Views
1 week ago

ASBESTMAGAZINE EDITIE nr 9 - APRIL-MEI 2018

NIEUWE RUBRIEK NEN

NIEUWE RUBRIEK NEN normcommissie 'Asbest in lucht' Vanaf nu wordt het 'wel en wee' van de normcommissie 'Asbest in lucht' toegelicht in een column van Asbestmagazine. Veel werkzaamheden vinden plaats in de schaduw van de asbestsector, terwijl de 'output' van de normcommissie van groot belang kan zijn voor alle direct betrokkenen. Door: Jan van Willigenburg In iedere column zullen wij enerzijds aandacht besteden aan algemene onderwerpen, zoals de procedures die leiden tot de totstandkoming van een norm en welke rol NEN daarin speelt. Verder leggen we onder andere uit hoe de samenstelling van de normcommissie plaatsvindt en wat de historie is. Tenslotte zullen we ingaan op de voortgang van de werkzaamheden in verband met de herziening van bestaande 'asbestnormen', zoals NEN 2990 'Eindcontrole na asbestverwijdering', NEN 2939 'Asbest op de werkplek', NEN 2991 'Risicobeoordeling asbest in gebouwen en constructies' en NEN 5896 'Analyse van asbest in materialen'. Als u vragen heeft, kunt u die altijd voorleggen aan de redactie van Asbestmagazine (rob.olthof@asbestmagazine.nl) of de secretaris van de normcommissie Johan van 't Bosch (johan.vantbosch@nen.nl). ALLES WAT JE MOET WETEN OVER NORMALISATIE EN NORMEN Normalisatie en normen, twee woorden die waarschijnlijk niet direct de interesse wekken. Normalisatie klinkt ouderwets, niet spannend en zelfs wat saai. En bij normen wordt er misschien gedacht aan 'normen en waarden' of aan grenswaarden die de overheid stelt, zoals de grenswaarde voor asbestvezels. Maar in dit artikel worden met 'normen' afspraken bedoeld die partijen met elkaar hebben gemaakt en hebben vastgelegd in een document. Normalisatie is het proces om tot die afspraken te komen. Er zijn normen voor producten, processen en diensten. En de criteria die hieraan ten grondslag liggen zorgen voor veiligheid, kwaliteit, betrouwbaarheid, herleidbaarheid en efficiëntie. Ontstaan van normen Normalisatie is zo oud als de beschaving. Al rond 250 voor Christus normaliseerde de eerste keizer van China de lengte van de wagenassen. Snel volgden er standaarden voor gewone gebruiksvoorwerpen en bijvoorbeeld de scheepsvaart. Onder druk van de Eerste Wereldoorlog nam de industrialisatie snel toe: de Hoogovens werden gesticht, scheepsbouw en machine-industrie ontwikkelden zich en de Staatsmijnen breidden hun productie snel uit. Het gevolg was een enorme diversiteit 28 asbestmagazine | mei 2018

