G.HOOR, magazine van GGMD. 2025
In dit magazine van GGMD staan verhalen voor en door dove en slechthorende mensen. Veel leesplezier.
In dit magazine van GGMD staan verhalen voor en door dove en slechthorende mensen. Veel leesplezier.
Transform your PDFs into Flipbooks and boost your revenue!
Leverage SEO-optimized Flipbooks, powerful backlinks, and multimedia content to professionally showcase your products and significantly increase your reach.
VOORJAAR | 2025
GGMD MAGAZINE
Gehoorverlies
Mijn slechthorendheid mag
er zijn én gezien worden
EXAMEN IN NGT
NGT als tweede
moderne vreemde taal
in je opleiding
USHER
SYNDROOM
“Ons leven houdt echt niet
op als we blind worden”
HENK BETTEN
Het contact tussen dove
en horende mensen
moet gelijkwaardig en
wederzijds zijn
John de Bever
“Kees werd
moe van
alles steeds
weer te
moeten
herhalen.”
1
INHOUD
12
Colofon
G.HOOR
Een uitgave van
stichting GGMD
Kanaalweg 93 C
3533 HH Utrecht
Telefoon 088 432 1700
ggmd.nl
pr@ggmd.nl
Redactie
Marijn Krijger, Lisa Rijpma en
Martin Mojet
Afdeling marketing &
communicatie GGMD
Margot Bouwens,
Bouwens Tekst
‘Kees zei dat hij er moe
van werd om telkens
alles te herhalen’
7
Volkszanger John de Bever probeert
sinds kort te wennen aan een
gehoorapparaat.
De kracht
7 TIPS BIJ
(DREIGENDE)
FADE-OUT
Van gespecialiseerd maatschappelijk
werker Esther van der Velden.
van Kunst
19
Fotografie
Richard Sterkenburg,
Studio Sterkenburg
Petra Portegies
Vormgeving en productie
Geurt Kreijns,
Linda Kreijns
Lost Founders
Rustig
wonen
boven een
nachtclub
Feesten tot diep in de
nacht, zware bassen
en dronken mensen
24
Een dag op
pad met...
Sietske
Couperus
Druk
Magazine Masters
Disclaimer
Aan dit magazine is met uiterste
zorg gewerkt. GGMD kan echter
niet instaan voor de volledigheid,
accuraatheid en continue actualiteit
van de geboden informatie
en sluit dan ook elke aansprakelijkheid
uit met betrekking tot de
geboden informatie.
voor je deur? Geen
bezwaar voor Margot
en Kim. “Gelukkig
ben ik lekker doof!”
32
We zijn
doof, punt.
En niet
doofstom
uitroepteken!
Het betekenisvolle
leven van Henk
Wat doet een ambulant
begeleider bij GGMD?
Om dat te ontdekken, gaan
we een dag op pad met
Sietske Couperus.
28
Mbo-examen
met NGT als
tweede moderne
vreemde taal
Enzo Meester deed
het als eerste.
42
Betten.
2
Wanneer sta je in je kracht? En wat geeft jou
kracht? Is dat kunst, je geloof, in verbinding
staan met andere mensen, hoortoestellen die gezien
mogen worden of iets anders? In dit vijfde magazine van
GGMD, dat als thema KRACHT heeft, vroegen we het aan
verschillende mensen.
Dit magazine staat dan ook weer bol van de inspirerende
verhalen, inzichten, portretten en artikelen waarin dove
mensen en mensen met een gehoorbeperking centraal
staan. Er is nog een wereld te winnen als het gaat om
acceptatie van gehoorverlies of doof zijn, mee willen doen
en ook mee mogen doen! Lees bijvoorbeeld het interview
met Romée en haar moeder Jeanne over de invloed die
hun slechthorendheid op hun leven heeft gehad. En hoe
werken bij GGMD, waar rekening wordt gehouden met je
gehoorbeperking, tot nieuwe persoonlijke inzichten kan
leiden.
volg ggmd
@ggmd
Interessant is ook de rubriek ‘g.talenteerd’ waarin
zaalvoetballer Davinia in ’t Veld vertelt over haar
succesvolle debuut bij de Oranje Dove Leeuwinnen.
Het interview met de 86-jarige Henk Betten,
schrijver, historicus en voorvechter van onder meer de
emancipatie van de dovengemeenschap. Het gesprek
met John den Bever over zijn gehoorverlies en zijn haatliefdeverhouding
met zijn gehoorapparaten. En lees over
hoe fijn het wonen is boven een nachtclub in Amsterdam.
We hebben een mooi tweeluik. Deze keer met Sharon
Wesseling en Boaz Blume over de kracht van kunst om
te vermaken, emoties over te brengen, te inspireren en
te verbinden. En hoe je dat doet als je niet (goed) kunt
horen.
Blader eens door het magazine heen, lees de artikelen en
inspirerende interviews en deel vooral het magazine met
anderen zodat iedereen de verhalen kan lezen.
Namens GGMD wens ik je veel leesplezier!
Lieke Jansen
bestuurder a.i. GGMD
FOTOGRAFIE JOOST EUPEN
3
KORTNIEUWS
Apple AirPods Pro
als hoortoestel
Apple heeft software ontwikkeld
waarmee je AirPods Pro kunt
gebruiken als hoortoestel. Apple richt
zich daarmee op mensen met licht
gehoorverlies.
Auracast
Auracast is een nieuwe technologie
die geluid uitzendt naar een oneindige
hoeveelheid ontvangers die zich bevinden
in een specifieke (publieke) ruimte.
Deze technologie is ook geschikt voor
hoortoestellen, ongeacht het merk.
Auracast zal vooral worden ingezet
op publieke plekken zoals stadions,
winkelcentra en vliegvelden.
Meer weten?
planplanadvies.nl/
auracast-een-revolutievoor-slechthorenden
Na een gehoormeting met piepjes passen
de oortjes het omgevingsgeluid aan op je
gehoorverlies. Stemmen zijn dan beter
te onderscheiden in lawaaierige ruimtes,
belooft Apple. De FDA (U.S. Food and
Drug Administration) heeft die bewering
van Apple goedgekeurd. Om de software te
kunnen gebruiken, heb je naast de AirPods
Pro 2 ook een iPhone nodig.
Let op! Deze software is geen vervanging
voor echte gehoorapparaten. Bron: NRC
Melvin Twellaar
wint zilver op
Olympische Spelen
Roeier Melvin Twellaar heeft samen met
Stef Broenink, tijdens de Olympische
Spelen in Parijs een zilveren medaille
gewonnen in de mannen dubbeltwee.
Melvin is een CODA, een Child Of Deaf
Adults ofwel een kind van dove ouders. In
het vorige nummer van G.Hoor vertelt hij
over hoe hij in een mix van de dove en de
horende wereld is opgegroeid.
Interview lezen?
Lees het verhaal van Melvin in
G.HOOR digitaal (pagina 20)
4
UITGAAN
Gebarencamping 2025
De Nederlandse
gebarentaal is de
Curaçaose niet
De Curaçaose gebarentaal moet op het eiland
worden erkend als de officiële gebarentaal.
Dat stelt het Nationaal Taalinstituut Curaçao
(NTIC).
Voor de mensen op Curaçao die gebarentaal
gebruiken, werd eind jaren 90 de Nederlandse
gebarentaal aangewezen als de officiële
gebarentaal. “Maar een taal die in de Nederlandse
context is ontstaan, past niet per definitie in
onze Curaçaose context”, zegt Marta Dijkhoff,
directeur van het NTIC. “We hebben andere
gezichtsuitdrukkingen met een andere betekenis
bij bepaalde woorden. Die komen vaak niet
overeen met de Nederlandse gebaren. Daarom
vragen we om erkenning van de Curaçaose
gebarentaal.”
Bron: NOS
Dit jaar is de gebarencamping van zaterdag
19 juli tot en met zaterdag 2 augustus in Eext –
Drenthe. Dove kinderen en volwassenen kunnen
hier onbelemmerd met elkaar communiceren.
Ook horende en slechthorende ouders, broertjes
en zusjes zijn van harte welkom om zich onder
te komen dompelen in de gebarentaal en
dovencultuur.
Meer weten?
www.gebarencamping.nl
Inloop voor dove en slechthorende
mensen in Geleen
Cas Wolters, de dove jongeman bekend van zijn
deelname aan Heel Holland Bakt, is als bestuurslid
van Stichting Limburg Hoort betrokken bij
de totstandkoming van de Hoeskamer. Een
ontmoetingsplek voor dove, plotsdove, laatdove
en slechthorende mensen. De Hoeskamer is
elke tweede donderdag van 13.30 tot 16.00
uur in het Stadslab aan de Markt 35 in Geleen.
Loop eens binnen, de koffie staat klaar en er zijn
schrijf- en gebarentolken aanwezig.
Nederlands
Dovenarchief
Wil je alles weten over de rijke geschiedenis
van de dovengemeenschap? Buiten de
dovengemeenschap is weinig bekend over de
rijke historie van deze gemeenschap. Binnen
de dovengemeenschap is daar wel veel over
bekend, maar de kennis is sterk versnipperd.
In het online Nederlands Dovenarchief
is alle kennis over het erfgoed van de
dovengemeenschap nu op één plek bij elkaar
gebracht.
Meer weten?
Bezoek het Nederlands Doven archief op
dovengeschiedenis.nl
Meer weten?
www.limburghoortzo.nl
Wie gaat er mee naar
het Gebarencafé?
Een gebarencafé is een ontmoetingsplek voor
dove en slechthorende mensen, gebaren- en
schrijftolken en andere gebarentaalgebruikers.
Gebarencafés vind je in verschillende plaatsen
in Nederland. Ze worden gehouden in
gewone cafés. De communicatie verloopt via
gebarentaal. Mensen komen er om gezellig bij
te kletsen en/of om hun gebaren te oefenen. In
de online Doven agenda zie je waar en wanneer
er gebarencafés zijn.
Meer weten?
www.bartsmale.nl
5
Reis mee
met Tim
Zonnenberg
De doofblinde Tim Zonnenberg is deze zomer
alleen naar Amerika gereisd. Zijn reis die 29 dagen
duurde, begon in Los Angeles. Vandaaruit heeft
hij andere steden bezocht zoals Las Vegas en
Phoenix. In een reisblog vertelt hij met de nodige
humor over zijn reizen met het openbaar vervoer,
de plaatsen die hij bezoekt en de mensen die hij
ontmoet.
Meer weten over Tim?
Lees een interview met Tim in G.HOOR
digitaal (pagina 18)
Gespreksgroepen
voor mensen
met tinnitus of
hyperacusis
Hoormij • NVVS organiseert online
gespreksgroepen en bijeenkomsten
voor mensen met tinnitus,
hyperacusis en duizeligheid &
evenwichtsproblemen. Ontdek
de kracht van (h)erkenning en
ontmoet mensen met een vergelijkbare
aandoening.
Er wordt ook informatie uitgewisseld.
Veel bijeenkomsten vinden
digitaal plaats. Op de website
van Hoormij • NVVS staat een
agenda met daarin alle informatie.
Meer weten?
stichtinghoormij.nl
Fonetic OV
Om omroepberichten in het openbaarvervoer om te
zetten naar tekst, is een nieuwe innovatieve oplossing
ontwikkeld. Fonetic OV maakt met behulp van AI,
omroepberichten leesbaar, zonder veiligheidsrisico’s of
inbreuk op je privacy te maken. Dove en slechthorende
mensen hebben een eerste versie van het apparaat al
getest. Dat leverde een aantal uitdagingen op waar nu aan
wordt gewerkt. Wil je op de hoogte blijven van de ontwikkelingen?
Kijk dan op fonetic.blog. Bron: Hoorkrant
Klachtencommissie
tolken naar RTGS
De klachtencommissie voor
tolkgebruikers is per 1 oktober
2024 ondergebracht bij de
Stichting RTGS (Register
Tolken Gebarentaal en
Schrijftolken).
Tolkgebruikers kunnen bij de
klachtencommissie een klacht
indienen over tolken gebarentaal
of schrijftolken als ze niet
tevreden zijn over de kwaliteit van
het tolken. Of als ze van mening
zijn dat het gedrag van de tolk
niet is zoals dat in de beroepscode
staat beschreven.
Meer weten?
klachttolk.nl
6
Heel Nederland
weet dat John
slecht hoort
Volkszanger John de Bever is
bij een groot publiek bekend
door de tv-serie De Bevers. Een
vrolijke realityserie waarin John
en zijn partner Kees Stevens
de hoofdrol spelen. Dat John
FOTOGRAFIE RICHARD STERKENBURG
slecht hoort, werd voor heel
Nederland zichtbaar toen hij
meedeed aan het tv-programma
Expeditie Robinson. Sinds kort
probeert hij te wennen aan zijn
gehoorapparaten.
7
“Ik ben er niet blij mee, maar voor andere
mensen is het nog veel lulliger als ik het niet
versta. Die worden er ook moe van als ik elke
keer ‘hè?’ of ‘wat zeg je?’, zeg.”
