12.07.2015 Views

verslag nr. 125 - vergadering van 1 december 2011 - Provincie West ...

verslag nr. 125 - vergadering van 1 december 2011 - Provincie West ...

verslag nr. 125 - vergadering van 1 december 2011 - Provincie West ...

SHOW MORE
SHOW LESS
  • No tags were found...

You also want an ePaper? Increase the reach of your titles

YUMPU automatically turns print PDFs into web optimized ePapers that Google loves.

eek. Het lid suggereert om geen nieuw regionaal bedrijventerrein te voorzien. Het lid leest demotivering voor <strong>van</strong> het negatief advies <strong>van</strong> PROCORO op het planologisch attest <strong>van</strong> Begro.De vaste secretaris zegt dat de PROCORO drie locaties gunstig heeft geadviseerd in het kader <strong>van</strong>de ruimtelijk economische visie voor de Roeselaarse regio met name in Ardooie, Wingene enKortemark. PROCORO was ongunstig voor Meulebeke en Wielsbeke.Een lid vraagt om de artikels <strong>van</strong> de voorschriften ook te vermelden op het plan. Dit leestgemakkelijker.Een ander lid vraagt meer aandacht voor mobiliteit. Nu staat er 1 zinnetje. Dit is onvoldoende. Erkunnen meer elementen opgenomen worden <strong>van</strong> het mobiliteitsplan <strong>van</strong> de gemeente en demogelijke mobiliteitsimpact <strong>van</strong> het bedrijventerrein.De voorzitter zegt dat er rekening moet gehouden worden met het advies <strong>van</strong> de PROCORO op deruimtelijke economische visie in de Roeselaarse regio waar drie locaties gunstig werdengeadviseerd waaronder de Motestraat in Ardooie. Daartegenover staat het negatief advies voor hetplanologisch attest <strong>van</strong> Begro waar de argumenten belangrijk zijn.De voorzitter besluit dat voor de PROCORO volgende elementen belangrijk zijn :- Plannen met bestaande toestand moeten actueel zijn.- Het is positief om een groene strook langs de weg te voorzien voor de kwalitatieveinkleding. Dit is enkel nuttig als het realistisch is om het te realiseren. Is dit zo?- Duidelijk aangeven of de buffers via overdruk of via effectieve bestemming wordtaangegeven.- Het opnemen <strong>van</strong> de motivering <strong>van</strong> de deputatie om een positief planologisch attest tehebben afgegeven voor de uitbreiding <strong>van</strong> Begro.- De bouwhoogte voor de uitbreiding <strong>van</strong> Begro moet gerespecteerd worden- Bepaling 1.2.1 op p.42 dient aangepast te worden- De herbevestigde agrarische gebieden moeten vermeld worden en conform de omzendbriefdienen mogelijkheden voor compensatie in het document vervat te zitten.- Het BPA dient opgegeven te worden.3. Toelichting en advisering provinciaal RUP regionaal bedrijventerreinDe Hille (Wingene) tav de plenaire <strong>vergadering</strong>De heer Wim Beerten <strong>van</strong> de dienst ruimtelijke planning licht het voorontwerp provinciaalruimtelijk uitvoeringsplan voor het regionaal bedrijventerrein De Hille in Zwevezele (Wingene) toe.Een lid vraagt om éénzelfde structuur binnen het document te hanteren. Op p.7 en 8 worden deverschillende onderdelen beschreven. Het is wenselijk dat deze volgorde <strong>van</strong> de verschillendedelen verder in het document wordt aangehouden (bvb op p.18/19). Het lid vraagt ook om deartikels <strong>van</strong> de stedenbouwkundige voorschriften aan te brengen op het plan. Dit alles verhoogt deleesbaarheid <strong>van</strong> het document. Het is ook onduidelijk of er bepalingen zijn opgenomen over hetmerkwaardige hoevegebouw.Een ander lid vraagt om duidelijk aan te geven of de buffers effectief bestemd worden of het gaatom een overdruk. Dit is niet helemaal duidelijk. In artikel 7 gaat het om een overdruk terwijl ophet plan wel effectief staat ingekleurd.Op p.19 is er sprake dat er een stort moet gesaneerd worden. Een lid vraagt wie zal dit doen?De heer Wim Beerten verduidelijkt dat de gemeente of de ontwikkelaar het voortouw hierin zalnemen.Een lid verwijst naar artikel 10: het gaat enkel om grasinzaaiingen. Het is niet duidelijk of er kangebouwd worden?Een ander lid vraagt bij de openheid of er geen bepalingen over reclamepanelen moet opgenomenworden?3


