Internationale Vereniging voor Neerlandistiek (IVN)

ivnnl.com

Internationale Vereniging voor Neerlandistiek (IVN)

Internationale Vereniging voor Neerlandistiek (IVN)

MEERJARENPLAN 2007-2011

1. Inleiding

De Internationale Vereniging voor Neerlandistiek (IVN) is een vereniging van docenten

Nederlands aan universiteiten buiten het Nederlandse taalgebied. Universitaire docenten

Nederlands binnen het taalgebied kunnen zich als buitengewoon lid bij de IVN aansluiten net

zoals docenten neerlandistiek die buiten het taalgebied werkzaam zijn aan niet-universitaire

instellingen. De IVN bestaat sinds 1970 en telt op dit moment zo'n 500 leden. Het bestuur

bestaat uit hoogleraren en docenten neerlandistiek aan buitenlandse universiteiten en uit

hoogleraren en docenten neerlandistiek uit Nederland en Vlaanderen die samenwerken met

buitenlandse instellingen.

Dit meerjarenplan geeft een schets van datgene wat er tot nu toe tot stand is gebracht en een

omschrijving van die projecten die het bestuur in de periode 2007-2011 van plan is uit te

voeren indien de algemene ledenvergadering van 25 augustus 2006 te Gent daarmee instemt

én er voldoende financiële steun gevonden kan worden. Dit plan leunt sterk op de resultaten

van de enquête die in het voorjaar van 2006 is uitgevoerd onder de docenten aan extramurale

universiteiten. 1

2. Doelstellingen

De vertaling in actiepunten van de algemene doelstelling van de IVN, die is neergelegd in

artikel 3 en 4 van de statuten, levert de sleutelwoorden BEVORDEREN, VERLENEN,

AANBIEDEN op. 2 De kerntaak van de vereniging bestaat uit het bevorderen van het

wetenschappelijk onderwijs en onderzoek op het gebied van de Nederlandse taal en cultuur

buiten het Nederlands taalgebied (zie § 3). Uit deze kerntaak vloeit rechtstreeks voort het

verlenen van diensten aan docenten/onderzoekers die werkzaam zijn op het gebied van de

Nederlandse taal en cultuur buiten het Nederlands taalgebied (zie § 4). De vereniging biedt

ten slotte logistieke en inhoudelijke know-how aan derden aan, voorzover dezen voornoemde

actiepunten onderschrijven (zie § 5).

3. De wetenschappelijke missie van de IVN

De wetenschappelijke missie van de IVN uit zich concreet op drie manieren: via het

wetenschappelijk tijdschrift Neerlandica Extra Muros, het driejaarlijkse colloquium en het

1 Deze enquête geeft een respons te zien van 83 (14%) met een spreiding over 23 landen.

2 Artikel 3 en enkele onderdelen van artikel 4 zijn in de statutenherziening van 20 juni 1989 aangepast.

De oorspronkelijke notariële vastlegging dateert van 27 december 1979.

1


Internationale Vereniging voor Neerlandistiek (IVN)

boek dat naar aanleiding van het colloquium gepubliceerd wordt. Deze drie projecten, die tot

de kerntaken behoren, vallen volledig onder de verantwoordelijkheid van de vereniging en

worden uitgevoerd door de betreffende commissies, zonder tussenkomst van derden. (cf. § 8).

Een uitzondering vormt hierop punt 2 onder § 3.4.

3.1. Neerlandica Extra Muros: een terugblik

Neerlandica Extra Muros (hierna: NEM), het wetenschappelijk tijdschrift van de IVN,

verschijnt met drie afleveringen per jaar in een oplage van 700 exemplaren. In 2006 is de 44 ste

jaargang ingegaan. NEM heeft zich in de loop der jaren geprofileerd als een wetenschappelijk

blad dat zich in het bijzonder richt op de wetenschappelijke ontwikkelingen in de extramurale

neerlandistiek en op de nieuwe vakliteratuur. In de redactieraad zijn de diverse extramurale

regio’s vertegenwoordigd. Omdat ook de intramurale neerlandistiek aan bod komt, ligt een

van de sterke punten van het tijdschrift in het stimuleren van de dialoog tussen beide

werkterreinen, zoals ook uit voornoemde enquête blijkt.

NEM bevat artikelen, kronieken en boekbesprekingen. Drie van de zes kronieken zijn via de

IVN-site ook digitaal beschikbaar: de kroniek van het Nederlands voor anderstaligen, de

kroniek van de taalkunde en de kroniek Cultuur en maatschappij. De digitale Basisboekenlijst

voorziet via boektitels doorschakelingen naar besprekingen uit deze kronieken (cf. § 4.3.). Uit

de reacties in de enquête blijkt dat de docenten in het bijzonder de kronieken, de boekbesprekingen

en de rubrieken waarin actuele vakpublicaties en recente ontwikkelingen in het

wetenschappelijk onderzoek ter sprake komen erg op prijs stellen. Het Register van veertig

jaargangen NEM is sinds begin 2003 via de site te raadplegen.

3.2. NEM: een vooruitblik

De IVN zal met NEM op de ingeslagen weg verder gaan. De divergerende en vernieuwende

ontwikkelingen uit de extramurale neerlandistiek (met accenten op de interculturele en

contrastieve aspecten van het onderzoek, nieuwe technologieën in de vakbeoefeningen)

zullen blijvend grote aandacht krijgen. De resultaten van de enquête geven aan dat meer dan

twee derde van de docenten NEM zowel leest voor hun onderwijs als voor hun onderzoek.

