1 | 2026 Pi | Project & Interieur
Pi, onafhankelijk vakblad voor projectinterieurs is het toonaangevende magazine over interieurarchitectuur en interieurproducten voor de totale projectmarkt, en wordt gericht verspreid in Nederland en België. In Pi bespreken we 6 keer per jaar de meest bijzondere projecten, producten en concepten binnen de branche. In deze editie o.a.: Thema Zorg & Welzijn: De Uiterwaarden Deventer, RDC Adore Amsterdam, 't Spant Nootdorp, Watt the Health Gentbrugge, Interview met Femke Feenstra - Gortemaker Algra Feenstra, Jeroen de Willigen BNA en meer.
Pi, onafhankelijk vakblad voor projectinterieurs is het toonaangevende magazine over interieurarchitectuur en interieurproducten voor de totale projectmarkt, en wordt gericht verspreid in Nederland en België. In Pi bespreken we 6 keer per jaar de meest bijzondere projecten, producten en concepten binnen de branche. In deze editie o.a.: Thema Zorg & Welzijn: De Uiterwaarden Deventer, RDC Adore Amsterdam, 't Spant Nootdorp, Watt the Health Gentbrugge, Interview met Femke Feenstra - Gortemaker Algra Feenstra, Jeroen de Willigen BNA en meer.
Transform your PDFs into Flipbooks and boost your revenue!
Leverage SEO-optimized Flipbooks, powerful backlinks, and multimedia content to professionally showcase your products and significantly increase your reach.
VERKOOPPRIJS € 14,95
sinds 1989
verschijnt tweemaandelijks www.pi-online.nl
THEMA ZORG & WELZIJN
De Uiterwaarden Deventer 4
RDC Adore Amsterdam 10
’t Spant Nootdorp 17
Watt the Health Gentbrugge 23
Column EGM interieur 30
Productinformatie Projectstoffering 31
OPGELEVERD
Sigma Fabriek Amsterdam 34
Den Hartogh Basecamp Rotterdam 40
The Blurring Zone Amsterdam 46
Hotel VIA Antwerpen 52
INTERVIEW
Femke Feenstra Gortemaker
Algra Feenstra 58
Jeroen de Willigen BNA 64
Michael Parsser Kisch 66
BEURZEN
Destination Design 2026 68
Object Rotterdam 72
Material District 2026 74
Salone del Mobile 2026 77
PRODUCTINFORMATIE 78
ETCETERA 80
FEBRUARI-MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
Showroom, kantoor en logistiek centrum
Edisonstraat 3 | Goirle | Nederland | T +31 13 534 00 34 | info@vervoort.nl | vervoort.nl
C
M
Y
CM
MY
CY
CMY
K
Vyva Fabrics PI.1 - 220x297 +3mm bleed.ai 1 27-Jan-26 10:23:45 AM
VERKOOPPRIJS € 14,95
COLOFON
Business
Content
Media
PI, project & interieur is een uitgave van
FEBRUARI-MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
sinds 1989
verschijnt tweemaandelijks www.pi-online.nl
Mezza
Peter van de Water
Business Content Media b.v.
Verantwoordelijke uitgevers
Richard van der Hak en Milan Potuznik
THEMA ZORG & WELZIJN
THEMA ZORG & WELZIJN
De Uiterwaarden Deventer 4
RDC Adore Amsterdam 10
’t Spant Nootdorp 17
Watt the Health Gentbrugge 23
Column EGM interieur 30
Business Content Media BV
Binckhorstlaan 36 – UNIT C0-52
2516 BE Den Haag
+31(0)70 – 221 19 44
info@businesscontentmedia.nl
www.businesscontentmedia.nl
BELLUS & LINEOS, A NEW INDOOR & OUTDOOR FABRIC COLLECTION.
Verschijning: tweemaandelijks
SOLUTION-DYED ACRYLIC COMBINE DURABILITY WITH A SOFT, LUXURIOUS FEEL.
LINEOS PRESENTS A LINEN LOOK WITH WARM TONES AND A TIMELESS TEXTURE.
BELLUS FEATURES A LAYERED, MARBLED PATTERN THAT ADDS DEPTH AND NUANCE.
