Waker 112

DorpsraadSerooskerke

Serooskerkse Waker

DUURZAAM DOEN

nummer 112 | april 2021 | www.dorpsraadserooskerke.nl

1


Colofon

De Serooskerkse Waker is een uitgave van

Dorpsraad Serooskerke

Redactie

Bert Geleijnse

Torenstraat 45 | 06 10293814

Izaäk Geschiere

Bisschopstraat 39 | 06 40058014

Kopij naar: redactiedewaker@gmail.com

foto’s: Izaäk Geschiere, Bert Geleijnse, archief Frans

v.d.Driest, archief Jan Zwemer, Wim van Haveren,

Wim Dekker, Jacobine Vader, Gemeente Veere, Peter

Louwerse.

Tekening: Liv Geuze

Druk en lay-out:

Drukkerij van Keulen Oplage 430

Bestuur Dorpsraad Serooskerke

www.dorpsraadserooskerke.nl

Jan Kousemaker voorzitter

Bogerdweie 35 | 592770

Sander Lobbezoo secretaris

Torenstraat 49 | 06 30514275

bestuur@dorpsraadserooskerke.nl

Robbie Holmes penningmeester

Noordweg 18 | 06 48797487

Anneke Brouwer

Noordweg 69 | 435698

Izaäk Geschiere

Bisschopstraat 39 | 06 40058014

Manon Kluijfhout

Wilgenhoekweg 26 | 06 52301844

Lianne de Later-Van de Putte

Boshoekweg 6 | 593622

Inhoud

Colofon | Inhoud 2

Bij dit nummer... 3

Wij praten u bij 4

Werkgroep Duurzaam Serooskerke 5

Scharensliep in het Oude Brandspuithuis 6

Anpakkertjes 7

De liefde voor de fiets 8-9

Nul op de meter? 1 0 - 11

Bram Wijne trots op zijn TechniQ Energy 12-13

Kippentoom... 14

Twaalfjarigen over opgroeien in Serooskerke 15

Day 365 of working from home, you are doing great! 16

Een sieraad voor de Herdershof 17

De klok van Serooskerke 18-20

Afscheid Petra 20

Op weg naar Serooskerke 2.0 deel XI 21

Nog maar een paar huizen beschikbaar in

De Woongaard 22

“Ik had mijn eerste auto toen ik dertien was” 23

De firma LOuwerse BROtherS 24-25

Helaas! 26

Platform Welzijn Serooskerke 27

Serooskerke in de lockdown 28

Wandel Woensdag 30

Vergaderdata Dorpsraad 30

Wist u dat... 31

Hedy van Straten

Zandput 19 | 06 15337473

Jacobine Vader

Koepelstraat 23 | 0118 593725

Foto voorzijde: Wim Dekker

Foto achterzijde: het ommetje van Izaäk Geschiere

2


Bij dit nummer...

Bert Geleijnse

Anderhalve meter en anderhalve graad

In deze Waker snijden we twee actuele onderwerpen aan,

die veel met elkaar te maken hebben. Dagblad Trouw had

een jaar geleden als kop ‘Er is ook een winnaar in de coronacrisis:

het milieu’ Ga maar na: iedereen thuis, dus

minder verkeer op de weg en in de lucht, minder CO2

uitstoot en minder vervuiling. Duurzamer dus.

Nu -een jaar later- kun je je afvragen of deze winnaar ook

winnaar blijft. We zien met eigen ogen dat minder consumeren,

minder autorijden, minder vliegen een schoner

milieu oplevert, maar gaan we het volhouden om duurzamer

te leven ook na de pandemie?

Wie het weet mag het zeggen.

Wat we wel weten is, dat wetenschappers zeggen, dat we

juist nu niet op onze lauweren moeten gaan rusten: van

een anderhalve meter samenleving moeten we naar een

anderhalve graden maatschappij. De maximale toegestane

opwarming van het klimaat is anderhalve graad. Daar

moeten we onder blijven willen we de aarde redden. Dat

is in 2050 in Parijs afgesproken door de meeste landen

van de wereld.

Ver-van-mijn-bed-show? Mooi niet. Wij kunnen hier in

Seroos wel degelijk een bijdrage leveren aan een duurzame

samenleving. Zo lieten oud-dorpsgenoten Peter en

Carla een energieneutraal huis bouwen. De redactie ging

bij hen op bezoek en was onder de indruk. Uiteraard is

zo’n energieneutraal huis voor het merendeel van ons

niet weggelegd, maar we kunnen allemaal wel iets doen.

Daarbij kan de nieuwe werkgroep Duurzaam Serooskerke

helpen met informatie en advies. Izaäk Geschiere vertelt

daar meer over.

En verder: aandacht voor ‘duurzame bedrijvigheid’ in ons

dorp, in dit geval TechniQ Energy en Lobros.

Ook in Seroos leefden we door de lockdown we onbedoeld

al duurzamer. De redactie tekende de ervaringen

op van een aantal dorpsgenoten met de lockdown. Sander

Lobbezoo stuurde een openhartig relaas over de perikelen

van een vader, die thuiswerken met de opvang van

jonge kinderen moet combineren.

Mocht u nu inspiratie willen opdoen voor een duurzame

fietsvakantie in het post-corona tijdperk dan vindt u die

ongetwijfeld in het reisverslag van Wim Dekker.

Vergeten we ook niet onze gewaardeerde columnisten

Jan Zwemer en Narretje. Ze stuurden ons bovendien haiku’s

toe, een van oorsprong Japanse dichtvorm, bestaande

uit drie regels van 5, 7 en 5 lettergrepen. ‘De basis is de

zintuigelijke ervaring van de dichter’ lees ik op internet.

Dit was de ervaring van Narretje:

narcis, lente groet

vrolijk bloeit u in de berm

vreugde voor de nar

Mag ik daar mijn lente-haiku aan toevoegen:

alleen naar buiten

hoor! Een vogel kwinkeleert

vreugde pakt mij beet.

Her en der in dit nummer vindt u nog enkele haiku’s van

andere auteurs in dit nummer. Lees ze en laat u erdoor

verleiden om er ook 1 of meer te maken voor de Waker.

Dat zou leuk zijn!

En dan nog dit: LIv Geuze, onze jonge tekenaar, gaat verhuizen

naar Middelburg. Daarom is dit de laatste Waker

waarin u een een tekening van haar vindt, Dank je, Liv,

voor de manier waarop je ons blad nog kleuriger maakte.

Veel succes in Middelburg!

3


Wij praten u bij

Jan H. Kousemaker, voorzitter dorpsraad

Beste dorpsbewoners,

Als ik dit schrijf hebben wij weer een vergadering van de

dorpsraad voor de boeg. Een goed moment om alvast aan

deze Waker te beginnen. De vergadering is weer met behulp

van Skype, ofwel: sinds de nieuwe lockdown gestart

is, is er weinig veranderd. Een aantal van u zal gevaccineerd

zijn maar het merendeel wacht hier nog op. Al met

al hopen wij dat in juli het normale leven weer enigszins

op gang zal komen en dat de Stroskerkse dag op 3 juli

door zal gaan. Als dorpsraad zullen wij dan zeker aanwezig

zijn en hopen we met u het gesprek aan te gaan. Onze

jaarvergadering zal weer uitgesteld worden. Wij denken

nu aan eind september en hopen u dan weer welkom te

kunnen heten in de ‘Zandput’. Eindelijk kunnen wij dan

spreken over de ontwikkelingen rond Serooskerke Oost,

de Zandput en het bijgestelde dorpsplan.

Aangepast

Met een klein groepje mensen hebben wij inmiddels het

dorpsplan, dat wij samen met het dorp in 2013 opgesteld

hebben (alweer bijna 8 jaar geleden) aangepast aan de

gewijzigde omstandigheden. Wij hebben geconstateerd

dat een aantal zaken voortvarend zijn opgepakt maar dat

veel van de plannen nog steeds gerealiseerd moeten worden.

De Gemeente heeft veel tijd nodig en vindt het lastig

om de plannen die door de bevolking opgesteld zijn als

leidraad te accepteren.

De aanpassingen die wij gedaan hebben zijn niet ingrijpend.

Wij hebben het plan aangepast aan de meest recente

ontwikkelingen rond Serooskerke Oost, zwembad

en het pand ‘De Zandput’. Het plan is uitgebreid met

duurzaamheidsaspecten.

Vooralsnog lijkt het erop dat een aantal van onze wensen

gerealiseerd zullen worden. Daar zijn wij blij om. Er blijven

echter ook nog een aantal belangrijke wensen over

namelijk:

• Renovatie van het gebied Torenstraat, Zandput en

Vrouwenpolderseweg;

• Meer woningbouw gericht op gezinnen en starters. Er

zijn nu twintig woningen in Oost geprojecteerd en wij

verwachten dat dit onvoldoende zal zijn om aan de vraag

tegemoet te komen.

Belasting door verkeer

Sinds december is de dorpsraad een aantal keer bij elkaar

geweest. Natuurlijk is de ontwikkeling inzake Serooskerke

Oost volop aan de orde geweest. Wij hebben onze

waardering voor de plannen uitgesproken. Wij hebben de

voorkeur voor optie

1. Deze optie heeft

als voordeel dat de

school gecombineerd

kan worden

met de bewegingsruimte

(sporthal)

en komt tegemoet

aan de wens van de

wijk om de belasting

door verkeer zoveel mogelijk te beperken. De verkeerssituatie

rond de school zal veiliger worden omdat het

autoverkeer gescheiden zal zijn van het fietsverkeer en

voetgangersverkeer vanuit het dorp, waardoor onveilige

situaties voor de kinderen zoveel mogelijk voorkomen

worden. Verder wordt dan de oorspronkelijke doelstelling

om de school nabij de zorgwoningen te situeren gerealiseerd

en kan parkeren rond de school beter geregeld

worden waardoor overlast voor de buurt kan worden beperkt.

De indeling van de wijk lijkt ook logischer.

Woningen

Wij hebben onze zorg uitgesproken over de aard van

de woningen die gepland zijn en het aantal. Wij pleiten

voor een wijk die een diverse samenstelling zal hebben

(woningen voor ouderen, woningen voor gezinnen met

kinderen en woningen voor starters). Verder zouden wij

graag de omvang van de zorgcomponent in de wijk iets

beperken zodat er nog ruimte overblijft voor enige groei

in de nabije toekomst.

Verder is onder meer nog aan de orde geweest:

• Aanpassen route bus. De Gemeente is hier nog mee

bezig;

• Terugplaatsen plantenbakken op het Muntplein;

• Overlast jongeren in de avond en in de nacht. BOA en

politie zijn op de hoogte gesteld;

• Plaatsen van een bankje bij het Herdershof. Dit is nu gerealiseerd.

Het bankje is betaald door Zeeuwland, waarvoor

dank.

Sinds lange tijd hebben wij weer een informeel overleg

met de Gemeente gehad. Dit overleg is plezierig en constructief

verlopen.

Rest mij u een mooi en gezond voorjaar toe te wensen en

wellicht tot 3 juli.

4


Werkgroep Duurzaam Serooskerke

Bert Geleijnse

Informeren en bewust maken

“We willen absoluut geen studieclub over duurzaamheid

zijn, maar praktische informatie geven over mogelijkheden

om zelf daarmee aan de gang te gaan“.

Dat zegt Izaäk Geschiere over de werkgroep Duurzaam

Serooskerke, die onlangs van start is gegaan. Ik zocht

hem op en legde hem een aantal vragen voor.

Waarom deze werkgroep?

In het geactualiseerde dorpsplan van Serooskerke staat

het voornemen om te gaan werken aan een duurzame

toekomst. Vanuit de Dorpsraad ben ik gevraagd om de

werkgroep te starten. Er is op het gebied van duurzaamheid

heel veel gaande in de maatschappij en er komt veel

informatie los, niet alleen over manieren van energiebesparing,

maar ook over regelingen en subsidiemogelijkheden.

Zoveel informatie, dat je als burger door de bomen

het bos niet meer ziet. Als werkgroep zien we het als

onze taak om mensen in dat bos wegwijs te maken: hoe

pak je het aan als je duurzamer wilt gaan wonen, welke

mogelijkheden heb je en hoe kun je daarvan gebruik maken?

Als je dat niet weet, kan het je ervan weerhouden

om er mee te beginnen.

Gebeurt er al niet het nodige aan duurzaamheid in

Serooskerke?

Jazeker, als ik door het dorp loop, zie ik al behoorlijk wat

zonnepanelen op de daken liggen. Ook de elektrische

auto en de warmtepomp hebben bij ons hun intrede gedaan.

Maar we zijn er nog lang niet en de tijd dringt. Het

doel van het klimaatakkoord is om in 2050 95% minder

CO2 uitstoot te hebben. Dat bereiken we onder meer

door energieneutraal te wonen, d.w.z. evenveel energie

op te wekken als we verbruiken.

2050...we hebben dus nog maar een kleine 30 jaar en er

moet nog veel gebeuren. Onze boodschap is dat iedereen

daar een bijdrage aan kan leveren. We willen met voorbeelden

laten zien hoe dat kan en daardoor tegelijkertijd

werken aan de bewustwording van het klimaatprobleem

en de urgentie daarvan.

Hoe willen jullie dat gaan doen?

We zijn nog maar net begonnen als werkgroep en moeten

nog een plan van aanpak maken.

