De Klankschaal speciale editie 3 - 2021

stichtingmeo1

Een speciale uitgave van de Stichting Leven in Aandacht Herfst 2021 • Jaargang 27 • nummer 66

Wij danken Thây


Wij danken Thây

Gedichten van Thich Nhat Hanh

Ademen 15

Noem mij bij mijn ware namen 38

Grenzeloos leven 47

Uit de boeken van Thây

Geen dood, geen vrees 13

Vrij zijn waar je ook bent 20

Leren over liefde 20

De geur van palmbladen 20

In het Nu 31

Dharmalezingen en andere teksten

Bloeien als een bloem - Retraite 2006 9

Ramp in Japan 28

Israëliërs en Palestijnen ontmoeten elkaar 30

Ware aard: geen geboorte, geen dood 46

Stop mijn as niet in een urn 47

Uit Plum Village

Br. Phap Xa 34

Sanghaleden aan het woord:

Ton Kamphof 3, 7, 21

Eveline Beumkes 4

Mitchell Ratner, VS 8

Daniël Lacko 10

Hilly Bol 11

Marleen van den Bosch en Karin Coolsaet 14

Carolien Balt 16

Jan Boswijk 17

Wim Heusinkveld 18

Pieter Loogman 23

Jasper Vaillant 26

Monique Swart 29

Jane Hulshoff Pol-Merit 31

Tonja Mos 33

Hein van Heck 37

Hans Warmenhoven 39

Getuigenissen

Thom 9

Cameron Barnett, VS 22

Ine, Sangha Utrecht 30

Marieke, sangha Leiden 33

Lennie 36

Kinderklank

Een wolk sterft niet! 32

Levensschets 41

Thây en de Nederlandstalige sangha 44

Colofon

Redactie:

Françoise Pottier, Josephine Wernsen, Gré Hellingman, Wim

Erdle en Jan Zandijk.

Gastredacteur: Ton Kamphof

Redactieadres: redactie@aandacht.net

Adres administratie:

p/a MEO, Postbus 418, 2000 AK Haarlem, Nederland

administratie@aandacht.net

Word donateur en ontvang De Klankschaal

De Klankschaal verschijnt driemaal per jaar. Het tijdschrift

wordt gratis toegezonden aan de donateurs van Stichting Leven

in Aandacht en aan alle sangha’s in Nederland en Vlaanderen.

Donateur word je door een machtiging af te geven van

tenminste 20 euro per jaar. Dat kan online via de webpagina:

https://aandacht.net/over-ons/doneren. Als donateur

ondersteun je de activiteiten van de stichting, zoals het

organiseren van verdiepingsdagen en retraites. Ook kun je een

deel van je donatie bestem¬men voor de Vietnamprojecten.

Voor meer informatie over de activiteiten van de stichting zie de

website www.aandacht.net.

Thây's boeken

Thich Nhat Hanh heeft al meer dan 100 boeken

geschreven in het Engels. Veel van zijn boeken zijn in het

Nederlands vertaald. Een overzicht vind je op de website

van Leven in Aandacht:

https://www.aandacht.net/winkel/boeken-thich-nhat-hanh.

Boeken bestellen

Wil je meerdere boeken van Thich Nhat Hanh tegelijk

bestellen? Bestellingen vanaf vier boeken doe je door

te mailen naar boeken@aandacht.net. Wij nemen

dan contact met je op voor de verdere afhandeling en

betaling. De boeken worden thuisgestuurd. Het netto

resultaat komt dan helemaal ten goede aan de Stichting

en als je op deze manier bestelt, draag je bij aan het

verspreiden van het gedachtengoed van Thich Nhat

Hanh, en aan sangha-opbouwprojecten.

Alle kalligrafieën: Thich Nhat Hanh

Foto omslag (voor): Ger Levert

Foto omslag (achter): Rochelle Griffin

Alle foto’s (als niet anders vermeld) zijn gemaakt en

aangeleverd door Ton Kamphof

Bel: Gré Hellingman en Didi Overman

2 • De Klankschaal 66 • Herfst 2021


foto: aangeleverd door Hung Thanh Nguyen

dat als je eet, als je loopt, als je spreekt, als je

handelt. In Plum Village konden we alles wat

werd gezegd direct beoefenen. En dat was

minder eenvoudig dan het klonk. Het is nog

iedere dag een uitnodiging.

Als ik van Thây hoorde: ‘je kunt alleen maar

vrede brengen als je zelf vrede bent’, was

dat nieuw. Ik stond paf maar wist direct

vanbinnen: het klopt, hij heeft gelijk. Door

alle jaren heen realiseerde ik me: midden in

de gruwelijke Vietnamoorlog verkòndigde

hij niet alleen de vrede maar wàs hij de

vrede, de verzoening, de geweldloosheid,

het mededogen, de behulpzaamheid. Een

buitengewoon groot voorbeeld.

Lieve Vrienden,

Thây en zuster Chân Không in de Tu Hieu tempel in Hué, Vietnam.

Dit nummer van de Klankschaal is een speciaal nummer.

Gewijd aan Thây, Thich Nhat Hanh, de leraar die ons hart

heeft geraakt, de leraar die ons heeft voorgeleefd wat ‘echt

leven’ is, leven in het nu, leven in volledige aandacht, leven

in vrede, in eenvoud, in liefde voor de aarde.

Om dit nummer samen te stellen heb ik

met veel mensen gesproken over ‘wat de

ontmoeting met Thây en zijn onderricht’ hen

heeft gebracht. Het waren open, persoonlijke,

vaak ontroerende, altijd inspirerende

gesprekken. Ik zocht ook naar andere

getuigenissen, stukjes tekst, enkele van

Thây’s gedichten die konden bijdragen aan dit

eerbetoon. Ik deed het in de eerste helft van 2019.

Ik maak een diepe buiging voor Thây. Ik dank Thây voor

zijn leven, voor zijn liefdevolle aanwezigheid, voor zijn

inspiratie. Onvergetelijk.

Ton Kamphof

Thây is op 11 oktober 95 jaar geworden. Dit nummer wil

hem danken, hem eer betonen. Hij zal het nauwelijks meer

tot zich kunnen nemen omdat hij alweer 7 jaar ernstig

beperkt is door de beroerte die hij had. Maar, wij kunnen

zijn voortzetting zijn. Wij kunnen de zaadjes die hij heeft

geplant, doen bloeien.

Ik ben door de redactie van de Klankschaal gevraagd

gastredacteur voor dit nummer te zijn. Ik heb dat graag

gedaan, dankbaar voor wat hij en de traditie van Plum

Village mij heeft gebracht.

Thây kwam in mijn leven omdat ik op zoek was naar een

leraar die het politieke met het spirituele verbond. Met mijn

partner bezocht ik in 2003 Plum Village. Ik moest wennen,

maar werd diepgaand geraakt en geïnspireerd. Ik hoorde:

je leeft pas als je echt in het nu leeft, aandachtig in het nu.

Niet in haast. Vertraag een beetje, ontspan, geniet van het

moment en proef dan wat leven echt kan inhouden. Doe

Ton Kamphof is de gastredacteur van dit

speciale nummer.

Hij schreef o.a. het boek Thich

Nhat Hanh, Mededogen is

zonder grenzen, Zijn visie

en zijn leven, Ankh-Hermes

2007, het enige overzichtsboek

over Thây’s onderricht en leven

in het Nederlands.

Heel veel jaren beoefende hij in

een van de sangha’s in Utrecht.

Nu beoefent hij nog iedere dag.

Ton, veel dank voor al je werk!

De Klankschaal 66 • Herfst 2021 • 3


Foto aangeleveerd door E. Beumkes

Waar is Thây?

Dharmaleraar Eveline

Beumkes, True Harmony,

hield op 8 juni 2016 een

dharmalezing in Plum

GGisteren vroeg zuster Chân Không tijdens een bijeenkomst

van dharmaleraren: ‘Lieve vrienden, ik heb een raadsel

voor jullie: Waar is Thây?’ Niemand gaf antwoord, maar

iedereen glimlachte. ‘Waar is Thây…?!’ Ik was verrast,

want dat was precies waar ik vandaag over wilde spreken:

‘Hoe is Thây bij me?’

Village. Hieronder volgt de

enigszins ingekorte tekst.

Dit is een brandende vraag voor me geweest vanaf

het moment dat ik Thây ontmoette. Ik had een hele

donkere tijd achter de rug. Ik had immens lang gezocht en

eindelijk had ik Thây en de beoefening gevonden. Ik was

zielsgelukkig... en meteen was ik bang hem te verliezen.

Want ik voelde me hopeloos en wist dat alleen hij me kon

helpen een uitweg te vinden. Daarom was ik bang dat hij...

‘zijn reis zou vervolgen’ voordat ik geleerd had wat ik nodig

had om mijn leven te kunnen léven.

Ik zal iets vertellen over de weg die ik was gegaan, zodat

je beter kunt begrijpen hoe gelukkig ik was toen ik Thây

gevonden had.

Toen ik een jaar of 11 was, werd de wereld grijs. Alles

verloor zijn betekenis en ik had nergens meer zin in. Ik was

verbaasd en begreep het niet. Na een tijdje ging het weer

over, maar het kwam af en toe terug. Vaak vroeg ik me af:

‘Wat doe ik hier?’

Toen ik rond de 18 was - begin jaren zeventig - zag ik een

boekje over de toestand van het milieu. Het heette Dode

Lente (Silent Spring, Rachel Carson) en op de omslag stond

een dode boom. Ik heb het niet gelezen. Ik begreep zo wel

wat erin stond en voelde me wanhopig. Al jaren had ik me

‘s avonds bij het afwassen afgevraagd hoe we het water

kunnen blijven drinken als iedereen een paar keer per dag

zeep in het afwasteiltje doet.

Angst: de dode boom

Dus toen ik dat boekje met die dode boom zag, bevestigde

dat mijn angst. Als ik hier met anderen over sprak, zeiden

ze: ‘Eveline, je moet niet zo bang zijn. De natuur is sterk.’

Niemand begreep mijn angst. Ik voelde me er erg alleen mee

en stopte ermee om erover te praten. Maar de angst bleef.

Het was of er altijd een zwarte wolk boven mijn hoofd hing.

Toen ik 28 was stuitte ik op een boek over para¬psychologie.

Al lezend dacht ik: ‘Wie weet is er toch meer tussen hemel

en aarde.’ Ik begon verschillende spirituele tradities te

verkennen en zo ontdekte ik in 1982 Het verstoorde leven.

Dagboek van Etty Hillesum 1941-1943.

Een weg

Etty was een Joodse vrouw in de Tweede Wereldoorlog.

Ze was 28 toen de oorlog begon - bijna net zo oud als ik op

dat moment - en ze werd een vriendin van me. Elke dag las

ik een paar bladzijden van haar dagboek. Etty liet me een

weg zien. Ze overleefde de oorlog niet, maar hoe moeilijker

de situatie om haar heen werd, des te sneller groeide haar

innerlijke licht. Dat gaf mij hoop. Hoe donker het ook mocht

worden in mijn leven, ik wist nu dat dit me zou kunnen

helpen groeien in de richting van het licht.

Tijdens mijn zoektocht werd mijn verlangen naar een leraar

en een weg steeds sterker, maar ik wilde geen compromis

sluiten. Op een dag vond ik een dun boekje, The Miracle of

Mindfulness, geschreven door een Vietnamese monnik. Al

na een paar bladzijden wist ik: ‘Dit is waar ik aldoor naar

gezocht heb.’ Ik was toen 32.

Afwassen in aandacht

Halverwege het boek staat een oefening, ‘afwassen in

aandacht’. Ik was heel benieuwd en herinner me mijn

ervaring nog precies. Het voelde zo anders om af te wassen

en mij bewust te zijn van het bewegen van mijn hand, de

temperatuur van het water en het contact met het kopje.

Er kwam een grote vreugde in mij op, daar bij het aanrecht.

Al zolang ervoer ik een gebrek aan verbinding en nu voelde

ik een heel direct contact: met het water, het kopje en mijn

eigen lichaam. Ik wist dat ik mijn weg gevonden had. Nu de

leraar nog...

JA! Thây’s stem, Thây’s glimlach!

Wie schetst mijn verbazing toen ik, twee dagen nadat ik

het uit had, in de krant las dat de schrijver, Thich Nhat

Hanh, nog diezelfde week (mei 1984) een meditatieweekend

in Amsterdam kwam geven! Ik was opgetogen en heel

benieuwd hem te ontmoeten. Gezien mijn christelijke

achtergrond was er ook iets in mij dat afwachtend was.

Maar zodra ik Thây zag en hoorde spreken, voelde ik één

groot ‘JA’. Zijn stem, zijn glimlach, zijn hele uitstraling

raakten mij diep.

Toen ik dat weekend van Thây en zuster Chân Không over

Plum Village hoorde, besloot ik meteen daar die zomer heen

te gaan. Het voelde als ‘thuiskomen’, ik was er volmaakt

gelukkig. Eenmaal terug in Amsterdam dacht ik: ‘Nu is mijn

leven veranderd!’ Dat dacht ik écht! En ik was ontzettend

verbaasd toen ik mij binnen drie dagen weer net zo miserabel

voelde als daarvoor.

4 • De Klankschaal 66 • Herfst 2021


foto: Françoise Pottier

De zomer daarop ging ik opnieuw naar Plum Village. Op

een dag vond ik in de bibliotheek een artikel over Rumi (een

soefimeester uit de twaalfde eeuw) dat diepe indruk op mij

maakte. Het ging over de grote liefde die Rumi voor zijn

meester voelde. Daar kon ik mij direct mee verbinden. Toen

zijn meester stierf was Rumi ontroostbaar. Daar kon ik mij

al evenzeer mee verbinden. Het artikel beschreef hoe Rumi

wanhopig op zoek ging naar zijn meester en hoe hij hem,

na jarenlang zoeken, óveral vond! Dat was zo hoopvol voor

me. Ik dacht: ‘Dat wil ik ook, ik wil Thây overal vinden.’

Het artikel onthulde helaas niet hoe Rumi zijn meester had

gevonden. Dat was een koan voor me. Ik moest zélf het

antwoord vinden. Ik droeg de vraag mee in mijn hart: ‘Hoe

kan ik Thây overal vinden?’

‘We are with you’

Rond kerst datzelfde jaar (1985) leidden Thây en zuster

Chân Không een retraite in Parijs. Er waren zo’n twintig

deelnemers. In die tijd overwoog ik mijn baan op te zeggen.

Ik voelde me intens ongelukkig op mijn werk. Eerst meende

ik dat ik mij daar – met hulp van de beoefening - wél gelukkig

zou moeten kunnen voelen. Dat lukte echter van geen

kanten. Op een dag hoorde ik Thây in een lezing zeggen dat

een zaailing - een zaadje dat net ontkiemd is - bescherming

nodig heeft om te kunnen groeien. Op dát moment wist ik

dat ik permissie had mijn werk te verlaten. Tegelijk was ik

Spaans benauwd om dat te doen… Ik besprak de situatie

met Thây en zuster Chân Không. Bij mijn vertrek zei Thây:

‘Eveline, we are with you.‘ Ik weet niet hoe vaak ik aan die

woorden teruggedacht heb, mij afvragend wat Thây precies

bedoelde. Op wat voor manier was Thây bij me?

Kort daarop zei ik mijn baan inderdaad op. Ik ging

naar Amerika (april 1986), met het plan verschillende

meditatiecentra daar te bezoeken. De eerste weken verbleef

ik in het Kim Son klooster (Californië), midden in de bergen.

En wie denk je dat daar op bezoek kwam? Ja… Thây kwam!

Ik was compleet verrast... plotseling was hij daar.

Mijn intentie was een jaar in Amerika te blijven, maar toen ik

Thây zag was ik zo gelukkig dat ik me afvroeg: ‘Kan ik toch

niet beter naar Plum Village gaan deze zomer? Niemand

weet hoe lang Thây er nog is!’ (Daar was ik mij altijd van

bewust.) Het was een kwellende vraag voor me want nu

was ik eindelijk in Amerika – ik had al mijn moed bij elkaar

geraapt om deze stap te nemen – en zou ik dan nu weer

teruggaan, terwijl ik hier net was? Ik heb Thây weinig vragen

gesteld in mijn leven, maar dit heb ik hem voorgelegd: ‘Thây,

zal ik teruggaan of zal ik blijven?’ En raad eens wat Thây

antwoordde… Hij zei: ‘Both are OK!’ Ik besloot te blijven.

Kort daarop kwam het moment dat Thây ons weer verliet.

Het was een prachtige dag in mei. Ik besefte dat ik hem

heel lang niet zou zien en voelde me verdrietig. Urenlang

zat ik in het bos, kijkend naar de bomen en de lucht, terwijl

het langzaam donker werd. ‘We are with you...’ had Thây

gezegd. Ik draaide die woorden om en om, mij steeds maar

afvragend: ‘Hoe dan... hoe is Thây bij me?’

Ineens viel het mij op dat de lucht boven de bergen in de

verte een beetje oplichtte. Ik was verbaasd, ik wist niet

dat daar een stad was. Het licht werd sterker. Het werd

lichter en lichter boven de bergrand en opeens... was daar

de maan... Voor mijn ogen rees de grootste, helderste,

stralendste maan die ik ooit gezien had: een onvoorstelbaar

grote maan. Met oneindige verbazing bleef ik ernaar kijken.

Er was geen wolkje aan de hemel, geen zuchtje wind, het

was een zeldzaam vredige avond. Hoger en hoger rees de

maan, schijnbaar zonder zich te bewegen.

De Klankschaal 66 • Herfst 2021 • 5


Een tweede maan!

Plotseling was er een geluid: de bel voor de avondmeditatie.

Ik had totaal geen zin naar binnen te gaan. Onafgebroken

keek ik naar de maan, gelukkig en ongelukkig tegelijk, omdat

ik Thây miste. Uiteindelijk stond ik toch op. Zodra ik in de

meditatieruimte was, had ik spijt dat ik naar binnen was

gegaan. Gelukkig heeft het Kim Son klooster hele grote

ramen, van de vloer tot het plafond. Ik zocht een plekje

vanwaar ik de maan goed kon zien en ik blééf ernaar kijken.

Ik was niet erg bij mijn ademhaling: Thây was er niet...

en ik had buiten moeten blijven...! Ik was maar op één

ding gericht: de maan. Toen voltrok zich iets wat ik nooit

begrepen heb, tot op de dag van vandaag niet. Wat er

gebeurde was dat die immens grote, stralende maan die ik

daar aan de hemel zag schijnen, plotseling vanuit mijn buik

begon te schijnen, even groot en stralend. Ik zág hem echt

schijnen en met uiterste verbazing keek ik ernaar.

Een onverwacht antwoord ...

Tegelijkertijd gebeurde er nog iets. Terwijl ik de maan in mij

naar buiten zag schijnen – er waren nu twee identieke manen,

de maan daarbuiten en de maan van binnen – voelde ik Thây’s

glimlach in mij naar binnen zakken. Ik kon het echt voelen. Ik

had Thây zó vaak zien glimlachen. Zijn glimlach, zijn sereniteit,

zakte naar de bodem van mijn wezen. Op datzelfde moment

wist ik met grote zekerheid dat ik Thây daar áltijd zou kunnen

vinden. Er kwam een diepe rust over me en een grote vreugde.

Mijn vraag: ‘Waar is Thây?’ had zijn antwoord gevonden.

Later heb ik Thây ook in mijn beoefening gevonden en in

de sangha.

Na dat jaar in Amerika ging ik in Plum Village wonen. Ik was

toen 34. We waren met zijn achten en Thây moedigde ons aan

liedjes rond de beoefening te schrijven. Mijn ervaring met de

maan was nog heel levend en werd tot een lied. Thây heeft mij

vaak gevraagd het te zingen. Hij zei dat er één regel was die hij

het allermooiste vond en hij vroeg me welke ik dacht dat was...

Na dat jaar in Amerika ging ik in PlumVillage wonen. Ik was toen 34.

We waren met zijn achten en Thây moedigde ons aan liedjes rond de beoefening

te schrijven. Mijn ervaring met de maan was nog heel levend en werd tot een lied.

Thây heeft mij vaak gevraagd het te zingen. Hij zei dat er één regel was die hij het

allermooiste vond en hij vroeg me welke ik dacht dat was...