WWW.VYVA FABRICS.NL
De Uiterwaarden Deventer | RDC Adore Amsterdam | ’t Spant Nootdorp | Watt the Health Gentbrugge | Projectstoffering
Productinformatie Projectstoffering 31
OPGELEVERD
Sigma Fabriek Amsterdam 34
Den Hartogh Basecamp Rotterdam 40
The Blurring Zone Amsterdam 46
Hotel VIA Antwerpen 52
INTERVIEW
Femke Feenstra Gortemaker
Algra Feenstra 58
Jeroen de Willigen BNA 64
Michael Parsser Kisch 66
BEURZEN
Destination Design 2026 68
Object Rotterdam 72
Material District 2026 74
Salone del Mobile 2026 77
PRODUCTINFORMATIE 78
ETCETERA 80
FEBRUARI-MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
Hoofdredacteur
Bas Hakker
bas@kleedkamer4.nl
Redactie
Linda Hulsman
linda.hulsman@businesscontentmedia.nl
Medewerkers
Eva Vroom, Peter van Kester,
Ingmar van der Hoek
RDC Adore is door een groot glazen
atrium – een ontwerp van Studio Hartzema
– verbonden met het naastgelegen
Amsterdam UMC Imaging Center.
atelierpro.nl
(Foto: Atelier PRO)
Postadres redactie
Bink 36, Binckhorstlaan 36, Unit C0-52
NL-2516BE, Den Haag
Traffic Linda van den Brink
+31(0)70 – 221 19 44
Sales Maureen Bremmer
maureen@businesscontentmedia.nl
+31 (0)6 553 667 53
Ontwerp ZiLtd., Amsterdam
Vormgeving Christiaan Hoogeveen
Druk Veldhuis, Meppel
Abonnementen
Abonnementenland
Postbus 20
1910 AA, Uitgeest
+31(0)251 257924
klantenservice@aboland.nl
PI wordt op basis van abonnementen verspreid. Tot de
lezers-doelgroep worden gerekend: architecten,
interieur-architecten, projectinrichters, hoofden van
dienst/facilitymanagers, inkopers van grote bedrijven
en interieurbouwers. Zij die menen voor een doelgroepabonnement
in aanmerking te komen, kunnen dit
aanvragen bij de uitgever. Abonnementen kunnen met
elk nummer ingaan, doch lopen steeds tot 31 december.
Het abonnement wordt zonder tegenbericht van de
abonnee (schriftelijk tot vijf weken vóór het einde van
het abonnementsjaar) jaarlijks automatisch verlengd.
Proefabonnementen lopen na twee maanden automatisch af.
© Niets uit deze uitgave mag worden gereproduceerd
zonder schriftelijke toestemming van de uitgever.
Copyright 2026 PI, ISSN 1384-4415
Abonnementsprijzen NL:
Jaarabonnement €84,00 per jaar. Overige
landen: jaarabonnement €94,00 per
jaar. Losse nummers (bestellen) € 14,95
Prijzen zijn exclusief btw.
www.beddingbusiness.nl
www.homedecobusiness.nl
www.vloerenbusiness.nl
www.vloerenbusiness.nl
www.interiorbusiness.nl
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
3
ZORG & WELZIJN De Uiterwaarden Deventer
De Uiterwaarden Deventer
Samen onder één dak
Studio Groen+Schild maakte van De Uiterwaarden een warm en functioneel
zorggebouw, waar zowel cliënten als medewerkers zich thuis voelen. De Uiterwaarden
in Deventer is een vestiging van De Parabool, een zorginstelling die kinderen, (jong-)
volwassenen en ouderen met een verstandelijke beperking ondersteunt.
Zorg ZORG & welzijn WELZIJN
FOTO BOVEN
Studio Groen+Schild
ontwierp voor De
Uiterwaarden een
huiselijk, warm en
persoonlijk interieur,
zonder kantooruitstraling.
Met kleinschalige woon- werk- en dagbestedingslocaties
richt De Parabool zich op persoonlijke ontplooiing,
sociale contacten en participatie in de samenleving. Wat
De Uiterwaarden speciaal maakt, is dat er zowel dagbesteding
als het Service Bureau van de organisatie gehuisvest
zijn. Studio Groen+Schild kreeg de opdracht om het
gebouw zó te ontwerpen, dat cliënten en medewerkers
hun eigen plek hebben, maar elkaar ook kunnen ontmoeten.
