Informatie diploma's 2011-2012 voor de onderdelen in - MBO Raad

mboraad.nl

Informatie diploma's 2011-2012 voor de onderdelen in - MBO Raad

Informatie diploma’s 2011-20121. InleidingVoor u ligt de diplomanotitie 2011-2012. Hier wordt toegelicht hoe de diploma’s voor decompetentiegerichte opleidingen eruit moeten zien en wat er op een diploma moet en mag staan. Dediplomanotitie is een servicedocument van de MBO Raad voor de onderwijsinstellingen en wordtjaarlijks bijgesteld op basis van vragen die bij de MBO Raad binnenkomen. Deze diplomanotitie valtbinnen de relevante wettelijke kaders zoals de huidige bepalingen uit de Wet Educatie enBeroepsonderwijs (verder WEB). Deze bepalingen zijn tot 1 augustus 2012 van kracht. Dit is delaatste keer dat de diplomanotitie in deze vorm verschijnt en deze diplomanititie is geldig tot en met 31juli 2012. De diplomanotitie 2011-2012 is grotendeels gelijk aan de notitie van het voorgaande jaar.Per 1 augustus wordt een model diploma voor het hele mbo wettelijk verplicht. De eisen die aan datmodel diploma worden gesteld, worden nader uitgewerkt in de regeling model diploma mbo van OCW.Daar waar in deze diplomanotitie naar de toekomstige situatie op basis van deze regeling wordtverwezen, is dat met een klein voorbehoud. Naar verwachting wordt deze regeling in april 2012 in deStaatscourant gepubliceerd. Tot die tijd is het mogelijk dat er zaken in de regeling model diploma mbowijzigen.1.1. Veranderingen per 1 augustus 2012In de overgangsperiode naar de competentiegerichte kwalificatiestructuur is er met betrekking tot deformele eisen aan de diploma’s zo min mogelijk veranderd. Maar met de wetswijziging voor deBeroepsgerichte KwalificatieStructuur (BKS) is tevens vastgelegd dat er een diplomamodel voor hetmbo komt. De minister (toenmalig staatssecretaris) heeft de MBO Raad in 2008 uitgenodigd om tekomen tot een voorstel voor een diplomamodel. Met het voorbeeldmodel diploma in de jaarlijksediplomanotitie is al een aantal jaren geëxperimenteerd. Het model is al doorontwikkeld en de meestescholen maken al gebruik van het voorbeeldmodel uit de diplomanotitie. De MBO Raad heeft hetministerie van OCW daarom geadviseerd het voorbeeldmodel diploma uit de diplomanotitie over tenemen.Nu de wetswijziging voor de beroepsgerichte kwalificatiestructuur per 1 januari 2012 in werking isgetreden, zal een ministeriële regeling diplomamodel mbo bekend worden gemaakt. In die regelingworden de voorschriften voor het diplomamodel, de verplichte resultatenlijst en de voorschriften voorde veiligheidseisen waaraan de documenten moeten voldoen, beschreven. De streefdatum voorHBE/104306/2010


