05.11.2020 Views

De invloed als vrijwillig Duitse migrant in Nederland op 'Heimat' en nationale identiteit

Opmerking: Ik heb ervoor gekozen om de scriptie niet door een Nederlander te laten corrigeren m.b.t. grammatica en spelling. De verduitste zinnen geven de worsteling goed weer die ik heb ervaren met de zoektocht naar mijn nationale identiteit.

Opmerking: Ik heb ervoor gekozen om de scriptie niet door een Nederlander te laten corrigeren m.b.t. grammatica en spelling. De verduitste zinnen geven de worsteling goed weer die ik heb ervaren met de zoektocht naar mijn nationale identiteit.

SHOW MORE
SHOW LESS

You also want an ePaper? Increase the reach of your titles

YUMPU automatically turns print PDFs into web optimized ePapers that Google loves.

DE INVLOED ALS VRIJWILLIG

DUITSE MIGRANT IN NEDERLAND OP

‘Heimat’

en

nationale

identiteit

een visueel essay van Stefanie van Wasen


DE INVLOED ALS VRIJWILLIG

DUITSE MIGRANT IN NEDERLAND OP

‘HEIMAT’ & NATIONALE IDENTITEIT

een visueel essay van Stefanie van Wasen



inhoud

p. 7 Introductie

p. 15 Nationale identiteit

p. 23 Gemeenschappelijke deler nationale

identiteit

p. 26 Taal als gemeenschappelijke deler

p. 28 ‘Heimat’ als gemeenschappelijke deler

p. 30 ‘Heimat’

p. 35 De dimensies van ‘Heimat’

p. 49 ‘Beheimatung’

p. 53 ‘Heimat’ en nationale identiteit

p. 57 Mijn ‘Heimat’

p. 58 Ik binnen de ruimtelijke dimensie

p. 66 Ik binnen de tijdelijke dimensie

p. 70 Ik binnen de sociale dimensie

p. 76 Ik binnen de economische dimensie

p. 80 Ik binnen de culturele dimensie

p. 90 Ik binnen de emotionele dimensie

p. 95 Conclusie

p. 99 Relatie tot mijn project



introductie

6 7



Al van kinds af aan droomde ik ervan om naar

Nederland te gaan. Het zat altijd al in me, het

gevoel om Nederlands te zijn. Ik ging zeilen op

het IJsselmeer en voelde me helemaal vrij toen

de wind door mijn haar bruiste en ik niks anders

zag dan het water om me heen.

Elke keer wanneer ik de grens van Duitsland

naar Nederland overstak, overkwam mij

een gevoel van opluchting. Ik luisterde naar

Nederlandstalige luisterboeken terwijl ik er

destijds nog geen één woord van begreep,

maar ik vond de klanken toch zo mooi van deze

bijzondere taal. Het gekras in de keel bij de

uitspraak van sommige woorden gaf me elke

keer opnieuw kippenvel. Ik zong luidkeels mee

met de liedjes van Guus Meeuwis en Acda en

de Munnik, maar ik begreep alleen maar de

woorden die in het Duits hetzelfde waren.

Om de twee jaar juichte ik helemaal in oranje

gekleed en met de Nederlandse vlag als cape om

mijn nek voor het Nederlands elftal.

Gek - als Duitse.

Gedurende het EK en WK stond ik er altijd in

mijn eentje voor en kreeg ik vaak de vraag waar

mijn trots op mijn Heimat is gebleven.

“Warum zur Hölle bist du für Holland? Bist du

verrückt? Du bist Deutsche! Verhalte dich auch

so!”

“Was musst du denn mit den Käsköpfen? Die

können doch kein Fußball spielen!”

Elke keer moest ik mezelf weer opnieuw

verantwoorden en mompelde ik wat voor me

heen. Maar echt beantwoorden kon ik de vraag

nooit.

8 9



Waar kwam mijn liefde voor Nederland eigenlijk

vandaan, het verlangen naar een vreemd land

waarvan ik de taal nog niet eens sprak? Waarom

voel ik me als Duitse meer thuis in Nederland

dan in Duitsland? Ben ik echt meer Nederlands

dan Duits? Wat is überhaupt een Nederlander?

Vier jaar geleden pakte ik de moed en mijn

koffers om met deze vragen op onderzoek te

gaan. Nu ben ik hier en helemaal geïntegreerd

in Nederland. Ik spreek de taal waarbij de

mensen hier op het eerste gezicht denken dat

ik ook Nederlandse ben en de Duitsers geloven

me niet meer dat ik Duits ben. Begrijpelijk met

mijn inmiddels Nederlands accent en soms

wil ik ook weleens nog wat woorden in mijn

moedertaal vergeten. “Wow! Dafür, dass du eine

Niederländerin bist, kannst du aber echt gut

deutsch sprechen!”

Tegelijkertijd kom ik nu soms wel in best

gênante situaties in Nederland terecht, omdat

mijn uitspraak blijkbaar al zo goed is dat haast

niemand door heeft dat ik Duitse ben.

Alleen is dit niet handig als ik sommige woorden

of uitdrukkingen in het Nederlands niet ken

die eigenlijk elk Nederlands kind zou weten

en dus iedereen in zulke situaties denkt dat ik

hartstikke dom ben.

Dit is mijn dilemma. Inmiddels weet ik dat ik

nooit 100% Nederlands kan worden. Mijn wortels

liggen in Duitsland. Die zal ik altijd met me

meedragen.

Bij mijn familie en vrienden in Duitsland voel ik

me thuis, maar dus ook hier in Nederland.

Mijn ID-kaart zegt dat ik Duits ben, maar mijn

gevoel zegt iets anders.

Mijn ‘Heimat’ ligt

in twee landen.

10 11



12 13



1.0

Nationale

identiteit

14 15



In de loop van de jaren moest ik zeker al

honderden keren uitleggen waarom ik ervoor

koos om in Nederland te wonen hoewel ik

in Duitsland toch alles zou hebben en daar

een succesvol leven zou kunnen leiden. Elke

keer kon ik deze vraag maar moeilijk tot niet

beantwoorden. Het lukte me gewoon niet om te

beschrijven wat ik hier in Nederland heb en wat

ik dus in Duitsland miste. Gek dat een op het

eerste gezicht makkelijke vraag zoals deze, als

ze steeds weer opnieuw aan jou wordt gesteld,

de zicht op je eigen identiteit kan veranderen

en kan aantasten. Deze vraag is de oorzaak

voor een heleboel andere vragen die erna in

je opkomen. Deze vraag laat je twijfelen over

jezelf, jouw herkomst en jouw omgeving totdat je

zelf niet meer weet wie je bent en waar je echt

thuishoort. Dit omdat je er uiteindelijk te veel

over nadenkt en antwoorden gewoon lastig te

vinden zijn.