In ieder geval gaan we vooral praktisch werken, dat wil

zeggen informatie geven, die voor mensen bruikbaar is,

waar ze wat aan hebben. We gaan bijvoorbeeld ‘best

practices’ laten zien, dat zijn oplossingen of methodes,

die dorpsgenoten hebben gebruikt om hun woning duurzamer

te maken. Zo kun je van elkaar leren.

Waar gaat de werkgroep mee beginnen?

We willen nu eerst veel kennis opbouwen.

Niet alleen over mogelijkheden om duurzaam

bezig te zijn, maar ook over manieren,

waarop we deze kennis kunnen overbrengen

en inzetten. Dat doen we door deskundigen

uit te nodigen, maar ook door te leren

van de ervaringen van werkgroepen, die al

elders in de dorpen bezig zijn. Contacten

leggen dus en meer mensen erbij betrekken.

In de werkgroep zitten Dies Moelker, Willem den Herder,

Bert van Halderen, Jasper Pouwelse en ik. Daarmee beschikken

we niet alleen over kennis op het gebied van

bouwen, projectontwikkeling en financiën maar ook over

ervaring met het aanleggen van duurzame energie-en

warmwaterbronnen. Wat ik erg jammer vind, is dat we

nog geen vrouwen hebben kunnen vinden om hierin mee

te doen. Maar je weet nooit, ze zijn in ieder geval van

harte welkom.

Duurzaamheid is een heel breed begrip, daarom hebben

we gekozen voor de thema’s vervoer en wonen. Op deze

terreinen kan iedereen zijn of haar steentje bijdragen,

want duurzaam -bezig-zijn is geen hobby, maar noodzaak.

Verbeter de wereld, begin in je eigen dorp, in je eigen

huis.

Rinus en Leni Goetheer hebben 24 zonnepanelen op hun

dak liggen en een hybride warmtepomp in de bijkeuken.

In de volgende Waker vertellen ze over hun ervaringen.

5


Scharensliep in het Oude Brandspuithuis

Wim van Haveren

Aanwinsten voor het thema Goud

“Kent u ze nog?” is een bekende tekst van o.a. de boekjes

van Mart Olijslager waarin mooie beelden uit vroeger tijd

te vinden zijn. Ik dacht hieraan toen ik enkele weken geleden

een belletje kreeg van oud-sportleraar Willeboordse

van de C.S.W, die een oude scharensliepwagen aanbood.

Ooit was de wagen van de bekende scharenslijpersfamilie

Munter, die door heel Zeeland en dus ook op Seroos zijn

ronde deed.

De ouderen kennen ongetwijfeld nog het liedje dat werd

gezongen als de scharensliep in het zicht kwam:

Komt vrienden in het ronde, minnaars van enen stiel!

Ik zal u gaan verkonden hoe ik door ‘t slijperswiel

De kost verdien voor vrouw en kind, schoon bloot gesteld

aan sneeuw en wind

Terlierelom ter la!

Van linksom rechtsom draait mijne steen

door het roeren van mijn been

ju ju ju ju ju ju!

De leraar gebruikte de wagen om bij een vossenjacht van

de school, vermomd met baard en hoed, een mooi plekje

in de stad op te zoeken! Het wagentje staat nu bij het thema

“Goud” in Het oude Brandspuithuis.

Daarnaast hebben we een mooie collectie dia’s van

Seroos ontvangen en zijn we bezig deze te digitaliseren.

Begin maart maakte de PZC melding van de veiling van

de muntenvondst bij de familie Sturm in Gapinge in 1969.

Helaas bleek de startprijs al 3000 euro exclusief 35% veilingkosten,

jammer, het zou een leuke toevoeging van het

verhaal over de gouden en zilveren muntenvondst van

Seroos zijn geweest!

Foto’s voor het thema Rood

In verband met de herinrichting van de brandweerpost

in Vlissingen is er een serie foto’s uit de jaren 1960-1980

beschikbaar gesteld. Deze foto’s zijn een mooie aanvulling

op het grote rad uit de slangentoren van de voormalige

kazerne aan de Van Dishoeckstraat.

Een bijzondere donatie kwam uit het hoge noorden.

Dankzij goede contacten met brandweermusea in Nederland

kwam vanuit Winschoten een oorkonde als dank

voor het blussen van de oorlogsbranden en 2 diploma’s

van oud-brandweerman R. van Loo uit Middelburg

De heer Boender uit Veere voorzag ons van een originele

foto en aanvullende informatie van een brand in 1859!

De Veiligheidsregio Zeeland stelde nog een aantal vervangen

mobilofoons en portofoons beschikbaar, voor ons de

reden om de tafel met

verbindingsapparatuur

te vervangen door een

brede vitrinekast.

Activiteiten

We werken aan de uitbreiding:

in april starten

we met de aanleg van

de fundering voor de

overkapping, waarna

de opbouw kan worden

ingemeten en gemaakt.

Zodra het weer is toegestaan

gaan we, buiten

de schoolvakanties

elke woensdagmiddag

van 13 - 17 uur en in de

schoolvakantie Zuid van dinsdag tot en met zaterdag van

13-17 uur open. Hopelijk kunnen we op 3 juli weer deel

nemen aan een, door de activiteitencommissie van de

ondernemersvereniging georganiseerde, gezellige jaarmarkt!!

Uiteraard verheugen we ons ook op de viering van het

825 jarig bestaan van ons mooie dorp Serooskerke in

2022!!

Blijf gezond!

6

SEROOSKERKE


Anpakkertjes

Jan Zwemer

Ze waere saemen nog geên zes jaer oud, mae ze waere

verontwaerdigd. ‘Meneer,’ zeide ’r eêntje van ulder. ‘Iemand

heeft een vies woord geschreven en dat vinden we

niet leuk.’ Een klein viengertje wees nè de stoepe een

stikje verder. Werasjes, daè stoeng een vies woord van zes

letters, da begon mee een p. Op de straete vor ulder ’uus.

Wat of ze daer an konde doee? Wegvege was een ’eêl karwei,

dat wiste ze. Ik zeide dat, as ze niks deeë, ’t woord

en de teêkenieng uut z’n eige wè zoue weggae deur de

regen. En ik goeng verder. Gaef dat die gastjes d’r eige

zò druk mieke over zòiets! Dat zoue goeie staatsburgers

’oore, leeken ’t wè.

En ja, as ik korts naedien wì op die zelfde plekke kwam,

was ’t vieze woord weggepoest. Deu tweê Stroskèrkenaertjes

die dienkelijk ’ooguut een Peuterspeelzaaldiploma

’aodde. Was me dat ’s verantwoordelijk’eidsgevoel! Laet

de wereld maer over an de joengste generatie – alleên

jammer dat noe nét deze medebeweuners en ulder ouwers

impersant ver’uusd bin.

Ja, zuk soort diengen maek je mee as je onderwege bin

in ’t durp. Vriewilligerswèrk ’oort er vee gedae; gezellig

natuurlijk in coronatied, mee een klusje volk bie mekaore.

Trouwens, vee van wat as vriewilligers doee dat zie je

natuurlijk gladnie, en da’s ook zòas ’t ’oort. Den lienksen

’and weet nie wat as den rechtsen doeet, staet er èrgensten

opgeschreve – mae niet op straete.

Lae me d’r mae moed uut putte, uut die kleine gastjes

mee ulder verontwaerdigieng. Echte anpakkers. Zélf

doee, en nie wachte toet de regen een keer komt. Geef ze

de ruumte, zou ik zeie, wan d’r moe natuurlijk ’t eên en

’t ander verandere in de wereld. ‘Consumindere’ zeide ze

jaeren terug a.

Mee de coronacrisis leere me dat natuurlijk toch a een

bitje en somste mènsen ’ebbe uut d’r eige a nie vee mee

luxe en mee vèrre vakanties. Die geve feitelijk ’t goeie

voorbeeld. Geloof je ’t nie? Zukke mènsen weune wezenlijk

’ier ook op ’t durp, ’oor. Gae dat gerust maer ’s nae. En

’ebbe die nie een rustiger, angenaemer leven dan lui die

aoltoôs drukte ’ebbe en vee omme-de-weer moete vliege

om geld genoeg te verdienen? Ik docht van wè, maer

ik kan ’t mis ’ebbe. In elk geval wete ’k wè da je zelfs op

Seroos (oef!) nog vò verrassiengen kan komme te staen.

(Noe wì van bovenan beginne.)

the majestic tree

looks down upon the humans

and laughs – its bark cracks.

’k was a minder bliee

wan ‘k ao awì een doôd joenk

veugeltje geziee

ineens besef ik

dat het wijsje in m’n hoofd

haiku heet – en zing

verkiezingsblues

mijn partij heeft verloren

wat een ellende!

7


Deel 1

De liefde voor de fiets (en de strijd tegen de hellingspercentages)

Wim Dekker

Toen ik het verzoek kreeg van de redactie om iets te

schrijven over onze fietsvakanties, met het uitdrukkelijk

verzoek om daarin minsten éénmaal het woord “duurzaam”

te noemen, dacht ik: “Hoezo?” Alsof het nog nadere

uitleg behoeft dat, op een wandelvakantie na, de

fiets het meest duurzame vervoermiddel is dat er bestaat

om mee op vakantie te gaan. Louter voortbewogen

door spierkracht aangedreven bovenbeenspieren

en kniegewricht, die op hun beurt de kracht overbrengen

op de trapas, soms geholpen of tegengewerkt door

windkracht, rijd je door de prachtigste landschappen

terwijl een koel briesje je haar doet wapperen in tegenovergestelde

richting (dit is overigens geen recente persoonlijke

ervaring).

Ik vraag me af waar mijn liefde voor de fiets vandaan

komt en of ik die altijd heb gehad. Zeker niet, ik placht me

vroeger bij voorkeur voort te bewegen met zo min mogelijk

inspanning. Op de dag dat ik 16 jaar werd, stond

er een glimmende Puch op me te wachten, waarvoor ik

een heel jaar kranten had rondgebracht. Daarop rijdend

wapperde mijn haardos, destijds nog in ruime mate aanwezig,

dat het een lieve lust was. Met de invoering van de

helmplicht werd de brommer echter direct van de hand

gedaan en zonder tussenkomst van een fiets werd mijn

mobiliteitsvraagstuk opgelost door de aanschaf van een

oude 2CV, waarmee de afstand tot de fiets nog verder

werd vergroot.

Travelbikes

Pas toen we kinderen kregen, kreeg de fiets een prominentere

plaats in ons gezin. Ja, werd zelfs meegenomen

op vakanties en we raakten voorzichtig steeds enthousiaster.

Met een mini fietsvakantie langs het Canal du Midi

met het gezin werd het zaadje geplant. Het zou misschien

toch wel leuk zijn… en ook veel beter voor het milieu…

maar waar naar toe dan… kamperen of hotel… zelf eten

maken of restaurant?

De knoop werd doorgehakt, toch al van plan onze ecologische

voetafdruk drastisch te gaan reduceren zouden

we vanaf nu CO2-neutraal op vakantie gaan. Niet op onze

oude Gazelles natuurlijk, want te zwaar, te weinig versnellingen.

Nee, nu we toch overstag waren, gingen we

voor heuse travelbikes. Een licht doch stevig frame met

afgewerkte, gladde lasnaden. Geen overbodige nokjes.

Wél ruimte voor brede banden met veel bandvrijheid.

Met cleane, gebruiksvriendelijke Shimano V-brakes en

8


derailleur én met genitaal-vriendelijke zadels.

Veel kilometers, minimaal onderhoud, dat was het streven.

Laat zo’n Rolls Royce onder de fietsen nu net in ons

dorp worden verkocht door Jan van der Eijk, die de lokale

dealer bleek te zijn van de ultieme vakantiefiets; de Duitse

dus oerdegelijke en betrouwbare Stevens (door Jan

consequent op zijn Engels ‘Stievens’ uitgesproken).

Volgende vraagstuk; waarnaar toe? Hoewel het doel van

de reis niet belangrijk is, immers de reis is het doel en

niet de bestemming, moesten we toch een richting kiezen

om te kunnen vertrekken. Zuidwaarts

besloten we en omdat er veel

wegen naar Rome leiden, vonden we

het een goed plan om die richting op

te gaan en te zien waar we uitkwamen.

Dat de natuur besloten had Italië van Europa te scheiden

door een bergketen waar niet omheen te fietsen viel,

vormde vooralsnog geen bezwaar. Op een kaart lijkt een

berg immers niet zo hoog en we hadden de Westkapelse

zeedijk als kuitenbijter toch ook makkelijk verteerd?

Teveel bagage

Vol goede moed vingen we onze reis aan. De eerste etappes

waren vlak en dus een prima warming-up. Fluitend

arriveerden we aan de voet van de Ardennen, die er aanvankelijk

helemaal niet boosaardig uitzagen. Maar de eerste

heuvel was al direct een belevenis en voelde als een

vuurdoop. Tot nu toe hadden we nauwelijks hoeven schakelen

en alleen op het buitenblad gekoerst. Met het rechterhandeltje

probeerde ik de grotere tandwieltjes van

mijn achterblad te vinden. Ratelend schoot de ketting op

een tandwiel dat zij zelf had uitgekozen. Mijn fiets kraakte

in al haar voegen, maar het ging. Tergend langzaam

klom ik naar boven. Achter me was Christy nog bezig uit

te vinden wat het verschil was tussen haar rechter- en

linker versnellingshendel, met als resultaat dat ze enkele

9

keren volledig geparkeerd

stond. Uiteindelijk

stonden wij beiden

boven en zagen we de

eindeloze reeks heuvels

tot aan de horizon.

