VVP SPECIAL Verzekerd wonen eZine
- No tags were found...
Transform your PDFs into Flipbooks and boost your revenue!
Leverage SEO-optimized Flipbooks, powerful backlinks, and multimedia content to professionally showcase your products and significantly increase your reach.
80 JAAR HÉT PLATFORM VOOR DE FINANCIEEL ADVISEUR
VVPRUIM Cruciaal
JAARGANG 82 • EXTRA EDITIE • NOVEMBER 2025
advies!
Special Verzekerd Wonen
COLOFON
VVP, KENNIS- EN INSPIRATIEMAGAZINE
VOOR FINANCIEEL ADVISEURS
Uitgave van VVP Nederland
82e jaargang
nhoud
UITGEVER EN HOOFDREDACTEUR
Willem Vreeswijk 06-10630149,
willem@vvponline.nl
(EIND)REDACTEUR
Toon Berendsen 06-12907930,
toon@vvponline.nl
PERSBERICHTEN, REACTIES, IDEEËN
vvp@vvponline.nl
REDACTIE-ADRES
Wapendragervlinder 29, 3544 DL Utrecht
SENIOR ACCOUNTMANAGER/TRAFFIC
Sara Hattink, 06 8110656
sara@vvp-online.nl
7
Robin van Beem
Woongenot verzekerd?
10
Mark de Bruijn
Hoeveel Wft-advies
kan een klant aan?
ABONNEMENTENSERVICE
abonneeservice@vvponline.nl
WEBSITE www.vvponline.nl
SPECIAL VERZEKERD WONEN
Deze special verschijnt in een oplage van
6.000 exemplaren en is mede tot stand
gekomen in samenwerking met a.s.r., Inpact,
Nationale-Nederlanden en Onderlinge
Nederland. Deze editie is tevens uitgebracht
als e-zine.
NABESTELLINGEN
Sara Hattink, sara@vvp-online.nl
Advertentieplaatsingen worden uitgevoerd
overeenkomstig ‘De Regelen 2022 Stichting
ROTA’
16
Eveline Ruinaard
AOV in ieder
adviesgesprek
18
Erna Knipscheer
Financiële psychologie
COPYRIGHT VVP Nederland, 2025
VORMGEVING/PREPRESS
Peter Beemsterboer, Beemsfoto
DRUK
Damen Drukkers, Werkendam. Deze uitgave is
gedrukt op FSC-papier
ISSN: 1388-2724
24
Barry Vermeeren
Financiële kwetsbaarheid
40
Jos Besselink
Dat éne telefoontje...
2 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025
VOORWOORD
Excellent
14
Jesse Canisius
Klimaatschade grote
uitdaging
22
Jasper Horsthuis
Scheidingsadvies
professioneler
48
Marcel Warnaar
Meer transparantie
Had ik dit maar eerder geweten! Dit is vaak de reactie van vrouwen
na een scheiding. Zij krijgen te maken met een koopkrachtdaling
van gemiddeld 21 procent, terwijl mannen er nauwelijks in koopkracht
op achteruit gaan, zo blijkt uit de Emancipatiemonitor van
het CBS. Uit die monitor blijkt onder meer ook dat de helft van
samenwonenden niets vastleggen over hun financiën.
Adviseurs hebben een cruciale rol om de kwetsbare positie van vrouwen na
een scheiding bespreekbaar te maken. Juist al bij de aanschaf van dat droomhuis.
Loop alle belangrijke levensgebeurtenissen goed na en wijs op de – financiële
- risico’s. Niet alleen als gevolg van een scheiding, maar ook na een overlijden,
ziekte, arbeidsongeschiktheid en werkeloosheid. En dat geldt ook voor
klanten met een huurhuis.
Let als adviseur bij je adviesgesprekken ook op je taalgebruik. NHG-bestuurder
Carla Muters: “Van oudsher is de financiële wereld meer een mannenwereld,
en dat sijpelt nog door in het dagelijkse taalgebruik over financiën. Zo
slaan mannen over het algemeen meer aan op technische details en zijn vrouwen
ontvankelijker voor visualisatie en beeldspraak. Ook goed om daar eens
over na te denken, hoe doe ik dat eigenlijk? Hoe inclusief communiceren we eigenlijk
in onze sector?”
Momenteel zijn er zo’n 33.000 daklozen in Nederland. De ‘economisch daken
thuislozen’ worden echter niet meegeteld in deze cijfers, simpelweg omdat
niet bekend is hoe groot deze groep is. Ze raken vaak thuisloos na een levensgebeurtenis
en slapen noodgedwongen bij familie of vrienden op de bank, in
hun auto of in een caravan. Ook deze groep had veel baat gehad bij een goede
adviseur.
Uiteraard is een belangrijke oorzaak de woningnood in Nederland, zeker
als het gaat om huurwoningen in het goedkope segment. Ik schreef al eerder:
“Zou het niet mooi zijn om vanuit de verzekeringssector een betaalbaar huurbeschermingsproduct
in de markt te zetten voor huurders die na een calamiteit
(scheiding, ontslag, overlijden partner) in zwaar weer terecht komen?”
Ondertussen zullen adviseurs hun verantwoordelijkheid moeten nemen.
Jos Besselink (WijZijnLoek) schrijft in deze special: “Ik krijg vaak de vraag wat
het beste moment is om alsnog een AOV te sluiten, rekening houdend met de
aanstaande wetgeving. Mijn antwoord? “Het beste moment was gisteren. Het
op-één-na beste moment is vandaag.”
Het adviesvak is een cruciaal beroep. Deze special Verzekerd Wonen wil adviseurs
inspireren ORV en hypotheekbescherming hoger op de agenda te zetten
en/of te houden. Deze special biedt trends, tips en tools die helpen bij een
excellent adviesgesprek.
Veel leesplezier. n
WILLEM VREESWIJK (VVP)
HOOFDREDACTEUR / willem@vvponline.nl
SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 3
VERZEKERD WONEN
EEN ORV EN WOONLASTENBESCHERMING HOREN BIJ ELK GOED
ADVIES VERZEKERD WONEN. VVP ZET TRENDS, KANSEN EN PRAKTIJK-
TIPS WEER OP EEN RIJ IN DE RUBRIEK ADVIESALERTS! DE ROEP OM DE
ORV BIJ KOPEN ÉN HUREN (WEER) VERPLICHT TE STELLEN, GROEIT.
EN HOE BESTAAT HET DAT LIEFST 44 PROCENT VAN DE HAAGSE
HUISHOUDENS GEEN INBOEDELVERZEKERING HEEFT?!
Adviesalerts!
Verzekerd wonen
TEKST TOON BERENDSEN
Een overlijdensrisicoverzekering was ooit verplicht
bij een hypotheek. Steeds vaker klinkt
de roep om dat weer terug te brengen. Eveline
Ruinaard, voorzitter van de Geschillencommissie
van Kifid, zei onlangs in een interview
op de website van het Verbond van Verzekeraars (en
ze herhaalt dit in deze VVP-special): “Ik hoop dat de
ORV in de toekomst weer verplicht wordt gesteld. Niet
alleen bij koopcontracten, maar ook bij huurovereenkomsten.”
Waarom werd de ORV-verplichting eigenlijk afgeschaft?
Om kwetsbare groepen ook de kans te geven op
een hypotheek. Voor deze groepen was afsluiten van
een ORV niet altijd mogelijk of te duur. Worden deze
groepen dan niet opnieuw op achterstand gesteld als de
verplichting van een ORV terug zou komen? Ja en nee.
De verzekerbaarheid is inmiddels vergroot. Maar er is
op dit vlak ook nog veel te doen. Als de verplichting terug
komt, zou er voor kwetsbare groepen toch wel iets
van een nadere regeling moeten worden bedacht. Helemaal
nu de huizenprijzen zo ontploft zijn dat elke euro
die extra moet worden neergeteld er een te veel kan
zijn om de financiering rond te krijgen.
STANDAARD
Maar neem de ORV als adviseur in ieder geval standaard
mee in het adviesgesprek, zoals ook Ruinaard bepleit.
“Dat geldt breed in de verzekeringsportefeuille en
zeker ook bij hypotheekadviseurs. Als er geen adviseur
tussen zit, zou de verzekeraar het op moeten pakken.
Uit onderzoek naar de overlijdensrisicoverzekering in
opdracht van het Verbond van twee jaar geleden bleek
dat mensen informatie over de ORV bij voorkeur willen
krijgen van hun verzekeraar of financieel adviseur.
Daarom is het essentieel dat als verzekeraars met klanten
in contact zijn, ze voorlichting geven en bij verzekerden
navragen of ze over de ORV hebben nagedacht.”
Naar aanleiding van de uitkomsten van het onderzoek
dat Ruinaard aanhaalt, lanceerde het Verbond eerder
dit jaar een toolkit ORV. Heeft u daar als eens naar
gekeken? Het Verbond: “Zo is er een basistekst beschikbaar
waarin verzekeringsvragen worden beantwoord
zoals ‘Wat is een overlijdensrisicoverzekering?’ en ‘Wat
is het verschil met een uitvaartverzekering?’. Ook bevat
de toolkit de testimonial van Nicole. Zij verloor haar
partner onverwacht tijdens een vakantie. Door de ORV
kunnen zij en haar kinderen in hun huis blijven wonen.”
De kit is te vinden op de website van het Verbond
onder de naam Toolkit Communicatie ORV.
AAN DE OREN TREKKEN
Verhalen vertellen, is ook de ervaring van adviseurs,
blijkt een hele goede manier om mensen te wijzen op
risico’s waar ze eigenlijk liever niet bij stilstaan. De aan-
4 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025
VERZEKERD WONEN
koop van een huis is gericht op leven, niet op vroegtijdig
sterven, ziek worden, uit elkaar gaan. Maar benadruk
dat een goede financiële voorziening ervoor zorgt
dat men zelf of als nabestaande in ieder geval financieel
prettig verder kan leven.
Maar het mag best wat sturend zijn. In drie leuke
troonrede-podcasts van Dazure, waarin adviseurs Karima
Rijkse, Patrick Brands en Jeroen Wolfsen aan het
woord kwamen (te vinden op Spotify onder ‘Wat als adviseurs
koningen waren?’), zegt Wolfsen over klanten
die een ORV afhouden: “Dan moet je ze op hun donder
geven en aan de oren trekken net zo lang tot ze tekenen.
Iedereen kan de premie betalen, anders hoor je
geen huis te kopen.”
In de podcasts wordt er terecht op gewezen dat
huurders een verwaarloosde groep zijn als het gaat om
de ORV. Helemaal omdat juist zij een groot risico lopen.
Iemand met een eigen woning kan deze desnoods
verkopen en met de overwaarde een tijd vooruit. Huurders
hebben dat niet. Sinds een paar jaar is er vanuit de
sector gelukkig meer aandacht voor deze groep gekomen,
maar feit is en blijft dat nog steeds relatief weinig
huurders een ORV hebben. Hier is nog genoeg werk
aan de winkel dus.
IS HET HIER OORLOG?
Wie had nog maar een paar jaar geleden kunnen denken
dat er weer oorlog zou dreigen? Laten we vooral
hopen dat we in vrede kunnen blijven leven, maar hoe
zit het eigenlijk met de uitkering van een ORV mocht
het onverhoopt toch tot oorlog komen?
Het verzekerde bedrag wordt dan verlaagd. Verzekeraars
hanteren daarbij een percentage van tien procent
in hun voorwaarden. Maar afhankelijk van de
ernst van de situatie kan de minister een ander percentage
bepalen. Dit op grond van de Noodwet Financieel
Verkeer. Het is ook deze wet die verlaging van het verzekerde
kapitaal dicteert.
SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 5
VERZEKERD WONEN
Mocht de schade uiteindelijk minder blijken, als de
oorlog eenmaal uitgewoed is, wordt berekend of de verlaging
geheel of gedeeltelijk ongedaan kan worden gemaakt.
Maar nogmaals, hopelijk blijft ons de oorlogsellende
bespaard.
WOONLASTENBESCHERMING
Woonlastenbescherming kwam in Nederland op in de
in jaren negentig met name via buitenlandse spelers,
met als een van de leidende partijen Cardif (inmiddels
opererend onder de naam BNP Paribas Cardif). Deze
verzekeraar heeft de focus inmiddels verlegd naar zijn
Hypotheek Aflos Verzekering. Deze lost een groot deel
van de hypotheek af als men arbeidsongeschikt raakt.
Een betere oplossing dan de traditionele woonlastenbeschermer?
Zoals wel vaker geldt ook hier dat de financiële
en in dit geval ook gezondheidssituatie van de
klant goed in kaart gebracht moet worden. Maar ja, dat
is toch ook bij uitstek het terrein van de financieel adviseur?
De Hypotheek Aflos Verzekering kan in een aantal
gevallen überhaupt niet worden gesloten. De website
leest: “Is een van de onderstaande kenmerken op u van
toepassing? Dan kunt u de Hypotheek Aflos Verzekering
niet afsluiten: u bent zelfstandig ondernemer, u
hebt een fysiek zwaar en/of risicovol beroep, zoals stukadoor,
dakdekker of havenarbeider, uw BMI is lager
dan 18 of hoger dan 32.”
Bijvoorbeeld TAF kent wel een maandlastenbeschermer
voor zelfstandig ondernemers met een eigen
woning (risicodrager in dit geval is Quantum Leben).
44 PROCENT ONVERZEKERD?
Recent onderzoek door Purpose in opdracht van de
gemeente Den Haag en het Verbond van Verzekeraars
concludeert dat liefst 44 procent van de huishoudens
in de Residentie geen inboedelpolis heeft. Dat klinkt
onwaarschijnlijk; uit de jongste Consumentenmonitor
van de AFM blijkt dat landelijk iets meer dan driekwart
van de huishoudens een inboedelpolis heeft. Verder onderzoek
in alle grote steden lijkt dan ook gewenst. Alle
grote steden, want daar is dan mogelijk hetzelfde aan
de hand. In Den Haag zijn het volgens de onderzoekers
‘Heeft u al eens gekeken
naar de toolkit ORV van
het Verbond?’
WATER AAN DE LIPPEN
Overstromingsschade kan volgens recent onderzoek
door het Centraal Planbureau (CPB) maken
dat veel huishoudens het financiële hoofd niet boven
water kunnen houden. Het CPB: “Wanneer een
overstroming daadwerkelijk optreedt, kan de schade
voor huiseigenaren – ook met verzekering of
tegemoetkoming vanuit de overheid – oplopen tot
tienduizenden euro’s; bij ongeveer een derde van
deze huishoudens overstijgt deze schade hun financiële
draagkracht.”
Door verzekeringspremies of hypotheekrentes
te differentiëren naar risico, kunnen huishoudens
volgens het CBP worden gestimuleerd om mitigerende
maatregelen te nemen (zoals een waterbestendige
vloer, verhoogde elektrische installaties,
drempels en dorpels), wat bijdraagt aan het terugdringen
van de huidige – en naar verwachting
groeiende – risico’s en daarmee gepaarde verzekeringspremies.
“Daarnaast”, aldus het CPB, “is het van belang
dat overheid en verzekeraars vooraf meer duidelijkheid
bieden aan huishoudens over de te verwachten
overheidstegemoetkoming en verzekeringsdekking
in geval van overstromingsschade.”
vooral mensen met een migratieachtergrond, arbeidsmigranten
en mensen in een (sociale) huurwoning) die
geen inboedelverzekering hebben. Er zijn ook zorgen
om studenten. Deze bevolkingsgroepen zijn ook in andere
grote steden flink vertegenwoordigd.
Is er inderdaad sprake van zo’n enorm ‘lek’ bij de
inboedelverzekering (en AVP, want daarvoor geldt hetzelfde
volgens het onderzoek), dan lijkt snelle, gerichte
actie gewenst.
De Haagse cabaratier Sjaak Bral in zijn column in
het Algemeen Dagblad: “Dit zijn geen cijfers, maar tijdbommen
in het leven van gewone mensen. Zodra er
water uit het plafond stroomt of een explosie je straat
doet trillen, wordt voor velen pas duidelijk dat die verzekering
geen overbodige luxe is maar de enige buffer
tussen jou en de financiële afgrond.
“Het betalen van een premie lijkt misschien een
kostenpost, maar dat is het niet. Het is een investering
in iets dat steeds zeldzamer dreigt te worden: gemoedsrust.
Tuurlijk, je kunt in het leven niet alles verzekeren.
Maar helemaal niets verzekeren is een flinke dosis zelfbedrog.
De vraag is niet óf het gebeurt, maar wanneer.
Zeker in Den Haag.”
Als verzekeraars gelijk inhuren die man voor een
campagne inboedelverzekering en AVP! n
6 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025
VERZEKERD WONEN
Woongenot
verzekerd?
U KENT ZE WEL, KLANTEN ZOALS JEROEN. DIE ALTIJD VOOR EEN DUBBELTJE OP DE
EERSTE RANG WIL ZITTEN. JEROEN VRAAGT U OM ALLEEN EEN HYPOTHEEK VOOR HEM TE
REGELEN. GRAAG MET ZO LAAG MOGELIJKE LASTEN. VERZEKERINGEN OM RISICO’S VAN
INKOMENSVERLIES DOOR OVERLIJDEN, ARBEIDSONGESCHIKTHEID OF WERKLOOSHEID AF TE
DEKKEN? LIEVER NIET, WANT DUUR. HOE GAAT U DAAR ALS ADVISEUR MEE OM?
TEKST ROBIN VAN BEEM, BRANDMR
De Wft stelt specifieke eisen aan een hypotheekadvies.
U moet een klantprofiel opstellen,
waaruit de wensen en behoeften
van de klant blijken en ook zijn risicobereidheid.
Dus beoordeelt u niet alleen
de inkomenspositie van uw klant op dat
moment, maar ook zijn inkomenspositie of die van zijn
partner bij overlijden van een van hen, bij arbeidsongeschiktheid
of bij werkloosheid. Als uit die beoordeling
volgt dat de klant in die gevallen de maandlast van de
hypotheek niet meer kan dragen, dan bespreekt u met
hem de mogelijkheid om die risico’s af te dekken. Bijvoorbeeld
met verzekeringen.
Daarbij was er één verzekering die in elk geval altijd
op de lijst stond van te sluiten producten: de ORV.
Want het sluiten van die verzekering was een verplich-
SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 7
VERZEKERD WONEN
Robin van Beem:
‘Niet alleen een kwestie
van zorgplicht, maar
ook van beroepseer.’
FOTO PETER BEEMSTERBOER
ting van de bank. Dat is tegenwoordig niet meer zo.
Dus kan de klant op dat punt een keuze maken. Het
kan zijn dat u samen met de klant vaststelt dat hij het
risico ook op een andere manier kan beperken.
In dit geval stelt u echter vast dat Jeroen en zijn
partner het risico van inkomensverlies niet kunnen
dragen. Maar Jeroen laat u weten dat hij de benodigde
verzekeringen toch niet wil sluiten. U ziet de bui al
hangen. Als in de toekomst het besproken risico zich
voordoet, dan klopt Jeroen of zijn partner bij u aan
met een zorgplichtclaim. Dus u legt schriftelijk vast
in uw rapport: “Wij bespraken de mogelijkheid om
een overlijdensrisicoverzekering en een woonlastenbeschermer
te sluiten. U heeft laten weten dat u daar
geen behoefte aan heeft.” Daarmee is de kous af. Toch?
ZORGPLICHT ORV
Het lijkt logisch dat op deze manier de kwestie voldoende
is afgehandeld en vastgelegd. En dat wat er verder
ook gebeurt, dit de eigen verantwoordelijkheid is
van de klant. Toch is dat niet vanzelfsprekend de uitkomst
van procedures over dit soort kwesties. Zoals
u weet, dient u zich volgens de jurisprudentie op het
gebied van zorgplicht als een redelijk bekwaam en re-
8 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025
VERZEKERD WONEN
delijk handelend adviseur te gedragen. Dat betekent
onder andere dat u moet waken voor de belangen van
uw klanten. Die zorgplicht vloeit voort uit de overeenkomst
van opdracht die u met uw klant sluit.
De omvang van de zorgplicht hangt dus af van de
aard van de opdracht, de afspraken die u met uw klant
maakt en de verwachtingen die u wekt. Uit deze zorgplicht,
maar ook uit de Wft, vloeit voort dat u er in elk
geval voor moet zorgen dat uw klant voldoende geïnformeerd
is om een weloverwogen beslissing te nemen om
een verzekering wel of niet te sluiten. Daar hoort bij dat
u de klant moet waarschuwen voor risico’s die hij loopt
bij een keuze die afwijkt van uw advies. Dat waarschuwen
mag niet in te algemene woorden gebeuren. De
Hoge Raad heeft (in een ander verband) al eens bepaald
dat als er plicht geldt om te waarschuwen, er wel sprake
moet zijn van een effectieve waarschuwing. Wat is dat
dan? Dat is een waarschuwing die zodanig is, dat deze
leidt tot een daadwerkelijke gedragsverandering.
ACTIEVE ROL VOOR ADVISEUR
Die norm zie je ook wel terugkomen in uitspraken over
zorgplicht. Bijvoorbeeld bij zaken over het niet naleven
van in de polis voorgeschreven preventiemaatregelen.
