Rotterdams Onderwijs Magazine 2020-3

pauldemaat

ROTTERDAMS ONDERWIJS MAGAZINE #3 JUNI 2020, JAARGANG 43

‘HET SOCIALE

ASPECT VOND IK

HET MOEILIJKSTE’

KOEN VAN DER ENDE,

OBS FINLANDIA

Spelend leren in

de kleutergroepen

Wat leerden

we van

onderwijs op

afstand?

Professionele leergemeenschappen

De allerlaatste editie van het ROM!


VAN DE REDACTIE

Inhoud

Het allerlaatste ROM

04 ONLINE LEREN LESGEVEN

Pabostudenten hadden een

bijzondere stage

Dit is hem dan, de laatste ROM-editie. Toen we een aantal maanden

geleden bespraken hoe dat laatste nummer eruit zou kunnen

zien, besloten we niet om er een terugblik van te maken

– hoewel dat misschien heel erg voor de hand zou liggen – maar

om er juist een nummer van te maken dat zou gaan over de

toekomst van kinderopvang en onderwijs. We waren al op weg

om daar inhoud aan te geven, en toen… kwam het coronavirus.

Alle scholen en instellingen voor kinderopvang waren noodgedwongen

vooral bezig met vragen als: hoe gaan we deze situatie

oplossen? Hoe bereiken we de (jonge) kinderen, scholieren

en studenten? Hoe zetten we digitale middelen in?

En wij als redactie hadden ook een vraag: hoe moeten we dit

laatste nummer nu nog koppelen aan de toekomst? Een onverwachte

oplossing deed zich voor. In die bijzondere situatie

waarin instellingen en scholen plotseling heel andere dingen

moesten gaan doen dan ze al jaren gewend waren, deden ze

ook ontdekkingen. Ze kwamen erachter dat sommige nieuwe

dingen verbazend goed werkten, heel ander effect hadden op

leerlingen of ouders dan ze verwachtten, en dat ze die dingen

misschien wel wilden behouden. Zo kwam via die vermaledijde

crisis toch de toekomst weer om de hoek kijken. En dat maakt

dat deze ROM-editie een heel bijzondere editie is geworden,

waarin iedereen herkent waar hij of zij zelf mee bezig is, maar

die ook inspireert om een blik op de toekomst te richten en gebruik

te maken van de ervaringen die opgedaan zijn onder deze

uitzonderlijke omstandigheden.

Voor iedereen

06 BONDGENOTEN

Samen aan de slag om de Rotterdamse jeugd

vooruit te helpen

08 GEDICHT

Jeugdstadsdichter Vienne Haagoort

10 ONDERBOUWD

Eke Krijnen over de professionele leergemeenschap

20 3 BOEKEN

Recensies voor en door collega’s

28 INFOGRAPHIC

Leerpunten uit afstandsonderwijs

29 GEDICHT

Ex-stadsdichter Derek Otte

30 COLUMN ANNE-MARIE

Toekomst

31 HET LAATSTE ROM…

Hoe nu verder?

Veel succes hiermee. Blijf je verbazen, blijf zoeken, blijf lezen en

doe alles om de Rotterdamse jeugd zich ten volle te laten ontplooien.

Wij als redactie vonden het in ieder geval een mooie

taak om jullie daarbij gedurende al die ROM-jaren te inspireren.

PAUL DE MAAT, HOOFDREDACTEUR

24 DE MEESTER OP YOUTUBE

Ideeën voor videolessen


Jonge Kind

18 KINDEROPVANG NA CORONA

Ideeën voor de toekomst

22 KLEUTERS LEREN SPELEND

Betere aansluiting voor- en vroegschool

Basisonderwijs

04 ONLINE LEREN LESGEVEN

Pabostudenten hadden een

bijzondere stage

16 DIT IS MIJN KLAS

Koen van der Ende van OBC Finlandia

24 DE MEESTER OP YOUTUBE

Ideeën voor videolessen

32 DUBBELPORTRET

Leah zit op Verbazisschool WOW

22 KLEUTERS LEREN SPELEND

Betere aansluiting voor- en vroegschool

Vo en mbo

12 MIJN VAK

Tekendocent Lex Hameetman

14 AFSTANDSONDERWIJS IN HET VSO

Een blijvertje voor leerlingen met autisme

26 FYSIEK ONDERWIJS, OF DIGITAAL?

Mbo’s gaan voor de mix

WWW.ROMNIEUWS.NL

Tot de zomervakantie nog volop

Rotterdams onderwijsnieuws.

18 KINDEROPVANG NA CORONA

Ideeën voor de toekomst

N @romnieuws twitter.com/romnieuws M facebook.com/rotterdamsonderwijsmagazine

COLOFON ROTTERDAMS ONDERWIJS MAGAZINE ONAFHANKELIJK VOORLICHTINGS- EN OPINIEBLAD VOOR ONDERWIJS, EDUCATIE EN OPLEIDING IN ROTTERDAM.

GRATIS VOOR PERSONEEL VAN HET ROTTERDAMSE ONDERWIJS | 43E JAARGANG NR. 3 JUNI 2020 | ISSN 1386, VERSCHIJNT VIJF KEER PER JAAR, OPLAGE 7000 |

UITGAVE CED-GROEP | Redactieraad Machiel de Jong, Irene van Kesteren, Els Maasdam, Tim van der Korput, Paul de Maat (hoofd- en eindredactie)|

Tekst Ronald Buitelaar, Renate Mamber, Marijke Nijboer, Erik Ouwerkerk, Anne-Marie Plasschaert, Ineke Westbroek | Fotografie Petja Buitendijk,

Jan van der Meijde | Illustraties Chris Versteeg – Projekt C | Bladmanagement Paul de Maat, Anne-Marie Smit, Tamara Wally, Saskia Rietdijk |

Redactieadres Postbus 8639, 3009 AP Rotterdam, telefoon 010 4071469, rom@cedgroep.nl | Grafisch ontwerp en vormgeving Trichis, Rotterdam (Otto Mende) |

Foto cover Petja Buitendijk | ©CED-Groep


PABO-STAGES IN CRISISTIJD

Anders, maar

leerzaam

TEKST RENATE MAMBER FOTO MILO VAN DER WERF EN SOFIE LEERMAKERS

Studenten van Pabo Thomas More zaten midden in hun stage

toen de scholen werden gesloten vanwege de coronacrisis.

Desondanks lukte het veel studenten om goed mee te draaien

op hun stageschool, zij het op een aangepaste manier. ‘Er

komen andere dingen aan bod.’

Aanvankelijk zou derdejaars student Milo

van der Werf binnen zijn werken-en-lerentraject

twee dagen per week op de Dominicusschool

werken. Door de coronacrisis is hij

er deze maanden elke dag. ‘Ik ben verantwoordelijk

voor de opvang van de kinderen

van ouders met essentiële beroepen’, vertelt

Milo. ‘In overleg met de school koos ik ervoor

om dat elke dag te doen. Het is anders dan

voor een hele klas staan. Het gaat om een

4 ROM 3


Milo zorgt voor de opvang van kinderen

van ouders met essentiële beroepen.

‘Hopelijk krijg ik nog wel

de kans krijg om echt

voor de klas te staan’

kleinere groep. Het aantal en de samenstelling

van de kinderen verschilt per dag. Ik heb

meer tijd om met kinderen de diepte in te

gaan en te kijken waarmee ik ze verder kan

helpen.’

PADLET

Naast de opvang van de kinderen op school,

verzorgt Milo ook de lessen op afstand voor

groep 5. Dit gebeurt op de Dominicusschool

via Padlet, een digitaal platform waarop je

tekst, foto’s en video’s kunt delen. ‘Elke week

zet ik op Padlet de weektaken en filmpjes

klaar. Daarnaast is er veel contact met ouders

en leerlingen via telefoon en per mail. Vooral

in het begin kregen we veel vragen van ouders

over hoe ze met de kinderen aan het

werk moesten. Daarom hebben we verschillende

video’s met uitleg gemaakt.’

BEGELEIDING OPGESCHORT

De stagebegeleiding vanuit de Pabo is in deze

periode opgeschort, maar Milo heeft des te

meer contact met de leerkrachten op school.

‘Ik spreek ze elke dag en stem af wat ik verder

voor de school kan betekenen. Er komen nu

andere dingen aan bod en er worden andere

dingen van me gevraagd dan in een normale

stage, zoals het meedenken over onderwijs

op afstand. Dat is leuk, maar ik hoop dat ik

nog wel de kans krijg om echt voor de klas te

staan. Daar heb ik wel behoefte aan. Dat zou

me zelfverzekerder maken.’

ZELF UITVINDEN

Ook derdejaars student Sofie Leermakers

werkt op basisschool Emmaus binnen haar

werken-en-lerentraject op een andere manier

dan ze aanvankelijk zou doen. ‘Ik merk

dat het niet zo maar een stage is. We hebben

ons met het hele team ingezet om alle kinderen

online aan de slag te krijgen met Google

Classroom. Daar zit veel tijd in. Eerst moet je

zelf uitvinden hoe het werkt, daarna moet je

ouders en kinderen ermee helpen werken en

er moeten videolessen worden gemaakt. Ik

draai mee met belrondes en videogesprekken

met ouders en leerlingen. Dat brengt weer

administratie met zich mee, want elk gesprek

wordt genoteerd.’

SPELEND LEREN IN GROEP 3

Eigenlijk zou Sofie deze maanden voor groep

3 staan. De invulling ervan is nu anders. ‘De

Emmaus werkt veel met spelend leren, zeker

in groep 3. We proberen dat voort te zetten.

Zo houdt bijvoorbeeld een leerling een verslag

bij van de groei van de bloembollen op

haar balkon. Maar het gaat wel lastiger op

afstand. Dus we werken nu meer met werkbladen

dan we normaal zouden doen.’

Wat bij onderwijs op afstand vooral meer aan

bod komt is het contact met ouders. Sofie:

‘Dat is er veel meer dan normaal tijdens een

stage. Dat vind ik heel leerzaam en daar ben

ik superblij mee. Ik leer ook veel van mijn duo

met wie ik samenwerk. Zij wijst me bijvoorbeeld

op het werk van een leerkracht dat achter

de schermen gebeurt en waar ik nog geen

zicht op had.’

Sofie draait mee met de

belrondes en doet video-

gesprekken met de leerlingen.

VERTRAGING VOORKOMEN

Pabo Thomas More wil voorkomen

dat het verloop van de stages in

deze periode tot studievertraging

leidt. Pabodocent Jim Franssen:

‘We zien gelukkig dat vierde- en

derdejaars studenten tijdens deze

stageperiode veelal meedraaien

als onderdeel van het team en

worden meegenomen in het traject

van het leren op afstand. Bij

de eerste- en tweedejaars duurde

het wat langer voordat ze daarbij

werden betrokken, maar dat komt

op gang. Volgend jaar ruimen

we indien nodig extra stagedagen

in om leeraspecten van het

voorgaande leerjaar alsnog mee

te kunnen nemen. Verder stellen

we alles in het werk om ervoor te

zorgen dat de vierdejaars gewoon

kunnen afstuderen. Dat betekent

dat we ook op een creatieve en

innovatieve wijze invulling geven

aan de stagebegeleiding.’

ROM 3 / 5


BLIK OP DE TOEKOMST

Bondgenoten

TEKST RONALD BUITELAAR FOTO VAN BEEK IMAGES

Eind 2018 presenteerde René Peeters, oud-wethouder

van de gemeente Almere, het advies Mét andere ogen,

over de wijze waarop kinderopvang, onderwijs en

jeugdzorg elkaar kunnen versterken om kinderen en

jongeren vooruit te helpen. In het rapport doet Peeters

zeven aanbevelingen, die lokaal en regionaal handen en

voeten moeten krijgen.

In Rotterdam is de handschoen opgepakt

door Bondgenoten, een collectief van de

gemeente en dertien vertegenwoordigers

uit de verschillende sectoren: ‘Wij

willen met elkaar de loopbanen van de

Rotterdamse jeugd ondersteunen.’

NIET VERSNIPPEREN

‘Bondgenoten wordt zeker niet de zoveelste

praatgroep’. Carla Kathmann,

directeur van het Trajectbureau van Albeda,

klinkt resoluut, ‘Er wordt aan veel

verschillende tafels afzonderlijk over

onderwijs, jongeren en hulpverlening gepraat.

Met Bondgenoten willen wij dat

overleg bundelen en tot een gezamenlijke

visie komen van waaruit we voortaan

kunnen werken.’

In het mbo hebben onderwijs en hulpverlening

elkaar al goed gevonden.

Kathmann begeleidt met haar collega’s

dagelijks mbo-studenten die om uiteenlopende

redenen vast dreigen te lopen:

‘Veel studenten die bij ons door schoolmaatschappelijk

werk worden gezien,

kampen met psychische, huisvestings-,

of financiële problemen. Veel van hen

worstelen zelfs met een combinatie van

die problemen.’

PRATEN OP NEUTRAAL GEBIED

Bij Albeda weten ze dat het belangrijk

is dat hulpverlening aan studenten niet

versnipperd buiten de onderwijssetting

plaats vindt, maar liefst zo integraal mogelijk

binnen de onderwijsmuren, omdat

het gericht is op succesvolle loopbanen

van studenten. Kathmann: ‘Dat is mentaal

minder belastend voor studenten.

Ze gaan niet naar een onbekende bij

een hulpverlenende instantie, maar op

neutraal gebied praten met bijvoorbeeld

Margreet of Frits.’

