaverpleegkundige consulten, zodat de consultvrager de zorg kan voortzetten.

Dit betekent in concreet handelen en gedrag dat de reumaverpleegkundige:

• op verzoek van collega’s en medewerkers reumazorg verleent. Consulten kunnen

betrekking hebben op basiszorg (ADL) aan bijvoorbeeld verpleegkundig en verzorgend

personeel in verpleeghuizen en ziekenhuizen en andere disciplines, naasten en aan de

zorgvrager zelf

• consultvragen omzet in programma’s voor deskundigheidsbevordering, in richtlijnen en

protocollen.

C. Kerntaak: de kwaliteit van verpleegkundige reumazorg waarborgen en bevorderen

Gegevens uit de evaluaties van de daadwerkelijk verleende reumazorg vormen de basis voor

maatregelen ter borging en bevordering van de kwaliteit van de zorg. Dit heeft betrekking op

kwaliteit van reumazorg op het niveau van directe zorgverlening als ook op instellingsniveau.

Naast de zorg voor de individuele patiënt bevordert de reumaverpleegkundige eveneens de

kwaliteit van zorg voor de patiëntendoelgroep. Dit doet zij onder andere door op systematische

wijze knelpunten in de verpleegkundige zorgverlening op te sporen en aan de orde te stellen.

Daarnaast door het ontwikkelen en verspreiden van richtlijnen die evidence based zijn of, indien niet

aanwezig, op consensus over best practice. Zij werkt hierbij met vastgestelde kaders voor

richtlijnontwikkelingen en doet dit in instellingsverband, met beroepsgenoten in regionale of

landelijke beroepsverenigingen of met andere instanties.

Competentie

De reumaverpleegkundige participeert in het ontwerpen en uitvoeren van kwaliteitszorg op

afdelings- en instellingsniveau, zodat de kwaliteit van reumazorg wordt bewaakt en gewaarborgd

blijft

Dit betekent in concreet handelen en gedrag dat de reumaverpleegkundige:

• een bijdrage levert aan ontwikkeling en vaststelling van kwaliteitscriteria en standaarden, en

van meetinstrumenten

• gebruik maakt van verschillende instrumenten om de zorg aan zorgvragers te

standaardiseren en overdraagbaar te maken

• samenwerkt met kwaliteitsfunctionarissen

• deelneemt aan kwaliteitsgroepen met cliënten-, zorgvragers- en consumentenorganisaties

• meewerkt aan de invoering van uitgewerkte modellen voor kwaliteitsverbetering

• voorstellen formuleert ter verbetering van reumazorg op basis van evaluatiegegevens

• (kwaliteitszorg)projecten m.b.t. beleid voor reumazorg opzet, begeleidt en uitvoert

• voor de uitvoering van reumazorg werkwijzen, (standaard)procedures en criteria ontwikkelt

• het resultaat van de verandering aan de vooraf geformuleerde kwaliteitsnormen toetst.

25


D. Kerntaak: de beroepsuitoefening professionaliseren

Professionalisering heeft betrekking op het ontwikkelen van opvattingen over taken, houding en

verantwoordelijkheden van de verpleegkundige. De beroepsuitoefening wordt zo afgebakend van

andere disciplines. De reumaverpleegkundige ondersteunt hierbij de eigen beroepsorganisatie de

NVVVR en de regionale netwerken.

Om het beroep van reumaverpleegkundige te ontwikkelen tot een professie die aansluit bij de

maatschappelijke ontwikkeling, vervult ze een actieve rol in de relevante zorgvernieuwing.

Zorgvernieuwing vindt plaats door het oplossen van problemen. Problemen in de zorgverlening

kunnen op twee manieren door onderzoek worden ondersteund. Enerzijds kunnen ze vertaald

worden naar onderzoeksvragen en anderzijds kunnen reeds bestaande resultaten worden

toegepast om een probleem op te lossen. Het is een taak van de reumaverpleegkundige om haar

aandeel te leveren bij innovatie of zorgvernieuwing en bij de implementatie hiervan.

