07.01.2020 Views

Magazine Casino2020

20 jaar geleden werd het cultuurcentrum CasinoKoksijde officieel geopend. We willen onze verjaardag vieren met een feestmagazine waarin we heel wat mensen aan het woord laten die de voorbije jaren mee vorm hebben gegeven aan ons cultuurcentrum: de politici, medewerkers, artiesten, en niet onbelangrijk, ons publiek. Dat geeft een unieke inkijk in het reilen en zeilen van ons cultuurcentrum. Vraag je magazine in het cultuurcentrum. Niet alles kregen we in het magazine geperst. Op deze website vind je nog extra info, interviewtjes, getuigenissen, … Veel leesplezier.

20 jaar geleden werd het cultuurcentrum CasinoKoksijde officieel geopend. We willen onze verjaardag vieren met een feestmagazine waarin we heel wat mensen aan het woord laten die de voorbije jaren mee vorm hebben gegeven aan ons cultuurcentrum: de politici, medewerkers, artiesten, en niet onbelangrijk, ons publiek. Dat geeft een unieke inkijk in het reilen en zeilen van ons cultuurcentrum. Vraag je magazine in het cultuurcentrum.
Niet alles kregen we in het magazine geperst. Op deze website vind je nog extra info, interviewtjes, getuigenissen, … Veel leesplezier.

SHOW MORE
SHOW LESS

Create successful ePaper yourself

Turn your PDF publications into a flip-book with our unique Google optimized e-Paper software.

VOORWOORD

Beste lezer, 20 jaar geleden werd het

cultuurcentrum CasinoKoksijde officieel

geopend. We vieren onze verjaardag met

dit feestmagazine waarin we heel wat

mensen aan het woord laten die de voorbije

jaren mee vorm hebben gegeven aan ons

cultuurcentrum: de politici, medewerkers,

artiesten, en niet onbelangrijk, ons publiek.

Dat geeft een unieke inkijk in het reilen en

zeilen van ons cultuurcentrum.


COLUMN

WOUTER

DEPREZ

foto: Johan Jacobs

2



Kortom, bij gebrek aan een systeem van

Michelinsterren voor culturele centra, reik ik

hier dan maar eigenhandig en totaal onofficieel

drie glanzende, oververdiende sterren uit aan

CC Casino in Koksijde. Ik kwam hier altijd al

graag en ik kom hier altijd graag terug.

De beste culturele centra liggen ten westen van Gent. In die

richting gaat namelijk de zon onder. Hoe heerlijk is het om

weg te rijden van de drukte thuis. Je laat de kinderen achter

bij je vrouw die het allemaal maar moet oplossen. En je rijdt

naar de rand van het land, een stralende zon tegemoet, alsof

de dag voor de tweede keer begint. Straks mag je optreden.

Onder die goedgelegen culturele centra ligt het CC Casino

van Koksijde dan nog eens perfecter dan perfect. De rit naar

het westen, de zon en de vrijheid is lekker ver. Koksijde is

namelijk het laatste culturele baken voor het einde van de

wereld, waar de barbaren wonen.

De beste culturele centra hebben een podium waarop je het

publiek vlakbij hebt. Dat biedt de ideale combo die je nodig

hebt om goed te spelen: de intimiteit én de lichte angst door

de nabijheid van het publiek. In die zalen voel je wanneer je

een tandje moet bijsteken, en wanneer het publiek helemaal

mee is. CC Casino is zo’n zaal waar ze haast op je schoot

zitten.

De beste culturele centra hebben een publiek dat wat van

overal komt: volksmensen en professoren, dorpelingen en

stedelingen. CC Casino heeft zo’n publiek: van overal kwamen

ze aangespoeld en ze kozen Koksijde als landingsplek.

En één ding hebben ze gemeen: ze ruiken wat naar zee, en

als je een blacklight op het publiek schijnt, glinstert er zeezout

in hun haren.

De beste culturele centra hebben programmatoren die er zijn

als je komt optreden. Als je niet bekend bent, komen ze je

begroeten en kennis met je maken. Als je wel bekend bent,

komen ze je ook begroeten en kennis met je houden. Nadien

hang je samen met hen aan de toog en praat je over koetjes

en kalfjes. CC Casino heeft Sylvie, Veerle en Bieke, waarmee

het toch zo heerlijk zeveren en doorzakken is.

De beste culturele centra hebben technici die rotsen in de

branding zijn. Ze voorkomen technische problemen, en als

ze er toch zijn, lossen ze ze in een handomdraai op. Koksijde

heeft een branding, en er liggen rotsen in: Miguel, Fabrice,

Ward en Aaron. En dan zwijg ik nog over de warme herinneringen

die we allemaal hebben aan Lode, een onuitputtelijk

vat vol anekdotes. We houden je in gedachten, Lode!

De beste culturele centra hebben een vestiaireploeg die vanuit

de vestiaire licht kwetsende opmerkingen naar je roept

als je na het eten binnenkomt. Die West-Vlaamse ‘stekken’

zijn een contraire manier om liefde te tonen. CC Casino heeft

zo’n vestiaireploeg.

De beste culturele centra hebben een café waar het publiek

blijft hangen na de voorstelling. Daar krijg je als artiest de

eerlijke mening van je toeschouwer, wat er goed en minder

was. Je krijgt de ontroering en wrevel rauw en rechtstreeks

op je bord, en dat houdt je scherp. Ook hebben de beste

culturele centra een toog waaraan iedereen op het einde verzamelt,

het is het afvoerputje van het café. En de beste cc’s

hebben ook cafébazen en -bazinnen die zelf ook een beetje

een attractie zijn. CC Casino heeft zo’n café, zo’n toog en

zo’n cafébaas en -bazin.

Kortom, bij gebrek aan een systeem van Michelinsterren

voor culturele centra, reik ik hier dan maar eigenhandig en

totaal onofficieel drie glanzende, oververdiende sterren uit

aan CC Casino in Koksijde. Ik kwam hier altijd al graag en ik

kom hier altijd graag terug.

3


Met deze slagzin opende

het cultuurcentrum 20 jaar

geleden haar deuren en

kwam het als nieuwe speler

in het culturele veld te staan.

Met een mooie theaterzaal

met 430 zitplaatsen en

een polyvalente feestzaal,

was het zaak om het

cultuurcentrum vaste voet

aan de grond te doen krijgen

en haar plek in het culturele

landschap gedurende de

daarop volgende jaren te

vrijwaren.

ARTIKEL

door veerle decroos

CASINOKOKSIJDE,

CULTURELE PAREL

IN DE WESTHOEK

Anno 2020 bereikt het cultuurcentrum

jaarlijks zo’n 50.000 bezoekers

voor enerzijds haar eigen programma

en anderzijds het gastprogramma

dat door de vele

verenigingen, organisatoren en

partners wordt aangeboden. Het

cultuurcentrum bereikt met haar eigen

programma een ruim publiek uit

Koksijde (45%) en de brede regio

(55%) en is hiermee een gevestigde

waarde geworden in het culturele landschap

van de Westhoek en Westkust.

noemer podiumkunsten vallen zowel

theater, muziektheater, muziek (met

de subgenres pop, rock, jazz, klassiek,

wereldmuziek), circus, dans,

performance, digitale kunsten, familievoorstellingen

enzovoort. Het

cultuurcentrum wil voor elk van deze

genres aandacht hebben en probeert

deze verscheidenheid ook een stem

te geven in haar programma, zodat de

cultuurliefhebber een fijne doorsnede

krijgt van het rijke culturele Vlaamse

(en buitenlandse) veld.

Om het eigen aanbod vorm te geven,

staan de programmatoren elk jaar voor

de uitdaging om een aantrekkelijk aanbod

samen te stellen en een selectie

te maken uit de vele voorstellingen

die gemaakt worden. Bij de keuze

van de voorstellingen hanteren de

programmatoren een aantal duidelijke

principes.

Diversiteit en kwaliteit

Het cultuurcentrum wil zich profileren

als een cultuurhuis met ruimte voor

diversiteit in het programma. Daarom

programmeert het cultuurcentrum

naast podiumkunsten ook film, schoolvoorstellingen

en educatie. Een belangrijke

bijdrage in het bereiken van

verscheidenheid wordt geleverd door

de talrijke huurders en externe organisatoren.

Zij zorgen voor een zeer

divers aanbod dat aanvullend werkt

op het eigen programma en daardoor

vaak een ander publiek bereikt.

Diezelfde diversiteit wil het

CasinoKoksijde ook binnen de

podiumkunsten bereiken door aandacht

te hebben voor zeer uiteenlopende

podiumgenres. Onder de

Bij de selectie is de kwaliteit een zeer

belangrijke graadmeter. Om die kwaliteit

te beogen worden diverse criteria

gehanteerd: technische, financiële,

inhoudelijke, maatschappelijke relevantie,

uitvoerders, enz. En om die

kwaliteit te meten en te waarborgen

zetten de programmatoren sterk in

op het opvolgen van het aanbod door

middel van overlegfora, prospecties,

recensies, enz.

Verdieping en omkadering

Om de kwalitatieve beleving van een

voorstelling te verhogen en het publiek

een inkijk te geven in het maakproces,

de achterliggende ideeën en artistieke

keuzes, zet het cultuurcentrum ook

in op verdieping en omkadering. Dit

gebeurt bij schoolvoorstellingen door

het aanreiken van lesmappen, vooren

nabesprekingen en het project

aWAKe: een samenwerking met de

Westhoek Academie Koksijde waarbij

school- en familievoorstellingen ingeleid

worden in de klas of een fijne nabespreking

krijgen. In de toekomst wil

het cultuurcentrum intekenen op het

project Kort voor de Klas, die via digitale

weg de leerlingen wil voorbereiden

op een schoolvoorstelling en het

bezoek aan het cultuurcentrum. Maar

ook voor avondvoorstellingen krijgt de

cultuurliefhebber de kans zich te verdiepen

in de voorstelling door duiding

via inleidingen, nabesprekingen en de

avondflyer.

Partners

foto: Gijs Sohier - CPEX 04.10.2013

Omdat bij het samenstellen van een

programma ook altijd harde keuzes

moeten gemaakt worden en veel ook

niet kan gepresenteerd worden, breidt

het cultuurcentrum haar eigen aanbod

uit door samenwerkingen met diverse

partners.

Omdat sommige producties te grootschalig

of te duur zijn, bestaat sinds

vele jaren een fijne samenwerking met

collega-cultuurhuizen. Vier keer per

jaar wordt een bus ingezet voor grote

producties in Brugge, Kortrijk, Oostende,

Duinkerke, enz. Dit resulteert in

4


een fijne wisselwerking tussen beider

publiek. Omdat deze busuitstappen

succesvol zijn over de hele lijn, is er

momenteel een subsidieaanvraag

lopende bij de Vlaamse gemeenschap

om deze samenwerking te continueren

en te verdiepen onder de noemer “Bij

de Buren”. Een ander fijn samenwerkingsverband

is Toernee Mondial: met

diverse Vlaamse cultuurhuizen worden

internationale groepen op tournee

gezet in Vlaanderen en worden hotelen

reiskosten gedeeld. Het stelt ons

in staat om dure, internationale producties

toch een plek te geven op ons

podium. Andere fijne partners vinden

we voor de uitbouw van het educatieve

aanbod met o.a. Actueel Denken

& Leven en Davidsfonds Academie.

Sinds enkele jaren worden deze lezingen

aangevuld met een cursussenreeks

i.s.m. UGent. Door het grote

succes wil het cultuurcentrum hier in

de toekomst verder op inzetten.

Extra muros

Om nieuw publiek aan te trekken,

treedt het cultuurcentrum af en toe

buiten haar eigen muren. Zo organiseerde

het al fijne locatievoorstellingen

in woonzorgcentra (Zeal Ensemble,

Studio Orka, streamingproject), op

het strand (het project Strand), op het

kerkhof (Graven Spreken) en op andere

fijne locaties. Ook de reeks Klassiek

Op Zondag wordt steevast op de site

Ten Bogaerde georganiseerd om volop

van deze waardevolle historische locatie

te genieten. En eenmaal per jaar

organiseren we een sfeervol (kerst)

concert in de St.-Pieterskerk te

Koksijde-Dorp.

foto: Miguel Rooms - An Pierlé, 24.10.2013

de eerste keer een voorstelling gestreamed

in een woonzorgcentrum, tot

grote tevredenheid van de bewoners.

Maar ook gezelschappen deinzen er

niet voor terug om hoogtechnologische

snufjes te verwerken in hun voorstelling.

We verwachten dat deze evolutie

haar weerslag zal vinden in het toekomstige

programma en wellicht ook

een jonger, nieuw publiek zal kunnen

bekoren.

Omdat de jeugd onze toekomst is

en het belangrijk is om de culturele

microbe van jongs af aan te planten,

zet het cultuurcentrum naast het

reguliere scholenaanbod ook in op

familievoorstellingen. Niets is leuker

dan met het gezin genieten van een

mooie voorstelling en een fijne

workshop. We hopen dit familieaanbod

in de toekomst te kunnen verruimen.

20 jaar geleden was CasinoKoksijde

een verbluffend, spiksplinternieuw

gebouw, uitgerust “comme il faut”,

maar om de cultuurliefhebber van

morgen nog steeds op een aangename

manier te kunnen verwelkomen,

liggen momenteel plannen op tafel

voor een renovatie. We dromen van

een nieuwe onthaalbalie, een grotere,

gezellige foyer, een feestzaal die

voldoet aan de zeer uiteenlopende

technische wensen van de huurder en

de vlakke vloer-voorstellingen, aangename

loges, extra ruimte voor vergaderingen,

voor artiesten in residentie

en voor grootschaligere projecten,…

dit alles en veel meer staat op onze

verlanglijst. Als dit project op de

politieke agenda wordt gezet, hopen

we ons publiek tijdens de volgende

20 jaar nog beter te kunnen dienen

en een mooi vervolg te kunnen geven

aan de eerste succesvolle 20 jaar.

We zien u graag komen!

Toekomstplannen

foto: Bieke Van Belle

Grensgeval - PLOCK!, 07.04.2019

Omdat de maatschappij in constante

evolutie is en digitale media alsmaar

meer een plek verwerven in ons

dagelijks leven, zien we dat deze trend

zich ook verder zet in de kunsten.

CasinoKoksijde volgt deze trend op

de voet en wil in de toekomst blijven

onderzoeken welke plek digitale media

kunnen innemen. Zo werd in de

afgelopen 20 jaar overgestapt van

een papieren dagboek naar een digitale

agenda om de zaalhuur in goede

banen te leiden. Ook zette het cultuurcentrum

grote stappen voorwaarts

in het aanbieden van online tickets aan

haar publiek. Maar ook in het programma

sijpelt de technologische evolutie

door. Zo werd in oktober 2019 voor

5


INTERVIEW

BURGERVADER MARC

VANDEN BUSSCHE

door gijs sohier

Sinds 1995 is hij de trotse burgervader van Koksijde,

Oostduinkerke, St.-Idesbald en Wulpen. Hij stond mee aan

de wieg van het cultuurcentrum CasinoKoksijde. We gingen

even polsen hoe goed burgemeester Marc Vanden Bussche de

opstart van het Casinocomplex nog herinnert

(tot in detail!) en wat zijn toekomstplannen zijn.

foto: Sofhie Legein

Burgemeester, het Casinocomplex

(cultuurcentrum, bibliotheek en

jeugdhuis) was het eerste grote

project van het nieuwe bestuur

onder burgemeester Marc Vanden

Bussche. Vanwaar deze keuze om

vol in te zetten op cultuur?

Toen we als jonge ploeg aan de slag

gingen in 1994 waren er twee knelpunten

die al jaren aansleepten: de

bibliotheek onder het oude Casino

die veel te krap gehuisvest was én de

nood aan een nieuwe feestzaal. We

besloten beide problemen samen op te

lossen met de bouw van een cultuursite.

Er werd bewust gekozen voor een

centrale locatie in Koksijde-Bad en het

gebouw moest inpassen in de kustarchitectuur.

Al snel werd beslist dat dit

grote project klaar moest zijn tegen 1

januari 2000, toch een symbolische

datum. Op zes jaar tijd moest het hele

project dus bedacht, ontworpen én

gebouwd worden. Iets wat vandaag de

dag nooit meer zou lukken. Om iedereen

te herinneren aan de deadline

werd aan het oude Casino een grote

aftelklok geïnstalleerd. Dat hielp om iedereen

op scherp te houden, inclusief

aannemer De Nul. De deadline was

heel strak, maar door keihard werken

werd die gehaald. De laatste dagen

was het wel alle hens aan dek. Zo

herinner ik mij dat administratief personeel

stond te poetsen terwijl werkmannen

nog volop aan het werk waren.

Leuk weetje: bij de bouw van het cultuurcentrum

heeft de gemeente gebruik

gemaakt van een fiscale optimalisatie

waardoor een substantieel deel

van de btw niet betaald moest worden.

Koksijde liet zich toen bijstaan door

PwC (audit- taks- en adviesbedrijf). De

constructie werd goedgekeurd door

de fiscale administratie. Een paar jaar

later heeft Johan Vandelanotte, toenmalig

burgemeester van Oostende,

dezelfde fiscale optimalisatie toegepast

voor de renovatie van het Casino

6


Oostende. Intussen heeft de fiscale

administratie dat poortje gesloten.

Maar wij hebben er dus ten volle gebruik

van kunnen maken.

Hoe kijk je nu terug op die beginjaren

van het cultuurcentrum?

We waren heel erg trots om op 1 januari

2000 het Casinocomplex feestelijk

te kunnen openen. Voordien was er in

de hele regio geen culturele infrastructuur

die naam waardig. We waren dan

ook trots om een locatie te hebben

waar professioneel aan cultuur gedaan

werd. Intussen is het CasinoKoksijde

nog steeds de voortrekker in de

wijde regio, ook al hebben de andere

gemeentes niet stilgezeten. Ik wil

hiervoor dan ook de hele ploeg oprecht

danken: Ann-Sofie Beun die de

cultuurdienst oprichtte, Veerle Decroos

die vanaf de beginjaren betrokken was

en sinds 2002 directeur is van het cultuurcentrum

en hoofdtechnicus Miguel

Rooms die we in Torhout wegplukten.

Maar uiteraard alle medewerkers die

zich dag in dag uit met hart en ziel

voor het cultuurcentrum inzetten. We

hebben daar een goed ploegje zitten

(knipoog).

De toekomst dan. Bij een twintigste

verjaardag is het fijn om terug te

blikken op vele mooie momenten,

maar het is evenzeer nodig om

vooruit te blikken.

Helemaal correct. Daar zijn we al volop

mee bezig. De toekomstplannen

werden al kort voorgesteld aan de

inwoners van Koksijde. Omdat de

bibliotheek stilaan met plaatsgebrek

kampt, verhuist de bib naar een andere

locatie. Het bibliotheekgebouw

zou met een overkapping verbonden

worden met het cultuurcentrum dat

ook schreeuwt om extra ruimtes. Het

huidige bibliotheekgebouw krijgt in het

cultuurcentrum nieuwe functies toegewezen,

bureaus voor het administratief

personeel, maar evengoed enkele

repetitielokalen, een vergaderzaaltje

of een mini-concertzaaltje. Daar wordt

op dit moment nog volop over gebrainstormd.

Het hele team heeft deze

uitdaging trouwens met beide handen

aangegrepen.

Ik ben trouwens verheugd deze fase

persoonlijk nog te kunnen ondersteunen.

Geen haar op m’n hoofd die er

zo veel jaar geleden aan dacht dat ik

dit als burgemeester nog zou meemaken.

Daar ben ik best fier op. Het

Casinocomplex was een zware investering

die we trouwens net helemaal

afbetaald hebben.

Zijn er in die twintig jaar herinneringen

of speciale activiteiten in het

cultuurcentrum die je persoonlijk

bijgebleven zijn?

Uiteraard de twee trouwfeesten van

m’n dochters. Daar heb ik heel veel

mooie herinneringen aan. Toen besefte

ik ook ten volle de mogelijkheden

van de feestzaal, ook op technisch

vlak. Dat vergt een blijvende investering,

maar eentje die we met plezier

doen.

Kersvers burgemeester Vanden Bussche bij het oud Casino (1997).


Het was als bestuur onze

eerste grote verwezenlijking,

maar één waar ik nog steeds

trots op ben…

Het was ook nieuw dat in Koksijde

nationaal en internationaal bekende

artiesten langskwamen. Ik herinner

me Laïs, die we geboekt hadden net

voor de grote doorbraak. Maar ook de

talloze passages van Will Tura herinner

ik me nog levendig.

Het blijft een plezier om naar het

‘Casinootje’ te gaan. Al was er die

ene keer toen de deuren van de zaal

niet snel open gingen en ik als burgemeester

de volle laag kreeg van

enkele ongeduldige bezoekers. Het

voordeel in het CasinoKoksijde is dat

ik soms incognito even achteraan bij

de techniekers kruip om een stukje

van een voorstelling mee te pikken.

Ah, ons Casino. Het is bijna niet te

vatten dat we intussen 20 jaar verder

zijn. Het was als bestuur onze eerste

grote verwezenlijking, maar één waar

ik nog steeds trots op ben…

7


ARTIKEL

filip tielens

foto: Alexander Meeus

HET CC: EEN PLEK

VOOR CULTURELE

CROSS-OVERS

Als journalist voor De Standaard en met ons collectief De

Zendelingen kom ik geregeld over de vloer in de Vlaamse

cultuurcentra, van Kortrijk tot Hasselt en van Berchem tot

Aarschot. De Zendelingen sprokkelden al eerder opinies bij

de bezoekers van CC CasinoKoksijde over hoe zij het ideale

cultuurcentrum van de toekomst zien – u leest hun antwoorden

in dit magazine. Maar hoe ziet een fantastisch en

future proof CC eruit, volgens mijn eigen bescheiden visie?

8


Laten we meteen to the point komen:

de allerbelangrijkste rol van een cultuurcentrum

moet absoluut behouden

én zelfs nog versterkt worden: die van

ontmoetingsplek tussen publiek en

artiesten (bv. via optredens, nagesprekken…),

maar ook tussen toeschouwers

onderling – want waar ontmoet je tegenwoordig

nog nieuwe mensen buiten

je eigen kleine bubbel? In onze snel

razende en anonieme grootsteden,

maar ook in de ’s avonds zo ingeslapen

dorpen en stadjes, moet een

cultuurcentrum zowel een veilige en

warme thuis zijn als een bruisende en

innovatieve hub – een alternatief voor

ieders individuele cocon waarin Netflix

koning is.

Het ideale cultuurcentrum is een oase

van gezelligheid, geen betonnen prestigeproject.

Het is een plek die niet

alleen ’s avonds de deuren opent, maar

de hele dag publiek verwelkomt. Waar

je na het werk even een tentoonstelling

bezoekt of komt borrelen. Waar je

gitaar kan oefenen en er ateliers zijn

om te schilderen. Waar studenten samen

kunnen studeren en flexwerkers

terechtkunnen voor rust, koffie en wifi

– zoals in de Arenbergschouwburg in

Antwerpen, waar men net besefte dat

hun infrastructuur overdag totaal onderbenut

werd. Een aantrekkelijk horeca-concept

dat de hele dag open is, is

daarbij onontbeerlijk. Dat klinkt evident,

drempel en een hoge beleveniswaarde.

Kent u Centquatre in Parijs? Die

kunstenplek ligt in een wat groezelige,

industriële buurt buiten het toeristische

centrum. Er zijn theaterzalen en horeca,

maar ook exporuimtes, artistieke

ateliers en een boekhandel, die

allemaal uitkomen op een centraal

overdekt plein, waar de hele dag

jongleurs, skaters en rappers hun

kunsten tonen en elkaar ontmoeten.

Jong en oud, ‘hoge’ en ‘lage’ cultuur,

actieve en passieve kunstbeoefening:

het loopt er allemaal door elkaar,

zonder strakke regie.

Ook bij ons in Vlaanderen worden

functies gecombineerd, waarbij cultuurcentra

overlopen in een bibliotheek,

kunstacademie of filmclub en soms

zelfs in een sporthal of stadhuis. Bij de

eerste voorbeelden draagt dit bij tot de

culturele beleving, bij de laatste is het

vaak nefast voor de sfeer en lijkt het

vooral een efficiënte besparingsoefening.

Combineer dus functies, maar

gooi niet alles op een hoop. Focus op

de essentie: het faciliteren van kunst en

cultuur.

En niet alleen van de grote bekende

kleppers, maar ook van je eigen creatieve

scene, ook als die niet behoort

tot het gevestigde verenigingsleven. Ik

droom van een cultuurcentrum waar je

als lokale, jonge creatieveling op alle

buiten het verplichte schoolbezoek.

Creëer hangplekken waar ze kunnen

chillen, gamen en repeteren.

Start met last-minute tickets aan halve

prijs voor wie jonger is dan 26 jaar.

Richt een eigen jongerencollectief op,

dat échte verantwoordelijkheid krijgt om

te programmeren in het cultuurcentrum

en niet louter dient om hun peers te

loodsen naar de bestaande werking.

