31.05.2020 Views

Solutions Magazine 2019 #2

CNC machining

CNC machining

SHOW MORE
SHOW LESS

Create successful ePaper yourself

Turn your PDF publications into a flip-book with our unique Google optimized e-Paper software.

September 2019

olutions

Smagazine

PM Group zet met Large Machining van precisie structuurdelen de volgende stap

FutureTec: onderwijs en bedrijfsleven innoveren techniek onderwijs

EMO 2019 toont eerste aanzetten voor de autonome fabriek

Opmars online inkoopplatformen: een vloek of een zegen voor de verspaning?


MACHINE GREATNESS


Draaien en frezen in één machine

Multifunctionele draai-freescentra combineren op ideale wijze de sterke punten van

moderne bewerkingscentra met de mogelijkheden van krachtige draaicentra. Met de

Puma SMX en MX serie maakt Doosan het mogelijk om zeer complexe geometrieën in

slechts één werkruimte te realiseren. Technische mogelijkheden met veel voordelen op

dit gebied zijn onder andere:

• Draaien en frezen in één machine

• Simultaan 5-assig frezen

• Groot gereedschap magazijn tot 80 gereedschappen

• Optioneel onderturret

PUMA SMX en MX serie

Multitasking draai-freesmachine

Doosan MX1600 (S/T) MX2100 MX2600 SMX2600 (S/T) SMX3100 (S/L/T) SMX5100L

Klauwplaat 150 mm 200 mm 255 mm 255 mm 315 mm 380 mm

Draailengte 700/900 mm 1020/1520 mm 1540 mm 1540 mm 1540/2540 mm 3050 mm

Toerental 6000 rpm 5000 rpm 4000 rpm 4000 rpm 3000 rpm 2400 rpm

Freesspil 12000 rpm 12000 rpm 12000 rpm 12000 rpm 12000 rpm 10000 rpm

B-as 240º 240º 240º 240º 240º 240º


4

COLOFON

Solutions magazine 2019

Solutions magazine is een uitgave van Made-in-Europe.

nu en 54U Media, uitgever in de metaal. Dit magazine

geeft een overzicht van nieuwe technologie en de

actuele trends en ontwikkelingen op het gebied van

verspanen. Het verschijnt naast de website en de

digimagazines. De gedrukte oplage van dit magazine

bedraagt 5.000 exemplaren en het wordt gratis

verspreid in de verspanende industrie in Nederland

en België.

Redactie

Franc Coenen (hoofdredacteur)

Schuttersdreef 72

6181 DS Elsloo

Tel: +31 46 4333123

Email: info@made-in-europe.nu

Uitgeverij

54U Media

Prinsenweide 26

7317 BB Apeldoorn

T: +31 (0) 55 360 10 60

F: +31 (0) 55 360 08 60

E info@54umedia.nl

I: www.54umedia.nl

Advertentie-exploitatie

Vincent Span

T: +31 (0)55 360 62 27

M: +31 (0)6 511 93 408

E: v.span@54umedia.nl

Harold Draaijer

T: +31 (0)55 360 64 20

M: +31 (0)6 51 19 31 32

E: h.draaijer@54umedia.nl

Alle advertentiecontracten worden afgesloten conform

de Regelen voor het Advertentiewezen,

gedeponeerd bij de rechtbanken in Nederland

(exemplaar op aanvraag kosteloos verkrijgbaar).

Vormgeving en opmaak

Rijnier van Kesteren

Drukkerij

Senevelder Misset Doetinchem

Copyright

Niets van deze uitgave mag worden overgenomen,

tenzij met uitdrukkelijke schriftelijke toestemming

van de uitgever.

Investeren vanuit een

langetermijnvisie

Bederft de economische onzekerheid het EMO-feestje in Hannover? Als je de

laatste cijfers over de orderintake van de machinebouwers ziet, zou je dat

misschien denken. Ongetwijfeld zal het sentiment het enthousiasme om nu te

investeren, temperen. Maar eigenlijk is dat onterecht. Investeren zou je moeten

doen vanuit een langetermijnvisie; omdat je kansen ziet en die wilt benutten.

En nieuwe kansen doen zich altijd voor.

De realiteit is echter dat de Benelux ook heel wat project gedreven verspanende

bedrijven telt. Daar hangen investeringen veel meer samen met het al dan

niet doorgaan van nieuwe projecten. Op zich is daar niks mis mee. Met

automatisering kunnen ze de investering wel terugverdienen. Maar als je ziet

hoe snel de digitalisering in de verspanende industrie doordringt, kun je je wel

afvragen hoe de sector gaat veranderen. De software wordt steeds intelligenter.

Lees het artikel over de autonome CNC-machine waarvan op de EMO de eerste

bouwstenen worden getoond.

De digitalisering grijpt ook in in de bedrijfsprocessen. Het aantal online

platformen waar inkopers hun supply chain uitbouwen, groeit. In deze editie

van Solutions Magazine schetsen drie van deze platformen hoe zij het inkopen

en toeleveren van CNC-maakdelen disruptief willen veranderen. De algoritmen

berekenen razendsnel aan de hand van een CAD-model de kostprijs. Het gaat

deze platformen erom inefficiency uit de ketens te halen. Momenteel kost het

- aldus een van hen - in de machinebouw gemiddeld € 12.000 om een order

binnen te halen. Dat kan efficiënter, vinden zij.

Met hun platformen dwingen ze maakbedrijven hun efficiency in het gehele

bedrijf te verbeteren. Dat is de realiteit. Bedrijven zullen al hun processen

op orde moeten hebben. Dat schept kansen, zowel voor grote als kleine

maakbedrijven. Zolang ze zich maar bewust zijn dat succes niet afhangt van

één kunstje beheersen. En dan is het vanzelfsprekend om investeringen te

benaderen vanuit een langetermijnvisie en deze niet te laten afhangen van

sentiment.

Veel leesplezier

Franc Coenen

www.made-in-europe.nu

PM Group investeert in een nieuwe activiteit, Large Machining.

Het zeer nauwkeurig bewerken van grote structuurdelen.

Hiermee wil de groep zowel in de lucht- en ruimtevaart als

optische- en semiconductor industrie op termijn verder gaan

groeien.

Zie pagina 48

september 2019


Wordt EMO 2019 het startpunt van de doorbraak van AI in de maakindustrie?

5

Auto-pilot in de fabriek

Gepersonaliseerde implantaten frezen: first time right, dankzij sensortechnologie en kunstmatige intelligentie.

Niemand kijkt meer op van een YouTube filmpje van een zelfrijdende Tesla.

Maar auto-pilot op een CNC-machine? Het bewerkingscentrum dat zelf een

order zoekt, instelt en dan verspaant? Bij het IFW van de universiteit in Hannover

gelooft men er wel in: autonome machines, als voorloper van autonome

fabrieken. Op de EMO kun je al de eerste aanzetten voor zo’n autonome machine

zien. Hoe lang het nog duurt? “Wij willen de eerste zijn die zo’n autonome

machine bouwt”, zegt Mark Dittrich, een van de onderzoekers.

Iedere frezer weet dat een frees kan doorbuigen. Dat heeft een

nadelig effect op de nauwkeurigheid van de bewerking. Een lagere

voeding kan dit probleem voorkomen, maar dat gaat ten koste van

de productiviteit. Bij het IFW van de Leibniz Universität in Hannover

denkt men een betere oplossing te hebben. “We meten met een

sensor de proceskrachten en via numerieke modellen kunnen we

aan de hand hiervan de doorbuiging van de frees berekenen. Dat

doen we honderden keren per seconde. Op basis van de uitkomst

corrigeren we de aspositie in plaats van de voeding. Het effect is

hetzelfde, maar de oorspronkelijke bewerkingstijd blijft overeind”,

zo geeft Mark Dittrich een voorbeeld van een van de pistes die in

Hannover onderzocht worden.

De voelende machine

Het gaat hier om een deeloplossing die nodig is voor de autonome

machine, de stip aan de horizon voor het team van professor Berend

september 2019


6

wil brengen. Zo’n voelende machine gebruikt een reeks eenvoudige

sensoren om te kunnen registreren wat er gebeurt. Bijvoorbeeld

krachten op de spindelslede. Of krachtsensoren die met een laser

in het oppervlak van bepaalde componenten worden aangebracht.

De nauwkeurigheid is net zo goed als van huidige dure systemen, de

kosten liggen veel lager.

IFW-onderzoeker Karl Dittrich verwacht dat onderdelen van de autonome CNCmachine

binnen afzienbare tijd realiteit zullen worden.

Denkena. Al enkele jaren werkt zijn groep aan de voelende machine,

een eerste stap om tot de autonome CNC-machine en daarna zelfs de

autonoom werkende fabriek te komen. Wie denkt dat zo’n auto-pilot

ver weg is, heeft gelijk en ongelijk. Een volledig autonoom werkende

CNC-machine komt er misschien pas over vijftien tot twintig jaar,

zegt Dittrich. “Technologische ontwikkelingen gaan echter snel. Kijk

maar naar de auto-industrie.” Vijf jaar geleden zeiden autofabrikanten

nog dat een zelfrijdende auto te complex zou zijn. Nu zijn er al

sensoren beschikbaar die het wel mogelijk gaan maken. “Afhankelijk

van hoe branches meewerken, gaan we deelontwikkelingen sneller

zien”, meent de onderzoeker. Sterker nog, professor Denkena zegt dat

DMG Mori, waarmee het IFW samen een NTX draaicentrum voelend

heeft gemaakt, deze techniek binnen twee tot drie jaar op de markt

Slijpmachine herkent slijtage

Een voorbeeld hoe een machine kan voelen, laat het IFW op de EMO

zien in een slijpmachine van EWAG. Hierbij wordt gebruik gemaakt

van Kunstmatige Intelligentie om te bepalen of het tijd wordt

de slijpschijf te dressen. In 16 seconden tijd meet een laser de

topografie van het oppervlak van de slijpschijf. Deze laserunit zit in

het gereedschapmagazijn. De meting gebeurt dus automatisch. Het

beeld wordt vergeleken met de uitgangssituatie en de algoritmes die

speciaal hiervoor zijn ontwikkeld, beslissen of de schijf gedressed

moet worden of niet. De afwijking ten opzichte van het resultaat van

een ervaren slijper die met zijn duim voelt, is minder dan drie procent.

Moet men de schijf gaan dressen, dan geeft de software exact aan

hoeveel micrometer van het oppervlak verwijderd moet worden. Dat

kan doordat men de metingen combineert met een slijtagemodel.

Standaard neemt de slijpindustrie momenteel 200 micron materiaal

weg bij het dressen. Als dit exact gebeurt met hoeveel micrometer weg

moet, neemt de levensduur van de schijf uiteindelijk toe.

Professor Berend Denkena: kennisoverdracht moet sneller

Voor professor Berend Denkena is kennisoverdracht wezenlijk om de

transitie die de maakindustrie gaat doormaken, te laten slagen.

Hij vindt de machinebouwindustrie te conservatief. “Het mag geen

tien jaar duren voordat de kennis die wij nu hebben ontwikkeld bij

de bedrijven terecht komt”, zegt hij. De infrastructuur in Duitsland

om kennis uit te wisselen tussen universiteiten en industrie is er.

Denkena heeft zelf na zijn promotie tien jaar in de industrie gewerkt

om daarna terug te keren naar de universiteit.

Leven lang leren

Net zo belangrijk vindt hij de bereidheid van bedrijven om

medewerkers levenslang te scholen. Politiek, werkgevers en

werknemers moeten deze verandering samen vormgeven. “Ook

vakbonden moeten dit thema oppakken en er open over praten.”

Het IFW participeert in het competentiecentrum Industrie 4.0

in Nedersaksen. Professor Denkena merkt daar dat oudere

werknemers vaak angst hebben dat de digitalisering hun werk

overneemt. Daarom zijn niet alleen technici betrokken bij het

competentiecentrum, maar ook sociale wetenschappers. “We

moeten open praten over die angsten en daar rekening mee houden.

Professor Berend Denkena: de industrie moet de nieuwe kennis sneller omzetten in

praktische toepassingen.

Niet alleen scholen en demonstreren, maar laat medewerkers zelf

beoordelen over wat er op hen afkomt.”

september 2019


7

De slijpmachine herkent de mate van slijtage. Met behulp van speciale algoritmen wordt exact berekend hoeveel

micrometer van de slijpschijf afgehaald moet worden.

Single item production

Bij deze toepassing speelt de digitale tweeling (digital twin) een rol.

Dat is bij nog meer toepassingen die men in Hannover ontwikkelt

het geval. Bijvoorbeeld bij het frezen van patiënt specifieke

heupimplantaten. Zoiets is te duur, hoor je vaak. Immers elk

implantaat moet apart geprogrammeerd worden. En omdat elk

implantaat uniek is, moet de bewerking direct goed zijn. Telkens

eerst een teststuk frezen wordt te duur. Het IFW denkt dat dit kan

doordat de machine leert van de data van de vorige bewerkingen.

Kleine sensoren meten de kracht op het gereedschap. Deze data

worden teruggevoerd naar de planningssoftware voor een simulatie

van het volgend product. Omdat te hoge krachten leiden tot

afwijkingen in de geometrie, moet er in het proces gecompenseerd

worden. De software doet dit automatisch. Dankzij de combinatie

van de voelende machine en de digital twin, kan straks elke patiënt

zijn op maat gemaakte heupgewricht krijgen. Single item production

wordt economisch haalbaar. Nu nog zijn de kosten te hoog, maar

als het proces vanaf het eerste werkstuk perfect is, wordt het wel

economisch haalbaar. “Doordat we CAM-data simuleren en echte

productiegegevens gebruiken, kunnen we met behulp van machine

learning fouten voorspellen”, legt Mark Dittrich uit. Dat kan ook

bij een geheel ander product zijn, bijvoorbeeld het frezen van een

pocket. Testen die het IFW heeft gedaan, laten zien dat met zo’n

adaptieve procesplanning de maximale fout halveert (van 60 µu naar

30 µu) en in veel gevallen zelfs helemaal vermeden werd. “Processen

kunnen van elkaar leren, machines kunnen van elkaar leren.” Nog

zo’n voorbeeld is dat men de MRR (material removal rate) berekent

en dit koppelt aan de stroomopname van de spindel. Kunstmatige

Intelligentie vergelijkt dit met de meting en voorspelt dan of er iets

mis is in het proces. Dat blijkt goed te werken, bijvoorbeeld een

defect in het werkstuk waardoor de frees geen materiaal wegneemt.

De autonome fabriek

Dit zijn stappen die de CNC-machines in de toekomst autonomer

zullen laten werken. In het toekomstvisioen van het team van

professor Berend Denkena zoekt een werkstuk straks zelfstandig de

weg door de fabriek, langs de noodzakelijke bewerkingscentra, die

zich aanpassen aan het werkstuk. Dittrich: “Het werkstuk kiest de

ideale route op basis van kosten, beschikbaarheid van machines en

de levertijd.” Daarmee geeft hij impliciet aan welke grote verandering

dit teweeg gaat brengen. Nog meer dan nu staat het werkstuk

centraal, niet de machine. “Het werkstuk beschikt over de informatie

welke bewerkingen nodig zijn, kan met machines communiceren,

zelfstandig bewerkingen starten. Als een machine niet beschikbaar

is, zoekt het werkstuk zelf een andere weg. Daarom moeten

machines adaptief zijn.” Net zoals de zelfrijdende auto.

De EMO 2019 vindt van 16 - 21 september plaats in Hannover. Het IFW

staat in de Industrie 4.0 Area in hal 9, stand F32.

september 2019


8

Sinds eind 2018 draait bij Norbert Kempf in St. Ingbert het tweede FMS-systeem van Fastems. De onderneming heeft de omzet de

laatste jaren met gemiddeld 30% per jaar zien groeien, zonder toename van het aantal medewerkers.

Agile productie begint met transparantie en elimineren van elke foutkans

Enkelstuks tegen kostprijs

van serieproductie

Transparantie: dat is het sleutelwoord in de moderne productie. Elke minuut

van de dag weten waar orders zich in het proces bevinden. Voeg hier flexibele

automatisering aan toe en er ontstaat een agile productiesysteem, waarmee

realtime kan worden ingespeeld op veranderingen. Bovenal is het een

productiesysteem waarin seriegrootte niet meer bepalend is voor de kostprijs

per stuk. Enkelstuks tegen de kostprijs van serieproductie.

Zo’n anderhalve eeuw geleden kenden we eigenlijk alleen maar

gepersonaliseerde producten. Ambachtslieden maakten alles op maat

voor de klant. Pas toen Henry Ford het concept van de assemblagelijn

bedacht, kwam standaardisering in zwang. Massaproductie ontstond:

weinig varianten, lage kosten. Wie tegenwoordig aan de slag gaat

met een configurator van een van de autofabrikanten, is zo een uur

verder voordat de auto is samengesteld zoals je dat zelf wilt. “De

automobielindustrie heeft grote problemen om deze met dezelfde

efficiency te produceren. Nu deze trend van personalisatie zich

verscherpt, wordt dit ook de uitdaging voor de maakbedrijven”, zegt

Michael Lickefett van het Fraunhofer IPA in Stuttgart. Het beeld dat hij

schetst voor de auto-industrie, geldt min of meer voor alle sectoren.

Bedrijven opereren tegenwoordig op wereldwijde schaal maar passen

hun producten aan de lokale vraag aan. Soms zelfs aan de eisen van

de individuele klant. “Dat moet wel gemaakt worden tegen de kosten

van massaproductie.”

september 2019


9

Fastems en Norbert Kempf tonen

wat al kan met automatisch

gestuurde productiesystemen

18.000 producten plannen

Dat dit kan, bewijst het Duitse familiebedrijf Norbert Kempf. Vanuit

het Fastems FMS-systeem worden de stukken beladen, tooling

automatisch op de machines bijgewerkt, operators halen de

bewerkte stukken van de spantorens en spannen ruw materiaal op,

precies volgens de instructie vanuit de Manufacturing Management

Software van Fastems. Dit planningssysteem stuurt bij de Duitse

toeleverancier de productie op 24 CNC-machines aan. Norbert

Kempf plant automatisch, ondanks dat heel veel enkelstuks en

kleine series worden gefreesd en gedraaid. “We hebben een portfolio

van 18.000 verschillende werkstukken. Elke dag hebben we zeker één

nieuw stuk in de productie, waaronder ook complexe onderdelen

met soms wel 1.000 punten waarop ze gecontroleerd moeten

worden”, zegt Stefan Kempf, directeur-eigenaar, om te illustreren

dat je ook complexe onderdelen vergaand geautomatiseerd kun

verspanen. Het resultaat onder aan de streep: kostprijzen die niet

afhankelijk zijn van de seriegrootte.

IT en productie koppelen

De richting die de maakindustrie op moet, is die van

reconfigureerbare productiesystemen, zegt Michael Lickefett.

Snel omstellen, machines in een andere samenstelling aan elkaar

koppelen als dat nodig is, IT-systemen uit de bedrijfsvoering

verbinden met de productiesystemen, inclusief CADCAMsystemen.

Want dan kun je data verzamelen en gaan analyseren

om flessenhalzen en vaker voorkomende problemen te vinden.

Fraunhofer ontwikkelt hiervoor een systematiek die werkt op basis

van SPS-data, rechtstreeks uit de machines. Machine learning

haalt uit de databrij de juiste zaken boven. Op basis daarvan

kunnen mensen beslissingen nemen. Heikki Hallila, sinds een

jaar directeur Fastems Systems, de Duitse dochter, zegt dat het

om méér gaat dan een technische oplossing. “Het gaat om een

paradigma shift in de maakindustrie.” Agility, al voor het tweede

jaar hét thema van het Fastems Open House, geldt eigenlijk voor

alles: de investering, de ingebruikname, opschalen en terugschalen

als de productie dat vraagt. “Als we veranderingen zien, moeten

we snel kunnen aanpassen. Niemand investeert voor een of

twee jaar, maar voor de lange termijn. Daarom moet ook zo’n

investering agile zijn.” Met de nieuwste versie van de Manufacturing

Management Software zet Fastems stappen in deze richting. Het

Zweedse automatiseringsbedrijf laat de koppeling tussen de

palletautomatisering en de planningssoftware los. De nieuwe

software is ook beschikbaar voor standalone CNC-machines. Zelfs

als men de machines niet willen koppelen aan de MMS-software,

kunnen bedrijven met de Workcell module de eerste stap naar een

papierloze fabriek zetten. “We maken het de operator gemakkelijk”,

legt Heikki Hallila uit. “Vanuit het ERP-systeem halen we de

Fastems Systems directeur Heikki Hallila: waar het om gaat is kostprijs per product,

ook bij enkelstuks productie.

informatie wat er in de fabriek geproduceerd moet worden, welke

middelen daarvoor nodig zijn en waar die beschikbaar zijn. Stap voor

stap begeleiden we de operator en rapporteren terug met KPI’s.”

De module palletautomatisering blijft eveneens beschikbaar; de

derde module, Part Automation, kan gebruikt worden voor stand

alone robotcellen. De essentie is dat de software op basis van de

planningen en de beschikbare middelen, zoals CNC-machines,

gereedschappen, materialen en capaciteit, automatisch de

planning simuleert en de meest optimale planning kiest. Hoe meer

geautomatiseerd, hoe beter het eindresultaat. Precies de intelligente

assistentiesystemen die Michael Lickefett van Fraunhofer IPA nodig

vindt. “Wij verwachten dat de mens een centrale rol blijft spelen,

maar we hebben wel automatisering en IT, assistentiesystemen,

nodig om de zwakke plakken te herkennen.”

24 CNC-machines, twee FMS-systemen

Norbert Kempf heeft afgelopen jaar het tweede FMS-systeem van

Fastems in gebruik genomen. Daarmee komt de visie waarmee

Stefan Kempf eind jaren negentig aan de automatisering begon,

weer een stuk dichter bij de realiteit. Toen hij in 1990 in het bedrijf

van zijn vader ging werken, stonden er 10 CNC-machines. “Met een

lage bezettingsgraad.” De eerste stap die hij heeft gezet, is werken

aan wat hij noemt een ‘monocultuur’: geen vier verschillende

besturingssystemen maar één; liefst zoveel mogelijk identieke

machines. Nu staan er 3 CNC draaibanken en 21 horizontale

bewerkingscentra, van één leverancier, met dezelfde besturing.

“Vier verschillende besturingsfabrikanten zijn een belemmering

voor automatisering.” Gereedschappen categoriseren is een andere

noodzakelijke stap. Bij Norbert Kempf weet men bijvoorbeeld

precies alle gegevens van een bepaald type boor bij een bepaalde

bewerking in een specifiek materiaal. Alleen met dat soort data

kun je onbemand werken en de productie automatisch plannen.

Stefan Kempf: “Proceszekerheid staat voorop bij de planning.”

Voordat een order wordt gepland, controleert de planningssoftware

de beschikbaarheid van alles wat nodig is: van materiaal, tooling

september 2019


2.5 x D1

THREAD THREAD MILLING THREAD THREAD MILLING CYCLE

CYCLE MILLING CYCLE

CYCLE CYCLE

DC Swiss is toonaangevend in het

ontwikkelen van hoogwaardig gereedschap.

