In BW'ging oktober 2019 versie 3

bestuurstudiosimobilae

De 'In BW'ging' is weer uit! Lees hier over o.a. het nieuwe bestuur en de Batavierenrace

In BW’ging

Verenigingsblad der Alumni Mobilae

Voorstellen HB

Annet van Zoonen

Batavierenrace

Rob den Otter

Martijn Bakker

Oktober 2019, 2e editie

In BW’ging, Verenigingsblad der Alumni Mobilae


In dit nummer

5 Voorwoord Alumni Mobilae

6

Voorstellen HB

8

BW’er op de werkvloer

10

BW’er achter de schermen

2 In BW’ging, Verenigingsblad der Alumni Mobilae


In dit nummer

Batavierenrace

12

Sporter aan het woord

14

Master of Science

16

Wetenschapskalender

19

In BW’ging, Verenigingsblad der Alumni Mobilae

3


Gert-Erik de Boer RB

Bas Beernink RB

Mr. Richard A. Veening RB

Gezondheid is het allerbelangrijkst.

Ook op financieel gebied.

4 In BW’ging, Verenigingsblad der Alumni Mobilae


Voorwoord Alumni Mobilae

Beste alumni,

Bij deze de allereerste editie van de In BW’ging die verstuurd mag worden onder de naam

van Bestuur Wildekamp. Met volle trots mag ik, als nieuw bestuurslid Externe zaken, het

voorwoord schrijven. Allereerst, wil ik alle nieuwe alumnileden van harte feliciteren met het

behalen van hun master-BUL. Ik hoop jullie binnenkort allemaal te kunnen feliciteren en

kennis te kunnen maken.

Het collegejaar is nu echt begonnen. De

colleges zijn in volle gang en iedereen zit

al diep met hun neus in de studieboeken.

Zo probeer ik tussen alle bestuurstaken

door een college of twee te volgen, maar

dit wil nog niet echt vlotten. Het begin

van het collegejaar betekent namelijk

ook veel leuke Studiosi Activiteiten. Zo

zijn wij in de tweede week van oktober

met de Binnenlandse Excursie Commissie

naar de Tongelreep gegaan. Hier hebben

wij een kijkje genomen bij het Pieter

van den Hoogenband zwemstadion,

waar grote zwemevenementen worden

gehouden. Het Pieter van den Hoogenband

Zwemstadion is één van ’s werelds meest

innovatieve zwemcentra voor zwemsport

en recreatief zwemmen. Verder werd

er door de Workshop Commissie een

workshop sporttapen georganiseerd. Dus

mocht je nog last hebben van je enkel,

enkele studenten weten je wel een handje

te helpen!

Dit jaar zal er een externe alumniborrel

plaatsvinden! Jullie zijn allemaal van harte

uitgenodigd om eind februari met andere

alumni leden gezellig te borrelen. Houd de

promotiekanalen van Alumni Mobilae in

de gaten om deze aankomende borrel niet

te missen. Dit jaar hebben we wederom

genoten van de jaarlijkse pubquiz in Het

Pakhuis. Veel docenten, alumnileden

en bewegingswetenschappers waren

aanwezig, wat voor een leuke sfeer heeft

gezorgd!

Het symposium van dit jaar: “Moving

through Life” zal plaatsvinden op 28

november. Tijdens het symposium worden

aspecten van het bewegen gedurende

de volledige levensloop behandeld.

Onderwerpen die aan bod komen zijn onder

andere knieletsels bij studenten en het

omgaan met een burn-out als topsporter,

maar ook valpreventie voor ouderen komt

aan bod. Inschrijven voor het symposium

kan via de website van Studiosi Mobilae tot

en met 1 november.

Als alumnus wil je natuurlijk nog van alle

gebeurtenissen binnen Alumni Mobilae

op de hoogte blijven. Mocht je geen

nieuwsbrieven of e-mails ontvangen,

controleer dan even je gegevens door een

e-mail te sturen naar alumnimobilae@

studiosimobilae.nl. Adreswijzigingen

kunnen worden doorgegeven aan

secretaris@studiosimobilae.nl

Dan rest mij nog jullie veel leesplezier te

wensen in deze “In BW’ging”, de laatste van

de ReportCommissie ’18-’19 , die ik graag

hartelijk wil danken voor hun tijd en moeite

om alle bladen tot een subliem resultaat te

leiden!

