12.07.2015 Views

HUISHOUDELIJKE ELEKTRISCHE INSTALLATIES - Vinçotte

HUISHOUDELIJKE ELEKTRISCHE INSTALLATIES - Vinçotte

HUISHOUDELIJKE ELEKTRISCHE INSTALLATIES - Vinçotte

SHOW MORE
SHOW LESS

Create successful ePaper yourself

Turn your PDF publications into a flip-book with our unique Google optimized e-Paper software.

INHOUDSTAFEL1. Aarding2. Veilig elektrisch materieel3. Verdeelborden4. Differentieelstroominrichtingen5. Smeltveiligheden en automaten6. Leidingen7. Stopcontacten, schakelaars en verlichting8. Badkamers en douches9. Verlichting op zeer lage veiligheidsspanning10. Afwijkende beslissingen11. Verplichtingen12. Elektriciteitsdossier13. Elektriciteitsverdeling op werven14. Controle15. Controleonderzoek van laagspanningsinstallaties bijverkoop van een wooneenheid58891011131416192222303131Deze uitgave werd opgesteld op basis van de reglementering die van kracht is op deuitgiftedatum (januari 2012). Ze houdt bijgevolg geen rekening met de evoluties van diereglementering. Reproductie toegelaten met bronvermelding.3


Bijkomende equipotentiale verbindingIn badkamers en doucheruimten moeten alle vreemde geleidende delen en massa’szoals gas, koud en warm water, centrale verwarming, badkuip, ... ononderbroken metelkaar en met de beschermingsgeleider verbonden worden.4. DifferentieelstroominrichtingenEen automatische differentieelstroominrichting of verliesstroomschakelaar neemtstromen waar die naar de aarde vloeien. Dit toestel biedt dus een uitstekendebescherming tegen elektrocutie, brandgevaar en energieverbruik te wijten aanlekstromen.2. Veilig elektrisch materieelIn een elektrische installatie mag alleen veilig elektrisch materieel gebruikt worden.Elektrisch materieel dat voldoet aan de desbetreffende norm wordt geacht veilig tezijn. De overeenkomst met de norm wordt vaak aangegeven door een CE-markeringof keurmerk zoals CEBEC, VGS, VDE, KEMA, ...Het laagspanningsmaterieel dient minstens een beschermingsgraad IPXX-B (IP2X)te hebben.3. Verdeelborden• Zijn van de klasse I (metaal) of van de klasse II (dubbel geïsoleerd).• Moeten voorzien zijn van een deur en een vaste achterwand.• Zijn onbrandbaar, niet-hygroscopisch (niet-vochtopslorpend) en hebben eenvoldoende mechanische weerstand.• Staan binnen handbereik op ongeveer 1,5 meter boven de grond.• De uitvoering van het verdeelbord stemt overeen met de gegevens op deschema’s.• Wanneer verschillende tarieven gebruikt worden, moeten de overeenkomstigebeschermingstoestellen op afzonderlijke panelen (onderlinge afstand >10 cm)of in verschillende verdeelborden geplaatst worden.• Soepele geleiders mogen gebruikt worden voor zover de draadjes aanbeide uiteinden worden samengehouden door samenknijpende hulzen of eengelijkwaardig systeem.Ten minste één differentieelstroominrichting moet aan het begin van de installatiegeplaatst worden:• maximale gevoeligheid van 300 mA (ΔI n)• minimale nominale stroom van 40 A (I n) en aangepast aan deaansluitvermogenschakelaar• kortsluitvastheid van minimaal 3 kA / 22,5k A²s• van het type A (gevoelig voor pulserende gelijkstroom)• voorzien voor scheidingsfunctie• aansluitingen verzegelbaar8 9


