Views
3 years ago

'• l' °, t

'• l' °, t

220 DE N A T U U R L Y K

220 DE N A T U U R L Y K E HISTORIE,voeten, duimen, lyneiTi'Lengte der nieren . . . . . o. 1. T.Breedte • . . . . o. o. 6.Dikte . - • • o. 4.Lengte van het peesagtig middelpunt, van de holle ader af tot aan"de punt • • • • . o.' o. i°.Breedte . . . • • . - . o. 1. 6.'Breedte van het vleezig gedeelte tuffchen het peesagtig middelpunten het borftbeen . • . . o. 1; 2.Breedte van elke zyde van het peesagtig middelpunt o. 1. 9.Omtrek van den bodem van het hart' . . . o. o. 9.Middellyn van de groote llagader van buiten naar buiten gemeeten. o. o. 2.Lengte van de tong . . . . . O... 3. . 9, rLengte van derzelver voorfte gedeelte van het toompje af tot aanhet eind . . - • • o. 1. 4..Breedte van de tong • • . . o. o. 7.Afftand tulTchen den aars en de klink . . . 0 . 0 . o' vLengte van de fcheede . . . . o.. 2. 3.Groote omtrek van de blaas . • - . o. 6. 9.Kleine omtrek . . • • • . o. 5. 4.De fmoel (A, Pi- L en Pl. LI fig. 1) van den kop van den farigue is platop de zyden als men denzelven van zyne bekleedzelen en zyn vleefch ontbloot; de beenderen van den neus (B C, Pl. LI) zyn langer dan de fmoel;derzelver voorfte eind (B) is vooruitfteekende en puntig; het agterfte eind(C)maakt eene ukranding in het voorhoofdsbeen , en ftrekt zig tuffchen de beideoogputten (£>) uit; deze oogputten hebben aan hun agterft gedeelte (E) geenenbeenigen rand of fchot; het bekkeneel heeft weinig uitgeftrektheid; daarzit op de kruin van den kop eene graat die in de lengte loopt (F), en ophet agterhoofd.eene dwarfche.graat (G): het onderft kaakbeen (Hl) is vanonderen bolrond over zyne lengte; deszelfs takken zyn zeer kort tot-aan hetknokkelwyze uitfteekzel (I) toe, maar het kroonswyze (K) is zeer groot;daar zit nog onder het knokkelwyze uitfteekzel een derde uitfteekzel (2) datdoor eene punt geëindigd wordt, die naar agteren gerigt ftaat.:De tanden zyn ten getale van vyftig, te weeten in het bovenft kaakbeen tienfnytanden, twee hondstanden en veertien baktanden, en in het onderft kaakbeenook veertien baktanden, twee hondstanden en flegts agt fnytanden: allede fnytanden zyn zeer klein, de. eerfte (M) van elke zyde van het bovenftkaakbeen is veel langer dan de anderen en-daar is eene ledige plaats tuffchenden eerften en den tweeden open; de twee hondstanden (/V) van dit kaakbeenzyn veel grooter dan die ( O ) van het onderft kaakbeen: de eerfte baktand(P QJ) van elke zyde der beide kaakbeenderen is klein en heeft flegts eenepunt ; de eerfte baktand (P) van boven ftaat verre genoeg van den tweeden(R) om eene ledige plaats (6') over te laaten, waarin de tweede baktand(T) van onderen, die zeer lang is, zig plaatft wanneer de bek geilooten is;de tweede (R T) en de derde baktand (V X) hebben flegts eene punt gelykde eerfte.(P Q): de-vier laatften (JTTTZZ ZZ) zyn waare baktandendie elk verfcheiden punten hebben,'.