Er wordt een fietsverbinding voorzien in de groenstrook. Een lid vraagt of het gaat om asfalt ofwaterdoorlatende materialen?De heer Wim Beerten zegt dat het gaat om waterdoorlatende materialen.Een ander lid merkt op dat het niet altijd evident is om waterdoorlatende materialen te gebruiken.Als het gaat om waterzieke gronden heeft dit als resultaat dat het fietspad regelmatig onder waterkomt te staan. Het gevolg is dat het fietspad niet wordt gebruikt. Het lid vraagt om ook de visie<strong>van</strong>uit het mobiliteitsplan <strong>van</strong> Wingene op te nemen.De heer Wim Beerten verduidelijkt dat er ook in de voorschriften moet opgenomen worden dat ervoldoende afvoer <strong>van</strong> water moet voorzien worden.Nog een ander lid vraagt zich af of er nood is aan een fietspad. Het lid vreest voor deverkeersveiligheid, zeker op de plaats ter hoogte <strong>van</strong> de hoeve. Daar zal er een menging zijn methet vrachtverkeer. Zijn er geen alternatieven? Kan het fietspad niet aan de rand blijven?De heer Wim Beerten zegt dat dit inderdaad een aandachtspunt is. Het fietspad kan niet in debuffer blijven.Een lid stelt vast dat er 23ha wordt ingenomen als herbevestigd agrarisch gebied. Het doel is om10ha regionaal bedrijventerrein te voorzien. Over landbouw wordt er weinig geschreven. Enkelvoor deel 1 wordt vermeld dat het weinig impact zal hebben op de landbouw. De reden om dit teschrijven is onvoldoende.Over de andere delen wordt niets gezegd. Volgens de omzendbrief moet er gezocht worden naarcompensatie. Het lid vindt niets terug over mogelijke compensatie.Voorts vraagt het lid waarom 3ha groen nodig is langs de beek. Wordt dit dan opgenomen in deruimtebalans onder groen?De heer Wim Beerten motiveert dat er 10ha regionaal bedrijventerrein wordt voorzien. Daarnaastzijn er de uitbreidingsvragen <strong>van</strong> Ide en Veos. Bijkomend werd het vroegere stort mee ingekleurdom een sanering toe te laten. Dit is geen aanbod op korte termijn. Bovendien wordt gekozen omde grotere ruimtevragers hier een plaats te geven.De voorzitter vult aan dat het niet de bedoeling is om een discussie te voeren over deboekhouding.De vaste secretaris verwijst naar RSV waar groene buffers, waterbuffers, wegenis <strong>van</strong> eenbedrijventerrein behoren tot de categorie bedrijvigheid.Het lid vraagt de motivering waarom er 3ha groen wordt voorzien?De heer Wim Beerten legt uit dat het gaat om een lagergelegen gebied die op heden ook de functievervult <strong>van</strong> overstroombaar gebied. De landbouwer ter plaatse zegt dat dit altijd al zo is geweesten voor de landbouw weinig bruikbaar is.Een ander lid wenst dat de bijkomende ha voor sanering <strong>van</strong> het stort in mindering wordt gebracht<strong>van</strong> de 10ha regionale bedrijventerrein. Het lid zegt dat het voorstel is om 10ha te voorzien en nietmeer.Nog een ander lid wil benadrukken dat het positief is dat het stort wordt gesaneerd en specifiek zalingezet worden voor de grotere ruimtevragers. Dit mag niet gezien worden als behorend tot de10ha.Een lid vraagt de noodzaak om het zuidelijk gedeelte volledig te enten op de uitbreiding <strong>van</strong>bestaande bedrijven. Het lid merkt op dat beide bedrijven nog andere sites hebben in Wingene.Daarover staat niets in het document. Ook de uitbreiding is nauwelijks gemotiveerd. Als het gaatom een bundeling <strong>van</strong> activiteiten, dan is er de verwachting wat er met de andere leegkomendesites zal gebeuren. Ook dient er een afstemming te komen met het planologisch attest.Het lid merkt op dat artikel 2.2.2. moet aangepast worden: bij vernieuwing <strong>van</strong> verharding moeter ook 30% bebouwd worden. Dit kan niet de bedoeling zijn.Ene lid wil weten hoe het gesteld is met de landbouw: er zijn 2 landbouwbedrijfszetels in hetgebied of gaat het om een zonevreemde woning? Er staat niets in de tekst. Een beschrijving <strong>van</strong>bestaande toestand is wenselijk.Is er een landbouwgevoeligheidsanalyse gemaakt?De heer Wim Beerten zegt dat de landbouwgevoeligheidsanalyse pas is afgewerkt.4


Het lid vraagt hoe de PROCORO hiermee zal omgaan.De vaste secretaris zegt dat de gevoeligheidsanalyse kan bezorgd worden. Dit kan dan nog samenmet het <strong>verslag</strong> op 5/01 besproken worden.Een lid merkt op dat artikel 10 over de groenstrook geen enkel garantie biedt voor eenkwalitatieve invulling <strong>van</strong> de overgang bedrijven- openbaar domein. Kan dit niet anders en sterkerworden geformuleerd?De PROCORO besluit dat er nog heel wat opmerkingen zijn. De voornaamste zijn :- motivering waarom het gebied ruimer is dan 10ha- een duidelijke motivering bij het voorzien <strong>van</strong> ruimte voor uitbreiding <strong>van</strong> bestaandebedrijven; de relatie met de overige sites in Wingene moet duidelijk zijn. Er moet ookafstemming zijn met het planologisch attest die Ide heeft aangevraagd.- het zoeken <strong>van</strong> compensatie voor de inname <strong>van</strong> herbevestigde gebieden- hoe zal er omgegaan worden met de landbouwgevoeligheidsanalyse; een beschrijving <strong>van</strong>de bestaande toestand <strong>van</strong> de landbouw is wenselijk- een motivering waarom de groene strook langs de beek 3ha bedraagt- kan het fietspad niet anders georganiseerd worden, blijvend in de rand. Op welke wijzewordt dit ingericht (al dan niet doorlatende materialen?)- wat zijn de bepalingen voor het merkwaardig hoevegebouw?- Aanpassen <strong>van</strong> artikel 2.2.2 en artikel 10- Bijsturing <strong>van</strong> het document om de leesbaarheid te verhogenEen lid vraagt aan de dienst ruimtelijke planning om voortaan ook de straatnamen op de plannente zetten. Voor de leden is dit handiger om zich te kunnen oriënteren.4. Advisering planologisch attest Ide (Wingene) nav het openbaaronderzoekopenbaar onderzoek 19/09/<strong>2011</strong> - 18/10/<strong>2011</strong>A. SITUERING VAN HET BEDRIJF EN VOORWERP VAN DE AANVRAAGJoris Ide nv heeft een aanvraag ingediend om het regionaal bedrijf IDE verder uit te breiden. Hetbetreft hier een metaalverwerkend bedrijf dat inzet op de productie <strong>van</strong> geprofileerde metalenplaten en geïsoleerde sandwichpanelen voor de bouw. Het bedrijf heeft een internationaleafzetmarkt met verschillende vestigingen waarbij 4 in België en de hoofdvestiging te Wingene-Zwevezele (industrieterrein Hille – site ‘Akkerstraat’). Er werken op deze site 351 personen in shift.Het bedrijf is onderdeel <strong>van</strong> het industrieterrein Hille en kent zijn ontsluiting via de N370 en deN50.In het verleden werd reeds een uitbreiding <strong>van</strong> het bedrijf mogelijk gemaakt door middel <strong>van</strong> eenprovinciaal RUP dat werd goedgekeurd op 28 augustus 2006. De nu gevraagde uitbreiding vindtplaats in agrarisch gebied op een perceel dat bebost was. Er werd wederrechtelijk al begonnen metde werken. Het bedrijf ligt niet in een speciale beschermingszone.Het bedrijf vraagt een zonevreemde uitbreiding <strong>van</strong> de site ‘Akkerstraat’ met een circulatie- enparkeerruimte. Op korte termijn heeft het bedrijf hiervoor 15164m² nodig, alsook 2100m² vooreen groene bufferruimte. Er wordt gemotiveerd dat deze ruimte niet kan gevonden worden binnenhet in 2006 uitgewerkte en goedgekeurde PRUP Ide daar alles werd ingevuld in functie <strong>van</strong> eennieuwe productielijn. Er is evenmin plaats binnen andere sites <strong>van</strong> de groep.De aanvraag vermeldt geen ruimtebehoeften op de lange termijn.5


