Groninger Water- en Rioleringsplan - Gemeente Groningen

watererfgoed.nl

Groninger Water- en Rioleringsplan - Gemeente Groningen

• • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • •VOORWOORDVoor u ligt het eerste Groninger Water- en Rioleringsplan (GWRP), voor de periode2009 - 2013. Met dit plan geven we als gemeente Groningen aan hoe we de komendejaren omgaan met water. Water in vele verschijningsvormen.Water is regenwater dat op verhard oppervlak valt en via de riolering moet wordenverwerkt. Water is afvalwater van huishoudens dat gezuiverd moet worden.Water is grondwater dat op peil moet worden houden. Water is de vijver in dewoonwijk die bijdraagt aan een prettige woonomgeving. Water is de beek in eenecologisch gebied, waarin planten groeien en vissen leven. Water is overal.Onze centrale waterambitie is het streven naar een duurzaam stedelijk waterbeheer.Met het GWRP laten we zien dat het ons menens is als we zeggen de duurzaamstestad van Nederland te willen worden. Samen met onze waterpartners willen we onzeambitie realiseren. Ook de burgers willen we hierbij betrekken.Het plan voert de naam ‘Waterwerk’ omdat in dit GWRP de nadruk ligt op de samenhangendewaterambities van de gemeente en de daaruit voortvloeiende maatregelen.We gaan aan het werk met water. Dit plan is daarvoor het routeboek met daarnaasthet verplichte deel, het GRP, waarin de riolering centraal staat.Op naar een stedelijk duurzaam waterbeheer!Jannie VisscherWethouder Zorg, Ouderen, Stadsbeheer en Milieu3WATERWERK >


WATERWERK > WATER67FUNCTIEGERICHT BEHEER EN ONDERHOUD > 396.1 Inleiding > 396.2 Functies > 396.3 Functiekaarten > 416.4 Kwaliteitsniveaus > 41MAATREGELENPROGRAMMA > 437.1 Inleiding > 437.2 Maatregelen > 4312345SPEELVELD > 51.1 Inleiding > 51.2 Taken en verantwoordelijkheden > 61.3 Beleidsinstrumenten > 7EVALUATIE WATERPLAN 2003 - 2007 > 112.1 Beleidsdoelen per thema > 112.2 Organisatie > 17BELEIDSKADER > 193.1 Inleiding > 193.2 Europees beleidskader > 193.3 Landelijk beleidskader > 213.4 Regionaal beleidskader > 223.5 Gemeentelijk beleidskader > 23AMBITIES > 274.1 Duurzaam waterbeheer > 274.2 Ambities per thema > 27STEDELIJKE WATEROPGAVE > 315.1 Inleiding > 315.2 Rioleringswater > 315.3 Oppervlaktewater > 315.4 Grondwater > 345.5 Regenwater > 3789FINANCIËN > 478.1 Inleiding > 478.2 Meerjarenplanning > 47PARTICIPATIE EN COMMUNICATIE > 499.1 Inleiding > 499.2 Communicatiedoelen > 499.3 Doelgroepen > 499.4 Participatie > 499.5 Communicatiestrategie > 509.6 Communicatiemiddelen > 519.7 Communicatiekalender > 51VOORBEELDEN WATER IN GRONINGEN1 Waterstructuurplan Westrand > 82 Meerstad > 123 Baggeren van de stadswateren > 204 Waterslag > 245 Regenwater afkoppelen > 326 IBA-systemen > 367 Stedelijke watermolen > 44BIJLAGENA MaatregelenB Oevers per waterfunctieC Woordenlijst


1• • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • •SPEELVELD1.1 INLEIDINGWater en riolering in de stad vormen steeds meereen integraal geheel. De planperiodes van deafzonderlijke plannen voor water (het eerste waterplanvan 2003) en voor riolering (het gemeentelijkrioleringsplan) liepen in 2007 en 2008 af. Vandaardat de gemeente heeft besloten een geïntegreerdGroninger Water- en Rioleringsplan (GWRP) temaken voor de periode 2009 - 2013.Met dit besluit liep de gemeente vooruit op deWet Gemeentelijke Watertaken (2008). Hierin staatdat gemeenten binnen vijf jaar na het in werkingtreden van deze wet een ‘verbreed’ gemeentelijkrioleringsplan moeten vaststellen. De verbredinghoudt in dat gemeenten voortaan ook moeteningaan op het inzamelen en verder verwerken vanafvloeiend regenwater en aan de uitwerking vande grondwaterzorgplicht. Zo moet de gemeente bijde afvoer van regenwater duidelijk maken welkemaatregelen in beginsel van de perceeleigenarenworden verwacht en wat de gemeente voor haarrekening neemt. De wet stelt geen eisen aan hettempo en de omvang van de feitelijke investeringen.Hiermee hebben de gemeenten de ruimte voor eengefaseerde aanpak, rekening houdend met hetgenereren van financiële middelen. In het planmoet wel worden aangegeven wat kan wordenverwacht ten aanzien van aanleg, onderhoud envervanging, financiële reserveringen en inspectie.TotstandkomingSamen met de waterschappen en het waterbedrijf(de zogenoemde ‘waterpartners’) vormt de gemeentede projectgroep Waterwerk. In december 2006 isdeze werkgroep gestart met een workshop tervoorbereiding op het GWRP. De workshop had alsdoel prioriteiten te stellen voor het verdere vervolgvan het proces en te inventariseren welke opgavenin het plan terug moeten komen. De uitkomsten vandeze workshop was een inventarisatie van debelangrijkste thema’s, die de leidraad vormde bijhet samenstellen van dit GWRP. De projectgroepen een aantal themagerelateerde werkgroepenzijn met deze thema’s aan de slag gegaan en hebbende bouwstenen voor dit GWRP opgesteld.In dit Groninger Water- en Rioleringsplan ligt defocus op de waterambities van de gemeenteGroningen en de daaruit voorkomende maatregelen.Kort gezegd is het GWRP de komende jaren hetrouteboekje voor de gemeente Groningen als hetom water gaat. Daarnaast is er het wettelijkverplichte deel (het GRP), waarin onder meer dehuidige stand van zaken van de riolering, deinvesterings- en vervangingsplanning en definancieringsgrondslagen aan bod komen.LeeswijzerDe rest van dit hoofdstuk gaat in op de taken enverantwoordelijkheden die de verschillendeorganisaties hebben die betrokken zijn bij hetwater in de gemeente Groningen.Het tweede hoofdstuk is gewijd aan de evaluatievan het eerste waterplan van 2003. Hoofdstuk drieschetst het beleidskader waarin dit GWRP isontstaan. De waterambities van de gemeente zijnper thema beschreven in hoofdstuk vier.Hoofdstuk vijf bevat de stedelijke wateropgave,oftewel de opgave die de gemeente heeft omproblemen met het water te voorkomen.In hoofdstuk zes is een nieuwe systematiekbeschreven voor het onderhoud en het beheer,waarvoor aan de stadswateren functies zijntoegekend. De maatregelen zijn beschreven inhoofdstuk zeven, aan de hand van de thematischeindeling van hoofdstuk vijf. In hoofdstuk acht ennegen wordt respectievelijk ingegaan op definanciën en de communicatie.5WATERWERK >


6WATERWERK >1.2 TAKEN EN VERANTWOORDELIJKHEDEN1.2.1 GemeenteDe taken van de gemeente ten aanzien van regenwateren grondwater zijn vastgelegd in deWet Gemeentelijke Watertaken (2008).Deze wet is een wijziging op drie bestaande wetten:de Wet Milieubeheer (WM), de Wet op de waterhuishouding(Wwh) en de Gemeentewet.De nieuwe wet zorgt ervoor dat de gemeente eengrotere rol in het stedelijk waterbeheer krijgt.De Wet Gemeentelijke Watertaken benoemt devolgende hoofdtaken voor de gemeente:> Verbrede zorgplicht riolering/afvalwater (WM)> Nieuwe zorgplicht voor afvloeiend hemelwater(Wwh)> Nieuwe zorgplicht voor grondwaterVerbrede zorgplichtriolering/afvalwater (WM)De gemeente heeft een zorgplicht voor het inzamelenvan afvalwater door middel van een openbaar vuilwaterrioolen voor het transport hiervan naar eenwaterzuiveringsinstallatie. De gemeente kan in plaatsvan een openbaar vuilwaterriool ook kiezen voorafzonderlijke systemen of andere passende systemen(zoals IBA’s), als daarmee eenzelfde graad vanmilieubescherming wordt bereikt. Dit moet dan blijkenuit het GRP. Als het inzamelen en transporteren vanafvalwater in delen van het buitengebied niet doelmatigverloopt, kan de gemeente van de provincieeen ontheffing krijgen van de zorgplicht.Nieuwe zorgplicht voor afvloeiendhemelwaterDe gemeente moet ook een voorziening aanbiedenwaarin het regenwater geloosd kan worden. Opparticulier terrein is de eigenaar in eerste instantiezelf verantwoordelijk voor de afvoer van regenwater,bij voorkeur naar oppervlaktewater of in de bodem(infiltratie). Pas als dit redelijkerwijs niet van hemkan worden gevraagd, heeft de gemeente een taakom het afvloeiende regenwater verder af te voerenvanaf de grens van het perceel. Op openbaarterrein is de gemeente zelf verantwoordelijk voorde afvoer van regenwater. Het type voorzieningdat de gemeente inzet, maakt voor de zorgplichtniet uit. De gemeente Groningen geeft de voorkeuraan een gescheiden riool om het regenwater nietonnodig te vervuilen. Deze voorkeur volgt uit hetregenwaterbeleid en de hierin uitgesproken voorkeursvolgorde.Nieuwe zorgplicht voor grondwaterDe gemeente moet er volgens de Wet GemeentelijkeWatertaken voor zorgen dat in openbaar bebouwdgebied structurele problemen als gevolg van grondwaterzo veel mogelijk worden voorkomen of beperkt.Er is sprake van een structureel probleem als doorde grondwaterstand de normale gebruiksfunctievan de grond wordt aangetast, zoals wonen,werken en infrastructuur. De wet gaat niet over degevolgen van wateroverlast voor ondergrondsefuncties, zoals parkeergarages, tunnels en andere(grotendeels) ondergrondse bouwwerken.De gemeente voert het grondwater via het openbareontwateringstelsel af naar het oppervlaktewater,de bodem (infiltratie) of het riool.Licht vervuild grondwater kan worden gezuiverd ineen zuiveringsfilter of een helofytenfilter (natuurlijkewaterzuivering met behulp van moerasplanten).Verontreinigd grondwater moet worden afgevoerdnaar een rioolwaterzuivering (rwzi).De zorgplicht geldt niet voor particulier gebied.Eigenaren zijn zelf verantwoordelijk voor een goedestaat van hun percelen en gebouwen en moeten


zelf de benodigde waterhuishoudkundige en/ofbouwkundige maatregelen treffen. Er zijn bepaaldesituaties waarin dergelijke maatregelen niet afdoendeof niet doelmatig zijn en waarin het grondwatermoet worden afgevoerd. De gemeente verzameltdit water en zorgt voor de afvoer ervan.1.2.2 Overige betrokkenenIn deze subparagraaf bespreken we de rollen enverantwoordelijkheden van de overige betrokkenen.Eigenaren van woningen of bedrijfsgebouwenBurgers zijn primair zelf verantwoordelijk voor hetgrondwater van het eigen perceel. Zij moeten zorgendat hun woning of bedrijfsgebouw waterdichtgebouwd wordt. Als zich toch grondwaterproblemenvoordoen, zijn zij in eerste instantie zelf verantwoordelijkvoor het waterdicht maken van kelders,het aanleggen van ontwateringsvoorzieningen ophet eigen terrein, het onderhouden van de fundering,etc. Deze verantwoordelijkheid geldt ook voor hetregenwater. De gemeente is niet verplicht dit in tezamelen en kan eigenaren via een verordeningvragen zelf voor een voorziening te zorgen.Drinkwaterbedrijf/grote grondwateronttrekkersDrinkwaterbedrijven onttrekken water uit de gronden hebben daarvoor een vergunning nodig van deprovincie. Houders van grondwateronttrekkingsvergunningendie hun grondwateronttrekking willenverminderen, beëindigen of starten, moeten dit zovroeg mogelijk melden bij de provincie. Zij kan dantijdig rekening houden met de veranderingen in degrondwaterstand die te verwachten zijn. Vanuit zijnpositie in de waterketen is het drinkwaterbedrijfeen zogenoemde ‘waterpartner’ en daarmee eenvaste gesprekspartner van de gemeente.WaterschappenWaterschappen zijn verantwoordelijk voor hetoppervlaktewaterbeheer, zowel kwantitatief alskwalitatief. Daarnaast brengen zijn hun (grond)-waterkennis in het ruimtelijke planproces in via dewaterkansenkaart en de watertoets. Ook moeten zijmaatregelen treffen voor de afwatering in bebouwdgebied. Ten slotte zijn de waterschappen medeverantwoordelijkvoor het oplossen van de stedelijkewateropgave voor oppervlaktewater in bestaandstedelijk gebied. In en rond de stad zijn twee waterschappenactief: Hunze en Aa’s en NoorderzijlvestProvincieDe provincie is verantwoordelijk voor het strategische(grond)waterbeheer, het regionaal grondwater ende grondwaterkwaliteit. Ook is de provincie bevoegdgezag voor grondwateronttrekkingen.1.3 BELEIDSINSTRUMENTENWatertoetsDe watertoets is een wettelijke verplichting omruimtelijke ontwikkelingen en plannen te toetsen opde effecten op de waterhuishouding. Hiervoor is ineen vroeg stadium van de planvorming afstemmingnodig met de waterbeheerder. Aandachtspuntenhierbij zijn oppervlakte- en grondwater op de locatie,het gevaar van overstroming vanuit de omgeving,wateroverlast als gevolg van neerslag of grondwater,waterkwaliteit en verdroging. De waterbeheerdertoetst de plannen op de gevolgen van water en kanzonodig de initiatiefnemer vragen nader onderzoek tedoen. Het advies van de waterbeheerder is bindend.Ook bij bestemmingsplannen die een kader vormenvoor ruimtelijke ontwikkelingen is het belangrijk datde kaders voor water vooraf helder zijn. Het resultaatvan de watertoets wordt in dit geval vastgelegd ineen waterparagraaf in het bestemmingsplan.7WATERWERK >


WATERSTRUCTUURPLAN WESTRAND > Water tussen stad en landelijk gebiedVoorbeeldproject 18WATERWERK >De afgelopen jaren zijn er in het westenvan de stad Groningen enkele nieuwewijken aangelegd, zoals De Piccardthof,Buitenhof, Ruskenveen, De Held, Gravenburgen Reitdiep De Eilanden. Stuk voorstuk prachtige, moderne wijken, omgevendoor groen. Er is ook veel water aanwezig,denk aan de Piccardthofplas, devijvers in Vinkhuizen en het water in dewijk Reitdiep. Water op de grens van staden landelijk gebied.WaterstructuurplanDoor de vele nieuwe bebouwing was hetnodig de waterhuishouding aan te passenaan de nieuwe (woon)functie. Op deafbeelding is het plangebied Westrandomgeven door een rode stippellijn.Ook Hoogkerk en de wijk Vinkhuizenmaken deel uit van het plangebied.Voor de Westrand hebben we een waterstructuurplanopgesteld waarin hetstedelijke water onderling wordt verbonden.Vaak via sloten en soms via buizenonder de grond. Dit watersysteem isvervolgens aangesloten op het watersysteemvan het aangrenzende buitengebied.Het plan is bedoeld om het risicoop overstromingen en wateroverlast teverminderen, de noodzaak tot waterafvoerte verminderen en om de waterkwaliteitin de wijken te verbeteren.Het plan vergroot de veiligheid, versterktde kansen van de natuur en maaktwoonmilieus aantrekkelijker.Ook wordt momenteel een centralewaterader aangelegd, die loopt vanafhet Omgelegde Eelderdiep naar hetReitdiep. Hierdoor kan in de nabijetoekomst schoon water vanuit Drenthedoor de wijken aan de Westrand lopen.Als gevolg van de afstemming van hetwatersysteem over een groter gebiedkrijgen de bewoners van Vinkhuizen veelminder te maken met riooloverstorten.Stinkende openbare vijvers behorenhierdoor straks definitief tot het verleden.Een eventuele restvervuiling wordtgeëlimineerd in een ‘helofytenfilter’ in deEelderbaan. Dit is een natuurlijk filter vanmoerasplanten, zoals riet en lisdodde,waarin het water wordt gezuiverd doorbezinking en omzetting door bacteriën.Ruskenveen wordt met afzonderlijkewatercircuits gekoppeld aan bestaandwater in het aangrenzende gebied.Zo kan de zwemplas dienen als buffervoorraadmet schoon water voor dezuidelijke wijken van Hoogkerk.PUREDe aanleg van een duurzaam watersysteemin de westelijke stadsrandvan Groningen werd mogelijk gemaaktdoor Europese subsidies (Interreg-IIIBprogramma).Groningen werkte hiervoorsamen met Deventer, Newcastle enGöteborg aan het project PURE (Planningfor Urban-rural River Environments).Dit project was gericht op het realiserenvan duurzame watersystemen in de stadsranden het uitwisselen van kennis overde specifieke problematiek van wateren ruimtelijke ordening daarbij.Daarbij ging het om vraagstukken als:> Hoe creëer je samenhangende,duurzame watersystemen?> Hoe gebruik je water als leidendprincipe voor de ruimtelijke ordening?> Hoe kun je multifunctionaliteituitwerken in het waterbeheer?> Hoe richt je de overgangszonestussen stad en landschap in?> Hoe organiseer je de uitvoeringinteractief met de betrokkenen?De gezamenlijke visie is verwoord inde nota ‘Water connects’. Ook zijn erdiverse deelnota’s verschenen overonderwerpen als participatie, duurzaamwaterbeheer en multifunctionaliteit.Het gehele watersysteem in de Westrandis per 2010 functioneel.


WaterparagraafIn de bestemmingsplannen in Groningen moet eenwaterparagraaf zijn opgenomen. Een vast onderdeelhiervan zijn eisen ten aanzien van de riolering.Bij nieuwbouw en herinrichting moet het rioleringsstelselgescheiden worden aangelegd. Het regenwatermoet worden afgevoerd naar het oppervlaktewater.Dit kan rechtstreeks met een (dichte) rioolbuis,maar de gemeente geeft de voorkeur aan hetinfiltreren van regenwater in de bodem, om deafstroming van regenwater te vertragen en hetwater vast te houden in de bodem. Bijkomend voordeelvan een dergelijke ‘bodempassage’ is dat deeventuele vervuiling in het regenwater gezuiverdwordt door de bodem. Infiltratie kan door middelvan een infiltratieriool, via ‘waterkrattenen wadi’s.Daarnaast stimuleert de gemeente de toepassingvan vegetatiedaken. Een vegetatiedak draagt bijaan het principe van het vasthouden, vertragen enbergen van water. Ook dragen deze daken bij aaneen groenere stad.9WATERWERK >De waterparagraaf bevat ook een beschrijving vande grondwaterhuishouding. Zo wordt aangegevenwat het peil is in het bestemmingsplangebied enhoe de sloten en vijvers moeten worden ingericht.Een ecologische inrichting van oevers heeft devoorkeur. Dit betekent een flauw talud en eventueeleen plasberm. Op deze manier kan er in de vijversen sloten meer water worden geborgen. Bovendienleveren ecologische oevers een positieve bijdrageaan de waterkwaliteit.VerordeningDe Wet Gemeentelijke Watertaken biedt de mogelijkheideen verordening in te zetten als instrument omhet ‘zelf verwerken’ van regen- en grondwater tebevorderen. Zo kunnen er in een verordening regelsworden gesteld voor het aanbieden van regen- engrondwater door particulieren of bedrijven en voorhet beschermen van bodem en riool. Ook kan hierinworden opgenomen op welke termijn de perceelseigenaarzelf een voorziening moet treffen.HeffingMet de ‘Wet verankering en bekostiging gemeentelijkewatertaken’ is er sinds een januari 2008 eennieuw heffingenstelsel in plaats van het rioolrecht.Deze heffing kan als beleidsinstrument wordeningezet. Bijvoorbeeld door gedifferentieerd te heffenop basis van verhard oppervlak. Door de heffing opdeze wijze in te zetten, kan de gemeente stimulerendat perceelseigenaren met een groot verhardoppervlak een voorziening treffen voor het benutten,vasthouden of bergen van regenwater.


