10 - Nederlandse Vereniging van bioMedisch ...

nvml.nl

10 - Nederlandse Vereniging van bioMedisch ...

December 2008 • 63ste jaargang nr: 10Rattenziekte of toch niet?BiologicalsMonoklonale therapeuticaLeptospiroseMesotheliomenEen muismodelCao Levensfasebeleid


Gevraagd:Kwaliteitsfunctionaris0,44 fteHet Erasmus MC is een uiterst veelzijdig universitair medisch centrum. Waar onderzoek,onderwijs en patiëntenzorg zijn samengebracht. Waar samenwerking, initiatief en resultaatgerichtwerken passen bij de ambities van het Erasmus MC. Beter worden.Handen uit de mouwenDE AFDELING Binnen het Erasmus MC-Sophia, Kinder Oncologisch Centrum Rotterdam worden kinderen metaangeboren en/of verworven oncologische of hematologische aandoeningen gediagnosticeerd en behandeld.In het Specieel Hematologisch Laboratorium worden bepalingen verricht ten behoeve van de diagnostiek enbehandeling van deze kinderen. Het laboratorium is van internationaal topniveau waarbij met diverse anderetoonaangevende laboratoria in en buiten Nederland wordt samengewerkt.FUNCTIE-INHOUD Opzetten van een kwaliteitssysteem volgens de CCKL-Praktijkrichtlijn 4. U wordt, samenmet het medisch hoofd, verantwoordelijk voor het ontwikkelen, beheren en onderhouden van het kwaliteitssysteemten behoeve van het Specieel Hematologisch Laboratorium. Dit kwaliteitssysteem omvat de organisatiestructuur,verantwoordelijkheden, procedures en voorzieningen voor het ten uitvoer brengen van kwaliteitszorgmet patiënten, bloed, beenmerg en andere celmonsters die op het laboratorium verwerkt en geanalyseerdworden. Het Specieel Hematologisch Laboratorium is gesitueerd op de polikliniek Oncologie/Hematologie enwerkt nauw samen met verpleging en artsen en met het Research Laboratorium Kinderoncologie.FUNCTIE-EISEN U heeft een HBO-opleiding tot analist klinische chemie/hematologie (HLO) aangevuld metkennis en ervaring van CCKL-praktijkrichtlijnen. U heeft inzicht in de werkwijzen en procedures van het laboratorium.Dit is met name noodzakelijk voor het afstemmen en controleren van de procedures. Daarnaast iszelfstandigheid vereist bij het beheer van het kwaliteitssysteem en het opstellen van protocollen, voorschriftenen richtlijnen. Analytisch vermogen is van belang bij het beoordelen van knelpunten en het aanpassen hiervan.U heeft sociale vaardigheden die van groot belang zijn voor het ondersteunen, adviseren en instrueren vancollega’s bij het naleven van de regels en procedures en het uitvoeren van interne audits.ARBEIDSVOORWAARDEN Het bruto maandsalaris wordt, afhankelijk van opleiding en ervaring, gebaseerdop inschaling in schaal 8 of 9. Aanstelling is voor 2 jaar, 0,44 fte. De arbeidsvoorwaarden zijn conform de CAOUniversitair Medische Centra (UMC).INLICHTINGEN Voor meer informatie over deze functie kunt u contact opnemen met dr. A. Beishuizen(kinderarts oncoloog/hematoloog, medisch hoofd), telefoon (010) 704 0704, zoemer 36181 of mw. R.L. Stigter(hoofdanaliste), telefoon (010) 704 0704, zoemer 36914. Voor overige informatie kunt u terecht bij mw. J.M.Paalvast, stafmedewerker P&O, telefoon (010) 703 7094.SOLLICITATIE Uw brief met curriculum vitae kunt u binnen drie weken na het verschijnen van deze advertentierichten aan Erasmus MC-Sophia ter attentie van mw. J.M.Paalvast, stafmedewerker P&O, kamer Sk2218, Postbus 2060,3000 CB Rotterdam onder vermelding van vacaturenummer38.08.08.CS op de brief en de envelop.Acquisitie naar aanleiding van deze advertentie is niet gewenst.WWW.ERASMUSMC.NL/WERKEN


In dit nummer292Monoklonale therapeutica en laboratoriumdiagnostiekS.O. Stapel en R.J. SmeenkBij de behandeling van diverse ontstekingsziekten, zoals reuma, de ziekte van Crohn, maarook bij huidziekten en kanker, wordt steeds vaker gebruikgemaakt van een nieuwe categoriegeneesmiddelen, de zogenaamde ‘biologicals’. Dit zijn medicijnen die gemaakt worden metbehulp van geavanceerde biotechnologische technieken. De werking van biologicals berust in veelgevallen op binding aan componenten van het afweersysteem, en de klinische resultaten zijn somsspectaculair. Eén van de mogelijke complicaties bij is echter dat het lichaam antistoffen tegen degebruikte biological kan ontwikkelen, waardoor de werking ervan negatief beïnvloed wordt. Het isdaarom nuttig om, in geval van tegenvallende klinische effectiviteit bij behandeling, de aanwezigheid(bloedspiegel) van de werkzame stof te meten en als die laag is, na te gaan of er antistoffen tegen debetreffende biological gemaakt worden.316317306Vaste RubriekenAgendaOpleidingen• Life sciences, Hogeschool Utrecht• HAN Biocentre• Fontys HogeschoolWerkplek• Wat doe jij op het lab?295Leptospirose: rattenziekte of toch niet?M.G.A. Goris en R.A. HartskeerlLeptospirose is een belangrijke zoönose die overal op de wereld, maar vooral in tropische ensubtropische gebieden voorkomt. Ratten zijn een beruchte bron, maar de rat is slechts een van devele zoogdiersoorten die de ziekte verspreiden. In Nederland worden gemiddeld dertig humanegevallen per jaar vastgesteld. De helft van de infecties wordt opgelopen tijdens recreatievebezigheden, meestal tijdens vakanties in tropische landen. Het ziektebeeld van leptospirose is zeergevarieerd, leptospirose kan op vele andere ziekten lijken. De diagnose is daarom moeilijk te stellendoor de arts en bevestiging door het laboratorium is nodig. Maar ook de laboratoriumtesten zijnmoeilijk en bewerkelijk en worden daarom uitgevoerd in een beperkt aantal laboratoria. Door demoeilijke diagnose worden waarschijnlijk veel gevallen van leptospirose niet herkend. Dit heeft eenwereldwijde onderschatting en verwaarlozing van de ziekte tot gevolg.305305309VerenigingsnieuwsVan achter de bestuurstafel....Nieuwe ledenNVML-cursus• Stollingsdiagnostiek• Stagebegeleiding• Gedachten en gedrag, voor analisten• Middle management voor laboratoriummedewerkers• Notuleren299303Een muismodel voor mesotheliomenA. BernsDe diagnose borstvlieskanker wordt jaarlijks bij ongeveer vierhonderd mensen gesteld. De overlevingvan deze voornamelijk door asbest veroorzaakte kanker is gering. Alleen onderzoek kan hierinverandering brengen.55+ beleid of ‘ontzie’ beleid: wat zal het worden?J. Schoemaker, Bureau NVML“Moet ik straks tot mijn 65e voltijds doorwerken?” “Ik heb al 35 jaar in onregelmatige dienstgewerkt, ik hou dat echt niet meer vol tot mijn pensioen!” Deze en meer vragen leven bij veelziekenhuismedewerkers sinds bekend is dat de zogenaamde ‘55+-maatregelen’ op de schop gaan.Moeten we van de regering al doorwerken tot de AOW-leeftijd, nu dreigen ook de regelingen die hetwerken voor ouderen makkelijker maakten, afgeschaft te worden?Zo’n vaart zal het niet lopen, maar dat er een andere regeling komt is wel zeker. Maar of die ookslechter wordt dan degene die we nu hebben: de vakbonden zijn vast van plan om dit niet te latengebeuren.314308NVML-nascholing• Anemie: nieuwe parameters in de diagnostiek• Norovirus, een updateJaaroverzichtNVML-cursussen en–nascholingen 2009Uitgave: Nederlandse Vereniging van bioMedisch LaboratoriummedewerkersNVML-leden ontvangen Analyse gratis.Copyright: Het overnemen van artikelen is alleen toegestaanna toestemming van de redactiecoördinator.De NVML aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor degepubliceerde advertenties; evenmin houdt het opnemenvan advertenties en industriële informatie een aanbevelingvan de NVML in.ISSN 0166-7688Analyse december 2008 291


Monoklonale therapeutica en laboratoriumdiagnostiekS.O. Stapel en R.J. Smeenk; Sanquin Diagnostiek, AmsterdamBij de behandeling van diverse ontstekingsziekten, zoals reuma, de ziekte van Crohn, maar ook bij huidziektenen kanker, wordt steeds vaker gebruikgemaakt van een nieuwe categorie geneesmiddelen, de zogenaamde‘biologicals’. Dit zijn medicijnen die gemaakt worden met behulp van geavanceerde biotechnologischetechnieken. De werking van biologicals berust in veel gevallen op binding aan componenten van hetafweersysteem, en de klinische resultaten zijn soms spectaculair. Desondanks mag niet vergeten wordendat ingrijpen in de activiteit van het immuunsysteem verstrekkende gevolgen kan hebben.Eén van de mogelijke complicaties bij toepassing van deze componenten is dat het lichaam antistoffentegen de gebruikte biological kan ontwikkelen, waardoor de werking ervan negatief beïnvloed wordt. Hetis daarom nuttig om, in geval van tegenvallende klinische effectiviteit bij behandeling, de aanwezigheid(bloedspiegel) van de werkzame stof te meten en als die laag is, na te gaan of er antistoffen tegen debetreffende biological gemaakt worden.Door toepassing van biotechnologische technieken kunnenmenselijke eiwitten nagemaakt worden. Men spreektdan van ‘biologicals’. Om als geneesmiddel te kunnendienen, moeten biologicals kunnen binden aan menselijkecomponenten, en dan met name aan eiwitten die betrokkenzijn bij het ziekteproces. Zo berust de werking van een aantalbiologicals op het onderdrukken van ontstekingsreacties. Ineen groot aantal gevallen (maar niet altijd!) zijn biologicalsbiotechnologisch ‘bewerkte’ monoklonale antistoffen diekunnen binden aan specifieke ontstekingseiwitten. Wespreken in dit geval van ‘monoklonale therapeutica’ (MT).MT die gebruikt worden bij reumatische aandoeningen alsreumatoïde artritis (R.A.), zijn veelal gericht tegen TNFα.De meest bekende daarvan zijn infliximab (Remicade®),adalimumab (Humira®) en etanercept (Enbrel®). Ook MTgericht tegen IL-1, zoals anakinra (Kineret®), worden gebruiktomdat IL-1 mede verantwoordelijk is voor het ontstaan vanpijn, zwelling en stijfheid bij R.A.Andere monoklonale therapeutica richten zich op het remmenof uitschakelen van bepaalde cellen van het immuunsysteem.Een bekend voorbeeld is rituximab (Mabthera®), dat gerichtis tegen CD20, een eiwit dat op het oppervlak van wittebloedcellen (lymfocyten) voorkomt. Het effect van anti-CD20MT is onder meer dat B-lymfocyten afsterven, waardoor deontstekingsreactie wordt getemperd. Van de biologicals dieals geneesmiddel gebruikt worden is in grote gecontroleerdestudies aangetoond dat zij de ziekteactiviteit effectief kunnenremmen, en daarom schade als gevolg van de ziekte kunnenbeperken.Bij het ‘ontwerpen’ van monoklonale therapeutischeantistoffen zal worden geprobeerd om deze componentenzo weinig mogelijk immunogeen te laten zijn. De eerste metduidelijk klinisch succes op grote schaal toegepaste biologicalbij R.A., infliximab, is een chimere antistof, die naast humaneook murine (van muis afkomstige) sequenties bevat. Detweede succesvolle R.A.-biological, adalimumab, bevat geenmurine sequenties meer, maar staat te boek als ‘vollediggehumaniseerd’. Een derde belangrijke TNFα-antagonist,etanercept, is een construct bestaande uit een humane IgGFc-staart en de humane TNF-receptor.Bijwerkingen en risico’s biologicalsHelaas kunnen ook biologicals, zoals veel medicijnen,bijwerkingen vertonen. Bij toediening via injectie kan dehuid rood worden of zwellen. Ook kunnen blauwe plekken,jeuk of pijn voorkomen. Andere mogelijke bijwerkingenzijn: verhoogde kans op infecties en een tekort aan wittebloedcellen; daarom mogen biologicals niet wordentoegediend aan mensen die een infectie hebben. Voordatbijvoorbeeld TNFα-remmers voorgeschreven worden, wordtaltijd eerst een tuberculosetest gedaan. De reden hiervoor isdat een oude of latente tuberculose-infectie door het gebruikvan deze biologicals weer kan gaan opspelen.Immuunrespons tegen biologicalsOmdat een biological in principe als een lichaamsvreemdecomponent beschouwd moet worden, is het niet vreemd datbij een deel van de patiënten die hiermee worden behandeldeen afweerreactie (immuunrespons) wordt opgewekt. Datbetekent dat er antistoffen worden aangemaakt tegende biological, deze antistoffen worden ook wel ‘remmers’genoemd.Gebleken is dat het vermogen om een immuunrespons opte wekken (logischerwijs) gerelateerd is aan de mate waarineen biological niet-humane structuren bevat: meer muissequentiesin een therapeutische monoklonaal leidt totmeer antistofvorming bij de patiënt. Deze bij de patiëntgeïnduceerde antistoffen worden vaak, afhankelijk vanhet toegediende therapeuticum, aangeduid als HAMA’s(Human Antibodies (against) Murine Antibodies, tegenmuis-monoklonalen), HACA’s (Human Antibodies (against)Chimeric Antibodies, als het biologicalmolecuul zowelhumane- als muissequenties bevat), of HAHA’s (HumanAntibodies (against) Human Antibodies, als de toegediendemonoklonaal volledig uit humane sequenties bestaat)(figuur 1).Vaak zorgen deze antistoffen er voor dat het geneesmiddelversneld uit de bloedbaan verdwijnt, waardoor het zijnwerking niet, of minder goed, kan doen.Als een patiënt antistoffen tegen een toegediende biologicalontwikkelt, zal het klinisch effect van deze (kostbare)behandeling minder, nihil of soms zelfs tegengesteld kunnenzijn. Daarnaast kunnen ook bijwerkingen ontstaan doordathet geneesmiddel en de hiertegen gevormde antistoffenaan elkaar binden (complexvorming). Dit kan weer leidentot heftige serumziekte-achtige reacties. Het kan daarombelangrijk zijn om vast te stellen of een patiënt antistoffentegen de gebruikte component maakt.292Analyse december 2008


