28.12.2019 Views

Pro Shots Magazine Q4 2019

  • No tags were found...

Create successful ePaper yourself

Turn your PDF publications into a flip-book with our unique Google optimized e-Paper software.

Q4 | 19

MAGAZINE

KWARTAALTIJDSCHRIFT

NR 4 • VIERDE JAARGANG

WIM JONK

BLIKVANGER •

DUSAN TADIC

EN VERDER

FOTOVISIE •

10 JAAR GELEDEN


COLUMN

Mijn eerste kennismaking met het internet heb ik nog helder op

het netvlies. Op de deurmat lag een envelop van Planet Internet

met daarin een aanbieding om een maandabonnement af te

sluiten inclusief gratis modem, 14/400 of zoiets. Zonder dat ik het

goed gelezen had, lag het papiertje al in de prullenbak. Internet?

Het zal wel.

INHOUD

3 Column

4 Mediapartners: NSP - Gerard den Elt

10 10 jaar geleden

12 De keuze van: Wim Jonk

22 Achter de schermen: Andy Zuidema

26 Het sportmoment van

28 Fotovisie

32 Persvoorlichter: Stijn Vullings - VVV Venlo

34 Dusan Tadic

38 Blikvanger

40 Jaar in beeld

Hoe anders was het 4 jaar later. Inmiddels was ik vaste klant van

Euronet. Als één van de eerste zakenklanten(!) in Nederland werd

ik uitgenodigd voor een interview voor hun website. Ook het

versturen van foto’s ging steeds makkelijker. Het Franse bedrijf

Sagem had een modem ontwikkeld om bestanden via ISDN

(weer iets nieuws) rechtstreeks van de ene computer naar de

andere computer over te zetten. Iets wat wij tegenwoordig de

FTP noemen. Het werd steeds sneller en leuker. Als fotograaf

hoefde ik niet meer drie keer per dag naar het fotolab te racen.

De auto en de snelweg maakten plaats voor de dia-scanner en

het internet. 27 november 2002 was voor mij een mijlpaal. Die

avond fotografeerde ik de Champions Leaguewedstrijd Valencia

– Ajax. De wedstrijd van Joey Didulica, de Australiër die voor Ajax

de wedstrijd van zijn leven keepte. Het werd 1-1 mede door zijn

miraculeuze reddingen. Het doelpunt voor Ajax scoorde Zlatan

Ibrahimovic vlak voor tijd. Ik wist dat ik 2 foto’s zo snel mogelijk

moest doorsturen.

4 12 22

32

Dat ging nog met een PCMCIA-kaart, een kabeltje en een Nokia

telefoon. Data versturen deed je toen nog over de ‘spraaklijn’

en dat betekende dat je voor één enkele foto zo maar 20

minuten een dure buitenlandse telefoonlijn had open staan. Vele

zweetdruppels en dito hartkloppingen later, had ik maar liefst

twee foto’s weten door te sturen van de Zlatan-goal. Het was

inmiddels half 12, ook in Stockholm waar het persbureau zat die

mijn foto’s moest doorzetten naar de Zweedse dagbladen. Op

mijn vraag of zij alles goed hadden ontvangen hoorde ik een

verbaasde stem antwoorden, “of course, all our newspapers

received your pictures just a while ago”.

Connect with us: www.facebook.com/ProShots

https://twitter.com/ProShotsNL

www.instagram.com/proshots.nl

Verantwoordelijke uitgever: BS Promotions, Diemen

Ontwerp & Lay Out:

Idee-Fix, België

SEO optimalisatie:

Microdesign, Scheveningen

Vormgeving:

Jasper Ruhé, Diana van der Meer

Vaste medewerkers:

Nicky van Achthoven, Clifford William, Diana van der Meer,

Remko Kool, Nathalie Nuiten, Mike van Damme

Social Media:

Thomas Bakker

Eindredactie:

Nico Brekelmans

Hoofdredacteur:

Stanley Gontha

Fotografie:

Pro Shots

Verspreiding:

E-mail & social media

Het Pro Shots Magazine is bedoeld voor

medewerkers in de mediawereld die

dagelijks gebruik maken van sportfoto’s

uit de database van Pro Shots . Het blad

is uitsluitend als een digitaal bladerbare

PDF te lezen en dus niet in hard-copy

verkrijgbaar. Een kwartaaleditie heeft

tussen de 13 miljoen en 15 miljoen

pageviews (!)

Dat was 2002, zeventien jaar geleden dus. Larry Page en Sergey

Brin moesten hun definitieve doorbraak met Google nog

bewerkstelligen, Steve Jobs was met de iPhone nog 5 lichtjaar

verwijderd van de ultieme revolutie in ons leven en ook Mark

Zuckerberg wist nog niet dat hij twee jaar later miljoenen

mensen bij elkaar zou brengen met Facebook. Je zou dus zeggen

dat wij in 2019 inmiddels beschikken over FAN-TAS-TI-SCHE

faciliteiten in de voetbalstadions. Internetconnecties die het

overal en altijd doen zodat wij (fotografen met grote bestanden)

zorgeloos ons werk kunnen doen. Niet dus. Niet toevallig zijn

het Ajax, PSV en Feyenoord die de ranglijst aanvoeren van

beste internetverbindingen voor de media. Interessanter is

te weten wie de onderkant van de Eredivisie vormen. Dat zijn

FC Groningen, Fortuna Sittard en FC Utrecht.

Maar het kan nog erger. Ik was de afgelopen maanden in Georgië

met Feyenoord, in Estland met Oranje, Belgrado met AZ en

Chelsea met Ajax. Alleen Georgië voldeed redelijk. Daar had

het lege stadion waarschijnlijk alles mee te maken. Zonder enig

cynisme kan ik zeggen dat de andere stadions de snelheid gaven

van mijn 14/400-modem uit 1996. We zijn inmiddels een kwart

eeuw verder.

2

Stanley Gontha

3


MEDIAPARTNER

NSP

GERARD DEN ELT

De belangen van de Nederlandse Sport

Pers worden sinds de eind jaren 80

centraal behartigd door de secretaris

van de gelijknamige vereniging (afgekort

als NSP) en zijn assistent. Functies die

worden ingevuld door respectievelijk

Gerard den Elt en Marianne Verzijl.

Den Elt weet met zijn journalistieke achtergrond

bij onder meer het Algemeen Dagblad precies

wat er leeft onder journalisten en fotografen,

maar zal zich toch wel verbazen over wat er

allemaal speelt in het specifieke terrein van

de sportjournalistiek. We hebben het niet

alleen over de technologische ontwikkeling

in het medialandschap of de grillen van de

voetbalclubs. Steeds meer ervaart hij ook dat

de collegialiteit onderling slechts een kreet uit

het woordenboek blijkt te zijn. Een gesprek op

het hoofdkantoor in Den Haag.

Tekst: Clifford William

Foto's : Toon Dompeling

4

5


MEDIAPARTNER

INTERVIEW MET

GERARD DEN ELT

6

Kan je iets vertellen over de oorsprong

van de NSP?

“De NSP is in de jaren 80 ontstaan vanuit de

groeiende behoefte om de belangen van de

journalistiek te verdedigen en te organiseren.