Dat in Bondgenoten de hele keten van

kinderopvang tot en met middelbaar

beroepsonderwijs meepraat, vindt Kathmann

van grote meerwaarde: ‘Wij kunnen

van de kinderopvang leren en onze

expertise kan de kinderopvang nieuwe

inzichten opleveren. Hopelijk zitten peuters

daardoor over vijftien jaar beter in

hun vel dan sommige van onze studenten

nu.’

GEEN ALTERNATIEF

Versterking van elkaar. Dat stond ook

Arlette Sprokkereef voor ogen toen zij

‘Hopelijk zitten peuters

over vijftien jaar beter

in hun vel dan sommige

studenten nu’

6 ROM 3


MÉT ANDERE OGEN

als bestuurder van Enver, een organisatie

voor jeugd- en opvoedhulp, het stokje voor

Bondgenoten van haar voorganger overnam:

‘We zien in de samenleving een stapeling

van problemen. Armoedeproblematiek,

vechtscheidingen, huisvestingsproblemen.

Het zorgt allemaal voor stress en dat heeft

een negatief effect op de ontwikkeling van

kinderen. Geen enkele instantie kan die problemen

alleen oplossen. Daar heb je elkaars

kennis en expertise voor nodig.’

FLINKE KLUIF

Sprokkereef denkt dat het nog best een ‘hele

kluif’ zal zijn om met zoveel partijen tot een

gezamenlijke visie op onderwijs en ontwikkeling

te komen, maar stelt vast dat er geen

alternatief is: ‘We kampen allemaal met

krappe budgetten en moeten voorkomen dat

we daardoor met elkaar in een neerwaartse

spiraal terechtkomen. We kunnen het doorbreken

door meer integraal te denken en te

werken. Niet op elkaars stoel gaan zitten,

maar gebruik maken van elkaars expertise.

Liefst zo praktisch mogelijk.’

VOORUIT

Het ontwikkelen van een gezamenlijke visie

zal begeleid worden door Reframing Studio,

een collectief dat ‘mensen in staat wil stellen

regie te voeren over de grote veranderingen

waar zij mee geconfronteerd worden’. Sprokkereef

denkt dat de hulp van Reframing Studio

kan zorgen dat bestuurders loskomen

van de wijze waarop het nu geregeld is: ‘Als

je mag dromen over een ander concept, kun

je gerichter naar een stelsel toewerken dat

kinderen, jongeren en gezinnen beter gaat

helpen. Je móét een keer veranderen. Dit kan

ons écht vooruit helpen.’

Op 6 december 2018 verscheen

het, in opdracht van de coalitie

Onderwijs, Zorg en Jeugd, opgestelde

advies ‘Mét andere ogen’.

De opsteller van het advies, René

Peeters, legt in de inleiding uit

dat de centrale vraag binnen

kinderopvang, onderwijs en

jeugdzorg zou moeten zijn: ‘Wat

heeft het kind nodig?’ René wijst

erop dat niet het kind en jongere

zich moet aanpassen aan kinderopvang,

onderwijs en jeugdhulpverlening,

maar dat deze zich aan

moeten passen aan de behoefte

van kinderen en jongeren. Het 23

pagina’s tellende advies is een

aanzet om gesprekken tussen de

verschillende domeinen op gang

te helpen. René: ‘Kijk over het eigen

domein heen, probeer kennis

op te doen van andere domeinen,

gun de ander de eigen expertise

en ontmoet elkaar op de werkvloer.

Immers: mét andere ogen

zie je meer, eerder en beter.’

MEER INFO

Meer informatie over de genoemde

initiatieven en organisaties

vind je op de onderstaande sites:

• Het advies ‘Mét andere ogen’

is te vinden op https://www.

rijksoverheid.nl/documenten/

rapporten/2018/11/28/rapport-met-andere-ogen

• Enver – enver.nl

• Refraiming Studio –

refraimingstudio.com

ROM 3 / 7


GEDICHT

ROTTERDAM HEEFT, NAAST EEN STADSDICHTER, DIT JAAR VOOR HET EERST OOK

EEN JEUGDSTADSDICHTER. MELANCHTON-LEERLING VIENNE HAAGOORT (17)

SCHREEF SPECIAAL VOOR DEZE ALLERLAATSTE ROM-EDITIE EEN GEDICHT.

Onderstebovenwijs

Pragmatisch, affectatie, idyllisch,

Ontvankelijk, flamboyant en eloquent

Woorden die ik menigmaal heb moeten leren,

maar in betekenis voor mij nog steeds onbekend

En het stampen van al die honderden begrippen

Zwaar hoofd leunend op handen, ogen dicht

Morgen neem ik het nog wel een keer door

Wakker worden met inktvlekken over heel m’n gezicht

Het nut van herhalen en opnieuw proberen

Begrijpen na tranen en slapeloze nachten

Volgende ochtend alweer vergeten

Niet gefocust, verzonken in andere gedachten

En ik probeerde motivatie te vinden

En niet afgeleid te raken

Al moet ik eerlijk zijn en toegeven

Dat ik me tijdens het leren ook wel heb kunnen vermaken

Onderwijs heeft mij boven wijs gemaakt

En mijn horizon verbreed

Het is zich constant blijven ontwikkelen

Ook als ik er met de pet naar smeet

En ook al was doorgaan door chaos lastig

Met de vermoeidheid om ’s morgens half zeven,

Heeft het onderwezen worden en leren

Me wel heel veel kansen gegeven

Relativiteitstheorie, biofysica, dissimilatie,

Redoxreacties, hemelmechanica en lewisstructuren

Zal ik waarschijnlijk nooit gaan begrijpen,

zelfs niet na al die eindeloze uren

Maar aan het einde van de dag

Maakt het niet uit wat ik allemaal vergeet

Want nog steeds, het enige wat zeker,

is dat ik niets weet

8 ROM 3


Adv-Cursusbrochure-ROM_05-20_DEF.qxp_Opmaak 1 02-06-20 09:05 Pagina 1

De nieuwe (online) cursusbrochures

staan voor je klaar!

Je hebt ongetwijfeld een turbulent onderwijsjaar achter de rug. Dit heeft vast ook

nieuwe inzichten gegeven in jouw persoonlijke ontwikkeling als onderwijsprofessional.

Tijd om de balans op te maken en te bepalen op welke vlakken jij je in het komende jaar

verder wilt bekwamen. Zoals je van ons gewend bent, staat er weer een snoepwinkel

vol verdiepende en verbredende cursussen voor je klaar.

Kijk op: www.cedgroep.nl/cursusbrochures

Om je nog beter van dienst te zijn, hebben we een aantal belangrijke verbeteringen

doorgevoerd: makkelijker online leren met een splinternieuwe, gebruikersvriendelijke

online leeromgeving en meer ‘blended’ cursussen.

De voordelen van blended leren

In deze tijd van werkdruk en lerarentekorten is de combinatie van nieuwe online mogelijkheden

en fysieke cursusbijeenkomsten natuurlijk een groot voordeel. De online mogelijkheden

integreren we in de cursus waarbij onze visie op online leren leidend is. Zo hebben

de online middelen echt een toegevoegde waarde en zijn de leerrendementen van de

cursus hoog.

Wees op tijd! Schrijf je in

voor 1 juli 2020 en ontvang

20% korting op de cursusprijs.

Wil je profiteren van

20% korting, vermeld dan de

kortingscode ROM2021 op

het inschrijfformulier.

Specialist worden? Je kunt je ontwikkeling verbreden, maar het is ook mogelijk om door

te groeien naar specialist. Bijvoorbeeld als je wilt doorgroeien binnen een bepaald vakgebied,

of als je als groepsleerkracht breder inzetbaar wilt zijn. Specialist word je door

middel van onze praktische, pittige éénjarige opleidingen. Je leert niet alleen veel over

taal, rekenen, lezen, het jonge kind, gedrag of passend onderwijs. Je leert ook kinderen

en collega’s te begeleiden op deze onderwerpen. Daarnaast leer je hoe je je kennis

schoolbreed inzet op beleidsniveau. Je kunt kiezen uit de volgende post-hbo basis- en

verdiepingscursussen die opleiden tot specialist op LB-niveau:

• Gedragsspecialist

• Leesspecialist

• Rekenspecialist

• Taalcoördinator

• Specialist Jonge kind

• Interne begeleiding

• Bouwcoördinator

www.cedgroep.nl

Als leren je lief is

ROM 3 / 9


ONDERBOUWD

HOE WORD JE EEN LERENDE

SCHOOL?

Blijf vragen

stellen

TEKST MARIJKE NIJBOER FOTO LOTJE VAN DER BIE

We bevragen Eke Krijnen over de lerende school, een begrip

dat steeds vaker terugkomt in beschouwingen over onderwijs.

Wat maakt een school lerend? En wat betekent die andere

veelgehoorde term, de professionele leergemeenschap (plg)?

‘Wees als

schoolleider

niet bang voor

collega’s met

een eigen

mening’

We mogen Eke trouwens best vragen

naar tips voor leerkrachten, maar ze wil

allereerst iets kwijt: ‘Ik sta als onderzoeker

langs de zijlijn. Ik zie dat leerkrachten

knetterhard werken en heb veel respect

voor wat ze allemaal doen.’ Dat u het

maar weet!

WERKEN AAN JE

LEERVERMOGEN

‘Als lerende school werk je aan je eigen

leervermogen’, zegt Eke. ‘Je wilt de school

verbeteren zodat je leerlingen zich optimaal

kunnen ontwikkelen.’ Dat gaat een

flinke stap verder dan simpelweg het

volgen van een training. Eke: ‘In een lerende

school onderzoeken leerkrachten

hun eigen praktijk. Ze reflecteren met elkaar

op wat ze doen en waarom, en trekken

daar lering uit. Als je dat als school

goed in de vingers krijgt, kun je dat in elke

situatie toepassen: bij het verbeteren van

het rekenonderwijs, van de relatie met

ouders, bij het oplossen van allerlei soorten

problemen.’

De term plg kan naar verschillende dingen

verwijzen. Bijvoorbeeld naar de leercultuur

in de hele school, waar iedereen

deelt van uitmaakt: conciërge, ouders,

leerkrachten en schoolleiding. Eke: ‘Het

kan ook gaan om een clubje leerkrachten

dat met een bepaald onderwerp bezig is.

Zij vormen een plg als ze collectief leren

en reflecteren op hun praktijk. Dat kan

ook schooloverstijgend, wanneer mensen

van verschillende scholen samenkomen

om bijvoorbeeld te werken aan manieren

om leesmotivatie te stimuleren.’

10 ROM 3


Eke Krijnen: ‘Ik denk dat best veel scholen de

kenmerken van een professionele leergemeenschap

hebben, zonder zich zo te noemen.’

en school verder konden verstevigen. ‘De

leden onderzochten hun eigen praktijk.

Ze vroegen ouders bijvoorbeeld wat zij

nodig hadden van de school en gebruikten

de verzamelde gegevens om verbeteracties

in te zetten.’

GEDEELDE VISIE

Een school die een plg vormt – po, vo,

mbo of anders – herken je aan verschillende

eigenschappen, vertelt Eke Krijnen.

‘Ten eerste zie je daar een gedeelde visie

op het onderwijs. De mensen zijn het

samen eens over wat ze willen bereiken,

waarom en hoe? Ondersteunend leiderschap

is daarbij van cruciaal belang. Verder

deelt men de verantwoordelijkheid

voor het leren van leerlingen. De leerkracht

groep 8 voelt zich er óók verantwoordelijk

voor dat de kleuters zich goed

kunnen ontwikkelen. Tenslotte wordt er

in een goede sfeer goed samengewerkt.

Deze elementen zorgen er allemaal voor

dat het team meer betrokken is bij het

onderwijs.’ Er zijn volgens haar geen

vaste routes voor het toewerken naar

Eke Krijnen is als onderzoeker

verbonden aan het Department of

Psychology, Education and Child

Studies van de Erasmus School of

Social and Behavioral Sciences. Zij

rondt momenteel haar proefschrift af

over het effect van het programma

VVE Thuis op de taal- en sociaalemotionele

ontwikkeling van

kinderen. Ook de professionele

leergemeenschap, onderwerp van

dit interview, behoort tot haar

aandachtsgebied.

een plg. ‘Je moet met elkaar op zoek.’

Er lopen in Nederland momenteel een

paar onderzoeken naar plg’s. Eke: ‘Ik

denk dat er best veel scholen zijn die de

kenmerken van een plg vertonen, zonder

dat ze zich zo noemen.’

STEVIG SAMENWERKEN

Voor het onderzoek waar Eke zelf aan

meewerkte (zie kader) werden plg’s

opgericht binnen vier basisscholen. Deze

waren in dit geval gericht op het stimuleren

van de samenwerking tussen ouder

en school. Deelnemers waren leerkrachten,

een schoolleider, oudercontactpersoon,

ib’er en een aantal ouders. Eens per

zes weken kwamen de leden bijeen om

te bespreken waar zij tegenaan liepen en

hoe ze de samenwerking tussen ouder

DANKZIJ DE CORONACRISIS

Eke vermoedt dat het afstandsonderwijs

tijdens de coronacrisis veel scholen nog

sterker heeft doordrongen van het belang

van een goede band met ouders. ‘Ik denk

dat scholen die hier al veel in hadden geïnvesteerd,

daar nu de vruchten van plukken.

