Bejun Mehta - De Nederlandse Opera

media.dno.nl

Bejun Mehta - De Nederlandse Opera

ODEONMagazine van De Nederlandse Opera23ste jaargang / nr. 86 sep/okt/nov 20128618248 Der SchatzgräberFranz Schreker26Written on SkinGeorge BenjaminRingetjeRichard WagnerDas RheingoldRichard Wagner


249 ste INTERNATIONAAL VOCALISTEN CONCOURS21 t/m 30 september 2012Theater aan de Parade ’s-HertogenboschhoofdsponsorSopraan Daniela Köhler | Grand Prix 48ste IVC 2010 • Het Brabants Orkest o.l.v. David AngusInternationale Tiendaagse van de StemOpera – Oratorium – LiedConcours – Concerten – MasterclassesJury: Nelly Miricioiu sopraan • Peter Schreier tenor | dirigentSergei Leiferkus bariton • Peter de Caluwe intendant De Munt BrusselArnold Alons casting Opera Toulouse | Santiago de ChileHein Mulders vanaf 2013 intendant Aalto Theater & Philharmonie EssenJesús Iglesias Noriega hoofd artistieke zaken DNO Amsterdamvoorzitter Ioan Holender voormalig intendant Weense StaatsoperaAlle activiteiten toegankelijk voor publiekKoop nu de IVC 2012 Royaalkaart en ontvang korting! € 80 / € 40,- (studentenkaart)www.ivc.nuFranz SchrekerDer SchatzgräberGeorge BenjaminWritten on SkinRichard WagnerRingetjeRichard WagnerDas RheingoldWolfgang Amadeus MozartDie ZauberflöteRobert Wilson | Philip GlassEinstein on the BeachGioacchino RossiniGuillaume TellSergej ProkofjevL’amour des trois orangesRichard WagnerDie WalküreGiuseppe VerdiLa traviataMichel van der AaSunken GardenRichard WagnerDie Meistersinger von NürnbergBenjamin BrittenDeath in VeniceSeizoen 2012 2013reserverenT 020 625 5455www.dno.nl


Gesprek voor aanvang3Paul Haenen ColumnAnnemarie: Ik verheug me zo verschrikkelijkop de voorstelling, ben ik nuabnormaal?Peter: Nee, ik verheug me er ook op.Annemarie: Maar jij doet dat anders. Jijbent veel introverter dan ik, jij bent eenbinnenvetter.Peter: Begin je weer? Als ik een echtebinnenvetter zou zijn, hield ik nu mijnmond maar dat doe ik dus niet. Ik benminder extreem dan jij, ik loop mindermet mijn gevoelens te koop.Annemarie: O, nou loop ík ineens metmijn gevoelens te koop terwijl ik alleenmaar spontaan ben. Ik juich na eenmooie aria en dat doen anderen ook.Peter: Je gilt na een aria die helemaalniet zo mooi is. Jij wilt opvallen, aandachtvan het andere publiek trekken.Jij wilt overal bovenuit gillen. Is nieterg maar wel een feit.Annemarie: Deze discussie heeft werkelijkgeen zin. Ik geniet, uit me en benniet van plan net zo gesloten te wordenals jij. Ik mag toch wel genieten?Peter: Tuurlijk mag je genieten en jemag ook schreeuwen, je mag ook deaandacht trekken, je mag alles van mij.Annemarie: Ik ben nou eenmaal eengenotsmens. Ik geniet nu ook al, voorde voorstelling, hier in de foyer. Ikgeniet van de mensen, de kleding, hetuiterlijk en de combinatie van alles. Letjij wel ’s op het operapubliek?Peter: Niet echt nee en eigenlijk wil ikzo gauw mogelijk de zaal in. Ik hou nietvan die observerende blikken van al dievreemd uitgedoste mensen.Annemarie: Zo vreemd zijn ze niet uitgedost.Kijk, ze beseffen wel dat ze naar hettheater gaan, dus ze kleden zich ervoor.Je ziet weinig mensen in afgedragen kleren,hoewel ik het soms wel opwindendvind om naar een totaal afgedragen spijkerbroekte kijken met een gescheurdshirt erboven en een uitgewoond hoofd.Peter: Een uitgewoond hoofd?Annemarie: Ja, van iemand die van hetleven weet te genieten. Je weet tochwel wat een uitgewoond hoofd is?Peter: Nee, wel een uitgewoondlichaam.Peter: Zo ben ik in elk geval niet.Annemarie: Nee, daarom hou ik ook vanjou en voel ik me veilig. Maar bij anderenvind ik juist het afwijkende interessant.En bij de opera zie je gelukkigheel veel afwijkende mensen. Aristocratischevrouwen, elitaire mannen,glunderende nichten en introverteoperaliefhebbers.Peter: Zeg maar een doorsnee van demaatschappij.Annemarie: Ja en daarom vind ik hetaltijd weer heerlijk om naar de Stoperate gaan. Zoals ik het vroeger ook leukvond om naar de Stadsschouwburg tegaan en het voordeel daar was dat erheel veel mensen uit de Jordaan kwamen,lekker spontaan.Peter: Ja, en die gingen dan meezingenmet bijvoorbeeld een Verdi-opera.Annemarie: Dat vond jij nooit leuk maarik genoot ervan. Opera voor het volk.Dat vind ik nu wel jammer dat je haastnooit meer mensen uit de Jordaan ziet,dat er haast nooit meer met een ariameegezongen wordt. Daar zouden ze bijDe Nederlandse Opera wel wat aanmoeten doen want de subsidie is ookbedoeld voor de gewone man.Peter: Wat bedoel je nou weer met degewone man?Annemarie: De man in de straat die hetzich niet kan permitteren om 100 eurovoor een kaartje neer te tellen.Peter: Je hebt toch ook goedkope plaatsenin de Stopera?Annemarie: Ja maar dan moet je ergenshoog achter zitten en bovendien voelenze zich in de Stopera minder thuis danin de Schouwburg.Peter: In de Stadsschouwburg kunnenze toch ook volksopera’s gaan geven?Dat kan trouwens ook in de Stopera,een goedkope operavoorstelling voorhet hele volk.Annemarie: Dat kan niet want debuitenlandse operazangers zijn heelduur. En we moeten met het toptalentuit de hele wereld kunnen werken wantanders verliezen we in Nederland onzeconcurrentiepositie.Peter: ‘We’?Annemarie: Ja, ik voel me zo verbondenmet De Nederlandse Opera dat ik in‘we’ denk, mag ik?Peter: Ja, je mag alles.Annemarie: Het is zo heerlijk om je doorde muziek, door de zang en door hethele spektakel mee te laten slepen.Wat een verschil met een televisieprogramma.Hier ben je echt totaal uit enheb je haast een kosmische belevenis.Peter: Je zou een goeie zijn voor dep.r.-afdeling van de opera.Annemarie: Waarom zeg je dat nou? Jekent me dus je weet dat ik meen wat ikzeg. En ik vind het ook heerlijk om af entoe bekende Nederlanders hier te zien.Sommige doen heel normaal en anderennemen afstand. Ik probeer ze altijdeven aan te spreken maar vaak houdenze de boot af.Peter: Dat kan ik me wel voorstellen.Annemarie: Hoezo kun jij je dat wel weervoorstellen?Peter: Omdat je volkomen over je toerenen met luide stem op ze afstapt.Annemarie: Ik heb helemaal geen luidestem maar ik zorg wel dat ik verstaanbaarben, terwijl jij vaak binnensmondswat mompelt. Ik ben helder en de eenapprecieert dat en de ander moet niksvan een spontane vrouw hebben. Daarweet ik zo langzamerhand mee te leven.Peter: We moeten naar binnen want devoorstelling gaat beginnen.Annemarie: O, wat heb ik er toch veelzin in!(Foto: Hans van den Bogaard)Die Fledermaus, DNO 2008Paul Haenen als Frosch inAnnemarie: Precies en meestal zit eenuitgewoond hoofd op een uitgewoondlichaam. Ik geniet van mensen die hetonderste uit de kan weten te halen.


Truze Lodder (Foto: Jeronimus van Pelt)Afscheid Truze LodderRoland de BeerNa 25 jaar is DNO nogsteeds een feest!Ze kwam bij De Nederlandse Opera als een onbeschreven blad, maar groeide uit tot een van Europa’smeest gerespecteerde operadirecteuren. Een kwarteeuw bestierde Truze Lodder (64) alles wat aan hetWaterlooplein met organiseren en zakendoen te maken had. Een gesprek met haar over haar naderendeafscheid: ‘Wat ik meeneem, past in een handtas.’De opera en het calvinisme hebben geengroot gemeenschappelijk verleden. Maarmisschien moet je juist een ‘calvinistischmeisje’ zijn, zoals Truze Lodder zichzelf weleens heeft omschreven, om te kunnen uitgroeientot een fenomeen als Truze Lodder.De zakelijk directeur van De NederlandseOpera die in oktober op haar 64ste afscheidneemt van het Waterlooplein, doet dat na eendienstverband van liefst 25 jaar. Dat kunnenweinig operadirecteuren in de wereld haarnazeggen. Er zijn niet veel collega’s op ditcomplexe werkterrein, waar idealen en mogelijkhedendoorgaans in een alarmerendestaat van wrijving verkeren, die hun zuinigheiden vlijt even makkelijk als Truze Lodderweten te combineren met ‘rechtlijnigheid,duidelijkheid, navolgbaarheid en integriteit’.Dat zijn de motieven die Truze Loddervanaf haar aantreden in oktober 1987 voorogen heeft gehad. In een bedrijf waar demeest uiteenlopende technische en artistiekespecialismen graag op onverwachtemomenten willen botsen, kan dat moeilijkeen luxe worden genoemd. De consistentiewaarmee Lodder haar motto’s in praktijkheeft gebracht, heeft haar ongemerkt doenuitgroeien tot een van de langstzittendedirecteuren uit de operageschiedenis – eenobservatie die er wat Truze Lodder betreftoverigens niet toe doet. ‘Een vraag zou kunnenzijn: is 25 jaar niet te lang?’ zegt ze, meteen intonatie die goed zou passen bij eenpittig functioneringsgesprek. ‘Ik heb heellang gedacht dat tien jaar op één plek voormij het maximum was.’Maar wat is lang? Saaiheid is een zeldzametoestand in de dagelijkse praktijk van hetoperabedrijf, en in de samenwerking metartistiek directeur Pierre Audi, zegt TruzeLodder, luidt elke dag zo ongeveer een nieuweperiode van avontuur en onvoorspelbaarheidin. Dat was iets om voor te willen vechten.‘En dat bleef het. Het bijzondere,’ zegtVoor De Nederlandse Opera is de herfst van2012 een jaargetij van indringende personeleveranderingen. In oktober vertrekt zakelijkdirecteur Truze Lodder na een loopbaan van25 jaar aan het Waterloo plein. KoordirigentMartin Wright kreeg de kans zijn koers teverleggen naar de Chicago Lyric Opera.Zangersexpert Hein Mulders, hoofd artistiekezaken, is intendant geworden van de Operavan Essen. Artistiek directeur Pierre Audigaat zijn werk voortzetten in een nieuwe constructie:vanaf januari vormen De NederlandseOpera, Het Nationale Ballet en Het Muziektheateréén stichting, waarin de nieuwealgemeen directeur Els van der Plas wordtgeflankeerd door de directeuren TedBrandsen en Audi.4Truze Lodder, ‘is niet mijn directeurschap,maar de lange samenwerking tussen TruzeLodder en Pierre Audi.’GastvrijheidMenig DNO-bezoeker kan Truze Lodder dromen.Bij operapremières posteerde ze zichstrijk en zet in de hal van het Muziektheaterom binnenstromend publiek welkom te heten,en een hand te geven aan iedereen die daarschik in had. Soms geflankeerd door artistiekdirecteur Pierre Audi, vaak door het hoofdcommunicatie, straalde ze er de gastvrijheiden het moederlijk gezag bij uit van eenschoolhoofd – niet per se het hoofd enerSchool met den Bijbel – wier humeur doorniets of niemand kapot is te krijgen.Ziedaar de Truze Lodder van het ‘voorgebouw’,zoals de voor het publiek toegankelijkezones in het Muziektheater wordengenoemd. In het achtergebouw, het complexvan kantoren, studio’s en werkvloeren, waarde stoppenkasten zitten en de theatertrekken,de koffieautomaten, de repetitiepiano’s,de schermen en toetsenborden en vergadertafels,daar is ze eigenlijk net zo.Verschijnselen als tegenslag of intrige lijkenrond Truze Lodder amper te bestaan bijDe Nederlandse Opera in het AmsterdamseMuziektheater, en dat heeft vermoedelijkmeer te maken met goed management enpersoneel dan met de intrinsieke aard vanhet operavak. Is er dan helemaal niemanddie het vertikt om samen met Truze Lodder ineen lift te staan? ‘Er zijn heus wel mensendie mij lastig, of liever: veeleisend vinden,’ ishaar geruststellende antwoord. ‘Maar zelfsdie respecteren mij wel, denk ik.’MiljoenentekortMet de harmonie aan het Waterloopleinstond het er wel eens anders voor. Toen TruzeLodder in 1987 aantrad als zakelijk directeurvan De Nederlandse Opera, ressorterendonder de toenmalige intendant Jan vanVlijmen – sommigen zeiden: als diens waakhond– trof ze pijnlijke taferelen aan. ‘Ikkwam binnen in een sociaal gewonde organisatie,’zegt ze zelf. De Nederlandse Operahuisde in een pas geopend, technisch magnifiekgeoutilleerd Muziektheater. Voor heteerst in de geschiedenis had de kunstvormopera in Nederland een eigen huis, zij hetom beurten met het ballet. Maar voor deoverstap naar de grote theatermaten en denieuwe internationale ambities werd tolbetaald. Toen Van Vlijmen eind 1987 afscheidnam, krap anderhalf jaar na de opening vande nieuwe tempel van architect Cees Dam,liet hij een Nederlandse Opera achter diegeplaagd werd door een miljoenentekort,door tweespalt tussen nieuw en oud personeel,en door slechte communicatie met detechnische diensten van het Muziektheater.En helaas, voor het wegwerken van eenmiljoenentekort lijken tweespalt en slechte