The Moon

The sun is going down and the sky is turning grey

The day has not yet ended while the night is on its way

I hear a last bird singing and i join it in its song

and then everything falls silent while the twilight lingers on

Now the stars are growing brighter, we are waiting for the moon

It is rising from a mountain, like a luminous balloon

Shining brighter then the sunshine, smiling limitless serene

It is moving without moving, it’s a moon i’ve never seen

I keep looking in amazement, i keep looking in delight

Every leaf has turned transparent, now it seems no longer night

I would like to look forever and i pray we never part

Then at once i find it shining ... from the bottom of my heart

Shining brighter then the sunshine, shining limitless serene

Shining inside, shining outside: it’s a moon I’ve never seen

I keep looking in amazement, i keep looking in delight

and my joy surmounts the mountains, i have found the moon inside ...

Volledige lezing op https://mindfulcommuniceren.nl

Lied te beluisteren op: https://plumvillage.org/articles/the-moon/

6 • De Klankschaal 66 • Herfst 2021


‘Als een

meiregen’:

De eerste

keer dat ik in

aanraking

kwam

met Thây

foto: Ger Levert

i

Door Ton Kamphof,

sangha Hart van Nederland

Ik herinner me de eerste dharmatoespraak die

ik van Thây hoorde nog levendig. Het is erg

vroeg in de ochtend. Eerst worden liederen

gezongen door het koor van monniken en

nonnen. Het zijn liederen en aanroepingen die

me de gelegenheid geven aan te komen in de

grote ruimte met honderden anderen. Ze maken

me wat ontvankelijker. Dan betreedt Thây het

podium en neemt het woord. Ik zie hem voor het

eerst in levenden lijve. Hij spreekt op een zachte

en intense manier. Hij maakt een wat introverte

indruk, hij is niet van het type ‘vlammend

betoog’ of charismatische performance. Hij

spreekt over vele onderwerpen. Ik heb enige tijd

nodig om aan zijn verschijning en spreekwijze

te wennen, maar hij wordt voor mij steeds meer present.

Ik zelf trouwens ook. Hij neemt de tijd. Als de lezing meer

dan anderhalf uur heeft geduurd, is dat voor mij veel te

lang. Ik wiebel al een tijdje op mijn stoel en begin me te

ergeren. Ik kan zijn verhaal niet meer opnemen en vraag

me af of hij ooit heeft gehoord van didactische beginselen.

Ik raak aardig in gevecht. Tot ik me overgeef. Ik moet wel.

Ik kan en wil het niet meer becommentariëren, pakken

en vasthouden. Ik laat Thây’s dharmatoespraak als een

meiregen over me heen komen. Zachtjes druppelen zijn

woorden in de aarde van mijn geest, hart en lichaam.

Ik hoor: ‘Je hoeft nergens naar toe, je bent al helemaal

aangekomen, je bent al helemaal thuis’. ‘Alle geluk, alle

vrede is te vinden in het hier en nu’. Zijn vreugde, de stilte

die om hem heen is, zijn standvastigheid en lichtheid raken

me diep. Mijn verstand, dat wil begrijpen en bevatten,

moet ik overgeven en mijn concepten over wat een goede

lezing is vallen in duigen. Maar ik ga helemaal open. Beter

gezegd, mijn ‘ik’ ontmantelt zich en iets groters begint zich

te ontvouwen. Iets nieuws, iets wonderlijks en prachtigs.

De Klankschaal 66 • Herfst 2021 • 7


Ontmoeting in Washington,

leren in Plum Village

Mitchell S. Ratner, Ware Spiegel van Wijsheid, beoefent in Washington DC. In 2002 ontving hij de lamp.

I

‘In november 1990 hoorde ik een toespraak van Thich Nhat

Hanh op een conferentie in Washington DC. De volgende

dag zat ik, met 300 anderen, bij het Lincoln Memorial

en luisterde naar hem terwijl hij gedichten voorlas uit

de jaren van de Vietnamoorlog. Hij reflecteerde op zijn

inspanningen om met Amerikanen het leed te

delen dat in beide landen tijdens de oorlog was

veroorzaakt.

De kwaliteit van zijn aanwezigheid

Toen we in stilte en eerbied langs het Vietnam

Veteranen Gedenkteken liepen, was ik diep onder

de indruk van de kwaliteit van zijn aanwezigheid,

de vloeiende kalmte van zijn woorden en acties

en het opmerkelijke effect dat dit had op anderen.

Tijdens de conferentie zat Thich Nhat Hanh op

een kussen op een eenvoudige verhoging en hij

sprak zacht over liefde, boosheid en mededogen.

Hij sprak over het vinden van vrede en vreugde

in iedere stap, in iedere actie. Zijn woorden

en aanwezigheid schiepen een atmosfeer van

aanstekelijke sereniteit. Het 3000-koppige

publiek was wonderbaarlijk rustig. Zelfs hoesten

werd tijdens de lezing op een natuurlijke manier

onderdrukt.

Het was een mooi idee om vrede en vreugde

in ieder moment te vinden, maar hoe moest ik

die manier van zijn invoegen in het weefsel van

mijn leven in een Amerikaanse stad? Met grote

verwachtingen vertrok ik in 1991 naar Plum

Village voor een retraite van drie maanden.

van mijn verblijf in Plum Village. Ik was verheugd en dacht

dat ze me het centrale organisatieprincipe zou overdragen.

Haar antwoord was niet wat ik verwachtte. Met een

lichte toon van verwijt zei ze me: ‘Mitchell, overal waar je

gaat moet dat loopmeditatie zijn.’ Ik had de uiterlijke vorm

foto: aangeleverd

Van filosofie naar beoefening

In Plum Village waren er zoveel dingen om te

leren. Ik was getraind om te leren door studie.

Het eerste jaar na mijn ontmoeting wierp ik me

erin, las Thich Nhat Hanh’s boeken tot diep in

de nacht, maakte aantekeningen, overzichten,

bestudeerde de Sanskriet-termen en discussieerde

erover.

Ik had dat jaar vaak loopmeditatie gedaan en deed

het ook in Plum Village. Zuster Annabel - toen het hoofd

activiteiten - nam me een keer na de avondmeditatie

terzijde en vroeg me of ik iets naar huis wilde meenemen

In Plum Village (2003)

begrepen maar de betekenis van loopmeditatie was nog

niet in mijn hart binnengekomen.

Ik had nog niet geleerd dat de essentie van Plum Village

8 • De Klankschaal 66 • Herfst 2021


geen filosofie of concept was, maar veel meer

een manier van zijn, een beoefening: aandacht

geven aan het huidige moment. Iedere activiteit

aandachtig uitvoeren, kalm werken en die

activiteit onze volledige aandacht geven, of het

nu het snijden van wortels is, het dichtmaken

van een schoen, lopen naar de WC of het

schrijven van een brief. Als je zo handelt wordt

ieder daad meer authentiek.

Het huidige moment is de leraar

Op een ochtend deden we loopmeditatie en

in plaats van daarna direct terug te gaan naar

de eetzaal voor de lunch, draaide Thich Nhat

Hanh zich om en wenkte ons om dichterbij

te komen. Met ons 70-en stonden we toen

dichtbij in een cirkel om hem heen. Hij sprak

zacht en keek ons direct aan: ‘Met iedere stap

moet je zeggen: ‘Ik ben aangekomen, ik ben

aangekomen.’ Of jouw huis in Washington

DC is of in New Delhi, je moet thuiskomen

in dit moment. Je moet hier zijn zoals iedere

grasspriet. Dit is nirvana, dit is het koninkrijk

gods. Je moet je eigen held zijn. Niemand kan

het voor jou doen. Je hebt vastberadenheid

nodig. Je hebt concentratie nodig. Dit is de

essentie, het hart. Als je één stap kunt zetten,

kun je de tweede zetten. Het huidige moment

is de leraar die altijd met jou zal zijn, een leraar

die nooit zal ontbreken.’

Ernstige ziekte –

volledige aandacht

‘Mij heeft deze visie en de beoefening van volledige aandacht,

ook de aandacht voor zeer pijnlijke dingen, erg geholpen tijdens de

jarenlange ernstige ziekte van mijn partner. Zij heeft een chronische

ziekte die maar niet wil genezen, zeer vele artsen, therapeuten en

healers ten spijt. Het heeft haar en onze levens grondig veranderd.

Dat was en is niet eenvoudig. Zeg maar gewoon, soms hartstikke

moeilijk en verdrietig. De beoefening van aandacht, van er helemaal

zijn, heeft me daarbij geholpen. Zelfs in de momenten dat het

meest erge dreigde - we dachten: ze verlaat dit leven - was er geen

paniek of wanhoop, maar kalmte en intieme nabijheid. Er was een

aanwezigheid die grenzen overschrijdt. Ik ben daar heel erg blij

mee. Het heeft me op een of andere manier ook sterker gemaakt,

een soort onverwoestbare innerlijke kracht gegeven. Ik ben me

gaan realiseren: ‘Alles is goed, ook al is het niet goed.’ Dat is een

wonderlijk en vreugdevol besef. Maar soms komt het zeer pijnlijke

gevoel terug en is het bijna niet te dragen. Dan herinner ik me het

‘uithouden en doorgaan’, waar zenmeesters het voorbeeld van zijn.

En ik keer terug naar mijn adem.’

Thom, sanghalid

Ingekorte versie van de tekst uit:

The Mindfulness Bell 31, zomer 2002, blz. 36-37

Bloeien als

een bloem

Niet alleen moeten we de geest transformeren en bevrijden,

maar ook het lichaam.

Breng aandacht en compassie naar alle cellen van je lichaam.

Laat alle cellen van je lichaam bloeien als een bloem.

Dan is je hart een wonder, het hart dat ieder dag voor je klopt,

voor je werkt.

Dan zijn je ogen en oren een wonder.

Je kunt de wonderen van het leven aanraken.

Dat is het koninkrijk van God, het zuivere land van de Boeddha,

het paradijs. Ze zijn altijd beschikbaar.

De vraag is of jij beschikbaar bent voor het paradijs, het wonder

van het leven.

Thich Nhat Hanh, dharmalezing retraite Papendal mei 2006

De Klankschaal 66 • Herfst 2021 • 9


foto aangeleveerd door D. Lacko

Ontmoetingen met mijn leraar

dDaniël Lacko, Auspicious Refuge of the Heart, was in 2018

mede-oprichter van de Antwerpse sangha De Lotusknop en van

Wake Up Antwerpen. Tijdens de lockdown in 2020 startte hij samen

met sanghavrienden de Online Sangha Vlaanderen. Daniël oefent

ook bij de (onofficiële) online Dharma Nerds Sangha geleid door

dharmaleraar Trish Thompson.

In Peace is Every Step schrijft Thich Nhat Hanh (vrij

vertaald): ‘Als we nog dieper kijken, zien we ook onszelf in

dit stuk papier. Dat is niet moeilijk te zien, want wanneer

we naar een blad papier kijken, is het onderdeel van onze

perceptie. Jouw geest zit hierin, en die van mij ook.’ Ik heb

dit boek ontdekt na lang twijfelen over welke boeddhistische

stroming ik zou willen volgen, en al bij deze eerste

ontmoeting werd het plots helder. (Hoe toepasselijk dat dit

net ging over interzijn; een begrip dat zo centraal staat voor

hem.) Toch heeft

Thây in het begin

veel geduld met me

moeten hebben. Ik

bleef zoeken naar

specifiek advies,

maar hij herhaalde

ogenschijnlijk één ding

boven alle andere:

zoek de steun van een

sangha! Het heeft

twee jaar geduurd

voordat ik eindelijk

luisterde.

Kom zoals

je bent

Zo ontmoette ik hem

voor de tweede keer, in de

toenmalige sangha Antwerpen. Ik maakte me onderweg

zorgen over het lang stil zitten en over hoe ik mezelf

zou voorstellen, maar het enige wat ze van me wilden

weten, was of ik graag een kopje thee wou. Geen verder

denken nodig. En ook geen strikte zithouding vereist, geen

gevoelloze benen, geen absolute stilte. ‘Come as you are.’

Typisch Thây, dit warme welkom. Na enkele bijeenkomsten

begon ik me net af te vragen of het niet allemaal te veel aan

de oppervlakte bleef, toen ik onze leraar weer op een andere

manier leerde kennen. Want uit The Heart of the Buddha’s

Teaching werd duidelijk dat er onder die toegankelijkheid

ook een enorme intellectuele diepgang zat. Dit aspect sprak

me sterk aan, dus dreigde ik me even terug in de boeken te

verliezen. Gelukkig kwam ik Thich Nhat Hanh snel opnieuw

tegen in de vorm van mijn dharma-vriendin Karin, die me

eraan herinnerde dat Thây ons het toegepast boeddhisme

leert en dat de theorie slechts ondersteuning is. Daarna

volgde een nieuwe ontmoeting, midden in een periode met

veel onzekerheid over mijn persoonlijk en professioneel leven.

Tijdens mijn eerste retraite stelde ik een vraag aan zuster

Annabel. Ik had nog

nooit meegemaakt dat

iemand zó aandachtig

aanwezig was, zo

stabiel en content,

dat ik niet anders kon

dan mijn problemen

vergeten. En ook

Thây zat daar bij

ons in het zonlicht,

tussen onze gedeelde

glimlach in. Voor mij

echter geen spontane

verlichting na een

korte ontmoeting met

een meester, zoals in

de zenverhalen. Nee,

Plum Village (2012)

mijn transformatie is

trager en kleiner. En

toch komt het me als even wonderlijk over, hoe Thây telkens

op exact het juiste moment met exact de juiste boodschap

in mijn leven langskomt. Als ik één ding moet uitkiezen, is dit

zijn belangrijkste les: dat geluk aanraken steeds mogelijk is,

ongeacht de omstandigheden. Wanneer ik daaraan twijfel,

is zijn historisch leven alvast een inspirerend voorbeeld.

Het liefst van al maak ik echter contact met al zijn andere

manifestaties, want op die manier kan ik hem dagelijks blijven

ontmoeten. Ik hoef immers slechts diep in mijn thee te kijken,

en zie: daar is zijn liefdevolle glimlach weer!

10 • De Klankschaal 66 • Herfst 2021


foto aangeleveerd door Hilly Bol

Een Hollandse meid buigt toch niet!

IIn gesprek met Hilly Bol, True Arising of Peace. Hilly oefent

bij de sangha Het Groene Hart in Gouda en bij de sangha

van hulpverleners. Als dharmalerares is ze betrokken bij het

aspirantentraject voor de Orde van Interzijn. Regelmatig reist

Hilly naar Hongarije om retraites te begeleiden en de Hongaarse

sangha te ondersteunen.

‘Ik ontmoette Thây voor het eerst tijdens een weekend in

1996. Op mijn netvlies is gegrift dat Thây na de dharmalezing

in loopmeditatie wegliep. Dat heeft me diep geraakt. Ik

kon dat toen niet onder woorden brengen, maar later wel.

Iemand die zo in vrede liep, iemand die zo kon belichamen

waar hij het over heeft, met een milde en vriendelijke

energie. Als je, zoals Thây, in oorlogssituaties hebt gezeten

en op die manier aanwezig kunt zijn, dan heb je werkelijk

getransformeerd wat er aan lijden was.’

wel, maar er is niet meer zo’n dikke, vette angstlaag onder

mijn bestaan. In die zin is er veel geheeld.

Ik heb ervaren dat het inderdaad mogelijk is negatieve

gemoedstoestanden te doorsnijden, zoals in de Veertien

Aandachtsoefeningen is geformuleerd. Je kunt ook gehecht

zijn aan ellende. Ik kan zeggen: ‘Oké, dat negatieve is er

Pijn ‘omhelzen’ kost tijd

‘Zeven jaar heb ik er over gedaan om me echt met dit pad

te engageren. Het moest voor mij kloppen dat dit de manier

was om met lijden en geluk om te gaan. Ik heb bijvoorbeeld

lang niet kunnen vatten hoe je moeilijke situaties werkelijk

kunt omhelzen. Dus om woede, kwaadheid, haat, wanhoop

of bijvoorbeeld angst – die ik ook heel goed ken – echt te

omhelzen. Lang kon ik bijvoorbeeld geen loopmeditatie doen.

Het was voor mij stampmeditatie. Zo kwaad was ik. Dat

‘omhelzen’ kan pas als een deel van jezelf rustig kan zijn voor

dat andere deel, de huilende baby in jezelf. Het was op een

bepaald moment niet meer mogelijk voor mij om die moeilijke

emoties onder de mat te vegen. Je probeert het wel maar

het gaat niet meer. Dan kan het pijnlijke stuk langzaam helen.’

Angst uit de kindertijd

‘Angst was er voor mij altijd. Het is heel lang een

onbestemde laag geweest. Als baby van zes weken heb ik in

een ziekenhuis gelegen. Ik ben geopereerd en was doodziek

in een tijd dat mijn moeder niet bij me mocht zijn. Daar ligt

voor mij een duidelijke bron van angst. Ik heb geleerd om de

angst te erkennen en te zijn met wat er is, ook op momenten

dat ik me beroerd voel. Dat gaat niet snel, dat gaat niet na

een retraite van één of drie weken.

Maar langzamerhand kon ik zeggen: ‘Er is wanhoop in mij,’

in plaats van: ‘Ik ben wanhoop.’ Als die gevoelens weer naar

boven komen, heb ik geleerd tegen mezelf te zeggen: ‘Blijf er

maar bij.’ De angst is veel en veel minder, soms is het er nog

In het EIAB Waldbröl (2012)

De Klankschaal 66 • Herfst 2021 • 11


nu.’ Als ik dat er voor 100% laat zijn, niet 99%, dan voel ik

verandering komen, dan voel ik het weer stromen in mijn

lichaam, dan stagneert het niet meer. Ik blijf er dan niet meer

dagen in hangen. Het mooie van de beoefening is dat je

dingen sneller in de gaten hebt en dat je er eerder wat mee

kunt doen.’

Onmetelijke liefde

‘In dit onderricht wordt vaak de term ‘liefde en begrip’

gebruikt. Ik vind het mooi dat liefde onmetelijk wordt

genoemd. Dat is heel mooi. Tegelijk heeft liefde ook begrip

nodig. Als je iemand nauwelijks kent, heb je heel makkelijk

een oordeel, zo van: plop, plop, een oordeel. Zodra je iets

meer van die persoon hebt gehoord, zeg je: ‘Oké, zit dat zo,’

en dan hoor je weer meer. En dan nog meer. Als zo je begrip

groeit, kan ook de liefde groeien.’

Een ontroerende tekst

De tekst van de vijf contemplaties kan me altijd weer

In het EIAB Waldbröl (2012)

ontroeren, de tekst die uitgesproken wordt

voorafgaand aan de maaltijd. Nooit denk ik: ‘Oh,

daar heb je die contemplaties weer.’ Er staat onder

meer: ‘Laten we in dankbaarheid en aandacht

eten, zodat dit voedsel werkelijk aan ons besteed

is.’ Daar staat dankbaarheid in al zijn soberte, in

al zijn schakeringen, gewoon ongecompliceerd

dankbaar.

In de contemplaties lezen we ook: ‘Dit eten is

een geschenk van de aarde, de hemel, talrijke

levende wezens en hard en liefdevol werken.’ Het

is prachtig en ontroerend om dit uit te spreken.

Er volgt een wens om ‘onze kostbare planeet

te beschermen en helen’. Dat vind ik gewoon

geweldige woorden. Voordat je gaat eten, spreek

je dit uit en besef je hoe kostbaar de planeet

is! De planeet is de bron van ons voedsel. Hier

ervaar ik interzijn heel diep, ik ervaar een grote

verbondenheid met de aarde, met alles wat leeft

op de aarde, met de mensen.’

Genieten van de tuin

‘Ik heb mezelf altijd erg thuis gevoeld in de natuur

en heb een hele weg afgelegd om me ook met

mensen verbonden te voelen. Ik wandel graag, ik

tuinier ook graag, zeker de afgelopen dagen met

het mooie weer. Dat zijn manieren waarop ik voor

mezelf zorg. Door voor mijzelf te zorgen, goed

te eten, regelmatig chi gong te doen, zorg ik voor

mezelf en bijvoorbeeld de relatie met mijn man.

Heel belangrijk.