Dit betekent dat de IVN de redactionele lijn zal voortzetten waarbij wetenschappelijke

diepgang gepaard gaat met toegankelijkheid.

In samenwerking met het Steunpunt Nederlands als vreemde taal zal verder gestreefd worden

naar optimale digitale presentatie van de kronieken. In overleg met de uitgever wordt gewerkt

aan een aanwezigheid van NEM op internet.

2


Internationale Vereniging voor Neerlandistiek (IVN)

3.3. Het Colloquium: een terugblik

Het driejaarlijkse IVN-colloquium wordt afwisselend aan een Nederlandse en Vlaamse

universiteit georganiseerd. Gemiddeld nemen 200 extramurale en 100 intramurale docenten

deel. Het colloquium dient twee belangrijke doelstellingen:

(1) het accent ligt op de wetenschappelijke dimensie: informatieverstrekking, presentatie van

projectvoorstellen, discussie over wetenschappelijke ontwikkelingen en rapportering van

lopend onderzoek. Zoals uit de laatste colloquiumbundel blijkt, is de internationale

invalshoek van de extramurale neerlandistiek voor een niet onaanzienlijk deel complementair

ten opzichte van de neerlandistiek in Nederland en Vlaanderen (Gelderblom et al. 2004). De

enquête geeft bovendien aan dat deze wetenschappelijke dimensie zowel de onderwijs- als

onderzoeksopdracht van de deelnemende docenten ten dienste staat;

(2) het colloquium is voor vele deelnemers een uitgelezen kans om zowel sociale als

wetenschappelijke contacten aan te knopen met extra- en intramurale neerlandici, ervaringen

uit te wisselen en nieuwe ideeën op te doen.

3.4. Het Colloquium: een vooruitblik

Uit de enquête blijkt dat de waardering voor het driejaarlijkse colloquium in zijn huidige

vorm erg groot is en dat geldt ook de ontwikkeling die het colloquium heeft doorgemaakt.

In de toekomst zal in het bijzonder op volgende aspecten worden gelet:

1. indien mogelijk zal er nog meer aandacht uitgaan naar het specifieke extramurale

onderzoek (contrastieve grammatica, taalonderwijs aan anderstaligen, contrasterend receptieen

canononderzoek; interculturele ontwikkelingen…);

2. er zal nagegaan worden of het mogelijk is follow ups van het colloquium te organiseren in

die zin dat subthema’s en discussiefora van het grote colloquium de aanzet vormen voor

kleinere, specifieke, thematisch ingerichte seminars, workshops, of andere vormen die

regionaal of interregionaal (zie nieuwe projecten) worden opgezet. De rol van de vereniging

kan daarbij twee vormen aannemen: of de IVN werkt samen met derden, of de IVN fungeert

als makelaar tussen samenwerkende instanties.

3.5. De colloquiumpublicatie: een terugblik

Het boek dat naar aanleiding van het Colloquium wordt uitgegeven bevat een kwalitatieve

selectie van de bijdragen en werd telkens kort na het colloquium gepubliceerd. Het zijn in

strikte zin geen Handelingen meer. De oplage bedraagt 700 exemplaren, de bundels bevatten

gemiddeld 30 à 35 bijdragen, zowel extramurale als intramurale. De leden ontvangen een

gratis exemplaar. Niet-leden kunnen een exemplaar bestellen tegen het bedrag van 18 euro.

3


Internationale Vereniging voor Neerlandistiek (IVN)

3.6. De colloquiumpublicatie: een vooruitblik

De enquête geeft aan dat de tevredenheid met de kwalitatieve selectie van de bijdragen groot

is. Bovendien blijkt dat meer dan drie kwart van de leden prijs stelt op een papieren uitgave.

Een beperkter bereik van een onlineversie en problemen met de toegankelijkheid van e-

uitgaven bepalen deze keuze. De IVN zal de ingeslagen weg verder volgen, daarin gesteund

door grote zusterorganisaties zoals bij voorbeeld de IVG, die bewust kiezen voor een

papieren uitgave, omdat deze evident meer prestige heeft.

Er zijn inmiddels afspraken gemaakt met de Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse

Letteren (DBNL) over de digitalisering van de Handelingen. In de loop van de komende jaren

zal de DBNL alle Handelingen opnemen in haar site. Vanzelfsprekend zullen er links zijn

naar bij voorbeeld de IVN-site en er zal ook informatie worden opgenomen over de IVN

binnen de DBNL-site.

3.7. Nieuwe projecten

De IVN stelt voor een aantal nieuwe projecten te lanceren. De uitvoering ervan is in hoge

mate afhankelijk van de bereidwilligheid van subsidiënten de projectaanvragen financieel te

honoreren.

3.7.1. Onderzoeksbegeleiding

De IVN begint binnenkort met het opzetten van het project Onderzoeksbegeleiding. Daarin

worden (jonge) extramurale onderzoekers die in hun eigen universiteit geen specialistische

neerlandistische begeleiding kunnen krijgen, in contact gebracht met gekwalificeerde intra- of

extramurale begeleiders. De bedoeling is dat deze contacten enerzijds uitmonden in

systematische elektronische begeleiding en anderzijds in de aanbieding van een of twee

methodologische seminars per jaar, waar onderzoekers en begeleiders elkaar ontmoeten. Een

noodzakelijke basis hierbij is de formele erkenning door de universiteiten van onderzoeker en

begeleider, en een onderlinge verrekening van de geleverde inspanningen. Uit de enquête

blijkt dat vrijwel alle respondenten positief staan tegenover dit project. De vereniging vervult

hier de rol van makelaar: het met elkaar in contact brengen van de partijen die voor de vraag

en voor het aanbod staan en het organiseren van de bijeenkomsten.

