informatie - Erfgoed à la Carte Den Helder

erfgoedalacartedenhelder.nl

informatie - Erfgoed à la Carte Den Helder

Handleiding

Handleiding

deel eel 2

Informatie Informatie Informatie en en lessuggesties bij tijdvakkist 33

3

Kastelen Kastelen vol vol soldaten

soldaten


Colofon Colofon

Colofon

Deze handleiding en tijdvakkist is tot stand gekomen met medewerking van:

Ellen Laan, leerkracht Jac. P. Thijsse/ Tuindorpschool Den Helder

Jan Stobbe, Stichting Weg van de Vikingen

Maarten Noot, Helderse Historische Vereniging

Jolet Leenhouts, illustratrice

Arend van Dam, kinderboekenschrijver

Anne van der Kooi, OBD Noordwest

Renate Ammerlaan, Cultureel Erfgoed Noord-Holland

Sietske Dreschler, Cultureel Erfgoed Noord-Holland

Ieke Doezie, Openbare Bibliotheek Den Helder

Carolien van Berge, Kasteel Radboud

2


Inhoud

Inhoud

1. Inleiding 4

2. Inhoud van de tijdvakkist 5

3. Historische achtergrondinformatie 11

Wonen 11

Het kasteel 11

Andere bakstenen gebouwen 12

Kastelen Nuwendoorn en Radboud 12

Organisatie van de samenleving 13

Werken 13

De strijd tussen de Hollandse graven en de West-Friezen 14

Het vervolg van de strijd 15

Organisatie, strategieën en tactiek 15

De aanpak van Floris V 16

Bewoners 17

Landschap 17

Voedsel en voedselvoorziening 18

Vervoer 18

4. Meer informatie 20

5. Bezoek bij deze tijdvakkist 20

Kopieerbladen

Kopieerbladen

• Zoekplaat kasteel

• Recept: canstelingen

• Recept: roffioelen

• Recept: roggebrood met reuzel

• Zelf een kaproen maken

• Zelf een ridderhelm maken

• Liedjes

• Spelregels bikkelen

3


1. 1. Inleiding

Inleiding

In de tijd van de steden en staten, tussen 1000 en 1500, was de Kop van Noord-Holland bewoond door

Friezen. Aan het begin van de middeleeuwen genoten de Friezen een grote vrijheid. Zij waren niet

onderworpen aan de macht van de Hollandse graven. Aan het eind van de Middeleeuwen was dat

veranderd; de Hollandse graaf Floris V was erin geslaagd de Friezen in de Kop van Noord-Holland definitief

aan zich te binden.

De Tijdvakkist ‘Kastelen vol soldaten’ bevat informatie en voorwerpen over het dagelijks leven op het

kasteel in de Middeleeuwen. Er wordt aandacht gegeven aan onderwerpen zoals wonen, werken, kleding,

voedsel en vermaak. Bijzonder zijn de voorwerpen. De kist bevat echte Middeleeuwse materialen die

gebruikt zijn voor de bouw van kastelen en de aanleg van wegen. Verder bevat de kist ‘verantwoorde

replica’s’ van voorwerpen uit de Middeleeuwen.

In deze handleiding is algemene informatie te vinden over het landschap en de bewoners van de Noordkop

in dit tijdvak. Anders dan in de andere tijdvakkisten wordt er niet alleen aandacht gegeven aan de

omgeving van Den Helder. Deze tijdvakkist gaat ook over kastelen en dwangburchten in West-Friesland. Die

keuze hebben we gemaakt omdat het wonen en leven op een kasteel een belangrijk thema is in de tijd van

steden en staten. In de directe omgeving van Den Helder zijn er echter nooit kastelen geweest. Om dit

onderwerp goed aan te kunnen bieden, was dus een verbreding van het onderwerp noodzakelijk.

Het thema ‘Kastelen vol soldaten’ spreekt tot de verbeelding van zowel jonge als oudere kinderen en is met

alle attributen in de kist heel goed op verschillende niveaus aan te bieden. Denk bijvoorbeeld aan de

volgende algemene suggesties:

Onderbouw Onderbouw

Onderbouw

Hang de foto’s in de klas. Kijk naar de tijdvakplaat en praat over wat je ziet. Bouw met de blokken een

kasteel. Maak de zoekplaat. Richt de speelhoek in als kasteel. Maak een ridderhelm. ‘Leen’ twee leerlingen

uit een hogere groep die zich verkleden als zoon en dochter van een kasteelheer. Maak tekeningen van

een kasteel. Luister naar de liedjes over ridders en kastelen. Doorloop het riddercircuit in de gymzaal of op

het speelplein.

Middenbouw

Middenbouw

Lees het verhaal voor. Maak een kaproen. Kijk naar de oude kaarten en vergelijk ze met de kaarten van nu:

een heel verschil! Kijk naar het schooltv-programma ‘Ridders en kastelen’ of naar de filmpjes over de

dwangburchten in West-Friesland. Laat twee leerlingen uit de klas zich verkleden als zoon en dochter van

een kasteelheer. Gebruik de kijkwijzer om bijzondere middeleeuwse voorwerpen uit de kist te onderzoeken.

Bedenk met of voor de groep een eindpresentatie over het tijdvakproject: een tentoonstelling, een

voorstelling of een pagina voor de schoolwebsite. Maak de recepten. Bezoek kasteel Radboud te

Medemblik.

Bovenbouw

Bovenbouw

Laat groepjes leerlingen zich verdiepen in een aspect van het leven op een kasteel: het vermaak, het

voedsel, de kleding, het werk, het wonen, en daarover aan elkaar een presentatie geven. Laat kinderen een

boekenbeurt houden over een van de boeken uit de kist. Vergelijk de topografische kaarten uit dit tijdvak

met een moderne kaart. Lees zelf de historische achtergrondinformatie in de handleiding en geef een

geschiedenisles over de Kop van Noord-Holland in dit tijdvak. Speel het verhaal van Arend van Dam met

een aantal kinderen na. Sluit het project af met een gezamenlijke (creatieve) presentatie voor ouders of

andere groepen.

Bij de lijst van voorwerpen in de kist, die je op de volgende bladzijden vindt, zijn per voorwerp nog meer

werk- en lessuggesties opgenomen.

4


2. 2. Inhoud Inhoud van van de de de tijdvakkist tijdvakkist tijdvakkist KKastelen

K astelen vol soldaten

Thema

Thema

Voorwerp/Afbeelding/Bron Voorwerp/Afbeelding/Bron Toelicht Toelichting Toelicht ing Lessuggesties

Lessuggesties

Algemeen Algemeen Een banier Banier met titel van de

tijdvakkist en fragment uit

de tijdvakplaat.

2 paar

Zulke katoenen

onderzoekshandschoenen handschoenen dragen

museumconservatoren als

ze oude voorwerpen

onderzoeken.

Verhaal ‘Halewine en Verhaal over Halewine en

Hendrick’

Hendrick, door Arend van

Dam.

Tijdvakplaat ‘Kasteel van

Medemblik’

Tijdvakplaat in kleur

gemaakt door Jolet

Leenhouts. Je ziet Kasteel

Radboud zo als dat er in

de Middeleeuwen uit moet

hebben gezien. Op de

binnenplaats is allerlei

bedrijvigheid te zien.

DVD ‘Ridders en kastelen’ Schooltv-programma over

ridders en kastelen.

DVD ‘Dwangburchten in

West-Friesland’

Vijf korte filmpjes over de

dwangburchten van West-

Friesland.

Doe activiteit: ‘riddercircuit’ Het spel bestaat uit negen

kaarten waarop negen

spellen worden

beschreven: ringsteken,

toren bouwen,

boogschieten, balanceren

op de slotgracht,

schminken van de ridder of

jonkvrouw, paardenrace,

zwaardgevecht, de put en

het burchtconcert.

Algemeen boeken - Het kasteel

- Handboek Ridder

- Mijn eerste boek over

Ridders en kastelen

- Ridder Rik en de geheime

brief

- Tijn valt aan

- De ontvoerde prinses

- Vandaag ben ik een

ridder

Kaarten Twee kaarten op

A4formaat van de kop van

Noord-Holland in de tijd

van steden en staten. Eén

kaart op A3formaat. Hierop

zijn de West-Friese

dwangburchten te zien.

Gebruik de banier om de

klas aan te kleden

tijdens het tijdvakproject.

Gebruik de

handschoenen voor

onderzoek van de

voorwerpen in de kist.

Voor de onder- en

middenbouw te

gebruiken als

voorleesverhaal; voor de

bovenbouw om zelf te

lezen.