Bijkomende differentieelstroominrichtingen moeten geplaatst worden in devolgende gevallen :• voor bad- en doucheruimten, wasmachine, droogkast, afwasmachine:maximale gevoeligheid 30 mA (ΔI n)Maximale nominale stroom van smeltveiligheden enautomatische schakelaars rekening houdend met dedoorsnede van de geleiders.• voor stroombanen van verwarmingsweerstanden verzonken in vloeren enmaterialen: gevoeligheid 100 mA (ΔI n)• wanneer een stopcontact in volume 2 in de badkamer wordt geplaatst:gevoeligheid 10 mA (ΔI n)• wanneer de spreidingsweerstand van de aarding een waarde heeft tussen30 en 100 Ω (zie schema hierna).Doorsnede in mm²1.52.54610162535Nominale stroom vande smeltveiligheid10 A16 A20 A32 A50 A63 A80 A100 ANominale stroom vande automatischeschakelaar16 A20 A25 A40 A63 A80 A100 A125 AKleurcode van de calibreerelementen overeenkomstigde doorsnede van de geleiders.5. Smeltveiligheden en automatischeschakelaarsDoorsnede mm²1.52.54610KleurOranjeGrijsBlauwBruinGroenOverbelasting of kortsluiting kunnen brand veroorzaken indien de nominalestroom van de smeltzekering of automatische schakelaar niet aangepast isaan de doorsnede van de leiding. De vermogenschakelaars (uitgezonderd depenautomaten) moeten ook voorzien zijn van de volgende markering:6. Leidingen3 0 0 03Als een smeltzekering of een automatische schakelaar gewerkt heeft, zoek dande oorzaak.AlgemeenDe doorsnede van de geleiders moet steeds gekozen worden in functie van hetvoorziene vermogen. Soepele geleiders mogen gebruikt worden voor zover dedraadjes aan beide uiteinden worden samengehouden door samenknijpende hulzenof een gelijkwaardig systeem. De elektrische leidingen moeten op voldoendeafstand van niet-elektrische leidingen (bv. water, gas, ...) geïnstalleerd worden.10 11


Minimumdoorsnede(*) In muur : minimaal 0,4 cm (*) In beton : minimaal 3 cmGebruikMin. doorsnedeVerlichtingStopcontactenGemengde stroombaan : verlichting en stopcontactenStroombanen voor sturing , controle en signalisatieKookfornuis, oven , wasmachine , ... 3-fasigKookfornuis, oven , wasmachine , ... 1-fasig1.5 mm22.5 mm22.5 mm20.5 mm2 (**)4 mm2 (*)6 mm2 (*)(*) Uitgezonderd (kleinere doorsnede toegelaten) : kabel geplaatst in opbouw of in vrije lucht,buis met diameter van minimum één duim of 25 mm of reservebuis die voorzien is naardezelfde plaats van energielevering. (**) Beveiliging : automaat In = 4A of zekering In = 2A.Kleurcode van de geïsoleerde geleidersBlauwGeel/GroenGeelGroen====NulgeleiderBeschermingsgeleiderVerbodenVerbodenIndien er geen nulgeleider is, magde blauwe geleider als fasegeleidergebruikt worden. Vinçotte stelt vooraltijd een blauwe geleider te gebruikenin tweepolige stroombanen, zelfs als ergeen nulgeleider is (net 3 x 230 V) , zodatachteraf gemakkelijk omgeschakeld kanworden naar een net 230/400 V.Toegelaten plaatsingswijze bij laagspanningPlaatsingswijzeVOBVOBsVOBstVVB(XVB)VFVB(XFVB)VGVB7. Stopcontacten, schakelaars en verlichtingStopcontactenIn plastic of metalen buisIn niet-metalen en nietbrandbareplintenIn de luchtIn de muur verzonken zonderbuis (*)(*) Horizontale en verticale trajecten(afmetingen in cm)jajaneenneenjajajajajajajajajajajaneenHet aantal enkelvoudige of meervoudige stopcontacten is beperkt tot 8 perstroombaan. Indien er gemengde stroombanen (stopcontacten en verlichting)geïnstalleerd worden, dan wordt elk samenwerkend geheel van verlichtingspuntenbeschouwd als een stopcontact.Alle stopcontacten zijn voorzien van een aangesloten penaarde (randaarde isverboden) en zijn van het kindveilige type (zodat metalen voorwerpen, zoalseen stukje ijzerdraad, niet in het stopcontact gestoken kunnen worden). Destopcontacten, bevestigd op de wand, zijn aangebracht op een afstand vanminstens 15 cm boven de vloer in droge ruimten en 25 cm in de andere ruimten,behalve indien ze ingebouwd zijn in plinten of onder bijzondere voorwaarden in devloer.12 13