3.7.2. Onlinelijst masterscripties

Ter verruiming van de kennisuitwisseling tussen de extramurale onderzoekers wil de IVN een

onlinelijst van voltooide masterscripties samenstellen. Die lijst kan de extramurale

wetenschappelijke bedrijvigheid beter zichtbaar maken en de uitstraling van de vakgroepen

verbeteren. Extramurale studenten krijgen hierdoor de mogelijkheid om hun werk te

4


Internationale Vereniging voor Neerlandistiek (IVN)

vergelijken met dat van collega’s in andere landen, wat bijdraagt aan een helder beeld van de

breed gedragen discipline waarin ze studeren. De vereniging ziet zich hier in eerste instantie

in een makelaarsrol, want lokaal zullen vakgroepen gestimuleerd moeten worden

voornoemde bestanden aan te leggen. In tweede instantie is de vereniging echter tevens

uitvoerder als het gaat om het samenvoegen, structureren en presenteren van de diverse lokale

bestanden.

3.7.3. Literaire en culturele canon

De IVN wil een project beginnen om de verschillen en overeenkomsten te inventariseren

tussen de intramurale en de extramurale wetenschappelijke praktijk op het gebied van de

gehanteerde literaire en culturele canon. Een dergelijke inventarisatie kan de blik scherpen op

het literaire en culturele onderwijs extra muros, en daardoor leiden tot verbetering. De

uitvoering van het project zal door derden verzorgd worden. De vereniging is hier dus

makelaar tussen verschillende personen en/of instanties.

4. De dienstverlenende missie van de IVN

De dienstverlenende missie van de IVN neemt twee vormen aan: elektronische en papieren

publicaties. We onderscheiden de Lijst van docenten in de neerlandistiek aan extramurale

universiteiten en ledenlijst IVN, Wie en wat in de neerlandistiek in Nederland en België, de

Basisboekenlijst, de IVN-krant, de Vacaturebank en een categorie Diversen. Voor al deze

projecten geldt dat de vereniging in principe niet alleen uitvoerder is, maar tevens de

volledige verantwoordelijkheid draagt. De verschillende in deze paragraaf genoemde

projecten vloeien immers rechtstreeks voort uit de eerder genoemde kerntaken (cf. § 3.). Dit

neemt echter niet weg dat ze, indien nodig, op sommige punten de mogelijkheid tot

samenwerking met derden zal onderzoeken (§ 4.6. en § 4.10.) dan wel dergelijke

samenwerking continueren (cf. § 4.7.).

4.1. De Docentenlijst: een terugblik

De Lijst van docenten in de neerlandistiek aan extramurale universiteiten en ledenlijst IVN

geeft een uitputtend overzicht van de afdelingen Nederlands aan universiteiten buiten het

taalgebied. Het bevat tevens een lijst van leden, buitengewone leden en donateurs. In 2005

rolde de nieuwste papieren editie van de Lijst van docenten in de neerlandistiek aan

extramurale universiteiten en ledenlijst IVN van de pers (234 pagina’s), dankzij een subsidie

van de Nederlandse Taalunie. Tevens werd het digitale bestand, dat geraadpleegd kan worden

via de IVN-site, regelmatig bijgewerkt aan de hand van actuele informatie. De Lijst werd

gratis verstrekt aan de leden en wordt verkocht aan belangstellenden voor 18 euro.

5


Internationale Vereniging voor Neerlandistiek (IVN)

4.2. De Docentenlijst: een vooruitblik

Aangezien de hierboven genoemde enquête aangeeft dat 99% van de ondervraagden van

mening is dat de Lijst in een behoefte voorziet, gaat de IVN door met dit project. Het veld

geeft aan dat de Lijst met name contacten met collega’s gemakkelijker maakt en bijgevolg

samenwerking stimuleert. De papieren versie wordt gehandhaafd voor de komende jaren.

Bijna tweederde van de ondervraagden geeft hier de voorkeur aan. Een boekje is makkelijker

en handiger dan een elektronische lijst. Het is overal te raadplegen en dit kan ook sneller dan

op internet: men vindt de gezochte naam sneller dan op internet. Het is tevens een 'prestigeobject'

dat men kan tonen aan de niet-neerlandistische collega’s en bestuurders binnen de

universiteit. Niet alle docenten hebben een eigen computer op de universiteit. Bovendien

worden sommige netwerken slecht onderhouden, waardoor men de elektronische lijst niet op

het gewenste moment kan raadplegen. De IVN wil graag gehoor geven aan de vraag vanuit

het veld indicaties op te nemen van de onderzoeksdomeinen van de docenten.

Het spreekt voor zich dat ook het digitale bestand blijft bestaan, met regelmatige actualisering.

4.3. Wie en Wat: een terugblik

Wie en Wat geeft een uitputtend overzicht van de afdelingen Nederlandse taal en cultuur aan

universiteiten en aanverwante instituten binnen het taalgebied. Per plaats worden de

instellingen opgesomd die zich bezighouden met neerlandistiek. De daarbij betrokken

docenten worden opgenomen met vermelding van hun specialisme(s). Via het

trefwoordenregister zijn specialisten op verschillende deelgebieden van de neerlandistiek

eenvoudig te vinden. In de overzichten van tijdschriften en instellingen die activiteiten

ontplooien op het gebied van de neerlandistiek, zijn circa 500 adressen opgenomen. Wie en

wat biedt, samen met de docentenlijst (cf. § 4.1. en § 4.2.) een compleet overzicht van de

universitaire neerlandistiek wereldwijd. In 2003 werd de 16de editie van Wie en wat voorzien

en de introductie van een database. Er werd echter geen subsidie gevonden. De laatste editie

is bijgevolg die van december 2001. Er is ook geen database gekomen. Het oude bestand uit

2001 is ondertussen dusdanig verouderd dat het nauwelijks nog bruikbaar is.

