NHA UITGELICHT juni 2022 / nummer 18
NHA Uitgelicht juni 2022 / nummer 18
NHA Uitgelicht juni 2022 / nummer 18
- No tags were found...
Transform your PDFs into Flipbooks and boost your revenue!
Leverage SEO-optimized Flipbooks, powerful backlinks, and multimedia content to professionally showcase your products and significantly increase your reach.
Juni <strong>2022</strong> / Nummer <strong>18</strong><br />
<strong>UITGELICHT</strong><br />
10<br />
Verbinden<br />
als grote vaardigheid<br />
Lieuwe Zoodsma kijkt terug op<br />
zijn directeurschap.<br />
24<br />
Ieder woordje zocht ik op<br />
Arbeidsmigranten vertellen<br />
hun indrukwekkende verhalen.
inhoud<br />
Colofon<br />
Eindredactie:<br />
Annabelle Arntz, Christine Tinssen<br />
Aan dit <strong>nummer</strong> werkten mee:<br />
Hannah Goedbloed<br />
Harco Gorter<br />
Lise Koning<br />
Jan Kruidhof<br />
Anne Reitsma<br />
Cato Thier<br />
Vannessa Timmermans<br />
Wim de Wagt<br />
Vormgeving:<br />
Michael Kolf - picadia.to the point.<br />
Druk:<br />
Pantheon Drukkers, Velsen<br />
Oplage:<br />
1000<br />
ISSN:<br />
2352 - 0671<br />
Voorzijde omslag:<br />
Caert van Schoten, circa 1525-1550.<br />
10<br />
Meer van de mensen,<br />
dan van het steen<br />
Interview met scheidend <strong>NHA</strong>-directeur<br />
Lieuwe Zoodsma.<br />
24<br />
De enige inburgering<br />
was het werk<br />
Het <strong>NHA</strong> verzamelt verhalen van eerste<br />
generatie arbeidsmigranten.<br />
32<br />
Topstuk<br />
Lieuwe Zoodsma koos maar liefst drie<br />
topstukken, waaronder het pistool van<br />
Hannie Schaft.<br />
5<br />
Uitgelicht<br />
Een woord vooraf van hoofd communicatie<br />
Annabelle Arntz.<br />
<strong>18</strong><br />
Prikbord<br />
Interessant nieuws.<br />
Mooi geweest<br />
Terugblik op activiteiten.<br />
38<br />
Trots op het nieuwe<br />
GeschiedenisLokaal023<br />
De nieuwe website voor historisch onderzoek:<br />
overzichtelijk en gebruiksvriendelijk.<br />
6<br />
Pareltjes<br />
De schijnwerper op bijzondere objecten in<br />
de collectie.<br />
20<br />
28 30<br />
Herrie maken en<br />
uitslapers plagen<br />
Wonderlijke tradities rond luilak.<br />
Collectie Provinciale<br />
Atlas Noord-Holland<br />
Het project ‘Pauze’ van Anne Reitsma.<br />
42<br />
Nieuwe archieven en<br />
aanwinsten<br />
Aandacht voor nieuw binnengekomen archieven<br />
en aanwinsten. Deze keer het archief van het<br />
Kennemer Lyceum.<br />
3
Uitgelicht ...<br />
De enige<br />
archiefdirecteur<br />
in Nederland<br />
met een wapenvergunning<br />
Als iemand tegenwoordig aan een baan begint, is de verwachting doorgaans niet<br />
dat diegene hier ongeveer drie decennia in blijft werken. Onze directeur Lieuwe<br />
Zoodsma heeft dit met verve gedaan. Dit jaar is het zevenentwintig jaar geleden<br />
dat hij zijn intrek nam in de Janskerk. Sindsdien heeft hij het verhaal van het<br />
archief en de kerk met een niet-aflatend enthousiasme aan de vrouw en de man<br />
gebracht. Zijn liefde voor kerken en geschiedenis zal daarbij ongetwijfeld niet in<br />
de weg hebben gestaan. Hierover en nog veel meer vertelt hij in het interview met<br />
Wim de Wagt, waarin hij terugkijkt op verbouwingen en innovaties<br />
en tevens de blik vooruit richt. Bovendien hebben we hem gevraagd<br />
om drie van zijn topstukken uit te kiezen. Wie hem kent, zal zijn<br />
keuze niet verbazen. Alvast een tipje van de sluier: hij is de enige<br />
archiefdirecteur in Nederland met een wapenvergunning.<br />
Dat het archief zich onder zijn directeurschap steeds verder<br />
heeft ontwikkeld, is ook aan deze uitgave van Uitgelicht te zien.<br />
Collega Jan Kruidhof dook in de onlangs helemaal toegankelijk en<br />
doorzoekbaar gemaakte collectie van Fotopersbureau De Boer en<br />
legt het Noord-Hollands fenomeen ‘luilak’ uit. Lise Koning vertelt over<br />
de doorontwikkeling van het GeschiedenisLokaal en gastschrijver<br />
Cato Thier geeft een indruk van het Oral History-project, dat mede<br />
voortkwam uit het Meerjarenbeleidsplan om meer verhalen van<br />
inwoners van Noord-Holland met een migratieachtergrond aan onze collectie<br />
toe te voegen. We kijken ook terug op die rare tijd waarin corona ons leven<br />
beheerste met een prachtige fotoreeks van Anne Reitsma, die in gesprek ging met<br />
theatermakers en hen voor ‘hun’ lege zalen fotografeerde.<br />
Onze nieuwe directeur Willeke de Groot staat in de startblokken en zal vanaf <strong>juni</strong><br />
aan het roer van het <strong>NHA</strong> staan. Meer over haar koers is in de volgende uitgave<br />
van ons magazine te lezen.<br />
Voor nu wensen wij Lieuwe alle goeds met zijn welverdiend pensioen!<br />
Annabelle Arntz<br />
hoofd communicatie Noord-Hollands Archief<br />
Strandleven in Zandvoort, Julia Giesberts.<br />
5
Pareltjes<br />
# <strong>18</strong> | Pareltjes<br />
Tekst: Hannah Goedbloed / beeld: Noord-Hollands Archief<br />
Pareltjes<br />
In het depot van het archief staat opgeborgen tussen archiefdozen en boeken in groot<br />
formaat, een klein boekje, bijna miniatuur, in een doosje. Met vetgedrukte, rode letters<br />
staat op de doos: ‘Niet raadpleegbaar!’. Gelukkig hebben kundige mensen in een<br />
eerder stadium dit kleinood al ter hand genomen en is het inmiddels gecatalogiseerd,<br />
gerestaureerd, gefotografeerd, geëxposeerd en zelfs gefacsimileerd. Kortom, het is<br />
een boekje dat we om reden van zijn kwetsbaarheid zo min mogelijk uit de doos willen<br />
halen, maar vanwege zijn bijzondere inhoud toch veel aandacht willen geven.<br />
Het oudst<br />
bekende werk<br />
over het boekbindproces<br />
Rechts Het boekje, gebonden in een<br />
perkamenten spitselband.<br />
Rechterpagina Noodzakelijk gereedschap<br />
voor een boekbinder, waaronder een<br />
vouwbeen (a), kromme els (aa), lijmpot<br />
(h) en een schaar (ll).<br />
Het boekje – niet groter dan 10<br />
bij 8,5 centimeter – bevat een<br />
handgeschreven tekst op papier<br />
met zestien geaquarelleerde tekeningetjes<br />
over het proces van<br />
het boekbinden. Op het titelblad<br />
is met dezelfde hand het jaartal<br />
1658 geschreven. Daaruit blijkt<br />
dat dit handschriftje het oudst<br />
bekende werk is over het boekbindproces<br />
in de Nederlandse<br />
taal.<br />
De maker moet zelf zeer nauw<br />
bij het boekbinden betrokken zijn<br />
geweest, want de uitleg over het<br />
proces is uitzonderlijk gedetailleerd,<br />
maar ook praktisch van<br />
aard. Naast de beschrijving van<br />
het boekbinden wordt ook het<br />
gereedschap van de binder opgesomd,<br />
aangevuld met duidelijke<br />
tekeningen, gebonden in een<br />
perkamenten bandje. Een zeer<br />
waardevolle bron voor (boek)<br />
historici en boekrestauratoren.<br />
Ongewassen<br />
De schrijver gaat achtereenvolgens<br />
in op het vouwen, naaien,<br />
lijmen en snijden van de katernen.<br />
Dan volgt een procedé over<br />
het maken en bevestigen van de<br />
boekband, met leer over houten<br />
platten, dan wel perkament over<br />
karton (bordpapier). Als laatste<br />
een lijst met gereedschappen en<br />
Bijschrift ...<br />
6<br />
7
# <strong>18</strong> | Pareltjes<br />
Houtsnede met linksboven in het opengeslagen<br />
boek het monogram DB [=Dirck<br />
de Bray].<br />
Rechterpagina De persoon links polijst<br />
de boeksnede met een bruineertand<br />
[=paardentand].<br />
een latere toevoeging over het<br />
vergulden van de snede.<br />
In het boekje, dat uit 48 bladen<br />
bestaat, staat een interessant<br />
detail over het proces van het<br />
bruineren (polijsten) van de<br />
snede: ‘en dan salmen bruijneeren<br />
en settent tusschen twee<br />
borden in, de pars heel steijf toe<br />
drajen en dan met een bruijnneertant,<br />
dat is een paerde tant<br />
in een stockjen vast gemaeckt<br />
die tant sult geij in u baert ofte<br />
in u haer wat wreijven en dan<br />
hier mede vrijven op het boeck<br />
dattet blinck’.<br />
De boekbinder deed er dus goed<br />
aan om voor deze klus zijn haren<br />
en eventueel baard ongewassen<br />
te laten!<br />
Meesterproef<br />
Het is wel duidelijk dat dit<br />
boekje gebruikt kon worden als<br />
handleiding. Er wordt ook wel<br />
gesuggereerd dat het een direct<br />
verslag zou zijn geweest van een<br />
leerjongen die zich bekwaamde<br />