Truze Lodder:1948 geboren1965 eindexamen HBS-B,Charlois Lyceum Rotterdam1965-1974 Holland-Amerika LijnRotterdam. Eindfunctie: planning van cruises.1974-1984 AVRO, Hilversum. Eindfunctie:hoofd financieel beheer Radio en TV.1984-1986 Reklamebureau Prins, Meijer,Stamenkovits & Van Walbeek, Amsterdam.Eindfunctie: directielid, belast met financiëleen personele zaken.1986-1987 Noordervliet & Winninghoff/Leo Burnett BV, Amsterdam. Eindfunctie:plaatsvervangend algemeen directeur.1987-2012 De Nederlandse Opera,zakelijk directeur,1992-2006 daarnaast directeurHet Muziektheater2006-2012 directievoorzitterHet Muziek theater.Truze Lodder zet na haar afscheid van deNederlandse Opera haar huidige nevenfunctiesvoort. Ze is sinds 2004 commissarisbij de Nederlandse Spoor wegen ensinds 2005 bij Van Lanschot Bankiers. Zewerd in 2007 Lid van de Raad van Toezichtvan de Universiteit Maastricht. Daarnaast isze lid van de Raad van Toezicht van hetVSBfonds en voorzitter van het NJO: deNederlandse orkest- en ensembleacademie.communicatie niet de beste voorwaarden.Prominenten in het kunstenveld vroegen zichopenlijk af of de problematiek van de Operaüberhaupt op te lossen viel. Aan zakelijkdirecteur Lodder, die eerder carrière maakteals hoofd financieel beheer bij de AVRO enals directielid van een reclamebureau, werdniet de passie, noch de ervaring toegeschrevendie nodig waren om zowel de boeken tesaneren als tegelijkertijd de operakunst nogeen beetje op gang te houden op een draaglijkniveau. ‘Ik was dat meisje uit de omroepen van de reclame,’ zegt Lodder. ‘Ik heb operapas geleerd toen ik binnenkwam.’Haar grote verdienste – zelfs scepticiwaren het daar snel over eens – is dat ze deknoop heeft ontward door aan alle eindentegelijk te trekken. ‘Dat het er slecht voorstond,was voor mij een enorme stimulans.’SaneringHet lag voor de hand dat een paar grootschaligenieuwe producties op het speelplan,waaronder Die Gezeichneten vanSchreker, voorlopig plaatsmaakten voorminder begrotelijke projecten. Het kostbareOrkest van de Achttiende Eeuw, dat deintendant had vastgelegd, moest wijken voorhet ‘om niet’ beschikbare NederlandsPhilharmonisch, het reguliere begeleidingsorkestvan De Nederlandse Opera. Datscheelde al veel.Maar sowieso leed de artistieke begrotingte veel onder de druk van vaste personeelslasten,vond de net aangetreden zakelijkdirecteur. Goed dat inkrimping van de stafgelijk op kon gaan met eliminering van communicatieproblemenbinnen diezelfde staf.Van medewerkers die al op een zijspoorstonden werd afscheid genomen, of ze werdenjuist gereactiveerd.Truze Lodder: ‘De belangrijkste veranderingwas deze – je zou het tegenwoordig een5paradigma shift noemen: voor mijn komstwerd er altijd geklaagd over hoe weinig gelder was voor dirigenten en solisten. En hoe ergdat toch was voor de kwaliteit. Ik heb datomgedraaid: waartoe zijn wij hier? Wat wordter van ons verwacht? Hoe krijgen we dat voorelkaar? En dan pas: wat voor staf kunnen weons daarbij permitteren?’ De overheadkostenwerden drastisch gereduceerd.Haar succes lag in een operatie waarvanhet effect het grote publiek ontging. De miljoenendie het Rijk de Opera voorschoot teroverbrugging van het gapende gat, moestenverspreid over een aantal jaren worden vereffend.Dat is keurig gebeurd, volgens het afgesprokentijdschema. Maar Lodders saneringwierp eerder dan gepland haar vruchten af.Dat moest ook wel, want tijdens de saneringmoest het aantal voorstellingen per seizoenaanzienlijk groeien en daar was geld voornodig, dus werd besloten de megafoon thuiste laten. ‘Laten we het maar low profile houden,’was het motto op de derde etage.EvenwichtskunstenaarLodders grote waagstuk – ‘ik was niet deenige in de zoekcommissie, maar ik had ersamen met onze toenmalige bestuursvoorzitterBernard Sarphati wel de belangrijkstestem in’ – zat in de werving van een nieuweartistiek directeur, die, zoals de betrokkenezelf toegaf, nauwelijks ervaring had metopera. Het was de toen pas 31-jarigeLibanees Pierre Audi, die in Londen hetAlmeida Theatre had opgericht. Zijn kandidatuurwas onwaarschijnlijk, a far shot, volgenshet commissielid dat zijn naam noemde(die bijna niemand kende). Het Almeidahield het midden tusen – in Amsterdamsetermen – Mickery en De IJsbreker, meteigentijds theater en een zomerfestival volnieuwe muziek en muziektheater. Audi hader het organiseren en regisseren van prikkelendekleinschalige producties in de vingersgekregen. Van een Ring des Nibelungen waszijn knowhow nog lichtjaren verwijderd.Waarom we hem wilden? Het voeldegewoon goed. Het onorthodoxe van die jongensprak ons aan,’ zegt Truze Lodder, onderstrependdat bij een mooie sollicitatie deintuïtie de ratio fors kan overvleugelen. ‘Erwas een klik.’ En toen? ‘Toen werd het pasecht leuk, want doordat Pierre erbij kwam,werd mijn werk weer moeilijk. Het was meteenafgelopen met mijn snelle beslissingen,genomen met het oog op het gezond makenvan de organisatie: het artistieke werd vanafPierres komst de drijvende kracht.’De kunst was om het ook zakelijk en organisatorischgoed te blijven doen. TruzeLodder noemt zichzelf een ‘evenwichtskunstenaar’.‘Of een tolk-vertaler, tussen hetartistieke en de harde wereld.’ Zij en Audibesloten gelijk maar een tienjarenplan op testellen. Het moest een interne leidraad vormen,het zou het huis voorzien van een signatuur,en het zou naar buiten het signaalafgeven dat de directeuren niet van zinswaren de pijp na een jaartje of wat aanMaarten te geven. Het plan waarmee ze inoktober 1989 naar buiten kwamen, verbaastnog altijd door zijn detaillering, en door deconsequentie waarmee het is gerealiseerd:meerjarige accenten op Monteverdi, Berlioz,Schönberg. Eigentijdse, nieuw te schrijvenopera’s. Kleinschalig werk naast monsterprojectenals de Ring en Les Troyens.Betrokkenheid van beeldend kunstenaars,en van dirigenten als Pierre Boulez en FransBrüggen, van regisseurs als Peter Stein,Peter Sellars en Pierre Audi zelf.En als er voor een prominent onderdeelgeen ruimte was binnen die tien jaar, dankwam het wel een jaar later aan de beurt.Zoals Kopernikus/Rêves d’un Marco Polo vanClaude Vivier,’ zegt Truze Lodder, verwijzendnaar een DNO-productie in de Westergasfabriek,die haar is bijgebleven als ‘een vande absolute hoogtepunten’. In de catalogusvan haar geheugen is op bladzij 1 Il ritornod’Ulisse in patria van Monteverdi gegrift, deeerste regie in het Muziektheater van Audi,‘een productie waarmee hij definitief respectafdwong, ook van iedereen hier in huis.’En bij haar topmomenten zitten Audi’sWalküre, de sublieme Wozzeck van AlbanBerg door regisseur Willy Decker en dirigentHartmut Haenchen, Dialogues des Carmélitesin de regie van Robert Carsen, en Die Frauohne Schatten, met het dirigeerdebuut vanMarc Albrecht. ‘Dat vind ik de mooistemomenten: als ik voel dat alles klopt. Als ikerdoor opgetild word. Als ik blij word van hetproduct waar ik werk voor verzet. En als ikhet publiek blij zie. Dat je voelt dat je eentoegevoegde waarde voor de maatschappijhebt.’Ze leest alle (‘nou ja, bijna alle’) bezoekersbrievenaan De Nederlandse Opera, envindt dat ze de onbevangenheid heeft van eenpublieke toeschouwer. ‘De generale repetitieis de eerste keer dat ik iets helemaal zie. Voorhet volgen van gewone repetities heb ik echtgeen tijd. Ik zeg wel graag tegen iedereen:kom een keer backstage, kom op het podium,ga mee met een rondleiding. Dan merk je datje vanuit je plek in de zaal niet alles ziet watde makers willen dat je ziet.’IntegratieEen internationaal samengestelde visitatiecommissieonder leiding van Brian McMaster,de voormalige directeur van het EdinburghFestival, bracht in 2010 rapport uit. Plaatsvan De Nederlandse Opera in het bestel:excellent. Artistieke kwaliteit: excellent.Artistieke ontwikkeling en innovatie: excellent.Productiviteit: excellent. Financiëlegezondheid: excellent. Contact met geïnteresseerdepersonen en organisaties: ai –uitstekend slechts (niet excellent). Was datgeen domper? ‘Uitstekend is nog altijd meerdan goed, en ik ben nu eenmaal niet iemanddie eindeloos veel tijd besteedt aan lobbyenen iedereen te vriend houden,’ zegt Lodder.Kort na haar aantreden in 1987 ontdekteTruze Lodder dat in de boekhouding van hetpas geopende Muziektheater (het gebouw)vorderingen uitstonden op De NederlandseOpera (het gezelschap) die in de boekhoudingvan de Opera nergens als schuldenwaren te ontdekken. In de top van beideorganisaties zat een overlap van dezelfdefunctionarissen. De jaarrekeningen werdengetekend door dezelfde accountant. Lodderkwalificeerde die scheefstand als onbehoorlijkbestuur. ‘Ik trok meteen aan alle bellenen ben oplossingsgericht aan de slaggegaan.’De kans op dergelijke rariteiten is inmiddelsuitgesloten en dat blijft zo, nu de integratievan De Nederlandse Opera, HetNationale Ballet en Het Muziektheater haarvoltooiing nadert in de vorm van een werke-


Afscheid Truze Lodder6Rêves d'un Marco Polo (Foto: Clärchen & Matthias Baus)lijke fusie. Die krijgt over een paar maandenhaar beslag. Truze Lodder, die in 1992 – naasthaar functie bij de Opera – directeur werdvan Het Muziektheater, en in 2006 directievoorzitter,zegt jarenlang naar die fusie tehebben toegewerkt. Maar ze zal er hetgenoegen van een nog beter gestroomlijndebedrijfsvoering niet meer aan ontlenen.Daar gaat de nieuwe directeur Els van derPlas mee aan de slag. Truze Lodder: ‘Ik zalhet ordentelijk achterlaten. Ik heb weinigspullen om mee te nemen. Ik ben gauw klaarmet opruimen. Wat ik meeneem, past in eenhandtas.’‘Wij hanteren geen sterrentarieven’– zeven vragen aanTruze Lodder1. Hoe hou je in het operavak de kosten in dehand? Er komen zoveel technische en artistiekeeisen en specialismen aan te pas datdat per definitie onbegonnen werk lijkt.‘Toen ik pas begon, was er een penningmeesterin het bestuur die zei: dit is zo’n riskantvak, je moet altijd wel 50 procent onvoorzieninbouwen. Dat vond ik onzin. We zijn steedsscherper gaan begroten en processen gaanbeheersen. Eigenlijk is iedere opera een project.En omdat iedere opera en iedere ensceneringweer anders is, heb je allemaal verschillendeprojecten. Je hebt te maken metgrote bezettingen, kleine bezettingen, welkoor, geen koor, zichtbaar koor, onzichtbaarkoor. Dat heeft meteen al consequenties voorde kostuums bijvoorbeeld. De eisen op hetgebied van decorbouw en theatertechniekzullen ook steeds weer anders zijn. Voor aldie dingen hebben we een productieprocesen een kostenallocatiesysteem ontwikkeldwaarin iedere afdeling verantwoordelijk isvoor de realisatie van een bepaald deel vanhet project binnen de begroting. Daar let ikwel bij op of er scherp genoeg wordt begroot.Dat er niet wordt gemajoreerd op het gebiedvan bijvoorbeeld de casting of de materialen.Het moet altijd moeilijk zijn de targets tehalen, anders is er sprake van overbegroting.Dat kunnen we niet hebben en daar ben ikvasthoudend in. Maar de vakkennis en hetonderlinge vertrouwen hier zijn erg groot.’2. En als de uitgaven hoger uitvallen dangedacht?‘Dat gebeurt zelden, we beheersen hetproces, maar als het een enkele keer tochonvermijdelijk is, zullen we het in een volgendproject met minder moeten doen.’3. Een ontwerper kan voor die ene keer dathij hier komt van alles bedenken. Hij hoefttoch niet mee te begroten?‘Op een ontwerpersidee wordt altijd eersteen haalbaarheidsonderzoek losgelaten. Endan maken wij er wat we noemen een theaterontwerpvan. Waarbij niet alleen de chefdecorbouw wordt betrokken, die bij ons eenDelftse ingenieur is, maar ook de mensendie het moeten hanteren op het toneel. Dedefinitieve budgetten, die delen we toe nahet haalbaarheidsonderzoek. En wat wedefinitief hebben toegewezen, wordtbewaakt. Als een ensceneringsteam steedsmaar dingen wil veranderen, en steeds metnieuwe wensen komt, dan verwacht ik vanonze organisatie dat ze flexibel zijn en meedenken,terwijl ze de kaders vasthouden. Tothier en niet verder.’4. Voor het ontwerp van jullie jongste productievan Parsifal heeft regisseur PierreAudi een beeldend kunstenaar van wereldfaamuitgenodigd, Anish Kapoor. Schept datweer aparte voorwaarden?‘Kapoor wilde dat er een spiegel van bijnazeven meter doorsnee werd gemaakt, eenronde spiegel uit één stuk. Er mochten geennaden in zitten. Ik had daar moeite mee, vanwegede transportkosten en vanwege hetfeit dat het je mogelijkheden beperkt om deproductie te verhuren aan andere operahuizen.Er was al een hele route uitgezet metdiepladers en dekschuiten, van Kapoorsspiegelmakerij in Limburg naar Amsterdam.Ik zei: Pierre, als het uit de hand loopt, moetik het terughalen uit producties in de toekomst.Gelukkig waren de sterren met ons.Het bedrijf in Limburg heeft net op tijd eenmethode ontwikkeld om zo’n spiegel vangepolijst metaal in delen in elkaar te zetten,met zulke fijne lasnaden dat ze bijnaonzichtbaar zijn. Toen kon de spiegel in eengewone zeecontainer.’5. Zangersmanagements hebben lang deneiging gehad de gages voor vocalistensteeds maar op te vijzelen. Valt daar tegenopte onderhandelen?‘Wij hebben er altijd behoorlijk weerstandaan geboden. Soms door uitwisseling vaninformatie met andere operahuizen. Hoewelwe daar ook slechte ervaringen mee hebbenopgedaan, want er waren huizen in Duitslanden Italië, die een zanger dan gewoon van jewegkaapten door te over bieden. Echteafspraken, dat mag ook niet. Ook voor operahuizengelden de regels van het vrije verkeer,je mag niet aan kartelvorming doen.’6. Betaalt De Nederlandse Opera eengemiddelde van wat er op de internationalezangersmarkt betaald wordt?‘We betalen geen sterrentarieven. Weonderhandelen scherp, en dat kunnen wedoen omdat we eerder trensettend dantrendvolgend zijn. Artiesten komen hiervaak een rol instuderen die nieuw voor ze is.Ze vinden de werkomstandigheden fijn. Zekrijgen repetitietijd, ze kunnen er grondigmee aan de slag, ze vinden Amsterdam eenleuke stad. Maar nu praten we over iets watik voor een heel groot deel gedelegeerdheb aan de specialistische kennis van hethoofd artistieke zaken.’7. Is goed zakendoen een voorwaarde voorgoede opera?‘Ja, als je beseft wat GOED is. Wat juistNIET moet gebeuren, is dat de randvoorwaardenbepalend worden voor de artistiekegang van zaken. Dan krijg je precies hetomgekeerde van wat er nodig is. We zijn eenbedrijf dat opereert vanuit een artistiekegedrevenheid. Niet vanuit een technischegedrevenheid, zoals hier ooit wel eens isgedacht, of een zakelijke gedrevenheid.We hebben een solide, professionelebedrijfsvoering, die onze missie om hetpubliek excellente opera te bieden en dekunstvorm levend te houden ondersteunt.’


7Uitmarkt 2012Bezoek De Nederlandse Operaop de informatiemarktOp 24, 25 en 26 augustus wordt hetlandelijke culturele seizoen geopendtijdens de Uitmarkt op het Museumpleinen Leidseplein in Amsterdam. Kom DNObezoeken in het Theaterdorp op hetMuseumplein (stand Het MuziektheaterAmsterdam) voor exclusieve aanbiedingenen leuke optredens.ConcertgebouwKleine Zaal26 aug 201212.00 uurEntree gratisOptreden DNO op de Uitmarkt 2012DNO presenteert op zondag 26 augustusin de Kleine Zaal van het Concertgebouween concert geïnspireerd door de operaDer Schatzgräber. Begeleid door pianisteReinild Mees brengen castleden muziekvan de lang vergeten componist van deopera, Franz Schreker, ten gehore.Hoofdrolzangeres Manuela Uhl (sopraan)zingt een scène uit de derde akte vanDer Schatzgräber, tenor Gordon Gietzen bariton André Morsch zingen enkeleliederen van Schreker.Marco Borggreve)(Foto's: Jennifer Adler, Peter Hurley enEvenement gesprek Der SchatzgräberDe opera Der Schatzgräber opent op1 september a.s. het nieuwe operaseizoen.DNO presenteert in samenwerking metSociëteit Arti et Amicitiae een gesprekrondom Franz Schrekers opera.Dramaturg Klaus Bertisch gaat met chefdirigentMarc Albrecht en Schreker-specialistChristopher Hailey in gesprek over dezemagische en sensuele opera en over decomponist. Een muzikaal optreden wordtverzorgd door zangers Gordon Gietz enAndré Morsch, begeleid door pianisteReinild Mees.Arti et AmicitiaeRokin 1122 september 201216.00 uurEntree gratisReserveren verplicht: info@dno.nl


Der Schatzgräber8Kijk daar – een galg!Dat riekt naar cultuur. (Nar)VoorspelDe juwelen van de koningin zijn gestolen.Sindsdien voelt ze zich ziek en wil nietmeer met de koning slapen. Als de hofnaruitkomst weet, mag hij zijn beloning uitkiezen:hij wil een vrouw. De rondtrekkendezanger Elis bezit een toverluit, waarmeeverborgen schatten kunnen worden opgespoord.De koning laat naar hem zoeken.IEls, de dochter van een herbergier, is tegenhaar zin uitgehuwelijkt aan een rijke jonker.Hem stuurt ze de dag voor hun bruiloft naareen heler in de stad om een gouden kettingte gaan halen: het laatste stuk uit het bezitvan de koningin, want de rest heeft ze alin huis verborgen. Ze beveelt haar knechtAlbi, die verliefd op haar is, de jonker op deterugweg te vermoorden, net als haar tweevorige vrijers. Tijdens een toost op de afwezigebruidegom komt Elis binnen, die eenlied voor het feestende gezelschap zingt.Els is zeer onder zijn bekoring. Onderwegheeft Elis de ketting gevonden, die hij Elsaanbiedt. Als het lijk van de jonker wordtontdekt, reageert Els verheugd, want ze is nuvrij voor Elis. Deze wordt echter beschuldigdvan de roofmoord.IIElis zal ter dood worden gebracht. Bij deexecutieplaats bevinden zich Els en de nar,die nog steeds op zoek is naar de zangermet de toverluit. Uit Els' woorden begrijptde nar dat de veroordeelde de man is die hijmoet hebben. Hij snelt weg naar de koning.Els raadt Elis aan tijd te winnen door hetzingen van een afscheidslied. Hij verklaarthaar zijn liefde. Op het laatste moment ver­hindert een koninklijke heraut de terechtstelling.Elis gaat met hem mee naar hethof. Morgen zal hij terugkeren naar Els.Om te voorkomen dat hij de juwelen bijhaar aantreft, laat ze Albi zijn luit stelen.IIIEls en Elis brengen samen de nacht door.Hij is wanhopig omdat hij zonder de luitzijn opdracht niet kan uitvoeren. Zij beloofthem aan de schat te helpen op voorwaardedat hij niet zal vragen hoe zij daaraan isgekomen. Els vertoont zich aan hem, behangenmet alle juwelen van de koningin. Bijhet ochtendgloren overhandigt zij Elis deschat.IVHet hof viert feest omdat de koningin haarsieraden en daarmee haar jeugd en schoon­Kostuums Koor Der Schatzgräber (ontwerp: An D'Huys)


