Natuurfotografie Magazine inkijkexemplaar

PiXFACOTRY

€8,95

tweemaandelijkse inspiratie voor natuurfotografen

MAGAZINE

editie 43 - nr 5 2019

IN DIT NUMMER

thema

LICHT

tutorial

DIEREN

IN DE NACHT

portfolio

MATS ANDERSSON

mijn project

IMPRESSIONISTISCHE

NATUURFOTOGRAFIE


in deze

EDITIE

TUTO

RIALS

#nfhoedan

PAGINA 36 T/M 53

Foto: Henri van Vliet

SMART & COMPACT

MIGGO PICTAR ONE IPHONE GRIP 38

NXT LVL - ZIMANGA IN HOENDERLOO

DIEREN VAN DE NACHT 44

BASISCURSUS

INSTAGRAM 40

Foto: Erik Derycke

NABEWERKING

LANDSCAPE PRO 3 50

NIEUWS 6

GASTCOLUMN JOWAN IVEN 55

THE MAKING OF BIZARRE MAANFOTO 10

COLUMN MARIJN HEUTS 79

DE 5 VAN JAAP LA BRIJN 11

PORTFOLIO MATZ ANDERSSON 12

Foto: Nel Talen

HUTSPOT BETOVEREND BULGARIJE 80

REVIEW LAOWA 9MM ULTRAGROOTHOEK 90

INTERVIEW WILL BURRARD-LUCAS 18

REVIEW SHIMODA RUGZAK 92

MIJN PROJECT MAGIE VAN BEELD 22

NATUUR365 FOTOKALENDER 94

DOOR HET OOG VAN JEROEN SWOLFS 30

Foto: Will Burrard-Lucas

WORKSHOPS EN AGENDA 96

4


inhoud

THEMA

LICHT

PAGINA 60 T/M 77

Foto: Bob Luijks

SCHRIJVEN MET LICHT 62

HET ZONE-SYSTEEM 66

INFRAROOD FOTOGRAFIE 70

LICHTMETING IN DE PRAKTIJK 74

Foto: Erik Derycke

DE RUGZAK VAN CHRIS STENGER 58

MIJN FOTO MIJN ZWANEN 85

LEZERS

rubriek

PHOTO CHALLENGE WONDEREN 86

HOTSPOT CAP GRIS-NEZ 89

Foto: Chris Stenger

Foto: Astrid Brenninkmeijer

5


nieuws & gespot

Licht op de maan

Boek en tentoonstelling

Op 21 juli 1969, om 2.56 uur UTC, zet Neil Alden Armstrong

als eerste mens een voet op de maan. Vijftig jaar later neemt

‘MOON’ je mee op een fotografische reis naar ons dichtstbije

hemellichaam, en weer terug. Het onderwerp van droom

en verbeelding, maar evengoed de inzet van een mondiale

Space Race: de maan laat niemand onberoerd.

Maarten Dings en Joachim Naudts (FOMU Antwerpen) gaan

op zoek naar het verhaal achter deze ongrijpbare schijf aan

onze hemel en verzoenen haar wetenschappelijke, politieke

en poëtische kanten. ‘MOON’ toont de begindagen van de

fotografie met foto’s van Draper (1840), Whipple (1852) en

de onvolprezen maanatlas van Lœwy & Puiseux (1896-1910).

Via het Apollo-jaar 1969 en de periode van de Koude Oorlog

laat dit boek ook hedendaagse kunstenaars hun licht schijnen

over de maan. Het resultaat is een prikkelende beeldenstroom

die balanceert op de dunne grens tussen feit en fictie, tussen

bittere ernst en zoete dromen.

De publicatie hoort bij de tentoonstelling MAAN/MOON in

het Fotomuseum in Antwerpen, te bezoeken van 28 juni tot 6

oktober 2019. Tevens in een Engelstalige editie verkrijgbaar.

Pagina’s: 224

ISBN: 9789492677792

Prijs: € 35,95

A small step for a man

Taschen Space Collection

Veel voor weinig

Boek voor de doe-het-zelver

Nog meer maanboeken. Ter gelegenheid van de maanlanding

vijftig jaar geleden stelde Taschen een reeks bijzondere

boeken samen. Naast kostbare ($ 4.000,-) door Buzz Aldrin

gesigneerde, gelimiteerde edities zijn er gelukkig ook fraaie

boeken voor een ‘normale’ prijs verkrijgbaar.

De krachtigste raket ooit, 400.000 ingenieurs en miljarden

dollars zorgden voor het meest historische moment

van de twintigste eeuw: de eerste maanlanding. Deze

staat centraal in ‘MoonFire’. Het boek toont in 348 pagina’s

honderden foto’s van de NASA, uit tijdschriftarchieven

en privécollecties. Je krijgt zo een unieke blik op de

ontwikkeling van de NASA en de missie, het leven in de

commandomodule en op het oppervlak van de maan,

en de jubelende reacties van het publiek op de landing.

Het boek kost € 44,99.

Daarnaast verschijnt ‘The NASA Archives’. Op 1 oktober

1958 zag NASA het levenslicht als antwoord op de eerste

satelliet in de ruimte door de Sovjet-Unie. Binnen decennia

transformeerde de NASA van een bescheiden onderzoeksclub

tot een groots instituut. In vierhonderd foto’s maak je

een rondreis door zestig jaar ruimtevaartgeschiedenis van

de NASA. Dit boek telt 468 pagina’s en kost € 105,99.

Fotografie is een dure hobby. Een blik in deze rubriek en je

krijgt genoeg ideeën om je portemonnee te legen. Toch hoeft

fotografie helemaal niet altijd duur te zijn. Het boek ‘Photo

Hacks: Simple Solutions for Better Photos’ laat je op verrassende

wijze zien wat je met normale spullen in huis, een beetje

handvaardigheid en vooral creativiteit kunt doen. Creatieve

filters, achtergronden, macrolens voor je smartphone, zonnekap

of flitshulpmiddelen, in dit boek komt het allemaal voorbij.

Pagina’s: 144

ISBN: 9781781575666

Prijs: € 18,99

6


nieuws & gespot

Mag het 51 MP meer zijn?

Fujifilm GFX100

FUJIFILM presenteerde onlangs dé ultieme systeemcamera:

de GFX100. Deze systeemcamera is uitgerust met een 102

megapixel-sensor met een afmeting van 43,8 mm x 32,9

mm, ofwel maar liefst 1,7 x groter dan een full-framesensor.

De FUJIFILM GFX100 beschikt over een zogenoemde

‘Backside Illuminated Sensor’ (BSI), die is uitgerust met

fasedetectie-autofocuspixels. Deze techniek wordt voor het

eerst toegepast op een sensor die groter is dan full frame.

De autofocussnelheid van deze nieuwe GFX is daarmee

méér dan twee keer zo snel als die van zijn voorgangers.

Hierdoor wordt het verkrijgen van scherpte, het volgen en het

fotograferen van bewegende onderwerpen aanzienlijk sneller

én eenvoudiger.

Een tweede grote innovatie waarover de FUJIFILM GFX100

beschikt, is dat deze systeemcamera is uitgerust met een

volledig 5-assig beeldstabilisatiesysteem. Het is voor het éérst

dat IBIS wordt toegepast in een camera die beschikt over

een sensor groter dan full frame. De beeldstabilisatie in de

GFX100 kan tot wel 5,5 stops worden gecorrigeerd. Dit resulteert

in de mogelijkheid om ook uit de hand te fotograferen.

Ook wat betreft het kunnen maken van video-opnames

is de GFX100 aanzienlijk verbeterd ten opzichte van de

GFX 50S en GFX 50R. Zo is de GFX100 de eerste camera

ter wereld met dit sensorformaat die ook in staat is om

in 4K30P te filmen. Helemaal uniek voor dit type camera

is daarbij dat de GFX100 dit kan doen in een 10 bit

4:2:2- opnamemogelijkheid.

Specificaties:

• Resolutie: 102 megapixel

• Resolutie EVF: 5,75 megapixel, resolutie kantelbaar lcdscherm:

2,36 megapixel

• Autofocuspunten: 3,76 miljoen fasedetectiepunten

• Snelheid: 5 beelden per seconde

• Gevoeligheid: 100-12.800 ISO

• Batterijduur: 800 opnames op 2 batterijen

• Gewicht: 1400 gram (incl. 2 batterijen)

• Prijs: € 10.999,-

www.fujifilm.eu/nl

Wijd, wijder, wijdste zoomlens

Nieuwe Laowa-objectieven

Gatenvuller

Sony FE 35mm F1.8

Met de komst van spiegelloze Canon- en Nikon-camera’s

verschijnen ook steeds meer objectieven van andere merken

voor deze camera’s. Laowa presenteert twee nieuwe objectieven:

Laowa 15mm f/2 Zero-D en Laowa 10-18mm f/4.5-5.6.

De 15mm is meteen het wijdste, ‘rectilinear’ objectief, dat

beschikbaar is voor zowel de Canon RF als de Nikon Z. Tegelijkertijd

is de 10-18mm de wijdste zoomlens die beschikbaar

is voor Nikon Z. Met hun bereik zijn beide objectieven ideaal

voor landschapsfotografie. Door de korte scherpstelafstand

maak je meteen ‘landschappelijke macrofoto’s’.

Specificaties Laowa 15mm f/2:

• Zero D, ofwel nagenoeg geen vervormingen

• Filterdiameter: 72 millimeter

• Minimale scherpstelafstand: 15 centimeter

• Gewicht: 500 gram

• Detail: traploos diafragma en daardoor ook ideaal voor

film

• Beschikbaar voor: Sony E, Nikon Z en Canon RF

• Prijs: € 999,-

Specificaties Laowa 10-18mm f/4.5-5.6:

• Filterdiameter: 37 millimeter (drop-in, 100 mm-filters

alleen via een speciale houder)

• Minimale scherpstelafstand: 15 centimeter

• Gewicht: 496 gram

• Detail: fraaie 10-puntsterren van heldere lichtbronnen

• Beschikbaar voor: Sony FE, Nikon Z

• Prijs: € 999,-

www.venuslens.nl

Sonygebruikers hebben lang op dit moment gewacht: een 35

mm-objectief dat een aardig gat in de objectieven-line-up

dicht. Het is echter geen objectief in de toplijn, dus geen G Master.

Dat betekent dat het objectief onder andere minder goed

bestand is tegen stof en vocht, iets om rekening mee te houden

wanneer je onder ruige omstandigheden naar buiten gaat.

Specificaties:

• Filterdiameter: 55 millimeter

• Minimale scherpstelafstand: 22 centimeter

• Gewicht: 280 gram

• Prijs: € 699,-

www.sony.nl

7


nieuws & gespot

Een ideale camera voor erbij

Canon PowerShot G5 X Mark II

Canon heeft zijn populaire G5 X een flinke upgrade gegeven,

zowel vanbinnen als vanbuiten. Vanbuiten is de camera

vooral een stuk compacter geworden. Dit werd onder

andere mogelijk door de elektronische zoeker als pop-up

vorm te geven. Een geheel nieuwe, 20,1 megapixel-sensor

gecombineerd met de laatste Digic VIII-processor zorgt voor

een hoge beeldkwaliteit en een grote snelheid. De camera

is uitgerust met een nieuwe, lichtsterke zoomlens (5 x

optische zoom, ofwel 24-120 mm). Een handige nieuwe

feature, die we eerder zagen bij Olympus en Fujifilm, is de

mogelijkheid beelden vast te leggen vanaf één seconde

voor het indrukken van de ontspanknop, zodat je dat ene

moment nooit meer mist. Je compositie bepaal je via de

OLED-zoeker met 2.360.000 pixels of het 3 inch grote,

180 graden kantelbare scherm.

Specificaties:

• Resolutie: 20,1 megapixel

• Bereik: 24-120 millimeterBeelden per seconde: 20 fps,

30 fps via een speciale modus

• Lichtgevoeligheid: 125-12.800 ISO (uitbreidbaar tot

25.600 ISO)

• Video: 4K 30 fps

• Gewicht: 340 gram

• Prijs: € 949,-

www.canon.nl

Meer dan complete camera

Sony A7R IV

Kristal voor de lens

Lensbaby Omni-filters

Een voor full-framecamera’s recordhoge resolutie van

61 megapixel, een dynamisch bereik van 15 stops, legt

beelden vast met 10 fps en een 5-assige IBIS. Wat heb je

nog meer te wensen? Een hoge resolutie betekent vaak

verlies aan snelheid of een grotere gevoeligheid voor ruis.

Volgens Sony niet met deze camera. Daarmee is dit misschien

wel de beste spiegelloze full-framecamera van dit

moment. Met alle specificaties is dit ook een zeer veelzijdige

camera, van het vastleggen van weidse landschappen

tot dieren die in hoge snelheid voorbij rennen of

vliegen. Voor het vastleggen van die bewegingen kun je

tot 68 beelden schieten voordat de buffer vol is. Gebruik

je de speciale APS-C-modus, dan kun je ongeveer 200

foto’s schieten. De autofocus beschikt over oogdetectie,

die ook werkt bij dieren! Is de resolutie van 61 megapixel

nog niet genoeg? Met Pixel Shift Multi Shooting maakt

de camera uit 16 individuele foto’s 1 samengestelde foto

van maar liefst 240 megapixel.

Specificaties:

• Resolutie: 61 megapixel

• Lichtgevoeligheid: 100-32.000 ISO

• Autofocuspunten: 567 fasedetectiepunten,

425 contrastdetectiepunten

• Beeldstabilisatie: 5-assig, 5,5 stops

• Elektronische zoeker: OLED 5,76 miljoen pixels

• Gewicht: 665 gram

• Prijs: € 3.999,-

www.sony.nl

Lensbaby staat bekend om zijn objectieven met een

creatieve twist. Nu komt Lensbaby ook met filters. Geen

polarisatiefilter of grijsverloopfilters, maar een unieke set

aan creatieve filters, dat is wat ze beloven met de nieuwe

Omni-filterlijn. Op dit moment bevat Omni drie zogenaamde

‘Effect Wands’ die je door middel van magneetjes

aan een speciale lensring hecht. Met ‘Stretch Glass’ creëer

je heldere vlakken en strepen, ‘Rainbow Film’ geeft je foto’s

spannende regenboogtinten en ‘Crystal Seahorse’ biedt met

zijn vele hoeken verrassende lichteffecten. Daarnaast is er

een ‘Crystal Expansion Pack’ met daarin een ‘Crystal Spear’

die leidt tot kaleidoscopische reflecties en dromerige flares,

‘Triangular Prism’ met verrassende reflecties en ‘Scalloped

Window’ ofwel een ‘gebroken’ stukje glas dat eveneens

weer zorgt voor spannende lichtbrekingen. De prijs van het

Omni-filtersysteem inclusief drie ‘wands’ bedraagt € 99,95,

het expansion pack koop je voor € 49,95 extra.

omni.lensbaby.com

8


nieuws & gespot

Lekker luchtje

Luminar 4 AI Sky Replacement

Afkoelen met een sjaal

Cobber-afkoelsjaal

De één gruwelt bij het idee, de ander zal het geweldig vinden, de

AI Sky Replacement-tool in de nieuwe Luminar, die in het najaar

moet verschijnen. Zonder ingewikkelde lagen of maskers verwissel

je jouw saaie of uitgebeten lucht met één druk op de knop. Daar

blijft het echter niet bij. Luminar past ook je voorgrond aan qua

belichting en kleur, zodat je landschap ook daadwerkelijk naadloos

aansluit bij de nieuwe lucht. De software detecteert automatisch

de horizon en andere elementen die zich voor de lucht bevinden

zodat er rare overgangen, halo’s en randjes ontstaan.

www.skylum.com

Normaal draag je een sjaal in de koude

seizoenen, maar er bestaat ook een heuse

afkoelsjaal. Heb je snel last van warmte,

dan is dit een ideaal hulpmiddel. Gemaakt

in Australië – waar men weet wat hitte

is – biedt deze sjaal je vier tot vijf dagen

een aangename verkoeling. De kern van de

sjaal bestaat uit speciale gelkorrels die zich

volzuigen met water. De sjaal voelt daardoor

droog, maar koel aan. Na een paar dagen leg

je ’m weer even in het water en kun je weer

vooruit.

Prijs: € 17,95

www.coolcoolestcobber.nl

AANKOMENDE

FOTOWEDSTRIJDEN

ND Awards

Sluitingsdatum: 22 september

www.ndawards.net

Met David (koolmees) en Goliath heeft de Oostenrijkse

Michaela Walch de Duitse Glanzlichter fotowedstrijd

gewonnen. Vele jaren zwierf Walch door de Canadese

wildernis om (vooral) roofdieren vast te leggen.

Tegenwoordig groeit het aantal beren ook dichter bij huis,

waaronder in Slovenië. Walch besloot haar geluk in een

speciale fotohut te beproeven. Na vijf uur lukte het om het

koolmeesje en de bruine beer in één beeld te vangen. De

David en Goliath

Glanzlichter fotowedstrijd

Foto: Ingrid Vekemans

winnende foto en alle andere onderscheiden foto’s zie je

op www.glanzlichter.com. Namens de Lage Landen vielen

Johan van der Wielen (categorie ‘Nature as Art’), Ingrid

Vekemans (categorieën ‘The Beauty of Plants’ en ‘The World

of Mammals’), Gino Symus, Christian Biemans (beiden

categorie ‘The World of Mammals’), Jogchum Reitsma

(categorie ‘The Beauty of Plants’) en Dirk Hoogenstein

(categorie ‘Junior Award’) in de prijzen.

Nature Photographer of the Year

Sluitingsdatum: 30 september

www.naturephotographeroftheyear.com

International Garden Photographer

of the Year

Sluitingsdatum: 31 oktober

www.igpoty.com

Lowland Photo Contest

Sluitingsdatum: 31 oktober

www.lowlandcontest.com

9


MATS ANDERSSON

Eind vorig jaar verscheen Anderssons nieuwe boek ‘Nature Diary’, een boek dat van cover tot en met

de laatste punt opvalt in fotoboekenland. Verwacht geen beeldvullende registraties van dieren of

vrolijk gekleurde zonsopkomsten, maar ruwe diamantjes uit de noordelijke natuur. Het vormt een

ode aan zijn tienjarige jubileum als fotograaf.

De uit Zweden afkomstige Mats Andersson

noemt zichzelf ‘art & nature photographer’, een

veelzeggende en zorgvuldig gekozen titel. “De

factor kunst is voor mij enorm belangrijk. Technisch

perfecte of standaard cliché-natuurfoto’s

doen mij niet zo veel. Naar mijn mening is dat

zelfs eigenlijk geen fotografie. Er moet iets meer

gebeuren dat de toeschouwer prikkelt. Ik gebruik

altijd het voorbeeld van een adelaar tegen een

blauwe lucht. Mooi? Na een tiende seconde heb

je alles al gezien. Daarna doet het niks meer, is

het beeld dood en in no time weet je je dat beeld

niet eens meer te herinneren. Goede foto’s roepen

vragen op. Het publiek moet enige moeite doen

de foto’s te begrijpen.”

Die vragen komen inderdaad vanzelf wanneer je

door het kloeke boek bladert. Wat zie ik überhaupt,

vanwaar deze donkere, ruwe stijl, waarom zwartwit

…? De vele slechte ervaringen met zijn vrouw

blijken de rode draad voor zijn fotografie te vormen.

“In 2004 was ik met een paar vrienden op stap om

te duiken aan de westkust van Zweden. Ineens ontving

ik een sms’je van mijn vrouw, vol met de liefst

denkbare woorden. Ik had direct het gevoel dat dit

bericht niet voor mij bedoeld was. Angst, boosheid

en verdriet namen bezit van me.” Thuis praatten ze

het uit. Een paar weken later ging de telefoon. “Het

was de vriendin van mijn vrouw. Haar man stuurde

mijn vrouw berichtjes en vice versa. Toch vergaf

ik haar.” Wanneer Andersson in 2015 een leeg huis

aantreft, stort zijn wereld in elkaar. Na dertig jaar

had zijn vrouw hem definitief verlaten.

12


portfolio

13


14


portfolio

Moonlight Requiem.

De fotografie vormde een soort therapeutische

uitvlucht. Bijna al zijn foto’s maakte Andersson

in het mysterieuze licht van de (zomer)nachten.

Alleen. “Voor mij zijn de omgeving en de context

erg belangrijk in de natuurfotografie. Verder geef

ik mijn gevoelens alle vrijheid wanneer ik fotografeer.