in het boekbindersvak. Mogelijk<br />
8<br />
is het zelfs een meesterproef<br />
geweest. Opmerkelijk is dat<br />
de maker ervan ook goed kon<br />
tekenen. En dat brengt ons bij de<br />
kwestie wie dit bijzondere boekje<br />
zou hebben vervaardigd.<br />
In de achttiende eeuw werd het<br />
boekje al toegeschreven aan<br />
Dirck de Bray. Dit weten we door<br />
een aantekening op het schutblad<br />
van de eerdere bezitter Johannes<br />
I Enschedé. Dirck de Bray<br />
was afkomstig uit een Haarlemse<br />
kunstenaarsfamilie. Zijn vader<br />
Salomon en broer Jan waren de<br />
bekendste kunstschilders uit de<br />
familie. Ook van Dirck zijn een<br />
aantal stillevens bekend, maar hij<br />
Het oudst<br />
bekende werk<br />
over het boekbindproces<br />
was vooral een zeer verdienstelijk<br />
houtsnijder en etser.<br />
Houtsnedes<br />
In 1656 werd Dirck leerjongen in<br />
het boekbindersvak bij Passchier (II)<br />
van Wesbusch. Mogelijk maakte<br />
hij het boekje toen hij daar in de<br />
leer was. Later zien we dat hij<br />
werkzaam was bij Abraham Casteleyn,<br />
drukker van de Oprechte<br />
Haerlemsche Courant. We vinden<br />
geen werk van hem als binder,<br />
maar wel houtsnedes met zijn<br />
initialen en zelfs nog een origineel<br />
houtblokje, gebruikt voor<br />
het drukwerk van Casteleyn. De<br />
inboedel van Casteleyns drukkerij,<br />
en daarmee ook het houtblokje,<br />
werd uiteindelijk weer overgenomen<br />
door drukkerij Enschedé. Zo<br />
is de aantekening van Johannes I<br />
Enschedé over Dirck de Bray als<br />
maker aannemelijk. •<br />
Het boekje is digitaal te bekijken<br />
en als facsimile in te zien op de<br />
studiezaal aan de Jansstraat.<br />
9
# <strong>18</strong> | Meer van de mensen, dan van het steen<br />
Tekst: Wim de Wagt / beeld: Anne Reitsma en Noord-Hollands Archief<br />
Meer van de mensen,<br />
dan van het steen<br />
Vanuit zijn huiskamer kijkt hij uit op de landerijen en velden van De Glip, het oude<br />
buurtschap in het zuiden van Heemstede. Lieuwe Zoodsma, geboren en getogen<br />
in Friesland, vertelt enthousiast over het ooievaarsnest op een hoge paal in de<br />
verte, het wandelpad langs de vaart achter zijn huis, de buurtbewoners met hun<br />
eigenaardigheden.<br />
Het is zó<br />
belangrijk om<br />
goed te<br />
netwerken<br />
Boven Verjaardag van Haarlem 2021 in<br />
de Janskerk.<br />
Rechterpagina Lieuwe Zoodsma in de<br />
Commandeurszaal.<br />
10<br />
Het tekent de afscheidnemende<br />
directeur van het <strong>NHA</strong>. Een man<br />
met belangstelling voor de grote<br />
én kleine geschiedenis. Voor de<br />
werking van politiek-bestuurlijke<br />
processen én persoonlijke<br />
verhoudingen. Een liefhebber<br />
van de stad en haar cultuur,<br />
maar tegelijk een zelfverklaard<br />
Geert Mak-adept naar aanleiding<br />
van diens boek Hoe God<br />
verdween uit Jorwerd.<br />
In de 27 jaar van zijn directeurschap<br />
heeft hij het <strong>NHA</strong> behendig<br />
door tal van veranderingen<br />
gelaveerd. Correctie: toen hij op<br />
1 januari 1995 in dienst trad<br />
als stadsarchivaris, bestond het<br />
<strong>NHA</strong> nog niet eens. Om een paar<br />
ijkpunten van zijn directoraat<br />
te noemen: de vorming van de<br />
Archiefdienst voor Kennemerland<br />
en de evolutie tot Noord-<br />
Hollands Archief. De overdracht<br />
van grote, bijzondere collecties,<br />
zoals die van Fotopersbureau<br />
De Boer en de firma Enschedé.<br />
De professionalisering van de<br />
organisatie, de digitalisering. De<br />
verbouwingen van de Janskerk<br />
en het archiefcomplex aan de<br />
Kleine Houtweg.<br />
Bouwheer<br />
Voor zijn komst naar Haarlem<br />
was hij plaatsvervangend rijksarchivaris<br />
van het Rijksarchief<br />
in Zeeland in Middelburg. Had<br />
hij ooit verwacht in Haarlem een<br />
groot deel van zijn tijd ‘bouwheer’<br />
te zijn?<br />
‘Nee,’ antwoordt hij lachend.<br />
‘Eigenlijk niet.’ Maar dat had<br />
dan ook een lange aanloop, die
# <strong>18</strong> | Meer van de mensen, dan van het steen<br />
Lieuwe Zoodsma in 1998.<br />
Rechterpagina Opening zomertentoonstelling<br />
over Fotopersbureau de Boer.<br />
Lieuwe Zoodsma met Poppe de Boer,<br />
2016.<br />
begon met de door de provincie<br />
Noord-Holland aangestuurde<br />
vorming van regionale archieven.<br />
Haarlem moest uitgroeien tot<br />
het centrale archief voor de regio<br />
Zuid- en Midden-Kennemerland,<br />
maar dit ging niet zonder slag of<br />
stoot. ‘Hoe verder de gemeente<br />
van Haarlem lag, hoe gemakkelijker<br />
het ging,’ weet hij nog. ‘Hoe<br />
dichterbij, hoe moeilijker.’<br />
‘Ik kan me nog goed herinneren,’<br />
vertelt hij, ‘dat ik in het raadhuis<br />
van Heemstede op bezoek<br />
ging bij burgemeester Van den<br />
Broek-Laman Trip. Ze rookte<br />
zo’n dun sigaartje. “U denkt<br />
toch niet, meneer Zoodsma, dat<br />
Heemstede haar archieven naar<br />
Haarlem gaat overbrengen?’<br />
Haarlem sprak ze met ‘ae’ uit,<br />
om het zomaar te zeggen. Ik heb<br />
de blaren op mijn tong moeten<br />
praten om de gemeentebesturen<br />
van Heemstede en Bloemendaal<br />
te overtuigen dat het echt ook in<br />
hun voordeel was als ze gingen<br />
samenwerken in één centrale<br />
archiefinstelling met alle bijbehorende<br />
faciliteiten.’<br />
Uiteindelijk lukte het hem om<br />
de regiogemeenten voor zich te<br />
winnen. ‘Het ging erom dat je<br />
elkaar leerde kennen. Door bij<br />
hen op bezoek te gaan, zagen<br />
ze mij niet als een bedreiging.<br />
Samenwerking zou ons allemaal<br />
beter maken. Bennebroek kwam<br />
als eerste over de brug, toen<br />
Zandvoort, toen Haarlemmerliede-Spaarnwoude.’<br />
Heemstede en Bloemendaal<br />
volgden later. Beslissend was<br />
het verbond dat Haarlem met<br />
Als je eens<br />
wist wat er<br />
allemaal ligt<br />
bij ons<br />
Velsen sloot. ‘Die gemeente<br />
besloot onder meer te bezuinigen<br />
op cultuur en ook het eigen<br />
gemeentearchief op te doeken.<br />
Op de zolder van Beeckestijn, dat<br />
ook werd afgestoten, spraken<br />
we met vertegenwoordigers van<br />
de gemeente. Men was bereid<br />
om het archief in Haarlem onder<br />
te brengen, op één voorwaarde:<br />
‘Haarlem’ mocht in de naam<br />
van de nieuwe instelling niet<br />
voorkomen. Dat gaf in Haarlem<br />
consternatie, maar uiteindelijk<br />
werd dit de Archiefdienst voor<br />
Kennemerland (AvK). En voor<br />
Heemstede en Bloemendaal was<br />
dit het laatste zetje dat ze nodig<br />
hadden om ook overstag te<br />
gaan.’ Toen de AvK eenmaal een<br />
feit was, waren ook Beverwijk,<br />
Heemskerk en Uitgeest binnen<br />
twee jaar aan boord.<br />
Erfgoedpolitiek<br />
De naam ‘Noord-Hollands<br />
Archief’ suggereert dat dit heel<br />
Noord-Holland omvat, wat bij<br />
buitenstaanders nog weleens tot<br />
verwarring leidt. Zoodsma legt<br />
uit dat het Rijksarchief in Noord-<br />
Holland vanouds in provinciehoofdstad<br />
Haarlem gevestigd<br />
was. ‘Na de fusie per 1 februari<br />
2006 met de AvK moest uit de<br />
naam van de nieuwe instelling de<br />
provinciale inbedding blijken. Dat<br />
was goed uit te leggen aan de<br />
aangesloten gemeenten.’ Inmiddels<br />
berusten ook de archieven<br />
van Aalsmeer, Haarlemmermeer<br />
en Uithoorn bij het <strong>NHA</strong>, en<br />
dankzij de fusie met het Rijksar-<br />
chief in Noord-Holland ook alle<br />
archieven van rijks- en provinciale<br />
instellingen in Noord-Holland.<br />
Gedurende de vaak taaie besprekingen<br />
met gemeentebesturen<br />
kwam hij direct in aanraking met<br />
de plaatselijke erfgoedpolitiek.<br />
Hij moest dan al zijn vaardigheden<br />
als verbinder inzetten om<br />
gemeenten aan boord te krijgen.<br />
‘Dat vond ik mateloos interessant.<br />
Hoe colleges van B en W<br />
opereren, hoe gemeenteraden de<br />
besteding van budgetten verantwoorden.<br />
Er was nooit geld voor<br />
erfgoed, maar zodra er sprake<br />
van was dat een lokaal archief<br />
zou verhuizen naar Haarlem, was<br />
het ineens ‘ons erfgoed’. Dan<br />
was het wel handig als ik, als<br />
archivaris, op de publieke tribune<br />
zat. Zo leerde ik de politiek-bestuurlijke<br />
verhoudingen kennen<br />
en leerde de politiek ook mij<br />
kennen.’<br />
‘Het is zó belangrijk om goed<br />