4.4. Wie en Wat: een vooruitblik

De IVN besluit om door te gaan met Wie en Wat omdat deze publicatie voor 93% van de

geënquêteerden in een behoefte voorziet. De presentatie van de intramurale neerlandistiek is

onontbeerlijk voor de extramurale neerlandistiek. Deze publicatie maakt het mogelijk gericht

(nieuwe) contacten te leggen dank zij de vermelding van de onderzoeksgebieden. Bovendien

is het een goed naslagwerk voor internetadressen. Als de financiële middelen het mogelijk

maken zal de papieren versie, naast een op te zetten elektronische versie, blijven bestaan.

Voor meer dan de helft van de ondervraagden blijkt dit namelijk belangrijk te zijn. Men vindt

dat het prettiger, handiger, sneller, en overzichtelijker is om alles op papier te hebben, te meer

6


Internationale Vereniging voor Neerlandistiek (IVN)

daar niet iedereen elektronisch bereikbaar is, en internet niet altijd werkt: 'Een boek is

mobieler dan een monitor'. De antwoorden geven duidelijk aan dat het wenselijk is om naast

de papieren versie een elektronische te voorzien met links naar de instellingen, de

verschillende specialisaties, bibliotheken, boekhandels, enz.

4.5. De Basisboekenlijst: een terugblik

De Basisboekenlijst extramurale neerlandistiek beoogt extramurale docentschappen van

dienst te zijn bij de selectie van cursusmateriaal en bij de vorming van een basisbibliotheek

voor hun opleiding. De huidige, vijfde uitgave dateert van september 2002. Deze kwam

moeizaam tot stand vanwege de overname van Martinus Nijhoff International, die in de

nieuwe constellatie geen bijdrage meer kon leveren aan de totstandkoming van de Lijst.

Uiteindelijk is het bestand niet in een papieren editie verschenen, maar op cd-rom. Het

bestand is eveneens raadpleegbaar op de IVN-site maar is sinds 2002 niet meer geactualiseerd.

4.6. De Basisboekenlijst: een vooruitblik

De IVN is van plan het onderhavige project voort te zetten. Voor een grote meerderheid van

de docenten voorziet deze publicatie in een behoefte met name voor kleine docentschappen of

voor startende afdelingen. De IVN wil de lijst echter wel aanpassen in die zin dat het een

basislijst moeten worden voor boeken, audiovisuele en elektronische middelen. De docenten

hebben in meerderheid geen behoefte aan een papieren versie. Het is werktafelmateriaal. De

IVN ziet erop toe dat dit document regelmatig geactualiseerd wordt en links naar

besteldiensten en uitgevers bevat. De IVN onderzoekt of samenwerking met het Steunpunt

Nederlands als vreemde taal hier tot een verbeterde versie kan leiden. De actualisering van

deze lijst gebeurt door een kleine commissie specialisten die door de IVN hiertoe verzocht

wordt.

4.7. De IVN-krant: een terugblik

De IVN-krant is het informatieblad van de vereniging. Er wordt aandacht besteed aan de

activiteiten van de IVN, melding gemaakt van aanbiedingen voor leden, (literaire) prijzen en

andere onderscheidingen en vacatures. Er wordt samengewerkt met het Steunpunt Nederlands

als vreemde taal dat een vaste rubriek ‘Zojuist verschenen…’. verzorgt. Andere vaste

rubrieken zijn: Tentoonstellingenagenda, Berichten van buiten de muren, Berichten van

binnen de muren. Marja Kristel schrijft per nummer een column over Woubrugge, de

vestigingsplaats van het IVN-Bureau. Johanna Roodzant en Arthur Verbiest verzorgen een

kroniek Taalvaardigheid op 't web, Joop van der Horst schrijft steeds een taalkundige rubriek

en Dick Boukema verzorgt incidenteel een rubriek over het antiquariaat in Nederland. Er is

een serie waarin recent afgestudeerde extramurale neerlandici verslag doen over hun studie,

hun keuzes en hun ambities.

7


Internationale Vereniging voor Neerlandistiek (IVN)

In verband met bezuinigingen werd de IVN-krant met ingang van de tiende jaargang (2005)

uitsluitend nog in een elektronische versie verspreid. De aankondiging daarvan in het

oktobernummer 2004 lokte enkele teleurgestelde reacties uit. Het is mogelijk dat deze

verandering invloed heeft op het aantal ‘abonnees’: 297 per juni 2006, terwijl het aantal

abonnees vóór de overstap naar een uitsluitend elektronische editie 321 bedroeg.

De IVN-krant werd kosteloos gestuurd aan degenen die zich daarvoor hadden aangemeld. De

huidige digitale versie wordt eveneens kosteloos verspreid.

Voor het corps correspondenten, zie de bijlage.