Een jaar of zeven geleden merkte John dat
hij slechter ging horen: “Het zit een beetje
in de familie. Mijn moeder en een van mijn
zusjes horen ook niet zo best. Ik denk dat
het bij mij vooral door het zingen komt.
Het is echt gehoorbeschadiging. Ik zing elk
weekend volle bak. Ik mis een beetje de hoge
tonen, maar met zingen heb ik daar geen
last van. Ik heb dan oortjes in en als ik de
muziek of mijn stem niet hoor, zet ik die wat
harder.” Kees merkte vooral dat John slechter
ging horen omdat hij alles moest herhalen:
“We nemen het leven hoe het is, hoe het
komt en hoe het gaat. Maar op een gegeven
moment wordt het natuurlijk wel een
beetje vervelend als je alles tien keer moet
herhalen. John zelf heeft er minder last van,
die leeft al jaren zo. Hij vraagt gewoon alles
twee of drie keer en iedereen geeft elke keer
weer antwoord.” Aan een gehoorapparaat
wilde John niet: “Als ik vrijdag, zaterdag,
Van profvoetballer tot volkszanger
John de Bever speelde ruim 20 jaar betaald voetbal in België,
bij FC Den Bosch en FC Dordrecht (eredivisie). In 1997 wordt
hij in Brazilië zelfs uitgeroepen tot beste zaalvoetballer van
de wereld. Zijn grote muzikale doorbraak is in 2015 met de
volkshit ‘Jij krijgt die lach niet van mijn gezicht’. Dat nummer
heeft ondertussen de platina status en is het lijflied van de
Oranje Voetbalvrouwen. Naast solo-optredens heeft John
duetten gezongen met Corry Konings, Marianne Weber, Jan
Smit, Koos Alberts, Anny Schilder en vele anderen.
zondag heb opgetreden, ben ik blij als ik
maandag, dinsdag, woensdag en donderdag
bijna niks hoor.”
Expeditie Robinson
Johns deelname aan Expeditie Robinson was
een keerpunt. Kees: “Dat John slecht hoorde,
was geen geheim, maar je loopt er als zanger
ook niet mee te koop. Tegen de redactie van
Expeditie Robinson had ik verteld dat hij
slechthorend is en dat dat bij spelletjes wel
eens lastig kon worden. Dat werd het ook.
Als iedereen rechtdoor liep, ging hij links de
Ik hoor nu de hondjes door
het huis heen trippelen
hoek om. De mannen van Vandaag Inside
(VI) hebben er op tv vreselijk om gelachen.
Daar zijn op YouTube nog wel filmpjes van.
We hebben het met een grapje opgepakt
door er het liedje ‘Hé John’ over te maken.
Voordeel is dat heel Nederland nu weet dat
John slecht hoort. Dat gaf ook wel een soort
opluchting, het is geen taboe meer.” John:
“Ik schaam me niet voor mijn deelname aan
Expeditie Robinson. Ik vond het zelf ook wel
grappig om te zien hoe ik reageerde als ik er
weer niets van verstond. Het is een handicap
die ik heb, maar als dat het ergste is. Er zijn
wel dingen die erger zijn.”
Schaamte
Vooral Kees heeft eraan bijgedragen dat
John toch een gehoorapparaat kocht. John:
“Kees zei dat hij er moe van werd om telkens
8
Realitysterren
In de realityserie ‘De Bevers’
is hij te zien met zijn partner
en manager Kees Stevens. De
serie die al vijf seizoenen te
zien is bij RTL5 is een groot
succes. In 2022 werd de
serie zelfs genomineerd voor
de Gouden Televizier-Ring.
John: “Op internet staat dat
RTL5 geëist zou hebben dat
ik voor het vijfde seizoen
gehoorapparaten in zou doen.
Dat is helemaal niet waar, dat
heeft RTL nooit gezegd. Ik
heb ze tijdens de opname dan
ook niet in. Er komt anders
zo ontzettend veel binnen,
dat is best vermoeiend. Maar
het is ook vermoeiend als je
niets hoort. Het heeft twee
kanten.” Sinds 2023 hebben
John en Kees samen een grote
kerstshow in Ahoy. Door het
jaar heen staan ze met een
muzikale show in verschillende
theaters in Nederland.
alles te herhalen. Voor hem is dat natuurlijk
irritant. Ik vind het dan egoïstisch om geen
gehoorapparaat te nemen, snap je?” Johan
Derksen die bij VI de grootste pret had om
Johns deelname aan Expeditie Robinson,
heeft er ook toe bijgedragen dat John aan een
gehoorapparaat ging. “Ik ken Johan al jaren,
van toen ik nog voetballer was. Elke zondag
ga ik bij hem koffiedrinken. Hij zei dat ik
moest doorpakken, omdat ik zo slecht hoor
dat ik geen fatsoenlijk gesprek kan voeren. En
dat klopt. Ik schaamde me er alleen voor om
een gehoorapparaat te dragen. Ik vond het
altijd een beetje raar als mensen een gehoorapparaat
in hebben. Terwijl dat eigenlijk
geen schande is, want je hebt ook een bril op
als je niet goed ziet. Het maakt niet uit. Dus
over die schaamte ben ik wel een beetje heen
gelukkig.”
Het is wel wennen
John had eerder al gehoorapparaten, maar die
droeg hij zelden en op een gegeven moment
was hij ze kwijt. Sinds een paar maanden
heeft hij weer nieuwe. Kees: “Ik dacht altijd
dat het heel makkelijk was: gehoorapparaten
in en je hoort, maar zo makkelijk is het
niet. Het is een heel traject voor je eraan
gewend bent.” Zijn omgeving gaf voor John de
doorslag om toch weer aan gehoorapparaten
9
te gaan: “Voor andere mensen is het
nog lulliger dat ik zo slecht hoor. Ik
vind het ook een beetje onbeschoft om
elke keer te vragen: ‘hè?’ of ‘wat zeg je?’
De mensen om mij heen worden daar
ook moe van. Dus dat vind ik dan niet
leuk. Als ik mijn gehoorapparaten in
heb, hoef ik ook minder ingespannen
te luisteren. Dat is wel fijn, het kost
dan minder energie. Vanavond gaan we
met een groep uit eten, dan doe ik ze
in, anders kan ik niet meedoen, want
dan kan ik het gesprek niet volgen.
Als ik ze niet in heb, lijkt het soms of
ik heel ongeïnteresseerd ben. Ik kan
dan een heel andere kant op zitten
kijken als iemand iets zegt. Ik heb dan
Ik vind het ook een
beetje onbeschoft om
elke keer te vragen:
‘hè?’ of ‘wat zeg je?’
gewoon niet door dat iemand iets zegt,
daar kan ik niets aan doen, maar dat
is natuurlijk niet netjes. Als ik thuis
bij Kees zit, een-op-een, dan gaat het
zonder gehoorapparaten goed. Maar
als ik in de keuken sta, hoor ik hem
wel, maar versta ik niet wat hij zegt.
Laatst had ik ze in toen ik bij Johan
Derksen was. Toen vroeg ik aan hem
‘roep jij nou zo hard?’ Dat kwam door
die gehoorapparaten, ik hoorde hem
ineens veel harder. Naast stemmen
komen er ook ineens veel andere
geluiden binnen. Ik hoor het lepeltje in
de koffie, ik hoor het water uit de kraan
hard lopen en de hondjes door het huis
trippelen. Daar word ik soms gek van.
Ik heb dat heel lang niet gehoord, dus
dat is wel wennen.”
10
g.talenteerd
volg de dove oranje leeuwinnen
@doveoranjeleeuwinnen
DAVINIA
IN ‘T VELD
voetballer
Ze is de nieuwste aanwinst van
de Dove Oranje Leeuwinnen, ons
nationale Dove zaalvoetbalteam.
Daarnaast speelt ze zaalvoetbal bij
ZVV Den Haag (hoofdklasse) en
veldvoetbal bij VV Brielle (beide
horende teams). Waar ze van
droomt? Veldvoetballen bij een
horende profclub, met ZVV Den
Haag naar de eredivisie zaalvoetbal
en nog heel veel interlands spelen
met de Dove Oranje Leeuwinnen.
FOTOGRAFIE RICHARD STERKENBURG
Afgelopen oktober speelde Davinia voor het
eerst mee met de Dove Oranje Leeuwinnen.
“Ik had nog nooit gezaalvoetbald. Tijdens
de warming-up hebben ze de regels
uitgelegd. De oefenwedstrijd ging goed, dus
ik mocht blijven.” Enige voorwaarde was
dat ze ging trainen bij een zaalvoetbalclub.
Dat is ZVV Den Haag geworden. Naast
alle wedstrijden traint ze een keer in de
week bij Brielle en bij ZVV Den Haag en
een keer in de maand bij de Dove Oranje
Leeuwinnen. Bij de horende teams is ze de
enige dove speler. “Ik ben visueel ingesteld
en kijk continu of ze mij willen aanspelen
of contact willen maken. De coach gebruikt
vaak kleine handgebaren.” Als Davinia
met de Dove Oranje Leeuwinnen speelt,
moeten haar CI’s af. “Bij trainingen en
wedstrijden zijn een gebaren- en een
schrijftolk aanwezig. Tegenstanders vinden
ons stil, maar we zijn doof dus roepen heeft
geen zin. We communiceren via wijzen en
gebaren, en soms geven we elkaar gewoon
een duwtje in de goede richting.”
11
STOP
Gehoorverlies kan een reden zijn om niet meer deel te nemen aan sociale activiteiten. Als dat
zorgelijke vormen gaat aannemen, heet dat fade-out. Mensen trekken zich dan steeds meer
terug, zowel in hun privéleven als op hun werk. Esther van der Velden is slechthorend en werkt als
gespecialiseerd maatschappelijk werker bij GGMD. Ze herkent de gevaren van fade-out uit eigen
ervaring. “Ik speelde jaren toneel en deed alsof ik alles verstond, maar dat was niet zo. Dat heb ik
volgehouden tot het niet meer ging. Ik kon toen kiezen: of een fade-out of hulp zoeken. Ik heb
voor het tweede gekozen.”
Op haar zeventiende werd Esther van der Velden
slechthorend. Ze kreeg hoortoestellen. “Ik schaamde
me op die leeftijd enorm voor die dingen. Er hangt
een wolk van oud zijn omheen – vond ik toen. En
die huidkleurige toestellen waren in mijn beleving
ook niet echt sexy of cool.” Bijna niemand mocht het
daarom weten of haar hoortoestellen zien. “Toen ik
bijvoorbeeld ging solliciteren voor een bijbaantje naast
school, deed ik mijn haar zo over mijn hoortoestellen
dat ze niet opvielen. Ik wilde niets met slechthorendheid
te maken hebben. Ik kende ook geen andere
slechthorende mensen en je had toen nog geen sociale
media. Ik dacht echt dat ik de enige op de wereld was
die zo jong slechthorend was.”
Toen Esther ging studeren dook ze vol het studentenleven
in. “Ik ging met vrienden naar feestjes en concerten.
Met z’n allen leuke dingen doen, kostte me veel energie
want de luisterinspanning die het van mij vroeg, was
hoog. Ik verstond niets van de gesprekken en hoopte
dan maar dat ik op het goede moment ja knikte. Als
mensen gek keken, wist ik dat ik fout zat. Maar iedereen
vertellen dat ik slechthorend was, deed ik niet. Alleen
naasten wisten het. Dat je niet alles meekrijgt, kan je
ook heel verdrietig maken”, vertelt ze. “Toen ik ging
werken, zat ik op een kantoor. Van de nieuwtjes die in
de wandelgangen werden gedeeld, kreeg ik door mijn
gehoorverlies bijna niets mee. Ik knikte en lachte vriendelijk,
maar had vaak geen idee waar het over ging.”
12
FOTOGRAFIE PETRA PORTEGIES
13
Pijnlijk
Dat werd pijnlijk duidelijk toen een van haar collega’s
vader was geworden. “Ik had dat compleet gemist. Dan
schakel je snel, maar ondertussen ga je van binnen
kapot. Hoe had ik dat kunnen missen?” Toen er steeds
meer van dat soort dingen gebeurden, liep ze vast.
“Alles stortte een beetje in. Ik ging me ook steeds minderwaardiger
voelen. Ik wrong me in allerlei bochten
om iets te verstaan en er was veel miscommunicatie.
Je kunt dan ook niet laten zien wat je kwaliteiten zijn.
Dat alles maakt dat je leven er niet vrolijker op wordt.”
Toen ze midden dertig was, heeft ze hulp gezocht bij
een hoorcoach. Die opende haar ogen en leerde haar
om met een heleboel dingen anders om te gaan. “Bij
mij gaat het om keuzes maken en energiemanagement.