Niet voor niets heb ik zonet, voordat ik hier bij

jou kwam, een wandeling langs de huizen van

mijn voorouders gemaakt, ik ben als kind veel in dit

buurtje geweest. Heel jong had ik al interesse in de levens

van mijn ouders en voorouders. Dat is bekrachtigd door

de manier waarop Thây over de band met de voorouders

spreekt. Het heeft mij een enorme verbondenheid gegeven

en de ervaring van interzijn. Ik kan dat ook hebben als ik in

de tuin bezig ben. Ik geniet dan niet alleen voor mezelf maar

ook voor mijn overleden vader die ook altijd in de tuin bezig

was, ik geniet voor een goede vriendin die overleden is. Die

zijn er dan helemaal. Dat is een ervaring van interzijn omdat

ik dan niet in ‘mijn eigen ik’ zit, maar geniet voor mensen

waar ik me heel verbonden mee voel.’

Thây’s moeder – mijn moeder

Hilly heeft een favoriete tekst van Thây meegenomen naar

dit gesprek en vertelt daar iets over: ‘Thây beschreef dat

zijn moeder was overleden, een jaar lang leed hij daar erg

onder. Op een nacht droomde hij van zijn moeder. Hij werd

wakker, ging naar buiten en de heuvel baadde in maanlicht.

12 • De Klankschaal 66 • Herfst 2021


Hij schrijft dat hij op dat moment merkte dat zijn moeder

nog steeds bij hem was. Het heeft me zo geroerd en geraakt

dat hij dat onder woorden wist te brengen. Hij beschrijft

dat hij de voortzetting is van zijn moeder, zijn vader en zijn

voorouders. Ik heb vergelijkbare ervaringen mogen hebben.

Het is echt prachtig.

Zelf heb ik een lastige ervaring met mijn moeder gehad.

Ik ben ook na haar dood nog ongelofelijk boos op mijn

moeder geweest. Door de beoefening, ook door therapie,

is dat erg veranderd. De relatie met je moeder is nooit een

statische relatie. Ik noemde al ‘liefde en begrip’. Ik ben beter

gaan begrijpen hoe het leven voor haar was. Ik heb zelf

geen biologische kinderen, maar ik heb veel met kinderen

meegemaakt, de kinderen van mijn tweede man, met wie ik

al 30 jaar ben. Dat heeft mijn begrip voor mijn moeder enorm

verruimd.’

‘Wat ik moeilijk vind aan dit pad? De eerste jaren vroeg

ik me af: ‘Wat is dit?’ Die retraites, die mensen. Wat een

chagrijnige boel. Zitten mensen in een retraite zo serieus te

eten. Ik moest daar erg aan wennen. Ook had ik problemen

met het buigen. Ik had eerst zoiets als: ‘Een Hollandse meid

buigt toch niet!’ Nu probeer ik volledig aanwezig te zijn

als ik buig, ik probeer daarin een werkelijk fysieke ervaring

van buigen te hebben. Dat heeft te maken met overgave,

met vertrouwen, met respect. Buigen is voor mij heel mooi

geworden!’

Het mooie van de beoefening is dat je

dingen sneller in de gaten hebt en dat

je er eerder wat mee kunt doen.

Helende klanken bij stervenden

De laatste jaren – 18 jaar lang – was ik muziektherapeut in

hospices. Op die manier heb ik over ‘geen geboorte, geen

dood’ geleerd, te midden van geboorte en dood. Ik heb veel

geboortes meegemaakt als arts in opleiding. In hospices heb

ik vaak op de harp gespeeld, vlak voor de dood van mensen.

In hun laatste onrustige fase. Dat kan met muziek, als je het

weet toe te passen. Je moet in die situatie heel minimaal

en zuinig zijn met klanken. Het is de combinatie van je

aanwezigheid en de manier waarop je met klank werkt, die

maakt dat mensen rustig kunnen worden. Het bewustzijn

van de adem is hier ook belangrijk: bij angst zit de adem

heel hoog en snel en als je er met je tempo iets onder gaan

zitten, kan die adem langzamer gaan worden. Ik kreeg dat

ook steeds meer terug van mensen, voor zover ze dat nog

konden communiceren of van familie en verpleegkundigen. Ik

ben blij en dankbaar dat ik dit zoveel jaren mocht doen.’

De dood van

mijn moeder

De dag dat mijn moeder stierf, schreef ik in mijn

dagboek: ‘Er is in mijn leven iets verschrikkelijks

gebeurd’. Na mijn moeders overlijden heb ik het

zeker een jaar lang heel moeilijk gehad. Maar op een

nacht lag ik te slapen in mijn hut bij het klooster in de

hooglanden van Vietnam, toen ik over mijn moeder

droomde. Ik zag mezelf bij haar zitten en we voerden

een prachtig gesprek. Ze zag er jong en mooi uit met

haar lange en loshangende haar. Het was zo heerlijk

om daar gewoon te zitten en met haar te praten alsof

ze nooit gestorven was. Toen ik wakker werd, was

het rond twee uur in de ochtend en ik had heel sterk

het gevoel dat ik mijn moeder nooit was kwijtgeraakt.

De indruk dat mijn moeder nog steeds bij me was,

was heel sterk en duidelijk. Toen begreep ik dat het

idee dat ik mijn moeder was kwijtgeraakt inderdaad

slechts een idee was. Het was me op dat moment

duidelijk dat mijn moeder altijd in mij blijft leven.

Ik deed de deur open en ging naar buiten. De hele

heuvel baadde in het maanlicht. De heuvel stond

vol theeplanten en mijn hut stond achter de tempel,

halverwege de helling. Terwijl ik in het maanlicht door

de rijen theeplanten liep, merkte ik dat mijn moeder

nog steeds bij me was. Zij was het maanlicht dat me

streelde zoals zij dat zo vaak had gedaan, heel teder,

heel lief... heerlijk! Elke keer dat mijn voeten de aarde

aanraakten, wist ik dat mijn moeder daar bij me was.

Ik wist dat dit lichaam niet alleen mijn lichaam is maar

een levende voortzetting van mijn moeder en mijn

vader, mijn grootouders en overgrootouders. Van

al mijn voorouders. Deze voeten die ik zag als ‘mijn’

voeten zijn eigenlijk ‘onze’ voeten. Mijn moeder en

ik lieten samen voetafdrukken achter in de vochtige

aarde.

Thich Nhat Hanh, uit: Geen dood, geen vrees,

Ten Have, 2014, blz. 13-14

De Klankschaal 66 • Herfst 2021 • 13


Alles begint tussen uw twee oren,

het goede en het slechte

Marleen Van den Bosch, True Harmonious Family, en Karin Coolsaet, Diep

Vertrouwen van het Hart, spraken over hun beoefening in een radio-interview

door Kristien Bonneure, Belgische VRT-journaliste. Met toestemming van

Kristien volgen hieronder delen uit het interview.

foto’s aangeleverd door K. Coolsaet en M. Van den Bosch

Marleen Van den Bosch oefent

bij de sangha Leuven, is lid

van de Orde van Interzijn en

dharmaleraar-in-wording.

Karin Coolsaet oefent bij

de Antwerpse Sangha De

Lotusknop, is ordelid-in-wording

en verzorgt de website van

Stichting Leven in Aandacht.

Beoefening in het dagelijks leven

Karin: ‘Ik probeer alle dingen met zoveel mogelijk aandacht

te doen. ’s Ochtends start ik met een kwartier of een half

uur in stilte, en van daaruit begin ik de dag. Het gaat over

aandachtig spreken en luisteren, maar ook over de kleine

dingen als koffiezetten en tandenpoetsen. En met aandacht

aanwezig zijn bij het lijden van andere mensen. Kijken of ik

daar iets kan betekenen. Dat is de bodhisattva-gelofte: het

lijden in de wereld verlichten.’

Marleen heeft het over een boeddhistisch geïnspireerde

ethiek, die teruggaat op de eeuwenoude vijf geloftes en die

Thich Nhat Hanh vertaalde in vijf aandachtsoefeningen:

eerbied voor het leven, werkelijk geluk, ware liefde,

liefdevol spreken en aandachtig luisteren en heling en

voeding. Ze zijn niet bedoeld als strenge regels maar als

een gids op ons pad. Ze ervaart de traditie van Thich Nhat

Hanh als een milde traditie, die heel wat concrete tools

geeft om mindful te leven, in verbinding met anderen.

Geen afgescheiden ikje

Karin hecht veel waarde aan de stilte in de meditatie. ‘Ik

heb in de stilte de essentie teruggevonden en dat gebeurt

‘in laagjes’. Meditatie begint met ontspannen en tot rust

komen, maar naarmate je er bedrevener in bent, kom je

terecht in een ander soort rust: het werkelijk aanvoelen

van een eenheid. Op het eerste gezicht ben ik een

afzonderlijk persoontje, maar alles wat ik doe, heeft invloed

op alles. Dat bewustzijn heeft mij een ander gevoel van

verantwoordelijkheid gegeven. Ik ben minder vlees gaan

eten, ik spreek en luister met meer liefde en mildheid. Ik

moet niet meer persé een mening hebben over alles, waar

ik vroeger altijd op de eerste rij stond. Ik merk in mijn

omgeving dat dit rust en verbondenheid bevordert.’

Ook Marleen getuigt van een groeiende verdieping. ‘In het

begin dacht ik: dit is zo simpel: ik adem in, ik adem uit, ja,

dat doe ik al lang! Geleidelijk aan ben ik me meer bewust

geworden van wat ik doe op het moment dat ik het doe. En

bij uitbreiding heeft dat invloed op hoe ik denk over leven

en dood. Hoe ik een voortzetting ben, geen afgescheiden

ikje, maar geconnecteerd met alles en iedereen. En hoe ik,

als ik sterf, niet stop.

Ik kijk naar mezelf en naar anderen met veel meer

compassie en mildheid. De innerlijke criticus – ‘ik doe

het niet goed’ – is er nog, maar is veel rustiger. Ik ervaar

mildheid naar anderen toe ook, zelfs na bijvoorbeeld

verkiezingsuitslagen die me zorgen baren… En dan ga ik

zelf na hoe ik kan zorgen dat wat ik teweegbreng de goede

kant uitgaat.

Lijden heeft een andere plaats in mijn leven gekregen.

Vroeger was dat iets dat vermeden of bestreden moest

worden. Intussen zie ik het als een deel van ons leven, het

is deel van onze menselijke conditie, het is geen ‘foutje van

het systeem’. Ik heb geleerd om daar vrede mee te hebben,

wat niet hetzelfde is als het leuk vinden!’

Vredesengagement

Ook het vredesengagement van Thich Nhat Hanh strekt

tot navolging. ‘Thây leert ons: alles begint tussen uw twee

14 • De Klankschaal 66 • Herfst 2021


Bij elk dingetje dat je doet

kan je je afvragen:

wordt hier iemand beter van

of gaat iemand eronder lijden?

Als iedereen dat zou doen,

zou de wereld er heel mooi uitzien.

oren, het goede en het slechte. Het begint bij een emotie,

waar je iets bij denkt, waar je iets mee doet, daden die

gedrag worden, gedrag dat cultuur wordt… Vrede begint

bij jezelf en bij alles wat je doet. Elke stap is vrede, zegt

Thich Nhat Hanh. Bij elk dingetje dat je doet, kan je je

afvragen: wordt hier iemand beter van of gaat iemand

eronder lijden? Als iedereen dat zou doen, zou de wereld er

heel mooi uitzien,’ lacht Karin.

Marleen citeert Thich Nhat Hanh: ‘Peace in yourself,

peace in the world. Het is zeker niet de bedoeling dat we

op ons kussen blijven zitten. Je gaat altijd de wereld in,

zeker wij leken. Maar wel op zo’n manier dat je zelf geen

strijd veroorzaakt. Kun je werkelijk geweldloos actievoeren?

Je kunt ook manifesteren met veel poeha… dan ben je toch

niet echt geweldloos. Het vergt veel oefening. Ik val ook

nog snel in polariserend denken. Tegelijk vind ik niet dat we

alles moeten accepteren, wat wel eens gezegd wordt van

boeddhisten. Berusten is het niet, het blijft een erkennen

wat er is, en dan kijken hoe ik er zo wijs mogelijk mee

kan omgaan.’

Levenswerk

Ook retraites in Plum Village of in andere centra zijn

‘heerlijk voedend’, vindt Marleen: ‘Het is letterlijk je

terugtrekken en meer tijd hebben om de beoefening te

beleven.’ Het contact met Thich Nhat Hanh zelf was

heel bijzonder en eenvoudig, vertelt Marleen. ‘Het is zo

simpel maar tegelijk niet eenvoudig wat hij zegt. Toen ik

hem zo vooraan zag zitten en hoorde spreken was dat

extra overtuigend. Er was er een soort van hart-tot-hartoverdracht.’

‘Zijn nalatenschap is gigantisch. Hij leeft voort in alle

mensen die hem volgen en dat is het belangrijkste,’

benadrukt Karin. Het Nobelprijscomité heeft hem over het

hoofd gezien, maar voor Marleen hoort Thich Nhat Hanh,

bij de groten der aarde. ‘Het is heel bijzonder hoeveel hij

aan de wereld heeft gegeven.’ En Karin besluit: ‘Het is

ongelooflijk hoe hij, met oosterse roots, de westerse mens

in zijn christelijke, kapitalistische cultuur in het hart heeft

geraakt. Dat levenswerk zal blijven duren.’

Ademen

Als ik inadem

zie ik mezelf als een bloem.

Ik ben de frisheid

Van een dauwdruppel.

Als ik uitadem

Zijn mijn ogen bloemen geworden.

Kijk alsjeblieft naar mij.

Ik kijk

Met de ogen van liefde.

Als ik inadem

Ben ik een berg,

onwankelbaar

rustig

levendig

krachtig.

Als ik uitadem

voel ik mij stabiel.

De golven van emotie

zullen mij nooit meeslepen.

Als ik inadem

ben ik een stil water.

Ik weerspiegel de hemel

vol vertrouwen.

Kijk, in mijn hart

heb ik een volle maan,

de verkwikkende maan van de bodhisattva.

Als ik uitadem

schenk ik het volmaakte beeld

van mijn spiegelgeest.

Als ik inadem

ben ik een ruimte geworden

zonder grenzen.

Ik heb geen plannen meer.

Ik heb geen bagage

Als ik uitadem

ben ik de maan

die vaart door de hemel van totale leegte.

Ik ben vrijheid.

Uit

Thich Nhat Hanh,

Mededogen is zonder grenzen.

Zijn visie en zijn leven,

door Ton Kamphof,

Ankh Hermes 2007, p. 152

De Klankschaal 66 • Herfst 2021 • 15


Ik ben blijer en milder geworden

cCarolien Balt, Ware Perfecte Aandacht, is al vele jaren lid van de

sangha De Witte Wolk in Haarlem. Ze vertegenwoordigt de Plum

Village stroming in de Boeddhistische Unie Nederland.

foto: Marilou den Outer

Carolien werkte jaren geleden in de thuiszorg en zat in de

ondernemingsraad: ‘Ik was altijd wel aan het strijden.’ Op

een bepaald moment ontdekte ze dat ze iets anders moest.

Ze vroeg zich af: ligt de strijd die ik voer niet ook aan

iets in mijzelf? Ze kwam het boekje Cultuur van stilte van

Karlfried Dürckheim tegen, ging opleidingen doen en leerde

mediteren. Daar viel de naam van Thây en ze dacht: ‘Die

wil ik wel eens ontmoeten.' Ze reisde af naar Plum Village.

Thây’s zingende stem

‘Ik kende Thây niet. Ik kwam in Plum Village in een

loopmeditatie terecht en ik dacht: waar is die Thây nou?

Toen hoorde ik een stem die zong. In het Vietnamees. Dat

sloeg meteen naar binnen. Het was zo ontroerend, zo mooi,

zo weemoedig ook. Ik heb dus zijn zingende stem het eerst

gehoord. Dat was de eerste ontmoeting. Ik deed in die tijd

veel dingen – opleidingen, meditaties op veel plekken – maar

ik keerde steeds naar deze traditie terug. En waarom? De

mensen die ermee bezig waren, waren allemaal zo warm. Er

was een fijne sfeer en dat is na al die jaren nog steeds zo.

Ik merkte ook dat de eenvoud me aansprak. Thây heeft geen

poeha. Hij straalt uit wat hij vertelt: ‘My life is my message’.

Ik heb na vijf jaar de aandachtoefeningen aangenomen

tijdens een kleine retraite met zuster Jina. Ik wilde me

inzetten, ben steeds actiever geworden, werd in 2004

geordineerd en daarmee lid van de Orde van Interzijn.’

Gebroken hart geheeld

‘Tijdens een heel grote crisis in

mijn leven - ik verloor binnen een

week mijn geliefde, de grootste

liefde van mijn leven en ik raakte

ook mijn werk kwijt - heeft deze

weg me enorm geholpen. Ik ging

naar het centrum in Beieren

van Karl en Helga Riedl, twee

dharmaleraren, die vijf jaar in Plum

Village hebben gewoond. Ik kon

daar al mijn verdriet kwijt. Ik heb

enorm kunnen huilen. Zo ben ik

geholpen. Als ik niet op dit pad

was geweest, had ik me reddeloos

verloren gevoeld. Zo is mijn

gebroken hart geheeld.’

‘Ik vereer Thây niet, maar er is

een diepe dankbaarheid voor hem.

Ik ben heel dankbaar dat ik hem

heb mogen ontmoeten en zijn lessen mocht ontvangen. Als

ik nu aan hem denk, zie ik vooral hoe waardig hij liep.

Dit pad heeft mij zelfinzicht gebracht, meer nog dan de

opleidingen die ik daarvoor had gedaan. Maar vooral

heeft het mij liefde voor mezelf gebracht. Vroeger was er

meer afkeuring. Dat heb ik echt te danken aan deze weg.

Daardoor ben ik veel gelukkiger geworden, ik sta blijer en

milder in het leven. Dat is zo’n geschenk!’

16 • De Klankschaal 66 • Herfst 2021


foto: Françoise Pottier

Pure verwondering!

jJan Boswijk, True Vehicle

of Peace, is psycholoog

en dharmaleraar sinds

2004. Hij leidt retraites

en weekenden in

Nederland, Frankrijk en

Hongarije.

Jan herinnert zich dat hij voor het eerst naar Plum Village

ging, bijna dertig jaar geleden. Hij was doodmoe van een

heel jaar therapiewerk en kwam terecht in de zomerretraite.

Hij hoorde Thây spreken en vond het ‘drie keer niks’. Het

was voor hem naïef, veel te simpel. Toen hij twee jaar later

weer terugging, vond hij die simpelheid juist heel erg mooi.

Hij zag Thây’s betrokkenheid, zijn geëngageerd boeddhisme

en Thây’s simpelheid was eigenlijk heel erg leuk. ‘Hij kon

de leer op eenvoudige manier uitdrukken, had er praktische

oefeningen bij: hij maakte het telkens verschrikkelijk

concreet!’.

Jan zegt: ‘Mijn drijfveer is altijd verwondering geweest en

dat is het nog. Ik ben psychologie gaan studeren omdat ik

het een wonder vond dat mensen zich überhaupt bewust

konden zijn. Ik vond in de psychologie natuurlijk geen

antwoord. Ik vond het een groot wonder om te leven. Of

je nou naar de sterrenhemel kijkt of in jezelf, ik blijf het een

groot wonder vinden. Dat werd af en toe door Thây en in

Plum Village aangeraakt.’

maar bij hem zag ik pure ruimte, er was geen obstakel,

alleen ruimte, er zat geen enkel ikje tussen, pure ruimte

was het. Ik had dat nog nooit in iemands ogen gezien.

Ik moest even naar adem happen en daarna ging het

gesprekje gewoon door. Nu hoef ik die ogen alleen maar te

visualiseren en die ruimte is er.’

In tranen

‘Soms voel ik me volledig verbonden met hem. Trouwens,

soms ook helemaal niet.

Onlangs zag ik het filmpje over het moment dat hij in zijn

root-tempel in Vietnam aankwam, bij Hué. Ik zag dat

filmpje, vlak voordat ik een lezing ging geven in de sangha van

hulpverleners. Het eerste kwartier van die lezing was ik in

tranen, omdat ik zo ontroerd was dat Thây thuiskwam, dat hij

zijn hele cirkel rondgemaakt had. Ik kon niet anders dan huilen.

Ik zei een paar woorden en dan schoot ik weer in tranen.

Thây zit in mij op vele manieren. Op de gekste momenten

popt er iets op. Ik zie dan ineens Thây voor me lopen. Heb

dan het gevoel dat we even samen oplopen.’