De sublieme prestaties

van het gereedschap zijn het gevolg

van: optimalisatie van de snij- geometrie,

de uiterst hoge kwaliteit en de

2.5 x D1

kundige oppervlakte behandeling 3 x D1

van het materiaal.

PICTOGRAPHS

PICTOGRAPHS

4 x D1

Thread length Thread 2.5 Thread

Thread length x D 2.5 length 1 length Thread x D2.5 Thread length 1 length x D 2.5 x D 1

2.5 x 2.5 1 2.5 x D 1

D1

D1

D1 2.5 x D1 2.5 x D1 D1

Thread length Thread 3 Thread

Thread length x D 3 length 1 length Thread x D Thread length 1 3 length x D 3 x D 1

3 x 1 3 x D 1

D1

D1

D1 3 x D1 3 x D1 3 x D1

D1

VS

VHM

Thread length 4 x D VHM

Thread length 4 x D VHM

Thread length 4 Thread x D length 1

1

1

Solid VHM carbide

Solid carbide VHM

Thread length Thread 4 length x D

Solid carbide Solid carbide

1 4 x D 1

Solid carbide Solid carbide

4 x CAR

D1

CAR

D1

CAR

D1

4 x CAR CAR

D1 4 x D1

4 x D1 D1

VS

VS

VS

VS

Wear-protective Wear-protective Wear-protective

Wear-protective coating

Wear-protective coating coating

coating Wear-protective coating coating

V X

V X

V X

V X

V X

Wear-protective Wear-protective Wear-protective

Wear-protective coating

Wear-protective coating coating

coating Wear-protective coating coating

Internal threadInternal thread

thread

Internal thread Internal thread

h5/h6

h5/h6 Tolerance

h5/h6

h5/h6

Tolerance class

h5/h6 Tolerance

Tolerance class h5/h6

Tolerance

class

class Tolerance class class

°

HSC

HSC High HSC speed High cutting

speed HSC

High

High cutting speed

speed HSC

High

cutting

cutting

speed High cutting speed cutting

°

3

Internal Internal coolant Internal

Internal coolant GWi coolant

coolant Internal GWi GWi

GWi

coolant Internal GWi coola

GW profi GW l

profi GW

GW l profi

profi GW l

profi GW l profi l

°

°

In Stock

In Stock

° In

In

Stock °

Stock

In Stock In Stock

°

°

°

Delivery 3

Delivery in 3 weeks Delivery °

Delivery 3

in 3 weeks

Delivery

in

in 3

weeks

weeks Delivery in 3 weeks in 3

3

3

3

3

Zo werkt onze kracht in

uw voordeel.

4

4

4

4

4

Draadfrezen GWi 3000 serie

• van diameter M0,3 t/m M20

• vanaf M0,8 verkrijgbaar in 4xD

• met inwendige koeling

Resultaat: Optimale spaanafvoer

en lange standtijd.

www.magistor.nl


11

Elk onderdeel kan op elke machine worden gemaakt; de 5.000 vooringestelde gereedschappen in het centrale magazijn zijn

voor elke machine beschikbaar. Een robot zorgt voor het transport van de gereedschappen tussen de twee FMS-systemen

die in twee verschillende hallen staan.

tot en met opspanmiddelen, NC-programma et cetera. Daarvoor

is de kennis over de gereedschappen van zo’n groot belang. “Als

iets onzeker is, hoef je het niet meer te plannen want dan gaat het

toch fout. En elke fout betekent vertraging.” Norbert Kempf gaat

zelfs zover dat voor elk gereedschap een apart meetprogramma is

gemaakt, dat niet alleen de lengte en radius controleert, maar ook

of het gereedschap goed in de houder is gespannen. Sinds enkele

maanden is men met een pilot bezig om ook de werkstukopspanning

te controleren. De operators gebruiken accuschroevendraaiers

die vanuit het ERP-systeem via Wifi aangestuurd worden. Het

koppel waarmee een bout wordt aangedraaid, wordt automatisch

geprogrammeerd. De software controleert of alle bouten die op de

tekening staan, zijn aangedraaid, anders komt er geen groen licht en

kan de operator niet verder. Stefan Kempf: “Als we constateren dat

Dankzij automatisering groeit

toeleverancier jaarlijks 30%

iets niet goed is, gaat de pallet niet het FMS-systeem in. Want een

foute opspanning kan enorme gevolgen hebben.”

First time right en flexibel

Zo’n aanpak is, zegt Heikki Hallila, de enige manier om de

uitdagingen van de huidige markt aan te kunnen: kortere levenscycli

van producten, kortere levertijden, de vraag naar traceability.

Waar het ook om gaat, is de kostprijs per stuk. “First time right en

flexibele batch productie moeten wel op een economisch rendabele

manier gebeuren”, aldus Hallila. Stefan Kempf voegt nog een extra

argument toe waarom deze vorm van automatisering noodzakelijk

is. De toeleverancier van precisie componenten groeit al enkele

jaren met gemiddeld 30% per jaar. “Zonder automatisering zou

dit niet kunnen. Zoveel vakmensen zijn hier in de regio niet.”

De automatisering geeft zijn beste medewerkers tijd om zich te

concentreren op nieuwe projecten en het optimaliseren van de

processen. De CNC-machines sturen automatisch een signaal

naar de troubleshooters in de fabriek. Die zoeken de oorzaak van

het probleem. Stefan Kempf wil ook deze stap automatiseren.

De troubleshooters gaan vanuit een database met bekende

problemen systematisch de oorzaak zoeken en zoveel mogelijk

met gestandaardiseerde oplossingen de problemen oplossen.

Dat registreren ze in het CAQ-systeem. Want dan kan hij de data

analyseren en zien wat de meest voorkomende oorzaken zijn.

Stefan Kempf (rechts) samen met zijn productiemanager Steven Wolter.

september 2019


12

Barron Engineering verspaant op Doosan Puma

MX en SMX wielnaven in één bewerking

Multitasking als aanjager

van productiviteit

Erwin Severijns, CEO van Barron Engineering, beoordeelt de kwaliteit van een van de wielnaven.

Doosan legt op de EMO de nadruk op multitasking én

automatisering. De Koreaanse machinebouwer ziet in

Europa vooral kansen voor de multitaskingmachines.

Want daarmee kunnen maakbedrijven hun

productiecapaciteit fors vergroten, zoals het Nederlandse

Barron Engineering laat zien. De fabrikant van onderdelen

voor de motorsport vond in multitasking de oplossing

om aan de groeiende vraag te voldoen met behoud van

kwaliteit.

Barron Engineering in Harderwijk is voor Doosan een van de

voorbeeldbedrijven die de meerwaarde van multitaskingmachines

goed weten te benutten. Het bedrijf is al jarenlang actief in de markt

voor hoogwaardige onderdelen voor de motorsportindustrie. Zo

maakt het onder andere wielnaven voor Haan Wheel, een fabrikant

van aangepaste wielen voor ’s werelds beste motorcoureurs.

Tegenwoordig maakt Barron Engineering deze wielnaven in

verschillende uitvoeringen op een 9-assige Puma MX2100ST

multitaskingmachine van Doosan én een Puma SMX2600S. Beide

machines zijn voorzien van robotisering, zodat de productie 24/7

kan doorlopen. “Vanwege de verschillende maten produceren

we de voorwielnaven op de Puma MX en de achterwielnaven

op de SMX-machine”, zegt Erwin Severijns, CEO. “De Doosan

multitaskingmachines zijn echter veelzijdig. Als het moet, kunnen we

zowel de voor- als achterwielnaven op beide machines produceren.”

Van vijf keer omstellen naar één

Het grote voordeel van de multitaskingmachines vindt hij dat er veel

minder insteltijden zijn. Dat voorkomt dat medewerkers nog snel

even de machine opnieuw moeten instellen. Erwin Severijns: “Met

de vroegere manier van werken moesten we tot vijf keer de machine

omstellen. Nu kunnen we de verschillende bewerkingsstappen in

één bewerking doen.” Doorlooptijden zijn hierdoor korter, maar ook

de kwaliteit verbetert hierdoor. Dankzij de stap naar multitasking

heeft Barron Engineering de productie kunnen verhogen naar 90

naven per dag. Tegelijkertijd heeft Barron Engineering zowel de

september 2019


13

Door over te stappen op multitasking heeft Barron Engineering de productiviteit fors weten te verhogen. Doorlooptijden zijn korter doordat er

minder omgesteld hoeft te worden.

kwaliteit als de productiviteit naar een hoger niveau kunnen tillen.

Erwin Severijns wijst er verder nog op dat het all-in-one concept van

de Doosan machines bijdraagt aan een schonere werkomgeving.

Vroeger was de spanenafvoer soms problematisch als er ’s nachts

aluminium werd gefreesd. “Met de introductie van de Doosan

Puma SMX is dat probleem opgelost”, zegt hij. “Dankzij de stabiele

verticale structuur van de machine vallen de spanen perfect op de

spanentransporteur en worden ze volledig verwijderd. De volledige

afvoer van alle spanen betekent voor ons een enorme winst.”

Multitasking op de EMO

Nieuw in de Doosan SMX serie multitasking draaicentra met B-as

freesspil, is de uitbreiding met een extra 12-stations onderrevolver.

Dankzij de linker- en rechterspil en de extra onderrevolver in

combinatie met de freeskop, verkort het nieuwe model PUMA

SMX3100ST de cyclustijd tot 75% bij de productie van kleinere

series van de meest uiteenlopende producten. Door het gebruik

van een orthogonale structuur heeft de PUMA SMX3100ST een

werkbereik van 695 mm in de X-as en 300 mm in de Y-as. Doosan

toont daarnaast op de EMO 2019 een complete lijn 5-assige

bewerkingscentra: de DVF 5000, DVF 6500 en DVF 8000. De DVF

6500 en 8000 hebben enkele extra’s, zoals de mogelijkheid

om onderdelen te draaien. Ook kan het gereedschapmagazijn

vergroot worden naar 120 stuks.

Doosan wil meer eigen automatisering

De komende jaren wil Doosan meer eigen

automatiseringsoplossingen in de markt gaan zetten. Daarbij

wordt voorrang gegeven aan de ontwikkeling van oplossingen

waarmee ook kleinere bedrijven hun capaciteit kunnen vergroten

door te automatiseren. De co-bots die Doosan vorig jaar heeft

Ook de DVF 8000 is door de extra draaifunctionaliteit geschikt voor

compleetbewerken.

geïntroduceerd, zijn hier een voorbeeld van. De iDOO Control

is een eigen NC-platform, waarmee Doosan de stap zet naar

Industrie 4.0 oplossingen zoals het monitoren van de productie

op de verschillende machines. Ook dit moet bijdragen aan een

hogere productiviteit in combinatie met lagere kosten.

dormaccncsolutions.nl

september 2019


14

Complexiteit is niet de enige reden waarom bij Machinefabriek JMBA

met Esprit wordt geprogrammeerd

Kortere cyclustijden dankzij frees

CAM-programmeren is al vanaf het begin de norm bij Machinefabriek JMBA in

Someren. Niet alleen omdat de werkstukken steeds complexer worden; ook

omdat de toeleverancier daarmee de productiviteit verhoogt. “Sinds onze

overstap op Esprit voor het programmeren van de CNC-draaibanken, hebben

we de cyclustijd gemiddeld met 15% verkort”, zegt Dani Lemmen, CNC draaier/

CADCAM programmeur.

Jan Meeuws, metaalondernemer in hart en nieren, kan het niet laten.

Na de verkoop van zijn vorige machinefabriek en

gereedschapmakerij bouwt hij alweer sinds zeven jaren

Machinefabriek JMBA verder uit. Met één medewerker en één

Doosan Puma draaibank is hij gestart met frezen en draaien in een

gehuurd pand in Someren. Deze zomer is JMBA naar de nieuwbouw

verhuisd, van waaruit hij dit jaar nog wil verder groeien naar zo’n 50

medewerkers. JMBA is inmiddels het derde bedrijf van Jan Meeuws.

“Ik ben door de wol geverfd; weet hoe het wel en hoe het niet moet”,

zegt hij.

Méér rendement uit de machines

Wat in zijn ogen moet, is de CNC-machines programmeren met CAMsoftware.

Je haalt meer uit de machines, weet hij uit ervaring. De

toenemende complexiteit van de producten heeft hem aangezet

naar een meer geavanceerd CAM-programma te zoeken. Omdat de

draaiers met de bestaande oude CAM-software tegen beperkingen

aanliepen, is men voor het programmeren van de CNC- combi draai/

frees machines, waaronder een grote CMZ, onlangs overgestapt op

Esprit. Daarmee kiest hij bewust voor een ander CAM-pakket dan

waarmee hij de freesmachines programmeert. “Volgend jaar komt

er een grote multitasking Integrex-achtige draai/frees combinatie

met meerdere turrets en overnamespil. Esprit blinkt daarin uit”,

legt Jan Meeuws uit. Van CAM-software veranderen is een stap.

Niet alleen moeten de programmeurs de nieuwe software leren,

oude programma’s moeten worden aangepast als je niet met twee

systemen naast elkaar wilt werken. “Het begin was wel moeilijk.

Zeker in het begin heb je de neiging om snel nog via de oude

software het programma te maken omdat je niet wilt dat de machine

stilstaat doordat je nog dingen in Esprit moet uitzoeken”, zegt Dani

Lemmen, een van de beide CNC-draaiers die nu de machines met

Esprit programmeren. Hij heeft een maandje of twee, drie nodig

gehad om de nieuwe software goed te leren kennen. “In Esprit moet

je soms meer handelingen doen; aan de andere kant gaan zaken

sneller doordat de software bepaalde zaken automatisch doet.”

Eigenlijk vindt Dani dat de CAM-software maar op één punt minder

Machinefabriek JMBA investeert miljoenen

Machinefabriek JMBA heeft in augustus de intrek genomen in een nieuw bedrijfspand in Someren. Jan Meeuws investeert hier enkele

miljoenen euro’s in de uitbreiding van zijn bedrijf én in werkomstandigheden. Om de werkomstandigheden te verbeteren, is het hele pand

geklimatiseerd en voorzien van een modern afzuigsysteem voor de vervuilde lucht, naast nevelafzuiging op de machines. Jan Meeuws: “De

verse lucht wordt door kanalen op de wanden over de vloer naar binnen geblazen. Dat duwt de vervuilde lucht met stof en damp omhoog die

via een warmtewisselaar en HEPA-filters naar buiten wordt geblazen. Hierdoor gaat de vervuilde lucht volledig naar buiten, terwijl de warmte

gebruikt wordt om de frisse lucht te verwarmen.” Een dergelijk systeem is effectiever en verbruikt minder energie dan wanneer de frisse lucht

via de plafonds in de hal wordt geblazen. Jan Meeuws heeft met 5 x Beter afspraken gemaakt om de luchtkwaliteit regelmatig te controleren.

One stop shop

Qua bewerkingstechnologie breidt JMBA uit met een plaatwerkafdeling. Er is geïnvesteerd in een 6 kw fiber lasersnijmachine, een LVD

Toolcell voor het geautomatiseerd kanten van plaatwerk en een TimeSaver afbraamcel en een 6x4 meter straalcabine. “Doordat we alle

disciplines in huis hebben, worden we voor de machinebouwers een one stop shop bedrijf.” Juist vanwege de machinebouwers in de

voedingsmiddelenindustrie investeert JMBA in grotere freescapaciteit.

Voor de RVS en staal afdeling staat er een nieuw Matec bewerkingscentrum met een bereik van XYZ 3000x850x1100 mm.

En de kunststof afdeling is uitgebreid met een nieuw Eima bewerkingscentrum met een bereik van XYZ 3000x2000x1000mm.

JMBA verspaant onder andere foodgrade gecertificeerde kunststoffen die het ook op voorraad houdt.

www.jmba.nl

september 2019


15

strategieën in CAM-pakket

gebruiksvriendelijk is. Dat is het tekenen. “We werken hier in principe

met STEP-files. Dat gaat soepel. Soms is er van een product geen

STEP-file, die maken we dan zelf. Dat kost nu wat extra tijd als je een

contour moet tekenen.”

Esprit leest nominale toleranties in

Daar staat een heleboel tijdwinst op andere punten tegenover, voegt

Dani er meteen aan toe. Zeker als de STEP-file de nominale

toleranties bevat, leest Esprit die direct in. Dan hoeft hij enkel nog

de features aan te klikken en de bijbehorende freesparameters

in te geven. Plaatst de ontwerper geen nominale toleranties in

het CAD-model, dan moet hij deze nog handmatig ingeven. Hij

schat ongeveer een kwart tot de helft minder tijd kwijt te zijn aan

programmeerwerk, dankzij zaken als featureherkenning in Esprit.

Wat eveneens tijd bespaart, is dat Esprit bij het gebruik van een

overnamespil zelf uitrekent hoever het stuk moet uitkomen. “Dat zijn

zaken waarmee je de kans op menselijke fout kleiner maakt.” Waar

de CNC-draaiers vooral tijdwinst mee boeken, zijn de verschillende

bewerkingsstrategieën in Esprit. Met name profit milling wordt veel

gebruikt voor de CMZ-draaibank met aangedreven gereedschappen.

“Profit milling is een manier van frezen die veel tijd bespaart. Je hebt

veel minder loze bewegingen”, zegt Dani. Er zijn voorbeelden waar

de keuze voor deze strategie meer dan twee minuten afhaalt van een

bewerkingstijd van in totaal 8 minuten. “Gemiddeld verkorten we

productietijd hiermee met zo’n 15%.” Dani simuleert elk programma

eerst in Esprit. Als dat goed gaat, stuurt hij het programma naar

de machine. “Bij het eerste werkstuk blijf ik bij de machine. Om

te finetunen. De voeding misschien toch iets hoger of lager zetten

als ik zie dat de spanen niet kort genoeg zijn.” Aanpassingen doet

hij niet aan de machine maar terug in Esprit waarna hij het CAMprogramma

opnieuw post. “Zoals het moet”, valt Jan Meeuws bij.

Bij een repeatorder is het programma dan de volgende keer meteen

goed. Bij JMBA worden alle CNC-machines met CAM-software

geprogrammeerd. Dat is een van de dingen die Jan Meeuws in

de loop der jaren dat hij zijn andere bedrijven uitbouwde, heeft

geleerd. “CAM-pakketten zijn duur. Maar als je er geld mee verdient,

zijn ze niet duur. En dan heb ik het niet alleen over de kortere

programmeertijd en de cyclustijd, maar ook over de kleinere kans

dat een operator een verkeerde waarde ingeeft met een dure fout tot

gevolg.”

september 2019


TH E WO R L D’ S #1

PRODUCTION CAM SOFTWARE

Edgecam is wereldleider in CAM software. Edgecam biedt

oplossingen voor de maakindustrie met een ongeëvenaard

gebruiksgemak en geavanceerde gereedschapsbanen.

ATS EdgeIT levert Nederlandstalige Edgecam systemen voor

frezen, draaien, draaifrees combinaties en draaderoderen.

www.edgecam.nl

010-5013277

Transformeer

uw productie

Bezoek ons in hal 6, stand D48

Meettastersystemen voor bewerkingsmachines

Vergroot uw productierendement samen met de specialisten in procesbesturing en profiteer van de voordelen.

• Meer capaciteit met uw bestaande machines

• Meer automatisering en minder menselijke tussenkomst

• Minder herbewerkingen, concessies en afkeur

• Uitgebreidere mogelijkheden dus tijd voor meer werk

Meer informatie vindt u op www.renishaw.nl

Renishaw Benelux BV Nikkelstraat 3, 4823 AE Breda, Nederland

T +31 76 543 11 00 E benelux@renishaw.com

www.renishaw.nl

Transform your manufacturing 185 x 130 mm NL Landscape.indd 1 06/08/2019 14:31:10


17

Promicron past

AI toe in Spike

gereedschapbewaking

Promicron gaat een stap verder met digitalisering door

kunstmatige intelligentie (AI) toe te passen voor

gereedschapbewaking in de machine. Tot nog toe gebeurt

procesbewaking in het verspanend proces vooral doordat de

systemen reageren als vooraf ingestelde onder- en bovenwaarden

worden overschreden. Promicron gaat in de spike AI optimizer

een stap verder door machine learning te introduceren. Het

verschil met de andere technieken is dat het systeem niet alleen

een fout signaleert, maar deze ook specificeert en aangeeft

welke vervolgstappen nodig zijn. Een andere toepassing van de

kunstmatige intelligentie is dat het systeem veel beter in staat is

om afwijkingen in de procesparameters vroegtijdig te herkennen

en zo te anticiperen op mogelijke storingen.

Dani Lemmen bij de CMZ-draaibank en zijn CAM-werkplek, nog in de oude fabriek.

Eigen programmeerruimten

Machinefabriek JMBA heeft de CMZ-draaibank geautomatiseerd met

een 50 kg BMO cel voor producthandling. Als het eerste onderdeel

goed van de machine komt, gaat Dani met een gerust hart het

volgende programmeren terwijl de machine de andere onderdelen

draait. Dat CAM-programmeren doen de CNC-operators in de

nieuwbouw in een apart kantoor, in de werkplaats. Het is een van de

investeringen die Jan Meeuws in de nieuwbouw gedaan heeft om

het werk voor de medewerkers zo aangenaam mogelijk te maken.

“Het werkt niet als je tussen de herrie van de machines in moet

programmeren. In een rustig kantoor gaat dat beter.” Hij verwacht

namelijk dat komende jaren het werk voor de CNC-operators zoals

Dani meer en meer zal opschuiven richting CAM-programmeren. Ze

gaan dan minder het logistieke werk aan de machine doen. “Als ze

willen”, voegt hij er direct aan toe. Want een CAM-programmeur moet

blijven voelen wat er op de machine gebeurt. En voor Jan Meeuws

is het belangrijk dat medewerkers hun werk graag blijven doen. “We

leiden hier veel medewerkers zoals Dani op. Sommigen zeggen dat

opleiden duur is. Als ze na zo’n opleiding weggaan wel. Daarom moet

je zorgen dat ze graag hier blijven werken.”

Sensoren in gereedschaphouder

Promicron heeft enkele jaren geleden de Spike

gereedschaphouder geïntroduceerd. De hierin geïntegreerde

sensoren registreren tijdens de verspaning verschillende krachten

op het gereedschap. Hierdoor kan men al tijdens de bewerking

controleren en in de machine al uitspraken doen over de kwaliteit.

Met de nieuwe Spike Assist app kan de verspaner het proces

verder optimaliseren. Spike Assist stuurt automatisch push

berichten naar de smartphone van de verspaner als bepaalde

belastingswaarden worden overschreden. Op de EMO geeft

Promicron op de stand van Ceratizit een demonstratie van het

systeem.

Dankzij kunstmatige intelligentie kan Promicron de slijtage van de gereedschappen

tijdens de verspaning meten.

september 2019


18

Waarom de maakindustrie moet overstappen naar papierloos werken

PMI het

fundament

onder

digitalisering

De maakindustrie in de Benelux is druk bezig

met de implementatie van PMI (Product

Manufacturing Information) oftewel MBD

(Model Based Definition). ASML heeft deze

verandering niet zomaar in gang gezet.

