24.03.2025 Views

Drieluik: Samenwerken met gezin en netwerk - iHub familiezorg Amsterdam

Een gebundeld drieluik over onze zoektocht naar de meest effectieve manier van het betrekken van de familie en het netwerk van onze cliënten - jonge ouders. In een wereld waarin de uitdagingen voor jonge ouders steeds groter worden, is ondersteuning en liefde van familie en betrokken naasten essentieel. Niet voor niets luidt het gezegde: ‘It takes a village to raise a child.’ Veel dank gaat uit naar iedereen die hieraan heeft meegewerkt en in het bijzonder Kitlyn Tjin a Djie en Irene Zwaan. Zij hebben ons geïnspireerd met de methode Beschermjassen door hun kennis, ervaring en hun bevlogenheid in het betrekken van familie en belangrijke naasten met ons te delen. Er is nog een lange weg te gaan, maar een eerste solide basis is gelegd. Het is onze hoop dat deze implementatie niet alleen de praktische behoeften van jonge ouders vervult, maar ook bijdraagt aan hun zelfvertrouwen en dat het de verbinding binnen hun gemeenschap versterkt, zodat het kan dienen als een beschermjas voor de jonge ouders en hun kinderen. Namens het hele iHub team Jonge Ouders, Yvette Martha, Gladys van Klaveren en Sigrid Hekkema Met dank aan illustrator Mieke de Haan en tekstschrijver Patty Zoet

Een gebundeld drieluik over onze zoektocht naar de meest effectieve manier van het betrekken van de familie
en het netwerk van onze cliënten - jonge ouders. In een wereld waarin de uitdagingen voor jonge ouders steeds groter worden, is ondersteuning en liefde van familie en betrokken naasten essentieel. Niet voor niets luidt het
gezegde: ‘It takes a village to raise a child.’

Veel dank gaat uit naar iedereen die hieraan heeft meegewerkt en in het bijzonder Kitlyn Tjin a Djie en Irene Zwaan. Zij hebben ons geïnspireerd met de methode Beschermjassen door hun kennis, ervaring en hun bevlogenheid
in het betrekken van familie en belangrijke naasten met ons te delen.

Er is nog een lange weg te gaan, maar een eerste solide basis is gelegd. Het is onze hoop dat deze implementatie niet alleen de praktische behoeften van jonge ouders vervult, maar ook bijdraagt aan hun zelfvertrouwen en dat het de verbinding binnen hun gemeenschap versterkt, zodat het kan dienen als een beschermjas voor de jonge ouders en hun kinderen.

Namens het hele iHub team Jonge Ouders,
Yvette Martha, Gladys van Klaveren en Sigrid Hekkema

Met dank aan illustrator Mieke de Haan en tekstschrijver Patty Zoet

SHOW MORE
SHOW LESS

Transform your PDFs into Flipbooks and boost your revenue!

Leverage SEO-optimized Flipbooks, powerful backlinks, and multimedia content to professionally showcase your products and significantly increase your reach.

| Regio Amsterdam e.o.

Samen werken

met gezin

en netwerk


2


Inhoud

Voorwoord 5

Heb je de familie gesproken? 8

Eerste 1000 kritieke dagen 10

Waarom Bescherm jassen? 11

Werkwijze vóór training Beschermjassen 14

Werkwijze ná training Beschermjassen 18

Zij wilde een kind, nu moet zeverantwoordelijkheid nemen 22

Transcultureel, netwerkgericht en traumasensitief werken, waarom? 23

Het implementatieproces 26

Onze werkwijze nú 28

Lessons learned? 30

Je familie kies je niet, hoe krijg je toch wat je nodig hebt? 34

Begrijpen, verdragen en verspreiden 35

Netwerkgericht werken in de toekomst 40

Colofon 42

Wilt u meer informatie? Bel ons gerust! 44


‘Uitgaan van het oplossend

vermogen van het netwerk zet

mensen in hun kracht.

Hierdoor groeit het vertrouwen,

ook in hulpverlening.’

— Sigrid Hekkema


Voorwoord

Met veel enthousiasme introduceren wij dit gebundelde drieluik over onze

zoektocht naar de meest effectieve manier van het betrekken van de familie

en het netwerk van onze cliënten - jonge ouders. In een wereld waarin de

uitdagingen voor jonge ouders steeds groter worden, is ondersteuning en

liefde van familie en betrokken naasten essentieel. Niet voor niets luidt het

gezegde: ‘It takes a village to raise a child.’

Veel dank gaat uit naar iedereen die hieraan heeft meegewerkt en in het

bijzonder Kitlyn Tjin a Djie en Irene Zwaan. Zij hebben ons geïnspireerd met

de methode Beschermjassen door hun kennis, ervaring en hun bevlogenheid

in het betrekken van familie en belangrijke naasten met ons te delen.

We kunnen nu met trots concluderen dat door het betrekken van het

netwerk er een meer positieve en inclusieve omgeving voor de jonge ouders

en hun kind(eren) is ontstaan. Er is meer sprake van verbondenheid,

waardoor onderlinge relaties zijn versterkt. Mensen voelen zich meer

verantwoordelijk voor elkaar, wat kan leiden tot positieve gedragsveranderingen.

Tot slot zien we dat de jonge ouders veerkrachtiger worden, omdat

ze zich meer gesteund voelen. Hierdoor creëren zij een stabielere opvoedingssituatie

voor hun vaak nog hele jonge kinderen en kunnen intergenerationele

patronen doorbroken worden.

Er is nog een lange weg te gaan, maar er is een eerste solide basis gelegd.

Het is onze hoop dat deze implementatie niet alleen de praktische behoeften

van jonge ouders vervult, maar ook bijdraagt aan hun zelfvertrouwen en

dat het de verbinding binnen hun gemeenschap versterkt, zodat het kan

dienen als een beschermjas voor de jonge ouders en hun kinderen.

