Magazine Over Gewicht 3 - 2021

stichtingmeo1

Over Gewicht

Magazine | 03 2021

5

Obesitasdebat

14

Mijn ideale

wereld

18

Hoe voorkomen

we stigma’s?

En verder nog:

8

10

20

Een nieuw leven als

ervaringsdeskundige

Dr. Wilma Waterlander

over terugdringen

obesitas

Het mijnenveld van

de supermarkt

En meer

1


COLOFON

Colofon

Het Magazine Over Gewicht

verschijnt drie keer per jaar

Jaargang, nummer

2021, nummer 3

Redactie:

Chalyne Ramroochsingh

MEO, Alkmaar

Aan dit nummer werkten

verder mee:

Ellen Buijnink

Anne Hesp

Nina te Lintel Hekkert

Moritz Warmbrunn

Floris Westerink

Lara de Wit

Paula Wolvers

Vormgeving en opmaak

MEO, Alkmaar

Web

www.overgewichtnederland.org

Postadres

Postbus 3071, 1801 GB Alkmaar

Redactieadres

info@overgewichtnederland.org

Abonnement en adreswijziging

info@overgewichtnederland.org of

072-7920770

Copyright © 2021

Niets uit deze uitgave mag worden

overgenomen zonder schriftelijke

toestemming van de redactie en/

of van de betreffende auteur. De

redactie behoudt zich het recht voor

kopij te wijzigen, in te korten of niet

tot plaatsing over te gaan. De redactie

heeft zich ingespannen om alle

rechthebbenden te achterhalen.

Voor vragen en opmerkingen kunt u

contact opnemen met de redactie.

Inhoud

Van de redactie

Colofon 2

Voorwoord 3

Oproep

Stichting Over Gewicht zoekt GLI’ers! 3

Achtergrond

Obesitasdebat 4

Persoonlijke verhaal

Een nieuw leven als ervaringsdeskundige 8

Achtergrond

Interview Wilma Waterlander 10

Persoonlijk verhaal

Mijn ideale wereld: acceptatie en

waardering voor jezelf 14

Opinie

Overheid, voer een suikertaks in! 16

Achtergrond

Hoe voorkomen we dat stigma’s het gesprek

blijven belemmeren? 18

Persoonlijk verhaal

Met helm en koopjesvrij vest door de

supermarkt 20

Achtergrond

Kiddo’s: geef je kind een gezonde leefstijl 22

Vereniging

Fijne feestdagen! 23

2

OVER GEWICHT MAGAZINE


VOORWOORD

Voorwoord

Floris Westerink, voorzitter Nederlandse Stichting Over Gewicht

Deze laatste editie van 2021 willen wij graag

gebruiken om een blik op de toekomst te werpen.

Maar niet voordat we kort stilstaan bij de

afgelopen tijd. 2021 is een bewogen jaar geweest.

De coronapandemie raakt vrijwel iedereen. Veel

mensen zijn overleden of ondervinden korte- of

langetermijngevolgen van COVID-19 als het gaat om

hun gezondheid. Daarnaast is er sociaal, psychisch

en economisch leed.

Om te beginnen verdient ieder mens een gelijke

behandeling, gelijke kansen en gelijkwaardigheid op

elk vlak. Wij vechten tegen het stigma wat rust op

overgewicht en obesitas, de discriminatie die ermee

gepaard gaat en we staan voor body positivity.

Hiervoor starten volgend jaar campagnes die

het eerlijke verhaal over overgewicht en obesitas

vertellen, om maatschappelijke bewustwording en

destigmatisering te bereiken.

Het coronavirus heeft pijnlijk duidelijk gemaakt dat

overgewicht en obesitas mensen extra kwetsbaar

kan maken. Overgewicht is een risicofactor voor een

ernstig beloop van COVID-19 gebleken. Plots werd

meer dan de helft van alle volwassen Nederlanders

een risicogroep. Dit zorgde voor een onbehagelijk

gevoel bij velen.

Overgewicht en obesitas kregen hierdoor meer

aandacht: het onderwerp werd in de media en de

politiek uitvoerig besproken. Soms positief, soms

kwetsend en zelfs discriminerend, waarbij het

stigma eens te meer pijnlijk duidelijk werd. Toch

biedt die aandacht ook kansen.

Afgelopen zomer heeft de Nederlandse Stichting

Over Gewicht (NSOG) een nieuw bestuur gekregen:

jong, enthousiast en gevormd door mensen die

eerder niet bij de stichting betrokken waren.

Mensen die zich vol overgave en toewijding in

willen zetten om de belangen van mensen met

overgewicht en obesitas te behartigen, uiteraard

geheel vrijwillig. Alle bestuursleden hebben in hun

werk en privé dagelijks te maken met overgewicht

en obesitas. Wij delen graag onze ideeën en

toekomstplannen.

De NSOG moet een inclusieve stichting zijn,

waar iedereen zich gehoord voelt, om dit geluid

vervolgens door te zetten naar de gehele

maatschappij. Daarvoor moeten we eerst twee

zaken duidelijk van elkaar scheiden.

Tegelijkertijd kunnen de risico’s die overgewicht en

obesitas met zich meebrengen voor de gezondheid

niet ontkend worden. Ook hier zal de stichting

aandacht aan besteden, door projecten te starten

die gericht zijn op de preventie van overgewicht en

obesitas en betere behandelmogelijkheden voor

wie dat wenst, ondersteund door meer en beter

wetenschappelijk onderzoek.

Dit willen en moeten we samen doen. De stichting

zal alle vrijwilligers en donateurs intensiever

betrekken en meer gaan samenwerken. Er worden

ambitieuze initiatieven gestart om mensen met

overgewicht en obesitas op een veilige manier met

elkaar in contact te laten komen, zodat verhalen

gedeeld kunnen worden.

In deze editie van het magazine worden

verschillende ervaringsdeskundigen, beleidsmakers,

wetenschappers en zorgmedewerkers aan het

woord gelaten, om hun visie te delen over de brede

aanpak van de problemen die worden veroorzaakt

door overgewicht en obesitas: een blik op de

toekomst.

Wil jij ook je visie met ons delen? Bijdragen aan de

projecten die vanuit de stichting lopen? Fungeren

als klankbord? Of je op een andere manier inzetten?

Help dan mee en neem contact met ons op. Voor

iedereen is plek!

MAGAZINE OVER GEWICHT 3


NIEUW BESTUUR

Obesitasdebat

Door: Redactie

Een goedgevuld cultuurhuis Felix Meritis en zo’n 400 kijkers die online

meekijken: het door de Obesitas Stichting georganiseerde Obesitasdebat kan

29 september op veel belangstelling rekenen. Onder leiding van presentator

Tom van ’t Hek gaan sprekers aan verschillende kanten van het debat met

elkaar in gesprek.

Ervaringsdeskundige Koos Woltjes betreedt

als eerste het podium. Tot voor kort woog deze

62-jarige communicatie-expert nog 160 kilo. Hij

vertelt dat hij al van kinds af aan een ‘jojo’ is en

op een gegeven moment in een onmogelijke

cyclus terecht was gekomen: iedere keer als

hij gewicht had verloren, kwam hij weer aan en

werd hij weer zwaarder dan hij daarvoor ooit

was geweest.

De drukke ondernemer kon de energie niet

meer opbrengen wéér een afvalpoging

te wagen. Woltjes’ dokter legde hem toen

een simpele keuze voor: hij kon zich nu

nog laten helpen of hij zou binnen tien

jaar dood zijn. Woltjes ging voor een

maagverkleiningsoperatie, die in juni is

uitgevoerd. Inmiddels is hij al 35 kilo kwijt, met

nog 20 kilo te gaan.

ook onze gezondheid bevorderen – dat is een

sociaal grondrecht. De overheid heeft dus de

plicht om in te grijpen. Dat nalaten noemt ze

“maatschappelijke verwaarlozing”.