En eigenlijk zou elke onderneming in de

maakindustrie er al lang mee bezig moeten

zijn. Het gaat hier om het fundament onder

de digitalisering. Wie daar niet in meegaat,

dreigt in de toekomst het onderspit te delven.

Sinds het begrip Industrie 4.0 aan het begin van dit decennium op de

Hannover Messe werd geïntroduceerd, is het een hype geworden.

In het begin gingen vooral marketingafdelingen ermee aan de haal.

De digitalisering begint thans stilaan realiteit te worden voor de

maakbedrijven. Dat heeft er alles mee te maken dat een aantal

technologieën zover zijn, dat ze toepasbaar worden in de industrie.

Toepasbaar in de zin van technisch, maar ook betaalbaar. Denk

aan de Lidar radartechnologie die Tesla bijvoorbeeld gebruikt voor

de Auto-pilot en die je net zo goed kunt inzetten voor autonoom

rijdende cobots en robots. Denk aan Virtual en Augmented Reality,

die een nieuwe dimensie geven aan ondersteuning van medewerkers

of support vanuit een machineleverancier. Ook algoritmes beginnen

door te dringen tot maakbedrijven. CADCAM-ontwikkelaars maken

daar gebruik van; machinebouwers investeren eveneens in de

ontwikkeling van software. Simulatie van bewerkingen, maar ook

simulatie hoe machines zich onder bepaalde omstandigheden

gaan gedragen. Al deze technologieën gebruiken data. Om deze

data te kunnen genereren én te gebruiken, moeten machines,

robots, meetsystemen én de IT-infrastructuur van ondernemingen

gekoppeld worden zodat er nog één databron beschikbaar is.

ASML ontwikkelt zich tot digitale onderneming

ASML ontwikkelt zich momenteel in de richting van een digitale

onderneming, zo verduidelijkte Marco Jansen het onlangs tijdens

het Business Software Event. De manager standaarden en design

infrastructures bij ASML noemt Augmented Reality een interessante

ontwikkeling vanuit het perspectief van servicemanagement.

Predictive maintenance op basis van realtime gebruiksdata van de

machines is een ander thema waar de chipmachinefabrikant volop

aan werkt. ASML werkt ook aan projecten om de wafermachines

in de toekomst via software updates overnight naar een hoger

prestatieniveau te brengen. Vergelijk het zoals Tesla de auto’s

regelmatig van nieuwe features voorziet, enkel door een software

update uit te rollen. Deze ontwikkelingen baseren zich op actuele

data. Ook bij een bedrijf als ASML zitten deze data momenteel

echter vaak nog in afzonderlijke silo’s opgesloten. Deze afbreken

en data koppelen en vanuit one source gaan benaderen, daar zal

het op aankomen wil de digitale transformatie slagen. Dat geldt

binnen de grote ASML organisatie zelf, maar ook in de supply

chain. In dat model wordt realtime actuele data gedeeld door

relevante stakeholders in de keten. De hiërarchisch gebaseerde PLMsystemen

schieten daarin tekort. Marco Jansen: “In 2011 was PLM de

september 2019


19

missing link in productontwikkeling. Nu kijken we tegen de digitale

transformatie aan: the right information at the right time in the right

context.”

PMI 20% productiviteitswinst

“3D PMI is het fundament onder de digitale revolutie in de

toeleveringsindustrie”, zo zei Leo Broers, projectmanager PMI

bij ASML, het een tijdje terug tijdens een bijeenkomst van het

Mikrocentrum Hightech Platform. PMI of MBD zullen uiteindelijk

de efficiency verhogen. “One source one truth betekent minder

kans op communicatiefouten”, zegt Leo Broers. Hij zegt overtuigd

te zijn dat bedrijven die PMI volledig doorvoeren, uiteindelijk

zeker 20% productiviteitswinst zullen realiseren. Featured based

programmeren met CAM-software is pas het begin, net als het

automatisch programmeren van meetmachines, iets dat al verder

ontwikkeld is. Meetrapporten kunnen bijvoorbeeld eveneens

automatisch gegenereerd worden. Ook aan het begin van een traject

krijgt PMI invloed: denk bijvoorbeeld aan het automatisch berekenen

van kostprijzen. De internationale online platformen voor de

maakindustrie, zoals Xometry en ProtoLabs maar ook een Batchforce

in de Benelux zijn daar ver mee. Het Vlaamse YouniQ Machining

berekent niet alleen automatisch de kostprijs maar stelt eveneens

het NC-programma volledig geautomatiseerd samen en stuurt het

naar de machine zodra de order is goedgekeurd. PMI en MBD raken

alle afdelingen bij de toeleverbedrijven.

De mens de sta in de weg?

En daar zit misschien wel een van de knelpunten in. Mensen

september 2019


Haimer: DAC

neemt uitwisseling

gereedschapdata over

21

veranderen hun bestaande werkwijze niet graag, zeker niet als in het

begin niet duidelijk is wat ze ervoor terug krijgen. “Realiseer je dat de

mens degene is die veranderingen in de weg kan staan”, waarschuwt

Marco Jansen. “De mens is allesbepalend.” De digitalisering stopt

echter niet. Op het Business Software Event verwees Jansen

naar een publicatie in Fortune Magazine, waarin wordt voorspeld

dat een op de drie bedrijven uit de Fortune Top 500 verdwijnt

doordat ze onvoldoende snel aanhaken op de veranderingen

door de digitalisering. “Verander je niet, dan stopt de business. En

veranderingen gaan tegenwoordig ontzettend snel.” Daarom moet je

in een onderneming draagvlak creëren voor de digitalisering. “Neem

er de tijd voor, bepaal waar je naar toe wilt en betrek de mensen

erbij. Begin met kleine stappen. Fouten maken is niet erg, daar leer je

van. Als alles prima gaat, is het lang niet zo leuk.”

40% meer rendement

In de eerste fase van werken met PMI vallen volgens Leo Broers de

kosten mee. De gratis J2Go viewer heeft zijn beperkingen, maar je

kunt ermee werken. Pas in de tweede fase kost het werken zonder

2D tekening geld. Werkplaatsen moeten dan worden ingericht

met digitale schermen, er wordt anders geprogrammeerd, veel

meer automatisch. Jan van der Geld van Mahaco Fijnmetaal gaf dit

voorjaar in een presentatie bij Teqnow inzicht in dit prijskaartje.

Het fijnmechanisch bedrijf met vijf medewerkers werkt volledig

papierloos. De investering in twee beeldschermen voor elke

werkplek aan de machine en software kost hem 5 mille per werkplek.

CAM-licenties met machine nog eens 200 euro per maand en Jan van

der Geld heeft veel software intern ontwikkeld. Wat het oplevert:

“Meer focus op de dingen die fout gaan, dus uiteindelijk een betere

bedrijfsvoering. Als je de cijfers kent, kun je anticiperen. Door het

hele proces te digitalisering en lean werken in te voeren, hebben

we met dezelfde mensen 40% meer rendement kunnen maken.

Digitaliseren is geen vraag maar een gegeven.”

MBD Solutions Event

Haimer gebruikt in de eigen fabriek in Igenhausen al langere

tijd het DAC-systeem: Data Analyzer and Controller. Deze

zorgt voor de correcte data-uitwisseling van Soll- en Istwaarden

en andere gereedschapsdata tussen de Tool Room

stations en het bedrijfsnetwerk. Het DAC-systeem wordt na

de EMO vrijgegeven voor de verkoop.

De DAC zorgt voor een digitale data-uitwisseling tussen de

verschillende systemen in het verspanend bedrijf, vanaf het CADCAMstation.

Dat genereert een gereedschapsamenstelling en stuurt deze

data naar het DAC. Dat geeft een tool-identificatie vrij, die bij het

gereedschap blijft gedurende het totale proces. Alle componenten,

zoals voorinstelapparaat, balanceerapparaat en eventueel

krimpsysteem, communiceren via de centrale controller. Als laatste

stap worden de data doorgestuurd naar de besturing van de CNCmachine

en wordt de plaats in het magazijn vastgelegd. Als het nodig

is, wordt in de besturing het maximale toerental van het gereedschap

gereduceerd. Na de bewerking stuurt de machinebesturing een

melding naar de DAC over de tijd dat het gereedschap in inzet is

geweest, zodat bij een volgende opdracht de resterende standtijd

bekend is. Doordat geen data meer handmatig hoeven worden

ingegeven, zijn fouten uitgesloten. Haimer heeft het systeem zo

opgebouwd dat juist kleinere en middelgrote ondernemingen stap

voor stap de processen rond gereedschapvoorinstellingen kunnen

automatiseren.

Volledig geautomatiseerd voorinstellen

Een andere noviteit die Haimer op de EMO toont, is een robotcel met

een volledig geautomatiseerde gereedschapvoorinstelling. Een

gereedschaptrolley is voorzien van gereedschaphouders en

gereedschappen. Na het krimpen en balanceren met een Microset

VIO linear voorinstelapparaat wordt het gebalanceerde gereedschap

getest en daarna legt de robot het op een tweede trolley. Daarmee

automatiseert Haimer de gereedschapvoorinstelling compleet, wat

met name bij geautomatiseerde cellen voor nog meer flexibiliteit zorgt.

haimer.com

Het Mikrocentrum en ASML organiseren 28 november voor

het eerst het MBD Solutions Event. Tijdens dit event

presenteren onder andere softwareleveranciers de

oplossingen die zij hebben voor de moeilijkheden waar

ASML en de toeleveranciers in het PMI-project tegenaan

zijn gelopen. Ook het onderwerp investeringen versus

voordelen komt aan bod. De onderwerpen zijn gebaseerd op

de ervaringen die toeleveranciers in het PMI-project hebben

opgedaan. Het Mikrocentrum wil het MBD Solutions Event

jaarlijks gaan herhalen.

mbd-solutionsevent.nl

De Haimer Data Analyzer and Controller (DAC) neemt de complete data-uitwisseling

vanaf het CADCAM-station tot aan de CNC-machine op zich.

september 2019


22

DMG Mori topman: machine-innovaties zijn slechts een deel van de oplossing

Het ecosysteem wordt belangrijker

Dat de digitalisering in de maakindustrie een

speerpunt is voor DMG Mori, is bekend. De

machinebouwer gaat daarin veel verder dan

menigeen denkt. Afrekenen per spindeluur,

blockchain technologie, zelfs bitcoins; Ugo

Ghilardi van DMG Mori sluit het allemaal niet

uit. De Nederlandse markt is daarbij een

aantrekkelijke proeftuin. “Dit land heeft echt

een ongelooflijke technologie aanpak.”

DMG Mori is uitgegroeid tot een van de allergrootste fabrikanten van

werktuigmachines in de wereld. De machinebouwer benut deze

schaalgrootte om een ecosysteem op te bouwen. Ugo Ghilardi, CEO

DMG Mori Europe en in de directie van DMG Mori AG verantwoordelijk

voor verkoop en service, zegt hierover: “Innovatie is niet alleen een

spindel wisselen. Het gaat om een totale aanpak. Innovatie van

machines is nog steeds belangrijk, maar slechts een deel van de

oplossing.” Hij schat het aandeel machine innovatie op hooguit nog

zo’n 30 procent. “De rest zit in het ecosysteem.” Zo’n ecosysteem

kan breed zijn. Voor een aantal klanten in kernsegmenten zoals

Aerospace, Automotive, Die and Mold en Medical werkt de

machinebouwer vanuit de Technology Excellence Centers complete

productieconcepten uit, inclusief tooling en zelfs certificering.

Ghilardi: “Wij worden steeds meer een geïntegreerd bedrijf.”

Nieuwe verdienmodellen

Ook financiële innovatie speelt een steeds grotere rol, aldus de

topman van het concern. DMG Mori gaat steeds meer financiële

diensten aanbieden. Van leasing tot - sinds kort in Duitsland -

verzekeringen. John Kooning, directeur DMG Mori Nederland, vindt

dat de machinebouwer die rol beter kan vervullen dan traditionele

financiële partijen. “Wij hebben interesse in de klant en kennen

de markt. Hierdoor kunnen we het groeipotentieel veel beter

inschatten. Dat maakt het verschil.” Volgens Ghilardi heeft dit niks

DMG Mori bouwt steeds meer zelf de automatisering. Op de EMO toont de

machinebouwer een DMU 65 monoBlock met palletautomatisering én AGV.

te maken met meer risico durven nemen. Sterker nog: hij vindt dat

de machinebouwer juist minder risico neemt dan andere partijen

doen. “Wij weten wat onze machines na enkele jaren waard zijn.”

Hij verwacht dat de sector overgaat naar nieuwe verdienmodellen,

mogelijk dankzij Industrial Internet of Things en digitalisering. “We

staan aan het begin van deze revolutie. Over tien tot vijftien jaar

betalen we voor het gebruik van de machines met nieuw, digitaal

geld. Blockchain. Stap voor stap gaan we daar naar toe.” Het begrip

connectivity is voor DMG Mori daarom een kernfunctie in de Digital

Factory. De nieuwe modellen bestaan bij de gratie van verbonden

machines. Alleen met open interfaces en gestandaardiseerde

communicatieprotocollen kun je een doorlopende integratie van

machines en processen creëren. Daarom worden voortaan alle

machines standaard en zonder meerprijs geleverd met een IIoT

interface. DMG Mori ondersteunt zowel MQTT, MTConnect als de

nieuwe umati. En met de nieuwe CELOS app Application Connector die

op de EMO wordt gepresenteerd, kan de operator elke webgebaseerde

applicatie via het CELOS scherm bedienen. Waar Ugo Ghilardi vooral

veel van verwacht, is het nieuwe klantenportaal myDMG Mori. Dit

wordt een platform waarop de klant in eerste instantie de service

regelt en reserve-onderdelen bestelt; daarna komen oplossingen voor

predictive maintenance.

Persoonlijke relatie des te belangrijker

Juist in deze digitale wereld is de persoonlijke relatie tussen de

machinebouwer en de klant cruciaal, benadrukt Ugo Ghilardi. DMG

Mori opent mede hierom later dit jaar een vestiging op Brainport

Industries Campus, waar het een kenniscentrum van de grond tilt. Het

september 2019


23

“De Nederlandse markt is innovatief, technologie

gestuurd. Klanten verwachten oplossingen”

kenniscentrum gaat dienst doen als trainings- en opleidingscentrum

voor de Benelux. “Want de mens wordt belangrijker naarmate de

digitalisering toeneemt”, aldus Ugo Ghilardi. “Je krijgt geen goede

connectie met een machine als je niet eerst een connectie maakt met

de persoon.”

Met meer dan 4000 geïnstalleerde machines is Nederland een

belangrijke markt voor DMG Mori. De installed base is echter niet de

enige reden waarom de machinebouwer investeert in de BIC-vestiging.

Ugo Ghilardi: “Nederland is een van de sleutelmarkten voor ons succes

in Europa. Dat heeft te maken met de hightech technologie die hier

ontwikkeld wordt en de manier waarop de toeleverketens daar hun rol

in opeisen. De Nederlandse markt is innovatief, klanten verwachten

oplossingen. Technologie stuurt hier de markt.”

dmgmori.com

Automatisering voor alle machines

DMG Mori gaat alle werktuigmachines in het portfolio aanbieden als een geautomatiseerd systeem. Deze komen

vooral uit eigen huis, met dank aan de overname eind 2017 van Heitec. Ugo Ghilardi noemt het ontwikkelen van

eigen automatiseringsoplossingen een logische stap. “Wij zien automatisering als een integraal onderdeel van de

machine, niet iets dat je eraan toevoegt.” Nieuw op dit vlak is de AGV, die voor autonoom transport in de fabriek zorgt.

Op de EMO is een DMU 65 monoBlock met palletautomatisering én een AGV een van de highlights. Het concept biedt

flexibiliteit en een veilige vrije toegang tot de machine voor de operator.

september 2019


24

PolyWorks verkleint foutkans en sluit de digitale loop

tussen engineering, productie en de meetkamer

Programmeertijden

meetmachines van

dagen naar uren

In veel bedrijven wordt de meetkamer een alsmaar grotere flessenhals.

Automatisch programmeren van de meetmachines en 3D scanners verlicht de

druk op de meetkamer. PMI-data verkorten de programmeertijd soms van weken

naar uren, terwijl ondertussen de meetmachine gebruikt kan worden waarvoor

deze is bedoeld: meten. PolyWorks gaat nu nog een stap verder: meetdata

digitaal delen met anderen, zelfs terugleiden naar CAD-software zoals Catia of

Siemens NX kan.

PolyWorks wordt ontwikkeld door het Canadese moederbedrijf

InnovMetric. De programmeersoftware voor meetsystemen neemt

een bijzondere positie in. InnovMetric ontwikkelt alléén software

die gebruikt kan worden in combinatie met meetsystemen van

alle grote aanbieders: LK, Hexagon, Mitutoyo, Zeiss, Faro en noem

maar op. De leeftijd is eigenlijk niet zo belangrijk. Bij PolyWorks

Benelux is de software gekoppeld aan een 20 jaar oude CMM van

Mitutoyo en zelfs nog aan een manuele meetmachine van Wenzel.

“Veel bedrijven hebben nog ergens een 20 jaar oude CMM, die ze

amper gebruiken maar nog steeds nauwkeurig is. “Wij kunnen in de

meeste gevallen zonder hardware aanpassing direct die machine

met PolyWorks aansturen”, zegt Mark Luijbregts, directeur-eigenaar

PolyWorks Benelux. De Canadezen doorbreken de koppeling tussen

de hard- en software van een CMM-leverancier. Doordat PolyWorks

met veel verschillende soorten meetmachines en scanners kan

samen werken, kan er door een standaard manier van werken en de

eenvoud van bediening veel tijdwinst gehaald worden. Zo kunnen

metingen ook van verschillende systemen gecombineerd worden.

Eenvoud telt

Het idee achter PolyWorks, dat van oorsprong uit de

automobielindustrie komt, is dat meetspecialisten sneller met

hun meting moeten kunnen starten. “Eenvoud is belangrijker dan

menigeen denkt”, zegt Mark Luijbregts. Om meerdere redenen. Een

te lange programmeertijd is een drempel. Hoe eenvoudiger het

programmeren, des te sneller zal men bereid zijn om te gaan meten.

Kortere programmeertijden zorgen daarnaast voor een efficiëntere

inzet van de kostbare meetsystemen. PolyWorks kent al jaren de

mogelijkheid om op basis van een CAD-model automatisch te

programmeren. Daarmee sluit het naadloos aan op de papierloze

supply chain, waarin met PMI (Product Manufacturing Information)

en MBD (Model Based Definition) wordt gewerkt, een transitie die

ASML vorig jaar mee in gang heeft gezet. Het liefst leest PolyWorks

native CAD-data in. Is dat een standaard CAD-model, dus zonder de

PMI-data, dan vergt het maken van een meetprogramma slechts het

aanklikken van vlakken en features die je wilt meten, het selecteren

van de meettechnologie (de meetmachine) en ingeven van nog

enkele parameters. Uitlijnen gebeurt vrijwel automatisch. Bij het

meten van cilinders volstaat het om enkele elementen te selecteren

en de software berekent automatisch de hoek van de tasters. Bij

kleine delen zal deze tijdwinst van deze programmeermethode

minimaal zijn, maar bij grote delen des te meer. Zo berekent de

software automatisch de meest ideale volgorde van de metingen,

ongeacht hoe de programmeur ze ingeeft. Het aantal bewegingen

Een van de vernieuwingen in de software van PolyWorks is ReportLoop.

september 2019


25

Mark Luijbregts: de productieketen efficiënter maken door meetdata te delen.

“Binnen een dag waren we een werkstuk voor de ASML

machine met 2.000 meetpunten aan het meten. Hiervoor

kostte het programmeren twee weken tijd”

van de taster wordt daarmee gereduceerd, om de meettijd kort te

houden. Wordt later nog een meting toegevoegd, dan berekent

PolyWorks automatisch de nieuwe optimale meetvolgorde.

Met PMI-data: van weken naar uren

De tijdwinst als het CAD-model wel PMI-data bevat, kan groot zijn.

Mark Luijbregts geeft het voorbeeld van een complex onderdeel

voor een machine van ASML. Dit onderdeel moest op 2.000 punten

gecontroleerd worden. “De meetmachine is 14 uur bezig. Zo’n

werkstuk programmeren kostte weken. Wij waren binnen een dag

aan het meten.” Een ander voorbeeld: een onderdeel voor een

raketmotor met 100 nauwkeurige gaten die gemeten moesten

worden. In de traditionele werkwijze moet de hoek waaronder de

taster meet, elke keer apart worden gezocht. Programmeertijd

normaal: 2,5 week, waarvan een belangrijk deel op de CMM voor het

bepalen van de hoek waaronder de meettaster meet. Met PolyWorks

werd het programma in amper vier uren volledig offline gemaakt. De

tijdwinst is voor Mark Luijbregts dan ook een van de grote voordelen

van het werken met PMI, naast het feit dat het volledige programma

offline wordt gemaakt en de meetmachine ondertussen voor

metingen wordt gebruikt.

Liever native CAD

Is PMI dan zaligmakend? Mark Luijbregts geeft toe dat de PMI-data

niet foutloos zijn. Zijn ervaringen met STEP-files zijn minder.

Het huidige STEP-formaat is nog niet volledig geschikt voor PMI.

“Bij de vertaling van een huidige STEP-file ontstaan nog fouten,

bijvoorbeeld bij radii. Bij het converteren van een native CADfile

gaat er minder mis.” Liefst werkt hij daarom met native CADfiles,

zoals die van Siemens NX en Catia van Dassault Systèmes.

Daarin blijft meer van de data behouden. Ook dan kunnen er fouten

ontstaan, die volgens hem echter direct zichtbaar zijn in PolyWorks

en eenvoudig opgelost kunnen worden. Waar het tot slot fout kan

gaan, is interpretatiefouten. De CAD-constructeur moet bijvoorbeeld

de goede nominale toleranties ingeven. Dit soort onvolkomenheden

herstellen kost echter slechts een fractie van de programmeertijd die

veel meetkamers nu rekenen voor complexe werkstukken.

Kleinere foutkans

De meerwaarde van PMI gaat verder dan kortere programmeertijden,

vindt Mark Luijbregts. Vergeleken met programmeren vanaf een

2D tekening, is de kans op foutieve overname van gegevens nul.

Het samenstellen van de meetrapporten gaat ook sneller. “De

constructeur kan al aangeven hoe hij het rapport wil. Zelf kun je in

PolyWorks eenvoudig afbeeldingen van bijvoorbeeld een meetpunt

waar een afwijking is gemeten, toevoegen. Een uniek aspect van

de PolyWorks software is dat data van verschillende meetsystemen

in één rapport gecombineerd kunnen worden, bijvoorbeeld van

een CMM en 3D scanner. PolyWorks leest zelfs de meetgegevens

van een digitale schuifmaat met USB-aansluiting in en voegt deze

september 2019


Vier experts,

ontelbaar veel toepassingen,

één assortiment!

