Armoede en sociale uitsluiting 2015

svanweyenberg

2015-armoede-en-sociale-uitsluiting

4.2.6 Slachtoffers van misdrijven, 2014

Geweldsdelicten

Vermogensdelicten

Vandalismedelicten

Alle slachtoffers

0 5 10 15 20

25

%

Boven lage-inkomensgrens Laag inkomen Langdurig laag inkomen

Bron: CBS, Veiligheidsmonitor.

Onveiligheidsgevoelens en buurtoverlast fors hoger bij

lage inkomens

Het aandeel personen met een laag inkomen of een langdurig laag inkomen

dat zich vaak onveilig voelt in de eigen buurt was in 2014 met respectievelijk

4,5 procent en 4,9 procent drie keer zo groot als het aandeel personen boven de

lage-inkomensgrens (1,5 procent). Bij de algemene onveiligheidsgevoelens – dat

wil zeggen het aandeel personen dat zich vaak onveilig voelt, los van de locatie –

is een vergelijkbaar verschil zichtbaar.

De laagste inkomens worden ook aanmerkelijk vaker dan hogere inkomensgroepen

– respectievelijk ruim 20 en 11 procent – geconfronteerd met overlast

door rondhangende jongeren, buurtbewoners, dronkenschap en drugsgebruik

of -handel. De meeste overlast geven buurtbewoners en rondhangende jongeren.

Net als bij slachtofferschap van criminaliteit zijn ook de cijfers van ondervonden

onveiligheid en overlast voor personen met een (langdurig) laag inkomen sinds

2012 niet wezenlijk veranderd.

De sociale context van armoede 73

More magazines by this user
Similar magazines