10WATERWERK >


2• • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • •EVALUATIE WATERPLAN 2003 - 20072.1 BELEIDSDOELEN PER THEMAIn 2003 is het eerste Waterplan van de gemeenteGroningen vastgesteld. Dit plan, voor de periode2003 tot 2007, had vooral een beleidsmatig karakter.Het was bedoeld om de verschillende aspecten vanhet waterbeleid te verkennen en uit te werken voorde gemeentelijke organisatie en voor de uitvoering.Het Waterplan bestond naast een integrale visieop de belangrijkste beleidsdoelen voor het water,uit een jaarlijks uitvoeringsprogramma. In hetWaterplan waren de beleidsdoelen voor 2010gekoppeld aan acht thema’s.In dit hoofdstuk beoordelen we aan de hand vandeze thema’s hoe het anno 2008 staat met de beleidsdoelen.Daarnaast geven we een korte beschouwingop de gekozen vorm van de organisatie rond hetWaterplan.De acht thema’s uit het Waterplan 2003 - 2007 zijn:> Waterrijk ruimtelijk ordenen> Functioneel oppervlaktewaterbeheer> Water onder de grond> ‘Voorbij de basisinspanning’> Integraal beheren> Watervriendelijk bouwen> Monitoren> CommunicatieHieronder een korte evaluatie per thema.2.1.1 Waterrijk ruimtelijk ordenenEen belangrijke uitwerking van waterrijk ruimtelijkordenen zijn de diverse waterstructuurplannen.In deze plannen wordt het kader uitgewerkt waarbinnende waterstructuur kan worden verbeterd.De uitgangspunten hierbij zijn:> Scheiden van schoon en vuil water.> Vasthouden van schoon water in het gebied; deinvloed van gebiedsvreemd water minimaliseren.> Versterken van de veerkracht van het watersysteemdoor de samenhang te vergroten.Op dit moment zijn er drie waterstructuurplannenklaar: voor Noorddijk, Westrand en Meerstad.Het waterstructuurplan Westrand is grotendeelsgerealiseerd. In de laatste fase wordt aansluitinggezocht bij de bouw van de nieuwe wijken in deWestrand. Waterstructuurplan Noorddijk is klaarvoor de uitvoering, die in 2009 start. Er is een keuzegemaakt uit twee scenario’s. WaterstructuurplanMeerstad vormt de basis voor het te ontwikkelenschoonwatersysteem rond het nieuwe meer.De aanleg hiervan loopt parallel aan het realiserenvan de deelplannen in Meerstad.Verder wordt in 2008 voor Groningen-Zuid gestartmet het ontwikkelen van het waterstructuurplanDrentsche Aa. Dit is een concrete uitwerking vande waterplannen van de beide betrokken gemeenten(Groningen en Haren).Bij ruimtelijke plannen wordt het effect op hetwater in de regel vroegtijdig aan de orde gesteld.Bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen is eenWatertoets verplicht. Voor bestemmingsplannenresulteert dit in een waterparagraaf, waarin wordtvastgelegd hoe het integraal waterbeheer in hetplan wordt uitgewerkt.2.1.2 Functioneel oppervlaktewaterVoor het thema functioneel oppervlaktewater hebbenwe in de planperiode van het eerste Waterplan eenfunctiekaart gemaakt, waarop de waterfuncties inde gemeente zijn toegewezen. Deze functiekaart iste vinden in paragraaf 6.3.11WATERWERK >


MEERSTAD > Een meer met verschillende gezichtenVoorbeeldproject 212WATERWERK >Ten oosten van de stad Groningen,grotendeels op het grondgebied vande gemeente Slochteren, verrijst dekomende twintig jaar Meerstad.Wat nu nog landbouwgebied is, transformeertde komende jaren tot eenlandschap met daarin 10.000 woningen,bedrijventerreinen, infrastructuur, natuuren recreatieve voorzieningen.Centraal in Meerstad wordt een meeraangelegd met een oppervlakte van ruim600 ha, qua omvang vergelijkbaar methet Zuidlaardermeer. Het nieuwe meer isbedoeld voor recreatie en waterberging.Na jaren van planontwikkeling en voorbereidingwerd in het najaar van 2005groen licht gegeven om te starten metde uitvoering van het MasterplanMeerstad. Hiertoe werd een samenwerkingsovereenkomstondertekenddoor private partijen en lokale overheden.Meerstad is door het Ministerie vanVROM aangemerkt als een van devoorbeeldprojecten in Nederland voorkansrijke en onderscheidende gebiedsontwikkeling.Het gebied zal in fasenworden ontwikkeld.Het meerUitgangspunt bij het ontwerp van hetwatersysteem van Meerstad was dekwaliteit van schoon water.Het stedelijk (regen)water wordt via denatuurgebieden naar het meer afgevoerd.Deze natuurgebieden functioneren hierbijals zuiveringsmoerassen.De aanleg van het meer leidt tot hogerewaterpeilen in het omliggende gebied.Om dit te compenseren, komt er rond debestaande bebouwing een kwelgebied.Vanwege de goede kwaliteit van hetregionale kwelwater zijn hier bijzonderenatuurwaarden te verwachten.Het nieuw aangelegde meer kan vanaf2025 in tijden van overvloedige neerslagook worden benut als waterbergingsgebied.Als de waterstand in het boezemsysteemvan het Eemskanaal en hetWinschoterdiep te hoog dreigt te worden,kan deze verlaagd worden door hetovertollige water tijdelijk in het meer vanMeerstad te laten stromen. Het meerwordt zo aangelegd dat in tijden vannood de waterstand in het meer meteen halve meter kan worden verhoogd.Het 600 ha grote meer levert dus eentijdelijke opslagcapaciteit van maarliefst 3 miljoen m 3 water. De verwachtingis overigens dat het meer hooguit eensper honderd jaar als waterbuffer moetworden ingezet.


Daarnaast hebben we uitgewerkt hoe bij elke waterfunctiede watergangen moeten worden ingericht.Op basis van een ecoscan uit 2004 hebben we eenvergelijking gemaakt tussen de bestaande situatieen de streefdoelen. Hiermee konden we een eersteinschatting maken van de mate waarin het huidigewatersysteem aan de beleidsdoelen voldoet.Aan de hand hiervan hebben we maatregelenvastgesteld en de prioriteiten benoemd.Een groot deel van deze maatregelen zijn in ditGWRP opgenomen. We hebben inmiddels ook eenbegin gemaakt met het uitwerken van de beheersmethodenper functie (zie ook hoofdstuk 6).2.1.3 Water onder de grondIn de afgelopen planperiode hebben we een ruweinventarisatie opgesteld van de grondwaterproblemendie bij de betrokken overheden bekendzijn. Dit heeft niet een compleet beeld opgeleverd,omdat de regie tot nu toe ontbrak, vooral bij hetondiepe grondwater. We hebben daarom in 2008het grondwaterbeleid op basis van de nieuwe wetGemeentelijke Watertaken verder uitgewerkt.De voorstellen hieruit hebben we opgenomen inhoofdstuk 5.2.1.4 ‘Voorbij de basisinspanning’De basisinspanning was een aanbeveling van deCommissie Integraal Waterbeheer (CIW) in de jarennegentig over de gewenste capaciteit van gemengderioolstelsels. Deze landelijke norm moest de riooloverstortproblematiekverminderen. Het streefjaarvoor de realisatie was 2005. De basisinspanningkon worden gerealiseerd door minder regenwaterop het riool te brengen (‘afkoppelen’) of door debergingscapaciteit te verhogen door civiel-technischeaanpassingen.Uit een inventarisatie bleek dat overal in Groningenruim wordt voldaan aan de basisinspanning.Een verklaring hiervoor is dat nieuwe stadsuitleg alsinds 1995 als regel wordt afgekoppeld. Bij nieuwewijken wordt een gescheiden rioolstelsel aangelegd,waarmee het regenwater wordt afgevoerd naar hetlokale oppervlaktewater. Verder zijn sinds 1999 inhet kader van stads- en wijkvernieuwing diversestraten en wijkdelen van de bestaande stad afgekoppeld,zoals delen van Vinkhuizen, Paddepoel,Corpus den Hoorn en de Concordiabuurt.Dit beleid zetten we de komende jaren onverminderdvoort.In Groningen is de lat daarom iets hoger gelegd dande basisinspanning. De basisinspanning is in feiteeen gemiddelde norm, waardoor er plaatselijk nogsteeds capaciteitsproblemen kunnen voorkomen.13WATERWERK >


14WATERWERK >Om deze in kaart te brengen, hebben we voor allebemalingsgebieden een basisrioleringsplan opgesteld.In deze plannen is per bergingsgebied hetaangesloten verhard oppervlak, het aantal inwoners,het aantal woningen en de bergingscapaciteit inhet stelsel zelf beschreven. Daarnaast bevatten dezeplannen maatregelen om meer inzicht te krijgen in dewerking van het rioolstelsel, maatregelen voor hetreduceren van de vuiluitworp en maatregelen voorde hydraulische optimalisatie van het rioolstelsel.Verder hebben we aandacht gegeven aan hetsaneren van de nog steeds voorkomende rechtstreekselozingen op het oppervlaktewater, zoals inhet buitengebied en bij woonschepen.Samen met de waterschappen en de omliggendegemeenten hebben we in de afgelopen planperiodebeleid ontwikkeld voor het ongerioleerde buitengebied.Hier hebben we in totaal 67 IBA-systemengeplaatst (IBA staat voor individuele behandelingafvalwater). Dankzij deze systemen kunnen huishoudenshun eigen afvalwater zuiveren, zodat zeniet aangesloten hoeven te worden op het riool.Veel energie hebben we gestoken in de voorbereidingenvoor het saneren van de rechtstreekselozingen door woonschepen. Het heeft veel tijdgekost om de uitkomsten van overleg met allebetrokkenen technisch uit te werken.Er waren verschillende visies op de effectiviteit vande maatregel en op de techniek van de verschillendesystemen. Verder bleek vooral de principiële vraagover de uiteindelijke verantwoordelijkheid van dewaterbeheerders een lastig obstakel. Inmiddels ishiervoor een oplossing gevonden, in de vorm vaneen concreet project. Het doel is om in ieder gevalper 1 januari 2009 de rechtstreekse lozingen op hetoppervlaktewater te hebben gesaneerd, gelijktijdigmet de verplichte sanering van de afvalwaterlozingenvan de pleziervaart.2.1.5 Integraal beheerIn de afgelopen planperiode is de afstemming opgang gekomen tussen de verschillende beheerdersvan het stedelijk water. Het uitgangspunt hierbij wasdat er binnen de gemeente geen grote verschillenin aanpak zouden blijven bestaan. Nadat in 2005al een deel van het stedelijk water aan het waterschapNoorderzijlvest was overgedragen, is in 2007de inventarisatie gestart voor de verdere overdracht.Het project ‘Overdragen watergangen en waterpartijen’is inmiddels in volle gang, evenals hetuitwerken van de onderhoudsovereenkomsten.Ook moest het beheer worden afgestemd op deonderscheiden functies van het water in de stad.We hebben een begin gemaakt met het beschrijvenvan beheer en onderhoud op basis van functies,vergelijkbaar met het beheer en onderhoud vande openbare ruimte in Groningen (BORG). Dit wordtde komende planperiode verder uitgewerkt.2.1.6 Watervriendelijk bouwenDuurzaam bouwen had in de gemeente tot nu toeeen lage prioriteit. Daardoor is het in de afgelopenperiode slechts beperkt opgenomen in bouwvoorschriftenen bestemmingsplannen, met uitzonderingvan energiemaatregelen.Toch is in verschillende projecten en plannenaandacht geweest voor duurzaam waterbeheer.Het eerste voorbeeld was de inrichting van hetwatersysteem van de nieuwe woonwijk rond dePiccardthofplas. Inmiddels is vlak daarbij hetMartiniziekenhuis gebouwd, waar op grote schaalregenwater is afgekoppeld. De totale waterhuishoudingvan de wijk Corpus den Hoorn kon hierdoorworden aangepast, waarmee het Stadspark konworden voorzien van de aanvoer van kwalitatiefhoogwaardig water.Eemspoort was het eerste bedrijventerrein waar


egenwater grootschalig werd afgekoppeld.Met dit schone water wordt de voormalige Hunzeloopin een ecologisch groengebied gevoed, zodathier zeer bijzondere waterkwaliteiten ontstaan.De Hunze fungeert hier ook als bergingsgebied.Het project ‘Vegetatiedaken’ is pas in 2008 van degrond gekomen. Tot die tijd werden hier en daarenkele vegetatiedaken gerealiseerd, maar niet opgrote schaal.In het kader van het duurzaamheidbeleid is eenproefproject gestart voor het subsidiëren vanparticuliere groendaken. Als dit project goedverloopt, volgt hieruit een opgave voor de komendeplanperiode.2.1.7 MonitorenIn 2005 is op zestig locaties in de gemeente dekwaliteit van het water beoordeeld volgens deEbeostad-methode.Dit is een expertmethode waarbij de waterkwaliteitwordt getoetst aan de beoogde functie van hetwater. Hoewel er geen ernstige tekortkomingenwerden vastgesteld, bleek wel dat op veel plaatsende beoogde waterkwaliteit nog niet gehaald werd.Ook in 2005 is het Monitoringsplan Riooloverstortenopgesteld, met als doel inzicht te krijgen in dewerking van de riolering, als vervolg op de basisinspanning.In het monitoringsplan is beschrevenhoe het riool in Groningen wordt gemonitord:wat wordt er gemeten, waar en waarom. Ook isaangegeven wat er met deze waarnemingen wordtgedaan.2.1.8 CommunicatieIn het eerste Waterplan waren ook doelstellingenopgenomen op het gebied van communicatie.De communicatie was onder andere gericht op hetvergroten van kennis bij de betrokkenen (over hetwaterplan en de waterproblematiek), het opbouwenvan draagvlak voor het waterplan en het verbeterenvan de samenwerking tussen de waterpartners.Bij het creëren van een duurzaam watersysteemvinden we het ook belangrijk dat de burgers zichhierbij betrokken voelen. We willen hun bewustzijnversterken dat water belangrijk is.In de planperiode hebben we enkele malen opWereldwaterdag een manifestatie georganiseerdom het waterbeleid beter bij het publiek bekendte maken. Het effect hiervan is echter niet goedmeetbaar.Om het bewustzijn van de waarde van water bijburgers te versterken, hebben we ze gestimuleerdom zelf een concrete bijdrage aan het watersysteemte leveren. Zo kunnen particulieren hun eigen15WATERWERK >


perceel afkoppelen of regenwater gebruiken voorlaagwaardige toepassingen zoals het besproeienvan de tuin, het wassen van de auto en het doorspoelenvan het toilet.16WATERWERK >De landelijke actie ‘Een ton voor water’ speeldehierop in. Bij deze actie werden regentonnenverkocht en ging een deel van de opbrengst naareen waterproject in de derde wereld. Zo is eenwaterbron in Niger gerealiseerd. Nadat de landelijkeactie werd beëindigd, hebben we de actie opgemeentelijke schaal voortgezet. Inmiddels zijncirca 1.500 regentonnen afgezet.Ook hebben we het boekje ‘Waterscheiding’ uitgegeven.Dit boekje geeft antwoord op vragen vanbewoners in wijkvernieuwingsprojecten. Hetboekje is gratis verkrijgbaar en wordt als informatiemateriaalverspreid bij afkoppelprojecten.We hebben meegewerkt aan het project ‘Adaptiefwaterbeheer’ van adviesbureau TAUW. Doel vanhet project was om via interactieve discussie metbewoners en waterbeheerders het draagvlak voorconcrete projecten te bevorderen. De gesprekkenover de vijvers in Lewenborg en de afvalwaterlozingvan woonschepen hebben geleid tot concreteresultaten in de vorm van projectvoorstellen.In Lewenborg zijn deze voorstellen opgenomen inhet waterstructuurplan Noorddijk. Het onderdeel‘Watertuinen’, met daarin diverse ideeën voorwatervriendelijke groeninrichting, is niet gerealiseerdbij gebrek aan belangstelling vanuit de bewoners.Voor de problematiek van de afvalwaterlozing vande woonschepen wordt momenteel een proefprojectgedaan.In het kader van het NME-beleid hebben we in 2004een waterspel ontwikkeld. Het spel geeft inzicht inde consequenties van de klimaatveranderingen ophet waterbeheer. Het spel is diverse malen met


verschillende gezelschappen gespeeld, waaronderook bestuurders en ambtenaren.ConclusieVanwege de sterk wisselende resultaten van devoorlichtingsactiviteiten, hebben we in de afgelopenplanperiode besloten de communicatie zo veelmogelijk te koppelen aan concrete projecten.Voorbeelden hiervan zijn de Waterdag van 2004(naar aanleiding van het waterstructuurplanWestrand), de Open Riooldag in 2007 (met alsaanleiding de start van het project Waterslag) ende installatie van een educatieve grondwatermeterin de Hunzezone.2.2 ORGANISATIEWaterpasDe start van het integraal waterbeheer in Groningenwas de ondertekening in maart 1998 van eengemeenschappelijke intentieverklaring door dewaterpartners. De samenwerking bij het opstellenen uitvoeren van het beleid is georganiseerd doorde projectorganisatie Waterpas. Het beleid wordtafgestemd in een stuurgroep en een projectgroep,terwijl in een managementoverleg incidenteel overde concrete uitvoering wordt gesproken.Om de samenwerking te bevorderen, geeft Waterpasvanaf 2005 een ‘smoelenboek’ uit, met contactgegevensvan de betrokken organisaties.De meerwaarde van de werkwijze blijkt vooral uithet reguliere contact, die een optimale afstemmingen communicatie tussen de waterbeheerders opambtelijk en bestuurlijk niveau mogelijk maakt.Vooral in de gezamenlijke ontwikkeling van hetbeleid is de afgelopen jaren procedurele winst enpraktisch resultaat gehaald. Bij de gemeente is eenwatercoördinator aangesteld die de samenwerkingin de uitvoering van het GWRP verder moetversterken.WaterloketIn 2005 is onderzoek gedaan naar de effectiviteitvan de behandeling van vragen en klachten vanburgers over water.Hierbij bleek dat de bereikbaarheid van de waterpartners(zoals de gemeente, de waterschappenen het waterbedrijf) zeer goed was, maar dat hetontbrak aan een adequate afhandeling van deklachten, vooral vanwege een gebrek aancoördinatie tussen de betrokken partijen.Vanaf oktober 2006 is de informatie- en klachtenbehandelingvan de waterbeheerders in degemeente Groningen beter onderling afgestemd.Burgers met vragen over water, bijvoorbeeld overzwerfvuil in een vijver of overlast door grondwater,kunnen terecht bij het gemeentelijke loket Beheeren Verkeer.Dit loket speelt de vraag door naar de juistegemeentelijke afdeling of waterpartner en zieterop toe dat de vraag tijdig wordt beantwoord.17WATERWERK >


