Haven-Quartier Amsterdam

secretariaatavb.ahk.nl

Haven-Quartier Amsterdam

6IGMA en Gargill in de Mercuriushavenbron: Plan Amsterdam, 02-2010


7InleidingDe ruimte voor de stedelijke ontwikkeling van Amsterdam is inbelangrijke mate gevonden in de transformatie van de IJ-oevers vanhaven naar stedelijk gebied. Omdat de verwachting is dat Amsterdamzich de komende decennia als krachtig economische centrumzal blijven ontwikkelen en ook in omvang zal toenemen zal dezeverschuiving van haven naar stad doorzetten. Na de transformatie vande Houthavens lijken de resterende havens binnen de ring een logischevolgende locatie. Met name het Westelijke havengebied tussen spoor,ring A10 en de Houthavens. Hier is de stad met haar kwalitatievecentrum nog relatief dichtbij. Het is een ontwikkeling binnen bebouwdgebied en sluit daarmee aan bij de compacte stad gedachte. Daarbij ishet een gebied dat door zijn ligging aan het water en door de schaaleen eigen kwaliteit en gevoel heeft.De gemeente spreekt in haar structuurplan 2040 de ambitie uit eenconcurrerende, aantrekkelijke, toekomstbestendige stad te willenzijn. Ook het havenbedrijf heeft de ambitie de havenactiviteiten teverduurzamen, compacter te maken en meer bij te laten dragen aande stad zelf. Dit zijn twee elkaar ondersteunende bewegingen die deontwikkeling van dit gebied plausibel maken.Plausibel maar niet eenvoudig. Niet langer gaat het hier om eenperifere rand van de havens die toch al richting IJmuiden warenweggetrokken, dit is nog voor een groot deel ‘the real thing’. Daarbij isde maat (270 hectare, waarvan meer dan 30% water) van een andereorde als de afzonderlijke gebiedsontwikkelingen van de houthavens,Java, KNSM of Borneo Sporenburg. Ook is de verbondenheid van ditgebied met de stad zelf nog duidelijk zwakker dan bij de voorgaandelocaties. Daar komt bij dat sinds een aantal jaren de opvattingen encondities van stedelijke ontwikkeling sterk aan het verschuiven zijn:van sturen naar condities scheppen, met nieuwe verhouding tussenpublieke en private rollen en verantwoordelijkheden. De huidigeeconomische crisis en de daarmee gepaard gaande bezuinigingenbij overheden en marktpartijen hebben tot een vastlopendeplanontwikkeling geleid. De grote investeerders nemen een pas op deplaats en een veelvoud aan kleinere minder slagkrachtige partijen alsCPO’s moeten nieuwe ontwikkelingen dragen. De stedenbouwkundigeprofessie kan een plan niet meer uit ontwerpen, maar moet rekeninghouden met onzekerheden, veranderlijkheid en de evolutie vanverwachtingen en omstandigheden. Hoe en met welke middelen kanje als stedenbouwkundige in zo’n omgeving bijdragen aan de ambitiesvan stad en haven?De uitdaging is duidelijk:Hoe kan in dit tijdsgewricht het Westelijke havengebied binnen de ringA10 transformeren naar een duurzaam stedelijk gebied?De middelen waarmee, de weg ernaar toe en de mogelijke uitkomst wilik in mijn afstuderen laten zien.


