Veerkracht najaar 2015

movir

Het magazine “Veerkracht”. Een periodieke uitgave van Movir, waarin zij aandacht besteedt aan haar preventie en re-integratiedienstverlening. Het blad moet meer bekendheid geven aan alle diensten die Movir haar verzekerden biedt, naast het verzekeringsproduct.

gezonde ideeën over werk en leven

nummer 8 | Najaar 2015

Krachtig en blij in een

opgeruimde omgeving

Snel de juiste steun

dankzij vragenlijst

Alles werd weer leuker

toen het roer om ging

Het belang van een

positieve mindset

‘Wacht niet tot het

echt niet meer gaat’

Steunpunt voor artsen

met een verslaving


VEERKRACHT INHOUD

CO

COLUMN

ba

Back on track

re

Re-integratie

PR

preventie

CA

case

03 column 04 Krachtig en blij in een opgeruimde omgeving

06 Snel de juiste steun dankzij vragenlijst 08 Alles werd

weer leuker toen het roer om ging 10 Het belang van een

positieve mindset 12 Wacht niet tot het echt niet meer gaat

14 Steunpunt voor artsen met een verslaving

Veerkracht is een uitgave van arbeidsongeschiktheidsverzekeraar Movir voor haar verzekerden.

In Veerkracht staat de dienstverlening rondom onze preventie en re-integratie centraal.

© Copyright 2015. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden VERVEEL VOudigd, opgeslagen,

of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.


3

VEERKRACHT column

column

KwetsbaaR Heid

een teken van

kracht

‘Je laat juist

zien dat je

lef hebt,

als je iets

doet om je

situatie te

verbeteren!’

Er zijn altijd mogelijkheden om dingen anders of

zelfs beter te doen. Vanuit die overtuiging vroegen

we u als lezer in de vorige editie van Veerkracht

naar uw mening over dit magazine. Uit de reacties

blijkt dat u inderdaad kansen ziet om dingen

anders te doen. Bedankt voor alle tips en ideeën.

De komende tijd gaan we met de suggesties aan

de slag.

Uit al deze reacties blijkt weer eens dat veel

mensen graag steun bieden als daar om gevraagd

wordt. Aan de andere kant weet ik dat veel mensen

het moeilijk vinden om ondersteuning te vragen,

zelfs in bijzonder moeilijke omstandigheden. Maar

waarom is dat zo moeilijk? Ben je zwak als je

aangeeft dat je het in je eentje niet redt? En is het

onprofessioneel om met iemand te sparren als dat

je vooruit kan helpen?

In mijn ogen is het tegenovergestelde waar. Je

laat juist zien dat je lef hebt, als je iets doet om je

situatie te verbeteren! In het magazine dat voor u

ligt, komt een aantal mensen aan het woord dat

aan de bel trok en ook nog de moed had om hun

verhaal met u te delen. Eén van die mensen is

ondernemer Rudolf Sinx. Hij en zijn gezin profiteren

nog iedere dag van de coaching die hij kreeg. ‘Ik

kan heel veel dingen heel goed. Maar bij sommige

dingen kan ik professionele adviezen gebruiken’,

zegt Rudolf daar zelf over. Wijze woorden die

misschien wel voor iedereen opgaan.

CO

COLUMN

Mensen als Rudolf delen hun verhaal, omdat ze u

willen inspireren om ook aan de bel te trekken als

dat nodig zou zijn of als u er behoefte aan hebt.

Is dat in uw geval niet nodig? Dan hoop ik dat

u gewoon net zoveel van deze Veerkracht kunt

genieten als ik.

Louis van Drunen / directeur

In Veerkracht leest u over de ervaringen van verzekerden en hoe wij hen begeleid

hebben. Ook u kunt op onze ondersteuning rekenen als u daar behoefte aan hebt.

Hoe? Door rechtstreeks contact met ons op te nemen, of als u dat prettiger vindt,

anoniem en kosteloos via Elestia (0800 22 44 228). Elestia is overigens ook

beschikbaar voor uw inwonende gezinsleden, 24 uur per dag.


4

ba

back on track

Rudolf Sinx ondernemer (L) en Gerard Sas professional organizer (R)

Krachtig en blij in een

opgeruimde omgeving

De afgelopen jaren zette Rudolf Sinx (51 jaar) met succes de Nederlandse tak op van een bedrijf op

het gebied van Transfer Pricing. De onderneming doet internationaal fiscaal werk voor enkele grote

klanten en bestaat na slechts twee jaar bouwen uit zo’n twintig personen. Geen kleinigheid. Toch had

het weinig gescheeld of het bedrijf was er niet gekomen doordat Rudolf het overzicht kwijtraakte.

Mede dankzij de ondersteuning van professional organizer Gerard Sas vond hij de rust en ruimte om

de organisatie succesvol op te starten.

De eerste stappen van het opzetten van het bedrijf zette Rudolf

vanuit de werkkamer in zijn huis. ‘Aan allebei de kanten van mijn

computerscherm lag een enorme stapel papier. Dat is niet fijn

werken. Ik was zo hard bezig dit bedrijf op te zetten dat ik mijn

privé-administratie helemaal liet liggen. Achterstanden werden groot

en zelfs een btw-administratie werd daardoor een klus van jewelste.

Daardoor raakte ik de grip op mijn situatie kwijt. Je weet niet meer

hoe je er financieel voor staat, zowel zakelijk als privé.’ De chaos

bleef niet beperkt tot de werkkamer. ‘Alle vier de gezinsleden lieten

dingen op de keukentafel liggen. Dat stapelde zich op. Als je huis

er zo uitziet, dan hoop je dat er niemand op bezoek komt. Op die

manier zorgde de rommel weer voor andere spanningen.’