te netwerken,’ benadrukt hij.<br />
‘Op politiek-bestuurlijk terrein,<br />
regionaal, provinciaal. Van de<br />
burgemeesters tot de commissarissen<br />
van de Koning aan toe.<br />
Daarnaast zijn er de contacten in<br />
het Haarlemse veld van cultuurinstellingen.<br />
Het <strong>NHA</strong> is geen<br />
gemeentelijke instelling, we zijn<br />
als openbaar lichaam zelfstandig.<br />
Dat gaf ons de kans om ons<br />
te profileren als een culturele<br />
instelling en mee te doen in<br />
de erfgoedcoalitie in Haarlem,<br />
waar ook bijvoorbeeld het Frans<br />
Halsmuseum, Het Dolhuys en de<br />
Bibliotheek Zuid-Kennemerland<br />
in zitten. In 2016 kreeg bijvoorbeeld<br />
iedereen met bezuinigingen<br />
te maken. We zijn er toen<br />
met elkaar in geslaagd de pijn<br />
te verdelen en allemaal ons<br />
steentje bij te dragen. Dat zorgde<br />
voor een grote solidariteit. En de<br />
gemeente zag dat we geen losse,<br />
opzichzelfstaande instellingen<br />
zijn, maar één partij vormen, met<br />
één blik.’<br />
Nacht van Haverkort<br />
Zijn periode als ‘bouwheer’<br />
begon met ‘de Nacht van Haverkort’<br />
in november 1997, toen<br />
het stadsbestuur besloot om op<br />
initiatief van cultuurwethouder<br />
Jan Haverkort de opbrengst uit<br />
de verkoop van het gemeentelijk<br />
kabelbedrijf – 120 miljoen gulden<br />
– beschikbaar te stellen voor<br />
de vernieuwing van de cultuurinstellingen.<br />
Zoodsma begint te<br />
glimmen wanneer hij terugdenkt<br />
aan de raadsvergadering waarin<br />
het archief 6,6 miljoen gulden<br />
kreeg toebedeeld voor een verbouwing<br />
van de Janskerk en de<br />
bouw van een nieuw depot.<br />
Smakelijk: ‘’s Nachts om drie uur,<br />
alle toehoorders weg, behalve ik.<br />
Ik dacht, als ik nu wegga, is dit<br />
agendapunt naar de filistijnen.<br />
Dus bleef ik op de publieke tribune<br />
zitten, en aan het einde van<br />
de vergadering zei burgemeester<br />
Jaap Pop: “Dames en heren, we<br />
zijn klaar, verder schuiven we<br />
12<br />
13
# <strong>18</strong> | Meer van de mensen, dan van het steen<br />
alles door naar de volgende vergadering.<br />
Behalve één punt.<br />
U ziet hier Lieuwe Zoodsma<br />
zitten voor de Janskerk en het<br />
nieuwe depot. Ik vind het onze<br />
plicht om dit in behandeling te<br />
nemen.” Om half vier kwam het<br />
in stemming, en om vijf over<br />
half vier reed ik fluitend op de<br />
fiets naar huis… Euforisch! Toen<br />
konden we gaan bouwen.’<br />
Bij de verbouwing van de Janskerk<br />
liet de archiefdirecteur<br />
zich bijstaan door deskundigen<br />
uit een gemeentelijke pool van<br />
interim-krachten. ‘Ik weet van<br />
mezelf dat ik bepaalde dingen<br />
wel kan, maar bepaalde dingen<br />
niet. Met bouwprocessen had ik<br />
geen ervaring. Daarom heb ik<br />
mensen ingeschakeld waarop<br />
ik kon vertrouwen, diehards die<br />
eerder met het bijltje hadden<br />
gehakt. Bouwprocessen zijn<br />
‘hard’. Projectontwikkelaars en<br />
aannemers willen al gauw op de<br />
uitvoering beknibbelen als de<br />
kosten tegenvallen. En wij mensen<br />
uit de archief- en cultuurwereld<br />
zijn soft, wat niet de meest<br />
geschikte eigenschap is om een<br />
bouwproces mee in te gaan.’<br />
Trots<br />
In die tijd is overwogen om alle<br />
functies te combineren aan de<br />
Kleine Houtweg. ‘Maar het monumentale<br />
voorgebouw was niet<br />
te gebruiken door ons.’ Zodoende<br />
bleef het <strong>NHA</strong> verdeeld over twee<br />
locaties. ‘Wij pleitten ervoor om<br />
het kerkgebouw niet af te stoten,<br />
maar hier juist het nieuwe<br />
publiekscentrum van het <strong>NHA</strong> te<br />
Als ik nu<br />
wegga, is dit<br />
agendapunt<br />
naar de<br />
filistijnen<br />
Heropening van de locatie Kleine<br />
Houtweg in 2012, Lieuwe Zoodsma met<br />
burgemeester Bernt Schneiders (links)<br />
en commissaris van de Koning Johan<br />
Remkes, 2012.<br />
Rechterpagina Personeelsuitje van het<br />
<strong>NHA</strong> naar het Kunstfort bij Vijfhuizen in<br />
september 2021.<br />
huisvesten. Aan de Kleine Houtweg<br />
konden de backofficefuncties<br />
komen, de restauratieafdeling,<br />
beeld en geluid en archiefbewerking.<br />
De Janskerk zou dan<br />
ons visitekaartje worden. Als je<br />
dus vraagt waar ik mijn stempel<br />
op heb kunnen drukken, dan is<br />
dit het: de Janskerk promoten<br />
als publiekscentrum. Andere<br />
archiefinstellingen zijn er jaloers<br />
op. De Janskerk heeft bovendien<br />
een belangrijke culturele functie<br />
door de lezingen, concerten en<br />
tentoonstellingen in de Commandeurszaal.<br />
We hebben niet<br />
voor niets de grootste vriendenstichting<br />
van alle archiefinstellingen<br />
in Nederland.’<br />
Over de vraag waar hij het meest<br />
tevreden over is, hoeft hij dan<br />
ook niet lang na te denken.<br />
‘Iedere keer als ik de Janskerk<br />
binnenkom, voel ik me weer trots.<br />
Een toonbeeld van herbestemming<br />
van een kerk. De ruimtelijke<br />
werking van het middenschip<br />
is volledig behouden gebleven.’<br />
Tegelijk, erkent hij, heeft de<br />
verdeling van het <strong>NHA</strong> over twee<br />
locaties zijn nadelen. ‘Je krijgt<br />
al snel: wij zijn de B-locatie.<br />
Daarom hebben wij er vanaf<br />
het begin naar gestreefd dat er<br />
zoveel mogelijk over en weer<br />
werd gewerkt door onze mensen.<br />
Beide locaties, de Kleine Houtweg<br />
en de Jansstraat, zijn even<br />
belangrijk.’<br />
Eigen invulling<br />
Stenen of mensen, wat ligt hem<br />
beter? ‘Mensen,’ antwoordt hij<br />
Nieuw depotgebouw<br />
Zoodsma doet uit de doeken<br />
dat hij aan de wieg staat van<br />
een nieuw bouwproject, dat<br />
de komende jaren zijn beslag<br />
moet krijgen. ‘In de depots bij<br />
de Janskerk is zestien strekkende<br />
kilometer aan archiefruimte<br />
beschikbaar, aan de<br />
Kleine Houtweg 44 kilometer.<br />
Daarvan is nu ongeveer 57 kilometer<br />
benut, we hebben nog<br />
zo’n drie kilometer te gaan.<br />
Daarom hebben we twee jaar<br />
geleden berekend dat er tot<br />
2035 nog tussen de 25 en 30<br />
kilometer nodig is. Dit betekent:<br />
een nieuw depotgebouw.’<br />
‘Gaan we dat alleen doen?<br />
Of samen met andere culturele<br />
instellingen? Het tweede.<br />
En ook de gemeente Velsen<br />
overweegt om mee te doen.<br />
Die hebben wel een museale<br />
collectie, maar geen gebouw<br />
om het goed te conserveren.<br />
We hebben intussen Toornend<br />
en Partners gevraagd om een<br />
eerste inhoudsverkenning uit<br />
te voeren: hoeveel ruimte is er<br />
nodig, aan welk budget moeten<br />
we denken. De volgende<br />
stap is voor mijn opvolger.’<br />
Waar moet dat nieuwe depot<br />
komen? ‘Eerst hadden we<br />
Oostpoort bij station Haarlem-<br />
Spaarnwoude in het vizier. Een<br />
gedeeltelijk open depot, waar<br />
bezoekers makkelijk kunnen<br />
komen, zoals het spraakmakende<br />
nieuwe depot van<br />
Boijmans Van Beuningen in<br />
Rotterdam. Er is zoveel wat het<br />
publiek nooit te zien krijgt. Als<br />
je eens wist wat er allemaal<br />
ligt bij ons … of bij het Frans<br />
Hals. Maar de gemeente wil<br />
dat gebied bestemmen voor<br />
woningbouw. Nu zijn we uitgekomen<br />
op een kavel in het<br />
gebied van Nieuwe Energie in<br />
de Waarderpolder.<br />
Collectiegebouw Haarlem, heet<br />
het voorlopig.’<br />
14<br />
15
# <strong>18</strong> | Meer van de mensen, dan van het steen<br />
zonder aarzelen. ‘Als je het zo<br />
zwart-wit stelt. Ik vind het nu<br />
eenmaal leuk en interessant om<br />
met mensen om te gaan, met<br />
ze te praten, van ze te leren. De<br />
stenen komen pas bij elkaar door<br />
de mensen.’<br />
Deze vaardigheden kwamen uiteraard<br />
goed van pas binnen de<br />
<strong>NHA</strong>-organisatie zelf, die vanaf<br />
2005 een professionaliseringsslag<br />
doormaakte. ‘In een keer<br />
groeide het personeelsbestand<br />
van 24 fte naar ongeveer 40.<br />
Er kwamen afdelingen Beheer<br />
(toegankelijkheid, inventarisatie,<br />
conservering, restauratie e.d.),<br />
Publiek (studiezalen, digitalisering,<br />
educatie) en Bedrijfsvoering<br />
(onder andere publiciteit). Op dit<br />
moment zijn er ongeveer zestig<br />
mensen werkzaam bij ons.’<br />
Voor het publiek zeer opvallend<br />