Het gevoel is veel belangrijker dan de technische

perfectie. De camera werd mijn metgezel

op mijn nachtelijke ontmoetingen met de dieren.”

Toch heeft de kenmerkende stijl ook nog een

andere oorsprong. “Ik heb eigenlijk geen natuurfotografen

als inspiratiebron, maar juist wel kunstfotografen

zoals Sally Mann, Connie Imboden,

Michael Ackerman, Anders Petersen en

Christer Strömholm. Hun afbeeldingen zijn ruw

en contrastrijk.” Dat is meteen ook Anderssons tip

voor de lezers van Natuurfotografie Magazine.

“Haal de inspiratie eens uit niet-natuurfotografen.”

Hij somt meteen nog een reeks inspirerende

namen op: Ragnar Axelsson, Sebastião Salgado,

Pentti Sammallahti, Arno Rafael Minkkinen,

Susanna Majuri, Kenneth Gustavsson,

Martin Bogren en Jacob Aue Sobol. De keuze voor

zwart-wit is haast een vanzelfsprekend vervolg:

“Zwart-witafbeeldingen zijn tijdloos. Als toeschouwer

kun je je eigen kleuren voorstellen. Zwart-wit

draagt bij aan het oproepen van vragen.”

Wanneer je door de foto’s bladert, valt op dat

een groot aantal foto’s veel ruis bevat, op een

aantrekkelijke wijze. “Mijn camera is te goed en

produceert weinig ruis. Bovendien vind ik de ruis

van digitale camera’s niet mooi. Daarom heb ik in

Photoshop een speciale macro gemaakt, waarmee

ik mijn geliefde film Tri-X kan simuleren.”

Aan één foto heeft Andersson bijzondere herinneringen,

en niet eens omdat hij hiermee de titel Wildlife

Photographer of the Year 2016 binnensleepte.

‘Moonlight Requiem’ heet de foto. “Het beeld geeft

exact weer wat ik op dat moment voelde. In de

buurt van mijn huis woonde een koppeltje dwerguilen.

Ik volgde ze al een aantal dagen. Op een

ochtend ontdekte ik dat een van die uilen dood op

de grond lag, gedood door een grotere uilensoort.

Ik voelde me intens verdrietig. Kort daarna ontdekte

ik de andere dwerguil. Hij zat met gebogen hoofd

en gesloten ogen, alsof-ie in rouw was.”

Na ‘Nature Diary’ is er nu het nieuwe boek

‘Essence’. “Sinds een aantal jaar fotograferen

Pål Hermansen, Erik Malm en ik (‘HAM’) de natuur

in een eigen persoonlijke en onderscheidende

stijl. Door onze foto’s te bundelen, creëren we

een platform waarmee we de beelden die uit

ons hart gegrepen zijn, met de wereld kunnen

delen. In Scandinavië zijn de mensen nog nauw

verbonden met de natuur, iets dat in de meeste

andere landen verloren is gegaan. Dit wordt

duidelijk weerspiegeld in onze afbeeldingen.

1 + 1 + 1 is zo meer dan 3. De ‘HAM-kunst’ vormt

een eenheid die sterker is dan de individuele

fotograaf, een eenheid die de noordelijke natuur

op een unieke manier vertegenwoordigt.”

www.matsandersson.nu

15


16


portfolio

Mats Andersson:

“Technisch perfecte

of standaard clichénatuurfoto’s

doen mij

niet zo veel ...

Er moet iets meer

gebeuren dat de

toeschouwer prikkelt.”

17


Zaaddozen.

Magie van beeld

Impressionistische natuurfotografie

Je wilt de natuur anders fotograferen, meer je gevoel erbij betrekken,

meer je eigen beeld maken … Voor veel fotografen is dit herkenbaar,

maar hoe doe je dat en wat heb je dan nodig?

Nel Talen – www.neltalen.nl

22


mijn project

Knotwilg (1).

Op pad.

Knotwilg (2).

Hoe het begon …

Vele jaren was ik enthousiast bezig met de macrofotografie.

Het fotograferen van het kleine, dat

boeide mij enorm. Zodra je je met de macrolens

op ooghoogte van je onderwerp bevond, werd

er een ander wereldje zichtbaar; geweldig om te

zien en in beeld te brengen! Vooral flora, vlinders,

insecten en paddenstoelen waren voor mij geliefde

onderwerpen. Ik kon vaak ook niet wachten tot

het voorjaar begon: eindelijk weer op de knieën

voor de sneeuwklokjes, anemonen en alles wat

kroop en fladderde.

Toch begon er na een aantal jaren wat te knagen.

Moest ik nu weer krokussen zoeken en oranjetipjes

fotograferen? Ik wilde graag iets anders en begon

gebruik te maken van andere lenzen, bijvoorbeeld

de lensbaby en een oud Helioslensje. Dat gaf al

heel andere beelden en inspireerde mij om door

te gaan met mijn zoektocht.

Het bewegen van de camera, zogenaamd ICM

(Intentional Camera Movement), maakte mijn foto’s

meer schilderachtig. Wel een lastige techniek, omdat

je het proces niet helemaal zelf in de hand hebt,

dus verdwenen er ook vele foto’s in de prullenbak.

Photographer’s block

Foto’s met beweging, overbelichting of juist

onderbelichting, out of focus, de lensbaby en de

Helioslens gaven allemaal mogelijkheden om

andere beelden te maken. Toch was de onrust

niet helemaal weg.

Ik bleef zoeken, vooral omdat ik graag wilde fotograferen

wat uniek is, iets wat niet zomaar na te

maken is. Ik moest af van registrerende beelden en

meer mijn gevoel gaan volgen. Lastig, want wat

zoek ik dan en hoe doe ik dat? Het werden weer

héél véél prullenbakfoto’s. Ik had het gevoel in een

dip te zitten, een soort schrijversblok maar dan

voor een fotograaf. Als gevolg maakte ik zelfs een

uitstapje naar aquarelleren en dat bracht nieuw

leven in de brouwerij. Met mijn camera wilde ik

ook schilderachtige foto’s kunnen maken.

Foto’s met multiple exposure

Zo kwam ik op het spoor van meervoudige

belichting. Omdat je met deze techniek meer

uitgaat van vormen, abstracties, kleuren en

structuren en minder van details, kwam ik terecht

bij landschapsfotografie. Weer ging er een wereld

voor mij open.

Als ik aan landschapsfoto’s dacht, waren dat voor

mij adembenemende vergezichten, met mooie

gelaagdheid in een landschap of oranje luchten

van zonsopkomst of -ondergang. Maar deze

manier van een landschap in beeld brengen is wel

iets anders, écht iets anders. Er ontstaan beelden

van landschappen die eigenlijk niet bestaan. Mijn

eigen landschap, mijn eigen wereldje. Ik vind het

fascinerend en ik word er blij van!

23


Fluitekruid.

24

In de boomgaard.


mijn project

Heidebrand.

Techniek achter multiple exposure

Vroeger, toen we nog met filmrolletjes fotografeerden,

had je de mogelijkheid om een gemaakte

foto niet door te spoelen maar nogmaals te

belichten. Die techniek is eigenlijk al heel oud

en met de komst van de digitale camera is deze

mogelijkheid ook weer te vinden op veel fotocamera’s.

Zelf fotografeer ik met Canon 5D Mark III

en EOS R, die hebben de mogelijkheid om negen

beelden over elkaar heen te fotograferen. Tevens

kun je foto’s die op je fotokaart staan nogmaals selecteren

en weer gebruiken voor multiple exposure.

Je kunt dus ook ‘oude’ foto’s gebruiken, zolang

je ze maar op de kaart laat staan en gebruikmaakt

van dezelfde camera. Mijn camera heeft vier

verschillende standen om foto’s te mengen,

zogenaamde blending. Hij heeft twee standen

om gemiddelde waarden te gebruiken, waarbij

je in de eerste stand zelf alles kunt instellen en in

de andere stand de camera het rekenwerk voor

je doet. Dan is er ook nog een stand om de lichte

delen voorrang te geven in je foto en een stand

om de donkere delen van je foto te benadrukken.

Wanneer kun je welke stand goed inzetten?

Dat is een hele zoektocht waar ik zelf ook nog

steeds niet een duidelijk antwoord op heb.

Welke beelden komen in aanmerking om

multiple exposure in te zetten?

Dat was een heel lastige vraag voor mij. Ik kwam

er al snel achter dat de combinatie van twee totaal

verschillende foto’s van verschillende onderwerpen

niet echt werkte. Ook heel verschillende

lichtomstandigheden gaven niet het gewenste

resultaat. Ik ben zelfs een hele dag bezig geweest

om alle kleurencombinaties te fotograferen in de

verschillende blendingmodi om te kijken wat de

camera deed met die kleuren. Een mooi experiment

maar ik kwam er geen steek verder mee …

Mijn ervaring is wel dat een contrastrijk beeld

goede mogelijkheden geeft. Denk aan silhouetten

tegen een lichte achtergrond, of witte bloemen

tegen een donkere achtergrond.

Er zijn dus bijzonder veel mogelijkheden om foto’s

te combineren en dat maakt het zo boeiend,

levendig en spannend tegelijk. Wat gaat er uit de

camera komen?

Mogelijkheden waar je aan kunt denken

zijn bijvoorbeeld:

1. Een scherpe foto en daaroverheen een

onscherp beeld.

2. Eén foto scherp en de andere met beweging.

3. Een lichte foto over een donkere foto.

4. Een beeld met klein diafragma over een beeld

met een groot diafragma.

5. Gebruik van verschillende lenzen.

6. Verschillende instellingen van de witbalans,

waardoor je meer met kleuren kunt spelen.

7. Niet twee maar meerdere beelden over elkaar

heen zetten.

8. Een basisfoto en een achtergrondfoto

(bijvoorbeeld met bokeh-cirkels).

9. In- of uitzoomen tijdens het fotograferen.

10. Twee foto’s van hetzelfde onderwerp, maar

met een andere camerastand.

Natuurlijk zijn er nog veel meer mogelijkheden.

Experimenteer en kijk wat er gebeurt. Heb ook

geduld en loop niet zomaar bij een onderwerp

weg als je het gevoel hebt dat daar iets ontstaat.

25


Bloesemboompje.

26

Sneeuwbui.


mijn project

Leliebladeren.

Go with the flow

En soms, ja soms doe ik ook maar wat en zie ik

wel wat eruit komt. Het proces van een onderwerp

zoeken of zien en nadenken over welke

techniek je gaat inzetten, maakt deze vorm van

fotograferen spannend en enorm fascinerend.

Je weet immers niet precies wat er uit je camera

komt. Ik geniet van dit proces en natuurlijk van

het buiten zijn.

Als ik merk dat er iets gebeurt met een onderwerp

terwijl ik aan het fotograferen ben, kom ik in een

soort flow, waarbij ik net zolang doorga met experimenteren

totdat ik tevreden ben. Dat wil niet

zeggen dat de foto goed is. Thuis kom ik er pas

achter of dat zo is en dan neem ik mijn ervaringen

mee voor m’n volgende fotomoment.

Tijdens regenachtige dagen maak ik gebruik van

de mogelijkheid om binnen te experimenteren.

Koop een bos tulpen en kijk wat je camera ermee

kan in allerlei omstandigheden. Dit is erg leuk

om te doen en je leert steeds meer over deze

bijzondere manier van fotograferen. Zelf gebruik

ik vaak mijn zoomlens 24-105 mm of 70-300 mm,

maar ook andere lenzen zijn natuurlijk prima

in te zetten.

Nabewerking

Ik fotografeer in RAW en bewerk mijn foto’s met

Lightroom en Photoshop. Verder pas ik de gebruikelijke

bewerkingen toe, zoals hooglichten, schaduwen,

uitsneden, contrast, belichting, helderheid,

verzadiging en soms wat verscherping van een

foto. Bij de bewerking van mijn foto’s verander ik

soms een kleur of voeg wat extra contrast toe en

soms ook wat textuur. Daarbij maak ik gebruik van

Nik-filters en Topaz. Ik ben net zolang bezig met

een foto tot ik voel dat alles klopt voor mij.

Soms krijg ik de vraag: “Passen dit soort foto’s wel

bij natuurfotografie?” Ik vind van wel. De foto’s zijn

allemaal gemaakt in de natuur en geven meer

weer van mijn belevingen en gevoel dan ik op dat

moment heb ervaren. Zolang je eerlijk bent over

de totstandkoming van je foto’s, denk ik dat er veel

meer mogelijkheden zijn om natuurbeleving te

delen met elkaar. Het geeft mij de mogelijkheid

om met andere ogen naar natuur te kijken. Licht,

kleur, ritme en sfeer zijn hele mooie elementen

om je eigen beeld mee te creëren. Een beeld dat

niet zomaar is na te maken; het is immers mijn

beeld, mijn visie en interpretatie van wat ik heb

gezien en gevoeld.

Veel experimenteren, betekent veel prullenbakmateriaal

en dat is niet erg. Sterker nog, als er

een beeld wél goed lukt, is de voldoening des te

groter. Deze vorm van fotografie wil ik daarom

doorzetten en verder ontwikkelen. Hiermee kan

ik mij uiten op m’n eigen manier en het geeft mij

een enorme voldoening!

Ik hoop dat ik jullie ook enthousiast heb kunnen

maken om met deze manier van fotograferen

anders tegen natuurfotografie aan te kijken. Zoek

je eigen weg en geef uiting aan jouw gevoel.

Fotografeer en geniet ervan!

27


Spring. Canon EOS R met 24-105mm @ 50mm; 1/50s bij f/8; ISO 200.


door het

van

Johan: “Jeroen op het strand, bewapent groothoek en een 50 mm-lens. Dan moet je dichterbij en kom je écht in contact met je onderwerp.”

Jeroen Swolfs

Ik voel mij enigszins ontheemd. Stond ik drie weken geleden nog op de Noordkaap en reisde ik langs de meest noordelijke

– en vooral afgelegen – kusten, vorige week nog op het volledig verlaten strand van Schiermonnikoog, vandaag parkeer

ik mijn motor op de boulevard van misschien wel het drukste strand van Nederland: Zandvoort. Er bekruipt mij een ongemakkelijk

gevoel; is hier wel genoeg natuur te vinden voor dit artikel? Wat kunnen we hier doen? Jeroen komt echter uit

Zandvoort en hij klonk overtuigd van deze plek. Terwijl ik besluit hem maar te vertrouwen, pel ik mij uit mijn motorpak

en ga ik op zoek naar Hippie Fish, onze ontmoetingsplek.

Johan van der Wielen - www.johanvanderwielen.nl – Jeroen Swolfs - www.streetsoftheworld.com

30


door het OOG van

Natuurfotograaf Johan van der Wielen gaat op pad met een collega fotograaf uit een geheel ander werkveld. Wat zijn verschillen en zijn er ook overeenkomsten? Lukt het ze begrip, misschien zelfs interesse voor een ander

soort fotografie op te brengen en verandert dit hun kijk op fotografie…? Johan verhaalt over deze bijzondere ontmoetingen.

Ik word begroet door een vrolijke fotograaf die op zijn blote voeten door het

inmiddels al warme zand naar mij toe komt lopen. Traditiegetrouw trakteer

ik op cappuccino en Jeroen Swolfs steekt van wal. Veel hoef ik niet te vragen,

Jeroen is gewend aan interviews en lezingen, maar meer nog is vanaf het

eerste moment zijn enorme gedrevenheid te voelen. Nippend aan mijn

koffie zweef ik weg door zijn verhaal en vooral zijn passie: “Ik begon, net

als vele anderen, als fotojournalist, voor onder andere de Volkskrant.

Dat was nog in het analoge tijdperk, ook ik heb gewerkt in de doka.

Toen de fotografie digitaal werd, merkte ik dat het steeds moeilijker

werd om mijn hoofd boven water te houden. Ik fotografeerde zeker

niet slecht, maar het aantal fotografen steeg exponentieel terwijl de

hoeveelheid werk alleen maar af leek te nemen. Daarnaast miste ik iets.

De meeste aandacht op de fotoredactie werd (en wordt nog steeds)

gelegd op negatieve berichtgeving, slecht nieuws, drama en ellende.”

Waarom zou dat zijn, vraag ik mij af. Ik merk het zelf ook, sterker nog, dat was

de reden dat ik begin twintig besloot om mijn abonnement op de krant op

te zeggen en sinds die tijd heb ik ook nooit meer het journaal gezien. Na

afloop van het nieuws bleef ik vaak met een rotgevoel op de bank achter.

“Precies! Dat heeft met ons reptielenbrein te maken, nog steeds aandachtig

voor mogelijk gevaar. Terwijl er ook heel veel is verbeterd in de

laatste vijftig jaar. Denk aan veel minder doden door malaria, minder

grote uitbraken van ziektes, zelfs de armoede is minder geworden.

En toch blijft de berichtgeving vooral gaan over wat er allemaal nog

steeds niet goed gaat.”

Als je daar niet meer over bericht, riskeer je dan niet een naïef zelfbeeld

waarbij de kop in het zand gestoken wordt? “Natuurlijk, er moet ook

nog steeds aandacht zijn voor alle mogelijke verbeteringen, maar

toch wordt de berichtgeving pas goed als je ook laat zien wat er wel

goed gaat. En dat wilde ik! We staan op dit moment voor een enorme

problematiek: de klimaatverandering. Dat lossen we echter niet op

door alle verschillen in de wereld en ellende te blijven weergeven.

Jeroen: “Een van de beelden uit het Streets of the World-project: Kabul in Afghanistan.”

Dit is een mondiaal probleem dat we alleen kunnen tegengaan als

we daar met z’n allen de schouders onder zetten, ongeacht culturele

of religieuze achtergrond.”

Is dat de kern van het project Streets of the World? “Ja, in de basis zijn we

allemaal gelijk. Waar ter wereld ook, we hebben allemaal dezelfde behoeftes

zoals liefde en vriendschap, overal werken mensen samen en

overal hebben we last van dezelfde klimaatverandering. Ik wilde juist

laten zien dat we in heel veel dingen hetzelfde zijn en dat, ongeacht

welke ellende ook, mensen elkaar overal ook helpen en proberen om

problemen op te lossen.”

Dat klinkt mij behoorlijk ambitieus in de oren; ‘overal ter wereld’ is een groot

begrip. “Klopt, ik heb het plan opgevat om in ieder land, in iedere

hoofdstad op zoek te gaan naar de mensen op straat. Ik wilde het

positieve laten zien, beelden maken van mensen die samenwerken,

Johan: “Jeroen en ik samen op het strand. Een kind heeft geschreven in het zand. Hij of zij bedoelde

waarschijnlijk de zee, maar misschien heeft hij wel gelijk in deze tijd … We houden van kijken, van beeld

en van social media.”

Johan: “We zijn nauwelijks op het strand of Jeroen gaat aan het werk. Ik dwaal door zijn compositie

en zie de complexiteit van het beeld: de dame op het strand, de meeuwen, de wandelaar en de boot.”

31


TUTO

RIALS

#nfhoedan

Smartphones maken tegenwoordig geweldige foto’s, alleen ergonomisch

zijn ze eigenlijk altijd een nachtmerrie. Andrea Gulickx laat

zien hoe je veel fijner met een smartphone werkt. Een mooie foto

is één ding, maar wat doe je er daarna mee? Delen op Instagram is

leuk. Redacteur Roeselien Raimond verzorgt voor ons magazine het

Instagram-account en neemt je mee in alle do’s en don’ts. Dat het

fotograferen niet ophoudt bij de dag, laat Henri van Vliet zien. Hij

heeft de eer dassen, vossen, zwijnen en boommarters in zijn tuin te

ontmoeten én te fotograferen. In de Digitale Kamer laten we je zien

wat je allemaal met nabewerking kunt bereiken. Dat is soms nog best

ingewikkeld. Landscape Pro 3 maakt het je wel heel gemakkelijk om

je foto’s te verbeteren.

We vinden het natuurlijk enorm leuk als je met onze tutorials aan de

slag gaat. Gebruik de #nfhoedan op je socials en maak kans om

met je foto in ons magazine gepubliceerd te worden!

36

Foto: Henri van Vliet. Canon 7DII met 105mm; 1/1250s bij f/1.6; ISO 1600.


tutorial #NFHOEDAN

37


#nfhoedan

Miggo Pictar One iPhone-grip

Je smartphone ‘ombouwen’ naar een DSLR, waarom zou je dat doen? Dat vroeg

ik me ook af toen ik de Miggo Pictar One iPhone-grip voor het eerst zag.