SchakelaarsToegelaten elektrisch materieelEnkelpolige schakelaars, teleruptors of dimmers mogen gebruikt worden inéénfasige kringen voor verlichtingstoestellen, contactdozen of sturingsdoeleindentot een stroomsterkte van 16A (I n). Voor stroombanen met nulgeleider wordtsteeds de fase geschakeld.Volume0Toegelaten materieelEnkel materieel dat redelijkerwijs nodig isBeschermingVoeding ZLVS ≤ 12 V ACIP X7VerlichtingVoeding ZLVS ≤ 6 V ACIP 00In de elektrische installatie moeten er ten minste twee stroombanen voor deverlichting voorzien worden.1Waterverwarmer (enkel sanitair en combi) voorvaste opstellingVoeding ZLVS ≤ 12 V ACIP X4IP X4Voeding ZLVS ≤ 6 V ACIP 008. Badkamers en douches1 bisInstallatie hydromassage met voedingspuntIP X4Het elektrocutiegevaar is bijzonder groot in badkamers en douches door de lageweerstand van het menselijk lichaam wanneer het vochtig of ondergedompeld is.Het is verboden om in een bad of een douche, of in de onmiddellijke omgevingervan, een mobiel of draagbaar elektrisch toestel te plaatsen of te gebruiken.2Waterverwarmer (enkel sanitair en combi) voorvaste opstellingVerlichting (plaatsing min. 1,6m hoogte)IP X4IP X4Vast opgestelde verwarming en ventilatoren(klasse II)IP X4VolumesContactdoos via transfo (max 100 W)Contactdoos gevoed via differentieelstroomrichting(gevoeligheid 10 mA)IP XXIP XXVoeding ZLVS ≤ 12 V ACIP 003Divers elektrisch materieelIP X1Voeding ZLVS ≤ 12 V ACIP 00ZLVS: zeer lage veiligheidsspanningIP X7: beschermd tegen een wateronderdompeling van korte duurIP X4: spatwaterdicht materieelIP X1: druipwaterdicht materieelIP 00: geen bescherming vereistIP XX: Wij raden aan om contactdozen steeds in volume 3 te plaatsen. Indien dit onmogelijk is,bij opbouw minimum IPX4, bij inbouw is er bijzondere zorg te besteden bij plaatsing.14 15


LeidingenMaximale spanning afhankelijk van de situatieDe leidingen mogen geen metalen omhulsels bevatten, moeten horizontaleen verticale trajecten volgen en zijn alleen bestemd voor elektrisch materieelgeplaatst in deze volumes.SituatieGeïsoleerdegeleidersBlanke geleidersBB1 : droge huid≤ 50 V≤ 25 VBijkomende equipotentiale verbindingBB2 : vochtige huidBB3 : ondergedompelde huid≤ 25 V≤ 12 V≤ 12 V≤ 6 VVerwarming in vloerAlle vreemde geleidende delen (water,gas, ...) en massa’s van elektrischmaterieel op lage spanning en zeer lagespanning moeten plaatselijk met elkaarverbonden worden.De elektrische weerstanden moeten bedekt zijn met een metalen netwerk datverbonden is met de bijkomende equipotentiale verbinding.9. Verlichting op Zeer Lage Veiligheids-Spanning (ZLVS)De halogeenlamp geniet grote belangstelling. De volgende eigenschappenmaken de halogeenverlichting erg aantrekkelijk : de levensduur en het verhoogdelichtrendement. Om te beveiligen tegen elektrocutie gebruiken we een beperktespanning, namelijk de «Zeer Lage VeiligheidsSpanning» (ZLVS).Ondanks het gebruik van ZLVS moet men aandacht schenken aan het brandrisico.Daarom zijn onderstaande punten van belang.AlgemeenMaak enkel gebruik van veilig elektrisch materiaal, d.w.z. materieel voorzien vaneen keurmerk of een verwijzing naar een norm. Schenk aandacht aan degebruiksvoorwaarden van de fabrikant.LampenLampen niet inbouwen in brandbaar materieel (hout, isolatie, ...).Bewaar voldoende afstand, bv. 0,5 m, tot de voorwerpen dieverlicht worden om het brandgevaar te beperken.TransformatorenHalogeenlampen kan je niet meteen aansluiten op het openbaar verdeelnet.Daarvoor is een transformator nodig die de 230 V omzet naar een lagere spanning.Deze transformator moet van het type «veiligheidstransfo» zijn. Detransformatoren dienen zo te worden geplaatst dat ze te allen tijde een goedeafkoeling hebben en bereikbaar blijven.16 17