“Bad loopt niet vanzelf leeg”

Hoogleraar Liesbeth van Rossum begint met

een biologische uitleg over de verschillende

oorzaken van obesitas, zoals stress, medicatie,

de cultuur en meer. Ze legt uit dat bij obesitas

het regulatiemechanisme van ons lichaam is

ontregeld, waardoor we in een vicieuze cirkel

terechtkomen van afvallen en weer méér

aankomen – zoals ook Koos Woltjes heeft

ervaren. Er is volgens Van Rossum zowel

“Meer dan een gezondheidsrisico”

Er volgt een korte videoboodschap van

staatssecretaris Paul Blokhuis, waarna

het woord is aan prof. dr. Jet Bussemaker,

oud-minister en voorzitter van de Raad

voor Volksgezondheid & Samenleving.

Haar boodschap: obesitas is méér dan een

gezondheidsrisico en een kostenpost, het

is een grote sociale kwestie. Zij ziet twee

misvattingen die een krachtige aanpak ervan

in de weg staan. De eerste is dat obesitas

een welvaartsziekte is. Integendeel, het

is een gevolg van een tekort aan góéde

voedingsstoffen en daarmee “een nieuwe

vorm van ondervoeding”. Daarnaast is

bestaansonzekerheid een belangrijke factor:

hierdoor zijn mensen drukker bezig met

overleven dan met leven en gezonde voeding.

De tweede misvatting is volgens

haar dat gezond eten een individuele

verantwoordelijkheid is en overheidsingrijpen

‘betutteling’. Die gedachte is naïef, zegt

Bussemaker. De overheid moet niet alleen

onze individuele vrijheid beschermen, maar

4

OVER GEWICHT MAGAZINE


ACHTERGROND

preventie als behandeling nodig. De ‘kraan’

staat namelijk nog wagenwijd open – mensen

worden door de ‘voedselomgeving’ nog

steeds tot ongezond eten verleid – maar ook

het ‘bad’ is nog steeds vol met mensen die al

overgewicht of obesitas hebben.

Voor die laatste groep helpt preventie

niet meer: zij hebben behandeling nodig.

Daarom moet het hele behandelpakket voor

overgewicht en obesitas vergoed worden en

is betere begeleiding vanuit de zorg nodig.

Daarnaast is volgens Van Rossum aandacht

nodig voor het stigma dat rust op overgewicht:

“een van de laatste vormen van sociaal

geaccepteerde discriminatie”.

“Nudgen”

Marc Jansen, directeur Centraal Bureau

Levensmiddelen (CBL), vertegenwoordigt

de supermarktsector. “Laten we eerlijk

zijn,” zegt Jansen, “supermarkten verkopen

alles wat legaal geproduceerd is, alles wat

tussen gezond en ongezond zit.” Maar, stelt

hij, de sector heeft ook belang bij gezonde

klanten en heeft een maatschappelijke

verantwoordelijkheid.

Supermarkten dragen volgens hem op

drie sporen bij om obesitas tegen te gaan.

Allereerst door in te spelen op de vrije keuze

van de klant, bijvoorbeeld door de groente-

MAGAZINE OVER GEWICHT 5


ACHTERGROND

en fruitschappen bij de ingang van de

supermarkt te plaatsen. De tweede stap is

‘nudgen’. Hiervoor wil de sector gebruikmaken

van een zogeheten ‘nutriscore’, die de

staatssecretaris nog moet goedkeuren: een

score op de verpakking van een product, die

de voedzaamheid ervan aangeeft.

Daarnaast is er volgens Jansen nog de

“onzichtbare keuze”: health by stealth, oftewel

productverbetering in samenwerking met

de voedingsindustrie, om het vet-, zout- en

suikergehalte van producten langzaam terug

te dringen. Dat kan volgens hem niet te snel;

we zijn aan de hoge gehaltes gewend geraakt

omdat ze ook langzaam zijn gestegen. Als die

nu te plots worden verlaagd, vinden we de

producten niet lekker meer.

“Preventie en jeugd”

Eerste Kamerlid Peter van der Voort (D66),

afdelingshoofd Intensive Care van het UMCG,

spreekt vandaag namens de politiek. D66

baseert haar beleid op de pijlers ‘preventie’ en

‘jeugd’. De politiek heeft volgens Van der Voort

de afgelopen jaren goede stappen gezet,

maar niet genoeg. Er moet meer geld naar

preventie en er moet meer beleid op gemaakt

worden. Kinderen moeten zo vroeg mogelijk

aangeleerd worden wat gezond leven is en

wat de consequenties van bepaalde keuzes

zijn. Naast informeren, moet op het gebied van

eten en bewegen ook een goede schooldag

geïntroduceerd worden.

“Minister van Gezondheidszaken”

Jean-Paul van Haarlem, voorzitter ONVZ

en bestuurslid van de branchevereniging

van zorgverzekeraars, stelt dat preventie

niet vrijblijvend mag zijn. Hij vraagt om een

andere aanpak. Tijdens de coronacrisis

moesten economische belangen wijken voor

de volksgezondheid: een “fractie van die

overtuiging” zou volgens Van Haarlem ook

helpen bij de aanpak van obesitas. Zij aan zij

moeten alle betrokken partijen zorgen voor

een maatschappij waarin het makkelijk is

om een gezond gewicht te behouden en te

realiseren. Alle partijen hebben deels dezelfde,

maar ook tegenstrijdige belangen. ONVZ pleit

voor een minister van Gezondheidszaken, die

de regie neemt en die zich vooral richt op de

leefomgeving en het sociale domein – zo kan

meer ingezet worden op preventie.

6

OVER GEWICHT MAGAZINE


ACHTERGROND

Adviezen aan elkaar

Nadat de sprekers uitgebreid met elkaar in

debat zijn gegaan, vraagt Van ’t Hek ieder

van hen om één andere partij een advies

te geven. Politicus van der Voort vraagt de

supermarkten om verantwoordelijkheid te

nemen: met maatschappelijk verantwoord

ondernemen kun je goodwill kweken in de

samenleving. Bussemaker adviseert de

zorgverzekeraars om “moedig te zijn” en

stappen te zetten: door niet te wachten tot de

overheid alles tot in de puntjes heeft geregeld,

maar door geld van de Zorgverzekeringswet

te combineren met initiatieven van de

gemeenten en de welzijnssector. Namens

de verzekeraars adviseert Van Haarlem de

supermarkten om lopende programma’s om

te bouwen tot programma’s die gezond eten

stimuleren: bijvoorbeeld dat je bij het scannen

van je boodschappen in kunt voeren dat je

gezond wilt eten en een signaal krijgt als je

boodschappen kiest die daarvan afwijken. Van

Rossum roept de overheid op niet bang te zijn

‘betuttelend’ over te komen – dat werd vroeger

ook gezegd over de autogordel en hoeveel

verkeersdoden zijn daar niet mee voorkomen?

Ook roept ze ‘zichzelf’ – oftewel de zorg – op

om de richtlijnen meer in te zetten.

Als laatste heeft ervaringsdeskundige Koos

Woltjes aan Van Rossum een advies: “Ik heb jou

een heleboel dingen horen vertellen die voor

mij nieuw zijn. Ik heb 62 jaar moeten wachten

op die kennis en ik zou jou willen vragen: laten

wij elkaar uitdagen om dat in communicatieve

zin duidelijk te maken aan mensen die met

obesitas te maken hebben. Omdat dat hen niet

alleen helpt om hun leven in te richten, maar ze

ook meer vertelt over henzelf – ik denk dat dat

een goede zaak zou zijn.”

Van Rossum: “Dat aanbod neem ik graag aan.”

Waarvan akte.