Ten slotte: ‘Het begon ooit met de westerse universele koan:

‘Wie ben ik?’, ‘Wat is leven?’ Gaandeweg zijn die vragen

minder concreet geworden en is het verwondering zonder

meer. Hoe is dit alles, dit leven, deze werkelijkheid, deze

natuur, in godsnaam mogelijk? Dat ís toch ook een wonder!!’

Een zaagmachine

Wat er voor mij is geheeld? ‘Die vraag is verschrikkelijk

moeilijk te beantwoorden. Je neemt veel dingen in je op.

Ze zijn geassimileerd, vanzelfsprekend geworden. Iets

concreets misschien: ik was een keer drie maanden op

retraite in Plum Village, ik kwam thuis en mijn vrouw

zei: ‘Hé, je snurkt niet meer.’ Ik heb na die retraite nooit

meer gesnurkt terwijl ik daarvoor een zaagmachine was.

Dat kwam doordat er fundamenteel dingen in mij tot rust

gekomen waren, waardoor ik een andere slaap had. En dat

is zo gebleven. Een andere staat van zijn, zou je kunnen

zeggen. Ik ben rustiger geworden. Rustiger en een beetje

vriendelijker. Ik sta anders in het leven.’

En een bijzonder moment? ‘Ik was een keer in China in

het gevolg van Thây. Op een gegeven moment had ik met

Thây een gesprek over koetjes en kalfjes. Terwijl we aan

het praten waren, keek ik in zijn ogen en dat was een schok

voor me. Ik ben gewend iets in de ogen van mensen te zien,

Plum Village (2012)

De Klankschaal 66 • Herfst 2021 • 17


Hartveroverend

iIn gesprek met Wim Heusinkveld, Liefdevolle Toewijding van het

Hart. Wim was 35 jaar lang boer. Hij had een varkenshouderij. Hij

volgde zijn droom en begon samen met zijn vrouw Ida in 2008 het

meditatiecentrum de Maanhoeve in Drenthe. Vele gasten, waaronder

ook veel jongeren, hebben in de loop der jaren van de gastvrijheid

en de lessen van Wim en Ida kunnen genieten. De Maanhoeve kreeg

recentelijk nieuwe eigenaren, die het werk voortzetten. Wim en Ida

zullen zes keer per jaar te gast zijn met hun hart-vipassana retraites.

‘Ik was op een retraite in Plum Village. Het thema was

‘het innerlijke kind’. Ik ging op een vroege ochtend naar de

grote meditatiehal. Ik zag dat de hal leeg was. Het was vier

uur, ik was twee uur te vroeg. Ik dacht: ga ik weer slapen?

Nee, zei ik tegen mijzelf. Ik pakte drie paarse kussens die

daar liggen voor de zitmeditatie en legde ze op mijn schoot.

Die kussens waren voor even mijn innerlijke kind. Op dat

moment sloot ik een diepe vriendschap met dat kleine

jochie. Hij huilde om het gemis dat hij voelde, het gemis aan

aandacht. Ik huilde. Op dat moment beloofde ik hem: ik zal

voor je zorgen en jij, klein jochie, mag zo vaak komen als je

wilt. Over tien jaar nog, over twintig jaar nog, over dertig

jaar nog.’

Aan het woord is Wim Heusinkveld. Wim heeft samen

met zijn vrouw Ida een centrum voor ontwikkeling van

bewustzijn, van aandacht, in de traditie van Thich Nhat

Hanh. Het heet de Maanhoeve en ligt in Oost-Drenthe.

Het bestaat sinds 2008.

‘Ik ontmoette Ida 20 jaar geleden. Zij beoefende al lang

in de traditie van Thich Nhat Hanh. Ik had toen mijn

boerenbedrijf. Ik was varkenshouder en ben dat 35 jaar

geweest. Ik had veel onrust in me. Het was een hectisch

bedrijf. De meditaties van Thây spraken me meteen aan.

Ze waren heel eenvoudig en praktisch. Daardoor kwam er

meer rust in mijn hoofd en in mijn leven. Als ik tussen de

dieren was, in het bedrijf, gebeurden er soms nare dingen,

waar ik me zorgen over maakte. Dan kon ik ter plekke naar

mijn ademhaling gaan, naar mijn hart. Dan kwam er meer

rust. Dan kon ik, vanuit die rust, beslissingen nemen in

mijn bedrijf.’

Onze droom

‘We hadden beiden de droom om iets wezenlijks voor

de wereld te betekenen. Ja, en waar komt dat vandaan?

Ik weet het niet, het was er ineens. Eerst schrokken

we daarvan: totaal iets anders gaan doen. Maar we

deden alles van de hand en gingen eerst wonen in een

anti-kraakboerderij. Toen ontstond er het verlangen

een meditatiecentrum op te zetten, een centrum voor

aandachtsontwikkeling, voor bewustzijnsontwikkeling.

We hebben toen de Maanhoeve opgebouwd. Soms was er

wel paniek, zo van: gaat dit wel lukken? We hadden eerst

gedacht om er eens in de maand een retraite te geven.

Het zijn er nu 60 per jaar, 40 waarin Ida en ik de leraar zijn

en de rest door anderen: zen, sjamanisme. Mijn kinderen

verzorgen soms het kinderprogramma tijdens de retraites.

Zelf kwam ik regelmatig in Plum Village, nu elk jaar in

Waldbröl. Broeder Phap An is mijn favoriete dharmaleraar.’

‘Ik was geïnspireerd door Thây. Maar ik had net afscheid

genomen van het religieuze. Ik dacht, stap ik nu het

boeddhisme binnen, stap ik van de ene religie in de andere?

Dat ging ik niet doen. Ik ga niet allerlei dingen vertellen

over de boeddhistische psychologie of filosofie. Dat is

allemaal ‘mind’. Wat Thây dan wel voor me is? Thây is een

inspiratiebron, zoals Mandela dat is, zoals Gandhi, zoals

Ida, zoals mijn kinderen dat zijn. Ik wil vooral leraar zijn op

de hartlaag. Bij Thây voelde ik dat zijn teachings doorleefd

waren, ze zijn op de hartlaag. Ik raak alleen geïnspireerd

door mensen die doen wat ze zeggen, die zeggen wat ze

doen. Dat zag ik aan Thây. Thây heeft me erg geholpen

een hartleraar te zijn. Ida heeft me daarin ook heel

erg gestimuleerd.’

Van mezelf houden

‘Ik ben veel meer in constante verbinding met mijn hart.

Dat is gegroeid. Mijn hart is mijn bron van liefde, mijn bron

van mededogen, mijn bron van mildheid. Er is steeds meer

innerlijke vrede, innerlijke harmonie en vooral eigenliefde.

Ik had er natuurlijk 40 jaar kerk opzitten en de kerk is vooral

gericht op naastenliefde, de ander. Ik moest ten dienste

staan van de ander. Ik had nooit gemerkt dat ik van mezelf

mocht houden, dat ik geduld met mezelf mocht hebben, dat

18 • De Klankschaal 66 • Herfst 2021


In het EIAB, Waldbröl (2012)

ik de moeite waard was om van te houden. Dat ontdekken

was een feest, een groot feest. Het was bijna nieuw voor

me. Thây hielp me om in verbinding met mezelf te komen.

Eigenliefde is een basisoefening in al onze retraites. Heel

veel mensen worstelen ermee om van zichzelf te

mogen houden.’

Feestbeest

Is ons hart ook niet altijd een gewond hart?

‘Ja, ja,’ zegt Wim. ‘Door meer met mijn hart te zijn, begon

ik mijn pijn te ontdekken, begon ik mezelf te begrijpen.

Begon ik te zien waarom ik de dingen deed zoals ik ze

deed. Ik kom uit een groot gezin, het was heel druk. Mijn

ouders hielden van me, maar er was geen aandacht. Daar

was gewoon de tijd niet voor. Ik maak hun helemaal geen

verwijten, maar dat miste ik. Ik ging dat compenseren. Als

puber was ik een feestbeest, dat leverde aandacht op. Toen

ik volwassen was deed ik veel met PR. Er was geen krant,

radio of TV of ze waren bij me geweest. Ik begreep dat

nooit van mezelf. Ook dat leverde aandacht op. De eerste

jaren dat ik bij Thây was leerde ik: vanuit de pijn door het

gemis aan aandacht, doe ik al deze dingen. Toen kon ik

zeggen tegen mijn innerlijke kind: ‘Ach lieve kleine Wim,

mijn kleine mannetje, wat ben je toch dapper geweest om

dit alles te compenseren.’ Ik kon tegen het kleine jongetje

zeggen: ‘Je mag huilen, je mag huilen net zolang je wilt,

deze tranen mogen er zijn.’ Dat is zo mooi aan het woord

mededogen, het Nederlandse woord voor ‘compassie’.

Daar zit ‘gedogen’ in, het mag er zijn, het mag er gewoon

zijn, het hoeft niet weg.

In onze retraites zijn er zoveel deelnemers die hierdoor

worden geraakt. Ik laat dan muziek horen van mijn

jongste zoon, ‘Unspoken words’. Hij heeft dat op zijn 18e

geschreven. De woorden die ouders niet uitspraken naar

hun kinderen: ‘Ik houd van je.’ Als ik dit lied laat horen,

huilen ze bijna allemaal, zijn ze allemaal in tranen.

Er zijn veel dingen die me in het onderricht van Thây

aanspreken, maar voor Ida is dat het zinnetje: ‘No mud, no

lotus’. Ida is psychotherapeut en heeft een praktijk op de

Maanhoeve. Ida heeft een ernstige spierziekte, dat levert

veel ‘mud’ op, modder. Het heeft haar geleerd om heel

gedetailleerd in kleine dingen te kunnen kijken. In de natuur,

als therapeut naar mensen. Door voor de modder te zorgen

is Ida de mooiste lotus die tot bloei is gekomen!’

Eigen vorm van meditatie

Wat is lastig voor je in het onderricht?

‘Dat is de zitmeditatie, een half uur per dag mediteren

op een kussentje. Ik heb het lang geprobeerd maar heb

die discipline nooit gekregen. Ik voelde me daar schuldig

over, ik was niet goed genoeg. Op een gegeven moment

dacht ik: ‘Die Thây, die kan het mooi uitzoeken met dat

De Klankschaal 66 • Herfst 2021 • 19


zitten op een kussentje.’ Mediteren is voor mij als ik tussen

de bloemen en de struiken zit. Ik zit dan een kwartier en

verbind me met de natuur. Dan pak ik de stilte, ik pak het

‘stoppen’. Ik was een ultraloper, ik liep acht, negen uur

hard. Dit lopen was mijn meditatie. Ik ben geen goede

slaper. Als ik vijf keer per week uren wakker lig, adem

ik urenlang. Soms is er de kleine Wim die langskomt en

dan zorg ik voor mijn pijn. Als iedereen slaapt, in die stille

energie van de nacht, ben ik met de adem, dat is voor

mij mediteren.’

De wereld wordt steeds mooier

Je had het over de wereld, iets wezenlijks voor de wereld

betekenen, iets moois in de wereld neerzetten. Hoe kijk jij

tegen de wereld aan?

‘Nou, die vraag krijg ik veel van jonge mensen. We hebben

in onze retraites veel twintigers en dertigers. Die jongeren

zien het vaak donker in, ze zijn zelfs gedeprimeerd. Ik zeg

dan: ‘De wereld wordt steeds mooier. Het bewustzijn

groeit, de liefde groeit. Dat zijn hoge trillingen. De

wetenschap heeft bewezen dat de hoge trillingen de lage

meenemen, niet andersom. Dat is het wetenschappelijke

bewijs dat de liefde altijd wint. Er is alleen maar de

stijgende lijn, de dalende lijn is er helemaal niet.’ ‘Maar lees

jij dan nooit de krant of kijk je nooit naar het journaal?’

vragen ze. Mijn antwoord is: ‘Trap er niet in wat het

journaal en de krant je wijs willen maken. Ja, er is veel te

doen, er is veel lijden in de wereld, maar het wordt alleen

maar mooier.’ Als ik dat zeg, zie ik huilende jongeren die

hier zo door ontroerd zijn. Ze zeggen: ‘Dat heb ik nodig om

me in te zetten voor vrede, voor vluchtelingen. Het doet

ertoe mijn bewustzijn te ontwikkelen, het doet ertoe om

te beoefenen.’

Liefdevolle Toewijding van het Hart

‘Toen ik de Vijf Aandachtsoefeningen aannam, kreeg ik als

dharmanaam Liefdevolle Toewijding van het Hart. Daar was

ik zo blij mee! Dat er veel jongeren op onze hart-vipassana

retraites komen, een nieuwe zachte vorm van vipassana, vijf

of tien dagen in de stilte, dat inspireert ons, dat inspireert onze

liefdevolle toewijding. Er kunnen 30 mensen deelnemen, we

hebben altijd 50 aanmeldingen.

Deze hart-vipassana’s zijn wat Thây bedoelt: nieuwe vormen

van beoefening zoeken. Het is nieuw in de traditie, maar

Thây zou het prachtig vinden, ik weet het zeker. Omdat het

een hele zachte, milde, liefdevolle vorm is. Mooi hè?!’

Storm

in je hoofd

Als er een storm opsteekt, houdt hij enige tijd

aan en dan gaat hij weer liggen. Zo gaat het met

emoties ook: ze komen op, houden een tijdje aan en

verdwijnen weer. Een emotie is maar een emotie.

We zijn veel, veel meer dan een emotie. We gaan

niet dood van één emotie. Dus wanneer je merkt dat

er een emotie bij je opkomt, is het van groot belang

dat je in een stabiele houding gaat zitten of liggen.

Richt dan je aandacht op je buik. Je hoofd is als een

boomtop die heen en weer zwiept in de storm. Daar

zou ik niet blijven. Verplaats je aandacht liever naar

beneden, naar de stam van de boom, waar stabiliteit

is. Concentreer je op een plek iets onder de navel

en volg de ademhaling. Adem diep in en uit en voel

hoe je buik omhoog en omlaaggaat. Na zo’n tien of

twintig minuten zul je je sterker voelen. Sterk genoeg

om de storm te weerstaan.

Thich Nhat Hanh, uit: Vrij zijn, waar je ook bent,

Ten Have, 2005, blz. 53

Over liefde,

geboorte en dood

Hoe kun je zonder inzicht in jezelf en zonder liefde

voor jezelf ooit begrip en liefde voor een ander

voelen? En hoe zul je ooit een ander kunnen toestaan

om jou lief te hebben?

Thich Nhat Hanh, uit Leren over liefde, p. 87

Als we het leven diep zien, is er geen dood.

Thich Nhat Hanh, uit: De geur van palmbladen,

Altamira Becht, 2008, p. 90

Ik lach als ik er aan denk hoe ik ooit het paradljs zocht als een

koninkrijk buiten de wereld van geboorte en dood. Het is juist

hier in de wereld van geboorte en dood dat de wonderbaarlijke

waarheid geopenbaard wordt.

idem, p. 101

20 • De Klankschaal 66 • Herfst 2021


Het geluid van de bel,

het geluid van de boeddha

Door Ton Kamphof,

sangha Hart van Nederland

HHet is zaterdagochtend 2 mei 2009.

Zeshonderd deelnemers aan de retraite zijn

in afwachting van Thây die een dharmatalk

gaat geven. Het koor van monniken en

nonnen roept Avalokita aan, de energie

van het mededogen, de energie van het

open hart voor alles en iedereen. We zingen

mee, in aandacht en van harte. Thây komt

binnen. Stilte en concentratie zijn om hem

heen. Ik word aangeraakt door die stilte en

concentratie. Hij gaat zitten, neemt de tijd

en nodigt de grote bel uit. De bel bereikt

niet alleen mijn oren maar raakt alles in mij

aan. Ik heb dit zo nog niet meegemaakt.

Hoe moet ik het zeggen, het is een trilling

van lichtheid en aanwezigheid die mij

doordringt. De klank van een transparante

volkomenheid. De klank, de energie, is er

van binnen en er is tegelijk geen onderscheid

tussen binnen en buiten. Ik adem, ik ben er.

De gedachte gaat door me heen: ik heb mijn

dharmatalk al gehad, ik heb geen woorden

meer nodig, ook al zijn die van Thây. Er

is opnieuw de open stilte, concentratie en

aanwezigheid.

In die afstemming spreekt Thây. En wat een verrassing!

Hij spreekt over het geluid van de bel! Hij zegt:

‘Als je het geluid van de bel hoort,

kun je alle cellen van je lichaam

toestaan om te luisteren.

Zo kan het geluid van de bel doordringen tot in alle cellen.

Het geluid van de bel komt niet echt van buiten,

het geluid van de bel zit al in je.

En iedere keer dat we de bel horen, zal het geluid van de

bel dat binnen ons aanwezig is antwoorden op het geluid

van de bel dat van buiten komt.

Het geluid van de bel is de stem van de boeddha in ons, die

ons roept om terug te gaan naar ons ware thuis.

De boeddha in ons is het beste binnen ons, het mooiste, het

meest vredelievende, het gelukkigste in onszelf.

Ieder van ons heeft de boeddha-aard, het vermogen tot

vrede, tot geluk, tot mededogen.

Met het geluid van de bel worden al onze cellen

uitgenodigd om onze boeddha-aard te laten klinken en zo

wórden wij het geluid van de bel. Op die manier kunnen

alle redeneringen en discussies in ons hoofd stoppen en zijn

diepe vrede, geluk en vreugde in ons voelbaar.’

Door deze woorden ben ik nog dieper geraakt dan ik al

was. In al mijn cellen. Met deze korte inleiding, hoor ik een

van de mooiste en meest fijnzinnige dharmatalks die ik van

Thây ooit heb gehoord, al is dit slechts een introductie.

De Klankschaal 66 • Herfst 2021 • 21


Pestende medescholier

CCameron Barnett, 13 jaar, bezocht met zijn moeder JoAnn de familieretraite in Plum

Village in 2006. Eerder deden ze dat in Massachusetts. Wat hij leerde tijdens de

retraites paste hij toe op school.

‘Het was zo belangrijk voor mij Thich Nhat Hanh te horen

en Plum Village te bezoeken, omdat het me leerde hoe

belangrijk het is om in het moment te zijn en de dingen stap

voor stap te doen. Thây leerde mij sympathie te voelen voor

hen die gemeen zijn naar anderen of die naar tegen me doen,

omdat hun zielen niet in staat waren het beter te doen. Hij is

een bijzondere persoon. In zijn aanwezigheid voelde ik dat op

een of andere manier alles wat ik verkeerd had gedaan oké

was en ik was gelukkig.’

Meer ontspannen

‘Toen ik thuis was, was ik veel meer ontspannen en ik

hielp sommige nieuwe kinderen op school hun spullen te

dragen naar hun kamers. Een bepaald individu dat voorheen

vervelend naar mij had gedaan kwam de volgende dag

naar me toe en maakte me belachelijk omdat ik naar deze

retraite was gegaan. Ofschoon hij een extreem beledigende

opmerking maakte, dacht ik aan wat Thich Nhat Hanh me

had verteld en antwoordde eenvoudigweg: ‘Hoe is het met

je?’ Hij schreeuwde opnieuw naar me en ik zei: ‘Ik heb een

prachtige vakantie gehad, hoe was die van jou?’ Het duurde

ongeveer een week, maar de maandag erop deed hij niet

meer vervelend. Nu zijn we goede vrienden.

Mijn leraren merkten ook op dat ik veranderd was. Vanaf

het eerste moment dat ik terug op school was, was ik meer

ontspannen, kalm en geduldig. Ik was ook gelukkiger. Voor

die tijd, als iemand iets had gedaan waar ik het niet mee eens

was, sloot ik me voor hem af en sprak niet meer met hem.

Thich Nhat Hanh leerde me dat iemand uitsluiten even erg

is als iemand pesten en dat, als ik iemand uitsloot, het een

gewoonte zou worden. Ik had dit onthouden en werkte hard

om vriendelijk naar iedereen te zijn en te luisteren naar wat

ze te zeggen hadden. Het verbaasde me echt en heeft mijn

leven voor altijd veranderd.’

Uit: The Mindfulness Bell 45, zomer 2007

Vraag- en antwoordsessie tijdens de Papendal retraite in 2006

22 • De Klankschaal 66 • Herfst 2021


foto: Bart Notelaers

Met de volgende

ademhaling

opnieuw beginnen

pPieter Loogman, Full Path of the Heart, is lid van de Open Hart

sangha in Alkmaar. Hij maakte jarenlang deel uit van de redactie

van de Klankschaal.

