06.11.2025 Views

VVP SPECIAL Verzekerd wonen eZine

  • No tags were found...

Transform your PDFs into Flipbooks and boost your revenue!

Leverage SEO-optimized Flipbooks, powerful backlinks, and multimedia content to professionally showcase your products and significantly increase your reach.

80 JAAR HÉT PLATFORM VOOR DE FINANCIEEL ADVISEUR

VVPRUIM Cruciaal

JAARGANG 82 • EXTRA EDITIE • NOVEMBER 2025

advies!

Special Verzekerd Wonen


COLOFON

VVP, KENNIS- EN INSPIRATIEMAGAZINE

VOOR FINANCIEEL ADVISEURS

Uitgave van VVP Nederland

82e jaargang

nhoud

UITGEVER EN HOOFDREDACTEUR

Willem Vreeswijk 06-10630149,

willem@vvponline.nl

(EIND)REDACTEUR

Toon Berendsen 06-12907930,

toon@vvponline.nl

PERSBERICHTEN, REACTIES, IDEEËN

vvp@vvponline.nl

REDACTIE-ADRES

Wapendragervlinder 29, 3544 DL Utrecht

SENIOR ACCOUNTMANAGER/TRAFFIC

Sara Hattink, 06 8110656

sara@vvp-online.nl

7

Robin van Beem

Woongenot verzekerd?

10

Mark de Bruijn

Hoeveel Wft-advies

kan een klant aan?

ABONNEMENTENSERVICE

abonneeservice@vvponline.nl

WEBSITE www.vvponline.nl

SPECIAL VERZEKERD WONEN

Deze special verschijnt in een oplage van

6.000 exemplaren en is mede tot stand

gekomen in samenwerking met a.s.r., Inpact,

Nationale-Nederlanden en Onderlinge

Nederland. Deze editie is tevens uitgebracht

als e-zine.

NABESTELLINGEN

Sara Hattink, sara@vvp-online.nl

Advertentieplaatsingen worden uitgevoerd

overeenkomstig ‘De Regelen 2022 Stichting

ROTA’

16

Eveline Ruinaard

AOV in ieder

adviesgesprek

18

Erna Knipscheer

Financiële psychologie

COPYRIGHT VVP Nederland, 2025

VORMGEVING/PREPRESS

Peter Beemsterboer, Beemsfoto

DRUK

Damen Drukkers, Werkendam. Deze uitgave is

gedrukt op FSC-papier

ISSN: 1388-2724

24

Barry Vermeeren

Financiële kwetsbaarheid

40

Jos Besselink

Dat éne telefoontje...

2 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025


VOORWOORD

Excellent

14

Jesse Canisius

Klimaatschade grote

uitdaging

22

Jasper Horsthuis

Scheidingsadvies

professioneler

48

Marcel Warnaar

Meer transparantie

Had ik dit maar eerder geweten! Dit is vaak de reactie van vrouwen

na een scheiding. Zij krijgen te maken met een koopkrachtdaling

van gemiddeld 21 procent, terwijl mannen er nauwelijks in koopkracht

op achteruit gaan, zo blijkt uit de Emancipatiemonitor van

het CBS. Uit die monitor blijkt onder meer ook dat de helft van

samenwonenden niets vastleggen over hun financiën.

Adviseurs hebben een cruciale rol om de kwetsbare positie van vrouwen na

een scheiding bespreekbaar te maken. Juist al bij de aanschaf van dat droomhuis.

Loop alle belangrijke levensgebeurtenissen goed na en wijs op de – financiële

- risico’s. Niet alleen als gevolg van een scheiding, maar ook na een overlijden,

ziekte, arbeidsongeschiktheid en werkeloosheid. En dat geldt ook voor

klanten met een huurhuis.

Let als adviseur bij je adviesgesprekken ook op je taalgebruik. NHG-bestuurder

Carla Muters: “Van oudsher is de financiële wereld meer een mannenwereld,

en dat sijpelt nog door in het dagelijkse taalgebruik over financiën. Zo

slaan mannen over het algemeen meer aan op technische details en zijn vrouwen

ontvankelijker voor visualisatie en beeldspraak. Ook goed om daar eens

over na te denken, hoe doe ik dat eigenlijk? Hoe inclusief communiceren we eigenlijk

in onze sector?”

Momenteel zijn er zo’n 33.000 daklozen in Nederland. De ‘economisch daken

thuislozen’ worden echter niet meegeteld in deze cijfers, simpelweg omdat

niet bekend is hoe groot deze groep is. Ze raken vaak thuisloos na een levensgebeurtenis

en slapen noodgedwongen bij familie of vrienden op de bank, in

hun auto of in een caravan. Ook deze groep had veel baat gehad bij een goede

adviseur.

Uiteraard is een belangrijke oorzaak de woningnood in Nederland, zeker

als het gaat om huurwoningen in het goedkope segment. Ik schreef al eerder:

“Zou het niet mooi zijn om vanuit de verzekeringssector een betaalbaar huurbeschermingsproduct

in de markt te zetten voor huurders die na een calamiteit

(scheiding, ontslag, overlijden partner) in zwaar weer terecht komen?”

Ondertussen zullen adviseurs hun verantwoordelijkheid moeten nemen.

Jos Besselink (WijZijnLoek) schrijft in deze special: “Ik krijg vaak de vraag wat

het beste moment is om alsnog een AOV te sluiten, rekening houdend met de

aanstaande wetgeving. Mijn antwoord? “Het beste moment was gisteren. Het

op-één-na beste moment is vandaag.”

Het adviesvak is een cruciaal beroep. Deze special Verzekerd Wonen wil adviseurs

inspireren ORV en hypotheekbescherming hoger op de agenda te zetten

en/of te houden. Deze special biedt trends, tips en tools die helpen bij een

excellent adviesgesprek.

Veel leesplezier. n

WILLEM VREESWIJK (VVP)

HOOFDREDACTEUR / willem@vvponline.nl

SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 3


VERZEKERD WONEN

EEN ORV EN WOONLASTENBESCHERMING HOREN BIJ ELK GOED

ADVIES VERZEKERD WONEN. VVP ZET TRENDS, KANSEN EN PRAKTIJK-

TIPS WEER OP EEN RIJ IN DE RUBRIEK ADVIESALERTS! DE ROEP OM DE

ORV BIJ KOPEN ÉN HUREN (WEER) VERPLICHT TE STELLEN, GROEIT.

EN HOE BESTAAT HET DAT LIEFST 44 PROCENT VAN DE HAAGSE

HUISHOUDENS GEEN INBOEDELVERZEKERING HEEFT?!

Adviesalerts!

Verzekerd wonen

TEKST TOON BERENDSEN

Een overlijdensrisicoverzekering was ooit verplicht

bij een hypotheek. Steeds vaker klinkt

de roep om dat weer terug te brengen. Eveline

Ruinaard, voorzitter van de Geschillencommissie

van Kifid, zei onlangs in een interview

op de website van het Verbond van Verzekeraars (en

ze herhaalt dit in deze VVP-special): “Ik hoop dat de

ORV in de toekomst weer verplicht wordt gesteld. Niet

alleen bij koopcontracten, maar ook bij huurovereenkomsten.”

Waarom werd de ORV-verplichting eigenlijk afgeschaft?

Om kwetsbare groepen ook de kans te geven op

een hypotheek. Voor deze groepen was afsluiten van

een ORV niet altijd mogelijk of te duur. Worden deze

groepen dan niet opnieuw op achterstand gesteld als de

verplichting van een ORV terug zou komen? Ja en nee.

De verzekerbaarheid is inmiddels vergroot. Maar er is

op dit vlak ook nog veel te doen. Als de verplichting terug

komt, zou er voor kwetsbare groepen toch wel iets

van een nadere regeling moeten worden bedacht. Helemaal

nu de huizenprijzen zo ontploft zijn dat elke euro

die extra moet worden neergeteld er een te veel kan

zijn om de financiering rond te krijgen.

STANDAARD

Maar neem de ORV als adviseur in ieder geval standaard

mee in het adviesgesprek, zoals ook Ruinaard bepleit.

“Dat geldt breed in de verzekeringsportefeuille en

zeker ook bij hypotheekadviseurs. Als er geen adviseur

tussen zit, zou de verzekeraar het op moeten pakken.

Uit onderzoek naar de overlijdensrisicoverzekering in

opdracht van het Verbond van twee jaar geleden bleek

dat mensen informatie over de ORV bij voorkeur willen

krijgen van hun verzekeraar of financieel adviseur.

Daarom is het essentieel dat als verzekeraars met klanten

in contact zijn, ze voorlichting geven en bij verzekerden

navragen of ze over de ORV hebben nagedacht.”

Naar aanleiding van de uitkomsten van het onderzoek

dat Ruinaard aanhaalt, lanceerde het Verbond eerder

dit jaar een toolkit ORV. Heeft u daar als eens naar

gekeken? Het Verbond: “Zo is er een basistekst beschikbaar

waarin verzekeringsvragen worden beantwoord

zoals ‘Wat is een overlijdensrisicoverzekering?’ en ‘Wat

is het verschil met een uitvaartverzekering?’. Ook bevat

de toolkit de testimonial van Nicole. Zij verloor haar

partner onverwacht tijdens een vakantie. Door de ORV

kunnen zij en haar kinderen in hun huis blijven wonen.”

De kit is te vinden op de website van het Verbond

onder de naam Toolkit Communicatie ORV.

AAN DE OREN TREKKEN

Verhalen vertellen, is ook de ervaring van adviseurs,

blijkt een hele goede manier om mensen te wijzen op

risico’s waar ze eigenlijk liever niet bij stilstaan. De aan-

4 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025


VERZEKERD WONEN

koop van een huis is gericht op leven, niet op vroegtijdig

sterven, ziek worden, uit elkaar gaan. Maar benadruk

dat een goede financiële voorziening ervoor zorgt

dat men zelf of als nabestaande in ieder geval financieel

prettig verder kan leven.

Maar het mag best wat sturend zijn. In drie leuke

troonrede-podcasts van Dazure, waarin adviseurs Karima

Rijkse, Patrick Brands en Jeroen Wolfsen aan het

woord kwamen (te vinden op Spotify onder ‘Wat als adviseurs

koningen waren?’), zegt Wolfsen over klanten

die een ORV afhouden: “Dan moet je ze op hun donder

geven en aan de oren trekken net zo lang tot ze tekenen.

Iedereen kan de premie betalen, anders hoor je

geen huis te kopen.”

In de podcasts wordt er terecht op gewezen dat

huurders een verwaarloosde groep zijn als het gaat om

de ORV. Helemaal omdat juist zij een groot risico lopen.

Iemand met een eigen woning kan deze desnoods

verkopen en met de overwaarde een tijd vooruit. Huurders

hebben dat niet. Sinds een paar jaar is er vanuit de

sector gelukkig meer aandacht voor deze groep gekomen,

maar feit is en blijft dat nog steeds relatief weinig

huurders een ORV hebben. Hier is nog genoeg werk

aan de winkel dus.

IS HET HIER OORLOG?

Wie had nog maar een paar jaar geleden kunnen denken

dat er weer oorlog zou dreigen? Laten we vooral

hopen dat we in vrede kunnen blijven leven, maar hoe

zit het eigenlijk met de uitkering van een ORV mocht

het onverhoopt toch tot oorlog komen?

Het verzekerde bedrag wordt dan verlaagd. Verzekeraars

hanteren daarbij een percentage van tien procent

in hun voorwaarden. Maar afhankelijk van de

ernst van de situatie kan de minister een ander percentage

bepalen. Dit op grond van de Noodwet Financieel

Verkeer. Het is ook deze wet die verlaging van het verzekerde

kapitaal dicteert.

SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 5


VERZEKERD WONEN

Mocht de schade uiteindelijk minder blijken, als de

oorlog eenmaal uitgewoed is, wordt berekend of de verlaging

geheel of gedeeltelijk ongedaan kan worden gemaakt.

Maar nogmaals, hopelijk blijft ons de oorlogsellende

bespaard.

WOONLASTENBESCHERMING

Woonlastenbescherming kwam in Nederland op in de

in jaren negentig met name via buitenlandse spelers,

met als een van de leidende partijen Cardif (inmiddels

opererend onder de naam BNP Paribas Cardif). Deze

verzekeraar heeft de focus inmiddels verlegd naar zijn

Hypotheek Aflos Verzekering. Deze lost een groot deel

van de hypotheek af als men arbeidsongeschikt raakt.

Een betere oplossing dan de traditionele woonlastenbeschermer?

Zoals wel vaker geldt ook hier dat de financiële

en in dit geval ook gezondheidssituatie van de

klant goed in kaart gebracht moet worden. Maar ja, dat

is toch ook bij uitstek het terrein van de financieel adviseur?

De Hypotheek Aflos Verzekering kan in een aantal

gevallen überhaupt niet worden gesloten. De website

leest: “Is een van de onderstaande kenmerken op u van

toepassing? Dan kunt u de Hypotheek Aflos Verzekering

niet afsluiten: u bent zelfstandig ondernemer, u

hebt een fysiek zwaar en/of risicovol beroep, zoals stukadoor,

dakdekker of havenarbeider, uw BMI is lager

dan 18 of hoger dan 32.”

Bijvoorbeeld TAF kent wel een maandlastenbeschermer

voor zelfstandig ondernemers met een eigen

woning (risicodrager in dit geval is Quantum Leben).

44 PROCENT ONVERZEKERD?

Recent onderzoek door Purpose in opdracht van de

gemeente Den Haag en het Verbond van Verzekeraars

concludeert dat liefst 44 procent van de huishoudens

in de Residentie geen inboedelpolis heeft. Dat klinkt

onwaarschijnlijk; uit de jongste Consumentenmonitor

van de AFM blijkt dat landelijk iets meer dan driekwart

van de huishoudens een inboedelpolis heeft. Verder onderzoek

in alle grote steden lijkt dan ook gewenst. Alle

grote steden, want daar is dan mogelijk hetzelfde aan

de hand. In Den Haag zijn het volgens de onderzoekers

‘Heeft u al eens gekeken

naar de toolkit ORV van

het Verbond?’

WATER AAN DE LIPPEN

Overstromingsschade kan volgens recent onderzoek

door het Centraal Planbureau (CPB) maken

dat veel huishoudens het financiële hoofd niet boven

water kunnen houden. Het CPB: “Wanneer een

overstroming daadwerkelijk optreedt, kan de schade

voor huiseigenaren – ook met verzekering of

tegemoetkoming vanuit de overheid – oplopen tot

tienduizenden euro’s; bij ongeveer een derde van

deze huishoudens overstijgt deze schade hun financiële

draagkracht.”

Door verzekeringspremies of hypotheekrentes

te differentiëren naar risico, kunnen huishoudens

volgens het CBP worden gestimuleerd om mitigerende

maatregelen te nemen (zoals een waterbestendige

vloer, verhoogde elektrische installaties,

drempels en dorpels), wat bijdraagt aan het terugdringen

van de huidige – en naar verwachting

groeiende – risico’s en daarmee gepaarde verzekeringspremies.

“Daarnaast”, aldus het CPB, “is het van belang

dat overheid en verzekeraars vooraf meer duidelijkheid

bieden aan huishoudens over de te verwachten

overheidstegemoetkoming en verzekeringsdekking

in geval van overstromingsschade.”

vooral mensen met een migratieachtergrond, arbeidsmigranten

en mensen in een (sociale) huurwoning) die

geen inboedelverzekering hebben. Er zijn ook zorgen

om studenten. Deze bevolkingsgroepen zijn ook in andere

grote steden flink vertegenwoordigd.

Is er inderdaad sprake van zo’n enorm ‘lek’ bij de

inboedelverzekering (en AVP, want daarvoor geldt hetzelfde

volgens het onderzoek), dan lijkt snelle, gerichte

actie gewenst.

De Haagse cabaratier Sjaak Bral in zijn column in

het Algemeen Dagblad: “Dit zijn geen cijfers, maar tijdbommen

in het leven van gewone mensen. Zodra er

water uit het plafond stroomt of een explosie je straat

doet trillen, wordt voor velen pas duidelijk dat die verzekering

geen overbodige luxe is maar de enige buffer

tussen jou en de financiële afgrond.

“Het betalen van een premie lijkt misschien een

kostenpost, maar dat is het niet. Het is een investering

in iets dat steeds zeldzamer dreigt te worden: gemoedsrust.

Tuurlijk, je kunt in het leven niet alles verzekeren.

Maar helemaal niets verzekeren is een flinke dosis zelfbedrog.

De vraag is niet óf het gebeurt, maar wanneer.

Zeker in Den Haag.”

Als verzekeraars gelijk inhuren die man voor een

campagne inboedelverzekering en AVP! n

6 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025


VERZEKERD WONEN

Woongenot

verzekerd?

U KENT ZE WEL, KLANTEN ZOALS JEROEN. DIE ALTIJD VOOR EEN DUBBELTJE OP DE

EERSTE RANG WIL ZITTEN. JEROEN VRAAGT U OM ALLEEN EEN HYPOTHEEK VOOR HEM TE

REGELEN. GRAAG MET ZO LAAG MOGELIJKE LASTEN. VERZEKERINGEN OM RISICO’S VAN

INKOMENSVERLIES DOOR OVERLIJDEN, ARBEIDSONGESCHIKTHEID OF WERKLOOSHEID AF TE

DEKKEN? LIEVER NIET, WANT DUUR. HOE GAAT U DAAR ALS ADVISEUR MEE OM?

TEKST ROBIN VAN BEEM, BRANDMR

De Wft stelt specifieke eisen aan een hypotheekadvies.

U moet een klantprofiel opstellen,

waaruit de wensen en behoeften

van de klant blijken en ook zijn risicobereidheid.

Dus beoordeelt u niet alleen

de inkomenspositie van uw klant op dat

moment, maar ook zijn inkomenspositie of die van zijn

partner bij overlijden van een van hen, bij arbeidsongeschiktheid

of bij werkloosheid. Als uit die beoordeling

volgt dat de klant in die gevallen de maandlast van de

hypotheek niet meer kan dragen, dan bespreekt u met

hem de mogelijkheid om die risico’s af te dekken. Bijvoorbeeld

met verzekeringen.

Daarbij was er één verzekering die in elk geval altijd

op de lijst stond van te sluiten producten: de ORV.

Want het sluiten van die verzekering was een verplich-

SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 7


VERZEKERD WONEN

Robin van Beem:

‘Niet alleen een kwestie

van zorgplicht, maar

ook van beroepseer.’

FOTO PETER BEEMSTERBOER

ting van de bank. Dat is tegenwoordig niet meer zo.

Dus kan de klant op dat punt een keuze maken. Het

kan zijn dat u samen met de klant vaststelt dat hij het

risico ook op een andere manier kan beperken.

In dit geval stelt u echter vast dat Jeroen en zijn

partner het risico van inkomensverlies niet kunnen

dragen. Maar Jeroen laat u weten dat hij de benodigde

verzekeringen toch niet wil sluiten. U ziet de bui al

hangen. Als in de toekomst het besproken risico zich

voordoet, dan klopt Jeroen of zijn partner bij u aan

met een zorgplichtclaim. Dus u legt schriftelijk vast

in uw rapport: “Wij bespraken de mogelijkheid om

een overlijdensrisicoverzekering en een woonlastenbeschermer

te sluiten. U heeft laten weten dat u daar

geen behoefte aan heeft.” Daarmee is de kous af. Toch?

ZORGPLICHT ORV

Het lijkt logisch dat op deze manier de kwestie voldoende

is afgehandeld en vastgelegd. En dat wat er verder

ook gebeurt, dit de eigen verantwoordelijkheid is

van de klant. Toch is dat niet vanzelfsprekend de uitkomst

van procedures over dit soort kwesties. Zoals

u weet, dient u zich volgens de jurisprudentie op het

gebied van zorgplicht als een redelijk bekwaam en re-

8 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025


VERZEKERD WONEN

delijk handelend adviseur te gedragen. Dat betekent

onder andere dat u moet waken voor de belangen van

uw klanten. Die zorgplicht vloeit voort uit de overeenkomst

van opdracht die u met uw klant sluit.

De omvang van de zorgplicht hangt dus af van de

aard van de opdracht, de afspraken die u met uw klant

maakt en de verwachtingen die u wekt. Uit deze zorgplicht,

maar ook uit de Wft, vloeit voort dat u er in elk

geval voor moet zorgen dat uw klant voldoende geïnformeerd

is om een weloverwogen beslissing te nemen om

een verzekering wel of niet te sluiten. Daar hoort bij dat

u de klant moet waarschuwen voor risico’s die hij loopt

bij een keuze die afwijkt van uw advies. Dat waarschuwen

mag niet in te algemene woorden gebeuren. De

Hoge Raad heeft (in een ander verband) al eens bepaald

dat als er plicht geldt om te waarschuwen, er wel sprake

moet zijn van een effectieve waarschuwing. Wat is dat

dan? Dat is een waarschuwing die zodanig is, dat deze

leidt tot een daadwerkelijke gedragsverandering.

ACTIEVE ROL VOOR ADVISEUR

Die norm zie je ook wel terugkomen in uitspraken over

zorgplicht. Bijvoorbeeld bij zaken over het niet naleven

van in de polis voorgeschreven preventiemaatregelen.