Met vriendelijke groet,

Hielke Nobel

Bestuurslid Externe zaken

In BW’ging, Verenigingsblad der Alumni Mobilae

5


Lieve lezer,

Voorstellen HB

Collegejaar 2019-2020 is weer begonnen, wat ook betekent dat er een nieuw verenigingsjaar

is begonnen! Een nieuw verenigingsjaar betekent natuurlijk een nieuw bestuur. Hoog tijd

dus dat wij onszelf voorstellen. Het bestuur van verenigingsjaar 2019-2020 bestaat uit

Maaike, Jet, Marlies, Bart en Hielke. Op het moment van schrijven zijn we al maar liefst drie

weken officieel bezig en hebben we al de nodige uurtjes in de bestuurskamer doorgebracht.

dit jaar als penningmeester de regie over de

financiën van Studiosi Mobilae. Marlies staat

altijd klaar voor al jullie declaraties en vragen

rondom de begroting. Het liefst zou deze

nuchtere Twentenaar haar taken uitvoeren

onder het genot van een lekker koud biertje.

Als eerste hebben we de lieve secretaris van

het bestuur: Jet Dijkhuis. Jet lijkt misschien

de rust zelve, maar pas maar op! Schijn

bedriegt, wanneer je een aantal (zware of

lichte?) speciaalbiertjes in Jet giet, is ze

misschien wel de gekste van ons allemaal.

Jet is verder te herkennen aan haar

‘incidentele’ hik, een uniek verschijnsel

binnen Nederland.

De man van het geld, ofwel dit jaar de

vrouw van het geld: Marlies Tijhof! Marlies,

in de BKook wel ‘Mark’ genoemd, heeft

Dilemma op Dinsdag: Socializen of bier

drinken? Volgens ons bestuurslid Interne

Zaken is hier maar één mogelijk antwoord

op en jullie mogen zelf gokken welke dit

is ;). Bart Stoel draagt dit jaar zorg voor

alle commissies en doet dit met een grote

passie. Ik durf te stellen dat Bart tot nu toe

de meeste (nachtelijke) uurtjes in de BK

heeft doorgebracht en dat allemaal voor de

vereniging!

Dan is ons enige echte bestuurslid Externe

Zaken aan de beurt! Waar de penningmeester

zorg draagt voor alles rondom de begroting,

zorgt Hielke Nobel dat er überhaupt geld

6 In BW’ging, Verenigingsblad der Alumni Mobilae


Voorstellen HB

binnenkomt. Marlies en Hielke gaan samen

op pad als #TeamGeld. Met zijn charmes

zorgt Hielke ervoor dat het geld gemakkelijk

binnen komt rollen.

niet bevorderend is voor mijn vaak schorre

stem en dat ik moest benoemen dat ik uit

een kippendorp met kerken kom, namelijk

Barneveld.

Als laatste zal ik, Maaike Wildekamp, dit

jaar de functie voorzitter bekleden. Ik heb

gevraagd aan de rest van het bestuur wat

nou typische eigenschappen van mij zijn.

Hier kwam uit dat ik (te) veel praat, wat

Liefs,

Ook namens Jet, Marlies, Bart en Hielke,

Maaike

In BW’ging, Verenigingsblad der Alumni Mobilae

7


BW’er op de werkvloer

Pfoe, wat gaat de tijd snel. Ik kan het mij nog als de dag van gisteren herinneren dat ik aan de

studie Bewegingswetenschappen begon in 1999. Toen nog startende met een propedeuse

Pedagogiek. Bewegingswetenschappen was niet mijn eerste studiekeuze. Helaas was ik

uitgeloot voor Geneeskunde, maar ik wilde graag in Groningen studeren (ver weg van mijn

ouders en de ultieme studentenstad ;)). Bewegingswetenschappen leek mij dus een goed

alternatief. Het eerste jaar viel inhoudelijk wel een beetje tegen, omdat we bijna alleen

maar vakken van Pedagogiek kregen.

Ik besloot om nog een keer mee te loten

voor Geneeskunde, maar ook toen werd

ik uitgeloot. Toen ik mijn propedeuse

had gehaald, ging ik toch maar door

met Bewegingswetenschappen. Hoe

meer de vakken gericht waren op

Bewegingswetenschappen, hoe leuker

ik het ging vinden! Ik lootte niet meer

mee met Geneeskunde en heb de studie

uiteindelijk in vijf jaar afgerond. Gelukkig

was de studie goed te combineren met het

verenigingsleven bij Dizkartes en heb ik

vijf fantastische jaren in Groningen gehad,

waarin ik veel leuke mensen heb leren

kennen met wie ik nu nog steeds contact

heb.

Als afstudeerscriptie deed ik

onderzoek naar DCD (Developmental

Coordination Disorder) bij kinderen in

het revalidatiecentrum in Beetsterzwaag.

