kort verslag - Provincie Zeeland

provincie.zeeland.nl

kort verslag - Provincie Zeeland

Terugkoppeling bijeenkomst 14 april 2010'Van Sociale Staat naar Sociaal Beleid'1


Inhoud14 april 2010 heeft in Heinkenszand de bijeenkomst "Van Sociale Staat naar Sociaal Beleid"plaatsgevonden. Het was een mooie dag voor Zeeland, er was een geweldige opkomst (250personen), de zon scheen volop en er is hard gewerkt. In dit document wordt een terugkoppelinggegeven van iedere workshop. Daarnaast geven wij u een schriftelijke weergave van de inspirerendespeech van gedeputeerde George van Heukelom en de hand-out van de presentatie van Ankie Smitvan Scoop. Bij iedere workshop vindt u ook nog de zogenaamde "placemats" die in de workshop zijnuitgedeeld.Onder andere op basis van de uitkomst van deze dag gaan we nu allereerst verder werken aan eenconcept bestuursakkoord sociaal beleid. Dit willen we op 30 juni in het bestuurlijk overleg van hetCollege Zorg en Welzijn bespreken.We zullen u op de hoogte houden via onze website: www.zeeland.nl/socialestaat.Met vriendelijke groet,namens het hele projectteam Sociale Staat,Marian Kral---------------------------------------------------------------------------------------------------Welkomstwoord de heer G.R.J. van Heukelom 3Presentatie door mevrouw A. Smit, Scoop 6Workshops ochtend:1. Veiligheid 92. Gezondheid 123. Mobiliteit 154. Leren 18Workshops middag:5. Wonen 216. Werken 247. Zorgen 278. Vrije tijd 30


Inleiding van G.R.J. van Heukelom, gedeputeerde zorg en sociaal beleid van de ProvincieZeeland tijdens de bijeenkomst "Sociale staat van Zeeland" op 14 april te Heinkenszand(gesproken tekst)Dames en heren hartelijk welkom,We zijn vandaag te gast in de Zak van Zuid-Beveland. We zitten hier met iets extra's, in dezeprachtige omgeving. Een bijzonder landschap hebben we hier. Het is niet voor niets dat een paar jaargeleden dit landschap erkenning kreeg als een waardevol cultuurlandschap.Ik was vannacht nog even aan het denken en toen pakte ik het boek van prof. Huizinga, 'In deschaduw van morgen'. Dat begint met de zin 'we leven in een bezeten wereld en we weten het'.Da's ook wel een aardige, maar ik dacht nou ja, laat ik nou toch eens de toon wat lieflijk zetten….Dit prachtige landschap hier is door mensen gemaakt, de mensen hier hebben dijken gemaakt. Als jehier naar toe rijdt dan kom je ze allemaal tegen. Iedere dijk is ooit zeedijk geweest en als je daargoed over nadenkt, betekent dit dat het grootste deel van deze omgeving water was. Onzevoorvaderen die bleven dijken aanleggen en steeds meer werd water land. De Zak van Zuid-Bevelandis daardoor een prachtig gebied geworden waar het goed wonen is. Eigenlijk is dat een soort metafoorvan de Sociale Staat van Zeeland. Want die gaat over de leefbaarheid van de inwoners van Zeeland.Ooit was er dus meer water dan land en mensen hebben zich afgevraagd hoe maken we van datwater land. Het ging over bedreigingen, het ging over kansen. En die bedreiging kwam toen van hetwater. Regelmatig liepen grote delen van Zeeland onder water. Wie daar nog eens een indruk van wilhebben: lees het indrukwekkende boek van wethouder van Middelburg Hannie Kool, over hetwaterschap. Als je daar door de eeuwen heen loopt dan zie je welke bedreigingen er zijn geweest.Soms waren er momenten dat ze zeiden "Laten we maar stoppen, laat het dan maar onder waterlopen".En ook nu zijn er wel eens geluiden, gedachten van mensen als "Laten we maar stoppen, laat hetmaar gaan". 800 jaar geleden begonnen de Zeeuwen dijken te bouwen als bescherming tegen de zee.Ze begonnen met bedreigingen en daarna zag men in één keer kansen. Men hád al door dat je eendijk kon aanleggen om de zee buiten te houden. Maar toen had iemand het idee dat je meer kandoen. Je kunt ook met zo'n dijk land maken. Van bedreigingen maakten ze een kans. Je kon nietalleen het land beschermen, maar het land ook maken en daar hebben ze flink hun best voor gedaan.Het is hier dan ook vaak nieuw land in plaats van oud land. En na de dijkenbouw begon de bloei vanZeeland.Die dijkenbouwers hebben van Zeeland een leefbaar gebied gemaakt. En daar doen ze wel eens eenbeetje lacherig over: de maakbare samenleving. Dat zou een hersenspinsel zijn. Maar ik vind het nogaltijd wel weer een bewijs van een gebrek aan historisch besef. Je kan het begrip van de maakbaresamenleving niet zomaar opzij schuiven. De Zak van Zuid-Beveland is een prachtig voorbeeld van diemaakbare samenleving, daar kunnen we iets van leren.Per slot van rekening streven we met elkaar naar een leefbaar Zeeland, net als onze voorvaderen. Dusdie schaapherders en die monniken die hebben Zeeland wel gemaakt. Ze hadden geen masterplan, zehadden geen blauwdrukken, ze hadden geen twintig commissies, ze hadden geen stuurgroepen, zehadden geen werkgroepen, ze hoefden niet te benchmarken. Ook het monitoren was niet aan de ordeen ze hoefden ook niet SMART te formuleren. Maar ze hadden een richtinggevend idee en dat ideewas dat het gebied leefbaar gemaakt kon worden door schorren en door zandplaten in te dijken. Voorde rest hadden ze geen plan: ze pakten de kansen als die zich voordeden.En dan zouden we eigenlijk een minuut stilte moeten houden. Misschien is dat het gebrek wel bij ons.Als er ergens een schor ontstond dan probeerden ze er een dijk omheen te leggen. Je zoutegenwoordig zeggen, het is wel een beetje een rommelig plan en een beetje rommelig project. Zewaren in ieder geval niet goed genoeg om bij ons subsidie te krijgen. Maar het werkte wel en die lesdie kunnen we leren!! Zorg dat je een richtinggevend idee hebt en pak de kansen die zich voordoen.Het kan wat rommelig overkomen het klopt ook niet met alle bureaucratie die we zelf in stand willen3