Zij kunnen ouders waarschijnlijk veel

gemakkelijker bereiken om samen dat

thuisonderwijs vorm te geven.’ Het is heel

belangrijk, zegt zij, dat je als leerkracht en

als school kennis hebt van de achtergronden

van de leerlingen. ‘Dat je weet uit wat

voor soort gezin ze komen, hoeveel broertjes

en zusjes er rondlopen terwijl het kind

huiswerk moet maken. Die informatie

is heel waardevol tijdens het afstandsonderwijs,

maar blijft dat, nu de scholen

weer open gaan. Ik hoop dat leerkrachten

daar oog voor blijven houden.’

Haar tip voor leerkrachten die lerend te

werk willen gaan: ‘Blijf vragen stellen bij

wat je doet en wat je vindt. Waarom geef

je leerlingen bijvoorbeeld woordenschatlijstjes

mee? Verwacht je dat ouders daar

mee aan de slag gaan? Wat verwacht jij

precies van ouders en wat verwachten zij

van jou? Durf die vraag ook aan collega’s

te stellen. En wees als schoolleider niet

bang voor collega’s die een eigen mening

hebben. Stimuleer die kritische houding.’

MEER INFO

Wil je meer lezen over de

onderzoeken naar professionele

leergemeenschap? Kijk dan

op nro.nl/onderzoeksprojectenvinden

en zoek op ‘plg’.

ROM 3 / 11


DIT IS MIJN VAK

Geen zorgen

TEKST ANNE-MARIE PLASSCHAERT FOTO LEX HAMEETMAN

Van muzikant en beeldend kunstenaar tot

tekendocent en coach van beginnend leerkrachten.

Dat is het pad van Lex Hameetman. Na meer

dan een kwart eeuw fijn lesgeven op de Wolfert

van Borselen-mavo, ziet hij zich door de

coronamaatregelen nu ineens geconfronteerd

met halve examenopdrachten, en geen leerlingen

en lessen meer op school. ‘Het voelt allemaal

wel erg raar.’

Deze ochtend is Lex Hameetman (64) naar de Wolfert van Borselenschool

gefietst om de examencijfers van zijn leerlingen in te leveren.

Cijfers gebaseerd op een half uitgevoerde opdracht, vertelt de mavodocent

tekenen. ‘Voor tekenen hebben wij een praktisch schoolexamen.

Een opdracht waarvoor de leerlingen zestien uur hebben in twee

opeenvolgende dagen. Het was in de tweede week van de coronacrisis,

maar de examens konden gewoon doorgaan. De leerlingen werkten

aan grote tafels op anderhalve meter afstand van elkaar. De eerste

dag verliep gewoon, de volgende dag kwam ineens het bericht: stop

maar, de examens – ook centraal – gaan niet meer door. Het is bizar

om op deze manier nu examencijfers te bepalen.’

EERLIJK EN DIRECT

Ruim een kwart eeuw al werkt Lex bij de mavo van de Wolfert. ‘Wij

hebben hier de leukste kinderen: eerlijk en direct. Doe je het goed, krijg

je dat te horen, doe je het niet goed, dan hoor je dat ook. Daar houd

ik van. Mensen zeggen altijd dat zijn moeilijke kinderen, maar ik ben

goed in werken met moeilijke kinderen. In het verleden heb ik bij de

LTS*1 gewerkt, het ITO**2 en in opvangprojecten. Moeilijke kinderen

luisteren altijd wel naar me, vroeg of laat. Ik ben daar toen gestopt,

omdat een vader mij een aantal rondjes rond het gebouw joeg. Na drie

12 ROM 3

*1 LTS Lagere Technische School

**2 Individueel Technisch Onderwijs


Aan het begin van de lockdown startten de leerlingen aan hun praktisch schoolexamen

voor tekenen. De eerste dag werkten ze in de klas, op anderhalve meter afstand van

elkaar. De volgende dag kwam het bericht dat alle examens niet doorgingen. Lex: ‘Bizar

om zo examencijfers te bepalen.’

‘Een schouderklopje,

een compliment of

een gesprekje... Hoe

lager de onderwijssoort,

hoe meer ze dat

nodig hebben’

PERSOONLIJK CONTACT

Door de coronamaatregelen hebben de Wolfert-leerlingen online les.

De leerlingen loggen in op een bepaalde tijd, krijgen een korte instructie,

horen welke opdrachten ze moeten maken en wanneer ze die moeten

inleveren. Dan loggen ze vervolgens bij het volgende vak in. ‘Ze

kunnen zelf bepalen wanneer ze aan welke opdrachten werken, als

ze die maar op tijd inleveren’, legt Lex uit. ‘Dat gaat al beter dan toen

nog werd geprobeerd om na de instructie de leerlingen meteen aan de

opdrachten te zetten. Die waren soms na tien minuten al weg.’

‘Er gebeuren allerlei dingen in huis waar wij geen weet van hebben’,

vervolgt Lex. ‘Zeker bij onze mavo-leerlingen zijn er vaak meerdere

broertjes en zusjes in een niet zo grote woning en hebben ze maar één

computer. Dus dan is aan je schoolwerk zitten wanneer de school dat

verlangt heel lastig. Dat is wel anders bij het voornamelijk autochtone

vwo of de tweetalige opleiding. Die leerlingen hebben vrijwel allemaal

een eigen kamer en een laptop.’

Lex zegt over het onderwijs-op-afstand: ‘De goede leerlingen blijven

goed presteren als ze zelfstandiger werken. De allerslechtste leerlingen

blijven ook het allerslechtste. Maar er zit een groep tussen van

zo’n vijftien à twintig procent die dat zelfstandige werken niet aankan.

Je raakt ze kwijt en kunt niet bijsturen. Dat zag je bij de Tweede

Fase*** en dat zal je nu weer zien. Voor die kinderen geldt dat goed

onderwijs valt of staat met persoonlijk contact. Kinderen lopen op positiviteit,

een aai over de bol, een klap op de schouder, een compliment

of een gesprekje tussendoor. Hoe lager de onderwijssoort, hoe meer ze

dat nodig hebben. Na de meivakantie moeten díe kinderen dus in ieder

geval weer naar school.’

MEER ONLINE

Hoopvolle managers denken dat de door de coronamaatregelen afgedwongen

onderwijs-op-afstand-periode nieuwe initiatieven doet

opbloeien in het onderwijs. ‘Ik denk wel dat wij wat meer online gaan

doen: wat meer video-vergaderen en lessen met online instructiefilmpjes

bijvoorbeeld. Dan hoef je niet de hele klas bij elkaar te roepen’,

zegt Lex. ‘De leerlingen die zelfstandig kunnen werken, gaan dan met

de opdrachten aan de slag. De andere kinderen komen de volgende

dag op school en krijgen wat meer begeleiding, dan kun je bijsturen’.

Grote veranderingen verwacht ik echter niet’, vervolgt Lex. ‘Ik heb me

opgeworpen om instructiefilmpjes te maken, slechts één collega heeft

gereageerd.’ Bij collega’s boven de 40 bemerkt hij soms gebrek aan

energie; iedereen is bezig met zijn eigen lessen. ‘En de nieuwe docenten

zijn vooral druk om het vak te leren. Door het lerarentekort hebben

wij veel aankomende leerkrachten die vaak nog in het derde jaar van

hun opleiding zitten’, verklaart Lex. Hij begeleidt als coach zo’n vijftien

onervaren collega’s en staat ze met praktische tips terzijde. ‘Maar

als straks die coronamaateregelen van de baan zijn, dan pakken onze

leerlingen de draad zo weer op. Dat weet ik zeker. Ze leren snel en halen

alles gemakkelijk in. Ik maak me daar geen zorgen over.’

bedreigingen was ik het zat. Het geeft wel aan waarom die kinderen

toen moeilijk waren.’

BUCKET LIST

Drie dingen wilde Lex Hameetman bereiken in zijn leven:

de marathon lopen, de wereld zien en in Carnegie Hall

spelen. Twee keer liep hij de marathon van Rotterdam. ‘En

ik heb inmiddels een krappe honderd landen gezien. Elke

vakantie ga ik op reis, mijn hele leven al; van Brazilië tot

China en van India tot Zuid-Afrika.’ Als zanger/gitarist

speelde hij in allerlei bandjes. ’We repeteerden in dezelfde

ruimte als het Klein Orkest, maakten al Nederlandstalige

muziek vóór Doe Maar… maar Carnegie Hall, nee, dat is

niet gelukt.’ Wanneer het met de bandjes een beetje stopt,

stort Lex zich op de kunst. ‘Ik had tentoonstellingen en

kon er zelfs aardig van leven. Maar ook dat werd op een

gegeven moment minder. De afgelopen twintig jaar heb ik

mij vooral met onderwijs bemoeid.’ Nog steeds tekent Lex

wel eens een portret voor iemand. De muziek is dagelijkse

kost: ‘Dat moet je bijhouden, dus ik oefen echt elke dag.’

*** De Tweede Fase werd ingevoerd in het vo in 1998 en richtte zich op het

vergroten van de zelfstandigheid van leerlingen.

ROM 3 / 13


AFSTANDSONDERWIJS AAN LEERLINGEN MET

ANGST OF AUTISME

‘Dit houden

we erin!’

TEKST INEKE WESTBROEK FOTO ECHICA ZANTMAN, IRENE SCHAAP, MARIËTTE VAN LEEUWEN

In de klas kunnen ze zich moeilijk concentreren en presteren ze

daardoor onder hun kunnen. Maar thuis, achter de computer, vliegen

ze door de lesstof, met opmerkelijke resultaten. Afstandsonderwijs

blijkt voor leerlingen met bijvoorbeeld angstproblemen of autisme

een verrassende meerwaarde te hebben.

Toen ze tijdens de lockdown overschakelden

naar onderwijs op afstand, concludeerden

docenten van vso-scholen binnen Stichting

Horizon al snel: dit houden we erin! Ze merkten

dat vooral autistische leerlingen deze

digitale onderwijsvormen het beste oppakken.

Huiswerk doen ze sneller dan voorheen.

Faalangstige en verlegen kinderen, die op

school hun mond niet opendoen, praten tijdens

videogesprekken honderduit. Docenten

hebben meer overzicht op het werk van leerlingen

en kunnen nu beter meekijken tijdens

het uitvoeren van opdrachten en direct feedback

geven.

ONLINE LEREN EN ONTMOETEN

Leerlingen van het vso Schreuder College Taborstraat

en praktijkschool Schreuder College

De Villeneuvestraat krijgen les uit digitale

boeken, beschikbaar in de cloud, op Chromebooks

die de school verschaft. Na klassikale

instructie via Google Meet gaan ze aan de

slag in Cloudwise en Google Classroom. Antwoorden

voeren ze digitaal in. Leerlingen van

de praktijkschool krijgen op deze manier ook

praktijkvakken, zoals planten zaaien aan de

hand van instructies uit een zaaiboek. Leerlingen

die moeite hebben met schrijven en

overzicht houden, varen er wel bij. Dat merkt

ook Sjoerd Nicodem, docent aan praktijkschool

Schreuder College: ‘Digitaal werken

voorkomt knoeien. Leerlingen kunnen typen

en met een muisklik de juiste pagina vinden.

Afstandsonderwijs kan ook een oplossing

zijn voor leerlingen die thuiszitten doordat

ze niet in groepen kunnen functioneren.’

14 ROM 3


EXTREEM VOORSPELBAAR

Lessen op afstand aan leerlingen met autisme

of angstproblemen vragen gedegen

voorbereiding. Bestaande handleidingen

voor afstandsonderwijs moeten op deze

groepen worden toegesneden. ‘Lessen moeten

stapsgewijs worden opgebouwd’, ervaart

Nicodem, die dertig uur bezig was om de

handleidingen bij de digitale programma’s

voor collega’s en leerlingen van drie verschillende

niveaus naar het praktijkonderwijs te

vertalen.

Irene Schaap, directeur Schreuder College locatie

Taborstraat, prijst de heldere structuur

van de al bestaande thuisprogramma’s: ‘Het

rooster voor de hele week, met per les toegevoegde

leerdoelen, maakt heel duidelijk wat

ze moeten doen. Alles meetbaar en voorspelbaar

tot in het extreme.’

OUDERCONTACTEN

Samenwerking tussen docenten en ouders

verdiept zich tijdens thuisonderwijs, constateren

zowel Nicodem als Schaap. Nicodem:

‘De contacten zijn regelmatiger, met veel

ouders dagelijks, telefonisch of per mail. Dat

biedt mogelijkheden tot overleg en geeft

beter zicht op de manier waarop ouders hun

kinderen begeleiden. Mooi is dat ouders vaak

filmpjes mailen van lesresultaten. Gezaaide

planten, getimmerde kasten.’

Als alles weer draait zoals vroeger, wordt het

voor ouders lastig hun kinderen op dezelfde

manier te begeleiden, beseffen Schaap en

Nicodem: ‘We moeten nadenken hoe we

ouders hierin blijvend ondersteunen’, aldus

Nicodem, die mogelijkheden ziet om onderwijsassistenten

en vakdocenten van buitenschoolse

activiteiten bij de begeleiding te

betrekken.

Sjoerd Nicodem

(docent praktijkschool Schreuder College):

‘Afstandsonderwijs kan ook een oplossing zijn voor

leerlingen die thuiszitten doordat ze niet in groepen

kunnen functioneren.’