Hoewel ik het onderzoek doen op zich

heel leuk vond, vond ik het schrijven van

een scriptie (en het eindeloos verbeteren)

weinig uitdagend. Ik mistte het contact met

de praktijk en in het revalidatiecentrum zag

ik dat fysiotherapeut mij wel een leuk beroep

leek. Daarom ben ik bij de Hogeschool

Utrecht nog twee jaar de verkorte opleiding

Fysiotherapie gaan doen. Ik kreeg vaak de

vraag waarom ik na een universitaire studie

toch nog een HBO-studie ging doen, maar

voor mij was dit een hele logische keuze. Ik

wilde graag praktisch en op het lichamelijk

gebied aan het werk met mensen (zoals ik

eigenlijk ook bij Geneeskunde wilde). Ik zag

het niet als ‘achteruitgang’, maar als mooie

aanvulling op mijn theoretische kennis.

Tijdens de stages heb ik inderdaad heel veel

extra ervaring opgedaan in het werken met

mensen.

8 In BW’ging, Verenigingsblad der Alumni Mobilae


BW’er op de werkvloer

Na mijn studie Fysiotherapie heb ik twee

jaar in het Revalidatiecentrum Rijndam in

Rotterdam gewerkt. Ik werkte met veel

plezier op de polikliniek, vooral met mensen

met neurologisch letsel. Toen mijn man en ik

besloten om naar Haarlem te verhuizen heb

ik bij Kennemerhart een baan gevonden als

fysiotherapeut in de ouderenzorg. Heel wat

anders dan in het revalidatiecentrum, maar

zeker net zo leuk! De ouderenzorg is erg in

ontwikkeling en als fysiotherapeut kijk je

echt naar het totale beeld van hoe de cliënt

functioneert. Ik heb intensief contact met

de mensen en ze zijn vaak dankbaar voor de

hulp.

Aangezien ik niet alleen als fysiotherapeut aan

het werk wilde, begeleid ik nu ook stagiaires

van de studie Fysiotherapie uit Amsterdam en

Leiden. Daarnaast miste ik toch een beetje de

‘diepgang’ van Bewegingswetenschappen en

kreeg ik de kans om namens onze organisatie

in de wetenschapscommissie te komen. Met

onze organisatie zijn wij aangesloten bij het

kennisnetwerk UNO-VUmc. Het UNO-VUmc

is het universitair netwerk ouderenzorg

van Amsterdam UMC (locatie VU medisch

centrum). Onderzoekers en zorgprofessionals

verbinden wetenschappelijke kennis met

de dagelijkse praktijk in de 24 aangesloten

zorgorganisaties. Binnen het netwerk

wordt antwoord gezocht op vragen uit

de praktijk, bijvoorbeeld doormiddel van

wetenschappelijk onderzoek. De kennis uit

dit onderzoek wordt gebruikt om de zorg

te verbeteren. Zo dragen onderzoekers,

zorgprofessionals én cliënten bij aan de

ontwikkeling van de ouderenzorg.

Voor mij de ideale combinatie tussen

wetenschap en praktijk! Ondertussen

zijn er in ons gezin drie mooie kinderen

bijgekomen en heb ik het druk genoeg met

de combinatie tussen werk en thuis. Daarom

werk ik nu drie dagen en ik kan heerlijk relaxt

op de fiets naar mijn werk. Wie weet als de

kinderen wat groter zijn, dat ik toch nog eens

ga kijken wat de opties zijn om wat meer

als bewegingswetenschapper te werken

(misschien wel via het kennisnetwerk). De

studie Bewegingswetenschappen geeft

verschillende mogelijkheden en ik kijk nog

altijd met veel plezier terug op de mooiste

studententijd in Groningen!

Annet van Zoonen

In BW’ging, Verenigingsblad der Alumni Mobilae

9


BW’er achter de schermen

Rob den Otter is sinds 2004 docent op de RUG. Hij is naast docent ook onderzoeker en

helpt studenten met hun afstudeerprojecten en onderzoeken. Dit jaar is hij genomineerd

voor de Docent van het Jaar Verkiezing UMCG 2019, die hij ook nog eens heeft gewonnen.

In januari is de grote finale, waarin hij gaat strijden tegen de winnende docenten van de

andere faculteiten.

Tijdens zijn colleges brengt Rob den Otter

ons met zijn spontaniteit en enthousiasme

veel bij, maar hij heeft ook een andere

mooie boodschap aan jullie als lezers. Eentje

die je in zijn colleges waarschijnlijk niet zo

snel hoort. Volgens Rob staan studenten erg

onder druk en moeten ze van alles om deze

studie te kunnen doen. Als Rob jullie één

ding mag meegeven is het dit wel: “Zorg

ervoor dat je de dingen die je doet binnen en

buiten je studie, doet vanuit oprecht plezier.

Doe het omdat het leuk en interessant is en

niet omdat het moet.”