Een nationale identiteit bevat

gemeenschappelijke overtuigingen en

gedragswijzen die een individu of groep als een

natie verbindt.

Volgens Benedict Anderson zijn naties

‘imagined communities’ [1] die zich vanwege de

ruimtelijke afscheiding niet persoonlijk kennen,

maar in gedachten wel een voorstelling van

gemeenschap hebben. Deze voorstellingen en

overtuigingen zijn dus de verbindende factoren

voor een gemeenschappelijke identiteit, oftewel

de nationale identiteit.

De nationale identiteit kan niet alleen maar een

verbindende betekenis hebben, maar in relatie

tot andere naties ook afgrenzen. In dit geval

wordt er vooral naar verschillen gekeken. Lastig

is het nu in de tijd van globalisering. Culturen

worden door migratie steeds meer met elkaar

vermengd. Vooral Nederland staat bekend om

zijn culturele diversiteit.

De identiteitskwestie speelt voor iedereen

persoonlijk een belangrijke rol in het leven. Wie

ben ik, door wie en wat word ik beïnvloed en hoe

beïnvloed ik andere en hun identiteit? Betrek

je deze vraag ook nog op een heel land, dan

wordt het nog veel lastiger en spreekt men van

nationale identiteit.

[1] Benedict Anderson, ‘Imagined Communities. Reflections on the

Origin and Spread of Nationalism’, Verso, London, 1991

16 17



Daarom heerst in

Nederland steeds

meer een angst voor

identiteitsverlies.

In 2017 begon de

tweede kamer er

opnieuw uitgebreid

over te debatteren en

werd het een belangrijk

thema voor de

verkiezingscampagne.

In juli 2007 haalde

koningin Máxima

veel kritiek binnen

na haar toespraak

bij de presentatie

van het WRR-rapport

‘Identificatie met

Nederland’ waar ze

beweert:

‘Nederland

is veel te

veelzijdig

om in één

cliché

te vatten.

Dé Nederlander

bestaat niet.’

[2]

19



Voor mijn onderzoek

wilde ik bij het

koningshuis navragen

of hun mening

inmiddels is veranderd.

De identiteitsvraag

is in de politiek tot

een hoofdthema

gegroeid, dus dacht

ik dat de koning er

eigenlijk inmiddels

een duidelijk antwoord

op zou moeten

hebben. Nadat ik een

verzoekschrift aan de

koning heb gestuurd

met de vraag wat het

eigenlijk betekent

om zich Nederlands

te voelen en wat de

Nederlandse identiteit

inhoudt, werd ik van het

kabinet van de koning

teruggebeld. Helaas

konden ze mij geen

beter antwoord geven

dan dat dit een moeilijk

te beantwoorden vraag

is en dat het voor

iedereen anders is.

Deze antwoord gaf

me wel een nieuw

perspectief om naar

het onderwerp te

kijken. Het lastige is

dus, dat de nationale

identiteit in Nederland

door iedereen anders

geïnterpreteerd en

gedefinieerd kan

worden.

[2] Prinses Máxima, Toespraak

presentatie WRR-rapport

‘Identificatie met Nederland’,

2007, www.koninklijkhuis.nl

‘Nederland

is veel te

veelzijdig

om in één

cliché

te vatten.

Dé Nederlander

[2]

bestaat niet.’

21



Met al die verschillende meningen is het

inderdaad moeilijk om één definitie van de

Nederlandse identiteit te creëren met die

zich elke Nederlander kan identificeren.

Voor mijn onderzoek moet ik dus op zoek

gaan naar overeenkomsten in de discussie

over de Nederlandse identiteit. Als ik een

gemeenschappelijke deler zou vinden zal

het misschien mogelijk kunnen zijn voor alle

Nederlanders een toegang tot de identificatie

met Nederland te kunnen vinden en op

die manier ook de Nederlandse identiteit

laagdrempelig te kunnen definiëren.

2.0

Gemeenschappelijke

deler van de

Nederlandse

identiteit

22 23



Wat is de

gemeenschappelijke

deler van de

Nederlandse identiteit?

Om deze vraag tot op de bodem uit te zoeken

ging ik met Nederlanders in gesprek die ik

onder de meest verschillende omstandigheden

ben tegen gekomen en vroeg ze naar hun

identificatie met Nederland.

Naast familie en vrienden uit mijn directe

omgeving, vroeg ik ook Nederlanders op straat

of bij de meest Nederlandse evenementen die

er zijn, zoals het Megapiratenfestijn. Dit is een

meezingfeest waar de grootste Nederlandstalige

zangers en zangeressen het publiek in

vervoering weten te brengen en waar de hele

avond trotse Nederlanders “Viva Hollandia” en

“Jij krijgt de lach niet van mijn gezicht” uit volle

borst meebrullen.

Ik was ervan overtuigd dat ik met hulp van deze

trotse Nederlanders een antwoord op mijn vraag

zou kunnen vinden. Dit bleek niet helemaal uit

te komen.

Het antwoord op mijn vraag “Voelt u zich

Nederlands?” konden de meeste mensen

wel met “Ja, ‘tuurlijk” beantwoorden, op de

Friese mensen na. Toch op de vraag waarom

zich diegene met Nederland identificeert en

waarom hij zich Nederlands voelt, kreeg ik geen

antwoord.

Wat mij wel opviel is dat de Friezen zichzelf

als trotse Friezen beschrijven, maar zich dus

niet direct als een Nederlander zouden zien. Er

bestaat dus een gemeenschappelijke identiteit

tussen kleinere groepen in Nederland.

Maar wat is de verbindende factor tussen

deze mensen in deze kleine groepen en wat is

uiteindelijk de verbindende factor tussen al deze

groepen die dus dan samen de Nederlandse

identiteit vormt?

24 25



Taal als

gemeenschappelijke

deler

Het eerste wat hierover in me opkomt is de taal.