invoering van de ministeriële regeling diplomamodel, is 1 augustus 2012. Tot 1 augustus 2012 is ernog geen model diploma van OCW, maar wel deze diplomanotitie.Naast de introductie van een diplomamodel voor het mbo, heeft de minister van OCW aangekondigddat met de ministeriële regeling extra veiligheidseisen zullen gelden waaraan het document moetvoldoen. Dit wordt ingevuld door het verplicht stellen van het gebruik van waardepapier. Deinvoeringsdatum is ook hier 1 augustus 2012. Het waardepapier moet de volgende kenmerkenhebben:- een uniek watermerk;- een blinddruk;- UV-vezels- een vloeiend kleurverloop;- een microtekst; en- een beschermlaag die verkleurt bij mechanische of chemische aantasting.In verband met nog bestaande voorraden en nieuwe bestellingen wordt dit punt in deze diplomanotitiealvast aangekondigd. 1 Houd er rekening mee dat de levertijden voor waardepapier langer kunnen zijndan de levertijden voor gewoon papier.1.2 Taal en rekenenOok ten aanzien van de eisen voor taal en rekenen is sinds studiejaar 2010-2011 het een en anderveranderd. Op dit moment zijn er nog geen wettelijke eisen gesteld aan het vermelden van deresultaten, dus dit is instellingsbeleid. Vanaf het moment dat centraal geëxamineerd wordt, moeten deresultaten op een resultatenlijst worden vermeld in de vorm van cijfers op een schaal van 1 tot 10.Naast de eindcijfers voor Nederlandse taal en rekenen moet voor Nederlandse taal het resultaat ophet instellingsexamen en het resultaat op het centrale examen apart worden vermeld. Voor vragenover dit onderwerp verwijzen we u door naar het Steunpunt taal en rekenen mbo.Vanaf 1 augustus 2012 geldt voor alle studenten die starten met een niveau 4 opleiding een generiekeeis voor Engels. Het behaalde resultaat moet als cijfer op een schaal van 1 tot 10 worden vermeld.Daarnaast moet naar verwachting een apart eindoordeel voor de onderdelen lezen en luisteren en1 Er zijn nu al mbo-instellingen die op eigen initiatief gebruik maken van waardepapier van DUO. Per 1januari 2010 waren de prijzen (in euro's) van DUO € 0,78 per diploma en € 0,38 per resultatenlijst(totaal € 1,16). De prijzen bij de SDU zijn vergelijkbaar: € 0,63 per diploma en € 0,55 per resultatenlijst(totaal € 1,18). Een instelling kan ook bij andere drukkers waardepapier bestellen mits dat aan deveiligheidseisen voldoet. De mbo-instellingen die op dit moment gebruik maken van waardepapier,volgen doorgaans de richtlijnen zoals die nu al voor het VO van toepassing zijn.HBE/100645/2010 2/10


voor de onderdelen spreken, gesprekkenvoeren en schrijven worden vermeld. Voor meer informatieverwijzen we u naar www.mboraad.nl/taalenrekenen en www.steunpunttaalenrekenenmbo.nl.2. Wanneer krijgt iemand een diploma, certificaat of schoolverklaring?In de WEB is bepaald dat de examencommissie van een instelling bevoegd is om een diploma uit tereiken. 2 De examencommissie wordt ingesteld door het bevoegd gezag. Wanneer volgens deexamencommissie in voldoende mate aan de eisen van een opleiding is voldaan, wordt een diplomauitgereikt. Wanneer in voldoende mate aan de eisen van een certificeerbare eenheid is voldaan, mageen certificaat worden uitgereikt. Als de mbo-student de opleiding verlaat voordat aan de eisen voorhet verstrekken van een diploma of een certificaat is voldaan, mag een onderwijsinstelling geendiploma en geen certificaat uitreiken. Het is in dit geval voor de student van belang om vast te leggenwelke onderdelen met succes zijn afgerond. Onder meer bij de overstap naar een andere opleiding ofin het kader van een Leven Lang Leren of wederkerend leren. De onderwijsinstelling kan de mbostudenteen schoolverklaring en een portfolio meegeven.3. Inhoud van het diplomaDe Wet Educatie Beroepsonderwijs (WEB) kent een aantal bepalingen die relevant zijn voor hetdiploma. De volgende punten moeten in ieder geval op het diploma worden vermeld:de naam waaronder de opleiding in het Centraal register beroepsopleidingen (Crebo) is vermeld;- het Crebonummer van de opleiding;- de naam van het KBB;- de naam van de instelling waar de deelnemer is ingeschreven.De volledige tekst van de wetsartikelen treft u in bijlage 1 aan. Hieronder vindt u meer informatie overde bovengenoemde eisen die de WEB aan het diploma stelt en overige relevante punten.3.1 Vermelding van de naam en het crebonummerOp het diploma van een opleiding worden de naam en het crebonummer van het kwalificatiedossiervermeld waarvoor de deelnemer de opleiding afrondt. Indien van toepassing wordt ook de kwalificatieop het diploma genoemd. In de WEB is bepaald dat de naam van de opleiding wordt gebruikt zoalsdie in het Centraal register beroepsopleidingen (Crebo) is geregistreerd. 3 De officiële naam van eenopleiding is te vinden op www.duo.nl. In bijlage 3 is een voorbeeld opgenomen van een diploma. Inbijlage 2 staat een nadere toelichting op de juiste vermelding van de naam en het crebonummer vande opleiding.2 WEB, artikel 7.4.5 en artikel 7.4.2.3 WEB, artikel 7.1.2.1.HBE/100645/2010 3/10