“De Parabool heeft in Zuidwest Overijssel veel
woon- en dagopvang locaties en het leek ze een goed
idee, om op één van die locaties ondersteuning en praktijk
te combineren”, legt architect Ellen Schild uit. De reden
4
TEKST Eva Vroom
FOTOGRAFIE Mike Bink
Opdrachtgever De Parabool
Architect en Interieurarchitect Studio Groen+Schild
Ontwerpteam Ellen Schild, Arnold de Bruin, Dyneke Kuiken,
Marcel van der Kroef
Landschapsarchitect Buro Harro
Bouwmanagement Kleissen Bouwmanagement en advies
Aannemer Nikkels Bouwbedrijf
FOTO BOVEN
De natuurlijke
uitstraling
van de houten
lamellengevel sluit
aan bij de groene
omgeving van het
nabijgelegen park.
FOTO ONDER
De trap is gemaakt
van door en door
gekleurd beton, met
stalen balustrades.
Al het staalwerk
heeft dezelfde
steenrode kleur als
de kozijnen in de
gevel.
voor de nieuwbouw was, dat het oude kantoor en enkele
dagbestedingslocaties niet meer aan de huidige eisen
voldeden. “Ze waren verouderd, lastig te onderhouden en
te verduurzamen.” Daarom besloot De Parabool een aantal
panden aan een ontwikkelaar te verkopen, en een nieuw
gebouw te realiseren aan de Brederodelaan in Deventer.
Toekomstbestendig
De Uiterwaarden biedt ruimte aan drie dagbestedingsgroepen
en het Service Bureau van de organisatie. In totaal
zijn dat zo’n zeventig tot tachtig cliënten en rond de veertig
medewerkers, samen onder één dak. Dit betekent niet
alleen dat er efficiënter gebruik gemaakt wordt van ruimte,
maar het draagt ook bij aan een betere samenwerking en
Constructeur WSP
Installateur Loohuis Installatietechniek
Lichtontwerp Spectrus
Interieurbouwer en leverancier systeemwanden Intermontage
Lift: Schindler
Betontrap in kleur HOP Prefab
Vloerbedekking Forbo Marmoleum Concrete; Ege Epoca Pro
Vloertegels Ceramica Rondine
Houten lamellenplafonds Derako
Losse inrichting SKO en deels hergebruik
meer verbinding tussen medewerkers en cliënten.
Het nieuwe pand moest duurzaam, flexibel en toekomstbestendig
zijn, zowel wat betreft het exterieur
als het interieur. Studio Groen+Schild vertaalde dit
naar een gebouw met een houten lamellengevel, die
met zijn natuurlijke uitstraling aansluit bij de groene
omgeving van het nabijgelegen park. Schild: “Het
gebouw dat hier oorspronkelijk stond, was maar
één verdieping hoog en vanuit stedenbouwkundig
oogpunt mochten we niet hoger bouwen. We zijn
in gesprek gegaan met de gemeente Deventer, en
hebben toch toestemming gekregen om twee-laags
te bouwen. De gevel is van Accoya hout, met een
gemetselde plint. In deze plint zijn bankjes verwerkt,
zodat er rondom het gebouw plekken zijn waar
mensen kunnen zitten, als ze bijvoorbeeld wachten
op de taxi.”
De Uiterwaarden Deventer
Zorg ZORG & welzijn WELZIJN
Huiselijk
Ook aan de biodiversiteit is gedacht: het gebouw
is natuurinclusief dankzij nestkasten voor vogels
en vleermuizen, in de plint zijn schuilplekken voor
egels. Rondom het gebouw heeft Buro Harro een
tuin ontworpen met wadi’s vol inheemse planten,
die in het voorjaar voor een grote bloemenzee
zorgen. Schild: “Zo’n tuin is best bijzonder voor een
zorginstelling, ik vind het mooi dat ze meegegaan
zijn in ons voorstel om Buro Harro te vragen voor
het landschapsontwerp. De Parabool is een prettige
opdrachtgever, we transformeren nu ook een boerderij
voor ze met nieuwbouw. Er zit een duidelijke
sociale component aan dit soort opdrachten.
Het interieurontwerp van De Uiterwaarden was
wel een puzzel. We wilden geen standaard zorggebouw
maken, dus we hebben eerst workshops
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
5
Zorg & welzijn
De Uiterwaarden Deventer
gehouden om erachter te komen wat de wensen
waren. Een grote groep medewerkers is
bij het ontwerp betrokken geweest. De vraag
aan ons was om een rustig en prikkelarm
interieur te ontwerpen. Het moest huiselijk,
warm en persoonlijk worden, zonder
kantoor-uitstraling. We hebben daarom geen
systeemplafonds toegevoegd, de constructie in
het zicht gehouden en akoestisch spuitwerk
toegevoegd voor een prettige nagalmtijd.