Volgens het Meertens Instituut die onderzoek

doet naar de Nederlandse taal en cultuur

geeft ons een gezamenlijke taal een sociale en

culturele identiteit. [3]

Dit verklaart hoezo de Friezen die ik naar hun

identificatie met Nederland vroeg zich niet

Nederlands voelen, maar Fries. Fries is erkend

als eigen taal en wat ik heb vastgesteld is dat

als twee Friezen elkaar treffen, dan wordt het

gesprek direct in het Fries voortgezet. Volgens

de Friezen hebben zij een eigen identiteit

die niet met die van de rest van Nederland

vergeleken kan worden. Zij zijn een aparte groep

die het liefst eigenlijk ook apart van Nederland

gezien zou willen worden. De taal is hierbij hun

verbindende factor. Een verbindende factor kan

ook gewoon een dialect zijn die een groep met

elkaar verbindt.

“[…]willen hun eigen dialect spreken, niet

omdat dat de communicatie nu zo bevordert –

integendeel zou ik haast zeggen – maar omdat

ze zich daarmee voorzien van een identiteit; ze

markeren zich daarmee als lid van een groep

[...] Het is een zeer menselijke eigenschap om te

werken aan groepsvorming en taal is daar een

uitstekend middel voor.” [3]

Taal kan dus een duidelijke rol bij de identificatie

met een land spelen. Maar omdat ik mezelf

al met Nederland kon identificeren voordat

ik Nederlands kon spreken, is ‘taal’ voor mij

persoonlijk niet direct de verbindende factor

voor mijn identificatie met Nederland.

Daarom besloot ik om verder op zoek te gaan

naar een andere gemeenschappelijke deler dan

taal.

[3] H. Bennis, ‘Tegengestelde krachten in taal’, Vossiuspers UvA,

2001

26

27



‘Heimat’ als

gemeenschappelijke

deler

Gedurende mijn onderzoek stelde ik vast dat het

thuisgevoel in het debat over de Nederlandse

identiteit van groot belang was. Het thuisgevoel

is een belangrijke speler als het gaat om de

identificatie met een land.

“In de discussies over de Nederlandse identiteit

valt één aspect op: voortdurend benadrukken

zowel burgers als politici dat mensen zich

in Nederland thuis moeten kunnen voelen.

Dit is zelfs officieel overheidsbeleid: de

landelijke overheid streeft ernaar, en de lokale

Amsterdamse overheid probeert het thuisgevoel

van Amsterdammers met 2 procent per jaar te

laten stijgen.” [4]

Als je je ergens thuis voelt, dan voel je je

op je plek en op je gemak. Jouw omgeving past

bij jou en andersom. Dit is ook het

streven van de staat door middel van dit in het

citaat benoemde beleid.

Door het thuisgevoel ontstaat weer een grote

gemeenschap met een eigen identiteit. Ik ben

ervan overtuigd dat jij je in Nederland thuis

moet voelen om jezelf ook Nederlands te kunnen

voelen. Als je je thuis voelt in Nederland dan voel

jij je op je gemak met de normen en waarden en

tradities die het land deelt.

Het thuisgevoel in Nederland is dus dé

gemeenschappelijke deler voor de Nederlandse

identiteit en vormt dus de basis voor mijn

onderzoek. Echter wil ik het woord ‘thuisgevoel’

in mijn onderzoek vervangen met het Duitse

woord ‘Heimat’, omdat ‘Heimat’ een grotere

lading en betekenis heeft en in meerdere lagen

kan worden onderzocht.

[4] J. Willem Duyvendak, ‘De staat dwingt iedereen om zich thuis te

voelen’, NRC, 2014

28

29



In mijn verdere onderzoek ga ik erop in wat

‘Heimat’ überhaupt is en hoe de nationale

identiteit hierdoor wordt beïnvloed. Tevens kijk

ik ernaar hoe ‘Heimat’ en de nationale identiteit

door vrijwillige migratie wordt beïnvloed.

Door middel van eigen ervaringen en andere

Duitsers in Nederland wil ik dit vraagstuk dus

op vrijwillige Duitse migranten in Nederland

betrekken om dichterbij een antwoord op mijn

eigen relatie met Nederland en Duitsland te

komen.

3.0

‘Heimat’

30 31



Oorsprong

Het Duitse woord “Heimat” is een veelzijdig

begrip die moeilijk te definiëren is. Het is een

klein woord met een grote emotionele lading en

laat zich niet naar het Nederlands vertalen. Elke

vertaling zou een tekortkoming van de betekenis

van ‘Heimat’ zijn en zo wordt het in Nederland

gewoon in het taalgebruik opgenomen.

Het woord ‘Heimat’ bestaat in deze vorm sinds

het 15e eeuw. Voor deze tijd gebruikte men

de oudhoogduitse woorden heimuoti oftewel

heimōti en het middelhoogduitse heimout.

“Volgens de etymologie heeft Heimat de

indogermaanse wortel ‘kei’ wat zoveel betekend

als ‘liggen’, oftewel ‘een plek, waar men zich

neerlaat’.” [5]

Definitie

‘Heimat’ is heel simpel geformuleerd de relatie

tussen mens en ruimte. (Jens Jäger, 2017) In het

algemeen wordt het begrip ‘Heimat’ toegepast

op de plek waar je als mens bent geboren

en waar de eerste sociale gebeurtenissen

plaatsvinden. Het is het begin van een vorming

van je eigen identiteit, karakter, instelling en

wereldbeschouwing. [6]

Veel mensen verbinden ‘Heimat’ dus met

hun geboorteplaats en de plek waar ze zijn

opgegroeid. Toch kan ‘Heimat’ niet alleen maar

ruimtelijk gedefinieerd worden, maar het kan ook

associaties oproepen met bepaalde abstracte

dingen zoals bijvoorbeeld religie en natie. Er is

dus niet alleen maar een locatie aan ‘Heimat’

verbonden, maar het heeft nog veel meer lagen

die ik in het volgende hoofdstuk verder ga

toelichten.

[5] Vertaald uit het Duits: Manfred Seifert, ‘Heimat’, in: Online-

Lexikon zur Kultur und Geschichte der Deutschen im östlichen

Europa, 2016

[6] Brockhaus – Die Enzyklopädie in 24 Bänden, 20. nieuwe oplage,

Leipzig, Mannheim, F.A. Brockhaus, 1996-99

32 33



‘Heimat’ kent verschillende dimensies: ruimtelijk,

tijdelijk, emotioneel, sociaal, economisch

en cultureel die elkaar in bepaalde dingen

overlappen. Met hulp van deze dimensies lukt

het een basisdefinitie van ‘Heimat’ te creëren.

