Views
4 months ago

Technologiekompas_voor_het_onderwijs_Kennisnet_Trendrapport_2016_2017

Kennisnet Trendrapport 2016-2017 Mix van formele en informele componenten De leerling moet over de middelen kunnen beschikken om optimaal te kunnen leren en presteren. Het gaat dan om een mix van door school ingebrachte en zelfgekozen (digitale) middelen. Bestaande digitale systemen die het leerproces ondersteunen, proberen vaak het alles-in-éénsysteem te zijn, een combinatie van administratie, gekoppelde leermiddelen, portfolio et cetera. Maar gezien de door maatwerk te verwachten divergentie in leerroutes van individuele leerlingen, lijkt zo’n totaaloplossing nodeloos beperkend. Er is vrijere keus uit het diverse aanbod nodig om recht te kunnen doen aan elke leerling, meer dan een gesloten totaaloplossing kan bieden. Vernieuwende scholen, bijvoorbeeld binnen Pleion (Platform Eigentijds Onderwijs), willen een flexibele verzameling digitale hulpmiddelen kunnen inzetten, die onderling goed samenwerken en informatie uitwisselen. In die verzameling bevinden zich zeker nog formele systemen waarmee de school haar processen borgt en de vereiste administratie voert. In aanvulling daarop zullen leraren en leerlingen een steeds vernieuwde selectie informele (niet volledig door school gecontroleerde) apps en webplatforms toepassen in hun leerproces. Naast de efficiëntievraag die het cloudmodel (zie het hoofdstuk ict-fundament) ons voorhoudt (hoe richten we de ict in?), is hier vooral de vraag welke functionele componenten van de plo de school moet borgen (wat richten we in?). Voor welke onderdelen is, gelet op doel, functie en belang, die borging en daarmee inperking van keuzevrijheid noodzakelijk? En waar kunnen leerlingen en leraren ruimte krijgen om eigen keuzes te maken? In de bewust samengestelde combinatie van formele en informele tools en platforms kan een school ruimte geven en daarmee flexibiliteit vergroten. Behalve besparingen bevordert die ruimte ook creativiteit, initiatief en innovatie binnen de instellingen. Nieuw geïntroduceerde functionaliteit in bestaande formele omgevingen (integratie van alle functies) en innovatie in de informele ruimte (introductie van nieuwe functies) maken dat instellingen bewuste afwegingen moeten maken over de aanpassingen in de mix van ondersteunende systemen. Ruimte geven binnen kaders Totale controle is een illusie in het plo-concept. Leerlingen en leraren zullen volop aan ‘app snacking’ doen om in hun functionele behoefte te voorzien. Ruimte geven wil echter niet zeggen dat we geen enkel kader meer hanteren. Hoe kan een school haar verantwoordelijkheden borgen? De volgende randvoorwaarden dragen bij aan het tot stand brengen van een effectieve plo: •• Maak toegang tot (voorkeur)cloudplatforms laagdrempelig met het vertrouwde loginaccount van de instelling. Samenwerking en communicatie zijn effectiever binnen een gezamenlijk gebruikt platform (het netwerkeffect). •• Borg dat ‘informeel’ opgeslagen gegevens en producten (bijvoorbeeld zelfgemaakt leermateriaal) daar ook weer weggehaald worden bij een wisseling van leverancier. Help leraren daarbij. •• Maak afspraken over het vastleggen van bewijs van resultaten en producten in de diverse platforms. Blogberichten, onlinevideo’s en andere resultaten vormen straks een gedistribueerd portfolio voor leerlingen, maar de resultaten en beoordelingen dienen ook formeel vastgelegd te worden in de administratie. Maak expliciete afspraken met het onderwijsteam over het inzetten van kanalen voor formele communicatie, en weeg daarin mee waar de attentiewaarde van leerlingen ligt. 2.3 De persoonlijke leeromgeving Deel 2 Digitaal leerproces 64/123