MAGAZINE OVER GEWICHT 7


PERSOONLIJK VERHAAL

Een nieuw leven als

ervaringsdeskundige

Door: Ellen Buijnink

De eerste dag van het nieuwe leven van Ellen Buijnink is op 11 april 2019

begonnen. Sindsdien ondersteunt ze als ervaringsdeskundige mensen met

overgewicht en obesitas in het traject bij de bedrijfsarts. Ellen vertelt zelf

hoe ze op die plek terecht is gekomen.

Ik kan wel stellen dat ik het grootste gedeelte

van mijn volwassen leven een probleem heb

gehad met mijn gewicht. Altijd maar tobben,

afvallen en weer aankomen. Veel verdriet

en me rot voelen. Mezelf lelijk voelen. Voor

de zoveelste keer in een pashokje staan en

merken dat niets past of mooi staat. Om over

mijn onzekerheid maar niet te spreken.

Moedeloos werd ik ervan. Maar als ik wel weer

was afgevallen, lukte het me ondanks al die

rotgevoelens niet om dit vast te houden.

Waarom? Ik wist het niet ...

Catharina Ziekenhuis in Eindhoven. Na

een screeningsprocedure werd er groen

licht gegeven en kwam ik in aanmerking

voor een gastric bypass, oftewel een

maagverkleining. Jaren eerder vond ik dat nog

een gemakzuchtige manier om af te vallen,

maar die mening heb ik flink bijgesteld. Niks

easy way out, maar een hulpmiddel waarbij

je ook zélf keihard moet werken. Het afvallen

krijg je echt niet cadeau, maar vergt een grote

leefstijlverandering, doorzettingsvermogen en

een besef dat dit voor de rest van je leven is.

Doe je dit niet, dan kom je gewoon weer aan!

Het keerpunt kwam op 23 februari 2017. Mijn

moeder overleed die dag en mijn hele wereld

stond op zijn kop. Maar op dat moment wist

ik ook wel gelijk dat ik zo niet verder wilde.

Mijn moeder had zichzelf haar hele leven

weggecijferd voor anderen – zelfs op haar

sterfbed wilde ze de verpleging van de hospice

niet lastigvallen. En ik gedroeg me precies

hetzelfde. Er moest iets veranderen.

Ruim anderhalf jaar heb ik, met hulp, intensief

aan mezelf gewerkt. Waar zaten mijn valkuilen?

Waarom eet ik steeds? Wie ben ik? En vooral:

waar wil ik heen?

Aan het eind van die periode was ik nog steeds

te zwaar – op mijn zwaarst 123 kilo. Hoewel ik

mentaal sterk was geworden, liet mijn lichaam

me in de steek. Schoon genoeg van alle

afvalpogingen, besloot mijn lijf dat het genoeg

was geweest. Er ging geen gram meer af.

Geen easy way out

Ik besloot om hulp te vragen en kwam

terecht op de obesitasafdeling van het

Maar ik ging er volledig voor. Nu,

tweeëneenhalf jaar later, is er veel veranderd.

Ik ben 55 kilo afgevallen en zit inmiddels al een

hele tijd stabiel op mijn huidige gewicht. Ik zit

superlekker in mijn vel en m’n zelfvertrouwen is

zoveel groter geworden.

Ergens zat deze persoon altijd al in mij. Nu ze

eruit was, wilde ik iets met haar doen.

Mijn droom en mijn baan

Ik werk bij een arbodienst. Door een

teleurstellende ervaring na mijn operatie

bij mijn eigen bedrijfsarts – van een andere

arbodienst – begon ik me af te vragen hoe

dat bij onze artsen ging. Zien zij de mens

achter het overgewicht of de operatie? Weten

zij wat dat met je kan doen? Weten zij hoe

doodongelukkig je je kunt voelen en dat je er

zelfs letterlijk ziek van kan worden?

En weten zij hoe belangrijk de aandacht voor

het natraject is? Want dan begint het pas. Dit

is echt een life changing event en dat houdt

niet op na de operatie. Was het maar waar dat

8

OVER GEWICHT MAGAZINE


PERSOONLIJK VERHAAL

geen tijd hadden om er voldoende aandacht

aan te besteden. Dat moest anders!

Ik borrelde van de ideeën en mijn toenmalige

manager stond daar helemaal voor open. Ik

wilde iets toevoegen aan het traject van de

bedrijfsarts en de ondersteuning bieden waar

artsen simpelweg geen tijd voor hebben. Ik

wilde er kunnen zijn voor de mensen die bij de

bedrijfsarts komen, naar ze luisteren en hun

verhaal als ’ervaringsdeskundige’ ook écht

begrijpen. Ik kreeg hiervoor van mijn werkgever

alle ruimte.

Na een opleiding Vitaliteitscoaching is mijn

droom werkelijkheid geworden. Ik kan onze

bedrijfsartsen ondersteunen bij het reintegratietraject

van mensen die op het

spreekuur komen: mensen met overgewicht,

in het traject voor een maagverkleining of

mensen die na een maagverkleining graag wat

extra ondersteuning willen.

Van ondersteuning naar training

Maar ik was nog niet ‘uitgeborreld’. Ik

wilde meer en heb de stoute schoenen

aangetrokken. We hebben een interne

academy waar onder andere trainingen

en workshops worden gegeven. Ik heb de

opleidingsadviseur van de academy gebeld en

vertelde hem dat ik graag een training wilde

geven over bariatrische ingrepen: zodat ik onze

bedrijfsartsen mijn ervaring mee kan geven en

ze die in kunnen zetten bij mensen die ze op

het spreekuur krijgen. Waar gaan die doorheen

op weg naar een maagverkleining en wat doet

het achteraf met ze? Het geluksgevoel, maar

ook de gevaren van terugvallen, complicaties

of waar je maar tegenaan kan lopen in het

natraject.

je na een maagverkleining de rest van je leven

op hetzelfde gewicht kan blijven – daar zou

ik voor tekenen. Maar niets is minder waar. Je

moet blijven opletten, de juiste keuzes maken

en sterk genoeg blijven om niet terug te vallen

in oude gewoonten.

Ik denk dat de meeste bedrijfsartsen van onze

dienst dit echt wel zagen, maar simpelweg

Nooit had ik gedacht dat ik dit zou durven,

maar ik ga het doen! Nog dit jaar starten we.

Samen met een arts ga ik trainingen geven.

Hij verzorgt de medische kant, waardoor we

gecombineerd met mijn ervaring een mooi,

compleet beeld kunnen geven. Hopelijk biedt

dit onze artsen meer bewustwording over de

mens achter het overgewicht en de beslissing

tot een maagverkleining.

Ik ben heel dankbaar dat het overlijden van

mijn moeder mij zoiets moois heeft gebracht.

Ik volg nu een droom waarvan ik nooit had

gedacht dat het in me zat om die te realiseren.

Ik hoop dat ze daarboven supertrots op me is!

MAGAZINE OVER GEWICHT 9


ACHTERGROND

Waarom de trend van

toenemende obesitas zo

moeilijk te doorbreken is

Door: Moritz Warmbrunn en Anne Hesp

Het aantal mensen dat obesitas heeft, blijft wereldwijd toenemen. Dr. Wilma

Waterlander ziet dat oplossingen momenteel vooral bij het individu gezocht

worden en minder bij de partijen die het eetgedrag van mensen beïnvloeden,

zoals voedingsproducenten en supermarkten. Wat is er volgens haar nodig om

het percentage mensen dat kampt met obesitas weer terug te kunnen dringen?

Zijn maatregelen noodzakelijk om gezonde

voeding te stimuleren?

“Absoluut! We zien al tientallen jaren dat

obesitas in Nederland toeneemt. Tot nu toe is

het nog geen enkel land gelukt om die trend te

breken. De maatregelen die er op dit moment

zijn, richten zich met name op individuele

gedragsverandering, zoals voorlichting

over gezond eten op scholen en door het

Voedingscentrum.”