is natuurlijk de voortvarende<br />
aanpak van de digitalisering,<br />
de online toegankelijkheid en<br />
de introductie van het e-depot.<br />
16<br />
‘Digitalisering hangt aan de<br />
mensen,’ verklaart hij stellig.<br />
‘Wij hebben altijd de uitdaging<br />
gezocht en wilden vooroplopen,<br />
niet eerst afwachten en kijken<br />
welke kinderziektes er eventueel<br />
optraden bij andere archiefinstellingen.’<br />
Lastig om te vertrekken bij het<br />
<strong>NHA</strong>? Nee, dat vindt hij niet. ‘Het<br />
is tijd voor nieuw elan. Ik heb het<br />
op mijn manier gedaan, maar dat<br />
is niet de enige manier. Wat wel<br />
kenmerkend is voor deze stad,<br />
is dat iedere archivaris er lang<br />
gezeten heeft. Dat zegt iets over<br />
de stad en over de collectie. Ik<br />
Digitalisering<br />
hangt aan de<br />
mensen<br />
Voor het tv-programma Verborgen Verleden<br />
met voormalig VVD-politicus Gerrit<br />
Zalm in 20<strong>18</strong>.<br />
Rechterpagina Bij de opening van de<br />
tentoonstelling ‘700 jaar Janskerk’,<br />
20<strong>18</strong>.<br />
heb er mijn eigen invulling aan<br />
gegeven.’<br />
En de liefhebber van het platteland<br />
kan nu eindelijk ruim baan<br />
geven aan zijn fascinatie voor<br />
Schoten, de gemeente ten<br />
noorden van Haarlem die ooit<br />
in 1927 opgeslokt werd door de<br />
stad. ‘Ik heb als afscheidscadeau<br />
de gedigitaliseerde archieven<br />
van Schoten gevraagd. In 2027,<br />
wanneer het honderd jaar geleden<br />
is dat deze gemeente werd<br />
geannexeerd, kom ik met een<br />
boek, Honderd jaar ondergang<br />
van Schoten. Genoeg te doen<br />
dus!’ •
Prikbord<br />
Bouwdossiers Bloemendaal online<br />
De bouwdossiers van de gemeente Bloemendaal zijn<br />
sinds februari digitaal beschikbaar. Het is mogelijk<br />
dossiers uit de periode 1900-1988 te doorzoeken en<br />
online op de vragen via noord-hollandsarchief.nl/<br />
zoeken/bouwdossiers.<br />
Portretten Verzetsvrouwen<br />
Educatie<br />
Even voorstellen<br />
Vanaf 1 <strong>juni</strong> <strong>2022</strong> is Willeke de Groot<br />
directeur van het <strong>NHA</strong>. Hiervoor was<br />
zij directeur lokale overheid van Sdu<br />
Uitgevers en als zodanig verantwoordelijk<br />
voor de digitale transformatie<br />
van de traditionele printproducten<br />
(boeken en naslagwerken) naar digitale<br />
kennisbanken. Met haar kennis<br />
van digitale technieken gaat ze zich<br />
inzetten om het in de toekomst voor<br />
burgers en bedrijven gemakkelijker te<br />
maken informatie te vinden, en deze<br />
informatie ook toepasbaar maken<br />
door bijvoorbeeld gebruik te maken<br />
van open data. Het is haar wens om<br />
het <strong>NHA</strong> te laten uitgroeien tot een<br />
spil in het culturele informatielandschap<br />
van Noord-Holland. In de<br />
volgende uitgave van Uitgelicht zal<br />
De Groot uitgebreid ingaan op haar<br />
ideeën, plannen en eerste indrukken.<br />
Bevrijdingspop<br />
De fotocollectie van het <strong>NHA</strong> speelde een belangrijke<br />
rol tijdens het Bevrijdingsfestival in Haarlem op 5 mei.<br />
Dit jaar stelde het <strong>NHA</strong> een film samen met beelden<br />
en films uit WOII die op Bevrijdingspop bij de ingang<br />
op een groot scherm te zien was. Bekijk de film ook<br />
op de website via noord-hollandsarchief.nl/bevrijdingspop.<br />
Journaliste Roos Elkerbout van NHMedia<br />
was diep onder de indruk van de<br />
verzetsvrouwen in de tentoonstelling<br />
‘De vele gezichten van Vrouwen<br />
in Verzet’. Zij dook nog dieper in de<br />
verhalen van vier van deze vrouwen.<br />
De portretten van Trijntje van Keulen,<br />
Frieda Belinfante, Freddie Oversteegen<br />
en Greta Tak-Bosboom zijn te<br />
bekijken via noord-hollandsarchief.nl/<br />
vrouweninverzet.<br />
Geschiedenisfestival<br />
Het Geschiedenisfestival komt dit<br />
jaar weer naar Haarlem! Het <strong>NHA</strong> is<br />
een van de festivallocaties. Kijk voor<br />
meer informatie, een overzicht van de<br />
sprekers in de Janskerk en kaartjes<br />
op: historischnieuwsblad.nl/geschiedenisfestival.<br />
In oktober <strong>2022</strong> kan Haarlem zich weer verheugen<br />
op de Museumnacht Kids. Het <strong>NHA</strong> doet uiteraard<br />
weer mee! Nu de tentoonstellingen allemaal weer<br />
open zijn, is ook het Historische DrukLAB regelmatig<br />
geopend. Ook schoolklassen komen weer in grote<br />
aantallen over de vloer. De nieuwe educatieprojecten<br />
‘Fake News’ en ‘Money Maker’ sluiten aan op de<br />
permanente tentoonstelling in de Janskerk over de<br />
Haarlemse drukkerij Joh. Enschedé en spelen in op<br />
vraagstukken uit de hedendaagse samenleving. Hoe<br />
komt nieuws tot stand? Wie bepaalt welk nieuws er in<br />
de krant komt? Welke bronnen worden er gebruikt om<br />
een nieuwsbericht te maken? Voor de tentoonstelling<br />
‘De vele gezichten van Vrouwen in Verzet’ is een programma<br />
ontwikkeld voor gezinnen en voor leerlingen<br />
van groep 7 en 8 en de onderbouw van het voortgezet<br />
onderwijs. In het Historisch DrukLAB kunnen zij een<br />
eigen identiteitsbewijs maken.<br />
noord-hollandsarchief.nl/ontdekken/educatie.<br />
Kijk voor de actuele informatie over openingstijden<br />
op noord-hollandsarchief.nl.<br />
<strong>18</strong><br />
19
# <strong>18</strong> | Herrie maken en uitslapers plagen<br />
Tekst: Jan Kruidhof / beeld: Noord-Hollands Archief<br />
Herrie maken en<br />
uitslapers plagen<br />
Zo vroeg mogelijk zo veel mogelijk herrie maken en uitslapers plagen: dat is luilak,<br />
een eeuwenoude traditie die je in grote delen van Noord-Holland terugziet. Over<br />
deze feestdag zijn allerlei boeiende verhalen te vinden.<br />
Een Amsterdamse<br />
nachtwacht die<br />
in slaap zou zijn<br />
gesukkeld<br />
Boven Hr. Dielemans 35 jaar op luilakmarkt<br />
Raamsingel.<br />
Rechterpagina Lawaai makende jongen<br />
in de Grote Houtstraat, fietsend naar het<br />
noorden.<br />
20<br />
Kinderen die onchristelijk vroeg<br />
iedere vindbare deurbel indrukken<br />
of met rammelende blikjes<br />
door de straat fietsen – de<br />
zaterdag voor Pinksteren loop<br />
je in Noord-Holland het risico<br />
dat je een stuk vroeger wakker<br />
wordt dan je van plan was. Als<br />
je zoekt in het archief stuit je<br />
al snel op allerlei wonderlijke<br />
tradities rond luilak, zoals deze<br />
feestdag heet. Wat waar is van<br />
die verhalen en wat niet, is<br />
niet eenvoudig te duiden, maar<br />
fascinerend zijn de verhalen hoe<br />
dan ook.<br />
Hollandse traditie<br />
Over één ding bestaat geen<br />
twijfel: wie van uitslapen houdt,<br />
is met luilak de pineut. Daarna<br />
wordt het al snel schimmiger. Zo<br />
wordt luilak volgens Wikipedia<br />
gevierd tussen Texel en Delft.<br />
Een Hollandse traditie dus, zou<br />
je zeggen. Maar volgens een<br />
artikel uit 1938 in Haarlem’s<br />
Dagblad was het evengoed een<br />
bekende traditie in het Overijsselse<br />
Genemuiden.<br />
Florafeest<br />
Ook over de herkomst doen<br />
verschillende verhalen de ronde.<br />
Luilak zou verwijzen naar Piet<br />
Lak, een Amsterdamse nachtwacht<br />
van het Stadhuis op de<br />
Dam die in 1672 in slaap zou<br />
zijn gesukkeld. We zouden het<br />
feest ook te danken kunnen<br />
hebben aan het Germaanse<br />
gebruik om de winter te verdrijven<br />
en de bloemengodin Flora<br />
te eren. Toen het christendom<br />
overheersend werd, is het heidense<br />
Florafeest omgedoopt tot<br />
het christelijke pinksterfeest. De<br />
verwijzing naar de godin Flora<br />
21
# <strong>18</strong> | Herrie maken en uitslapers plagen<br />
zag je terug in de Pinksterblom<br />
of Pinksterbruid, de traditie om<br />
een jong meisje met bloemen te<br />
sieren en rond te dragen.<br />
Brandnetels<br />
Tegenover de fleurige, vrolijke<br />
bloemenfeesten stond het<br />
ruige luilak. Volgens de Nieuwe<br />
Haarlemsche Courant uit 1932<br />
kwamen jongeren honderden<br />
jaren geleden al op de vrijdag<br />
voor Pinksteren bij elkaar om<br />
brandnetels te plukken. Wie de<br />
volgende dag als laatste opstond,<br />
kreeg een kroon van brandnetels<br />
op zijn hoofd. Volgens het artikel<br />
werden de deuren van de slapers<br />
daarna dichtgebonden met<br />
wilgentakken en viezigheden.<br />
