Views
2 months ago

brochure R'Jam

David de Groot

David de Groot Rotterdam, 25 oktober 1880 - Londen, 22 mei 1933 De Rotterdammer die in de jaren rond de Eerste Wereldoorlog de meeste plaatopnames op zijn naam had staan was David de Groot. De Groot studeerde in Amsterdam. Hij raakte bekend bij het grote publiek als dirigent en soloviolist van de Amsterdamse opera. In 1907 stak hij over naar Londen om te spelen in de Royal Opera House in Covent Garden. Een jaar later voegde hij zich bij het orkest van het nieuwe Piccadilly Hotel en hij werd muzikaal leider. Twintig jaar lang bepaalde hij de muziek in het hotel. Zijn bijdrage aan de jazzmuziek bestaat uit ragtimeopnames op het His Masters Voice label, waaronder Down in Jungle Town (1911), Alexanders Ragtime Band, That Mysterious Rag (1913) en Down Home in Tennessee (1916). Tijdschrift ‘Het Leven’ van 8 januari 1927 schreef: ‘David de Groot, orkestleider van het Londense Piccadilly Hotel, een der meest gevierde violisten in Engeland, heeft vooral den laatsten tijd, ook in ons land – z’n vaderland – een grotere bekendheid gekregen door ‘His Masters Voice’ grammofoonplaten, maar vooral oor de radio. De duizenden landgenooten en radioluisteraars hebben daardoor herhaaldelijk kunnen genieten van z’n subliem spel Reeds als 12-jarige knaap werden z’n muzikale talenten ontwikkeld. Eerst door zijn vader – ’n bassist – en later door den Amsterdamschen vioolpaedagoog Jozef Kramer. Wegens ‘omstandigheden’ moest z’n studie plots een einde nemen, hij ging daarom aan de slag, zoowel in buiten- als binnenland, o.a. als violist aan de Italiaanse opera te Amsterdam. Dan plotseling twee telegrafische contract-aanbiedingen: één uit Dortmund en één uit Londen. Zijn intuïtie dreef hem naar Engeland, waar hij in korte tijd naam wist te maken. De Groot en Piccadilly Hotel zijn thans als ’t ware onafscheidelijk aan elkaar verbonden.’ Tot 1928 zouden zijn goede smaak en consciëntieuze werkwijze het zeer gewaardeerde muzikale klimaat bepalen van het Piccadilly Hotel. Naast het orkest formeerde hij in 1923 ook een trio dat naast hemzelf op viool, bestond uit piano en cello. De cellist en saxofonist Joseph Samehtini, eveneens van Nederlandse origine, maakte jarenlang deel uit van het trio. David de Groot was een workaholic, met het gevolg dat hij regelmatig overwerkt was en rust moest houden. Inmiddels had hij samen met zijn in Amsterdam geboren echtgenote de Britse nationaliteit aangenomen. Uit het huwelijk werd een dochter, Clara, geboren. Na zijn verbintenis met het Piccadilly Hotel maakte hij met zijn trio tournees door Groot-Brittannië en had hij een acteerrol in een speelfilm. Verder maakte hij platen, platen en nog eens platen. In 1931 werd hij leider van het grote orkest van de juist geopende New Victoria Cinema. Enige tijd later ging zijn gezondheid snel achteruit en overleed hij in zijn woning aan de bekende Baker Street in Londen op 22 mei 1933. Wouter Tulp (Rotterdam, 16 maart 1979) Volgde de opleiding illustrator aan de Willem de Kooning Academie in Rotterdam. Zijn werk loopt uiteen van karikaturen tot redactionele illustraties en animaties

13