Namens het hele iHub team Jonge Ouders,

Yvette Martha, Gladys van Klaveren en Sigrid Hekkema

5



Deel 1

‘Heb je de

familie

gesproken?’

7


Heb je de familie gesproken?

‘Nee, de cliënt wil de familie er niet bij

betrekken. Ze wil ze niet belasten, want

ze hebben het al druk genoeg en ze hebben

hun eigen problemen. En dat begrijp ik.

Daarnaast is het vanuit hun cultuur niet de

bedoeling dat je de vuile was buiten hangt,

dus waarschijnlijk zijn ze toch niet open en

eerlijk. Ze hebben trouwens ook een enorm

wantrouwen tegen alles wat met hulpverlening

en jeugdzorg te maken heeft.’

8


Het iHub team Jonge Ouders (voorheen Altra Thuis Jonge

Moeders) volgde een tijdje geleden de training Beschermjassen

van Kitlyn Tjin A Djie en de verdiepings training van de

JIM (Jouw Ingebrachte Mentor). Beschermjassen betekent

dat je mensen die zich in een belangrijke levensfaseovergang

bevinden, zoals de meeste cliënten in de (jeugd)

hulpverlening, inbedt in de familie, groep of cultuur.

Het op zoek gaan naar ankers, steunfiguren, rituelen of

equivalenten van vroeger helpt mensen zich te hernemen en

hun leven weer op te pakken. De training Beschermjassen

heeft voor extra verbinding in het team gezorgd en voor

veel nieuwe inzichten over een onderdeel van de hulpverlening

dat te lang ondergeschikt is gebleven: het

betrekken van familie, vaders en vrienden van de jonge

moeders.

‘Being the best you can be is really

only possible when you are deeply

connected to others. Splendid

isolation is for planets, not people.’

— Sue Johnson

9


De jonge moeders die wij ondersteunen,

bevinden zich in een grote levensfaseovergang.

Ons primaire doel is om

zowel de jonge moeder als haar kindje

in te bedden in en te omhullen met

Beschermjassen. En daarnaast ook

steunfiguren te creëren voor het kindje.

Steunfiguren die er zijn op het moment

dat het de jonge moeder onvoldoende

lukt om op alle essentiële onderdelen van

veilig opgroeien zorg te bieden.

Eerste 1000 kritieke dagen

Bij de jonge moeders staan we letterlijk

aan de wieg van een nieuwe generatie.

De eerste 1000 kritieke dagen van het

jonge (of nog ongeboren) kindje krijgen

steeds meer aandacht in de wetenschap

en media. Niet voor niets. Tijdens deze

eerste dagen wordt de basis gelegd voor

de rest van het leven. Kinderen die

opgroeien in de opvang hebben soms al

op zeer jonge leeftijd traumatiserende

gebeurtenissen meegemaakt. De jonge

moeders lijden aan chronische stress

door financiële en relationele problemen,

door trauma’s (intergenerationeel,

migratie), door huisvestingsproblematiek

en een beperkt steunend netwerk. Deze

stress heeft niet alleen effect op het

sensitief en responsief reageren op hun

kindje of meerdere kinderen, maar ook

op de ontwikkeling van het nog ongeboren

kind. Het is daarom essentieel om de

stress bij de jonge moeders te verlagen.

Zo kunnen zij beter beschikbaar worden

voor hun jonge kindje. Er zijn veel bewezen

effectieve interventies om te helpen

Herken jij dit antwoord

op de vraag: hebben we

de familie al gesproken?

‘Nee, waarom is het zo

belangrijk om de hele

familie in het proces te

betrekken? We hebben

het toch al druk genoeg

met de twee ouders en

de kinderen? Daarnaast

is het een enorm

destructief netwerk. Ze

hebben dikke dossiers

bij Jeugdbescherming.

Volgens mij zijn beide

ouders zelf ook uit huis

geplaatst, dus dat lijkt

me niet handig.’

10


deze stress te verlagen. Wanneer deze

interventies extra worden ondersteund

door het netwerk en er heling plaats kan

vinden binnen het systeem, neemt de

kans op verdere stressverlaging toe, zo is

onze verwachting. En dan niet alleen voor

de korte termijn, ook voor de langere

termijn.

‘Ik wil eerst even kennis

maken met de ouders

zelf. Ik wil eerst met

hen een band opbouwen

en eventueel

kunnen we op termijn

de familie erbij

betrekken.’

Waarom Bescherm jassen?

Als mens sta je altijd in contact met de

mensen om je heen. Je familie, je vrienden

en het gezin waar je uit voortkomt

hebben je mede gevormd tot de persoon

die je vandaag de dag bent. Met alle

positieve kanten en alle negatieve kanten.

Om jezelf goed te kunnen begrijpen, is het

nodig om de mensen om je heen goed te

begrijpen. Waarom doe je wat je doet?

Waarom doen zij wat zij doen? Ken je

geschiedenis, je neemt namelijk de

geschiedenis van je voorouders mee in je

DNA. Als de familie onderdeel is van het

probleem, vormt deze ook een onderdeel

van de oplossing. Wanneer je vanuit de

gedachte van de Beschermjassen werkt

en leeft, ga je met familie en vrienden op

zoek naar de patronen in de familie, de

culturele achtergrond, de rituelen en de

manier waarop er binnen de familie en

vrienden om wordt gegaan met belangrijke

overgangsfasen.

‘Nee, jeugdbescherming

of OKT heeft

volgens mij contact

met de familie. Wij

richten ons alleen op

de kinderen en/of de

ouders.’

11


Wanneer je als persoon of gezin kwetsbaar

bent, is het belangrijk om je in te

kunnen bedden en jezelf te kunnen

omhullen met de groep en cultuur waar

je vandaan komt. Familie en andere

belangrijke personen in je leven worden

gezien als een jas, als een veilige omhulling.