Zie uittreksels in bijlage, bevattend:- Situering <strong>van</strong> het bedrijf op het gewestplan en op orthofoto- Uittreksel kadaster- Uittreksel uit de toelichtingsnota met de uitbreidingsbehoeften en voorstel op korte termijn,lange termijn en mobiliteitsprofiel- Plandocumenten (bestaande toestand, korte termijn, lange termijn)B. AANGESCHREVEN INSTELLINGEN, ADMINISTRATIES EN BESTUREN:- CBS Wingene- Departement Leefmilieu, Natuur en Energie - tav. David Stevens- Departement Ruimtelijke ordening, Woonbeleid en O<strong>nr</strong>oerend erfgoed- Ruimte en Erfgoed <strong>West</strong>-Vlaanderen - Ruimtelijke Ordening- PROCORO <strong>West</strong>-Vlaanderen- Departement Landbouw en Visserij <strong>West</strong>-Vlaanderen - Duurzame Landbouwontwikkeling- Agentschap voor Natuur en Bos <strong>West</strong>-Vlaanderen -<strong>West</strong>-Vlaanderen- Agentschap Ondernemen- Vlaamse Milieumaatschappij <strong>West</strong>-Vlaanderen - Afdeling Operationeel Waterbeheer- Vlaamse Vervoersmaatschappij De Lijn <strong>West</strong>-Vlaanderen- Provinciale ontwikkelingsmaatschappij (POM)- Departement MOW - t.a.v. Fernand Desmyter, secretaris-generaalC. OPENBAAR ONDERZOEK<strong>van</strong> 19/09/<strong>2011</strong> tot en met 18/10/<strong>2011</strong>D. ADVIEZEN, BEZWAREN EN OPMERKINGEN: SAMENVATTINGOverzichtslijst:A1: Vlaamse Milieumaatschappij <strong>West</strong>-Vlaanderen - Afdeling Operationeel Waterbeheer, KoningAlbert II-laan 20 bus 16, 1000 Brussel, advies dd. 28.09.<strong>2011</strong>, ont<strong>van</strong>gen dd. 29.09.<strong>2011</strong>A2: Technische dienst Waterlopen, PH adbijbeke, Abdijbekestraat 9, 8200 Sint-Andries, advies dd.6.10.<strong>2011</strong>, ont<strong>van</strong>gen dd. 7.10.<strong>2011</strong>A3: Agentschap voor natuur en bos, Zandstraat 255 bus 3, 8200 Sint-Andries, advies dd.6.10.<strong>2011</strong>, ont<strong>van</strong>gen dd. 11.10.<strong>2011</strong>A4: CBS Wingene, Oude Bruggestraat 13, 8750 Wingene, advies dd. 12.10.<strong>2011</strong>, ont<strong>van</strong>gen dd.13.10.<strong>2011</strong>A5: Provinciale ontwikkelingsmaatschappij (POM), PH Olympia, Koning Leopold III-laan 66, 8200Sint-Andries, advies dd. 13.10.<strong>2011</strong>, ont<strong>van</strong>gen dd. 14.10.<strong>2011</strong>A6: Departement Landbouw en Visserij <strong>West</strong>-Vlaanderen - Duurzame Landbouwontwikkeling, Ellips6 de verdieping, Koning Albert II-laan 35, bus 40, 1030 Brussel, advies dd. 14.10.<strong>2011</strong>, ont<strong>van</strong>gen dd. 19.10.<strong>2011</strong>A7: Departement Leefmilieu, Natuur en Energie, Koning Albert II-laan 20, bus 8, 1000 Brussel,advies dd. 27.09.<strong>2011</strong>, ont<strong>van</strong>gen via mail dd. 14.10.<strong>2011</strong>, via brief dd. 24.10.<strong>2011</strong> (+ adviesdienst Veiligheidsrapportering)6