“Ik denk dat aanvullende maatregelen gericht

moeten zijn op een aanpassing van de

leefomgeving. De afgelopen dertig jaar is het

aantal mensen met obesitas namelijk sterk

toegenomen, terwijl de menselijke genetische

samenstelling en de persoonlijke wilskracht

niet spontaan veranderd is. Het is dan ook

al geruime tijd bekend dat de omgeving wél

is veranderd, bijvoorbeeld door een sterk

vergroot aanbod van fastfood en ander

ongezond eten, en dat dit voor een belangrijk

deel bepaalt dat mensen te zwaar zijn. Om

obesitas terug te dringen, moeten we daar dus

iets aan doen.”

Zijn er op dit moment voldoende

maatregelen die gezonde voeding

stimuleren? Wat zou je willen veranderen?

“De huidige voedingsafspraken staan in

het Preventieakkoord, waarin een set van

maatregelen tegen overgewicht is beschreven,

net als tegen tabaks- en alcoholgebruik. De

afspraken over overgewicht zijn samen met

de voedingsindustrie gemaakt. Je ziet dus

ook dat deze redelijk vrijblijvend zijn, dat de

veranderingen slechts in langzaam tempo

worden doorgevoerd en dat hardere afspraken,

zoals prijsmaatregelen, hier niet in terugkomen.

Als we obesitas willen terugdringen, moeten de

afspraken harder zijn. Dit zal waarschijnlijk pijn

doen bij de industrie. Interessant is dat bij de

andere onderdelen van het Preventieakkoord,

zoals het tegengaan van tabaksgebruik, de

tabaksindustrie niet aan tafel welkom was.”

10

OVER GEWICHT MAGAZINE


ACHTERGROND

Hoe komt het dat bij roken en alcohol

betrokken bedrijven niet mogen

meedenken over tabaks- of alcoholbeleid,

terwijl de voedingsindustrie dit wel bij

voedingsbeleid mag?

“Het is heel duidelijk dat roken slecht is en dat

de tabaksindustrie niet kan helpen nadenken

over effectieve maatregelen tegen het

verminderen ervan, omdat zij een duidelijk

tegenstrijdig belang hebben. Bij voeding wordt

dit verhaal anders ingestoken. Elk mens heeft

voeding nodig, dus voeding op zichzelf is

niet ongezond. Er wordt dan gezegd dat ook

voeding met hoogcalorische waarde een plek

kan hebben binnen een gezond dieet.”

“Door deze slimme lobby heeft de

voedingsindustrie toch een plek aan tafel en

kunnen zij maatregelen tegenhouden die voor

hen erg ongunstig uitpakken. De industrie

komt vervolgens zelf met voorstellen, zoals

het binnen twintig jaar verminderen van de

hoeveelheid zout in producten. Van dit soort

voorstellen begrijp je dat ze, wat betreft

snelheid en omvang van het resultaat, niet

het beoogde effect hebben om overgewicht

effectief tegen te gaan.”

In hoeverre zijn afspraken met de industrie

eigenlijk nodig? Kan de consument niet

zelf de verantwoordelijkheid dragen voor

het kopen en consumeren van gezonde

voeding?

“Het korte antwoord is ‘nee’, hoewel dat niet

denigrerend bedoeld is. Het ongezonde

aanbod is namelijk zó overweldigend groot,

dat het bijna onmogelijk is voor een individu

om uitsluitend gezonde keuzes te maken.

Daarnaast is het schandalig hoe de industrie

de consument op het verkeerde been zet en

producten als gezond aanprijst, terwijl het

etiket vaak een grote hoeveelheid suiker of

zout laat zien.”

Wat zouden supermarkten

moeten veranderen?

“Heel veel! Supermarkten zeggen vaak dat ze

het niet slecht doen, omdat ze een gezond

voedselaanbod hebben, met groente en

fruit bij de ingang. Maar uiteindelijk is het

merendeel van het aanbod ongezond, net als

het gros dat op ooghoogte ligt. Ik ben niet per

se voor het verbieden van zoete producten,

maar ik vind wel dat te veel producten die als

gezond in de markt worden gezet te hoge

MAGAZINE OVER GEWICHT 11


ACHTERGROND

suikerpercentages hebben, zoals vla of muesli.

Waar ik daarnaast in geloof, is een productie

met minder toegevoegde voedingsstoffen.

Die maken producten weliswaar langer

houdbaar en goedkoper, maar ook ongezonder.

In Nieuw-Zeeland bestaan bijvoorbeeld

supermarkten waar voor voedingsmiddelen

alleen gebruik wordt gemaakt van de basale

ingrediënten. Hier hangt vervolgens een prijs

aan die is gebaseerd op de daadwerkelijke

productiekosten, oftewel true pricing.”

moet het aanbod in de supermarkt drastisch

veranderd worden”

Dus eigenlijk moeten de supermarkt,

de voedingsindustrie en de politiek

gemotiveerd worden om gezonder gedrag

te bevorderen. Hoe zou je hen hiertoe

kunnen motiveren?

“Politici worden door stemmers gemotiveerd

en de industrie door consumenten. Bij dit

probleem moet je je misschien afvragen of

consumenten op een gegeven moment zouden

moeten opstaan en gezondere voeding

eisen. Uiteindelijk zijn wel wetten nodig om

veranderingen teweeg te brengen. De overheid

heeft lange tijd geprobeerd met zelfregulering

en convenanten het probleem aan te pakken,

maar uit de internationale literatuur blijkt dat

dit niet werkt. Je hebt uiteindelijk een overheid

nodig die grenzen stelt en bepaalt waar

iedereen zich aan moet houden. Vaak wordt

dan ook het beeld geschetst dat dit zielig voor

bedrijven is, maar bedrijven als Coca-Cola

maken ontzettend veel winst.”

Misschien worden ze dan ook gestimuleerd

om winst op gezonde producten te maken?

“Dat denk ik ook. Wat je nu ziet, is dat grote

bedrijven gigantische winsten maken, terwijl de

kosten van gezondheidsschade voor rekening

van de samenleving en de aarde komen. De

kosten van deze goedkope producten dragen

zij zelf niet. Je moet dus eigenlijk proberen om

de markt bij te sturen en eerlijker te maken.”

“Dit brengt me bij een laatste punt: de

prijsbepaling van voedingsmiddelen en de

rol van de supermarkt. Te vaak zien we dat

ongezond eten goedkoop is en gezond

eten juist duur. Supermarkten hebben

een interessante en dubieuze rol in deze

prijsbepaling, waarbij ze een redelijk grote

marge ontvangen op groente en fruit en de

onderhandelingspositie van de boeren hierin

niet sterk is. Daarnaast menen supermarkten

dat de bepaling van het voedselaanbod

niet zozeer in hún straatje ligt, maar bij

de producenten van voedingsmiddelen

en bij regelgeving door de overheid. Het

voedselaanbod en de prijsbepaling in de

supermarkt is dus een plek waar nog veel winst

is te behalen. Als je echt iets wilt veranderen,

Welke wetten zouden bijvoorbeeld effectief

en realistisch zijn?

“De meest realistische en effectieve maatregel

zou de suikertaks zijn. Maar de productie

van vlees of suiker wordt ook gesubsidieerd,

dus eigenlijk zou de hele keten financieel

anders gestructureerd moeten worden, in

plaats van alleen een belasting te heffen op

het laatste deel van de keten. Als je nog een

stapje verder wilt gaan, zou je de landbouw

duurzamer moeten inrichten. Sowieso werken

losse maatregelen vaak onvoldoende en heb

je eigenlijk altijd een combinatie nodig om een

effectieve oplossing te vinden.”

Verschillende landen, zoals Groot-Brittannië,

hebben de suikertaks al ingevoerd. Waarom

Nederland niet?