Kijkend naar Rob zijn loopbaan, kan je

concluderen dat hij deze wijze les zelf ook

volgt. Hij heeft zelf namelijk een lange

zoektocht gehad voordat hij uiteindelijk

onderzoeker en universitair docent op de

RUG is geworden. Na de HAVO ging hij op

kamers en heeft hij aan de kunstacademie

in Kampen gestudeerd. Nadat hij deze

vijfjarige studie succesvol heeft afgerond,

werkte hij twee jaar in verschillende

fabrieken. Psychologie in Nijmegen was

de volgende halte. Hier is hij afgestudeerd

in de psychologische functieleer met

als specialisatie ‘Motoriek’. Pas tijdens

deze studie kwam Rob erachter dat het

onderzoek hem erg aansprak en dat hij

hier absoluut in verder wilde. Na nog

anderhalf jaar vrijwilligerswerk te hebben

gedaan in de Sint Maartenskliniek, werd

hij aangesteld als promovendus. In dit

traject lag de focus van zijn onderzoek

op loopherstel. Daarna is hij als postdoc

uiteindelijk in Groningen terecht gekomen.

Dit heeft hij twee jaar gedaan, waarna hij

de kans heeft gekregen om een half jaar

naar Canada te gaan voor onderzoek naar

kijkgedrag in looppatronen. Bij terugkomst

werd Rob een vast onderdeel van de

medische faculteit, waar hij nu absoluut

niet meer weg te denken is.

Naast het lesgeven begeleidt hij ook

studenten, met hun bachelor- en master

afstudeerprojecten, en promovendi. De

onderzoeken zijn voornamelijk gericht

op lopen. Hij vindt samen met studenten

onderzoek doen ontzettend leuk en is het

steeds meer gaan waarderen: “Zelf leer

je er ook van.” Het is dus interessant voor

beide partijen: student én docent.

Het leukste aan docent zijn op de RUG

vindt Den Otter de interactie met

studenten, bijvoorbeeld bij het geven van

colleges, maar ook in het directe contact

met studenten bij onderzoeken, reviews,

werkgroepen en afstudeerprojecten.

Wat het voor hem extra leuk maakt is het

volgende: “Studenten werken ontzettend

hard, ze doen erg hun best en zijn serieus

met hun studie bezig”. Hij zegt zelfs dat

de studenten door de tijd heen beter zijn

geworden. Het nadeel van de combinatie

van onderzoek doen en onderwijs geven,

10 In BW’ging, Verenigingsblad der Alumni Mobilae


BW’er achter de schermen

is de versplintering van taken. Op één dag

moet er af en toe veel gedaan worden. Soms

is het lastig om alle verschillende taken door

elkaar heen te plannen.

Op de vraag wat hij leuker vindt, lesgeven

of onderzoek doen, geeft Rob een duidelijk

antwoord: “Het onderzoek doen en lesgeven

kan ik niet meer los van elkaar zien.” Hij vindt

beide enorm leuk om te doen en dankzij het

onderzoek doen is hij in het lesgeven belandt.

De combinatie van lesgeven en onderzoek

doen vindt Den Otter ideaal. Het maakt de

week erg gevarieerd, waardoor het werk erg

leuk blijft.

Je zou het misschien niet zeggen, maar

Rob den Otter is als docent best onzeker

geweest, vooral in het begin. Hij is vroeger

wel eens student-assistent geweest, maar

een college geven aan 120 mensen, was toch

echt andere koek. Iets wat een positief effect

had op zijn lesgeven was de winst van de

Docent van het Jaar verkiezing van de RUG

in 2010. Door de verkiezing heeft hij meer

zelfvertrouwen gekregen, maar het heeft

zijn manier van lesgeven niet veranderd.

Na zijn benoeming in 2010 is Rob Den

Otter dit jaar weer UMCG Docent van het

Jaar geworden. Dit was weer erg bijzonder

voor hem: “Studenten nomineren en

stemmen op je. Ze kiezen dus echt voor jou!

Uiteindelijk bepaalt een jury, die bestaat uit

een staf- en student-lid, de winnaar van de

faculteit, maar de studenten zijn de mensen

waar je het voor doet.”

Naast het begeleiden van onderzoek

doet Rob ook nog steeds zelf onderzoek.

Zijn interesse ligt hierbij in de adaptieve

aspecten van het lopen. Bijna al zijn

onderzoeken gebeuren op de loopband in

het lab. Ook doet hij een onderzoek over

het uitglijden op de loopband; met name

over hoe zich dit ontwikkelt en of je dit weg

kan trainen. Voor deze onderzoeken is veel

kennis nodig om alles te kunnen begrijpen

en te onderzoeken. Zelfstudie vindt hij dan

ook erg leuk en is natuurlijk belangrijk om

een goed onderzoek te kunnen doen.