18WATERWERK >


3• • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • •BELEIDSKADER3.1 INLEIDINGHet belang van water is de afgelopen tijd breedonder de aandacht gekomen, onder andere doorde discussie over de klimaatontwikkelingen en doorde film ‘An Inconvenient Truth’ van Al Gore.Deze aandacht is tot uitdrukking gekomen in veelnieuw beleid en aangepaste wet- en regelgeving.Zowel voor de waterkwantiteit als -kwaliteit ligt erin Nederland een grote opgave. Een deel van dezeopgaven valt onder de verantwoordelijkheid vangemeenten. De op Europees en landelijk niveauuitgezette beleidslijnen worden in dit nieuweGemeentelijke Water- en Rioleringsplan (GWRP)vertaald in concrete projecten en maatregelen.Voor het grondgebied van de gemeente Groningenzijn al veel plannen van toepassing. Het GWRPheeft in dit stelsel van plannen een eigen plek.De positie van het GWRP is een andere dan die vanhet voorgaande waterplan. Ten eerste omdat het eengeïntegreerd plan is, ten tweede omdat het veelmeer uitvoeringsgericht is dan het vorige waterplan.In dit hoofdstuk beschrijven we de positie van hetGWRP door de beleidscontext te schetsen.We gaan achtereenvolgens in op het Europesebeleidskader (paragraaf 3.2), het nationale beleidskader(paragraaf 3.3), het regionale beleidskader(paragraaf 3.4) en ten slotte het lokale beleidskader(paragraaf 3.5).De beleidskaders die we in dit hoofdstuk bespreken,hebben we in de tabel hieronder per thema weergegeven.3.2 EUROPEES BELEIDSKADERKaderrichtlijn Water (KRW)De Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) is bedoeldom de kwaliteit van het grond- en oppervlaktewaterin Europa op goed niveau te brengen en te houden.Tabel 3.1 - BELEIDSKADERWaterkwaliteitWaterkwantiteitStedelijk waterEUROPEESKaderrichtlijn Water(KRW)In de richtlijn is omschreven wat de chemische enecologische toestand van het water in 2015 moet zijn.Sinds het najaar van 2006 zijn ook de gemeentenactief betrokken bij de KRW. De waterschappenmoeten voor 2009 een stroomgebiedbeheersplan(SGBP) opstellen en de benodigde maatregelen,doelen en kosten in beeld brengen. Deze maatregelenzijn taakstellend voor de betrokken overheden.Naar verwachting leidt de KRW voor de gemeenteGroningen niet tot nieuw beleid bij de gemeentelijkeNATIONAALNationaal BestuursakkoordWater (NBW)Watervisie kabinetCommissie Waterbeheer21e eeuw(WB21)Watervisie kabinetNationaal BestuursakkoordWater (NBW)Wet gemeentelijkewatertakenWatervisie kabinetREGIONAALWaterbeheersplannenWaterschappenLandschapsontwikkelingsplanGroningen (LOP)WaterbeheersplannenWaterschappenLandschapsontwikkelingsplanGroningen (LOP)Regionaal BestuursakkoordWater (RBW)Notities stedelijk waterNZV/H&ALOKAALGroninger Water- enRioleringsplan (GRP)StructuurvisieGroenstructuurvisieGroninger Water- enRioleringsplan (GRP)StructuurvisieGroenstructuurvisie19WATERWERK >


BAGGEREN VAN DE STADSWATEREN > Stadswater dieper en schonerVoorbeeldproject 320WATERWERK >De stadswateren van Groningen zijn inhet verleden verontreinigd door bedrijfsactiviteiten,lozingen van ongezuiverdafvalwater, scheepvaart en verkeer.Daarom zijn hier van 2001 tot 2008baggerwerkzaamheden uitgevoerd inhet kader van de het project ‘baggerenstadswateren Groningen’. Dit project iseen samenwerkingsverband tussenwaterschap Hunze & Aa’s, waterschapNoorderzijlvest, gemeente Groningen enprovincie Groningen.Het saneringsplan voor de stadswaterenis vlak na de millenniumwisseling opgesteld.Basis hiervoor waren het naderwaterbodemonderzoek van de provincieGroningen (1997) en de watervisie opde stadswateren van de gemeenteGroningen (2000). Het Ministerie vanVROM stelde waterbodemgeldenbeschikbaar.Het project had drie doelstellingen: hetverwijderen van matig tot sterk verontreinigdslib, het zorgen voor voldoendevaardiepte en het waarborgen van deaan- en afvoer van water.De verwijderde bagger kon grotendeelsworden afgevoerd naar IJsseloog, eengroot baggerdepot in het Ketelmeer.Deze bestemming maakte een snelleaanpak mogelijk, en dat is een van desuccesfactoren van het project.Als eerste is het Reitdiep aangepakt.Deze fase gold als een leertraject.Kennis en inzichten die in deze fasewerden ingedaan, werden toegepastin de volgende fasen. Een voorbeeldhiervan is het innovatieve karakter vande manier van aanbesteden met eenplan van aanpak met daarin naast hetstandaard RAW-bestek, extra kwaliteitseisen.Een extra opgave in het project was hetzorgvuldig verplaatsen van de velewoonschepen in de binnenstad. In deDiepenring zijn in totaal 180 woonschepentijdelijk verplaatst. In de Oosterhaven iseen drijvende steiger in gebruik genomenom woonschepen tijdelijk te ‘parkeren’.Zo kwam er ruimte in de grachten om tebaggeren en voor de doorvaart van debaggerpontons, nodig voor de afvoervan de bagger.Het project heeft geleid tot een schonewaterbodem die geen vervuilende stoffenmeer bevat. Ook de waterkwaliteit isverbeterd, waardoor zich weer een goedecosysteem kan ontwikkelen.Planten kunnen weer groeien en vissenkunnen er weer goed leven. Bovendienis het aanzien van de grachten verbeterd.Om deze resultaten te onderstrepen,hebben de vier samenwerkende partijeneen ecologisch waterkunstwerk geplaatstin het verbindingskanaal bij het GroningerMuseum. Het kunstwerk is mede bedoeldom inwoners en bezoekers van de stadbewust te maken van het belang vaneen goede waterkwaliteit.Daarnaast heeft het project geleerd datnaast een goede voorbereiding eenflexibel, goed communicerend, ‘lerend’team erg belangrijk is voor een succesvolleafloop.


watertaken. De gemeente is geen beheerder van degebieden die tot een waterlichaam behoren, er zijngeen overstorten meer aanwezig in kwetsbaar gebieden de gemeente zet al sinds 2003 in op het verbeterenvan de binnenstedelijke waterkwaliteit. Wel heeftde raad in 2008 besloten om het huidige beleid vanafkoppelen in te zetten als KRW-maatregel.In 2008 is eenmalig een stimuleringsrichtlijn voorde KRW in het leven geroepen, de zogenaamde‘synergiegelden’. In Groningen is hiermee detweede fase van het waterstructuurplan Noorddijkgefinancierd.3.3 LANDELIJK BELEIDSKADERCommissie waterbeheer 21e eeuwAan het eind van de 20e eeuw werd Nederlandgetroffen door enkele ernstige gevallen van wateroverlast.De Commissie Waterbeheer 21ste eeuwheeft op verzoek van het Rijk onderzocht welkemaatregelen genomen kunnen worden om Nederlandook in de toekomst veilig en leefbaar te houden.De adviezen van de commissie staan in het rapport‘Waterbeleid voor de 21ste eeuw’. De commissieadviseert onder meer rekening te houden met hetveranderende klimaat, water zo veel mogelijk vastte houden in het eigen gebied en de stedelijkewateropgave in beeld te brengen.De uitwerkingen van het landelijke programma‘Waterbeheer in de 21e eeuw’ zijn onder andereterug te vinden in het Regionaal BestuursakkoordWater en de opgaven die voortkomen uit deWet Gemeentelijke Watertaken.Nationaal Bestuursakkoord Water (NBW)Ontwikkelingen zoals klimaatverandering, de zeespiegelstijging,de bodemdaling en verstedelijkingvragen om een nieuwe aanpak van het waterbeleid.In 2003 hebben het Rijk, de provincies, de gemeentenen de waterschappen het Nationaal BestuursakkoordWater (NBW) getekend. Het doel van hetakkoord is de waterhuishouding in 2015 op peil tehebben en het daarna op orde te houden. In hetNBW is afgesproken regionale uitwerkingen op testellen (zie ook paragraaf 3.4).Actueel Nationaal BestuursakkoordWater (NBW actueel)In juni 2008 is een geactualiseerde versie van hetNBW gepresenteerd. Met het NBW actueel onderstrepenhet Rijk, het interprovinciaal overleg (IPO),de unie van waterschappen en de Vereniging vanNederlandse Gemeenten (VNG) de gezamenlijkeopgave om het watersysteem op zo kort mogelijketermijn tegen de laagst maatschappelijke kostenop orde te brengen en te houden.Nieuw ten opzichte van het vorige NBW:> Duidelijkere omschrijving van het begrip ‘op orde’,vooral in stedelijk gebied.> Adviezen over hoe om te gaan met de klimaatscenario’s.> Afspraken over waterkwaliteit en watertekorten.> Meer aandacht voor het doorvertalen van deintegrale wateropgave naar het ruimtelijke domein.> Werkwijze van gebiedsnormering voor regionalewateroverlast.> Instrumentarium Waterwet.> Vernieuwde Rijksimpuls van 115 miljoen euro voorsynergie en 75 miljoen euro voor innovatie.> Duidelijkheid over financiële controlemomenten.WaterwetEind 2009 moet de Waterwet in werking treden.Deze wet is de integratie van negen afzonderlijkewetten, waaronder de Wet op de waterhuishouding,de Wet verontreiniging oppervlaktewater en deGrondwaterwet. De Waterwet kent doelstellingenvoor de waterkwaliteit en de -kwantiteit.21WATERWERK >


22WATERWERK >De basis om dit te bereiken is samenwerking tussende waterbeheerders (waterschappen en Rijk),waarbij gemeenten en provincies hun watertakenvervullen.Een van de veranderingen is dat zo veel mogelijk viaalgemene regels wordt geregeld; watervergunningenzijn alleen nog nodig voor grotere activiteiten.Een ander in het oog springend onderdeel is deafstemming van waterplannen. Alle wettelijke waterplannenworden gelijktijding herzien. De waterplannenvan het Rijk en de waterschappen vormenstructuurvisies op basis van de nieuwe Wet op deRuimtelijke Ordening. Gemeenten krijgen geen nieuwwaterwetplan: de GRP’s en de bestemmingsplannenblijven het wettelijke kader.Watervisie kabinetDe Watervisie van het kabinet is de opmaat voor heteerste Nationale Waterplan, dat in 2009 wordtverwacht. De Watervisie beschrijft in welke richtinghet beleid zich de komende jaren moet ontwikkelenom Nederland op de lange termijn klimaatbestendigte houden. Zo zou water meer sturend moeten zijnbij het inrichten van de ruimte. Daarnaast maakt deWatervisie duidelijk dat het water kansen biedt enniet los gezien kan worden van wonen, natuur,recreatie en economische ontwikkelingen.Het Rijk, provincies, waterschappen, gemeenten enburgers hebben elk hun specifieke verantwoordelijkheden.Zij zijn met het Rijk letterlijk ‘medeverantwoordelijk’voor de ontwikkeling en uitvoering vanhet waterbeleid en voor de verbinding daarvan metandere beleidsterreinen. In het Nationale Waterplankomen ook de maatregelen die het Rijk wil nemenop basis van het advies van de Deltacommissie.Die commissie, onder leiding van oud-ministerVeerman, heeft onderzocht wat de gevolgen van dezeespiegelstijging zijn voor de Nederlandse kust.3.4 REGIONAAL BELEIDSKADERRegionaal Bestuursakkoord WaterZoals aangekondigd in het NBW, zijn in Nederlandregionale uitwerkingen van het bestuursakkoordgemaakt. In 2005 is voor het stroomgebied Groningen,Noord-Drenthe en Oost-Drenthe het RegionaalBestuursakkoord Water (RBW) ondertekend. Ook degemeente Groningen behoorde tot de ondertekenaars.Afspraken uit dit RBW die voor de gemeenteGroningen van belang zijn:> Bij nieuwe ontwikkelingen houdt de gemeenteminimaal rekening met de gevolgen van deklimaatverandering (middenscenario) voor dekomende 50 jaar.> Waterproblemen worden niet zonder overeenstemmingafgewenteld op andere gebieden ofgebruikers.> De waterschappen stellen een uitvoeringsprogrammatot 2015 op voor het oppervlaktewater.De gemeente vult dit aan met maatregelen voorhet verharde oppervlak in het stedelijk gebied.Gebiedseigen water wordt zo veel mogelijk vastgehouden,maar wateraanvoer, vooral uit hetIJsselmeer, blijft mogelijk blijft als daar behoefteaan is.> De gemeente zorgt ervoor dat de watermaatregelenrekening houden met alle wateraspecten(kwaliteit, kwantiteit, grondwater) en goed opelkaar worden afgestemd.> De gemeente inventariseert in 2006 de grondwateroverlastin het stedelijk gebied.> De gemeente stelt maatregelen op voor hetoplossen van knelpunten die ontstaan doorafstromend hemelwater van verhard oppervlak,zoals daken en wegen, in het stedelijk gebied.Concreet betekent dit dat de gemeente Groningende stedelijke wateropgave bepaalt. De stedelijkewateropgave richt zich op drie vormen van


overlast: wateroverlast vanuit de riolering,grondwateroverlast en oppervlaktewateroverlast.De wateropgave maakt onderdeel uit van ditGWRP (zie hoofdstuk 5).Waterbeheersplannen waterschappenHet beleid van de waterschappen Noorderzijlvesten Hunze en Aa’s is vastgelegd in haar waterbeheersplannen.Daarnaast hebben ze uitgangspuntenvoor de omgang met stedelijk water vastgelegd in notities stedelijk water.LandschapsontwikkelingsplanGroningen (LOP)Eind 2005 heeft de provincie Groningen het LandschapsontwikkelingsplanGroningen (LOP) vastgesteld.In dit plan zijn enkele watergerelateerdeprojecten opgenomen die relevant zijn voor degemeente Groningen, zoals het plan een deel vanhet water van de Drentsche Aa te gebruiken voorde hydrologische doorkoppeling via Sassenheim,Wolddelen en de Helpermaar naar het stadswatervan Groningen-Zuid. Dit plan wordt verder uitgewerktin het waterstructuurplan Groningen-Zuid/Haren.StroomgebiedbeheersplanHet Stroomgebiedbeheersplan is een samenvattingvan alle doelen en maatregelen die zijn vastgelegdin de waterplannen van provincies, waterschappenen het Rijk. In juli 2009 wordt het stroomgebiedbeheersplan vastgesteld en vanaf dan vormt dithet bindend wettelijk kader en de onderbouwingvan de uit te voeren maatregelen.3.5 GEMEENTELIJK BELEIDSKADERCollegeprogramma 2008 - 2012Burgemeester en wethouders van Groningen hebbenhun collegeprogramma 2008 - 2012 samengevat inde titel ‘Sterk, sociaal en duurzaam’.Het programma bevat de volgende ambities tenaanzien van water:> Creëren van een zo duurzaam mogelijkfunctionerend watersysteem.> Verbeteren (ecologische) kwaliteit leefomgeving.> Leveren van een bijdrage aan de adaptatie vande klimaatverandering.Het college spreekt verder de ambitie uit om vanGroningen de duurzaamste stad van Nederland temaken. Dat betekent onder andere dat water medeordenendis bij de inrichting van de openbare ruimte.Het duurzaamheidsbeleid van de gemeente rust optwee pijlers: het verbeteren van de leefomgevingskwaliteiten het verduurzamen van het energiegebruik.Enkele watercitaten uit het collegeprogramma:‘Groningen is een compacte stad die eencentrumfunctie vervult, bruist van stedelijkefuncties en omgeven is door rust en ruimte.Behoud en versterking van die kwaliteiten zijnbepalend voor ons beleid. Daarom verbeterenwe de bereikbaarheid en gaan we door met hetproject Intense Stad. We kiezen nadrukkelijkvoor een selectieve groei: de kracht vanGroningen als compacte stad vraagt omduurzaamheid. Daarom zetten we actief in opverbetering van lucht- en waterkwaliteit enmaken we van energiebesparing een belangrijkspeerpunt. We willen van Groningen demeest duurzame stad van Nederland maken.’‘We voeren het Waterplan Groningen uit.Daarbij wordt gekeken naar de invoering vanhet waterspoor en de realisatie van waterbuffering,door ondermeer te investeren inde brede, groene rivier bij Westpoort (onderdeelvan het plan Van Veen tot Zee)’.23WATERWERK >


WATERSLAG > Snel weg met afvalwater uit westen stadVoorbeeldproject 424WATERWERK >Het project Waterslag heeft tot doel omoverstortingen van het riool in het westenvan de stad te voorkomen. Door hetaanleggen van een persleiding kan hetafvalwater versneld worden afgevoerd.Voor een uitleg van het projectWaterslag is een klein college over rioleringnoodzakelijk.In de stad Groningen kennen we vrijvervalriolenen persleidingen. Een vrijvervalrioolis op afschot aangelegd, zodathet water als gevolg van de zwaartekrachtstroomt. In een persleiding zorgteen gemaal voor de stroming. Verder ishet belangrijk te weten dat er inGroningen zowel gescheiden alsgemengde rioolstelsels zijn.In een gemengd rioolstelsel komt hetregenwater samen met het afvalwatervan huishoudens en bedrijven. Al ditwater moet gezuiverd worden.In een gescheiden rioolstelsel wordt hetregenwater apart opgevangen. Ditwater, afkomstig van daken en straten, isrelatief schoon en hoeft niet gezuiverd teworden. Het kan rechtstreeks wordenafgevoerd naar vijvers en sloten of naarde bodem.Damsterdiep. Vanaf daar gaat het watervia een persleiding rechtstreeks naar derioolwaterzuivering in Garmerwolde, eenpaar kilometer ten oosten van de stad.Het water dat uit het westen van de stadkomt, moet via verschillende, geschakeldestroomgebieden, voordat het eindelijkbij het Damsterdiep uitkomt. Als het echterhard regent, en er dus ook veelregenwater uit de verschillende wijkenvan de stad moet worden afgevoerd,wordt de afvoer van het water uit hetwesten van de stad geblokkeerd. Ditleidt tot overstorten, onder andere in dewijk Vinkhuizen.WaterslagHet project Waterslag maakt aan dezeproblematiek een eind. Vanuit het gebiedWestrand (De Held, Reitdiep, Vinkhuizen,Hoogkerk) wordt een persleiding aangelegdwaarin het afvalwater rechtstreeks,via het Stadspark, het Julianaplein en deHereweg, naar de persleiding aan hetDamsterdiep wordt gepompt. De afvoervan het water kan dus niet meer wordenbelemmerd door de afvoer van regenwaterelders uit de stad.Naar het DamsterdiepAl het water van de stad dat gezuiverdmoet worden, komt via de verschillendesoorten riolen samen bij het