Andrea Gulickx – www.andreagulickx-photography.nl

Uit de doos

Terwijl de meeste gadgets tegenwoordig op te

laden zijn, werkt de Pictar op een batterij. Deze

batterij is niet in iedere winkel te krijgen, maar via

internet prima te bestellen. Meegeleverd worden

een hoesje en een nek- en polskoord voorzien

van een snelkoppeling waardoor je ze onderling

makkelijk kunt wisselen. Superhandig.

Aan de slag

De Pictar werkt niet met de standaard camera-app.

Om te kunnen fotograferen of filmen, moet je

eerst de Pictar-app downloaden. Wanneer je de

app opent terwijl de smartphone in de Pictar zit,

maakt de Pictar gelijk verbinding via een ultrasone

connectie, waarna je meteen aan de slag kunt met

fotograferen. De bedieningsknoppen en draaiwielen

op de Pictar geven het gevoel dat je met een

DSLR-camera fotografeert.

De knoppen en het menu

De sluiterknop werkt net zoals bij een gewone

camera. Door hem half in te drukken, stelt hij

scherp. Druk je vervolgens door, dan wordt de

foto gemaakt. Helaas is er een lichte vertraging bij

het afdrukken. Via het settings-menu is er ook de

keuze voor een manuele scherpsteloptie.

Aan de voorzijde zit een draaiwiel, waarmee je

in- en uitzoomt. Door dit in te drukken, schakelt

de camera over op de selfie-modus. Aan de

achterzijde zitten twee draaiwieltjes. Met het

rechterwieltje kun je de belichting aanpassen en

met het linkerwieltje scrol je door een voorinstellingenmenu.

Dit menu bevat de portret-, sport-,

macro- of video-modus. Daarnaast is er keuze uit

De app start met een wegwijzer. Welkomsscherm van de app. De voorinstellingen menu in app.

38


tutorial SMART&COMPACT

Manuele insteling op het scherm te zien.

Foto met filter in manuele stand.

Foto gemaakt met Manuele insteling.

Foto met filter in manuele stand witbalans aangepast.

Foto met filter in manuele stand witbalans aangepast.

verschillende prioriteiten, zoals ISO, sluitertijd of

manual-modus. Een leuk extraatje is het filtermenu

met onder meer sepia, vignette en blur. De

HDR-functie en flits kun je via het settings-menu

aanzetten. Via dit menu is er ook de keuze om

focus en belichting los van elkaar te regelen. Dit

laatste werkt alleen in de auto-stand. Een grid,

histogram en een waterpas maken het compleet.

‘In de greep’

De Pictar is voorzien van een ergonomische

handgreep, bekleed met antislip-materiaal dat

ervoor zorgt dat je de smartphone een stuk makkelijker

vasthoudt. Alle knoppen en wieltjes zijn

direct bereikbaar met dezelfde hand. Dat maakt

niet alleen het fotograferen, maar ook het filmen

uit de hand stabiel, ook als je met één hand filmt

of een foto maakt. Voor mij is dit laatste zeker van

belang, omdat ik graag met kristallen of prisma’s

voor mijn lens werk voor de ‘special effects’. Nog

een voordeel van de Pictar is dat de telefoon

maar half bedekt is, waardoor het mogelijk

blijft om smartphonelensjes te gebruiken. Mijn

Olloclip-smart phonelensjes kunnen niet in combinatie

met mijn beschermhoes worden gebruikt.

Zonder hoes is de telefoon erg glad, wat ik niet

prettig en veilig vind werken. De Pictar is dan

een uitkomst. Dunne hoezen kunnen wel om de

telefoon blijven zitten.

Manual-modus

Wanneer je in een situatie komt met weinig licht

en je de kwaliteit van de foto wilt behouden, is het

slim om een lage ISO-waarde te gebruiken. Deze

kun je aanpassen in de manual-modus. Daarbij

is een langere sluitertijd nodig om de foto goed

belicht te krijgen. Hierbij komt de 1/4 inch-aansluiting

op de Pictar goed van pas, die je nodig

hebt om de Pictar op een statief te zetten. Via een

virtueel wiel, dat je vanuit de rechterkant je beeld

in ‘swipet’, kun je vervolgens de sluitertijd instellen.

Om bewegingsonscherpte te voorkomen, is het

handig om de timer aan te zetten via het settings-menu.

In dit menu kun je ook JPEG naar TIFF

omzetten voor een betere beeldkwaliteit. Is er een

groot lichtcontrast, dan is net zoals bij ‘gewone’

fotografie een ND-verloopfilter nodig. Ik gebruik

daar de NISI-smartphonefilterset voor. Deze past

helaas niet op losse smartphonelensjes, maar

plaats je rechtstreeks op de telefoon. Wil je nog

een lampje gebruiken, dan is dit ook nog mogelijk

door de Cold Shoe-aansluiting die zich boven op

de Pictar bevindt.

Tot slot

De Miggo Pictar One is een leuke, handige gadget

en ziet er stoer uit. Hij heeft mij in ieder geval

in zijn stevige greep. De Miggo Pictar One is te

gebruiken in combinatie met de iPhone 4 t/m 8+

(ook de SE). Enkele topmodellen van Android werken

ook samen met de Pictar. Helaas zijn niet alle

functies in de app gratis, maar deze zijn wel aan te

schaffen voor een relatief klein bedrag.

Bij de eerste keer opstarten en in de app krijg je

een uitgebreide handleiding inclusief filmpjes.

Pictar met kristal. Spelen met lange sluitertijd (0,25s). Gebruik nisi filters is nog steeds mogelijk.

39


#nfhoedan

Toon me je Instagram

en ik zeg wie je bent

Walkman, viewmaster, giroblauw … wéét je nog?! Als het antwoord hierop ‘ja’ is ben je, net als de

schrijver van dit artikel, geboren in de vorige eeuw, toen geld nog niet uit de muur kwam en foto’s

swipen nog sciencefiction was. Je moest nog de deur uit om iets te kopen en met verjaardagen

stuurde je geen PB’tje, maar een kartonnen plaatje.

Roeselien Raimond - www.instagram.com/roeselienraimond

Mailen, googelen, taggen en scrollen waren

termen uit een toekomst die we nooit hadden

kunnen dromen en dat we anno 2019 massaal

uren per week zouden besteden aan een mini-pcvoor-in-je-zak

hadden we al helemaal niet kunnen

verzinnen … toch?

Ik in elk geval niet. Dus toen we met de redactie

aan het brainstormen waren over wie er binnen de

natuurfotografie nu echt een social-media-expert

is en de vingers unaniem naar mij wezen, moest ik

wel even lachen. ‘Ik?!’

Ja, ik vind Instagram fascinerend, ben gek op

Google en heb zelfs een heuse website gemaakt,

maar een beetje millennial rent natuurlijk rondjes

om mij heen. Ik speelde niet met een iPad, maar

klom in bomen en heb niet eens een eigen

YouTube-channel.

Feit is echter wel dat ik het voor natuurfotografenbegrippen

lang niet slecht doe en dat er voor ons

natuurfotografen nog heel wat terrein te winnen

valt. Dus voor eenieder die, net als ik, wel iets heeft

met de wondere wereld van Instagram, deel ik in

dit artikel mijn twee centen.

Tip: Voorkom tijdlijnvervuiling en post alleen foto’s die

binnen jouw strategie passen. Dat je je in het weekend

als goblin verkleedt of taarten bakt is superleuk,

maar dit zijn onderwerpen voor story’s.

Tip: Een manier om het gevoel van eenheid te vergroten,

is om steeds miniseries van drie te posten. Bijvoorbeeld

drie keer hetzelfde onderwerp of drie foto’s

in dezelfde tinten. (zie bijvoorbeeld @macro_vision)

Tip: Ook kun je gebruikmaken van filters of presets om

je foto’s allemaal eenzelfde soort uiterlijk te geven.

Probeer te voorkomen dat het een goedkoop trucje

wordt, dit werkt averechts. (zie bijvoorbeeld @fursty)

40


tutorial BASIC

Sociale media, waarom zou je?

De belangrijkste vraag die je jezelf zou moeten

stellen is: waarom zit ik op social media?

Het mooiste antwoord zou zijn: omdat je het leuk

vindt en graag naar foto’s van anderen kijkt en/

of graag je eigen werk onder de aandacht brengt.

En als het jou voldoende is om je werk te delen

en her en der inspiratie op te doen, moet je dat

vooral lekker blijven doen.

Het kan ook dat je Facebook of Instagram gebruikt

om gelijkgestemden te ontmoeten. Bijna alle

socialemediakanalen hebben opties voor het

uitwisselen van (persoonlijke) berichten, waardoor

je heel laagdrempelig informatie kunt uitwisselen

of iets kunt afspreken.

In dit artikel zal ik me voornamelijk richten op

Instagram, aangezien dit medium bij uitstek geschikt

is voor fotografie en meer dan andere social

media een totaal eigen gebruiksaanwijzing heeft.

Instagram bestaat nog geen tien jaar, maar heeft

inmiddels een miljard (!) geregistreerde gebruikers.

Onnodig te zeggen dat dit mogelijkheden

biedt en ook bedrijven beginnen dat steeds meer

door te krijgen.

We kennen allemaal de successtory’s zoals

Konsta Punkkas, die gratis de hele wereld over

vliegen en een lekker leven kunnen leiden (mede)

dankzij Instagram. Dit is uiteraard slechts voor een

handjevol natuurfotografen weggelegd, maar

desalniettemin kan het zinvol zijn je werk onder

de aandacht te brengen … Misschien wil je foto’s

verkopen, voor aan de muur of in magazines?

Organiseer je workshops of geef je lezingen?

Misschien heb je net een boek uitgebracht of wil

je bezoekers voor je nieuwste expositie …?

Lukraak af en toe wat leuke plaatjes posten, volstaat

dan niet langer. Gezien worden op Instagram

vergt een zekere visie, een strategie.

De strategie

Bedenk allereerst eens wie je doelgroep is. Wil je

vooral waardering van collega-fotografen of wil

je opvallen bij potentiële klanten of sponsors?

Houd deze doelgroep voor ogen bij het bepalen

van je richting.

Zorg voor kwaliteit en uniformiteit

Je Instagram-account is als het ware je etalage.

Is het een rommelige bende, dan lopen mensen

voorbij. Het is dus zaak om te zorgen dat je

foto’s van voldoende kwaliteit zijn, maar ook dat

ze tezamen een geheel vormen. Probeer zoveel

mogelijk eenheid in je foto’s te brengen, door een

consequente nabewerking, onderwerpskeuze

en vorm.

Jouw fotografie als merk: authenticiteit

Je hebt grofweg een miljard concurrenten, hoe

steek je hierbovenuit? Is er een toverformule? Een

trucje? Een gouden regel? Ja en nee.

Nee: Je hebt nooit volledige controle over wat wel

en niet werkt. Het is ook een kwestie van geluk:

right time, right place. Enkele fotografen die helemaal

in de begintijd van Instagram zijn ingestapt,

hebben mee kunnen groeien en hebben nu

accounts van miljoenen volgers. Dat is nu – as we

speak – een heel stuk lastiger te bereiken dan toen.

Ja: Je kunt van je fotografie een sterk merk

maken. Je hebt namelijk een heel krachtige troef

in handen: je persoonlijkheid. Ieder mens heeft

zijn eigen referentiekader, zijn eigen smaak. Hoe

dichter je je fotografie bij jezelf houdt, hoe meer

eigen het wordt. En hoe unieker dus; van die miljoenen

gebruikers is er tenslotte maar één jij! Hoe

voor zich sprekend dit ook mag klinken, dit is het

blijkbaar niet. Kijk maar eens rond op Instagram:

het is één grote eenheidsworst! Probeer eens niet

te kijken naar wat scoort, maar richt je exclusief

op wat jou raakt. Een belangrijk ingrediënt is

dus: authenticiteit.

Hetzelfde geldt voor nabewerken. Houd je van

knallende kleuren of juist van ingetogen? Kies je

voor een rustige, harmonieuze sfeer of voor harde

contrasten? Ga van jezelf uit. Wat maakt jou jou

en hoe vertaal je dit in een soort huisstijl?

Goed verhaal, maar hoe dan?!

Er is een Instagram-toverwoord en dat is engagement,

vrij vertaald als ‘betrokkenheid’. Je wilt dat

mensen je werk zien, waarderen en volgen. Er zijn

enkele belangrijke gereedschappen om engagement

te bewerkstelligen.

Posts

Frequentie

Posts zijn de manier om je werk te delen. Post

regelmatig, want in dit vluchtige tijdperk ben je

snel vergeten. Post echter ook niet te veel.

Richtlijn: zo’n 1-7 keer per week.

Vorm

Vierkant of rechthoekig … dat is een kwestie van

smaak, dus kies een vorm waarbij jouw foto’s het

Tip: Werk vanuit je hart, niet vanuit je hoofd.

Natuurlijk drijft Instagram op copycats en is er het aloude motto

‘beter goed gejat dan slecht verzonnen’, maar scrollen wordt zó

slaapverwekkend! (@insta_repeat)

41


est tot hun recht komen en wees daar consequent

in. Benodigde resolutie: +/- 600-1200 px.

Type foto

Instagram wordt in principe bekeken op een

smartphone – en dus op een relatief klein scherm

– met als nadeel dat details niet veel aandacht

krijgen. Vooral abstracte beelden en landschappen

hebben het dus wat zwaarder op Instagram. Laat

dit je echter niet ontmoedigen. Liever een kleine

trouwe fanbase die jouw bijzondere werk weet te

waarderen dan een massa alles-likers. Zorg er wel

voor dat je boodschap in één oogopslag helder is.

Caption

Naast je mooie foto’s is er nog een middel om te

laten zien dat jij echt meer te bieden hebt en dat

is jouw verhaal. Vermaak je volgers met wat achtergrondinformatie.

Hoe kwam de foto tot stand?

Wat was het idee erachter? Wat ging er mis of juist

heel goed?

Story’s

Story’s zijn verticale plaatjes (16:9) of korte filmpjes,

die 24 uur zichtbaar blijven. Je kunt hierin alles

kwijt dat je niet op je tijdlijn wilt laten zien. Geef

eens een kijkje achter de schermen. Maak een

filmpje van hoe je aan het bungeejumpen bent in

het weekend. Of misschien gewoon hoe je lekker

gaat eten met vrienden.

Het is ook dé plek voor interactie met je volgers.

Zo kun je door middel van een ‘poll’ een mini-

enquête doen om je volgers beter te leren kennen

of je kunt ze de gelegenheid geven jou beter te

leren kennen door hen vragen (Q&A) aan jou te

laten stellen. Je kunt leuke events aankondigen,

wallpapers delen, een foto van een verkochte

print of je nieuwste boek. De mogelijkheden zijn

eindeloos: wees creatief!

Hashtags

Een hashtag is een woord met het #-symbool

ervoor, dat op verschillende social media gebruikt

wordt om de vindbaarheid van een foto te vergoten.

Met de hashtag geef je in woorden aan wat

voor soort beeld het betreft. Op deze manier organiseer

en categoriseer je je foto’s. Logisch gekozen

hashtags helpen je een groter en/of gerichter

publiek te bereiken.

Tip: Hashtags kun je ook inzetten voor een event of

challenge. Zo gebruiken we op @natuurfotografie.nl

#nfnl voor Feature Friday-features en met #nfnl_vliegende_vogels

selecteren we foto’s voor de bijbehorende

Maandags Mooiste-weekchallenge.

De juiste hashtags

Je kunt per foto maximaal dertig hashtags gebruiken,

maar minder mag ook. In ons geval lijkt het

voor de hand liggend om hashtags als #natuurfotografie

of #naturephotography te gebruiken, maar

aangezien deze tags respectievelijk 600.000 en ruim

71 miljoen hits opleveren, is de kans dat jouw foto

komt bovendrijven verwaarloosbaar klein. Beter is

het dus om specifieker te zijn en voor termen te

kiezen horend bij een kleinere niche, zoals #watervogel

of #nfnl. De kans dat je personen bereikt met

interesse in jouw onderwerp maak je zo aanzienlijk

groter. Voor inspiratie kun je eens kijken wat je

concullegae met een gelijke doelgroep doen.

Zorg voor engagement

Eerder had ik het al over ‘engagement’ en op

Instagram is het van belang hoeveel engagement

een post krijgt en hoe snel dit gebeurt. Als je foto

direct al veel engagement krijgt, is dit een teken

voor Instagram dat je post van goede kwaliteit is,

wat de zichtbaarheid weer ten goede komt. Verleid

je publiek dus met mooie foto’s en interessante

story’s om te reageren en te waarderen.

Tip: In de statistieken kun je zien wanneer jouw

publiek het meest actief is en wanneer de kans op

reacties dus het grootst is. Dit kan alleen bij een

zakelijk account.

Tip: Met een zakelijk account kun je story’s bewaren

en ze in zogenaamde ‘highlights’ organiseren.

Tip: Vanaf 10.000 volgers kun je in story’s een link

plaatsen.

Tip: Ga je naar een event of open je een expositie?

Gebruik dan een locatietag en/of teller.

42


tutorial BASIC

Volgers kopen

Op mijn eigen account duurde het bijna vijf jaar

voordat ik 45.000 volgers had en de 20.000 volgers

op @natuurfotografie.nl kostten ons twee jaar.

Zeker in dit laatste geval heb ik het over twee jaar

intensieve aandacht. We plaatsen (vrijwel) elke

dag foto’s en story’s. We organiseren challenges en

featuren foto’s, we delen nieuwtjes en tips.

Voor € 10,00 koop je 1000 volgers. Dus twee jaar

werk … of € 200,00? Waarom moeilijk doen als het

ook makkelijk kan?

Groepen en features

Op Instagram zijn veel fotoaccounts te vinden

die enkel foto’s van andere fotografen ‘featuren’.

Zij posten geen eigen werk, maar pronken met

andermans veren. Je kunt je afvragen waarom

je hieraan zou meewerken. Heel simpel: het is

de manier om gezien te worden, aangezien zij

groter zijn dan jij en dus in feite (gratis) reclame

maken voor jouw foto. Om door een dergelijk

account gefeatured te worden, gebruik je hun

tag (vaak aangegeven in de bio). Ook hier geldt

dat het weliswaar zeer lonend is om door een

miljoenenaccount als @wildlifeplanet gefeatured

te worden en dus te taggen met #wildlifeplanet,

maar dat de kans op succes klein is. Zet dus ook in

op kleinere accounts. Ook al levert het misschien

minder nieuwe volgers op, de kans gefeatured te

worden (en dus de kans op engagement) is hier

vele malen groter.

@ - Apenstaartje

Met dit symbool tag je een persoon of account.

Dit is van belang als je foto’s van anderen plaatst,

zoals we doen op @natuurfotografie.nl. (Let op:

toestemming van de fotograaf is vereist.)

Je kunt het ook gebruiken om iemand te taggen

met wie je was toen je de foto maakte of om

bijvoorbeeld je sponsor erop te attenderen

dat je zijn product post (dit account krijgt

een melding).

Meten is weten: Instagram-statistieken

Onder het mom van meten is weten, is het leerzaam

om eens te kijken naar de effectiviteit van je

hashtags. Instagram heeft naast een standaard account

ook een (gratis) zakelijk account, waar je via

‘Statistieken bekijken’ de statistieken van je posts

kunt bekijken en zo inzicht kunt verwerven in hoe

vaak de foto is bekeken en welk percentage hiervan

nieuwe gebruikers zijn. Als het aantal bij ‘via

hashtags’ heel laag is, kun je wellicht beter andere

hashtags proberen. Is dit aantal heel hoog, dan is

dit een mooie indicatie dat je strategie werkt.

Tip: Tegenwoordig kun je hashtags ook volgen en zo

op de hoogte blijven van wat er gebeurt binnen jouw

interessegebieden.

Gekochte volgers, waarom niet?

• Je betaalt voor een getal. Natuurlijk staat het superstoer,

20.000 volgers, en wellicht opent het

zelfs wat deuren. Maar het zijn fake volgers, die

nooit een print zullen kopen of een workshop

bij je zullen volgen, dus uiteindelijk is het slecht

besteed geld. Investeer liever in een oprechte

relatie met echte volgers.

• Het tast mogelijk je geloofwaardigheid en het

vertrouwen van je volgers aan – belangrijke

zaken op Instagram!

• Je riskeert sancties (zoals een ban of sluiten van

je account) van Instagram, aangezien volgers

kopen in strijd is met de regels.