Ondanks het feit dat Rob den Otter op dit

moment niet meer in de kunst werkzaam is,

is het schilderen altijd onderdeel van hem

gebleven. Sinds kort schildert hij ook weer,

maar naast het schilderen en lesgeven om

heeft hij ook nog veel anderen hobby’s. Zo

stapt hij graag op de racefiets. Dus houd je

ogen goed open, wie weet zie je hem dan

ook buiten de collegezalen eens langs je

voorbij scheuren.

Lieke van der Wal

In BW’ging, Verenigingsblad der Alumni Mobilae

11


Batavierenrace

De Gladiatoren: vergane glorie of komen ze terug?

Het is inmiddels al een poosje geleden, maar voor een aantal alumnileden zit het nog

sterk in het geheugen: de Batavierenrace. Dé alumni-activiteit die sinds 2014 voor en door

alumnileden wordt georganiseerd. Simon, Nicole en Sanne hadden het touw in handen

genomen om wederom een prachtige editie neer te zetten. De vooruitzichten waren goed

en de verwachtingen hoog, maar terugkijkend op het weekend vraag ik mijzelf af: waren

dit niet de geheime opnames van een nieuw seizoen ‘Wie is de mol’? Daarover later meer…

De mountainbike die Nicole had verSier(s)

d ging letterlijk met vlag en wimpel door de

controle, zeker door de tientallen lampjes

die er op waren bevestigd. Dit jaar mocht

Jarno onder nummer 276 het spits afbijten

en kwam met een topprestatie in iets meer

dan een half uurtje binnen bij de campus.

De herstart in startgroep 6 begon soepel,

maar met de herkenbare druk van rijden in

de nacht met honderden busjes op smalle

wegen beklonk het eerste voorval… Was het

nou chauffeur Sanne die net niet ver genoeg

aan de rechter kant van de weg stilstond, of

een malloot die ons met 40 km/h probeerde

te passeren? Met een harde klap raakte

onze spiegel die van een concurrent. Onze

beschuldigingen richting de dader waren

in ieder geval duidelijk en het kenteken van

het andere busje werd genoteerd. Maar

waren deze beschuldigingen wel terecht?

Niek Benerink, één van de vele atleten

die Studiosi heeft geworpen, liep de

vijfde en langste etappe. En ondanks zijn

hoge tempo, verplaatste het busje zich

tergend langzaam. In één van de kleinste

dorpen van Duitsland belandden wij in

een ellenlange file. Oorzaak was een

stoplicht op een totaal verlaten kruispunt

die twee, en met beetje geluk drie, auto’s

doorliet om vervolgens weer anderhalve

minuut nutteloos op rood te gaan staan.

De doorgaans beschaafde Nederlandse

bestuurders durfden het niet aan dit sein te

negeren. Dit resulteerde in een vermoeide

en afgekoelde Niek die een half uur op de

volgende loopster Sanne stond te wachten.

Normaal gesproken kun je van Sanne een

top-10 tijd verwachten, maar met een

schamele genoteerde snelheid van 8.69

12 In BW’ging, Verenigingsblad der Alumni Mobilae


Batavierenrace

km/h en een 311e plek was dit verre van

de verwachting. Als je het Sanne vraagt,

is de verloren tijd van de file hiervan de

oorzaak. Als ik echter in mijn mollenboekje

kijk, weet ik dat ik bij het volgende executie

moment niet meer ga spreiden en verdwijnt

Ninke MOLlee uit mijn verdachtenlijstje.

Aangekomen bij het wisselpunt werden

fiets, hesje en auto sleutels overhandigd

aan de kersverse ochtendploeg en trokken

de voldane lopers van de avondetappe

een eerste klassieke Gladiator open. De

huidige stand was plek 67, een aardige

notering gezien de nachtelijk avonturen.

De ochtendploeg had wellicht iets teveel

mensen meegenomen, aangezien Bram

ongeveer de helft van de kilometers

(mede door het missen van een klein

minuscuul wisselpuntje) had gelopen en

nog geen sprankje vermoeidheid liet zien.

Tegelijkertijd werd de middagploeg rustig

wakker en lag de nachtploeg te genieten

van een welverdiend ‘nacht’rust. Deze werd

op brute wijze verstoord door, je raad het

al… Sanne! Deze opstapeling van voorvallen

zorgde dat mijn twijfel over de mol van

de Bata 2019 volledig is weggenomen.