Soms zitten er in deze jas gaten,

scheuren en zijn de zakken eruit gevallen

door alles wat je met elkaar hebt meegemaakt.

Hoe kunnen de gaten gestopt

worden en de scheuren gerepareerd?

Ondanks alle aanpassingen zal het nooit

meer dezelfde jas worden als voorheen,

maar het wordt een beschermjas die

voldoet in deze context. Een beschermjas

die je weer een veilig en warm gevoel

geeft. Om dit te kunnen bereiken ga je

terug naar vroeger. Bij wie hoor je?

Hoe komt het dat jullie de samenhang

zijn verloren? Waar stond je wieg en in

welke grond stonden jouw ouders en

voor ouders? Liggen er nog onopgeloste

dingen die de aandacht vragen? Soms

wordt een jonge moeder door omstandigheden

afgesneden van haar familie.

Hoe kun je die relatie herstellen?

‘Nee, vader is niet meer

in beeld. Dus die heb ik

niet betrokken. Nee, ik

weet eigenlijk niet of de

kinderen de opa en

oma van vaderszijde

nog zien. Volgens mij is

er wel een zus van

vader die de kinderen

wel eens ophaalt, maar

die ken ik verder niet.

In de cultuur waar zij

uitkomen, is de vader

heel vaak niet in beeld

en is de moeder

eigen lijk ook de vader.’

12


13


Werkwijze vóór training

Beschermjassen

De werkwijze is primair bedoeld voor

kinderen van jonge (aanstaande) moeders

van 14 tot 23 jaar waarbij er sprake

is van een kwetsbare opvoedingssituatie.

Om te spreken van een kwetsbare

opvoedingssituatie, is er bij de jonge

moeder sprake van (een combinatie van):

● een belaste voorgeschiedenis (een

jonge moeder die bijvoorbeeld te

maken heeft met huiselijk geweld,

hechtings problematiek en/of trauma).

● psychische problemen, zoals een

stemmingsstoornis, gedragsstoornis,

posttraumatische stressstoornis, of

(kenmerken van) een persoonlijkheidsstoornis.

● een gebrek aan een steunend netwerk

door verbroken of conflictueuze relaties

met familie en/of de vader van het kind.

Er kan – mede door de zwangerschap –

sprake zijn van tijdelijke of permanente

uitstoting.

● een gebrek aan een vaste en veilige

woon- of verblijfplaats.

● een gebrek aan dagbesteding.

● financiële problematiek.

‘Nee de cliënt heeft

helemaal niemand

waar ze op terug kan

vallen.

Ze belt eigenlijk altijd

mij wanneer er iets is. Ik

heb dit weekend ook

nog even mijn telefoon

aangelaten, omdat ze

vrijdag ruzie had met

haar vriend.’

Deze kwetsbare situatie heeft als gevolg

dat de veiligheid van het kind bedreigd

wordt. Er ontstaat een risico op een

onveilig gehechtheidspatroon tussen

moeder en kind. Ook de fysieke en

sociaal- emotionele ontwikkeling van

het kind wordt bedreigd.

14


Drie pijlers: veiligheid, trauma

en hechting

De werkwijze richt zich op drie pijlers:

veiligheid, trauma en hechting. Daarnaast

begeleiden we de jonge moeder

intensief bij huisvesting, financiën en

dag besteding. Zo is de jonge moeder

uiteindelijk in staat om zelf een veilige

leefomgeving voor haar kind te bieden.

‘Nee zo werken

wij niet.’

Binnen deze drie pijlers staat de moederkind

relatie centraal. Door de familie

minimaal in de begeleiding te betrekken is

het kind grotendeels afhankelijk van de

moeder. Daarin zit een opvatting besloten

dat het welzijn van het kind gerelateerd

is aan de kwaliteit van de moeder.

Vanuit deze opvatting komt er veel op de

jonge moeder af en moet zij de bescherming

bij zichzelf vinden. Er is geen groep

die haar deze bescherming biedt.

Hierdoor kan een jonge moeder angstig

worden. Immers: vanuit autonomie moet

je controle hebben en daar ben je dan

helemaal alleen verantwoordelijk voor.

Dat legt een zware last op de schouders

van het individu. En dat terwijl veel van de

jonge moeders uit de meer wij-gerichte

systemen afkomstig zijn.

‘Soms voel ik me verloren’,

zei de jongen.‘Ik ook’, zei de mol,

‘maar wij houden van je

en liefde brengt je thuis.’

— Charlie Mackesy

15


Wij-gerichte families

In de wij-gerichte families staat

het voortbestaan van de familie

voorop. Als er in de familie een

calamiteit is, bijvoorbeeld als er

iemand overlijdt of iemand verliest

z’n baan, dan zie je dat alle

huishoudens in korte tijd van

samenstelling veranderen.

Iedereen gaat opeens voor elkaars

kinderen zorgen. Daarnaast

ondersteunt de familie elkaar ook

financieel en emotioneel. Door in

de hulpverlening alleen de focus te

leggen op de jonge moeder, kan

het gebeuren dat je haar elimineert

van haar familie op een

cruciaal moment in haar leven.

Bovendien zijn deze jonge moeders

in hun jeugd vaak beschadigd

geraakt. Zij gaan gebukt onder

eigen trauma’s en gehechtheidspatronen

uit hun eigen jeugd.

Hierdoor drukt de verantwoordelijkheid

voor het jonge kindje nog

zwaarder op hen.

Prominente rol hulpverlener

Door de bovengeschetste werkwijze

uit te voeren, heeft de

hulpverlener een zeer prominente

rol in de begeleiding: de hulpverlener

is degene met de kennis over

gehechtheidspatronen en trauma.