• Bedrijven hebben vaak middelen om hierdoorheen

te prikken. Als je door de mand valt, kun

je de deal vergeten.

• Je kunt je natuurlijk ook afvragen of je een

account wilt bouwen op leugens …

Conclusie

Sociale media gaan grotendeels over engagement.

Door je betrokken te tonen bij anderen

ontstaan relaties met volgers en eventuele zakelijke

partners. Laat niet alleen zien wat jij doet, maar

toon ook interesse in het werk van anderen. En anders

dan je misschien in deze vluchtige, toch wat

plastic ogende virtuele wereld zou verwachten,

wordt authenticiteit wel degelijk gewaardeerd.

Gebruik die eigenheid om je te onderscheiden en

je foto’s tot jouw persoonlijk merk te maken. Stop

er tijd, moeite en liefde in en maak je account een

weerspiegeling van wie je bent.

Succes en plezier en tot op Insta!

Tip: Beveilig je account met een goed wachtwoord en

tweestapsverificatie. Mijn account is meerdere keren

gehackt en het lukte slechts met moeite het weer

terug te krijgen!

43


#nfhoedan

Eén van de schuwste bezoekers voor de hut met een cameraval gefotografeerd. Canon 7D II met 50mm; 1/125s bij f/1.7; ISO 2000.

Zimanga in Hoenderloo

Dieren van de nacht

Als natuurfotograaf ben ik steeds weer op zoek naar uitdagingen. Of beter nog; ik probeer steeds weer foto’s te maken die beter of

anders zijn dan de vele beelden die ik al ken. En dat daar een flinke uitdaging ligt mag duidelijk zijn. Heel veel is al eens gedaan en heel

regelmatig toch echt beter dan ik ooit zal kunnen. Er ontbreken bij mij een paar eigenschappen die je als natuurfotograaf juist graag

wil bezitten. Ik ben namelijk best eigenzinnig, enthousiast, geduldig, ambitieus, handig, begaafd, creatief, doorzettend, leergierig,

nieuwsgierig, onverschrokken, praktisch, slim, vasthoudend en vindingrijk. Maar helaas helemaal niet technisch. Als het om techniek

gaat lijk ik plotseling het verstand van een kleine garnaal te bezitten. En daar kan je echt heel weinig mee kan ik je vertellen..

Henri van Vliet - www.facebook.com/Dieren-van-de-nacht

44


tutorial NXTLVL

Canon 7D II met 24-105mm @ 24mm; 1/80s bij f/4; ISO 2000.

In een bepaald stadium van mijn fotografische

carrière koos ik er toch voor mijn sceptische

gedachten opzij te schuiven en eens aan de slag

te gaan met flitslicht, triggers en een heuse cameraval.

Ik hield me namelijk al ruim een decennium

lang bezig met het vastleggen van dieren die

hoofdzakelijk ‘s nachts actief zijn. Vreemd genoeg

zag je dat in mijn foto’s echter helemaal niet terug.

De dassen, vossen en zwijnen werden door mij

meestal tijdens de schemeruurtjes vastgelegd.

Doorgaans deed ik juist mijn best ze zo helder en

detailrijk mogelijk te portretteren. Ofwel met het

diafragma van een lichtsterke telelens helemaal

open op f/2.8 en de ISO flink opgeschroefd.

Op een gegeven moment kwam het besef dat

fotograferen niets anders is dan verhalen vertellen.

Dat ik meer bewust bezig moest zijn met mijn

fotografie. Ik besloot daarom mezelf steeds weer

een spiegel voor te houden en vragen te stellen

die er voor moesten zorgen dat mijn foto’s naar

een hoger niveau getild zouden worden. Wat zie

ik? Wat wil ik laten zien? Hoe kan ik dit vertalen

naar een aansprekend beeld? Welk verhaal wil ik

vertellen?

Bij dieren met een ‘nocturnale’ (nachtactief ) of

‘crepusculaire’ (actief tijdens de schemering) levenswijze

is het daarom misschien wel zo logisch

deze daadwerkelijk ’s nachts te fotograferen.

Sterker nog, uit schuwheid verschuift de activiteit

van steeds meer dieren naar de nacht. Het hert,

het wilde zwijn en de vos hebben het wel gezien

met al die drukte overdag: ze trekken zich terug

in de nacht. Wetenschappers bevestigen dat

zoogdieren over de hele aardbol in gebieden met

veel menselijke activiteit vaker ’s nachts actief en

zodoende steeds meer nachtdier worden. Dat

deze verschuiving niet altijd nadelig is voor het

dier bewijst één van de succesvolste spinnen van

ons land: de brugspin. Deze spint zijn web tegenwoordig

’s nachts bij kunstlicht. Zo kan hij veel

beter vliegjes vangen. Een strategie die meteen

bewijst dat de ‘vlucht’ naar de nacht soms juist

goed uitpakt.

Om betere foto’s van mijn gekozen onderwerp

te maken moest ik dus ook uitwijken naar de

nacht, maar laat dat nu net het etmaal zijn dat ik

45


nen stond, kreeg ik versie 1.0 toegestuurd. Deze

tupperware-editie is ongelooflijk simpel, maar

bleek meer duurzaam dan het ontwerp zou doen

vermoeden. Tot op de dag van vandaag heeft hij

me nog geen enkele keer in de steek gelaten.

Een tijdlang probeerde ik met deze sensor en

enkele draadloos aangestuurde flitsers te doen wat

sommige fotografen voor mij al hadden gedaan.

Maar het viel mij enorm tegen. Zo hielden de batterijen

van mijn flitsers het maar een halve nacht vol.

’s Ochtends werd ik steeds weer teleurgesteld wanneer

ik het geheugenkaartje nagenoeg leeg aantrof.

De foto’s die wel gemaakt waren, waren dan ook

eens niet heel fraai, veelal doordat de belichting erg

hard en ongecontroleerd op het onderwerp viel.

Ook had ik sterk het vermoeden dat zelfs het flitsen

op laag vermogen de dieren zodanig de stuipen op

het lijf joeg, dat ze meteen de zorgvuldig gekozen

setting verlieten. Ik moest concluderen dat deze

manier niet mijn manier van fotograferen was.

Maar een wijs man zei ooit eens: Good things

happen when you don’t give up. Terug naar de

tekenkamer dus. Mijn nieuwe plan van aanpak

was misschien iets minder conventioneel en zeker

meer tijdrovend, maar ik had goede hoop dat deze

succesvol zou zijn.

Door één van de ledlampen een flink stuk voor de setting te plaatsen, en deze richting de fotograaf te schijnen ontstaat tegenlicht. Wanneer hier

een vos tussen gaat staan ontstaat een spannend beeld met een mooi gouden randje. Canon 7D II met 50mm; 1/320s; ISO 1600.

doorgaans onder de lakens doorbreng. Die zeven

uurtjes rust zijn heilig voor mij. Het zelf op het

juiste moment op de ontspanknop drukken zou

dus lastig worden. Een cameraval biedt dan uitkomst.

Cameravallen zijn niets nieuws en worden

al tientallen jaren gebruikt door professionele

natuurfotografen. In feite zijn enkele van de meest

beroemde natuurfoto’s van National Geographic

met behulp van cameravallen gemaakt. Cameravallen

zijn bij uitstek geschikt voor diersoorten

die moeilijk te vinden zijn of anderszins op hun

hoede zijn voor mensen. Ze worden gebruikt om

sneeuwluipaarden, tijgers en vele andere soorten

over de hele wereld te fotograferen. Bij verantwoord

gebruik, kunnen ze een geweldig hulpmiddel

zijn om fotografen te helpen bij het maken

van schitterende foto’s van dieren in het wild die

anders vrijwel onmogelijk te maken zouden zijn.

Tijdens de winter van 2016 kocht ik bij Camtraptions

UK een Wireless PIR Motion Sensor; een

draadloze bewegingssensor. Deze is vergelijkbaar

met de sensor die iedereen wel kent van

een automatisch aanspringende buitenlamp.

Omdat dit bedrijfje van Will Burrard-Lucas (zie ook

interview) toen nog een beetje in de kinderschoe-

Ik woon in Hoenderloo, aan de rand van landgoed

Deelerwoud. Het bestuur van dit unieke landgoed

wil dit zoveel mogelijk onveranderd in stand

houden. Daarbij staat het belang van natuur en

landschap voorop en krijgt het wild dat hier leeft

de rust die het nodig heeft om haar natuurlijke gedrag

te vertonen. Landgoed Deelerwoud is al ruim

anderhalve eeuw onafgebroken afgesloten voor

het publiek, waardoor het een rustige enclave

vormt midden op de volle en drukke Veluwe.

Mijn achtertuin is een bloemenveldje. Aan de

rand hiervan ligt al vele jaren een klein schuilhutje.

Voor deze hut ligt een ondiepe waterbak

met daaromheen een mooie setting. Overdag

bezoeken allerlei vogels deze plek, die zich vanuit

de schuilhut prachtig laten fotograferen. Dankzij

de (puur registrerende) beelden van de aanwezige

wildcamera wist ik precies wat er ook na zonsondergang

allemaal voor de hut gebeurde. Iedere

keer weer bleek dat een verrassing. De dieren

komen naar de hut voor het altijd aanwezige water.

Bovendien worden ze gelokt met geur en valt

er altijd wel wat fruit, mais of iets lekkers voor ze te

vinden. Doorgaans komen ze tot aan de vijverrand.

Deze bevindt zich slechts vijf meter voor de hut!

Gedurende de avond en nacht maak ik kans op

46


tutorial NXTLVL

Doordat je ogen wennen aan de duisternis om je heen zal het schermpje van je camera veel helderder lijken dan je gewend bent. Je bent daardoor misschien geneigd wat te donker te fotograferen. Het is daarom goed je

histogram regelmatig te controleren. Canon 7D II met 105mm; 1/320s bij f/1.8; ISO 1250.

De beelden die de wildcamera maakt zijn zwart/wit en ruizig,

maar laten prachtig zien wie er zoal gedurende de nacht de setting

bezoeken. Deze plek had wat dat betreft veel potentieel te hebben.

een bezoekje van wild zwijn, das, vos, vleermuis,

bruine rat, bosmuis of boommarter. Deze soorten

laten zich uiteraard niet altijd allemaal zien, maar

ze komen alle wel heel regelmatig voorbij.

In het nieuwe plan schakelde ik om naar

continu-licht. Geen gehannes meer met slecht

gehoorzamende flitsers voor mij. De flitsers hing ik

aan de spreekwoordelijke wilgen, maar uiteraard

blijft voldoende licht wel een vereiste voor nachtfotografie.

Ik toog naar de bouwmarkt, op zoek

naar flood-en spotlights. Die vond ik in de vorm

van twee 10 watt en een 20 watt breedstralers.

Met een winkelwagen vol ledlampen, snoeren en

haspels verliet ik met herwonnen vertrouwen in

dit project de winkel.

Omdat de dieren die zich ‘s nachts voor de hut

laten zien ongelooflijk schuw zijn, was het zaak

hun vertrouwen te winnen door ze vooral heel

langzaam aan het licht te laten wennen. Ik begon

dus met één lampje, midden in de wei, ver van de

hut. Wanneer de wildcamera liet zien dat de dieren

hieraan gewend waren en ze geen verandering in

hun gedrag vertoonden, mocht de lichtbron een

stapje dichterbij. Ik laat de lamp 24/7 branden,

47


Bij het gebruik van de cameraval stel ik van te voren scherp op de plek waar ik het dier verwacht. Door

de heel beperkte scherpte/diepte moet dit heel nauwkeurig gebeuren. Vaak gebruik ik hier de pot

pindakaas voor die altijd aanwezig is. Canon 7D II met 50mm; 1/100s; ISO 1600.

Een volmaakt spiegelbeeld. Canon 7D II met 50mm; 1/125s; ISO 2000.

omdat ik gemerkt heb dat het aanspringen van

een lamp juist verstoring brengt. Elke dag mocht

het lampje iets dichterbij en daardoor kwam er

steeds meer licht op de set. De dieren bleven komen

en negeerden het licht totaal. Je begrijpt dat

dit voor mij een overwinning was. Ik kon nu het

licht helemaal naar m’n hand zetten. Van verschillende

kanten schijnt er nu prachtig licht richting

de vijverrand. Door meerdere lichtbronnen te

combineren krijg je zachter licht zonder harde

slagschaduwen. Door de plaatsing zal het dier en

z’n reflectie in het water altijd erg fotogeniek zijn.

In eerste instantie gebruikte ik uitsluitend een

cameraval, waarbij de bewegingssensor op de vijverrand

gericht stond. Later offerde ik steeds vaker

een paar uur van mijn gekoesterde nachtrust op

en ging ik stilletjes in de schuilhut zitten. Je moet

dan lange tijd muisstil kunnen zijn Elk gefluisterd

woordje, elk zuchtje, kraakje, klikje, boertje, ritseltje,

snuifje, tikje, bonkje of hikje kan het dier verstoren.

Zelfs het ratelen van een camera. Ik maak daarom

gebruik van de stille modus. (Ja ik weet het, er

bestaan tegenwoordig steeds meer stille camera’s.

En ja ik sta open voor sponsorschap).

Ik draag kleding die geen ‘lawaai’ maakt wanneer

ik me voorzichtig beweeg. Fleece is wat dat betreft

aan te raden. De kleding moet bovendien lekker

warm zijn. Het kan behoorlijk afkoelen gedurende

de avond en nacht. Ook mogen deze kleding

en ikzelf absoluut geen geur dragen. Zoals je

waarschijnlijk wel weet hebben veel dieren een

erg goede neus en word je door wasmiddel,

deodorant of parfum meteen verraden. Ik douche

daarom die dag ’s ochtends en houd op de avond

zelfs rekening met wat ik eet en drink.

Ondanks alle moeite en tijd die ik in de voorbereiding

heb gestoken, krijg ik nog altijd geen

garanties. Elke nacht is anders. Wel geniet ik gegarandeerd

van de geuren, de rust en de geluiden.

Kortom, de spanning van de nacht. Het is een

onvergetelijke belevenis wanneer je na een tijdje

plotseling oog in oog staat met één van eerder

genoemde bosbewoners. Via www.facebook.

com/Dieren-van-de-nacht houd ik je graag op de

hoogte van wat er allemaal gebeurt.

Tips voor mijn hut

• Bruikbaar zijn 50, 85 of 100 mm, uiteraard wel zo

lichtsterk mogelijk.

• Alle voorbeeldfoto’s zijn gemaakt met de analoge

Pentax Asahi 50mm f/1.7 Pentax Asahi 85mm f/1.8,

of de SIGMA 105mm f/1.4 in combinatie met een

Canon 7D II (crop-) camera. De ISO bedraagt meestal

1600, de sluitertijd was vaak minder dan 1/500 sec.

met een onderbelichting van bijna 3 stops.

• Je kunt met een rijstzak prima uit de voeten.

Er zijn eventueel enkele rijstzakken aanwezig.

• Eventueel kan deze setting op voorhand enigszins

veranderd worden, maar liefst verander ik zo

weinig mogelijk om vreemde geuren en daardoor

verontrusting bij de dieren te voorkomen.

48


tutorial NXTLVL

Gedurende de nacht laat de vos zich meerdere keren goed zien. Door twee opnames van dit dier naderhand in Adobe Photoshop samen te voegen ontstaat een mooi beeld. Canon 7D II met 50mm; 1/40s; ISO 1600.

Zwijnen voor de hut is natuurlijk prachtig, maar je weet ook dat zij al het lokvoer weg eten en de zorgvuldig aangelegde setting totaal vernielen. Elk mosje, elke varen moet blijkbaar worden omgekeerd.

Canon 7D II met 105mm; 1/1250s bij f/1.6; ISO 1600.

49


#nfhoedan

Landscape Pro 3

VERBETER HET LANDSCHAP

Landscape Pro 3 is een softwarepakket dat artificiële intelligentie gebruikt om landschapsfoto’s te

verbeteren. Dankzij slimme selecties moet het kinderspel worden om de lucht te vervangen, bomen

en struiken meer kleur te geven en waterpartijen beter te laten uitkomen. Werkt het ook echt?

Erik Derycke

Eerst en vooral: wie vindt dat een foto alleen mag

registreren wat de fotograaf op het moment van

de opname zelf zag, kan rustig dit artikel overslaan.

Dat bespaart je ergernis en een verhoogde bloeddruk.

Want Landscape Pro 3 is net bedoeld om

van elk matig plaatje een indrukwekkend beeld

te maken. Daarbij mogen alle remmen los: een

nieuwe lucht inplakken, schuiven met kleuren en

contrast, lichteffect en lensflare invoegen. En dat

doet Landscape Pro erg goed.

Landscape Pro wordt gemaakt door het Britse

softwarebedrijf Anthropics. Zoals ook Adobe

en Skylum gebruikt Anthropics steeds meer

artificiële intelligentie (AI) om te helpen bij de

beeldbewerking. In Landscape Pro 3 wordt AI

ingezet om elementen in een foto te herkennen

en automatisch selecties te maken. De AI zorgt

er ook voor dat aanpassingen op overtuigende

wijze toegepast worden.

Ik ging aan de slag met de Studio Max-versie van

Landscape Pro 3 en behandel stap voor stap hoe

dit programma werkt.

50


tutorial DIGITALE KAMER

Stap 1: Onderdelen identificeren

en maskeren

Onderdelen herkennen

Nadat je je opname geopend hebt, is de eerste

en zeer belangrijke stap om de verschillende

elementen in het beeld te identificeren. Daarvoor

sleep je het toepasselijke ‘label’ naar een plek

in het beeld. Er zijn negentien labels, van ‘Sky’,

‘Water’ en ‘Mountain’ tot minder natuurlijke als

‘Building’, ‘Bridge’ en ‘Object’. Je kunt onbeperkt

labels aanbrengen.

Ben je klaar met labels toevoegen, dan zal de AI

het beeld analyseren en automatisch aparte selecties

maken voor elk gekozen label. Bij eenvoudige

beelden lukt dat vrij aardig, maar bij de meeste

beelden die ik gebruikte voor deze test was er

toch wat manueel werk nodig om de selectie te

verfijnen. Het is belangrijk dat je dit nauwkeurig

doet, want hoe betrouwbaarder de selectie, hoe

beter het resultaat.

Selectie verfijnen

Landscape Pro bevat verschillende gereedschappen

om de selectie te verfijnen. De makkelijkste is

‘Pull’: hiermee sleep je vanuit de selectie naar het

gebied waarmee je de selectie wilt uitbreiden.

Voor nauwkeuriger werk is er een slim penseel

(Smart Brush) met verstelbare straal waarmee

je over gelijkaardige gebieden schildert. De

doezelaar (Feather) helpt om de overgang tussen

selecties te vervagen. Met ‘Expansion’ breid je de

selectie met één pixel uit, wat handig kan zijn om

opvallende randen tussen selecties te vermijden.

Plaats zoveel labels als nodig op de verschillende elementen. Landscape Pro 3 bevat negentien labels.

Bomen en objecten

Er zijn ook aparte gereedschappen om bomen en

voorwerpen te selecteren die met de lucht als achtergrond

gefotografeerd zijn. Deze gereedschappen

maken een goede scheiding tussen de lucht

enerzijds en de boom en het voorwerp (zoals een

brug of elektriciteitsmast) anderzijds. Wanneer je

later de lucht vervangt, zal deze tussen de takken

of openingen zichtbaar blijven. Dit gereedschap

werkt verbluffend goed.

Water en reflecties

Speciale aandacht verdienen wateroppervlakken

waarin de lucht en een deel van het landschap

weerspiegeld worden. Deze dien je apart te

selecteren. Gebruik eerst het label ‘Sky Reflection’

voor het gebied waarin de lucht weerspiegeld

wordt. Vervolgens label je het gebied waarin het

landschap weerspiegeld wordt als ‘Water’. Breid

beide selecties uit tot elk van de twee delen goed

aangeduid is. Gebruik daarna het selectiegereedschap

‘Reflection Edge’ om de grens tussen deze

gebieden te vervagen. Het is priegelwerk, maar als

je het niet nauwkeurig doet, lijkt de weerspiegeling

in het eindresultaat nergens op. Ben je klaar,

klik dan op ‘Continue’ om verder te gaan. Als je dat

nog niet gedaan had, dien je nog aan te duiden

waar de horizon in het beeld loopt. Dat kan door

de lijn die de horizon voorstelt op de juiste plaats

in het beeld te leggen.