houden, maar als je stug doorgaat dan kan je ver komen. Het hoeft niet altijd evidence based te zijnen het mag ook gewoon uit de kans komen die zich aandient.De andere les die ze ons hebben geleerd, die wij kunnen leren, is: ze deden het eendrachtelijk, metelkaar, want in je eentje, maak je de zaak niet leefbaar in Zeeland.Als de krachten niet gebundeld worden - en ik hoor mezelf nu 7 jaar praten - , als de krachten nietgebundeld worden dan hadden we hier niet in Heinkenszand zo kunnen zitten, dan was een grootdeel van Zeeland ongeveer het Land van Saeftinghe geworden (prachtig, daar gaat het niet over,maar is dat nou leefbaar wat we nodig hebben voor de Zeeuwen?). Want, zoals ik al zei: het ging erdie voorvaderen om van Zeeland een leefbaar gebied te maken. Dus leefbaarheid is nog steeds decentrale doelstelling.Er zijn bedreigingen en er zijn kansen en die hebben heel directe gevolgen voor de leefbaarheid vanZeeland in de 21 ste eeuw. We leven als het ware in een bezeten wereld, het zijn natuurlijk welonzekere tijden en we hebben een hele vreemde tijd.29 miljard moet er bezuinigd worden en de commissarissen die over de NV Holding van Nederlandgaan, zijn eerst een jaar op vakantie gegaan, toen hebben ze twee jaar geregeerd en nu zijn ze weerop vakantie. Dat gebeurt niet in elke holding denk ik. Maar in ieder geval horen we ook vanbezuinigingen van commissies en er moet van alles gebeuren en we krijgen 5 of 6 keer te maken metdie bezuinigingen. Daarbij hebben we ook nog de vraag waar de hoofdstad van Zeeland binnenkortligt: in Maastricht of in Den Haag? Dat zijn discussies die toch ook wel belangrijk zijn.Misschien moeten we wel naar, zeggen ze, één gemeente Zeeland (nou, Zeeuws-Vlaanderen is danook van een probleem verlost hè, één gemeente Zeeland...). We weten niet wat de toekomst zal zijn.Gisteren heb ik in de krant gelezen dat GroenLinks een stukje van Zuid-Holland en een stukje vanWest-Brabant erbij in wil pikken. En de PZC zegt in zijn commentaar dat we 'onze blinkende tandenmoeten laten zien'. De vraag is: moeten we dat nog doen? In ieder geval er is een heel gedoe. Komener dadelijk nog 29-30 gemeenten totaal en de rest wordt opgeheven? Waar gaan we allemaal naartoe? Zoals ik al zei, het is een beetje een bezeten wereld. Niemand weet het. Visie ontbreekt. Wijmoeten door met al hetgeen wat ik net gezegd heb, we moeten verder met die kansen en diebedreigingen die zo noodzakelijk zijn om Zeeland leefbaar te houden. En dan is het toch veel beter omna te denken over een goede sociale infrastructuur, dan over hoe gaan we ons openbaar bestuurinrichten. Maar goed als hét hot item wordt hoe we ons openbaar bestuur gaan inrichten, dan hoop ikdat we als provinciestad opgeheven worden. Als de herinrichting van het openbaar bestuur dehoofdopgave is dan gaan we toch uiteindelijk aan de mens voorbij. Gemeenten zijn en blijfven deeerste overheid voor de burger en zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van allerlei socialeregelingen en van de WMO. Voor de Jeugdzorg en de AWBZ zijn op dit moment de provincies en hetZorgkantoor verantwoordelijk. En wat hoor je dan weer? De jeugdzorg moet naar de gemeenten,daar wordt heel druk over gedaan. Maar wij hebben in 2006 al gezegd, ja natuurlijk kan de jeugdzorgnaar de gemeente, dat is bij ons helemaal geen probleem. Alleen is de gemeente daar klaar voor? Ishet dan allemaal zo geregeld dat het ten goede komt van de jonge kinderen en hun ouders en deomgeving? Als dat zo is, dan gaat het zo, daar hoef je helemaal geen stelselvoorziening voor of geenTweede Kamer-ruzies over te krijgen. Het is een heel normale, natuurlijke zaak die we in Zeelanddoen. Als je de kiesprogramma's leest waar nu zo op gefocust wordt, dan zeg ik: "Ja dat doen we inZeeland al een tijdje".In Kerend Tij, het rapport van de Taskforce van D'Hond, staat te lezen dat er zoveel goeds gebeurt inZeeland, alleen ze weten het in de Randstad niet. We kunnen op de één of andere manier al hetgoede wat hier gebeurt nog niet zo aan die Randstad laten zien. We laten de Randstad niet genoegzien dat die problemen die men daar in de Randstad heeft, door ons al een eindje zijn opgelost. Of ukunt met uw problemen beter uit de Randstad komen en hier naar toe komen!!Maar goed, we krijgen in ieder geval een hele drukte rondom de zorg en de WMO. We kunnen er vanuitgaan dat gemeenten waarschijnlijk taken uit de AWBZ doorgeschoven krijgt. Laten we hopen dat zeook geld meekrijgen... Wij als provincie hebben nu 300 miljoen bezuinigingen, dat is al door Den Haagingeboekt en nu lazen we weer dat er nog eens 280 miljoen komt. Door de Raad van de FinanciëleVerhoudingen wordt er aan toegevoegd dat de provincie niets te zoeken heeft in het sociale domein.Ok, laten we zeggen dat dat waar is, ik zelf vind het echt een infantilisering van denken, maar goeddat is mijn idee. Maar laten we zeggen dat dat waar is en dat provincies terug moeten treden uit hetsociale domein, dan hoop ik wel dat die 280 miljoen bezuinigingen naar de gemeenten gaan, wantdan kunnen die dat weer opvangen. Dat is allemaal de vraag, we hebben te maken met forsekortingen, decentralisatie. U weet decentralisatie: het enige zelfstandig naamwoord waar het lidwoordaan vastzit. Hoe gaat dat allemaal uitpakken, ik weet het niet. Opschalingen? Ik weet het niet.4


De laatste jaren hebben wij met het college voor Zorg en Welzijn rondom die WMO iets gedaan watnog steeds in Den Haag niet wordt begrepen. En ik pleit er dus vandaag voor om die Zeeuwse taakrondom de WMO, rond AWBZ, rond Jeugdzorg, rond openbaar vervoer en onderwijs, om al die zakenin het Zeeuws uitvoeringsmodel te gieten. We hebben de afgelopen jaren bewezen dat dat werkt. Datis hetgeen waar we voor moeten gaan en dan zo decentraal mogelijk, vanuit de visie dat we inZeeland de grote dingen samen moeten doen. Er is dan geen omvangrijke opschaling en alle onrustnodig, maar gewoon de voordelen die we nu hebben laten zien gewoon in de praktijk brengen. Ikpleit dus voor een versterking van het zogenaamde Zeeuwse model in de komende jaren. Want hetgaat dus wel dadelijk om 'waar halen we de vrijwilligers vandaan?', en 'hoe gaat het met demantelzorgers', 'hoe zal het gaan met de voorzieningen?', 'hoe zal het met de basisscholen gaan?','hoe zal het met het vmbo in zeeland gaan?'. Dat zijn toch hele grote zaken, zeker afgezet tegenontgroening en krimp. Het zijn toch geen kleine zaken waar we voor staan.Ik denk dat we moeten oproepen om juist de samenwerking in Zeeland te vergroten. En laten we onsalstublieft niet door al die Haagse perikelen van de wijs brengen. We hebben bewezen dat er genoegpotentie in ons zit.Ach ja, je hebt wel eens een gemeente die wat anders wil. En er zijn wel eens instellingen die watanders willen. Maar dat komt wel uit die sense of urgency dat wij het met elkaar moeten doen, juistvoor onze cliënten, patiënten, reizigers, voor onze inwoners van Zeeland. En als we dat niet doen enwe blijven in ons eigen hok zitten dan hoop ik met de verkiezingen die aanstaande zijn voor deProvinciale Staten, dat gemeenten en instellingen er op zullen wijzen dat de Provincie moet gaan voorde Zeeuwse burger. En als je daar niet aan meedoet, ja dan zegt die burger gewoon: 'u bent af'.Dank u wel.5