Toch zal er een volledige definitie nooit mogelijk

zijn, omdat ‘Heimat’ uiteindelijk een subjectief

gevoel blijft die iedereen op een andere manier

ervaart en invult.

3.1

De dimensies

van ‘Heimat’

34 35





Tijdelijke

dimensie

De ontwikkelingen en veranderingen kunnen zich

ook betrekken op de andere dimensies die ik

hierna ga uitleggen.

‘De goeie ouwe tijd’ - De tijdelijke dimensie

betreft vooral de kindsheid en de herinneringen

hieraan, omdat je in deze fase de grootste

ontwikkelingen meemaakt en je jouw identiteit

vormt.

‘Heimat’-gevoelens kunnen veroorzaakt worden

door bijvoorbeeld herinneringen aan vroeger.

Deze gevoelens ontstaan vooral als mensen

weggaan uit hun vertrouwde omgeving en als ze

zich in hun nieuwe omgeving niet op hun plek

en hun gemak voelen. Vaak denken ze dan terug

aan de goede oude tijden waar ze zich gelukkig

hebben gevoeld en zij een vertrouwde kring om

zich heen hebben gehad.

In de tijdelijke dimensie kan ‘Heimat’ ook

betekenen dat je je in een bepaalde tijdperk

meer thuis voelt dan in een andere. Onder de

nom van ‘Vroeger was alles beter’ drukken vooral

ouderen uit dat de ontwikkelingen veel te snel

gaan voor hen en zij niet meer meekomen met

de tijd. Vroeger vonden ze zich in de wereld

beter terecht en nu is alles om hun heen anders

geworden.

38 39



‘Heimat’ betreft onder andere ook de relatie met

andere mensen en met jezelf.

De sociale dimensie omvat vooral de

familie in wiens aanwezigheid je liefde,

geborgenheid en veiligheid voelt, maar ook je

vriendenkring, die met je mee is gegroeid en met

die je zowel goede als ook slechte dingen hebt

meegemaakt. Het is een vertrouwde omgeving

die steun biedt en je opvangt als je zelf zonder

hulp niet meer verder komt in je leven.

Als je het begrip ‘Heimat’ uit de sociologische

perspectief benaderd dan is iedereen ‘heimatlos’,

dus zonder ‘Heimat’, die sociaal verstrooid is. [7]

De ‘Heimatlosigkeit’ ontstaat bij verandering van

de vertrouwde en sociale omgeving, bijvoorbeeld

door maatschappelijke veranderingen, maar

ook verandering van de landschap met nieuwe

gebouwen.

Sociale

dimensie

[7] Oskar Negt, ‘Wissenschaft in der Kulturkrise und das Problem

der Heimat’, in: Heimat. Bundeszentrale für politische Bildung,

Bonn 1990, p.185

40

41



Culturele

dimensie

Op cultureel gebied is de ‘Heimat’ vooral door

de in de jaren 50 en 60 gemaakte ‘Heimatfilme’

vertegenwoordigd. De oudere ‘Heimatfilme’

hadden het doel het publiek te vermaken en dus

ging het in deze films meestal over liefde en

vriendschap en was alles koek en ei. De moderne

‘Heimatfilme’ zoals de filmtrilogie ‘Heimat’ van

Edgar Reitz lieten de realiteit zonder clichés zien

en waren meestal aan belangrijke historische

gebeurtenissen gekoppeld. Dit leverde een

realistisch en meer gedifferentieerd beeld van

‘Heimat’ op dan wat in de vroegere ‘Heimatfilme’

te zien was.

Traditie speelt een grote rol binnen een Heimat

en maakt een groot deel ervan uit of je je ergens

op je gemak voelt of juist niet. Dit heeft er vooral

mee te maken, omdat tradities een grote impact

hebben op je sociale omgeving en het gedrag

van mensen.

Er zijn verenigingen die ervoor zorgen dat

tradities bewaart blijven.

Naast lokale verenigingen behandelen in

sommige landen ook politicus het thema

‘Heimat’ op landelijk niveau. Sinds 2018 heeft

Duitsland het ‘Bundesministerium für Inneres’

met ‘Bau’ (bouw) und ‘Heimat’ uitgebreid tot

‘Bundesministerium des Innern, für Bau und

Heimat’.

De ‘Heimat’-commissie is verantwoordelijk

voor de sociale cohesie, demografie en de

ruimteordening. Omdat het begrijp ‘Heimat’ door

iedereen anders wordt ingevuld is er nog steeds

veel twijfel over wat het nieuwe ministerie

precies inhoudt.

42 43



Economische

dimensie

Het is wetenschappelijk bewezen dat mensen

een voorkeur voor producten uit hun eigen

‘Heimat’ hebben. [8]

De ‘Heimat’ geeft mensen een vertrouwd en

veilig gevoel en dus hebben koper een beter en

veiliger gevoel als ze ‘Heimat’-eigen producten

kopen dan vreemde producten uit een andere

regio.

Dit fenomeen is niet alleen maar bij

productaankopen te zien, maar ook bij de koop

van aandelen.

In 2018 schreef Christian Kirchner in de

economie-tijdschrift ‘Capital’ dat Duitsers

eerder hun geld in Duitse bedrijven uit de buurt

investeren dan in buitenlandse. Zij handelen

uit dezelfde reden als consumenten die liever

‘Heimat’-eigen producten kopen en koppelen

aan deze bedrijven een veiliger gevoel dan

aan onbekende bedrijven verder weg maar die

misschien wel meer geld zouden opleveren. [9]

[8] Reimar v. Alvensleben, ‘Verbraucherpräferenzen für regionale

Produkte: Konsumtheoretische Grundlagen’, p. 6, Universität Kiel,

1999

[9] Christian Kirchner, ‘Lieb und teuer’, in: Capital, Tijdschrift 6/2018,

p. 108

44 45



Emotionele

dimensie

Psychologisch gezien is de ‘Heimat’ een

subjectief gevoel met een eigen zichtwijze op

een plaats, maatschappij, eigen identiteit en

ontwikkeling.

Een ‘Heimat’ kan je vrijwillig verlaten, je kan

ertoe worden gedwongen om ze te verlaten,

maar je kan een ‘Heimat’ ook verliezen. De

verschillendste redenen zoals bijvoorbeeld

studie in het buitenland, oorlog of natuurrampen

spelen hierbij een rol.