9heid terug heeft. Men zet Elis onder drukom hem te laten vertellen hoe en waar hijde schat heeft gevonden. Hij wordt boos,beledigt de koningin en eist de juwelenterug. Dan komt de voogd melden datAlbi alles heeft bekend. Als bewijs geefthij de luit terug aan Elis. Els wordt terdood veroordeeld. Maar nu herinnert denar de koning aan diens belofte en eistEls op als bruid. Zij neemt afscheid vanElis en volgt de nar.NaspelIn de kluizenaarshut van de nar ligt Elsop sterven. De nar heeft Elis laten halen,die haar laatste ogenblikken verlicht meteen lied over een paradijselijk oord, waariedereen volmaakt gelukkig is.za 1 september 2012 première 20.00 uurdi 4 september 20.00 uurdo 6 september20.00 uurzo 9 september13.30 uurwo 12 september20.00 uurza 15 september20.00 uurwo 19 september20.00 uurzo 23 september13.30 uurHet Muziektheater AmsterdamKaartverkoop is reeds begonnen.Bij het ter perse gaan van deze Odeon zijn ernog kaarten verkrijgbaar.Bel het Kassa-bespreekbureau: 020-625 5455Online reserveren: www.dno.nlInleidingen door Kees ArntzenPlaats: het Muziektheater (foyer 2de balkon)Tijd: 45 minuten voor aanvang van iederevoorstelling, dus 19.15 uur (avond)/12.15 uur(matinee)Lengte: ± 30 minutenToegang: gratis op vertoon van een plaatsbewijsvoor de voorstelling van die dag.Met steun van de Vereniging Vriendenvan De Nederlandse Opera.UitzenddatumRadio 4, NTR Opera Live:zaterdag 15 september, 19.00 uurDinerbuffettenBij elke avondvoorstelling van DNO kunt uge nie ten van een diner buffet in de foyer van hetMuziektheater. Zo kunt u rustig eten en bent u optijd voor de opera. Reserveren: 020-625 5455of via www.het-muziektheater.nl/kaarten.Franz Schreker 1878-1934Der SchatzgräberOper in einem Vorspiel,vier Aufzügen und einem NachspiellibrettoFranz Schrekermuzikale leidingMarc AlbrechtregieIvo van Hovedecor/lichtJan VersweyveldkostuumsAn D’HuysvideoTal YardendramaturgieJanine BrogtKlaus BertischDer KönigTijl FaveytsDie KöniginBasja ChanowskiDer Kanzler/Der SchreiberAlasdair ElliottHerold/Der GrafAndré MorschDer Schultheiß/Der MagisterKurt GysenDer NarrGraham ClarkDer VogtKay StiefermannDer JunkerMattijs van de WoerdElisRaymond VeryDer WirtAndrew GreenanElsManuela UhlAlbiGordon GietzEin LandsknechtHarry TeeuwenErster BürgerCato FordhamZweiter BürgerRichard MeijerMezzosopransoloMarieke Reuten1. AltsoloInez Hafkamp2. AltsoloHiroko MogakiNieuwe productieNederlands Philharmonisch OrkestKoor van De Nederlandse Operainstudering Alan WoodbridgeDe voorstelling duurt circa 2 uur en 50 minuten.Er is 1 pauze.De opera wordt in het Duits gezongen enNederlands boventiteld.Het operaboek Der Schatzgräber is verkrijgbaar inhet Muziektheater. Daarin zijn onder meer eenuitgebreide synopsis en het libretto in het Duitsen in het Neder lands opgenomen. De prijs is € 8.


Achtergrond Der Schatzgräber10Hein van EekertMuziek in de hoofdrolEen koningin voelt haar schoonheid en vruchtbaarheid verdwijnen door het verlies van haarsieraden. Een nar heeft zijn zinnen gezet op een knappe herbergiersdochter. Het alom begeerdemeisje laat moorden voor een mooie set juwelen. Een minstreel heeft een luit waarmee hijkostbaarheden op kan sporen. De herbergiersdochter en de minstreel krijgen elkaar in het oog.Dit alles met als kookpunt een liefdesscène vol ongeremde sensualiteit. Er is tovenarij en dedreiging van een executie. De opera Der Schatzgräber uit 1920, van componist, verhalenbedenker en tekstschrijver Franz Schreker zou zo een spannende avonturenfilm kunnen zijn.Franz Schreker, omstreeks 1912Een avonturenfilm in ‘Glorious Technicolor’!De kostuumfilms die iets meer dan eendecennium na het ontstaan van Der Schatzgräberin Hollywood werden gemaakt, hebbeneen bijzondere magie die een geheeleigen wereld suggereert: ze roepen met hunbonte, op renaissanceschilderijen geëntekleuren een gedroomd, niet realistischverleden op, dat indrukwekkend is tot in dekleinste details. Die kracht heeft de muziekvan Franz Schreker ook: ze verleidt, overspoelt,bedwelmt, betovert, is meeslependen biedt ten slotte vertroosting. Het is eenorkestrale waterval die glinstert in het zonlicht,maar die ineens ook het karakter kanaannemen van een eenvoudig wiegenliedje.De componist mengt invloeden van hetFranse impressionisme met een paar afgestrekeneetlepels van Puccini’s Italiaansepassie en het erfgoed van Richard Wagnertot een nieuw geluid. Schreker is daarmeegeen mengelmoes van andere toondichters,maar boven alles een kunstenaar met zijneigen klankkleur. ‘Een kleur,’ zo zegt chefdirigentvan De Nederlandse Opera MarcAlbrecht, ‘die we in onze tijd enigszinskwijt zijn geraakt.’Avant-gardeFranz Schreker was er aan het begin van devorige eeuw enorm populair mee en stondop eenzelfde voetstuk als Richard Strauss.Hij prikkelde zijn publiek met een wareregenboog aan tonen, zodat het de moderneinvloeden gemakkelijk accepteerde: Derferne Klang, Die Gezeichneten en Der Schatzgräber,die respectievelijk in 1912, 1918 en1920 in première gingen, waren daverendesuccessen. De herkenbare karakters, dedosis gedurfde erotiek en de sprookjesachtigeelementen in zijn tekstboeken werktensterk op de verbeelding van de toeschouwers.Schrekers ster steeg snel: hij werd populairals docent en accepteerde een baan aan deMusikakademie in Wenen, waar hij gestudeerdhad. Met Arnold Schönberg, wiens machtige,complexe oratorium Gurrelieder hij in premièrebracht, was hij de grote vertegenwoordigervan de avant-garde en van de twee washij degene wiens stijl het meest aansprak.Van al zijn opera’s was Der Schatzgräberde populairste. In veel opzichten is het demeest toegankelijke: de liefde tussen Elsen Elis, de schatgraver van de titel, krijgtgestalte in lange, lyrische melodieën diesmeulen, opvlammen en schitteren. Hetderde bedrijf, waarin Els voor Elis in hetmaanlicht verschijnt met de sieraden van dekoningin om haar hals, zorgt voor een spectaculairduet, waarin de componist muzikaalal vooruitwijst naar de noodlottige gebeurtenissendie het tweetal nog te wachtenstaan. Toch is zijn muziek niet een groottapijt van strak georganiseerde motieven.De eerder gemaakte vergelijking met filmgaat ook op voor de relatie tussen de teksten de muziek in Schrekers opera’s: zoalsfilmmuziek dat later in de 20ste eeuw zoudoen, reageert het orkest alert en wendbaarop de emoties en gebeurtenissen in hetverhaal. Schreker is bijvoorbeeld goed inscènes met veel mensen op het toneel, zoalshet tweede bedrijf waarin een groot aantalpersonages met elkaar in dialoog is en opde achtergrond een stoet monniken voorbijloopt.De componist monteert vakkundigmelodieën en thema’s zoals een filmmakerscènes monteert en zorgt dat alle karakters– de nar, Els, Elis, omstanders, monniken,de dienaar Albi – duidelijk uit de verf komen.ToverinstrumentenDe noten zijn echter niet zomaar de dienaarvan de woorden. Muziek speelt zelfs vaakeen hoofdrol in Schrekers opera’s. Elis metzijn toverluit waarvan de snaren gaan trillenals er ergens sieraden verborgen liggen, isin zijn oeuvre in het goede gezelschap vande minstreel in zijn eersteling Flammen,van de componist Fritz in Der ferne Klang,de instrumentmaker en de musicus in DasSpielwerk, de componist in Christophorusoder Die Vision einer Oper (1924) en de bouwersvan een betoverd orgel in Der singendeTeufel (1924-28). De muzikale klankexperimenten,ingezet met Wagners Tristan undIsolde – het derde bedrijf van Der Schatzgräberbevat een citaat uit deze opera – werdendoor diverse componisten rond 1900 voortgezet.Schreker gebruikt de nieuwe mogelijkhedenin de muziek voor de toverinstrumentenin zijn opera’s en voor het oproepenvan onbestemde sferen of abstracte zakenals de kracht en de bestendigheid van deliefde.Het zat Schreker echter niet altijd mee.Ging hij in de ogen van de operaliefhebberste ver met experimenteren, zoals in DasSpielwerk und die Prinzessin, dat voor heteerst in 1913 werd opgevoerd, dan kwamenze er niet voor naar het theater. Schrekerswerk na Der Schatzgräber kon de gunst vanhet publiek niet wegdragen, terwijl hij zijncomponeerstijl een aantal keren veranderde:werken als Irrelohe of Der Schmied von Gentwerden lauw ontvangen, terwijl er tochbelangrijke pleitbezorgers waren, zoals dedirigenten Otto Klemperer en Erich Kleiber.Erotische gevoelensDan waren er nog de critici die hem somsstevig aanpakten. Julius Korngold, de vadervan componist Erich Wolfgang Korngold,was op zeker moment zo ongenadig hard inzijn oordeel dat er een tegenbeweging vancritici en muziekliefhebbers werd gevormdom Schreker te verdedigen. Zij die niet vanzijn werk hielden, kwamen met uitsprakenals: ‘Er is geen seksuele afwijking die hijniet op muziek heeft gezet.’ Daarmee werdverwezen naar bijvoorbeeld zijn vrouwelijke


11Die Gezeichneten, DNO, 2007 (Foto: A.T. Schaefer)hoofdrollen, die worstelen met onderdrukteerotische gevoelens en die zich niet altijdconformeren aan wat de mannen van henwillen. In Schrekers eerste opera Flammenuit 1902 wijst de minstreel de jonkvrouwIrmgard erop dat liefde en passie almachtigekrachten zijn. Dat idee slaat aan: Irmgardbegint wat voor de minstreel te voelen. Endat terwijl haar op kruistocht vertrokkenechtgenoot heeft gezegd dat hij, zou zij hemontrouw zijn, bij zijn terugkeer dood neer zalvallen bij hun eerste kus. In Der ferne Klangontsnapt de jonge Grete, wier geliefde Fritzhaar verlaten heeft om een geheimzinnigeverre klank te zoeken, aan een gedwongenhuwelijk en komt daarbij in de prostitutieterecht. In Das Spielwerk moet een losbandigeprinses de ware liefde leren kennen.In Die Gezeichneten ontdekt kunstenaresCarlotta dat ze haar diepste lichamelijkeverlangens jaren heeft onderdrukt: dat haarliefde voor de mismaakte Alviano medelijdenis en dat ze veel meer voelt voor de knappeedelman Tamare. Els uit Der Schatzgräberheeft misschien wel iets van al deze vrouwen.Ze onttrekt zich aan verstandshuwelijkendoor ongewenste minnaars te laten vermoorden;ze wordt begeerd door een nieterg aantrekkelijke nar en verlangt naar hetsamenzijn met Elis; ze verleidt hem, maarmoet hem om de tuin leiden om haar juwelendiefstalverborgen te houden. En zoalsIrmgard haar eigen dood verkiest boven dievan haar echtgenoot, Grete haar Fritz inhaar armen ziet sterven en Carlotta metTamare het onderspit delft tegen een furieuzeAlviano, zo vindt Els, uiteindelijk tochweggegeven aan de nar, ook de dood, altroost haar geliefde Elis haar met een voorspellingover een nieuw leven met mooiemuziek.Venijnige opmerkingenZo’n serie interessante vrouwenkarakterszorgde dus voor scheve ogen: een man diezulke personages kon neerzetten was vasten zeker zelf geestelijk niet sterk, vooralomdat in zijn muziek de strakke vormenontbraken en er zoveel vreemde sporen inzijn klankwereld te vinden waren. De Franseinvloeden in Schrekers werk leidden totvenijnige opmerkingen van muziekjournalistendie impressionisme verbonden met eengebrek aan viriliteit. Adolf Weissmann vande Berliner Zeitung bracht het met een staaltjekritisch machismo: ‘Schreker is een vrouwelijke,weke natuur… Ja, het pulserende,maar mannelijke ritme van een krachtigepersoonlijkheid – de voorwaarde vooropbouw en eenheid – ontbreekt.’ En zo waser meer: nu eens stuitte zijn moderniteitop tegenstand, dan was het juist weer eengebrek aan vernieuwing of de grote matevan spektakel. Een wending in de heersendesmaak, voortschrijdende muzikale ontwikkelingen,bittere jaloezie en politieke veranderingendrukten Schreker langzaam maarzeker de marge in. Steeds openlijker antisemitismewerkte hem ook tegen: in het beginvan de jaren ’30 waren er vreselijke demonstratiesbij uitvoeringen van zijn werk. ToenHitler aan de macht kwam, verloor hij zijneerder verworven betrekking aan de BerlinerMusik hochschule meteen. En zo verbleektede ster van de man die ooit toonaangevendgeweest was: in 1933, twee dagen voor zijn56ste v erjaardag, stierf hij. Componisten diein de aanloop naar de Tweede Wereldoorlogin de hoek der Entartete Kunst wordengedrukt, hebben het later in de 20ste eeuwniet gemakkelijk om weer in beeld te komen.Een eerherstel is dus lang uitgebleven:Franz Schreker stond geruime tijd in deschaduw der vergetelheid.Nu niet meer: de laatste jaren wordt hijweer opgemerkt, ook in Nederland. En metde nieuwe chef-dirigent van DNO is hijmeegekomen naar het Muziektheater inAmsterdam. Marc Albrecht is een enthousiastpleitbezorger: ‘Ik vind hem een tenonrechte vergeten componist: hij schreefnet als Richard Wagner zelf zijn teksten;hij heeft een geheel eigen stijl die men metRichard Strauss in verband kan brengen,maar slechts tot op zekere hoogte, omdat hijzijn eigen idioom heeft. Het gaat weliswaarom dezelfde tijd in de muziekgeschiedenis,maar Schreker heeft een geheel eigentoonval.’Die toonval ontdekken we in Der Schatzgräber,het werk dat zoveel van FranzSchrekers kenmerken in zich verenigt endaarom een goede indruk geeft van dezecomponist. Een werk dat bovendien eenbijna alomvattende opening is van eenseizoen met meer toverinstrumenten inDie Zauberflöte, meer narren in L’amourdes trois oranges, meer begeerte naar eensieraad in Das Rheingold en Die Walküre ennog eens een sterke link tussen muziek enware liefde in Die Meistersinger.