Met deze gereedschappen verfijn je de selectie. Het is makkelijk om takken en bladeren te maskeren. Je kunt een onderscheid maken tussen reflecties van de omgeving

en van de lucht.

51


Stap 2: Foto’s aanpassen

Verwarrende interface

Na al dat selectiewerk ben je eindelijk klaar om

de beelden te verbeteren. In de linkerkolom,

naast je foto, staan alle mogelijke tools om de

foto te bewerken. Klik op de tools om te verkennen

wat ze doen. De meeste tools bestaan

uit twee onderdelen: een luikje ‘Presets’, dat een

kant-en-klare voorinstelling toepast op het beeld

of op een selectie; en een luikje ‘Sliders’, waarmee

je bepaalde aspecten apart kunt aanpassen. Bij

de Presets kun je via een schuifregelaar de dekking

van het effect aanpassen. Bij de Sliders heb

je zelf onder controle wat er aangepast wordt en

in welke mate.

Helemaal bovenaan (alleen in de Studio Max-versie)

staat een histogram dat de verdeling van de

helderheidswaarden toont. Dit is louter informatief;

je kunt hier geen aanpassingen doen.

Globale aanpassingen

De tweede tool heet ‘Global Presets’ en is het best te

vergelijken met Instagramfilters. Ze worden toegepast

op het hele beeld en negeren daarbij alle selecties

die je maakte. Ze zijn erg dramatisch of artistiek

en ik vind ze doorgaans niet echt geschikt. Deze tool

bevat geen sliders om het effect aan te passen.

Ook ‘Whole Picture’ bevat een aantal filters die je

op het hele beeld toepast, maar hier vind je wel

een hele lijst Sliders om je foto aan te passen,

zoals helderheid (Exposure, Fill Light, Blacks), kleur

(Vibrance, Saturation, Colorfulness) en witbalans.

Nog meer filters om het hele beeld te wijzigen

staan onder ‘B&W, Vignette’. Zoals de naam al aangeeft,

is hier een aantal zwart-wit- en sepia-filters

te vinden, evenals een paar voorinstellingen voor

artificiële donkere hoeken (vignettering).

Als ik niet zo positief klink over deze globale

aanpassingen, is dat omdat ze eigenlijk geen

meerwaarde hebben tegenover tools die je in

Lightroom en Photoshop vindt of tegenover

andere software zoals Nik Color Efex of Luminar.

Dat geldt gelukkig wél voor de tools waarmee je

alleen een selectie aanpast.

Een ander luchtje

Laten we beginnen met het meest indrukwekkende

gereedschap: de Sky-tool om de lucht te

veranderen. Je kunt hier kiezen uit een collectie

stockfoto’s met tientallen verschillende luchten,

met diverse wolkentypes, zonsondergangen en

zonsopgangen, dramatische wolkenpartijen en

grauwe mistgordijnen, tot en met sterrenhemels

en het noorderlicht. In de linkerkolom staat al een

kleine voorvertoning van de beschikbare luchten

toegepast op jouw foto, zodat je kunt inschatten

of het geloofwaardig overkomt. Klik op de voorvertoning

om de lucht in jouw foto te vervangen.

En het moet gezegd: als je selecties in stap 1

goed gebeurd zijn en de lucht die je plaatst bij de

opname past, is het resultaat zeer overtuigend.

Via het Sliders-gereedschap kun je de lucht nog

verder bewerken. Je kunt hier ook een eigen foto

van een lucht plaatsen, als jouw fotografentrots

het niet toestaat om een van de stockbeelden in

Landscape Pro te gebruiken.

Bewerkingen: de tools zijn nogal verwarrend geordend.

Sommige aanpassingen worden op het hele beeld uitgevoerd.

Een lucht vervangen is kinderspel.

52


tutorial DIGITALE KAMER

Water, bomen, gebouwen

Op dezelfde manier kun je de selecties met het

label ‘Water’, ‘Sky Reflection’, ‘Tree’ en ‘Building’

aanpassen. Kies een van de beschikbare presets

en verfijn die naar wens met de Sliders. Wil je dat

de heide wat meer purper kleurt of dat het water

in een meer wat dieper blauw toont? Kies de

juiste preset en klaar. In de selectie ‘Sky Reflection’

kun je contrast en helderheid, kleur en scherpte

aanpassen van water waarin de hemel weerspiegeld

wordt. Een minpunt: als er bomen in het

water weerspiegeld worden, werkt de selectietool

niet zo nauwkeurig als bij bomen tegen de lucht.

Hierbij zie je de nieuwe lucht tussen de takken;

bij de reflectie is dat niet het geval. Er zou dus ook

een selectietool ‘Tree & Water’ moeten zijn.

Overigens: merk je tijdens het bewerken dat

de selectie niet helemaal goed zit, dan kun

je deze nog aanpassen met het gereedschap

‘Add & Edit Areas’.

Schilderen met licht

Nog een slim hulpmiddel in het arsenaal van

Landscape Pro is het Lighting-penseel. Dit

gebruik je om bepaalde stukken van een foto

helderder of donkerder te maken. Het mooie

aan dit penseel is dat het de structuren in je foto

herkent en deze gebruikt om een 3D-effect te

creëren. Hierdoor lijkt de aanpassing in helderheid

erg natuurlijk. Je kunt ook de richting van

de lichtbron aanpassen, zodat het licht lijkt te

komen vanuit de richting waar de zon in de

nieuwe hemel staat.

Conclusie

Puristen zullen ervan gruwen, maar Landscape Pro

maakt het erg makkelijk om een landschapsfoto

totaal te veranderen met een andere lucht, andere

kleuren in vegetatie en andere kleuren in water.

Het voelt soms meer aan als schilderen dan als fotograferen.

Voor een programma dat vol artificiële

intelligentie zit, blijft het wel erg afhankelijk van

menselijke intelligentie om zorgvuldige selecties

te maken. Ook de overlap tussen sommige

gereedschappen stoorde me.

Wie het programma wil uitproberen, vindt op de

website een gratis proefversie. De standaardversie

kost € 39,95 en kan alleen jpeg- en tiff-bestanden

lezen. De Studio-versie (€ 69,95) opent ook

raw-bestanden en werkt als plug-in voor Photoshop

en Lightroom. De dure Studio Max-versie

(€ 139,95) bevat een batch-modus om meerdere

beelden op dezelfde manier te bewerken en toont

een histogram.

www.landscapepro.pics

Ook andere elementen zijn individueel te bewerken.

Je kunt schilderen met licht, zoals ik deed op deze rots.

53


Voordeel voor

abonnees

Als abonnee van Natuurfotografie profiteer je van heel veel voordeel. Jaar in jaar uit. Wij selecteren

partners die relevant zijn voor natuurfotografen en voegen regelmatig nieuwe partners toe. Op onze

website staat vermeld hoe je in aanmerking komt voor de kortingen. Maak een account aan op

www.natuurfotografie.nl en ga naar: www.natuurfotografie.nl/mijn-kortingen.

€ 5,- korting op deelname

aan de Groene Camera

€ 10,- korting

op Luminar

€ 20,- korting

bij Photofacts Academy

Gratis PiXpas Basic

t.w.v. €24,95

10% premiekorting of

50% korting op eigen risico bij

DSV Apparatuurverzekering

20% korting

bij CHIPCLEAN

20% korting op alle

fotoproducten van CEWE

10% korting bij

Amazing Nature Scandinavia

€15,- korting op huur fotohut

van Glenn Vermeersch

10% korting*

bij Vivara

10% korting

bij Cameratools

€5,- korting* op een workshop

van Natuurfotoworkshop

Winacties: onder abonnees

verloten we regelmatig tickets

voor evenementen

€5,- korting op een ticket voor

PiXPERIENCE

Profiteer van heel veel voordeel bij Natuurfotografie Magazine

* Bij de meeste partners zijn voorwaarden van toepassing. Op www.natuurfotografie.nl/abonneevoordeel lees je deze voorwaarden

56


Wil jij een publicatie in ons volgende nummer?

Photo Challenge

Mijn foto

HOTSPOT

Doe mee

en win!

In ieder nummer organiseren we een

Photo Challenge. Ga met de tips in het

magazine lekker buiten aan de slag

en verras ons met je mooiste beelden.

Daarbij maak je kans op mooie prijzen! Zo

heeft de hoofdprijs een waarde van meer

dan 300 euro.

Bekijk de prijswinnaars van afgelopen wedstrijd

op pagina 84-86.

Stuur jouw

‘mijn foto’ in

In ‘Mijn foto’ zijn we op zoek naar jouw verhaal

achter de foto. We draaien het dus een

beetje om: het verhaal is nu eens belangrijker

dan het beeld. Heb je iets bijzonders

meegemaakt bij het fotograferen, is het na

lang zwoegen eindelijk gelukt, of juist niet?

Deel je ervaringen met ons en win een

publicatie in Natuurfotografie Magazine.

Zie pagina 85

Deel en win

een praktijkboek

Wat is jouw favoriete fotoplekje? En waarom?

Deel dit met ons en win niet alleen

een publicatie in het magazine, maar ook

een praktijkboek naar keuze. Bij Fotospot

zijn we echt op zoek naar een specifieke

plek, dus niet een heel gebied. Beschrijf

in 50 woorden de plek en waarom die zo

geweldig is.

Zie pagina 87

Ga voor meer informatie, de aanleverspecificaties en de werkwijze naar www.natuurfotografie.nl/lezersrubrieken

Zeevogels fotograferen

Unieke kans om zeevogels van dichtbij te fotograferen

LEZERSAANBIEDING

Op zaterdag 14 september en zaterdag 12 oktober 2019 organiseren we twee zeevogelfotografie

workshops. Met speciaal gecharterde schepen varen we een hele dag op de Noordzee met vertrek

vanuit Lauwersoog (14/9) en Scheveningen (12/10). Als lezer van Natuurfotografie Magazine

ontvang je € 20,- korting. We vullen het schip tot maximaal 60% van de capaciteit, zodat je

altijd en overal voldoende ruimte hebt om te fotograferen. De workshop wordt begeleid door

Arno ten Hoeve en Daan Schoonhoven, de vormgever en uitgever van dit magazine.

Met de kortingscode NFMzv2-19 ontvang je € 20,- korting en betaal je slechts € 99,-

voor een complete dag op een exclusief gecharterd schip.

Foto: Martijn Bot

Ga naar www.natuurfotoworkshop.nl/vogelfotografie en kijk in het aanbod aan de rechterzijde

57


de RUGZAK van

Heb je je nooit afgevraagd wat collega-fotografen allemaal meezeulen in die rugzak? Nooit de neiging hoeven onderdrukken éven te spieken welke onmisbare gadgets men zoal achter

die rits verbergt? In andermans tas gluren is onbeleefd, maar wij doen het hier toch. Met toestemming uiteraard. Verwonder je over de verborgen geheimen van collega-fotografen.

De RUGZAK van:

Chris

Ik ben Chris Stenger uit Huissen. Mijn hele werkzame leven heb ik voor Shell gewerkt als onderzoeker en nu ben ik gepensioneerd.

Ik fotografeer vrijwel uitsluitend buiten Nederland en omdat ik fotografisch nogal een ‘alleseter’ ben, loop ik altijd met grote

hoeveelheden apparatuur te zeulen. Dit artikel is dan ook een vreemde eend in de bijt met rugzakverhalen, want ik gebruik geen

rugzak. Sterker nog: ik vind een rugzak eigenlijk totaal ongeschikt voor het vervoer van fotoapparatuur.

Chris Stenger - www.stenger.nl

Waarom geen rugzak?

Ik fotografeer vaak in gebieden buiten Europa waar de omstandigheden minder ideaal zijn

voor het gebruik van een rugzak. Zo verandert een paar weken rondtrekken in een hete

woestijn een rugzak in één groot stofnest. Ook is je apparatuur zo lastig te beschermen

tegen diefstal. En dan dat eindeloze gehannes om bij je apparatuur te komen! Ik weet nog

dat ik in het verleden soms – moe van een lange wandeling – een foto maar niet maakte

vanwege al dat gedoe.

Wat dan wel?

Maar al die fotoapparatuur moet natuurlijk wel mee. Op reis gebruik ik daarom een grote

Pelicase, die net voldoet aan de formaateisen voor handbagage. Zo’n Pelicase is water- en

stofdicht en alles is goed beschermd.

7 6

4 3

Met een Pelicase de natuur in?

Tsja, zul je zeggen, dat is allemaal mooi en aardig, zo’n Pelicase, maar daar ga je echt niet

mee op stap in de natuur. Dat klopt uiteraard en ik heb dan ook altijd een schoudertas en

een heuptasje bij me voor als ik ga wandelen. Afhankelijk van wat ik verwacht, maak ik dan

een keuze en de apparatuur die ik niet meesjouw blijft in de afgesloten Pelicase in de auto

of in het hotel. In de natuur gebruik ik meestal een schoudertas met daarin een body met

drie of vier lenzen en wat randapparatuur. Een stevig carbon statief draag ik los. In de stad

wil ik wat minder opvallen. Dan draag ik meestal een handzame Micro Four Thirds Panasonic-camera

met twee zoomlenzen in een klein heuptasje.

5

8

2

9

10

1

Opmerkelijke items

Ik gebruik hangsloten om de koffer af te sluiten en kabels om deze vast te maken aan een

autostoel of de centrale verwarming op een hotelkamer. Een ‘professionele’ dief met gereedschap

zal je er niet mee tegenhouden, maar de gelegenheidsinsluiper krijgt zo weinig

kans. Zo heb ik een diefstal weten te voorkomen in Calama in het noorden van Chili. We

waren wat gaan eten in een restaurant. Toen we terugkwamen bleek de auto opengebroken

en was een rugzakje van mijn echtgenote gestolen. Mijn twee afgesloten en vastgemaakte

Pelicases lagen nog onaangeroerd in de auto. Jammer van het rugzakje, maar het

had veel erger kunnen zijn!

Wat ontbreekt?

Mijn fotoapparatuur is wat mij betreft compleet. Een lange telelens ontbreekt meestal. Ik

heb een 500 mm-objectief, maar dat gaat uitsluitend mee als ik naar een gebied reis om

dieren te fotograferen. Dit objectief is te groot en te zwaar om in of naast een Pelicase mee

te nemen als handbagage en gaat dus in een eigen case samen mee als ruimbagage. De

meeste fotografen gruwelen bij het idee om dure apparatuur zo mee te nemen, maar veel

keus is er niet en ik heb er nooit negatieve ervaringen mee gehad. Afkloppen dus maar!

1

2

3-5

6

7

8

9

10

11

12

13

11

12

13

Canon 5Ds R met 100-400 mm-objectief

Extra camerabody Canon

Canon tilt-shiftobjectieven van 17, 24 en 90 mm

Canon 24-70 mm-objectief

Canon 8-15 mm-fisheyeobjectief: vooral voor 360 gradenpanorama’s

Kabel met hangsloten om diefstal te voorkomen tijdens reizen

Audiorecorder: om live geluid op te nemen voor video

Panasonic M4/3-camera: past in heuptasje, straatfotografie en video

Universele auto-batterijlader: voor verschillende batterijen

Draadontspanner

Schoonmaakspullen

58


de RUGZAK van

Tilt-shiftobjectieven

Quebrada de las Conchas. Foto: Chris Stenger. Canon 5DIII met TS-E17mm; 1/30s bij f/11; ISO 100.

In mijn arsenaal aan lenzen neemt een drietal tilt-shiftobjectieven van

17 mm, 24 mm en 90 mm een prominente plaats in. Ik gebruik deze

objectieven op mijn full frame Canon-camera’s vooral bij het fotograferen

van landschappen (meer hierover in mijn artikel op natuurfotografie.nl).

Met de tiltfunctie kun je spelen met de scherpteverdeling over het beeld

en met de shiftfunctie kun je het perspectief van de opname in de hand

houden. De shiftfunctie geeft ook de mogelijkheid om snel en eenvoudig

panorama’s van hoge kwaliteit te maken. Voor een horizontaal panorama

wordt de lens naar links geschoven om de linkerhelft van het panorama op

te nemen en daarna schuif je de lens naar rechts om de rechterhelft op te

nemen. Beide helften worden vervolgens softwarematig samengevoegd.

Een verticaal panorama maak je op vergelijkbare wijze door de lens naar

onderen en naar boven te schuiven.

Bovenstaande foto is zo’n panorama, gemaakt door twee liggende

opnames met een 17 mm TS-objectief samen te voegen in verticale

richting. De foto toont de voorgrond bijna vanaf het statief tot aan de

lucht vrijwel boven mijn hoofd. Omdat de camera niet gekanteld hoeft

te worden om zowel grote delen van voorgrond als lucht weer te geven,

wordt de rode rotspartij in het centrum correct weergegeven. De rotsen

lijken niet naar voren of naar achteren te vallen!

Door twee liggende opnames in horizontale richting samen te voegen,

krijg je een gebruikelijker ‘liggend’ panorama.

Mogen wij in jouw rugzak kijken?

Kijk op www.natuurfotografie.nl/lezersrubrieken

59


THEMA

LICHT

Fotograferen is schrijven met lichter. Sterker nog, zonder licht geen foto.

Het ene licht is echter het andere niet. Sommige lichtvormen zie je niet

met het blote oog, maar kan de camera prima vasleggen, in kleur of in

zwart-wit. Kortom, over licht kun je boeken volschrijven.

Lekker verder lezen over licht? We verzamelden

tien artikelen op onze website voor je:

www.natuurfotografie.nl/alles-over-licht

60


thema LICHT

Tegenlicht bij macro. De klaproos lijkt zelf licht te geven. Foto: Bob Luijks; Fuji GFX 50S met 250mm; 1/320s bij f/4; ISO 400.

61


Schrijven met licht

Damhert in tegenlicht. Foto: Roeselien Raimond.

Fotograferen betekent letterlijk schrijven met licht. Toch bestaat er in de natuurfotografie

niet zoiets als hét licht. Dat maakt natuurfotografie juist zo lekker veelzijdig, maar soms ook

wat complex. We duiken eens in de wereld van het licht.

Bob Luijks - www.natuurportret.nl

Het moment van de dag

Ochtendstond heeft goud in de mond, iets dat

zeker geldt voor de natuurfotografie. Jij wordt

toch ook gelukkig van die gouden gloed die

het landschap net even dat extraatje geeft? Wie

’s ochtends maar moeilijk uit zijn of haar bed

komt, kan natuurlijk ook ’s avonds op pad gaan.

Hoewel het licht dan beschikt over gelijkaardige

kwaliteiten is het beslist niet helemaal hetzelfde.

Gedurende de nacht koelt het flink af en neemt de

luchtvochtigheid toe. Naarmate de hoeveelheid

vocht toeneemt, veranderen de kleuren steeds

meer in zachte pasteltinten. Overdag droogt de

lucht op, maar groeit het aandeel stof, grotendeels

veroorzaakt door onszelf. Dit zorgt ’s avonds juist

voor rodere, warmere tinten.

Bij licht denk je aan zonnige momenten overdag.

Toch loont het om ook eens gebruik te maken

van het licht ruim na zonsondergang of ruim voor

zonsopkomst. Ongeveer een half uur na zonsondergang/voor

zonsopkomst krijg je de meest verzadigde

tinten. Daarna (of bij zonsopkomst: daarvoor)

weet rood licht nog nauwelijks door te dringen,

waardoor alles een mysterieuze blauwe sfeer krijgt.

Probeer dit niet te corrigeren met de witbalans,

maar maak er juist dankbaar gebruik van (zie ook

nummer 29 van Natuurfoto Magazine).

Hard en zacht licht

Het moment van de foto-opname én het weer

bepalen hoe krachtig het licht schijnt. Wanneer

de zon ’s ochtends en ’s avonds laag aan de hemel

staat, legt het licht een langere weg door onze atmosfeer

af. Daardoor tempert het licht en worden

contrasten tussen door de zon verlichte delen en

de schaduw minder groot. We spreken dan van

‘zacht licht’.

Staat de zon echter hoog aan de hemel, dan is de

weg door de atmosfeer maar kort en krijgen we

te maken met grote contrasten. Toch is daarmee

niet alles gezegd. De hoeveelheid vocht en wolken

bepaalt in grote mate de aantrekkelijkheid van het

licht. Onder droge, wolkeloze omstandigheden

dringt het zonlicht het krachtigst door. Niet voor

niets dat je onder dergelijke omstandigheden in de

zomer snel verbrandt. Voor de natuurfotograaf zijn

dit minder fraaie omstandigheden met zogenaamd

‘hard licht’. Ook de kleuren lijden onder dit weertype.