Onmacht

Toen hij met zijn bedrijf begon, was Rudolf ook nog bezig om los te

komen van zijn oude werkgever. ‘Dat kostte behoorlijk wat energie’,

vertelt de ondernemer. ‘En de financiële gevolgen daarvan waren

ook niet mis. Als je dan ook nog privéproblemen hebt en je door de

slechte administratie geen overzicht hebt, dan kan de bodem van

de schatkist zomaar in beeld komen. Op dat moment dreigde alles

wat ik wilde bereiken – een stabiel privéleven en een goed opgezet

bedrijf – te mislukken. Als universitair opgeleide professional kun je

zelf wel bedenken dat er iets moet gebeuren met achterstallige administratie.

Je beseft zelf ook wel dat het niet goed gaat. Maar het

lukte me niet om dat goed aan te pakken. Het lukte me niet meer

om dit soort initiatieven te nemen en zo lag uitval op de loer.’

De omgeving

Rudolf zag in dat hij hulp nodig had en kwam in contact met professional

organizer Gerard Sas. Tijdens het intakegesprek liet Rudolf

aan Gerard weten dat de chaos hem in de weg zat. Daarnaast

gaf hij aan dat hij de band met zijn gezin wilde verbeteren. ‘We zijn

daarom begonnen de eettafel vrij te maken, zodat ze weer samen

aan tafel konden eten. Zo’n kleine verandering kan de communicatie

binnen het gezin weer op gang brengen. Dat zorgt weer voor

wederzijds vertrouwen en inlevingsvermogen. Belangrijke aspecten

voor een gezin’, verklaart Gerard over zijn aanpak. ‘Als ik iemand

help, is het belangrijk dat mensen om die persoon heen daar ook in


5 VEERKRACHT back on track

mee gaan. Om dat te bereiken, nodig ik de familie en

collega’s soms ook uit bij gesprekken.’

Vertrouwen

Voor Rudolf was deze eerste stap een belangrijke

stap in de goede richting. Gerard legt uit hoe dat

werkt: ‘Als je je omgeving ziet opknappen, dan wordt

het in je hoofd ook rustiger. We ruimden zo dus evengoed

zijn hoofd op. Als bonus krijg je er vertrouwen in

dat je het kán. Als je de ruimte kunt opruimen, kun je

veel meer dingen. We zijn vervolgens de administratie

gaan aanpakken. Gewoon papiertjes op volgorde

leggen. Verder keken we naar dingen als het organiseren

van een vergadering binnen het bedrijf. Daar

viel eveneens wat te verbeteren. Het is fijn als er een

agenda is, als iedereen op tijd komt, als iedereen zijn

telefoon uitzet, als er notulen komen, als er actiepunten

zijn, dat er iets gebeurt.’

Eyeopener

Na het aanpakken van de grootste rommel, gingen

Rudolf en Gerard de diepte in. Ze kwamen tot het

inzicht dat Rudolf heel veel dingen op een dag deed,

ook voor anderen. Het was voor hem een eyeopener

dat hij ook hulp kan vragen aan de mensen om hem

heen. ‘Door te beseffen dat je er niet alleen voor staat,

zakt de belasting tussen de oren. Dat is privématig

de grootste slag die Gerard gemaakt heeft’, vindt

Rudolf. ‘En het grappige is: ik dacht dat de relaties

binnen het gezin al goed waren. Maar die zijn nóg

beter geworden. Door betere afspraken met elkaar

te maken en door elkaar aan te spreken.’

Knopen doorhakken

Gerard liet Rudolf inzien dat die helderheid ook

op professioneel terrein belangrijk is. ‘Zelfstandig

ondernemen betekent niet dat je alles per se alleen

moet doen. Dat is een misverstand dat vaak voorkomt’,

legt Gerard uit. Rudolf moest wennen aan zijn

nieuwe rol: ‘Ik ben eerder partner geweest in een

groter collectief. Maar toen was altijd iemand anders

de baas. Hier heb ik voor het eerst geen bazen meer

boven me. Dat betekent dat er nu heel nadrukkelijk

een mening van mij wordt gevraagd, dat ik knopen

doorhak en leiderschap toon. En bij elk besluit dat ik

neem, valt er weer een stuk ballast van mijn schouders

af. Voorheen hield ik het gevoel vast dat ik nog

iets moest doen.’

Kleine veranderingen met grote gevolgen

Met de komst van meer orde is het leven van Rudolf

flink veranderd. Hij staat sterker in zijn schoenen

en voelt respect voor de beslissingen die hij neemt.

Alles is nu leuker en gaat hem gemakkelijker af. Dat

werkt door in de hele familie. Iedereen is nu weer

blij. Gerard verklaart de grote gevolgen van de kleine

stapjes die hij met Rudolf zette: ‘Het is niet mijn

‘Als je je

werkruimte

ziet opknappen,

wordt het in

je hoofd ook

rustiger.’

‘Als professional

ben ik in veel

dingen heel

goed. Maar

bij sommige

dingen kan ik

wel wat advies

gebruiken.’

bedoeling om iemand helemaal te veranderen. Als

iemand een beetje verandert, geeft dat heel veel

lucht. Dat geeft ook meer begrip bij de mensen om

die persoon heen.’

Signaal

Wat meehielp in het proces, is dat Rudolf echt openstond

voor ondersteuning: ‘Als professional ben ik

in veel dingen heel goed. Maar bij sommige dingen

kan ik wel wat advies gebruiken. Zo is er nu ook een

administratiekantoor dat dingen voor me doet. Ik

hoef niet alles zelf te doen’, aldus de ondernemer.