Vervolgens werden de bewoners<br />
met veel lawaai gewekt en gedwongen<br />
om door het raam naar<br />
buiten te klimmen.<br />
Natuurlijk liep de baldadigheid<br />
al snel uit de hand. In Amsterdam<br />
werden de stadspoorten<br />
eeuwen geleden op de zaterdag<br />
22<br />
voor Pinksteren al gesloten om<br />
de raddraaiers buiten de deur te<br />
houden. In de Zaanstreek stond<br />
al in de jaren dertig de brandweer<br />
paraat om brandjes te blussen<br />
en ook recenter werd er bij<br />
luilak veel vandalisme gepleegd.<br />
Potjesmarkt<br />
Gelukkig kent luilak ook vriendelijkere<br />
elementen. Luilakbollen<br />
bijvoorbeeld – warme broodjes<br />
met stroop. En in Haarlem<br />
wordt luilak voorafgegaan door<br />
de ‘potjesmarkt’, een nachtelijke<br />
bloemenmarkt van vrijdag<br />
op zaterdag. Dit jaar werd voor<br />
Deuren van<br />
slapers dichtgebonden<br />
met<br />
wilgentakken<br />
en viezigheden<br />
Kinderen nabij de Grote Houtbrug<br />
Raamsingel gaan naar huis met de op de<br />
luilak(bloemen)markt gekochte planten<br />
en bloemen, 1960.<br />
Rechterpagina Grote drukte op de<br />
luilak(bloemen)markt op de Raamsingel,<br />
1949.<br />
het voortbestaan van de markt<br />
gevreesd. Maar in Haarlem’s<br />
Dagblad werd in de jaren dertig<br />
van de vorige eeuw ook al met<br />
enige weemoed geschreven dat<br />
de luilakviering ’heelemaal in<br />
onbruik geraakt is’. Toch trokken<br />
decennia later nog steeds kinderen<br />
door de straten om mensen<br />
uit hun bed te trommelen en<br />
uitslapers te plagen. Dat biedt<br />
goede hoop voor de bloemenmarkt.<br />
•<br />
Jan Kruidhof is informatiespecialist<br />
publiek bij het<br />
<strong>NHA</strong>.<br />
23
# <strong>18</strong> | De enige inburgering was het werk<br />
Tekst: Cato Thier / beeld: Noord-Hollands Archief en Cato Thier<br />
De enige inburgering<br />
was het werk<br />
‘Dit is het stempel van de Vreemdelingenpolitie toen ik Nederland binnenkwam.’ In<br />
zijn woonkamer wijst Adil Özen (78 jaar) op een oud Turks paspoort dat op tafel ligt:<br />
Arnhem, 3 november 1969, aankomst 9:00 uur. Özen reisde in 1969 naar Nederland op<br />
uitnodiging van kousenfabriek Varitex aan de Zijlweg in Haarlem. ‘De eerste werkdag<br />
herinner ik me nog goed. Ik was verbaasd toen ik de bedrijfsruimte binnenkwam, er<br />
werkten alleen maar vrouwen. Ik was de enige man! We verstonden elkaar niet, maar<br />
ze hielpen me en lieten zien hoe ik de machines moest bedienen.’<br />
Boven Elmas Eryilmaz en Feride Koycu.<br />
Rechterpagina Italiaanse gastarbeider in<br />
de Hoogovens, 1960.<br />
24<br />
Het verhaal van Özen is een<br />
van de verhalen die het <strong>NHA</strong><br />
verzamelt. Verhalen van eerste<br />
generatie arbeidsmigranten uit<br />
de regio Kennemerland met als<br />
doel deze verhalen voor de toekomst<br />
te bewaren. De migranten<br />
vertellen de verhalen en het <strong>NHA</strong><br />
neemt ze op om ze vervolgens<br />
op te slaan in het archief waar<br />
iedereen ze kan raadplegen. De<br />
eerste arbeidsmigranten kwamen<br />
in de jaren zestig en begin<br />
jaren zeventig naar Nederland.<br />
Hun persoonlijke verhalen en<br />
anekdotes zijn voor veel mensen<br />
herkenbaar en daardoor<br />
universeel. De interviews geven<br />
bovendien een uniek inkijkje in<br />
de jaren zestig en zeventig en<br />
de Nederlandse samenleving van<br />
die tijd.<br />
Persoonlijke verhalen<br />
De gesprekken met de arbeidsmigranten<br />
gaan over hun reis<br />
naar Nederland, hun werkzaamheden<br />
en inburgering. Ze<br />
vertellen over de keuzes die ze<br />
destijds maakten, waarmee ze<br />
richting gaven aan hun persoonlijke<br />
geschiedenis. Ze vertellen<br />
over heimwee, het verlangen om<br />
terug te gaan naar hun land van<br />
herkomst of juist in Nederland<br />
te blijven, en over het gemis van<br />
familieleden.<br />
25
# <strong>18</strong> | De enige inburgering was het werk<br />
Zwaar<br />
Mohamed Ben Driss Elyahyaoui<br />
(94 jaar) kwam in 1966 op<br />
eigen initiatief naar Haarlem. Hij<br />
werkte voor verschillende bedrijven<br />
in de regio: een wasserij in<br />
Haarlem-Noord, de Hoogovens,<br />
een betonfabriek in Hillegom,<br />
het Ziekenhuis Joannes De Deo<br />
in Haarlem en tot zijn pensioen<br />
als schoonmaker in Psychiatrisch<br />
Ziekenhuis Vogelenzang in Bennebroek.<br />
Zijn vrouw en kinderen<br />
bleven tot eind jaren tachtig in<br />
Meknes in Marokko. ‘De beginjaren<br />
waren zwaar. Er waren<br />
momenten dat ik dacht: Wat doe<br />
ik hier? Je voelt je eenzaam, je<br />
spreekt de taal niet. Maar op die<br />
momenten gebeurde er altijd<br />
wel iets; ik kwam iemand tegen<br />
op straat of ik ontving een brief<br />
van mijn vrouw en kinderen, dan<br />
werd ik weer vrolijk en had ik<br />
moed om door te gaan.’<br />
Niets geregeld<br />
‘Voor onze generatie was helemaal<br />
niets geregeld,’ vertelt<br />
Giulio Palmas (86 jaar), ‘geen<br />
huisvesting, geen taalcursus,<br />
niets! De enige inburgering was<br />
het werk.’ Palmas kwam in 1959<br />
naar Haarlem op uitnodiging van<br />
Hoogovens. Daarvoor werkte hij<br />
twee jaar in Staatsmijn Maurits<br />
in Geleen. ‘In Haarlem ging ik<br />
in de kost bij een familie aan<br />
het Junoplantsoen. Het gezin<br />
bestond uit vader, moeder, opa<br />
en twaalf kinderen. Ze hadden<br />
Er waren<br />
momenten<br />
dat ik dacht:<br />
Wat doe ik hier?<br />
Mohamed Ben Driss Elyahyaoui.<br />
vier kostgangers in huis. De wc<br />
was een hok in de tuin. Na drie<br />
maanden vond ik een ander<br />
adres. Vier jaar lang zwierf ik<br />
tussen verschillende adressen in<br />
Haarlem en Beverwijk. De laatste<br />
maanden voor mijn huwelijk in<br />
1963 woonde ik op de Arosa<br />
Sun, een hotelschip dat in IJmuiden<br />
lag en van 1961 tot 1974<br />
werknemers van Hoogovens<br />
huisvestte.’<br />
Vastbesloten<br />
Luigina Palmas kwam in de<br />
zomer van 1963 met Giulio, met<br />
wie ze toen getrouwd was, mee<br />
naar Nederland. Ze vond werk<br />
in een conservenfabriek. ‘In het<br />
We verstonden<br />
elkaar niet,<br />
maar ze<br />
hielpen me<br />
Gastarbeiders komen aan bij de Arosa<br />
Sun, 1961.<br />
Rechts Giulio en Luigiana Palmas.<br />
begin viel het niet mee. Ik had<br />
moeite met de dagelijkse dingen<br />
zoals boodschappen doen bij de<br />
kruidenier. Supermarkten waren<br />
er nog niet. Mijn man ging met<br />
me mee en bleef voor in de<br />
winkel staan. Dan zocht ik wat<br />
ik nodig had en vertaalde hij het<br />
voor de winkelier. Er waren geen<br />
taalcursussen, het enige wat<br />
we hadden was de Nederlandse<br />
krant. Ieder woordje zocht ik op<br />
en zo heb ik de taal geleerd.’<br />
Haar man vertelt dat ze een<br />
aanbod om in een flat voor Italianen<br />
te wonen afsloegen. ‘Veel<br />
Italianen trokken alleen met<br />
elkaar op, dat wilden wij beslist<br />
niet. Wij waren vastbesloten in<br />
Nederland een toekomst voor<br />
onze kinderen op te bouwen. Op<br />
school waren zij de enigen met<br />
Italiaanse ouders. We zijn altijd<br />
actief geweest, op de scholen,<br />
met cursussen en bij sportverenigingen.<br />
We wonen al 65 jaar<br />
in Nederland. maar in ons hart<br />
blijven we Italianen.’•<br />
Met het vastleggen van de<br />
verhalen wordt vijftig jaar van<br />
deze collectieve geschiedenis<br />
gedocumenteerd. De methode<br />
van oral history vergroot<br />
de mogelijkheden om onze<br />
gezamenlijke geschiedenis<br />
te begrijpen en te interpreteren.<br />
De verhalen worden<br />
opgenomen met audio en<br />
video. Belangstellenden kunnen<br />
bij het <strong>NHA</strong> terecht voor<br />
informatie over de beginjaren<br />
van de arbeidsmigranten in<br />
de regio.<br />
Cato Thier is historicus en<br />
richt zich op Oral Historyprojecten.<br />
Momenteel werkt<br />
ze als projectleider voor het<br />
educatieve project ‘Koloniale<br />
sporen in mijn Buurt’; een<br />
ontmoetings-en onderwijsprogramma<br />
dat ouderen en<br />
scholieren dichter bij elkaar<br />
brengt rondom persoonlijke<br />
verhalen uit het Nederlandse<br />
koloniale verleden. Zij is<br />
ook betrokken bij het Oral<br />
History-project van het <strong>NHA</strong><br />
en interviewde hiervoor<br />
