Rapport Genderongelijkheid 2024
Avansa Kempen en RoSa, kenniscentrum voor gender en feminisme, deden onderzoek naar genderongelijkheid in België. Alle resultaten werden gebundeld in dit rapport dat zich baseert op cijfers uit administratieve databanken, recente onderzoeken, verslagen en rapporten en belicht diverse thema’s zoals de arbeidsmarkt, gezondheidszorg, politiek en media. De harde cijfers bewijzen dat we anno 2024 in België nog steeds te kampen hebben met genderongelijkheid.
Avansa Kempen en RoSa, kenniscentrum voor gender en feminisme, deden onderzoek naar genderongelijkheid in België. Alle resultaten werden gebundeld in dit rapport dat zich baseert op cijfers uit administratieve databanken, recente onderzoeken, verslagen en rapporten en belicht diverse thema’s zoals de arbeidsmarkt, gezondheidszorg, politiek en media. De harde cijfers bewijzen dat we anno 2024 in België nog steeds te kampen hebben met genderongelijkheid.
Transform your PDFs into Flipbooks and boost your revenue!
Leverage SEO-optimized Flipbooks, powerful backlinks, and multimedia content to professionally showcase your products and significantly increase your reach.
GENDER
ONGELIJKHEID
België
Kempen
1
2
Is de strijd gestreden?
In augustus 2023 publiceerde de krant De Morgen 1 een primeur: voor het eerst
werd een voetbalschoen ontwikkeld voor vrouwen. Tot dan droegen vrouwen in
het voetbal enkel mannenschoenen, goed voor heel wat pijn en blessures omdat
vrouwenvoeten nu eenmaal anders gebouwd zijn. België en Nederland samen
tellen meer dan 200.000 voetballende meisjes en vrouwen, maar geen enkel
sportmerk nam de moeite om te investeren in aangepast schoeisel voor hen.
Raar? Zeker. Uitzonderlijk? Zeker niet.
Als je de (on)gelijkheid tussen mannen en vrouwen bestudeert, dan kom je
wel vaker voor verrassingen te staan. In zowat elk domein van de samenleving
bestaan grote verschillen: op de arbeidsmarkt, in het onderwijs, in de zorg, in
de politiek… Dit rapport wil die enorme, weidverspreide ongelijkheid beknopt
in kaart brengen. Met harde cijfers uit administratieve databanken, recente
onderzoeken, verslagen en rapporten.
Doorheen de verschillende hoofdstukken wordt duidelijk dat gender ongelijkheid
een grote impact heeft op ieder van ons. Toch is dit steeds minder onderwerp
van gesprek, laat staan discussie. De groep van organisaties, bewegingen en
mensen die zich inzetten voor meer gendergelijkheid lijkt te verkleinen. Is de
strijd dan gestreden?
Wij hopen van niet. Via dit rapport willen we het publiek debat een stimulans
geven en iedereen aanzetten om tot actie over te gaan. Acties die aanzetten tot
verandering. Om jou te inspireren vind je op het einde van elk hoofdstuk goede
praktijken. Want je kan wel degelijk, en nog altijd, een (groot) verschil maken.
Mieke Luyts
Avansa Kempen
Zoë Velghe
RoSa
1
De Morgen, 4 augustus 2023
3
4
Inhoud
Inleiding 10
1. Wat gender (niet) is 10
1.1 Gender is het sociale geslacht 10
1.2 Sekse is het biologische geslacht 11
1.3 Genderidentiteit: over het individu 11
1.4 Genderexpressie: hoe we uiting geven aan gender 11
2. Hoe gender werkt 12
2.1 Socialisatieproces. Meisjes worden sneller getroost 12
2.2 Genderstereotypen werken ongelijkheden in de hand 12
2.3 Genderstereotypen houden vooroordelen in stand 13
2.4 Kruispuntdenken: gender staat niet op zichzelf 15
3. Het doorbreken van genderstereotypen 15
Bronnen 17
Economie, arbeid en zorg 19
1. Tendensen 20
2. Deelname op de arbeidsmarkt 21
2.1 Geboorteverlof 23
2.2 Loopbaanonderbreking, tijdskrediet en thematisch verlof 23
3. Loonkloof 24
3.1 Deeltijds werk 27
3.2 Horizontale segregatie op de arbeidsmarkt 27
3.3 Verticale segregatie op de arbeidsmarkt 28
3.4 Moederschapsboete, vaderschapspremie 30
4. Pensioenkloof 31
5. Zorgkloof 32
6. Kinderopvangcrisis 33
7. Zorgketen 33
8. Goede praktijken 34
Bronnen 36
5
Onderwijs en opvoeding 41
1. Gender in opvoeding 42
2. Gender in het onderwijs 43
2.1 Verticale segregatie in het onderwijs 43
2.1.1 Ongelijke vertegenwoordiging in verschillende onderwijsvormen 43
2.1.2 Ongelijke vertegenwoordiging op verschillende onderwijsniveaus 44
2.2 Horizontale segregatie in het onderwijs 45
2.3 Genderverschillen in onderwijsprestaties 46
2.4 Gender in schoolreglementen en -beleid 47
2.5 Feminisering van het onderwijs 48
3. De impact van gender op interacties 50
4. De impact van gender op speelgoed en educatief materiaal 51
5. Goede praktijken 52
Bronnen 53
Geweld en discriminatie 57
1. Gendergerelateerd geweld 58
1.1 Seksisme 58
1.2 Discriminatie 59
1.2.1 Zwangerschapsdiscriminatie 60
1.2.2 Leeftijdsdiscriminatie 60
1.3 Seksueel grensoverschrijdend gedrag 61
1.4 Partnergeweld 63
1.5 Vrouwelijke genitale verminking 65
1.6 Femi(ni)cide 65
1.7 Online intimidatie en online geweld 66
1.8 Victim blaming 67
2. Manosfeer 68
3. Gender en detentie 69
4. Geweldpreventie 69
5. Goede praktijken 70
Bronnen 72
Lichaam en geest 77
1. Genderdatakloof 78
2. Gender- en sekseverschillen in lichamelijke gezondheid 79
3. Gender- en sekseverschillen in geestelijke gezondheid 80
4. Seksualiteit en voortplanting 82
4.1 Anticonceptie 82
4.2 Recht op en toegang tot abortus 83
4.3 Menstruatie(armoede) 84
4.4 Menopauze 84
4.5 Dubbele seksuele standaard en slut shaming 85
5. Moeder- en vaderschap 85
6. Schoonheidsidealen en eetstoornissen 87
7. Goede praktijken 88
Bronnen 89
6
Politiek en beleid 93
1. Besluitvorming 94
1.1 Gelijke deelname van vrouwen en mannen 94
1.2 Politieke besluitvorming 95
1.3 Economische besluitvorming 96
1.4 Besluitvorming in verenigingen 97
2. Representatie van vrouwelijke politici 97
2.1 Berichtgeving 97
2.2 Haat tegenover (vrouwelijke) politici 97
3. De invloed van gender op beleid 98
3.1 Migratie 98
3.2 Openbare ruimte 99
4. Antifeministische beweging 100
5. Goede praktijken 101
Bronnen 103
Vrije tijd, sport en cultuur 107
1. Vrije tijd 108
2. Sport 109
2.1 Brede sportparticipatie 109
2.2 Topsport 110
3. Cultuur 112
3.1 Media 112
3.2 Film 113
3.3 Theater en dans 114
3.4 Muziek 115
3.5 Literatuur 116
3.6 Gaming 116
4. Goede praktijken 117
Bronnen 118
Woordenlijst 121
7
8
Inleiding
1. Wat gender (niet) is 10
1.1 Gender is het sociale geslacht 10
1.2 Sekse is het biologische geslacht 11
1.3 Genderidentiteit: over het individu 11
1.4 Genderexpressie: hoe we uiting geven aan gender 11
2. Hoe gender werkt 12
2.1 Socialisatieproces. Meisjes worden sneller getroost 12
2.2 Genderstereotypen werken ongelijkheden in de hand 12
2.3 Genderstereotypen houden vooroordelen in stand 13
2.4 Kruispuntdenken: gender staat niet op zichzelf 15
3. Het doorbreken van genderstereotypen 15
Bronnen 17
9
Inleiding
Om te begrijpen hoe gender tot sociale ongelijkheden kan leiden, is het belangrijk
om eerst de betekenis ervan te begrijpen. Gender wordt vaak als parapluterm
gebruikt en krijgt daardoor verschillende betekenissen toegewezen. Zo wordt
gender vaak verward met sekse, genderidentiteit of genderexpressie. Wat is
gender (niet) en hoe werkt het?
1. Wat gender (niet) is
1.1 Gender is het sociale geslacht
Gender omvat de maatschappelijke ideeën, sociale normen en verwachtingen die
over vrouwelijkheid en mannelijkheid bestaan in een samenleving 1 . Met andere
woorden: wat het betekent om man of vrouw te zijn in een maatschappij. Gender
heeft dus een impact op hoe de samenleving wordt ingedeeld en georganiseerd.
Zo werd bijvoorbeeld tot laat in de vorige eeuw van vrouwen verwacht dat ze het
overgrote deel van het huishouden en de zorg voor kinderen op zich namen. De
organisatie van het onderwijs was op die gegenderde verwachting gebaseerd:
onderwijs voor meisjes was beperkt (en als het er al was, dan was het erop gericht
om van meisjes goede huisvrouwen te maken), terwijl onderwijs voor jongens
bedoeld was om de toekomstige kostwinners van het gezin klaar te stomen voor
de arbeidsmarkt. Onderwijs voor jongens werd daardoor op een andere manier en
met een andere inhoud georganiseerd. Gender heeft dus een effect op hoe we de
maatschappij organiseren en op de individuele keuze(mogelijkheden) en kansen
van mensen die daaruit voortvloeien. Gender gaat dus over iedereen en heeft een
impact op iedereen.
Gender gaat over iedereen en heeft een impact
op iedereen.
Gender is geen vaststaand gegeven: maatschappelijke ideeën, sociale normen
en verwachtingen zijn afhankelijk van de tijd, context en plaats waarin men
leeft 2 . Zo mocht jouw grootmoeder waarschijnlijk vroeger niet voetballen, omdat
sporten niet echt iets voor meisjes was, en voetbal al zeker niet. Je moeder mocht
misschien enkel in de tuin voetballen, terwijl jij wel mocht voetballen in een club,
maar er geen in de buurt was. Nu heeft je dochter de voetbalclubs misschien
wel voor het kiezen. Of denk maar aan hoe voetbal in de Verenigde Staten een
‘meisjessport’ is, terwijl dat in België een typische jongenssport is.
10
1.2 Sekse is het biologische geslacht
Bij de geboorte krijgen mensen een sekse toegekend op basis van uitwendige
geslachtskenmerken (bv. penis of vulva). Maar ook - de samenhang van -
inwendige geslachtskenmerken (bv. testikels of eierstokken), genen (geslachtschromosomen
X en Y) en geslachts hormonen (bv. testosteron en oestrogeen)
spelen een rol. Zo kan het zijn dat iemands sekse niet uitsluitend vrouwelijk of
mannelijk is, maar intersekse kenmerken vertoont. Op vlak van sekse bestaat er
dus een grote diversiteit die voorbijgaat aan het man-vrouwonderscheid. Sekse is
van nature statisch: vrouwelijke, intersekse en mannelijke biologische kenmerken
zien er vandaag hetzelfde uit als 1000 jaar geleden.
• Meer lezen?
Surf naar www.interseksevlaanderen.be.
1.3 Genderidentiteit: over het individu
Waar gender gaat over de samenleving, gaat genderidentiteit over het individu.
Het is het gevoelsaspect van gender en verwijst naar onze persoonlijke beleving
ervan: hoe we ons voelen en identificeren in relatie tot wat ons biologisch
is meegegeven (sekse) en wat er sociaal gezien van ons wordt verwacht
(gender) 3 . Onze gender identiteit kan veranderen doorheen de tijd en kan heel
wat verschillende vormen aannemen zoals transgender man, cisgender vrouw,
non-binaire persoon, enzovoort.
• Meer lezen?
Surf naar www.transgenderinfo.be, www.lumi.be of www.cavaria.be.
1.4 Genderexpressie: hoe we uiting geven aan gender
Genderexpressie heeft betrekking op hoe mensen (wel of niet) uiting geven aan
hun genderidentiteit en wat de buitenwereld te zien krijgt: kleding, haarstijl,
make-up, stemgebruik, lichaamstaal, enzovoort. We proberen vaak uit iemands
genderexpressie af te leiden wat diens genderidentiteit of sekse is, maar hoe
iemand zich presenteert aan de wereld zegt niet noodzakelijk iets over hoe die
persoon zich voelt of identificeert, noch over diens biologische kenmerken.
• Meer lezen?
Surf naar www.cavaria.be, www.transgenderinfo.be of www.lumi.be.
11
2. Hoe gender werkt
2.1 Socialisatieproces: meisjes worden sneller
getroost
Van kleins af aan leren baby’s en kinderen in hun omgeving welk gedrag en welke
interesses wel of niet gepast en gewenst zijn, en daar speelt gender een belangrijke
rol bij 4,5 . Dit socialisatieproces gebeurt doorgaans onbewust door andermans
gedrag te observeren en te imiteren, maar ook door impliciete en expliciete
reacties op het eigen gedrag of dat van anderen.
Enkele voorbeelden:
► Afhankelijk van de sekse van een baby reageren volwassenen anders op een
huilende baby: meisjes worden sneller getroost, jongens laten we langer huilen.
Dat komt omdat we denken dat meisjes fragieler zijn dan jongens 6 .
► Ouders moedigen jongens gemakkelijker aan om risicovol te spelen en grijpen
bij dat spel sneller in bij meisjes 7 . We vinden het namelijk meer gepast voor
jongens om risico’s te nemen dan voor meisjes.
► Kinderen die opgroeien in een gezin waarbij de ouders een stereotiepe rol- en
taakverdeling toepassen, zijn meer geneigd om later zelf een stereotiepe rol- en
taakverdeling aan te nemen 8 .
We leren met andere woorden door observaties, imitaties en reacties van anderen
hoe we een meisje of jongen horen te zijn 9 . In dit socialisatieproces spelen zorgfiguren,
leerkrachten, leeftijdsgenoten en media een grote rol. Zo ervaart 70% van
de Vlaamse jongeren tussen zestien en negentien jaar druk vanuit hun omgeving
of vanuit zichzelf om zich te gedragen zoals hun gender dat voorschrijft 10 . Gendersocialisatie
leidt echter niet voor alle kinderen tot dezelfde barrières: kinderen uit
gezinnen met een hogere sociaal- economische status hebben doorgaans minder
kans om door gendersocialisatie drempels te ervaren dan kinderen uit gezinnen
met een lage sociaal- economische status 8 . Gender geldt dus voor iedereen, maar
niet voor iedereen in dezelfde mate.
70%
van de Vlaamse
jongeren tussen
16 en 19 jaar
ervaart druk
om zich te
gedragen
zoals hun gender
dat voorschrijft
2.2 Genderstereotypen werken ongelijkheden
in de hand
Genderstereotypen zijn karikaturale ideeën over vrouwen en mannen. Ze helpen
onze hersenen om de complexe wereld rondom ons te begrijpen door de
werkelijkheid te versimpelen. Denk maar aan de stereotiepe uitspraak dat vrouwen
volgzaam zijn en mannen dominant: dit zegt zogenaamd iets over alle vrouwen en
alle mannen en zou dus geldig zijn voor iedereen die tot deze groepen behoort.
Dat maakt het voor onze hersenen gemakkelijker om informatie te verwerken,
maar gaat voorbij aan de complexe realiteit.
12
Genderstereotypen zijn niet neutraal: ze brengen een rangorde met zich mee en
werken zo sociale en structurele ongelijkheden in de hand 2 . Zo worden in heel
wat samenlevingen stereotiep ‘mannelijke’ kenmerken maatschappelijk hoger
gewaardeerd dan eigenschappen die met vrouwelijkheid worden geassocieerd 11 .
Dit fenomeen zien we bijvoorbeeld op de arbeidsmarkt: beroepen of functies die
voor namelijk door mannen worden uitgevoerd, zoals leidinggevende functies en
technische beroepen, hebben vaak een hoger aanzien en gaan dikwijls gepaard
met een hoger loon dan beroepen of functies die met vrouwelijkheid worden
geassocieerd, zoals (onbetaald) huis houdelijk werk en zorgberoepen 8 . Als mannen
stereotiep ‘vrouwelijke’ keuzes maken, betekent dit dus een stap omlaag op de
status ladder, wat het voor hen soms nog moeilijker maakt dan voor vrouwen om
buiten stereotiepe verwachtingen te treden.
Hoewel jongeren in het algemeen best (gender)stereotiep denken, zijn verschillen
op te merken. Jongens hebben bijvoorbeeld iets meer stereotiepe opvattingen
over eigenschappen zoals kracht en kwetsbaarheid dan meisjes 11, 12 . Ook de
onderwijsvorm die jongeren volgen - en de maatschappelijke waardering die
daaraan vasthangt - speelt een rol. Zo is er in het beroepsonderwijs een iets
sterkere aanwezigheid van genderstereotypen dan in het algemeen en technisch
secundair onderwijs 11 .
Als mannen stereotiep ‘vrouwelijke’ keuzes maken,
betekent dat een stap omlaag op de status ladder, wat
het voor hen soms nog moeilijker maakt dan voor
vrouwen om buiten stereotiepe verwachtingen te treden.
Ook bij volwassenen houden mannen er meer genderstereotiepe ideeën op na dan
vrouwen 13 . Leeftijd en opleiding spelen ook een rol: de weerstand tegen een gelijke
taakverdeling in het huishouden en bij de opvoeding van kinderen stijgt met een
toenemende leeftijd, maar die weerstand neemt af naarmate het opleidingsniveau
stijgt 14, 15 . Bovendien blijken heteroseksualiteit, religieuze overtuigingen en een
weinig diverse sociale omgeving ook voorspellers te zijn voor de aanwezigheid van
rigide genderstereotypen 13 .
2.3 Genderstereotypen houden vooroordelen in stand
Het eigen maken van en vasthouden aan genderstereotypen is een van de
belangrijkste redenen voor aanhoudende genderongelijkheden 11 . Genderstereotypen
hebben altijd een schadelijke impact, of ze nu inhoudelijk negatief
(bv. ‘vrouwen kunnen niet kaartlezen’, ‘mannen zijn niet zorgzaam’) of inhoudelijk
positief (bv. ‘vrouwen zijn empathisch’, ‘mannen hebben een goed ruimtelijk
inzicht’) zijn 16 . Ze zorgen voor vooroordelen in hoe we met anderen omgaan.
13
Voorbeeld
Het genderstereotiepe idee dat ‘meisjes gevoeliger zijn dan jongens’ zorgt
ervoor dat we minder aan jongens vragen hoe ze zich voelen. Door die vraag
vaker aan meisjes te stellen, krijgen zij meer kansen om hun emoties te
(h)erkennen, te verwoorden en te delen met anderen. Jongens daarentegen
krijgen vaker de boodschap dat ze hun emoties ‘onder controle’ moeten
houden en krijgen minder oefenkansen in het (h)erkennen, verwoorden en
delen van hun emoties. Dit verschil vloeit voort uit gender stereotypen en
heeft een negatieve impact op de emotionele ontwikkeling van jongens 17 .
Hoe meer we vasthouden aan genderstereotypen, hoe meer we bepaalde eigenschappen
van álle vrouwen of álle mannen verwachten. En hoe minder ruimte er
is voor individuele verschillen. Sommige eigenschappen worden op die manier
uitsluitend met een bepaalde groep verbonden. Wanneer iemand buiten die
stereotiepe denkbeelden valt, wordt daar doorgaans niet positief op gereageerd.
Een vrouw met een assertieve stijl wordt bijvoorbeeld vaker negatief beoordeeld,
terwijl assertiviteit bij een man als talent wordt gezien. Een vrouw die thuisblijft
om voor kinderen te zorgen, wordt gezien als ‘een liefhebbende moeder’, maar een
huisman verdenken we makkelijk van een gebrek aan professionele ambitie. Zulke
stereotypen zorgen ervoor dat we minder snel keuzes (durven) maken die buiten
maatschappelijke verwachtingen rond vrouwelijkheid en mannelijkheid vallen,
zeker bij kantelpunten in onze levensloop zoals studie-, beroeps- en gezinskeuzes 8 .
Genderstereotypen beperken op deze manier onze keuzevrijheid en zorgen
ervoor dat we niet in alle vrijheid kunnen ontdekken waar onze interesses en
talenten liggen.
Bovendien hebben genderstereotypen een invloed op het beleid en vice versa.
Ze houden elkaar in stand 8 . Denk maar aan het verlof dat ouders krijgen vlak na
de geboorte van een baby: de geboorteouder krijgt vijftien weken verlof om te
kunnen recupereren van de bevalling, terwijl de partner twintig dagen geboorteverlof
krijgt. Dit grote verschil geeft de geboorteouder, vaak vrouwen, meer kansen
om voor een baby te zorgen, waardoor ze meer ervaring opdoen en gemakkelijker
goede verzorgers kunnen worden. Vaders en meeouders krijgen minder kansen
om die vaardigheden te ontwikkelen, omdat zij sneller terug aan het werk gaan.
Dit voedt het stereotiepe idee dat vrouwen zorgzamer zijn dan mannen en daarom
hoofdverantwoordelijke zijn voor zorg- en opvoedtaken.
14
2.4 Kruispuntdenken: gender staat niet op zichzelf
Gender is geen geïsoleerd gegeven: gender interageert met leeftijd, etniciteit,
gezondheid, seksualiteit, legale status, sociaal-economische klasse, enzovoort 8 .
Deze factoren beïnvloeden en versterken elkaar 18 . De verschillende lagen van
onze individuele identiteit bepalen onze unieke positie in de maatschappij en
in hoeverre we in meerdere of mindere mate, en afhankelijk van de context,
privilege of discriminatie kunnen meemaken 19 . Zo is de kans groter dat een zwarte
vrouw in België meer maatschappelijke drempels en discriminatie ervaart op de
arbeids- of woningmarkt dan een witte man van dezelfde socio-economische
klasse. Hun ervaringen met privileges en discriminatie op vlak van veiligheid op
straat kunnen dan weer sterk verschillen van die van een zwarte, transgender,
panseksuele persoon met een beperking. Dit principe wordt kruispuntdenken of
intersectionaliteit genoemd.
Gender is geen geïsoleerd gegeven: gender interageert
met leeftijd, etniciteit, gezondheid, seksualiteit, legale
status, sociaal-economische klasse, enzovoort. Deze
factoren beïnvloeden en versterken elkaar.
3. Het doorbreken van
genderstereotypen
Om genderstereotypen te doorbreken, is het van belang om zowel op individueel,
institutioneel als maatschappelijk niveau te werken. Een interventie op individueel
niveau zorgt namelijk niet noodzakelijk voor een verandering op institutioneel
of maatschappelijk niveau, maar ze zijn wel alle drie nodig om verandering te
bewerkstelligen. Hieronder geven we een aantal voorbeeld interventies die kunnen
helpen met het doorbreken van genderstereotypen 8 .
► Identificatie met rolmodellen
Een rolmodel is een persoon die voor jou kan dienen als voorbeeld bij het
maken van keuzes. Dat kan iemand uit je (wijde) omgeving zijn, maar ook iemand
die je kent van (sociale) media. Je identificeren met een rolmodel dat genderstereotypen
doorbreekt, kan ervoor zorgen dat je zelf meer open staat voor
niet-stereotiepe opties.
15
► Inzetten op ouders, leerkrachten en opvoeders
Ouders, leerkrachten en andere opvoeders spelen een grote rol en kunnen
genderstereotypen op verschillende manieren helpen doorbreken:
• inspireren als rolmodel door zelf af en toe niet-stereotiepe keuzes te maken
• niet-stereotiepe keuzes en niet-stereotiep gedrag van anderen normaliseren
en stimuleren zonder die te bestempelen als uniek
• kinderen en jongeren correct informeren wanneer ze keuzes moeten maken
• geen groepen maken op basis van identiteitskenmerken
• samenspel en samenwerking stimuleren
• enzovoort.
► Netwerken
Je inleven in de ander helpt om stereotypen te doorbreken. Mensen uit
verschillende groepen - en personen binnen eenzelfde minderheidsgroep - met
elkaar in contact brengen op basis van inleving en empathie, is een zinvolle
strategie om (gender)stereotypen te doorbreken.
► Beleidsmatige veranderingen
Vaak volgen attitudeveranderingen vanzelf na beleidsmatige veranderingen.
Moeders en vaders evenveel verlof toekennen na een geboorte, de loonverschillen
verkleinen tussen beroepen met een overwegend mannelijk en een
overwegend vrouwelijk personeelsbestand en de arbeidsduur verkorten zijn
goede voorbeelden.
16
Bronnen
1. RoSa vzw. (2021, 9 februari). Sekse en gender. www.rosavzw.be. Geraadpleegd op 10 augustus 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/gender/wat-is-gender/sekse-versus-gender
2. RoSa vzw. (2021, 9 februari). Hoe werkt gender? www.rosavzw.be. Geraadpleegd op 16 augustus 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/gender/wat-is-gender/hoe-werkt-gender
3. RoSa vzw. (2021, 21 april). Begripsverwarring. www.rosavzw.be. Geraadpleegd op 10 augustus 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/gender/terminologie/begripsverwarring
4. VRT NWS. (2017, 29 november). Lieve jongens & stoere meisjes [Video]. www.vrtnws.be.
https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2017/11/29/pano--lieve-jongens---stoere-meisjes/
5. Heylen, K. (2017, 21 september). Jongens zijn sterk, meisjes zwak: op 10 jaar zit je al in een “gender-dwang
buis”. www.vrtnws.be. https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2017/09/21/gender-stereotypes-bij-kinderen/
6. Debusschere, B. (2018, 13 juli). Genderneutraal opvoeden: zoonlief aan de nagellak en een dochter
die Robbie heet. www.demorgen.be. https://www.demorgen.be/nieuws/genderneutraal-opvoeden-zoon
lief-aan-de-nagellak-en-een-dochter-die-robbie-heet~bdbc0983/
7. Cotterink, M. & Cornelissen, M. (2022). Risicovol spelen: van zo veilig als mogelijk naar zo veilig als nodig.
Pedagogiek, 42(2), 183-207. https://doi.org/10.5117/PED2022.2.003.COTT
8. de Blank, M., Holla, S., Glijn, R., & de Jong, E. (2020). Genderstereotypen: waarom we ze hebben,
wat de gevolgen zijn en hoe ze kunnen worden doorbroken. Atria. https://prod-cdn.atria.nl/wp-content/
uploads/2020/07/20165207/Literatuurstudie-genderstereotypering.pdf
9. ten Broeke, A. (2010). Het idee M/V. Maven publishing.
10. Plan International Belgium. (2022). The impact of masculinities on the prevention of sexual and genderbased
violence. https://www.planinternational.be/sites/default/files/study-mascullinities-en.pdf
11. Mastari, L., Spruyt, B., & Siongers, J. (2018). Genderidentiteit en genderattitudes bij Vlaamse jongeren.
In Jongeren in cijfers en letters 4 (pp. 251–272). Uitgeverij Acco.
12. De Meyer, S., & Michielsen, K. (2020). Resultaten vragenlijst mondiaal onderzoek over jonge adolescenten.
In www.icrhb.org. https://www.icrhb.org/storage/attachments/attachment/57.pdf
13. Dierckx, M., Meier, P., & Motmans, J. (2017). “Beyond the box”: a comprehensive study of sexist, homophobic,
and transphobic attitudes among the Belgian population. DiGest. Journal of Diversity and Gender Studies,
4(1), 5–34. https://doi.org/10.11116/digest.4.1.1
14. Noppe, J., Vanweddingen, M., Weekers, K., & Studiedienst Vlaamse Regering. (2017). Vlaamse gendermonitor
2016. Jeroen Windey. https://publicaties.vlaanderen.be/view-file/24544
15. Statistiek Vlaanderen. (2018). SCV Survey [Dataset]. https://statistieken.vlaanderen.be/QvAJAXZfc/notoolbar.
htm?document=SVR/SVR-SCV-02.qvw&host=QVS@cwv100154&anonymous=true
16. RoSa vzw. (2021, 13 oktober). Genderstereotypen doorbreken [Video]. www.youtube.com.
Geraadpleegd op 16 augustus 2023, van https://www.youtube.com/watch?v=UM66x7Slc6k
17. RoSa vzw. (2023, 12 oktober). Mannelijkheid. Geraadpleegd op 19 oktober 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/gender/mannelijkheid
18. RoSa vzw. (2023, 12 oktober). De Man-Box. Geraadpleegd op 19 oktober 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/gender/mannelijkheid/de-man-box
19. RoSa vzw. (2023, 14 juni). Internationale Mannendag en welzijn van mannen.
Geraadpleegd op 20 september 2023, van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/vorigeedities-2022/17-11-internationale-mannendag
20. RoSa vzw. (2022, 9 februari). Intersectionaliteit. www.rosavzw.be. Geraadpleegd op 16 augustus 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/feminisme/intersectionaliteit
21. Ella vzw. (2012). Intersectioneel denken. In www.ellavzw.be. https://ellavzw.be/wp-content/
uploads/2021/03/Handleiding-Intersectionaliteit-ELLA-VZW.pdf
17
18
Economie,
arbeid en zorg
1. Tendensen 20
2. Deelname op de arbeidsmarkt 21
2.1 Geboorteverlof 23
2.2 Loopbaanonderbreking, tijdskrediet en thematisch verlof 23
3. Loonkloof 24
3.1 Deeltijds werk 27
3.2 Horizontale segregatie op de arbeidsmarkt 27
3.3 Verticale segregatie op de arbeidsmarkt 28
3.4 Moederschapsboete, vaderschapspremie 30
4. Pensioenkloof 31
5. Zorgkloof 32
6. Kinderopvangcrisis 33
7. Zorgketen 33
8. Goede praktijken 34
Bronnen 36
19
Economie, arbeid en zorg
Tot de jaren 1960 was het kostwinnersmodel met een mannelijk gezinshoofd dat
voor inkomen zorgt en een huismoeder die zich over kinderen en het huishouden
ontfermt, de burgerlijke norm. Mede onder impuls van de tweede feministische
golf maakte het tweeverdienersmodel, waar beide partners een eigen inkomen
verwerven, in de jaren 1970 en 1980 een opmars. Vrouwen vonden massaal hun
weg naar de arbeidsmarkt waardoor de verschillen in arbeidsmarktparticipatie
opmerkelijk daalden. Toch zijn er vandaag nog steeds grote genderongelijkheden
op de arbeidsmarkt en in de combinatie van arbeid en zorg.
1. Tendensen
Eén van de belangrijkste ongelijkheden op de arbeidsmarkt is de loonkloof:
vrouwen verdienen gemiddeld 21% minder dan mannen 1, 2, 3 . Deze loonkloof
mondt uit in de pensioenkloof: het pensioen van vrouwen ligt zo’n 26% lager
dan het pensioen van mannen 4 .
Oorzaken:
► Een eerste belangrijke oorzaak van de loonkloof is horizontale segregatie op de
arbeidsmarkt. Vrouwen werken overmatig in onderbetaalde en maat schappelijk
ondergewaardeerde sectoren, zoals de zorg of het onderwijs, terwijl mannen
oververtegenwoordigd zijn in goed betaalde sectoren zoals de IT en de
industrie 2, 5 . De sectoren met een grotendeels vrouwelijk personeelsbestand
worden bovendien gekenmerkt door een hoog aantal deeltijdse en flexibele,
precaire contracten.
vrouwen
verdienen
gemiddeld
21%
minder
dan mannen
► Die deeltijdse arbeid is een tweede belangrijke oorzaak van de loonkloof.
Deeltijdse werknemers verdienen namelijk minder dan werknemers in een
voltijds arbeidsregime, en het zijn voornamelijk vrouwen die deeltijdse arbeid
verrichten 6 . Dit verschil wordt veroorzaakt door de zorgkloof: vrouwen nemen het
grootste deel van onbetaalde arbeid (het huishouden en de zorg en opvoeding
van kinderen) op. Daardoor hebben vrouwen minder tijd over voor betaalde
arbeid 7 . Deze onbetaalde arbeid wordt maatschappelijk minder gewaardeerd dan
betaalde arbeid 8 .
De ongelijke verdeling van arbeid en zorg schuift op van
een ongelijkheid tussen mannen en vrouwen naar een
ongelijkheid tussen gezinnen en vrouwen onderling.
20
Om aan de moeilijke combinatie van betaalde en onbetaalde arbeid tegemoet
te komen, kunnen zorgtaken uitbesteed worden aan externe hulp (o.a. door
gesubsidieerde dienstencheques), maar niet elk gezin kan zich dat financieel
veroorloven. Gezinnen in een financieel kwetsbare situatie kunnen zich doorgaans
geen poets- of huishoudhulp veroorloven, waardoor de vrouwen in deze gezinnen
vaak de meeste (of alle) zorgtaken opnemen 9 . Bijgevolg zijn zij genoodzaakt
om deeltijds te werken, en die deeltijdse jobs vinden zij heel vaak in slecht
betaalde sectoren.
Dat maakt dat de ongelijke verdeling van arbeid en zorg opschuift van een
ongelijkheid tussen mannen en vrouwen naar een ongelijkheid tussen gezinnen
en vrouwen onderling 9 .
2. Deelname op de arbeidsmarkt
Het aandeel mannen op de officiële, betaalde arbeidsmarkt is iets groter dan het
aandeel vrouwen 10 . In het eerste kwartaal van 2023 had 68.1% van de vrouwen en
76.1% van de mannen (tussen 20 en 64 jaar oud) een job 11 . Dit resulteert in een
genderkloof van 8% op het vlak van arbeidsmarktparticipatie. Er zijn verschillende
kenmerken die deze kloof vergroten:
► Als je de participatie van mannen en vrouwen op de arbeidsmarkt berekent op
basis van het aantal uur dat men werkt, dan stijgt deze genderkloof tot iets meer
dan 20% 12 . Dit grote verschil wordt veroorzaakt door de oververtegenwoordiging
van vrouwen in deeltijdse jobs.
► COVID-19 had een grotere impact op de werkgelegenheid van vrouwen dan op
die van mannen. Dat komt enerzijds omdat vrouwen oververtegenwoordigd
zijn in de sectoren die het hardst getroffen waren door de pandemie, zoals de
dienstensector en het onderwijs. Anderzijds waren het voornamelijk moeders die
extra zorgtaken opnamen omwille van de schoolsluitingen waardoor ze minder
tijd aan betaald werk konden besteden. Daardoor nam de kloof in arbeidsmarktparticipatie
tijdens de coronacrisis - zoals meestal in tijden van crisis - toe 5 .
► In Vlaanderen is de kloof op vlak van arbeidsmarktparticipatie kleiner dan in
Wallonië. In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is de kloof het grootst 5 .
► De kloof in arbeidsmarktparticipatie hangt af van het geboorteland: de kloof
is bijna vier keer zo groot bij de groep mensen die buiten de Europese Unie
zijn geboren in vergelijking met de groep mensen die in België zijn geboren 5, 12 .
Factoren zoals overkwalificatie, een taalbarrière en heel wat gezinsverantwoordelijkheden
weerhouden veel vrouwen die buiten de EU geboren zijn om toe
te treden tot de arbeidsmarkt 5 . Hoofddoekverboden zijn ook een belangrijke
drempel voor heel wat capabele (en vaak geschoolde) werkkrachten, geboren in
en buiten de EU.
21
► De genderkloof in arbeidsmarktparticipatie is ook afhankelijk van het
opleidings niveau: de kloof is groter bij kortgeschoolden (personen met
maximaal een diploma van het secundair onderwijs) dan bij langgeschoolden
(personen die minstens een diploma van het hoger onderwijs op zak hebben) 12 .
► Ook leeftijd speelt een rol: in de groep 60-64-jarigen is de genderkloof het
grootst 12 . Dat komt omdat vrouwen de arbeidsmarkt doorgaans vroeger
verlaten dan mannen, maar ook het kostwinnersmodel speelt een rol. Dat
model zorgde er namelijk voor dat veel vrouwen uit de arbeidsmarkt stapten
wanneer ze huwden of een eerste kind kregen. Dat verklaart het grotere aandeel
huis vrouwen in deze leeftijdsgroep, en dus ook de grotere kloof in arbeidsmarktparticipatie
13 .
► De gezinssamenstelling heeft ook een invloed. De genderkloof is groter bij
gezinnen met kinderen in vergelijking met gezinnen zonder kinderen. Dat komt
doordat de zorg voor en opvoeding van kinderen grotendeels op de schouders
van vrouwen terechtkomt, waardoor zij genoodzaakt zijn om hun deelname aan
de betaalde arbeidsmarkt te beperken 5 .
Een combinatie van deze kenmerken zorgt voor nog grotere verschillen in de
arbeidsmarktparticipatie van vrouwen en mannen. Als je bijvoorbeeld niet geboren
bent in de Europese Unie en geen diploma van het hoger onderwijs hebt, dan stijgt
de genderkloof tot maar liefst 29% 5 .
Mannen en vrouwen die niet actief (op zoek) zijn op de arbeidsmarkt, hebben
daar grotendeels dezelfde redenen voor zoals studeren of het opnemen van
brug pensioen. Van deze vrouwen is 11.8% huisvrouw en opvallend, slechts 1.6%
van de mannen is huisvader 12 .
Het verschil in arbeidsmarktparticipatie kan voornamelijk verklaard worden door
de zorgkloof: vrouwen nemen meer onbetaalde arbeid op waardoor er minder tijd
overblijft om te spenderen aan betaalde arbeid.
De loonkloof leidt tot een vicieuze cirkel
Omdat vrouwen over het algemeen minder verdienen dan mannen, is er
statistisch gezien meer kans dat een vrouw in een heteroseksuele relatie
het laagste loon heeft. Daardoor is het financieel interessanter dat de
vrouw thuisblijft wanneer een koppel de combinatie van arbeid en zorg
niet rondkrijgt als ze beide voltijds werken.