Journalisten zaten destijds nog met hun

typemachine in de regen, fotografen moesten

van alles uithalen om hun foto’s op tijd aan de

kranten kwijt te kunnen. Dat moest dus beter

geregeld worden. Voetbalclubs en sportbonden

hadden minder oog voor de journalistiek, met

het aanstellen van een persman was het wel

klaar. Interviews werden nog gewoon na de

training geregeld, journalisten en fotografen

spraken gewoon bij sportmensen thuis af. Dat

is tegenwoordig een zeldzaamheid. In de hele

ontwikkeling van het gemoedelijke, analoge

tijdperk naar het digitale, door sociale media en

online publicaties gedrevenheden heeft de NSP

een invloedrijke rol gehad. Goede perskamers,

een goede perstribune, iets te eten en te

drinken, goede werkafspraken tussen clubs,

persvoorlichters en journalisten, een makkelijke

manier van accrediteren, overal is wel de hand

van de NSP te herkennen.”

Marina Witte heeft deze functie meer

dan 30 jaar vervuld. Hoe moeilijk is het

om haar ‘legacy’ te doen vergeten.

“Die moeten we niet vergeten. Ze is erelid,

net als grondlegger Joop Niezen. Zij hebben

een fundament gelegd waarop de journalistiek

verder kan bouwen. Ikzelf ben daarin helemaal

niet belangrijk, samen met Marianne Verzijl

wil ik dienstverlenend zijn. Ik weet uit eigen

ervaring hoe belangrijk het is om zaken goed

en collectief te regelen. En ik heb een hekel aan

borstklopperij.“

Hoe ben je zelf overigens in deze functie

terechtgekomen?

“Ik heb lang in het NSP-bestuur gezeten,

eigenlijk sinds de tijd na de eeuwwisseling dat

ik schaatsen en Formule 1 ben gaan doen voor

het AD. Dat was in de tijd van Jos Verstappen,

Albers, Doornbos en de nog piepjonge Max

Verstappen. Daarvoor, in de jaren 80 en 90, vloog

ik namens de krant de wereld rond als rampen-,

rellen- en revolutieverslaggever, volgde sinds

de jaren 80 het voetbalvandalisme. Binnen het

NSP-bestuur was duidelijk dat Marina op een

dag moest worden opgevolgd, al was ze zelf

liever nog jaren doorgegaan. Ik heb toen mijn

vinger opgestoken. Zo is het gekomen.“

Wat zijn de grootste uitdagingen

waarvoor de NSP voor staat?

“Het bij elkaar houden van de club en

het waarborgen van een onafhankelijke

sportjournalistiek en sportfotografie.

Sportmensen, clubs, teams, bonden en

organisatoren hebben de neiging om steeds

meer zichzelf als medium op te stellen en zelf

boodschappen te verzenden.

Dat kan en mag, daar is niets mis mee. Maar

dat gaat soms ten koste van een onafhankelijke

berichtgeving, vrij van persoonlijke of

clubbelangen, of een boodschap van de

sponsor. Het grote publiek zal altijd behoefte

aan onafhankelijke informatie, bijeengegaard

door zelfstandige, kritische media. Datzelfde

geldt voor fotografie, daar moet geen club- of

bondsfilter overheen. Dat zou ten koste gaan

van objectieve verslaggeving. De sportwereld

moet dat goed beseffen.“

Kijkt de NSP ook in de keuken van

vergelijkbare organisaties in het

buitenland?

“Jazeker, we maken actief deel uit van de AIPS, de

wereldfederatie van sportjournalisten. Duidelijk

is dat het overal anders is georganiseerd, vanuit

een bepaalde traditie. We voeren regelmatig

overleg met Belgische collega’s, de lijnen zijn

kort. Daar drinken de journalisten en fotografen

na afloop een pintje met clubbestuurders; bij

ons is wat meer afstand. Elders in de wereld is

het vaak anders geregeld, maar zeker niet beter.“

Voor fotografen is goed internet

in de stadions misschien wel het

allerbelangrijkste. Wat is de stand van

zaken momenteel op de diverse velden?

“Dat is bij de topclubs uitstekend, maar bij veel

clubs een heel stuk minder. Goed internet

kost geld en clubs hebben andere prioriteiten,

jammer genoeg. Ik was in oktober in Tokio ter

voorbereiding op de Olympische Spelen en dan

merk je hoe gedreven het IOC en de Japanners

zijn om het goed te regelen. Daar hoeven alle

fotografen alleen een LAN-kabel meenemen,

de rest is geregeld. Ik hoop dat 5G straks deze

problemen rond de Nederlandse sportvelden

uit de wereld helpt, maar ik heb onvoldoende

technische kennis om te weten of dat echt gaat

helpen.“

Fotografen, het zijn soms rare mensen.

Wat maakt ze anders dan schrijvende

journalisten?

“Fotografen en zeker sportfotografen hebben

een beetje het karakter van topsporters, in

positieve zowel als in negatieve zin. Ze zijn erg

op zichzelf gericht, zorgen dat ze hun zaakjes

op orde hebben. Het gaat om winnen, om het

maken van de mooiste plaat, mooier in elk geval

dan de concurrentie. En daar zijn ze terecht trots

op. De schaduwzijde is dat enkelen soms minder

oog hebben voor goede verhoudingen en

collegialiteit. En dan generaliseer ik hè, dat geldt

zeker niet voor iedereen. Onder schrijvende

journalisten is meer kameraadschap. Ik ben met

vele fotografen de wereld rondgereisd, maar

als de krant verscheen keken ze altijd naar hun

foto’s. Mijn verhaal was bijzaak. Maar dat geeft

niet; de mooiste reportages heb ik kunnen

maken dankzij gedreven fotografen die erop

uit wilden om het beste beeld te maken. Daar

werden we beiden beter van en de krant plukte

daarvan de vruchten.”

7


8

9


10 JAAR GELEDEN

Wat doe je als je al lang en breed geplaatst bent voor een WK

voetbal. Dan organiseer je een oefenwedstrijd. Niet tegen België

in Brussel, of Duitsland in Hamburg. Maar tegen Australië in

Sydney. De ‘rit’ met de ploeg van bondscoach Bert van Marwijk

duurde 23 uur, 12 uur naar Hong Kong, even benen strekken,

daarna nog maar 11 uur naar Sydney. Van Marwijk vond het wel

een goed idee om alvast te wennen aan verre afstanden. Het

WK van 2010 in Zuid-Afrika kwam er immers aan. In de basiself

van Oranje stonden drie spelers die hun boterham ook nu nog

(10 jaar later) op het veld als voetballer verdienen. Maarten

Stekelenburg, Klaas Jan Huntelaar en Eljero Elia. Oranje kon

een 0-0 uitslag in de boeken noteren voordat men weer het

vliegtuig terug naar Nederland nam.

10

Foto: Stanley Gontha

11


DE KEUZE VAN

WIM JONK

In deze rubriek ‘de keuze van’ laten we

(ex-) voetballers aan het woord over een aantal momenten in

hun voetballoopbaan.