Vraag nu de nieuwe Team Cutting Tools-catalogus aan:

cuttingtools.ceratizit.com/catalogus

TEAM CUTTING TOOLS

CERATIZIT is een groep van hightech bedrijven

gespecialiseerd in gereedschappen voor de

moderne verspaningstechniek en hardmetaal

toepassingen.

Tooling the Future

www.ceratizit.com


Nieuwe QTap van

DC Swiss

27

DC Swiss introduceert op de EMO naast de nieuwe QTap

een volledig nieuwe lijn tapgereedschappen voor

microbewerkingen, het Nanoprogramma. De QTap is

een echte allround tap die echter voor een verbeterde

spaanbeheersing zorgt.

aan de andere data toe. Je kunt bijvoorbeeld de contouren van een

groot werkstuk scannen, omdat dit sneller gaat, en de details meten

met een CMM. De beide meetsystemen worden vanuit hetzelfde

programma aangestuurd, zodat één programma maken volstaat.

Daarna voegt de software de data samen.

Dataloop: minder communicatie nodig

Een recente uitbreiding van PolyWorks is het delen van

meetgegevens, bijvoorbeeld met de fabriek. “Met

PolyWorks|Dataloop gaan we naar de papierloze fabriek”,

verduidelijkt Luijbregts. De meettechnicus upload het rapport naar

een lokale server of naar de cloud. Deze rapporten kunnen gedeeld

worden met anderen, die via een webbrowser toegang krijgen tot de

data. Mark Luijbregts: “De anderen hebben geen licentie nodig, maar

kunnen via een gratis Reviewer de meetdata zien, SPC data uit het

rapport halen en zelfs wijzigingen aanbrengen.” In deze data zitten

niet alleen de XYZ-waarden die gemeten zijn, maar het volledige

meetproject. Met een relatief goedkoop touchscreen en PC kunnen

de meetgegevens ook digitaal beschikbaar worden gesteld aan de

CNC-operator naast de machine. “Dat geldt voor alle metingen die

we doen, ongeacht of het een CMM is of een 3D scanner. Vanaf het

dashboard hou je zicht op de meetprojecten en hun status. Ook

externe partijen, bijvoorbeeld de constructeur bij de klant, kan

toegang krijgen tot de digitale meetrapporten. Een uitbesteder

krijgt via zo’n dashboard direct inzicht in de status van zijn orders.

Engineers kijken direct mee of een gemeten afwijking eventueel

wel nog acceptabel is of niet. Deze data-uitwisseling gebeurt

realtime. “We delen alle info en brengen daardoor het overleg over

de oplossing van een probleem terug van weken naar een dag of

nog minder, doordat alle data voor alle partijen beschikbaar zijn.”

Om de digitale cirkel te sluiten, heeft PolyWorks een PMI+ plugin

ontwikkeld voor zowel Siemens NX als Catia. Daarmee worden

wijzigingen op basis van het meetrapport in de vorm van informatie

en tekstlabels naar de constructeur gestuurd. “Wij gaan niet met

PolyWorks wijzigingen doorvoeren in het CAD-model maar reiken

de constructeur wel de data zo aan dat hij ze kan doorvoeren in het

CAD-model. We proberen zo de hele keten efficiënter te maken en de

communicatie te verbeteren. Je krijgt nu meer samenspraak tussen

engineers, productie en de meetkamer.” Acceptatie hiervan is vooral

een kwestie van de cultuur doorbreken, denkt Mark Luijbregts. Maar

net zoals destijds bij de opkomst van CAD-software, houden mensen

graag vast aan het bekende, het vertrouwde. Bereid zijn bestaande

werkwijzen los te laten en gebruik te maken van de mogelijkheden

die de digitalisering biedt, zal echter onvermijdelijk zijn.

Om dat laatste te bereiken heeft DC Swiss zowel de geometrie van

de snijkant aangepast, is de snijkant zelf verbeterd en past men

een nieuwe VS coating toe. Ook het basismateriaal voor het

gereedschap is nieuw. Het resultaat is dat de QTap universeel

inzetbaar is in meerdere materialen, van koolstofhoudend staal

tot en met RVS, aluminium, legeringen, gietijzer et cetera. De

combinatie van de vernieuwingen zorgen voor de prestaties van

deze tap, die functionaliteit, universele inzetbaarheid en prestaties

verenigt. De QTap is leverbaar met interne koeling, wat de

spaanbeheersing tijdens het tappen ten goede komt.

Axiale demping

De nieuwe tap kan zowel gebruikt worden in de bestaande SCT

houder als de nieuwe Synchro Tapping Chuck SRT (Soft Rigid

Tapping). Deze gereedschaphouder heeft een geïntegreerde axiale

demper. Deze vangt de axiale kracht op die op de tap ontstaat als

de spindel van draairichting verandert. DC Swiss zegt dat deze

demper de standtijd van de tap verlengt.

Nano-tap: vanaf 0,3 mm

De Nano lijn is een compleet nieuwe lijn tapgereedschappen van

de Zwitserse fabrikant. Deze gereedschappen zijn bedoeld voor

precisiecomponenten met zeer kleine gaten waarin draad getapt

moet worden. De diameters lopen uiteen van 0,3 tot 1,4 mm.

DC Swiss wordt in Nederland vertegenwoordigd door Magistor.

magistor.nl

september 2019


28

Maar Mazak en Iscar geven wel verschillende

oplossingsrichtingen voor een hoger spindelrendement

Dé oplossing voor meer

efficiency bestaat niet

Dé oplossing bestaat in de verspaning niet. Die conclusie

trokken de deelnemers aan een seminar van Iscar en

Mazak. Met nieuwe gereedschappen, automatisering,

slimmer programmeren en de combinatie hiervan,

kunnen bedrijven hun productiviteit wel degelijk

verbeteren. Ook al bestaat die ene oplossing niet, het doel

is wel bijna altijd hetzelfde: efficiency maximaliseren.

Er zijn meerdere wegen die naar Rome leiden, merkt Gerard

Bogaarts, directeur van Iscar Nederland, aan het begin van het

seminar op. Efficiënter werken in de verspaning kan op veel

manieren. “In Nederland zijn geen twee bedrijven die hetzelfde

werken. Er is geen beste manier, iedereen vindt zijn weg in

de verspaning”, zegt Hans Martens van Iscar. Het is wel goed

ontwikkelingen bij de gereedschapfabrikanten te volgen. Nieuwe

geometrieën, hardmetalen en coatings zorgen voor betere prestaties

van de frezen. Iscar heeft bijvoorbeeld de Mill4feed wisselplaatfrees,

die dankzij de langere snijkant rustiger snijdt. De plaat is ontwikkeld

voor ruwen in toepassingen die nogal vermogen vragen. Nog zo’n

nieuw gereedschap is de Super Finish Line, waarbij één plaat

iets boven de andere uitsteekt. Zit er voldoende overmaat op het

werkstuk, dan frees je hiermee een heel glad oppervlak. LogiQ4turn

is een ander voorbeeld. De wisselplaat met vier snijkanten geldt

als een alternatief voor de ISO wisselplaten met twee snijkanten.

Door de positieve snijkant vraagt het nieuwe gereedschap minder

vermogen. “Je kunt de voeding per omwenteling dus fors verhogen.”

Zo zijn er veel voorbeelden: het ene gereedschap blinkt hierin uit,

de andere hardmetaalsoort doet dat weer beter. Hans Martens

waarschuwt wel voor wildgroei in de gereedschappenlade.

“Wildgroei kost geld. Wisselplaten die blijven liggen, zijn dood

kapitaal. Kies voor bepaalde gereedschappen en ga daarmee

werken.”

Van 15 naar 100 spindeluren in de week

Automatisering is bij uitstek een oplossing om de productiviteit te

verhogen. Hugo Verlaak, salesmanager Benelux bij Mazak, schat het

spindelrendement bij de doorsnee verspaner in de Benelux op 25 tot

35 procent als de machines niet zijn geautomatiseerd. Bij één ploeg

betekent dit dat de spindel slechts zo’n 10 tot 15 uur in de week

spanen maakt. “Bij een uurtarief van € 70 levert dit een omzet van

€ 35 tot € 52.000 per jaar per machine.” Goede standalone machines

vragen ook al investeringen van boven de € 150.000.

“Investeren in meer uren maken in de week verdien je dus

gemakkelijk terug.” De automatiseringsoplossingen lopen uiteen

van robotcellen met automatische grijperwisseling, palletwisselaars

tot en met het eigen FMS-systeem van Mazak, het Palletechsysteem.

Hugo Verlaak: “Met een robotcel met automatische grijperwisselaar

halen velen al spindelrendementen van 80 tot 100 uren in de week.

Mazak en Iscar organiseren het seminar over verspanen eerdaags ook nog een keer in

het noorden van het land.

De SmoothX besturing van Mazak biedt naast simulatie van een programma ook de

mogelijkheid om eenvoudig vanuit een STEP-file te programmeren, zonder dat de

operator handmatig cijfers moet overtypen.

september 2019


29

Met de Palletechsystemen halen we zeer hoge rendementen.” Hij

ziet de automatisering overigens steeds breder ingezet worden.

Samen met RoboJob automatiseert Mazak het beladen van een

Integrex-machine, ook voor werkstukken tot 400 kilo, waarbij de

meetcontrole geïntegreerd is. “Zelfs klauwplaten in de spantang

wisselen kan manloos; of zoals Kitanawa doet de volledige flens

wisselen.” Hoe duurder de CNC-machine, des te meer aandacht er

moet zijn voor de terugverdientijd, zegt Verlaak. “En de enige manier

om de investering terug te verdienen, is efficiënter werken.”

Mazak demonstreerde de 3D Assist aan de hand van dit werkstuk met diepe kamers.

Slimmer programmeren

En dat kan ook door anders te programmeren. De nieuwste Mazak

SmoothX besturing heeft hiervoor een bijzondere functie, 3D

Assist. Hiermee wordt op basis van een STEP-file geprogrammeerd.

Verwacht geen magic button, waarschuwt Steven Vanderelst. “Je

moet nog steeds zelf beslissen welk vlak je met welke cyclus wilt

bewerken.” Maar veel cijfers worden automatisch uit het STEPmodel

overgenomen. Ook de gegevens van kamers in het werkstuk.

Zelfs moderne freestrategieën zoals trochoïdaal frezen kunnen

met 3D Assist geprogrammeerd worden met niet meer dan enkele

muisklikken. Het voordeel van 3D Assist in de SmoothX besturing

is vooral tijdwinst en minder foutkans. Ook dat draagt bij aan meer

efficiency in de verspaning.

In chroomstaal werd gefreesd met een snijsnelheid van 180 m / min, een voeding van

3820 mm / min en een voeding per tand van 0,7 mm.

De Tang4Feed frees van Iscar werd tijdens het seminar gebruikt voor het frezen op

de Mazak Integrex.

Het werkstuk dat in één opspanning werd gedraaid en gefreesd.

september 2019


30

Schunk en Kuka maken robottechnologie slimmer en

veiliger dankzij Kunstmatige Intelligentie

De grijper wordt slim

Kunstmatige Intelligentie klinkt als science fiction. De

technologie is echter dichterbij de realiteit dan menigeen

denkt. Schunk en Kuka zijn twee van de voorlopers op dit

vlak als het om toepassingen in de maakindustrie gaat.

Werken we straks met autonome grijpers, die hun eigen

plan trekken en geen programmering meer vereisen?

Industrierobots waren aanvankelijk blind en gevoelloos. Met sensoren

visiontechnologie heeft een robotfabrikant als Kuka dit al

opgelost. “De robot ziet en voelt”, zo zegt Albrecht Hoene, directeur

Human Robot Collaboration bij de R&D afdeling van Kuka. Dat

betekent dat mensen dichterbij de robot kunnen komen, zonder

risico. Het betekent ook dat de robot met meer gevoel producten kan

grijpen. Het automatisch beladen van machines wordt robuuster.

Maar kan een grijper al functioneren als de menselijke hand?

Waarvan de vingers zich zonder te hoeven nadenken telkens feilloos

om het product bewegen, ook al heeft dit elke keer een andere vorm.

Ondersteund door vision technologie en Kunstmatige Intelligentie

(KI) komt deze stap dichterbij, zo zegt professor Markus Glück,

Chief Innovation Officer bij Schunk. Samen met Kuka zijn de eerste

autonome grijpers ontwikkeld. Ze vragen nog een beetje training,

maar van elke keer dat hij een product vastgrijpt, leert de gripper.

Minder trainen nodig

Voor een volledig autonoom werkende grijper is het nog te vroeg.

Maar Schunk laat wel zien dat voor het inleren van een systeem,

er veel minder situaties nodig zijn dan momenteel nog het geval

is. Alles heeft volgens Glück te maken met de inzet van neurale

netwerken. “De vijf vingers van de grijpers omsluiten het product

nadat de beelddata zijn teruggeleid naar het neurale netwerk.

We reduceren hierdoor het aantal trainingen”, zegt het hoofd van

de R&D afdeling bij Schunk, die samen met robotbouwer Kuka

intensief samenwerkt aan het thema Kunstmatige Intelligentie. Ze

maken het de grijper daarbij niet zo heel erg lastig, in die zin dat

de Legoblokjes weliswaar telkens anders gestapeld zijn maar wel

Samenwerking Kuka en Schunk

Beide R&D topmannen van Schunk en Kuka bestempelen de samenwerking op het vlak van Kunstmatige Intelligentie en

andere nieuwe technologieën als absoluut noodzakelijk en logisch. “Bij de robot-mens samenwerking moet de totale

automatiseringsoplossing aan de eisen voldoen. Grijpers, gereedschappen en componenten moeten bij de planning en de

realisatie hiervan als een ecosysteem worden gezien”, aldus Hoene. Omwille van de acceptatie vindt hij het belangrijk dat

medewerkers betrokken worden bij de invoer van automatisering. “Als de robotcollega’s namen krijgen en welkom zijn als

ondersteuning, kun je zeggen dat de integratie geslaagd is.”

september 2019


31

De combinatie van visiontechnologie met Kunstmatige Intelligentie zorgt ervoor dat de grijper zeer snel leert hoe producten op te pakken.

Ad random toevoer wordt hierdoor vergemakkelijkt.

steeds dezelfde vorm hebben. Al na een paar keer grijpen leert het

systeem en gaat de grijpzekerheid fors omhoog. In de toekomst kan

het algoritme achter de autonome grijper zelfstandig een nieuw

product classificeren en zeker en veilig grijpen. Dat opent nieuwe

mogelijkheden voor de mens om met de robot of cobot samen

te werken. Albrecht Hoene van Kuka gelooft in de toekomstige

werkplek: een productie eiland waarop mens en robot samenwerken

aan kleine series. Dat past precies in de snel om te stellen flexibele

productielijn die de industrie steeds meer eist. Kunstmatige

Intelligentie is daarvoor onmisbaar. Een autonoom werkend systeem

gaat immers verder dan de robot een aantal voorbeelden leren. “Het

gaat erom dat het systeem voorbeelden en wetmatigheden herkent

en daarvan leert.”

Veiligheid en hogere gewichten

Veilig samenwerken met de robot staat voorop, benadrukt Markus

Glück. Schunk pakt het daarom in de nieuwe versie van de Co-act

grijpers anders aan. Bij de meeste systemen is 140 N grijpkracht per

vinger de grens. Dat betekent een werkstukgewicht van 2,25 kilo per

vinger, in de praktijk onvoldoende. De nieuwe Co-act EGL-C verlegt

de grens naar 450 N, wat in de praktijk betekent dat het handlen

van 8 kilo gewicht met een standaard co-bot mogelijk wordt; bij een

grotere robot zelfs 14 kilogram. Er worden twee CPU’s ingezet die

elkaar controleren. Het systeem beschikt over een gecombineerde

last- en wegmeting: sensoren bewaken zowel de grijpkracht als de

positie van de grijpervingers. Tot op een theoretische afstand van

4 mm van de vingers tot het werkstuk is de grijpkracht begrensd tot

30 N. Botst de grijper dan bijvoorbeeld tegen de hand van de

operator, stopt de robot zonder dat er gevaar is op verwondingen.

In de laatste fase van de beweging wordt de grijpkracht vrij gelaten

tot een vrij te definiëren maximale grijpkracht van 450 N. Merkt de

krachtsensor dat er geen werkstuk is, dan stopt het systeem. In de

derde fase van de beweging detecteert de grijper of het werkstuk

gegrepen is. Is dat het geval, dan wordt de grijper in een stand gezet

waarin het werkstuk ook bij een noodstop of stroomuitval in de

grijper blijft. Zonder intelligente besturingen en visiontechnologie

zijn dit soort oplossingen ondenkbaar, zeggen Glück en Hoene.

Albrecht Hoene denkt dat deze innovaties de inzet van de robots

verder vergroten. In de toekomst zullen in een vroeger stadium

cobots en operators samen betrokken worden bij de planning van de

productie. De stap die daarna volgt dankzij Kunstmatige Intelligentie

is het beschikbaar maken van oplossingen via platformen.

Albrecht Hoene: “De beste oplossingen worden via zo’n platform

toegankelijk.”

september 2019


32

De productiviteitspiramide van Renishaw is nog steeds actueel

Meten: de rode draad in

alle productiestappen

Papierloos werken, automatisering, grotere

productvariatie en kleinere series: thema’s uit de

verspanende industrie die maakbedrijven meer dan

ooit dwingen naar het proces te kijken. Meten is een

onlosmakelijk onderdeel van dit proces. Meten is eigenlijk

de rode draad door het verspanend proces, laat Renishaw

op de EMO 2019 zien.

De grootste werktuigmachinebeurs in de wereld mag dan als thema

smart technologies driving tomorrows production hebben, voor

Renishaw is het thema smart industry lang niet meer nieuw, legt

Philippe Reinders Folmers uit, directeur Benelux bij het Britse

concern. In de eigen fabrieken is men hier al 25 jaar mee bezig. Hij

wijst op de productiviteitspiramide die Renishaw hanteert: precisie

begint bij de machinekalibratie, dan worden de gereedschappen

gemeten voordat je gaat verspanen. En dan is er het in-proces meten

eventueel gevolgd door de eindinspectie op een CMM.

Volledig autonome productiecel

In Hannover demonstreert Renishaw deze visie in de zone Precision

Tools op een autonoom draaiende productiecel: automatische

productinvoer, tastermeting op de machine, vergelijkend meten

naast de machine op de Equator en telkens feedback geven aan de

besturing. Via de IPC-software worden instellingen en parameters in

de machine automatisch bijgewerkt op basis van de meetresultaten

van de Equator. En de operator blijft via de nieuwe Reporter App, die

dankzij MTConnect data streamt, altijd zicht houden op de prestaties

van de productiecel.

Een van de toepassingen voor het Revo 5-assig meetsysteem is het controleren van

de schoepen van een blisk.

Meetsystemen worden slimmer

De verschillende meetoplossingen van Renishaw worden steeds

geavanceerder. Een voorbeeld is de optische scannertaster Sprint

voor op een bewerkingsmachine. Philippe Reinders Folmers: “We

zijn gewend met de taster punten te meten. Met een vierpuntsmeting

ken je wel de diameter van een gat, maar weet je niet of het gat

rond is. Van een vlak weet je de oriëntatie, maar niet of het vlak is.”

Additive Manufacturing: het potentieel is er in Ned

Renishaw staat op drie plekken op de EMO. Naast de stand in de

meethal (hal 6) is dat nog eens in de zone Precision Tools (hal 3)

waar een complete productiecel wordt opgebouwd en in hal 9

demonstreert het de mogelijkheden van Additive Manufacturing.

“Additive Manufacturing is voor ons belangrijk. Voor de

toekomst is dit een groeimarkt”, zegt Philippe Reinders Folmer,

directeur Renishaw Benelux. Wereldwijd zijn er al de nodige

machines afgezet bij klanten. Sandvik Coromant beschikt

bijvoorbeeld over de nieuwe RenAM 500Q, die over vier lasers

beschikt voor een hogere productiviteit. In de eigen fabriek

in Wales gebruikt Renishaw de RenAM metaalprinters voor de

productie van medische implantaten. Renishaw ontwikkelt niet

alleen hardware voor AM, maar ook software. Dassault Systèmes

is de eerste CAD-ontwikkelaar die de Quantum software voor 3D

metaalprinten integreert in Catia. “Met Siemens zijn we ook al

ver om de software in NX te integreren”, zegt Philippe Reinders

Folmer.

Nederland blijft achter

Philippe Reinders Folmer vindt Additive Manufacturing ook voor

de Nederlandse maakindustrie belangrijk. “Het potentieel is er

in deze markt, maar bedrijven durven nog niet te schakelen.”

september 2019


33

Daarom is er naast de taster ook een scanner voor op de machine

beschikbaar. “Tot nog toe was de besturing het knelpunt, die kon

de hoeveelheid meetdata niet aan. Tegenwoordig wel. We kunnen

verifiëren op de machine en reverse engineering toepassen.” De Sprint

scannertechnologie kan gebruikt worden samen met de SupaScan

om eenvoudig met macrocodes de meting te programmeren. Voor de

tasters is er de SupaTouch technologie, onderdeel van de Renishaw

Inspection Plus software. Deze optimaliseert het meetproces op de

machine en zoekt telkens naar de hoogste snelheid voor elke meting.

Dit kan de meettijd tot 60% verkorten.

Dankzij de Rengage en SupaTouch technologie voor tastermetingen op de machine,

worden cyclustijden geminimaliseerd.

Bottleneck meetkamer wegnemen

Hoeveel er ook op de machine wordt gemeten, vaak blijven inspecties

in de meetkamer noodzakelijk. Om de bottleneck die bij veel bedrijven

bij de meetkamer ontstaat weg te nemen, komt Renishaw met een

aantal nieuwe oplossingen. Allereerst is er het Revo 5-assig gestuurd

meetsysteem, dat nu ook oppervlakteruwheden meet. De Modus

planningssoftware wordt uitgebreid met Curve, een intelligente

oplossing die de meest optimale meetbanen voor de CMM berekent

als krommingen op een vlak gemeten moeten worden. Hoe minder

bewegingen, des te nauwkeuriger de meting. Modus Patch levert het

meest efficiënte meetpad. Om tijd te winnen bij het opspannen op

de CMM en de repeteerbaarheid te verhogen, komt er het nieuwe

QuickLoad railsysteem, een uitbreiding van de bestaande QuickLoad

lijn. Werkstukken kunnen met de magnetische voetplaten, snel tot op

een halve micron nauwkeurig op de CMM worden opgespannen.

De Reporter app is vernieuwd. Dankzij de MTConnect standaard, worden

meetgegevens gestreamd naar het apparaat dat de operator wil.

erland

Dat komt doordat voor toeleveranciers de investeringen in 3D

metaalprinttechnologie hoog zijn, terwijl de voordelen vaak

elders in de keten liggen. OEM’ers, zo merkt Philippe Reinders

Folmer, staan als eindgebruikers nog afwachtend tegenover

de technologie, omdat ze vragen hebben over drukvastheid et

cetera. Bedrijven als ASML zouden tientallen 3D metaalprinters

kunnen inzetten als ze voor de technologie kiezen en deze in

huis halen of samen met een toeleverancier gaan ontwikkelen.