Figuur 1 Monoklonale therapeutica kunnen, afhankelijk van de hoeveelheidniet-humane sequenties in het molecuul, antistoffen (HAMA, HACA of HAHA)induceren.Diagnostische testsZolang de behandeling klinisch naar tevredenheid verlooptis bloedonderzoek naar de biological overbodig, maar als erreden is tot twijfel aan de effectiviteit van de behandeling isnader onderzoek zinvol. De vorming van antistoffen tegenbiologicals vraagt om laboratoriumtesten die het mogelijkmaken om:• de in het bloed aanwezige hoeveelheid/concentratie van debiological te meten (de spiegelmeting)• de aanwezigheid van eventuele antistoffen tegen debiological te metenVoor een aantal biologicals bestaan nu testmethoden omenerzijds de concentratie van de biological en anderzijdsmogelijke antistofvorming hiertegen kwantitatief in hetbloed te meten. Als de concentratie van de biological inhet bloed lager is dan verwacht, dan kan bepaald wordenof dit toegeschreven moet worden aan antistofvorming.Mocht dit het geval zijn, dan is het zinvol om te kijken welkemogelijkheden er zijn om de behandeling beter op debehoefte af te stemmen. Verbetering van de behandelingkan bijvoorbeeld bestaan uit aanpassingen in de dosis en/ofhet doseringsregime van de biological, of overstappen opeen ander geneesmiddel.Toen het binnen het kader van een onderzoek naarde aanwezigheid van antistoffen tegen monoklonaletherapeutica bij reumapatiënten wenselijk bleek omserumspiegels van TNFα-remmers te kunnen meten, werdenbij Sanquin Research ELISA-testen ontwikkeld voor bepalingvan onder andere infliximab, adalimumab en etanerceptin patiëntserum (1). Bij deze testen wordt TNFα indirect,via een monoklonale antistof, gecoat aan de ELISA-plaat.Hierna wordt patiëntserum toegevoegd. Als zich hierin eenFiguur 2Meting van de infliximabspiegen in patiëntserum met ELISA.anti-TNFα biological bevindt, zal deze zich aan het (indirect)gecoate TNFα binden. Vervolgens wordt geïncubeerd metgebiotinyleerde gezuiverde polyklonale konijnantistoffen(van een met biological geïmmuniseerd konijn). Bindingvan deze konijnantistoffen wordt zichtbaar gemaakt doortoevoeging van streptavidine, gekoppeld aan poly-HRP ensubstraat. Kleuring in de well van de ELISA-plaat geeft aan dathet te testen patiëntserum de betreffende TNFα-specifiekebiological bevat (zie figuur 2).Voor meting van antistoffen werd een radioimmunoassay(2) opgezet die werkt volgens het principe van deantigeenbindingstest: een vaste drager die IgG inpatiëntserum bindt (bijvoorbeeld Sepharose-bolletjesmet daaraan proteïne-A gekoppeld) wordt geïncubeerdmet serum, en na wegwassen van niet-gebondenserumcomponenten wordt 125I-gelabeld F(ab’)2-fragmentvan het te testen monoklonaal therapeuticum toegevoegd:F(ab’)2 fragment van de biological wordt gebruikt omdat eengelabelde intacte antistof-biological zich, net als patiënt IgG,direct aan de vaste drager zal kunnen binden. Na verwijderingvan overmaat niet-gebonden gelabeld materiaal, door eenwasstap, wordt de hoeveelheid gebonden radioactiviteitaan de proteïne-A-Sepharose bepaald. Deze is in principeevenredig met de hoeveelheid patiënt-IgG tegen hetmonoklonaal therapeuticum in het serum (figuur 3).Figuur 3Radioimmunoassay voor meting van antistoffen tegen monoklonale therapeutica.Toepassing van deze testen gaf als resultaat dat de meting vanantistoffen kort na toediening van het therapeuticum (zoalste verwachten) zinloos is, omdat in dat geval de antistoffentegen de biological (het antigeen) gecomplexeerd zullenzijn, en niet vrij in de bloedbaan aantoonbaar. Het is daarombelangrijk dat het monster voor antistofmeting ruim na detoediening van de biological wordt genomen, bijvoorbeeldvlak voor een nieuwe toediening. De meest zinvolle aanpak bijhet aanvragen van deze bepalingen is dan ook: test in eersteinstantie op de serumspiegel van de betreffende biological;als deze lager is dan verwacht, onderzoek het serum dan ookop antistoffen. De aanwezigheid hiervan zou de verklaringvoor de gevonden lage spiegel kunnen zijn.Vergelijking van de serumspiegels van 40 infliximabbehandeldepatiënten met de hoeveelheid gevonden antistoftegen infliximab laat duidelijk zien dat er een negatieve relatiebestaat tussen de resultaten van beide testen (figuur 4).Een opmerkelijke bevinding was dat bij onderzoek metadalimumab-behandelde patiënten in een substantieelgedeelte van de monsters antistoffen tegen adalimumab (zijhet in minder gevallen dan bij infliximab) werd gevonden.vervolg op volgende pagina >Analyse december 2008 293


Dit betekent dat dit geneesmiddel, ondanks het feit datgeprobeerd is om immunogene sequenties in het molecuul tevermijden, op dit aspect niet aan de verwachtingen voldoet.Wanneer zijn diagnostische testen zinvol?Behandeling met biologicals is kostbaar; per patiënt kunnende kosten van behandeling met deze middelen oplopen totzo’n € 20.000.- per jaar. Tot op heden wordt behandelingmet biologicals – mits geregistreerd voor de betreffendeziekte – voor 80% door de zorgverzekeraars vergoed; deoverige 20% komt voor rekening van de ziekenhuizen. Metbovengenoemde diagnostische testen kan de effectiviteit vande behandeling beter in kaart gebracht worden: zogenaamdetherapie-monitoring.Patiënten kunnen vaak zelf het beste beoordelen of eentherapie werkt of niet. Moeilijker wordt het om precies aante geven in welke mate de therapie ‘aanslaat’. Om dat temeten wordt bij veel ziekten een bepaalde eenheid gebruikt.Bij reumatoïde artritis is dat bijvoorbeeld de DAS 28 score.DAS staat voor ‘Disease Activity Score’. Mocht er geen sprakezijn van een continue/langer aanhoudende afname van deziekteactiviteit dan is het verstandig om een test voor hetbepalen van de concentratie van de biological en eventueleantistoffen tegen de biological te overwegen.Overigens is ook gebleken dat het meten van de biologicalspiegelen antistofvorming meer mogelijkheden biedtom het succes van de behandeling te voorspellen. Indiende concentratie van de biological in bloed laag blijft (ener antistoffen aantoonbaar zijn), is de kans groot dat deeffectiviteit van het gebruikte geneesmiddel (de biological)laag zal zijn. Overwogen moet worden om dan een andergeneesmiddel (bijvoorbeeld een andere biological) te gaangebruiken.ConclusieMonoklonale therapeutica en andere biologicals vormen eennieuwe groep geneesmiddelen, die in toenemende matebij de behandeling van allerlei ziekten ingezet zullen gaanworden. Omdat deze middelen (vooralsnog) extreem duurzijn, loont het de moeite (en de kosten) om de effectiviteitervan goed te volgen, onder meer door bloedspiegels vanbiologicals en antistoffen daartegen regelmatig te meten.Figuur 4 Bloedspiegels van infliximab en antistoffen tegen infliximab inveertig patiëntmonsters. Lijnen verbinden de waarden voor elk individueelmonster. Het paarse gedeelte geeft het gebied aan waarbinnen deantistofresultaten als ‘niet verhoogd’ worden beschouwd. Verhoogde waardenvoor antistoffen zijn gecorreleerd met lage spiegelwaarden.Voor meer informatie, zoals bijvoorbeeld een lijst vanbiologicals en hun werking, zie o.a.www.biologicals.sanquin.nlLiteratuur1 Wolbink GJ, Lems W, Voskuyl AE, de GE, Nurmohamed MT, Tak PP et al. Relationship between serum through infliximab levels, pretreatment C reactiveprotein levels, and clinical response to infliximab treatment in patients with rheumatoid arthritis. Ann Rheum Dis. 2005 May;64(5):704-72 Wolbink GJ, Lems W, Voskuyl AE, de GE, Nurmohamed MT, et al. Development of antiinfliximab antibodies and relationship to clinical response inpatients with rheumatoid arthritis. Arthritis Rheum. 2006 Mar;54(3):711-5294Analyse december 2008


Leptospirose: rattenziekte of toch niet?M.G.A. Goris en R.A. Hartskeerl; Nationaal Referentielaboratorium voor Leptospirosen (NRL), Koninklijk Instituut voor de Tropen,AmsterdamLeptospirose is een belangrijke zoönose die overal op de wereld, maar vooral in tropische en subtropischegebieden voorkomt. Ratten zijn een beruchte bron, maar de rat is slechts een van de vele zoogdiersoortendie de ziekte verspreiden. In Nederland worden gemiddeld dertig humane gevallen per jaar vastgesteld. Dehelft van de infecties wordt opgelopen tijdens recreatieve bezigheden, meestal tijdens vakanties in tropischelanden. Het ziektebeeld van leptospirose is zeer gevarieerd, leptospirose kan op vele andere ziekten lijken.De diagnose is daarom moeilijk te stellen door de arts en bevestiging door het laboratorium is nodig. Maarook de laboratoriumtesten zijn moeilijk en bewerkelijk en worden daarom uitgevoerd in een beperkt aantallaboratoria. Door de moeilijke diagnose worden waarschijnlijk veel gevallen van leptospirose niet herkend.Dit heeft een wereldwijde onderschatting en verwaarlozing van de ziekte tot gevolg.Leptospirose is een bacteriële infectieziekte die beterbekend staat als de ziekte van Weil of rattenziekte. Het isechter geen eenduidige ziekte. De ziekteverschijnselenzijn uiterst gevarieerd (1,2,3,4). Eigenlijk is leptospirose,een verzamelnaam voor een aantal vormen van ziekte.Leptospirosen is daarom eigenlijk een betere aanduiding.De ziekte kan mild verlopen, maar kan ook zeer ernstig zijnmet dodelijke afloop. In zijn ernstigste vorm veroorzaaktleptospirose bloedingen van organen en slijmvliezen diedoen denken aan infecties met het Ebola en Marburgvirus.Bij ernstige longbloedingen overlijdt meer dan 70% van depatiënten (5).Leptospirose betekent ‘ziekte veroorzaakt door leptospiren’.Leptospirose werd in 1886 voor het eerst door Adolf Weil alsziekte beschreven. Het duurde tot het begin van de 20steeeuw voordat leptospiren als de ziekteverwekker werdengeïdentificeerd (6).Leptospirose is een zoönose, dat wil zeggen een ziekte dieovergedragen wordt van dier op mens. Vele zoogdiersoorten,wild en tam, kunnen de verspreiders zijn van leptospirose. Ditis zeker niet beperkt tot ratten zoals de naam rattenziektedoet vermoeden.Leptospirose heeft een wereldwijde verspreiding maar demeeste gevallen komen voor in tropische en subtropischelanden. Het klimaat en de omgeving zijn daar uitermategeschikt om de ziekte te handhaven. Er is daar een grotevariëteit aan dierlijke gastheren en leptospiren overlevenbeter in een warme en vochtige omgeving. In Nederlandkomt de ziekte relatief weinig voor. Er zijn gemiddeld dertigernstige gevallen per jaar. In bijna de helft van de gevallenwordt de infectie opgelopen tijdens vakantie in tropischelanden (7).De ziekteverwekkerLeptospirose zijn spirocheten. Dit zijn lange, dunne,kurkentrekkervormige bacteriën. Leptospiren behoren tothet genus Leptospira (4). Andere voorbeelden van spirochetenzijn Treponema, waaronder de veroorzaker van syfilis, enBorrelia, waaronder de veroorzaker van de ziekte van Lyme.Er zijn twee soorten leptospiren. De ene soort veroorzaaktziekte, de andere niet. Leptospiren die niet ziek maken leven inwater en in vochtige grond (saprofytair). Ziekteverwekkendeleptospiren zijn afhankelijk van een gastheer (1,2,3). Denaam ‘rattenziekte’ is onjuist en misleidend. Deze naamlaat vermoeden dat enkel ratten de bron van de ziektezijn. Niets is minder waar. Ratten zijn weliswaar beruchtals gastheer, maar daarnaast zijn er nog ongeveer 160andere zoogdiersoorten bekend als bronnen. Dit zijn veelalknaagdieren en insecteneters, maar ook vele andere wildeen tamme dieren. Huis- en landbouwdieren zoals honden,varkens, koeien, geiten en schapen kunnen belangrijkebronnen zijn en vormen een groot risico omdat zij in dedirecte nabijheid van de mens leven. Een goed voorbeeldhiervan is de sterke toename van melkerskoorts in Nederlandin de jaren 1980-1990 (7). Melkerskoorts is leptospirose bij, denaam zegt het al, melkveehouders. Bij onderzoek bleek dateen groot percentage van de Nederlandse melkveestapelsbesmet was met leptospiren en dat dus koeien de bron warenvan de ziekte. De melkveehouders werden vooral besmetmet leptospiren tijdens het melken van (urinerende) koeienen het schoonspuiten van de stallen. De overheid heeftdestijds een programma ingesteld waarbij besmettingenin veestapels actief werden opgespoord en bestreden.Het aantal melkerskoortsgevallen daalde daarna snel enmelkerskoorts komt nu in Nederland niet meer voor.De mens, ook een zoogdier, is een zogenaamde eindgastheer.Er zijn geen leptospiren bekend die zich aan de mens hebbenaangepast. Na ziekte verdwijnen de leptospiren volledig uithet lichaam (1).BesmettingEr zijn verschillende typen leptospiren. Deze worden serovarsgenoemd. Serovars hebben verschillende antigeenkenmerkendie met behulp van serologische technieken bepaald worden;serovar is een afkorting van serovariant. Momenteel zijn ereen kleine driehonderd serovars geïdentificeerd, maar er zijner ongetwijfeld nog veel meer (4).Over het algemeen kan gesteld worden dat een bepaaldserovar zich aan een bepaalde zoogdiersoort heeft aangepast.Een zoogdiersoort kan drager zijn van meerdere serovarsterwijl één serovar zich aan meerdere zoogdiersoortenaangepast kan hebben. De leptospiren leven in de nierenvan hun gastheer en worden met de urine in de omgevinguitgescheiden. Daar kunnen ze enige tijd overleven onderwarme en vochtige omstandigheden, denk daarbij vooralaan oppervlaktewater en modder. Mensen en dieren wordengeïnfecteerd via direct contact met de gastheer of zijnurine, of indirect via de besmette omgeving (2). Indirectebesmetting is in de meeste gevallen de belangrijkste route.Leptospiren zijn gevoelig voor zout. De ziekte kan nietworden opgelopen via zeewater. De gastheer wordt niet ziekna besmetting met de eigen serovar. Wanneer overdrachtvan de bacterie plaatsvindt van ouderdier op jong, waarbij deziekteverwekker in de populatie gehandhaafd blijft, spreektmen van een infectiereservoir (1). Mensen en dieren kunnenziek worden na besmetting met een ‘vreemd’ serovar. Zijvervolg op volgende pagina >Analyse december 2008 295