EESCHR Y VING VAN DEN SARIGUE. 221De doornagtige uitfteekzels van het tweede (A, PL LI, fig. 2) van het derde(5) en van het vierde wervelbeen (C) van den nek zyn zeer lang, zeerbreed en zeer dik, en raaken malkanderen van het eene eind tot het ander ;dat van het tweede wervelbeen ftrekt zig naar voren uit op het eerfte wervelbeen(£>) en heeft tweemaal zo veele breedte als de beide anderen (/i C): hetdoornagtig uitfteekzel (E) van het vyfde wervelbeen is even lang als dat derdrie voorgaande wervelbeenderen , maar minder breed en minder dik: dedoornagtige uitfteekzels van het zesde (F) en van het zevende wervelbeen(G) zyn veel kleiner en puntiger: de onderfte tak (H) van het fchuinfche uitfteekzeldes zesden wervelbeens is zeer breed en ftrekt zig meer naar agterendan naar voren uit.Daar zitten dertien wervelbeenderen in den rug en dertien ribben aan elkezyde, zeven waare en zes valfche: de doornagtige uitfteekzels der wervelbeenderenvan den rug-zyn agterwaards gerigt; die der zes of zeven eerftenzyn fmal en puntig; die der anderen hebben zeer veel breedte, en zyn zobreed aan het eind als over hunne overige lengte: het borftbeen beftaat uitzes beenderen, waarvan het zesde het langft en het vyfde-het breedfte is: deeerfte ribben eene aan elke zyde, geleeden zig met het middelfte voorfte gedeeltevan het eerfte been; de geleeding der tweede ribben gefchiedt tulfcheuhet eerfte en het tweede been, die van de derde ribben tufl'chen het tweedeen het derde been, en dus vervolgens tot aan de zesde en zevende ribben diezig met het agterft van het vyfde been des borftbeens geleeden.De wervelbeenderen der lendenen zyn ten getale van zes; derzelver zydeiingfcheuitfteekzels vertoonen zig niet zeer duidelyk op de beide eerften;" die •der overigen zyn naar voren gerigt: de doornagtige uitfteekzels hebben eenegroote breedte naar evenredigheid hunner hoogte.Het heiligbeen beftaat flegts uit twee valfche wervelbeenderen (A B, PLLI-, fig- 3): daar zitten 'er negen-en-twintig aan den ftaart.Het heupbeen (CDE F) is zeer fmal en zeer lang: de zitbeenderen(C H)en de fchaambeenderen (/ K) zyn groot, zodat de goot (JL M) welke zymaaken veel breedte en diepte heeft.De overtallige beenderen van het bekken (N O P QJ hebben anderhalvenduim lengte, omtrent eene lyn dikte, en eene lyn en eene halve breedte over 'hunne geheele lengte, behalven aan hun agterft eind (O QJ dat tot vyf lynenbreed is; zy zyn geleed met den voorften rand des lighaams van de fchaambeenderen.De bovenfte hoek van het fchouderblad fteekt zo weinig vooruit dat de bovenftezyde en de bafis eenen boog van een cirkel maaken ten naaftenby gelykby de kat; het raavenbekfch uicfteekzel vertoont zig zeer duidelyk, èrrd'efchouderknop heeft veel Uitgeftrektheid.De fleutelbeenderen zyn zeer krom.Het armbeen heeft eenen fterken rug die in de lengte loopt, en die zig uitftrektop den voorften kant van deszelfs bovenft en middelft gedeelte ; het 011-•derfte eind is breed en heeft op den buitenkant eene zeer uitfteekende graat.De ellepyp is plat vau voren en van agteren, en daar- loopt een klein groef--Ee 3

  • Page 3:

    DEENALGEMEENEBYZONDERENATUURLYKE HI

  • Page 8:

    Bef chry ving van de Rougette . . .

  • Page 13 and 14:

    VAN DE ONDATRA EN DE DESMAN. 5moet

  • Page 15 and 16:

    VAN DE ONDATRA EN DE DESMAN.7zy byt

  • Page 17:

    LONDATRA.

  • Page 21 and 22:

    BES CHRY VING VAN DEN ONDATRA,9dan

  • Page 23 and 24:

    BESCHRYVING VAN DEN ONDATRA. |*De "

  • Page 25 and 26:

    V A N D E N PECARI OF DËN TAJACU.