Op het werk, maar ook privé. Thuis met mijn
man en dochter, gaat het goed. Maar verjaardagen,
feestjes, etentjes of borrels zijn uitdagingen. Zo ook
sommige activiteiten op het werk, zoals grote overleggen
of lange cursusdagen. Gelukkig houden leidinggevenden
bij GGMD wel goed rekening met medewerkers
die zelf gehoorbeperkingen hebben. Ik kan nu
behoorlijk goed keuzes maken en inschatten hoeveel
energie het me gaat kosten en wat het me oplevert.
Heb ik de dag na een feestje een drukke werkdag, dan
ga ik niet naar het feest. Ik vertel de jarige waarom ik
niet kom en stel voor samen te gaan lunchen of zoiets.
Uiteindelijk is dat voor iedereen leuker. En moet ik in
mijn werk bepaalde keuzes maken door mijn gehoor-
! 7 TIPS
bij (dreigende) fade-out
Het gevaar van fade-out is niet één,
twee, drie te voorkomen of op te
lossen. Het vraagt om werken aan
jezelf; aan je denkbeelden en je
gedrag. En aan wat verwacht je van
jezelf en wat verwachten anderen
van jou? Maar het loont, want
meedoen in het leven voorkomt
depressie en andere psychische
problemen. Hieronder enkele tips
van Esther die je kunnen helpen:
1. Ken je eigen gehoorverlies
Je kunt mensen dan beter uitleggen
wat je gehoorverlies inhoudt
en wat je nodig hebt om mee te
kunnen doen.
2. Neem door de dag heen minipauzes
van 2 minuten en ga even uit
je hoofd
Alles wat met gehoorverlies te
maken heeft, speelt zich boven
je schouders af. Dus gun je ogen,
oren en hersenen even rust. Ga
bijvoorbeeld 2 minuten rekken en
strekken of loop de trap een keer
op en af. Dat is vaak al voldoende.
3. Zorg voor voldoende nachtrust
Die heb je nodig om te herstellen
van je luisterinspanning en weer
met hernieuwde energie op te
staan.
4. Laat je bij keuzes in het leven niet
leiden door je gehoorverlies, maar
door wat je graag wilt
Kijk eerst naar je behoeften, naar
wat jij met je leven wil doen en
dan pas naar hoe je gehoorverlies
daarin past. Als je een beetje
creatief bent, kunnen veel dingen
wel. Misschien niet langs de
gebaande paden, maar wel als je
zijweggetjes neemt. En vast niet
alles kan, maar waar het om gaat,
is dat je je niet laat leiden door je
gehoorverlies.
5. Maak gebruik van een schrijftolk
Probeer het een keer uit! Desnoods
de eerste keer in een klein en veilig
14
verlies, dan voel ik mij daar door mijn leidinggevende
in gesteund. Dat is heel prettig. Eigenlijk wens ik
iedereen met gehoorverlies zo’n werkgever toe.”
Leven 2.0
Esther weet uit ervaring wat het kost: “Ik vertel het
hier zo makkelijk, maar je gedrag en denkbeelden
veranderen, heb je niet in een paar weken onder de
Als hoortoestellen gezien mogen
worden en gehoorverlies er mag
zijn, komen mensen sneller in hun
kracht
knie. De slechthorende en plots- en laatdove cliënten
met (dreigende) fade-out die ik bij GGMD begeleid,
merken dat ook. Het is vaak echt een langdurig proces
om alle handvatten die ze krijgen, te implementeren in
hun leven en om het gehoorverlies een plek te geven.
Maar als het is gelukt, geven ze vaak aan dat hun leven
2.0 begint.”
groepje, dan is de drempel
misschien wat minder hoog.
Je zult zien, het is heerlijk en
bespaart je heel veel energie.
6. Heb niet te snel het gevoel
dat je lastig bent
Bij veel cliënten merk ik dat
ze het vervelend vinden als
mensen rekening met hen
moeten houden en dat ze
daarom maar niets zeggen.
Vaak vergeten ze dat horende
mensen het ook prettig vinden
als iedereen wat langzamer
praat en niet door elkaar heen.
Dus die zijn hartstikke blij als jij
er wat van zegt.
7. Laat je hoortoestellen zien
Hoortoestellen worden steeds
kleiner. Dat versterkt het
beeld dat het niet gezien mag
worden, dat gehoorverlies
er niet mag zijn, dat het iets
is om je voor te schamen. Ik
denk dat als het er wel mag
zijn mensen sneller weer in
hun kracht kunnen komen.
Nou kunnen we fabrikanten
van hoortoestellen en de
mensen om ons heen niet
veranderen. Wat we wel
kunnen veranderen, is hoe we
er zelf mee omgaan. Wil je dat
het gezien wordt, dan moet je
daar zelf voor zorgen.
1 op de 3 mensen met gehoorverlies krijgt te maken
met fade-out. Dat zijn ruim 500.000 Nederlanders,
vertelt Lieke Jansen, bestuurder van GGMD. Fade-out
wil zeggen dat mensen langzaam uit het sociale leven
verdwijnen als gevolg van mentale problemen. Een
groot deel van de mensen die fade-out ervaren, voelt
zich bijvoorbeeld onveilig (46%), depressief (47%) en/of
angstig (43%). 51% geeft zelfs aan de grip op het leven
te verliezen.*
Om meer aandacht te vragen voor de mentale
problemen die kunnen ontstaan door gehoorverlies,
is op initiatief van Specsavers een stichting Stop Fadeout
opgezet. Deze stichting besteedt aandacht aan het
fade-out-effect. Door meer onderzoek te doen willen
ze de kennis over fade-out vergroten en meer inzichten
verzamelen om deelname van slechthorende mensen
in de samenleving te vergroten.
Lieke Jansen: “Er wordt vaak vooral gekeken naar
hoe met een hoortoestel het gehoor verbeterd kan
worden. Maar het hebben van alleen een hoortoestel
is vaak onvoldoende om met de fysieke, emotionele
en sociale uitdagingen van het gehoorverlies om te
gaan. Mensen vragen ook niet altijd om hulp, terwijl uit
het onderzoek van Motivaction blijkt dat mensen wel
behoefte hebben aan mentale zorg en ondersteuning.
Daarom doet GGMD mee aan STOP Fade-Out.
Want het bieden van handvatten is voor mensen met
gehoorverlies van groot belang om sociaal weer mee
te doen. En dat is precies de expertise van GGMD.”
Meer weten of je verhaal delen?
Kijk op stopfadeout.nl
* Deze cijfers komen uit een onderzoek naar fade-out
dat Specsavers door Motivaction heeft laten doen.
15
Aannames zijn er al genoeg
We willen nu weten
hoe het zit
Doe mee! Ben je doof of slechthorend, achttien jaar of ouder en woonachtig in
Nederland? Doe mee aan de onderzoeken ‘Sociale Participatie’ en ‘Identiteit,
Diversiteit en Inclusie’ van Deelkracht*. Want aannames, zonder dat die goed
onderzocht zijn, zijn er al genoeg. We willen nu weten hoe het echt zit, zeggen
projectleider en senior onderzoeker Corrie Tijsseling en onderzoeker Clara Stuij.
Onderzoek naar
‘Sociale Participatie’
Sociale participatie betekent dat je mee kunt
doen in de samenleving. Denk aan meedoen met
familie en vrienden of in clubs en verenigingen.
We nemen vaak aan dat dove en slechthorende
volwassenen moeite hebben met sociale
participatie, maar daar zijn geen cijfers over.
Daarom wordt onderzocht hoe sociale participatie
eruitziet bij dove en slechthorende volwassenen.
Hoe dove en slechthorende mensen zelf over
sociale participatie denken. En wat geslaagde of
problematische sociale participatie is.
Dit onderzoek helpt om te begrijpen welke
factoren helpend of remmend zijn bij sociale
participatie. Met die kennis kan de zorg aan dove
en slechthorende volwassenen verbeterd worden.
MEER INFORMATIE
OF AANMELDEN?
We hebben ongeveer 1,3 miljoen dove en
slechthorende mensen in Nederland.
Daarvan doen jaarlijks zo’n 1600 mensen een beroep
op de geestelijke gezondheidszorg. Dan zijn er dus
ook heel veel dove en slechthorende mensen in
Nederland waar het oké mee gaat. Niet beter of
slechter dan de gemiddelde Nederlander. Corrie:
“Onderzoek onder dove en slechthorende mensen
gaat altijd uit van problemen die zij ervaren. Maar dat
ze bepaalde problemen ervaren en wat de oorzaak
daarvan is, is vaak een aanname. Dat is nog niet goed
onderzocht. In de onderzoeken ‘Sociale Participatie’
en ‘Identiteit, Diversiteit en Inclusie’ kijken we of dove
en slechthorende mensen problemen ervaren, welke
problemen dat zijn en waarom dove en slechthorende
mensen die problemen ervaren. En of dat is omdat ze
doof of slechthorend zijn of dat er (ook) een andere
reden is.”
Verband
Tussen de onderzoeken ‘Sociale participatie’ en
‘Identiteit, diversiteit en inclusie’ zit verband. Corrie:
“Een voorbeeld: Als een doof iemand zich identificeert
met een kerkgenootschap en zich daar helemaal
16
FOTOGRAFIE RICHARD STERKENBURG
Onderzoeker Clara Stuij (links) en projectleider en senior onderzoeker Corrie Tijsseling (onderzoeker Julia Waanders ontbreekt op deze foto)
in opgenomen voelt, dan zal diegene zijn sociale
participatie waarschijnlijk als goed beoordelen. Terwijl
dat dan weinig te maken hoeft te hebben met het feit
dat die doof is, maar vooral met diens geloof. Andersom
geldt hetzelfde. Stel een slechthorend iemand heeft
moeite om aansluiting te vinden bij een voetbalclub.
Komt dat dan omdat die slecht hoort of door andere
dingen, zoals seksuele voorkeur of huidskleur? Dat is
wat we met deze onderzoeken te weten willen komen.
We vragen daarom bijvoorbeeld naar hoe iemand zijn
identiteit ziet en hoe iemand zijn sociale participatie
ervaart. En of de mate waarin iemand participeert
Onderzoek naar Identiteit, Diversiteit en Inclusie
Bij de identiteit van dove en
slechthorende volwassenen gaat het
vaak alleen over de hoorstatus, maar
identiteit heeft met veel meer te
maken. Bijvoorbeeld met je geslacht,
je huidskleur, je seksuele voorkeur,
je geloof. Al die factoren samen
maken wie jij bent. De groep dove
en slechthorende volwassenen is heel
divers. Bijvoorbeeld doof en moslim
of slechthorend en lhbtiq+. In dit
onderzoek wordt gekeken hoe divers
de groep dove en slechthorende
volwassenen in Nederland is. Ook
wordt onderzocht hoe zij hun
identiteit beleven en of zij overal in
de samenleving erbij horen (inclusie).
Door hier meer inzicht in te krijgen,
kunnen we met de professionals
kijken wat er nodig is voor deze
groep. Bijvoorbeeld meer sensitiviteit
voor diversiteit bij hulpverleners
of gerichte psycho-educatie voor
specifieke doelgroepen.
MEER INFORMATIE
OF AANMELDEN?
* Het onderzoek naar sociale participatie en identiteit, diversiteit en inclusie worden gedaan binnen Deelkracht. Onder de
naam Deelkracht werken onderzoekers, professionals en ervaringsdeskundigen samen aan expertise over auditieve en
communicatieve beperkingen. Met als doel: een samenleving die voor zintuiglijk gehandicapten net zo toegankelijk is als voor
ieder ander. www.deelkracht.nl
17
afhankelijk is van het feit dat die persoon niet of slecht
kan horen. Of van andere dingen zoals hun geslacht of
hun opleidingsniveau.”
participatie? Wie bepaalt dat? Deze kennis en dit soort
vragen worden meegenomen in het onderzoek om zo
een zo compleet mogelijk beeld te krijgen.
De cijfers
Voor beide onderzoeken wordt gewerkt met een
vragenlijst en interviews. Daarnaast wordt ook
gebruikgemaakt van bestaand onderzoek.
Clara: “Het CBS (Centraal Bureau voor de
Statistiek) heeft bijvoorbeeld cijfers over
participatie. Je kunt bij het CBS onder andere
vinden hoeveel procent van de Nederlanders
deelneemt aan het verenigingsleven. Die
cijfers hebben betrekking op gemiddeld
Nederland. De antwoorden van dove en
slechthorende mensen zijn daar niet zichtbaar
in. We weten niet eens of ze wel hebben deelgenomen
aan dat onderzoek. In onze vragenlijst stellen we soms
dezelfde vragen als het CBS. We kunnen dan kijken of
de gemiddelden uit hun onderzoek en ons onderzoek
bij elkaar in de buurt liggen. We weten dan of dove en
slechthorende mensen gemiddeld hetzelfde scoren of
daarboven of eronder. Dat is belangrijke informatie want
er worden te vaak aannames gedaan zonder dat het goed
onderzocht is. Bijvoorbeeld de aanname dat dove en
slechthorende mensen niet goed participeren, omdat er
problemen met de communicatie zijn.”