9OpgaveDe stad en de behoefte aan centrum-stedelijke leefgebied groeit:gebieden zoals de westelijke havens dicht bij de kern van de stadkomen hierbij in een transitie zone terecht. Het is vooral de nabijheidvan het centrum waar een magneetwerking van uitgaat die dezetransformatie verder in gang zet.Dit transformatieproces is nu al zichtbaar in de veranderendebedrijvigheid, met name op Stadshaven Minerva: van havenbedrijvennaar meer kantoorachtige bedrijven. Ook de stad heeft dezetransformatie min of meer al aangekondigd door in haar structuurvisievoor 2040 twee scenario’s voor de ontwikkeling van het gebied opte nemen. Tegelijkertijd is het economisch belang van de haven voorde stad evident. De haven groeit, maar transformeert ook naar eenduurzaam innovatief industriegebied waar ruimte-intensivering eenbelangrijk thema is. Het intensiveren van verhuurbare waterpercelen,maar ook de optimalisatie van de milieuruimte zijn hier voorbeeldenvan. Deze ontwikkelingen motiveren de keuze om de Westelijke havensbinnen de ring A10 als afstudeerlocatie te kiezen.OpgaveHoe kan het Westelijke havengebied in dit tijdsgewrichttransformeren naar een duurzaam toekomstbestendig stukstad?Welke stedenbouwkundige middelen kunnen hiervoor worden ingezeten met welke middelen of interventies kan deze transformatie op gangworden gebracht?Zoals al in de inleiding is benoemd leven we in tijden waarin dehoogconjunctuur voorbij is. We krijgen te maken met een grotehoeveelheid kleinschalige ontwikkelingen in een onbekend tempo,te realiseren door een breed palet aan minder slagkrachtigeopdrachtgevers. Tegelijkertijd heeft de stad hoge ambities voor detoekomst: “duurzaam”, “toekomstbestendig”, “aantrekkelijk”, “schoon”en “concurrerend”. Hoe kunnen deze ambities gerealiseerd worden indeze nieuwe context?Het plangebiedHet plangebied bestaat uit de Vlothaven, de Coenhaven, StadshavenMinerva en Hempoint. De Coen- en Vlothaven worden gekenmerktdoor grootschalige havenactiviteiten en industrie. De bedrijvigheidbestaat voornamelijk uit op- en overslag en bewerking vanlandbouwproducten (agribulk), stenen, mineralen en kunstmest. Dehaven is een 24-uursbedrijfstak. Bij veel bedrijven wordt volcontinu inploegendiensten gewerkt.Stadhaven Minerva is in transitie en maakt een overgang vanhavengebied naar meer stedelijk georiënteerd bedrijfsterrein. Hetgebied wordt gekenmerkt door een mix van oude en nieuwe functiesen bebouwing.


1222 Haven-Stad Haven-StadGeluidscontouren industrieGeluidscontourenbron: Plan Amsterdam, 02-2010


13Belangrijke onderzoeksthema´s zijn:Relatie tussen stad en havenDe potentie van het waterCultuurhistorische waardeRegionale potentiesDuurzaamheidMilieuaspectenRelatie tussen stad en haven“Zowel functioneel als ruimtelijk is de scheiding tussen stad en havende laatste decennia steeds groter geworden. Maar door een voortdurendtoenemende ruimtebehoefte van èn stad èn haven groeien zenu steeds meer naar elkaar toe. Dit vraagt om een heroriëntatie in derelatie tussen stad en haven” (Verkenning havenstad 2009).Het Westelijke havengebied biedt door zijn ligging tussen “stad” en“haven” een unieke kans om de “uitwisselingsmogelijkheden” tussenhaven en stad te onderzoeken. De havens is nu een “vrijzone” in destad. Vanuit het perspectief van de stad een experimenteer-ruimtenaar de nieuwe condities voor de gewenste duurzame en meer bottum-upstad. Voor het transformatieproces van het gebied biedt ditkansen om in de “tussentijd” op zoek te gaan naar de integratie vanstad en haven.De potentie van het waterHet water vervult verschillende functies. Het meeste water is in gebruikals vaarwater (hoofdtransportas) en als havenwater. Het watervormt tevens de verbinding tussen de verschillende gebieden aan deIJ-oevers, de zaanoevers en almere.Het sfeerbepalende karakter van (de dynamiek op) het water is eenbelangrijk aspect in het plangebied.Regionale potentiesDe potenties van het plangebied in de metropolitane regio Amsterdamis onderwerp van nader onderzoek.Ook de relatie tussen de verschillende waterfrontontwikkelingen aanZaan- en IJ-oevers dient nader beschouwd te worden. Een afgestemdeen evenwichtige (waterfront)ontwikkeling draagt bij aan het versterkenvan de vestigingsklimaat van stad en regio.Duurzaamheid“Een duurzame ontwikkeling is de kunst van het verbinden van people,planet en profit (Triple P). People staat voor de sociaal-cultureledimensie, planet voor de ecologische dimensie en profit voor de economischedimensie” (Ministerie van I&M).Duurzame stedenbouw gaat niet alleen over technische maatregelenen innovaties, maar betrekt vele aspecten in ruimtelijk, sociaal maatschappelijken economisch opzicht die met elkaar een samenhangenderol spelen.Verschillende duurzaamheidsthema’s (zoals energie, mobiliteit, groen,water, maar ook opleidingsmogelijkheden en vestigingsklimaat) wordensamengebracht in de ontwikkeling van het gebied. Dit project kiestvoor een gebiedsgerichte invalshoek waarbij alle relevante duurzaamheidsaspectenin samenhang worden bekeken. Dat schept ruimte voorsynergie waar mogelijk, voor innovatieve oplossingen op het snijvlakvan verschillende thema’s, en voor een ‘integrale’ visie door niet alleenambities na te streven op verschillende afzonderlijke thema’s, maarbovenal en tegelijkertijd gebiedsspecifieke kwaliteiten te versterken.Duurzaamheid impliceert ook een zoektocht naar innovatieve ennieuwe manieren van ruimtegebruik, functiemenging, systeemstructurenen typen planontwikkeling.MilieuaspectenHet gebied heeft te maken met een groot aantal milieuaspecten.Havenactiviteiten, maar ook de intensieve infrastructuur geven aanzienlijkebelastingen ten aanzien van geluid en geur. Ook aspecten alsluchtkwaliteit, bodemkwaliteit en externe veiligheid doen zich voelen.