“De markt is er in potentie dus wel.”

Renishaw gebruikt de RenAM 500Q zelf voor het 3D metaalprinten van de behuizing

voor de laserspiegels. Hierdoor kan men deze compacter bouwen en koelkanalen

integreren om de thermische stabiliteit te verhogen.

september 2019


34

Henry van Haeff (2-S): beoordelen totale proces belangrijker dan ooit

Wat telt als je freesstukken

Grade 2 gereinigd moeten worden?

Op initiatief van Petrofer-vertegenwoordiger 2-S hebben Ecoclean en Innovar voor een Eindhovense toeleverancier van hightech

componenten onderzocht wat de invloed van de verschillende processtappen in de verspaning is op het Grade 2 reinigen.

De halfgeleiderindustrie houdt nog steeds vast aan de wet

van Moore: elke twee jaar een verdubbeling van het aantal

transistoren op een IC. Dat stelt wel steeds hogere eisen

aan de onderdelen voor de chipmachines. De gevraagde

specs zijn alleen nog haalbaar als je naar alle aspecten

van het verspanend proces kijkt. Precies dat heeft een

aantal partijen in Brainportregio gedaan rond het thema

reiniging.

Vanzelfsprekendheden omdat er in het verleden altijd zo is gewerkt,

bestaan niet meer, zegt Henry van Haeff, directeur van

2-S. De leverancier van Petrofer koelsmeermiddelen en

reinigingsvloeistoffen is al langer pleitbezorger van een procesmatige

benadering van het verspanend proces. “Je moet weten wat

de invloed van elk deelaspect is.” 2-S heeft samen met enkele

andere partijen onlangs voor een grote hightech toeleverancier in

Eindhoven een project afgerond. Doel hiervan was te achterhalen

wat de invloed van niet alleen de koelsmeervloeistoffen, maar ook

andere stappen in het proces, is op de reinigbaarheid van gefreesde

producten. Samen met Ecoclean en Innovar zijn onderdelen uit

RVS, aluminium, Stava en titanium gefreesd, verpakt, gereinigd bij

Ecoclean in Filderstadt (D) met drie verschillende technieken en

vervolgens uitgestookt om daarna via een RGA-meting te kijken of ze

aan de specificaties van Grade 2 voldoen.

september 2019


Ecoclean combineert

natchemische en

plasmareiniging

35

Grade 2 specificaties halen

De 99 blokjes zijn gefreesd met twee verschillende Emulcut

vloeistoffen van Petrofer, zowel aangemaakt met demiwater als

gewoon leidingwater. De stappen daarna verschillen. Sommige

stukken zijn met perslucht schoon geblazen en in plastic verpakt

en daarna naar de reinigingsmachine verstuurd. Andere zijn

in de verpakking met daarin emulsie van de machine naar

Filderstadt getransporteerd. Een derde reeks stukken is nat

in plastic verpakt en zo getransporteerd. Ecoclean heeft vier

verschillende reinigingstechnieken toegepast: waterige reiniging

met zeep, gemodificeerde alcohol, een oplosmiddel en als laatste

reinigingstechnologie gemodificeerde alcohol gevolgd door een

plasmareiniging. Voor alle onderdelen is per reinigingstechniek

telkens hetzelfde programma gebruikt. De conclusie is dat ongeacht

de combinatie, de specificaties voor de RGA-meting altijd haalbaar

zijn bij de toepassing van de Emulcut koelsmeermiddelen. “Soms

zien we kleine verschillen qua RGA-meting. In een bepaalde

combinatie gaf het gebruik van demiwater een schoner product”,

zegt Henry van Haeff. “Maar de Grade 2 specificaties hebben we altijd

kunnen halen.”

Beter gefundeerde beslissingen

Hij vindt het onderzoek desalniettemin belangrijk, omdat voor het

eerst in de Nederlandse hightech toeleveringsindustrie de invloed

van alle processtappen is onderzocht. “De conclusie dat je op

meerdere manieren aan de Grade 2 specificaties kunt voldoen,

betekent dat bedrijven bewuster keuzes kunnen gaan maken. De

standaard reiniging met zeep is voldoende als je de producten

verpakt zoals het hoort met hightech onderdelen.” Voor de supplier

geeft het onderzoek houvast bij de investeringsbeslissing over een

nieuwe reinigingsinstallatie. Ook is de hightech toeleverancier

er in dit project achter gekomen dat plasmareiniging aanvullend

op reinigen met gemodificeerde alcohol weliswaar zeer goede

resultaten oplevert, maar dat de stukken dan wel direct verder

verwerkt moeten worden. “Je kunt ze niet een paar weken verpakt in

het magazijn leggen”, zegt Van Haeff.

Natchemische reiniging is vaak voldoende, maar soms

vragen toepassingen om een aanvullende

reinigingstechniek, zoals lagedruk-plasmareiniging. Ecoclean

combineert beide technieken in één installatie.

In tal van branches stond de afgelopen jaren voornamelijk de

verwijdering van deeltjesvervuiling centraal. Dankzij nieuwe of

gewijzigde fabricage-, voeg- en coatingtechnologieën en dito

materialen en materiaalcombinaties winnen filmresten, bijvoorbeeld

resten van bewerkings- en conserveringsmiddelen, siliconen en

andere fabricagehulpstoffen of zelfs vingerafdrukken toenemend

aan betekenis. Want deze kunnen de kwaliteit van de volgende

processtappen, zoals coaten, lassen, verlijmen, afdichten, lakken of

warmtebehandelen, negatief beïnvloeden. Voor werkstukken van

staal, aluminium, glas, keramiek en deels ook andere materialen, die

in batchprocessen in opgestelde toestand of als stortgoed worden

gereinigd, heeft Ecoclean een gecombineerd reinigingsproces

ontwikkeld: natchemische reiniging met daaropvolgende

plasmareiniging. Lagedruk-plasmareiniging wordt daarbij in de

natchemische reinigingsinstallatie geïntegreerd.

Verhoging oppervlakte-energie

Het reinigingsproces wordt in eerste instantie met een

oplosmiddelgebaseerde natreiniging uitgevoerd en de componenten

worden onder vacuüm gedroogd. Daarna volgt een spoeling van

de proceskamer. Voor de plasmareiniging wordt de druk in de

proceskamer vervolgens tot onder één millibar verlaagd, het procesgas

(bijv. gefilterde ruimtelucht of zuurstof) naar binnen gesluisd en het

plasma ontstoken. In het vacuüm ontstaan door de activering van

het procesgas energierijke ionen en vrije elektronen alsmede verdere

reactieve deeltjes, die het plasma vormen. Verontreinigingen, zoals

residuen van vetten en oliën op het oppervlak van de component,

worden chemisch geabsorbeerd en in vluchtige verbindingen omgezet.

Gelijktijdig ontplooit de UV-straling van het plasma een reinigende

werking, zo worden bijvoorbeeld koolwaterstofverbindingen met

lange ketens gebroken. De gasvormige afbraakproducten van het

plasmareinigingsproces worden uit de proceskamer weggezogen. Door

de gecombineerde nat- en plasmareiniging laat de voor een optimale

hechting essentiële vrije oppervlakte-energie zich in één processtap

naar 50 tot 80 mN/m verhogen.

Totale proces bekijken

De belangrijkste les die Henry van Haeff uit het project trekt, is dat

het goed is om naar het totale proces te kijken. “Sta open voor

andere oplossingen, op zo’n minst om daarover te praten. Je kunt

niet meer één onderdeel uit het proces halen als je aan de hoogste

specificaties moet voldoen.”

2-s.nl

september 2019


36

PEMTec maakt braamvrije

bewerkingstechniek

geschikt voor hardmetaal

PEMTec krijgt met precisie elektrochemisch verspanen

stap voor stap voet aan de grond in de Benelux. Ook

voor de hightech toeleverindustrie is de technologie

interessant, ondanks dat series hier ontbreken.

Braamvorming is in deze sector vaak een absoluut no-go.

Precies daar toont PECM z’n sterke kant. Op korte termijn

introduceert PEMTec het bewerken van hardmetaal. Zorgt

dat voor de volgende impuls?

Sinds Ter Hoek Vonkerosie in Rijssen een PEMTec applicatiecentrum

voor de Benelux is, zijn er in Nederland en België al meerdere

machines voor het precisie elektrochemisch verspanen geplaatst.

De toeleverketen in de semiconductor en medische industrie

is leidend. PEMTec werkt momenteel samen met leveranciers

in de semiconductor industrie aan nieuwe projecten. “In de

semiconductor industrie zijn moeilijk verspaanbare materialen

een van de dominante thema’s”, zegt Hans Kuhn, directeur van de

Duits-Franse machinebouwer van het precision elektrochemical

machining (PECM). “Voor het bewerken van moeilijk verspaanbare

materialen bieden wij een alternatieve technologie, die met het

precisie elektrochemisch verspanen goed en efficiënt te bewerken

zijn, zonder warmte-inbreng, zonder slijtage van de elektrode en

vooral zonder braamvorming.” John Snijders, die met Encoma

PEMTec in de Benelux vertegenwoordigt, ziet in dit laatste een

belangrijk voordeel van de technologie voor de Beneluxmarkt. PECM

is normaal gesproken vooral interessant voor serieproductie. “Micro

bramen zijn echter een hot issue in de Nederlandse maakindustrie.

Veel bedrijven hebben medewerkers om microscopisch af te bramen.

Je kunt ‘Pemmen’ inzetten bij voor-, tussen-, en finishbewerkingen.

Als je die stappen vervangt, bespaar je kosten en verkort je de

Een voorbeeld van ‘Pemmen’ van medische producten.

doorlooptijd. Dan is de techniek opeens niet langer enkel interessant

voor series.” Je moet de technologie beoordelen op de voordelen in

de hele keten, vindt hij. Hans Kuhn noemt het braamvrij bewerken

van de onderdelen een van de sterke kanten van ‘Pemmen’, niet

alleen voor de halfgeleiderindustrie maar eveneens voor de

medische en automotive industrie. Vergeleken met slijpen van

bijvoorbeeld medische schroeven of implantaten biedt PECM het

PEMTec groeit sterk in Azië

Nadat PEMTec de technologie eerst in de Duitse, Benelux,

Franse en Zwitserse markt heeft uitgerold, slaat het sinds

enkele jaren de vleugels uit naar de VS en sinds kort naar

Azië. Vooral in Azië is de vraag groot, zegt Hans Kuhn,

directeur. “In Azië worden nog series geproduceerd en

daar hebben wij de machines voor.” Hij ziet ook andere

toepassingen waar het ‘Pemmen’ het traditionele

etsen kan vervangen. Een andere typisch wereldwijde

toepassing is de productie van stempels voor het prägen

van munten. De technologie van PEMTec is zo verfijnd,

dat zelfs hologrammen in de matrijzen voor het slaan

van munten kunnen worden aangebracht. “Dat doen

we sneller dan graveren.” In de VS wordt de technologie

met name gevraagd vanuit de medische industrie, onder

andere voor de productie van chirurgische instrumenten.

In Europa worden de machines steeds meer ingezet voor

luchtvaart, machinebouw en medische toepassingen.

PEMTec werkt ook al aan toepassingen voor de elektrische

aandrijflijn van auto’s en heeft al machines geleverd voor

productietoepassingen van de brandstofcel voor de auto.

september 2019


37

Met robotisering lopen de aangepaste machines van PEMTec 24/7.

voordeel dat er geen microscheuren kunnen ontstaan en er worden

geen andere materialen toegevoegd, zoals bijvoorbeeld bij slijpen.

Met PECM blijft de originele structuur en binding behouden zonder

enige vervuiling.

Hardmetaal bewerken

Op korte termijn wordt het bewerken van hardmetaal, een

verbreding van het toepassingsgebied van PECM. De afgelopen

maanden zijn de laatste onderzoeken afgerond; vanaf de EMO kan

de PEMTec 400 machine besteld worden in een speciale versie voor

hardmetaal. Daarmee haalt de machinebouwer bij hardmetaal een

spiegelglans kwaliteit in één bewerking. Het verschil met de gewone

machine zit zowel in de machineconstructie, besturing als de overige

componenten. Hans Kuhn zegt dat de grens momenteel bij maximaal

15% kobaltaandeel in het hardmetaal ligt. Alles daaronder en zeker

onder de 10% kan men met een zeer goede oppervlaktekwaliteit

probleemloos bewerken. “Ook voor de productie van snijstempels

of gereedschapinserts met lastige geometrieën is dit een goede

technologie. We zien daar ook een markt voor kleinere series omdat

we hiermee doorlooptijden verkorten en kosten van het nabewerken

uitsparen.”

Automatisering

Met deze aanvulling maakt PEMTec de PECM-technologie

interessanter voor grote en kleinere series. Daarom zijn alle

machines voorbereid op automatisering. De PEM800S is een

speciale versie voor de productie van hele grote series. “We hebben

deze machine verstijfd, zodat we sneller met de elektrode kunnen

oscilleren”, legt Hans Kuhn uit. Met de PEM800S worden hogere

processnelheden en een excellente precisie aan het werkstuk

bereikt. De machinebouwer heeft al enige jaren klanten die

series van meer dan 2 miljoen stuks per jaar op deze machine

produceren. “Met de robot erbij loopt de machine volautomatisch.”

Automatisering betekent voor PEMTec meer dan een robot aan

de machine koppelen. Daarom bereidt het alle modellen voor op

Industrie 4.0 applicaties, zoals procesmonitoring. Ook de c-as op de

tafel verbreedt het toepassingsgebied. Deze is met name bedoeld

om complexe geometrieën efficiënt te bewerken, bijvoorbeeld bij

de productie van turbinebladen voor de vliegtuigindustrie. Verder

wordt aan een interessante nieuwe ontwikkeling gewerkt om de

werkstukpositionering nog sneller te laten verlopen. PEMTec zoekt

de vernieuwing niet alleen in de breedte van de toepassingen, ook in

de diepte om de nauwkeurigheid van het precisie elektrochemisch

verspanen verder te verbeteren.

encoma.nl

De PEM800S is de doorontwikkeling om de technologie geschikt te maken voor

serieproductie.

september 2019


38

Philips bouwt digital twin en AR toepassing voor chirurgen; Sioux haalt voordeel uit

Zo vloeien de virtuele en de echte

Virtual en Augmented Reality schuren al langere tijd tegen industriële

toepassingen aan. De doorbraak wordt al jaren voorspeld, maar het aantal

bedrijven dat er echt mee aan de slag gaat, blijft vooralsnog klein. Industriële

ondernemingen die het wel doen, zijn enthousiast omdat ze zien dat ze

hiermee processen versnellen en verbeteren. Extended Reality, zoals de nieuwe

verzamelnaam luidt, opent ook heel nieuwe mogelijkheden in tal van sectoren.

Bijvoorbeeld door de koppeling met de digital twin.

Deze digital twin stond tijdens Virtual Revolution (georganiseerd

door het Mikrocentrum) centraal in de presentatie van Ger

Janssen van Philips. Het Nederlandse medtech concern wil dat

de kostbare CT-scanners in de ziekenhuizen een 100% uptime

krijgen. Onderhoud moet pro-actief gebeuren. “We willen kunnen

voorspellen wanneer een onderdeel stuk gaat zodat we pro-actief de

afspraak voor onderhoud kunnen plannen op het moment dat geen

patiënt gepland is”, zo legt Ger Janssen de visie van Philips uit. Data

spelen hierin een belangrijke rol. Voor meer dan 200 verschillende

systemen (een CT-scanner heeft een levensduur van 15 jaar) heeft

een multidisciplinair team voorspellende modellen ontwikkeld door

de belangrijkste faalmechanismen te achterhalen. Ondertussen zijn

30.000 CT scanners over de hele wereld verbonden met de Philips

servers en worden continu zo’n 200 failuremodes gemonitored en

kunnen de ontwikkelaars van de modellen terugvallen op meer dan

500 terabytes aan data. Tegelijk gebruikt Philips Augmented Reality in

combinatie met de digital twins om de field service engineers op locatie

te ondersteunen. “Operationeel zijn we al ver”, zegt Ger Janssen.

Vanuit CAD-model VR-model maken

Novotek demonstreerde op Virtual Revolution de mogelijkheden om direct vanuit een CAD-model een AR-toepassing te bouwen.

In de CAD-wereld wordt de integratie met VR een punt dat

komende jaren alsmaar belangrijker zal worden. Novotek, de

dealer van de softwarepakketten van PTC, liet tijdens Virtual

Revolution zien hoe je binnen enkele minuten een CAD-model

omzet in een AR applicatie voor Vuforia. “Ontwerpers kunnen in

Vuforia functies aan het model toevoegen”, zegt Kees Lambregts,

technisch directeur bij Novotek. Bijvoorbeeld een manual die dan

met een klik opgevraagd kan worden. Je kunt ook een stap verder

september 2019


holistic system engineering

39

wereld samen

Augmented Reality in de operatiekamer

Waar Philips nog pas aan het begin staat, is de toepassing van AR en

de digital twin in de zorg zelf. Samen met Microsoft is rond de

Hololens een Augmented Reality toepassing ontwikkeld voor

invasieve chirurgie aan het hart. De cardioloog beschikt over een

virtueel model van het hart van de patiënt, de digital twin, zoals Ger

Janssen het noemt. “De digital twin is gepersonaliseerd doordat

we de data van de patiënt gebruiken. Daar voegen we intelligentie

aan toe. De specialist kan op het model scenario’s gaan toepassen.”

Welk effect heeft bijvoorbeeld therapie a, welk therapie b. Hiermee

kunnen de artsen 70 tot 80 procent van hun rekenwerk uitsparen.

Tijdens de operatie ziet de arts het model samen met alle relevante

data van de patiënt via de Microsoft Hololens voor zich. Met gebaren

en zijn stem bestuurt hij de Augmented Reality omgeving. “De

informatie volgt waar de arts kijkt, zodat deze zich niet meer van

de patiënt hoeft af te wenden.” Een futuristische toepassing, geeft

Ger Janssen toe. “We staan pas aan het begin. De eerste testen in

ziekenhuizen lopen. Augmented Reality voegt veel waarde aan de

gezondheidszorg toe.”

Extended Reality in de machinewereld

Dat geldt niet alleen voor de zorg, ook voor de machinebouw. Met

name als het om scholing en training gaat. Tim van der Grinten van

Enversed Studios ziet een toekomst voor zich waarin VR en AR niks

speciaals meer zijn, maar waarin je samen dingen doet en dingen

fout kunt laten gaan. In een training is dat juist het leermoment.

“Virtual revolution is de transitie hoe we met de digitale wereld

omgaan.” En dat doen we eigenlijk nog ouderwets, vindt hij. Met

een toetsenbord en een muis, de attributen waarmee de medisch

specialisten waarmee Philips werkt, niks kunnen beginnen als ze

aan het opereren zijn. Dat leidt tot een kenniskloof tussen wie elk

commando in de software kent en degene die deze niet kent. Nieuwe

bedienconcepten, zoals met de stem, voorkomen deze kenniskloof.

“We gaan van losse applicaties naar een verbonden slimme

infrastructuur in de bedrijven”, voorspelt de CEO van Enversed

Studios. “Wij stappen in de virtuele wereld en de virtuele wereld

stapt in onze wereld.” Enversed Studios werkt onder andere samen

met Sioux Embedded Systems. De hightech modulebouwer gebruikt

VR-technologie om in de ontwikkelfase realistische simulaties van

Op de EMO demonstreert het IFW van de Leibniz Universität Augmented Reality in de kwaliteitscontrole.

gaan en bijvoorbeeld live data van de machine, zoals temperatuur,

koppelen aan de AR applicatie. Onderhoud is een van de toepassingen

waar Vuforia nu al zinvol kan worden ingezet, evenals sales. Het

bekijken van het virtuele model kan op een tablet of een smartphone

met een gratis viewer. PTC levert aanvullende software (Chalk)

om de AR applicatie bijvoorbeeld uit te breiden met live contact

tussen twee personen. “De interesse begint te komen. Vooral R&D

afdelingen zijn geïnteresseerd”, aldus Kees Lambregts.

september 2019


40

Philips bewaakt 30.000 CT scanners elke minuut

om te voorspellen wanneer ze stuk gaan

de mechatronicasystemen te bouwen. Robert Hendriksen, software

architect bij Sioux: “De investering in visualisatie levert direct geld op

in het ontwikkeltraject doordat fouten in het begintraject zichtbaar

worden.” Hendriksen spreekt over holistic system engineering. De

technologie vergemakkelijk de interdisciplinaire samenwerking

bij een hightech leverancier als Sioux. Doordat men vanuit de

modellen zowel vanuit het mechanisch als het softwaremodel

een controlcode genereert, kunnen engineers van beide teams

veel eerder in het ontwikkeltraject integratiefouten oplossen. “We

creëren meerdere feedbackloops naar het team.” Robert Hendriksen

ziet ook toepassingen voor sales- en service-engineers. Trainingen

voor bedrijven die wereldwijd opereren, zijn vaak duur omdat de

medewerkers meestal op een centrale locatie geschoold worden.

Met de virtuele modellen kunnen ze lokaal getraind worden. “En ook

daar kun je weer een feedbackloop voor het ontwikkelteam halen.”

Cleanroom reinigen trainen met AR

Enversed Studios zoekt samenwerking met bedrijven om applicaties

te ontwikkelen. Dat hoeven niet altijd oplossingen te zijn waarbij

mensen een VR of AR bril opzetten. Werk multimediaal, zegt Tim

van der Grinten. Zoals Sioux doet. “Gebruik het medium dat nuttig

is voor je.” Hij raadt bedrijven vooral aan om met het laaghangend

fruit te beginnen. VR en AR toepassingen die in je eigen proces

passen, zoals de applicatie bij Sioux of de training die Alpheios heeft

Vlaamse slimme bril

De slimme veiligheidsbril van het Belgische Iristick.

De Vlaamse start-up Iristick heeft een slimme smartbril

ontwikkeld. Slim in de zin dat de batterij en de besturingsunit

buiten de bril worden gehouden. Hierdoor gebruikt men

een smartphone, waardoor men de technologie in een

veiligheidsbril kan integreren die zo licht is dat je er uren mee

kunt werken. “Het is een smart safety glass,” zegt Laura De

Latte dan ook. Dat neemt niet weg dat de gebruiker een klein

scherm heeft voor instructies, er een camera geïntegreerd is

met optische zoomlens en een laserpointer. Ook de luidspreker

is in het montuur geïntegreerd. De bril kan eveneens via

bluetooth gekoppeld worden aan earbuds om te gebruiken in

een lawaaierige omgeving waarin gehoorbescherming verplicht

is. Voor brildragers zijn er voorzetglazen op sterkte beschikbaar.