Wij graven in
deze onderzoeken
dieper
De kracht van de projectgroep
Corrie is doof en Clara is slechthorend. Ze zijn naast
onderzoeker dus ook ervaringsdeskundig. Clara:
“We doen de onderzoeken met twee
projectgroepen bestaande uit zo’n tien
leden. Die groepen bestaan uit Corrie, Julia
Waanders en mijzelf als onderzoekers,
ervaringsdeskundigen en professionals
(mensen die werken in de zorg). Ze zijn
doof, slechthorend of horend. Ook van
GGMD zit er in elke onderzoeksgroep een
ervaringsdeskundige professional.” Corrie:
“We vinden het belangrijk om ervaringsdeskundigen en
professionals nauw bij deze onderzoeken te betrekken.
Alleen zo kunnen we de juiste vragen stellen. En als
we op basis van de uitkomsten iets gaan ontwikkelen,
bijvoorbeeld een cursus gender-sensitiviteit, dan is
het wel fijn als het onderzoek aansluit op de praktijk.
Dat kijken vanuit drie perspectieven, dus onderzoeker,
professional en ervaringsdeskundigen, dat is echt de
kracht van deze onderzoeksgroepen.”
Doe mee aan het onderzoek!
Dieper graven
We graven met deze onderzoeken ook veel dieper, stelt
Corrie Tijsseling: “Vaak wordt dus aangenomen dat dove
en slechthorende mensen niet kunnen participeren
als gevolg van communicatieproblemen. Maar dat
hoeft helemaal niet. De oorzaak kan namelijk op drie
niveaus liggen: die van de stoornis, de beperking en/of
de handicap. Een voorbeeld: Meneer Jansen hoort slecht
en heeft daardoor moeite met spraakverstaan (er is een
stoornis in zijn gehoorfunctie). Telefoneren is daarom
lastig voor hem (dat is voor hem een beperking).
Hij kan wel whatsappen en mailen. De huisarts van
meneer Jansen is echter alleen per telefoon goed en snel
bereikbaar (dat is een handicap: een maatschappelijke
belemmering).” Wat ook onderzocht wordt, is het
antwoord op vragen als: Wat is eigenlijk goede sociale
Van licht slechthorend tot doof, boven de 18
jaar en wonend in Nederland. Behoor je tot die
doelgroep? Vul dan de vragenlijst in en help mee
aan de onderzoeken naar ‘Sociale Participatie’
en ‘Identiteit, Diversiteit en Inclusie’. Vul de
vragenlijst in als je problemen ervaart, maar ook
als je geen problemen ervaart.
De vragenlijst is tweetalig: in NGT en
Nederlands. Invullen duurt maximaal 1 uur.
Als dank voor het invullen, ontvang je een
VVV-cadeaubon van 25 euro. Je kunt de
vragenlijst tot eind april 2025 invullen. Doe mee!
MEER INFORMATIE
OF AANMELDEN?
18
TWEELUIK
De kracht
van Kunst
Kunst heeft de kracht om te vermaken, emoties over te
brengen, te inspireren en te verbinden. Of het nou gaat om
dans, muziek, poëzie, theater of een andere kunstvorm. Maar
hoe doe je dat als je niet (goed) kunt horen? En hoe maak
je kunst toegankelijk voor zowel een doof, slechthorend
als horend publiek? We vroegen het aan danseres Sharon
Wesseling en performer Boaz Blume.
19
Hij is dol op spelen met taal. Poëzie past dan ook goed bij hem. Maar
het is niet de enige kunstvorm waar Boaz Blume van houdt. Hij maakt
bijvoorbeeld ook spoken word* voorstellingen, hij danst en hij maakt
optredens met visual vernacular**. Dat doet hij alleen, maar ook met
anderen. De verbinding met het publiek en met andere kunstenaars vindt
hij belangrijk en inspirerend, maar vooral ook leuk en uitdagend.
Als Boaz een voorstelling maakt of poëzie,
bedenkt hij dat altijd eerst vanuit zijn eigen
taal, de Nederlandse gebarentaal. “Daarna
ga ik zoeken naar hoe ik mijn gebaren
vertaal naar het Nederlands. Dat is soms een
hele uitdaging. Gebarentaal is een rijke taal,
dus welke woorden kies ik om dat wat ik wil
vertellen tot zijn recht te laten komen? Hoe
maak ik mijn gebarentaal toegankelijk voor
horenden? Onze taal, gebarentaal, is uniek.
Het is een taal die lange tijd onderdrukt
is geweest. Gelukkig mag gebarentaal nu
gezien worden. Het is namelijk zo mooi om
de veelzijdigheid ervan te laten zien, zowel
aan de dove als de horende wereld.”
Visualiseren
De veelzijdigheid van gebarentaal
komt onder meer sterk naar voren in
voorstellingen waarin Boaz de kunstvorm
visual vernacular gebruikt. “In die
*SPOKEN WORD
Bij spoken word wordt in gebaren- en in gesproken
taal op een ritmische manier een verhaal
verteld of voorgedragen, vaak met een hele persoonlijke
of politieke inhoud. Door het vertelde te
combineren met bijvoorbeeld lichaamstaal, stem,
gebaren en ritme, spreekt het verhaal nog meer
tot de verbeelding.
voorstellingen zoek ik de interactie met
het publiek. Ik vraag bijvoorbeeld wat ze
willen dat ik uitbeeld. Dat kunnen ook nietlevende
onderwerpen zijn zoals een boom
of een bank. Met gebaren en mimiek, maar
ook met dans, ritme of belichting visualiseer
ik dan het gevraagde. De voorstelling komt
zo samen met het publiek tot stand. Ik
zoek altijd heel erg naar die verbinding. Ik
vind dat leuk en het is uitdagend om kunst
toegankelijk te maken voor zowel dove,
slechthorende als horende mensen.”
Verbinden
Naast solo-optredens, maakt Boaz ook
voorstellingen met andere performers
zoals de horende Elten Kiene, een spoken
word artiest. “Het is interessant om dingen
te delen met mensen met een andere
culturele achtergrond. Elten is bijvoorbeeld
iemand van kleur en ik ben doof. Door
** VISUAL VERNACULAR
Visual vernacular is een manier van verhalen
vertellen waarbij gebruik wordt gemaakt van
krachtige lichaamstaal, gezichtsuitdrukkingen,
gebarentaal en mime. Kunstenaars laten zo
scènes uit hun verbeelding tot leven komen met
alleen hun handen, gezicht en lichaam. Visual
vernacular is binnen de dovengemeenschap een
bekende kunstvorm.
op een podium met elkaar en het publiek
onze verhalen en ervaringen te delen,
hebben we gezocht naar wat ons verbindt.
Zo hebben we de voorstelling ‘In de ogen
van de ander’ gemaakt.” Boaz is nu bezig
met de voorstelling ‘Exit comfortzone’
waarin hij samen met Brendan Lodder,
een andere dove performer, en twee
horende performers optreedt. “De horende
performers (Shanice Mitchell en Thijme
Ebskamp) zijn danser en dj. We gaan visueel
aan de slag. Samen zoeken we waar iedereen
zich comfortabel bij voelt, waar grenzen
liggen en waar en hoe we gelijkwaardigheid
kunnen vinden. We hebben veel van elkaar
geleerd. Als dove performers leerden we
bijvoorbeeld iets over geluidstechniek en
de horende performers leerden van het
binnenstappen van de dovengemeenschap.
Het was mooi om elkaars ontwikkeling
te zien. De horende collega’s waren eerst
wat gesloten, maar tijdens het maakproces
gingen ze steeds meer open en probeerden
ze ook wat gebaren te maken. Dat je met
zo’n optreden verbinding kunt maken
tussen de dove en horende wereld, dat vind
ik heel mooi om te zien.”
Meer weten?
boazblume.nl
@boaz.blume
20
Als kleine jongen
keek Boaz op tegen
Wim Emmerik
(1940-2015). Wim
die gebarentaaldichter
was, kwam
vroeger bij Boaz
thuis: “Wim heeft
mij vaak gebarenpoëzie
laten zien en
uitgelegd hoe dat
in elkaar zit. Soms
zeggen mensen
dat ik op hem lijk.
Dat vind ik een heel
groot compliment.”
FOTOGRAFIE RICHARD STERKENBURG
21
Als je samen danst,
MAAKT HET NIET UIT OF JE GOED OF SLECHT HOORT
Hiphop, dat is de favoriete dansstijl van Sharon Wesseling. Ze is slechthorend
en als professioneel danser opgeleid aan de dansacademie in Tilburg. Om
dans toegankelijk te maken voor dove en slechthorende dansers heeft ze haar
eigen dansgezelschap ‘20Hertz’ opgericht. Daarnaast is ze de 20Hertz Academy
gestart. De eerste dansschool in Nederland voor dove en slechthorende mensen.
Sharon is het type doorzetten en niet zeuren.
“Dat heb ik van nature, maar het komt zeker
ook door mijn gehoorverlies. Ik ben mijn
hele leven al slechthorend als gevolg van een
chronische middenoorontsteking. Ik kan
daardoor ook geen gehoorapparaten dragen.
Die slechthorendheid is een deel van mij. Ik
heb het nooit als obstakel gezien. Lastig is
wel dat mijn slechthorendheid niet te zien
is. Dat ik bijvoorbeeld last van mijn oren heb
bij hoge tonen, zie je niet, dus daar wordt
niet automatisch rekening mee gehouden.
Ik heb er alleen wel zoveel last van, dat ik
niet goed meer kan functioneren. Maar je
loopt niet weg uit een repetitie, dat kan niet,
dus zet je door.”
Ritme
Hoe kun je dansen als je geen muziek hoort?
“Mensen stellen die vraag vaak, maar ik
vind dat te eenzijdig. Je kunt muziek ook
voelen. Bovendien ben ik meer op zoek naar
ritme. Dat zit in heel veel dingen. Je kunt het
zelf creëren door hoe je loopt, het zit in je
hartslag en je kunt bijvoorbeeld een innerlijk
ritme hebben door een deuntje dat in je
hoofd zit. Als ik een dansvoorstelling maak,
werk ik vanuit de dansers. Pas als laatste zet
ik de muziek eronder. Het is dus niet zo dat
ik iets maak en dat de dansers dat uitvoeren.
Ik bedenk wel een thema en tijdens
repetities geef ik de dansers opdrachten die
daarbij passen. Bijvoorbeeld: beweeg alleen
je benen of ik vraag de dove dansers gebaren
te gebruiken. Met wat zij doen, ga ik verder,
zo creëren we de basis. Het voelt voor mij als
een soort beeldhouwen.”
Wisselwerking
Een vraag die Sharon al langer
bezighield, was waarom er zo weinig
dove en slechthorende dansers zijn.
“Toegankelijkheid en inclusie zijn ook in
de danswereld wel een aandachtpuntje.
Tijdens mijn studie en in mijn werk als
dansdocent ben ik gaan zoeken naar hoe
ik dansen toegankelijker kan maken. Ik
heb me daarvoor onder meer verdiept in de
taal en cultuur van dove mensen. In 2022
heb ik mijn eigen dansgezelschap 20Hertz
opgericht. De naam 20Hertz is gekozen,
omdat ik een brug wilde slaan tussen
de horende en niet-horende wereld. Bij
20 hertz is geluid voelbaar en kunnen
goed-horende mensen geluid waarnemen.
Horen en voelen komen daar bij elkaar.
20Hertz bestaat voor de helft uit horende
en de helft uit niet-horende dansers. De
wisselwerking is mooi om te zien. De
horende dansers leren van de lichaamstaal
en mimiek van de slechthorende en dove
dansers. Andersom leren zij van de telling en
timing van de horende dansers. De kracht
van samen dansen, verrijkt echt.”
Dansen met een tolk
Naast een dansgezelschap is Sharon ook
een dansschool gestart. “Communicatie
wordt vaak als probleem gezien als dove en
slechthorende mensen op dansles willen.
Daarom ben ik dit jaar de 20Hertz Academy
begonnen, een dansschool voor dove en
slechthorende mensen. We zijn net gestart
en de eerste groepen voor kinderen en
volwassenen draaien. We kiezen geschikte
muziek en hebben een vaste tolk NGT. Ik
kan namelijk wel gebaren, maar het is niet
mijn moedertaal. Het tempo in de lessen
ligt ook iets lager, want iedereen moet zowel
naar mij als de tolk kunnen kijken. Ik doe de
danspassen voor en met mijn lichaam geef
ik het ritme aan. Het is echt superleuk om te
zien hoe vrolijk de dansers worden van het
samen dansen en vrij bewegen. Dan maakt
het zo niet uit of je wel of niet hoort.”
Meer weten?
20hertz.nl
@20hertz_company
22
FOTOGRAFIE RICHARD STERKENGURG
23
24
Ik ben heel blij dat ik lekker doof ben!
Rustig wonen
boven een
…… nachtclub
Betaalbaar wonen in hartje Amsterdam klinkt als een droom.