4.8. De IVN-krant: een vooruitblik

Praktisch alle respondenten zijn van mening dat de IVN-krant in een behoefte voorziet. Men

is overtuigd van het nut van dit verenigingsblad vanwege de praktische informatie. Het vormt

een goede aanvulling op het tijdschrift NEM (cf. § 3.1. en § 3.2.). Het is een

communicatiemiddel dat direct op het veld kan reageren en vermeldt bijgevolg recente

ontwikkelingen binnen de neerlandistiek extra muros. Het is bovendien een belangrijke

manier om tussen twee colloquia in contact te blijven met de collega’s. De IVN heeft dan ook

besloten deze elektronische publicatie te blijven verzorgen.

4.9. De Vacaturebank: een terugblik

De Vacaturebank biedt een elektronisch overzicht van banen aan binnen de extramurale

neerlandistiek - en incidenteel in de intramurale neerlandistiek Jaarlijks worden er diverse

vacatures bekend gemaakt. In de eerste helft van 2006 werden zeven, in 2005 negen en in

2004 veertien vacatures bekendgemaakt. Daarnaast wordt er een bestand bijgehouden van

geïnteresseerden voor een functie in de extramurale universitaire neerlandistiek. Dit bestand

bevat per 1 juni 2006 92 namen.

4.10. De Vacaturebank: een vooruitblik

Er heerst grote unanimiteit onder de docenten met betrekking tot het nut van de Vacaturebank.

Het blijkt zeer handig te zijn dat werkzoekenden op één plaats verschillende

werkaanbiedingen kunnen vinden met uitvoerige informatie betreffende de banen. Veel

collega’s hebben tijdelijke aanstellingen en consulteren bijgevolg regelmatig de

Vacaturebank op de IVN-site. Voor instituutsleiders is de vacaturebank een onmisbaar

hulpmiddel en biedt hun de mogelijkheid meer kandidaten aan te trekken. Ten slotte enkele

opmerkingen ter verbetering: vacatures moeten na het verstrijken van de sollicitatietermijn

verdwijnen van het internet. De Vacaturebank zou prominenter op de thuispagina vermeld

moeten worden.

De IVN gaat door met dit project. Aangezien de Taalunie ook een vacaturebank exploiteert,

is het goed na te gaan of samenwerking mogelijk en nuttig is.

8


Internationale Vereniging voor Neerlandistiek (IVN)

4.11. Diversen

a. Informatievoorziening via website IVN - een terugblik

Op www.ivnnl.com wordt informatie verschaft over het reilen en zeilen van de IVN

( lidmaatschappen, uitgaven, samenstelling besturen en redactie e.d.), zijn het NEM-register

en enkele NEM-kronieken te vinden (cf.. § 3.1. en § 4.3); zijn enkele recente jaargangen van

de IVN-krant opgenomen (cf. § 4.7.); wordt de rubriek Taalvaardigheid op 't web in een

aparte afdeling ondergebracht en daar uitgebreid met een Signalement (cf. § 4.7); is de

Docentenlijst als database te vinden (zoekfuncties op naam en land, cf. § 4.1.); de

Basisboekenlijst met de koppelingen naar de NEM-kronieken (cf. § 4.5); de Vacaturebank (cf.

§ 4.9), kortingacties voor leden; een verzameling links naar regionale docentenorganisaties,

subsidiegevers e.d. en ten slotte alle relevante informatie over het colloquium neerlandicum

(cf. § 3.3. en § 3.4).

Er zijn gemiddeld zo'n zestig bezoekers per dag. Rond het colloquium zijn het enkele

honderden per dag.

b. Informatievoorziening via website IVN - een vooruitblik

Het is van belang dat de site van de IVN overzichtelijk en actueel gehouden wordt. De site

moet uitgebreid worden met een actuele versie van het Wie en Wat-bestand (cf. § 4.3 en §

4.4); de Basisboekenlijst (cf. § 4.5 en § 4.6); de Docentenlijst (cf. § 4.1 en § 4.2) .

De Vacaturebank moet blijven (cf. § 4.9 en. § 4.10); net zoals de rubriek Taalvaardigheid op

't web met de bijbehorende signalementen (cf. § 4.7 en § 4.8).

Voor een presentatie van Neerlandica Extra Muros zal een link aangebracht worden naar de

site van de uitgever.

c. Kortingsregelingen voor docenten extra muros - een terugblik

- abonnement op NRC Handelsblad Weekeditie voor het buitenland (variërend van 70 tot 120

deelnemers), de eerste jaren was dit abonnement kosteloos, later (en ook nu nog) bedraagt de

korting circa 50%;

- abonnement op de cd-rom-editie van de Van Dale Groot woordenboek der Nederlandse taal

(van 34 tot 70 deelnemers), de korting bedroeg circa 25%;

- boekenbestelservice via Coutts Nijhoff International met een kosteloze aflevering per

koerier.

Enkele acties, zoals een kwartaal van het opinieblad HP/De Tijd op cd-rom, waren een kort

leven beschoren.

Alle actuele kortingsregelingen zijn sinds de introductie van de website hierin opgenomen.

9


Internationale Vereniging voor Neerlandistiek (IVN)

d. Kortingsregelingen voor docenten extra muros - vooruitblik

Zolang de betrokken instanties meewerken aan een aantrekkelijk aanbod zullen de

aanbiedingen gehandhaafd blijven.

De IVN blijft alert op mogelijk interessante aanbiedingen voor de docenten extra muros.