In dergelijke zaken hebben rechters wel geoordeeld

dat het onvoldoende is om alleen op een preventieclausule

te wijzen. De rechter verlangt van een adviseur

dat hij de klant ook uitdrukkelijk wijst op de gevolgen

die kunnen optreden als niet aan de clausule voldaan

wordt. Dus u kunt niet alleen volstaan met de mededeling:

“Uw auto moet voorzien zijn van een SCM-klasse 3

alarm”. U zult de klant er ook op moeten wijzen dat het

niet voldoen aan deze eis ertoe kan leiden dat er geen

recht op dekking is.

Dat geldt dus ook in onze voorbeeldsituatie. Als

u alleen in algemene termen in uw rapport benoemt

dat is gesproken over een ORV en dat de klant daarvan

heeft afgezien, dan kan een rechter dat als onvoldoende

indringende waarschuwing zien. Want u dient

de klant te wijzen op de risico’s die hij daadwerkelijk

loopt. Dus moet u Jeroen uitdrukkelijk voorhouden dat

als hij zou komen te overlijden, zijn partner niet in de

woning kan blijven wonen.

VERZWAARDE STELPLICHT

Als u een klant op deze manier indringend waarschuwt,

dan is het ook nog van belang dat u deze waarschuwing

goed schriftelijk vastlegt. De stelplicht en bewijslast

dat sprake is van een beroepsfout rust op grond van de

hoofdregel van bewijslastverdeling op de klant. Maar

uit jurisprudentie volgt dat in het geval van zelfstandige

beroepsbeoefenaren zoals assurantietussenpersonen

er wel een zogenoemde ‘verzwaarde stelplicht’

‘U dient de klant te

wijzen op de risico’s die

hij daadwerkelijk loopt’

op de beroepsbeoefenaar kan rusten. De beroepsbeoefenaar

is namelijk degene die het volledige dossier behoort

bij te houden en daarmee degene in wiens risicosfeer

de bewijsstukken zich bevinden. Als uit het dossier

niet blijkt dat de klant schriftelijk gewaarschuwd

is, dan kan de rechter ervan uitgaan dat die waarschuwing

niet gegeven is.

BEROEPSEER

Wat als Jeroen ook na een dergelijke indringende waarschuwing

niet bereid is om uw advies te volgen? In dit

soort gevallen is van belang wat de situatie is. Stel: een

klant kan kiezen tussen optie A en B. Volgens uw advies

is A de best passende keuze. B is de mindere keuze,

maar is goedkoper en is op zich ook nog wel afdoende.

Als de klant dan kiest voor optie B, kunt u dat met een

gerust hart voor hem regelen.

Maar in ons voorbeeld is het niet sluiten van een

ORV voor Jeroen geen realistische optie. En er zijn ook

geen andere mogelijkheden om het risico van inkomensverlies

af te dekken. Dan ben ik van mening dat u

als onafhankelijk en professioneel adviseur moet zeggen

dat u zijn keuze niet voor hem kunt uitvoeren, omdat

die keuze evident in strijd is met zijn belang. Net

zoals ik als advocaat tegen een klant zal moeten zeggen

dat ik geen procedure voor hem zal voeren als ik

daar geen redelijke kans van slagen in zie. Ook al wil de

klant per se dat ik dat voor hem doe.

Dat is niet alleen een kwestie van zorgplicht, maar

(vooral) ook van beroepseer. U moet er toch niet aan

denken dat u door een nabestaande wordt aangesproken

omdat zij noodgedwongen haar huis moet verkopen?

Dan voelt het voor u zelf ook niet lekker als u

moet zeggen: ‘Ja, maar hij wilde het zelf zo.’ En in de

praktijk zal het doorgaans zo zijn dat uw waarschuwing

inderdaad leidt tot de gewenste gedragsverandering.

Want als u, bij uitstek de vertrouwenspersoon van de

klant, hem op het hart drukt dat het echt in zijn belang

is om een bepaalde keuze te maken, dan zal de klant

dat advies ter harte nemen. n

Robin van Beem is Manager Zakelijk – Advocaat bij BrandMR.

SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 9


OPINIE

Met de invoering van de Wft is op het

gebied van hypothecair krediet het

begrip ‘langjarige betaalbaarheid’

centraal komen te staan. Via wettelijk

leennormen, opleidingen en

audits is de bewustwording binnen

de hele keten dat er een zorgplicht is die tot doel heeft

te voorkomen dat consumenten, door onvoorziene levensgebeurtenissen,

in betalingsproblemen raken met

leningen die bij het aangaan nog wel betaalbaar leken.

Dit beleid is zonder meer succesvol geweest. Het

aantal consumenten met een hypotheek dat in betalingsproblemen

komt, behoort tot het laagste in Europa.

Het aantal gedwongen huisuitzettingen als gevolg van

niet oplosbare betalingsproblemen is minimaal. Recente

cijfers van het BKR illustreren dit duidelijk. Eind juni

2025 hadden 30.000 Nederlanders een betalingsachterstand

van minimaal drie maanden op hun hypotheek.

Dit is ‘slechts’ 0,21 procent van de Nederlandse bevolking

van achttien jaar en ouder. Ook het aantal personen

met een restschuld na verkoop van de woning bevindt

zich met 11.600 eind juni 2025 op een laag niveau.

KLANTEN DIE LANG HEBBEN GEZOCHT, WAARSCHIJN-

LIJK HEBBEN OVERBODEN EN IN DE MEESTE GEVALLEN

AAN DE GRENS VAN HUN LEENCAPACITEIT ZITTEN, HEB-

BEN WANNEER ZIJ BIJ DE ADVISEUR ZITTEN MAAR ÉÉN

INTERESSE: ‘KRIJGEN’ WIJ DE LENING WEL OF NIET?

DE ADVISEUR DIE IN DIE FASE BEGINT OVER ZAKEN ALS

DUURZAAMHEID, RELATIEBEËINDIGING, ARBEIDSONGE-

SCHIKTHEID EN WERKLOOSHEID, KRIJGT NIET DE AAN-

DACHT DIE DEZE ONDERWERPEN VERDIENEN.

TEKST MARK DE BRUIJN, NVHP

BEWUST MAKEN

Kijken wij vervolgens naar de oorzaken waardoor deze

mensen toch in betalingsproblemen zijn gekomen, dan

blijken relatiebeëindiging en verlies van inkomen de

belangrijkste te zijn. Oorzaken waar de financieel adviseur

in de adviesfase van het krediet geen invloed op

heeft. Wel kan de adviseur voor een deel invloed hebben

om het financieel risico verbonden aan deze oorzaken

beheersbaar te maken. Deels, want een verzekering

tegen de gevolgen van relatiebeëindiging bestaat nog

niet en ik verwacht ook niet dat op korte termijn daar

iemand een innovatief financieel product voor ontwikkelt.

Wat wel kan is dat de adviseur zijn klanten bewust

maakt van wat beide partners afzonderlijk maximaal

zouden kunnen lenen.

Financiële producten kun je onderscheiden in ‘haalproducten’

en ‘brengproducten’. Haalproducten zijn

de producten waarbij de consument snel het initiatief

neemt om zelf dit product aan te schaffen. Een autoverzekering

is daarvan een voorbeeld. Ook de hypotheek

zelf is een voorbeeld van een ‘haalproduct’.

‘Brengproducten’ zijn producten die de adviseur met de

nodige overredingskracht onder de aandacht van consumenten

moet brengen. In het verleden werd deze

overredingskracht wel eens aangeduid als ‘het overwinnen

van koopweerstanden’. Die betiteling doet geen

recht aan een van de belangrijkste taken van het professionele

intermediair: het signaleren van financiële

10 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025


OPINIE

Hoeveel Wftadvies

ineens kan

een klant aan?

risico’s voor de klant, het informeren van de klant over

de impact wanneer dit risico hem treft om vervolgens

de klant te begeleiden in een weloverwogen keuze of

hij dit risico wil, maar nog belangrijker, kán nemen.

Woonlastenverzekeringen zijn typische brengproducten.

Er zijn nu eenmaal weinig consumenten die

een goed beeld hebben van de kans dat deze risico’s

hen treft en de impact die dat dan zal hebben.

ORV

Van de risico’s van werkloosheid, arbeidsongeschiktheid

en overlijden is de laatste een bijzondere. Waar de

andere risico’s gelukkig vaak van tijdelijke aard zijn en

er vaak perspectief op verbetering bestaat is de situatie

van overlijden altijd definitief zonder perspectief.

Wij zien dat het aantal ORV’s dat in combinatie

met een hypothecair krediet wordt afgesloten sterk is

gedaald sinds NHG deze verzekering als voorwaarde

voor het kunnen aanschaffen van een hypotheek heeft

laten vervallen. Deze ontwikkeling was ook direct in de

‘niet-NHG’ markt zichtbaar. Steeds vaker ontstaan er

nu schrijnende situaties waarbij sprake is van een overlijden

zonder vangnet voor de nabestaanden. Dat zowel

de adviseur als de klant onvoldoende aandacht hebben

voor het belang van de ORV heeft meerdere oorzaken.

Een van de oorzaken is dat de relatief lage maandpremie

van deze verzekering er bij consumenten toe leidt

dat de (vaak extra) kosten van een goed onderbouwd

advies als erg hoog worden ervaren.

We kunnen het blijven proberen. Ik heb geen hoge

verwachtingen dat wij erin slagen om in een gesprek al

deze onderwerpen zodanig bij de consument in beeld

te krijgen dat deze op al deze onderwerpen een weloverwogen

beslissing neemt.

’Op tweede adviesgesprek

inzetten’

TWEEDE GESPREK

Als dit niet blijkt te kunnen in één gesprek, waarom

zouden wij het dan niet in twee gesprekken doen? Bijvoorbeeld

het tweede gesprek drie maanden nadat

de overdracht heeft plaatsgevonden en de hypotheek

goed is geregeld. Natuurlijk, in die drie maanden kan

er ook van alles gebeuren. Dat kan met voorlopige dekkingen

met minimale verklaringen rondom gezondheid

en arbeidssituatie opgevangen worden. De kunst

zal alleen zijn om de klant na deze drie maanden weer

naar het kantoor te krijgen. Ook daar zijn verschillende

oplossingen voor te bedenken. Net als de vraag

op welke wijze je dit tweede gesprek financieel voor de

klant aantrekkelijk kan maken. De kernvraag die rest

ten aanzien van een oplossing is of zowel wetgever,

toezichthouder als sector bereid zijn te komen tot een

open dialoog om samen tot een oplossing voor de overlijdensrisicoproblematiek

te komen. De NVHP wil deze

dialoog graag faciliteren. n

Mark de Bruijn is voorzitter van de Nederlandse Vereniging

van Hypothecair Planners (NVHP).

SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 11


PARTNER IN KENNIS

KLIMAATVERANDERING HEEFT EEN GROTE IMPACT OP ONZE

WOONOMGEVING EN HEEFT STEEDS MEER MERKBARE GEVOLGEN.

DESONDANKS ZIJN VEEL NEDERLANDSE HUISEIGENAREN ZICH IN

MINDERE MATE BEWUST VAN DE GEVOLGEN VOOR HUN EIGEN WONING,

ZOALS HITTESTRESS. DIT BLIJKT UIT EEN ONDERZOEK, DAT ONDER 2015

WONINGEIGENAREN IS UITGEVOERD DOOR MARKTEFFECT, IN OPDRACHT

VAN NATIONALE-NEDERLANDEN. HANS BUURSINK (DOMEIN LEAD

HYPOTHEKEN NATIONALE-NEDERLANDEN BANK) EN ADRIE HEINSBROEK

(MANAGER SUSTAINABILITY BUSINESS NN GROUP) LICHTEN DEZE SITUATIE

TOE EN VERTELLEN OVER DE AANPAK VAN NATIONALE-NEDERLANDEN.

Adviseurs en Nationale-Nederlanden:

Krachten en kennis bundelen

voor klimaatbestendig wonen

TEKST INEKE SLOB

Woningeigenaren (48 procent)

ervaren grote zorgen

op het gebied van

klimaatverandering. Het

is een complex probleem dat niet eenvoudig

is op te lossen vanwege de vele

en diverse aspecten. Maatregelen zijn

noodzakelijk, maar worden voornamelijk

korte termijn gericht genomen.

Denk aan het voorkomen van hoge

energiekosten of bijvoorbeeld hitte in

huis. In dit kader worden door huiseigenaren

de volgende aanpassingen veel

overwogen en toegepast: Het gebruik

van regenwater voor de tuin, het plaatsen

van zonnewering, het isoleren van

de woning, ventilatiesystemen en het

installeren van airconditioning.

REDENEN OM IN ACTIE TE KOMEN

“Motiverende redenen om daadwerkelijk

maatregelen te nemen zijn vooral

van financiële aard”, aldus Hans. Adrie:

“Belemmeringen om actie te ondernemen

ontstaan vaak door onzekerheid

bij consumenten, het wachten op betere

technieken, het gebrek aan kennis en

het wachten op andere/duidelijke(re)

regelgeving. Veel eigenaren, met name

degenen die zich (veel) zorgen maken,

wensen betrouwbare en begrijpelijke informatie,

maar ook persoonlijk advies

op maat en financiële steun, zoals subsidie,

een lening of korting.”

DESKUNDIGE INFORMATIE

“De meerderheid van de huiseigenaren

die hulp wenst, richt zich in eerste

instantie tot de gemeente/overheid”,

zegt Hans. “In algemene zin kunnen zij

veel informatie delen en verwijzen naar

deskundige instanties. eigenaren die

informatie vragen bij een hypotheekverstrekker,

zoals Nationale-Nederlanden,

verwachten vooral inzicht over

de financiële voordelen. Van de hypotheekadviseur

wordt hulp verwacht bij

het combineren van een hypotheek en

een duurzaamheidslening, uitleg over

subsidies en meedenken over de financiering

van de mogelijke maatregelen.”

In het onderzoek is gekeken in hoeverre

Nederlandse woningeigenaren

zich bewust zijn van klimaatverandering,

hoe zij hier op dit moment mee

omgaan en in hoeverre zij zich in staat

voelen om hierin zelfstandig stappen

te ondernemen. In het onderzoeksrapport

lees je de antwoorden op de kernpunten:

• Welke duurzame klimaataanpassingen

zijn er genomen of overweegt

men?

• Wat zijn de drijfveren en barrières

om de woning aan te passen aan het

veranderende klimaat?

• In hoeverre voelt men zich in staat

om zelfstandig stappen te zetten na

informatie en advies van een intermediair?

KLANTEN ONDERSTEUNEN

“Klimaatverandering is een ecologische,

sociale én economische uitdaging”, aldus

Adrie. “Het is Nationale-Nederlan-

12 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025


NATIONALE-NEDERLANDEN

Hans Buursink: ‘Motiverende redenen om daadwerkelijk maatregelen

te nemen zijn vooral van financiële aard.’

Adrie Heinsbroek: ‘Klimaatverandering is een ecologische, sociale

én economische uitdaging.’

den er veel aan gelegen om haar klanten

te ondersteunen en voor te bereiden

op de mogelijkheden die er zijn voor

comfortabeler, gezonder en duurzamer

wonen, niet alleen vanuit het oogpunt

van risico’s.

Een belangrijk uitgangspunt van

Nationale-Nederlanden is: een toekomstbestendige

woning begint bij

klanten die zelf aan het roer staan. In

samenwerking met de hypotheekadviseur

bieden wij inzicht en praktische

tips rond maatregelen en financieringsmogelijkheden.

Zo helpen we klanten

met vertrouwen stappen te zetten

naar een toekomstbestendige woning

op een manier die past bij hun leven en

budget.”

ADVIESROLLEN

“Alhoewel de primaire verantwoordelijkheid

voor het realiseren van een klimaatbestendige

woning bij de woningeigenaar

ligt, zijn er veel gemeentelijke

subsidies voor het klimaatbestendig

maken van je woning”, aldus Hans.

“Ook verwijzen zij naar professionele

bedrijven die benodigde aanpassingen

kunnen realiseren.”

Hans vervolgt: “Uit het onderzoek

blijkt dat er bij klimaataanpassingen

niet veel van de adviseur wordt verwacht,

terwijl die naar onze mening

wel degelijk een belangrijke rol kunnen

vervullen. Er is in de markt veel informatie

over verduurzamen beschikbaar,

alleen is die op veel verschillende

plekken te vinden om klanten te helpen.

Nationale-Nederlanden werkt op

dit gebied samen met adviseurs, zodat

zij consumenten overzichtelijk tips en

informatie kunnen bieden om de juiste

stappen te kunnen ondernemen. In

het Klimaatrisico Dashboard, een handige

tool, heeft Nationale-Nederlanden

deze informatie gebundeld. Daarmee

kunnen de Accountmanagers van Nationale-Nederlanden

de hypotheekadviseur

inzichten bieden over hun klantenbestand/portefeuille.

Zij kunnen met

deze informatie hun klanten veel beter

adviseren welke maatregelen noodzakelijk

zijn bij de aankoop of verbouwing

van hun huis. De tool geeft veel inzichten

over de regio tot op wijkniveau.”

GOED RESULTAAT

“In het kader van duurzaamheid en

door de mogelijkheden die er zijn in

kaart te brengen, is Nationale-Nederlanden

doorlopend bezig oplossingen te

vinden die werken”, aldus Adrie. “Wat

verwacht de maatschappij van ons? Een

nauwe samenwerking binnen Nationale-Nederlanden

én tussen Nationale-

Nederlanden en de diverse adviseurs

is daarbij cruciaal. Nadenken over vragen

wat nodig is en wat werkt, waaraan

hebben onze klanten behoefte.”

Hij vervolgt: “Als adviseur ontwikkel

je een expertrol op het gebied van

klimaat om klanten te kunnen binden.

Denk bijvoorbeeld aan het moment

dat klanten een woning gaan kopen of

gaan verbouwen. Met het onderwerp

toekomstbestendig wonen kun je dan

veel waarde toevoegen aan je adviesgesprek..

Nationale-Nederlanden beschikt

over een ruim, gedegen netwerk

van gespecialiseerde bedrijven. Deze

waardeketen is een kracht van Nationale-Nederlanden.

Dat is ook een onderdeel

van onze rol en maatschappelijke

verantwoordelijkheid.”

WAT KUN JE ALS HUISEIGENAAR DOEN?

“Nationale-Nederlanden zorgt ervoor

dat consumenten weten hoe ze risico’s

kunnen herkennen en welke stappen ze

zelf kunnen nemen om hun huis kostenbesparender

en toekomstbestendig

te maken”, zegt Hans. “Huiseigenaren

kunnen via het stappenplan Aan

de slag: wat kun je zelf doen? in het online

magazine van Nationale-Nederlanden

hun woonsituatie in kaart brengen

en meteen aan de slag met praktische

tips.”

Adrie: “Het voortdurend vooruitdenken

en zoeken naar duurzame oplossingen

is mogelijk dankzij nauwe, intensieve

samenwerking met veel partijen

binnen én buiten onze branche.”

“Het adviseren en overbrengen van

kennis, snel schakelen, kunnen meebewegen

met de behoeften uit de markt,

onze kennis, dat is de kracht van Nationale-Nederlanden”,

besluit Hans. n

SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 13


VERZEKERD WONEN

“BESTE VERZEKERAARS, CREËER EEN ‘INCLUSIEVE DEKKING’

MET PREVENTIE ALS KERNONDERDEEL VAN DE POLIS.” DIE

BOODSCHAP GEEFT JESSE CANISIUS, KANTOORDIRECTEUR

ALPINA BOCHOLTZ, MEE AAN VERZEKERAARS. VVP

VROEG JESSE NAAR TRENDS, TIPS EN ACTUALITEITEN

WOONVERZEKERING. “DE KLANT BIJSTAAN ALS ADVISEUR EN

SCHADEREGISSEUR, DÁT BLIJFT CRUCIAAL.”

Klimaatschade is

een grote uitdaging

SAMENSTELLING TOON BERENDSEN

Welke trends zie je bij woonverzekeringen?

“De woonverzekeringen hebben een sterke premiestijging

ondergaan. De inflatie heeft effect op het schadeherstel,

met name door hogere kosten van arbeid en

materiaal.

“Klimaatverandering zorgt voor extreem weer,

meer schade door stormen, overstromingen en extreme

weersomstandigheden.

“Verzekeraars gaan strenger kijken naar risico’s

(onderhoud, materiaalkeuze, locatie).

“Dekking wordt meer gedifferentieerd. Er komen

meer modules of aanvullende dekkingen specifiek voor

risico’s, zoals waterschade, natuurrampen, duurzaamheidsmaatregelen

(bijvoorbeeld zonnepanelen).

Wat zou je verzekeraars willen meegeven bij de verzekering

van inboedel en opstal? Wat kan er beter?

“Inspelen op de consumentenverwachtingen. Mensen

verwachten transparantie, heldere voorwaarden, goede

service, snelle afhandeling. Voor een deel daarvan kunnen

ze uiteraard bij hun adviseur terecht. Echter, dit

wordt gesterkt door een snel en accuraat acterende verzekeraar.

Zaken zoals dekkingen voor mobiele elektronica,

verduurzamingsmaatregelen en overstromingsrisico

raken de consument en vragen hun aandacht.