De reis was begonnen…

Na nog 2 beklimmingen

die dag, begon het

besef te komen dat

we wellicht toch iets

te veel bagage hadden

meegenomen. Mijn

fiets telde 6 tassen +

tent, Christy torste er

5. Tel daarbij mijn overgewicht

en het resultaat

bestond uit een

last van ruim 130 kg die

mijn Stevens te dragen had. Bergafwaarts gaf dat geen

enkel probleem, daar deed de zwaartekracht met gemak

zijn werk. Bergop echter, bond diezelfde zwaartekracht

zware elastieken aan mijn fiets en trachtte daarmee zijn

berijder terug het dal in te trekken. Alsof hij wilde zeggen:

‘blijf toch hier, het heeft geen enkele zin om naar boven

te gaan, daarna moet je toch weer naar beneden’. Hoe

graag had ik hier soms gehoor aan gegeven.

Gevangen

Een eindje fietsen

Goed voor lichaam en de geest

Elke keer opnieuw

Toch verbaasden we ons erover dat al snel een zekere

gewenning optrad in het onafgebroken

stijgen en dalen en ontwikkelden

onze eigen manier om de strijd aan

te gaan met de hellingspercentages.

Ik begreep dat klimmen, zo fysiek

als het lijkt, in de kern een mentale

kwestie was. Na het kiezen van een comfortabel verzet

(nooit met het kleinste beginnen, want te weten dat je

niet meer kleiner kunt schakelen hangt dan de hele klim

als een zwaard van Damocles boven je hoofd), moet je

eerst in een bepaald ritme komen. Heb je dat gevonden

dan gaat de beklimming vooral verder in je hoofd. Je bewustzijn

is klein op een fiets. Hoe zwaarder, hoe kleiner.

Een doorhamerende gitaarriff of een repeterende zin uit

een liedje is voldoende om je gedachten te vullen. “Zombie”

van de Cranberries doet het bij mij goed. Ook maak ik

er in gedachten graag een virtuele wedstrijd van en waan

me dan mijn jeugdheld Frederico Bahamontes, ‘De adelaar

van Toledo’ die solo naar de top van de Mont Ventoux

rijdt, met een comfortabele voorsprong op het peloton,

lees: Christy. Zij waant zich deze dag dan de sprinter

die voor de ‘bus’ uit, ploetert om binnen de tijdslimiet te

finishen. Nee, een beklimming is geen sociale bezigheid,

ieder op zijn eigen tempo en gevangen in zijn eigen gedachten.

Lees over de bizarre afloop van deze reis in de volgende Waker.


Nul op de meter? Comfortabel Min op de meter!

Izaäk Geschiere

Peter Louwerse en Carla Koole woonden jarenlang in

de Zandput. Hun grote droom was om ooit nog eens in

een energieneutraal huis te wonen. Dat past bij hoe ze

in het leven staan: idealistisch, zorg hebben voor natuur

en milieu en goed omgaan met het geld dat binnenkomt.

Toen ze duidelijk wisten wat ze wilden: een nieuw huis

gebouwd naar hun ideeën, zijn ze op zoek gegaan naar

een bouwkavel. Die vonden ze niet in Serooskerke maar

wel in Zanddijk, Veere.

In de zomer van 2019 betrokken ze hun nieuwe woning.

Daar ging bijna anderhalf jaar aan voorbereiding

en bouwen aan vooraf. Ze hebben een architect en een

aannemer in de arm genomen die ervaring hadden met

energieneutraal bouwen. Ze wilden ook zoveel mogelijk

circulair bouwen. Dat betekende bijvoorbeeld dat de woning

uit houtskelet panelen is opgetrokken en dat ze geen

heipalen hebben gebruikt maar dat het huis op een dikke

laag schuimbeton met daar bovenop een constructievloer,

staat.

Nul op de meter

Ze zijn nog steeds aangesloten op het net, betalen ook

transport- en opslagkosten omdat ze ’s zomers energie

van de 24 zonnepanelen moeten kunnen leveren aan het

net en ’s winters wanneer ze te weinig opbrengst hebben,

energie af kunnen nemen. Er bestaan nog steeds geen

betaalbare grote accu’s waarin je overtollige energie kunt

opslaan, dus hebben ze het net nodig. Ze leveren meer

aan het net dan ze elektriciteit kopen. Vorige, zonnige zomer

leverden ze 6000 kwh meer dan ze nodig hadden.

Vandaar dat er nu een elektrisch auto voor de deur staat

die altijd door hun eigen zonnepanelen wordt opgeladen.

Ze zijn benieuwd of aan het eind van het jaar blijkt dat ze

toch nog teveel hebben geproduceerd. Een mooi verdienmodel

dus. Een gasaansluiting hebben ze niet.

De pomp haalt via die drie bronnen

warmte uit de diepere aardlagen. Een

bron is in feite een lus.

Stevig geïnvesteerd

In feite hebben ze de energierekening van pakweg de

komende 10 jaar in een keer betaald door extra te investeren

in hun nieuwbouwhuis. Hoeveel extra? Peter:

“Het is maar hoe je rekent. Hadden wij minder isolatie

gedaan als we niet voor energieneutraal waren gegaan?

Nee, isoleren doe je toch, maar we hebben wel heel veel

geïnvesteerd in isolatie, bijvoorbeeld in drievoudig glas.

We hebben echt extra tussen de tien en twintig duizend

geïnvesteerd, denk ik.”

Ze hebben een warmtepomp met bronnen, een waterwarmtepomp.

Voor zo’n pomp sla je diepe bronnen. Die

tachtig meter diepe bronnen slaan, kost tienduizend euro

extra. En dan heb je nog de apparatuur, de warmtepomp.

De pomp haalt via die drie bronnen warmte uit de diepere

aardlagen. Een bron is in feite een lus. Peter: “Er gaat

een slang, gevuld met een mengsel van water en glycol

de grond in en die komt ook weer naar boven. De vloeistof

pikt beneden de warmte van zo’n tien, twaalf graden

op.” Geen hete lavatoestanden dus in Zanddijk. Door

vloeistof van twaalf graden te comprimeren, in elkaar te

drukken, wordt de temperatuur hoger. “Het werkt als een

omgekeerde diepvries die warmte van binnen naar buiten

transporteert.” Daar heb je veel stroom voor nodig,

opgewekt door de zonnepanelen op het dak, gericht op

het zuidwesten, met een hellingshoek van 28 graden. De

warmtepomp geeft de warmte af aan een groot boilervat

waaruit Peter en Carla hun warm water halen voor douche

en keuken.

Op de warmtepomp zit ook een unit aangesloten die de

vloerverwarming aanstuurt. Op zowel de beneden als

de bovenverdieping hebben ze in bijna alle vertrekken

aparte groepen d.w.z., een aparte set slangen in de vloer,

waardoor ze in elke kamer de temperatuur kunnen regelen.

Carla: “Elke kamer heeft een eigen thermostaat, fantastisch,

alles is apart geregeld.” Ze zetten de verwarming

nooit meer laag, dat is het goedkoopste, door de enorme

isolatie heb je geen schommelingen meer, houdt het huis

de warmte beter vast. Ook toen het vroor van de winter,

hadden ze een heerlijk comfortabel woonklimaat.

En in de zomer?

In de zomer werkt het andersom. De warmtepomp wordt

dan koudepomp en pompt water uit de bodem, 12 graden

koel, rond in de slangen van de vloerverwarming.

Met de deuren dicht hadden ze afgelopen zomer een

heerlijk koel huis. Carla: “En we zitten met de woonkamer

niet op de zonkant.”

Hoe staat het met de ventilatie?

Is het broodnodige ventileren in een huis waar alle kieren

en naden potdicht zijn gemaakt niet een probleem?

Peter: “Er zijn eigenlijk twee systemen. Een gebalanceerd

systeem waardoor je ook je ramen en alles zoveel mogelijk

dicht moet houden en waarbij de invoer en de afvoer

van de lucht met filters helemaal geregeld is. Daar

hebben we niet voor gekozen. Wij hebben gekozen voor

een traditioneel systeem met de toevoer van lucht via

roosters in een aantal ramen. We kunnen ook gewoon

10


een raam of deur openzetten. De afvoer is met een afzuigsysteem

door het hele huis.” Dat kost wel wat meer

energie……

Peter en Carla wisten wat ze wilden, hadden hun keuzes

op het gebied van energieneutraal wonen al gemaakt

voor ze een architect opdracht gaven. Hij is met hun keuzes

aan de slag gegaan. Ze zijn zeer te spreken over de

medewerking van het duurzaam bouwloket van de gemeente

Veere. Een speciale ambtenaar maakte gratis een

adviesrapport in overleg met de architect. En zo konden

ze de idealen die ze al jaren hadden, helemaal realiseren.

“Het was gewoon onze droom: een energieneutraal huis

bouwen. En nu hebben we een ideale levensloopbestendige

woning, zo comfortabel, dat het altijd warm is, ook ‘s

nachts, nooit geen tocht meer in huis. Het is onvoorstelbaar

hoe lekker het hier in huis is.”

De machinekamer

11


Zicht op de Zompe

Bram Wijne trots op zijn TechniQ Energy

Bert Geleijnse

Zeven jaar geleden op vakantie in Curacao ging de knop

bij hem om: “Ik ga iets anders doen, deze werkstress wil

ik niet meer” Bram Wijne voelde zich opgebrand na jaren

letterlijk van hot naar her gevlogen te zijn: van bedrijf

naar bedrijf, project naar project op alle mogelijk

plekken in de wereld: België, Duitsland, Engeland, de

Golf van Mexico, China. Hij deed dit als freelance projectplanner

met zijn bedrijf TechniQ.

Helikopterview

De jonge Wijne -opgeleid als werktuigbouwkundige- begon

bij Schelde AKF als planner en werd al snel assistent-bedrijfsleider,

dankzij zijn zichtbare creativiteit en

inzicht in bedrijfsprocessen. Als logistiek manager en projectplanner

kreeg hij grote projecten van Scheldebouw

onder handen en zo bouwde hij een indrukwekkende

expertise en ervaring op in binnen- en buitenland, vanaf

2008 als zzp’er.

Bram daarover: “Ik heb in heel veel verschillende bedrijven

op plaatsen in de organisatie gewerkt, van waaruit je

het geheel kon overzien. Dat vond ik ook het boeiende,

je krijgt een helikopterview en ziet dan waar bedrijfs- of

productieprocessen verbeterd kunnen worden. Creatieve,

onverwachte oplossingen voor problemen bedenken,

dat vind ik een uitdaging”.

Een mooie tijd, waarin goed verdiend werd, maar ook

min of meer roofbouw op de gezondheid werd gepleegd.

Daarom ging in Curacao het roer om en werd een nieuwe

uitdaging gevonden op het gebied van duurzame energie:

bezoek aan de Intersolar beurs in 2014 in München

deed Bram kiezen voor zonneboilers. Voor zonnepanelen

waren al genoeg grote aanbieders op de markt. Daarmee

kreeg zijn bedrijf een nieuwe richting onder de naam

TechniQ Energy.

Nu 7 jaar later zit hij met zijn bedrijf met 10 man personeel,

waaronder 2 stagiaires op een mooie locatie op de

Zompe en is hij 6e op de ranglijst van aanbieders van zonneboilers

in Nederland. Bram is er zonder meer trots op.

Werking van de zonneboiler

Een blik in de ruime voorraadhal leert dat ook warmtepompen,

palletketels en zonnepanelen geleverd worden.

Bram en zijn medewerkers hebben inmiddels ruime ervaring

en kennis opgedaan in het combineren van deze

producten tot duurzame systemen voor hun klanten. De

zonneboilers zijn echter wel het hoofdproduct van TechniQ

Energy en daarom legt Bram mij als leek eerst het

principe van de zonneboiler en zonnewarmte uit. Hij gebruikt

daarvoor een groot schema dat op de muur bij de

ingang van de hal prijkt. De belangrijkste onderdelen van

een zonneboiler zijn: de zonnecollector, de pomp en het

opslagvat.

Op de plek met de meeste zonnewarmte - doorgaans het

12

dak van een gebouw of huis - worden de zonnecollectoren

geplaatst: De collectoren bestaan uit donker gecoate

glazen vacuümbuizen met daarin een koperen buisje, de

heatpipe. Wanneer de zon schijnt verwarmen de donkere

glazen buizen de heatpipes in de zonnecollector op, tot

soms Heatpipes wel 219 graden. Langs de heatpipes wordt met een

efficiënte pomp een vloeistof (glycol) gepompt om de

warmte

De zonnecollectoren

naar een gesloten spiraal

zijn gebaseerd

in het opslagvat

op het

over

efficiënte

heatpipe-principe. Het opslagvat van de Hierdoor kleinste systemen worden kan hogere 160

te

brengen. Daarin wordt het water opgewarmd tot wel 80

graden.

of

temperaturen

200 liter tapwater

bereikt

bevatten.

dan

Als

met

de

een

temperatuur

vlakke-plaat

in het

voorraadvat te laag is, omdat er te weinig zonnewarmte

collector. is, wordt Dit het komt water doordat de cv-ketel, ze rondom die in zonnestralen

opvangen, met het opslagvat, en de naverwarmd warmte door tot de de juiste heatpipe tem-

verbinding

staat

peratuur bereikt is. Dat levert een flinke besparing in het

gasverbruik wordt geconcentreerd op als je je bedenkt boven dat in een de collector. persoon ca. Heatpipe-systemen

warm water per werken dag verbruikt. zelfs in de winter of bij

35

liter

Bram bewolkt legt me weer ook omdat uit er zij naast werken zonneboilers op het voor infrarode warm

tapwater ook combinatieboilers zijn, waarmee niet alleen

warm licht. water maar ook verwarming voor de woning of gebouw

geleverd wordt. In dat geval zit er bovenin in het

boilervat een extra warmtewisselaar die het retourwater

van de cv voorverwarmt. Er is dan minder gas nodig om

de gewenste temperatuur te krijgen. En dan zijn er nog

de hygiëne boilers in grotere systemen, waarbij het vat

is gevuld met CV water en het tapwater door een eigen

spiraal (warmtewisselaar) in het vat heen stroomt.