In dergelijke zaken hebben rechters wel geoordeeld
dat het onvoldoende is om alleen op een preventieclausule
te wijzen. De rechter verlangt van een adviseur
dat hij de klant ook uitdrukkelijk wijst op de gevolgen
die kunnen optreden als niet aan de clausule voldaan
wordt. Dus u kunt niet alleen volstaan met de mededeling:
“Uw auto moet voorzien zijn van een SCM-klasse 3
alarm”. U zult de klant er ook op moeten wijzen dat het
niet voldoen aan deze eis ertoe kan leiden dat er geen
recht op dekking is.
Dat geldt dus ook in onze voorbeeldsituatie. Als
u alleen in algemene termen in uw rapport benoemt
dat is gesproken over een ORV en dat de klant daarvan
heeft afgezien, dan kan een rechter dat als onvoldoende
indringende waarschuwing zien. Want u dient
de klant te wijzen op de risico’s die hij daadwerkelijk
loopt. Dus moet u Jeroen uitdrukkelijk voorhouden dat
als hij zou komen te overlijden, zijn partner niet in de
woning kan blijven wonen.
VERZWAARDE STELPLICHT
Als u een klant op deze manier indringend waarschuwt,
dan is het ook nog van belang dat u deze waarschuwing
goed schriftelijk vastlegt. De stelplicht en bewijslast
dat sprake is van een beroepsfout rust op grond van de
hoofdregel van bewijslastverdeling op de klant. Maar
uit jurisprudentie volgt dat in het geval van zelfstandige
beroepsbeoefenaren zoals assurantietussenpersonen
er wel een zogenoemde ‘verzwaarde stelplicht’
‘U dient de klant te
wijzen op de risico’s die
hij daadwerkelijk loopt’
op de beroepsbeoefenaar kan rusten. De beroepsbeoefenaar
is namelijk degene die het volledige dossier behoort
bij te houden en daarmee degene in wiens risicosfeer
de bewijsstukken zich bevinden. Als uit het dossier
niet blijkt dat de klant schriftelijk gewaarschuwd
is, dan kan de rechter ervan uitgaan dat die waarschuwing
niet gegeven is.
BEROEPSEER
Wat als Jeroen ook na een dergelijke indringende waarschuwing
niet bereid is om uw advies te volgen? In dit
soort gevallen is van belang wat de situatie is. Stel: een
klant kan kiezen tussen optie A en B. Volgens uw advies
is A de best passende keuze. B is de mindere keuze,
maar is goedkoper en is op zich ook nog wel afdoende.
Als de klant dan kiest voor optie B, kunt u dat met een
gerust hart voor hem regelen.
Maar in ons voorbeeld is het niet sluiten van een
ORV voor Jeroen geen realistische optie. En er zijn ook
geen andere mogelijkheden om het risico van inkomensverlies
af te dekken. Dan ben ik van mening dat u
als onafhankelijk en professioneel adviseur moet zeggen
dat u zijn keuze niet voor hem kunt uitvoeren, omdat
die keuze evident in strijd is met zijn belang. Net
zoals ik als advocaat tegen een klant zal moeten zeggen
dat ik geen procedure voor hem zal voeren als ik
daar geen redelijke kans van slagen in zie. Ook al wil de
klant per se dat ik dat voor hem doe.
Dat is niet alleen een kwestie van zorgplicht, maar
(vooral) ook van beroepseer. U moet er toch niet aan
denken dat u door een nabestaande wordt aangesproken
omdat zij noodgedwongen haar huis moet verkopen?
Dan voelt het voor u zelf ook niet lekker als u
moet zeggen: ‘Ja, maar hij wilde het zelf zo.’ En in de
praktijk zal het doorgaans zo zijn dat uw waarschuwing
inderdaad leidt tot de gewenste gedragsverandering.
Want als u, bij uitstek de vertrouwenspersoon van de
klant, hem op het hart drukt dat het echt in zijn belang
is om een bepaalde keuze te maken, dan zal de klant
dat advies ter harte nemen. n
Robin van Beem is Manager Zakelijk – Advocaat bij BrandMR.
SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 9
OPINIE
Met de invoering van de Wft is op het
gebied van hypothecair krediet het
begrip ‘langjarige betaalbaarheid’
centraal komen te staan. Via wettelijk
leennormen, opleidingen en
audits is de bewustwording binnen
de hele keten dat er een zorgplicht is die tot doel heeft
te voorkomen dat consumenten, door onvoorziene levensgebeurtenissen,
in betalingsproblemen raken met
leningen die bij het aangaan nog wel betaalbaar leken.
Dit beleid is zonder meer succesvol geweest. Het
aantal consumenten met een hypotheek dat in betalingsproblemen
komt, behoort tot het laagste in Europa.
Het aantal gedwongen huisuitzettingen als gevolg van
niet oplosbare betalingsproblemen is minimaal. Recente
cijfers van het BKR illustreren dit duidelijk. Eind juni
2025 hadden 30.000 Nederlanders een betalingsachterstand
van minimaal drie maanden op hun hypotheek.
Dit is ‘slechts’ 0,21 procent van de Nederlandse bevolking
van achttien jaar en ouder. Ook het aantal personen
met een restschuld na verkoop van de woning bevindt
zich met 11.600 eind juni 2025 op een laag niveau.
KLANTEN DIE LANG HEBBEN GEZOCHT, WAARSCHIJN-
LIJK HEBBEN OVERBODEN EN IN DE MEESTE GEVALLEN
AAN DE GRENS VAN HUN LEENCAPACITEIT ZITTEN, HEB-
BEN WANNEER ZIJ BIJ DE ADVISEUR ZITTEN MAAR ÉÉN
INTERESSE: ‘KRIJGEN’ WIJ DE LENING WEL OF NIET?
DE ADVISEUR DIE IN DIE FASE BEGINT OVER ZAKEN ALS
DUURZAAMHEID, RELATIEBEËINDIGING, ARBEIDSONGE-
SCHIKTHEID EN WERKLOOSHEID, KRIJGT NIET DE AAN-
DACHT DIE DEZE ONDERWERPEN VERDIENEN.
TEKST MARK DE BRUIJN, NVHP
BEWUST MAKEN
Kijken wij vervolgens naar de oorzaken waardoor deze
mensen toch in betalingsproblemen zijn gekomen, dan
blijken relatiebeëindiging en verlies van inkomen de
belangrijkste te zijn. Oorzaken waar de financieel adviseur
in de adviesfase van het krediet geen invloed op
heeft. Wel kan de adviseur voor een deel invloed hebben
om het financieel risico verbonden aan deze oorzaken
beheersbaar te maken. Deels, want een verzekering
tegen de gevolgen van relatiebeëindiging bestaat nog
niet en ik verwacht ook niet dat op korte termijn daar
iemand een innovatief financieel product voor ontwikkelt.
Wat wel kan is dat de adviseur zijn klanten bewust
maakt van wat beide partners afzonderlijk maximaal
zouden kunnen lenen.
Financiële producten kun je onderscheiden in ‘haalproducten’
en ‘brengproducten’. Haalproducten zijn
de producten waarbij de consument snel het initiatief
neemt om zelf dit product aan te schaffen. Een autoverzekering
is daarvan een voorbeeld. Ook de hypotheek
zelf is een voorbeeld van een ‘haalproduct’.
‘Brengproducten’ zijn producten die de adviseur met de
nodige overredingskracht onder de aandacht van consumenten
moet brengen. In het verleden werd deze
overredingskracht wel eens aangeduid als ‘het overwinnen
van koopweerstanden’. Die betiteling doet geen
recht aan een van de belangrijkste taken van het professionele
intermediair: het signaleren van financiële
10 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025
OPINIE
Hoeveel Wftadvies
ineens kan
een klant aan?
risico’s voor de klant, het informeren van de klant over
de impact wanneer dit risico hem treft om vervolgens
de klant te begeleiden in een weloverwogen keuze of
hij dit risico wil, maar nog belangrijker, kán nemen.
Woonlastenverzekeringen zijn typische brengproducten.
Er zijn nu eenmaal weinig consumenten die
een goed beeld hebben van de kans dat deze risico’s
hen treft en de impact die dat dan zal hebben.
ORV
Van de risico’s van werkloosheid, arbeidsongeschiktheid
en overlijden is de laatste een bijzondere. Waar de
andere risico’s gelukkig vaak van tijdelijke aard zijn en
er vaak perspectief op verbetering bestaat is de situatie
van overlijden altijd definitief zonder perspectief.
Wij zien dat het aantal ORV’s dat in combinatie
met een hypothecair krediet wordt afgesloten sterk is
gedaald sinds NHG deze verzekering als voorwaarde
voor het kunnen aanschaffen van een hypotheek heeft
laten vervallen. Deze ontwikkeling was ook direct in de
‘niet-NHG’ markt zichtbaar. Steeds vaker ontstaan er
nu schrijnende situaties waarbij sprake is van een overlijden
zonder vangnet voor de nabestaanden. Dat zowel
de adviseur als de klant onvoldoende aandacht hebben
voor het belang van de ORV heeft meerdere oorzaken.
Een van de oorzaken is dat de relatief lage maandpremie
van deze verzekering er bij consumenten toe leidt
dat de (vaak extra) kosten van een goed onderbouwd
advies als erg hoog worden ervaren.
We kunnen het blijven proberen. Ik heb geen hoge
verwachtingen dat wij erin slagen om in een gesprek al
deze onderwerpen zodanig bij de consument in beeld
te krijgen dat deze op al deze onderwerpen een weloverwogen
beslissing neemt.
’Op tweede adviesgesprek
inzetten’
TWEEDE GESPREK
Als dit niet blijkt te kunnen in één gesprek, waarom
zouden wij het dan niet in twee gesprekken doen? Bijvoorbeeld
het tweede gesprek drie maanden nadat
de overdracht heeft plaatsgevonden en de hypotheek
goed is geregeld. Natuurlijk, in die drie maanden kan
er ook van alles gebeuren. Dat kan met voorlopige dekkingen
met minimale verklaringen rondom gezondheid
en arbeidssituatie opgevangen worden. De kunst
zal alleen zijn om de klant na deze drie maanden weer
naar het kantoor te krijgen. Ook daar zijn verschillende
oplossingen voor te bedenken. Net als de vraag
op welke wijze je dit tweede gesprek financieel voor de
klant aantrekkelijk kan maken. De kernvraag die rest
ten aanzien van een oplossing is of zowel wetgever,
toezichthouder als sector bereid zijn te komen tot een
open dialoog om samen tot een oplossing voor de overlijdensrisicoproblematiek
te komen. De NVHP wil deze
dialoog graag faciliteren. n
Mark de Bruijn is voorzitter van de Nederlandse Vereniging
van Hypothecair Planners (NVHP).
SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 11
PARTNER IN KENNIS
KLIMAATVERANDERING HEEFT EEN GROTE IMPACT OP ONZE
WOONOMGEVING EN HEEFT STEEDS MEER MERKBARE GEVOLGEN.
DESONDANKS ZIJN VEEL NEDERLANDSE HUISEIGENAREN ZICH IN
MINDERE MATE BEWUST VAN DE GEVOLGEN VOOR HUN EIGEN WONING,
ZOALS HITTESTRESS. DIT BLIJKT UIT EEN ONDERZOEK, DAT ONDER 2015
WONINGEIGENAREN IS UITGEVOERD DOOR MARKTEFFECT, IN OPDRACHT
VAN NATIONALE-NEDERLANDEN. HANS BUURSINK (DOMEIN LEAD
HYPOTHEKEN NATIONALE-NEDERLANDEN BANK) EN ADRIE HEINSBROEK
(MANAGER SUSTAINABILITY BUSINESS NN GROUP) LICHTEN DEZE SITUATIE
TOE EN VERTELLEN OVER DE AANPAK VAN NATIONALE-NEDERLANDEN.
Adviseurs en Nationale-Nederlanden:
Krachten en kennis bundelen
voor klimaatbestendig wonen
TEKST INEKE SLOB
Woningeigenaren (48 procent)
ervaren grote zorgen
op het gebied van
klimaatverandering. Het
is een complex probleem dat niet eenvoudig
is op te lossen vanwege de vele
en diverse aspecten. Maatregelen zijn
noodzakelijk, maar worden voornamelijk
korte termijn gericht genomen.
Denk aan het voorkomen van hoge
energiekosten of bijvoorbeeld hitte in
huis. In dit kader worden door huiseigenaren
de volgende aanpassingen veel
overwogen en toegepast: Het gebruik
van regenwater voor de tuin, het plaatsen
van zonnewering, het isoleren van
de woning, ventilatiesystemen en het
installeren van airconditioning.
REDENEN OM IN ACTIE TE KOMEN
“Motiverende redenen om daadwerkelijk
maatregelen te nemen zijn vooral
van financiële aard”, aldus Hans. Adrie:
“Belemmeringen om actie te ondernemen
ontstaan vaak door onzekerheid
bij consumenten, het wachten op betere
technieken, het gebrek aan kennis en
het wachten op andere/duidelijke(re)
regelgeving. Veel eigenaren, met name
degenen die zich (veel) zorgen maken,
wensen betrouwbare en begrijpelijke informatie,
maar ook persoonlijk advies
op maat en financiële steun, zoals subsidie,
een lening of korting.”
DESKUNDIGE INFORMATIE
“De meerderheid van de huiseigenaren
die hulp wenst, richt zich in eerste
instantie tot de gemeente/overheid”,
zegt Hans. “In algemene zin kunnen zij
veel informatie delen en verwijzen naar
deskundige instanties. eigenaren die
informatie vragen bij een hypotheekverstrekker,
zoals Nationale-Nederlanden,
verwachten vooral inzicht over
de financiële voordelen. Van de hypotheekadviseur
wordt hulp verwacht bij
het combineren van een hypotheek en
een duurzaamheidslening, uitleg over
subsidies en meedenken over de financiering
van de mogelijke maatregelen.”
In het onderzoek is gekeken in hoeverre
Nederlandse woningeigenaren
zich bewust zijn van klimaatverandering,
hoe zij hier op dit moment mee
omgaan en in hoeverre zij zich in staat
voelen om hierin zelfstandig stappen
te ondernemen. In het onderzoeksrapport
lees je de antwoorden op de kernpunten:
• Welke duurzame klimaataanpassingen
zijn er genomen of overweegt
men?
• Wat zijn de drijfveren en barrières
om de woning aan te passen aan het
veranderende klimaat?
• In hoeverre voelt men zich in staat
om zelfstandig stappen te zetten na
informatie en advies van een intermediair?
KLANTEN ONDERSTEUNEN
“Klimaatverandering is een ecologische,
sociale én economische uitdaging”, aldus
Adrie. “Het is Nationale-Nederlan-
12 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025
NATIONALE-NEDERLANDEN
Hans Buursink: ‘Motiverende redenen om daadwerkelijk maatregelen
te nemen zijn vooral van financiële aard.’
Adrie Heinsbroek: ‘Klimaatverandering is een ecologische, sociale
én economische uitdaging.’
den er veel aan gelegen om haar klanten
te ondersteunen en voor te bereiden
op de mogelijkheden die er zijn voor
comfortabeler, gezonder en duurzamer
wonen, niet alleen vanuit het oogpunt
van risico’s.
Een belangrijk uitgangspunt van
Nationale-Nederlanden is: een toekomstbestendige
woning begint bij
klanten die zelf aan het roer staan. In
samenwerking met de hypotheekadviseur
bieden wij inzicht en praktische
tips rond maatregelen en financieringsmogelijkheden.
Zo helpen we klanten
met vertrouwen stappen te zetten
naar een toekomstbestendige woning
op een manier die past bij hun leven en
budget.”
ADVIESROLLEN
“Alhoewel de primaire verantwoordelijkheid
voor het realiseren van een klimaatbestendige
woning bij de woningeigenaar
ligt, zijn er veel gemeentelijke
subsidies voor het klimaatbestendig
maken van je woning”, aldus Hans.
“Ook verwijzen zij naar professionele
bedrijven die benodigde aanpassingen
kunnen realiseren.”
Hans vervolgt: “Uit het onderzoek
blijkt dat er bij klimaataanpassingen
niet veel van de adviseur wordt verwacht,
terwijl die naar onze mening
wel degelijk een belangrijke rol kunnen
vervullen. Er is in de markt veel informatie
over verduurzamen beschikbaar,
alleen is die op veel verschillende
plekken te vinden om klanten te helpen.
Nationale-Nederlanden werkt op
dit gebied samen met adviseurs, zodat
zij consumenten overzichtelijk tips en
informatie kunnen bieden om de juiste
stappen te kunnen ondernemen. In
het Klimaatrisico Dashboard, een handige
tool, heeft Nationale-Nederlanden
deze informatie gebundeld. Daarmee
kunnen de Accountmanagers van Nationale-Nederlanden
de hypotheekadviseur
inzichten bieden over hun klantenbestand/portefeuille.
Zij kunnen met
deze informatie hun klanten veel beter
adviseren welke maatregelen noodzakelijk
zijn bij de aankoop of verbouwing
van hun huis. De tool geeft veel inzichten
over de regio tot op wijkniveau.”
GOED RESULTAAT
“In het kader van duurzaamheid en
door de mogelijkheden die er zijn in
kaart te brengen, is Nationale-Nederlanden
doorlopend bezig oplossingen te
vinden die werken”, aldus Adrie. “Wat
verwacht de maatschappij van ons? Een
nauwe samenwerking binnen Nationale-Nederlanden
én tussen Nationale-
Nederlanden en de diverse adviseurs
is daarbij cruciaal. Nadenken over vragen
wat nodig is en wat werkt, waaraan
hebben onze klanten behoefte.”
Hij vervolgt: “Als adviseur ontwikkel
je een expertrol op het gebied van
klimaat om klanten te kunnen binden.
Denk bijvoorbeeld aan het moment
dat klanten een woning gaan kopen of
gaan verbouwen. Met het onderwerp
toekomstbestendig wonen kun je dan
veel waarde toevoegen aan je adviesgesprek..
Nationale-Nederlanden beschikt
over een ruim, gedegen netwerk
van gespecialiseerde bedrijven. Deze
waardeketen is een kracht van Nationale-Nederlanden.
Dat is ook een onderdeel
van onze rol en maatschappelijke
verantwoordelijkheid.”
WAT KUN JE ALS HUISEIGENAAR DOEN?
“Nationale-Nederlanden zorgt ervoor
dat consumenten weten hoe ze risico’s
kunnen herkennen en welke stappen ze
zelf kunnen nemen om hun huis kostenbesparender
en toekomstbestendig
te maken”, zegt Hans. “Huiseigenaren
kunnen via het stappenplan Aan
de slag: wat kun je zelf doen? in het online
magazine van Nationale-Nederlanden
hun woonsituatie in kaart brengen
en meteen aan de slag met praktische
tips.”
Adrie: “Het voortdurend vooruitdenken
en zoeken naar duurzame oplossingen
is mogelijk dankzij nauwe, intensieve
samenwerking met veel partijen
binnen én buiten onze branche.”
“Het adviseren en overbrengen van
kennis, snel schakelen, kunnen meebewegen
met de behoeften uit de markt,
onze kennis, dat is de kracht van Nationale-Nederlanden”,
besluit Hans. n
SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 13
VERZEKERD WONEN
“BESTE VERZEKERAARS, CREËER EEN ‘INCLUSIEVE DEKKING’
MET PREVENTIE ALS KERNONDERDEEL VAN DE POLIS.” DIE
BOODSCHAP GEEFT JESSE CANISIUS, KANTOORDIRECTEUR
ALPINA BOCHOLTZ, MEE AAN VERZEKERAARS. VVP
VROEG JESSE NAAR TRENDS, TIPS EN ACTUALITEITEN
WOONVERZEKERING. “DE KLANT BIJSTAAN ALS ADVISEUR EN
SCHADEREGISSEUR, DÁT BLIJFT CRUCIAAL.”
Klimaatschade is
een grote uitdaging
SAMENSTELLING TOON BERENDSEN
Welke trends zie je bij woonverzekeringen?
“De woonverzekeringen hebben een sterke premiestijging
ondergaan. De inflatie heeft effect op het schadeherstel,
met name door hogere kosten van arbeid en
materiaal.
“Klimaatverandering zorgt voor extreem weer,
meer schade door stormen, overstromingen en extreme
weersomstandigheden.
“Verzekeraars gaan strenger kijken naar risico’s
(onderhoud, materiaalkeuze, locatie).
“Dekking wordt meer gedifferentieerd. Er komen
meer modules of aanvullende dekkingen specifiek voor
risico’s, zoals waterschade, natuurrampen, duurzaamheidsmaatregelen
(bijvoorbeeld zonnepanelen).
Wat zou je verzekeraars willen meegeven bij de verzekering
van inboedel en opstal? Wat kan er beter?
“Inspelen op de consumentenverwachtingen. Mensen
verwachten transparantie, heldere voorwaarden, goede
service, snelle afhandeling. Voor een deel daarvan kunnen
ze uiteraard bij hun adviseur terecht. Echter, dit
wordt gesterkt door een snel en accuraat acterende verzekeraar.
Zaken zoals dekkingen voor mobiele elektronica,
verduurzamingsmaatregelen en overstromingsrisico
raken de consument en vragen hun aandacht.