De middagploeg (ver)liep erg soepel en

uiteindelijk werden de slotlopers Suus en

Jurian groots onthaald in een kolkende

Arena. Het weekend werd logischerwijs

afgesloten met een groot tentfeest,

waar de verhalen en ervaringen van het

weekend bij elkaar kwamen. Met plek 83

als eindnotering komen de prestaties niet

echt in de buurt van voorgaande jaren (47,

33, 17, 20, 26), maar de omstandigheden

verklaren een hoop. Volgend jaar staan

we er weer en zijn we fitter en sterker

dan ooit. Dit alles onder het mom: ‘What

doesn’t kill you, makes you stronger’. Een

eeuwig (hard)lopende machine, gevoed

door Gladiatoren, laat zich immers niet

zomaar uit het veld slaan. Tot volgend jaar!

Taco Prins

In BW’ging, Verenigingsblad der Alumni Mobilae

13


Sporter aan het woord

Mijn naam is Dave Kengen, ik ben 19 jaar oud en woon in Geleen. Ik ben geboren met het

TAR-syndroom. Dit houdt in dat ik onvolgroeide armen en misvormde benen heb. Ook heb

ik verminderde bloedplaatjes, waardoor ik dus sneller bloed bij een wondje. Er zijn altijd

bepaalde dingen in het dagelijks leven waarin ik beperkt wordt. Je kan zelf waarschijnlijk wel

bedenken waarin ik beperkt word.

De woorden die mij het beste omschrijven

zijn sportief en een doorzetter; ik geef niet

snel op.

Ik heb de afgelopen twee jaar voor IT’er

geleerd. Sinds begin dit schooljaar ben ik

begonnen met de studie Maatschappelijke

Zorg. Dit doe ik omdat ik het erg leuk

vind om met mensen te werken en ook

graag wat terugdoe voor anderen, omdat

ik altijd degene was die hulp nodig had.

Toen ik ongeveer zes jaar was, ben ik

eens gaan kijken bij een open dag voor

sportverenigingen uit de buurt. Ik raakte

toen geïnteresseerd in karate. Ik heb me

ingeschreven voor een workshop en heb

daarna een keer met de training mee

gedaan. Van het een kwam het ander en

ben er nu al best lang mee bezig. Ik train

nu bij twee teams; één Nederlands en één

Belgisch team. In het Nederlandse team

zitten naast mij geen andere invalide

teamleden. Met dit team train ik nog

steeds, omdat ik het gewend ben om op dat

niveau te trainen. Het Belgische team zijn

wel allemaal mensen met een beperking.

Mijn coach kan mij de techniek leren op

mijn manier, waarbij er dus wordt gelet op

mijn beperking. Hij zei ook dat ik bij het

Nederlandse team moest blijven trainen,

omdat mijn niveau anders achteruit zou

gaan. Ik vind het erg belangrijk dat ik mijn

eigen ding kan doen. Daarom is karate zo

speciaal voor mij.

Hoe vaak en hoe lang ik in een week

train, hangt er erg vanaf of ik in een

wedstrijdseizoen zit of niet. Als ik niet in

een wedstrijdseizoen zit, train ik twee keer

in de week anderhalf uur. Maar als ik wel in

een wedstrijdseizoen zit, train ik bijna de

hele week. Vaak is het dan wel vijf dagen,

twee á drie uur per dag. Ik doe karate

op topsport niveau, dus zo vaak trainen

moet dan ook wel. Ik combineer school

met karate door heel goed te plannen. De

drukte hangt, net als met de trainingen,

heel erg van het seizoen af. Als ik niet in

een wedstrijdseizoen zit, valt het prima te

combineren. Maar in het wedstrijdseizoen

moet ik goed plannen met huiswerk etc.

School geeft me hier ook wel de ruimte voor.

Officieel heb ik wel veel verplichte uren,

maar ik val onder een topsportregeling.

Dit zal ervoor zorgen dat ik uitstel krijg van

14 In BW’ging, Verenigingsblad der Alumni Mobilae


Sporter aan het woord

vakken of iets vergelijkbaars.

Ik heb twee hele mooie momenten

meegemaakt als karateka. De ene is dat ik

een demonstratie heb mogen doen op het

wereldkampioenschap Karate in Tokyo,

Japan, in 2014. Dit was een hele toffe

ervaring. Het andere moment is mijn eerste

Wereldkampioenschapstitel in Dublin,

Ierland, in 2019. Hier heb ik de eerste prijs

behaald.

Naast karate doe ik ook nog aan poolen.

Hiermee heb ik meegedaan aan het

Europees Kampioenschap in Veldhoven.

Dit was ook een hele leuke ervaring. Het

was een jubileum editie waarbij letterlijk

iedereen mee mag doen. Jong, oud,

invalide of valide. Je speelde dan natuurlijk

wel tegen mensen uit jouw categorie. Zo

speelde ik tegen allemaal mensen in een

rolstoel, waarbij het niet uitmaakte wat

voor beperking je had. De resultaten waren

prima, voor het feit dat het mijn eerste

Europees Kampioenschap was. Mijn beste

resultaat was een negende plek.