Vanuit die positie wordt hulp

verleend. Het contact is intensief.

Vaak gaat de hulpverlener op een

van de belangrijkste stoelen van

de jonge moeder zitten, en wordt

daarmee onderdeel van het

systeem. Niet zelden noemt de

jonge moeder de hulpverlener als

een van de belangrijkste personen

in haar leven. Dat is eigenlijk niet

de bedoeling in een werkrelatie die

eindig is. Door deze positie als

hulpverlener in te nemen, kan een

andere belangrijke persoon uit het

netwerk deze positie niet invullen,

terwijl die persoon mogelijk wel

voor het leven betrokken blijft bij

de jonge moeder en het kindje. En

ook daar waar nodig voor langere

tijd kan compenseren.

16


Jörgen Raymann stelde in zijn

programma altijd de legendarische

vraag aan zijn gasten: ‘Wie is je

vader? Wie is je moeder?’

Hieruit kwamen vaak de mooiste en

meest ontroerende verhalen.

17


Werkwijze ná training

Beschermjassen

Sinds de training ‘Beschermjassen’

en de verdiepingstraining van de

JIM, is er een andere visie ontstaan

op de behandeling en

begeleiding van de jonge moeders.

Wij kijken niet meer alleen

naar de jonge moeder. Vanaf de

intake fase betrekken we nu ook de

familieleden, de vader van het

kindje en de vrienden bij de hulp.

Tijdens het diagnostiektraject is

er een groot netwerkgesprek

met lekker eten in een open en

gezellige sfeer. Tijdens dit gesprek

tekenen we de genogrammen en

de levenslijnen van de familie van

de jonge vader en moeder. De

thema’s die daarbij aan bod

komen zijn onder andere: de

familiebanden, de rituelen, de

thema’s binnen het systeem, de

krachtbronnen, de steunfiguren,

de ontregelaars en de manier

waarop de familie omgaat met

problemen. Tegelijkertijd vragen

we ook de migratie, de trauma’s

uit het verleden en de gehechtheids

patronen uit. Het doel is

om beter inzicht te krijgen in de

patronen, de thema’s en de

belangrijke normen en waarden

(zogenaamde ‘heilige huisjes’) van

het systeem. We sluiten de hulp

hierop aan.

Prominente rol netwerk

Het netwerk wordt gedurende het

hele begeleidingstraject nauw

betrokken. Het krijgt een prominente

rol in de ondersteuning en

maakt dat de rol van de hulpverlener

verandert. Wij stellen ons als

hulpverlener onwetend op ten

opzichte van de vreemde ander.

We laten ons vanuit oprechte

interesse informeren over de

familie, hun verhalen en hun

belangrijkste normen en waarden.

We kijken met elkaar welke

patronen helpend en steunend

kunnen zijn voor het kleine kindje

of kindje dat op komst is. We kijken

ook met elkaar van welke patronen

of thema’s er afscheid

genomen moet worden in het

belang van het kindje. Denk aan

uithuisplaatsing, getuige zijn van

geweld of het opgroeien zonder

vaderfiguur.

Samen met de familie gaat de

jonge moeder op zoek naar

heling binnen het systeem om zo

trauma’s te kunnen verwerken.

Dit kan door de verhalen weer te

laten stromen en onuitgesproken

onderwerpen aan te kaarten.

De hulpverlening kan ondersteuning

bieden met inzet van opvoedondersteuning,

traumabehandeling

en gehechtheidsinterventies

(zoals NIKA).

18


Door de hulp op deze manier in te

richten, verlenen we de hulp nog

meer op maat. We kijken op

systemische wijze naar de intergenerationele

overdracht en hoe de

banden in de familie kunnen

worden hersteld, versterkt of

aangepast aan de nieuwe context.

Veranderende rol hulpverleners

Werken vanuit de prominente rol

van het netwerk vraagt veel van

een hulpverlener. Naast de vaak

complexe vraagstukken bij de

jonge moeder zelf, werk je als

hulpverlener ook intensief samen

met grote families. Dit betekent

dat er veel verschillende krachtbronnen

zijn. Het betekent ook dat

er vele destructieve patronen en

gewoontes zijn. En hiermee heb je

te maken juist op het moment dat

de jonge moeder op eigen benen

wil staan en zelf de zorg krijgt of

heeft voor een jong kindje. Hoe

werk je dan met respect voor de

autonomie goed samen met het

netwerk van de jonge moeder? En

wat vraagt dit van de betrokken

hulpverlener? In het volgende deel

gaan we hier dieper op in.

‘Als de familie onderdeel is

van het probleem, vormt

deze ook een onderdeel

van de oplossing.’

19



Deel 2

‘Zij wilde een

kind, nu moet

ze verantwoordelijkheid

nemen’

21


Zij wilde een kind, nu moet ze

verantwoordelijkheid nemen

In dit tweede deel, nemen we je mee in het

implementatieproces van onze netwerkmethode.

Een werkwijze die inmiddels

volledig ingebed is dankzij de trainingen

Jouw Ingebrachte Mentor (JIM) en

Beschermjassen. Samenwerken met de

familie en vrienden van onze jonge moeders

ervaren wij zowel krachtig als verdrietig.

Krachtig omdat kwetsbaarheid afneemt,

verdrietig omdat wij zien dat door

verbindings loosheid (weinig vertrouwen in

jezelf en anderen), verbindingen aangaan

spannend is. Dit maakt onze moeders

kwetsbaar. Een goede samenwerking met

het netwerk, met respect voor de autonomie,

dat is waar wij naar streven.

De vraag hóe je die samenwerking aangaat

en vormgeeft, behandelen we in dit tweede

deel.

22


Transcultureel, netwerkgericht en

traumasensitief werken, waarom?