Toen Pieter jaren geleden het boekje van Thây Iedere stap is

vrede in handen kreeg en doorbladerde, wist hij nog niets van

Thây en Plum Village, maar het resoneerde meteen. Het

was vooral de liefdevolle toon. Hij was tot dan toe bezig met

Japanse zenmeditatie en jarenlang met karate. Dat strakke

en formele was uiteindelijk niets voor hem. In Plum Village

was het echt anders.

Ik ben thuis!

Tijdens de eerste retraite

hoorde hij Thây zeggen: ‘I

have arrived, I am home.’

Dat sprak hem erg aan.

Pieter: ‘Het betekent dat ik

het niet buiten mezelf hoef

te zoeken. Ik hoef niet naar

buiten, naar anderen te

kijken en te vragen: ‘Maak

me heel.’ Nee, het is er al.

Thây heeft daarvoor de

allerkortste beoefening:

‘Ik adem in en weet dat ik

inadem, ik adem uit en weet

dat ik uitadem.’ Die eenvoud

spreekt me erg aan. Als ik in

contact ben met mijn ware

zelf, voel ik een warmte in

mijn borst, heb ik het gevoel

‘het is goed’. Dat is er ook

niet altijd. Maar het mooie is wel, dat je altijd opnieuw kunt

beginnen. Als ik in de meditatie afgeleid ben, kan ik met de

volgende ademhaling weer opnieuw beginnen.’

Me gedeisd houden - van mezelf houden

‘In het gezin waarin ik groot werd was er veel verdriet. Dat

had en heeft op mij ook zijn doorwerking. Mijn vader was 54

toen ik werd geboren en ik kende hem niet anders dan oud

en ziek. Hij was hartpatiënt en kankerpatiënt. Mijn broer

werd psychotisch, mijn vader werd geopereerd. Het was

aan alle kanten ellende. Ik was de jongste en dacht: ‘Laat ik

me maar gedeisd houden, rustig in mijn hoekje.’ Ik cijferde

mijzelf weg en ontwikkelde daardoor een vrij laag autonoom

zelf. De beoefening heeft me hierin erg geholpen. Wat er in

mij geheeld is? Dat is het gekwetste kind. Dat is nu tevreden

en rustig. Ik kan nu veel meer van mezelf houden. Ik merk

ook dat ik meer mijn passie ga beleven. Ik ben bezig met een

opleiding tot mindfulnesstrainer. Ik vind het geweldig om

daarmee ook anderen te kunnen helpen. Zo terugkijkend is

er veel om dankbaar voor te zijn.

In de sangha kom ik graag. We doen meditatie, we delen.

Je ontdekt dat je niet de enige bent die met lastige dingen

zit. Het is ook een beoefening van compassie en het samen

beleven van vreugde. Het is fantastisch zo’n sangha

te hebben!’

De Klankschaal 65 • Zomer 2021 • 23


24 • De Klankschaal 66 • Herfst 2021


Picknick in het EIAB Waldbröl (2012)

De Klankschaal 66 • Herfst 2021 • 25


foto: Derk Stenvers

Met meer licht en humor

in het leven staan

iIn gesprek met Jasper Vaillant. Jasper is 30 jaar. Hij heeft aan de

theaterschool gestudeerd en is theatermaker. Hij maakt voorstellingen

op scholen in Rotterdam en in Utrecht. Jasper is in 2014 in Plum Village

geweest en is nu actief in de Wake Up groep in Utrecht.

‘Ik kom uit een spirituele familie. Mijn ouders hebben

ooit Thich Nhat Hanh genoemd. Ze zeiden dat hij een

interessante leraar is. Verder deden ze daar weinig mee.

Ik ben de theateropleiding gaan doen onder andere omdat

ik ervan houd om heel intens met dingen bezig te zijn, om

samen te werken, om met mensen uit te wisselen. Die

intensiteit kon ik in het dagelijks leven niet vinden. Daarom

ging ik op zoek.’

Plum Village: ontspanning en plezier

‘In de zomer van 2014 ging ik naar Plum Village. Daar vond ik

herkenning van die intensiteit. Ik vond het in de rust die daar

was: gewoon zitten, theedrinken, daar zijn. Die rust heeft

me heel veel gebracht. Ik heb Thây ook horen spreken. Eerst

kon ik daar niet zo heel veel mee. Ik was met mijn hoofd aan

het luisteren. Toen zei ik tegen mezelf: als ik het nou gewoon

als een meditatie zie... Vanaf dat moment daalde het heel

diep in. Thây sprak bijvoorbeeld over het zien van de wolk

in de thee. De wolk die niet doodgaat maar regen wordt. Ik

dacht: aaah... yes!! Het was zo’n heldere uitleg van een heel

moeilijk concept, dat van dood en leven.

In Plum heb ik ook in aandacht gegeten. Dat was nieuw voor

mij. Het was eigenlijk heel leuk om te doen. Je proeft veel

meer als je aandachtig eet. Ik ben daarna op slag vegetariër

geworden. Ik herinner me ook de ontspanning en het plezier

die er waren. Ik heb met de monniken gevoetbald. Erg leuk!

Dat kende ik niet zo vanuit mezelf. Ik ben een streber, een

harde werker, een perfectionist. Ook in meditatie ben ik

gewend om erg mijn best te doen. Dus de uitnodiging om in

de meditatie te genieten was heel behulpzaam.

De loopmeditatie was ook erg mooi. Met een grote groep,

Thây voorop met de kinderen. In de loopmeditatie voel je de

beweging, ben je meer in je lichaam. Dat is erg prettig.’

Herinnering aan wie ik werkelijk ben

‘Toen ik naar Utrecht verhuisde, ben ik bij de sangha gegaan.

Dat is nu bijna vier jaar geleden. Toen ik er aankwam was

de groep uit elkaar aan het vallen. Er was één iemand die

alles deed: begeleiding, financiën, enzovoort. Hij heeft toen

anderen erbij gevraagd en ik ben bij dat kernteam gekomen

en daarna is het heel erg gaan groeien. We komen nu elke

week bij elkaar, we organiseren retraiteweekenden, tot voor

kort in Tricht en ook landelijk.

De sangha is voor mij een hele grote steun. Ik ben altijd

op zoek geweest naar een gemeenschap. In mijn studie

heb ik die wel gevonden, maar zo’n groep valt ook weer

uit elkaar als de studie voorbij is. Hier vind ik een groep

gelijkgestemden die samen zoeken. Dharmadelen is een

hele mooie oefening. De dingen die andere mensen zeggen,

zeggen vaak iets over mijzelf. Het is dan bijna niet meer

zo dat één mens spreekt, maar dat de sangha zelf spreekt,

het geheel. Anders dan in een vriendengroep is iedereen er

welkom. De sangha helpt me herinneren aan wie ik werkelijk

ben. Hoe je dat ook wilt noemen: bewustzijn, liefde of het

ware zelf. Dat heeft niet met de persoon te maken, maar

het heeft te maken met de traditie, met de structuur. Ik

kan het merken als wij vergaderen. Als de structuur van

het dharmadelen wegvalt, dan is de groep meteen reactief.

Die structuur, die aandacht en stilte in de groep is een

solide basis, een stevigheid in het moment. Het is ook een

zachtheid, een liefdevolle aanwezigheid. Mensen zeggen in

de sangha tegen mij dat ik heel veel lach, dat ze zo dankbaar

en blij zijn met mijn lach, terwijl ik in een andere omgeving

vaak hoorde dat ik zo serieus was. Ook de voorstellingen

die ik maakte waren vaak zwaar. Niet persé verkeerd,

maar het miste lucht, het miste adem. Het heeft me in mijn

persoonlijke ontwikkeling echt geholpen om lichter en met

meer humor in het leven te staan. Dat maakt de Wake Up

sangha in me wakker.’

Vraag over zelfmoord

‘Ik herinner me een antwoord van Thây in Plum

Village op de vraag van een meisje die sprak over haar

zelfmoordneiging. Thây antwoorde helemaal niet persoonlijk

26 • De Klankschaal 66 • Herfst 2021


in het EIAB Waldbröl (2012)

op haar vraag. Hij zei: ‘Jij bent opgegroeid in een wereld die

zoveel van je vraagt, waar zo weinig echt wordt stilgestaan

en zelden echt de tijd wordt genomen. Wat we moeten

doen is die omgeving, die wereld veranderen.’ Thây’s tip

was: zoek omgevingen op waar meer rust is. Ik vond dat

eerst vreemd en vroeg me af waarom hij niet wat meer

persoonlijk op haar reageerde. Maar hij wees op een dieper

niveau. De sangha is dus een omgeving waarin de zaadjes

van rust, vertrouwen en blijdschap worden aangesterkt.

Langzamerhand, door veel te oefenen, merk ik dat die

kwaliteiten meer tot bloei komen en dat we elkaar daarmee

helpen. Als ik me dat realiseer voel ik heel veel blijdschap en

dankbaarheid.

Daarom wil ik daarin doorgroeien en ik wil daar ook in

investeren. Ik doe Facebook voor de groep, ik beantwoord

mails. Dat is niet het leukste, maar ik doe het voor het

geheel. De volgende stap is dat we zorgdragen voor de

landelijke organisatie van Wake Up.’

Een liefdesbrief aan mezelf

‘Het is zo simpel wat Thây zegt. Ik denk dan soms: ‘Maar

dat weet ik toch al!’ Maar daarna word ik weer verrast.

Ik lees bijvoorbeeld het boek Spreken met liefde, luisteren

met compassie en daar staat het volgende zinnetje in: ‘Wie

veel zelfkritiek heeft, die begrijpt zijn eigen lijden nog niet.’

Dat sloeg echt in als een bom. Ik had heel veel zelfkritiek.

Zelfkritiek is het afstraffen van jezelf, de pijnlijke dingen

afweren. Het is heel belangrijk om met nieuwsgierigheid

naar de pijn die eronder ligt te kijken. Het is een andere

manier om naar zelfkritiek te kijken. Ik heb in die retraite een

liefdesbrief aan mezelf geschreven. Dat was ook een tip van

Thây. Het heeft me erg geholpen om anders naar mezelf te

kijken. Je mag tegen jezelf zeggen: ‘Lief klein kind, ik ben er

voor je.’ Ik besefte dat ik dat nooit had gedaan. De strekking

van de brief aan mezelf was: ‘Ik heb je heel vaak bekritiseerd

en aangemoedigd, maar je troosten, helpen, omarmen? Dat

heb ik nooit gedaan, niet echt.’ Ik heb op de toneelacademie

hard gestreefd om heel goed werk te maken, er was een

soort strengheid. Dat was de manier waarop ik met mezelf

omging. Dus, die brief schrijven hielp me enorm.’

Ik hoef het niet op te lossen

‘Ik woon dicht bij het kanaal. Ik zat op een gegeven moment

met veel stress. Het ging om een relatie die uit was. ‘Moet

ik daar nog iets mee?’ vroeg ik me af. Toen kwam de zin

voorbij: ‘Healing is possible in every moment.’ Het raakte

me en hielp me om te ontspannen. Ik realiseerde me: ik hoef

niet iets te doen om het helder te krijgen, om dit te helen.

Ik móét vaak van alles om te zorgen dat iets geheeld wordt.

Thây draait het om en zegt: ‘Het kan nu, door te ademen.’

Het leerde me: ‘Ik hoef niets meer, ik hoef niets meer te

doen, ik hoef het niet op te lossen. Ik kan gewoon naar het

water kijken, van de zon genieten en dat is het.’ Daardoor

kon ik ontspannen. Dat was erg mooi.

Het begeleiden is ook een verdieping van de beoefening,

de begeleiding van een sangha-avond en bijvoorbeeld van

De Klankschaal 66 • Herfst 2021 • 27


een familiegroep tijdens een zomerretraite. Als ik

begeleid, heb ik het gevoel dat ik het bijna niet ben

die begeleidt, maar dat ik kan rusten in een soort

aanwezigheid die er is. Dat is ook de verbinding met

mijn werk als regisseur. Het geeft me de mogelijkheid

om een veilige ruimte te creëren waarin mensen

dingen kunnen uitwisselen. Ik zie en merk dan: jouw

geluk is mijn geluk en jouw lijden is mijn lijden. Dat

komt uit de Vijf Aandachtsoefeningen. Wat in die

groep tijdens de retraite werd gedeeld aan verdriet en

vreugde, dat was ik gewoon aan het dragen. Ik voelde

daar: dit is wat ik wil en wat ik kan doen.’

Monniken in het EIAB (2012)

Dieperliggende aspiratie

‘Ook is er in mij een veel dieperliggende aspiratie die

ik soms kan voelen. De aspiratie om meer vrede in de

wereld te brengen. Soms kan ik geen contact leggen

met die aspiratie. Als ik in een soort ‘doemodus’ ga

zitten, raak ik die kwijt. Daarnaast is het zoeken zelf

ook een reden om nog lang op dit pad door te gaan.

Ik ben heel erg van het onderzoeken en bevragen.

Meditatie nodigt daartoe uit.’

Ramp in Japan

In 2011 veroorzaakte een ernstige

zeebeving een tsunami aan de

noordoostkant van Japan. De

kerncentrale van Fukushima werd zwaar

beschadigd. Officiële cijfers vermelden

meer dan 19.000 doden, 6.000 gewonden

en 2.500 vermisten. Thây schreef na de

ramp de volgende brief.

Lieve vrienden in Japan,

Als we nu kijken naar het grote aantal mensen dat

gestorven is in deze tragedie, voelen we heel sterk dat

wij zelf op een bepaalde manier ook zijn overleden. De

pijn van een deel van de mensheid is de pijn van heel de

mensheid. De mensheid en de aarde zijn één lichaam.

Wat een deel van het lichaam overkomt, overkomt het

hele lichaam. Wat is gebeurd, herinnert ons aan de

vergankelijke natuur van ons leven. Het helpt ons elkaar

eraan te herinneren wat het meest belangrijk is: om

van elkaar te houden, om er voor elkaar te zijn en om

elk moment waarin we leven te koesteren. Dat is het

beste wat we kunnen doen voor allen die overleden zijn:

we kunnen op zo’n manier leven dat ze kunnen voelen

dat hun leven doorgaat in ons, met meer aandacht,

meer diepte, meer schoonheid. Dat we elke minuut

van het leven dat tot onze beschikking staat voor hen

proeven. Hier in Frankrijk en in onze oefencentra in

de hele wereld zullen onze broeders en zusters voor

jullie chanten en jullie de energie van vrede, heling en

bescherming sturen. We bidden voor jullie met heel

ons hart, onze adem en onze dagelijks acties, met meer

mededogen en meer begrip.

Thich Nhat Hanh,

uit De Klankschaal 35, voorjaar 2011

28 • De Klankschaal 66 • Herfst 2021


Spreeuwen in een bamboebosje

mMonique Swart, True Power of

Confidence, oefent met de sangha

in Leuven. Ze is lid van de Orde

van Interzijn en begeleider in het

aspirantentraject van de Orde.

‘Ik zag Thây voor het eerst in het EIAB tijdens een retraite

in 2010. We zaten in de grote tent en iedereen ging staan

en keek de kant uit waar Thây aankwam. Ik zag hem

nauwelijks, hooguit zijn mutsje tussen de andere monniken.

Maar ik zie zo voor me hoe kalm en rustig hij het podium

opging. Ik ben nog nooit iemand tegengekomen die zo een

authenticiteit uitstraalde in gewoon stappen. Het was

wonderlijk, zo duidelijk als hij aanwezig was. Ik dacht: zonder

een woord te zeggen verspreidt die man zijn boodschap.’

Geluk bestaat naast lijden

‘Een belangrijke les die ik geleerd heb van Thây, is dat

er naast lijden tegelijk geluk kan bestaan. Dat lijden niet

betekent dat geluk afwezig is. Thây’s inzichten gaven me

ook ruimte om de pijn in mezelf toe te laten zonder bang

te zijn erdoor te worden overspoeld. De directe aanleiding

voor mijn zoektocht was angst voor de dood. Ik kreeg voor

de tweede keer longkanker en stond voor de keuze opnieuw

een deel van een long te laten verwijderen. In de sangha

Leuven vond ik rust, een thuis en verbinding met anderen.

Daarnaast boden de retraites de mogelijkheid om nog dieper

te kunnen kijken.

In 2014 zijn twee van mijn broers aan longkanker gestorven.

Ik kon hun dood bewust meemaken. Ik ben heel verdrietig

geweest en tegelijkertijd kon ik erlangs blijven staan en voor

mezelf blijven zorgen. Ik kan ook zien dat ze niet weg zijn.

Wat ik van Thây geleerd heb, is daarin heel kostbaar.

Na de begrafenis van mijn jongere broer maakte ik een

wandeling in het park. Ik zag een zwerm spreeuwen in de

lucht cirkelen. De ene groep na de andere liet zich uit de

lucht vallen om zich te nestelen in een bamboebosje. Ik keek

er vol verbijstering naar. Ik hoorde het geritsel van al die

vogeltjes die een plekje zochten in het kleine bosje. Ik was

verdrietig en tegelijkertijd zo gelukkig. Alsof mijn broer daar

bij me was. Zonder de beoefening zou ik dat waarschijnlijk

niet opgemerkt hebben.’

binnenin aanwezig zijn. Daardoor aanwezig kunnen zijn naar

buiten. Geluk is altijd verbinding, denk ik.

Laatst zat ik met mijn man aan tafel te eten, in een

ongemakkelijke stilte na een conflict. Allebei zwijgend

met onze gekwetste gevoelens en onze trots. Ik was in

gevecht met mezelf, totdat ik de kracht vond om de stilte

te doorbreken en te zeggen: dit doet pijn. Toen zijn we er

ook uitgekomen. Dankzij het inzicht in interzijn kon ik uit de

slachtofferrol stappen. Ook dat is geluk voor mij.

Het oefenen met de Vijf en de Veertien

Aandachtsoefeningen heeft me geholpen om van mezelf te

leren houden en goed voor mezelf te zorgen. Ik heb altijd

gedacht dat het belangrijker was om goed voor anderen te

zorgen. Ik ben opgegroeid in een warm gezin. Maar er was

ook veel lijden en ik leerde al vroeg om sterk te zijn en op mijn

jongere zusje en broertje te passen. Het heeft lang geduurd

voordat ik snapte dat zelfzorg niet anders is dan zorgen voor

het geheel. Omdat we interzijn.’

foto aangeleverd door Monique Swart

Van mezelf leren houden

‘Geluk ligt in aanwezig zijn voor wat zich op dit moment

voordoet, ook als dat pijnlijk is. Thuiskomen bij mezelf, echt

De Klankschaal 66 • Herfst 2021 • 29


Mij wenden naar

het licht

foto: Frans van Zomeren

Israëliërs en Palestijnen ontmoeten

l‘Lieve Thây, ik ben een jonge Palestijnse vrouw, die vorige

week deel uitmaakte van de Palestijns-Israëlische groep

in Plum Village. Ik heb een week in het paradijs gewoond.

Ik voel dat Plum Village het paradijs is vanwege twee

redenen: de locatie en sfeer en het feit dat onze vijanden

onze vrienden waren. Alle mensen om mij heen waren mijn

familie. Ik kon de warmte van de liefde voelen die uitstraalde

vanuit iedere ziel en doordrong in mijn duistere hart.

Het duister heeft in mij geleefd sinds mijn kinderjaren, de

duisternis die was veroorzaakt door onze ‘neven’, de ‘neven’

die mijn kindertijd wegnamen en die zich nu op mijn jeugd

richten. In jouw paradijs was mijn stem zelfs gedurende de

edele stilte te horen. Mijn hart werd geraakt en het duister

werd veranderd in licht.

elkaar in Plum Village.

Vrede en liefde

‘Als ik onrustig ben en het gaat niet zo lekker, kijk

ik naar de foto van Thich Nhat Hanh die ik in mijn

huiskamer heb staan. Dat helpt me. De vrede en liefde

die hij uitstraalt wekken ook vrede en liefde bij mij op.

Op een kalligrafie die ik van hem heb staat: ‘peace

begins with your lovely smile’. Als ik glimlach naar de

mensen om me heen, is dat prettig voor hen en ook

voor mijzelf. Ik weet: het kost niets om vriendelijk te

zijn. Als ik glimlach, zie ik de dingen om me heen ook

veel beter. Ik ben het trouwens ook snel weer kwijt.

Mij helpt dan de beoefening, het teruggaan naar

de adem, het lezen van een stukje tekst, een video.