4.12. Nieuwe projecten

De IVN wil een bestand aanleggen van afgestudeerde extramurale alumni. Dat bestand kan

inzicht geven in de functies waarin men terechtkomt na de studie neerlandistiek, en kan op

diverse manieren worden geëxploiteerd: werven van nieuwe studenten via bestaande

contacten, het aanspreken van potentiële sponsors, het vergroten van de zichtbaarheid van de

vakgroepen en de extramurale neerlandistiek in het algemeen. De geënquêteerden reageren in

grote meerderheid positief en stellen voor op landelijke basis te beginnen. De vereniging ziet

zich hier in eerste instantie in een makelaarsrol, want lokaal zullen vakgroepen gestimuleerd

moeten worden voornoemde bestanden aan te leggen. In tweede instantie is de vereniging

echter tevens uitvoerder als het gaat om het samenvoegen, structureren en presenteren van de

diverse lokale bestanden.

5. De aanbieding van know-how: een terugblik

De IVN bundelt niet alleen logistieke maar met name wetenschappelijke expertise op het

gebied van alle deelgebieden van de neerlandistiek. Derden kunnen een beroep doen op deze

expertise op voorwaarde dat voornoemde doelstellingen onderschreven worden (cf. §2).

Aangezien de aanbieding van know-how niet rechtstreeks voortvloeit uit voornoemde

kerntaken (cf. § 3.), vervult de vereniging hier, afhankelijk van het type project, de rol van

uitvoerder, al dan niet in samenwerking met derden, dan wel van makelaar. Dit betekent dat

de finale verantwoordelijkheid berust bij de opdrachtgevers.

5.1. Een terugblik

De IVN organiseerde drie intensieve cursussen over de cultuur van de Lage Landen in de

zeventiende eeuw, die gericht waren op anderstalige kunsthistorici die met promotieonderzoek

bezig waren op dit gebied.

In 1994 was de cursus gericht op Engelstalige kunsthistorici, in 1996 op Duitssprekende

kunsthistorici en in 1999 betrof het een internationaal samengesteld gezelschap. Het aantal

cursisten bedroeg steeds 25.

10


Internationale Vereniging voor Neerlandistiek (IVN)

Zomercursus Nederlandse Taal en Cultuur. Sinds 1993 verzorgt de IVN in opdracht van

aanvankelijk het Nederlandse Ministerie van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur en later de

Nederlandse Taalunie een deel van de logistieke organisatie van de Zomercursus voor

Nederlandse taal en cultuur. De bijdrage van de IVN is in de loop van de jaren veranderd: zo

wordt de correspondentie met de kandidaten en de geselecteerden sinds twee jaar rechtstreeks

gevoerd door het algemeen secretariaat van de Nederlandse Taalunie. De cursus, die drie

weken duurt en doorgaans bezocht wordt door circa 150 studenten, wordt jaarlijks in de

zomer gehouden in conferentieoord Woudschoten te Zeist.

5.2. Een vooruitblik

In dit stadium moeten we ons beperken tot het schetsen van de grote lijnen van projecten die

we zouden kunnen uitvoeren. De overgrote meerderheid van de docenten uit het veld is van

mening dat de IVN op diverse (inhoudelijke) gebieden haar know-how zou moeten aanbieden.

In het algemeen is het zo dat het in het licht van de onderhavige vraag belangrijk is dat de

experts binnen de neerlandistiek extra muros als zodanig herkenbaar zijn in de Docentenlijst

(dus onderzoeksgebied vermelden met elektronisch adres). Op het gebied van scholing is de

IVN bereid in samenwerking met anderen (de NTU, het Steunpunt, enz.) cursussen te

organiseren of deel te nemen aan de organisatie van cursussen zoals docenten(bij)scholing, de

bekende zomercursussen, cursussen op het gebied van de taaldidactiek, alsmede themacursussen

(cultuur, testing, CALL, vertaalwetenschap, enz.). De IVN kan tevens assistentie

verlenen bij de (inhoudelijke) organisatie van regionale of lokale (zomer)cursussen. Verder

kan de IVN inhoudelijke assistentie verlenen bij het opzetten van regionale verenigingen nem.

Op wetenschappelijk gebied is de IVN bereid mee te werken aan de organisatie van

(regionale of lokale) workshops en congressen. De IVN zou een database van lopende

projecten in de intra- en extramurale neerlandistiek en van colloquia/congressen/studiedagen

enz. moeten opzetten. De IVN zou hulp kunnen bieden bij het leggen van contacten met de

zakelijke sector. De IVN zou inhoudelijke hulp kunnen bieden bij het opzetten van

opleidingen neerlandistiek extra muros.

6. Condities

6.1. Financiering: een terugblik

De werkzaamheden van de IVN worden grotendeels gefinancierd uit subsidiegelden van de

Nederlandse Taalunie (werkingskosten en projectsubsidies); daarnaast is er voor een enkel

project zoals het colloquium neerlandicum sprake van donaties. De contributies en de

verkoop van de publicaties leveren tevens een bijdrage.

11


Internationale Vereniging voor Neerlandistiek (IVN)

6.2. Financiering: een vooruitblik

Het bestuur is voornemens naast de subsidiegelden van de Nederlandse Taalunie, structurele

aanvullende subsidies te verwerven. Deze subsidies zullen aangewend worden ter

(gedeeltelijke) financiering van de voorgenomen projecten.

De aanvullende financiering wordt gezocht in het bedrijfsleven. Hierin kan de recent

opgericht Raad van Advies (cf. § 6.3) een rol spelen.

6.3. Raad van Advies

Het bestuur stelt voor een Raad van Advies te installeren die voor de buitenlandse

neerlandistiek in het algemeen en voor de IVN in het bijzonder een link kan vormen met het

maatschappelijk middenveld. Daarnaast kan de Raad van Advies een klankbord vormen voor

het IVN-bestuur dat streeft naar het aanboren van meer financiële bronnen.