Wonen boven een nachtclub iets minder. Geluidsoverlast,
trillingen door zware bassen, dronken mensen op je stoep,
genoeg redenen om niet te staan juichen. Boven nachtclub
Akhnaton zijn echter vijf appartementen gemaakt voor dove
jongeren. We vroegen aan Margot Geursen en Kim Huizink hoe
het ze bevalt.
FOTOGRAFIE PETRA PORTEGIES
Zijn jullie de eerste bewoners?
Margot: “Ja, we zijn hier alle vijf
tegelijk komen wonen. Dat is nu bijna
een jaar geleden. Kim en ik woonden
hiervoor in DOPA, het DOvenPAnd
dat verbonden is met SWDA, de
dovenclub in Amsterdam.”
Kim: “Het was daar superleuk, maar ik
wilde graag een eigen plek. In DOPA
hadden we wel een eigen kamer,
maar we deelden de badkamer en
de keuken. Deze kans om een eigen
appartement te hebben, met eigen
keuken en badkamer, en ook nog
steeds met andere dove jongeren
samen te wonen in één gebouw,
konden we niet laten lopen.”
Doen jullie veel samen?
Kim: Niet veel, we werken allemaal
en hebben een druk leven. Maar elke
eerste maandag van de maand eten we
samen. Dat is wel heel gezellig.”
Margot: “Ik zie ze soms in de gang of
bij de voordeur. Dan kletsen we vaak
even bij.”
Van wie is het pand?
Margot: “Het pand is van een
woningcorporatie. Die zaten er eerst
een beetje mee in hun maag, want
wie wil er nou boven een nachtclub
wonen? Tot ze zich herinnerden dat
Casper, een van onze medebewoners,
ze eens had gemaild dat hij doof en
25
woningzoekend was. En dat hij qua geluidshinder niet
zo kieskeurig was. Ze hebben toen twee appartement
met een aparte slaapkamer en drie studio’s
(eenkamerappartementen), boven Akhnaton gemaakt.
Omdat we geen last van geluid, maar wel van trillingen
DOPA was superleuk,
maar ik wilde graag
een eigen plek
hebben, hebben ze de woningen daarop aangepast. Er
zit een soort anti-trilvloer in. Verder hebben ze pas een
flitsbelsysteem als deurbel aangelegd en elke woning
heeft een brandalarm dat met flitslicht werkt.”
Hoe is het contact met de nachtclub en de
woningcorporatie?
Kim: “Soms zien we elkaar even, maar het meeste
contact gaat via WhatsApp. We hebben een
WhatsApp-groep met alle bewoners, de nachtclub
en de woningcorporatie. De communicatie verloopt
soepel. De nachtclub is niet elke avond open, maar
wordt verhuurd voor feesten. Soms is dat weekenden
achter elkaar en op woensdagen was het ook vaak druk,
maar op dit moment is dat weer wat minder. Als er een
feest is, laat Akhnaton dat meestal van tevoren weten.
En als er overlast is, sturen we een appje.”
Hoe zit het met de overlast?
Kim: “Ik heb bijna nooit last van de muziek. De buren
soms wel, die sturen dan een berichtje. Waar ik wel last
van heb, is als mensen smijten met de deuren of springen,
maar gelukkig gebeurt dat niet vaak. Verder zijn er hier
voor de deur twee fietsen van mij gejat. Ondanks dat ik ze
aan het fietsenrek had gezet met een gewoon fietsslot en
een kettingslot erop. Maar ja, het blijft Amsterdam en bij
DOPA ben ik ook twee fietsen kwijtgeraakt.
Het enige nadeel is dat ik wel heel vaak voor niets
naar de voordeur ben gelopen toen we het oude
deurbelsysteem nog hadden. Soms staat er bij een feest
namelijk een rij voor de deur en dan leunen gasten per
ongeluk tegen de deurbel. Of ze stoten tegen de bel
omdat ze dronken zijn. Met mijn CI hoor ik iets, dus
dan liep ik voor niks naar beneden. Dat heb ik zo vaak
gedaan, dat doe ik niet meer. Als ik niemand verwacht
en er staat een rij voor de deur, loop ik niet.”
Margot: “Omdat ik niets hoor, had ik daar niet zo’n
26
last van. Als vrienden komen, sturen ze een appje,
dan weet ik wanneer ik open moet doen. Verder
heb ik niet zoveel last. Toen ik hier net woonde zei
mijn moeder wel dat het hier echt lawaaiig is. Zij
hoort bijvoorbeeld de tram die een bel laat rinkelen
als ie begint te rijden. En zij hoort dat er wordt
rondgelopen en onverstaanbaar gepraat van beneden.
Daar is de dansvloer van Akhnaton. Ik ben heel blij
dat ik lekker doof ben! Naast lawaai, waar ik dus
geen last van heb, is er door mijn ramen veel te zien:
de verlichting, trams, mensen die langslopen en
toeristen op gele huurfietsen. Het ziet er heel gezellig
uit, en wil ik even rust van alle prikkels, dan doe ik
gewoon de gordijnen dicht.
Hoe bevalt het al met al om hier te wonen?
Margot: “In het algemeen ben ik zeker tevreden.
Omdat ik precies boven de dansvloer woon, voel ik
bij de eettafel soms wel een beetje een trilling. Een
keer vroeg ik me af wie er zo stond te springen in huis,
onder mij of naast de trap. Ik heb dat toen in onze
huis-groepsapp gevraagd. Bleek er bij Akhnaton een
soort hardcore groep te zijn die de hele tijd stond te
springen. Bij mijn zitbank en mijn bed heb ik gelukkig
helemaal geen last van trillingen. Dus daar kan ik
lekker ongestoord zitten en slapen.”
Kim: “Ik vind het hier super; 100% tevreden.”
27
Een dag op pad met...
Sietske Couperus
Ambulant begeleider
Wat doet een ambulant begeleider bij GGMD? ‘Ik ondersteun dove en slechthorende
mensen in hun dagelijks leven en maak de Nederlandse maatschappij begrijpelijk voor
ze’, zegt Sietske Couperus. Dat doet ze op verschillende manieren. Van huisbezoeken
tot maandelijkse bijeenkomsten, het komt allemaal voorbij in ‘Een dag op pad met...’.
FOTOGRAFIE RICHARD STERKENBURG
08:30 uur
Mijn werkdag bij
GGMD voor Doven en
Slechthorenden begint.
Ik heb er zin in. Vandaag
is extra leuk omdat
we een bijeenkomst
organiseren voor dove,
plots- en laatdove en
slechthorende mensen
in de regio Apeldoorn.
Doel daarvan is de
eenzaamheid tegen te
gaan, elkaar te leren
kennen en gebaren te
oefenen.
09:00 uur
Ik ga zo snel de spullen voor de bijeenkomst
klaarzetten, maar eerst koffie en mijn mail checken.
28
10:00 uur
Elke maand organiseren we een
bijeenkomst. Er komen meestal
zo’n tien mensen naartoe. We
doen telkens wat anders. We
gaan bijvoorbeeld wandelen
op de Posbank of naar de
Apenheul, maken kerststukjes of
gaan naar een gebarencafé.
Omdat medewerkers en
vrijwilligers van organisaties die
ook dit soort bijeenkomsten
organiseren niet kunnen
gebaren, organiseren we het
zelf. Wij kunnen gebaren en
vaak zetten we ook nog een
tolk Nederlandse Gebarentaal
in die kan gebaren en
stemtolken. Dus ook een
deelnemer die niet kan
gebaren, kan meedoen. Het
werkt goed, mensen komen
graag.
LEUK, FIJN EN
SOMS SPANNEND
Arzu is een van de deelnemers: “Ik
vind het leuk om mee te doen. Het
is fijn om met andere mensen dingen
te doen. Soms is het spannend
om met andere dove mensen te
communiceren. Zeker als die andere
gebaren maken. Maar dan helpt
Sietske me.”
Tijdens de bijeenkomsten wordt
er veel gebaard en gelachen.
En soms voeren mensen
heel serieuze gesprekken,
dat kan ook. Deelnemers
geven aan dat ze het fijn
vinden om in hun eigen taal,
gebarentaal, met andere te
kunnen communiceren. En
ze herkennen bij elkaar waar
ze zelf tegenaan lopen en
wisselen dan tips uit. Dat geeft
vertrouwen en de kracht om
door te gaan.
29
13:00 uur
De bijeenkomst
is afgelopen.
Even napraten
met een collega
bij het koffiezetapparaat
en iets
eten.
13:30 uur
Britt is onze stagiaire. Ik
begeleid haar. Ze studeert
Social Work aan het hbo. Ze
gaat soms mee op huisbezoek,
assisteert bij de
bijeenkomsten en maakt voor
ons een sociale kaart van
betaalbare activiteiten in de
regio Apeldoorn. Heel fijn
dat we die dadelijk hebben.
We zijn blij met haar.
14:00 uur
Vanmiddag staan er huisbezoeken op de agenda.
Daar ga ik nu heen. Als ambulant begeleider bezoek
ik dove en slechthorende mensen thuis. Ik help ze
bijvoorbeeld met brieven van de gemeente of de
Belastingdienst, het kiezen van een zorgverzekering
of inzicht te verkrijgen in hun financiën. Als ze dat
willen, ga ik mee naar de dokter en als het nodig is,
ondersteun ik ze in de omgang met hun horende
buren. Ik werk ook met een aantal vluchtelingen, dan
hoort informatie geven over de Nederlandse cultuur
er ook bij. Wat ik erg leuk vind aan mijn werk is dat ik
veel verschillende mensen ondersteun. Het is mooi
om te zien hoe iedereen in zijn kracht kan staan en
zijn of haar plek kan vinden in de maatschappij.
17:00 uur
Na de huisbezoeken ben ik nog even
langs kantoor gegaan om nog wat
administratie weg te werken. Het is
tijd om naar huis te gaan.
Het was een goede dag.
Morgen weer verder.
30
Fatima Shiri
Ik wil juf
gebarentaal
worden
Fatima Shiri is geboren in Iran. Vijf jaar
geleden is ze met haar man en kinderen
naar Nederland gevlucht. Ze oefent elke
dag om zo snel mogelijk de Nederlandse
taal en gebarentaal te leren. “Ik moet,
ik woon in Nederland”, zegt ze daarover.
“En ik wil juf gebarentaal worden. Dat is
mijn droom.”
Fatima is doof. Haar man, haar vier kinderen en haar familie
in Iran zijn horend. “Als kind mocht ik niet gebaren van
mijn vader. Mensen kijken naar je als je gebaren gebruikt,
zei hij dan. Ik gebruikte in Iran daarom alleen spraakafzien.
Hier staren mensen niet als ik gebaar, dat is fijn.”
Ali Shafiee
In Nederland zocht Fatima via Instagram contact met Ali
Shafiee, de in Iran geboren dove theatermaker. “Ik had
hem in Iran eens gezien. Omdat hij ook in Nederland
woont, heb ik aan hem gevraagd waar ik heen moest om
Nederlandse gebarentaal te leren. Hij verwees mij naar
Elly Meijer. Die geeft bij GGMD les in gebarentaal. Zo ben
ik bij GGMD terechtgekomen. Ik krijg daar van Elly les in
gebarentaal en van Sietske krijg ik woonbegeleiding. Ik
ga ook naar de maandelijkse bijeenkomsten voor dove en
slechthorende mensen. Daar oefen ik mijn gebaren en heb
ik contact met andere dove mensen. Daar word ik blij van.
De bijeenkomsten zijn heel gezellig en anders zit ik ook
maar alleen thuis.”
Heel veel oefenen
Fatima oefent elke dag met het maken van gebaren, het
gebruik van haar stem, Nederlandse zinnen schrijven
en het nadoen van gebarenfilmpjes. “Ik ga ook naar een
logopedist. Daar leer ik bijvoorbeeld om beter verschil te
maken tussen de s en de c. Ik oefen alles veel, want ik wil
gebarenjuf worden. Daarvoor moet ik eerst alle cursussen
bij Elly afronden. A1 en A2 heb ik gedaan. Ik ben nu bezig
met B1 en wil nog door tot C2. Daarna wil ik mijn diploma
gebarenjuf halen. Ik wil lesgeven op een basis- of een
middelbare school. Welke van de twee maakt me niet
uit. Kinderen, klein of groot, ik vind ze allemaal lief. In
Arnhem is een dovenschool. Daar wil ik graag werken.
Dat is mijn droom. Daarom doe ik erg mijn best snel de
Nederlandse taal en gebarentaal te leren.”
31
Interview Henk Betten
We zijn doof, punt.
En niet doofstom,
uitroepteken!
Henk Betten (86) is schrijver, historicus en voorvechter van onder meer de
emancipatie van de dovengemeenschap, het belang van het gebruik van
Nederlandse gebarentaal en het verbannen van het woord doofstom. Hij heeft
zich onvermoeibaar ingezet om dove mensen zichtbaar te maken en eraan
bijgedragen dat ze mee kunnen doen. Wat hij nog wil doen? Nog één laatste
boek schrijven.