Al met al heb ik meer kalmte gekregen, ik kan mijn

ernstige vermoeidheidsproblemen beter aanvaarden,

ik kan beter alleen zijn en rust meer in mezelf. Dat is

grote winst.’

Nu ben ik terug thuis. Ik ben bereid mijn vijanden als

vrienden te accepteren. Ik zal proberen mijn adem te

synchroniseren met hun adem. Ik zal zorgen dat mijn stem

vrij is en ik zal twee keer luisteren voordat ik zal spreken.

Dank je dat je ons opneemt in je paradijs en dat je ons

blootstelt aan het onderricht van de Boeddha. Eén ziel in

Palestina is veranderd. Ik kijk nu naar het licht.’

(November 2001. Uit: The Mindfulness Bell 31,

zomer 2002)

Ine, sangha Utrecht

30 • De Klankschaal 66 • Herfst 2021


Terugkeer naar

het 'Nu'

‘Alles waarnaar je altijd hebt gezocht

blijkt aanwezig te zijn in het huidige moment.

Voor wie wil vinden

is terugkeren naar het nu het grote geheim.’

(p. 59)

‘Je hoeft alleen je aandacht te richten op je in- en

uitademing.

Volg je adem en glimlach ernaar. Als je met volle

aandacht bij de inademing bent, ben je helemaal

aanwezig. Door zo te ademen, breng je je geest

terug naar je lichaam en ben je volledig aanwezig

in het nu. Koester dit moment en je bevindt je in

een staat van vrede en vrijheid. Iedere ademhaling

is een wonder en iedere ademhaling is in staat om

je te voeden en te helen.’

(p. 81-82)

Thich Nhat Hanh,

uit: In het Nu, Ten Have, 2016

Zachte stappen

iInzichtsgatha van Jane Hulshoff Pol-Merit,

True Precious Manifestation

Jane was dharmaleraar en woonde om

gezondheids¬redenen (ze had een chronische ziekte

vanwege jeugdreuma) haar laatste 12 jaar in Portugal. Daar

begeleidde ze regelmatig retraites. Jane overleed in 2017.

Ze heeft vanwege haar fysieke conditie veel geleden. Ze

had vaak pijn en een sterk verminderd gezichtsvermogen.

Haar dharmanaam was Ware Kostbare Manifestatie. Bij haar

heengaan schreef een hartsvriendin: ‘Haar glimlach is ze

nooit kwijtgeraakt’. Haar man Look schreef: ‘Zij kon diep

luisteren naar en aanwezig zijn voor mensen in pijn, want ze

wist wat het was om diep te lijden’.

De inzichtsgatha die ze schreef ter gelegenheid van haar

wijding tot dharmaleraar luidde als volgt:

‘Van onder een grote eikenboom

waait de wind de bladerrijke takken langs de hemel.

Het gedempte middaglicht bereikt me.

Ik kom tot leven.

Alles is goed.

De wind neemt toe,

dansende takken boven me veranderen het licht.

Het duister van de nacht komt over me

en ik verlies mijn tred.

Uitgeput.

Ik zit.

Ik adem.

Ik stap vanonder het luifeldak vandaan.

Zachte stappen.’

Thây antwoordde:

‘Dit had ik kunnen schrijven.’

foto kalligrafie: Gré Hellingman

foto aangeleverd door Look Hulshoff Pol

Jane en Look in Portugal

De Klankschaal 66 • Herfst 2021 • 31


Een wolk

sterft niet!

Door Tineke Spruytenburg,

iIn augustus 2014, op de eerste dag van de Nederlandse

retraite in het EIAB, vertelde Thây over het leven van een

wolk. Thây haalde een thermosfles uit zijn tas en vertelde dat

er gekookt mineraalwater in zat. ‘Weet je dat het water uit

de wolken komt?’ vroeg Thây. ‘Als een wolk een tijdje langs

de hemel heeft gezweefd, verandert hij in regen en valt naar

beneden. Je denkt misschien dat de wolk dood is gegaan. In

werkelijkheid is hij alleen maar veranderd in regen en water.

Als je meditatie beoefent, weet je hoe je moet kijken.

Ik ga nu wat water in mijn glas schenken. Als je heel

geconcentreerd bent, zul je zien dat er een wolk in het glas

zit.’ Thây hield het glas omhoog: ‘Iedereen is het erover eens

dat er water in het glas zit. Een wolk ziet er niet zo uit als

dit. Een wolk is veel lichter en drijft aan de hemel. Maar in

werkelijkheid zit de wolk in het water. Hij is niet dood, hij is

alleen veranderd in water. Als je meditatie beoefent dan zie

je de wolk in het water. En dan kun je je voorstellen dat het

water praat met de wolk in zichzelf.’

True Graceful Fragrance

Een prachtige reis

‘Het water zegt: ‘Hallo, lief wolkje dat in mij is. Vertel me

eens, hoe voelt het nou om een wolk te zijn die in de lucht

drijft? Heb je de tijd gehad om naar beneden te kijken en de

schoonheid van de bergen, de rivieren en de bomen te zien?

Of had je het te druk met vechten met andere wolken? Vertel

me alsjeblieft over je leven als wolk.’ Als het water luistert,

vertelt de wolk hoe het voelt om daarboven een wolk te zijn

en naar beneden te kijken.

Net als het water, zou jij ook kunnen praten met de wolk:

‘Mijn lief klein wolkje, mis je de hemel? Wil je teruggaan naar

boven? Ik kan je helpen. Er zijn heel veel manieren om weer

terug te gaan de lucht in. Als je graag snel terug naar boven

wilt, kan ik je koken. In 15 minuten ben je weer een wolk. Het

gaat heel snel.

Maar weet je dat het hierbeneden op de aarde ook heel mooi

is? Je zou dus eigenlijk langer moeten blijven om te genieten

van de schoonheid van de aarde, voordat je weer naar boven

gaat om een wolk te worden. Ik nodig je nu uit om mijn

lichaam te bezoeken. Dat kan als ik je opdrink. Het is een

prachtige reis.

Als je in mijn lichaam bent dan heb je een rode kleur. Je gaat

langs allerlei wegen. Je bezoekt mijn longen, mijn nieren, mijn

lever, mijn darmen. Je bezoekt alle cellen in mijn lichaam, die

in harmonie samenwerken. Je blijft misschien 20 uur in mijn

lichaam en al die tijd kun je genieten van een menselijk lichaam

aan de binnenkant. Soms hoor je daar het geluid van de zee.

Misschien heb je kans om in mijn lichaam de wind te horen

zingen. Daarna adem ik je uit. Want in de lucht die ik uitadem,

zit waterdamp en zo ga jij dan naar buiten.

Je gaat er ook via een andere weg uit, als ik ga plassen. Ik zal

niet naar het toilet gaan, want dan duurt het zo lang voordat

je weer in de lucht bent. Ik ga naar het bos hier vlakbij. Als

je eruit komt, kun je meteen weer de lucht in. Als je dan

weer boven bent, vertel dan aan je vrienden hoe mooi het

hier beneden is. Ik weet dat het heel leuk is om in de lucht te

drijven en naar beneden te kijken. Maar het is ook heel mooi

om hier op aarde te zijn. Als je een tijdje daarboven bent

geweest, kun je weer naar beneden komen in de vorm

van regen.’

Een vorig leven

Thây vertelde verder: ‘Lieve vrienden, mensen denken dat

geboorte en dood bestaan. Maar als we mediteren kunnen

we zien dat er geen echte geboorte en geen echte dood is.

Als je je wolk in de lucht niet meer ziet, zeg dan niet dat de

wolk dood is. Hij is alleen veranderd in regen. Als je geen

water meer in het kopje ziet, zeg dan niet dat het water is

doodgegaan. Er is geen geboorte en geen dood, er is alleen

transformatie van de ene vorm naar de andere. Dit is de

meditatieoefening voor deze ochtend.

De wolk is altijd aanwezig in het water, ook als ze niet meer

de vorm van een wolk heeft. Je kunt zeggen dat de wolk een

vorig leven is van het water. Het is niet alleen een vorig leven

van het water, maar ook het leven van nu.’

Thây is in jou

We weten nu dat de retraite in augustus 2014 de laatste keer

was dat we Thây zo konden horen praten. Hij heeft ons op

die eerste dag geleerd wat we kunnen doen als we

Thây missen.

Ken je nog dat liedje: ‘Ik ben een wolk’? Misschien dacht je

ooit: ‘Hoe kan dat nou. Ik ben geen wolk, ik ben een kind.’

Als je het verhaal van Thây over de wolk goed hebt begrepen,

dan weet je nu dat jij inderdaad ook de wolk bent. En de

regen en de berg en het bos... Misschien voel je dan ook hoe jij

tegelijkertijd jezelf bent én een voortzetting van Thây.

Thây is in jou!

Wanneer je ernaar verlangt om Thây te zien, ga dan terug

naar dit verhaal en zie Thây in jezelf. Kijk naar de wolken

aan de blauwe lucht en zie Thây daarin. Drink voorzichtig je

warme thee en zie Thây in de thee, in de warme lucht die

opstijgt, in de wolk en in de regen die op het dak van de school

tikt. Als je goed kijkt, dan zie je dat Thây hier is, in heel veel

vormen, in jou, in je ouders en in de hele sangha.

(Vertaling van Thây’s dharmalezing: zuster Sang Nghiem)

32 • De Klankschaal 66 • Herfst 2021


Zo dankbaar!

tTonja Mos oefent in een van de sangha’s in

Utrecht. Voorafgaand aan de ervaring met

Thich Nhat Hanh, heeft ze de vierjarige

opleiding psychosynthese gedaan, aan

vipassana-retraites deelgenomen en

beoefend bij zenleraar Ton Lathouwers.

‘Ik weet van mezelf dat ik een onrustige geest heb. Er was

altijd een verlangen naar meer verstilling, meer aandacht,

meer naar binnen gaan. Te zijn met wat er is.

Het belangrijkste wat ik in de sangha geleerd heb is het

‘interzijn’. Aandacht en mededogen kende ik via de Beweging

van Barmhartigheid. Die aandacht en mededogen zijn

trouwens in de sangha wel verdiept. Maar ‘interzijn’ was

nieuw voor mij. Het woord had ik nog nooit gehoord. Als ik

een bloem zie, zie ik de zon, de aarde, de lucht, het water,

de mensen die bloemen verzorgen, enzovoort. Prachtig! Ik

zie alles meer in zijn context. Interzijn is anti-ego. Je zegt

niet meer: ‘Kijk eens wat ik voor elkaar heb gekregen,’ maar:

‘Er zijn vele omstandigheden, vele voorwaarden die daartoe

hebben bijgedragen.’ Interzijn geeft me verwondering, wat

een wonder allemaal! Het geeft ook een groot gevoel van

dankbaarheid.’

Cardioloog

‘Gisteren was ik bij de cardioloog. Ik moet daar eens in de

twee jaar naar toe. Hij zei: ‘Goh, wat zie jij er goed uit.’ Ik zei

tegen hem: ‘Ik heb geleerd en mag ervaren dat ik gelukkig kan

zijn in het huidige moment. Wat er ook gebeurt in mijn leven

aan nare dingen, sterfgevallen, ziektes, zorgen, er is altijd

meer geluk te vinden. Er is de zon die me verwarmt, de aarde

die mij voedt, de regen die mij verfrist, de lucht en de adem

die mij leven geeft.’ Dat is meer dan een mooie gedachte. Ik

ervaar dit echt. De dokter zei dat hij ook wel in die richting

denkt en ik heb beloofd hem de tekst te mailen. Misschien

komt het daardoor dat het goed met me gaat.’

Dankbaar voor mijn buik

‘Sommige lichaamsoefeningen spreken me ook erg aan.

Bijvoorbeeld de ‘totale ontspanning’, de bodyscan. Die

heeft een energetisch deel, het bewustzijn van mijn lichaam

en de ontspanning van het lichaam. Maar er wordt ook

dankbaarheid uitgesproken voor elk lichaamsdeel, voor de

voeten waarmee ik

kan lopen, het hart

dat iedere minuut

werkt voor mij. Neem

nou mijn buik. Ik kan

zeggen: ‘Die buik is

wel wat dik,’ ik heb

dan allerlei oordelen.

Ik kan ook zeggen:

‘In deze buik, in

deze baarmoeder

zijn twee kinderen

gegroeid en daar

ben ik heel dankbaar

voor.’ Dat spreek ik

in die oefening uit

en dat doet me veel.

Ik realiseer me dan dat het lichaam een wonder is: hoe alle

miljoenen dingen in mijn lichaam samenwerken, het is een

wonder en een mysterie. Ik ben het mysterie!’

Woede doorzien

en loslaten

‘Voor mij begon het met het boek Omarm je woede. Ik

kon nogal mopperig zijn. Mopperen op de kinderen,

mopperen op mijn partner, op van alles mopperen.

En het bleef niet alleen bij mopperen. Ik was heel

vaak erg kwaad. Ik kon er met vriendinnen over

praten en ze gaven me allemaal gelijk! Ik kon het

ook allemaal goed verwoorden. Maar ik kwam er

geen steek verder mee. Het hielp niemand, ook

mijzelf niet. Ik las het boek van Thich Nhat Hanh en

herkende daar veel van. Ik werd me ervan bewust

dat mijn kwaadheid een verslaving was geworden.

En ik ben ermee gestopt. Heb een aantal beslissingen

genomen. Ik word nog wel eens kwaad, maar lang

niet meer zoals een paar jaar geleden. Als kwaadheid

opkomt, merk ik dat en ik heb geleerd dat ik dan kan

kiezen. Ik zeg nu eerder tegen mezelf: ‘Zet maar

een kopje thee.’ Deze visie heeft me echt van mijn

woede afgeholpen. Ik hoef alle dingen niet meer zo

te becommentariëren en te bekritiseren. De leuke

dingen geef ik veel meer aandacht. Dan kom je ineens

in een veel leuker en positiever leven terecht.’

Marieke, lid sangha Leiden

De Klankschaal 66 • Herfst 2021 • 33


In Plum Village voel ik me thuis

iIn gesprek met broeder Phap Xa. Broeder Phap Xa is een

Nederlandse ‘Plum Village-monnik’. Hij woont in de monastieke

gemeenschap van het EIAB in Waldbröl, Duitsland. Phap Xa is

dharmaleraar en begeleidt regelmatig retraites en weekenden. In

januari 2019 bezocht hij Thây in Vietnam. Hij was blij Thây weer

te zien. Als novice (jonge monnik in opleiding) was hij in 2004 een

maand lang Thây’s persoonlijke assistent en maakte hij Thây dus van

dichtbij de hele dag mee. ‘Dat was een kostbare ervaring,’ zegt hij.

Phap Xa vertelt dat hij studeerde in Enschede en aan

zenmeditatie deed. Dat gaf hem rust. ‘Ik las boeken en

zag toen ook een film over Thây, Steps of Mindfulness.

Wat ik fijn vond is dat Thây’s onderricht zo toepasbaar

was in het dagelijks leven. Ik kon er direct iets mee. Er zijn

overal wel leraren en boeken, maar niet zoveel monastieke

gemeenschappen. Plum Village is dat wel en ik besloot Plum

Village te bezoeken.’

Ik vertrouwde Thây

‘In Plum Village zag ik Thây, maakte hem mee en

vertrouwde hem direct, door zijn eenvoudige en liefdevolle

boodschap. Hij was aandachtig en rustig. De manier waarop

hij sprak en liep waren voor mij heel authentiek. Zijn spreken

vond ik helder en liefdevol. En zijn lopen: het rustige en

langzame, de vrede die het uitstraalde. Elke stap is vrede, is

de titel van het boekje: ik zag dat voor me.

Als je daar bent kijk je eerst naar de leraar, maar in Plum

Village heb ik ook de sangha leren kennen. Ik voelde me

thuis, ik voelde me heel prettig. Thây als leraar staat

natuurlijk ver weg. Hij is persoonlijk niet zo goed bereikbaar.

Maar de gemeenschap was wel heel bereikbaar, je kon

daarmee leven en spreken en oefenen. In 2000 was ik er

voor het eerst en in 2002 had ik drie maanden vrij gemaakt

om in Plum Village te zijn. Al na een of twee weken besloot

ik: hier wil ik blijven.’

Ik voel me thuis

‘Wat deze weg, dit monnik-zijn me heeft gebracht? In

ieder geval is de relatie met andere mensen veel prettiger

geworden, aangenamer. Ik ondervind veel minder wrijving,

minder conflicten, veel prettiger dus. Ik let meer op mijn

woorden, ik let meer op de gevoelens van anderen. Ik voel

me ook heel geworteld in de gemeenschap, ik voel me thuis,

het is mijn familie.’

Met plezier samenwerken

De vraag wat er in mij is gegroeid en getransformeerd, is

niet zo makkelijk te beantwoorden’, zegt Phap Xa. ‘Het

is natuurlijk een weg die je gaat en die gaat almaar door

en verder. In ieder geval is mijn vermogen om los te laten

gegroeid: het loslaten van eigen ideeën, van standpunten. Ik

heb daar meer vrijheid in gevonden. Ik geef een voorbeeld.

In Plum Village hebben we een oefening die heet ‘Shining

Light’. Eens per jaar geven we elkaar feedback. Je

kwaliteiten worden dan genoemd en ook de dingen die

kunnen groeien. Mensen zeiden me de eerste keer: ‘Als jij

een idee hebt, laat je dat niet zo snel los.’ Dat is het idee

van: zo moet het, dit is het beste. Dat heb ik meer kunnen

loslaten. Daarna heb ik dat nooit meer van anderen gehoord.

Ik bedoel het volgende: als je samenwerkt met anderen,

doet iedereen het op een eigen, op een andere manier. Ik

heb ontdekt dat samenwerken me de kans geeft om met

plezier samen iets te doen, meer dan iets goed te doen of af

te krijgen. Wat op de eerste plaats staat is de harmonie en

minder het werk.

Verder merk ik dat ik meer ruimte voor mezelf heb, ik heb

minder behoefte me terug te trekken op mijn plekje. Ook

binnen de sangha kan ik ruimte voor mezelf vinden. Ik kan

beter voor mezelf zorgen en kan me elk moment prettig

voelen. Er was een sterk zaadje van perfectionisme in mij.

Dat was er al toen ik kind was: willen winnen, niet tegen

mijn verlies kunnen. Daarin ben ik meer zachtheid gaan

ervaren. De hardheid en het fanatisme zijn er niet meer. Ik

hoef niet perfect te zijn, ik mag fouten maken. Dat gaf me

vrijheid, meer ontspanning, daarin kon ik meer ruimte gaan

voelen. Het is wel een heel proces en ik ben er heel

tevreden over.’

Innerlijk kind

De beoefening van het innerlijk kind heeft mij ook erg

geholpen. In die beoefening heb ik ervaren dat alles van

34 • De Klankschaal 66 • Herfst 2021


in het EIAB Waldbröl (2012)

dat kleine kind er nu nog is. Zowel de kwetsuren als de

vreugdevolle herinneringen. De heling zit erin dat je herkent

en voelt dat beide kanten er mogen zijn. Alles mag gevoeld

worden. Ik mag er meer aandacht voor hebben, het is een

deel van mij. Ik heb zo een stukje pijn kunnen loslaten. Die

pijn zat diep verborgen. Ze ging over eenzaamheid, over een

gevoel van minderwaardigheid, het gevoel niet goed genoeg

te zijn. Tekort te komen, tekort te schieten. Dat heb ik

herkend en kunnen loslaten.’

Kostbare edelstenen

‘Mijn favoriete gedicht van Thây is Onze ware erfenis. Het

zegt:

De kosmos is vol kostbare edelstenen,

vanmorgen wil ik jou een handvol ervan aanbieden.

Elk moment dat je leeft is een edelsteen,

die glanst door aarde en hemel, water en wolken.

Ik vind het heel mooi om mezelf daar telkens weer aan te

herinneren. Alles wat we hebben gekregen is een edelsteen.

Het is zo jammer als je je arm voelt, omdat er zoveel

edelstenen zijn. We zijn zo rijk en hoeven niet alleen te kijken

naar wat we niet hebben, naar het gevoel tekort te komen,

niet genoeg te krijgen. Vanuit mijn jeugd was dat heel sterk

aanwezig. Dit gedicht zegt: je bent hartstikke rijk en je hoeft

niet rond te gaan als een bedelaar. Je hebt alles: elk mens is

een wonder en een geschenk.