22
2.1 Geboorteverlof
Bij een bevalling krijgt een moeder vijftien weken moederschapsrust, een vader
of meeouder heeft recht op twintig werkdagen geboorteverlof 14 . Dat is aanzienlijk
minder dan hun partners, maar wel al een verdubbeling ten opzichte van 2020.
In 2021 trok de regering het geboorteverlof namelijk op tot vijftien dagen, en
in 2023 naar twintig. Moederschapsrust en geboorteverlof zijn echter niet voor
iedereen even toegankelijk: zelfstandigen en eenoudergezinnen vallen vaak uit de
boot 15 . Zij kunnen dikwijls omwille van financiële redenen geen (volledig) gebruik
maken van het geboorteverlof aangezien een uitkering tijdens het geboorteverlof
lager ligt dan het loon.
WEETJE
Koppels waarbij beide partners in het eerste levensjaar van
een kind langdurig thuis zijn, verdelen arbeid en zorg op
een duurzame manier gelijker. Geboorteverlof blijkt zo een
cruciale hefboom om de zorgkloof - en dus ook de loon- en
pensioenkloof - te verkleinen 16 .
2/3 de
van het
ouderschapsverlof
wordt door vrouwen
opgenomen
Zo goed als alle vrouwen nemen hun moederschapsrust (gedeeltelijk) op en 5%
van de vaders maakt geen gebruik van hun geboorteverlof 17 . Twee derde van deze
vaders wil eigenlijk wel geboorteverlof opnemen, maar doet dat niet vanwege
loonverlies of een gebrek aan begrip of mogelijkheden op het werk 18 . Wanneer
vaders wel geboorteverlof opnemen, dan neemt 12% niet de volledige periode op
en ondervindt 11% problemen op het werk zoals dreiging tot ontslag, een blijk van
ontevredenheid en opstapelend werk door gebrek aan vervanging 18 . De meeste
vaders vinden twintig dagen geboorteverlof (te) kort om te kunnen genieten van
de eerste maanden van hun kind, de zorgtaken eerlijk te verdelen en voor hun pas
bevallen partner te kunnen zorgen.
2.2 Loopbaanonderbreking, tijdskrediet en
thematisch verlof
Loopbaanonderbreking, tijdskrediet en thematische verloven zijn systemen die
werknemers toelaten hun job gedeeltelijk of volledig te onderbreken, al dan niet
met een uitkering. Vrouwen maken vaker dan mannen gebruik van deze systemen,
om (tijdelijk) deels of volledig uit de arbeidsmarkt te stappen 12 . De redenen waarom
vrouwen en mannen loopbaanonderbreking, tijdskrediet of thematisch verlof
opnemen, zijn verschillend. Zo maken mannen er vooral gebruik van op het einde
van hun loopbaan onder het stelsel ‘landingsbaan’. Vrouwen gebruiken de stelsels
voornamelijk om zich toe te leggen op de opvoeding van (jonge) kinderen en deze
periode valt vaak samen met de cruciale jaren om carrière te maken 12, 19 .
23
De populairste vorm van deze verlofsystemen is het ouderschapsverlof: dat laat
ouders toe om te zorgen voor kinderen jonger dan twaalf jaar. Twee derde van
het ouderschapsverlof wordt door vrouwen opgenomen 20 . Dit cijfer loopt zelfs
op tot 84% tijdens het eerste levensjaar van een kind 21 . Dit is een gevolg van de
stereotiepe zorg-arbeid verwachtingen tegenover vrouwen en mannen. Deze
verwachting zorgt er ook voor dat de jobs van mannen vaak niet zijn aangepast
aan het kunnen opnemen van ouderschapsverlof. Het takenpakket van mannen
blijft bijvoorbeeld ongewijzigd wanneer ze ouderschapsverlof opnemen waardoor
ze dezelfde hoeveelheid werk moeten verzetten in een kleinere tijdspanne 17 .
Ook het loon verlies en een gebrek aan begrip weerhouden mannen ervan om
ouderschaps verlof op te nemen 17 .
3. Loonkloof
De loonkloof is het loonverschil tussen vrouwen en mannen. In 2021 bedroeg de
loonkloof 21%, berekend op basis van bruto jaarlonen 1, 2, 3 . Mannen verdienden in
2021 dus gemiddeld 21% meer dan vrouwen.
De loonkloof kan geïllustreerd worden aan de hand van Equal Pay Day.
Equal Pay Day: dat is de dag tot wanneer vrouwen moeten werken om evenveel te
verdienen als wat mannen het jaar ervoor hebben verdiend.
In 2021 viel die dag op 25 maart. Dat betekent dat vrouwen maar liefst 84 dagen
langer moesten werken om hetzelfde te verdienen als wat mannen het jaar ervoor
hebben verdiend 21 .
Equal Pay Day
Vrouwen werken
84
dagen
langer
om hetzelfde
te verdienen
als mannen
De ongecorrigeerde loonkloof telt
Als men bij de berekening van de loonkloof het aantal gewerkte uren per
week buiten beschouwing laat, dan bedraagt de loonkloof nog 8% 2 .
Deze gecorrigeerde loonkloof wordt dan berekend op basis van wat
iedereen zou verdienen als ze voltijds zouden werken. Omdat er echter
veel meer vrouwen deeltijds werken, is de gecorrigeerde loonkloof
een heel stuk kleiner dan de ongecorrigeerde loonkloof 2 . Het is de
ongecorrigeerde loonkloof van 21% die het dichtst aansluit bij de realiteit:
die telt wat vrouwen en mannen in de praktijk verdienen (en beschrijft dus
feitelijke verschillen in de samenleving), en niet het theoretisch loon. De
gecorrigeerde loonkloof gaat voorbij aan factoren die worden veroorzaakt
door genderstereotypen, zoals deeltijdse arbeid 8 . Daarom verwijzen we in
dit rapport steeds naar de ongecorrigeerde loonkloof.
24
De grootte van de loonkloof hangt af van kenmerken van de onderneming en
de werknemer 5 .
► Overheid versus privé: in de overheidssector is de loonkloof kleiner dan in
de privésector (respectievelijk 14.7% en 26%) 1 .
► Statuut: de loonkloof is het grootst voor arbeiders uit de privésector (44.1%) en
het kleinst voor vastbenoemde ambtenaren (8.9%) 1 .
► Arbeidsduur: de loonkloof is bijna dubbel zo groot voor deeltijdswerkers (9.7%)
dan voor voltijdwerkers (5.8%) 1 .
► Sector: in sectoren zoals ‘luchtvaart’, ‘vervaardiging van informaticaproducten’ en
‘vervaardiging van kledij’ is de loonkloof het grootst (respectievelijk 55.3%, 34.3%
en 32.2%). Andere sectoren zoals de ‘houtindustrie’ en ‘sport, ontspanning en
recreatie’ hebben bijna geen loonkloof. In nog andere sectoren zoals ‘posterijen
en koeriers’ en ‘vervaardiging van dranken’ is de loonkloof in het nadeel van
mannen (respectievelijk -1.7% en -5.9%) 1 .
► Leeftijd: het gemiddelde loon van mannen stijgt vrij gelijkmatig over de jaren
heen, terwijl dat van vrouwen stagneert vanaf de leeftijdscategorie van 35 tot
44 jaar. Hoe ouder men dus is, hoe groter de loonkloof 2 .
► Scholingsgraad: de loonkloof is het grootst bij de groep mensen met een
universitair masterdiploma en het kleinst bij kortgeschoolden 2 .
► Burgerlijke staat en gezinssamenstelling: de loonkloof is groter bij gehuwde
personen in vergelijking met alleenstaande of gescheiden personen 2 . Ook bij
gezinnen met drie of meer kinderen is de loonkloof groter dan bij gezinnen
met minder kinderen 2 .
► Nationaliteit: de loonkloof varieert naargelang nationaliteit. Dit zegt wel niets
over etniciteit 2 . Hierover zijn geen cijfers beschikbaar.
De loonkloof in België is niet zozeer het gevolg van ‘ongelijk loon voor gelijk
werk’ (dit is wettelijk verboden), maar eerder een gevolg van ongelijk werk tussen
vrouwen en mannen 2, 22 . Door veelvuldig onderzoek kan momenteel 49.4% van
de loonkloof verklaard worden 2 . De tabel op de volgende pagina laat zien welke
factoren aan de basis liggen van het verklaarde deel van de loonkloof en voor
welk percentage ze daarvoor een verklaring bieden 2 . Het is echter niet omdat dit
deel van de loonkloof verklaard kan worden, dat het gerechtvaardigd is. De meeste
factoren, zoals deeltijdse arbeid en horizontale segregatie op de arbeidsmarkt,
vloeien namelijk voort uit genderstereotypen 21 .
25
Tabel 1: Factoren die 49.4% van de loonkloof verklaren
Segregratie op de arbeidsmarkt Beroep 17,1%
Sector van tewerkstelling 14,6%
Type contract (onbepaalde duur of tijdelijk) 4,9%
Arbeidsduur (voltijds of deeltijds) 7,3%
Regio van tewerkstelling -2,4%
Vorm van economische en financiële controle 4,9%
Totaal segregatie 46,4%
Werk-relevante kenmerken
individuele werknemer
Onderwijsniveau 12,2%
Werkervaring (geschatte totale anciënniteit) 12,2%
Anciënniteit binnen de onderneming 7,3%
Totaal werk-relevante kenmerken werknemer 31,7%
Privékenmerken werknemer Burgerlijke staat (gehuwd of niet) 2,4%
Gezinstype (al dan niet kinderen) 14,6%
Nationaliteit 4,9%
Totaal privékenmerken werknemer 21,9%
Bronnen: Statbel, Enquête naar de Structuur en de Verdeling van de Lonen en het Rijksregister
50.6% van de loonkloof kan niet verklaard worden door bovenstaande criteria 2 .
Volgens het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen (IGVM) kan
dit onverklaarde deel opgedeeld worden in twee delen: een stuk dat nog niet
verklaard is maar op basis van extra gegevens wel verklaard zou kunnen worden,
en een stuk dat in essentie onverklaarbaar is, wat een gevolg is van ‘zuivere’
discriminatie 2 : wanneer een vrouw en een man exact dezelfde eigenschappen
zouden hebben en exact hetzelfde werk zouden verrichten in eenzelfde sector,
vrouwen nog steeds gemiddeld minder zouden verdienen dan mannen 21 .
Op vlak van extralegale voordelen zijn er ook verschillen. Mannen krijgen
dergelijke voordelen vaker dan vrouwen en ontvangen doorgaans hogere
bedragen 2 . Dat komt omdat vrouwen vaker kiezen voor ‘family friendly
benefits’, het soort voordelen die de combinatie tussen betaalde arbeid en
zorg ver gemakkelijken, maar in verhouding minder waard zijn. Daardoor is hun
voordelenpakket gemiddeld 46% minder waard dan dat van mannen 21 .
WEETJE
De loonkloof gaat enkel over personen die een loon
verdienen. De inkomenskloof tussen vrouwen en mannen
houdt ook rekening met diegenen zonder eigen loon en
ligt hoger dan de loonkloof. Dit komt door de kloof in
arbeidsmarkt participatie 2 . Veel factoren die voor de kloof in
arbeidsmarktparticipatie zorgen - zoals geen werk vinden dat
te combineren valt met een gezinsleven, te beperkte carrièrekansen,
discriminatie of een vrouwonvriendelijke werkomgeving
- zijn belangrijke factoren voor gendergelijkheid,
maar worden niet weergegeven in het loonkloofcijfer 2 .
26
3.1 Deeltijds werk
4/5 de
van de
deeltijdswerkers
is een vrouw
In 2022 werkte 11.9% van de mannen en 40.7% van de vrouwen deeltijds 6 . De
meeste vrouwen die deeltijds werken zijn oudere vrouwen, kortgeschoolde
vrouwen en vrouwen met een partner 12 . De overmatige aanwezigheid van
vrouwen in deeltijdse arbeid (vier op vijf deeltijdswerkers is vrouw) is een van
de belangrijkste oorzaken van de loonkloof en een van de grootste obstakels
voor gender gelijkheid op de arbeidsmarkt 6, 20, 23 .
Bij bovenstaande cijfers rond deeltijdse arbeid wordt geen rekening gehouden met
werknemers die een voltijds contract hebben maar in de praktijk deeltijds werken.
Dat is bijvoorbeeld het geval bij werknemers die ouderschaps- of zorg verlof
opnemen. Tel deze personen mee, dan zou het aandeel vrouwen die deeltijds
werken toenemen tot 70% 21 .
Deeltijds werken is een symptoom van de zorgkloof 20, 23, 24 . Voor 24% van de
vrouwen die deeltijds werken is het ‘opnemen van zorg voor kinderen of
andere personen’ de belangrijkste reden, tegenover 7.6% van de mannen die
deeltijds werken 6 . Deeltijds werken is dus voor veel vrouwen geen primaire wens,
maar een oplossing om betaalde en onbetaalde arbeid te kunnen combineren 8 .
Waar deeltijdse arbeid een persoonlijke keuze lijkt, is het dus eerder het effect
van een structureel probleem 24 .
Deeltijds werken is voor veel vrouwen geen primaire
wens, maar een oplossing om betaalde en onbetaalde
arbeid te kunnen combineren.
Deeltijdswerkers komen vaker terecht in sectoren met een overwegend vrouwelijk
personeelsbestand en een lagere verloning 8 . Zo werkt bijvoorbeeld 93% van de
dienstenchequemedewerkers in een deeltijds arbeidsregime 9 . Deeltijdswerkers
komen ook vaker terecht in minder goed betaalde functies. Zo zijn er bijvoorbeeld
maar weinig leidinggevende functies die goed betaald worden en die je deeltijds
kan uitvoeren 8 . Het verschil tussen deeltijds en voltijds werken wordt op deze
manier steeds groter: er is een groeiende kloof tussen de comfortabele kant van
de arbeidsmarkt met hoge lonen en voordelen (waar je meer mannen dan vrouwen
terugvindt) en de financieel minder interessante, deeltijdse banen met weinig
perspectief (waarin voornamelijk vrouwen actief zijn) 2 .
3.2 Horizontale segregatie op de arbeidsmarkt
Horizontale segregatie op de arbeidsmarkt is de ongelijke verdeling van mannen
en vrouwen in verschillende sectoren 25 . Dit fenomeen wordt, naar analogie met het
glazen plafond, ook wel de glazen muren genoemd en draagt in belangrijke mate
27
bij aan de loonkloof 2 . Sectoren met een overwegend mannelijk personeelsbestand
- zoals industrie, bouwnijverheid, vervoer en informatica - worden namelijk beter
vergoed dan sectoren met een overwegend vrouwelijk personeelsbestand zoals
diensten aan personen, gezondheidszorg en onderwijs 2, 5 . Dit is een reflectie
van een hogere maatschappelijke waardering voor mannelijkheid en maakt dat
jobs met een overwegend vrouwelijk personeelsbestand zoals vroedkundige,
onthaalouder, kleuteronderwijzer of zorgkundige in de thuiszorg een gebrek
hebben aan economisch en symbolisch kapitaal 8, 25, 26 . Dit gebrek zorgt ervoor dat er
maar weinig initiatieven op touw worden gezet om mannen aan te trekken in jobs
in de zorg of het onderwijs, terwijl er wél initiatieven bestaan om vrouwen aan te
trekken in bijvoorbeeld wetenschappelijke beroepen 26 .
WEETJE
Naarmate er meer vrouwen in een sector beroepsactief
worden, verliest deze sector maatschappelijk aanzien
en verloning. Zo waren de meeste leerkrachten een paar
decennia geleden voornamelijk mannen: onderwijzer was
een prestigieus beroep en werd goed verloond. In de loop
van de jaren kozen steeds meer vrouwen voor een job als
onder wijzer en moest het beroep inboeten aan verloning en
aanzien. Ook het omgekeerde fenomeen is waar: wanneer
het aandeel mannelijke werknemers in een sector stijgt, zal
die sector meer aanzien en een hogere verloning krijgen.
Zo waren de eerste computerprogrammeurs voornamelijk
vrouwen en werd die sector gekenmerkt door precaire
contracten en een slechte verloning. Nu kunnen we ons dat
nog nauwelijks inbeelden. Dit wordt de wet van Sullerot
genoemd, naar de Franse feminist Evelyne Sullerot 8 .
Gender vormt een obstakel wanneer een sector een overwegend mannelijk of
vrouwelijk personeelsbestand heeft. Zo vindt slechts een derde van de vrouwen
onder de 35 jaar met een technische opleiding effectief een technisch beroep 8 .
Vaak vormt de bedrijfscultuur daarbij een drempel: veel werkgevers werven
makkelijker iemand aan die ‘binnen hun bedrijfscultuur past’. Een man wordt dan
makkelijker aangeworven voor een ‘mannelijk’ beroep en een vrouw voor een
‘vrouwelijk’ beroep 8 . Ook etniciteit speelt een rol. Zo worden Aziatische vrouwen
als ‘hypervrouwelijk’ gezien, waardoor zij nog minder vaak dan witte vrouwen
terechtkomen in beroepen die voornamelijk door mannen worden uitgevoerd 8 .
3.3 Verticale segregatie op de arbeidsmarkt
Verticale segregatie op de arbeidsmarkt is de ongelijke verdeling van vrouwen
en mannen in verschillende niveaus van de bedrijfshiërarchie en draagt bij aan
de loonkloof 2, 25 . Mannen zijn oververtegenwoordigd in hogere, beter verloonde
28
7/10
leidinggevenden
zijn mannen
functies - in 2019 was bijna zeven op de tien leidinggevenden een man - terwijl
vrouwen oververtegenwoordigd zijn in lagere functies 12 .
Twee oorzaken:
► Het glazen plafond: de barrière die vrouwen belet om door te stromen naar
hogere functies op de arbeidsmarkt 5, 25 . Wanneer vrouwen toch een hoge functie
bekleden, verdienen zij gemiddeld gezien minder dan hun mannelijke collega’s
in eenzelfde functie 2 . Bovendien bereiken vrouwen vaak enkel in tijden van
crisis de hoogste echelons wanneer het risico om te falen het grootst is. Nadien
worden ze vaak opnieuw achteruit geschoven 27 . Dat fenomeen noemt men ook
wel de glazen klif.
► De kleverige vloeren: vrouwen maken minder snel promotie dan mannen 5 . Dat
zorgt ervoor dat vrouwen blijven plakken in de lagere echelons van de bedrijfshiërarchie
25 . Zo maken mannen sneller promotie dan vrouwen wanneer ze in een
sector met een overwegend vrouwen werken. Voorbeeld: in verhouding zijn er
veel mannelijke directeurs van basisscholen ten opzichte van het aantal vrouwen
dat er werkt 8 .
Achter het glazen plafond en de kleverige vloeren schuilen wat stereotiepe ideeën
over leiderschap, vrouwelijkheid en mannelijkheid:
► Een goede, sterke leider wordt doorgaans gezien als iemand die macht uitstraalt,
agressief handelt en geen angst vertoont. Dat beeld conformeert aan
het stereotiepe beeld dat we hebben van mannelijkheid. Dat zorgt zowel voor
vrouwen als voor mannen voor moeilijkheden. Zo worden vrouwen minder
snel in overweging genomen voor leidinggevende functies, worden vrouwelijke
leiderschaps kwaliteiten (zeker bij oudere vrouwen) minder snel (h)erkend en
worden vrouwelijke leiders die macht uitstralen snel als ‘onvrouwelijk’ gezien 8, 27 .
Mannelijke leiderschapskwaliteiten worden dan weer vaak overschat en dat
legt een grote druk op mannelijke leiders. Uit angst om ‘zwak’ of ‘niet mannelijk
genoeg’ over te komen laten zij bijvoorbeeld geen twijfel bestaan over hun
mannelijkheid door geen experten te raadplegen in tijden van crisis of door
voorzorgsmaatregelen in de wind te slaan 27 .
► Vrouwen hebben een maatschappelijk lagere status dan mannen, waardoor
vrouwen minder snel in overweging worden genomen voor functies met een
hoog aanzien 8 .
► Genderstereotypen schrijven voor dat vrouwen zich eerder bescheiden
opstellen, terwijl dat voor mannen niet geldt. Het is voor mannen meer maatschappelijk
aanvaard om trots te zijn op verwezenlijkingen dan voor vrouwen,
waardoor vrouwen minder snel worden opgemerkt voor promoties 8 .
► Als vrouwen tegen stereotiepe verwachtingen ingaan, worden ze snel als te
assertief of onaangenaam gezien. Dit wordt het backlash effect genoemd:
vrouwelijke leiders worden vaker negatief beoordeeld dan mannelijke leiders
29
en die negatieve beoordeling bestaat voornamelijk uit negatieve, stereotiep
‘vrouwelijke’ eigenschappen, terwijl dat bij mannen niet het geval is 8 .
► Ook etniciteit speelt een rol. Het model minority stereotype zorgt ervoor dat
Aziatische vrouwen in tegenstelling tot andere etnische minderheden als meer
hardwerkend en succesvol worden gezien, en dat straalt negatief af op bijvoorbeeld
zwarte vrouwen 8 .
3.4 Moederschapsboete en vaderschapspremie
Ouderschap is doorslaggevend bij genderverschillen op de arbeidsmarkt en draagt
bij aan de loonkloof 2 . Bij de geboorte van een kind maken vrouwen namelijk vaker
aanpassingen in hun carrière om de combinatie van zorg en betaalde arbeid
mogelijk te maken in vergelijking met mannen 5 .
Een aantal voorbeelden:
► Wanneer vrouwen en mannen geen kinderen hebben, is hun participatie op de
arbeidsmarkt gelijk. Wanneer ze echter drie of meer kinderen hebben, is er een
kloof van 28.2% 28 .
► Moeders onderbreken hun loopbaan vaker dan vaders 5 .
► Het aantal vrouwelijke deeltijdswerkers stijgt naargelang het aantal kinderen,
terwijl het aantal kinderen weinig tot geen invloed heeft op het aantal uren
dat vaders werken. Zo was in 2021 de helft van de moeders met drie of meer
kinderen deeltijds aan het werk, tegenover 8.3% van de vaders met drie of
meer kinderen 29 .
► Moeders richten zich meer op jobs die flexibiliteit bieden dan vaders. Deze
jobs worden doorgaans gekenmerkt door een lagere verloning en minder
loopbaankansen 5 .
Dit fenomeen noemt men moederschapsboete: vrouwen betalen letterlijk een prijs
in termen van verloning en carrière wanneer ze moeder worden 30 .
Die achterstand wordt gewoonlijk tijdens de rest van hun carrière niet meer
ingehaald 5, 31 . Voor mannen is er geen sprake van een vaderschapsboete: er wordt
van hen niet verwacht dat ze hun arbeidsuren verminderen als ze kinderen krijgen
en zij maken zelfs meer kans op een promotie wanneer ze vader worden (een
vaderschapspremie) 30 .
30
4. Pensioenkloof
Het pensioen is de samenstelling van het wettelijk pensioen, het aanvullend
pensioen en pensioensparen 32 . Voor de toegang tot en de berekening van de
omvang van een pensioen is sekse wettelijk gezien geen bepalende factor. Toch ligt
het pensioen van vrouwen gemiddeld 26% lager dan dat van mannen, en zelfs 57%
als men enkel kijkt naar het aanvullend pensioen 4, 21 .
De pensioenkloof wordt veroorzaakt door genderverschillen in de loopbaan:
► De loonkloof heeft een negatieve impact op het pensioen van vrouwen
aangezien iemands pensioen onder andere wordt berekend op basis van
diens inkomen 5 .
► De loopbaan van vrouwen is gemiddeld 5.6 jaar korter dan die van mannen
omdat vrouwen vaker een onderbroken en/of deeltijdse loopbaan hebben en
vroeger uit de arbeidsmarkt stappen dan mannen 21 . Dit heeft een negatieve
impact op het pensioen aangezien de omvang ervan onder andere wordt
berekend op basis van de duur van iemands loopbaan 5, 4, 32 .
Aangezien de pensioenregeling voor iedereen gelijk is en geen rekening houdt met
de discriminatie die vrouwen tijdens hun loopbaan ervaren, versterkt de pensioenregeling
de ongelijke positie van vrouwen op oudere leeftijd 33 .
WEETJE
De pensioenkloof gaat enkel over personen die een pensioen
ontvangen. De inkomenskloof tussen alle 65-plussers houdt
ook rekening met diegenen zonder eigen pensioen en ligt
hoger dan de pensioenkloof. Dat komt omdat het aantal
vrouwen zonder eigen pensioen 8.5% hoger is dan het aantal
mannen zonder eigen pensioen. Dit wordt veroorzaakt doordat
het gezinspensioen van heel wat heteroseksuele koppels
enkel aan de mannelijke partner wordt uitgekeerd 4 .
De pensioenkloof maakt voornamelijk alleenstaande vrouwen financieel kwetsbaar
op oudere leeftijd, zeker wanneer zij geen eigen woning bezitten 33 . Door de
aanpassingen die een vrouw maakt tijdens haar loopbaan, bouwt zij namelijk
vaak minder pensioen op dan haar partner. Dat vormt voor een oudere vrouw
een financieel risico wanneer zij scheidt 32 . Ook voor kortgeschoolde vrouwen
(en mannen) vormt de pensioenkloof een risico: de steeds hogere pensioenleeftijd
geldt namelijk ook voor hen, terwijl zij doorgaans minder lang in goede
gezondheid - wat gepaard gaat met hoge kosten - verkeren dan lang geschoolde
personen 32 . Je bent dus niet alleen als vrouw benadeeld bij de pensioenregeling,
maar ook als alleenstaande en kortgeschoolde.
31
5. Zorgkloof
Op een doorsnee werkdag besteden vrouwen gemiddeld 1 uur en 23 minuten
minder aan betaalde arbeid dan mannen, maar werken in totaal - als ook de
onbetaalde arbeid in rekening wordt gebracht - iets meer dan mannen 34, 35 .
Vrouwen hebben namelijk te maken met een tweede shift of een dubbele dagtaak:
na hun betaalde arbeid wacht thuis de onbetaalde arbeid 8 . Vrouwen spenderen
dagelijks gemiddeld 1 uur en 20 minuten meer aan het huishouden en 15 minuten
meer aan de zorg voor kinderen 34 . Ter illustratie: op elk moment van de dag zijn
er in België meer mannen dan vrouwen die betaalde arbeid verrichten en zijn
er meer vrouwen dan mannen die onbetaalde arbeid verrichten 35 . De zorgkloof
is het grootst wanneer jonge kinderen thuis wonen en is groter in het weekend
aan gezien de betaalde arbeid wegvalt, terwijl de onbetaalde ongewijzigd blijft 34, 35 .
De zorgkloof is de voorbije twintig jaar nauwelijks veranderd, en nam zelfs toe
tijdens de COVID-19-pandemie 12, 36 . Als de zorgkloof al kleiner is geworden, dan
komt dit voornamelijk doordat huishoudelijk werk steeds vaker wordt uitbesteed
en niet omdat mannen meer onbetaalde arbeid zijn gaan verrichten 35 .
Vrouwen spenderen
dagelijks gemiddeld
80
minuten
meer aan
het huishouden
WEETJE
Het huishoudelijk werk dat door mannen en vrouwen wordt
opgenomen is genderstereotiep verdeeld. Mannen besteden
meer tijd aan zichtbare taken zoals het gras maaien of de
auto wassen, vrouwen besteden meer tijd aan onzichtbare
taken zoals het plannen van de boodschappen of overleggen
met de poetshulp 35 . Ook de timing van huishoudelijk werk
verschilt: mannen besteden gemiddeld na acht uur ‘s avonds
geen tijd meer aan huishoudelijk werk, vrouwen wel 35 .
Zowel mannen als vrouwen ondervinden moeilijkheden om betaalde en
onbetaalde arbeid met elkaar te combineren 5, 20 . Toch zijn het voornamelijk
vrouwen die concrete aanpassingen doen om deze combinatie haalbaar te maken,
zoals deeltijds werken of het onderbreken van hun loopbaan5.
Een gelijke taakverdeling tussen mannen en vrouwen is daarom een belangrijke
hefboom om de ongelijke positie van vrouwen en mannen op de arbeidsmarkt
weg te werken 17 .
Deze situatie is voor veel vrouwen niet ideaal, maar ook veel mannen zijn hier niet
mee tevreden. Zo wil de helft van de vaders een beetje tot veel minder werken
om meer tijd te kunnen doorbrengen met hun kinderen of partner. Dat is vaak
financieel onhaalbaar (in veel gezinnen verdient de vader het meest, wat een
deeltijdse tewerkstelling onmogelijk maakt) of maatschappelijk niet aanvaard 8 .
32
6. Kinderopvangcrisis
Heel wat gezinnen rekenen op formele kinderopvang om de combinatie tussen
betaalde en onbetaalde arbeid mogelijk te maken: 75% van de kinderen tussen
twee maanden en drie jaar gaat naar de kinderopvang 36 . De Vlaamse kinder opvang
is echter in crisis. Er is een tekort aan opvangplaatsen en de sector kampt met
een groot personeelstekort. Die problemen worden vaak aangepakt door het
aantal kinderen per begeleider te verhogen, wat op zijn beurt leidt tot meer
personeelsuitval en wantoestanden waardoor het probleem nog groter wordt 36 .
Bovendien wordt de kinderopvang - in lijn met andere (on)betaalde zorg - zowel
maatschappelijk als financieel ondergewaardeerd. Het personeel kampt met lage
lonen, moeilijke werkuren en werknemersstatuten die schijnzelfstandigheid in de
hand werken 36 .
Betaalbare, toegankelijke en kwalitatieve kinder opvang
moet gezien worden als een hefboom om de ongelijke
positie van vrouwen en mannen op de arbeidsmarkt weg
te werken.
De kinderopvang(crisis) heeft een grote invloed op de participatie van vrouwen op
de arbeidsmarkt en op hun arbeidsregime. Het zijn namelijk vooral moeders die
ervoor opdraaien wanneer hun gezin niet kan rekenen op formele kinderopvang 36 .
Bovendien zijn zo goed als alle werknemers binnen de kinderopvang vrouwen. Dit
maakt de impact van de kinderopvangcrisis substantieel groter voor vrouwen dan
voor mannen 36 . Betaalbare, toegankelijke en kwalitatieve kinder opvang moet dus
gezien worden als een hefboom om de ongelijke positie van vrouwen en mannen
op de arbeidsmarkt weg te werken.
98%
van de
huishoudhulpen
zijn vrouwen
45%
heeft een migratieachtergrond
7. Zorgketen
In 2020 deden meer dan 700.000 mensen in Vlaanderen beroep op een
huishoudhulp 5, 37 . Hierdoor ontstaat een zorgketen waarbij een externe persoon
zorgt voor het huishouden van een ander gezin. De goedkope arbeid van
huishoudhulpen maakt het voor veel middenklasse gezinnen mogelijk dat
beide ouders voltijds werken 9 .
98% van de huishoudhulpen zijn vrouwen, 45% heeft een migratieachtergrond 9 .
Huishoudhulpen krijgen doorgaans enkel een deeltijds contract, hun uurroosters
wisselen vaak, ze doen fysiek zware arbeid, ze hebben weinig doorgroeimogelijkheden
en ze werken heel geïsoleerd waardoor ze disproportioneel vaak
te maken krijgen met grensoverschrijdend gedrag 9 . Ze hebben vaak zelf een
complexe arbeid-zorgbalans en kunnen zich zelden een huishoudhulp of een
kinder oppas veroorloven.
33
Zo ontstaat een Mattheuseffect: de rijken worden rijker door de goedkope arbeid
van anderen terwijl de armen armer worden. De dienstensector komt met andere
woorden disproportioneel ten goede aan welgestelde gezinnen en draagt in
belangrijke mate bij aan de groeiende ongelijkheid tussen vrouwen en gezinnen
op vlak van klasse en etniciteit 9 .
Waar de arbeid-zorgbalans in de hoogdagen van het kostwinnersmodel voornamelijk
een ongelijkheid tussen mannen en vrouwen inhield, is die ongelijkheid
vandaag opgeschoven naar vrouwen onderling langs sociaal-economische
en raciale breuklijnen. Ondanks deze verschuiving blijft het basisprobleem
ongewijzigd: zorgarbeid, zowel betaald als onbetaald, wordt gezien als vrouwenwerk.
Zelfs het uitbesteden ervan blijkt een vrouwentaak: de meeste aanvragers
van dienstencheques zijn vrouwen 9 .
8. Goede praktijken
De laatste jaren verschenen heel wat publicaties en werden initiatieven opgezet
om de ongelijke positie van vrouwen en mannen op de arbeidsmarkt en in de
combinatie van arbeid en zorg, weg te werken. Hieronder lijsten we een aantal
voorbeelden op:
► Het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen (IGVM) beheert een
databank met goede praktijken voor werkgevers 38 . Deze databank bevat meer
dan zestig goede voorbeelden van verschillende organisaties uit verschillende
sectoren die succesvol een gelijkekansenbeleid hebben uitgewerkt en
geïmplementeerd.
► Het IGVM bracht de gids ‘Het evenwicht tussen werk en privéleven bevorderen bij
zwangere werkneemsters en werkende ouders’ uit 39 . Deze publicatie omvat heel
wat goede praktijken voor werkgevers om de combinatie van betaalde arbeid en
zorg mogelijk te maken.
► Het IGVM ontwikkelde de checklist ‘Sekseneutraliteit bij functiewaardering en
-classificatie’ die gebruikt kan worden om seksediscriminatie op te sporen 40 .
► Het IGVM ontwikkelde de toolkit Parents@Work met onder andere checklists,
goede praktijkvoorbeelden, inspirerende maatregelen en een lexicon 41 . Met deze
toolkit willen zij een praktisch antwoord bieden op de noden van werkgevers om
een gezinsvriendelijk beleid uit te bouwen in hun onderneming.
► Equal Payday en ZijKant trachten met specifieke tips vrouwen te ondersteunen
bij loononderhandelingen tijdens sollicitatie- en evaluatiegesprekken 42 .
34
► De federale overheid ontwikkelde de brochure ‘Werk en vaderschap’ 43 . Deze
brochure is bedoeld voor werkgevers, vakbonden, vaders en moeders en
bespreekt aandachtspunten in verband met vaderschap en werk.
► Movisie bracht een toolbox ‘Zorg en werk in balans voor vrouwen en mannen’
uit 44 . Deze toolbox is bedoeld voor maatschappelijke organisaties die zich
inzetten voor een samenleving waarin vrouwen en mannen gelijke kansen
hebben om betaalde arbeid en zorg te combineren.
► Femma vzw verminderde op eigen initiatief de arbeidsduur van al hun werknemers
met behoud van loon en liet er een onderzoek over uitvoeren 45 .
Collectieve arbeidsduurverkorting kan namelijk zorgen voor een meer gelijke
taakverdeling binnen koppels en maakt zo de combinatie van betaalde arbeid en
zorg gemakkelijker. Dit vermindert de tweede shift van vrouwen aanzienlijk waardoor
zij minder genoodzaakt zijn om hun arbeidsuren te verminderen 46 . Op deze
manier trachten zij iets te doen aan de loon- en zorgkloof van hun medewerkers.
► De quotumwet van 2011 bepaalt dat maximaal twee derde van de leden van
bestuursraden van heel wat grote bedrijven dezelfde sekse mogen hebben 25, 47 .
Deze wet wil meer vrouwen in beslissingsorganen krijgen en zo iets veranderen
aan verticale segregatie op de arbeidsmarkt.
► Campagnes zoals ‘Een zorgjob, ik ga ervoor’ of de denktank ‘Mannen in de
kinderopvang’ willen iets doen aan horizontale segregatie op de arbeidsmarkt
en trachten mannen aan te trekken (en te behouden) in beroepen met een
overwegend vrouwelijk personeelsbestand 26, 48, 49, 50 .
35
Bronnen
1. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (2023). Loonkloofcijfers 2023.
https://igvm-iefh.belgium.be/sites/default/files/loonkloofcijfers_2023.pdf
2. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen & FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg.
(2021). De loonkloof tussen vrouwen en mannen in België: Rapport 2021. https://werk.belgie.be/sites/
default/files/content/publications/FR/Loonkloofrapport%202021.pdf
3. RoSa vzw. (2022, 2 augustus). Loonkloof. Geraadpleegd op 25 augustus 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/arbeid/arbeidsdiscriminatie/loonkloof
4. Barslund, M., Thil, L., Schols, J., & van den Bosch, K. (2023). Studie over de analyse van de genderdimensie
in het Belgische pensioensysteem. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen.
https://igvm-iefh.belgium.be/sites/default/files/rapport_genderdimensie_pensioensysteem.pdf
5. Hoge Raad voor de Werkgelegenheid. (2023). De arbeidsmarktparticipatie van vrouwen.
https://hrw.belgie.be/sites/default/files/content/download/files/hrw_arbeidsmarktparticipatie_van_
vrouwen_20230123.pdf
6. StatBel. (z.d.). Deeltijds werk. Geraadpleegd op 22 augustus 2023,
van https://statbel.fgov.be/nl/themas/werk-opleiding/arbeidsmarkt/deeltijds-werk
7. RoSa vzw. (2022, 2 maart). Gegenderde taakverdeling. Geraadpleegd op 25 augustus 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/arbeid/arbeid-en-zorg/gegenderde-taakverdeling
8. de Blank, M., Holla, S., Glijn, R., & de Jong, E. (2020). Genderstereotypen: waarom we ze hebben,
wat de gevolgen zijn en hoe ze kunnen worden doorbroken. Atria. https://prod-cdn.atria.nl/wp-content/
uploads/2020/07/20165207/Literatuurstudie-genderstereotypering.pdf
9. RoSa vzw. (2022, 29 november). Globale zorgketen. Geraadpleegd op 25 augustus 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/arbeid/arbeid-en-zorg/globale-zorgketen
10. RoSa vzw. (2022, 2 maart). Genderkloof verkleint. Geraadpleegd op 18 augustus 2023.
https://rosavzw.be/nl/themas/arbeid/arbeidsparticipatie/genderkloof-verkleint
11. StatBel. (2023, 14 juni). Werkgelegenheid en werkloosheid. Geraadpleegd op 22 augustus 2023,
van https://statbel.fgov.be/nl/themas/werk-opleiding/arbeidsmarkt/werkgelegenheid-en-werkloosheid
12. Noppe, J., Vanweddingen, M., & Weekers, K. (2021). Maatschappelijke positie en participatie van mannen en
vrouwen. Statistiek Vlaanderen. https://publicaties.vlaanderen.be/view-file/40990
13. RoSa vzw. (2021, 9 februari). Arbeidsparticipatie - leeftijd. Geraadpleegd op 25 augustus 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/arbeid/arbeidsparticipatie/leeftijd
14. Belgium.be. (z.d.). Verlof en loopbaanonderbrekingen. Geraadpleegd op 25 augustus 2023,
van https://www.belgium.be/nl/werk/verlof_en_loopbaanonderbrekingen
15. RoSa vzw. (2022, 26 april). Rol van de overheid. Geraadpleegd op 25 augustus 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/arbeid/arbeid-en-zorg/rol-van-de-overheid
16. van Tienoven, T. P. (2023). Onderzoeksrapport naar vader- en ouderschapsverlof. ZijKant en Vrije Universiteit
Brussel. https://www.equalpayday.be/wp-content/uploads/2023/03/Rapport-ZIJkant-versie-24022023.pdf
17. van Tienoven, T. P., Vrije Universiteit Brussel, TOR, & ZijKant. (2019). Vaderschap: vaderschapsverlof en
de loon- en loopbaankloof [Presentatieslides; PowerPoint].