“In Nederland willen we de suikertaks tot nu

12

OVER GEWICHT MAGAZINE


ACHTERGROND

toe niet, omdat er veel belang wordt gehecht

aan een vrije markt, vrije keuze en eigen

verantwoordelijkheid. Ook de industrie is

tegen de invoer van de suikertaks en stelt dat

hiermee veel banen verloren zouden gaan.

Maar dit is niet waar. Het is mij onduidelijk of

politici dit echt geloven of dat ze vrienden

willen blijven met de industrie. In Engeland

heeft de premier daarentegen mede door

eigen gezondheidsomstandigheden

het belang van een goede aanpak van

obesitas ingezien en de suikertaks wel

ingevoerd. Maar ook in Nederland wordt

steeds meer gelobbyd, bijvoorbeeld door

wetenschappers, dat een suikertaks

wel werkt en goed zou zijn. Daarnaast

geven ook verschillende bedrijven en

supermarkten aan dat zij niet tegen

hogere prijzen voor bijvoorbeeld

frisdrank zijn, maar dat er duidelijke

afspraken opgesteld moeten worden voor

de hele sector – zo treedt er geen oneerlijke

concurrentie op en zal iedereen zich aan de

regels houden.”

Zijn er, naast de suikertaks, andere

maatregelen in andere landen waarvan

de Nederlandse aanpak tegen obesitas

kan leren?

“Ja. Mexico, Chili en andere landen op het

Amerikaanse continent voeren bijvoorbeeld

naast een suikertaks ook agressiever beleid

op het gebied van kindermarketing en het

juist labelen van voedingsmiddelen. De public

health-lobby heeft in deze landen een strenge

blik geworpen op de frisdranklobby en het

grote publiek ingelicht over de misstanden

daarin. Op die manier is er veel publieke steun

en draagvlak ontstaan – wat nodig is om de

eerdergenoemde maatregelen door te voeren.”

Op welk niveau kan Nederland het

obesitasprobleem het beste aanpakken? Op

nationaal, regionaal of gemeentelijk niveau?

Of allemaal tegelijk?

“Helaas lukt het tot op heden op globaal,

Europees en zelfs nationaal niveau niet

om goed beleid te maken. We zien wel dat

op stadsniveau veel zaken voor elkaar

worden gekregen. De gemeente Amsterdam

heeft bijvoorbeeld als doel dat er over

twintig jaar geen enkel Amsterdams kind

meer te zwaar mag zijn en pakt dit op veel

verschillende vlakken aan. Bijvoorbeeld

door de vergunningenverstrekking hierop af

te stemmen, geen fastfoodketens rondom

scholen te laten vestigen en bepaalde

marketing in de metro te verbieden. Als de

grote steden laten zien hoe belangrijk zij het

vinden en wat zij voor elkaar krijgen, dan geeft

dit een belangrijk geluid richting de overheid.”

Als je minister van VWS zou zijn, met een

meerderheid in de Eerste en Tweede Kamer,

welke maatregel zou je dan invoeren?

“Dan zou ik de btw op groente en fruit

afschaffen. Ik ga dan toch voor een positieve

maatregel in plaats van een belasting.”

Assistant prof. dr. Wilma Waterlander is

gepromoveerd op de effectiviteit van

prijsveranderingen om gezond gedrag

te stimuleren. Ze is nu onderzoeker

op het gebied van voedingssystemen,

duurzaamheid en gezondheid in het

Amsterdam UMC. Daarnaast is zij lid van

de Lancet Obesitas-commissie.

MAGAZINE OVER GEWICHT 13


PERSOONLIJK VERHAAL

Mijn ideale wereld:

acceptatie en

waardering voor jezelf

Door: Chalyne Ramroochsingh

Een wereld waarin obesitas en overgewicht geen grote problemen meer zijn, hoe

zou die eruitzien? Redactielid Chalyne Ramroochsingh denkt vrijuit over wat daar

voor nodig zou zijn. Wat moet er volgens haar veranderen?

Overgewicht of obesitas komt niet plotseling

om de hoek kijken, maar heeft te maken met

tal van oorzaken. Zo kunnen ongezonde

voeding, stress en weinig beweging een rol

spelen, genetische oorzaken, maar het kan ook

het resultaat zijn van je opvoeding of van de

sociale omgeving waarin je bent opgegroeid.

(Op)voeding

Ik vind daarom dat gezinnen al vanaf de

geboorte van hun kinderen bewust moeten

kiezen voor de voeding die ze hen geven.

Vaak kopen ouders kant-en-klare babyvoeding

waarvan ze niet weten wat erin zit, of geven

ze hun kinderen ongezonde koekjes en

drankjes mee naar school. Dat zijn geen

keuzes die passen in een gezond eetpatroon

van kinderen die nog groeien en ontwikkelen.

Het zou veel beter zijn om te kiezen voor

gezondere alternatieven of voor zelfgemaakte

tussendoortjes. Natuurlijk moeten kinderen

wel blijven genieten en af en toe wat lekkers

nemen, maar gemakzucht van ouders is

daarvoor niet de juiste reden.

Ook scholen zouden het kinderen makkelijker

moeten maken om te kiezen voor gezond

voedsel. Op bijna elke school in Nederland

is er in iedere hoek wel een automaat

te vinden die gevuld is met suikerrijke

producten. Door hiermee te stoppen, komt de

verantwoordelijkheid sterker bij de kinderen

14

OVER GEWICHT MAGAZINE


PERSOONLIJK VERHAAL

of hun ouders te liggen, want dan zullen ze

zelf zulke producten mee naar school moeten

nemen – de drempel wordt daarmee hoger.

Andere cultuur

Ik denk dat we sowieso op een andere manier

naar suikerrijke producten moeten kijken.

Nu zien we ze vooral als beloning – “Ik heb

zó erg mijn best gedaan, ik mag nu wel een

reep chocola” – of als middel om vervelende

gevoelens weg te drukken: je voelt je slecht

en gaat van alles eten om jezelf te troosten.

Niet alleen volwassenen doen dit vaak, ook

jonge kinderen. Op lange termijn kan dit gedrag

leiden tot overgewicht en obesitas. Daarom is

het belangrijk om een balans te vinden tussen

een gezond dieet en de dingen die je lekker

vindt – zodat je er nog wel van geniet, maar op

een gezonde manier.

Andere voedingsstijlen zouden volgens mij

meer erkenning en waardering moeten krijgen.

Het zou mooi zijn als scholen hiervoor ruimte

in het lespakket kunnen maken. Leerlingen

kunnen daarin bijvoorbeeld leren over

veganistische of biologische voeding, maar ook

over de rol van voedsel in andere culturen dan

de Westerse – denk bijvoorbeeld aan Oosterse

voedingsstijlen, zoals ayurvedische maaltijden.

Kinderen kunnen hier op zoveel leuke manieren

over leren; kennis die zij weer binnen hun gezin

over kunnen dragen.

Bewustwording en acceptatie

Het is belangrijk dat mensen er sneller bewust

van worden dat ze aan hun gezondheid

moeten werken. Ook al kent iedereen de

chronische ziekte obesitas, is het toch zeer

opvallend dat maar weinigen die onder ogen

willen komen of zich realiseren wat de gevolgen

ervan zijn. Hier vrij en schaamteloos over

kunnen praten, kan al heel wat opleveren.

Daarnaast zou het mooi zijn als mensen leren

objectief en open te luisteren naar een ander;

vaak merk ik dat mensen met weinig kennis

ongevraagd en onrealistisch advies geven

over dit onderwerp, wat leidt tot nog meer

verwarring.

Jongeren, maar zeker ook volwassen, hebben

zeer veel te maken met invloedrijke personen

die dieetpillen verkopen of beweren dat je met

een work-out van vijf minuten buikspieren kunt

krijgen. Volgens mij zorgt dit voor frustratie,

geldverspilling en leidt het er juist toe dat

mensen aankomen. Het is belangrijk om echt te

leren begrijpen hoe het lichaam werkt en jezelf

te accepteren. Vanuit acceptatie wordt het

alleen maar makkelijker om aan jezelf te werken.