Waar ik aan moet werken is het ongeduld dat regelmatig

naar boven komt. Als je in een gemeenschap leeft, zijn er

ook vergaderingen, je zit samen. Vooral als het wat langer

gaat duren, heb ik niet al te veel geduld. Daar is voor mij

werk aan de winkel.’

24 uur met Thây

Als bijzonder moment dat hem is bijgebleven, noemt Phap

Xa dat hij als novice in 2004 een maand lang ‘attendant’

van Thây was. Het betekende dat hij de hele dag met Thây

was, vanaf het moment dat hij opstond tot ’s avonds laat. Hij

was er voor Thây, hij at met hem. ‘Daar heb ik nog steeds

een kostbare herinnering aan. Zo heb ik Thây en de manier

waarop hij leeft, ook leren begrijpen. Het heeft de band met

De Klankschaal 66 • Herfst 2021 • 35


in Plum Village (2012)

mijn leraar verdiept. Ik heb van heel dichtbij meegemaakt

hoe Thây de hele dag in aandacht leeft, in rust. Dat hij tijd

neemt om te lezen en te studeren in de soetra’s. Zo heb ik

hem gezien als leraar die daar veel plezier in heeft. Dat heeft

me geïnspireerd. Ik vond dat een fijne, aangename tijd.’

Thây terug in Vietnam

‘In januari 2019 heb ik Thây bezocht in Vietnam. Ja, hij is

blij, hij is gelukkig om in Vietnam te zijn, gelukkiger dan in

Thailand. Het voelt voor hem nog steeds als thuis. In het

begin doet het wel even pijn om hem zo machteloos te zien.

Daarna gaat dat wel weer weg en ik was blij Thây te kunnen

zien. Ik ben ook erg onder de indruk van de broeders en

zusters die voor hem zorgen en er altijd zijn. Vierentwintig

uur per dag, zeven dagen lang. Dat is een hele opgave.

Broeders en zusters koken voor hem, zorgen voor hem,

masseren hem, dat is niet niks. Daar ben ik heel erg dankbaar

voor. Ik was er een week en heb hem twee keer kunnen zien.

Er zijn natuurlijk veel mensen die hem willen zien. Hij is ook

niet altijd in staat om mensen te ontvangen. Hij kan niet

altijd goed slapen, soms heeft hij een goede nacht, soms niet.

Soms kan hij niet eten, krijgt hij niets binnen. Soms voelt hij

zich goed, soms ook niet, heeft hij pijn, is hij moe of heeft hij

jeuk. Dat is van dag tot dag verschillend. Maar het was heel

fijn hem te zien.’

Vrij zijn,

te midden van

hectiek

‘Ik heb veel aan Thây’s boekje Vrij zijn, waar je ook

bent. Er zijn nogal wat situaties die ik als onvrij ervaar.

Er is op mijn werk veel drukte en hectiek, er moet vaak

van alles tegelijk. En als ik me dan dat zinnetje herinner,

kan ik me vrij voelen midden in die benauwende

situaties. Daar is eigenlijk maar één ding voor nodig,

namelijk accepteren dat de situatie is zoals ze is. Het

bewust ‘teruggaan naar mijn adem’ – ‘ik adem in, ik

adem uit’ - is dan een goed middel voor mij’

Lennie, sanghalid.

36 • De Klankschaal 66 • Herfst 2021


Ik ben de berg

hHein van Heck is lid van Wake Up. ‘Thây zei: ‘Hou zo van iemand dat je hem of haar vrij

maakt.’ Die uitspraak is schitterend. Zo had ik het nog nooit gezien. Ik zeg dan:

‘Dank je wel, lieve Thây.’

Hein raakte een aantal jaren geleden geïnteresseerd in het

boeddhisme. Een beeldje van Avalokiteshvara en de uitleg

daarbij spraken hem aan. Die figuur keek met duizend

ogen en met mededogen naar het lijden in de wereld. Er

was veel lijden om Hein heen. ‘Ik voelde me machteloos

bij de eenzaamheid die ik zag.’ Voor Hein was het ook een

wetenschappelijke nieuwsgierigheid. ‘Hoe komt het dat

ik soms geconcentreerd ben en dan weer allerlei vreemde

gedachten heb? Wat gebeurt er in mijn slaap met mijn

bewustzijn? Dus de vraag: hoe werkt mijn geest?’

Nu is Hein alweer een paar jaar lid van een Wake Up groep.

‘Het fijnste is daar de vriendschap, de verbinding tussen

mensen. Je ziet mensen groeien, sterker worden, soms van

de ene week op de andere. Je ziet dat iemand zekerder

wordt. Minder snel uit het veld geslagen door tegenslagen

in het leven. Mensen delen makkelijker hun verdriet bij

stress of ongemak in hun leven, bijvoorbeeld in de familie.

Ze krijgen ook meer kracht om banden met hun familie

weer aan te gaan. Of om van baan te wisselen, wat vaak

niet zo makkelijk is. Zelf word ik vaardiger in contacten met

mensen. Ik kan meer verwoorden wat in mezelf en tussen

mij en anderen speelt.’

Afgescheiden of één

Een van Heins favoriete zinnen van Thây is: ‘We are here

to awaken to the illusion of separateness’. ‘Thây zegt hier

dat de illusie van afgescheidenheid kan worden doorbroken.

Veel mensen om me heen ervaren afscheiding. Voor mij

was dat anders maar ik kon het niet verwoorden. Ik had

al heel lang de ervaring: ‘Ik zie de berg en ik ben de berg’.

Dus van de eenheid van alles. Ook via mijn werk, dat zich

met de kosmos bezighoudt, heb ik de ervaring:

de evolutie van de planeet en de evolutie van

mijzelf is identiek. Ik heb die eenheid altijd

wel gezien en gevoeld, maar nu is er iemand

met gezag die dat ook zegt. Als ik dat vroeger

gezegd had, hadden mensen gedacht: die is gek.

Daarom vertelde ik deze dingen aan niemand.

De visie van Thây voel ik als bevestiging en

geruststelling.’

Hein heeft moeite als hij bij Thây leest: ‘Als

jouw liefde een ander niet gelukkig maakt, is

het geen ware liefde.’ ‘Hij zei precies hetzelfde

op video’s. Ik vond het raar, omdat er veel

depressieve mensen om me heen waren en die

werden door mijn liefde niet gelukkig. Om dan

te zeggen dat mijn liefde geen ware liefde is

en was?’

‘Het vertrouwen in de sangha en wat ik daar

meemaak, het vertrouwen in dit gedachtengoed

sterkt me om ermee door te gaan. Ik weet

niet of ik altijd in deze traditie doorga, maar

zeker in het boeddhisme, in ieder geval in de

spiritualiteit.’

De Klankschaal 66 • Herfst 2021 • 37


Noem me alsjeblieft

bij mijn ware namen

Zeg niet dat ik morgen zal vertrekken -

zelfs vandaag kom ik nog aan.

Kijk goed: ik arriveer elke seconde

als een knop aan een lentetak,

als een jong vogeltje met tere vleugels

dat leert zingen in zijn nieuwe nest,

als een rups in het hart van een bloem,

als een juweel verborgen in een steen.

Ik blijf aankomen om te lachen en te huilen,

te vrezen en te hopen.

Het kloppen van mijn hart is de geboorte en dood

van al wat leeft.

Ik ben het eendagsvliegje

dat zich vlak boven de rivier ontpopt.

En ik ben de vogel

die neerduikt om het vliegje op te eten.

Ik ben de kikker die vrolijk rondzwemt

in het heldere water van de vijver.

En ik ben de ringslang

die zich onhoorbaar met de kikker voedt.

Ik ben het kind in Oeganda, vel over been,

mijn benen zo dun als bamboestokjes.

En ik ben de wapenhandelaar

die dodelijke wapens aan Oeganda verkoopt.

Ik ben het twaalfjarig meisje,

vluchteling op een klein bootje

dat overboord springt,

na verkracht te zijn door een zeerover.

En ik ben de zeerover,

mijn hart nog niet in staat

tot liefde en begrip.

Ik ben lid van het Politbureau,

met veel macht in mijn handen.

En ik ben de man die zijn ‘bloedschuld’ aan mijn volk moet

betalen

en langzaam sterft in een werkkamp.

Mijn vreugde is als de lente zo warm

dat zij bloemen doet bloeien op geheel de aarde.

Mijn pijn is als een rivier van tranen,

zo groot dat zij de vier oceanen vult.

Alsjeblieft, noem me bij mijn ware namen,

zodat ik al mijn huilen en lachen tegelijk kan horen,

zodat ik kan zien dat mijn vreugde en pijn één zijn.

Alsjeblieft, noem me bij mijn ware namen,

zodat ik kan ontwaken

en de deur van mijn hart open kan blijven,

de deur van mededogen.

Thich Nhat Hanh,

uit: Thich Nhat Hanh,

Mededogen is zonder grenzen,

Ton Kamphof,

Ankh-Hermes, 2007, blz. 162

in Papendal (2006)

38 • De Klankschaal 66 • Herfst 2021


Steeds

dichter bij

mezelf

iIn gesprek met Hans Warmenhoven. Hans

maakt al meer dan tien jaar deel uit van de

Utrechtse sangha Hart van Nederland. Hij

leerde langzamerhand om aanwezig te zijn

bij lastige gevoelens, in plaats van ervoor

weg te lopen. Tijdens een zeiltocht naar

de Azoren ervoer hij de verbinding met de

zee, en van daaruit met alles waaruit we

voortgekomen zijn en wat er altijd zijn zal.

Hoe het begon

‘Via een vriendin was ik al eens bij een lezing van Thây

geweest. Daarna ging ik naar een retraite in Papendal. Dat

was voor mij shocking. Ik ontdekte daar hoe competitief

ik ben. Ik zat in een wedstrijd naar verlichting. Die

competitieve energie werd geabsorbeerd door de omgeving.

Het landde daar helemaal niet, het werd belachelijk. Ik zag:

de enige met wie je in competitie bent, ben je zelf. Verder

is er niemand in geïnteresseerd. Het was shocking en een

spiegel.

Tijdens de wandelmeditatie die we daar deden, een stille

meditatie, dacht ik: dit is iets voor mij. Niemand om me heen

hoefde iets van mij, wilde iets van mij. In die loopmeditatie

ging ik kijken zoals ik nog nooit had gekeken. Je ziet en hoort

veel beter dan normaal. Ik ga vaak met de hond naar buiten

en dan herinner me dat. Ik loop wat langzamer en dan ben ik

er echt!

Even daarna heb ik me bij een sangha aangesloten. In die

sangha ben ik nu al tien jaar. Soms ben ik trouw, soms

minder. In die mindere periodes gaat het niet goed met mij.

Ik heb het veel te druk, loop weg van mezelf. Ieder keer

dat ik in de sangha ben, zie ik mezelf onder ogen. Ik word

uitgenodigd te voelen hoe het met me is. Wat er dan ook

is, het is altijd goed. Het relativeert alle buitenkant, het

presteren, dingen doen waarvan ik denk dat ze door anderen

worden gewaardeerd of omdat ik er aanzien door krijg.

Ik doe nu veel meer de dingen die voor mezelf kloppen. Wat

dat is? Ik kan het niet goed benoemen. Het is in ieder geval:

veel beter bij mezelf zijn.’

Mijn zusje overleed

‘In 2003 is mijn jongere zusje overleden. Ik heb toen drie,

vier, vijf jaar mezelf uitgewoond. Veel te hard gewerkt, te

veel gedronken, te veel gegeten. Ik deed alles wel, maar ik

was er niet. Nu ben ik er veel meer. Ik heb geleerd trouw

te zijn aan mijn innerlijke zelf. Dat kon ik eerst niet: zijn en

blijven bij wat er echt was, bij mijn gevoel van angst, van

frustratie, van woede. Door te mediteren, door erover

te praten, probeer ik er nu wel bij te blijven. En meestal

zakken dan die angst en woede weg. Ik identificeer me

er niet meer mee. Het is er wel, maar ik bén het niet. Ik

kan nu ook zeggen: ik heb een innerlijke waarnemer, een

beschouwer die me bewust maakt van wat ik aan het doen

ben. Langzamerhand heeft dit pad veel impact op me gehad,

maar het gaat heel, heel geleidelijk.

Ik las ooit dat Thây een oefening beschreef waarin hij

vroeg om een foto van jezelf als kind van vier of zes voor

je te nemen en je af te vragen of dat kind er nog was.

Het antwoord was: nee. Toen vroeg Thây: ‘Heb je daar

ooit verdriet om gehad?’ Opnieuw: nee. Dat vond ik zo’n

eyeopener. Het is het besef dat alles ieder moment sterft en

iedere dag opnieuw begint. Dat geeft me rust. Geboorte en

dood zijn niet zulke schotten aan begin en eind.’

De zee zal er altijd zijn

‘Een aantal jaren geleden ben ik met een vriend naar de

Azoren gezeild, met zijn tweeën. We zagen elkaar niet

zoveel, het was vier uur op, vier uur af. Ik was dus veel

alleen. Soms was dat zwaar en hard werken, met die boot,

de golven en de wind, maar soms was het heel rustig. In die

uren las ik Thây’s boek Het hart van Boeddha’s leer. Ik was

daar met de zee, las over het boeddhisme en zag en voelde:

de zee zal er altijd zijn, ik voelde de verbinding met alles. Dat

relativeerde ook veel. Alles waar we uit zijn voortgekomen

zal er over 100.000 jaar nog zijn. Het is het besef dat we

opgebouwd zijn uit atomen en moleculen die er altijd zullen

zijn. Vandaar ben je ook verbonden met alle vormen van

leven, de planten, de lucht, het water, met alles wat er is.

Dat verstilt heel erg. Daarom spreekt dit gedicht van Thây

me ook aan. Het heet: 'No coming, no going'.

Dit lichaam ben je niet

je bent niet beperkt tot dit lichaam

je bent grenzeloos leven

nooit geboren en nooit gestorven.

Dat besef relativeert je dagelijks beslommeringen. Dat kan

misschien ook tot gemakzucht leiden, het idee van ‘alles is

relatief’. Maar dat is het voor mij niet. Dicht bij jezelf zijn, bij

je essentie, van daaruit het goede doen, dat doet veel met je

omgeving, ook met de aarde als geheel.’

De Klankschaal 66 • Herfst 2021 • 39


Verliefdheid, totale verwondering

‘Ik herinner me een loopmeditatie met Thây. Hij ging zitten

met kinderen om zich heen, hij hield een bloem vast en keek

naar die bloem. Ik keek met hem mee en door zo te kijken

was het net alsof ik nog nooit een bloem had gezien. Die blik

is misschien wel verliefdheid, totale verwondering. Nu ik

het woord liefde noem... Ik vertel wel eens aan mijn neefjes

als ze liefdesverdriet hebben: ‘Het mooie van liefde is: de

liefde is van jou. Het heeft eigenlijk weinig te maken met dat

meisje. Het is wat zij in jou oproept, maar het is jouw gevoel.

Dat gevoel kan oneindig zijn. Het is er voor dat meisje maar

ook voor veel anderen.’ Die liefdesblik is er ook in de sangha,

je voelt de mensen om je heen met al de dingen die er bij hen

spelen. Dat is een aandachtige blik, een liefdesblik.’

Alcoholische moeder

‘Mijn moeder was alcoholiste, ze had ook psychiatrische

problemen en heeft zelfmoord gepleegd. Dat heeft grote

invloed op mij gehad. Ik ben onlangs gevraagd om daar een

lezing over te geven. Voor hulpverleners. Over wat het met

mij heeft gedaan, als kind, als jongvolwassene, ook nu nog.

En met mijn vrouw, mijn kinderen. Ik kan me erop verheugen

dat te vertellen, ik vind dat fijn. Tien jaar geleden had ik

dat niet gedurfd. Er is bij mij veel energie gaan zitten in het

ontkennen van de gevolgen. Ik liep ervoor weg. Nu mag

het er gewoon zijn. Ik kan nu een beeld van mijn moeder

oproepen zonder dat ik daarvan wegschrik. Ik ben ervan

bevrijd. Het is er wel maar het zijn geen ketens meer. Dat

werkt ook door naar mijn kinderen, want als ik niet bevrijd

ben, projecteer ik mijn angst, mijn frustratie op hen.’

Technologische milieubenadering overstijgen

‘Mijn werk gaat over milieu, over klimaat. Ik merk dat we dat

op een technocratische manier aan het oplossen zijn en zo het

probleem niet werkelijk oplossen. We hebben geen werkelijk

contact met onszelf, met de aarde. We kiezen daar niet voor.

Er is ook een enorm gebrek aan leiderschap op dit terrein.

Tien, vijftien jaar geleden had ik nog de hoop dat er verlichting

op dit vlak zou komen. Daar ben ik nu wel pessimistisch

over. Het is mooi dat ik de ‘leer’, de visie kan gebruiken om

daar gelijkmoedig over te zijn. En tegelijk ben ik er steeds

mee bezig. Ik probeer dan de technocratische benadering te

overstijgen. Als ik het in een presentatie over ‘waterstof’ heb

noem ik ook altijd de kern: namelijk hoe ernstig het is met

de aarde. We weten hoe ernstig het is, maar we willen dat

eigenlijk niet weten. We lezen erover en we zien het niet, we

horen het en kijken weg. Ik haal in ieder geval altijd de kern

van de zaak erbij. Zo probeer ik mijn bijdrage te leveren.’

40 • De Klankschaal 66 • Herfst 2021


Een levensschets

11926 Thich Nhat Hanh wordt op 11 oktober geboren als

Nguyen Xuan Bao. Op 9-jarige leeftijd ziet hij een tijdschrift

met de afbeelding van een boeddha die vrede en geluk

uitstraalt. Dat is heel anders dan de mensen om hem heen. Zo

wil hij ook zijn.

1942 Thây verlaat zijn ouderlijk huis en wordt novice in het

klooster in de Tue Hieu tempel bij Hué.

In 1945 wordt hij gewijd tot monnik. Hij beschrijft deze tijd

als een heel gelukkige. Het motto is: werken en mediteren. ‘Ik

voelde me op een natuurlijke manier aangetrokken tot het idee

van bevrijding in het boeddhisme en tot deze levensstijl, speciaal

toen ik vernam hoe het kon helpen de werkelijkheid te begrijpen

zoals die is.’

Thây en enkele jonge medemonniken willen het boeddhisme

in Vietnam vernieuwen. Dat is zeer versnipperd en speelt

zich vooral af in tempels en via rituelen. Hij wil boeddhisme

relevant maken voor het dagelijks leven en voor de

maatschappij. ‘Acht jaar lang poogden we te spreken over de

behoefte aan een humanistisch boeddhisme in Vietnam dat zou

beantwoorden aan de behoeften van de mensen.’ (Fragrant Palm

Leaves, p. 50). Thây richt een eigen studiecentrum op en start

– samen met anderen – een nieuw tijdschrift.

Het ‘geëngageerd boeddhisme’ wordt geïntroduceerd. ‘We

zochten naar een nieuwe vorm van boeddhisme, die als een

soort reddingsboei kon dienen voor een wanhopig land, vol

conflicten, verdeeldheid en oorlog’. (In het nu, p. 32)

1959 Thây ontmoet Phuong, de latere zuster Chân Không.

Die zet zich enorm in voor arme landgenoten. Ze is studente

biologie en doceert later op enkele Vietnamese universiteiten.

De oorlog in Vietnam neemt enorm toe. Het pro-westerse

regiem tegenover de communistische Vietcong. De

vernieuwingen van het boeddhisme in Vietnam worden

tegengehouden door de conservatieve boeddhistische leiders.

Door Ton Kamphof

Amerika: verlichtingservaring

1961 Thây krijgt een beurs om aan de

Amerikaanse universiteit Princeton vergelijkende

godsdienstwetenschappen te gaan studeren. Aangemoedigd

door medemonniken en vrienden gaat hij op die mogelijkheid

in. Hij heeft de kans zich te verdiepen in het boeddhisme en

andere godsdiensten. ‘Het was als een retraite,’ zegt Thây

later. Hij bereikt er zijn ‘doorbraak’, zijn verlichtingservaring.

Mede gestimuleerd door het lezen van het verslag van

de laatste dagen van de Duitse theoloog Bonhoeffer die

door de nazi’s werd geëxecuteerd. ‘Ik was ontwaakt tot de

sterrennacht die huist in ieder van ons’. ‘Ik hoef nooit meer

bang te zijn’.

foto: Jim Forest

Het geweld in Vietnam neemt enorm toe.