Projecten

In de hal staan boilers in diverse formaten en ook de collectors

zijn verkrijgbaar in allerlei uitvoeringen, vacuümbuis

of vlakke plaat. Daardoor kan TechniQ Energy complete

systemen op maat leveren, zegt Bram. Er zijn veel

combinaties mogelijk van zonneboilers met andere duurzame

opwekkers van energie of warmte, zoals warmtepompen,

zonnepanelen en palletketels. Al gauw denk je

dan aan ‘grootverbruikers’ zoals zwembaden, campings,

horeca agrarische bedrijven en sportcomplexen. Dat is

dan ook de markt waar TechniQ Energy zich nu vooral op

richt: grootschalige zonthermische en zonnestroompro-

C

D


jecten, waarin op een creatieve manier zonneboilers worden

gecombineerd met andere warmtebronnen.

Dichtbij huis zijn installaties aangelegd bij o.a. Voetbalvereniging

VCK, Vakantieappartementen Zuiderstrand

te Westkapelle, Camping Oba’s Hofje te Oostkapelle en

binnenkort Voetbalvereniging Veere en het Juliana bad te

Arnemuiden. Bram (lachend) : “En een aanvraag voor de

Goudvijver zou ook heel mooi zijn.”

Verder weg was TechniQ Enerqy ook actief: zonnecollectoren

leveren de warmte voor de luchtbehandeling

van de manschapsverblijven op het kampement van de

VN-missie te Mali. Bram is nog steeds trots op het ingenieus

systeem dat daar is aangelegd.

Het is de passie van Bram om - best passend bij de situatie

ter plaatse - oplossingen uit te werken voor het toepassen

van hernieuwbare energie en daarbij als het kan gebruik

te maken van meerdere technieken en hulpmiddelen

als zonnecollectoren in combinatie met zonnepanelen,

warmtepompen etc.

Natuurlijk is hij genoeg ondernemer om zich vooral te

richten op datgene waar het TechniQ Energy goed in is

en waar gezien de grootte van het bedrijf het meeste

rendement ligt: het verzorgen van zonnewarmte- en zonnestroomprojecten

voor wat je zou kunnen noemen het

midden- en kleinbedrijf. Op de gevel van het bedrijf prijkt

dan ook de naam TechniQ Projects.

Hoog rendement

En de individuele Serooskerkenaar dan, die wil verduurzamen

door gas te besparen op de warmwater-voorziening

of de centrale verwarming?

“Die kunnen ook bij ons terecht” zegt Bram, “wij leveren

wel, maar installeren niet, dat is voor ons bedrijf niet rendabel.

Daarom werken we wel met externe partijen. Als

de klant zelf of met hulp van een handige kennis een zonneboiler

plaatst, bieden wij wel begeleiding-op-afstand.

Als het werk klaar is, sturen wij een installateur om het

systeem te controleren. Deze officiële goedkeuring is

voorwaarde om subsidie te krijgen. Het aanvragen van

deze subsidie kunnen wij overigens ook verzorgen. Tevens

hebben we een webshop waarin we andere producten

zoals elektrische boilers aanbieden.”

Zonnewarmte oftewel het omzetten van zonlicht naar

bruikbare warmte: Bram ziet de groeiende bijdrage daarvan

in de overgang naar duurzame energie. Er zijn veel

mogelijkheden voor toepassing en het rendement is

hoog. “Weet je dat je met een zonneboiler met hetzelfde

oppervlak aan zonnecollectoren tot wel vier keer meer

energie op kunt wekken dan met zonnepanelen. Als je het

zelf doet, verdien je de kosten in 7 jaar terug en je bent

goed duurzaam bezig.”

voor meer informatie: www.techniq-energy.nl

webshop: www.techniq.nl

13


Kippentoom...

Narretje

Zo, de lente is aangebroken! Heeft u het gemerkt? Dat

moet haast wel. Narretje werd bijna tot tranen toe geroerd

toen hij ineens overal narcissen in bloei zag staan.

In de berm van de A58, in de berm van de N57, de bermen

van binnenwegen, op allerlei plaatsen waar je het

niet verwachten zou. Hoe? Is er iemand die in de nacht

willekeurig bollen in de grond geduwd heeft? Zijn er vogels

die narcissenbollen uitpoepen? Hoe dan ook: lente!

De meeste knotwilgen rond het dorp zijn ook netjes geknot.

Overigens: al jaren viel het Nar op dat op één van

de knotwilgen een houten plaatje was bevestigd. Dit intrigeerde

hem behoorlijk en onlangs is ie afgestapt en er

naar toe gelopen. Want er stond ook duidelijk iets op geschreven.

Wat? Iets als ‘op 30 passen vanaf deze boom in

noordoostelijke richting ligt de schat begraven’? Helaas,

slechts een naam: Eva van K****n. Het bordje vermeldt

ook nog ‘3C’. De klas van Eva? Toch een code, een boodschap?

We zullen het nooit weten. Alleen Eva weet het.

Als ze tenminste zelf van dit bordje af weet.

Wilgen geknot, sloten uitgediept, elke sloot zijn eigen

eenden paartje, bomen en struiken lopen uit. Lente! Ook

de narcisten stonden trouwens volop in bloei! Vooral zo

tegen 17 maart. Ook daar kreeg Nar soms tranen van in

de ogen, maar dan vanuit een andere emotie. Maar goed,

ieder vogeltje zingt zoals het gebekt is. Sommige zingen

mooi, sommige zingen lelijk. Meer een soort van roepen,

eigenlijk. Zo hoorde Nar laatst bij een wandeling ineens

‘roep roep, roep roep’! En ja hoor, hij zag nog net de bontgekraagde

roeptoeter weg duiken. Zeldzame vogel, familie

van de koekoek.

Van een heel andere orde qua vogels: heeft u al kennis gemaakt

met het Vrije Serooskerkse Kippentoom? Het VSK,

kortweg. Waar Nar het over heeft en of het verder goed

gaat met hem? Jawel, heel goed zelfs. In het noordoosten

van Serooskerke verblijft een heus kippentoom. Zo heet

dat, een toom. Geen kudde, roedel of een zwerm kippen,

nee: een toom. Nar had er nog nooit van gehoord. Vrouw

Nar wel, die weet alles. Wie langs de brandweerkazerne

loopt heeft ze vast al eens gezien. Nar dacht dat het er

een stuk of zes waren, een haan, wat kippen. De laatste

telling is ie gestopt bij twintig. Ze lopen hun kostje bij elkaar

te scharrelen, ze zijn van niemand en niemand weet

hoe ze er komen. Bang zijn ze niet: ze rennen gezellig met

mensen mee die daar iets te doen hebben. Ze zijn ook

niet eenkennig. Vorig jaar was er een mannetjes eend die

gewoon met de kippen meedeed. En laatst zat er zelfs een

pauw pontificaal voor de brandweerkazerne te pronken.

Mocht zich binnenkort ook een struisvogel aandienen:

Nar houdt u op de hoogte.

Hallo Nar? Waar

blijft de narrigheid?

Je bent wel erg soft

tot nu toe, niets te

melden? Ach, lieve

lezers, we kunnen

wel altijd op zoek

gaan naar wat in

onze ogen niet

deugt. Veel energie

levert dat helaas

niet op. Nar heeft

laatst een nieuw

woord bedacht:

‘ontzeiken’. Er zou beslist minder gezeikt kunnen worden.

Nederland gaat er aan ten onder. Maar goed, Nar is er

voor ingehuurd, dus bij deze: enkele jaren terug werd geconstateerd

dat Serooskerke op Wikipedia vermeld werd

als ‘een typisch Walchers dorp met een kerk en een kerkplein,

enige nieuwbouw en een aantal boerderijen daar

omheen’. Dat moest anders, en ook om andere redenen

werd het ‘Dorpsplan Serooskerke 2015 – 2025’ ontwikkeld.

Nog drie jaar dus. Narretje is eens gaan zoeken, en

tot zijn verbazing staat bijna diezelfde omschrijving van

Serooskerke ook op de site van dit dorpsplan. Hoe kan

dat nu? Het dorpsplan zelf dan eens doornemen. Dat is

ook wel toe aan een update. Al was het maar door een

kolom toe te voegen met de stand van zaken. Dan blijft

de gang er in.

Tot slot: de mogelijkheid bestaat dat als u Nar tegenkomt,

aan de wandel, dat ie met een bierblikje in de hand loopt.

Maakt u zich geen zorgen, Nar is niet aan de drank. Maar

wel behoorlijk pissig op iedereen die denkt dat de berm

de meest geschikte plek is voor zijn lege bier- / frisdrank

blikje.

De berm is voor narcissen. Niet voor narcisten die denken

‘na mij de zondvloed’.

O, nog even iets uit het Dorpsplan: 2022, viering 825-jarig

bestaan Serooskerke! Joechei!

bierblik in de berm

vuilnisbak is te moeilijk

verdriet omarmt mij

14


Twaalfjarigen over opgroeien in Serooskerke

Bert Geleijnse

Op een zonnige maandagmiddag ontmoet ik op het

speelveld bij de Zandput Sanne (12jr), Max (12 jr) en Daniël

(11jr). Ook Sandra an der Linde is erbij. Ze is welzijnswerker

van Welzijn Veere en neemt het jongerenwerk in

de gemeente voor haar rekening. Ik ben benieuwd hoe

jongeren van hun leeftijd nu de lockdown ervaren, waar

we al zo lang in zitten.

“Niet leuk”, zegt Max direct en de anderen vallen hem

daarin bij. Het is saai en er is weinig te doen. Elke dag

wordt zo wel een beetje hetzelfde en ze zouden ook niet

weten wat ze nu weer voor nieuwe dingen met elkaar

moeten verzinnen Sanne:

“ We hebben zoveel

verstoppertje gespeeld,

dat we nu wel alle hoeken

en gaten van Serooskerke

kennen”. Daniël: “

Door de verveling ga ik

gekke dingen doen”. Hij

laat me als bewijs zijn

vinger zien, waarvan

het topje kwijt is. Klemgezeten

tussen de klep

van afvalcontainer, toen

hij iets te enthousiast

daarmee bezig was. Daniel

geeft een uitvoerig

verslag van het ongeluk

met zijn vinger. Max en

Sanne vullen hem aan.

Online

Natuurlijk konden ze

ook lange tijd niet naar

school en moesten ze

onlinelessen volgen. Hoe

vonden ze dat? Max:

”Wel fijn, tijdens de onlinelessen

maakten we

het schoolwerk en dan

was ik na een paar uur

klaar voor die dag”. Ook

Sanne en Daniël lijken

niet zo’n probleem met

de ‘online-school‘ te

hebben. Maar zij zitten wel in het laatste jaar van de basisschool

en krijgen te maken met drempeltoetsen. Sanne:

“Ik heb wel veel huiswerk”. Wat ze wel erg jammer vinden

is dat ze de leuke dingen van zo’n laatste schooljaar moeten

missen, zoals een afscheidsfeest en schoolkamp.

Belletje lellen

Ik wil ook wel eens weten, hoe ze het vinden om hier

in het dorp op te groeien. Ik verwacht een hartgrondig

‘saai!” te horen. Maar alle drie zeggen ze volmondig dat

ze blij te zijn hier in het dorp te wonen en niet in de stad.

“Gezellig op een dorp, je kent elkaar, kan overal veilig bij

elkaar komen en spelen, lekker dicht bij school”. Max vult

aan met een ondeugende blik: “...en je ziet de politie niet

te vaak”. Als ik daarnaar vraag, blijkt het met het uithalen

van kattenkwaad heel erg mee te vallen, of het moet zijn

met een groep lekker in een straat belletje lellen.

Weinig te doen

Sandra wil graag van Sanne, Daniël en Max weten of ze

vinden dat er voor hen voldoende voorzieningen zijn

op het dorp. Dat vinden ze niet: er is weinig of het is te

klein, zoals de skatebaan.

‘Een baan voor mountainbike

fietsen’ oppert Max.

Mountainbiken is zijn hobby.

Meer speelvoorzieningen

zoals een skatepark,

zeggen ze. Maar ze snappen

ook dat het geld daarvoor

niet zomaar beschikbaar

is en dat het altijd

nog minder kan. Kijk maar

naar andere dorpen.

En vinden ze, dat er voldoende

voor hen te doen

is hier op het dorp? Ze

mogen het dorp dan wel

gezellig vinden, ze missen

toch wel activiteiten,

die passen bij hun leeftijdsgroep.

