Views
3 years ago

Bijlagen bij toelichting

Bijlagen bij toelichting

5. Nader onderzoek

5. Nader onderzoek relevante risicobronnen5.1 InleidingDe aanwezigheid van risicobronnen heeft consequenties voor de veiligheid van het bestemmingsplanals er risicocontouren (PR) of invloedsgebieden van het groepsrisico (GR) over het plangebied liggen.Zoals al aangegeven zijn er risicocontouren aanwezig op het plangebied. Onderstaand wordt verderaangegeven of de risico’s aanvaardbaar zijn en of er een verantwoordingsplicht bestaat. Ook wordtaangegeven of de aanwezigheid van risicobronnen het treffen van veiligheidsmaatregelen of hetopnemen van aanvullende voorschriften noodzakelijk maakt.5.2 Spoorlijn Sauwerd – Oosterhorn (Chemiepark Delfzijl)De spoorlijn Sauwerd – Oosterhorn veroorzaakt door het vervoer van gevaarlijke stoffen externeveiligheidsrisico’s. Effecten van een explosie en/of toxische wolk zijn mogelijk aangezien hetplangebied binnen het invloedsgebied ligt van 1250 meter (op grond van het vervoer van ammoniak).Over het spoor worden veel verschillende soorten gevaarlijke stoffen vervoerd.Verder dient rekening te worden gehouden met het plaatsgebonden risico. Door het vervoer vangevaarlijke stoffen over het spoor zijn drie scenario’s mogelijk, namelijk: een (plas)brand, eenexplosie en/of het vrijkomen van een toxische wolk. Doordat het plangebied op circa 110 meter vanhet spoor ligt zijn hier effecten van een explosie en/of toxische wolk mogelijk.5.2.1 Plaatsgebonden risicoUit onderzoek van de provincie Groningen (Vervoer basisnet relevante gevaarlijke stoffen over weg enspoor naar chemiepark Delfzijl en Eemshaven) en de prognose van Prorail blijkt dat de contour vanhet Plaatsgebonden Risico (10 -6 ) in de toekomst (2010-2020) op maximaal 11 meter buiten het spoorkomt te liggen. Het spoorwegtraject heeft een plasbrandaandachtsgebied van 30 meter. Binnen ditgebied mogen geen nieuwe objecten ten behoeve van minder zelfredzame personen wordengerealiseerd. Het plangebied ligt op 110 meter afstand van het spoor zodat het plaatsgebonden risicoten gevolge van de spoorlijn Sauwerd – Oosterhorn geen belemmering vormt voor hetbestemmingsplan.5.2.2 GroepsrisicoVoor transportroutes is het groepsrisico als volgt gedefinieerd: de kans per jaar per kilometer(spoor)weg dat een groep van 10 of meer personen in de omgeving van de weg in één keer het(dodelijk) slachtoffer wordt van een incident met het vervoer van gevaarlijke stoffen. Het groepsrisicogeeft daarmee de aandachtspunten op de route van de (spoor)weg aan waar zich mogelijk een rampmet veel slachtoffers kan voordoen en houdt daarmee rekening met de aard en de dichtheid van debebouwing in de omgeving van de weg. Het groepsrisico moet worden verantwoord binnen hetinvloedsgebied.In de Circulaire Risiconormering Vervoer Gevaarlijke stoffen is het invloedsgebied als volgtomschreven: “het gebied waarin personen nog worden meegeteld voor de berekening van hetgroepsrisico. Dit gebied wordt bepaald door de berekening van het grootst mogelijke ongeval waarnog bij 1% van de blootgestelde personen dodelijk letsel optreedt.”Notitie Externe Veiligheid bestemmingsplan gasfabrieksterrein Bedum, oktober 20118