3.2 Vermelding van de leerwegOver het al dan niet vermelden van de leerweg op het diploma bestaat discussie. Het advies van deMBO Raad in deze is: daar waar het vermelden van de leerweg toegevoegde waarde heeft voor hetdiploma als bewijsstuk, is dit aan te raden.3.3 Vermelding van het KBBNaast de naam en het crebonummer van de kwalificatie moet de naam van het kenniscentrum dat bijdit crebonummer hoort op het diploma worden vermeld. Een aantal kwalificatiedossiers zijn doormeerdere kenniscentra ontwikkeld. Dit heeft voor het diploma echter geen gevolgen. De uniekecrebocode en de vermelding van de naam van het KBB op het diploma, maakt duidelijk over welkdossier of over welke kwalificatie het gaat. Via www.duo.nl is behalve de officiële naam van deopleiding, ook het bijbehorende crebonummer en het betreffende kenniscentrum eenvoudig teachterhalen. Controleer voor de juiste naam, crebocode en kenniscentrum dus altijd de gegevens inhet Creboregister. In bijlage 2 is een schema met een aantal voorbeelden opgenomen.3.4 Meerdere kwalificatiesSommige mbo-studenten stromen in twee of meerdere richtingen uit. De WEB geeft niet aan hoe hierop het diploma mee moet worden omgegaan. De volgende situaties zijn mogelijk:- Er is sprake van twee kwalificaties van hetzelfde kwalificatiedossier. In dit geval ligt het voorde hand de twee kwalificaties op één diploma te vermelden. De beide kwalificaties en debijbehorende crebonummers, de niveaus en de leerwegen worden op het diploma vermeld.- Er is sprake van twee kwalificaties van verschillende kwalificatiedossiersIn dit geval ligt het voor de hand om twee diploma’s uit te reiken.In alle gevallen geldt dat de mbo-instelling één keer in aanmerking komt voor de diplomabekostiging.3.5 BeroepspraktijkvormingTen aanzien van de beroepspraktijkvorming zijn twee zaken relevant:- Wanneer bij een kwalificatiedossier sprake is van een startcode en een kwalificatie, moet ervoor die kwalificatie waarvoor de mbo-student diplomeert, een praktijkovereenkomst zijnafgesloten. De mbo-student moet een bpv hebben gedaan die specifiek gericht is op debetreffende kwalificatie.HBE/100645/2010 4/10


- Een voorwaarde voor het behalen van het diploma is dat de mbo-student de bpv met goedgevolg moet hebben afgerond. 4 De beoordeling van de bpv hoeft daarom niet apart op hetdiploma te worden vermeld. Indien de onderwijsinstelling ervoor kiest deze informatie wel tevermelden, dan kan dit als bijlage bij het diploma worden gevoegd.3.6 Achterzijde diplomaVoor de invulling van de achterzijde van het diploma zijn geen wettelijke voorschriften geformuleerd.De MBO Raad adviseert op de achterzijde van het diploma enkel een verwijzing te maken naarbijbehorende bijlagen.3.7 Lay-out van het diplomaDe onderwijsinstelling is verantwoordelijk voor de lay-out en vormgeving van het diploma en van decertificaten. Hieronder valt onder meer het lettertype, de afmeting en de opname van een logo.3.8 Bijlagen bij het diplomaDe instelling kan er voor kiezen om bijlagen bij het diploma uit te reiken. Het verdient aanbeveling omin ieder geval een overzicht van de resultaten als bijlage bij het diploma te voegen. Met de introductievan het diplomamodel zal OCW tevens een resultatenlijst verplicht stellen waarop de resultaten perkerntaak moeten worden vermeld. Omdat het diploma een formeel bewijsstuk is, is het van belang datde status van deze bijlagen duidelijk wordt aangegeven. Dit kan doordat de examencommissie debijlagen ondertekent.Mogelijke bijlagen bij het diploma zijn:- Resultatenlijst Taal en Rekenen voor niveau 1 tot en met 4 van cohort 2007, 2008 en 2009. Erzijn ten aanzien van Nederlands, rekenen en mvt geen wettelijke voorschriften. De toenmaligestaatssecretaris heeft in haar brief van 22 december 2008 aangegeven dat zij verwacht dat deresultaten (taalniveaus) voor Nederlands en mvt op de resultatenlijst worden vermeld. Vanafcohort 2010 moeten de resultaten voor Nederlandse taal en rekenen worden gebaseerd op dereferentieniveaus. Bij introductie van centrale examinering moeten de resultaten in de vormvan een cijfer op de resultatenlijst worden vermeld. Vanaf 1 augustus 2012 geldt er eengenerieke eis voor Engels voor niveau 4 opleidingen. De resultaten hiervan moeten in devorm van een cijfer op de resultatenlijst worden vermeld.- Een resultatenlijst (per kerntaak en eventueel uitgesplitst naar werkproces).- De mogelijk behaalde certificeerbare eenheden (n.b. in dit geval moet de naam van decertificeerbare eenheid worden gebruikt zoals deze in het kwalificatiedossier is vermeld).4 WEB, artikel 7.4.3., lid 1HBE/100645/2010 5/10