Dat was voor een aantal mensen binnen de
organisatie wel even wennen, maar ze hebben
het toch aangedurfd.”
Dagopvang
De plattegrond van het gebouw is vrij helder
en langgerekt. Vanwege de vraag om een prikkelarme
omgeving bevindt de entreehal met
trappartij zich in het hart van het gebouw,
waardoor het links en rechts daarvan rustig
is. De wanden van deze entreehal kregen
dezelfde houten afwerking als de gevel. Ook
FOTO LINKSBOVEN
In de plint zijn
bankjes verwerkt,
zodat er rondom
het gebouw plekken
zijn waar mensen
kunnen zitten.
FOTO RECHTSBOVEN
De entreehal met
trappartij bevindt
zich in het hart
van het gebouw.
De wanden kregen
dezelfde houten
afwerking als de
gevel. De balie is
van overgebleven
gevelhout.
FOTO ONDER
Er zijn geen
systeemplafonds
toegevoegd,
akoestisch spuitwerk
zorgt voor een
prettige nagalmtijd.
6
De Uiterwaarden Deventer
FOTO BOVEN
Voor de dagopvanglokalen ontwierp Studio
Groen+Schild een doorlopende kastenwand van
groen betonplex, dit geeft een rustig beeld.
FOTO ONDER
De keuken op de eerste verdieping is behoorlijk
groot, en wordt intensief gebruikt.
de baksteen van de plint loopt naar binnen door. Een bijzonder
detail is de houten balie, gemaakt van restmateriaal
van de gevel. Schild: “Accoya is kostbaar, het zou zonde
zijn om dat niet te gebruiken. In de entreehal hebben we
gekozen voor een tegelvloer, op de verdiepingen ligt marmoleum
en in de werkomgeving tapijt voor een betere
Zorg & welzijn
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
7
Zorg & welzijn
De Uiterwaarden Deventer
akoestiek.” De trap is gemaakt van door en door
gekleurd beton, met stalen balustrades. “Die trap is er
tijdens de ruwbouw al in gehesen. Al het staalwerk
heeft dezelfde steenrode kleur als de kozijnen in de
gevel. Dat staat mooi bij het hout en het metselwerk.”
Voor de dagopvanglokalen ontwierp Studio
Groen+Schild een opvallende doorlopende kastenwand
van groen betonplex. Schild: “De medewerkers
van bijvoorbeeld de Kleurmeesters, één van de
dagopvanggroepen, hadden heel veel opslagruimte
nodig voor materialen als klei en verf, voor pantry’s
en kleine begeleiderswerkplekken. Dit betekende wel
een stevige post voor de vaste inrichting, maar door
alles achter een dichte wand te verwerken creëer je
een veel rustiger beeld.”
FOTO BOVEN
De Uiterwaarden
heeft een groot
dakterras met overal
zicht op de groene
omgeving.
FOTO ONDER
In de werkomgeving
is gekozen voor
tapijt in verband met
de akoestiek.
Dakterras
Op de begane grond van het gebouw bevindt zich de
afdeling Industrieel Werk. Daar zijn de werkplekken
afgeschermd om een teveel aan prikkels te voorkomen.
Schild: “De kleurcontrasten zijn er niet groot,
we hebben nauwelijks zwart gebruikt en nergens wit,
alleen heel zacht grijs. In de dagopvang is de verlichting
dimbaar. In deze ruimtes hebben we een lijnverlichting
toegepast.” In het ontvangstgebied hangt
verlichting in de vorm van grote ringen, deze ringen
komen terug in de vergaderruimtes op de verdieping.
8
BOVEN
Plattegrond
begane grond.
ONDER
Plattegrond
verdieping.
Op deze verdieping bevindt zich ook de keuken.
Die is behoorlijk groot, en wordt intensief gebruikt.
“Mensen uit de dagopvang maken er regelmatig
broodjes voor medewerkers van het Service Bureau,
een mooie combinatie.”