Ze zijn nu aan het proberen of ik een

demonstratie met karate zou mogen doen,

op de opening van de Olympische Spelen

2020 in Tokyo. Dit is voor mij nu ook echt

een doel. Of het allemaal nog doorgaat is

nog de vraag, maar ik hoop het wel heel

erg. Als dit lukt, zal ik die demonstratie

waarschijnlijk samen met een paar van de

Japanse selectie doen. Ik ga in november

ook een week naar Japan om het er over te

hebben en ook om te trainen. Er zijn nog

bepaalde doelen die ik graag zou willen

behalen in de sport.

Bij karate is mijn hoofddoel om nog mee te

doen aan de Paralympische Spelen, maar

dit gaat waarschijnlijk niet meer lukken. Dit

is omdat karate nu nog geen olympische

sport is en voordat het een paralympische

sport wordt, moet het eerst 4 jaar een

olympische sport zijn. Met poolen zou ik

graag nog een keer een medaille willen

behalen op een Europees Kampioenschap.

Welke kleur dat dan is, maakt mij niet

zoveel uit.

Veel mensen met een beperking denken te

veel dingen zoals ‘zou ik dit wel kunnen?’,

‘zou ik dit wel doen? of ‘gaat dit mij wel

lukken?’. Ik vind dat je gewoon moet

proberen wat je wil doen, in plaats van te

denken en te twijfelen. Misschien is het wel

makkelijker te bereiken dan je denkt.

Niet denken, maar doen!

Imre Nieuwenhuis

In BW’ging, Verenigingsblad der Alumni Mobilae

15


Master of Science

‘’Van harte gefeliciteerd met het behalen van je bachelordiploma’’. Dat zijn de woorden

waarmee de bachelor Bewegingswetenschappen in Groningen voor mij eindigde. Daarna

kwam de gevreesde vraag: ‘’Wat ben je van plan om hierna te gaan doen?’’ Op dat moment

had ik mijn antwoord klaar; ik was van plan om de master Human Movement Sciences in

Groningen te volgen. Zo simpel en logisch als dat klinkt, was het proces dat eraan vooraf

ging niet …

Jarenlang was ik ervan overtuigd dat ik

later arts zou worden. Mijn omgeving

was inmiddels net zo overtuigd als ikzelf.

Des te harder kwam de klap aan toen ik

hoorde dat ik niet was ingeloot voor de

studie Geneeskunde in Groningen. We

spreken over een gebeurtenis van ruim vijf

jaar geleden, maar ik weet het nog als de

dag van gisteren. Toen trad mijn ‘plan B’ in

werking: Bewegingswetenschappen. Een

paar maanden later was ‘plan B’ mijn ‘plan

A’ geworden. Bewegingswetenschappen

bleek de juiste studie voor mij en het

geneeskunde debacle was al snel vergeten,

maar toch dwaalden mijn gedachten zo nu

en dan af naar mijn vroegere ik: de jongen

die zeker wist dat hij arts ging worden. Zo

ook op het moment dat de bachelor BW

tegen haar einde liep. Ik moest immers na

gaan denken over het leven na de bachelor.

Op dat moment heb ik gekozen voor de

master HMS en tot op het moment van

schrijven heb ik daar nog geen spijt van.

Inmiddels heb ik het grootste gedeelte van

de master achter de rug. Het eerste jaar

heb ik vooral ingevuld met het volgen

van vakken, zodat ik mij het tweede jaar

kon richten op het masteronderzoek. Het

mooie aan de master is dat je heel veel

vrijheid hebt. Er zijn vier verplichte vakken

die je moet volgen, maar daarnaast is er

heel veel ruimte voor een eigen invulling.

Op die manier kan iedereen zijn eigen

persoonlijke profiel samenstellen. Er is de

mogelijkheid om vakken te volgen die door

de opleiding worden aangeboden, maar je

kan ook vakken van andere studies gaan

volgen. Daarnaast is er de mogelijkheid

een stage of project te doen bij bedrijven of

instellingen. Volop keuze dus!

Momenteel ben ik volop bezig met mijn

masteronderzoek. Het onderwerp van

mijn afstudeerproject is feedback in

handprotheses. Het klinkt nou niet direct

als een vraagstuk voor een BW’er, maar dat

is het juist wel. Er zijn heel veel werkvelden

waar wij bewegingswetenschappers een

16 In BW’ging, Verenigingsblad der Alumni Mobilae


Master of Science

bijdrage kunnen leveren met onze kennis

van het menselijk lichaam. Maar hoe

kom je dan bij die onderwerpen terecht?