Een kringactiviteit

rondom de verhaalplaat.

Wat zie je? Hoe zag het

kasteel eruit? Welke

dieren zie je? Kleding?

Wat aten de

Middeleeuwers denk je?

Etc.

Voor de midden- en

bovenbouw te gebruiken

als starter.

Bekijk de filmpjes.

Verzamel alle benodigde

voorwerpen in het

speellokaal. Speel het

spel.

Lees een van de

kinderboeken voor. In de

bovenbouw kan het

leven op een kasteel uit

een informatief boek

vergeleken worden met

het leven op een kasteel

uit een leesboek.

Vergelijk de kaarten met

een kaart van nu. Wat

herken je nog, wat is er

veranderd?

5


Algemeen Algemeen –

Vervolg

Vervolg

Middeleeuwse en

Nederlandse tekst van

Melis Stoke

Cd met liedjes over ridders

en kastelen

Melis Stoke, waarschijnlijk

afkomstig uit Zeeland, was

ambtenaar (clerc) op de

kanselarij van Floris V en

Willem III. Hij schreef een

Rijmkroniek van Holland,

die de geschiedenis van

Holland tot 1305

behandeld.

Kopieerblad: liedjes Je vindt de tekst van de

liedjes op de cd, bij de

Kopieerblad: zoekplaat

kasteel

kopieerbladen.

Je vindt deze plaat bij de

kopieerbladen.

Kastelen Kastelen

Afbeeldingen kasteel 1 foto van het huidige

kasteel Radboud te

Medemblik. 1 afbeelding

van het kasteel in vroegere

tijden.

Afbeelding bouw kasteel Er wordt een toren van een

kasteel gebouwd door een

aantal werklieden.

Canvasdoek kasteel Een afbeelding van kasteel

Radboud te Medemblik.

Tufsteen Tufsteen is natuursteen.

Het werd gebruikt als

bouwmateriaal en werd

meestal gewonnen in de

Eiffel.

Wonen Wonen

Houten blokken kasteel en

toebehoren

4 lange en 4 korte wassen

kaarsen

Houten blokken voor het

kasteel, 1 draak, 1 spook,

1 hond, 1 vlag, 4 ridders, 4

paarden, 4 stokjes, 4

stoelen, 1 tafel en 4

bomen.

De kaars was in de

Middeleeuwen erg

belangrijk. Hij werd

gebruikt voor verlichting en

voor verwarming. Gewone

kaarsen werden gemaakt

van vet, kerkkaarsen van

was.

Lees de middeleeuwse

tekst. Zijn de woorden te

begrijpen? Vergelijk de

tekst met de woorden in

modern Nederlands.

Wat staat er precies?

Luister naar de muziek,

leer de leerlingen de

tekst en zing samen

mee. Wat vertellen de

liedjes over ridders en

kastelen?

Leer de leerlingen de

tekst en zing samen

mee.

Ga op zoek naar een

vluchtweg voor Hidde.

Vergelijk de

verschillende

afbeeldingen met elkaar.

Wat zijn de verschillen

tussen de oude

afbeelding en de nieuwe

foto’s. Wat is er

veranderd aan het

kasteel?

Hoe werd een kasteel

gebouwd? Wat voor

materialen en

gereedschappen werden

er gebruikt?

Teken het kasteel na.

Bestudeer het tufsteen

aan de hand van de

kijkwijzer ‘werken met

voorwerpen’ die je in

deel 1 van de

handleiding vindt.

Met de blokken kan een

kasteel gebouwd

worden. Laat kinderen

kastelen nabouwen van

elkaar of van een foto.

Bekijk en voel de

kaarsen. Wat zijn de

verschillen met de

kaarsen van thuis?

6


Werken Werken

Zegelstempel met was Het was kan verhit worden

en dan kan daarmee een

envelop dicht gemaakt

worden.

Lakzegel Een ridderzegel is een

afdruk van een

zegelstempel in was of lak

met de voorstelling van

een ridder. Het wordt met

een lint aan een officieel

document gebonden

Foto smederij De meeste kastelen

hadden een smederij. Dat

was nodig voor het

repareren van

huishoudelijke voorwerpen

en wapens.

Foto weefgetouw Op een weefgetouw werd

wol geweven. Veel mensen

hadden hun eigen

weefgetouw.

Afbeelding monnik Een monnik is een

geestelijke en leefde in

een klooster of abdij. In de

Middeleeuwen stond er

een grote abdij in Egmond.

Veel monniken konden

lezen en schrijven. Zij

schreven met ganzenveer;

gedoopt in inkt.

Afbeelding zegel Dit is een zegel van Floris

V. Het werd onder

documenten aangebracht

om de echtheid ervan te

verzekeren.

Houten balkje Dit houten balkje is in de

12 e eeuw gebruikt voor

wegen op het platteland.

Middeleeuwse schaar Een exacte replica van

scharen zoals ze in de

Middeleeuwen gebruikt

werden. Bijna iedere vrouw

had wel een schaar aan

haar rok hangen. De

schaar werd gebruikt voor

het huishouden en om

mee te handwerken.

Vingerhoed Vingerhoeden werden

gebruikt bij het

handwerken. Meisjes

leerden vanaf een jaar of

zeven handwerken. Dat

gebeurde meestal in de

speciale vrouwenkamer

van het kasteel.

Schrijf een brief aan

graaf Floris V en verzegel

de brief.

Of schrijf een brief aan

een klasgenoot en vertel

over het leven op een

kasteel.

Kijk goed naar de

afbeelding. Welke

gereedschappen

gebruikte een

middeleeuwse smid?

Weven op een

zelfgemaakt weefraam.

Laat de kinderen een

onderzoek doen naar het

leven op een abdij (zie

bijv. www.schooltv.nl/

Vroegerenzo voor info

over het leven in een

klooster). Laat kinderen

schrijven met

ganzenveer en inkt.

Kijk goed naar de

afbeelding. Probeer zelf

een eigen zegel te

maken van kaarsenvet.

Gebruik het zegel om

brieven mee dicht te

maken.

Onderzoek het houten

balkje voorzichtig.

Probeer met de schaar te

knippen. Wat is het

verschil met een schaar

van tegenwoordig?

Gebruik de kijkwijzer uit

het eerste deel van de

handleiding om de

kinderen de vingerhoed

te laten onderzoeken.

7


Ridders Ridders

Twee schilden Om zichzelf te beschermen

gebruikten ridders een

schild. Op het schild stond

vaak een het familiewapen

afgebeeld. Iedere ridder

had zijn eigen teken. Zo

kon je de ridder makkelijk

herkennen.

Twee zwaarden Iedere ridder droeg een

zwaard om mee te

vechten.

Twee hellebaarden Een hellebaard is een

houw- en stootwapen uit

de Middeleeuwen. Deze

wapens waren lang genoeg

om ook tegen ridders te

paard te kunnen vechten.

Bijl Ridders vochten niet alleen

met zwaarden maar ook

met bijlen.

Foto speren Een afbeelding van een

aantal middeleeuwse

speren.

Afbeelding tentenkamp Als een stad of een kasteel

werd belegerd, werd er een

tentenkamp opgeslagen

waarin de ridders

Afbeelding belegering

kasteel

verbleven.

Op de afbeelding is te zien

hoe een kasteel

aangevallen en verdedigd

wordt.

Pijlpunt Een echte middeleeuwse

pijlpunt.

Foto ridder Een foto van een ridder

zoals die er in de

Middeleeuwen uitgezien

moet hebben.

Ontwerp een zwaard met

je eigen teken erop.

Organiseer een

zwaardgevecht in de

gymzaal.

Ga op internet op zoek

naar andere wapens uit

de middeleeuwen.

Teken een ridder met al

zijn wapens. Zet bij alle

onderdelen van het

tenue neer wat het

precies is.

Bespreek de

middeleeuwse

oorlogsvoering. Wat kon

men met een speer

doen?

Hoe zien de tenten eruit?

Waar zijn de tenten van

gemaakt?

Bekijk de afbeelding

goed. Wat voor wapens

worden er gebruikt? Hoe

zijn de soldaten

gekleed?

Bedenk een goede

aanvalstechniek voor

kastelen. Speel de

belegering van een

kasteel na.

Probeer de pijlpunt na te

tekenen.

Bekijk de foto. Uit welke

delen bestond het tenue

van een ridder? Kun je

zo makkelijk vechten?

Hoe zou jij jezelf

beschermen?

8


Kleding/sieraden Kleding/sieraden Kopieerblad: zelf een

kaproen maken

Kopieerblad: zelf een

ridderhelm maken

Een kaproen is een

hoofddeksel voor mannen

uit de middeleeuwen.