Dankzij de integrale benadering van het project,
waarbij Studio Groen+Schild zowel exterieur
als interieur heeft ontworpen, sluiten vormen,
kleuren en materialen perfect op elkaar aan. ”We
hebben er op de studio met een mooi team aan
gewerkt; Arnold de Bruin en ik als architecten,
Dyneke Kuiken als interieurarchitect en Marcel
van der Kroef als projectleider. Het resultaat is een
samenhangend, warm en functioneel gebouw waar
zowel cliënten, medewerkers als bezoekers erg blij
mee zijn. Natuurlijk was het wel even wennen,
zegt Schild: “Op hun vorige locatie bevond de
dagopvang van ‘Op Maat’ zich op de begane grond,
waar je zo de tuin in kon lopen. Nu is een deel van
de dagopvang op de eerste verdieping.” Gelukkig
heeft het nieuwe gebouw een heel groot dakterras
met overal zicht op de groene omgeving. Voor
een aantal medewerkers betekende het overstappen
naar open werkplekken een omschakeling. “Ze
zaten voor de verhuizing in een oud, verkamerd
gebouw. Hoewel sommigen moesten wennen aan
de open werkplekken, zijn ze allemaal blij met
hun nieuwe huiselijke werkomgeving. Ook de
combinatie van dagopvang en Service Bureau is
een succes.”
studiogroenenschild.nl
De Uiterwaarden Deventer
Zorg & welzijn
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
9
ZORG & WELZIJN RDC Adore Amsterdam
ZORG & WELZIJN
RDC Adore Amsterdam
Geen gebouw dat wil
schreeuwen
FOTO BOVEN
Het gebouw is door
een groot glazen
atrium – een ontwerp
van Studio Hartzema
– verbonden met
het naastgelegen
Amsterdam UMC
Imaging Center,
waardoor mensen
elkaar makkelijk
kunnen ontmoeten en
kennis kunnen delen.
Aan de rand van het Amsterdam UMC, staat RDC Adore: het nieuwe Research &
Diagnostiek Centrum waar toponderzoek plaatsvindt en oncologie en neurologie
op een unieke manier zijn samengebracht. Het gebouw presenteert zich niet als
icoon of statement, maar als een zorgvuldig geordend instrument voor onderzoek.
De architectuur is terughoudend waar het moet en genereus waar het kan.
Nabijheid, ontmoeting en flexibiliteit vormen de kern van het ontwerp.
“Het is geen gebouw dat wil schreeuwen”, zegt architect
Martijn de Visser van atelier PRO. “Het moet vooral
goed werken. Als mensen hier prettig kunnen werken en
elkaar vanzelf tegenkomen, dan heeft het gebouw zijn
werk gedaan.’’ De ontstaansgeschiedenis van RDC
Adore is lang en complex. Al in 2012 start het project
als een aanbesteding waarin toekomstbestendige
criteria centraal staan: duurzaamheid, flexibiliteit,
10
TEKST Bas Hakker
FOTOGRAFIE atelier PRO
Opdrachtgever Reinier de Graaf Groep
Opdrachtgever Amsterdam UMC (Universitair Medisch
Centrum)
Locatie Van der Boechorststraat, Amsterdam
Grootte 22.820 m²
Periode 2012–2025
Oplevering 2025
Bouwkundig aannemer MedicomZes
Constructeur Zonneveld Raadgevende Ingenieurs
Adviseur bouwfysica Peutz Zoetermeer
Installatieadviseur Royal Haskoning DHV
Adviseur gevel Frontwise Facades
Atrium Studio Hartzema
RDC Adore Amsterdam
FOTO BOVEN
Het RDC Adore
presenteert zich
niet als icoon
of statement,
maar als een
zorgvuldig
geordend
instrument voor
onderzoek.
efficiënt ruimtegebruik en een logische organisatie van
functies. Wat aanvankelijk wordt uitgevraagd als onderzoeksgebouw,
ontwikkelt zich in de jaren daarna tot een
ruimtelijk antwoord op een veranderend wetenschappelijk
landschap. Terwijl het ontwerp zich vormt, verandert
ook de institutionele context. De fusie van het AMC
en de VU tot Amsterdam UMC heeft directe gevolgen
voor de organisatie van onderzoek, de positionering van
afdelingen en de onderlinge samenwerking.
“We zijn hier echt al heel lang mee bezig geweest”, zegt
De Visser. “Atelier PRO is in 2012 met de opdracht
begonnen en in die tijd zijn er steeds nieuwe inzichten
gekomen over hoe het gebouw gebruikt zou moeten
worden.’’ Gaandeweg wordt duidelijk dat de ambitie
verder reikt dan het huisvesten van afzonderlijke onderzoeksdisciplines.
