Download het document.

kcco.nl

Download het document.

Bots 12 | Vrijwilligerswerk


Bots 12 | Vrijwilligerswerk

12.1

Veel jongeren met een beperking zitten thuis met een Wajong- of een WWB-uitkering. De meesten zijn na de

claimbeoordeling van de Wajong volledig en duurzaam arbeidsongeschikt verklaard. Een aantal heeft geen

Wajonguitkering aangevraagd en belandde al snel in de bijstand. Een aantal kwam niet voor de Wajong in

aanmerking, maar hebben, vanwege hun beperkingen, nog niet eerder gewerkt of lange tijd niet gewerkt.

Na een paar jaar willen de meesten hun geluk beproeven op de arbeidsmarkt. Anderen worden verplicht aan

een traject naar werk te beginnen. Over het algemeen wordt eerst het instrument ‘sociale activering’ ingezet.

Een korte periode waarin de basale vaardigheden, die nodig zijn om aan het werk te gaan, worden getraind.

Het kan daarbij gaan om op tijd opstaan en proper gewassen en gekleed op een werkplek verschijnen. Het kan

gaan om het overwinnen van angsten en weerstand. Het kan gaan om een bepaald niveau van communicatie te

bereiken. Er worden zowel in het reguliere bedrijfsleven als in dagactiviteitencentra en sociale werkvoorziening

‘werkplekken’ gecreëerd, waar deze jongeren voor een tijdje kunnen oefenen met werken. Het wordt veelal

‘vrijwilligerswerk’ genoemd. Er is eigenlijk niets vrijwilligs aan. Op zich zou het niet erg zijn als het toch zo

genoemd wordt, maar verzekeringstechnisch kan het grote problemen opleveren.

Casus

Marleen heeft fybromyalgie, al vanaf haar schooltijd. Ze viel uit op haar zestiende jaar. Een aantal jaren is

zij, met weinig succes, actief behandeld in het medisch circuit. Op haar achttiende is een Wajonguitkering

aangevraagd. Omdat haar klachten niet medisch objectiveerbaar waren, fybromyalgie werd door het UWV

een moeilijk objectiveerbare aandoening genoemd, heeft zij geen Wajonguitkering gekregen. Op haar

22e jaar is zij zelfstandig gaan wonen en geniet vanaf dat moment een bijstandsuitkering. Op dit moment

is zij 29 jaar. De gemeente heeft erop aangedrongen dat zij nogmaals een aanvraag bij het UWV doet

voor een Wajonguitkering. Voor ondersteuning bij de aanvraag is zij verwezen naar MEE. Intussen wil de

gemeente wel dat zij weer aan het werk probeert te komen. Zij moet vrijwilligerswerk gaan doen voor

vier ochtenden in de week. Ze kan daarvoor terecht bij een kwekerij. Na een paar weken laat Marleen, bij

het verlaten van een plantenkas, een kistje met aardewerken potten op de motorkap van de auto van een

bezoekende klant vallen. De schade is aanzienlijk, butsen en krassen. De eigenaar van de kwekerij draagt

Marleen op de schade bij haar WA-verzekering te melden. Haar verzekeringsmaatschappij legt de claim

terug. De werkgever wordt aansprakelijk geacht. De kweker wil dat niet accepteren. Hij is immers haar

werkgever niet. Om dat te onderstrepen overhandigt hij de overeenkomst die hij met de gemeente heeft

gesloten voor Marleen. Het gaat hier om en stagecontract, maar de gemeente noemt het vrijwilligerswerk.

Iedereen wijst naar iedereen om de schade te vergoeden. Niemand lijkt te weten hoe het nu echt zit.

12.2

Wetgeving

In geval van schade en aansprakelijkheid gaat het er niet zozeer om wat er boven een overeenkomst

wordt gezet, maar wat de feitelijke situatie is. Er worden overeenkomsten gesloten met titels als

vrijwilligerscontract, stageovereenkomst of leerwerkovereenkomst. In de meeste gevallen gaat het niet om

stage of vrijwilligerswerk, maar om onbetaalde arbeid. De essentie van de verhouding tussen degene die

werk laat verrichten en degene die het werk verricht is de hiërarchische verhouding. De wetgever heeft dat

vastgelegd in het Burgerlijk Wetboek (artikel 658 lid 4). We zien overigens in de Ziektewet (artikel 4 lid 1 sub

g), dat mensen zonder dienstverband daar ook niet uitgesloten worden.