Tijdens het eerste jaar van de master moet

je een review schrijven over een bepaald

onderwerp. Op dat moment wist ik vrij

weinig over protheses, maar inmiddels

heb ik de nodige kennis opgedaan. Het

onderwerp intrigeerde me enorm en

vandaar het logische vervolg tijdens het

master afstudeerproject.

Ik breng mijn dagen nu grotendeels door op

de faculteit. Het begint met veel lezen over

het onderwerp en zo langzamerhand wordt

het steeds praktischer. Momenteel zijn we

in de fase aangekomen dat de metingen

kunnen beginnen. Dat betekent lange

dagen in het lab. Laten we zeggen dat alles

zijn charme heeft. Oorspronkelijk was het

de bedoeling om alles in juni afgerond te

hebben, maar recentelijk heb ik besloten

om die periode iets op te rekken. Nu is

de planning om alles in december in te

leveren. Dit besluit heb ik om meerdere

redenen genomen. Eén van de redenen

is dat ik van plan ben in september te

beginnen met de docentenopleiding

Bewegingswetenschappen aan de VU in

Amsterdam. Dat is een uitbreiding van het

huidige masterprogramma van dertig EC.

Ik ben op dit idee gekomen, doordat ik dit

jaar mentor ben van eerstejaarsstudenten

BW. Gedurende het afgelopen jaar heb

ik gemerkt dat ik veel plezier haal uit het

begeleiden van studenten en dat is ook

de reden geweest om te kijken naar de

docentenopleiding. Ik weet nog niet of

ik mezelf als fulltime docent voor de klas

zie staan, maar dat is natuurlijk niet het

enige wat je opsteekt van zo’n opleiding. Je

wordt uit de comfortzone van de medische

faculteit getrokken en ik denk dat zulke

dingen belangrijke zaken zijn voor je

persoonlijke ontwikkeling.

Albert Einstein zei ooit: ‘’Ik denk niet aan de

toekomst. Zij komt vroeg genoeg’’. Volgens

mij zit hier zeker iets in. Als iemand mij nu

zal vragen wat ik na mijn opleiding wil gaan

doen dan heb ik daar nog geen kant en klaar

antwoord op. Dat antwoord verschilt nog

van dag tot dag en ik heb het gevoel dat dit

veel speelt bij bewegingswetenschappers.

Wat mij betreft is dat geen probleem. We

gaan zien wat de toekomst ons brengt.

Hartelijke groeten,

Martijn Bakker

In BW’ging, Verenigingsblad der Alumni Mobilae

17


RC’ven dwergen

Lieve Alumnileden,

Het is alweer tijd om afscheid te nemen. Wij hebben onwijs genoten het

afgelopen jaar. We hopen dat we jullie zo goed mogelijk mee hebben kunnen

laten genieten van de activiteiten binnen de vereniging. Ook zijn we continu

opzoek geweest naar relvante en leuke stukken speciaal voor jullie. Wij

hopen dat dit gelukt is. Met de nieuwe RC klaar om het stokje over te nemen

rest ons alleen ook jullie te bedanken voor het fantastische jaar.

Liefs de RC’ven dwergen

18

In BW’ging, Verenigingsblad der Alumni Mobilae


Activiteitenkalender

Oktober

28

Oktoberborrel

November

28 EHBO cursus

25 Novemberborrel (Almanakborrel)

wk. 48 Inschrijving wintersport

28 Symposium: “Moving through life”

Agenda

Wetenschapskalender

November

2

28

Studiedag Oranje Kruis 2019

Symposium: “Moving through life”

December

wk. 49 MC/Alumniborrel

5 Schoentje zetten

wk. 50 BIC-Activiteit

12 BW-lunch

19 Dies

20 Brakke brunch

Colofon

In BW’ging,2e editie, oktober 2019

De In BW’ging verschijnt twee keer per jaar en

is gratis voor Alumnileden van Studiosi Mobilae

Contact Reportcommissie:

Email: rc@studiosimobilae.nl

Website: Studiosimobilae.nl

Oplage: Digitaal

Deadline 1e editie 2019-2020

februari, 2020

Contact Bestuur:

Telefoon: 050 - 361 6320

Email: bestuur@studiosimobilae.nl

Adreswijziging doorgeven!

Heb jij je studentenkamer vaarwel gezegd of

ben je eindelijk verhuisd naar je droomhuis?

Laat het ons weten! Als je een adreswijziging,

een nieuw telefoonnummer of nieuw

e-mailadres hebt, stuur dan een mailtje naar

secretaris@studiosimobilae.nl zodat onze

ledenadministratie up-to-date blijft. Zo

kunnen wij jou op de hoogte houden van alle

activiteiten en nieuwtjes van Studiosi Mobilae.

In BW’ging, Verenigingsblad der Alumni Mobilae

19

More magazines by this user
Similar magazines