BeleidskaderDuurzaamstestad.Groningen.nlHet college heeft de ambitie om Groningen te latenuitgroeien tot de duurzaamste stad van Nederland.De visie van het college op duurzaamheid isuitgewerkt in het Beleidskader duurzaamste stad.Een van de zes thema’s hierin is het leefmilieu,uitgewerkt in water en groen. Het streven hierbij ishet versterken van het groen-blauwe netwerk alsvoorwaarde voor stedelijke kwaliteit met een typischGroningse identiteit. De uitwerking van het duurzaamstedelijk waterbeheer vindt plaats in dit GWRP.Structuurvisie Stad op ScherpDe structuurvisie ‘Stad op scherp’ (conceptversie,2008) vormt het ruimtelijke kader voor zowel hetwaterplan als de Groenstructuurvisie. De compactheidvan de stad is een van de pijlers onder destructuurvisie. De toekomstvisie is dan ook eencompacte intense stad. Ook de ambitie die in hetcollegeprogramma is verwoord; ‘Groningen deduurzaamste stad van Nederland’, komt in destructuurvisie terug. Het Waterplan en de Groenstructuurvisiezijn de concrete uitwerkingen van dedoelstelling het stedelijk leefmilieu te versterkenmet een groen-blauw netwerk. Dit netwerk moetin de compacte stad zorgen voor het duurzameevenwicht.GroenstructuurvisieIn de Groenstructuurvisie (conceptversie, 2008)worden de duurzame ambities voor het groen enblauw in de stad verwoord. Deze ambities geldenook voor dit GWRP. De maatregelen die in dit planzijn verwoord, vormen een concrete uitwerking vandie ambities.Groninger Rioleringsplan (GRP)Het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) maakt onderdeeluit van dit Gemeentelijk Water- en Rioleringsplan(GWRP). Het GRP is het wettelijk verankerdedeel van het plan, waarin onder andere de zorgplichtenvoor afval-, grond- en regenwater zijnvastgelegd. Ook staat hierin hoe deze zorgplichtenworden bekostigd.WaterstructuurplannenIn de waterstructuurplannen voor Noorddijk, Westrand,Meerstad en Groningen-Zuid/Haren is hetkader uitgewerkt waarbinnen de waterstructuurkan worden verbeterd.De uitgangspunten hierbij zijn:> schoon en vuil water scheiden;> schoonwater vasthouden;> de aanvoer van gebiedsvreemd waterminimaliseren.BORGBORG (Beheer Openbare Ruimte Groningen) is eensystematiek die de gemeente Groningen gebruikt bijhet beheer van de openbare ruimte. Per element isbepaald welke beheerkwaliteit wordt nagestreefd.Deze kwaliteit is voor ieder object met behulp vanfoto’s en criteria vastgelegd. Ook de kosten van elkbeheerniveau zijn inzichtelijk gemaakt.BORG maakt gedifferentieerd onderhoud enbeheer mogelijk. Ook zijn de verantwoordelijkhedenduidelijker verdeeld en is sturingsinformatiebeschikbaar gekomen. Daarnaast is BORG eengeschikt instrument om met burgers en anderepartners de dialoog aan te gaan over de kwaliteitvan de openbare ruimte.25WATERWERK >


26WATERWERK >


4• • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • •AMBITIE4.1 DUURZAAM WATERBEHEERDe centrale waterambitie in Groningen is het strevennaar een duurzaam stedelijk waterbeheer.Duurzaam waterbeheer is het winnen, gebruikenen terugbrengen van water uit en aan het milieu.Het gebruik van het water moet daarbij wordenafgestemd op de kwaliteit. De kwaliteit van het watermag bij teruggave aan de natuur niet aangetast zijn.Het watergebruik moet zo laag mogelijk zijn en deperiode waarin het water wordt gebruikt zo grootmogelijk. Verder moeten de natuurlijke omstandighedenworden gehandhaafd en liefst verbeterd.Doelen bij het duurzaam stedelijk waterbeheerzijn onder meer:> Inspelen op klimaatveranderingen.> Voorkomen en beperken van wateroverlast.> Inrichten en beheren van het water op een wijzedie aansluit bij natuurlijke processen.> Verhogen van de natuurwaarde van waterenen oevers.> Bevorderen van recreatief medegebruik vanwater en oevers.> Verbeteren van de leefomgevingskwaliteit inde wijken.> Zuiniger omspringen met drinkwater en grondwater.> Vergroten van het maatschappelijke draagvlakvoor duurzaam waterbeheer.Duurzaam stedelijk waterbeheer moet dus leidentot een natuurlijker functionerend watersysteem.Dit kan worden gerealiseerd door een scala aanmaatregelen, zoals waterbesparing, het voorkomenen zonodig terugdringen van verontreinigingen enhet natuurlijker inrichten van waterlopen en vijvers.4.2 AMBITIES PER THEMAWater in de stad kan integraal worden beschouwd,maar heeft daarnaast vele specifieke vormen enraakvlakken met andere sectoren.Hieronder benaderen we het water vanuitverschillende thema’s. Per thema kunnen ambitiesen maatregelen worden geformuleerd, afgeleid vande basisgedachte: het streven naar duurzaamstedelijk water.We onderscheiden de volgende thema’s:> Kwaliteit leefomgeving> Waterkwaliteit> Waterkwantiteit> Water en ruimtelijke ordening> Regenwater> Grondwater> Energie> Watergebruik, -verbruik en -hergebruik> Waterbewustzijn> WaterkennisPer thema omschrijven we kort wat onze ambitieszijn en hoe deze gerealiseerd kunnen worden.De maatregelen die we aan deze ambities koppelen,zijn opgenomen in hoofdstuk 7.Kwaliteit leefomgevingDuurzame stedelijke ontwikkeling betekent inGroningen doorgaan met de compacte stad.Om de kwaliteit van de leefomgeving op peil tehouden en te verbeteren, is een stevige ecologischestructuur (het groen-blauwe netwerk) noodzakelijk.Een stevige waterstructuur betekent onder andereeen goede samenhang in het oppervlaktewater metdoorstroming door de wijken, het vasthouden van(schoon) regenwater en functiegericht beheer.Een stevige waterstructuur wordt gerealiseerd doorhet maken en uitvoeren van waterstructuurplannen.27WATERWERK >


28WATERWERK >WaterkwaliteitEen goede waterkwaliteit levert een belangrijkebijdrage aan de kwaliteit van de leefomgeving inwoon- en werkgebieden. Om te bepalen watper locatie als een goede waterkwaliteit wordtbeschouwd, hebben we de waterfunctiekaart voorGroningen ontwikkeld. Per functie is aan de handvan een streefbeeld beschreven wat de gewenstewaterkwaliteit is. Vrijwel alle instrumenten die wetot onze beschikking hebben, dragen bij aan hetverbeteren van de waterkwaliteit, maar het beheerspeelt hierbij een cruciale rol.WaterkwantiteitTen aanzien van de waterkwantiteit is onze ambitiehet watersysteem (oppervlaktewater, grondwateren riolering) op orde te brengen en te houden.Daarbij moeten we rekening houden met teverwachten veranderingen, zowel rechtstreekseveranderingen als de indirecte gevolgen van hetmenselijk handelen in het stedelijk gebied.Instrumenten hiervoor zijn het bepalen van destedelijke wateropgave, het monitoringsplangrondwater en de basisrioleringsplannen.Water en ruimtelijke ordeningWater is in de stad een belangrijke drager van dekwaliteit van de leefomgeving. Daarom is het vanbelang dat bij ruimtelijke ontwikkelingen en processenvroegtijdig rekening wordt gehouden met hetwater. De watertoets en de waterparagraaf zijnhiervoor instrumenten. In de komende planperiodezullen we deze instrumenten opnieuw tegen hetlicht houden en waar nodig verder ontwikkelen methet oog op onze duurzaamheidsambities.RegenwaterMet de komst van de Wet Gemeentelijke Watertakenen de Waterwet in 2009, heeft de gemeente eenzorgplicht voor afvloeiend regenwater. Onze ambitieis regenwater zo schoon mogelijk te houden, waarmogelijk te benutten of vast te houden en het tebergen op de plaats waar het valt. Groene dakenkunnen hierbij een rol spelen.GrondwaterBij de zorgplicht voor afvloeiend regenwater heeftde gemeente ook de zorgplicht voor het ondiepegrondwater gekregen. Om deze zorgplicht goed tekunnen uitvoeren, willen we het grondwatersysteemgoed in beeld brengen door middel van eenmonitoringssysteem. Daarnaast nemen we aangrondwater gerelateerde voorzieningen op in degemeentelijke beheer- en onderhoudssystematiek.Bij nieuwe ruimtelijke plannen is, indien mogelijk,de bestaande grondwatersituatie bepalend voor deinrichting van het gebied. Wordt er gebouwd opplaatsen waar de grondwaterstand van nature hoogis, dan moet het oorspronkelijke ontwateringsstelselgehandhaafd blijven. Daarbij is het zinvol de maniervan bouwen aan te passen, bijvoorbeeld door geenkruipruimtes aan te leggen. In bestaande situatiesis het uitgangspunt dat drainagewater niet wordtgeloosd op een gemengd rioolstelsel, tenzij structureleproblemen niet op een andere wijze kunnenworden opgelost. Drainagewater wordt bij voorkeurgeloosd op oppervlaktewater of op een regenwaterriool.Is het grondwater van goede kwaliteit, dankan het dus ook bijdragen aan het verversen vanoppervlaktewater.EnergieEnergie is naast de kwaliteit van de leefomgevingde pijler waarop het duurzaamheidsprogramma vanGroningen rust. Water speelt ook een rol op hetgebied van energie, bijvoorbeeld bij de transportvan warmte bij warmte-koude opslag in de bodem.Daktuinen en vegetatiedaken die water kunnen


ergen, hebben een verkoelende werking op hetbinnenstedelijke klimaat. Onze ambitie is dezemogelijkheden verder te benutten en te onderzoekenwelke andere combinaties tussen water en energiemogelijk zijn.Watergebruik, -verbruik en -hergebruikIn de definitie van duurzaam waterbeheer komthet gebruik en verbruik van water prominent voor.We streven naar het beperken van het gebruik vanschoon leidingwater voor functies waarbij watervan een lagere kwaliteit volstaat. Het gebruik vanregenwater gaan we waar mogelijk stimuleren.WaterbewustzijnHet streven naar een duurzaam stedelijk waterbeheer moet gedragen worden door zowel degemeentelijke organisatie als de inwoners van degemeente Groningen. Om dit te bereiken, gaan wegericht communiceren rond de waterprojecten inde stad. Ook willen we aangeven hoe de inwonerszelf een bijdrage kunnen leveren.29WATERWERK >WaterkennisOp het gebied van (stedelijk) water zijn er allerleiontwikkelingen gaande rond thema’s als waterkwantiteit,stedelijk grondwater, regenwater ennieuwe gemeentelijke watertaken. We willen hetkennisniveau in onze organisatie verhogen.Enkele specialisten in de organisatie gaan zich inde actuele ontwikkelingen verdiepen en dragenrelevante informatie over aan hun collega’s. Om tevoorkomen dat de informatie gefragmenteerd enniet effectief wordt overgedragen, is een bredebasis van geïnformeerde medewerkers nodig.Vanuit deze basis kan de gewenste betrokkenheidvan medewerkers vanuit verschillende dienstengeorganiseerd worden. Daarnaast wordt er kennisuitgewisseld met de waterpartners.


30WATERWERK >


5• • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • •STEDELIJKE WATEROPGAVE5.1 INLEIDINGIn het Regionaal Bestuursakkoord Water (RBW)is overeengekomen dat de gemeente Groningenmaatregelen opstelt voor het oplossen van knelpuntenin het stedelijk gebied door afstromendregenwater van verhard oppervlak, zoals daken enwegen. Concreet betekent dit dat de gemeente destedelijke wateropgave moet bepalen. De stedelijkewateropgave is het op orde brengen en houdenvan het watersysteem en de waterketen.Daarbij moeten we rekening houden met de teverwachten (klimaat)veranderingen. In het inaugustus 2008 verschenen rapport van het KNMI‘De toestand van het klimaat in Nederland’ wordtgesteld dat de wereld opwarmt en het Nederlandseklimaat ook. Elk van de afgelopen vijf jaren wasruim warmer dan het langjarige gemiddelde.Dat het klimaat verandert, lijkt dus duidelijk.Hoe het zich ontwikkelt, weten we niet precies.Het veranderde klimaat heeft gevolgen voor hetwater in de stad. Als het vaker en intenser regent,mag dat niet tot wateroverlast leiden. In de stedelijkewateropgave proberen we te voorspellen waar erin de komende tijd problemen met water kunnenontstaan.De stedelijke wateropgave omvat de volgendeopgaven:> Wateroverlast vanuit de riolering> Oppervlaktewateroverlast> Grondwateroverlast> RegenwaterIn dit hoofdstuk gaan we op deze vier onderdelen in.Het bepalen van de wateroverlast vanuit de rioleringstaat centraal in paragraaf 5.2.In paragraaf 5.3 beschrijven we de stedelijke wateropgaveten aanzien van oppervlaktewater.Grondwater en grondwateroverlast besprekenwe in paragraaf 5.4. In paragraaf 5.5 ten slotte gaanwe in op regenwater.5.2 RIOLERINGSWATEROverlast door rioleringswater kan alleen ontstaanbij zeer hevige neerslag. Een rioolstelsel kan enormehoeveelheden neerslag verwerken in relatief kortetijd. De gemiddelde jaarlijkse neerslaghoeveelheidkan in één dag worden verwerkt. Het grootste deelvan het water wordt dan afgevoerd via de overstorten.Bij bepaalde buien kan ‘water op straat’ voorkomen.Hierbij maken we onderscheid in drie verschillendegradaties: hinder, ernstige hinder en overlast.> Hinder: korte tijd (15 tot 30 minuten) beperktehoeveelheden ‘water op straat’.> Ernstige hinder: enige tijd (30 minuten tot tweeuur) forse hoeveelheden ‘water op straat’, metondergelopen tunnels en opdrijvende putdeksels.> Overlast: langdurig en op grotere schaal ‘waterop straat’, met water in winkels, woningen metmateriële schade en mogelijk ook ernstigebelemmering van het (economische) verkeer.In de basisrioleringsplannen voor de gemeenteGroningen hebben we bepaald waar, wanneer enin welke mate water op straat kan optreden.Ook hebben we hierin maatregelen geformuleerdom dit tegen te gaan.5.3 OPPERVLAKTEWATERAnalyseDe gemeente Groningen heeft samen met de waterschappenHunze en Aa’s en Noorderzijlvest en eenadviesbureau een methode ontwikkeld om destedelijke wateropgave te bepalen en grafisch31WATERWERK >


REGENWATER AFKOPPELEN > Regenwater gered uit het rioolVoorbeeldproject 532WATERWERK >Groningen wil de hoeveelheid water diein het riool komt, verminderen.Dat kan op verschillende manieren, dieallemaal worden aangeduid met de term‘afkoppelen’. Goede voorbeelden zijn tezien bij de nieuwe Ikea-vestiging aande Sontweg en in Vinkhuizen.Elk jaar valt er ongeveer 76 cm regen inons land. Het meeste van dat water wordtopgenomen in de bodem, maar in desteden wordt een groot deel afgevoerdvia de riolering. De riolering brengt hetregenwater en het vervuilde water datwe uit onze huishoudens lozen naar derioolwaterzuivering. Daar wordt hetwater gereinigd en vervolgens schoonweer geloosd op het oppervlaktewater.In een stad als Groningen gaat het omenorme hoeveelheden water die via hetriool naar de zuivering gaan. Bij hevigebuien komt er zo veel water in het riool,dat het riool het niet meer aan kan.Via nooduitgangen, zogenaamde riooloverstorten,wordt het teveel aan watergeloosd op sloten en vijvers. Deze overstortenmet vervuild rioolwater veroorzakenveel overlast. Daarom vergrootde gemeente de capaciteit van het rioolen worden er speciale opvangbakkengebouwd waarin het overstortwater wordtopgevangen. Een andere maatregel isgericht op het verminderen van dehoeveelheid regenwater die in het rioolkomt: afkoppelen.Waarom afkoppelenEr zijn verschillende redenen om afkoppelente bevorderen. Ten eerste vindenwe een goede kwaliteit van het oppervlaktewaterin de stad steeds belangrijker.De kleine waterlopen, de grachten ende vijvers in de parken vormen eenaantrekkelijk onderdeel van onze woonomgeving.De overstorten op dit water zijneen bedreiging voor de waterkwaliteit.Ze kunnen zelfs schadelijk zijn voor devolksgezondheid.De tweede reden is dat we met het extraregenwater in de grachten en vijvers eensterkere doorstroming kunnen creëren.Dit komt de waterkwaliteit sterk ten goedeen dit leidt weer tot de gewenste ecologischerijkdom die past bij het stedelijkwater. De derde reden heeft te makenmet de capaciteit van de waterzuiveringsinstallaties.Aan deze installaties wordensteeds hogere eisen gesteld. Maar bijeen zeer grote watertoevoer werkt dezuiveringsinstallatie niet optimaal. Hetaanpassen van de zuiveringsinstallatieis kostbaar. Dit geldt ook voor het steedsverder vergroten van de riolen en deopgestelde pompen. De vierde reden ishet tegengaan van verdroging. HoewelNederland een nat land is, zijn ergebieden die al langere tijd last hebbenvan verdroging. Het vasthouden vanregenwater kan bijdragen aan de verminderingvan dit probleem. De laatstereden voor het afkoppelen van regenwateris het veranderende klimaat. Menverwacht dat het aantal hevige buien perjaar zal gaan toenemen. Dit kan vooral instedelijke gebieden tot een te grote piekin de waterafvoer gaan leiden.IKEAEen goed voorbeeld van afkoppelen zijnde maatregelen bij de vestiging van IKEA,die in 2006 is geopend. Het totale terreinis 40.000 m 2 groot, wat betekent dat erjaarlijks 30,4 miljoen liter regenwater opvalt. Deze enorme hoeveelheid relatiefschoon water werd in het verleden samenmet afvalwater verpompt naar de rioolwaterzuivering.Door het IKEA-terrein afte koppelen, komt het nu rechtstreeksterecht in het Winschoterdiep, ter hoogtevan de Scandinavische havens.VinkhuizenOok in Vinkhuizen is het regenwaterafgekoppeld. Dit is gebeurd in het kadervan de wijkvernieuwing. De vijvers inVinkhuizen waar in het verleden deoverstorten uit het gemengde stelsel opuitkwamen, lagen min of meer geïsoleerd.Daardoor had een overstort steeds eengroot negatief effect op de kwaliteit vanhet water.Om het afkoppelen op de afzonderlijkevijvers mogelijk te maken, zijn de vijversmet elkaar en de watersystemen vanDe Held en Reitdiep verbonden. Zo kanhet afgekoppelde regenwater wordengeborgen in een groter gebied en kunnende wijkwatersystemen in drogere periodenworden voorzien van vers water.In het watersysteem zijn helofytenfiltersgeplaatst om eventuele restvervuilingte elimineren.