Transcultureel

Wij, iHub team Jonge Ouders

werken transcultureel, netwerkgericht

en traumasensitief. Onze

eigen culturele achtergronden

beïnvloeden de manier waarop

wij communiceren en handelen.

Ben je als hulpverlener geboren en

getogen in Nederland? Dan kijk je

naar problematiek met een

Westerse bril. Sluit die kijk aan bij

de jonge moeder, opgegroeid in

een andere cultuur? Transcultureel

werken dwingt ons, hulpverleners,

anders te kijken. Deze methode

overbrugt culturele verschillen.

Netwerkgericht

Problemen die voortkomen uit de

leefomgeving, het gezin, familie,

werk, school of de buurt, zijn

nauwelijks oplosbaar zonder de

context erbij te betrekken. Het zijn

immers deze problemen die de

onderlinge relaties, en daarmee

de beslissingen van de jonge

moeder, steeds beïnvloeden.

Traumasensitief

Wij zien dat onze jonge moeders

vaak emotioneel verwaarloosd

zijn. Getraumatiseerd geraakt,

hebben zij een netwerk nodig dat

hun draagkracht vergroot. Een

trauma kleurt de kijk op jezelf,

anderen en de wereld. Er ontstaat

een disbalans. De draaglast is

groot. De draagkracht is klein.

In tijden van stress kregen onze

moeders niet wat ze nodig

hadden. Ze konden de pijn niet zelf

dragen, er was niemand om hen

écht op te vangen.

Van disregulatie naar

co-regulatie

Onze werkwijze, transcultureel,

netwerkgericht en traumasensitief,

helpt onze moeders in hun

trauma verwerkingsproces. In

dit proces zijn twee zaken heel

belangrijk:

● spanning en emotie ontladen,

en daar ruimte voor krijgen;

● niet alleen zijn, je gesteund en

serieus genomen voelen.

23


Stress, onverwerkt trauma en

een verkeerd afgestemd alarmsysteem

zorgt voor chaos in de

hoofden van onze jonge moeders.

Het brein valt veelvuldig terug in

vechten, vluchten, bevriezen,

maar ook in gehoorzamen,

pleasen en conflicten vermijden,

zelfs wanneer gevaar of stress

ontbreken. Wij noemen dit

disregulatie. Co-regulatie (het

kalmeren van emoties), door een

kalme en afgestemde omgeving,

is nodig.

Disregulatie vermindert door

contact en verbinding met anderen.

Een gevoel van ‘samen’

vermindert gevoelens van eenzaamheid

en afgesneden zijn.

Het brein kalmeert, verbindingsloosheid

neemt af waardoor het

mogelijk is om weer liefde en

ondersteuning te ervaren. Verbinding

helpt onderscheid te maken

tussen gevaarlijke en ongevaarlijke

situaties. Dit onderscheid is nood -

zakelijk om (sociale) interactie

goed in te kunnen schatten.

Rituelen en hulpbronnen helpen

bij het herstel en het helen van

traumatische gebeurtenissen.

Familie en vrienden, om de jonge

moeder heen, zijn zo’n hulpbron.

‘Familie en vrienden

vergroten de

draagkracht.’

— ambulant hulpverlener

24


25


Het implementatieproces

De trainingen JIM en Beschermjassen

inspireerden en overtuigden

ons van de meerwaarde van deze

netwerkmethodiek. Maar, na een

eerste brainstorm, blijkt in het

team weerstand te bestaan.

Grofweg is het team in te delen in

drie groepen:

● voorlopers. Zij gaan het liefst

direct aan de slag;

● middenmoot. Zoekt naar

begeleiding en handvatten;

● achterhoede. Stelt vragen over

bijvoorbeeld de tijdsinvestering

en complexiteit van de

methodiek.

Zoveel hulpverleners, zoveel visies.

Hoe zorg je dat alle betrokken

teamleden de ruimte ervaren

om zich op eigen tempo te

ontwikkelen?

Stap

1

Overtuigingen loslaten

Ieder teamlid gaat netwerkgesprekken

voeren. Dat is onze

overtuiging na de eerste kennismaking

met JIM en Beschermjassen.

Na het volgen van verdiepingstrainingen

en onze eerste

ervaringen laten wij deze verplichting

los. Een basishouding,

gevormd door kennis, bezieling,

ervaring en affiniteit, is nodig om

dit soort gesprekken te kunnen

voeren. Wij respecteren teamleden

die meer tijd nodig hebben

deze houding te ontwikkelen.

‘Door samenwerken en

ervaring komen we steeds

in het midden uit.’

— ambulant hulpverlener

26


Stap

2

Stap

3

Samenwerken en delen

Het netwerkgericht werken krijgt

een boost door samenwerking en

overleg. Teamleden vormen duo’s

en gaan bijvoorbeeld samen

netwerkgesprekken voeren.

Tijdens teamoverleg, intervisie en

werkbegeleiding worden ervaringen

gedeeld. Gaandeweg blijkt

dat een eerste netwerkgesprek

door vrijwel iedereen te voeren is.

Maar, wat doe je met de dynamiek

die daarna ontstaat? En de

terug val in oude patronen?

We staan steeds weer voor lastige

situaties die, door overleg en

samenwerking, worden opgepakt.

Scholing

Netwerkgericht werken roept bij

de teamleden vragen op. Ben ik

hulpverlener voor iedereen in het

netwerk? Sta ik aan de zijlijn?

Vertrouw ik het netwerk voldoende

om zelf problemen op te lossen?

In het team is behoefte aan

scholing gericht op systemisch

werken. Die mogelijkheid wordt

onderzocht.

‘Beschermjassen leerde ons hoe

je als team elkaar kunt dragen.’

— ambulant hulpverlener

27


Onze werkwijze nú

Te lang zijn wij een te belangrijke spil geweest in het hulpverleningsproces.