‘Ik hoop door mijn verhaal te vertellen ook anderen

te inspireren om op tijd aan de bel te trekken.’

Een professional organizer iets

voor u?

Herkent u één van onderstaande signalen?

- Ik word onrustig van alle ‘things to do’

- Ik loop vaak achter de feiten aan

- Ik stel belangrijke zaken te lang uit

- Ik heb te veel e-mails, afspraken, projecten

- Ik zorg niet goed genoeg voor mezelf

- Ik moet de boel op orde brengen

- Mijn perfectionisme werkt verlammend

Of hebt u één van onderstaande wensen?

- Ik wil graag rustig en effectief werken

- Ik wil sneller goede beslissingen nemen

- Ik wil mijn uitstelgedrag aanpakken

- Ik wil beter voor mezelf zorgen

- Ik wil me focussen op hoofdzaken

- Mag ik soms een 8 scoren i.p.v. een 10?

- Ik wil meer tijd voor écht belangrijke dingen

- Ik wil beter overzicht kunnen houden

- Ik wil mijn vitaliteit verbeteren

- Ik wil vrij zijn als ik vrij heb

- Ik wil rust en ruimte in mijn hoofd

- Ik wil tijdens werkuren fatsoenlijk kunnen

werken

Wilt u meer weten over het werk van een

professional organizer? U leest het op

movir.nl/organizer

Wat is úw verhaal?

Bent u bereid om, net als Rudolf, iemand

anders te inspireren met uw verhaal?

Een verhaal over het voorkomen van

arbeidsongeschiktheid, het herstellen

van arbeidsongeschiktheid of een verhaal

waarin u vertelt hoe u met plezier aan

het werk blijft. Laat het ons weten via

veerkracht@movir.nl.


6

Snel de

juiste steun

dankzij

vragenlijst

re

Re-integratie

Het liefst zien we natuurlijk dat iedereen gezond en met veel plezier aan het werk is.

Preventie helpt veel gevallen van arbeidsongeschiktheid voorkomen. Toch komt het helaas

ook voor dat mensen, voor korte of voor langere tijd, hun werk niet kunnen doen. Als iemand

zich arbeidsongeschikt meldt, doen wij er alles aan om diegene zo snel mogelijk weer te

laten functioneren. Daarom investeren we in manieren om mensen daar gericht en snel bij

te kunnen begeleiden.

‘Om iemand die

arbeidsongeschikt

is geraakt

snel en goed te

kunnen helpen,

is het belangrijk

dat eerst het

probleem goed

geanalyseerd is.’

Iemand die zich bij Movir arbeidsongeschikt meldt,

heeft in eerste instantie telefonisch contact met een

re-integratiebegeleider. ‘Die is getraind in het stellen

van de juiste vragen en in het geven van relevante

informatie’, zegt Jessika Pietersen, medisch adviseur

bij Movir. ‘Toch is het ook voor deze begeleider niet

altijd eenvoudig om op basis van een eerste telefoongesprek

een pasklare oplossing aan te reiken.’

‘Vaak zijn de knelpunten achter een melding van

arbeidsongeschiktheid complex. Dan is het een

combinatie van factoren die ervoor zorgt dat het

niet goed gaat. Om iemand die arbeidsongeschikt

is geraakt snel en goed te kunnen helpen, is het

belangrijk dat eerst het probleem goed geanalyseerd

is’, zegt Jessika. Om dat te doen, vindt er vaak een

arbeidsdeskundig onderzoek plaats. Het kan ook

zijn dat een bedrijfsarts een verzekerde bezoekt om

er achter te komen wat er precies aan de hand is.

Sinds de zomer van dit jaar hebben re-integratiebegeleiders

van Movir een tool tot hun beschikking die

zij in sommige gevallen inzetten: de online vragenlijst

VragenlijstArbeidsReintegratie (VAR). Jessika: ‘Deze

vragenlijst is ontstaan uit jarenlang onderzoek en

is wetenschappelijk gevalideerd, wat het een zeer

betrouwbaar instrument maakt. De lijst maakt het

makkelijk om te bepalen hoe we iemand snel weer

aan het werk kunnen krijgen. Dat is zowel voor de

verzekerde als voor ons heel prettig.’

Inmiddels hebben ook de eerste verzekerden van

Movir ervaren hoe handig deze vragenlijst is. ‘Mensen

worden gerichter en sneller geholpen’, ziet Jessika.

‘Bijzonder aan deze lijst is dat het alle factoren die

een bijdrage leveren aan het verzuim laat zien. We

hebben het dan over werkdruk, over stress in de

privésfeer, over de mate waarin de klachten aanwezig

zijn, over de capaciteit die iemand heeft om

problemen op te lossen en over andere persoonlijke

kenmerken. Doordat al deze facetten worden

gemeten, zien we heel snel waar de belangrijkste

knelpunten zitten en waar ondersteuning gewenst

is. En het kost maar tien minuten tijd om de vragen

te beantwoorden.’

Nadat de medisch adviseur de resultaten van de vragenlijst

heeft beoordeeld, neemt deze adviseur of de

re-integratiebegeleider contact op met de verzekerde.

Ze bespreken met de verzekerde of die de aard van

de problematiek herkent en of die zich kan vinden in

de aanpak die de medisch adviseur voorstelt. Jessika

merkt dat die gesprekken veel makkelijker verlopen


7

VEERKRACHT Re-integratie

Jessika Pietersen medisch adviseur

als de vragenlijst is ingezet: ‘Zonder die lijst vinden

veel mensen het moeilijk om te benoemen wat er aan

de hand is. Als we de VAR gebruiken, weten we sneller

waar de knelpunten zitten. Dat maakt het makkelijker

om de juiste aanpak te kiezen.’