Naast de zon heb je de blauwe lucht namelijk

als tweede lichtbron, waardoor alles een fletse,

blauwige waas krijgt. Zijn er daarentegen wat wolken,

dan werken deze op drie manieren in je voordeel.

Allereerst gebeurt er iets in dat grote blauwe

vlak, waardoor dit vanuit zichzelf fotogeniek wordt.

De aanwezige wolken temperen het zonlicht, maar

weerkaatsen ook weer een deel van het licht, nu wit

of grijs in plaats van blauw, waardoor de aanwezige

kleuren een vriendelijker karakter krijgen.

Lichtrichting

Niet alleen het moment van de dag heeft een

grote invloed op de sfeer van het licht in een foto,

ook de lichtrichting speelt een grote rol. Misschien

zelfs wel een hoofdrol!

62


thema LICHT

Licht mee (frontaal licht of meelicht)

Het zonlicht komt van achter de fotograaf.

Hierdoor wordt het landschap voor de fotograaf

mooi egaal aangelicht en ontbreken grote

contrasten. Je camera zal weinig moeite hebben

hiervan een goed belichte foto te maken. Sterker

nog, in dergelijke situaties heb je vaak niet

eens verloopfilters nodig. Bij een laagstaande

zon kleurt het landschap of je onderwerp fraai

door het gouden licht. Door het ontbreken van

contrasten resulteert dit licht echter al snel in een

vlakke foto zonder dieptebeleving. Bij een laagstaande

zon moet je daarnaast oppassen voor je

eigen schaduwen.

Licht van opzij (zijlicht)

De zon staat nu links of rechts van de fotograaf.

Je onderwerp of de elementen in het landschap

hebben nu een zonverlichte en een schaduwkant.

Door deze contrasten ontstaat een groot gevoel

voor diepte. Het contrast kan voor uitdagingen

zorgen wat betreft een correcte belichting; filters

kunnen je daarbij behulpzaam zijn. Wanneer de

zon ook nog eens laag staat, spreken we van

strijklicht. Ieder beetje reliëf of textuur valt daardoor

prachtig op.

Tegenlicht

Van alle lichtrichting is tegenlicht misschien wel

de mooiste, maar tevens de lastigste. De grootste

uitdaging zit in de grote contrasten, waardoor

het voor de camera lastig is de juiste belichting

te bepalen. Belicht handmatig of gebruik de

spotmeting. Ook dan kan het contrast voor één

enkele foto te groot zijn. Maak dan een belichtingstrapje

van bijvoorbeeld drie foto’s (zoals

Hard middaglicht met hoge contrasten leent zich prima voor zwart-wit fotografie. Foto: Bob Luijks.

-1 stop, 0 en +1 stop) en voeg deze naderhand

softwarematig samen.

Tegenlicht vergroot ook de kans op lensflares of

andere artefacten. Houd de zon zelf buiten beeld

of verstop deze (grotendeels) achter bijvoorbeeld

een boom en gebruik een zonnekap wanneer de

zon daadwerkelijk net buiten beeld staat. Krijg je

toch nog flares in beeld, maak dan minimaal twee

foto’s, waarbij je in één foto je hand voor de zon

houdt. Dit ziet er inderdaad stom uit, maar het is

buitengewoon effectief. Naderhand voeg je de

opnames samen tot een flarevrij eindresultaat. (Zie

onderstaande 4 foto’s)

Vooral bij laagstaand zonlicht is tegenlicht prachtig.

Bladeren en bloemen vangen het licht en lijken zo

zelf wel licht te geven. Dat geldt ook voor dauwdruppels

in de ochtend die als duizenden lampjes

je foto’s omtoveren tot een sprookje. Bij harige dieren

krijg je bij tegenlicht een gouden randje rond je

onderwerp (zie de foto hiernaast van het damhert).

Al deze voordelen zie je vooral wanneer de achtergrond

mooi donker is. Houd je belichting goed

in de gaten; vaak moet je in dergelijke situaties

onderbelichten. Is er sprake van mist, dan ontstaan

een ware kleurexplosie en prachtige lichteffecten.

Overdag is tegenlicht minder goed bruikbaar, omdat

de contrasten dan vaak weer te groot zijn.

Tegenlicht geeft soms storende lensflares. Hierboven onder het tussenkopje “Tegenlicht”wordt een trucje uitgelegd. Een hand voor de lens doet wonderen. Foto’s: Bob Luijks.

63


Grutto met licht van opzij. Foto: Bob Luijks.

De schoonheid van gedempt licht in een bos. Foto: Bob Luijks.

Diffuus licht

Met een artikel over licht zou je haast vergeten dat

de zon niet altijd schijnt, of althans niet door de

wolken heen weet te komen. De wolken fungeren

als één grote softbox die het licht mooi over het

gehele landschap spreidt. Daardoor zijn er geen

of nauwelijks schaduwen aanwezig en krijgt alles

een zachte, vriendelijke sfeer. Het ontbreken van

grote contrasten is ideaal voor macrofotografie of

voor locaties waar zonlicht doorgaans zorgt voor

onwerkbare contrasten, zoals het bos. Tegelijkertijd

zorgt dit licht – vanwege het ontbreken van

contrasten – voor weinig dieptebeleving. Een foto

kan daardoor vlak lijken.

De juiste belichting

Elders in dit themablok schreven we een apart

artikel over het belichten van een foto. Bedenk

dat er niet zoiets bestaat als dé juiste belichting.

Wil je de waarheid nauwkeurig overbrengen

of juist de nadruk leggen op het licht of je

persoonlijke gevoel? Belicht eens een flink stuk

onder of over. Houd daarbij de zijkanten van het

histogram in de gaten of vlieg juist bewust (!) uit

de bocht.

Licht trekt de aandacht

Ons oog is gevoelig voor kleuren en licht. Kijk

maar eens rond in een willekeurige ruimte. Waar

gaat je aandacht meteen naartoe? Grote kans dat

dit meteen richting de zon of een lamp is. Met

licht in een foto kun je de aandacht heel gericht

naar je onderwerp leiden. Bij macrofotografie gaat

dit het gemakkelijkst. Door je ietsje te verplaatsen,

ben je altijd wel in staat om je onderwerp in

het lichte deel van de foto te krijgen. Bij andere

onderwerpen of fotografische disciplines zul je iets

meer geduld moeten hebben. Andersom werkt

het natuurlijk ook zo: een grote lichtvlek op de verkeerde

plek trekt alle aandacht van je onderwerp

weg … Denk maar eens aan een egaal getinte

lucht boven een fraaie bosrand. Moet die lucht er

wel echt op?

Zelf de rol van licht ervaren?

Leuk, een achtergrondartikel over de rol van licht,

maar hoe ervaar je die nu zelf maximaal?

• Kies een gemakkelijk bereikbare plek uit dicht bij jou in

de buurt en maak bijvoorbeeld ieder uur exact dezelfde

foto. Begin een half uur voor zonsopkomst en ga door

tot een half uur erna. Richt je camera recht richting het

noorden, zodat je geen last hebt van het tegenlicht.

Ervaar hoe de kleur van het licht verandert, maar ook

de lichtrichting.

• Ga op zoek naar een vrijstaande boom of een ander

element waar je vrij omheen kunt lopen. Dat kan voor macrofotografen

dus ook een enkele bloem zijn. Maak vanuit

alle hoeken, ofwel onder verschillende lichtrichtingen een

foto en bekijk wat het licht met je onderwerp doet.

Tegenlicht leidt onder vochtige omstandigheden tot fraaie lichteffecten. Foto: Bob Luijks.

64


thema LICHT

06:39u; 120s

06:56u; 30s

07:11u; 4s

06:56u; 0.5s

07:42u; 1/6s

08:27u; 1/40s

08:56u; 1/80s

10:13u; 1/160s

11:11u; 1/60s

11:56u; 1/40s

12:41u; 1/25s

13:26u; 1/15s

14:26u; 1/10s

15:26u; 1/8s

16:26u; 1/8s

17:56u; 1/10s

18:11u; 1/10s

19:11u; 1/13s

20:11u; 1/13s

21:11u; 1/13s

21:56u; 1/13s

22:41u; 1/10s

23:11u; 1/5s

23:26u; 1/4s

23:41u; 0,5s

23:57u; 1,3s

00:11u; 5s

00:42u; 120s

Zie wat het licht doet: 18 uur foto’s maken van 1 onderwerp. Alle foto’s zijn gemaakt met Fuji GFX 50S met 250mm; f/22; ISO 200. Alleen de sluitertijd varieert. Foto’s: Bob Luijks.

65


Het zone-systeem van

Ansel Adams in de digitale wereld

Iedere landschapsfotograaf kent Ansel Adams, of zou deze toch eigenlijk moeten kennen. De beroemde

Amerikaan is vooral bekend van zijn inspirerende zwart-witfoto’s van het Yosemite National Park. De foto

‘Moonrise, Hernandez, New Mexico’ uit 1941 is waarschijnlijk zijn bekendste foto. Een van de redenen

waarom Adams als groot inspirator gezien wordt, is vanwege zijn beroemde zone-systeem. Met dit

systeem beheerste Adams het contrast in zijn foto’s perfect, om zo het maximale uit een zwart-witfoto te

halen. Adams’ basisregel was: “Expose for the shadows; develop for the highlights.”

Nando Harmsen – www.nandoonline.com

Ansel Adams, ‘The Tetons and the Snake River’ (1942), © U.S. The National Archives and Records Administration.

66


thema LICHT

Funningsfjørður en de Faeröer-eilanden met de zones in de foto weergegeven. Foto: Nando Harmsen.

Het zone-systeem

Zone 0

Zone I

Zone II

Zone III

Zone IV

Zone V

Zone VI

Zone VII

Zone VIII

Zone IX

Zone X

maximaal haalbaar zwart van het afdrukmateriaal

bijna zwart, geen structuur

net onderscheidbare structuur

schaduw met structuur

gemiddeld donker, schaduwpartijen

middengrijs, 18% grijskaart

blanke huid in zonlicht

licht met structuur

laatste sporen van structuur

wit zonder structuur

lichtbron, maximaal wit van het afdrukmateriaal

-3 -2 -1 0 +1 +2 +3

De indeling van het zone-systeem met de beschrijvingen.

Het zone-systeem uitgelegd

Het zone-systeem van Adams verdeelt de foto in

elf zones: negen grijstinten, met daarnaast puur

zwart en puur wit. Daarbij wordt ervan uitgegaan

dat de twee laatstgenoemde in een foto niet of

nauwelijks bruikbaar zijn, zodat er in totaal negen

grijswaarden overblijven. Adams, die uiteraard

met zwart-wit negatief-film werkte, zorgde

ervoor dat de belichting op de donkere delen

in de foto ingesteld was, zodat deze nooit puur

zwart werden. Vervolgens kon hij in zijn donkere

kamer bij het belichten van zijn fotopapier de

lichte en donkere delen van de foto zo manipuleren

dat de grijswaarden van de foto overeenkwamen

met zijn zonesysteem.

Door bij het belichten van de negatief-film

rekening te houden met de donkere delen, was

Adams in staat om maximaal gebruik te maken

van het dynamische bereik van de film. Tijdens zijn

ontwikkelproces kon hij de lichte delen naar wens

tegenhouden om zo zijn gewenste contrast in de

foto te verkrijgen.

67


Het zone-systeem en digitale fotografie

Deze methode van belichten is helaas niet te

gebruiken voor de digitale fotografie. Als je daarbij

gaat belichten op de donkere delen in de foto, dan

bestaat de kans dat de lichte delen overbelicht zijn,

ook wel ‘uitgebeten wit’ genoemd. Dit is op geen

enkele manier te corrigeren in je nabewerking.

Dit is ook hét grote verschil met negatief-film,

waarbij uitgebeten wit niet of nauwelijks voorkomt.

Daarentegen zal dichtgelopen zwart, dus extreme

onderbelichting, bij negatief-film niet te corrigeren

zijn, terwijl bij digitale fotografie dit tot op zekere

hoogte wel mogelijk is. De basisregel van Adams

die ten grondslag ligt aan het zone-systeem, werkt

dus niet voor digitale fotografie.

Betekent dit dat het volledige zone-systeem niet

voor de digitale fotografie bruikbaar is? Geenszins,

alleen moet het hierbij in een licht aangepaste vorm.

In plaats van het belichten op de donkere delen en

ontwikkelen op de lichte delen, moet de digitale fotograaf

belichten op de lichte delen en ontwikkelen

(nabewerken) op de donkere delen. Het is een kleine,

maar essentiële aanpassing van de basisregel.

Belichten op de donkere delen en ontwikkelen op de lichte delen,

werkt niet bij digitale fotografie. Als het histogram voorbij de

rechterkant wil, zijn de hoge lichten niet meer te redden.

Wonen in de Auvergne: een perfecte plek voor unieke zwart-witbeelden.

Belichten op de lichte delen en ontwikkelen op de donkere

delen is dé manier voor het zone-systeem in de digitale wereld.

Foto: Nando Harmsen.

Exposure to the Right

Vertalen we Adams’ uitgangspunt naar de moderne

manier van het instellen van de belichting,

het belichten op de lichte delen, dan komt deze

aangepaste basisregel overeen met ‘Exposure

to the Right’, afgekort EttR. Exposure to the

Right betekent niets meer dan de belichting zo

instellen dat het histogram zoveel mogelijk aan

de rechterkant zit, zonder dat de foto overbelichting

(uitgebeten wit) vertoont. Het idee achter

deze methode is dat je zoveel mogelijk donkere

toonwaarden kunt vastleggen.

Exposure to the Right, in termen van het zonesysteem

‘belichten op de lichte delen’, geeft een

Wanneer het zone-systeem in de digitale fotografie wordt

toegepast, probeer dan altijd het histogram zoveel mogelijk naar

rechts te plaatsen, beter bekend als ‘Exposure to the Right’. Deze foto

op het scherm kan zeker anderhalve stop lichter.

Een screenshot uit Lightroom, met de belangrijkste sliders om met het zone-systeem aan de slag te gaan. Lokale aanpassingen zoals

doordrukken of tegenhouden zijn de andere tools.

68


thema LICHT

fotobestand dat over het algemeen niet direct

uit de camera bruikbaar is; een nabewerking is

noodzakelijk om de juiste grijswaarden in de foto

terug te brengen. Gebruik van het RAW-formaat

is daarin belangrijk, om zo maximaal gebruik te

kunnen maken van het dynamisch bereik van de

camera. In de nabewerking kun je dan zonder

problemen uitgaan van de negen grijswaarden

van het zone-systeem. Hiermee is het mogelijk om

het contrast in de foto optimaal in te stellen.

Het zone-systeem en kleur

Het zone-systeem zoals bedacht door Ansel

Adams is in principe gemaakt voor zwart-wit, maar

het kan ook uitstekend gebruikt worden in kleurenfoto’s.

Heb je echter moeite met het herkennen

van de helderheden van een foto in kleur, dan kun

je overwegen om de foto tijdelijk om te zetten in

zwart-wit. In Lightroom is dit een druk op de knop,

en in Photoshop kan dit via een ‘adjustment layer’,

die vervolgens verwijderd kan worden.

Programma’s zoals Lightroom maken het bijzonder

makkelijk om het contrast van de foto te optimaliseren.

Via sliders kunnen hoge lichten, schaduwen,

zwartpunt en witpunt zeer nauwkeurig ingesteld

worden. Eventueel zijn lokale aanpassingen

mogelijk, een digitale variant van doordrukken en

tegenhouden, waarmee we in feite de donkere

kamer van Ansel Adams betreden en onze

zwart-witfoto’s de look and feel van zijn beroemde

beelden kunnen geven.

De bewerking van de EttR-versie van de foto die op het camerascherm staat. In de bewerkte versie staan de zones (bij benadering)

weergegeven. Een tijdelijke zwart-witweergave kan helpen om de zones in een kleurenfoto te herkennen, indien nodig.

Het strand van Saksun, Faeröer-eilanden. Probeer de verschillende zones in deze foto aan te wijzen. Foto: Nando Harmsen.

69


Infraroodfotografie

Leg het onzichtbare licht vast

De rol van het licht in de fotografie is bij iedereen wel bekend. In de natuurfotografie is de kwaliteit van

het licht misschien wel het belangrijkste element in een foto. Hard licht, zacht licht. Warm licht, koud

licht. Direct licht, strijklicht. Allemaal variaties die de doorgewinterde fotograaf zal herkennen. Voor

veel fotografen is het telkens weer de jacht naar het mooiste licht. Er zijn echter ook nog wat bijzondere

lichtvarianten die minder breed bekend zijn, niet in de laatste plaats omdat we ze zelf niet kunnen zien.

Eén daarvan is infrarood licht. Met dit licht kun je heel bijzondere, vaak dromerige beelden maken.

Vaans Ruijten - www.fotograaf-venlo.eu

70


thema LICHT

Wij mensen kunnen alleen het zogenaamde

zichtbare licht waarnemen (what’s in a name). Als

je het spectrum van het licht bekijkt, dan zie je dat

er buiten de golflengtes van het zichtbare licht nog

meer te beleven is: ultraviolet en infrarood licht. In

tegenstelling tot het menselijk oog kan sommige

apparatuur, zoals de sensor van een digitale camera,

deze golflengtes wel ‘waarnemen’. De sensor van

een digitale camera heeft een veel breder bereik

dan het zichtbare licht. De fabrikanten van camera’s

plaatsen daarom altijd een filter voor de sensor

dat ervoor zorgt dat het infrarode en ultraviolette

licht wordt geblokkeerd. Dit kan anders storende

effecten in een ‘normale’ foto opleveren.

Wat is er anders dan bij

normale fotografie?

Als we fotograferen, registreren we de reflectie

van het zichtbare licht. Hierbij is het oppervlak

waar het licht op valt, bepalend voor welke

kleur we zien. Een blauwe fiets zien wij als

blauw omdat alle golflengtes uit het zichtbare

Buiten de golflengtes van het voor de mens zichtbare licht is nog veel meer te belven.

71


licht worden geabsorbeerd, behalve blauw.

Alleen de betreffende golflengtes die bij de

blauwe kleur horen, worden weerkaatst.

Enkele van de meest karakteristieke onderwerpen

voor infraroodfotografie zijn bomen, struiken

en grassen. Kortom: alles dat bladgroen bevat.

Deze onderwerpen reflecteren uit het zichtbare

spectrum met name de groene en gele delen en

daarnaast reflecteren ze veel licht uit het infrarode

deel van het spectrum. Dat zien wij mensen

normaal gesproken niet, maar als we een camera

bezitten die met name het deel boven de 650

nm registreert, dan kunnen we dit wel zichtbaar

maken in een foto. Bladgroen weerkaatst veel

licht en veel licht betekent – net als bij normale

fotografie – dat het onderwerp lichter wordt, tot

zelfs bijna helemaal wit. Het resultaat is dus dat

bomen en planten wit worden. De lucht boven

ons weerkaatst veel blauw licht en relatief weinig

infrarood licht. Daarom zie je in infraroodfoto’s

vaak heel donkere luchten.

beter blokkeren. Zet je een filter voor de camera

dat al het ‘normale’ licht blokkeert, maar infrarood

licht doorlaat, dan blijft er maar heel weinig licht

over, simpelweg omdat de camera zelf alsnog dat

infrarode licht blokkeert. Hiermee belanden we

dan ook meteen bij het nadeel van het werken

met een infraroodfilter: de sluitertijden worden

er lang van (vaak een halve minuut of langer). Je

moet dus altijd op statief werken, waarbij bewegende

onderwerpen lastig zijn. Aan de andere

kant is het werken met een dergelijk filter een

goedkope oplossing.

Tip: soms kun je nog wel eens een mazzeltje hebben

met een oudere digitale camera die je bijvoorbeeld

speciaal daarvoor tweedehands aanschaft. Op internet

zijn wel overzichten te vinden van camera’s die er

enigszins geschikt voor zijn. Dit kan een relatief goedkope

oplossing zijn als je met een voorzetfilter werkt.

De tweede mogelijkheid, en verreweg de beste

optie, is het aanpassen van de camera. Hierbij

wordt het filter dat net voor de sensor zit

(low-pass-filter) vervangen door een ander filter.

Hoe maak je een infraroodfoto?