Als christen probeert Henk Betten al
zijn hele leven de opdracht die hij van
de here Jezus heeft gekregen, zo goed
mogelijk uit te voeren. Die opdracht is de
gemeenschap te dienen. Je ziet het terug
in de vele functies die hij heeft bekleed,
zoals het voorzitterschap van de Stichting
Sociaal Cultureel Centrum van Doven in
Friesland, in de boeken die hij schreef. En
bijvoorbeeld ook in zijn strijd tegen het
woord doofstom. “In de maatschappij leeft
vaak het vooroordeel dat dove mensen
onnozel zijn. Dat is een aanname, er is geen
enkel bewijs voor. Dove mensen zijn gewoon
normale mensen met als enige verschil dat
ze niet kunnen horen. Dus we zijn doof,
punt. En dus niet doofstom, uitroepteken. In
mijn strijd tegen dat woord heb ik lezingen
gegeven, artikelen geschreven en in mijn
boeken aangekaart dat we van het woord
doofstom af moeten. Dat is denk ik aardig
gelukt.”
Beter, gelijkwaardig
en wederzijds
Het is belangrijk dat dove en horende
mensen goed contact hebben, stelt Henk
Betten. “In de jaren 60 schaamden wij ons
32
FOTOGRAFIE RICHARD STERKENBURG
33
nog voor het maken van gebaren op straat, want
dan keken mensen ons na. Dove mensen voelden
zich minder dan horende mensen. Dat is fout. Het
contact tussen dove en horende mensen moet beter
en gelijkwaardig zijn, en ook wederzijds. Dove
mensen moeten te vaak een hand uitsteken naar
horende mensen. Andersom zou dat ook meer mogen
gebeuren.” Ook in zijn boeken laat Henk Betten zien
dat dove mensen erbij horen. Dat ze deel uitmaken
van de maatschappij en geen gesloten gemeenschap
vormen. Met als achterliggende boodschap: zoek
manieren om contact te maken met elkaar, stap op
elkaar af, we horen er allemaal bij.
Voorganger
Zaken waar hij zelf tegenaan liep en waarvan hij dacht
dat hij daar iets aan kon doen, pakte Henk Betten
voortvarend op. Zo was hij van 1974 tot 1983 voorganger
in een protestants-christelijke
dovenkerk. “De voorgangers van
toen die gebaarden niet, die praatten
alleen maar. Na de mis had ik altijd
hoofdpijn van het gestaar naar die
mond, heel vermoeiend. Gebaren
houden je wakker, dat is levendig.
Ik wist dat als ik daar verandering
in wilde brengen, ik dat zelf moest
doen, want horende mensen doen het
niet voor ons.” Om als voorganger de
dienst te mogen leiden, volgde hij een
schriftelijke cursus. Na toestemming
van de Nederlandse Christelijke Bond
voor Doven mocht hij diensten leiden.
Hij stopte daarmee toen er begin jaren
80 tolken Nederlandse Gebarentaal in
de kerk kwamen.
34
Cijfergebaren
Als historicus is Henk Betten geïnteresseerd in de
geschiedenis van de gebarentaal. Hij is lid van Deaf
History International en in 2009 tijdens het congres
in Stockholm gaf hij een lezing over de historie van
cijfergebaren. “In Groningen had je in de jaren 40
bepaalde gebaren voor cijfers. Dat waren andere
gebaren dan we nu hebben. Omdat ik wilde weten hoe
dat zat, heb ik onderzoek gedaan naar cijfergebaren.
Franse cijfergebaren zijn bijvoorbeeld heel anders
dan Nederlandse. In België schrijven ze de cijfers in
de lucht of op het gezicht. In Denemarken maken
Ik moest het zelf doen,
want horende mensen doen het
niet voor ons
ze ze ook op het gezicht. Guyot, de grondlegger
van het dovenonderwijs, heeft het handalfabet en
handgebaren geleerd in Parijs en ze meegenomen
naar Nederland. Maar cijfergebaren nam hij niet
mee. Dus officieel hadden we geen gebaren voor
cijfers. Ik vermoed daarom dat leerlingen van het
doveninternaat in Groningen ze zelf bedachten
(hoewel ze helemaal niet mochten gebaren). Toen
in 1970 het internaat werd opgeheven, verdwenen de
oude cijfergebaren. Nu gebruikt iedereen die moderne
cijfergebaren.” Naast zijn onderzoek naar cijfergebaren
heeft Henk Betten ook onderzoek gedaan naar het
dovenonderwijs in Europa. Het resultaat van dat
onderzoek heeft hij vastgelegd in het Engelstalige
boek: Deaf Education in Europe.
Tarzan
Henk Betten die doof geboren is, heeft van 1942 tot
1955 op het doveninternaat in Groningen gezeten. Zijn
Een leven lang actief voor
de dovengemeenschap
Henk Betten heeft zich op veel verschillende manieren
ingezet voor de dovengemeenschap, zoals:
› Bestuurder bij diverse verenigingen voor sport en/of
ontspanning van dove mensen.
› Voorzitter van de Stichting Sociaal Cultureel Centrum
van Doven in Friesland (FRIDO).
› Voorganger en ouderling binnen het protestantschristelijk
Dovenpastoraat en de Nederlandse
Christelijke Bond van Doven.
› Betrokken bij diverse tijdschriften voor doven,
waaronder Woord en Gebaar.
› Publiceerde in landelijke kranten en tijdschriften over
doofheid en doof-zijn.
› Vrijwilliger Bibliothecaris bij Kentalis in Haren (tot zijn
pensioen in 2024).
› Spreker op congressen in binnen- en buitenland over
de nationale en internationale dovengeschiedenis.
› Geven van rondleidingen rond het thema
dovengeschiedenis voor de Werkgroep Historie Doven
Groningen.
› Medewerking verleend aan erkenning van de dove
slachtoffers van de Jodenvervolging, de DovenShoah.
› Publiceerde als eerste Nederlandse doof geboren
auteur een roman: Bevrijdend Gebaar, een deels
geromantiseerd verhaal over de pionier van het
dovenonderwijs Henri Daniël Guyot (1984, derde druk
in 2015).
› Onderzoek gedaan naar de internationale geschiedenis
van het dovenonderwijs en vertaald in het Engels:
Deaf Education in Europe (2013).
› Schrijver van diverse boeken, waaronder Van taboe naar
Erkenning, een leven vol gebaren
(2023, uitgeverij Elikser).
Bron: Wikipedia
35
ik een schriftelijke cursus creatief
schrijven gedaan. We stuurden ons
werk op en dan stuurden ze het
met suggesties terug. Zo heb ik
leren schrijven. Tijdens een van de
opdrachten moesten we over iemand
vertellen. Ik wilde dat over Henri
Daniël Guyot doen, maar er was geen
Dat ik dienend
bezig heb kunnen
zijn, daar ben ik
dankbaar voor
oudere zus die ook doof geboren is, zat daar al. Hij was
drie toen hij haar volgde. “Op een gegeven moment
hadden we daar een horende groepsleider. Hij was
student psychologie. Hij wilde de gebaren leren die
wij als leerlingen stiekem onderling maakten. Binnen
een week had hij het handalfabet onder de knie.
Op zaterdagavonden zaten we ons vaak in de grote
zaal te vervelen, er was niets te doen. Hij is ons toen
in gebarentaal Tarzan-verhalen gaan vertellen. Dat
gebaren was hartstikke verboden, maar daar had hij
lak aan. Wij vonden het geweldig.”
Schrijven
Na de lagere school werd Henk Betten opgeleid tot
meubelmaker. Dat werk heeft hij zeven jaar gedaan.
Daarna ging hij werken bij de Postcheque- en
Girodienst, de latere ING-bank. “Ik wilde eigenlijk
journalist worden. In mijn vrije tijd schreef ik korte
verhalen. Bij het Taleninstituut in Rotterdam heb
boek over hem waarin ik informatie
kon vinden. Eerst dacht ik: dat kan
ik niet zelf doen, dat kunnen andere
mensen vast beter. Maar ik heb het
toch geprobeerd en zie het resultaat:
Bevrijdend Gebaar, een roman over
Guyot, werd mijn eerste boek.”
Ik ben een tevreden mens
Dat hij dienend bezig heeft kunnen
zijn, daar is hij dankbaar voor. “Het
is zeker nog niet allemaal perfect,
maar we leven ook niet in een utopie:
een ideale wereld die niet bereikt
kan worden. Heel veel gaat goed nu.
Wat nog wel heel vervelend is, is
dat er te weinig tolken Nederlandse
Gebarentaal zijn. Maar op zich ben ik
een tevreden mens. Ik wil alleen nog
één boek schrijven. Het gaat over doof
zijn en de worstelingen die dat met
zich mee kan brengen. Daar ben ik nu
mee bezig.”
36
Mijn studie & ik
DRISS
OUKAKE
Student Gallaudet University, Washington DC
Na het behalen van zijn mbodiploma
Maatschappelijke Zorg
en een jaar Social Work op het
hbo, vertrok Driss naar Amerika.
Hij studeert daar een jaar aan
Gallaudet University, de enige
universiteit speciaal voor dove en
slechthorende mensen.
Driss die doofblind is, droomde al langer
van een tussenjaar aan Gallaudet. “Ik wilde
ervaren hoe het daar is en nieuwe mensen
ontmoeten. Omdat ik steeds slechter ga zien,
neemt mijn zelfredzaamheid af. Een leraar zei
daarom tegen mij dat als ik de kans kreeg ik
die moest pakken. Goed advies, maar het kost
50.000 dollar per jaar om daar te studeren.
Dus financieel was het wel een uitdaging.”
Om aan het benodigde geld te komen, zette
Driss met succes een crowdfunding op,
schreef hij fondsen aan en vroeg hij een VSBbeurs
aan. “Ik ben hier in juli 2024 gekomen
en blijf een jaar. Ik volg Latin Deaf Studies.
Dove mensen uit Zuid-Amerika vertellen
dan bijvoorbeeld over hun ervaringen, hun
geschiedenis, hun bedrijf. Verder volg ik
Psychology and Deaf People, een art class en
American Sign Language. Het bevalt me hier
goed. Gallaudet is beter toegankelijk voor
doofblinde mensen. Iedereen is hier doof. Ik
heb alleen als extra dat ik ook nog slechtziend
ben. Op het hbo is iedereen horend waardoor
ik in de klas minder wordt begrepen en twee
keer zo hard moet werken. Dat hoeft hier
gelukkig niet.”
37
Chatten met Niels en Thijs Bouwman
Het is lekker om soms
samen even te kunnen
klagen over Usher
Niels en Thijs zijn broers. Niels is 27 en werkt fulltime als adviseur
water bij een adviesbureau. Thijs is 30 en werkt fulltime als
financial controller in de sportbranche. Alle twee hebben ze het
syndroom van Usher. We chatten via WhatsApp over of het eng is om
Usher te hebben, over hun hobby’s en hun werk, over waar ze kracht uit
putten en wat ze irritant vinden.
~ Thijs:
Het is een aangeboren vorm van doofblindheid waarbij het gehoor en het zicht langzaam
afnemen. Wij zijn slechthorend geboren en vanaf de puberteit slechter gaan
zien. Ik zie nog ongeveer 35 graden, maar het neemt helaas snel af. Mijn gehoorverlies
is 40 dB en gelukkig nog wel stabiel.
Dag heren, wat is het
syndroom van Usher?
~ Niels:
Ik ben vooral in het donker slechtziend, overdag ondervind ik nog weinig klachten.
Qua gehoor heb ik 60 dB gehoorverlies en dat is tot dusverre stabiel gebleven.
Weten jullie wat de verwachtingen voor de toekomst zijn?
~ Niels:
Het verloop van Usher is erg lastig te bepalen en verschilt enorm per persoon. Ook kan
het sommige jaren harder achteruitgaan dan andere jaren. Hierdoor zijn artsen erg terughoudend
met het schetsen van een toekomstbeeld.
Hoe eng is het om Usher te
hebben? Maken jullie je zorgen?
~ Niels:
Je moet vaak afwegen of bepaalde activiteiten nog wel kunnen of verantwoord zijn en zo
ja, hoe lang nog. Daar maak ik me dan zorgen over, maar dat hoort voor mij bij deze ziekte.
Eng vind ik het niet.
~ Thijs:
Ik vind het niet eng, maar ik maak mij soms wel zorgen over wat ik bijvoorbeeld volgend
jaar niet meer kan. Ik klamp mij vast aan lotgenoten die met weinig zicht/gehoor nog
veel doen en kunnen. En stiekem hoop ik dat het proces ooit medisch te stoppen is.
38
FOTOGRAFIE RICHARD STERKENBURG
Hebben jullie veel steun aan elkaar?
~ Niels:
Ja, we hebben zeker veel aan elkaar. We hoeven elkaar niet uit te leggen waar we soms
mee worstelen. Voor mij was gaan lopen met een blindegeleidestok bijvoorbeeld een
redelijk obstakel, omdat ik het gevoel had dat je daarmee de aandacht op je vestigt. Maar
Thijs zei dat de stok veel rust brengt en ook vrijheid, omdat je makkelijker alleen ergens
heen kunt. In het donker loop ik nu met een stok. Met goed licht kan ik zonder.