Om brandgevaar te voorkomen, moet de transformator worden beveiligdtegen overbelasting en kortsluiting aan de secundaire zijde. In sommigetransformatoren zijn smeltveiligheden of beveiligingsinrichtingen aangebracht inof op de transformator. Is dat niet het geval dan moet u zelf zorgen voor de juistebeveiliging.Plaats de transformator in de nabijheid van de lamp (beperking spanningsval), zorger echter voor dat de lamp de transfo niet onnodig verwarmt.SymbolenNiet-gesloten veiligheidstransformatorGesloten veiligheidstransformatorLeidingenDe doorsnede van de leidingen moet gekozen worden in functie van de maximalestroomdoorgang en de spanningsval. De nodige beveiligingen moeten geplaatstworden tegen overbelasting en kortsluiting .Ter informatie : de noodzakelijke leidingdoorsnede (mm²) in functie van destroombaanlengte voor een maximale spanningsval van ± 3% bij 12V en denominale stroom van de beveiliging aan de secundaire zijde van de transformator:Niet-kortsluitvaste transformatorKortsluitvaste transformatorTe plaatsen smeltzekeringTe plaatsen automaatVermogenlampin WNominalestroomin AMaxnominalestroomLengte2.5m(mm2)Lengte5m(mm2)Lengte7.5m(mm2)Lengte10m(mm2)Lengte15m(mm2)Niet-herstelbare interne thermische beveiliging20401.73.3251.51.51.51.51.52.51.542.56Herstelbare interne thermische beveiliging608056.76.3101.51.52.544666101010. Afwijkende beslissingen1008.3102.54610161201401011.712122.546661010161616Afwijkingen bij een elektrische installatie van vóór1 oktober 198116018020013.31516.716162044461010101010161616---Bij een verzwaring van de aansluiting op het openbaar verdeelnet in een gebouwmet een elektrische installatie, van voor 1 oktober 1981 zijn op de oudeinstallaties de voorschriften van het AREI van toepassing, met uitzondering van devolgende punten:18 19


Gebruikt elektrisch materieel en beveiligingen diein goede staat zijn en uitgevoerd werden volgens deerkende technische regels.Automatische differentieelstroominrichtingen type ACen nominale stroom In < 40A.Verzegeling van differentieelstroomrichtingen indienniet mogelijk.Elektrische leidingen van minimaal 1 mm² en beveiligddoor zekeringen van 6A of automaat van 10A metpictogram(*).Kleurcode van geïsoleerde geleiders en geleiders inkabels :• algemeen• geel/groen voor actieve geleiderWater-, gas- en andere leidingen op minder dan 3 cmvan andere leidingen geplaatst.Koperen aardgeleider van ten minste 6 mm².Beschermingsgeleider• niet in leiding die geen te aarden toestellen voedt• buiten de leiding, indien niet mogelijk inbestaande leidingHoofdequipotentiaalverbindingen.Contactdozen• zonder aardpen, zonder kinderveiligheid en met meerdan 8 per kring• met een aardpen die niet verbonden is aaneen beschermingsgeleiderOpbouw contactdozen op minder dan 15 cm van devloer in droge lokalen.(*)toegelatentoegelatenniet noodzakelijktoegelaten• niet van toepassing• verbodentoegelatentoegelaten• toegelaten• toegelatenniet verplicht• toegelaten• verbodentoegelatenSlechts één verlichtingskring.Plaatsing van een afzonderlijke automatischedifferentieelstroominrichting met een grote of zeergrote gevoeligheid (≤ 30mA):• voor materieel en toestellen in wasruimten, stortbadenbadkamers• voor was- en vaatwasmachinesLeidingen in wasruimtes, doucheruimtes en badkamers:• bestaande leidingen• verzonken vloerverwarming• equipotentiale verbindingen(*) Volume 2 wordt van 0,6m teruggebracht tot 1mtoegelaten• niet verplicht (*)• niet verplichtEénpolige schakelaars voor verlichting in badkamers. • toegelaten (*)• toegelaten• toegelaten• niet verplichtAfwijkingen bij een elektrische installatie van na1 oktober 1981Differentieel van het type AC 01/01/1987 toegelatenAlgemeen differentieel I N < 40A 16/09/1991 toegelatenDifferentieel I N ≤ 40A zonder de aanduiding“3000A, 22, 5kA ² s”Vermogenschakelaars en zekeringen met een minimumschakelvermogen van 1500AVoeding van een wasmachine in 2,5 mm² , indien dedoorsnede aangepast is aan het vermogen van hettoestelVoeding van een fornuis met tweemaal tweeactieve geleiders in parallel van 4mm2 en éénbeschermingsgeleider van 4mm2Kabel met metalen pantsering in de badkamer indienst te laten (type VFVB)Meer dan 8 stopcontacten per stroombaan, mitsaangepaste beveiligingInstallatie vóór07/05/2000 toegelaten27/09/1988 toegelaten* toegelaten* toegelaten22/07/1986 toegelaten* toegelatenEnkelpolige schakelaar in de badkamer * toegelatenAfwezigheid van proces-verbaal indienststelling * toegelaten20* geen beperking van installatiedatum21