Als we uitgaan van een digitale camera (infraroodfotografie

kun je namelijk ook nog met filmrolletjes

doen) dan heb je twee mogelijkheden: een

infraroodfilter voor de lens gebruiken of de camera

laten aanpassen.

Helaas zijn de mogelijkheden van een infraroodfilter

meestal beperkt. Dit komt doordat camerafabrikanten

het ongewenste infrarode licht steeds

72


thema LICHT

Boven: Een infraroodopname direct uit de camera: de kleuren zijn

anders en het contrast is laag. Rechts: Het gecorrigeerde beeld.

Afhankelijk van het filter dat wordt teruggeplaatst,

blokkeert dit bepaalde golflengtes. Ook is het mogelijk

dat het filter helemaal niets meer blokkeert.

De camera registreert dan alles vanaf ultraviolet

tot en met infrarood. In de praktijk betekent dit dat

je dan met een voorzetfilter voor de lens bepaalt

wat je die dag wil vastleggen. Vandaag infrarood,

morgen ultraviolet en overmorgen het normale

zichtbare licht.

De meeste fotografen kiezen er echter voor om

een filter in de camera te plaatsen dat licht doorlaat

vanaf een bepaalde golflengte (bijvoorbeeld vanaf

630 nm). Vaak laat men een oudere, afgedankte

DSLR aanpassen die toch alleen maar stof liep te

verzamelen. Na zo’n aanpassing heb je een camera

waarmee je normaal kunt fotograferen, althans met

normale sluitertijden. Dat is wel zo handig.

De rode markeringen op de lens geven – per brandpuntsafstand –

aan wat de afwijking in scherpstelling is.

Er is nog wel een addertje onder het gras bij

ombouwen van een DSLR: de autofocus krijgt een

afwijking. De autofocus is normaal gesproken afgestemd

op het zichtbare licht. Wil je met autofocus

blijven werken (wat natuurlijk wel zo handig is),

dan zul je dat aan een gespecialiseerde ombouwer

moeten overlaten. Die kan de autofocus aanpassen

zodat deze rekening houdt met deze afwijking.

Het alternatief is de autofocus niet gebruiken en

handmatig corrigeren. Sommige objectieven hebben

hiervoor een speciale infrarood-markering.

Wanneer ga je met infrarood aan de slag?

Het mooie van het werken met infraroodfoto’s

is dat het een goede aanvulling vormt op de

normale fotografie. Je doet het namelijk op andere

tijdstippen. Daar waar je met de ‘normale’ camera

het liefst aan de randen van de dag fotografeert

(vanwege het mooie licht), kun je met een infraroodcamera

beter aan de slag op de slechtere momenten.

Midden op de dag, in de volle zon, krijg je

namelijk de meest contrastrijke infraroodbeelden.

Hoe meer zonlicht, hoe beter! De meeste infraroodbeelden

in dit artikel zijn dan ook in de zomer

gemaakt, op het midden van de dag, wanneer de

andere camera uitrustte in de fototas.

Nabewerking

Bij infraroodfotografie moet je altijd nabewerken.

Werk je met filters, dan zal het beeld rechtstreeks

uit de camera een enorm rode kleurzweem

hebben. Heb je een omgebouwde camera, dan

zijn de onbewerkte beelden voornamelijk bruinrood

met een laag contrast (je hebt bij infrarood

zelden problemen met het dynamisch bereik).

Bij een infraroodfoto wil je vaak dat het bladgroen

kleurneutraal wordt. Het is daarom handig om

voor het fotograferen een testopname te maken

met alleen bladeren of gras en daar de witbalans

handmatig op in te stellen, dit werkt beter dan in

de nabewerking. In de nabewerking doorloop je

doorgaans de volgende stappen:

• In de RAW-bewerking pas je de standaard

zaken aan als belichting, scherpte, uitsnede

et cetera.

• Open de foto vervolgens in Photoshop en

dupliceer hem.

• Zet de duplicaat-laag in overvloeimodus

Bedekken. Hierdoor wordt het contrast flink

opgepept. Indien nodig pas je de dekking van

deze laag aan.

• De derde laag is een aanpassingslaag: Kanaalmixer.

Met deze laag kun je de kanalen rood

en blauw omwisselen (in het rode kanaal zet

je rood op 0 en blauw op +100, in het blauwe

kanaal het omgekeerde). Het gevolg is dat je

weer een mooie blauwe lucht krijgt.

• De vierde laag is weer een aanpassingslaag:

Selectieve kleur. Hiermee ga je heel nauwkeurig

kleurzwemen te lijf. Deze kunnen nog wel eens

ontstaan als het wit in de bomen of planten

niet 100% kleurneutraal was.

73


Juist gebruik maken van licht geeft drama aan een foto. Foto: Arno ten Hoeve. Olympus E-M1X met 100-400mm @ 213mm (effectief: 426mm); 1/1250s bij f/8; ISO 200.

Lichtmeting in de praktijk

Een digitale camera bevat een lichtmeter die ervoor zorgt dat foto’s correct belicht worden.

Hoe gaat dat in zijn werk, en hoe krijg je de beste resultaten?

Erik Derycke

Laten we beginnen bij het begin: fotograferen

is het blootstellen van een lichtgevoelige film

(analoge fotografie) of een lichtgevoelige sensor

(digitale fotografie) aan licht. Alle respect voor de

enkeling die vandaag de dag nog met film werkt,

maar om het overzichtelijk te houden hebben

we het in de rest van dit artikel voornamelijk over

digitale fotografie. Het blootstellen van de sensor

aan licht heet dus belichten.

Hoe werkt belichten?

Als fotograaf gebruiken we drie parameters om

de belichting te beïnvloeden. De sluitertijd regelt

de duur van de belichting. Het diafragma regelt

de grootte van de lensopening, en daardoor

de hoeveel licht de lens doorlaat. Sluitertijd

en diafragma zijn aan elkaar gelinkt. Als we de

sluitertijd met twee stops verhogen, bijvoorbeeld

van 1/125 naar 1/500 seconde, en het diafrag-

ma met twee stops vergroten, van f/5.6 naar

f/2.8, blijft de hoeveelheid licht die de sensor

bereikt hetzelfde.

De derde parameter, de lichtgevoeligheid

(ISO-waarde), bepaalt hoe de sensor op licht

reageert. Door de ISO-waarde met twee stops

te verhogen (van ISO 100 naar ISO 400) kunnen

we de sluitertijd met twee stops korter maken

74


thema LICHT

of het diafragma met twee stops verkleinen

om toch hetzelfde resultaat te krijgen. Strikt

genomen verandert de lichtgevoeligheid niets

aan de belichting: de totale hoeveelheid licht die

de sensor bereikt verandert niet. Maar als we de

ISO-waarde verhogen, volstaat een kleinere hoeveelheid

licht om een identiek belichte opname

te krijgen. Daarom worden sluitertijd, diafragma

en lichtgevoeligheid samen de drie zijden van de

‘belichtingsdriehoek’ genoemd.

Licht meten

Om te weten welke combinatie van sluitertijd,

diafragma en lichtgevoeligheid nodig is voor een

correct belichte opname, gebruik je een lichtmeter.

Dat is zoals de naam al zegt een instrument

om de hoeveelheid licht te meten. Een fotografische

lichtmeter vertaalt het resultaat van die

meting naar de waarden voor sluitertijd, diafragma

en/of ISO-waarde die je nodig hebt om een

correct belichte foto te maken.

Er bestaan externe lichtmeters (daarover verder

in dit artikel meer), maar sinds jaar en dag bevatten

camera’s ook een ingebouwde lichtmeter.

Die meet het licht dat door het onderwerp in

de richting van de camera weerkaatst wordt. De

lichtmeter berekent daaruit de belichting die

nodig is om een foto van dat onderwerp correct

te belichten.

In digitale spiegelreflexcamera’s is de lichtmeter

een apart onderdeel: de lichtmeetsensor. Deze zit

meestal ingebouwd in het zoekerhuis. Systeemcamera’s

en compactcamera’s gebruiken de

beeldsensor zelf als lichtmeter.

De wereld is grijs

In dit artikel kwam al een paar keer een ‘correcte’

belichting aan bod. Hoe kan een lichtmeter

nu weten welke belichting nodig is om een

Doorsnede van een spiegelreflexcamera. De lichtmeetsensor bevindt zich in het zoekerhuis, onder de flitsschoen.

goede foto te maken, als hij alleen de hoeveelheid

door een onderwerp weerkaatst licht

meet? Lichtmeters gebruiken daarvoor een

eenvoudig trucje.

De ervaring van anderhalve eeuw fotografie

heeft geleerd dat de gemiddelde helderheid van

een fotografisch onderwerp overeenkomt met

middengrijs. Dat lijkt niet echt aannemelijk, want

hoeveel middengrijze voorwerpen komen in de

natuur voor? Het gaat de lichtmeter echter niet

om de kleur van het onderwerp, maar om de

hoeveelheid licht die het reflecteert. Daar gaat die

stelregel verrassend goed op.

Niet overtuigd? Je kunt het zelf controleren in

Photoshop. Open een doorsnee foto, bijvoorbeeld

een landschap met een mooie blauwe

lucht. Zet de afbeelding om in grijswaarden

(Afbeelding > Modus > Grijswaarden) om de

kleurinformatie te verwijderen; het gaat ons hier

om helderheid, niet om kleur. Gebruik nu Filter

> Vervagen > Gemiddelde om de gemiddelde

helderheid van alle pixels in de foto te berekenen.

Die komt heel vaak overeen met middengrijs.

Dat is dus de truc die de lichtmeter gebruikt:

de instellingen voor de belichting die worden

berekend, kloppen voor een onderwerp dat

overeenkomt met middengrijs.

Zet een foto om naar grijswaarden en bereken de gemiddelde helderheid: zeer vaak komt die overeen met middengrijs.

75


De sneeuw in deze scène reflecteert meer licht dan een

middengrijs onderwerp. Omdat de lichtmeter afgesteld staat

op middengrijs, zou hij normaal de belichting zo instellen dat

de sneeuw grijs wordt (foto boven). Door positieve belichtingscompensatie

in te stellen, zorgde ik ervoor dat de sneeuw als

wit werd weergegeven (foto rechts).

De wereld is zwart en wit

Het mag duidelijk zijn dat er heel wat onderwerpen

zijn die niet beantwoorden aan de vuistregel.

Een sneeuwlandschap reflecteert veel meer licht

dan een middengrijs onderwerp, een nachtelijke

scène veel minder. In zo’n situatie zal een klassieke

lichtmeter de plank vaak misslaan. In het geval van

het sneeuwlandschap zal de foto onderbelicht

zijn, omdat de lichtmeter ervan uitgaat dat de

scène overeenkomt met middengrijs. De nachtopname

zal dan weer overbelicht zijn.

In zo’n geval kun je het resultaat van de lichtmeting

bijsturen door belichtingscompensatie in te

stellen. Daarmee geef je aan dat de scène afwijkt

van de middengrijsregel en dat de lichtmeter

daarmee rekening dient te houden. Voor een

sneeuwlandschap stel je bijvoorbeeld één of twee

stops positieve belichtingscompensatie in. De

camera zal dan gaan overbelichten (de sluitertijd

wordt langer) tegenover de referentiewaarde

middengrijs. Gevolg: de sneeuw op de foto wordt

weer stralend wit.

Slimme lichtmeters

In sommige handboeken over fotografie eindigt

het verhaal hier. Een lichtmeter is afgesteld op

middengrijs, en als de scène daarvan afwijkt, moet

je compenseren. In werkelijkheid is het verhaal

niet zo eenvoudig. De technologie staat niet

stil, lichtmeters zijn veel intelligenter geworden.

Moderne lichtmeetsensoren, zoals Canons iFCL

Metering of Nikons 3D Color Matrix Metering,

herkennen bijvoorbeeld ook kleuren en vormen,

en houden rekening met de afstand tot het onderwerp

waarop je scherpstelt. Zo kan een camera

bijvoorbeeld een gezicht in een scène herkennen,

en de belichting zo instellen dat het gezicht

correct belicht op de foto staat.

Lichtmeetmethoden

Via je cameramenu kun je verschillende manieren

kiezen om het licht te meten. De terminologie

verschilt afhankelijk van het merk, maar de basistypes

zijn vergelijkbaar. De standaardmethode is

evaluatieve, integraal- of matrixmeting. Hierbij kijkt

de lichtmeter naar het hele beeld. De lichtmeter

verdeelt het beeld in tientallen of honderden

vakjes en meet voor elk vakje apart de helderheid.

Deze metingen worden dan vergeleken met een

databank in het geheugen van de camera om na

te gaan wat voor een scène het zou kunnen zijn.

De lichtmeter past de belichting aan voor het type

scène. In sommige camera’s herkent dit type lichtmeting

sneeuwlandschappen, en zal de belichting

automatisch corrigeren. Je hoeft dan zelf geen

belichtingscompensatie meer in te stellen.

Andere lichtmeetmethoden kijken niet naar het

hele beeld maar naar een deel ervan. Een voorbeeld

is centrumgerichte meting, waarbij het

hele beeld gemeten wordt maar het centrum van

het beeld zwaarder doorweegt bij de berekening.

Deze methode kun je bijvoorbeeld gebruiken om

een persoon of dier te fotograferen bij tegenlicht.

De gedeeltelijke of partieelmeting meet het licht

in een klein deel in het midden van het beeld; de

rest van het beeld wordt niet in de berekening

betrokken. Deze methode is bruikbaar als je

een klein onderwerp goed wil belichten en het

76


thema LICHT

niet erg vindt dat de rest van het beeld onderof

overbelicht is. Tot slot is er nog de spot- of

puntmeting, waarbij je het licht maar op een zeer

klein stukje in het midden van het beeld meet.

Zo kun je exact de juiste belichting bepalen

voor een specifiek punt in de scène. Als dat punt

echter niet beantwoordt aan de middengrijsregel,

krijg je met spotmeting snel een over- of

onderbelicht beeld.

Welke meetmethode je het best kunt gebruiken, is

persoonlijk. Zelf gebruik ik in 95% van de gevallen

de matrixmeting, al dan niet met belichtingscompensatie.

Maar ik ken evengoed fotografen die

zweren bij spotmeting. Bedenk dat de camera

bij iedere methode steeds uit blijft gaan van het

eerdergenoemde middengrijs en dat eventuele

belichtingscorrecties nodig blijven.

Lichtmeten en opnamestand

Je weet nu wat de lichtmeter in de camera doet

en welke methodes er zijn om licht te meten.

Maar wat gebeurt er nu met de resultaten van

de lichtmeting? Dat hangt af van de gekozen

opnamestand. In de volautomatische opnamestand

of programmastand zal de camera zelf

een sluitertijd en een diafragmawaarde instellen

die nodig is om een goed belichte opname

van de scène te maken. Als de camera op

Auto ISO ingesteld is, zal ook de lichtgevoeligheid

ingesteld worden.

In sluitertijd- of diafragmavoorkeuze heb jij zelf

al de gewenste sluitertijd of diafragmawaarde

ingesteld. De camera zal de andere waarde en, bij

Auto ISO, de lichtgevoeligheid instellen.

Staat je camera in manuele modus, dan dien je zelf

sluitertijd en diafragmawaarde in te stellen. Je kunt

wel afgaan op de metingen van de lichtmeter.

In de zoeker van een spiegelreflexcamera of systeemcamera

staat onderaan een belichtingsschaal.

Negatieve waarden geven aan dat de lichtmeter

denkt dat met de door jou gekozen instellingen de

opname onderbelicht zal zijn, positieve waarden

waarschuwen voor een mogelijke overbelichting.

Pas je sluitertijd en/of diafragma aan tot het

streepje mooi in het midden staat.

Aan de hand van de belichtingsschaal kun je de belichting manueel instellen.

Externe lichtmeter

Er bestaan ook externe lichtmeters. In de basis doen

deze lichtmeters hetzelfde als de lichtmeter in je

camera: ze meten licht en vertellen welke combinatie

van sluitertijd, diafragma en lichtgevoeligheid

nodig is voor een correct belichte foto.

Net als de lichtmeter in je camera kan een externe

lichtmeter gereflecteerd licht meten: het licht dat

de scène weerkaatst. Een externe lichtmeter gaat

daarbij, net als een camera, uit van een gemiddelde

reflectiviteit van een middengrijs onderwerp.

Een externe lichtmeter kan echter ook opvallend

licht meten. De meter wordt vlak bij het onderwerp

gehouden, gericht naar de camera toe. Het

voordeel van deze methode is dat het geen rol

speelt of je een wit, grijs of zwart onderwerp voor

de camera hebt staan. De lichtmeter meet hoeveel

licht er op dat onderwerp valt, punt uit. Het

nadeel: je moet dicht bij je onderwerp komen, wat

in natuurfotografie niet altijd mogelijk is. Nog een

nadeel: iedere keer als het licht verandert, is een

nieuwe meting nodig.

77


Photo Challenge thema

KLEINE WONDEREN

DER NATUUR

In ieder nummer sturen we

je op pad met een gerichte

opdracht. Maak jij de beste,

meest originele foto, dan

win je niet alleen een publicatie

in Natuurfotografie

Magazine, maar maak je ook

kans op prachtige prijzen!

Eeuwenoude eiken, woeste bergen of een grote olifanten. Size does matter. Maar de natuur zit ook vol

kleine wondertjes, zoals de winnende inzendingen bewijzen. Bezoek zeker ook eens onze website

www.natuurfotografie.nl/inzendingen-photo-challenge-kleine-natuurwonders

om alle inzendingen te bekijken.

1e prijs Vlieg in de problemen, Niki Colemont.

Nikon D5200 met 90mm; 1/200s bij f/25; ISO 100.

Prijs: Lensbaby Velvet 56 F/1.6 ter waarde van € 549,99

beschikbaar gesteld door Transcontinenta.

86


Photo CHALLENGE

2e prijs

Kever in de problemen, Rob Blanken.

Nikon D850 met 180mm; 1/25s bij

f/16; ISO 500.

Prijs: Alu-dibond print van 60 x 40 cm

ter waarde van € 50,-

beschikbaar gesteld door CEWE.

3e prijs

Klaprozen en hommels,

Astrid Brenninkmeijer.

Nikon D750 met 70-200mm @ 200mm;

1/250s bij f/4; ISO 400.

Praktijkboek macrofotografie,

beschikbaar gesteld door PiXFACTORY.

87


Photo CHALLENGE

NIEUWE Photo Challenge:

Arno ten Hoeve

IN DE

SPOTLIGHT

Eervolle vermelding

Bladluizen op salomonszegel, Birgitte Bergman. Sony SLT-A58 met 90mm; 1/250s bij f/2.8; ISO 400.

Zonder licht geen fotografie. Meelicht of tegenlicht, hard of zacht…

Licht is ons belangrijkste gereedschap. Met licht bepaal jij het

resultaat. Je kunt onder- of overbelichten en zo een duistere of juist

sprookjesachtige sfeer creëren. Onderwerpen waar het licht op

valt trekken direct de aandacht van de kijker. Ook hier kun je mee

spelen. Wij zijn benieuwd naar jouw manier om je onderwerp ‘In

the spotlight’ te zetten! Verras ons met jouw verlichte onderwerp

en win mooie prijzen. Insturen kan tot en met maandag

23 september 2019 09:00 uur. Alle foto’s die je inzendt

voor deze Photo Challenge moeten daadwerkelijk

gemaakt zijn binnen de inzendperiode van 20 juli tot en

met 21 september. Oudere foto’s uit je archief mogen dus

niet meedoen!

1e prijs

NiSi Circulair Professional Kit ter waarde van € 265,99

beschikbaar gesteld door Transcontinenta.

2e prijs

Alu-dibond print van 60 x 40 cm ter waarde van € 50,-

beschikbaar gesteld door CEWE.

3e prijs

Een fotografie workshop naar keuze te doen t.w.v. € 69,- van

Natuurfotoworkshop.nl beschikbaar gesteld door PiXFACTORY.

Eervolle vermelding

Lieveheersbeestje, Wilma Doornhein. Nikon D7500 met 105mm; 1/800s bij f/9; ISO 500.

De deadline is maandag 23 september 2019, 09:00 uur.

Kijk voor de voorwaarden en deelname op:

www.natuurfotografie.nl

88


HOTSPOT

H tspot

Mijn favoriete fotografieplek ligt net over de Franse grens en bevindt zich aan de spectaculaire

kust met de hoge rotswand van Cap Gris-Nez. Het strand is rotsachtig, bij laagwater komen dan

ook grillige rotsformaties en weelderige wieren bloot te liggen. In de glasheldere plassen die dan

achterblijven, kun je weerspiegelingen fotograferen.