  • Page 27 and 28:

    VAN DEN PECARI OF DEN TAJACU.I 5BWQ

  • Page 29:

    s»*

  • Page 33 and 34:

    BESCHRYVING VAN DEN PECARI. i 7) BE

  • Page 35:

    fTom.X.p /- rrSuJVe. JU. — —

  • Page 39 and 40:

    B'ESCHRYVING V A N DEN P E C A R I

  • Page 41:

    ^Tom,.JC.2>l. VII.n

  • Page 45 and 46:

    B'E SCMRYVING VAN DEN PECARI.&fwee

  • Page 47:

    -lom,, x.,^y. zar._S^. W^ ^^^^^^^^^

  • Page 51 and 52:

    BE SC HR V V I N G V A N D E N P E

  • Page 53:

    ^ZonV. . pi -y- r

  • Page 57 and 58:

    BES CHRY VING VAN DEN PECARI.2 5de

  • Page 59 and 60:

    BESCHRYVING VAN DEN PECARI.& ?tiï&

  • Page 61:

    Torn.XI.TL XIII.

  • Page 64 and 65:

    D E N A T U U R L Y K E H I S T O R

  • Page 66 and 67:

    3 2DE N A T U U R L Y K E HISTORIE,

  • Page 68 and 69:

    gjl DE N A T U U R L Y K E HISTORIE

  • Page 70 and 71:

    56 DB N A T U U R L Y K E HISTORIE,

  • Page 72 and 73:

    3B D E N A T U U R L Y K E H I S T

  • Page 74 and 75:

    4 CDE N A T U U H U E HISTORIE,J-

  • Page 76 and 77:

    £ DE N A T U U R L Y K E HISTORIE,

  • Page 78 and 79:

    i44 D E N A T U U R L Y K E H I S T

  • Page 80 and 81:

    j.6 D E N A T U U R L Y K E HISTORI

  • Page 83 and 84:

    BESCHRYVING VAN DE ROUSSETTE.A 7«m

  • Page 86 and 87:

    ^TI.XV.- . T /?

  • Page 88 and 89:

    s o D EN A T U U R L Y K E HISTORIE

  • Page 91 and 92:

    BESCHRYVING VAN DE ROUSSETTE. 5,de

  • Page 93 and 94:

    B : ESGHR Y V I N G V A N DE RÓUSS

  • Page 95:

    7Sm.X. M. XVII.JUS J.1 • C.Ï.Tr

  • Page 98 and 99:

    056 D E N A T U U R L Y K E H I S T

  • Page 101:

    .-— 7~ %~ '• .. ^ ^ — — ide

  • Page 105 and 106:

    0BES CHRY VING VAN HET KABINET.5 pv

  • Page 108 and 109:

    ,-7--. ~V Pi. JEX.J-OT7L.JL . —

  • Page 110 and 111:

    €2 DE N A T U U R L Y K E H I S T

  • Page 112 and 113:

    54 D E N A T U U R L Y K E H I S T

  • Page 114 and 115:

    65 DE N A T U U R L Y K E H I S T O

  • Page 116 and 117:

    6S DE N A T U U 11 L Y K Ë H I S T

  • Page 119:

    1 1. % m ^- />/ icjrnJ>«,. «_•.

  • Page 124 and 125:

    7o DE NA T*U U R L Y K E HISTORIE,o

  • Page 126 and 127:

    72 DE N A T U U R L Y K E H I S T O

  • Page 128:

    ?4 D E N A T U U R L Y K E HISTORIE

  • Page 132 and 133:

    jr

  • Page 134 and 135:

    78 D E N A T U U R L Y K E H I S T

  • Page 136 and 137:

    8o B E N A T U U R L Y K E H I S T

  • Page 138 and 139:

    8* DE N A T U U R L Y K E H I S T O

  • Page 141:

    LETAGUAN ou GRAND ECUREUIL VOLANT.

  • Page 144 and 145:

    g 4 :D B N A T U U R L Y K E H I S

  • Page 146 and 147:

    3; DE NATUURLYKE HISTORIE,eekhoorns

  • Page 148:

    S8 DE NATUURLYKE HISTORIE,Zodra het

  • Page 151 and 152:

    BESCHRYVING VAN DEN PETIT-GRIS. t 9

  • Page 153 and 154:

    R e s nAMpïVAN DE PALMBOOM-DE BARB

  • Page 155 and 156:

    VAN DE PALMBOOM-, DE BARBARYSCHE, e

  • Page 157:

    Tom.X.'fl.XJCVI.LE PALMISTE.