Beste verzekeraars, creëer een ‘inclusieve dekking’ met

preventie als kernonderdeel van de polis. Veel schades

zijn ook te voorkomen, maar preventie wordt nog te

weinig beloond.”

PROBLEEM GROEIT SNEL

Klimaatschade is een issue aan het worden. Welke oplossingen

adviseer jij aan je klanten?

“Klimaatschade is een grote uitdaging en het probleem

groeit snel. Als adviseur kun je klanten helpen niet alleen

beter verzekerd te zijn, maar vooral weerbaarder

te worden tegen schade door storm, water, hitte of

droogte.

“Fysieke preventie helpt op de eerste plaats. Storm:

versteviging van daken met stormhaken, snoeien van

bomen, professionele bevestiging van zonnepanelen.

Water: terugslagkleppen, drempelverhoging, waterdoorlatende

bestrating of liefst meer groen om wateroverlast

tegen te gaan. Hitte: groene daken, zonwering

en ventilatie.“Verzekeringstechnische oplossingen

– slim verzekeren tegen klimaatschade. Niet alles

is te voorkomen, dus controle en bewustwording bij de

klant is essentieel. Check je dekking en laat je helpen

bij het vergelijken op de inhoud en niet op de prijs.

“Klimaatadaptatie, structureel anders omgaan met

risico. Let op gebruik van materialen die beter tegen

vocht en warmte kunnen. Ga in gesprek met de buurt

en gemeente om zaken beter aan te pakken.”

14 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025


VERZEKERD WONEN

WATERSNOOD

In Limburg hebben jullie in 2021 een watersnood gehad.

Lang niet iedereen – met name ondernemers – bleek

goed verzekerd. Is dat inmiddels verbeterd? En tegen

welke (premie)prijs?

“Onze regio werd hard getroffen. Inmiddels is er een

grotere bewustwording. Verzekeraars hebben zich ook

meer open en expliciet uitgesproken. Het percentage

van onverzekerden in onze regio daalt nu. Gelukkig

hadden wij ten tijde van deze watersnood geen klanten

die we niet schadeloos konden stellen. Er zijn wel gevallen

bekend die hun verzekeringen hebben aangepast

en andere aanbieders hebben genomen. De prijs die

daarvoor betaald moet worden is dan wel hoger, maar

onontkoombaar.”

Verduurzaming staat hoog op de maatschappelijke

agenda. Vind jij dat verzekeraars hun producten voldoende

snel aanpassen aan de ontwikkelingen, zowel

particulier als zakelijk?

“Nee, verzekeraars bewegen wel degelijk richting verduurzaming

maar tegelijkertijd gaat dat langzaam

en ongelijkmatig. Daar waar verduurzaming snelheid

vraagt, biedt de verzekeringswereld nog te veel voorzichtigheid.

Het gebrek aan risicodata, comlexe ketens

van alle partijen waar verzekeraars van afhankelijk zijn

en de traditionele rol als vergoedingsinstelling die men

neemt is daar debet aan.”

SLURPDEKENS

Preventie is belangijk bij schadeverzekeringen. Hoe stimuleren

jullie dit?

“In gesprek met relaties de wijsheid ‘beter voorkomen

dan genezen’ bespreken helpt daarbij. Verzekeraars

hebben preventievoorwaarden en de opvolging daarvan

zie ik voor ons al een belangrijke taak. Voor de particuliere

markt hebben we ook wel eens rookmelders en

slurpdekens uitgereikt. Maar als we samen preventie

kunnen belonen, dan zouden we verder komen.”

Noem een paar recente bijzondere schadegevallen

woonverzekering en hoe jullie de klant hier hebben weten

te helpen?

“Laat ik er een uitpikken. Een bijzondere inbraak bij

een opticien waarbij aan flinke waarde buit gemaakt is.

De klant bijstaan als adviseur en schaderegisseur, dát

blijft cruciaal. De juiste betrokken partijen, vaak lokale

spelers, direct kunnen inschakelen en de voortgang en

opvolging bewaken. Dat maakt dat je aan het einde van

de rit een dik compliment ontvangt van je relatie. En

dat is toch het mooist, nietwaar?” n

Jesse Canisius: ‘Daar waar

verduurzaming snelheid

vraagt, biedt de

verzekeringswereld nog te

veel voorzichtigheid’

SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 15


OPINIE

PRATEN OVER DE DOOD IS MISSCHIEN

ONGEMAKKELIJK. TOCH MOETEN

FINANCIEEL ADVISEURS EN OOK

VERZEKERAARS HET GESPREK OVER DE

OVERLIJDENSRISICOVERZEKERING (ORV)

VAKER EN NADRUKKELIJKER VOEREN.

TEKST EVELINE RUINAARD, KIFID

BEELD WIEBE KIESTRA FOTOGRAFIE

Het is de taak van een financieel adviseur

om te inventariseren wat een klant wil als

het gaat over een ORV en om de klant te

wijzen op de risico’s bij overlijden. Financieel

adviseurs, verzekeraars, banken én

hun klanten staan te weinig stil bij deze risico’s en wat

de gevolgen kunnen zijn als een ORV ontbreekt. In de

Kifid-praktijk zien we met regelmaat dat die gevolgen

schrijnend kunnen zijn. De ontstane situatie is dan zelden

terug te draaien.

DE HARDE REALITEIT

Bijvoorbeeld mensen die een hypotheek oversluiten via

de meeneemregeling waarbij de ORV niet wordt meegenomen.

Dit kan rampzalig zijn als iemand komt te

overlijden. Een concreet voorbeeld: een echtpaar dat

samen een hypotheek met variabele rente heeft afgesloten

voor hun woning. Na vijftien jaar overlijdt de

vrouw en staat de man er alleen voor. Daar komt bij

dat hij zijn werk verliest. De maandelijkse lasten van de

hypotheek - inmiddels gestegen vanwege de variabele

rente - kan hij niet meer voldoen en hij moet de woning

verkopen (GC 2024-0774).

Of een stel dat de maandelijkse woonlasten wil verlagen.

Op advies van hun financieel adviseur sluiten ze

een volledig nieuwe hypotheek ‘inclusief alles’ en vertrouwen

erop dat, evenals bij de oude hypotheek, een

overlijdensrisicoverzekering is inbegrepen. Vragen

hierover aan de adviseur blijven gedurende drie maanden

onbeantwoord en uiteindelijk blijkt er geen ORV

te zijn. Ondertussen is bij de vrouw borstkanker met

uitzaaiingen geconstateerd. Hierdoor kan zij geen overlijdensrisicoverzekering

sluiten tot het moment dat zij

een periode van vijf jaar is ‘schoon verklaard’. Het stel

maakt zich ernstige zorgen over de betaalbaarheid van

de hypotheek mocht zij overlijden (GC 2025-0635).

16 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025


OPINIE

Maak de ORV

altijd onderwerp

van gesprek

TE WEINIG BEKEND OF NIET BEWUST

De voorbeelden illustreren dat, hoewel de ORV onverplicht

is sinds 2020, de risico’s onverminderd hoog kunnen

zijn. Helaas zijn weinig mensen zich hiervan bewust,

totdat een partner wegvalt. De achterblijvende

partner, al dan niet met kinderen, moet de woonlasten

(hypotheek of huur) en overige kosten voor levensonderhoud

alleen opbrengen. Lukt dat niet dan is verkoop

van de woning of op zoek gaan naar een woning met

lagere huur onvermijdelijk. In 2023 hadden nog maar

drie op de tien consumenten een overlijdensrisicoverzekering

volgens onderzoek in opdracht van het Verbond

van Verzekeraars. Belangrijke redenen om geen

ORV af te sluiten waren ‘onbekendheid met de ORV’ en

de overtuiging dat er ‘voldoende financiële buffer’ is.

MEENEMEN IN ONDERHOUDSGESPREK

Het allerbeste scenario zou zijn de ORV weer opnieuw

verplicht maken, bij zowel koop- als huurwoningen. Zolang

dat niet het geval is: laat de ORV altijd onderwerp

van gesprek zijn. Uit het hiervoor genoemde onderzoek

blijkt dat mensen informatie over de ORV bij voorkeur

willen krijgen van hun verzekeraar of financieel adviseur.

Consumenten met een financieel adviseur mogen

verwachten dat hij of zij standaard de ORV meeneemt

in een onderhoudsgesprek. Dat geldt breed in de verzekeringsportefeuille

en zeker ook bij hypotheekadviseurs.

Is er geen adviseur, dan zou de verzekeraar het

op moeten pakken. Daarom is het essentieel dat verzekeraars

in contact met hun klanten voorlichting geven

en navragen of ze over de ORV hebben nagedacht.

In de huursector zouden verhuurders hiervoor verantwoordelijkheid

kunnen nemen. Er is een veelgebruikt

standaard model huurcontract. Het zou mooi

zijn als verhuurders in dit contract aan het eind een

standaardzin toevoegen waarbij aan huurders gevraagd

wordt om na te denken over het afsluiten van een ORV.

Dit alles om schrijnende gevallen te voorkomen.

‘Het allerbeste scenario

zou zijn de ORV weer

opnieuw verplicht maken’

HANDREIKING

Het Verbond van Verzekeraars heeft een praktische

toolkit om het gesprek over de ORV met uw klanten

nadrukkelijk aan te gaan. Heeft u hier al gebruik

van gemaakt? Of heeft u eigen communicatiemiddelen?

Staat het onderwerp ‘risico’s na overlijden van

uzelf of uw naasten’ bij u op de agenda van het periodiek

onderhoudsgesprek? Wellicht dat er op deze punten

verbeteringen mogelijk zijn en kunt u daar werk

van maken. In het belang van uw klanten en hun welbevinden.

En wellicht helpt het voorkomen dat mensen

in een schrijnende situatie bij Kifid aankloppen, omdat

de ORV niet of onvoldoende aan de orde is geweest. n

Eveline Ruinaard is voorzitter van de Geschillencommissie

Kifid.

SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 17


VERZEKERD WONEN

Erna Knipscheer:

‘Adviseur heeft

waardevolle taak als

gids in onzekerheid.’

18 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025


VERZEKERD WONEN

WONEN IS MEER DAN EEN DAK BOVEN HET HOOFD. HET IS

EEN PLEK VAN VEILIGHEID, IDENTITEIT EN HERINNERING.

EN VERZEKEREN IS MEER DAN EEN POLIS AFSLUITEN. HET IS

EEN MANIER OM DIE VEILIGE PLEK TE BESCHERMEN TEGEN

ONVOORZIENE GEBEURTENISSEN. TOCH BLIJKT IN DE PRAKTIJK

DAT KLANTEN LANG NIET ALTIJD RATIONELE KEUZES MAKEN

ALS HET GAAT OM HET AFDEKKEN VAN RISICO’S.

Financiële

psychologie in de

verzekeringspraktijk

TEKST ERNA KNIPSCHEER | BEELD NIKÉ CREATIEF

Financiële psychologie biedt waardevolle inzichten

in het waarom achter deze keuzes en

hoe adviseurs hier effectief op kunnen inspelen.

In dit artikel verkennen we drie situaties

waarin psychologische mechanismen een cruciale

rol spelen:

1. De risicoperceptie van klanten bij het wel of niet afsluiten

van verzekeringen.

2. De emotionele impact van het verliezen van de woning

door onvoldoende verzekering.

3. De rol van de adviseur gezien vanuit de financiële

psychologie.

WAAROM KLANTEN ANDERS KIEZEN DAN WENSELIJK

Verzekeringen zijn bedoeld om financiële risico’s af te

dekken. Toch kiezen klanten er regelmatig voor om bepaalde

risico’s niet te verzekeren. Dit betreft ook risico’s

die ze niet zelf kunnen dragen. Denk aan het niet

afsluiten van een overlijdensrisicoverzekering bij een

hypotheek, het afzien van een AOV door een zelfstandig

ondernemer, of simpelweg onderverzekerd of tegen

zeer beperkte condities verzekerd zijn bij schade.

COGNITIEVE BIASES DIE KEUZES BEÏNVLOEDEN

Volgens de Prospect Theory van Kahneman en Tversky

wegen mensen verlies zwaarder dan winst. Dat zou in

theorie juist moeten leiden tot een grotere bereidheid

om risico’s af te dekken. In de praktijk zien we het tegenovergestelde.

Dat komt omdat mensen bijvoorbeeld

de volgende irrationele denkfouten (biases) maken bij

hun besluit om wel of niet voor een bepaald risico een

verzekering af te sluiten:

• Optimism bias: mensen hebben de neiging om te

denken dat hen niets zal overkomen. “Ik ben gezond,

ik heb een vaste baan, ik doe voorzichtig.”

Deze overschatting van de eigen controle leidt tot

onderschatting van risico’s die klanten lopen.

• Availability bias: als een klant recentelijk een schadegeval

in de omgeving heeft meegemaakt dan is

het risico tastbaar en wordt verzekeren logischer.

Is dat niet het geval dan lijkt het risico abstract en

onwaarschijnlijk waardoor de klant minder snel een

verzekering hiervoor zal afsluiten.

SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 19


VERZEKERD WONEN

• Status quo bias: veranderen van de huidige situatie,

en dus ook het afsluiten of aanpassen van een verzekering,

kost mentale energie. Klanten stellen het

afsluiten van een verzekering uit of zeggen “ik kijk

er later wel naar” en vervolgens gebeurt er niets.

• Temporal discounting: de premiekosten van een verzekering

zijn direct voelbaar terwijl het voordeel

pas in de toekomst ligt. In het geval van een verzekering

is het ook nog eens onduidelijk of de verzekerde

gebeurtenis wel zal voorvallen en de verzekering

ooit zijn nut bewijst. Dit maakt het afsluiten

van een verzekering minder aantrekkelijk. Zeker als

het maandbudget al onder druk staat.

• Loss aversion: Klanten ervaren het betalen van premies

als een verlies terwijl het verzekerde voordeel

nog hypothetisch is. In combinatie met de hiervoor

genoemde irrationele denkfouten (biases) versterkt

dit de neiging om de risico’s te negeren en dus geen

verzekering af te sluiten.

Voor adviseurs is het essentieel om deze denkfouten

te herkennen en bespreekbaar te maken. Niet door de

klant te overtuigen maar door de klant inzicht te geven

in het eigen denkproces. Een adviesgesprek over risico’s

wordt effectiever als het niet alleen over cijfers gaat

maar ook over menselijk gedrag.

ROUW ALS GEVOLG VAN FINANICIËLE KEUZES

Wanneer een klant onvoldoende verzekerd is en door

een calamiteit of inkomensverlies noodgedwongen

moet verhuizen, raakt hij of zij vaak meer kwijt dan alleen

een woning. De woonplek is een bron van emotionele

veiligheid, sociale verbondenheid en persoonlijke

identiteit. Het verlies van de woonplek kan leiden

tot een rouwproces dat vergelijkbaar is met het verlies

van een dierbare. Mensen hechten emotionele waarde

aan bezittingen en woonomgeving. Het verlies daarvan

raakt aan de kern van het zelfbeeld en de levensstructuur.

‘Door klant beter te begrijpen,

kunnen we voorkomen

dat financiële keuzes leiden

tot persoonlijk leed’

Wanneer een klant door financiële omstandigheden

ongewild zijn thuis verliest dan verloopt dat verlies

vaak als een rouwproces. In eerste instantie is er vaak

ontkenning. De klant probeert het verlies te minimaliseren

en klampt zich vast aan de hoop dat er nog een

oplossing komt. Misschien kan de klant nog ergens een

lening afsluiten, geldt er een uitzondering of krijgt de

klant een onverwachte meevaller?

Als die hoop vervliegt, kan boosheid de overhand

krijgen. Die boosheid richt de klant soms op zichzelf

maar ook de adviseur of de omstandigheden kunnen de

schuld krijgen: “Waarom heeft niemand mij er eerder

op gewezen dat ik niet goed verzekerd ben of dat mijn

polis of geen dekking biedt?”

Vervolgens begint de klant te onderhandelen met

de realiteit, in een poging het verlies terug te draaien.

Er wordt druk uitgeoefend op de adviseur en/of de

verzekeraar en soms gezocht naar juridische wegen.

Wanneer duidelijk wordt dat de oude situatie niet terugkomt,

kan dit besef doorslaan in verdriet. Machteloosheid,

schuldgevoel en somberheid kunnen de klant

overspoelen.

Pas wanneer de klant deze emoties enigszins heeft

verwerkt dan ontstaat er ruimte voor acceptatie. In de

acceptatiefase kan de klant weer vooruitkijken, plannen

maken en stap voor stap bouwen aan een nieuwe

woonplek en een nieuw toekomstperspectief.

Voor adviseurs is het belangrijk om te herkennen in

welke fase(n) van het rouwproces de klant zich bevindt.

Niet elke klant doorloopt deze fasen lineair zoals hierboven

beschreven. Emoties kunnen fluctueren en rationele

gesprekken zijn dan niet altijd mogelijk. Juist in

deze kwetsbare fase is het empathische handelen van

de adviseur cruciaal om de klant te kunnen begeleiden.

PREVENTIE VANUIT FINANCIËLE PSYCHOLOGIE

Om klanten te helpen hun risico’s beter te begrijpen

en te voorkomen dat ze bijvoorbeeld hun woning verliezen,

is het belangrijk dat adviseurs niet alleen financiële

kennis inzetten maar ook inzichten uit de financiële

psychologie. Preventie begint bij het menselijke

klantgesprek en niet bij de gegevens van het te verzekeren

risico. Door risico’s niet als abstracte kansberekeningen

te presenteren maar als concrete real life scenario’s

wordt het risico tastbaar en emotioneel relevant

voor de klant. Dit noemen we in de financiële psychologie

framing van risico’s. Bijvoorbeeld: “Wat gebeurt er

met uw woonsituatie als u zes maanden geen inkomen

heeft?” Klanten reageren beter op deze beelden en verhalen

dan op cijfers.

Kleine gedragsinterventies ofwel het gebruik van

nudging, zoals bijvoorbeeld het standaard aanbieden

van een risicoanalyse of het visueel maken van moge-

20 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025


VERZEKERD WONEN

lijke gevolgen, kunnen klanten subtiel in de richting

van verstandige keuzes duwen. Door de gevolgen te

visualiseren wordt het emotionele brein van de klant

geactiveerd waardoor het gevoel van urgentie wordt

vergroot. Denk aan simulaties, ervaringen van andere

klanten of interactieve tools die laten zien wat er gebeurt

bij onverzekerde risico’s.

Ook het opsplitsen van complexe beslissingen in

overzichtelijke stappen helpt. Bijvoorbeeld eerst aandacht

voor inkomensbescherming en daarna voor vermogensbescherming.

Zo voorkom je keuzestress en

vergroot je de kans dat klanten daadwerkelijk in actie

komen. Door deze gecombineerde aanpak ontstaat bij

de klant niet alleen een beter begrip van risico’s maar

ook een fundament voor duurzame financiële vitaliteit.

ALS HET TOCH MISGAAT

Wanneer een klant zijn woonplek verliest door financiële

omstandigheden is het niet voldoende om enkel

met rationele adviezen te komen. In zo’n situatie heeft

de klant vooral behoefte aan erkenning van het verlies.

Een empathische reactie zoals “ik zie dat dit u diep

raakt” is dan veel krachtiger dan een analyse van wat er

anders had gekund.

De adviseur speelt een belangrijke rol in het helpen

herdefiniëren van het klantperspectief. Wat is er nog

wel mogelijk en welke stappen kunnen nu worden gezet

om weer grip te krijgen op de situatie? Soms is het

nodig om andersoortige professionals te betrekken zoals

maatschappelijk werkers, wooncoaches of de huisarts,

zeker wanneer de situatie psychologisch complex

is. De adviseur hoeft het niet alleen te doen maar is wel

vaak degene die het proces in gang zet.

Op persoonlijk vlak is het belangrijk dat de adviseur

zorgt voor een veilige gespreksomgeving waarin

de klant zich gehoord en gesteund voelt. Een open houding,

rustige toon en ruimte voor emoties maken hierin

het verschil.

Daarnaast helpt het om regelmatig kritisch te reflecteren

op de eigen rol. Zijn er signalen gemist en is

er voldoende doorgevraagd? Deze zelfreflectie draagt

bij aan betere klantgesprekken in de toekomst. Tot

slot is het van grote waarde als de adviseur ook na het

verlies beschikbaar blijft voor de klant. Bijvoorbeeld

bij het opstellen van een herstelplan, het zoeken naar

nieuwe woonmogelijkheden of het herstructureren van

de financiële situatie. Juist in die nazorg ligt vaak de

sleutel tot herstel.

MENSELIJKE GIDS

Wonen en verzekeren raken aan de kern van het menselijk

bestaan: veiligheid, toekomst en menselijke identiteit.

Financiële psychologie leert ons dat klanten niet

Erna Knipscheer:

‘Juist in nazorg ligt de

sleutel tot herstel’

altijd rationeel handelen en dat emoties, overtuigingen

en denkfouten een grote rol spelen in hun keuzes.

Voor adviseurs ligt hier een kans en een verantwoordelijkheid.