Een leuke knutselactiviteit:

maak een ridderhelm van

papier.

Twee leren zwaardhouders Een ridder hield zijn

zwaard bij zich in een

zwaardhouder. Deze werd

om de middel gegespt.

Ketting Reproductie van een

Middeleeuwse ketting.

Kleding ‘dochter van een

kasteelheer’

Kleding ‘zoon van een

kasteelheer’

Rock, suckenie

(onderjurk), barbette en

fillet (hoofddeksels).

Trek allereerst de rock

aan. Doe daar de suckenie

over heen. Leg de barbette

van wit linnen onder de kin

en breng de uiteinden

samen op het hoofd. Zet

vast met 1 speld midden

op het hoofd. De oranje

fillet kan er boven op gezet

worden.

Beenlingen, onderbroek,

tuniek, touw en kaproen.

Doe de onderbroek aan.

Trek daarna de beenlingen

aan zoals een sok

aangetrokken wordt. Trek

de beenling omhoog over

de pijpen van de

onderbroek heen. Maak de

beenling met een touwtje

vast aan de onderbroek.

Trek de kaproen aan en

houdt hem omhoog met

een stuk touw. Zet ten

slotte de kaproen op.

Maak zelf een kaproen.

Maak de ridderhelm.

Doe de zwaardhouder

om. Loopt het handig?

Onderzoek het voorwerp

aan de hand van de

kijkwijzer.

Onderzoek de ketting.

Waar is de ketting van

gemaakt. Wat zijn de

verschillen met een

ketting uit onze tijd?

Maak zelf een ketting

met kralen van klei.

Gebruik de kleding voor

een tentoonstelling of

een toneelstuk.

Gebruik de kleding voor

een tentoonstelling of

een toneelstuk.

9


Vermaak Vermaak Vermaak

Houten kegelspel Een kegelspel bestaat uit 9

kegels en 2 ballen.

Houten ratel Een ratel was populair

speelgoed maar werd ook

gebruikt om iets aan te

kondigen.

Bikkelspel In de Middeleeuwen

gebruikten kinderen

dierenbotjes voor hun

spelletjes.

Afbeelding schandpaal Als je straf verdiende werd

je aan een schandpaal

gebonden. Zo kon

iedereen zien dat je wat

misdaan had.

Eten Eten

Houten bierpul met deksel In de middeleeuwen werd

erg veel bier gedronken.

Water was vaak te vies om

te drinken. Daar kon je

ziek van worden. Het bier

bevatte weinig alcohol en

werd zelfs door kinderen

gedronken.

Stenen bierpul Een replica van een

middeleeuwse stenen

bierpul.

Foto eettafel Een foto van een eettafel

met allerlei kannen,

kruiken en eetgerei. Zo

werd een tafel gedekt in de

Middeleeuwen.

Foto eetvoorraad Op het kasteel was niet

veel voedsel aanwezig

omdat de kasteelheer niet

het hele jaar op het

kasteel verbleef. Als hij er

wel was, dan werd het

voedsel in de kelders

opgeslagen.

Afbeelding maaltijd Op de afbeelding is te zien

hoe de mensen in de

Middeleeuwen aten.

Houten lepel Een houten lepel van ong.

10 cm. In de

middeleeuwen werd

Recepten: canstelingen,

roffioelen en roggebrood

met reuzel

bestek van hout gemaakt.

Je vindt de recepten bij de

kopieerbladen.

Speel het kegelspel.

Gebruik het spel bij het

riddercircuit.

Speel met de ratel.

Speel het bikkelspel. Je

vindt de spelregels bij de

kopieerbladen.

Zoek op internet naar

andere straffen uit de

Middeleeuwen.

Probeer uit de bierpul te

drinken. Hoe drinkt het?

Drink uit de bierpul.

Gebruik de foto voor een

tentoonstelling over het

voedsel en de

eetgewoontes van de

middeleeuwen.

Kijk goed! Wat aten de

middeleeuwers?

Bekijk de afbeelding

goed. Hoe wordt er

gegeten? Wat wordt er

gegeten? Wat voor

eetgerei gebruiken de

mensen?

Probeer met de houten

lepel te eten. Eet het

lekker?

Maak de gerechten op

school klaar of laat de

leerlingen dat thuis

doen.

10


3. 3. Zó Zó zat zat het het in in de de tijd tijd van van de de de steden steden en en staten.

staten.

Achtergrondinformatie Achtergrondinformatie voor voor de de leerkracht

leerkracht

Wonen

Wonen

In de 13e eeuw woonden de bewoners van de Kop van Noord-Holland

en West-Friesland voor een groot deel op nieuw ontgonnen land. De

bewoners van het platteland bleven niet lang op eenzelfde

woonplaats. De nederzettingen werden vaak op dezelfde manier

ingedeeld. Ze bestonden uit rechthoekige, aan elkaar grenzende

stukken grond, gescheiden door sloten voor afwatering. De woningen

lagen aan de korte kant van de percelen. Dat is op een groot aantal

plaatsen in de Kop en West-Friesland nog goed herkenbaar

(Westerland op Wieringen, ten zuiden van Kolhorn, in Oostelijk West-

Friesland ).

De huizen waren eenvoudige houten boerderijen van ongeveer 20 bij

6 meter. Het dak rustte op loodrechte palen in de lange wanden. Dit

blijkt uit archeologische opgravingen.

Over de indeling van de woning is niet veel bekend. Het is mogelijk dat alle activiteiten in een ruimte

plaatsvonden. Het is bekend dat er in Assendelft zulke woningen zijn geweest. Deze waren wel van een iets

later tijdstip. Maar vermoedelijk weken ze niet veel af van de woningen van de eerste bewoners.

Een eeuw later waren de boerderijen behoorlijk veranderd. Er stond een grote schuur midden in het

landbouwbedrijf. Er werd meer gebruikt gemaakt van baksteen in plaats van hout en de boerderijen werden

groter, ongeveer 29 meter bij 15 meter. Ook de bouwkundige opzet wijzigde; de meeste boerderijen

bestonden nu uit drie verschillende delen.

Uit sommige plattelandsnederzettingen ontstonden de eerste steden. Dat gebeurde door groei van een

dorpje of door het samengroeien van enkele nederzettingen. Aan sommige steden werden soms bepaalde

rechten verleend, die het dorp tot een echte stad maakten.

De steden ontstonden in vele gevallen op strategisch punten (kust, doorwaadbare plaats in een rivier, op

kruispunt van wegen, bij landaanwinning). Daar was veel handel en werd de economie sterk gestimuleerd.

Vaak was er maar een beperkt grondgebied, dus werden de huizen dicht op elkaar gebouwd. Als er wel

ruimte was, dan breidde de stad zich uit, aansluitend aan de oorspronkelijke stad.

De boerderijen en woningen in de stad werden niet gemaakt van natuursteen. Dat was namelijk in de Kop

van Noord-Holland niet voorhanden. Wel werden zwerfstenen, afkomstig van Wieringen en Texel, gebruikt

voor toegangswegen en fundamenten van woningen. Deze gesteenten waren na de laatste ijstijd

achtergebleven op de eilanden.

Uit de periode van de 11e tot 14e eeuw zijn er resten van bewoning gevonden in en nabij de voormalige terp

Het Torp . Het zijn zgn. huisplattegronden, aangetroffen, in de wijk De Schooten in Den Helder. Tevens zijn

vergelijkbare resten aangetroffen nabij het Hooge Oude Veer (gemeente Anna Paulowna), een

oorspronkelijke getijdenstroom, daterend uit de 12e Eenvoudige nederzettingen

eeuw.

Het Het kasteel

kasteel

Kastelen hadden een defensieve of beschermende functie en lagen op strategische punten in het

landschap of nabij een stad. Slechts een zeer beperkt aantal van de kastelen uit de 13 e eeuw bezat een

woonfunctie. Alleen de kastelen waar een koning, graaf, keizer of een politiek, administratief centrum was

gevestigd hadden een woonfunctie. Andere kastelen hadden uitsluitend legereenheden als regelmatige

bewoners.

Hoewel het verblijf op een kasteel in de loop van de eeuwen sterk is geromantiseerd, was het verblijf op

een kasteel in werkelijkheid niet prettig. Denk alleen al aan de kou in de vertrekken. Een kasteel was nooit

geheel warm te stoken. Ook met de hygiëne was veel mis. De slotgracht werd gebruikt als riool waardoor er

veel ongedierte werd aangetrokken. De stank moet vooral in de zomer ondraaglijk zijn geweest.