Beste verzekeraars, creëer een ‘inclusieve dekking’ met
preventie als kernonderdeel van de polis. Veel schades
zijn ook te voorkomen, maar preventie wordt nog te
weinig beloond.”
PROBLEEM GROEIT SNEL
Klimaatschade is een issue aan het worden. Welke oplossingen
adviseer jij aan je klanten?
“Klimaatschade is een grote uitdaging en het probleem
groeit snel. Als adviseur kun je klanten helpen niet alleen
beter verzekerd te zijn, maar vooral weerbaarder
te worden tegen schade door storm, water, hitte of
droogte.
“Fysieke preventie helpt op de eerste plaats. Storm:
versteviging van daken met stormhaken, snoeien van
bomen, professionele bevestiging van zonnepanelen.
Water: terugslagkleppen, drempelverhoging, waterdoorlatende
bestrating of liefst meer groen om wateroverlast
tegen te gaan. Hitte: groene daken, zonwering
en ventilatie.“Verzekeringstechnische oplossingen
– slim verzekeren tegen klimaatschade. Niet alles
is te voorkomen, dus controle en bewustwording bij de
klant is essentieel. Check je dekking en laat je helpen
bij het vergelijken op de inhoud en niet op de prijs.
“Klimaatadaptatie, structureel anders omgaan met
risico. Let op gebruik van materialen die beter tegen
vocht en warmte kunnen. Ga in gesprek met de buurt
en gemeente om zaken beter aan te pakken.”
14 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025
VERZEKERD WONEN
WATERSNOOD
In Limburg hebben jullie in 2021 een watersnood gehad.
Lang niet iedereen – met name ondernemers – bleek
goed verzekerd. Is dat inmiddels verbeterd? En tegen
welke (premie)prijs?
“Onze regio werd hard getroffen. Inmiddels is er een
grotere bewustwording. Verzekeraars hebben zich ook
meer open en expliciet uitgesproken. Het percentage
van onverzekerden in onze regio daalt nu. Gelukkig
hadden wij ten tijde van deze watersnood geen klanten
die we niet schadeloos konden stellen. Er zijn wel gevallen
bekend die hun verzekeringen hebben aangepast
en andere aanbieders hebben genomen. De prijs die
daarvoor betaald moet worden is dan wel hoger, maar
onontkoombaar.”
Verduurzaming staat hoog op de maatschappelijke
agenda. Vind jij dat verzekeraars hun producten voldoende
snel aanpassen aan de ontwikkelingen, zowel
particulier als zakelijk?
“Nee, verzekeraars bewegen wel degelijk richting verduurzaming
maar tegelijkertijd gaat dat langzaam
en ongelijkmatig. Daar waar verduurzaming snelheid
vraagt, biedt de verzekeringswereld nog te veel voorzichtigheid.
Het gebrek aan risicodata, comlexe ketens
van alle partijen waar verzekeraars van afhankelijk zijn
en de traditionele rol als vergoedingsinstelling die men
neemt is daar debet aan.”
SLURPDEKENS
Preventie is belangijk bij schadeverzekeringen. Hoe stimuleren
jullie dit?
“In gesprek met relaties de wijsheid ‘beter voorkomen
dan genezen’ bespreken helpt daarbij. Verzekeraars
hebben preventievoorwaarden en de opvolging daarvan
zie ik voor ons al een belangrijke taak. Voor de particuliere
markt hebben we ook wel eens rookmelders en
slurpdekens uitgereikt. Maar als we samen preventie
kunnen belonen, dan zouden we verder komen.”
Noem een paar recente bijzondere schadegevallen
woonverzekering en hoe jullie de klant hier hebben weten
te helpen?
“Laat ik er een uitpikken. Een bijzondere inbraak bij
een opticien waarbij aan flinke waarde buit gemaakt is.
De klant bijstaan als adviseur en schaderegisseur, dát
blijft cruciaal. De juiste betrokken partijen, vaak lokale
spelers, direct kunnen inschakelen en de voortgang en
opvolging bewaken. Dat maakt dat je aan het einde van
de rit een dik compliment ontvangt van je relatie. En
dat is toch het mooist, nietwaar?” n
Jesse Canisius: ‘Daar waar
verduurzaming snelheid
vraagt, biedt de
verzekeringswereld nog te
veel voorzichtigheid’
SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 15
OPINIE
PRATEN OVER DE DOOD IS MISSCHIEN
ONGEMAKKELIJK. TOCH MOETEN
FINANCIEEL ADVISEURS EN OOK
VERZEKERAARS HET GESPREK OVER DE
OVERLIJDENSRISICOVERZEKERING (ORV)
VAKER EN NADRUKKELIJKER VOEREN.
TEKST EVELINE RUINAARD, KIFID
BEELD WIEBE KIESTRA FOTOGRAFIE
Het is de taak van een financieel adviseur
om te inventariseren wat een klant wil als
het gaat over een ORV en om de klant te
wijzen op de risico’s bij overlijden. Financieel
adviseurs, verzekeraars, banken én
hun klanten staan te weinig stil bij deze risico’s en wat
de gevolgen kunnen zijn als een ORV ontbreekt. In de
Kifid-praktijk zien we met regelmaat dat die gevolgen
schrijnend kunnen zijn. De ontstane situatie is dan zelden
terug te draaien.
DE HARDE REALITEIT
Bijvoorbeeld mensen die een hypotheek oversluiten via
de meeneemregeling waarbij de ORV niet wordt meegenomen.
Dit kan rampzalig zijn als iemand komt te
overlijden. Een concreet voorbeeld: een echtpaar dat
samen een hypotheek met variabele rente heeft afgesloten
voor hun woning. Na vijftien jaar overlijdt de
vrouw en staat de man er alleen voor. Daar komt bij
dat hij zijn werk verliest. De maandelijkse lasten van de
hypotheek - inmiddels gestegen vanwege de variabele
rente - kan hij niet meer voldoen en hij moet de woning
verkopen (GC 2024-0774).
Of een stel dat de maandelijkse woonlasten wil verlagen.
Op advies van hun financieel adviseur sluiten ze
een volledig nieuwe hypotheek ‘inclusief alles’ en vertrouwen
erop dat, evenals bij de oude hypotheek, een
overlijdensrisicoverzekering is inbegrepen. Vragen
hierover aan de adviseur blijven gedurende drie maanden
onbeantwoord en uiteindelijk blijkt er geen ORV
te zijn. Ondertussen is bij de vrouw borstkanker met
uitzaaiingen geconstateerd. Hierdoor kan zij geen overlijdensrisicoverzekering
sluiten tot het moment dat zij
een periode van vijf jaar is ‘schoon verklaard’. Het stel
maakt zich ernstige zorgen over de betaalbaarheid van
de hypotheek mocht zij overlijden (GC 2025-0635).
16 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025
OPINIE
Maak de ORV
altijd onderwerp
van gesprek
TE WEINIG BEKEND OF NIET BEWUST
De voorbeelden illustreren dat, hoewel de ORV onverplicht
is sinds 2020, de risico’s onverminderd hoog kunnen
zijn. Helaas zijn weinig mensen zich hiervan bewust,
totdat een partner wegvalt. De achterblijvende
partner, al dan niet met kinderen, moet de woonlasten
(hypotheek of huur) en overige kosten voor levensonderhoud
alleen opbrengen. Lukt dat niet dan is verkoop
van de woning of op zoek gaan naar een woning met
lagere huur onvermijdelijk. In 2023 hadden nog maar
drie op de tien consumenten een overlijdensrisicoverzekering
volgens onderzoek in opdracht van het Verbond
van Verzekeraars. Belangrijke redenen om geen
ORV af te sluiten waren ‘onbekendheid met de ORV’ en
de overtuiging dat er ‘voldoende financiële buffer’ is.
MEENEMEN IN ONDERHOUDSGESPREK
Het allerbeste scenario zou zijn de ORV weer opnieuw
verplicht maken, bij zowel koop- als huurwoningen. Zolang
dat niet het geval is: laat de ORV altijd onderwerp
van gesprek zijn. Uit het hiervoor genoemde onderzoek
blijkt dat mensen informatie over de ORV bij voorkeur
willen krijgen van hun verzekeraar of financieel adviseur.
Consumenten met een financieel adviseur mogen
verwachten dat hij of zij standaard de ORV meeneemt
in een onderhoudsgesprek. Dat geldt breed in de verzekeringsportefeuille
en zeker ook bij hypotheekadviseurs.
Is er geen adviseur, dan zou de verzekeraar het
op moeten pakken. Daarom is het essentieel dat verzekeraars
in contact met hun klanten voorlichting geven
en navragen of ze over de ORV hebben nagedacht.
In de huursector zouden verhuurders hiervoor verantwoordelijkheid
kunnen nemen. Er is een veelgebruikt
standaard model huurcontract. Het zou mooi
zijn als verhuurders in dit contract aan het eind een
standaardzin toevoegen waarbij aan huurders gevraagd
wordt om na te denken over het afsluiten van een ORV.
Dit alles om schrijnende gevallen te voorkomen.
‘Het allerbeste scenario
zou zijn de ORV weer
opnieuw verplicht maken’
HANDREIKING
Het Verbond van Verzekeraars heeft een praktische
toolkit om het gesprek over de ORV met uw klanten
nadrukkelijk aan te gaan. Heeft u hier al gebruik
van gemaakt? Of heeft u eigen communicatiemiddelen?
Staat het onderwerp ‘risico’s na overlijden van
uzelf of uw naasten’ bij u op de agenda van het periodiek
onderhoudsgesprek? Wellicht dat er op deze punten
verbeteringen mogelijk zijn en kunt u daar werk
van maken. In het belang van uw klanten en hun welbevinden.
En wellicht helpt het voorkomen dat mensen
in een schrijnende situatie bij Kifid aankloppen, omdat
de ORV niet of onvoldoende aan de orde is geweest. n
Eveline Ruinaard is voorzitter van de Geschillencommissie
Kifid.
SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 17
VERZEKERD WONEN
Erna Knipscheer:
‘Adviseur heeft
waardevolle taak als
gids in onzekerheid.’
18 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025
VERZEKERD WONEN
WONEN IS MEER DAN EEN DAK BOVEN HET HOOFD. HET IS
EEN PLEK VAN VEILIGHEID, IDENTITEIT EN HERINNERING.
EN VERZEKEREN IS MEER DAN EEN POLIS AFSLUITEN. HET IS
EEN MANIER OM DIE VEILIGE PLEK TE BESCHERMEN TEGEN
ONVOORZIENE GEBEURTENISSEN. TOCH BLIJKT IN DE PRAKTIJK
DAT KLANTEN LANG NIET ALTIJD RATIONELE KEUZES MAKEN
ALS HET GAAT OM HET AFDEKKEN VAN RISICO’S.
Financiële
psychologie in de
verzekeringspraktijk
TEKST ERNA KNIPSCHEER | BEELD NIKÉ CREATIEF
Financiële psychologie biedt waardevolle inzichten
in het waarom achter deze keuzes en
hoe adviseurs hier effectief op kunnen inspelen.
In dit artikel verkennen we drie situaties
waarin psychologische mechanismen een cruciale
rol spelen:
1. De risicoperceptie van klanten bij het wel of niet afsluiten
van verzekeringen.
2. De emotionele impact van het verliezen van de woning
door onvoldoende verzekering.
3. De rol van de adviseur gezien vanuit de financiële
psychologie.
WAAROM KLANTEN ANDERS KIEZEN DAN WENSELIJK
Verzekeringen zijn bedoeld om financiële risico’s af te
dekken. Toch kiezen klanten er regelmatig voor om bepaalde
risico’s niet te verzekeren. Dit betreft ook risico’s
die ze niet zelf kunnen dragen. Denk aan het niet
afsluiten van een overlijdensrisicoverzekering bij een
hypotheek, het afzien van een AOV door een zelfstandig
ondernemer, of simpelweg onderverzekerd of tegen
zeer beperkte condities verzekerd zijn bij schade.
COGNITIEVE BIASES DIE KEUZES BEÏNVLOEDEN
Volgens de Prospect Theory van Kahneman en Tversky
wegen mensen verlies zwaarder dan winst. Dat zou in
theorie juist moeten leiden tot een grotere bereidheid
om risico’s af te dekken. In de praktijk zien we het tegenovergestelde.
Dat komt omdat mensen bijvoorbeeld
de volgende irrationele denkfouten (biases) maken bij
hun besluit om wel of niet voor een bepaald risico een
verzekering af te sluiten:
• Optimism bias: mensen hebben de neiging om te
denken dat hen niets zal overkomen. “Ik ben gezond,
ik heb een vaste baan, ik doe voorzichtig.”
Deze overschatting van de eigen controle leidt tot
onderschatting van risico’s die klanten lopen.
• Availability bias: als een klant recentelijk een schadegeval
in de omgeving heeft meegemaakt dan is
het risico tastbaar en wordt verzekeren logischer.
Is dat niet het geval dan lijkt het risico abstract en
onwaarschijnlijk waardoor de klant minder snel een
verzekering hiervoor zal afsluiten.
SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 19
VERZEKERD WONEN
• Status quo bias: veranderen van de huidige situatie,
en dus ook het afsluiten of aanpassen van een verzekering,
kost mentale energie. Klanten stellen het
afsluiten van een verzekering uit of zeggen “ik kijk
er later wel naar” en vervolgens gebeurt er niets.
• Temporal discounting: de premiekosten van een verzekering
zijn direct voelbaar terwijl het voordeel
pas in de toekomst ligt. In het geval van een verzekering
is het ook nog eens onduidelijk of de verzekerde
gebeurtenis wel zal voorvallen en de verzekering
ooit zijn nut bewijst. Dit maakt het afsluiten
van een verzekering minder aantrekkelijk. Zeker als
het maandbudget al onder druk staat.
• Loss aversion: Klanten ervaren het betalen van premies
als een verlies terwijl het verzekerde voordeel
nog hypothetisch is. In combinatie met de hiervoor
genoemde irrationele denkfouten (biases) versterkt
dit de neiging om de risico’s te negeren en dus geen
verzekering af te sluiten.
Voor adviseurs is het essentieel om deze denkfouten
te herkennen en bespreekbaar te maken. Niet door de
klant te overtuigen maar door de klant inzicht te geven
in het eigen denkproces. Een adviesgesprek over risico’s
wordt effectiever als het niet alleen over cijfers gaat
maar ook over menselijk gedrag.
ROUW ALS GEVOLG VAN FINANICIËLE KEUZES
Wanneer een klant onvoldoende verzekerd is en door
een calamiteit of inkomensverlies noodgedwongen
moet verhuizen, raakt hij of zij vaak meer kwijt dan alleen
een woning. De woonplek is een bron van emotionele
veiligheid, sociale verbondenheid en persoonlijke
identiteit. Het verlies van de woonplek kan leiden
tot een rouwproces dat vergelijkbaar is met het verlies
van een dierbare. Mensen hechten emotionele waarde
aan bezittingen en woonomgeving. Het verlies daarvan
raakt aan de kern van het zelfbeeld en de levensstructuur.
‘Door klant beter te begrijpen,
kunnen we voorkomen
dat financiële keuzes leiden
tot persoonlijk leed’
Wanneer een klant door financiële omstandigheden
ongewild zijn thuis verliest dan verloopt dat verlies
vaak als een rouwproces. In eerste instantie is er vaak
ontkenning. De klant probeert het verlies te minimaliseren
en klampt zich vast aan de hoop dat er nog een
oplossing komt. Misschien kan de klant nog ergens een
lening afsluiten, geldt er een uitzondering of krijgt de
klant een onverwachte meevaller?
Als die hoop vervliegt, kan boosheid de overhand
krijgen. Die boosheid richt de klant soms op zichzelf
maar ook de adviseur of de omstandigheden kunnen de
schuld krijgen: “Waarom heeft niemand mij er eerder
op gewezen dat ik niet goed verzekerd ben of dat mijn
polis of geen dekking biedt?”
Vervolgens begint de klant te onderhandelen met
de realiteit, in een poging het verlies terug te draaien.
Er wordt druk uitgeoefend op de adviseur en/of de
verzekeraar en soms gezocht naar juridische wegen.
Wanneer duidelijk wordt dat de oude situatie niet terugkomt,
kan dit besef doorslaan in verdriet. Machteloosheid,
schuldgevoel en somberheid kunnen de klant
overspoelen.
Pas wanneer de klant deze emoties enigszins heeft
verwerkt dan ontstaat er ruimte voor acceptatie. In de
acceptatiefase kan de klant weer vooruitkijken, plannen
maken en stap voor stap bouwen aan een nieuwe
woonplek en een nieuw toekomstperspectief.
Voor adviseurs is het belangrijk om te herkennen in
welke fase(n) van het rouwproces de klant zich bevindt.
Niet elke klant doorloopt deze fasen lineair zoals hierboven
beschreven. Emoties kunnen fluctueren en rationele
gesprekken zijn dan niet altijd mogelijk. Juist in
deze kwetsbare fase is het empathische handelen van
de adviseur cruciaal om de klant te kunnen begeleiden.
PREVENTIE VANUIT FINANCIËLE PSYCHOLOGIE
Om klanten te helpen hun risico’s beter te begrijpen
en te voorkomen dat ze bijvoorbeeld hun woning verliezen,
is het belangrijk dat adviseurs niet alleen financiële
kennis inzetten maar ook inzichten uit de financiële
psychologie. Preventie begint bij het menselijke
klantgesprek en niet bij de gegevens van het te verzekeren
risico. Door risico’s niet als abstracte kansberekeningen
te presenteren maar als concrete real life scenario’s
wordt het risico tastbaar en emotioneel relevant
voor de klant. Dit noemen we in de financiële psychologie
framing van risico’s. Bijvoorbeeld: “Wat gebeurt er
met uw woonsituatie als u zes maanden geen inkomen
heeft?” Klanten reageren beter op deze beelden en verhalen
dan op cijfers.
Kleine gedragsinterventies ofwel het gebruik van
nudging, zoals bijvoorbeeld het standaard aanbieden
van een risicoanalyse of het visueel maken van moge-
20 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025
VERZEKERD WONEN
lijke gevolgen, kunnen klanten subtiel in de richting
van verstandige keuzes duwen. Door de gevolgen te
visualiseren wordt het emotionele brein van de klant
geactiveerd waardoor het gevoel van urgentie wordt
vergroot. Denk aan simulaties, ervaringen van andere
klanten of interactieve tools die laten zien wat er gebeurt
bij onverzekerde risico’s.
Ook het opsplitsen van complexe beslissingen in
overzichtelijke stappen helpt. Bijvoorbeeld eerst aandacht
voor inkomensbescherming en daarna voor vermogensbescherming.
Zo voorkom je keuzestress en
vergroot je de kans dat klanten daadwerkelijk in actie
komen. Door deze gecombineerde aanpak ontstaat bij
de klant niet alleen een beter begrip van risico’s maar
ook een fundament voor duurzame financiële vitaliteit.
ALS HET TOCH MISGAAT
Wanneer een klant zijn woonplek verliest door financiële
omstandigheden is het niet voldoende om enkel
met rationele adviezen te komen. In zo’n situatie heeft
de klant vooral behoefte aan erkenning van het verlies.
Een empathische reactie zoals “ik zie dat dit u diep
raakt” is dan veel krachtiger dan een analyse van wat er
anders had gekund.
De adviseur speelt een belangrijke rol in het helpen
herdefiniëren van het klantperspectief. Wat is er nog
wel mogelijk en welke stappen kunnen nu worden gezet
om weer grip te krijgen op de situatie? Soms is het
nodig om andersoortige professionals te betrekken zoals
maatschappelijk werkers, wooncoaches of de huisarts,
zeker wanneer de situatie psychologisch complex
is. De adviseur hoeft het niet alleen te doen maar is wel
vaak degene die het proces in gang zet.
Op persoonlijk vlak is het belangrijk dat de adviseur
zorgt voor een veilige gespreksomgeving waarin
de klant zich gehoord en gesteund voelt. Een open houding,
rustige toon en ruimte voor emoties maken hierin
het verschil.
Daarnaast helpt het om regelmatig kritisch te reflecteren
op de eigen rol. Zijn er signalen gemist en is
er voldoende doorgevraagd? Deze zelfreflectie draagt
bij aan betere klantgesprekken in de toekomst. Tot
slot is het van grote waarde als de adviseur ook na het
verlies beschikbaar blijft voor de klant. Bijvoorbeeld
bij het opstellen van een herstelplan, het zoeken naar
nieuwe woonmogelijkheden of het herstructureren van
de financiële situatie. Juist in die nazorg ligt vaak de
sleutel tot herstel.
MENSELIJKE GIDS
Wonen en verzekeren raken aan de kern van het menselijk
bestaan: veiligheid, toekomst en menselijke identiteit.
Financiële psychologie leert ons dat klanten niet
Erna Knipscheer:
‘Juist in nazorg ligt de
sleutel tot herstel’
altijd rationeel handelen en dat emoties, overtuigingen
en denkfouten een grote rol spelen in hun keuzes.
Voor adviseurs ligt hier een kans en een verantwoordelijkheid.