Onderstaande personen hebben hun medewerking aan de Raad van Advies toegezegd. De

Raad van Advies kan geïnstalleerd worden na goedkeuring door de algemene vergadering.

Dr. h.c. Jozef Deleu, hoofdredacteur Het Liegend Konijn, stichter en voormalig

hoofdredacteur van tijdschriften als Ons Erfdeel;

Rijk van Marion RA, registeraccountant en lid van de maatschap bij KMPG

Prof.dr. Frits van Oostrom, universiteitshoogleraar Middelnederlandse letterkunde

aan de Universiteit Utrecht, president van de Koninklijke Nederlandse Akademie van

Wetenschappen;

Dick de Ruiter, voorzitter van de de Stichting Fonds tot instandhouding van het

gedachtegoed van F. de Munnik.

In de Raad van Advies zal het IVN-bestuur vertegenwoordigd zijn door enkele leden van het

dagelijks bestuur.

6.4. Het personeel: een terugblik

Samenstelling Bureau: directeur (fulltime), Marja Kristel. De directeur is officieel in dienst

bij de Nuffic en gedetacheerd bij de IVN. Voor de financieel-administratieve ondersteuning

werd een beroep gedaan op een boekhouder, Frans Manger; hij verzorgde in het verleden ook

de personeelsadministratie. Voor zijn werkzaamheden als boekhouder van de IVN ontving hij

een vaste vergoeding; sinds 2005 neemt Frans Manger genoegen met een vrijwilligersvergoeding.

12


Internationale Vereniging voor Neerlandistiek (IVN)

Ger Veldhuis is eveneens tegen een vrijwilligersvergoeding werkzaam voor de IVN: hij

beheert de ledenadministratie en de database, waarbij inbegrepen de database van het

colloquium.

De website wordt onderhouden door Maarten Baars. Maarten Baars werkt op declaratiebasis.

Met een tijdelijke aanstelling is van april tot en met het colloquium Lenie de Schipper

werkzaam voor het IVN-Bureau. Zij is in dienst van de Universiteit Leiden en voor een

flexibel aantal uren per week gedetacheerd bij de IVN.

Bij sommige evenementen wordt incidenteel een oproepkracht ingeschakeld of wordt een

beroep gedaan op een vrijwilliger (anderen dan hiervoor vermeld).

6.5. Het personeel: een vooruitblik

Binnen de periode van dit meerjarenplan zal de huidige directeur, Marja Kristel, vermoedelijk

gebruikmaken van een regeling om vervroegd met pensioen te gaan. Deze opvolging zal met

grote zorgvuldigheid voorbereid en begeleid moeten worden.

Als de plannen van het dagelijks bestuur uitgevoerd kunnen worden, zal uitbreiding van het

personeel onvermijdelijk zijn. Afhankelijk van de ontwikkelingen zal assistentie ingehuurd

worden, hetzij op contractbasis, hetzij anderszins.

6.6. De huisvesting: een terugblik

Van februari 1994 tot januari.2004 heeft de IVN kantoor gehouden aan de Raadhuisstraat 1 in

Woubrugge. Sinds januari 2004 is er sprake van een overgangssituatie: het Bureau is

gevestigd bij de directeur thuis. Sinds april 2006 kan het Bureau bovendien gebruikmaken

van huisvesting bij de Universiteit Leiden. Deze huisvesting, voor een bescheiden prijs

aangeboden door de Universiteit Leiden en gefinancierd door de Nederlandse Taalunie, is

uitsluitend bedoeld voor de werkzaamheden rond het colloquium.

6.7. De huisvesting: een vooruitblik

Zodra de activiteiten zich uitbreiden is het noodzakelijk dat er permanent huisvesting

gevonden wordt waar plaats is voor meer dan een medewerker. De Universiteit Leiden heeft

kenbaar gemaakt een eventueel verzoek tot permanentere huur welwillend te bekijken.

Afhankelijk van de datum waarop de huidige directeur met vervroegd pensioen gaat (cf. §

6.5), zal in ieder geval andere huisvesting gezocht moeten worden.

7. Begroting

2007-2011 Nader in te vullen, afhankelijk van goedkeuring van de projecten.

13


Internationale Vereniging voor Neerlandistiek (IVN)

8. Commissies

Bestuur

Dagelijks bestuur

Kernbestuur

Redactie Neerlandica Extra Muros

Redactieraad Neerlandica Extra Muros

Redactie en correspondenten IVN-krant

Redactie Handelingen 15e Colloquium Neerlandicum

Raad van Advies

Begeleidingscommissie

SPIN-bestuur

De samenstelling van het bestuur voor de periode 2003-2006 is als volgt:

Prof.dr. G. Janssens, voorzitter (Université de Liège)

vertegenwoordiger van Franstalig België (tot 1 januari 2005, daarna lid van het DB)

Prof.dr. J. Pekelder, vice-voorzitter (Université de Paris IV Sorbonne)

vertegenwoordiger van Frankrijk (tot 1 januari 2005, daarna voorzitter)

Dr. A.J. Gelderblom, secretaris (Universiteit Utrecht)

vertegenwoordiger van de universiteiten in Nederland

Prof.dr. L. Missinne, penningmeester (Westfälische Wilhelms-Universität, Münster)

vertegenwoordiger van Duitsland

J. Fenoulhet M.Phil. (University College London)

vertegenwoordiger van het Verenigd Koninkrijk en Ierland (vanaf 1 januari 2005

vice-voorzitter)

Prof.dr.habil. S. Kiedroń (Uniwersytet Wrocławski)

vertegenwoordiger Midden- en Oost-Europa

Dr. J.A. Lalleman (Universiteit Leiden)

vertegenwoordiger van de universiteiten in Nederland

Prof.dr. B. Vervaeck (Vrije Universiteit Brussel)

vertegenwoordiger van de universiteiten in Nederlandstalig België

(De hierboven genoemde personen vormen het dagelijks bestuur.)