Als de aanpak is bepaald, kan een begin worden

gemaakt met het herstel. In bepaalde gevallen stelt

de medisch adviseur voor om een persoonlijke coach

in te zetten bij de re-integratie. ‘We hebben specifieke

coaches voor bijvoorbeeld medisch professionals

en voor advocaten en notarissen’, zegt Jessika. ‘Zij

kennen het betreffende vakgebied door en door en

kunnen daardoor makkelijk inspringen op problemen.

We zoeken altijd naar een ‘klik’ tussen de verzekerde

en de coach. Zo zoeken we bij ieder uniek probleem

een unieke oplossing.’

Dat is het maatwerk van Movir!

De mensen die voor u klaarstaan als

u uw werk niet meer kunt doen

Als u arbeidsongeschikt raakt, begeleidt

een heel re-integratieteam van Movir

u op uw weg om weer gezond aan het

werk te kunnen. Dit team bestaat uit in

ieder geval een re-integratiebegeleider,

een arbeidsdeskundige en medisch

adviseur. Daarnaast schakelt Movir andere

deskundigen in, als blijkt dat dat nodig is

voor uw herstel. Dit kunnen bijvoorbeeld

psychologen zijn of coaches, of bureaus

die training of interventie bieden. Het

doel bij re-integratie is altijd duurzame

werkhervatting in uw eigen beroep.

‘Zonder die lijst

vinden veel

mensen het

moeilijk om

te benoemen

wat er aan

de hand is.’


8

ba

back on track

Alles werd

weer leuker toen

het roer om ging

‘De laatste tijd kom ik fluitend op mijn werk, doordat ik niet meer

de druk van een volle wachtkamer voel. Ik geloof nog steeds dat

je er als huisarts moet zijn voor je patiënten. Alleen moet je wel

je grenzen aangeven. Dat heb ik nu geleerd.’ De woorden van de

zestigjarige huisarts Olaf Fortuyn verraden dat er iets ten goede

is veranderd in de manier waarop hij zijn werk beleeft.

De omslag die Olaf maakte, begon ruim een jaar

geleden, op de dag dat hij genadeloos werd

geconfronteerd met zijn kwetsbaarheid. ‘Ik werd

onwel en voor ik het wist lag ik in een ambulance.

In het ziekenhuis bleek mijn bloeddruk zo

hoog te zijn dat het in eerste instantie niet eens

gemeten kon worden.’ Het was voor Olaf meteen

duidelijk dat zijn lichaam een duidelijk signaal

afgaf. ‘Allebei mijn ouders zijn overleden aan

een hersenbloeding. Zelf heb ik eerder ook al

hoge bloeddruk gehad en daar medicijnen voor

gebruikt. Misschien had ik mijn bloeddruk daarna

vaker moeten controleren. Waarschijnlijk bagatelliseren

veel artsen hun eigen gezondheid. Als

ik een patiënt van mezelf zou zijn geweest, was

ik waarschijnlijk strenger geweest. Dit had heel

anders kunnen aflopen.’

Hoewel Olaf de klap niet zag aankomen, merkte hij

al langer dat zijn werk veel van hem eiste. ‘Gemiddeld

werkte ik tussen de 60 en 80 uur in de week.

Dat is veel. Ons werk is in de loop der tijd enorm

veranderd. Alle administratie en regeltjes die we

krijgen opgelegd van zorgverzekeraars, slaan

nergens op. Dat is zonde van je tijd. Een ramp.

Toch had ik niet het idee dat ik het niet aankon.

Wel hadden mijn vrouw en ik, toevallig nét voordat

dit gebeurde, besloten dat ik twee dagen per week

een waarnemer erbij zou laten komen. Die zou mij

gaan helpen in mijn praktijk.’

Uiteindelijk zorgde slechte gezondheid ervoor

dat Olaf gedurende een aantal maanden aan één

waarnemer niet genoeg had. Van september tot

januari heeft hij niet kunnen werken en hebben

vier waarnemers de praktijk draaiende gehouden.

Zijn vrouw stuurde alles aan en was aanspreekpunt.

‘Ik was kapot’, zegt Olaf. ‘De eerste vier

weken sliep ik alleen maar. Toen het mis ging, heb

ik ook Movir gebeld om te vertellen wat er aan de

hand was. Via hen kreeg ik een coach die me een

aantal keren een spiegel heeft voorgehouden en

me liet zien dat ik verkeerd bezig was. Verder hebben

we samen een werkschema gemaakt toen ik


9 VEERKRACHT back on track

langzaam weer aan het werk ging. En daarnaast

heeft hij me ook tips gegeven hoe ik meer tijd

voor mezelf kan vrijmaken.’

In overleg met de coach heeft Olaf het roer echt

omgegooid. ‘Ik ben nu heel anders gaan werken

en heb een grens gesteld aan het aantal uren dat

ik werk. Daarnaast is er nu een waarnemer voor

drie dagen in de week bij gekomen. Daardoor

heb ik meer adempauze en kan ik mijn werk hier

afmaken in plaats van dat ik tot ’s avonds laat

thuis aan mijn administratie werk. Het gevolg

is dat ik nu veel meer plezier in het werk heb.

Vroeger had ik voor iedere patiënt zeven minuten

de tijd. Nu heb ik daar een kwartier tot twintig

minuten voor. Ik prop ook geen afspraken tussen

bestaande afpraken meer in. Daardoor voelt alles

meer ontspannen en heb ik meer ruimte om informeel

met patiënten te kunnen praten. Dat maakt

het werk nog leuker. Ik ben dit werk gaan doen,

omdat ik graag voor mensen zorg en contact met

hen heb.