weer te geven. De methode brengt in beeld hoeveelwater aanwezig is, hoe het stedelijke oppervlakingedeeld is, hoeveel neerslag naar het oppervlaktewaterwordt afgevoerd (in diverse scenario’s) enwat het effect van deze afvoer is op de waterstandenin vijvers en watergangen.Door deze methode toe te passen, kunnen we hetantwoord vinden op de centrale onderzoeksvraag.Deze luidt: is er in de gemeente voldoende oppervlaktewateraanwezig om, nu en in de toekomst,wateroverlast binnen de gemeente te voorkomenals de mogelijkheid voor lozing op het boezemwaterbeperkt is?Bij het bepalen van de stedelijke wateropgave isuitgegaan van de maatgevende neerslag. Dat is hetmaximale neerslagvolume dat eens per honderdjaar voorkomt. Met het oog op klimaatveranderingenhebben we dit volume voor de veiligheid met10 procent verhoogd. Vervolgens is bekeken hoeveelneerslag in die situatie moet worden afgevoerd naarhet oppervlaktewater en wat het effect daarvan isop het watersysteem. Het meest bepalende is detype bui. Een wolkbreuk met zeer veel neerslag inkorte tijd heeft andere effecten dan een situatiewaarin het dagen achtereen minder intensiefregent. Ook hebben we bepaald op welke wijzede neerslag naar het oppervlaktewater wordtafgevoerd en hoe lang dit duurt.Vanaf bestrating stroomt meer water in een hogertempo naar het oppervlaktewater dan vanaf groen.Ook de hoogteligging speelt een rol. Hoeveel hetwaterpeil stijgt, hangt af van de oppervlakte ende inrichting van de waterpartij. Hoeveel watergeborgen kan worden, hangt af van de toelaatbarewaterstijging. De afvoer van water uit het deelgebiedis beperkt tot een met de waterschappen afgesprokentheoretische waarde.Van alle 24 deelgebieden in de gemeente hebben wede gebiedskenmerken verzameld, zoals het verhardeoppervlak, het aanwezige oppervlaktewater, decapaciteit van de riolering en de hoeveelheid waterdie uit het gebied kan worden afgevoerd.Deze gegevens zijn ingevoerd in een rekenmodel.Hiermee kan worden uitgerekend hoeveel oppervlaktewaterer per deelgebied nodig is om hetmaximale aanbod te verwerken. Vervolgens isberekend of er in het deelgebied voldoende oppervlaktewateraanwezig is. Hierbij spelen ook detaludhelling en de toelaatbare peilstijging een rol(hoeveel capaciteit heeft elk stadswater?).Ten slotte hebben we de benodigde capaciteit naastde aanwezige capaciteit gelegd. Het verschil isde stedelijke wateropgave. Door deze uitkomstengeografisch weer te geven, wordt in één oogopslagduidelijk waar de risicogebieden zich bevinden,oftewel waar bij hevige neerslag wateroverlastkan ontstaan.Uitkomsten en aanbevelingenUit de analyse blijkt dat er in het grootste deel vande gemeente voldoende oppervlaktewater aanwezigis om het neerslagoverschot te bergen dat hoortbij een wateraanbod dat eens per honderd jaarvoorkomt. Op enkele locaties is niet voldoendebergingscapaciteit aanwezig. Dit kan leiden totoverlast.De gemeente gaat daarom gericht het watersysteemonder de loep nemen en onderzoeken waar bergingsmogelijkheden gecreëerd kunnen worden. Dit kanbijvoorbeeld door te onderzoeken waar afvoerbeperkendemaatregelen in de watergangen kunnenworden aangebracht, zodat het water beter kanworden vastgehouden. In de oudere stadsdelen ishet niet eenvoudig om extra waterberging te maken.33WATERWERK >


34WATERWERK >Tijdens wijkrenovaties of rioolvervangingen kan weloverwogen worden om op een andere manier metde afvoer van regenwater om te gaan.Waar afkoppelen niet mogelijk is, kan gedachtworden aan het aanbrengen van ondergrondsewaterbergingen of infiltratievoorzieningen (waterpasserendebestrating) in de daarvoor geschiktegebieden.Aanpak: optimale variantOm de wateropgave te realiseren, zijn verschillendeaanpakken mogelijk. Hiervoor zijn drie variantenbeschreven, elk met een eigen ambitieniveau.Hierbij zijn bijpassende integrale maatregelenpakkettenontwikkeld. De raad heeft in 2008 beslotenom te kiezen voor de ‘optimale variant’.Bij de optimale variant voldoet de waterkwantiteitaan een waterstand die één keer in de honderdjaar voorkomt. Daarbij is, met het oog op klimaatveranderingen,rekening gehouden met een toenamevan de regenval met 10 procent. Ecologisch gezienwordt een hoog ambitieniveau aangehouden,afgeleid van de inzet bij de Groenstructuurvisie.Dit past ook bij het streven om Groningen te latenuitgroeien tot een duurzame stad en bij de kwaliteitseisenvoor de stedelijke ecologische structuur.Bij de uitvoering van deze variant wordt de waterkwaliteitzichtbaar verbeterd. Er ontstaat een duurzaamen veerkrachtig watersysteem. De kansdat inwoners van de stad worden geconfronteerdmet ernstige wateroverlast als gevolg van hetveranderende klimaat, is tot een aanvaardbaarminimum teruggebracht.5.4 GRONDWATERDefinitieSommige stedelijke gebieden worden geconfronteerdmet grondwaterproblemen. Deze kunnen in depraktijk verschillende oorzaken hebben: natuurlijke,waterhuishoudkundige en/of bouwkundige.Natuurlijke factoren zijn bijvoorbeeld klimaatverandering,zeespiegelstijging, bodemdaling enintensere neerslagpatronen.Waterhuishoudkundige oorzaken zijn onvoldoendeontwatering, een te hoog of een te laag oppervlaktewaterpeil,een tekort aan ruimte voor oppervlaktewater,wijzigingen als gevolg van grondwateronttrekkingenen een teveel of juist een tekortaan infiltratie van regen- en/of oppervlaktewater.Bouwkundige gebreken zijn bijvoorbeeld eenslechte inrichting van percelen (ook verkeerdebeplanting of verkeerde aanleg van de tuin) enslechte ventilatie. Ook kapotte regenpijpen,waterleidingen of rioolaansluitingen kunnenvochtoverlast veroorzaken.Er is sprake van een grondwaterprobleem als degebruiksfunctie van een stuk grond wordt aangetastdoor een structureel te hoge grondwaterstand.Overlast manifesteert zich bijvoorbeeld in vochtigewoonruimten en te natte tuinen. In het verledenwas vaak niet duidelijk wie verantwoordelijk wasvoor het oplossen van deze problemen.Met de komst van de Wet Gemeentelijke Watertaken(2008) is die duidelijkheid er wel (zie paragraaf 1.2.1).Bij structurele grondwateroverlast heeft de gemeenteeen inspanningsplicht, voor zover het treffen vanmaatregelen doelmatig is.Bij het opstellen van dit GWRP was een kant-enklaredefinitie van ‘structurele wateroverlast’ nogniet voorhanden. We gaan werken aan een handzamedefinitie, waarbij we rekening houden met


jurisprudentie over de precieze betekenis van debegrippen ‘structureel’ en ‘doelmatig’.Voorlopig spreken we in Groningen van ‘structurelegrondwateroverlast’:> als er sprake is van regelmatig terugkerendeoverlast door te hoge grondwaterstanden, overeen groter gebied;> als er door hoge grondwaterstand risico’sontstaan voor de volksgezondheid;> als de functie van bestaande bestemmingenwordt belemmerd door de stijgende grondwaterstanden.Uitgesloten hiervan zijn de volgende situaties:> als de bouwkundige of waterhuishoudkundigeverantwoordelijkheid berust bij de eigenaar(zoals bij kelders en kruipruimtes);> als de overlast is ontstaan door gebeurtenissenvan regionale of bovenregionale oorsprong;> als de overlast is ontstaan door de wijze waaropde grond van wijken in het verleden bouwrijp isgemaakt;> als de overlast is ontstaan door incidenteleoverlast zoals zware regenval.InventarisatieIn 2006 heeft de gemeente Groningen samen metde waterschappen de aard en de omvang van degrondwaterproblematiek in Groningen geïnventariseerd.De conclusie van de inventarisatie is datenkele stadsdelen van tijd tot tijd overlast van grondwaterondervinden. In de meeste natte gebieden issprake van een kleiige, slecht doorlatende ondergrondof een slecht doorlatende laag (bijvoorbeeldkeileem), soms in combinatie met veen of een laagopgebrachte grond. Bij de inventarisatie is ookbekeken of er drainage aanwezig is.Het beeld dat uit de inventarisatie ontstaat, is dat ergeen structurele overlast is. Om dit met zekerheidvast te stellen, is echter nader onderzoek nodig.De uitkomsten van dit onderzoek moeten wordengetoetst aan de gehanteerde definitie van structurelegrondwateroverlast.Als er sprake is van structurele grondwateroverlastin de gemeente, zullen we voor deze situaties maatregelentreffen. Per locatie maken we afweging ofde benodigde inzet doelmatig is.MaatregelenDe aard van de maatregelen om grondwateroverlastte voorkomen en aan te pakken, is afhankelijkvan de fase waarin deze maatregelen wordengenomen. In de bestemmingsfase is het belangrijkde juiste keuzes te maken voor de locatie en hettoekennen van bestemmingen. De Watertoets maaktde gevolgen van de mogelijke keuzes inzichtelijk.In de inrichtingsfase zijn het goed bouw- en woonrijpmaken en het feitelijke bouwproces doorslaggevend.In de beheersfase is het van belang datde grondwaterstand zo veel mogelijk behoudenblijft door goed beheer en onderhoud van deaangelegde voorzieningen.Doen zich toch grondwaterproblemen voor, dankomen waterhuishoudkundige en/of bouwkundigemaatregelen in aanmerking om de nadelige gevolgenzo veel mogelijk te voorkomen of te beperken.Hieronder een overzicht van de maatregelen die degemeente vanuit haar verantwoordelijkheden treft.Ruimtelijke ontwikkelingen> Het instellen van een verplichte Watertoets,waarbij de initiatiefnemer van de ruimtelijkeontwikkeling ook het grondwater betrekt.> Het bouw- en woonrijp maken van grond volgensde recente inzichten over ontwatering instedelijk gebied.35WATERWERK >


IBA-SYSTEMEN > Zelf het afvalwater zuiverenVoorbeeldproject 636WATERWERK >De gemeente Groningen heeft in hetbuitengebied 67 systemen voor IndividueleBehandeling van Afvalwater (IBA) aangelegd.Daarmee wordt het afvalwatervan huizen die niet op de riolering zijnaangesloten, gezuiverd voordat hetgeloosd wordt op het oppervlaktewater.Sommige woningen in het buitengebiedvan de stad liggen zo afgelegen dat deaanleg van riolering niet doelmatig is.Een IBA-systeem is dan een uitkomst.Zo’n individueel systeem zuivert hetafvalwater van één huishouden en loostdit gezuiverde water op het oppervlaktewater.Voor de aanleg van IBA-systemenparticipeert de gemeente Groningen inhet IBA-project. Daarin werkt degemeente samen met de beide waterschappenen de gemeenten Veendam,Pekela en Winschoten. De gemeenteGroningen heeft de systemen aangeschaften aangelegd. Ook de aansluiting opparticulier terrein heeft de gemeentevoor haar rekening genomen.Dankzij deze opzet was het deelnamepercentagevrijwel 100 procent. Met debewoners is een contract geslotenwaarin onder andere een zakelijk rechtis gevestigd, omdat de IBA eigendom vande gemeente blijft, maar op particulierterrein is aangelegd.In dit contract is ook vastgelegd dat debewoner voortaan rioolrecht betaalt enin ruil daarvoor gebruik mag maken vande IBA. Daarnaast betalen de bewonerseen verontreinigingsheffing aan hetwaterschap. In ruil hiervoor verzorgt hetwaterschap het beheer en het onderhoudvan de IBA-systemen.


Het aanleggen, beheren en onderhouden vangrondwatervoorzieningen, zoals drainage.> Het aanbrengen (indien nodig) van een peilbuizenmeetnetom de grondwaterstand te kunnenmonitoren.Bestaande situaties> Het nader in beeld brengen van de locaties waarsprake is van grondwateroverlast.> Het treffen van voorzieningen als er sprake isvan structurele problemen.> Het beheren en onderhouden van grondwatervoorzieningen,zoals drainage.Algemeen> Het uitbrengen van een publieksbrochure overde verdeling van de taken en verantwoordelijkhedenbij grondwater, inclusief informatie overhet oplossen van problemen.Uitgangspunten aanpakBij de aanpak van grondwaterproblemen, hanteertde gemeente de volgende uitgangspunten:> Als in de openbare ruimte de ontwateringsdieptestructureel hoger is dan de ontwateringseisenvan de waterschappen, dan brengt de gemeentevoorzieningen aan om de grondwaterstand tot ditniveau terug te brengen. Dit kan bijvoorbeelddoor het aanleggen van een drainagesysteem.Op particulier terrein is de eigenaar zelf verantwoordelijkvoor het plaatsen van voorzieningen.> De eigenaar is verantwoordelijk voor de bouwkundigestaat van zijn pand. De aanpak vanbouwkundige problemen, zoals een lekke kelder,een lek souterrain of een natte, diepe kruipruimte,is een zorg voor de eigenaar.> De gemeente treft maatregelen bij structurelegrondwaterproblemen. De gemeente plaatst extrapeilbuizen, meet de grondwaterstand vaker dannormaal en zet een monitoringsprogramma op.> Bij het Waterloket kunnen inwoners terecht metgrondwaterklachten en kan men gerichteinformatie krijgen over mogelijke oplossingen.Ook is een publieksbrochure beschikbaar.De maatregelen zijn verder uitgewerkt in hetmaatregelenprogramma in hoofdstuk 7.5.5 REGENWATERDe stedelijke wateropgave behandelt drie vormenvan wateroverlast: wateroverlast via de riolering,oppervlaktewateroverlast en grondwateroverlast.Alle drie vormen hebben een directe koppeling metregenwater. Door slim om te gaan met regenwater,kunnen aan de bron veel problemen wordenvoorkomen. Het is onze ambitie om regenwaterzo schoon mogelijk te houden, waar mogelijk tebenutten of vast te houden en te bergen op deplaats waar het valt. Op basis hiervan willen weeen actief regenwaterbeleid ontwikkelen om dezeambitie zo goed mogelijk te verwezenlijken.37WATERWERK >


38Kaart 6.1 -Huidige functies stadswaterenWATERWERK >Stedelijk natuurwaterDuurzaam stedelijk waterStedelijk waterBoezemwaterZwemwaterLandbouwwater (langs wegenen hoofdwatergangen)Esthetisch stedelijk water


6• • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • •FUNCTIEGERICHT BEHEER EN ONDERHOUD6.1 INLEIDINGGroningen is een waterrijke stad en het water inde stad is zeer divers. Zo zijn er de Gorechtvijversdie strak zijn vormgegeven en deel uitmaken vaneen stedenbouwkundig plan. Daar tegenover staanbijvoorbeeld de vijvers in Drielanden, die met hunnatuurvriendelijke oevers een heel ander beeldgeven. Deze diversiteit willen we behouden.We hebben daarom behoefte aan een gedifferentieerdevorm van beheer en onderhoud waarbijrekening wordt gehouden met het karakter en dedoelstellingen van de stadswateren. We kiezen erdaarom voor om aan elk stadswater in de stad eenfunctie toe te kennen. Voor elke functie stellen weeen streefbeeld op. Dit streefbeeld bepaalt hetonderhoud en beheer.Dit functiegerichte beheer en onderhoud sluit aanbij de centrale ambitie op watergebied: het strevennaar een duurzaam stedelijk waterbeheer.Door te werken met functies en streefbeelden ishet eenvoudiger te bepalen welke inspanningenmoeten worden geleverd om de kwaliteit van destadswateren te verbeteren.In dit hoofdstuk beschrijven we de functies enwat deze betekenen voor beheer en onderhoud.De kaarten 6.1 en 6.2 zijn overzichtskaarten metdaarop aangegeven de huidige en de gewenstefuncties. We gaan kort in op de maatregelen diemoeten worden genomen om te komen van dehuidige naar de gewenste situatie.6.2 FUNCTIESWe onderscheiden voor de stadswateren inGroningen de volgende zes hoofdfuncties:> Stedelijk natuurwater> Duurzaam stedelijk water> Stedelijk water> Landbouwwater> Boezemwater> ZwemwaterDaarnaast is er nog één functie die aanvullend isop de zes hoofdfuncties: esthetisch stedelijk water.Hieronder een korte omschrijving gegeven van dezes hoofdfuncties.Stedelijk natuurwaterStedelijk natuurwater bestaat uit de wateren instedelijke groengebieden die onderdeel zijn van deStedelijke Ecologische Structuur (SES). Ze hebbeneen zeer goede waterkwaliteit. De oever- en watervegetatieis een wezenlijk onderdeel van de biotoop.Duurzaam stedelijk waterDuurzaam stedelijk water treffen we veelal aan inof nabij nieuwe woonwijken en in kleinere stadsparken.Dit water heeft een goede waterkwaliteit.Stedelijk waterOok stedelijk water ligt in de regel in het stedelijkgebied en nabij woonwijken. Het gaat hierbij om hetwater dat niet ondergebracht kan worden in een vanoverige functies. Het water dient voor berging vanwater en deels voor de aan- en afvoer van water.LandbouwwaterMet landbouwwater worden watergangen langsopenbare wegen in het buitengebied bedoeld eneen aantal hoofdwatergangen van het waterschapin het buitengebied.39WATERWERK >


40Kaart 6.2 -Gewenste functies stadswaterenWATERWERK >Stedelijk natuurwaterDuurzaam stedelijk waterStedelijk waterBoezemwaterZwemwaterLandbouwwater (langs wegenen hoofdwatergangen)Esthetisch stedelijk water


BoezemwaterBoezemwater heeft een aan- en afvoerfunctie voorwater op een lokale en regionale schaal. Dit waterwordt in de meeste gevallen ook gebruikt voortransport over water.ZwemwaterZwemwater is water dat geschikt is om in te zwemmenen waar in de zomerperiode veel aandacht isvoor de daarop gerichte waterkwaliteit.Esthetisch stedelijk waterDit is een aanvullende functie op een van de zeshoofdfuncties. Het gaat om water waarbij de vormduidelijk moet worden ervaren in relatie tot de(stedelijke) omgeving. Esthetisch stedelijk watertreffen we aan in kunstig aangelegde stadsparken(stedelijk water), maar ook in brede watergangenzoals de Diepenring, het Helperdiepje en deGorechtvijvers (boezemwater).6.3 FUNCTIEKAARTENGelijktijdig met het ontwikkelen van de functieshebben we functiekaarten gemaakt. Op deze kaartenzijn bij de verschillende stadswateren de functiesbenoemd. We hebben zowel een kaart gemaakt vande huidige stand van zaken (kaart 6.1) als een kaartmet de gewenste situatie (kaart 6.2).De belangrijkste verschillen tussen deze twee kaartenbestaan uit het waterstructuurplan Noorddijk, hetverbinden van de vijvers in de Indische buurt/Korrewegwijk, waterstructuurplan Drentse Aa enhet plan Stadspark.Om vanuit de huidige situatie (kaart 6.1) te komentot de gewenste situatie (kaart 6.2), zullen wemaatregelen moeten nemen. Een deel van dezemaatregelen maakt deel uit van de waterstructuurplannen.Andere maatregelen worden gekoppeldaan de stedelijke wateropgave. In enkele wijkenontstaan in het gehanteerde scenario problemenals gevolg van de beperkte hoeveelheid oppervlaktewater.Herinrichting van watergangen kan hierbijeen oplossing zijn.Een overzicht van de maatregelen is te vinden inhoofdstuk 7.6.4 KWALITEITSNIVEAUSVoor het bepalen van het toekomstige beheer enonderhoud zijn voor de verschillende functieskwaliteitsniveaus vastgesteld. Een kwaliteitsniveaugeeft de mate van netheid aan. Bij verschillendefuncties horen verschillende kwaliteitsniveaus.Eerst hebben we van alle stadswateren het huidigekwaliteitsniveau vastgesteld. Vervolgens hebbenwe op basis van de toegekende functies een overzichtgemaakt van de gewenste kwaliteitsniveaus.Beide overzichten zijn opgesteld met behulp vanreferentiebeelden.Het onderhoud aan de stadswateren is op te delenin kort cyclisch onderhoud en lang cyclisch onderhoud.Het kort cyclisch onderhoud betreft toezichthouden, maaien, vuil ruimen en storten.Het boezemwater, het landbouwwater en hetzwemwater vragen minder aan deze vorm vanonderhoud dan de functies met stedelijk water.De onderhoudskosten zijn hier lager omdat erminder sprake is van zwerfvuil en er minder vaakhoeft te worden gemaaid. Duurzaam stedelijk watervraagt om selectief maaien, maar vanwege destrakke oeverlijnen kan het onderhoud efficiëntblijven worden uitgevoerd. Het onderhoud van deoverige functies blijft gelijk. Dit betekent dat deopdeling in waterfuncties voor het kort cyclischonderhoud alleen financiële consequenties heeftvoor stedelijk natuurwater en duurzaam stedelijkwater.Het lang cyclisch onderhoud omvat het baggerenen het herstel van beschoeiingen. Hierbij is sprakevan maatwerk.41WATERWERK >