Sanne: “Voor

onze leeftijdsgroep is er

eigenlijk niets, wel voor

de kleintjes en de oudere

jeugd. We vallen er een

beetje tussen”.

Sandra luistert aandachtig.

Ze vraagt of Sanne,

Daniël en Max eens ideeën

en wensen voor activiteiten

naar voren willen

brengen. “Lasergamen”

roept Daniël direct. “Bijvoorbeeld”,

zegt Sandra.“

Maar bespreek het eens met anderen en laat het mij dan

weten.”

We spreken ook af, dat we voortaan in de Waker elke

keer jongeren aan het woord zullen laten. Sandra wil wel

contactpersoon zijn. Meld maar bij haar, als je iets wilt

vertellen over je hobby, interesse, of dingen die jij belangrijk

vindt.

Haar telefoonnummer is 06-51311333. Via de app kan je

haar bereiken Wij gaan er dan aandacht aan geven in de

Waker. De eerste afspraak is al gemaakt met Max. Onderwerp?

In ieder geval moutainbiken!

15


Day 365 of working from home, you are doing great!

Sander Lobbezoo

Onlangs ontving ik een kaartje van mijn leidinggevende

met daarop bovenstaande tekst. Dat betekent dat het

op 12 maart precies een jaar geleden was dat we vanuit

huis zijn gaan werken.

In dat jaar ben ik welgeteld nog 2 keer 10 minuten naar

kantoor geweest om iets te printen, want dat is het enige

waarvoor we naar kantoor mogen als het echt niet anders

kan. De eerste “intelligente” lockdown betekende dan

ook meteen iedereen thuis. Met z’n vieren thuis werken,

leren, onderwijsgeven, spelen en gezelligheid creëren.

Dat was een behoorlijke opgave met 2 jonge kinderen,

destijds 3 en 6, maar gelukkig zat het weer mee en konden

we veel buiten zijn. Er was geen plan, het zou ook

maar tijdelijk zijn dus gewoon ff doorbijten.

Daarna kwam de zomer, het weer bleef mooi, we konden

naar het strand, terrasjes waren open en de besmettingen

daalden zodat we corona bijna vergeten waren. Maar

in juli begonnen de besmettingen alweer op te lopen...

Gelukkig konden we nog net op vakantie naar Noorwegen,

in een camper met z’n vieren op 8 m2, want ach we

hadden elkaar toch nog niet zo veel gezien. Maar we konden

veel buiten zijn en buiten de steden leek corona in

Noorwegen niet te bestaan. Inmiddels begonnen de besmettingen

in Nederland alweer serieuze vormen aan te

nemen en bij thuiskomst werd vanuit de overheid aangegeven

dat thuiswerken weer de norm was. Net nu ze

bij ons op het werk bezig waren om werken op kantoor

weer in te richten! Daar ging dus direct een streep doorheen.

Maar goed, inmiddels waren we wel gewend aan

video-calls en telefoongesprekken en soms is dat ook wel

lekker efficiënt.

Multitasken

Totdat vlak voor kerst de hele bups weer thuis kwam te

zitten, kinderen inmiddels 4 en 7, met thuis onderwijs

en alles wat erbij hoort. Deze keer zat het weer niet echt

mee en bleef mijn partner wel buitenshuis werken. Dat

betekende dus multitasken en zoals alom bekend kunnen

mannen dat niet (vrouwen overigens ook niet al denken

ze vaak van wel, maar dat geheel terzijde).

Wederom liepen werken, wonen en gezinsleven volledig

door elkaar heen en dat is eigenlijk zo tot op de dag van

vandaag. De BSO blijft nog altijd gesloten dus om 14.00

uur zijn de kinderen uit school. Mijn partner werkt wel

buitenshuis, wat betekent dat ik drie van de vijf dagen de

kinderen ’s morgens om 8.15 uur naar school breng. Vervolgens

begin ik rond 8.30 met werken.

’s Middags om 13.55 haal ik de kinderen weer van school

en is het gedaan met de rust. Dat betekent effectief 2

online afspraken of overleggen en snel tussendoor iets

eten. Dan kinderen halen en entertainen, eten , kinderen

naar bed en ’s avonds als ze op bed liggen het werk doen,

dat die dag niet gedaan is, maar wel had gemoeten.

Grijze brei

Eigenlijk werk ik nooit meer een hele dag, maar ben ik

ook nooit meer een dag echt vrij. Het is één grote grijze

brei geworden, eigenlijk al een jaar lang. Je mist de real-life

contacten met collega’s en relaties en de ontspanning

met het gezin. Dat vind ik persoonlijk het grootste gemis.

Naar de positieve kanten van de lock down ben ik nog

naarstig opzoek, of het moet zijn dat we het milieu minder

belasten wat weer ten goede komt aan het klimaat.

Maar op persoonlijk vlak zie ik ze nog niet. Ik ben erachter

dat ik niet leuker wordt van alleen maar thuis zijn.

En ook als tendens in de samenleving zie ik steeds minder

acceptatie en steeds meer ontevredenheid. Dat was

tijdens de eerste intelligente lockdown nog heel anders.

Toen was er een bepaalde mate van saamhorigheid, een

sterk gevoel van 'samen kunnen we het' en veel respect

richting de hardwerkende zorg. Dat zie je nu bijna niet

meer terug, terwijl de werkers in deze zorg het net zo

druk of zo niet drukker hebben dan vorig jaar.

Tips voor anderen heb ik een heleboel, het probleem

is alleen dat ik het zelf ook niet doe. Dus voor wat het

waard is:

• Als je thuis werkt, maak duidelijke afspraken wanneer

je aan het werken bent en wanneer je er voor het gezin

bent

• Ga iedere dag minimaal een halfuurtje naar buiten

wandelen/sporten

• Blijf gezond eten en drinken en laat je niet verleiden

tot de koekjestrommel of snoeppot in het keukenkastje

• Neem af en toe gewoon een dag vrij om iets te gaan

doen met je gezin of partner

• Neem tussentijds voldoende pauzes

Zoals gezegd, ik breng ze zelf ook niet in praktijk... iets

met waan en dag geloof ik.

Persoonlijk hoop ik dat met de komst van het lenteweer

en een snelle vaccinatiecampagne richting de zomer er

steeds meer dingen weer mogelijk worden en we kunnen

genieten van het heerlijke weer, terrasjes en een gezellig

samenzijn met familie en vrienden.

16


Een sieraad voor de Herdershof

Izaäk Geschiere

Sinds 18 maart staat er een fraaie bank voor de blinde

gevel van de Herdershof. Zomaar uit de lucht komen vallen?

Niet echt.

December 2018 stond er een wensboom op het Muntplein.

De initiatiefnemer was het Platform Welzijn Serooskerke.

Eén van de wensen die in de boom was gehangen

luidde: meer bankjes in het dorp en meer sociale contacten.

Jacobine Vader is, namens de dorpsraad, hiermee

aan de slag gegaan. Er is een ‘bankjesplan’ gemaakt en

toen kwam men op het idee een bank te plaatsen in het

zonnetje bij de voorgevel van de Herdershof.

Maar wie betaalt dat? De gemeente had juist het plan om

op bankjes te bezuinigen want het onderhoud zou te veel

kosten. Toen we als dorpsraad een gesprek hadden met

Marco van der Wiel, directeur-bestuurder van de woningcorporatie

Zeeuwland, de eigenaar van de appartementen

van de Herdershof, trok Jacobine de stoute schoenen

aan en informeerde of Zeeuwland misschien de kosten

van de bank op zich wilde nemen. Tot haar verbazing was

het antwoord direct positief! Jaco de Boer, medewerker

van Zeeuwland, nodigde een fabrikant uit en Jacobine en

de bewonerscommissie kregen de vrijheid om een keuze

te maken voor het ontwerp en de houtsoort. Dat werd

gewoon gehonoreerd. Zo simpel kan dat dus gaan!

De bank moest natuurlijk nog wel worden geplaatst en

verankerd. Geen nood. Jacobine raadpleegde haar netwerk

en vond Lukasse Zwemer Infra Techniek uit de Zompe

bereid om de bank kosteloos te plaatsen! Er komt natuurlijk

nog een officiële onthulling maar dat gebeurt pas

als het zonnetje een zomerzon is geworden en Corona

voor een groot deel achter de horizon is verdwenen. Daar

wachten we allemaal met smart op….

Maè m’n goeie man!

Èn ze daè een bank gezet...

Beter laet as nooit.

17


De klok van Serooskerke

Frans van den Driest

Klokken zijn er al heel lang. Ze geven aan hoe laat het is,

worden geluid om de gemeenteleden op te roepen naar

de kerk te gaan en onder klokgelui wordt een overledene

naar de begraafplaats gebracht. De Raad van Kerken

had in maart 2020 gevraagd als teken van hoop en

troost in coronatijd op woensdagavonden om 19.00 uur

een kwartier de klokken te luiden.

Sabinianus, die van 604 tot 606 paus was, stelde in 605

in dat de kerkklokken moesten luiden voor de canonieke

uren, de dagelijkse vaste tijden waarin monniken en geestelijken

gebeden en andere rituelen moesten verrichten.

Maar klokken hadden ook een niet-kerkelijke functie. Ze

werden geluid als de stadspoorten open of dicht gingen,

bij terechtstellingen en bij gevaar zoals brand en overstromingen.

Het ambacht van klokkengieten in brons komt in Nederland

rond de achtste eeuw opgang en in de 16e eeuw gaat

men er muziek op maken in zogenaamde klokkenspellen

of carillons.

Schenking

Van 1594 tot 1679 was in Middelburg het klokkengietersgeslacht

Burgerhuys werkzaam. Dit familiebedrijf heeft

heel veel klokken voor Zeeuwse kerktorens gegoten. De

laatste klok die door een Burgerhuys werd gemaakt, was

in 1676 voor de kerktoren in Serooskerke.

De klok was vermoedelijk een schenking. Van 1567 tot

1684 was het ambacht Serooskerke in bezit van het geslacht

Van Tuyll van Serooskerke. Van 1661 tot 1677 was

Hieronymus van Tuyll van Serooskerke ambachtsheer van

Serooskerke. Heeft hij misschien Johannes Burgerhuys

opdracht gegeven een klok voor de kerktoren van Serooskerke

te gieten?

De bronzen klok met klepel uit 1676.

De klok nader bekeken

De klok weegt 365 kilo en heeft een diameter van 83 centimeter.

In een fries (versierde horizontale strook) bovenaan

de klok staat: “IOHANNES BURGERHVYS ME FECIT”

(“Gemaakt door Johannes Burgerhuys”). “ANNO DOMINI

1676” (“Het jaar 1676 ná Christus”). “SOLI DEO GLORIA”

(“Alleen aan God de eer”). Tussen de woorden in de fries

komen leeuwenkopjes voor. Verder staat er een afbeelding

van een hond en een haas. Misschien een verwijzing

naar de jacht! Boven en onder de fries zijn bladmotieven

afgebeeld.

Verder komt op de klok driemaal het wapen met drie

hondenkoppen voor. Het zijn de koppen van braks honden,

te herkennen aan hun vierkante koppen, flaporen

en uithangende tong. Ze werden als jachthond gebruikt.

Het kan niet het gemeentewapen van Serooskerke zijn

want dat bestond nog niet in 1676. Het gemeentewapen

is pas in 1816 ontstaan en is afgeleid van het wapen van

Van Tuyll van Serooskerke.

Op de klok staat het wapen met drie hondenkoppen in

een versierde omlijsting, ook wel cartouche genoemd.

Het wapen wordt geflankeerd door wildemannen. In de

heraldiek worden ze gebruikt als schildhouders. Een wildeman

is een naakte man met baard en een krans van

groen loof rond de lendenen. In zijn hand heeft hij een

knots en een groene krans in het haar.

Boven het wapenschild met de drie hondenkoppen staat

een kroon. In 1623 kreeg Philibert van Tuyll van Serooskerke,

de man die op de grafzerk in de Johanneskerk staat

afgebeeld, van koning James I van Engeland een bijzonder

voorrecht. Philibert kreeg het recht om in zijn familiewapen

een roos uit het koninklijk wapen van James I en

de kroon van Engeland op te nemen.

Links en rechts van het cartouche staat een zeemeermin.

Een mythisch wezen met het bovenlichaam van een

vrouw en in plaats van benen een vissenstaart. Zij houden

een kleed vast waarop staat: “MIDDELBVRCH” (“Middelburg”),

de plaats waar de klokkengieterij stond. Boven

het cartouche staat een engelenkopje met vleugels.

Klokkenvordering tijdens de Tweede Wereldoorlog

In 1941 gold zowel voor Duitsland als voor bezette gebieden

een klokkenvordering. In Nederland werden de eerste

klokken in 1942 uit de kerktorens gehaald.

Seys Inquart, rijkscommissaris van Nederland, sprak op

10 oktober 1942 een rede uit in Utrecht. Hij was van mening

dat het vorderen van kerkklokken volkomen legaal

was. Volgens hem is het altijd zo geweest dat tijdens oorlogen

de overwinnaars kerkschatten als oorlogsbuit meenamen

naar hun vaderland. En tegen degenen die het

niet eens waren met de vordering van kerkklokken zou

hij willen zeggen: “Mijnheer, ik verwonder mij zeer, dat

gij niet vrijwillig gekomen zijt om den Duitschen soldaat

dit koper aan te bieden, opdat hij het bolsjewisme van

uw grenzen zal afhouden.”