Een kasteel was in de eerste plaats een product van macht en welstand. Dat werd bijvoorbeeld duidelijk

door de versterkte bakstenen torens die op het platteland verrezen. Zulke torens werden gebouwd in een

periode van economische groei op het platteland. De eigenaren ontleenden status aan dergelijke

gebouwen. De bouw was kostbaar (het materiaal moest van ver komen en de bouw geschiedde door

gekwalificeerde ambachtslieden). Om het aanzien nog meer te vergroten, werden sommige van deze

bouwwerken op een kunstmatig heuveltje gebouwd.

11


In West-Friesland hebben in de Middeleeuwen

enkele kastelen gestaan. Het waren

dwangburchten, zoals bijvoorbeeld kasteel

Radboud te Medemblik. Een dwangburcht was

een kasteel, gebouwd op een strategische

plaats met een wijds uitzicht over het

omringende gebied. Binnen het kasteel had

men voortdurend toezicht op het reilen en

zeilen van de bevolking. Eventuele vijanden

konden zo goed in de gaten worden gehouden.

Door meer van zulke kastelen te bouwen en ze

aan elkaar te verbinden door een goede

infrastructuur, kon een koning de greep op een

gebied en zijn bewoners te verzekeren. De

kastelen, zoals de Nuwendoorn bij Eenigenburg

Kasteel Radboud te Medemblik

en Kasteel Radboud te Medemblik, boden

permanent onderdak aan garnizoenen, kleine

militaire eenheden. De graaf bezocht deze kastelen vermoedelijk enkele malen, maar verbleef er nooit

lang. Hij woonde er nooit.

Doordat de dwangburchten een beperkte functie hadden, werden deze kastelen sober ingericht. In het

kasteel bevond zich een wapenkamer en een keuken. Er was een grote hal voor druk bezochte

bijeenkomsten of ontvangsten. Vermoedelijk was er ook een smederij . Dat was nodig voor het herstellen

van allerlei huishoudelijke waren van ijzer, maar ook voor het repareren van wapens. Sommige wapens en

munitie werden overigens per schip aangevoerd vanuit bijvoorbeeld Vlaanderen. Het ging hier om

kruisbogen en bijbehorende pijlpunten.

Op het buitenterrein was de waterput en werden er kruiden verbouwd. Bijna dagelijks ontvingen de

bewoners bezoek van boeren en handelaren die van ver kwamen. Zij boden allerlei huishoudelijke waar te

koop aan (aardewerk, kisten voor opslag en mogelijk kunstnijverheid) maar ook vers voedsel.

Voor vermaak en vertier meldde zich soms een rondreizende minstreel, die de tijd op een aangename

manier deed verstrijken met zijn muziek en verhalen.

Andere Andere bakstenen bakstenen gebouwen

gebouwen

Kloosters, abdijen en kapellen werden in de Middeleeuwen ook met steen gebouwd. Gebruikt zijn baksteen

maar ook geïmporteerd natuursteen. Zo is voor de bouw van de oudste fase van de Abdij van Egmond

kalksteen gebruikt, vermoedelijk afkomstig uit Frankrijk.

Dichterbij huis zijn resten aangetroffen van de kapel bij Torp . Al in 1775 (!) zijn resten van de ruïnes van de

11 e -12 e eeuwse tufstenen kapel opgegraven. Aan de oostzijde van de terp worden menselijke skeletten

aangetroffen, op en over elkaar liggend.

In 1964 en 1965 werden op de noordelijke kern van de terp de funderingen van de kapel aangetroffen. Bij

de bouw van de kapel werd gebruik gemaakt van Romeins bouwafval.

In de bovengrond werden enkele brokken tufsteen en “opzettelijk verzonken zwerfkeien” aangetroffen. De

zwerfkeien zijn een restant van de fundering van de kapel.

Waarschijnlijk werd het kapelletje gebouwd met tufsteen afkomstig van een eerdere dorpskerk. Deze kerk

stond mogelijk op de door de zee weggeslagen strandwal aan de noordrand van het Balgzand.

Kastelen Kastelen Nuwendoorn en Radboud

Fundamenten van de Nuwendoorn

De ondernemende vorst Floris V bouwde in het laatste

decennium van de 13 e eeuw een aantal

kastelen/dwangburchten in West-Friesland. Door de

bouw van de dwangburchten wilde hij de Friezen

definitief aan zich onderwerpen. Eerst bouwde hij het slot

te Wijdenes en daarna dat te Medemblik.

Het kasteel Medemblik werd waarschijnlijk omstreeks

1290 gebouwd. Het is de enige dwangburcht van Floris V

die nu nog bestaat. Waarschijnlijk is ongeveer de helft

van het oude kasteel overgeleverd. Het kasteel bestond

vroeger uit een rechthoekige ruimte van ong. 37 meter bij

12


40 meter. Op alle vier de hoeken stonden ronde torens. Aan

de zijden tussen de torens bevonden zich torens die vierkant

van vorm waren. Eén daarvan, aan de oostzijde, was de

poorttoren die toegang gaf tot het slot.

Van de bouw van kasteel Nuwendoorn bij Eenigenburg in de

gemeente Harenkarspel weten we veel door archeologische

vondsten. Ook in geschreven bronnen als de Rijmkroniek van

Melis Stoke (de secretaris van Floris V) wordt hier het een en

ander over vertelt. En de nog aanwezig fundamenten in situ

(op de plaats waar de burcht oorspronkelijk is gebouwd) leren

ons ook wat over het verleden. Helaas, is er geen enkele

afbeelding van het kasteel in al zijn glorie overgeleverd! Voor

de bouw van kasteel Nuwendoorn werd gebruik gemaakt van

baksteen, die in de vorm van zgn. kloostermoppen werden

gemaakt. Dat zijn doorgaans handgevormde stenen met een

De bouw van een kasteel

standaard afmeting.

Baksteen bestaat uit lokaal gewonnen en ter plekke gebakken

klei. Het werd geproduceerd in de kloosters in Friesland en via de zeearm de Zijpe en de rivier de Rekere

per handelskogge vervoerd naar een terrein nabij de bouwplaats. Recente opgravingen wijzen echter ook

op de aanwezigheid van een steenoven nabij de bouwplaats. Mogelijk werden er dus ook ter plaatse

bakstenen gemaakt. De grondstof zeeklei was natuurlijk ruim voorhanden.

Organisatie Organisatie van de de samenleving

De samenleving van de 13 e eeuw kende nog een feodale structuur. De hoogste gezagdrager in Europa, de

keizer van Duitsland (en in 1254 Roomskoning Willem II van Holland) had formeel alles voor het zeggen.

Zijn rijk kon hij natuurlijk niet alleen besturen. Daarom gaf hij grote stukken land en bijbehorende

bevoegdheden in leen aan lagere adel. Zij konden in hun eigen gebied meestal onbeperkt van hun

bevoegdheden gebruikmaken. Naar de keizer toe verantwoorden ze zich slechts als het echt nodig was (en

dat kwam zelden voor).

In 1283 beleende Floris V aan Willem van Egmond (heer van Egmond) het gebied Huisduinen. Uit

oorkonden blijkt dat de vader en grootvader van Floris al rechten op het gebied Huisduinen hadden.

De organisatie binnen een bestuurlijke- of politieke eenheid (keizerrijk, koninkrijk, graafschap) was

onderverdeeld in drie standen: adel, geestelijkheid en burgers (een verzamelbegrip voor vrije boeren,

ambachtslieden en handelaren). Daarnaast waren er nog vele horige boeren, rechtelozen, melaatsen en

enkele migranten. De horige boeren waren in dienst van de heer en genoten bescherming van hem.

Vanaf de jaren 1280 is er voor het eerst sprake van een positieve overheidsbemoeienis op het gebied van

de waterhuishouding. Dat wordt dan een taak van de vorst en niet meer van een groep bewoners.

In deze periode ontstonden ook het eerste internationale samenwerkingsverbanden tussen steden. De

economie veranderde nu voor een belangrijk deel van ruilhandel in een geldeconomie. Kopen en verkopen

geschiedt voornamelijk door betaling van gouden, zilveren of (later) ook bronzen munten.

Werken Werken

Werken

In de tweede helft van de dertiende eeuw is er veel bedrijvigheid in de Kop van Noord-Holland en

Westfriesland waar te nemen. Onder leiding van graaf Floris V werd de Westfriese Omringdijk gesloten en

boven zeeniveau gebracht. Dit was belangrijk voor de bescherming van de inwoners van het gebied.

Hierdoor en ook door de bouw van de dwangburchten verbeterden de levensomstandigheden van de

bewoners van de Kop en West-Friesland.