18. Market Analysis & Synthesis. (2010). De ervaringen van werknemers met vaderschapsverlof in België.
Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. https://igvm-iefh.belgium.be/sites/default/files/
downloads/47%20-%20Vaderschapsverlof_publicatie_NL.pdf
19. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (2017). Studie naar de genderdimensie in
ouderschapsverlof, tijdskrediet en loopbaanonderbreking. https://igvm-iefh.belgium.be/sites/default/
files/116_-_studie_naar_de_genderdimensie_in_ouderschapsverlof_tijdskrediet_en_loopbaanonderbreking.pdf
36
20. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (2020). Arbeid en gezin combineren: Factsheet 2020.
https://igvm-iefh.belgium.be/sites/default/files/downloads/135_-_factsheet_arbeid_en_gezin_
combineren_0.pdf
21. Equal Payday & ZijKant. (2023). Equal Pay Day: Persdossier. https://www.equalpayday.be/wp-content/
uploads/2023/03/Persdossier-Equal-Pay-Day-2023-1.pdf
22. RoSa vzw. (2021, 9 februari). Deeltijds werk. Geraadpleegd op 25 augustus 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/arbeid/arbeidsparticipatie/deeltijds-werk
23. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (z.d.). Loonkloof: oorzaken. Geraadpleegd op
24 augustus 2023, van https://igvm-iefh.belgium.be/nl/activiteiten/arbeid/loonkloof/oorzaken
24. Coenen, A., & Morsink, N. (2018). Deeltijds werk bij vrouwen: een genderkloof onderzocht. Over.Werk.
Tijdschrift van het Steunpunt Werk, 28(1), 61–67. Leuven: Steunpunt Werk / Uitgeverij Acco
25. RoSa vzw. (2022, 6 juli). Arbeidssegregatie. Geraadpleegd op 25 augustus 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/arbeid/arbeidsdiscriminatie/segregatie
26. RoSa vzw. (2022, 4 augustus). Mannen in “zachte” sectoren. Geraadpleegd op 25 augustus 2023,
van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/vorige-edities/26-04-mannen-in-zachte-sectoren
27. RoSa vzw. (2022, 20 juli). Beeldvorming van vrouwelijk leiderschap. Geraadpleegd op 25 augustus 2023,
van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/vorige-edities-2020/27-05-beeldvorming-vanvrouwelijk-leiderschap
28. StatBel. (z.d.). Arbeidsmarkt vanuit een genderoogpunt. Geraadpleegd op 22 augustus 2023,
van https://statbel.fgov.be/nl/visuals/arbeid-en-gender
29. StatBel. (z.d.). Kloof werkgelegenheidsgraad van vrouwen en mannen zonder kinderen volledig gedicht
in 2021. Geraadpleegd op 22 augustus 2023, van https://statbel.fgov.be/nl/nieuws/kloof-werkgelegenheids
graad-van-vrouwen-en-mannen-zonder-kinderen-volledig-gedicht-2021
30. Genderklik. (z.d.). Eens er kinderen op het toneel verschijnen, vieren de genderclichés hoogtij.
Geraadpleegd op 24 augustus 2023, van https://genderklik.be/actualiteit/eens-er-kinderen-op-hettoneel-verschijnen-vieren-de-gendercliches-hoogtij
31. Vermeersch, W. (2018). De 30 urenweek is verrassend realistisch. Samenleving & Politiek, 25(9), 4–11.
https://www.sampol.be/2018/11/de-30-urenweek-is-verrassend-realistisch
32. RoSa vzw. (2022, 20 mei). Pensioenen. Geraadpleegd op 25 augustus 2023,
van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/23-09-pensioenen
33. RoSa vzw. (2021, 7 oktober). Pensioenkloof. Geraadpleegd op 25 augustus 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/arbeid/arbeidsdiscriminatie/pensioenkloof
34. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (z.d.). Combinatie werk-privéleven. Geraadpleegd
op 24 augustus 2023, van https://igvm-iefh.belgium.be/nl/activiteiten/arbeid/combinatie_werk_priveleven
35. Glorieux, I., & van Tienoven, T. P. (2016). Gender en tijdsbesteding. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen
en mannen. https://igvm-iefh.belgium.be/sites/default/files/95_-_gender_en_tijdsbesteding_nl.pdf
36. RoSa vzw. (2023, 20 april). De kinderopvang(crisis) en gendergelijkheid. Geraadpleegd op 25 augustus 2023,
van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/vorige-edities-2022/06-10-de-kinderopvangcrisis-en-gendergelijkheid
37. Het Vlaamse dienstenchequestelsel: jaarrapport 2020. (z.d.). https://www.vlaanderen.be/kennisplatformdepartement-werk-en-sociale-economie/nieuws/het-vlaamse-dienstenchequestelsel-jaarrapport-2020
38. Databank Goede praktijken. (z.d.). Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen.
https://igvm-iefh.belgium.be/nl/activiteiten/arbeid/databank_goede_praktijken
39. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (2021). Het evenwicht tussen werk en privéleven
bevorderen bij zwangere werkneemsters en werkende ouders. https://igvm-iefh.belgium.be/sites/default/
files/parentswork_gids_goede_praktijken.pdf
40. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (2010). Checklist sekseneutraliteit bij functiewaardering
en -classificatie. https://igvm-iefh.belgium.be/sites/default/files/downloads/39%20-%20Checklist_NL.pdf
37
41. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (z.d.). Toolkit Parents@Work. Geraadpleegd op
22 september 2023, van https://igvm-iefh-action.be/nl/parents-at-work.html
42. Equal Payday & ZijKant. (z.d.). 5 recepten om meer te verdienen. Geraadpleegd op 14 september 2023,
van https://www.equalpayday.be/griet/
43. Federale overheid. (2012). Werk en vaderschap: Hoe en waarom tot meer evenwicht komen.
https://igvm-iefh.belgium.be/sites/default/files/downloads/76%20-%20Werk%20en%20vaderschap_NL.pdf
44. Movisie. (2021). Zorg en werk in balans voor vrouwen en mannen. https://www.movisie.nl/sites/movisie.nl/
files/2022-03/Zorg%20en%20werk%20in%20balans%20voor%20vrouwen%20en%20mannen.pdf
45. Vrije Universiteit Brussel. (z.d.). Welwerk. Geraadpleegd op 14 september 2023, van http://www.welwerk.be/
46. RoSa vzw. (2022, 6 juli). De strijd om tijd - Olivier Pintelon. Geraadpleegd op 24 augustus 2023,
van https://rosavzw.be/nl/actualiteit/olivier-pintelon-de-strijd-om-tijd-2018
47. Belgische Kamer van Volksvertegenwoordigers. (2017). De aanwezigheid van vrouwen in de raden van
bestuur. https://www.dekamer.be/flwb/pdf/54/3724/54K3724001.pdf
48. Meer mannen in de kinderopvang: voordelen op alle vlakken. (z.d.).
https://www.vvsg.be/nieuws/meer-mannen-in-de-kinderopvang-voordelen-op-alle-vlakken
49. Vlaamse overheid. (z.d.). Een zorgjob, ik ga ervoor. Geraadpleegd op 14 september 2023,
van https://www.ikgaervoor.be/
50. Gelijke Kansen, Integratie en Inburgering. (2023). Beleids- en begrotingstoelichting: Begroting 2023.
https://fin.vlaanderen.be/wp-content/uploads/2022/11/2023_BO_Beleids-en-begrotingstoelichting_
Gelijke-Kansen-en-Integratie-en-Inburgering.pdf
38
39
40
Onderwijs
en opvoeding
1. Gender in opvoeding 42
2. Gender in het onderwijs 43
2.1 Verticale segregatie in het onderwijs 43
2.1.1 Ongelijke vertegenwoordiging in verschillende onderwijsvormen 43
2.1.2 Ongelijke vertegenwoordiging op verschillende onderwijsniveaus 44
2.2 Horizontale segregatie in het onderwijs 45
2.3 Genderverschillen in onderwijsprestaties 46
2.4 Gender in schoolreglementen en -beleid 47
2.5 Feminisering van het onderwijs 48
3. De impact van gender op interacties 50
4. De impact van gender op speelgoed en educatief materiaal 51
5. Goede praktijken 52
Bronnen 53
41
Onderwijs en opvoeding
Gender beïnvloedt, doorgaans op een impliciete en onbewuste manier, het gedrag
van ouders, voogden, zorgfiguren, opvoeders en leerkrachten en speelt zowel in
de opvoeding als in het onderwijs een grote rol. Gender veroorzaakt of vergroot
verschillen tussen meisjes en jongens thuis, in de kinderopvang en in het basis-,
secundair en hoger onderwijs die zich later onder andere vertalen naar genderverschillen
op de arbeidsmarkt 1 .
1. Gender in opvoeding
Toekomstige ouders krijgen vaak de vraag of ze in verwachting zijn van een
meisje of een jongen. Op basis van dat antwoord worden sociale verwachtingen
gekoppeld aan het ongeboren kind 2 . Het bepaalt niet alleen welk soort speelgoed
de baby zal krijgen of welke ‘proficiat’-kaartjes de ouders ontvangen, maar
beïnvloedt ook meer fundamentele zaken zoals welk gedrag men van een kind
verwacht, welke karaktereigenschappen worden aangemoedigd en afgekeurd of
welke toekomstvisies we voor het kind in kwestie voor ogen hebben. Wanneer
deze verwachtingen exclusief gebaseerd zijn op genderstereotypen en daarbij
(on)bewust andere opties worden uitgesloten, dan worden kinderen in een
bepaalde richting geduwd zonder rekening te houden met persoonlijke
interesses en talenten 3 . Dat beïnvloedt het welzijn van kinderen en jongeren,
ook op lange termijn.
Het gedrag van ouders en zorgfiguren heeft een grote
impact op de attitudes die kinderen ontwikkelen over wat
voor jongens (niet) oké is en wat voor meisjes (niet) oké
is.
Gender heeft een grote impact op de boodschappen die aan kinderen worden
gegeven, zowel op een directe manier (bv. door bepaalde verwachtingen uit te
spreken zoals ‘je hoeft niet te huilen, stoere jongen’) als op een indirecte manier (bv.
door kinderen enkel te stimuleren en toe te juichen om mee te helpen met genderstereotiepe
klusjes waarbij meisjes gevraagd worden om te helpen bij het poetsen
en jongens bij onderhoudswerken) 3, 4 . Het gedrag van ouders en zorgfiguren heeft zo
een grote impact op de attitudes die kinderen ontwikkelen over wat voor jongens
(niet) oké is en wat voor meisjes (niet) oké is 3 . Gender heeft ook een grote invloed
op het materiaal dat voor kinderen ontworpen wordt: heel wat speelgoed, boeken,
schoolmateriaal, enzovoort zijn gebaseerd op genderstereotypen (zie ‘De impact van
gender op speelgoed en educatief materiaal’ op pagina 51).
42
2. Gender in het onderwijs
2.1 Verticale segregatie in het onderwijs
Verticale segregatie is de ongelijke vertegenwoordiging van mannen en vrouwen
op verschillende hiërarchische niveaus. In het onderwijs verwijst verticale
segre gatie naar de ongelijke vertegenwoordiging van jongens en meisjes in zowel
verschillende onderwijsvormen als op verschillende onderwijsniveaus 5 .
Goed om weten
Als we het in dit verslag hebben over onderwijsvormen, dan
hebben we het over het algemeen (ASO), technisch (TSO), kunst
(KSO) en beroeps (BSO) secundair onderwijs. Deze onderwijsvormen
worden momenteel hervormd naar een doorstroomen
een arbeidsmarktfinaliteit, maar deze hervorming is nog
niet volledig doorgevoerd 6 . Recente cijfers rapporteren bovendien
nog niet over de vernieuwde onderwijsvormen, waardoor
we steeds verwijzen naar de oude onderwijsvormen.
2.1.1 Ongelijke vertegenwoordiging in verschillende onderwijsvormen
Meisjes en jongens zijn ongelijk vertegenwoordigd in het KSO, BSO, ASO en TSO 5 .
Hoe ouder leerlingen zijn, hoe duidelijker de onder- of oververtegenwoordiging
van een sekse in een bepaalde onderwijsvorm is 1, 7 . Zo zijn meisjes in de derde
graad van het secundair onderwijs met 70% oververtegenwoordigd in het KSO en
met 58% in het ASO 8 . Jongens zijn in de derde graad van het secundair onderwijs
met 57% oververtegenwoordigd in het TSO en met 56% in het BSO 8 . Ook in het
deeltijds beroepssecundair onderwijs (dBSO) en in het buitengewoon secundair
onderwijs (BuSO) zijn jongens oververtegenwoordigd met respectievelijk 66% en
67% van de leerlingen 1, 7, 8, 9 .
De verschillende onderwijsvormen van het secundair onderwijs gaan gepaard
met een verschillende maatschappelijke waardering. Het BSO en het BuSO
kampen met de laagste waardering, het ASO geniet het hoogste aanzien 10 . Dit
verschil vloeit voort uit het feit dat arbeid die beroep doet op ons denkvermogen
maatschappelijk meer wordt gewaardeerd dan handenarbeid 11 . Het TSO, KSO en
vooral BSO gaan gebukt onder stigmatisering die versterkt wordt door negatieve
berichtgeving in de media en door de bredere samenleving 11 . Dit zorgt voor
43
een hiërarchie: er is een watervalsysteem waarbij leerlingen ‘zakken’ naar een
‘lagere’ onderwijsvorm wanneer ze van studierichting veranderen na bijvoorbeeld
een B- of C-attest. Jongeren eigenen zich deze verschillende waardering toe:
leerlingen schatten onder andere het imago, het intellect en de opleiding in het
ASO hoger in dan in het BSO 11 . Dit resulteert bij leerlingen in het BSO en TSO in
negatieve school attitudes als antwoord op het statusverlies dat ze lijden door in
die onderwijsvorm les te volgen 12 . Daarnaast resulteert dit ook in een lagere zelfwaardering
bij leerlingen in het BSO en TSO 12 . Deze effecten zien we voornamelijk
bij jongens omwille van hun oververtegenwoordiging in deze onderwijsvormen en
dragen bij tot het onderpresteren van jongens op school (zie ‘Genderverschillen in
onderwijsprestaties’ op pagina 46) 5 .
2.1.2 Ongelijke vertegenwoordiging op verschillende onderwijsniveaus
Mannen en vrouwen nemen in verschillende mate deel aan het hoger onderwijs
5 . Doordat meisjes vaker een diploma van het ASO behalen dan jongens, zijn
vrouwen met 57% oververtegenwoordigd in het hoger onderwijs 1, 8 . Vrouwelijke
studenten kiezen vaker dan hun mannelijke collega’s voor een professioneel
gerichte opleiding aan een hogeschool dan voor een academische opleiding aan
een universiteit, waardoor de oververtegenwoordiging van vrouwen op hogescholen
(59%) groter is dan die op universiteiten (55%) 5, 8 . Dat heeft een effect
op de toekomstige carrière van studenten en draagt bij aan de horizontale en
verticale segregatie op de arbeidsmarkt.
Als we verder op de onderwijsladder klimmen, verdwijnt het overwicht van
vrouwen. Vrouwelijke en mannelijke studenten starten ongeveer even vaak met
een doctoraat en hebben ongeveer een even grote kans om hun doctoraat af te
ronden (binnen de exacte en humane wetenschapsdomeinen ligt de slaagkans
voor mannelijke doctorandi wel iets hoger dan voor vrouwen) 13, 14 . Het aandeel
vrouwen daalt op een postdoctoraal niveau verder (39% van postdoctorale
medewerkers is vrouw) 15 . Die evolutie zet zich voort en tekent zich af in een
onder vertegenwoordiging van vrouwen in universitaire personeelsbestanden:
slechts 32% van de hoofddocenten, 26% van de hoogleraars en 19% van de
(buiten)gewone hoogleraars is vrouw 15 .
26%
van de
hoogleraars is
een vrouw
Vrouwen die er toch in slagen om bovenaan de wetenschappelijke ladder te
geraken, kunnen op een andere ongelijkheid stuiten: het Matilda-effect. Dat is
het verschijnsel dat de prestaties van vrouwen onterecht worden toegekend
aan mannen. Er bestaan veel historische voorbeelden, maar ook nu nog is
het relevant. 45
44
2.2 Horizontale segregatie in het onderwijs
In het volwassenenonderwijs
zijn
studierichtingen
zoals huishoudelijke
decoratie,
naaitechnieken en
lichaamsverzorging
goed voor
90%
vrouwelijke
cursisten
Horizontale segregatie is de ongelijke vertegenwoordiging van mannen en vrouwen
in verschillende sectoren. In het onderwijs verwijst horizontale segregatie naar
de ongelijke vertegenwoordiging van jongens en meisjes in verschillende studierichtingen
1, 16 . Hoewel in het basisonderwijs geen verschillende studierichtingen
zijn, manifesteert dit fenomeen zich hier al wel: meisjes worden meer gestimuleerd
in creatieve en sociale vaardigheden, jongens in wiskundige en oplossingsgerichte
vaardigheden 16 . Door verschillende stimulatie worden jongens en meisjes goed in
verschillende vaardigheden, wat hun voorkeuren beïnvloedt.
Deze verschillen tekenen zich verder af in het secundair onderwijs. Binnen de
studiedomeinen ‘Economie en organisatie’, ‘Land- en tuinbouw’, ‘Sport’ en ‘STEM’
zijn jongens oververtegenwoordigd, in de studiedomeinen ‘Kunst en creatie’,
‘Maatschappij en welzijn’ en ‘Taal en cultuur’ zijn meisjes in de meerderheid 8 .
Horizontale segregatie is voornamelijk voelbaar in het BSO, KSO en TSO in
studierichtingen zoals ‘Auto’, ‘Houtbewerking’, ‘Moderealisatie’ en ‘Verzorging’, die
bijna uitsluitend uit jongens of meisjes bestaan 8, 9, 16, 17 . Maar ook in het ASO is het
opvallend dat meer meisjes kiezen voor een menswetenschappelijke- of taalkundige
studierichting en jongens vaker voor een wiskundige of wetenschappelijke
studierichting 7, 9, 16 .
Als beroepen exclusief of voornamelijk door mannen of
vrouwen worden afgebeeld en gerepresenteerd, dan heeft
dit genderstereotiepe keuzes tot gevolg.
In het volwassenenonderwijs
zijn
studierichtingen
zoals chemie, auto
en lassen goed voor
90%
mannelijke
cursisten
Dit fenomeen zet zich voort in het hoger onderwijs: vrouwelijke studenten kiezen
vaker voor opleidingen met betrekking tot onderwijs, zorg, sociaal werk en taal,
mannelijke studenten kiezen vaker voor bedrijfs-, economische en wetenschappelijke
opleidingen 16 . Dit vertaalt zich in een hoger aantal diploma’s van wiskunde,
wetenschappen en technologie bij mannen en een hoger aantal diploma’s van
gezondheidszorg, onderwijs en sociaal-agogisch werk bij vrouwen 7, 17 . Ook in het
volwassenenonderwijs is sprake van horizontale segregatie. De richtingen ‘huishoudelijke
decoratie en naaitechnieken’, ‘lichaamsverzorging’ en ‘textiel’ bestaan
voor meer dan 90% uit vrouwelijke cursisten, terwijl meer dan 90% van de
cursisten in de studies ‘auto’, ‘chemie’, ‘lassen’ en ‘maritieme diensten’ man is 8 .
Als beroepen exclusief of voornamelijk door mannen of vrouwen worden
afgebeeld en gerepresenteerd, dan heeft dit genderstereotiepe keuzes tot gevolg 4 .
Genderstereotypen spelen een grote rol in studiekeuzes 4 . Dat is zeker bij
jongeren het geval: genderstereotypen die leven in de vriendengroep van meisjes
bepalen mee hun uitval uit wetenschappelijke of wiskundige studierichtingen 9, 16 .
Genderstereotypen - en stereotypen over andere betekenisgevers zoals etniciteit
of sociaal-economische status - beïnvloeden ook hoe beroepen worden afgebeeld
en gerepresenteerd in de klas en daarbuiten. Wanneer iemand zich niet kan
45
identificeren met dat beeld, kiest die minder snel voor een studie die tot
dat beroep leidt 4 . Als beroepen exclusief of voornamelijk door mannen of
vrouwen worden afgebeeld en gerepresenteerd, heeft dit genderstereotiepe
keuzes tot gevolg 4 .
WEETJE
Omdat ‘mannelijke’ eigenschappen hoger gewaardeerd
worden dan ‘vrouwelijke’, botsen jongens die kiezen voor
een studierichting met overwegend meisjes op meer
drempels dan meisjes die kiezen voor een studierichting
met over wegend jongens 18 . Bovendien zorgt de verwachting
van slechte loon- en arbeidsvoorwaarden die doorgaans
gepaard gaan met beroepen met een overwegend vrouwelijk
personeelsbestand voor een extra drempel voor jongens
om te kiezen voor een studierichting zoals verpleegkunde
of kleuterleerkracht 19 .
2.3 Genderverschillen in onderwijsprestaties
Hoewel er geen noemenswaardige verschillen bestaan in de prestaties van jongens
en meisjes in het basisonderwijs, zijn die er wel in het secundair onderwijs:
► Jongens hebben een grotere schoolachterstand dan meisjes: 28% van de jongens
herhaalt minstens één leerjaar ten opzichte van 22% van de meisjes 20 . Ook
schoolachterstand van meer dan één of twee jaar komt vaker voor bij jongens 7 .
Dit verschil tussen meisjes en jongens manifesteert zich in alle onderwijsvormen,
maar is het kleinst in het ASO (1.4% van de meisjes en 2.4% van de jongens in het
ASO heeft een schoolse vertraging van twee jaar of meer) en het grootst in het
KSO (6.7% van de meisjes en 13.7% van de jongens in het KSO heeft een schoolse
vertraging van twee jaar of meer) 7, 9 .
► 15% van de jongens verlaat het onderwijs vroegtijdig zonder diploma, tegenover
9% van de meisjes 7, 20 . De kans hierop is het grootst in het BSO en TSO - waar
jongens oververtegenwoordigd zijn - en wanneer iemands schoolachterstand
twee jaar of meer bedraagt - wat vaker voorkomt bij jongens dan bij meisjes.
► Meisjes scoren beter op vlak van leesvaardigheid dan jongens, terwijl jongens
beter scoren dan meisjes op vlak van wiskundige geletterdheid 9 . Dit wordt deels
veroorzaakt doordat jongens hun wiskundige intelligentie vaak overschatten
omwille van het stereotiepe idee dat ‘jongens beter zijn in wiskunde dan
meisjes’. Omgekeerd verwachten meisjes dat ze minder goed presteren in
wiskunde, wat hun testresultaten negatief beïnvloedt 4 .
Deze trend zet zich voort in het hoger onderwijs: mannelijke studenten doen
er zowel bij professionele als academische opleidingen gemiddeld langer over
46
om hun bachelordiploma te behalen. Ze stoppen na het eerste jaar vaker met
studeren en behalen minder van de studiepunten die ze opnemen in vergelijking
met vrouwelijke studenten 7, 18 . Dit heeft als gevolg dat vrouwen in zo goed als elke
leeftijdsgroep langer geschoold zijn dan mannen 9 . In België heeft 51.3% van de
vrouwen en 42.2% van de mannen tussen 25 en 64 jaar in 2022 een diploma van het
hoger onderwijs 21 .
Vrouwen zijn in zo goed als elke leeftijdsgroep langer
geschoold dan mannen.
Bij deze prestatieverschillen spelen maatschappelijke en sociale aspecten een
belangrijke rol. Zo is het voor jongens een grotere uitdaging om goede schoolresultaten
te rijmen met een sterke sociale status 18 . Genderstereotypen doen
namelijk geloven dat jongens ‘van nature’ intelligent zouden zijn. Hard werken
voor school, discipline en huiswerk maken, druisen in tegen dit stereotiepe beeld.
Daardoor ontwikkelen jongens strategieën om niet te laten opvallen dat ook
zij werken om goede schoolresultaten te behalen. Het belang van gender in de
prestatieverschillen op school moet echter genuanceerd worden: een kwetsbare
sociaaleconomische status en het hebben van een migratieachtergrond zijn betere
voorspellers voor slechte schoolprestaties dan gender 18 .
2.4 Gender in schoolreglementen en -beleid
Heel wat scholen hebben geen proactief beleid rond gender 22 . Als er al aandacht
voor gender is in het schoolbeleid, dan is dat vaak een reactie op een uitdaging
waar een school op dat moment voor staat 23 . Dit kan ervoor zorgen dat heel wat
genderstereotypen in een schoolreglement en -beleid sluipen of door de jaren
heen zijn geslopen en nooit zijn herzien:
► Gender beïnvloedt de communicatie van een school met leerlingen en hun
zorgfiguren: inschrijfformulieren die peilen naar de contactgegevens van ‘de
moeder en de vader’ zonder rekening te houden met diversiteit binnen gezinnen,
moeders die sneller worden opgebeld wanneer een leerling zich niet goed voelt,
enzovoort 23 .
► Gender beïnvloedt de rollen en taken die leerkrachten opnemen. Zo worden
mannelijke leerkrachten eerder ingeschakeld voor hulp bij praktische en fysieke
taken en vrouwelijke leerkrachten bij zorgtaken 23 .
► Speelplaatsen zijn vaak op een permanente manier ingedeeld: er is bijvoorbeeld
een voetbalveld, een basketring en er zijn banken aan de rand van de speelplaats.
Een vaste indeling geeft het signaal dat bepaalde plaatsen enkel voor
bepaalde groepen zijn, en daar speelt gender een rol in 23 .
47
► Genderstereotypen sluipen in kledingvoorschriften. Zulke voorschriften gelden
op papier doorgaans voor iedereen, maar het zijn meestal meisjes die te horen
krijgen dat hun kledij ‘ongepast’ of ‘te onthullend’ is: zulke kledij zou mannelijke
leerlingen afleiden of seksueel grensoverschrijdend gedrag uitlokken 24 . Dit beeld
is zowel voor meisjes als jongens schadelijk: meisjes krijgen de verantwoordelijkheid
voor het (grensoverschrijdend) gedrag van anderen en jongens krijgen
af te rekenen met het beeld dat ze hun verlangens niet onder controle kunnen
houden. Bovendien gaan kledingvoorschriften vaak uit van een rigide onderscheid
tussen jongens en meisjes op basis van sekse. Hierdoor worden lichamen
en expressies die hiervan afwijken, gestraft en kunnen kledingvoorschriften een
enorme drempel vormen voor non-binaire, trans- of queerjongeren 24 .
► Veel scholen verbieden hoofddeksels, en dus ook hoofddoeken 25 . Meisjes
die een hoofddoek dragen, hebben daardoor een veel beperkter aanbod van
scholen waar zij welkom zijn of voelen zich genoodzaakt om een deel van
hun identiteit naast zich neer te leggen wanneer ze hun hoofddoek op school
moeten afnemen 26 . Het hoofddoekenverbod op scholen schendt niet alleen
fundamentele mensenrechten zoals het recht op godsdienstvrijheid en het recht
op zelfbeschikking, maar het bewerkstelligt ook de uitsluiting van een specifieke
groep meisjes 26 .
WEETJE
Het hoofddoekenverbod heeft ook een grote impact op
vrouwelijke leerkrachten in opleiding. Heel wat studenten
die een hoofddoek dragen, beginnen bijvoorbeeld niet aan
een lerarenopleiding, doen er langer over om hun diploma
te behalen omdat ze maar moeilijk een stageplaats vinden of
moeten zonder diploma afhaken omdat ze geen stageplaats
vinden 25, 27 . Het hoofddoekenverbod discrimineert op basis
van gender en op basis van religie en draagt bij aan het
huidige lerarentekort 26 .
2.5 Feminisering van het onderwijs
Het personeelsbestand van het Vlaams onderwijs is de afgelopen decennia overwegend
vrouwelijk geworden. Men spreekt ook wel van de feminisering van het
onderwijs. Zo bestaat het publiek van de lerarenopleidingen voor 67% uit vrouwen,
net zoals 88% van het personeel in het basisonderwijs, 65% van het personeel
in het secundair onderwijs, 70% van het personeel in het volwassenenonderwijs
en 82% van het personeel in de centra voor leerlingenbegeleiding (CLB’s) 8 . In het
buitengewoon basis- en secundair onderwijs valt de feminisering het meest op
met respectievelijk 88% en 72% vrouwelijke personeelsleden 8, 16 . Opvallend: hoe
‘hoger’ men op de onderwijsladder klimt, hoe kleiner het aandeel vrouwelijke
personeelsleden 9 . Zo bestaat het personeelsbestand van Vlaamse universiteiten
88%
van het personeel
in het
basisonderwijs
is vrouwelijk
48
voor 48% uit vrouwen, tegenover 60% in de hogescholen 8 . Mannen geven
verschillende redenen aan waarom ze de stap naar het onderwijs niet zetten: te
weinig ervaring in het omgaan met (jonge) kinderen, een gebrek aan mannelijke
mede studenten en collega’s en het gebrek aan prestige dat met het beroep van
leerkracht gepaard gaat 28 .
WEETJE
De vakken die leerkrachten doceren, zijn genderstereotiep
verdeeld. Zo zijn er meer mannelijke leerkrachten die
wiskunde geven en meer vrouwelijke leerkrachten die
zorgkundige vakken doceren 16 . Ook de manier waarop leerkrachten
kwalitatieve relaties aangaan met hun leerlingen,
is gestoeld op genderstereotypen. Zo creëren vrouwelijke
leerkrachten betekenisvolle relaties door gebruik te maken
van hun inlevingsvermogen en empathie, terwijl mannelijke
leerkrachten dat eerder doen door te experimenteren in de
klas 29 . Hoewel dit beide kwalitatieve manieren zijn om relaties
met leerlingen aan te gaan, houdt deze exclusieve opdeling
genderstereotypen mee in stand.
Er bestaat geen negatieve link tussen de sekse of de genderidentiteit van een
leerkracht en de onderwijsprestaties van leerlingen. Leerlingen scoren dus niet
beter of slechter naargelang ze les krijgen van een vrouw of man 28 . Een gebrek aan
mannelijke leerkrachten kent echter andere nadelen:
► Er is een gebrek aan positieve, mannelijke rolmodellen. Daar zouden jongens,
maar ook meisjes, mee gebaat zijn 28 .
► Door de feminisering van het personeelsbestand worden ook het klasklimaat
en de verwachtingen tegenover leerlingen genderstereotiep ingevuld 28 . Zo
wordt doorgaans in de klas verwacht dat leerlingen beheerst, rustig, sociaal en
gehoorzaam zijn. Dat zijn verwachtingen die voor jongens moeilijker haalbaar
zijn omdat ze indruisen tegen stereotiepe verwachtingen voor jongens 28 . Jongens
zijn doorgaans namelijk iets drukker, weerbarstiger en beweeglijker dan meisjes
omdat ze die stereotiepe verwachting meekrijgen. Dit kan hun schoolprestaties
negatief beïnvloeden.
► Diverse teams maken betere beslissingen 28 . Schoolteams met een genderevenwicht
(maar ook met een vertegenwoordiging van minderheidsgroepen
zoals leerkrachten met een migratieachtergrond of een handicap), maken betere
beslissingen dan onevenwichtige teams.
Meer mannen voor de klas heeft dus geen directe impact op de cognitieve
ontwikkeling van leerlingen, maar kan wel stereotiepe opvattingen, zeker over
mannen en mannelijkheid, doorbreken 28 .
49
3. De impact van gender op interacties
Ouders, voogden, zorgfiguren, opvoeders en leerkrachten vinden het doorgaans
belangrijk om kinderen en jongeren gelijk te behandelen. Toch schuilen er - doorgaans
onbewust - heel wat genderstereotypen in de interactie tussen enerzijds
ouders, voogden, zorgfiguren, opvoeders en leerkrachten en anderzijds kinderen
en jongeren 30 . Genderstereotypen lijken dan ook vaak sterker te zijn dan goede
intenties om alle kinderen en jongeren dezelfde kansen te bieden. Net omdat
stereotypen hardnekkig zijn en we ze vaak onbewust meenemen en bevestigen,
beseffen we niet altijd dat we dit doen. Bewustwording hierover is belangrijk want
een behandeling die enkel ruimte laat voor genderstereotypen heeft een effect op
het welzijn van kinderen en jongeren, de keuzes die zij maken, de prestaties die zij
op school behalen, enzovoort 31, 32 .
Voorbeelden
Vanuit stereotiepe ideeën en normen…
► … worden meisjes niet snel berispt wanneer ze spelen op een manier die
we stereotiep aan jongens linken (zoals klimmen in de bomen). Jongens
daaren tegen worden wel sneller aangesproken of berispt wanneer ze
bijvoorbeeld spelen met speelgoed dat ‘voor meisjes is bedoeld’ 33 .
Eigenschappen geassocieerd met jongens worden namelijk hoger
gewaardeerd dan eigen schappen geassocieerd met meisjes.
► … verwachten opvoeders en leerkrachten meer hinderlijk gedrag van jongens
en houden hen daardoor nauwer in de gaten. Dat zorgt ervoor dat volwassenen
doorgaans strenger zijn voor jongens dan voor meisjes 32 . Jongens worden
bijvoorbeeld dubbel zo vaak berispt in de klas, maar ze vertonen niet dubbel
zo vaak gedrag dat als storend wordt ervaren 32, 34 . Dit kan de leerkansen van
jongens verkleinen 31 .
► … wordt feedback op een verschillende manier gegeven aan meisjes dan aan
jongens. Ook de inhoud van die feedback is verschillend. Meisjes worden vooral
(verbaal) geprezen wanneer ze lief en zorgzaam zijn, jongens krijgen sneller een
schouderklopje wanneer ze initiatief nemen of iets zelfstandig uitdokteren 34 .
Volwassenen geven doorgaans meer complimenten aan kinderen en jongeren
wanneer ze genderstereotiep gedrag vertonen 34 .
► … worden jongens meer aangemoedigd om het woord te nemen, zeker
wanneer het gaat om onderwerpen die stereotiep eerder met mannen
worden geassocieerd. Bovendien krijgen jongens gemiddeld langer het woord
dan meisjes 34 .
50
4. De impact van gender op speelgoed
en educatief materiaal
Gender heeft een impact op speelgoed en educatief materiaal. Wie vandaag in een
speelgoedwinkel komt, kan niet om de opdeling tussen zogenaamd meisjes- en
jongensspeelgoed heen: roze puzzels met prinsessen, blauwe speelgoed kranen,
roze tutu’s met veel glitter of blauwe bouwsets om een raket mee te maken 33 . Ook
heel wat boeken bevatten genderstereotypen: jongens worden stoer, onafhankelijk,
avontuurlijk en competitief afgebeeld en omschreven, terwijl meisjes eerder rustig,
zorgzaam, lief en emotioneel worden afgebeeld 35 . Deze gegenderde materialen
hebben een invloed op de ontwikkeling van talenten en interesses van kinderen en
jongeren en zodoende ook op de keuzes die ze later maken.
Wie vandaag in een speelgoedwinkel komt, kan niet om
de opdeling tussen zogenaamd meisjes- en jongensspeelgoed
heen: roze puzzels met prinsessen, blauwe
speelgoedkranen, roze tutu’s met veel glitter of blauwe
bouwsets om een raket mee te maken.
Ook formeel lesmateriaal houdt onbewust genderstereotypen mee in stand. Vrouwen
worden bijvoorbeeld vaker afgebeeld bij huishoudelijke activiteiten, mannen
worden vaker afgebeeld in leidinggevende posities 4 . Als het gaat om beroepen,
worden mannen bij heel wat verschillende beroepen afgebeeld (astronaut, bouwvakker,
politieagent, atleet, …), terwijl dit voor vrouwen vaak beperkt is en erg
stereotiep wordt ingevuld (leerkracht of verpleegkundige). Als we de beschikbare
handboeken geschiedenis van de eerste graad secundair onderwijs onder de loep
nemen, wordt duidelijk dat ze zowel impliciet als expliciet heel wat genderstereotypen
onderschrijven zonder ze uit te dagen of het verhaal breder te trekken 32 :
► Vrouwen worden systematisch minder vaak weergegeven dan mannen, zowel
in tekst als in beeld. Als ze in geschiedkundige verhalen worden vermeld, is dat
doorgaans als ‘ondersteuner van haar echtgenoot’.
► Vrouwen worden vaker in de privésfeer afgebeeld. Als vrouwen al beroepsmatig
worden afgebeeld, is dat dikwijls in een zorgberoep of in een beroep met een
lage maatschappelijke status.
► Naar vrouwen wordt vaker verwezen als ‘moeder’, ‘dochter’ of ‘echtgenoot’ dan
dat naar mannen wordt verwezen als ‘vader’, ‘zoon’ of ‘echtgenoot’. Mannen
worden eerder beschreven aan de hand van hun beroep of functie.