In Zeeland gaf het provinciaal bestuur op 25 februari

18


1943 met een brief aan de burgemeesters het startsein

tot de vordering van klokken. De waarnemend commissaris

van Zeeland, mr. P. Dieleman, schreef: “Het behoeft

geen betoog, dat ook ik zeer ernstig betreur dat de omstandigheden

de bezettende macht hebben genoodzaakt

tot deze maatregelen te moeten overgaan. Wij hebben

daarin te berusten en mede te werken dat het een en ander

zoo rustig en ordelijk mogelijk verloopt, waarvoor de

burgemeester ter plaatse mede verantwoordelijk is.”

Inspectie Kunstbescherming

Met de mogelijke vordering van klokken in oorlogstijd

had de Inspectie Kunstbescherming al in 1939 rekening

gehouden. De rijksinspecteur van de Inspectie Kunstbescherming

had tijdens de mobilisatie alle Nederlandse carillons,

kerk- en torenklokken laten inventariseren en een

lijst aangelegd van de meest waardevolle exemplaren.

Eigenaars van de meest waardevolle exemplaren werden

aangeraden met witte verf de letter M op de klok te schilderen.

Deze letter stond voor ‘Monument’. Bovendien

ontvingen de eigenaars een schrijven, waarop in het Nederlands,

Frans, Duits en Engels om bescherming van de

betreffende monumenten werd gevraagd. De tekst luidde:

“De Nederlandsche regering heeft een zeer beperkt

aantal klokken, als historische gedenkstukken van de

grootste betekenis, van vordering vrijgesteld en richt tot

de bevelhebbers der militaire macht van andere mogendheden

het dringend verzoek deze met een M gemerkte

klokken eveneens te sparen.” De klok van Serooskerke

kwam niet in aanmerking voor de letter M.

In het voorjaar van 1943 werden in Zeeland meer dan

200 bronzen klokken verwijderd, waaronder de klok uit

de toren van Serooskerke. Ze werden naar opslagplaatsen

in Breskens, Goes, Terneuzen of Zierikzee gebracht. Het

gezamenlijk gewicht van die 200 klokken bedroeg circa 78

In het cartouche het wapen van Van Tuyll van Serooskerke geflankeerd

door wildemannen en boven het wapen de Engelse kroon. Zeemeerminnen

houden een kleed vast met de tekst 'MIDDELBVRCH'. Boven

het cartouche een engelenkopje met vleugeltjes.

ton. De Inspectie Kunstbescherming verzocht de bezetter

de ongeveer 1.000 klokken die al in depots lagen opgeslagen,

opnieuw te toetsen op hun historische waarde. Een

honderdtal van deze klokken kwam uit Zeeland en daarop

werd de letter P geschilderd. Deze letter stond voor

‘Prüfung’ (Onderzoek). Ook op de klok uit Serooskerke

werd een P geschilderd.

In september 1944 lag nog 45% van de P-klokken in de

depots. De oorzaak was: ambtelijke tegenwerking en een

snel groeiend tekort aan transportmiddelen. Uiteindelijk

werd de klok uit Serooskerke in 1945 teruggevonden in

het Groningse Aduard.

Klokkenist

De heer Hendrik in ’t Anker (1892-1974), inwoner van

Serooskerke en timmerman van beroep, werd in 1927

door de burgerlijke gemeente tot klokkenist benoemd.

Een bijbaan die hij 35 jaar (1927-1962) volhield. Eenmaal

per week, op zaterdagmiddag, beklom hij de torentrap

om het uurwerk op te winden. Een karweitje dat zo’n 2

à 3 minuten duurde. Hij moest er ook op letten dat de

wijzers de goede tijd aangaven. Aan de binnenkant van

de toren zat ook wijzerplaat die in verbinding stond met

de wijzerplaat aan de buitenkant. Wanneer de tijd niet

klopte, verzette hij de grote wijzer aan de binnenkant, de

grote wijzer aan de buitenkant draaide automatisch mee.

Eenmaal per jaar moest In ’t Anker ook het mechanisme

smeren.

De klok met de letter P van 'Prüfung'

19


In ‘t Anker was in 1943 aanwezig bij de verwijdering van

de klok uit de toren. Toen de klok omlaag kwam, beet hij

de Duitse commandant toe: “De klokke uut de toren, betekent

vô julder d’ oorlog is verlore’’. “Was meinen Sie?”

(Wat bedoelt u?), vroeg de Duitser. In ’t Anker herhaalde

hetgeen hij zojuist had gezegd. “Nein, nein”, zei de Duitser.

In ’t Anker antwoordde droogjes: ” ’t Za wè uutkomme”.

In de fries van links naar rechts het jaartal 1676,

leeuwenkopje, hond en haas, leeuwenkopje, SOLI en

boven en onder de fries bladmotieven.

Ter vervanging van de geroofde klok werd een zuurstoffles

opgehangen. Het geluid van de zuurstoffles was niet

te vergelijken met het geluid van de klok maar alleszins

beter dan geen geluid, aldus In ’t Anker.

In 1962 werkte het uurwerk elektronisch en kwam er

een eind aan het beroep van klokkenist. Enkele maanden

voordat het zover was, bood In ’t Anker zijn ontslag aan.

Ter overbrugging werd gemeentewerkman Jacobus de

Later (1928-2008) tot de laatste klokkenist benoemd.

Geraadpleegde bronnen:

• L.W. de Bree, Zeeland 1940-1945, deel 1, 1979

• B.J. de Meij, Serooskerke zijn burgerlijke en kerkelijke geschiedenis, 1918

• C. Pama, Heraldiek en genealogie, 1969

• Provinciale Zeeuwse Courant, 13 oktober 1942 en 7 augustus 1962

• nl.qaz.wiki/wiki/Tuyll

Het ga je goed, Petra!

Bert Geleijnse

Petra van Oosten, de predikante van onze dorpskerk, gaat

Serooskerke na bijna 8 jaar verlaten. Met ingang van 1

mei start ze als geestelijk verzorger bij zorginstelling SVRZ

op Walcheren.

In de volgende Waker laten we haar graag aan het woord

over haar eerste ervaringen in haar nieuwe werkkring.

Serooskerkenaren -kerkelijk of niet- hebben niet alleen

hun dorpskerk, maar hadden met Petra eigenlijk ook hun

dorpsdominee. Waarmee we maar willen zeggen, dat

haar hart niet alleen lag bij de kerk, maar ook bij het dorp.

Voor haar stond vast, dat de kerk alleen maar geloofwaardig

kan zijn als het ook een kerk voor het hele dorp is. Zo

was zij onder meer nauw betrokken bij de oprichting van

het Platform Welzijn Seroos.

"Het pastoraat heeft altijd mijn hart gehad" schrijft ze in

het kerkblad en dat zullen veel mensen binnen en buiten

de kerk volmondig beamen. Wat dat betreft past de nieuwe

functie haar prachtig. Wij wensen haar daarin heel

veel succes.

20


Op weg naar Serooskerke 2.0 deel XI

Izaäk Geschiere

We spraken elkaar voor het laatst begin december, vorig

jaar. De kogel was toen nog maar net door de kerk. De

plannen van het college voor het zwembad, het verenigingsgebouw

en Serooskerke Oost waren goedgekeurd.

Eind maart praat ik weer bij met Daphne Haaze. Kan ze

al wat concreter worden over de invulling van die plannen?

De Goudvijver

Er is een bouwteampartner geselecteerd via een aanbesteding.

Men is nu bezig met schetsontwerpen waarbij

diverse stakeholders zijn betrokken. Uiteraard hoort Iris

Oomkes, de zwembadbaas, daarbij, maar ook bijvoorbeeld

de Stichting Werkgroep Gehandicapten Walcheren.

Er is een wensenlijst met daarop echte, noodzakelijke vernieuwingen

zoals het gebouw, de entree, en een deel van

de installaties. Maar er zijn ook aanvullende wensen. Het

is maar de vraag of er voldoende budget is, want duurzaamheid

heeft prioriteit en heeft ook zijn prijs. Nu maar

hopen dat het budget toereikend zal zijn. In het schetsontwerp

wordt het eventuele nieuwe verenigingsgebouw

ook meegenomen zodat alle opties open blijven. Uiteindelijk

komt er een voorlopig ontwerp, dat met “het dorp”

wordt besproken. Direct na het badseizoen van dit jaar

start de verbouwing of beter gezegd de sloop.

Serooskerke Oost

Het archeologisch onderzoek heeft 1835 betrekkelijk

grote scherven uit de ijzertijd opgeleverd. Dat wijst erop

dat er mogelijk een nederzetting ergens in de buurt van

Serooskerke Oost is geweest. Daarom gaat het onderzoek

nog door wat de planning overigens niet in gevaar brengt.

De plaats van de nieuwe school is nog wel onderwerp van

discussie. Het zou goed zijn om de nieuwe gymzaal, de

school en een eventuele nieuwe fitness dicht bij elkaar te

plaatsen zodat de gymzaal optimaal benut kan worden.

Gemeente en school willen er snel uitkomen zodat wordt

voorkomen dat de planning gaat schuiven. Hierover is

overleg geweest met omwonenden en dat is door beide

partijen als positief ervaren.

In het tweede kwartaal van dit jaar wil de gemeente de

intentieovereenkomsten met belangstellende partijen

getekend hebben. Onder andere met ’s Heerenloo dat

maximaal 64 appartementen in twee lagen voor mensen

met een lichte beperking wil bouwen en Zorgstroom dat

wil tekenen voor 32 zorgappartementen. Als er getekend

is kan het bestemmingsplan concreet worden ingevuld.

Vindplaats wordt uiteindelijk bouwplaats

21


Nog maar een paar huizen beschikbaar in De Woongaard

Nadia Berkelder

Over een paar maanden is het zover: dan gaan hopelijk

de eerste palen de grond in voor de Woongaard, een

nieuw wijkje in Serooskerke. Er komen 25 huizen, in kleine

blokjes en rijtjes in de oude perenboomgaard aan de

Vrouwenpolderseweg.

Op dit moment zijn er nog een paar huizen beschikbaar

voor mensen die het leuk vinden om mee te doen in het

project. Het gaat vooral om wat grotere woningen, geschikt

voor gezinnen met kinderen.

De Woongaard is een bijzondere woonwijk. De toekomstige

bewoners bouwen de huizen mét elkaar. Maar dat

is niet het enige wat speciaal is. De woningen worden

gebouwd rond een gemeenschappelijk gebouw waar de

toekomstige bewoners allemaal gebruik van kunnen maken.

Er zijn bijvoorbeeld werkplekken, maar ook logeerkamers,

een klusruimte en een grote zaal om samen te

kunnen eten.

Een groot deel van het terrein is gemeenschappelijk bezit

én openbaar toegankelijk. Alle huizen worden gebouwd

van duurzame materialen. De woningen zijn allemaal

minstens energieneutraal. Door het gebruik van zonnepanelen

en een warmtepomp is een gasaansluiting niet

nodig en produceren de huizen meer elektriciteit dan nodig

is voor een gemiddeld huishouden.

Wie meer wil weten, kan terecht op de website van De

Woongaard www.dewoongaard.info

22


“Ik had mijn eerste auto toen ik dertien was”

Izaäk Geschiere

Toen hij zeven jaar oud was schreef Johan Izeboud al bedrijven

aan en ging hij bij garages langs om speldjes. Hij

heeft er nog steeds zo’n 600. Auto’s en motoren hebben

hem van jongs af aan mateloos geboeid. “Als het maar

stinkt naar benzine, olie of diesel”.

Toen Johan veertien was kwam Jaap Geerse afscheid nemen

van zijn vader, want hij vertrok naar Pakistan. Johan,

niet op zijn mondje gevallen, vroeg wat er ging gebeuren

met zijn Fiat 1300. “Die mag jij hebben als je vader het

goed vindt”. Als er geld was voor benzine crosste Johan

met zijn broers in de Fiat op “de bèane ni de bokkestal”,

nu de oprijlaan naar Stouten. Het sleutelen aan auto’s en

brommers begon. De Sparta 125 cc van vader Moelker

werd volledig afgecrost met snelbinders tussen de kapotte

koppelingsplaten met als gevolg dat die motor nauwelijks

te stoppen was aan het eind van de bèane…. De interesse

in techniek was geboren.

De auto schijnt het niet erg lang te hebben uitgehouden.

Die ging later in vlammen op zoals dat gebruikelijk was bij

De Later (Kees van Ro) van autosloperij Contact, de voorloper

van autosloperij Stouten. Als er niets meer aan te

verdienen was, ging er een blik benzine over een rij wrakken

met zittingen en banden en al, wat grote rookwolken

boven Serooskerke tot gevolg had. Over duurzaamheid

gesproken …..

Handelsgeest

Op zijn vijftiende ging Johan werken in de wegenbouw

als machinist. Toen hij chauffeur was op een tankwagen

van Bart Dekker kwam hij op veel plaatsen waar auto’s

of motoren een hoofdrol speelden. Daar kwam zijn handelsgeest

goed van pas. Onderweg kocht en verkocht hij

regelmatig een auto of motor. Na dertig jaar werken als

kraan- en laadschopmachinist bij Ovet in de haven ging

hij een paar jaar geleden met pensioen; nu kwam er echt

ruimte voor zijn hobby: oude motoren kopen, indien nodig

helemaal uit elkaar halen en er daarna met veel genoegen

naar kijken: die golvende rondingen, dat stoere

spatbord, die slanke uitlaat …. En soms, bij mooi weer

er op rijden. Want wat is er mooier dan op een BMW uit

1973 in de bochten van de Polredijk te hangen? Als hij

de motor helemaal heeft opgeknapt en ook de kromgetrokken

plastic kilometerteller naald is vervangen, gaat

hij op zoek naar de volgende. Elke avond struint hij het

internet af op zoek naar onderdelen of oude motoren.