CasusEen 50 jaar oude man kreeg koorts nadat hij van eenvakantie in Maleisië terugkwam. Hij bleek daar achtdagen van tevoren een jungletocht uitgevoerd te hebbenwaarbij hij wondjes had opgelopen en watercontact hadgehad. De man had klachten over spierpijn, misselijkheid,braken en diarree. Na vijf dagen werd hij in het ziekenhuisopgenomen. Afwijkende klinische laboratoriumwaardenwezen onder andere op een leverfunctiestoornis.Leptospirose was een van de ziektes die werden vermoed,een antibioticumbehandeling werd gestart en onderzoekop het leptospiroselaboratorium aangevraagd. Na opnameverergerde de toestand van de patiënt sterk. Hij ontwikkeldegeelzucht en vertoonde tekenen van bloedvergiftiging enshock. Hij werd overgebracht naar de intensive care unitwaar hij spoedig ademhalingsproblemen kreeg. Een X-rayfoto van de borstkas toonde massale bloedingen in delongen aan. Beademing van de patiënt werd bemoeilijktdoordat hij veel bloed opgaf en bloedtransfusie wasnoodzakelijk. Uiteindelijk verbeterde de toestand zichlangzaam. Het opgeven van bloed hield na twee dagenop en de beademing kon kort daarop worden gestopt. Elfdagen na de opname werd de patiënt uit het ziekenhuisontslagen.Het serologisch onderzoek was positief voor leptospirose.De IgM ELISA gaf een titer van 1:160 op de 7de ziektedag.Deze steeg naar 1:5120 op de 16de ziektedag. De MAThad op dag 16 een zeer hoge titer met het serovarIcterohaemorrhagiae.De kweek werd positief na vier maanden. De stam werdgetypeerd als serovar Lai. Deze serovar is nauw verwantaan Icterohaemorrhagiae en komt voor in Zuid OostAzië. Het is in dit gebied een beruchte veroorzaker vande leptospirose vorm waarbij ernstige longbloedingenoptreden, vaak met fatale afloop.De diagnostiekLaboratoriumtesten voor leptospirose kunnen wordenonderscheiden in directe testen waarbij de ziekteverwekkerof delen hiervan worden aangetoond, en in indirecteserologische testen waar de ziekte via het meten van deantistoffen tegen de ziekteverwekker wordt bevestigd.De kweek en microscopie zijn twee conventionele methodenom de ziekteverwekker aan te tonen (2).KweekTijdens de eerste vijf à tien ziektedagen bevindenleptospiren zich in het bloed van de patiënt. Daarna zijn ervoldoende antistoffen aangemaakt om de leptospiren opte ruimen. De eerste tien ziektedagen kunnen leptospirendus uit bloed worden gekweekt. Ze blijven nog een tijdoverleven in de nieren en kunnen ook uit de urine wordengekweekt. Een positieve kweek levert direct bewijs voorleptospirose. Toch heeft kweek voor een vroege diagnostiekweinig waarde. Leptospiren groeien uiterst langzaam inkweekmedium en worden gemakkelijk overgroeid doorcontaminerende micro-organismen die veel sneller groeien.Ziekteverwekkende leptospiren delen zich eens per 10 à18 uur (2). Ter vergelijking, de darmbacterie Escherichia colideelt zich elke 20 minuten. Leptospirenkweken gaan dusvaak verloren en worden in ieder geval pas na weken totmaanden positief. De patiënt is dan allang hersteld. Tochwordt de kweek uitgevoerd omdat dan identificatie vande serovar mogelijk is. Dit is van epidemiologisch belang.Er kan daarmee onderzocht worden welke serovars waarvoorkomen en of er veranderingen in de verspreidingplaatsvinden. Ook wordt hiermee brononderzoek mogelijk.Hetzelfde serovar zal zowel in de patiënt als in de bronaanwezig zijn. Kennis van voorkomende serovars in eenbepaald gebied is ook belangrijk voor de diagnostiek(zie hieronder de beschrijving van de MicroscopischeAgglutinatietest).MicroscopieLeptospiren zijn te dun om onder een gewone lichtmicroscoopzichtbaar te zijn. Hiervoor wordt een donkerveldmicroscoop(DVM) gebruikt. In een DVM wordt de lichtbundel van de lensweggebogen. Alleen licht dat verspreid wordt door deeltjes inde lichtbundel komen in de lens terecht. Leptospiren zijn dante zien als witte draadjes in een zwarte achtergrond (figuur1). In principe kan de DVM gebruikt worden om leptospirenin bloed en urine op te sporen. De methode is echter uiterstonbetrouwbaar gebleken. De gevoeligheid ligt laag. Ermoeten minimaal 10.000 leptospiren per ml lichaamsvochtaanwezig zijn en dat is veel. Bovendien lijken draadjes, zoalsfibrinedraden in het bloed van patiënten met koorts, erg veelop leptospiren en dat leidt tot een verkeerde diagnose.PCRDe polymerase-kettingreactie (PCR) is een goed alternatief(9). Bij deze techniek wordt een stukje DNA van debacterie op een specifieke manier vermenigvuldigd. Hetvermenigvuldigde stukje DNA is eenvoudig aan te tonen.Het is een zeer gevoelige en specifieke methode. Momenteelwordt in Nederland een leptospirose-PCR gevalideerd,dat wil zeggen dat de betrouwbaarheid van de test wordtonderzocht en vastgelegd. Nadat de validatie van dePCR is afgerond, is het de bedoeling om deze test voor dediagnostiek te gaan gebruiken. PCR kan worden toegepastop bloed van een patiënt die nog maar kort ziek is en voorzietzo in de broodnodige ‘vroege’ laboratoriumdiagnose.SerologieSerologische testen meten antistoffen tegen deziekteverwekker. Het grote nadeel van serologische testenis dat antistoffen pas kunnen worden aangetoond als ervoldoende van zijn aangemaakt. Meestal is dit na zeventot tien ziektedagen. De patiënt is dan al hestellende of erhebben zich levensbedreigende complicaties aangediend.De Microscopische Agglutinatietest (MAT) is de goudenstandaard in de serodiagnostiek van leptospirose. Bij dezetest wordt serum van de patiënt gemengd met levendeleptospiren. Indien er antistoffen aanwezig zijn, zullen zij deleptospiren laten samenklonteren. Dat wordt met behulpvan de DVM beoordeeld (10). De antistoffen hebben eenmate van specificiteit tegen serovars. Het is dus belangrijkom de test met de infecterende serovar uit te voeren. Deserovar is natuurlijk niet vooraf bekend. Daarom wordener panels met serovars gebruikt waarvan bekend is datze in het gebied van de besmetting voorkomen. Kwekenvan leptospiren en het onderhouden van de cultures is ergmoeilijk en bewerkelijk. Daarom wordt deze test maar in eenbeperkt aantal laboratoria uitgevoerd. In Nederland is dithet Nationaal Referentielaboratorium voor Leptospirosen(NRL), gevestigd in de Afdeling Biomedical Research vanhet Koninklijk Instituut voor de Tropen in Amsterdam. Deserovarspecificiteit heeft ook een voordeel, omdat daardoorde MAT binnen bepaalde grenzen aanwijzingen kan gevenvervolg op volgende pagina >Analyse december 2008 297


over het leptospirentype dat de ziekte heeft veroorzaakt.De Enzyme Linked Immunosorbent Assay (ELISA) is eengenusspecifieke test voor leptospirose. Deze toont antistoffentegen leptospiren aan die grotendeels onafhankelijk zijn vande infecterende serovar. Een panel serovars is niet nodig. Erkan volstaan worden met een enkel serovar voor de productievan het antigeen voor de test (antigenen zijn componentenvan de bacterie die door de antistoffen herkend worden).Met de ELISA kunnen antistoffen van de klasse IgM en IgGaangetoond worden. IgM is vooral de eerste drie tot viermaanden van de ziekte en herstelperiode in het bloedaanwezig. IgG kan jarenlang in het bloed aantoonbaar zijn.De IgM-ELISA wordt dus vooral gebruikt om aan te tonen datde aanwezige antistoffen met een acute of recente infectie temaken hebben (10).Om dezelfde reden worden bij voorkeur gepaarde serain de MAT en ELISA getest. Gepaarde sera is een set vanserummonsters waarbij het tweede serum een á tweeweken na het eerste monster wordt afgenomen. Bij eennieuwe infectie zal de productie van antistoffen op ganggezet worden. Dat is te meten door een seroconversie (geenantilichamen aantoonbaar in het eerste serummonster maarwel in het tweede) of titerstijging (een toename van deconcentratie antistoffen in het tweede ten opzichte van heteerste monster).De MAT en IgM-ELISA zijn deels complementair. Dat wilzeggen dat in sommige gevallen de MAT antistoffen kanaantonen maar de ELISA niet, en omgekeerd. MAT en ELISAworden daarom bij voorkeur beide uitgevoerd. Beide testennemen verschillende uren in beslag.Naast de MAT en ELISA zijn verschillende andere serologischetesten voor de diagnose van leptospirose beschreven. Dezezijn echter duur en/of onbetrouwbaar.Nieuwe testenConventionele diagnostiekmethoden hebben alle een ofmeer nadelen. Ze zijn gecompliceerd, bewerkelijk, duur ofonbetrouwbaar en de uitvoering is beperkt tot een aantalexpertcentra. Er bestaat daarom vooral een grote behoefteaan eenvoudige, maar betrouwbare testen. KIT BiomedicalResearch heeft twee van deze testen ontwikkeld, de LeptoTekLateral Flow test en de LeptoTek Dridot (10). De laterale-flowtestis in principe een ELISA maar in een sneller en eenvoudigerformaat. Het maakt een uitslag mogelijk in tien minuten. DeDriDot is een latex-agglutinatietest. Latexdeeltjes zijn gecoatmet leptospirenantigeen. Het latex wordt gemend met serumen er ontstaan klontjes als er anti-leptospiren antistoffenaanwezig zijn. De test geeft binnen dertig seconden eenuitslag. Zowel de laterale-flowtest en de DriDot-test bestaanuit stabiele reagentia die bestand zijn tegen langdurigeopslag bij kamertemperatuur en zelfs hogere temperaturen.Dat maakt beide testen uitermate geschikt voor toepassingin de tropen en onder moeilijke omstandigheden, zoals dievoorkomen bij overstromingen en andere rampen. Helaaszijn de testen door productieproblemen momenteel nietverkrijgbaar. Om die reden wijden we er hier niet verder overuit.BehandelingWaarom is die vroege diagnostiek toch zo belangrijk?Leptospirose wordt doorgaans op klinische enepidemiologische gronden vermoed: passen deziekteverschijnselen bij de patiënt binnen het scala vanbekende ziekteverschijnselen van leptospirose, is depatiënt onlangs in een tropisch land geweest, was ercontact met dieren, is er sprake van een risicoberoep ofrisicoactiviteit (1, 3)? Behandeling wordt dan al vaak ingezet.Leptospirose kan meestal goed behandeld worden meteenvoudige antibiotica zoals penicilline of doxycycline maarantibioticumbehandeling heeft het meeste effect als er inde eerste vijf ziektedagen mee begonnen wordt (1, 2, 3).De conventionele laboratoriumdiagnostiek duurt hiervoorte lang en geeft meestal pas achteraf een bevestiging. Debehandelende arts heeft graag in een vroeg stadium van deziekte zekerheid over de diagnose. De arts kan dan tijdig meteen passende therapie starten. Naast antibioticabehandelingkunnen ernstig zieke patiënten ondersteunende therapiekrijgen zoals dialyse en beademing (1, 3).Literatuur1 Human leptospirosis: guidance for diagnosis, surveillance and control. World Health Organization, Geneva, 2003.2 Leptospira and leptospirosis. Faine S, Adler B, Bolin C, Perolat P. MediSci, Melbourne, 1999.3 Leptospirosis. In Harrison’s Principles of Internal Medicine. Speelman P, Hartskeerl R. McCraw Hill Medical, New York, 2007.4 Levett, PN: Leptospirosis. Clin Microbiol Rev 2001, 14, 296-326.5 Gouveia EL e.a.: Leptospirosis-associated severe pulmonary hemorrhage syndrome, Salvador, Brazil. Emerg Infect Dis 2008, 14, 505-508.6 Hartskeerl RA: Leptospirose: een ondeschatte infectieziekte. Ned Tijdschr Med Microbiol 2004, 11, 94-98.7 Hartskeerl R e.a.: Leptospirose in 2006: bijna de helft werd in Nederland opgelopen. Infectiezkt Bull 2007, 18, 402-403.8 www.leptonet.net9 Gravenkamp C e.a.: Detection of seven species of pathogenic leptospires by PCR using two sets of primers. J Gen Microbiol 1993, 139, 1691-1700.10 International course on laboratory methods for the diagnosis of leptospirosis. Hartskeerl RA, Smits HL, Korver H, Goris MGA, Terpstra WJ. KIT,Amsterdam, 2006.Verder lezen: referenties 1, 2 en 3.De auteurR.A. Hartskeerl heeft een opleiding tot biochemicus gevolgd aan de Universiteit van Utrecht en is daarna gepromoveerd als moleculair microbioloogaan dezelfde universiteit. Sinds 1993 is hij hoofd van het Nationale Referentielaboratorium voor Leptospirosen (NRL) op de Afdeling BiomedicalResearch van het Koninklijk Instituut voor de Tropen te Amsterdam. Dit nationale referentiecentrum is tevens WHO/FAO/OIE Referentie Centrum.M.G.A. Goris heeft een MSc in “Applied parasitology and medical entomology” van de “Liverpool School of Tropical Medicine”. Zij is sinds 2001 alshoofdanalist werkzaam op het leptospirose referentielaboratorium en tevens bezig met promotieonderzoek.298Analyse december 2008