311. VerplichtingenAdres van de installatieDe eigenaar, beheerder en eventueel de huurder van een elektrische installatiemoeten:De installateurVoor het erkendorganismeDe eigenaar1. de installatie onderhouden2. de nodige maatregelen nemen opdat de bepalingen van het AREI altijd wordennageleefd3. de directie “Bestuur Energie” van de Federale Overheidsdienst Economie,K.M.O., Middenstand en Energie onmiddellijk op de hoogte stellen van elkeelektrocutie waarvan personen het slachtoffer zijn geworden4. de goede werking van de differentieelstroominrichtingen regelmatig(maandelijks) nakijken door gebruik van de testknop5. het elektrisch dossier bijhouden (schema’s, verslagen van de controleinstelling,...)6. het erkend organisme contacteren bij het verlopen van de geldigheidsdatumvan het controleverslag (25 jaar)NaamNaamBTW (of I.K. nr + datum)HandtekeningHandtekeningDatumDatumAantal bijlagen :Voorbeeld situatieschemaBijlage :Van :NaamAdresHandtekeningDatum12. ElektriciteitsdossierHet elektriciteitsdossier dat de eigenaar en eventueel de huurder moeten bezitten,dient naast de controleverslagen ook de ééndraads- en situatieschema’s van deinstallatie te omvatten. De schema’s moeten in 3 exemplaren worden voorgelegdaan de controle-instelling. Die schema’s vermelden de nodige informatie zoals inonderstaand voorbeeld :Voorbeeld ééndraadsschema9Plaats :De eigenaar:Paraf:De afgevaardigde vanhet erkend organisme :Paraf :7767873x65x6543h5432centrale verwarmingchauffage central6543654365435436543544x37xSymbolenXVB 3 G 2,5h2h120 AXVB 3 G 2,520 ACDhXVB 3 G 2,520 AEVOB 3 x 2,5h116 A30 mAXVB 3 G 2,520 AFXFVB 3 G 2,516 AVOB 3 x 1,52 AXVB 3 G 2,52120 AXVB 3 G 2,52120 A2120 AXVB 3 G 2,5XVB 3 G 625 AXVB 3 G 2,52120 AVOB 1,510 A21VOB 1,510 A21A. AlgemeenGelijkstroomWisselstroom, algemeen symboolABG H I J K L M N O300 mA32 A22XVB 4x10 XVB 3 G 623


13Eenfasige wisselstroomDriefasige wisselstroomOpmerking: (n) geeft altijd het totaal aantal geleiders, met inbegrip van de eventuelenulgeleider en de beschermingsgeleiders.Voorbeelden:B. Elektrische toestellenAlgemene voorstelling van een bord, van een verdeelkast5VVB 5 x 4 2VVB-kabel (XVB) met 5 geleiders (met inbegrip van de eventuelenulgeleider en de beschermingsgeleider) van 4 mm² geplaatst ineen buis in een wand.Voorbeeld van een bord, van een verdeelkast met 5 leidingenDoos, inbouwdoos algemeen symboolVerbindingsdoos, aftakdoos, aansluitdoosAftakkastAardingsstrip4XVB 3G2,5VVB 3 x 2,5 2XVB 5G44VOB 2,5 2VVB-kabel (XVB) met 3 geleiders van 2,5 mm² op een wand.4 geleiders VOB waarvan de geleiders een doorsnede van2,5 mm² hebben. Het geheel is geplaatst in een buis in een wand.D. BeschermingstoestellenC. Leidingenn6Leiding, algemeen symboolOndergrondse leidingLuchtleidingLeiding in een buisVoorbeeld van een bundel van zes buizenLeiding in een wandLeiding op een wandLeiding geplaatst in een buis in een wandTwee leidingen(n) leiding16AVoorbeelden:SmeltveiligheidSmeltveiligheid met een nominale stroomsterkte van 16AAutomatische schakelaar of uitschakelaarDe hoofdletters naast dit teken geven de werkingswijze van deuitschakelaar aan. Men gebruikt voor dit deel:• de letter M voor het uitklinkmechanisme werkend bij maximumstroom• de letter O voor het uitklinkmechanisme bij gebrek aan spanning• de letter Δ voor de automatische differentieelstroominrichtingmet intensiteitsrelaisAls de uitschakelaar voorzien is van verscheidene uitklinkmechanismendie onder verschillende omstandigheden werken,scheidt men de overeenkomende opschriften door het teken +; hetaantal polen, beschermd door de uitklinkmechanismen, wordt alskenmerk aangegeven.nLeiding met 3 geleidersLeiding met (n) geleidersM 2+ 0Driepolige uitschakelaar voorzien van 2 uitklinkmechanismenwerkend bij maximumstroom en een uitklinkmechanisme werkend bijgebrek aan spanning.24 25