► De vermeldingen van vrouwen bevinden zich voornamelijk in de sociale en
culturele domeinen van handboeken en amper in de politieke of economische
domeinen.
51
► Verhalen van vrouwen gaan doorgaans over het huwelijk, het grootbrengen van
kinderen of het huishouden. Verhalen waarin mannen de hoofdrol spelen gaan
voornamelijk over arbeid, politiek of militaire zaken.
WEETJE
Ook andere vormen van diversiteit ontbreken in speelgoed en
educatief materiaal. Zo zijn personen van kleur systematisch
ondergerepresenteerd, zowel in beeld als in tekst, en worden
zij vaker afgebeeld bij beroepen met een lage maatschappelijke
status 4 . Gezinnen worden doorgaans afgebeeld als
witte heteroseksuele koppels met twee kinderen, terwijl
eenoudergezinnen, ouders of kinderen met een handicap,
holebi-koppels, enzovoort niet te bespeuren zijn 36 . Individuen,
groepen en gezinnen die zich op verschillende intersecties
bevinden, worden al helemaal niet weergegeven.
5. Goede praktijken
Er bestaan heel wat initiatieven die een genderbewuste aanpak op school of een
genderbewuste opvoeding uitdragen of willen ondersteunen. Hieronder lijsten we
een aantal voorbeelden op:
► RoSa vzw bracht (tot nu toe) drie toolkits uit om genderbewust(er) aan de slag te
gaan in de klas en op school: een toolkit voor de kleuterschool, een toolkit voor
het lager onderwijs en de buitenschoolse kinderopvang en een toolkit voor het
secundair onderwijs 37, 38, 39 . Daarnaast vind je op RoSa’s website ook tips omtrent
genderbewust opvoeden 2 .
► Het Vlaams Agentschap Opgroeien maakte de publicatie ‘Genderbewust
opvoeden’ met uitleg over gender, wat de gevolgen ervan zijn en hoe je als
ouder of opvoeder een genderbewuste aanpak kan hanteren 40 . Ze maakten
ook de hand-out Groeimee.be met concrete tips en tricks over een genderbewuste
opvoeding 41 .
► Op de website van het Agentschap Opgroeien vind je een verzameling van
publicaties omtrent genderbewust opvoeden en genderbewust lesgeven 42 .
► Artevelde Hogeschool voerde het project Genderpro(o)f! uit bij verschillende
teams van basisscholen, kinder- en buitenschoolse opvang om hun genderbewust
handelen te stimuleren 43 .
52
► Het Procrustes-team deed in 2015 een onderzoek naar hoe ze de genderkloof
inzake schoolprestaties in het secundair onderwijs kunnen verkleinen. Uit dit
onderzoek kwam de Procrustes-toolbox met kant-en-klare tools voor leerkrachten
om genderbewust aan de slag te gaan in de klas 44 .
Bronnen
1. RoSa vzw. (2021, 6 mei). Gender en socialisatie. Geraadpleegd op 14 september 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/onderwijs-en-opvoeding/gender-en-socialisatie
2. RoSa vzw. (2022, 23 februari). Genderbewust opvoeden. Geraadpleegd op 19 september 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/onderwijs-en-opvoeding/genderbewust-opvoeden
3. RoSa vzw. (2021, herfst). Herfst/Winter 2021: Ouderschap. Geraadpleegd op 29 september 2023,
van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/uitgelezen/herfst-winter-2021-ouderschap
4. de Blank, M., Holla, S., Glijn, R., & de Jong, E. (2020). Genderstereotypen: waarom we ze hebben,
wat de gevolgen zijn en hoe ze kunnen worden doorbroken. Atria.
https://prod-cdn.atria.nl/wp-content/uploads/2020/07/20165207/Literatuurstudie-genderstereotypering.pdf
5. RoSa vzw. (2021, 6 mei). Verticale onderwijssegregatie. Geraadpleegd op 14 september 2023, van
https://rosavzw.be/nl/themas/onderwijs-en-opvoeding/onderwijsparticipatie/verticale-onderwijssegregatie
6. Vlaamse overheid. (z.d.). Het voltijds gewoon secundair onderwijs. Geraadpleegd op 18 september 2023,
van https://onderwijs.vlaanderen.be/nl/secundair/het-voltijds-gewoon-secundair-onderwijs
7. Noppe, J., Vanweddingen, M., & Weekers, K. (2021). Maatschappelijke positie en participatie van mannen
en vrouwen. Statistiek Vlaanderen. https://publicaties.vlaanderen.be/view-file/40990
8. Departement onderwijs en vorming. (2022). Vlaams onderwijs in cijfers 2021-2022.
https://publicaties.vlaanderen.be/view-file/54093
9. Noppe, J., Vanweddingen, M., Weekers, K., & Studiedienst Vlaamse Regering. (2017).
Vlaamse gendermonitor 2016. Jeroen Windey. https://publicaties.vlaanderen.be/view-file/24544
10. Verhaeghe, W. (2023, 5 juni). Meer waardering voor BSO en TSO graag. Maar dan nu echt. Klasse.
Geraadpleegd op 30 september 2023, van https://www.klasse.be/635736/oprechte-waardering-bso-tso/
11. Van Gasse, R., Van Cauteren, C., Vanhoof, J., & De Maeyer, S. (z.d.). Maatschappelijk aanzien van
onderwijsvormen: feit of mythe? T.O.R.B., 2013–14(1), 42–52.
12. Van Houtte, M. (2010). De structurele hervorming van het onderwijs: de weg naar gelijke kansen?
IMPULS, 41(1), 8–17.
13. Slaagkansen doctoraat. (z.d.). Vlaams indicatorenboek. Geraadpleegd op 30 september 2023,
van https://www.vlaamsindicatorenboek.be/3.2.3/slaagkansen-doctoraat
14. Franssen, S. (2020, 8 januari). Gendergelijkheid op de Vlaamse universiteit: “Wij zijn optimistisch,
maar vanzelf gebeurt er niets”. Charlie magazine. Geraadpleegd op 30 september 2023,
van https://charliemag.be/wereld/glazen-plafond/
15. Vrouwen aan de universiteit. (z.d.). Vlaams Indicatorenboek. Geraadpleegd op 30 september 2023,
van https://www.vlaamsindicatorenboek.be/3.3.2/vrouwen-aan-de-universiteit
53
16. RoSa vzw. (2021, 6 mei). Horizontale onderwijssegregatie. Geraadpleegd op 14 september 2023, van
https://rosavzw.be/nl/themas/onderwijs-en-opvoeding/onderwijsparticipatie/horizontale-onderwijssegregatie
17. Vlaamse overheid. (z.d.). Statistisch jaarboek van het Vlaams onderwijs 2021-2022. Geraadpleegd op 1
oktober 2023, van https://onderwijs.vlaanderen.be/nl/statistisch-jaarboek-van-het-vlaamsonderwijs-2021-2022
18. Van Garderen, F., & Gordts, P. (2021, 12 juni). Jongens toch. De Morgen.
https://dossiers.demorgen.be/specials/jongens-toch/
19. Hoge Raad voor de Werkgelegenheid. (2023). De arbeidsmarktparticipatie van vrouwen.
https://hrw.belgie.be/sites/default/files/content/download/files/hrw_arbeidsmarktparticipatie_van_
vrouwen_20230123.pdf
20. RoSa vzw. (2021, 26 juli). Onderwijsprestatie. Geraadpleegd op 15 september 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/onderwijs-en-opvoeding/onderwijsprestatie
21. Vlaamse overheid. (z.d.). Bevolking naar onderwijsniveau (scholingsgraad). Geraadpleegd op 1 oktober
2023, van https://www.vlaanderen.be/statistiek-vlaanderen/onderwijs-en-vorming/bevolking-naaronderwijsniveau-scholingsgraad#vrouwen-vaker-hooggeschoold-dan-mannen
22. RoSa vzw. (2023, 25 juli). Genderinclusief schoolbeleid. Geraadpleegd op 1 oktober 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/onderwijs-en-opvoeding/genderinclusief-schoolbeleid
23. Velghe, Z. (2023). Toolkit: Gender in het secundair onderwijs. RoSa vzw.
https://rosavzw.be/assets/files/general/Toolkit-GenderSecundairOnderwijs-NL.pdf#asset:18544
24. RoSa vzw. (2022, 20 mei). De dubbele moraal in kledingvoorschriften op school.
Geraadpleegd op 15 september 2023, van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/24-06-
de-dubbele-moraal-in-kledingvoorschriften-op-school
25. Maenhout, K. (2022, 15 november). Leraars in spe botsen op hoofddoekenverbod. De Standaard.
https://www.standaard.be/cnt/dmf20221114_98506355
26. BOEH! (2022, 30 mei). Geraadpleegd op 15 september 2023, van https://boeh.be/
27. Maenhout, K. (2022, 15 november). Het onderwijs heeft net nood aan rolmodellen met een hoofddoek.
De Standaard. https://www.standaard.be/cnt/dmf20221114_98509233
28. Purnelle, B. (2022, 8 maart). Het geslacht van de leerkracht. MO*.
https://www.mo.be/column/meester-begint-niet-meer
29. RoSa vzw. (2021, 17 augustus). Genderbewustzijn in interactie tussen leerkrachten en leerlingen [Video].
YouTube. https://www.youtube.com/watch?v=LaHfxFagOxc
30. RoSa vzw. (2023, 25 juli). Genderbewust lesgeven. Geraadpleegd op 15 september 2023, van
https://rosavzw.be/nl/themas/onderwijs-en-opvoeding/genderbewust-lesgeven
31. De Wilde, B. (2023, 30 maart). Waarom leraren strenger zijn voor jongens. Klasse.
https://www.klasse.be/86723/stereotypen-leraren-strenger-voor-jongens/
32. Declerq, S. (2017). De representatie van vrouwen in de les geschiedenis [Masterthesis].
33. EXPOO. (z.d.). Aanpak van genderstereotypen. Geraadpleegd op 3 oktober 2023, van
https://www.expoo.be/themas/gender/aanpak-van-gendersterotypen
34. RoSa vzw. (2021, 17 augustus). Klasinteractie. Geraadpleegd op 15 september 2023, van
https://rosavzw.be/nl/themas/onderwijs-en-opvoeding/genderbewust-lesgeven/klasinteractie
35. Transgenderinfo. (2022, 3 november). Genderbewust opvoeden. Geraadpleegd op 3 oktober 2023,
van https://www.transgenderinfo.be/nl/familie/ouders/genderbewust-opvoeden
36. RoSa vzw. (2021, 11 mei). Onderwijsmaterialen. Geraadpleegd op 15 september 2023, van
https://rosavzw.be/nl/themas/onderwijs-en-opvoeding/genderbewust-lesgeven/onderwijsmaterialen
37. RoSa vzw. (2022, 21 september). Toolkit gender in de kleuterklas. Geraadpleegd op 19 september 2023,
van https://rosavzw.be/nl/aanbod/tools-1/tools
54
38. RoSa vzw. (2021, 19 oktober). Toolkit gender in lager onderwijs en buitenschoolse kinderopvang.
Geraadpleegd op 19 september 2023, van https://rosavzw.be/nl/aanbod/tools-1/toolkit-gender-inlager-onderwijs-en-buitenschoolse-kinderopvang
39. RoSa vzw. (2023, 28 augustus). Toolkit Gender in het secundair onderwijs. Geraadpleegd op 19 september
2023, van https://rosavzw.be/nl/aanbod/tools-1/toolkit-gender-in-het-secundair-onderwijs
40. Agentschap Opgroeien. (2023, 2 maart). Genderbewust opvoeden. Geraadpleegd op 19 september 2023,
van https://www.opgroeien.be/kennis/toolbox/materialenpakket-genderbewust-opvoeden
41. Agentschap Opgroeien. (z.d.). Jongens en meisjes opvoeden. Geraadpleegd op 19 september 2023, van
https://www.opgroeien.be/sites/default/files/tool-documents/groeimee-genderbewust-opvoeden.pdf
42. Agentschap Opgroeien. (z.d.). Genderbewust opvoeden. Geraadpleegd op 19 september 2023, van
https://www.opgroeien.be/zoekresultaten?f%5B0%5D=content_type%3Atool&f%5B1%5D=thema%3AGender
bewust%20opvoeden
43. Arteveldehogeschool Gent. (2019, 9 januari). Genderpro(o)f! Naar gelijke kansen voor elk kind in de
basisschool en kinderopvang. Geraadpleegd op 19 september 2023, van
https://www.arteveldehogeschool.be/nl/onderzoek/projecten/genderproof-naar-gelijke-kansen-voorelk-kind-de-basisschool-en-kinderopvang
44. Procustres. (z.d.). Geraadpleegd op 19 september 2023, van https://www.procrustes.be/
45. Lost Women of Science: https://www.lostwomenofscience.org/news/the-matilda-effect-howwomen-are-becoming-invisible-in-science
55
56
Geweld
en discriminatie
1. Gendergerelateerd geweld 58
1.1 Seksisme 58
1.2 Discriminatie 59
1.2.1 Zwangerschapsdiscriminatie 60
1.2.2 Leeftijdsdiscriminatie 60
1.3 Seksueel grensoverschrijdend gedrag 61
1.4 Partnergeweld 63
1.5 Vrouwelijke genitale verminking 65
1.6 Femi(ni)cide 65
1.7 Online intimidatie en online geweld 66
1.8 Victim blaming 67
2. Manosfeer 68
3. Gender en detentie 69
4. Geweldpreventie 69
5. Goede praktijken 70
Bronnen 72
57
Geweld en discriminatie
Geweld is elke handeling of bedreiging die het zelfbeschikkingsrecht, de zelfontplooiing,
de lichamelijke of psychologische integriteit van personen aantast 1 .
Discriminatie is het ongelijk behandelen en benadelen van een persoon of een
groep personen op basis van beschermde identiteitskenmerken 1 . Bij zowel geweld
als discriminatie speelt gender een belangrijke rol: vrouwen en mannen worden
niet even vaak slachtoffer, zijn niet even vaak dader en krijgen te maken met
andere soorten geweld en discriminatie.
1. Gendergerelateerd geweld
Gendergerelateerd geweld is geweld dat iemand wordt aangedaan omwille van
gender, sekse, genderidentiteit of genderexpressie 2 . Het is een koepelbegrip voor
verschillende vormen van geweld zoals seksisme, discriminatie, seksueel grensoverschrijdend
gedrag, partnergeweld, vrouwelijke genitale verminking, feminicide,
enzovoort. Het komt voor in alle lagen van de samenleving en kan door individuen,
groepen of staten worden gepleegd. Gendergerelateerd geweld is diep geworteld
in structurele genderongelijkheid en treft onevenredig vaak meisjes en vrouwen 2 .
Het veroorzaakt schade op fysiek, psychologisch, seksueel en/of economisch
vlak bij individuele slachtoffers, maar heeft ook een grote impact op de samenleving.
De dreiging en straffeloosheid van gendergerelateerd geweld weerhoudt
individuen - voornamelijk vrouwen, non-binaire en genderdiverse personen -
namelijk van gelijke participatie aan de samenleving, beperkt hun mobiliteit en
houdt samenhangende sociale kwalen mee in stand. Bovendien lopen de kosten
van gendergerelateerd geweld in België op tot 9,399 miljard euro per jaar, waarvan
7,449 miljard euro per jaar voor gender gerelateerd geweld tegen vrouwen 3 .
1.1 Seksisme
Het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen (IGVM) definieert
seksisme als ‘het geheel aan vooroordelen, overtuigingen en stereotypen over
vrouwen en mannen waarbij ervan wordt uitgegaan dat mannen belangrijker zijn
dan vrouwen en dat deze verhouding wenselijk is’ 4 . Seksisme baseert zich op
de veronderstelling dat vrouwen en mannen wezenlijk van elkaar verschillen en
koppelt specifieke rollen en maatschappelijke posities aan die verschillen. Sinds
2014 geldt in België een specifieke wet ter bestrijding van seksisme in de openbare
ruimte, maar voordien kon seksisme al langer aangeklaagd worden via de antidiscriminatiewetgeving
(zie ‘Discriminatie’ op pagina 59) 5 . Wie slachtoffer of getuige
is van seksisme kan klacht neerleggen bij de politie, maar kan er ook melding van
maken bij het IGVM.
58
Seksisme treft veelal vrouwen en gemarginaliseerde genderidentiteiten. Zo
circuleren er op bijna de helft van de werkplekken negatieve veralgemeningen
over vrouwen als groep 5 . Seksistische grappen zijn daar een veel voorkomende
uiting van: 14% van de vrouwen en 12% van de mannen vinden de grappen op
het werk seksistisch 5 . Zulke moppen banaliseren seksisme en zijn daardoor een
voedings bodem voor discriminatie en grensoverschrijdend gedrag en kunnen tot
structurele machtsongelijkheden leiden 5, 6 . Bovendien interageert seksisme vaak
met vooroordelen op basis van andere betekenisgevers zoals racisme, holebifobie
of islamofobie 5 .
Op bijna de helft van de werkplekken circuleren
negatieve veralgemeningen over vrouwen als groep.
Seksistische grappen zijn daar een veel voorkomende
uiting van.
1.2 Discriminatie
Er bestaan verschillende vormen van discriminatie:
► Directe discriminatie is de ongelijke en ongunstige behandeling van een persoon
of groep omwille van een beschermd criterium 7 .
Voorbeeld: een jonge vrouw wordt niet aangeworven omwille van haar
sekse en de veronderstelling dat zij vermoedelijk snel zal uitvallen wegens
zwangerschap.
► Indirecte discriminatie is het resultaat van een schijnbaar neutrale maatregel
die uitmondt in de ongelijke en ongunstige behandeling van een persoon of
groep omwille van een beschermd criterium 7 .
Voorbeeld: een verbod op levensbeschouwelijke tekens geldt in principe voor
iedereen, maar viseert in feite voornamelijk moslima’s die een hoofddoek
(wensen te) dragen.
► Meervoudige discriminatie is de ongelijke en ongunstige behandeling van
een persoon of groep omwille van meer dan één beschermd criterium 7 .
Voorbeeld: een gekwalificeerde, oudere vrouw wordt niet aangenomen voor
een IT-job omwille van stereotiepe ideeën over de competentie van oudere
vrouwen in IT. Er wordt dan zowel op basis van leeftijd als op basis van
genderidentiteit gediscrimineerd.
59
De Belgische antidiscriminatiewetgeving stelt discriminatie, pesterijen, haatboodschappen
en haatmisdrijven tegenover een persoon of een groep omwille
van verschillende identiteitskenmerken op Belgisch grondgebied strafbaar 7 .
Deze wetgeving wordt gevormd door drie aparte wetten: de antiracismewet
ter bestrijding van bepaalde door racisme of xenofobie ingegeven daden, de
anti discriminatiewet ter bestrijding van bepaalde vormen van discriminatie
zoals discriminatie op basis van leeftijd, handicap of geloof, en de genderwet 8 .
Die laatste bestrijdt discriminatie tussen vrouwen en mannen op basis van
verschillende discriminatiecriteria zoals onder andere sekse, gender, genderidentiteit,
genderexpressie, zwangerschap, het geven van borstvoeding en moeder-,
vader- en meeouderschap 7 . Op basis van de genderwet kreeg het IGVM in 2022,
507 meldingen over directe, indirecte en meervoudige discriminatie en het
aanzetten of opdracht geven tot discriminatie 6 . Geslacht was daarbij het
meest voorkomende discriminatiecriterium (64.1% van de meldingen ging over
discriminatie op basis van geslacht), de arbeidsmarkt was het meest voorkomende
domein (32% van de meldingen ging over discriminatie op het werk) 6 .
64.1%
van de
discriminatiemeldingen
ging over
discriminatie
op basis van
geslacht
Bij wijze van voorbeeld worden zwangerschaps- en leeftijdsdiscriminatie
hieronder uitgelicht.
1.2.1 Zwangerschapsdiscriminatie
Zowel praktische problemen op het werk als genderstereotypen die voor schrijven
dat moeders beter thuis blijven om voor hun kind(eren) te zorgen, zijn de belangrijkste
oorzaken van zwangerschapsdiscriminatie 9 . Ondanks het wettelijk verbod op
zwangerschapsdiscriminatie, stijgt het aantal meldingen jaarlijks 9 . Zwangerschapsdiscriminatie
is na ‘algemene discriminatie op basis van geslacht’ de meest voorkomende
vorm van discriminatie in België 6 . Zo gaan bijna vier op de tien werkgerelateerde
meldingen over zwangerschapsdiscriminatie en ervaren bijna drie op de vier
vrouwelijke werknemers een vorm van ongelijke of ongunstige behandeling op basis
van hun zwanger- of moederschap 9, 10 . Meldingen over zwangerschapsdiscriminatie
variëren van onaangekondigde evaluatie gesprekken, niet verlengde contracten en
het mislopen van beloofde promoties tot zelfs ontslag.
Ondanks het wettelijk verbod op zwangerschapsdiscriminatie,
stijgt het aantal meldingen jaarlijks.
1.2.2 Leeftijdsdiscriminatie
Volgens Unia wordt bij leeftijdsdiscriminatie ‘iemand zonder geldige reden anders
behandeld omwille van diens leeftijd’ 11 . Op de arbeidsmarkt komt leeftijdsdiscriminatie,
zowel subtiel als openlijk, het meest voor. Leeftijdsdiscriminatie
gebeurt het vaakst bij aanwerving, maar kan ook een rol spelen bij bijscholing,
promoties, het toekennen van specifieke jobinhoud of het herbekijken van
iemands loon 12 .
60
Leeftijdsdiscriminatie wordt beïnvloed door gender: vrouwen worden niet per se
meer, maar wel strenger beoordeeld wanneer ze tekenen van een verouderingsproces
vertonen in vergelijking met mannen.
Waar oudere mannen worden geassocieerd met autoriteit en kennis, worden
oudere vrouwen geassocieerd met een aftakelingsproces en worden ze sneller
achteruit geschoven 12 . Dit gebeurt zeker bij jobs waar erg op het uiterlijk wordt
gelet, zoals bij winkelbedienden of secretariaatsmedewerkers. Bovendien krijgen
vrouwen hier op een jongere leeftijd mee te maken in vergelijking met mannen 12 .
1.3 Seksueel grensoverschrijdend gedrag
Seksueel grensoverschrijdend gedrag (= SGG) is een overkoepelende term
voor alle vormen van seksuele interactie waarbij iemands grenzen niet worden
gerespecteerd 13 . Hierbij is toestemming cruciaal: alle partijen die betrokken zijn in
een seksuele interactie moeten op een bevestigende manier, bewust en vrijwillig,
toestemming geven 14 . Die toestemming kan op elk moment worden ingetrokken en
kan in een aantal gevallen nooit worden gegeven, zoals door iemand die slaapt of
bedreigd wordt of door iemand onder invloed van middelen.
Er bestaan verschillende vormen van SGG:
78%
van de vrouwen
heeft ooit hands-off
SGG ervaren
42%
van de vrouwen
heeft ooit hands-on
SGG ervaren
► Hands-off SGG: dit is een seksuele interactie waarbij iemands seksuele grenzen
worden overschreden zonder dat er sprake is van fysiek contact 13 .
Voorbeeld: het verspreiden van naakt beeldmateriaal zonder toestemming
of het nafluiten en naroepen van vrouwen (= catcalling) op straat. 78% van de
vrouwen en 41% van de mannen tussen 16 en 69 jaar heeft ooit hands-off SGG
ervaren 15 . Hands-off SGG wordt vaak niet als grensoverschrijdend (h)erkend,
ook door slachtoffers, omdat er geen fysiek contact aan te pas komt. Het wordt
daarom vaak niet ernstig genomen en soms zelfs weggelachen 16 .
► Hands-on SGG: dit is een seksuele interactie waarbij iemands seksuele grenzen
worden overschreden en er fysiek contact is 13 . Dat kan gaan over aantasting
van de seksuele integriteit of verkrachting. 42% van de vrouwen en 19% van
de mannen tussen 16 en 69 jaar werd ooit slachtoffer van hands-on SGG 15 .
19% van de vrouwen en 5% van de mannen werd daarbij slachtoffer van (poging
tot) verkrachting 15 .
Niet alleen vrouwen zijn vaker slachtoffer van SGG, ook personen die deel
uitmaken van de LHBTQIA+-gemeenschap (en in het bijzonder transgender
personen), verzoekers om internationale bescherming, personen in een financieel
kwetsbare situatie en ouderen zijn oververtegenwoordigd 6, 13 . Ook personen
met een handicap hebben een groter risico om slachtoffer te worden van
hands-on SGG 17 .
61
Verschillende omgevingsfactoren kunnen de kans op SGG vergroten:
► Een ongelijke machtsverhouding. In bijvoorbeeld de sportwereld, de
entertainment sector en universiteiten zijn jonge sporters, werknemers en
studenten vaak afhankelijk van hun coaches, leidinggevenden en professoren
voor verdere stappen in hun carrière 18, 19 . Dit vergroot de kans op (machts)-
misbruik en maakt het nog moeilijker voor slachtoffers om SGG te melden.
► Een oververtegenwoordiging van mannen. Wanneer een sector meer mannelijke
dan vrouwelijke werknemers telt, is de kans op SGG groter 19 .
► Een hoge prestatiedruk en competitie. In zulke omgevingen kan SGG een
aanvaardbare opoffering lijken in de hoop op succes 18 .
► Afwijkende werkuren zorgen ervoor dat SGG op het werk makkelijker
onopgemerkt kan plaatsvinden waardoor het moeilijker is om aan te kaarten en
te stoppen 19 .
► Een cultuur gekenmerkt door seksistische humor. Seksistische humor signaleert
vaak dat SGG niet serieus genomen wordt waardoor de kans dat het voorkomt
groter is en het voor slachtoffers moeilijker is om SGG te melden 19 .
SGG kan heel wat fysieke, psychische, seksuele, reproductieve, sociale, relationele
en financiële gevolgen hebben, zowel op korte als op lange termijn. Ongeveer 66%
van de vrouwelijke en 50% van de mannelijke slachtoffers zoekt na SGG hulp bij
hun persoonlijk netwerk, maar slechts 8.3% van de vrouwelijke en 4.9% van de
mannelijke slachtoffers zoekt professionele hulp 13 . Dat gebeurt meestal in de vorm
van psychologische begeleiding. Het aantal slachtoffers dat aangifte doet, ligt
nog lager: er wordt geschat dat 5% van de vrouwelijke en 2% van de manne lijke
slachtoffers aangifte doet bij de politie 6 . Vaak doen slachtoffers geen aangifte
omdat ze het gevoel hebben ‘geen bewijs te hebben’, uit angst om niet serieus te
worden genomen of uit angst dat de schuld van het SGG bij hen wordt gelegd 13 .
Verzoekers van internationale bescherming en andere minderheden ervaren
vanwege negatieve ervaringen met de politie of hun verblijfsstatus nog heel wat
extra drempels om aangifte te doen bij de politie 13 .
5%
van de vrouwelijke
slachtoffers
doet aangifte
bij de politie
vs
2%
van de mannelijke
slachtoffers
doet aangifte
bij de politie
Vaak doen slachtoffers van SGG geen aangifte omdat
ze het gevoel hebben ‘geen bewijs te hebben’, uit angst
om niet serieus te worden genomen of uit angst dat de
schuld bij hen wordt gelegd.
Stereotiepe ideeën over vrouwelijkheid en mannelijkheid spelen een belangrijke
rol bij seksualiteit en bij SGG (zie ook ‘Dubbele seksuele standaard en slut
shaming’ op pagina 85). Vrouwelijkheid wordt namelijk geassocieerd met seksuele
62
passiviteit, preutsheid en terughoudendheid, terwijl mannelijkheid geassocieerd
wordt met seksuele activiteit, dominantie en ‘altijd zin hebben in seks’ 14 .
Genderstereotypen…
► … beïnvloeden de manier waarop we naar seksuele toestemming kijken: meisjes
en vrouwen moeten toestemming (met mate) geven, terwijl jongens toestemming
(zouden) moeten ‘vragen’ 14 .
► … zorgen ervoor dat vaker met meisjes wordt gepraat over het aangeven van
grenzen en met jongens vaker over het respecteren van grenzen 14 .
► … trekken de seksuele grenzen van mannen in twijfel. Vanuit het idee dat
‘mannen altijd zin hebben in seks’ zou men namelijk kunnen afleiden dat
mannen nooit een reden hebben om seks af te wijzen 14 . Dat zorgt ervoor dat
mannen SGG minder snel (h)erkennen als zijzelf of andere mannen er slachtoffer
van worden.
► … leggen een groot taboe op mannelijk slachtofferschap en op vrouwelijk
daderschap omdat dit niet strookt met stereotiepe ideeën over vrouwelijkheid
en mannelijkheid 14 . Dat zorgt er onder andere voor dat mannelijke slachtoffers
minder snel aangifte doen bij de politie in vergelijking met vrouwelijke
slacht offers en minder snel hulp zoeken, zowel in hun directe omgeving als bij
professionele hulpverleners.
1.4 Partnergeweld
33.7%
van de vrouwen
werd reeds
slachtoffer van
partnergeweld
Partnergeweld is het proberen controleren en domineren van een intieme
(ex-)partner door middel van verbale, fysieke, seksuele en/of economische
handelingen of bedreigingen 20 . Partnergeweld ontstaat doorgaans stapsgewijs: het
is geen eenmalige gebeurtenis maar heeft een terugkerend patroon waarbij de
ernst van de feiten vaak toeneemt 6, 20 . Partnergeweld kan blijven voortduren - en
zelfs escaleren - wanneer een relatie stopt of wanneer een partner aangeeft de
relatie te willen beëindigen 6 .
Volgens het IGVM werd 33.7% van de vrouwen en 14.9% van de mannen in België
reeds slachtoffer van partnergeweld 6 . Deze cijfers zijn wellicht een onderschatting
omwille van de onderrapportering van partnergeweld 21 . Hoewel partnergeweld
vrouwen disproportioneel vaker treft, worden ook mannen er slachtoffer van. Bij
hen is het taboe vaak nog groter omwille van verschillende genderstereotypen
(zie ‘Seksueel grensoverschrijdend gedrag’ op pagina 61) 20 .
Mannen vormen het grootste deel van de groep daders, maar hierover ontbreken
exacte cijfers 20 . Partnergeweld bestaat in verschillende vormen:
► Verbaal of psychisch geweld is de meest voorkomende vorm van partnergeweld
20 . Dat kan gaan over vernederingen, het negeren van een partner,
63
dreigen met zelfmoord, het voortdurend controleren van iemands doen en laten,
enzovoort. Naar schatting werden 11.9% van de vrouwen en 9.7% van de mannen
in België hier reeds slachtoffer van 20 .
► Fysiek geweld is het lichamelijk kwetsen of mishandelen van een persoon, zoals
slaan, schoppen, met een voorwerp gooien, iemand opsluiten of aan de deur
zetten, enzovoort 21 . Dit type partnergeweld komt na verbaal of psychisch geweld
het meest voor en is het vaakst aantoonbaar omwille van de lichamelijke letsels
die het veroorzaakt.
► Economisch geweld is het gebruiken van geld als wapen 21 . Dat kan gaan over
het in detail controleren van (gezins)uitgaven, het geld van een slachtoffer
ontnemen, slachtoffers verhinderen om zelf geld te verwerven, enzovoort.
► Seksueel geweld is het schenden van iemands seksuele integriteit en omvat
onder andere vernederende seksuele voorstellen, (poging tot) gedwongen
seksuele handelingen of aanrakingen en het maken van seksuele beelden
en/of er mee dreigen die beelden te publiceren 21 . Naar schatting werd 5.6% van
de vrouwen en 0.8% van de mannen slachtoffer van seksueel partnergeweld 20 .
WEETJE
In tijden van crisis en onzekerheid - zo ook tijdens de
coronapandemie - is meer sprake van partner- en intrafamiliaal
geweld 22 . Ook op lange termijn zorgen crises voor
een toename van partner- en intrafamiliaal geweld omdat
ze leiden tot jobverlies, een toename van alcohol- en
drug misbruik en meer angst en stress 22 .
Partnergeweld heeft grote gevolgen voor de samenleving (zie eerder bij
‘Gendergerelateerd geweld’ op pagina 58). Ook voor individuele slachtoffers en hun
gezin heeft partnergeweld grote gevolgen: in België sterft naar schatting om de
twee à drie dagen iemand aan de gevolgen van partnergeweld 20 . Ondanks de grote
gevolgen doet slechts een klein deel van de slachtoffers aangifte bij de politie,
en dat pas na gemiddeld 35 incidenten 20 . Schuld, schaamte, de vaak kwetsbare
positie van slachtoffers, afhankelijkheid van de (ex-)partner en angst voor nog
meer geweld, het verliezen van een huis of het verliezen van kinderen weerhouden
slachtoffers ervan aangifte te doen 20 .
In België sterft naar schatting om de twee à drie dagen
iemand aan de gevolgen van partnergeweld.
64
1.5 Vrouwelijke genitale verminking
Meer dan
23.000
vrouwen in België
werden slachtoffer
van vrouwelijke
genitale verminking
Vrouwelijke genitale verminking (VGV) omvat alle ingrepen waarbij de uitwendige
vrouwelijke geslachtsdelen gedeeltelijk of volledig worden verwijderd alsook
alle andere verwondingen aan de vrouwelijke geslachtsdelen om niet-medische
redenen 23 . VGV is een ernstige vorm van gendergerelateerd geweld: het schendt de
medische ethiek en druist in tegen mensenrechten en het internationaal recht 23 .
Naar schatting wonen er in België meer dan 23.000 vrouwen die slachtoffer werden
van VGV en lopen meer dan 12.000 minderjarige meisjes het risico om slachtoffer
te worden 6, 24 . Dit is een opmerkelijke stijging van 45% tegenover 2018 23, 25 . VGV werd
in België bestraft onder een algemene wet rond slagen en verwondingen, maar in
2001 werd een nieuwe wet in het leven geroepen om de strijd tegen VGV kracht bij
te zetten en om VGV expliciet strafbaar te stellen 23 . Deze wet stelt ook schadelijke
vormen van besnijdenis bij mannen strafbaar.
Er wordt doorgaans een onderscheid gemaakt tussen VGV en besnijdenissen bij
mannen. Een mannenbesnijdenis wordt vaak uitgevoerd omwille van religieuze,
hygiënische of medische redenen; VGV wordt doorgaans gepleegd omwille
van een mix van socioculturele factoren zoals het garanderen van een sociale
positie binnen een gemeenschap of het willen onderdrukken van vrouwelijke
seksualiteit 23 . VGV hangt dus nauw samen met seksisme en is een vorm van
vrouwen onderdrukking. In tegenstelling tot mannenbesnijdenis leidt VGV
bovendien tot heel wat complicaties zoals hevige pijnklachten, ernstige bloedingen
en problemen met urineren 23 . Ook op lange termijn heeft VGV ernstige gevolgen:
verminkte vrouwen die bevallen ondervinden meer complicaties en hebben een
hoger risico op sterfte van hun pasgeborenen 23 . VGV heeft negatieve effecten op
de seksuele, reproductieve en mentale gezondheid van vrouwen.
1.6 Femi(ni)cide
Femicide is de moord op een vrouw omdat ze vrouw is 26 . Het is de meest extreme
vorm van gendergerelateerd geweld en wordt vaak voorafgegaan door andere
vormen van geweld zoals partnergeweld of mensenhandel (waaronder seksuele
uitbuiting). Femicide kan in verschillende vormen voorkomen zoals moord ten
gevolge van partnergeweld, moord ten gevolge van vrouwenhaat, sterfte ten
gevolge van VGV, moord op vrouwen omwille van hun genderidentiteit, enzovoort.
De meeste daders van femicide zijn mannen: dat kan een onbekende dader zijn,
maar heel vaak gaat het om een (ex-)partner 26 . In België was er tot voor kort geen
officiële monitoring van femicide, maar naar schatting zouden er in 2021 en 2022
46 slachtoffers zijn geweest 26 . Eind 2022 werd in België de kaderwet
#StopFemicide aangenomen. Deze wet wil een duidelijke definiëring van femicide
voorzien en stelt het IGVM bevoegd om statistische gegevens te verzamelen om de
omvang van het probleem beter te kunnen monitoren.
Feminicide - niet te verwarren met ‘femicide’ - verwijst naar het structurele en
systematische aspect van vrouwenmoord 26 . De moord op vrouwen wordt na-
65
melijk vaak gemotiveerd door onderliggende redenen zoals de overtuiging van
recht matig mannelijk privilege, normen met betrekking tot mannelijkheid zoals
mannelijke controle of macht, het voorkomen, ontmoedigen of bestraffen van wat
beschouwd wordt als onaanvaardbaar gedrag voor vrouwen, enzovoort. Genderongelijkheid,
ongelijke machtsverhoudingen tussen vrouwen en mannen, ideeën
rond mannelijkheid en vrouwelijkheid en haat ten aanzien van vrouwen zijn dan
ook structurele oorzaken van femicide 26 .
1.7 Online intimidatie en online geweld
Ook online vindt heel wat (gendergerelateerd) geweld plaats in verschillende
vormen:
► Cyberpesten is volgens het IGVM ‘het gebruiken van sociale media om andere
mensen systematisch te kwetsen of te kleineren’ 27 . Cyberpesten kan onder
andere in de vorm van beledigingen, bedreigingen, spot, stalking en identiteitsvervalsing.
11% van de Belgen die af en toe sociale media gebruiken is ooit
slachtoffer geweest van cyberpesten 27 . Er is geen significant verschil tussen
hoeveel vrouwen en hoeveel mannen er slachtoffer van worden, maar er zijn
meer vrouwen die er één keer slachtoffer van worden en er zijn meer mannen
die er maandelijks of vaker slachtoffer van worden 27 .
► Seksistisch cyberpesten is cyberpesten op basis van gender 27 . Dan wordt
iemand aangevallen omwille van een seksistische overtuiging (of in extreme
gevallen omwille van vrouwen- of mannenhaat). Voorbeelden zijn neerbuigende
of kleinerende uitlatingen, kritiek op iemands lichaam, het aanvallen
van vrouwelijke experten, enzovoort. Bij iets meer dan een derde van de
gerapporteerde gevallen van cyberpesten schatten slachtoffers in dat ze
werden aangevallen om hen als vrouw of man te vernederen of om hen in hun
vrouwelijkheid of mannelijkheid te treffen 27 .