FC Volendam is bezig aan een tot dusver succesvol seizoen

in de Keuken Kampioen Divisie. Niet alleen de resultaten zijn

goed, er is daarnaast veel waardering voor het vertoonde spel.

Het succes mag voor een groot deel worden toegeschreven aan

Wim Jonk, die voor dit seizoen als trainer werd aangesteld. Wij

spraken met de 49-voudig international over zijn carrière.

“BIJ ELKE CLUB HEB JE WEL EEN VIJFDE COLONNE EN BIJ

AJAX ZIJN DIE KRACHTEN MISSCHIEN WAT STERKER”

12

13


DE KEUZE VAN

WIM JONK

VOLENDAM

"Ik maakte in 1986 mijn debuut voor FC

Volendam in een vriendschappelijke wedstrijd

tegen Always Forward in Hoorn. FC Volendam

speelde toen ook in de Eerste Divisie. We

hadden een leuk team met jongens als

Steve van Dorpel en Gert-Jan Duif in de

aanval. Ik werd dat jaar clubtopscorer met

24 doelpunten. Onder leiding van trainer Jan

Brouwer promoveerden wij naar de Eredivisie.

Daar speelden we geweldige wedstrijden.

Bijvoorbeeld de memorabele thuiswedstrijd

tegen Roda JC, die we met 5-4 wonnen.

Ik kwam later in dat seizoen helaas op de

bank terecht en moest regelmatig met Jong

Volendam mee doen. Ik merkte dat ik niet

meer in de plannen van de trainer voorkwam

en dat voelde uiteraard vervelend. Ik wilde dat

niet zomaar laten gebeuren en trainde daarom

extra voor mijzelf op punten waar ik mij kon

verbeteren. Zoals mijn passing en schieten.

Mijn inspanningen werden beloond. Bobby

Haarms was mijn trainer bij Jong Volendam.

Haarms werd door Johan Cruyff teruggehaald

naar Ajax. En nadat hij mij met FC Volendam

op het Blauw Wit Pinkstertoernooi had zien

spelen, kon ik de overstap naar Ajax maken.

Nu ik zelf trainer ben, probeer ik de ervaring

van toen over te brengen op mijn spelers. Als

je werkt aan je mindere punten en focus houdt

op zaken waar je zelf invloed op hebt, komen

er vanzelf weer kansen. Maar je moet dan dus

wel bereid zijn in jezelf te investeren. Stilstand

is achteruitgang."

AJAX

"Hoewel Johan Cruyff mij dus naar Ajax haalde,

heb ik hem zelf nooit als trainer gehad omdat

Barcelona hem inmiddels had gecontracteerd.

Mijn eerste trainer was Kurt Linder. Dat

duurde niet lang, want daarna kwamen Barry

Hulshof en Spitz Kohn, totdat Leo Beenhakker

het roer overnam. Ik moest wennen aan het

ritme. De overgang naar Ajax was een hele

stap. Maar omdat je betere voetballers om

je heen hebt, ontwikkel je je snel. Ik had met

veel concurrentie te maken. Jongens als Jan

Wouters, Ronald de Boer, Ron Willems en

Dennis Bergkamp speelden op posities waar

ik goed uit de voeten kwam. Het was vaak

stuivertje wisselen in de basisopstelling. Soms

had je dan geluk nodig dat Jan Wouters iemand

nog een elleboogje gaf, waardoor hij weer

voor een wedstrijdje of vier geschorst werd.

Onder Leo Beenhakker werden we kampioen,

maar dat werd nog heel spannend. In de

voorlaatste wedstrijd, thuis tegen Roda JC,

kwamen we met 0-2 achter. Ik zat op de bank

en 20 minuten voor tijd kwamen Ron Willems

en ik samen het veld in.

Ik maakte de aansluitingstreffer, Willems de

2-2 vlak voor tijd. De Meer ontplofte en een

week later werden we kampioen in Nijmegen

uit bij NEC. Ik vond Beenhakker een goede

trainer, met veel variatie in zijn oefenstof. De

oefeningen schreef ik soms op. Toen al. Je weet

nooit waar het later goed voor is. Leo was een

uitstekende ‘People manager’. Hij had gevoel

voor humor, maar wist ook de juiste hiërarchie

in de groep te bewaren. Maar ik speelde niet

altijd en ik stond op het punt om weg te gaan.

Toen kwam Louis van Gaal bij me. Hij was nog

de assistent van Beenhakker. “Als ik trainer ben

van het eerste elftal speel jij altijd”, zei Louis.

Ik weet niet of het toen al speelde, maar feit

is dat Beenhakker naar Real Madrid vertrok en

van Gaal het stokje overnam."

"Van Gaal bereidde ons altijd goed voor

op de tegenstander. In die tijd keken we

veel video, ook in de bus als we naar een

uitwedstrijd gingen. Hij wilde vooral dat wij

als spelers nadachten over wat we deden. Dat

stimuleerde hij constant. Een rondo lijkt vaak

maar wat ‘spielerei’, maar niet bij hem. Ik kon

goed met Louis overweg, maar toch vond

ik het onbegrijpelijk dat hij mij wisselde in de

bekerfinale tegen Heerenveen (1993 red.). Ik

werd nooit gewisseld! We stonden met 2-1

of 3-1 voor en kregen daardoor steeds meer

ruimte. Kat in het bakkie toch? Ik was echt

‘pissed off’ en vond niet dat ik dat verdiende.

Het was ook nog eens mijn laatste wedstrijd

voor Ajax. De transfer naar Inter was al rond.

Maar goed, de dag na de wedstrijd hebben

we dat uitgesproken. Maar je ziet het, na al die

jaren is het mij nog bijgebleven."

INTER MILAN

"Mijn eerste gesprek met Inter was al in

november 1992. Voor Dennis Bergkamp

bestond nog meer belangstelling. Hij kon uit

meerdere clubs kiezen. Ik was er wel uit met

Inter, maar veel mensen denken dat het een

soort ‘package deal’ was. Wim Jonk en Dennis

Bergkamp: “twee voor de prijs van één”. Dat

was dus niet zo. Dennis was al ver met Juventus,

maar die kwamen hun afspraken niet na. Inter

heeft daar handig gebruik van gemaakt. Inter

wilde aanvallender voetbal spelen, maar je

hebt wel te maken met typisch Italiaanse

trainers. De eerste was Osvaldo Bagnoli, daarna

heb ik er nog twee gehad. Wij wonnen dat

eerste seizoen wel meteen de UEFA Cup door

in de finale Casino Salzburg te verslaan. Dennis

en ik namen, geloof ik, 80% van de goals voor

onze rekening."

Foto: Stanley Gontha

14

15


DE KEUZE VAN

WIM JONK

"Hoewel ik uiteraard veel contact met Dennis

had, ging ik buiten het veld ook met andere

spelers om, zoals met keeper Walter Zenga,

Guiseppe Bergomi en Riccardo Ferri. Ferri

was mijn buurman. We reden samen naar de

training. Inter is een prachtige club met veel

verschillende fanclubs, tot in Zwitserland

aan toe. Dan moest je met twee spelers op

zo’n avond verschijnen en kwam je in een

sporthal uit. Bommetje vol! Laatst nog kwam

hier een supporter van zo’n fanclub naar een

thuiswedstrijd van FC Volendam. Speciaal om

een cadeautje te brengen als dank voor mijn

jaren bij de club. Mooi toch?"

