Armoede en sociale uitsluiting 2015

svanweyenberg

2015-armoede-en-sociale-uitsluiting

Dat zijn er 24 duizend meer dan in 2013. Ook in 2011–2013 nam het aantal

huishoudens met langdurig risico op armoede toe. De stijging volgde op een

nagenoeg ononderbroken dalende reeks in de jaren 2000–2010, toen het inkomen

van enkele risicogroepen waarvoor een laag inkomen vaak een langdurig karakter

heeft (65-plussers en eenoudergezinnen) sterk verbeterde (vergelijk hoofdstuk 1,

figuur 1.1.2). Het aandeel huishoudens met langdurig een laag inkomen steeg van

2,4 procent in 2011 tot 3,3 procent in 2014.

2.1.2 Huishoudens met een (langdurig) laag inkomen

%

14

12

10

8

6

4

2

0

2000* 2001 2002 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 2012 2013 2014* 2015*2016*

Laag inkomen

Langdurig laag inkomen

Bron: CBS, Inkomensstatistiek 2000–2014; CPB, raming 2015–2016.

2.2 Intensiteit van armoede

Intensiteit van armoede in 2014 gedaald

Het inkomen van de 734 duizend huishoudens met een laag inkomen lag in

doorsnee 12,5 procent onder de lage-inkomensgrens. Voor een alleenstaande

kwam dit tekort neer op een bedrag van 130 euro per maand. Het inkomenstekort

was in 2014 kleiner dan in het voorafgaande jaar. Dit komt mede doordat de

koopkracht in 2014 na een aantal jaren gedaald te zijn, verbeterd is.

Kans op armoede bij huishoudens 29

More magazines by this user
Similar magazines