11%
van de Belgen die
af en toe sociale
media gebruiken is
ooit slachtoffer
geweest van
cyberpesten
► Online seksuele intimidatie vindt volgens het IGVM plaats ‘wanneer iemand
iets doet met een seksuele connotatie waardoor de waardigheid van de andere
persoon wordt aangetast en er een bedreigende, vijandige, beledigende,
vernederende of kwetsende situatie wordt gecreëerd’ 27 . Online seksuele
intimidatie kan in de vorm van seksueel pestgedrag, ongepast flirtgedrag,
ongevraagde en ongewenste seksuele voorstellen, enzovoort. Ongeveer een
op de vijf getuigenissen van cyberpesten bevatten verwijzingen naar online
seksuele intimidatie 27 .
► Niet-consensuele verspreiding van seksueel getinte inhoud is volgens het IGVM
‘het delen of verspreiden van beeldmateriaal waarop een persoon naakt is of
beeldmateriaal dat seksueel getint is, zonder toestemming van de perso(o)
n(en) die erop afgebeeld is/zijn’ 27 . In België werden 70.000 mensen tussen 18 en
64 jaar reeds slachtoffer en bij de helft van de gevallen is een (ex-)partner de
dader 27, 28 . Vrouwen maken dit soort geweld vaker mee: ze worden vijf keer zo
vaak onder druk gezet om een naaktfoto te (laten) maken en krijgen twee keer
66
zo vaak ongewenste naaktbeelden toegestuurd 28 . De schuld van dit geweld wordt
bovendien vaak bij de slachtoffers zelf gelegd 27 .
WEETJE
Aan de hand van artificiële intelligentie kunnen beelden of
video’s zodanig gemanipuleerd worden zodat het lijkt dat de
afgebeelde persoon naakt is of seksuele handelingen uitvoert
wanneer dit niet het geval is (= deepnudes) 29 . In 2023 werden
heel wat vrouwelijke BV’s zoals ex-miss België Celine Van
Ouytsel en actrice Jennifer Heylen er slachtoffer van 30 . Zowel
het maken als verspreiden van deepnudes is strafbaar.
Vrouwen met een migratieachtergrond, jongeren, vrouwen die zich mengen in
het publieke debat - zeker wanneer ze zich uitspreken over vrouwenrechten of
feminisme - en personen uit de LHBTQIA+-gemeenschap worden disproportioneel
vaak slachtoffer van online intimidatie en online geweld 28, 31 . Hoewel dit soort
geweld systematisch onderbelicht en onderschat wordt, kan de (psychologische)
impact ervan even groot zijn als die van SGG ‘in real life’ 28 .
1.8 Victim blaming
Bij victim blaming wordt de verantwoordelijkheid van een situatie bij een slachtoffer
gelegd in plaats van bij de dader 19 . Het slachtoffer wordt dan beschuldigd van
het ‘uitlokken’ van geweld en wordt verantwoordelijk gesteld - of als medeplichtig
beschouwd - voor het geweld dat hen werd aangedaan 32 . Dat gebeurt - zeker bij
jongeren - vaak bij het verspreiden van naaktfoto’s of seksueel getinte beelden
zonder toestemming: dan wordt de schuld bij de persoon gelegd die de beelden
heeft gemaakt of bij wie in de beelden te zien is, in plaats van bij de dader die de
beelden zonder toestemming heeft verspreid 33 .
Victim blaming gebeurt meestal heel subtiel: vragen zoals ‘Droeg je een korte
rok?’ of ‘Had je te veel gedronken?’ en opmerkingen als ‘Je had dit sneller moeten
melden’ of ‘Ik zou nooit in mijn eentje ‘s nachts door het park fietsen’ relativeren
geweld en leggen de schuld bij slachtoffers 19, 34 . Victim blaming kan leiden tot
schuldgevoelens, schaamte en kan het trauma van slachtoffers vergroten 32, 34 . Het
zorgt er bovendien voor dat slachtoffers minder geneigd zijn om een situatie te
melden of aangifte te doen 19 .
Victim blaming hangt samen met genderstereotypen 33 . Een vrouwelijk slachtoffer
wordt bijvoorbeeld vaak beschuldigd dat ze ongewenst gedrag zelf uitlokt
door ‘provocerend gedrag’ omdat stereotiepe ideeën seksuele terughoudendheid
voor vrouwen voorschrijven 34 . Een mannelijk slachtoffer wordt dan weer
vaak beschuldigd dat hij zich ‘niet genoeg heeft verdedigd’ omdat van een man
verwacht wordt dat hij sterk is en zich kan verweren 34 .
67
WEETJE
Victim blaming kan begrepen worden als een soort
beschermingsmechanisme. Om jezelf ervan te overtuigen
dat seksueel geweld je niet kan overkomen en om te kunnen
omgaan met een constante dreiging van geweld, overtuig je
jezelf er als het ware van dat als je bijvoorbeeld geen korte
rokken draagt, je seksueel geweld kan voorkomen 34 . Dat
betekent dat je de controle bij een slachtoffer legt, en dat
zorgt voor een (vals) gevoel van veiligheid.
2. Manosfeer
De manosfeer is het geheel van online gemeenschappen van mannen die zich
verzamelen rond vrouwenhaat, antifeminisme en racisme 35 . Zulke groepen of
subculturen worden ook vaak gekenmerkt door etnocentrisme, nationalisme,
holebifobie, transfobie en xenofobie 31 . De manosfeer is niet één verzamelplek maar
een netwerk van verschillende sociale media, fora en websites. De aanhangers van
de manosfeer proberen de superioriteit van de man ten opzichte van de vrouw
te ‘herstellen’ 36 . Ze beperken zich daarbij niet alleen tot het bespreken van hun
opvattingen, maar ze organiseren soms ook virtuele of fysieke aanvallen. De manosfeer
speelt waarschijnlijk een rol in de radicalisering van bepaalde mannen 36 .
De manosfeer is het geheel van online gemeenschappen
van mannen die zich verzamelen rond vrouwenhaat,
antifeminisme en racisme. Ook in Vlaanderen zijn er heel
wat sympathisanten van de manosfeer . .
De aanhangers van de manosfeer delen het gemeenschappelijk wereldbeeld
dat zij slachtoffers zijn van een globale samenzwering tegen (witte) cisgender en
heteroseksuele mannen 35 . Die samenzwering zou voornamelijk door feministen
worden aangevoerd. Ze verwijten het feminisme dat de strijd voor rechten van
vrouwen en minderheden hen van hun rechten heeft beroofd. Ze opperen dat het
feminisme ‘te ver is gegaan’ en ze pleiten daarom om een einde te maken aan de
zogenaamde ‘vrouwgecentreerde maatschappij’ 35 . Ze willen daarbij terugkeren naar
stereotiepe genderrollen waarbij de man een elitepositie heeft in de maatschappij
en controle en macht uitoefent over zichzelf en anderen 35 . De ideale vrouw in dit
wereldbeeld blijft thuis en neemt haar zogenaamd ‘natuurlijke’ rol op als zorgdrager
van de familie. De manosfeer slaagt erin oude patriarchale ideeën in een
nieuwe online verpakking te presenteren aan de hand van influencers, online
community en hedendaags taalgebruik dat gericht is op uitsluiting, vernedering
en mannelijk gezag 35 .
68
Ook in Vlaanderen zijn er heel wat sympathisanten van de manosfeer 35 . Een
mogelijke verklaring waarom de manosfeer aan populariteit wint, is de verwarring,
onrust en angst die het gevolg zijn van de grote geopolitieke, sociale, economische
en ecologische uitdagingen waar we als maatschappij voor staan 35 . De manosfeer
zou voor zulke complexe problemen eenvoudige oplossingen bieden waar mannen
baat bij zouden hebben, en dat heeft een grote aantrekkingskracht.
3. Gender en detentie
96%
van de Belgische
gevangenen
is een man
In België is bijna 96% van de gevangenen een man 37 . In de gevangenissen waarin
zij verblijven, zijn genderstereotypen rond mannelijkheid doorgaans prominent
aanwezig 38 . Een stereotiepe invulling van mannelijkheid is er een manier om te
overleven: de hiërarchie onder gedetineerden is vaak gebaseerd op ‘hoe mannelijk’
zij zich gedragen 37 . Deze hiërarchie bemoeilijkt het vragen om hulp (want dat past
niet in het stereotiepe beeld van mannelijkheid) en geeft moeilijkheden wanneer
gedetineerden de gevangenis mogen verlaten 38 . De 4% vrouwelijke gedetineerden
verblijven in afdelingen die doorgaans kleiner en minder goed uitgerust zijn dan
de afdelingen van mannen 37 . Er wordt bij hen - net zoals bij trans gender personen
- weinig rekening gehouden met hun specifieke behoeften, zoals de noden die zij
hebben wanneer ze menstrueren 37 .
4. Geweldpreventie
Het is belangrijk om reeds op jonge leeftijd in te zetten op geweldpreventie 16 . Dat
kan onder andere door machtsrelaties in de maatschappij en gendergerelateerd
geweld bespreekbaar te maken. Veel campagnes rond geweldpreventie focussen
op wat je kan doen wanneer je getuige of slachtoffer bent van gendergerelateerd
geweld 16 . Er worden bijvoorbeeld trainingen gegeven om omstanders te leren wat
ze kunnen doen als ze getuige worden van straatintimidatie. Er bestaan campagnes
om slachtoffers aan te sporen om (zo snel mogelijk) aangifte te doen bij de politie.
Hoewel dit soort preventie zeker noodzakelijk is, zijn er in verhouding maar weinig
campagnes of preventieve maatregelen met een focus op het voorkomen van
daderschap 16 . Het IGVM gaf in 2015 echter het goede voorbeeld met hun campagne
‘Denk voor je doet’ die focuste op signalen die geweld aankondigen en het stoppen
van de spanningsopbouw om niet over te gaan tot effectief geweld 39, 40 .
Weinig campagnes of preventieve maatregelen focussen
op het voorkomen van daderschap.
69
5. Goede praktijken
Er bestaan heel wat acties, campagnes en tools om gendergerelateerd geweld te
voorkomen, te herkennen of ermee om te gaan. Hieronder lijsten we een aantal
voorbeelden op.
1. Discriminatie
► Het IGVM publiceerde ‘Zwanger op het werk: gids voor werkneemsters en werkgevers
voor een discriminatievrije behandeling’ met verschillende tips voor
zowel werknemers als werkgevers 41 .
► Het IGVM maakte een beknopte folder over zwangerschapsdiscriminatie en
een folder over ouderschapsdiscriminatie op het werk en welke stappen je als
slachtoffer kan ondernemen 42, 43 .
► Het IGVM publiceerde praktische tips voor sollicitanten om seksediscriminatie
op te sporen 44 . Voor werkgevers ontwikkelden ze tips om seksediscriminatie
te vermijden 45 .
2. SGG
► In 2017 openden de eerste zorgcentra na seksueel geweld in Brussel, Gent en
Luik 46 . Deze centra bieden multidisciplinaire zorg aan slachtoffers van seksueel
geweld en advies aan hun steunfiguren. Door de positieve evaluatie van deze
centra werden ondertussen al zes andere geopend.
► Het IGVM ontwikkelde de brochure ‘Seksueel geweld, wat nu?’ voor slachtoffers
van seksueel geweld 47 .
► Het IGVM ontwikkelde de ‘handleiding bij de meldcode seksueel geweld’ voor
artsen en zorgverleners aan slachtoffers van seksueel geweld 48 .
► Het IGVM ontwikkelde de toolkit herkenning, detectie en doorverwijzing bij
signalen van seksueel geweld bij (Oekraïense) vluchtelingen 49 .
► In opdracht van de Vlaamse overheid werkten een aantal organisaties samen aan
‘De vijf T’s’ over hoe media tactvol kunnen communiceren over seksueel grensoverschrijdend
gedrag 50 .
► Het Sociaal Fonds Podiumkunsten ontwikkelde een beleidskader en toolbox
tegen grensoverschrijdend gedrag in de kunstensector 51 .
► Sensoa schreef de publicatie ‘Omgaan met seksueel (grensoverschrijdend)
gedrag op school’ 52 .
70
► Heel wat organisaties rollen campagnes uit tegen gendergerelateerd geweld
zoals ‘Horen, zien en praten’, ‘Wij zien je wel’ en ‘Ik grijp in tegen straatintimidatie’
53, 54, 55 . Het IGVM geeft op hun website een overzicht van de
campagnes die zij afgelopen jaren hebben uitgevoerd 56 .
3. Partnergeweld
► Het IGVM schreef een brochure voor slachtoffers van partnergeweld 57 .
► Het IGVM schreef de ‘handleiding bij de meldcode partnergeweld’ voor artsen en
zorgverleners aan slachtoffers van partnergeweld 21 .
► Het IGVM schreef een praktische gids voor Belgische ondernemers die een beleid
tegen partnergeweld willen voeren 58 .
4. VGV
► Het IGVM schreef de ‘handleiding bij de meldcode vrouwelijke genitale
verminking’ voor artsen en zorgverleners aan slachtoffers van VGV 59 .
5. Online geweld
► Atria geeft zes tips tegen online haat 60 .
6. Detentie en gender
► Het Transgender Infopunt schreef een zelfhulpgids voor transgender personen
in Belgische gevangenissen en ontwikkelde een tool voor penitentiaire
mede werkers over transgender personen 61, 62 .
► Het project ‘Ouder in detentie’ wil kinderen in gezinnen waarvan de vaders in
detentie verblijven, ondersteunen bij mogelijk aanwezige noden en behoeften en
zodoende bijdragen aan de psychosociale ontwikkeling van deze kinderen 63 .
► Met Project M organiseert MoveMen workshops in gevangenissen over thema’s
als mannelijkheid, gender en weerbaarheid om samen met gedetineerden op
zoek te gaan naar positieve vormen van mannelijkheid 64 .
7. Overkoepelende acties
► Access is een Europees project en wil de toegang tot preventie, bescherming
en ondersteuning voor vrouwelijke migranten die geconfronteerd worden met
gendergerelateerd geweld vergemakkelijken 65 .
► Grenswijs wil organisaties helpen om een beleid op te stellen tegen agressie,
pesten en seksueel grensoverschrijdend gedrag 66 .
► ICES ontwikkelde de toolkit ‘Grensoverschrijdend gedrag voor sportclubs’
om sportclubbesturen te helpen bij het voorkomen en aanpakken van grensoverschrijdend
gedrag in de sport 67 .
71
Bronnen
1. RoSa vzw. (2022, 24 november). Geweld en discriminatie. Geraadpleegd op 25 september 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/geweld-en-seksuele-discriminatie
2. RoSa vzw. (2023, 26 juni). Gendergerelateerd geweld. Geraadpleegd op 21 september 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/geweld-en-seksuele-discriminatie/gendergerelateerd-geweld
3. European Institute for Gender Equality. (2021). The costs of gender-based violence in the European Union.
https://eige.europa.eu/gender-based-violence/costs-of-gender-based-violence
4. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (z.d.). Seksisme. Geraadpleegd op 21 september 2023,
van https://igvm-iefh.belgium.be/nl/activiteiten/discriminatie/seksisme
5. RoSa vzw. (2023, 6 september). Seksisme. Geraadpleegd op 21 september 2023, van
https://rosavzw.be/nl/themas/geweld-en-seksuele-discriminatie/seksisme
6. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (2023). Jaarverslag 2022. https://igvm-iefh.belgium.be/
sites/default/files/164_-_jaarverslag_2022.pdf
7. RoSa vzw. (2023, 27 juni). Discriminatie. Geraadpleegd op 21 september 2023, van
https://rosavzw.be/nl/themas/geweld-en-seksuele-discriminatie/discriminatie
8. Unia. (z.d.). Wat is discriminatie? Geraadpleegd op 12 oktober 2023, van
https://www.unia.be/nl/discriminatiegronden/discriminatie-enkele-verduidelijkingen
9. RoSa vzw. (2021, 9 februari). Zwangerschapsdiscriminatie. Geraadpleegd op 21 september 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/arbeid/arbeidsdiscriminatie/zwangerschapsdiscriminatie
10. RoSa vzw. (2022, 16 maart). Zwangerschap. Geraadpleegd op 21 september 2023, van
https://rosavzw.be/nl/themas/lichaam-en-geest/ouderschap/zwangerschap
11. Unia. (z.d.). Discriminatie op grond van leeftijd. Geraadpleegd op 12 oktober 2023, van
https://www.unia.be/nl/discriminatiegronden/leeftijd
12. RoSa vzw. (2019, 14 november). Gender en leeftijdsdiscriminatie. Geraadpleegd op 22 september 2023,
van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/vorige-edities/gender-en-leeftijdsdiscriminatie
13. RoSa vzw. (2023, 21 juni). Seksueel grensoverschrijdend gedrag. Geraadpleegd op 21 september 2023, van
https://rosavzw.be/nl/themas/geweld-en-seksuele-discriminatie/seksueel-grensoverschrijdend-gedrag
14. RoSa vzw. (2023, 15 juni). Seksuele toestemming. Geraadpleegd op 21 september 2023,
van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/edities-2023/15-06-seksuele-toestemming
15. Keygnaert, I., De Schrijver, L., Cismaru Inescu, A., Schapansky, E., Nobels, A., Hahaut, B., Stappers, C.,
Debauw, Z., Lemonne, A., Renard, B., Weewauters, M., Nisen, L., Vander Beken, T., Vandeviver, C., & Berg,
N. (2021). UN-MENAMAIS: Een beter begrip van de mechanismes, aard, omvang en impact van seksueel
geweld in België. Belspo. https://www.ugent.be/nl/actueel/bijlagen/seksueel-geweld-belgieaanbevelingen-1
16. RoSa vzw. (2020, 11 juni). Straatintimidatie. Geraadpleegd op 22 september 2023, van
https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/vorige-edities-2020/11-06-straatintimidatie
17. Fomenko, E., De Schrijver, L., & Keygnaert, I. (2023). Personen met een beperking en seksueel geweld.
Universiteit Gent. https://assets.vlaanderen.be/image/upload/v1688564886/Personen_met_een_
beperking_en_seksueel_geweld_-_Eindrapport_amzhpx.pdf
18. RoSa vzw. (2023, 7 september). Seksueel grensoverschrijdend gedrag in de voetbalwereld. Geraadpleegd
op 21 september 2023, van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/edities-2023/07-09-
seksueel-grensoverschrijdend-gedrag-in-de-voetbalwereld?utm_source=RoSa+Nieuwsbrief&utm_
campaign=8c9bdcf96d-EMAIL_CAMPAIGN_2023_09_07_07_32&utm_medium=email&utm_term=0_
-8c9bdcf96d-%5BLIST_EMAIL_ID%5D
19. RoSa vzw. (2022, 20 mei). Seksueel grensoverschrijdend gedrag op de werkvloer. Geraadpleegd op
21 september 2023, van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/03-02-de-onderliggendecultuur-van-grensoverschrijdend-gedrag-op-de-werkvloer
72
20. RoSa vzw. (2020, 20 februari). Partnergeweld in België. Geraadpleegd op 22 september 2023, van
https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/vorige-edities-2020/20-02-partnergeweld-inbelgi%C3%AB
21. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (2020). Handleiding bij de meldcode partnergeweld:
Stappenplan voor artsen en zorgverleners bij de zorgverlening aan slachtoffers van partnergeweld.
https://igvm-iefh.belgium.be/sites/default/files/138_-_handleiding_meldcode_partnergeweld.pdf
22. RoSa vzw. (2020, 13 mei). De strijd tegen seksueel geweld en femicide, een jaar na de moord op Julie Van
Espen. Geraadpleegd op 22 september 2023, van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/
vorige-edities-2020/de-strijd-tegen-seksueel-geweld-en-femicide-een-jaar-na-de-moord-op-julie-van-espen
23. RoSa vzw. (2023, 21 september). Vrouwelijke genitale verminking. Geraadpleegd op 21 september 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/geweld-en-seksuele-discriminatie/genitale-verminking
24. Dubourg, D., Richard, F., Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen, FOD Volksgezondheid, &
Veiligheid van de voedselketen en leefmilieu. (2022). Schatting van de prevalentie van in België wonende
vrouwen en meisjes die vrouwelijke genitale verminking ondergingen of het risico lopen om verminkt
te worden, 2022. https://gams.be/wp-content/uploads/2022/07/VGV_Prevalentiestudie-2022.pdf
25. RoSa vzw. (2023, 9 februari). Vrouwelijke genitale verminking. Geraadpleegd op 21 september 2023, van
https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/edities-2023/09-02-vrouwelijke-genitale-verminking
26. RoSa vzw. (2023, 6 juni). Femicide. Geraadpleegd op 21 september 2023, van https://rosavzw.be/nl/themas/
geweld-en-seksuele-discriminatie/feminicide
27. Van Hove, H. (2020). Wraakporno, online seksuele intimidatie en andere vormen van cyberpesten. Instituut
voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. https://igvm-iefh.belgium.be/sites/default/files/160_-_
wraakporno_youtoo.pdf
28. Furia. (2023, 18 augustus). Online gendergerelateerd geweld: aanbevelingen van Furia. Geraadpleegd op
26 september 2023, van https://www.furiavzw.be/standpunten/item/413-online-gendergerelateerdgeweld-aanbevelingen-furia
29. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (z.d.). Deepnudes. Geraadpleegd op 12 oktober 2023,
van https://igvm-iefh.belgium.be/nl/activiteiten/geweld/digitaal_seksueel_geweld/deepnudes
30. ‘Hallucinant’: Celine Van Ouytsel gaat klacht indienen wegens valse naaktfoto’s door AI. (2023,
29 september). www.demorgen.be. https://www.demorgen.be/snelnieuws/hallucinant-celine-vanouytsel-gaat-klacht-indienen-wegens-valse-naaktfoto-s-door-ai~ba2c2466/
31. RoSa vzw. (2020, 3 september). LHBTQI+ Targeting. Geraadpleegd op 22 september 2023, van
https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/03-09-2020
32. RoSa vzw. (2022, 3 februari). Podcast DAMN, HONEY over seksueel geweld en victim blaming.
Geraadpleegd op 26 september 2023, van https://rosavzw.be/nl/actualiteit/podcast-damn-honey-overseksueel-geweld-en-victim-blaming
33. RoSa vzw. (2020, 1 oktober). Sexting, victim blaming en slut shaming. Geraadpleegd op 22 september 2023,
van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/01-10-sexting-victim-blaming-en-slut-shaming
34. Nederlands Jeugdinstituut. (z.d.). Wat is victim blaming en hoe ga ik ermee om? Geraadpleegd op 26
september 2023, van https://www.nji.nl/seksueel-grensoverschrijdend-gedrag/wat-is-victim-blaming-enhoe-ga-ik-ermee-om
35. RoSa vzw. (2023, 9 mei). Mannen in de manosfeer: online haat en misogynie. Geraadpleegd op 21 september
2023, van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/edities-2023/27-04-jonge-mannen-in-demanosfeer-online-haat-toxische-mannelijkheid-en-extreemrechts
36. Algemene directie veiligheid en preventie. (2022). Informatieblad “De manosphere”.
37. Federale overheidsdienst justitie. (z.d.). Terugblik op het colloquium “Gender en justitie”. Geraadpleegd op
27 september 2023, van https://justitie.belgium.be/nl/nieuws/andere_berichten/terugblik_op_het_
colloquium_gender_justitie
38. Plan International Belgium. (2022). The impact of masculinities on the prevention of sexual and genderbased
violence. https://www.planinternational.be/sites/default/files/study-mascullinities-en.pdf
73
39. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (z.d.). Campagnes. Geraadpleegd op 27 september
2023, van https://igvm-iefh.belgium.be/nl/activiteiten/geweld/campagnes
40. Denk voor je doet! (2015, 24 november). News.belgium. Geraadpleegd op 27 september 2023, van
https://news.belgium.be/nl/denk-voor-je-doet
41. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (2012). Zwanger op het werk: Gids voor werkneemsters
en werkgevers voor een discriminatievrije behandeling. https://igvm-iefh.belgium.be/sites/default/files/
downloads/68%20-%20Zwanger%20op%20het%20werk_NL.pdf
42. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (2017). Folder zwangerschapsdiscriminatie.
https://igvm-iefh.belgium.be/sites/default/files/106_-_gediscrimineerd_omdat_je_zwanger_of_moeder_
bent.pdf
43. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (2019). Gediscrimineerd als moeder of vader op het
werk? https://igvm-iefh.belgium.be/sites/default/files/142_-_gediscrimineerd_als_moeder_of_vader_op_
het_werk.pdf
44. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (2020). Een discriminatievrije toegang tot werk voor
vrouwen en mannen: Informatie en praktische tips voor sollicitanten. https://igvm-iefh.belgium.be/sites/
default/files/129_-_toegang_tot_werk_sollicitanten_0.pdf
45. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (2020). Een discriminatievrije toegang tot werk voor
vrouwen en mannen: Informatie en praktische tips voor werkgevers. https://igvm-iefh.belgium.be/sites/
default/files/130_-_toegang_tot_werk_werkgevers.pdf
46. Federale overheid. (z.d.). Zorgcentra na seksueel geweld. Geraadpleegd op 22 september 2023, van
https://zsg.belgium.be/nl
47. Instituut van de gelijkheid voor vrouwen en mannen. (2014). Seksueel geweld, wat nu?
https://igvm-iefh.belgium.be/sites/default/files/downloads/75%20-%20Seksueel%20geweld_NL.pdf
48. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (2020). Handleiding bij de meldcode seksueel geweld:
Stappenplan voor artsen en zorgverleners bij de zorgverlening aan slachtoffers van seksueel geweld.
https://igvm-iefh.belgium.be/sites/default/files/139_-_handleiding_meldcode_seksueel_geweld.pdf
49. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (2022). Toolkit herkenning, detectie en doorverwijzing
bij signalen van seksueel geweld bij (Oekraïense) vluchtelingen. https://igvm-iefh.belgium.be/nl/
publicaties/toolkit_herkenning_detectie_en_doorverwijzing_bij_signalen_van_seksueel_geweld_bij
50. De vijf T’s - berichtgeving seksueel grensoverschrijdend gedrag. (z.d.). Geraadpleegd op 27 september 2023,
van https://www.devijftees.be/
51. Sociaal Fonds Podiumkunsten. (z.d.). Beleidskader en toolbox. Geraadpleegd op 27 september 2023, van
https://www.podiumkunsten.be/organisatiebeleid/grensoverschrijdend-gedrag/beleidskader-entoolbox#:~:text=Deze%20toolbox%20biedt%20concrete%20kaders,pesten%20en%20stressgerealteerde%20
problemen%20vallen.
52. Sensoa. (2015). Omgaan met seksueel (grensoverschrijdend) gedrag op school. https://www.sensoa.be/
sites/default/files/1-omgaan-met-seksueel-grensoverschrijdend-gedrag-op-school.pdf
53. ZijKant & vzw Zijn. (z.d.). Horen zien en praten. Geraadpleegd op 27 september 2023, van
https://www.horenzienenpraten.be/
54. Seksueel geweld | Wij zien je wel. (z.d.). Geraadpleegd op 27 september 2023, van
https://www.wijzienjewel.be/
55. Absoluut BVBA. (z.d.). Federale overheid en Absoluut grijpen in tegen straatintimidatie. Geraadpleegd op
27 september 2023, van https://www.absoluut.be/federale-overheid-en-absoluut-grijpen-in-tegenstraatintimidatie/
56. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (z.d.). Campagnes. Geraadpleegd op 27 september
2023, van https://igvm-iefh.belgium.be/nl/activiteiten/geweld/campagnes
57. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (2011). Breek de stilte voor je zelf gebroken bent.
https://igvm-iefh.belgium.be/sites/default/files/downloads/nederlands.pdf
74
58. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (2020). Wend uw blik niet af. . . ook niet op het werk.
Handel!: Strijden tegen partnergeweld. https://igvm-iefh.belgium.be/sites/default/files/141_-_wend_uw_
blik_niet_af_ook_niet_op_het_werk.pdf
59. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (2020). Handleiding bij de meldcode vrouwelijke
genitale verminking: Stappenplan voor artsen en zorgverleners bij de zorgverlening aan slachtoffers van
vrouwelijke genitale verminking. https://igvm-iefh.belgium.be/sites/default/files/140_-_handleiding_
meldcode_vrouwelijke_genitale_verminking.pdf
60. Goede raad tegen online haat: 6 tips | Geweld tegen vrouwen. (2022, 28 september). Atria. Geraadpleegd op
27 september 2023, van https://atria.nl/nieuws-publicaties/geweld-tegen-vrouwen/goede-raad-tegenonline-haat-6-tips/
61. Transgender Infopunt. (2023). Beyond binary bars: Een zelfhulpgids voor transgender personen in Belgische
gevangenissen. https://www.transgenderinfo.be/sites/default/files/2023-07/Beyond%20binary%20bars%20
NL%20final.pdf
62. Transgender Infopunt. (2022). Tools voor penitentiaire medewerkers: Vragen en antwoorden over
transgender personen in gevangenissen. https://www.transgenderinfo.be/sites/default/files/2023-06/
NL_Infosheet%20-%20penitentiaire%20medewerkers.pdf
63. Ouder in detentie. (2022, 18 november). Ouder in detentie. Geraadpleegd op 27 september 2023, van
https://ouderindetentie.nl/
64. MoveMen. (z.d.). Projecten. MOVEMEN. Geraadpleegd op 27 september 2023, van
https://www.movemen.be/projectenmovemen
65. Access. (z.d.). Breek de stilte omtrent gendergerelateerd geweld. Geraadpleegd op 27 september 2023,
van https://www.we-access.eu/nl
66. Icoba, Sensoa, Pimento, & Vlaamse overheid. (z.d.). Grenswijs. Geraadpleegd op 27 september 2023,
van https://www.grenswijs.be/
67. Centrum Ethiek in de Sport. (2023, 21 augustus). Toolkit Grensoverschrijdend gedrag voor sportclubs.
Geraadpleegd op 27 september 2023,
van https://www.ethischsporten.be/tools_pagina/toolkit-gg-voor-sportclubs/
75
76
Lichaam
en geest
1. Genderdatakloof 78
2. Gender- en sekseverschillen in lichamelijke gezondheid 79
3. Gender- en sekseverschillen in geestelijke gezondheid 80
4. Seksualiteit en voortplanting 82
4.1 Anticonceptie 82
4.2 Recht op en toegang tot abortus 83
4.3 Menstruatie(armoede) 84
4.4 Menopauze 84
4.5 Dubbele seksuele standaard en slut shaming 85
5. Moeder- en vaderschap 85
6. Schoonheidsidealen en eetstoornissen 87
7. Goede praktijken 88
Bronnen 89
77
Lichaam en geest
Eeuwenlang ging de klassieke geneeskunde ervan uit dat het vrouwelijke lichaam
een ‘variant’ was van het mannelijke en dat mannen en vrouwen op eenzelfde
manier ziek werden en dezelfde behandeling nodig hadden 1 . Dat achterhaalde
idee laat nu nog steeds z’n sporen na: heel wat onderzoek wordt bijvoorbeeld
enkel uitgevoerd op mannelijke lichamen, terwijl de conclusies ervan worden
ver algemeend voor alle lichamen. Het besef dat er wel degelijk sekseverschillen
zijn qua gezondheid zorgt anderzijds ook voor een overdreven aandacht voor deze
sekseverschillen. Wanneer onderzoek bijvoorbeeld uitwijst dat bepaalde ziektebeelden
veel vaker bij mannen voorkomen, dan worden die bij vrouwen vaak over
het hoofd gezien (en omgekeerd) 1 . Vandaag groeit het besef dat niet alleen sekse,
maar ook gender een grote invloed heeft op ons lichaam en onze geest 2 .
1. Genderdatakloof
De genderdatakloof is het gebrek aan data over sekse- en genderverschillen 3 .
Het is een aanhoudende leemte in onze kennis ten gevolge van male bias 4 . Male
bias verwijst naar systematische vooroordelen tegenover mannen, veelal aan de
hand van onbewuste en impliciete processen 4 . Men gaat er met andere woorden
onbewust van uit dat de perspectieven, ervaringen en noden van mannen gelden
voor iedereen: mannen worden als ‘de universele standaard’ beschouwd 4, 5 . Male
bias uit zich veelal in de afwezigheid of uitsluiting van vrouwen: vrouwen worden
niet bevraagd of worden niet mee uitgenodigd aan de tafel waar beslissingen
worden gemaakt en kunnen zo niet wijzen op specifieke behoeften waar mannen
doorgaans niet mee geconfronteerd worden 4 . Wanneer vrouwen bijvoorbeeld niet
worden bevraagd of betrokken bij het ontwikkelen van een gezondheidsapp, is
de kans groot dat de app geen functionaliteit zal hebben voor het bijhouden van
een menstruatie cyclus 4 . Dat was het geval bij de met veel trots aangekondigde
gezondheids-app van Apple toen die op de markt kwam in 2014. De genderdatakloof
heeft kortom een wezenlijke impact op beleid(structuren), producten,
diensten en maatschappelijke normen en heeft daardoor verregaande gevolgen op
de levens van vrouwen 5 .
Vrouwen worden niet bevraagd of worden niet mee
uitgenodigd aan de tafel waar beslissingen worden
gemaakt en kunnen zo niet wijzen op specifieke
behoeften waar mannen doorgaans niet mee
geconfronteerd worden.
78
Vrouwen hebben
60%
meer kans op
bijwerkingen bij het
nemen van medicatie
2/3 de
van het onderzoek
rond medische
behandelingen
wordt uitgevoerd
door en bij mannen
De genderdatakloof leidt onder andere tot structurele genderongelijkheid en
discriminatie in de medische en farmaceutische wetenschappen 6 . Zo wordt twee
derde van het onderzoek rond medische behandelingen uitgevoerd door en bij
mannen 1 . Vrouwelijke proefpersonen en -dieren worden nog vaak uit medisch
onderzoek geweerd omdat hun complexe hormoonhuishouding testen moeilijker
zou maken 3, 7 . Dat heeft grote gevolgen:
► Medicatie kan een andere uitwerking hebben op vrouwen dan op mannen. Zo
zou vetoplosbare medicatie in lagere doses moeten worden voorgeschreven
aan vrouwen vanwege hun gemiddeld hoger vetpercentage 1 . Omdat onderzoek
voornamelijk op mannen wordt uitgevoerd, is medicatie niet altijd afgestemd op
vrouwelijke lichamen 2 . Dit zorgt ervoor dat vrouwen 60% meer kans hebben op
bijwerkingen bij het nemen van medicatie in vergelijking met mannen 1 .
► Sommige klachten en aandoeningen komen alleen voor bij vrouwen. Denk
maar aan bijwerkingen van hormonale anticonceptie, endometriose of klachten
gerelateerd aan de menopauze. Omdat onderzoek voornamelijk op mannen
wordt uitgevoerd, wordt er naar zulke ziektebeelden minder onderzoek gedaan
en hebben we weinig kennis over klachten en aandoeningen die enkel vrouwen
treffen 2, 3, 7, 8 .
WEETJE
Intersekse, non-binaire en trans personen alsook zwarte
vrouwen en vrouwen met een migratieachtergrond worden
nog minder betrokken in onderzoek 3, 9 . Als ze al worden betrokken,
worden de gegevens van het onderzoek vaak niet uitgesplitst
naar sekse, genderidentiteit of etniciteit. Dit leidt tot
ontoereikende (of zelfs een gebrek aan) ( gedifferentieerde)
gegevens over sekse, genderidentiteit en etniciteit en dat
heeft verregaande gevolgen voor heel wat mensen in onder
andere de medische praktijk en gezondheidszorg 3, 9 .
2. Gender- en sekseverschillen in
lichamelijke gezondheid
Heel wat biologische factoren zorgen ervoor dat mannen en vrouwen niet op eenzelfde
manier ziek worden en niet altijd nood hebben aan dezelfde behandeling.
Zo hebben sommige aandoeningen verschillende oorzaken bij vrouwen en
mannen, en uiten ze zich op een andere manier 1 .
Voorbeeld: de symptomen van een hartaanval bij een vrouw verschillen van - en
zijn omwille van de genderdatakloof minder gekend dan - de symptomen van
een hartaanval bij een man 7 . Daarnaast komen sommige kwalen (zoals hartkwa-
79
len) vaker voor bij mannen en andere aandoeningen (zoals auto-immuunziekten)
vaker bij vrouwen 1 . Omdat niet alle ziektebeelden even gekend zijn en bepaalde
kwalen sneller aan mannen of vrouwen worden gelinkt, krijgen heel wat mensen
een verkeerde - of laat tijdige - diagnose 1 . Dat is bijvoorbeeld het geval voor borstkanker
bij mannen of een hartaanval bij vrouwen 7 .
Er zijn behoorlijk wat mythes, taboes en vooroordelen rond mannelijkheid en
vrouwelijkheid die een rol spelen bij lichamelijke gezondheid:
► Omwille van het stereotiepe idee dat mannen ‘sterk’ moeten zijn en niet horen
te klagen over ‘kleine’ ongemakken, gaan zij minder vaak naar de dokter dan
vrouwen en zijn ze minder geneigd om hulp te vragen 1, 10 . Dat is zeker het geval
bij aandoeningen die indruisen tegen het stereotiepe beeld van mannelijkheid,
zoals reproductieve en seksuologische problemen zoals erectieproblemen of pijn
bij het vrijen 11 . Mannen vinden moeilijker de weg naar gepaste hulpverlening, en
als ze dat al doen, zijn hun klachten doorgaans al ver gevorderd.
► Mannen en vrouwen worden anders behandeld door hulpverleners. Zo moeten
vrouwen - zeker zwarte vrouwen - langer wachten op pijnbestrijdingsmiddelen
op de spoedafdeling in vergelijking met mannen 1 . Dit verschil kan deels worden
verklaard doordat pijn bij vrouwen vaker als psychosomatisch of emotioneel
wordt beschouwd en hun pijn daardoor minder serieus wordt genomen 7 . Dit
leidt tot de aanname dat de pijn van een man ernstiger is dan die van een
vrouw wanneer ze op een spoedafdeling worden binnen gebracht, en men dus
onbewust sneller geneigd zal zijn om een man pijnstillers toe te dienen 1 .