puntmutaties, waarbij slechts een enkel leesteken (als een‘byte’ in een computerbestand) is veranderd met als gevolgdat het door dit gen gecodeerde eiwit is veranderd en nietlanger zijn functie goed kan vervullen.Deze informatie heeft als basis gediend voor het ontwikkelenvan een muismodel voor het mesothelioom. De muis bevatdezelfde tumorsuppressorgenen als de mens, dus inactivatievan deze genen in mesotheelcellen zou naar verwachtinghet ontstaan van mesotheliomen moeten bevorderen. Maaromdat zowel de ‘INK’ als NF2-tumorsuppressorgenen ookzijn betrokken bij het ontstaan van andere tumoren, wildenwe deze genen alleen veranderen in het mesotheel in deborstholte van de muis.Conditionele modificatieOm deze genen alleen in het mesotheel in de borstholtevan de muis te veranderen, is een verfijnde genetischemodificatie van de muis vereist. Gebruikmakend vanembryonale stamcellen wordt het DNA op specifieke plaatsenvoorzien van unieke herkenningscodes waarbij de informatiedie tussen twee van deze codes is gelegen, verwijderdkan worden met een bepaald enzym, het zogenoemdeCre-recombinase. Wanneer uit deze stamcellen een muisontstaat, draagt deze muis de aangebrachte veranderingenin al zijn lichaamscellen met zich mee en geeft deze ook dooraan zijn nakomelingen. De toegevoegde codes in het DNAhebben geen effect op het functioneren van de genen totdathet Cre wordt aangemaakt. Het Cre knipt dan het DNA tussende herkenningscodes uit het chromosoom. We noemen dateen ‘conditionele’ modificatie, want deze wordt pas effectiefwanneer het Cre wordt geproduceerd. Wanneer het gaat omhet nabootsen van een verlies van functie van bijvoorbeeldtumorsuppressorgenen spreken we van ‘conditionele knockouts’.Wij hebben voor het mesothelioommodel gebruikgemaakt van een gemodificeerd verkoudheidsvirus om hetCre in de gewenste cellen te introduceren. Wanneer dit viruswordt ingespoten in de borstholte van een muis, infecteerthet de mesotheelcellen. Na infectie produceert het virusgedurende korte tijd het Cre-enzym met als gevolg dat deconditionele knock-out-genen worden verwijderd uit hetchromosoom (figuur 1). Muizen met eerder genoemdeconditionele tumorsuppressorgenen zijn niet van normalemuizen te onderscheiden, leven even lang en zijn evengezond als niet-gemodificeerde muizen, zolang ze maar nietworden blootgesteld aan het Cre-enzym.Inductie mesothelioomOm een mesothelioom te induceren, krijgen de conditioneleknock-outmuizen via een enkele injectie dit viruspreparaatin de borstholte toegediend. Het virus infecteert alleende cellen in de borstholte, de tumorsuppressorgenenworden uitgeschakeld en na enige tijd ontstaan al of nietmesotheliomen, afhankelijk van de tumorsuppressorgenendie zijn uitgeschakeld. Om een tumor eerder en beter te kunnenwaarnemen, werd een deel van de muizen ook nog voorzienvan een conditioneel gen uit de vuurvlieg. Dit vuurvlieg-gen,luciferase, wordt juist actief als gevolg van de infectie met hetgemodificeerde verkoudheidsvirus (in dit laatste geval wordteen DNA-fragmentje verwijderd dat een ‘stopteken’ bevattedat aflezen van het luciferase-gen verhindert). Wanneerde muis vervolgens luciferine wordt toegediend, gaan allecellen die het luciferase hebben geactiveerd, licht uitstralen.Dat kan met een heel gevoelige camera worden gemeten.Aanvankelijk gaan alleen de geïnfecteerde cellen luciferaseproduceren. Dat zijn er relatief nog maar heel weinig endaarom niet of nauwelijks detecteerbaar. Maar wanneer dezecellen gaan delen en een tumor vormen, dan neemt de massavan deze lichtgevende cellen dramatisch toe en die toenamekan worden gekwantificeerd en is in principe evenredigmet het aantal tumorcellen. Zo kan tumorgroei in de tijdworden vervolgd waardoor in een enkele muis zowel groeials eventuele regressie van een tumor kan worden gemeten(figuur 2). Daardoor zijn veel minder muizen nodig om vast testellen of een antikankermiddel de groei van een tumor kanremmen. Wat gebeurt er nu als een enkel tumorsuppressorgen,of combinaties van tumorsuppressorgenen wordengeïnactiveerd in het borstvlies van een volwassenmuis? Wanneer een enkel tumorsuppressorgen wordtgeïnactiveerd, ontstaan geen tumoren. Maar wanneer eencombinatie van tumorsuppressorgenen wordt geïnactiveerd,Figuur 1Een conditionele knock-out.De blokjes 1-4 representeren genen die op een chromosoom zijn gelegen. Door gen ‘3’ te omgeven met herkenningscodes voor het Cre-enzym kan dit gen specifiekworden verwijderd in cellen van een muis. In het hier beschreven geval is dat gedaan in cellen van het borstvlies door deze te infecteren met een kreupel gemaaktverkoudheidsvirus dat het gen voor het Cre-enzym bevat.300Analyse december 2008


dezelfde genetische afwijkingen hebben (ze zijnafkomstig van dezelfde primaire tumor) en daarom is eendergelijke serie getransplanteerde tumoren erg geschiktom vast te stellen hoe ze reageren op verschillendebehandelingen. Door dit met een reeks primairetumoren te doen, waarvan we ook cellijnen hebben,verwachten we verbanden te kunnen leggen tussenaanwezige genetische defecten en de respons op therapie.We hebben intussen een serie cellijnen en deels ookgetransplanteerde tumoren met een reeks bestaande ennieuwe antikankermiddelen behandeld (figuur 4). Hierbijkomt naar voren dat de muismesotheliomen, evenalsmesotheliomen bij de mens, grote resistentie vertonentegen de meeste behandelingen. We proberen nu opbasis van inzicht in de genetische afwijkingen in de tumor,de drugcombinaties te vinden die tumorgroei wel goedremmen. Daar ligt het accent van ons onderzoek.3. Wanneer we op deze wijze zicht krijgen op effectievebehandelingen is de volgende stap om vast te stellenof deze benadering ook effectief is om menselijkemesothelioomcellen in hun groei te remmen. Het plan isom vers verkregen mesothelioomcellen van patiëntenvolgens dezelfde routine in muizen in te spuiten en om teanalyseren of een op die tumor toegesneden interventie -gebaseerd op de genetische defecten en daarbij behorendeafwijkende signaleringsroutes - werkt of niet. Op dezemanier kunnen nieuwe combinatiebehandelingen wordenuitgetest. Mocht blijken dat de onderlinge variatie in responserg groot is - de studies in de muis lijken hierop te wijzen- dan kan het transplanteren van humane mesotheliomenin de muis op termijn zelfs onderdeel worden van dediagnostiek, waarbij de keuze van behandeling wordtbepaald/geverifieerd in getransplanteerde muizen.ToekomstWereldwijd is er veel belangstelling voor het hier beschreventype benadering. Onze longartsen Paul Baas en SjaakBurgers hebben eind september 2008 in Amsterdam eenspraakmakend internationaal congres georganiseerd. Daarkwam een groot aantal mesothelioomdeskundigen uitde hele wereld bijeen om hun ervaringen te delen en tebespreken hoe we deze uiterst venijnige tumor de baaskunnen worden. De oplossing kan alleen maar komen vanonderzoek en de verwachting is dat muismodellen daar eenonmisbare schakel in zullen zijn. Ook al is de verwachting datover zeven tot tien jaar het aantal gevallen van mesothelioomlangzaam gaat afnemen, deze tumor zal blijven voorkomen,onder meer omdat blootstelling aan asbest en verbindingenmet vergelijkbare eigenschappen nooit helemaal zal kunnenworden voorkomen. Allemaal redenen om hard te werkenaan nieuwe behandelingen van het mesothelioom.Figuur 3Alle muizen die het Nf2-tumorsuppressor-gen missen in combinatie met de tumorsuppressor-genen p53, Ink4a en Arf, ontwikkelen mesothelioma’s. Verlies van Ink4a lijktde tumoren invasiever te maken. De krachtigste combinatie is verlies van de Nf2, p53 en Ink4a tumorsuppressor-genen.Literatuur1 Jongsma J, van Montfort E, Vooijs M, Zevenhoven J, Krimpenfort P, van der Valk M, van de Vijver M and Berns A. A conditional mouse model formalignant mesothelioma. 2008 Cancer Cell 13: 261-271.2 International Mesothelioma Interest Group. IMIG. Website: www.imig.org.De auteurProf. Berns is hoogleraar en directeur wetenschapsbeleid in het Nederlands Kanker Instituut - Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis in Amsterdam.302Analyse december 2008


55+ beleid of ‘ontzie’ beleid: wat zal hetworden?J. Schoemaker, Bureau NVML“Moet ik straks tot mijn 65e voltijds doorwerken?” “Ik heb al 35 jaar in onregelmatige dienst gewerkt, ikhou dat echt niet meer vol tot mijn pensioen!” Deze en meer vragen leven bij veel ziekenhuismedewerkerssinds bekend is dat de zogenaamde ‘55+-maatregelen’ op de schop gaan. Moeten we van de regering aldoorwerken tot de AOW-leeftijd, nu dreigen ook de regelingen die het werken voor ouderen makkelijkermaakten, afgeschaft te worden?Zo’n vaart zal het niet lopen, maar dat er een andere regeling komt is wel zeker. Maar of die ook slechterwordt dan degene die we nu hebben: de vakbonden zijn vast van plan om dit niet te laten gebeuren.Analist OBU gemist?(Een van de inzendingen voor de digitale fotowedstrijd van de NVML.Foto: Ahmed Lazaar, medisch analist Chemisch laboratorium, St.Elisabeth ziekenhuis locatie Tweesteden ziekenhuis.Aanleiding voor de commotie is dat volgens werkgevers dehuidige 55+-maatregelen onbetaalbaar worden. Er werkensteeds meer senioren, 55+-ers, in de ziekenhuizen; de VUTis afgeschaft, dus in principe moet iedereen doorwerken totzijn 65e levensjaar. In 2022 bereikt het percentage 55+-ers inde ziekenhuizen naar verwachting zijn top. Bij ongewijzigdbeleid verdubbelt het aantal verlofuren per fte tussen nuen 2033. En dat terwijl jonge instromers in de ziekenhuizensteeds moeilijker te vinden zijn. Ook in de laboratoria doetde vergrijzing zich voelen: vacatures zijn steeds lastiger tevervullen.Huidige regelingenWerkgevers willen onder andere daarom al jaren af van dehuidige 55+-maatregelen. Voorbeelden van de huidigeregelingen zijn:- de vergrijzingsuren: vanaf je 45e extra vakantie-uren;- 55+ uren: extra vakantie-uren (cao-z: 108 uur per jaar, caoumc’sin de directe patiëntenzorg: 20% minder werken metsalarisbehoud;- vrijstelling van avond-, weekend- enbereikbaarheidsdiensten.Nu gelden deze regels alleen voor ouderen. Dat terwijl eenwerknemer met jonge kinderen ook grote behoefte kanhebben aan tijdelijk extra vrije uren om werk en privé goedte kunnen combineren.Daarom gaan er stemmen op om in plaats hiervan iedereenvervolg op volgende pagina >Analyse december 2008 303


de mogelijkheid te geven om in drukke tijden (met kinderen),met zorgtaken (zieke ouders) of op hogere leeftijd (langerherstel nodig), meer uren vrij te geven. Dit nieuwe beleidheeft verschillende namen meegekregen: ‘ontzie’-beleid,levensfasebeleid, rugzakje, en in de UMC’s heeft het de titel‘persoonlijk budget’ gekregen.Cao UMC’s: per 2009 een ‘persoonlijk budget’Alle werknemers van de acht UMC’s hebben inmiddels vanhun werkgever informatie ontvangen over de nieuwe regelsper 1 januari 2009. Die houden in dat er een persoonlijkbudget komt (geld dus), dat tot 2011 gebruikt mag wordenvoor extra scholing (dat mag alles zijn, het hoeft niet met hetvakgebied te maken te hebben). In de volgende cao (vanaf2011) worden afspraken gemaakt om het ook voor meerdoeleinden in te zetten, zoals extra vrije tijd voor zorgtakenof extra pensioen.Werknemers geboren vóór 1950 kunnen kiezen of ze deoude regeling behouden of voor de nieuwe kiezen; dewerknemers van geboortejaar 1958 en daarvoor krijgen extrabudget, omdat ze te weinig tijd hebben om voldoende op tebouwen.Afspraken hierover moeten in het jaargesprek gemaaktworden.Als het goed is heeft ieder UMC op intranet meer informatiebeschikbaar over het persoonlijk budget.Cao Ziekenhuis: plan in ontwikkelingIn de laatste cao Ziekenhuizen is afgesproken dat er eenplan komt. Dit zal met de cao-besprekingen voorjaar 2009vastgesteld worden en gaat in met de nieuwe cao. De PGGMis gevraagd om dit plan te ontwikkelen. Op 10 november zijn,met de kaderleden van de vakbonden, de randvoorwaardenvan dit plan besproken.In het kort komen de randvoorwaarden op het volgendeneer:- er wordt een ‘eigentijds levensfasebeleid’ ontwikkeld, datprimair gericht is op het inzetbaar houden van werknemersgedurende hun loopbaan (vitaliteit);- in het kader van het levensfasebeleid krijgt iederewerknemer een persoonlijk levensfasebudget toegekendwaarmee betaald minder werken mogelijk wordt gemaakt(het realiseren van het evenwicht werk/privé).Wat uitdrukkelijk niet zal kunnen met het budget is: het‘sparen’ van verlof, het laten uitbetalen (in geld dus) van hetverlof of het vastplakken van het budget vóór het pensioen(zodat men eerder met pensioen kan).In het jaargesprek maken werknemer en werkgeverafspraken over het al dan niet gebruiken van het budget;zo kan bijvoorbeeld afgesproken worden dat iedere weekvier uur extra (betaald) verlof genoten wordt gedurende heteerstkomende halfjaar.De regeling zal er zo gaan uitzien, dat degenen die alwat ouder zijn een hoger ‘startbudget’ krijgen dan dejongeren. Zij kunnen immers langer sparen. Het budget zalook meegenomen kunnen worden als men in een anderziekenhuis gaat werken. Wat er gebeurt als men uit deziekenhuissector vertrekt, wordt nog bekeken.Ten slotte: het plan voor de cao Ziekenhuizen moet nogverder ontwikkeld worden, en zal onderdeel uitmaken vande cao-besprekingen die in februari/maart 2009 starten. Erligt dus nog niets definitief vast tot die tijd.Wilt u hierover uw mening geven of iets vragen? Dat kan via nvml@nvml.nl, o.v.v. levensfasebeleid.Nachtdiensten“Moeten ouderen dan ook weer nachtdiensten gaandoen?” wordt de laatste tijd wel eens gevraagd.Tot op heden hoeft men vanaf zijn 55e geen onregelmatigediensten meer te draaien. Uit allerlei onderzoeken blijktdat het draaien van nachtdienst erg ongezond is: dat geldtvoor iedereen, maar vooral voor zwangeren en ouderewerknemers. Het ligt daarom niet in de lijn der verwachtingdat 55+ers weer nachtdiensten moeten gaan draaien.Voor alle zekerheid is dit tóch maar even voorgelegd aande AbvaKabo cao-onderhandelaar. Haar reactie: “Dat lijktmij echt onzin. Ik ga dat niet meemaken. We gaan 55-jarigen geen nachtdiensten meer laten draaien.”Het is overigens wel mogelijk dat 55+-ers weekend- enwellicht ook avonddiensten moeten gaan doen: wat is uwmening hierover? Reageer via nvml@nvml.nl.Voorbeelden waarvoor dit budget gebruikt kunnen wordenzijn:- tijdelijk minder werken;- verlenging van het zwangerschapsverlof;- meer ouderschapverlof;- extra studietijd;- regelmatig langere vakantie;- structureel (binnen roosters) minder werken aan het eindevan de loopbaan.304Analyse december 2008