Presentatie mevrouw A. Smit, ScoopOnderzoeker en opsteller van het rapport De Sociale Staat van ZeelandThema veiligheidBrandweer en ambulancezorg kunnen samen in Veiligheidsregio Rijnmond (PZC 29-3-2010)Vrijwilligers gezocht voor brandweer (Wereldregio, maart 2010)Risicowijzer voor alle Zeeuwen (PZC 22-2 2010)Veiligheidsregio voert regie bij opvang rampslachtoffers (PZC 8-2-2010)Poortvliet in de ban van de bandenprikkers (PZC 5-3-2010)Negen aanhoudingen in Heinkenszand (PZC 11-4-2010)Cameratoezicht is er ook als bescherming (PZC 7-4-2010)Thema Gezondheid“Focus op preventie” aldus raad voor Volksgezondheid en Zorg (PZC 12-4-2010)Laagopgeleiden zijn hardnekkig ongezond (NRC 25-3-2010).Overheid faalt bij projecten gezondheid, aldus inspectie gezondheidszorg en RIVM (NRC 25-03-2010).Pak preventie harder aan meer dwang bij ongezond gedrag (NRC 6-4-2010)Huisarts gaat opereren: raad adviseert simpele ingrepen over te hevelen (AD 13-3-2010)Conventionele zorg moet aangevuld worden met ondersteuning bij zelfmanagement. (TijdschriftSociale Geneeskunde, maart 2010).Thema Mobiliteit“Onderzoek moet uitwijzen of Zeeuwen buurtauto’s wensen”Extra buurtbus moet drukte opvangen (PZC 30 maart 2010).Snelle verbinding Hulst/Antwerpen (PZC 27 maart 2010)Driekwart klanten regio-ov reist tevreden (PZC 23 maart 2010).6


Thema LerenTaskforce Deeltijd: voeg scholen en kinderopvang samen (PZC 30-3-2010)Geen uitbreiding De Schoener (PZC 21-3-2010)Inwoners Ellewoutsdijk krijgen een eigen bus voor vervoer scholieren (PZC 2-4-2010)Scholierenmanifestatie Hogeschool (PZC 25-1-2010)Taskforce Zeeland wil grote veranderingen in het onderwijs (PZC: 13-3-2010).'Hou het ROC in Terneuzen overeind' (PZC 10-4-2010).Zeeland moet problemen onderwijs zelf aanpakken (PZC 13-3-2010).“ROC’s moeten ontmanteld worden” (NRC 8-2-2010)Volop vraag naar jonge ambachtslieden (NRC 9 –12-2009).Thema wonenMakelaars pleiten voor sloopfonds in krimpgebieden (PZC 11-3-2010)In Nederland dreigt groot tekort aan seniorenwoningen (NRC 7-4-2010)Krimpen kost geld (NRC 16-10-2008).Het is tijd voor de afbraak van dorpen (NRC: 16-11-2009)Thema werkenDeeltijdwerken in opkomst bij jonge vader (PZC 31-3-2010)Taskforce wil recht op flexibele werktijden (PZC 30-3-2010).Fulltime werkende ouders profiteren wel mooi van parttime werkende ouders (NRC 3-4-2010)Ambachten goed voor 130 miljard (NRC 13-4-2010).Volop vraag naar jonge ambachtslieden (NRC 9 –12-2009)7


Thema zorgenMarktwerking blokkeert doelmatige zorg (NRC 2-4-2010)Ziekenhuis daagt Limburg in geding (NRC 11-3-2010 )Geen managers en geen kantoor, wel goede zorg (PZC ...)Regio krimpt, maar de oudere kan blijven (NRC 7-4-2010).Vooral professionele instellingen en vertegenwoordigende burgerorganisaties voelen zich betrokken bijhet WMO-beleid. (MOVISIE: Trendrapport WMO 2010).Huisarts gaat opereren: raad adviseert simpele ingrepen over te hevelen (AD 13-3-2010)Laat mensen sparen voor zorg oude dag (ANP 31-3-2010)Thema vrije tijd106 koren naar festival (PZC: 23-3-2010)Ruim 400 deelnemers wandeltocht Vosmeer (PZC 11-4-2010)Zwinstedenloop is uitgegroeid tot een grote meneer (PZC 4-3-2010)Nieuw fietsvoetveer over Veerse Meer (PZC 1-4-2010)Schoolvoetbal in startblokken (PZC 11-3-2010).'Als ik met mijn vriendjes voetbal ben ik gelukkig' (PZC 2-3-2010)Kindervakantieweek Renesse biedt scala aan activiteiten (PZC 13-4-20108


Workshop veiligheidVraag 1:Wat zijn de problemen en uitdagingen van Zeeland bij dit thema?• Zelfvertrouwen en eigenwaarde zijn belangrijke voorwaarden voor mensen om zich veilig tevoelen. Als mensen zich onveilig voelen heeft dit vaak te maken met onzekerheid en gebrekaan geborgenheid. Het gaat ook om kennen en gekend worden.• Nadruk moet liggen op mensen zelf verantwoording te laten nemen, eerst zelf oplossen,daarna overheid, geen claimgedrag meer. Proces loopt parallel aan 'de kanteling' (WMO).• Zelfbewustzijn is belangrijk – wat kan ik (o.a. weerbaarheid versterken)• Overzichtelijke context: is ook een randvoorwaarde voor sociale veiligheid; de mate waarinmensen de regels als duidelijk ervaren, staat in verband met het gevoel van onveiligheid.Gaat niet alleen over regels, maar ook over duidelijkheid waar je terecht kan met je vraag,wie eigenlijk wat beslist, wat de normen en waarden zijn etc.• Ook deel uitmaken van een netwerk(en) is belangrijk voor sociale veiligheidVraag 2:Wat is het streefbeeld?Lastig om één streefbeeld te formuleren.• Voor sociale veiligheid is het ruimtelijke aspect van belang: geef dorpen, steden, buurten eeneigen identiteit (terug). De stedenbouwkundige structuur handhaven gericht op die identiteit+ ontmoeting, interactie• Daarnaast burgers faciliteren om hun verantwoordelijkheid te nemen, mede verantwoordelijkte maken. Bewoners vroegtijdig betrekken bij veranderingen• Bij toewijzing woningen rekening houden met een evenwichtige populatie• Bij nieuwe ontwikkelingen een evenwichtige inzet creëren van wonen, ontmoeting,voorzieningen etc. Harde randvoorwaarden stellen om deze zaken ook te realiseren.Vraag 3:Wat gebeurt er nu allemaal op dit terrein?Dit wordt genoemd als aanvulling op de bestaande lijst:• Veiligheidshuis• Centra voor jeugd en gezin• Anti-discriminatiebureau• Buurtbemiddeling (lokaal)• Jeugd-interventie-teams/probleem-interventie-teams• Vroeg-erbij Teams• Wijkagent• Wijkgerichte aanpak• Cameratoezicht• Lesprogramma's weerbaarheid• Opvoedingsondersteuning• Veilig honk schoolgaande kinderen• Bureau Halt• Anti-pest-protocol• Dorpsactivering• Veiligheidsmonitor• Robotica zorginstellingen• Domotica, beeldtelefoon zorg• Telefooncirkes alarmering• Aanbod WMO en AWBZ• Steunpunt huiselijk geweld9