Volgens Laura De Latte begint de interesse voor AR sterk te

groeien, met name bij bedrijven die wereldwijd actief zijn met

service. “De industrie begint te ontdekken dat remote support

zinvol is. Een keer een vliegticket uitsparen en de investering

betaalt zich terug.” Voor de software kan men eigenlijk elke

software gebruiken mits kleine aanpassingen. Iristick gebruikt

standaard Eye view, een standaard app voor Android toestellen.

september 2019


41

ontwikkeld. “Kleinere cases zijn sneller haalbaar, kosten minder en

je hebt sneller een prototype waarmee je draagvlak creëert.” Trainen

met VR applicaties is een voorbeeld van laaghangend fruit. Alpheios

reinigt cleanrooms. Een moeilijke klus vindt Raymond Smets van

dit gespecialiseerd reinigingsbedrijf uit de Vebego-groep, omdat

je eigenlijk het tegenovergestelde doet van wat gangbaar is in de

schoonmaakindustrie. Is normaal alles op de minuut gepland, bij

het reinigen van een cleanroom moet je het tempo terugschakelen

omdat je anders te veel turbulentie veroorzaakt. Alpheios traint de

medewerkers sinds kort met een VR app. Ze zien virtueel of ze geen

overlappende banen hebben bij het aanvegen van de vloer (dat

mag niet) en ze trainen gevoel te krijgen voor de snelheid, zodat ze

geen onnodige luchtbewegingen veroorzaken. Nog afgezien van het

voordeel dat je voor deze training geen dure cleanroom meer hoeft

vrij te plannen, vindt Raymond Smets vooral het enthousiasme

waarmee de medewerkers trainen opvallend. “Mensen reageren

louter enthousiast, willen altijd nog een half uurtje langer doorgaan.

Dat zegt iets over VR. Dat leeft bij de mensen.” Hij ziet nog meer

mogelijkheden dan alleen de cleanroomtraining. Machines reinigen

bijvoorbeeld. “Dat train ik liever virtueel dan aan een echte

machine.” VR zorgt voor veiligheid. En leermomenten, zoals Tim van

der Grinten het zegt. Van fouten maken leer je het meeste. En fouten

maken mag in een VR omgeving.

Makino toont spraakbesturing en AR op EMO

Makino presenteert op de komende EMO spraakbesturing op de

CNC-machines. De Japanse fabrikant demonstreert de

mogelijkheden van Athena. Dit is een nieuwe vorm van M2Mcommunicatie,

ontwikkeld voor de CNC-machines. Het

systeem is ontworpen om elk type CNC-machine te bedienen

met je stem. Maar ook informatie over de bewerkingen,

de status van een order, aanwezigheid van gereedschap of

onderhoudstaken kunnen opgevraagd worden. Net zoals de

smartphones tegenwoordig gesproken commando’s en vragen

beantwoorden.

Augmented Reality

Vorig jaar is Makino al gestart samen te werken met Oculavis, de

start-up uit Aken die Augmented Reality toepassingen voor de

industrie ontwikkelt. Support engineers van de machinebouwer

kunnen live meekijken met de klant, die met een speciale AR-bril

naar de machine kijkt. Op deze manier kan de machinebouwer

sneller ondersteuning bieden bij het oplossen van eventuele

storingen of andere problemen. Voor het eerst in Europa zullen

Augmented Reality (AR) modellen voor Makino's D200Z, DA300,

a51nx, IQ500 en a500Z machines beschikbaar zijn.

Augmented Reality bij Makino, dat tevens de machine bedienbaar wil maken via spraak.

september 2019


42

Bedrijfsleven investeert op BIC in Industrie 4.0

infrastructuur voor het onderwijs

FutureTec: unieke

samenwerking voor

onderwijsinnovatie

Op Brainport Industries Campus start een uniek

opleidingsinitiatief: FutureTec. Acht bedrijven, het

Summa College, Brainport Industries College en

Brainport Industries slaan de handen ineen. Samen

vernieuwen ze niet alleen het technisch onderwijs; ze

ontwikkelen eveneens een passend aanbod voor de

huidige medewerkers van maakbedrijven in het kader

van Leven Lang Leren. De verspaning is de eerste sector

waar FutureTec zich op richt; binnen twee jaar volgen

opleidingen voor plaatbewerking en Mechatronica.

Techniekonderwijs kampt in heel Nederland met dezelfde

problemen. Het is duur onderwijs vanwege de noodzakelijke

infrastructuur. En door de snelle technologische ontwikkelingen

loopt deze infrastructuur eigenlijk per definitie achter. Het

ontbreekt scholen aan middelen om te blijven investeren in nieuwe

technologie. Hierdoor is er een kloof ontstaan tussen het technisch

onderwijs en wat de maakbedrijven vragen van jonge technisch

medewerkers. De initiatiefnemers van FutureTec willen deze kloof

dichten. Arold Moonen, projectmanager: “Alle kennis en kunde van

nieuwe technologie zit bij leveranciers, inclusief de infrastructuur.

Het onderwijs heeft verstand van lesmodules, hoe je kennis

overbrengt. Wij brengen de partijen binnen FutureTec bij elkaar. De

Vervolg op Teclab

FutureTec is een vervolg van het oude Teclab, waarin

Brainport Industries en het Summa College participeerden,

met als doelstelling om onderwijs en bedrijfsleven dichter

bij elkaar te brengen. De betrokken partijen werken achter

de schermen al anderhalf jaar aan de oprichting van de

coöperatie, wat in augustus is gebeurd. In oktober, als het BIC

officieel wordt geopend, presenteert FutureTec zich voor het

eerst aan de buitenwacht.

leveranciers die meedoen, brengen equipment, content en expertise

in; de onderwijspartners ontwikkelen innovatief onderwijs.”

Daarnaast zullen experts van de deelnemende bedrijven in de vorm

van gastlessen een inbreng krijgen in het onderwijs.

Coöperatie onderstreept betrokkenheid

Deze leveranciers zijn DMG Mori, Ertec, CNC Consult, Renishaw,

Mitutoyo, Heidenhain, Iscar en Haimer. Samen met het Summa

College, Brainport Industries College en Brainport Industries

vormen ze een coöperatie; de initiatiefnemers verbinden zich

voor minstens vijf jaar aan FutureTec. “De huidige leden doen mee

omdat ze overtuigd zijn dat het onderwijs anders moet”, legt Arold

Moonen uit. De acht bedrijven richten in de verspaningsafdeling

van het Summa College op Brainport Industries Campus, een

volledig papierloze fabriek in. CNC Consult realiseert met een aantal

softwareoplossingen, waaronder CADCAM en planningssoftware,

een omgeving waarin de studenten direct de betekenis van

PMI (Product Manufacturing Information) ervaren, zodat ze

klaar zijn voor papierloos werken. Vooralsnog plaatst DMG

Mori bij FutureTec een 5-asser en een 3-asser, geautomatiseerd

met de systemen van System 3R van Ertec. Iscar zorgt voor de

tooling en de gereedschapuitgiftesystemen en Haimer voor de

voorinstelsystemen. Mitutoyo plaatst er een high end meetsysteem;

Renishaw zorgt niet alleen voor de meettasters maar ook voor een

Equator voor vergelijkend meten. Arold Moonen noemt het uniek

dat bedrijven die soms elkaars concurrent zijn, over hun eigen

schaduw heen stappen en samen een coöperatie starten. “Ze doen

dit omdat ze een hoger doel dienen, namelijk de toekomst van

techniek in Nederland. De intrinsieke motivatie is dat ze willen

bijdragen aan beter techniekonderwijs, dat laat zien dat techniek

tegenwoordig schoon en mooi is.” Zodra het partnerpaviljoen op het

BIC klaar is, komen er meer machines. “Ook CNC-draaimachines.

DMG Mori wil zelfs een hybride machine hier plaatsen, 5-assig frezen

en 3D metaalprinten.” In dit partnerpaviljoen krijgt FutureTec de

beschikking over 1.000 vierkante meter. “Daar gaan we de fabriek

van de toekomst inrichten”, zegt Arold Moonen. Dan worden

soortgelijke corporaties gestart rond de thema’s plaatbewerking en

september 2019


43

Arold Moonen: “Leven Lang Leren is een belangrijke pijler onder FutureTec. Hier kunnen bedrijven hun medewerkers laten scholen

op het vlak van Industrie 4.0.”

mechatronica. Dan dekt FutureTec alle belangrijke competenties in

de maakindustrie af. Tegen die tijd hoopt de projectleider ook het

hbo in de regio erbij te betrekken, zodat studententeams van mboen

hbo-studenten gezamenlijk kunnen optrekken.

Leven lang leren

FutureTec dient niet alleen om het mbo-onderwijs aantrekkelijker en

meer bij de tijd te brengen. Arold Moonen: “Leven Lang Leren is

een belangrijke pijler onder FutureTec. Hier kunnen bedrijven hun

medewerkers laten scholen op het vlak van Industrie 4.0. Ze kunnen

hier ook projecten neerleggen, waar studenten dan mee aan de

slag gaan.” Als het aan de initiatiefnemers ligt, gebeurt ook dat op

een vernieuwende wijze: studenten werken met de allernieuwste

technologie; leveranciers brengen hun expertise in; docenten zorgen

voor de juiste didactische aanpak. Vernieuwend ook in de zin dat

mbo- en hbo-studenten straks samen, wellicht zelfs multidisciplinair,

aan projecten uit de maakindustrie werken. FutureTec is ook

vernieuwend in de zin dat het onderwijs voor volwassen gaat

aanbieden, zodat de huidige medewerkers in de maakindustrie

bijgeschoold worden om de digitalisering bij te kunnen benen. Voor

de Leven Lang Leren activiteiten gaat men dezelfde infrastructuur

gebruiken. Dat betekent dat gebruik van machines digitaal gepland

gaat worden, net zoals een bedrijf machines voor bepaalde

klantorders inplant. “We gaan realistisch plannen. Als een student

een machine nodig heeft voor een project, zal hij in overleg de

machinetijd plannen en zich aan de afspraak moeten houden.”

Zelfs aan de traditionele schoolvakanties in het onderwijs wil men

komende jaren een einde maken, om de kostbare infrastructuur

optimaal te kunnen benutten.

Forse investeringen

De leden van de corporatie investeren elk behoorlijk in FutureTec. De

bedrijven doen dit vooral via de inbreng van machines, ICTinfrastructuur,

gereedschappen, high-end meettechnologie et

cetera. In ruil kunnen ze de faciliteiten ook voor zichzelf gebruiken,

bijvoorbeeld voor demonstraties; voor opleidingen en trainingen

waarvoor klanten nu vaak naar het buitenland moeten of zelfs

als een soort back-up om eventueel snel machines te kunnen

leveren. Dat hierdoor het machinepark van FutureTec regelmatig

verandert, vindt de projectmanager alleen maar goed. “Hierdoor

kunnen we het technologieaanbod continu vernieuwen en up to

date houden.” Dit is juist de kracht van het concept, iets dat in

het reguliere onderwijs onmogelijk zou zijn. FutureTec krijgt een

startsubsidie van de provincie Noord-Brabant. Over twee jaar moet

FutureTec operationeel zelfstandig zijn en zonder deze subsidies

kunnen draaien. “We gaan nu de businesscase bouwen om te

zien waar er nog blinde vlekken zijn.” Het verdienmodel dat de

initiatiefnemers voor ogen hebben, is dat de onderwijsactiviteiten

voor het bedrijfsleven voldoende geld in het laatje brengen om

de infrastructuur in stand en up to date te houden. Het regulier

onderwijs mag de infrastructuur gratis gebruiken, voor bedrijven

geldt een pay per use. Arold Moonen is overtuigd dat uiteindelijk dit

voor iedereen een positief resultaat oplevert. Niet in de laatste plaats

voor de Nederlandse maakindustrie.

september 2019


44

Inkopers en toeleveranciers doen steeds vaker

zaken met elkaar op online platformen

Platformen: de smeerolie

van de digitalisering

De platformeconomie rukt ook in de maakindustrie steeds verder op. Algoritmes

die inkopers en toeleveranciers aan elkaar koppelen en zelfs prijzen berekenen.

De B2B markt volgt de consumentenmarkt.

B2B marktplaatsen staan in bloei; ze worden de toekomst van

e-commerce tussen professionals. Dat schreven de consultants

van Roland Berger vorig jaar in hun studie B2B Marketplaces are

blossoming. De trend is duidelijk: het klassieke inkoopproces

gebaseerd op een langdurige relatie tussen inkoper en verkoper,

waarin alles onderhandelbaar is, dat concept is op zijn retour. De

B2B inkopers willen dezelfde inkoopervaring die ze gewend zijn als

consument.

Processen nieuw vormgeven

Op de EMO 2017 presenteerde Orderfox.com zich groots. Het heeft

de ambitie hét platform voor de wereldwijde CNC-industrie

te worden, niet alleen voor orders, ook voor machines,

gereedschappen, kennis. David Felsmann, CEO, ziet de opmars van

de platformen als een parallelle ontwikkeling naast Industrie 4.0.

“Door Industrie 4.0 en de voortschrijdende digitalisering worden alle

bedrijven uitgedaagd hun processen te evalueren en opnieuw vorm

te geven. Digitaal inkopen, geautomatiseerde inkoopprocessen,

big data en realtime beschikbaarheid van informatie, veranderen

Mark Pluijmen, CEO van Batchforce: niet de prijsvorming staat centraal, maar het

inzichtelijk maken van alle data in het proces.

Batchforce: intermediair

Batchforce (ruim 1.000 aangesloten CNC-bedrijven) is het digitale

verlengstuk van de inkoper, zegt Mark Pluijmen, CEO. Het

Nederlandse platform richt zich specifiek op het inkopen van CNC

frees- en draaidelen. Niet meer, niet minder. “Deze stukken zijn de

kern van kleine serieproductie”, legt Mark Pluijmen uit. Deze focus

helpt Batchforce om sneller de data die voor het inkoopproces

relevant zijn inzichtelijk te maken. Batchforce neemt de orders

aan en is daarvoor verantwoordelijk, ook wat betreft kwaliteit

en levertijd. De software selecteert op basis van datapunten die

inkopers aan toeleveranciers toekennen en de manuele input van

Batchforce de best passende partijen bij een order. Daar wordt de

aanvraag neergelegd. Doordat Batchforce een marge berekent naar

de inkoper, is het gebruik van het platform gratis voor beide partijen.

Zo ziet het supplier portal bij Batchforce eruit.

www.batchforce.com

september 2019


45

Een order binnenhalen kost

op de klassieke manier

gemiddeld € 12.000

de rol van de inkoper maar ook die van het producerend bedrijf

fundamenteel.” De digitalisering zal ertoe leiden dat de informatieuitwisseling

in de supply chain nog intensiever wordt; de platformen

zorgen voor de transparantie. Inkopen via een online platform levert

daarom kostenbesparingen op, aldus David Felsmann.

Efficiency in de keten verbeteren

Dat zegt ook Mark Pluijmen, co-founder en CEO van het Nederlandse

platform Batchforce. Vaak is de kritiek dat de platformen voor

prijsdruk zorgen. Volgens Mark Pluijmen staat niet de prijsvorming

centraal, maar het inzichtelijk maken van data in het inkoopproces.

Daardoor verbetert de efficiency in de keten. Maakbedrijven in de

Benelux die zich aansluiten, zoeken een manier om hun bedrijf

beter te integreren in de supply chain. “Ze willen efficiënter orders

ontvangen, de foutmarges verminderen. Het gaat de bedrijven in

Nederland en België, die al ver zijn met automatisering, vooral om

efficiencyverbetering.” Onlangs heeft Batchforce een roadshow in

Polen georganiseerd om Poolse leveranciers voor het platform te

interesseren. Daar hebben bedrijven een andere incentive om via

zo’n platform op zoek te gaan naar nieuwe orders. “Efficiency is voor

hen nog geen incentive; ze zoeken via het platform orders.” Juist het

MKB-maakbedrijf kan via een platform veel efficiënter met nieuwe

klanten in contact komen, benadrukt Batchforce CEO Mark Pluijmen.

“Kleinere bedrijven kunnen makkelijker onderdeel worden van een

grotere supply chain dankzij het platform. Dat kunnen ze nu niet

David Felsmann, CEO van Orderfox.com: Industrie 4.0 dwingt

bedrijven hun bedrijfsprocessen opnieuw te bekijken.

omdat ze de expertise en de automatisering daarvoor missen.”

Kostenbesparing

De efficiencywinst geldt zowel voor de inkoper als voor de supplier.

Het Duitse platform Kreatize richt zich specifiek op CNConderdelen

voor machinebouwers. Het jonge bedrijf komt voort

uit een familiebedrijf in de fijngietindustrie. “Daar zagen we dat

inkoopprocessen erg duur zijn en lang duurden”, zegt Simon

Tüchelmann, founder en CEO. “De inspanningen voor het MKB om

op een aanvraag te reageren zijn zo groot, dat het voor hen bijna

niet meer lucratief is. Daarom bieden wij hen een verkoopkanaal.”

Kreatize heeft onderzoek gedaan naar het inkoopproces in deze

sector. Gemiddeld kost het 21 werkdagen om een order tot stand

te brengen, terwijl er 8 uur werk in gaat zitten. Dat laatste komt

vooral doordat er veel manueel gedaan wordt. Het probleem voor

Kreatize:

machine learning

Kreatize bouwt software die de CAD-modellen in een aanvraag

analyseert en zelf aan de hand van de criteria de prijs

berekent. De prijsmodellen zijn samen met toeleveranciers

ontwikkeld. Door machine learning in te zetten, leert de

software steeds beter prijzen te berekenen. Medewerkers

kijken op de achtergrond nog mee. De order wordt vervolgens

naar drie door het systeem geselecteerde toeleveranciers

gestuurd die met één muisklik de opdracht kunnen

aannemen. Toeleveranciers hoeven zelf geen offertes meer

te maken. Kreatize biedt ook expressdiensten aan. Daarvoor

koopt het vooraf productiecapaciteit bij geselecteerde

toeleveranciers in.

Simon Tüchelmann, CEO van Kreatize: inkoopprocessen duren te lang en zijn te

kostbaar.

kreatize.com

september 2019


46

Naast CNC frezen en draaien verwerken de algoritmes van Kreatize ook aanvragen voor 3D printopdrachten.

toeleveranciers is de lage scoringskans. Volgens hetzelfde onderzoek

wordt één op de twintig aanvragen een order. Tel je alle kosten

mee in de orders die men wel binnenhaalt, dan kost het gemiddeld

€12.000 om een order in de wacht te slepen. Met hun software

zoeken de platformen naar kansrijke matches tussen inkoper en

toeleverancier, om zo de scoringkans te verhogen. Daarnaast bieden

ze tools aan inkoper en supplier om te communiceren en orders

digitaal te begeleiden. Dat verlaagt de kosten voor beide partijen. Bij

Kreatize en Batchforce komen de offertes vergaand geautomatiseerd

tot stand, alhoewel de factor mens nog niet volledig wordt

overgeslagen.

Acceptatie

De acceptatie van de platformen zit in een stijgende lijn, zeggen alle

drie de gesprekspartners. “We zijn vooral succesvol doordat

onze community de tijd- en kostenbesparing onderkent en

tegelijkertijd wereldwijd nieuwe businesskansen kan benutten”,

zegt David Felsmann van Orderfox.com. Mark Pluijmen merkt dat

hij anno 2019 een ander gesprek met inkopers voert dan twee jaar

geleden. “In ons eerste jaar moesten we ze vooral overtuigen van

de voordelen om online zaken te doen. Dat hoef ik nu niet meer

uit te leggen. Het gaat direct over kwaliteit en op tijd leveren. Ze

vinden online inkopen normaal. En wij weten wie waar goed in is.”

Orderfox.com: CNC Community

De insteek van Orderfox.com (13.000 aangesloten CNC-bedrijven) is

anders. Het platform brengt inkopers in contact met CNCmaakbedrijven

die een bepaalde order kunnen uitvoeren. Dat

gebeurt op basis van big data waarbij de software de juiste

match maakt. Daarna communiceren beide partijen via het

platform rechtstreeks met elkaar. Met verschillende softwaretools

vereenvoudigt Orderfox.com deze communicatie. Orderfox.

com maakt daarnaast beschikbare capaciteit zichtbaar. Vanaf

1 september betalen toeleveranciers een abonnementsfee. In

de herfst komt er een kortingssysteem. Met het uitbesteden van

hun bestellingen kunnen maakbedrijven een aanzienlijk deel

van het abonnementsgeld terugverdienen. Recent zijn er al

partnerschappen afgesloten met machinebouwers als Mikron,

Chiron, Index Traub en Citizen.

www.orderfox.com

Orderfox.com biedt inkopers tools om op een efficiënte manier

contact te leggen met passende toeleveranciers.

september 2019


47

Platformen zorgen voor

transparantie en efficiency,

niet voor prijsdruk

Vooral het gemak waarmee contact wordt gelegd met passende

toeleveranciers spreekt de inkopers aan, naast de inzichtelijkheid

van de orderafhandeling. Aan de kant van de toeleveranciers

merkt hij wel verschillen. Een aantal toeleveranciers kiest bewust

voor een platform omdat ze de acquisitie efficiënter willen maken.

Andere toeleveranciers, met name Nederlandse, zijn selectiever.

Bij Batchforce ziet men een verschil tussen Nederlandse en Oost-

Europese toeleveranciers. Nederlandse bedrijven zijn dikwijls

selectiever en hebben levertijden die vaak langer dan vier weken

zijn. “We hebben partners met uitzonderingen maar algemeen is dit

het beeld van de markt dat wij hebben”, aldus Mark Pluijmen.

Ruimte voor meerdere platformen?

Onlangs kondigde het Bosch Venture Fund aan een belang te nemen

in het Amerikaanse platform Xometry, dat inmiddels ruim $ 50

miljoen dollar bij investeerders heeft opgehaald. Met Bosch als

aandeelhouder wil het uitbreiden naar de Europese markt. Is

er ruimte voor al deze platformen? Voorlopig wel, denkt David

Felsmann van Orderfox.com, die benadrukt dat je Orderfox.com niet

kunt vergelijken met Xometry omdat het verdienmodel totaal anders

is. “Veel bedrijven zien digitalisering als kans om met nieuwe tools

hun processen te automatiseren. Wij geloven dat er in de toekomst

nog andere, vooral regionale platformen zullen ontstaan.“ Op lange

termijn zullen echter slechts enkele overleven. Orderfox.com zal

een van deze Big Players zijn, zegt Felsmann. Tamara Tüchelmann,

Brand- and Communicationmanager bij Kreatize, denkt dat de markt

groot genoeg is voor meerdere platformen. Vandaar de focus op

de machinebouw. “Als we een paar procent van die markt kunnen

pakken, is dat al super.” Mark Pluijmen ziet eveneens ruimte voor

Hoewel de inkoper en toeleverancier direct de zaken afhandelen, communiceren ze

via het Orderfox.com platform.

meerdere platformen naast elkaar. “Onze concurrent is dan ook niet

een platform zoals Xometry, maar de fysieke inkoper die nog steeds

de fysieke toeleverancier in een regio zoekt.” De CEO van Batchforce

verwacht dat inkopers in de toekomst via meerdere platformen gaan

inkopen; het ene meer gespecialiseerd; het andere meer regionaal

gericht. Of op een andere technologie. “Je hebt niet een platform

dat alles het beste kan.” De volgende stap zal namelijk zijn dat de

platformen digitaal gekoppeld worden, net zoals dat in de reiswereld

al gebeurt met Sky Scanner voor vliegtuigtickets.