VerenigingsnieuwsVan achter de bestuurstafel….Kredietcrisis, recessie, milieuproblematiek, oplaaiend geweld inCongo, allemaal slecht nieuws. Je zou er zelf haast ook depressiefvan worden. Ikzelf heb het gevoel dat al dat slechte nieuws er voorzorgt dat bijvoorbeeld de kredietcrisis ook in stand gehouden wordt;de recessie lijkt ons aangepraat te worden. Natuurlijk zullen wemerken dat we misschien wat langer moeten sparen voor wat grotereuitgaven.Ik was dan ook erg verrast over het feit dat 7 november uitgeroepen is tot NationaleGoed Nieuwsdag. Goed nieuws is ook nieuws! Natuurlijk moet hard en spannendnieuws gebracht worden, maar inspirerende en zinvolle gebeurtenissen uit desamenleving blijven vaak onderbelicht. Een gemiste kans, want uit http://www.zinfo.nl/zinfo/2008/08/diverse-goed-ni.html actuele onderzoeken blijkt dat er veel behoefteis aan ander nieuws.“Er is een ijsbeertje geboren in Artis” is natuurlijk leuk en luchtig nieuws, maar goednieuws is meer dan dat. Het is nieuws over gebeurtenissen uit binnen- en buitenlanddie wel goed gaan en afwijken in positieve zin. Of waarin actualiteit belicht wordtvanuit een ander perspectief. Het is serieus nieuws met inhoud, positiefkritisch enoplossingsgericht.Ik heb me dan ook voorgenomen niet meer elke dag de krant te lezen, selectief te zijnmet het Journaal en mijn ogen open te houden voor zaken die wel goed lopen. Genietenvan de kleine zaken des levens. Meer tijd te besteden aan zaken die ikzelf belangrijkvind - zoals mijn werk, maar ook de NVML. Zoals reclame maken voor de vakbeurs“Techniek en Diagnostiek” van 24 maart 2009 in de jaarbeurs te Utrecht. Deze vakbeursis speciaal gericht op de medische diagnostiek. Je kunt de gehele dag een keuze makenop welke momenten je een lezing wilt bijwonen en wanneer je de standhouders opde beursvloer bezoekt. In vier zalen lopen de gehele dag programma’s. Er vindt eenvoorlichtingsprogramma voor derde- en vierdejaars studenten van MLO en HLO plaats.Meer informatie over deze vakbeurs en ander goed nieuws is te vinden op de geheelvernieuwde website van de NVML (www. nvml.nl). Zo is op deze website ook allerleiinformatie te vinden over leuke en interessante cursussen zowel georganiseerd door deNVML als door externe opleidingsinstituten.Is er ook iemand die wat minder met slecht nieuws bezig wil zijn maar meer met goednieuws? We zijn op zoek naar een enthousiaste eindredacteur voor Analyse. Ook opde website is te vinden wat de redactiecommissie doet en wat er van je verwacht zouworden. Iets voor jou?Marina Verdaasdonk, bestuurslidNieuwe ledenAchten W.A.M. Elkerliek Ziekenhuis VenloBouter S.D. Tergooiziekenhuizen BlaricumBruins M.J. Isala Klinieken ZwolleHaan den- Warmerdam C. MEDIAL HoofddorpIshaqzada A.A. Student, ROC Zadkine RotterdamSana, G. Haga ziekenhuis Den HaagNVMLWilhelminapark 52, 3581 NM Utrecht. Telefoon: 030-2523792.Telefonisch bereikbaar: maandag tot en met donderdagvan 9:00 tot 14:00. Fax: 030-2541814. E-mail: nvml@nvml.nl.Website: http://www.nvml.nlBereikbaarheid bureaumedewerkersRia Blom(organisatie nascholing): maandag, dinsdag endonderdag.Marja Pospiech(beroepsinhoudelijke belangenbehartiging enalgemene zaken): maandag tot en met donderdag.Alice Gosselt-Imming(organisatie nascholing): maandag, dinsdag endonderdag.Jenny Schoemaker(voorlichting en sociale belangenbehartiging):dinsdag t/m donderdag.LidmaatschapVoor informatie en ledenadministratie kunt u contactopnemen met het bureau van de NVML.ContributieLees het aanmeldingsformulier op de website: www.nvml.nl.OpzeggingSchriftelijk voor 1 november 2009 per post, fax ofe-mail. Omdat niet al het communicatieverkeerprobleemloos verloopt, adviseren wij u om altijd naareen ontvangstbevestiging te vragen. Bij geen responsweet u dat uw bericht niet bij de NVML is aangekomen.BestuurVoorzitter:• mw. M. Schoorl, Laboratorium voor KlinischeChemie,Hematologie & Immunologie, Medisch CentrumAlkmaarSecretaris:• mw. P.J.J. Melsen, Afd. Medische Microbiologie,Academisch Medisch Centrum, AmsterdamLeden:• dhr. R. de Nooijer, Afdeling Klinische Chemie,Erasmus MC, Rotterdam• Mw. M.A.M. Verdaasdonk, afdeling Pathologie,UMC UtrechtAdviseurs• mw. dr. S.M. van Ham, Amsterdam.Celluliar immunoloog• dr. J.A. Kaan, Utrecht.medisch microbioloog• dr. E.C.M. Ooms, Den Haag.patholoog• prof. dr. C.G.J. Sweep, Nijmegenklinisch chemicusNVML-Commissies en werkgroepenWerkgroep HAMLOContactpersoon: mw. Dicky Kasper. De werkgroep isbereikbaar via het bureau van de NVML op maandagt/m donderdag tussen 9.00 en 14.00 uur. E-mail: nvml@nvml.nl.Commissie Internationale ContactenContactpersoon: Marja Pospiech, bureau NVML.Commissie KwaliteitContactpersoon: Marianne Schoorl.Commissie NascholingContactpersoon: Alice Gosselt-Imming en Ria Blom,bureau NVML.Commissie OnderwijsContactpersoon: Marja Pospiech, bureau NVML.RedactiecommissieContactpersoon: Margo Kusters-van Someren,Communicatiebureau Exact.Werkgroep RegistratieContactpersoon: Marja Pospiech, bureau NVMLCommissie Sociale BelangenContactpersonen: Marja Pospiech en Jenny Schoemaker,bureau NVML.Werkgroep Hoofdanalisten MedischeMicrobiologie (WHAMM)Contactpersoon: Marja Pospiech, bureau NVML


Wat doe jij op het lab?Vakspecialist, notulist, ontwikkelingswerkerIk ben Rein Lindenbergh, geboren op Valentijnsdag 1964, getrouwd met Anne-Mie Feyens, en wewonen samen met onze 9-jarige dochter Ilse sinds 1992 in Kalmthout (België).Je opleiding?Nadat de HAVO was gepasseerd ben ik in Goes (Zeeland) gebleven om daar op de ZACG (Zeeuwse Academie voor Chemie enGezondheidszorg) de (toen) nieuwe HLO-opleiding te gaan volgen in de richting Klinische Chemie; in 1986 ben ik als gediplomeerdanalist de arbeidsmarkt op gegaan.Wat vond je het leukst aan je opleiding?Van jongs af aan ben ik altijd het meest geïnteresseerd geweest in scheikunde, biochemie en de natuur, dus was het logisch dat dezeopleiding perfect in dit plaatje paste. De theorie was leuk maar het waren toch vooral de praktische uren die het meest geliefd waren– de relatief kleine school stond garant voor een erg goede onderlinge sfeer, vlotte samenwerking met korte beslislijnen, mogenmeedenken en een grote collegialiteit. Omdat er op mijn stageplaats – het voormalig St. Liduina Ziekenhuis in Hulst - geen HLOafstudeermogelijkheidwas, heb ik mijn afstudeeropdracht op de vertrouwde praktijkvloer van de ZACG in Goes mogen uitvoeren– het introduceren van diverse apparatuur en technieken voor het practicum was erg motiverend en leerzaam, dus dat is toch wel demooiste periode geweest.Wist je na je afstuderen wat voor soort baan je wilde?Aangezien ik eerst nog meer dan een jaar in militaire dienst moest, kreeg ik nog veel tijd om na tedenken en rond te kijken waar ik eventueel zou willen gaan werken; vanwege de medische opleidingkwam ik in aanmerking voor een baan in het Medisch Hospitaal in Utrecht, maar de vacature op hetlaboratorium kwam net twee maanden te laat vrij en hierdoor werd het voor mij toch de 2e keus endat was ook erg aantrekkelijk, namelijk muzikant worden bij het dienstplichtig Korps der Intendance inAmsterdam (vlak naast Artis en dus midden in het centrum). Achteraf heb ik hiervan nooit spijt gehad,want dit was natuurlijk een luxe leventje (inclusief wintersport optredens en de bekende Taptoe Bredaen de vierdaagse van Nijmegen als hoogtepunten). Eind 1987 ben ik al bij mijn 2e sollicitatie terechtgekomen in Breda om bij het toenmalige SML (Stichting Medische Laboratoria) te gaan werken;ik wilde graag eerst routine chemie ervaring opdoen in een laboratorium waar zoveel mogelijktechnieken zelf uitgevoerd werden en daar paste het groots opgezette centrale SML-laboratoriumhelemaal bij. Binnen Zeeland waren er nauwelijks mogelijkheden, dus het was altijd al duidelijk dat ikniet meer van huis uit kon blijven werken, maar ik wilde ook graag iets meer van de wereld zien dusdan trek je er gewoon op uit.Werkervaring als analist?Tot op dit moment (ruim 20 jaar dus) werk ik nog steeds in Breda, maar het SML is enkele jaren na mijnkomst opgesplitst en verdeeld over de toen bestaande ziekenhuizen; ik ben, na een jaar op het centraalSML-laboratorium te hebben gewerkt, intern verhuisd naar het Cito lab van het Ignatius Ziekenhuis;na de opsplitsing is dit een volwaardig klinisch chemisch & hematologisch laboratorium geworden. Momenteel zijn alle ziekenhuizenin Breda e.o. weer gefuseerd en is het Amphia ziekenhuis het grootse algemeen ziekenhuis van Nederland met ruim 5000 werknemers.Wat het laboratorium betreft zijn we dus weer een beetje terug bij het grote SML-lab van vroeger: de geschiedenis herhaalt zich!In de loop van de jaren ben ik op veel verschillende afdelingen binnen het KCHL werkzaam geweest en ben ik ook vrij snel dienstengaan doen waarbij je ´s nachts alleen was en dan leer je snel (zeker op een drukke spoedafdeling, zoals deze nog steeds op mijn huidigelocatie Molengracht aanwezig is); ook de komst van de Klokkenberg met zijn specifieke openhartoperaties geeft je als analist de kans omop veel gebieden je kennis en ervaring uit te breiden - zowel op klinisch chemisch (inclusief elektroforesetechnieken) als hematologischgebied (inclusief uitgebreid bloedgroepen en antistoffenonderzoek) heb ik van bijna alles wel iets gezien en/of meegemaakt.De eerste 10 jaar van mijn loopbaan ben ik erg actief geweest als lid van de VvMA (nu NVML) met onder andere het voorzitterschapvan de afdeling Zeeland/West Brabant, één keer voorzitter van de jury Zilveren Vlam en vooral veel organiseren van lezingen en opendagen op scholen. Ook daar leer je veel van als analist en vooral als mens, want de liefde voor je vak uitdragen aan (jonge) collega´s iseen voortdurende stimulans om ons mooie beroep de aandacht te geven die het verdient.Organiseren heb ik altijd graag gedaan en daarom ben ik ook tien jaar lid geweest van het bestuur van de zeer actievepersoneelsvereniging DIO (Door Inspanning Ontspanning) van het Ignatius Ziekenhuis – vanuit mijn jeugd heb ik ook veel aan sportgedaan en sportevenementen georganiseerd en dat was binnen het ziekenhuis dan ook mijn specialiteit. Eén van mijn initiatievendie nu nog steeds erg goed loopt is een mixed-voetbaltoernooi waarbij het vooral gaat om het samenspel (man èn vrouw) en degezelligheid na afloop (met zomerse barbecue) – een goede werksfeer is mijn inziens het belangrijkste op de werkvloer om kwaliteitte kunnen leveren.Het bestuurlijk werk bij de VvMA eindigde door het wegvallen van de afdelingen en na het deelnemen aan de brainstorm in Utrechtomtrent de toekomst ben ik nu zoveel mogelijk aanwezig op de goed georganiseerde regionale studiemiddagen en de jaarlijksesymposia om ons vakgebied zo goed mogelijk bij te houden.306Analyse december 2008