Burgerlijk Wetboek

Artikel 658

1. De werkgever is verplicht de lokalen, werktuigen en gereedschappen waarin of waarmee hij de arbeid

doet verrichten, op zodanige wijze in te richten en te onderhouden alsmede voor het verrichten van de

arbeid zodanige maatregelen te treffen en aanwijzingen te verstrekken als redelijkerwijs nodig is om

te voorkomen dat de werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden schade lijdt.

2. De werkgever is jegens de werknemer aansprakelijk voor de schade die de werknemer in de uitoefening

van zijn werkzaamheden lijdt, tenzij hij aantoont dat hij de in lid 1 genoemde verplichtingen is

nagekomen of dat de schade in belangrijke mate het gevolg is van opzet of bewuste roekeloosheid

van de werknemer.

3. Van de leden 1 en 2 en van hetgeen titel 3 van Boek 6, bepaalt over de aansprakelijkheid van de

werkgever kan niet ten nadele van de werknemer worden afgeweken.

4. Hij die in de uitoefening van zijn beroep of bedrijf arbeid laat verrichten door een persoon met wie

1


hij geen arbeidsovereenkomst heeft, is overeenkomstig de leden 1 tot en met 3 aansprakelijk voor de

schade die deze persoon in de uitoefening van zijn werkzaamheden lijdt. De kantonrechter is bevoegd

kennis te nemen van vorderingen op grond van de eerste zin van dit lid.

Ziektewet

Artikel 4

1. Als dienstbetrekking wordt mede beschouwd de arbeidsverhouding van:

a. degene die anders dan als zelfstandige en anders dan als thuiswerker, ingevolge een overeenkomst tot

aanneming van werk als bedoeld in artikel 750 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek persoonlijk een

werk tot stand brengt;

b. degene die de onder a bedoelde persoon bij het tot stand brengen van dat werk bijstaat;

c. degene die krachtens overeenkomst met een ander tegen beloning geregeld zijn bemiddeling verleent

tot het tot stand komen van overeenkomsten tussen daartoe door hem te bezoeken personen en die

ander, mits hij de bedoelde bemiddeling uitsluitend voor die ander verleent, het verlenen van die

bemiddeling niet een voor hem bijkomstige werkzaamheid is en hij zich daarbij doorgaans niet door

meer dan twee andere personen laat bijstaan;

d. degene die krachtens overeenkomst met een ander tegen beloning geregeld zijn bemiddeling verleent

tot het tot stand komen van overeenkomsten tussen daartoe door hem te bezoeken personen en een

opdrachtgever van die ander, mits hij de bedoelde bemiddeling uitsluitend voor die ander verleent,

het verlenen van die bemiddeling niet een voor hem bijkomstige werkzaamheid is en hij zich daarbij

doorgaans niet door meer dan twee andere personen laat bijstaan;

e. vervallen;

f. degene die als lid van de bemanning van een vissersvaartuig aanspraak heeft op een aandeel in de

besomming, tenzij hij:

1º. als zodanig tegen geldelijke gevolgen van arbeidsongeschiktheid verzekerd is bij het Sociaal Fonds

voor de Maatschapsvisserij; of

2º. exploitant of mede-exploitant van het vaartuig is;

g. degene die werkzaam is om vakbekwaamheid te verwerven, onder wie mede wordt begrepen degene

die als leerling van een instelling van onderwijs praktisch werkzaam is, alsmede degene die aan een

bedrijfsschool opleiding ontvangt, één en ander indien een beloning wordt genoten die niet uitsluitend

bestaat in het ontvangen van onderricht.