En wat gebeurt er met maakbedrijven die geen gebruik maken van

een platform? “De CNC-industrie verandert. Wie digitalisering als

een kans ziet, behoudt op lange termijn zijn concurrentiekracht”,

zegt David Felsmann. De platformen zullen gaandeweg voor meer

open concurrentie zorgen, denkt Mark Pluijmen, omdat de ketens

transparant worden. Maar over tien jaar zullen er best nog orders

via de e-mail of fax bij bedrijven binnenkomen. “Maar ik denk dat

onze manier scherper en beter is en overgenomen zal worden door

meer bedrijven.” En bij Kreatize ziet men vooral de toekomst van

machines die aan het platform gekoppeld zijn, zodat beschikbare

capaciteit direct zichtbaar is. Dan kan het orderproces nog verder

geautomatiseerd worden.

*

De webshop voor

CNC freesonderdelen met

de snelste service.

Code: EMO2019

*Geldig tot 30/11/2019, 1x per klant, niet cumuleerbaar www.YouniQMachining.com

september 2019


48

PM Group zet met Large Machining van precisie

structuurdelen de volgende stap

Volume verspaning voor

de hightech industrie

Met Large Machining start PM Group een nieuwe activiteit

om klanten in de optische- en halfgeleiderindustrie

completere oplossingen te bieden. Het nauwkeurig CNCfrezen

van structuurdelen sluit naadloos aan op de beide

kernactiviteiten van de groep: toelevering aan de luchten

ruimtevaart en het ontwikkelen en bouwen van zeer

precieze motionsystemen. “Met het frezen van de grote

delen zoals frames zetten we de volgende stap”, zegt

eigenaar Joep Lüth.

Het familiebedrijf PM Group leunt op twee activiteiten: aan de ene

kant bearings en precisie rechtgeleidingen en motionsystemen in

Dedemsvaart; aan de andere kant de toeleveringsbedrijven voor

hoogwaardige mechanische componenten, vooral aan de lucht- en

ruimtevaart, in Hengelo en Almere. Joep Lüth wil nu een brug slaan

vanuit de toeleverende bedrijven naar de vestiging in Dedemsvaart.

“We zien dat onze motionsystemen voor de optische- en semiconductorindustrie

steeds vaker in vacuümkamers terecht komen.

Met onze ervaring in µ-nauwkeurigheden en Large Machining kunnen

we klanten een geïntegreerd systeem leveren.”

Enige in Nederland

Voor deze nieuwe activiteit is er in Dedemsvaart een nieuwe hal

gebouwd en heeft de groep onder andere de bavius HBZ AeroCell

400-200 gekocht, de enige van dit type in Nederland. Joep Lüth

ziet dit als een vervolg op eerdere investeringen in Dedemsvaart

in nieuwe CNC-technologie, klimaatbeheersing en de cleanroom.

De bavius (het vroegere Handtmann) machine is een essentieel

onderdeel van de large machining strategie die de onderneming

vanaf 2020 verder gaat uitrollen. Dit horizontaal bewerkingscentrum

heeft twee opspantafels van vier bij twee meter. De capaciteit

voor groot verspaning wordt zowel ingezet voor de productie

van structuurdelen voor de lucht- en ruimtevaart als voor de

motionsystemen. “Large Machining is een uitbreiding voor onze

luchtvaartpartners én we halen hiermee nieuw werk binnen uit

de optische, halfgeleider- en medische industrie. Dit zorgt voor

kruisbestuiving tussen onze beide activiteiten.”

Nauwkeurige volume verspaning

De bavius HBZ AeroCell die Dymato in Dedemsvaart heeft geleverd,

is een typische machine voor volume verspaning. Met de 125 kW

spindel (30.000 toeren) freest de machine tot 12 liter aluminium per

minuut. Het horizontale concept zorgt voor de ideale spanenval.

Het bijzondere aan dit concept is dat de tafel vlak ligt voor het

opspannen van de werkstukken en dan 90 graden kantelt voor de

bewerking ervan. De standaard dubbele tafel zorgt voor parallel

opspannen en frezen. Bavius bouwt de AeroCell tot maximaal 7

meter lengte. De stabiliteit draagt bij aan de hoge nauwkeurigheid,

die bij grote onderdelen enkele honderdsten, bij kleinere in het

micronbereik ligt. De Duitse machine paste precies in het profiel van

de machine die PM zocht, zegt Gert Lennips, Operational Manager:

snel, nauwkeurig, grote volumes verspanen in korte tijd. “En voor de

De bavius HBZ AeroCell 400-200 is een machine voor volume verspaning in combinatie met hoge nauwkeurigheid. Bavius

ontwikkelt momenteel een 5-assige freeskop voor dit type.

september 2019


49

Dit frame voor de semi-conductorindustrie werd op de bavius AeroCell compleet gefreesd in enkele opspanningen, zonder dat er

nog aparte nabewerkingen nodig zijn.

spanenafvoer is zo’n horizontale versie fantastisch.” De twee pallets

annex opspantafels bieden voldoende ruimte om de machine zo

te beladen dat deze manloos de nacht doorkomt. “We werken met

twee ploegen maar met de goede producten op de machine komen

we de nacht door.” Gert Lennips wil het manloos werken niet alleen

aan de nachtelijke uren koppelen. “Ook overdag scheelt manloos

produceren in de kosten.”

Frame uit één blok

Een van de recente producten is een complex aluminium frame voor

de semi-conductorindustrie. In de cleanroom wordt het

samengebouwd met de precisie motion componenten tot een

geavanceerd systeem dat zelfs de geringste trilling absorbeert.

Vroeger kon PM zo’n frame ook wel produceren, maar dat vergde veel

creativiteit en werk omdat het in meerdere delen gefreesd moest

worden. Een andere oplossing zou zijn frames op te bouwen uit een

lassamenstelling. “Nu kunnen we deze frames uit één blok frezen”,

legt Gert Lennips uit. Dat is wat klanten willen. Het complexe frame is

inclusief enkele keren omspannen in één keer op de bavius AeroCell

compleet geproduceerd. “De nauwkeurigheid en ook het freesbeeld

zijn goed, zodat we het frame direct van de machine, na reiniging, in

de cleanroom verder kunnen monteren.”

Machine zorgt voor nieuw werk

De investeringen in Large Machining zijn een lange termijn

investering om verder uit te groeien tot een strategische partij voor

klanten die precisie motionsystemen zoeken. Daar hebben de PMbedrijven

nu alle competenties voor in huis, meent Gert Lennips: de

mensen, de faciliteiten zoals de precisiemachines en een cleanroom,

en de kennis. Joep Lüth tot slot: “Klanten schuiven hier niet een pak

papier binnen waarop staat hoe het moet. Dat bedenken wij voor de

klant. De grote machine is een aanvulling op onze competentie. We

kunnen nog meer verantwoordelijkheid overnemen. En dat ziet de

markt. Large Machining zorgt al voor nieuwe klanten die weten dat

we deze bavius machine in huis hebben.”

De bavius HBZ AeroCell 400-200 bij PM Group is geleverd door

Dymato.

www.dymato.nl

Gert Lennips, Operations Manager: “Precisie zit in het DNA van onze mensen.

Nauwkeurigheid is een samenspel van mensen, vakmanschap, slimme processen,

goede omstandigheden en de juiste machines.”

september 2019


2-S Service & Specialties

Totaalleverancier voor hightech productie

- Emulcut; Koelemulsies met grade 2 vrijgaven

- Feroclean: Reinigingsmiddelen voor grade 2 reiniging

- Demi-water installaties

- ISO 9001 laboratorium voor kwaliteitswaarborging

Emulcut

Vrijgegeven voor grade 2

productie, huidvriendelijk

en vlekvrij verspanen

Feroclean

Reinigingsmiddelen voor

een optimale cleanliness

van hightech onderdelen

In samenwerking met:

Meer informatie?

+31 492 590 443

info@2-s.eu

www.2-s.eu


Ecoroll: digitale

bewaking gladwalsen

Gladwalsen als technologie om oppervlakteruwheden te verbeteren, tot

beter dan Ra 0,1 µm. Het oppervlak kan tot spiegelend worden bewerkt,

precies zoals bij polijsten. Vastwalsen verbetert de mechanische

eigenschappen, onder andere door de vermoeiïngssterkte te verhogen.

De levensduur van werkstukken kan hiermee met maximaal een factor 5

worden verlengd. Ecoroll Werkzeugtechnik laat op de EMO de nieuwste

stap in het gladwalsen zien: digitale krachtbewaking. De kracht

waarmee het oppervlak wordt bewerkt, is een belangrijke parameter

in dit plastisch vervormingsproces, dat met de Ecoroll gereedschappen

in het bewerkingscentrum gedaan wordt. Door de geïntegreerde

bluetooth module kan de CNC-operator de walskracht tijdens de

bewerking in de app op de smartphone bewaken. Het systeem werkt

in principe op alle CNC-machines. Ecoroll werkt ondertussen al aan de

volgende stap, namelijk de terugkoppeling van deze krachtdata naar de

CNC-besturing in de machine, zodat automatisch het programma kan

worden aangepast.

Young Cutting Tools is sinds kort in de Benelux het eerste

aanspreekpunt voor de gladwalsgereedschappen van Ecoroll.

www.youngcuttingtools.nl

De nieuwe zwenktafel voor de Matec 30 HV zorgt voor een langere onbemande

productietijd.

Matec:

zwenktafel voor 30 HV

Matec heeft voor de Matec 30 HV een zwenktafel ontwikkeld om zo

zonder automatisering de productiviteit van de machine

op te voeren. De zwenktafel laat zich configureren voor de

producten die op de machine worden verspaand, zo kan de

klant kiezen uit nulpunt spansystemen, T-profielen, magneet- of

vacuümopspanning. Ook combinaties zijn mogelijk, zelfs meerdere

opspantechnieken aan één kant van de zwenktafel. Afhankelijk

van de uitvoering van de machine kunnen drie of vijf zijden van

het product bewerkt worden. Met dit systeem verlengt Matec de

onbemande bewerkingstijd aanzienlijk. Voor de pendeluitvoering

van de machine bouwt Matec twee gescheiden zwenktafels.

Hiermee kan men aan één kant langere tijd bewerken terwijl aan

de andere kant van de machine de nieuwe producten worden

opgespannen. Moeten er langere werkstukken worden verspaand,

zwenken beide zwenktafels simultaan.

Kort EMO nieuws

51

www.limascnc.nl

Ecoroll laat op de EMO zien hoe de kracht waarmee de gereedschappen gladwalsen

digitaal wordt bewaakt.

Hainbuch: snelwisselsysteem

voor kleine spindels

Hainbuch brengt een kleine versie op de markt van het

snelwisselsysteem CentroteX. Het is net als de grotere versie bedoeld

om in een klauwplaat snel van spantanghouder en doorns te

wisselen, met behoud van de nauwkeurigheid en stijfheid. CentroteX

S heeft een diameter van slechts 224 mm en leent zich daarom voor

draaimachines met een compacte bewerkingsruimte. De machineadapter

zit vast op de spindel, het spanmiddel wordt voorzien van

het contradeel. Met deze combinatie kan in minder dan een minuut

het spanmiddel worden gewisseld, met een herhaalnauwkeurigheid

van beter dan 2 µm, zonder dat het systeem uitgelijnd moet worden.

Het systeem is geschikt voor gereedschapopname KK5, KK6, AP140

en AP170.

www.bisspecials.com

Hainbuch brengt het snelwisselsysteem CentroteX nu ook in een compacte versie

voor kleinere machines op de markt.

september 2019


52

Ceratizit presenteert High Dynamic Turning (HDT)

met FreeTurn draaigereedschappen

Draaien zonder compromis

De slanke houders voor de FreeTurn gereedschappen zijn onderdeel van een totaal oplossing die Ceratizit ontwikkeld heeft voor

meer productiviteit in het CNC-draaien.

Ceratizit laat met High Dynamic Turning (HDT) zien dat

ook in het CNC-draaien nog innovaties mogelijk zijn. Met

de speciale FreeTurn draaigereedschappen en de juiste

CADCAM-software, kan de benaderingshoek voortdurend

worden veranderd. Eén gereedschap volstaat voor alle

bekende draaibewerkingen. Dat scheelt 30% procestijd

vergeleken met de bestaande draaitechnieken.

Geïnspireerd door de gedachte dat er bij het draaien meer vrij te

kiezen parameters dan alleen snelheid, voeding en snijdiepte

zouden moeten zijn, ontwikkelde Ceratizit jaren geleden al de

eerste ideeën om de flexibiliteit in het draaiproces te vergroten.

De scepsis in de branche was groot, maar Ceratizit zette door met

als resultaat de nieuwe draaitechniek High Dynamic Turning (HDT)

met FreeTurn draaigereedschappen. Hiermee kan voortdurend de

benaderingshoek worden veranderd. Doordat deze hoek steeds

wijzigt is de tijd dat het gereedschap niet in het materiaal snijdt

minimaal. High Dynamic Turning met FreeTurn gereedschappen

is volgens Thierry Wolter, directielid van de Ceratizit Group, een

gamechanger op draaigebied.

Live demonstraties op EMO

Ceratizit introduceerde deze techniek vorig jaar al op de AMB in

Stuttgart. Dat leverde veel positieve respons op, zowel van

september 2019


53

machinebouwers, CADCAM-ontwikkelaars en besturingsproducenten

als van klanten. Sindsdien is de ontwikkeling doorgegaan met als

resultaat dat op de EMO in Hannover enkele machinebouwers

High Dynamic Turning met FreeTurn gereedschappen live zullen

demonsteren. “Vanaf de EMO is deze techniek ook beschikbaar voor

klanten”, zegt salesmanager Patrick Umans van de Nederlandse

vestiging van Ceratizit. “Eerst voor aluminium en staal. Maar dit

is nog maar het begin. Er komt nog veel meer.” Umans verwacht

dat Nederlandse verspaners High Dynamic Turning met FreeTurn

gereedschappen snel gaan adopteren: “Zij willen altijd vooroplopen.

En we hebben hier een vrij jong machinepark met veel multitasking

machines. Die heb je nodig om deze draaitechniek te kunnen

toepassen.”

Reductie procestijd

De innovatieve draaitechniek is geschikt om alle bekende

draaioperaties, zoals voorbewerken, finishen, contour-, vlak- en

langsdraaien, uit te voeren met slechts één gereedschap. Ceratizit

stelt dat hiermee een reductie van de procestijd met wel 30

procent ten opzichte van de klassieke draaitechniek haalbaar is.

Door telkens de benaderingshoek te wijzigen kunnen de FreeTurn

gereedschappen complexe geometrieën aan. Zo volstaat één tool

vaak voor de complete bewerking van een werkstuk, waarbij volgens

de conventionele draaimethoden vaak meerdere tools nodig zijn.

Dat betekent dus dat er veel minder gereedschapswissels nodig

zijn. Daarnaast is er tevens een goede spaanbeheersing. Ook is

de oppervlakteruwheid beter dankzij minder vibratie doordat de

krachten die bij het snijden in het materiaal vrijkomen direct in de

assen van de tool en de spindel gaan. Dat komt vooral door het

bijzondere, extreem slanke ontwerp (een monoblock-constructie)

van de gereedschappen. Dit draagt er ook aan bij dat werkstukken

uitstekend te benaderen zijn.

Basis-uitrusting noodzakelijk

Eerder dit jaar toonde Ceratizit tijdens een roadtrip voor de

internationale vakpers live een toepassing van de nieuwe

draaimethode bij het draaien van een aluminium wielnaaf voor

fietsonderdelenproducent Rotor. In een video werd ook ‘het echte

werk’ in staal getoond bij het draaien van een versnellingsas, zowel

de voorbewerking als de finishing. Ceratizit wees er bij deze demo’s

op dat draaien met FreeTurn gereedschappen niet alleen een kwestie

is van de juiste gereedschappen. Toepassing van deze techniek

vereist een ‘basis-uitrusting’ die verschillende aspecten omvat.

Allereerst is er een machine met vijf assen nodig: drie lineaire (X, Y, Z)

en twee rotatie-assen voor materiaal en tool. Want in plaats van de

klassieke, statische positie van de wisselplaten in de houder, wordt

nu de freesspindel gebruikt om de juiste hoek tot het werkstuk te

realiseren. Het gebruik van de spindelaandrijving in combinatie met

het slanke, axiale ontwerp van de FreeTurn gereedschappen creëert

een vrijheidsgraad van 360 graden zonder botsingsgevaar en zorgt

daarmee voor een grote flexibiliteit. Want door de rotatie om de

Vier competentiemerken

Ceratizit produceert in het Oostenrijkse Reutte hoogwaardige

(hardmetalen) wisselplaatgereedschappen. Het bedrijf is

tegenwoordig een van de vier competentiemerken van het Team

Cutting Tools van de Ceratizit Group. De andere drie merken zijn

WNT, Komet en Klenk.

eigen gereedschapsas kan het wisselen van de snijkanten zonder

onderbreking van de bewerking plaatsvinden. Aan de freesspindel

als gereedschapshouder worden ook wel enkele eisen gesteld: onder

andere een HSK-T of PSC opname en een uitstekende compensatie in

het Y-bereik.

Softwaresystemen

En dan zijn er nog de besturing van de machine en de CADCAMsoftware.

De besturing moet genoeg rekencapaciteit (snelheid)

hebben om de voortdurende veranderingen in de benaderingshoek

te ondersteunen. Geavanceerde software is nodig om de bewerking

goed en snel te kunnen programmeren. Het draaien van de

aluminium wielnaaf was geprogrammeerd met Siemens Sinumerik

840D, maar Uwe Schleinkofer, hoofd R&D snijgereedschappen bij

Ceratizit Reutte, gaf toe dat zijn programmeurs veel handmatige

en dus tijdrovende aanpassingen hadden moeten doen om het

allemaal voor elkaar te krijgen. “De uitdaging is hier samen met

verschillende partijen verder aan te werken.” Bij Rotor gebeurt dat

inmiddels al. Deze fabrikant werkt samen met een machinebouwer

en een CADCAM-leverancier aan de implementatie van de nieuwe

draaitechniek in de eigen productie.

Samenwerking

HDT met FreeTurn gereedschappen biedt volgens Ceratizit veel

perspectief, maar vraagt dus ook om de gezamenlijke inzet van

gereedschapsproducenten, machinebouwers, producenten van

besturingen en CADCAM-leveranciers om er een succes van te

maken. Ceratizit betreedt de markt daarom met open vizier: “Laten

we samenwerken om de wereld van het draaien te verbeteren”, luidt

de boodschap.

www.wnt.com/nl

september 2019


54

Grinding Symposium schetst hoe Artificial Intelligence

en algoritmes grip krijgen op de slijpmachine

De digitale assistenten

voor de slijper

Reproduceerbaarheid van mechanische

bewerkingen begint bij een excellente

mechanische basis. Pas als die goed is, kun je

gaan compenseren. Met dit ene zinnetje leek

professor Konrad Wegener op het Grinding

Symposium alle hypes rond Industrie 4.0 te

relativeren. Leek, want de digitalisering met

daarbij kunstmatige intelligentie voorop, gaat

wel degelijk een rol spelen in het slijpproces.

Eigenlijk in alle bewerkingstechnieken voor de

metaalindustrie.

Eens in zoveel jaren is het Zwitserse Thun het middelpunt van de

slijpwereld. De - inmiddels - negen bedrijven onder de vlag van United

Grinding presenteren zich dan zowel met hun nieuwe machines alsook

met een blik in de toekomst van precisietechnologie. Het Grinding

Symposium biedt een mix van state-of-the-art technologie die vandaag

beschikbaar is met de trends die komende jaren een stempel op de

sector gaan drukken. De nieuwe slijp- annex 5-assige freesmachine van

Mägerle voor onder andere turbinecomponenten is een voorbeeld van

“Zonder sociale acceptatie

is het lastig een product

in de markt te zetten”

het eerste. De lezingen rond kunstmatige intelligentie illustreren het

tweede.

Statussymbool auto: weg

Professor Konrad Wegener (ETH Zürich) ziet dat Industrie 4.0 overal is in

de industrie, net zoals machine learning en kunstmatige intelligentie (AI)

alom toepassingen vinden. Je zou kunnen denken dat de digitalisering

alléén zaligmakend is. “Het gaat echter niet om data genereren maar

uit deze data zinvolle informatie halen. Daar hebben we juist een

gebrek aan”, merkt Wegener op. Hij denkt dat machinebouwers ook

naar andere maatschappelijke trends moeten kijken, zoals dat de rol

van auto als statussymbool is uitgespeeld. “Bij jongeren vervangt de

smartphone de auto als statussymbool.” Als machinebouwer moet je

daar de les uit trekken dat de HMI moet veranderen. De jonge generatie

groeit op met smartphones die intuïtief bedienbaar zijn. “We zouden

er goed aan doen ook op de machine een HMI te hebben die intuïtief

Fritz Studer presenteerde de nieuwe S33 universele rondslijpmachine, met nu maximaal 1600 mm tussen de centers.

september 2019


55

Digitale technieken spelen een alsmaar belangrijkere rol in de slijptechnologie, zoals United Grinding de bezoekers liet ervaren in deze cockpit.

bediend kan worden.” Konrad Wegener verwacht dat er veel meer

expertsystemen gaan komen die de data structureren en met machine

learning en kunstmatige intelligentie het bedienen van de slijpmachines

makkelijker maken. “De machine moet cognitieve vaardigheden

hebben; moet de situatie herkennen en dan een strategie kiezen.”

Komen dan productiviteit en hogere nauwkeurigheid straks vooral uit

de digitalisering? Konrad Wegener erkent dat er grenzen zijn aan de

mechanische nauwkeurigheid van een machine. De fabrikanten moeten

dus nadenken over intelligente machines. Daar helpen al die nieuwe

technieken wel degelijk bij. “Maar machines hebben een excellente

mechanische basis nodig voor een hoge reproduceerbaarheid. Dan pas

kun je gaan compenseren.”

Wil klant betalen voor innovatie

Het verhaal van de Zwitserse hoogleraar sluit aan op de visie van United

Grinding. De groep investeert behoorlijk veel in IT en

softwareontwikkeling. Deze aandachtsvelden winnen aan belang,

zegt CEO Stephan Nell. Van het 20 miljoen euro grote R&D budget

dat jaarlijks beschikbaar is, gaat een aanzienlijk deel naar softwareontwikkeling.

“Maar bij elke innovatie moet je de vraag stellen is de klant

bereid ervoor te betalen”, zegt Stephan Nell. “Het moet meerwaarde

hebben voor de klant.” Zoals de eerste aanzetten die de groep in het

Future Lab demonstreerde om tot een vorm van predictive maintenance

te komen. Het systeem is getest, maar nog niet rijp voor commerciële

toepassingen. Ook slaagt men er al in om minimale kwaliteitsverschillen

te detecteren die ontstaan doordat een slijpschijf niet goed is gedressed.