Dit houdt dit in dat je niet te streng voor jezelf

moet zijn en de keuzes maakt waar je zelf het

meest baat bij hebt.

Samen bewegen

Ook zouden mensen elkaar vaker op moeten

zoeken om in beweging te komen. Er zijn veel

organisaties die evenementen organiseren

voor mensen met obesitas of voor mensen

die in het algemeen graag willen bewegen.

Maar velen weten hier niet van en missen

dan geweldige kansen. Het is namelijk vaak

veel gezelliger en motiverender om samen in

beweging te komen. Ook sportscholen bieden

veel bewegingsmogelijkheden, maar zijn

meestal wel erg prijzig. Als zij lagere prijzen

zouden hanteren, zou dat mogelijk meer

mensen motiveren.

Kortom, in mijn ideale wereld zouden mensen

zelf de keuze krijgen om hun gezondheid te

beïnvloeden. Dit kan door van jongs af aan

op een goede manier leren om te gaan met

voeding en beweging, jezelf te accepteren

zoals je bent en openstaan voor nieuwe

veranderingen in je leven.

Een wereld waarin acceptatie en waardering

voor jezelf de norm is – díé zou ik echt prachtig

vinden!

MAGAZINE OVER GEWICHT 15


OPINIE

Overheid, voer een

suikertaks in!

Door: Floris Westerink

Een belangrijke oorzaak van overgewicht en obesitas is dat Nederlanders te veel

suiker binnenkrijgen. Het huidige kabinet doet te weinig om dat te verminderen.

Het is tijd dat de overheid meer gaat doen om overgewicht en obesitas te

voorkomen en een suikertaks invoert.

Overgewicht en obesitas is een

maatschappelijk probleem. Mensen met

obesitas ervaren gemiddeld een mindere

kwaliteit van leven, hebben vaker psychische

problemen en zijn vaker arbeidsongeschikt.

Ook gaan ze gemiddeld eerder dood

en zijn ze vaker ziek. De bijkomende

gezondheidsproblemen zorgen voor veel leed.

Voorkomen van groot belang

Er zijn geen eenvoudige, effectieve

obesitasbehandelingen. Zodra een bepaalde

mate van overgewicht bereikt is, is het moeilijk

om blijvend af te vallen. Minder eten en wat

meer bewegen blijkt voor de meeste mensen

niet de oplossing. Er is toenemend bewijs dat

dit weinig met zelfdiscipline of ‘karakterzwakte’

te maken heeft, maar vooral door de manier

waarop ons lichaam graag het overschot

aan voeding opslaat en zich verzet tegen

gewichtsverlies bij minder eten.

Voorkomen dat overgewicht of obesitas

ontstaat, is dus van groot belang. Eén

aanpassing kan hier relatief simpel aan

bijdragen: minder suiker eten en drinken. Het

verband tussen suikerinname, met name via

frisdrank, en gewichtstoename is uitvoerig

onderzocht en vastgesteld. Zo neemt met

elk blikje frisdrank extra per dag het risico om

obesitas te krijgen met 60% toe.

Dagelijks 5 suikerklontjes te veel

Het blijkt dat 60% van de Nederlandse

volwassenen en 90% van de kinderen te

veel suiker binnenkrijgt – veelal onbewust,

omdat dit ‘verstopt’ zit in producten. De

Wereldgezondheidsorganisatie en het

Voedingscentrum adviseren om per dag

niet meer dan 90 gram aan suiker binnen te

krijgen. Maar Nederlanders aten tot voor kort

dagelijks gemiddeld 114 gram suiker, oftewel 29

suikerklontjes.

Het huidige Nederlandse overheidsbeleid

is erop gericht dat de voedingsindustrie

zelf suiker in producten vermindert.

Hiervoor is in 2014 het Akkoord Verbetering

Productsamenstelling (AVP) afgesloten. In

2020 moesten de afspraken het gewenste

resultaat hebben bereikt. Volgens de laatste

cijfers van het RIVM is tot nu toe de afname

van suiker 4 gram per dag, dat is 1 suikerklontje.

Dat betekent dat Nederlanders nog steeds

elke dag 20 gram suiker – 5 suikerklontjes – te

veel binnenkrijgen. Het RIVM adviseert dan ook

aanvullende en verdergaande maatregelen te

nemen.

Suikertaks

De Nederlandse Stichting Over Gewicht

pleit voor het invoeren van een suikertaks in

Nederland: een extra belasting op producten

met veel (toegevoegde) suikers en het

afschaffen van de btw op groente en fruit.

Een dergelijke belasting op gesuikerde

producten, met name dranken, is al in meer

dan veertig landen wereldwijd ingevoerd.

De effecten zijn zichtbaar, zo blijkt uit een

analyse door de Nederlandse Stichting Over

Gewicht: waar een suikertaks is ingevoerd,

stijgen de prijzen van dranken met een

hoog suikergehalte en daalt de verkoop; de

prijzen van niet-gesuikerde dranken worden

daarentegen vaak lager en de verkoop ervan

stijgt.

16

OVER GEWICHT MAGAZINE


OPINIE

Tegenstanders van een suikertaks maken

bezwaar tegen ‘betutteling’ door de overheid.

Toch worden producten die schadelijke

gevolgen voor mens en milieu hebben al jaren

belast; denk aan tabak en brandstof. Ook de

negatieve (macro)economische effecten, waar

de voedingsindustrie vaak op wijst, lijken niet

stand te houden.

Veelal blijkt er voldoende draagvlak onder de

bevolking te zijn voor dergelijke maatregelen.

Uit een in Groot-Brittannië uitgevoerd

onderzoek onder ouders, bleek 57% de in

2018 ingevoerde suikertaks te steunen. Ook

de steden Amsterdam, Rotterdam en Utrecht

roepen op tot het invoeren van een suikertaks.

De Nederlandse Stichting Over Gewicht dringt

bij staatssecretaris Blokhuis aan: weg met

de vrijblijvendheid, voer zo snel mogelijk de

suikertaks in!

Bronnen:

‘Relation between consumption of sugarsweetened

drinks and childhood obesity:

a prospective, observational analysis’, D.S.

Ludwig, K.E. Peterson, S.L. Gortmaker. The

Lancet.

‘Gradual reduction of sugar in soft drinks

without substitution as a strategy to reduce

overweight, obesity, and type 2 diabetes: a

modelling study’, Y. Ma et al. Lancet Diabetes

Endocrinol.

‘Geschat effect van lagere zout- en

suikergehalten in voedingsmiddelen op de

dagelijkse zout- en suikerinname in Nederland

: Akkoord Verbetering Productsamenstelling

2014-2020’, E.C. Wilson-van den Hooven et al.

RIVM.

‘Parents’ perceptions and responses to the UK

soft drinks industry levy’, F. Gillison, E. Grey,

T. Griffin. Journal of Nutrition Education and

Behavior.

‘The macroeconomic impacts of diet-related

fiscal policy for NCD prevention: A systematic

review’, S. Mounsey et al. Economics & Human

Biology.

‘Probability of an Obese Person Attaining

Normal Body Weight: Cohort Study Using

Electronic Health Records’, A. Fildes et al.

American Journal of Public Health.

MAGAZINE OVER GEWICHT 17


ACHTERGROND

Hoe voorkomen we dat

stigma’s het gesprek

blijven belemmeren?

Door: Paula Wolvers

De Nederlandse Stichting Over Gewicht gaat de komende periode

onderzoek doen naar stigma’s rond overgewicht en obesitas. Maar

wat zijn stigma’s precies? Hoe belemmeren die het gesprek? En welke

vragen zijn daarbij relevant?