WEETJE
Vooroordelen over en stigmatisering van personen met een
migratieachtergrond leiden onder andere tot een gebrekkige
kennis bij hulpverleners (bv. dermatologen die ziekten niet
herkennen op donkere huid) of (on)bewuste racistische
aannames. Zo bepalen etniciteit en huidskleur mee de
sterftekans van een zwangere persoon en van diens baby, en
moeten mensen met een migratieachtergrond langer wachten
voor ze hulp krijgen op een spoeddienst dan mensen zonder
migratieachtergrond 9 . Vrouwen met een migratie achtergrond
worden zodoende dubbel gediscrimineerd: zowel op basis van
hun vrouw-zijn als op basis van hun afkomst.
3. Gender- en sekseverschillen in
geestelijke gezondheid
Cijfers tonen aan dat meer vrouwen dan mannen psychische klachten ervaren -
en dit bovendien op een jongere leeftijd - en dat vrouwen vaker medicatie met
80
een uitwerking op de psyche krijgen voorgeschreven 12 . Hier spelen verschillende
factoren een rol in:
► De zorgkloof: vrouwen combineren hun job doorgaans met het overgrote deel
van het huishouden en zorg voor kinderen of andere hulpbehoevenden. Deze
dubbele dagtaak op vrouwen kan leiden tot (psychische) gezondheidsklachten 12 .
► Stereotypering in diagnostiek: ook hulpverleners hebben opvattingen over
mannelijkheid en vrouwelijkheid en dat heeft een effect op welke diagnoses ze
geven aan vrouwen en mannen 7, 12 .
► Trauma’s van onder andere seksueel geweld - waar vrouwen vaker slachtoffer
van zijn dan mannen - uiten zich vaak in psychische problemen 12 .
► Biologische verschillen, zoals hormonale verschillen tussen mannen en vrouwen,
kunnen ervoor zorgen dat bepaalde ziektebeelden eerder bij vrouwen (of
mannen) voorkomen 12 .
2x
meer diagnoses
van depressies en
angststoornissen bij
vrouwen
Er is echter sprake van een onderrapportering van psychische problemen bij
mannen 12 . Mannen krijgen namelijk doorgaans niet aangeleerd hoe ze over zulke
problemen kunnen praten, terwijl vrouwen meer gesocialiseerd worden om over
klachten te praten. Dit draagt ertoe bij dat depressie en angststoornissen bijna
twee keer zo vaak worden gediagnosticeerd bij vrouwen dan bij mannen 13 . Ook
hulp zoeken strookt niet met het stereotiepe idee van mannelijkheid. Mannen
laten zich daardoor minder vaak en pas in een later stadium - wanneer hun
klachten al ver gevorderd zijn - behandelen voor depressie in vergelijking met
vrouwen 2, 13 . Heel wat mannen proberen ook hun psychische problemen te
verbergen, bijvoorbeeld door middel van alcohol- of drugsgebruik 12 . Dat draagt
ertoe bij dat mannen twee keer zo vaak te maken hebben met een alcoholverslaving
dan vrouwen en ze 80% uitmaken van de overlijdens gerelateerd aan
een overdosis drugs 10 . Statistieken over geestelijke gezondheid tonen zodoende
vooral aan dat vrouwen over het algemeen makkelijker de weg naar hulpverlening
vinden, maar zeggen niet per se iets over hoeveel vrouwen en mannen nu precies
kampen met psychische problemen 10, 12 .
WEETJE
Bij een vrouw duurt het gemiddeld zes jaar langer voor zij de
diagnose van autismespectrum krijgt in vergelijking met een
man 14 . Dit wordt deels veroorzaakt doordat vrouwen meer
getraind worden in hun sociale vaardigheden en emotionele
geletterdheid, waardoor ze veel voorkomende symptomen
van autisme beter kunnen maskeren dan mannen.
81
4. Seksualiteit en voortplanting
4.1 Anticonceptie
Er bestaan grote ongelijkheden op vlak van anticonceptie 15 . Zo is het opmerkelijk
dat alle hormonale anticonceptiemiddelen ontworpen zijn voor vrouwen, terwijl de
hormoonhuishouding van mannen veel minder complex is dan die van vrouwen 16 .
Deze ongelijkheid wordt niet enkel veroorzaakt door biologische verschillen, maar
ook gender speelt een rol: de verantwoordelijkheid van zwangerschapspreventie
wordt maatschappelijk bij vrouwen gelegd 15 .
De verantwoordelijkheid van zwangerschapspreventie
wordt maatschappelijk bij vrouwen gelegd. Mannen zijn
vragende partij voor alternatieve contraceptiva, maar het
onderzoek naar hormonale anticonceptie voor mannen
staat nog in de kinderschoenen.
Voor de mannelijke anatomie is het aanbod van anticonceptie beperkt tot het
mannencondoom en sterilisatie 17 . Mannen zijn vragende partij voor alternatieve
contraceptiva, maar het onderzoek naar hormonale anticonceptie voor mannen
staat nog in de kinderschoenen.
Dat heeft verschillende verklaringen:
► Voor vrouwen wegen bijwerkingen van hormonale anticonceptie zoals acne
of een verminderd libido niet op tegen de medische consequenties van een
ongewenste zwangerschap. Aangezien mannen (de medische gevolgen van) een
ongewenste zwangerschap niet zelf dragen, worden proeven met hormonale
anticonceptie voor mannen al snel stilgelegd wanneer proefpersonen
bijwerkingen ervaren 17 .
► Veel vrouwen geven aan dat ze liever zelf de touwtjes in handen houden op vlak
van zwangerschapspreventie, aangezien zij de medische gevolgen dragen 17 .
Dat vrouwen vaker verantwoordelijk zijn voor anticonceptie dan mannen heeft niet
alleen financiële gevolgen, maar ook fysieke en mentale. Hormonale anticonceptie
zoals de (prik)pil, de vaginale ring, de hormoonpleister, het hormoonstaafje en het
spiraal gaan namelijk vaak gepaard met bijwerkingen zoals stemmingswisselingen,
verminderd libido, hoofdpijn, duizeligheid, onregelmatig bloedverlies, gewichtstoename,
enzovoort 16, 18 . Hoewel anticonceptie in zeker zin zorgt voor seksuele
vrijheid omdat het seks loskoppelt van voortplanting, zijn steeds meer gebruikers
op zoek naar alternatieven omwille van de bijwerkingen 16, 18 . Er worden bovendien
heel wat vragen opgeworpen over de werking van hormonale anticonceptie omdat
82
de effecten ervan erg verschillen van individu tot individu en men eigenlijk nog te
weinig weet wat de gevolgen ervan zijn, zeker op lange termijn 7, 18, 19 . Deze groeiende
maatschappelijke aandacht voor de bijwerkingen van hormonale anticonceptie
kan op zijn beurt meer onderzoek stimuleren.
Bij sterilisatie, een meer definitieve vorm van anticonceptie, worden de zaadleiders
van een man of de eileiders van een vrouw doorgeknipt. In vergelijking met
mannen weigeren meer artsen deze ingreep bij vrouwen omdat ze ervan uitgaan
dat een vrouw er achteraf spijt van zal hebben 18 . Deze bedenking wordt veel
minder bij mannen gemaakt. Dit verschil komt voort uit genderstereotypen: waar
vrouw-zijn herleid en beperkt wordt tot moederschap, is dat voor man-zijn niet
het geval 18 .
4.2 Recht op en toegang tot abortus
Van 1990 tot 2018 maakte abortus in België onderdeel uit van het strafrecht en
was het dus in feite een gedoogd misdrijf. Pas in 2018 werd abortus in België
gedecriminaliseerd 16, 20, 21 . Onderzoek toont aan dat decriminalisering niet leidt tot
meer abortussen, maar wel tot minder illegale (meestal onveilige) abortussen. Dat
zorgt voor minder moedersterfte, minder leed van zwangere personen en minder
tienergeboortes 16, 21 . Toch was deze wetswijziging voornamelijk van symbolisch
belang gezien abortus in de praktijk al sinds de jaren 1990 uitgevoerd kon worden
zonder vervolging. Het doel van de wijziging in 2018 ging dan ook vooral over het
destigmatiseren van abortus.
Er bestaat nog veel taboe: er wordt weinig over abortus gepraat omwille van de
angst om sociaal veroordeeld te worden, omwille van stereotiepe ideeën die
voorschrijven dat alle vrouwen moeder (moeten) willen worden en omwille van het
feit dat abortus te maken heeft met vrouwelijke seksualiteit en intimiteit 16 .
Van alle abortussen
in 2021 gebeurde
41%
bij vrouwen
tussen
20 en 29 jaar
In 2021 werden er zo’n 16.701 abortussen uitgevoerd in België (een daling ten
opzichte van 2016 tot 2019). 41% van de abortussen gebeurde bij 20- tot 29-jarige
vrouwen, 6.95% bij jongeren tussen de 15 en 19 jaar en 0.23% bij 10- tot 14-jarigen 22 .
De gemiddelde leeftijd in 2019 was 29 jaar. Een beslissing tot abortus ligt in België
volledig bij de zwangere persoon, ook al is dat een minderjarige 16 . Elke arts mag zich
er moreel van onthouden, maar is sinds 2018 wettelijk verplicht om een zwangere
persoon door te verwijzen naar een arts die wel bereid is om een abortus uit te
voeren 16, 23 . Wanneer iemand een abortus wil, dan geldt een verplichte bedenkingstijd
van zes dagen na een eerste consultatie bij een arts 16, 21, 23 . Deze bedenkingstijd
is controversieel en wordt door zwangere personen ervaren als moraliserend: een
verplichte bedenkingstijd gaat er namelijk van uit dat zwangere personen lichtzinnig
zouden omspringen met een beslissing over abortus 16, 21, 23 .
Zonder medische redenen mag een abortus in België uitgevoerd worden tot
twaalf weken na de bevruchting (veertien weken na de laatste menstruatie dus),
maar medische experten zijn over het algemeen voorstander van een uitbreiding
van de legaal toegestane termijn naar achttien weken na de bevruchting 23 . Een
83
langere termijn zorgt er onder andere voor dat abortus breder toegankelijk wordt
en gaat sociale uitsluiting tegen: aborteren na een termijn van twaalf weken is
namelijk een klassenprivilege 23 . Zo kunnen zwangere personen na twaalf weken
zwangerschap nog naar Nederland of het Verenigd Koninkrijk reizen (waar abortus
tot 22 à 24 weken zwangerschap is toegestaan) om daar een legale en veilige
abortus te laten uitvoeren, maar niet iedereen kan zulke kosten betalen 23 .
4.3 Menstruatie(armoede)
Menstruatie beïnvloedt het fysieke en psychologische welzijn van heel wat
personen 16 . Toch is menstruatie voor velen een taboe en een vermeden gespreksonderwerp
24 . Dat is zeker het geval bij menstruatiearmoede: dat is niet beschikken
over voldoende kapitaal om menstruatieproducten te kunnen kopen 24, 25 .
Menstruatiearmoede is een extra drempel in de gelijke participatie aan onderwijs,
de arbeidsmarkt, tal van vrijetijdsactiviteiten en het publieke leven in brede
zin. Menstruerende personen die niet over de nodige menstruatieproducten
beschikken, blijven namelijk weg van het werk, de school, de jeugdbeweging, de
hobbyclub, enzovoort 26 . Zo bleef 15% van de meisjes die in armoede leven al eens
noodgedwongen thuis van school omdat ze niet de nodige menstruatieproducten
ter beschikking hadden 26 .
WEETJE
In oktober 2018 werd de BTW op menstruatieproducten
verlaagd van 21% naar 6% 24 . Menstruatieproducten worden
daardoor niet langer als luxeproduct beschouwd. Dat is een
belangrijke financiële en symbolische stap voorwaarts in het
doorbreken van het taboe op menstruatie en het bestrijden
van menstruatiearmoede.
4.4 Menopauze
De menopauze begint gemiddeld tussen de 45 en 55 jaar: het is een natuurlijk
proces waarbij de menstruele cyclus stopt en men niet meer vruchtbaar is 27, 28 . Bij
acht op de tien vrouwen ouder dan vijftig jaar zorgt de menopauze voor heel wat
klachten zoals gewrichtspijnen, warmteopwellingen, prikkelbaarheid, slapeloosheid,
hartkloppingen, enzovoort 16 . Gemiddeld houden deze klachten zeven jaar aan
en zorgen ze bij een grote groep patiënten voor een slechtere levenskwaliteit 8, 16 .
Ondanks de grote invloed van de menopauze op de fysieke en mentale gezondheid
van heel wat mensen, wordt er nauwelijks over gesproken 16 .
84
Ondanks de grote invloed van de menopauze op de
fysieke en mentale gezondheid van heel wat mensen,
wordt er nauwelijks over gesproken.
Dat uit zich in een beperkte medische aandacht voor de menopauze in medische
opleidingen (twee derde van de artsen geeft aan dat ze moeite hebben om vragen
in verband met de menopauze te beantwoorden) en in onderzoek (naast een
controversiële hormonale behandeling bestaan er weinig andere alternatieve
behandelingsmethoden doordat er weinig onderzoek naar wordt gevoerd) 8 . Ook
op de arbeidsmarkt is er weinig aandacht voor de menopauze. Zo ervaren heel
wat vrouwen een negatieve invloed van de menopauze op hun werk, maar zijn er
slechts weinig bedrijven met een menopauzebeleid 8, 27 .
4.5 Dubbele seksuele standaard en slut shaming
Slut shaming
1/5
Vlaamse
tienermeisjes
krijgt er online
mee te maken
De dubbele seksuele standaard is het patroon van verwachtingen dat meisjes en
vrouwen seksuele terughoudendheid voorschrijft, terwijl het jongens en mannen
seksuele activiteit dicteert 29 . Dit patroon is heel duidelijk aanwezig bij sexting
(= het versturen van seksueel getinte beelden of tekst): sexting zorgt bij jongens
voor een verhoging van hun sociaal kapitaal omdat ze op deze manier tegemoet
komen aan het stereotiepe beeld van mannelijke seksualiteit. Sexting bij meisjes
daar entegen gaat vaak gepaard met schaamte en schuld omdat dit niet strookt
met het stereotiepe idee van seksuele terughoudendheid bij vrouwen 29 . De
dubbele seksuele standaard kan leiden tot slut shaming van meisjes (= het
bestempelen van iemand als ‘slet’ of ‘hoer’ omwille van hun seksueel verlangen
of seksueel gedrag): jongens die veel (bed)partners hebben (gehad) zijn stoer,
meisjes die veel (bed)partners hebben (gehad) zijn sletten. Slut shaming komt vaak
voor, zeker op sociale media: één op de vijf Vlaamse tienermeisjes krijgt er online
mee te maken 29 .
5. Moeder- en vaderschap
Het vroegere ideaalgezin bestaande uit een moeder die zorgt voor kinderen en
een vader die buitenshuis gaat werken, is niet meer het doorsnee gezin 30 . Toch
beïnvloeden die genderstereotypen nog steeds ons gedachtegoed: scholen
gaan op zoek naar ‘voorleesmama’s’ of ‘handige papa’s’, inschrijfformulieren van
sportclubs vragen de gegevens van een moeder en een vader zonder rekening te
houden met andere zorgfiguren, boodschappen in tv-reclames over opvoeding
zijn nog vaak gericht op moeders, enzovoort 30 . Ouderschap wordt maatschappelijk
meer gelinkt aan de vrouwelijke identiteit.
85
Ouderschap wordt maatschappelijk meer gelinkt aan de
vrouwelijke identiteit.
Zo krijgen vrouwelijke politici vaker de vraag hoe ze hun job combineren met
hun gezin, horen we vaders al eens zeggen dat ze op hun eigen kinderen moeten
babysitten of spreken leerkrachten vaders nog aan met de boodschap “zeg je
tegen je vrouw dat ze minder boterhammen smeert?”. De fysieke en mentale verantwoordelijkheid
van ouderschap wordt dus maatschappelijk meer bij moeders
gelegd 31 . Vrouwen worden hun leven lang geconfronteerd met een dwingend
moederschapsideaal en dat zorgt voor een enorme druk 32 . Er is namelijk een
cultuur gecreëerd die moeders geen moment pauze gunt: zij krijgen de verantwoordelijkheid
voor een huishouden dat op rolletjes moet lopen, voor kinderen
die te allen tijde gestimuleerd moeten worden en voor ‘vrije tijd’ die ten volle
moet benut worden, en dat vaak in combinatie met een job 32, 33 .
WEETJE
Huismoeders liggen onder een politiek vergrootglas. Omdat
ze geen job uitvoeren op de officiële arbeidsmarkt, worden
huismoeders vaak verweten dat ze ‘weinig bijdragen aan de
maatschappij’ 34 . Dit verwijt is een synoniem van de maatschappelijke
onderwaardering van zorgtaken: huismoeders
werken namelijk wél, maar de onbetaalde arbeid die zij
opnemen wordt niet erkend.
Omgekeerd schrijven dominante gendernormen voor dat de fysieke en mentale
verantwoordelijkheid van ouderschap niet bij een vader ligt 31 . Dit idee maken
we onszelf eigen: vaders verwijzen eerder naar hun geboorteverlof als ‘tijd om
hun partner te helpen bij de zorg en opvoeding’, in plaats van als ‘tijd om op te
voeden en te zorgen’ 31 . Vaders die een grotere rol willen spelen bij de opvoeding
van hun kind(eren) voldoen niet aan het stereotiepe idee van mannelijkheid en
botsen tegen verschillende drempels 35 . Dat is zeker het geval voor alleenstaande
vaders. Zij hebben bijvoorbeeld op veel openbare plaatsen geen toegang tot
verschoningstafels omdat die doorgaans enkel geïnstalleerd zijn in de toiletten
van vrouwen en krijgen op het werk af te rekenen met heel wat vooroordelen
wanneer ze ouderschapsverlof opnemen (zie ook ‘Loopbaanonderbreking,
tijdskrediet en thematisch verlof’ op pagina 23) 35 .
86
WEETJE
Het onderzoek naar postnatale depressie bij mannen staat
nog in de kinderschoenen. Toch weten we dat ook mannen
depressieve gevoelens kunnen ervaren na de geboorte van
een kind omwille van de druk die zij ervaren om niet alleen
de perfecte werknemer te zijn, maar ook de perfecte partner
en vader 35 .
6. Schoonheidsidealen en
eetstoornissen
9/10
advertenties
tonen een
stereotiep
schoonheidsideaal
Schoonheidsidealen zijn afhankelijk van tijd, plaats en cultuur 36 . Ze worden
veelvuldig gereproduceerd (negen van de tien advertenties tonen een stereotiep
schoonheidsideaal) en ze worden al op heel jonge leeftijd met de paplepel
ingegeven 37, 38 . Van mannen verwachten we een atletische lichaamsbouw met
brede schouders en zichtbare buikspieren, van vrouwen wordt verwacht dat ze
slank en gracieus zijn met rondingen op ‘de juiste plaatsen’ 37 . Zowel mannen als
vrouwen worden bovendien onderworpen aan het ideaal van jeugdigheid, maar
voor vrouwen ligt de leeftijdsdrempel die deze jeugdigheid bepaalt een stuk lager
dan bij mannen 36 . Zo zien we bijvoorbeeld in de media zelden oudere vrouwen: de
meeste vrouwen in reclames zijn tussen de 20 en 35 jaar oud, terwijl de meeste
mannen in reclames ouder zijn dan 35 jaar 37 . Uiterlijke kenmerken van ouderdom
worden bij mannen makkelijker aanvaard en ze worden zelfs in verband gebracht
met macht, autoriteit en levenswijsheid. Deze dubbele standaard speelt een
belangrijke rol in leeftijdsdiscriminatie 27, 37 .
Hoewel de meeste schoonheidsidealen compleet onhaalbaar zijn, bestaat er een
grote druk om eraan te voldoen. Deze druk is bij vrouwen doorgaans groter dan
bij mannen: mannen worden minder publiekelijk afgerekend op basis van hun
uiterlijk dan vrouwen 26 . De druk op mannen neemt echter wel toe: ook voor hen
worden schoonheidsidealen steeds dwingender en minder haalbaar 36, 37 . Zowel
mannen als vrouwen lijden onder schoonheidsidealen en dat kan zorgen voor
een negatief zelfbeeld 37 .
WEETJE
Het slankheidsideaal (= het hebben van een tengere
lichaamsbouw) is sterk gegenderd: het is dwingender bij
vrouwen dan bij mannen 37 . Dat zorgt ervoor dat ongeveer
95% van alle patiënten met anorexia nervosa vrouw is 39 .
87
Onrealistische schoonheidsidealen zorgen er ook voor dat heel wat mensen
een toevlucht zoeken in cosmetische chirurgie 38 . Zo zijn het aantal botoxbehande
lingen en het aantal behandelingen met fillers in België de afgelopen
jaren toegenomen 40 . Vrouwen die cosmetische chirurgie ondergaan, worden
geconfronteerd met een dubbele standaard. Enerzijds wordt van hen verwacht dat
ze voldoen aan schoonheidsidealen, anderzijds worden ze (sociaal) afgerekend
wanneer ze gebruik maken van cosmetische ingrepen 39 . Cosmetische chirurgie kan
bovendien niet losgekoppeld worden van klasse: vanwege het prijskaartje is het
niet toe gankelijk voor het brede publiek, net zoals tal van andere schoonheidspraktijken
en -producten of de nieuwste modetrends 40 .
De laatste jaren is er een kentering op komst: in de modewereld is er een
groeiende aandacht voor diversiteit in etniciteit, grootte, leeftijd, maat en genderidentiteit.
Er zijn steeds meer activisten die gezonde lichamen als ideaal naar voor
schuiven. Ook is er een anti-photoshop beweging die onrealistische (vrouwelijke)
schoonheidsidealen wil doorprikken 40, 41 .
Deze body positivity beweging wil zich afzetten tegen heersende schoonheidsidealen
en streeft naar een positief zelfbeeld voor iedereen, maar blijft voorlopig
meer uitzondering dan norm in de mode-industrie, in reclames en in popcultuur 41, 42 .
7. Goede praktijken
Er bestaan heel wat campagnes en initiatieven die genderverschillen in fysieke
en psychische gezondheid willen verkleinen. Hieronder lijsten we een aantal
voorbeelden op:
► Sensoa ontwikkelde het lespakket ‘Praten over ongeplande zwangerschap,
tienerzwangerschap en abortus’ om deze thema’s bespreekbaar te maken
met tieners 43 .
► Met ‘Project M²: maak een einde aan menstruatiearmoede’ coördineerde De
Vrouwenraad vijftien lokale projecten met een focus op het verdelen van
menstruatieproducten en het doorbreken van het taboe over menstruatie 44 .
► Met het evenement ‘Golden girls’ wil Zijkant het taboe rond menopauze
door breken 45 . Ze organiseren op de internationale dag van de menopauze
(18 oktober) sofababbels met experten en een feest.
► Afromedica is een organisatie die zich inzet voor het belichten van diversiteit en
discriminatie binnen de gezondheidszorg 46 .
88
► De podcast ‘Geen kleine man’ wil genderongelijkheid op vlak van gezondheidszorg
aan het licht brengen bij een breed publiek 47 .
► De podcast ‘Ongesteld’ stelt alle ongestelde vragen over menstruatie.
► De Nederlandse website ‘Mannen met borstkanker’ biedt informatie over borstkanker
bij mannen voor patiënten, naasten, professionals en onderzoekers 48 .
► De Nederlandse organisatie Women Inc lanceerde de campagne ‘Behandel me
zoals een dame’ om te pleiten voor een gezondheidszorg op maat 49 .
► De Amerikaanse organisatie Channel 4 lanceerde op eigen initiatief een
menopauzebeleid voor hun werknemers met onder andere aandacht voor
de temperatuur van werkruimtes en het doorbreken van het taboe op
de menopauze 50 .
Bronnen
1. RoSa vzw. (2021, 7 oktober). Gender- en sekseverschillen in lichamelijke gezondheid. Geraadpleegd op
27 september 2023, van https://rosavzw.be/nl/themas/lichaam-en-geest/gezondheid/gender-ensekseverschillen-in-ziekte-en-gezondheid
2. RoSa vzw. (2021, 9 februari). Gezondheid. Geraadpleegd op 27 september 2023, van
https://rosavzw.be/nl/themas/lichaam-en-geest/gezondheid
3. RoSa vzw. (2022, 17 februari). Gender in de gezondheidszorg. Geraadpleegd op 29 september 2023,
van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/17-02-gender-in-de-gezondheidszorg
4. RoSa vzw. (2023, 14 september). Genderdatakloof. Geraadpleegd op 28 september 2023, van
https://rosavzw.be/nl/themas/gender/genderdatakloof
5. RoSa vzw. (2023, 13 september). Male Bias. Geraadpleegd op 28 september 2023, van
https://rosavzw.be/nl/themas/gender/genderdatakloof/male-bias
6. RoSa vzw. (2021, 23 september 23). Endometriose en de gender Pain Gap. Geraadpleegd op 29 september
2023, van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/07-10-endometriose-en-de-gender-pain-gap
7. RoSa vzw. (z.d.). Genderdatakloof - Gezondheid, welzijn en veiligheid. Geraadpleegd op 19 oktober 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/gender/genderdatakloof/male-bias/gezondheid-welzijn-en-veiligheid
8. RoSa vzw. (2022, 9 juni). Menopauze. Geraadpleegd op 29 september 2023,
van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/09-06-menopauze
9. RoSa vzw. (2023, 9 mei). Racial bias in zwangerschaps- en geboortezorg. Geraadpleegd op
29 september 2023, van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/edities-2023/11-05-racialbias-in-zwangerschaps-en-geboortezorg
10. RoSa vzw. (2023, 9 mei). Mannen in de manosfeer: online haat en misogynie. Geraadpleegd op 21 september
2023, van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/edities-2023/27-04-jonge-mannen-in-demanosfeer-online-haat-toxische-mannelijkheid-en-extreemrechts
89
11. RoSa vzw. (2022, 12 mei). Andrologie: zorgen over en zorgen voor de mannelijke anatomie. Geraadpleegd op
29 september 2023, van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/12-05-andrologie-zorgen-overen-zorgen-voor-de-mannelijke-anatomie
12. RoSa vzw. (2021, 15 september). Gender- en sekseverschillen in de geestelijke gezondheid. Geraadpleegd op
27 september 2023, van https://rosavzw.be/nl/themas/lichaam-en-geest/gezondheid/gender-ensekseverschillen-in-de-geestelijke-gezondheid
13. RoSa vzw. (2020, 10 december). Gender en mentale gezondheid. Geraadpleegd op 29 september 2023,
van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/10-12-gender-en-mentale-gezondheid
14. RoSa vzw. (2022, 1 december). Moederschap op het spectrum. Geraadpleegd op 29 september 2023, van
https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/vorige-edities-2022/01-12-moederschap-op-het-spectrum
15. RoSa vzw. (2022, 28 april). Anticonceptie. Geraadpleegd op 27 september 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/lichaam-en-geest/anticonceptie
16. RoSa vzw. (2021, 25 februari). Lichamelijke autonomie en gezondheid. Geraadpleegd op 27 september 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/lichaam-en-geest/gezondheid/lichamelijke-autonomie-en-gezondheid
17. RoSa vzw. (2022, 17 maart). Anticonceptie voor de mannelijke anatomie. Geraadpleegd op 27 september
2023, van https://rosavzw.be/nl/themas/lichaam-en-geest/anticonceptie/anticonceptie-voor-demannelijke-anatomie
18. RoSa vzw. (2022, 17 maart). Anticonceptie voor de vrouwelijke anatomie. Geraadpleegd op 28 september
2023, van https://rosavzw.be/nl/themas/lichaam-en-geest/anticonceptie/anticonceptie-voorvrouwelijke-anatomie
19. RoSa vzw. (2022, 17 maart). Interview Isala onderzoekers. Geraadpleegd op 28 september 2023,
van https://rosavzw.be/nl/actualiteit/interview
20. RoSa vzw. (2022, 28 september). Abortus. Geraadpleegd op 28 september 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/lichaam-en-geest/abortus
21. RoSa vzw. (2023, 3 april). Geschiedenis van de abortuswetgeving in België. Geraadpleegd op
28 september 2023, van https://rosavzw.be/nl/themas/lichaam-en-geest/abortus/geschiedenis-vanabortuswetgeving-in-belgi%C3%AB
22. FOD Volksgezondheid. (2023). Nationale commissie voor de evaluatie van de wet van 15 oktober 2018
betreffende de zwangerschapsafbreking. https://overlegorganen.gezondheid.belgie.be/sites/default/files/
documents/defenitief_verslag_feb_2023_nl_-jaren_2020-2021.pdf
23. RoSa vzw. (2022, 30 november). Abortus in België vandaag. Geraadpleegd op 28 september 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/lichaam-en-geest/abortus/abortus-in-belgi%C3%AB-vandaag
24. RoSa vzw. (2022, 19 mei). Menstruatie. Geraadpleegd op 27 september 2023, van https://rosavzw.be/nl/
themas/lichaam-en-geest/menstruatie
25. RoSa vzw. (2022, 4 augustus). Menstruatiearmoede. Geraadpleegd op 28 september 2023, van
https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/vorige-edities/11-04-menstruatiearmoede
26. RoSa vzw. (2022, 20 januari). Jaaroverzicht 2021. Geraadpleegd op 28 september 2023, van
https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/rosas-jaaroverzicht/2021
27. RoSa vzw. (2019, 14 november). Gender en leeftijdsdiscriminatie. Geraadpleegd op 28 september 2023,
van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/vorige-edities/gender-en-leeftijdsdiscriminatie
28. UZ Antwerpen. (z.d.). Menopauze: klachten. Geraadpleegd op 2 oktober 2023, van https://www.uza.be/
behandeling/menopauze-klachten#:~:text=Menopauze%20is%20geen%20ziekte%2C%20maar,
menopauze%20wordt%20de%20overgang%20genoemd.
29. RoSa vzw. (2020, 1 oktober). Sexting, victim blaming en slut shaming. Geraadpleegd op 22 september 2023,
van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/01-10-sexting-victim-blaming-en-slut-shaming
30. RoSa vzw. (2022, 28 april). Ouderschap. Geraadpleegd op 28 september 2023, van https://rosavzw.be/nl/
themas/lichaam-en-geest/ouderschap
31. van Tienoven, T. P., Vrije Universiteit Brussel, TOR, & ZijKant. (2019). Vaderschap: vaderschapsverlof en de
loon- en loopbaankloof [Presentatieslides; PowerPoint].
90
32. RoSa vzw. (2022, 16 maart). Moederschap. Geraadpleegd op 28 september 2023, van
https://rosavzw.be/nl/themas/lichaam-en-geest/ouderschap/moederschap
33. RoSa vzw. (2021 herfst). Herfst/Winter 2021: Ouderschap. Geraadpleegd op 29 september 2023,
van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/uitgelezen/herfst-winter-2021-ouderschap
34. RoSa vzw. (2023, 18 oktober). Het debat rond thuisblijfouders onder de loep. Geraadpleegd op
19 oktober 2023, van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/edities-2023/19-10-hetdebat-rond-thuisblijfouders-onder-de-loep?utm_source=RoSa+Nieuwsbrief&utm_campaign=
e9992afc78-EMAIL_CAMPAIGN_2023_10_04_01_55_COPY_02&utm_medium=email&utm_term=0_-7c0bbf43ef-
%5BLIST_EMAIL_ID%5D
35. RoSa vzw. (2022, 26 april). Vaderschap. Geraadpleegd op 28 september 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/lichaam-en-geest/ouderschap/vaderschap
36. RoSa vzw. (2022, 15 november). Schoonheidsidealen. Geraadpleegd op 28 september 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/lichaam-en-geest/schoonheidsidealen
37. RoSa vzw. (2022, 15 november). Trends vandaag. Geraadpleegd op 28 september 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/lichaam-en-geest/schoonheidsidealen/trends-vandaag
38. RoSa vzw. (2022, 15 november). Gevolgen van uniform schoonheidsideaal. Geraadpleegd op 28 september
2023, van https://rosavzw.be/nl/themas/lichaam-en-geest/schoonheidsidealen/gevolgen-vanuniform-schoonheidsideaal
39. RoSa vzw. (2021, 9 februari). Geschiedenis van de geestelijke gezondheidszorg. Geraadpleegd op
27 september 2023, van https://rosavzw.be/nl/themas/lichaam-en-geest/gezondheid/
geschiedenis-van-de-geestelijke-gezondheidszorg
40. RoSa vzw. (2023, 25 mei). Feministische perspectieven op cosmetische ingrepen. Geraadpleegd op
29 september 2023, van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/edities-2023/25-05-
feministische-perspectieven-op-cosmetische-ingrepen
41. RoSa vzw. (2021, 9 februari). Geschiedenis van schoonheidsidealen. Geraadpleegd op 28 september 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/lichaam-en-geest/schoonheidsidealen/geschiedenis-vanschoonheidsidealen
42. Genderklik. (z.d.). Bodypositivity bij mannen. Geraadpleegd op 29 september 2023,
van https://www.genderklik.be/actualiteit/bodypositivity-bij-mannen
43. Sensoa. (z.d.). Praten over ongeplande zwangerschap, tienerzwangerschap en abortus - lespakket.
Geraadpleegd op 2 oktober 2023, van https://www.sensoa.be/materiaal/praten-over-ongeplandezwangerschap-tienerzwangerschap-en-abortus-lespakket
44. Genderklik. (z.d.). Menstruatiearmoede en menstruatieschaamte: hoog tijd om het dubbele taboe te door
breken. Geraadpleegd op 2 oktober 2023, van https://genderklik.be/actualiteit/
menstruatiearmoede-en-menstruatieschaamte-hoog-tijd-om-het-dubbele-taboe-te-doorbreken
45. Zijkant. (2023, 9 oktober). Golden Girls doorbreekt taboe rond ouder worden. Geraadpleegd op 10 oktober
2023, van https://www.zijkant.be/golden-girls-doorbreekt-taboe-rond-ouder-worden/
46. AfroMedica. (z.d.). Gezondheidszorg. Geraadpleegd op 2 oktober 2023, van https://afromedica.wixsite.com/info
47. RoSa vzw. (2022, 16 februari). Podcast Geen kleine man over gender in de geneeskunde.
Geraadpleegd op 2 oktober 2023, van https://rosavzw.be/nl/actualiteit/podcast-geen-kleine-man
48. Mannen met borstkanker. (2023, 15 augustus). Mannen met borstkanker. Geraadpleegd op 2 oktober 2023,
van https://www.mannenmetborstkanker.nl/
49. Women Inc. (z.d.). Behandel me als een dame. Geraadpleegd op 2 oktober 2023,
van https://www.behandelmealseendame.nl/
50. Channel 4 launches menopause policy for employees. (2019, 18 oktober). the Guardian. Geraadpleegd op
2 oktober 2023, van https://www.theguardian.com/society/2019/oct/18/channel-4-launchesmenopause-policy-for-employees
91
92
Politiek
en beleid
1. Besluitvorming 94
1.1 Gelijke deelname van vrouwen en mannen 94
1.2 Politieke besluitvorming 95
1.3 Economische besluitvorming 96
1.4 Besluitvorming in verenigingen 97
2. Representatie van vrouwelijke politici 97
2.1 Berichtgeving 97
2.2 Haat tegenover (vrouwelijke) politici 97
3. De invloed van gender op beleid 98
3.1 Migratie 98
3.2 Openbare ruimte 99
4. Antifeministische beweging 100
5. Goede praktijken 101
Bronnen 103
93
Politiek en beleid
Politiek en beleid zijn belangrijke tools om te streven naar een samenleving met
gelijke kansen voor iedereen en daar speelt gender (onbewust) een grote rol in.
Gender heeft onder andere een impact op de participatie van vrouwen en mannen
aan besluitvorming en op de manier waarop politici worden gerepresenteerd.
Daarnaast geeft gender ook richting aan beleid over tal van uiteenlopende thema’s
zoals migratiebeleid en beleid inzake de indeling van de openbare ruimte 1 .
1. Besluitvorming
1.1 Gelijke deelname van vrouwen en mannen
Wanneer bepaalde groepen systematisch ondervertegenwoordigd zijn bij
besluitvorming, dan worden de specifieke behoeften en noden van die groepen
onvoldoende meegenomen in het beleid 2 . Een gelijke deelname van mannen
en vrouwen in het besluitvormingsproces is een essentieel onderdeel van een
evenwichtige samenleving omwille van verschillende redenen 3, 4, 5 :
► In een democratie zou het aantal mannen en vrouwen in besluitvormingsprocessen
een afspiegeling moeten zijn van de bevolking.
► Een ondervertegenwoordiging van vrouwen zorgt ervoor dat zaken die een grote
impact hebben op vrouwen (maar niet noodzakelijk op mannen) niet makkelijk
op de politieke agenda komen te staan.
► Onderzoek bevestigt keer op keer dat diverse teams tot betere beslissingen
komen.
► Wanneer iedereen in rekening wordt gebracht, dan is de kans groter om
‘de meest bekwame persoon’ voor een mandaat te vinden dan wanneer er
slechts met één groep rekening wordt gehouden.
► De representatie of het gebrek aan representatie straalt uit op het (stereotiepe)
idee dat we hebben over politici en de (politieke) ambities en acties van
vrouwen.
Het feit dat vrouwen en mannen gelijke rechten hebben in België, staat niet garant
voor gelijke kansen en een gelijke deelname aan besluitvorming 6, 7 .
94
Om gelijke kansen en een gelijke deelname te verwezenlijken kan het opleggen
van quota een meerwaarde zijn. Het IGVM definieert quota als ‘een reeks maatregelen,
bedoeld als een inhaalbeweging, die zijn toegespitst op een bepaalde
doelgroep om een feitelijke vorm van ongelijkheid uit de weg te ruimen’ 8 . Het
gebruik van quota kent heel wat voor- en tegenstanders: voorstanders menen dat
quota voor een aanvaarde minimumstandaard zorgen, tegenstanders menen dat
quota ingaan tegen de democratische basisprincipes en dat ze de geloofwaardigheid
van ondergerepresenteerde groepen aantasten 6 .