Interview Der SchatzgräberJoke DameAls de cactus die één nacht bloeitToneelregisseur Ivo van Hove (Toneelgroep Amsterdam) voegt met het sprookje Der Schatzgräbereen nieuweling toe aan zijn groeiende reeks operaregies; het wordt na Iolanta en De zaak Makropuloszijn derde regie bij De Nederlandse Opera. Maar voor Van Hove is Der Schatzgräber meer dan eensprookje. Hij spreekt van ‘een ode aan het menselijke tekort – in al zijn tristesse, in al zijn schoonheid’.12Ivo van HoveIvo van Hove: ‘Ik noem het een fairy tale foradults – dat maakt het meteen een beetjedreigender en dat is ook de richting die jemag verwachten in mijn regie. De sprookjeswereldis nooit zo mijn wereld geweest, hetwordt dan ook niet het sprookje-sprookje.Opera heeft voor mij een raakvlak metfilosofie, met gedachtegangen. Het gaatniet zomaar om stories. Dat komt door deirrationele kracht van de muziek. In hettoneel is het veel moeilijker om aan hetverhaal, aan de handeling te ontsnappen;in de opera is dat vanzelfsprekend. Je komtin meer abstracte gedachtegangen terecht,in gevoelsklimaten. Dat vind ik heel fijnaan opera, want in stories ben ik niet zogeïnteresseerd.’Waar gaat dit sprookje voor volwassenenover?‘Het gaat in Der Schatzgräber zonder uitzonderingom personages die zich lelijkvoelen of lelijk zijn en niet geaccepteerdworden. Dat is een terugkerend thema bijSchreker. Zijn opera’s – ook bijvoorbeeldDie Gezeichneten – zijn bevolkt met mensendie getuigen van het menselijke tekort. Hoega je om met je frustraties, met je seksueleverlangens als je jezelf niet mooi vindt, nietaantrekkelijk en niet geschikt? In deze operagebeurt het via het sublimeren van die verlangensen daar heb ik een diepe connectiemee.’Dit vraagt om een voorbeeld.‘Ik kan dit het duidelijkst illustreren aan devrouwelijke hoofdrol Els. Zij heeft een crucialearia aan het begin van het derde bedrijf, eenwiegenlied waarin zij haar geschiedenisvertelt. Eigenlijk moet je om het personageEls goed te begrijpen vanuit die aria terugdenken.In die aria wordt duidelijk – niet heelexpliciet, maar toch duidelijk – dat zij eenenorm trauma heeft opgelopen als jong kind.Haar moeder vertelde dat haar vader gestorvenis en nooit meer zal terugkomen. Onzefantasie daarbij, maar wel op de tekst gebaseerd,is dat haar ouders uit elkaar gaan, dater een echtbreuk is. Hij is gewoon weggetrokkenna een verschrikkelijke ruzie. Wat demoeder dat kleine meisje in behapbare beeldenvoorspiegelt, is dat haar vader gestorvenis. En dat trauma is zij gaan sublimeren inhaar verlangen naar een prins op het wittepaard. Dat zegt ze ook zo: ze verlangt naareen prins op het witte paard, terwijl ze infeite in een verschrikkelijke wereld bij haarstiefvader leeft.’Haar stiefvader?‘In mijn interpretatie is de Wirt haar stiefvaderdie het kind Els alleen ziet als middelom hogerop te komen. Hij misbruikt haaremotioneel en fysiek. Dat komt nog eensbovenop het trauma dat ze heeft opgelopenbij haar echte familie, waardoor haaronschuldige kinderwereld op te jonge leeftijdtotaal werd verwoest. Ze belandt in eenwereld die nog gewelddadiger is en ze isde enige vrouw in die wereld, er is geenstiefmoeder. Voor mij is dat de scène zoalsin John Boormans film Deliverance, waarmensen bijna tot dieren vervallen en zichalles permitteren tot aan verschrikkelijkeverkrachtingen toe. Zo’n wereld is dat.Maar ze koestert nog altijd in haar hoofd dewereld die ze kende als onschuldig meisjeen daar verlangt ze naar. En dan komt dieprins op het witte paard – de Schatzgräber.Hij is een kunstenaar, een zanger, die ookover de verschrikkingen van het leven vertelt,maar gesublimeerd, door erover te zingenen parabels te vertellen. Voor mij warendat de connecties die ik heel goed begreep.Het sprookje schoof wat meer naar deachtergrond en de ondergrond kwam meernaar voren.’Sympathie voor Els krijg je pas in dederde akte?‘Er is iets dubbels aan haar want er is nogeen andere kant aan Els: ze wil gewoonniet aan de man. Ze wil niet meer gebruikt,misbruikt, betast worden. Maar er is eengrote perversiteit in haar gekomen. Dat ishet geval bij mensen die ooit verkracht ofmisbruikt zijn: ze vertonen later hetzelfdepatroon tegenover anderen omdat het deenige vorm is die ze kennen om met hungevoelens om te gaan. Els doet wat haar isoverkomen met Albi, de mismaakte, simpelejongen die zij gebruikt als handlanger omde mannen met wie zij moet trouwen vankant te maken. Ze is een totaal verscheurdevrouw, al begrijp je haar verscheurdheid nietmeteen. Aanvankelijk denk je een femmefatale te zien, een vrouw die mannen opvreet.Je kunt pas in die derde akte de ondergronddaarvan begrijpen. En dan zie je ook deongelooflijke daad die ze stelt – bijna vergelijkbaarmet het offer van Brünnhilde. Na defantastische liefdesnacht met Elis geeft zehaar juwelen af, wetende dat dit het eindevan haar relatie met hem zal zijn. Het is ookhet einde van haar seksualiteit, maar dieheeft ze wel ten volle beleefd. Bijna zoalsRomeo en Julia die ook maar één groteliefdesnacht meegemaakt hebben. Ik noemdit altijd de cactusbloem. Cactusbloemenbloeien maar één nacht in volle hevigheid endan ook nog in het duister, dus niemand ziethet. En de volgende dag liggen ze er zwarten uitgebloeid bij.’De liefdesnacht onttrekt zich enigszins aanhet muziektheatrale en is bijna symfonischte noemen?‘Die liefdesnacht is een cruciaal moment inde regie, dat snap je. Mij viel op dat Schrekerdaar ontzettend veel tijd voor neemt. Mettekst, maar ook met minutenlange orkestralemomenten. Voor mij is het een heel leven datzich voltrekt in die ene nacht – zo wil ik hetproberen te ensceneren. Het leven is helemaalgeleefd: we hebben ruziegemaakt, wehebben gevreeën, we hebben het weer goedgemaakt, we hebben ontbeten, we hebbeneen krant gelezen, we hebben gewandeldsamen – het hele leven heeft zich afgespeeldin die nacht. Het is dus niet alleen maarseks. Er is natuurlijk seksuele energie, maarer zit ook de energie van een heel leven indie scène.’Schrekers opera speelt in de middeleeuwen– in deze regie ook?‘Ik wil dat het eigentijdse opera wordt, alsofhet stuk gisteren gemaakt is. Zo is het altijdvoor mij, eigentijds maar niet geactualiseerd.Dat is vaak een misverstand. Soms actualiseerik wel, bijvoorbeeld in de Ring – daarlopen echt mensen van vandaag op hettoneel. Maar deze opera is visueel geïnspireerddoor de beeldtaal van filmmakers alsDavid Lynch, Terrence Malick en Lars vonTrier. Het is realisme, maar dan in een hypervormen dat doen we ook hier in deze opera.Eigentijdse opera betekent niet dat je eigentijdsemensen op de scène zet, maar dat jemoet proberen uit te zoeken wat die operavandaag betekent. Dat gaat dus over interpretatie.En als ik het voor mezelf niet kanduiden, dan regisseer ik het ook niet. Voormij moet een stuk een diepere blik willengeven op de dag van vandaag, maar geencommentaar op wat vandaag speelt, wantdan ben je met opera altijd te laat.’Wat zien we?‘De inspiratie voor het beeld is een pop-


13Maquette Der Schatzgräber (Ontwerp: Jan Versweyveld)upboek, zo’n plaatjesboek waar van allesuit de bladzijden omhoog springt. Dat is debasisgedachte achter het decor, een eenheidsruimtedie in alle bedrijven op eenminimale manier transformeert. Daarinwordt heel belangrijk Elis – de Schatzgräber,de zanger, de troubadour, de kunstenaardie vaak wordt gevraagd naar duiding. In deopera heeft hij vier grote liederen en daarinneemt hij wagneriaans de tijd om te proberenvoor de mensen om zich heen, zonder teactualiseren en zonder heel direct te zeggenwaar het precies om gaat, een poëtischeduiding te geven van de werkelijkheid. Maarhet is tegelijkertijd verpakt in een lied, ineen kunstvorm, in kunst – en daar speeltvideo een grote rol waarin die getransformeerdewereld, die gesublimeerde wereldtot leven komt. Daarin vertellen we eenparallel verhaal dat ontstaan is vanuit hetwiegenlied, waarin we laten zien hoe het isgegaan met die kleine Els. In zijn verhalenkomt heel haar verhaal telkens terug, al zijnliederen gaan ook over haar maar op eenverdoken manier, niemand begrijpt het.’Hijzelf ook niet?‘Jawel. Het laatste lied: als het over Ilse enIlsenstein gaat, kan het niet anders dan dathet gaat over Els. Maar het evolueert, wantin het begin kent hij haar nog niet. Ook altijdens de executiescène, begin tweede akte,gaat het filmdoek over haar. Meestal houdthet doek rechtstreeks verband met zijnervaringen met Els.’‘Elis staat voor de kunst en kunst sublimeertaltijd. Als ik zeg dat ik probeer ietste vertellen over vandaag, dan is dat welmet mythische beelden. Maar er is ook weldegelijk aantrekkingskracht en gewonemanne lijke seksuele drift. Het is liefde op heteerste gezicht en er ontstaat ook een gewone,banale liefdesband. Dus het is niet alleenmaar subli matie; dat is het mooie.’‘Uiteindelijk gaat Els bij de nar wonen,die gewone man die mismaakt is, die maatschappelijkaan de rand staat en niet geaccepteerdwordt, maar wel de noodzakelijkereddingen brengt en het eigenlijk altijdprecies weet. Het is een gemankeerd huwelijk,maar wel heel mooi en teder. Want dienar onderdrukt zijn seksualiteit – dat ismijn interpretatie, dat wil zeggen: dat haalik uit het libretto. Hij raakt haar niet éénkeer aan, tenminste niet op een ongewenstemanier. Er is ontzettend veel respect, al ishet wel een gemankeerd leven. Maar ik ziehet zo: elk leven is gemankeerd. Hét grotegeluk, dé grote passie… dat is waarschijnlijkdie cactus die maar één nacht bloeit.Daar na moet je leven met elkaars mankementen.’Elk sprookje – ook voor volwassenen –heeft een boodschap…‘Dit is waarschijnlijk waar het Schreker omgaat: hij schreef een ode aan het leven mettekorten. Het is een ode aan het menselijketekort, in zijn tristesse, maar het heeft ookiets moois, iets dat leefbaar is. Dat maakthet einde, het Nachspiel heel belangrijk. Danzie ik mensen. Elis komt op bezoek en de narlaat hen dan alleen voor die laatste momenten.Dat is een ongelooflijk gebaar van menselijkheid.Dat heeft Schreker wel: ondanksde verschrikkingen en de duistere en irrationelekrachten waarover we het hadden, komthet recht gewoon thuis bij iemand. Driemensen hebben iets meegemaakt wat henvoor eens en voor altijd getekend heeft enwaar ze mee hebben leren leven, waaraanze geen boosheid of wrok hebben overgehouden.Het doet me denken aan Scènes uiteen huwelijk van Ingmar Bergman. Aan heteinde is er een scène waarin de twee na velejaren weer bij elkaar komen en voor het eerstvan hun leven kunnen ze elkaar echt toelaten,echt met elkaar praten, de verwijten vanelkaar horen. Zoiets gebeurt ook in hetNachspiel voor mij.’


Interview Der Schatzgräber14Michel KhalifaVeel rauwe gevoelensManuela Uhl en Raymond Very treden graag buiten de gebaande paden. Voor de Duitse sopraanen de Amerikaanse tenor biedt Der Schatzgräber dan ook een ideale uitdaging. Een dubbelinterviewover vergeten opera’s, vocale uitersten en de grote levensvragen.Raymond Very in De zaak Makropulos, DNO, 2009 (Foto: Hans van den Bogaard)Terwijl sommige collega’s zich in de beroemderollen van Verdi en Puccini specialiseren,zingen Manuela Uhl en Raymond Very graagin vrij onbekende opera’s. Ze leerden elkaarkennen bij de Deutsche Oper Berlin inOberst Chabert, een opera uit 1912 vande inmiddels vergeten Duitse componistHermann Wolfgang von Waltershausen.Hun tweede samenwerking brengt hen naarAmsterdam voor Der Schatzgräber van FranzSchreker, ook een werk uit de vroege 20steeeuw dat een nieuwe kans verdient.‘Ik hou van de uitdaging om onbekenderollen te zingen,’ zegt Raymond Very. ‘Daarword ik ook veel voor gevraagd, omdat ik dereputatie heb dat ik niet voor speciaal repertoireterugschrik. Ik zou wensen dat meeroperahuizen het risico zouden nemen omnaast kaskrakers ook opera’s te programmerendie het verdienen om herontdekt teworden. De Nederlandse Opera heeft watdat betreft een perfect evenwicht gevonden.’Ook Manuela Uhl staat bekend als iemanddie voor moeilijke opdrachten ingezet kanworden. ‘Ik kan een rol snel leren en menweet dat,’ legt ze uit. ‘Destijds voegde ik mebij het team van Oberst Chabert pas tweeweken voor het begin van de repetities,omdat een collega zich had teruggetrokken.Het was voor mij een ongelofelijke stressom de muziek op tijd onder de knie te krijgen,maar ik beschouw het achteraf als eenpositieve ervaring. Gelukkig heb ik deze keerveel meer tijd om me voor te bereiden.’Cosmic thinkingDie langere voorbereidingstijd is geen overbodigeluxe. Beide vocalisten beamen datSchreker in Der Schatzgräber veel van dezangers eist. Raymond Very: ‘Bij het instuderenvan de noten moet je terug kunnenvallen op muzikale patronen. Dergelijkepatronen kan ik bij Schreker niet identificeren.Het duurt daardoor lang voordat ik allemelodische wendingen in mijn hoofd krijg.Bij Richard Strauss, Schrekers tijdgenoot,gaat dat veel makkelijker.’ Manuela Uhl valthem bij: ‘In Der Schatzgräber moet ik achtereenvolgensheel hoog en heel laag zingen,heel luid en heel zacht, heel agressief enheel ingetogen. Dat is moeilijk, maar datpast ook goed bij mijn stem, die anderenomschrijven als krachtig en lyrisch tegelijk,met veel kleur in het lage register.’De tenorstem van Raymond Very gedijtjuist in de hoogte: ‘Ik ben gezegend met hetvermogen om stratosferische noten voluitte zingen op de manier van een Heldentenor.Daarom word ik gevraagd voor partijen diein dat opzicht als extreem moeilijk te boekstaan, zoals Matteo in Arabella van Strauss.Dat zal wel zo bedoeld zijn, ik heb geeninvloed op dit proces. Ik geloof dat we in hetleven geleid worden in de richting die voorons bestemd is. Misschien is cosmic thinkinghier een goede naam voor.’Ook Manuela Uhl staat open voor uiteenlopenderollen: ‘In principe vertolk ik graagcomplexe personages. Het belangrijkste isdat ik met mijn stem en mijn lichaam in staatmoet zijn als advocaat voor het betreffendekarakter op te treden. Ik probeer altijd mijn


personage te verdedigen en me in te levenin haar beweegredenen: wat meent ze hier?Denkt ze echt wat ze zingt? Hiervoor heb ikniet genoeg aan het libretto of het pianouittreksel.Ik moet echt uit de orkestpartituurafleiden hoe de vocale partij en de orkestralebegeleiding zich tot elkaar verhouden.Dan pas voel ik waar de rol echt voor staat.’Hoe liggen dan de onderlinge verhoudingenin Der Schatzgräber? Very vindt dat Els dedrijvende kracht is waarop alle andere personagesreageren: ‘Els weet de anderen temanipuleren om haar doel te bereiken. Mijneigen personage Elis daarentegen is heelgoed van vertrouwen, op het naïeve af: hijkomt ergens aan met zijn toverluit, vindtschatten die hij dan aan de armen geeft,en reist verder. Klaar.’Emotionele krachtUhl beschouwt haar eigen personage perslot van rekening als een reactief wezen enbetrekt de voorgeschiedenis van de operaerbij: ‘Els groeide op zonder moeder in eenmannelijke omgeving. Zij wacht op de groteliefde en laat alle mannen vermoorden metwie zij op last van haar vader zou moetentrouwen. In die zin handelt zij echt, in tegenstellingtot veel vrouwen in opera’s die slechts15slachtoffer zijn. Maar de handelingen vanEls zijn een gevolg van wat de buitenwereldhaar wil opleggen. Paradoxaal genoeg is heteen man, Elis, die met zijn zachtmoedigepersoonlijkheid de vrouwe lijke dimensie inhaar leven brengt. Zij raakt dan ook directverliefd op hem.’Beide zangers benadrukken de emotionelekracht van Schrekers partituur. ‘DerSchatzgräber is een zeer compact werk,’aldus Raymond Very. ‘Er komen veel rauwegevoelens aan bod, in real time ook, wat hetacteren mak ke lijker maakt. Ik probeer mijnpersonage met een open geest te benaderen.Omdat deze opera zo weinig opgevoerdwordt, ontbreekt het aan vergelijkingsmateriaal.Gelukkig maar! Dit opent veel mogelijkheden voor iedereen, en in de eersteplaats voor de regisseur.’‘Ik weiger om in Els een femme fatale tezien,’ vult Manuela Uhl aan. ‘Net als Salomeheeft zij ook een zachte kant die voor mijheel belangrijk is. Deze opera gaat over herkenbarethema’s zoals verantwoordelijkheiden schuldgevoel. Mag Elis zich in zijn kunstterugtrekken en hiermee uit de wereld vluchten?Is Els werkelijk schuldig? Schrekerleefde in de tijd van Freud. Hij stelt vragendie ons allemaal aangaan.’Manuela UhlMuziektheaterwinkelCd/dvd-aanbevelingen Der SchatzgräberCd Schreker - OverturesDirigent: Edgar SeipenbuschSlovak Philharmonic OrchestraNaxos€ 7,50De opera Der Schatzgräber door De NederlandseOpera zal in september worden opgenomenen te zijner tijd worden uitgebracht opcd door Challenge Records International. Wiltu op de hoogte gehouden worden van hetverschijnen?Stuur dan een bericht naar winkel@hetmuziektheater.nlof laat uw gegevens achterbij de Muziektheaterwinkel. Deze bevindt zichop zaalniveau tegenover ingang ‘Zaal oneven’.Cd/dvd-aanbevelingen Das RheingoldCd Das RheingoldR. Wagnermet Albert Dohmen, GeertSmits, Doris Soffel,Nederlands PhilharmonischOrkesto.l.v. Hartmut HaenchenEtcetera€ 24,95Dvd Die GezeichnetenF. Schrekermet Robert Hale,Michael Volle, WolfgangSchöne, AnneSchwanewilms, RobertBrubaker,Deutsches Symphonie-Orchester Berlin & KonzertvereinigungWiener Staatsopernchoro.l.v. Kent NaganoRegie: Nikolaus LehnhoffEuroarts€ 34,95Cd/dvd-aanbevelingen Written on SkinCd Into the little Hill G. Benjamin met Anu Komsi enHilary Summers,BBC Symphony Orchestra/Ensemble moderno.l.v. Oliver Knussen/Franck OlluNimbus€ 19,95Dvd Das RheingoldR. Wagnermet John Bröcheler, HenkSmit, Graham Clark,Residentie Orkesto.l.v. Hartmut HaenchenRegie: Pierre AudiOpus Arte€ 39,95Bovenstaande cd’s en dvd’s zijn ver krijgbaar in de Muziek theaterwinkel en bij alle vesti gingen van Concerto/Plato. Op vertoon van hun abonne ments kaart krijgenDNO-abonnees 10% korting bij Concerto/Plato en in de Muziektheaterwinkel.