Competentie

De reumaverpleegkundige vervult een actieve rol in vernieuwing en verdergaande onderbouwing

van het beroep, zodat professionele beroepsuitoefening als reumaverpleegkundige in

overeenstemming blijft met de ontwikkelingen in maatschappij en gezondheidszorg

Dit betekent in concreet handelen en gedrag dat de reumaverpleegkundige:

• een bijdrage levert aan de ontwikkeling van de inhoud en organisatie van innovaties

• waakt over haar eigen functie - inhoud en uitvoering - en deze verder ontwikkelt

• een bijdrage levert aan de positie van de eigen beroepsgroep door te participeren in

netwerken van belangen en of beroepsgroepen

• lid is van de NVVVR

• bijdraagt aan relevante commissies binnen de beroepsorganisatie of vakgerelateerde

commissies binnen en buiten de eigen organisatie

• het vakgebied vertegenwoordigt en voordrachten houdt op congressen en symposia

• vragen uit de praktijk vertaalt naar relevante onderzoeksvragen

• een bijdrage levert aan de uitvoering van (verpleegkundig) wetenschappelijk onderzoek

• onderzoeksresultaten vertaalt naar de verpleegkundige praktijk en de opleiding

• vernieuwing op de werkvloer implementeert, bijvoorbeeld zorg dragen voor scholing van

medewerkers, aanpassen van werkprocessen, ontwerpen van nieuw voorlichtingsmateriaal

• via haar beroepsorganisatie:

o bijdragen levert aan de positieverbetering van de eigen beroepsgroep door te

participeren in netwerken van belangen- of beroepsorganisaties

o participeert bij de implementatie van nieuwe classificatiesystemen, standaarden en

modellen

o wet- en regelgeving in de beroepspraktijk en beroepsontwikkeling concreet maakt

o verpleegkundige adviesraden opzet en hieraan deelneemt

o invloed uitoefent op wet- en regelgeving

o overleg voert met ziektekostenverzekeraars.

5.3 Organisatiegebonden taken

Context en opgaven

Het beleid van de zorgorganisatie vormt het kader waarbinnen de reumaverpleegkundige haar zorg

verleent. Vanuit haar positie, eigen deskundigheid en verantwoordelijkheid vervult zij een

belangrijke rol in de bedrijfsvoering van haar eigen organisatie-eenheid, maar ook in die van

zorgeenheden waar reumazorg wordt verleend. Het beleid van de organisatie-eenheid heeft onder

andere betrekking op de omgang met de zorgvrager, de personele zorg en de registratie- en

rapportagesystemen. Het is van belang dat de reumaverpleegkundige hierbij betrokken is, omdat

deze beleidsonderdelen de voorwaarden voor haar beroepsuitoefening vormen.

Beheersmatig heeft ze een aantal voorwaardenscheppende taken. Het gaat bijvoorbeeld om het

adviseren op het gebied van materiaal, rekening houdend met budgettaire mogelijkheden.

Behandelplannen en zorgplannen die door een reumaverpleegkundige zijn opgesteld, zullen ook

door andere hulpverleners en binnen meerdere settings ten uitvoer worden gebracht. Continuïteit

26


in reumazorg is immers een maatstaf voor de kwaliteit ervan.

Voor de reumaverpleegkundige ligt hier de opgave om behandelmethoden en ondersteunende

maatregelen met betrekking tot reumazorg overdraagbaar te maken, zodat anderen dan zijzelf

reumazorg verlenen in overeenstemming met een standaard.

A. Kerntaak: Bijdragen aan het beleid m.b.t. reumazorg van de zorginstelling

Vanuit haar inhoudelijke deskundigheid levert de reumaverpleegkundige een bijdrage aan het

ontwikkelen, bijstellen, vaststellen en uitvoeren van beleid m.b.t reumazorg. Zij moet op de hoogte

blijven van nieuwe ontwikkelingen en van nieuwe producten (medicatie, voorlichtingsmateriaal) en

deze eventueel introduceren in de organisatie.