1.2 Politieke besluitvorming
Vrouwen werden eeuwenlang uitgesloten uit politieke besluitvorming omdat
genderstereotypen vrouwen binnenshuis hielden 9 . Hierdoor wordt politiek nog
vaak als ‘een mannenzaak’ gezien. Zo associëren we veel vaardigheden die belangrijk
zijn voor politici, zoals publiek spreken en leidinggeven, meer met mannen
dan met vrouwen 9 . Om dit idee te doorbreken en om tot een gelijke deelname van
vrouwen en mannen aan politieke besluitvorming te komen, gelden in België sinds
2002 quotawetten waaraan politieke partijen moeten voldoen 6 . Zo mag het verschil
tussen het aantal mannen en het aantal vrouwen op een kieslijst niet groter zijn
dan één en mogen de eerste twee (of drie) plaatsen niet worden ingenomen door
personen met dezelfde genderidentiteit 6, 7 .
14%
van de
burgemeesters
is een vrouw
Ondanks deze quota zijn vrouwelijke politici nog steeds ondervertegenwoordigd 4 .
Vlak na de verkiezingen van 2019 bestonden het federaal parlement en de federale
regering uit respectievelijk 43% en 50% vrouwelijke leden 10 . Het Vlaams Parlement
en de Vlaamse regering bestonden respectievelijk uit 45% en 33% vrouwelijke
leden 10 . Vooral op lokaal niveau valt de ondervertegenwoordiging van vrouwen
op: na de lokale en provinciale verkiezingen van 2018 was slechts 42% van de
provincieraadsleden, 38% van de gemeenteraadsleden, 38% van de schepenen en
14% van de burgemeesters vrouw 10 . Politieke besluitvorming op lokaal niveau blijft
dus voorlopig een mannelijk bastion 11 .
WEETJE
Als politieke participatie in de brede zin wordt bekeken
(deelnemen aan politieke manifestaties, een petitie
ondertekenen, deelnemen aan een politiek forum, enzovoort),
zijn evenveel mannen als vrouwen politiek actief 2 .
Vrouwen ervaren een glazen plafond binnen de politiek: de meest toonaangevende
posities - zoals premier, minister en partijvoorzitter - zijn nog veelal in
handen van mannen 9 . Ook de glazen afgrond laat zich gelden: vrouwelijke politici
worden naar voor geschoven in tijden van (politieke) crisis (wanneer de kans op
falen het grootst is), zowel bij het opstellen van kieslijsten, het kiezen van een
95
partijvoorzitter als het toekennen van politieke mandaten 9 . Daarbovenop valt
een politiek klimaat met lange werkdagen en een harde werkcultuur moeilijk te
rijmen met stereotiepe verwachtingen van vrouwen. Ook de vele confrontaties
met seksistische uitspraken, seksuele intimidatie en geweld op vrouwen zorgen
voor uitstroom uit de politiek 9 . Zo was de regering-De Croo in 2020 ‘de meest
vrouwelijke regering ooit’, maar ondertussen is dat niet meer het geval door de
uitval van heel wat vrouwelijke politici.
WEETJE
Mandaten worden vaak genderstereotiep verdeeld: ‘zachte’
politieke mandaten zoals mensenrechten, gendergelijkheid,
sociale zaken, onderwijs en klimaat worden vaker toegewezen
aan vrouwen, terwijl economie, defensie, justitie,
energie en binnenlandse zaken vaker worden toegewezen
aan mannen 9 .
1.3 Economische besluitvorming
Ook binnen economische besluitvorming zijn vrouwen ondervertegenwoordigd:
► Vrouwen zijn ondervertegenwoordigd in de samenstelling van bestuursorganen
van commerciële vennootschappen en bedrijven. In 2016 was gemiddeld 48% van
de leden van deze bestuursraden vrouw, maar het aandeel vrouwen is afhankelijk
van de grootte van het bedrijf: de raden van bestuur van bedrijven tot vijftig
werknemers bestaan ongeveer voor de helft uit vrouwen, terwijl bij bedrijven van
meer dan tweehonderd werknemers het vrouwelijk aandeel daalt tot 40% 2, 12 . Het
overwicht van mannen is merkbaar in elke sector 2 .
► Slechts 31% van de zaakvoerders van commerciële vennootschappen en
bedrijven is vrouw 2 . De ondervertegenwoordiging komt voor bij alle bedrijfsgroottes,
maar is het meest uitgesproken bij bedrijven met minder dan tien
of met meer dan tweehonderd werknemers 2 . Het overwicht van mannen is
merkbaar in elke sector 2 .
31%
van de
zaakvoerders van
commerciële
vennootschappen
en bedrijven
is een vrouw
WEETJE
De Europese Unie streeft naar een evenwichtige vertegenwoordiging
van mannen en vrouwen binnen bestuursraden
van beursgenoteerde ondernemingen 13 . Daarom gelden sinds
oktober 2022 nieuwe Europese richtlijnen: beursgenoteerde
bedrijven moeten tegen 2026 zorgen dat tenminste 40%
van niet-uitvoerende bestuursfuncties uitgevoerd wordt
door vrouwen 13 .
96
1.4 Besluitvorming in verenigingen
Ook bij besluitvorming in verenigingen zijn vrouwen ondervertegenwoordigd 2 .
Deze ondervertegenwoordiging wordt nagegaan op basis van de aanwezigheid
van vrouwen en mannen in het bestuur van verenigingen en in welke mate zij een
officiële functie zoals voorzitter, secretaris of penningmeester opnemen. In 2018
gaf 11% van de mannen en 7% van de vrouwen tussen 18 en 85 jaar aan bestuurslid
te zijn van één of meerdere verenigingen 2 .
2. Representatie van vrouwelijke
politici
2.1 Berichtgeving
Genderstereotypen hebben een belangrijke invloed op hoe politici in beeld
worden gebracht. Een aantal voorbeelden:
► Het vrouw-zijn van vrouwelijke politici wordt meer benadrukt dan het man-zijn
van mannelijke politici. In Vlaamse kranten wordt het vrouw-zijn van vrouwelijke
ministers gemiddeld 22 keer expliciet vermeld, terwijl bij mannen dat maar
1.2 keer het geval is in eenzelfde periode 9 .
► Hoewel er evenveel aandacht gaat naar mannelijke als vrouwelijke politici in
Vlaamse kranten, is de berichtgeving een stuk stereotieper bij vrouwen. Bij
vrouwelijke ministers gaat berichtgeving vaker over hun kledij, make-up, haarsnit
of andere uiterlijke kenmerken dan bij mannen 14 . Zo wordt er bericht over de
‘werkethiek’ van Jan Jambon, maar over de ‘mooie ogen’ van Hilde Crevits 14 .
► Berichtgeving over vrouwelijke ministers gaat vaker over hun kinderen, relatiestatus
en work-life balans dan bij mannelijke ministers 14 . Ook de inhoud ervan
verschilt: bij vrouwen wordt de zorg voor hun kinderen vaker als een bron van
conflict aangehaald, bij mannen eerder als een bron van steun.
► Fouten van mannelijke politici worden eerder toegeschreven aan de context,
fouten van vrouwelijke politici worden gezien als een bevestiging dat ze niet
thuishoren in de politiek. Dat zorgt ervoor dat het werk van vrouwelijke politici
strenger wordt beoordeeld en afgestraft dan dat van mannen 9 .
2.2 Haat tegenover (vrouwelijke) politici
Stereotiepe berichtgeving schept het idee dat vrouwen niet thuis horen in het
politieke landschap en zorgt voor denigrerende en haatdragende uitspraken ten
aanzien van vrouwelijke politici 14 . Hoewel mannelijke politici ook vaak aangevallen
worden, is dat bij vrouwelijke politici - zeker diegenen die behoren tot een
minderheidsgroep en/of de oppositie - disproportioneel vaker het geval, zowel
online als offline 9 .
97
Mannelijke politici worden eerder aangevallen voor de inhoudelijke standpunten
die ze innemen, vrouwelijke politici worden frequenter persoonlijk aangevallen 9 . Zij
horen vaker kleinerende uitspraken zoals ‘meiske’ of ‘vrouwtje’, ze krijgen meer te
maken met seksistische uitingen en worden vaker geconfronteerd met geweld 9 .
Dit heeft niet alleen grote gevolgen voor vrouwelijke politici en hun omgeving
(zoals stress, een gevoel van onveiligheid en een invloed op hun professionele
carrière), maar ook op de samenleving: geweld ontmoedigt vrouwen om te kiezen
voor een politieke carrière, waardoor de instroom van vrouwen in de politiek
wordt beperkt 9 .
3. De invloed van gender op beleid
3.1 Migratie
Migratie is geen genderneutraal fenomeen. Of een migrant een man of vrouw
is, heeft ingrijpende gevolgen voor iedereen die betrokken is bij het migratieproces
15 . Zo zijn vrouwen, die in 2020 46% van de buitenlandse migranten in
België vormden, een bijzonder kwetsbare groep: ze worden vaker slachtoffer van
mensenhandel, afpersing, (seksueel) geweld en misbruik, ze voelen zich niet veilig
in opvangcentra en hun specifieke noden blijven onderbelicht in onderzoek en in
de media 16, 17, 18 . Vrouwelijke migranten ervaren discriminatie op de arbeidsmarkt
op basis van hun migratiestatus en op basis van hun vrouw-zijn, ze zijn kwetsbaarder
voor armoede en als ze er in slagen om een job te vinden, gaat dat vaak
om laaggeschoolde arbeid waarvoor ze overgekwalificeerd zijn 19 .
WEETJE
De publieke opinie over migranten is verschillend voor
vrouwen en mannen: waar mannelijke migranten beschouwd
worden als concurrenten op de arbeidsmarkt, worden
vrouwelijke migranten vaker gezien als passieve slachtoffers.
Dat leidt tot heel wat debatten over de levens van vrouwelijke
migranten zonder dat zij daar zelf een stem in krijgen 19 .
Op het eerste zicht lijken mannen en vrouwen omwille van dezelfde economische
of humanitaire motieven te migreren 20 . Toch zijn heel wat redenen niet los te
koppelen van iemands vrouw- of man-zijn. Vrouwen migreren bijvoorbeeld vaker
om niet te moeten trouwen, om te ontsnappen aan gendergerelateerd geweld of
omdat ze in hun land van herkomst beschouwd worden als een tweederangsburger
op juridisch, economisch en/of maatschappelijk vlak 20 . Gegenderde motieven van
98
mannen omvatten daarentegen het omzeilen van militaire dienstplicht of angst
voor moord door bijvoorbeeld extremistische groeperingen of politieke leiders 20 .
Heel wat mensen migreren daarnaast omwille van onveilige omstandigheden
vanwege hun genderidentiteit of romantische en seksuele oriëntatie 21 . Ook de
timing van migratie is soms verschillend voor mannen en vrouwen: bij heteroseksuele
koppels migreren mannen vaak eerst, gevolgd door hun vrouw en gezin
in het kader van gezinshereniging 20 .
Vrouwen migreren vaker om niet te moeten trouwen, om
te ontsnappen aan gendergerelateerd geweld of omdat
ze in hun land van herkomst beschouwd worden als
een tweederangsburger op juridisch, economisch en/of
maatschappelijk vlak.
Hoewel iedereen recht heeft op opvang, is het migratiebeleid in België nadelig
voor mannen. Ter illustratie: in augustus 2023 werd beslist dat België voorlopig
geen opvangplaatsen meer zou voorzien voor alleenstaande mannen die asiel
aanvragen. Hoewel deze beslissing in strijd is met het internationaal en Belgisch
recht, is die er gekomen vanuit het stereotiepe idee dat mannelijke migranten
meer zelfredzaam en minder kwetsbaar zouden zijn 22 . Dit idee gaat voorbij aan
het feit dat ook alleenstaande mannelijke migranten (en mannen behorend tot de
LGBTQIA+ gemeenschap in het bijzonder) een zeer kwetsbare positie bekleden in
de samenleving want ook zij ervaren (seksueel) geweld en misbruik.
3.2 Openbare ruimte
Het plannen en inrichten van de openbare ruimte is geen neutraal proces: door
wie en voor wie een stad wordt ontworpen, heeft een impact op hoe een stad eruit
ziet en hoe die ervaren en gebruikt wordt 23 . In veel gevallen gebeurt stadsplanning
door (witte, oudere) mannen met - al dan niet bewust - (witte) mannelijke
bewoners en gebruikers voor ogen 23 .
Door het gebrek aan diversiteit binnen teams die verantwoordelijk zijn voor stadsplanning,
wordt er onbewust met heel wat mensen geen rekening gehouden 24 .
Dat leidt onder andere tot vrouwonvriendelijke planning en zorgt er bijvoorbeeld
voor dat meisjes vaker binnen afspreken dan op straat, dat vrouwen bepaalde
plaatsen vermijden, ze enkel met een (mannelijke) vriend op stap gaan of ze niet
de kortste route naar huis durven nemen 24 .
99
Enkele voorbeelden van vrouwonvriendelijke stadsplanning:
► Stedelijk ontwerp draait vaak rond mobiliteit voor auto’s. Het belang dat
hieraan gehecht wordt is echter niet genderneutraal aangezien meer mannen
dan vrouwen zich verplaatsen met de wagen, terwijl vrouwen eerder een fiets of
het openbaar vervoer gebruiken 24 .
► Openbaar vervoer is dikwijls afgestemd op een voltijds arbeidsregime en op
reguliere kantooruren. Aangezien veel vrouwen deeltijds werken en hun arbeidsuren
vaak flexibel zijn, vindt hun woon-werkverkeer vaker plaats tijdens de
daluren van de dienstregeling van het openbaar vervoer, dat op die momenten
doorgaans minder kwalitatief is 24 .
► Er zijn heel wat stedenbouwkundige zaken die het onveiligheidsgevoel van
vrouwen versterken. Denk maar aan winkel- of kantoorgebieden die ‘s avonds
transformeren in lege en donkere gebieden omdat er niemand woont, slecht
uitgedachte of ontoereikende straatverlichting (zoals heel wat steden die hun
straatverlichting doofden naar aanleiding van hoge energiekosten) of plaatsen
die geen sociale ogen toelaten zoals een stadspark waar geen appartementsgebouwen
op uitkijken 24, 25, 26 .
► De meeste openbare toiletten zijn urinoirs 27 . Vrouwen hebben zodoende minder
toegang tot openbare toiletten, en moeten er bovendien vaker voor betalen.
Daarnaast zijn openbare toiletten dikwijls niet genderinclusief en/of stereotiep
ingedeeld met bijvoorbeeld verzorgingstafels enkel in toiletten voor vrouwen,
wat genderstereotypen rond zorg in stand houdt 28, 29, 30 .
► Er zijn weinig vrouwen in het straatbeeld. Overwegend veel straatnamen,
gebouwen en standbeelden zijn opgedragen aan mannen 24 . Ook kunst waarin
vrouwen centraal staan zonder dat ze geseksualiseerd worden, ontbreekt 25 .
Nochtans scheppen zulke zaken het beeld dat vrouwen welkom zijn in de
openbare ruimte.
4. Antifeministische beweging
Het antifeminisme is een tegenreactie op het feminisme. Waar het feminisme
streeft naar de gelijkheid tussen vrouwen en mannen, vertoont het anti feminisme
weerstand tegenover gendergelijkheid en gaat er zelfs actief tegen in 31 . Deze
beweging grijpt terug naar stereotiepe ideeën over vrouwen en mannen en
valt daarbij systematisch vrouwenrechten (en de rechten van de LHBTQIA+gemeenschap)
aan 32, 33 . Deze aanvallen worden gemotiveerd als een bescherming
van ‘traditionele familiestructuren en genderrollen die aan de grondslag
van nationale waarden en normen liggen’ en worden de laatste jaren gericht
georganiseerd 33, 34 . Zo ontstond in 2014 een online haatcampagne tegen vrouwelijke
game-ontwikkelaars omdat zij het gebrek aan diversiteit in de game-industrie
aankaarten 35 .
100
De antifeministische beweging wordt gekenmerkt door het idee dat machtsverhoudingen
in de maatschappij een natuurlijk gevolg zouden zijn van
biologische verschillen tussen mannen en vrouwen 32 .
Vrouwen en mannen zouden namelijk verschillende fysieke kenmerken, psychische
kenmerken, talenten en mogelijkheden hebben die vrouwen - in tegenstelling tot
mannen - ongeschikt zouden maken om te studeren, buitenshuis te werken of zich
in te laten met politieke kwesties 32 . Het is voor antifeministen zodoende vanzelfsprekend
dat vrouwen en mannen verschillende rollen invullen waarbij de ideale
vrouw een moederlijk type is die haar leven in dienst van een man en kinderen
stelt 32 . Vanuit deze denkbeelden vloeit voort dat ongelijkheid ‘een natuurlijk
fenomeen’ zou zijn en daarom ook bestendigd moet worden 32 . De antifeministische
beweging is zowel offline als online aanwezig en heeft verschillende aanhangers,
waaronder ook vrouwen 36 . Het internet vormt een decor voor uiteenlopende
vormen van online haat en geweld die ingegeven zijn door antifeministisch
gedachtegoed 35 . Ook de manosfeer is een digitale uiting van de antifeministische
beweging (zie ook ‘De manosfeer’ op pagina 68).
De antifeministische beweging wordt gekenmerkt door
het idee dat machtsverhoudingen in de maatschappij een
natuurlijk gevolg zouden zijn van biologische verschillen
tussen mannen en vrouwen.
5. Goede praktijken
Er bestaan heel wat initiatieven om het aantal vrouwen in besluitvormingsprocessen
te verhogen en om beleid genderbewuster te maken. Hieronder geven
we een aantal voorbeelden.
► Met hun ‘Stem vrouw’ campagne wil Zijkant streven naar een evenwichtige
vertegenwoordiging van vrouwen en mannen in de politiek 37 .
► Met het educatief materiaal ‘De kracht van je stem’ biedt het Vlaams Parlement
informatie over politieke systemen en politieke participatie op maat van
kinderen en jongeren aan. Zo kan het stereotiepe idee dat politiek een
‘mannen zaak’ zou zijn, doorbroken worden en worden alle jongeren gestimuleerd
voor een politieke carrière 38 .
101
► G.I.R.L. is een project van Vital Cities waarmee ze willen onderzoeken of
tienermeisjes geactiveerd kunnen worden om hun plek in de openbare ruimte
op te eisen aan de hand van verschillende sporten 39 .
► Girls make the city en Girls play in the city zijn initiatieven van Zijkant waarmee
ze de openbare ruimte inclusiever willen maken voor vrouwen en meisjes 40, 41 .
Ze doen dat samen met vrouwen en meisjes met verschillende achtergronden
en interesses. In dit kader ontwikkelden ze ook een digitale brochure met
aanbevelingen voor stadsplanning 42 .
► De feministische Tuin in Antwerpen-Noord is een initiatief van Bibliotheek
Permeke, Endeavour, Saamo en het Red Star Line Museum. Aan de hand van
bloemen, groenten en kruiden worden vrouwen met een migratieachtergrond
samengebracht in een veilige omgeving waar ze hun ideeën over een vrouwvriendelijke
stad met elkaar kunnen delen 43 .
► Women bike the city is een fietsevenement van Zijkant waarbij deelnemers
gegidst worden langs straten die vernoemd zijn naar vrouwen en langs kunst die
gemaakt is door vrouwen 44 .
► De Warmste Entree - een initiatief van handelsfederatie Comeos, Inter en CAWaB
- voorziet genderbewuste tips, onder andere over toiletten en verzorgingstafels,
om te werken aan een maatschappij zonder beperkingen voor mensen met een
beperking 45 .
► Stad Gent heeft een interactieve kaart met openbare toiletten die aangeven
welke faciliteiten ter beschikking zijn (urinoir, toiletten, toiletten voor personen
met een beperking) 46 . Dit geeft duidelijk aan waar men terecht kan.
► Atria, het kennisinstituut voor emancipatie en vrouwengeschiedenis in
Nederland, formuleerde enkele aanbevelingen om de participatie van vrouwen
in gemeenteraden te verhogen 47 .
► De organisatie Stem Op Een Vrouw uit Nederland ontwikkelde richtlijnen voor
een veilig politiek klimaat met bijzondere aandacht voor vrouwelijke politici 48 .
► In Nederland werd een petitie tegen online vrouwenhaat jegens vrouwelijke
politici in het leven geroepen door Opzij en Stem Op Een Vrouw 49 .
Hun doel: het waarborgen van de veiligheid van vrouwelijke politici en alle
politieke ambtsdragers.
102
Bronnen
1. RoSa vzw. (2021, 9 februari). Politiek en beleid. Geraadpleegd op 4 oktober 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/politiek-en-beleid
2. Noppe, J., Vanweddingen, M., & Weekers, K. (2021). Maatschappelijke positie en participatie van mannen en
vrouwen. Statistiek Vlaanderen. https://publicaties.vlaanderen.be/view-file/40990
3. RoSa vzw. (2021, 9 februari). Politieke participatie. Geraadpleegd op 4 oktober 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/politiek-en-beleid/politieke-participatie
4. RoSa vzw. (2021, 9 februari). Paritaire democratie: wat en waarom? Geraadpleegd op 4 oktober 2023, van
https://rosavzw.be/nl/themas/politiek-en-beleid/politieke-participatie/paritaire-democratie-wat-en-waarom
5. WOMEN Inc. (2021, 4 maart). Representatie vrouwen op de kieslijsten. Geraadpleegd op 18 oktober 2023,
van https://www.womeninc.nl/actueel/representatie-vrouwen-op-de-kieslijsten
6. RoSa vzw. (2021, 9 februari). Paritaire democratie: hoe? Geraadpleegd op 5 oktober 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/politiek-en-beleid/politieke-participatie/paritaire-democratie-hoe
7. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (2018). De politieke vertegenwoordiging van vrouwen
na de gemeente- en provincieraadsverkiezingen van 14 oktober 2018. https://igvm-iefh.belgium.be/sites/
default/files/annexe_elections_communales_et_provinciales_du_14_octobre_2018_nl.pdf
8. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (z.d.). Wat is pariteit. Geraadpleegd op 5 oktober 2023,
van https://igvm-iefh.belgium.be/nl/activiteiten/politiek/wat_is_pariteit
9. RoSa vzw. (2023, 5 oktober). Ervaringen van vrouwen in de politiek. Geraadpleegd op 5 oktober 2023,
van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/edities-2023/05-10-ervaringen-van-vrouwen-in-depolitiek?utm_source=RoSa+Nieuwsbrief&utm_campaign=7c0bbf43ef-EMAIL_CAMPAIGN_2023_10_04_01_
55&utm_medium=email&utm_term=0_-7c0bbf43ef-%5BLIST_EMAIL_ID%5D
10. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (z.d.). Cijfers. Geraadpleegd op 4 oktober 2023,
van https://igvm-iefh.belgium.be/nl/activiteiten/politiek/cijfers
11. RoSa vzw. (2021, 10 februari). Politieke participatie in België. Geraadpleegd op 4 oktober 2023, van
https://rosavzw.be/nl/themas/politiek-en-beleid/politieke-participatie/politieke-participatie-in-belgi%C3%AB
12. Noppe, J., Vanweddingen, M., Weekers, K., & Studiedienst Vlaamse Regering. (2017). Vlaamse gendermonitor
2016. Jeroen Windey. https://publicaties.vlaanderen.be/view-file/24544
13. Europese Raad. (z.d.). Genderevenwicht in raden van bestuur. Geraadpleegd op 18 oktober 2023,
van https://www.consilium.europa.eu/nl/policies/gender-balance-corporate-boards/
14. Verbergt, M. (2022, 10 februari). Jambon is ‘harde werker’, Crevits heeft ‘mooie ogen’. De Standaard.
Geraadpleegd op 4 oktober 2023, van https://www.standaard.be/cnt/dmf20220209_98401759
15. RoSa vzw. (2021, 9 februari). Migratie. Geraadpleegd op 4 oktober 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/politiek-en-beleid/migratie
16. Myria. (2022). Migratie in cijfers en in rechten.
https://www.myria.be/files/Paul_Smith/2022_Bevolking_en_bewegingen.pdf
17. RoSa vzw. (2021, 9 februari). Toekomstige uitdagingen. Geraadpleegd op 4 oktober 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/politiek-en-beleid/migratie/toekomstige-uitdagingen
18. European Parliament. (2021, 2 oktober). Human Trafficking: stronger measures to protect women, children and
migrants. Geraadpleegd op 18 oktober 2023, van https://www.europarl.europa.eu/news/en/press-room/
20210204IPR97113/human-trafficking-stronger-measures-to-protect-women-children-and-migrants
19. RoSa vzw. (2021, 9 februari). Impact van migratie. Geraadpleegd op 4 oktober 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/politiek-en-beleid/migratie/impact-van-migratie
20. RoSa vzw. (2021, 9 februari). Migratie en gender. Geraadpleegd op 4 oktober 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/politiek-en-beleid/migratie/migratie-en-gender
103
21. The university of Manchester - Global Development Institute. (z.d.). Sexuality and migration in the Global
South: an overview. Geraadpleegd op 18 oktober 2023,
van https://www.gdi.manchester.ac.uk/research/publications/gdi-working-papers/2023-062/
22. Schoofs, S. (2023, 29 augustus). Staatssecretaris Nicole de Moor past asielbeleid aan: alleenstaande mannen
krijgen voorlopig geen opvangplek. VRT NWS. Geraadpleegd op 5 oktober 2023,
van https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2023/08/29/asielopvang-de-moor/
23. RoSa vzw. (2019, herfst). Uitgelezen: Gender en stadsplanning. Geraadpleegd op 5 oktober 2023,
van https://mailchi.mp/rosavzw/uitgelezen-gender-en-stadsplanning
24. Van Garsse, J., Claes, V., & Quintens, J. (2020). Girls make the city. ZijKant en Wetopia.
https://www.zijkant.be/wp-content/uploads/2022/12/DIGITALE_BROCHURE-Girls-Make-The-City.pdf
25. Zijkant. (2023, 13 juni). Els de Vos: “Inclusie is een illusie”. Geraadpleegd op 5 oktober 2023,
van https://www.zijkant.be/els-de-vos-inclusie-is-een-illusie/
26. Lelong, J. (2022, 1 december). Gent dooft de lichten: donkere tijden voor vrouwen die willen uitgaan?
‘s Nachts fietsen vind ik nu al eng’. www.demorgen.be. Geraadpleegd op 19 oktober 2023, van
https://www.demorgen.be/nieuws/gent-dooft-de-lichten-donkere-tijden-voor-vrouwen-die-willenuitgaan-s-nachts-fietsen-vind-ik-nu-al-eng~be5b908a/
27. Scheerlinck, H. (2023, 4 april). Stad Brussel wil af van openbare urinoirs: “Vrouwen moeten álle toiletten
kunnen gebruiken”. vrtnws.be. Geraadpleegd op 19 oktober 2023, van https://www.vrt.be/vrtnws/
nl/2023/04/04/openbare-toiletten-brussel/
28. KLIQ. (z.d.). Genderinclusief sanitair. Geraadpleegd op 19 oktober 2023,
van https://kliqvzw.be/genderinclusief-sanitair
29. Vaderklap. (2018, 9 oktober). Gezocht: verzorgingstafels voor vaders. Geraadpleegd op 19 oktober 2023,
van https://www.vaderklap.be/blog/2018/10/9/gezocht-verzorgingstafels-voor-vaders
30. RTL Nieuws. (2020, 22 januari). Verschoontafel ook op herentoilet: “Dat het de taak van de vrouw is slaat
nergens op”. Geraadpleegd op 19 oktober 2023, van https://www.rtlnieuws.nl/editienl/artikel/4994261/
verschoontafel-op-het-herentoilet-new-york-luier-verschonen-horeca
31. Algemene directie veiligheid en preventie. (2022). Informatieblad “De manosphere”.
32. RoSa vzw. (2023, 27 juni). Anti-feminisme? Geraadpleegd op 4 oktober 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/feminisme/anti-feminisme/anti-feminisme
33. RoSa vzw. (2020, 3 september). LHBTQI+ Targeting. Geraadpleegd op 22 september 2023,
van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/03-09-2020
34. RoSa vzw. (2023, 27 juni). Anti-feminisme. Geraadpleegd op 4 oktober 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/feminisme/anti-feminisme
35. RoSa vzw. (2023, 27 juni). Het anti-feminisme van nu. Geraadpleegd op 4 oktober 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/feminisme/anti-feminisme/het-anti-feminisme-van-nu
36. RoSa vzw. (2023, 12 oktober). Antifeministische Mannenbeweging. Geraadpleegd op 19 oktober 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/feminisme/anti-feminisme/antifeministische-mannenbeweging
37. Zijkant. (z.d.). Stem Vrouw – voor evenwicht in de politiek. Geraadpleegd op 6 oktober 2023,
van https://www.stemvrouw.be/
38. Vlaams parlement. (z.d.). Educatief materiaal uit het Vlaams parlement. Geraadpleegd op 6 oktober 2023,
van https://www.vlaamsparlement.be/nl/voor-scholen/educatief-materiaal
39. Vital Cities. (z.d.). G.I.R.L! Geraadpleegd op 6 oktober 2023,
van https://www.vitalcities.be/projecten/g-i-r-l
40. Zijkant. (2023, 3 oktober). Girls make the city. Geraadpleegd op 19 oktober 2023,
van https://www.zijkant.be/girls-make-the-city/
41. Zijkant. (2023, 16 juni). Girls Play the City. Geraadpleegd op 6 oktober 2023,
van https://www.zijkant.be/girls-play-the-city/
104
42. Zijkant. (2022). Brochure Girls make the city.
https://www.zijkant.be/wp-content/uploads/2022/12/DIGITALE_BROCHURE-Girls-Make-The-City.pdf
43. Zijkant. (2023, 5 juli). De Feministische Tuin. Geraadpleegd op 6 oktober 2023,
van https://www.zijkant.be/de-feministische-tuin/
44. Zijkant. (2023, 25 september). Women Bike the City @ Kortrijk. Geraadpleegd op 6 oktober 2023,
van https://www.zijkant.be/women-bike-the-city-kortrijk/
45. De warmste entree. (z.d.). Samen werken aan een maatschappij zonder beperkingen voor mensen met een
beperking. Geraadpleegd op 19 oktober 2023, van https://www.warmsteentree.be/over-de-warmste-entree
46. Stad Gent. (z.d.). Publiek sanitair. Geraadpleegd op 19 oktober 2023,
van https://stad.gent/nl/samenleven-welzijn-gezondheid/publiek-sanitair
47. Atria. (2016, 4 februari). Onderzoeksrapport Vrouwenstemmen in de Raad. Geraadpleegd op 6 oktober
2023, van https://atria.nl/nieuws-publicaties/vrouwen-in-de-politiek/onderzoeksrapportvrouwenstemmen-in-de-raad/
48. Stem Op Een Vrouw. (2023, 1 augustus). Veilig in de politiek. Geraadpleegd op 6 oktober 2023,
van https://stemopeenvrouw.com/veilig-in-de-politiek/
49. Opzij & Stem Op Een Vrouw. (2023, 3 oktober). Teken onze petitie tegen online vrouwenhaat jegens
vrouwelijke politici. Geraadpleegd op 6 oktober 2023, van
https://www.opzij.nl/2023/09/18/teken-onze-petitie-tegen-online-vrouwenhaat-jegens-vrouwelijke-politici/
105
106
Vrije tijd,
sport en cultuur
1. Vrije tijd 108
2. Sport 109
2.1 Brede sportparticipatie 109
2.2 Topsport 110
3. Cultuur 112
3.1 Media 112
3.2 Film 113
3.3 Theater en dans 114
3.4 Muziek 115
3.5 Literatuur 116
3.6 Gaming 116
4. Goede praktijken 117
Bronnen 118
Woordenlijst 121
107
Vrije tijd, sport en cultuur
Genderongelijkheid bepaalt mee de verhoudingen in specifieke sectoren en
domeinen zoals sport en cultuur 1 . Normen inzake gender sturen deels hoe we onze
vrije tijd indelen, welke sporten we (niet) geschikt achten voor jongens of voor
meisjes, hoe goed sporten omkaderd en betaald wordt en in welke mate vrouwen
en mannen participeren aan en gerepresenteerd worden in de cultuursector.
1. Vrije tijd
Vrouwen en mannen spenderen hun tijd anno 2023 nog steeds op een andere
manier: mannen zijn op een doorsnee weekdag langer bezig met betaald werk,
vrouwen besteden meer tijd aan huishoudelijk werk en aan zorg voor kinderen 2 .
Deze verschillende tijdsbesteding manifesteert zich niet pas op volwassen leeftijd,
maar zien we al vanaf het dertiende levensjaar: meisjes besteden gemiddeld
vijftien minuten meer aan huishoudelijk werk, jongens hebben gemiddeld een uur
meer vrije tijd 3 . Het verschil in vrije tijd blijft gedurende de volledige levensloop
aanwezig: mannen hebben elke weekdag gemiddeld 4 uur en 8 minuten vrije tijd,
vrouwen gemiddeld 3 uur en 24 minuten 3 . In het weekend vergroot die kloof nog
meer, tot iets meer dan één uur. Vrije tijd valt zowel voor vrouwen als voor mannen
grotendeels tussen 19 uur en 23 uur ‘s avonds, maar op elk moment van de dag zijn
er meer mannen dan vrouwen die bezig zijn met vrijetijdsactiviteiten. Opvallend:
mannen in een heteroseksuele relatie besteden een deel van hun vrije tijd op
momenten dat hun partners bezig zijn met huishoudelijk werk 3 .
Vrouwen hebben
per dag ±
44 min.
minder vrije tijd
WEETJE
Personen jonger dan 24 jaar en personen ouder dan 55 jaar
hebben de meeste vrije tijd 3 . Over de volledige levensloop
trekken vrouwen echter aan het kortste eind: in elke leeftijdscategorie
hebben zij minder vrije tijd in vergelijking met
mannen. Hoe ouder men wordt, hoe groter die kloof 3 .
Mannen en vrouwen vullen hun vrije tijd op een andere manier in, ook op jonge
leeftijd. Zo spelen jongens veel meer buiten dan meisjes (ongeveer 63% van de
kinderen die buiten spelen is een jongen) en spelen zij vaker risicovol 4, 5 . Dat kan
verklaard worden doordat jongens makkelijker worden aangemoedigd om gevaarlijker
of ruwer te spelen en omdat sneller wordt ingegrepen bij risicovol spel van
meisjes. Ook jongeren spenderen hun vrije tijd anders: jongens zijn drie kwartier
langer bezig met hobby’s en spel en een kwartier langer met sport, meisjes zijn
108
tien minuten langer bezig met recreatie 3 . Tot slot spenderen ook volwassenen hun
vrije tijd anders: mannen nemen frequenter actief deel aan het verenigingsleven
(ongeveer 60% van de mannen en 46% van de vrouwen is actief in het verenigingsleven),
vrouwen staan in voor het merendeel van het wekelijkse contact met
niet-inwonende familie en mannen staan in voor het merendeel van het wekelijkse
contact met vrienden of kennissen 6, 7 . Mannen lezen daarnaast iets vaker de krant
en maken frequenter gebruik van het internet dan vrouwen 6 . Wat betreft tv kijken,
naar de radio luisteren of het gebruiken van een smartphone zijn zo goed als geen
verschillen op te merken 3, 6 .
2. Sport
2.1 Brede sportparticipatie
Sportparticipatie kent een lange geschiedenis van uitsluiting van vrouwen
(vrouwen mochten bijvoorbeeld pas vanaf de jaren 70 deelnemen aan marathons) 8 .
Ondanks de vele initiatieven en campagnes van de afgelopen jaren om gendergelijkheid
in de sport bespreekbaar te maken en te promoten, legitimeren
(onbewuste) normen - die al op heel jonge leeftijd worden aangeleerd en
gereproduceerd - de aanwezigheid van jongens in de sport, maar die van meisjes
niet. Hoewel nagenoeg evenveel vrouwen als mannen sporten, wordt sport over
het algemeen nog steeds als ‘een mannenzaak’ beschouwd. Ter illustratie: mannen
sporten frequenter dan vrouwen (44% en 36% van de vrouwen sporten minstens
wekelijks) en vrouwen zijn ondervertegenwoordigd in sportieve besluitvorming
(slechts 26% van de leidinggevende functies binnen sportfederaties wordt ingevuld
door een vrouw) 8, 9 .
WEETJE
Andere betekenisgevers hebben ook een invloed op sportparticipatie.
Ouderen, kortgeschoolden, achtergestelde
vrouwen en vrouwen met een migratieachtergrond sporten
gemiddeld minder 8, 9 . Ook vrouwen met een handicap sporten
gemiddeld minder dan mannen met een handicap 10 .
Onbewust maken we een onderscheid tussen sporten die we eerder ‘voor
vrouwen’ vinden, zoals dans of gymnastiek, en sporten die we eerder met mannen
associëren, zoals rugby of boksen 8 . Dat maakt dat vrouwen en mannen niet
in gelijkaardige percentages dezelfde sporten beoefenen: ruiter- en artistieke
zwemsporten worden bijvoorbeeld voornamelijk door vrouwen beoefend; schietsporten
en tafeltennis voornamelijk door mannen. Ook wielrennen en voetbal zijn
mannenbastions, maar daar is de laatste decennia wel verandering in gekomen 11, 12 .
109
Zo was er tussen 2013 en 2018 bijna een verdubbeling van het aantal vrouwen dat
zich aansloot bij een wielerclub en zijn er in Brussel anno 2022 22% meer voetballende
meisjes dan in 2019 13, 14 .
Vrouwen en mannen sporten doorgaans op verschillende plaatsen. Vrouwen
sporten meer thuis of op weg naar school, het werk of de winkel, mannen sporten
veeleer in sportclubs (70% van de mensen die zijn aangesloten bij een sportclub is
een man) of op het werk 8 . Mannen maken daarnaast ook meer gebruik van openbare
sportinfrastructuur. Het onveiligheidsgevoel dat meisjes en vrouwen ervaren
in de publieke ruimte speelt daarin een rol 8 .