Waar werk je nu?Na tien jaar routine was ik toe aan een nieuwe uitdaging en die heb ik gevonden in de functie vakspecialist klinische chemie, die netop het goede moment binnen ons eigen laboratorium werd geïntroduceerd. Buiten het ziekenhuis waren er ook mogelijkheden, zoalsvertegenwoordiger of service specialist bij een firma, maar dat leverde toch teveel praktische (verhuis)bezwaren op en in verhoudingveel meer werkdruk, stress en minder vrije tijd. Ook het feit dat we in Breda al vele jaren de ervaren analisten in schaal 50 hebbengekregen (en vakspecialist in schaal 55) zorgt ervoor dat je redelijk beloond wordt en dus weinig reden hebt om te gaan veranderen.Bevalt het?Na ruim twintig jaar ga ik nog steeds elke dag met plezier naar mijn werk en omdat ik voor mezelf de droombaan heb die ik vroegervoor ogen had kan ik alleen maar heel tevreden zijn. Ook buiten het werk is er regelmatig een activiteit (o.a. samen op skiweekendof skeelertochtjes maken) waardoor de teambuilding ook positief wordt beïnvloed. Mijn vrouw Anne-Mie is ook als medisch analistbegonnen bij de SML en kent vrijwel alle collega´s, dus dat maakt het wel gemakkelijker natuurlijk. Een groot voordeel is ook dat je thuisprecies weet waar je partner het over heeft; na de komst van onze dochter Ilse is Anne-Mie parttime in België gaan werken (momenteelop het Tropisch Instituut in Antwerpen); ze moet om 7 uuur met de trein mee en ik zorg dan dat Ilse op school komt – gelukkig kandit doordat we in Breda ook pas om 9 uur mogen beginnen; flexibele werktijden zijn in het moderne gezin een voorwaarde om hetallemaal georganiseerd te krijgen.Waar bestaat je werk vooral uit?Als vakspecialist heb ik de perfecte baan, want je mag veel cursussen volgen en nieuwe ontwikkelingen introduceren, je mag veelmeedenken en zorgen dat het op de werkvloer goed blijft lopen, kortom een heel afwisselende baan binnen je vakgebied. Ook demagazijnvoorraad en bestellingen van de chemieafdeling horen bij mijn aandachtsgebied. Het medisch valideren van de afwijkendeuitslagen is ook een taak die samen met het groepshoofd wordt uitgevoerd. Als 1e aanspreekpunt op de werkvloer ben je continu bezigmet vragen, kleine storingen, instructies, controles en regelmatig vergaderen – kortom: een zeer afwisselende en uitdagende baan.Ik heb ook vele jaren de notulering van ons werkoverleg verzorgd en ben nu ook actief lid van onze Onderwijscommissie waarbij weonder andere intern elk jaar enkele scholingsavonden organiseren. Het notuleren en het secretariswerk ben ik blijven doen voor onderandere de werkgroep chemie en voor de onderwijscommissie. Het grote voordeel van dit werk is dat je altijd volledig op de hoogte blijftvan alles wat er op het lab speelt. Het wordt vaak als saai en moeilijk werk bestempeld, maar als je goed kan luisteren en samenvattenheb je er veel voordeel van. Als het goed wordt uitgevoerd merk je ook aan je collega´s (vooral als ze er zelf niet bij zijn geweest) dat heterg gewaardeerd wordt; binnen een organisatie is het ook het belangrijkste onderdeel van goed communiceren, zeker als de groepmensen erg groot wordt – ons lab heeft totaal ruim 200 mensen in dienst, waarvan de helft ongeveer parttime werkt. Om iedereen opde hoogte te houden is de verslaglegging uitermate belangrijk.Een geheel ander aspect van mijn huidige werk ligt aan de andere kant van de wereld: via het Tropisch Instituut in Antwerpen ben iksamen met Anne-Mie (en dochter Ilse) enkele weken op een laboratorium geweest in Phnom Penh. Daar heb ik enkele chemietestengeïntroduceerd (o.a. een Totaal Eiwit en Glucose in Liquor voor de Acute Hulp afdeling). Ook mocht ik de lab-organisatie doorlichten omefficiënter te kunnen werken. Anne-Mie heeft er enkele Cambodjaanse mensen opgeleid zodat deze nu al enkele jaren zelfstandig debasis-microbiologie beheersen. Het is letterlijk en figuurlijk de andere kant van de wereld en je leert er heel veel van -vooral als mens,want dan pas besef je hoe goed we het eigenlijk wel hebben! De Cambodjaanse analisten zijn erg leergierig en heel gemotiveerd omiets bij te leren; ik kan iedereen aanraden om zoiets eens te doen als je de kans krijgt!Ken je Analyse en zo ja, wat vind je ervan?Zoals reeds verteld ben ik altijd lid van de vereniging geweest en ik ben in de loop van de jaren steeds enthousiaster geworden omdathet vakblad er steeds weer in is geslaagd om met de tijd mee te gaan en afwisselende, actuele en kwalitatief hoogstaande artikelen tevinden. Sinds kort ben ik ook actief redactielid, zodat ik ook zelf nog een beetje invloed heb op de inhoud en kan meedenken over water zoal in ons interessante vakgebied speelt.Waarover zou jij graag lezen in Analyse?Alles wat actueel is hoort in Analyse aan bod te komen, waarbij het voor alle medische analisten opfrissende en liefst ook deelsvernieuwende artikelen moeten zijn; ook op het gebied van onderwijs en de secundaire voorwaarden, want daar hangt onze toekomstvanaf. We zijn een relatief kleine groep, maar we kunnen ons wel zo sterk mogelijk maken door het vooral SAMEN te bedenken en uit tevoeren. Na de ziekenhuisperiode ben ik naar Proxy Laboratories gegaan; een analytisch lab, dat Good Manufacturing Practice (GMP)-gekwalificeerd is, om daar een microbiologisch lab op te zetten. Ook daar was het zo, dat het gebouw en de ruimte al bestonden,maar voor de rest mocht ik me uitleven. Tussentijds was ik mijn eigen bedrijf opgestart in de import van Oostenrijkse wijn, omdat ikuit Oostenrijk kom en ik het toch redelijk mis. Wijn is echt een lastige business, zodat ik na ¾ jaar bij een consultancybedrijf ben gaanwerken, wederom met het oog op kwaliteit. Daar heb ik een aantal bedrijven geholpen met het voorbereiden op de inspectie doorde Nederlandse overheid, want zoals weinig mensen weten, denk ik, worden alle bedrijven die geneesmiddelen maken, humaan ofveterinair, periodiek op het naleven van internationale en nationale regelgeving getoetst. Zodoende heb ik Fort Dodge en AnimalScience groep gezien en NVI, Katwijk Farma en Pharming, en toen heb ik bedacht dat ik graag een eigen bedrijf zou willen beginnen inhet vak. Heeft een heleboel nadelen (wat achteraf bleek), maar die wegen dan toch niet op tegen de voordelen….mits je het leuk vindt.Voor diegene die er meer over willen lezen, kunnen kijken op: www.qaconsultancy.nlWil jij ook een stukje schijvenover je werk?Stuur een mailtje naar nvml@nvml.nl onder vermelding van“Werkplek in Analyse”,dan krijg je een vragenlijstje teruggestuurd.Analyse december 2008 307


Jaaroverzicht 2009uitgave:Nederlandse vereniging vanbioMedisch laboratoriummedewerkersNVML–leden ontvangen Analyse gratis.Voor vragen over contributie, adreswijzigingenof andere administratieve zaken rond Analysekunt u contact opnemen met het bureau vande NVML.redactiecoördinatie en eindredactie:Communicatiebureau Exactdr. M.A. Kusters-van SomerenE-mail: info@exact-tekst.nlTel.: 030-2767522redactie:dhr. Heijnen, afd. Pathologie,Reinier de Graafgroep, Delftmw. M. Kooistra, afd. Research and Development,Laboratorium voor Infectieziekten, Groningenmw. A. Luidens, afd. Cytol./Klin.Pathologie,St. Elisabeth ziekenhuis, Tilburgdhr. W. van der Meer, AKC,UMC St. Radboud, Nijmegenmw. P.J.J. Melsen, afd. Medische Microbiologie,AMC, Amsterdammw. F.C. de Ruijter-Heijstek, Edecover-foto:foto: Istockphoto.comvormgeving en opmaak:Celina Koekenbier | www.insight-design.nldruk:Verweij Communicasa Groepadvertentie-exploitatie:mw. F. de Ruijter-Heijstektelefoon: 0318 - 842 446 | fax: 0847 – 110541e-mail: f.deruijter@chello.nloplage:3250 exemplarenAdvertenties & kopijGeldend advertentietarief: Tarievenlijst 2008Sluitingsdatum advertenties:Voor het 1e nr. (2009): Woensdag 19 januari.Inleverdata kopijDe redactie ziet korte berichten (bijvoorbeeld overopleidingen) voor Analyse 1 (2009) graag uiterlijk opwoensdag 21 januari 2009 tegemoet.Analyse 1 verschijnt op 29 januari en Analyse 2 opdonderdag 5 maart.Overzicht NVML-symposia 200924 maart NVML-Vakbeurs ‘Techniek en Diagnostiek’ Utrecht31 maart Bijeenkomst Werkgroep HoofdanalistenMedische MicrobiologieUtrecht15 oktober Congres ‘Auto-immuniteit: diagnostiekgaat niet vanzelf’AmersfoortOverzicht NVML-nascholingen 200927 januari Anemie Zwolle29 januari Norovirus, een update Deventer3 februari Anemie Gouda12 februari Norovirus, een update Rotterdam5 maart Hemoglobinopathieën Hengelo12 maart Hemoglobinopathieën Breda9 april Bloedgassen Roosendaal16 april Bloedgassen AmersfoortOverzicht NVML-cursussen 20096 januari start cursus Theorie en kliniek vanImmuno-assaysUtrecht15 januari start cursus Stagebegeleiding Utrecht28 januari Digitale fotografie vanmicroscopische beeldenUtrecht4 februari start cursus Stolling Utrecht12 februari start cursus Middle Management Utrecht3 maart start cursus Stagebegeleiding Utrecht11 maart Gedachten en gedrag, voor analisten Utrecht21 april Notuleren Utrecht14 mei Gedachten en gedrag, voor leidinggevenden UtrechtEr komen in de loop van het jaar nog cursussen en nascholingen bij,met name in de 2e helft van 2009.Kijk regelmatig op de website www.nvml.nl.308Analyse december 2008


NVML-cursus StollingsdiagnostiekDe NVML-cursus Stollingsdiagnostiek bestaat uit twee dagen waarin verschillende aspecten van de bloedstolling aan de orde komen.De huidige inzichten met betrekking tot het werkingsmechanisme van bloedplaatjes, stolling en fibrinolyse zullen worden behandeld.Nadruk zal worden gelegd op de wisselwerking tussen de verschillende systemen in de hemostase. De laboratoriumdiagnostiek vanstollingsafwijkingen, zowel bloedingsneiging als (veneuze) trombose, zal worden behandeld. Voorbeelden van laboratoriumuitslagenvan veel voorkomende, maar ook bijzondere patiënten, zullen worden uitgelegd.Leerdoelen en opzetDe cursus heeft als doel om laboratoriummedewerkers met interesse (niet noodzakelijkerwijs ervaring) in stolling op de hoogte tebrengen van de laatste inzichten in werkingsmechanisme en diagnostiek. Aan het einde van de cursus zijn de cursisten op de hoogtevan het werkingsmechanisme van primaire en secundaire hemostase, de antistolling en fibrinolyse, en hebben ze inzicht in demogelijkheden en valkuilen van laboratoriumdiagnostiek van bloedingsneiging en veneuze trombose. De cursus zal worden gehoudenaan de hand van een Powerpoint-presentatie die aan de cursist op papier wordt uitgereikt. Bovendien krijgt iedere cursist een dictaatals naslagwerk. Met behulp van vragen en casussen zal de kennis bij de cursist worden getoetst.DocentDr. J. Meijers;Academisch Medisch Centrum Amsterdam,afd. Vasculaire GeneeskundeNiveauPost-HBO.UEC18 UEC.Datum, tijdstip en locatie4 en 11 februari 2009.10.00 uur tot 16.30 uur.NVML, Wilhelminapark 52 te Utrecht.Aantal deelnemersMinimaal 6 en maximaal 18 deelnemers.AanmeldingSnel inschrijven via de website www.nvml.nl,of via bijgevoegd aanmeldingsformulier.Na de sluitingsdatum voor aanmelden ontvangtu een bevestiging met nota.Uiterste inschrijfdatum20 december 2008.Bij overboeking gaan leden voor op niet-leden,daarna op volgorde van datum van de aanmelding.Kosten€ 410,00Koffie/ thee, de lunch en reader zijn daarbij inbegrepen.NVML-leden kunnen achteraf via de geld-terug-bon€ 25,- korting vragen.Aanmeldingsformulier cursus ‘STOLLINGSDIAGNOSTIEK’naam deelnemer:voorletters: M1)Vadres:postcode/woonplaats:naam werkgever:tel. tel. thuis:geboortedatum:tel. werk:adres werkgever:e-mail:NVML-lid: 2) ja nee 1)schrijft zich in voor de cursus stollingsdiagnostiek op 4 en 11 februari 2009Datum:anmelding vóór 20 december opsturen naar: NVML,Wilhelminapark 52, 3581 NM Utrecht of faxen naar 030-2541814handtekening:1) Doorhalen wat niet van toepassing is2) Dit dient een persoonlijk lidmaatschap te zijn: het abonnementdat uw instelling heeft op het tijdschrift Analyse geeft geen recht op korting.


NVML-cursus StagebegeleidingVanwege de grote belangstelling organiseert de NVML in het voorjaar 2009 weer twee cursussen stagebegeleiding voor delaboratoriummedewerkers die in hun werk betrokken zijn (of in de toekomst worden) bij de begeleiding van stagiaires.Naast het opstellen en beoordelen van een stagewerkplan leert u tijdens de cursus vaardigheden om een stagiair(e) op een methodischewijze te begeleiden.U oefent onder andere in het voeren van een evaluatiegesprek, een tussentijds beoordelingsgesprek, een eindbeoordelingsgesprek,het geven van feedback en het leiden van een slecht-nieuws-gesprek. Ook leert u om ‘lastige’ stagiairs te begeleiden. In de cursus wordtgewerkt aan de hand van voorbeelden die worden ingebracht door cursisten. De cursus heeft een praktisch karakter. U leert niet alleenwat u kunt doen, maar vooral hoe u het kunt doen.De cursus wordt gegeven door mw. Marjet Woudenberg (trainer en coach van Bureau Beysterveld) en is door de PMLF geaccrediteerd.LocatieNVML, Wilhelminapark 52 te Utrecht.DataCursus A: donderdag 15, 22 en 29 januari.Cursus B: dinsdag 3, 10 en 17 maart .Bij de cursus is tevens inbegrepen één terugkomdag voorjaar2009 (datum wordt in overleg tussen docent en cursistenvastgesteld). De cursist wordt hierbij in de gelegenheid gesteldom praktijkervaringen en eventuele problemen met de docent tebespreken.TijdVan 10.00 tot 16.30 uur. Bij overboeking van cursus A zal cursusB ook gestart worden. Op het aanmeldingsformulier kunt u uwvoorkeur aangeven. Wij zullen bij de samenstelling van de groepenhiermede rekening houden, maar kunnen niet garanderen dat uwvoorkeur wordt gehonoreerd.OpgaveU kunt zich aanmelden via bijgaand aanmeldingsformulier.Uiterste inschrijfdatum: 20 december 2008. U ontvangt een notabij de bevestiging van inschrijving. Bij overboeking gaan ledenvoor op niet-leden.UECDe cursus stagebegeleiding levert u 36 UEC op.Kosten€ 795,- Hierbij is inbegrepen het cursusmateriaal, koffie/theeen een lunch tijdens de vier cursusdagenNVML-leden kunnen persoonlijk via de ‘geld-terug-bon’ achterafeen gedeeltelijke teruggave claimen.Aanmeldingsformulier cursus ‘STAGEBEGELEIDING VOORJAAR 2009’naam deelnemer:voorletters: M1)Vadres:postcode/woonplaats:naam werkgever:tel. tel. thuis:geboortedatum:tel. werk:adres werkgever:e-mail:NVML-lid: 2) ja nee 1)schrijft zich in voor de cursus stagebegeleiding in voorjaar 2009Mijn voorkeur gaat uit naar deelname cursus A cursus B geen voorkeurDatum:handtekening:310Analyse december 2008Aanmelding vóór 20 december opsturen naar: NVML,Wilhelminapark 52, 3581 NM Utrechtof faxen naar 030-25418141) Doorhalen wat niet van toepassing is2) Dit dient een persoonlijk lidmaatschap te zijn: het abonnementdat uw instelling heeft op het tijdschrift Analyse geeft geen recht op korting.