AdviezenA1: Vlaamse Milieumaatschappij <strong>West</strong>-Vlaanderen - Afdeling Operationeel WaterbeheerHet attest wordt voorwaardelijk gunstig geadviseerd en is in overeenstemming met dedoelstellingen en beginselen <strong>van</strong> het decreet integraal waterbeleid indien rekening wordt gehoudenmet de volgende voorwaarden:- Bij verdere uitwerking moet er gestreefd worden naar een maximaal hergebruik <strong>van</strong>hemelwater- Het hemelwater <strong>van</strong> potentieel verontreinigde oppervlaktes (laad- en loszones,vrachtwagenparkings, e.d.) moet gezuiverd worden d.m.v. een KWS-afscheider alvorens aan tesluiten op de infiltratievoorziening.A2: Technische dienst WaterlopenDe waterloop die in de nabijheid <strong>van</strong> het plangebied loopt (Kloosterbeek) is een categorie 3. Deprovinciale technische dienst Waterlopen brengt zodoende geen advies uit daar ze enkel bevoegdis voor een categorie 2. Het komt de gemeente toe hierover advies uit te brengen.A3: Agentschap voor natuur en bosGeeft een gunstig advies voor dit attest.A4: CBS WingeneGeeft een gunstig advies voor dit attest. Bijkomend wordt het advies bezorgd dat de gemeenteheeft geformuleerd met de betrekking tot het PRUP Regionaal bedrijventerrein Hille SPEK (inopmaak).A5: Provinciale ontwikkelingsmaatschappij (POM)Er wordt een positief advies afgeleverd voor de verschillende onderdelen <strong>van</strong> het attest. Er wordenwel de volgende opmerkingen gemaakt:- De aanduiding <strong>van</strong> de plaats <strong>van</strong> de gemaakte foto’s bevindt zich op het plan ‘uitbreidingbedrijventerrein’ i.p.v. plan ‘bestaande toestand’.- Er dient aandacht te gaan naar het gebruik <strong>van</strong> duurzame en waterdoorlatende materialen.- De groenbuffer aan oostelijke zijde dient min. 5m breed te zijn.- De realisatie <strong>van</strong> de groenbuffers dient als voorwaarde opgenomen te worden bij het verkrijgen<strong>van</strong> de stedenbouwkundige vergunning.- De vraag wordt gesteld of de uitbreiding op korte termijn enkel zal gebruikt worden alscirculatie- en parkeerruimte.- Een verdere toekomstige inname <strong>van</strong> de open ruimte in oostelijke richting lijkt niet meerwenselijk.A6: Departement Landbouw en Visserij <strong>West</strong>-Vlaanderen - Duurzame LandbouwontwikkelingEr wordt een voorwaardelijk gunstig advies geformuleerd:- De inname <strong>van</strong> herbevestigd agrarisch gebied dient te worden gecompenseerd via eenplanologische ruil in het planinitiatief in uitvoering <strong>van</strong> het planologisch attest.- De compenserende bebossing wordt voorzien op een andere plaats, na gunstig advies <strong>van</strong> deafdeling Duurzame Landbouwontwikkeling, het Agentschap voor Natuur en Bos en het CBSWingene. De gronden langs de Graaf Jansdijk te Knokke-Heist begrepen in de compenserendebebossing moeten opnieuw een zone-eigen functie krijgen.A7: Departement Leefmilieu, Natuur en Energie en dienst VeiligheidsrapporteringEr wordt opgewezen dat er bij de eventuele opmaak <strong>van</strong> een RUP een ‘screeningsnota’ dientopgemaakt te worden die op voldoende wijze moet aantonen dat de geplande ontwikkeling geenaanzienlijke milieueffecten met zich mee zal brengen.Er wordt geen ruimtelijk veiligheidsrapport gevraagd.Bezwaren en opmerkingenEr werden geen bezwaren en opmerkingen ont<strong>van</strong>gen naar aanleiding <strong>van</strong> het openbaaronderzoek.7