Competentie

Om de zorgvernieuwing gestalte te kunnen geven, ontwikkelt de reumaverpleegkundige

zorgbeleid met betrekking tot de zorgverlening aan de patiënt met een reumatische aandoening,

zodat de voorwaarden om zorg op een gewenst kwaliteitsniveau uit te kunnen voeren, aanwezig

zijn

Dit betekent in concreet handelen en gedrag dat de reumaverpleegkundige:

• beleid ontwikkelt vanuit gesignaleerde knelpunten in de organisatie-eenheid of instelling

• zorgvernieuwingen implementeert om uitvoering te geven aan het beleid, zoals

bijvoorbeeld het opzetten van een (poliklinisch) verpleegkundig spreekuur

• vanuit het nieuw ontwikkelende beleid betreffende de zorgverlening beleid ontwikkelt voor

de bijhorende nieuwe taken van verpleegkundigen en de daarvoor noodzakelijke scholing

en deskundigheidsbevordering.

B. Kerntaak: Bijdragen aan bedrijfsvoering en beheer van de organisatie-eenheid

De reumaverpleegkundige levert een bijdrage aan bedrijfsvoering en beheer van haar organisatieeenheid,

zodat deze als uitvalsbasis voor haar eigen functioneren zo efficiënt en effectief mogelijk

kan functioneren. Voorbeelden zijn aanschaf van informatiematerialen, literatuur en medicijnen.

Competentie

Dit betekent in concreet handelen en gedrag dat de reumaverpleegkundige:

• op effectieve en efficiënte wijze omgaat met materiele, financiële en personele middelen

van de organisatie-eenheid

• bureauactiviteiten uitvoert en geautomatiseerde registratie- en informatiesystemen kan

hanteren

• voorwaarden hanteert voor een goed werkklimaat

• een bijdrage levert aan de ontwikkeling van het beleid van de organisatie-eenheid

meedenkt en er uitvoering aan geeft

• signalen oppikt die kunnen leiden tot veranderingen

• oplossingsrichtingen formuleert voor dagelijkse problemen

• open staat voor ontwikkelingen binnen de organisatie

• de problemen omschrijft die worden ondervonden bij de uitvoering van de taken en

functies en mogelijke oorzaken daarvan

• haar eigen budget beheert.

C. Kerntaak: Samenwerken

Behalve de reumaverpleegkundige die intramuraal werkzaam is op een afdeling, werkt een

reumaverpleegkundige veelal solistisch. Daarom zal zij voor multidisciplinaire en transmurale zorg

samenwerkingsrelaties aangaan met andere beroepsgenoten, deskundigen en behandelaars om

afstemming te bereiken. Ook participeert ze in samenwerkingsverbanden en netwerken. Op

instellingsniveau betreft dit bijvoorbeeld GVO, op regionaal niveau innovatieprojecten en op

landelijk niveau werkt zij samen met het CBO en de AVVV aan de ontwikkeling van richtlijnen en

protocollen.

Competentie

27


Om continuïteit in de directe patiëntenzorg te realiseren en de zorg regionaal en landelijk op een

hoger niveau te tillen, gaat de reumaverpleegkundige samenwerkingsrelaties aan met eigen en

andere disciplines, zodat de kwaliteit van de gewenste (mono- en multidisciplinaire keten)

zorgverlening op een aanvaardbaar niveau plaatsvindt.