Door de klant beter te leren begrijpen,

kunnen we niet alleen betere adviezen geven, maar ook

voorkomen dat financiële keuzes leiden tot persoonlijk

leed. En als het dan toch misgaat dan heeft de adviseur

een waardevolle taak als gids in onzekerheid. Ook dat

is een belangrijk onderdeel van het verzekeringsadvies

dat bestaat uit preventiemaatregelen, risico’s verzekeren

en menselijke ondersteuning van de klant. Ook, of

moeten we zeggen juist als de verzekeringspolis niet

uitkeert. n

Erna Knipscheer is oprichter van Financieel Vitaal Opleidingen,

dé specialist in opleidingen financiële psychologie.

SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 21


VERZEKERD WONEN

SCHEIDINGSADVIES IS BOOMING. MIJN EERSTE ADVIES IS:

VOLG DE LEERGANG REGISTER ERKEND SCHEIDINGSADVISEUR.

DAARMEE LEG JE EEN STEVIGE BASIS. DAARNA IS HET EEN

KWESTIE VAN ERVARING OPDOEN: DOOR SCHEIDINGEN TE

BEGELEIDEN LEER JE HET MEEST. ZORG ER WEL VOOR DAT JE

EEN NETWERK VAN DESKUNDIGEN OM JE HEEN HEBT, ZODAT

JE ALTIJD KUNT SPARREN BIJ INGEWIKKELDE VRAGEN.

Scheidingsadvies

steeds professioneler

TEKST JASPER HORSTHUIS, OPRICHTER DE SCHEIDINGSDESKUNDIGE

Als oprichter van De Scheidingsdeskundige

begeleid ik zelf geen scheidingen meer.

Bij De Scheidingsdeskundige hebben we al

ruim tien jaar als missie om de kwaliteit van

scheidingsbegeleiding in Nederland te verbeteren

door opleidingen en praktijkondersteuning

te bieden aan professionals die betrokken zijn bij het

scheidingsproces. Dagelijks krijgen we wel veel praktijkvragen

voorgelegd door de bij ons aangesloten professionals.

Die vragen variëren van juridisch, financieel

en/of fiscaal complexe scheidingskwesties tot emotionele

dilemma’s.

Van buitenaf kan het lijken alsof een scheidingsprofessional

vooral veel drama meemaakt. Dat beeld wil ik

graag nuanceren. In veel mediations werken cliënten

juist heel constructief samen. Vaak willen ze, vooral in

het belang van hun kinderen, tot goede afspraken komen.

Natuurlijk zijn er ook conflicten – dat hoort erbij.

Het is immers een emotionele periode waarin cliënten

verkeren.

Vaak ontstaan spanningen omdat er in de relatie

geen duidelijke afspraken zijn gemaakt. Denk bijvoorbeeld

aan een investering met privégeld in de gezamenlijke

woning. Zolang alles goed gaat, is dat geen

probleem, maar bij een scheiding hebben beide partijen

ineens tegengestelde belangen. Doordat de afspraken

niet helder zijn en de wetgeving niet altijd houvast

biedt, kan de discussie hierover hoog oplopen. Wij helpen

onze leden om in zulke situaties tóch met hun cliënten

naar werkbare oplossingen te zoeken.

STEEDS KRITISCHER

Het beroep van scheidingsprofessional is geen beschermd

beroep. Dat betekent dat iedereen zich scheidingsprofessional

mag noemen – en daardoor gaan er

soms echt zaken mis. Denk bijvoorbeeld aan onverwachte

fiscale naheffingen na een scheiding. Onduidelijke

of onvolledige afspraken leiden bovendien tot onnodige

procedures.

Het goede nieuws is dat mensen steeds kritischer

worden. Ze beseffen dat een scheiding een ingrijpend

proces is en dat deskundige begeleiding belangrijk is.

Gelukkig zien we dat steeds meer professionals hun

kennis actief bijspijkeren door opleidingen te volgen.

We zijn dus op de goede weg, maar er is nog ruimte

voor verbetering.

Een keurmerk is er al: het Register Erkend Scheidingsadviseur.

Alleen professionals die een pittige opleiding

met zowel schriftelijk als mondeling examen

succesvol hebben afgerond, mogen zich hierbij aansluiten.

Het register telt inmiddels zo’n 200 leden. Het zou

mooi zijn als iedereen die scheidingen begeleidt zich

hierbij zou aansluiten. Hierdoor wordt de kwaliteit van

scheidingsbegeleiding geborgd.

22 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025


VERZEKERD WONEN

FINANCIEEL RELATIE ADVIES

Wat mij de laatste jaren steeds meer bezighoudt, is dat

wij als scheidingsprofessionals vaak pas in beeld komen

wanneer het eigenlijk al te laat is. Vooral bij samenwoners

zien we dat er vaak geen duidelijke afspraken zijn

gemaakt ‘tijdens de rit’. Het gevolg is dat één van de

partners – meestal de vrouw – na een relatiebreuk met

lege handen achterblijft.

Als de relatie eenmaal voorbij is, is er weinig ruimte

meer om dat nog te repareren. Daarom vind ik het

belangrijk dat we het gesprek over de risico’s van een

mogelijke scheiding veel eerder voeren, bijvoorbeeld op

het moment dat mensen een huis kopen, kinderen krijgen

of andere grote financiële beslissingen nemen.

Om hieraan bij te dragen heb ik samen met docent

Jacqueline van der Vorm de leergang Financieel Relatie

Advies ontwikkeld. Ons doel is financieel adviseurs te

leren hoe zij stellen tijdens de relatie kunnen begeleiden

en helpen om goede, eerlijke afspraken te maken.

Hierdoor weten partners waar zij aan toe zijn bij een

eventuele relatiebeëindiging.

VEILIGE SFEER CREËREN

Wat ik heb geleerd: je kunt nooit precies voorspellen hoe

cliënten na de scheiding met elkaar omgaan. Het stel dat

dacht vrienden te blijven, kan jaren later alsnog ruzie

krijgen – en andersom kan na een moeizame scheiding

juist een goede verstandhouding ontstaan. Als scheidingsprofessional

kun je ook niet alles voorkomen.

Wat je wél kunt doen, is bij de scheidingsbegeleiding

de moeilijke gesprekken niet uit de weg gaan. Beter wat

spanning tijdens het traject dan ellende achteraf.

Wat mij in de praktijk altijd hielp, was de ontwikkeling

die ik bij mijn cliënten zag. Waar er bij de eerste

afspraak meestal tranen of spanning aan tafel waren,

werd er tegen het einde van het traject vaak gelachen,

omdat mensen weer perspectief zagen. Dat geeft ontzettend

veel voldoening.

Ik deed ook mijn best om een prettige, veilige sfeer

te creëren en duidelijke verwachtingen te scheppen:

zeggen wat je doet en doen wat je zegt. Dat voorkomt

een hoop gedoe en geeft rust.

VERDIENMODEL

Veel scheidingsprofessionals werken met een uurtarief

of vaste prijsafspraak. Daarnaast zijn veel

van hen aangesloten bij de Raad voor Rechtsbijstand,

waardoor ze gesubsidieerde rechtsbijstand

kunnen aanvragen voor cliënten met een lager inkomen.

Zo blijft goede begeleiding bij scheiding

voor iedereen toegankelijk.

Jasper Horsthuis:

‘Gesprek over

scheidingsrisico’s veel

eerder voeren’

Een gedegen financiële en fiscale kennis omtrent alle

aspecten van een scheiding is onontbeerlijk. Hiermee

kun je écht het verschil maken als professional. Daarbij

dien je alert te zijn op onevenwichtige afspraken, bijvoorbeeld

uit schuldgevoel van een van beide ex-partners.

Zorg ervoor dat je je cliënten goed informeert

over de wettelijke kaders zodat ze weten waar ze ‘ja’ of

‘nee’ tegen zeggen. Goede, duidelijke afspraken vastleggen

is vervolgens cruciaal: onduidelijkheid is een bron

van conflicten en mogelijke rechtszaken. n

SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 23


VERZEKERD WONEN

IN NEDERLAND OVERLIJDEN JAARLIJKS DUIZENDEN MENSEN ONVER-

WACHT OP EEN LEEFTIJD TUSSEN 20 EN 50 JAAR, MET INGRIJPENDE

EMOTIONELE ÉN FINANCIËLE GEVOLGEN VOOR HUN NABESTAANDEN.

OF ER WEL OF GEEN OVERLIJDENSRISICO-VERZEKERING (ORV) IS, MAAKT

DAN EEN GROOT VERSCHIL. DE PODCAST STERVEDING MAAKT MET

INDRUKWEKKENDE VERHALEN DUIDELIJK HOE GROOT DAT VERSCHIL IS.

Podcast Sterveding

legt financiële

kwetsbaarheid bloot

TEKST BARRY VERMEEREN, DAZURE

Dankzij een ORV-uitkering kunnen nabestaanden

beter rouwen, zonder stress over

geld of inkomen. Toch is de ORV voor veel

mensen een onbekende verzekering, vooral

onder mensen die niet bij een financieel adviseur

aanschuiven. Zoals huurders. Daarnaast kiezen

steeds meer mensen er, ondanks advies, bewust voor

om geen ORV af te sluiten. Pas bij ziekte of overlijden

ontstaat paniek: hoe staan we er financieel voor?

• Acht jaar geleden had nog 60 procent van de hypotheeksluiters

een ORV

• Nu is dat nog maar 25 procent

• Onder huurders heeft slechts vijftien procent een

ORV – velen hebben er zelfs nog nooit van gehoord

HET BELANG VAN EEN ORV

In de podcast praat ik openhartig met nabestaanden

over rouw en liefde. Samen kijken we terug op hoe zij

die eerste periode na het verlies zijn doorgekomen. In

elke aflevering komen ook de financiële gevolgen van

het overlijden ter sprake. Hoe belangrijk is de overlijdensrisicoverzekering

eigenlijk? Alle verhalen zijn indrukwekkend

en uniek. Drie jaar en 23 afleveringen

verder zou ik er zo een boek over kunnen schrijven.

Een aantal voorbeelden:

Marleen: volledige hypotheek was gedekt.

Marleen en Hans hadden een tweeling van vijf jaar oud

toen Hans zich regelmatig niet goed voelde. Tot Hans

uiteindelijk op de intensive care belandde, midden in

de coronacrisis. Marleen was hoogzwanger. Ze mocht

bevallen in hetzelfde ziekenhuis, om zo dichtbij mogelijk

te zijn. Helaas is Hans overleden en bleef Marleen

achter met een baby en de tweeling. Ondanks het immense

verdriet is ze heel erg dankbaar dat hun financieel

adviseur hen ooit op het hart had gedrukt om het

volledige bedrag van de hypotheek te verzekeren in de

ORV. Hierdoor had zij geen geldzorgen, kwam zij toe

aan rouw en was ze er volledig voor de kinderen.

Jetze: geldzorgen bovenop rouw

Jetze’s vriendin Linda overleed onverwacht, tien dagen

na de geboorte van hun dochter Sarah. Jetze vond haar

op de grond in de babykamer; ze werd met spoed naar

het ziekenhuis gebracht. Daar overleed ze aan de gevolgen

van een hersentumor. Niemand wist dat ze ziek

was. Er was financieel niets geregeld. Jetze kon niet

gaan werken met een pasgeboren baby om voor te zor-

24 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025


VERZEKERD WONEN

gen. Hij moest verhuizen naar een nog goedkoper huurhuis

en zocht hulp bij budgetbeheer. Het waren zware

jaren, en Sarah kreeg niet altijd de zorg en aandacht die

zo belangrijk zijn voor de ontwikkeling van een baby.

Inmiddels doet ze het goed op school en Jetze heeft

zijn vrachtwagenrijbewijs gehaald. Maar zijn financiële

ellende had voorkomen kunnen worden als hij destijds

een ORV had afgesloten toen ze gingen samenwonen.

Jetze had er nog nooit van gehoord. Schrijnend.

Cristel: dankzij de ORV ruimte om te rouwen

Cristel verloor op jonge leeftijd haar man Joe, nadat zij

als tiener ook haar ouders al had verloren. Dankzij de

ORV-uitkering kon zij tijdelijk stoppen met werken, de

tijd nemen voor haar rouwproces en er zijn voor haar

zoontje van anderhalf. Die ademruimte maakte voor

haar het verschil. Joe wilde eigenlijk geen ORV afsluiten,

hij geloofde niet in verzekeren. Op zijn sterfbed heeft hij

gezegd dat hij daar toch erg blij mee was. Cristel helpt

nu anderen die worstelen met rouw of vastlopen in het

leven. Als ze terugkijkt ziet ze duidelijk hoe belangrijk

de ORV was om de vrouw te worden die ze nu is.

Deborah: ons huis is ons thuis

Na een paar turbulente jaren was Dylan veranderd van

een gelukkige, zorgzame partner in een man die het leven

niet meer begreep. Hij was net opgenomen in een

gesloten afdeling vanwege psychoses, toen hij wist te

ontsnappen. Dylan was zeven weken lang vermist. In

de podcast vertelt Deborah hoe dankbaar ze is dat er

een ORV was: zij en haar twee dochters konden in hun

huis blijven wonen, in hun vertrouwde buurt en school.

Het is erg belangrijk om in je huis te kunnen blijven, er

bestaat geen betere plek om te rouwen.

Marianne: de berooide weduwe

Paradijsvogel Marianne is na het overlijden van haar

man een strijder geworden. Ze wil andere vrouwen

waarschuwen. Ze had ooit een geweldige baan maar

werd tijdens haar huwelijk financieel steeds afhankelijker

van haar man. Hij verdiende genoeg geld om in luxe

te leven. Ze stopte met werken en hield zich niet bezig

met de financiën. Toch bleek dat het er niet zo rooskleurig

voor stond. Pas nadat haar man plotseling overleed,

bleek dat er geen financieel vangnet voor haar

was. Geen ORV, alleen maar schulden. Ze moest alles

van waarde verkopen en verhuizen. Dit wenst ze niemand

toe, daarom strijdt ze voor meer financiële bewustwording

voor vrouwen.

Barry: zij was kostwinner

Barry en Lisette hadden een nieuwbouwhuis gekocht en

daarbij een ORV afgesloten. Nog geen jaar later moest

Barry Vermeeren: ‘Ook

in een huurwoning is een

orv van groot belang.’

hij gebruikmaken van deze verzekering. Lisette kreeg

een zeer zeldzame vorm van kanker, het ging ongelooflijk

snel allemaal. Brandweerman Barry bleef achter

met dochtertje Kaat en zij konden gelukkig wel in het

nieuwbouwhuis gaan wonen. Zonder de ORV-uitkering

had hun leven er heel anders uitgezien, want “Lisette

was dik kostwinner”, zegt Barry in Sterveding. Van Barry

is een aangrijpend videoportret gemaakt, zie kader.

SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 25


VERZEKERD WONEN

INZICHTEN

De geïnterviewden geven allemaal aan dat het financiële

aspect vaak onderbelicht blijft. Het is ontzettend

belangrijk om geen financiële zorgen te hebben boven

op de rouw. Als die er wel zijn, ervaar je nog veel meer

stress. Een ander thema dat vaak aan bod komt is: hulp

vragen. Dat blijkt voor veel mensen lastig, maar als je

dit eenmaal doet, merk je hoe fijn het is. Mensen helpen

graag.

Daarnaast vertelt iedereen dat praten helpt: met

lotgenoten, familie of professionals. Het luisteren naar

verhalen van anderen biedt herkenning en steun. “Je

gaat jezelf beter begrijpen door verhalen van een ander,”

zei Deborah. De podcastgasten vinden het fijn om

hun verhaal te delen, zeker als het verlies al een paar

jaar geleden is. Mensen denken soms dat je het dan wel

verwerkt hebt, maar voor rouw staat geen tijd. Het leven

wordt nooit meer zoals het was. Blijf ernaar vragen

en luister aandachtig.

VIDEOPORTRET

Voor extra bewustwording is dit jaar een kort videoportret

gemaakt van Barry Broertjes, één van de

eerste gasten in Sterveding. De vijf minuten durende

film is aangrijpend en laat je nadenken over je eigen

situatie. Dit werkt goed voor extra bewustwording.

Wie het videobestand wil

gebruiken voor voorlichting of

klantgesprekken, kan het opvragen

via sterveding@dazure.nl.

Kijk zelf via de QR-code of op

www.dazure.nl/barry.

‘Het financiële aspect

blijft vaak onderbelicht’

BEWUSTWORDING ONDER HUURDERS: DOE JE MEE?

Sterveding is inmiddels ruim 85.000 keer beluisterd.

Veel luisteraars zullen zich afvragen: hebben wijzelf,

of onze kinderen, het eigenlijk wel goed geregeld? Een

ORV is goed betaalbaar, juist omdat het een tijdelijke

verzekering is. De meeste polissen keren nooit uit. Dat

is precies het principe van verzekeren: met veel mensen

premie betalen, zodat er uitgekeerd kan worden

aan degene die pech heeft.

Ook zonder hypotheek is het belangrijk om een financieel

vangnet te hebben als je partner overlijdt. De

huur en woonlasten moet je ineens alleen dragen. Mensen

die samenwonen in een huurhuis missen informatie

over de ORV, zij zijn vaak niet bij een financieel adviseur

langs geweest.

Zullen we hen massaal die ene vraag gaan stellen?

Ik doe het al. Als ik met iemand in gesprek raak en hoor

dat ze samenwonen in een huurhuis, vraag ik: “Hebben

jullie een overlijdensrisicoverzekering?” Een aantal

kennissen heeft via die weg inmiddels een ORV afgesloten.

Podcast Sterveding helpt hierbij ook. n

Barry Vermeeren is creative brand manager en podcastmaker

bij Dazure.

26 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025


PARTNER IN KENNIS

INPACT

Oude funderingen, hittestress en stijgende bouwkosten zorgen ervoor

dat verzekerd wonen niet langer vanzelfsprekend is. Voor adviseurs ligt

de uitdaging in het verbinden van kennis, data en duiding. Want pas als

risico’s zichtbaar zijn, kun je ze bespreekbaar maken.

Slim verzekerd wonen

begint met inzicht

TEKST EN FOTO HANS KNOL, MD INFOFOLIO

Met de Infofolio Adresscanner

helpt Inpact adviseurs

om binnen enkele seconden

het complete risicobeeld

van een woning te zien én te vertalen

naar concreet advies voor hun klant.

VAN ADRES NAAR INZICHT

Op basis van één adres genereert de

Adresscanner een volledig woonprofiel:

bouwkundige kenmerken, energielabel,

aanwezigheid van zonnepanelen, klimaatrisico’s,

buurtinformatie en financiële

waarden. Zo weet je als adviseur

precies waar de kansen en risico’s liggen.

Neem bijvoorbeeld een woning uit

1926 met energielabel G, met een fundering

die gevoelig is voor paalrot. De

Adresscanner laat zien dat het bouwkundige

risico hoog is. Het advies? Preventief

onderhoud en isolatieverbetering.

Dat verlaagt niet alleen de kans

op schade, maar maakt de woning ook

veiliger en toekomstbestendiger.

Volgens Inpact ligt de kracht van

modern advies in de combinatie van

technologie en menselijk inzicht. Data

laat zien waar je moet kijken, de adviseur

bepaalt wat echt van waarde is.

‘Elke woning heeft een verhaal dat aandacht

verdient.’

KLIMAAT EN OMGEVING

De Adresscanner signaleert steeds vaker

klimaatgerelateerde risico’s: hittestress,

grondwateroverlast of funderingsproblemen.

Voor een woning met

beperkte ventilatie en slechte isolatie

kan hittestress zelfs leiden tot schade

aan interieur en elektronica.

Door deze data direct inzichtelijk te

maken, kan de adviseur klanten helpen

met praktische preventietips – van

ventilatie tot drainage – en wijzen op

mogelijke gevolgen voor premie of acceptatie.

ZEKERHEID BIJ VERANDERING

Het leven verandert. Soms gepland,

soms onverwacht. Een verbouwing, verduurzaming

of verandering in inkomen

kan grote impact hebben op de woonsituatie.

De adviseur die data inzet als

versterking van zijn vakmanschap, biedt

klanten vertrouwen – juist in tijden van

verandering.

Met de Infofolio Adresscanner ziet

de adviseur in één oogopslag waar kansen

en risico’s liggen. Door woningdata

slim te koppelen aan financiële gegevens

kan proactief worden geadviseerd

over maatregelen, dekking en betaalbaarheid.

Zo blijft een klant niet alleen

verzekerd, maar ook comfortabel wonen

– in elke fase van het leven.

WAARDE, DEKKING, ZEKERHEID

Ook financieel brengt de Adresscanner

helderheid. De Adresscanner laat

trends zien in waardeontwikkeling, zodat

adviseurs tijdig kunnen adviseren

over indexclausules of garantiedekking.

DE KRACHT VAN DATA EN ADVIES

De kracht van de Adresscanner zit in de

eenvoud. Eén adres invoeren, één helder

overzicht terug. De technologie werkt

op de achtergrond; de adviseur blijft het

gezicht naar de klant.

Die combinatie van data en duiding

zorgt voor écht verzekerd wonen: veilig,

duurzaam en financieel gezond.

Versnel. Verzeker. Vereenvoudig.