Installeer een cultuur van co-eigenaarschap:

niet één programmator die beslist

over de hele invulling, maar verschillende

curatoren, van jongeren tot

cultureel diverse organisaties. Heb de

moed en het vertrouwen om de sleutels

uit handen te durven geven, want

het resultaat is altijd verrassender dan

je had vermoed. Laat studenten een

expo organiseren en nodig artiesten uit

voor residenties en repetities. Breng

vervolgens de lokale breiclub in contact

met deze kunstenaars wanneer ze een

toonmoment willen houden of laat de

studenten de breiclub rondleiden doorheen

hun tentoonstelling. Beperk je

als cultuurcentrum dus niet tot het programmeren

van voorstellingen of concerten,

maar werk als een gatekeeper,

waarbij je verschillende groepen uit het

dorp of de stad met elkaar in contact

brengt én verbindt.

Filip Tielens (°1989) werkt als podiumcoördinator voor De Standaard. Daarnaast recenseert

hij voor Radio Klara en schrijft hij over theater, dans, jeugdtheater en circus voor verschillende

magazines en sites. Hij is oprichter van De Zendelingen, een netwerk voor reflectie

binnen de (podium)kunsten, dat multimediale en meerstemmige projecten op poten zet

waarbij publiek, artiesten en experten met elkaar in gesprek gaan.

maar is het op veel plekken nog niet.

Ik ken enkele cultuurcentra waarbij de

bar in de enorme inkomhal lijkt op de

showroom van een autogarage,

inclusief slechte akoestiek.

Waar je geen gezonde en biologische

frisdrank vindt of een lekker alternatief

voor alcohol. Waar je dagen op voorhand

moet reserveren als je iets wil

eten en vegetariërs op hun kin kunnen

kloppen. Dat kan beter! Zorg voor een

gevarieerd drank- en eetaanbod, een

snelle bediening en gezonde sandwiches-to-go

voor wie gehaast en hangry

arriveert en geen zin heeft in een kleverige

wafel of chips. Bij food for thought

horen ook thoughts about food.

Maar een ideaal cultuurcentrum biedt

meer dan brood en spelen: het is een

knooppunt van functies, met een lage

mogelijke vlakken ondersteund wordt

in het creëren van je artistieke project,

zonder dat je al meer dan een jaar op

voorhand de grote zaal moet reserveren

omdat het zo werkt in de planning.

Ik heb vroeger zelf theaterproducties

kunnen maken met jongeren in cultuurcentrum

Het Gasthuis in Aarschot,

waar de programmator tijdens de Paasvakantie

iedere ochtend eigenhandig

de zaal voor ons kwam openen, hoewel

het cultuurcentrum dan eigenlijk gesloten

was. Die flexibiliteit betekende voor

ons een wereld van verschil. Support

your local scene: het zijn de artiesten

van de toekomst en zij hebben een

groot lokaal netwerk dat je op die manier

ook bindt aan je cultuurcentrum.

Vertimmer het cultuurhuis tot een coole

plek waar jongeren graag komen, ook

Stimuleer eigen creaties. Nodig eens

een professionele artiest uit om te werken

met lokale amateurs. Lanceer een

oproep voor een muurschildering of

een in situ performance. Treed buiten

je eigen muren en beschouw het hele

dorp of de hele stad als je actieterrein.

Kunst is er voor iedereen en op alle

mogelijke manieren en plaatsen – en

laat cultuurcentra daarin net een grote

expertise en uitstraling hebben. De

groeikansen voor kunst en cultuur liggen

volgens mij bij uitstek op het lokale

niveau – en dat zou uitstekend toekomstnieuws

moeten zijn voor de vele

geweldige cultuurcentra die Vlaanderen

rijk is. The future is (y)ours.

Op mijn belangstelling kan u alvast

rekenen.

Hartelijk,

Filip Tielens, cultuurjournalist

9


INTERVIEW

MEDEWERKERS AAN HET WOORD

door nick herweyers

DE ZAALVERHUUR,

AL ‘HILDE’ TIJD IN

GOEDE HANDEN

Kunnen we deze zin aub in de volgende vacature voor zaalverhuurverantwoordelijke

van CasinoKoksijde opnemen? ‘We zijn opnieuw op zoek naar een

Hilde!’ of op zijn minst een waarschuwing: ‘Je moet ertegen kunnen dat we je

af en toe nog Hilde gaan noemen.’ De taak van zaalverhuur viel tot nu toe dan

ook in de handen van achtereenvolgens Hilde Huyghe (2000-2012) en Hilde

Lenssens (sinds 2013). Hoog tijd om hen eens samen uit te nodigen voor een

gesprek. En welke betere plek konden we hiervoor vinden dan de feestzaal,

een ruimte die ze beiden al zo vaak verhuurden.

“Want moet een

vrouw niet aan 4000

woorden geraken

per dag? Ik dacht

het wel! (lacht)”

“Ik zie nog die twee zusjes op de trap

staan met hun ouders en schoonouders

erbij. Die moeder zag me komen

en zei ‘Aaah, mijn reddende engel is

daar!’ Hartverwarmend!”

foto: Bieke Van Belle

10


20 jaar lang staan jullie in voor de

zaalverhuur en de planning. Dat

klinkt allemaal zeer algemeen, wat

houdt dat achter de schermen precies

in?

Hilde L: Het cultuurcentrum heeft natuurlijk

een eigen programmatie die op

de eerste plaats komt, maar daarnaast

kan iedereen die wil ook de zalen huren.

Dat gebeurt volgens een reglement

met categorieën. Een vereniging van

Koksijde die een benefiet wil organiseren

zal minder betalen dan een bank

die een feest wil geven om zijn klanten

te bedanken, bijvoorbeeld.

Hilde H: Het begint met een telefoontje.

Eens de datum geprikt is en de

huurprijs afgesproken, volgt heel de

organisatie.

Hilde (Huyghe), jij maakte de opstart

mee, hoe verliep die voor jou?

Hilde H: Voor mij was het niet nieuw.

Ik had in Heist-op-den-Berg de opstart

van het cultuurcentrum meegemaakt

vanaf 1990. Daar deed ik de programmatie

en hadden we niets: geen computer

noch typmachine. Hier hadden

we dat gelukkig wel al (lacht), maar

was mijn taak zaalverhuur, wat toch

wat wennen was. De verhuur van zalen

kende snel zijn opmars. Ik heb veel

ervaring uit Heist-op-den-Berg kunnen

gebruiken hier in Koksijde.

Hilde L: De tijd staat niet stil, ondertussen

werken we met knappe software

waarmee je ook bijvoorbeeld facturatie,

werkuren enzovoort kan monitoren.

Allemaal gelinkt aan de voorstellingen.

Het is soms een hele puzzel, maar wel

handig!

Welke beelden of gevoelens roept de

opening nog op?

Hilde H: De avond zelf was chaos.

Achter de schermen toch. Want de

bezoeker heeft daar niets van gemerkt.

Maar tot net voor de opening zaten we

het podium nog te kuisen. Stress. Dat

was echt op het nippertje. Maar we

hebben het gehaald.

Kregen jullie al opmerkelijke requests

van geïnteresseerde huurders?

Hilde L: Ik vond het speciaal toen de

fontein buiten ook werd aangevraagd

om errond een receptie te doen. Misschien

moeten we die ook opnemen in

ons vast aanbod? (lacht)

Een compliment voor de fontein

eigenlijk! Over complimentjes gesproken,

zijn er felicitaties die jullie

zich nog herinneren na een goed

verlopen zaalverhuur?

Hilde H: Het mooiste compliment dat

ik ooit kreeg, kwam van een moeder

wiens twee dochters beiden trouwden

op hetzelfde moment. Ze gaven hun

huwelijksfeest in onze feestzaal. Die

mevrouw was zo dikwijls gekomen

om praktische zaken af te toetsen, dat

ze erop stond dat ik naar de receptie

kwam. Ik zie nog die twee zusjes op de

trap staan met hun ouders en schoonouders

erbij. Die moeder zag me komen

en zei ‘aaah, mijn reddende engel

is daar!’ Hartverwarmend!

Wie mag voor jullie altijd eens

een zaal komen huren maar kwam -

voorlopig - nog niet langs?

Hilde L: Ik wacht nog steeds op een

telefoontje van Bazart. Ik ben grote fan!

Een concert van hen in de feestzaal,

stel je voor. Bij deze, Mathieu Terryn,

ik wacht op een belletje om de zaal te

huren! (lacht)

Als verantwoordelijke zaalverhuur

moet je kunnen rekenen op collega’s.

Voor jullie zijn ze heel belangrijk

om een zaalverhuur tot een goed

einde te brengen. Is er iets dat je nog

wil delen met hen na 20 jaar?

Hilde L: Dat het altijd feilloos verloopt.

Ondanks het feit dat niet elke organisator

even professioneel te werk gaat.

Maar net wanneer alles in de soep

dreigt te lopen, staan de technici en

zaalverantwoordelijken daar, klaar om

te helpen. En ze doen dat altijd goed.

Hilde H: Inderdaad, bedankt collega’s

en in het bijzonder Fabrice en Miguel,

die er eigenlijk al bij zijn van 2000. In

die 12 jaar samenwerking kon ik er

altijd op vertrouwen dat het goed zou

lopen. Super professionele mensen.

Kijk, wij kunnen ons dossier voorbereiden,

volledig tot in de puntjes, maar

als zij hier de dag of avond zelf hun

werk niet zouden doen, of ze vegen er

hun voeten aan, of ze vergeten zaken,

dan slaat dat terug op ons, op het cultuurcentrum

in het algemeen. Ook de

poetsploeg wil ik extra vermelden, want

vergeet niet dat de dag na een fuif de

zaal er opnieuw kraaknet moet uitzien

voor pakweg een beurs.

Hilde L: Hetzelfde met de vrijwilligers

van de bar en de vestiaire die steeds

paraat staan!

Hilde (Huyghe), wat zal Hilde (Lenssens)

het meest missen als de tijd

gekomen is voor Hilde 3?

Hilde H: Ik heb de gedrevenheid van

het werk gemist in die acht jaar dat ik

weg ben. De impuls die je krijgt om

steeds beter te doen en de waardering

Hilde Lenssens (links) en Hilde Huyghe (rechts) - foto: Sofhie Legein

11


die je van collega’s en organisatoren

krijgt. Als ik die kreeg, dan wist ik dat

ik goed bezig was. De contacten met

de klanten mis ik ook. Je leert zo veel

bij, maakt kennis met zo veel nieuwe

mensen.

Wat denk jij dat je gaat missen na

2022, Hilde (Lenssens), want jouw

pensioen is blijkbaar ook in zicht?

Hilde L: Inderdaad. Ik denk dat ik vooral

de voorbereiding van een voorstelling

zal missen. De sfeer en de gezonde

spanning die er hangt voordat een

vertoning start. De opbouw achter de

schermen.

Eigenlijk het productieproces beleven

onder collega’s. Je hebt het

gevoel dat je samen iets aan het verwezenlijken

bent?

Hilde L: Ja, dat ga ik wel missen. En

mijn collegaatjes in mijn bureau.

Zijn ze soms luidruchtig, de collega’s?

Je mag eerlijk zijn. (lacht)

Hilde L: Neen hoor, die zijn altijd aan

het werk. Ik zeg soms: kom, we moeten

eens een beetje bijpraten. Want moet

een vrouw niet aan 4000 woorden geraken

per dag? Ik dacht het wel! (lacht)

Dat wist ik nog niet! (lacht) Wat is/

was jullie favoriete momentje van de

week?

Hilde L: Het maakt mijn dag altijd goed

als ik een voorstelling of een activiteit

kan inboeken. Of als ik zie dat de

ticketverkoop van een voorstelling

goed loopt. De brochuretijd en de

aanloop naar de seizoenvoorstelling

vind ik ook altijd leuk.

Hilde H: Voor mij was dat ‘eens naar

de overkant gaan’, zo verwoordden we

dat toch altijd. Je bureau verlaten om

naar de zalen te gaan kijken, waar het

allemaal in praktijk gebeurt en ook om

even je andere collega’s te zien. Dat gaf

mij afwisseling. En een babbeltje slaan

met de collega’s van de bibliotheek! Dat

deed ik ook regelmatig.

Welke voorstellingen bleven plakken,

op welke manier dan ook?

Hilde L: Ik blik bijvoorbeeld blij terug op

de verschillende theatervoorstellingen

in het dialect, door Het Prethuis, georganiseerd

door Dialectgenootschap

Bachtn De Kuupe. Van de voorstellingen

in de eigen programmatie vond ik

‘Faulty Towers, The Dining Experience’

in 2014 fantastisch. Als toeschouwer

zat je echt aan tafel om te dineren.

Daar stond ik dan, het diner te serveren

samen met de hilarische personages

zoals Manuel. En ons ‘Festival Strand’

dat we organiseerden voor het openingsweekend

van het seizoen 2014-

2015! Verschillende voorstellingen vonden

plaats op het strand, ter hoogte van

surfclub Windekind.

Hilde H: Eigenlijk vond ik Kommil Foo

altijd een echte uitblinker. Een voorstelling

die me om een andere reden ook

bijblijft, was van Theater Stap in april

2005. Toen ik die avond verantwoordelijke

was tijdens een voorstelling, kreeg

ik telefoon dat het heel slecht ging met

mijn moeder. Ze lag toen al een half

jaar in het ziekenhuis. Ik ben meteen

gestopt, naar Gent gereden, maar bij

mijn aankomst was ze overleden.

Een lach en een traan dus.

Hilde H.: Inderdaad. En één van de

voorstellingen van komiek Gunter

Lamoot blijft me ook bij. Om de foute

redenen. Ik stond als avondverantwoordelijke

klaar met bloemen op de scène,

bedoeld voor hem. Maar toen ik naar

hem toe stapte, liep hij weg. Hij keerde

dan nog terug, maar vertrok toen wéér.

Ik dacht, nu is het genoeg! Waarna ik

me terugtrok achter de coulissen. Ja, hij

heeft toen op mijn kap gelachen. Zoiets

vergeet je niet. (lacht)

Welke zaalhuren waren opmerkelijk?

Hilde L: Ik was onder de indruk van

‘Hong Pong’ bijvoorbeeld. Een beerpong

toernooi met maar liefst 125

teams door Semper Festum in 2018

ten voordele van Move to Improve. Opmerkelijk

tof. Heel speciaal waren de

zaalverhuren voor de uitzonderlijke afscheidsvieringen

die we hier meemaakten.

We voelden mee met de families,

het was ook voor ons moeilijk.

Hilde H: Ik herinner me ook nog

het euvel in de keuken waarbij een

jongere een pin had uitgetrokken van

de brandinstallatie de hele keuken

onder een laag schuim werd bedolven.

Hij had zijn antwoord: ‘Het blussysteem

werkte!’ Heel wat keukentoestellen

kregen een dikke smurrie te verduren.

Enorm vervelend natuurlijk. Sommige

toestellen moesten we weggooien. We

hebben toen zelfs de keuken tijdelijk

moeten sluiten.

20 jaar Casino, da’s al de moeite. Wat

wensen jullie dit cultuurcentrum en

haar publiek toe voor de volgende 20

jaar?

Hilde H: Ik zou zeggen: goed gewerkt,

doe zo verder, ga ervoor. Programmeer

boeiende, ludieke, amusante, verrassende

voorstellingen. En aan het team,

werk verder met dezelfde drijfveer,

dezelfde boost, hetzelfde enthousiasme

als 20 jaar geleden. Als één team. Zo

moet het zijn. Op naar de volgende 20!

Hilde L: Ik wens hen een vernieuwd

CasinoKoksijde toe, letterlijk. Mét een

cultuurcafé. Dat zou ik persoonlijk een

meerwaarde vinden. Met veel voorstellingen

en optredens, en veel kansen

voor jonge artiesten.

En misschien ook een derde Hilde

die het minstens even goed doet als

jullie?

Hildes in koor: (lachen) Ja, graag!

‘DIKKE PROFICIAT !!! 20 JAAR !!!

Prachtige locatie! Prachtig en

behulpzaam personeel! Casino

Koksijde bedankt dat we al die

jaren onze feestelingen en hun

genodigden in dit prachtig casino

mochten ontvangen.’

Humanistisch Verbond Westhoek

‘We zijn fier om, naast de eigen

programmatie van Cultuurcentrum

Koksijde, tal van bekende namen naar

het casino gebracht te hebben. Denken

we maar aan: Will Tura, Rob de Nijs,

Soulsister, Christoff, André Hazes, Niels

Destadsbader, Bart Peeters, Scala en

vele andere. Het is voor ons steeds

aangenaam werken in het Casino.’

Willy en Sofie van Concertevents.be

‘Wij koesteren aangename herinneringen

aan ons huwelijk in het c.c.

CasinoKoksijde op 19 juli 2008.’

Raphaël en Darleen Sonneville

‘Het CasinoKoksijde biedt onderdak

aan heel veel mooie herinneringen. Tien

‘Disconights’ en vier ‘New Year Glam’-

gala’s mocht ik er organiseren: stuk voor

12


01.12

2013

Willem Vermandere

stuk bijzonder mooie avonden. Speciale

dank aan het personeelsteam, dat

steeds weer voor elk probleem(pje) een

pasklare oplossing had. Mijn schoonste

herinnering dateert van 23 maart 2012:

midden op de dansvloer heb ik toen

mijn vrouw Marietta voor het allereerst

gekust.’

Fre Devos

‘Actueel Denken en Leven Westhoek was

reeds zeer vlug een trouwe gebruiker

van jullie cultuurhuis. Ondertussen

zijn we gegroeid tot een vereniging

van ruim 400 leden. Vanaf de start

hebben we ons steeds zeer welkom

gevoeld door zowel de burgemeester

en het gemeentebestuur als door alle

medewerkers. Steeds weer kunnen we

rekenen op jullie steun en inzet, niet in

het minst die van de technici die altijd

weer grote en kleine problemen weten

op te lossen. Dank jullie om 12 maal per

jaar gast te mogen zijn in jullie prachtige

theaterzaal. In naam van al onze leden,

de sprekers en onszelf feliciteren we

jullie met deze speciale verjaardag

en wensen we jullie een fantastisch

verjaardagsfeest toe.’

Geneviève, Francine en Anne van

www.actueeldenkenenleven.be

13


INTERVIEW

foto: Johannes Vande Voorde

MICHAEL VAN PEEL

OVERLEEFT EEN

door zoë coppens

INTERVIEW

Na tien jaar ‘Van Peel overleeft’, kondigde Michael Van Peel

in de podcast van Alex Agnew aan dat zijn tiende meteen ook

zijn laatste eindejaarsconference zou zijn. De eerste gedachte

die door ons hoofd schoot was: ‘een jaar zonder Van Peel gaan

we nooit overleven’ en we waren hier maanden ontroostbaar.

Maar kijk, volgend seizoen komt hij terug, deze keer met een

comedyshow die hij het hele jaar door zal kunnen spelen

(en het seizoen erop en…). SCOOP: Wij hebben alvast een

datum geprikt! In afwachting trok jongerenreporter Zoë

naar Antwerpen voor een babbel.

14


Michael, je was sinds 2014 elk jaar

te gast in cultuurcentrum Casino-

Koksijde. Heb je goede (of slechte)

herinneringen aan je bezoekjes bij

ons?

Je komt als artiest in zoveel zalen,

dat het bijna onmogelijk wordt om ze

allemaal uit elkaar te houden. Gelukkig

heeft het cultuurcentrum van Koksijde

met zijn bootvorm een specifieke architectuur

en vooral altijd lieve mensen

en een warm onthaal, waardoor dat

cultuurcentrum zich wel van veel andere

onderscheidt .

Ik speelde er elk jaar ook in dezelfde

periode, namelijk de tweede week van

december. Elke toernee startte begin

december en tegen de 20ste moest

de voorstelling er echt staan, want dan

werd die opgenomen in de Arenberg

Schouwburg. Koksijde was dus telkens

een soort examen.

2014 herinner ik me nog goed, toen

hadden we een fijne voorstelling, omdat

we het gevoel hadden van: ‘Het

staat er’. Te vergelijken met een goeie

date: als je ’s avonds thuiskomt en

denkt ‘all right, dit is het’. Koksijde is

ook geen makkelijk publiek, als het

daar werkt, zit het goed! (lacht)

Geen makkelijk publiek? Daar willen

we graag wat dieper op ingaan!

Vertel.

Omdat het publiek wat ouder is, lijken

ze sneller aangevallen en dienen ze

je wel eens van repliek. Het heeft ook

iets familiaals, alsof je aan de kersttafel

zit en dingen aan je oma vertelt,

dan krijg je ook wel eens een ‘allez

jongen’.

Aan de kust ben je als niet-kustbewoner

ook nog veel harder buitenlander

of toerist, zeker als Antwerpenaar. Ik

heb nog steeds een soort haat-liefde

verhouding met West-Vlaanderen. Ik

was er in het begin niet echt geliefd

omdat ik Antwerpenaar ben, maar ik

ben halsstarrig liefde blijven geven

en sinds kort krijg ik die ook terug.

Als comedian moet je wat respect

afdwingen, door onrespectvol te zijn.

Uiteindelijk, Antwerpenaren weten het

zelf ook wel, we zijn geen echte wereldstad

(lacht).

Waarom ben je ooit begonnen met

eindejaarsconferences?

Als comedian pas je meestal in een

vakje, mensen kennen je stijl, je bent

herkenbaar, maar zelf paste ik niet

echt in een vakje. Nigel Williams

zei me: ‘je moet schrijven over wat

je kwaad maakt’. En wat mij vooral

irriteerde, was de actualiteit. De Nederlander

Fokke Vermeulen, uitbater

van Comedycafé ‘The Joker’ in Antwerpen,

raadde me daarom aan een

eindejaarsconference te schrijven. Het

genre is uitgevonden in Nederland en

is intussen ook in België zo goed ingeburgerd

dat mensen je niet bij naam

hoeven te kennen om toch de voorstelling

te willen zien.

Het format werd voor jou dus vrij

snel duidelijk. Maar hoe pen je zo’n

voorstelling dan bij elkaar?

De voorstelling is een filter op het

voorbije jaar. Ik sprokkel het hele jaar

door dingen waarover ik wil vertellen,

daar denk ik dan grondig over na en

vorm er mijn mening over. Zo schrijf ik

uiteindelijk een thesis van een 70-tal


Kokside, thank joe very

much for a lovely Friday

evening! En nu vollen bak

ambiance + leute. (En

een goei steakske in de

Mozart...)

Fijn uiteinde en

tot volgend jaar!

Michael Van Peel

(uit het gastenboek 12.12.2014)

bladzijden bij elkaar. Pas op het einde

komen de moppen erin, want al doende

leer je welke dingen aanslaan bij

een publiek en wat niet. Verkiezingen

bijvoorbeeld: eenmaal er een regering

is, zijn de mensen de aanloop er naartoe

alweer vergeten.

En dan kondig je plots aan dat je er

mee zal stoppen.

Ik voelde de beperkingen ervan en

wou meer, of iets anders. Ik wou er

mee ophouden zeker voordat het

publiek, of ikzelf, het beu zouden worden.

Zodra ik het einde had aangekondigd,

kreeg ik meteen een gevoel alsof

ik het net had uitgemaakt met mijn

lief: ‘Is dit wel de juiste beslissing?’ En

natuurlijk mis ik het nu wel, want dit

is de periode waarin ik normaal mijn

voorstelling speel. … Maar het waren

tien zalige jaren en nu is het tijd om

verder te gaan.

Kijk je nu nog altijd even plichtsbewust

naar de actualiteit?

Het is zelfs erger nu! Ik kan me niet

meer verstoppen achter mijn plichtsbewustheid

en lijk wel een soort nieuwsverslaving

te hebben. Maar ik bekijk

het wel minder analytisch en schrijf

geen 70 pagina’s meer, enkel nog een

bescheiden 15-tal pagina’s. (lacht) Ik

verwacht wel dat de actualiteit ook

voor mijn volgende show van pas zal

blijven komen, het zal niet ineens rond

mijn vrouw gaan draaien! Verder hoop

ik dat de nieuwe voorstelling een langere

houdbaarheidsdatum zal hebben

dan de eindejaarsconference, want het

is wel een feit dat veel moppen na een

tijdje niet actueel meer waren.

Jouw show werd traditioneel uitgezonden

op oudejaarsavond, voor

wie de show gemist had of er niet

genoeg van kreeg. Kijk je soms zelf

terug naar je eigen voorstellingen?

Soms moet ik, maar ik vind dat meestal

vreselijk. Aangezien die show in

het begin van de speelperiode werd

opgenomen, miste de captatie vaak

moppen die er pas na een tijdje spelen

in geslopen waren. De nieuwe voorstelling

zal pas worden gecapteerd als

die helemaal af is, niet het work in progress

dus, en dat maakt me wel blij.

We willen wel eens graag weten:

wat maakt het Casino anders dan

andere CC’s?

De kust is voor mij altijd een beetje klinischer,

omdat je daar echt als toerist

wordt behandeld en ontvangen. Maar

in het cc van Koksijde kom ik altijd wel

een beetje thuis dankzij het onthaal

door het fijne team, maar ook dankzij

het publiek. De kleine, gezellige zaal

geeft me een zeker familiaal gevoel,

alsof je op bezoek bent bij je tante aan

de kust. Het klinkt heel melig maar het

is zo! En in Koksijde voelde ik ook telkens

een extra dosis adrenaline door

mijn lijf gieren, omdat de voorstelling

gecapteerd werd. En er kwamen ook

vaak collega-comedians in Koksijde

kijken, ook tof.