Natascha Coene

Cap Gris-Nez, Frankrijk

Waar: Het strand aan het restaurant La Sirène aan de voet van Cap Gris-Nez in Frankrijk.

Coordinaten: 50.870278, 1.590833.

Parkeerplaats: Route du Cap, Audinghen (parking Cap Gris-Nez).

Wanneer: Het gehele jaar.

Restaurant en

P

Je kunt hier het gehele jaar terecht. De zonsondergangen zijn kleurrijk en

zetten de rotsen in een warm licht. Probeer echter ook andere momenten;

de rotsen leveren de gehele dag unieke beelden op. Laagtij is wel noodzakelijk,

anders verbergt het water het strand.

De plek leent zich zeker voor landschapsfoto’s, maar ook voor macrofotografie

(zoals zeeanemonen, wieren en schelpen). Daarnaast laten zich ook heel

wat zeevogels zien en een zeldzame keer ook een zeehond.

Stuur ook jouw Hotspot in en win een boek!

www.natuurfotografie.nl/lezersrubrieken

89


eview: Laowa 9mm f/2.8 Zero-D

Ultragroothoek

objectief

Laowa ontwikkelt steevast opvallende objectieven die eigenlijk elders nauwelijks navolging hebben. Het nieuwe 9mm

f/2.8 Zero-D-ultragroothoekobjectief vormt daarop geen uitzondering. Het objectief is gemaakt voor systeemcamera’s

(Fujifilm X-, Sony E-, Canon EF-M- en DJI DL & MFT-mounts). We testten het objectief met de Fujifilm X-T3. Met de

cropfactor van 1,5 x beschik je zo over een 14 mm-objectief. Daarmee zie je veel, heel veel!

Redactie

De eerste kennismaking is een verrassing: wat

is-ie klein! Toch heeft het objectief een lichtsterkte

van f/2.8. Ter vergelijking: mijn Fujifilm 10-24mm

is 87 mm lang en weegt 410 gram, terwijl de

Laowa slechts 60 mm groot is en 215 gram weegt.

Ondanks het beperkte formaat en gewicht, is de

Laowa degelijk gebouwd: het objectief én de kleine

zonnekap zijn gemaakt van metaal. Een speciale

‘Frog Eye Coating’ moet vuil en vocht op de frontlens

voorkomen. Het formaat van het objectief past

perfect bij het eveneens kleine formaat van de X-T3,

waardoor de combinatie heerlijk in de hand ligt.

Manueel

Zoals alle objectieven van Laowa bedien je ook

dit objectief volledig manueel, zowel qua focus

als qua diafragma. Dat vormt voor het gebruik

geen enkel probleem. Het is immers een objectief

dat je vooral voor landschappen gebruikt.

Kruip dicht op je voorgrond. Fuji X-T3; 1/320s bij f/20; ISO 400.

90


eview OBJECTIEF

Daar heb je tijd genoeg om alles netjes in te stellen.

De elektronische zoeker helpt daar eventueel

bij doordat je kunt inzoomen of gebruikmaakt van

‘focus peaking’. De beeldhoek is overigens zo wijd,

dat nauwkeurig scherpstellen nauwelijks nodig is;

het beeld is al snel van voor tot achter haarscherp.

Het scherpstellen verloopt overigens aangenaam

soepel. De diafragmaring klikt vast op zeven opgenomen

waarden, zodat je exact weet met welk

diafragma je werkt.

Wijd

Met de enorme groothoek van 113 graden zie je

dus veel. Het objectief leent zich daardoor goed

voor weidse landschappen. In bossen staan de

bomen al snel scheef bij een dergelijk bereik. Dat is

niet specifiek voor Laowa, maar geldt voor iedere

groothoek. De vertekening kun je ook in je voordeel

gebruiken. Met je camera omhoog lijken de

bomen nog indrukwekkender. Het objectief heeft

nauwelijks vervormingen (Zero-D(istortion), volgens

Laowa slechts 0,2% vervorming), waardoor rechte

lijnen ook echt recht blijven. Nu zul je daar in de natuur

niet snel last van hebben, maar bij architectuur

bewijst dit objectief je een grote dienst.

Kort, korter, kortst

Een mooie eigenschap is de kortste scherpstelafstand

van 12 centimeter (ter vergelijking: de

Fujifilm 10-24mm komt niet verder dan 24 cm).

Hierdoor werk je lekker dicht op een element in de

voorgrond en kun je dit aardig opblazen te midden

van het indrukwekkende landschap. Dankzij

de compacte systeemcamera’s kruip je met deze

combinatie ook gemakkelijk onder de planten,

waardoor een bijzonder kikkerperspectief ontstaat.

Scherpte

De scherpte is uitstekend. Alleen in de hoeken

loopt de scherpte iets terug, zeker wanneer je het

objectief op volle lichtsterkte gebruikt. Ook bij

de hoogste diafragmawaarde van f/22 loopt de

scherpte wat terug, maar die waarde zul je bij dit

objectief zelden nodig hebben. Van chromatische

aberratie is slechts beperkt sprake. In de hoeken

verschijnt bij een open diafragma een klein beetje

vignettering. Het is geenszins storend maar voegt

eerder wat sfeer en diepte toe. Wil je toch geen

vignettering, dan verwijder je deze eenvoudig in

de nabewerking.

Zon

Ultragroothoekobjectieven zijn gevoelig voor

flares. De kleine zonnekap helpt prima, tot

het moment dat je vlak naast de zon fotogra-

Uniek perspectief. Fuji X-T3; 1/50s bij f/20; ISO 400.

feert of uiteraard de zon zelf in beeld hebt. De

flares blijven beperkt. Wanneer je het diafragma

helemaal dichtknijpt, produceert de Laowa een

fraaie zonnester.

Filters

De frontlens van dit objectief is vlak en niet bol

zoals je vaak ziet bij ultragroothoekobjectieven.

Dat betekent dat je je normale filterset van

100 millimeter gewoon op dit objectief kunt

gebruiken. Vanwege die beeldhoek raden we je

wel echt aan om filters van die maat te gebruiken

en niet de compactere filters die ook voor dit soort

systeemcamera’s bestaan. Daarmee voorkom je

vignettering en andere ongemakken.

Conclusie

Klein maar fijn, daarmee kun je deze Laowa

samenvatten. Het formaat ondersteunt perfect waar

het veel mensen bij systeemcamera’s om te doen is:

compact en licht van gewicht op stap gaan. Heb je

behoefte aan een ultrawijde beeldhoek, dan hoef je

met dit objectief niet verder te zoeken.

Dan nog dit

Het objectief communiceert niet met de camera,

waardoor het diafragma en de brandpuntsafstand

niet correct in de exif verschijnen. Volgens

Lightroom zijn alle foto’s met dit objectief gemaakt

op 21 millimeter. Wil je op objectief selecteren

in je catalogus, dan zul je daar dus even alert

op moeten zijn.

+


!

Pluspunten

Goede beeldkwaliteit

Compact formaat

Korte scherpstelafstand

Fraaie zonnester

Vlakke frontlens

Minpunten

Volledig manueel

Scherpte uiterste hoeken bij

open diafragma

Specificaties

Lichtsterkte: f/2.8

Zero distortion, ofwel geen

kromme lijnen

Minimale scherpstelafstand: 12 cm

( vergrotingsfactor 1:7,5)

Filterdiameter: 49 mm

Gewicht: 215 gram

Prijs: € 619,-

www.venuslens.nl

91


eview: Shimoda Explore-rugzak

Tussen trekkingen

fotorugzak in

Ik ga op een avontuurlijke trekvakantie en neem mee … Natuurlijk wil je jouw cameraspullen meenemen,

maar ook je kleding en eten. Een normale trekkingrugzak is niet ideaal voor je fotospullen,

een fotorugzak weer niet handig in combinatie met je trekkingspullen. De rugzakken van Shimoda

combineren beide eigenschappen. Wij testen de Explore 60L in de ruige Duitse Alpen.

Redactie

Wanneer je het maximale aantal van genoemde

core units in de tas plaatst, houd je niet veel

ruimte over voor andere spullen en gebruik je

de Explore eigenlijk alleen als een camerarugzak.

Met één of twee kleine core units houd je echter

ruimte genoeg over voor de andere spullen van je

meerdaagse trektocht.

Cameratassen zijn er genoeg, maar handige tassen

om mee te reizen of zelfs te trekken? Avonturier

en productontwerper Ian Millar vond dat het beter

kon én moest. Hij ontwierp een drietal tassen

(30L, 40L en 60L) en een trolley voor het handig

en veilig transporteren van je kostbare spullen in

het vliegtuig. Alle producten hebben gemeen dat

ze zo licht mogelijk zijn. De buitenkant is gemaakt

van waterbestendige materialen.

Aanpasbaar

Uniek aan het systeem van Shimoda is dat de

tassen als een soort geraamte geleverd worden, zeg

maar een lege huls. Daarin plaats je zogenaamde

‘Core Units’. In deze Explore 60L passen maximaal

3 kleine, 1 medium + 1 kleine of 1grote core unit(s).

Deze core units verdeel je met tussenschotjes weer

in kleinere vakjes. Zo vul je heel gericht de ruimte

naar jouw eigen behoefte in. Dat men bij Shimoda

nadenkt over de details maakt de speciale ‘Medium

Core Unit’ voor mirrorless camera’s duidelijk. Deze

is 4 centimeter minder hoog, waardoor je weer

wat extra ruimte overhoudt. Mijn middenformaatcamera

past in de units, maar niet helemaal zoals

bedoeld. Voor grote camera’s of objectieven zijn

bredere tussenschotjes wenselijk.

Ook de hoogte van de schouderbanden is aanpasbaar.

Met een simpele klittenbandsluiting kun

je de banden op vier verschillende hoogtes vastzetten

voor een zo goed mogelijk bij je lichaam

passend draagcomfort.

Toegang

Bij de meeste cameratassen open je de voorkant.

Shimoda kiest echter voor de achterkant en wel

om twee heel praktische redenen:

• Wanner je de tas neerlegt, is de ondergrond

uiteraard niet altijd schoon of droog. Met een

opening naar de voorkant heb je vervolgens alle

92


eview RUGZAK

narigheid op je rug zitten. Bij deze Explore blijft

je rug schoon en droog.

• Heb je helemaal geen zin om je tas neer te

leggen, dan kun je ’m met de heupband aan je

lichaam laten hangen en heb je toch toegang

tot je spullen.

Daarnaast geeft één zijkant toegang tot de binnenruimte.

Dit is handig wanneer je slechts één kleine

core unit bij je hebt. Je hoeft dan niet de gehele tas

te openen met het risico op verlies van je spullen.

De rugzak kun je aan één schouder laten hangen en

krijgt zo het karakter van een ‘sling bag’. Handig detail:

de rugzak beschikt aan deze zijde ook over een

handvat, waardoor je de tas goed kunt vasthouden.

Uiteraard is de Explore, net als een normale

trekkingrugzak, ook via de bovenkant te openen.

Je komt dan in een vak dat afgezonderd is van het

onderste gedeelte. Je kunt de scheiding echter via

een ritssluiting ook verwijderen, waardoor je één

grote ruimte overhoudt. Hoewel de bovenruimte

groot genoeg is voor nog meer core units, is deze

eigenlijk echt bedoeld voor andere spullen. Vanwege

de gewichtsverdeling adviseer ik de tas ook

als zodanig te gebruiken.

Vakken en vakjes

De tas beschikt over tal van praktische opbergvakken.

Het vak boven in de klep is handig voor

kleine spullen die je snel nodig hebt. Aan de

zijkant bevindt zich een langwerpig vak met

daarin een tasje. Dit tasje kun je gebruiken als statiefhouder,

maar biedt evengoed plaats aan een

slaapmat of grote fles drinken. Het tasje kan er

eventueel ook uit gehaald worden. De ‘standaard’

vakjes aan de zijkanten van de buitenkant ontbreken

echter, vakjes die ik normaal veel gebruik,

onder andere voor mijn filtertas. Voor op de tas

bevindt zich nog een groot vak dat verdeeld is

in twee compartimenten. Hier kun je zeer veel

lichte spullen kwijt, maar bijvoorbeeld ook je

laptop. Tot slot zijn er nog twee kleine vakjes

geïntegreerd in de schouderbanden, ideaal om

een poetsdoekje, reserveaccu en geheugenkaartje

snel bij de hand te hebben.

Draagcomfort

Hoe praktisch een rugzak ook is, uiteraard

draait alles om draagcomfort. Dat zit met deze

Shimoda wel goed! De rugzak rust goed op je

heupen. Wel zit de rugzak dichter op de rug

dan een normale trekkingrugzak, omdat een

kromming niet werkt met de core units. Je zweet

daardoor wel sneller. De goede toegankelijkheid

draagt bij aan efficiënt fotograferen. Een statief

kun je plaatsen in het daarvoor bedoelde zakje

aan de zijkant. Dat betekent wel een wat scheve

gewichtsverhouding. Om deze reden bevestig ik

een statief nooit aan een rugzak, maar houd dit

altijd in de hand vast.

Accessoires

De Explore wordt geleverd met een losse

regenhoes (alleen nodig als het langdurig of

echt stevig regent). De core units moet je apart

bestellen. Deze worden eveneens met een aparte

hoes geleverd en bieden daarmee extra bescherming.

Aan deze hoes zit een handvat, zodat je

de core unit ook los mee kunt nemen, handig

als je bijvoorbeeld tijdens een etentje niet je

gehele rugzak mee wilt sjouwen. Daarnaast zijn

er onder andere nog riempjes, waarmee je nog

meer aan de buitenzijde van je tas kunt hangen,

losse accessoiretasjes en een speciaal tasje voor

geheugenkaartjes verkrijgbaar.

Conclusie

Een tas die je helemaal naar je eigen wens kunt

aanpassen? Een tas die geschikt is voor zowel je

camera- als trekkingspullen? De Shimoda Explore

60L heeft het allemaal. In ieder detail ervaar je hoe

goed er over deze tas is nagedacht, een aanrader!

+ Pluspunten

Minpunten !

Zeer flexibel in te richten tas.

Goed draagcomfort.

Stevig.

Veel inhoud en toch conform de dimensies

voor handbagage in het vliegtuig.

Waterbestendig.

Blijft netjes rechtop staan.


Open vakken aan de zijkanten

van de tas.

Leverbaar in twee tamelijk

uitgesproken kleuren. Je houdt ervan,

of juist niet.

Specificaties

Afmetingen: 29 x 61 x 28 cm

Gewicht: 1,5 kilogram

Kleuren: Sea Pine en Blue Nights

Prijs: € 314,95

www.shimodadesigns.com

93


Fotokalender

sep

- okt

Natuurfotografie kan altijd, 365 dagen per jaar. Zonder idee met je

camera naar buiten lopen kan heel verfrissend zijn. Maar soms heb

je wat meer houvast nodig of mis je even de inspiratie. Deze rubriek

biedt je wat je op zulke momenten nodig hebt: wat fotografeer je

wanneer en waar precies?

langs de kust is geschikt, maar grote golfbrekers

zorgen voor extra hoge golven. Let zeker ook op

de meeuwen. De woeste zee brengt een hoop

voedsel mee naar boven; meeuwen proberen een

snackje mee te pikken en halen daarbij halsbrekende

toeren uit.

Storm

Denk je aan herfst, dan denk je niet alleen aan sfeervolle

ochtenden met een gouden laagje mist, maar

ook aan herfststormen. Laat deze momenten van

dynamiek niet voorbijgaan en trek er lekker op uit.

Kust

Geen betere plek om de kracht van een storm te

ervaren dan aan de kust. Zonder bebouwing en

bomen krijgt de wind alle kans om zich van zijn

ruwste kant te laten zien. De wind beukt zonder

gêne op jou, de golven en het zand. Gevolgen:

Foto: Bob Luijks

je kunt heerlijk tegen de wind in gaan hangen,

golven zijn hoger dan ooit en spatten als enorme

explosies uiteen, en het zand vormt een ogenschijnlijk

vriendelijke grondmistbank. Schijn bedriegt,

want hier is een heuse bandschuurmachine

aan het werk.

De kracht leg je hier misschien nog wel het beste

vast met een zeer korte sluitertijd. Ieder opspattend

druppeltje of gelanceerde zandkorrel blijft

zo in je foto stilhangen in de lucht. Iedere plek

Bos

Oké, bij een storm is een bos een slecht idee.

Bomen dan in ieder geval. Nu er nog blad aan de

bomen zit, zwiepen ze stevig op en neer. Dit is dan

weer voer voor een langere sluitertijd. Een 10-stops

grijsfilter is helemaal niet nodig, na een sluitertijd

van enkele seconden is je boom al blurry genoeg.

De grootste uitdaging zit ’m misschien nog wel in

het stilhouden van je camera. Die mag immers die

paar seconden niet bewegen. Kies een luw plekje

uit, zet het statief niet te hoog op z’n pootjes en ga

zelf tussen de camera en de wind staan.

Bescherming

Hoewel prachtig vormt een storm een reëel

gevaar voor je camera. Laat deze nooit onbeheerd

even staan; gegarandeerd laat de wind je camera

in duizend stukjes uiteenvallen. Water, zout en

zand zijn eveneens funest. Pak je camera goed in

met een regenhoes, vuilniszak of een oude regenbroek.

Vergeet niet om alles na thuiskomst meteen

goed te reinigen, anders ondervind je maanden

later wellicht alsnog de gevolgen … En natuurlijk

de belangrijkste tip: denk om je eigen veiligheid!

Een spannende foto is niet alles waard.

Waarop je je nog meer kunt verheugen in september

Verkleurende leliebladeren

Spinnenwebben

Zwaluwen op de trek

Bob Luijks

Bob Luijks

Arno ten Hoeve

94


sep

Zodra de nachten beginnen te lengen, neemt de

vochtigheid toe, terwijl het ook nog aangenaam

warm kan zijn: de ideale combinatie voor paddenstoelen.

Daarom is de vroege herfst bij uitstek

geschikt om te gaan zoeken naar paddenstoelen.

Uiteraard vallen de grote exemplaren direct op.

Geen paddenstoel te zien? Sta eens een tijdje stil

en kijk eens aandachtig naar de grond. Grote kans

dat er zomaar tientallen kleine paddenstoeltjes

tevoorschijn komen! En wie weet daarmee ook

zomaar de kabouters.

Kabouterhuisjes

natuur365

Size doesn’t matter! Kleine paddenstoelen zijn vaak

fotogenieker of in ieder geval gemakkelijker mooi op

de foto te krijgen. Zoek zeker eens naar exemplaren

op een boomstronk, dan kun je eindeloos variëren

en onder andere spelen met de lichtvlekken van de

boomkronen. Het leuke van paddenstoelen is dat je

ze werkelijk overal tegenkomt, ook op plekken waar

je normaal misschien niet zo snel zou fotograferen,

zoals naaldbossen. Zo heeft iedere plek zijn eigen

soorten, groot en klein, zuurstokroze of herfstblaad-

Foto: Bob Luijks

jesbruin. Alle soorten hebben één ding gemeen:

jij en je camera moeten plat op de grond, pas dan

ontwaar je de werkelijke kabouterhuisjes.

okt

Mooie zwemvliezen

Oktober is het begin van de goede tijd om eenden

te fotograferen (vergeet ook de net binnengekomen

ganzen niet!). De rui zit erop dus ze zijn

nu zo’n beetje op hun mooist en eenden zitten

vanaf nu vaak in grote groepen. Op het IJsselmeer

en andere grote watergebieden bevinden zich

duizenden duikeenden, zoals kuif- en tafeleenden.

Langs de uiterwaarden van de grote rivieren en in

uitgestrekte graslanden is de gezellige ‘fluiteend’ -

de smient - weer aanwezig. Maar ook de gewone

wilde eend, met zijn prachtig iriserende kop is een

dankbaar fotografie onderwerp. Voordeel is dat

deze beauty ook in stadsvijvers te vinden is. Onder

het mom van gezellig met de kleine de eendjes

voeren, kun jij de mooiste foto’s maken; twee

vliegen in één klap.

Foto: Arno ten Hoeve

Wat je nog meer kunt fotograferen in oktober

Eekhoorntjes Klimop Smienten

Atalanta op klimop. Bob Luijks

Bob Luijks

Mannetje. Arno ten Hoeve

95

More magazines by this user
Similar magazines