- EVC-bewijsstukken.- Bewijsstukken van de gerealiseerde doelen van de opleiding in bijgevoegd of op deachterzijde vermeld portfolio. Afhankelijk van de vormgeving van het portfolio kan bijvoorbeeldgekozen worden voor de inhoudsopgave van het (beoordelings-)portfolio of een lijst metberoepsrelevante competenties waarvoor bewijsstukken in het portfolio zijn opgenomen.- Vermelding van het bedrijf/de bedrijven waar de beroepspraktijkvorming heeftplaatsgevonden.- Bij doorstroming naar het HBO een aanvullend document met daarin een gedetailleerdewaardering (zie numerus fixus).- Voor sommige kwalificatiedossiers kunnen aanvullende eisen aan het diploma wordengesteld. Bijvoorbeeld door een vakministerie. Eén voorbeeld daarvan is het kwalificatiedossiermbo verpleegkundige. Hier is een wettelijke verplichting van toepassing om op het diploma tevermelden dat de gediplomeerde voldoet aan de daartoe bij AMvB beschrevenopleidingseisen. 5 Dit is een noodzakelijke voorwaarde voor inschrijving in het BIG-register vanhet ministerie van VWS 6 . Deze vermelding kan op de voor- of achterkant van het diplomastaan. In andere gevallen kunnen (indien de aanvullende eisen dit toelaten) deze eisen ook opeen bijlage bij het diploma worden vermeld. Het is wel van belang dat deze bijlage formeeltelt, deze moet daarvoor door de examencommissie worden ondertekend.4. Uitzondering AKAHet kwalificatiedossier Arbeidsmarktgekwalificeerd Assistent vormt een uitzondering. Ditkwalificatiedossier kent geen kwalificaties maar contexten van uitstromen. De AKA is bovendien hetenige kwalificatiedossier waarbij aan de contexten geen aparte crebonummers zijn toegekend, metuitzondering van de context Voedsel en Leefomgeving. De afspraak is dat de betreffende context ophet diploma wordt vermeld en de naam van het kenniscentrum dat de bpv-plaats heeft geaccrediteerdwaar de leerling zijn beroepspraktijkvorming heeft uitgevoerd.5. Numerus Fixus, vermelding examenuitslagen bij diploma’s mbo-4Voor een aantal hbo-opleidingen geldt een numerus fixus. Dit houdt in dat de plaatsing op de hboopleidingaan de hand van een door DUO georganiseerde loting plaatsvindt. De wijze waarop datplaatsvindt, is beschreven in de ‘Regeling aanmelding en selectie hoger onderwijs’ (RAS). Dezeregeling staat op de website van DUO en die van de overheid.5 AMvB Verpleegkunde/ nr. 365 Besluit opleidingseisen Verpleegkundige 2011 d.d. 6 juli 2011/Europese richtlijn 2005/36/EG d,d, 7 september 2005.6 Inschrijving in het BIG-register is noodzakelijk om met het diploma mbo verpleegkundige in allesectoren van de gezondheidszorg te kunnen werken.HBE/100645/2010 6/10