Een ‘gebrek aan wilskracht’. Je hebt het ‘zelf

zo ver laten komen’. Je moet ‘gewoon wat

meer bewegen’. Het zijn stigma’s waar mensen

met overgewicht vaak mee te maken krijgen.

Een stigma is een negatief kenmerk dat

toegeschreven wordt aan een hele groep.

Stigma’s zijn per definitie ongegrond. Ze

hebben een negatieve uitwerking, zowel op de

personen die tot de ‘groep’ zelf behoren als op

degenen die daar geen onderdeel van zijn – of

zich dat niet voelen.

De kracht van een stigma is groot.

Stigmatiseren kan – en zal vaak – tot

discriminatie en ongelijke kansen leiden.

Stigma’s zorgen voor onbegrip en afstand

tussen groepen.

Woorden en gevoelens

Hoe kun je dan op een neutrale manier

de verhouding tussen gewicht en lengte

bespreekbaar maken? Noem je iemand

met overgewicht ‘iemand met overgewicht’,

‘dikkerd’, ‘vet’ of iemand met een ‘hoger dan

gezond gewicht’? Is iemand met overgewicht

een ‘patiënt’ of niet? En welke oordelen, of

beter gezegd vooroordelen, zijn met die

termen verweven?

Alleen al aan de naam kleven verschillende

gevoelens, al dan niet negatief. Zo bestaan er

ontelbare stigma’s die een gesprek over het

gewicht belemmeren. Ze kunnen onderhuids

en subtiel aanwezig zijn – zo zit in de vraag

‘maakt deze broek me dik?’ al een negatief

oordeel over dik zijn – maar ook aan de

oppervlakte. Met woorden of daden kunnen

ze zichtbaar worden. Ze kunnen als obstakel

tussen twee mensen in komen te staan of

bij één persoon tot een innerlijke tweestrijd

leiden. Ze kunnen onterecht voor waar worden

aangenomen; ook de gestigmatiseerde

persoon kan het vooroordeel gaan ‘geloven’.

18

OVER GEWICHT MAGAZINE


ACHTERGROND

Tegelijk is de aanwezigheid van een stigma

voor de een overduidelijk, maar voor de ander

een blinde vlek. En als stigmatisering ontkend

wordt, terwijl dit wel degelijk aanwezig is,

maakt dat een gesprek misschien wel extra

onmogelijk en ongemakkelijk.

Feiten en fabels

Om overgewicht en obesitas te kunnen

bespreken, is het van groot belang om

onderscheid te maken tussen feiten en

fabels. Dan kunnen we overgewicht op

dezelfde manier bespreken zoals we doen

bij iemands bloeddruk of de uitslag van een

bloedonderzoek: als gegevens die in een

groter geheel iets betekenen. Dan wordt

het heel normaal om te bespreken wat de

voordelen kunnen zijn van zoutloos eten

of van het verminderen van de stress thuis

of op het werk. Dan is het ook heel normaal

als de politiek zorgt voor een gezonde

voedselomgeving – net zoals het rookverbod

is ingevoerd.

Maar we komen pas tot de kern als we

met aandacht en onbevooroordeelde

belangstelling naar iemands verhaal én

hulpvraag luisteren. Als er sprake is van

gelijkwaardigheid en oprechtheid, maakt het

niet uit of gesprekspartners zelf ervaring

hebben met overgewicht of niet. We staan

sterker als we samen, vanuit dezelfde

oprechtheid, werken aan een gezonde

leefomgeving – eentje met zo min mogelijk

gezondheidsproblemen door obesitas en

een breed gedeelde nuance als het gaat om

ieders individuele verantwoordelijkheid voor

het eigen gewicht. Met elkaar werken we toe

naar het gezamenlijke doel dat ieder individu

– onafhankelijk van gewicht, geboorteplaats

of uiterlijke kenmerken – fysiek en mentaal

gezond is, wordt én blijft.

Maar zolang we blijven ontkennen dat we

beïnvloed worden door stigma’s, wordt de

kloof wijder en raken we verder verwijderd

van dat gezamenlijke doel: een maatschappij

met gezonde individuen. Daarom moeten

onderhuids aanwezige stigma’s naar boven

komen, uitgesproken worden en geen

belemmering meer zijn voor dat oprechte

gesprek.

Onderzoek

Maar welke stigma’s bestaan er allemaal als

het gaat om mensen die overgewicht hebben?

Bij wie spelen die? Is er andersom ook sprake

van stigmatisering van mensen zonder

overgewicht? Hoe verhouden al deze stigma’s

zich tot de realiteit? En hoe kunnen die

bestreden of ontkracht worden? Niet alleen op

inhoud, maar ook op onderbuikgevoel?

De Nederlandse Stichting Over Gewicht

onderzoekt de komende periode:

• Welke naam voor ‘overgewicht’ is het meest

neutraal? Of: welke randvoorwaarden zijn

nodig om een neutraal gesprek te voeren?

• Welke stigma’s bestaan er over mensen mét

overgewicht?

• Welke stigma’s bestaan er over mensen

zónder overgewicht?

• Hoe verhouden deze stigma’s zich tot de

realiteit?

• Wat is er nodig om de stigma’s te

ontkrachten?

• Hoe kan er een oprechte relatie ontstaan

tussen mensen mét en zonder overgewicht?

• En welke problemen moeten dan aangepakt

worden? Door wie? Wat is daarvoor nodig?

Daarvoor hebben we ieders medewerking en

inbreng nodig. Met welke stigma’s heb jij te

maken? Hoe denk jij daarover? Hoe hoop je of

verwacht je dat anderen daarmee omgaan?

Wil jij meehelpen om antwoord op deze

vragen te krijgen? Laat ons weten wat

jouw visie op stigma’s is en wat er volgens

jou nodig is. Stuur een e-mail naar info@

overgewichtnederland.org en we nemen zo

snel mogelijk contact met je op.

MAGAZINE OVER GEWICHT 19


PERSOONLIJK VERHAAL

Met helm en koopjesvrij

vest door de supermarkt

Door: Lara de Wit

Ja, ik weet dat er allerlei wetenschappelijke verklaringen voor zijn. Toch blijft

het een raar gegeven dat mijn vriendin en ik tijdens het drinken van een

gezellige kop koffie een lekkere koek eten. Want waarom bieden we elkaar

nou nooit een sappig worteltje of een stronkje broccoli aan? Om lekker op te

knagen bij de koffie?

Daar schijnt toch een stuk traditie

en psychologie bij te komen kijken.

Ook schijnen suikers en vetten een

gemene verslavende werking te

hebben, waardoor je eerder naar die

heerlijke koek grijpt.

Als je denkt dat dat alleen ons overkomt:

ha, vergeet het maar! Ik zag de acteur die

Superman had gespeeld – en die op mij

overkomt als een goddelijke man met een

enorme bonk spieren – strak in het pak

aan het woord in een talkshow. Tijdens

filmopnames leefde hij maanden- en

maandenlang volgens een bijna onmenselijk

strak eet- en sportregime. En wat deed hij als

eerste toen de opnames voorbij waren? Een

berg hamburgers met patat eten!

Als we het over eten hebben, is het dus voor

iedereen soms moeilijk om alleen maar goede

keuzes te maken. Ik vind de supermarkt

daar een goed voorbeeld van. Braaf maak

ik tegenwoordig een boodschappenbriefje,

om mezelf goed te helpen herinneren aan

mijn missie. Van tevoren eet ik iets, want met

een lege maag boodschappen doen zorgt

ervoor dat je sneller in de verleiding komt om

producten te kopen die niet goed voor je zijn.

Daar gaan we dan: het rondje supermarkt. Het

begint goed, want bij binnenkomst word ik

toegezwaaid door fruit en groenten in allerlei

geuren en kleuren. Mmmm, ik krijg er trek van!