NVML-cursus Gedachten en gedrag,voor analistenIn de lezing “Geluk op het lab“ van de NVML vakbeurs in 2007, stelde Jacqueline Kempers, de docent van deze cursus, hoe bepalend onsdenken is voor het ervaren van ieders persoonlijk geluksgevoel. Wie zich bewust is van zijn gedachten en de belemmeringen daarin, kanzijn gevoel, zijn houding en gedrag positief beïnvloeden. In deze cursus wordt hier verder op ingegaan aan de hand van de RET-methode:Rationele Emotieve Training. De basisgedachte van de RET is dat wijzelf degenen zijn die onze emotionele problemen teweegbrengen, doorons vast te klampen aan een bepaalde manier van denken waarbij vooroordelen, generalisaties en verkeerde conclusies over gebeurtenissenin het spel zijn. Middels een overzichtelijke methode (het abc-model) werkt u aan een verbetering van uw persoonlijk functioneren zodat u instaat bent uzelf en uw collega’s beter te begrijpen en te motiveren.Inhoud + LeerdoelenIn deze cursus voor laboratoriummedewerkers komen de volgende onderdelen aan bod.• Theoretisch kader van RET.• Identificatie van de (belemmerende) gedachten die een rol spelen bij situaties. Vaak zijn we ons niet bewust wat we allemaal zo denken. Indeze cursus leert u uw denkpatroon te onderzoeken.• Emotioneel zelfmanagement. Uw gedachten hebben een grote invloed op het effect dat u creëert. Door de belemmerende gedachten teleren veranderen in gedachten die stimulerend zijn kunt u uzelf aansturen, zowel emotioneel als uw gedrag.• Herkennen, bespreken van de gedachtepatronen van uw collega’s.De cursus heeft een praktisch en interactief karakter en zal worden afgestemd op analisten. Om de effectiviteit van de cursus verder te verhogenwordt u vooraf gevraagd een kleine opdracht te maken.DocentJacqueline Kempers werkt als coach en trainer aan de persoonlijkeontwikkeling van de mens in privé en in organisatie. Als microbiologischanalist heeft zij op diverse laboratoria gewerkt en als accountmanagerin de biotechnologie met vele laboratoria samengewerkt. Meer enmeer raakte zij geboeid in psychologie en na omscholing is zij nuwerkzaam in haar praktijk Kempers Coaching + Ontwikkeling inLeiden. Voor meer informatie www.kemperscoachingplus.nl.NiveauHBO.UEC9UEC.Datum, tijdstip en locatieWoensdag 11 maart 2009. 10.00 uur tot 16.30 uur.NVML, Wilhelminapark 52 te Utrecht.Kosten€ 205,00 Koffie/ thee, de lunch en reader zijn daarbij inbegrepen.NVML-leden kunnen achteraf via de geld-terug-bon € 25,- kortingvragen.Aantal deelnemersMinimaal 6 en maximaal 12 deelnemers.AanmeldingSnel inschrijven via de website www.nvml.nl of via bijgevoegdaanmeldingsformulier. Na de sluitingsdatum voor aanmeldenontvangt u een bevestiging met nota.Uiterste inschrijfdatum8 januari 2009. Bij overboeking gaan leden voor op niet-leden, daarnaop volgorde van datum van de aanmelding.Aanmeldingsformulier cursus ‘GEDACHTEN EN GEDRAG voor analisten’naam deelnemer:voorletters: M1)Vadres:postcode/woonplaats:naam werkgever:tel. tel. thuis:geboortedatum:tel. werk:adres werkgever:e-mail:NVML-lid: 2) ja nee 1)schrijft zich in voor de cursus Gedachten en gedrag voor analisten op 11 maart 2009Datum:handtekening:Aanmelding vóór 8 januari 2009 opsturen naar: NVML,Wilhelminapark 52, 3581 NM Utrechtof faxen naar 030-2541814Analyse december 2008 3111) Doorhalen wat niet van toepassing is2) Dit dient een persoonlijk lidmaatschap te zijn: het abonnementdat uw instelling heeft op het tijdschrift Analyse geeft geen recht op korting.


NVML-cursus Middle managementvoor laboratoriummedewerkersDe cursus is bestemd voor biomedisch laboratoriummedewerkers die hun collega’s functioneel en/of operationeel aansturen. U bent,of wordt binnenkort, de hiërarchisch leidinggevende van uw collega’s. Door de opzet van de cursus is deze specifiek op de praktijkbinnen het medisch laboratorium gericht. Het diploma wat behaald wordt is een algemeen landelijk erkend diploma.Leerdoelen en opzetU beschikt over minimaal vijf jaar werkervaring en een HBO-diploma, of een MBO-diploma met relevante HBO-deelcertificaten.Het cursusprogramma bestaat uit twee modules met ieder een examen, wat resulteert in het NEMAS-diploma middle management.Tijdens de zeven cursusdagen leert u de theorie toe te passen in de praktijk door groepsopdrachten en het maken van cases waarbij alletheorie geïntegreerd wordt. Hierbij wordt zo veel mogelijk ingespeeld op de eigen werksituatie. In de weken tussen de cursusdagenis het de bedoeling dat u de theorie middels zelfstudie onder de knie krijgt. Hiervoor krijgt u specifieke opdrachten mee en beschikt uover de nodige literatuur. De studiebelasting is 3-5 uur per week waarbij de docent dit “huiswerk” online begeleidt.Programma:Dag 1: kennismaking, uitleg van de cursus, intakegesprekModule 1: algemene managementkennisDag 2: historieDag 3: inrichting van de organisatieDag 4: leidinggeven en examentrainingExamen algemene managementkennisModule 2: functionele deelgebiedenDag 5: communicatie en personeelsmanagementDag 6: financieel- en kwaliteitsmanagement, marketingDag 7: productie, logistiek- en informatiemanagement enexamentrainingExamen functionele deelgebiedenEen uitgebreidere inhoud is op onze website, www.nvml.nl, te vinden.DocentMw. drs. Paula Koppes.NiveauDe cursus zal op HBO-niveau gegeven worden. Het NEMASdiplomamiddle management is op MBO+ niveau.Datum, tijdstip en locatieEen zevendaagse cursus op donderdag: 12 februari, 9 april, 28 mei,2 juli, 10 september, 22 oktober en 3 december 2009, van 9.45 uurtot 16.15 uur. NVML, Wilhelminapark 52 te Utrecht. Examendataen plaats in overleg met de docent.UEC85 UECKosten€1.825,- Koffie/ thee en lunch zijn daarbij inbegrepen.NVML-leden kunnen achteraf via de geld-terug-bon € 25,- kortingvragen.Aantal deelnemersMinimaal 8 en maximaal 12 deelnemers.AanmeldingSnel inschrijven via de website www.nvml.nl of via bijgevoegdaanmeldingsformulier. Na de sluitingsdatum voor aanmeldenontvangt u een bevestiging met nota.Uiterste inschrijfdatum8 januari 2009. Bij overboeking gaan leden voor op niet-leden,daarna op volgorde van datum van de aanmelding.Aanmeldingsformulier cursus ‘MIDDLE MANAGEMENT voorlaboratoriummedewerkers’naam deelnemer:1)voorletters: M Vadres:postcode/woonplaats:naam werkgever:tel. tel. thuis:geboortedatum:tel. werk:adres werkgever:e-mail:NVML-lid: 2) ja nee 1)schrijft zich in voor de cursus middle management voor laboratoriummedewerkers 2009Datum:handtekening:Aanmelding vóór 8 januari opsturen naar: NVML,Wilhelminapark 52, 3581 NM Utrechtof faxen naar 030-25418141) Doorhalen wat niet van toepassing is2) Dit dient een persoonlijk lidmaatschap te zijn: het abonnementdat uw instelling heeft op het tijdschrift Analyse geeft geen recht op korting.


NVML-cursus NotulerenOver vakinhoudelijke verslaglegging hoeven we afgestudeerden van MLO en HLO niets meer te leren. Anders wordt het als er notulengemaakt moeten worden van een vergadering of werkoverleg. Daar zijn andere vaardigheden voor nodig. Deze cursus is ook geschiktvoor administratief ondersteunend personeel op laboratoria.De NVML organiseert weer een workshop van één dag in notuleervaardigheid. Doelstelling daarbij is dat de deelnemers:1. tijdens vergaderingen bijzaken van hoofdzaken leren te onderscheiden;2. goede aantekeningen maken zodat het uitwerken gemakkelijker wordt;3. een verslag kunnen maken dat voldoet aan de gestelde eisen;4. met plezier notuleren.De workshop behandelt de volgende zaken:5. soorten vergaderingen6. soorten notulen/lijsten7. vergaderdoelen8. opstellen van een agenda9. luistertechnieken10. voorbereiden en uitwerken notulen11. waar moet een verslag aan voldoen12. rol van de voorzitter.Alle onderdelen van de workshop worden ondersteund door oefeningen. Daarnaast kunnen deelnemers ook knelpunten uit depraktijk aangeven en deze worden dan ook behandeld door de trainer.DocentMw. drs. Paula Koppes.NiveauHBO.UEC9 UEC.Datum, tijdstip en locatieDonderdag 21 april 2009, 9.45 tot 16.15 uur.NVML, Wilhelminapark 52 te Utrecht.Kosten€ 205,- Koffie/ thee en lunch is daarbij inbegrepen.NVML-leden kunnen achteraf via de geld-terug-bon € 25,- kortingvragen.Aantal deelnemersMinimaal 6 en maximaal 12 deelnemers.AanmeldingSnel inschrijven via de website www.nvml.nl of via bijgevoegdaanmeldingsformulier. Na de sluitingsdatum voor aanmeldenontvangt u een bevestiging met nota.Aanmeldingsformulier cursus ‘NOTULEREN’Uiterste inschrijfdatum15 februari 2009. Bij overboeking gaan leden voor op niet-leden,daarna op volgorde van datum van de aanmelding.naam deelnemer:1)voorletters: M Vadres:postcode/woonplaats:naam werkgever:tel. tel. thuis:geboortedatum:tel. werk:adres werkgever:e-mail:NVML-lid: 2) ja nee 1)schrijft zich in voor de cursus notuleren op 21 april 2009.Datum:handtekening:Aanmelding vóór 15 februari opsturen naar: NVML,Wilhelminapark 52, 3581 NM Utrechtof faxen naar 030-25418141) Doorhalen wat niet van toepassing is2) Dit dient een persoonlijk lidmaatschap te zijn: het abonnementdat uw instelling heeft op het tijdschrift Analyse geeft geen recht op korting.


NVML-Nascholing Anemie: nieuwe parametersin de diagnostiekWanneer de hemoglobineconcentratie (Hb) lager is dan de ondergrens van de referentiewaarde voor geslacht en leeftijd, dan is er sprakevan een anemie. Anemie komt vaak voor en is per definitie een laboratoriumdiagnose en geen aandoening; het kan een symptoom zijnvan een onderliggende ziekte. De oorzaak van de anemie moet daarom worden opgespoord. Het laboratorium kan daarbij belangrijkerichtinggevende informatie geven. Veel laboratoria gebruiken voor de anemiediagnostiek een beslisboom.De laatste jaren zijn er een aantal nieuwe parameters beschikbaar gekomen, welke bruikbaar zijn in de anemiediagnostiek. Met nameparameters, welke informatie geven over de hoeveelheid hemoglobine per rode bloedcel blijken informatief.De cursus zal de verschillende oorzaken voor anemie behandelen en ingaan op de rol van het laboratorium bij het analyseren vananemie. Er is veel aandacht voor de nieuwe parameters. Vanuit twee instituten worden resultaten en ervaringen van een anemieanalyse-protocolgetoond. Daarnaast is er ruime aandacht voor casuïstiek.DocentenDr. H.J. Adriaansen,klinisch chemicus, Gelre Ziekenhuizen ApeldoornIng. M. Schoorl,sectorhoofd Laboratorium voor KCHI, MCA AlkmaarData en locatieDe nascholingsmiddag zal worden gehoudenop de volgende data:27 januari, Isala klinieken locatie Sophia, Zwolle3 februari, Groene Hart ziekenhuizen, locatie Bleuland, Gouda.Programma13.30 uur Ontvangst met koffie/thee14.00 Opening NVML14.05 Interactieve nascholing15.15 Pauze15.30 Vervolg interactieve nascholing17.00 AfsluitingNiveauPost-HBO.UECVoor deze nascholingsmiddag ontvangt u 3 UEC.Kosten58 euro. NVML-leden kunnen persoonlijk 29 euro viade geld-terug-bon aanvragen.AanmeldingSnel inschrijven via de website www.nvml.nl, of door bijgaandinschrijfformulier vóór 11 januari 2009 op te sturen naar NVML,Wilhelminapark 52, 3581 NM Utrecht.Vergeet niet te vermelden in welke plaats u de middag wiltbijwonen. Onvolledig ingevulde aanmeldingsformulieren kunnenwij helaas niet in behandeling nemen. De selectie vindt plaats opvolgorde van binnenkomst van aanmelding.Leden van de NVML gaan voor.Snel inschrijven via de website www.nvml.nl Of dit formulier volledig ingevuld en ondertekend opsturen vóór 11 januari 2009 naar het bureau NVML, Wilhelminapark 52,3581 NM, Utrecht, of fax 030-2541814. De inschrijving is slechts geldig wanneer bijgaande machtiging verstrekt wordt. Andere betaalwijzen zijn niet mogelijk.INSCHRIJFFORMULIER voor deelname aan NVML-nascholing“Anemie: nieuwe parameters in de diagnostiek”naam deelnemer:1)voorletters: M Vadres:postcode/woonplaats:naam instelling:tel. tel. thuis:geboortedatum:tel. werk:adres werkgever:e-mail:NVML-lid: 2) ja nee 1)Hierbij machtig ik de NVML om éénmalig het inschrijfgeld à € 58,-af te schrijven van bank/girorekeningnummer:27 januari, Isala klinieken locatie Sophia, Zwolle3 februari, Groene Hart ziekenhuizen, locatie Bleuland, Gouda.Op naam van:handtekening:314Analyse december 2008te:1) Doorhalen wat niet van toepassing is2) Dit dient een persoonlijk lidmaatschap te zijn: het abonnementdat uw instelling heeft op het tijdschrift Analyse geeft geen recht op korting.Afschrijving zal plaatsvinden vóór de datum van bijeenkomst.Deze machtiging is onherroepelijk.


NVML-NascholingNorovirus, een updateNorovirus veroorzaakt acute diarree en braken. De diagnostiek wordt sinds meer dan tien jaar op het RIVM uitgevoerd. Dankzijdeze continue monsterstroom hebben we een goed beeld van de diversiteit van norovirussen die in uitbraken van gastro-enteritisvoorkomen. Deze situatie is recent veranderd omdat meer en meer regionale laboratoria voor medische microbiologie de diagnostiekzelf ter hand nemen. De rol van het RIVM verandert daardoor in referentielab. Door nauwe samenwerking hopen we in de toekomstook een goed overzicht te houden van de circulerende norovirussen.DocentenDr. H. Vennema,moleculair viroloog, RIVM, BilthovenDr. M.F.C. Beersma,arts- microbioloog, Erasmus Medisch centrum RotterdamData en locatieDe nascholingsmiddag zal worden gehouden op de volgendedata:29 januari 2009, Deventer Ziekenhuizen, Deventer12 februari, St. Franciscus Ziekenhuis Rotterdam.Programma13.30 uur Ontvangst met koffie/thee14.00 Opening NVML14.05 Interactieve nascholing15.15 Pauze15.30 Vervolg interactieve nascholing17.00 AfsluitingNiveauPost-HBO.UECVoor deze nascholingsmiddag ontvangt u 3 UEC.Kosten58 euro. NVML-leden kunnen persoonlijk 29 euro via de geldterug-bonaanvragen.AanmeldingSnel inschrijven via de website www.nvml.nl, of door bijgaandinschrijfformulier vóór 11 januari 2009 op te sturen naar NVML,Wilhelminapark 52, 3581 NM Utrecht.Vergeet niet te vermelden in welke plaats u de middag wiltbijwonen. Onvolledig ingevulde aanmeldingsformulieren kunnenwij helaas niet in behandeling nemen. De selectie vindt plaats opvolgorde van binnenkomst van aanmelding.Leden van de NVML gaan voor.Snel inschrijven via de website www.nvml.nl Of dit formulier volledig ingevuld en ondertekend opsturen vóór 11 januari 2009 naar het bureau NVML, Wilhelminapark 52,3581 NM, Utrecht, of fax 030-2541814. De inschrijving is slechts geldig wanneer bijgaande machtiging verstrekt wordt. Andere betaalwijzen zijn niet mogelijk.INSCHRIJFFORMULIER voor deelname aan NVML-nascholing“Norovirus, een update”naam deelnemer:1)voorletters: M Vadres:postcode/woonplaats:naam instelling:tel. tel. thuis:geboortedatum:tel. werk:adres werkgever:e-mail:NVML-lid: 2) ja nee 1)Hierbij machtig ik de NVML om éénmalig het inschrijfgeld à € 58,-af te schrijven van bank/girorekeningnummer:29 januari, Deventer12 februari, RotterdamOp naam van:handtekening:te:1) Doorhalen wat niet van toepassing is2) Dit dient een persoonlijk lidmaatschap te zijn: het abonnementdat uw instelling heeft op het tijdschrift Analyse geeft geen recht op korting.Afschrijving zal plaatsvinden vóór de datum van bijeenkomst.Deze machtiging is onherroepelijk.