Doordat de omstandigheden op het platteland verbeterden, hield men meer tijd over voor andere

activiteiten. Hierdoor kwam er steeds meer ander werk en er ontstonden verschillende beroepen. De

maatschappij was niet alleen meer gericht op het agrarisch bedrijf. De agrarische activiteiten bestonden

vooral uit akkerbouw en veelteelt.

In de Noordkop richt men zich sterk op de visserij en scheepvaart. Met het verbeteren van de

toegangswegen over zee en de weg over de Westfriese Omringdijk ontwikkelden de nederzettingen

Medemblik, Enkhuizen en Hoorn zich als belangrijke steden. Deze ontwikkelingen brachten meer en ook

nieuwe werkgelegenheid en specialisatie. In de steden was er een toenemende vraag naar ambtenaren,

die zich bezighielden met de voorbereiding en uitvoering van stedelijke besluiten. Er was steeds meer geld

13


nodig voor de import en export van handelsproducten en de scheepsbouw.

Daardoor groeide het aantal bankiers in de stad gestaag.

De groei van de bevolking maakte stadsuitbreiding noodzakelijk. Voor de

bouw van nieuwe woningen nam de vraag naar ambachtslieden

(timmerlieden, steenzetters, metselaars, meubelmakers) sterk toe. Potten,

die nodig waren voor het huishouden, werden niet langer zelfgemaakt, maar

in een pottenbakkerij. Met name de burgers in de steden kregen meer

rechten en daardoor een positie die ze voorheen niet hadden. Bepaalde

beroepsgroepen organiseerden zich in gilden, een organisatie van personen

met hetzelfde beroep of ambacht. Het eerste doel was het uitwisselen van

kennis en ervaring. Vrouwen werden niet tot de gilden toegelaten.

In de steden als Alkmaar woonden ook meer handelslieden van buiten het

graafschap Holland. Bovendien waren er soldaten gelegerd.

Tenslotte waren er nog allerlei werknemers in dienst van de graaf van

Holland, in feite het hoogste gezag in het graafschap Holland. De vorst had

voor de voorbereiding en uitvoering van zijn besluiten allerlei (adellijke en

geestelijke) raadgevers en ambtenaren/secretarissen nodig. Zijn hofhouding

bestond uit een staf van medewerkers die zich met de dingen van alledag

bezighield, in het bijzonder met de organisatie van het beheer en onderhoud

van de huizen, landerijen en kastelen van de graaf.

De graaf had natuurlijk ook de beschikking over een militaire organisatie.

Deze bestond uit een ridderleger (een soort van adellijk beroepsleger) en

Ridder

manschappen, die vaak uit het omliggend gebied werden gerekruteerd. In

tijden van ernstige gewapende conflicten kon de vorst ter aanvulling van zijn

leger vaak beschikken over huurlingen. Deze beroepssoldaten werden veelal vanwege hun bekwaamheid

met een specifiek wapen of ter ondersteuning van een bepaalde tactiek ingezet.

De De strijd strijd tussen tussen de de de Hollandse Hollandse graven graven en en de de West West-Friezen

West

Friezen

Tussen de graven van Holland en de West-Friezen

ontstond in de 12e eeuw een gewapend conflict. Dit

kwam tot uiting in vele kleine en vijftien grote militaire

confrontaties, in een periode van een kleine

tweehonderd jaar. Het definitief einde is de Slag bij

Vrome in 1297.

De Kop en West-Friesland zijn in deze periode

onderdeel van een groter (kust) gebied, genaamd

Frisia, waarin de Friese graven het voor het zeggen

hadden. De centra van hun heerschappij en het

heiligdom van hun dynastie lagen in Egmond en

Kennemerland. Frisia behoorde niet tot het graafschap

Holland.

In de 12e eeuw wordt de Leidse burcht het grafelijk

machtscentrum. In 1101 werd Floris II graaf van

Holland genoemd. Hij kreeg het gebied in leen van de

Utrechtse bisschop. De Kop en West-Friesland vielen

daar niet meer onder. De natuurlijke grens tussen

Holland en West-Friesland is de rivier de Rekere.

De Friezen genoten van oudsher een grote autonomie:

de Friese Vrijheid genoemd. Daarbij hoorde het maken

van eigen wetgeving, het houden van markten, en het

houden van een volksgerecht (ding).

In het begin van de 12e eeuw begon de Hollandse

graaf zich nadrukkelijk te bemoeien met de uitbreiding

van zijn macht en gebied. Hij richtte zich op het

noorden en startte met het samenvoegen van de

Oorlogsvoering in de Middeleeuwen

lappendeken van kleine gouwen (administratieve

eenheden). Hierdoor ontstond een belangrijke politieke

en militaire eenheid met aan het hoofd één vorst. Dit vormde een ernstige bedreiging voor de vrije Friezen.

Ze waren bang hun vrijheid en identiteit te verliezen.

14


De eerste conflicten ontstonden nabij de grensrivier. In de kronieken komen we voor het eerst de naam

Frisia occidentalis (West-Friesland) tegen. Er is dan sprake van twee graafschappen; de graafschappen

Holland en West-Friesland. Al snel werd het de Hollandse graaf duidelijk dat met de West-Friezen niet te

spotten valt. De agrariërs bleken tot veel in staat. Niet alleen bezaten ze het vermogen om militaire

tegenstand te bieden aan de Hollanders, ze hadden ook politiek inzicht. Ze stelden namelijk tot tweemaal

toe de jongere broer van de Hollandse graaf aan als heer van West-Friesland. Hieruit bleek dat ze door het

Hollandse vorstenhuis als eigen rechtsgebied erkend werden.

Het Het Het vervolg van de strijd

De Westfriezen gingen niet alleen de strijd aan met de Hollandse graaf. Zij leverden ook strijd tegen het

water. West-Friesland en de Noordkop bestonden in de periode van 1000 tot 1250 voornamelijk uit water.

Waarschijnlijk is er een verband tussen de desastreuze overstromingen en de gewapende strijd. De

Westfriezen verloren in de tweede helft van de 12 e eeuw nagenoeg al hun bezittingen aan het water en

trokken bovendien veelvuldig ten strijde tegen het grafelijk leger. Een mogelijke oorzaak van de aanvallen

zouden de mislukte oogsten en de daaruit voortvloeiende hongersnood kunnen zijn.

In 1248 overspoelde een enorme hoeveelheid zeewater het Westfriese landschap. Na deze stormramp

deed graaf Willem II van Holland een zoveelste poging tot een invasie van West-Friesland. Dit was het

gevolg van het optrekken van de Westfriezen naar de Rekere, dat inmiddels een brede rivier geworden was.

Organisatie, Organisatie, strategieën strategieën en en tactiek tactiek ; ; wapens wapens van van de de strijdende strijdende partijen

partijen

De Hollandse graaf beschikte over een leger van goed

uitgeruste ridders. Dit waren familieleden, vazallen en

vertegenwoordigers van bevriende gebieden, allemaal

met een adellijke titel. Ook had hij de beschikking over

huurlingen en manschappen, het voetvolk. Uit enkele

geschriften is vastgesteld, dat het Hollandse leger wel

uit 8.000 man kon bestaan. Het grafelijk leger

beschikte over een goede uitrusting. De soldaten

beschikten over handwapens (zwaard, dolk,

strijdknots, lans en kruisboog) maar ook over mobiel

geschut, zoals stringalen, grote kruisbogen op wielen.

Het leger verplaatste zich met paarden en schepen

zoals heerkoggen, de militaire versie van de

handelskogge.

Heerkoggen

De West-Friezen hadden niet veel tijd om oorlog te

voeren. Zij hadden het druk met hun dagelijkse werk

op het land. Alleen in de winterperiode was er meer

tijd over voor andere activiteiten. Het West-Friese leger

bestond uit alle weerbare mannen van 12 jaar en

ouder en kon maximaal uit zo’n 3500 tot 4000

soldaten bestaan, de helft van het grafelijk leger. De

organisatie van het West-Friese militaire apparaat

geschiedde onder leiding van ervaren personen. Die

ervaring hadden ze opgedaan tijdens hun dienstplicht

of als huurling in bijvoorbeeld het grafelijk leger.

Binnen het West-Friese leger waren waarschijnlijk

allerlei eenheden te onderscheiden. Er waren

boogschutters en ruiters te paard, naast het voetvolk.

Stringalen worden in een boot geladen.

Over de bewapening is niet veel overgeleverd. De

West-Friezen hadden in ieder geval de beschikking

over gevaarlijke gebruiksmaterialen zoals bijlen en gieken. Maar ook over buitgemaakte wapens als

zwaard, lans en dolk. Het is ook bekend dat men beschikte over pijl en boog. Gedurende vele eeuwen

gebruikte men dezelfde wapens.