42WATERWERK >


7• • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • •MAATREGELENPROGRAMMA7.1 INLEIDINGIn dit hoofdstuk beschrijven we de maatregelendie voortkomen uit onze waterambities. Onze waterambitieshebben we geformuleerd in hoofdstuk 4.Deze ambities hebben we besproken per thema:> Kwaliteit leefomgeving> Waterkwaliteit> Waterkwantiteit> Water en ruimtelijke ordening> Regenwater> Grondwater> Energie> Watergebruik, -verbruik en -hergebruik> Waterbewustzijn> WaterkennisVeel maatregelen hebben een integraal karakteren kunnen niet exclusief aan één thema wordengekoppeld. Voor het ordenen van de maatregelen indit hoofdstuk hebben we de thema’s gebundeld:> Kwaliteit> Water en ruimte> Kennis, gebruik en energieDe maatregelen zijn uitgebreider weergegeven inbijlage A en worden uitgewerkt in jaarprogramma’s,met per project onder meer een korte beschrijving,het wettelijke kader of het beleidskader, gerelateerdeprojecten, de projecttrekker en de deelnemers,een globale kostenraming, de financiering en eenplanning.7.2 MAATREGELEN7.2.1 KwaliteitUitvoeren waterstructuurplannenDe komende tijd gaan we enkele lopende waterstructuurplannenafronden en nieuwe in gangzetten. In een waterstructuurplan brengen webestaande, soms geïsoleerde wateren, met elkaarin een samenhangend verband. De verschillendewateren in een gebied worden met elkaar inverbinding gebracht. Waterstructuurplannen gevendaarmee een belangrijke impuls aan de kwaliteitvan de leefomgeving, onder andere doordat dewaterkwaliteit verbetert. Daarnaast krijgt hetwatersysteem een groter bufferend vermogen.Samen met de gemeente Haren maken we eenwaterstructuurplan voor de Drentse Aa.De stadswateren in De Wijert, ten zuiden van hetHelperdiepje, worden met elkaar verbonden enaangesloten op de Helpermaar. Hierdoor verbetertde waterkwaliteit en zijn er meer mogelijkhedenvoor duurzaam waterbeheer en stadsecologie.Verder zetten we de uitvoering van waterstructuurplanNoorddijk voort. De wijkwatersystemen in hetstadsdeel worden onderling gekoppeld en daarnaverbonden met het natuurwater in Kardinge.Hierdoor ontstaat een integraal watersysteem.Het peilbeheer wordt flexibeler gemaakt met behulpvan diverse stuwen en verbindingen. Twee gemalenzorgen voor de watercirculatie. De waterkwaliteitwordt verbeterd door de aanleg van helofytenfilters.Het waterstructuurplan Westrand is grotendeelsuitgevoerd, op enkele afrondende onderdelen na.Het gaat om de kruising Hoendiep en een verbindingin de Held III.Waterslag 2We gaan het project Waterslag 2 uitvoeren. Daarbijleggen we een persleiding aan vanaf het gemaalSelwerd naar het gemaal Damsterdiep, vanwaarhet afvalwater wordt verpompt naar de rioolwaterzuiveringin Garmerwolde. Waterslag 2 moet eeneinde maken aan de problemen met de rioolover-stortingen van het water dat vanaf het rioolgemaalin Selwerd wordt afgevoerd naar het vrijvervalrioolin de Noorderstationstraat.Loskoppelen vijvers Oosterpark enKorrewegwijkWe gaan de vijvers in het Oosterpark en deKorrewegwijk met elkaar verbinden en voeden metafgekoppeld regenwater. Hierdoor ontstaat eenrobuuster en gezonder watersysteem. Op ditmoment maken de vijvers in het Oosterpark ende Korrewegwijk onderdeel uit van het rioleringssysteem.Bij een piekbelasting stort gemengd afvalwaterover op deze vijvers, bij gespreide neerslagloopt het teveel aan regenwater terug in het riool.Uitvoering kaderplan StadsparkHet Stadspark is de grootste groene long van destad en speelt een belangrijke rol in de ecologievan de stad. We hebben een plan gemaakt om dezeecologische functie maximaal te benutten. Hetwatersysteem in het Stadspark wordt aangepast,43WATERWERK >


STEDELIJKE WATERMOLEN > Het water stroomt doorVoorbeeldproject 744WATERWERK >Water staat nooit op zichzelf, maar maaktaltijd deel uit van een groter verband.In dat grotere geheel kan het water vaakbeter functioneren. De mens kan hierineen handje sturen. Een prachtig voorbeeldhiervan is de ‘Stedelijke Watermolen’.Voor dit project zijn het Noorderplantsoen,het CiBoGa-terrein en eendeel van het Oosterhamrikkanaal aanelkaar gekoppeld, wat veel meerwaardeoplevert.Het CiBoGa-terrein, het voormaligecircus-, boden-, en gasterrein aan deBloemsingel, ligt aan de rand van debinnenstad en wordt momenteel infases bebouwd. Voor de afvoer van hetregenwater is besloten het gebied ‘afte koppelen’.Het regenwater verdwijnt daarbij niet inhet riool, maar wordt apart opgevangenen afgevoerd, deels via kunstwerken,die de waterbeleving in de wijk moetenversterken. Het westelijke deel van hetOosterhamrikkanaal dient hierbij alsschoonwaterbuffer. Het water uit dezebuffer wordt vervolgens benut voor eenbetere waterkwaliteit in het Noorderplantsoen,waar onlangs de vijvers zijngebaggerd. Het water stroomt hier vanzuid naar noord door de vijvers. Daarnastroomt het via een nieuwe vijver inDe Beren weer terug naar het Oosterhamrikkanaal.Zo is een ‘watermolen’ontstaan, waarbij de watercirculatieverschillende projecten aan elkaarverbindt.Het innovatieve van dit project zit hemgrotendeels in de afstemming.Bij verschillende ontwikkelingen in hetgebied is vroegtijdig rekening gehoudenmet een rol voor het water in de leefomgeving.Daarnaast is er een goedeafstemming geweest met de rioolsaneringin de oudere stadswijken.


ook vanwege de gewijzigde aanvoer, en er wordteen aansluiting gemaakt op het al gerealiseerdewaterstructuurplan Westrand. Water en groen inde stad zijn belangrijke factoren bij het leefbaarhouden van een compacte stad als Groningen.afgekoppeld. Verder brengen we de waterpeilenvan het oppervlaktewater tot in de haarvaten vande stad in beeld. Zo wordt duidelijk hoe het waterstroomt en waar ruimte is voor het vasthouden enbergen ervan.7.2.2 Water en ruimteUitvoeren stedelijke wateropgaveOm de knelpunten die voorkomen uit de stedelijkwateropgave op te lossen, moet een flink pakketaan maatregelen worden uitgevoerd. Op ditmoment weten we waar de knelpunten zitten enmet welke ambitie we deze willen oplossen.De komende planperiode zullen deze maatregelenworden uitgewerkt. Uitgangspunt is dat we waarmogelijk aansluiten bij geplande werkzaamhedenen ontwikkelingen.Opzetten protocollen functiegerichtbeheerOm het functiegericht beheer mogelijk te maken(zie ook hoofdstuk 6), hebben we als eerste stapaan alle stadswateren functies toegekend.De volgende stap is het afstemmen van het beheerop deze nieuwe functies. Voor een gestructureerdbeheer per functie stellen we protocollen op.7.2.3 Kennis, gebruik en energieMonitoringWe monitoren het watersysteem om onze kenniservan steeds verder uit te bouwen. Het monitorenlevert input op om het watersysteem continu teverbeteren. Voor het oppervlaktewater meten wede kwaliteit indicatief op basis van een expertjudgmenten regulier via een ecoscan. Ook defrequentie van riooloverstorten en de samenstellingvan het water hiervan worden regulier gemonitord.Zo kan worden beoordeeld waar overstorten voorproblemen zorgen en kan er gericht wordenInrichten grondwatermeetnetDe gemeente heeft een zorgplicht voor grondwaterin stedelijk gebied. Om in beeld te krijgen hoegrondwater zich (in probleemgebieden) gedraagt,richten we een meetnet in, waarbij gegevensverkregen uit peilbuizen gecombineerd wordenmet neerslaggegevens en klachtenregistratie.Project watergebruikIn het kader van duurzaamheid starten we eenproject om het verbruik van leidingwater te beperkenals water van een lagere kwaliteit volstaat.Daarnaast stimuleren we het benutten van regenwater,waarbij natuurlijk rekening wordt gehoudenmet de volksgezondheid.Stimuleren groene dakenDe komende jaren willen we de aanleg van groenedaken bij particulieren en bedrijven bevorderen meteen definitieve subsidieregeling. Groene dakenleveren een bijdrage aan het verbeteren van deleefomgeving en hebben een functie in het vasthoudenvan water. Ook hebben ze een isolerendvermogen, waarmee ze bijdragen aan de energiedoelstellingen.Vergroten waterbewustzijnWe willen het waterbewustzijn vergroten. Daaromcommuniceren we zowel intern als extern over deprojecten die we uitvoeren. We leggen uit wat debedoeling is van de projecten en geven informatiehoe men zelf beter met water kan omgaan.45WATERWERK >


46WATERWERK >


8• • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • •FINANCIËN8.1 INLEIDINGIn de planperiode 2009 - 2013 en ook op de langetermijn werkt de gemeente aan het aanleggen enbeheren van de riolering en het watersysteem.Deze activiteiten worden volgens de beschrevenstrategie uitgevoerd om de gestelde doelen tekunnen halen. De maatregelen voor het aanpassenvan het watersysteem in het kader van de waterkwantiteiten -kwaliteit worden uitgevoerd op basisvan het raadsbesluit van september 2008.8.2 MEERJARENPLANNINGEen overzicht van de inkomsten, uitgaven en voorzieningenin de periode 2009 - 2013 is te zien intabel 8.1.InkomstenAan de rioleringstaken van de gemeente is eengesloten financieringsstructuur verbonden.Deze dateert uit 1987 en is tegelijk vastgesteldmet het ‘programma vervanging oudere riolering1987 - 2010’.Het rioolrecht bedraagt per 1 januari 2009 € 127,75.Dit bedrag wordt jaarlijks geïndexeerd. De raadheeft in september 2008 een voorbesluit genomenom het rioolrecht vanaf 2010 met € 2,60 structureelte verhogen. Het aantal tariefeenheden voor hetrioolrecht per 1 januari 2009 is circa 99.000 eenheden.De opbrengst in 2009 wordt geraamd op € 12.647.257.In de berekeningen is rekening gehouden met eenjaarlijkse uitbreiding met 250 percelen als gevolgvan de stadsuitbreiding (zie tabel 8.1).UitgavenDe opbrengsten uit het rioolrecht worden directen uitsluitend aangewend voor de kosten van derioleringszorg en de nieuwe gemeentelijke watertaken.Deze taken zijn aanleg, vervanging, reparatie,onderhoud, renovatie en kwaliteitsverbetering vanhet riool, het afkoppelen van afvoerend oppervlaken de inning van het rioolrecht. Aanleg van rioleringvoor stadsuitleg komt ten laste van de exploitatievan het betreffende plan. Waar mogelijk worden dewerkzaamheden aan het rioolstelsel gecombineerdmet andere werken aan de openbare ruimte.Dit drukt de kosten en beperkt de overlast voor deburgers en bedrijven. Deze afstemming is een taakvoor de afdeling Stedelijk Beheer, die ook de maatregelenin het Waterplan coördineert.Voor de financiering van de genoemde maatregelen(zie hoofdstuk 7) is in tabel 8.1 de post ‘watertaken’opgenomen.VoorzieningenVanaf 2008 wordt een bedrag per aansluitinggespaard voor toekomstige vervanging van deriolering. Dit bedrag wordt gestort in de ‘voorzieningtoekomstige vervanging riolering’ om de investeringspiekenals gevolg van dit GWRP te kunnenafvlakken. Dit sparen is in lijn met de jaren vóór2008, maar is nu zichtbaar. Vanaf 2010 zal er mindergespaard hoeven te worden omdat een groot deelvan het benodigde totaalbedrag is bereikt.Van 2010 tot en met 2013 worden bedragen aan devoorziening onttrokken om de piekbelasting op tevangen.Het BBV (Besluit begroting en verantwoordingprovincies en gemeenten) stelt dat een gemeentedie een kostendekkend tarief in rekening brengt,de rioollasten over de jaren kan nivelleren.De gemeente kan hierbij gebruik maken van zowelegalisatiebijdragen voor het toekomstig onderhoudals een speciale constructie van de gemeentewet(229b,2a). Hierin staat dat spaarbedragen voortoekomstige vervangingsinvesteringen in het tariefmogen worden opgenomen als de eerste aanleg47WATERWERK >


48WATERWERK >GRPTabel 2009 8.1 - MEERJARENPLANNING - 2013GRP 2009 - 2013INKOMSTEN> aantal aansluitingen op riolering> tarief rioolrechten> inkomsten rioolrecht> inkomsten diverstotaalUITGAVEN> DIA inning rioolrechten> MD veegkosten> oude kapitaalslasten t/m 2007> nieuwe kapitaalslastenEXPLOITATIE> wijkbeheer> stedelijk beheer> watertaken> BTW exploitatie> voorziening toekomstige vervanging riolering> voorziening toekomstig groot onderhoud> MD Kolkzuigen> Sectie Beheer (revisie, rioolkaarten)totaalINKOMSTEN - UITGAVENVoorziening toekomstige vervanging riolering> stand voorziening begin jaar> toename tijdens jaar> ontrekking tijdens jaar> stand voorziening eind jaarVoorziening toekomstig groot onderhoud> stand voorziening begin jaar> toename tijdens jaar> ontrekking tijdens jaar> stand voorziening eind jaar200999.000127,7512.647.25733.84012.681.0972009732.530316.2004.350.061699.55693.4413.863.040475.000597.807693.00024.750667.306162.31812.675.0086.0895.507.537693.0006.200.537024.75024.750201099.250134,2613.325.36234.85613.360.2172010756.337326.4774.350.0611.260.28196.4783.988.588853.878666.26449.62524.813687.325167.18713.227.313132.9046.200.53749.625-1.250.0005.000.16224.75024.81349.563201199.500140,9714.026.15635.90114.062.0572011780.918337.0874.350.0611.799.69699.6144.118.218909.506691.67849.75024.875707.945172.20314.041.55020.5075.000.16249.750-3.350.0001.699.91249.56324.87574.438201299.750147,8714.750.37036.97814.787.3482012806.298348.0424.350.0612.272.040102.8514.252.060966.942717.91849.87524.938729.183177.36914.797.578-10.2291.699.91249.875-1.000.000749.78774.43824.93899.3762013100.000154,9915.498.75838.08815.536.8462013832.503359.3544.350.0612.732.696106.1944.390.2521.026.246745.01150.00025.000751.059182.69015.551.064-14.218749.78750.000-750.00049.78799.37525.000124.375van uitbreidingsinvesteringen uit de grondexploitatieis gedekt.Aansluitend bij deze regelgeving zal de huidige‘voorziening toekomstige vervanging riolering’worden overgeheveld naar een nieuwe ‘voorzieningtoekomstige vervangingsinvesteringen’. Eveneenszal er een ‘voorziening toekomstig groot onderhoud’worden gevormd. In het tarief is vanaf 2010 eenbedrag opgenomen per aansluiting voor toekomstiggroot onderhoud (€ 0,25) en een bedrag per aansluitingvoor toekomstige investeringen (€ 0,50).Als er resultaten worden gerealiseerd op de postriolering zal hiervoor een bestemmingsreserveworden gevormd (zowel positief als negatief).Deze bestemmingsreserve geeft mede inzicht inde mate waarin de planning wordt gerealiseerd.GrondslagenBij het opstellen van de financiële meerjarenplanningis rekening gehouden met de (bestaande) kapitaallastenvan de in het verleden gedane investeringen.Deze financiële gegevens zijn ook weergegeven inde tabel. De grondslagen voor het opstellen vande financiële meerjarenplanning komen voor watbetreft de onderhoud- en vervangingsmaatregelenuit het beheersysteem. Aangezien de parametersvariabel zijn stellen wij voor deze variabele grondslagenelk jaar te evalueren om zo jaarlijks hettarief kostendekkend te kunnen laten vaststellendoor de raad.Bestemmingsreserve riolering> stand reserve begin jaar> toename reserve tijdens jaar> stand reserve eind jaar06.0896.0896.089132.904138.993138.99320.507159.500159.499-10.229149.270149.270-14.218135.052


9• • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • •PARTICIPATIE EN COMMUNICATIE9.1 INLEIDINGHet gezamenlijke GWRP is een complex plan. Aande totstandkoming ervan hebben veel organisatiesen individuen gewerkt. Het GWRP heeft gevolgenvoor de stad en de regio, zowel voor de inwonersals voor de inrichting van het gebied.Deze gevolgen passen soms wél en soms níet bij debelangen van de verschillende (groepen) burgersen (professionele) organisaties. Het is daarom vanbelang om organisaties en individuen te informerenover de afgewogen keuzes en samen met hen tecommuniceren over de gevolgen van die keuzes ende te ondernemen activiteiten. Het gezamenlijkebelang is immers een succesvolle implementatievan het GWRP in de komende jaren.9.2 COMMUNICATIEDOELENVoor de communicatie hebben we drie doelenvastgesteld:1 Zo veel mogelijk betrokkenen en geïnteresseerdeninformeren over het GWRP en de ruimtelijke ensociale gevolgen.2 Het positief beïnvloeden van de houding bij deverschillende doelgroepen.3 Het bewerkstelligen van een gedragsveranderingwaardoor de inwoners van Groningen bewust enverantwoord omgaan met water in de eigenleefomgeving.Wij willen deze communicatiedoelen bereiken doorverschillende communicatiemiddelen in te zettengedurende de looptijd van het plan. In communicatiejaarplannenzullen we deze doelen concreet enmeetbaar maken. Bij het inzetten van communicatiemiddelengebruiken we onze eigen kanalen en dievan de verschillende partners. Zo mogelijk makenwe gebruik van de kanalen van de verschillendedoelgroepen zelf.Ook zoeken we - waar van toepassing - aansluitingbij communicatiemiddelen en -doelen uit de groenstructuurvisie‘Groene Pepers’.9.3 DOELGROEPENWe onderscheiden de volgende doelgroepen:> Burgers in gemeente Groningen (scholieren,gezinnen, senioren, wijkorganisaties)> Samenwerkingspartners (waaronder waterschappen,waterbedrijf, provincie)> Groene organisaties en maatschappelijkeorganisaties> Politiek (als doelgroep en als opdrachtgever)> Ondernemers en bedrijven> Eigen organisatieDe inzet van de verschillende communicatiekanalenen -middelen wordt mede bepaald door deze doelgroepen.Het is daarbij nuttig om te weten hoe dezedoelgroepen ten opzichte van het waterbeleid vande gemeente staan. Deze positie stellen we vastuit de ervaringen van onze waterpartners en uitobjectief onderzoek.9.4 PARTICIPATIE“De gemeente wil burgers volop betrekken bij hetbeleid. Zowel op stedelijk niveau als op buurt- enwijkniveau.”Dit is een van de ambities verwoord in het Collegeprogramma.Participatie is een steeds terugkerendthema in de verbetering van de relatie tussenburger en politiek.De participatie van burgers bij het GWRP willen weals volgt organiseren:> Het betrekken van wijkorganisaties volgens hetconvenant Bewonersparticipatie. Dit betekentdat wijkorganisaties het recht hebben om zovroeg mogelijk mee te denken over beleids- en49WATERWERK >