• RIC en RCF• Nazorg ex-gedetineerden• Zeeuws platform integrale veiligheid• Instrumentarium vooraf – keurmerken veilig wonenNiet alles wat gebeurt, gebeurt echter overal. Beproefde methodieken blijven lokaal of onbekend.Samenhang bij alles wat gebeurt ontbreekt, breng dat in beeld!Vraag 4:Past het antwoord bij vraag 3 bij het streefbeeld van vraag 2?Deels, maar er moet nog veel gebeuren• (buurtbemiddeling uitbreiden)• Uitwisselen best practises, geen pilots zonder continueringsmogelijkheden.• Versterken regionale aanpak• Monitoren van resultaten (vb communities that care)• Terugleggen van verantwoordelijkheid bij de burger moet wel gefaciliteerd worden. HetWMO-beleid biedt daarvoor aangrijpingspunt. Communicatie daarover is nodig.• Versterken eigen verantwoordelijkheid is prima, maar let wel op degenen die dat nietaankunnen.• Wijkgerichte aanpak – betrekken van alle relevante partijen• Permanente communicatie: helderheid in doelen en verantwoordelijkheden, verwachtingenmanagen, geen valse verwachtingen wekken• Convenanten voor uitwisseling van gegevens• Koppelen fysieke en sociale veiligheid• Bijdrage aan gedeeld normbesef – wat zijn de normen?• Geef mensen het gevoel dat ze belangrijk zijn, dat ze erbij horen – perspectief biedenVraag 5:Wie heeft welke rol?Overheden: regierol, brengt partners samen zowel regionaal als lokaal.Woningcorporaties kunnen actieve rol invullen, daar zit ook de primaire doelgroep.Perspectief bieden aan kwetsbare groepen, randvoorwaarden creëren.Grote diversiteit aan situaties met steeds andere partijen, bij elkaar brengen. Overheid moet 'van zichaf' organiseren.Vraag 6:Moet er speciale aandacht zijn voor oud – jong?Ja, maar dit punt is in de workshop niet verder uitgewerkt. Belangrijk is juist ook het gesprek tussenjongeren en ouderen tot stand te brengen.10


Workshop gezondheidVraag 1:Wat zijn de problemen en uitdagingen van Zeeland bij dit thema?In de twee verschillende workshops werden de volgende problemen en uitdagingen besproken:- Bezuinigingen- Tekort personeel (termijn)- Ook investeren in (imago) vrijwilligerswerk- Groei aantal ouderen/ vergrijzing- Toename chronische ziektes- Aandacht preventie/zelfredzaamheid/gezonde leefstijl- Integrale sturing (prestatie-indicatoren) en financiering- Krimp (lokaal)- Levensverwachting stijgt in combi met afname aantal 'gezonde' jaren- Bewegen/voeding- Deskundigheid bewegingsonderwijs- Verhouding curatief – preventief (slechts 5% van het totale budget)- Toenemende druk op mantelzorgers- Aandacht voor fysieke woon/werk/leefomgeving om beweging te stimuleren (bijherstructurering wijken, kernen e.d.)- Voorlichting publieke sector- Behoud kwalitatief goed zorgaanbod (bijv. gezondheidscentra, goede koppeling curatie metpreventie)- Investeren in goede netwerken om participatie kwetsbare burgers te bevorderen. Bewustzijnvan belang goede netwerken ontbreekt.- Meer uitgaan van eigen kracht van mensen: overheid, instellingen en maatschappelijkeorganisaties: maak de burger niet lui!- Werkgevers moeten investeren in gezonde werknemers (preventie!)- Keuzes maken in preventief aanbod voor evidence based methodiekenVraag 2:Wat is het streefbeeld?Zeeland is de 'gezondste' provincie van Nederland. Er zijn voldoende, goed bereikbare voorzieningen.Het landschap nodigt uit tot bewegen, er wonen gezonde en actieve inwoners, die vanuit een eigenintrinsieke motivatie 'gezond' leven en verantwoordelijkheid nemen voor de eigen gezondheid. Vanjong tot oud in Zeeland is bewust met gezondheid bezig.Vraag 3:Wat gebeurt er nu allemaal op dit terrein?Er worden voorbeelden genoemd als aanvulling op de bestaande lijst:Open tafels (Tholen)Nationaal Actieplan Sport en BewegenZomerprogramma speciaal voor ouderen (SWM)BoodschappenPlusBusVraag 4:Past het antwoord bij vraag 3 bij het streefbeeld van vraag 2?Er zijn veel voorbeelden van goede projecten en zaken die relatief individueel door organisatiesopgepakt worden. De groep pleit voor juist bestaande zaken goed op elkaar af te stemmen. Daarbij