14Visie Amsterdam 2040Waterfrontwonen - werkenwerken - wonenwerkenprojecten in planvorming ofrecent gerealiseerdAlgemeencapaciteitsuitbreiding snelwegbovengrondscapaciteitsuitbreiding snelwegondergrondshogesnelheidslijnHOV (bus/tram/metro) bovengrondsUitrolwonen - werkenHOV (bus/tram/metro) ondergrondsinternationaal OV knooppuntwerken - wonenhoofd OV knooppuntbeperkte kwaliteitsimpulsstadsstraten en -pleinen1secundair OV knooppuntoptie Regiorail Schiphol - Almerekwaliteitsimpuls stadsstraten2optie Oostwest metrolijnkwaliteitsimpuls pleinennieuwe pont-/veerverbindingMarine etablissementondergrondse verbinding **ZuidflankZuidaskwaliteitsimpuls stadsparkwonen - werkenwerken - wonenwerkenprojecten in planvorming ofrecent gerealiseerdMetropolitaan landschap12AmstelschegAmsterdamse BosschegP+R locatiezeesluis2 e zeecruise terminalwachtplaats binnenscheepvaartintensivering RAI-terreintopwinkelgebiedintensivering havenstadsverzorgend bedrijventerreinkwaliteitsimpuls stadsdeelcentrumjachthavenzoeklocatie uitbreiding havengebied(grond-)water gerelateerd project3Tuinen van west2 e terminal Schiphol4BrettenzoneA/Boptie locatie Olympische Spelen5Zaanseschegstudiegebied *678WaterlandDiemerschegIJmeerscheg*Voor studiegebied Haven-Stad is scenario 3weergegeven, met uitzondering vanBuiksloterham. Voor het gehele studiegebiedHaven-stad geldt dat naar aanleiding vantoekomstige studies verschuivingen mogelijkzijn.Mogelijke ontwikkelingen aan de zuidoevervan de Gaasperplas zijn onderwerp vanstudie bij de Verkenning Gaasperdam.**Als uit de plannen van Haven-Stad blijkt dateen verbinding nodig is, dan wordt dezegerealiseerd in de vorm van een tunnel.regionale fietsrouteStelling van Amsterdamstrandmetropolitane plekrecreatief programmasuggestie natuurontwikkelingontwikkeling waterrandkwaliteitsimpuls overgang stad–schegSportasKompaseiland en fietsbrug30 Structuurvisie Amsterdam 2040: Economisch sterk en duurzaamKaart Visie Amsterdam 2040bron: Structuurvisie Amsterdam 2040Gemeente Amsterdam, 2011