50WATERWERK >uitvoeringsplannen. Bij de besluitvorming gevende wijkorganisaties een zwaarwegend eindadvies.Wijkorganisaties hebben recht op informatie overalle wijkgebonden onderwerpen om een goedeinvulling te kunnen geven aan hun rol.Hiervoor is het nodig de gevolgen van het GWRPper wijk in kaart te brengen.> Het opzetten van een ‘watercommunity’ opinternet. Hiermee bieden we geïnteresseerdeneen platform waar ze via fora en met behulp vanstellingen over het thema water kunnen discussiëren.Ook vinden ze hier alle informatie.> Met wijkbewoners maken we wijksgewijzeuitwerkingen van het GWRP onder het motto‘Doe mee met de uitwerking van het wijkwaterplan’.Hiervoor maken we gebruik van wijkwebsitesen de gemeentelijke wijkportal ‘mijnwijk.nl’.> Het Waterloket is dé vraagbaak voor burgersover water. Dit (telefonisch te bereiken) loketorganiseren en beheren we samen met onzewaterpartners.9.5 COMMUNICATIESTRATEGIEInterne communicatieNet als bij de totstandkoming van het GWRP, zijnook bij de uitvoering ervan onze samenwerkingspartnersonmisbaar.Tot deze ‘waterpartners’ behoren de provincieGroningen, Waterschap Noorderzijlvest, WaterschapHunze en Aa’s en het Waterbedrijf Groningen.De interne communicatie is er vooral op gerichtom alle neuzen in de richting van de gezamenlijkedoelstellingen te houden. Verder willen we zo veelmogelijk medewerkers van onze waterpartnersinformeren over het GWRP en hen daarbij betrekken.De waterpartners maken daarbij gebruik van huneigen kanalen, zoals intranet, het personeelsblad,werkoverleggen, de (digitale) nieuwsbrief en


personeelsbijeenkomsten. Indien nodig ontwikkelenwe samen met de waterpartners een gezamenlijkeuitgave voor alle medewerkers, die één á twee keerper jaar verschijnt.Externe communicatieHoewel we graag anders geloven, hebben burgersin deze stad slechts een beperkte belangstellingvoor het waterbeleid. Die belangstelling wordtvergroot wanneer het beleid wordt uitgewerkt inconcrete activiteiten. In de communicatie metburgers en andere externe doelgroepen zullen weonze communicatieactiviteiten goed moeten ‘timenen doseren. Rond de belangrijke fasen in het procesvoeren we de communicatie-inspanningen op. Wevragen onze waterpartners om dat ook te doen.Om de herkenbaarheid van het GWRP te vergroten,ontwikkelen we samen met de waterpartners eencommunicatierichtlijn. Deze bevat afspraken overonder andere de communicatieboodschappen, degezamenlijke afzender en de huisstijl.Iedere organisatie behoudt overigens zijn eigencommunicatieve verantwoordelijkheid.9.7 COMMUNICATIEKALENDERDe communicatiewerkgroep - onderdeel vanWaterpas - gaat jaarlijks in samenspraak met dewaterpartners een actueel communicatiejaarplanopstellen, inclusief een communicatiekalender.Zo kunnen de partners hun eigen communicatieactiviteitenafstemmen op de gezamenlijke activiteiten.Soms zullen activiteiten en de communicatiedaarover gezamenlijk georganiseerd worden, maarvaker zal het gaan om individuele activiteiten encommunicatie. De communicatiekalender dient alshulpmiddel voor een evenwichtige samenstelling.Wanneer het GWRP besproken wordt door Collegeen gemeenteraad zal de gemeente hierover uitvoerigcommuniceren via de hiervoor beschikbare kanalen.51WATERWERK >9.6 COMMUNICATIEMIDDELENVoor de communicatie zetten we zowel traditionelemiddelen in (zoals print) als digitale communicatiemiddelen.Waar mogelijk liften we mee met decommunicatiekanalen en -middelen van de waterpartners.Welke middelen en kanalen dat zijn, zullenwe eerst inventariseren.


52WATERWERK >


• • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • •BIJLAGE A > MaatregelenWettelijk / beleidskaderGerelateerde projectenProjecttrekkerParticipantenGlobale kostenraming /globale verdeling financieringPlanningUITWERKEN MAATREGELEN STEDELIJKEWATEROPGAVEDe stedelijke wateropgave is het op orde brengenen houden van het watersysteem en de waterketen.In twee studies is uitgewerkt wat dit betekent voorGroningen.Uit de analyse blijkt dat er in het grootste deel vande gemeente voldoende oppervlaktewater aanwezigis om het neerslagoverschot te bergen dat hoortbij een wateraanbod dat eens per honderd jaarvoorkomt. Op enkele locaties is niet voldoendebergingscapaciteit aanwezig. Dit kan leiden totoverlast. De gemeente gaat daarom gericht hetwatersysteem onder de loep nemen en onderzoekenwaar bergingsmogelijkheden gecreëerd kunnenworden. Dit kan bijvoorbeeld door te onderzoekenwaar afvoerbeperkende maatregelen in de watergangenkunnen worden aangebracht, zodat hetwater beter kan worden vastgehouden.NBW/KRW-Gemeente Groningen,Waterschap Noorderzijlvest,Waterschap Hunze en Aa’sPM2009 - 2013 en verderWettelijk / beleidskaderGerelateerde projectenProjecttrekkerParticipantenGlobale kostenraming /globale verdeling financieringPlanningWettelijk / beleidskaderGerelateerde projectenProjecttrekkerParticipantenGlobale kostenraming /globale verdeling financieringPlanningWATERSTRUCTUURPLANDRENTSCHE AAIn het vervolg op het Waterplan van de gemeenteHaren wordt het waterstructuurplan gezamenlijkuitgewerkt. De stadswateren in de Wijert ten zuidenvan het Helperdiepje worden met elkaar verbondenen aangesloten op de Helpermaar.Hierdoor verbetert de waterkwaliteit en zijn ermeer mogelijkheden voor duurzaam waterbeheeren stadsecologie.NBW/KRWStedelijke wateropgave, Waterslag,Waterplan HarenGemeente GroningenGemeente Haren, Waterschap Hunze en Aa’s€ 80.000,- (bron WP Haren)Vanaf 2009WATERSTRUCTUURPLAN NOORDDIJK(FASE 1)Aansluiting van de Lewenborgsingel op de hoofdwateraanvoer;beperkte aanvullende maatregelenin Kardinge.NBW/KRWWijkvernieuwing Lewenborg,Inrichtingsplan KardingeWaterschap NoorderzijlvestGemeente Groningen€ 520.000,- tlv Waterschap2009 - 201053WATERWERK >


54WATERWERK >Wettelijk / beleidskaderGerelateerde projectenProjecttrekkerParticipantenGlobale kostenraming /globale verdeling financieringPlanningWATERSTRUCTUURPLAN NOORDDIJK(FASE 2)Koppeling van de wijkwatersystemen in hetstadsdeel onderling en met het natuurwater inKardinge tot een integraal watersysteem.Aanleg van helofytenfilters, verbetering flexibelpeilbeheer door diverse stuwen en verbindingen.Twee gemalen zorgen voor de circulatie in hetsysteem.NBW/KRWWijkvernieuwing, Inrichtingsplan Kardinge,Stadsrand Noordoost, Beheerplan KardingeWaterschap Noorderzijlvest,Gemeente Groningen, Natuurmonumenten.€ 2.600.000,- , ntbSynergiegelden2009 - 2015Wettelijk / beleidskaderGerelateerde projectenProjecttrekkerParticipantenGlobale kostenraming /globale verdeling financieringPlanningWATERSYSTEEM STADSPARKAanpassing van het watersysteem in hetStadspark aan het Kaderplan en de gewijzigdeaanvoersituatie.Aansluiting aan het WSP Westrand.NBW/KRWKaderplan Stadspark,Waterstructuurplan WestrandGemeente GroningenWaterschap Noorderzijlvest€ 60.000,- (inventarisatie en plan)PM (uitvoering)2008 (plan); uitvoering vanaf 2008GROENE DAKENWATERSTRUCTUURPLAN WESTRANDAfronden werkzaamheden; kruising Hoendiep enverbinding in de Held III.Bevordering van de aanleg van groendaken bijparticulieren en bedrijven; definitieve subsidieregeling.Wettelijk / beleidskaderGerelateerde projectenProjecttrekkerParticipantenGlobale kostenraming /globale verdeling financieringPlanningNBWDe Held IIIGemeente GroningenWaterschap Noorderzijlvest, projectontwikkelaarPM2009 - 2011Wettelijk / beleidskaderGerelateerde projectenProjecttrekkerParticipantenGlobale kostenraming /globale verdeling financieringPlanningNBW, ecologisch beleidDuurzaamste stad.groningen.nlGemeente GroningenWaterschappenPMVanaf 2009


Wettelijk / beleidskaderGerelateerde projectenProjecttrekkerParticipantenGlobale kostenraming /globale verdeling financieringPlanningECOSCANIndicatieve monitoring van de kwaliteit vanhet oppervlaktewater op basis van een expertjudgment.NBW/KRWEcologisch beleid/monitoringGemeente GroningenWaterschappen€ 60.000,-34% / 33% / 33%2009MONITORINGWettelijk / beleidskaderGerelateerde projectenProjecttrekkerParticipantenGlobale kostenraming /globale verdeling financieringPlanningVERBINDEN VIJVERS KORREWEGWIJK /INDISCHE BUURTOp dit moment maken de vijvers onderdeel uit vande rioleringssysteem. Bij piekbelasting stort gemengdafvalwater over op de vijvers, bij gespreide neerslagloopt het teveel aan regenwater terug in hetriool. Door de vijvers te verbinden en te voeden metafgekoppeld regenwater ontstaat een robuuster engezonder watersysteem.KRWAfkoppelprojecten in Indische buurt / KorrewegwijkGemeente GroningenWaterschappenPM200855WATERWERK >Wettelijk / beleidskaderGerelateerde projectenProjecttrekkerParticipantenGlobale kostenraming /globale verdeling financieringPlanning> Reguliere monitoring van de kwaliteit vanhet oppervlaktewater> Reguliere monitoring van de frequentie ensamenstelling van riooloverstortenWet MilieubeheerEcoscanGemeente GroningenWaterschappenRegulierJaarlijksWettelijk / beleidskaderGerelateerde projectenProjecttrekkerParticipantenGlobale kostenraming /globale verdeling financieringPlanningVERBINDEN VIJVERS PIOENPARK /OOSTERPARKOp dit moment maken de vijvers onderdeel uit vande rioleringssysteem. Bij piekbelasting stort gemengdafvalwater over op de vijvers, bij gespreide neerslagloopt het teveel aan regenwater terug in hetriool. Door de vijvers te verbinden en te voeden metafgekoppeld regenwater ontstaat een robuuster engezonder watersysteem.KRWAfkoppelprojecten OosterparkGemeente GroningenWaterschappenPM2008


WATERSLAG 2Er komt een persleiding aan vanaf het gemaalSelwerd naar het gemaal Damsterdiep, vanwaarhet afvalwater wordt verpompt naar de rioolwaterzuiveringin Garmerwolde. Waterslag 2 moet eeneinde maken aan de problemen met de riooloverstortingenvan het water dat vanaf het rioolgemaalin Selwerd wordt afgevoerd naar het vrijvervalrioolin de Noorderstationstraat.PLAN VAN AANPAKGRONDWATERPROBLEMATIEKDe gemeente heeft een zorgplicht voor grondwaterin stedelijk gebied. Om in beeld te krijgen hoegrondwater zich (in probleemgebieden) gedraagt,richt de gemeente Groningen een meetnet in,waarbij gegevens verkregen uit peilbuizengecombineerd worden met neerslaggegevens enklachtenregistratie.56WATERWERK >Wettelijk / beleidskaderGerelateerde projectenProjecttrekkerParticipantenGlobale kostenraming /globale verdeling financieringPlanningKRW-Gemeente GroningenWaterschappen-Voorbereiding in 2009Wettelijk / beleidskaderGerelateerde projectenProjecttrekkerParticipantenGlobale kostenraming /globale verdeling financieringPlanningWet bekostiging en verankering GemeentelijkeWatertaken/Waterwet-Gemeente Groningen-€ 100.000,-JaarlijksAFKOPPELPROJECTENDeze maatregel is gericht op het verminderen vande hoeveelheid regenwater die in het riool komt.In de volgende wijken wordt de komende jaren(deels) afgekoppeld:> Hoogkerk zuid > Schildersbuurt> De Hoogte > Boemenbuurt> Binnenstad > Oosterparkbuurt> Rievierenbuurt > HelpmanOPZETTEN PROTOCOLLENFUNCTIEGERICHT BEHEEROm het functiegericht beheer mogelijk te makenhebben we als eerste stap aan alle stadswaterenfuncties toegekend.De volgende stap is het afstemmen van het beheerop deze nieuwe functies. Voor een gestructureerdbeheer per functie stellen we protocollen op.Wettelijk / beleidskaderGerelateerde projectenProjecttrekkerParticipantenGlobale kostenraming /globale verdeling financieringPlanningKRW / WB21-Gemeente GroningenWaterschappenPM2008 - 2013Wettelijk / beleidskaderGerelateerde projectenProjecttrekkerParticipantenGlobale kostenraming /globale verdeling financieringPlanningKRW/WB21-Gemeente Groningen-RegulierJaarlijks


INRICHTING VIJVERS BOERHAVELAANBAGGEREN DIVERSE VIJVERSAanleg bergbezinkbassin en herinrichting.In de Korrewegwijk en het Oosterpark wordenvijvers onderling met elkaar verbonden. Deze vijversworden gevoed met afgekoppeld regenwater. Omde waterkwaliteit structureel te verbeteren is hetnoodzakelijk dat deze vijvers worden gebaggerd.Wettelijk / beleidskaderGerelateerde projectenProjecttrekkerParticipantenGlobale kostenraming /globale verdeling financieringPlanningKRW-Gemeente Groningen--2008Vijvers die de komende periode zullen wordengebaggerd zijn:> Vijvers Noorderplantsoen (deels)> Hamburgervijver> Soendavijver> Oosterparkvijver> Eén van de Pioenparkvijvers (andere is algebaggerd)57AANLEG PERSLEIDING HELPERZOOMHet afvalwater dat vanuit Haren via gemaalDamsterdiep naar de zuivering in Garmerwoldewordt getransporteerd loopt in de huidige situatievia het vrijvervalriool in de Helperzoom.Bij piekbelastingen zorgt dit voor overstorten.Om deze reden wordt er een persleiding aangelegddie wordt aangekoppeld op het traject van Waterslag1 om vervolgens via gemaal Damsterdiep naarde zuivering te gaan.Wettelijk / beleidskaderGerelateerde projectenProjecttrekkerParticipantenGlobale kostenraming /globale verdeling financieringPlanningKRWVerbinden vijvers, diverse afkoppelprojectenGemeente Groningen-PM2008 - 2013WATERWERK >Wettelijk / beleidskaderGerelateerde projectenProjecttrekkerParticipantenGlobale kostenraming /globale verdeling financieringPlanningKRW-WaterschapGemeente GroningenGemeente Groningen€ 300.000Start 2009


58WATERWERK >Wettelijk / beleidskaderGerelateerde projectenProjecttrekkerParticipantenGlobale kostenraming /globale verdeling financieringPlanningWettelijk / beleidskaderGerelateerde projectenProjecttrekkerParticipantenGlobale kostenraming /globale verdeling financieringPlanningOPNEMEN VAN BEHEER ENONDERHOUD DRAINAGE IN DEBEHEERSSYSTEMATIEK STADSBEHEERDe in de stad aanwezige drainage wordt nietgestructureerd beheerd. Omdat de gemeente eenverantwoordelijkheid heeft in het stedelijk grondwaterwillen we het beheer en onderhoud vandrainage opnemen in de beheerssystematiek dieook wordt gebruikt voor rioleringWet Gemeentelijke Watertaken / Waterwet-Gemeente Groningen-PM2009 - 2013WATERCOMPENSATIEBANKBij projecten waar sprake is van een toename vanverhard oppervlak moet 10% van deze toenameworden gecompenseerd met oppervlaktewater.Dit water is niet altijd goed inpasbaar binnen hetproject. We willen een systeem ontwikkelen waarbinnenhet benodigde oppervlaktewater elders wordtgerealiseerd, de zogenaamde watercompensatiebank.Landelijk zijn er al initiatieven op dit gebieden we gaan onderzoeken in hoeverre al bestaandeuitwerkingen van dit idee geschikt zijn voor GroningenNBW / WB21-Gemeente Groningen-Regulier2009-2013 jaarlijksWettelijk / beleidskaderGerelateerde projectenProjecttrekkerParticipantenGlobale kostenraming /globale verdeling financieringPlanningUITWERKEN REGENWATERBELEIDBegin 2009 starten we met het uitwerken van eengedifferentieerd rioolrecht. Hierbij betalen deeigenaren van percelen die een groot verhardoppervlak af laten stromen op het gemengde rioolstelseleen hoger rioolrecht.Deze percelen zorgen namelijk voor een grotebelasting van het rioolstelsel bij regenval, wat leidttot overstorten op de vijvers. Het principe is dus:de vervuiler betaalt.We gaan onderzoeken of het mogelijk is om via eengemeentelijke subsidie het verharde oppervlak bijdeze percelen af te koppelen of op een anderewijze terug te dringen. Dit geldt ook voor particulierewoningeigenaren, om het verharden of betegelenvan tuinen te ontmoedigen. Ook wordt onderzochthoe we de huidige subsidie voor het aanleggen vangroene daken een structureel karakter kunnengeven.Bij de aanpak van deze onderwerpen gaan we ookde bewoners betrekken. Via voorlichting willen wedraagvlak creëren en de uitvoering succesvol latenverlopen.NBW / Wet Gemeentelijke WatertakenStimuleren gebruik regenwaterGemeente Groningen-PM2009


STIMULEREN GEBRUIK REGENWATERCOMMUNICATIEWettelijk / beleidskaderGerelateerde projectenProjecttrekkerParticipantenGlobale kostenraming /globale verdeling financieringPlanningWettelijk / beleidskaderGerelateerde projectenProjecttrekkerParticipantenGlobale kostenraming /globale verdeling financieringPlanningRegenwater is over het algemeen van goedekwaliteit. Voor veel toepassingen waar drinkwaterwordt gebruikt volstaat water van een anderekwaliteit zoals regenwater. Vanuit de duurzaamheidambitiewillen we daarom gebruik van regenwaterstimuleren met inachtneming van devolksgezondheid.Wet Gemeentelijke WatertakenUitwerken regenwaterbeleidGemeente GroningenWaterbedrijf Groningen-2009AANPASSEN WATERGANGBEGRAAFPLAATS ESSERVELDDe waterkwaliteit van de watergang rondom debegraafplaats Esserveld is van slechte kwaliteit.Om deze reden wordt er gebaggerd, wordt er eenhelofytenfilter aangelegd en wordt er een uitloopverplaatst.KRW/NBW-Gemeente Groningen-€ 50.0002009Wettelijk / beleidskaderGerelateerde projectenProjecttrekkerParticipantenGlobale kostenraming /globale verdeling financieringPlanningWettelijk / beleidskaderGerelateerde projectenProjecttrekkerParticipantenGlobale kostenraming /globale verdeling financieringPlanningEr wordt een communicatieplan opgesteld.--Gemeente GroningenRegulier2009 - 2013 jaarlijksONDERZOEKEN COMBINATIEMOGELIJK-HEDEN WATER EN ENERGIEOnderzoeken welke combinaties tussen water enenergie mogelijk zijn zoals het benutten van hettemperatuurverschil van afvalwater en drinkwater.Collegeprogramma-Gemeente GroningenWaterbedrijf GroningenPM200859WATERWERK >