Met name de relatie tussen oncologie
en neurologie komt steeds scherper in beeld. Juist op het
snijvlak van deze vakgebieden vindt onderzoek plaats
dat nieuwe perspectieven biedt op ziekteprocessen en
behandelingen. Die kruisbestuiving is geen bijzaak, maar
een fundamentele voorwaarde.
“Op een gegeven moment werd heel duidelijk dat
oncologie en neurologie samen onder één dak brengen
eigenlijk belangrijker was dan we in het begin dachten’’,
vertelt De Visser. “Daar gebeurt heel bijzonder onderzoek
en juist de uitwisseling tussen die twee vakgebieden kan
leiden tot nieuwe doorbraken.” Die inhoudelijke
verschuiving vraagt om een ruimtelijke vertaling.
Samenwerking mag geen toevallig bijeffect zijn, maar
moet worden ondersteund door de architectuur.
Tegelijkertijd verloopt het proces allesbehalve lineair.
Er zijn momenten waarop het project vrijwel opnieuw
moet beginnen. Een eerder ontwerp, groter en minder
compact, blijkt financieel niet haalbaar. Publieke functies
verdwijnen uit het programma en worden elders ondergebracht.
Ondertussen ligt een deel van de bouwkundige
structuur al vast: de kelder is gerealiseerd, met daarin
onder meer technische ruimtes en een mortuarium.
“Dat maakte het interessant én ingewikkeld”, zegt De
Visser. “Je begint niet helemaal vanaf nul. De kelder
lag er al, de hoofdstructuur was voor een groot deel
bepaald. Je moet dus binnen bestaande randvoorwaarden
opnieuw nadenken over het gebouw.” Wanneer De Visser
in 2020 bij het project betrokken raakt, wordt besloten
het ontwerp fundamenteel te herijken. Niet door groter
te denken, maar juist door compacter te worden. Die
keuze blijkt cruciaal. Compactheid wordt niet gezien als
beperking, maar als middel om nabijheid te organiseren.
“Het moment dat we besloten het gebouw compacter
te maken, was eigenlijk een keerpunt”, zegt hij. “Dan
worden loopafstanden korter, functies liggen dichter bij
elkaar en de kans op ontmoeting wordt veel groter.”
Heldere opzet
Het uiteindelijke ontwerp bestaat uit een vijflaags
gebouw met een heldere, rationele opzet. Laboratoria
en kantoren zijn niet gescheiden in afzonderlijke
volumes, maar liggen in directe nabijheid van elkaar.
Onderzoekers kunnen moeiteloos schakelen tussen
experiment en analyse, tussen laboratorium en bureau.
“Er wordt hier natuurlijk veel onderzoek gedaan in
labs, maar er wordt ook heel veel nagedacht, uitgewerkt
en geanalyseerd”, legt De Visser uit. “We vonden het
belangrijk dat die werelden heel dicht bij elkaar liggen,
zodat je makkelijk kunt
switchen tussen kantoorwerk en laboratoriumwerk.”
De laboratoria zijn geplaatst aan de noord- en zuidzijde
van het gebouw. Dat biedt gecontroleerde lichtcondities
en maakt een duidelijke zonwering mogelijk. De
kantoren liggen aan de oost- en westzijde, waar daglicht
en uitzicht bijdragen aan een prettig werkklimaat. Tussen
deze schillen bevindt zich het hart van het gebouw:
een centraal binnenhof dat alle verdiepingen met elkaar
verbindt. “In het midden hebben we een groot binnenhof
gemaakt’’, zegt De Visser. “Daar komen alle functies
samen. Dat is echt de plek voor ontmoeting, overleg en
uitwisseling.”
ZORG & WELZIJN
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
11
ZORG & WELZIJN
RDC Adore Amsterdam
Ontmoeting als thema
Het binnenhof is meer dan een circulatieruimte. Het
brengt daglicht diep het gebouw in en maakt visuele
relaties tussen verdiepingen mogelijk. Rondom dit hart
liggen lounges, informele werkplekken en overlegzones.
Het is een ruimte die uitnodigt tot vertraagde beweging:
even blijven staan, even zitten, even praten. Ontmoeting
is een expliciet thema in het ontwerp, maar nooit op een
dwingende manier. De Visser benadrukt dat architectuur
gedrag niet kan afdwingen, maar wel kan faciliteren.
Door ontmoetingsplekken strategisch te positioneren en
zichtbaar te maken, wordt de kans op interactie vergroot.