Minstens 400 mensen in Koksijde

vinden je heel grappig, dat weten

we met zekerheid want de zaal was

steevast uitverkocht. Maar wat of

wie vind je zelf onweerstaanbaar

grappig?

Vaak heel veel dingen die niet grappig

bedoeld zijn! Absurde humor en veel

15


klassiekers ook wel zoals Monty Python

bijvoorbeeld. Ook al doen zulke

artiesten onnozel en flauw, het zijn wel

enorm intelligente geesten. En Alex

Agnew, omdat hij op een hele platte

manier heel intellectuele dingen kan

vertellen. Niet iedereen raakt voorbij

die platte eerste laag, dat snap ik wel,

maar hoe hij dingen zo simplistisch

kan uitleggen, vind ik zeer sterk.

Wat ons ook elke keer opvalt, is dat

je steevast strak in het pak zit voor

je voorstelling. Heb je een voorliefde

voor kostuums of hoort het enkel

bij de show?

Op mijn negende kon ik al een das

knopen! Ik heb altijd graag een pak

gedragen maar droeg het eigenlijk

vooral voor speciale gelegenheden,

wat misschien stom is, want sommige

mensen maken daar echt hun lifestyle

van. Vroeger dacht ik ‘als ik 40 ben,

kan ik in driedelige pakken rondlopen’,

maar het is er nooit van gekomen.

Zoë met Michael

Als je in theater speelt en je kan je verhaal

ondersteunen door het juiste decor

en met de juiste kostuums, vind ik

dat echt een meerwaarde. Ik heb een

stylist die daarover helpt nadenken en

een gepaste outfit uitkiest. Sommige

mensen haten het om een kostuum te

dragen, maar ik heb het omgekeerde.

Ik krijg dan het gevoel van ‘ik sta er’.

We hebben nog een allerlaatste

vraag: heb je een wens voor het

jarige cc?

Ja, dat de twee appartementsblokken

die je nu kan zien vanuit de kleedkamer

ineens op wonderbaarlijke wijze

verdwijnen. Zodat het zeezicht van 2

centimeter naar oneindig gaat. En een

deur naar de backstage zonder code!

Ik heb daar ooit een halfuur na een

voorstelling op de technieker staan

wachten in het donker, omdat de deur

in het slot gevallen was! Een open

deur naar de backstage dus. (lacht)

En verder wens ik het cultuurcentrum

nog vele jaren, vele fijne voorstellingen,

en eigenlijk hoeft er niet te

veel te veranderen!


Ik verwacht dat de actualiteit ook

voor mijn volgende show van pas

zal blijven komen. Het zal niet

ineens rond mijn vrouw gaan

draaien.

16


BRIEVEN VAN ONS PUBLIEK

In 2005 zijn we hier komen wonen in Koksijde. We

woonden in Gent, hadden daar een frituur. En wat

gebeurt er nu? Wij komen oud-studenten tegen, zoals

een Wouter Deprez, Axl Peeleman, Lieven Scheire,

Chris Van den Durpel kwam ook altijd frietjes bij ons

eten. Zo hebben wij ons verhaaltje van de frituur in

Gent. Wij komen naar hier om onze geest een beetje te

verruimen. Hier en daar theater, veel muziek en comedy.

Ik heb bv. een zus die altijd thuis zit. Als wij ergens

over praten zegt ze: Wie is dat? Wat is dat? Weet je, wij

komen van ’t stad voor ons is dat hier een beetje de

buiten. Zo kunnen wij toch iets zien, mensen ontmoeten

ook. Wij komen van een grote stad, in de winter vonden

wij het hier ook wat stil in het begin. Hier is het minder

gejaagd. Het moet niet, het mag.

Ik werkte hier vroeger in de Furnoise. En voor het

seizoensabonnement moest je je altijd inschrijven in

het midden van het seizoen. Hier ter plaatse. Je moest

in de rij gaan staan. Ik dacht: ik moet maar om 11u

beginnen, tijd genoeg. Er stond al een rij tot dààr dus

ja, ik moest weg want ik moest gaan werken. En na het

servies, tussen de mossels en de friet reppekik mijn

gat om te kijken of het al aan mij was. Wij WILDEN een

abonnement! Zot eigenlijk, dat was een paar jaar zo. We

hebben hier zelfs een keer ontbijt gekregen, voor tijdens

het wachten. Nu doe ik dat op het werk, tsjoeptsjoep,

ik log in, trrrrrrr en weg! Je mocht ook gewoon je blad

afgeven, maar dan belandde je onderaan de stapel en

dan was je niet zeker van een goeie plaats. Bepaalde

voorstellingen zijn altijd uitverkocht ook hé. Dat is

eigenlijk een beetje het verhaal. Dat was zoiets van:

Wauw, we hebben het gehaald!

Beste Casino,

Mijn mama was er bij vanaf de start, vanaf 2000! Zij

heeft zich onmiddellijk opgegeven om vrijwillig de

vestiaire te doen. Soms deed ze dat een hele nacht

lang, op oudejaar bijvoorbeeld. Dan kwam ze thuis en

zette ze ineens het ontbijt klaar! Nu wij gepensioneerd

zijn, komen we heel veel naar hier. Mijn mama heeft

hier één keer opgetreden voor ‘moeders voor moeders’.

Ze moest op het podium een appel schillen zonder

stoppen en zij was de enige die dat kon. Ik zat in de

zaal. Ze moest dan ook nog een liedje zingen, maar de

dag ervoor was er een familielid overleden en ze dacht

dat het haar niet zou lukken om haar nummer ‘les roses

blanches’ te zingen. Ze heeft het toch gedaan en zei

achteraf: Ik heb het opgedragen aan Els. Zij kan het nu

niet meer vertellen door Alzheimer, maar ik wel.

Warme groet, Magda

Twee jaar geleden zag ik voor de eerste keer Guido

Belcanto. Ik had hem nog nooit gezien, ik was echt

van mijn sokken geblazen. Want vroeger op de kermis

had ik dat liedje eens gehoord van de boksauto. Ik had

gezegd: ik zou dat een keer willen zien. In ’t echt, live. Ik

vond dat een vree speciale man, iets uniek. Zeer joviaal,

hij kwam goed over. Ik vind dat een superpersoon.

Feitelijk, nu ik hem gezien heb. En ook dat lied met

die vrouw, toverdrank. Ik vind dat zo’n schoon lied. Ik

kan daar niet aan doen. Ik ben naar huis gegaan en ik

heb gezegd tegen mijn man: dat is een avond die ik

niet meer zal vergeten. Top, Top. Ik was daar echt van

verschoten. In september komt hij hier weer, awel ik ga

weer komen. Weet je, ik was zestien ofzo hé, toen ik dat

liedje van de boksauto’s voor het eerst hoorde. Maar

weetje, ik ben vree content van de voorstellingen die

ze hier doen. We hebben er dit jaar 14 gehad. En ook

de mensen zetten zich hier zo in. Het is altijd goed de

voorstellingen en het programma. En vriendelijk, en…

Beste CC,

Dat noemt hier eigenlijk het Casino, zo noemen wij

dat. Twintig jaar geleden kwam ik hier al naar fuiven!

Dan legden ze houten planken zodat we binnen

konden roken. Nu hebben we hier sinds vijf jaar een

abonnement. Vorig jaar zaten we helemaal vooraan

in een comedyvoorstelling! Wij waren de enige jonge

mensen tussen allemaal oudere mensen. Die gast

heeft ons de hele tijd gebruikt in zijn voorstelling. Na

een jaar zijn er nog mensen die ons vragen: en, heb

je weer plaatsen op de eerste rij geboekt? (lachen

allebei) Ik heb hier ook eens over glas gelopen, bij een

voorstelling van Cerebro! Dat was nogal een ervaring!

Puur op vertrouwen heb ik dat gedaan. Die is ons echt

bijgebleven! Het is zot wat je kan doen met een mens

als je zijn of haar vertrouwen wint.

Veel liefs,

Stefan en Ine

Beste CC

Het is een jaar of 5,6 geleden dat ik hier zingalong

zag. Het was een geheel van liedjes onder andere

van Raymond Van het Groenewoud. Ik zat in een

workshop en we moesten de hele namiddag inzingen in

verschillende stemmen. We waren niet met veel mannen

en ’s avonds op het podium vielen we uit en zongen we

allemaal dezelfde stem! Dat was ook met Axl Peleman.

Wel leuk om achtergrondkoor te zijn van die artiesten!

Mochten ze dat nog eens doen, ik doe zeker weer mee!!

Vriendelijke groeten,

Joost

17


25.11

2007

26.11

2007

4 Hoog

Schaduwduikers

18


GASTENBOEK

ARTIESTEN 17.11 AAN Zita HET Swoon WOORD

2001

19


ARTIKEL

EEN

DUURZAAM

CULTUURHUIS

Het klimaat en de milieuproblematiek

zijn de laatste jaren niet uit de aandacht

weg te slaan. En terecht. Ook als

cultuurcentrum zijn we ons bewust van

onze maatschappelijke rol en proberen

we onze cultuurwerking zo duurzaam en

milieuvriendelijk te organiseren.

door gijs sohier


MESSAGE IN A BOTTLE

Wegwerp plastic moet stilaan een

uitzondering worden. Elk jaar belandt

8 miljoen ton plastic afval in onze

oceanen. Dit plastic wordt niet afgebroken.

Nooit. Het valt gewoon uiteen

in kleinere deeltjes. Per minuut worden

naar schatting 1 miljoen flesjes wegwerpplastic

verkocht. Dopper flessen

bieden een volwaardig alternatief. Ze

zijn van plastic gemaakt, ja. Maar

plastic dat duizenden keren kan

worden gebruikt. Als je op het podium

dus een Dopper fles ziet staan, dan

weet je dat er weer enkele plastic

wegwerpflesjes vermeden zijn.

En daar zullen de dolfijnen en zeepaardjes

ons dankbaar voor zijn.

LED-VERLICHTING

In een cultuurcentrum vind je heel wat

technisch materiaal terug. Kilometers

kabels, heel wat theaterspots, een

batterij luidsprekers,… Langzaam

maar zeker vervangen we de oude

theaterspots door milieuvriendelijke

exemplaren. Een klassieke theaterspot

verbruikt zowat 1000 watt. De moderne

led-versie verbruikt ongeveer 100

watt, een besparing van 90%. Als je

weet dat er in het cultuurcentrum meer

dan 50 spots permanent in gebruik

zijn, levert dit een flinke (milieu)besparing

op.

MINDER UITSTOOT,

MEER CULTUUR

Onder de noemer ‘Bij de Buren’ maken

we samen met andere West-Vlaamse

cultuurhuizen al enkele jaren een

VAN BACHE TOT (PENNEN)ZAK

NIET ALLEEN MEI

PLASTICVRIJ

Daar willen we naar streven, om het

hele seizoen lang neen te zeggen tegen

wegwerpplastic. Toegegeven, we

zijn er nog niet helemaal. Maar we zijn

wel ambitieus. Want alleen als we zelf

met z’n allen minder plastic kopen, kan

er iets veranderen. Bij de medewerkers

zijn boterhamdozen en tupperware

potjes met verse soep al jaren de

norm. Maar binnenkort nemen we het

volledige cultuurcentrum onder de loep

om te bekijken waar het beter kan en

hoe we ons aankoopgedrag kunnen

aanpassen. Beloofd!

Aan de gevel van het cultuurcentrum

hangt een groot spandoek. Gemaakt

van plastic… Om ervoor te zorgen

dat dit plastic niet in het milieu terecht

komt, geven we onze spandoeken een

tweede leven. Hiervoor werken we

samen met TrashDesign.be, een naaiatelier

uit het verre Geel dat mensen

tewerkstelt die in het reguliere

arbeidscircuit niet aan bod komen.

Deze leuke producten worden gemaakt

van spandoeken van voorbije

voorstellingen. Elk product is op deze

manier ook uniek in de wereld! De

hebbedingen zijn vanaf nu te koop aan

de ticketbalie.

selectie uit elkaars programma en

nemen we elkaars publiek met de bus

mee naar een voorstelling bij onze

cultuurburen. Naast het artistieke en

sociale aspect wil het partnerschap

dit jaar nu ook het ecologische aspect

van ‘Bij de Buren’ benadrukken. Dertig

mensen op een bus is beter dan

dertig auto’s in de file. Maar dat kan

nog beter. In Wouter Deprez en BOS+

vond ‘Bij de Buren’ twee enthousiaste

partners. Per gereden kilometer naar

21


de buren gaat € 1 naar een bebossingsproject

in Melle, Merelbeke en

Oosterzele. Dankzij het project worden

akkers tussen drie opgedeelde stukken

bos dankzij 300 nieuwe bomen terug

samengebracht tot een geheel. ‘Bij de

Buren’ brengt met de actie zodoende

oude buren terug bij elkaar.

OOK JULLIE, BESTE PUBLIEK,

KUNNEN BIJDRAGEN AAN EEN

DUURZAMER CULTUURCENTRUM!

TO PRINT OR NOT TO PRINT

Minder printen betekent minder afval.

Nog beter is helemaal niet printen. Digitaal

werken is al eventjes ingeburgerd

en als er al eens iets wordt uitgeprint,

dan gebeurt dit steevast dubbelzijdig.

Voor drukwerk gebruiken we papier

met het FSC-label (verantwoord bosbeheer).

Ook kozen we bewust om de

oplages te verlagen. We zetten bewust

in op kwaliteit, niet zozeer op kwantiteit.

DIGITAAL TICKET

Het cultuurcentrum drukt heel wat minder

tickets af dan voorheen. E-tickets

kan je thuis nog wel afdrukken (kies bij

voorkeur voor 4 tickets op één pagina)

maar ook gewoon op je smartphone

downloaden. We scannen het ticket

rechtstreeks vanop je telefoon.

STOP-PRINCIPE

Verplaats je met minder CO2 en kies

voor duurzame verplaatsingen volgens

het STOP-principe: Eerst Stappen,

dan Trappen of het Openbaar vervoer

gebruiken, vooraleer je eventueel in de

Personenwagen stapt. En als je dan

toch met de auto komt, waarom dan

niet carpoolen?

22


INTERVIEW

KOFFIEKRANSJE MET

DE VIER SCHEPENEN

VAN CULTUUR

door zoë coppens

en georges vermast

Na 20 jaar cultuurcentrum CasinoKoksijde staat de teller intussen

op vier schepenen van Cultuur. Het cultuurcentrum werd opgericht

onder schepen Herwig Vollon. Jan Loones was 21 jaar schepen

waarvan 7 jaar schepen van Cultuur en werd vanaf 2016 opgevolgd

door partijgenoot Rita Gantois. We zetten de drie ex-schepenen met

huidig schepen van Cultuur Stéphanie Anseeuw rond een tafel met

koffie en koekjes. Dat leverde een geanimeerd gesprek op dat in goede

banen werd geleid door onze jongerenreporters.

Het cultuurcentrum is twintig jaar

jong. Welk moment is jullie persoonlijk

het meest bijgebleven?

Jan: Het CasinoKoksijde werd

geopend op 1 januari 2000. De weken

die hieraan vooraf gingen waren hectisch,

want het moest absoluut open

op 1 januari. En dat lukte… net. We

startten met een heuse openings-

14- daagse. Mij blijft vooral een voorstelling

met hedendaagse klassieke

muziek van Walter Vilain bij. Het werd

een prachtige voorstelling waarin

Walter al spelend met zijn penselen

een naaktmodel schilderde. Jammer

genoeg raakten de tickets écht niet

verkocht, zelfs het gemeentepersoneel

en de verenigingen kwamen er niet

op af. De muziek van Walter Vilain

was meer voor kenners dan voor het

grote publiek. Iemand kwam met het

idee op de proppen om een fantastisch

kunstwerk van Walter te verloten

onder de aanwezigen. Dankzij deze

stunt zat de zaal bomvol, weliswaar

niet met muziekliefhebbers, maar met

kunstliefhebbers. De voorstelling bleef

maar duren, zonder pauze. Op den

duur hadden mensen nood aan een

sanitaire stop, waardoor de zaal een

in- en uitstroom van publiek werd.

Dezer dagen heeft het Casino een

veel gevarieerder programma, wat het

toegankelijker en fijner maakt.

Stéphanie: Voor het cultuurcentrum

gebouwd werd, was deze plaats een

grote parking. Ik herinner me vooral

foto: Gijs Sohier

23


het jaarlijkse bal van de burgemeester.

De oude garde verbleef in het oude

casino en de jonge garde in een tent.

Dit heb ik nog meegemaakt als 20-jarige

of jonger. De infrastructuur is nu

natuurlijk véél beter. In de feestzaal

hier in het Casino vinden veel mooie

feesten plaats. Het is een fijne zaal

met mooie herinneringen.

Rita: We mogen terecht trots zijn dat

het cultuurcentrum in Koksijde staat,

want in principe kwam Veurne die eer

toe.

Jan: Inderdaad, de subsidies voor

culturele centra werden normaal toegekend

aan centrumsteden, wat in

ons geval dus Veurne was. Ik heb er

destijds als Vlaams parlementslid mee

voor helpen zorgen dat er een amendement

goedgekeurd werd

dat ook naburige steden die

rol konden overnemen indien

de centrumstad het niet deed.

Koksijde nam die taak graag

op zich (glimlacht).

Zijn er specifieke voorstellingen

uit die hele lang lijst

die een gevoelige snaar

raakten?

Rita: Elk jaar kom ik naar het

concert van onze Harmonie

kijken, het is altijd de moeite

waard. We moeten ambitieus

durven zijn, maar zeker onze

lokale talenten niet vergeten.

Daarom vind ik het belangrijk

jaarlijks op het concert aanwezig

te zijn.

Stéphanie: Ik ben een muziek-

en humorliefhebber,

daarbij denk ik meteen aan

Kommil Foo waarin die twee

genres heel mooi samenkomen.

Naar hun voorstellingen probeer

ik altijd te komen. Ze komen dit seizoen

ook terug! Absynthe Minded is al

een hele tijd geleden, maar herinner

ik mij nog heel goed. Onlangs heb ik

intens genoten van een minder bekende

naam, op aanraden van directeur

Veerle Decroos. Roos Rebergen was

een heel fijne artieste. Ik was aangenaam

verrast!

Jan: In het begin woonde ik zowat alle

voorstellingen bij. Ja, ik ben een veelvraat

op dat gebied.

Herwig: Een deel van de programmatie

lag me soms minder. Ik ben op

zich geen cultuurbeest en vond dat we

af en toe een échte publiekstrekker

moesten hebben, zo eentje waarmee

je gegarandeerd uitverkoopt. Ik kom

de laatste jaren iets minder naar voorstellingen

maar dit seizoen heb ik een

ticket voor Kommil Foo!

Rita: Het vraagt durf van het bestuur

en het team om dingen in te plannen

die mensen niet kennen, ook al is het

voor een beperkt publiek. Het is belangrijk

een evenwicht te behouden,

maar zeker ook stukken te brengen

waarmee je uitdaagt. Het is echt belangrijk

dat je iets hebt voor ieders

smaak, daar hamer ik op.

Jan: De Jazzlabs zijn voor mij, en

voor het Casino, een vaste waarde. Ik

ondersteun het zelf en nodig ook wat

mensen uit. Met jazz trek je natuurlijk

geen volle zalen, desalniettemin is het

een echte meerwaarde. Als je moeilijke

dingen programmeert, pikken mensen

“ CULTUUR VORMT EEN

MEERWAARDE VOOR ONZE

GEMEENTE EN DAAR MOETEN

WE IN BLIJVEN GROEIEN.

RITA GANTOIS

CULTUUR KAN EN MAG ZEKER

NOG UITBREIDEN HIER IN

KOKSIJDE, ZODAT ER NOG MEER

MENSEN KUNNEN GENIETEN

VAN ONZE MOOIE CULTURELE

PROGRAMMA’S!

STEPHANIE ANSEEUW

uit de wijde omgeving dit ook op, het

zet het cultuurcentrum ook buiten Koksijde

op de kaart.

Rita: Klopt. Nog een hele mooie aanvulling

op het programma zijn de concerten

‘Klassiek Op Zondag’ die op de

site van Ten Bogaerde plaatsvinden.

Het is wat intiemer wegens de beperkte

capaciteit. Ik probeerde bewust deze

concerten bij te wonen.

Schepen Vollon, hoe kijkt u terug

op uw jaren als schepen? De echte

beginjaren van het CasinoKoksijde.

Herwig: De jaren voor het Casino waren

als de prehistorie! Er was eigenlijk

niets. We moesten bovendien een cultuurbeleid

ontwikkelen met weinig middelen.

Na twee jaar waren wij één van

de eerste gemeentes om een cultuurbeleidsplan

klaar te hebben, dat was

een hele prestatie waarop we terecht

fier mochten zijn. Het cultuurcentrum is

een belangrijke pijler, maar cultuur

is natuurlijk breder dan alléén het

cultuurcentrum. Aan die beginjaren

heb ik echt mooie herinneringen. In het

begin moesten we alles zelf bedenken

én doen. Op termijn ontstond een

fantastisch team, tot op de dag van

vandaag. Als schepen van Cultuur kon

ik beginnen met een blanco blad. Dat

was een uitdaging maar meteen ook

heel erg fijn.

Jan: Cultuur viel vroeger meer samen

met toerisme. In 1996 werd de cultuurdienst

opgericht door Ann-Sofie Beun.

Vanaf dan kwam er een apart cultuurbeleid.

Ann-Sofie is ondertussen hoofd

van Vrije Tijd.

Elk van jullie legde

zijn eigen accenten

en had zijn eigen

stokpaardjes. Hoe

hebben jullie elk jullie

stempel gedrukt

op de dagelijkse

werking van het cultuurcentrum?

Herwig: In de eerste

plaats door te faciliteren.

Mijn visie was dat

je het team die er zit

de kans moet geven

om er te werken met

de nodige vrijheid. Ik

ga hun creativiteit niet

besnoeien, want ik

ben maar een simpele

dokter en ken niet

zoveel van cultuur

als zij (lacht). Mijn rol

als schepen was om

die bevlogen mensen

te motiveren en de

kans te geven om hun cultuurbeleid te

realiseren. Daarnaast vond ik het als

schepen ook belangrijk aanwezig te

zijn op tentoonstellingen en culturele

evenementen. Het lijkt banaal, maar

zo ondersteun je alle medewerkers én

artiesten.

Rita: Ik heb 3 jaar het geluk gehad

om schepen van Cultuur te zijn. Ik heb

als schepen vooral geprobeerd om de

ploeg van het Casino, die al jarenlang

het beste van zichzelf gaf, te bestendigen

en indien mogelijk te bevorderen.

Dat was niet altijd even makkelijk en

je moet daarin vaak keuzes maken,

maar ik ben heel blij dat we dit hebben

kunnen doen. Zo kan je het goeie

team zoveel mogelijk bij elkaar houden

en hen nog een duwtje in de rug geven.

Als schepen moet je ook cultuur

24


verdedigen in al z’n vormen. Wie er

minder in geïnteresseerd is, vindt het

vaak onnodig dat er geld naar cultuur

stroomt. Maar dat heb je evengoed

met bijvoorbeeld sportinfrastructuur of

een bibliotheek. Wil dat dan zeggen

dat je daar niet moet in investeren? Absoluut

niet. Het is iets dat we moeten

blijven verdedigen bij de bevolking en

het schepencollege. Cultuur vormt een

meerwaarde voor onze gemeente en

daar moeten we in blijven groeien.

Jan: Als schepen van Cultuur moet je

vooral het beleid dat gevoerd wordt,

verdedigen in het schepencollege.

Want in het college is het soms ook

een strijd van prioriteiten. De budgetten

zijn beperkt en er moeten keuzes

gemaakt worden. Zo simpel is het. Ons

cultuurcentrum heeft altijd een mooi,

gevarieerd programma

en als schepen van

Cultuur ging ik er echt

voor. Cultuur is een

meerwaarde voor een


gemeente en uiteindelijk

krijg je een schepencollege

wel in dat

verhaal mee.

Stéphanie: Ik ben

pas één jaar schepen

van Cultuur, dus het is

voor mij nog allemaal

nieuw. Het is alvast

een hele verrijking

om met deze materie

bezig te zijn. Je werkt

samen met een team

in twee richtingen en

bouwt vertrouwen op.

Voor ons als schepen

is dat een taak die

erbij komt naast onze

andere job, dus het is

soms een kwestie van

time management (de

andere knikken). Ik

kan samenwerken met een gedreven

cultuurteam dat de naam van Koksijde

als cultuurgemeente alle eer aandoet.

Schepen Anseeuw, jij bent de huidige

schepen van Cultuur en zal de

20ste verjaardag van het cultuurcentrum

mee vorm geven. Intussen is

het cultuurcentrum een gevestigde

waarde in het culturele landschap

van de Westhoek en de Westkust

met jaarlijks gemiddeld 50.000 bezoekers

voor het eigen én gastprogramma.

Hoe zie je het cultuurcentrum

evolueren in de toekomst?

Stéphanie: Goh, het gebouw is

heel druk gefrequenteerd. Het ziet

er voor de bezoeker nog redelijk ok

uit, maar wij komen ook vaak achter

de schermen en merken dat er blijvend

geïnvesteerd moet worden. Er

is een serieuze inhaalbeweging nodig

op technisch vlak, maar ook voor de

infrastructuur waar we de artiesten

ontvangen. Daar is er nog werk om

relevant te blijven. Los daarvan moeten

we blijven een gevarieerd programma

aanbieden, de Jazzlabs of dansvoorstellingen

zijn daar goeie voorbeelden

van. Niet de populairste genres, maar

broodnodig in een gevarieerd programma.