De militaire strategie van de Hollandse graaf bestond uit een combinatie van acties over land en over zee.

In West-Friesland kwamen de meeste aanvallen van over zee omdat een aanval over land vaak onmogelijk

was door de vele overstromingen. De beste kans op een succesvolle militaire aanval was de

15


verrassingaanval. Aanvallen in een andere periode dan gebruikelijk (bijv. in de zomer), in de rug van de

vijand of een gecombineerde land- en zeeaanval hadden vaak het meeste succes.

De West-Friezen hanteerden een guerrillatactiek, waarbij ze het landschap optimaal probeerden te

benutten. Ze probeerden ze met verrassingsaanvallen de vijand te overmeesteren. Daarbij maakte men

gebruik van uitstekende communicatiemiddelen: het geven van signalen tussen de dorpen. Dit deed men

door vaandelzwaaien, het blazen van de trompet en het verbranden van stro vanaf een hoog punt langs de

lijn Winkel-Niedorp-Hoogwoud.

Onder graaf Willem II – vanaf 1247 Roomskoning (op dat moment de hoogste baas in het Duitse rijk)

ontstond een defensieve strategie. Hij liet kastelen bouwen in Kennemerland om de toegangswegen van

het gebied te kunnen beschermen. Aanvankelijk heeft dat succes: de West-Friezen vallen na het

gereedkomen van de burchten niet meer aan.

Alkmaar werd niet door water met West-Friesland gescheiden en was daardoor een zwakke schakel in de

verdediging van Holland. Om de positie van Alkmaar te versterken bouwde de graaf er de Torenburg en

enkele dijken.

Willem II besluit in de winter West-Friesland over het land en het ijs aan te vallen. Dit besluit zou hem fataal

worden. De koning ging zijn leger nabij Hoogwoud vooruit en trok in zijn eentje te paard verder. De West-

Friezen wachtten de koning op in het riet. Als de afstand tussen de vorst en zijn leger groot genoeg is, slaan

ze toe en vermoorden Willem II. Dat is althans de traditionele versie van de gebeurtenis.

De geschiedenis van de moord op Roomskoning Willem II is altijd met veel geruchten en fantasieën

omkleed geweest. Zakte hij door het ijs? Sprong hij in een met stro afgedekt wak? Of hadden de West-

Friezen opzettelijk een scheur in het ijs gemaakt, waardoor het brak? De werkelijke omstandigheden zullen

wel nooit duidelijk worden, maar het is in ieder geval zeker dat Willem II is omgebracht.

De De De aanpak aanpak van van Floris Floris Floris V

V

Na de moord op zijn vader (Willem II) was Floris V op wraak belust. De eerste poging om de Friezen te

verslaan, in 1272, mislukte. De West-Friezen zegevierden. In 1282 lukte het wel. Floris V brak met de

defensieve strategie van zijn vader. Hij viel de vijand in de zomer en in de rug aan (over zee vanaf

Wijdenes). Vanaf de heerkogge werden de West-Friezen met kruisbogen bestookt en via de dijk stootte hij

snel door naar Hoogwoud, het centrum van West-Friesland. De West-Friezen werden volledig verrast en

verslagen.

Floris V week ook op een andere manier af

van de oude strategie. Hij besefte dat een

goede waterhuishouding en het handhaven

van oude Friese privileges belangrijk waren

om uiteindelijk de Friezen

te kunnen onderwerpen. Onderdeel van zijn

strategie was de aanleg van een ring van

dwangburchten langs de West-Friese

Omringdijk, tussen 1272 en 1287. Hij keek

dit af van de Engelse koning Edward I, die

een ring van kastelen in Wales liet

aanleggen. De burchten die Floris V in deze

ring aanlegde, waren Radboud in

Medemblik, het Huis te Wijdenes,

De dwangburchten van Floris V langs de omringdijk. T=

Torenburg, M = Middelburg, N = Nieuwburg, NU = Nuwendoorn,

ME = Radboud, W = Wijdenes.

Nuwendoorn bij Krabbendam, de Nieuwburg

en Middelburg bij Alkmaar.

Uiteindelijk slaagde Floris V er in, mede

dankzij de enorme watersnood van 1287-

1288, de West-Friezen definitief te

onderwerpen. In 1289 werden daartoe enkele verdragen gesloten.

Floris dwong respect af bij de West-Friezen. Hij verzekerde hun bestaan door de nieuwe waterhuishouding

en het aanleggen van goed begaanbare wegen in het gebied. Na de moord op Floris in 1296 sloten de

West-Friezen een verbond met de bisschop van Utrecht. Dit verbond had tot doel om de Hollanders in

Kennemerland en Waterland in bedwang te houden tijdens de uitoefening van de expansiedrift van de

bisschop. Die expansiedrift kwam tot uiting in het aanleggen van dijken en het verbeteren van de

bestaande infrastructuur.

Het West-Friese leger trok op richting Alkmaar en ontmoette nabij Vrone een ridderleger, afkomstig van de

Middelburg. Hier vond de bekend geworden Slag bij Vrone (1297) plaats. De West-Friezen namen afstand

van hun succesvolle guerilla-tactiek en traden in het open veld het ridderleger tegemoet. Ze bleken

16


kansloos in de strijd; zo’n 3000 Westfriezen sneuvelden. Daarmede kwam de strijd tussen Holland en

West-Friesland definitief tot een einde.

Bewoners Bewoners

Bewoners

In de 13 e eeuw groeide de bevolking sterk. De belangrijkste oorzaken hiervan waren de verbetering van het

klimaat en de ontginningen in het landschap waardoor er meer voedsel bebouwd kon worden. Daarnaast

hadden de betere bescherming tegen het water en de internationale contacten door toename van de

scheepvaart tot gevolg dat de bevolking groeide. Er waren minder overstromingen en zodoende ook minder

slachtoffers. Het land was beter bewerkbaar omdat er minder land onder water stond en het land leverde

dus meer voedsel op. Door deze overproductie van de landbouw en door de verbetering van de

infrastructuur in deze periode groeide de bevolking ook. Het verstrekken van stadsrechten aan steden

droeg ten slotte ook nog bij aan economische ontwikkeling. (denk aan de bevoegdheid tot het houden van

markten, het recht om tol te heffen, en het recht om een eigen munt te slaan).

De gezondheid van de bewoners is af te lezen uit de stijging van de gemiddelde lengte tot 1.70 m bij de

man; een lengte die pas in de tweede helft van de 20 e eeuw opnieuw werd bereikt. In de late

middeleeuwen vanaf de periode na 1300 daalde de gemiddelde lengte weer.

Het platteland en de niet stedelijke nederzettingen kenden nog steeds een overwegende agrarische

bevolking.

Landschap andschap

De ontginning van het land, die

plaats vond vanaf de hogere

delen op Wieringen en vanaf de

strandwallen, was rond 1300

nagenoeg voltooid. Belangrijke

delen van de Kop van Noord-

Holland zijn dan in cultuur

gebracht.

Tussen 1000 en 1300 waren er,

in vergelijking met de daaraan

voorafgaande eeuwen, sterke

temperatuurstijgingen te zien,

zowel in de gemiddelde

algemene jaartemperaturen als

die in de zomer – en

wintermaanden. De neerslag

nam eveneens gemiddeld toe.

De regenperiode lag in het voor-

en najaar; de zomers zijn droog.

Het milde klimaat in de

zomerperiode maakte de

ontginningsactiviteiten

gemakkelijker. Er was in de

droge periode minder of geen

last van een hoge waterstand.

De geleidelijke stijging van de

temperatuur zorgde ook voor

minder gunstige ontwikkelingen

in het landschap. Een

temperatuurstijging betekende

een toename van verdamping in

droge zomers en een toename

van neerslag in de andere

jaargetijden. Door de

grondwaterstijging in de natte

periodes ontstond er veen in de

duinvalleien. De zandige

17


omgeving van de kustlijn werd steeds droger en verstoof.

Daardoor zorgde de Noordzee steeds vaker voor overstromingen. Onder invloed van enorme stormen

werden gaten geslagen in de tot dan toe gesloten kustlijn. Het zoute zeewater drong ver het gebied in. Het

omvangrijke veengebied raakte verzilt en vernietigde het veen. Bovendien werd er zeeklei afgezet, dat ook

zout bevat.