Agenda 2008•Agenda 2009•11 dec NVML-nascholing “Moleculaire diagnostiek van darmpathogenen”. In: Tilburg.11 dec NVML-cursus “Bloedcelmorfologie”. In: NVML, Utrecht.15, 22, 29 jan NVML-cursus Stagebegeleiding, cursus A. In: Utrecht.22 jan Conferentie ‘Milieu en Veiligheid in ziekenhuislaboratoria’. In: ‘De Eenhoorn’, Amersfoort.Informatie: Burger en Burghouts Project- en Adviesbureau, tel: 053-4807080; e-mail: info@benb.nl.27 jan NVML-nascholing “Anemie: nieuwe parameters in de diagnostiek”. In: Isala klinieken locatie Sophia, Zwolle.28 jan NVML-cursus “Digitale fotografie (van microscopische beelden)”. In: NVML, Utrecht.29 jan NVML-nascholing “Norovirus, een update”. In: Deventer Ziekenhuizen, Deventer.3 febr NVML-nascholing “Anemie: nieuwe parameters in de diagnostiek”. In: Groene Hart ziekenhuizen, locatieBleuland, Gouda.4, 11 febr NVML-cursus “Stollingsonderzoek”. In: Utrecht.5-7 febr Looking into the crystal ball: The laboratory animal in a changing world. In: Utrecht.Informatie: Afd. Communicatie van de Faculteit Diergeneeskunde, Jacqueline van Winden, tel: 030-253 4836.12 febr Start NVML-cursus “Middle management voor laboratoriummedewerkers”. In: Utrecht.12 febr NVML-nascholing “Norovirus, een update”. In: St. Franciscus Ziekenhuis Rotterdam.3, 10, 17 maart NVML-cursus “Stagebegeleiding”, cursus B. In: Utrecht.11 maart NVML-cursus “Gedachten en gedrag”, voor analisten. In: Utrecht.24 maart 2e NVML-Vakbeurs Techniek en Diagnostiek. In: Beatrixgebouw van de Jaarbeurs te Utrecht.21 april NVML-cursus “Notuleren”. In: Utrecht.14 mei NVML-cursus “Gedachten en gedrag”, voor leidinggevenden. In: Utrecht.••••••De teksten met stip zijn evenementen die de NVML organiseert.Voor meer informatie over de NVML-nascholingen kunt u terecht bij het bureau van de NVML,tel: 030-2523792; fax: 030-2541814; e-mail: nvml@nvml.nl. 316Analyse december 2008


OpleidingenWil je bijblijven in je vakgebied? Kijk dan of eenvan de volgende opleidingen iets voor jou is.Centrum voor Natuur & Techniek, LifeSciences & Chemistry, Hogeschool UtrechtCursusMoleculaire Biologie (theorie)Startdatum 12 januari 2009Omvang12 bijeenkomstenKosten € 1.045,-CursusMedisch Parasitologische DiagnostiekStartdatum 12 januari 2009Omvang9 bijeenkomstenKosten € 1.295,-CursusAntibiotica en ResistentieStartdatum 29 januari 2009Omvang3 bijeenkomstenKosten € 1.155,-CursusHematologieStartdatum 24 februari 2009Omvang8 bijeenkomstenKosten € 1.020,-Zit de gewenste cursus hier niet bij? Kijk dan op onze website voor het volledigecursusaanbod of kies voor het open onderwijs: modules uit onze hlo-opleidingen,zoals bijvoorbeeld Virologie, Immunologie en Microbiologie. Ook met een erkendcertificaat. Kijk op www.cvnt.nl.Vraag uitgebreide cursusinformatie en een inschrijfformulier aan bij de infodeskvan Centrum voor Natuur & Techniek, Life Sciences & Chemistry, (030) 275 88 89 ofclsc@hu.nl.Fontys Hogeschool ToegepasteNatuurwetenschappen EindhovenTitelKorte praktijkcursus differentiëren vaneen perifeer bloeduitstrijkjeDatum januari 2009Omvang3 lesavondenKosten € 400,=TitelChemische pathologieDatum maart 2009Omvang12 lesavondenKosten € 895,=TitelVeilig microbiologische techniekenDatum maart 2009Omvang3 dagdelenKosten € 495,=TitelMoleculaire DiagnostiekDatum maart 2009Omvang3 dagenKosten € 1400,=TitelImmunologieDatum september 2009Omvang12 lesavondenKosten € 895,=TitelHematologieDatum september 2009Omvang12 lesavondenKosten € 895,=U kunt zich digitaal aanmelden via de website www.fontys.nl/extens. U kiest danvoor ‘cursussen’, vervolgens ‘Techniek & Natuurwetenschappen’, dan ‘Biotechnologie& Microbiologie’ en dan voor de cursus waarvoor u zich in wilt schrijven.Ga dan naar ‘specifieke cursusinfo’ en kies voor ‘Inschrijven’.HAN BioCentre, Hogeschool van Arnhem enNijmegen, locatie NijmegenTitelBasis Moleculair Biologische TechniekenStartdatum 13 januari 2008Omvang16 bijeenkomsten (dinsdagmiddag/avond)Kosten € 2.790,00TitelAdvanced MoleculairBiologische Technieken NIEUW!Startdatum 13 januari 2008Omvang16 bijeenkomsten (dinsdagmiddag/avond)Kosten € 2.790,00TitelImmuunhematologie (IMHE)Startdatum 13 januari 2009Omvang16 bijeenkomsten (dinsdagavond)Kosten € 927,00TitelResearch Immunologie (RIMM)Startdatum 20 januari 2009Omvang6 bijeenkomsten (dinsdagavond)Kosten € 417,00TitelKlinische Cytologie (KLCT)Startdatum 20 januari 2009Omvang10 dagenKosten € 1.499,00TitelGMP voor Bloedbanken (GMPB)Startdatum 3 maart 2009Omvang6 dagenKosten € 1.982,00TitelLaboratoriumdiagnostiekvan malariaparasieten (LAMA)Startdatum 15 juniOmvang3 dagen (15, 17 en 19 juni)Kosten € 970,00Voor aanmelding en aanvullende informatie over onze opleidingen (tevens E-learning MBO, Post-HBO cursussen en ‘cursussen op maat’) kunt u terecht op onzewebsite www.hanbiocentre.nl of mailen naar info@hanbiocentre.nl. HANNIEUW!!Moleculair Biologische TechniekenCursussen waarmee je in 16 avonden * je kennis envaardigheden kunt uitbreiden of verdiepen.Basiscursus met o.a.:• DNA-isolatie• PCR• Restrictie enzym-analyse• GelelectroforeseDoelgroep: lab-medewerkers met medisch-biologische,microbiologische of chemische oriëntatieAdvanced cursus met o.a.:• PCR en Southern blotting• Northern en Western blotting• RNA isolatie en zuivering• cDNA-syntheseDoelgroep: analisten die de vaardigheden uit de basiscursusbeheersen en hun kennis verder willen verdiepenStart: 13 januari 2009 *16.00 – 21.00 uurPlaats: NijmegenKosten: 2.790,00 p.p. per cursusAanmelding via de websitewww.hanbiocentre.nlAnalyse december 2008 317


NVML Nederlandse Vereniging vanbioMedisch LaboratoriummedewerkersJa! Ik word lidcontributie 2009(per jaar)*gediplomeerde leden €79,50student-ledengratisleden met reductie** €41,00* bij aanmelding worden gedeelten van het jaar pro rato berekend** gepensioneerden, 2e lid (echt)paarGraag meesturen:Gediplomeerden bij voorkeur een kopievan het diploma (je hebt dan stemrecht in deAlgemene Ledenvergadering en kunt zittingnemen in commissies en bestuur). Studenteneen inschrijfbewijs van hun opleiding voor(bio)medisch laboratoriummedewerker.Naam:Voorletters:Geb.datum:M VAdres:Postcode:Tel.nr. thuis:woonplaats:E-mail thuis:Bank-/gironr.:Werkzaam inteTel.nr. werk:E-mail werk:Ik wil in aanmerking komen voor reductie op de contributie i.v.m.Ik ben:•In het bezit van het diploma:In opleiding voor:MBO medische richtingHBO medische richtingWO, medische richtinganders, nl.:Datum diplomering:Ik val onder de:CAO-ZiekenhuizenCAO-Academische ziekenhuizenCAO-GGZCAO-Verpleging en VerzorgingAfstudeerrichting:klinische chemie•medische microbiologiecyto/histopathologiealg. medischmedische biologie• biochemie• immunologieanders, nl.:Plaats/datum:anders, nl.:Het aanmeldingsformulierplus bijlagen kunt u sturen aan:Ledensecretariaat NVML,Antwoordnummer 625,3500 ZJ Utrecht(postzegel is niet nodig)Doorlopende machtiging algemeenOndergetekende machtigt de Nederlandse Vereniging van bioMedisch Laboratoriummedewerkers(NVML) om van zijn/haar rekening een bedrag af te schrijven inzake de contributie voor het lidmaatschap van de NVML.Naam:Adres:Postcode en plaats:Bank-/gironr.:Handtekening:Datum:Indien niet akkoord met de afschrijving kan binnen 30 kalenderdagen een verzoek tot terugboeking bij bank of giro worden ingediend.Intrekking van de machtiging dient tijdig schriftelijk, per fax of mail, te worden gericht aan de NVML .


Leuke vooruitzichten voor eenKLINISCH-CHEMISCHANALIST (m/v) 24-36 uur per weekIn Ziekenhuis Amstelland realiseren wij ons dat we een belangrijke regionalezorgfunctie vervullen voor de bevolking van Aalsmeer, Amstelveen,Amsterdam-Zuid, Ouder-Amstel en Uithoorn. Met 255 bedden en ruim800 medewerkers zijn we een modern, middelgroot ziekenhuis dat jaarlijksongeveer 20.000 opnames (inclusief dagbehandelingen) verzorgt.Toch weten we alles overzichtelijk en persoonlijk te houden. Voor patiëntén personeel. De helft van alle medewerkers werkt al meer dan vijf jaarbij ons. Reden: gewoon leuk werk, betrokken collega’s een informelewerksfeer en een redelijke werkdruk. Mooie perspectieven dus voor nieuwemedewerkers.FUNCTIE & VARIATIEHet Klinisch-Chemisch Laboratorium is een modern geoutilleerdlaboratorium, waar ongeveer 32 medewerkers onderzoek verrichten ophet gebied van de klinische chemie, hematologie, bloedtransfusie enimmunochemie. De afdeling is geaccrediteerd conform de richtlijnenvan de CCKL. Alle analisten rouleren over het routinetakenpakket,enkelen houden zich daarnaast bezig met bijzondere taken. Als nieuwecollega ben je zelfstandig inzetbaar op alle voorkomende werkzaamhedenen ben je bereid om onregelmatige diensten te werken.OPLEIDING & ERVARINGJe hebt een afgeronde opleiding MLO en/of HLO Klinische Chemie. Je hebtgoede contactuele eigenschappen, bent klantvriendelijk en collegiaal.Inge en Dennis,al acht jaar collega’s inZiekenhuis AmstellandWERKTIJDEN & ARBEIDSVOORWAARDENIn eerste instantie betreft het een dienstverband voor twee jaar.We verwachten van je dat je bereid bent onregelmatige diensten tedraaien. Het salaris bedraagt maximaal € 2.602,00 bruto per maand(FWG 45) op basis van 36 uur per week. Alle arbeidsvoorwaardenzijn conform de CAO Ziekenhuizen. Daarnaast biedt het ziekenhuiseen aantrekkelijk pakket van secundaire arbeidsvoorwaarden, zoalshet Meerkeuzesysteem arbeidsvoorwaarden (cafetariamodel).INFORMATIE & SOLLICITATIEStuur je schriftelijke sollicitatie vóór 4 januari 2009 aan de afdeling P&O,t.a.v. mevrouw M.E.W. Segers, postbus 328, 1180 AH Amstelveen. Reagerenvia e-mail is ook mogelijk: gewoonleukwerk@zha.nl. Eerst meer weten?Bel met dr. H.E.S.J. Hensgens, Hoofd Laboratorium, tel. 020 – 347 41 50,of met mevrouw S. Kiani deh Kiani, hoofdanalist, tel. 020 – 347 41 54,of mevrouw M. Eckmann, hoofdanalist, tel. 020 - 347 41 53.www.gewoonleukwerk.nlAcquisitie naar aanleiding van deze advertentie wordt niet op prijs gesteld.Doorplaatsing/overname van de wervingsteksten is niet toegestaan.


DE UITDAGING:VRIJHEID EN STRESS GAAN HAND IN HANDWelke analist durft dit aan?De Nederlandse Vereniging van bioMedisch Laboratoriummedewerkerszoekt eenFreelance eindredacteurvoor het vakblad AnalyseTakenpakket- Verzamelen van relevante informatie uit de medische bladen- Aanbieden van deze informatie aan redactieleden ter beoordeling- Benaderen van auteurs en follow-up- Artikelen redigeren- Eindcorrectie drukproef- Maandelijks contact met directeur bureau NVML- Vaststellen jaarschema voor Analyse- Organisatie twee maal per jaar redactievergadering in UtrechtGewenste opleiding en vaardigheden- HBO-opleiding in een biomedische richting- Uitmuntende beheersing van de Nederlandse taal- Gemakkelijk telefonisch/mail contacten kunnen leggen- StressbestendigErvaring met het uitgeven van een tijdschrift is niet noodzakelijk; er wordt gezorgd voor voldoende begeleiding en/ofeen cursus. Analyse komt tien maal per jaar uit (uitgezonderd januari en augustus). Het tijdsbeslag per nummer bedraagtgemiddeld 50 uur. De werktijden, ±12 uur per week, zijn zelf in te delen.Sollicitaties kunnen tot 1-1-2009 gestuurd worden aan Dagelijks Bestuur NVML, Wilhelminapark 52, 3581 NM Utrecht.Voor meer inhoudelijke informatie over de werkzaamheden kunt u terecht bij de huidige eindredacteurmw. M. Kusters tel. 030-2767522.Overige informatie bij de directeur van de NVML mw. Pospiech tel 030-2523792.

More magazines by this user
Similar magazines