Door de klant beter te leren begrijpen,
kunnen we niet alleen betere adviezen geven, maar ook
voorkomen dat financiële keuzes leiden tot persoonlijk
leed. En als het dan toch misgaat dan heeft de adviseur
een waardevolle taak als gids in onzekerheid. Ook dat
is een belangrijk onderdeel van het verzekeringsadvies
dat bestaat uit preventiemaatregelen, risico’s verzekeren
en menselijke ondersteuning van de klant. Ook, of
moeten we zeggen juist als de verzekeringspolis niet
uitkeert. n
Erna Knipscheer is oprichter van Financieel Vitaal Opleidingen,
dé specialist in opleidingen financiële psychologie.
SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 21
VERZEKERD WONEN
SCHEIDINGSADVIES IS BOOMING. MIJN EERSTE ADVIES IS:
VOLG DE LEERGANG REGISTER ERKEND SCHEIDINGSADVISEUR.
DAARMEE LEG JE EEN STEVIGE BASIS. DAARNA IS HET EEN
KWESTIE VAN ERVARING OPDOEN: DOOR SCHEIDINGEN TE
BEGELEIDEN LEER JE HET MEEST. ZORG ER WEL VOOR DAT JE
EEN NETWERK VAN DESKUNDIGEN OM JE HEEN HEBT, ZODAT
JE ALTIJD KUNT SPARREN BIJ INGEWIKKELDE VRAGEN.
Scheidingsadvies
steeds professioneler
TEKST JASPER HORSTHUIS, OPRICHTER DE SCHEIDINGSDESKUNDIGE
Als oprichter van De Scheidingsdeskundige
begeleid ik zelf geen scheidingen meer.
Bij De Scheidingsdeskundige hebben we al
ruim tien jaar als missie om de kwaliteit van
scheidingsbegeleiding in Nederland te verbeteren
door opleidingen en praktijkondersteuning
te bieden aan professionals die betrokken zijn bij het
scheidingsproces. Dagelijks krijgen we wel veel praktijkvragen
voorgelegd door de bij ons aangesloten professionals.
Die vragen variëren van juridisch, financieel
en/of fiscaal complexe scheidingskwesties tot emotionele
dilemma’s.
Van buitenaf kan het lijken alsof een scheidingsprofessional
vooral veel drama meemaakt. Dat beeld wil ik
graag nuanceren. In veel mediations werken cliënten
juist heel constructief samen. Vaak willen ze, vooral in
het belang van hun kinderen, tot goede afspraken komen.
Natuurlijk zijn er ook conflicten – dat hoort erbij.
Het is immers een emotionele periode waarin cliënten
verkeren.
Vaak ontstaan spanningen omdat er in de relatie
geen duidelijke afspraken zijn gemaakt. Denk bijvoorbeeld
aan een investering met privégeld in de gezamenlijke
woning. Zolang alles goed gaat, is dat geen
probleem, maar bij een scheiding hebben beide partijen
ineens tegengestelde belangen. Doordat de afspraken
niet helder zijn en de wetgeving niet altijd houvast
biedt, kan de discussie hierover hoog oplopen. Wij helpen
onze leden om in zulke situaties tóch met hun cliënten
naar werkbare oplossingen te zoeken.
STEEDS KRITISCHER
Het beroep van scheidingsprofessional is geen beschermd
beroep. Dat betekent dat iedereen zich scheidingsprofessional
mag noemen – en daardoor gaan er
soms echt zaken mis. Denk bijvoorbeeld aan onverwachte
fiscale naheffingen na een scheiding. Onduidelijke
of onvolledige afspraken leiden bovendien tot onnodige
procedures.
Het goede nieuws is dat mensen steeds kritischer
worden. Ze beseffen dat een scheiding een ingrijpend
proces is en dat deskundige begeleiding belangrijk is.
Gelukkig zien we dat steeds meer professionals hun
kennis actief bijspijkeren door opleidingen te volgen.
We zijn dus op de goede weg, maar er is nog ruimte
voor verbetering.
Een keurmerk is er al: het Register Erkend Scheidingsadviseur.
Alleen professionals die een pittige opleiding
met zowel schriftelijk als mondeling examen
succesvol hebben afgerond, mogen zich hierbij aansluiten.
Het register telt inmiddels zo’n 200 leden. Het zou
mooi zijn als iedereen die scheidingen begeleidt zich
hierbij zou aansluiten. Hierdoor wordt de kwaliteit van
scheidingsbegeleiding geborgd.
22 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025
VERZEKERD WONEN
FINANCIEEL RELATIE ADVIES
Wat mij de laatste jaren steeds meer bezighoudt, is dat
wij als scheidingsprofessionals vaak pas in beeld komen
wanneer het eigenlijk al te laat is. Vooral bij samenwoners
zien we dat er vaak geen duidelijke afspraken zijn
gemaakt ‘tijdens de rit’. Het gevolg is dat één van de
partners – meestal de vrouw – na een relatiebreuk met
lege handen achterblijft.
Als de relatie eenmaal voorbij is, is er weinig ruimte
meer om dat nog te repareren. Daarom vind ik het
belangrijk dat we het gesprek over de risico’s van een
mogelijke scheiding veel eerder voeren, bijvoorbeeld op
het moment dat mensen een huis kopen, kinderen krijgen
of andere grote financiële beslissingen nemen.
Om hieraan bij te dragen heb ik samen met docent
Jacqueline van der Vorm de leergang Financieel Relatie
Advies ontwikkeld. Ons doel is financieel adviseurs te
leren hoe zij stellen tijdens de relatie kunnen begeleiden
en helpen om goede, eerlijke afspraken te maken.
Hierdoor weten partners waar zij aan toe zijn bij een
eventuele relatiebeëindiging.
VEILIGE SFEER CREËREN
Wat ik heb geleerd: je kunt nooit precies voorspellen hoe
cliënten na de scheiding met elkaar omgaan. Het stel dat
dacht vrienden te blijven, kan jaren later alsnog ruzie
krijgen – en andersom kan na een moeizame scheiding
juist een goede verstandhouding ontstaan. Als scheidingsprofessional
kun je ook niet alles voorkomen.
Wat je wél kunt doen, is bij de scheidingsbegeleiding
de moeilijke gesprekken niet uit de weg gaan. Beter wat
spanning tijdens het traject dan ellende achteraf.
Wat mij in de praktijk altijd hielp, was de ontwikkeling
die ik bij mijn cliënten zag. Waar er bij de eerste
afspraak meestal tranen of spanning aan tafel waren,
werd er tegen het einde van het traject vaak gelachen,
omdat mensen weer perspectief zagen. Dat geeft ontzettend
veel voldoening.
Ik deed ook mijn best om een prettige, veilige sfeer
te creëren en duidelijke verwachtingen te scheppen:
zeggen wat je doet en doen wat je zegt. Dat voorkomt
een hoop gedoe en geeft rust.
VERDIENMODEL
Veel scheidingsprofessionals werken met een uurtarief
of vaste prijsafspraak. Daarnaast zijn veel
van hen aangesloten bij de Raad voor Rechtsbijstand,
waardoor ze gesubsidieerde rechtsbijstand
kunnen aanvragen voor cliënten met een lager inkomen.
Zo blijft goede begeleiding bij scheiding
voor iedereen toegankelijk.
Jasper Horsthuis:
‘Gesprek over
scheidingsrisico’s veel
eerder voeren’
Een gedegen financiële en fiscale kennis omtrent alle
aspecten van een scheiding is onontbeerlijk. Hiermee
kun je écht het verschil maken als professional. Daarbij
dien je alert te zijn op onevenwichtige afspraken, bijvoorbeeld
uit schuldgevoel van een van beide ex-partners.
Zorg ervoor dat je je cliënten goed informeert
over de wettelijke kaders zodat ze weten waar ze ‘ja’ of
‘nee’ tegen zeggen. Goede, duidelijke afspraken vastleggen
is vervolgens cruciaal: onduidelijkheid is een bron
van conflicten en mogelijke rechtszaken. n
SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 23
VERZEKERD WONEN
IN NEDERLAND OVERLIJDEN JAARLIJKS DUIZENDEN MENSEN ONVER-
WACHT OP EEN LEEFTIJD TUSSEN 20 EN 50 JAAR, MET INGRIJPENDE
EMOTIONELE ÉN FINANCIËLE GEVOLGEN VOOR HUN NABESTAANDEN.
OF ER WEL OF GEEN OVERLIJDENSRISICO-VERZEKERING (ORV) IS, MAAKT
DAN EEN GROOT VERSCHIL. DE PODCAST STERVEDING MAAKT MET
INDRUKWEKKENDE VERHALEN DUIDELIJK HOE GROOT DAT VERSCHIL IS.
Podcast Sterveding
legt financiële
kwetsbaarheid bloot
TEKST BARRY VERMEEREN, DAZURE
Dankzij een ORV-uitkering kunnen nabestaanden
beter rouwen, zonder stress over
geld of inkomen. Toch is de ORV voor veel
mensen een onbekende verzekering, vooral
onder mensen die niet bij een financieel adviseur
aanschuiven. Zoals huurders. Daarnaast kiezen
steeds meer mensen er, ondanks advies, bewust voor
om geen ORV af te sluiten. Pas bij ziekte of overlijden
ontstaat paniek: hoe staan we er financieel voor?
• Acht jaar geleden had nog 60 procent van de hypotheeksluiters
een ORV
• Nu is dat nog maar 25 procent
• Onder huurders heeft slechts vijftien procent een
ORV – velen hebben er zelfs nog nooit van gehoord
HET BELANG VAN EEN ORV
In de podcast praat ik openhartig met nabestaanden
over rouw en liefde. Samen kijken we terug op hoe zij
die eerste periode na het verlies zijn doorgekomen. In
elke aflevering komen ook de financiële gevolgen van
het overlijden ter sprake. Hoe belangrijk is de overlijdensrisicoverzekering
eigenlijk? Alle verhalen zijn indrukwekkend
en uniek. Drie jaar en 23 afleveringen
verder zou ik er zo een boek over kunnen schrijven.
Een aantal voorbeelden:
Marleen: volledige hypotheek was gedekt.
Marleen en Hans hadden een tweeling van vijf jaar oud
toen Hans zich regelmatig niet goed voelde. Tot Hans
uiteindelijk op de intensive care belandde, midden in
de coronacrisis. Marleen was hoogzwanger. Ze mocht
bevallen in hetzelfde ziekenhuis, om zo dichtbij mogelijk
te zijn. Helaas is Hans overleden en bleef Marleen
achter met een baby en de tweeling. Ondanks het immense
verdriet is ze heel erg dankbaar dat hun financieel
adviseur hen ooit op het hart had gedrukt om het
volledige bedrag van de hypotheek te verzekeren in de
ORV. Hierdoor had zij geen geldzorgen, kwam zij toe
aan rouw en was ze er volledig voor de kinderen.
Jetze: geldzorgen bovenop rouw
Jetze’s vriendin Linda overleed onverwacht, tien dagen
na de geboorte van hun dochter Sarah. Jetze vond haar
op de grond in de babykamer; ze werd met spoed naar
het ziekenhuis gebracht. Daar overleed ze aan de gevolgen
van een hersentumor. Niemand wist dat ze ziek
was. Er was financieel niets geregeld. Jetze kon niet
gaan werken met een pasgeboren baby om voor te zor-
24 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025
VERZEKERD WONEN
gen. Hij moest verhuizen naar een nog goedkoper huurhuis
en zocht hulp bij budgetbeheer. Het waren zware
jaren, en Sarah kreeg niet altijd de zorg en aandacht die
zo belangrijk zijn voor de ontwikkeling van een baby.
Inmiddels doet ze het goed op school en Jetze heeft
zijn vrachtwagenrijbewijs gehaald. Maar zijn financiële
ellende had voorkomen kunnen worden als hij destijds
een ORV had afgesloten toen ze gingen samenwonen.
Jetze had er nog nooit van gehoord. Schrijnend.
Cristel: dankzij de ORV ruimte om te rouwen
Cristel verloor op jonge leeftijd haar man Joe, nadat zij
als tiener ook haar ouders al had verloren. Dankzij de
ORV-uitkering kon zij tijdelijk stoppen met werken, de
tijd nemen voor haar rouwproces en er zijn voor haar
zoontje van anderhalf. Die ademruimte maakte voor
haar het verschil. Joe wilde eigenlijk geen ORV afsluiten,
hij geloofde niet in verzekeren. Op zijn sterfbed heeft hij
gezegd dat hij daar toch erg blij mee was. Cristel helpt
nu anderen die worstelen met rouw of vastlopen in het
leven. Als ze terugkijkt ziet ze duidelijk hoe belangrijk
de ORV was om de vrouw te worden die ze nu is.
Deborah: ons huis is ons thuis
Na een paar turbulente jaren was Dylan veranderd van
een gelukkige, zorgzame partner in een man die het leven
niet meer begreep. Hij was net opgenomen in een
gesloten afdeling vanwege psychoses, toen hij wist te
ontsnappen. Dylan was zeven weken lang vermist. In
de podcast vertelt Deborah hoe dankbaar ze is dat er
een ORV was: zij en haar twee dochters konden in hun
huis blijven wonen, in hun vertrouwde buurt en school.
Het is erg belangrijk om in je huis te kunnen blijven, er
bestaat geen betere plek om te rouwen.
Marianne: de berooide weduwe
Paradijsvogel Marianne is na het overlijden van haar
man een strijder geworden. Ze wil andere vrouwen
waarschuwen. Ze had ooit een geweldige baan maar
werd tijdens haar huwelijk financieel steeds afhankelijker
van haar man. Hij verdiende genoeg geld om in luxe
te leven. Ze stopte met werken en hield zich niet bezig
met de financiën. Toch bleek dat het er niet zo rooskleurig
voor stond. Pas nadat haar man plotseling overleed,
bleek dat er geen financieel vangnet voor haar
was. Geen ORV, alleen maar schulden. Ze moest alles
van waarde verkopen en verhuizen. Dit wenst ze niemand
toe, daarom strijdt ze voor meer financiële bewustwording
voor vrouwen.
Barry: zij was kostwinner
Barry en Lisette hadden een nieuwbouwhuis gekocht en
daarbij een ORV afgesloten. Nog geen jaar later moest
Barry Vermeeren: ‘Ook
in een huurwoning is een
orv van groot belang.’
hij gebruikmaken van deze verzekering. Lisette kreeg
een zeer zeldzame vorm van kanker, het ging ongelooflijk
snel allemaal. Brandweerman Barry bleef achter
met dochtertje Kaat en zij konden gelukkig wel in het
nieuwbouwhuis gaan wonen. Zonder de ORV-uitkering
had hun leven er heel anders uitgezien, want “Lisette
was dik kostwinner”, zegt Barry in Sterveding. Van Barry
is een aangrijpend videoportret gemaakt, zie kader.
SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 25
VERZEKERD WONEN
INZICHTEN
De geïnterviewden geven allemaal aan dat het financiële
aspect vaak onderbelicht blijft. Het is ontzettend
belangrijk om geen financiële zorgen te hebben boven
op de rouw. Als die er wel zijn, ervaar je nog veel meer
stress. Een ander thema dat vaak aan bod komt is: hulp
vragen. Dat blijkt voor veel mensen lastig, maar als je
dit eenmaal doet, merk je hoe fijn het is. Mensen helpen
graag.
Daarnaast vertelt iedereen dat praten helpt: met
lotgenoten, familie of professionals. Het luisteren naar
verhalen van anderen biedt herkenning en steun. “Je
gaat jezelf beter begrijpen door verhalen van een ander,”
zei Deborah. De podcastgasten vinden het fijn om
hun verhaal te delen, zeker als het verlies al een paar
jaar geleden is. Mensen denken soms dat je het dan wel
verwerkt hebt, maar voor rouw staat geen tijd. Het leven
wordt nooit meer zoals het was. Blijf ernaar vragen
en luister aandachtig.
VIDEOPORTRET
Voor extra bewustwording is dit jaar een kort videoportret
gemaakt van Barry Broertjes, één van de
eerste gasten in Sterveding. De vijf minuten durende
film is aangrijpend en laat je nadenken over je eigen
situatie. Dit werkt goed voor extra bewustwording.
Wie het videobestand wil
gebruiken voor voorlichting of
klantgesprekken, kan het opvragen
via sterveding@dazure.nl.
Kijk zelf via de QR-code of op
www.dazure.nl/barry.
‘Het financiële aspect
blijft vaak onderbelicht’
BEWUSTWORDING ONDER HUURDERS: DOE JE MEE?
Sterveding is inmiddels ruim 85.000 keer beluisterd.
Veel luisteraars zullen zich afvragen: hebben wijzelf,
of onze kinderen, het eigenlijk wel goed geregeld? Een
ORV is goed betaalbaar, juist omdat het een tijdelijke
verzekering is. De meeste polissen keren nooit uit. Dat
is precies het principe van verzekeren: met veel mensen
premie betalen, zodat er uitgekeerd kan worden
aan degene die pech heeft.
Ook zonder hypotheek is het belangrijk om een financieel
vangnet te hebben als je partner overlijdt. De
huur en woonlasten moet je ineens alleen dragen. Mensen
die samenwonen in een huurhuis missen informatie
over de ORV, zij zijn vaak niet bij een financieel adviseur
langs geweest.
Zullen we hen massaal die ene vraag gaan stellen?
Ik doe het al. Als ik met iemand in gesprek raak en hoor
dat ze samenwonen in een huurhuis, vraag ik: “Hebben
jullie een overlijdensrisicoverzekering?” Een aantal
kennissen heeft via die weg inmiddels een ORV afgesloten.
Podcast Sterveding helpt hierbij ook. n
Barry Vermeeren is creative brand manager en podcastmaker
bij Dazure.
26 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025
PARTNER IN KENNIS
INPACT
Oude funderingen, hittestress en stijgende bouwkosten zorgen ervoor
dat verzekerd wonen niet langer vanzelfsprekend is. Voor adviseurs ligt
de uitdaging in het verbinden van kennis, data en duiding. Want pas als
risico’s zichtbaar zijn, kun je ze bespreekbaar maken.
Slim verzekerd wonen
begint met inzicht
TEKST EN FOTO HANS KNOL, MD INFOFOLIO
Met de Infofolio Adresscanner
helpt Inpact adviseurs
om binnen enkele seconden
het complete risicobeeld
van een woning te zien én te vertalen
naar concreet advies voor hun klant.
VAN ADRES NAAR INZICHT
Op basis van één adres genereert de
Adresscanner een volledig woonprofiel:
bouwkundige kenmerken, energielabel,
aanwezigheid van zonnepanelen, klimaatrisico’s,
buurtinformatie en financiële
waarden. Zo weet je als adviseur
precies waar de kansen en risico’s liggen.
Neem bijvoorbeeld een woning uit
1926 met energielabel G, met een fundering
die gevoelig is voor paalrot. De
Adresscanner laat zien dat het bouwkundige
risico hoog is. Het advies? Preventief
onderhoud en isolatieverbetering.
Dat verlaagt niet alleen de kans
op schade, maar maakt de woning ook
veiliger en toekomstbestendiger.
Volgens Inpact ligt de kracht van
modern advies in de combinatie van
technologie en menselijk inzicht. Data
laat zien waar je moet kijken, de adviseur
bepaalt wat echt van waarde is.
‘Elke woning heeft een verhaal dat aandacht
verdient.’
KLIMAAT EN OMGEVING
De Adresscanner signaleert steeds vaker
klimaatgerelateerde risico’s: hittestress,
grondwateroverlast of funderingsproblemen.
Voor een woning met
beperkte ventilatie en slechte isolatie
kan hittestress zelfs leiden tot schade
aan interieur en elektronica.
Door deze data direct inzichtelijk te
maken, kan de adviseur klanten helpen
met praktische preventietips – van
ventilatie tot drainage – en wijzen op
mogelijke gevolgen voor premie of acceptatie.
ZEKERHEID BIJ VERANDERING
Het leven verandert. Soms gepland,
soms onverwacht. Een verbouwing, verduurzaming
of verandering in inkomen
kan grote impact hebben op de woonsituatie.
De adviseur die data inzet als
versterking van zijn vakmanschap, biedt
klanten vertrouwen – juist in tijden van
verandering.
Met de Infofolio Adresscanner ziet
de adviseur in één oogopslag waar kansen
en risico’s liggen. Door woningdata
slim te koppelen aan financiële gegevens
kan proactief worden geadviseerd
over maatregelen, dekking en betaalbaarheid.
Zo blijft een klant niet alleen
verzekerd, maar ook comfortabel wonen
– in elke fase van het leven.
WAARDE, DEKKING, ZEKERHEID
Ook financieel brengt de Adresscanner
helderheid. De Adresscanner laat
trends zien in waardeontwikkeling, zodat
adviseurs tijdig kunnen adviseren
over indexclausules of garantiedekking.
DE KRACHT VAN DATA EN ADVIES
De kracht van de Adresscanner zit in de
eenvoud. Eén adres invoeren, één helder
overzicht terug. De technologie werkt
op de achtergrond; de adviseur blijft het
gezicht naar de klant.
Die combinatie van data en duiding
zorgt voor écht verzekerd wonen: veilig,
duurzaam en financieel gezond.
Versnel. Verzeker. Vereenvoudig.