moet aandacht zijn voor zowel de preventieve kant als de zorgkant. Meer denken in trajecten dan inlosse projecten en zorg daarbij dat het past binnen de afgesproken visie. Dit betekent ook keuzesmaken.Er werd ook aandacht gevraagd voor contact met de zorgverzekeraar om koppeling te leggen tussenpreventie en 1 e lijnszorg. Op elk nieuw op te stellen beleid dient een gezondheideffect screeningplaats te vinden.Inzetten op een landschap dat uitnodigt tot bewegen. Afspreken van een gezamenlijk doelperspectiefen op basis daarvan (kritisch) middelen inzetten. Belangrijk daarvoor is zicht te hebben op wat buiten'ons zicht' om nog allemaal wordt ingezet vanuit andere financieringsstromen. Bijvoorbeeld ook inzetop cultuur en welzijn is essentieel, conform 'vitaliteit van de samenleving'.Vraag 5:Wie heeft welke rol?De verantwoordelijkheid voor gezondheid ligt in eerste instantie bij de mens zelf, belangrijk daarbij iswel dat er aandacht voor ondersteuning bij de eigen regie geboden wordt op het moment dat(kwetsbare) mensen dit onvoldoende zelf kunnen. Daarnaast is de gemeente verantwoordelijk voorpreventief gezondheidsbeleid, regie voor gezondheidsbeleid moet bij de gemeente blijven; CZWbelangrijk voor de afstemming. De kennis en knowhow bij de GGD en SportZeeland moet benutworden. De provincie kan op dit terrein een rol vervullen als het gaat om nieuwe verbindingen,stimuleren om te experimenteren (bijv zoals nu gebeurt met gezondheidscentra), ondersteunend aangemeenten en geen eigen gezondheidsbeleid. De zorgverzekeraar kan een rol vervullen bij dekoppeling preventie met 1 e lijnszorg.Discussie publiek/privaat wordt steeds belangrijker voor inzet maatschappelijk middenveld zoalsbedrijfsleven, vrijwilligers, vakbonden, etc.Vraag 6:Moet er speciale aandacht zijn voor oud – jong?''Een leven lang in beweging'' (van jong tot oud) : rust roest, preventieve werking.Aandacht voor:- intergenerationele benadering- hele levensloop, dus niet alleen jong en alleen oud- sociaal economische gezondheidsverschillen- ouderen en dementie (in relatie tot beschikbaarheid van voldoende zorgvoorzieningen. Dit isnu al een probleem aan het worden: inmiddels gerealiseerde voorzieningen zitten al weervol.)13


Workshop mobiliteitVraag 1:Wat zijn de problemen en uitdagingen van Zeeland bij dit thema?Bij de discussie over deze vraag is vooral gekeken naar welke factoren van invloed zijn op demobiliteit in Zeeland. Zeeland is een dunbevolkt en uitgestrekt gebied, met een hoofdrol voor deauto. Het collectief vervoer beperkt zich vooral tot OV-gebruik door jongeren (scholieren) en ouderenen het vervoer voor speciale doelgroepen (Wmo, Wsw, AWBZ). Het collectief vervoer isaanbodgestuurd vormgegeven.Verder heeft Zeeland te maken met:- Een groei van het aantal actieve ouderen – gaan er veel en langer op uit, blijven langerzelfstandig en mobiel- Veel toeristen - levert verkeersdrukte op bepaalde dagen (wisseldagen, strandweer)- Bereikbaarheid voorzieningen bij verdere concentratie van voorzieningen is een belangrijkaandachtspunt- Gemak van de auto pakken moet als een gegeven worden gezien, het OV moet dan ook nietconcurrentie met de auto willen aangaan- Uitdaging voor de overheid: vragen/behoeften beantwoorden die er wél zijn. Men moet zichdus niet richten op groepen die (al) in hun eigen mobiliteit (kunnen) voorzienVraag 2:Wat is het streefbeeld?Maatwerk in vervoer!!Het huidige collectief vervoer (OV en doelgroepenvervoer) past in steeds mindere mate bij devervoersvraag, zowel kwantitatief (lege bussen) als kwalitatief (reizigers steeds veeleisender). Er iseen passend format vervoer nodig voor toekomst. Dit format moet rekening houden met: het verschilin reiswensen van doelgroepen, behoeften op lokale schaal, collectief of individueel, tijden (daluren/7 tot 10/ half 4 tot 7), inkomenssituatie (ondersteuning met gratis OV) en meer kwaliteit voorhetzelfde (of minder) geld. Ook moet rekening gehouden worden met bewustwording bij reizigers,maar ook bij politici en bestuurders dat het collectief vervoer niet overal in stand gehouden kanworden.Vraag 3:Wat gebeurt er nu allemaal op dit terrein?Er worden op dit moment diverse experimenten uitgevoerd op het gebied van vervoer in Zeeland:- Integratie OV + doelgroepenvervoer (Wmo – OV)- Gratis OV (ouderen)- Dynamische reisinformatie- OV-ambassadeurs (ouderen)- Uitgaansvervoer- Toeristenpas- Zeeuws-Vlaams liften (autodelen)- Combinaties diverse doelgroepen (Wmo, AWBZ, WsW etc)Vraag 4:Past het antwoord bij vraag 3 bij het streefbeeld van vraag 2?De vraag is of alle experimenten gericht op OV passen bij het streefbeeld van maatwerk in hetvervoer, sommige experimenten lijken daar juist het gebruik van het traditionele OV als collectief-


vervoermiddel te willen stimuleren (Gratis OV en OV-ambassadeurs). Overheid moet een minderprominente rol innemen en meer vraaggericht werken.Vraag 5:Wie heeft welke rol?De verantwoordelijkheden liggen nu niet in één hand, samenwerking op Zeeuwse schaal isnoodzakelijk om het bestaande vervoer efficiënter in te kunnen zetten en de kwaliteit te kunnenverhogen die past bij een veranderende vraag (maatwerk) Wellicht kunnen we komen tot een soortOV-Bureau, waarin gemeenten, zorgkantoor, provincie en NS hun krachten in Zeeland bundelen. Delandelijke overheid zal de gelegenheid moeten geven om een gebied als Zeeland OV-autoriteit tegeven.Vraag 6:Moet er speciale aandacht zijn voor oud – jong?Ja, want dit zijn specifiek de groepen voor het collectief vervoer, hoewel dat met name voorjongeren tot 18 jaar geldt , maar ook voor ouderen die geen auto/rijbewijs meer hebben. De vraag isin welke mate deze groepen afhankelijk zijn van het OV.Een andere vraag is hoe het vrijetijdsvervoer (discobus) voor jongeren te organiseren? Individueel ofcollectief? Scholieren vervoer blijft voorlopig nog belangrijk in Zeeland!16