E. ADVIES PROCOROAdvies A6 en A7 werden buiten de termijn <strong>van</strong> het openbaar onderzoek ont<strong>van</strong>gen en hierdooronont<strong>van</strong>kelijk verklaard.Algemene houding PROCORO:Het ont<strong>van</strong>gen <strong>van</strong> adviezen via mail is decretaal niet geregeld. Om geen discussies te hebben,wenst de PROCORO dat schriftelijke adviezen binnen de voorziene termijn wordt ont<strong>van</strong>gen.Toetsing aan de structuurplannenArtikel 4.4.24. VCRO bepaalt dat in het planologisch attest de ruimtelijke behoeften <strong>van</strong> deverschillende maatschappelijke activiteiten gelijktijdig tegen elkaar moeten afgewogen worden.Daarenboven houdt het planologisch attest rekening met de ruimtelijke draagkracht, de gevolgenvoor het leefmilieu, en de culturele, economische, esthetische en sociale gevolgen.Wingene is geselecteerd op Vlaams niveau als specifiek economisch knooppunt. Hiertoe wordt erop provinciaal niveau gewerkt aan een ruimtelijk uitvoeringsplan waarbij er ondermeer voor hetbedrijf IDE nv de nodige uitbreidingsgronden worden voorzien in de zone Akkerstraat-Raveschootsveldstraat.Binnen het provinciaal ruimtelijk structuurplan <strong>West</strong>-Vlaanderen wordt Wingene (Zwevezele) alsonderdeel <strong>van</strong> de Midde<strong>nr</strong>uimte gezien. Het ruimtelijk economische beleid voor deze deelruimtegaat uit <strong>van</strong> het concentreren <strong>van</strong> dynamische activiteiten in de stedelijke gebieden en despecifieke economische knooppunten. Deze deelruimte kenmerkt zich door een zeer grotediversiteit <strong>van</strong> bedrijvigheid, zowel naar ruimtelijke kenmerken (bv. klein- engrootschaligheid, verspreid patroon) als soorten activiteiten (bv. sectoren, tewerkstelling). Erwordt voor geopteerd om de ontwikkelingen <strong>van</strong> de bovenlokale bedrijvigheid als volgt te sturen:- een aanbod <strong>van</strong> regionale bedrijventerreinen ter versterking <strong>van</strong> de endogene ontwikkelingenen/of sectorale clustervorming kan zowel in de stedelijke gebieden als in de specifiekeeconomische knooppunten gegenereerd worden;- nieuwe bovenlokale bedrijven, in de zin <strong>van</strong> (ver)nieuwe(nde) initiatieven die los staan <strong>van</strong>endogene ontwikkelingen en sectorale clustervorming, worden enkel geconcentreerd in destedelijke gebieden.Bedrijventerreinen in de specifieke economische knooppunten kunnen zich ontwikkelen aansluitendbij die bestaande bedrijvigheid, rekening houdend met de draagkracht <strong>van</strong> de omgeving, deontsluiting en de clustervorming (PRS-WV RD p. 210).Het ruimtelijk structuurplan <strong>West</strong>-Vlaanderen doet verder uitspraken over deontwikkelingsmogelijkheden <strong>van</strong> bestaande bedrijven buiten bedrijventerreinen. Volgens de driedomeinen, met name de ruimte, het milieu en het verkeer, die een impact uitoefenen op deomgeving worden criteria vooropgesteld. De aard en de mate <strong>van</strong> de impact bepalen deontwikkelingsmogelijkheden en de lokalisatie <strong>van</strong> het bedrijf. Om te besluiten tot het ter plaatsekunnen blijven ontwikkelen, moet het bedrijf voor de meeste criteria gunstig scoren. Indien hetbedrijf globaal een negatieve impact heeft op de omgeving en het aannemelijk is dat dit in detoekomst zo zal blijven, dan moet het zich herlokaliseren. Het bedrijf hoort dan thuis op een lokaalof op een regionaal bedrijventerrein (PRS-WV RD p.247-251).Het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan Wingene gaat dieper in op mogelijke ontwikkelingen <strong>van</strong>bedrijvigheid in de gemeente en specifiek voor het bedrijf Ide nv. De groep Joris Ide nv wenst eenuitbreiding te voorzien <strong>van</strong> haar site binnen de industriezone Hille RO Akkerstraat (GRS RD p. 33).Deze uitbreiding werd reeds uitgewerkt en mede onder<strong>van</strong>gen door het PRUP Ide uit 2006. Binnende voorziene zone (zoals het GRS en het PRUP eveneens aangaf) kan het bedrijf Ide wel nietverder ontwikkelen. De verdere uitbreiding <strong>van</strong> het regionale bedrijventerrein Hille Zuid wordt alssuggestie omschreven in het GRS waarbij gesteld wordt dat de zuidelijke zijde <strong>van</strong> de Akkerstraatzoveel als mogelijk moet uitgewerkt worden in functie <strong>van</strong> het bedrijf Ide (GRS RD p. 36). Ditwordt op provinciaal niveau uitgewerkt in een RUP.8