16Ontdek het nieuwe concertseizoenAnna Netrebko (foto: Dario Acosta)‘s Werelds beste vocalistenin de Grote ZaalAnna Netrebko inTsjaikovski’s Iolantado 8 nov 20.15 uurCecilia Bartoli met‘Liaisons dangereuses’zo 25 nov 20.15 uurEva-Maria Westbroek in o.a.delen uit Wagners Tannhäuserdi 8 jan 20.15 uurJoseph Calleja zingtItaliaanse opera-aria’sdo 31 jan 20.15 uurRolando Villazónmet opera-aria’svan Verdiwo 12 jun 20.15 uurbestel opconcertgebouw.nlHet lidmaatschap vande Vrienden biedt u:u bent geïnteresseerd in opera?u bent een regelmatig bezoeker van dno?u wilt daarom graag meer betrokken zijn bij dno?De Vereniging Vrienden van De Nederlandse Opera biedt udaartoe de gelegenheid. De Vereniging is nauw betrokken bijDe Nederlandse Opera, steunt DNO op allerlei manieren enwil de belangstelling voor opera in het algemeen bevorderen.* Exclusief Vriendenabonnement* Voorbespreking plaatskaarten* Operafilmavonden* Literaire avonden* Eendaagse operareizenContributie per seizoen:Individueel lidmaatschap € 35,-Gezinslidmaatschap (2 personen) € 65,-Donateur (minimaal) € 100,-Fidelio (t/m 29 jaar) € 20,-ABN Amro: 43.40.57.207Vrienden van De Nederlandse OperaWaterlooplein 221011 PG Amsterdamtelefoon: (020) 5518282fax: (020) 6250920e-mail: vrienden@dno.nlwww.vriendenvdopera.demon.nl* Meerdaagse operareizen* Vriendenbulletin* Prix d’Amis | Kerstmatinee* Fotojaarboek DNOvrienden van de nederlandse operaFidelio, dé vereniging voor jongeoperafansJonge mensen t/m 29 jaar kunnenlid worden van Fidelio, JongeVrienden van De NederlandseOpera. Voor deze groep wordenspeciale activiteiten georganiseerd.


CMS – Europees partner van DNO17OperaLoungeAls Europees partner ontwikkelen wij continunieuwe projecten met DNO om zo veelmogelijk mensen te bereiken. Wij doen ditonder andere door onze speciale relatieavondenbij DNO, door ons gezamenlijkproject voor jongeren onder de 30 jaarOperaFlirt en via diverse andere actiesen events.Recentelijk kwam daar een nieuw gezamenlijkinitiatief bij: OperaLounge. MetOperaLounge willen wij mensen uit verschillendesectoren en met verschillendeinteresses samenbrengen in een uniekecontext. Binnen OperaLounge discussiërenwij met hen over thema’s uit de opera en deactualiteit. Daarmee willen wij zorgen voorverdieping, voor onverwachte gezichtspuntenen inspiratie.Ik kijk terug op twee geslaagde bijeenkomstenmet geanimeerde discussies metde aanwezigen, met Fons van Westerloo enMartin Šimek als inspirerende sprekers.Van onze wederzijdse relaties horen wij datwij met OperaLounge een bijzondere settinghebben gecreëerd binnen de wereld vanopera. OperaLounge zal dan ook verder vormworden gegeven en in het najaar een derdeeditie krijgen.Naar aanleiding van OperaLounge, maarook na onze relatieavonden, ontvangen wijsteeds enthousiaste dankzeggingen en hetdoet mij genoegen het aantal operafansonder onze relaties te zien groeien. Ook vanoperabezoekers in het algemeen ontvangenwij positieve reacties op onze steun aanDNO. Steun die zij goed kunnen gebruikenom het kwaliteitsniveau en de innovatie bijDNO op peil te houden en ook de komendejaren weer producties op wereldniveau televeren.Ik ben dan ook blij dat DNO een mooiprogramma van mogelijkheden om hen testeunen heeft ontwikkeld voor particuliereoperafans. Naar gelang van de persoonlijkevoorkeuren kan iemand kiezen waaraan hijof zij wil bijdragen: DNO in het algemeen,specifieke producties, programma’s voorjeugd en educatie of de ambachten zoals hetdecoratelier. Wanneer u meer wilt wetenover deze mogelijkheden, kijkt u dan evenop de website van DNO onder ‘steun ons’.Ik beveel het u van harte aan.Dolf SegaarManaging partnerelke dinsdag | 12:30 - 13:002012 2013TOEGANG GRATISSEPTEMBER 20124Vespucci Kwartet:Lisanne SoeterbroekvioolOKTOBER 20122Shuann ChaipianoNOVEMBER 20126Ingrid KappelleMarianne KoopmansopraansopraanDECEMBER 20124Francis van BroekhuizenNNsopraanpianoGiles FrancisStephanie SteinerDouw Fondavioolaltvioolcello9Dutch National Opera AcademyMaria de MoelIneke Geleijnsmezzosopraanpiano11Céleste ZewaldklarinetBrahms: Eerste strijkkwartet16Elisabeth Wiklandercello‘Glorious Divas’e.a.11Vitali RozynkobaritonPiatti: Capriccio op. 25 nr.4Bach: Derde suite13Paul Reijnviool18Christmas CarolsJean-Baptiste MilonpianoBachLiszt, Rachmaninov18Ensemble uit hetNederlands Philharmonisch OrkestBrahms23Wieke van WingerdenErnst MunnekeWagner: Wesendonkliedermezzosopraanpiano20DiamantfabriekPratley/Soifer: ‘Neighbors’Mikhailova/Koerselman: ‘Black Perfume’Wijzigingen voorbehouden!25Opera Studio Nederland30Mondriaan KwartetGuus Janssenpiano27Kimball HuigensBeethoven: Eroica-variatiespianoWebern, Van Domselaer en Janssen:‘Red, Yellow & Boogie Woogie’ –muziek en projecties(NB: in de Boekmanzaal)


18Written on SkinAls dit het Paradijs is – zegt Agnès –waar is dan de Hel? (Agnès)IDe Protector, een rijke, wrede landeigenaar,laat een jeugdige kunstenaar een fraaiboek vervaardigen, op perkament. Het moeteen afspiegeling worden van zijn gewelddadigemachtsuitoefening maar ook vanhet huiselijk geluk met zijn gehoorzamevrouw Agnès. Zij is aanvankelijk niet blijmet hun gast, maar raakt gefascineerd doorde Jongen en daagt hem uit een portret temaken van een echte, aantrekkelijke vrouw,zoals zijzelf. De erotische spanning tussenhen stijgt en zij bedrijven de liefde.IIEen en ander is de Protector niet ontgaan.Als hij de illustrator scherp ondervraagt,liegt deze dat hij een affaire heeft metAgnès' zuster Marie. De Protector geloofthet maar al te graag en confronteert Agnèsermee. Deze is jaloers en eist dat de Jongenom zijn trouw aan haar te bewijzen eennieuwe illustratie maakt die haar echtgenootvoorgoed van zijn zelfvoldaanheid zalgenezen.IIIIn plaats van een tekening beschrijft deJongen uitvoerig wat Agnès en hij zoal metelkaar doen. De Protector is woedend, vermoordtde Jongen en laat zijn vrouw dienshart opeten, zonder dat zij het weet. Als hijhet haar vertelt, antwoordt ze slechts dathet haar heel goed smaakte. De Jongenkeert terug als Engel, met een slotbeelddat toont hoe de Protector zijn vrouw meteen mes wil doden en zij vanaf het balkonde dood tegemoet springt. Op de illustratiehangt ze voor eeuwig vallend tussen hemelen aarde.Scène uit Written on Skin, Aix-en-Provence, 2012 (Foto: Pascal Victor/Artcomart)


za 6 okt 2012 première 20.00 uurdi 9 okt 20.00 uurdo 11 okt20.00 uurzo 14 okt13.30 uurwo 17 okt20.00 uurzo 21 okt13.30 uurdi 23 okt20.00 uurHet Muziektheater Amsterdam19Kaartverkoop is reeds begonnen.Bij het ter perse gaan van deze Odeon zijn ernog kaarten verkrijgbaar.Bel het Kassa-bespreekbureau: 020-625 5455Online reserveren: www.dno.nlInleidingen door Bart BoonePlaats: het Muziektheater (foyer 2de balkon)Tijd: 45 minuten voor aanvang van iedere voor -stelling, dus 19.15 uur (avond)/12.15 uur (matinee)Lengte: ± 30 minutenToegang: gratis op vertoon van een plaatsbewijsvoor de voorstelling van die dagMet steun van de Vereniging Vriendenvan De Nederlandse OperaUitzenddatumRadio 4, NTR Opera Live:zaterdag 27 oktober, 19.00 uurDinerbuffettenBij elke avondvoorstelling van DNO kunt uge nie ten van een diner buffet in de foyer van hetMuziektheater. Zo kunt u rustig eten en bent u optijd voor de opera. Reserveren: 020-625 5455of via www.het-muziektheater.nl/kaarten.George Benjamin 1960Written on SkinA Lyric DramalibrettoMartin Crimpmuzikale leidingGeorge BenjaminFranck Ollu 17 21 23 oktoberregieKatie Mitchelldecor/kostuumsVicki MortimerlichtJon ClarkAgnèsElin RomboBoy/Angel 1Bejun MehtaThe ProtectorChristopher PurvesMarie/Angel 2Victoria SimmondsJohn/Angel 3Allan ClaytonNederlands KamerorkestOpdracht van De Nederlandse Opera,Festival d’Aix-en-Provence,Théâtre du Capitole de Toulouse,Royal Opera House Covent Garden London,Teatro del Maggio Musicale Fiorentino,tevens coproductie tussen bovengenoemdenUitgever: Faber Music LtdNieuwe productie voor DNODe voorstelling duurt circa 100 minuten.Er is geen pauze.De opera wordt in het Engels gezongen, Nederlandsen Engels boventiteld.Het operaboek Written on Skin is verkrijgbaar inhet Muziektheater. Daarin zijn onder meer eenuitgebreide synopsis en het libretto in het Engelsen in het Neder lands opgenomen. De prijs is € 8.


Portret Written in SkinFrits VliegenthartEen ideale samenwerkingNa hun eerste opera Into the Little Hill (2006) maakten componist George Benjamin en schrijverMartin Crimp samen Written on Skin. Het eerste werk was een sinistere versie van De rattenvangervan Hamelen, het tweede is gebaseerd op een dertiende-eeuwse sage over het gruwelijke eindevan een troubadour. De ontmoeting met Crimp betekende voor Benjamin een essentiële creatieveimpuls.20George BenjaminDe jonge George Benjamin werd beschouwdals een wonderkind, volgens sommigen zelfseen nieuwe Mozart. Hij werd geboren inLonden, studeerde bij de pianist en dirigentPeter Gellhorn, voordat hij als vijftienjarigede weg vond naar de compositieklas vanOlivier Messiaen. In Benjamins eigen woorden(opgetekend door Alan Rusbridger,The Guardian, 10 mei 2012): ‘De wereld baaddein een warme, stralende gloed als ik daarwas. Die kleine, best wel lelijke kamer inParijs was een centrum van beschaving.Messiaen nam de nieuwste werken vanBoulez, Lutoslawski en Ligeti mee om tebespreken. Voor iemand van mijn leeftijdwas dat iets unieks.’Al op zijn zestiende had hij een contractmet de muziekuitgever Faber & Faber, toenhij twintig was, werd zijn orkeststuk Ringedby the Flat Horizon uitgevoerd tijdens deLondense Proms. Daarna ging hij verderstuderen bij Pierre Boulez in Parijs. Eenwonderkind? Misschien, maar waarom stoktehet voortbrengen van nieuwe compositiesvervolgens? Terugblikkend stelt Benjamindat hij verlamd was geraakt door de vrijwelonbeperkte keuzevrijheid waarmee hedendaagsecomponisten worden geconfronteerd:‘Je schrijft één noot en vervolgenskun je voor de volgende niet alleen kiezenuit twaalf noten (of meer, als je microtonengebruikt) maar ook uit allerlei registers enklankkleuren. Dat loopt op tot miljardenmogelijkheden binnen een paar noten endat is onwerkbaar. Binnen de kortste kerenzit je op een doodlopende weg.’DoorbraakNaast Franse invloeden werd hij ook geïnspireerddoor muziek uit India, maar een echtedoorbraak uit zijn impasse kwam langs tweeandere wegen tot stand. De eerste was hethoren van een fantasia van Henry Purcell eneen canon van Anton Webern: ‘Niet alleenzijn dit twee heel beknopte stukken in omvang,maar vooral zijn ze polyfoon op een uitgekiendemanier. Het is een polyfonie die eenharmonische eenheid vormt in plaats vaneen harmonie die het toevallige gevolg isvan het kruisen van melodische lijnen. Jemoet dus voor je begint te componeren heelgoed weten waar je naartoe wilt en dit wasiets nieuws wat ik beslist moest leren.’De tweede weg was een toevallige ontmoetingmet de toneelschrijver MartinCrimp in 2005. Al jaren droeg Benjamin eennotitieboekje op zak, met zo’n vijftig ideeënvoor een opera, waarmee hij, zoals hij zelfzegt, ‘op het gênante af’ filmregisseurs,dichters en toneelschrijvers achtervolgde.Met Crimp klikte het meteen: ‘...the collaboratorfrom heaven... hij brak mij open, alshet ware. Ik schreef Into the Little Hill in zesmaanden.’Crimp is een van de belangrijkste Engelsetoneelschrijvers van deze tijd. Zijn eerstestuk, Clang, werd nog tijdens zijn studieEngels in Cambridge geënsceneerd. Sinds1997 is hij writer-in-residence aan hetLondense Royal Court Theatre, waar zevenvan zijn stukken te zien waren. Door heelEuropa wordt zijn werk regelmatig uitgevoerd.Zijn beroemdste, meest vernieuwendestuk is Attempts on Her Life (Royal Court,1997). Hierin zijn de tekstregels niet toegekendaan specifieke personages, evenmingeeft Crimp aan door hoeveel acteurs hetstuk moet worden gespeeld. In schijnbaarlosse scènes becommentariëren groepenmensen afwezige hoofdrolspelers. Hetbewust fragmentarische karakter daagt hetpubliek uit om zijn definitie van ‘een toneelstuk’te herzien.Written on SkinWat Benjamin vooral aantrekt in de taalvan Crimp, is de soberheid, gecombineerdmet een grote fantasie. Zijn eenvoudige enrechtstreekse manier van vertellen, aldusBenjamin, helpt met het omzeilen van hetprobleem dat de hedendaagse opera naBenjamin Britten heeft met het verhalendeelement: ‘Je moet dat niet willen wegmoffelen,want opera ís niet iets natuurlijks,is geen film – daarom kan er ook in wordengezongen, juist omdat het genre nietnatuurlijk is.’Was Into the Little Hill gebaseerd opDe rattenvanger van Hamelen, Written onSkin gaat terug op een thema dat – conformde opdracht van Bernard Foccroule, directeurvan het Festival d’Aix-en-Provence –gerelateerd is aan de Languedoc: een 800jaar oude legende, Le coeur mangé.Oorspronke lijk gaat het verhaal over detroubadour Guillem de Cabestanh (de spellingvarieert), die na een optreden een affaireheeft met de vrouw van Ramon, heer vanCastell-Rossellò (Château-Roussillon).Als de jaloerse echtgenoot hierachter komt,doodt hij zijn rivaal en laat zijn vrouw dienshart opeten. Vervol gens stort zij zich uit hetvenster. Benjamin en Crimp maakten van detroubadour een boekillustrator omdat ze nietweer een tovenaar-muzikant als hoofdpersoonwilden, zoals de Rattenvanger. Hetwordt geen middeleeuws kostuumdrama ener zijn regel matig tijdsprongen naar hetheden.Was het de goden verzoeken dat er op hetvoorblad van de partituur staat dat Writtenon Skin op 7 juli 2012 in Aix-en-Provence alin première zou zijn gegaan? Toen AlanRusbridger de componist er in dit verband opwees dat de eerste Londense uitvoering vanInto the Little Hill vanwege een stroomstoringin het Royal Opera House naar de foyermoest worden verplaatst, antwoorddeBenjamin stralend: ‘Wij zijn optimisten!’En hij heeft gelijk gekregen...