“We hebben heel bewust geprobeerd plekken te maken
waar je elkaar vanzelf tegenkomt’’, zegt hij. “Niet ergens
weggestopt, maar juist heel centraal in het gebouw.’’ Op
elke verdieping bevindt zich een lounge direct bij de liften
en trappen. Wie aankomt of vertrekt, passeert deze plek
automatisch. De koffievoorzieningen zijn hier gesitueerd,
waardoor dagelijkse routines samenvallen met momenten
van ontmoeting. “Je komt de verdieping op en het eerste
wat je ziet is die lounge’’, zegt De Visser. “Dan pak je
even een koffie, ga je zitten, en voor je het weet raak je in
gesprek.’’
FOTO BOVEN
Een opvallend element in het binnenhof is de houten
wenteltrap. Functioneel verbindt de trap de verdiepingen,
maar symbolisch staat hij voor verbinding en beweging.
FOTO ONDER
In de toekomst zal achter RDC Adore een grote tuin
worden gerealiseerd, een groene buitenruimte waar
omliggende gebouwen op uitkijken.
12
ZORG & WELZIJN
RDC Adore Amsterdam
FOTO BOVEN
De architectuur
is rationeel en
efficiënt, maar
krijgt warmte door
materiaalgebruik en
vormgeving.
FOTO ONDER
De reacties van
gebruikers zijn
overwegend positief.
Variatie
Belangrijk is ook de variatie aan plekken. Niet elke ontmoeting
vraagt om dezelfde setting en niet elke werkvorm
vraagt om dezelfde ruimte. RDC Adore biedt daarom
een spectrum aan werk- en verblijfsplekken: hoge tafels
voor kort overleg, banken voor informele gesprekken,
tafels voor gezamenlijk werken en rustige zones voor
concentratie. “We hebben bewust niet één type werkplek
gemaakt’’, zegt De Visser. “Je wil variatie. Soms wil je met
elkaar aan tafel zitten, soms juist even apart werken, soms
alleen met je laptop ergens zitten.’’ Die variatie zet zich
door in de kantoren zelf. Er zijn gedeelde werkruimtes,
kleinere kamers en concentratieplekken. Tegelijkertijd
vraagt de onderzoeksomgeving om zorgvuldigheid. Er
wordt gewerkt met gevoelige informatie en specifieke
protocollen. Openheid moet daarom altijd in balans zijn
met privacy en afscherming. “Sommige functies moeten
echt afgeschermd zijn”, zegt De Visser. “Je kunt niet alles
open maken. Het was zoeken naar een goede balans.’’
Niet klinisch
Hoewel RDC Adore een hoogtechnologisch onderzoeksgebouw
is, is er bewust voor gekozen om het niet klinisch
te laten aanvoelen. De architectuur is rationeel en efficiënt,
maar krijgt warmte door materiaalgebruik en vormgeving.
Ronde vormen verzachten het strakke grid. Eikenhout
brengt tactiliteit en menselijkheid. Zachte kleuren en
planten zorgen voor een huiselijke sfeer. “We wilden voorkomen
dat het een klinisch gebouw zou worden”, zegt
De Visser. “Het is geen ziekenhuis, maar een plek waar
mensen de hele dag werken, nadenken en samenwerken.”
Een opvallend element in het binnenhof is de houten
wenteltrap. Functioneel verbindt de trap de verdiepingen,
maar symbolisch staat hij voor verbinding en beweging.
In een verder strak en rationeel gebouw introduceert de
trap een sculpturaal en warm accent. “Die trap is eigenlijk
een soort verbeelding van verbinding’’, zegt De Visser. “Hij
verbindt alle verdiepingen en is tegelijkertijd een plek
waar je elkaar ziet en tegenkomt.’’ Ook in details wordt
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
13
ZORG & WELZIJN
RDC Adore Amsterdam
FOTO BOVEN
De koningin is ook
onder de indruk van
de prachtige trap.
gezocht naar betekenis. Privacyfolies op ramen zijn
gebaseerd op DNA-sequenties. Ze bieden afscherming
zonder het zicht volledig weg te nemen en verwijzen
subtiel naar de onderzoeksfunctie van het gebouw. “We
hebben echt nagedacht over hoe we die folies konden
laten verwijzen naar wat hier gebeurt”, zegt De Visser.
“Als je het herkent, is het leuk. Als je het niet herkent,
werkt het gewoon prettig.”