~ Thijs:
Ik begrijp en herken veel strubbelingen van Niels want we lopen letterlijk en
figuurlijk tegen dezelfde dingen aan. Vanuit mijn eerdere ervaringen kan ik hem
daarbij helpen en steunen. Voor mijzelf is het fijn om met Niels over mijn zorgen
voor de toekomst te praten, dat begrijpt hij als geen ander. En soms is het ook
wel lekker om samen even te kunnen klagen over Usher.
Als je je zorgen maakt, waar
put je dan kracht uit?
~ Thijs:
Contact met lotgenoten helpt, maar ook dingen in aangepaste
vorm blijven doen. Bijvoorbeeld blind running, dat is hardlopen met een buddy
of fietsen op een tandem
~ Niels:
Het praten met lotgenoten helpt zeker. Ik heb een goede vriendin die ook Usher heeft. Zij is nagenoeg
blind, maar is heel actief met sporten en sociale contacten. Dat geeft mij wel kracht. Daarnaast
ook mijn vrienden die hun hand er niet voor omdraaien om mij op te halen of te brengen.
39
Waar komen jullie die lotgenoten tegen?
~ Thijs:
Via stichting Ushersyndroom, zij organiseren meerdere activiteiten per
jaar waar je in contact kan komen met lotgenoten. Een aantal heb ik vaker
gezien en een band mee opgebouwd.
Hoe communiceren jullie met lotgenoten?
~ Niels:
Omdat we regulier onderwijs hebben gevolgd, kunnen wij geen gebarentaal.
~ Thijs:
Ergens vinden we dat wel een gemiste kans. Omdat sommige lotgenoten
doof zijn en wel via gebarentaal communiceren. Dankzij onze hoortoestellen
kunnen wij met elkaar praten en elkaar horen.
Hoe gaan ze op jullie werk
met jullie beperking om?
~ Thijs:
Op zich wel begripvol. Ik kan altijd wel met iemand meerijden naar een
personeelsuitje of een externe afspraak. En mijn werkgever heeft al aangegeven
best te willen investeren in hulpmiddelen zodra ik die nodig zou gaan hebben.
~ Niels:
Ik heb op het werk momenteel geen aanpassingen nodig. Mijn werkgever heeft al wel aangegeven
dat ze graag willen meedenken en meewerken als ik wel aanpassingen nodig heb. Mijn manager gaf
ook aan dat ik vaker thuis mag werken als ik daar behoefte aan heb, gezien de tijd en energie die
het kost om op mijn werk te komen. Het voelt erg prettig om zo’n flexibele werkgever te hebben.
Hoe gaat dat met vrienden? Houden ze rekening met jullie?
~ Thijs:
Nu gaat dat prima. Vrienden houden mijn arm vast en/of halen mij op met de
auto. In de puberteit was dat wel lastiger. Het is dan niet “stoer” om als jongens
arm in arm te lopen.
~ Niels:
Dat verschilt heel erg per vriend/vriendin. Sommige zijn zich er meer van bewust en
begeleiden me daar waar nodig. Anderen vergeten het wel eens en dan moet ik actiever
vragen of ze kunnen helpen.
Wat is het meest irritante dat mensen kunnen doen?
~ Niels:
Ik heb vaak moeite om mensen goed te verstaan in een rumoerige omgeving. Je vraagt
dan wat vaker wat diegene zei. Soms wordt er dan gereageerd met: “Oh laat maar, was
niet belangrijk”. Dat is vervelend, omdat je je dan niet betrokken voelt.
~ Thijs:
Als goedziende/horende mensen ongevraagd advies geven over hoe we met ons leven
moeten omgaan. Dat we nu nog maar extra moeten genieten omdat het dan ergens
zou ophouden. Terwijl ons leven echt niet ophoudt als we bijvoorbeeld blind worden.
40
Mijn werk & ik
GEESKE VAN
VOORTHUIJSEN
Illustrator
Na aan de kunstacademie
afgestudeerd te zijn in de richting
illustratie, startte Geeske in
2011 haar eigen bedrijf Geeske
Illustrations. Wat ze in haar werk
graag doet, is bewustwording
creëren door het visueel maken
van ideeën, emoties en concepten.
FOTOGRAFIE RICHARD STERKENBURG
Geeske is links doof en rechts ernstig
slechthorend. Hoewel het niet haar insteek
was, heeft ze veel opdrachten die zich richten
op dove en slechthorende mensen. “Op de
kunstacademie ben ik met illustraties mijn
eigen verhaal gaan vertellen. Die tekeningen
heb ik ook gedeeld op Instagram. De
herkenning en erkenning bleek groot. Zo
heb ik meer klanten gekregen die voor dove
en slechthorende mensen werken.” Geeske
werkt momenteel ook aan een boek met
tekening over gehoorverlies: Als oren niet
horen (Lannoo, mei 2025). “Het boek is voor
slechthorende mensen en hun omgeving. Ik
laat zien hoe het voelt om slechthorend te zijn
en wat slechthorende mensen nodig hebben.
Zo wil ik een brug slaan tussen horende
en slechthorende mensen, en mensen
uitnodigen het gesprek aan te gaan over
bijvoorbeeld communicatie en energieverlies.”
Ook in haar eigen leven zijn dat onderwerpen.
“Ik heb veel een-op-een klantcontacten. Dat
gaat vaak prima. Heb ik een vergadering met
meer mensen, dan zet ik een schrijftolk in.
Als zelfstandig ondernemer kan ik mijn eigen
tijd indelen. Dat is heel fijn, want een eigen
bedrijf kost veel energie. Maar ik zou niet
anders willen.”
i
www.geeske-illustrations.nl
41
42
Enzo deed als
eerste eindexamen
in NGT als
tweede moderne
vreemde taal
FOTOGRAFIE RICHARD STERKENBURG
Examen in Nederlandse
Gebarentaal als tweede
moderne vreemde taal
Enzo Meester is de eerste in Nederland die voor zijn mbo-examen,
Nederlandse Gebarentaal als tweede moderne vreemde taal
mocht doen. Het kostte Ron van den Berghe, beleidsmedewerker
Kwaliteitszorg van het ROC van Amsterdam-Flevoland, anderhalf
jaar om dat geregeld te krijgen. Maar het is gelukt!
Enzo is doof geboren en heeft aan
de rechterkant een CI. Aan het MBO
College Centrum in Amsterdam heeft hij
de driejarige mbo-opleiding zelfstandig
werkend gastheer gedaan. Het MBO
College Centrum is onderdeel van het
ROC van Amsterdam-Flevoland dat
inclusie hoog in het vaandel heeft staan.
Enzo: “Voor mij hield dat in dat ik
bijvoorbeeld dertig minuten extra tijd
kreeg bij toetsen en examens. In de les
kon ik een tolk Nederlandse Gebarentaal
meenemen. En de leerkrachten wisten
dat ze niet te snel moesten praten en
goed moesten articuleren. Mevrouw
Hilster heeft ervoor gezorgd dat alle
docenten daarvan op de hoogte waren.
Naast studieloopbaanbegeleider is
zij docent. Ze geeft alle vakgerichte
vakken zoals dranken- en wijnkennis,
ondernemersgedrag, eetcultuur,
allergenen en sociale hygiëne, dat is
dat je goed omgaat met gasten die
bijvoorbeeld te veel gedronken hebben.
Naast dat ze mij ook altijd aankijkt als
ze praat en goed articuleert, heeft ze
voor mij alle video’s die ze in de lessen
gebruikt ondertiteld. Dat was echt heel
fijn.”
Even vergeten
Claudia Hilster: “Enzo is hier begonnen
op niveau 2. Je wordt dan opgeleid tot
gastheer/gastvrouw. Deze leerlingen
krijgen meer begeleiding op de
werkvloer. We zagen al snel dat Enzo bij
niveau 2 niet op zijn plek zat. Enzo was
meer gemotiveerd dan de gemiddelde
leerling daar, en we zagen dat hij meer
aankan. Dus is hij overgestapt naar
niveau 3 waar je wordt opgeleid tot
zelfstandig werkend gastheer.” Op
43
niveau 3 vond Enzo de klassen een
stuk gezelliger: “Hier hoorde ik echt
bij de groep. De leerlingen hadden
een houding van ‘je bent doof, oké,
gezellig dat je er bent’. Het maakte ze
niets uit. Twee klasgenoten heb ik zelfs
wat gebaren geleerd. Die hadden daar
interesse in.” Waar bij de overstap van
niveau 2 naar 3 alleen niet gelijk aan
gedacht is, is dat je op niveau 3 ook
in een tweede moderne vreemde taal
(MVT) examen moet doen. Claudia: “Bij
ons moet je op niveau 3 examen doen in
Engels en Frans. Engels is geen probleem
voor Enzo, maar hij had nog nooit een
woord Frans gesproken.”
Geen examen Frans, geen
diploma
Hoe gaan we dat doen? Dat vroeg Ron van
den Berghe zich af. Hij is zowel docent
Frans als beleidsmedewerker Kwaliteitszorg
bij het MBO College Centrum. “Hoe
gaan we Enzo in korte tijd Frans leren
en hoe gaan we dat examineren? Ik heb
van alles en nog wat bekeken en bedacht,
maar er was voor Enzo geen passende manier
om Frans te leren en ook niet om het
te examineren. Bovendien zou het te belastend
voor hem worden. Omdat hij doof
is, kost het leren van een nieuwe taal hem
veel meer tijd dan horende leerlingen. En
hij moet toch al harder werken om aan
alles mee te kunnen doen. Dus dan wordt
het plus-plus, dat is niet eerlijk. Punt is
alleen dat als je geen examen doet in een
tweede MVT, je geen diploma krijgt.”
Hij had nog
nooit een
woord Frans
gesproken
Ook diplomeren
met NGT als tweede
vreemde taal?
Wil je weten hoe je op
jouw school Nederlandse
Gebarentaal
als tweede moderne
vreemde taal kunt
aanbieden? Neem
dan contact op met
Ron van den Berghe
van het MBO
College Centrum via
r.vandenberghe@
rocva.nl.
Als een pitbull
Ron, die zelf zwaar slechthorend is,
herkent uit eigen ervaring dat je je
hele leven meer moeite moet doen
om erbij te horen. Hij begreep dan
ook als geen ander wat het voor Enzo
betekende om geen examen te kunnen
doen. Ron: “Ik moest en zou ervoor
zorgen dat hij zijn diploma kon halen.
Dus ik heb mij als een pitbull vastgebeten.
Want wat als Enzo als tweede
MVT Nederlandse Gebarentaal (NGT)
kon doen? Dat was alleen sneller
bedacht dan uitgevoerd, want er was
geen landelijk beleid, geen wetgeving
of regelgeving om dit mogelijk te maken.
Het knelpunt was dat NGT Enzo’s
moedertaal is. Maar bij een leerling
waarvan Engels of Frans de moedertaal
is, wordt ook niet gezegd dat hij
daarin dan geen examen mag doen.
Ik heb aan tafel gezeten bij de MBO
Raad, het Loopbaan Expertisecentrum,
de juridische afdeling van het
ROC van Amsterdam-Flevoland, het
Expertisecentrum Passend Onderwijs
en nog veel meer partijen. Ik werd
van het kastje naar de muur gestuurd
en weer terug. Maar eindelijk werd
besloten dat het mocht. Toen konden
we aan de slag, want er moest nog wel
een examen gemaakt worden.”
Afgerond een 10!
Samen met de examencommissie
van het MBO College Centrum is het
eindexamen Frans vertaald naar een
44
Curriculum Vitae
Naam:
Enzo Meester
Geboortedatum: 26-12-2000
Woonachtig: Amsterdam
Opleiding
Middelbare school: Kentalis Compas College
MBO:
College Centrum van het
ROC van Amsterdam-Flevoland
Opleiding: mbo3-opleiding tot zelfstandig
werkend gastheer
Diploma: juli 2024
Werk
Werkt op dit moment bij Van der Valk in de RAI. Verzorgt
daar onder meer het ontbijtbuffet en ’s avonds
ontvangt hij de gasten en bedient hij aan tafel.
Daarnaast werkt hij in de thuiszorg. “Ik heb er bewust
voor gekozen om zowel in de horeca als in de thuiszorg
te werken. In de horeca werken vind ik heel leuk. Maar
onder andere door de werkuren – of heel laat of heel
vroeg – is het zwaar werk. Daarbij ben ik doof, en ook al
heb ik een CI, communiceren kost mij meer energie. De
combinatie met het wat lichtere werk in de thuiszorg is
leuk en bevalt mij goed.”
eindexamen NGT. Marijke Scheffener,
docent NGT aan de Universiteit van
Amsterdam heeft samen met een
beoordelaar van school, het examen
afgenomen. Marijke beoordeelde
de gebarentaal. De beoordelaar van
school keek inhoudelijk naar de
examenopdracht, dus of Enzo als zelfstandig
werkend gastheer goed wist
wat hij moest zeggen en vragen. Enzo:
“Ik moest met Ron een rollenspel spelen.