De grote bewegingen 3115


16Ontwikkeling van stad en haven 1650-2008bron: Plan Amsterdam, 02-2010


18Maquettefoto stedenbouwkundig plan Houthavensbron: Stedenbouwkundig Plan Houthavens 2006


19Plan van Aanpakgeleidelijke verstedelijking van een dergelijk gebied zal er op degrensvlakken altijd een spanning ontstaan tussen de verschillendedoelgroepen. Dit vraagt om overgangsgebieden die ruimte bieden aanpioniersverstedelijking. Tijdelijke activiteiten die een gebied zogezegdklaar maken voor de volgende stap. In deze overgangszone moet ooknadrukkelijk de transformerende havenactiviteit worden betrokken.Veel havenwerk verdraagt ook wel andere activiteiten naast zich. Hoede haven en de stad zo naar elkaar groeien is een belangrijk onderdeelvan de afstudeervraag. Groei betekent ook dat je als stedenbouwermet verschuivende scenario’s moet werken die tijdelijkheid omarmenen juist de gelaagdheid die zo kan ontstaan ziet als een verrijking tenopzichte van de meer eendimensionale top-down planning.Plan van aanpakIn het ontwerpproces zal gelijktijdig op verschillende schalen gewerktworden. Dit betekent dat er vrij vroeg in het traject ingezoomd zalworden tot op het lage schaalniveau. Op deze manier komen kansenen knelpunten vrij vroeg in beeld. Door daarna weer uit te zoomen kandeze kennis gebruikt wor den om de visie voor het gebied scherp tekrijgen.Door de brede context en vraagstelling is het zaak om gerichtde problematiek en potenties van het gebied te analyseren opverschillende schaalniveaus. Hierbij gaat het niet alleen om het inkaart brengen van de kwaliteiten van de plek zelf, maar ook die op deregionale schaal en op de schaal van de stad.Met het opstellen van een aantal scenario’s worden deontwikkelpotenties van het gebied, voortgekomen uit de analyse,uitgewerkt. Hieruit wordt een visie voor het plangebied opgemaakten een ontwikkelstrategie geformuleerd. Hierna wordt een faseontwikkeling uitgewerkt. In de uitwerking vindt de vertaling naarconcrete stedenbouwkundige ingrepen plaats.Het einddoel is een visie voor het havengebied voor de lange termijnen een ontwikkelplan voor een (eerste) fase. Juist in zo’n concrete faseuitwerking worden de spanningen tussen doelen, ambities en realismezichtbaar. Dit helpt om ook de geformuleerde visie helderder te krijgenen te verdiepen.


20periode 1 Analysewk 38 wk 1 Planpresentatie 21/9wk 39 wk 2oktober wk 40 wk 3wk 41 wk 4wk 42 wk 5wk 43 wk 6okt/nov wk 44 wk 7november wk 45 wk 8wk 46 wk 9 COMMISSIE 1periode 2 scenario'swk 47 wk 10nov/dec wk 48 wk 11 Mentorengesprek 30/11december wk 49 wk 12wk 50 wk 13wk 51 wk 14wk 52kerstvakantiejanuari wk 1Kerstvakantiewk 2 wk 15 COMMISSIE 2periode 3 visie en strategiewk 3 wk 16wk 4 wk 17jan/feb wk 5 wk 18februari wk 6 wk 19wk 7 wk 20wk 8 wk 21 COMMISSIE 3periode 4 fase uitwerkingfeb/mrt wk 9 wk 22maart wk 10 wk 23wk 11 wk 24wk 12 wk 25 Afstudeersalon 22/3mrt/april wk 13 wk 26april wk 14 wk 27wk 15 wk 28wk 16 wk 29wk 17 wk 30april/mei wk 18 wk 31 COMISSIE 4periode 5 presentatiemei wk 19 wk 32wk 20 wk 33wk 21 wk 34me/juni wk 22 wk 35juni wk 23 wk 36wk 24 wk 37 COMMISSIE 5wk 25 wk 38wk 26 wk 39juli wk 27 wk 40wk 28 wk 41wk 29 wk 42 Deadline T3 18/7 TENTAMEN 3wk 30Zomervakantiejui/aug wk 31augustus wk 32wk 33