Drs. A.S.G. Brink (Universidade de Coimbra)

vertegenwoordiger van Zuid-Europa

Prof.dr. J. van der Elst (Potchefstroomse Universiteit vir Christelike Hoër Onderwijs)

vertegenwoordiger van Zuid-Afrika

Dr. S.L. Gobardhan-Rambocus (Instituut voor de Opleiding van Leraren, Paramaribo)

vertegenwoordiger van het Caraïbisch gebied: Suriname, Aruba en de Nederlandse

Antillen

14


Internationale Vereniging voor Neerlandistiek (IVN)

Drs. E. Gustinelly (Universitas Indonesia, Jakarta)

vertegenwoordiger van Azianië

Dr. N.E. Larsen (Københavns Universitet)

vertegenwoordiger van Noord-Europa

Prof.dr. J. Vanderwal Taylor (University of Wisconsin-Madison)

vertegenwoordiger van Verenigde Staten en Canada

Kernbestuur

Prof.dr. Guy Janssens, voorzitter tot 1 januari 2005; Prof.dr. J. Pekelder, voorzitter vanaf 1

januari 2005; Dr. A.J. Gelderblom, secretaris; Prof.dr. Lut Missinne, penningmeester en

M. Kristel, directeur.

Redactie Neerlandica Extra Muros 2003-2006

Prof.dr. F. Balk-Smit Duyzentkunst, Dr. M. Boers-Goosens, Dr. A.J. Gelderblom, Prof.dr. R.

Grüttemeier, Prof.dr. E. Leijnse (tot en met februari 2004), Prof.dr. A.M. Musschoot, Prof.dr.

J. Pekelder (vanaf augustus 2004), Dr. R.M. Vismans en M. Kristel (redactiesecretaris).

Redactieraad Neerlandica Extra Muros 2003-2006

Dr. L. Bergmans, Parijs, namens Frankrijk; Lic. Widjajanti Dharmowijono, Semarang,

namens Azianië; Dr. W. Engelbrecht, Olomouc, namens Midden- en Oost-Europa; Prof.dr. S.

Huigen, Stellenbosch, namens Zuidelijk Afrika; Prof.dr. J. Koch, Napels, namens Zuid-

Europa; Dr. N.E. Larsen, Kopenhagen, namens Noord-Europa; Dr. J. Novaković-Lopušina,

Belgrado, namens Midden- en Oost-Europa; Drs. Sugeng Riyanto MA, namens Azianië;

Prof.dr. T.F. Shannon, Berkeley, namens Canada en de Verenigde Staten.

Redactie en correspondenten IVN-krant

Eindredactie: M. Kristel; correspondenten: Prof.dr.habil. S. Kiedroń (Midden- en

Oost-Europa); Prof.dr. A. Berteloot (Duitsland); Prof.dr. G. Janssens (Franstalig België); Drs.

A.S.G. Brink (Zuid-Europa); Dr. N.E. Larsen (Noord-Europa); Dr. L.P. Réguer (Frankrijk);

Dr. R.M. Vismans (Verenigd Koninkrijk en Ierland), Drs. Eliza Gustinelly en Drs. Yanna

Parengkuan (Azianië).

15


Internationale Vereniging voor Neerlandistiek (IVN)

Redactie Handelingen Vijftiende Colloquium Neerlandicum

Dr. A.J. Gelderblom, Prof.dr. C. ter Haar, Prof.dr. G. Janssens, Marja Kristel, Prof.dr. J.

Pekelder.

Begeleidingscommissie Zestiende Colloquium Neerlandicum

Prof.dr. Herman Balthazar, emeritus hoogleraar moderne geschiedenis Universiteit Gent en

voorheen goeverneur van de provincie Oost-Vlaanderen;

Dr. h.c. Jozef Deleu, auteur, hoofdredacteur Het Liegend Konijn, stichter en voormalig

hoofdredacteur van de tijdschriften Ons Erfdeel, Septentrion en van het jaarboek The Low

Countries;

Dr. Magda Devos, Universiteit Gent;

Prof.dr. Freddy Mortier, Universiteit Gent (decaan Faculteit der Letteren)

Prof.dr. Anne Marie Musschoot, Universiteit Gent (literatuurwetenschap)

Prof.dr. Ronald Soetaert, Universiteit Gent (didactiek)

Prof.dr. Bruno De Wever, Universiteit Gent (geschiedenis)

en vanuit het IVN-bestuur

Dr. Arie J. Gelderblom, Universiteit Utrecht

Prof.dr. Guy Janssens, Université de Liège

Marja Kristel, directeur IVN

Prof.dr. Lut Missinne, Westfälische Wilhelms-Universität, Münster

Bestuur Stichting Promotie Internationale Neerlandistiek 2003-2006

Prof.dr. G. Janssens, voorzitter (tot 1 januari 2005), Prof.dr. J. Pekelder, voorzitter (vanaf 1

januari 2005), Dr. A.J. Gelderblom, secretaris, Prof.dr. L. Missinne, penningmeester, Prof.dr. F.

Balk-Smit Duyzentkunst, Prof.dr. A. Berteloot.

16

More magazines by this user
Similar magazines