60WATERWERK >


• • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • •BIJLAGE B > Oevers per waterfunctieWATERPROFIELEN GEVORMD STEDELIJK WATEROmschrijvingHet betreft een aanvullende functie op een van de zes hoofdfunctiesen waarbij de vorm van het water duidelijk moet wordenervaren in relatie met de (stedelijke) omgeving.Esthetisch stedelijk water treffen we aan in kunstig aangelegdestadsparken (stedelijk water) maar ook in brede watergangenzoals de Diepenring, het Helperdiepje en de Gorechtvijvers(boezemwater).Waterkwaliteit en natuurBeschreven bij de hoofdwaterfunctie.Hydraulische aspectenBeschreven bij de hoofdwaterfunctie.Recreatieve- en esthetische kwaliteitenHet water willen we visueel ervaren en begroeiing is hiermeestal ondergeschikt aan. Het strakke beeld van esthetischstedelijk water is meestal specifiek vormgegeven en wordt veelalgeaccentueerd door een strakke duidelijk zichtbare engeprofileerde beschoeiing.InrichtingsaspectenDe strakke inrichting is een bewuste stedenbouwkundige keuswaar geen afbreuk aan mag worden gedaan.OnderhoudsaspectenHet onderhoud is gericht op het waarnemen van de vorm eninstandhouding van de vorm. Oeververdediging is een belangrijkonderdeel van esthetisch stedelijk water en dient strak en heelte zijn.Schematische voorstelling profielen Voorbeelden van de waterprofielen ToelichtingBij waterfuncties met de toevoeginggevormd stedelijk water worden boven hetwateroppervlak uitstekende waterplanten,zoals riet, lisdodde, biezen verwijderddaar waar deze de beleving van de vormvan het stedelijk water hinderen.Bij waterfuncties met de toevoeginggevormd stedelijk water worden boven hetwateroppervlak uitstekende waterplanten,zoals riet, lisdodde, biezen verwijderddaar waar deze de beleving van de vormvan het stedelijk water hinderen.Bij waterfuncties met de toevoeginggevormd stedelijk water worden boven hetwateroppervlak uitstekende waterplanten,zoals riet, lisdodde, biezen verwijderddaar waar deze de beleving van de vormvan het stedelijk water hinderen.61WATERWERK >


WATERPROFIELEN ZWEMWATERSchematische voorstelling profielen Voorbeelden van de waterprofielen Toelichting62WATERWERK >OmschrijvingHet betreft hier water dat geschikt is om in te zwemmen en waarin de zomerperiode veel aandacht is voor de daarop gerichtewaterkwaliteit.Waterkwaliteit en natuurZwemwater is kwalitatief geschikt voor activiteiten met intensieflichamelijk contact met het water. De zwemwaterkwaliteit wordtregelmatig gecontroleerd door de waterschappen. De kansen voorde ontwikkeling van natuurwaarden zijn ondergeschikt aan dezwemfunctie. Ganzenpopulaties zijn zeer ongewenst binnen dezewaterfunctie.Hydraulische aspectenZwemwater vervult geen rol in de berging van water en vooraan- en afvoer van water.Recreatieve- en esthetische kwaliteitenDe naamgeving zwemwater geeft de recreatieve functie aan.Het onderhoud is gericht op het verwijderenvan waterplanten waar die het zwemmenen spelen in het water negatief beïnvloeden.Vanaf de kant gerekend loopt het profielzeer ondiep naar geleidelijk aan een diepteom te zwemmen. Ganzenpopulaties zijnzeer ongewenst binnen deze waterfunctie.Het onderhoud is gericht op het verwijderenvan waterplanten waar die het zwemmenen spelen in het water negatief beïnvloeden.Vanaf de kant gerekend loopt het profielzeer ondiep naar geleidelijk aan een diepteom te zwemmen. Ganzenpopulaties zijnzeer ongewenst binnen deze waterfunctie.InrichtingsaspectenDe inrichting langs delen van het water dient zonnebaden enbalspelen mogelijk te maken.OnderhoudsaspectenOm het water aantrekkelijk te houden voor het zwemmen enspelen is het onderhoud van water en oever gericht op hetverwijderen van eventuele waterplanten en drijf-, zink- enzwerfvuil in de zwemzone.


WATERPROFIELEN BOEZEMWATERSchematische voorstelling profielen Voorbeelden van de waterprofielen ToelichtingOmschrijvingBoezemwater heeft aan- en afvoerfunctie en berging voor waterop een lokale en regionale schaal en wordt in de meeste gevallengebruikt voor transport over water.Waterkwaliteit en natuurDe boezemwateren kenmerken zich door een kwaliteit die op eenboven-stedelijk schaalniveau wordt bepaald. Provincie en waterschappenvoeren het kwantiteits- en kwaliteitsbeheer dat isafgestemd op de behoeften van de gehele provincie.Het strakke profiel en de relatief hoge voedselrijkdom biedtgeringe kansen voor de ontwikkeling van natuurwaarden, m.u.v.die plekken waar gericht natuurvriendelijke oevers zijn of wordenaangelegd (zoals bij het Noord Willemskanaal).Hydraulische aspectenHet boezemwater dient voor berging van water en voor aanenafvoer; het heeft over het algemeen een vast streefpeil.De oeverkade heeft tevens een funktie als waterkering.Recreatieve- en esthetische kwaliteitenHet boezemwater heeft een belangrijke rol voor de scheepvaarten recreatievaart. Het water en de oever zijn goed geïntegreerdin de stedelijke omgeving en dragen qua vormgeving bij aan devisuele beleving van de woon- en leefomgeving.Getrapte of flauwe oever gewenst voorveiligheid en natuurontwikkeling.Er wordt niet expliciet gestuurd op denatuurwaarden in de oever en de bermmaar de oevervegetatie is zeker een meerwaardevoor de natuur en de beleving.Aandachtspunt is behoud van het zicht ophet water.Profiel waarin door de waterdiepte geennoemenswaardige plantengroei optreedt.De inrichting is strak en functioneel en er isgeen sprake van geleidelijke overgangen.Profiel waarin door de waterdiepte geennoemenswaardige plantengroei optreedt.De inrichting is strak en functioneel en er isgeen sprake van geleidelijke overgangen.63WATERWERK >InrichtingsaspectenDe inrichting van de waterkering bestaat in de meeste gevallenuit strakke kademuren danwel beschoeiingen maar dit is niet perdefinitie noodzakelijk.OnderhoudsaspectenDe waterkering en oeververdediging dient in goede staat vanonderhoud te zijn.Profiel met een grote meerwaarde voorde natuur in het natte en droge profiel.Aandachtspunt is de overgangsstrook naarde aangrenzende percelen.


WATERPROFIELEN LANDBOUWWATERSchematische voorstelling profielen Voorbeelden van de waterprofielen Toelichting64WATERWERK >OmschrijvingMet landbouwwater worden watergangen langs openbare wegenin het buitengebied en een aantal hoofdwatergangen van hetwaterschap in het buitengebied bedoeld en veelal ten dienste zijnvan de landbouw.Waterkwaliteit en natuurHet water voldoet aan de algemene normen en er wordt over hetalgemeen niet gestuurd op instandhouding en ontwikkeling vannatuurwaarden. Wel wordt het onderhoud uitgevoerd conform deFlora- en Faunawet.Hydraulische aspectenBetreffende watergangen dienen ten behoeve van de berging enaan- en afvoer van water (peilbeheersing).Recreatieve- en esthetische kwaliteitenEr wordt bij de inrichting niet actief rekening gehouden metrecreatieve kwaliteiten. Het water draagt vaak wel bij aanalgemene cultuurhistorische en landschappelijke kwaliteiten.De oevers zijn rationeel ingericht en onderhouden. Dit heeftzeker een esthetische kwaliteit.Het profiel is primair ingericht op actieveaan- danwel afvoer van water.Aandachtspunt is het landbouwwater langsecologisch interessante bermen.Dit kan resulteren in afspraken over de wijzeen frequentie van taludonderhoud.Het profiel is primair ingericht op actieveaan- danwel afvoer van water.Aandachtspunt is het landbouwwater langsecologisch interessante bermen.Dit kan resulteren in afspraken over de wijzeen frequentie van taludonderhoud.InrichtingsaspectenDe inrichting is functioneel en het profiel is hoofdzakelijk gerichtop de optimale aan- en afvoerfunctie en berging.Voor het opschonen van het profiel dient landbouwwater goedbereikbaar te zijn met rijdend materieel.OnderhoudsaspectenVoor de afwatering en een voldoende drooglegging van delanderijen is slootonderhoud noodzakelijk. Dit houdt in dat tijdigonderhoud dient te worden gepleegd in overeenstemming metde onderhoudsbeheersplan van het waterschap.


WATERPROFIELEN STEDELIJK WATEROmschrijvingStedelijk water treffen we als regel aan in het stedelijk gebied ofin de nabijheid van woonwijken. Het betreft hier functioneel watervoor met name de aan- en afvoer van water en voor berging.De oever is goed geïntegreerd in de omgeving en draagt quavormgeving bij aan de visuele kwaliteit in een prettige woonenleefomgeving.Schematische voorstelling profielen Voorbeelden van de waterprofielen ToelichtingGetrapte of flauwe oever gewenst voorveiligheid en natuurontwikkeling.Er wordt gestuurd op de natuurwaardenvoorzover die de beleving van het stedelijkwater vergroten, voorkomen van specifiekeflora- en faunasoorten is van secundairbelang. Aandachtspunt is behoud van hetzicht op het water.Waterkwaliteit en natuurDe kwaliteit van het water voldoet aan de algemene normen enzal niet op korte termijn verbeteren door specifieke activiteiten.Natuur is vooral van belang in relatie tot de beleving van hetstedelijk water.Hydraulische aspectenStedelijk water heeft mede tot doel het bergen van water endeels de aan- en afvoer van water.Riooloverstorten en andere gelegaliseerde lozingen kunnen voorkomen.Recreatieve- en esthetische kwaliteitenDe kwaliteit van het water leent zich niet voor activiteiten metlichamelijk contact met het water.InrichtingsaspectenBeschoeiing komt veelvuldig voor en de oevers zijn over hetalgemeen strak afgewerkt.Er is veelal nauwelijks sprake van eenovergangsgebied tussen de waterlijn ende aangrenzende berm- c.q. gazonzone.Ondanks de niet optimale waterkwaliteitbiedt het overgangsgebied kansen voorhet vergroten van de natuurwaarden.Er wordt gestuurd op de natuurwaardenvoorzover die de beleving van het stedelijkwater vergroten, voorkomen van specifiekeflora- en faunasoorten is van secundairbelang. Aandachtspunt is behoud vanhet zicht op het water. De vorm van deplasberm kan variëren.65WATERWERK >OnderhoudsaspectenHet beeld van het stedelijk water dat behoort niet te wordenverstoord door een te veel aan drijf- en zinkvuil. Het onderhoudis gericht op schoon, net en strak.


WATERPROFIELEN STEDELIJK NATUURWATERSchematische voorstelling profielen Voorbeelden van de waterprofielen Toelichting66WATERWERK >OmschrijvingWater in stedelijke groengebieden die onderdeel zijn van deStedelijke Ecologische Structuur (SES) met een zeer goedewaterkwaliteit. De oever- en watervegetatie is een wezenlijkonderdeel van de biotoop in het stedelijk natuurwater.Waterkwaliteit en natuurHet oppervlaktewater wordt niet belast met vuilwateroverstortenen ongezuiverde lozingen. De nadruk ligt op de instandhoudingen het vergroten van de natuurwaarden. De oeverinrichting isvolledig of nagenoeg volledig natuurlijk. Ganzenpopulaties zijnzeer ongewenst binnen deze waterfunctie.Hydraulische aspectenStedelijk natuurwater heeft mede tot doel het bergen vanwater en deels de aan- en afvoer van water. Er is bij voorkeureen natuurlijk peilbeheer.Het onderhoud is gericht op het vergrotendanwel in stand houden van de natuurwaarden.Waar mogelijk wordt de strakkebeschoeiing verwijderd en geleidelijkeovergangen gecreëerd.Aandachtspunt is behoud van het zicht ophet water. Getrapte of flauwe oever gewenstvoor veiligheid en natuurontwikkeling.Profiel met gunstige geleidelijke overgangen.Winst is te behalen in de overgangsstrookvan de natuurvegetatie naar de cultuurvegetatie.Recreatieve- en esthetische kwaliteitenDe hoge waterkwaliteit en de natuurlijke inrichting van water enoevers maakt stedelijk natuurwater bijzonder geschikt voorextensieve en passieve natuurrecreatie. Recreëren en vissenis gezoneerd toegestaan.De meest ideale situatie met geleidelijkeovergangen. Vanaf de waterlijn tot en metde natuurlijke berm wordt het onderhoudgefaseerd uitgevoerd.InrichtingsaspectenBeschoeiing komt in principe niet voor. Kenmerkend voor deinrichting van stedelijk natuurwater zijn de geleidelijke overgangen.OnderhoudsaspectenIn stedelijk natuurwater waar hoge kwaliteitsnormen geldenbehoort het beeld niet te worden verstoord door drijf- en zinkvuil.Enige afkalving behoeft niet storend te zijn en kan prima passenin het gevarieerde beeld. Het onderhoud wordt afgestemd op denatuur zonder dat de aan- en afvoer van water in erge mate wordtbelemmerd.Het onderhoud is gericht op het vergrotendanwel in stand houden van de natuurwaarden.Waar mogelijk wordt de strakkebeschoeiing verwijderd en geleidelijkeovergangen gecreëerd. Winstpunt is deplasberm. Aandachtspunt is behoud vanhet zicht op het water. De vorm van deplasberm kan variëren.


WATERPROFIELEN DUURZAAM STEDELIJK WATEROmschrijvingDuurzaam stedelijk water treffen we veelal aan in of in de nabijheidvan nieuwe woonwijken en in kleinere stadsparken en heefteen goede waterkwaliteit en heeft een ecologische nevenfunctie.Het water en de oever zijn goed geïntegreerd in de omgeving endragen qua vormgeving bij aan een prettige woon- en leefomgeving.Schematische voorstelling profielen Voorbeelden van de waterprofielen ToelichtingHet onderhoud richt zich op het vergrotendanwel in stand houden van de natuurwaarden.Daar waar mogelijk streven naargeleidelijke overgangen voor veiligheid ennatuurontwikkeling. Aandachtspunt isbehoud van het zicht op het water.Waterkwaliteit en natuurDe kwaliteit van het duurzaam stedelijk water is aanmerkelijk beterdan van stedelijk water omdat er geen of weinig verontreinigdelozingen plaatsvinden. De kansen op ontwikkeling van natuurwaardenzijn hierbij aanwezig, maar niet doorslaggevend.Ganzenpopulaties zijn zeer ongewenst binnen deze waterfunctie.Profiel met gunstige geleidelijke overgangen.Winst is te behalen in de overgangsstrookvan de natuurvegetatie naar de cultuurvegetatie.67Hydraulische aspectenDuurzaam stedelijk water heeft mede tot doel het bergen vanregenwater en deels de aan- en afvoer van water uit het gebied.Het water-peil kent een zomer- en winterpeil en wordt beïnvloeddoor seizoen- en weersomstandigheden.Recreatieve- en esthetische kwaliteitenDe kwaliteit van het water leent zich als bijkomstigheid goed vooractiviteiten met een zekere lichamelijk contactkans (varen, vissen).InrichtingsaspectenBeschoeiing komt als regel voor, echter daar waar mogelijk wordtde voorkeur gegeven aan natuurlijke oevers.De meest ideale situatie met geleidelijkeovergangen. Vanaf de waterlijn tot en metde natuurlijke berm wordt het onderhoudgefaseerd uitgevoerd. De natuurwaardenwordt beïnvloed door de kwaliteit van hetwater en aangrenzende bebouwing.WATERWERK >OnderhoudsaspectenHet beeld hoort niet te worden verstoord door een te veel aandrijf- en zinkvuil. Binnen het onderhoud is ruimte voor een oeverenwatervegetatie. Dit houdt veelal een lagere frequentie voorschonen in, vlakken vegetatie laten overwinteren en pleksgewijsonderhoud.Het onderhoud richt zich op het vergrotendanwel in stand houden van de natuurwaarden.Daar waar mogelijk streven naargeleidelijke overgangen voor veiligheid ennatuurontwikkeling. Aandachtspunt isbehoud van het zicht op het water.De vorm van de plasberm kan variëren.


BIJLAGE C > WoordenlijstBasisinspanning > Landelijke norm voor rioleringen om de emissies vanuit overstorten op oppervlaktewatertot een aanvaardbaar niveau te brengenBemalingsgebied > Gedeelte van het totale rioleringsgebied dat door één gemaal wordt bemalenEcoscan > Scan die inzicht geeft in de ecologische kwaliteit van waterHelofytenfilter > Waterzuivering door middel van helofyten. Dit zijn moerasplanten, zoals riet en lisdodde.IBA > Individuele Behandeling van Afvalwater.Afvalwater wordt in Nederland meestal niet individueel behandeld maar communaal,het wordt verzameld en verplaatst in het riool en het riool is verbonden met eenrioolwaterzuiverings-instalatie (RWZI) van het waterschap.68Kwel > Grondwater dat onder druk uit de grond komtWATERWERK >NME-beleid > Natuur en MilieubeleidOverstort > Uitlaatklep van het rioolPersleiding > Riool waarin het water door middel van een pomp wordt verplaatstStroomgebiedbeheersplan > In een stroomgebiedbeheerplan staat wat de huidige toestand van het water in het gebied is,hoe het zou moeten worden en wat er daarvoor moet gebeuren.Ook gaat het stroomgebiedbeheerplan over maatregelen rond wateroverlast en watertekort.Wadi > Bufferings- en infiltratievoorziening die tijdelijk gevuld is met regenwater bedoeldWaterketen > Het geheel van diensten aan huishoudens en bedrijven dat te maken heeft met het gebruik enhet afvoeren van water. De waterketen omvat het zuiveren en leveren van drinkwater,het inzamelen van afvalwater en het afvoeren daarvan via de riolering (samen met hetovertollige hemelwater) en het transporteren en zuiveren van stedelijk afvalwater.Watersysteem > Samenhangend geheel van oppervlaktewater en grondwater in een bepaald gebied,inclusief waterbodem en oevers


meer wetenGemeente Groningen, dienst RO/EZ, loket Beheer en VerkeerT (050) 367 89 10E loket.beheerenverkeer@roez.groningen.nlI www.gemeente.groningen.nl/milieu-en-afval/waterUitgave Gemeente Groningen, dienst RO/EZ, april 2009 > Tekst dienst RO/EZ >Redactie John Brouwer > Fotografie Dick Bergsma, Reyer Boxem, Leo Dijkstra, Jan Glas,Anne Helbig, Niranyana Jayamary, Jeroen van Kooten, Rick Luimes, Stijntje de Olde, Ger Roosjen enarchief dienst RO/EZ > Vormgeving Maria Heikens > Printwerk PrintCenter, Groningen

More magazines by this user
Similar magazines