Dit betekent in concreet handelen en gedrag dat de reumaverpleegkundige:

• fungeert als contactpersoon tussen relevante disciplines of instellingen

o extramurale veld: binnen de thuiszorg wordt samengewerkt met

wijkverpleegkundigen,

o gespecialiseerde verpleegkundigen (collega’s of andere specialisaties)

verzorgenden en helpenden; verder met huisartsen, (in de huisartsenpraktijk)

praktijkondersteuners en doktersassistenten, reumatologen, revalidatieartsen,

internisten, fysiotherapeuten, ergotherapeuten, maatschappelijk werkenden,

psychologen en ARBO-diensten

o intramurale werkveld: samenwerking met basisverpleegkundigen, gespecialiseerd

o verpleegkundigen (collega’s of andere specialisaties en verpleegkundig specialisten

en nurse

o practitioners

o buiten de instelling met andere instanties, zoals:

- leveranciers van hulpmiddelen.

- revalidatiecentra, verpleeg- en verzorgingshuizen in verband met dagopvang

en het geven van consult aan verpleegkundigen en verzorgenden

- RIO in verband met indicatiestellingen voor thuiszorg, opname in verpleeghuisof

verzorgingshuis en aanpassingen of vervoersvoorzieningen in het kader van

de WVG.

- gemeenten of woningstichtingen in verband met huisvesting en aanpassing

van de woning

- ANGO en andere instanties in verband met aanvraag financiële vergoeding,

huisvesting en (extra) aanpassing

- Reumafonds en Reumapatiëntenbond

- farmaceutische industrie in verband met medicatie en voorlichtingsmaterialen

- opleidingsinstituten (ROC, Hogescholen en vervolgopleidingen) in verband met

het geven van (bij) scholing

- zorgverzekeraars in verband met hulpmiddelen en verstrekkingen

- GGZ instellingen

- ARBO-diensten, uitkeringsinstanties.

28


Bijlagen

Begrippenlijst

Format

beroepsdeelprofiel

Beroepsdeelprofiel

Verpleegkundige

beroepsstructuur

Niveau van

verpleegkundige

beroepsuitoefening

Deelgebied van

verpleegkundige

beroepsuitoefening

Differentiatie

Kerntaken

Kernopgaven

(Kern)competenties

Raamwerk met richtlijnen dat beroepsdeelprofielen voorziet van een

gestandaardiseerde basis.

Een verbijzondering van het verpleegkundig beroepsprofiel, gericht op

een expliciete beschrijving van verpleegkundige beroepsuitoefening,

verbonden aan een niveau en verbonden aan een welomschreven groep

zorgvragers.

Structuur van niveaus en deelgebieden in verpleegkundige

beroepsuitoefening.

Beroepsuitoefening geordend naar verpleegkundige bekwaamheid, die

parallel loopt met een groei in professionele beroepsuitoefening en met

beroepservaring. Een niveau in beroepsuitoefening is niet alleen

gekoppeld aan specialisatie in een bepaald type zorg.

Een te onderscheiden deel of terrein van verpleegkundige

beroepsuitoefening, op basis van een representatieve groepering van

zorgvragers. Dat wil zeggen een groepering van zorgvragers met eigen,

herkenbare en te generaliseren zorgvragen.

Een te onderscheiden vorm van verpleegkundige zorg aan specifieke

zorgvragers binnen een bepaald deelgebied op een bepaald niveau.

Sets van inhoudelijk samenhangende beroepsactiviteiten die door een

belangrijk deel van de verpleegkundigen worden uitgeoefend; dat wil

zeggen: zij weerspiegelen de kenmerkende werkzaamheden van de

verpleegkundige, geordend in logische volgorde van het beroep.

De opgaven of problemen waarmee een verpleegkundige regelmatig te

maken heeft, die kenmerkend zijn voor het beroep en waarbij van de

verpleegkundige een oplossing en een aanpak wordt verwacht.

Dergelijke problemen stellen de verpleegkundige voor keuzes of

dilemma's en zijn daarmee complex van aard.

De vermogens van een verpleegkundige om kernopgaven in

beroepsuitoefening op een adequate, proces- en productgerichte wijze

aan te kunnen pakken.