Workshop lerenVraag 1:Wat zijn de problemen en uitdagingen van Zeeland bij dit thema?• Voor het primair onderwijs, en dan vooral in bepaalde regio's, kan in de nabije toekomst desituatie zich voordoen dat er geen openbaar onderwijs meer beschikbaar is, alleen nogreformatorisch onderwijs.• Zeeland heeft in zijn algemeenheid een laag opleidingsniveau, zie rapport Kerend Tij.Daarnaast is er ook nog in het VMBO veel uitval, terwijl het eigenlijk veel potentie heeft.• MBO – veel uitval, veel potentie• Aansluiting school – werkplek• Het fenomeen doet zich voor dat scholen gebruik maken van de Funfactor om leerlingen tetrekken, terwijl het qua concurrentie van scholen om kwaliteit zou moeten gaan.• De verwachtingen van ouders en leerlingen corresponderen niet met de werkelijkheid• Terugloop van aantallen leerlingen/ studenten• Door de eilandenstructuur moeilijk overstappen tussen verschillende scholen• Deze lijst ontstaat door blik op verleden, dat is eigenlijk het probleem, er moet een visie opde toekomst van het onderwijs in Zeeland zijn: wat is er nodig voor kinderen die over 20 jrmoeten functioneren in de maatschappij? Zie bij vraag 2Vraag 2:Wat is het streefbeeld?Ben de Reu schetste onderstaand streefbeeld, hier bleek grote consensus over te bestaan in deworkshop en is daarom ook voor de rest van de workshop gebruikt:Het streefbeeld is dat er in Zeeland gewerkt wordt vanuit een gezamenlijke toekomst gericht visie oponderwijs in de regio. Er is in de toekomst nog maar 1 schoolbestuur voor Zeeland (1x PO, 1x VO,1x ROC 1x HBO)Samen werken naar een situatie waarin in verschillende kernen basis en voorgezet onderwijs wordtaangeboden, binnen 1 bestuurlijk verband maar principieel met keuze mogelijkheden voorverschillende denominaties en verschillen in regios/gemeenten. Er is geen identiteitsgebondenonderwijs meer, wel is er nog keuze. Samenwerking met organisaties van kinderopvang hoort hiernatuurlijk bij. Er zal in de toekomst veel meer gereisd worden door kinderen. De langere reistijd iseen feit van de toekomst. Het regelen van vervoer hoort daarom bij de gezamenlijke visie. Kwaliteitvan het onderwijs staat voorop en we hebben met elkaar een ondergrens afgesproken voorgroepsgrootte basisonderwijs , en daar houden we ons aan. Het onderwijs wordt strenger. Ookspreken we met elkaar af hoeveel capaciteit beroepsopleidingen we gaan organiseren, -gedifferentieerd naar regio - dit vormt het kader waarbinnen leerlingen kunnen kiezen. Er isuiteindelijk nog maar 1 ROC maar met meerdere locaties. Scholen zijn niet meer elkaarsconcurrenten. Door de verdergaandere samenwerking is aansluiting tussen verschillende vormen vanonderwijs goed. Met Den Haag spreken we af dat we niet langer leerlinggebonden wordengefinancierd. Het HBO onderwijs stuurt zichzelf naar een "plus" zodat er landelijk gekozen wordt vooreen opleiding in Zeeland. Zeeland is een regio binnen Europa. Binnen een hiervoor ingerichtestuurgroep, wordt hier de komende jaar gezamenlijk aan gewerkt. De stuurgroep kenmerkt zich doorbestuurlijke lef,organiseert maatschappelijke processen, en heeft een duidelijke trekker en gezicht.Het belang van een leven lang leren wordt onderkend.Vraag 3 en vraag 4Wat gebeurt er nu allemaal op dit terrein? Wat past bij het streefbeeld van vraag 2?Zie ook de samenvatting die er al gegeven is, maar aanvullend op de bestaande lijst wordt genoemd:• Het Technum past goed bij het streefbeeld• ROC bij ZEP• Onderwijsautoriteit ROC/beroepsonderwijs


• 'Leertij' – samenwerking bestuur• 'Lonneboot' – samenwerking scholen;• De samenwerkende scholen in Biervliet• Het Project '…. Kind en de grote verhalen'Vraag 5:Wie heeft welke rol?• Belangrijkste rol hebben de kinderen, jongeren: wat willen ze zelf?• Den Haag moet de financiele stromen ontschotten.• De media hebben een rol in het organiseren van debatten;• De Instellingen hebben een rol in het leren kijken over de muur, financieel verleiden, sprekenover kwaliteit• In de stuurgroep krijgt ook het Bedrijfsleven, organisaties van natuur, cultuur en sport eenrol, het is een 7 tot 7 aanbod.• De Provincie Zeeland heeft een belangrijke rol, zoals dat nu bij de taskforce/stuurgroeponderwijs• De meer Maatschappelijk betrokken bestuurders vanuit niet onderwijsorganisaties betrekkenbij onderwijsInwoners van wijken en dorpen betrekken, zoals bij Nieuw ZeelandVraag 6:Moet er speciale aandacht zijn voor oud – jong?19


Workshop wonenVraag 1:Wat zijn de problemen en uitdagingen van Zeeland bij dit thema?Workshop A ( geleid door Marian Kral)• Iedere regio kent zijn eigen problematiek, je kan dit niet Zeeuwsbreed bekijken• Klant bepaalt zelf waar hij woont (differentiatie – wel of geen eigen keuze, aantrekkelijkmaken)• Ontwikkelingen zijn redelijk onvoorspelbaar;• Leefomgeving moet aansluiten bij wensen , maar wat zijn de wensen?• Het aantal huishoudens versus aantal inwoners is bepalend• Kwaliteit uitbreiden• Wonen heeft natuurlijk verband met werk /economie/starters• Per leeftijdsfase bekijken: wie, wat, waar + hoeveel?• Hoeveel en welke voorzieningen en de betaalbaarheid hebben groot effect op waar je woontWorkshop B( geleid door Marco van Dorst)Er waren meerdere problemen, die zijn allemaal benoemd, met behulp van stickers is een top 3ontstaan:• Bij wijkinrichting niet alleen aan huisvesten denken, maar ook andere functiesl;• Woningbouw afstemmen op bevolkingssamenstelling• Gemeenten moeten hun woningbouwplanning regionaal met elkaar afstemmenHuisvesten van mensen uit bijzondere doelgroepen meenemen in visieZie deeltijdwonen als een kans ipv bedreigingHuisvesting van arbeidsmigranten omarmenEnergiebesparing/duurzaamheid van woningen in relatie tot woonlastenWonen met water en omgaan met bedreiging van het waterVraag 2:Wat is het streefbeeld?Workshop A:• De krimp niet krampachtigheid benaderen• Kwaliteit van wonen is vooral kwaliteit in woonomgeving : Leefbaarheid steden en dorpenvan groot belang .• Trots op sterke kanten van Zeeland, o.a. hoge kwaliteit van wonen. Zeeland is uniek, hechtegemeenschap van mensen. Niet naar Randstad kijken.• Er blijven ook betaalbare huurwoningen in Zeeland betaalbaar• Mensen worden kritischer, dus kwaliteit, bijzondere woonmilieus, gedifferentieerdevoorraad/betaalbaar• Huizen voor meerdere doelgroepen• Leefbare dorpen met gedifferentieerde woningvoorraad i.r.t. omgeving en identiteitWorkshop B:• Investeren in wonen is vooral ook investeren in de Wijkinrichting. Voorafgaand aanplanvorming, de samenwerking tussen veel sectoren zo breed mogelijk insteken.• Kleine kernen nieuw leven inblazen door deeltijdwonen• Niet alleen nieuwe wijken breed inrichten, ook bestaande. Wat is onze visie opwijken/kernen? Wie wonen daar? Hoe moet het er uit zien? Hou rekening met leefstijlen Zoeknaar geleidelijke aanpassingen + flexibele oplossingen ipv blauwdruk bedenken, diversefuncties mogelijk + snelle omschakeling Niet alleen/ te vlug slopen – paswoningen/gebouwen aan!• Welzijnsaspecten eerder betrekken bij wijkontwerp• Mbt landelijk gebied – droombeeld van waar welke voorzieningen, provinciaal, regionaal,