We gaan ook soms buitenshuis

en bieden voor mensen in bijvoorbeeld

assistentiewoningen voorstellingen

aan. Dat was telkens een groot succes.

We onderzoeken ook de mogelijkheid

om zelf een voorstelling te streamen

zodat minder mobiele mensen ook van

thuis uit kunnen genieten van cultuur.

We moeten cultuur zo breed mogelijk

opentrekken en daar zullen we blijven

ALS SCHEPEN VAN CULTUUR KON

IK BEGINNEN MET EEN BLANCO

BLAD. DAT WAS EEN UITDAGING

MAAR METEEN OOK HEEL ERG FIJN.

HERWIG VOLLON

ALS JE MOEILIJKE DINGEN

PROGRAMMEERT, PIKKEN MENSEN

UIT DE WIJDE OMGEVING DIT OOK

OP, HET ZET HET CULTUURCEN-

TRUM OOK BUITEN KOKSIJDE

OP DE KAART.

JAN LOONES

op inzetten. Uiteraard moeten we ook

in het cultuurcentrum zelf een mooi

programma blijven neerzetten. Cultuur

kan en mag zeker nog uitbreiden hier

in Koksijde, zodat er nog meer mensen

kunnen genieten van onze mooie culturele

programma’s!

Hebben jullie tenslotte een wens

voor de jarige?

Jan: Voorstellingen kunnen programmeren

zonder het (beperkte) budget

van cultuur te moeten gebruiken. Dit

doen we nu al door samenwerking met

externe organisatoren zoals bijvoorbeeld

Concertevents.be. Daarnaast

zouden toerisme en cultuur meer moeten

kunnen samenwerken. Misschien

moet er nagedacht worden over één

schepen voor beiden.

Stéphanie: Toerisme en cultuur proberen

hun programma nu meer op elkaar

af te stemmen. Zoiets is niet altijd evident,

maar ze doen hun best! We gaan

hen daarin steunen en ik hoop dat we

zo een heel breed en gevarieerd programma

kunnen blijven aanbieden.

Rita: Samenwerkingen met UGent,

gemeentelijke musea en kunstencentrum

Ten Bogaerde blijven behouden

en verder uitwerken! Dat is een wens

naar de toekomst toe. Het team dat er

zo geëngageerd werkt, moet blijvend

ondersteund worden, zodat ze hier

graag blijven werken en we hun

know-how bij ons kunnen houden.

Jan: Je merkt dat het team hier met hart

en ziel werkt en dat gevoel kunnen we

best bewaren door met hen samen te

werken en naar hun ideeën te

luisteren.

25


INTERVIEW

MEDEWERKERS AAN HET WOORD

door veerle decroos

‘the founding lady’

ANN-SOFIE BEUN

Een gesprek met ‘the founding lady’ van dit cultuurcentrum kon

natuurlijk niet ontbreken. Ann-Sofie Beun startte meteen na

haar opleiding kunstgeschiedenis met haar carrière aan de

gemeente in Koksijde, eerst op de cultuurdienst, later als

directeur van het cultuurcentrum en op dit moment als

afdelingshoofd Vrije Tijd.

foto: Nathalie Martens

26


Ann-Sofie, je was erbij toen het

cultuurcentrum de deuren openzwaaide

op 1 januari 2000 en je kan

jezelf dus tot de pioniers rekenen.

Hoe kijk je terug op die openingsperiode?

Als een zeer hectische periode, maar

wel één die mij als toenmalig diensthoofd

heel veel voldoening gaf. Het

gevoel heerste dat ik aan iets groots

en belangrijks meehielp en op die manier

toch wel een beetje mee geschiedenis

aan het schrijven was. Ik wou

het ook goed doen, voor mezelf én

voor de vele mensen die op de één of

andere manier hun steentje bijdroegen

tot het welslagen van dit project, zowel

rechtstreeks als onrechtstreeks (het

bestuur, de bewoners, de toekomstige

klanten, de stakeholders…). Er hing

toch veel van af zoals het imago van

het cultuurcentrum en de gemeente

Koksijde in het algemeen. Je kan maar

één keer knallen en dat was toch een

grote verantwoordelijkheid om dragen,

vond ik. Bovendien, wat weinigen weten,

is dat het project CasinoKoksijde

er eigenlijk maar is kunnen komen

door een zeer vroeg inspelen van

het gemeentebestuur op de door het

Vlaamse niveau voorziene subsidiemogelijkheden

voor de bouw van een

nieuw cultuurcentrum en daarbij aansluitend

de inplanting van de bouw van

een nieuwe bibliotheek. De mist ingaan

zou dan ook nog eens grote financiële

consequenties voor de gemeente gehad

hebben.

Jij was tot dan diensthoofd van de

cultuurdienst en kreeg er plots een

hoop nieuwe taken en personeel bij.

Hoe voelde die schaalvergroting?

Als een hele uitdaging (lacht)! Plots

ging ik van 3 naar maar liefst 15 medewerkers.

Ik geef eerlijk toe: in het

begin was dit wel wat zoeken, temeer

het overgrote deel van deze medewerkers,

ofwel nog op een andere dienst

waren tewerkgesteld (vb. Jeugddienst)

en dus her en der verspreid zaten over

de gemeentelijke gebouwen, wat natuurlijk

niet erg bevorderlijk was naar

samenwerking of communicatie toe,

ofwel pas officieel op 1 januari 2000

in dienst traden, waardoor we de tijd

niet hadden om elkaar te leren kennen,

laat staan dat iemand zich zou kunnen

inwerken in de nieuwe job. Heel wat

dingen waren één groot vraagteken

en bijgevolg ging je vooral op jouw

eigen gevoel en verstand af maar

ook en vooral op de goodwill en de

zelfredzaamheid van je medewerkers.

Zo herinner ik me o.a. een algemeen

overleg, kort voor de opening, met alle

‘toekomstige casinomedewerkers’ waar

de praktische aanpak werd besproken,

maar dat evenzeer een kennismakingsvergadering

met alle collega’s

was. Gelukkig had ik een supergemotiveerde

ploeg: allemaal enthousiaste

mensen met een goede dosis verstand

die wisten wat er van hen verwacht

werd en hun uiterste best deden om dit

project te laten slagen. Bovendien had

op onze theatertechnici Miguel Rooms

en Lode Denturck (†) en de zaalverantwoordelijke

Hilde Huyghe na, niemand

ervaring in een cultuurcentrum. We

hebben toen wel het grote geluk gehad

dat Frank Maes, enkele maanden voor

de opening aangesteld als cultuurfunctionaris,

verschillende maanden stage

heeft mogen lopen in cc De Brouckère

in Torhout. Uit die stageperiode hebben

we zeer veel geleerd, iets waar ik

toenmalig directeur Michiel Mestdagh

trouwens nog steeds zeer dankbaar

voor ben.


Je kan maar één keer knallen

en dat was toch een grote

verantwoordelijkheid om

dragen, vond ik.’

20 jaar is een groot stuk van

een mensenleven hé.

Op een gegeven moment werd beslist

de structuur te veranderen en

werd de cultuurdienst losgekoppeld

van het cultuurcentrum. Wanneer

gebeurde dat en hoe verliep die

overgang?

Dat was in 2002. Het toenmalig nieuwe

Cultuurdecreet schiep nieuwe uitdagingen

voor de gemeenten, maar ook op

professioneel vlak voor mij. Zo kreeg

ik de kans om te bevorderen naar

de functie van afdelingshoofd Vrije

Tijd-cultuurbeleidscoördinator, een

overkoepelende functie over de verschillende

vrijetijdsdiensten heen

zoals de musea, de dienst Cultuur,

de bibliotheek, het cultuurcentrum

CasinoKoksijde maar ook de nietculturele

diensten als Sport, Jeugd en

Zwembaden. Over die beslissing ben

ik wel niet over één nacht ijs gegaan,

omdat mijn taakinhoud toch wel

drastisch zou wijzigen. Maar het feit

dat ik het cultuurcentrum in goede

handen kon achterlaten, heeft voor mij

wel de doorslag gegeven. Mijn opvolgster,

toenmalig cultuurfunctionaris

programmatie Veerle Decroos, was

voldoende klaargestoomd om de

functie als directeur van het cutuurcentrum

over te nemen, iets wat ze tot

op de dag van vandaag trouwens met

brio vervult.

Intussen is het cultuurcentrum

20 jaar verder. Hoe kijk je terug op

deze periode?

Met veel trots en fierheid. 20 jaar is

een groot stuk van een mensenleven

hé. Koksijde is in die 20 jaar serieus

geëvolueerd op velerlei gebied en dat

bedoel ik in positieve zin. Ook het cultuurcentrum:

er is een duidelijke visie

binnen het cultuurcentrum en de programmatie

is er doorheen de jaren alleen

maar op vooruit gegaan. Dit zorgt

ervoor dat het cultuurcentrum zich

doorheen de jaren heeft weten te profileren

als een cultureel onmisbare icoon

in de regio (Westhoek én Westkust).

De kwaliteit die het centrum intussen

uitstraalt mede en vooral dankzij het

Casinoteam en hun onvoorwaardelijke

inzet, loont: ons klantenbestand is nog

steeds in stijgende lijn. Men komt van

ver in Vlaanderen, zelfs zo dat tweede

verblijvers of toeristen hun weekend

aan zee plannen in functie van een

theater- of muziekvoorstelling in het

cultuurcentrum.

Hoe hoop je dat het cultuurcentrum

evolueert de volgende 20 jaar?

Ik heb veel verwachtingen over het

geplande project Casino2020 waarin

het de bedoeling is om het cultuurcentrum

een face-over te geven teneinde

een antwoord te kunnen bieden op de

vele maatschappelijke uitdagingen die

zich stellen. Als cultuurcentrum moeten

we daar actief op anticiperen en inspelen

zodat we voor ons publiek actueel,

maar ook relevant blijven.

Heb je nog een verjaardagwens

voor het jarige centrum?

Niet alleen 20 jaar ouder maar ook

20 jaar beter! Proficiat.

27


MEDEWERKERS AAN HET WOORD

foto’s: Nathalie Martens

SPOTS OP

TEAM CASINO

Een boeiend en dynamisch cultuurcentrum waarin

honderden voorstellingen en activiteiten georganiseerd

worden, daarvoor zet het 11-koppige team Casino zich

dag na dag graag in. We stellen onszelf graag aan

jullie voor en zouden dit kunnen doen aan de hand

van onze functieomschrijving (geeuw). Maar we

hebben er wijselijk voor gekozen om jullie daarmee

niet te vervelen. Maak kennis met ons team aan de

hand van een korte, krachtige karakterschets die

iedere medewerkers en zijn takenpakket perfect (of

toch ongeveer) samenvat. We poseerden gewillig voor

de lens van Nathalie Martens voor onze gloednieuwe

staatsieportretten.

28


VEERLE DECROOS ‘That rug really tied the room

together’, zei de Dude in ‘The Big Lebowkski’ en dat

is exact wat Veerle doet voor haar team en ze zorgt

bovendien ook nog eens voor fijn theater voor jong en

oud!

Zou wel eens durven: stiekem wel een beetje zot zijn

van alle schone mannelijke acteurs die bij ons

langskomen, en omgekeerd.

FABRICE COPPENS is onze alom gerespecteerde

casinopionier en rots in de branding, zo behulpzaam dat

hij gebombardeerd werd tot de lieveling van alle externe

organisatoren.

Zou wel eens durven: in zijn eentje de hele

koffievoorraad opslurpen.

LINDSEY DEMUNCK Vrolijk, vrolijk, altijd vrolijk,

hebben we al gezegd dat Lindsey vrolijk is? Tickets

reserveren bij onze Little Miss Sunshine, dat is met

andere woorden een vrolijke bedoening.

Zou wel eens durven: spontaan de slappe lach krijgen.

29


AARON JONCKHEERE is de blijgemutste

benjamin van het team, zo leergierig dat hij nu al licht kan

focussen en geluid finetunet alsof hij nooit iets anders

heeft gedaan in zijn jonge leven.

Zou wel eens durven: even vettige moppen vertellen

als de rest van de technische ploeg.

HILDE LENSSENS deze chaotische deugniet leidt

ons cultureel immokantoor met een knipoog

waardoor we zelden klachten ontvangen van de

huurdersbond.

Zou wel eens durven: dromen van haar nakende

pensioen terwijl ze de een na de andere levenswijsheid uit

haar mouw schudt.

MIGUEL ROOMS Grapjas en full-time technical

wizard waardoor muzikanten met een off-day alsnog

fantastisch klinken wanneer ze in de spotlights staan.

Zou wel eens durven: neen zeggen terwijl hij ja bedoelt

om er daarna voor te zorgen dat alles vlotjes verloopt.

WARD SERU vond na vijf jaar op miraculeuze

wijze de weg terug naar onze regiekamer en wij waren

zo blij dat we deze harde werker dat vreemdgaan

onmiddellijk hebben vergeven.

Zou wel eens durven: gezellig blijven keuvelen met

iedereen die zijn pad kruist.

30


GIJS SOHIER ‘Marketing is like sex, everyone

thinks they’re good at it’ maar onze geduldige Gijs

is dat effectief en fietst gezwind alle creatieve

promotie-acties bij elkaar.

Zou wel eens durven: verwaaid en verstrooid

toekomen na zijn 20 kilometer lange woon-werk

verplaatsing met de fiets.

BIEKE VAN BELLE legt alle artiesten, technici

en schoolkinderen in de watten en zet haar schouders

onder alle administratieve rompslomp die dat met

zich meebrengt.

Zou wel eens durven: spontaan een niet voor

publicatie-vloek uit haar mond persen.

SYLVIE VER EECKEN duwt elke artiest die een

parel van een voorstelling maakt liefdevol op ons podium

maar werkt zelf het liefst achter de schermen aan een of

andere excel spreadsheet.

Zou wel eens durven: een afwas van een ganse week

langer dan een maand op haar bureau laten staan en

ontkennen dat ze dit doet.

ILSE ALLEWERELT beschikt over een

stemvolume waar menig sopraan jaloers op is en kent net

niet de kleur van de onderbroek van haar klanten zodat ze

perfect tickets kan matchen aan de juiste persoon.

Zou wel eens durven: snoepen van haar

verborgen voorraad zoetigheid.

31


09.02

2002

De Nieuwe Snaar

De vierde maat

32


27.11

2016

Sinterklaas Zingt

Daar wordt aan de deur geklopt

33


INTERVIEW

MEDEWERKERS AAN HET WOORD

BIJ ONS IS

NIEMAND

EEN NUMMER.

door dries dawyndt

‘Toen Niels

Destadsbader voor

mijn neus stond,

werd ik bloedrood’

foto: Miguel Rooms

Lindsey Demunck en Ilse Allewerelt staan als onthaalmedewerkers in de vuurlinie van het

cultuurcentrum CasinoKoksijde. Deze frisse tandem werkt al gedurende meer dan vier jaar

samen, Ilse is er zelfs al bij van in de begindagen van het casino. Jaarlijks verkopen ze samen

zo’n 15.500 tickets.

Cultuurcentrum CasinoKoksijde

bestaat 20 jaar. Herinner je je hoe

het begon?

Ilse: Absoluut, ik ben hier begonnen

op 1 januari 2000. Ik herinner me

nog dat de ticketverkoop heel chaotisch

verliep. Daags voor de opening

hebben we zelfs nog heel de dag

schoongemaakt. Ook viel de elektriciteit

vaak uit tijdens die eerste dagen.

Plots verwelkomden we, Gijs en ik, de

mensen hier in het donker. We werkten

tijdens die beginperiode vooral op

adrenaline. Er was nog veel dat niet

in orde was, onze computers waren

zelfs nog niet eens geïnstalleerd en

we zaten zelfs af en toe samen met

allerlei werkmannen. Het casino werd

snel operationeel, maar was nog verre

van afgewerkt. We werkten heel veel,

zaten hier bij wijze van spreken dag en

nacht. Achteraf bekeken, is het precies

alsof we in een rush leefden.

Lindsey: Over die eerste jaren kan ik

weinig vertellen, ik ben hier vier jaar

geleden gestart. Ilse leerde me de

kneepjes van het vak. Na een korte

aanpassingsperiode vond ik snel mijn

draai. Vandaag hebben we 700 abonnees,

dat is uniek in de regio. Als ik

hoor dat dit een zevenvoud is van in

2000, dan zette het cultuurcentrum

toch flink wat stappen.

Wat is jullie exacte job? Hoe ziet

jullie dag eruit?

Lindsey: Het belangrijkste is uiteraard

het onthaal zelf. Maar we doen

ook veel administratie, begeleiden

schoolvoorstellingen en helpen bij de

promotie. Geen enkele dag is hetzelfde.

Leuk is ook dat we bij alles worden

betrokken. Er is hier elke maandag

teamoverleg en we mogen echt wel

onze input geven. De collega’s luisteren

naar onze inbreng.

Ilse: Een verschil met andere onthaaljobs

aan de gemeente is dat we hier

vooral werken voor de inwoners en

mensen uit de regio en iets minder met

toeristen.

Lindsey: En we bieden ook een goede

service aan onze oudere inwoners.

Door het online ticketsysteem is een

deel van ons takenpakket eenvoudiger

dan voorheen, maar we beseffen dat

niet iedereen het daar gemakkelijk

mee heeft. Het is onze taak om onze

34


klanten hierin bij te staan. Onderschat

ook het belang van sociaal contact

voor sommige mensen niet. Als we

vragen hoe het gaat met iemand waarvan

we weten dat zijn of haar partner

ernstig ziek is, appreciëren die mensen

dat enorm. Bij ons is niemand een

nummer.

Ilse: Klopt. Onze job gaat verder dan

zomaar een ticket verkopen. Het menselijk

contact is wat verminderd door

de digitale ticketverkoop. Maar vergis

je niet, veel mensen verkiezen toch

nog dat persoonlijke contact.

Hoe is de verstandhouding met elkaar?

En met de rest van het team?

Ilse: We komen goed overeen, ook

met de andere collega’s. Iedereen

helpt elkaar als dat nodig is. Tijdens de

wekelijkse teamvergadering benoemen

we eventuele werkpunten en problemen,

iedereen kan vrijuit spreken.

Lindsey: We zijn complementair, we

werken goed samen. En als er iets is,

kunnen we dat aan elkaar zeggen, ook

minder leuke dingen. We voelen dat

ons werk wordt geapprecieerd door de

andere collega’s en door de klanten

die hier over de vloer komen. Dat doet

deugd.

Heb je het gevoel dat de voorbije

jaren voorbij zijn gevlogen? Of net

niet?

Ilse: Vooral dat allereerste jaar! Maar

ook daarna stond de tijd niet stil. Ik

vind het onvoorstelbaar dat we vandaag

al de twintigste verjaardag vieren.

Er is alleszins heel veel gebeurd.

Zoals? Wat is de belangrijkste evolutie

in die twintig jaar?

Lindsey: Zonder twijfel de digitale

revolutie. Onze job is hierdoor een stuk

gemakkelijker geworden, maar zoals

eerder aangehaald, blijven we inzetten

op die persoonlijke relaties en klantvriendelijkheid.

Ilse: We zijn enorm gegroeid, samen

met ons publiek. Indertijd was een

concept zoals Klassiek op Zondag niet

altijd even succesvol, maar vandaag is

zo’n voorstelling vaak meteen uitverkocht.

Dat wil toch iets zeggen.

Lindsey: We hebben al enkele

ticketsystemen zien passeren, vooral

Ilse dan. En dat vergt toch telkens een

inspanning. We moeten onszelf permanent

bijscholen. Het geeft ons wel

een goed gevoel als we een probleem

hebben opgelost.

Ilse: Uit onwetendheid namen we het

reservatiesysteem over van de dienst

Toerisme, maar dat was verre van

ideaal voor de werking van een cultuurcentrum.

Een voorbeeld is dat we

rolstoelen niet konden toewijzen aan

een vaste plaats. Achteraf bekeken,

zijn zo’n kinderziekten logisch, we hebben

er veel expertise uit gehaald.

We zijn benieuwd welk genre jullie

zelf verkiezen: een dansvoorstelling,

film, theater,…?

Lindsey: Ik kies voor comedy. Zo ben

ik enorme fan van Erhan Demirci. De

stand-upcomedian komt opnieuw naar

het casino op zaterdag 22 februari.

Ook een goed theaterstuk kan mij wel

bekoren.

Ilse: Ook ik verkies humor. Vroeger

kwam ik met de kinderen ook graag

naar familievoorstellingen. Die periode

ligt nu al een tijdje achter mij, maar

zo’n voorstellingen waren vaak echte

pareltjes.

Uiteraard zijn we ook benieuwd naar

anekdotes!

Ilse: Eén van de broertjes van Kommil

Foo kwam ooit eens naast mij zitten

om op het internet te surfen (lacht).

Maar eigenlijk proberen wij zo normaal

mogelijk te doen en de artiesten vooral

niet te storen. Zij hebben geen boodschap

aan de zoveelste vraag voor

een selfie. De ene artiest is ook de

andere niet. Sommigen schermen zich

af en anderen zijn dan weer heel open

en vriendelijk.

Lindsey: Niet zo lang geleden wachtte

ik op het moment dat Niels Destadsbader

zou arriveren, maar hij kwam

maar niet opdagen. Teleurgesteld vertrok

ik naar huis tot hij plots voor mijn

neus stond. Ik werd meteen bloedrood

(lacht), maar hij was echt heel sympathiek.

Het gebeurt ook wel eens dat

een artiest minder vriendelijk is dan op

televisie.

Welke topartiest wil je hier zeker

nog eens vermelden?

Lindsey: William Boeva, de grappigste

dwerg. Met hem lach ik me telkens

kapot.

Ilse: Kommil Foo en Begijn Le Bleu

zijn mij bijgebleven, maar we hebben

hier al veel toppers de revue zien

passeren, denk maar aan Laïs. Veel

artiesten stonden in het begin van hun

carrière toen ze voor het eerst bij ons

kwamen spelen. Helaas gebeurt het af

en toe ook eens dat de verwachtingen

niet ingelost worden, maar omgekeerd

ook: dat het net beter is dan aanvankelijk

gedacht, vooral bij sommige dansvoorstellingen

was ik vaak heel erg

aangegrepen.

Eigenlijk komen jullie meer in aanraking

met de techniekers dan met de

artiest zelf.

Lindsey: Dat klopt. De artiest komt

vaak maar een uur voor aanvang van

de show terwijl de technici hier al de

volledige dag aanwezig zijn. Meestal

zijn dat toffe mensen. En vaak benadrukken

ze hoe graag ze naar ons

cultuurcentrum komen. Dat wil toch

zeggen dat we hier niet zo slecht bezig

zijn. Opvallend is dat bijna iedere

technieker eens gaat piepen naar onze

Noordzee. We beseffen te weinig hoe

leuk het is om aan zee te wonen.

Hebben jullie nog zotte dromen?

Ilse: Eigenlijk hopen we dat we kunnen

voortgaan op de ingeslagen weg.

Zolang we blijven vernieuwen en ontwikkelen,

dan kunnen we over 10 of

20 jaar nog trotser zijn. ››› Lindsey: Ik

doe eens zot en droom van Koen Wauters!

››› Ilse: doe mij dan maar Marco

Borsato (lacht).

foto: Sylvie Ver Eecken

35


ZONDER VRIJWILLIGERS

GEEN CASINOKOKSIJDE

Met 750.000 zijn ze, de vrijwilligers die zich in Vlaanderen inzetten. Ook

in ons cultuurcentrum werkt een grote equipe vrijwilligers en ze zijn van

onschatbare waarde! We kunnen hen niet genoeg bedanken voor hun tijd

en enthousiaste inzet, want hun bijdrage is cruciaal in onze werking.

Reden genoeg om een artikel bij elkaar te pennen waarin de vrijwilligers de

hoofdrol spelen als vestiairedame, barmedewerker of jongerenreporter.

door gijs sohier

De vestiaireploeg

Je komt binnen in de foyer in het cultuurcentrum

en meestal is de eerste

halte de vestiaire. Een ploeg van vrijwilligers

ontfermt zich over je jas. Het

is altijd moeilijk om één iemand uit een

ganse groep te kiezen. In dit geval niet.

Want Liliane Roose was vanaf dag 1

betrokken bij het cultuurcentrum!

‘Ik ben altijd heel actief geweest in het

verenigingsleven van Koksijde. Zo ben

ik aangesproken om in het gloednieuwe

cultuurcentrum te komen helpen

als vrijwilliger. Toen ik de eerste keer in

het gebouw kwam, was het echter nog

lang niet afgewerkt. Met nog enkele

maanden te gaan tot aan de opening

moest er nog heel wat werk verzet

worden. Eerlijk gezegd, ik dacht niet

dat de deadline gehaald ging worden.

Maar kijk, op 1 januari 2000 was alles

klaar. Of zo goed als… (lacht).’

Liliane werd snel de moederkloek van

de vestiaireploeg. Ze werd voor iedereen

hét aanspreekpunt.

‘Ik nam dat graag op me. Op zich

waren er ook zelden problemen hoor.