21PlanningPeriode 1: AnalyseRuimtelijke analyse en uitwerking onderzoeksthema’sPlanpresentatie: week 38Commissie 1: week 46, 2012Periode 2: ScenarioAan de hand van de conclusie uit de analyse worden een aantalscenario’s ontwikkeld, afhankelijk van de gekozen kapstok. Dezescenario’s worden globaal uitgewerkt van de regionale schaal tot opooghoogte.Mentorengesprek: week 48Commissie 2: week 2, 2013Periode 3: Visie en strategieIn deze periode wordt een visie voor het gebied opgesteld enuitgewerkt in een strategie.Commissie 3: week 8, 2013Periode 4: UitwerkingEen fase van de strategie wordt in een ruimtelijk ontwerp uitgewerkt.Afstudeersalon: week 12Commissie 4: week 18, 2013Periode 5: PresentatieIn deze periode is er tijd om de onvolkomenheden van de vorige fasenaan te pakken en het verhaal “rond” te krijgen. Daarnaast wordt aandachtbesteed aan de presentatiewijze.Commissie 5: week 24, 2013Tentamen 3: week 29, 2013Periode 6: AfrondenVoorbereiden publieke presentatie.


23CommissieHans van der Made (mentor)StedenbouwkundigeDRO Gemeente AmsterdamWeesperplein 8Postbus 27581000 CT Amsterdam0202551982h.vander.made@dro.amsterdam.nlHans van der Made heb ik als ontwerpbegeleider gehad in mijn eerstejaar academie.Zijn kennis van de stad, met name de ontwikkelingen aan de IJ-oeversen zijn enorme ervaring niet alleen in het vakgebied maar ook alsdocent zullen sterk bijdragen aan mijn afstudeerproject.Boris HocksStedenbouwkundigePOSADBinckhorstlaan 362516 BE Den Haag0703222869boris@posad.nlIk heb Boris Hocks tijdens een aantal commissiebijeenkomsten vaneen medestudent ervaren als een kritisch en analytische begeleider diezijn opvattingen helder kan formuleren en overbrengen. Zijn ervaringen kennis op het gebied van duurzaamheid en strategie wil ik graaginzetten ten behoeve van mijn afstudeeropgave.John BreenStedenbouwkundige Urhahn Urban Design b.v.Nieuwezijds Voorburgwal 1201012 SH Amsterdam020-421 74 40john@urhahn.comJohn Breen werkt momenteel aan “Vergezicht voor hetNoordzeekanaalgebied 2040” in opdracht van het ProjectbureauMasterplan Noordzeekanaalgebied. Vanuit een integrale benaderingwordt een doorkijk naar 2040 voor het gehele Noordzeekanaal gebiedgegeven. Hij heeft o.a. hierdoor veel kennis van mijn plangebied enis heel bekend met de opgaven die er liggen. Vanuit deze achtergrondkan hij de opgave goed bevragen.


25LiteratuuurAmsterdam terug aan het IJ, Anne Schram, Kees van Ruyven, Hansvan der Made; SUN; 2012Amsterdam: a different energy, 2040 energy strategy; 2011Beeldkwaliteitsplan Minvervahaven; OKRA Landschapsarchitecten bv,2006De Amsterdamse Haven 1275-2005, Remmelt Daalder; D’ARTS; 2005De Haven van Amsterdam, Hans Bonke; Uitgeverij Thoth; 2009Haven-Stad, drie vergezichten voor de westelijke IJ-oevers; DROGemeente Amsterdam, 2009Innovatief intensiveren in de Amsterdamse haven; DRO GemeenteAmsterdam, 2009Plan Amsterdam: De haven en de stad, Dienst Ruimtelijke OrdeningAmsterdam; 2010Slimme haven, Havenvisie gemeente Amsterdam 2008-2020; HavenAmsterdam, 2008Stedenbouwkundig Plan Houthavens; DRO Amsterdam, Soeters vanEldonk Ponec, 2006Structuurvisie Amsterdam 2040, DRO Gemeente Amsterdam; 2011Wijken die werken - de relatie tussen stedenbouwkundige kenmerkenen wijkeconomie; TNO, 2009Visie op een aantrekkelijke Westpoort, ETIN Adviseurs; 2010

More magazines by this user
Similar magazines