Irene Schaap

(directeur Schreuder College, locatie Taborstraat):

‘Het weekrooster met leerdoelen maakt duidelijk

wat leerlingen moeten doen. Alles meetbaar

en voorspelbaar tot in het extreme.’

Mariëtte van Leeuwen

(directeur-bestuurder van Horizon):

‘Tot nu toe kregen de druktemakers alle aandacht,

ten koste van kinderen die rustig in eigen tempo

willen doorwerken.’

HYBRIDE

Afstandsonderwijs implementeren is een ingrijpende

klus, waar schoolteams unaniem

achter moeten staan. De teams staan ervoor

open, blijkt uit een enquête van Horizon onder

de twintig aangesloten scholen. Een projectgroep

onderzoekt hoe een hybride combinatie

van school- en thuisonderwijs vorm

kan krijgen.

‘Tot nu toe kregen de druktemakers alle aandacht,

ten koste van kinderen die rustig in

eigen tempo willen doorwerken’, weet Mariëtte

van Leeuwen, directeur-bestuurder van

Horizon. ‘In de afgelopen periode zagen we

hoe goed dit uitpakt als deze kinderen hiertoe

de kans krijgen. Die ervaringen gaan we

optimaal benutten om het onderwijs nog

passender te maken. Samen bedenken we

scenario’s om de lessen die wij hebben geleerd

straks te benutten.’

NADELEN OP LANGE TERMIJN

Wat zou het afstandsonderwijs op langere

termijn kunnen betekenen voor de leerlingen?

Nicodem: ‘De gehele situatie nu is lastig,

maar verschilt per leerling. Het missen van

het ritme begint veel leerlingen op te breken.

Het “nieuwe” is ervan af en een aantal

leerlingen ben ik aan het ‘kwijtraken”. Het

functioneren in een groep mensen is erg belangrijk.

Alles valt en staat wel met de begeleiding

vanuit huis. Leerlingen die door hun

ouders goed begeleid worden, lijken minder

moeite te hebben met de situatie en sommige

van deze leerlingen scoren hoger, maar

dit staat los van het sociaal- emotionele. In

die zin heeft afstandsonderwijs een negatief

effect op het sociaal-emotionele.’

PILOT

Sinds 2 juni loopt op de Locatie Taborstraat

een pilot met leerlingen met autisme. Het

lesrooster wordt losgelaten, maar duidelijk

is welke vakken die dag op het programma

staan, met doel en lesinhoud. Leerlingen bepalen

zelf welke taak ze op welk moment

uitvoeren. Op vaste tijden zijn er overlegmomenten

voor nieuwe leerinhouden, op

andere momenten kunnen leerlingen zelfstandig

werken en verplicht uitleg en feedback

krijgen. Het programma kunnen ze ook

thuis volgen.

‘We moeten creatieve oplossingen zoeken

voor hoe we kunnen omgaan met schriftelijke

overhoringen, presentaties en tentamens’,

schetst Schaap, ‘In ieder geval hebben

we geleerd dat oplossingen zich vanzelf ontvouwen

als de nood aan de man is.’

MEER LEZEN

Op ROMnieuws.nl lees je meer

over de ervaringen van deze

scholen in het artikel Thuisonderwijs:

Blokkades en voordelen

voor autistische leerlingen.

ROM 3 / 15


DIT IS MIJN KLAS

Filiznur (13)

‘Toen we thuis moesten

blijven, kon ik in mijn eigen

kamer mijn werk maken en

me goed concentreren. Lekker

vanuit mijn bed op de

iPad mijn huiswerk maken.

Ik hoefde niet eens mijn

haar te doen! Toch vond ik

het minder leuk om thuis te

werken, omdat ik op school

betere uitleg krijg. Dat is

via een video toch anders.

Ik miste mijn klasgenootjes

ook erg.’

Morientes (10)

‘‘Ik maakte mijn werk in de

woonkamer, op de laptop.

Soms maakte mijn zusje herrie

en wilde ik liever naar

mijn slaapkamer. Dat mocht

niet van mijn moeder, omdat

ze wilde zien wat ik deed.

Ik heb leesbingo gedaan op

gekke plekken, zelfs op de

wc! Door het coronavirus

was alles anders. Ik miste

het buitenspelen met mijn

vriendjes, want ik kwam

bijna niet buiten.’’

16 ROM 3


Leonie (9)

‘‘Mijn schoolwerk deed

ik lekker in mijn pyjama.

Daarna ging ik lekker op het

balkon of voor de deur in de

zon zitten. Het was handig

dat je de filmpjes van de

meester op pauze kon zetten

en filmpjes kon terugkijken

wanneer ik het niet in één

keer begreep. Ik vond het

niet leuk dat mijn moeder

me opjaagde. En ik miste

mijn vrienden, vriendinnen

en de meester wel erg.’ ’

TEKST RONALD BUITELAAR FOTO PETJA BUITENDIJK

Koen van der Ende is leerkracht groep 5 op OBS Finlandia

in Oud-Mathenesse.

‘Voor een crisis van deze omvang lag natuurlijk geen draaiboek klaar. Dat

maakte het extra complex. Toch hebben we met ons harde werken echt

het verschil voor onze leerlingen gemaakt. Normaal ben ik niet snel onder

de indruk, maar dit was wel even iets anders.

Eerst hebben we geïnventariseerd of alle kinderen over een tablet, laptop

of telefoon beschikten. Met hulp van school en de gemeente slaagden we

erin om elk kind van een device te voorzien. In de eerste drie weken liet

ik mijn leerlingen de vakken online verwerken, of liet ik ze mij foto’s mailen

van gemaakt werk. Dat werd verschillend opgepakt, maar uiteindelijk

hebben al mijn leerlingen meegedaan aan afstandsonderwijs.

Later hebben we ons aanbod verrijkt. Van experts hadden we begrepen

dat we het beste op herhaling van leerstof konden inzetten. Daarnaast

zijn we instructievideo’s gaan maken en kregen de kinderen elke dag een

planning. Dat bleek goed te werken, omdat ze zelf verantwoordelijk waren

voor de uitvoering. Ook konden we via Google Classroom interactiever

werken. Dat deed veel met de betrokkenheid. Ik kreeg reacties als ”Ik wil

weer naar school”, “Ik mis iedereen” en “Ik verveel me thuis, meester”.

Dat sociale aspect vond ik eigenlijk nog het moeilijkste van de afgelopen

periode. Gesprekjes via de computer zijn leuk, maar je wilt elkaar in het

echt zien.

Het was daarom leuk om met mijn collega’s vlak voor de meivakantie in

een tuktuk speciale pakketjes bij de kinderen af te leveren met spulletjes

van de politie, Lekker Fit!-materialen, knutselspulletjes en een kleine bijdrage

van de supermarkt. Fijn om iets extra’s te doen en elkaar weer even

te zien. Dat werd erg gewaardeerd door ouders en kinderen.’

Op het moment dat de scholen weer begonnen hebben we Koen gevraagd

terug te kijken: ‘Nu ik de kinderen weer voor mijn neus heb, zie ik

nog scherper hoe belangrijk het contact in de klas is. Zien of de leerstof

begrepen wordt en directe feedback kunnen leveren. Dat is van groot

belang voor het leerproces. Verder valt de enorme veerkracht van de kinderen

op. Ik bespeur weinig aanpassingsproblemen en als ze angstig zijn

komt die angst vaker vanuit thuis dan vanuit henzelf. Eigenlijk zijn zowel

wij als de kinderen vooral blij dat we de normale gang van zaken weer

min of meer kunnen oppakken.’

ROM 3 / 17


SNELLE ONTWIKKELINGEN EN

NIEUWE IDEEËN VOOR DE TOEKOMST

‘Corona-lessen’ in

de kinderopvang

TEKST MARIJKE NIJBOER ILLUSTRATIE CHRIS VERSTEEG (PROJEKT C)

Via de media zagen we hoe scholen het afstandsonderwijs

verzorgden. Maar óók de kinderopvang kwam met een uitgebreid

aanbod voor de gezinnen thuis. En net als scholen bood de

kinderopvang noodopvang voor kinderen van ouders met cruciale

beroepen en kinderen uit een onveilige thuissituatie. KindeRdam

ontdekte dat de eigen mensen snel en flexibel kunnen inspringen

op veranderingen.

‘Onze pedagogisch medewerkers (pm’ers)

werkten in de noodopvang ineens ook met

voor hen onbekende kinderen, die normaal

gesproken niet naar de kinderopvang kwamen’,

vertelt Yvonne Vorage, directeur werkontwikkeling

bij KindeRdam. ‘Dat hebben ze

heel goed gedaan. Zeker wanneer je bedenkt

dat ouders minder tijd voor de intake hadden

en de kinderen ook niet rustig konden wennen.

We maakten hiervoor een noodkaart

waarop ouders bijzonderheden konden aangeven.

We ontwikkelden ook allerlei activiteiten

voor ouders en kinderen thuis. Dat lukte

in korte tijd, door samen snel te schakelen.’

Dit is één van de ‘corona-verworvenheden’

die Yvonne wil meenemen naar de toekomst.

‘Je ziet dat processen vaak veel tijd kosten.

Die tijd was er nu niet. Er kwam bij iedereen

‘We hebben

de smaak van

innovatie te

pakken’

veel energie los om het contact met de gezinnen

thuis goed te regelen. Sommige pm’ers

zorgden dat ze konden videobellen met ouders,

anderen stuurden kaartjes naar kinderen

en ouders.’

ACTIVITEITEN VOOR HET HELE

GEZIN

Wekelijks informeerde elke pm’er bij de ouders

van de eigen mentorkinderen hoe het

thuis ging met het kind. De pedagogisch

coaches ontwikkelden een pakket met activiteiten

voor de verschillende leeftijdsgroepen

tussen 0 en 12 jaar, vaak gericht op het hele

gezin. Er werden op de locaties ook video’s

gemaakt die naar ouders werden gestuurd

(zie kader). ‘Ouders lieten ons weten dat ze

het prettig vonden om dit soort tips te ontvangen’.

Normaal gesproken verzorgen externen voor

de buitenschoolse opvang workshops voor

kinderen. Nu deden dat ze digitaal, en knipten

hun activiteiten op in sessies van een

kwartier. Ouders en kinderen vonden de miniworkshops

op een YouTube-kanaal en konden

hiermee op een voor hen geschikt moment

aan de slag. Kinderen konden bijvoorbeeld in

de huiskamer basketballen met behulp van

twee wasmanden en een paar opgerolde sokken.

Of ze maakten dieren van stukjes stof of

behang en hingen die op in hun slaapkamer.

Yvonne: ‘Zo konden we voor ouders iets van

de druk op hun vrije tijd weghalen, en de ontwikkeling

van de kinderen blijven stimuleren.’

SAMENWERKING MET

HULPVERLENING

Voor kinderen die extra ondersteuning nodig

hebben, biedt KindeRdam Plusopvang. ‘Normaal

werken we vanuit de Plusopvang veel

samen met de hulpverlening. Dat hebben

we nu geïntensiveerd’, vertelt Yvonne. ‘Onze

zorgcoördinatoren onderhielden daarbij intensief

contact met de ouders. We wilden

hen extra ondersteunen. Voor hen was het

een pittige periode, met een kind dat extra

aandacht vraagt.’ Wanneer het thuis echt te

zwaar werd en de veiligheid in het gedrang

kwam, kon noodopvang worden ingezet.

KindeRdam ontwikkelde verschillende trainingen

voor de medewerkers. Zo konden

ook degenen die nu niet meewerkten aan de

18 ROM 3


noodopvang, thuis actief blijven door trainingen

te volgen. Observeren in een groep kon

nu niet, dus werd voor de bijbehorende opdrachten

(bijvoorbeeld: hoe zie je of een kind

betrokken is bij een activiteit?) bestaand

filmmateriaal gebruikt.

WELKOM TERUG!

Voor de heropening van de kinderopvang

maakte KindeRdam een speciaal ‘welkom terug-programma’.

Yvonne: ‘We gaan de eerste

weken extra goed kijken hoe het is gesteld

met het welbevinden van kinderen. Het allerbelangrijkste

is dat zij zich goed en veilig

voelen in de groep.’

De overdracht naar ouders en de jaarlijkse

kindvolggesprekken gebeuren voorlopig

vooral telefonisch en digitaal. Yvonne: ‘Misschien

bevalt dit wel zo goed dat we dat in de

toekomst ook blijven doen. Dat is ook gemakkelijk

voor ouders; voor hen is het vaak een

heel gedoe om hierheen te komen.’

SMAAK TE PAKKEN

De kinderopvangsector klaagde recentelijk

over de uiteenlopende manieren waarop

basisscholen weer opstartten. Dat maakte

een goede aansluiting met de kinderopvang

heel lastig. ‘De afstemming tussen kinderopvang

en het onderwijs heeft veel tijd gekost;

daar hebben onze managers samen met de

schooldirecteuren veel in geïnvesteerd. Wanneer

het lukte de maatschappelijke impact

mee te nemen tijdens de opstart was het mogelijk

om een passend aanbod voor kinderen

en hun ouders te maken.’

KindeRdam heeft tijdens de corona-periode

gemerkt dat het ontwikkelen van nieuwe dingen

ook snel kan. Yvonne: ‘En we weten nu

dat de zaken rondom de opvang, zoals overleg,

trainingen en oudercontacten, prima digitaal

kunnen. We hebben de smaak van innovatie

te pakken. Het kan allemaal ook anders.’