~ Inpact Solutions n

SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 27


VERZEKERD WONEN

HYPOTHEEKBESCHERMING IS EEN ESSENTIEEL ONDERDEEL VAN

FINANCIEEL ADVIES. KLANTEN ZIJN ZICH VAAK ONVOLDOENDE BEWUST

VAN DE RISICO’S DIE HUN WOONLASTEN BEDREIGEN. ALS FINANCIEEL

ADVISEUR KUN JE DOOR INVENTARISATIE, REKENVOORBEELDEN,

MAATWERK EN CONTINUE NAZORG EEN CRUCIALE BIJDRAGE LEVEREN AAN

HUN FINANCIËLE ZEKERHEID. DE TIEN TIPS IN DIT ARTIKEL HELPEN OM DIT

ADVIESPROCES GESTRUCTUREERD EN OVERTUIGEND VORM TE GEVEN.

Adviestips hypotheekbescherming

TEKST CHATGPT

Begin bij de basis: inventariseer de risico’s

Een hypotheekadvies begint altijd met een grondige inventarisatie.

Breng samen met de klant in kaart welke

risico’s spelen. Wat gebeurt er als één van de inkomens

wegvalt? Welke buffers of spaargelden zijn aanwezig?

Hoe groot is de afhankelijkheid van twee inkomens?

Hoe stabiel is de arbeidspositie (bijvoorbeeld vast contract

versus zzp)?

Veel klanten realiseren zich pas tijdens dit gesprek

hoe kwetsbaar hun financiële situatie kan zijn. Door dit

bewustzijn te creëren, leg je een stevig fundament voor

het advies over hypotheekbescherming.

Maak de gevolgen concreet

Klanten begrijpen vaak pas de noodzaak van hypotheekbescherming

wanneer je de gevolgen tastbaar

maakt. Gebruik rekenvoorbeelden: “Als u arbeidsongeschikt

raakt en slechts 70 procent van uw inkomen

overhoudt, dan heeft u maandelijks 400 euro te kort

om de hypotheeklast te betalen.” “Als uw partner komt

te overlijden, dan moet u in uw eentje de volledige lasten

dragen. Uw besteedbaar inkomen daalt dan met 45

procent.”

Concreet rekenen maakt de risico’s invoelbaar en

helpt klanten begrijpen waarom bescherming meer is

dan een extra verzekering.

Leg de verschillen uit tussen producten

Er bestaan verschillende vormen van hypotheekbescherming:

overlijdensrisicoverzekering (keert uit

bij overlijden en kan gekoppeld worden aan de hypotheek),

woonlastenverzekering (dekt (een deel van) de

maandlasten bij arbeidsongeschiktheid of werkloosheid),

arbeidsongeschiktheidsverzekering (vooral relevant

voor zelfstandigen), inkomensverzekeringen of

-aanvullingen (vaak via de werkgever).

Veel consumenten kennen het verschil niet of denken

dat hun pensioenregeling of AOW automatisch bescherming

biedt. Door de verschillen helder uit te leggen,

kunnen klanten een weloverwogen keuze maken.

CRUCIAAL VANGNET

Vergeet de overlijdensrisicoverzekering niet

De ORV is vaak de eerste stap in hypotheekbescherming.

Hoewel deze tegenwoordig niet altijd verplicht is

bij banken, blijft het een cruciaal vangnet. Belangrijke

aandachtspunten:

• Hoogte van het verzekerde bedrag: stem dit af op

het resterende hypotheekbedrag of de behoefte van

de nabestaande.

• Keuze voor gelijkblijvende of dalende dekking.

• Looptijd afstemmen op hypotheekduur.

28 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025


VERZEKERD WONEN

Leg ook uit dat een ORV vaak relatief goedkoop is, zeker

voor jonge gezonde klanten.

Bespreek inkomensbescherming bij arbeidsongeschiktheid

Arbeidsongeschiktheid is een van de grootste risico’s

voor hypotheekhouders. Vooral bij langdurige ziekte

kunnen de financiële gevolgen groot zijn. Werknemers

vallen na twee jaar terug naar een WIA-uitkering

(maximaal 70 procent van het laatstverdiende loon,

vaak minder). Zelfstandigen hebben zonder AOV vaak

helemaal geen vangnet.

Bespreek de mogelijkheden van woonlastenverzekeringen

en AOV’s, en laat zien welk verschil dit kan

maken in de betaalbaarheid van de hypotheek.

WERKLOOSHEID

Let op werkloosheidsrisico’s

Niet alle klanten maken zich zorgen om werkloosheid,

maar in sommige sectoren (bijvoorbeeld bouw, horeca,

flexibele arbeid) is het risico aanzienlijk. Een tijdelijke

woonlastenverzekering kan dan nuttig zijn.

Advies: bespreek altijd de voorwaarden, zoals

wachttijd, uitkeringsduur en uitzonderingen. Zo voorkom

je dat klanten denken beter beschermd te zijn dan

in werkelijkheid.

Houd rekening met gezinssituaties en levensfasen

De behoefte aan bescherming verandert door het leven

heen:

• Starters: vaak beperkt eigen vermogen, hoge afhankelijkheid

van inkomen, dus groot risico.

• Gezinnen met jonge kinderen: extra kwetsbaar

door hoge lasten en afhankelijkheid van twee inkomens.

• Midden- of eindfase hypotheek: mogelijk meer eigen

vermogen en lagere lasten, dus minder noodzaak.

• Pensioenfase: risico’s nemen af, maar overlijdensbescherming

kan nog steeds wenselijk zijn.

Een goed advies houdt rekening met de levensfase en

toekomstige ontwikkelingen.

MAATWERK

Leg nadruk op maatwerk

Geen enkele klant is hetzelfde. Daarom is hypotheekbescherming

altijd maatwerk. Let bijvoorbeeld op:

• Hoogte van de dekking: moet de volledige hypotheeklast

gedekt worden, of slechts een deel?

• Duur van de dekking: kortdurende overbrugging of

langdurige bescherming?

• Kosten-batenanalyse: betaalbaarheid van premies

vs. geboden zekerheid.

‘Logische bouwsteen in

plaats van extra product dat

klant wordt aangesmeerd’

Door maatwerk toe te passen, vergroot je de kans dat

klanten een passende oplossing kiezen die ze ook op

lange termijn kunnen volhouden.

Integreer bescherming in het totaaladvies

Hypotheekbescherming mag geen losstaand onderwerp

zijn. Het hoort in samenhang besproken te worden

met hypotheekvorm en rente, pensioenvoorzieningen,

spaargeld en beleggingen, bestaande verzekeringen

(zoals nabestaandenpensioen via werkgever).

Door hypotheekbescherming integraal onderdeel

te maken van het financiële plan, zien klanten het als

logische bouwsteen in plaats van een extra product dat

hen wordt ‘aangesmeerd’.

Blijf nazorg bieden en actualiseer het advies

Een advies is nooit statisch. Levens veranderen: inkomens

stijgen of dalen, relaties beginnen of eindigen,

kinderen worden geboren, hypotheken worden aangepast.

Zorg daarom voor periodieke evaluatiemomenten.

Klopt de dekking nog met de huidige situatie? Zijn

er veranderingen in wetgeving of productvoorwaarden?

Kan de premie omlaag door een lagere dekking

of door gezondere leefstijl (bijvoorbeeld stoppen met

roken)?

Door proactief nazorg te bieden, versterk je de

klantrelatie en zorg je dat klanten ook op lange termijn

goed beschermd zijn. n

SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 29


VERZEKERD WONEN

VERZEKERD WONEN BEGINT ER MEE DAT JE EEN WONING HEBT.

ONDANKS DE HOGE HUIZENPRIJZEN EN MOGELIJKE VERDERE

AFBOUW VAN DE HYPOTHEEKRENTEAFTREK IS ER VOLGENS

LEIDENDE HYPOTHEEKADVIESKETENS VAAK MEER MOGELIJK

OP DE WONINGMARKT DAN OP HET EERSTE GEZICHT LIJKT. DAT

MAAKT GOED ADVIES JUIST ZO WAARDEVOL.

Woningmarkt

onder druk, maar

geen bubbel

SAMENSTELLING TOON BERENDSEN

Is er op dit moment sprake van een bubbel op de woningmarkt,

in de zin dat hoge huizenprijzen te veel

met hypotheekfinanciering worden gedekt? Zijn de

leennormen voldoende aangescherpt sinds de kredietcrisis?

Oscar Noorlag, compliance officer bij Van Bruggen:

“Nee, er is geen sprake van een bubbel op de woningmarkt.

Sinds het dieptepunt van de woningmarkt in

juni 2013 stegen de prijzen met 127 procent. Dat klinkt

als heel veel, maar gecorrigeerd voor inflatie bedraagt

de stijging net iets meer dan vier procent per jaar. Als

‘Juist in deze

dynamische markt

bewijst financieel

advies zijn waarde’

we in plaats van het dieptepunt van de markt, de huizenprijsstijging

vanaf 2010 pakken, dan is de jaarlijkse

stijging gecorrigeerd voor inflatie slechts 1,5 procent.

Het is dan ook niet raar dat huishoudens de afgelopen

jaren gemiddeld een dalend percentage van hun inkomen

uitgeven aan hypotheeklasten.”

Mark de Rijke, commercieel directeur bij De Hypotheker:

“Op de woningmarkt is sprake van oververhitting,

zeker in bepaalde regio’s, maar van een zeepbel is

wat ons betreft geen sprake. De prijsstijging op de woningmarkt

begint ook wat af te vlakken. Onder meer

door een toename van het aantal voormalige huurwoningen

dat te koop wordt aangeboden als gevolg van

de Wet Betaalbare Huur. Tegelijkertijd daalt de betaalbaarheid,

doordat de woningprijzen toch nog steeds

harder stijgen dan inkomens. Op termijn verwachten

wij een afname van de prijsverschillen tussen dure en

meer betaalbare regio’s, we zien nu al een lichte correctie

in bijvoorbeeld Amsterdam.

“Vanuit De Hypotheker zijn wij van mening dat de

leennormen voor geldverstrekkers sinds de kredietcrisis

inmiddels voldoende zijn aangescherpt. Voor huishoudens

met een laag tot middeninkomen blijft het

30 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025


VERZEKERD WONEN

belangrijk dat ze voldoende toegang tot de koopmarkt

houden. Uit ons jaarlijkse onderzoek blijkt dat een stel

(tweeverdieners) met een modaal inkomen momenteel

in aanmerking komt voor ruim een derde van het

woningaanbod. Het aantal beschikbare woningen voor

tweeverdieners met een modaal inkomen stijgt al enkele

jaren op rij wat een positieve ontwikkeling is.”

Uriël Ballast, directeur-bestuurder bij Hypotheek

Visie: “Momenteel is er nog geen woningbubbel. De

huidige prijsniveaus zijn het directe gevolg van het

aanhoudende tekort aan woningen, niet van onverantwoorde

financiering. De regelgeving rondom hypotheekverstrekking

is sinds de kredietcrisis fors aangescherpt.

Wie vandaag een hypotheek afsluit, doet dat

binnen duidelijke en strenge kaders. De risico’s op een

oververhitte kredietmarkt zijn daarmee beperkt.”

Martin Hagedoorn, Manager Product & Business

Expertise bij Ingage-Aetos Franchise (De Hypotheekshop,

Huis & Hypotheek, Hypokeur): “Na de kredietcrisis

zijn de regels fors aangetrokken: aflossingsvrij

maximaal 50 procent van de woningwaarde, annuïtair

aflossen verplicht voor nieuwe hypotheken, nauwelijks

meer maatwerk mogelijk, afbouw maximale LTV naar

100 procent. De eerste stresstest is glansrijk doorstaan:

in 2022 steeg de hypotheekrente in korte tijd met 3,5

procentpunt (!) en de huizenprijzen daalden gemiddeld

slechts 50.000 euro. Na een jaar draaide de woningmarkt

alweer hard door. De grote schaarste neemt

de komende jaren alleen maar toe. De vraag of de kredietregels

voldoende zijn aangescherpt is eerder andersom:

er is behoefte aan meer maatwerk, zeker nu de

ECB dwingt om aflossingsvrij in Nederland af te bouwen.

Klimaatrisico’s (funderingsproblematiek, overstromingsrisico)

kunnen de komende jaren voor hoge

kosten zorgen voor huiseigenaren en -kopers. Vraag is

wel of het reëel is om die alleen bij hen neer te leggen,

omdat zij niet altijd iets aan de oorzaak kunnen doen

(grondwaterpeil bijvoorbeeld).”

Martin Hagedoorn

(Ingage-Aetos Franchise):

‘Politiek heeft nu de kans

om wél koersvast te zijn.’

BETAALBAARHEID

Lukt het nog altijd om de financiering rond te krijgen?

Hagedoorn: “Als klanten geen woning kunnen kopen,

komt dat meestal door te laag inkomen of lopende

verplichtingen zoals DUO-leningen en private lease.

Dit filteren hypotheekadviseurs uit in het oriëntatiegesprek.

Dat betekent dat wanneer een adviestraject

wordt opgestart, de zaak bijna altijd ook rond komt.

Wel zijn er groepen klanten die op voorhand al worden

afgewezen, omdat zij door gebrek aan maatwerkmogelijkheden

buiten de boot vallen. Vaak betreft dit echtscheiding,

zelfstandigen, (naderend) pensioen.”

Ballast: “Het financieringsproces verloopt in de

meeste gevallen voorspoedig. Vooral in het hogere segment

wordt zelden volledig gefinancierd. Kopers brengen

vaak een aanzienlijk deel eigen middelen in, bijvoorbeeld

uit overwaarde. In het lagere segment ligt de

druk hoger. Starters zijn afhankelijker van volledige financiering

en merken dat de ruimte in de leennormen

beperkt is. Het ontbreken van veel gemeentelijke startersleningen

maakt het lastiger om een eerste woning

te kopen. Toch blijft het in veel regio’s nog steeds mogelijk

om met een regulier inkomen een passende wo-

SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 31


VERZEKERD WONEN

De Rijke: “In de meeste gevallen lukt het nog steeds

goed om de financiering rond te krijgen. Een gunstig

energielabel kan daarbij een positieve rol spelen, omdat

dit vaak een hogere leencapaciteit mogelijk maakt. Wel

zien we dat klanten die zich niet vooraf goed hebben

laten adviseren, soms tegen beperkingen aanlopen. Dit

komt doordat zij bijvoorbeeld onvoldoende rekening

hebben gehouden met de betaalbaarheid, bijkomende

lasten en strengere toetsingseisen. Ook de huidige rentestanden

kunnen invloed hebben, waardoor de financiering

minder gunstig uitvalt of in sommige gevallen

achteraf niet haalbaar blijkt. Je klanten goed op voorhand

adviseren helpt om onaangename verrassingen

achteraf te voorkomen.”

Uriël Ballast (Hypotheek

Visie): ‘Rol adviseur gaat

verder dan berekenen van

leencapaciteit.’

ning te vinden, mits er realistische verwachtingen zijn

over prijs en locatie.”

Noorlag: “Nee, er zijn heel veel jonge mensen die

geen koopwoning kunnen betalen en vaak ook niet in

aanmerking komen voor een huurwoning. Wij hebben

veel klanten die teleurgesteld zijn als wij hen voorrekenen

wat zij kunnen lenen, omdat ze daarmee geen woning

kunnen kopen. Nog los van de mensen die dit zelf

al concludeerden op basis van een maximaal berekening

op een website.”

TWEEDELING?

Er wordt gesproken over een tweedeling op de woningmarkt,

waarbij alleen mensen met eigen (familie)kapitaal

nog een woning kunnen kopen. Herkenbaar?

Noorlag: “Dat geldt niet voor iedereen, maar klopt

wel als algemeen beeld. Naast veel spaar- en geschonken

geld zien we dat starters met een hoog inkomen

een woning kunnen kopen. Waar sommige starters wel

van profiteren zijn de goedkopere, voormalige verhuurwoningen

die op de markt komen.”

De Rijke: “In de dagelijkse praktijk zien wij dit beeld

niet terug. Er zijn voldoende starters die, op basis van

hun eigen inkomen en spaargeld, succesvol instromen

op de woningmarkt. Vooral tweeverdieners profiteren

van het toegenomen woningaanbod. Voor alleenstaanden

geldt dat extra financiële steun vanuit familie —

zoals een familiehypotheek — de leencapaciteit kan

verhogen. Dit biedt met name in de Randstad meer

kansen om een woning te kunnen aankopen.”

Hagedoorn: “Adviseurs geven aan dat kopen zonder

ouderlijke hulp voor starters overwegend (zeer) lastig

is en voor alleenstaanden vaak (bijna) onmogelijk, terwijl

het nog wél lukt bij tweeverdieners met een goed

(HBO-/WO-)inkomen en substantieel eigen spaargeld

(regelmatig 25.000–50.000, soms meer dan 50.000

euro). Belangrijkste belemmeringen zijn overbieden,

krap aanbod, en een DUO-studieschuld die de leencapaciteit

drukt, plus soms te hoge woon- en kwaliteitseisen.

Regionaal verschilt het: buiten de Randstad en in

het noorden gaat het vaker, in de Randstad veel moeilijker.

Zonder ouders helpen instrumenten als Starterslening/Koopstart/NHG

en een realistisch plan; met ouders

zien adviseurs steeds vaker schenkingen, familieleningen,

garantstelling/meetekenen of hypotheekverhoging

bij ouders (met Box 3- en risico-aspecten). Conclusie:

zonder ouderlijke hulp kan het nog, vooral voor

tweeverdieners met veel spaargeld; voor alleenstaanden

is het lastiger.”

32 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025


VERZEKERD WONEN

HAALBAARHEID

Raden jullie klanten weleens af om een woning aan te

kopen?

Noorlag: “Zelden, alleen een enkele keer als iemand

verwacht slechts een korte tijd in een woning te

gaan wonen. De meeste mensen zijn al lang blij als ze

een alternatief hebben voor hun huidige situatie: bij

(schoon-)ouders inwonen of een hoge huur.”

De Rijke: “Als een financiering haalbaar is op basis

van inkomen, woningwaarde en overige financiële verplichtingen,

begeleiden wij klanten graag in het aankoopproces.

Wij kijken niet alleen naar de haalbaarheid

conform de leennormen maar ook naar de betaalbaarheid,

ook wanneer het even tegenzit. Bijvoorbeeld bij

inkomensverlies door werkloosheid of arbeidsongeschiktheid,

een scheiding, arbeidsduurvermindering of

overlijden. Daarnaast bespreken wij de risico’s rondom

restschuld bij verkoop en de keuze van de rentevaste

periode, zeker met het oog op mogelijke rentestijgingen.

De uiteindelijke keuze ligt bij de klant, maar wij

bieden alle relevante informatie om een weloverwogen

beslissing te kunnen nemen.”

Hagedoorn: “Ondanks de stijgende huizenprijzen is

kopen voor veel mensen gunstiger dan duur huren. En

als je midden twintig bent en nog bij je ouders woont,

dan wil je uiteindelijk toch verder. De praktijk leert dat

kopers na een jaar al overwaarde hebben door de verder

stijgende huizenprijzen en de aflossing op hun hypotheek.

We zien momenteel wel dat in de categorie

vanaf 800.000 euro er minder vraag komt en dat de

woningmarkt daar merkbaar stroever loopt.”

Ballast: “Juist in deze dynamische, huidige markt

bewijst financieel advies zijn waarde. De rol van de adviseur

gaat verder dan het berekenen van leencapaciteit.

Het gaat om inzicht bieden in scenario’s, het beperken

van financiële risico’s en het waarborgen van

toekomstbestendigheid. Een goed advies voorkomt dat

klanten zich laten leiden door de druk van de markt.

Door inzicht te geven in scenario’s, zoals inkomensveranderingen

of toekomstige renteontwikkelingen, zorgen

adviseurs dat klanten keuzes maken die niet alleen

vandaag, maar ook op lange termijn verantwoord

zijn. Zeker nu de markt snel beweegt, is het van belang

om financiële beslissingen in een breder perspectief te

plaatsen, met aandacht voor stabiliteit, flexibiliteit en

de persoonlijke situatie van een klant.”

BIEDVERZEKERING

Heeft ‘Bieden met Zekerheid’ nog toegevoegde waarde,

gezien de aanhoudend hoge huizenprijzen?

De Rijke: “In regio’s waar de woningmarkt oververhit

is, blijft Bieden met Zekerheid een waardevol instrument.

Het biedt kopers de mogelijkheid om een

Mark de Rijke

(De Hypotheker): ‘Kijken naar

de betaalbaarheid, ook

wanneer het even tegenzit.’

verzekerd bod uit te brengen, zonder daarbij een financieel

risico te lopen. Hiermee vergroten zij hun kans

op aankoop. Voor verkopers is een bod zonder financieringsvoorbehoud

aantrekkelijk, omdat de kans op

vertraging of afwijzing van de financiering aanzienlijk

wordt verkleind. Met deze biedverzekering hebben we

al veel starters succesvol kunnen ondersteunen bij het

verwerven van hun eerste woning.”