  • Page 160 and 161:

    ?6 DE NATUURLYKE HISTORIE,By de ope

  • Page 162 and 163:

    93 DE N A T U U R L Y K E HISTORIE,

  • Page 165:

    _ IV. XX VII.E ECUB-EUIIi BAEJBAEJ3

  • Page 169 and 170:

    BES CHRY VING VAN HET KABINET, 101a

  • Page 171 and 172:

    VAN DEN TAMANOIR, DE TAMANDUA, enz.

  • Page 173 and 174:

    VAN DEN TAMANOIR, DE TAMANDUA, enz.

  • Page 175 and 176:

    VAN DEN TAMANOIR, DE TAMANDUA, enz.

  • Page 177 and 178:

    « VAN DEN TAMANOIR, DE TAMANDUA, e

  • Page 179 and 180:

    VAN DEN TAMANOIR» DE TAMANDUA, enz

  • Page 181 and 182:

    VAN DEN TAMANOIR, DE TAMANDUA, enz.

  • Page 183:

    iZm.X. _ . 3>l.XXIJC.LElAMANOIR.

  • Page 188 and 189:

    IIÓ D E N A T U U R L Y K E H I S

  • Page 190 and 191:

    n8 D E N A T U U R L Y K E H I S T

  • Page 193 and 194:

    BESCHRYVING VAN DEN MIERENEETER. n

  • Page 197:

    Ton.X.2t XXXIIJ>e Se>-e, del.' ' 'J

  • Page 200 and 201:

    M 3DE NATUURLYKE HISTORIE,ren, die

  • Page 202 and 203:

    124 DE NATUURLYKE .HISTORIE,den rug

  • Page 205 and 206:

    BESCHRYVING VAN DEN MIERENEETER.IÏ

  • Page 207 and 208:

    BESCHRYVING VAN DEN MIERENEETER. i

  • Page 209 and 210:

    VAN DEN PANGOLIN EN DEN PHATAGIN. 1

  • Page 211 and 212:

    V A N D E N P A N G O L I N E N D E

  • Page 213:

    JXe Sere ddC.T.TfrttZjhJi.jLE r.VNG

  • Page 216 and 217:

    ï 34 D E N A T U U R L Y K E H I S

  • Page 219 and 220:

    BESCHRY VING VAN DEN PHATAGINB ESCH

  • Page 221:

    Töm X.~p/ XXXVI

  • Page 224 and 225:

    138 D E N A T U U R L Y K E H I S T

  • Page 226 and 227:

    140 DE NATUURLYKE HISTORIE,DE TATOU

  • Page 228 and 229:

    lp DE NATUURLYKE HISTORIE,van overt

  • Page 230 and 231:

    144 D E N A T U U R L Y K E H I S T

  • Page 232 and 233:

    146 DE N A T U U R L Y K E H I S T

  • Page 234 and 235:

    148 D E N A T U U R L Y K E H I S T

  • Page 236 and 237:

    i5o DE NATUURLYKE HISTORIE.,dingen

  • Page 238 and 239:

    152 D E N A T U U R L Y K E H I S T

  • Page 240 and 241:

    154 DE NATUURLYKE HISTORIE,werkt mo

  • Page 242 and 243:

    156 D E N A T U U R L Y K E H I S T

  • Page 244 and 245:

    153 DE N A T U U R L Y K E H I S T

  • Page 247:

    J/t.XXXVJI*^w,., ir. . .TE TATOU A

  • Page 250 and 251:

    s6o D E N A T U U R L Y K E HISTORI

  • Page 253:

    .2g^.^r.JY.XXXIX• C.T.F.fc..

  • Page 256 and 257:

    i6z D E N A T U U R L Y K E H I S T

  • Page 258 and 259:

    i64 D E N A T U U R L Y K E H I S T

  • Page 260 and 261:

    166 DE N A T U U R L Y K E HISTORIE

  • Page 262 and 263:

    1,68 D E N A T U U R L Y K E H I S

  • Page 264 and 265:

    i 7o DE NATUURLYKE HISTORIE,opzigt

  • Page 267 and 268:

    B E S C H R Y V I N G V A N DE TATO

  • Page 269:

    J-om .JL. — —

  • Page 272 and 273:

    174 DE N A T U U R L Y K E HISTORIE

  • Page 275:

    IJ EISTCOIJBERT .