De ene deed graag korte shifts terwijl

een ander geen probleem had om tot

een stuk in de nacht te werken. Ik probeerde

met ieders wensen rekening te

houden. En dat ging al die jaren zonder

grote problemen. Was ik niet verhuisd,

ik zou waarschijnlijk nog steeds

achter de vestiaire staan. Heb je me

morgen nodig? Dan sta ik hier. Geen

probleem!’

Na vele jaren trouwe dienst nam Liliane

afscheid van ‘haar’ vestiaire.

‘Mijn agenda zit nog steeds behoorlijk

vol. Ik ben actief in het bestuur van

OKRA. Daar kruipt best wat tijd in.

Daarnaast geniet ik ook erg van het

samenzijn met anderen. Ik was hier

gisteren bijvoorbeeld op het seniorenfeest.

Een prettige middag was dat. Ik

verveel me zelden. Altijd tijd te kort hé.

Typisch voor een gepensioneerde.’

Liliane haalt haar agenda uit en die

staat inderdaad helemaal volgekrabbeld.

‘Wat ook heel fijn is: ik word ook nog

steeds herkend. Als ik door de Zeelaan

wandel, vorder ik heel langzaam. Al die

jaren later word ik nog aangesproken

door mensen die in het cultuurcentrum

over de vloer kwamen. Zelfs vakantiegangers

die slechts af en toe in

Koksijde zijn, herkennen me nog. Ah

ja, het waren heel mooie jaren in ons

Casinootje. Ik kijk er nog steeds met

veel voldoening op terug.’

36


foto’s: Gijs Sohier

De barmedewerkers

Als je na de voorstelling nog even blijft

napraten aan de bar, word je ook daar

door vrijwilligers geholpen. Ook hier

zijn sommigen al jaren vaste vriend

aan huis. Geert Boeckx is er zo eentje.

‘Ik begon als vrijwilliger in het Casino-

Koksijde op vraag van Ward die toen

net als technicus was begonnen in het

Casino. Hij vroeg me als vriend om

hem uit de nood te helpen. En zie, zowat

10 jaar later help ik hier nog altijd.’

Geert heeft wel één groot probleem,

hij kan namelijk niet stilzitten. En dus

vind je hem regelmatig ook in het cultuurcentrum.

En tijdens de voorstelling

doet hij de strijk.

‘Haha. Ja, ik ben wel een bezige bij,

maar ik kan ook gerust genieten van

even niets doen. Ik geniet intens van

een rustig avondje op restaurant. Dat

doe ik toch een paar keer per maand.

Da’s voor mij pure ontspanning.’

De vrijwilligers pikken ook af en toe

een (stuk van) een voorstelling mee.

Da’s een extraatje bij de job.

‘Mij persoonlijk is de voorstelling van

Fried Ringoot bijgebleven. Hij overleefde

kanker maar belandde wel in een

rolstoel. De voorstelling was eerlijk en

oprecht, een lach en een traan. Een

minutenlange staande ovatie was het

gevolg. En meer dan terecht!’

De jongerenreporters

Als je onze Facebook pagina volgt

of regelmatig een kijkje neemt op

casinokoksijde.be, dan zag je Zoë

Coppens al aan het werk. Regelmatig

kruipt ze met artiesten in de zetel en

maakt een leuk praatje met hen. Over

Koksijde, de voorstelling, koetjes en

kalfjes,…

Zoë is een bezige bij. Naast haar

studies wijsbegeerte, is ze een gepassioneerd

medewerker van Radio

Beach en Studio 100. Tijdens de zomervakantie

kan je Zoë ook spotten als

medewerker van de dienst communicatie

op evenementen in Koksijde.

Sinds dit seizoen kreeg ze het

gezelschap van Georges Vermast,

een cultuurbeest pur sang. Georges

Vermast komt uit Oostduinkerke. Ze

werd geboren in het verre Kaapstad

en sinds dit jaar brengt ze haar weekdagen

door in Mechelen voor haar

studies communicatiemanagement,

maar Georges komt heel graag terug

naar de kust én naar CasinoKoksijde.

Beide dames hielpen trouwens

uitvoerig mee aan dit magazine.

Je spot hun namen her en daar

doorheen dit fijne tijdschrift.

EEN PIKANTE ANEKDOTE

van Gilberte, vestiairedame

Als vrijwilliger voor de

vestiaire maak je wel wat

mee. Ik herinner me een

avond met leerlingen van

de academie. In die tijd

moést iedereen zijn jas

afgeven, dus wij gingen

rond om dat te vragen. Ook

aan de verantwoordelijke

van de academie: ‘Wilt u

uw jas alstublieft wegdoen,

mevrouw?’ Ze had een mantel

aan met zwart-wit vlekken,

zoals een koeienvel. ‘Dat kan

ik niet’, zegt ze. Ik vroeg of er

een probleem was en daarop

deed ze haar jas open. Stond

ze daar in haar ondergoed,

met enkel een behaatje en

een rood kanten onderjurkje!

Toen mocht ze van ons haar

jas aanhouden.

ARTIKEL

37


INTERVIEW

door veerle decroos

BROEDERLIEFDE:

TOM EN LUK VERMEIR

foto: Piet Stellamans

foto: Michel Deveen

De broers Tom en Luk Vermeir groeiden op een steenworp van

het huidige cultuurcentrum op, ze speelden als kind samen op

het strand, nu doen ze dit op het podium. Tom als acteur en Luk

als muzikant. In februari staan ze voor het eerst samen op onze

scène met de voorstelling ‘Locke’ van Cie Cecilia en dit voor een

uitverkochte zaal. We strikten beide heren in hun nieuwe hometown

Gent voor een fijn gesprek over hun artistiek parcours en hoe

bepalend Koksijde en de zee is in hun leven.

38


Tom en Luk, jullie groeiden op met

jullie voeten in het zand van Koksijde.

Vertel eens hoe jullie jullie jeugd hier

hebben beleefd.

Luk: Wat ik me vooral herinner, is dat

we heel veel vrijheid kregen van onze

ouders, dat we ganse dagen buiten

speelden en van de zee en de streek

genoten en dat was echt de max. Vlak

bij ons was er een huisje waar vluchtelingen

in waren ondergebracht en

samen met hen gingen we shotten in de

duinen. We waren uren weg van thuis

om te ravotten en we deden echt onze

goesting.

Tom: Dat is inderdaad een fantastische

plek om op te groeien. En eens je opgegroeid

bent aan zee, blijf je een kind

van de zee voor de rest van je leven.

We speelden godganse dagen buiten.

Maar vanaf mijn puberteit kreeg ik het

wel moeilijk om mijn draai te vinden in

Koksijde. Koksijde was toen nog niet

wat het nu is, er was nauwelijks een

cultureel leven, er was zeker nog geen

sprake van een cultuurcentrum, en na

een tijd geraakte ik toch een beetje uitgekeken

op de vele avondjes in Pietje

Pek in Veurne. Ik wou andere dingen die

niet voorhanden waren en voelde me

daardoor wel een beetje ‘the odd one

out’. Toen ik aan de adviseurs van het

PMS (het toenmalige CLB) vertelde dat

ik acteur wou worden, kregen ze bijna

een beroerte, zo uitzonderlijk was dat

toen in onze streek (lacht).

Aan de kust wonen betekent voor mij

ook opgroeien in een rare dynamiek.

Enerzijds loopt het in de zomermaanden

zwart van het volk en in de winter

is het dan weer zeer stil. Dat contrast

is vreemd, maar heeft op zich ook wel

iets moois. De aanwezigheid van de zee

zorgt ook voor een openheid, en dat

wilde, dat ‘chille’ vind je terug in de mensen

die er wonen.

Luk: Ik heb dat beperkende minder

aangevoeld als mijn broer. Ik kon mijn ei

kwijt in veel andere zaken naast muziek.

Zo amuseerde ik me met mijn hobby in

de luchtvaart, waardoor ik minder het

gevoel had dat ik van alles miste.

Jullie volgden als kind beiden muziek

en woord aan de academie. Waren er

bepaalde personen die jullie keuze

voor een artistiek parcours mee hebben

bepaald?

Tom: Frieda Vanslembrouck en Josette

Van Hooydonck zijn heel bepalend

geweest voor mij in de academie. Ook

mijn deelname aan het schooltheater

Panneia in Immaculata De Panne is

doorslaggevend geweest. Toen besefte

ik plots dat ik van spelen mijn job wou

maken.

Ik ben er nog steeds van overtuigd dat

ik dankzij enkele leerkrachten in Immaculata

mijn einddiploma heb gehaald.

Peter Vantyghem, leerkracht Engels en

muziekjournalist, is een van de meest

inspirerende mensen uit mijn leven

geweest, en is dat nog steeds tot op

de dag van vandaag. Hij heeft werkelijk

de muzikale wereld binnen gebracht

in mijn leven. Dankzij hem heb ik o.a.

Jeff Buckley en Nirvana leren kennen,

en dat allemaal jaren voor ze echt

bekend werden. Ik weet nog dat ik op

de speelplaats rond liep met cassetjes

van groepen die ik had leren kennen

en die ik als een bezetene wou laten

horen aan al mijn klasgenoten, en dat

leidde bij sommigen tot lichte ergernis

en onbegrip.

Ook leerkrachten als Marijke Dewolf

(muziekleerkracht), Hilde Vanhoutte

“’t Is van kinderlijke fratsen

bij ons thuis geleden dat we

nog samen hebben gespeeld,

ik op keyboard, hij met zijn

zottigheden erdoor.

LUK

(esthetica), Stephan Flamand (leraar

Frans), Inge Vandekeere (leerkracht

LO) zijn mensen die me zullen bij blijven.

Luk: En ook op mij heeft Peter Vantyghem

onrechtstreeks een invloed

gehad, want Tom bracht die cassetjes

allemaal mee naar huis en bouwde

zo ook mijn muzikale kennis uit. Mijn

pianoleraar op de academie was Diony

Dhaenen en Jean-Marc Ghesquiere

gaf me slagwerk en comboles. Ik ben

die laatste nog eens tegen het lijf gelopen

tijdens een optreden te lande en

dat weerzien was erg fijn. En we hebben

uiteraard ook beiden fijne tijden

gehad in de harmonie van Koksijde

o.l.v. Luc Note. In de blaaskapel hebben

we leren improviseren en op een

vrijere manier leren muziek spelen.

En dan, na 18 jaar te hebben gewoond

in Koksijde, trekken jullie

allebei naar de grote stad. Gent voor

Tom, Rotterdam en later Antwerpen

voor Luk. Hoe voelde dat, die overgang

naar de stad?

Luk: Het eerste jaar in Rotterdam is

voor mij niet makkelijk geweest, ik werd

pas laat toegelaten op de academie en

vond moeilijk aansluiting bij de andere

studenten, die vaak meteen na de

lessen naar huis gingen. Het is pas in

Antwerpen, een jaar later, dat ik mijn

draai begon te vinden. Ik zat op een

goed kot met toffe gasten, dompelde

me onder in het uitgaansleven en heb

toen veel concerten meegemaakt in het

legendarische café De Hopper. Dan

ga je pas beseffen dat je niet de enige

muzikant bent die piano speelt…

Tom: Ook mijn eerste jaar is niet meteen

een succes te noemen. Ik herinner

me dat ik vooral op mijn kot zat te blowen

en te luisteren naar Led Zeppelin.

Ik volgde enkel de lessen praktijk en

interesseerde me niet voor de lessen

cultuurgeschiedenis, bewegingsleer

enz. Ik was toen wel veel bezig met

mijn eigen gezelschap en leerde op die

manier wel heel veel. Eigenlijk zie ik

mijn opleiding meer als een poort naar

een nieuwe wereld, waarbij een aantal

inspirerende mensen je de weg wijzen.

Luk: Ik vrees dat we allebei niet echt

voorbeeldstudenten zijn geweest en dat

we allebei toch een vrij hobbelig eerste

jaar hebben gehad, dat is duidelijk. En

ook ik heb vaak het gevoel gehad dat

je meer leert naast je opleiding, al heb

je het ergens wel nodig om op weg te

geraken. Ook het feit dat je in de opleiding

al vrij snel in een vakje wordt

geduwd, in mijn geval dan het hokje

van de jazz, voelde niet altijd even juist

en comfortabel. En uiteindelijk blijft mijn

hele parcours een blijvende zoektocht.

Wat of hoe ik nu speel, is al behoorlijk

geëvolueerd t.o.v. wat ik toen heb

geleerd, en die constante evolutie en

flexibele houding is eigenlijk wel mooi

aan een job.

Tom: Inderdaad, je moet je als kunstenaar

heel flexibel opstellen, je wordt

voortdurend blootgesteld aan nieuwe

prikkels, invloeden en tendensen en

dat bepaalt je parcours heel fel. Ook

het feit dat je succes heel wisselend

kan zijn, bepaalt je creativiteit voor een

groot stuk. Als kunstenaar heb je geen

vast loon, geen pensioensopbouw,

geen ziekteverzekering enzovoort, dat

zijn zaken die je allemaal alleen moet

zien uit te vissen. En dat zorgt wel voor

een zekere onrust in je hoofd. Maar ook

die onrust kan dan wel weer voor een

specifieke drive zorgen.

39


En dan na de studies blijven jullie

allebei in de stad hangen…

Luk: Ik heb na Antwerpen nog een

jaar in Schaarbeek gestudeerd, dat

was zeer rock-and-roll qua omgeving

en daar voelde ik me echt niet thuis.

Pas toen ik naar Gent verhuisde, ging

er een nieuwe wereld voor me open.

Daar ben ik in contact gekomen met

veel toffe muzikanten, en trad ik voor

het eerst op met Isolde et les Bens. Ik

stond toen ook vaak te spelen op het

podium van de Charlatan voor een

zeer open en amusant publiek. Niets

leuker dan te blijven plakken na een

optreden op café, best zwaar, maar

wel zeer fijn.

Tom, jij bent intussen verhuisd naar

het platteland?

Tom: Ja, ik noem het de Gentse suburbs,

het is tenslotte maar op een

half uur rijden van Gent. Ik woon daar

zeer graag, en tegelijk wil ik daar ook

geregeld weg. Het stuk grond en het

huis dat ik daar heb gekocht, is op

de plek waar ik naartoe ging om te

schrijven toen ik nog in Gent woonde.

Ik heb die rust nodig om te werken en

te creëren en die vond ik daar of aan

zee, aan Groenendijk, of het kasteel

van Ooidonk. Ik kom ook echt tot rust

op mijn nieuwe stek en geniet vooral

van de overgang van de seizoenen.

Maar zoals gezegd, ik moet ook steeds

de mogelijkheid hebben om ervan weg

te kunnen en dat kan gelukkig ook

makkelijk: ik zit voor mijn job vaak op

hotel of ik vertoef op mijn boot die in de

zomer aan zee ligt of tijdens de winter

hier in Gent. Het is duidelijk: het sedentaire

leven is niet aan mij besteed.

Komen jullie graag terug naar de

kust?

Tom: ik kom er geregeld terug, en

vooral om uit te varen met mijn boot.

Luk: Vroeger kwam ik zeer geregeld

naar Koksijde, meer bepaald naar The

West Aviation Club, om er te vliegen

met een sportvliegtuigje, en om daarna

te wandelen aan het strand of in de

duinen. De laatste jaren kom ik minder

in Koksijde en iets meer in Oostende,

omdat papa daar nu woont. Oostende

heeft ook die toffe mix van stad en zee.

Tom: Ja, Oostende is echt een topstad,

al wordt die jammer genoeg door

projectontwikkelaars op een verkeerde

manier aangepakt, vind ik.

Intussen zijn jullie beiden stevig verankerd

in het artiestenlandschap. Jij

als muzikant, Luk, en ook jij, Tom,

hebt lange tijd als muzikant bij

A Brand gespeeld. Hoe heb je die

tijd beleefd?

Tom: Dat was een zeer plezante tijd.

We hebben veel rond gereisd en getoerd

en veel podia gezien. Ik heb daar

uiteindelijk 8 jaar mee getoerd, en ik

kan je verzekeren dat dat een heel

intense periode is geweest. Al was ik

ook weer blij dat ik daarna kon beginnen

spelen.

Intussen heb je op scène gestaan,

op filmsets, op televisiesets. Zijn er

bepaalde disciplines waar je je gelukkiger

voelt?


Je moet je als kunstenaar

heel flexibel opstellen, je

wordt voortdurend blootgesteld

aan nieuwe prikkels,

invloeden en tendensen en

dat bepaalt je parcours heel

fel. Ook het feit dat je succes

heel wisselend kan zijn,

bepaalt je creativiteit voor

een groot stuk.

TOM

peling in je personage en het hele creatieve

proces vind ik zeer boeiend en

daar voel ik me echt in mijn element.

Intussen heb ik in een aantal zeer

mooie projecten gespeeld. Uiteraard is

er de veelbesproken film ‘Belgica’ van

Felix Van Groeningen, maar persoonlijk

ben ik zeer trots op de film ‘Seule

à mon mariage” van Marta Bergman

die in Cannes werd geselecteerd en

die veel gedraaid werd in Frankrijk en

Wallonië en op ‘Porselein’ van Jenneke

Boeijnk die binnenkort in Caïro in première

gaat.

Jij, Luk, bent bij uitstek een muzikant.

Jij hebt ook heel veel projecten

gehad, intussen?

Luk: Ik heb heel veel projecten gedaan

die vaak niet aan de verwachtingen

Tom: Momenteel is dat film omdat ik

dat een heel mooi medium vind om

een verhaal te vertellen en om personages

te ontwikkelen. Die onderdomvoldeden,

maar ook andere die wel succesvol

waren. Ik ben begonnen bij Imperior de Percussion

als jonge drummer. Intussen ben ik

vast muzikant bij Isolde Lasoen en speel ik bij

Tiny Legs Tim met een negenkoppige band.

Dat is echt een zeer toffe band omdat ik

daar vrij ben om te improviseren in de blues.

Daarnaast heb ik Lester’s Blues met muziek

van Lester Young en Count Basie samen met

saxofonist Tom Callens. Met die band spelen

we regelmatig in het buitenland voor dansende

mensen, daar hou ik heel erg van.

Het is wel duidelijk dat jullie beiden nood

hebben aan variatie en uitdaging.

Luk: Ja, inderdaad, daar heb je gelijk in. Ook

het zelfkritische is bij ons een constante, alhoewel

het voor mij soms ook belemmerend

kan werken. Ik ben sowieso iemand die heel

veel uitprobeert en experimenteert, maar in

tegenstelling tot mijn broer, treed ik er minder

makkelijk mee naar buiten. Ik heb nog te

vaak het gevoel dat er van alles in mij bloeit

en bruist, dat er nog onvoldoende uit komt. Ik

hoop daar tegen mijn pensioen stappen

vooruit in te hebben gemaakt (lacht).

Ik heb een hele tijd les gegeven en ben daar

mee begonnen in JOC de PIT, daarna ben

ik in Gent beginnen les geven in het MUDA.

Daar ben ik intussen mee gestopt, omdat dat

me niet meer gelukkig maakte. Ik heb me dat

nog niet beklaagd, ook al heeft dat natuurlijk

financiële consequenties.

Tom: Ook ik denk er sterk over na om les te

geven. Ik heb daar nu echt zin in.

Jullie staan nu voor de eerste keer samen

op scène met ‘Locke’, klopt dat?

Luk: Ja, als je abstractie maakt van de

lunchconcerten die we gaven in Immaculata

De Panne (lacht), wordt dit onze eerste keer

samen op een podium. En de productie zorgt

nu al voor veel uitverkochte zalen, nog voor

ze in première is gegaan. We kijken er naar

uit om elkaar zo vaak te zien, want met ons

drukke leven gebeurt dat steeds minder vaak.

Ik verlang ernaar om samen te spelen en om

de decompressie erna samen te beleven. Ik

herinner me dat ik eens naar een voorstelling

kwam kijken van ‘Chet’ (nvdr: van Compagnie

Cecilia met Tom in de hoofdrol), en dat

we daarna nog een pint zijn gaan pakken in

Trefpunt in Gent en uiteindelijk samen op het

podium zijn beland om nog een aantal nummers

van Chet Baker te spelen. (waarop Tom

verbaasd zijn broer aankijkt, hij lijkt dit onderdeel

van de avond te zijn vergeten…). En ik

merk dat die goesting om samen te spelen er

nog steeds is. ’t Is van kinderlijke fratsen bij

ons thuis geleden dat we nog samen hebben

gespeeld, ik op keyboard, hij met zijn zottigheden

erdoor.

Tom: ‘Locke’ is een bewerking van de film

‘Locke’ van Steven Knight waarin een man

in een auto zit en met verschillende mensen

belt. Met 2 acteurs, ikzelf en Koen De

40


Graeve, spelen we alle verschillende

rollen. De een speelt Locke, de andere

al de andere rollen. En daarnaast

staat een band die er een score onder

speelt. We hebben met die band al een

eerste muzikale aanzet gedaan waarin

we de basis al jammend en improviserend

hebben gelegd. Momenteel zit ik

in de blokfase, en volgende week beginnen

we volop samen met de band

te repeteren. De première is gepland

op 11 december. Spannend, omdat

er nog zoveel moet gebeuren voordat

die première er is. En ook daarna blijft

het boeiend, omdat het stuk nog sterk

kan evolueren gaandeweg. Dat is het

mooie aan theater, dat het blijft groeien

terwijl je speelt. Helemaal anders is

dat met film. Daar is het product op het

moment van de première helemaal af

en zijn alle artistieke keuzes qua montage

en spel definitief en onherroepelijk

gemaakt.

Tom en Luk, tot slot, hebben jullie

nog een boodschap voor het jarige

CasinoKoksijde?

Tom: Het CasinoKoksijde moet absoluut

blijven verder doen op het élan

waarop het bezig is, die zeer fijne mix

tussen voorstellingen voor het grotere

publiek en de meer eigenzinnige producties

is een belangrijke troef. Het is

zeer tof dat minder evidente genres

en voorstellingen ook hun weg vinden

naar de Westhoek, want ook jullie

publiek heeft het recht om te zien wat

voor fijne dingen er gemaakt worden in

Vlaanderen. Jullie zijn zeer goed

bezig, wat mij betreft, en dat merk je

ook bij collega’s, iedereen is altijd

zeer enthousiast als ze naar

CasinoKoksijde mogen komen spelen.

Keep up the good work!

foto’s: Luk en Tom Vermeir

41


07.10

2018

Walter Vilain &

Pictura Canta Origine

42


10.11

2011

Adriaan Van den Hoof

Doortocht


INTERVIEW

MEDEWERKERS AAN HET WOORD

door ilse chamon

IK BEN GEZEGEND MET DRIE

FANTASTISCHE COLLEGA’S

foto: Miguel Rooms

Eén van de eerste

beslissingen van het bestuur

in het Casinoproject was om

Miguel Rooms weg te plukken

uit het cultuurcentrum van

Torhout. Twintig jaar

later kunnen we stellig

verkondigen dat het een puike

beslissing was. Miguel is

hoofdtechnicus. Hij is niet

alleen een technische krak

maar ook een echte joviale

‘baas’ van de technici en

zaalverantwoordelijken.

Miguel stond er ook op

dat niet enkel hij maar de

hele ploeg op de foto bij dit

interview stond.

Miguel, je kan jezelf dus een echte

pionier noemen?

Inderdaad, ik was er zelfs al van voor

de officiële opening bij. Ik werd benaderd

door toenmalig schepen van

Cultuur Herwig Vollon, met de vraag of

ik het zou zien zitten om in mijn eigen

woonplaats als hoofdtheatertechnicus

te werken. Ik werkte toen in cultuurcentrum

De Brouckere in Torhout als

hoofdtechnicus. Voor mij een topkans!

Ik kwam in dienst op 1 september

1999 als broekie van 23 jaar (lacht)

en kreeg een bureau in de toenmalige

Jeugddienst (toen nog gehuisvest in de

Noordduinen). De werfvergaderingen

over de bouw van het Casinocomplex

volgde ik al van eind 1998 op, samen

met de burgemeester, ir. Siska

Stockelynck en ing. Stephan

Wydooghe.

Wat houdt je job exact in? Wat moet

je concreet doen?

Ik stuur een groep van 3 theatertechnici

aan. We vormen een hecht kwartet

collega’s, vrienden zeg maar. Onze

job is divers. CasinoKoksijde heeft

een bomvolle agenda (theater, concerten,

events, lezingen, film,…). Vooraf

dien ik bij alle events na te gaan of ze

technisch mogelijk zijn (qua lampen,

luidsprekers, mengtafels,…). De hamvraag

is steeds: kan de activiteit hier

plaatsvinden of niet? Dan check ik of

er materiaal moet worden gehuurd

en of ik eventueel extra technici moet

opsnorren. Daarnaast bedien ik uiteraard

ook licht, geluid, video en maak

ik lichtplannen en 3D plannen. Ook de

werkplanning van ons team puzzel ik

in elkaar.

We zijn wel benieuwd naar jouw

werkdag?

Onze werkuren zijn heel onregelmatig.

Dit kan gaan van een normale werkdag

van 8 uur tot dagen met voorstellingen

waar we veel meer presteren. Als je

weet dat we tussen de 4 à 9 voorstellingen

per week draaien, dan blijft er

weinig vrije tijd over en hebben we

soms weinig slaap.