1963 De Vietnamese regering Diem (pro-westers en

katholiek) verbiedt de viering van Wesak, de dag waarop

de geboorte, verlichting en dood van de Boeddha worden

gevierd. Er breken hevige protesten uit. Van intellectuelen,

van veel boeddhisten. De repressie neemt toe. Niemand

luistert. De monnik Thich Quang Duc steekt zichzelf in

brand op een druk kruispunt in Saigon. ‘Moedig en vredig,

omhuld door vlammen.’ Meer monniken volgen. Protesten

gaan door. Het regiem valt.

Thây wordt gevraagd terug te keren uit de VS. De Verenigde

Boeddhistische Kerk wordt opgericht, tot grote vreugde van

Thây. De verdeelde boeddhisten sluiten zich aaneen.

1965 De Jeugdschool voor Sociale Dienstverlening wordt

opgericht, met als doel jongeren te trainen om arme dorpen

in het land ‘mindful’ te helpen. Dit is nieuw en heeft grote

weerklank. Op het hoogtepunt kent de beweging 10.000

vrijwilligers.

5 februari 1966 Thây wijdt de eerste zes leden, drie mannen

en drie vrouwen, van de orde Tien Hiep, de Orde van

Interzijn. Phuong (later zuster Chân Không) is een van hen.

Lezingen in de Verenigde Staten en Europa

Maart 1966 Thây wordt uitgenodigd door de Cornell

universiteit in de VS om een seminar te geven. Geïnitieerd

De Klankschaal 66 • Herfst 2021 • 41


foto: Françoise Pottier

Zuster Chân Không -- toen nog Cao Ngoc Phuong --

in 1985 in Plum Village.

door Alfred Hassler, algemeen secretaris van FOR

(Fellowship of Reconciliation), een geweldloze interreligieuze

beweging in de VS. Deze arrangeert voor Thây lezingen

over wat er echt aan de hand is in Vietnam. Thây maakt

indruk. Hij ontmoet veel prominenten, zoals Martin

Luther King en defensieminister Robert McNamara. Zijn

lezingentoer breidt zich zelfs uit tot Europa. Hij ontmoet

Paus Paulus VI en suggereert hem Vietnam te bezoeken, om

het oorlogsgeweld te beëindigen.

Martin Luther King pleit er bij het Nobelprijscomité voor

om Thây in 1967 de Nobelprijs voor de Vrede te geven. Hij

schrijft: ‘Ik ken niemand die het meer waard is de Nobelprijs voor

de vrede te krijgen dan deze vriendelijke monnik uit Vietnam. Hij

is een heilig man, omdat hij bescheiden is en toegewijd. Hij is een

wetenschapper met een enorm intellectueel vermogen.’

In 1968 vraagt Thây aan zuster Chân Không (toen nog

Phuong) om hem te gaan assisteren.

Internationale vredesbesprekingen komen op gang. Vrienden

uit Vietnam adviseren Thây niet naar Vietnam terug te

keren. Een aanslag op zijn leven kan worden gevreesd. Hij is

hard nodig in het Westen.

Vredesdelegatie Parijs

1969 De Vietnamese Boeddhistische Vredesdelegatie

voor de Parijse Vredesakkoorden wordt opgericht. Vanuit

een klein armoedig Parijs flatje voorzien Thây en Phuong,

geholpen door vrijwilligers, belangstellenden van informatie

over de werkelijke situatie in Vietnam.

In 1973 wordt officieel vrede gesloten maar de gevechten

gaan door.

1975 Saigon valt en een communistisch regiem vestigt

zich in Vietnam. De talloze werkers van de grote

vrijwilligersorganisatie Jeugdschool voor Sociale

Dienstverlening worden ontslagen. De Verenigde

Boeddhistische Kerk wordt onwettig verklaard. Vele

boeddhistische en andere leiders komen in gevangenissen

en heropvoedingskampen terecht. Van weinigen is nog iets

gehoord. De wereld is moe van de oorlog. Amerika is zeer

gefrustreerd en getraumatiseerd. Het linkse westen denkt

dat Vietnam bevrijd is.

Via Nederlandse vrienden verschijnt de eerste versie van

The Miracle of Mindfulness. De Nederlandse vertaling luidt:

Het gras wordt groener. Het is Thây’s beroemde boekje over

meditatie, dat in 40 talen is vertaald. Thây verhuist naar

een klein huisje in Fontvannes onder Parijs. Thây en Phuong

noemen het ‘Sweet Potatoes’. Het is een periode om bij te

komen en te helen. Er komen steeds meer bezoekers en na

enige jaren zoeken ze een nieuw onderkomen.

Plum Village ontstaat en groeit

1982 Plum Village wordt betrokken. De bezoekersaantallen

nemen ieder jaar toe. Thây houdt in 1982 op uitnodiging zijn

eerste retraite in de VS.

1988 Een gezelschap van Thây en medemonniken maakt

een spirituele reis door India. Zie de dvd Steps of Mindfulness.

Phuong wordt gewijd tot non en neemt de naam aan

van Chân Không. Dat betekent ‘ware leegte’, diepe

verbondenheid of eenheid.

Thây’s naam als spiritueel leraar neemt almaar toe. Er

worden kloostergemeenschappen gesticht in de VS. Het

aantal boeken stijgt enorm. Het zijn veelal transcripties

van lezingen.

2003 Thây houdt een retraite voor leden van het parlement

van de VS, in de gebouwen van het Congres. Zie de dvd My

Life is my Message, waarin ook de Plum Village-retraite van

Palestijnen en Israëliërs is opgenomen. Aangrijpend.

2005 Het wordt Thây en een grote delegatie van monniken

en leken toegestaan een reis te maken naar Vietnam, na veel

aandringen vanuit Plum Village.

2007 Een tweede reis naar Vietnam. In deze reis ligt het

accent op drie grote ceremonies om de doden van alle partijen

uit de oorlog te gedenken. Alle doden herdenken is v

olstrekt nieuw.

Steeds meer jonge Vietnamese mensen zijn geïnspireerd door

Thây’s levensnabije en eenvoudige uitleg van het boeddhisme

en willen monnik worden. Het zijn er honderden, vaak goed

opgeleid. Bat Nha, waar een tempel tot klooster wordt

omgebouwd, groeit enorm met hulp van monniken uit Plum

Village en geld van sympathisanten wereldwijd.

2008 Thây houdt een toespraak in Hanoi op een

conferentie van de VN. Dan blijkt dat Thây niet meer zo

welkom is. Zijn populariteit in Vietnam wordt te groot.

2008 In Waldbröl, niet ver van Keulen in Duitsland wordt

een gebouw gekocht waarin het EIAB wordt gesticht, het

Europees Instituut voor Toegepast Boeddhisme. Er wonen

nu ruim 40 kloosterlingen, mannen en vrouwen. Er worden

cursussen en retraites gegeven.

42 • De Klankschaal 66 • Herfst 2021


foto: Jim Forest

Klooster Bat Nha vernietigd

2009 De kloostergemeenschap ‘op-de-wijze-van-Plum

Village’ te Bat Nha (400 zusters en broeders) in Vietnam

wordt bestookt door politie en ingehuurde mensen. De

monniken worden geslagen en beschimpt. Als groepjes

kloosterlingen (zusters en broeders) elders hun heil zoeken,

worden ze ook daar verjaagd. Ze reageren op het geweld

door te mediteren en te zingen. Iedereen uit de directe

omgeving houdt van de toegewijde en vriendelijke, vooral

jonge kloosterlingen. Er wordt snel internationale solidariteit

georganiseerd, maar dat mag niet baten.

Vele rondreizen en retraites volgen. Zo maken Thây en een

grote groep kloosterlingen in 2011 een grote retraitetour

in de VS, met vaak meer dan 1000 deelnemers per plaats

die ze aandoen. Opnieuw is er in het Congresgebouw in

Washington een retraite.

Liefde kan de aarde redden

2013 In the Guardian, de grote progressieve krant in het VK,

verschijnt een groot interview met Thây. Hij blikt terug op

zijn leven. Het draagt als titel ‘Love can save the planet’.

Thây zegt over de stand van de wereld en de mensheid:

Het collectieve karma en de onwetendheid van onze soort, het

menselijk ras, de collectieve boosheid en geweld zullen tot onze

vernietiging leiden en we moeten leren om dat te aanvaarden.

(...) En we moeten aanvaarden dat het ergste kan gebeuren, dat

de meesten van ons als soort zullen sterven en dat veel andere

soorten ook zullen sterven. Moeder Aarde zal in staat zijn,

over misschien een paar miljoen jaar, om ons opnieuw voort te

brengen, maar deze keer wijzer.’ (Jo Confino, The Guardian, 21

januari 2013). Het interview heeft geen optimistische toon.

Misschien wel een realistische.

In 2013 schrijft Thây in het EIAB in Waldbröl een boekje met

een heel andere toon. Het eindigt met een gedicht, waarin

de volgende regels:

‘Ik zal nooit volwassen worden, hoelang ik ook leef.

Gisteren nog zag ik een aantal gouden vlinders fladderen

boven onze tuin;

de mosterdplanten barstensvol knalgele bloemen’....

(In het nu, 108).

Wondermooi.

In Thây’s visie dient zich iets heel ernstigs aan met aarde en

mensheid, maar zijn hart blijft open.

Hersenbloeding

November 2014 Thây krijgt een zware hersenbloeding.

Hij raakt in coma. Hij wordt verpleegd in een ziekenhuis in

Bordeaux. Broeders en zusters van Plum Village omringen

hem 24 uur per dag. Als hij uit zijn coma is en na maanden

voldoende is opgekapt, gaat hij terug naar Plum Village. Hij

gebruikt een rolstoel en kan nauwelijks meer spreken. Dan

vertrekt hij voor ruim een half jaar naar San Francisco in de

VS om een geavanceerde medische behandeling te krijgen.

Dan keert Thây weer terug naar zijn geliefde gemeenschap

in Plum Village. Na enige tijd vertrekt hij naar een Plumklooster

in Thailand. Eind november 2018 keert hij terug

naar zijn ‘root-klooster’ in Vietnam, bij Hué. De cirkel van

zijn aardse bestaan is rond.

Plum Village in de wereld

Intussen bestaan er verspreid over de wereld elf

kloostergemeenschappen oftewel meditatieve

beoefencentra en ruim duizend sangha’s. Hierbij de

namen van de kloostercentra:

Het grootste is Plum Village in het zuiden van

Frankrijk met enkele ‘hamlets’, sinds 1982, er verblijven

200 kloosterlingen, zusters en broeders.

Maison de l’Inspir is een klein centrum voor zusters

nabij Parijs. In 2019 verhuisden de zusters naar

Villeneuve-sur-Bellot, in de buurt van het Healing

Spring Monastery in Verdelot, dat sinds 2018 bewoond

wordt door een kleine gemeenschap van monniken.

In de VS zijn er Deer Park (sinds 2000) in Californië

(met 30 zusters en broeders), Blue Cliff in New York

State, sinds 2008, met 30 monniken en nonnen en

Magnolia Grove, in Mississippi, gestart in 2005 met 30

kloosterlingen.

Er is het EIAB (European Institute of Applied

Buddhism) in Waldbröl bij Keulen, sinds 2008, met ruim

40 broeders en zusters.

In Australië vinden we het bescheiden Nhap Luu

(‘Stream Entering’) Meditation Center niet ver van

Melbourne, waar 6 nonnen wonen. Sinds 2020 is er een

kloostergemeenschap in de buurt van Sydney, genaamd

Mountain Spring Monastery.

In Thailand wonen ruim 200 monniken en nonnen in

Thai Plum Village. Thây verbleef daar recent ruim

een jaar.

Hong Kong kent sinds 2011 het AIAB (Asian Institute

for Applied Buddhism).

De Klankschaal 66 • Herfst 2021 • 43


Thây en de Nederlandstalige sangha

Door Françoise Pottier, True Abode of Peace,

t

met hulp van Eveline Beumkes, True Harmony, en Cilia Galesloot, Stevige grond van het hart

Thây en Zuster Chân Không (voorheen Cao Ngoc Phuong)

hebben een lange relatie met Nederland en dragen ons

polderland een warm hart toe.

Er is contact met Nederland via het internationale

secretariaat van IFOR (International Fellowship of

Reconciliation), dat gevestigd is in Alkmaar van 1977 tot

2015. Jim Forest, de eerste directeur van IFOR, verhuist

in 1977 naar Nederland. Hij heeft gewerkt met Thây en

Phuong tijdens de vredesgesprekken in Parijs rond 1975.

Na het eind van de oorlog in Vietnam in 1975 helpt IFOR

Thây en Phuong om de leiders van de United Buddhist

Church of Vietnam te steunen, die vaak onder huisarrest

geplaatst, gevangengezet of naar heropvoedingskampen

gestuurd worden. Dit gebeurt onder meer door op te roepen

tot ‘Urgent Actions’ via het IFOR-blad.

IFOR helpt ook met de projecten van Phuong door

donateurs te vinden die kinderen financieel willen steunen.

Nederland wordt een van de grootste ondersteunende

landen voor Phuong.

In 1984 verzorgen Thây en Phuong een dag van aandacht

voor de staf van IFOR. Thây wordt uitgenodigd om een

retraite te geven in Nederland.

In 1985 wordt Thây uitgenodigd door Nico Tydeman om

weer naar Nederland te komen voor een programma in

meditatiecentrum de Kosmos in Amsterdam, met een

toespraak en een dag van aandacht.

Eveline Beumkes woont rond die tijd anderhalf jaar in

Plum Village. Terug in Nederland begint ze retraites te

organiseren met Thây. De eerste twee zijn in 1985 en

Loopmeditatie tijdens de retraite in Papendal (2006)

44 • De Klankschaal 66 • Herfst 2021


in 1987, beide in de Theresiahoeve in Langenboom met

een twintigtal mensen. Thây en Phuong zitten met de

deelnemers aan tafel en Judith Bossert (die op dat moment

de Theresiahoeve beheert) bakt brood voor iedereen. Nora

de Graaf is ook aanwezig.

Vanaf 1990 worden kloosterlingen uit Plum Village

uitgenodigd voor retraites en dagen van aandacht.

In 1992 leidt Thây een retraite in ‘Jan Beton’, met 300

mensen. In 1995 zijn het er 500.

In 1996 houdt Thây een lezing in de RAI in Amsterdam en

een weekendretraite in Lunteren. Zuster Jina komt naar

Nederland en houdt een Nieuwsjaarsretraite. Er worden

oliebollen gebakken!

In oktober 1997 geeft zuster Annabel een lezing en een

weekendretraite (‘The Way of Healing’) in Amsterdam.

Zuster Jina geeft in 1998 een retraite in Schoorl

met de broeders Phap Dung en Phap Ung, beiden

nog heel jong. Daar nemen zes mensen de Veertien

Aandachts¬oefe¬ningen aan.

In April 2000 geeft Thây een lezing over ‘The Path of

Understanding and Love’ in Den Haag en een retraite in

Veldhoven over hetzelfde thema. Thây komt terug voor een

lezing in Den Haag over ‘Being Peace – A Way to Practice

the Manifesto 2000’, een pleidooi voor een cultuur van

vrede en geweldloosheid.

In 2001 geeft zuster Jina een lezing (‘Jezus en Boeddha als

broeders’) in Enschede en een retraite in Amsterdam over

het thema ‘Vrede Aanraken’.

In april 2003 komt broeder Phap Dung

naar Nederland om een retraite te

leiden in De Glind met het thema

De tulpen bloeien zo prachtig’.

In 2004 is Br. Phap Dung

terug in De Glind.

In 2006 is de eerste

retraite met Thây in

Papendal met 600

mensen. Het thema is

‘Iedere stap is Vrede.’

Thây houdt een lezing in

Den Haag voor meer dan

3000 mensen.

In 2009 is de tweede retraite

in Papendal, opnieuw met 600

deelnemers en voorafgegaan door

een lezing in Den Haag. Dit is de

laatste retraite met Thây in Nederland.

tijdens een pauze in Papendal (2006)

Tussen 2010 en 2014 leidt Thây ieder jaar een grote (tot

800 deelnemers) Nederlandstalige retraite in het EIAB, het

International Institute for Applied Buddhism in Waldbröl in

Duitsland.

Naast de grotere Nederlandse retraites in het

EIAB, zijn er ook regelmatig retraites en

dagen van aandacht in Nederland en

België, veelal met Nederlandstalige

kloosterlingen uit Plum Village,

onder wie zuster Jina, broeder

Phap Ung, zuster Lan

Nghiem, broeder Phap Xa

en zuster Sang Nghiem.

Nederlandstalige

dharmaleraren en

ordeleden leiden

dagen van aandacht

en helpen met het

verdiepingsprogramma

van de stichting Leven in

Aandacht.

De Klankschaal 66 • Herfst 2021 • 45


Ware aard: geen geboorte, geen dood

oOns uiteindelijke doel is onze ware aard aan te raken,

namelijk de aard van geen geboorte en geen dood. Het lijkt

alsof er dood en geboorte zijn, maar dat is niet zo.

Wat is de geboorte, het begin van een wolk? Wat is de

dood, het einde van een wolk? Als de wolk regen wordt, is

hij dan verdwenen of alleen van vorm veranderd?

Geboorte en dood zijn ideeën die niet van toepassing zijn

op de werkelijkheid.

Kijk naar het huidige moment en je ziet dat geboorte en

dood ieder moment in jou gaande zijn, zowel in je lichaam

als in je bewustzijn. Ieder moment van je dagelijks leven is

er input en output. Je ademt in, je neemt voedsel, je hebt

nieuwe ideeen, nieuwe gevoelens. En er gaan dingen vanuit

jou naar buiten, zoals urine, lucht, water en woorden.

Dus de kosmos vernieuwt je en jij laat dingen los naar de

kosmos. Geboorte en dood wachten niet; ze gebeuren nu,

in het huidige moment.

De werkelijkheid staat boven noties van bestaan en nietbestaan,

van zijn en niet-zijn. De werkelijkheid is hier

vrij van.

Thich Nhat Hanh,

dharmalezing retraite Papendal 2006

46 • De Klankschaal 66 • Herfst 2021


Grenzeloos

leven

Ik ben dit lichaam niet,

mijn zijn is niet beperkt tot dit lichaam.

Ik ben grenzeloos leven,

nooit geboren en nooit gestorven.

Kijk naar de oceaan en de hemel vol sterren,

verschijningsvormen van mijn ware aard.

Voordat tijd bestond was ik reeds vrij.

Geboorte en dood zijn slechts deuren

waar we doorheen gaan,

heilige drempels op onze reis.

Geboorte en dood zijn slechts een spel

van verschijnen en verdwijnen.

Laten we samen glimlachen,

hou mijn hand vast.

We zeggen nu vaarwel,

om elkaar spoedig weer te ontmoeten.

Thich Nhat Hanh,

naar Plum Village Chanting and Recitation Book

Stop mijn as

niet in een urn

Thây werd op de hoogte gesteld van het feit dat iemand

een tempel in Hanoi heeft gebouwd om zijn leven te

gedenken. Daarop heeft Thây een brief geschreven

aan de Tu Hieu tempel in centraal Vietnam, waar hij is

opgeleid als novice. Hij maakte daarin duidelijk dat hij

geen schrijn wil ter ere van zichzelf als hij sterft:

‘Ik zei: verspil het land van de tempel niet door een

stupa voor mij te bouwen. Stop me niet in een kleine

pot en zet die daar niet neer. Ik wil op die manier niet

voortleven. Het is beter om de as buiten te verstrooien

om de bomen te helpen groeien. Dat is meditatie.

Ik beveel aan dat ze buiten aan de voorkant een

inscriptie maken die luidt: ‘Hierbinnen ben ik niet’. Als

mensen het niet begrijpen voeg je er een andere zin aan

toe: ‘Buiten ben ik ook niet’. En als ze het nog steeds

niet begrijpen voeg je er een derde en laatste aan toe: ‘Ik

word misschien gevonden in je manier van ademhalen of

lopen.’

Uit een interview door Jo Confino,

The Guardian, 21 januari 2013

foto kalligrafie: Gré Hellingman

De Klankschaal 66 • Herfst 2021 • 47


Nieuw adres en verhuizing graag doorgeven aan:

Stichting Leven in Aandacht

p/a MEO Haarlem Postbus 418, 2000 AK Haarlem, Nederland / Pays-Bas

administratie@aandacht.net

Wil je De Klankschaal thuis ontvangen? Zie het colofon p. 2

More magazines by this user