Ruimtelijke toetsing en inhoudelijke afwegingenBestendigingHet bedrijf is gelegen binnen een industriezone en is afdoende vergund.Korte termijnplanningDe uitbreiding <strong>van</strong> de bedrijfssite <strong>van</strong> Ide nv omvat een beperkte zone agrarisch gebied (in depraktijk bebost geweest – wederrechtelijk gerooid). Binnen dit nieuwe gebied wordt er geenbebouwing voorzien maar wel verharding in functie <strong>van</strong> stapel en parkeerplaatsen voorvrachtwagens omgeven door een bufferstrook. De bijkomende bedrijfsoppervlakte zorgt in deeerste plaats voor een meer efficiënte bedrijfsorganisatie en niet zozeer voor bijkomendeverzwaring naar mobiliteits- en milieueffecten .Wel moet er voldoende aandacht uitgaan naar hetbufferen en verwerken <strong>van</strong> het hemelwater (cf. adviezen A1, A5) . Ook landschappelijke bufferingis <strong>van</strong> belang en dient aan de oostelijke zijde opgeladen te worden wanneer het provinciaalruimtelijk uitvoeringsplan voor de uitbreiding <strong>van</strong> het regionaal bedrijventerrein De Hille niet zoudoorgaan.De uitbreiding <strong>van</strong> Ide nv moet kaderen binnen het in opmaak zijnde provinciale ruimtelijkuitvoeringsplan voor regionale bedrijvigheid <strong>van</strong> De Hille (cf. advies A4). Binnen dit PRUP wordteen totaalvisie uitgewerkt voor de globale uitbreiding <strong>van</strong> het industriegebied. Hierbij wordenspecifieke voorschriften voorzien voor buffering, i<strong>nr</strong>ichtingsprincipes, ontsluiting etc. per bedrijf(uitbreidingszone) alsook voor nieuwe bedrijven. Deze vraag tot planologisch attest wordt dan ookonder<strong>van</strong>gen door het PRUP waardoor de eigenlijke beoordeling <strong>van</strong> het PA gunstig wordtbeoordeeld mits afstemming en integratie binnen het lopende PRUP. Bij uitwerking <strong>van</strong> eenafzonderlijk PRUP of het PRUP De Hille algemeen zal ook de nodige aandacht gaan naarcompensatie <strong>van</strong> het HAG dat getroffen wordt. De compensatie voor het gerooide bos is reedsgeregeld (cf. advies A3).Lange termijnplanningMet deze nieuwe aanvraag na het goedgekeurd provinciaal RUP in 2006, blijkt er evenwel nood tezijn aan een lange termijnvisie <strong>van</strong> het bedrijf. Het is dan ook belangrijk dat plannen voor delangere termijn een onderdeel zullen zijn <strong>van</strong> het op provinciaal niveau uit te werken ruimtelijkuitvoeringsplan op basis <strong>van</strong> de selectie <strong>van</strong> Wingene als specifiek economisch knooppunt.Advies PROCORO met éénparigheid <strong>van</strong> stemmenDe PROCORO stelt op basis <strong>van</strong> de ruimtelijke en juridische toetsing <strong>van</strong> de aanvraag het volgendeadvies voor:Voorwaardelijk gunstig advies voor de uitbreiding op korte termijn mits afdoende maatregelente nemen naar de waterhuishouding toe. De uitbreiding moet zich integreren in het ruimer geheel<strong>van</strong> de ontwikkelingen <strong>van</strong> het bedrijventerrein De Hille en dient noodzakelijkerwijs afgestemd teworden met provinciaal ruimtelijk uitvoeringsplanEr wordt betreurd dat het bedrijf Ide nv geen lange termijnvisie vormt voor deze specifieke site.Gezien de korte tussentijd <strong>van</strong> het goedgekeurde RUP en deze vraag tot uitbreiding lijkt hetimmers duidelijk aangetoond dat de evolutie <strong>van</strong> het bedrijf snel gaat.5. Advisering planologisch attest Agripom (Tielt) nav het openbaaronderzoekopenbaar onderzoek 19/09/<strong>2011</strong> - 18/10/<strong>2011</strong>A. SITUERING VAN HET BEDRIJF EN VOORWERP VAN DE AANVRAAGJan Warnez-Filip Warnez heeft een aanvraag ingediend om het bedrijf Agripom Tielt verder uit tebreiden. Agripom is een aardappelverwerkend bedrijf dat werd opgericht in 1950 en sinds 1992gevestigd is op de huidige locatie (oppervlakte 1,5ha). Het bedrijf ligt op het industrieterrein Tielt-Zuid (conform het gewestplan en het BPA ‘industriegebied zuid’) en biedt werk aan 37werknemers. Het bedrijf ontsluit via de Marialoopsesteenweg, ten zuiden <strong>van</strong> Tielt. Ten zuiden <strong>van</strong>het bedrijf ligt een weide en een afdeling <strong>van</strong> de technische school (schoolhoeve).9


Tielt is in het RSV geselecteerd als structuurondersteunend kleinstedelijk gebied. Hiertoe wordtdoor de provincie een afbakeningsproces gevoerd. In het voorstel <strong>van</strong> afbakening wordt het gebiedwaarop de uitbreiding <strong>van</strong> het bedrijf wordt voorzien aangegeven als lokaal bedrijventerrein. In devisie voor landbouw, natuur en bos, regio Leiestreek, is het bedrijf gelegen in het deelgebied‘plateau <strong>van</strong> Tielt’. Het bedrijf ligt niet in een speciale beschermingszone.Het bedrijf vraagt een zonevreemde uitbreiding in zuidelijke richting. De nieuw geplande totaleoppervlakte komt op ca. 2,8ha:Op korte termijn betreft de aanvraag een uitbreiding met een bedrijfsgebouw (8525m²),stapelzone in open lucht (2367m²) en een zone voor slibverwerking en waterzuivering (999m²).De totale oppervlakte voor toegangswegen, parking en circulatie bedraagt 6311m². Op hetbestaande bedrijfsterrein wordt binnen de korte termijnplanning een nieuw bureel <strong>van</strong> 200m²voorzien.Op langere termijn wil het bedrijf een bijkomende zuidelijke uitbreiding voor een gebouw voorfrigobewaring (4500m²) en een zone voor stapeling en circulatie (4359m²).Zie uittreksels in bijlage, bevattend:- Situering <strong>van</strong> het bedrijf op het gewestplan en op orthofoto- Uittreksel kadaster- Uittreksel uit de toelichtingsnota met de uitbreidingsbehoeften en voorstel op korte termijn,lange termijn en mobiliteitsprofiel- Plandocumenten (bestaande toestand, korte termijn, lange termijn)B. AANGESCHREVEN INSTELLINGEN, ADMINISTRATIES EN BESTUREN:- CBS Tielt- Departement Leefmilieu, Natuur en Energie - tav. David Stevens- Departement Ruimtelijke ordening, Woonbeleid en O<strong>nr</strong>oerend erfgoed- Ruimte en Erfgoed <strong>West</strong>-Vlaanderen - Ruimtelijke Ordening- PROCORO <strong>West</strong>-Vlaanderen- Departement Landbouw en Visserij <strong>West</strong>-Vlaanderen - Duurzame Landbouwontwikkeling- Agentschap Ondernemen- Vlaamse Milieumaatschappij <strong>West</strong>-Vlaanderen - Afdeling Operationeel Waterbeheer- Technische dienst Waterlopen- Provinciale ontwikkelingsmaatschappij (POM)C. OPENBAAR ONDERZOEK<strong>van</strong> 19/09/<strong>2011</strong> tot en met 18/10/<strong>2011</strong>D. ADVIEZEN, BEZWAREN EN OPMERKINGEN: SAMENVATTINGOverzichtslijstA1: Vlaamse Milieumaatschappij <strong>West</strong>-Vlaanderen - Afdeling Operationeel Waterbeheer, KoningAlbert II-laan 20 bus 16, 1000 Brussel, advies dd. 30.09.<strong>2011</strong>, ont<strong>van</strong>gen dd. 4.10.<strong>2011</strong>A2: Technische dienst Waterlopen, PH adbijbeke, Abdijbekestraat 9, 8200 Sint-Andries, advies dd.6.10.<strong>2011</strong>, ont<strong>van</strong>gen dd. 7.10.<strong>2011</strong>A3: CBS Tielt, Markt 13, 8700 Tielt, advies dd. 13.10.<strong>2011</strong>, ont<strong>van</strong>gen dd. 14.10.<strong>2011</strong>A4: Provinciale ontwikkelingsmaatschappij (POM), PH Olympia, Koning Leopold III-laan 66, 8200Sint-Andries, advies dd. 17.10.<strong>2011</strong>, ont<strong>van</strong>gen dd. 18.10.<strong>2011</strong>10