Niet alleen op het werk maar ook thuis is de situatie

voor Olaf verbeterd: ‘Als ik nu thuis ben, ligt er geen

stapel administratie meer op me te wachten. Er blijft

meer tijd over voor mijn grootste hobby: tuinieren.

Ik ben nu elke dag in de tuin. Minstens twee keer in

de week maai ik het gras met de hand. Het is een

flinke tuin, dus een bezoek aan de sportschool is

niet meer nodig. Voor mij is dit de ideale manier om

me te ontladen en te ontspannen.’

‘Ik heb de knop omgezet, omdat ik dit niet nog

eens wil meemaken. Vaak denk je dat je van alles

moet doen, omdat je onmisbaar bent. Dat is een

misverstand. Ik heb ervaren dat de praktijk niet

stopte toen het niet goed met me ging. Dat kostte

me best moeite hoor. Ik heb ook moeten leren

accepteren dat mijn waarnemer dingen anders

doet dan ik. Dat is een kwestie van vertrouwen.

Niet alleen het vertrouwen van mij in de waarnemer

groeit. De patiënten zijn inmiddels ook gewend aan

hem. Het is fijn dat het klikt. Toen ik mijn werk niet

meer kon doen, vond ik dat heel erg. Het voelde

alsof ik mijn praktijk in de steek had gelaten. In het

begin was ik bang dat de praktijk leeg zou lopen.

Maar gelukkig zijn mijn patiënten trouw gebleven.

Sterker nog, er is nu veel meer waardering van

mijn patiënten. Toen ik niet kon werken, stuurden

heel veel patiënten een kaart of een bloemetje.

Nooit geweten dat mensen zo zouden meeleven

met hun dokter! Dat voelt heel goed. Patiënten

denken zelfs al met me mee en geven zelf aan dat

ze niet te veel tijd van me willen vragen.’

‘Het werken als huisarts is voor mij fantastisch,

ondanks de eisen van onder andere de zorgverzekeraars,

die in mijn ogen onredelijk zijn. Het werk is

de laatste tijd nóg leuker geworden, doordat ik nu

zie dat het niet goed is om alsmaar door te blijven

gaan ten koste van jezelf. Uiteindelijk hebben

andere mensen ook meer aan me als het met mij

goed gaat. Op deze manier hoop ik dit werk nog

lang te kunnen doen’, besluit een opgewekte en

strijd lustige Olaf.

De naam is aangepast uit het oogpunt van privacy.

Movir deed onderzoek naar de balans tussen

werkdruk en werkplezier bij huisartsen. Daaruit

komt naar voren dat vier op de tien huisartsen

een hoog of verhoogd stressniveau heeft. U leest

er meer over op movir.nl/huisartsonderdruk.

‘Ik heb de

knop omgezet,

omdat ik dit

niet nog eens

wil meemaken.

Vaak denk je

dat je van

alles moet

doen, omdat

je onmisbaar

bent. Dat is een

misverstand.’


10

PR

preventie

Dick Freriks klinisch psycholoog en psychotherapeut bij Ascender

Het belang van een

positieve mindset

In de vorige editie van Veerkracht kon u lezen dat er onder medisch specialisten behoefte is aan

aandacht voor betere onderlinge samenwerking. Als die samen werking niet soepel loopt, kan dat

namelijk leiden tot stress, spanning, een slechte werksfeer en zelfs tot arbeidsongeschiktheid.

Om medisch specialisten te begeleiden bij het creëren of behouden van een prettige werk omgeving,

biedt Movir naast individuele coaching ook een teamsessie voor (vak)groepen aan. Deze sessie wordt

verzorgd door coaches van Ascender. Dick Freriks is één van de coaches en geeft inzicht in de manier

waarop zo’n sessie medisch specialisten helpt om beter als team te functioneren.

Waarom een teamsessie?

‘De druk op medisch specialisten neemt alleen

maar toe. Juist daarom is het noodzakelijk dat

medisch specialisten optimaal samenwerken’,

vindt Dick. ‘Om hen daarbij te ondersteunen, biedt

Movir in samenwerking met Ascender een teamsessie

aan. In zo’n sessie krijgt een (vak)groep tools

en methodieken aangereikt, die zij kunnen gebruiken

om hun team beter te laten functioneren.’

Invalshoeken

‘Om vorm te geven aan de sessie, hebben (vak)groe -

pen de keuze tussen drie gerichte invalshoeken:

Versterken van Samenwerking, Versterken van

Vitaliteit of Oplossingsgericht Communiceren.

In een voorbereidend gesprek wordt besproken

wat de belangrijkste thema’s zijn binnen de groep

en welke van de drie invalshoeken daar het beste bij

past. Uiteindelijk is het altijd maatwerk en krijgt iedere

sessie een ander accent’, legt Dick uit.

Omgaan met veranderingen

‘Voor (vak)groepen is het belangrijk om ook naar buiten

toe een goede reputatie op te bouwen. Niet alleen

naar patiënten, maar ook naar samenwerkingspartners,

naar het bestuur van het ziekenhuis en ga

zo maar door. Tijdens de teamsessies bekijken we

samen hoe de teams daar beter in kunnen worden

en hoe ze kunnen inspelen op veranderingen. Een

ander punt dat aan de orde kan komen, is omgaan

met bepaalde karakters binnen een team. Daarbij

kan het een rol spelen dat medisch specialisten


11 VEERKRACHT preventie

opgeleid zijn om autonoom te handelen. Dat is nodig

om beslissingen te kunnen nemen in crisissituaties.

Tegelijkertijd worden er steeds meer eisen gesteld

aan samenwerking en communicatie. Dat botst. Ook

cultuurverschillen kunnen zorgen voor spanningen,

zeker als er sprake is van een fusie van (vak)groepen.