Elke dag is hij wel een paar uur te vinden in één van zijn

garageboxen. Het kost circa driekwart jaar om een motor

weer helemaal in de originele staat terug te brengen. Hij

heeft nu negen, tot op het laatste, zeskantige, schroefje

gerenoveerde en in de oorspronkelijke lak gespoten oude

motoren staan. Hij verkoopt ze niet. Het is gewoon liefde

op het eerste, helemaal originele, gezicht.

Maar op een gegeven moment staan zijn garageboxen

toch vol? “Nou er kunnen er nog wel vier bij. Daarna zien

we wel en we worden al maar ouder, vergeet dat niet!”.

En hij kan altijd nog oude emaillereclameborden ophangen

want die verzamelt hij ook.

Wat is het nou, wat geeft de kick om aan die motors te

werken?

Johan: ”Ja, iets kopen wat er niet meer uitziet en wat

slecht loopt en dat dan weer terugbrengen in originele

staat zoals ze vroeger rondreden. Chroom bijvoorbeeld,

dat zie je aan een motor bijna niet meer, het is allemaal

plastic en dan heb je nog het geluid dat er inzit. Je kijkt

door de rottigheid heen en je ziet er wat in. En dan begin

je eraan en dan zie je die motor opknappen en dan gaat

de lol nog meer komen want…. Verrekt, er komt toch iets

moois vanonder”.

Aldus de echte liefhebber.

23


De firma LOuwerse BROtherS

Izaäk Geschiere

Op 1 januari 2020 namen de broers Henry en Werner

Louwerse en hun vrouwen Janske en Cindy boerderijwinkel

‘t Groenteschuurtje en de camping ’t Aarbeitje

over van de familie Joziasse. Dat betekende een stevige

verbreding van hun werkzaamheden. Even wat anders

dan alleen bloemkolen en venkel verbouwen of in de

verzorging werken. Samen met Werner bespreek ik de

stand van zaken.

Allereerst de tuinderij

Ze gebruiken zo’n 40 hectare land. Daarop verbouwen ze

60 ha bloemkool en 9 ha venkel. Hoe kan dat? Heel simpel

door bijvoorbeeld op grond waar in de zomer venkel

wordt geoogst in juli weer herfstbloemkool te planten.

Ook na winterbloemkool die in augustus wordt geplant

en in het voorjaar erna wordt geoogst zetten ze meestal

weer herfstbloemkool.

Dat leidt automatisch naar de vraag of die grond dan niet

te intensief wordt gebruikt. Werner geeft aan dat bloemkool

geen wisselteelt vraagt. Er wordt op hun grond al

vijftig jaar bloemkool op bloemkool geteeld! Daarnaast

werken ze met groenbemesters zoals gras want “onbedekte

grond gaat achteruit”. Die grond moet zo lang

mogelijk bedekt en doorworteld zijn. Ze gebruiken, naast

kunstmest, zoveel mogelijk organische mest zoals champost

dat een restproduct is van de champignonkwekerijen.

Met deze mest kunnen ze binnen de regels blijven

die er zijn betreffende het gebruik van fosfaat en stikstof.

Organische mest is “de motor van je bodem, het is een

natuurlijke manier van bemesten”. Samen met Ter Linde

doen ze een klein stukje biologische teelt. Met wisselend

succes omdat er alleen voor de biologische winterbloemkool

een goede markt is.

Waarom geen biologisch bedrijf worden?

Dan zou het bedrijf fundamenteel moeten veranderen.

Ze moeten dan voldoen aan een hele set regels zoals wisselteelt

toepassen. Ze mogen dan slechts 1 keer in de 2

jaar hetzelfde gewas zoals bloemkool telen op hetzelfde

stuk grond. Daar tussendoor moeten ze dus andere producten

verbouwen. Als je biologisch wilt gaan telen duurt

het 2 jaar voor je grond biologisch is en je gecertificeerd

wordt. En daar komt bij dat de productie per hectare

minder is. “Als je dat wilt moet het echt in je mind zitten”.

Werner: “Wij willen goed zijn in één ding. Je moet

wel gespecialiseerd zijn omdat jouw product top moet

zijn en anders doe je niet mee. Alles wat niet voldoet

aan de kwaliteitseisen van het topproduct is gewoon niks

meer waard ook.” Bij biologische producten liggen die eisen

lager. Werner: “De reguliere akkerbouw en tuinbouw

schuift op naar biologisch maar wordt nooit biologisch.

Want dat zou betekenen dat we genoegen zouden moeten

nemen met een lagere productie.”

Het tuinbouwbedrijf draagt wel het onafhankelijke keurmerk

On the way to PlanetProof. Dat houdt in dat je een

product koopt dat duurzamer is geproduceerd. Op de site

24


staat dat bedrijven met het keurmerk naar een produktie

werken die ‘in evenwicht is met de draagkracht van onze

planeet’. En dat doen ze stapje voor stapje. Ze moeten

steeds aan extra eisen voldoen op het gebied van natuur

en milieu. Het betekent ook veel, heel veel lijsten invullen.

Hoeveel mensen hebben ze in dienst?

Er staan in totaal rond de dertig mensen op de loonlijst.

De meeste werken er parttime. Cindy en Janske hebben

de winkel onder hun hoede die ze samen met zes dames

en momenteel zeven scholieren runnen. In de tuinderij

werken ze met vier Poolse arbeiders en een groep scholieren.

Op mijn vraag waarom hij Poolse mensen in dienst

heeft zegt Werner dat hij graag Nederlanders zou hebben

maar dat die geen zin hebben om in weer en wind in

steeds dezelfde houding dezelfde handeling uit te voeren:

bloemkool snijden. Zijn Poolse mensen gaan 1 keer in de

paar maanden één à twee weken naar huis. Ze geven er

de voorkeur aan om in Nederland te werken omdat ze

hier tot wel drie keer zoveel verdienen dan in Polen terwijl

de kosten van levensonderhoud dezelfde zijn.

Leendert Joziasse is vaak ook nog enkele dagen per week

van de partij op de tuinderij, met zijn ervaring neemt hij

veel werk uit handen. De broers zijn hier erg blij mee en

dit toont ook wel dat de overname harmonieus is verlopen.

Het klimaat verandert, gevolg: drie droge zomers.

Hebben jullie genoeg water om mee te beregenen?

De afgelopen jaren zijn er perioden van grote droogte geweest.

“Omdat we topkwaliteit willen en moeten leveren,

moeten we er zeker van kunnen zijn dat we voldoende

zoet water hebben.” Hoe komen ze aan die zekerheid?

Werner: “In het kort. In de oude kreekruggen heb je een

dikke laag zoet water dat je kunt gebruiken. In de winter

is er een overschot aan zoet water. Dat pompen we in het

drainagesysteem zodat de grondwaterstand hoger wordt,

dat drukt het zoute water naar beneden en zo wordt de

zoetwaterbel groter.” Negen jaar geleden interviewde ik

Johan Sanderse over de proef die toen liep. Werner: ”Het

is inmiddels bewezen dat het werkt. Maar we moeten wel

steeds blijven meten hoe de situatie is. Dat project staat

nu op stapel. Je mag ’s zomers niet te veel zoet water onttrekken

aan die bel. Anders wordt de situatie slechter,

pomp je brak water op. Ook zullen we de kwaliteit van het

water moeten bewaken. Daar hebben we het waterschap

voor nodig in verband met duidelijke normen die betaalbaar

te meten zijn. Met zeven ondernemers proberen we

het water beter te beheren, het water vast te houden.

Vroeger werd er altijd gedacht dat

we grote sloten moesten hebben,

goede gemalen, alleen om af te

voeren, nu moet je water bij je

houden zonder dat het schade berokkent

bij anderen. We gaan nu

meer stuwen in de sloten plaatsen.”

Mooie ontwikkelingen maar

er zijn ook mensen die gevaren

zien bij het opslaan en later weer

oppompen van water. Daarom

hebben ze in de driehoek Serooskerke-Oostkapelle-Vrouwenpolder

rond de 30 meetpunten die de grondwaterstand

en oppervlaktewaterstand meten en een aantal

meten ook de zoutwaarden van het water. Die gaan laten

zien wat de positieve maar ook de mogelijk negatieven

effecten van hun waterbeheer zouden kunnen zijn. Werner:

“Wij moeten kunnen bewijzen dat er geen negatieve

effecten zijn.” Het hele project wordt gesubsidieerd door

Europa, het Waterschap Scheldestromen, Provincie Zeeland

en ZLTO.

En dan nu de winkel en de camping

Eigenlijk is sinds een jaar het ideaalbeeld dat ze altijd al

hadden, gerealiseerd. Dat was niet van de een op de andere

dag geregeld maar een jaar geleden was het dan zover.

De eerste maanden was het heel hard werken, “werden

we geleefd”, en moesten de vrouwen veel leren. Een

groentewinkel draaien is een vak apart. Werner: “Gelukkig

zijn de dames die er al werkten, gebleven. Zodoende

konden we steunen op hun ervaring.”

De huisstijl in de winkel is wat veranderd en de omzet is

duidelijk hoger geworden. Dit komt niet alleen door Corona,

ook de (kleine) aanpassingen hebben hier zeker een

rol ingespeeld. Ze willen in de toekomst naar een breder

assortiment groeien en naar één huisstijl voor tuinderij,

winkel en camping. “We blijven ontwikkelen, zo blijven

we interessant voor onze klanten.”

Dat geldt zeker ook voor de gasten op de camping. Daar is

al een en ander veranderd. En ook hier speelt Corona een

rol: er is voor een aantal plaatsen privé sanitair geregeld,

gelukkig lag er al een goede riolering.

Hoe is het om naast tuinder, campingbaas te zijn?

Werner: “Ik had niks met kamperen, maar ik vind het geweldig.

Als je zo’n druk bedrijf als het onze hebt en je doet

eens een rondje over de camping spreek je alleen maar

blije mensen het is net alsof je zelf een paar minuten vakantie

hebt. Het is ook een heel andere sfeer van zaken

doen. De mensen vrágen wanneer ze mogen betalen!”

25


LIV bedankt!!!

Helaas!

Wellicht denk u ook dat ons dorp in 2022 het 825-jarig bestaan

kan gaan vieren. Onze gewaardeerde vaste auteurs

Narretje en Wim van Haveren zijn er in ieder geval van

overtuigd en verheugen zich er nu al op. Dat blijkt uit hun

bijdragen in dit nummer.

Helaas, onze even gewaardeerde historicus en scribent

Frans van den Driest komt na bronnenonderzoek op een

andere datum uit: Allartskintskerke, het huidige Serooskerke

is niet in 1196 maar in 1205 gesticht! Voorzitter Jan

Kousemaker wilde het echt zeker weten en vroeg Frans of

er geen twijfel was.

Hier volgt zijn antwoord:

Hallo Jan,

Nee, er is geen enkele vorm van onzekerheid of we volgend

jaar het 825 bestaan van Serooskerke kunnen vieren.

B.J. de Meij, die de geschiedenis van Serooskerke (W)

beschreef (1918), heeft het over 1196 (Wij lezen echter

reeds in het jaar 1196 van een Alartskintskerke, dat lag

in de Oostwatering, aldus De Meij). Hij raadpleegde het

Oorkondenboek van Holland en Zeeland van mr. L.P.C.

van den Bergh, dat in 1866 werd uitgegeven.

Van den Bergh ging ervan uit dat de oorkonde van Dirk I

was, die van 1196-1197 bisschop was, maar het was een

oorkonde van zijn opvolger Dirk II, die van 1197-1212 bisschop

was.

Volgens A.C.F. Koch, die in 1970 een herziene uitgave van

het Oorkondenboek van Holland en Zeeland uitgaf, is de

oorkonde, waarin voor het eerst over Alartskintskerke

wordt gesproken, van bisschop Dirk II in 1205 uitgevaardigd.

Koch dateerde de oorkonde op 1205 op basis van een

zorgvuldige vergelijking met een latere oorkonde. Ik geloof

wel in Kochs redenering en houd het er op dat het

stuk zeer waarschijnlijk uit 1205 dateert. Dat zou betekenen

dat Allardskindskerke in 1205 is gesticht, aldus hoogleraar

Henderikx.

groet,

Frans

26


Platform Welzijn Serooskerke

Ditty Kempe

We houden moed!

Het Platform Welzijn Serooskerke zou hier graag iets hebben

willen vertellen over de vele activiteiten die plaats

gevonden hebben, maar helaas zitten we nog steeds in

een lockdown omdat de corona besmettingen niet afnemen.

Door de lockdown worden er geen gezamenlijke maaltijden

gegeten bij Open Tafel, worden kerkdiensten digitaal

gehouden, evenals vergaderingen van de Dorpsraad en

ons Platform.

Samendoen = Samen genieten is helemaal gestopt en ook

de buurtsportcoach is niet actief meer

Jaap Passenier is afgelopen jaar als vertegenwoordiger

van de Stichting Gilde Walcheren gestopt.