Wij hielden de stoel voor familie of andere

belangrijke personen bezet. Niet langer vinden we het

wenselijk om de belangrijkste persoon in het leven van een

jonge moeder genoemd te worden. Wij halen de familie

naar voren, uitgaande van het zelfoplossend vermogen van

het systeem. Daarbij zijn wij ‘slechts’ faciliterend.

Kennismaken

Ons kennismakingsgesprek met

het netwerk, waarbij we altijd

samen eten, gaat vaak goed. Wij

als team zijn oprecht geïnteresseerd.

Door vragen te stellen

over tradities, waarden, normen,

steunfiguren en te vragen naar

wat het netwerk wil vasthouden

of juist loslaten, ontstaat er ver -

binding. Een medewerker zegt

hierover: ‘De gesprekken zijn

prachtig. De verhalen stromen.’

Plannen maken

Na de kennismaking maken we

een plan. Hoe doorbreken we de

schadelijke patronen voor de

nieuwe generatie? Het vraagt een

actieve rol van ons, hulpverleners,

om de leden uit het netwerk actief

te blijven betrekken. Het vasthouden

van veranderingen, verbinding

en betrokkenheid van het

systeem, conflicten, afwijzing en

terugval in oude patronen, maar

ook afspraken niet nakomen,

vormen samen de grootste

bedreiging voor samenwerking.

‘Te lang hielden wij de stoel

voor familie of andere

belangrijke personen bezet.’

— ambulant hulpverlener

28


Samenwerken

Wanneer samenwerking met het

netwerk niet lukt heeft dit verschillende

oorzaken:

● patronen binnen families zijn

vaak complex, relaties zijn

verbroken of beschadigd;

● eigen pijn, traumatisering en

leven onder voortdurende

stress, maakt dat familieleden

huiverig zijn om structureel te

ondersteunen;

● onze jonge moeders zijn bang

voor afwijzing. Dit maakt het

vragen van hulp aan het netwerk

lastig;

● de collectieve wij-gerichte

systemen zijn aan het veranderen.

Waar eerder netwerken

eenvoudig van samenstelling

veranderden en men bijvoorbeeld

voor elkaars kinderen ging

zorgen, zien wij nu dat de

verantwoordelijkheid wordt

teruggelegd bij de jonge moeder

zelf. Met name oma’s hechten

meer waarde aan betaald werk

en tijd voor zichzelf;

● de financiële gevolgen voor

familieleden om een jonge

moeder bijvoorbeeld onderdak

te bieden zijn groot;

● de overgangsfase van jongere

naar volwassenheid komt met

meer autonomie en verantwoordelijkheid

voor de jonge moeders

en hun kind(eren). Dit is niet

voor iedere jonge moeder

vanzelfsprekend.

‘Wij maken een plan.

We betrekken de familie.

We hebben een andere

kijk op hulpverlening

gekregen. Samenwerken

zonder het netwerk?

Dat is nu ondenkbaar.’

— ambulant hulpverlener

29


Lessons learned?

Timing is alles

Sommige netwerken zijn heel

betrokken en willen graag intensief

meewerken. Anderen lukt dit

minder goed. Dan is tijdelijk

minder contact gewenst om tot

rust te komen en los van elkaar te

herstellen, om de relatie later weer

op te pakken. Wij passen onze rol

hierop aan en zijn ons bewust van

de stoel waar we op zitten en

geven hier bewust invulling aan.

Verantwoordelijkheid delen

We voorkomen dat we de verantwoordelijkheid

overnemen, zoals

we eerder deden. Wij blijven deze

rol delen met het netwerk, ook al is

de inzet van bijvoorbeeld familie

minimaal. Vaders niet betrekken

doen wij alleen als hij voor onveiligheid

zorgt. De familie van vader

blijven wij steeds actief uitnodigen.

Vragen stellen

We stellen veel meer vragen.

Bijvoorbeeld: wat heeft uw

dochter volgens u nodig? We

willen graag van uw kennis gebruik

maken om uw dochter zo goed

mogelijk te kunnen ondersteunen.

Wat kunt u als familieleden

betekenen? Wat doet u al in het

contact? Hoe kunnen wij hier een

aanvulling op zijn? Soms lijkt de

betrokkenheid minimaal, maar is

het voor dat moment het hoogst

haalbare, waardoor het wel heel

effectief is.

Tijdelijk gehechtheidsfiguur

Soms vervullen wij tijdelijk de rol

van een gehechtheidsfiguur, zodat

de jonge moeder kan herstellen.

Dit gaat altijd in overleg met het

familiesysteem en hierin wordt de

hulpverlener gecoacht en onder-

30


steund. Ondanks dat we geen

prominente rol (meer) willen

vervullen, hebben we de afgelopen

tijd wel geleerd dat de

beschikbaarheid die wij als

hulpverleners kunnen bieden wel

degelijk van onschatbare waarde

is in het werken met mensen die

enorm beschadigd zijn. Het

netwerk is helend, wij kunnen daar

ook tijdelijk onderdeel van zijn.

Alternatieven zoeken

Wanneer het onvoldoende lukt om

familieleden actief te betrekken

zoeken wij naar alternatieven.

Wat kan nog meer helend werken?

Wat bevordert het zoeken naar

verbinding met jezelf en de ander?

Hierover gaat het in deel 3.

‘Timing is alles.

Verwachtingen

moet je bijstellen.’

— ambulant hulpverlener

31



Deel 3

‘Je familie

kies je niet,

hoe krijg je toch

wat je nodig

hebt?’

33


Je familie kies je niet, hoe krijg je toch

wat je nodig hebt?

‘Sinds wij netwerkgericht werken is er

vrijwel geen cliënt meer geweest waarvan

we het netwerk niet hebben gesproken’

zegt financieel begeleider Gladys van

Klaveren. ‘Het netwerk benaderen, spreken

en betrekken bij de hulpverlening is

onderdeel van onze werkwijze.’