van materialen, producten en halffabricaten met verschillende kwaliteiten. Omdat deze diversiteit niet handig was in de productie maakte men afspraken en werd er steeds meer genormaliseerd. De oprichting van NEN en de eerste NEN-normen Het verhaal van NEN gaat terug tot het begin van de 20e eeuw. De tijd waarin de elektrotechniek en de telefoon opkwamen. Technieken die in de kinderschoenen stonden en daarmee vroegen om regio- en landoverschrijdende afspraken. In 1911 richtte het Koninklijk Instituut voor Ingenieurs het 'Nederlandsch Electrotechnisch Comité' (NEC) op om Nederland te vertegenwoordigen in de kersverse 'International Electrotechnical Commission'. Belangrijk, want Nederland had een sterk opkomende elektrotechnische industrie. Het comité startte met sub-comités voor onder meer elektrische lichteenheden en zwakstroom. Voor de normalisatie op andere terreinen werd vijf jaar later de 'Stichting voor Normalisatie' opgericht. Dat gebeurde op initiatief van de 'Nederlands Maatschappij voor Nijverheid en Handel' en het 'Koninklijk Instituut van Ingenieurs'. Al snel riep de stichting een Centraal Normalisatiebureau in het leven. Eerste NEN-norm: eenheid in bouwmaterialen In eerste instantie was niet iedereen blij met het normalisatiebureau. In elke gemeente was wel een ingenieur van gemeentewerken die meende te weten welke profielen van rioolbuizen het beste waren. Elk elektriciteitsbedrijf vond zijn eigen voorschriften voor het maken van kabels het beste. En in de woningbouw boden architecten en burgers weerstand: stel je voor dat elk huis er hetzelfde kwam uit te zien! Maar de toenmalige directeur (de heer E. Hijmans) slaagde erin duidelijk te maken dat het alleen ging om eenheid in bouwmaterialen te realiseren. De eerste Nederlandse norm onder zijn leiding ging over de maatvoering van klinknagels…. NNI wordt NEN Na verloop van tijd veranderde de naam van het Centraal Normalisatiebureau in het Nederlands Normalisatie-instituut (NNI). Lange tijd maakte het NNI vooral normen voor producten, met name voor de bouw en industrie: NEN-normen. Het aantal normen breidde zich uit naar steeds meer sectoren, zoals de handel. Albert Heijn toonde zich bijvoorbeeld een groot voorvechter van normen in de logistiek. Pallets kregen standaardmaten, zodat ze op elke vrachtauto pasten. De hele transportketen werkte hieraan mee. Na de 2e Wereldoorlog deden de Europese landen een aanzet voor de Europese Unie door samen te werken in de Europese Gemeenschap Kolen en Staal (EGKS). Met als gevolg een enorme toename van het aantal normen en andere afspraken. In 2000 besloot het Nederlands Normalisatie-instituut voortaan onder de naam 'NEN' naar buiten te treden. DE NEN NORMCOMMISSIE 'ASBEST IN LUCHT'. De eerste asbestnormalisatie in Nederland stamt al uit de jaren tachtig en negentig, toen in werkgroepen aan normen werd gewerkt. De eerste norm voor de 'Bepaling van de concentratie aan asbestvezels met lichtmicroscopie na actieve monsterneming op een membraanfilter' was NVN 2939 die in 1988 werd gepubliceerd. De heer J. Tempelman speelde toen al een trekkende rol in het maken van normen. De aanloop naar de normcommissie in zijn huidige vorm begon in 2001/2002. Toen bleek binnen de asbestsector in toenemende mate een behoefte aan éénduidige en uniforme normen voor de bepaling van de concentratie asbest in materialen, bodem en afval. Op initiatief van NEN is de gehele asbestsector uitgenodigd voor een 'nulvergadering' op 23 april 2002. Een groot aantal stakeholders uit de sector was aanwezig, en dit overleg heeft geleid tot de oprichting van een "Platform Asbestbepalingen". Binnen dit platform werden drie werkgroepen opgericht: 'Asbest in lucht', 'Asbest in materialen' en 'Asbest in bodem'. De eerste vergadering van de werkgroep 'Asbest in lucht' vond plaats op 4 juni 2002, waarbij ondergetekende als onafhankelijk voorzitter werd aangewezen. Belangrijkste doelen van de werkgroep waren: - Vervaardiging van een normontwerp 'Eindcontrole na asbestverwijdering'; - Vervaardiging van een normontwerp 'Risicobeoordeling in en rondom gebouwen of constructies waarin asbesthoudende materialen zijn verwerkt'. Deze normontwerpen werden door TNO (de heer J. Tempelman) geschreven en ter beoordeling voorgelegd aan de werkgroep. Het laatstgenoemde normontwerp zou de basis vormen voor een door VROM aangekondigd ontwerpbesluit "Asbestinventarisatie in niet-sloopsituaties". Het 'Platform Asbestbepalingen' was bedoeld als een tijdelijk instrument om een aantal asbestnormen te ontwikkelen. Na publicatie van de normen in de betreffende drie werkgroepen, is het platform opgeheven. De werkgroepen zijn vervolgens ondergebracht bij verschillende normcommissies. De werkgroep 'Asbest in lucht' kwam te vallen onder de NEN normcommissie mei 2018 | asbestmagazine 29