Ballast: “Vanuit Hypotheek Visie hanteren we een

duidelijke lijn als het gaat om overbieden. Verantwoord

SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 33


VERZEKERD WONEN

kopen staat voorop. Als de biedprijs substantieel boven

de taxatiewaarde ligt of de maandlasten te zwaar

worden, adviseren wij terughoudendheid. Een aankoop

moet financieel draagbaar blijven, ook bij veranderende

omstandigheden. Dat uitgangspunt geldt voor elke

klant, ongeacht budget of segment.

“Het product Bieden met Zekerheid speelt nog

steeds een rol, maar is geen standaardoplossing. Een

grondige voorbereiding waarin de financiële mogelijkheden

volledig in kaart worden gebracht is een alternatief.

Daardoor weten klanten vooraf exact wat verantwoord

is en kunnen zij ook zonder dit product met vertrouwen

een bod uitbrengen. Het gebruik ervan blijft

maatwerk, passend bij de situatie van de klant.

Hagedoorn: “Ja, biedverzekeringen zijn duidelijk

aan een opmars bezig. Er is veel aandacht voor geweest

in de media, waardoor kopers er soms zelf om komen

vragen. Daarnaast wordt het steeds vaker ingezet als

biedingsstrategie: een hoger bedrag met financieringsvoorbehoud

gecombineerd met een wat lager bedrag

zonder voorbehoud.”

Noorlag: “Ja, sommige verkopers vinden het een

heel prettig idee als de koper geen voorbehoud voor de

financiering wenst. Dan zijn ze bereid om een lagere

verkoopprijs te accepteren. Het is overigens niet zo dat

Bieden met Zekerheid een prijsopdrijvend effect heeft

op verkoopprijzen.”

Oscar Noorlag

(Van Bruggen): ‘Geen

grote zorgen over aflopen

30-jaarstermijn.’

30-JAARSTERMIJN

Maken jullie je zorgen over het aflopen van de 30-jaarstermijn

voor hypotheekrenteaftrek? Het Verbond van

Verzekeraars pleit voor het versneld uitfaseren van

deze regeling. Wat is jullie standpunt?

Noorlag: “Wij maken ons geen grote zorgen over de

30-jaarstermijn. De meeste huishoudens hebben een

relatief lage aflossingsvrije hypotheek. Daarvan zijn de

hypotheeklasten ook nog prima betaalbaar als de aftrek

eindigt. Bij een aflossingsvrije hypotheek van bijvoorbeeld

150.000 euro en een rente van vier procent

bedraagt de maandlast 150 euro. Dat is meestal stukken

minder dan een leeftijdsgenoot in een vergelijkbare

huurwoning.

“Wij maken ons wel zorgen over de ongelijkheid

die de 30-jaarstermijn met zich meebrengt. Omdat de

Belastingdienst geen goede data heeft, moet de belastingplichtige

zelf opgeven wanneer zijn 30-jaarstermijn

eindigt. Dat betekent dat iemand die een minder goede

administratie bijhoudt beter uit is dan iemand die wel

exact weet wanneer zijn aftrek eindigt.

“Verder is ook een aandachtspunt het einde van

de looptijd van aflossingsvrije hypotheken. Woningeigenaren

moeten er rekening mee houden dat geldverstrekkers

steeds strengere regels gaan hanteren voor

het verlengen van een aflossingsvrije hypotheek.”

De Rijke: “Het aflopen van de 30-jaarstermijn heeft

vooral gevolgen voor woningbezitters met (deels) aflossingsvrije

hypotheken en een relatief hoge hypotheekrente.

Voor hen valt het fiscale voordeel weg terwijl de

schuld intact blijft, waardoor de financiële impact groter

is. Wij verwachten dat de effecten voor de meeste

andere woningbezitters beperkt zullen zijn, mede door

de recente waardestijging van woningen. Desondanks

adviseren wij klanten om tijdig inzicht te krijgen in

34 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025


VERZEKERD WONEN

hun situatie en waar mogelijk extra af te lossen of hun

hypotheekconstructie te herzien, bijvoorbeeld door het

oversluiten van de hypotheek, om eventuele toekomstige

financiële gevolgen te beperken.

“Wanneer de hypotheekrenteaftrek wordt afgeschaft,

zal dat naar onze mening altijd stapsgewijs moeten

worden ingevoerd om het negatieve effect op de woningmarkt,

en met name het kunnen toetreden op de

woningmarkt van starters, te verzachten. Immers hebben

zij de minst gunstige uitgangspositie ten opzichte

van mensen die al in een koopwoning zitten. Het lijkt

ons daarom ook logisch dat, wanneer er een einde komt

aan de hypotheekrenteaftrek, er ook aan de inkomstenbelastingkant

verlichting komt om het negatieve financiële

effect zo veel mogelijk te kunnen nivelleren. Wat

De Hypotheker betreft zou het de-fiscaliseren van de

hypotheekrente ook het juiste moment zijn om de aflossingsvormen,

looptijd en flexibiliteit van hypotheken

gedurende de looptijd onder de loep te nemen zodat

er hypotheekvormen ontstaan die kunnen meebewegen

met alle fasen in het leven van de woningbezitter.

Dit zou naar ons idee moeten kunnen omdat de fiscale

‘dwang’ in die situatie niet meer van toepassing is.”

Ballast: “In de discussie over de hypotheekrenteaftrek

is een gefaseerde afbouw in de lijn der verwachtingen

en zal zo geen ontwrichtend effect hebben op de

woningmarkt. Belangrijk is wel dat bestaande rechten

worden gerespecteerd en dat beleid voorspelbaar blijft.

De hypotheekrenteaftrek is geen redmiddel, maar ook

geen risico. De kern van het woningvraagstuk ligt in

het woningaanbod, niet in de financieringsregels.

“De Nederlandse woningmarkt is krap, niet speculatief.

Kansen liggen bij continuïteit in beleid en versnelling

van woningbouw. Alleen door structureel meer

woningen te realiseren en financieringskaders stabiel

te houden, blijft de markt toegankelijk voor zowel

starters als doorstromers. Financiële voorzichtigheid,

transparant advies en realistische verwachtingen vormen

daarbij de basis.”

Hagedoorn: “Ons standpunt: ja, we maken ons

zorgen over de aflopende 30-jaarstermijn. We pleiten

voor geleidelijke afbouw vanaf 2031, uitgesmeerd over

20 jaar, zodat de impact voor huishoudens behapbaar

blijft en de doorstroming van woningeigenaren met

lage rentes niet verder stokt. Zo adresseren we tegelijk

de uitvoerbaarheidsproblemen die anders vanaf

2031 voor consumenten ontstaan én de scheefheid op

de woningmarkt met een te kleine vrije huursector. We

denken graag tijdig mee over een verantwoorde en uitvoerbare

afbouw.”

‘Een grote blinde vlek

in het politieke debat

is de aflossingsvrije

hypotheek’

OPROEP

Hagedoorn: “Een grote blinde vlek in het politieke debat

is de aflossingsvrije hypotheek. Die staat in geen

enkel verkiezingsprogramma benoemd, terwijl huiseigenaren

momenteel al dagelijks worden benaderd.

Sinds 2011 is deze vorm strikt gereguleerd en gemaximeerd,

waarbij de betaalbaarheid nu en later in ogenschouw

wordt genomen. Daarmee is de aflossingsvrije

hypotheek voor veel huishoudens een gewaardeerde

en verantwoorde financiering. Vaak betreft het vijftigplussers

met lage lasten, nu én na hun pensioen. Toch

voelen banken en andere geldverstrekkers druk vanuit

de ECB om aflossingsvrije leningen breed af te bouwen,

wat leidt tot onnodige brieven en stress voor consumenten.

De Hypotheekshop pleit daarom voor een

simpele lijn: stuur op risico, niet op aantallen (zogeheten

reductietargets). Informeer huiseigenaren, maar

zet ze niet onder druk, en doe dit altijd in samenwerking

met een (onafhankelijke) adviseur. Dit past ook

bij ouder worden en langer thuis wonen: stabiele, lage

maandlasten geven mensen rust en ruimte om zelfstandig

te blijven wonen en zo nodig aanpassingen aan

de woning te doen. Het Rijk moet richting geven met

één duidelijke landelijke richtlijn en voorspelbare regels,

inclusief een geleidelijke, lang van tevoren aangekondigde

afbouw van de hypotheekrenteaftrek. Zo beschermen

we klanten en houden we het systeem stabiel

en betaalbaar.

“De politiek heeft nu de kans om wél koersvast te

zijn: voer de aanbevelingen uit, mijd de valkuilen en

kies voor beleid dat doorstroming, bouwtempo en investeringszekerheid

vergroot. Dat vraagt om heldere

Rijksregie, eenvoudige regels en een voorspelbare fiscale

route. Daar hoort ook hervorming bij: een geleidelijke,

langjarig aangekondigde afbouw van de hypotheekrenteaftrek

– zodat huishoudens, adviseurs en marktpartijen

kunnen plannen, zonder schokeffecten. Ten

slotte is het belangrijk om als Rijksoverheid de regie te

nemen op aflossingsvrije hypotheken en dat niet over

te laten aan de banken.” n

SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 35


PARTNER IN KENNIS

HUISEIGENAREN KIEZEN STEEDS VAKER VOOR VERBOUWEN IN

PLAATS VAN VERHUIZEN. WAAR DE FINANCIËLE KANT VAAK GOED

GEREGELD IS, WORDEN DE RISICO’S VAN EEN VERBOUWING LANG

NIET ALTIJD GOED INGESCHAT. DENK BIJVOORBEELD AAN BRAND,

INSTORTING, DIEFSTAL VAN BOUWMATERIALEN OF SCHADE AAN

SPULLEN VAN ANDEREN. DIT KAN GROTE FINANCIËLE GEVOLGEN

HEBBEN. RIK SCHNEIDERS, MANAGER AANSPRAKELIJKHEID EN

BOUW- EN MONTAGEVERZEKERINGEN A.S.R., LEGT UIT WAAROM

HIER EEN BELANGRIJKE KANS LIGT VOOR ADVISEURS.

Denk bij financiering

ook aan de

verbouwrisico’s

TEKST a.s.r.

De trend van verbouwen en

verduurzamen vraagt om een

herijking van verzekeringsadvies,

stelt Schneiders. “Niet

alleen kijken naar geldstromen, maar

ook naar risicodekking. Adviseurs die

naast de financiering ook risico’s tijdens

de bouw bespreken, versterken hun rol

als brede adviseur. Ze beschermen hun

klanten tegen forse financiële schade

en laten zien dat ze verder kijken dan alleen

het financieringsvraagstuk”, aldus

Schneiders.

DUIDELIJKE TREND

De verschuiving van verhuizen naar

verbouwen is goed terug te zien in de

markt voor hypotheekaanvragen. Bij

a.s.r. zien ze dit ook, in het afgelopen

jaar werd ongeveer bij de helft van de

leningen een bouwdepot afgesloten.

De redenen voor deze trend zijn duidelijk:

de gestegen hypotheekrente maakt

verhuizen minder aantrekkelijk en het

tekort aan geschikte woningen remt de

doorstroming. Ook zien ze bij a.s.r. dat

huiseigenaren verduurzamen steeds vaker

combineren met verbouwen. Denk

bijvoorbeeld aan isoleren en het levensloopbestendig

maken van de woning.

Voor adviseurs betekent deze trend

een kans om hun dienstverlening te

‘Zelf klussen betekent ook zelf aansprakelijk

zijn voor wat daarbij misgaat’

verbreden. Juist bij particuliere verbouwprojecten

is het belangrijk om

klanten bewust te maken van mogelijke

schade en aansprakelijkheid. Een

Bouw- en Montageverzekering voor

particulieren (ook wel CAR-verzekering),

zoals die van a.s.r., kan dan een

goede aanvulling zijn.

ZELDEN GOED VERZEKERD

Regelt één aannemer het gehele project?

Dan is er vaak weinig risico voor

de klant, omdat schade gedekt is via de

verzekering van de aannemer. Toch is

het voor klanten altijd goed om vooraf

gegevens op te vragen over de dekking.

“Het risico neemt toe als klanten

zelf willen klussen of veel verschillende

partijen inhuren,” legt Schneiders uit.

“Zelf klussen betekent ook zelf aansprakelijk

zijn voor wat daarbij misgaat.

Wie betaalt bijvoorbeeld de kosten

36 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025


a.s.r.

als bouwmateriaal voor onverwachte

schade bij de buren zorgt? En hoe goed

kent de klant de voorwaarden van de

woonhuisverzekering tijdens een verbouwing?

Een adviseur die de risico’s

met klanten bespreekt, voorkomt dat

zij achteraf voor verrassingen komen

te staan. Juist daarom is een Bouw- en

Montageverzekering voor particulieren

zo waardevol. “

Rik Schneiders: ‘‘Een compleet

advies gaat verder dan geld.’

BOUW- EN MONTAGEVERZEKERING

PARTICULIEREN

Met de Bouw- en Montageverzekering

voor particulieren zijn klanten

verzekerd tegen veel voorkomende

schades bij bouwen of verbouwen.

Onder de dekking kunnen onder andere

vallen: beschadiging of diefstal

van bouwmaterialen, beschadiging

van je bestaande woning of

eigendommen van de buren door

bouwwerkzaamheden en beschadiging

van dat wat je nieuw bouwt

of installeert door onder andere

brand of een constructiefout. Een

particuliere bouwer sluit een Bouwen

Montageverzekering al af vanaf

€ 423,50, afhankelijk van onder

meer de omvang van het bouwproject

en de gekozen dekking.

Welke risico’s lopen particuliere klanten

bij verbouwen zoal?

• Beperkte dekking op de woonhuisverzekering.

De meeste woonhuisverzekeringen

dekken bij een verbouwing

alleen schade door brand,

storm, sneeuwdruk en luchtvaart.

Diefstal van bouwmateriaal, waterschade

door een gebroken leiding,

schade door neerslag via een open

gevel of verzakking door werkzaamheden

aan dragende delen worden

bijvoorbeeld niet gedekt.

• Aansprakelijkheid voor schade aan

derden. Een dakpan die op de tuintafel

van de buren valt of scheuren

in de muur door heiwerkzaamheden?

Niet elke aansprakelijkheidsverzekering

dekt dit soort schade. Rik

Schneiders vertelt: “Zonder aanvullende

verzekering kan een ongeluk

tijdens de verbouwing leiden tot een

claim die jarenlang doorwerkt. Een

compleet advies gaat dan ook verder

dan geld: het kan de toekomst van

de klant beschermen als er schade

ontstaat.”

• Schade tussen partijen onderling.

Wanneer meerdere partijen aan één

project werken, kunnen onderlinge

schades ontstaan. Zelfs als elke

partij een eigen CAR- en aansprakelijkheidsverzekering

heeft, is schade

aan elkaars werk vaak uitgesloten.

“Ook hier biedt de Bouw- en Montageverzekering

uitkomst. Die kan

veelal vertraging, discussies en onverwachte

kosten voorkomen”, aldus

Schneiders.

BREDERE ADVIESROL

Bij a.s.r. is er speciaal voor particuliere

verbouwers een aflopende Bouw- en

Montageverzekering. Deze verzekering

biedt dekking voor schade aan de bestaande

woning, het werk in uitvoering

en aansprakelijkheid richting derden en

tussen uitvoerende partijen.

“Een verbouwing is voor klanten

een investering in de toekomst,” zegt

Schneiders. “Door risico’s vooraf goed

af te dekken, kunnen adviseurs hun

klanten helpen om achteraf zo veel mogelijk

onbezorgd te genieten van het resultaat.

Verbouwen brengt al veel stress

met zich mee. Met deze verzekering

hoeven klanten zich in ieder geval geen

zorgen meer te maken over eventuele

schade tijdens de verbouwing. Zo wordt

het verzekeringsadvies een essentieel

onderdeel van het verbouwtraject.” n

SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 37


VERZEKERD WONEN

VERZEKERD WONEN IS OOK EEN GOEDE WOONVERZEKERING.

VVP SCHETST TRENDS OP DIT GEBIED. ZO VERDWIJNT DE

HERBOUWWAARDEMETER EN WORDEN VERZEKERINGEN

DUURZAMER (AL MAG DAT NOG BEST WAT SNELLER).

Adviesalerts!

Woonverzekering

TEKST TOON BERENDSEN

Welke adviseur is er niet groot mee

geworden, de herbouwwaardemeter

voor woningen? Maar de meter is,

evenals de Inboedelwaarde-index,

in 2025 voor het laatst verschenen.

Het Verbond van Verzekeraars: “Belangrijkste reden

voor het niet langer publiceren van beide meters is dat

uit een rondvraag onder verzekeraars blijkt dat zij de

meters amper gebruiken. Dit terwijl de kosten voor het

jaarlijks ontwikkelen ervan, op basis van cijfers van adviesbureaus,

aanzienlijk zijn.”

De inboedelwaardemeter verdween al eerder. Deze

werd door het Verbond voor het laatst in 2016 uitgegeven.

Toch kom je die meter nog bij heel wat marktpartijen

tegen! Zo zal het met de Herbouwwaardemeter

waarschijnlijk ook gaan. Als daar maar geen ongelukken

van komen. Je kunt je ook afvragen of het wijs is

juist nu met de meter te stoppen; de herbouwwaarde,

zegt het Verbond zelf ook, is fors gestegen en het einde

van de waardetoename lijkt nog niet in zicht.

Ook voor de inboedelwaardemeter, die dus al lang

niet meer door het Verbond wordt uitgegeven, geldt

dat de cijfers actueel moeten zijn. Gelukkig zie je wel

dat partijen die de oude meter uit 2016 nog hanteren,

het bedrag per punt (1.328,10 euro in 2025) aanpassen.

De vraag is alleen welk bedrag het volgend jaar moet

zijn; de Inboedelwaarde-index verdwijnt immers ook.

JE MOET MAAR DURVEN

Maar goed dus dat verzekeraars inmiddels prima in

staat zijn aan de hand van enkele kenmerken een premie

af te geven voor inboedel en/of woonhuis met

nog steeds garantie tegen onderverzekering. Eigenlijk

zouden alle verzekeraars zo moeten werken, dan zijn

er überhaupt geen meters meer nodig. Bizar mag heten

dat juist een partij als Lemonade (u weet wel, van

de “Woonverzekeringen voor de 21e eeuw”) de consument

vraagt zelf de waarde van zijn inboedel te berekenen,

eventueel met behulp van een inboedelwaardemeter

van de concurrentie! Lemonade: “Je kunt een

bestand opmaken waarin je nauwkeurig noteert wat

jouw bezittingen hebben gekost en wat de huidige

waarde van de inboedel is. Hier kun je online veel verschillende

templates als voorbeeld voor vinden. Optie

twee is om gebruik te maken van een online inboedelwaardemeter.

Zowel verzekeraars als onafhankelijke

partijen bieden een online tool aan waarmee je gemakkelijk

de inboedelwaarde van jouw woning kunt berekenen.

Na het invullen van jouw gegevens en het beantwoorden

van enkele vragen komt de waardemeter

op een (grove) schatting uit van jouw inboedelwaarde.

Dit is, zoals je je kunt voorstellen, wel minder nauwkeurig

dan de vorige methode. Snel, dat is het wel.” Je

moet maar durven.

VERDUURZAMING

Veel woningbezitters investeren in verduurzaming. Als

adviseur kun je daar je rol bij pakken, al is het maar om

het financieringselement. Of je ook echt moet gaan

adviseren over de technische aspecten van verduurza-

38 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025


VERZEKERD WONEN

ming, dat kun je je afvragen. In ieder geval moet je daar

dan bewust voor kiezen en de nodige deskundigheid bij

verwerven. Veel aanbieders kennen inmiddels afspraken

met leveranciers van verduurzaming. Als adviseur

kun je daarnaar verwijzen. Of je maakt zelf afspraken

met een of meer van deze partijen.

Verzekeraars nemen nieuwe ontwikkelingen bij woningverduurzaming

vroeger of later wel mee in hun

woonverzekering. Maar het blijft zaak om als adviseur

alert te blijven op wat wel en wat niet (al) wordt gedekt.

Het kan ook best complex zijn. Zijn zonnepanelen

in de tuin bijvoorbeeld wel verzekerd? Daar kun je

een aparte studie van maken! Als ze al verzekerd zijn, is

het met uitzonderingen. Bij Interpolis lezen we: “Zonnepanelen

in je tuin zijn verzekerd met onze Woonhuisverzekering.

Er zijn wel uitzonderingen. Bijvoorbeeld

als er brand in je tuin ontstaat door broeien,

schroeien of smelten. Ook schade door oververhitting

of kortsluiting is niet verzekerd. Schade door een gekapte

boom of een gesnoeide tak die je tuin beschadigt,

valt ook niet onder de verzekering.”

Tip: INSVER kondigde onlangs aan te komen met

één centrale duurzaamheidsdesk voor adviseurs.

DUURZAAM SCHADEHERSTEL

Een verzekering die nadrukkelijk duurzaamheid inbouwt,

kent doorgaans geen bijzonder financieel voordeel.

Misschien dat deze producten vooralsnog meer

vanuit een intrinsieke overtuiging van de verzekeraar

worden ontwikkeld dan omdat er al veel vraag naar is.