Wanneer het iHub team Jonge Ouders

ontdekt dat deze samen werking soms zeer

ingewikkeld is, bijvoor beeld omdat relaties

té complex, verbroken of beschadigd zijn,

zoeken zij naar alternatieven. Welke dat zijn

lees je in dit derde, laatste deel.

34


Begrijpen, verdragen

en verspreiden

Transcultureel

Als het onmogelijk lijkt de relaties

tussen de jonge ouder en het

netwerk door een directe samenwerking

te herstellen zet het

team diverse technieken in zoals

psycho-educatie, het ontschuldigen

van ouders en verbreding van

het netwerk. Begrip voor elkaar

neemt hierdoor toe waardoor

relaties soms alsnog herstellen.

metafoor van de onzichtbare

koffer: ‘Iedereen draagt een

onzichtbare koffer met zich mee,

gevuld met ideeën, overtuigingen

en verwachtingen over jezelf,

anderen en de wereld.’ Begrijpen

wat er in jouw koffer, en die van

de ander zit, ontschuldigt mensen.

Wat zijn jouw triggers? En wat heb

jij van anderen nodig om hiermee

om te gaan?

Begrip door psycho-educatie

Jezelf en anderen begrijpen

– waarom doe ik wat ik doe? –

is vaak de eerste stap richting

herstel. We noemen dit psychoeducatie.

Gedragswetenschapper

Sigrid Hekkema gebruikt vaak de

‘Door de inzet van het netwerk zien

en begrijpen we de omgeving van de

jonge ouders beter. Het afstemmen

van ondersteuning gaat hierdoor

makkelijker.’

— ambulant hulpverlener

35


Verdragen door te ontschuldigen

Accepteren dat je ouders, ondanks

dat ze deden wat ze konden, jou

niet konden geven wat je nodig

had, stoppen met verwijten maken

en excuses zoeken zijn belangrijke

stappen in het ontschuldigen van

ouders. Het team ervaart dat de

jonge ouders, door uitleg en

co-regulatie (zie ook deel 2), leren

deze pijn te verdragen. Sigrid zegt

hierover: ‘Je familie kies je niet.

Hoe blijf je in contact zonder

teveel beschadigd te raken?

Hoe krijg je toch wat je nodig

hebt? Dit komt steeds naar voren

in de gesprekken met de jonge

ouders.’ Kleine interventies maken

hierin een groot verschil merkt het

team: ‘Een jonge moeder schroefde

de bezoekjes aan haar moeder

terug van wekelijks naar maandelijks.

Ze voelt minder verplichting

en ze verdraagt teleurstellingen

– moeder biedt dochter niet wat

ze nodig heeft – veel beter’ zegt

een ambulant hulpverlener.

‘Een jonge moeder hield, door

trauma’s uit het verleden, haar

schoonfamilie op afstand.

Dankzij psycho-educatie,

voor moeder en grootouders,

herstelde het contact. Kleinkind,

opa en oma bouwen hierdoor

alsnog een band op.’

— ambulant hulpverlener

36


Het netwerk verbreden dankzij

eco-gram en geno-gram

Tijdens de training Beschermjassen

oefent het iHub team Jonge

Ouders met het maken van een

geno-gram. Deze methode brengt

familieleden in kaart, maar ook

patronen, intergenerationele

overdracht, rituelen en verlies. Het

team realiseert zich al snel dat het

netwerk van de jonge ouders

groter is dan familie alleen. Ook

kerkgenoten, leerkrachten en

buren zijn belangrijke steunfiguren.

Het team voegt daarom het

eco-gram, dat naast familie ook

inzicht geeft in de contacten

daarbuiten, als instrument toe.

Een eco-gram beoordeelt bovendien

de kwaliteit van de relaties.

Dit is, voordat het netwerk wordt

ingezet, belangrijk om te weten.

Een Taal Erbij als alternatief

Gezinsbegeleider Maaike Pals

werkt systeemgericht volgens de

methodiek Een Taal Erbij. Een

methodiek – handzaam en snel –

in te zetten als het netwerk afwezig

of te beschadigd is. Maaike: ‘Het

doorbreken van patronen, daar

doe je het voor.’ Gladys onderstreept

dit doel: ‘Die intergenerationele

overdracht van disfunctionele

patronen doorbreken door

de krachten in het netwerk te

vergroten, dat is zó belangrijk.’

‘Omringd worden door mensen

met wie je een warme band

hebt zorgt ervoor dat je soms

kantelt, maar nooit omvalt.’

— Gladys van Klaveren

37


Poppetjes

‘Mensen aan tafel vervangen door

poppetjes’, dat is het allergrootste

verschil tussen Een Taal Erbij en

het netwerkgericht werken zoals

iHub team Jonge Ouders dat doet’

zegt Maaike die in 2020 met de

methodiek begon. ‘Niet hoeven

wachten tot iedereen beschikbaar

is en geen onuitgesproken conflicten

tussen familieleden maakt dat

je deze methode snel kunt inzetten.’

Jezelf uitspreken over

familieleden – zonder dat deze

aanwezig zijn – maakt het bovendien

een veilige methode vertelt

Maaike: ‘Wat je zegt blijft binnenskamers,

op je woorden letten

hoeft niet.’

Kruisbestuiving

Maaike volgde, samen met het

team, de basistraining Beschermjassen.

Meer collega’s gaan haar

voorbeeld volgen. Collega’s uit het

iHub team Jonge Ouders volgden

op hun beurt de basistraining Een

Taal Erbij. In een werkplaats

oefenen Maaike en de collega’s

met voorbeelden uit de praktijk.

Maaike: ‘Onze wens is om in alle

teams, voor zover mogelijk, zowel

het netwerkgericht werken als Een

Taal Erbij aan te bieden. Zo ontstaat

er een kruisbestuiving.’