lokaal – aandacht voor schaal.Vraag 3:Wat gebeurt er nu allemaal op dit terrein?In workshop A zijn de volgende aanvullingen genoemd op de bestaande lijst:Bewustwording vd ontwikkelingen (Op Pad, NieuwZeeland)Regionale woningbouwprogramma'sPilot Zeeuws-VlaanderenSloopprogramma'sVraag 4:Past het antwoord bij vraag 3 bij het streefbeeld van vraag 2?Workshop A:• Er moet aandacht komen voor de relaties tussen voor wonen – werken – zorgen• Meer focussen op ""Zeeland = veilig wonen, gemeenschapszin, groen en ruimtelijk"• Vraag en aanbod op elkaar afstemmen• Er is nu te veel regelgeving? Cijfers mogen niet leiden tot strikte handelingen. Wees watflexibeler!Workshop B:• Dromen op niveau gemeente:• Potenties van de verenigingen meer delen – bundeling van krachten zorgt voor kwaliteit –gemeente kan dit probleem agenderen• Op platteland zijn politieke keuzes nodig – waar houden we wat? Er is lef nodig!Randvoorwaarden zijn sociale cohesie en mobiliteit• Cultuur omslag nodig bij politici, burgers/verenigingen, instellingen• Op pad – sessies dichterbij mensen brengen bij dorpsraden/wijkraden + noodzaak 'vertalen'naar niveau vd burgers in een wijk etc. NB dat kan dus verschillen per kern/wijk ->MAATWERK!• Leegstand en verloedering van bestaande woningen dorpen tegengaan ipv nieuwbouw(Borsele + R&B Wonen zijn hier mee bezig in Ellewoutsdijk) – leer van elkaar!!• Geen nieuwe woningen toevoegen (uitbreiding) of zeer beperkt (organisch). Provincialeregels uitbreiding en inbreiding te rigide ingevuld van bovenaf• Opkoop + sloopregeling gemeenten en corporaties van oud/versleten/op te knappenvastgoed – regionaal oppakkenVraag 5:Wie heeft welke rol?Workshop A ? B??Zelfsturing?Rol overheid bij leegstand?Slooppremie particulieren?Gemeente + gemeenschap voor lokale leefbaarheidPrijsdaling?Vraag 6:Moet er speciale aandacht zijn voor oud – jong?22


Workshop werkenVraag 1:Wat zijn de problemen en uitdagingen van Zeeland bij dit thema?• Vacatures havengebied zijn moeilijk te vervullen• Relatie met onderwijs in België, met name in het lager onderwijs wordt de kwaliteit hogeringeschat door de nadruk op leren, orde en structuur.• Samenwerking W-Z-Vlaanderen moeizaam – kwestie van doen!• Veel logistiek in Zeeland, maar een beperkte toegevoegde waarde – veel arbeid vindt duselders plaats• Leven-lang-leren is een kans – Echter wie pakt dit op, m.a.w. wie is verantwoordelijk?• Behoefte aan vakmensen. Er komt weer meer aandacht voor ambachten.• Met minder mensen meer doen: productiviteit verhogen (bijvoorbeeld in de zorg door inzetvan techniek en automatisering). Dit is in de zorg lastig te realiseren, omdat zorg voor eenbelangrijk deel bestaat uit menselijke interactie. Wel ontstaan er steeds meer initiatieven omde administratieve handelingen te verkleinen waardoor er meer tijd voor daadwerkelijke zorgoverblijft.• Met minder mensen meer doen: langer werken, meer werken (m.a.w. verhogenarbeidsparticipatie).• Toename arbeidparticipatie heeft effecten voor vrije tijd resp. vrijwilligerswerk. Sectoren alssport, zorg, cultuur, natuur&milieu zijn hiervan afhankelijk• Flexibiliteit in bereikbaarheid van voorzieningen. Nu houden we nog teveel vast aanbestaande tijden en bestaande structuren waarop de bereikbaarheid van voorzieningen isgebaseerd. Door daar op een andere wijze mee om te gaan en naar te kijken ontstaan ervolop kansen.• Specifieke arbeidstoeleiding voor de groep "ontspoorde jongeren".• Hebben wij voldoende innovatiekracht (in Zeeland)?• Veranderingen mogelijk bijv. andere indeling schooltijden/kinderopvang• Uitdaging integratie arbeidsmigranten (bijv huisvesting, scholing) – collectieve oplossingwonen, integratie, onderwijs• Pendelaars Zeeland uit, goede verbindingen, woonmogelijkheden(wel aandacht voor onderscheid in economisch beleid/effecten versus sociaal beleid/effecten)Vraag 2:Wat is het streefbeeld?• Regionale samenwerking tussen gemeenten en andere partners om problemen aan tepakken. Een randvoorwaarde voor samenwerking is een gemeenschappelijk belang.• Nadruk op kwaliteit van het onderwijs voor een goede doorstroom naar de bedrijven(vakmensen, hoger opgeleiden, juiste opleiding), bijvoorbeeld door inzet levenslang leren• Productiviteit verhogen door innovatie en verhoging van de arbeidsparticpatieVraag 3:Wat gebeurt er nu allemaal op dit terrein?• Instroomprojecten (kleine groepen, intensieve begeleiding) in de zorg• Jeugdwerkloosheidsplan en vermindering afdrachtsbelasting waardoor het voor werkgeversgemakkelijker wordt om scholing aan te bieden.Vraag 4:Past het antwoord bij vraag 3 bij het streefbeeld van vraag 2?Prioriteiten:


• Instroom in werk: wat betreft werkloosheid moeten gemeenten en provincie samenwerken,bijv mensen stages laten lopen – doorstroom naar betaald werk• Veel versnipperde initiatieven. Er moet meer coördinatie komen t.a.v. arbeidsmarktbeleid(gemeenten en provincie)• Goede initiatieven zijn: economische impuls, een lobbyist in Den Haag, tunnel Sluiskil• Probeer niet de uitgaande pendel tegen te gaan, maar wees blij dat mensen hier willenwonen en leven en faciliteer dat (bijv. door snelle verbindingen)• Huisvesting, integratie en onderwijs arbeidsmigranten• Leven lang leren• Goede voorzieningen houden in Zeeland, bundeling van activiteiten en dienstenvergemakkelijkt productiviteit.• Baan is leuk, loopbaan is beter!Vraag 5:Wie heeft welke rol?Niet behandeldVraag 6:Moet er speciale aandacht zijn voor oud – jong?Niet behandeld25