WEETJE
Door de genderdatakloof kan men zich bij het ontwerpen
van voetbalmateriaal amper baseren op data over voetballende
vrouwen. Materiaal lijkt daardoor niet volledig aangepast
aan vrouwelijke lichamen en hun specifieke noden:
vrouwen die voetballen lopen vaker enkel- en knieblessures
en hoofd letsels op doordat voetbalschoenen en voetballen
worden ontworpen door en voor mannen. Daarnaast zijn
voetbalshorts vaak te groot of te wijd waardoor vrouwelijke
voetballers gehinderd worden in hun spel 15 .
2.2 Topsport
Dat vrouwen en meisjes in de sportwereld met heel wat barrières te maken krijgen,
trekt zich door naar de wereld van topsport.
Er is een grote loonkloof tussen mannelijke en vrouwelijke topsporters 12 .
► Vrouwelijke topsporters hebben een lager loon (vrouwelijke basketters
verdienen in de WNBA-competitie bijvoorbeeld 1/82 e van wat hun mannelijke
collega’s in de NBA verdienen), krijgen minder prijzengeld (de mannelijke
winnaar van de Tour de France krijgt bijvoorbeeld € 500.000 aan prijzengeld, de
vrouwelijke winnaar krijgt € 50.000) en krijgen minder dure sponsorcontracten 16,
17
. Veel vrouwelijke topsporters zijn daarom genoodzaakt om naast hun sport een
andere job uit te oefenen. Bij sporttakken die minder of niet op televisie worden
uitgezonden, is dit nog meer het geval 12, 16 .
► Vrouwelijke topsporters hebben doorgaans meer onzekere toekomstperspectieven
en minder jobzekerheid dan mannelijke topsporters 18 . Vrouwelijke
voetbalclubs en -ploegen worden bijvoorbeeld makkelijker geschrapt wanneer
besparingen worden doorgevoerd. Daarbovenop krijgen deze sporters meer
precaire contracten met slechte arbeidsvoorwaarden 19 .
110
► Vrouwelijke topsporters worden meer geconfronteerd met seksuele intimidatie
en zijn vaker slachtoffer van seksueel geweld dan amateursporters en
mannelijke topsporters 8 .
Het duurde tot
2017
voor de eerste
vrouw zetelde
in het uitvoerend
comité van de
Belgische
voetbalbond
► Vrouwen stoten in de topsportwereld moeilijk door naar belangrijke kaderfuncties.
Zo is slechts 22% van de topsportcoaches een vrouw en duurde het
tot 2017 voor de eerste vrouw zetelde in het uitvoerend comité van de Belgische
voetbalbond 8, 18 .
► De omkadering van vrouwelijke topsporters laat dikwijls te wensen over 19 .
Vrouwelijke wielrenners bijvoorbeeld hebben toegang tot slechts een kwart van
de diensten (zoals kinesisten, osteopaten, terugbetaalde reiskosten, enzovoort)
waar hun mannelijke collega’s toegang tot hebben 19 .
► Topsport van vrouwen krijgt minder media-aandacht en wordt minder
uitgezonden op televisie 12 . Daar is de laatste jaren meer aandacht voor, maar
die is niet altijd positief: zo werd sportjournalist Eddy Demarez in 2021 geschorst
na ongepaste uitspraken over de Belgian Cats, de vrouwenbasketploeg 20 .
Sport journalistiek wordt bovendien grotendeels door mannen uitgevoerd 18, 21 .
► Er wordt minder geïnvesteerd in competitie voor vrouwen 19 . Voorbeeld: niet
alle wielerkoersen hebben een variant voor vrouwelijke wielrenners. Ook hier
is de laatste jaren steeds meer aandacht voor: zo werd de Tour de France in 2022,
na jarenlange campagnevoering, voor de eerste keer in bijna dertig jaar opnieuw
georganiseerd 19 .
► Er bestaan opvallend meer regels over de kledij van vrouwelijke sporters dan
van hun mannelijke collega’s 11 . Zo bepaalt de internationale volleybalbond
hoeveel centimeter bikinistof vrouwelijke beachvolleyballers mogen dragen en
krijgen ze daar hoge boetes voor wanneer ze niet aan deze vereisten voldoen 11, 22 .
► Sportkledij wordt veelal ontwikkeld vanuit een mannelijk perspectief waardoor
onder andere niet wordt stilgestaan bij menstruatie. Daardoor worden in
verschillende sporten witte shorts ingeruild voor donkerdere modellen:
vrouwelijke tennissers mogen bijvoorbeeld op het tennistoernooi van
Wimbledon sinds kort nu ook donker ondergoed dragen 22, 23 .
Er bestaan opvallend meer regels over de kledij van
vrouwelijke sporters dan van hun mannelijke collega’s 11 .
Zo bepaalt de internationale volleybalbond hoeveel
centimeter bikinistof vrouwelijke beachvolleyballers
mogen dragen en krijgen ze daar hoge boetes voor
wanneer ze niet aan deze vereisten voldoen 11, 22 .
111
WEETJE
Steeds meer meisjes tonen interesse in professioneel
wielrennen sinds de vele overwinningen van Lotte Kopecky.
Ook Kim Clijsters, Justine Henin, Kim Gevaert, Tia Hellebaut,
Marieke Vervoort, Nafi Thiam, Nina Derwael, Delfine Persoon,
de Belgian Cats, de Red Flames, enzovoort, spelen een grote
rol in de groei van hun sport 11, 19 .
De drempels voor vrouwelijke topsporters kunnen ten eerste verklaard worden
vanuit een historisch perspectief: door de eeuwenlange uitsluiting van vrouwen
in sport valt er voor vrouwelijke topsporters nog heel wat bij te benen alvorens ze
dezelfde positie bereiken en dezelfde kansen krijgen als mannelijke top sporters 16 .
Ten tweede spelen ook sociale aspecten een rol: op basis van genderstereotypen
worden argumenten - zoals ‘(specifieke) sporten zijn te gevaarlijk voor vrouwen’
en ‘vrouwen horen thuis bij hun gezin, niet in de (top)sport’ - in stand gehouden.
Zulke ideeën weren vrouwen uit de sport 16 . Tot slot zijn economische aspecten
ook van belang. Sporten voor mannen genereren momenteel meer inkomsten uit
sponsoring, ticketverkoop, merchandising, enzovoort 16 . Die hogere omzet resulteert
in hogere investeringen in mannelijke sporters en sporten die voornamelijk door
mannen worden beoefend, en dat is een vicieuze cirkel waar je moeilijk uit geraakt.
3. Cultuur
84% van de mannen en 85% van de vrouwen in België doen aan cultuurparticipatie
zoals het bijwonen van een opera, concert of optreden of het bezoeken van een
bibliotheek of cinema 6 . In de cultuursector worden vrouwen en mannen echter
niet even frequent of op eenzelfde manier afgebeeld in media, film, theater- en
dansvoorstellingen, muziek, literatuur en gaming. Ook achter de schermen zijn er
heel wat genderverschillen.
3.1 Media
Er is een ondervertegenwoordiging van vrouwen in de media. In 2021 was 40.1%
van de personen in producties van VRT of van Belgische productiehuizen een
vrouw 24 . In het nieuws en in duidingsprogramma’s lag het aandeel vrouwen
onder 40%, in sportprogramma’s daalde dit verder tot 24.4% 24 . Onder experts en
opiniemakers is slechts 20% vrouw: de gekende experts zijn veelal witte mannen
die makkelijker toegang hebben tot personen die beslissen wie duiding mag geven,
wat de ongelijke vertegenwoordiging van mannelijke en vrouwelijke experten
en opiniemakers mee in stand houdt 25 . Vrouwelijke experten en opiniemakers
worden bovendien vaker dan hun mannelijke collega’s niet bij naam genoemd
Onder experts en
opiniemakers is
20%
een vrouw
112
en zijn dikwijls - zeker vrouwen van kleur - het mikpunt van bedreigingen en
haatberichten op sociale media 25 .
WEETJE
Ook leeftijd speelt een rol: vrouwen ouder dan 45 jaar komen
veel minder in beeld dan mannen in dezelfde leeftijdscategorie
26 . Oudere vrouwen die wel in beeld komen worden
doorgaans zodanig gemaquilleerd en gekleed dat ze er een
pak jonger uitzien, wat niet gebeurt bij mannen in dezelfde
leeftijdscategorie 26 .
Op de werkvloer van mediahuizen zijn vrouwen ondervertegenwoordigd.
Vrouwelijke journalisten zijn in de minderheid en vrouwelijke werknemers zijn
ondervertegenwoordigd in hoge functies: slechts 30% van de verantwoordelijke
uitgevers en 21.4% van de inhoudsverantwoordelijken van de veertig grootste
mediabedrijven in België zijn vrouw 27, 28 . Bovendien botsen vrouwen in de mediasector
op verschillende drempels: ze krijgen te maken met een loonkloof en zijn
vaker slachtoffer van bedreigingen en van SGG 27 .
3.2 Film
In de filmindustrie zijn mannen oververtegenwoordigd in machtige en invloedrijke
posities die gepaard gaan met publieke zichtbaarheid 29 . Zo is 72% van de Vlaamse
filmmakers een man 30 .
Door de ondervertegenwoordiging van vrouwen (en andere minderheidsgroepen)
worden heel wat films gemaakt door en voor (witte, cisgender, heteroseksuele)
mannen, wat een impact heeft op de kwantitatieve en kwalitatieve vertegenwoordiging
van vrouwen in films 29, 30 .
Ondanks de trage verbeteringen van de afgelopen jaren, is er geen sprake van
gelijke representatie van vrouwen en mannen in Belgische films:
► Kwantitatief: mannen komen frequenter in beeld dan vrouwen en vertolken
dubbel zo vaak een hoofdpersonage 31 .
► Kwalitatief: heel wat personages worden stereotiep neergezet. Mannen spelen
vaker de rol van advocaat, rechter, academicus en arts en zijn charmant en sterk,
terwijl vrouwen meer ondersteunende rollen vertolken, bij huishoudelijk werk
worden afgebeeld en worden voorgesteld als naïef en onderdanig 30, 31 . Bovendien
worden vrouwelijke personages dikwijls gereduceerd tot een lustobject: in
Belgische films is 15% van de vrouwelijke personages schaars gekleed, tegenover
0.3% van de mannelijke personages 31 .
113
WEETJE
De Bechdeltest wordt gebruikt om seksisme in fictie op te
sporen. Om te slagen voor de Bechdeltest moet een film
minstens twee vrouwelijke personages met een eigen naam
hebben die met elkaar praten, over iets anders dan mannen.
60% van de Belgische films slaagt niet voor deze test 31 .
Ook de filmindustrie wordt gekenmerkt door een wezenlijke loonkloof. 17% van
de beursaanvragen als filmmaker wordt gedaan door een vrouw, en uiteindelijk
krijgen zij slechts 13% van de beschikbare middelen toegewezen 32 . Vrouwelijke
filmmakers krijgen daarenboven minder erkenning dan hun mannelijke collega’s 30 .
SGG blijkt ook sterk doordrongen binnen de filmindustrie. Omwille van scheve
machtsverhoudingen heeft het melden van SGG een grote impact op de carrière
van acteurs of andere betrokkenen, wat een wezenlijke drempel vormt voor het
aangeven van dergelijk gedrag 30 .
Vrouwelijke
filmmakers krijgen
13%
van de beschikbare
middelen
toegewezen
3.3 Theater en dans
Vrouwen zijn ondervertegenwoordigd in theater en dans. 66% van de vrouwelijke
alumni van theater- en dansopleidingen stroomt door naar het Vlaams
gesubsidieerde werkveld, tegenover 78% van de mannelijke alumni 33 . In het
werkveld is het aandeel vrouwelijke dansers en spelers groter dan het aandeel
vrouwelijke choreografen en regisseurs 32 . Ook als docent of als lid van de directie
zijn vrouwen ondervertegenwoordigd 33 .
WEETJE
Leeftijd speelt een belangrijke rol bij representatie: vrouwen
ouder dan 55 jaar verdwijnen veelal volledig uit beeld, terwijl
dat bij mannen niet het geval is 33 .
Vrouwen worden minder vaak gelauwerd voor hun werk dan hun mannelijke
collega’s en hebben ook in deze sector een grotere kans om te maken te krijgen
met SGG. Uit een Vlaams onderzoek uit 2018 bleek dat meer dan de helft van
de vrouwen in de cultuursector het jaar voordien te maken kreeg met een
vorm van grensoverschrijdend gedrag (voornamelijk in de vorm van ongepas-
114
te opmerkingen), dat één op de vier vrouwen ongewenste fysieke of seksuele
toe nadering ervaarde en dat 4% van de vrouwen werd gedwongen of gechanteerd
om seksueel contact te hebben 34 . Vrouwen werden voornamelijk lastig gevallen
door iemand uit hun werkomgeving met een hogere professionele status.
Hetzelfde onderzoek wijst uit dat ook 18% van de mannen te maken kreeg met
een bepaalde vorm van grensoverschrijdend gedrag 34 .
3.4 Muziek
Op Rock Werchter
bestond de
programmatie uit
37%
vrouwelijke acts
Muziekgenres hebben een vrij genderstereotiepe representatie: rock, jazz, rap,
dance, reggae en metal worden eerder met mannelijke artiesten geassocieerd,
terwijl pop en r&b eerder als ‘vrouwelijk’ worden gezien 35 . Over het algemeen zijn
vrouwelijke artiesten in de minderheid. In Vlaanderen is 78% van de artiesten een
man en ook internationaal lijkt het voor vrouwen moeilijker om een succesvolle
carrière uit te bouwen 35 . Vrouwelijke artiesten zijn ondervertegenwoordigd op
festivalpodia, zeker op de hoofdpodia. In 2023 bestond de programmatie van Rock
Werchter bijvoorbeeld voor 37% uit vrouwelijke acts, waarvan er slechts twee op
het hoofdpodium geprogrammeerd stonden 36 . De ondervertegenwoordiging van
vrouwen wordt veroorzaakt door specifieke drempels waar mannelijke artiesten
minder of niet mee te maken krijgen: vrouwelijke artiesten worden meer aangemoedigd
om les te geven en minder om zelf op te treden, worden er harder op
afgerekend wanneer ze niet bij hun gezin kunnen zijn, krijgen minder waardering
en worden in grotere mate geconfronteerd met seksisme, seksuele intimidatie
en objectivering 35, 36 .
WEETJE
Leeftijd speelt ook binnen de muzieksector een belangrijke
rol. Mannelijke artiesten blijven populair op oudere leeftijd,
maar dat is voor veel vrouwen niet het geval. In Vlaanderen
is slechts 10% van de actieve muzikanten ouder dan 55 jaar
een vrouw 35 .
Ook achter de schermen zijn vrouwen in de minderheid (67% van de werknemers
in de muziekindustrie is man), zeker in de genres soul, hiphop en klassieke
muziek 32, 35 . Heel wat functies worden bovendien genderstereotiep ingevuld:
vrouwen werken grotendeels in PR- of communicatieafdelingen, terwijl mannen
eerder als tourmanager, concert- en festivalorganisator, studiotechnicus,
componist of licht- en geluidstechnicus aan de slag zijn 35 . Er is sprake van verticale
segregatie: slechts 20% van de werknemers van Vlaamse managementteams
is vrouw 35 . Dat wordt veroorzaakt door een harde werkcultuur en het feit dat
leidinggevenden (in de muzieksector voornamelijk mannen) makkelijker nieuwe
medewerkers aanwerven die op hen lijken.
115
3.5 Literatuur
De literaire sector wordt gekenmerkt door een aantal prominente genderongelijkheden.
We vinden er bijvoorbeeld de grootste loonkloof binnen de
culturele sector: vrouwelijke auteurs vragen minder werkbeurzen aan, hebben
16% minder kans om een werkbeurs toegewezen te krijgen en ontvangen doorgaans
een lager bedrag dan mannen wanneer ze een beurs ontvangen 37 .
Vrouwelijke en mannelijke auteurs worden bovendien op verschillende manieren
gewaardeerd. Zo vallen vrouwelijke auteurs minder in de prijzen, worden
vrouwelijke auteurs als ‘minder literair’ gezien en krijgen ze tijdens interviews
meer vragen over de combinatie werk-privé 37, 38 .
Daarnaast wordt het werk van vrouwelijke auteurs minder frequent en op een
andere manier gerecenseerd: waar het werk van mannelijke auteurs eerder
analytisch wordt bekeken, wordt het werk van vrouwelijke auteurs eerder
beoordeeld op basis van het onderwerp en het verloop van het verhaal 37 .
WEETJE
Ondanks dat er evenveel vrouwelijke als mannelijke auteurs
zijn, bevatten de leeslijsten op scholen en universiteiten
veelal boeken die geschreven zijn door witte mannen 37 . Het
westerse canon is hier nog alomtegenwoordig, waardoor
boeken van vrouwelijke auteurs - zeker van vrouwen van
kleur en/of met een migratieachtergrond - vaak ontbreken.
3.6 Gaming
Er gamen nagenoeg even veel vrouwen als mannen (48% van de gamers is vrouw),
maar ze gamen doorgaans op een iets andere manier 39 . Zo spelen vrouwen minder
lange sessies dan mannen en testen ze minder verschillende game-genres uit 40 .
Ook hun ervaringen tijdens het gamen zijn anders: vrouwelijke gamers worden
dikwijls onderschat en ze krijgen vaker te maken met stereotiepe en seksistische
opmerkingen. Daarom verstoppen veel vrouwelijke gamers hun vrouw-zijn door
bijvoorbeeld geen gebruik te maken van de videochat, een genderneutrale
accountnaam te kiezen of te gamen met een mannelijk personage 39, 40 . Bovendien
worden heel wat vrouwelijke personages in games erg stereotiep en op een geseksualiseerde
manier weergegeven 40 . Dit alles draagt bij aan een seksistische en
vijandige game-cultuur waar veel vrouwelijke gamers zich niet welkom voelen 40 .
116
4. Goede praktijken
Om ongelijkheden tussen vrouwen en mannen in de besteding van vrije tijd, bij
sportbeoefening en binnen de cultuursector weg te werken, zijn de afgelopen jaren
heel wat verschillende initiatieven op poten gezet. We geven alvast een aantal
voorbeelden mee:
► Het onderzoek ‘Meisjes en de publieke ruimte’ van Kind & Samenleving geeft
heel wat tips om meisjes vaker buiten te laten spelen en biedt inspiratie voor
een meer inclusieve publieke ruimte 41 .
► De gids ‘Zij aan zij’ van het onderzoekscentrum Publieke Impact biedt inzichten
en praktische tips om evenementen aantrekkelijker, aangenamer en veiliger te
maken voor vrouwen (met migratieachtergrond) en om een diverser publiek te
kunnen bereiken 42 .
► Het project ‘Zij aan zij’ van Cycling Vlaanderen is een initiatief om meer meisjes
op de fiets te krijgen 43 . Het project wil drempels weghalen voor meisjes die
willen koersen met onder andere workshops en trainingen.
► In de expertendatabank worden contactgegevens van verschillende experten
verzameld om media aan te zetten om meer vrouwen, mensen met migratieachtergrond
en mensen met een handicap in te zetten als expert in de media of
op congressen 44 .
► Met de ludieke actie ‘Nooit meer een #Tietloze’ vraagt RoSa vzw sinds 2018 aandacht
voor het gebrek aan vrouwelijke muzikanten in de bekende eindejaarslijst
‘De Tijdloze’ van Studio Brussel 45 .
► Het Wanda-collectief verenigt vrouwen in de strijd tegen de institutionele
ongelijkheid binnen de Vlaamse en Brusselse audiovisuele kunsten. Ze onderschrijven
daarbij de noodzaak voor een anti-racistisch feminisme 46 .
► Het Vlaams Audiovisueel Fonds hanteert een inclusieve aanpak: bij steunaanvragen
gaan ze na op welke manier een project ruimte biedt aan diversiteit.
Ze reiken daarnaast ook verschillende tools aan om tot meer diversiteit te
komen in de verschillende fasen van een maakproces 47 .
► ENGAGEMENT is een door kunstenaars geleide beweging, opgericht door Ilse
Ghekiere 48 . De beweging wil grensoverschrijdend gedrag, seksisme en machtsmisbruik
in het Belgische kunstenveld aanpakken.
117
Bronnen
1. RoSa vzw. (2021, 9 februari). Sport en cultuur. Geraadpleegd op 9 oktober 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/sport-en-cultuur
2. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (z.d.). Combinatie werk-privéleven. Geraadpleegd op
24 augustus 2023, van https://igvm-iefh.belgium.be/nl/activiteiten/arbeid/combinatie_werk_priveleven
3. Glorieux, I., & van Tienoven, T. P. (2016). Gender en tijdsbesteding. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen
en mannen. https://igvm-iefh.belgium.be/sites/default/files/95_-_gender_en_tijdsbesteding_nl.pdf
4. Kind & Samenleving vzw. (2020, 5 juli). Het Grote Buitenspeelonderzoek [Video]. YouTube.
https://www.youtube.com/watch?v=gm8_2lClSHs
5. Cotterink, M., & Cornelissen, M. (2022). Risicovol spelen: van zo veilig als mogelijk naar zo veilig als
nodig. Amsterdam University Press, 42(2), 183–207. https://www.aup-online.com/content/journals/10.5117/
PED2022.2.003.COTT?crawler=true
6. Noppe, J., Vanweddingen, M., & Weekers, K. (2021). Maatschappelijke positie en participatie van mannen en
vrouwen. Statistiek Vlaanderen. https://publicaties.vlaanderen.be/view-file/40990
7. Statistiek Vlaanderen. (2023). Actief lidmaatschap van verenigingen. Geraadpleegd op 11 oktober 2023, van
https://www.vlaanderen.be/statistiek-vlaanderen/cultuur-en-vrije-tijd/actief-lidmaatschap-van-verenigingen
8. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (2020). Aanbeveling van het Instituut voor de gelijkheid
van vrouwen en mannen nr. 2020-R/005 over vrouwen en sport. Geraadpleegd op 11 oktober 2023,
van https://igvm-iefh.belgium.be/sites/default/files/adivsories/aanbeveling_vrouwen_en_sport.pdf
9. Statistiek Vlaanderen. (z.d.). Sportparticipatie. Geraadpleegd op 11 oktober 2023,
van https://www.vlaanderen.be/statistiek-vlaanderen/sport/sportparticipatie
10. Van Biesen, D., Cans, E., Lenaerts, L., Meganck, A., & Cornelissen, J. (2018). Onderzoek naar de actieve
sportdeelname van personen met een beperking in Vlaanderen en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest
[Thesis]. KU Leuven.
11. RoSa vzw. (2018, 21 februari). Vrouwen in de sport. Geraadpleegd op 11 oktober 2023,
van https://mailchi.mp/d514ed9768d5/gender-in-de-pers-vrouwen-in-de-sport?e=40ff6f3d12
12. RoSa vzw. (2020, 17 september). Good practices in de sport. Geraadpleegd op 10 oktober 2023,
van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/17-09-2020
13. RoSa vzw. (2018, 18 april). Vrouwen in de koers. Geraadpleegd op 11 oktober 2023,
van https://mailchi.mp/378e0be02810/gender-in-de-pers-vrouwen-in-de-koers?e=40ff6f3d12
14. Furniere, A. (2022, 1 juni). Steeds meer voetballende meisjes: ‘We wonnen met 18-1 tegen een jongensploeg’.
BRUZZ. https://www.bruzz.be/sport/steeds-meer-voetballende-meisjes-we-wonnen-met-18-1-tegen-eenjongensploeg-2022-06-01
15. De Visser, E. (2022, 17 november). Zware bal, verkeerde schoenen, te ruime broekjes: vrouwelijke
voetballers hebben last van “mannelijk” materiaal. www.demorgen.be. Geraadpleegd op 11 oktober 2023,
van https://www.demorgen.be/sport/zware-bal-verkeerde-schoenen-te-ruime-broekjes-vrouwelijkevoetballers-hebben-last-van-mannelijk-materiaal~b7ec551e/
16. De universiteit van Vlaanderen. (2023, 16 februari). Waarom verdienen vrouwelijke topsporters maar een
fractie van de mannen? https://podcasters.spotify.com/pod/show/uvvl/episodes/Waarom-verdienenvrouwelijke-topsporters-maar-een-fractie-van-de-mannen-e1v29mn/a-a9bhv0t
17. Een fraaie geldsom of net een peulschil? Dit verdiende Lotte Kopecky aan haar historische Tour.
(2023, 31 juli). sporza.be. Geraadpleegd op 10 oktober 2023, van https://sporza.be/nl/2023/07/30/eenfraaie-geldsom-of-net-een-peulschil-dit-verdiende-lotte-kopecky-aan-haar-historische-tour~
1690729355568/
18. RoSa vzw. (2018, 21 juni). Vrouwen en voetbal. Geraadpleegd op 11 oktober 2023,
van https://mailchi.mp/7c97712a975b/gender-in-de-pers-vrouwen-en-voetbal?e=40ff6f3d12
118
19. RoSa vzw. (2022, 23 juni). Tour de France Femmes en de professionalisering van het vrouwenwielrennen.
Geraadpleegd op 10 oktober 2023, van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/23-06-tour-defrance-femmes-en-de-professionalisering-van-het-vrouwenwielrennen
20. Saerens, Z. (2022, 12 januari). Sporza-journalist Eddy Demarez had gesprek met Belgian Cats over ongepaste
uitspraken: “Erg confronterend”. vrtnws.be. Geraadpleegd op 20 oktober 2023,
van https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2022/01/11/gesprek/
21. RoSa vzw. (2018, 7 februari). Schaars geklede vrouwen in de sport zijn out. Geraadpleegd op 11 oktober 2023,
van https://mailchi.mp/d879bdb0b0d4/gender-in-de-pers-schaarsgeklede-vrouwen-in-de-sport-zijn-uit
22. Guldie, L. (2023, 28 augustus). Dit is er veranderd in de sportkleding van vrouwen (maar we zijn er nog niet).
www.linda.nl. Geraadpleegd op 11 oktober 2023,
van https://www.linda.nl/meiden/meiden-selflove/kledingvoorschriften-sportkleding-vrouwen/
23. McCann, L. (2023, 1 februari). Why Irish women’s teams are ditching white shorts. BBC Sport.
Geraadpleegd op 20 oktober 2023, van https://www.bbc.com/sport/northern-ireland/64390827
24. De Swert, K., Kuypers, I., & Walgrave, S. (2021). Monitor diversiteit 2021: een kwantitatieve studie naar de
zichtbaarheid van diversiteit op het scherm in Vlaanderen. VRT, Universiteit Antwerpen,
Universiteit van Amsterdam.
25. RoSa vzw. (2020, 22 januari). (Onder)representatie van vrouwelijke experten in de media. Geraadpleegd op
10 oktober 2023, van https://mailchi.mp/rosavzw/gender-in-de-pers-onderrepresentatie-vanvrouwelijke-experten-in-de-media?e=40ff6f3d12
26. RoSa vzw. (2019, 14 november). Gender en leeftijdsdiscriminatie. Geraadpleegd op 22 september 2023,
van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/vorige-edities/gender-en-leeftijdsdiscriminatie
27. RoSa vzw. (2021, 9 februari). Gender in media. Geraadpleegd op 9 oktober 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/sport-en-cultuur/cultuur/gender-in-media
28. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen. (2012). Vrouwen aan de top 2012.
https://igvm-iefh.belgium.be/sites/default/files/downloads/65%20-%20Vrouwen-aan-de-Top-NL.pdf
29. RoSa vzw. (2021, 6 mei). Inclusieve representatie in de film(industrie). Geraadpleegd op 10 oktober 2023,
van https://rosavzw.be/nl/nieuwsbrieven/pers-pectief/06-05-inclusieve-representatie-in-de-filmindustrie
30. RoSa vzw. (2022, 28 maart). Gender in film. Geraadpleegd op 9 oktober 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/sport-en-cultuur/cultuur/gender-in-film
31. Vergaerde, S. (2014). Seksisme in de Belgische film. Rekto:Verso. Geraadpleegd op 9 oktober 2023,
van https://www.rektoverso.be/artikel/seksisme-de-belgische-film
32. Hesters, D., & Hillaert, W. (2016). No women’s land? Rekto:Verso, 73.
http://18.197.1.103/artikel/no-women%E2%80%99s-land
33. RoSa vzw. (2021, 9 februari). Gender in theater en dans. Geraadpleegd op 9 oktober 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/sport-en-cultuur/cultuur/gender-in-theater-en-dans
34. Maerevoet, E. (2018, 26 juni). 1 op de 4 vrouwen in cultuursector slachtoffer van seksueel of fysiek
grensoverschrijdend gedrag. vrtnws.be. Geraadpleegd op 20 oktober 2023,
van https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2018/06/26/gatz-actieplan-grensoverschrijdend-gedrag/
35. RoSa vzw. (2021, 24 september). Gender in Muziek. Geraadpleegd op 9 oktober 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/sport-en-cultuur/cultuur/gender-in-muziek
36. Migneau, J., & Vandromme, F. (2023, 20 juni). Nog altijd weinig vrouwen op festivalpodia: “Mannen en
vrouwen moeten tij samen doen keren”. www.demorgen.be. https://www.demorgen.be/tv-cultuur/
festivals-die-geen-oren-hebben-naar-meer-genderdiversiteit-zullen-op-termijn-irrelevantworden~b66819a8/
37. RoSa vzw. (2021, 9 februari). Gender in de Letteren. Geraadpleegd op 10 oktober 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/sport-en-cultuur/cultuur/gender-in-de-letteren
38. Koolen, C. W. (2018). Reading beyond the female: The relationship between perception of author gender and
literary quality. [Thesis, fully internal, Universiteit van Amsterdam].
119
39. RoSa vzw. (2023, 27 juni). Het anti-feminisme van nu. Geraadpleegd op 4 oktober 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/feminisme/anti-feminisme/het-anti-feminisme-van-nu
40. RoSa vzw. (2021, 9 februari). Gender in gaming. Geraadpleegd op 10 oktober 2023,
van https://rosavzw.be/nl/themas/sport-en-cultuur/cultuur/gender-in-gaming
41. Kind & Samenleving. (2020). Meisjes en de publieke ruimte.
https://k-s.be/medialibrary/purl/nl/8103341/Meisjes%20en%20de%20publieke%20ruimte.pdf
42. Onderzoekscentrum Publieke Impact. (z.d.). Zij aan zij. Geraadpleegd op 11 oktober 2023,
van https://www.publiekeimpact.be/zij-aan-zij
43. Cycling Vlaanderen. (2021, 25 februari). ZIJ AAN ZIJ voor meer meisjes op de fiets.
www.cyclingvlaanderen.be. Geraadpleegd op 20 oktober 2023, van https://cycling.vlaanderen/magazine/
nieuws/zij-aan-zij-voor-meer-meisjes-op-de-fiets-1#:~:text=Zij%20Aan%20Zij%20is%20een,
de%20basisbeginselen%20van%20het%20wielrennen’.
44. Vlaamse Overheid. (z.d.). Expertendatabank. Geraadpleegd op 11 oktober 2023,
van https://www.expertendatabank.be/nl
45. Charlie magazine. (2020, 7 januari). Nooit meer een tietloze. Geraadpleegd op 11 oktober 2023,
van https://charliemag.be/zin-in/tietloze/
46. Mediarte. (2020, 23 juli). WANDA Collective streeft naar een inclusief filmlandschap.
Geraadpleegd op 11 oktober 2023, van https://www.mediarte.be/nl/dossiers/diversiteit/diversiteit/
wanda-collective-streeft-naar-een-inclusief-filmlandschap
47. Vlaams Audiovisueel Fonds. (z.d.). Inclusie-aanpak Creatie. Geraadpleegd op 11 oktober 2023,
van https://www.vaf.be/voor-de-sector/inclusie/inclusie-aanpak-creatie
48. ENGAGEMENT. (z.d.). Geraadpleegd op 20 oktober 2023, van https://engagementarts.be/nl/about
120
Verklarende
woordenlijst
121
Woordenlijst
► Antifeminisme
Beweging die zich afzet tegen gendergelijkheid en er zelfs actief tegen in gaat.
► Backlasheffect
Als vrouwen tegen stereotiepe verwachtingen ingaan worden ze snel als te assertief
of onaangenaam gezien.
► Bechdeltest
Test die seksisme in (fictie)films opspoort. Om te slagen moet een film minstens
twee vrouwelijke personages met een eigen naam hebben die met elkaar praten,
over iets anders dan mannen.
► Body Positivity beweging
Beweging die zich afzet tegen heersende schoonheidsidealen en streeft naar een
positief zelfbeeld voor iedereen.
► Cat calling
Het nafluiten en naroepen van vrouwen op straat.
► Deepnudes
Beelden of video’s die zodanig gemanipuleerd worden dat het lijkt dat de afgebeelde
persoon naakt is of seksuele handelingen uitvoert wanneer dit niet het
geval is.
► Dubbele seksuele standaard
Het patroon van verwachtingen dat meisjes en vrouwen seksuele terughoudendheid
voorschrijft, terwijl het jongens en mannen seksuele activiteit dicteert.
► Equal Pay Day
De dag tot wanneer vrouwen moeten werken om evenveel te verdienen als wat
mannen het jaar ervoor hebben verdiend.
122
► Femicide
De moord op een vrouw omdat ze vrouw is.
► Feminicide
Het structurele en systematische aspect van vrouwenmoord.
► Gender
Het sociale geslacht. Het omvat de maatschappelijke ideeën, sociale normen en
verwachtingen die over vrouwelijkheid en mannelijkheid bestaan in een samenleving.
► Genderdatakloof
Het gebrek aan data over sekse- en genderverschillen.
► Genderexpressie
De manier waarop mensen (wel of niet) uiting geven aan hun genderidentiteit.
► Genderidentiteit
De persoonlijke beleving. Hoe je je voelt en identificeert in relatie tot wat je
biologisch is meegegeven (sekse) en wat er sociaal gezien van je wordt verwacht
(gender).
► Genderstereotypen
Karikaturale ideeën over vrouwen en mannen.
► Glazen afgrond (zie Glazen klif)
► Glazen klif
Vrouwen bereiken vaak enkel in tijden van crisis de hoogste echelons wanneer
het risico om te falen het grootst is. Nadien worden ze vaak opnieuw achteruit
geschoven.
► Glazen muren
Sectoren of beroepen waar veel vrouwen in tewerkgesteld zijn, zijn vaak minder
goed betalend of krijgen minder maatschappelijke erkenning dan sectoren waar
veel mannen in tewerkgesteld zijn. Zie ook: horizontale (arbeids)segregatie
123
► Glazen plafond
De barrière die vrouwen belet om door te stromen naar hogere functies op de
arbeidsmarkt.
► Horizontale segregratie
• Op de arbeidsmarkt: de ongelijke verdeling van mannen en vrouwen over
verschillende (arbeids)sectoren
• In het onderwijs: de ongelijke verdeling van jongens en meisjes in verschillende
studierichtingen
► Inkomenskloof
Het verschil in inkomen tussen vrouwen en mannen.
► Kleverige vloeren
Vrouwen maken minder snel promotie dan mannen. Dat zorgt ervoor dat vrouwen
blijven plakken in de lagere echelons van de bedrijfshiërarchie.
► Loonkloof
Het loonverschil tussen vrouwen en mannen.
► Male bias
Systematisch de voorkeur geven aan mannen, veelal het gevolg van onbewuste
en impliciete processen.
► Manosfeer
Het geheel van online gemeenschappen van mannen die zich verzamelen rond
vrouwenhaat, antifeminisme en racisme.
► Menstruatiearmoede
Het niet beschikken over voldoende kapitaal om menstruatieproducten te kunnen
kopen.
► Model minority stereotype
Aziatische vrouwen worden als hardwerkend en succesvol gezien, in tegenstelling
tot andere etnische minderheden.
124
► Moederschapsboete
Vrouwen betalen letterlijk een prijs voor verloning en carrière wanneer ze moeder
worden.
► Pensioenkloof
Het verschil in pensioen tussen vrouwen en mannen.
► Sekse
Het biologisch geslacht, de biologische verschillen tussen mensen (chromosomen,
geslachtsorganen…).
► Sexting
Het versturen van seksueel getinte beelden of tekst.
► Slut shaming
Het bestempelen van iemand als ‘slet’ of ‘hoer’ omwille van hun seksueel verlangen
of seksueel gedrag.
► Verticale segregatie
• Op de arbeidsmarkt: de ongelijke verdeling van mannen en vrouwen in de
verschillende echelons van de arbeidshiërarchie
• In het onderwijs: de ongelijke verdeling van jongens en meisjes in verschillende
onderwijsvormen en op verschillende onderwijsniveaus
► Victim blaming
De verantwoordelijkheid van een situatie bij een slachtoffer leggen in plaats van
bij de dader.
► Wet van Sullerot
Als het aandeel mannelijke werknemers in een sector stijgt, dan zal die sector
meer aanzien en een hogere verloning krijgen.
125
Colofon
Genderongelijkheid in België
Is de strijd gestreden?
Dit rapport over de genderongelijkheid in België werd uitgevoerd door RoSa vzw,
kenniscentrum voor gender en feminisme, in opdracht van Avansa Kempen vzw.
Avansa Kempen streeft naar een duurzame, inclusieve, solidaire en democratische
samenleving. Ze zet activiteiten op die participatie en burgerschap stimuleren.
Avansa Kempen vzw
Prins Boudewijnlaan 9 bus 2
2300 Turnhout
T 014 41 15 65
E kempen@avansa.be
W www.avansa-kempen.be
RoSa vzw is het kenniscentrum voor gender en feminisme. RoSa vzw wil de feitelijke
ongelijkheid tussen vrouwen en mannen in de samenleving helpen wegwerken en doet dat
door te documenteren, informeren, sensibiliseren en begeleiden.
W www.rosavzw.be
Auteur: Zoë Velghe
Vormgeving: Evy Bens i.s.m. Mojoville
Verantwoordelijke uitgever: Wendy Mercelis, Prins Boudewijnlaan 9 bus 2, 2300 Turnhout
Turnhout, 2024
D/2024/11.195/13
Kempen
126
127
128
Kempen