Op zulke zaken spelen we tijdens de sessie in.’

Aanpak

‘Iedere teamsessie begint met van gedachten wisselen

over de vraag Wat vind je nou belangrijk in

je leven en in je werk?’, vertelt Dick. ‘Dit doen we,

omdat we zien dat veel medisch specialisten in alle

dagelijkse hectiek ver af komen te staan van de

waarden waarom ze ooit arts zijn geworden. Door

daar samen over te praten, zien deelnemers weer

wat er leuk is aan hun vak. Daarna kijken we naar

wat er al goed gaat in het team en naar hoe we dat

kunnen versterken.’

Job crafting

‘Gedurende dat proces van versterken maken

de deelnemers kennis met job crafting. Dat is het

boetseren van je baan, door te kijken of je doet wat

je leuk vindt, waar je ervaring ligt en waar je goed

in bent. Als dat goed gebeurt zal je je meer betrokken

voelen bij het domein binnen je werk waar jij

verantwoordelijk voor bent. Je doet dingen dan niet

meer omdat je ze moet doen, maar omdat je zelf

hebt bedacht dat je ze op die manier wilt doen. Dit

geeft je een goed gevoel. En tegelijkertijd ben je

op die manier het meest van waarde voor je team.

Die combinatie heeft een team nodig om duurzaam

succes vol te kunnen zijn.’

Positieve mindset

‘Bij opbouwen van een team hoort ook dat deelnemers

naar elkaars kwaliteiten leren kijken. Vaak

hebben mensen het vooral over wat er níet goed

gaat. Onbewust worden issues zo steeds groter en

op die manier raak je het zicht op de gouden momenten

en op de energiegevers kwijt. Het is daarom

belangrijk om ook aandacht te schenken aan wat er

wel goed gaat. Als dat nodig is, gaan we tijdens de

teamsessie aan de slag met het veranderen van de

psychologische mindset van de deelnemers. Als zij

zich positiever gedragen en voelen, helpt hen dat om

creatiever te worden in het vinden van oplossingen.’

Kwaliteiten waarderen

‘De oplossing zit vaak in dingen anders doen. Stel

dat er in jouw team iemand is die altijd dwarsligt.

Dan kun je het met elkaar over dat dwarsliggen

hebben, maar dan blijf je in het negatieve hangen.

Als je echter in staat bent om dat “dwarse” gedrag

onderdeel te laten zijn van het proces dat kennelijk

nodig is, geef je er een andere lading aan. Dan kan

er zelfs begrip ontstaan. En ineens blijkt die lastige

collega heel geschikt te zijn om bijvoorbeeld de onderhandelingen

met de zorgverzekeraar te doen. Je

moet ieders kwaliteiten leren waarderen en inzetten

waar ze nodig zijn, in het belang van de vakgroep.’

Preventieve werking

De teamsessies zijn oplossingsgericht en werken

preventief. ‘Deze mensen zijn vaak geneigd om beter

voor anderen te zorgen dan voor zichzelf. Dat zorgt

voor een risico. Daarom is het goed dat medisch

specialisten ook stilstaan bij hun eigen functioneren’,

eindigt Dick.

(Vak)groepen kunnen kiezen uit drie

invalshoeken voor hun teamsessie:

1. Versterken van Samenwerking ‘high

performance team’

Leren kennen en benutten van elkaars

kwaliteiten, omgaan met verschillen, teameffectiviteit

2. Versterken van Vitaliteit

Omgaan met stress en spanning, omgaan

met hoge werkdruk, balans werk en privé,

gezond aan het werk

3. Oplossingsgericht Communiceren

Positief en effectief communi ceren, duidelijkheid

geven, elkaar aanspreken, effectiever

worden in de werkomgeving

Op movir.nl/medischspecialist

leest u meer over de inhoud van de

teamsessie en over de voorwaarden

van deelname.

Dick Freriks is

klinisch psycholoog

en psychotherapeut,

gespecialiseerd in

arbeidsgerelateerde

problematiek, stress

en burn-out. Hij maakte

elf jaar deel uit van de

vakgroep Psychologie

in een ziekenhuis en

maakte daar mee hoe

medisch specialisten

functioneren. Al

geruime tijd coacht en

begeleidt hij artsen en

(vak)groepen.


12

el

Elestia

Toenemende werkdruk bij apothekers

‘Wacht niet tot het

echt niet meer gaat’

Ruim zestig procent van de apothekers werkt op vrije dagen. En één op de vijf werkt meer dan

50 uur per week. Dit komt naar voren uit de analyse van de resultaten van Pas op de Plaats, de

online scan voor apothekers die Movir en Elestia begin 2015 introduceerden. Voor Mariël Croon

van de KNMP, de beroepsorganisatie van apothekers, en Elestia-coach Kyra Wijnekus komen deze

berichten niet als een verrassing.

‘Door allerlei

regeltjes zijn

apothekers

meer tijd kwijt

met administratie

en met

het uitleggen

waarom mensen

moeten

betalen voor

de zorg die zij

leveren.’

‘We krijgen absoluut signalen uit het veld dat

apothekers het zwaar hebben’, zegt Mariël. De

gevolgen daarvan zijn volgens Kyra ook zichtbaar bij

Elestia: ‘We hebben veel ervaring met het coachen

van mensen die onder druk staan. Ook apothekers

melden zich bij ons, vaak met vergelijkbare vragen.

De resultaten die nu naar buiten komen, bevestigen

dan ook wat wij al langer zagen.’