Als men niet meer in zijn ‘Heimat’ is of deze

heeft verloren kan deze grote verandering

pijnlijke gevoelens zoals het verlangen ernaar

veroorzaken. Dit gevoel wordt in Duitsland ook

wel ‘Heimweh’ genoemd en kan dus bij een

gebrek van ‘Heimat’ niet alleen maar in de

tijdelijke dimensie, maar ook in een ruimtelijke,

sociale en culturele dimensie voorkomen.

46 47



Een ‘Heimat’ kent dus verschillende dimensies.

Deze dimensies worden in verschillende landen

anders ingevuld, omdat zich vooral ruimte,

cultuur en maatschappij in de meeste landen

van elkaar onderscheiden.

3.2

‘Beheimatung’

Hieropvolgens ga ik onderzoeken in hoeverre

‘Heimat’ en nationale identiteit door vrijwillige

migratie wordt beïnvloedt.

Hierbij neem ik mezelf en mijn eigen ervaringen

als vrijwillig Duitse migrant in Nederland als

voorbeeld.

48 49



Als men spreekt van vrijwillige migratie dan

maak je de bewuste keuze om in een ander

land te gaan wonen. Jij ziet in het nieuwe land

een betere toekomst voor jezelf. De motivatie

om te emigreren is dan een heel andere dan

bijvoorbeeld bij iemand die uit zijn land moet

vluchten vanwege oorlog en misschien eigenlijk

helemaal niet zijn eigen land wil verlaten. Het is

dus makkelijker om in een land te integreren als

je er vrijwillig naartoe gaat.

Maar is het dan ook mogelijk door middel van

vrijwillige migratie een tweede of zelfs nieuwe

‘Heimat’ te winnen?

“Ubi bene, ibi patria.” (vertaald naar NL: Daar

waar het goed gaat met me, daar is mijn

vaderland, mijn Heimat.) Volgens dit Latijnse

spreekwoord is het mogelijk een ‘Heimat’

onafhankelijk van zijn geboorteland te hebben.

In het Duits spreken we dan van ‘Beheimatung’.

Dus een proces waarin je een nieuwe ‘Heimat’

onafhankelijk van je geboorteland wint.

In een artikel van de tijdschrift ‘Der Spiegel’

werden mensen met migratieachtergrond

geïnterviewd. Zij vertellen dat ze het land van

hun etnische herkomst, maar ook het land waar

ze al lang leven als ‘Heimat’ erkennen. [10]

‘Ubi bene,

ibi patria.’

Voor het krijgen van een tweede ‘Heimat’ in

een ander land is het van belang de taal te

leren en dus actief mee te werken aan de eigen

integratie. Het wordt tevens een stuk makkelijker

als de gezelschap waarin jij graag opgenomen

wilt worden, openheid toont.

[10] Daniel Steinvorth, ‘Kültürschock in Istanbul’ , in: Der Spiegel

26/2010. 28. Juni 2010, p. 97

50

51



3.3

‘Heimat’ en

nationale

identiteit

52 53



Als Duitse migrant in Nederland moet je wel een

paar obstakels overwinnen voordat je helemaal

bent geïntegreerd. “Na de oorlog was het tot in

de jaren tachtig voor Duitsers, meestal vrouwen,

niet eenvoudig om zich in Nederland werkelijk

thuis te voelen. […] Door de herinnering aan de

hongerwinter, het bombardement op Rotterdam

en de deportatie van de joden, die vooral in

Amsterdam woonden, is de anti-Duitse reflex er

langer manifest gebleven.” [11]

Inmiddels is het wel een stuk makkelijker

geworden voor Duitsers in Nederland, maar moet

je wel de soms flauwe grappen uit de oorlogstijd

voor lief nemen.

Zo werd ik nog wel eens van Nederlanders

gevraagd waar ik de fiets van hun oma heb

verstopt of zijn roepnamen zoals ‘Mof’ geen

uitzondering. Vaak merk ik dat vooral de jongere

generatie helemaal niet meer weet waar deze

uitdrukkingen eigenlijk vandaan komen en

beseffen ze de impact ervan niet. Ik herinner me

ook aan een public viewing van een wedstrijd

van het Oranje Elftal. Middenin de menigte

stond ik er met mijn oranje kleren, om niet als

Duitse op te vallen en toen de eerste geluiden

van het lied ‘Seven Nation Army’ klonken, brulde

iedereen ‘Alle Duitsers zijn homo’. Menig Duitse

zou in dit geval beledigd naar huis zijn gegaan,

toch ik stond luidkeels mee te zingen. Ik werd

helemaal meegesleept door de oranje

gloed op het grote plein en voelde me meer

Nederlands dan ooit.

Mijn trots op Duitsland was helemaal verdwenen.

Het liefst had ik gewoon direct de Nederlandse

staatsburgerschap willen aannemen. In de eerste

maanden die ik in Nederland woonde voelde ik

nauwelijks een connectie met Duitsland. Ik miste

er niks behalve mijn familie en vrienden. Van

begin af aan voelde ik me thuis in Nederland

en was het mijn nieuwe ‘Heimat’ geworden. Ik

voelde me hier gewoon meer op mijn plek.

Maar waarom eigenlijk?

[11] Dik Linthout, ’Onbekende Buren’, 2007, Amsterdam

54

55



Om te analyseren waarom ik mezelf meer

Nederlands voel dan Duits ga ik kijken in

hoeverre ik me binnen de dimensies van

‘Heimat’ meer aangetrokken voel tot Nederland

of Duitsland. Ik ga dus kijken welk impact mijn

‘Heimat’-gevoel op mijn nationale identiteit

heeft.

4.0

Mijn ‘Heimat’

56 57



ik binnen de

ruimtelijke

dimensie

Ik ben geboren en getogen in Duitsland, toch

was ik vaak op vakantie in Nederland. Door

de jaren heen heb ik dus beide landen leren

kennen. Het huis van mijn ouders geeft me een

vertrouwd en veilig gevoel door de liefde en

geborgenheid die zij mij geven. Maar ook in mijn

appartement hier in Groningen die ik helemaal

naar mijn eigen smaak kon inrichten voel ik me

thuis.