300Automatische differentieelstroominrichting, ΔI n= 300 mADrukknop met afgeschermde toegang (te breken raam).20A16AKleine automatische schakelaar, I n= 20AtTijdschakelaarSchakelklok, tijdschakelaarAardverbinding, aardingImpulsschakelaarE. SchakelaarsSchakelaar, algemeen symboolSchakelaar met verklikkerlamp. De lamp brandt altijd in dienst endient om de schakelaar in het duister terug te vinden.F. ContactdozenThermostaatRondecontrole of elektrische slotvergrendelinrichtingtEenpolige schakelaar met vertraagde openingContactdoos, algemeen symboolTweepolige schakelaar3Meervoudige contactdoos (voor die stopcontactdoos)Driepolige schakelaarEenpolige omschakelaar (dubbele aansteking: om twee stroombanenafzonderlijk te sluiten of te openen vanop één enkele plaats).Eenpolige wisselschakelaar (dubbele richting: om een stroombaan tesluiten of te openen vanop twee plaatsen).Tweepolige wisselschakelaar (dubbele richting)Kruisschakelaar (maakt het mogelijk een stroombaan te sluiten of teopenen op een willekeurig aantal plaatsen in combinatie met tweewisselschakelaars op de twee uiteinden).DimmerEenpolige trekschakelaarEenpolige schakelaar met signalisatielamp. De lamp brandt als hettoestel, dat door deze schakelaar bediend wordt, werkt.DrukknopDrukknop met verklikkerlamp. Om de drukknop in het duister terug tevinden.hHalfwaterdichte, waterdichte of hermetische contactdoosContactdoos met contact voor beschermingsgeleiderContactdoos met kinderveiligheidContactdoos met contact voor beschermingsgeleider en metkinderveiligheid.Contactdoos met tweepolige schakelaarContactdoos met tweepolige vergrendelingsschakelaarContactdoos met beschermingstranformator (bijvoorbeeld:stopcontact voor scheerapparaat).26 27


G. GebruikstoestellenHorlogeAansluitpunt voor een verlichtingstoestel, voorgesteld mettoevoerleiding lichtpunt.Aansluitpunt voor wandverlichtingstoestelFluorescentie-armatuur: algemeen symboolMoederklokElektrisch (deur)slotVentilator (voorgesteld met elektrische leiding)3Armatuur met 3 fluorescerende buislampenProjector, algemeen symboolProjector met weinig divergerende lichtbundel (spot- of zoeklicht)Projector met divergerende lichtbundel (floodlicht, bundellicht)Verlichtingsarmatuur met ingebouwde, eenpolige schakelaarNoodverlichtingstoestel, aangesloten op een speciale stroombaanVerwarmingstoestelVerwarmingstoestel met accumulatieVerwarmingstoestel met accumulatie en ingebouwde ventilatorBoilerBoiler met accumulatieVast huishoudelijk elektrisch toestel, algemeen symboolKookfornuisAutonoom noodverlichtingstoestelVoorschakeltoestel voor ontladingslamp~MicrogolfovenElektrische ovenOpmerking: dit wordt enkel gebruikt wanneer dergelijk toestel niet is ingebouwdWasmachineBelDroogkastZoemerVaatwasmachineHoornKoelkastSireneDiepvriezer28 29