Achtergrond Written in SkinKlaus BertischHet kruipt onder je huidBevindingen en gesprekken bij de laatste repetitiedagen vóór de wereldpremière vanWritten on Skin, een met spanning verwachte internationale coproductie, die kort na depremière tijdens het Festival d’Aix-en-Provence in oktober bij DNO in Amsterdam te zien is.21Scène uit Written on Skin, Aix-en-Provence, 2012 (Foto: Pascal Victor/Artcomart)In het centrum van Aix-en-Provence is hetheet. De straten zijn vol toeristen: zomer,vakantiestemming maar ook festivalstemming.Overal hangen affiches en aankondigingenvan opera’s en concerten. Er is eenflashmob met jonge zangers op een oudplein in de binnenstad. Zij lijken spontaanenkele scènes uit Le nozze di Figaro op tevoeren, om zo de terrasbezoekers die genietenvan een koele dronk, aan te zetten tothet bijwonen van een voorstelling door hunzomeracademie. Een jongen in jeans, die netnog naast mij zat, ontpopt zich onverwachtstot een krachtig zingende Figaro, die moetstrijden om zijn geliefde Susanna.In het nieuwe Grand Théâtre de Provenceis het weldadig koel, de airconditioningwerkt goed. De repetities voor de wereldpremièrevan George Benjamins nieuwe operaWritten on Skin zijn in volle gang. Driemakers zijn hier aan het werk: de componistGeorge Benjamin is tevens de dirigent vanzijn eigen werk; Martin Crimp als librettistlijkt zowel een rots in de branding te zijn alseen kritisch oog in het scheppingsproces,en regisseur Katie Mitchell probeert delaatste coördinerende verfijningen aan tebrengen in een puzzel van beeld, licht enbeweging, zonder daarbij de diepliggendeen diepgaande intenties van het verhaal uithet oog te verliezen.Twee niveausWaarschijnlijk was het in de dertiende eeuwin het mediterrane Frankrijk, waar het kernverhaalvan Written on Skin zich afspeelt,niet anders. De zon brandde de mensen opde huid en in hun gemoed. Binnen de oudemuren van de oude herenhuizen was hetaangenaam fris. Figuren uit die tijd zijn doorde auteurs net zo ten tonele gevoerd alsmensen die uit onze eigen tijd stammen.De basis voor Written on Skin is een middeleeuwserazo, een verhaallijn in proza,over een coeur mangé (gegeten hart),deel uitmakend van de biografie van eentroubadour, later naverteld door Stendhal.Het Festival d’Aix-en-Provence wilde alsopdrachtgever graag een rechtstreekselink zien met de plaats van de uitvoering.George Benjamin en Martin Crimp warenbeiden gefascineerd door dit verhaal, dat zijna lang zoeken min of meer toevallig haddengevonden, en dat ze vervolgens naarhun eigen wensen aanpasten. ‘Ik wilde nietsimpelweg een oud verhaal in een nieuwedramatische vorm gieten,’ licht MartinCrimp toe, ‘maar ook voor mijzelf nieuwewegen inslaan, iets nieuws creëren. Zo kwamenwe op deze merkwaardige verbindingvan twee niveaus die nu zo duidelijk tot onsspreekt uit Katie Mitchells productie. Iknoemde het a hot story in a cool frame. Heetis het verhaal zelf, evenals de macht, deseks, het geweld, de menselijke lichamen.De koude omlijsting wordt gevormd door hetbewustzijn dat de wereld wordt gadegeslagenen beheerst door moderne schepselen,de Engelen. Juist dat heeft Katie zo nauwkeuriguitgewerkt.’DriehoeksverhoudingHet is een driehoeksverhouding tusseneen landbezitter, zijn jonge, door hemonderdrukte vrouw en haar minnaar, diede echtgenoot zelf in huis heeft gehaald:een bekend en toch telkens weer actueelthema. ‘Ook al gaat het om een oud verhaal,we willen er een hedendaags aspect aantoevoegen,’ merkt de componist op. ‘Hetpubliek moet met ons op een reis gaan,een reis naar het verleden, die men heelbewust ervaart.’ George Benjamin ziet het,als dirigent van zijn eigen wereldpremière,als zijn grootste probleem om de ideeën,de voorstellingen die hij in noten op papierheeft gezet en die in zijn gedachten altijdhebben geklonken, nu ook werkelijk aan het(uitstekende) orkest te ontlokken, om zijnklankvoorstellingen te verwezenlijken. ‘Hetis anders dan wanneer een hiervoor geëngageerdedirigent de wereldpremière van mijnstuk zou verzorgen. Ik had het bij het schrijvenal in mijn hoofd zitten, maar hij zou hetpas uit de noten moeten lezen.’ Telkens weeroefent hij ook na de repetitie nog zijn slag,


om zo wellicht het laatste detail te halenuit de zeer gemotiveerde musici, die toch alelke muzikale wens van de inspirerende Britvervullen. Zijn muziek ontwikkelt zich eerstrustig, maar wordt dan steeds indringender,aangrijpender en emotioneler. Je kunt je erniet aan onttrekken en zij laat geen luisteraaronverschillig. ‘Ook al is het een wreedverhaal, toch gaat het over de menselijkheid,de innerlijke toestanden, waaruit jeiets voor jezelf moet begrijpen.’OnontkoombaarheidKatie Mitchell, die zich na Orest lijkt teontwikkelen tot een specialist in duisterefamilieverhalen (waarbij ook het decor,deze keer ontworpen door Vicki Mortimer,duidelijk aan Orest doet denken), vertelt ditdertiende-eeuwse verhaal als een reconstructiewaarvan het publiek getuige wordt.Telkens weer wisselen de niveaus: alsacteurs in een film worden de historischgekostumeerde hoofdpersonen door hedendaagsefiguren naar hun scènes begeleid,soms zelfs door dezen in een middeleeuwsehuid gestopt. In opdracht van de Protectormoet een boek worden geschreven envormgegeven. En zoals dat boek het voorbijeleven voorstelt en dat opnieuw ontsluit, zijnhet de Engelen in het verhaal die ons alsmoderne figuren tegemoet treden, die aande touwtjes trekken bij het weergeven vande gebeurtenissen. Katie Mitchell laat dezeEngelen het verleden opnieuw openrollen,om zo te doorgronden en te laten zien water destijds voor vreselijks is gebeurd, opdatdat nooit weer zal gebeuren.Emotioneel verlangt ze daarbij het uiterstevan haar vertolkers. Behalve de complexe,moeilijk te zingen muziek is de onontkoombaarheidwaarmee de personages inhun ‘koele’ chateau aan elkaar zijn overgeleverdmeer dan indringend te noemen. Degeconcentreerde muziek van Benjamin zorgter bovendien voor dat alles zich vrijwelongemerkt steeds meer samentrekt, als eenstrop om je nek.Toch kunnen de zangers zich niet verschuilenachter deze muziek. Haar emotionelegeladenheid hangt zo duidelijk samenmet de inhoud van het stuk, dat geen vande drie hoofdvertolkers een façade of eengekunstelde houding kan optrekken of overeindhouden. Allen moeten zich geestelijk,inhoudelijk en ook persoonlijk voor 100procent geven in de omgang met hetgeenmuziek, tekst en regie van hen verlangen;daardoor wordt het moeilijk het personageen de vertolker uit elkaar te houden. Tijdensdeze laatste repetitiedagen is de spanningtussen de drie zangers dan ook om tesnijden. Omdat zij op het toneel emotioneelalles moeten geven, zich in overdrachtelijkezin volledig naakt moeten tonen, zoeken zijandere wegen om deze spanning te verminderenof te ontladen. Katie Mitchell moetdaarbij oppassen dat ze niet alleen nogmaar als bemiddelaar fungeert, maar datze juist in de laatste repetitiefase na al hetwerk aan de details het overzicht houdt overhaar totale concept. Ze wordt daarbij geholpendoordat zij haar personages altijd heelconcrete biografieën geeft, die vanaf hetrepetitiebegin worden uitgewerkt, zodat hetraam waarbinnen een karakter kan wordengevormd vanaf het begin duidelijk is.22TussenpersonenWritten on Skin – op de huid geschreven:dat is zowel het verhaal dat zich afspeeltals de manier waarop het wordt vastgelegd.Doordat er bij Written on Skin echter ookzoveel gebeurt dat niet wordt uitgesproken,dat als het ware ‘onder de huid’ plaatsvindt,stelde juist het profileren van de personageszeer hoge eisen.Katie Mitchell: ‘In ons werk is het uiterstbelangrijk dat de gebaren, bewegingen enhandelingen van onze vertolkers heel waarachtig,precies en geloofwaardig zijn. Wehebben de architectuur en de kleding vandie tijd nauwkeurig bestudeerd, ons verdieptin de literatuur van die periode. Daarbijhebben we begrepen dat we niet uitsluitendin de dertiende eeuw konden blijven hangenmaar dat er ook een hedendaagse laagmoest komen. Anders zou er te veel afstandtussen publiek en personages gebleven zijn.Ik had de Engelen nodig als tussenpersonen.’Het wisselen van de verhaalniveaus,het theatraal voorstellen van het verledenen het heden, brengt op de breukvlakkendaartussen een soort surrealisme tot stand,dat dan volkomen logisch uit zichzelf lijktvoort te komen. Een ware reconstructie vanhet verleden uit het heden.‘Narrated drama’Als theaterregisseur had Katie Mitchell alvaker stukken van Martin Crimp geënsceneerd.Ze bewondert vooral zijn precisie, diehelemaal aansluit bij haar eigen werkwijze,en de strengheid van zijn taal. ‘Het feit dater niets overbodigs in zijn teksten zit, vergthet uiterste van een regisseur. De lat ligtvoor mij extreem hoog,’ vindt Katie Mitchell.Bijzonder interessant is daarbij dat alleregieaanduidingen deel uitmaken van degezongen tekst van het stuk, dat alle personageshun handelingen aankondigen. MartinCrimp vindt het moeilijk om dit logisch tebeargumenteren. Het is de voortzettingvan een idee dat al was ontstaan tijdens desamenwerking met George Benjamin aanInto the Little Hill.‘George vond het buitengewoon interessantdat ik in mijn oudere toneelstukken ietsheb gecreëerd dat je narrated drama kuntnoemen, waarbij de personages de gebeurtenissenbeschrijven, in plaats van diealleen te belichamen of te vertolken. Dezetechniek heeft iets in George Benjamin losgemaakt.Natuurlijk had hij ook een zekereantihouding tegenover de traditioneleoperavorm of een zekere gêne tegenoverde noodzaak mensen zingend met elkaar telaten spreken. Natuurlijk gebeurt juist datin ons werk heel vaak, maar doordat de figurenook vertellen wat ze doen, wordt dezemanier van communiceren weer mogelijk. Inmijn theatertechniek kon hij zich bevrijdenvan traditionele gezongen dialogen en daardoorvond hij de mogelijkheid dieper in deemoties van de personages door te dringenen die zo in zijn muziek tot spreken te brengen.Als de gesprekken tussen de figurenvoortdurend slechts direct zouden plaatsvinden,was het hem niet mogelijk geweestzijn personages vorm te geven op de manierwaarop ze ons nu tegemoet treden.’Dit lijkt in eerste instantie te wijzenop een soort vervreemdingseffect, als jebovendien denkt aan de verschillende tijd-niveaus zoals die in de productie tussen dehistorische figuren en de moderne Engelenduidelijk worden. Maar de auteurs leggener de nadruk op dat het helemaal niet debedoeling was om een identificatie met dediepe emoties van Agnès, de Protector ende Jongen te vermijden. Integendeel! Detoeschouwers moeten zich juist verplaatsenin de figuren, waardoor de wreedheid vanhet hele verhaal, culminerend in het opetenvan het hart van de vermoorde Jongen, deste sterker voelbaar wordt. Dan blijft echter,na ademloos gevolgde, meebeleefde enmeegeleden momenten, de terugkeer naarhet bewustzijn dat het hier gaat om eenkunstwerk.SamenwerkingWanneer Martin Crimp hier spreekt overGeorge Benjamin en probeert diens bedoelingenduidelijk te maken, verontschuldigthij zich meteen en vindt dat dit iets is omrechtstreeks met Benjamin te bespreken. Ende componist zelf benadrukt telkens weerdat je ook alles aan Martin Crimp kunt vragen,want zij denken hoe dan ook hetzelfdeover hun samenwerking. In ieder gevalblijkt hier duidelijk uit dat we te makenhebben met een congeniale samenwerkingtussen twee autonome kunstenaars, dieelkaar in het genre opera gevonden hebbenom unieke dingen te scheppen. Inderdaadziet Martin Crimp het wanneer hij voor hetmuziektheater werkt vooral als zijn taak omeen componist te inspireren. ‘Daarom heb ikde techniek van het narrated drama ook zeerintensief verder ontwikkeld, want ik weetwat deze bij Benjamin teweegbrengt.’Katie Mitchell merkt hoe muziek en teksthier op heel bijzondere wijze bij elkaarkomen. Martin Crimp heeft in haar ogen eenvertellende en tevens dramatische tekstgeschapen, die gewoonweg om muziek leekte vrágen. Tegelijkertijd vindt zij daarin allenoodzakelijke psychologische elementenvoor een heldere enscenering. Voor haarversterkte George Benjamins muziek datnog: ‘Een fascinerend muzikaal landschap,waaraan je je niet kunt onttrekken,’ zoals zezei na het beluisteren van Benjamins eersteopera, Into the Little Hill.Daarbij kwamen – eerst in het hete Aixen-Provence,later ook in herfstig Amsterdam– de heldere beelden van Mitchellsenscenering en de intensiteit van de vertolkingvan drie adembenemende hoofdpersonen,van wie de eigen spanningen ook bij dezangers pas na het slotapplaus langzaamleken weg te ebben. Ook de toeschouwersin het Muziektheater zullen na het bijwonenvan de indringende en spannende voorstelling,die een onweerstaanbare kracht heeft,een ‘koele’ dronk kunnen gebruiken, om zichte bevrijden van een spanning die onder dehuid kruipt. Het verhaal blijft ‘heet’, aldusMartin Crimp.Vertaald door Frits Vliegenthart


Interview Written on SkinCarine AldersCountertenor Bejun Mehtaslaat zijn vleugels uitVoor de Amerikaanse zanger Bejun Mehta is het etiket ‘countertenor’ niet meer dan eenaanduiding van zijn stembereik. Hoewel hij dol is op barokopera’s, ziet hij zichzelf niet alsbarokinstrument. Verbreding van het repertoire voor zijn stemvak is zijn missie.23De rol van Boy/Angel 1 in George BenjaminsWritten on Skin is hem op het lijf geschreven.Letterlijk. Als ik hem begin juni – eenmaand voor de première – spreek, heeft hijnet een half uurtje vrij tussen de repetitiesen het passen van de kostuums. ‘Het is echteen werk in wording. Ik heb nu een goedbeeld van waar het heen gaat, maar aandetails wordt nog volop gewerkt.’ Mehtais vanaf het begin nauw betrokken bij hetproces. ‘Het is de plicht van elke musicusom te helpen nieuwe muziek tot stand tebrengen. Ik ben voortdurend op zoek naarnieuwe muziek, liefst een productie waarik zelf nog iets aan bij kan dragen. En toenkwam in 2008 het telefoontje over dezeopera.’De gewilde countertenor krijgt regelmatigpartituren opgestuurd. Lang niet allesspreekt hem aan, maar bij de namen vanGeorge Benjamin en Martin Crimp werd hijmeteen enthousiast. ‘Benjamins eersteoperaproductie Into the little Hill wasfantastisch en Crimp is een van de bestehedendaagse toneelschrijvers. Meteennadat ik het libretto gelezen had belde ikGeorge dat ik het wilde doen. Een enormeeer dat hij mij in gedachte had voor zo’nbelangrijke rol!’ De tekst van het librettowas voor 90 procent klaar, de muziek moestnog geschreven worden. Bejun Mehta vloognaar Londen om thuis bij Benjamin demogelijkheden van zijn stem te onderzoeken.‘We zaten uren aan de piano, Georgenam veel tijd om mijn stem te leren kennen.’Maar er is nog een reden waarom Mehtadeze kans met beide handen aangreep: ‘Ikben geen fan van de manier waarop hedendaagseopera’s soms tot stand komen. Eerstis er een boek dat verfilmd wordt en uiteindelijkkomt iemand op het idee om daarvaneen opera te maken, terwijl het oorspronkelijkeboek zich misschien helemaal niet leentvoor dit medium. Daarom vind ik Writtenon Skin geweldig: het materiaal is geschrevenals opera, volkomen origineel.’Geen barokinstrumentVoor wie zich Bejun Mehta herinnert alsbijvoorbeeld Händels Tamerlano (2005) ofOttone in Monteverdi’s L’incoronazione diPoppea (2007) is het misschien even wennen:een countertenor in een hedendaagse opera.Voor de zanger zelf is het de gewoonste zaakvan de wereld. ‘Het begrip countertenor isvoor mij niets anders dan een aanduidingvan mijn stembereik.’ Om de vergelijkingmet een gambist die Brahms speelt moethij dan ook hartelijk lachen. ‘Ik voel me nietvastgeklonken aan een bepaalde periode.Ik zing muziek. Punt.’ Zo eenvoudig is hetniet altijd geweest. Veel mensen hebbentoch een vastomlijnd beeld van countertenorsen Bejun Mehta heeft zijn eigenkansen moeten creëren. Sinds zijn naamgevestigd is, gaat dat makkelijker. ‘Wanneereen intendant mij vraagt welke barokoperaik een volgende keer graag zou doen geef iknatuurlijk wel antwoord, maar ik noem ookeen aantal mogelijkheden die buiten hetstandaardrepertoire vallen. Het geeft veelmeer voldoening om veel verschillende enonverwachte dingen te doen. Je moet af entoe nieuwe spieren aanspreken, ook in jehersenen. If you do not use it you lose it!’Ook een liedrecital met 20ste-eeuws repertoirebehoort tegenwoordig tot de mogelijkheden.Zijn cd Down by the Salley Gardensmet liederen van componisten als VaughanWilliams, Quilter en Finzi werd uitstekendontvangen.Een teruggevonden stemAls adolescent maakte Mehta furore als jongenssopraanen natuurlijk was hij benieuwdnaar zijn volwassen stem. Dat viel tegen.‘Ik weet wat een goede stem is en mijn baritonwas dat duidelijk niet. Ik was een goedecellist, maar ook daar lag mijn toekomstniet. Ik zat zonder werk en wist eigenlijk niethoe het verder moest. Totdat ik het verhaalvan de Amerikaanse countertenor DavidDaniels las. Het kwartje viel. Op 4 november1997 werd ik wakker, ik weet het nog precies,en ik probeerde mijn stem als countertenor.Ik had niets te verliezen. De volgende dagprobeerde ik het opnieuw en zo ontdekte ikin zes weken dat ik wel degelijk een goedestem had. Ik belde mijn dierbare vriendin, demezzosopraan Marilyn Horne. Ze was op dehoogte van mijn dilemma en had al eensaangeboden mij te helpen met het vindenvan een nieuwe weg. ‘Ik heb het,’ riep ik doorde telefoon. Marilyn zat net midden in eenauditiereeks voor jong talent en zei ‘Kommaar laten zien dan’. Ik zong voor haar enweer zes weken later had ik een agent enmijn eerste rol als countertenor.’Written on Skin zal tot ver in 2013 eenbelangrijk onderdeel zijn van zijn leven,maar Bejun Mehta zit vol met plannen. Inapril volgend jaar komt een cd uit met aria’svan onder anderen Mozart en Gluck, maarook herontdekte onbekende componisten.‘Ik zie enorm uit naar het Amsterdamsepubliek. Jullie weten tenminste dat hedendaagseopera niet eng is!’Bejun Mehta in Tamerlano, DNO, 2005 (Foto: Clärchen & Matthias Baus)


RingetjeDer Ring des Nibelungen voor kinderen24Wat zou jij doen als je in een betoverd bosterechtkwam? Zou je bang zijn of juist niet?Padvinders Bert en Rita raken de weg kwijten komen terecht in het Nibelungenrijk,waar reuzen, goden, dwergen en anderewezens wonen. In het bos is van alles aande hand: de dwerg Alberich heeft het goudvan de Rijndochters gestolen om er een ringvan te maken. Daarmee wil hij de macht overde wereld krijgen. Dat mag niet gebeuren!Bert en Rita willen alleen maar de wegterugvinden naar de andere padvinders enbeleven intussen het ene spannende avontuurna het andere. Een ontdekkingsreisdwars door de verhalen van Siegfried, deoppergod Wotan en zijn dochter Brünnhilde.Scènes uit Ringetje (Foto's: Hans van den Bogaard)


25zo 7 okt 2012 première 13.00 uurzo 7 okt 2012 16.00 uurHet Muziektheater AmsterdamKaartverkoop is reeds begonnen.Bij het ter perse gaan van deze Odeon zijn ernog kaarten verkrijgbaar.Bel het Kassa-bespreekbureau: 020-625 5455Online reserveren: www.dno.nlRichard Wagner 1813 - 1883RingetjeDer Ring des Nibelungenvoor kinderenbewerkingJonathan DoveClaudia RumondorspreektekstenArent­Jan LindeAnne LamsveltLotte de Beermuzikale leidingHans LeendersregieLotte de Beerdecor/kostuumsMarouscha LevylichtWijnand van der HorstdramaturgieChikako KitagawaRepriseacteursArent­Jan LindeAnne LamsveltSiegmund/SiegfriedMorschi FranzSieglinde/BrünnhildeDana IliaErda/Walküre/RheintochterMarieke ReutenFreia/Walküre/RheintochterElizabeth PozGutrune/Walküre/RheintochterWieke van WingerdenMime/FafnerRichard PradaAlberichJan Willem van der HagenWotanNanco de VriesFasolt/Hunding/GuntherBas KuijlenburgHolland SymfoniaKinderkoor De Kickerskoordirigent Lorenzo PapoloDe voorstelling duurt circa 1 uur en 45 minuten.Er is geen pauze.De opera wordt in het Duits gezongen, metNederlandse spreekteksten.Het programma Ringetje is gratis verkrijgbaar inhet Muziektheater.