Ik ging vaak zeilen op het IJsselmeer. Aan deze

herinnering koppel ik altijd een gevoel van

vrijheid als ik aan het water denk en hoe je

vanuit de boot in de verte kan kijken en er geen

land in zicht is.

Over het algemeen ligt mijn voorkeur ruimtelijk

gezien in Nederland. Duitsland voelt voor mij

heel zwaar en grijs aan, terwijl Nederland mij

een luchtig gevoel geeft door de scheve huizen

en de kleur van de bakstenen op elk huis.

Nederlandse huizen zijn meestal kleiner dan

Duitse huizen. “In den Niederlanden wird

vorwiegend vertikal gewohnt. Sechs bis sieben

Meter breit - und dann ab in die Höhe.” [12]

Maar door de grote ramen is de woonkamer

die meestal nog met een keuken en eetkamer

zijn verbonden heel licht door de zon die

naar binnen schijnt. Meestal is dus een hele

verdieping ook maar één kamer. Op die manier

heb je wel een grote leefruimte waar je de

familie vaker tegen komt. In Duitse huizen

heeft elke kamer een eigen functie en is dus

alles door muren afgesloten. Meestal zit dan

ook iedereen op zijn eigen kamer op het samen

eten na.

Als ik in Nederland ben mis ik soms wel

de bergen en de vertrouwde omgeving in

Duitsland, maar dit verlangen kan ik bij elk

bezoek bij mijn ouders weer voor een tijd

stillen. Binnen de ruimtelijke dimensie voel ik

me meer tot Nederland aangetrokken.

[12] Kerstin Schweighöfer, ‘Auf Heineken könn wir uns eineken’,

München, 2016, p.46

58

59



60 61



62 63



Duitsland

0

Nederland

1



ik binnen de

tijdelijke

dimensie

De emigratie naar Nederland was voor mij een

nieuw begin. Vroeger was ik veel te verlegen om

contacten te leggen en mezelf zoals ik ben aan

de buitenwereld te presenteren. In Nederland val

je niet zo snel op, omdat niemand echt durft zijn

‘hoofd boven het maaiveld uit te steken’.

Dat vind ik erg prettig.

Als ik aan vroeger denk heb ik vaak gemengde

gevoelens en is het niet alleen maar ‘de goeie

ouwe tijd’, maar ook een tijd van onzekerheid

en verdriet die ik automatisch aan mijn relatie

met Duitsland koppel. Sinds basisschool, na de

eerste vakanties in Nederland en dan door de

jaren heen voelde ik me meer tot Nederland

aangetrokken. Hoe ouder ik word hoe bewuster

ik ook word van mijn Nederlandse en ook Duitse

identiteit.

66 67



Duitsland

0

Nederland

2



ik binnen de

sociale dimensie

Het grootste verschil tussen Duitsland en

Nederland zie je bij het contact leggen met

mensen. In Duitsland zijn de mensen meer

afstandelijk. Een vreemde spreek je standaard

met ‘u’ aan en dat zal ook de komende

ontmoetingen niet snel naar een persoonlijk

gesprek en naar een aanspraak met voornamen

veranderen. Heel anders is dit in Nederland.

Daar leer je je nieuwe buren binnen één dag

al beter kennen dan je vroegere buurman in

Duitsland die tien jaar naast je woonde. “Die,

wie mir schien, sehr freimütigen Holländerinnen

kannten nicht nur bei One-Night-Stands und

Seitensprüngen keine Hemmungen - sie redeten

auch frei von der Leber weg darüber […]” [13]

Tussen Nederlanders is de contact heel

makkelijk.

“[…]als ich versuchte, einen Termin mit

Ruud Lubbers zu bekommen, ehemaliger

niederländischer Ministerpräsident und hoher

Flüchtlingskommissaar der Vereinten Nationen.

[…] darauf meldet er sich auf meinem Handy:

’Hallo Kerstin, hier ist Ruud, du wolltest doch

einen Termin mit mir ausmachen.’ ” [14]

Er heerst geen hiërarchie. Zelfs op werk bestaat

er niet zoiets als de ‘bazen-mentaliteit’ en

iedereen wordt bij zijn voornaam genoemd.

Iedereen is gelijk en dat leidt tot een heel

ontspannen werksfeer waar ik persoonlijk veel

beter in kan werken dan in Duitsland waar je

meestal op werk weinig gelijkgestemden hebt.

Duitsers zijn bang dat ze respect verliezen zodra

ze overgaan naar een aanspraak met voornaam.

Daarom is een academische titel in Duitsland

ook zo belangrijk. Dan weet iedereen dat jij

met je titel iets beter bent dan een ander. Kijk

ik dus naar de sociale dimensie dan voel ik me

in Nederland veel meer op mijn gemak dan

in Duitsland. ‘Doe normaal dan doe je al gek

genoeg’. Het levensmotto van een Nederlander

en vanaf nu dus ook van mij.

[13][14] Kerstin Schweighöfer, ‘Auf Heineken könn wir uns eineken’,

München, 2016, p.135

70

71



Firma X

72 73



Duitsland

0

Nederland

3



ik binnen de

economische

dimensie

Ik mis het Duitse brood van thuisthuis. Elke

keer als mijn ouders op bezoek komen in

Nederland, zit mijn vrieskast weer stampvol

met het lekkere zuurdesembrood waarna je na

één plakje al vol zit. Dat is heel anders dan het

luchtige ‘brood’ hier in Nederland waar voor mijn

gevoel meer lucht in zit dan voedingsstoffen.

“Ich schauderte auch ob des weichen Brotes,

für das ‘luftig’ wohl noch eine Untertreibung ist,

da man die Scheiben mühelos zu einem Krümel

zusammendrücken kann, [...]” [15]

Als ik kijk naar de economische dimensie zou ik

dus nog steeds de producten uit Duitsland als

‘Heimat’-eigen beschouwen.

Mijn voorkeur ligt bij het doen van

boodschappen in Duitse winkels, maar wel met

Nederlanders achter de kassa, alsjeblieft! Die

zijn veel vriendelijker en geduldiger dan Duitse

winkelmedewerkers.

Bij het online bestellen van producten kijk ik

meestal op Duitse webshops. Blijkbaar koppel

ik nog steeds ‘kwaliteit’ aan Duitse merken.

Voor mijn gevoel zijn producten stabieler en

efficiënter als ze uit Duitsland komen dan uit

Nederland of andere landen.

Volgens de economische dimensie ben ik dus

nog steeds Duits.