Regeltjes en onbegrip

‘Apothekers moeten steeds meer werk verzetten

voor steeds minder geld’, ziet Mariël als de belangrijkste

oorzaak van de toenemende druk. ‘De kerntaak

van een apotheker is zorgen voor effectief en

veilig medicijngebruik. Maar door allerlei regeltjes en

door het woud aan verschillende vergoedingen bij

zorgverzekeraars, zijn apothekers meer tijd kwijt met

administratie en met het uitleggen waarom mensen

moeten betalen voor de zorg die zij leveren. Voor

dat laatste is veel onbegrip en het zorgt zelfs voor

agressie aan de balie. We hopen dat de politiek,

de verzekeraars en de Nederlandse Zorgautoriteit

inzien dat de regelgeving logischer moet.’

Wees je bewust van hoe je je voelt

‘In sommige beroepen maak je veel uren’, zegt Kyra.

‘Als dat je opbreekt, dan is het verstandig om te

onderzoeken wat je kunt doen om energie over te

houden, zodat je niet iedere avond uitgeput thuis

komt. Elestia heeft de beschikking over gespecialiseerde

coaches, die weten wat er speelt en weten

hoe ze dat aan moeten pakken. Wees je daarom

bewust van hoe je je voelt en trek op tijd aan de bel

als je merkt dat je al langere tijd weinig energie hebt.

Wacht niet tot het echt niet meer gaat.’

Elestia

Een te hoge werkdruk komt niet alleen bij apothekers

voor. Alle verzekerden van Movir kunnen voor ondersteuning

bij onder meer het creëren van een goede

werk-privébalans anoniem en kosteloos terecht bij

Elestia. Wilt u meer informatie of wilt u zelf een Pas

op de Plaats maken om te zien hoe het met u gaat?

Kijk dan op www.elestia.nl of bel 0800 22 44 228.

Symptomen die erop kunnen

wijzen dat u te veel onder druk

staat:

1) weinig energie, zin en interesse om

iets te ondernemen

2) allerlei (vage) lichamelijke klachten

en pijntjes

3) u bent sneller geïrriteerd en huilt

makkelijker

4) moeilijk inslapen en vaak wakker

worden

5) paniekmomenten en/of concentratieproblemen

6) soms een gevoel van wanhoop


13

VEERKRACHT Elestia

Pas op de plaats

Pas op de Plaats

Enkele resultaten uit de ‘Pas op de plaats’-scan van arbeidsongeschiktheidsverzekeraar

Enkele resultaten Movir uit de onder ‘Pas apothekers. op de Plaats’-scan onder apothekers

85%

haalt

voldoening

uit het werk

34%

tussen 46-55

jaar ervaart

te weinig

waardering

42%

Mannen

ervaren werk

vaker als

emotioneel 29%

belastend

NIEUW!

Zorgen over

veranderingen

in het

vakgebied?

30%

soms

23%

regelmatig

9%

nooit

34%

vaak

4%

altijd

Aantal uren per week

ma di wo do vr

08:00

09:00

10:00

11:00

12:00

13:00

14:00

15:00

16:00

17:00

18:00

19:00

20:00

< 20

20-30

30-40

40-50

> 50

Onbekend

1%

8%

34%

33%

21%

4%

20%

werkt meer dan

50 uur

per week

Ruim

60%

werkt altijd, vaak

of regelmatig op

zijn vrije dag

32%

van de

vrouwen

heeft moeite

aandacht te

verdelen tussen

thuis en

werk

weekagenda

m

d

w

d

v

z

z

Druk!

Drukker!

Vol!

Werken!

Werk!

Drukst!

Bios?

32%

Bij

beïnvloedt

werkstress

altijd of

vaak het

privéleven

! Agenda: Congres Ap...

! Agenda: Cursus Om...

! Agenda: Meeting Da...

! Agenda: Dag v/d pat...

23 8 14

46%

heeft het

gevoel geleefd

te worden

Apothekers van 55+

29%

altijd of vaak

uitgeput na dag

werken

Apothekers nooit

hebben kunnen

doen wat ze

het liefst willen

5%

33%

soms

altijd

5%

19%

vaak

38%

regelmatig

57%

kijkt met voldoening

terug

op het werkleven


14

Steunpunt voor artsen

met een verslaving

CA

case

Verslaving komt voor bij mensen van alle leeftijden, in alle sociale lagen en bij alle beroepen.

Dus ook bij artsen. Maar wat doe je als je arts bent en met een verslaving kampt? Laat je je

behandelen? Op wie doe je een beroep? Wat zijn de gevolgen als je naar buiten treedt met

je verslaving? Sinds 2011 is er het steunpunt ‘ABS-artsen’, dat als doel heeft om artsen te

begeleiden bij het vinden van antwoorden op dit soort vragen. Psychiater Hans Rode maakt

deel uit van de projectgroep en vertelt ons wat het steunpunt heeft bereikt in de eerste vier

jaar dat het bestaat.

‘We zijn dit steunpunt begonnen, omdat het voor

veel artsen niet duidelijk is wat hen te wachten staat

als ze naar buiten treden met hun verslaving’, vertelt

Hans. ‘Sinds de start hebben ongeveer 100 artsen

zich bij ons gemeld. Ook collega’s en familieleden

van artsen vragen ons om advies. Met artsen die zich

bij ons melden, bespreken we onder meer de vooren

nadelen van mogelijke oplossingen. We behandelen

hen niet zelf, maar begeleiden hen naar een

behandeling als dat nodig is. We willen bereiken dat

artsen zoveel mogelijk hun werk kunnen blijven doen.

In de meeste gevallen lukt dat ook. Daarnaast zetten

we ons in voor kwaliteit van zorg. Een verslaafde arts

die doorgaat met zijn werk, kan een gevaar zijn voor

patiënten. Dat willen we voorkomen.’