Niet alle gegadigden maken even veel kans in de lotingprocedure. In welke lotingsklasse degegadigde terecht komt, is afhankelijk van zijn of haar resultaten tijdens de vooropleiding. Voormbo’ers geldt dat gekeken wordt naar het gemiddelde eindexamencijfer, berekend uit de combinatievan cijfers voor de vijf kerntaken die het hoogste gemiddelde opleveren. Wanneer er minder dan vijfkerntaken zijn en er dus minder dan vijf cijfers vermeld zijn, dan wordt uitgegaan van het gemiddeldevan de aanwezige kerntaken. Het gemiddelde eindexamencijfer is dus het gemiddelde van de voor deaanwezige kerntaken vermelde cijfers. Bij de berekening worden de resultaten van de gegadigdevoor de onderdelen ‘leren, loopbaan en burgerschap’, Nederlands, rekenen en Engels, of een anderemoderne vreemde taal, buiten beschouwing gelaten. Indien de beoordelingen bij een diploma zijnuitgedrukt in de termen uitmuntend, zeer goed, goed, ruim voldoende, voldoende, matig,onvoldoende, ruim onvoldoende, slecht, zeer slecht, dan worden deze voor de berekening van hetgemiddelde eindexamencijfer geïnterpreteerd als respectievelijk 10, 9, 8, 7, 6, 5, 4, 3, 2 en 1. Het ishierbij van belang dat de letterlijke termen worden gehanteerd.Voorop staat dat de indeling in een lotingsklasse ertoe leidt dat de beste gegadigden de hoogste kansop inloting (klasse A) krijgen. Daarom moet het bij de lotingprocedure om de kern van de opleidinggaan. Voor het middelbaar beroepsonderwijs komt dat tot uitdrukking in de resultaten van dekerntaken. Als een instelling de beoordeling heeft gebaseerd op de werkprocessen in plaats van op dekerntaken, dan moet de instelling, gelet op de lotingprocedure, een aparte resultatenlijst toevoegenwaarop de beoordelingen van de werkprocessen zijn gebundeld per kerntaak en zijn uitgedrukt in eenbeoordeling per kerntaak. Als een opleiding gericht is op een kwalificatie met bijvoorbeeld zevenkerntaken, dan wordt het voor de lotingprocedure gehanteerde gemiddelde examencijfer bepaald doorde combinatie van de vijf beoordelingen voor kerntaken die het hoogste gemiddelde oplevert. Als destudent geen resultatenlijst kan overleggen die voldoet aan de bovenstaande eisen, dan volgtautomatisch indeling in lotingsklasse C.Jaarlijks maakt DUO rond 1 mei bekend welke opleidingen een numerus fixus hebben.Meer informatie over numerus fixus en lotingen kunt u vinden op de website van DUO: www.duo.nl.De volledige regeling ‘Regeling aanmelding en selectie hoger onderwijs’ kunt u vinden opwww.overheid.nl. Zie ook de informatie op de site van de MBO Raad bij het onderdeel numerus fixuswaar u een brief vindt over dit thema aan de MBOinstellingen en een vraag en antwoorddocument.HBE/100645/2010 7/10


Bijlage 1: Relevante artikelen uit de Wet educatie en beroepsonderwijs7.1.2 Opleidingen en onderwijseenheden1 De instelling biedt het onderwijs aan in de vorm van opleidingen. Voor zover het eenberoepsopleiding betreft, wordt deze opleiding door de instelling in het maatschappelijkverkeer aangeduid met de naam waaronder deze opleiding is vermeld in het Centraal register.7.4.2 Algemene bepaling inzake examens1. Het bevoegd gezag van een instelling geeft de deelnemers de gelegenheid een examen af teleggen.2 Het examen omvat een onderzoek naar de kennis, het inzicht, de vaardigheden en, invoorkomende gevallen, de beroepshoudingen die de examinandus zich bij voltooiing van deopleiding moet hebben eigen gemaakt, alsmede de beoordeling van de uitkomsten van datonderzoek aan de hand van de eindtermen.3 Het examen kan bestaan uit afzonderlijke onderdelen. Het examen van een beroepsopleidingis met gunstig gevolg afgelegd indien alle toetsen van die opleiding met gunstig gevolg zijnafgelegd, onverminderd artikel 7.4.3, eerste lid.4 Bij algemene maatregel van bestuur kunnen in afwijking van de artikelen 6:7, 7:10 en 7:24 vande Algemene wet bestuursrecht, kortere termijnen dan in die artikelen vermeld, wordenbepaald voor de indiening van een bezwaar- of beroepschrift en voor de daarop te nemenbeslissing ter zake van de deelneming aan de in dit artikel bedoelde examens.7.4.5 Examencommissie1 Het bevoegd gezag van een instelling of exameninstelling stelt, al dan niet in samenwerkingmet een of meer bevoegde gezagsorganen van andere instellingen, een examencommissie inten behoeve van de organisatie en het afnemen van de examens voor elke door de instellingverzorgde opleiding of groepen van opleidingen.2 Het bevoegd gezag benoemt de leden van de examencommissie.7.4.6 Bewijsstukken van afgelegde toetsen, examenonderdelen en examens1. Ten bewijze dat een toets of examenonderdeel met goed gevolg is afgelegd, reikt deexamencommissie een bewijsstuk uit. Indien het examenonderdeel een deelkwalificatie betreftreikt de examencommissie een certificaat uit. Ten bewijze dat een examen met goed gevolg isafgelegd reikt de examencommissie een diploma uit. Het examen van beroepsopleidingen iseerst dan met goed gevolg afgesloten wanneer zowel de beroepspraktijkvorming als hetoverige deel van het onderricht met goed gevolg zijn afgesloten.2. De bewijsstukken, bedoeld in het eerste lid, vermelden, voor zover zij betrekking hebben opeen beroepsopleiding:a. de naam van het kenniscentrum beroepsopleidingen bedrijfsleven op voorstel waarvan deeindtermen van die beroepsopleiding zijn vastgesteld, enb. de naam van de instelling waaraan de deelnemer is ingeschreven.HBE/100645/2010 8/10