~ Inpact Solutions n
SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 27
VERZEKERD WONEN
HYPOTHEEKBESCHERMING IS EEN ESSENTIEEL ONDERDEEL VAN
FINANCIEEL ADVIES. KLANTEN ZIJN ZICH VAAK ONVOLDOENDE BEWUST
VAN DE RISICO’S DIE HUN WOONLASTEN BEDREIGEN. ALS FINANCIEEL
ADVISEUR KUN JE DOOR INVENTARISATIE, REKENVOORBEELDEN,
MAATWERK EN CONTINUE NAZORG EEN CRUCIALE BIJDRAGE LEVEREN AAN
HUN FINANCIËLE ZEKERHEID. DE TIEN TIPS IN DIT ARTIKEL HELPEN OM DIT
ADVIESPROCES GESTRUCTUREERD EN OVERTUIGEND VORM TE GEVEN.
Adviestips hypotheekbescherming
TEKST CHATGPT
Begin bij de basis: inventariseer de risico’s
Een hypotheekadvies begint altijd met een grondige inventarisatie.
Breng samen met de klant in kaart welke
risico’s spelen. Wat gebeurt er als één van de inkomens
wegvalt? Welke buffers of spaargelden zijn aanwezig?
Hoe groot is de afhankelijkheid van twee inkomens?
Hoe stabiel is de arbeidspositie (bijvoorbeeld vast contract
versus zzp)?
Veel klanten realiseren zich pas tijdens dit gesprek
hoe kwetsbaar hun financiële situatie kan zijn. Door dit
bewustzijn te creëren, leg je een stevig fundament voor
het advies over hypotheekbescherming.
Maak de gevolgen concreet
Klanten begrijpen vaak pas de noodzaak van hypotheekbescherming
wanneer je de gevolgen tastbaar
maakt. Gebruik rekenvoorbeelden: “Als u arbeidsongeschikt
raakt en slechts 70 procent van uw inkomen
overhoudt, dan heeft u maandelijks 400 euro te kort
om de hypotheeklast te betalen.” “Als uw partner komt
te overlijden, dan moet u in uw eentje de volledige lasten
dragen. Uw besteedbaar inkomen daalt dan met 45
procent.”
Concreet rekenen maakt de risico’s invoelbaar en
helpt klanten begrijpen waarom bescherming meer is
dan een extra verzekering.
Leg de verschillen uit tussen producten
Er bestaan verschillende vormen van hypotheekbescherming:
overlijdensrisicoverzekering (keert uit
bij overlijden en kan gekoppeld worden aan de hypotheek),
woonlastenverzekering (dekt (een deel van) de
maandlasten bij arbeidsongeschiktheid of werkloosheid),
arbeidsongeschiktheidsverzekering (vooral relevant
voor zelfstandigen), inkomensverzekeringen of
-aanvullingen (vaak via de werkgever).
Veel consumenten kennen het verschil niet of denken
dat hun pensioenregeling of AOW automatisch bescherming
biedt. Door de verschillen helder uit te leggen,
kunnen klanten een weloverwogen keuze maken.
CRUCIAAL VANGNET
Vergeet de overlijdensrisicoverzekering niet
De ORV is vaak de eerste stap in hypotheekbescherming.
Hoewel deze tegenwoordig niet altijd verplicht is
bij banken, blijft het een cruciaal vangnet. Belangrijke
aandachtspunten:
• Hoogte van het verzekerde bedrag: stem dit af op
het resterende hypotheekbedrag of de behoefte van
de nabestaande.
• Keuze voor gelijkblijvende of dalende dekking.
• Looptijd afstemmen op hypotheekduur.
28 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025
VERZEKERD WONEN
Leg ook uit dat een ORV vaak relatief goedkoop is, zeker
voor jonge gezonde klanten.
Bespreek inkomensbescherming bij arbeidsongeschiktheid
Arbeidsongeschiktheid is een van de grootste risico’s
voor hypotheekhouders. Vooral bij langdurige ziekte
kunnen de financiële gevolgen groot zijn. Werknemers
vallen na twee jaar terug naar een WIA-uitkering
(maximaal 70 procent van het laatstverdiende loon,
vaak minder). Zelfstandigen hebben zonder AOV vaak
helemaal geen vangnet.
Bespreek de mogelijkheden van woonlastenverzekeringen
en AOV’s, en laat zien welk verschil dit kan
maken in de betaalbaarheid van de hypotheek.
WERKLOOSHEID
Let op werkloosheidsrisico’s
Niet alle klanten maken zich zorgen om werkloosheid,
maar in sommige sectoren (bijvoorbeeld bouw, horeca,
flexibele arbeid) is het risico aanzienlijk. Een tijdelijke
woonlastenverzekering kan dan nuttig zijn.
Advies: bespreek altijd de voorwaarden, zoals
wachttijd, uitkeringsduur en uitzonderingen. Zo voorkom
je dat klanten denken beter beschermd te zijn dan
in werkelijkheid.
Houd rekening met gezinssituaties en levensfasen
De behoefte aan bescherming verandert door het leven
heen:
• Starters: vaak beperkt eigen vermogen, hoge afhankelijkheid
van inkomen, dus groot risico.
• Gezinnen met jonge kinderen: extra kwetsbaar
door hoge lasten en afhankelijkheid van twee inkomens.
• Midden- of eindfase hypotheek: mogelijk meer eigen
vermogen en lagere lasten, dus minder noodzaak.
• Pensioenfase: risico’s nemen af, maar overlijdensbescherming
kan nog steeds wenselijk zijn.
Een goed advies houdt rekening met de levensfase en
toekomstige ontwikkelingen.
MAATWERK
Leg nadruk op maatwerk
Geen enkele klant is hetzelfde. Daarom is hypotheekbescherming
altijd maatwerk. Let bijvoorbeeld op:
• Hoogte van de dekking: moet de volledige hypotheeklast
gedekt worden, of slechts een deel?
• Duur van de dekking: kortdurende overbrugging of
langdurige bescherming?
• Kosten-batenanalyse: betaalbaarheid van premies
vs. geboden zekerheid.
‘Logische bouwsteen in
plaats van extra product dat
klant wordt aangesmeerd’
Door maatwerk toe te passen, vergroot je de kans dat
klanten een passende oplossing kiezen die ze ook op
lange termijn kunnen volhouden.
Integreer bescherming in het totaaladvies
Hypotheekbescherming mag geen losstaand onderwerp
zijn. Het hoort in samenhang besproken te worden
met hypotheekvorm en rente, pensioenvoorzieningen,
spaargeld en beleggingen, bestaande verzekeringen
(zoals nabestaandenpensioen via werkgever).
Door hypotheekbescherming integraal onderdeel
te maken van het financiële plan, zien klanten het als
logische bouwsteen in plaats van een extra product dat
hen wordt ‘aangesmeerd’.
Blijf nazorg bieden en actualiseer het advies
Een advies is nooit statisch. Levens veranderen: inkomens
stijgen of dalen, relaties beginnen of eindigen,
kinderen worden geboren, hypotheken worden aangepast.
Zorg daarom voor periodieke evaluatiemomenten.
Klopt de dekking nog met de huidige situatie? Zijn
er veranderingen in wetgeving of productvoorwaarden?
Kan de premie omlaag door een lagere dekking
of door gezondere leefstijl (bijvoorbeeld stoppen met
roken)?
Door proactief nazorg te bieden, versterk je de
klantrelatie en zorg je dat klanten ook op lange termijn
goed beschermd zijn. n
SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 29
VERZEKERD WONEN
VERZEKERD WONEN BEGINT ER MEE DAT JE EEN WONING HEBT.
ONDANKS DE HOGE HUIZENPRIJZEN EN MOGELIJKE VERDERE
AFBOUW VAN DE HYPOTHEEKRENTEAFTREK IS ER VOLGENS
LEIDENDE HYPOTHEEKADVIESKETENS VAAK MEER MOGELIJK
OP DE WONINGMARKT DAN OP HET EERSTE GEZICHT LIJKT. DAT
MAAKT GOED ADVIES JUIST ZO WAARDEVOL.
Woningmarkt
onder druk, maar
geen bubbel
SAMENSTELLING TOON BERENDSEN
Is er op dit moment sprake van een bubbel op de woningmarkt,
in de zin dat hoge huizenprijzen te veel
met hypotheekfinanciering worden gedekt? Zijn de
leennormen voldoende aangescherpt sinds de kredietcrisis?
Oscar Noorlag, compliance officer bij Van Bruggen:
“Nee, er is geen sprake van een bubbel op de woningmarkt.
Sinds het dieptepunt van de woningmarkt in
juni 2013 stegen de prijzen met 127 procent. Dat klinkt
als heel veel, maar gecorrigeerd voor inflatie bedraagt
de stijging net iets meer dan vier procent per jaar. Als
‘Juist in deze
dynamische markt
bewijst financieel
advies zijn waarde’
we in plaats van het dieptepunt van de markt, de huizenprijsstijging
vanaf 2010 pakken, dan is de jaarlijkse
stijging gecorrigeerd voor inflatie slechts 1,5 procent.
Het is dan ook niet raar dat huishoudens de afgelopen
jaren gemiddeld een dalend percentage van hun inkomen
uitgeven aan hypotheeklasten.”
Mark de Rijke, commercieel directeur bij De Hypotheker:
“Op de woningmarkt is sprake van oververhitting,
zeker in bepaalde regio’s, maar van een zeepbel is
wat ons betreft geen sprake. De prijsstijging op de woningmarkt
begint ook wat af te vlakken. Onder meer
door een toename van het aantal voormalige huurwoningen
dat te koop wordt aangeboden als gevolg van
de Wet Betaalbare Huur. Tegelijkertijd daalt de betaalbaarheid,
doordat de woningprijzen toch nog steeds
harder stijgen dan inkomens. Op termijn verwachten
wij een afname van de prijsverschillen tussen dure en
meer betaalbare regio’s, we zien nu al een lichte correctie
in bijvoorbeeld Amsterdam.
“Vanuit De Hypotheker zijn wij van mening dat de
leennormen voor geldverstrekkers sinds de kredietcrisis
inmiddels voldoende zijn aangescherpt. Voor huishoudens
met een laag tot middeninkomen blijft het
30 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025
VERZEKERD WONEN
belangrijk dat ze voldoende toegang tot de koopmarkt
houden. Uit ons jaarlijkse onderzoek blijkt dat een stel
(tweeverdieners) met een modaal inkomen momenteel
in aanmerking komt voor ruim een derde van het
woningaanbod. Het aantal beschikbare woningen voor
tweeverdieners met een modaal inkomen stijgt al enkele
jaren op rij wat een positieve ontwikkeling is.”
Uriël Ballast, directeur-bestuurder bij Hypotheek
Visie: “Momenteel is er nog geen woningbubbel. De
huidige prijsniveaus zijn het directe gevolg van het
aanhoudende tekort aan woningen, niet van onverantwoorde
financiering. De regelgeving rondom hypotheekverstrekking
is sinds de kredietcrisis fors aangescherpt.
Wie vandaag een hypotheek afsluit, doet dat
binnen duidelijke en strenge kaders. De risico’s op een
oververhitte kredietmarkt zijn daarmee beperkt.”
Martin Hagedoorn, Manager Product & Business
Expertise bij Ingage-Aetos Franchise (De Hypotheekshop,
Huis & Hypotheek, Hypokeur): “Na de kredietcrisis
zijn de regels fors aangetrokken: aflossingsvrij
maximaal 50 procent van de woningwaarde, annuïtair
aflossen verplicht voor nieuwe hypotheken, nauwelijks
meer maatwerk mogelijk, afbouw maximale LTV naar
100 procent. De eerste stresstest is glansrijk doorstaan:
in 2022 steeg de hypotheekrente in korte tijd met 3,5
procentpunt (!) en de huizenprijzen daalden gemiddeld
slechts 50.000 euro. Na een jaar draaide de woningmarkt
alweer hard door. De grote schaarste neemt
de komende jaren alleen maar toe. De vraag of de kredietregels
voldoende zijn aangescherpt is eerder andersom:
er is behoefte aan meer maatwerk, zeker nu de
ECB dwingt om aflossingsvrij in Nederland af te bouwen.
Klimaatrisico’s (funderingsproblematiek, overstromingsrisico)
kunnen de komende jaren voor hoge
kosten zorgen voor huiseigenaren en -kopers. Vraag is
wel of het reëel is om die alleen bij hen neer te leggen,
omdat zij niet altijd iets aan de oorzaak kunnen doen
(grondwaterpeil bijvoorbeeld).”
Martin Hagedoorn
(Ingage-Aetos Franchise):
‘Politiek heeft nu de kans
om wél koersvast te zijn.’
BETAALBAARHEID
Lukt het nog altijd om de financiering rond te krijgen?
Hagedoorn: “Als klanten geen woning kunnen kopen,
komt dat meestal door te laag inkomen of lopende
verplichtingen zoals DUO-leningen en private lease.
Dit filteren hypotheekadviseurs uit in het oriëntatiegesprek.
Dat betekent dat wanneer een adviestraject
wordt opgestart, de zaak bijna altijd ook rond komt.
Wel zijn er groepen klanten die op voorhand al worden
afgewezen, omdat zij door gebrek aan maatwerkmogelijkheden
buiten de boot vallen. Vaak betreft dit echtscheiding,
zelfstandigen, (naderend) pensioen.”
Ballast: “Het financieringsproces verloopt in de
meeste gevallen voorspoedig. Vooral in het hogere segment
wordt zelden volledig gefinancierd. Kopers brengen
vaak een aanzienlijk deel eigen middelen in, bijvoorbeeld
uit overwaarde. In het lagere segment ligt de
druk hoger. Starters zijn afhankelijker van volledige financiering
en merken dat de ruimte in de leennormen
beperkt is. Het ontbreken van veel gemeentelijke startersleningen
maakt het lastiger om een eerste woning
te kopen. Toch blijft het in veel regio’s nog steeds mogelijk
om met een regulier inkomen een passende wo-
SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 31
VERZEKERD WONEN
De Rijke: “In de meeste gevallen lukt het nog steeds
goed om de financiering rond te krijgen. Een gunstig
energielabel kan daarbij een positieve rol spelen, omdat
dit vaak een hogere leencapaciteit mogelijk maakt. Wel
zien we dat klanten die zich niet vooraf goed hebben
laten adviseren, soms tegen beperkingen aanlopen. Dit
komt doordat zij bijvoorbeeld onvoldoende rekening
hebben gehouden met de betaalbaarheid, bijkomende
lasten en strengere toetsingseisen. Ook de huidige rentestanden
kunnen invloed hebben, waardoor de financiering
minder gunstig uitvalt of in sommige gevallen
achteraf niet haalbaar blijkt. Je klanten goed op voorhand
adviseren helpt om onaangename verrassingen
achteraf te voorkomen.”
Uriël Ballast (Hypotheek
Visie): ‘Rol adviseur gaat
verder dan berekenen van
leencapaciteit.’
ning te vinden, mits er realistische verwachtingen zijn
over prijs en locatie.”
Noorlag: “Nee, er zijn heel veel jonge mensen die
geen koopwoning kunnen betalen en vaak ook niet in
aanmerking komen voor een huurwoning. Wij hebben
veel klanten die teleurgesteld zijn als wij hen voorrekenen
wat zij kunnen lenen, omdat ze daarmee geen woning
kunnen kopen. Nog los van de mensen die dit zelf
al concludeerden op basis van een maximaal berekening
op een website.”
TWEEDELING?
Er wordt gesproken over een tweedeling op de woningmarkt,
waarbij alleen mensen met eigen (familie)kapitaal
nog een woning kunnen kopen. Herkenbaar?
Noorlag: “Dat geldt niet voor iedereen, maar klopt
wel als algemeen beeld. Naast veel spaar- en geschonken
geld zien we dat starters met een hoog inkomen
een woning kunnen kopen. Waar sommige starters wel
van profiteren zijn de goedkopere, voormalige verhuurwoningen
die op de markt komen.”
De Rijke: “In de dagelijkse praktijk zien wij dit beeld
niet terug. Er zijn voldoende starters die, op basis van
hun eigen inkomen en spaargeld, succesvol instromen
op de woningmarkt. Vooral tweeverdieners profiteren
van het toegenomen woningaanbod. Voor alleenstaanden
geldt dat extra financiële steun vanuit familie —
zoals een familiehypotheek — de leencapaciteit kan
verhogen. Dit biedt met name in de Randstad meer
kansen om een woning te kunnen aankopen.”
Hagedoorn: “Adviseurs geven aan dat kopen zonder
ouderlijke hulp voor starters overwegend (zeer) lastig
is en voor alleenstaanden vaak (bijna) onmogelijk, terwijl
het nog wél lukt bij tweeverdieners met een goed
(HBO-/WO-)inkomen en substantieel eigen spaargeld
(regelmatig 25.000–50.000, soms meer dan 50.000
euro). Belangrijkste belemmeringen zijn overbieden,
krap aanbod, en een DUO-studieschuld die de leencapaciteit
drukt, plus soms te hoge woon- en kwaliteitseisen.
Regionaal verschilt het: buiten de Randstad en in
het noorden gaat het vaker, in de Randstad veel moeilijker.
Zonder ouders helpen instrumenten als Starterslening/Koopstart/NHG
en een realistisch plan; met ouders
zien adviseurs steeds vaker schenkingen, familieleningen,
garantstelling/meetekenen of hypotheekverhoging
bij ouders (met Box 3- en risico-aspecten). Conclusie:
zonder ouderlijke hulp kan het nog, vooral voor
tweeverdieners met veel spaargeld; voor alleenstaanden
is het lastiger.”
32 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025
VERZEKERD WONEN
HAALBAARHEID
Raden jullie klanten weleens af om een woning aan te
kopen?
Noorlag: “Zelden, alleen een enkele keer als iemand
verwacht slechts een korte tijd in een woning te
gaan wonen. De meeste mensen zijn al lang blij als ze
een alternatief hebben voor hun huidige situatie: bij
(schoon-)ouders inwonen of een hoge huur.”
De Rijke: “Als een financiering haalbaar is op basis
van inkomen, woningwaarde en overige financiële verplichtingen,
begeleiden wij klanten graag in het aankoopproces.
Wij kijken niet alleen naar de haalbaarheid
conform de leennormen maar ook naar de betaalbaarheid,
ook wanneer het even tegenzit. Bijvoorbeeld bij
inkomensverlies door werkloosheid of arbeidsongeschiktheid,
een scheiding, arbeidsduurvermindering of
overlijden. Daarnaast bespreken wij de risico’s rondom
restschuld bij verkoop en de keuze van de rentevaste
periode, zeker met het oog op mogelijke rentestijgingen.
De uiteindelijke keuze ligt bij de klant, maar wij
bieden alle relevante informatie om een weloverwogen
beslissing te kunnen nemen.”
Hagedoorn: “Ondanks de stijgende huizenprijzen is
kopen voor veel mensen gunstiger dan duur huren. En
als je midden twintig bent en nog bij je ouders woont,
dan wil je uiteindelijk toch verder. De praktijk leert dat
kopers na een jaar al overwaarde hebben door de verder
stijgende huizenprijzen en de aflossing op hun hypotheek.
We zien momenteel wel dat in de categorie
vanaf 800.000 euro er minder vraag komt en dat de
woningmarkt daar merkbaar stroever loopt.”
Ballast: “Juist in deze dynamische, huidige markt
bewijst financieel advies zijn waarde. De rol van de adviseur
gaat verder dan het berekenen van leencapaciteit.
Het gaat om inzicht bieden in scenario’s, het beperken
van financiële risico’s en het waarborgen van
toekomstbestendigheid. Een goed advies voorkomt dat
klanten zich laten leiden door de druk van de markt.
Door inzicht te geven in scenario’s, zoals inkomensveranderingen
of toekomstige renteontwikkelingen, zorgen
adviseurs dat klanten keuzes maken die niet alleen
vandaag, maar ook op lange termijn verantwoord
zijn. Zeker nu de markt snel beweegt, is het van belang
om financiële beslissingen in een breder perspectief te
plaatsen, met aandacht voor stabiliteit, flexibiliteit en
de persoonlijke situatie van een klant.”
BIEDVERZEKERING
Heeft ‘Bieden met Zekerheid’ nog toegevoegde waarde,
gezien de aanhoudend hoge huizenprijzen?
De Rijke: “In regio’s waar de woningmarkt oververhit
is, blijft Bieden met Zekerheid een waardevol instrument.
Het biedt kopers de mogelijkheid om een
Mark de Rijke
(De Hypotheker): ‘Kijken naar
de betaalbaarheid, ook
wanneer het even tegenzit.’
verzekerd bod uit te brengen, zonder daarbij een financieel
risico te lopen. Hiermee vergroten zij hun kans
op aankoop. Voor verkopers is een bod zonder financieringsvoorbehoud
aantrekkelijk, omdat de kans op
vertraging of afwijzing van de financiering aanzienlijk
wordt verkleind. Met deze biedverzekering hebben we
al veel starters succesvol kunnen ondersteunen bij het
verwerven van hun eerste woning.”