Mocht u interesse hebben om die plaats te vervullen dan

horen we dat graag van u.

Toch is het niet allemaal kommer en kwel.

Burenhulp is gelukkig nog steeds actief, al zijn er weinig

mensen die daar gebruik van maken, omdat men via familie,

vrienden of dorpsbewoners al geholpen wordt. Dat

is goed nieuws want welzijn heeft betrekking op de mate

waarin iemand zich gelukkig voelt o.a. door de bevrediging

van sociale behoeften als aanvaarding en respect

van familie, vrienden, collega’s en dorpsgenoten.

De Stichting Welzijn Veere, ook vertegenwoordigd in

ons Platform, heeft eveneens nog activiteiten kunnen

ontplooien zoals. de QR speurtocht voor jongeren.Goed

nieuws is ook dat het bankje bij de Herdershof geplaatst

is.

Het was een idee, ingebracht via de wensboom, twee jaar

geleden. De wensboom kon afgelopen jaar niet geplaatst

worden vanwege de geldende Covid19 maatregelen

maar we gaan ervan uit dat het dit jaar wel kan gebeuren.

In plaats van de wensboom hebben we aangehaakt

bij het “Overal Lichtjes project” met daarop de tekst die

nu ook op de gemeenteborden staat “Houd moed. Geef

ruimte. Help elkaar.”

We houden moed dat we op termijn weer een open samenleving

krijgen en weer samen activiteiten kunnen

ontplooien zodat Welzijn geen abstract begrip meer is

maar weer gevoeld wordt, een gevoel van ‘welbevinden’.

Heeft u na het lezen van dit stukje vragen of wilt u zich

aansluiten bij het Platform Welzijn Serooskerke? Neem

contact op met één van de aangesloten organisaties of

bel 06-52095874.

Hulp nodig?

Bel coördinator burenhulp:

06 13742996

We zijn er voor elkaar!

27


Serooskerke in de lockdown

Bert Geleijnse

Hoe gaat het met Serooskerkenaren in coronatijd? Wat

missen we? Heeft de lockdown ook positieve kanten

voor ons? Hoe proberen we het vol te houden en welke

adviezen hebben we voor anderen? We vroegen het een

aantal dorpsgenoten. Onderstaand hun reacties.

Ik miste naast mijn sportschool en de contacten daar de

contacten met kinderen en kleinkinderen, waar we wekelijks

oppasten. Dat was nu over. We hebben geprobeerd

zoveel mogelijk ons normale ritme aan te houden. Ook

maakten we lijstjes van zaken, die waren blijven liggen

en nu eens afgewerkt konden worden.Ik wil bezig blijven,

moet mijn energie kwijt kunnen. Ben geen stilzitter of lezer.

daarom heb ik bijvoorbeeld -ik moet er zelf om lachen-

een kleurboek gekocht. Mijn advies: positief blijven

denken, lichamelijk actief blijven, naar buiten gaan en je

contacten blijven onderhouden met Whatsapp bijvoorbeeld.

Ik werk nu thuis, mis wel het normale contact met collega's

en moet dat nu op een andere manier doen, digitaal

of....wandelend met een collega, dan laat ik gelijk mijn

hond uit en hebben we ook nog 'werkoverleg'. Natuurlijk,

het is weliswaar digitaal werk, maar gelukkig nog steeds

werk. Ja, en ik mis ook wel de gezelligheid van de live-verjaardagen

van familieleden.Met mijn jarige dochter heb

ik toen maar in de auto een toer gemaakt langs de familie

en vriendjes/vriendinnetjes. De jarige ging dus zelf op

toerneeIn het algemeen is het voor ons goed te doen.Ik

geniet eigenlijk heel erg van de rustige omgeving, heerlijk.

Mijn advies: gezond verstand gebruiken, de coronaregels

zijn er niet voor niets en........laat het weten als je ergens

hulp nodig bij hebt.

Wat wij wel missen is de luxe van het naar de schouwburg

of film gaan en museum bezoek. We hebben ons

wel voorgenomen onze manier van leven als het kan zo

normaal mogelijk voort te zetten dat wil zeggen niet in

paniek raken en jezelf onnodig in quarantaine plaatsen.

Natuurlijk wel voorzichtig zijn en je gezonde verstand gebruiken.

We bleven daarbij wel op kleinkinderen passen

en gingen bij vrienden eten of andersom, op een voor

ons verantwoorde wijze. In die zin behoren wij wel tot de

'rekkelijken'. De lockdown zorgde er wel dat we meer aan

lezen zijn toegekomen. Van sommige dingen genieten we

ook meer: geen verjaardag vieren met veel mensen tegelijk,maar

ze afzonderlijk uitnodigen. Op zo'n verlengde

verjaardag heb je veel meer aan elkaar.

Wat ik vooral mis zijn de contacten met kinderen en kleinkinderen.

Zij wonen verder in het land en zijn evenals wij

voorzichtig. Natuurlijk ook het gezellig samen eten met

de vrienden, ik kook heel graag en nodig dan mensen

uit. Dat kan nu even niet. Maar samen, mijn man en ik,

hebben we het desondanks goed en gezellig. We hebben

allebei onze bezigheden: hij werkt nog vanuit huis en ik

heb naast het koken tuinieren als hobby en ook schilder

ik meer. Ik vind het wel belangrijk, dat je je ritme

kunt blijven aanhouden. Ik vind contacten met familie en

vrienden heel belangrijk, maar kan ook goed alleen zijn.

Ik hoef niet zo nodig op een terras te zitten met mensen

om me heen die ik niet ken. Wat dat betreft zou ik willen

meegeven: volg je hart maar probeer ook wat te relativeren.

Is wat je zegt te missen nu echt onoverkomelijk?

Natuurlijk is deze lockdown wel een heel zwaar voor bijvoorbeeld

ondernemers.

Ik ben blij dat ik kon werken. Dat gaf toch wel wat lucht,

want de hele dag met de kinderen thuis zitten, als ze niet

naar school kunnen, vind ik nogal zwaar. Je krijgt dan op

den duur toch wat irritaties. Kinderen konden ook naar

de opvang, omdat ik in de zorg zit. Mijn man was ook

meer thuis en bracht dan de kinderen weg. Dus al met al

heb ik niet zoveel moeite met de situatie gehad. Natuurlijk

miste ik wel vrienden om me heen, de gezellige drukte.

Normaliter hebben we altijd wel de nodige mensen

over de vloer. Dat geldt ook voor de verjaardagen. Wat ik

belangrijk vind in deze tijd? Met elkaar heel positief blijven

denken en als ouders letten op de impact van het gebeuren

op je kinderen Niet teveel met je kinderen over

corona praten, dat wordt al genoeg gedaan op de media.

Ik vond de schrille contrasten erg: Van mensen met alleen

wat hoofdpijn tot doodzieke mensen. Van ondernemers

op het randje van omvallen tot ondernemers die

floreren in coronatijd. Van mensen die genieten van de

rust als gevolg van de coronamaatregelen tot mensen

die door eenzaamheid depressief dreigen te worden. Positieve

kanten heb ik voor mijzelf niet zo kunnen ontdekken

of het moet zijn het besef dat gezondheid en vrijheid

niet vanzelfsprekend zijn en dat het belangrijk is om bewust

van dingen te genieten. Voor mij is deze periode

een kwestie van het gezond verstand bewaren, af en toe

even relativeren en vooral vasthouden aan de gedachte

dat er voor alles een oplossing te vinden moet zijn. Mijn

tips: oren en ogen open houden om je heen en help en

luister waar nodig. Vooral ook blijven genieten van het

leven: begin de dag met een dansje en een lach, wat er

ook gebeurt.

Gezellig met familie samen zijn dat mis ik. Erg vind ik het

voor de bedrijven die verder willen en niet mogen of kunnen,

mensen die hierdoor ontslagen zijn, heel ingrijpend.

Gelukkig hebben wij allen hier in huis werk dat gewoon

doorging, zelfs drukker gekregen.We gaan veel naar buiten:

wandelen, fietsen, mtb-en. Inmiddels heel Zeeland

opnieuw verkend op de voet of per fiets en dan genieten

van de kleine dingen. En dan natuurlijk de spinningfiets,

te leen van fitness De Driehoek. Super!Positieve kant is:

meer in de straat naar elkaar omkijken (bloemetje, baksel)

en elkaar helpen (eten brengen, boeken uitlenen)

Ook als gezin hebben we meer tijd voor elkaar hebben,

28


de kinderen zijn meer naar elkaar toegegroeid, we doen

veel spelletjes.Tips voor anderen? Blijf in beweging, ga

naar buiten, vraag iemand mee om te wandelen, zorg

voor contacten. Volhouden en omzien naar elkaar!

Ik ben heel blij met onze tuin: lekker buiten kunnen zijn.

Ook een rondje wandelen of fietsen hoort daarbij.Werken

doe ik vanuit huis: telefonisch overleg met klanten en

collega’s, teamvergaderingen, soms wat chaotisch want

gezin en werk, alles loopt door elkaar.Vooral de kinderen

missen de gezelligheid met vrienden, shoppen, terrasje

pakken en restaurant bezoeken, maar ook hun weekend-en

vakantiebaantje in de horeca. We besteden meer

tijd aan eten, proberen met ons gezin allerlei nieuwe recepten

uit. Suggesties : zelf pizza’s, loempia’s, oliebollen,

bolussen en bitterballen maken, maar ook lekkere taarten.

Foutje, bedankt!

Nou ja, foutje.....

In ons vorige nummer stond een fraaie,

geillustreerde plattegrond met daarop de

uit ons dorp verdwenen winkels.

Helaas bleek deze plattegrond behoorlijk

wat fouten te bevatten. Vervelend!

Daarvoor onze excuses.

De gecorrigeerde plattegrond kunt u nu

vinden op de website van de Dorpsraad

www.dorsraadserooskerkje.nl

Met dank aan Frans en Stefan!

Dorpsschouw

Over een aantal weken lopen een paar leden van de

dorpsraad samen met vertegenwoordigers van de

gemeente door Serooskerke. Doel: grote oneffenheden,’struikelblokken

onder de aandacht brengen van

de gemeente, zodat deze actie kan ondernemen. Over

het algemeen moeten we daar gelukkig niet al te lang

op wachten. U kunt ‘aanstootgevers’ melden bij bestuur@dorpsraadserooskerke.nl.

Hoe lid worden?

Regelmatig wordt ons gevraagd, hoe men lid

kan worden van de Dorpsraad.

Dat kan door naar de site van de Dorpsraad te

gaan www.dorpsraadserooskerke.nl. Wanneer u

de pagina Over ons en vervolgens Wat doen we

bezoekt, kunt u daar het aanmeldingsfornmulier

invullen en verzenden.

29


Wandel Woensdag

Het liep zo lekker. Elke woensdagmiddag kwamen er wel

zo’n 10 à 15 mensen bij elkaar. Ze startten om 13.30 uur

een wandeling in de buurt van Serooskerke of pakten de

auto of de fiets om ergens anders een locatie te verkennen.

En toen kwam Corona.

In een groep samen wandelen kon niet meer, maar gewandeld

werd er wel, alleen of met z’n tweeën. Bij het

ter perse gaan van dit nummer gloorde er hoop aan de

horizon. Wie weet vertrekt de groep weer over een paar

weken. Houd de groepsapp in de gaten! Voor inlichtingen

kun je Suus Koole-dekker bellen: 0118 – 592358.

Vergaderdata Dorpsraad

12 mei

26 mei

23 juni

15 september

29 september jaarvergadering

10 november

22 december

Volgende Waker

Zandput kalender

Het volgende nummer van de Serooskerkse Waker

verschijnt in september 2021. Kopij hiervoor graag

vóór 1 september inleveren. Reacties die te laat zijn

kunnen helaas niet meer worden geplaatst. Anonieme

reacties worden niet geplaatst. De

redactie behoudt zich het recht voor om artikelen

te weigeren en/of aan te passen. Bijdragen voor de

Serooskerkse Waker alstublieft opslaan in WORD.

Afbeeldingen graag in JPG-formaat. Foto’s en

artikelen bij voorkeur los van elkaar digitaal

aanleveren.

Wijzigingen in adres of tenaamstelling graag

doorgeven aan de penningmeester

Geen agenda

30


Wist u dat...

● de wereldwinkel gaat verhuizen deze zomer en de Torenstraat zodoende weer een beetje

winkelstraat wordt?

● de voorbereidingen voor de Stroskerksedag op 3 juli op schema liggen?

● het praathuisje de Lindeboom door een stel maatschappelijk bewuste jongeren is schoongemaakt?

● sommige dorpsgenoten, als de “Blaftaks” afgeschaft wordt, wél het groene poepzakje gaan

gebruiken bij het uitlaten van hun hond?

● de ondernemersvereniging Serooskerke functioneert zonder voorzitter?

● het oude rabobankgebouw zal worden gesloopt?

● er een nieuw gebouw op die plaats zal verrijzen maar dat dat nog wel even zal duren?

● de toegang tot de Plus sowieso ruimer wordt?

● er een pinbox komt in de Burgemeester Dregmanstraat?

● er nu geen duidelijkheid is over de 4 mei viering dit jaar?

● er Brakhonden in ons dorp gesignaleerd zijn?

● Frans van den Driest weet waar die honden zich ophouden?

Serooskerke

/serooskerkewalcheren

31


More magazines by this user
Similar magazines