  • Page 278 and 279:

    t 76 D E N A T U U R L Y K E H I S

  • Page 280 and 281:

    x 73 DE N A T U U R L Y K E HISTORI

  • Page 282 and 283:

    180 D E N A T U U R L Y K E H I S T

  • Page 284 and 285:

    18a D E N A T U U R L Y K E H I S T

  • Page 286 and 287:

    184DE N A T U U R L Y K E HISTORIE,

  • Page 288 and 289: D E N A T U U R L Y K E H I S T O R
  • Page 290 and 291: i88 DE NATVURLYKE HISTORIE,; BESCII
  • Page 293: L.E P A C A .
  • Page 296 and 297: IQO DE N A T U U R L Y K E H I S T
  • Page 299 and 300: B E S C H R Y V I N G V A N D E N P
  • Page 301 and 302: DE SARIGUE, DE OPOSSUM OF DE PHILAN
  • Page 303 and 304: DE SARIGUE, DE OPOSSUM OF DE PHILAN
  • Page 305 and 306: DE SARIGUE, DE OPOSSUM OF DE PHILAN
  • Page 307 and 308: DE SARIGUE, DE OPOSSUM OF DE PHILAN
  • Page 309 and 310: DE SARIGUE, DE OPOSSUM OF DE PHILAN
  • Page 311 and 312: DE SARIGUE, DE OPOSSUM OF DE PHILAN
  • Page 313 and 314: DE SARIGUE, DE OPOSSUM OF DE PHILAN
  • Page 315 and 316: DE SARIGUE, DE OPOSSUM OF DE PHILAN
  • Page 317 and 318: DE SARIGUE, DE OPOSSUM OF DE PHILAN
  • Page 319: Tcm.JT.JPI.XJX:.Ae, SMM.ACFTrüzsck
  • Page 323 and 324: BESCHRYVING VAN DEN SARIGUE.snBES C
  • Page 325: s-rA7//7. A . • - - —JPI. XLVfi
  • Page 329 and 330: BES&HRYVING VAN DEN SARIGüE. * i3g
  • Page 331 and 332: BESCHRYVING VAN DEN SARIGUE. 215ken
  • Page 333 and 334: BESCHRYVIN
  • Page 337: BESCHRYVING VAN DEN SARIGUE. 219had
  • Page 341: om.JL .il
  • Page 345 and 346: BESCHRYVING VAN DEN SARIGUE. 233»
  • Page 347 and 348: D E M A R M O S E . ' 1 225D E M A
  • Page 349: ^rv./y ZIT.JOJTL . JL.lLA MARMOSEMA
  • Page 353 and 354: BESCHRYVING VAN DEN MARMOSE. 227BES
  • Page 355: ^ -r -Ti-JOIVJjc-Sw.dei.'
  • Page 358 and 359: 230 DE NATUURLYKE HISTORIE,halven d
  • Page 360 and 361: 23a BE NATUURLYKE HISTORIE,dei- juk
  • Page 362 and 363: 2S4. N A T U U R L Y K E HISTORIE,D
  • Page 364 and 365: a 35 DE N A T U U R L Y K E H I S T
  • Page 367 and 368: *• BES CHRY VING VAN' DEN CAYOPOL
  • Page 369 and 370: BESCHRYVING VAN DEN CAYOPOLLIN. a S
  • Page 371: 'J>t Se,r , M. C. 'Jf.X/c .
  • Page 375 and 376: BES CHRY VING VAN DEN CAYOPOLLIN. 2
  • Page 377 and 378: BES.CHRYVING VAN HET KABINET. _ 4 3
  • Page 379 and 380: BESCHRYVING VAN HET KABINET, S45.de
  • Page 381: LE LEIIOT A QtTEUJ: DO REE.
  • Page 384 and 385: yfl «DE N A T U U R L Y K E H I S
l
:--': ~T~ -'--- ~