Views
4 months ago

Inkijkexemplaar WindEnergie Magazine

Windparken JAPANNERS DOL

Windparken JAPANNERS DOL OP NEDERLANDSE WINDENERGIEMARKT Nederland bungelt onderaan op het lijstje dat Europese landen rangschikt op duurzaamheid. Voor Nederlandse burgers met een groen hart doet dit het schaamrood naar de kaken stijgen, maar ceo Tetsuya Suwabe van Eurus Energy Europe wordt er juist enthousiast van. Hij ziet kansen voor investeringen in windenergieprojecten. Tetsuya Suwabe was een van de sprekers op de R-meeting, die eind september bij PricewaterhouseCoopers in Amsterdam werd gehouden. Hij is ceo van Eurus Europe, de Europese dochter van een bedrijf dat in wind- en zonne-energie investeert. Een jaar geleden maakte Eurus zijn entree op de Nederlandse markt, door negen windparken van Yard Energy over te nemen. Het verwierf de windparken Zoetermeer (9 MW), Lely (5,2 MW), Boerderijweg (9,2 MW), Tolhuis (9,9 MW), Dalfsen (9,9 MW), IJslandweg (2,3 MW), Oesterdam (5 MW), Van Gogh (10 MW) en Netterden (12 MW). NOORD-EUROPA Eurus is een pionier, zo vertelt Suwabe, die al sinds 1987 in de markt voor duurzame energie actief is. In 2014 verplaatste het zijn Europese hoofdkantoor van Londen naar Amsterdam. “Dat was nog voor het Brexit-referendum in Groot-Brittannië werd gehouden. U ziet, wij zijn een proactief bedrijf!”, grapt Suwabe. Behalve in Europa is Eurus actief in de VS en Azië. Wereldwijd beschikt het bedrijf over een totaal vermogen van bijna 3 gigawatt (2.753 megawatt). In Europa heeft de Japanse speler voor 965 megawatt aan vermogen staan, voor het grootste deel in Spanje (553 megawatt), maar ook in andere Europese landen. “Wij zijn van plan meer in Noord-Europa te gaan investeren”, schetst Suwabe zijn plannen. STABIEL KLIMAAT Interessant zijn de redenen waarom Eurus in Noord-Europa, en Nederland in het bijzonder, wil investeren. Suwabe hierover: “Nederland is nog ver verwijderd van de duurzaamheidsdoelen die het zich heeft gesteld. In 2020 moet 14 procent van alle energie duurzaam zijn opgewekt maar in 2015 bedroeg dit nog maar 5,8 procent. Deze wetenschap biedt een bedrijf als ons kansen! Daarom willen wij in Nederlandse windenergieprojecten investeren. Een ander belangrijk punt is het Energieakkoord, dat uit oogpunt van een investeerder bijzonder innovatief is. Verschillende stakeholders hebben zich immers achter een duidelijk doel geschaard. Dit draagt bij aan een stabiel klimaat om in windenergie te investeren.” GECOÖRDINEERD Een ander aspect dat Suwabe noemt is het enthousiasme dat onder politieke partijen leeft wanneer het over windenergie gaat. “Er zijn veel kleinere politieke partijen, wat goed voor ons is. We hebben in Spanje en Polen ervaren wat er gebeurt wanneer de politieke balans aan de andere kant doorslaat. Dit heeft onze plannen in de weg gezeten, waardoor wij onze investeringsstrategie in deze landen hebben moeten aanpassen. In Nederland zal zo’n dramatische politieke verschuiving niet snel plaatsvinden, is onze verwachting.” Verder speelt voor Eurus mee dat er in Nederland elf onshore windgebieden zijn aangewezen, én Suwabe complimenteert Nederland met zijn gecoördineerde vergunningenstelsel. “Elders is dit veel minder goed geregeld. In andere landen moeten wij bij verschillende ministeries vergunningen aanvragen. Wij hebben ervaren dat de ene vergunning verliep doordat tegen een andere vergunning bezwaar werd aangetekend. In totaal besloegen deze trajecten wel tien jaar. In Nederland is er een duidelijke tijdlijn en is geen hoger beroep mogelijk.” 32 4-2017 WindEnergie

COMMITMENT Eind goed al goed lijkt het, maar zo is het niet. Suwabe erkent dat Eurus zijn portfolio niet snel van de hand zal doen. “Wij willen hier blijven. Eurus is geen bedrijf dat koopt en weer verkoopt; wij streven duurzame groei na.” Maar hij is wel duidelijk over wat hij van de Nederlandse overheid verlangt. Allereerst een ambitieus doel voor wind op land voor de periode na 2020. “Wanneer wij nu investeren, vormt een commitment van de Nederlandse overheid voor de langere termijn een grote geruststelling. Daarnaast zou het welkom zijn wanneer het Rijk, maar ook de provincies, zowel grote als kleinere nieuwe windgebieden aanwijzen. Tot slot verlangen wij bescherming tegen zeer lage elektriciteitsprijzen. Wij zijn gevoelig voor margerisico’s; die kunnen wij zelf niet controleren.” Foto Nuon/Jorrit Lousberg RIJKSWATERSTAAT STAPT IN WINDENERGIE Op de Tweede Maasvlakte gaat Rijkswaterstaat twee windparken bouwen. “Het is een van de meest windrijke plekken van het land”, zegt senior financial advisor Rob Peters van Rijkswaterstaat. Op de R-meeting in Amsterdam gaf hij hier uitleg over. Ook voor een organisatie als Rijkswaterstaat is duurzaamheid een groot goed. Zo streeft zij ernaar in 2050 geen afval meer te produceren, doet zij aan energiebesparing en wordt ingezet op hergebruik van materialen. “Daarnaast gaan wij op twee locaties op de Tweede Maasvlakte windenergieprojecten realiseren”, kondigt Peters aan. Naast windenergie zet Rijkswaterstaat in op zonne-energie; zo wordt voor de eveneens op de Tweede Maasvlakte te vinden Slufter gewerkt aan een zonne-energieproject. “Ons doel is energieneutraal te kunnen opereren.” De windprojecten zullen op harde en zachte zeeweringen worden gebouwd. In totaal gaat het om ‘minstens’ 108 megawatt, verklaart Peters. De tender start in het vierde kwartaal van dit jaar; in het derde kwartaal van 2018 moet die tot een concessieovereenkomst leiden. De duur van het contract is zestien jaar, ietwat aan de korte kant dus. “Dit is gebaseerd op de duur van de SDE+-subsidie plus één jaar”, aldus Peters. Hij sluit niet uit dat de duur wordt verlengd, vanwege de langere levenscyclus van moderne windturbines. Mocht het project op de Tweede Maasvlakte voor Rijkswaterstaat slagen, dan wil zij meer windturbines gaan bouwen op haar eigen assets, en misschien ook op die van het Rijk. WindEnergie 4-2017 33