Ballast: “Vanuit Hypotheek Visie hanteren we een
duidelijke lijn als het gaat om overbieden. Verantwoord
SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 33
VERZEKERD WONEN
kopen staat voorop. Als de biedprijs substantieel boven
de taxatiewaarde ligt of de maandlasten te zwaar
worden, adviseren wij terughoudendheid. Een aankoop
moet financieel draagbaar blijven, ook bij veranderende
omstandigheden. Dat uitgangspunt geldt voor elke
klant, ongeacht budget of segment.
“Het product Bieden met Zekerheid speelt nog
steeds een rol, maar is geen standaardoplossing. Een
grondige voorbereiding waarin de financiële mogelijkheden
volledig in kaart worden gebracht is een alternatief.
Daardoor weten klanten vooraf exact wat verantwoord
is en kunnen zij ook zonder dit product met vertrouwen
een bod uitbrengen. Het gebruik ervan blijft
maatwerk, passend bij de situatie van de klant.
Hagedoorn: “Ja, biedverzekeringen zijn duidelijk
aan een opmars bezig. Er is veel aandacht voor geweest
in de media, waardoor kopers er soms zelf om komen
vragen. Daarnaast wordt het steeds vaker ingezet als
biedingsstrategie: een hoger bedrag met financieringsvoorbehoud
gecombineerd met een wat lager bedrag
zonder voorbehoud.”
Noorlag: “Ja, sommige verkopers vinden het een
heel prettig idee als de koper geen voorbehoud voor de
financiering wenst. Dan zijn ze bereid om een lagere
verkoopprijs te accepteren. Het is overigens niet zo dat
Bieden met Zekerheid een prijsopdrijvend effect heeft
op verkoopprijzen.”
Oscar Noorlag
(Van Bruggen): ‘Geen
grote zorgen over aflopen
30-jaarstermijn.’
30-JAARSTERMIJN
Maken jullie je zorgen over het aflopen van de 30-jaarstermijn
voor hypotheekrenteaftrek? Het Verbond van
Verzekeraars pleit voor het versneld uitfaseren van
deze regeling. Wat is jullie standpunt?
Noorlag: “Wij maken ons geen grote zorgen over de
30-jaarstermijn. De meeste huishoudens hebben een
relatief lage aflossingsvrije hypotheek. Daarvan zijn de
hypotheeklasten ook nog prima betaalbaar als de aftrek
eindigt. Bij een aflossingsvrije hypotheek van bijvoorbeeld
150.000 euro en een rente van vier procent
bedraagt de maandlast 150 euro. Dat is meestal stukken
minder dan een leeftijdsgenoot in een vergelijkbare
huurwoning.
“Wij maken ons wel zorgen over de ongelijkheid
die de 30-jaarstermijn met zich meebrengt. Omdat de
Belastingdienst geen goede data heeft, moet de belastingplichtige
zelf opgeven wanneer zijn 30-jaarstermijn
eindigt. Dat betekent dat iemand die een minder goede
administratie bijhoudt beter uit is dan iemand die wel
exact weet wanneer zijn aftrek eindigt.
“Verder is ook een aandachtspunt het einde van
de looptijd van aflossingsvrije hypotheken. Woningeigenaren
moeten er rekening mee houden dat geldverstrekkers
steeds strengere regels gaan hanteren voor
het verlengen van een aflossingsvrije hypotheek.”
De Rijke: “Het aflopen van de 30-jaarstermijn heeft
vooral gevolgen voor woningbezitters met (deels) aflossingsvrije
hypotheken en een relatief hoge hypotheekrente.
Voor hen valt het fiscale voordeel weg terwijl de
schuld intact blijft, waardoor de financiële impact groter
is. Wij verwachten dat de effecten voor de meeste
andere woningbezitters beperkt zullen zijn, mede door
de recente waardestijging van woningen. Desondanks
adviseren wij klanten om tijdig inzicht te krijgen in
34 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025
VERZEKERD WONEN
hun situatie en waar mogelijk extra af te lossen of hun
hypotheekconstructie te herzien, bijvoorbeeld door het
oversluiten van de hypotheek, om eventuele toekomstige
financiële gevolgen te beperken.
“Wanneer de hypotheekrenteaftrek wordt afgeschaft,
zal dat naar onze mening altijd stapsgewijs moeten
worden ingevoerd om het negatieve effect op de woningmarkt,
en met name het kunnen toetreden op de
woningmarkt van starters, te verzachten. Immers hebben
zij de minst gunstige uitgangspositie ten opzichte
van mensen die al in een koopwoning zitten. Het lijkt
ons daarom ook logisch dat, wanneer er een einde komt
aan de hypotheekrenteaftrek, er ook aan de inkomstenbelastingkant
verlichting komt om het negatieve financiële
effect zo veel mogelijk te kunnen nivelleren. Wat
De Hypotheker betreft zou het de-fiscaliseren van de
hypotheekrente ook het juiste moment zijn om de aflossingsvormen,
looptijd en flexibiliteit van hypotheken
gedurende de looptijd onder de loep te nemen zodat
er hypotheekvormen ontstaan die kunnen meebewegen
met alle fasen in het leven van de woningbezitter.
Dit zou naar ons idee moeten kunnen omdat de fiscale
‘dwang’ in die situatie niet meer van toepassing is.”
Ballast: “In de discussie over de hypotheekrenteaftrek
is een gefaseerde afbouw in de lijn der verwachtingen
en zal zo geen ontwrichtend effect hebben op de
woningmarkt. Belangrijk is wel dat bestaande rechten
worden gerespecteerd en dat beleid voorspelbaar blijft.
De hypotheekrenteaftrek is geen redmiddel, maar ook
geen risico. De kern van het woningvraagstuk ligt in
het woningaanbod, niet in de financieringsregels.
“De Nederlandse woningmarkt is krap, niet speculatief.
Kansen liggen bij continuïteit in beleid en versnelling
van woningbouw. Alleen door structureel meer
woningen te realiseren en financieringskaders stabiel
te houden, blijft de markt toegankelijk voor zowel
starters als doorstromers. Financiële voorzichtigheid,
transparant advies en realistische verwachtingen vormen
daarbij de basis.”
Hagedoorn: “Ons standpunt: ja, we maken ons
zorgen over de aflopende 30-jaarstermijn. We pleiten
voor geleidelijke afbouw vanaf 2031, uitgesmeerd over
20 jaar, zodat de impact voor huishoudens behapbaar
blijft en de doorstroming van woningeigenaren met
lage rentes niet verder stokt. Zo adresseren we tegelijk
de uitvoerbaarheidsproblemen die anders vanaf
2031 voor consumenten ontstaan én de scheefheid op
de woningmarkt met een te kleine vrije huursector. We
denken graag tijdig mee over een verantwoorde en uitvoerbare
afbouw.”
‘Een grote blinde vlek
in het politieke debat
is de aflossingsvrije
hypotheek’
OPROEP
Hagedoorn: “Een grote blinde vlek in het politieke debat
is de aflossingsvrije hypotheek. Die staat in geen
enkel verkiezingsprogramma benoemd, terwijl huiseigenaren
momenteel al dagelijks worden benaderd.
Sinds 2011 is deze vorm strikt gereguleerd en gemaximeerd,
waarbij de betaalbaarheid nu en later in ogenschouw
wordt genomen. Daarmee is de aflossingsvrije
hypotheek voor veel huishoudens een gewaardeerde
en verantwoorde financiering. Vaak betreft het vijftigplussers
met lage lasten, nu én na hun pensioen. Toch
voelen banken en andere geldverstrekkers druk vanuit
de ECB om aflossingsvrije leningen breed af te bouwen,
wat leidt tot onnodige brieven en stress voor consumenten.
De Hypotheekshop pleit daarom voor een
simpele lijn: stuur op risico, niet op aantallen (zogeheten
reductietargets). Informeer huiseigenaren, maar
zet ze niet onder druk, en doe dit altijd in samenwerking
met een (onafhankelijke) adviseur. Dit past ook
bij ouder worden en langer thuis wonen: stabiele, lage
maandlasten geven mensen rust en ruimte om zelfstandig
te blijven wonen en zo nodig aanpassingen aan
de woning te doen. Het Rijk moet richting geven met
één duidelijke landelijke richtlijn en voorspelbare regels,
inclusief een geleidelijke, lang van tevoren aangekondigde
afbouw van de hypotheekrenteaftrek. Zo beschermen
we klanten en houden we het systeem stabiel
en betaalbaar.
“De politiek heeft nu de kans om wél koersvast te
zijn: voer de aanbevelingen uit, mijd de valkuilen en
kies voor beleid dat doorstroming, bouwtempo en investeringszekerheid
vergroot. Dat vraagt om heldere
Rijksregie, eenvoudige regels en een voorspelbare fiscale
route. Daar hoort ook hervorming bij: een geleidelijke,
langjarig aangekondigde afbouw van de hypotheekrenteaftrek
– zodat huishoudens, adviseurs en marktpartijen
kunnen plannen, zonder schokeffecten. Ten
slotte is het belangrijk om als Rijksoverheid de regie te
nemen op aflossingsvrije hypotheken en dat niet over
te laten aan de banken.” n
SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 35
PARTNER IN KENNIS
HUISEIGENAREN KIEZEN STEEDS VAKER VOOR VERBOUWEN IN
PLAATS VAN VERHUIZEN. WAAR DE FINANCIËLE KANT VAAK GOED
GEREGELD IS, WORDEN DE RISICO’S VAN EEN VERBOUWING LANG
NIET ALTIJD GOED INGESCHAT. DENK BIJVOORBEELD AAN BRAND,
INSTORTING, DIEFSTAL VAN BOUWMATERIALEN OF SCHADE AAN
SPULLEN VAN ANDEREN. DIT KAN GROTE FINANCIËLE GEVOLGEN
HEBBEN. RIK SCHNEIDERS, MANAGER AANSPRAKELIJKHEID EN
BOUW- EN MONTAGEVERZEKERINGEN A.S.R., LEGT UIT WAAROM
HIER EEN BELANGRIJKE KANS LIGT VOOR ADVISEURS.
Denk bij financiering
ook aan de
verbouwrisico’s
TEKST a.s.r.
De trend van verbouwen en
verduurzamen vraagt om een
herijking van verzekeringsadvies,
stelt Schneiders. “Niet
alleen kijken naar geldstromen, maar
ook naar risicodekking. Adviseurs die
naast de financiering ook risico’s tijdens
de bouw bespreken, versterken hun rol
als brede adviseur. Ze beschermen hun
klanten tegen forse financiële schade
en laten zien dat ze verder kijken dan alleen
het financieringsvraagstuk”, aldus
Schneiders.
DUIDELIJKE TREND
De verschuiving van verhuizen naar
verbouwen is goed terug te zien in de
markt voor hypotheekaanvragen. Bij
a.s.r. zien ze dit ook, in het afgelopen
jaar werd ongeveer bij de helft van de
leningen een bouwdepot afgesloten.
De redenen voor deze trend zijn duidelijk:
de gestegen hypotheekrente maakt
verhuizen minder aantrekkelijk en het
tekort aan geschikte woningen remt de
doorstroming. Ook zien ze bij a.s.r. dat
huiseigenaren verduurzamen steeds vaker
combineren met verbouwen. Denk
bijvoorbeeld aan isoleren en het levensloopbestendig
maken van de woning.
Voor adviseurs betekent deze trend
een kans om hun dienstverlening te
‘Zelf klussen betekent ook zelf aansprakelijk
zijn voor wat daarbij misgaat’
verbreden. Juist bij particuliere verbouwprojecten
is het belangrijk om
klanten bewust te maken van mogelijke
schade en aansprakelijkheid. Een
Bouw- en Montageverzekering voor
particulieren (ook wel CAR-verzekering),
zoals die van a.s.r., kan dan een
goede aanvulling zijn.
ZELDEN GOED VERZEKERD
Regelt één aannemer het gehele project?
Dan is er vaak weinig risico voor
de klant, omdat schade gedekt is via de
verzekering van de aannemer. Toch is
het voor klanten altijd goed om vooraf
gegevens op te vragen over de dekking.
“Het risico neemt toe als klanten
zelf willen klussen of veel verschillende
partijen inhuren,” legt Schneiders uit.
“Zelf klussen betekent ook zelf aansprakelijk
zijn voor wat daarbij misgaat.
Wie betaalt bijvoorbeeld de kosten
36 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025
a.s.r.
als bouwmateriaal voor onverwachte
schade bij de buren zorgt? En hoe goed
kent de klant de voorwaarden van de
woonhuisverzekering tijdens een verbouwing?
Een adviseur die de risico’s
met klanten bespreekt, voorkomt dat
zij achteraf voor verrassingen komen
te staan. Juist daarom is een Bouw- en
Montageverzekering voor particulieren
zo waardevol. “
Rik Schneiders: ‘‘Een compleet
advies gaat verder dan geld.’
BOUW- EN MONTAGEVERZEKERING
PARTICULIEREN
Met de Bouw- en Montageverzekering
voor particulieren zijn klanten
verzekerd tegen veel voorkomende
schades bij bouwen of verbouwen.
Onder de dekking kunnen onder andere
vallen: beschadiging of diefstal
van bouwmaterialen, beschadiging
van je bestaande woning of
eigendommen van de buren door
bouwwerkzaamheden en beschadiging
van dat wat je nieuw bouwt
of installeert door onder andere
brand of een constructiefout. Een
particuliere bouwer sluit een Bouwen
Montageverzekering al af vanaf
€ 423,50, afhankelijk van onder
meer de omvang van het bouwproject
en de gekozen dekking.
Welke risico’s lopen particuliere klanten
bij verbouwen zoal?
• Beperkte dekking op de woonhuisverzekering.
De meeste woonhuisverzekeringen
dekken bij een verbouwing
alleen schade door brand,
storm, sneeuwdruk en luchtvaart.
Diefstal van bouwmateriaal, waterschade
door een gebroken leiding,
schade door neerslag via een open
gevel of verzakking door werkzaamheden
aan dragende delen worden
bijvoorbeeld niet gedekt.
• Aansprakelijkheid voor schade aan
derden. Een dakpan die op de tuintafel
van de buren valt of scheuren
in de muur door heiwerkzaamheden?
Niet elke aansprakelijkheidsverzekering
dekt dit soort schade. Rik
Schneiders vertelt: “Zonder aanvullende
verzekering kan een ongeluk
tijdens de verbouwing leiden tot een
claim die jarenlang doorwerkt. Een
compleet advies gaat dan ook verder
dan geld: het kan de toekomst van
de klant beschermen als er schade
ontstaat.”
• Schade tussen partijen onderling.
Wanneer meerdere partijen aan één
project werken, kunnen onderlinge
schades ontstaan. Zelfs als elke
partij een eigen CAR- en aansprakelijkheidsverzekering
heeft, is schade
aan elkaars werk vaak uitgesloten.
“Ook hier biedt de Bouw- en Montageverzekering
uitkomst. Die kan
veelal vertraging, discussies en onverwachte
kosten voorkomen”, aldus
Schneiders.
BREDERE ADVIESROL
Bij a.s.r. is er speciaal voor particuliere
verbouwers een aflopende Bouw- en
Montageverzekering. Deze verzekering
biedt dekking voor schade aan de bestaande
woning, het werk in uitvoering
en aansprakelijkheid richting derden en
tussen uitvoerende partijen.
“Een verbouwing is voor klanten
een investering in de toekomst,” zegt
Schneiders. “Door risico’s vooraf goed
af te dekken, kunnen adviseurs hun
klanten helpen om achteraf zo veel mogelijk
onbezorgd te genieten van het resultaat.
Verbouwen brengt al veel stress
met zich mee. Met deze verzekering
hoeven klanten zich in ieder geval geen
zorgen meer te maken over eventuele
schade tijdens de verbouwing. Zo wordt
het verzekeringsadvies een essentieel
onderdeel van het verbouwtraject.” n
SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 37
VERZEKERD WONEN
VERZEKERD WONEN IS OOK EEN GOEDE WOONVERZEKERING.
VVP SCHETST TRENDS OP DIT GEBIED. ZO VERDWIJNT DE
HERBOUWWAARDEMETER EN WORDEN VERZEKERINGEN
DUURZAMER (AL MAG DAT NOG BEST WAT SNELLER).
Adviesalerts!
Woonverzekering
TEKST TOON BERENDSEN
Welke adviseur is er niet groot mee
geworden, de herbouwwaardemeter
voor woningen? Maar de meter is,
evenals de Inboedelwaarde-index,
in 2025 voor het laatst verschenen.
Het Verbond van Verzekeraars: “Belangrijkste reden
voor het niet langer publiceren van beide meters is dat
uit een rondvraag onder verzekeraars blijkt dat zij de
meters amper gebruiken. Dit terwijl de kosten voor het
jaarlijks ontwikkelen ervan, op basis van cijfers van adviesbureaus,
aanzienlijk zijn.”
De inboedelwaardemeter verdween al eerder. Deze
werd door het Verbond voor het laatst in 2016 uitgegeven.
Toch kom je die meter nog bij heel wat marktpartijen
tegen! Zo zal het met de Herbouwwaardemeter
waarschijnlijk ook gaan. Als daar maar geen ongelukken
van komen. Je kunt je ook afvragen of het wijs is
juist nu met de meter te stoppen; de herbouwwaarde,
zegt het Verbond zelf ook, is fors gestegen en het einde
van de waardetoename lijkt nog niet in zicht.
Ook voor de inboedelwaardemeter, die dus al lang
niet meer door het Verbond wordt uitgegeven, geldt
dat de cijfers actueel moeten zijn. Gelukkig zie je wel
dat partijen die de oude meter uit 2016 nog hanteren,
het bedrag per punt (1.328,10 euro in 2025) aanpassen.
De vraag is alleen welk bedrag het volgend jaar moet
zijn; de Inboedelwaarde-index verdwijnt immers ook.
JE MOET MAAR DURVEN
Maar goed dus dat verzekeraars inmiddels prima in
staat zijn aan de hand van enkele kenmerken een premie
af te geven voor inboedel en/of woonhuis met
nog steeds garantie tegen onderverzekering. Eigenlijk
zouden alle verzekeraars zo moeten werken, dan zijn
er überhaupt geen meters meer nodig. Bizar mag heten
dat juist een partij als Lemonade (u weet wel, van
de “Woonverzekeringen voor de 21e eeuw”) de consument
vraagt zelf de waarde van zijn inboedel te berekenen,
eventueel met behulp van een inboedelwaardemeter
van de concurrentie! Lemonade: “Je kunt een
bestand opmaken waarin je nauwkeurig noteert wat
jouw bezittingen hebben gekost en wat de huidige
waarde van de inboedel is. Hier kun je online veel verschillende
templates als voorbeeld voor vinden. Optie
twee is om gebruik te maken van een online inboedelwaardemeter.
Zowel verzekeraars als onafhankelijke
partijen bieden een online tool aan waarmee je gemakkelijk
de inboedelwaarde van jouw woning kunt berekenen.
Na het invullen van jouw gegevens en het beantwoorden
van enkele vragen komt de waardemeter
op een (grove) schatting uit van jouw inboedelwaarde.
Dit is, zoals je je kunt voorstellen, wel minder nauwkeurig
dan de vorige methode. Snel, dat is het wel.” Je
moet maar durven.
VERDUURZAMING
Veel woningbezitters investeren in verduurzaming. Als
adviseur kun je daar je rol bij pakken, al is het maar om
het financieringselement. Of je ook echt moet gaan
adviseren over de technische aspecten van verduurza-
38 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025
VERZEKERD WONEN
ming, dat kun je je afvragen. In ieder geval moet je daar
dan bewust voor kiezen en de nodige deskundigheid bij
verwerven. Veel aanbieders kennen inmiddels afspraken
met leveranciers van verduurzaming. Als adviseur
kun je daarnaar verwijzen. Of je maakt zelf afspraken
met een of meer van deze partijen.
Verzekeraars nemen nieuwe ontwikkelingen bij woningverduurzaming
vroeger of later wel mee in hun
woonverzekering. Maar het blijft zaak om als adviseur
alert te blijven op wat wel en wat niet (al) wordt gedekt.
Het kan ook best complex zijn. Zijn zonnepanelen
in de tuin bijvoorbeeld wel verzekerd? Daar kun je
een aparte studie van maken! Als ze al verzekerd zijn, is
het met uitzonderingen. Bij Interpolis lezen we: “Zonnepanelen
in je tuin zijn verzekerd met onze Woonhuisverzekering.
Er zijn wel uitzonderingen. Bijvoorbeeld
als er brand in je tuin ontstaat door broeien,
schroeien of smelten. Ook schade door oververhitting
of kortsluiting is niet verzekerd. Schade door een gekapte
boom of een gesnoeide tak die je tuin beschadigt,
valt ook niet onder de verzekering.”
Tip: INSVER kondigde onlangs aan te komen met
één centrale duurzaamheidsdesk voor adviseurs.
DUURZAAM SCHADEHERSTEL
Een verzekering die nadrukkelijk duurzaamheid inbouwt,
kent doorgaans geen bijzonder financieel voordeel.
Misschien dat deze producten vooralsnog meer
vanuit een intrinsieke overtuiging van de verzekeraar
worden ontwikkeld dan omdat er al veel vraag naar is.