12.3

Analyse

Het is bedroevend hoe weinig er bekend is over aansprakelijkheid en verzekeringen bij uitvoerders en

dienstverleners die betrokken zijn bij arbeidstrajecten. Het verschil tussen aansprakelijkheid bij vrijwilligerswerk

en onbetaalde arbeid is daar maar een voorbeeld van. Vrijwilligerswerk kenmerkt zich door het ontbreken van

een hiërarchische structuur. Niet dat vrijwilligerswerk vrijblijvend is, maar je bepaalt zelf of je het gaat doen,

op welke tijden en voor hoe lang. Als je eens geen tijd hebt meld je je zonder consequenties (graag wel op

tijd) af. De trajecten die door gemeente en UWV worden ingezet hebben niets in zich van vrijwilligheid. Er

is een verplichting om aanwezig te zijn en taken te verrichten. Er is een hierarchische structuur in de vorm

van een werkgever (de werkplekverlener) en een werknemer (de cliënt in het traject). In een opleiding aan

gemeenteambtenaren werd eens door een deelnemer gezegd: “Bij ons zijn zij (bijstandsgerechtigden) verplicht

om vrijwilligerswerk te doen. Bij weigering wordt hun uitkering gekort.” Niemand van de deelnemers viel het

op dat er eigenlijk iets raars werd gezegd.

Vrijwilligersorganisaties sluiten voor eventuele schade door de vrijwilliger aangebracht, een verzekering af.

De verzekering van de vrijwilliger komt meestal tot betaling van een deel van de schadevergoeding, de verzekering

van de vrijwilligersorganisatie voorziet in de resterende schade. Bij scholen die stagiaires hebben is

het vrijwel hetzelfde. De school is meestal verzekerd voor het bedrag dat niet gedekt wordt door de schadeverzekering

van de stageverlener en de stagiair. Toch is het in het geval van een stagiair hetzelfde aan de orde

als bij Marleen uit de casus: de stageverlener, werkplekverlener, eigenaar van de kwekerij in dit geval is volgens

het Burgerlijk Wetboek aansprakelijk. In veel contracten die we onder ogen krijgen van reïntegratiebedrijven en

begeleidingorganisaties, zien we dat de ‘werkgever’ erop gewezen wordt dat hij verzekerd dient te zijn voor de

schade die zijn werknemer, ook als het gaat om onbetaald werk, veroorzaakt. Dat is niet genoeg. De werkgever

is natuurlijk verzekerd voor de mensen die op zijn loonlijst staan. Heeft hij de onbetaalde werkkracht niet apart

aangemeld, dan kan het zijn dat zijn verzekering niet tot uitbetaling komt. En dan zitten we weer in een situatie

als bij Marleen. De voorlichting aan werkgever/werkverleners moet kwalitatief verbeteren. Zolang werkgevers de

dupe kunnen worden van hun bereidheid om moeilijk plaatsbare mensen een kans te geven zullen zij zich niet in

groten getale aanbieden.

2


12.4

Oplossingsrichting

Het woord ‘vrijwilligerswerk’ uitbannen uit de terminologie van de arbeidsmarkt. Het is onbetaald werk, dus

laten we het ook zo noemen. De voorlichting aan werkgevers moet eenduidig en juist zijn. Niet alleen de

voordelen als no riskpolis en premiekorting moeten genoemd worden, maar ook de risico’s als bedrijfsongevallen

en schade. Een werkgever van een papierfabriek met grote snijmachines moet weten welk risico hij loopt als hij

een werknemer met spasmen als werknemer of stagiair laat werken. Een werkgever in de bouw moet weten

hoe het met prikkels zit van zijn autistische werknemer als radio 538 luidkeels over de steigers giert. Om deze

informatie adequaat te kunnen geven is het belangrijk dat uitvoerders en dienstverleners zelf deskundig zijn.

Daar ontbreekt het aan. Niet alleen over risicoanalyse, verzekeringen en schade is de kennis gering, ook over

ziektespecifi eke kenmerken van de cliënt die geplaatst wordt weet de verantwoordelijke trajectbegeleider/

jobcoach veel te weinig. Er zou op dit gebied meer gedaan moeten worden aan deskundigheidsbevordering

en voorlichting. Het zou goed zijn als een commissie van wijze mensen op een breed terrein (verzekeringen,

schade, ziektespecifi eke kenmerken, onderwijs, brancheorganisatie reïntegratie) zou komen met adviezen en

handzame voorbeeldcontracten. Zo kan worden voorkomen dat we straks, als steeds meer mensen met een

beperking aan het werk gaan, onnodig verzeild raken in procedures over schuldige nalatigheid bij ongevallen en

schade.

3

More magazines by this user
Similar magazines