arbeidsmigranten die in de<br />
jaren zestig en zeventig naar<br />
Noord-Holland kwamen. De<br />
interviews waren te zien in<br />
de tentoonstelling ’50 jaar<br />
arbeidsmigranten in Nederland’<br />
en zijn op aanvraag<br />
beschikbaar bij het <strong>NHA</strong>.<br />
26<br />
27
# <strong>18</strong> | Mooi geweest<br />
50 jaar<br />
arbeidsmigratie<br />
Onderwijsstad<br />
De 19e eeuw kenmerkt zich als een<br />
periode waarin in Nederland ook op het<br />
gebied van onderwijs tal van belangrijke<br />
ontwikkelingen plaatsvonden. Ook<br />
Haarlem ontwikkelde zich in de loop van<br />
die tijd tot een echte onderwijsstad met<br />
een diversiteit aan vormen van voortgezet<br />
onderwijs. Zes gastsprekers bespraken<br />
dit thema tijdens een symposium van<br />
de Stichting Vrienden van het Noord-<br />
Hollands Archief op 4 april <strong>2022</strong>. In het<br />
kader van het symposium was van 22<br />
maart t/m 16 april een expositie in de<br />
Commandeurszaal te zien.<br />
Depotkast<br />
Het pistool van Hannie Schaft is een van de meest<br />
bijzondere objecten die het <strong>NHA</strong> bewaart. Samen met<br />
de zussen Freddie en Truus Oversteegen pleegde Schaft<br />
aanslagen op Nederlandse collaborateurs en Duitse<br />
militairen. Amper drie weken voor het einde van de<br />
oorlog werd ze gefusilleerd. Sophie Poldermans raakte<br />
bevriend met de zussen Oversteegen, die de oorlog<br />
overleefden. Ze sprak veel met hen over hun verzetswerk<br />
en schreef daarover het boek Seducing and Killing Nazis.<br />
In de nieuwste aflevering van Depotkast vertelt ze hoe<br />
de vrouwen hooggeplaatste Duitse officieren versierden,<br />
het bos in lokten en ombrachten. Beluister de podcast<br />
via depotkast.com.<br />
In samenwerking met Atlas Cultureel<br />
Centrum in Den Haag presenteerde<br />
het <strong>NHA</strong> in april/mei <strong>2022</strong> de reizende<br />
tentoonstelling ’50 jaar arbeidsmigratie<br />
in Nederland’. Deze tentoonstelling<br />
werd door het <strong>NHA</strong> verrijkt met verhalen<br />
van migranten uit Kennemerland<br />
en bruiklenen van objecten die hen<br />
herinneren aan de eerste periode in hun<br />
nieuwe land.<br />
Verborgen Verleden<br />
Deze keer was de filmcrew van het televisieprogramma<br />
Verborgen Verleden op pad met singer-songwriter<br />
Douwe Bob Posthuma. <strong>NHA</strong>-medewerker Bianca<br />
Hoefman vertelde hem meer over zijn familiegeschiedenis<br />
en over een verdwenen voorvader. De uitzending was<br />
op 5 maart <strong>2022</strong> te zien op NPO2.<br />
Krant en foto’s<br />
Achter elke persfoto zit een verhaal en achter elke<br />
krantenfoto gaat meestal een hele reeks foto’s schuil.<br />
Dankzij een mooie samenwerking met de Groninger<br />
Archieven, de technologiebedrijven Sioux Technologies<br />
en Picturae B.V., én de Koninklijke Bibliotheek, zijn<br />
door de toepassing van Artificial Intelligence (AI)<br />
een half miljoen persfoto’s gekoppeld aan een kwart<br />
miljoen krantenpagina’s. Voor de pilot zijn foto’s van<br />
Fotopersbureau De Boer uit de jaren zeventig gebruikt<br />
en artikelen van Haarlems Dagblad en de IJmuider<br />
Courant uit de collectie van het <strong>NHA</strong>.<br />
Sinds maart <strong>2022</strong> kan iedereen via de zoekmachine<br />
krant-en-fotos.nl persfoto’s en krantenartikelen<br />
doorzoeken en zo onverwachte ontdekkingen doen.<br />
Minisymposium<br />
Brouwer<br />
Het <strong>NHA</strong> heeft het persoonlijk archief van<br />
een van Nederlands grootste wiskundigen<br />
in huis. Sinds maart <strong>2022</strong> is het archief<br />
van L.E.J. Brouwer (<strong>18</strong>81-1966)<br />
toegankelijk voor geïnteresseerden. Dit<br />
moment werd op 17 maart gevierd met<br />
een minisymposium van het <strong>NHA</strong> in de<br />
Janskerk. Het symposium is via deze link<br />
terug te kijken: noord-hollandsarchief.nl/<br />
brouwer.<br />
Huldiging Erfgoeddragers<br />
De Stichting ‘In mijn buurt’ wil jongeren de verhalen<br />
van hun oudere buurtgenoten door laten vertellen<br />
en deze verhalen zo in herinnering houden. De acht<br />
‘Erfgoeddragers van Haarlem’, basisschoolleerlingen<br />
uit Haarlem, werden dit jaar in de Janskerk door<br />
burgemeester Jos Wienen gehuldigd.<br />
28<br />
29
# <strong>18</strong> | Pauze<br />
Van boven naar beneden Youri, horecacoördinator Schouwburg<br />
Amstelveen. - Ad, toneelmeester Schouwburg Amstelveen. -<br />
Bianca, hoofd Kassa / Bedrijfsleider De Kleine Komedie Amster-<br />
dam. - Miriam, medewerker Huishouding Theater de<br />
Kampanje Den Helder. - Margriet, dagmanager Theater<br />
Dillewijn Ankerveen.<br />
Tekst & beeld: Anne Reitsma<br />
Pauze<br />
Voor de collectie Provinciale Atlas Noord-Holland legde fotograaf Anne Reitsma het<br />
theaterseizoen 20/21 in Noord-Holland vast. Zij laat in haar reeks ‘Pauze’ de lege<br />
theaterzalen zien met de markeringen van anderhalve meter in de tijd dat het coronavirus<br />
ons in de greep had. Ze portretteerde de theatermedewerkers die plotseling niets<br />
meer om handen hadden. Reitsma fotografeerde deze mensen in ‘hun’ geliefde theater<br />
en toonde het gemis voor de theaters, hun medewerkers en het publiek dat door de coronamaatregelen<br />
de cultuur moest ontberen, terwijl die onmisbaar is. Bij de fotoreeks<br />
hoort een serie interviews met de geportretteerden waarvan hieronder een selectie te<br />
zien is. Meer beelden zijn te vinden via noord-hollandsarchief.nl/theaters.<br />
Sam, Toneelmeester De Kleine Komedie Amsterdam.<br />
30<br />
31
# <strong>18</strong> | Topstuk<br />
Tekst: Wim de Wagt / beeld: Anne Reitsma<br />
Topstuk<br />
Hij vond het ‘verschrikkelijk moeilijk’ om een topstuk uit te kiezen. ‘Ik heb er tientallen,<br />
en welke criteria leg ik aan?’ Ook wilde hij niet aankomen met het Stadsrecht uit 1245,<br />
‘één van de oudste toppertjes,’ aldus Lieuwe Zoodsma. ‘Dat ligt echt te veel voor de<br />
hand.’<br />
Massaal naar de<br />
Sint Bavokerk<br />
om biecht<br />
te doen<br />
Boven Portiuncula-aflaat.<br />
Rechterpagina Lieuwe Zoodsma in de<br />
studiezaal aan de Jansstraat.<br />
32<br />
Zoveel topstukken als hij kan<br />
bedenken, zoveel verhalen zijn<br />
erover te vertellen. De zogeheten<br />
Portiuncula-aflaat bijvoorbeeld.<br />
Een authentiek pauselijk<br />
document uit de veertiende<br />
eeuw, waaraan de opwindende<br />
geur van een heuse ‘herontdekking’<br />
hangt.<br />
Portiuncula-aflaat<br />
Zoodsma: ‘Het stuk was ooit<br />
na een uitlening op de plank<br />
van het Rijksarchief in Noord-<br />
Holland terechtgekomen en trok<br />
bij een opruimactie de aandacht<br />
van de toenmalige rijksarchivaris,<br />
Roelof Hol.’<br />
Maar Hol en zijn mensen wisten<br />
het stuk niet goed te plaatsen<br />
en Hol bracht het met de hand<br />
beschreven stuk perkament<br />
naar de Janskerk om raad te<br />
vragen aan wijlen Florence<br />
Koorn, adjunct-archivaris en<br />
kenner van middeleeuwse geschiedenis.<br />
Zij ging ermee aan<br />
de slag en kwam tot een bijzondere<br />
ontdekking. Zoodsma kan<br />
zich het moment nog goed voor<br />
de geest halen dat zij hem van<br />
haar bevindingen op de hoogte<br />
bracht. ‘Florence trok helemaal<br />
wit weg. “Lieuwe,” zei ze, “nu<br />
hebben we werkelijk het stuk<br />
der stukken binnengekregen.”’<br />
Extra priesters<br />
Het bleek te gaan om een pauselijke<br />
aflaat, de Portiunculaaflaat<br />
uit 1397. Genoemd naar<br />
een gelijknamig kerkje vlakbij<br />
Assisi, dat verbonden is met de<br />
geschiedenis van Franciscus van<br />
Assisi, de stichter van de Franciscaner<br />
orde in de dertiende<br />
eeuw.<br />
Zoodsma: ‘Aan dat kerkje had<br />
de paus het recht gegeven om<br />
gelovigen volledige aflaat te<br />
verlenen, op de eerste zondag<br />
na Pinksteren. Dat recht bestond<br />
maar op een paar andere
# <strong>18</strong> | Topstuk<br />
plekken in Europa. Uitgerekend<br />
ook in Haarlem. Uit alle hoeken<br />
van het land kwamen de mensen<br />
op de zondag na Pinksteren<br />
massaal naar de Sint Bavokerk<br />
om biecht te doen. Er kwamen<br />
zelfs zoveel mensen op af, dat er<br />
speciaal voor die zondag door de<br />
pastoor extra priesters werden<br />
ingehuurd om bij de gelovigen<br />