PSV EN SHEFFIELD WEDNESDAY

“Ik had nog een doorlopend contract bij Inter

en had daar gewoon kunnen blijven. Maar ik

speelde niet alles en dat had ook z’n weerslag

bij het Nederlands Elftal. Ik miste het EK ‘96

in Engeland en dat deed ontzettend veel

pijn. Ik was topfit. PSV zag ik als een enorme

uitdaging. De club stond aan het begin van

een nieuw tijdperk en ik kon daar onderdeel

van uitmaken. Dick Advocaat stond aan het

roer en met jongens als Philip Cocu, Jaap

Stam, Boudewijn Zenden, Luc Nilis en Arthur

Numan stond er wel moois te gebeuren.

In de Champions League hadden wij een

mooie poule met Barcelona, Dynamo Kiev en

Newcastle United. Vergeet niet dat in die tijd

alleen de nummer 1 over ging naar de volgende

ronde. Mooie wedstrijden en ik vermoed dat

het ook voor Advocaat één van zijn mooiste

ervaringen moet zijn geweest. Alles bij elkaar

was de sportieve uitdaging, in combinatie met

het in de kijker spelen voor Oranje, de reden

om terug te gaan naar Nederland."

“In de zomer van 1998 ontstond er een

leegloop bij PSV. Boudewijn Zenden ging weg,

Arthur Numan vertrok en Jaap Stam tekende bij

Manchester United. Harry van Raay probeerde

me nog wel te overtuigen en samen met Rob

Janssen (zaakwaarnemer red.) kwam het tot

een gesprek. Hij wilde rond Luc Nilis en mijn

persoon een nieuw elftal bouwen. Bovendien

diende zich een nieuw talent aan, Ruud van

Nistelrooy. Maar ik wilde altijd nog een keer

in Engeland spelen. Het had ook Nottingham

Forest kunnen worden, waar Pierre van

Hooijdonk op dat moment ook speelde. Ik ging

echter naar Sheffield Wednesday. In eerste

instantie dacht ik “Sheffield”? Maar toen ik daar

eenmaal kwam en dat prachtige oude stadion

zag met die geweldige grasmat, was ik om. Ik

werd gehaald door Danny Wilson, de trainer,

die mij vertelde een fan van mij te zijn. “You’re

my passing player”, zei hij. Dat was dus mijn

opdracht."

NEDERLANDS ELFTAL

“Oranje was voor mij een beetje ‘vallen en

opstaan’. Het WK ‘94 in Amerika heb ik gespeeld

onder Dick Advocaat. Ik scoorde twee keer op

het toernooi. Eenmaal tegen Saudi-Arabië en

eenmaal tegen Ierland. Die goal tegen Ierland

dankte ik wel een beetje aan Pat Bonner, de

keeper van de Ieren. Hij liet mijn schot van grote

afstand door zijn handen glippen. In Amerika

was het bloedheet met temperaturen boven

de 40 graden. Twee jaar later miste ik dus het

EK ‘96 in Engeland onder Guus Hiddink. Maar in

1998 nam dezelfde Hiddink me wel mee naar

Frankrijk voor het WK. Weer twee jaar later liet

Frank Rijkaard mij helaas links liggen voor het EK

hier in Nederland. Je ziet het: wel niet, wel niet.

Met Rijkaard kan ik overigens prima overweg

hoor. Nog steeds spreken we elkaar en dan

doen we een bakkie koffie en praten we lekker

over voetbal. Ik bleef steken op 49 interlands.

Die 50ste had ik graag willen halen tijdens

een oefentrip naar Brazilië. Er stonden twee

wedstrijden tegen Brazilië op de planning, maar

helaas kwam ik niet aan spelen toe.”

TRAINERSCHAP

“Toen ik voetbalde had ik altijd al het idee dat ik

er later iets mee wilde doen. Ik deed samen met

Pier Tol en Arnold Mühren de trainerscursussen

TC1 en TC2. In eerste instantie nam ik een

bestuursfunctie aan in de voetballerij. Dat was

in 2002 bij FC Volendam. Alles op technisch

vlak lag op mijn bord, maar ik nam ook de tijd

om op het veld te staan en jongens als Kees

Kwakman en Jack Tuyp individuele training te

geven.

Toen Jan Olde Riekerink en Piet Keizer zich

een paar jaar later meldden om bij Ajax wat

te gaan doen in de jeugdopleiding, heb ik

gezegd “laat mij eerst maar eens in de keuken

kijken”. Pas toen Johan Cruyff zich er later mee

ging bemoeien, werd ik door hem als Hoofd

Opleidingen naar voren geschoven.

Bij elke club heb je wel een vijfde colonne en

bij Ajax zijn die krachten misschien wat sterker.

Je krijgt dan ook te maken met rancune. Er

bestaat een beeld dat Johan en ik al sinds jaar

en dag een hechte samenwerking hadden. Dat

is echter pas op de Toekomst zo ontstaan.

Inmiddels ben ik trainer van FC Volendam. Met

het winnen van de 2e periode zijn we goed op

weg. Deze lijn moeten we vasthouden en dan

kan 2020 een mooi jaar worden."

Foto: ProShots/Voetbal International

Tekst: Clifford William

16

17


DE KEUZE VAN

WIM JONK

AJAX

"Ik speelde niet altijd en ik stond op het punt om weg te gaan. Toen

kwam Louis van Gaal bij me. Hij was nog de assistent van Beenhakker. “Als

ik trainer ben van het eerste elftal speel jij altijd”, zei Louis. Ik weet niet of

het toen al speelde, maar feit is dat Beenhakker naar Real Madrid vertrok

en van Gaal het stokje overnam."

NEDERLANDS ELFTAL

"Ik miste het EK ‘96 in Engeland onder Guus Hiddink. Maar in 1998

nam dezelfde Hiddink me wel mee naar Frankrijk voor het WK.

Weer twee jaar later liet Frank Rijkaard mij helaas links liggen voor

het EK hier in Nederland. Je ziet het: wel niet, wel niet.”

PSV

18

INTER MILAN

“Veel mensen denken dat het een soort ‘package deal’ was. Wim Jonk

en Dennis Bergkamp: “twee voor de prijs van één”. Dat was dus niet

zo. Dennis was al ver met Juventus, maar die kwamen hun afspraken

niet na. Inter heeft daar handig gebruik van gemaakt.”

“PSV zag ik als een enorme uitdaging. De club stond aan het begin

van een nieuw tijdperk en ik kon daar onderdeel van uitmaken. Dick

Advocaat stond aan het roer en met jongens als Philip Cocu, Jaap Stam,

Boudewijn Zenden, Luc Nilis en Arthur Numan stond er wel moois te

gebeuren.”

SHEFFIELD WEDNESDAY

“In eerste instantie dacht ik “Sheffield”? Maar toen ik daar eenmaal kwam

en dat prachtige oude stadion zag met die geweldige grasmat, was ik om. Ik

werd gehaald door Danny Wilson, de trainer, die mij vertelde een fan van mij

te zijn. “You’re my passing player”, zei hij. Dat was dus mijn opdracht.”