[15] Kerstin Schweighöfer, ‘Auf Heineken könn wir uns eineken’,

München, 2016, p.36

76

77



Duitsland

1

78

Nederland

3



ik binnen de

culturele

dimensie

Op het eerste gezicht lijken Duitsland en

Nederland veel op elkaar. Toch hoe langer ik

hier in Nederland woon, hoe meer verschillen ik

waarneem.

Het zijn er zo veel dat ik ze niet allemaal

kan opnoemen. Ik ga me op de belangrijkste

verschillen richten die de meeste indruk hebben

gemaakt op mij.

Kijk bijvoorbeeld naar verjaardagen.

In Duitsland heb je heel snel een groepsvorming

op feesten. Er zijn of ‘Stehpartys’ waar je een

hele ruimte alleen maar met sta-tafels inricht

of feestjes waar je kleine zitgroepen vormt met

‘Bierzeltgarnituren’. Elk huishouden in Duitsland

heeft zoiets sowieso standaard in zijn opslag

staan. Dan begin je met koffie en een taartbuffet

die zich samenstelt uit verschillende

soorten. Meestal bakken de buren en vrienden

voor jouw verjaardag en nemen ze elk een ander

taart mee. Het wordt als belediging opgevat als

je niet meerdere stukken taart hebt geproefd

en meestal heb je al verschillende soorten op

je bord, zodat je maar één keer naar het buffet

moet lopen. Als je een goede vriend bent van de

jarige ga je diegene met een knuffel feliciteren,

maar als je gewoon een aanhangsel of een

buurman bent dan ga je de hand schudden.

Op mijn eerste verjaardag in Nederland werd ik

overrompeld met felicitaties terwijl ik helemaal

niet jarig was. Iedereen gaf me drie zoenen, ook

de mensen die ik nog nooit in mijn leven heb

gezien.

Door de zitordening wordt je zo goed als

gedwongen om met iedereen in gesprek te gaan.

Want iedereen zit gewoon in een grote kring.

Naar een buffet lopen moet je ook niet, want er

staan kleine hapjes (stukjes salami en kaas) in

het midden van de kring. Soms krijg je nog taart,

maar er wordt maar één stuk aan je aangeboden.

“[...]noch gleich zwei appeltaarten

danebengestellt. Was aber noch lange nicht

hieß, dass es jemandem in den Sinn kam,

ein zweites Stück zu essen. [...] Da hätte ich

auf meinem Stuhl im Kreis ja wie auf einem

Serviertablett gesessen!” [16]

[16] Kerstin Schweighöfer, ‘Auf Heineken könn wir uns eineken’,

München, 2016, p.180

80

81



Het is dus aan te raden om vóór een verjaardag

in Nederland een goede bodem te leggen.

Mijn eerste verjaardag in Nederland was dus ook

mijn eerste cultuurschok. Toch als je maar eerst

aan deze manier van verjaardag vieren bent

gewend, lijken de verjaardagen in Duitsland heel

ongezellig en meer op een vreetfestijn dan op

een huldiging van een jarige.

‘hieperdepiep

hoeraaaaa’

82 83



‘Alles Gute’

84 85



Naast verjaardagsfeestjes lopen nog andere

dingen in Nederland anders dan in Duitsland.

Duitsland is een heel bureaucratisch land

met veel regels en verboden. Als je je ergens

niet aan houdt, dan ga je het moeilijk krijgen.

Nederlanders zijn daar toch weer een beetje

makkelijker in. Vaak worden dingen die eigenlijk

verboden zijn, maar die toch iedereen doet,

gewoon gedoogd.

“ ‘Gedogen’ nennen die Niederländer diese

gesetzliche Grauzone, in der sie etwas, das

eigentlich verboten ist, aus praktischen Gründen

unter bestimmten Bedingungen doch erlauben.”

[17]

Gedoogbeleid. Dit woord hoorde ik voor het eerst

toen ik op een warme zomeravond met vrienden

van mij in het park wilde barbecueën. Overal zag

je de verbodsborden ‘Barbecueën verboden’ met

daarachter een stuk of 100 man die gemoedelijk

op een picknick-deken zaten, biertjes aan het

slurpen waren en ernaast het vlees op de

barbecue klaar gingen maken. Met de manier

waarop de politie met de situatie omging, had je

haast nog kunnen verwachten dat ze zich erbij

gingen vergezellen om ook te gaan barbecueën.

Zolang het niet uit de hand loopt, wordt het

gewoon gedoogd. In Duitsland zou iedereen door

de politie weggestuurd worden en nog een dikke

boete hebben ontvangen, maar in Nederland

zegt men gewoon ‘moet kunnen’.

Deze makkelijke en een Duitser zou zeggen

naïeve aard van de Nederlanders, zie je overal

in het alledaagse leven terug. Ik heb het gevoel

dat ik hier in Nederland meer van mijn leven

kan genieten. Het is niet zo dat je alles mag,

maar dat er meer ruimte is om écht te leven. In

Duitsland wordt je beperkt in je eigen manier

van leven. Je hebt daar het gevoel dat je

constant onder controle staat. Dit heeft volgens

mij ook te maken met de hiërarchie in Duitsland

en dat je voor alles wat je doet gevoelsmatig

verantwoording verschuldigd bent. Er staat

altijd iemand boven je die op je vingers tikt.

In Nederland heerst toch eerder een ‘iedereen

is gelijk’-mentaliteit, wat het leven meer

ontspannen maakt.

[17] Kerstin Schweighöfer, ‘Auf Heineken könn wir uns eineken’,

München, 2016, p.180

86

87



1

Duitsland

4

Nederland



ik binnen de

emotionele

dimensie

“[...]meine erste richtige Heimwehattacke

bekommen und fühlte mich seitdem ziemlich

einsam und verlassen. Eine richtige Freundin

fehlte mir hier halt noch immer.” [18]

Door mijn familie en vrienden in Duitsland voel

ik me nog steeds met mijn Duitse ‘Heimat’

verbonden. Toch door dit gemis hier in Nederland

krijg ik soms ‘Heimweh’ en verlang naar een lang

een diepgaand Duits gesprek met mijn ziels-/

verwanten. Als ik in Duitsland ben heb ik soms

ook ‘Heimweh’ naar Nederland. Ik voel me in

beide landen thuis en kan niet zonder het ene of

het ander.