de biecht af te nemen. Dit duurde<br />
tot in de zeventiende eeuw.’<br />
Loden zegel<br />
Zoodsma wijst op een prozaïsch<br />
kenmerk van de in het Latijn<br />
beschreven perkamenten bul: de<br />
serie onregelmatige gaatjes in<br />
de randen met spoortjes roest.<br />
‘Het werd jaar na jaar aan de<br />
kerkdeuren van de Bavo gespijkerd.’<br />
En het stuk bezit een<br />
loden zegel. ‘Dat bewijst dat het<br />
echt van de paus afkomstig was,<br />
want alleen de paus mocht loden<br />
zegels gebruiken.’<br />
Na de ontrafeling van deze geschiedenis<br />
door Florence Koorn is<br />
de Portiuncula-aflaat nog teruggegeven<br />
aan het Rijksarchief om<br />
opgenomen te worden in het<br />
archief van het Bisdom Haarlem,<br />
waaruit het afkomstig was. Door<br />
de fusie van het Rijksarchief in<br />
Noord-Holland en de Archiefdienst<br />
voor Kennemerland kwam<br />
het uiteindelijk toch bij het <strong>NHA</strong><br />
terecht.<br />
‘Het is een belangrijk stuk voor<br />
Haarlem,’ zegt hij, ‘omdat het<br />
laat zien hoe men de gelden<br />
bij elkaar kreeg om de Bavo te<br />
bouwen en de grandeur te geven<br />
die de kerk uiteindelijk kreeg.<br />
Want de gelovigen moesten voor<br />
het ontvangen van de pauselijke<br />
aflaat betalen.’<br />
Portiuncula-aflaat.<br />
Persoonlijk<br />
Daarbij zit er voor de vertrekkende<br />
directeur ook een persoonlijk<br />
tintje aan het archiefstuk. ‘Florence<br />
was jarenlang mijn plaatsvervangster.<br />
Zij was mediëvist,<br />
wist heel veel. Als je leest hoe ze<br />
dit onderwerp simpel en duidelijk<br />
uitlegt in de Kennemer Kroniek.<br />
Dat kon ze als geen ander.’<br />
‘En, ja, ik heb iets met kerken.<br />
Ieder verhaal over een kerk is er<br />
een, maar dit is wel een heel bijzonder<br />
verhaal.’ Als om zijn liefde<br />
voor kerken te onderstrepen,<br />
klinkt af en toe in zijn werkkamer<br />
een helder klokkenspel. Niet<br />
afkomstig van een Haarlemse<br />
kerk in de buurt, maar van zijn<br />
telefoon, waarop hij een ringtone<br />
van een klokkenspel heeft gezet.<br />
Schoter<br />
manuscriptkaart<br />
Zijn tweede topstuk heeft te<br />
maken met een andere fascinatie:<br />
een manuscriptkaart van<br />
de zeven ambachtsheerlijkheden<br />
waaruit Schoten, de vroegere<br />
plattelandsgemeente ten<br />
noorden van Haarlem, is ontstaan.<br />
‘We hadden geen enkele<br />
zestiende-eeuwse kaart van het<br />
gebied van de zeven historische<br />
heerlijkheden. Tot we in 2007<br />
deze manuscriptkaart op het<br />
spoor kwamen bij een veilinghuis.<br />
We vonden dat we die<br />
koste wat het kost in ons bezit<br />
moesten krijgen.’<br />
Een manuscriptkaart is een originele,<br />
met de hand getekende<br />
kaart waar maar één exemplaar<br />
van bestaat. ‘Deze is ingekleurd<br />
en laat het hele gebied van<br />
Schoten zien. Hij is uit 1525-<br />
1550 en daarmee de oudste<br />
manuscriptkaart van de regio.<br />
We waren heel blij toen we hem<br />
verworven. Er zijn sowieso niet<br />
veel manuscriptkaarten uit deze<br />
periode bewaard gebleven.’<br />
In één zucht<br />
Zijn speciale interesse in Schoten<br />
begon met zijn aanstelling als<br />
stadsarchivaris in 1995. Voor die<br />
tijd was hij plaatsvervangend<br />
rijksarchivaris bij het Rijksarchief<br />
in Zeeland. Bij een antiquair in<br />
Middelburg wilde hij een boek<br />
over Haarlem bemachtigen, maar<br />
Het was<br />
David tegen<br />
Goliath<br />
Uitsnede Caert van Schoten,<br />
circa 1525-1550.<br />
de antiquair, die uit Haarlem<br />
bleek te komen, kwam aanzetten<br />
met Zeven Heerlijkheden, Over<br />
geschiedenis en volksleven van<br />
Oud Schoten.‘ ”Ik vroeg om een<br />
boek over Haarlem,” zei ik tegen<br />
die man. ”Dit ís Haarlem,” reageerde<br />
hij. “In 1927 is Schoten<br />
geannexeerd door de stad.”’<br />
‘Ik heb het boek gekocht en<br />
het in één zucht uitgelezen.<br />
Het typische verhaal van een<br />
plattelandsgemeente die moest<br />
opboksen tegen de grote stad.’<br />
Zijn belangstelling ging toen al<br />
zo ver, dat toen hij naar Haarlem<br />
zou verhuizen, hij een huis wilde<br />
kopen in Haarlem-Noord, en wel<br />
aan de Van Dortstraat, vanwege<br />
34<br />
35
# <strong>18</strong> | Topstuk<br />
Uitsnede Caert van Schoten,<br />
circa 1525-1550.<br />
het uitzicht op de Schoterveenpolder<br />
met de molen. ‘Pas later<br />
kwam ik erachter dat ook Hannie<br />
Schaft daar heeft gewoond.’ Dat<br />
huis ging niet door (het werd<br />
Aerdenhout), maar de geschiedenis<br />
van Schoten liet hem niet<br />
meer los. Sindsdien heeft hij zich<br />
in het onderwerp verdiept, er<br />
lezingen over gegeven en bereidt<br />
hij een boek voor.<br />
Kopje onder<br />
‘Schoten fungeerde vanaf het<br />
einde van de negentiende eeuw<br />
als een soort overloopgemeente<br />
van Haarlem,’ vertelt hij. ‘Om<br />
de toestroom van inwoners<br />
het hoofd te bieden zijn ze<br />
als een gek gaan bouwen: de<br />
36<br />
Transvaalbuurt, Indische buurt,<br />
Bomenbuurt. Huis na huis, straat<br />
na straat. Er kwam een eigen<br />
gasfabriek. Terwijl het gemeentebestuur<br />
op alle mogelijke<br />
manieren werd tegengewerkt<br />
door Haarlem, dat maar één ding<br />
wilde: Schoten inlijven.’<br />
‘Haarlem had zelf een gigagasfabriek,<br />
maar dacht: laat ze<br />
het maar uitzoeken daar. De<br />
gasfabriek van Schoten was<br />
klein en moest steeds weer een<br />
stukje worden vergroot, maar<br />
uiteindelijk kon men het niet<br />
meer bolwerken. Vanwege deze<br />
investeringen én door financieel<br />
wanbeleid ging de gemeente<br />
kopje onder. Haarlem had kunnen<br />
helpen, maar deed het niet.’ Op 1<br />
mei 1927 was de annexatie een<br />
feit. ‘Het was David tegen Goliath,’<br />
zo vat Zoodsma de tragiek<br />
van Schoten samen.<br />
Pistool van<br />
Hannie Schaft<br />
Zijn derde topstuk is het pistool<br />
van Hannie Schaft. ‘Ik dacht:<br />
doe eens gek. Want dit is geen<br />
typisch archiefstuk. Ik wil laten<br />
zien dat we ook andere zaken<br />
hebben dan papier, documenten,<br />
boeken, foto’s. Heel weinig<br />
mensen beseffen dat in het<br />
kielzog van archieven vaak ook<br />
voorwerpen meekomen. In familiearchieven<br />
zitten bijvoorbeeld<br />
poëziealbums of haarlokjes.<br />
In rechtbankarchieven kunnen<br />
moordwapens zitten. Zoals een<br />
klauwhamer, die we aantroffen<br />
in het rechtbankarchief van<br />
Amsterdam.’<br />
Het pistool van een van Haarlems<br />
beroemdste dochters ligt, nauwelijks<br />
opvallend, in een vitrine<br />
in de Heemsteedse kapel van de<br />
Janskerk, waar een permanente<br />
expositie over het vrouwenverzet<br />
te zien is. ‘Als je het vasthoudt,<br />
heb je een bijzondere ervaring,<br />
want Hannie Schaft heeft er verschillende<br />
mensen mee omgelegd.<br />
Zoals de ‘foute’ banketbakker<br />
Pieter Faber, over wie Jan de<br />
Roos vorig jaar een boek heeft<br />
geschreven.’<br />
Wapenvergunning<br />
Het pistool is altijd in het bezit<br />
van het voormalige verzet<br />
gebleven, tot het in de jaren<br />
negentig bij de politie in Haarlem<br />
terechtkwam. ‘Toen wij in 2010<br />
de Heemsteedse kapel wilden<br />
wijden aan verzetshelden, hoorden<br />
we ervan. Ik ben toen wezen<br />
kijken bij het hoofdbureau van<br />
de politie aan de Koudenhorn.<br />
Moet je voorstellen, het pistool<br />
was al lang geleden onklaar<br />
gemaakt, maar werd bewaard<br />
in de wapenkamer, waar verder<br />
karabijnen, steekwapens en ander<br />
vervaarlijk wapentuig lagen.<br />
Als je het vasthoudt,<br />
heb je<br />
een bijzondere<br />
ervaring<br />
Lieuwe Zoodsma bij de tentoonstelling<br />
‘De vele gezichten van Vrouwen in<br />
Verzet’.<br />
“Mogen wij het tentoonstellen?”,<br />
vroeg ik. Dat mocht. ‘Maar op<br />
voorwaarde dat het in een veilige<br />
vitrine kwam. Daartoe hebben we<br />
een vitrine aangeschaft, die ook<br />
in het Vaticaan wordt gebruikt<br />
voor de tentoonstelling van<br />
wereldschatten. Volledig inbraakproof.’<br />
‘Een tweede voorwaarde was,’<br />
vervolgt hij met een besmuikt<br />
lachje, ‘dat ik een wapenvergunning<br />
moest aanvragen. Sinds<br />
2010 ben ik dus de enige archiefdirecteur<br />
in Nederland met<br />
een wapenvergunning! Eén keer<br />