19


20

21


ACHTER DE SCHERMEN

Andy Zuidema

Pro Shots is een persbureau dat nieuw

talent kansen geeft zich te ontwikkelen.

Daar waar andere bedrijven in de branche

nieuwe aanwas zonder begeleiding laat

beginnen met een finale van de Champions

League, starten fotografen bij Pro Shots in

de kelder van het betaalde voetbal.

Popconcerten fotograferen of een

voetbalwedstrijd volgen. Andy Zuidema doet

het allebei en met evenveel passie. Niet veel

mensen kunnen zeggen dat zij behoren tot de

inner circle van de Popband Queen of van onze

eigen Armin van Buuren. Zelfs een nuchtere

‘Greuninger’ moest zichzelf even in bedwang

houden toen hij Brian May van Queen voor het

eerst recht in de ogen keek.

Door: Clifford William

22

23


ACHTER DE SCHERMEN

INTERVIEW MET

24

“BRIAN MAY KEEK ME AAN, IK DACHT SHIT IK MOET HEM NU

FOTOGRAFEREN”

Andy Zuidema van PRO SHOTS

Popconcerten en voetbal. Dat moet toch

een wereld van verschil voor je zijn?

“Mijn reactie zal mensen vast verbazen, maar ik

vind het juist heel erg op elkaar lijken. Sport en

popfotografie is het vastleggen van een actie in

een paar seconden. Een gitarist springt met zijn

gitaar, een voetballer maakt een omhaal. Ik vind

het op elkaar lijken. Het verschil is dat je bij een

concert slechts voor 3 nummers de tijd hebt. Je

moet dus gelijk keihard knallen. Bij voetbal heb

ik meer tijd.”

Het lijkt bijna een jongensdroom om de

vaste fotograaf te zijn van Queen. Hoe leg

je dat je vrienden uit?

“Het blijft geweldig als je jarenlang een doel

hebt en uiteindelijk lukt om één van de

fotografen te worden. Queen is voor mij

iets mythisch. Als creatief persoon haal ik

veel inspiratie uit nummers van Queen. Maar

ook door de historie van de band en hoe ze

groot zijn geworden. Niets gaat zonder vallen

en opstaan, zolang je maar in jezelf gelooft,

realistisch bent en keihard knokt. Ik heb ze in

Brussel, Rotterdam, Amsterdam, en Wembley

Arena mogen fotograferen, met als hoogtepunt

afgelopen augustus in Madison Square Garden,

New York.

Bij zo’n uitleg hoort ook een anekdote

Vertel.

“Eerste keer toen ik voor de band mocht werken

was in Brussel, Brian May stond voor mij te

spelen op zijn red special en keek mij aan, echter

ik keek terug met een traan in mijn ogen en

mond wijd open. Opeens dacht ik, shit ik moet

fotograferen haha. Ik was zo onder de indruk

dat mijn droom was uitgekomen, normaal ben

ik eerder te kalm en nuchter. Zo zie je maar dat

je nog steeds geraakt kan worden. Vervolgens

sliep ik in een hotel waar van Gogh (de schilder

red.) ook had geslapen, beetje jammer dat er

alleen koud water uit de douche kwam. Was

wel gelijk weer wakker uit mijn droom.”

En dan sta je een paar dagen later Cambuur

– Top Oss op een koude vrijdagavond te

fotograferen.

“Het is vaak fijn om juist het tegenovergestelde

te doen. Zo zat ik vorig jaar met oud en nieuw

in China op het tropische Eiland Hainan met

Martin Garrix en Armin van Buuren in een

zeer luxe 5-sterrenresort om een show te

fotograferen. Twee dagen later stond ik weer

in de Nederlandse kou voor een fotoshoot in

een drugspand. Sta je weer met beide benen

op de grond.”

Wat zijn de verschillen in de manier

waarop je voetbal en muziek benadert?

“Ik luister muziek urenlang van tevoren om er

in te komen. Verdiep mij op YouTube hoe het

podium is, hoe ze opkomen. Wat valt op? Wat

moet ik pakken en vooral hoe? Waar kan ik het

beste staan? Welke lens begin ik mee. Je komt

20 minuten voor aanvang binnen, 15 minuten

voor aanvang mag je naar de fotopit en dan is

het gelijk actie. Met voetbal ga je al veel eerder

naar het stadion, ga je in de persruimte zitten

om je workflow in orde te maken. Opstellingen

doornemen, laatste nieuws lezen van beide clubs

om vervolgens je plan te maken. Perskamers

heb je niet in de Ziggo Dome, daar doe je het

in een café om de hoek of op de terugweg in

de trein. Dat zijn dus grote verschillen.”

Vertel ook eens iets over de verschillen in

de entourage, het publiek bijvoorbeeld.

“Bij popconcerten heb je geen vijandige sfeer

zoals vaak in het voetbalstadion het geval is.

Wat je wel bij beide hebt is het gooien van bier,

hahaha. De sfeer is bij popconcerten een stuk

relaxter. Bij beide heb je fans waar hun idool of

club hun lust en hun leven is. Alleen reageren ze

er anders op. Bij popconcerten komen mensen

met liefde voor de muziek, niet een kamp voor

rood en een kamp voor groen.”

Verbazingwekkend allemaal, toch zit je

maar pas bij Pro Shots.

“Afgelopen juni kreeg ik een telefoontje dat

Pro Shots op zoek was naar een vaste fotograaf

in het noorden van ons land. De keus was voor

mij heel simpel gemaakt en ik heb er tot op de

dag van vandaag geen spijt van. Ik ontwikkel

mij als sportfotograaf meer dan in al die jaren

ervoor terwijl ik al sinds 2004 langs de lijn zit.

Klinkt misschien gek maar vroeger heb ik nooit

veel feedback gehad dus dan doe je maar wat.

Heb erg het gevoel dat ik bij Pro Shots mijzelf

kan en mag zijn.”

De harde kern van Groningen kent jou, een

voordeel of een nadeel?

“Ik kom er al 28 jaar en heb in de Oosterparkwijk

destijds nog programmaboekjes verkocht.

Op latere leeftijd ging ik ook mee naar de

uitwedstrijden. Mijn carrière als fotograaf is

bij FC Groningen ontstaan toen we als groep

door het land gingen en ik foto’s maakte voor

de website. Mijn fotoboek die ik in 2015 heb

gemaakt heet niet voor niets 'Deze club doet

ons leven'. Dus ja natuurlijk is het een voordeel.”

Foto: Toin Damen 25


HET SPORTMOMENT VAN

Het meest opmerkelijke moment uit zijn

loopbaan als journalist? Swier lepelt er zonder

moeite enkele op, vanuit zijn tijd bij de GPD (van

2001 tot en met 2012) en daarna als freelancer.

Het zijn vooral momenten die anderen heel

bijzonder vinden, stelt hij. “Als ik vertel over

tenniswedstrijden tussen Nadal en Federer waar

ik bij was, of dat ik Usain Bolt goud heb zien

winnen op de 100 meter op twee Olympische

Spelen spreekt dat veel mensen tot de

verbeelding. Het waren zeker mooie momenten,

maar ook momenten waarop ik ‘gewoon’ aan

het werk was.”