Er liggen kookpakketten met alle ingrediënten

er al in voor een gezonde en lekkere maaltijd,

die je thuis binnen no time hebt klaargemaakt.

Maar dan wordt het lastig. Eigenlijk heb ik

alleen maar sojamelk, kattenbakvulling en

schoonmaakmiddel nodig. Maar de reclames,

aanbiedingen en overdaad aan producten

schreeuwen me tegemoet. Als ik bij de kassa

aankom, liggen er op magische wijze veel meer

artikelen in mijn winkelwagentje dan ik nodig

had – Hans Kazan is er niks bij! Kijk: naast de

zak kattengrit, lachen een zak chips, blikjes

cola en versgebakken stokbrood mij toe. Hoe

kan dat nou toch?

Toen mijn broertje en ik nog klein waren, was

er wekelijks een belangrijk hoogtepunt: het

weekend. Zodra dat in aantocht was, mochten

wij iets lekkers uitkiezen: een koek met een

20

OVER GEWICHT MAGAZINE


PERSOONLIJK VERHAAL

glaasje frisdrank en een bakje chips. Nu

beperkte de keuze zich in die tijd tot paprikaof

naturelchips, wat soms werd bemoeilijkt

doordat er ook wokkels in het spel waren! Ik kan

jullie vertellen dat we er heel lang over deden

om te beslissen: keuzestress in de kindertijd.

Maar die was nog eenvoudig. Hoeveel

ingewikkelder is dat nu in de supermarkt!?

Keuzestress 2.0! Ik zie lange rijen chips en

zoutjes waar ik nog nooit van heb gehoord.

Hoeveel soorten zouden er liggen? Geen

idee, maar het hele gangpad is ermee gevuld

en alle verpakkingen zien er even vrolijk en

uitnodigend uit.

Het blijkt dat supermarkten – en allerlei andere

winkels waarschijnlijk net zo goed – een

uitgebreid scala aan verkooptrucs toepast om

ons te verleiden zoveel mogelijk boodschappen

mee naar huis te nemen, inclusief de

ongezondere producten.

Dat begint al met het toegangspoortje dat

langzaam opengaat. Dit schijnt psychologische

voorbereiding te zijn: zo word je wat afgeremd,

gaat je tempo omlaag en neem je het

assortiment beter in je op – waardoor je als

gevolg vaak meer aankopen doet!

Daarna volgt er meer. De geur van

versgebakken brood. De route die je

gedwongen bent te lopen, omdat alledaagse

producten zoals brood, zuivel en vlees zo

verspreid door de winkel liggen, dat je ook

langs de paden met ongezonde producten

wordt geleid. De selectie van artikelen die bij

elkaar liggen, zoals koffie, koffiemelk, suiker

en daarnaast álle koeken die je je maar kunt

verzinnen – of wat dacht je van de frisdrank

en de kratjes bier, met daarnaast dat hele

gangpad vol chips en nootjes?

Uiteindelijk kom je bij de ‘impulsinkopen’

die bij de kassa liggen. Je kent dat vak wel:

“O ja, vergeet ik bijna een reep chocola of

zakje nootjes mee te nemen! Hè, gelukkig

dat ik die hier nog vind!” Dat je zonder die rol

vuilniszakken of dat pak melk thuiskomt, is dan

minder belangrijk.

Jeetje, maar een supermarkt moet toch niet

voelen als een mijnenveld?! Misschien moet ik,

voordat ik boodschappen ga doen, een kogel ...

eh ... koopjesvrij vest aantrekken en een helm

opzetten! Hebben we eigenlijk wel behoefte

aan zoveel keus in bepaalde producten als de

producenten ons doen geloven? Wat kan mij

het schelen dat een paprikachipje geribbeld,

dubbelgeribbeld, extra crunchy, vierkant rond

of zeshoekig is?

Als ik iets hoop voor de toekomst, is dat we op

een veel eerlijkere manier producten kunnen

gaan kopen. Dat we niet alle etiketten hoeven

te lezen om de ingrediënten te controleren. Dat

we niet worden overspoeld door al die flitsende

reclames en we niet worden gemanipuleerd

door allerlei trucs. Dat we zelf onze winkelroute

kunnen bepalen en dat we dat koopjesvrije

vest thuis kunnen laten!

O ja, en dat vakje met impulsaankopen bij de

kassa? Haal dat ook meteen maar weg!

MAGAZINE OVER GEWICHT 21


ACHTERGROND

Kiddo’s: geef je kind een

gezonde leefstijl

Door: Nina te Lintel Hekkert

Het is belangrijk om kinderen een gezonde leefstijl aan te leren. Maar hoe doe

je dat? Om daar antwoord op te geven, werkt de bekende personal trainer en

lifestylecoach Radmilo Soda op dit moment aan het boek Kiddo’s.

De cijfers liegen er niet om: overgewicht in

Nederland is een probleem. Experts noemen

het ook wel een ‘pandemie’. De helft van de

volwassen inwoners van Nederland heeft

overgewicht. Dat gold de afgelopen jaren ook

voor 12% van de kinderen in de leeftijd van 4

tot 17 jaar. In 2020 steeg dat tot maar liefst

14,2% – het hoogst gemeten percentage van

de afgelopen dertig jaar.

Die laatste uitschieter kan deels worden

verklaard door de lockdowns en andere

coronamaatregelen, waardoor kinderen

veel binnen moesten zitten en hun sporten

gymlessen moesten missen. Maar ook

structureel heeft meer dan één op de tien

kinderen al overgewicht, met alle gevolgen van

dien. Toch wordt er aan deze situatie (nog) niet

veel gedaan – en dat moet veranderen.

Wat we op jonge leeftijd leren, nemen we de

rest van ons leven mee. Andersom geldt dat

een gewoonte op latere leeftijd aan- of afleren

een stuk lastiger is als je die van jongs af aan

hebt aangenomen. Kinderen met overgewicht

hebben dan ook een veel grotere kans om dat

op latere leeftijd door te zetten.

daarbij te helpen, ontwikkelt de bekende

personal trainer en lifestylecoach Radmilo Soda

op dit moment het boek Kiddo’s. Hierin geeft hij

zijn visie op wat nodig is voor een gezonde en

fitte jeugd.

Een gezonde leefstijl is niet eenzijdig, maar

hangt af van verschillende factoren die

elkaar beïnvloeden. Daarom zal het boek je

meenemen in verschillende onderwerpen,

waaronder beweging, voeding, slaap en

ontspanning en de relatie tussen ouder en

kind.

Hoe vaak krijg je niet informatie zonder uitleg

wat je ermee kunt? Kiddo’s wordt geschreven

om praktisch in te kunnen zetten. Dit boek

geeft je handvatten om gemakkelijk zelf aan

de slag kan gaan. Wie wil nu niet dat zijn kind

gezond opgroeit? Het mooiste wat je jouw kind

mee kan geven, is een gezonde leefstijl.

Kiddo’s verschijnt in het voorjaar van 2022.

Het beste wat we kunnen doen, is kinderen

van jongs af aan opvoeden met een gezonde

leefstijl. Maar hier is niet alleen ‘doen’ van

belang, het gaat ook om het bieden van kennis.

Dit is de verantwoordelijkheid van ouders, maar

daarnaast ook iedereen en alle instanties die

een rol spelen in de opvoeding van een kind;

denk aan school, kinderopvang, de oppas en

sport- en buurtcoaches.

Niet iedereen weet exact wat een gezonde

leefstijl inhoudt. Het kan soms ook best lastig

zijn om die aan een kind mee te geven. Om

22

OVER GEWICHT MAGAZINE


De Nederlandse Stichting

Over Gewicht wenst je

heel fijne kerstdagen en

een gelukkig 2022!

MAGAZINE OVER GEWICHT 23

More magazines by this user
Similar magazines