Workshop zorgenVraag 1:Wat zijn de problemen en uitdagingen van Zeeland bij dit thema?- Vergrijzing – kostenbeheersing- Vergrijzing – organisatie zorg (individueel versus collectief, activering vb. mantelzorg)- Wmo - aanspreken en stimuleren eigen mogelijkheden en verantwoordelijkheden, viavraagverheldering- Zeeland beste zorgprovincie – zorgtoerisme/ zelf betalen/ kansen in kwaliteit hoogwaardigezorg- Jeugdzorg onderbrengen in 1 goed functionerende keten- Focus op preventieve zorg (gezonde leefstijlen)!- Naast demografische krimp ook financiële krimp- Mensen niet alleen verzorgen, maar juist uitdagen en prikkelen (in beweging brengen +eigen verantwoordelijkheid)- Samenwerken/afstemmen:• mag innovatie niet in de weg staan• niet alles zelf allemaal willen doen• afspraken + sturing essentieel• uitgaan van gezonde cliënt in plaats van zieke patiëntVraag 2:Wat is het streefbeeld?Specialistische zorg – waar mogelijk – verspreid over Zeeland en een basisnetwerk overal verwevenmet de diverse sectoren, zoals onderwijs. Over 10-20 jaar willen en kunnen nog steeds veel mensenmet plezier in Zeeland wonen.Lange termijnvisie:- niet-evidente partners betrekken, zoals Albert Heijn- in samenwerking/expertises bundelen- daarbinnen innoverend zijn- eigen verantwoordelijkheid burger centraal- aandacht voor bestaande onwenselijke tweedeling/kloof in gezondheid en zorg tussen armen rijk (SEGV) + solidariteit kwetsbare burgers- evenwicht mantelzorgers, werkenden en professionals- marktwerking zorg in Zeeland is afgebouwd in 2020 (samenhang, solidariteit), minder focusop economie, maar op sociaal-maatschappelijke factoren- toekomstig zorgaanbod in 1 Zeeland, meer eenheid, minder concurrentie en eiland-denken,bundeling van expertise- genoeg jongeren die als toekomstige professionals zorg kunnen verlenenVraag 3:Wat gebeurt er nu allemaal op dit terrein?Op dit punt zijn geen aanvullingen genoemd.Vraag 4:Past het antwoord bij vraag 3 bij het streefbeeld van vraag 2?Als antwoord op de vraag wat er nog nodig is om dichterbij het genoemde streefbeeld te komen, zijn


de volgende zaken genoemd:- Meer afstemmen/bundelen/sturing- Marktwerking (NMA) nefast voor samenwerking (goed voorbeeld werkgroep zorgaanbiedersTFJZ, project jeugd en alcohol)- Werken vanuit gezamenlijke langetermijnvisie- Krimpteam NL: samenwerken kan met gemeenschappelijke agenda:• Provincie/CZW uitzoeken en legitimeren• Masterplan onder 'technische regie' vanuit gerechtvaardigd vertrouwenVraag 5:Wie heeft welke rol?Hij die stuurt, hoeft niet te bepalen.Ieder vanuit eigen verantwoordelijkheid bijdragen aan uitvoering 'masterplan'.Overheden sturend bij planvorming, partners bij uitvoering, variërend per thema of fase. Keuze voorgezamenlijke uitvoering of lokaal. Uitvoering dicht bij doelgroep houden, is van belang vooracceptatie.Vraag 6:Moet er speciale aandacht zijn voor oud – jong?Nee, in uitvoering kom je vanzelf op doelgroep specifieke vragen en interventies.28


Workshop vrije tijdVraag 1:Wat zijn de problemen en uitdagingen van Zeeland bij dit thema?Focus bij thema vrije tijd in SSVZ is te beperkt: vrije tijd is meer dan vrijwilligerswerk, bijvoorbeeldook uitgaan, bioscopen, horeca, recreatievoorzieningen enz.Belangrijkste ontwikkelingen/kansen die bij dit thema zijn genoemd, zijn:- Afname van het aantal jongeren- Toename van het aantal ouderen, wat zorgt voor toename gezondheidsproblemen,eenzaamheid en depressie, maar ook toename behoefte aan ruimte als gevolg vanvrijetijdsvraag ouderen- Gezondheidsvraagstuk (well being): toename chronisch zieken/beperkingen- Meer alleenstaanden- Krimp van de bevolking- Leefbaarheid onder druk- Meer druk op de werkenden, combinaties van voorzieningen/bereikbaarheid is een kans- Meer druk op verenigingen- 2/3 van de Zeeuwen is lid van een vereniging (met name sport en kerk)- Lossere/vrijere invulling van de vrije tijd (flexibiliteit)- Hoeveelheid vrije tijd gaat op termijn afnemen- Meer eigen belang bij invulling van vrije tijd gekoppeld aan de lerende mens. Invullingvan vrije tijd ter ontwikkeling van persoon zelf- Ongeorganiseerde activiteiten versus georganiseerd, over ongeorganiseerde activiteitenis weinig bekendVraag 2:Wat is het streefbeeld?'Zinvolle vrije tijd'Aspecten die genoemd zijn die daarbij van belang zijn:- Zeeland aantrekkelijk (houden) voor bewoners en bezoekers- Vrije tijd benutten voor well being en zelfontplooiing- Flexibelere vrijetijdsbesteding (individualisering)- Mogelijkheid om voor alle Zeeuwse burgers invulling te geven aan vrije tijd- Inactieve groepen activeren (ook sociaal aspect is van belang)- Jong beginnen met actieve levenshouding- Grenzen werk – vrije tijd vervagen- Zeeland profileren als wellness provincieVraag 3:Wat gebeurt er nu allemaal op dit terrein?Er worden enkele aanvullingen genoemd op de bestaande lijst, die zeker niet volledig is:- Terrein van ouderenbeleid (GALM) mist in het overzicht- Gamen/computeren als onderdeel van vrije tijd- Bij provincie/gemeente wordt veel geïnvesteerd in jeugd. Gehandicapten/senioren/chronischzieken ontbreken/ ook 30-60 jarigen ontbreken (specifiek spitsuur-doelgroep, 30-40 jarigen)Vraag 4:Past het antwoord bij vraag 3 bij het streefbeeld van vraag 2?


Toerisme/ vrije tijd combineren met andere activiteiten (is antwoord op vraag 3)Toegankelijkheid doelgroepen (toeristen/eigen inwoners) ontbreektSpecifiek ook voorzieningen voor senioren/chronisch ziekenOok commerciële vrije tijdssector beter benutten (publiek-privaat)Combinatie van functies vaak onvoldoende, waardoor er groot beroep gedaan moet worden opvrijwilligers (veel hokjes tussen functies)Hokjesvrije regelingenLangs de randen van de wet/ bureaucratie tegengaanOnvoldoende samenwerking die begint te vaak bij de anderVraag 5:Wie heeft welke rol?Belangrijke rol voor de overheid: basisvoorzieningen zoals wandelpaden en kennisuitwisseling tussenrecreatie en toerisme.'Terugtrekkende overheid'. Veel meer initiatieven van onderop faciliteren (met elkaar in contactbrengen bijv).Burgerinitiatieven als overheid serieus nemen en niet vanuit eigen kader benoemen.Dorps-wijk-stadsraden: rol gemeente is barrières weg te nemen en te luisteren naar deze raden.Vraag 6:Moet er speciale aandacht zijn voor oud – jong?31

More magazines by this user
Similar magazines