Nee, voor zijn meest opmerkelijke moment

moeten we naar de Tour de

France van 2007. En specifiek

naar 25 juli. “Dat was de dag

dat de Raboploeg besloot

Michael Rasmussen naar

huis te sturen vanwege

leugens en mogelijk

dopinggebruik,” verduidelijkt

Swier. “Ik was als een van

de eerste journalisten in het

rennershotel, zat verstopt

achter een plantenbak mijn

verhalen te tikken. Ik heb

wel tien versies geschreven,

omdat er steeds nieuwe

updates kwamen.”

Edward Swier (51) is wat je een echte

allrounder noemt in de sportjournalistiek.

Onlangs publiceerde de freelancer het

boek ‘Mountainbiken in Nederland’. Hij is

tevens hoofdredacteur van NL COACH, een

vakblad voor sportcoaches.

“Ik had mijn verhaal getikt op de Aubisque, de

berg van aankomst, en was daarna met een

collega snel naar ons hotel in Pau gereden,”

herinnert Swier. “Toen kreeg ik een belletje dat

er van alles speelde bij de Raboploeg en zijn we

meteen naar het rennershotel gegaan. Renners

als Michael Boogerd en Thomas Dekker liepen

daar beduusd door de gangen. De politie kwam

nog langs, de ploegleiding belegde meerdere

persconferenties. Ik sprak nog met iemand

binnen de Raboploeg die ik goed kende, zij

bleek een kwartiertje later Rasmussen naar het

vliegveld te hebben gebracht. Ze waren via de

achterdeur vertrokken, zowat onder mijn neus

vandaan.”

“DE AVOND BEGON NOG UITERST POSITIEF VOOR

HET NEDERLANDSE WIELRENNEN”

De avond begon nog uiterst positief voor het

Nederlandse wielrennen. Rasmussen, weliswaar

een Deen maar wel in Hollandse dienst, had

net de laatste bergetappe gewonnen en had

de gele trui strak om zijn schouders zitten. De

Rabobankploeg leek klaar voor een groot feest

in Parijs een paar dagen later.

26

Het was een bizarre avond, aldus Swier. “We

waren allemaal tot diep in de nacht aan het tikken,

en de volgende ochtend ging de Tour gewoon

weer verder. Het is nu ruim twaalf jaar terug,

maar bij elke Tour moet ik nog aan die avond

terugdenken.”

Tekst: Mike van Damme

Foto: Pro Shots/Action Images

27


FOTOVISIE

Het aanbieden van foto- en videomateriaal

aan online media is in de laatste jaren flink

aan verandering onderhevig. Nog niet eens

zo lang geleden werden foto’s afgedrukt en

kon je deze afgeven op de redactie waarna

de foto’s naar de drukkerij gingen om in

de kranten te verschijnen. In het digitale

tijdperk, waar je van een analoge camera

naar een digitale camera overstapte, is ook

het aanbieden van fotografie aan de media

flink veranderd.

“Met één druk op de knop bedien je alle

mediakanalen.”

Tegenwoordig maak ik een foto die ik via de Wifi

in mijn camera naar mijn mobiele telefoon stuur.

Een kwestie van seconden. Met een paar apps

kan ik die foto ter plaatse bewerken. Fijn als een

foto zo snel mogelijk op de redactie moet zijn.

Ik ben jaren geleden een mediabedrijf gestart

dat regionale en landelijke media voorziet van

foto en video van zowel evenementen als

incidenten. Snelheid is daarbij van levensbelang.

Een van mijn fotografen met IT-kennis is toen

gaan kijken of wij een app konden ontwikkelen

waarbij je met één druk op de knop de foto’s

bij alle geselecteerde media kan plaatsen. Dit

noemen wij een media-mailer.

Hoe werkt dit?

1) Je maakt een foto, 2) selecteert deze in de

camera, en 3) upload dit naar je telefoon. Tot

zover niets nieuws. 4) Na het bewerken open je

de web-based app. In deze app, wordt gelijk de

locatie ingevuld middels Google Maps,

5) je selecteert de foto, 6) geeft aan naar welke

media deze moet worden gestuurd en 7) in

de invulvelden typ je een kleine omschrijving,

waarna je 8) op de verzendknop drukt. Dit alles is

binnen één minuut gebeurd. Daarna gaat de app

aan het werk en stuurt vervolgens een mail met

de geselecteerde foto’s naar de geselecteerde

media. Of dat er nu 10 zijn of dat er 1 is dat maakt

niet uit, iedere geselecteerde ontvanger krijgt

dezelfde mail met dezelfde foto. Fotografen

die deze app gebruiken hebben hun eigen mailhandtekening

zodat media bij vragen ook gelijk

de juiste persoon kan bellen voor eventuele

verdere informatie.

Een volgende stap waar we aan werken is video.

Dit zijn grotere bestanden die eerst gestald

moeten worden op een FTP server en vanuit

daar naar de media verstuurd worden. Dit vereist

een aantal extra stappen in een app. Daar wordt

nu hard aan gewerkt. Verwacht wordt dat deze

digitalisering begin van het komend jaar getest

wordt en later in het jaar in gebruik kan worden

genomen.

Tekst: Marcel van Dorst

28

29


DAGELIJKS, WEKELIJKS EN SEIZOEN

WIN GELDPRIJZEN

SPEEL MEE EN

REGISTREER NU!

SPEEL VOOR JE PLEZIER

RUIM 25.000 SPELERS GINGEN U VOOR

Op dit moment organiseert Zweeler Ltd meer dan 1.500 spellen op jaarbasis. Voetbal, en wielrennen zijn met

Wist je dat?

Wist je dat?

Wist je dat?

voorsprong de meest populaire sporten, maar ook de fans van Tennis, Darts, Golf, Skiën, Biathlon, NBA, NHL, MMA,

Cyclocross, Snooker, Olympische Spelen, Rugby, Handbal, Schaatsen, Formule 1, MotoGP en Dakar kunnen hun hart

ophalen met de vele spellen die elke maand worden opgezet.

Voetbalshop de trotse sponsor

is van vele voetbalverenigingen

in de Benelux.

Je jouw club ook heel

eenvoudig kunt aansluiten

bij Voetbalshop.

Je voor alle materialen voor

jouw voetbalvereniging ook bij

Voetbalshop terecht kunt.

AL MEER DAN €3.000.000

AAN PRIJZEN UITGEKEERD

Teamwear specialist Mick

Voor een klein bedrag (variërend van 1 tot 25 euro) kan je dagen,

weken of zelfs maandenlang spelplezier hebben. Wanneer je de

meeste andere spelers verslaat, kan je kleine en hele grote

geldprijzen winnen. Het volgen van sportevenementen wordt

hierdoor nog leuker en vooral spannender.

BONUSSEN

■ 1 e stortingsbonus

van minimaal € 25

en maximaal € 250.

■ Tell a Friend bonus van

€ 15 euro per nieuwe vriend.

■ Geregeld gratis spellen met

bonussen.

VEILIGHEID

■ SSL codering (https).

■ Er worden geen

Creditcardgegevens

opgeslagen.