VIDEO’S

Pm’ers filmden activiteiten die ze

met de kinderen deden. Ouders

konden deze video’s thuis samen

met met hun kind terugkijken, er

over praten en de activiteit thuis

ook eens doen. Voorbeelden van

activteiten die werden opgenomen

zijn:

• voorlezen

• samen een maaltijd maken aan de

hand van een recept

• muziek maken en dansen

• je eigen familie tekenen, daar

samen over praten en de tekening

opsturen naar opa en oma

ROM 3 / 19


RECENSIE

RECENSIES VOOR EN DOOR COLLEGA’S

3 Boeken

1

DIDACTIEK EN PEDAGOGIEK IN HET

BEROEPSONDERWIJS

RENÉ VAN KRALINGEN

Didactiek en pedagogiek in het beroepsonderwijs is een

praktisch boek bedoeld voor instructeurs, docenten en

onderwijsassistenten werkzaam in het mbo. Maar eigenlijk

is dit een zeer bruikbaar boek voor iedereen die lesgeeft

op praktische beroepsopleidingen, zoals vakcolleges in

het vmbo of in het voortgezet praktijkonderwijs. De zes

hoofdstukken zijn afzonderlijk van elkaar te gebruiken en

door te nemen, afhankelijk van je behoefte. Hoofdstuk 1

legt uit hoe je zelfstandig kunt opereren als instructeur. Dit

wordt kort en bondig gedaan, aan de hand van herkenbare

praktijkvoorbeelden en korte opdrachtjes. Hoe schrijf je een

werkbaar stappenplan? Hoe kun je studenten zo effectief

mogelijk laten samenwerken? Welke werkvormen zijn

geschikt? Dit zijn enkele voorbeelden van onderwerpen die

aan bod komen in dit hoofdstuk. Hoofdstuk 2, waarin het

samenwerken met jongeren wordt besproken, vond ik het

sterkst. Geen diepe psychologische uitleg over het puberbrein,

maar duidelijke tips die meteen in de praktijk te gebruiken

zijn. We kennen allemaal wel een collega die net te amicaal

is met studenten. Van Kralingen beschrijft wanneer dit het

geval is en wat je hieraan kunt doen. Wat vernieuwend om

dit ook eens te lezen in een handboek voor opleiders. Maar

ook de paragrafen over grensoverschrijdend gedrag, vragen

stellen aan jongeren en de thuissituatie zijn verhelderend

en herkenbaar. Kortom een goed geschreven en inspirerend

boek geschreven door iemand die verstand heeft van het

werken in de praktijk. Lees dit!

Lisa Rutten-Dreissen werkt als docent Nederlands,

taalcoach en mentor op het ISW Westland Vakcollege

in Naaldwijk.

2

TAALONTWIKKELINGSSTOORNISSEN

IN HET VO EN MBO

BERNADETTE SANDERS

De titel van dit boek trok mijn aandacht, omdat ik dit jaar

voor het eerst een leerling met een taalontwikkelingsstoornis

(TOS) in mijn brugklas heb. Daardoor zit ik best verlegen om

praktische handelingsadviezen.

Het boek bestaat uit vier delen en neemt je mee vanuit

theorie naar herkenning en interpreteren van gedrag.

Dan naar wat het hebben van een TOS op school en in de

maatschappij betekent en ten slotte het toekomstperspectief

van iemand met een TOS. Wat ik heel fijn vind, is dat er in

ieder deel een stuk uitleg is, ondersteund door een kader

met tips en aandachtspunten en een kader met een

praktijkvoorbeeld. Dit maakt het voor mij allemaal goed te

begrijpen. In deel 3 worden echt handvatten gegeven voor

het geven van zaakvakken, leesonderwijs en talen aan TOSleerlingen.

Zo begrijp ik beter waar de leerling tegenaan loopt

bij de diverse vakken. In het laatste stuk van het boek zijn

ervaringsdeskundigen aan het woord. Heel verhelderend wat

TOS met iemand doet.

Het boek voldoet aan mijn verwachtingen. Zoals de ondertitel

aangeeft, biedt het echt praktische handelingsadviezen en

deze zijn direct toepasbaar. Ik heb het boek in mijn bureaula

liggen zodat ik het direct kan raadplegen als ik ergens

tegenaan loop.

Petra van Haaren is docent op Het Passer College, een

cluster 4 vso school.

20 ROM 3


MEER RECENSIES

Op ROMnieuws.nl vind je nog veel meer recensies

van onderwijsboeken, geschreven door collega’s

uit het onderwijs.

Online Atelier

& Studio

bezoeken

Beeldend kunstenaar Margré Steensma in haar atelier

3

KIEZEN VOOR HET JONGE KIND

HELMA BROUWERS

virtueel bezoek aan ‘n kunstenaar of artiest

In deze roerige tijden denkt SKVR graag met je mee over alternatieve

vormen van kunstonderwijs.

Zo bieden we jouw leerlingen of studenten een

verrassende break met een online atelier- of studiobezoek.

Door een kijkje te nemen in de werkruimte van een

kunstenaar of artiest, maken ze kennis met een creatief

beroep én leren ze via een ander perspectief kijken.

Het boek van Helma Brouwers is een compleet werk over de

ontwikkeling van het jonge kind, waarin aandacht is voor

alle aspecten die rondom het jonge kind van belang zijn. Zo

worden de ontwikkelingsgebieden op toegankelijke, hetzij

soms te uitgebreide, wijze beschreven en afgewisseld met

voorbeelden uit de praktijk.

Het stimuleren van de ontwikkeling wordt aan de hand van

de spelontwikkeling nauwkeurig omschreven, naast een

theoretisch deel is er ook een toepassing voor de praktijk. De

visie op onderwijs aan jonge kinderen krijgt ruim de aandacht,

zo ook de verschillende doelen die gesteld kunnen worden.

De kinderopvang wordt hierin meegenomen, waardoor het

boek zowel voor professionals in het onderwijs als in de

kinderopvang bruikbaar is. Het boek biedt leerkrachten en

pedagogisch medewerkers een handvat voor het werken

met jonge kinderen, zowel voor wat betreft het omgaan met

ontwikkelingsmaterialen en organisatie in een groep, als het

handelen op pedagogisch en didactisch vlak.

Veel is gestoeld op bestaande theorieën, er komen weinig

nieuwe inzichten aan bod. In die zin voegt het boek niet per

se iets nieuws toe aan soortgelijke en eerder verschenen

boeken van bijvoorbeeld Janssen-Vos.

Arjola Ketting is werkzaam als intern begeleider op De Piloot,

speciaal onderwijs (cluster 4).

De virtuele bezoeken zijn ontstaan vanuit

Spot The Yellow: een open innovatieplatform waarin

co-creatie tussen kunstprofessionals, SKVR en partners uit het

onderwijs, sport, zorg en welzijn centraal staat.

Heb je interesse, vragen of wil je samen sparren?

Mail ons via onderwijs@skvr.nl of bel met 010-2718320.

skvr.nl/onderwijs

primair onderwijs – voortgezet onderwijs - mbo

Arjola Ketting is werkzaam als intern begeleider op

De Piloot, speciaal onderwijs (cluster 4).


KLEUTERGROEP MOET BETER AANSLUITEN OP

ONTWIKKELING

Spelend leren,

óók in groep 1 en 2

TEKST MARIJKE NIJBOER FOTO JACOBUSSCHOOL

Op de vroegere kleuterschool

werd naar hartenlust gespeeld.

Er werd gekliederd met zand

en water, geknipt en geplakt,

gezongen en buiten gestept.

De kleuterleidsters waakten

over de ontwikkeling van de

kinderen en wisten hoe ze die

verder konden uitlokken. Nu

wil de overheid terug naar die

speelse benadering. Aparte

kleuterscholen zullen er niet

meer komen, maar in groep 1

en 2 wordt spelend leren weer

het motto.

Landelijk klinkt de roep om verbetering van

het kleuteronderwijs. Verschillende onderzoeken

wijzen uit dat het onderwijs in de

kleutergroepen door het schoolse karakter

niet goed aansluit bij de ontwikkeling van

vier- tot zesjarigen. De Inspectie van het Onderwijs

onderschreef in juni 2019 die conclusie

en wees erop dat de opbrengsten van de

voorschool in de vroegschool deels verloren

gaan. ‘Mede op basis daarvan hebben de Rotterdamse

schoolbesturen bepaald dat er op

In onze themahoeken komen de thema’s op allerlei manieren terug. Dat zorgt voor een rijke speelomgeving

waarin kinderen fantastisch werken.’

dit gebied iets moest gaan gebeuren’, vertelt

Irene van Kesteren, die in opdracht van kinderopvangorganisatie

KindeRdam het Rotterdamse

projectplan schreef. De bedoeling

is ook dat er een goede, doorgaande leer- en

ontwikkellijn komt van de peuterspeelgroep

(in Rotterdam ook bijvoorbeeld peuterschool

of peutergroep genoemd) naar groep 1, zodat

jonge kinderen moeiteloos kunnen doorstromen.

22 ROM 3


GEVOEL VOOR KLEUTERS

Daarbij helpt het als er een warme overdracht

is, en pedagogisch medewerkers en leerkrachten

bij elkaar komen kijken en hun kennis

en expertise delen. ‘Dan loopt het spelend

en ontdekkend leren als vanzelf ook door op

de basisschool’, zegt Irene van Kesteren. ‘Het

is van grote waarde als beide partijen ook

een gemeenschappelijke visie hebben op de

ontwikkeling van jonge kinderen en samen

nadenken over zaken als ouderbeleid en aannamebeleid.’

De entourage van een basisschool leidt ertoe

dat de nadruk ook bij de kleuters op leren ligt,

zegt zij. ‘De kleuterleerkrachten zijn opgeleid

op een pabo en gaan ervan uit dat er moet

worden geleerd. Zij worden vaak aangestuurd

door een directeur die ook niet vanzelf gevoel

heeft voor het wezen van een kleuter. Daar

komt bij dat de kleuterklassen vaak ook niet

zijn ingericht om ontdekkend te leren.’

‘De directeur

heeft ook niet

altijd vanzelf

gevoel voor

kleuters’

AANSLUITEN BIJ DE BELEVING

Tenminste één Rotterdams schoolbestuur

heeft al zijn kleuterleerkrachten al getraind in

spelend en ontwikkelend leren en onderhoudt

nauwe relaties met de aanleverende peuterspeelzalen.

Van Kesteren: ‘Het is ook belangrijk

dat dit tussen de oren komt van leidinggevenden

in het basisonderwijs.’ Uiteindelijk

zal elk schoolbestuur eigen afspraken maken

met de gemeente over wat kinderen aan het

eind van groep 2 geleerd moeten hebben.

‘Dat hoeft niet per se te gaan over kwantitatieve

zaken zoals het tellen tot twintig’, zegt

Van Kesteren. ‘Het kunnen ook kwalitatieve

afspraken zijn, zoals het kunnen luisteren

naar anderen en samen kunnen spelen. Het

gaat erom dat de leerkrachten leren om goed

aan te sluiten bij de beleving van de kleuters

en hen uitdagen om te groeien. Dat is goed

voor hun ontwikkeling en zo vergroot je hun

onderwijskansen.’

ERVARINGEN VAN

DE JACOBUSSCHOOL

Peuterspeelgroep De Guppies van KindeRdam huist in een

lokaal van de Jacobusschool. ‘We zijn officieel nog geen

integraal kindcentrum’, zegt directeur Maike Verboon,

‘maar veel ouders zien ons als één geheel.’ De meeste

peuters stromen dan ook door naar hun groep 1.

De pedagogisch medewerkers (pm’ers) en onderbouwleerkrachten werken nauw samen,

vanuit dezelfde visie op het jonge kind. Ook de leerkrachten doen veel aan betekenisvol

spelonderwijs. De pm’ers en het onderbouwteam overleggen maandelijks

samen en bereiden één keer per jaar hetzelfde thema voor.

Maar ook wanneer de thema’s verschillen, vinden ze raakvlakken. Maike: ‘De onderbouw

werkt momenteel met het thema ‘ziek zijn’, de peuters met ‘de lente’. Samen

hebben ze het over het halen van een frisse neus en gezond eten.’ Bij elk thema hoort

ook een gezamenlijke activiteit, zoals een buitenactiviteit gericht op de motorische

ontwikkeling.

RIJKE SPEELLEEROMGEVING

Maike: ‘Kleuters hebben echt nodig dat de leerkracht hen observeert en aansluit op

hun onderwijsbehoefte. Dat leer je onvoldoende op de pabo. Een leerkracht in onze

onderbouw heeft een opleiding Jonge Kind Specialist gevolgd en ook ik heb me daarin

verdiept. In onze themahoeken komen de thema’s op allerlei manieren terug. Dat

zorgt voor een rijke speelomgeving waarin kinderen fantastisch werken.’ Steeds zoeken

de kleuterleerkrachten de balans tussen verplichte leerstof en betekenisvolle activiteiten.

De kleuters mochten bijvoorbeeld een knuffel van thuis meenemen en daar

een hokje voor bouwen. Naar die ‘dierenwinkel’ kwamen de peuters kijken. ‘Zo wordt

ons onderbouwplein een vertrouwde plek. De kinderen maken contact met elkaar en

daardoor gaat de taalontwikkeling ook omhoog’, ziet Maike Verboon.