A5: Departement Landbouw en Visserij <strong>West</strong>-Vlaanderen - Duurzame Landbouwontwikkeling, Ellips6 de verdieping, Koning Albert II-laan 35, bus 40, 1030 Brussel, advies dd. 14.10.<strong>2011</strong>, ont<strong>van</strong>gendd. 19.10.<strong>2011</strong>A6: Departement Leefmilieu, Natuur en Energie, Koning Albert II-laan 20, bus 8, 1000 Brussel,advies dd. 27.09.<strong>2011</strong>, ont<strong>van</strong>gen via mail dd. 14.10.<strong>2011</strong>, via brief dd. 24.10.<strong>2011</strong> (+ adviesdienst Veiligheidsrapportering)B1: Filip Vander Meulen, Wakkensesteenweg 51, 8700 Tielt, bezwaar dd. 10.10.<strong>2011</strong>, ont<strong>van</strong>gendd. 12.10.<strong>2011</strong>AdviezenA1: Vlaamse Milieumaatschappij <strong>West</strong>-Vlaanderen - Afdeling Operationeel WaterbeheerHet attest wordt voorwaardelijk gunstig geadviseerd en is in overeenstemming met dedoelstellingen en beginselen <strong>van</strong> het decreet integraal waterbeleid indien rekening wordt gehoudenmet de volgende voorwaarden:- Bij verdere uitwerking moet er gestreefd worden naar een maximaal hergebruik <strong>van</strong>hemelwater- Het hemelwater <strong>van</strong> potentieel verontreinigde oppervlaktes (laad- en loszones,vrachtwagenparkings, e.d.) moet gezuiverd worden d.m.v. een KWS-afscheider alvorens aan tesluiten op de infiltratievoorziening.A2: Technische dienst WaterlopenEr wordt een gunstig advies geformuleerd. Volgend aandachtspunt wordt aangebracht:- Er moet een buffervolume <strong>van</strong> minstens 330m³/ha verharde oppervlakte worden voorzien eneen vertraagde afvoer <strong>van</strong> 10l/sec/ha naar het oppervlaktewaternet bij het verder uitwerken<strong>van</strong> het bedrijventerrein.A3: CBS TieltEr wordt een gunstig advies geformuleerd, dit zowel voor de bestendiging als voor deuitbreidingsopties op korte en lange termijn. De volgende voorwaarden bij de verdere uitwerkingworden gemaakt:- De uitbreiding <strong>van</strong> het bedrijventerrein dient een voldoende groene bufferzone te voorzient.o.v. het aangrenzende onbebouwde agrarisch gebied.- Het stapelen in open ruimte dient in de hoogte beperkt te worden.- Hemelwater moet voldoende op eigen terrein gebufferd worden.A4: Provinciale ontwikkelingsmaatschappijEr wordt een overwegend positief advies afgeleverd voor de verschillende onderdelen <strong>van</strong> hetattest. Er wordt wel opgemerkt dat de voorziene groenzone waarschijnlijk onvoldoende breed is.A5: Departement Landbouw en Visserij <strong>West</strong>-VlaanderenEr wordt een gunstig advies geformuleerd op voorwaarde dat het een degelijk vergund bedrijfbetreft.A6: Departement Leefmilieu, Natuur en EnergieEr wordt geen ruimtelijk veiligheidsrapport gevraagd in het kader <strong>van</strong> dit planologisch attest.Bezwaren en opmerkingenB1:Er wordt ongerustheid opgemerkt wat betreft mogelijke wateroverlast bij de aanpalende percelenwanneer deze uitbreiding <strong>van</strong> het bedrijf ondoordacht wordt aangepakt. De aanpalende weide dielager gelegen is komt nu immers reeds deel onder water te staan bij hevige regenval. Er wordtgevraagd de nodige maatregelen te nemen zodat een goede afwatering gegarandeerd is.11