Das Rheingold26De ring moet ik hebben! (Wotan)Diep in de Rijn ligt een grote goudschat, diewordt bewaakt door de drie Rijndochters.De dwerg Alberich kijkt vol begeerte naarde meisjes, die hem uitdagen en afwijzen.Als het zonlicht de schat doet flonkeren,zingen de Rijndochters over de almacht diedegene die een ring van het goud maaktzal verkrijgen. Maar dat kan alleen iemandzijn die de liefde afzweert. Woedend overde afwijzing vervloekt Alberich de liefde enrooft het Rijngoud.De god Wotan heeft door de reuzen Fasolten Fafner een burcht, Walhall, laten bouwen.De bedongen prijs was zijn schoonzusterFreia, godin van de eeuwige jeugd,maar Wotan wil onder die afspraak uit.Als de reuzen Freia komen opeisen en vangeen andere beloning willen weten, moetde slimme vuurgod Loge met een oplossingkomen. Hij stelt als prijs het Rijngoud voor,waar de twee bouwlieden mee instemmen.Als gijzelaar moet Freia echter met henmee.Wotan en Loge dalen af naar Nibelheim,waar Alberich een ring heeft gesmeed.Zijn broer Mime dwong hij een helm (de'Tarnhelm') te maken waarmee de dragerelke gewenste gedaante kan aannemen.Door een list weten de goden Alberich deschat met de ring en de Tarnhelm afhandigte maken.De dwerg vervloekt de ring. Als losprijsvoor Freia verlangen Fasolt en Fafnerzoveel goud dat zij geheel aan het oogwordt onttrokken. Om het laatste gaatje inde stapel te dichten dwingen ze Wotan dering af te staan. De vloek doet zich meteengelden: Fasolt en Fafner strijden om hetbezit van de ring, waarbij Fasolt door zijnbroer wordt gedood. Wotan en de anderegoden nemen hun intrek in Walhall, behalveLoge, die eigenlijk maar half goddelijk is.De Rijndochters beklagen hun verlies.Scènes uit Das Rheingold (Foto’s: Ruth Walz)


27do 15 nov 2012 premièrezo 18 novwo 21 novza 24 novdi 27 novvr 30 nov20.00 uur15.00 uur20.00 uur20.00 uur20.00 uur20.00 uurRichard Wagner 1813 - 1883Der Ring des NibelungenVorabendDas Rheingoldlibretto vanRichard WagnerRepriseHet Muziektheater AmsterdamKaartverkoop is reeds begonnen.Bij het ter perse gaan van deze Odeon zijner nog kaarten verkrijgbaar.Bel het Kassa-bespreekbureau: 020-625 5455Online reserveren: www.dno.nlInleidingen door Hein van EekertPlaats: het Muziektheater (foyer 2de balkon)Tijd: 45 minuten voor aanvang van iederevoorstelling, dus 19.15 uur (avond)/14.15 uur(matinee)Lengte: ± 45 minutenToegang: gratis op vertoon van een plaatsbewijsvoor de voorstelling van die dag.Met steun van de Vereniging Vriendenvan De Nederlandse Opera.UitzenddatumRadio 4, NTR Opera Live:zaterdag 24 november, 19.00 uurDinerbuffettenBij elke avondvoorstelling van DNO kunt uge nie ten van een diner buffet in de foyer van hetMuziektheater. Zo kunt u rustig eten en bent u optijd voor de opera. Reserveren: 020-625 5455of via www.het-muziektheater.nl/kaarten.muzikale leidingHartmut HaenchenregiePierre AudidecorGeorge TsypinkostuumsEiko Ishioka †lichtWolfgang GöbbelvideoMaarten van der PutdramaturgieKlaus BertischWotanThomas Johannes MayerDonnerVladimir BaykovFrohMarcel ReijansLogeStefan MargitaAlberichWerner Van MechelenMimeWolfgang Ablinger­SperrhackeFasoltStephen MillingFafnerJan­Hendrik RooteringFrickaDoris SoffelFreiaAnna GablerErdaMarina PrudenskajaWoglindeMachteld BaumansWellgundeBarbara SenatorFlosshildeBettina RanchNederlands Philharmonisch OrkestDe voorstelling duurt circa 2 uur en 35 minuten.Er is geen pauze.De opera wordt in het Duits gezongen, Nederlandsen Engels boventiteld.Het operaboek Das Rheingold is verkrijgbaar inhet Muziektheater. Daarin zijn onder meer eenuitgebreide synopsis en het libretto in het Duitsen in het Neder lands opgenomen. De prijs is € 8.


Achtergrond Das RheingoldKasper van KootenRevolutionaire vooravondvan een groot epos28 jaar liggen er tussen de eerste schetsen (1848) en de wereldpremière van Der Ringdes Nibelungen (1876). Roerige jaren, waarin de aanvankelijk links-radicale revolutionairRichard Wagner geleidelijk zijn wilde haren verliest. Das Rheingold, het deel dat hij reedsin 1854 voltooide, ademt echter nog de geest van de jonge hemelbestormer, niet alleenin politiek, maar ook in muziektheatraal opzicht.28Richard WagnerOm de politieke teneur en de stijl van DasRheingold te kunnen plaatsen, dienen wetenminste terug te gaan tot Wagners ervaringenin Parijs. In 1839 belandt hij in deFranse hoofdstad, op dat moment hetHollywood van de Europese operawereld,in de hoop dat hij hier zijn pasgeschrevenopera Rienzi kan laten uitvoeren. Hoewel hetwerk volledig aansluit op de in Parijs heersendespectaculaire grand-opéra-stijl, valtde belangstelling tegen. Ook met aanbevelingsbrievenvan zijn succesvolle en invloedrijkecollega Meyerbeer op zak lukt het nietom Rienzi aan een theater te slijten. Medehierdoor leeft hij ruim twee jaar in bitterearmoede in een stad die sowieso gekenmerktwordt door schrijnende tegenstellingen tussenarm en rijk. Zijn erbarmelijke bestaan inParijs heeft grote gevolgen voor zijn esthetischeen politieke opvattingen. Hij ontwikkelteen intense haat voor de grand-opéra en decommerciële operapraktijk, en verfoeit hetkapitalisme en de in zijn ogen verderfelijkecivilisation van de Fransen; een kunstmatigevorm van beschaving waarbinnen de menshet contact met de (eigen) natuur is kwijtgeraakt.In 1842 wordt Wagner eindelijk uit zijnParijse lijden verlost door de mogelijkheidom Rienzi in Dresden te laten uitvoeren. Depremière is een zodanig succes dat de componisteen jaar later als Kapellmeister wordtaangesteld. Hierdoor is Wagner niet alleenvoor het eerst artistiek, maar ook financieelsuccesvol. De ironie is echter dat Wagnerzijn eerste succes boekt met een werk dat incompositorisch opzicht voor hem inmiddelseen gepasseerd station, zo niet een beschamendejeugdzonde is. Critici prijzen weliswaarde theatrale effecten in Rienzi, maarzijn minder positief over de kwaliteit vande muziek. Ze typeren Wagners kunst alsspectaculair, maar weinig verheven. Ditstempel bleef Wagner gedurende zijn jarenin Dresden achtervolgen. Aan de anderekant verwachtte het publiek dat voor Rienziwas gevallen juist meer werken van hetzelfdepluimage. De première van de duistere,introspectieve opera Der fliegende Holländerin 1843 werd daarom vrij lauw ontvangen.OpstandHoewel Wagner in de daaropvolgende opera’sTannhäuser (1845) en Lohengrin (1848)steeds nadrukkelijker een eigen geluid endramatische stijl ontwikkelt, blijft de invloedvan traditionele genres, met name die vande grand-opéra, aanwezig. Vooruitstrevendzijn de vervaging van het onderscheid tussenmuzikale nummers en recitatieven ende verfijning van zijn orkestratiekunst enharmonisch palet. Tegelijkertijd bevattenbeide opera’s echter nog veel ceremoniëlemassascènes met koor, die juist typerendzijn voor de Franse opera van zijn tijd.Wagner streeft na Lohengrin echter naareen muziekdramatische stijl die compleetanders is dan al het voorafgaande. Dit hangtsamen met de revolutionair-socialistische,anarchistische wereldbeschouwing die hijin deze jaren aanhangt. De bestaande operavormenen uitvoeringstraditie zijn in Wagnersogen onderdeel van een reactionaire, geperverteerdemaatschappij die haar langste tijdgehad heeft. Al het bestaande dient omvergeworpente worden om plaats te makenvoor een nieuwe mens, die in harmonie metzichzelf en zijn omgeving leeft. De nieuwekunst kan bijdragen aan het ontstaan van denieuwe mens, maar anderzijds is de komstvan deze nieuwe mens ook een voorwaardevoor het welslagen van Wagners artistiekeidealen.Om de gewenste revolutie teweeg te brengenkan Wagner zich echter niet tot componeren,dirigeren en schrijven beperken.Daarom neemt hij in 1849 deel aan een totmislukken gedoemde opstand tegen hetSaksische regime. Noodgedwongen ontvluchthij Dresden omdat er een arrestatiebeveltegen hem is uitgevaardigd, en belandtin Zürich. Hiervandaan is het onmogelijkom de door hem gewenste revolutie op debarricaden te bevechten. Daarom steekt hijzijn energie in een muziektheaterprojectwaarin hij de toeschouwer de noodzaak enbetekenis van deze revolutie bij kan brengen.Na voltooiing van Lohengrin overweegthij verschillende onderwerpen, waarondereen opera over de Duitse middeleeuwsekeizer Friedrich Barbarossa en zelfs eendrama over Jezus van Nazareth. Uiteindelijkbesluit hij echter om uit verschillende eeuwenoudemythische vertellingen over deNibelungen een nieuw epos te smeden.Aanvankelijk staat de ondergang van Siegfried,een revolutionaire held die door de hemomringende corrupte maatschappij tenonder gaat, centraal. De voorgeschiedenisvan deze episode is echter zo belangrijk datWagner besluit om zich niet tot een enkeldrama te beperken. Zijn behoefte om hetvoorafgaande helder uiteen te zetten leidtuiteindelijk tot de gigantische, vier avondenvullende omvang van Der Ring des Nibelungen.Das Rheingold vormt het eerste deel, endient als vooravond, waarin de belangrijkstelijnen van het epos uitgelegd worden.De Griekse tragedieTot 1852 werkte Wagner aan de tekst van zijnvierluik. Hoewel hij in 1850 voorzichtig wasbegonnen met componeren, legde hij hetwerk kort daarop stil. Deze weifeling hader vooral mee te maken dat zijn ideeën overeen revolutionair nieuwe vorm van muziektheater,in alle opzichten afwijkend vantraditionele opera, nog niet waren uitgekristalliseerd.Daarom greep hij de eerste jarenin Zürich aan om zijn ideeën theoretischuit te werken, en begon hij pas in 1853 metcomponeren.Het belangrijkste model voor zijn eigenKunstwerk der Zukunft vormde de antiekeGriekse tragedie. Wagner verondersteldedat de afzonderlijke kunstvormen in hetoude Griekenland in perfecte harmonie versmoltenwaren, en streefde daarom zelf ookeen Gesamtkunstwerk na. Daarin vormt hetdrama niet alleen een aanleiding voor mooiearia’s en duetten, maar geeft de muziek uitdrukkingaan het verhaal. Het orkest geeftduiding aan de handeling, op vergelijkbarewijze als het koor in de Attische tragedie.Daarom is het zangkoor, dat in de traditioneleopera vooral als decibelmachine dient ente weinig karakter heeft, in zijn ogen overbodiggeworden. Sowieso staat Wagner in zijnmuziekdrama nauwelijks nog samenzangtoe, omdat een dergelijke samensmeltingvan stemmen alleen gepast is wanneer tweeof meer mensen ook in volledige harmoniemet elkaar leven. Een duet van twee vijandendie ruzie maken terwijl ze in parallelle tertsendezelfde melodie zingen – vast bestanddeelvan 19de-eeuwse Italiaanse opera’s – is voorWagner onverdraaglijk. Hij hecht veel waar-


29Scène uit Das Rheingold (Foto: Ruth Walz)de aan karakteristieke muziek; aan het orkestmoet je kunnen horen dat een personage alsAlberich kwaadaardig is.Het leidmotiefWagners muziekdrama is geen opeenvolgingvan muzikale nummers, maar een doorgecomponeerd,organisch geheel. In DasRheingold komt dit het duidelijkst tot uiting.De vier scènes worden met elkaar verbondendoor tussenspelen, waarin de muziek dedenkbeeldige verplaatsing van bijvoorbeeldde Rijn naar het Walhalla evoceert. Binnendeze innovatieve muzikale structuur fungerenleidmotieven als bouwstenen die de immenseconstructie bijeenhouden.Een leidmotief is een melodie, motief ofakkoord dat verbonden is met een persoon,een voorwerp of een idee binnen het drama.Doordat leidmotieven telkens terugkeren,ontstaat een nauwe relatie tussen muziek endrama. Meestal klinken de motieven in hetorkest wanneer desbetreffende persoon ophet toneel verschijnt of wanneer over eenbepaald idee wordt gesproken. Tegelijkertijdkunnen ze ook herinneren aan iets uit hetverleden, of vooruitwijzen naar iets dat nogmoet komen. Tot slot kan een onverwachteverschijning van een motief dubbelzinnigheidstichten. Hoewel de wijze waaropWagner de melodieën gebruikt zeer geraffineerdis, zijn de motieven zelf vaak vrij elementairen gemakkelijk herkenbaar. Zo is hetmet ondergang verbonden Götterdämmerung­Motiv (Muziekvoorbeeld 1) aan het einde vanRheingold een omgekeerde, dalende versievan het stijgende Natur­Motiv (Muziekvoorbeeld2), dat in de openingsmaten het ontstaanvan de wereld symboliseert.Deze beginmaten schetsen de contourenvan het muzikale universum binnen de Ring.Aanvankelijk klinkt slechts een Es in de contrabassen,die langzaam wordt uitgebreidtot een majeurdrieklank. Deze klank, die intotaal ruim vier minuten blijft liggen, wordtlangzaam verlevendigd door steeds snellerevariaties van het Natur­Motiv, die het stromenvan de Rijn uitbeelden. De majeurdrieklankvormt in feite de basis voor alle motievendie binnen de Ring met de natuur en metpositieve eigenschappen verbonden zijn.Melodieën die op dissonante akkoorden zijngebaseerd, horen doorgaans bij kwaadaardigepersonen en gedachten, of bij pijn,verlangen en verdriet. Zo wordt de muziekplotseling dissonant en duister wanneerAlberich aan de oevers van de Rijn verschijnt.De tegenstelling tussen ‘positieve’majeur drieklanken en ‘negatieve’ dissonanteakkoorden kan echter ook bedrieglijk zijn.Dit zien we in de relatie tussen het Ring­Motiv en het Walhall­Motiv (Muziekvoorbeeld3). De motieven van de godenburchten de door Alberich gesmede ring hebbeneen vergelijkbare melodische vorm, maarhet Ring­Motiv is een dissonante variant vanhet eerste. De melodische overeenkomstduidt echter op inhoudelijke raakvlakken. Inbeide gevallen draait het om macht die totcorruptie leidt. De gelijkvormigheid vanbeide melodieën werpt een schaduw over deschittering van de godenburcht. Hier onderstreeptWagners muziek dus een dubbelzinnigheidin het verhaal, en problematiseertze de schijnbare goed-kwaad-tegenstellingtussen de goden en Alberich.Muziekvoorbeeld 1: Götterdämmerung­MotivMuziekvoorbeeld 2: Natur­MotivMuziekvoorbeeld 3: Ring­Motiv en het Walhall­MotivRadicaliteitWagner voltooide Das Rheingold al in 1854.De compositie van de overige drie delen zouuiteindelijk nog twintig jaar in beslag nemen.Hoewel de componist in deze jaren nog eenenorme muzikale ontwikkeling doormaakte,vormt Das Rheingold wel een uniek en buitengewooninteressant werk. Bovendien ishet eerste deel van de Ring het kortst na detotstandkoming van de tekst en zijn theoretischebespiegelingen geschreven, waardoormuziek en dramaturgie naadloos aansluitenop de revolutionaire geest van het libretto.Met Das Rheingold slaagde Wagner in zijnopzet om een muziekdrama te schrijven datafweek van al het voorgaande, en de radicaliteitvan het werk is ook voor hedendaagsetoeschouwers nog herkenbaar. Kennis makingmet het stuk is niet alleen noodzakelijk omhet verdere verloop van de Ring te kunnenvolgen, maar ook om de ontwikkeling vanhet operagenre na 1850 te kunnen begrijpen.Daarnaast is het werk, met zijn muzikaleimitaties van natuurfenomenen, de subtieleovergangen, de indrukwekkende taferelen enzijn prikkelende politieke analyse een belevenisop zich.