Wel is er een duidelijke toename bij verzekeraars zichtbaar
van het gewicht dat zij toekennen aan duurzaam
schadeherstel. Eigenlijk kun je als verzekeraar geen polis
meer aanbieden, in ieder geval op woonvlak, die niet
op z’n minst de mogelijkheid van duurzaam schadeherstel
aanbiedt. Adviseurs zouden hier selectief in moeten
worden bij de keuze van hun verzekeraars. Reken
maar dat dan ook heel snel de laatste schapen over de
dam zullen zijn.
VEILIGHEIDSMETER
Veel schade kan worden voorkomen door adequate
preventie. Dat geldt zeker de woning. Interpolis stimuleert
dit door klanten op te roepen in haar app een
Veiligheidsmeter in te vullen. De Veiligheidsmeter
omvat de thema’s brand, inbraak, waterschade en persoonlijke
veiligheid.
De verzekeraar: “Hoe meer veiligheidsmaatregelen
je neemt, hoe meer korting je krijgt op de premie.”
De korting kan oplopen tot zeven en veertien procent
op de woonhuis- en inboedelverzekering. Het principe
van premiekorting in ruil voor preventie is op zich
niet nieuw, maar hier wel op een aansprekende manier
verpakt. n
SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 39
OPINIE
ONLANGS WERD IK GEBELD DOOR EEN
HYPOTHEEKADVISEUR. WE HADDEN ELKAAR
JAREN GELEDEN GESPROKEN OVER EEN
MOGELIJKE SAMENWERKING RONDOM
AOV-ADVIES. HIJ VOND HET DESTIJDS
BELANGRIJK, MAAR NIET URGENT GENOEG.
NU BELDE HIJ OPNIEUW, VOOR EEN VAN ZIJN
KLANTEN. ZIJN KLANT WAS ERNSTIG ZIEK
GEWORDEN EN HAD GÉÉN AOV AFGESLOTEN.
OF IK NOG IETS KON BETEKENEN.
TEKST JOS BESSELINK, WIJZIJNLOEK
Het zijn van die telefoontjes die altijd te laat
komen. En eerlijk gezegd: ze raken me elke
keer. In de meeste gevallen is er op dat
moment niet veel meer te redden. Soms
kan ik nog iets betekenen bij een claim,
maar meestal is er gewoon niets geregeld. Dan is de ondernemer
al uitgevallen, zonder vangnet.
Uiteraard is het dossier vaak perfect op orde. Het
advies klopt en er zit keurig een afstandsverklaring in
het dossier; niets op aan te merken. Alleen heeft de
klant daar bij arbeidsongeschiktheid niets aan.
MEER DAN EEN VINKJE
De klant waar het om ging, was een ondernemer met
een jong gezin. Kostwinner met een druk bedrijf en een
koophuis met bijbehorende hypotheek. Hij had bijna
alles goed geregeld, overlijdensrisicoverzekering, inboedel-
en opstalverzekering allemaal op orde. Maar
het gesprek over AOV is slechts tussen neus en lippen
door gevoerd.
Het gezin had niet beseft wat een inkomensterugval
écht betekent. Niet alleen financieel, maar ook
mentaal. Sterker nog, de uiteindelijke keuze om geen
AOV af te sluiten werd alleen door de ondernemer zelf
gemaakt.
Wie arbeidsongeschikt raakt, verliest vaak niet alleen
inkomen, maar ook een stukje identiteit. Helaas
beseffen ondernemers dat vaak onvoldoende. Daarom
is het zo belangrijk dat zij (en hun naasten) bewust een
afweging maken. Of ze nu een AOV afsluiten of niet is
van secundair belang, het belangrijkste is dat ze in ieder
geval een goed advies krijgen en bewust een keuze
40 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025
OPINIE
Dat éne
telefoontje
maken. Op basis van eerlijke informatie, niet vanuit de
(v)oordelen die ze op feestjes horen.
Als je klanten niet weg laat gaan zonder opstalverzekering,
waarom dan wél zonder AOV?
TERUG NAAR DAT TELEFOONTJE
Ik kon in dit geval eigenlijk niets meer doen. Gelukkig
kon het gezin uiteindelijk nipt in hun huis blijven wonen
met hulp van ouders, maar voor veel andere ondernemers
is dat vangnet er niet. In mijn column in
juni schreef ik hoe ik van dichtbij heb meegemaakt wat
de verregaande gevolgen kunnen zijn van het wegvallen
van inkomen. Daarom word ik zo geraakt door telefoontjes
over gezinnen die onnodig in de armoede terechtkomen.
HET BESTE MOMENT
Inmiddels ligt de Wet Basisverzekering Arbeidsongeschiktheid
Zelfstandigen (BAZ) voor advies bij de
Raad van State. Door de berichtgeving over de ingangsdatum
van de wet stellen veel ondernemers
hun keuze uit, terwijl de naderende peildatum over
het hoofd wordt gezien. Ondernemers die voor deze
naderende datum een AOV afsluiten kunnen dat
nog doen met veel keuzevrijheid en ook met een
medisch verleden. Na de peildatum zitten alle ondernemers
vast aan strikte regels als zij zelf willen
kiezen, en voor een grote groep is er op dat moment
überhaupt geen mogelijkheid meer om zich privaat
te verzekeren in plaats van de BAZ. Daarom zouden
ondernemers én hun adviseurs nu in actie moeten
komen.
Ik krijg vaak de vraag wat het beste moment is
om alsnog een AOV te sluiten, rekening houdend
met de aanstaande wetgeving. Mijn antwoord?
“Het beste moment was gisteren. Het op-één-na
beste moment is vandaag.”
Het blijft me dan ook verbazen dat we dit onderwerp
nog te vaak zien als een moetje en hoe weinig aandacht
het krijgt in adviesgesprekken.
Zeker nu de verplichte AOV eraan komt, zou het
onderwerp urgent genoeg moeten zijn om ondernemers
te helpen bewust te kiezen. En lukt dat niet? Dan
zijn er gelukkig specialisten die je kunnen helpen. Want
als je klanten niet de deur uit laat gaan zonder goede
opstalverzekering, waarom dan wél zonder AOV?
‘Als je klanten niet weg
laat gaan zonder opstalverzekering,
waarom
dan wél zonder AOV?’
Gelukkig heeft deze adviseur zich inmiddels bij ons
aangesloten en helpen we zijn klanten om bewuste
keuzes te maken rondom arbeidsongeschiktheid. Sterker
nog, steeds meer adviseurs bespreken het onderwerp
zelf volledig met hun klant of besteden het uit
aan specialisten. Ik ben blij dat dit thema steeds hoger
op de agenda komt, zowel bij kleine kantoren als grote
organisaties.
Want uiteindelijk lijkt het een ‘klein’ onderwerp,
maar juist hier kun je écht het verschil maken voor je
klant. Want AOV-advies is misschien niet je specialisme.
Maar het is wél je verantwoordelijkheid. n
Jos Besselink is als AOV-specialist spreker, dagvoorzitter
en oprichter van WijZijnLoek
SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 41
PARTNER IN KENNIS
IN NEDERLAND ZIEN WE DAT DE BEVOLKING DUBBEL VERGRIJST:
HET AANTAL OUDEREN NEEMT TOE EN MENSEN LEVEN GEMIDDELD
LANGER. DEZE ONTWIKKELING ZORGT VOOR DIVERSE UITDAGINGEN,
ZOALS EEN STIJGENDE ZORGVRAAG, GROTERE ECONOMISCHE DRUK
EN SOCIALE VRAAGSTUKKEN ZOALS EENZAAMHEID, BEHOEFTE AAN
EXTRA ONDERSTEUNING EN HET FINANCIEREN VAN AANPASSINGEN
VOOR EEN VEILIGE, PASSENDE WONING. EEN FINANCIEEL ADVISEUR
KAN OP AL DEZE GEBIEDEN EEN WAARDEVOLLE BIJDRAGE LEVEREN.
Benutten van
overwaarde voor een
veilige woonomgeving
TEKST ONDERLINGE NEDERLAND
Veilig wonen omvat verschillende
aspecten van het leven
in en rondom je huis. Het gaat
niet alleen om fysieke veiligheid,
zoals bescherming tegen inbraak
en brand, maar ook om een gevoel van
zekerheid, welzijn en financiële veiligheid.
In dit artikel verkennen we de verschillende
dimensies van veilig wonen
en hoe een financieel adviseur deze kan
bevorderen.
FYSIEKE VEILIGHEID
Voor ouderen betekent fysieke veiligheid
vaak dat hun woning moet worden
aangepast om ongelukken te voorkomen.
Kleine veranderingen, zoals bijvoorbeeld
antislipmateriaal op vloeren
en trapleuningen, kunnen al een groot
verschil maken. Daarnaast zijn grotere
aanpassingen zoals trapliften, een inloopdouche
of automatische deuropeners
belangrijke verbeteringen.
Technologie draagt ook bij aan fysieke
veiligheid. Domotica, zoals bewegingssensoren,
slimme verlichting en alarmeringssystemen,
zorgen voor extra
ondersteuning en maken het eenvoudiger
om hulp te vragen wanneer dat
nodig is. Deze innovaties bieden niet alleen
gemak, maar vergroten ook het gevoel
van veiligheid en zelfstandigheid.
SOCIALE VEILIGHEID
Naast fysieke veiligheid is ook sociale
veiligheid belangrijk. Een veilige woonomgeving
gaat verder dan alleen het
huis zelf: het sociale netwerk en de
buurt waarin men woont zijn eveneens
van groot belang. Ouderen voelen
zich vaak veiliger wanneer zij goed contact
hebben met buren of deelnemen
aan buurtinitiatieven. Sociale veiligheid
betekent ook het voorkomen van eenzaamheid
door activiteiten en ontmoetingen
te faciliteren.
Een buurt met betrokken bewoners
draagt bij aan een gevoel van verbondenheid.
Dit kan door gezamenlijke activiteiten
zoals buurtmaaltijden, wandelclubs
of koffieochtenden te organiseren.
Ook speelt de digitale wereld
een steeds belangrijkere rol: via online
platforms kunnen ouderen contact onderhouden
met familie en vrienden, of
deelnemen aan sociale groepen.
DE TOEKOMST TIJDIG BESPREKEN
Het nadenken over en bespreken van
toekomstige woonwensen gebeurt helaas
vaak pas wanneer het noodzakelijk
is. Dit is jammer, omdat het soms
emotionele keuzes met zich meebrengt
die voorkomen hadden kunnen worden
door er eerder over te praten. Het is belangrijk
om op tijd in gesprek te gaan
met familie of een financieel adviseur,
zodat wensen voor een comfortabele
oude dag in kaart worden gebracht.
42 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025
ONDERLINGE NEDERLAND
‘Samen maken
we het zeker’
Op onderlingenederland.nl tref je voor
dit gesprek een boekje aan, het ‘Familiegesprek’.
De tips en stellingen in dit
boekje zijn gespreksstarters om ouderen
te helpen bij een goed gesprek over
langer zelfstandig thuis wonen. Zo kunnen
families zich samen voorbereiden
op de toekomst met passende oplossingen.
Daarnaast zijn er themaboeken
te vinden die nuttige informatie en ondersteuning
bieden over de eerder genoemde
onderwerpen.
FINANCIËLE MOGELIJKHEDEN
Aanpassingen aan de woning voor toekomstbestendigheid
en veiligheid brengen
kosten met zich mee. Voor huiseigenaren
zijn er vaak mogelijkheden om
de overwaarde van de woning te benutten
voor deze aanpassingen of als aanvulling
op het pensioeninkomen. Het
vermogen zit immers ‘in de stenen’. Het
vrijmaken van deze financiële middelen
kan een oplossing bieden.
Onder veel ouderen is weinig bekend
over de mogelijkheden van het verzilveren
van overwaarde. Zij hebben vragen
als “Ben ik niet te oud voor een
lening?” of “Ik heb alleen AOW en een
klein pensioen, kom ik wel in aanmerking?”.
Hier ligt ook een mooie kans
voor de financieel adviseur. Met een
gedegen financieel advies is er vaak
meer mogelijk dan men denkt. Zij kunnen
niet alleen helpen bij het verzilveren
van overwaarde, maar ook inzicht
bieden in andere opties, zoals subsidies,
pensioenaanvullingen en verzekeringen.
Door een goed financieel plan
op te stellen, kunnen ouderen voluit
leven.
Onderlinge Nederland is een levensverzekeraar
en hypotheekverstrekker,
opgericht in 1895. Wij richten ons
specifiek op vijftigplussers met inspiratie,
informatie en financiële oplossingen
die zekerheid en financiële rust
voor de langere termijn geven.
Met de ZilverHuis Hypotheek van Onderlinge
Nederland kan je een deel van
de beschikbare overwaarde opnemen.
Je hebt de mogelijkheid van een eenmalige
uitkering tot een maximum
van € 30.000,-, in combinatie met periodieke
uitkeringen. Met periodieke
uitkeringen verruim je je besteedbare
inkomen en met de eenmalige uitkering
kan je je woning toekomstbestendig
en veilig maken of gewenste verbouwingen
uitvoeren om de woning te
verduurzamen.
Veilig wonen op oudere leeftijd betekent
dat fysieke, sociale en financiële
aspecten samenkomen. Door tijdig
na te denken over de toekomst, zowel
in praktische als in financiële zin, kunnen
ouderen langer zelfstandig blijven
wonen in een omgeving waarin zij zich
veilig voelen. Familie, buren, financieel
adviseurs en technologische hulpmiddelen
spelen hierin een ondersteunende
rol. n
SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 43
VERZEKERD WONEN
INKOMENSVERZEKERINGEN ZIJN BELANGRIJK VOOR WIE ONBEZORGD WIL
BLIJVEN WONEN EN LEVEN IN ZIJN HUIS EN OMGEVING. VVP ZET BELANGRIJKE
ONTWIKKELINGEN OP EEN RIJ. ZO KRIJGT DE VERPLICHTE BASISVERZEKERING
ARBEIDSONGESCHIKTHEID ZELFSTANDIGEN (BAZ) STEEDS MEER VORM.
Adviesalerts!
Inkomen
TEKST TOON BERENDSEN
Moeten ondernemers blij zijn met de
BAZ? Of is het een wassen neus? In ieder
geval is het niet meer dan een zeer
basaal vangnet, helemaal nu in het
wetsvoorstel dat onlangs naar de Raad
van State is gestuurd de wachttijd is opgetrokken van
één naar twee jaar. Na die wachttijd heeft de zelfstandige
recht op een uitkering (ter hoogte van maximaal
het Wettelijk Minimum Loon) als hij of zij zelfs niet
in staat is een basisfunctie uit te oefenen. Basisfuncties
zijn bestaande functies op de Nederlandse arbeidsmarkt
met een minimale belasting, over het algemeen
op of niet ver boven minimumloonniveau. Zo’n functie
laat zich allicht vinden, dus of nou veel zelfstandigen
echt een uitkering gaan krijgen?
Maar goed, de politiek beslist en we moeten het er
mee doen. Hieronder enkele aandachtspunten voor adviseurs.
OPT-OUT
Tot grote vreugde van de verzekeraars komt er een optoutmogelijkheid.
Noodzakelijke voorwaarde voor de
opt-out (dus de stap uit de publieke verzekering) is een
aanvraag bij UWV. Er is voor gekozen om de verzekeraar
de aanvraag van de opt-out te laten doen en niet
de zelfstandige zelf.
De startdatum van de opt-out kan uitsluitend liggen
aan het begin van het kalenderjaar of, indien de
zelfstandige tijdens het jaar een onderneming start, op
het moment dat de onderneming start. Dat zal veelal
het moment van inschrijving bij de Kamer van Koophandel
zijn.
OVERGANGSRECHT
Zonder overgangsrecht zouden bestaande private verzekeringen
aan het toetsingskader voor opt-out van de
publieke verzekering moeten voldoen. Het wetsvoorstel
beperkt het overgangsrecht tot periodiek uitkerende
verzekeringsproducten die bedoeld zijn langdurig
het arbeidsongeschiktheidsrisico af te dekken. Veel van
de producten die gangbaar zijn onder benamingen als
woonlasten-/betalingsbeschermers, ongevallenverzekeringen,
producten die voorzien in premievrijstelling
bij arbeidsongeschiktheid en schenkkringen, voldoen
niet aan bovenstaande eisen.
Ten aanzien van verzekeringen met een technische
eindleeftijd hanteert de regering een ondergrens van 55
jaar. Daarnaast is de maximale wachttijd die kan worden
gehanteerd om in aanmerking te komen voor het
overgangsrecht 104 weken. Tot slot moet de verzekering
tot stand zijn gekomen vóór een bij koninklijk besluit
nader te bepalen datum (de peildatum, op het moment
van schrijven van dit artikel nog niet bekend).
STABILITEITSBIJDRAGE
Risicoverevening tussen publiek en privaat verzekerden
wordt vormgegeven als een stabiliteitsbijdrage van
degenen die de mogelijkheid hebben en benutten om
een verzekering te behouden of een private verzekering
via opt-out af te sluiten, aan de zelfstandigen die
44 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025
VERZEKERD WONEN
die keuze niet hebben of niet maken. De stabiliteitsbijdrage
wordt aldus berekend over de volgende drie groepen:
private verzekeringen via opt-out, private verzekeringen
via overgangsrecht, publieke vrijwillige verzekeringen
onder overgangsrecht.
De bijdrage is uniform, dat wil zeggen één gelijk bedrag
voor iedereen uit bovenstaande groepen.
De verzekeraar is verplicht om voor iedere opt-out,
vanaf de door UWV vastgestelde startdatum, de stabiliteitsbijdrage
te betalen aan UWV. Hiertoe heft en int
UWV bij de verzekeraar op basis van de opt-out-aanvragen
die de betreffende verzekeraar bij UWV heeft
gedaan..
De verzekeraar kan met zijn verzekerden overeenkomen
of en hoe hij de bijdrage doorberekent in de
premie. Zaak is dat het minimale premie-vereiste altijd
hetzelfde blijft ongeacht of de verzekeraar ervoor kiest
ANDERE ONTWIKKELINGEN
Andere belangrijke ontwikkelingen op het gebied
van Inkomen zijn er ook. Zo is de vereenvoudigde
WIA-beoordeling voor 60-plussers per 1 september
opnieuw ingevoerd.
Het wetsvoorstel re-integratie tweede spoor
wordt uitgesteld met twee jaar naar 1 januari 2030.
Dit wetsvoorstel wordt uitgesteld gelet op de toenemende
achterstanden bij het sociaal-medisch beoordelen
en de extra uitvoeringscapaciteit die dit
wetsvoorstel van UWV vraagt.
Tegen dezelfde achtergrond gaat het wetsvoorstel
RIV-toets (re-integratieverslagtoets) vanaf
de ingangsdatum (1 januari 2028) gelden voor alle
ziekmeldingen in plaats van alleen voor personen
die vanaf dan hun eerste ziektedag hebben. Het
wetsvoorstel gaat nog steeds in op 1 januari 2028,
maar heeft de facto twee jaar eerder effect. Hierdoor
bespaart het wetsvoorstel al vanaf 2028 verzekeringsartsencapaciteit
bij UWV.
Het streven is per 1 juli 2027 een vereenvoudigd
verlofstelsel te laten ingaan. Het nieuwe stelsel,
dat is althans nu het voornemen, wordt ingedeeld
in drie pijlers, in lijn met het SER-advies Balans in
maatschappelijk verlof: verlof rond de geboorte van
en de zorg voor kinderen; verlof voor de zorg voor
naasten; persoonlijk verlof. Binnen de pijlers worden
de voorwaarden en vereisten van de verschillende
regelingen zo veel mogelijk gelijkgetrokken.
De verkorting van de duur van de WW naar
achttien maanden wordt door het kabinet een jaar
uitgesteld. De beoogde nieuwe ingangsdatum is nu
1 januari 2028.
‘Plicht tot betalen
stabiliteitsbijdrage ligt
bij verzekeraar’
om (een gedeelte) van de stabiliteitsbijdrage door te berekenen
in de premie.
De publieke premies zijn aftrekbaar als uitgaven
voor inkomensvoorzieningen. Indien en voor zover de
private verzekeraar de door hem gemaakte kosten voor
de stabiliteitsbijdrage in de premie verdisconteert is
deze eveneens aftrekbaar.
GEEN ACCEPTATIEPLICHT
Verzekeraars zullen zelf de claimbeoordeling voor hun
verzekering uitvoeren. Het is voor privaat verzekerde
zelfstandigen en voor private verzekeraars ook niet
mogelijk om bij UWV een oordeel of second opinion
aan te vragen over een private uitkeringsclaim.
Als onderdeel van het toetsingskader voor de optout
is opgenomen dat een private uitkering niet mag
worden geweigerd bij roekeloosheid.
Verder mag de verzekering geen medische uitsluitingen
bevatten, die ertoe kunnen leiden dat bij het intreden
van bepaalde ziektebeelden geen recht op uitkering
ontstaat.
Private verzekeraars hebben geen acceptatieplicht.
Ze kunnen dus aan cherry picking doen, als ze willen.
Terecht roepen de inkomensdeskundigen adviseurs
al maanden op te zorgen dat bestaande AOV’s van zelfstandigen
actueel en eventueel verbeterd zijn. Die polissen
konden inderdaad wel eens goud waard blijken. n
SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 45
VERZEKERD WONEN
DE MOGELIJKHEID OM EEN LEVENSVERZEKERING AF TE
SLUITEN NA KANKER IS MET DE SCHONELEI-REGELING UIT 2021
VERBETERD. DE REGELING BIEDT NIET ALTIJD SOELAAS, MAAR WEL
STEEDS VAKER DOORDAT ZE STEEDS VERDER WORDT VERFIJND.