E. ADVIES PROCOROAdvies A5 en A6 werden buiten de termijn <strong>van</strong> het openbaar onderzoek ont<strong>van</strong>gen en hierdooronont<strong>van</strong>kelijk verklaard.Toetsing aan de structuurplannenArtikel 4.4.24. VCRO bepaalt dat in het planologisch attest de ruimtelijke behoeften <strong>van</strong> deverschillende maatschappelijke activiteiten gelijktijdig tegen elkaar moeten afgewogen worden.Daarenboven houdt het planologisch attest rekening met de ruimtelijke draagkracht, de gevolgenvoor het leefmilieu, en de culturele, economische, esthetische en sociale gevolgen.Het provinciaal ruimtelijk structuurplan <strong>West</strong>-Vlaanderen selecteert Tielt als kleinstedelijk gebiedbinnen de deelruimte “Midde<strong>nr</strong>uimte”. Hierbij is het beleid gericht op het concentreren <strong>van</strong>dynamische activiteiten in de stedelijke gebieden. Tielt is dan ook een belangrijk tewerkstellingsenverzorgingscentrum waarbij een aanbodbeleid gevoerd wordt voor bedrijven die zowel deeconomische dynamiek ondersteunen als de verzorgende rol voor de omgevende regio versterken(PRS-WV RD p. 211). Bijkomende ontwikkelingen moeten zoveel als mogelijk uitgaan <strong>van</strong> deversterking <strong>van</strong> de compactheid <strong>van</strong> de kern. Verweving moet dan ook maximaal nagestreefd teworden, dit zowel in stedelijk gebied als in het buitengebied (PRS-WV p. 249).De uitbreiding <strong>van</strong> het bedrijf Agripom ligt ten zuiden <strong>van</strong> de zone voor regionale bedrijvigheid(gewestplan) en dit binnen het voorstel <strong>van</strong> de afbakeningslijn voor het kleinstedelijk gebied Tielt(voorontwerpfase – plenaire <strong>vergadering</strong> 12/12/<strong>2011</strong>).Het ruimtelijk structuurplan doet verder uitspraken over de ontwikkelingsmogelijkheden <strong>van</strong>bestaande bedrijven buiten bedrijventerreinen. Volgens de drie domeinen, met name de ruimte,het milieu en het verkeer, die een impact uitoefenen op de omgeving worden criteriavooropgesteld. De aard en de mate <strong>van</strong> de impact bepalen de ontwikkelingsmogelijkheden en delokalisatie <strong>van</strong> het bedrijf. Om te besluiten tot het ter plaatse kunnen blijven ontwikkelen, moethet bedrijf voor de meeste criteria gunstig scoren. Indien het bedrijf globaal een negatieve impactheeft op de omgeving en het aannemelijk is dat dit in de toekomst zo zal blijven, dan moet hetzich herlokaliseren. Het bedrijf hoort dan thuis op een lokaal of op een regionaal bedrijventerrein.Het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan Tielt gaat dieper in op mogelijke ontwikkelingen <strong>van</strong>bedrijven, dit zowel binnen de deelruimte als voor wat betreft de deelstructuur bedrijvigheid. Devolgende elementen zijn rechtstreeks rele<strong>van</strong>t voor de vraag tot planologisch attest:Het bedrijf Agripom is onderdeel <strong>van</strong> het regionaal bedrijventerrein Tielt-marialoop dat zichbinnen de stedelijke deelruimte Tielt bevindt en waar optimalisatie naar voor wordt geschoven alste voeren beleid. Binnen het GRS alsook binnen het lopende afbakeningsproces wordt deuitbreiding <strong>van</strong> deze bedrijvenzone eerder voorzien op lange termijn en dan voornamelijk alsreservezone voor lokale bedrijven.Bedrijven die aan de rand <strong>van</strong> de juridisch vastgelegde kernen gevestigd zijn kunnen blijvenontwikkelen daar dit bijdraagt tot de verwevenheid tussen wonen en werken. De bedrijvenmoeten wel hoofdzakelijk vergund zijn, dan kan uitbreiding onder de volgende voorwaarden (RD p.35-37):- De activiteit is niet storend voor de woonfunctie;- De groei <strong>van</strong> de bedrijven moet op schaal zijn <strong>van</strong> de omgevingsbebouwing en compact bij debestaande gebouwen;- De uitbreiding mag niet leiden tot een regionaal bedrijf;- Er is een goede ontsluiting;Palend aan de voorziene uitbreidingszone <strong>van</strong> het bedrijf Agripom bevindt zich deMariënhoveschool. De visie <strong>van</strong> de stad is dat de school alsook de direct omliggende grondendynamisch kunnen ontwikkelen, eventueel gekoppeld aan de het regionaal bedrijventerrein Tielt-Marialoop. Dit zijn echter ontwikkelen die door de provincie moeten aangestuurd worden (GRS RDp. 18).Het doorgroeien <strong>van</strong> het bedrijf zal er voor zorgen dat het bedrijf een nog groter regionaal belangkrijgt waardoor er in principe een herlocalisatie moet overwogen worden (cf. GRS Tielt). Gezien het12


6. VariaDe vaste secretaris deelt mee dat de afbakeningen <strong>van</strong> de kleinstedelijke gebieden Veurne enWaregem voorlopig zijn vastgesteld.Binnen de PROCORO was er verdeeldheid over het regionaal bedrijventerrein Blauwpoort. Dit werdbehouden in het plan. Op 30 november werd er een info<strong>vergadering</strong> gehouden.Een waarnemend lid zegt dat uiteraard enkel de tegenstanders aanwezig waren. Het waarnemendlid feliciteert de dienst ruimtelijke planning met de wijze waarop de info<strong>vergadering</strong> werdgeorganiseerd.De vaste secretaris deelt mee dat er een infomoment wordt voorzien over de ring <strong>van</strong> Anzegemdoor middel <strong>van</strong> een tentoonstelling. Dit gaat door op maandag 5 <strong>december</strong> in De Ark, Kerkstraat20 in Anzegem. Je kan dit bezoeken tussen 16u en 20 u.Dit wordt nog gemaild naar de PROCORO-leden (incl. waarnemende leden)De vaste secretarisDe voorzitterStephaan BarberyPiet Gellynck14

Hooray! Your file is uploaded and ready to be published.

Saved successfully!

Ooh no, something went wrong!