Interview Das RheingoldMarianne Broeder‘Hans Sachs is eenwijsgeworden Wotan’Bariton Thomas Johannes Mayer maakt zijn debuut bij De Nederlandse Opera als Wotanin Das Rheingold. Later in het seizoen keert hij terug als Hans Sachs in Die Meistersingervon Nürnberg. Als zanger en alfawetenschapper doorziet hij beide rollen door en door.Wie bariton Thomas Johannes Mayer hoortzingen herkent een musicus in hart en nieren,wie hem spreekt ontwaart een doorgewinterdeacademicus. Niet verwonderlijk. Voordathij zijn zangopleiding begon bij Kurt Moll,studeerde hij geschiedenis, Duitse taal- enletterkunde, filosofie en muziekonderwijs.Zeker bij het zingen van Wagnerrollen– behalve Hans Sachs, die hij dit seizoen bijDNO zal vertolken, zong hij ze allemaal – iszijn academische kennis een groot voordeel,vindt hij. Mayer spreekt op luide, onderwijzendetoon, in doordachte volzinnen.‘Voor een goed begrip van de muziekgeschiedenisen de maatschappelijke contextvan de opera’s waarin ik zing zijn mijn studiesonmisbaar. Vooral bij de werken van Wagner,waar de politieke omstandigheden zo’nbelangrijke rol spelen. Met kennis vanWagners zogenoemde “Revolutietheorie”,zijn bewondering voor Schopenhauer enFeuerbach en zijn betrekking tot Nietzscheleer je zijn opera’s beter begrijpen. En er zijntreffende overeenkomsten tussen het wezenvan zijn personages en de latere psychoanalytischeinzichten van Sigmund Freud.’Dit seizoen maakt Mayer zijn debuut bijDNO als Wotan in Das Rheingold. Hij zongde rol van de oppergod in Die Walküre al velemalen. In Das Rheingold ontvouwt zich hetkarakter van de ambitieuze god – bewust vanzijn zwaktes, die hij vaardig weet weg temoffelen, als opmaat voor de machtswellustigeheerser in Die Walküre. Mayer gaat lievernog een stap verder: ‘In Das Rheingold wordtalles geëtaleerd wat in de volgende drieopera’s in detail wordt uitgewerkt. Maarwat speelde zich af vóór Das Rheingold?Eigenlijk zou je nog een opera wensen diedaaraan voorafgaat, waarin wordt uitgewerkthoe het kwaad in de wereld is gekomen. Er ishelaas ook geen opera na Götterdämmerung,waarin we zien hoe het uiteindelijk metiedereen afloopt. Die zaken heeft Wagneropengelaten. Maar als we dat zouden weten,zou er geen stof meer zijn om opera’s overte schrijven.’Wagners personagesWotan begint aarzelend maar ontpopt zichals een genadeloze streber. Wat voor karakterheeft Wagner willen neerzetten? Zijneigen karakter, zoals hij ergens schrijft?Mayer: ‘Wotan bezit een grote drang naarkennis, macht en autoriteit. Hij wil een grootrijk veroveren en daar zijn macht laten gelden.Tegelijk probeert hij zijn vrouw eerbiedig tebehandelen. Hij voelt dat hij zijn idealen nietrimpelloos kan verenigen maar blijft zichkoppig gedragen als een duizendpoot. Hijlaat zich door Loge overrompelen en verzintlisten. Je ziet dat de serieuze kant van zijnkarakter te wensen overlaat. Hij voelt dathij ook zwak is maar weet dat te verhullen31en blijft zichzelf voorhouden dat alles zo zallopen als hij wil.’‘Wotan is in zekere zin te vergelijken metDon Giovanni. Mannen met hybris, overmoedig,aanmatigend. Dat verklaart de dilemma’swaar ze voor staan, en is tegelijk kenmerkendvoor creatieve mensen die met een ijzeren wilhun macht over anderen weten uit te oefenen.Die koste wat het kost greep willen hebbenop de loop der gebeurtenissen. De spanningtussen Wotans kracht en zijn falen is wat dezerol zo aantrekkelijk maakt. Als vertolker kunje daarin volledig met hem meeleven: het iseen spanning die elk mens voelt. Dat wasprecies Wagners opzet bij de creatie van zijnpersonages. Het zijn geen individuen maarpsychologische constructies, bedachte karakters,die een combinatie laten zien van uiteenlopendediepmenselijke eigenschappen.’‘Wagners personages vertegenwoordigenalles wat een mens beweegt. Ze leven metelkaar, communiceren, hebben elkaar lief enlopen op elkaar stuk. Ze zijn antwoorden opde vraag: wat drijft de mens? Inderdaad isWagner zelf gepersonifieerd in al zijn personages– als mens, als minnaar, als componist,als kunstenaar. Hij wilde aanzien, respect enbewondering. Hij wilde de muziekgeschiedenisnaar zijn hand zetten. Dat is hem ookgelukt. In zijn brieven schrijft hij dat hìjWotan is. Hij gaf verschillende aanwijzingenvoor de psychologische duiding van zijn personages.Erda bijvoorbeeld staat voor het Es,het onbewuste, Wotan voor het Über-Ich, hetsuperego, al die interessante zaken die laterin de psychoanalyse werden geformuleerd.’Hans SachsLater dit seizoen zal Mayer de rol zingen vanHans Sachs in Die Meistersinger vonThomas Johannes MayerNürnberg, Wagners komisch-ernstige operaover jonge zangers die een zangwedstrijdhopen te winnen waardoor ze de dochtervan de goudsmid mogen trouwen. De wijze,goedmoedige schoenmaker-meesterzangerSachs sust de verhitte gemoederen. Iets heelanders dan de genadeloze machtsstrijd vande Ring. Is Sachs een tegenpool van Wotan?‘Beslist niet,’ vindt Mayer. ‘Immers na tegenslagen mislukkingen komt Wotan erachterdat men om gelukkig te zijn de wil moet kunnenloslaten. Dat is precies de kracht vanHans Sachs. Ook hij wilde ooit heer enmeester zijn over zijn leven. Hij is zich ervanbewust geworden dat dat niet mogelijk is.Sachs is vooral een wijze grijsaard, maarlaat zich niet steeds van zijn goedmoedigekant zien. In het duet met Eva bijvoorbeeld,waarin hij haar vertelt dat haar gedroomdegeliefde zich verzongen heeft is hij bepaaldniet mild. Daar zie ik overeenkomsten metde aanmatigende karaktertrekken van Wotan.Eigenlijk is Sachs de oudere, wijs gewordenWotan.’Hans Sachs is de langste rol voor baritonuit het Wagnerrepertoire. Daar staat tegenoverdat de gelijkmatige Sachs nauwelijksemotionele hoogte- of dieptepunten kent.Maar dat is volgens Mayer precies wat dezerol zo veeleisend maakt. ‘De stoïcijnse rustdie je de hele opera moet volhouden vraagtongelofelijk veel energie en kracht. Er zijngeen emotionele pieken die houvast bieden.Dit is een rol die je om het zo te zeggen moetuitzitten. Je moet je er voortdurend vanbewust zijn waar je bent en wat er nog komt.Met een zekere gelatenheid hopen dat deessentie stand houdt.’


32Europees partner van De Nederlandse OperaTHE EUROPEAN PROVIDEROF LEGAL AND TAX SERVICEOne of the reasons clients choose CMS is that we have the most extensive Europeanfootprint of any firm. Other reasons include our cross-border sector and practiceexpertise and our outstanding reputation in key markets.10CMS firms28Countries>750Partners46Cities>2,800Lawyers52Offices


Donateurschap DNO33Afdeling Fondsenwerving en RelatiebeheerDonateursEvenement:een voorproefje op ParsifalDe Nederlandse Opera kan niet zonder de financiële steun van particulieren. Deze keer in Odeon een terugblikop een bijzondere middag in juni, toen OperaDonateurs een bezoek brachten aan een repetitie.Op maandagmiddag 4 juni ontvingen wijeen groep OperaDonateurs voor het bijwonenvan een repetitie van Parsifal. Eengedeelte van het gezelschap volgde voorafgaandeen rondleiding backstage waarbijzichtbaar werd wat voor enorme wereld erachter de schermen bij De NederlandseOpera schuilgaat. Niet alleen de Opera-Donateurs vonden het bijzonder om dat meete maken: ook de medewerkers van DNOlieten graag zien welke rol zij spelen in detotstandkoming van zo’n grote productie.Klaus Bertisch, vaste dramaturg vanDNO, hield een inleiding op de opera waarbijhij onder andere de bijzondere samenwerkingtussen artistiek directeur en regisseurPierre Audi en beeldend kunstenaarAnish Kapoor toelichtte. Toen Audi enKapoor jaren geleden samenwerkten inBrussel, vroeg Audi aan Kapoor: 'Wat is jedroom, voor welke opera zou je nog eens willenontwerpen?'. 'Parsifal,' luidde het antwoord.Dus toen Parsifal een tijd later ter sprakekwam als mogelijkheid om te programmeren,wist onze artistiek directeur meteen wiehij voor het decorontwerp wilde benaderen.Kapoor maakte graag tijd vrij voor dezesamenwerking.Met veel plezier keken de OperaDonateursdie maandagmiddag hoe Kapoors handelsmerk– de grote bollende spiegel – in detweede akte tevoorschijn kwam en hoe onzetechnici bezig waren om het reflecterendelicht op het podium in goede banen te leiden.Weer een stap verder gezet op weg naar depremière op 12 juni.Meer weten over schenkenaan DNO?Wilt u meer weten over schenken aan DeNederlandse Opera, neemt u dan contactop met de afdeling Fondsenwerving enRelatiebeheer, via support@dno.nl of pertelefoon +31 (0)20 551 8312, of vraag dedonateursbrochure aan op www.dno.nl/steunons.elke dinsdag | 12:30 - 13:002012 2013TOEGANG GRATISJANUARI 20138Leonard van Lierpiano12Jeanneke van BuulFang Fang Kongsopraansopraan19Instrumentaal programma(NB: Boekmanzaal)30GEEN CONCERTSchumann, Debussy15Robbert MuuseMicha van Weers22Philip DingenenbaritonpianovioolNNHändel: duetten19Lisanne SoeterbroekDouw FondaKodálypianovioolcello26Adva TasMirsa AdamiAPRIL 20132GEEN CONCERTsopraanpianoMEI 20137Dutch National Opera Academy14Tomoko MakuuchiHarry TeeuwenRyoko KondosopraanbaritonpianoErik SpaepenBach29Jeroen de VaalShuann ChaiSchumann: Dichterliebepianotenorpiano26Cato FordhamNNtenorpianoMAART 20135Peter Lockwood pianoBach: o.a. Italienisches Konzert9Hiroko MogakiMitsuyoshi IkegayaBrian MasudaJapans programmamezzosopraanshakuhachipiano21GEEN CONCERT28Frank EngeltenorRende LuitjespianoLuitjes: Songs uit ‘The Pleiades’FEBRUARI 20135Brian Fieldhousepiano12Marieke Reutenalt16Michaëla KaradjianAnneleen Bijnensopraanalt-mezzoWijzigingen voorbehouden!Brahms, ChopinJohn van HalterentenorNNpianoJean-Claude OhmsbaritonBrian FieldhouseBritten: Canticle II en IVpiano23Instrumentaal programma


34PersstemmenDon CarloDeze tijdloze, tragische en vol fraaietableaus geënsceneerde Don Carlo ismet zijn duistere orkestrale woelingen,monumentale koorscènes een voorstellingom niet te missen. Nézet-Séguingaat het Rotterdams Philharmonischvoor in zeer kleurrijk spel en scherpecontrasten, waarbij zijn grootste fortligt in detaillering, subtiliteit en raffinement.Giordano is met zijn viriele fysieken tenorale snikjes een bevredigendeCarlos, een ontdekking zelfs. Fraaien imposant is het roldebuut vanChristopher Maltman (Posa) en lekkerdramatisch de Eboli van EkaterinaGubanova. ****Mischa Spel, NRC Handelsblad (8 mei 2012)Gebleven zijn het geweldige regieconceptvan regisseur Willy Decker en hetprachtdecor van Wolfgang Gussmann.Decker en zijn team zetten het enigszinsrommelige verhaal in dit overweldigendedecor dramatisch en perfect inde pas met de grootse muziek van Verdineer. Het licht verschiet prachtig bij aldie donkere wolken die in de orkestbakvoorbijtrekken. Nézet-Séguin verrichtdaar fantastisch werk. Zijn opvatting isminder medogenloos dan de zwart vlammendeItaliaanse vuurzee van Chailly,acht jaar geleden, en pakt dus anders,maar heel goed uit. ****Roeland Hazendonk, Het Parool (8 mei 2012)Waiting for Miss MonroeDie Uraufführung im Rahmen desHolland-Festivals in der Stadsschouw-(Foto: Hans van den Bogaard) (Foto: Hans van den Bogaard)burg ist aus mehreren Gründen einErfolg. De Raaff und seine LibrettistinJanine Brogt sind nah dran an derGeschichte der Monroe und liefern dochmehr als ein Biopic. Laura Aikin in derTitelrolle ist ein Glücksgriff! Aikin verlässtsich nicht auf die platinblondenHaare, sondern schlüpft, ja kriecht inihre Figur, eignet sie sich an, erwecktsie mit spitzem, schrillem Sopran undeinem enormen Stimmumfang zum Leben.Steven Sloane dirigiert die Partitur mitEntschlossenheit und Biss. Der inDeutschland zuunrecht unbekannteRobin de Raaff hat dazu eine nervöse,fiebrig-flimmernde Musik geschrieben,pointiert und zugespitzt, wenig lyrisch,aber doch reich an schwelgendenKlangfarben. Bei Waiting for MissMonroe überzeugt auch die Arbeit derjungen Regisseurin Lotte de Beer.Udo Badelt, Der Tagesspiegel (11 juni 2012)A mixture of fact and fiction, Ms. Brogt’swell-structured libretto draws inspirationfrom the supposed tape recordingsMarilyn made for her psychiatrist. Theskillfully crafted score demonstratesthe composer’s keen ear for sonoritiesand makes good use of the orchestra.And within his narrow expressive range,Mr. de Raaff achieves some good effectsthat underscore the drama. The vocallines are well conceived for the voices– a decisive factor in Laura Aikin’s tourde-forceportrayal of the title role. Alsooutstanding is Lotte de Beer’s production,which begins grippingly with Marilynand her nemesis, a movie camera, eyeingeach other warily on a bare stage.George Loomis, International Herald Tribune(12 juni 2012)ParsifalEen magistrale theaterbelevenis. Detweede akte is de triomf van decormanAnish Kapoor, beroemd beeldend kunstenaar.Zijn reusachtige, hangendespiegelende zilveren schaal werkt alseen 21ste-eeuwse hallucinatoire pendantvan de vloeistofdia. Ongelooflijkmooi. Een vocaal hoogtepunt was hetliefdesduet tussen Kundry en Parsifal.(Foto: Monika Rittershaus & Ruth Walz)Een schitterende Petra Lang en eenfraai masculiene Christopher Ventrisstegen hier tot grote hoogte. Tot grotehoogte stegen ook het KoninklijkConcertgebouworkest in de bak en hetKoor van De Nederlandse Opera op hettoneel. ****Erik Voermans, Het Parool (13 juni 2012)Christopher Ventris als Parsifal, PetraLang als Kundry, Alejandro Marco-Buhrmesters Amfortas, Mikhail Petrenkoals Klingsor und Titurel sowie FalkStruckmanns Gurnemanz bilden einebenso namhaftes wie eindrucksvollesSängerensemble. Diesmal war dasConcertgebouworkest an der Reihe:wunderbarer Vollklang, dunkel grundiert,erlesene instrumentale Details.Gerhard Rohde, Frankfurter Allgemeine Zeitung(22 juni 2012)Beijing Opera SchoolAlle scènes zijn kleine wondertjes vangestileerde bewegingen. In de allereerstegespeelde scène, De geest vanYan Poxi, kan met zich vergapen aan dedocente Chen Chen, die in een fraai withabijt kan lopen alsof ze zweeft. In degrande finale met 108 mensen op hettoneel komt alles samen in een spectaculairevechtscène.Erik Voermans, Het Parool (16 mei 2012)(Foto: Victor Tonelli)Deze recensies zijn ingekort.


CONCERTOuw specialist in opera,klassieke muziek en nog veel meerwww.concertomania.nlDNO abonnementhouders 10% kortingin Concerto en de Plato winkels.CONCERTO Utrechtsestraat 52-60 1017 VP Amsterdam 020-6235228PLATO • Apeldoorn • Deventer • Enschede • Groningen • Leiden • Rotterdam • Utrecht • Zwolle

More magazines by this user
Similar magazines