Je gaf aan dat je met collega’s

werkt. Hoe ziet jouw team eruit?

Ik ben gezegend met drie fantastische

collega’s, zonder hen zou het nooit

lukken om alles rond te krijgen. Mijn

team bestaat uit o.a. Fabrice Coppens.

44


“‘Als we foto’s bekijken van toen

we hier net begonnen... we

waren nog échte spring-in-hetveld-jongens.

En nu… ietsje

oudere jongens!’

Hij is begonnen op 1 januari 2000.

Fabrice was vroeger zaalwachter in het

oude Casino, en is zo mee naar het

‘nieuwe’ Casino verhuisd. Hij begon als

zaalwachter, kreeg de techniek onder

de knie en is ondertussen gepromoveerd

tot theatertechnicus. Daarnaast

is er Aaron Jonckheere. Hij was onze

stagiair in 2018 en volgde toen podiumtechnieken

aan het Ensorinstituut

van Oostende. We waren enorm tevreden

over zijn inzet en kennis. Toen er

een vacature vrijkwam dat jaar was het

logisch dat Aaron die zou invullen. Tot

slot Ward Seru. Hij studeerde studiotechnieken

en kwam in 2009 in dienst.

In 2014 verliet hij ons om te werken

als zelfstandig elektricien. Maar de

theatermicrobe kon hij niet van zich

afschudden en hij kwam terug in dienst

in 2019. In de jaren ervoor werkte ik

nauw samen met wijlen Lode Denturck

(+), Piet Declerck, Robby Legein, Robin

Decock, Jasper Bogaert en Ruark

Parmentier.

Heb jij het gevoel dat die 20 jaar

voorbij zijn gevlogen? Of net niet?

Absoluut! Als we foto’s bekijken van

toen we hier net begonnen... we waren

nog échte spring-in-het-veld-jongens.

En nu… ietsje oudere jongens! (lacht)

Alles gaat zo snel, we hebben nochtans

al veel beleefd.

Ja, nu zijn we natuurlijk benieuwd

naar anekdotes.

Goh, de eerste voorstelling die bij

mij opkomt is ‘Les Founambules’. Dit

was ergens rond de openingsweek.

Een uitverkochte zaal. De voorstelling

moest om 20 uur beginnen en om 17

uur waren ze nog aan het werken boven

de scène. Het gebouw was nog

niet af. Net die dag werden alle nieuwe

lampen geleverd en moest alles

nog gemonteerd raken. Alle hens aan

dek dus. Iedereen van de toenmalige

ploeg was aan het helpen: diensthoofd

Ann-Sofie Beun veegde de scène, Gijs

Sohier (communicatie) in actie… We

moesten zelfs verlengkabels trekken

vanuit de andere kant van het gebouw

om stroom te hebben op scène. Dat

was écht zot!

Heb je wel eens iets écht raars

meegemaakt?

No comment. Niks voor in de boekjes,

haha, misschien los ik dit wel als we 30

jaar bestaan (lacht).

Wat is voor jou de belangrijkste

evolutie in die 20 jaar op vlak van

technieken?

De overschakeling van analoge audio

naar digitale audio. Dat is frappant!

Vroeger woog een geluidsmengtafel

met 48 kanalen 500 kg. Je mocht dan

nog 120 kg extra rekenen voor de 2

effectenracken erbij. Dit geheel nam 4

vierkante meter in. Zo’n digitale tafel

weegt nu 15 kg all-in. We zijn ook aan

het overschakelen naar LED verlichting

en dit gaat gepaard met enorme

investeringen. Op dit moment is het

showlicht aan de beurt. In 2021 pas

het theaterlicht, omdat we nog aan het

wachten zijn op een standaardmodel.

En tot slot zal ook het hele gebouw

overschakelen op LED verlichting. In

al die jaren zijn we qua techniek altijd

heel hard mee met onze tijd, én milieubewust.

Heb je een voorkeur op technisch

vlak: wat bereid je het liefst voor:

een dansvoorstelling, theatervoorstelling,

feest, beurs,…?

Eerlijk? Vooral geen dansvoorstellingen

(lacht)! Omdat ik er gewoon geen

sikkepit van begrijp. Maar ook omdat

we vaak voor dergelijke voorstellingen

extra materiaal moeten inhuren. Ik

moet wel toegeven dat ik enorm

genoten heb van ‘Copy That’ van

Pol Coussement. Dat was technisch

een hoogstaande voorstelling. Mijn

voorkeur gaat uit naar humoristische

voorstellingen en concerten. Maar

ook de musicals van de gemeentelijke

basisschool Koksijde in samenwerking

met Johan Bouttery en Frieda

Vanslembrouck zijn voor mij top!

Zijn de externe technici die hier

komen inspirerend?

De meeste technici die hier komen

zijn bijzonder goed. Zeker de dag van

vandaag, omdat de hedendaagse

technieken zo ingewikkeld zijn (computers,

netwerken,…). Toptechnici vind je

bij topartiesten. Ze zijn wel vaak zeer

gespecialiseerd in ofwel geluid, ofwel

licht ofwel video. Wij moeten van alle

markten thuis zijn, waardoor we minder

uitblinken in iets specifieks.

Heb je nog een droom?

Ja! Ik kijk enorm uit naar het project

Casino2020 dat we hebben opgestart

en om mee te helpen aan mijn droombeeld

van een cultuurcentrum. Wij zijn

helemaal klaar voor deze uitdaging!

Dagindeling

8.30 uur Wij komen aan en

overlopen met de technische

ploeg het dagverloop.

8.45 uur De voorbereiding start.

We halen alle licht van de dag

voordien weg. En karren met licht

en flightcasen worden vanuit onze

bergruimte naar boven op scene

gebracht. De regie installeren we in

het midden van de zaal.

10.00 uur De externe technici

komen aan. Ze krijgen een warm

onthaal met een koffietje en we

bespreken de werkplanning van

de dag. Vaak een moment om

problemen op te lossen.

10.15 uur De vrachtwagen met

materiaal wordt gelost. Alle decors,

audio, licht, instrumenten, worden

verhuisd naar de eerste verdieping

(scène theaterzaal).

10.45 uur De lichten worden

ingehangen volgens een lichtplan

op schaal.

12.00 uur Lunchpauze.

12.30 uur Plaatsen van de decors.

13.30 uur Alle lichten worden juist

gericht en geregeld.

15.00 uur Plaatsen van luidsprekers

en mengtafels.

16.30 uur Programmeren van

lichttafels.

17.00 uur Soundcheck.

18.00 uur Pauze.

19.00 uur Deuren gaan open.

20.00 uur Showtime.

22.30 uur Einde van de show en

start van onze afbraak.

23.30 uur Alles zit terug in de

vrachtwagen, en dan drinken we

nog eentje samen met de bezoekende

technici op een geslaagde werkdag.

Met feesten of fuiven zijn we dan pas

om 03.00 of 04.00 uur thuis.

De volgende dag beginnen we

opnieuw!

45


PUBLIEK AAN HET WOORD

#YOUNGSTERS IN ONS

CULTUURCENTRUM

#WHOOPWHOOP

De schoolgaande jeugd kan bij ons terecht voor podium en film. Na elke

schoolvoorstelling vragen we feedback over de voorstelling aan de leerkrachten

en leerlingen en na 20 jaar kunnen we een dik boek vullen met deze hartverwarmende

reacties. De positieve reacties van de leerkrachten doen ons oprecht

deugd, maar die van de leerlingen zijn net dat tikkeltje ludieker, met het

hart op de tong en daar houden we van.

foto: Gijs Sohier

46


‘Het is een prachtige voorstelling! Goed

gevonden, je moet er maar opkomen om

een spel om te toveren tot een theaterstuk’

Lander, 11j over Ganzenbord van

Tg Beumer & Drost

‘De muziek was mooi en supergrappig

dat die meneer op de dozen viel. Spijtig

dat het zo vlug voorbij was!’

Jarne, 8j over Gebroken Dromen van

Kopergietery

‘Acteurs deden het prachtig, een beetje

vies, grappig, raar, coole trucjes, spannend,

1000/1000, overdreven’

Leerlingen uit het 5de leerjaar over

Show van Bronks

foto: Gijs Sohier

‘We zaten in de gevangenis, maar konden

er toch uit door muziek te maken. Er

was ook een piano voor de voeten. Het

was heel leuk!’ Wout 4j over Atelier

Amadeo van Kamo vzw

‘Ik zou hier de hele dag naar kunnen

kijken’ Milan, 4j over Wit is kleur van

Kollektief D&A

‘Dat was diene uit ‘Thuis’, dat ga ik aan

mij zus vertellen’ Mira, 5j over Wit is kleur

van Kollektief D&A

‘Het was super goed! Vrienden zijn belangrijk!’

Saar, 8j over Twee vrienden van

Villanella & De Roovers

‘Amaai, dat moet moeilijk zijn om dat te

spelen met die poppen!’ Remi, 5j over

2 armen, 2 benen en ik van Théâtre des

4 Mains

‘1 meneer die zoveel stemmen kan spelen,

super, en ik vond de muziek zeer

mooi!’ Emma ,10j over Het land van de

grote woordfabriek van Theater Tieret

‘Waaw, heel spectaculair, mooie geluidseffecten!’

Robbe, 9j over Repelsteel

van Theater FroeFroe

‘Super super super, dat wil ik ook

doen!” Viktor, 7j over The Wood van

The Primitives

‘Het waren echte kunstjes, hoe doen

ze dat toch, ze waren precies aan het

toveren!’ Louise, 6j over Lampionaio

van Sprookjes Enzo

‘Spannende en mooie film. En het was

een interessant gesprek achteraf met

de producer.’ Leerlingen BuSo

De Rozenkrans over de film Cloudboy

‘Superleuk dat we mochten meedansen

en zelf geluiden mochten maken’

Leerlingen uit 6de leerjaar over

Zannemie en de bende

‘Wauw, zo mooi, ik heb er van genoten.

Heel grappig soms, maar ook een

beetje triestig. Het zat heel goed in

elkaar, de allermooiste voorstelling die

ik al gezien heb!’ Anoniem, 10j over

Zoutloos van Studio ORKA

‘Leuk dat ze zonder veel verstaanbare

woorden toch een leuke voorstelling

maakten. We probeerden achteraf ook

hun ‘taal’ na te doen en dat was heel

grappig’ Myrthe, 9j over De Passant

van Laika

‘Het helpen opruimen van het papier

na de voorstelling vonden ze ook leuk

om te doen: eens op het podium mogen,

praten met de acteurs’ Juf Kaat

over Metro Boulot Dodo van Nevski

Prospekt

‘Ze vonden het heel mooi! De helft

van de klas had geweend (daarom

vonden ze de film eerst niet mooi)

toen het muisje werd gepakt door de

uil. Nog eens goed uitgelegd dat dit zo

gaat in de natuur... Ze hebben dit dan

ook goed begrepen. Ook het thema

vriendschap en leider zijn kwam hier

erg duidelijk aan bod. Dit kaderde heel

goed in de week tegen pesten. Ze

spraken ook enorm over de prachtige

beelden van dieren, zo mooi gefilmd.’

Juf Katrien over de film Uilenbal

‘Doe a.u.b. nog heel lang voort, ik kom

zeker kijken met mijn kleuters! Jullie

bieden kwaliteit. Kinderen gaan veel te

weinig naar het theater. Als ik ze dan

meeneem, is het heel leuk dat ze ook

iets inspirerend en mooi te zien krijgen!

Dikke merci alvast!’ Juf Sandra

‘Het was cool dat ze met 3 op elkaar

stonden!’ Hailey, 8j over LEF! van

Laura van Hal & STIP

47


INTERVIEW

TÊTE-À-TÊTE

door veerle decroos

VEEL LIEFDE,

VOOR ELKAAR ÉN

VOOR CULTUUR

Net voor de voorstelling van Bart Cannaerts, konden we

Ann Verfaillie en Kurt Demarcke even strikken voor een

aangename babbel. Ann kent het cultuurcentrum van

binnen en van buiten omdat ze er als poetsvrouw werkt.

En samen met haar man Kurt mogen we hen, met ruim

15 voorstellingen per seizoen, tot een van onze beste

klanten rekenen. Hoog tijd dus voor een dubbelinterview

met dit mooie koppel over hun gezamelijke liefde voor

cultuur.

foto: Miguel Rooms

48


Ann, ik begin eventjes met jou. Jij

werkt hier als poetsvrouw sinds

19 januari 2000 en daarmee ben

je één van de pioniers van het

cultuurcentrum. Beschrijf eens

een dag uit het leven van Ann als

poetsvrouw.

Ann: Wel, na een voorstelling poetsen

wij het hele gebouw, afhankelijk van

wat er de dag ervoor werd gebruikt: de

theaterzaal, de loges, de feestzaal, wc’s,

gang en foyer in het cultuurcentrum.

Daarnaast poetsen we ook JOC de PIT

en de bibliotheek, waar we volgens

een vast uurschema werken. In het cultuurcentrum

is dat anders. Daar ziet elke

week er anders uit.

We weten het allemaal: het kan er

hier soms behoorlijk vuil bij liggen.

Soms passeren hier feesten, waarna

jullie geconfronteerd

worden met the day after,

maar ook sommige

gezelschappen deinzen


er niet voor terug om

met speciale materialen

te werken: water, zand,

verf, noem maar op.

Heb je in dat verband

leuke anekdotes?

Ann: Ja, we hebben hier

eens een gezelschap

‘Tuning People’ gehad

dat live op scène met

verf tekeer ging. De dag

nadien moesten we op

onze knieën de verf van

het podium schrapen.

Ook na oudejaarsavond

kan ik je verzekeren dat

er heel veel werk is, dan

duurt het vaak wel enkele

dagen vooraleer de

feestzaal weer toonbaar

is. Ook de wc’s getuigen

vaak overduidelijk van de avond ervoor…

(lacht)

Ik veronderstel, Ann, dat het eerste

moment dat je dan de zaal aanschouwt,

de moed jullie in de schoenen

zakt… waar halen jij en je collega’s

dan de motivatie vandaan om er

toch volledig voor te gaan?

Ann: Wel, we zijn dat in die 20 jaar wel

een beetje gewoon, we weten inmiddels

goed hoe we te werk moeten gaan, en

erover zeuren helpt ons geen meter

vooruit. Dus ja, we smijten ons: water

gieten, afschuren, wat je maar wilt. En

als alles dan weer proper is, zijn we

dan heel content met het resultaat. Het

verschil tussen voor en na is in dat geval

een wereld van verschil. Eigenlijk zouden

we daarvan af en toe eens foto’s

moeten nemen.

Ann en Kurt, jullie zijn als koppel

trouwe klanten en komen heel vaak

naar het CasinoKoksijde. Kan je ons

een idee geven van de frequentie

waarmee jullie komen?

Kurt: Dat zal zo schommelen tussen

15 à 20 keer, en dat sinds ruim 13 jaar.

Hoe is die cultuurmicrobe erin geslopen?

WE HEBBEN OOK EEN

AANTAL KEREN DE

JAZZLAB CONCERTEN

MEEGEVOLGD, DIE NU NIET

METEEN ONZE DADA ZIJN,

MAAR WAARVAN WE WEL

BLIJ ZIJN DAT WE ZE HEB-

BEN LEREN KENNEN. OP

DIE MANIER IS ONZE BLIK

AL FERM VERRUIMD.

KURT

Kurt: ik ben een liefhebber van podiumkunsten,

vooral van muziek.

Dus met het bijwonen van concerten

hebben we onze eerste pasjes in het

CasinoKoksijde gezet. Het feit dat Ann

hier werkt en ook mijn nicht Ilse (nvdr

Allewerelt) aan de balie werkt, zorgde

ervoor dat we nieuwsgierig werden.

Onze nieuwsgierigheid werd met de

tijd ook meer en meer geprikkeld tijdens

de seizoensvoorstellingen. Daar

krijg je zoveel goesting in vanalles

door de vele teasers en filmpjes. Zo

hebben we al vaak nieuwe groepen en

namen leren kennen en uitgeprobeerd,

die ons zo erg zijn bevallen, dat we

ze zijn blijven volgen. We hebben ook

een aantal keren de jazzlab concerten

meegevolgd, die nu niet meteen onze

dada zijn, maar waarvan we wel blij

zijn dat we ze hebben leren kennen.

Op die manier is onze blik al ferm verruimd.

En ik moet zeggen, het meeste

is zeer goed meegevallen. Je hebt natuurlijk

altijd eens eentje die je minder

ligt, maar dat is dan de bluts met de

buil nemen. Maar onze voorkeur blijft

uitgaan naar muziek en humor. Theater

is minder aan ons besteed.

Intussen is het ook traditie geworden

dat we met vrienden naar humorvoorstellingen

komen. Samen met Vicky en

Dirk maken we er een leuke avond uit

van. En ook de voorbereiding op zich

is leuk: dan zitten we samen met de

agenda’s en maken we een selectie uit

het aanbod. Wat bekijken we met onze

vrienden, wat bekijken we met ons gezin?

En dan, zodra de online verkoop

start, zijn we er als de kippen bij om de

meest populaire voorstellingen te reserveren.

Met de voorstellingen waarvan

we denken dat het niet zo’n vaart

zal lopen, wachten we nog eventjes en

boeken we later. Maar de data zijn wel

al in onze agenda gemarkeerd.

Zijn er in die ruim 13 jaar dat jullie

naar het cultuurcentrum komen

voorstellingen die in jullie geheugen

gegrift staan?

Kurt: Een van de eerste humorvoorstellingen

die we zagen, was

‘De prins op het witte paard’

van Begijn Le Bleu, waarmee

hij ook de Cameretten heeft

gewonnen. En ik moet zeggen:

geen enkele voorstelling van

hem die erna kwam, kan deze

show overtreffen. We hebben

toen echt gigantisch gelachen.

Qua muziek: Frank Vander

Linden van De Mens… als die

‘Irene’ naast je komt zingen,

dan besef je wel dat deze man

fantastisch goed kan zingen.

Dat zijn avonden die je niet

vergeet.

Ann: Buurman heeft me aangenaam

verrast. We hebben

dat concert toen op aanraden

van Kurt geboekt, en daar heb

ik ook echt van genoten. We

zijn ook eens met papa naar

Will Tura komen kijken. Eigenlijk

zijn er zoveel voorstellingen

die ons mooie avonden hebben

bezorgd, ook in het gastenaanbod:

Preuteleute bijvoorbeeld en Freddy De

Vadder.

Maken jullie er dan een echt avondje

uit van?

Kurt: Ja, hoor. Meestal drinken we

hier in de foyer nog iets, voor we onze

avond verder zetten en nog een cafeetje

opzoeken en een stapje in de

wereld zetten. Vooral in het weekend,

dan. In de week ligt dat wat moeilijker.

Jullie dochter komt ook vaak mee.

Zij heeft een jongerenabonnement?

Ann: Ja, inderdaad. Ze komt zeer

graag mee. Maandag komt ze

bijvoorbeeld met de klas naar de

film ‘Girl’ kijken van Lukas Dhont.

Dan is ze super fier dat ze naar het

49


cultuurcentrum mag komen waar ze

iedereen kent en waar ik werk. Ze heeft

intussen op die manier al volop de culturele

microbe te pakken. Maar dat had

ze wellicht ook al zonder het Casino. Bij

ons thuis wordt door vader en dochter

luidkeels meegezongen met Radio 2 en

MNM. Ze kent al haar klassiekers, zegt

ze. Cultuur leeft echt bij ons thuis.

Hebben jullie nog specifieke wensen

of dromen, artiesten die jullie hier

heel graag eens willen zien?

Kurt: ik zou heel graag Yevgueni willen

zien. Ik ben erg fan van Nederlandstalige

muziek en deze band is hier nog

niet gepasseerd. Ik weet dat ze nu een

kerktoernee doen, maar ik wacht op het

moment dat ze hier eens in de theaterzaal

passeren.

Ann, je weet dat er verbouwingsplannen

zijn om het CasinoKoksijde

futureproof te

maken. Jij werkt hier dagdagelijks

en kent elk hoekje en

elk kantje. Zijn er bepaalde

wensen die je hebt en die je

de architecten wil meegeven?

Ann: Ja, toch wel, een eigen

lokaal met een keukentje, zodat

we niet meer tussen onze dweilen

en emmers en voorraad

moeten lunchen en vergaderen. Een

ruimte waar we onze eigen stek van

kunnen maken. Momenteel zitten we in

een donker hokje onder de theaterzaal,

waar we geen lawaai mogen maken

als er iets in de theaterzaal bezig is,

terwijl een mens tijdens zijn pauze wel

eens graag stoom aflaat of een babbeltje

slaat met collega’s. We hebben

sinds kort ook een tablet waarop de

planning van de vergaderzalen kan

gevolgd worden en waaruit opdrachten

voortvloeien. Zo’n zaken moeten

allemaal besproken en doorgenomen

worden met de ploeg en dat is gewoon

fijner in een aangename ruimte.

Hebben jullie nog een verjaardagswens

voor ons?

Kurt: Dat er nog vele mooie jaren mogen

bijkomen, 20, 30 of 40… tegen die

“ IN DIE 20 JAAR IS ER VEEL

GEBEURD, DE JAREN ZIJN

VOORBIJ GEVLOGEN. WE

HEBBEN VEEL PLEZIER

GEMAAKT, MAAR OOK WEL

VERDRIET GEKEND.

ANN

tijd zijn we al op ons pensioen en kunnen

we nog meer komen!

Ann: In die 20 jaar is er veel gebeurd,

de jaren zijn voorbij gevlogen.We hebben

veel plezier gemaakt, maar ook

wel verdriet gekend. Onze groep is een

paar keer grondig gewijzigd door ziekte,

waardoor onze hechte groep een beetje

uiteen viel. We waren door het uitvallen

van Sabine (nvdr Theunynck) wegens

ziekte onze schakel kwijt. Ook Judith

(nvdr Puystiens) werd plots ziek, maar

zij komt terug. Eigenlijk is het wel mooi

dat er op de werkvloer zulke mooie

vriendschappen kunnen ontstaan. We

missen Sabine heel erg, maar we bouwen

volop aan een nieuwe groep. Enfin,

we moeten vooruit, het leven gaat nu

eenmaal gepaard met verdriet en afscheid

nemen.

Ann, ik wens je nog

veel mooie jaren toe

als poetsvrouw en veel

succes bij de uitbouw

van de nieuwe ploeg!

En Ann en Kurt, ik wens

jullie nog vele mooie

voorstellingen toe in het

CasinoKoksijde. Geniet

van alle ontdekkingen en

al het schoons dat jullie

pad nog kruist hier in

de propere theaterzaal.

Dankjewel voor het interview!

ANEKDOTE van Annick Dekeuninck, teamleidster poetsploeg

In de beginjaren vonden er nog regelmatig tentoonstellingen

plaats in het cultuurcentrum. Na de opbouw van een expo met

moderne kunst werden we opgetrommeld om nog te poetsen op

de mezzanine. We vlogen vol goeie moed op deze taak en brachten

de mezzanine in gereedheid. Toen we enkele vuilniszakken

wilden opbergen, kwam technicus Piet net op tijd aangelopen.

Die vuilniszakken waren eigenlijk kunstwerken. Op het laatste

nippertje kon Piet voorkomen dat de vuiniszak-kunstwerken in de

vuilniszak belanden …

50

foto: Gijs Sohier


Charles, Arnaud, Christa,

Andrea & Rosa

Dit cultuurcentrum is een verrijking

voor de streek. We kijken er de hele

zomer naar uit om hier te komen. Onze

planning maken we op basis van het

programma van het cultuurcentrum. Als

je hier niet aan je maandelijkse voorstelling

geraakt, moet je wel héél kieskeurig

zijn. We waren er al bij sinds het begin.

In de eerste jaren was er niet zoveel volk

als nu. Compagnie Cecilia is een persoonlijke

favoriet en duidelijk niet alleen

die van ons, want de voorstellingen van

het gezelschap zijn vaak uitverkocht.

Welke andere voorstelling we graag

opnieuw zouden zien? Doe dan maar

‘Zoutloos’ van Studio ORKA. Wij zagen

de voorstelling in het rustoord – een

wonderlijke ervaring.

Christa

Mijn bijzonderste ervaring in het cultuurcentrum?

Zo’n acht jaar geleden

zocht een professioneel dansduo vrijwilligers

om mee te dansen in een moderne

versie van West Side Story. Als deelnemer

moest je alleen durven op een podium

te staan. Ik dacht: wow! Ik schreef

me meteen in. Onze choreografie was

heel eenvoudig en diende voor de

achtergrond, terwijl het koppel zijn act

uitvoerde. Maar alleen al op een podium

staan, gaf ons het gevoel: ‘We can do

it!’ Ik zag dat Mohamed Toukabri dit jaar

ook mensen zocht om in een voorstelling

te dansen. In de trailer deden allemaal

jonge gasten mee. Daardoor dacht

ik eerst dat ik uit de boot zou vallen,

maar ik ben sportief, ik turn en tennis, ik

ben altijd in de weer. Waarom dus niet?

Als ze mij het één en ander aanleren,

moet dat lukken. Ook daaraan wil ik dus

PUBLIEK AAN HET WOORD

HET WOORD IS AAN JULLIE:

GETUIGENISSEN VAN HET

ALLERFIJNSTE PUBLIEK TER WERELD.