■ Cryptografie van persoonlijke

gegevens.

■ Spelersbescherming.

■ Jaarlijkse security audits.

FAIRPLAY


■ Limiet aan het

aantal teams

per spel.

■ Verplichte verschillen

tussen eigen teams.

■ Geen automatische upload

van teams toegestaan.

■ Spelers ervarings indicator.

30

31


PERSVOORLICHTER

STIJN VULLINGS - VVV VENLO

"DE CLUBS EN SUPPORTERS

VAN MVV EN VVV

STAAN OP GOEDE VOET

MET ELKAAR"

Wat is je band met MVV en VVV-Venlo en

hoe was die vroeger?

“Ik heb altijd in de omgeving van Venlo gewoond

en via mijn amateurvoetbalclub had ik een aantal

seizoenen een jeugdseizoenkaart voor 5 gulden

van VVV. Daar maakte ik alleen niet al te vaak

gebruik van. Door familie in Zuid-Limburg kwam

ik begin jaren ’90 in aanraking met het MVV van

o.a. Erik Meijer, Twan Scheepers, Reginald Thal,

Hans Visser en Roberto Lanckohr. En toen ik

éénmaal als klein jochie op de middenstip had

mogen staan in De Geusselt was ik verkocht.”

Na 14 jaar MVV heb je de overstap gemaakt

naar VVV. Heb je moeten vrezen voor de

ramen van je huis?

“Haha nee, absoluut niet. Ik heb als supporter

op een gegeven moment natuurlijk de pet van

medewerker opgezet en vandaar uit altijd de

goede band met de supporters behouden.

Toen ik vlak voor de zomer bekend maakte dat

ik de overstap ging maken naar Venlo, werd er

zeer sympathiek gereageerd en kreeg ik veel

felicitaties en begripvolle reacties. Ik heb op 1

september jl., rondom de derby tegen Roda JC

in De Geusselt, een fantastisch afscheid gehad.

Werd ik daar op het veld gehuldigd voor bijna

15 jaar trouwe dienst. Groot applaus. Ja, dat

doet je wel wat. Ik denk trouwens ook niet

dat het een ‘issue’ is als je van MVV Maastricht

de stap maakt naar VVV-Venlo. De clubs en

supporters staan op goede voet met elkaar.

Van grote rivaliteit is totaal geen sprake.”

Wat voor verschil merk je tussen MVV en

VVV?

“VVV-Venlo is, zoals ook MVV, een mooie en

warme volksclub die baas in eigen zaak wil blijven.

Een ‘bourgondische’ club ook met bevlogen

collega's. Het verschil is wél écht dat de club

zich heeft ontwikkeld naar Eredivisieniveau.

Waar ik bij MVV met 7 collega’s op kantoor de

dagelijkse organisatie draaide, doen we dat in

Venlo met ongeveer 25 personen. Ieder met

zijn of haar eigen specialisme.”

Speelt de Eredivisie daar een grote rol in?

““Absoluut! Op mediavlak bijvoorbeeld is er veel

meer aandacht, zowel rondom wedstrijden als

doordeweeks. In Maastricht had ik tijdens grote

wedstrijden (derby’s en play-offs) maximaal

35 personen in de Persruimte zitten. In Venlo

zijn dat er iedere wedstrijd minimaal 35, met

uitschieters naar 65 tijdens de topwedstrijden.

En dan tel ik de TV-crew van FOX nog niet eens

mee. Daarnaast vinden er iedere dag interviews

plaats met staf en/of spelers en staat de club

veel meer ‘in the picture’. Maar juist dat maakt

het erg leuk en dynamisch. Dat motiveert me

extra!”

Ben je ook betrokken bij alle eigen (social)

media van de club?

“Jazeker, bij bijna alle berichtgeving op de diverse

kanalen word ik betrokken. Gelukkig heb ik op

de communicatieafdeling enkele hele kundige

en creatieve collega’s die alle ins-and-outs van

social media kennen, grafisch goed onderlegd

zijn en zorgen voor het plaatsen van content

op de juiste wijze, op de juiste momenten en de

juiste platformen. Zelf verzorg ik een deel van de

social media van de VVV Foundation. Daarnaast

ben ik verantwoordelijk voor de content van

bijvoorbeeld het presentatiemagazine, de huisaan-huis-krant

en het Businessmagazine. Mijn

taak is om ook de media goed te ontvangen

en hen zo goed als mogelijk te faciliteren. Het

is belangrijk dat je inziet dat alle aandacht die je

krijgt als club, positief voor de club kan zijn. En

het niet opvat als noodzakelijk kwaad of lastig.”

Hebben jullie een vaste clubfotograaf?

“Wij mogen van geluk spreken dat we een

drietal huisfotografen hebben. Daniël van den

Berg, Daniel Jungblut én Bart Bos zorgen dat

iedere wedstrijd perfect in beeld komt. De

heren krijgen het verzoek om zich, naast goede

wedstrijdbeelden, toe te leggen op foto’s die

een stukje emotie in beeld brengen. Emotie

is krachtig en vaak beeldschoon. Kwaliteit

is uiteraard altijd het belangrijkste. Schiet je

100 beelden, dan blijven er uiteindelijk maar

weinig over die écht kwalitatief hoogstaand

zijn. Daarom heb ik ook zoveel respect voor

fotografen en cameramensen. Ze moeten écht

oog hebben voor het juiste moment en het

juiste plaatje. Beeld speelt een steeds grotere

rol in de club-communicatie. Van foto’s en

visuals tot video’s. Beeld spreekt aan. Goede

foto’s zijn daarbij ook van groot belang. Eén

van mijn communicatiecollega’s legt zich met

name toe op beeld en social media. Hij maakt

prachtig materiaal. Promo’s, wedstrijdaffiches

en meer van dat soort zaken. Onlangs werden

we op Studio Sport nog vergeleken met Ajax

en PSV, dankzij een presentatievideo die hij had

gemaakt voor de contractverlenging van Evert

Linthorst. Ja, daar mag je dan als club heel trots

op zijn.”

Tekst: Nathalie Nuiten

Foto: Joep Leenen

32

33


DUSAN TADIC

“Voetbal is mijn passie. Ik houd ervan om

erover te praten. Dat kan ik echt de hele

dag doen. Over tactiek, over mentaliteit.

Vandaar dat het me ook mooi lijkt om later

trainer te worden. Op de kleedkamerdeuren

op De Toekomst hangt een poster met elf

punten waar een Ajax-speler aan moet

voldoen, zoals respect hebben voor anderen,

altijd willen winnen, plezier hebben en

creativiteit. Ik heb er een foto van gemaakt,

omdat ik het mooi vind. Die punten komen

misschien ook van pas als ik zelf trainer ben,

maar zover is het nog niet. Ik voel me nog

veel te fit om aan stoppen te denken. Dus

richt ik me nu nog volop op mijn actieve

carrière, op Ajax."