Door het Steunpunt externe veiligheid Groningen is een berekening gemaakt van het groepsrisicomiddels een kwantitatieve risicoanalyse (QRA). Voor de uitvoering van de QRA is gebruik gemaaktvan het rekenprogramma RBM-II versie 1.3. Volgens voorschrift is een traject van 1 kilometer van hetspoortraject Sauwerd – Chemiepark Delfzijl gemodelleerd. Langs het spoortraject is een strookgeïnventariseerd van 200 meter ter weerszijden van het spoor. Voor de personendichtheid is gebruikgemaakt van de professionele risicokaart. Op de professionele risicokaart is de mogelijkheid om eenpopulatiebestand te maken. Het populatiebestand bevat van elk adres in Nederland het aantal inpotentie aanwezige personen (bewoners en/of werknemers) en geeft per adres de functie: wonen,werken, gemengd of onbekend. Standaard wordt voor de dagsituatie uitgegaan van een aanwezigheidvan 50%.Voor de frequentie van het aantal transporten is gebruik gemaakt van de referentiewaarden Spoor GRberekening zoals deze zijn opgenomen in het provinciaal basisnet Groningen. Voor het spoortrajectSauwerd – Chemiepark Delfzijl zijn dit onderstaande maximaal aantal transporten (wagons):SpoorvakSauwerd–ChemieparkDelfzijlStof A(brandbaar gas)B2 (tox.gasexcl. chloor)B3(chloor)C3 (zeer brandbarevloeistoffen)2100 550 200 9850 750D3D4Voor deze risicoberekening is de frequentie van het aantal transporten voor het spoortraject Sauwerd –Chemiepark Delfzijl, zoals deze zijn ingevoerd in de “huidige situatie”, gelijk gebleven. Doordat defrequentie van het aantal transporten voor het betreffende traject gelijk zijn gebleven wordt dezelfdePR 10 -6 en PR 10 -8 contour verkregen. Voor het spoortraject Sauwerd – Chemiepark Delfzijl is er nahet vaststellen van het bestemmingsplan gasfabrieklocatie Bedum een marginale toename van hetgroepsrisico, de berekende waarde blijft onder de oriënterende waarde. Er is geen sprake vanruimtelijke belemmeringen voor wat betreft het aspect externe veiligheid. De rapportage van hetSteunpunt externe veiligheid is als bijlage toegevoegd aan deze notitie.5.2.2.1 ConclusieDe 30 meter zone van het spoortraject Sauwerd – Chemiepark Delfzijl uit het provinciaal basisnetGroningen, de geadviseerde PRmax van 11 meter (uit het spoor) en het plasbrandaandachtsgebied uithet toekomstig landelijk basisnet en de berekende PR 10 -6 reiken niet tot het plangebied. Op grond vanexterne veiligheid bestaat dan geen bezwaar tegen realisatie van het bestemmingsplan.Op basis van de uitgevoerde gebiedsinventarisatie, de risicoberekening van het plaatsgebonden risicoals gevolg van een calamiteit met transport op het spoortraject Sauwerd – Chemiepark Delfzijl en debevolkingsdichtheid welke nog een rol kunnen spelen inzake het groepsrisico kan wordengeconcludeerd dat een groepsrisico is berekend.Het berekende groepsrisico voor onderhavig spoorwegtraject te Bedum voor de situatie, na vaststellenvan het bestemmingsplan gasfabrieklocatie, wijkt niet significant af van het berekende groepsrisicovan de situatie voor vaststellen van het bestemmingsplan. Beide berekende groepsrisico’s zijn gelegenonder de oriënterende waarde. Er is geen sprake van ruimtelijke belemmeringen voor wat betreft hetaspect externe veiligheid.Notitie Externe Veiligheid bestemmingsplan gasfabrieksterrein Bedum, oktober 20119

Bijlage 6 Toelichting op de aanwijzing - Ruimtelijkeplannen.nl
Bijlagen bij toelichting - GISnet
Bijlage 16 deel 1 toelichting - Gemeente Almelo
Toelichting - Gemeente Rucphen
Bijlage 5 Toelichting op inrichtingsplan - Gemeente Veghel
Bijlage toelichting 7 Onderbouwing noodzaak tweede bedrijfswoning
Toelichting - Gemeente Wierden
Toelichting voor de invoering van een ... - Sccm
Toelichting - Gemeente Rucphen
Toelichting - Gemeente Almelo
Toelichting - Gemeente Almelo