Op onze seizoenspresentatie 19-20 sprokkelden de

reporters van de Zendelingen al heel wat verhalen en bij

de charmante dames van La vie en prose kon je à la minute

jouw brief aan het Casino laten uittypen. Het leverde heel

wat fijne anekdotes, hartjes onder de riem en welgemeende

complimenten op die ons ongelooflijk deugd deden.

Een selectie van deze (ingekorte) verhalen kan je hier al

lezen maar alle bijdragen zijn online terug te vinden op

www.casinokoksijde.be/casino2020.

deelnemen! Passief kijken is mooi, maar

zelf meedoen is beter.

Martine

Eigenlijk gaan mijn vriend Werner en ik

pas dit jaar voor het eerst naar een voorstelling

in het cultuurcentrum kijken. Opvallend

wel, want ik werkte dikwijls in de

vestiaire en hielp bij het seniorenfeest dat

hier plaatsvond. Hoe dat komt? Mijn moedertaal

is Frans, dus in die zin zijn mijn

keuzes in het programma wat beperkter.

Een aantal jaar geleden ben ik van Anderlecht

naar Koksijde getrokken. Ik vind het

hier rustiger en aangenamer en heb veel

contact met de mensen, ook dankzij vrijwilligerswerk.

Tot nu toe kwam ik in het

cultuurcentrum enkel als vrijwilliger, maar

nu wil ik ook het programma leren kennen.

Werner en ik hebben alvast een comedy-

en een dansvoorstelling geboekt!

Jean-Pierre, Kris, Nathalie

en Caroline

Wij komen van Gent, maar maken graag

een ommetje voor het Casino. Je voelt

dat hier een sterk team staat, dat ook

nog eens aan elkaar hangt. Het contact

met het publiek is ook fantastisch: als

je binnenkomt, word je steevast verwelkomd.

Onze wens voor het cultuurcentrum

is dat er veel jong talent bijkomt in

de programmatie, en veel jonge kijkers

in de zaal. Al geloven we dat er de laatste

jaren wel wat verbeterd is. Welke bijzondere

momenten wij ons herinneren?

Zeker ‘BUKO’ van Abattoir Fermé. Daarin

moest op een bepaald moment iemand

uit het publiek naar het toilet. De spelers

spraken hem aan en besloten even te

wachten aan de deur tot hij terugkwam.

Maar… die man bleef wel heel lang weg.

Veel langer dan verwacht, vertelde acteur

Tom Vermeir achteraf tegen ons.

Terwijl wij eerst dachten dat die passage

deel van het stuk uitmaakte.

Nog een beklijvende herinnering is een

poëzieavond van zangeres Yasmine. Die

vond vier maanden voor haar zelfmoord

plaats. Een erg mooie avond: Yasmine

zong liedjes en las tussendoor poëzie

voor. Alleen zat er maar heel weinig volk

in de zaal. Achteraf, als je zo’n tragisch

nieuws hoort, denk je daar toch met een

naar gevoel aan terug. Ocharme, denk

je dan.

Erik

Ik kom hier zo’n tien jaar. Meestal neem

ik een abonnement, maar het laatste jaar

was ik te laat en heb ik het dus noodgedwongen

bij losse voorstellingen gehouden.

Het voordeel van een abonnement

vind ik dat het je toelaat om eens een

gokje te wagen. Meestal vul ik naast

bekende namen ook nieuwe artiesten

in, die doorgaans even goed blijken. Ik

ben hier nooit bedrogen uit gekomen.

Wie ik graag zie spelen? Zeker Daan, om

foto: La vie en prose

51


zijn stijl en zijn hese stem. Urbanus zie

ik ook graag aan het werk, net als Guido

Belcanto, die er wat extravagant uitziet,

maar erg mooie, warme liedjes maakt. Ik

herinner me ook De Nieuwe Snaar, waar

een kleine muzikant in een soort zak

vasthing boven het podium terwijl hij

acrobatentoeren zoals salto’s uithaalde

en nog eens instrumenten bespeelde

ook. Erg indrukwekkend was dat.

Jacques

Ik ben geen echte fan van het eerste

uur. Omdat ik een restaurant in Koksijde

heb, was er niet veel tijd om uit te gaan.

Nu baat mijn zoon het restaurant uit en

sinds een jaar of tien ben ik een trouwe

klant in het Casino. Toeschouwers of

gasten die hier optreden, krijgen we

vaak over de vloer. Ik herinner me dat

Frank Boeijen kwam eten of de crew van

Will Tura. Will Tura zelf niet, want die

eet altijd na het optreden in een nachtrestaurant.

Mensen komen naar

Koksijde in functie van de programmatie

van het Casino en daar profiteert ook de

horeca van.

merkten dat er iets was. Toen hebben ze

de voorstelling stilgelegd en vroegen ze

of er een dokter in de zaal was. Veerle

kwam naar mij toe en zei: “Mijn papa is

dokter. Moet ik hem gaan halen?” Maar

na een colaatje was het allemaal beter. Ze

hebben daar zeer goed op gereageerd. Wij

gaan zeker blijven komen, vooral naar de

stand-up comedy.


Mensen komen naar

Koksijde in functie van

de programmatie van het

Casino en daar profiteert

ook de horeca van.

Frieda Vanslembrouck

C.c. Casino, ons cultuurhuis aan de

kust! Op of voor het podium, het is er

altijd een beetje thuiskomen. In die 20

jaar stond heel mijn gezin verschillende

keren op de planken. (…) Ook de

jaarlijkse optredens van de academie

blijven spannend. Honderden kinderen

op het podium krijgen en alles vlot laten

verlopen is altijd een uitdaging maar

dankzij de expertise van de technische

ploeg blijft het Casino voor ons de ideale

plek om de kinderen een podium te

geven. (…) Naast creëren en presenteren

kom ik ook zelf heel graag genieten van

het mooie aanbod dat het Casino ons

voorstelt. Met directeur Veerle Decroos

spreek ik in september af welke voorstellingen

ik best aan de leerlingen Woordkunst

van de Academie kan aanbieden.

Eén voorstelling per maand is de perfecte

les voor toekomstige cultuurliefhebbers.

Dat het cultuurcentrum CasinoKoksijde

nu reeds 20 jaar bestaat doet ook

ons even achterom kijken. Wat was er

daarvoor aan cultuur in de Westhoek???

Niets??? Daarom, dank U Koksijde en

C.C. Casino. We komen er graag...

Catherine

Ik was hier met mijn dochter voor een

film over het klonen van schapen, met

pianobegeleiding. Op een bepaald moment

zag je de operatie van een schaap

en door daarnaar te kijken, viel ik ineens

bewusteloos, met mijn hoofd op de

schouder van mijn dochter. Mijn dochter

panikeerde en ook de mensen rondom

Marianne

Mensen stellen zich bij een casino een

huis voor gokkers voor, maar ons casino

is cultureel. Daar zijn we fier op.

Karli en Renée

Bedankt voor al het moois. Doe op dezelfde

manier voort.

52

foto: Gijs Sohier


07.02

2009

Kamagurka

Op en top

53


INTERVIEW

ALORS

ON DANSE:

JAN MARTENS

Jan Martens, danser en choreograaf, was al

drie keer te gast in CasinoKoksijde. In 2013

met het mooie en ontroerende duet ‘A small

guide on how to treat your lifetime companion’.

In 2016 volgde het energieke ‘The dog days

are over’ en afgelopen seizoen zagen we ‘Rule

of three’. Met zijn choreografisch platform

‘GRIP’ ondersteunt hij andere jonge makers.

Jan Martens heeft het druk met toeren,

voorstellingen en projecten lopen in binnen- en

buitenland. En toch maakt hij graag even tijd

voor een persoonlijk gesprek.

door jadrana demoen

foto: Stine Sampers

54


Je danste als jonge choreograaf met

een van je eerste voorstellingen in

het cultuurcentrum van Koksijde.

Wat herinner jij je daar nog van?

Bij de allereerste voorstelling, ‘A small

guide to treat your lifetime companion’,

was er best wel wat volk aanwezig. En

ik herinner mij ook dat we achteraf nog

gezellig eentje zijn blijven drinken. Van

die keer dat we er in 2016 kwamen,

met ‘The dog days are over’, herinner

ik mij nog heel goed de maaltijd met

iedereen, en natuurlijk de zee en het

hotel. Het is een uniek cc natuurlijk,

zo vlak bij de zee. Dat is super tof,

tussen de repetitie en de voorstelling

kun je nog even gaan uitwaaien. Ook

de scène en de backstage zie ik voor

me. Het is in Koksijde altijd ook een

beetje aanpassen, want voor dans is

de scène er vrij klein. Dus dan moeten

we voorstellingen zoals ‘The dog days

are over’ en ‘Rule of three’ echt wel

gaan herbekijken. In dans ‘spacen’ we,

we werken in de ruimte. Het speelvlak

delen we dan in met bv. stickers op

de vloer. Voor de scène van Koksijde

moeten we dat altijd een beetje bijsturen.

Maar dat is wel tof, omdat het de

voorstelling bijvoorbeeld nog intenser

kan maken, je staat er ook dichter bij

het publiek.

Dat kleine podium is inderdaad ‘een

dingetje’ in Koksijde... De dansprogrammator

zet daarom al jaren in op

het werk van jonge choreografen en

kleinere dansproducties. Want elk

nadeel heeft zijn voordeel: die kleine,

vaak heel intieme voorstellingen

komen hier dan helemaal tot hun

recht. Ook proberen we verschillende

producties van dezelfde makers

te presenteren. Zo kan ons publiek

samen met ons de evolutie van een

choreograaf volgen. Tot ze ons ontgroeien...

Zelf staat er voor jou ook

een grote dansproductie gepland.

Kan je daar al iets meer over vertellen?

Klopt, in januari begin ik met een grote

productie, met 17 dansers. Dat is wel

super spannend, ook al komen heel

wat dansers terug uit vorige voorstellingen.

De jongste danser is 15, de

oudste 68. Het wordt dus een multigenerationeel

project, over ‘the act of

protesting’, rebellie. De muziek bij de

voorstelling bestaat uit verschillende

protestsongs, dat onderzoek ben ik nu

aan het doen. Voor elke voorstelling

werk ik heel anders, en voor deze is

het de bedoeling dat de muzieklijst

klaar is voor we beginnen met repeteren.

Dan kan ik samen met de dansers

onderzoeken wat we erop gaan doen,

best spannend. De voorstelling gaat in

april in première in De Singel,

Antwerpen. Daarna spelen we o.a.

ook in Brugge en Kortrijk, dat zijn

waarschijnlijk de dichtstbijzijnde huizen

waar het Koksijdse publiek de voorstelling

zal kunnen zien.

Kun je ons wat meer vertellen over

je maakproces? Dat maakt ons wel

nieuwsgierig.

“Theater is een plek waar je

echt nog kunt observeren,

daarvoor is tegenwoordig

minder en minder tijd. We

zijn zo gewend aan prikkels

en stimuli, in die mate zelfs

dat je er verslaafd aan wordt.

Theater is op die manier een

heel ouderwetse plek, in positieve

zin, waar je gedwongen

wordt om je een uur of langer

op een zaak te focussen.

de ik voor aan de dansers waarmee

we gestructureerde improvisaties aangingen,

waar dan materiaal uitkomt.

In die voorstelling maakte ik maar

10% van het bewegingsmateriaal zelf.

Terwijl dat bij ‘The Dog days are over’,

toch 60 à 70% was. Vorig jaar maakte

ik bv. voor het eerst een tekstvoorstelling.

Dat was natuurlijk ook weer een

heel andere manier van werken.

Ik vind het fijn om heel verschillende

dingen te maken, om voor elke voorstelling

een specifieke taal of uitdaging

te hebben. Het feit dat het zo goed

gaat met mijn werk, zorgt er voor dat

ik me wel vrij voel om dingen te proberen,

omdat ik merk dat mensen vertrouwen

hebben in wat ik maak. Voor

Dat is heel verschillend en het is natuurlijk

nog anders als ik zelf meedans.

Voor de nieuwe productie vertrekken

we vanuit de muziek terwijl voor ‘The

dog days are over’ het concept vooraf

al klaar was in mijn hoofd. Ik wist: we

gaan een uur springen en er gaan

geometrische vormen zijn. Bij ‘Rule of

three’ kwam dan weer enorm veel uit

de dansers zelf, in samenwerking met

de muzikant. Ik had toen wel ideeën

voor scenes en sferen, maar niet echt

bewegingsmateriaal. Die beelden legmij

is een interessante vraag: hoeveel

toegevingen doe ik aan de verwachting

van het publiek? Mijn kleinere producties

stonden vooral in kleinere zaaltjes

waar een jonger publiek naartoe gaat

die graag iets meer experimenteel

werk ziet. Bij de voorstelling die nu op

stapel staat, weet ik dat daar een heel

ander publiek zal zitten. De première

staat nu in de grote zaal in De Singel,

waar vooral abonnees naartoe komen.

Ik vind dat heel interessant, vooral

omdat het thema van de voorstelling

rebellie is. Hoe kun je rebelleren tegen

wat er normaal gezien te zien valt op

het grote toneel, qua dans? Is daar

nog plaats voor het intieme, het experimentele?

Ook wij vinden de taal van het lichaam,

de bewegende mens, een

van de mooiste, krachtigste en universeelste

vormen van taal die er

bestaat. Kan je iets vertellen over

jouw danstaal?

De vorm van mijn voorstellingen is

telkens heel verschillend, en toch zit er

inderdaad een lijn in de bewegingstaal.

Graag plaats ik de mens op de voorgrond

en niet de technisch geschoolde

danser. Dat is belangrijk. Ik vind het

theater een heel educatieve plek, dat

klink misschien fout, maar ik weet

dat als ik zelf een goeie voorstelling

zie, me dat veel leert over mezelf.

Theater is een plek waar je echt nog

kunt observeren, daarvoor is tegenwoordig

minder en minder tijd. We zijn

zo gewend aan prikkels en stimuli, in

die mate zelfs dat je er verslaafd aan

wordt. Theater is op die manier een

heel ouderwetse plek, in positieve zin,

waar je gedwongen wordt om je een

uur of langer op een zaak te focussen.

Daar maak ik gretig gebruik van. We

kijken allemaal naar hetzelfde, maar

kijken er ook allemaal anders naar, we

halen er allemaal andere dingen uit.

Het theater is een oude vorm, van de

Grieken. Het gaat over samenkomen

en samen nadenken over thema’s die

worden geponeerd, een gedeelde beleving.

Je schrijft op je website dat we allen

verlangen naar aanraking, soms

letterlijk. Kan je daar iets meer over

vertellen?

We ontwikkelen naar een maatschappij

waar het fysieke minder en minder

aanwezig is. Internet is een technologische

ontmoetingsplek geworden, waardoor

het minder noodzakelijk is geworden

om naar buiten te komen en elkaar

face-to-face te ontmoeten. In mijn

voorstelling ‘The common people’ gaat

het over fysieke ontmoetingen tussen

mensen op de scène die elkaar daar-

55


56

voor nog nooit hadden gezien. Deze

voorstelling zou als het ware bijna archivering

kunnen zijn van hoe wij elkaar

fysiek ontmoeten. Beeld je in dat deze

tendens van technologische ontmoeting

zich verder en verder ontwikkelt, ik denk

bijvoorbeeld aan de ontwikkeling van

seks- en andere robots, en dat fysiek

contact helemaal uitsterft. Hoeveel nood

hebben we dan nog aan elkaar ontmoeten,

of worden we verteld dat dat minder

en minder nodig is?

Het aanraken, dat gaat ook over de

intimiteit en het fysieke dat in mijn voorstellingen

naar voor komt. Zelfs in ‘The

dog days are over’, waarin de dansers

elkaar niet aanraken, gaat het over samen

fysiek iets doormaken. Het publiek

zit soms helemaal mee in die beleving.

In de intimiteit van ‘Sweat, Baby Sweat’,

voel je dat het publiek er zo in opgaat,

bijna smacht, terwijl de dansers nooit

contact maken met het publiek. Dat

vond ik een heel interessante vorm. Ik

hoop dan dat het publiek mee smacht,

en met dat gevoel naar huis gaat en met

zijn lief in bed wil kruipen.

Razend actueel: de forse besparingen

in de cultuursector, meer bepaald de

projectsubsidies die onder druk komen

te staan omdat ze het met 60%

minder middelen moeten doen. Hoe

belangrijk waren voor jou de projectsubsidies

toen je aan het begin van je

carrière stond?

Heel belangrijk. Al heeft het lang geduurd

voordat ik die gekregen heb. We

moeten oppassen dat we niet denken

dat vroeger alles fantastisch was,

maar het is natuurlijk superdrastisch. Ik

kreeg pas projectsubsidies vanaf ‘The

dog days are over’ en ‘The common

people’. Ervoor, in het begin van mijn

carrière, werd ik vooral ondersteund in

Nederland. Nu ik structurele subsidies

heb, is dat wel anders. Al wordt die 6%

besparing bij ons ook heel voelbaar. We

maken in 2020 die hele grote productie,

waarvoor we ook al budget van 2021

hadden voorzien. Die 6% besparen betekent

concreet dat we het creatieproces

van 2 of 3 dansers niet kunnen betalen.

Dat is heftig. Er is een naïef deel van

mij dat hoopt dat het vanuit een soort

onwetendheid is, bij de minister en zijn

kabinet. Terwijl ik ook wel weet dat dat

geen onwetendheid is. Het is een switch

in de maatschappij, waarvan ik heel erg

vrees dat het nog maar het begin is.

Ik denk dat we met de sector een heel

sterk signaal aan het geven zijn. Aan

de andere kant moet ik toegeven dat ik

bang ben en dat ik het heel donker inzie.

Ik ben heel benieuwd. Ook naar wat in

april zal gebeuren als de budgetten worden

bekend gemaakt voor de structurele

subsidies. Want met GRIP ondersteunen

wij ook het werk van enkele andere

jonge makers, die wel afhankelijk zijn

van projectsubsidies.

Hoe is het met jou, nu? Je werk kent

succes, je hebt het druk met toeren,

verschillende voorstellingen lopen.

Je maakt en danst ook zelf mee: er

beweegt veel op dit moment!

Het was een heel zwaar en uitdagend

jaar. Ik heb deze zomer wel 4 maand

verlof genomen, ondertussen ben ik

ook verhuisd. En dat is heel goed,

maar het blijft worstelen om een goede

balans te vinden tussen werk en vrije

tijd. Dit najaar was ik zoveel onderweg

waardoor ik maar 4 nachten thuis heb

geslapen. Ik heb ook een lief, dat is niet

voor de hand liggend, ik voel het verlangen

naar een stabiele basis. We zijn

dan wel verhuisd, maar het is niet simpel

daar een leven op te bouwen, om te

wennen aan het huis als ik er nooit ben.

Ik zie dit als een luxeprobleem, want

het gaat mega-goed met mijn werk en

toch blijft het altijd zoeken naar een

goede balans. Ik ben ook iemand die

heel snel getriggerd raakt door voorstellen,

bv als een theater vraagt ‘zin om

dat te doen?’ of ‘heb je zin om mee te

werken?’, dan ga ik daar graag op in.

Maar tegelijkertijd is er eigenlijk geen

tijd. Ik moet leren om neen te zeggen

en ervoor zorgen dat ik de tijd neem om

op adem te komen door in mijn tuin te

werken en zelf eten te koken i.p.v. een

plastieken boterham te eten in het station.

Ik krijg veel van mijn job, ik investeer

veel in mijn job, ik investeer ook in

mensen, dat is wat ik er echt leuk aan

vind. Maar een creatieproces in goeie

banen leiden is ook superzwaar. En dan

is het soms gewoon zuur te merken dat

dat allemaal goed lukt, maar dat mijn

privéleven er dan bij inschiet omdat je

zoveel energie in je werk steekt. Ik leer

het wel.

Heb je zelf andere speciale dromen,

ambities voor de komende 20 jaar?

Ik hoop dat ik mijn werk kan blijven

maken. En dat ik dat op verschillende

fronten kan blijven doen. Ik wil niet mee

in dat kapitalistische idee dat je altijd

maar groter moet worden. Nu maak ik

die voorstelling met 17 mensen. Maar

daarna ga ik misschien weer een solo

maken, of een duet. Ik wil daarvoor

de ruimte kunnen nemen. En rust en

voldoening vinden voor mezelf. Voor

GRIP hoop ik dat we ook een goeie

balans vinden tussen mensen ondersteunen

en zorgen dat de medewerkers

niet uitgeput raken, dat het daar ook

te doen blijft. Ik heb dus geen droom

van ‘the bigger the better’ of een eigen

gezelschap. Eigenlijk wil ik blijven doen

wat ik aan het doen ben, en daar een

goed evenwicht in vinden. Want het is

fantastisch wat ik mag doen.

Ook wil ik me minder opwinden over

bepaalde zaken. Vorig jaar was intens

met de situatie rond Jan Fabre. De evolutie

van de positie van de danser vind

ik belangrijk. Het idee dat dansers moeten

blij zijn met wat ze krijgen en de

dingen niet in vraag mogen stellen, dat

mag zeker veranderen. Ikzelf wil daar

stappen in kunnen zetten de komende

jaren: de opsplitsing tussen maker en

uitvoerder mag verdwijnen. Respect is

belangrijk. We werken in een progressieve

kunstensector, maar toch is er

ook veel uitbuiting. Er zijn mensen die

werken zonder betaald te worden en

heel veel mensen die onbetaald veel

overuren doen. Die tegenstelling vind ik

moeilijk te rijmen. We mogen dit niet uit

het oog verliezen nu andere onderwerpen

op de voorgrond komen, zoals de

subsidies.

foto: Jadrana Demoen


Tenslotte: heb je nog een boodschap

voor het jarige CasinoKoksijde?

Ik hoop dat er plaats blijft voor

experiment in de vele cc’s, waaronder

CasinoKoksijde. Ik hoop echt dat dat zo

kan blijven. Ook in deze tijden waarin

er meer aandacht is voor meer inkomsten,

waardoor bijvoorbeeld vaker

stand-up wordt geprogrammeerd omdat

dat beter verkoopt. Deze keuze in

programmatie is niet alleen belangrijk

voor de kunstensector, maar ook voor

het publiek, zodat men ook in Koksijde

meer dan eenheidsworst kan zien.

Dat ze voorstellingen kunnen zien die

hen aan het denken zetten, die hun

perspectief veranderen. De cc’s spelen

hierin zo’n belangrijke rol. Ik weet dat

jullie filmprogrammatie bv. ook zeer

divers is, het is belangrijk dat het cc

dat allemaal aanbiedt! Doe zo voort!


Ik krijg veel van mijn job,

ik investeer veel in mijn job, ik

investeer ook in mensen, dat

is wat ik er echt leuk aan vind.

Maar een creatieproces in

goeie banen leiden is ook

superzwaar.

foto: Phile Deprez - Rule of Three, 30.03.2019

57


INTERVIEW

door georges verrmast

“WIJ ZIJN DE

NAPRATERS. ALS

JE NIETS TE ZEGGEN

HEBT, DAN IS HET NIET

GOED GEWEEST HE!”

foto: Miguel Rooms

Wist je dat het cultuurcentrum kan rekenen op fijne en

trouwe bezoekers? Sommigen komen maar enkele keren per

jaar, anderen genieten bijna maandelijks of zelfs wekelijks

van onze voorstellingen. Chris Vanwalleghem, Renée Borny,

Liliane Ballaux, Liliane Lecomte, Ann Vandenbusche,

Christiane Vandenbroeck en Jan Hollevoet (van links naar

rechts) behoren tot de laatste categorie. Voor de voorstelling

van Chris Lomme schoven we hen een micro onder de neus.

Het zijn cultuurveelvraten in hart en nieren. Samen komen

ze dit seizoen alleen al naar 167(!) voorstellingen. Een snelle

berekening leert ons dat dit net geen 24 tickets per persoon

zijn (onze mond valt open).

58


Dag dames en heer! We zijn benieuwd:

hoe is jullie gezellige cultuurbende

eigenlijk ontstaan?

gebreid, Renée is er bijvoorbeeld nog

maar sinds 2 jaar bij. Een echte bende

cultuurliefhebbers!

Waarom triggert cultuur jullie zo?

Ann: Ik speel zelf toneel en vind het

ontzettend leuk om naar theater te

komen kijken, om sterke acteurs bezig

te zien en er zelfs iets uit te leren, dat

intrigeert mij.

Jan: En je moet er niet helemaal voor

naar Gent of Antwerpen rijden. Als je

naar het verre Sportpaleis gaat bijvoorbeeld,

dan is het niet evident om

’s avonds laat terug te keren. Het is

dan ook fijn dat we een cultuurcentrum

hebben in Koksijde waar ook grotere

namen zoals Chris Lomme komen

spelen. Hier kan je ook gerust na de

Chris: We komen allemaal heel

graag naar het Casino om een

theater- of muziekvoorstelling bij te

wonen. Deze bende vrienden en

cultuurliefhebbers is dan ook heel

spontaan ontstaan. Je babbelt na

afloop van een voorstelling in de

bar al snel eens met de mensen die

naast je zaten in de zaal, over hoe je

de voorstelling vond. We hadden al

snel door dat we veel naar dezelfde

voorstellingen gingen kijken en we

dezelfde interesses hadden. We zijn

nu 20 jaar verder en komen nog altijd

even graag naar het Casino. Ons

groepje is de voorbije jaren zelfs uitvoorstelling

in de foyer napraten met

de artiest.