Lijst van gebruikte afkortingen

ADL

AIV

ANGO

ARBO

AVVV

CBO

DAS

GGD

GGZ

GVO

HAQ

HDL

NIZW

NVR

NVVVR

Algemene dagelijkse Levensverrichtingen

Advies, Instructie en Voorlichting

Algemeen Nederlands Gehandicapten Organisatie

Arbeidsomstandigheden

Algemene Vergadering voor Verpleegkundigen en Verzorgenden

Centraal Begeleidingsorgaan voor Intercollegiale Toetsing

Disease activity score

Gemeentelijke Gezondheidsdienst

Geestelijke Gezondheidszorg

Gezondheidsvoorlichting en Opvoeding

Health assesment questionairy

Huishoudelijke dagelijkse levensverrichtingen

Nederlands instituut voor zorg en welzijn

Nederlandse Vereniging voor Reumatologie

Nederlandse Vereniging voor Verpleegkundigen en Verzorgenden in de Reumatologie

29


RIO

ROC

STG

VAS

WVG

Regionaal Indicatie Orgaan

Regionaal Opleidingscentrum

Stichting toekomstscenario’s Gezondheidszorg

Visual analoge scale

Wet Voorzieningen Gehandicapten

Geraadpleegde literatuur

AVVV (2002), Format Beroepsdeelprofielen. Utrecht: AVVV.

Coumou, F.E. (et al) (2003), Taakverschuiving van reumatoloog naar reumaverpleegkundige.

Eindrapport LEVV. Leiden.

Elberse, W.P. (et al) (1992), Reumaconsulenten in Nederland. Utrecht.

Leistra, E. (et al) (1999), Beroepsprofiel van de verpleegkundige. Maarssen/Utrecht.

Lindert, H. van (et al) (2001), Wat vinden patiënten met een reumatische aandoening belangrijk in de

gezondheidszorg? De verlanglijst van reumapatiënten. Utrecht.

NVVVR (1995), Functieprofiel reumaverpleegkundige. Utrecht: NVVVR.

NVVVR (2002), Functieprofiel verpleegkundig reumaconsulen. Utrecht: NVVVR.

Pool, A. (et al) (2001), De steen de berg op rollen. Theorie en praktijk van verpleegkundige

psychosociale zorg aan chronisch zieken. Utrecht: NIZW.

Pool, A. (et al). (2001), Met het oog op de Toekomst, Beroepscompetenties van hboverpleegkundigen.

Utrecht: NIZW .

Pool, J. en A. Pool (1998), Verpleegkundige psychosociale zorg aan chronisch zieken. Utrecht: NIZW.

Projectgroep Beroepen in Beweging (2000), Gezondheidszorgberoepen in beweging,

Onderzoeksrapport.

Projectvoorstel Transmuraal Verpleegkundig Specialist Reuma regio Utrecht (1996). Utrecht.

Reumafonds (1998). Reuma, u weet het pas: Reumatoïde Artritis. Amsterdam: Reumafonds.

Stichting Toekomstscenario’s Gezondheidszorg (2000). Zoetermeer.

Opstellers beroepsdeelprofiel

Dit beroepsdeelprofiel is tot stand gekomen binnen het kader van het programma

Beroepsontwikkeling van de Algemene Vergadering Verpleegkundigen en Verzorgenden (AVVV).

Het is samengesteld door de ontwikkelgroep Beroepsdeelprofiel Reumaverpleegkundige,

bestaande uit vertegenwoordigers van de Nederlandse Vereniging van Verpleegkundigen en

Verzorgenden in de Reumatologie (NVVVR).

Jacqueline Deenen, verpleegkundig reumaconsulent, Universitair Medisch Centrum Nijmegen St.

Radboud.

Ilona IJpelaar, reumaverpleegkundige, Erasmus Medisch Centrum, centrumlocatie, Rotterdam.

Trees Koeneman, reumaverpleegkundige, Thuiszorg Stad Utrecht

Antoinet Verborg, verpleegkundig reumaconsulent, ziekenhuis Rijnstate, Arnhem

30

More magazines by this user
Similar magazines