WINKEL OP DE GANG

‘Bij onze activiteiten komen de sociaal-emotionele doelen op allerlei manieren aan

bod. Bij de leeftijdsgroep van 2 tot 6 jaar differentiëren we zodat iedereen op zijn

niveau een leerervaring opdoet. Van die kennis hebben ze heel hun sociale leven plezier.’

Het spelend en ontwikkelend leren wordt op de Jacobusschool doorgetrokken naar

leerjaar 3 en 4. ‘We willen het spelen niet afleren, maar er juist in houden’, benadrukt

de directeur. De leerjaren 3 en 4 hebben een winkel op de gang. De leerlingen nemen

speelgoed mee van huis, bepalen daar de prijs van en ‘verkopen’ het aan elkaar. Zo

leren ze met geld rekenen.

Het speelse element stopt niet na leerjaar 4. Het motto van de Jacobusschool – “Zie

en ontdek” – wordt in alle leerjaren toegepast. ‘Je leert het beste door te doen. In

leerjaar 8 leren kinderen bijvoorbeeld over een hectometer door die uit te meten. Zij

weten voor de rest van hun leven precies hoe lang een hectometer is.’

ROM 3 / 23


VOOR- EN NADELEN VAN VIDEOLESSEN

De meester op YouTube

TEKST RENATE MAMBER FOTO SIMONE EBBEN; YOUTUBE

Zijn video’s een nuttig lesinstrument?

Veel scholen probeerden het de

afgelopen maanden uit. Drie

leerkrachten over hun ervaringen.

Speurtocht

van wc-papier

SIMONE EBBEN

groep 1/2, De Schalm

‘Sinds de scholen zijn gesloten maak ik iedere

dag een video. Voor de onderwerpen haal ik

leerdoelen uit ons observatiesysteem. Zo heb

ik een video gemaakt van hoe ik wc-papier

uitrol in mijn huiskamer en vervolgens maak

ik een tocht door de kamer zonder het wc-papier

te raken. Hierbij komen begrippen aan de

orde als: boven, onder en eroverheen. Vervolgens

vraag ik de kinderen hetzelfde te doen.

Ik heb een heleboel leuke foto’s en filmpjes

teruggekregen. Sommigen ouders zijn daar

heel actief in, andere minder. Niet iedereen

heeft evenveel tijd.

Een keer in de week komen de kinderen naar

school om een lespakket op te halen. Dan

hoor ik dat de kinderen de filmpjes kijken en

leuk vinden. Ze praten bijvoorbeeld enthousiast

terug tegen de juf op de video.

Ik maak de video’s met mijn telefoon. Meestal

staat alles er in één take op. Het hoeft er niet

heel professioneel uit te zien, de kracht is dat

de kinderen hun eigen juf zien.’

‘Ik heb er nog niet over nagedacht of dit iets

is om in de toekomst te blijven gebruiken. Het

allergrootste nadeel is dat je niet direct de reactie

van de leerlingen kan zien. Ik heb een

video over een vouwopdracht, die kan ik misschien

later eens gebruiken. Dan zet ik dat op

voor een klein groepje, terwijl ik zelf met een

ander groepje aan het werk kan.’

‘Het hoeft er

niet heel

professioneel

uit te zien, de

kracht is dat

de kinderen hun

eigen juf zien’

24 ROM 3


Niets is verplicht

IVAR VAN DEN DOOL

groep 4, De Schalm

‘We maakten in het begin iedere week een

video om de kinderen te enthousiasmeren.

Bijvoorbeeld een video met een opdracht als:

zoek in huis alle spullen met een bepaalde

letter. We vragen altijd een reactie terug in

de vorm van een foto of filmpje, maar we

verplichten niets. Ik zie de kinderen één keer

in de week en dan hoor ik dat ze met plezier

naar de filmpjes kijken. Nu doen we deze opdrachten

niet meer via een video maar via

Teams, omdat we dan direct contact hebben

met de leerlingen.

We hebben ook instructiefilmpjes gemaakt

over rekenen. Dat werkt goed. Als ouders of

kinderen vragen hebben, dan verwijs ik eerst

naar het filmpje. Ik merk dat er daarna minder

vragen zijn.

Al voor de crisis wist ik hoe je een instructiefilmpje

kunt maken, maar ik heb ook dingen

moeten opzoeken. Ik doe het zo simpel en zo

doelgericht mogelijk. Ik gebruik daarbij mijn

computer als smartboard. Als digitaal onderwijs

een vast onderdeel zou worden, dan is

het fijn als de school zou investeren in goede

software.’

‘Nadeel van onderwijs op afstand blijft natuurlijk

dat je nooit kunt zien hoe kinderen

zich voelen. Je kunt ze op afstand lastig motiveren

en je kunt lastig inspelen op het moment.

Voordeel is dat je een instructiefilmpje

oneindig kunt herhalen. Ook kun je de video

voor een deel van de groep opzetten en dan

aandacht geven aan de andere. Je bent als

het ware je eigen onderwijsassistent.’

Welkom bij de

Noormannen

ROBIN BONEMEIJER

groep 5/6, Fridtjof Nansenschool

‘We maken instructievideo’s over onder andere

rekenen, spelling en geschiedenis. Ook

maken we vlogs om de kinderen te enthousiasmeren.

We maakten bijvoorbeeld ‘Welkom

bij de Noormannen’, naar het voorbeeld van

de parodie Welkom bij de Romeinen (een programma

van schooltv.nl). Daarin ben ik verkleed

als Noorman en vertel over het leven

toen. We maakten dit soort video’s altijd al

voor speciale gelegenheden als Sinterklaas en

Kerst, maar nu doen we het vaker.

Ik ga regelmatig bij de kinderen langs en dan

hoor ik dat ze de filmpjes leuk vinden. Ze geven

me zelfs tips hoe het beter kan! Soms

vraag ik iets terug van de kinderen in de vorm

van een foto of video.

Ik wist al hoe je een video moest maken, maar

ik heb ook wel dingen moeten uitzoeken. Als

dit een blijvend onderdeel van het onderwijs

wordt, dan is het fijn als je daarvoor scholing

en betere software kunt krijgen.’

‘Mijn mening is dat kinderen het beste leren

in een groep en van elkaar. Maar nu dit niet

kan, is dit een alternatief. Misschien blijf ik het

inzetten in de toekomst. Ik heb bijvoorbeeld

een filmpje over het maken van een gedicht.

Het voordeel daarvan is dat ik dat naar alle

kinderen in de bovenbouw kan sturen, terwijl

ik het anders maar aan een klas tegelijk kan

uitleggen. Ook kun je een instructievideo inzetten

voor een deel van de groep en zelf aan

de slag gaan met een ander deel.’

ROM 3 / 25


FYSIEK- EN DIGITAAL ONDERWIJS

Mbo‘s gaan

voor de mix

Afgelopen jaar maakte Zadkine al plannen om meer online onderwijs

te gaan bieden. En Albeda paste zich snel aan de nieuwe situatie aan.

Wat nemen deze mbo-instellingen mee van de afgelopen periode?

TEKST MARIJKE NIJBOER FOTO NOS.NL/VIDEO

Achteraf lijkt het bijna alsof ze bij Zadkine

voorvoelden dat er een verandering in de

lucht hing. Zomer 2019 herformuleerde de

mbo-school haar visie op onderwijs en werd

besloten om meer te investeren in plaats- en

tijdonafhankelijk onderwijs. ‘Dat zagen we als

een toekomstbeeld waar we naar toe wilden

werken’, zegt Esther Leeftink, directeur onderwijs

en kwaliteit. Een week voor de lockdown

werd de keuze gemaakt voor één systeem,

Microsoft Teams, zodat iedereen op dezelfde

manier kon worden ondersteund. Medewerkers

waren al druk met het plaatsen van instructievideo’s

voor het personeel. Esther: ‘En

toen kwam ineens die crisis. Veel collega’s

wisten in één weekend hun onderwijs om te

zetten naar online afstandsonderwijs, echt

geweldig.’

DIGITALE OPEN DAGEN

Ook bij Albeda verliep de switch zeer soepel.

Zelfs de open dagen werden snel omgezet in

een internet-versie. Albeda koos eveneens

voor Teams. Beide mbo-instellingen leenden

veel laptops uit aan studenten die thuis geen

device hebben. Studenten die thuis geen wifi

hebben, slaagden er vaak wel in om een hotspot

te maken met behulp van hun mobieltje.

Albeda deed haar best om kwetsbare studenten

te blijven ondersteunen. ‘Als het heel erg

knelde, mochten ze op school komen werken’,

vertelt bestuurder Anky Romeijnders. ‘Veel

studenten hebben behoefte aan structuur.

Daarom probeerden we echt om hen bij de les

te houden. En we drukten onze docenten op

het hart om hun studenten minimaal één keer

per week online te zien.’ Volgens haar heeft

Albeda tijdens de coronacrisis met enkele van

de 20.000 studenten het contact verloren.

‘Soms was dat contact vóór de coronatijd ook

al moeizaam. Bijvoorbeeld omdat ze opeens

het land uit waren of verhuisd naar een onbekend

adres.’ In zo’n geval gaan collega’s van

een ondersteunende afdeling aanbellen, of op

zoek naar de verdwenen student.

Bij Zadkine, dat 17.000 studenten telt, onderhield

het Plusteam met onder andere schoolmaatschappelijk

werk al contact met veel van

de kwetsbare studenten. ‘Die contacten liepen

tijdens de coronacrisis gewoon door’, vertelt

Esther Leeftink.

VAARDIGHEDEN OEFENEN

Theorielessen kun je goed online geven, maar

de stages, essentieel voor de praktijkervaring,

vormen een verhaal apart. Bij zorg en

welzijn gingen veel stages gewoon door, vertelt

Anky Romeijnders, en sommige studentonderwijsassistenten

hielpen leerkrachten bij

het afstandsonderwijs. Maar sectoren als de

horeca, toerisme, luchtvaart en de culturele

sector lagen de afgelopen tijd stil. Anky: ‘We

hebben vaardigheden zoveel mogelijk op een

andere manier aangeboden, maar het blijft

behelpen. Neem de student-kappers. Je kunt

best op paskoppen oefenen, maar echt haar

vraagt om andere vaardigheden en je leert zo

ook niet om met klanten om te gaan.’

‘We beseffen sterker

dan ooit hoe belangrijk

de fysieke school is

voor jongeren’

26 ROM 3


NOS-JOURNAAL

Esther Leeftink: ‘Wij hebben het NOS-Journaal

nog gehaald met een collega die online liet

zien hoe je een taart moet bakken. Met enige

creativiteit kun je bepaalde dingen doen.’ Op

beide scholen ging de aandacht allereerst uit

naar examenkandidaten. De mbo-scholen inventariseerden

welke taken studenten moeten

beheersen en vinkten af wat studenten

in hun verschillende stages hebben gedaan.

Zo werd per student in beeld gebracht wat ze

nog moesten doen om hun diploma te halen.

En werd een vorm gezocht voor het examineren

op anderhalve meter afstand. ‘Ons uitgangspunt

is dat studenten een volwaardig

diploma behalen dat voldoet aan de gestelde

eisen’, zegt Anky.

ZORGEN OVER STAGES

Esther: ‘De vraag is wel: welke stagebedrijven

staan straks nog overeind? Ik kan me voorstellen

dat bedrijven momenteel andere zorgen

hebben, maar ik hoop dat we er in deze

regio samen voor kunnen blijven zorgen dat

onze studenten praktijkervaring opdoen. De

arbeidsmarkt en wij hebben elkaar keihard

nodig. Gelukkig zijn de kappers en schoonheidssalons

inmiddels weer open en gaan

andere sectoren ook weer langzaam van het

slot.’

ONLINE VERGADEREN

Digitaal vergaderen: dat is één van de positieve

ervaringen die de scholen willen meenemen

naar de toekomst. Dit bevalt veel medewerkers

prima. ‘Mensen zullen minder reizen

voor vergaderingen, nu we hier ervaring mee

hebben opgedaan’, voorspelt Anky. Esther:

‘Het is mooi dat we zo ook tegemoet komen

aan de klimaatdoelstellingen.’

Wat willen de mbo-scholen verder meenemen?

Esther: ‘Wij hebben ons regelmatig

afgevraagd hoe we ons onderwijs nog beter

kunnen aanbieden. Ik hoop dat we die afweging

zullen blijven maken.’

Veel docenten zijn positief over het afstandsonderwijs

en willen daar best mee verder. De

scholen zullen waarschijnlijk dan ook gaan

voor een mix van afstandsonderwijs voor de

theorie en contactonderwijs voor de praktijk.

‘We hebben al bedacht hoe we het didac-

Esther Leeftink: ‘Wij haalden het NOS-Journaal met een collega die studenten online liet zien hoe ze een taart kunnen

bakken. Met enige creativiteit kun je sommige dingen tóch doen.’

tisch willen aanpakken en gaan onze mensen

daarin begeleiden’, vertelt Esther. Gedeeltelijk

afstandsonderwijs is wellicht ook de oplossing

voor een praktisch probleem: onder de

huidige anderhalvemeter-voorschriften passen

lang niet alle studenten in de schoolgebouwen.

En honderden mensen in de kantine,

dat is ook verleden tijd.