Starten met een
schone lei
TEKST TOON BERENDSEN
Uit de Doneer Je Ervaring-peiling van de
Nederlandse Federatie van Kankerpatiëntenorganisaties
(NFK) onder (ex-)kankerpatiënten
bleek dat zes op de tien respondenten
geen overlijdensrisicoverzekering
kon afsluiten. NFK riep daarom de politiek op tot een
wetswijziging waarmee ex-kankerpatiënten aanspraak
kunnen maken op het ‘recht om vergeten te worden’
voor de start met een schone lei. Toenmalig minister
Hoekstra van Financiën, NFK en verzekeraars zijn
daarna in overleg gegaan om dit vorm te geven. Het
zogeheten schonelei-beleid is sinds 1 januari 2021 van
kracht.
Mensen die tien jaar of langer geleden genezen zijn
van kanker, hoeven dat niet meer te melden bij de aanvraag
van een ORV of uitvaartverzekering tot de vragengrens.
Voor bepaalde kankersoorten is sprake van
een kortere termijn.
Voortschrijdend inzicht maakt dat de termijnen
soms verder kunnen worden teruggebracht. Zo geldt
sinds 1 januari 2025 voor melanoom bij stadium 1A
een termijn van vijf jaar. Voor stadium 1B werd de termijn
toen zes jaar. De termijn was voor beide zeven
jaar. Voor baarmoederhalskanker ging de termijn van
vijf naar drie jaar voor FIGO-stadium 1A2. Een termijn
van zes jaar geldt nu voor FIGO-stadium 1B (was zeven
jaar). Voor schildklierkanker is de termijn gaan gelden
bij diagnose tot 55 in plaats van 45 jaar.
Ook zijn er vijf kankersoorten toegevoegd aan de
lijst, waaronder borstkanker stadium 1.
BELANGRIJK VERSCHIL
Afgelopen zomer werd weer eens duidelijk dat artsen
en medisch adviseurs verschillend tegen het risico aankijken.
Volgens een in augustus verschenen studie van
het Nederlands Kanker Instituut samen met het Erasmus
MC is de termijn “in veel gevallen onnodig lang.
Als je naar jongvolwassenen kijkt, zie je dat zij na vier
jaar al dezelfde overlevingskans hebben als jongvolwassenen
die geen kanker hebben gehad. Die termijn van
tien jaar kan dus omlaag”.
Op een speciale informatiepagina die het Verbond
heeft geopend (‘Uitleg premieberekening overlijdensrisicoverzekering’),
maken verzekeraars duidelijk dat het
verzekeringstechnisch anders kan liggen. Het Verbond:
“Er is een belangrijk verschil tussen hoe een behandelend
arts (zoals een medisch specialist) en een medisch
adviseur van een verzekeraar (een beoordelend arts)
naar overlevingskansen kijkt. Een behandelend arts
kijkt specifiek naar de ziekte en de behandelmogelijkheden,
en vergelijkt dit met andere patiënten met dezelfde
ziekte. Dan is een overlevingskans van 95 procent
over tien jaar, heel positief. De medisch adviseur
vergelijkt het risico van de kandidaat-verzekerde met
dat van de bevolking of de verzekerde populatie (nietpatiënten).
Dan is een overlijdenskans van vijf procent
over tien jaar, best fors.
“Dat betekent dat een behandelend arts een risico
als ‘normaal’ of ‘acceptabel’ kan zien, maar dat een medisch
adviseur datzelfde risico anders kan beoordelen.
Een kleine verhoging in risico leidt namelijk tot een veel
46 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025
VERZEKERD WONEN
‘Het kan helpen
het bij verschillende
verzekeraars te
proberen’
grotere relatieve overlijdenskans. Daarom kan de premie
voor een ORV dus toch hoger zijn, terwijl de behandelend
arts zegt dat iemand is genezen, of dat iemand met
een aandoening misschien wel 100 jaar kan worden.”
VOORBEELD
Een voorbeeld dat wordt gegeven op de informatiepagina
betreft een 38-jarige vrouw: “Het Integraal Kankercentrum
Nederland heeft data gepubliceerd over de
overlevingskansen bij borstkanker. De relatieve overlevingskans
van patiënten met stadium I borstkanker
was na tien jaar 95 procent. De overlijdenskans gedurende
tien jaar is dus vijf procent. Als we dat vergelijken
met de overlijdenskansen van mensen zonder de
diagnose borstkanker, zien we een groot verschil. De
38-jarige vrouw uit het voorbeeld heeft een overlijdenskans
van 0,05 procent per jaar, dus van 0,5 procent per
tien jaar. Met borstkanker is er dus een tien keer hogere
overlijdenskans. Een verzekeraar moet daarom een
tien keer hogere premie vragen. Dit principe geldt voor
veel ziekten, steeds in andere mate.
“Om een goede premieberekening te kunnen maken,
stelt een medisch adviseur vast hoeveel hoger de
overlijdenskans is vergeleken met de vergelijkingsgroep.
Hij gebruikt hiervoor de ingevulde gezondheidsverklaring,
statistieken en wetenschappelijke artikelen.
De verzekeraar kijkt dus naar de relatieve overlijdenskans
van de kandidaat verzekerde. Hij kijkt hoe hoog
de overlijdenskans is van mensen zoals de kandidaat
verzekerde, in verhouding tot de overlijdenskans van
de groep kandidaat-verzekerden die de ziekte niet hebben
of hadden.”
TIP
Het Verbond van Verzekeraars benadrukt dat ook als
men niet onder de schonelei-regeling valt, “natuurlijk
een verzekering kan aanvragen. De medisch adviseur
van de verzekeraar beoordeelt de verzekeringsaanvraag.
Vaak lukt het om een verzekering af te sluiten.
Wel soms tegen een hogere premie of aangepaste voorwaarden.
“In de praktijk zien we dat veruit de meeste aanvragen
voor ORV’s zonder opslag worden geaccepteerd.
Dat komt omdat lang niet alle aandoeningen een verhoogde
overlijdenskans geven. Een klein deel, zo’n tien
procent, krijgt te maken met een opslag, veelal van
licht verhoogd tot een verdubbeling van de premie. En
omdat de basispremie momenteel vrij laag is (vanaf vijf
tot tien euro per maand), hoeft zo’n verhoging niet te
betekenen dat men veel meer euro’s betaalt.
“Het kan ook helpen het bij verschillende verzekeraars
te proberen. De data waarmee een medisch adviseur
de kans op overlijden inschat, kan namelijk per
verzekeraar verschillen. Ook zijn ook niet alle verzekeringen
precies hetzelfde opgebouwd. Daardoor kunnen
er verschillen in premie zijn”. n
SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 47
OPINIE
VANAF HET ADVIESRAPPORT OVER DE
HYPOTHEEKNORMEN VOOR 2026 VOEGEN WE
MEER BIJLAGEN TOE WAARIN WE TOELICHTEN HOE
DE BEREKENINGEN TOT STAND KOMEN, WELKE
BRONNEN WE GEBRUIKEN EN WELKE INPUT WE
HEBBEN OPGEHAALD BIJ PARTIJEN UIT DE MARKT.
TEKST MARCEL WARNAAR, NIBUD
Wanneer je een huis koopt en een hypotheek
afsluit, neem je een grote
financiële verplichting op je. Die
verplichting loopt in principe dertig
jaar door en raakt aan je hele leven.
Het neemt namelijk een grote hap uit je budget en dan
rijst al snel de vraag: kun je naast je hypotheek ook gewoon
boodschappen blijven doen, op vakantie gaan en
de kapper betalen? Precies daarom bestaan er hypotheeknormen.
Die normen zijn er niet om mensen onnodig
te beperken, maar juist om ze te beschermen. We
leggen je graag uit hoe ze tot stand komen.
Bij het Nibud geven we al 25 jaar advies over verantwoorde
hypotheekverstrekking. Sinds 2013 helpen we
de ministeries van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordering
en van Financiën om de regels vast te stellen die
ervoor zorgen dat huishoudens geen hogere leningen
krijgen dan zij kunnen dragen. Zo zorgen we ervoor
dat mensen in hun huis kunnen blijven wonen, ook als
het financieel even tegenzit.
DE BALANS VINDEN
Bij het berekenen van de hypotheeknormen kijken we
naar drie punten:
• Betaalbaarheid: de hypotheeklasten moeten goed
betaalbaar zijn;
• Hanteerbaarheid: de methode moet eenvoudig te
gebruiken zijn voor verstrekkers, adviseurs en consumenten;
• Robuustheid: de maximale hypotheek zou niet te
veel moeten schommelen van jaar op jaar.
De kern van onze systematiek is het vinden van een
goede balans. Mensen hoeven niet onnodig beperkt te
worden om een huis te kunnen kopen, maar moeten
ook niet zo veel lenen dat ze een te groot deel van hun
inkomen aan de hypotheek besteden, of nog erger, in
financiële problemen komen. Daarom berekenen we
wat huishoudens nodig hebben voor hun overige uitgaven
(zonder woonlasten), zodat zij ook bij het afsluiten
van een maximale hypotheek voldoende ruimte houden
om nu én in de toekomst rond te komen.
48 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025
OPINIE
Stappen naar meer
transparantie
RISICO’S
Waarom dat belangrijk is? Omdat een hypotheek een
risicovol product is. Het gaat om veel geld, voor een
lange tijd. Als het misgaat, kunnen mensen hun huis
verliezen. Dat heeft niet alleen gevolgen voor het individu,
maar ook voor de bank en, als het op grote schaal
misgaat, voor de hele economie. We herinneren ons allemaal
de financiële crisis van 2008 tot 2011, die mede
veroorzaakt werd door te ruime hypotheekverstrekking
in de Verenigde Staten.
Onze normen zijn dus niet alleen een bescherming
voor consumenten, maar dragen ook bij aan de financiële
stabiliteit van banken en de gehele economie.
Het is belangrijk dat er objectieve normen bestaan
die duidelijkheid en houvast bieden
Bovendien is het voor consumenten vaak moeilijk,
of zelfs onmogelijk, om goed in te schatten wat zij nu
en in de toekomst verantwoord kunnen lenen, zeker
als er iets in de persoonlijke situatie verandert. En er is
sprake van kennisongelijkheid tussen de verstrekker en
de consumenten; voor de een is het dagelijkse kost na
een meerjarige opleiding, de ander is er misschien voor
het eerst mee bezig.
Om ervoor te zorgen dat er geen mismatch ontstaat
tussen wat een consument aankan en wat er wordt verstrekt,
is het belangrijk dat de overheid toezicht houdt
en dat er objectieve normen bestaan die voor zowel
consumenten als verstrekkers duidelijkheid en houvast
bieden.
VEEL FACTOREN
Het klinkt misschien aantrekkelijk om voor iedereen
een volledig persoonlijk profiel te maken met individuele
wensen en (noodzakelijke) uitgaven, nu én voor de
komende 30 jaar. In de praktijk is dat niet haalbaar én
vaak ook niet zinvol: uitgavenpatronen veranderen, persoonlijke
omstandigheden verschuiven en de toekomst
is moeilijk te voorspellen. Daarom baseren wij de normen
op gemiddelde patronen, onderbouwd met data en
de oordelen van experts en consumentenpanels.
De berekening van het maximale hypotheekbedrag
hangt uiteindelijk van heel veel factoren af. Van de
energieprijzen tot de prijs van een pak melk, maar ook
veranderingen in regels rond belastingen en toeslagen.
Die enorme hoeveelheid data maakt het lastig om altijd
precies uit te leggen waarom een huishouden op een
bepaald hypotheekbedrag uitkomt, of in het ene jaar
meer kan lenen dan in het andere jaar.
MEER BIJLAGEN
Toch is het belangrijk om hier goed inzicht in te bieden.
SEO Economisch Onderzoek heeft onze systematiek
recent geëvalueerd en concludeert dat deze goed werkt
op het gebied van verantwoorde kredietverstrekking en
bijdraagt aan financiële stabiliteit en toegankelijkheid
van de koopwoningmarkt. Ook blijkt de methode voldoende
begrijpelijk voor consumenten en uitvoerbaar
voor adviseurs en verstrekkers.
Er is volgens SEO geen aanleiding om grote wijzigingen
in de berekeningswijze aan te brengen. Dat advies
is overgenomen door de ministeries. Wel raadt
SEO aan om onze werkwijze en onderliggende systematiek
beter uit te leggen, zodat deze beter te volgen zijn.
Daar geven we graag gehoor aan. Vanaf het adviesrapport
over de hypotheeknormen voor 2026 voegen
we meer bijlagen toe waarin we toelichten hoe de berekeningen
tot stand komen, welke bronnen we gebruiken
en welke input we hebben opgehaald bij partijen
uit de markt.
Een voorbeeld hiervan is dat we linken naar de
brongegevens van onze data, zoals het Budgethandboek
en de Prijzengids, zodat gebruikers beter kunnen
achterhalen waar de uitgaven vandaan komen. Gegevens
die we vanwege privacy of concurrentiegevoeligheid
niet mogen publiceren, blijven uiteraard afgeschermd.
n
SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 49
VERZEKERD WONEN
HET NIEUWE ZORGVERZEKERINGSSEIZOEN KOMT ER ALWEER AAN. IN
DEZE ADVIESALERTS! ZORGVERZEKERING ACTUALITEITEN, TRENDS
EN TIPS. HOEWEL JE ALTIJD MAAR MOET AFWACHTEN WAT ER VAN
VERKIEZINGSBELOFTEN UITKOMT, NEIGEN STEEDS MEER POLITIEKE
PARTIJEN NAAR HET IN STUKJES HAKKEN VAN HET VERPLICHTE EIGEN
RISICO. EEN GOEDE ZAAK? NIET PER SE.
Adviesalerts!
Zorgverzekering
TEKST TOON BERENDSEN
‘Wij zien een verbod
op budgetpolissen er
niet komen’
Slimmer adviseren is vooral geen onrust zaaien
in je portefeuille. Dus een massale overstapactie
zorgverzekering in eigen huis lijkt ons geen
goed idee. Ook omdat de verdiensten bij zorgverzekeringen
niet om over naar huis te schrijven
zijn. Maar waarom zou je niet weer eens proberen
wat nieuwe zorgverzekerden te werven?
De koek is groot genoeg. Afgelopen keer wisselden
1,2 miljoen mensen van zorgverzekeraar naar zorgverzekeraar.
Benader eens de klanten in uw portefeuille
die hun zorgverzekering nog niet bij uw kantoor hebben
lopen. Tip: volgens Vektis, het business intelligence
center voor de zorg, zijn de meeste overstappers te
vinden in de leeftijdsgroep achttien-44 jaar, dus richt
uw pijlen dan ook vooral op deze klanten.
Adfiz is van mening dat adviseurs hoe dan ook een
sleutelrol in het zorgverzekeringsstelsel spelen. Adfiz:
“Anders dan vaak wordt gedacht, is de zorgverzekering
geen simpele schadeverzekering. Een verkeerd gekozen
basisverzekering of een aanvullend pakket dat niet
voldoende zekerheid biedt kan leiden tot (soms grote)
financiële problemen en stress!”
Hoort u het ook eens van (niet zomaar) een ander.
HANDBOEK
Om adviseurs te ondersteunen bij het up-to-date houden
van de praktische kennis rondom de Zorgverzekeringswet,
biedt Adfiz een gratis digitaal handboek aan.
Dat is meteen ook een van de belangrijkste tips van dit
artikel: vraag het handboek, dat regelmatig wordt geactualiseerd,
bij Adfiz op. In het document – Zorgverzekeringswet
in Praktijk – worden alle relevante aspecten
van de wet besproken. Zo wordt ingegaan op de verzekeringskring,
de acceptatieplicht, het begin en einde
van de verzekering, het verzekerde pakket en de financiering.
Ook informatie rondom de zorgtoeslag is in het
document opgenomen.
GEEN POLITIEKE VISIE
Er is geen glazen bol voor nodig om te voorspellen dat
de zorgverzekeringspremie verder blijft stijgen, al lijkt
een meevaller de premiestijging van de basispolis dit
keer te beperken (op het moment van schrijven van dit
artikel had alleen DSW al de premie gepubliceerd en
die is hetzelfde als dit jaar). Maar zolang de zorgkosten
blijven oplopen, rest de zorgverzekeraars niet anders
dan hun premies te verhogen. En helaas is het einde
50 | VVP SPECIAL NOVEMBER 2025
VERZEKERD WONEN
zoek; niemand lijkt in staat – de politiek al helemaal
niet – de zorgkosten te beteugelen.
Een blik in de verkiezingsprogramma’s van de belangrijkste
partijen – voor de landelijke verkiezingen
op 29 oktober – leerde nog maar weer eens dat een visie
op de zorg in Nederland en de financiering ervan
ontbreekt. Het blijft bij algemeenheden, oplossingen
worden niet geboden of niet financieel onderbouwd
waardoor het schijnoplossingen zijn.
Ronduit bedenkelijk is dat best veel partijen neigen
naar verlaging of tranchering van het verplichte eigen
risico. Dat is nog even bevroren op 385 euro, maar in
de toekomst zou er volgens sommige partijen een lager
eigen risico per behandeling moeten gaan gelden.
Voormalig minister Kuipers ging voor een eigen risico
van 150 euro per medische-specialistische behandeling.
Dat idee van verlaging nemen meerdere partijen
in allerlei varianten over. NSC bijvoorbeeld wil een eigen
risico van 80 euro per behandeling met een jaarmaximum
van 385 euro.
Hopelijk komt het niet zover, want nu al is becijferd
dat verlagen of in partjes knippen van het eigen
risico de premie alleen maar verder de hoogte in zal
jagen. Je kunt ook op je vingers natellen dat een lager
eigen risico zal leiden tot meer vraag en behandelingen.
Inmiddels is duidelijk dat tranchering van het
verplichte eigen risico in ieder geval niet in 2026 een
feit gaat zijn. Maar in de Prinsjesdag-stukken wordt
tranchering vanaf 2027 niet uitgesloten.
Er zijn partijen die menen dat ze het eigen risico
helemaal kan worden afgeschaft. Diezelfde partijen
menen tegelijkertijd de premie van de zorgverzekering
te kunnen verlagen. Gelooft u het?
MEDISCH LETSELSCHADEFONDS
Staat er in de zorgparagraaf van de verschillende verkiezingsprogramma’s
dan helemaal niks bijzonders?
Toch wel, al is het even zoeken en heeft het minder
te maken met zorg dan met aansprakelijkheid. De SP
schrijft: “Erken medische fouten en leer ervan. We introduceren
een medisch letselschadefonds dat patiënten
snel compenseert bij fouten en medische missers.
Het schadebedrag wordt vervolgens verhaald bij de
specialist, het ziekenhuis of de zorginstelling. Zo worden
jarenlange juridische procedures overbodig.”
1,2 miljoen
overstappers
per jaar.
RESTITUTIEPOLIS VERDWENEN
Op polisvlak geldt dat de zogeheten restitutiepolissen
inmiddels helemaal zijn verdwenen. Afgelopen seizoen
werden ook de laatste restitutiepolissen geschrapt en
omgezet naar combinatiepolissen. De keuze is nu dus
tussen naturapolis (of de budgetpolis-variant daarvan)
en combinatiepolis. De naturapolis is, aldus Vektis,
met een aandeel van 78,5 procent veruit de meest
gekozen verzekeringsvorm.
Een afzonderlijk percentage budgetpolissen vermeldt
Vektis helaas niet, maar in deze dure tijden zal
deze vorm waarschijnlijk vaker gekozen worden. De
Consumentenbond wijst erop dat er naast budgetpolissen
ook nog ‘selectieve naturapolissen’ zijn. De
bond: “Deze polissen hebben beperkte vergoedingen
en voorwaarden vergeleken met normale naturaverzekeringen.
Maar je wordt hier niet beperkt in je vrije
keus voor ziekenhuizen, zoals bij de budgetpolissen.”
Overigens is de Vereniging van Regionale Zorgverzekeraars
(Zorg en Zekerheid, Salland Zorgverzekeringen,
ONVZ en DSW) voorstander van het verbieden
van budgetpolissen. Wij zien zo’n verbod er echter
niet komen. Eerder zullen verzekeraars worden gedwongen
hun polisaanbod overzichtelijker te maken.
De NZa (zorgautoriteit) meent dat “het aanbod aan
zorgverzekeringen die niet of nauwelijks van elkaar
verschilden het voorbije seizoen nog altijd zo groot
was dat het consumenten hinderde bij het kiezen”.
Verzekeraars kunnen zich deze kritiek maar beter
aantrekken. Want als het aan de SP ligt “komt er een
nationaal zorgfonds. Dit vervangt de huidige commerciële
zorgverzekeraars”. Dan hebben we nog maar één
polis en één verzekeraar… n
SPECIAL NOVEMBER 2025 VVP | 51
VVP is trots op haar partners
die de VVP special
Verzekerd Wonen mede
mogelijk hebben gemaakt