Kennisnet Trendrapport 2016-2017 2.3.1 De digitale leer- en werkomgeving (dlwo) Het eerste belangrijke bouwblok van de plo is de dlwo. Cloud office, voorbeeld van een public cloudplatform, vormt daarvan de basis. Office 365 en Google Apps zijn rijke omgevingen waarin agenda’s en documenten gedeeld kunnen worden, maar die ook mogelijkheden bieden voor communicatie via audio- of videoconferencing. Leerlingen en leraren zullen hun dlwo aanvullen met (informele): •• communicatiemiddelen zoals messaging (WhatsApp, Snapchat of Skype) en sociale media (Twitter, Facebook) of platforms gericht op het faciliteren van groepsprocessen (Socrative of Classdojo) •• productiviteitstools als digitale schriften (Onenote of Evernote) of to-dolijstjes en reminders (Remember the Milk, Google Keep, Clear of Any.Do) •• samenwerkingstools die de organisatie van een team ondersteunen (Trello of Slack) en waarmee docenten op informele wijze de voortgang binnen hun teams kunnen observeren. Door hun cloudbasis zijn deze functionele bouwblokjes zowel plaats- als tijdsonafhankelijk beschikbaar op elk device, terwijl alle informatie snel en eenvoudig deelbaar is met medeleerlingen of leraren. W P O X Overigens zijn leerlingen op het moment van verschijnen van dit rapport waarschijnlijk al aan het omschakelen naar nieuwere platforms en apps. Het is deze dynamiek die het informele deel van de dlwo vooral kenmerkt, ook in de overige componenten van de plo. Daarnaast maken ook formele, door de instelling ingerichte applicaties als ParnasSys (po) of Magister (vo of mbo) – als belangrijke onderdelen van het administratieve fundament van de school – deel uit van de plo. Goede integratie met de informele componenten in de plo bevordert effectieve communicatie (met inzet van messaging en sociale media), soepele organisatie (gebruik van informatie over groepen en profielkeuzes) en wederzijdse benutting van beschikbare (voortgangs)informatie. Gebruik van data in de digitale leer- en werkomgeving De term ‘persoonlijk’ slaat niet alleen op de mogelijkheid eigen keuzes te maken. De plo stelt de leerling centraal en probeert die zo goed mogelijk te bedienen, bijvoorbeeld met relevante procesinformatie of actuele leermiddelen of informatiebronnen. De verzamelde data uit (veelal informele) plo-platformonderdelen voor communicatie en samenwerking kunnen tevens een interessant beeld geven van groepsdynamiek, het functioneren van teams en de (team)productiviteit. Dit maakt interventies mogelijk om teams te verbeteren. De plo-platforms gebruiken deze data om leerlingen tips te geven, maar ook leraren kunnen deze inzichten gebruiken om te beoordelen of leerlingen vooruitgang boeken in communicatie, samenwerking en vaardigheden voor de 21e eeuw. De tegenstelling is ook duidelijk: hoe verzamel je die informatie uit informele platforms als de school die niet beheer(s)t? De oplossing is in elk geval niet om als instelling een alternatief (formeel) platform te bieden en te verwachten dat leerlingen dat zullen gebruiken om zich beter te laten observeren. 2.3 De persoonlijke leeromgeving Deel 2 Digitaal leerproces 65/123

De school op digitale ontdekkingsreis, 150 ict ... - Kennisnet
Nr._26_Maak_kennis_met_TPACK
Podium (extra) Passend Onderwijs - Kennisnet
Passend onderwijs werkt met ict - Kennisnet
Masterplan B%C3%A8ta en Technologie
Virtual reality in het onderwijs
Passend onderwijs voor leerlingen met een visuele ... - Kennisnet
VOLGENDE FULL SCREEN - Leren van de toekomst
brochure herinrichting onderwijs en begeleiding cluster 2 - Kennisnet
Dyslexie - een praktische gids voor scholen voor ... - Kennisnet
2011 najaar - inDruk mbo - Kennisnet
Differentieren-Digitale-Leermiddelen_Gijzen_Hoef_mei_15
kansenongelijkheid’
'Hier heb ik niets aan!' (Essaybundel – PDF) - Impress
Kennisnet_Vier_in_balans-monitor_2015
130117 (WR) Leren en Doceren in de 21e eeuw HU Utrecht.pdf
Trendrapport internetgebruik 2012 - Digivaardig Digiveilig
Identiteit - CSG Calvijn
Schoolgids 2013-2014 - Visio
Informatieblad vmbo 2012-2013 - Christelijk Lyceum Delft