MMotorTransformator14. ControleDe controles dienen uitgevoerd te worden door een erkend organisme.kWhkWh-teller13. Elektriciteitsverdeling op wervenDe kasten worden gebruikt als tijdelijke aansluiting om op bouwplaatsen kranen,betonmolens, boor- en slijpmachines van stroom te voorzien.GelijkvormigheidsonderzoekElke laagspanningsinstallatie, zelfs als ze gevoed wordt via een privé-installatie,moet vóór de ingebruikname aan een gelijkvormigheidsonderzoek onderworpenworden. Ook na een belangrijke wijziging, verzwaring van de aansluiting ofaanzienlijke uitbreiding (bijvoorbeeld bijplaatsen van een kring) moet de elektrischeinstallatie gecontroleerd worden volgens de wettelijke voorschriften.Deze kast heeft de volgende eigenschappen:• onbrandbaar materieel, stabiel opgesteld• beschermingsgraad is minstens IP 44 (spatwaterdicht) geschikt voorbuitenopstelling• afsluitmogelijkheid met slot• algemene differentieelstroominrichting met een gevoeligheid van maximum300 mA (ΔI n) en een nominale stroomsterkte van minstens 40 A (I n)• nodige beveiligingen afhankelijk van de leidingen en stopcontacten• afscherming van alle onder spanning staande delen• pictogram “levensgevaar”Neem steeds contact op met de distributienetbeheerder. Het is mogelijk dat deelektriciteitskasten aan bijkomende eisen onderworpen zijn (o.a. afmetingen voor plaatsingvan de kWh-teller).AansluitingDe aansluiting kan gebeuren met een voorlopige of met de definitieve kabel.Wendt u hiervoor tot de distributienetbeheerder.Periodieke controleTen laatste 25 jaar na de datum vermeld op het verslag van het gelijkvormigheidsonderzoekvan de huishoudelijke elektrische installatie dient de eerste 25-jaarlijkseperiodieke controle uitgevoerd te worden.15. Controleonderzoek van laagspanningsinstallatiesbij verkoop van eenwooneenheidToepassingsgebiedDit artikel is van toepassing op de verkoop van een wooneenheid:• met een oude elektrische installatie waaraan sedert 1 oktober 1981 geenbelangrijke wijzigingen of aanzienlijke uitbreidingen zijn aangebracht• met een oude elektrische installatie waaraan sedert 1 oktober 1981belangrijke wijzigingen of aanzienlijke uitbreidingen zijn aangebracht maarwaarvan het gedeelte dat dateert van vóór oktober 1981 nog niet hetvoorwerp heeft uitgemaakt van een controleonderzoekVoor de toepassing van dit artikel worden niet als wooneenheid beschouwd:• kloosters• hospitalen30 31