Tussen de zeegaten Marsdiep en De Zijpe ontstond aan het eind van de 12 e eeuw een nieuw zeegat, ’t

Heersdiep, met als gevolg dat Huisduinen een eiland wordt. Het zeegat kreeg al snel de afmeting die

overeenkomt met het toenmalig Marsdiep. Omstreeks 1500 begon ‘t Heersdiep geleidelijk te verzanden.

De overstromingen in deze periode worden toegeschreven aan de bodemdalingen in de Kop van Noord-

Holland. Deze verlaging was ontstaan bij het ontginnen. De aanleg van afwateringssloten en het open

ploegen van de bodem bevorderden de bodemdaling. De bodemdaling was aanzienlijk en bedroeg

ongeveer 2 cm per jaar.

In de dertiende eeuw werd het dus steeds meer noodzakelijk om de invloed van de zee te beheersen.

Daarom werden er dijken gebouwd, zoals de Westfriese Omringdijk. De eerste elementen van deze dijk –

verbindingen tussen enkele terpen in de omgeving van Medemblik - ontstonden in de 9 e eeuw.

Voedsel Voedsel en en en voedselvoorziening

voedselvoorziening

voedselvoorziening

Archeologische vondsten van botten, graten, zaden, vruchten,

schillen en schelpen geven een beeld van de eetgewoontes in de

late 13e eeuw. Van de granen zijn broodtarwe, gerst en gierst,

rogge en haven van belang. Ook peulvruchten zoals linzen, erwt

en duivenboon (een soort tuinboon) stonden op het menu.

Het aanbod van vruchten is enorm: van appel, peer, kers en

pruim en de wilde soorten als aardbei, braam, bosbes, vlier en

walnoot, wordt veel restmateriaal aangetroffen. Ook werden

vruchten uit andere streken geïmporteerd zoals de vijg en druif.

Boeren verbouwden veel op de ontgonnen terreinen. Door de

klimaatsverbetering en waterbeheersing mislukten de oogsten

bijna niet meer en was er in veel jaren een overproductie. Deze

producten werden verhandeld tegen andere goederen.

Aan het eind van de 13 eeuw nam het aantal bak- en braadgerei

in aantal toe. Dat zou kunnen betekenen dat er een verschuiving

optrad in het dieet, namelijk van vegetarisch naar dierlijk.

Rundvlees werd het meest gegeten. Daarna volgden

schapenvlees en geitenvlees. Varkenvlees kwam op de derde

plaats.

Ook werd er wilde eend, gans en verschillende soorten vis

gegeten.

Aardig is op te merken, dat de maaltijden van bijvoorbeeld de

grafelijke huishouding niet veel verschilden van het menu van

Middeleeuws banket

een burgerhuishouding in de stad. Wel werd de vorstelijke dis

aangevuld met hert, ree en everzwijn. Het meeste was afkomstig van wild, dat tot zijn eigendom behoorde.

Sporen van drankjes zijn niet bewaard gebleven. Water en bier worden veelvuldig genoemd in geschreven

bronnen. Van de overblijfselen van de maaltijd en de voorbereiding daarvan is veel bekend. Zeker is dat

weinig in eerste instantie werd weggegooid. Defecte houten eetgerei werd wel in de oven weggegooid en

diende als brandstof. Ook werden botten, gebroken keramiek, schillen en zaden etc. weggegooid. Dat

belandde achter het huis op een hoop, samen met dierlijke en menselijke uitwerpselen, of in en beerput. In

de periode van de houten huizen gebruikte men de menselijke en dierlijke mest voor het aansmeren van

de wanden.

Vervoer

Vervoer

In de eerste helft van de 13 e eeuw stonden grote delen van de Kop van Noord-Holland onder water. Het

belangrijkste transport vond plaats met kleine scheepjes. Alleen op de hoger gelegen gronden van Texel en

Wieringen en op de strandwallen bleef het droog. Daar ontwikkelden de nederzettingen zich verder en

bleven de karrensporen als verbindingswegen in gebruik.

In de tweede helft van die eeuw ontstond een betere organisatie van de waterhuishouding.

18


De nieuwe dijken vormden het fundament van nieuwe wegen. Belangrijke delen van het gebied werden nu

over land bereikbaar.

In de havenplaatsen, zoals bijv. Medemblik, Enkhuizen en Hoorn brachten schepen allerlei waar uit verre

streken aan land. Die goederen werden via de dijkwegen naar bijna alle plaatsen in de Kop van Noord-

Holland gebracht. Ook Alkmaar was goed bereikbaar en ontwikkelde zich snel. Binnen het gebied, maar ook

in de kustgebieden, werd met kleine roeibootjes gevist. Op een aantal plaatsen legde de graaf van Holland

dammen in de rivier, waardoor nieuwe doorgaande routes ontstaan. Deze plaatsen, veelal op strategische

plekken, leverden de graaf belangrijke inkomsten op omdat hier eenvoudig tol kon worden geheven.

In geval van oorlog was een dam makkelijk door te steken, waardoor de verbinding ophield te bestaan.

©Jan Stobbe, 2008

19


4. 4. Meer Meer informatie

informatie

Wil je meer weten over de kastelen in de Kop van Noord-Holland, lees dan het boek Middeleeuwse kastelen

van Noord-Holland van J.W. Groesbeek.

Of surf naar de volgende websites:

Dwangburchten West-Friesland

http://home.planet.nl/~dijkh287/kastelen/index.htm

Kastelen

http://www.kastelen.nl/

Middeleeuwen

http://www.schooltv.nl/vroegerenzo/pagina.jsp?nr=vz_werkstuk&wsnr=131364

Floris V

http://entoen.nu/venster.aspx?id=6

Schooltv, inclusief filmpje over Floris V

http://www.schooltv.nl/vroegerenzo/pagina.jsp?nr=vz_werkstuk&wsnr=329558

Webquest over kastelen

http://www.webkwestie.nl/kastelen_01/index.htm

5. 5. Bezoek Bezoek bij bij deze deze deze tijdvakkist tijdvakkist

tijdvakkist

Kasteel Kasteel Kasteel Radboud Radboud

Radboud

Oudevaartsgat 8, 1670 AC Medemblik

T: 0227 54 19 60

E: info@kasteelradboud.nl

W: www.kasteelradboud.nl

Kasteel Radboud te Medemblik is de enig overgebleven Westfriese dwangburcht van de Hollandse graaf

Floris V. Er is een vaste tentoonstelling die veel laat zien over het dagelijks leven in de middeleeuwen. Bij

een bezoek aan het kasteel zijn er drie mogelijkheden. Er kan een rondleiding gegeven worden in het

dertiende eeuwse kasteel door een ervaren gids. Kinderen kunnen een speurtocht doen of met leskisten

aan de gang gaan.

Voor meer informatie zie: http://www.erfgoedalacartedenhelder.nl/erfgoedgids

Andere Andere musea musea met met informatie informatie informatie over over het het ttijdvak

t ijdvak steden steden en en sstaten

s staten

taten (1000 (1000-15 (1000

15 1500): 15 00):

Themapark Archeon, Alphen a/d Rijn, http: //www.archeon.nl

Historisch OpenluchtMuseum Eindhoven, http://www.historisch-openluchtmuseum-eindhoven.nl/

Het Muiderslot, http://www.muiderslot.nl

20


Kopieerbladen

Kopieerbladen

21


Zoekplaat Zoekplaat kasteel

kasteel

Kopieerblad

Kopieerblad Kopieerblad Kastelen vol soldaten soldaten

22


Recept: Recept: ccanstelingen

c anstelingen

Kopieerblad

Kopieerblad Kopieerblad Kastelen vol soldaten soldaten

Liefde in de middeleeuwen wordt hoofse liefde genoemd. Als ridders en jonkvrouwen in

de Middeleeuwen verliefd op elkaar waren, gaven ze elkaar dure cadeaus, maakten ze

prachtige gedichten en zongen ze romantische liederen. En ze bakten canstelingen, een

soort koekjes, in de hoop daarmee het hart van de ander te veroveren.