Als jullie aan theaterdummies tips

zouden moeten geven, met welke

voorstellingen zou je ze laten proeven

van podiumkunsten?

Liliane B: Elk heeft zijn eigen smaak.

Mensen die graag grote dansproducties

zien, kunnen mee met ‘Bij de buren’,

een bus die vertrekt naar Brugge

of Duinkerke.

Renée: Klassiek op zondag kan ik ook

aanraden en natuurlijk trekken bekendere

namen veel mensen aan.

Hoe hebben jullie het Casino zien

veranderen doorheen de jaren? Wat

is het verschil met de eerste keer

dat jullie hier kwamen en nu?

Liliane B: Er zijn al ontzettend veel

goeie dingen geweest, vroeger in de

beginjaren van het Casino was dat al

zo en dat is de voorbije jaren alleen

maar gegroeid. Als je het programmaboekje

doorbladert, zou je bijna alle

voorstellingen willen zien maar je moet

een keuze maken natuurlijk. Het wordt

elk jaar moeilijker en moeilijker. (lacht)

Liliane L: Er zijn gezelschappen die

helaas niet meer passeren, omdat

het allemaal duur wordt, maar ik vind

dat het Casinoteam er echt alles aan

doet om steeds een sterk programma

te brengen. Er is heel veel keuze, al

jaren: Klassiek op zondag, comedy,

theater,… En dat maakt het dan ook

weer fijn, er is voor iedereen iets dat

leuk lijkt.

Ann: Daarom vind ik een abonnement,

het systeem waar wij mee werken,

echt goed. Je kunt heel wat voorstellingen

opnemen in je abonnement en

zo blijft het voor iedereen betaalbaar.

Hoe stippelen jullie je cultuurjaar

uit, doen jullie dat allemaal samen?

Jan: Niet noodzakelijk. Meestal stellen

we individueel ons abonnement samen,

maar de kans is wel groot dat we

elkaar op een voorstelling treffen. Dat

is ook zo met de mensen van onze cultuurbende

die er vanavond niet bij zijn.

We kennen elkaar nu al zo lang dat we

bijna altijd naar dezelfde voorstellingen

komen kijken.

Chris: Soms gebeurt het wel eens dat

we elkaars mening vragen over onze

keuzes. En we praten graag na in de

bar over de voorstelling die we hebben

gezien.

Renée: Wij zijn de napraters. Als je

niets te zeggen hebt, dan is het niet

goed geweest he!

Als je naar zoveel komt kijken, zie je

waarschijnlijk ook wel eens minder

goede voorstellingen?

Christiane: Je maakt op voorhand een

selectie van wat je graag ziet. Soms

valt een voorstelling minder mee dan

verwacht, maar dat is omgekeerd ook

zo. Wanneer ik iets ga bekijken waar

ik op voorhand twijfels over had, kan ik

soms buiten komen en heel tevreden

zijn. Dus het varieert echt en ieder

heeft ook zijn eigen smaak.

Liliane L: Ik kijk terug in het boekje

voor ik naar de voorstelling ga en dan

ben ik na afloop blij dat ik die voorstelling

gekozen heb. Dat er een voorstelling

minder is dan je had verwacht, kan

gebeuren, maar dat komt echt zelden

voor.

Wat zijn jullie hoogtepunten van de

voorbije twintig jaar?

Christiane: Voor mij is dat comedy,

ik ben echt fan van de verschillende

stand-up comedians.

Chris: Ja, Lieven Scheire bijvoorbeeld,

die was echt heel goed!

Ann: Er zijn ook al ontzettend veel

mooie monologen de revue gepasseerd.

Een hele tijd geleden is Herbert

Flack eens een monoloog komen

brengen die ik nooit meer vergeet.

59


“ “ “

LILIANE B.

CHRIS

RENÉE

Als je het programmaboekje

doorneemt, zou je bijna alle

voorstellingen willen zien

maar je moet een keuze maken

natuurlijk. Het wordt elk

jaar moeilijker en

moeilijker.

We gaan zelfs vaak samen

eten na klassiek op zondag

omdat het zo fijn is samen,

dat is ondertussen zelfs een

traditie geworden.

Ik ben er pas sinds twee jaar

bij en ik heb me nog nooit

ergens zo goed gevoeld als

bij dit groepje vrienden. Ja,

vrienden dat zijn ze echt

geworden, we zijn altijd blij

elkaar weer te zien.

Als jullie zouden mogen programmeren,

wat zou je dan graag aan

ons programma toevoegen?

Renée: De mensen die de programma’s

hier samenstellen doen dat fantastisch!

Het is ieder jaar anders en

verrassend. Voor ons is het al moeilijk

om ons abonnement samen te stellen,

voor hen moet dat echt heel moeilijk

zijn, maar wel heel fijn om te doen!

Liliane L: Een stukje muziek kan ik

heel erg appreciëren.

Christiane: Ik zou graag nog eens

Guga Baùl zien hier in het Casino, een

stemmenimitator die echt goed is!

Tekenen jullie nog voor 20 jaar cultuurplezier

samen?

Renée: Heel graag zelfs, ik ben er pas

sinds twee jaar bij en ik heb me nog

nooit ergens zo goed gevoeld als bij

dit groepje vrienden. Ja, vrienden dat

zijn we echt geworden, we zijn altijd blij

elkaar weer te zien.

Chris: We gaan zelfs vaak samen eten

na klassiek op zondag omdat het zo

fijn is samen, dat is ondertussen zelfs

een traditie geworden.

Liliane B: We komen gewoon met

onze rollator, zo kunnen we zeker nog

vele jaren komen. Niets houdt ons

tegen om niet meer te komen (lacht).

Tot slot: Hebben jullie nog een verjaardagwens

voor ons cultuurcentrum?

Christiane: Doe vooral zo voort, wij

komen ontzettend graag naar het Casino.

Wat jullie als programma samenstellen,

daar kunnen wij als publiek

alleen maar blij mee zijn. Dankjewel!

Ann: Wat Veerle en haar team doen

is inderdaad fantastisch. Deze zomer

kwam ik op Theater Aan Zee Sylvie

tegen, ze was op prospectie, op zoek

naar nieuwe voorstellingen. Dat was

voor mij echt hartverwarmend om te

zien dat ze zo hun best doen om het

beste naar het Casino te halen.

Bedankt voor jullie fijne verhalen,

veel plezier dit seizoen en de komende

jaren!

60


12.10

2013

Lisbeth Gruwez & Voetvolk

It’s going to get worse and worse and worse my friend

61


INTERVIEW

door georges verrmast

foto: Guy Kokken

LAZARUS:

EEN BABBEL MET

GÜNTHER LESAGE

Het theatergezelschap LAZARUS werd een 15-tal jaar geleden boven

de doopvont gehouden en bestaat uit een gezellige, geestige bende

acteurs. Met hun eigenzinnige theatervoorstellingen stonden ze al

meermaals op het podium van CasinoKoksijde. Hoog tijd dus om

eens te polsen bij de West-Vlaming Günther Lesage hoe hij en zijn

kompanen hun passages in Koksijde hebben beleefd.

62


De kust is het verste uithoekje van

Vlaanderen, heb je een link met

Koksijde?

Ik kwam als kind veel naar de zee,

mijn ouders hadden een huisje in

Westende. Ik heb bijna al mijn zomers

aan de kust doorgebracht vanaf

6 jaar tot ik een lief had, dus de zee

en de Belgische kust zijn voor mij wel

echt belangrijk. En toen we wat ouder

werden en iets mobieler als tieners,

trokken we ook wel eens verder dan

Westende en Oostende, naar de

Westkust.

En blijkbaar gingen we voordat

mijn ouders een huisje hadden in

Westende zelfs vaker naar

Koksijde, maar ik was toen nog echt

een peuter, dus ik herinner me daar

niet meer zoveel van. Wat ik mij wel

nog herinner, is de boot die je tegenkomt

als je richting Koksijde rijdt.

Bestaat die trouwens nog?

Ja, hoor, het zijn er zelfs twee, De

Normandie en De Peniche zijn er

nog altijd en zijn echt kenmerkend

voor Koksijde.

Als kind was dat echt indrukwekkend,

een gebouw in de vorm van een

boot. Als we dan naar Koksijde

gingen, zei ik altijd: ‘Aja, da’s waar

we die boot gaan zien’!

Jullie hebben met LAZARUS al

ontzettend veel gespeeld in ons

cultuurcentrum, dit seizoen is het

de 12de keer, met de productie

‘Muy Complicado’. Wat maakt het

zo fijn om in CasinoKoksijde te

spelen?

Ik wil hier wel even bij vermelden

dat ‘Muy Complicado’ geen stricte

LAZARUS-voorstelling is. Sinds we

met LAZARUS samen met Willy

Thomas de artistieke leiding voeren

over Arsenaal, hebben wij deze voorstelling,

oa door Laurence Roothooft

ondersteund. Ik heb een goed contact

met Veerle, de programmadirecteur,

ik vind het altijd heel fijn dat zij

er is. LAZARUS bestaat volgend jaar

15 jaar. Wij hebben al een vijfentwintigtal

producties gemaakt en dus al

honderden voorstellingen gespeeld in

heel veel verschillende cultuurcentra.

Wat opvalt tijdens tournees is hoe je

wordt ontvangen. Het is altijd heel fijn

in Koksijde, Veerle is een uitstekende

gastvrouw! Ze is ook heel vaak enthousiast

over de voorstellingen. En

dat hoeft niet altijd per se. Ik kan het

evengoed appreciëren als iemand

ongezouten zijn of haar mening zegt.

Als gezelschap is dat nuttiger dan iemand

die de schone schijn ophoudt.

Nu is Veerle gelukkig meestal oprecht

enthousiast. Ze komt zelfs kijken naar

producties van ons die niet in Koksijde

stonden. Ze is iemand die haar vak

met veel passie doet en daar hou ik

van, want ik zit zelf ook zo in elkaar.

De theaterzaal van CasinoKoksijde is

vrij compact en is een hele fijne zaal

om in te spelen. Voor onze voorstellingen

is ze ook altijd goed gevuld, dat

is ook altijd leuk.

Ik ben zelf West-Vlaming, dus mijn

ouders komen vaak kijken als we in

Koksijde spelen, wat uiteraard heel fijn

is. Als we tijd hebben, kunnen we voor

we spelen toch nog efkes het ‘zèètje’

zien. Een stevige wandeling maken en

eens goed ‘goan uutwoajen’, dat heb

je nergens anders eigenlijk. Het is vaak

een combinatie van factoren die het

heel leuk maakt bij jullie, ook het feit

dat we nadien kunnen napraten met de

“Als we tijd hebben, kunnen

we voor we spelen toch nog

efkes het ‘zèètje’ zien. Een

stevige wandeling maken en

eens goed ‘goan uutwoajen’,

dat heb je nergens anders

eigenlijk.

mensen die blijven plakken: een

typisch Koksijds biertje St-Idesbald

drinken met enkele mensen uit het

publiek die intussen trouwe fans zijn

van LAZARUS, heerlijk!

Hoe belangrijk is het voor jullie als

gezelschap om regelmatig opgenomen

te worden in een programma

van een cultuurhuis?

Dat is zeker belangrijk voor de continuïteit:

een publiek dat je begint te

kennen, een publiek dat terugkomt en

in het beste geval toeneemt in aantal

is een gedroomd scenario. Een publiek

dat verjongt ook omdat de ouderen

tegen de jongeren zeggen: ‘je moet

doar e ke goan kieken, da is eigenlijk

wel gjestig.’

Sorry dat ik trouwens af en toe citeer

in het West-Vlaams, maar het is het

moment gewoon, ik moet ervan profiteren.

Want ik zit ik hier in Mechelen en

niemand verstaat mij hier als ik dialect

spreek. (lacht)

Nee, dus in die zin is die continuïteit en

publieksopbouw, de zichtbaarheid van

ons gezelschap wel erg belangrijk. Het

is minder moeilijk om voor de eerste

keer iets goeds te maken dan om het

te blijven volhouden.

Iets volhouden is sowieso moeilijk,

daarom willen we met Lazarus altijd

van nul beginnen voor een voorstelling,

omdat we niet altijd dezelfde soort

voorstellingen willen maken. We houden

van het schrijven van eigen teksten

maar ook van het bewerken van

romanliteratuur. We hebben in de voorbije

15 jaar nog nooit een bestaand

toneelstuk gespeeld, niet omdat we dat

niet willen doen maar omdat we een

groep mensen zijn die graag schrijven,

de pen vastnemen en bewerken.

Met bestaande toneelstukken kun je

dat iets minder doen omdat daar al

alles min of meer vast staat, met eigen

stukken moet je alles zelf verzinnen

en ook met het bewerken van romans,

heb je nog veel inbreng als schrijver.

Ook vanuit financieel oogpunt is het

belangrijk om als gezelschap veel

speelplekken te hebben. Het wordt er

door de aangekondigde besparingen

voor veel gezelschappen en kunstenaars

niet makkelijker op. Ik ben in die

optiek ook al verschillende keren gaan

betogen. Het is zo pijnlijk om te zien

dat de beleidsmensen er eigenlijk niet

zo veel van afweten…

Cultuur is iets waar heel abrupt in

gesnoeid wordt door mensen die er

niet zoveel van af weten en dat is

heel jammer.

Ja, ik denk dat Sven Gatz tijdens de

vorige legislatuur een stuk beter op de

hoogte was van de cultuursector, maar

dat we deze keer helaas met een minister

zitten die de portefeuille cultuur

als een aanhangwagentje in zijn bakfiets

heeft liggen.

Ik betreur het ook erg hoe de cultuursector

wordt gepercipieerd, vooral

door de partijen aan de rechterzijde. Er

wordt ons zelfs verweten dat we linkse

elite en subsidievreters zijn. Ik val echt

achterover van zoveel domheid! Het

enige wat wij hiertegen kunnen doen,

is in verzet gaan en protesteren. Cultuur

maakt de samenleving zoveel warmer

en rijker, verbindt mensen, stelt de

63


64


foto: Paulien Verlackt

65


maatschappij kritisch in vraag en zorgt

ervoor dat we wakker en alert blijven.

Wat er nu aan het gebeuren is, vind ik

behoorlijk griezelig, ik kan alleen maar

hopen dat we door het blijvend verzet in

staat zullen zijn om die mensen die ook

met oogkleppen rondlopen, wakker te

schudden.

En die open en genereuze houding

tegenover kunst vanuit de regering,

maar ook vanwege de gewone burger,

is een voorwaarde om nieuwe

producties te kunnen maken en opgenomen

te worden in de programma’s

van cultuurhuizen.

Ja, inderdaad. En dat geldt eigenlijk nog

veel meer voor jonge kunstenaars. Ooit

zijn we allemaal als jonge kunstenaar

begonnen. Toen ik net afgestudeerd

was, heb ik een groepje opgericht, Pang

vzw, we waren met drie (lacht). Wij waren

jong en hadden geen geld en toen

ben ik ook op zoek moeten gaan naar

mensen die ons project wilden steunen.

Ondertussen zit ik al 30 jaar in het vak

en heb ik met LAZARUS mijn vierde

gezelschap opgericht. Ik weet dus als

geen ander hoe het is om als jonge kunstenaar

stap voor stap je eigen traject

op te bouwen.

Nu wordt die voedingsbodem door de

overheid gewoon onderuit gehaald,

omdat zij vinden dat er al genoeg mooie

kunst is uit het verleden. De overheid

beseft niet half wat hier allemaal gebeurt

en hoeveel mensen wij eigenlijk tewerkstellen.

Ze vergeten zelfs dat waar ze

zo fier en ‘preus’ op zijn, de kunstenaars

die ze uitsturen naar het buitenland, de

Luc Tuymansen en de Anne Teresa

Dekeersmakers, dat die ook begonnen

zijn met niets, net zoals wij allemaal.

Dus ik hoop dat er snel iets beweegt

en dat we daardoor als theatermakers

kunnen blijven doen wat we graag doen,

namelijk creëren en spelen voor een

publiek.

En er beweegt wel degelijk iets: we

zijn met Hof van Eede en Kopergietery

podiumacties opgestart, waarbij al honderdduizenden

mensen met ons op het

podium zijn geklommen als protest. Het

concept is intussen al opgepikt in Frankrijk

en Nederland en zelfs in Noorwegen.

Onder die mensen zitten ook mensen

die stemmen op de partijen die deze

sector dood wil. Dat wil iets zeggen hé.

Wat brengt de toekomst voor

LAZARUS, zijn jullie bezig met iets

nieuws?

LAZARUS werd drie jaar geleden gevraagd

om de artistieke leiding te doen

van Arsenaal. We wilden dat als collectief

erg graag doen, maar we wilden

ook nog steeds twee keer per jaar onze

eigen producties maken, en spelen hier

in huis en op tournee.

Willy Thomas doet samen met ons de

artistieke leiding. De Lazari (Koen de

Graeve, Pieter Genard, Charlotte

Vandermeersch, Ryszard Turbiasz, Joris

Vandenbrande & Günther Lesage nvdr.)

maken theater en voorstellingen.

LAZARUS maakt momenteel een

nieuwe voorstelling: ‘Iemand moet het

doen’. Het wordt een grote productie

met 9 spelers, een combinatie van film

en theater, gebaseerd op een waargebeurd

verhaal. Het verhaal is dat van

Mario Roymans die zich laat opsluiten

in het Paleis voor Schone Kunsten in

Brussel. Tussen twee passages van de

nachtbewakers door, snijdt hij het doek

“Blijf na de voorstelling nog

even plakken met ons in de

bar want wij doen niets liever

dan met jullie spreken, over

wat je hebt gezien maar ook

over het leven, over alles. Dat

is het mooie aan cultuur en

aan theater in het bijzonder,

dat het echt mensen samenbrengt.

De Liefdesbrief van Johannes Vermeer

uit het kader. Via de pers eist hij 200

miljoen Belgische frank, die hij wil

schenken aan de slachtoffers van de

hongersnood in Bangladesh. Tien dagen

later, na een tamelijk spectaculaire

achtervolging, wordt hij roemloos ingerekend.

Hij is uiteindelijk verkommerd

en zijn idealisme helemaal verloren.

Voor deze voorstelling gaan we in zee

met cineast Robin Rooze. Wat ons

vooral boeit, is de thematiek achter dit

verhaal: ‘Kan je iets slecht doen om

iets goed te doen?’

We staan met vier Lazari op het

podium, Koen de Graeve, Pieter

Genard, Ryszard Turbiaz & ik, aange-

vuld met Animata Demba, Maaike

Somers (stagiaire) en drie Marokkaanse

jongens zonder podiumervaring:

Ilias, Izzy & Akram. Het is zeer fijn en

spannend om te werken met mensen

zonder podiumervaring en een andere

achtergrond. En zo tonen we ons publiek

ook dat we in een diverse samenleving

leven.

Om af te sluiten, is er nog iets wat je

absoluut kwijt wil aan ons publiek?

Onder de huidige omstandigheden zou

ik het publiek willen vragen om massaal

naar theater, musea, tentoonstellingen

en muziekoptredens te gaan en te genieten

van cultuur, van kunst. En wees

gerust kritisch, want alleen dan gaan

we vooruit.

En ik weet ook dat ook voor veel andere

sectoren, zoals onderwijs of de zorgsector,

het water aan de lippen staat,

maar sprekend vanuit ‘mijn rayon’ is dit

een warme oproep aan ons lieftallig publiek.

Met hoe meer we zijn, hoe harder

die boodschap kan aankomen naar de

overheid toe.

Nog een andere boodschap die ik heb

voor het publiek, is deze: blijf na de

voorstelling nog even plakken met ons

in de bar want wij doen niets liever dan

met jullie spreken, over wat je hebt

gezien maar ook over het leven, over

alles. Dat is het mooie aan cultuur en

aan theater in het bijzonder, dat het

echt mensen samenbrengt.

Ik ben er trouwens van overtuigd dat

dat nooit zal verdwijnen, hoe anderen

ook proberen om dat dood te maken.

Ik ben ervan overtuigd dat cultuur altijd

zal overleven. Theater is al meer dan

4000 jaar oud, dus onze theaterkunst

en niet alleen de ‘schone kunst’ zal

overleven. Ons werk ontroert, zet je

aan het denken en dat is wat telt. Kunst

moet raken.

Kunst moet raken en cultuur is

ontzettend mooi, dat is zeker iets dat

ons publiek zal onthouden. Bedankt

Günther, voor je openheid.

66


12.04

2003

13.04

2003

Urbanus

Urbanus zelf!

67


Walter Vilain & Pictura Canta - Origine, 07.10.2018

Kommil Foo - Breken, 24.05.2013

André Brasseur & Band, 22.09.2017

68

Het Eenzame Westen - Slachtinge, 16.03.2018

Steven Mahieu - Mahieustueus, 21.09.2012


WIST JE BIJVOORBEELD DAT…

er jaarlijks zo’n 50.000

bezoekers naar het

cultuurcentrum komen?

er elk schooljaar zo’n 4.000

leerlingen naar voorstellingen

komen kijken?

vrouwen met 53% in de

meerderheid zijn als het

gaat om cultuurparticipatie?

humor nog steeds het

favoriete genre is?

in 20 jaar al meer dan

5.000 activiteiten

werden georganiseerd?

Goed voor zowat

1.000.000 bezoekers!

er jaarlijks zo’n 4.000

cinefielen genieten van een

film op woensdagavond?

38% van de klanten uit

Koksijde komen, gevolgd

door 12% uit Veurne maar

dat ons klantenbestand zich

nog veel verder uitstrekt, helemaal

tot in Limburg?

er vijf jaar geleden een

Casinobaby geboren werd?

Tuur is de schattige zoon van

Fabrice Coppens en Bieke

Van Belle, beiden werkend in

het cultuurcentrum.

we elk seizoen een zaalbezetting

van 65% behalen

voor het podiumprogramma?

tot in 2014 nog gebruik

werd gemaakt van een

faxmachine? #omg

2 decennia samengevat in 10 wist-je-datjes!

foto: Miguel Rooms - Casinobaby Tuur Coppens foto: Gijs Sohier - De Nieuwe Snaar - Koñec, 16.05.2012

69


COVER(R)EVOLUTIE:

VAN VIERKANT

NAAR RECHTHOEK

Kies op onze website welke cover

jij de allermooiste vindt en

WIN een unieke gerecycleerde

pennenzak van Trashdesign

casino2020.be

1 voorjaar 2000

2 2000 | 2001

3 2001 | 2002 4 2002 | 2003

8 2006 | 2007 9 2007 | 2008 10 2008 | 2009

15 2013 | 2014 16 2014 | 2015 17 2015 | 2016

70


5 2003 | 2004 6 2004 | 2005 7 2005 | 2006

11 2009 | 2010 12 2010 | 2011 13 2011 | 2012 14 2012 | 2013

18 2016 | 2017 19 2017 | 2018 20 2018 | 2019 21 2019 | 2020

71


DANKJEWEL…

De lijst mensen die we graag willen bedanken om samen mee te schrijven aan 20 jaar cultuurcentrum CasinoKoksijde is eindeloos…

Maar we willen graag het gemeentepersoneel vermelden, want veel collega’s dragen bij aan de werking van het cultuurcentrum:

de personeelsdienst & HR, secretarie, de financiële dienst, dienst Toerisme en Cultuur, de gemeentelijke musea

NAVIGO en Ten Duinen, ComOp, ICT, de jeugddienst, de bibliotheek, IDPBW (preventie), alle afdelingen van de technische

dienst, de gemeentelijke scholen en de Westhoekacademie. Maar één dienst ligt ons net iets nauwer aan het hart omdat we

elke dag een kraaknette werkvloer delen: Team Schoonmaak. Zij zorgen steevast voor een proper huis waar we het publiek

kunnen verwelkomen en een cleane werkplek voor ons team en de artiesten. Die laatste kunnen het nochtans al eens bont

maken! De ochtendploeg wordt regelmatig getrakteerd op achtergebleven pluimen, glitters, confetti, verf en zelfs cement…

Maar ze gooien zich elke dag opnieuw in de strijd om alles in een mum van tijd terug spic en span te maken!

foto: Sofhie Legein

IN MEMORIAM

LODE DENTURCK, jarenlang vaste

technicus in CasinoKoksijde. Bij de start in 2000 had

hij jarenlang in Theater Antigone gewerkt en zette hij

al zijn ervaring in in ons gloednieuwe cultuurcentrum.

Met zijn dromerige karakter, zijn zachte inborst

en kleine pretoogjes was hij een graag geziene

technicus. Na een carrière in het cultuurcentrum

werkte hij nog enkele jaren in Ten Duinen. Hij stierf

in 2013.

PIERRE COPPENS, alias Pierrot, had er

voor zijn start in CasinoKoksijde in 2000 al een

carrière opzitten bij het gemeentebestuur, eerst als

ceremoniemeester in het gemeentehuis, later als

zaalverantwoordelijke in het Oude Casino. Samen

met Fabrice Coppens maakte hij op 1 januari de

overstap naar het cultuurcentrum. Hij heeft de

hectische start meegemaakt, maar we hebben

helaas al in juni 2000 afscheid van hem moeten

nemen.

72

Hooray! Your file is uploaded and ready to be published.

Saved successfully!

Ooh no, something went wrong!