Hij was een gast in een restaurant.
Ik moest hem ontvangen, naar de tafel
brengen, het menu en de dagschotel
toelichten, vertellen welke wijn er lekker
bij is, zijn bestelling opnemen, cocktails
maken, vragen of alles naar wens was,
afrekenen en afscheid nemen. Het ging
heel goed. Officieel had ik een negen,
maar als je het afrondt een 10! Ik heb
het geluk gehad dat Ron hier op school
werkt. Daar ben ik heel dankbaar voor.
Anders was dit nooit gelukt. Ik hoop nu
alleen nog dat mijn verhaal meer dove en
slechthorende mensen inspireert om ook
in de horeca te gaan werken.”
45
Jeanne en Romée
We passen ons
niet (meer)
aan horende
mensen aan
“Ik gebruik dit interview om uit de kast te komen”, zegt Jeanne
Meijboom. “Mijn hele leven heb ik me gevoeld en gedragen als
iemand met een ‘gewoon’ gehoor. Van schoolbank tot werkoverleg,
overal rommelde ik mij met mijn gehoorverlies doorheen.” Jeanne
en haar dochter Romée hebben alle twee DFNA2, een erfelijke vorm
van slechthorendheid. Jeanne heeft Romée grootgebracht met het
idee dat haar slechthorendheid er mag zijn en dat het gezien mag
worden. Zelf had ze een wat andere jeugd.
Pas toen ze een jaar of 11 was, werd bij
Jeanne ontdekt dat ze slechthorend is.
“De meester op school vond me zo stil en
verwees me naar de schoolarts. Die verwees
me weer door naar het UMC Groningen
(UMCG). De testen daar wezen uit dat ik
aan mijn rechteroor slechthorend was. Ik
kreeg zo’n heel groot bruin gehoorapparaat.
Dat heb ik niet gedragen, dat ding was zó
lelijk. Bovendien wilde ik niet anders zijn
dan de andere kinderen.” Omdat ze door
haar gehoorverlies veel gemist had, stelde de
basisschool voor dat ze de laatste klas over
zou doen. “Dat wilde ik niet. Ik zag het als
falen. Achteraf gezien had ik dat beter wel
kunnen doen, want ik had meer gemist dan
ik dacht. Daardoor kreeg ik ook een lager
schooladvies dan ik zou hebben gekregen als
het eerder ontdekt was, ik meer begeleiding
had kunnen krijgen en ik de laatste klas over
had gedaan. Dat is later wel goedgekomen.
Via de mavo en het mbo heb ik alsnog een
hbo-opleiding afgerond.” Terugkijkend
denkt Jeanne dat haar gehoorverlies veel
invloed op haar ontwikkeling heeft gehad.
“Laatst zag ik een filmpje van mijzelf als
FOTOGRAFIE RICHARD STERKENBURG
46
47
kind. Ik zal een jaar of acht zijn geweest. Ik at tijdens
een schoolfeest een opgerolde pannenkoek en was
maar rond aan het kijken. Dat was opvallend. Als mijn
ouders mijn gedrag beter hadden begrepen, was mijn
gehoorverlies eerder opgemerkt. Sommige dingen
waren dan wel anders gelopen.”
Slechtnieuwsgesprek
Op de middelbare school en daarna was het gehoorverlies
eigenlijk geen thema in het leven van Jeanne.
“Ik heb het geluk dat ik de intelligentie heb om mijn
gehoorverlies te kunnen compenseren. Ik kan snel
verbanden leggen, ben taalgevoelig en ik heb altijd
veel gelezen. Daar heb ik me mee gered. Op mijn
achttiende ging ik op kamers. Ik rommelde overal
doorheen. Met vrienden ging ik bijvoorbeeld graag
naar bandjes. Van de gesprekken verstond ik niks,
contact maakte ik via het dansen.” Haar gehoor werd
pas weer een thema toen ze moeder werd. “Ik heb
drie dochters. Romée is de jongste. Toen mijn oudste
dochter een baby was, hoorde ik haar niet huilen. Dat
was raar, dus heb ik mijn gehoor weer laten testen.
De uitslag was wel even schrikken want ik had een
gemiddeld gehoorverlies van 85% en ik bleek hoge
tonen doof te zijn. Ik heb DFNA2, een erfelijke vorm
van gehoorverlies. De voorspelling was toen dat ik op
mijn 35e doof zou zijn. Ik ben daarna nog meer op het
gehoor van mijn dochters gaan letten. De oudste twee
zijn horend, maar bij Romée wist ik gelijk dat er iets
met haar gehoor was. Ze gilde als baby heel hoog. Het
48
was echt een ander geluid dan haar zussen maakten.
Toen ik het aankaartte bij het consultatiebureau
zeiden ze dat ik niet moest projecteren. Omdat ik
slechthorend ben, wilde dat niet zeggen dat Romée
dat ook is. Bij haar eerste gehoortest kreeg Romée het
voordeel van de twijfel. Ik ben toen naar de huisarts
gegaan en zo bij het UMCG terechtgekomen. Ze was
anderhalf en is onder narcose getest. We kregen
daarna een slechtnieuwsgesprek met de audioloog. Zo
werd dat toen echt gezegd: een slechtnieuwsgesprek.
Het kwam heel ernstig over. Ze vertelden dat Romée
doof zou worden.”
Als mijn gehoorverlies er
had mogen zijn, was het in
mijn werk en privéleven heel
anders gelopen
Niet iedereen haalt een acht
De spraaktaalontwikkeling van Romée verliep ook
anders. Ze sprak niet, maakte geen woorden, maar wel
geluid. Om haar taalontwikkeling op gang te brengen,
ging Romée naar het UMCG. Jeanne: “Romée wilde
alleen niet meewerken. De professor vond haar een
moeilijk kind en zei dat ze een laag IQ had. Maar ze
lieten een kind dat niet goed hoort, lang wachten in
een wachtkamer met veel herrie. Ze was helemaal
overprikkeld toen ze eindelijk aan de beurt was.
Natuurlijk werkte ze niet mee.” Jeanne kreeg het
advies Romée aan te melden bij een school voor
slechthorende kinderen. “We zijn daar gaan kijken.
Er zaten vooral meervoudig gehandicapte kinderen,
maar Romée was verder helemaal gezond. Dus heb ik
haar op een gewone peuterspeelzaal gedaan. In reactie
op die keus zei de dokter dat niet iedereen een acht
kan halen. ‘Dat is zo’, zei ik, ‘maar Romée wel’.”
Vier lettergrepen!
Jeanne zocht voor Romée een particuliere logopedist:
“Ze was ondertussen vier jaar en zei nog steeds heel
weinig. Tot ik haar ineens hoorde zeggen: Ik heb een
nieuw spijkerrokje aan. Spijkerrokje, dat zijn vier
lettergrepen! Ik dacht: we zijn klaar, we gaan niets
doen, we wachten gewoon af. Ze is toen nooit meer
stil geworden. Later zagen we hetzelfde ook bij andere
dingen. Of het nou gitaarspelen was of dansen op
spitzen, pas als ze het beheerste, kwam ze ermee naar
buiten.”
Ik voel me niet beperkt
Romée: “Mijn moeder heeft mij grootgebracht met
de overtuiging dat mijn slechthorendheid er mag zijn
en dat het gezien mag worden. Letterlijk, want ik
was anderhalf toen ik gehoorapparaten kreeg en die
hadden altijd een vrolijk kleurtje. Slechthorendheid
en gehoorapparaten waren voor mij heel normaal.
We hadden thuis een voorleesboekje ‘Philip krijgt
een hoorapparaat’. Het verhaal ging over een slechthorend
jongetje dat zich moest aanpassen aan de
wereld om hem heen. Daar herkende ik me helemaal
niet in. Mijn moeder paste dingen zo aan dat het voor
iedereen werkbaar was. We hadden bijvoorbeeld een
ronde eettafel en afspraken als: we praten om de beurt
en niet naar elkaar roepen in huis, want dat verstaan
we niet. Ik had mijn eigen tv-momentjes, omdat ik de
programma’s van mijn zussen niet kon volgen. En zo
waren er meer dingen. Die Philip in dat boekje werd
beschreven als ‘beperkt’. Ik voelde me helemaal niet
beperkt, en nog steeds niet.”
Aanpassen
Als ambulant gezinsbehandelaar bij GGMD begeleidt
Romée gezinnen met dove of slechthorende
gezinsleden. “Sinds ik daar werk, merk ik dat ik
mij steeds meer thuis voel in de dovenwereld. Het
voelt echt als thuiskomen. Omdat dove en ernstig
slechthorende mensen hetzelfde ervaren als ik, vind
ik daar meer begrip en inlevingsvermogen. Ik probeer
49
dan ook zo snel mogelijk heel goed gebarentaal te
leren, zodat het mijn tweede taal wordt. Privé leef
ik in een horende wereld. Als ik mensen ontmoet
die zich niet aan mij willen aanpassen, pas ik me
ook niet aan hen aan. Dat heb ik nooit gedaan. Ik
vind het dan de moeite niet waard. Bovendien is
de kans groot dat het tot botsingen leidt en daar
heb ik geen zin in.” Jeanne leeft ook in een horende
wereld. Ze is landschaps ontwerper en heeft een
eigen ontwerpbureau. “Vaak werk ik in teams met
architecten, projectontwikkelaars en projectleiders.
Werken in de dovenwereld
voelt als thuiskomen
Bij overleggen aan grote tafels zijn er momenten
geweest dat ik geen idee had waar het over ging. Ik
verstond er niets van. Ik rommelde me er doorheen en
denk dat ik op gevoel de goede dingen zei. Althans, dat
hoop ik. Uiteindelijk kreeg ik wel een burn-out, puur
door vermoeidheid. Ik ben nu weer aan het werk en
ben op zoek naar een schrijftolk. Het wordt tijd dat ik
het mijzelf makkelijker ga maken.”
Uit de kast
Jeanne heeft het feit dat ze ernstig slechthorend is
nooit volledig een plek gegeven. “Ik schaamde mij
ervoor. Als ik had gedurfd om hulpmiddelen in te
zetten, om aan andere mensen hulp te vragen en te
vragen zich wat aan te passen, en als mijn gehoorverlies
er had mogen zijn, was het in mijn werk en privéleven
heel anders gelopen. Ik benoemde het soms wel, maar
koos er steeds weer voor om me voor meer dan de
volle honderd procent in te zetten, in alle situaties. In
mijn eerste baan werkte ik bijvoorbeeld als adviseur
personele zaken. Daarvoor voerde ik elke dag veel
gesprekken met mensen. Toen ik daar weg ging zeiden
ze: ‘Wij vinden het heel jammer dat je weggaat en
verlenen je eervol ontslag. Wel willen we je meegeven
dat we het altijd jammer hebben gevonden dat we
je gehoorverlies niet bespreekbaar konden maken.’
Achterafgezien zou dat beter zijn geweest, maar het
mocht er van mijzelf niet zijn.” Toen Romée bij GGMD
ging werken, deed dat iets met Jeanne: “Ik werd er
emotioneel van want ik zag ineens: zo kan het ook. Het
stuk dat ik moet overbruggen voor ik kan gaan werken,
dat heeft Romée niet. Ik moet altijd eerst uitleggen
dat ik slechthorend ben, de communicatie regelen,
vragen of mensen niet door elkaar heen willen praten
enz. enz. Ik ben steeds bezig om mij aan te passen. Dat
ga ik niet meer doen want daar word ik zo moe van.
Horende mensen zeggen wel dat ze het begrijpen, maar
wat begrijpen ze dan? Want als ik tijdens een avondje
uit vroeg naar huis ga, wordt dat saai gevonden. Ik
ga dit interview gebruiken om uit de kast te komen.
Hopelijk begrijpen ze het dan echt.”
50
Ben jij (oud-)cliënt van GGMD
of een ouder of verzorger
van een cliënt?
DAN ZOEKEN WE JOU!
WERK
MEE AAN
DE BESTE
ZORG
Word lid van de cliëntenraad
Scan voor
informatie
de QR-code
Of mail naar:
clientenraad@ggmd.nl
Beter door het leven met doofheid en gehoorbeperkingen
51
Heb je G.HOOR met plezier gelezen?
Laat een ander het
dan ook lezen
Geef jij G.HOOR door?
We hebben dit magazine met veel plezier gemaakt. We hopen dat je geïnspireerd bent door de interviews
en geholpen bent met de tips die in het magazine staan. We hopen ook dat je G.HOOR deelt en er andere
mensen een plezier mee wilt doen. Geef G.HOOR daarom door aan andere dove, slechthorende of horende
familieleden, vrienden of kennissen, je huisarts, KNO-arts of je werkgever en je collega’s.