Wel is er een duidelijke toename bij verzekeraars zichtbaar

van het gewicht dat zij toekennen aan duurzaam

schadeherstel. Eigenlijk kun je als verzekeraar geen polis

meer aanbieden, in ieder geval op woonvlak, die niet

op z’n minst de mogelijkheid van duurzaam schadeherstel

aanbiedt. Adviseurs zouden hier selectief in moeten

worden bij de keuze van hun verzekeraars. Reken

maar dat dan ook heel snel de laatste schapen over de

dam zullen zijn.

VEILIGHEIDSMETER

Veel schade kan worden voorkomen door adequate

preventie. Dat geldt zeker de woning. Interpolis stimuleert

dit door klanten op te roepen in haar app een

Veiligheidsmeter in te vullen. De Veiligheidsmeter

omvat de thema’s brand, inbraak, waterschade en persoonlijke

veiligheid.

De verzekeraar: “Hoe meer veiligheidsmaatregelen

je neemt, hoe meer korting je krijgt op de premie.”

De korting kan oplopen tot zeven en veertien procent

op de woonhuis- en inboedelverzekering. Het principe

van premiekorting in ruil voor preventie is op zich

niet nieuw, maar hier wel op een aansprekende manier

verpakt. n

SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 39


OPINIE

ONLANGS WERD IK GEBELD DOOR EEN

HYPOTHEEKADVISEUR. WE HADDEN ELKAAR

JAREN GELEDEN GESPROKEN OVER EEN

MOGELIJKE SAMENWERKING RONDOM

AOV-ADVIES. HIJ VOND HET DESTIJDS

BELANGRIJK, MAAR NIET URGENT GENOEG.

NU BELDE HIJ OPNIEUW, VOOR EEN VAN ZIJN

KLANTEN. ZIJN KLANT WAS ERNSTIG ZIEK

GEWORDEN EN HAD GÉÉN AOV AFGESLOTEN.

OF IK NOG IETS KON BETEKENEN.

TEKST JOS BESSELINK, WIJZIJNLOEK

Het zijn van die telefoontjes die altijd te laat

komen. En eerlijk gezegd: ze raken me elke

keer. In de meeste gevallen is er op dat

moment niet veel meer te redden. Soms

kan ik nog iets betekenen bij een claim,

maar meestal is er gewoon niets geregeld. Dan is de ondernemer

al uitgevallen, zonder vangnet.

Uiteraard is het dossier vaak perfect op orde. Het

advies klopt en er zit keurig een afstandsverklaring in

het dossier; niets op aan te merken. Alleen heeft de

klant daar bij arbeidsongeschiktheid niets aan.

MEER DAN EEN VINKJE

De klant waar het om ging, was een ondernemer met

een jong gezin. Kostwinner met een druk bedrijf en een

koophuis met bijbehorende hypotheek. Hij had bijna

alles goed geregeld, overlijdensrisicoverzekering, inboedel-

en opstalverzekering allemaal op orde. Maar

het gesprek over AOV is slechts tussen neus en lippen

door gevoerd.

Het gezin had niet beseft wat een inkomensterugval

écht betekent. Niet alleen financieel, maar ook

mentaal. Sterker nog, de uiteindelijke keuze om geen

AOV af te sluiten werd alleen door de ondernemer zelf

gemaakt.

Wie arbeidsongeschikt raakt, verliest vaak niet alleen

inkomen, maar ook een stukje identiteit. Helaas

beseffen ondernemers dat vaak onvoldoende. Daarom

is het zo belangrijk dat zij (en hun naasten) bewust een

afweging maken. Of ze nu een AOV afsluiten of niet is

van secundair belang, het belangrijkste is dat ze in ieder

geval een goed advies krijgen en bewust een keuze

40 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025


OPINIE

Dat éne

telefoontje

maken. Op basis van eerlijke informatie, niet vanuit de

(v)oordelen die ze op feestjes horen.

Als je klanten niet weg laat gaan zonder opstalverzekering,

waarom dan wél zonder AOV?

TERUG NAAR DAT TELEFOONTJE

Ik kon in dit geval eigenlijk niets meer doen. Gelukkig

kon het gezin uiteindelijk nipt in hun huis blijven wonen

met hulp van ouders, maar voor veel andere ondernemers

is dat vangnet er niet. In mijn column in

juni schreef ik hoe ik van dichtbij heb meegemaakt wat

de verregaande gevolgen kunnen zijn van het wegvallen

van inkomen. Daarom word ik zo geraakt door telefoontjes

over gezinnen die onnodig in de armoede terechtkomen.

HET BESTE MOMENT

Inmiddels ligt de Wet Basisverzekering Arbeidsongeschiktheid

Zelfstandigen (BAZ) voor advies bij de

Raad van State. Door de berichtgeving over de ingangsdatum

van de wet stellen veel ondernemers

hun keuze uit, terwijl de naderende peildatum over

het hoofd wordt gezien. Ondernemers die voor deze

naderende datum een AOV afsluiten kunnen dat

nog doen met veel keuzevrijheid en ook met een

medisch verleden. Na de peildatum zitten alle ondernemers

vast aan strikte regels als zij zelf willen

kiezen, en voor een grote groep is er op dat moment

überhaupt geen mogelijkheid meer om zich privaat

te verzekeren in plaats van de BAZ. Daarom zouden

ondernemers én hun adviseurs nu in actie moeten

komen.

Ik krijg vaak de vraag wat het beste moment is

om alsnog een AOV te sluiten, rekening houdend

met de aanstaande wetgeving. Mijn antwoord?

“Het beste moment was gisteren. Het op-één-na

beste moment is vandaag.”

Het blijft me dan ook verbazen dat we dit onderwerp

nog te vaak zien als een moetje en hoe weinig aandacht

het krijgt in adviesgesprekken.

Zeker nu de verplichte AOV eraan komt, zou het

onderwerp urgent genoeg moeten zijn om ondernemers

te helpen bewust te kiezen. En lukt dat niet? Dan

zijn er gelukkig specialisten die je kunnen helpen. Want

als je klanten niet de deur uit laat gaan zonder goede

opstalverzekering, waarom dan wél zonder AOV?

‘Als je klanten niet weg

laat gaan zonder opstalverzekering,

waarom

dan wél zonder AOV?’

Gelukkig heeft deze adviseur zich inmiddels bij ons

aangesloten en helpen we zijn klanten om bewuste

keuzes te maken rondom arbeidsongeschiktheid. Sterker

nog, steeds meer adviseurs bespreken het onderwerp

zelf volledig met hun klant of besteden het uit

aan specialisten. Ik ben blij dat dit thema steeds hoger

op de agenda komt, zowel bij kleine kantoren als grote

organisaties.

Want uiteindelijk lijkt het een ‘klein’ onderwerp,

maar juist hier kun je écht het verschil maken voor je

klant. Want AOV-advies is misschien niet je specialisme.

Maar het is wél je verantwoordelijkheid. n

Jos Besselink is als AOV-specialist spreker, dagvoorzitter

en oprichter van WijZijnLoek

SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 41


PARTNER IN KENNIS

IN NEDERLAND ZIEN WE DAT DE BEVOLKING DUBBEL VERGRIJST:

HET AANTAL OUDEREN NEEMT TOE EN MENSEN LEVEN GEMIDDELD

LANGER. DEZE ONTWIKKELING ZORGT VOOR DIVERSE UITDAGINGEN,

ZOALS EEN STIJGENDE ZORGVRAAG, GROTERE ECONOMISCHE DRUK

EN SOCIALE VRAAGSTUKKEN ZOALS EENZAAMHEID, BEHOEFTE AAN

EXTRA ONDERSTEUNING EN HET FINANCIEREN VAN AANPASSINGEN

VOOR EEN VEILIGE, PASSENDE WONING. EEN FINANCIEEL ADVISEUR

KAN OP AL DEZE GEBIEDEN EEN WAARDEVOLLE BIJDRAGE LEVEREN.

Benutten van

overwaarde voor een

veilige woonomgeving

TEKST ONDERLINGE NEDERLAND

Veilig wonen omvat verschillende

aspecten van het leven

in en rondom je huis. Het gaat

niet alleen om fysieke veiligheid,

zoals bescherming tegen inbraak

en brand, maar ook om een gevoel van

zekerheid, welzijn en financiële veiligheid.

In dit artikel verkennen we de verschillende

dimensies van veilig wonen

en hoe een financieel adviseur deze kan

bevorderen.

FYSIEKE VEILIGHEID

Voor ouderen betekent fysieke veiligheid

vaak dat hun woning moet worden

aangepast om ongelukken te voorkomen.

Kleine veranderingen, zoals bijvoorbeeld

antislipmateriaal op vloeren

en trapleuningen, kunnen al een groot

verschil maken. Daarnaast zijn grotere

aanpassingen zoals trapliften, een inloopdouche

of automatische deuropeners

belangrijke verbeteringen.

Technologie draagt ook bij aan fysieke

veiligheid. Domotica, zoals bewegingssensoren,

slimme verlichting en alarmeringssystemen,

zorgen voor extra

ondersteuning en maken het eenvoudiger

om hulp te vragen wanneer dat

nodig is. Deze innovaties bieden niet alleen

gemak, maar vergroten ook het gevoel

van veiligheid en zelfstandigheid.

SOCIALE VEILIGHEID

Naast fysieke veiligheid is ook sociale

veiligheid belangrijk. Een veilige woonomgeving

gaat verder dan alleen het

huis zelf: het sociale netwerk en de

buurt waarin men woont zijn eveneens

van groot belang. Ouderen voelen

zich vaak veiliger wanneer zij goed contact

hebben met buren of deelnemen

aan buurtinitiatieven. Sociale veiligheid

betekent ook het voorkomen van eenzaamheid

door activiteiten en ontmoetingen

te faciliteren.

Een buurt met betrokken bewoners

draagt bij aan een gevoel van verbondenheid.

Dit kan door gezamenlijke activiteiten

zoals buurtmaaltijden, wandelclubs

of koffieochtenden te organiseren.

Ook speelt de digitale wereld

een steeds belangrijkere rol: via online

platforms kunnen ouderen contact onderhouden

met familie en vrienden, of

deelnemen aan sociale groepen.

DE TOEKOMST TIJDIG BESPREKEN

Het nadenken over en bespreken van

toekomstige woonwensen gebeurt helaas

vaak pas wanneer het noodzakelijk

is. Dit is jammer, omdat het soms

emotionele keuzes met zich meebrengt

die voorkomen hadden kunnen worden

door er eerder over te praten. Het is belangrijk

om op tijd in gesprek te gaan

met familie of een financieel adviseur,

zodat wensen voor een comfortabele

oude dag in kaart worden gebracht.

42 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025


ONDERLINGE NEDERLAND

‘Samen maken

we het zeker’

Op onderlingenederland.nl tref je voor

dit gesprek een boekje aan, het ‘Familiegesprek’.

De tips en stellingen in dit

boekje zijn gespreksstarters om ouderen

te helpen bij een goed gesprek over

langer zelfstandig thuis wonen. Zo kunnen

families zich samen voorbereiden

op de toekomst met passende oplossingen.

Daarnaast zijn er themaboeken

te vinden die nuttige informatie en ondersteuning

bieden over de eerder genoemde

onderwerpen.

FINANCIËLE MOGELIJKHEDEN

Aanpassingen aan de woning voor toekomstbestendigheid

en veiligheid brengen

kosten met zich mee. Voor huiseigenaren

zijn er vaak mogelijkheden om

de overwaarde van de woning te benutten

voor deze aanpassingen of als aanvulling

op het pensioeninkomen. Het

vermogen zit immers ‘in de stenen’. Het

vrijmaken van deze financiële middelen

kan een oplossing bieden.

Onder veel ouderen is weinig bekend

over de mogelijkheden van het verzilveren

van overwaarde. Zij hebben vragen

als “Ben ik niet te oud voor een

lening?” of “Ik heb alleen AOW en een

klein pensioen, kom ik wel in aanmerking?”.

Hier ligt ook een mooie kans

voor de financieel adviseur. Met een

gedegen financieel advies is er vaak

meer mogelijk dan men denkt. Zij kunnen

niet alleen helpen bij het verzilveren

van overwaarde, maar ook inzicht

bieden in andere opties, zoals subsidies,

pensioenaanvullingen en verzekeringen.

Door een goed financieel plan

op te stellen, kunnen ouderen voluit

leven.

Onderlinge Nederland is een levensverzekeraar

en hypotheekverstrekker,

opgericht in 1895. Wij richten ons

specifiek op vijftigplussers met inspiratie,

informatie en financiële oplossingen

die zekerheid en financiële rust

voor de langere termijn geven.

Met de ZilverHuis Hypotheek van Onderlinge

Nederland kan je een deel van

de beschikbare overwaarde opnemen.

Je hebt de mogelijkheid van een eenmalige

uitkering tot een maximum

van € 30.000,-, in combinatie met periodieke

uitkeringen. Met periodieke

uitkeringen verruim je je besteedbare

inkomen en met de eenmalige uitkering

kan je je woning toekomstbestendig

en veilig maken of gewenste verbouwingen

uitvoeren om de woning te

verduurzamen.

Veilig wonen op oudere leeftijd betekent

dat fysieke, sociale en financiële

aspecten samenkomen. Door tijdig

na te denken over de toekomst, zowel

in praktische als in financiële zin, kunnen

ouderen langer zelfstandig blijven

wonen in een omgeving waarin zij zich

veilig voelen. Familie, buren, financieel

adviseurs en technologische hulpmiddelen

spelen hierin een ondersteunende

rol. n

SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 43


VERZEKERD WONEN

INKOMENSVERZEKERINGEN ZIJN BELANGRIJK VOOR WIE ONBEZORGD WIL

BLIJVEN WONEN EN LEVEN IN ZIJN HUIS EN OMGEVING. VVP ZET BELANGRIJKE

ONTWIKKELINGEN OP EEN RIJ. ZO KRIJGT DE VERPLICHTE BASISVERZEKERING

ARBEIDSONGESCHIKTHEID ZELFSTANDIGEN (BAZ) STEEDS MEER VORM.

Adviesalerts!

Inkomen

TEKST TOON BERENDSEN

Moeten ondernemers blij zijn met de

BAZ? Of is het een wassen neus? In ieder

geval is het niet meer dan een zeer

basaal vangnet, helemaal nu in het

wetsvoorstel dat onlangs naar de Raad

van State is gestuurd de wachttijd is opgetrokken van

één naar twee jaar. Na die wachttijd heeft de zelfstandige

recht op een uitkering (ter hoogte van maximaal

het Wettelijk Minimum Loon) als hij of zij zelfs niet

in staat is een basisfunctie uit te oefenen. Basisfuncties

zijn bestaande functies op de Nederlandse arbeidsmarkt

met een minimale belasting, over het algemeen

op of niet ver boven minimumloonniveau. Zo’n functie

laat zich allicht vinden, dus of nou veel zelfstandigen

echt een uitkering gaan krijgen?

Maar goed, de politiek beslist en we moeten het er

mee doen. Hieronder enkele aandachtspunten voor adviseurs.

OPT-OUT

Tot grote vreugde van de verzekeraars komt er een optoutmogelijkheid.

Noodzakelijke voorwaarde voor de

opt-out (dus de stap uit de publieke verzekering) is een

aanvraag bij UWV. Er is voor gekozen om de verzekeraar

de aanvraag van de opt-out te laten doen en niet

de zelfstandige zelf.

De startdatum van de opt-out kan uitsluitend liggen

aan het begin van het kalenderjaar of, indien de

zelfstandige tijdens het jaar een onderneming start, op

het moment dat de onderneming start. Dat zal veelal

het moment van inschrijving bij de Kamer van Koophandel

zijn.

OVERGANGSRECHT

Zonder overgangsrecht zouden bestaande private verzekeringen

aan het toetsingskader voor opt-out van de

publieke verzekering moeten voldoen. Het wetsvoorstel

beperkt het overgangsrecht tot periodiek uitkerende

verzekeringsproducten die bedoeld zijn langdurig

het arbeidsongeschiktheidsrisico af te dekken. Veel van

de producten die gangbaar zijn onder benamingen als

woonlasten-/betalingsbeschermers, ongevallenverzekeringen,

producten die voorzien in premievrijstelling

bij arbeidsongeschiktheid en schenkkringen, voldoen

niet aan bovenstaande eisen.

Ten aanzien van verzekeringen met een technische

eindleeftijd hanteert de regering een ondergrens van 55

jaar. Daarnaast is de maximale wachttijd die kan worden

gehanteerd om in aanmerking te komen voor het

overgangsrecht 104 weken. Tot slot moet de verzekering

tot stand zijn gekomen vóór een bij koninklijk besluit

nader te bepalen datum (de peildatum, op het moment

van schrijven van dit artikel nog niet bekend).

STABILITEITSBIJDRAGE

Risicoverevening tussen publiek en privaat verzekerden

wordt vormgegeven als een stabiliteitsbijdrage van

degenen die de mogelijkheid hebben en benutten om

een verzekering te behouden of een private verzekering

via opt-out af te sluiten, aan de zelfstandigen die

44 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025


VERZEKERD WONEN

die keuze niet hebben of niet maken. De stabiliteitsbijdrage

wordt aldus berekend over de volgende drie groepen:

private verzekeringen via opt-out, private verzekeringen

via overgangsrecht, publieke vrijwillige verzekeringen

onder overgangsrecht.

De bijdrage is uniform, dat wil zeggen één gelijk bedrag

voor iedereen uit bovenstaande groepen.

De verzekeraar is verplicht om voor iedere opt-out,

vanaf de door UWV vastgestelde startdatum, de stabiliteitsbijdrage

te betalen aan UWV. Hiertoe heft en int

UWV bij de verzekeraar op basis van de opt-out-aanvragen

die de betreffende verzekeraar bij UWV heeft

gedaan..

De verzekeraar kan met zijn verzekerden overeenkomen

of en hoe hij de bijdrage doorberekent in de

premie. Zaak is dat het minimale premie-vereiste altijd

hetzelfde blijft ongeacht of de verzekeraar ervoor kiest

ANDERE ONTWIKKELINGEN

Andere belangrijke ontwikkelingen op het gebied

van Inkomen zijn er ook. Zo is de vereenvoudigde

WIA-beoordeling voor 60-plussers per 1 september

opnieuw ingevoerd.

Het wetsvoorstel re-integratie tweede spoor

wordt uitgesteld met twee jaar naar 1 januari 2030.

Dit wetsvoorstel wordt uitgesteld gelet op de toenemende

achterstanden bij het sociaal-medisch beoordelen

en de extra uitvoeringscapaciteit die dit

wetsvoorstel van UWV vraagt.

Tegen dezelfde achtergrond gaat het wetsvoorstel

RIV-toets (re-integratieverslagtoets) vanaf

de ingangsdatum (1 januari 2028) gelden voor alle

ziekmeldingen in plaats van alleen voor personen

die vanaf dan hun eerste ziektedag hebben. Het

wetsvoorstel gaat nog steeds in op 1 januari 2028,

maar heeft de facto twee jaar eerder effect. Hierdoor

bespaart het wetsvoorstel al vanaf 2028 verzekeringsartsencapaciteit

bij UWV.

Het streven is per 1 juli 2027 een vereenvoudigd

verlofstelsel te laten ingaan. Het nieuwe stelsel,

dat is althans nu het voornemen, wordt ingedeeld

in drie pijlers, in lijn met het SER-advies Balans in

maatschappelijk verlof: verlof rond de geboorte van

en de zorg voor kinderen; verlof voor de zorg voor

naasten; persoonlijk verlof. Binnen de pijlers worden

de voorwaarden en vereisten van de verschillende

regelingen zo veel mogelijk gelijkgetrokken.

De verkorting van de duur van de WW naar

achttien maanden wordt door het kabinet een jaar

uitgesteld. De beoogde nieuwe ingangsdatum is nu

1 januari 2028.

‘Plicht tot betalen

stabiliteitsbijdrage ligt

bij verzekeraar’

om (een gedeelte) van de stabiliteitsbijdrage door te berekenen

in de premie.

De publieke premies zijn aftrekbaar als uitgaven

voor inkomensvoorzieningen. Indien en voor zover de

private verzekeraar de door hem gemaakte kosten voor

de stabiliteitsbijdrage in de premie verdisconteert is

deze eveneens aftrekbaar.

GEEN ACCEPTATIEPLICHT

Verzekeraars zullen zelf de claimbeoordeling voor hun

verzekering uitvoeren. Het is voor privaat verzekerde

zelfstandigen en voor private verzekeraars ook niet

mogelijk om bij UWV een oordeel of second opinion

aan te vragen over een private uitkeringsclaim.

Als onderdeel van het toetsingskader voor de optout

is opgenomen dat een private uitkering niet mag

worden geweigerd bij roekeloosheid.

Verder mag de verzekering geen medische uitsluitingen

bevatten, die ertoe kunnen leiden dat bij het intreden

van bepaalde ziektebeelden geen recht op uitkering

ontstaat.

Private verzekeraars hebben geen acceptatieplicht.

Ze kunnen dus aan cherry picking doen, als ze willen.

Terecht roepen de inkomensdeskundigen adviseurs

al maanden op te zorgen dat bestaande AOV’s van zelfstandigen

actueel en eventueel verbeterd zijn. Die polissen

konden inderdaad wel eens goud waard blijken. n

SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 45


VERZEKERD WONEN

DE MOGELIJKHEID OM EEN LEVENSVERZEKERING AF TE

SLUITEN NA KANKER IS MET DE SCHONELEI-REGELING UIT 2021

VERBETERD. DE REGELING BIEDT NIET ALTIJD SOELAAS, MAAR WEL

STEEDS VAKER DOORDAT ZE STEEDS VERDER WORDT VERFIJND.