MEER AANWEZIGHEID BIJ

DIGITALE LESSEN

Anky: ‘We zien online soms meer aanwezigheid

dan voorheen in de klas. Studenten die

niet naar school kwamen, omdat bijvoorbeeld

hun kind ziek was, doen nu gewoon

mee.’ Esther: ‘Afstandsonderwijs kan ook

een uitkomst zijn voor opleidingen waarbij

studenten van ver komen, zoals bijvoorbeeld

de opleiding voor goud- en zilversmeden in

Schoonhoven. Je zou sommige modules digitaal

kunnen verzorgen.’ Dat is dan ook waarschijnlijk

de belangrijkste verworvenheid uit

de corona-periode: dat beide scholen hebben

ervaren dat afstandsonderwijs via internet

een prima optie is.

Anky: ‘Maar wij beseffen ook sterker dan ooit

hoe belangrijk de fysieke school is voor veel

jongeren. Voor het onderwijs en contact met

leeftijdgenoten, maar ook als veilige plaats

waar je aandacht, waardering en hulp krijgt.’

Esther: ‘Die verbinding, de menselijke kant,

moet het onderwijs altijd behouden. Die helpt

ons ook om beter maatwerk te kunnen bieden.’

ROM 3 / 27


INFOGRAPHIC

OVERZICHT

Leerpunten uit

afstandsonderwijs

BETERE CONTACTEN MET OUDERS

In de kinderopvang vindt een betere overdracht plaats met ouders, en in

het onderwijs zijn ouders meer betrokken bij wat hun kinderen leren.

SOMMIGE LEERLINGEN PRESTEREN BETER

Dit blijkt bijvoorbeeld bij kinderen die rustig in eigen tempo willen

doorwerken en autistische, verlegen en faalangstige kinderen.

SNEL OPLOSSINGEN ONTWIKKELEN

Geen tijd voor lange processen, dus snel samen schakelen.

DIGITALE TOOLS BLIJVEN BENUTTEN

Werken met instructievideo’s, minder reizen door online vergaderen

en leerlingen die ver weg wonen beter bedienen.

ECHT CONTACT IS ONMISBAAR

‘Wij beseffen sterker dan ooit hoe belangrijk de fysieke school is voor veel jongeren.

Voor het onderwijs en contact met leeftijdgenoten, maar ook als veilige plaats waar

je aandacht, waardering en hulp krijgt’ (Anky Romeijnders, Albeda).

28 ROM 3


DEREK OTTE IS DOCENT SPOKEN WORD AAN DE HOGESCHOOL ROTTERDAM. IN 2017-2018 WAS

HIJ STADSDICHTER VAN ROTTERDAM. VOOR DEZE LAATSTE EDITIE VAN HET ROM SCHREEF HIJ

EEN GEDICHT MET BLIK OP DE TOEKOMST VAN HET ONDERWIJS.

GEDICHT

Toekomstmuziek.

Hoor jij ‘m ook?

Vaak is terugkijken verleidelijk, vermakelijk bovendien. ’t Kan fijn zijn om vervlogen

tijden te herleven maar misschien… Dat we naast herinneren, vooral iets met verbeelden

moeten doen. Meebewegen met de tijd; dit ‘nu’ is ooit ook ‘toen’.

Een toen om met een lach op terug te kijken, zo van: waar waren we mee bezig?

Sommige inzichten hier, leken daar compleet afwezig. Zo veel dingen blijken anders,

vergeleken met voorbij. Maar dát verleden is ons heden, snap je? Vandaag de dag,

voor jou en mij.

Terwijl we noodgedwongen op afstand en half op pauze leven, is het juist zaak dat

we momenten pakken om later vorm te geven. Alles verandert continu; de tijd gaat

vliegensvlug. En omdat onderwijs leidt naar zo dadelijk, met kennis van even terug,

lijkt het mij dat we de ruimte tussen die twee punten… Met durven pogen, falen en

leren moeten blijven benutten.

Vasthouden aan méér dan cijfers tussen 1 en 10. Vasthouden aan de basis: wie je

lesgeeft, ook écht zien. Wie we zijn gaat boekjes te boven; buiten kaders, grenzen

en normen. Vasthouden aan de taak kinderen en jongeren te vormen. Vasthouden

aan vragen stellen én dingen blijven duiden. Een stem te helpen vinden en die leren

te gebruiken.

Uitgaan van eigen kracht én verrijkende verschillen. Ver reikende woorden; óók bij

niet kunnen maar wel willen. Zelfvertrouwen brengt zelfontplooiing; elke zelfontwikkeling

is uniek. Zonder kloppend hart dat motiveert is er slechts holle systematiek.

Lesgeven blijft tijd nemen; er is meer dan fout of goed. Vroeger, nu én later: leerkracht

zijn, vraagt steeds om moed.

Nauwgezet vasthouden aan je eigen brede kijk. En die durven aan te passen aan een

voortbewegende praktijk. Wie dat al meer dan gister maar nog minder dan morgen

doet, treedt volgens mij de toekomst vandaag al tegemoet.

ROM 3 / 29


COLUMN

ANNE-MARIE PLASSCHAERT

ROTTE

Toekomst

ROTTERDAMS ONDERWIJS MAGA

ANNE-MARIE PLASSCHAERT SCHRIJFT VOOR HET ROM OVER HAAR BE-

LEVENISSEN ALS DOCENT JOURNALISTIEK OP HET GRAFISCH LYCEUM.

Haast, we hebben met z’n allen al jarenlang ongelofelijke haast. Altijd

bezig met morgen, volgende week-maand-jaar en tegelijk nog

leven in het heden. Tot een paar maanden geleden. Ineens werden

we teruggeworpen op de meest wezenlijke zaken van ons bestaan:

leven en dood. Vlogen we eerder nog de hele biosfeer aan gort voor

een snelle sundowner in tropische sferen of een funshopping-weekend

in New York, ruzieden we over extra vliegvelden, uitbreiding van

aantallen vluchten en vooral nog meer asfalt… alles moest tenslotte

meer voor de vooruitgang, de toekomst… nu zijn we door een ’gekroond

virus’ met onze neus op de kale werkelijkheid gedrukt: het

gaat niet om rijkdom of avontuur, the sky is niet langer the limit. Het

enige dat ertoe doet is gezond blijven.

De wereld stond een tijdje stil met lege wegen, opgeslagen treinmaterieel

en een schoon luchtruim. Dat leidde niet alleen tot afwisselend

kelderende en opkrabbelende beursaandelen, maar kende ook

positieve gevolgen. Minder geluidsoverlast en verbetering van de

luchtkwaliteit waar mens en milieu wel bij varen. Dankbaarheid vanuit

politiek en maatschappij richting het zorgpersoneel dat zo heel

belangrijk is. Respect voor de leerkrachten die, zo goed als het gaat,

onderwijs op afstand verzorgen. Maar die vooral een hele belangrijke

uitlaatklep bleken voor al die kinderen en jongeren die ineens

op zichzelf werden teruggeworpen en hun sociale contacten misten.

Op social media verschenen schouderklopjes, komische filmpjes om

op te beuren en spelletjes om een soort verbondenheid met elkaar

te creëren.

De tijd zal het leren of al die verbinding, zorgzaamheid, dankbaarheid

en respect voortbestaan als deze nieuwe vorm van de pest helemaal

voorbij is. Hopelijk herinneren wij ons de positieve effecten van een

rustiger bestaan als we over de hele wereld weer de blik op de toekomst

durven te richten. Een toekomst met lege wegen, een schoon

luchtruim en een zich herstellend milieu. Een wereld waarin we heel

tevreden zijn met een drankje op eigen terras; funshoppen zien als

een gezellige ontmoeting in leuke winkeltjes in de buurt. Een samenleving

waarin we oog hebben en houden voor elkaar. En misschien

zelfs dat de politiek net wat langer dan de eerstvolgende verkiezingen

onthoudt hoe belangrijk werkers in de zorg en het onderwijs zijn.

BLIJF OP DE

HOOGTE VAN

ONDERWIJS-

NIEUWS

De CED-Groep biedt digitale nieuwsbrieven

voor verschillende onderwijstypen

en de kinderopvang. En we staan stevig

met onze voeten in de Rotterdamse klei!

Wil je op de hoogte blijven van actualiteiten,

ontwikkelingen en mogelijkheden voor

jouw vakgebied? Meld je dan snel aan

wvia www.cedgroep.nl/nieuwsbrief.

Plek voor

kleuters in

het sbo

Onderbouwd aan de slag met leerprobl

Byte Me! Theater

18251 CED_ROM Juni 2019.indd 1

16659 ROM_Januari.indd 1

ROTTERDAMS ON

‘HET TALENT

VAN MIJN

LEERLINGEN

MAAKT MIJ

SOMS NEDERIG’

Terugblikk

op een jaa

keihard

harmonisere

HAVENSCHOO

ROTTE

On

RO

30 ROM 3

Als leren je lief is

CityLab01

steunt

taalprojecten


ROTTERDAMS ONDERWIJS MAGAZINE #1 FEBRUARI 2020, JAARGANG 43

19485 CED_ROM Februari 2019.indd 1 30-01-20 14:30

‘WAT WE DOEN

MET DE KINDEREN

17299 ROM_JAN.indd 1

19485 CED_ROM Februari 2019.indd 1

ROTTERDAMS ONDERWIJS MAGAZINE #4 OKTOBER 2019, JAARGANG 42

‘IN HET LEGER IS

ER EEN ANDERE

MENTALITEIT’

VIKTOR VAN HARTEN,

DE PASSIE

ROTTERDAMS ONDERWIJS MAGAZINE #4 OkTObER 2016 JAARGANG 39

ROTTERDAMS ONDERWIJS MAGAZINE #5 DECEMBER 2018 JAARGANG 41

ROTTERDAMS ONDERWIJS MAGAZINE #3 JUNI 2018 JAARGANG 41

ROTTERDAMS ONDERWIJS MAGAZINE #5 DEcEMbER 2016 JAARGANG 39

ROTTERDAMS ONDERWIJS MAGAZINE #1 FEBRUARI 2019 JAARGANG 42

‘Ik kan mIjn

leerlIngen

een spIegel

voorhouden als

ze klagen over

dIscrImInatIe’

‘DE PABO

BEPAALT NIET

MEER’

ROTTERDAMS ONDERWIJS MAGAZINE #3 2016 JAARGANG 39

ERIK PUNT, HOGESCHOOL

ROTTERDAM

ROTTERDAMS ONDERWIJS MAGAZINE #1 FEBRUARI 2017 JAA

‘Je ziet dat

kinderen op

een andere

manier tot

leren komen’

‘Ik leer

kInderen altIjd:

waar een wIl Is,

Is een weg’

‘Ik heb

geleerd om los

te laten.’

‘HET TALENT

VAN MIJN

LEERLINGEN

MAAKT MIJ

SOMS NEDERIG’

‘Op mijn 69e

sta ik nog steeds

Wereldburgers

van de toekomst

Onderbouwd aan de slag met leerproblemen

Hoe stimuleer je

leesmotivatie?

100% Hedendaags

laat anders kijken

naar kunst

Tough Love: de aanpak van Jean Marie Molina

Duizend

pedagogisch

medewerkers nóg

professioneler

19444 CED_ROM Oktober 2019_joany.indd 1 04-10-19 12:21

RDAMS ONDERWIJS MAGAZINE #2 APRIL 2019 JAARGANG 42

ZINE #3 JUNI 2019 JAARGANG 42

‘Ooit wil

ik werken bij

de Onderwijsinspectie’

‘Studenten

hebben aandacht

en liefde nodig’

FLOORTJE MOONEN,

ZADKINE

JAMIE VISSER,

HET PRAKTIJK

COLLEGE

Handen uit de

mouwen op de

Haven Havo

Onderbouwd aan de slag met leerproblemen

Radicale

meningen

in de klas:

Wat dan?

Techniek

op school:

zo simpel

kan het zijn!

EN vERDER: vADERbIJEENkOMSTEN | TASkfORcE ThuISZITTERS

Vve werkt

aan ouderbetrokkenheid

#ROM4 1

16316 ROM_Okt .indd 1 30-09-16 11:02

ROTTERDAMS ONDERWIJS MAGAZINE #2 APRIL 2018 JAARGANG 41

Flexrooster:

3 x 80

minuten les

Natuuren

Milieueducatie

Hoe krijg je eigenaarschap bij leerlingen?

Talkshow

als middel voor

verdraagzaamheid

Vo-school

met

flexrooster

18248 ROM_Magazine December 2018.indd 1 22/11/2018 17:09

Drama

in de les

Collegetour

van

André Kuipers

Ongehoord! Film van leerlingen maakt discriminatie bespreekbaar

‘TECHNISCHE

VAARDIGHEDEN ZIJN

EEN BELANGRIJKE

VOORBEREIDING OP

TOEKOMSTIGE

BEROEPEN’

Ouders010

geeft ouders

een stem

#ROM2 1

PEDAGOGISCH COACHES IN DE VVE | POVO-PROJECT | DIVERSITEIT MET LEF-KIST

18250 CED_ROM Maart 2019.indd 1 29-03-19 11:54

17300 ROM_MRT.indd 1 29-03-18 10:46

Zij-instromers

met talent

Schoolleiders:

minder manager,

meer leider

‘Hoe ver mag de

invloed van de

ouders gaan?’