Bijlage 2: Wat moet er op een diploma worden vermeld?Vermelding op het diplomaSoortenkwalificatiedossiersHet kwalificatiedossierCrebonummerDe kwalificatie(kwalificatie volgens creboregisterof crebolijst 7 )KenniscentrumberoepsonderwijsenbedrijfslevenHet kwalificatiedossierkentéén kwalificatie(per niveau)Interieuradviseur 90940 Interieuradviseur KC HandelMotorfietstechniek 2 93470Motorfietstechniek 3 93480Motorfietstechniek(Motorfietstechnicus)Motorfietstechniek (EersteMotorfietstechnicus)InnovamInnovamVerkoper93751 Verkoper (Verkoper detailhandel)93752 Verkoper (Verkoper fiets/bromfiets)93753 Verkoper (Verkoopmedewerkertankstation)KC HandelInnovamInnovamHet kwalificatiedossierkenteen startcodemet meerdereuitstromen (perniveau)Pedagogisch Werk 4926319263290111Pedagogisch Werker (Pedagogischmedewerker 4 jeugdzorg)Pedagogisch Werker(Gespecialiseerd pedagogischmedewerker 4 kinderopvang)Commercieel medewerker(Commercieel medewerkerbinnendienst)CalibrisCalibrisECABOCommercieel medewerker9011290113Commercieel medewerker(Commercieel medewerkerbinnendienst)Commercieel medewerker(Commercieel medewerkerbuitendienst)KC HandelKC Handel90114Commercieel medewerker(Contactcenter medewerker)ECABO7 Crebolijsten van experimentele opleidingen zijn te vinden opwww.mbo2010/kwalificatiedossiers/crebolijsten of www.duo.nl.HBE/100645/2010 9/10


Bijlage 3: voorbeelddiploma(Voorzijde diploma)Diploma BeroepsonderwijsKwalificatie:................................................. (naam zoals vermeld in het Crebo)Kwalificatiedossier: ......................................Code centraal register: ........... (Crebocode) niveau: ............. leerweg: ................... 8Kenniscentrum beroepsonderwijs bedrijfsleven: ...........................................................................De ondergetekenden verklaren dat............................................................................................. (naam kandidaat.)geboren ........................... (geboortedatum) te ............................................ (geboortegemeente)aan ……………………………………………………………………… (naam mbo-instelling)het examen, bedoeld in artikel 7.4.2 van de Wet educatie en beroepsonderwijs, met goed gevolg heeftafgelegd.Plaats: ................................. (de plaats invullen waar de instelling (evt. een onderdeel van deinstelling) is gevestigd die het diploma uitreikt)Datum: .................................................Namens de examencommissie:Namens het college van bestuur.................................. (handtekening) .................................. (handtekening)................................ (naam functionaris) .................................. (naam functionaris)................................................................. (Bij bepaalde kwalificatiedossiers kan een (wettelijke)verplichting van toepassing zijn om een bepaalde tekst op het diploma te vermelden. Dergelijkeformuleringen zouden dan op deze plaats op het diploma vermeld kunnen worden)Handtekening van de kandidaat:......................................................................................................................Doorhalingen en/of wijzigingen maken dit diploma ongeldig.8 Over het al dan niet vermelden van de leerweg op het diploma bestaat discussie.Advies van de MBO Raad: daar waar het vermelden van de leerweg toegevoegde waarde heeft voorhet diploma als bewijsstuk, is dit aan te raden.HBE/100645/2010 10/10

More magazines by this user
Similar magazines