Dit heb je nodig

• 2 eieren

• 1 eetlepel (rietsuiker)stroop

• 3 eetlepels bakboter

• mespunt zout

• 150 gram tarwebloem

Zo maak je het

1. Splits de eieren en laat het eiwit weglopen. Doe de gele eierdooiers in een klein

pannetje

2. Voeg 2 eetlepels boter en de stroop bij de eierdooiers

3. Vul nu een grotere pan met water waar het kleinere pannetje in past

4. Zet deze twee pannen op het vuur, niet langer dan een paar minuten en blijven

roeren. Het water moet zachtjes koken. Neem het mengsel van het vuur als het

soepel is en laat het even afkoelen

5. Verwarm de oven voor op 175 C

6. Vet een bakblik in

7. Voeg nu langzaam de bloem en het zout aan het mengsel toe

8. Kneed het tot een soepel deeg

9. Strooi het laatste bloem op het aanrecht

10. Rol het deeg uit tot een halve centimeter dik

11. Snijd uit het deeg zoveel mogelijk hartjes

12. Leg de koekjes op de ingevette bakplaat

13. Bak de koekjes in 10 min. gaar

23


Recept: Recept: rroffioelen

r offioelen

Kopieerblad

Kopieerblad Kopieerblad Kastelen astelen vol vol soldaten soldaten

soldaten

Roffioelen is een populair recept uit de middeleeuwen. Een roffioel is een pasteitje dat

vaak gegeten werd omdat het goedkoper was dan vlees of vis en omdat het goed vulde.

Er werd van alles gebruikt voor de vulling. Meestal was het afhankelijk van wat het

seizoen opleverde. Vaak werd er sowieso wel zoet fruit toegevoegd omdat suiker in de

Middeleeuwen nog onbekend, onverkrijgbaar en onbetaalbaar was.

Dit heb je nodig

• 500 g bloem

• 3 eieren

• 50 g suiker (voor zoet deeg)

• 20 g gist

• 200 ml lauwe melk

• 10 g zout

• 300 g boter

• 2 liter olie om in te bakken

Voor de vulling

• honing, appelen en noten

• gemberpoeder

• kaneelpoeder

Zo maak je het

1. Los de gist op in de lauwe melk. Klop de eieren los met een soeplepel water.

2. Doe de bloem in een grote deegbol of kom. Maak een kuiltje in de bloem en doe

hierin de suiker en/of het zout, 200 g van de zachte boter, de opgeloste gist en

de eieren en meng dit met je vingers langzaam in de bloem tot er een deeg

ontstaat.

3. Laat twintig minuten rusten. Kneed verder en werk er de resterende boter zeer

langzaam door. Rol op tot een bal en dek de kom af met een vochtige handdoek.

Laat het overdekt twee uur bij de kachel rijzen.

4. Schil de appelen en snij ze, evenals de noten, in kleine stukjes.

5. Rol uit het deeg acht ronde, grote koeken van bijna een halve centimeter dik en

een middellijn van 15-20 cm.

6. Leg de vulling er op en sla ze dubbel. Kneed de randen goed aan elkaar vast.

7. Bak de roffioelen in olie van 140 graden celsius gedurende tien minuten. Laat ze

even uitlekken op keukenpapier en serveer warm.

24


Recept: Recept: roggebrood met reuzel reuzel

Kopieerblad

Kopieerblad Kopieerblad Kastelen vol soldaten soldaten

In de Middeleeuwen gebruikte men een flinke snee roggebrood als bord. Het gewone volk

at het bord bij het eten op. Reuzel werd ook vaak gegeten; je kunt het heel makkelijk

maken.

Dit heb je nodig

• Roggebrood

• 500 gram gerookt vet spek

Zo maak je het

1. Snij het spek in blokjes

2. Verhit op laag vuur

3. Laat het een half uur tot driekwartier op het vuur staan, totdat je alleen maar

kaantjes overhoud

4. Laat de reuzel afkoelen

5. Zeef de reuzel

6. Smeer de reuzel op het roggebrood

7. Bewaar de reuzel in de koelkast

25


Zelf Zelf een een kaproen kaproen maken maken(1) maken maken(1)

(1)

Dit heb je nodig

• patroonpapier

• dunne wollen stof in natuurlijke kleuren

• garen

• naald

• eventueel een naaimachine

Zo maak je het

1. Teken het patroon (zie de volgende

pagina) op juiste schaal over op de stof.

2. Doe dit twee keer.

3. Knip de beide stukken stof uit.

4. Naai de twee stukken aan elkaar.

5. De kaproen is klaar.

Bron: http://www.historisch-openluchtmuseumeindhoven.nl/middeleeuwen/verhaal/kaproen.html#k

Kopieerblad

Kopieerblad Kopieerblad Kastelen vol soldaten soldaten

26


Zelf Zelf een een kaproen kaproen maken maken(2) maken maken(2)

(2)

Kopieerblad

Kopieerblad Kopieerblad Kastelen vol soldaten soldaten

27


Zelf Zelf een een ridderhelm ridderhelm maken maken(1) maken maken(1)

(1)

Dit heb je nodig

• grijs karton

• schaar

• twee splitpennen

• niettang

• crêpepapier

Kopieerblad

Kopieerblad Kopieerblad Kastelen vol soldaten soldaten

Zo maak je het

1. Knip een vel van 18 cm bij 70

cm uit grijs karton.

2. Verdeel het stuk papier in een

aantal stroken zoals

aangegeven op het stappenplan

(zie volgende pagina).

3. Knip de stroken in, tot ongeveer vijf cm van de rand.

4. Pas de helm op het hoofd van het kind en niet de rand en de stroken vast.

5. Knip nog een vel uit het grijze karton.

6. Vouw het papier dubbel.

7. Knip uit het dubbelgevouwen papier een ovaalvorm.

8. Knip uit de ovaalvorm een aantal stroken zodat een vizier ontstaat.

9. Maak met de splitpennen het vizier vast aan de helm.

10. Eventueel kan er nog een mooie rand van crêpepapier aan de helm vastgemaakt

worden.

28


Zelf Zelf een een ridderhelm ridderhelm maken maken(2) maken maken(2)

(2)

Kopieerblad

Kopieerblad Kopieerblad Kastelen vol soldaten soldaten

29


Liedjes Liedjes (1)

(1)

Kopieerblad

Kopieerblad Kopieerblad Kastel Kastelen Kastel

en vol soldaten

30


Liedjes Liedjes (2)

(2)

Kopieerblad

Kopieerblad Kopieerblad Kastelen vol soldaten soldaten

31


Liedjes Liedjes (3)

(3)

Kopieerblad

Kopieerblad Kopieerblad Kastelen vol soldaten soldaten

32


Spelregels Spelregels Spelregels bikkelen

bikkelen

Kopieerblad Kopieerblad Kastelen vol soldaten

Nodig:

Een tegenstander, vier bikkels en een balletje. Om de beurt speel je een 'level'.

Doel:

Tel de keren dat je het balletje opgooit, dat is het aantal beurten. Degene die het minste

aantal beurten gebruikt heeft is de winnaar.

Eerste level: de Kattenberg

Begin: Je speelt het op de grond. Gooi de bikkels in een zaaibeweging voor je uit.

Gooi nu het balletje omhoog. Draai met dezelfde hand de bikkels met hun bolle kant naar

boven voordat je het balletje weer vangt, ook met dezelfde hand. Lukt dat niet in één

keer, dan mag je het balletje opnieuw gooien, totdat alle bikkels op de juiste manier

liggen. Hierna mag je de bikkels dichter bij elkaar leggen voor het vervolg van het spel:

De 'Eentjes':

Het balletje wordt weer omhoog gegooid. Met dezelfde hand waarmee je het balletje

gooide, raap je één bikkel. De opgeraapte bikkel wordt opzij gelegd. Dan mag je op

dezelfde manier een volgende bikkel pakken en zo verder tot alle bikkels zijn opgeraapt.

De 'Tweetjes':

Je speelt hetzelfde als bij 'Begin' tot alle bikkels weer liggen als de Kattenberg. Het

spelverloop is hetzelfde als net. De bikkels moeten alleen nu per twee worden

opgeraapt.

De 'Drietjes':

Je speelt hetzelfde als bij 'Begin' tot alle bikkels weer liggen als de Kattenberg. Het

spelverloop is hetzelfde als net. De bikkels moeten alleen nu per drie worden opgeraapt,

dit mag met twee handen. De overblijvende bikkel wordt daarna gepakt.

De 'Viertjes':

Je speelt hetzelfde als bij 'Begin' tot alle bikkels weer liggen als de Kattenberg Het

spelverloop is hetzelfde als net. Alle vier de bikkels worden opgeraapt, dit mag met twee

handen. Onthoud hoeveel beurten je nodig had. Nu is de ander aan de beurt.

Tweede level: De Putjes

Hetzelfde als hierboven alleen moeten nu eerst alle bikkels met hun holle kant naar

boven worden gedraaid; 'het Putje'.

Derde level: De Sikkels

Hetzelfde als hierboven alleen moeten nu eerst alle bikkels met hun s-kant naar boven

worden gedraaid; de Sikkel.

Je moet heel snel zijn, maar met een beetje oefenen gaat het zeker lukken!

Bron:www.magischheiloo.nl

33

More magazines by this user
Similar magazines