Ooms en tantes

helpen mbo’ers

naar diploma

Thuiszitters

op de rit

Doelgericht

spelen met

peuters

voor de klas’

PUCK PEREBOOM,

ROTTERDAM DESIGN

COLLEGE

Krakende

hersenen tijdens

muziekles

Buzz010 brengt

leerlingen naar

buiten

EN vERDER: REkENfAculTEIT | SkIllS fOR lIfE DOOR SchOOlJuDO

Bso-juf

voor de klas

#ROM5 1

16658 ROM_December.indd 1 17-11-16 11:47

#ROM3 1

GEDRAG IS EEN VAK | BASISSCHOOLPROOF LOB | PROGRAMMEREN KUN JE LEREN

17301 ROM_JUNI.indd 1 07-06-18 14:06

Onderbouwd aan de slag met leerproblemen

Sterk Techniekonderwijs

Schooltuinen

Iedereen

digivaardig

Onderbouwd aan de slag met leerproblemen

Onderbouwd: Schrijfonderwijs inzetten bij álle vakken

ROTTERDAMS ONDERWIJS MAGAZINE #1 FEBRUARI 2017 JAARGANG 40

‘HET TALENT

VAN MIJN

LEERLINGEN

MAAKT MIJ

SOMS NEDERIG’

Terugblikken

op een jaar

keihard

harmoniseren

Coderen en

programmeren

op het Codasium

De magie van motiveren #ROM 1 / 1

18249 ROM_FEBRUARI.indd 1 31-01-19 16:37

Collega’s

uitdagen als

instructional

leader

Junior

Med School

voor

uitblinkers

HAVENSCHOOL OPENT DE OGEN | OUDERBETROKKENHEID 3.0

#ROM1 1

16659 ROM_Januari.indd 1 27-01-17 07:48

Leren, wonen,

werken en leven

op de Campus

Hoogvliet!

Afscheid van het ROM

16659 ROM_Januari.indd 1

Terugblikken

op een jaar

keihard

harmoniseren

Collega’s

uitdagen als

instructional

leader

J

Med

uitb

HAVENSCHOOL OPENT DE OGEN | OUDERBETROKKENH

ROTTERDAMS ONDERWIJS MAGAZINE #4 OKTOBER 2017 JAARGANG 40

Rotterdamse

aanpak voor

lerarentekort

Albeda

coacht

eigen

docenten

Peuters en

onderzoekend

leren

10 breinsleutels

om de hoofden

van leerlingen

te openen

VluchTElINGENkINDEREN Op SchOOl IN ROTTERDAM

#ROM3 1

15489 ROM_Juli.indd 1 08-06-16 15:56

‘DE WERELD

MOOIER MAKEN

DOOR KUNST.

DAT GUN JE

ELK KIND’

HMC biedt talentvolle

leerlingen

extra kansen

STAGE IN HET CLUSTER 4 | TAALEXPERTS | MASTERPLAN ONDERWIJS

#ROM4 1

17292 ROM_OKT.indd 1 28-09

emen

Lessen in

geluk

Verre Bergen

start nieuwe

school

voorstelling maakt jongeren bewust van privacy

DERWIJS MAGAZINE #1 FEBRUARI 2017 JAARGANG 40

en

r

n

Collega’s

uitdagen als

instructional

leader

RDAMS ONDERWIJS MAGAZINE #3 OKTOBER 2018 JAARGANG 41

The Leader

in Me

derbouwd aan de slag met leerproblemen

Junior

Med School

voor

uitblinkers

L OPENT DE OGEN | OUDERBETROKKENHEID 3.0

#ROM1 1

Probleemkleuters:

passend onderwijs

of thuis zitten?

27-01-17 07:48

06-06-19 17:20

‘Beter een andere

mening, dan geen

mening. Maar wel

onderbouwd.’

Gedragsspecialist

in het mbo

Onderbouwd aan de slag met leerproblemen

#ROM3 1

18247 ROM_OKTOBER.indd 1 04-10-18 15:24

Je leest nu de laatste editie van het

Rotterdams Onderwijs Magazine, beter

bekend als ROM. Inmiddels is het blad

bezig aan zijn 43 e jaargang. Meer dan vier

decennia van informeren en inspireren van

Rotterdamse professionals in opvang en

onderwijs in tal van artikelen, rubrieken

en foto’s. En dat stopt nu.

In al die tijd ging het ROM door nogal wat ontwikkelingsfases.

Hoeveel artikelen zijn er wel niet geschreven? Hoeveel journalisten,

fotografen, columnisten, illustratoren, redactieleden en

vormgevers werkten er voor het ROM? Soms kwam er een nieuwe

hoofdredacteur, regelmatig was er verversing in de redactieraad

of een restyling van het blad. En we gingen online met

romnieuws.nl, onze digitale nieuwsbrief en de social media accounts.

Steeds weer nieuwe lichtingen Rotterdamse docenten

deden hun verhaal. We deelden hoe scholen en instellingen zich

ontwikkelden om elke keer maar weer antwoorden te vinden op

veranderende tijden. Dat deden we graag: voortdurend nieuwe

inspirerende ideeën en praktijkvoorbeelden vinden en die in

goed leesbare artikelen presenteren.

ROTTERDAMS ONDERWIJS MAGAZINE #2 APRIL 2020, JAARGANG 43

DIT WAS DE LAATSTE KEER. WE GEVEN HET

STOKJE DOOR.

De afgelopen jaren werkte de gemeente Rotterdam aan de opbouw

van Onderwijs010. Inmiddels vinden veel onderwijsprofessionals

uit de stad hun weg naar de site en de bijbehorende

social media. Vanaf volgend schooljaar geeft de CED-Groep niet

langer het ROM uit. In plaats daarvan gaat de gemeente Onderwijs010

verder uitbouwen – uiteraard in samenwerking met

Rotterdammers uit onderwijs en kinderopvang.

Het is een spannende, maar ook uitdagende tijd voor het onderwijs.

Door de scholensluiting- en heropening, afstandsonderwijs

en anderhalvemeterklassen, veranderingen in toetsen

Het belang

van leren

programmeren

Onderbouwd aan de slag met leerproblemen

Lesgeven zonder

cijfers

Criminaliteit onder leerlingen

ROTTERDAMS ONDERWIJS MAGAZINE #1 FEBRUARI 2020

Sterk Techniekonderwijs

‘NIET IEDEREEN

KAN THUIS

PRATEN OVER

SEKSUALITEIT’

DANIZE KUPERUS,

VSO DE HOGE BRUG

Sleutelen aan

je fiets onder

lestijd

19486 CED_ROM APRIL 2020.indd 1 26-03-20 10:24

en tentaminering moeten leraren snel schakelen en inventief

te werk gaan. Juist in zo’n tijd is een sterke beroepsgroep in je

eigen stad een goede hulpbron, om te sparren, om snel informatie

uit te wisselen, om geïnspireerd te raken en om gewoon

met mensen die dat snappen te delen wat je bezig houdt. Je

vragen, je suggesties, je adviezen en je twijfels. Hopelijk wordt

Onderwijs010 zo’n plek.

Schooltuinen

Onderbouwd aan de slag met leerproblemen

Onderbouwd: Schrijfonderwijs inzet

ROTTERDAMS ONDERWIJS MAGAZINE #2 APRIL 2017 JAARGANG 40

16660 ROM_April.indd 1

Publieke

ruimtes

door de lens

van leerlingen

Fitte

kleuters

in beweging

‘ELKE BASISS

ZOU EEN HUI

MET KINDER

MOETEN H

d

ko

FULLTIME HOOGBEGAAFD | STRIJD TEGEN SCH

ROTTERDAMS ONDERWIJS MAGAZINE #1 FEBRUARI 2018 J

TTERDAMS ONDERWIJS MAGAZINE #5 DECEMBER 2017 JAARGANG 40

ROTTERDAMS ONDERWIJS MAGAZINE #2 APRIL 2018 JAARGANG 41

ROTTERDAMS ONDERWIJS MAGAZINE #4 OkTObER 2016 JAARGANG 39

ROTTERDAMS ONDERWIJS MAGAZINE #3 JUNI 2017 JAARGANG 40

ROTTERDAMS ONDERWIJS MAGAZINE #5 DECEMBER 2019, JAARGANG 42

‘W

JONGE

DE TOE

WAT

STRAK

WEET

MOET KLOPPEN IN

DE PRAKTIJK. NIET

OP PAPIER.’

SERINA DA LUZ MENDES

PEUTER & CO

Het (slechte)

imago van

het mbo

Antroposofische

brugklassen

Platfo

voor en

lerar

ROTTERDAMS ONDERWIJS MAGAZINE #5 DEcEMbER 2016 JAARGANG 3

‘ELK KIND

HEEFT RECHT

OP GOED

ONDERWIJS’

‘TECHNISCHE

VAARDIGHEDEN ZIJN

EEN BELANGRIJKE

VOORBEREIDING OP

TOEKOMSTIGE

BEROEPEN’

‘Ik leer

kInderen altIjd:

waar een wIl Is,

Is een weg’

‘AFWISSELING IS

NOODZAKELIJK

OM SCHERP

TE BLIJVEN’

DE STAAT VAN HET ROTTERDAMS ONDERWIJS | GEMEENTERAADSVE

‘Ik

le

ee

voor

ze k

dIsc

0 Hybride baan: P

leraar

Flexrooster: Talkshow

middel voor

Ouders010

geeft ouders

m

Duizend

pedagogis

Radicale

Techniek

Slim en

emgedrag:

Jongerenakkoorden

Schoolcontactpersoon

neemt werk

Elke week een

dag buiten

lesgeven

Balans tussen

stress en plezier

Eventmanager

biedt verlichting


DUBBELPORTRET

TEKST RONALD BUITELAAR

FOTO JAN VAN DER MEIJDE

Wow!

Esther en Leah (12) wonen met man/vader Mark en

dochter/zus Naema (8) in een eengezinswoning in

Oud-Terbregge. Esther is huisvrouw en verzorgt

broodbakworkshops in De Vier Winden, de molen van

haar vader aan de Rotte. In haar vrije tijd doet Esther

aan aquasport, zoals fietsen en trampoline springen in

het water. Leah zit in het laatste jaar van een 6/7/8 groep

van de Verbazisschool WOW in Nieuw-Terbregge. In haar

vrije tijd gaat Leah graag klimmen op de klimmuur in

het Bergse Bos. Ook lezen vindt ze fijn.

WAAROM HEBBEN JULLIE VOOR VERBAZIS-

SCHOOL WOW GEKOZEN?

Esther: ‘Toen we een school voor Leah zochten dachten we

aan Jenaplan of Montessori. Zo kwamen we bij deze school

terecht, die toen nog Montessori Terbregge heette. We vinden

het belangrijk dat de kinderen binnen bepaalde kaders een

zekere keuzevrijheid hebben en dat vonden we bij deze school.

De periode waarin de school in eerste instantie gesloten zou

worden, maar uiteindelijk naar een ander bestuur ging, was

lastig, omdat daardoor toch veel leerlingen weggingen.’ Leah:

‘Ik vond het jammer dat de school dicht dreigde te gaan. Ik had

een hele lieve juf, en mijn beste vriendin en ik zouden door de

sluiting allebei naar een andere school gaan. Uiteindelijk bleef

de school open, maar is mijn vriendin wel naar een andere

school gegaan. Ik ben gebleven. Dat vond ik wel verdrietig.’

WAT VIND JE LEUK AAN SCHOOL?

Leah: ‘Ik vind het fijn dat we ’s morgens het gewone werk

doen en dat we ’s middags aan thematische projecten kunnen

werken, zoals de Ottomanen, klimaatverandering en het

menselijk lichaam. Je kunt dan ook knutselen en zo heb ik al

een keer een stripboek gemaakt over de Egyptenaren.’

Esther: ‘Ik vind het fijn dat de kinderen gemotiveerd worden

om eigen ideeën uit te werken. Dat werkt voor Leah met haar

brede interesses heel goed. Ook is het fijn dat de school zo

klein en vertrouwd is.’

WAT MIS JE?

Esther: ‘Ik zou graag wat meer ouders in de ouderraad zien. Ik

snap het wel, want iedereen is druk met werk en andere

bezigheden, maar toch zou het fijn zijn om wat meer vaste

gezichten te hebben.’ Leah: ‘Door corona missen we dit jaar

waarschijnlijk het kamp. En dat is juist in groep 8 het leukst,

omdat je dan iets meer mag dan in groep 6 en 7. Ik hoop

dat dat op de een of andere manier toch nog door kan gaan.

Gelukkig maken we op school al jaren een eindfilm, want een

eindmusical zou er ook niet inzitten.’

DENK JE AL NA OVER WAT JE NA DEZE

SCHOOL WILT GAAN DOEN?

Leah: ‘Ik ga naar het Rudolf Steiner College. Ik vind het een

fijne school, omdat je er bijna elke dag ook met je handen bezig

kunt zijn.’ Esther: ‘Wij merkten dat de grote scholengemeenschappen

niet goed bij Leah passen. Voor haar is het gevoel

bij een school heel belangrijk. Bij het Rudolf Steiner College

klopte dat gewoon vanaf het eerste bezoek.’

WAT ZIJN JE DROMEN VOOR LATER?

Leah: ‘Ik weet nog niet écht wat ik wil, maar het lijkt me leuk

om de wereld over te gaan, dingen te ontdekken en daarover

te vertellen. Maar het kan ook archeologie worden, want ook

dat vind ik erg leuk.’ Esther: ‘Ik hoop dat ze iets vindt waar

ze gelukkig van wordt en dat ze gezond blijft zodat ze keuzes

kán maken. Verder geef ik haar graag mee dat ze niet te snel

moet opgeven als het moeilijk wordt. Als je doelen wilt bereiken

moet je doorzetten.’

More magazines by this user
Similar magazines