Stephan Nell: “Via de Umati interface, waar we ook bij betrokken zijn,

kun je dan de operator een signaal geven. De ultieme stap zal zijn dat er

een signaal naar de besturing gaat die hier automatisch voor corrigeert.”

Digitale tweelingen

Een plek waar naar dit soort toepassingen van Industrie 4.0 onderzoek

wordt gedaan, is het Werkzeugmaschinenlabor in Aken. Hier ontwikkelt

men een adaptief proces, gebaseerd op modellen en gestuurd door

data, schetst professor Thomas Bergs het einddoel waar de Akense

“Geen beroepen verdwijnen, maar

processtappen in beroepen”

onderzoekers aan werken. Systemen moeten zo intelligent worden, dat

ze de correlatie tussen data en de beelden van het werkstuk herkennen.

De digitale tweeling van product en proces spelen hierin een sleutelrol.

Waar men in Aken op inzet, zijn zogenaamde assistentiesystemen voor

de operators. “Analytische processen die de operator ondersteunen om

beslissingen te nemen”, legt Thomas Bergs uit. “Vroeger was de basis

van een goede slijper vooral specifieke kennis aangevuld met ervaring;

nu wordt dit ondersteund met assistentiesystemen.” Die worden gevoed

door kunstmatige intelligentie, die uit de databrij de informatie haalt

die ertoe doet. Bergs schetste nog een andere trend, die aansluit op de

woorden van Konrad Wegener. Gamification van de productie. “In een

digitale spelachtige omgeving gaan medewerkers in teams aan de slag

met verbeteringen van processen.”

Alles uit Silicon Valley is marketing

De robotisering en automatisering roepen in met name Europa nogal

eens angstvisioenen op: automatisering vernietigt banen. De

Zwitserse professor David Boshard merkt daarom terecht op dat het

bij (disruptieve) innovaties niet alleen gaat om technische rijpheid,

maar ook om sociale acceptatie. “Als er geen sociale acceptatie is,

wordt het lastig een product in de markt te zetten.” David Boshard

zegt verder: “Niet de beroepen verdwijnen, maar processtappen

in een beroep. Daarmee winnen we productiviteit en wordt arbeid

goedkoper.” Bedrijven zullen hun medewerkers mee moeten nemen in

die ontwikkeling. Leiderschap wordt hierbij belangrijker dan ooit. “Want

next practice wordt belangrijker dan best practice. Dat laatste moet je

nu al kunnen, de next practice is wat je over vijf jaar moet kunnen.” En

dat vergt van iedereen risicobereidheid, die David Boshard node mist in

veel organisaties, volgens hem een direct gevolg van de vergrijzende

samenleving.

september 2019


Expertise in efficiënter produceren

POLIJSTEN

ONTBRAMEN

REINIGEN

Een totaalpakket in verspaning

info@youngcuttingtools.nl ● www. youngcuttingtools.nl

+31 297 274 061 | WWW.TOPFINISH.EU

ONTMOET LEVERANCIERS EN VOLG DEMONSTRATIES VAN NIEUWE INDUSTRIËLE

PRODUCTIETECHNIEKEN OP DÉ VAKBEURS VOOR METAALBEWERKING

VERSPANEN PLAATBEWERKING VERBINDEN AUTOMATISERING OPPERVLAKTEBEHANDELING 3D PRINTEN

KENNISTHEATER MET TOEKOMSTGERICHTE EN

PRAKTISCHE KENNISSESSIES

BEKIJK HET VOLLEDIGE KENNISPROGRAMMA ONLINE

NIEUWE PLATTEGROND MET SEGMENTEN

EEN BEZOEK AAN METAVAK WAS NOG NOOIT ZO EFFICIËNT

REGISTREER UW BEZOEK VIA WWW.METAVAK.NL

VRAAG NU TICKETS KOSTELOOS AAN MET DE CODE: 71917753

EVENEMENTENHAL GORINCHEM

8, 9 EN 10 OKT 2019 WWW.METAVAK.NL

DIT JAAR EEN NIEUWE DATUM


De autonome gereedschappenfabriek

57

Het Zwitserse Grinding Symposium had dit jaar een

Nederlands tintje. Jan van Frankenhuyzen presenteerde

er zijn zelf ontwikkeld concept om klanten online hun

schachtfrees te laten configureren die daarna automatisch

geslepen wordt. Klanten konden zelfs ter plekke de frees

ontwerpen en laten produceren op de EWAG-machine.

Enkele jaren geleden heeft gereedschapslijperij Frankenhuyzen

samen met JDI Smart Web Applications een online tool ontwikkeld

om het bestelproces en de productie vergaand te digitaliseren

en automatiseren. EWAG heeft de interfaces tussen de software

en de machines gebouwd. Het resultaat: de Nederlandse

gereedschapslijper produceert maatwerk PCD schachtfrezen in een

geautomatiseerde lijn. Via de webapplicatie selecteert de klant een

aantal parameters en zonder dat er nog geprogrammeerd moet

worden, kunnen de gereedschappen op de EWAG Laser Line Ultra

lasermachines geproduceerd worden. Deze machines zoeken zelf

op de server naar nieuwe orders. Operators zijn er alleen nog nodig

om de pallets met onbewerkt materiaal in de machine te plaatsen,

de pallets met bewerkte gereedschappen uit te nemen en voor

regulier onderhoud. “Het loopt nu heel goed. We zijn al bezig met de

volgende stappen”, zegt Jan van Frankenhuyzen, die recent een eigen

software developer heeft aangenomen om de digitalisering verder

te versnellen. Hij wil dit concept verder uitbreiden naar andere

gereedschapslijnen en eventueel ook naar andere slijpmachines.

Laser in de autonome fabriek

In feite staat in Lexmond een autonome fabriek voor het slijpen van

precisiegereedschappen. “Zo’n autonome productielijn stelt zelfs

middelgrote bedrijven in staat om gereedschappen te produceren

in meerdere shiften op een zeer efficiënte wijze, zonder extra

personeel”, zegt de Nederlandse ondernemer. Hij is, net als EWAG

ondertussen, overtuigd dat elke geometrie die direct in volmateriaal

kan worden aangebracht, op deze manier geproduceerd kan worden.

Lasertechnologie leent zich als geen andere techniek voor autonome

productielijnen omdat de laserstraal de tool is om mee te bewerken.

De klant selecteert in de webshop de juiste geometrie

en geeft enkele eigenschappen van het gereedschap in.

Tot nog toe geldt deze service voor schachtfrezen van

0,5 tot 3 mm diameter.

Jan van Frankenhuyzen bij de EWAG Laser Line Ultra

machines die zich bij uitstek lenen voor autonome

productie omdat laserlicht het gereedschap is waarmee

wordt bewerkt.

Roemheld zet in op digitalisering en automatisering

Digitalisering en automatisering: dat zijn de thema’s die de

innovaties bij Roemheld momenteel domineren.

Een typisch voorbeeld hoe digitalisering doordringt in de

opspansystemen is het elektrische meetsysteem dat Roemheld

ontwikkelde voor spanelementen. Hiermee kan men de slag over

de volledige lengte in stappen van tienden van een millimeter

bewaken. Het spansysteem herkent bijvoorbeeld verschillen

in werkstukhoogte. Alle data worden doorgegeven aan een

bovenliggende besturing. Roemheld heeft dit inmiddels geïntegreerd

in meerdere spanelementen.

Robotgrijper voor palletwisseling

Een primeur is een nieuwe Stark robotgripper met mediumtoevoer in

combinatie met een nulpuntspansysteem. Hiermee kan de robot

pallets wisselen, zelfs als de machine geen eigen doorvoer voor

pneumatiek en hydrauliek heeft.

Zwenkspanner met mechanische klem

Een tweede primeur bij Roemheld is een pneumatische

zwenkspanner die bij drukverlies de klemkracht van maximaal 400N

behoudt. Het gaat hier om een pneumatische zwenkspanner met

krachtversterking voor automatische belading. De zwenkspanner is

Dankzij de nieuwe robotgripper en nulpuntspansysteem van Stark kunnen machines

zonder doorvoer voor pneumatiek en hydrauliek in de tafel geschikt worden gemaakt

voor palletwisseling.

voorzien van een mechanische vergrendeling. Met een pneumatische

functie regeling kan de zuigerpositie worden gebruikt om het laden

en lossen veiliger veiliger te maken.

laagland.nl

september 2019


58

Seido Systems breidt uit met oplossing voor goedkoper 3D metaalprinten

“Als de prijsdruk te hoog wordt,

gaan CNC-frezers vanzelf

wel 3D printen”

Stratasys biedt met de lijn professionele FDM printers oplossingen aan om aluminium freesdelen te vervangen door kunststof

componenten, zoals deze brackets voor Boeing, geprint door GKN.

De fout die veel bedrijven op dit moment maken als het

om additive manufacturing gaat, is dat ze een alles of

niets visie op 3D printen hebben. “3D printen vervangt

niet alles, de techniek is aanvullend op de conventionele

manier van maken”, benadrukt Karl Wallecan, sinds

tien jaar met Seido Systems reseller voor Stratasys. Dit

najaar voegt hij de metaalprinters van Xact Metal aan het

portfolio toe.

Toen Karl Wallecan tien jaar geleden voor het eerst een 3D geprint

product zag, had hij net fors geïnvesteerd in CNC-machines. Want

in die markt was Seido Systems, dat enkele jaren daarvoor werd

opgericht, actief. Seido Systems is nu de enige geautoriseerde

reseller van Stratasys in de Benelux. Inmiddels staan er honderden

3D printers van de Amerikaans-Israëlische fabrikant in de Benelux,

variërend van de desktopmodellen en de Polyjet-printers voor

bijvoorbeeld spuitgietmatrijzen en de J750 voor levensechte kleuren,

september 2019


EMO toont in additive

manufacturing circle

de AM-waardeketen

59

tot de échte werkpaarden zoals de Fortus 900mc. 3D printers voor

hoogwaardige kunststoffen. Maar met name de machinebouwers

hebben die omslag nog niet gemaakt. “Ze denken nog steeds dat alle

kunststoffen plastics zijn. Steeds opnieuw moeten we uitleggen dat

een hobbyprinter niet hetzelfde resultaat oplevert als een duurdere

machine.” Toch denkt hij dat zij overstag gaan zodra de prijzen van

CNC frees- en draaistukken zodanig onder druk komen te staan, dat

ze conventioneel niet meer te vervaardigen zijn. “Als de prijsdruk zo

hoog wordt dat ze de delen op een goedkopere manier moeten gaan

maken, komen ze vanzelf wel bij 3D printen.”

Goedkopere 3D metaalprinter

Seido Systems gaat nu in de Benelux eveneens de 3D metaalprinters

van het Amerikaanse Xact Metal verdelen. De machine werd

ontwikkeld door een aantal Amerikaanse ingenieurs, die

bewust gezocht hebben naar een goedkopere oplossing om zo

metaalprinten voor meer bedrijven bereikbaar te maken. Ze hebben

wel vastgehouden aan de laser poederbed technologie. In plaats van

een kostbaar galvosystem met spiegels te gebruiken, plaatsen ze de

kleine laser direct op een X- en Y-assenstelsel. Dat scheelt niet alleen

behoorlijk in de aanschafprijs, ook qua onderhoud valt de machine

goedkoper uit. De ‘scan’snelheid ligt hierdoor weliswaar lager dan bij

een traditionele SLM-machine, maar op het beperkt bouwvlak

(nu 125 x 125 mm) scheelt dat niet zoveel. De machine is zo

ontworpen dat slijtage onderdelen zoals filters makkelijk

verwisseld kunnen worden. “De Xact Metal printer is ontwikkeld

door machinebouwers”, zegt Karl. Voor € 135.000 levert Seido

Systems een complete metaalprinter, inclusief persoonlijke

beschermingsmiddelen en twee jaar on-site garantie. Gestart

wordt met RVS als materiaal, aluminium zal snel volgen. Dit zijn de

materialen waar de markt naar vraagt, merkt hij. “De toepassingen

gaan vanzelf wel komen als er een laagdrempelige oplossing is.”

Een recent onderzoek door de VDMA wijst uit dat in de

machinebouw bijna de helft van de fabrikanten 3D geprinte

componenten gebruikt. Voor prototypes en proefstukken zet de

helft eigen 3D printers in. 44% van de Duitse machinebouwers print

ook reserve-onderdelen, gereedschappen en serie-onderdelen,

een kwart hiervan zijn 3D metaal geprinte onderdelen. De Duitse

organisatie Bitkom, die 2600 bedrijven in de digitale economie

vertegenwoordigt, kwam onlangs in een onderzoek onder 555

industriële ondernemingen met meer dan 100 medewerkers

tot soortgelijke resultaten. Volgens Bitkom gebruikt een op de

drie Duitse industriebedrijven 3D printen. Twee jaar geleden

lag dit percentage in hetzelfde onderzoek nog op 20%. En

liefst 78% van de bedrijven verwacht dat 3D printen zowel

verdienmodellen als waardeketens ingrijpend gaat veranderen.

“Hier gebeurt een en ander. De interesse is enorm groot, net

zoals de informatiebehoefte”, zegt Wilfried Schäfer, directeur van

de VDW, de Duitse vereniging van werktuigmachinebouwers die

de EMO organiseert. En omdat bij de vorige editie een op de vijf

bezoekers aangaf zich te interesseren voor 3D printen, heeft de

VDW besloten om de additive manufacturing circle op de EMO

van dit jaar te organiseren. Negen van de in totaal 70 exposanten

die iets te bieden hebben op 3D print gebied, presenteren zich

hier. Schäfer zegt dat dit themapaviljoen de activiteiten van

de andere exposanten op de beurs aanvult. Het aantrekkelijke

van de EMO is in zijn ogen dat de bezoekers hier de volledige

waardeketen zien, dus inclusief voorbereiding en postprocessing

en additive manufacturing duidelijk wordt gepositioneerd als

onderdeel van een breder productieaanbod. Bezoekers kunnen

additive manufacturing direct vergelijken met de verspanende

productietechnieken, die op de beurs de overhand hebben.

In de additive manufacturing circle op de EMO (hal 9 stand H20)

organiseert de EMO samen met het Duitse vakblad Additive

dagelijks lezingen rond het thema 3D printen.

De EMO vindt plaats van 16 - 21 september in Hannover.

emo-hannover.de

seido-systems.com

AMenDate belooft alle data voor toplogieoptimalisatie, optimale positionering en

gladdere oppervlakken automatisch te genereren met de software die het op de

EMO demonstreert.

september 2019


Veiligheid met optimale verspaning

en dermate bijzonder schuimarm

dat direct ultra puur water kan

worden ingezet.

Bezoek onze

stand in

Hal7 D44

NIEUW!

Ultra puur water installatie

Een stap verder dan de bekende

omgekeerde osmose, geleidbaarheid nul.

Bel +31 (0)187-491533 of kijk op glavitech.com voor de info

Maak vandaag het verschil...

met de techniek van morgen!

EMO

Hall 4

Stand E54

ROEMHELD – Hydraulische cilinders voor spantechniek en machinebouw

ROEMHELD – Flexibele, betrouwbare en nauwkeurige spanoplossingen

T +31 10 292 22 22 • www.laagland.nl


SmartLine steeds verder uitgebreid met slimme oplossingen

61

Chiron patenteert adaptieve

meetcyclus in ConditionLine

Chiron gaat met de nieuwe ConditionLine module een

stap verder dan anderen. Bij het monitoren van de

mechanische componenten kan de operator inzoomen

op het bereik waar het meeste in gewerkt wordt. Een

adaptieve testcyclus dus.

Predictive maintenance is een thema waar bijna alle

machinebouwers mee bezig zijn. Om de uptime van de machines

te verhogen, willen ze aan de hand van data voorspellen wanneer

onderdelen onderhoud nodig hebben. Condition monitoring is de

eerste stap in die richting. Bij Chiron is de ConditionLine module

onderdeel van SmartLine, een veel breder pakket met digitale

oplossingen voor een robuuster verspaningsproces. De Duitse

machinebouwer gebruikt in de nieuwe ConditionLine module een

inmiddels gepatenteerde oplossing waarmee elke tien seconden

wordt geregistreerd waar het assenstelsel zich bevindt.

Adaptieve testcyclus

Standaard voert de machine bij de start een vaste, vooraf

geprogrammeerde cyclus uit en meet verschillende parameters zoals

de nauwkeurigheid van een cirkelvormige beweging ten opzichte

van de nulsituatie, toen de machine nieuw was. Ook de wrijving

in de assen wordt gemeten. Daarmee worden afwijkingen in een

vroeg stadium zichtbaar, zodat onderhoud tijdig kan plaatsvinden

waardoor afkeur in de productie wordt voorkomen. De besturing

registreert daarnaast elke tien seconden waar de frees zich bevindt

en maakt op basis hiervan een verdeling in welk gebied het meest

bewerkt wordt. Zo weet ConditionLine eveneens exact welke afstand

de assen hebben afgelegd, welke as het meest beweegt. “We maken

een asverdeling zodat we het gebied kennen waar een as zich het

vaakst bevindt. De operator kan in dat gebied specifiek meten”,

Chiron heeft de mogelijkheid om met ConditionLine in een specifiek bereik de

nauwkeurigheid te testen gepatenteerd.

legt Pascal Schröder van Chiron uit. “We maken de testcyclus

dus adaptief.” ConditionLine meet ook het aantal keren dat een

gereedschap in de spindel wordt geklemd. Dit soort data geven

inzicht in welk gereedschap vaak ingezet wordt en welk minder.

Met die informatie kan een operator de gereedschapsketting anders

indelen en homogener gaan belasten, wat uiteindelijk de levensduur

van de wisselaar ten goede komt.

Digital twin voorkomt crash

Een andere module van SmartLine is ProtectLine. Hierbij werkt zowel

de Siemens als Fanuc besturing met een digitale tweeling van zowel

product, opspanning als machine. Deze virtuele besturing loopt

altijd 0,8 seconden voor op de echte machine. Die tijd heeft de

besturing nodig om bij een virtuele botsing de fysieke machine veilig

tot stilstand te brengen, om een kostbare crash van de spindel te

voorkomen. Deze opties zijn op alle nieuwe machines beschikbaar.

Chiron kiest niet voor een directe koppeling met de cloud maar voor

Edgecomputing.

Machine waarschuwt

Chiron zoekt met dergelijke IT-technologie eveneens oplossingen om

het dagelijks onderhoud aan de machine te vergemakkelijken.

Zo stuurt de besturing automatisch een e-mail als bijvoorbeeld

koelsmeermiddel moet worden bijgevuld. “Daarbij wordt zelfs

een instructie meegestuurd hoe bij te vullen”, legt Pascal Schröder

uit. Toch moet je niet doorschieten met technologie om zaken te

bewaken, vindt hij. De operator blijft een eigen verantwoordelijkheid

houden. “Niemand wil 15.000 euro extra betalen voor een heleboel

sensoren. Daarom baseren we sommige onderhoudstaken nog

steeds op gebruiksuren.”

ProtectLine voorkomt een kostbare crash.

september 2019


62

Porta Solutions gooit met Multicenter ook het eigen roer volledig om

Van Push naar Pull, ook

voor de machinebouwer

Soms dwingt de markt je om je onderneming volledig om

te bouwen. Maurizio Porta van het Italiaanse familiebedrijf

Porta Solutions weet daar alles van. Zijn visitekaartje

geeft als functie ‘Master Trainer’ aan; zijn verkopers zijn

tegenwoordig ‘Technical Tutors’. En de machines worden

verkocht via de Porta Academy: klanten volgen eerst een

cursus flexibele productie.

Een halve eeuw lang was het verdienmodel van Porta Solutions

speciaal machines bouwen, transfermachines voor massaproductie.

“Bedrijven hebben na de crisis van 2008 hun verdienmodel

moeten veranderen. Grote series zijn niet langer nodig. Flexibele

productiemethoden, daar is vraag naar”, zegt Maurizio Porta, die zijn

vader is opgevolgd. Deze omslag heeft ook het bedrijf gedwongen

het roer om te gooien. Maurizio Porta heeft dat rigoureus gedaan.

Eén versus drie tot vier machines

Het Multicenter, als prototype al in 2005 ontwikkeld, beantwoordt

aan de vraag naar flexibiliteit en productiviteit. “Niemand wil meer

voorraden produceren.” Het Multicenter heeft drie spindels, is

volgens de machinebouwer drie-en-een-halve keer productiever

als een bewerkingscentrum, kan in een kwartier worden omgesteld

naar een ander product, vraagt slechts één operator en werkt met

vier eenvoudige opspanningen in plaats van kostbare spantorens in

gerobotiseerde productielijnen. En dan laat Maurizio Porta het lagere

energieverbruik ten opzichte van drie of vier bewerkingscentra en

het kleinere vloeroppervlak nog achterwege. Harley-Davidson in

Milwaukee produceert er on demand onderdelen voor de motoren

mee. Met een markeertool in de machine wordt elk onderdeel

traceerbaar.

Eerst cursus, dan machine kopen

Pull in plaats van push, dat is de verandering in de markt. En dat

geldt ook voor de Italiaanse machinebouwer zelf, legt Porta uit. Hij

heeft in 2015 het boek Flexible Production geschreven. Hierin legt

hij de filosofie achter het Multicenter uit. Hij verkoopt de machine

tegenwoordig via de Porta Academy. “Potentiële klanten volgen eerst

een cursus; daarna gaan we stap voor stap flexibiliseren. Op onze

demomachine simuleren we hun productie van één week en laten

we hen ervaren wat het betekent als je in 15 minuten de machine

Maurizio Porta: Multicenter betere oplossing dan losse bewerkingscentra én

transfermachines.

omstelt en on demand produceert.” Ook Porta Solutions heeft het

verdienmodel veranderd. De grootste concurrent, legt hij uit, zijn niet

de stand alone machines. “Onze grootste concurrent is verandering.

Dat willen mensen niet.” Met de cursus en de ondersteuning door

de Technical Tutors overtuigt hij klanten de stap naar de flexibele

productie te maken. “We starten vanuit consulting.” Deze aanpak

werkt, zegt Maurizio Porta. “Sinds we dit doen, verkopen we

meer.” De Multicenter maakt inmiddels 70% van de omzet uit; de

traditionele transfermachines nog slechts 30%.

Overigens: de grootste Europese klant is Bons en Evers (BE Albrass

Industrial Nederland) in Borne.

september 2019


Hanover, 16/09 – 21/09/2019

HALL 2

NORTH ENTRANCE

45 HIGH-TECH

MACHINES

29 SOLUTIONS

AUTOMATION

>30 DIGITAL

INNOVATIONS

CONNECTIVITY

COMPLETED

ADDITIVE

MANUFACTURING

EMO.DMGMORI.COM


ALLES IN ÉÉN

REINIGINGSMACHINES + REINIGINGSVLOEISTOFFEN

TECHNISCHE KENNIS SOFTWARE KENNIS CHEMISCHE KENNIS

Gibac ® Chemie BV

Gladsaxe 15 - 7327 JZ Apeldoorn - Tel. 055 54 31 946 - info@gibac.nl - www.gibac.nl

Hooray! Your file is uploaded and ready to be published.

Saved successfully!

Ooh no, something went wrong!