Cultuurverandering

‘Wij artsen vinden het lastig om ons te laten behandelen’,

weet Hans. ‘We hebben geleerd om voor

anderen te zorgen. Maar als we zelf wat mankeren,

‘Vooralsnog is

het niet vanzelfsprekend

dat je

als arts op een

veilige manier

aandacht voor je

gezondheid kunt

vragen, zonder

dat je je hoeft

te schamen of

bang moet zijn

dat je niet meer

voor vol wordt

aangezien.’

ontkennen we dat graag eerst of houden we dat

het liefst geheim. Als het gaat om verslaving is het

nog moeilijker om daar open over te zijn. Op die

ziekte rust een taboe. Het is zonde dat veel artsen

die hiermee kampen hun verslavingsproblemen

ontkennen. Verslaving is namelijk vaak goed te

behandelen en daarmee een tijdelijk probleem.

Terwijl de toekomst van verslaafde artsen die zich

niet laten behandelen er vaak dramatisch uitziet. We

moeten inzien dat ook artsen vroeg of laat gezondheidsproblemen

kunnen krijgen, en dit onderling

van elkaar accepteren. Dat vraagt om een cultuurverandering.

Vooralsnog is het niet vanzelfsprekend

dat je als arts op een veilige manier aandacht voor

je gezondheid kunt vragen, zonder dat je je hoeft

te schamen of bang moet zijn dat je niet meer voor

vol wordt aangezien. Door verantwoordelijkheid te

nemen voor elkaar, door collega’s aan te spreken en

door hulp te bieden waar dit nodig is, kan dit taboe

worden doorbroken.’


15 VEERKRACHT case

Gezondheid voorop

‘Een arts die verslaafd is, heeft op allerlei manieren met drempels

te maken. Je weet bijvoorbeeld niet hoe je werkgever of

collega’s zullen reageren als je open bent over je verslaving.

We hebben dan ook nog geen vaste modus gevonden, waarbij

we kunnen zeggen: ‘Vertel alles maar aan iedereen!’ Dit is per

geval verschillend. Hier houden we bij het steunpunt rekening

mee. Tegelijkertijd willen we dat artsen actief aan hun gezondheid

werken en daarbij is iedere hindernis er één te veel. We zien

bijvoorbeeld dat zorgpraktijken niet geassocieerd willen worden

met een verslaafde collega. Dat zorgt ervoor dat een verslaafde

arts zijn problemen zo lang mogelijk geheimhoudt voor zijn

collega’s. Op de lange termijn worden die problemen daardoor

alleen maar groter, met soms forse consequenties voor meerdere

partijen als gevolg. Ook dat vraagt om gedragsverandering.

Zoals ik al eerder noemde, is het belangrijk dat iedereen inziet

dat verslaving een ziekte is die vaak prima behandeld kan worden.

Soms bemiddelen we dan ook tussen de arts aan de ene

kant en collega’s of een andere instantie aan de andere kant,

om te proberen iemand aan het werk te houden.’

Groei van het steunpunt

‘Het project gaat op dit moment een nieuwe fase in. De eerste

fase was een verkennende periode van vier jaar om te zien of

het steunpunt levensvatbaar is. Dat blijkt het geval te zijn. Er is

steeds meer belangstelling voor. En sinds september kunnen

we aanspraak maken op subsidie van het Ministerie van Volksgezondheid,

Welzijn en Sport. Daarmee kunnen we het steunpunt

op allerlei manieren uitbreiden.’

Monitoring

‘Eén van de belangrijkste dingen die we gaan toevoegen, is een

monitoringsprogramma. In zo’n programma monitoren we artsen

gedurende twee tot vijf jaar bij het genezen van hun verslaving.

Het programma is er niet om artsen te inspecteren, maar om

ervoor te zorgen dat zij in het zadel kunnen blijven zitten. Het feit

dat er gecontroleerd wordt, herinnert de arts eraan dat verslaving

een chronische ziekte is waar hij of zij blijvend aan moet werken.

Daarnaast is de monitoring een prettig middel voor artsen om aan

de buitenwacht te laten zien dat er geen terugval is. In Noord-

Amerika hebben ze al bijna dertig jaar ervaring met dit soort

monitoringsprogramma’s. Daar blijft 85% van de deelnemende

artsen gewoon aan het werk. Dat is iets wat wij onze artsen ook

graag gunnen. We kunnen alleen maar artsen begeleiden die zelf

ook erkennen dat ze een probleem hebben. Maar als je niet wilt

terugvallen in je verslaving, is het wel heel verstandig om aan het

programma mee te doen.’

Wilt u anoniem contact met het steunpunt?

Bel 0900 0168 of mail naar info@abs-artsen.nl.

Hans Rode Psychiater

Movir wil graag dat verzekerden gezond en met

veel plezier aan het werk blijven. Daar hoort bij

dat verzekerden zich op tijd onder behandeling

stellen als de situatie daar om vraagt. Movir

benadrukt dat het verslaving ziet als een chronische

hersenziekte. Het is belangrijk dat artsen met een

verslavingsprobleem zich bij gespecialiseerde

centra melden, voordat functioneringsproblemen

ontstaan met alle (ernstige) gevolgen van dien.

Daarom ondersteunt Movir financieel het project

‘ABS- artsen’, dat een initiatief is van de KNMG.


Redactie

YVONNE BOSMA

PETER GORDIJN

LISETTE NACINOVIC

Sander van der Kuilen

JACQUELINE PIETERSEN

Eindredactie

Arnold Hubbers

Fotografie

BASTIAAN VAN MUSSCHER

Ontwerp en opmaak

Heldergroen

Drukwerk

DEAbrummelkamp

veerkracht@movir.nl

(030) 607 87 00

More magazines by this user
Similar magazines