[18] Kerstin Schweighöfer, ‘Auf Heineken könn wir uns eineken’,

München, 2016, p. 226

90

91



Duitsland

2

Nederland

5



5.0

Conclusie

94 95



Omdat ik vrijwillig naar Nederland ging en ik in

het begin zelfs van plan was om de Nederlandse

staatsburgerschap aan te nemen, was ik erg

gemotiveerd om goed en snel te integreren. Ik

leerde binnen vier weken Nederlands en liet de

nieuwe omgeving en cultuur op me inwerken.

Elke dag die ik me hier meer thuis voelde, bracht

me dichterbij de Nederlandse identiteit. Door

de reflectie van de dimensies van ‘Heimat’

op mezelf werd duidelijk dat ik mezelf meer

Nederlands voel dan Duits, maar dat ik nooit

100% Nederlands kan worden. Mijn wortels

liggen gewoon in Duitsland en dat zal altijd zo

blijven.

Al die jaren kon ik de vraag hoezo ik in

Nederland wilde wonen en ik Nederlandse wilde

zijn niet goed beantwoorden. Uit mijn onderzoek

blijkt dat ‘Heimat’ een cruciale rol speelt bij een

identificatie met een land.

Ik kan nu differentiëren tussen mijn Duitse en

Nederlandse identiteit en kan nu van mezelf

zeggen dat ik zowel Nederlandse als Duitse ben.

Een dubbele staatsburgerschap zou in mijn geval

het best bij me passen, maar dat is helaas niet

meer mogelijk. Om helemaal de Nederlandse

staatsburgerschap aan te nemen voel ik me

toch nog te Duits. Ik heb de trots op mijn

eerste ‘Heimat’ (Duitsland) weer terug kunnen

vinden en ga een leven in mijn tweede ‘Heimat’

(Nederland) tegemoet.

Of Duitser of Nederlander - dat maakt

uiteindelijk niet uit. Het belangrijkste is dat je je

ergens thuis voelt en je je dromen kan najagen

onafhankelijk van je nationaliteit. Ik hoop dat

iedereen uiteindelijk zijn ‘Heimat’ gaat vinden

en dat ‘Heimatlosigkeit’ een woord zonder

betekenis gaat worden.

96 97



5.1

Relatie tot

mijn project

‘Heimat’ vormt de basis van een nationale

identiteit. Dit resultaat uit mijn onderzoek

ga ik in mijn afstudeerproject ‘Etalage van de

Nederlandse identiteit - Heimat’ visualiseren.

98 99



De Nederlanders zitten in een fase van angst

voor identiteitsverlies.

In mijn fotoserie ‘Etalage van de Nederlandse

identiteit - Heimat’ gebruik ik de kennis die ik

uit dit onderzoek heb gewonnen. Het is mijn

doel om de Nederlandse identiteit in beeld te

brengen en deze laagdrempelig te defineren.

Omdat ik nu weet dat de basis voor een

Nationale identiteit de ‘Heimat’ is, ga ik het

thuisgevoel in Nederland vastleggen. Met de

fotos wil ik de identiteit aan de Nederlanders

teruggeven en een toegang tot identificatie met

hun land creëren.

In de reflectie van het raam kan je nog de

omgeving zien. De wisselwerking tussen het

thuisgevoel van de Nederlanders en hun

omgeving vormt dan in mijn fotos uiteindelijk de

Nederlandse identiteit.

Voor Nederlanders zijn de gewone dingen in het

alledaagse leven onzichtbaar geworden. Alles

wat een thuisgevoel geeft maakt deel uit van de

Nederlandse identiteit en ik als Duitse kan met

de perspectief als buitenstaander deze dingen

weer zichtbaar maken en er weer een betekenis

aan geven.

Ik heb ervoor gekozen om door de grote ramen in

Nederland naar binnen te fotograferen. De grote

ramen zijn voor mij als Duitse het eerste wat me

in Nederland opviel en staat tegelijkertijd als

symbool voor de openheid van de Nederlanders.

Op de fotos, zie je uiteindelijk letterlijk het

(t)huis. Daar zijn de mensen het meest puur.

100 101



Heimat’

vormt de basis

van een

ationale

identiteit

102 103



literatuurlijst

en bronnen

[1] Benedict Anderson, ‘Imagined Communities.

Reflections on the Origin and Spread of

Nationalism’, Verso, London, 1991

[2] Prinses Máxima, Toespraak presentatie WRRrapport

‘Identificatie met Nederland’, 2007,

www.koninklijkhuis.nl

[3] H. Bennis, ‘Tegengestelde krachten in taal’,

Vossiuspers UvA, 2001

[4] J. Willem Duyvendak, ‘De staat dwingt

iedereen om zich thuis te voelen’, NRC, 2014

[5] Vertaald uit het Duits: Manfred Seifert,

‘Heimat’, in: Online-Lexikon zur Kultur und

Geschichte der Deutschen im östlichen Europa,

2016

[6] Brockhaus – Die Enzyklopädie in 24 Bänden,

20. nieuwe oplage, Leipzig, Mannheim, F.A.

Brockhaus, 1996-99

[7] Oskar Negt, ‘Wissenschaft in der Kulturkrise

und das Problem der Heimat’, p. 185. in: Heimat.

Bundeszentrale für politische Bildung, Bonn 1990

[8] Reimar v. Alvensleben,

‘Verbraucherpräferenzen für regionale Produkte:

Konsumtheoretische Grundlagen’, p. 6,

Universität Kiel, 1999

[9] Christian Kirchner, ‘Lieb und teuer’, p. 108

in Capital, Tijdschrift 6/2018

[10] Daniel Steinvorth, ‘Kültürschock in Istanbul’ ,

p. 97 in: Der Spiegel 26/2010. 28. Juni 2010

[11] Dik Linthout, ’Onbekende Buren’, 2007,

Amsterdam

[12][13][14][15][16][17][18] Kerstin Schweighöfer,

‘Auf Heineken könn wir uns eineken’, Ervaringen

van een Duitse in Nederland, p.46, 2016

Visuële inspiratie:

Nora Krug, ‘Heimat’, 2018

104 105



Stefanie van Wasen

Grafisch Ontwerp

Academie Minerva, Groningen

Promotoren:

Gert Jan Mulder

Marianne van Voorn

David Stroband

2019



Hooray! Your file is uploaded and ready to be published.

Saved successfully!

Ooh no, something went wrong!