per jaar moet ik naar het politiebureau<br />
om hem te verlengen. En<br />
er komen jaarlijks twee agenten<br />
controleren of het pistool daadwerkelijk<br />
in deze vitrine ligt.’<br />
Dit moordwapen typeren als een<br />
pronkstuk gaat te ver misschien,<br />
maar het is wel verbonden met<br />
een wereldberoemde persoon.<br />
Wat opvalt is dat het zo klein is.<br />
‘Ja,’ beaamt Zoodsma peinzend,<br />
‘klein genoeg voor Hannie Schaft<br />
om ongezien in de zak van haar<br />
jas met zich mee te kunnen<br />
dragen.’ •<br />
37
# <strong>18</strong> | Trots op het nieuwe GeschiedenisLokaal023<br />
Tekst: Lise Koning / beeld: GeschiedenisLokaal023 en Noord-Hollands Archief<br />
Trots op het nieuwe<br />
GeschiedenisLokaal023<br />
Sinds februari <strong>2022</strong> staat het nieuwe GeschiedensLokaal023 online. Samen met de<br />
toen twaalf andere deelnemers hakten het <strong>NHA</strong> en partners een jaar geleden de knoop<br />
door: na zes succesvolle digitale jaren moest het digitale platform GeschiedenisLokaal<br />
worden herzien om verder te kunnen groeien. Het verplichte thuisonderwijs tijdens de<br />
pandemie overtuigde meer dan ooit van het nut van het GeschiedenisLokaal.<br />
Boven Themapagina Geschiedenislokaal023.<br />
Rechterpagina Tijdslijn Geschiedenislokaal023.<br />
38<br />
Om meer inzicht te krijgen in<br />
de gebruikers en waar ze naar<br />
op zoek zijn, werd onder hen<br />
een enquête gehouden. Het<br />
onderzoek moest bovendien de<br />
sterke en zwakke punten van de<br />
website duidelijk maken. In deze<br />
bijdrage tonen we de resultaten<br />
van dit onderzoek, dat mogelijk<br />
werd gemaakt door het programma<br />
‘Digitaal erfgoed voor<br />
het onderwijs’ van Kennisnet en<br />
Netwerk Digitaal Erfgoed.<br />
Enthousiast<br />
Het gebruikersonderzoek<br />
bestond uit een korte vragenlijst<br />
die van april t/m <strong>juni</strong> 2020<br />
tegelijkertijd zichtbaar was op<br />
twaalf GeschiedenisLokalen. De<br />
lijst werd bijna drieduizend keer<br />
ingevuld en het vaakst vanaf<br />
GeschiedenisLokaal023.<br />
De uitslag bevestigde dat de gebruikers<br />
net zo enthousiast zijn<br />
over het platform als de makers.<br />
Docenten, leerlingen en andere<br />
historisch geïnteresseerden bezochten<br />
de websites veelvuldig.<br />
Bijna 40% van de bezoekers<br />
bezocht de website voor school<br />
of studie en nog eens 14% was<br />
werkzaam in het onderwijs. De<br />
overige bezoekers speurden<br />
naar informatie uit persoonlijke<br />
interesse (25%), keken rond<br />
(17%) of zochten informatie<br />
voor hun werk buiten het onderwijsveld<br />
(4%). Grofweg trokken<br />
de meeste Lokalen rond de<br />
15%-20% leraren en tussen de<br />
25%-45% leerlingen. Een goede<br />
score!<br />
Kraamzorg<br />
In de lijn der verwachting zijn
# <strong>18</strong> | Trots op het nieuwe GeschiedenisLokaal023<br />
het vooral leraren en leerlingen<br />
die voor het vak Geschiedenis<br />
(90%) het bronnenplatform bezochten.<br />
Maar ook voor andere<br />
vakken zijn er geschikte bronnen<br />
te vinden op de website. Zo<br />
kwamen onder meer de vakken<br />
Aardrijkskunde, Economie, Maatschappijleer,<br />
Nederlands, Drama<br />
en Scheikunde voorbij. Het<br />
meest bijzondere vak waarvoor<br />
een student de website bezocht,<br />
is toch wel het vak Kraamzorg.<br />
Zou het om de bron ‘Warmte en<br />
zuigelingen’ zijn gegaan?<br />
Startpunt<br />
GeschiedenisLokaal is niet alleen<br />
voor leerlingen hét startpunt<br />
voor historisch onderzoek.<br />
Opvallend resultaat is dat bijna<br />
een gelijk aantal leraren uit de<br />
onderbouw van het voortgezet<br />
40<br />
onderwijs (33%) als uit het basisonderwijs<br />
(31%) de website<br />
bezochten. Daarnaast gaf een<br />
kwart van de leraren les aan de<br />
bovenbouw van het voortgezet<br />
onderwijs. Zoals eerder vastgesteld,<br />
waren de grootste groep<br />
bezoekers echter geen leraren,<br />
maar leerlingen. Een kwart van<br />
de bezoekers was 15 jaar of jonger,<br />
gevolgd door 17% procent<br />
bezoekers van tussen de 16 en<br />
24 jaar oud. Ook voor andere<br />
Grootste groep<br />
bezoekers zijn<br />
geen leraren,<br />
maar leerlingen<br />
Vrouwen met baby’s in de wachtkamer<br />
van het consultatiebureau van de<br />
Vereniging Zuigelingenzorg, circa 1911.<br />
historisch geïnteresseerden blijkt<br />
GeschiedenisLokaal een goed<br />
startpunt voor verder onderzoek:<br />
17% van de bezoekers was<br />
ouder dan 65 jaar.<br />
Over het hoofd<br />
Naast het tonen van een vragenlijst<br />
op de GeschiedenisLokalen,<br />
zijn er gesprekken gevoerd met<br />
docenten over het platform.<br />
Uit die gesprekken kwam naar<br />
voren dat het platform niet voor<br />
iedereen even overzichtelijk<br />
was. Vooral de tien tijdvakken,<br />
onder aan de website, zagen de<br />
gebruikers over het hoofd. Wel<br />
waren de docenten zeer positief<br />
over de invulling van de website<br />
en wacht een aantal van hen<br />
met smart op een eigen regionaal<br />
GeschiedenisLokaal.<br />
Overzichtelijk<br />
Alle verbeter- en pluspunten zijn<br />
meegenomen in het ontwerp<br />
en uitvoering van de nieuwe<br />
website. In één oogopslag<br />
zien bezoekers van de nieuwe<br />
website op de homepage de<br />
beschikbare tijdvakken, thema’s<br />
en tools. De bronnenpagina is<br />
voorzien van een overzichtelijk<br />
filter en de eenheid tussen de<br />
GeschiedenisLokalen is duidelijk<br />
geworden dankzij een selectielijst<br />
in het zijmenu. We zijn trots<br />
op het nieuwe GeschiedenisLokaal023!<br />
•<br />
Lise Koning is publieksgericht<br />
informatiespecialist<br />
bij het <strong>NHA</strong>, zij beheert tot<br />
medio <strong>2022</strong> het GeschiedenisLokaal023.<br />
41<br />
Voorbeeld van bronnen op Geschiedenislokaal023.
Nieuwe<br />
archieven en<br />
aanwinsten<br />
# <strong>18</strong> | Nieuwe archieven en aanwinsten<br />
Tekst: Harco Gorter / beeld: Noord-Hollands Archief<br />
Kennemer Lyceum<br />
In deze rubriek lichten we de mooiste aanwinsten van de laatste tijd uit.<br />
Eén van de grootste recente<br />
aanwinsten voor het <strong>NHA</strong> is<br />
het archief van het Kennemer<br />
Lyceum, gevestigd in Overveen.<br />
In 2019 heeft de toenmalige<br />
rector, Peter de Zoete, aan het<br />
<strong>NHA</strong> aangegeven het archief<br />
over te willen dragen. Aanleiding<br />
hiervoor was het 100-jarig bestaan<br />
van de school in 2020, en<br />
de niet-optimale bewaaromstandigheden.<br />
In 2021 en <strong>2022</strong> is de<br />
daad bij het woord gevoegd. Dit<br />
schoolarchief is bijzonder, omdat<br />
het vrijwel compleet is, waardoor<br />
de ontwikkelingen in het onderwijs<br />
te reconstrueren zijn. Er zijn<br />
zowel stukken over het beleid<br />
van de school bewaard gebleven,<br />
als stukken van en over leerlingen,<br />
zoals schoolopdrachten en<br />
leerlingenkrantjes. Al met al een<br />
waardevolle toevoeging aan het<br />
<strong>NHA</strong>.<br />
Anton Pieck<br />
In het schoolarchief bevinden<br />
zich interessante stukken, zoals<br />
originele tekeningen van Anton<br />
Pieck, oud-docent van het Kennemer<br />
Lyceum, en verslagen<br />
van werkweken en excursies.<br />
De school organiseerde al vanaf<br />
de jaren twintig regelmatige<br />
kampen en reizen naar het buitenland.<br />
De verslagen, vaak met<br />
foto’s, geven een mooi beeld van<br />
deze excursies.<br />
Tekening van het zijgebouw van het<br />
Kennemer Lyceum, Anton Pieck, 1921.<br />
Op dit moment zijn Harco<br />
Gorter, Mieke Schaap en Bettemiek<br />
Grijns bezig met het<br />
selecteren, beschrijven en<br />
verpakken van het schoolarchief,<br />
waardoor het nog<br />
niet te raadplegen is. Naar<br />
verwachting is het archief<br />
eind <strong>2022</strong> beschikbaar voor<br />
onderzoek.<br />
Voor een overzicht van alle nieuwe archieven kijk op: noord-hollandsarchief.nl/<br />
collecties/archieven/nieuwe-archieven.<br />
42<br />
Prijsvraag over leraren voor de leerlingen uitgeschreven door De Lyceumkrant.
Noord-Hollands Archief<br />
Janskerk<br />
Jansstraat 40<br />
2011 RX Haarlem<br />
023 - 517 27 00<br />
www.noord-hollandsarchief.nl<br />
info@noord-hollandsarchief.nl<br />
@nharchief