Beweging

De methodiek start met het

uitzoeken van de poppetjes.

Maaike: ‘Stel, je geeft een presentatie

over je leven, wie is daar dan

bij? Die vraag, daar begin ik de

sessies vaak mee.’ Na het uitzoeken

krijgen alle poppetjes een

plekje: wie staat dichtbij? Wie is

afwezig? Maaike: ‘Staan de

poppetjes goed? Wat zou je

anders willen? Dat is mijn vervolgvraag.’

Na de sessie(s) gaan de

jonge ouders in gesprek met het

netwerk. Maaike: ‘Dat is de grote

uitdaging. Die brug, van droogoefenen

naar écht in gesprek

gaan, dat moeten zij zelf doen.’

38


39


Netwerkgericht werken

in de toekomst

De werkwijze van het iHub team

Jonge Ouders begint langzaamaan

volwassen te worden. De blik

van het team richt zich de komende

tijd meer naar buiten. Het netwerkgericht

samenwerken met

andere teams en externen wordt

belangrijker. Welke doelen heeft

het team nog meer voor de

toekomst?

Het netwerk koppelen aan doelen

Aanschuiven aan tafel en uitspreken

te willen helpen betekent niet

automatisch dat deze hulp op

gang komt, merkt het team. Door

mensen uit het netwerk te koppelen

aan een doel, hoopt het team

het netwerk ‘aangehaakt’ te

houden. Gladys: ‘Wanneer mensen

zich ‘eigenaar’ voelen van een doel

spannen zij zich meer in om het

doel, samen met de jonge ouder,

te bereiken. Dat is althans onze

verwachting. Het maakt het voor

ons ook makkelijker om tussentijds

contact op te nemen en te vragen

naar de voortgang. Meedoen is op

deze manier minder vrijblijvend.

Bovendien helpt het bespreken van

succesmomenten het netwerk om

aangehaakt te blijven.’

Intern uitbreiden

Het team ziet graag dat meer

teams binnen iHub netwerkgericht

gaan werken. Gladys: ‘Onlangs

kreeg ik een telefoontje. Een jonge

moeder, door ons overgedragen,

maakte er een potje van. Of wij

een oplossing wisten? Haar nieuwe

hulpverleners bleken geen contact

te hebben met haar oom, terwijl

hij altijd een goede invloed op

haar had. Dit was aan hen overgedragen.

Het is zo jammer als

de contacten, door ons aangehaald,

weer verwateren.’

Een overdrachtsgesprek, met alle

betrokkenen, is dus zeer belangrijk.

40


Extern uitbreiden

‘Oh nee, dat gaan wij onszelf niet

op de hals halen’, dat zeggen

externen soms als wij opperen om

contact te leggen met het netwerk’

zegt Sigrid. ‘Wij zien diezelfde

terughoudendheid en aarzeling,

net zoals wij dat destijds ook

hadden.’ Het blijven uitdragen van

positieve ervaringen helpt externen

hopelijk over de streep.

Gladys: ‘Samenwerken met het

netwerk heeft zoveel voordelen.

Voor de jonge ouders, maar ook

voor onszelf. Cliënten vragen hun

netwerk vaker om hulp, we schalen

veel minder vaak op naar intensievere

zorg en overdragen omdat je

op vakantie gaat kan soms ook in

het netwerk. De ouders lossen

meer problemen met hun eigen

netwerk op.’ Het team vergelijkt

het netwerkgericht werken vaak

met het leggen van een fundament.

‘De versterkte banden zijn

als een warme beschermjas.

De jonge ouders weten: er zijn

mensen die er altijd voor mij zijn.’

Sigrid: ‘Een onafhankelijke jonge

ouder, die verder kan zonder jouw

hulp, maar mét het netwerk, dat is

waar je het voor doet.’

‘Na een netwerkgesprek besloot

moeder niet bij ons, maar bij haar

familie te gaan wonen. Voorheen

zeiden wij dan: “Dat is onverstandig.”

Nu steunen wij haar in die keuze.’

— ambulant hulpverlener

41


Colofon

Dit drieluik is tot stand gekomen met

medewerking van:

• iHub team Jonge Ouders

• Sigrid Hekkema

• Gladys van Klaveren

• Yvette Martha

• Patty Zoet (redacteur)

• Susanne Engelen (eindredacteur)

• Mieke de Haan (illustrator)

In de tekst wordt gebruik gemaakt van

informatie die afkomstig is uit de

navolgende boeken:

• Kitlyn Tjin A Djie & Irene Zwaan,

maart 2013, ‘Beschermjassen,

transculturele hulp aan families’.

• Jos Truyens & Suzanne de Ruig, 2019,

‘JIM: Ik & de Ander. Interactioneel denken

en werken in sociale systemen’.

Note: De handvatten die ons vanuit de training

Beschermjassen zijn aangereikt, hebben we op

een geheel eigen wijze binnen onze hulp aan

jonge ouders vertaald en gëïmplementeerd.

42



| Regio Amsterdam e.o.

Wilt u meer informatie?

Bel ons gerust!

iHub familiezorg Amsterdam Noord

Rode Kruisstraat 32

1025 KN Amsterdam

Gladys van Klaveren

financieel begeleider

gladys.vanklaveren@ihub.nl

Sigrid Hekkema

gedragswetenschapper

s.hekkema@wender.nl

Yvette Martha

manager

yvette.martha@ihub.nl

Of neem direct contact op met ons aanmeldteam:

aanmelden.amsterdameo@ihub.nl

020 555 83 00

(bereikbaar op werkdagen tussen 9.00 en 13.00 uur)

www.ihub.nl/aanbod/jonge-ouders

maart 2025

Hooray! Your file is uploaded and ready to be published.

Saved successfully!

Ooh no, something went wrong!