“Ik was al op heel jonge leeftijd voor het eerst

aanvoerder. Ik was zeven, of acht. Toen dacht

ik natuurlijk dat ik de baas op het veld was;

zo gaat dat met kinderen. Als je ouder wordt,

merk je dat de aanvoerdersband steeds minder

uitmaakt voor je leiderschap. Nu ben ik alleen

thuis nog de baas, haha. Ik ben ook aanvoerder

van het nationale team van Servië. Dat is ook

mooi, maar niet mooier dan dat ik aanvoerder

van Ajax ben. Ajax was vroeger al mijn favoriete

ploeg. Wel is de druk bij Servië nog iets hoger.

Of beter gezegd: anders. Verliezen is bij Ajax

not done, maar als het met Servië gebeurt,

lijkt het alsof er iemand is gestorven. Alles

stopt dan. Mensen kunnen enorm emotioneel

worden. Dat is niet altijd prettig.”

"Het voordeel van aanvoerder zijn, is dat je altijd

de ruimte krijgt om iets te zeggen. Bij Ajax in de

kleedkamer zijn er overigens genoeg jongens

die hun mond open doen, ook de jongere

gasten doen dat. Ze zijn ook met velen. Vooral

Carel Eiting doet me denken aan mezelf toen ik

jong was. Hij is een slimme jongen, heeft voor

zijn leeftijd slimme dingen te zeggen."

"Kijk naar Matthijs de Ligt; hij was pas achttien

toen hij aanvoerder werd. Hij is een zeer slimme

jongen, met de juiste uitstraling, dus dat hij nog

jong was, maakte niets uit. Ja, ik zou Matthijs

een geboren leider noemen. Net als Virgil van

Dijk dat eigenlijk is. We speelden samen bij FC

Groningen en Southampton. In mijn eerste

seizoen bij FC Groningen, in 2010/11, kwam hij

net kijken. Hij mocht meetrainen en maakte

aan het eind van dat seizoen zijn debuut in

het eerste elftal. Hij straalde vanaf het eerste

moment al iets uit. Ik herinner me nog dat hij na

een paar keer meetrainen zijn plekje als rechter

centrale verdediger al wilde claimen, terwijl er

een meer ervaren speler op die positie stond.

Dat maakte Virgil niets uit."

"Toen we bij Southampton weer teamgenoten

werden, vond ik het mooi om te zien dat hij zich

in de tussentijd in alle aspecten had verbeterd.

Ook in zijn leiderschap. Hij was al mondiger

geworden, had oog voor zijn teamgenoten en

het proces. Dat hij het nu geweldig doet als

aanvoerder van Liverpool en het Nederlands

elftal vind ik dus niet zo verrassend."

“Het is niet gemakkelijk om als voetballer

op te groeien in Servië. Bij Vojvodina heb ik

bijvoorbeeld in vier jaar iets van acht trainers

versleten. Zo gaat dat in Servië: er is totaal

geen geduld. In Nederland, ook in Engeland,

krijg je als coach veel meer tijd. Zolang je maar

een goede filosofie hebt. Kijk naar Ajax: Erik

ten Hag had het in het begin ook lastig, maar

hij kreeg de tijd en dat leverde veel succes op.

Hij laat zien dat hij spelers beter kan maken en

ziet het spel goed. Afgelopen seizoen heeft

hij laten zien dat een beetje geduld zeker kan

lonen. In Servië had hij het nog lastiger gehad

in het eerste half jaar, al verwacht ik niet dat hij

daar was ontslagen.”

“De Nederlandse manier bevalt me een

stuk beter. Ik heb bij drie clubs gezeten

in Nederland, en heb nog geen ontslagen

trainer meegemaakt. Bij Groningen werkte ik

alleen met Pieter Huistra, bij Ajax dus nu bijna

anderhalf jaar met Ten Hag. Bij FC Twente nam

Steve McClaren zelf ontslag aan het einde van

ons eerste seizoen samen. Daarna nam Alfred

Schreuder het over. Die periode bij Twente

was de meest leerzame, denk ik. McClaren zei

ook: ‘Dusan, je moet elke week presteren’. Hij

wilde dat ik het team bij de hand nam. Ik was

voor veel geld gekocht, en dus zat er meteen

veel druk op.”

“Elke voetballer heeft een idool. Die van mij

was Zinédine Zidane. Ik hield erg van zijn manier

van spelen. Het was vaak heel sierlijk. Hij was

ook een leiderstype, maar daar keek ik nog niet

naar; als kind ben je met dat soort kwaliteiten

nog helemaal niet bezig. Daar ga je pas later

over nadenken; over hoe iemand zich precies

op en buiten het veld gedraagt. Het is goed

om mezelf eraan te blijven herinneren hoe ik

naar Zidane keek. Ik moet, als speler van Ajax en

aanvoerder van het Servische nationale team,

ook een goed voorbeeld zijn voor de kinderen

van nu. Maar wat nog belangrijker is: ik moet

eerlijk zijn naar mezelf. Als ik in de spiegel kijk,

dan wil ik trots zijn. Ja, dat ben ik.”

Tekst: Mike van Dammen /ELF Voetbal

Foto: Marcel van Dorst

34

35


36

NEEM NU EEN ABONNEMENT EN KIJK

SAMEN DE TWEEDE SEIZOENSHELFT

FOXSPORTS.NL 37


BLIKVANGER

Foto: Pro Shots / Stanley Gontha

Op deze plek verwacht je een sportfoto,

een leuk actiebeeld of een iconisch

moment waar we over 20 jaar nog steeds

over praten. Toch kunnen we niet anders

dan stil te staan op de 10e december 2019.

Op deze dag werd het personeel van

Sanoma ingelicht over de overname van

het bedrijf door mediagigant DPG (De Pers

Groep), eigenaar van o.a. Het Algemeen

Dagblad en de Volkskrant. En aangezien

Pro Shots deel uitmaakt van Sanoma,

was dit nieuws ook voor ons relevant.

Het zijn roerige tijden in de mediawereld

met volop kansen voor iedereen die een

specialiteit bezit. Zoals onze specialiteit

de sport- en nieuwsfotografie is. Nog

geen jaar geleden namen wij afscheid

van DPG na 15 jaar trouwe dienst als

hofleverancier van de foto’s in hun

sportkaternen. Prijserosie leidde tot dit

afscheid. Inmiddels lijkt de wind weer

anders te waaien. 2020 zou wel eens een

heel mooi jaar kunnen worden.

38

39


JAAR IN BEELD

Een jaar is zo maar weer voorbij. We proberen

belangrijke sportmomenten met eigen

fotografen vast te leggen. De winst van Ajax

tegen Real Madrid in Bernabeu, of Mathieu

van der Poel die de Amstel Gold Race als

winnaar naar zich toetrekt. En dat met het

vooruitzicht van een Olympisch jaar in 2020 en

het EK voetbal van de zomer. Eerst nog maar

even genieten van een paar mooie foto’s.

Foto: Joep Leenen

Foto: Bart Scheulderman

Foto: Kay in 't Veen

40

Foto: George Deswijzen

Foto: Jasper Ruhe

41


JAAR IN BEELD

Foto: Stanley Gontha

Foto: Toon Dompeling

Foto: Thomas Bakker

Foto: Erik Pasman

Foto: Marcel van Dorst

Foto: Niels Boersema

42

43

Hooray! Your file is uploaded and ready to be published.

Saved successfully!

Ooh no, something went wrong!