Starten met een

schone lei

TEKST TOON BERENDSEN

Uit de Doneer Je Ervaring-peiling van de

Nederlandse Federatie van Kankerpatiëntenorganisaties

(NFK) onder (ex-)kankerpatiënten

bleek dat zes op de tien respondenten

geen overlijdensrisicoverzekering

kon afsluiten. NFK riep daarom de politiek op tot een

wetswijziging waarmee ex-kankerpatiënten aanspraak

kunnen maken op het ‘recht om vergeten te worden’

voor de start met een schone lei. Toenmalig minister

Hoekstra van Financiën, NFK en verzekeraars zijn

daarna in overleg gegaan om dit vorm te geven. Het

zogeheten schonelei-beleid is sinds 1 januari 2021 van

kracht.

Mensen die tien jaar of langer geleden genezen zijn

van kanker, hoeven dat niet meer te melden bij de aanvraag

van een ORV of uitvaartverzekering tot de vragengrens.

Voor bepaalde kankersoorten is sprake van

een kortere termijn.

Voortschrijdend inzicht maakt dat de termijnen

soms verder kunnen worden teruggebracht. Zo geldt

sinds 1 januari 2025 voor melanoom bij stadium 1A

een termijn van vijf jaar. Voor stadium 1B werd de termijn

toen zes jaar. De termijn was voor beide zeven

jaar. Voor baarmoederhalskanker ging de termijn van

vijf naar drie jaar voor FIGO-stadium 1A2. Een termijn

van zes jaar geldt nu voor FIGO-stadium 1B (was zeven

jaar). Voor schildklierkanker is de termijn gaan gelden

bij diagnose tot 55 in plaats van 45 jaar.

Ook zijn er vijf kankersoorten toegevoegd aan de

lijst, waaronder borstkanker stadium 1.

BELANGRIJK VERSCHIL

Afgelopen zomer werd weer eens duidelijk dat artsen

en medisch adviseurs verschillend tegen het risico aankijken.

Volgens een in augustus verschenen studie van

het Nederlands Kanker Instituut samen met het Erasmus

MC is de termijn “in veel gevallen onnodig lang.

Als je naar jongvolwassenen kijkt, zie je dat zij na vier

jaar al dezelfde overlevingskans hebben als jongvolwassenen

die geen kanker hebben gehad. Die termijn van

tien jaar kan dus omlaag”.

Op een speciale informatiepagina die het Verbond

heeft geopend (‘Uitleg premieberekening overlijdensrisicoverzekering’),

maken verzekeraars duidelijk dat het

verzekeringstechnisch anders kan liggen. Het Verbond:

“Er is een belangrijk verschil tussen hoe een behandelend

arts (zoals een medisch specialist) en een medisch

adviseur van een verzekeraar (een beoordelend arts)

naar overlevingskansen kijkt. Een behandelend arts

kijkt specifiek naar de ziekte en de behandelmogelijkheden,

en vergelijkt dit met andere patiënten met dezelfde

ziekte. Dan is een overlevingskans van 95 procent

over tien jaar, heel positief. De medisch adviseur

vergelijkt het risico van de kandidaat-verzekerde met

dat van de bevolking of de verzekerde populatie (nietpatiënten).

Dan is een overlijdenskans van vijf procent

over tien jaar, best fors.

“Dat betekent dat een behandelend arts een risico

als ‘normaal’ of ‘acceptabel’ kan zien, maar dat een medisch

adviseur datzelfde risico anders kan beoordelen.

Een kleine verhoging in risico leidt namelijk tot een veel

46 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025


VERZEKERD WONEN

‘Het kan helpen

het bij verschillende

verzekeraars te

proberen’

grotere relatieve overlijdenskans. Daarom kan de premie

voor een ORV dus toch hoger zijn, terwijl de behandelend

arts zegt dat iemand is genezen, of dat iemand met

een aandoening misschien wel 100 jaar kan worden.”

VOORBEELD

Een voorbeeld dat wordt gegeven op de informatiepagina

betreft een 38-jarige vrouw: “Het Integraal Kankercentrum

Nederland heeft data gepubliceerd over de

overlevingskansen bij borstkanker. De relatieve overlevingskans

van patiënten met stadium I borstkanker

was na tien jaar 95 procent. De overlijdenskans gedurende

tien jaar is dus vijf procent. Als we dat vergelijken

met de overlijdenskansen van mensen zonder de

diagnose borstkanker, zien we een groot verschil. De

38-jarige vrouw uit het voorbeeld heeft een overlijdenskans

van 0,05 procent per jaar, dus van 0,5 procent per

tien jaar. Met borstkanker is er dus een tien keer hogere

overlijdenskans. Een verzekeraar moet daarom een

tien keer hogere premie vragen. Dit principe geldt voor

veel ziekten, steeds in andere mate.

“Om een goede premieberekening te kunnen maken,

stelt een medisch adviseur vast hoeveel hoger de

overlijdenskans is vergeleken met de vergelijkingsgroep.

Hij gebruikt hiervoor de ingevulde gezondheidsverklaring,

statistieken en wetenschappelijke artikelen.

De verzekeraar kijkt dus naar de relatieve overlijdenskans

van de kandidaat verzekerde. Hij kijkt hoe hoog

de overlijdenskans is van mensen zoals de kandidaat

verzekerde, in verhouding tot de overlijdenskans van

de groep kandidaat-verzekerden die de ziekte niet hebben

of hadden.”

TIP

Het Verbond van Verzekeraars benadrukt dat ook als

men niet onder de schonelei-regeling valt, “natuurlijk

een verzekering kan aanvragen. De medisch adviseur

van de verzekeraar beoordeelt de verzekeringsaanvraag.

Vaak lukt het om een verzekering af te sluiten.

Wel soms tegen een hogere premie of aangepaste voorwaarden.

“In de praktijk zien we dat veruit de meeste aanvragen

voor ORV’s zonder opslag worden geaccepteerd.

Dat komt omdat lang niet alle aandoeningen een verhoogde

overlijdenskans geven. Een klein deel, zo’n tien

procent, krijgt te maken met een opslag, veelal van

licht verhoogd tot een verdubbeling van de premie. En

omdat de basispremie momenteel vrij laag is (vanaf vijf

tot tien euro per maand), hoeft zo’n verhoging niet te

betekenen dat men veel meer euro’s betaalt.

“Het kan ook helpen het bij verschillende verzekeraars

te proberen. De data waarmee een medisch adviseur

de kans op overlijden inschat, kan namelijk per

verzekeraar verschillen. Ook zijn ook niet alle verzekeringen

precies hetzelfde opgebouwd. Daardoor kunnen

er verschillen in premie zijn”. n

SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 47


OPINIE

VANAF HET ADVIESRAPPORT OVER DE

HYPOTHEEKNORMEN VOOR 2026 VOEGEN WE

MEER BIJLAGEN TOE WAARIN WE TOELICHTEN HOE

DE BEREKENINGEN TOT STAND KOMEN, WELKE

BRONNEN WE GEBRUIKEN EN WELKE INPUT WE

HEBBEN OPGEHAALD BIJ PARTIJEN UIT DE MARKT.

TEKST MARCEL WARNAAR, NIBUD

Wanneer je een huis koopt en een hypotheek

afsluit, neem je een grote

financiële verplichting op je. Die

verplichting loopt in principe dertig

jaar door en raakt aan je hele leven.

Het neemt namelijk een grote hap uit je budget en dan

rijst al snel de vraag: kun je naast je hypotheek ook gewoon

boodschappen blijven doen, op vakantie gaan en

de kapper betalen? Precies daarom bestaan er hypotheeknormen.

Die normen zijn er niet om mensen onnodig

te beperken, maar juist om ze te beschermen. We

leggen je graag uit hoe ze tot stand komen.

Bij het Nibud geven we al 25 jaar advies over verantwoorde

hypotheekverstrekking. Sinds 2013 helpen we

de ministeries van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordering

en van Financiën om de regels vast te stellen die

ervoor zorgen dat huishoudens geen hogere leningen

krijgen dan zij kunnen dragen. Zo zorgen we ervoor

dat mensen in hun huis kunnen blijven wonen, ook als

het financieel even tegenzit.

DE BALANS VINDEN

Bij het berekenen van de hypotheeknormen kijken we

naar drie punten:

• Betaalbaarheid: de hypotheeklasten moeten goed

betaalbaar zijn;

• Hanteerbaarheid: de methode moet eenvoudig te

gebruiken zijn voor verstrekkers, adviseurs en consumenten;

• Robuustheid: de maximale hypotheek zou niet te

veel moeten schommelen van jaar op jaar.

De kern van onze systematiek is het vinden van een

goede balans. Mensen hoeven niet onnodig beperkt te

worden om een huis te kunnen kopen, maar moeten

ook niet zo veel lenen dat ze een te groot deel van hun

inkomen aan de hypotheek besteden, of nog erger, in

financiële problemen komen. Daarom berekenen we

wat huishoudens nodig hebben voor hun overige uitgaven

(zonder woonlasten), zodat zij ook bij het afsluiten

van een maximale hypotheek voldoende ruimte houden

om nu én in de toekomst rond te komen.

48 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025


OPINIE

Stappen naar meer

transparantie

RISICO’S

Waarom dat belangrijk is? Omdat een hypotheek een

risicovol product is. Het gaat om veel geld, voor een

lange tijd. Als het misgaat, kunnen mensen hun huis

verliezen. Dat heeft niet alleen gevolgen voor het individu,

maar ook voor de bank en, als het op grote schaal

misgaat, voor de hele economie. We herinneren ons allemaal

de financiële crisis van 2008 tot 2011, die mede

veroorzaakt werd door te ruime hypotheekverstrekking

in de Verenigde Staten.

Onze normen zijn dus niet alleen een bescherming

voor consumenten, maar dragen ook bij aan de financiële

stabiliteit van banken en de gehele economie.

Het is belangrijk dat er objectieve normen bestaan

die duidelijkheid en houvast bieden

Bovendien is het voor consumenten vaak moeilijk,

of zelfs onmogelijk, om goed in te schatten wat zij nu

en in de toekomst verantwoord kunnen lenen, zeker

als er iets in de persoonlijke situatie verandert. En er is

sprake van kennisongelijkheid tussen de verstrekker en

de consumenten; voor de een is het dagelijkse kost na

een meerjarige opleiding, de ander is er misschien voor

het eerst mee bezig.

Om ervoor te zorgen dat er geen mismatch ontstaat

tussen wat een consument aankan en wat er wordt verstrekt,

is het belangrijk dat de overheid toezicht houdt

en dat er objectieve normen bestaan die voor zowel

consumenten als verstrekkers duidelijkheid en houvast

bieden.

VEEL FACTOREN

Het klinkt misschien aantrekkelijk om voor iedereen

een volledig persoonlijk profiel te maken met individuele

wensen en (noodzakelijke) uitgaven, nu én voor de

komende 30 jaar. In de praktijk is dat niet haalbaar én

vaak ook niet zinvol: uitgavenpatronen veranderen, persoonlijke

omstandigheden verschuiven en de toekomst

is moeilijk te voorspellen. Daarom baseren wij de normen

op gemiddelde patronen, onderbouwd met data en

de oordelen van experts en consumentenpanels.

De berekening van het maximale hypotheekbedrag

hangt uiteindelijk van heel veel factoren af. Van de

energieprijzen tot de prijs van een pak melk, maar ook

veranderingen in regels rond belastingen en toeslagen.

Die enorme hoeveelheid data maakt het lastig om altijd

precies uit te leggen waarom een huishouden op een

bepaald hypotheekbedrag uitkomt, of in het ene jaar

meer kan lenen dan in het andere jaar.

MEER BIJLAGEN

Toch is het belangrijk om hier goed inzicht in te bieden.

SEO Economisch Onderzoek heeft onze systematiek

recent geëvalueerd en concludeert dat deze goed werkt

op het gebied van verantwoorde kredietverstrekking en

bijdraagt aan financiële stabiliteit en toegankelijkheid

van de koopwoningmarkt. Ook blijkt de methode voldoende

begrijpelijk voor consumenten en uitvoerbaar

voor adviseurs en verstrekkers.

Er is volgens SEO geen aanleiding om grote wijzigingen

in de berekeningswijze aan te brengen. Dat advies

is overgenomen door de ministeries. Wel raadt

SEO aan om onze werkwijze en onderliggende systematiek

beter uit te leggen, zodat deze beter te volgen zijn.

Daar geven we graag gehoor aan. Vanaf het adviesrapport

over de hypotheeknormen voor 2026 voegen

we meer bijlagen toe waarin we toelichten hoe de berekeningen

tot stand komen, welke bronnen we gebruiken

en welke input we hebben opgehaald bij partijen

uit de markt.

Een voorbeeld hiervan is dat we linken naar de

brongegevens van onze data, zoals het Budgethandboek

en de Prijzengids, zodat gebruikers beter kunnen

achterhalen waar de uitgaven vandaan komen. Gegevens

die we vanwege privacy of concurrentiegevoeligheid

niet mogen publiceren, blijven uiteraard afgeschermd.

n

SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 49


VERZEKERD WONEN

HET NIEUWE ZORGVERZEKERINGSSEIZOEN KOMT ER ALWEER AAN. IN

DEZE ADVIESALERTS! ZORGVERZEKERING ACTUALITEITEN, TRENDS

EN TIPS. HOEWEL JE ALTIJD MAAR MOET AFWACHTEN WAT ER VAN

VERKIEZINGSBELOFTEN UITKOMT, NEIGEN STEEDS MEER POLITIEKE

PARTIJEN NAAR HET IN STUKJES HAKKEN VAN HET VERPLICHTE EIGEN

RISICO. EEN GOEDE ZAAK? NIET PER SE.

Adviesalerts!

Zorgverzekering

TEKST TOON BERENDSEN

‘Wij zien een verbod

op budgetpolissen er

niet komen’

Slimmer adviseren is vooral geen onrust zaaien

in je portefeuille. Dus een massale overstapactie

zorgverzekering in eigen huis lijkt ons geen

goed idee. Ook omdat de verdiensten bij zorgverzekeringen

niet om over naar huis te schrijven

zijn. Maar waarom zou je niet weer eens proberen

wat nieuwe zorgverzekerden te werven?

De koek is groot genoeg. Afgelopen keer wisselden

1,2 miljoen mensen van zorgverzekeraar naar zorgverzekeraar.

Benader eens de klanten in uw portefeuille

die hun zorgverzekering nog niet bij uw kantoor hebben

lopen. Tip: volgens Vektis, het business intelligence

center voor de zorg, zijn de meeste overstappers te

vinden in de leeftijdsgroep achttien-44 jaar, dus richt

uw pijlen dan ook vooral op deze klanten.

Adfiz is van mening dat adviseurs hoe dan ook een

sleutelrol in het zorgverzekeringsstelsel spelen. Adfiz:

“Anders dan vaak wordt gedacht, is de zorgverzekering

geen simpele schadeverzekering. Een verkeerd gekozen

basisverzekering of een aanvullend pakket dat niet

voldoende zekerheid biedt kan leiden tot (soms grote)

financiële problemen en stress!”

Hoort u het ook eens van (niet zomaar) een ander.

HANDBOEK

Om adviseurs te ondersteunen bij het up-to-date houden

van de praktische kennis rondom de Zorgverzekeringswet,

biedt Adfiz een gratis digitaal handboek aan.

Dat is meteen ook een van de belangrijkste tips van dit

artikel: vraag het handboek, dat regelmatig wordt geactualiseerd,

bij Adfiz op. In het document – Zorgverzekeringswet

in Praktijk – worden alle relevante aspecten

van de wet besproken. Zo wordt ingegaan op de verzekeringskring,

de acceptatieplicht, het begin en einde

van de verzekering, het verzekerde pakket en de financiering.

Ook informatie rondom de zorgtoeslag is in het

document opgenomen.

GEEN POLITIEKE VISIE

Er is geen glazen bol voor nodig om te voorspellen dat

de zorgverzekeringspremie verder blijft stijgen, al lijkt

een meevaller de premiestijging van de basispolis dit

keer te beperken (op het moment van schrijven van dit

artikel had alleen DSW al de premie gepubliceerd en

die is hetzelfde als dit jaar). Maar zolang de zorgkosten

blijven oplopen, rest de zorgverzekeraars niet anders

dan hun premies te verhogen. En helaas is het einde

50 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025


VERZEKERD WONEN

zoek; niemand lijkt in staat – de politiek al helemaal

niet – de zorgkosten te beteugelen.

Een blik in de verkiezingsprogramma’s van de belangrijkste

partijen – voor de landelijke verkiezingen

op 29 oktober – leerde nog maar weer eens dat een visie

op de zorg in Nederland en de financiering ervan

ontbreekt. Het blijft bij algemeenheden, oplossingen

worden niet geboden of niet financieel onderbouwd

waardoor het schijnoplossingen zijn.

Ronduit bedenkelijk is dat best veel partijen neigen

naar verlaging of tranchering van het verplichte eigen

risico. Dat is nog even bevroren op 385 euro, maar in

de toekomst zou er volgens sommige partijen een lager

eigen risico per behandeling moeten gaan gelden.

Voormalig minister Kuipers ging voor een eigen risico

van 150 euro per medische-specialistische behandeling.

Dat idee van verlaging nemen meerdere partijen

in allerlei varianten over. NSC bijvoorbeeld wil een eigen

risico van 80 euro per behandeling met een jaarmaximum

van 385 euro.

Hopelijk komt het niet zover, want nu al is becijferd

dat verlagen of in partjes knippen van het eigen

risico de premie alleen maar verder de hoogte in zal

jagen. Je kunt ook op je vingers natellen dat een lager

eigen risico zal leiden tot meer vraag en behandelingen.

Inmiddels is duidelijk dat tranchering van het

verplichte eigen risico in ieder geval niet in 2026 een

feit gaat zijn. Maar in de Prinsjesdag-stukken wordt

tranchering vanaf 2027 niet uitgesloten.

Er zijn partijen die menen dat ze het eigen risico

helemaal kan worden afgeschaft. Diezelfde partijen

menen tegelijkertijd de premie van de zorgverzekering

te kunnen verlagen. Gelooft u het?

MEDISCH LETSELSCHADEFONDS

Staat er in de zorgparagraaf van de verschillende verkiezingsprogramma’s

dan helemaal niks bijzonders?

Toch wel, al is het even zoeken en heeft het minder

te maken met zorg dan met aansprakelijkheid. De SP

schrijft: “Erken medische fouten en leer ervan. We introduceren

een medisch letselschadefonds dat patiënten

snel compenseert bij fouten en medische missers.

Het schadebedrag wordt vervolgens verhaald bij de

specialist, het ziekenhuis of de zorginstelling. Zo worden

jarenlange juridische procedures overbodig.”

1,2 miljoen

overstappers

per jaar.

RESTITUTIEPOLIS VERDWENEN

Op polisvlak geldt dat de zogeheten restitutiepolissen

inmiddels helemaal zijn verdwenen. Afgelopen seizoen

werden ook de laatste restitutiepolissen geschrapt en

omgezet naar combinatiepolissen. De keuze is nu dus

tussen naturapolis (of de budgetpolis-variant daarvan)

en combinatiepolis. De naturapolis is, aldus Vektis,

met een aandeel van 78,5 procent veruit de meest

gekozen verzekeringsvorm.

Een afzonderlijk percentage budgetpolissen vermeldt

Vektis helaas niet, maar in deze dure tijden zal

deze vorm waarschijnlijk vaker gekozen worden. De

Consumentenbond wijst erop dat er naast budgetpolissen

ook nog ‘selectieve naturapolissen’ zijn. De

bond: “Deze polissen hebben beperkte vergoedingen

en voorwaarden vergeleken met normale naturaverzekeringen.

Maar je wordt hier niet beperkt in je vrije

keus voor ziekenhuizen, zoals bij de budgetpolissen.”

Overigens is de Vereniging van Regionale Zorgverzekeraars

(Zorg en Zekerheid, Salland Zorgverzekeringen,

ONVZ en DSW) voorstander van het verbieden

van budgetpolissen. Wij zien zo’n verbod er echter

niet komen. Eerder zullen verzekeraars worden gedwongen

hun polisaanbod overzichtelijker te maken.

De NZa (zorgautoriteit) meent dat “het aanbod aan

zorgverzekeringen die niet of nauwelijks van elkaar

verschilden het voorbije seizoen nog altijd zo groot

was dat het consumenten hinderde bij het kiezen”.

Verzekeraars kunnen zich deze kritiek maar beter

aantrekken. Want als het aan de SP ligt “komt er een

nationaal zorgfonds. Dit vervangt de huidige commerciële

zorgverzekeraars”. Dan hebben we nog maar één

polis en één verzekeraar… n

SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 51


VVP is trots op haar partners

die de VVP special

Verzekerd Wonen mede

mogelijk hebben gemaakt

Hooray! Your file is uploaded and ready to be published.

Saved successfully!

Ooh no, something went wrong!