• gevangenissen• rusthuizen• pensionaten• hotels• onderwijsinstellingenIndien de wooneenheid deel uitmaakt van een regime van mede-eigendomgelden de hierna vermelde bepalingen enkel voor wat betreft de private delenvan de betrokken wooneenheid. Daarenboven zijn deze bepalingen evenminvan toepassing op garages, parkings en andere ruimten die deel zijn van dewooneenheid maar waarvan de elektrische installatie wordt gevoed via eenelektriciteitsmeter op naam van de mede-eigenaars of van de vereniging van medeeigenaars.Deze bepalingen zijn evenmin van toepassing op wooneenheden die het voorwerpuitmaken van een onteigening.Modaliteiten van het controleonderzoek1. VerplichtingenBij de verkoop van een wooneenheid als bedoeld in het toepassingsgebied, is deverkoper verplicht:• een controleonderzoek van de elektrische installatie te laten uitvoeren• de datum van het proces-verbaal van het controleonderzoek en het feit van deoverhandiging van dit proces-verbaal in de authentieke akte te doen vermeldenIn het geval van onmogelijkheid om de controle te laten uitvoeren bij een doorgerechtelijke beslissingen bevolen verkoop is diegene die de verkoop vordertverplicht in de authentieke akte of in het procesverbaal van openbare toewijzingde afwezigheid te doen vermelden van het controleonderzoek van de elektrischeinstallatie en het belang voor de koper om tot deze controle te laten overgaan.In het geval van een controleonderzoek met een negatief proces-verbaal als gevolgis de verkoper verplicht in de authentieke akte de verplichting voor de koper tedoen vermelden zijn identiteit en de datum van de akte van verkoop schriftelijk meete delen aan het erkend organisme dat het controleonderzoek van de elektrischeinstallatie heeft uitgevoerd.Na deze melding heeft de koper de vrije keuze om een erkend organisme aan testellen voor een nieuw controleonderzoek om na te gaan of na de afloop van determijn van 18 maanden, te rekenen vanaf de datum van de akte van verkoop, deovertredingen verdwenen zijn.Indien de koper een ander erkend organisme aanstelt dan licht dit organisme heterkend organisme dat het eerste proces-verbaal van controleonderzoek heeftopgesteld hierover in.Indien er tijdens dit nieuw controleonderzoek wordt vastgesteld dat er nogovertredingen overblijven zijn de voorschriften van artikel 274.02 van toepassing.2. Geval van afbraak of volledige renovatieBij een afbraak van het gebouw of een volledige renovatie van de elektrischeinstallatie zijn de bepalingen van artikel 270 van toepassing.Indien de verkoper en koper overeenkomen dat een controleonderzoek van deelektrische installatie overbodig en nutteloos is omdat de koper het gebouwgaat afbreken of de elektrische installatie volledig gaat renoveren is de verkoperverplicht dit akkoord in de authentieke akte te doen vermelden.De verkoper is verplicht in de authentieke akte te doen vermelden dat de koper deAlgemene Directie Energie, Afdeling Infrastructuur schriftelijk moet informerenvan de afbraak van het gebouw of van de volledige renovatie van de elektrischeinstallatie. Deze laatste maakt aan de koper een dossiernummer over en verzoekthem/haar een proces-verbaal van controle toe te zenden van zodra de nieuweelektrische installatie in gebruik wordt genomen.3. Voorwerp van het controleonderzoekHet controleonderzoek heeft tot doel de gelijkvormigheid van de elektrischeinstallatie vast te stellen met:• de voorschriften van dit reglement die erop betrekking, met uitzonderingvan het artikel 278, voor het gedeelte waarvan de aanleg was aangevat na 30september 1981• de voorschriften van artikelen 1 tot 279 die erop betrekking hebben voor hetgedeelte waarvan de aanleg was aangevat vóór 1 oktober 198132 33


“Geef de controle van uwelektrische installatie in handenvan een Vinçotte specialist”Bent u op zoek naar een keuring van één of meerdereinstallaties in uw huis? Ontdek dan al onze diensten voorparticuliere woningen op onze website www.vincotte.be.Vraag daar uw online offerte of afspraak aan.Heeft u een technische vraag, contacteer dan uw regio.De adressen vindt u op de achterzijde van deze brochure.3435


Verantwoordelijke uitgever: Jos Windey, Jan Olieslagerslaan 35, B-1800 VilvoordeCONTACTHoofdkantoorJan Olieslagerslaan 35B-1800 VilvoordeTel: +32 (0)2 674 57 11Fax: +32 (0)2 674 59 59info@vincotte.beRegionale kantorenBrabantJan Olieslagerslaan 35B-1800 VilvoordeTel: +32 (0)2 674 57 11Fax: +32 (0)2 674 59 59brussels@vincotte.beAntwerpen-LimburgNoordersingel 23B-2140 AntwerpenTel: +32 (0)3 221 86 11Fax: +32 (0)3 221 86 12antwerpen-limburg@vincotte.beOost- en West-VlaanderenBollebergen 2a bus 12B-9052 Gent (Zwijnaarde)Tel: +32 (0)9 244 77 11Fax: +32 (0)9 244 77 15gent@vincotte.beWalloniëParc Scientifique CréalysRue Phocas Lejeune 11B-5032 Isnes (Gembloux)Tel: +32 (0)81 43 26 11Fax: +32 (0)81 43 26 15wallonie@vincotte.beTechnische antennesEnkel na telefonische afspraakHasseltWalenstraat 59bB-3500 HasseltTel: +32 (0)11 26 44 40Fax: +32 (0)11 26 44 49antwerpen-limburg@vincotte.beRoeselareKleine Weg 239 AB-8800 RoeselareTel: +32 (0)51 23 32 70Fax: +32 (0)51 23 32 79gent@vincotte.be

Hooray! Your file is uploaded and ready to be published.

Saved successfully!

Ooh no, something went wrong!