Meerdere gebouwen
De relatie met de campus speelt eveneens een belangrijke
rol. RDC Adore sluit aan op een atrium dat meerdere
gebouwen met elkaar verbindt. Dit atrium fungeert
als entreegebied en als publieke ontmoetingsruimte op
campusniveau. In de toekomst zal achter RDC Adore
een grote tuin worden gerealiseerd, een groene buitenruimte
waar omliggende gebouwen op uitkijken. “Het
atrium is echt het verbindende element”, zegt De Visser.
“Niet alleen tussen gebouwen, maar ook tussen binnen
en buiten.” Het atrium en het binnenhof vervullen verschillende
rollen. Het atrium is open, representatief en
geschikt voor grotere bijeenkomsten. Het binnenhof is
intiemer en gericht op de dagelijkse gebruikers. Samen
vormen ze een ruimtelijke sequentie die beweegt tussen
publiek en privé, tussen campus en werkvloer.
De reacties van gebruikers zijn overwegend positief.
Licht, ruimte en overzicht worden vaak genoemd,
net als het gemak waarmee men elkaar tegenkomt.
Natuurlijk zijn er ook kritische noten. Sommige
gebruikers personaliseren de ruimtes, richten plantenbakken
anders in of maken kleine ‘eigen’ plekken.
“Dat vind ik eigenlijk alleen maar leuk’’, zegt De Visser.
“Dan weet je dat het gebouw echt gebruikt wordt.
Mensen maken het zich eigen.’’ RDC Adore is geen
gesloten systeem, maar een raamwerk. Het gebouw
is ontworpen om mee te bewegen met veranderende
onderzoekspraktijken, nieuwe technologieën en andere
manieren van werken. De robuuste structuur maakt
aanpassingen mogelijk zonder het geheel te verstoren.
De compacte organisatie houdt relaties helder, ook
wanneer functies verschuiven. “Je weet nooit precies
hoe onderzoek zich ontwikkelt’’, zegt De Visser. “Dus
je moet een gebouw maken dat flexibel genoeg is om
mee te veranderen.’’
In RDC Adore komen oncologie en neurologie niet
samen omdat het moet, maar omdat het logisch voelt.
De architectuur ondersteunt die logica zonder zichzelf
op de voorgrond te plaatsen. Het gebouw is geen
manifest, maar een instrument. Een plek waar
kennisdeling ontstaat in de ruimte tussen laboratorium
en lounge, tussen trap en koffiebar, tussen gepland
overleg en toevallige ontmoeting. “Als mensen hier
nieuwe ideeën krijgen doordat ze elkaar toevallig
tegenkomen’’, zegt De Visser, “dan is dat misschien
wel het mooiste compliment dat je als architect kunt
krijgen.’’
atelierpro.nl
14
BOVEN
RDC en Atrium
dwarsdoorsnede.
MIDDEN
Plattegrond begane grond.
ONDER
Plattegrond eerste
verdieping.
RDC Adore Amsterdam
ZORG & WELZIJN
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
15
ZORG & WELZIJN ’t Spant Nootdorp
Geborgen zorgomgeving
voor Ipse de Bruggen
’t Spant Nootdorp
Ipse de Bruggen heeft eind vorig jaar zijn nieuwe expertisecentrum ’t Spant in Nootdorp
in gebruik genomen. Gortemaker Algra Feenstra architects is verantwoordelijk voor het
ontwerp van het gebouw dat het hart vormt van het groene landgoed Craeyenburch.
Ongeveer 350 mensen met een verstandelijke of meervoudige beperking wonen hier in
kleine woongroepen.
ZORG & WELZIJN
FOTO BOVEN
In het lichte centrale
atrium komen de
twee hoofdentrees
en de verschillende
zorgfuncties samen.
Zorgorganisatie Ipse de Bruggen biedt zorg en ondersteuning
aan volwassenen met een verstandelijke of meervoudige
beperking. Vanuit die zorggedachte is een aantal jaren
geleden besloten het bestaande centrale gebouw, waarin
diverse specialistische functies samenkomen, te vervangen.
Functies zoals fysiotherapie, logopedie, tandheelkunde,
gedragsdeskundigen en gespecialiseerde huisartsen, maar
ook een restaurant en ondersteunende diensten zoals
een magazijn en linnen opslag zijn samengevoegd in het
nieuwe expertisecentrum ’t Spant. Het gebouw is onder-
16
TEKST Linda Hulsman
FOTOGRAFIE Lucas van der Wee
Opdrachtgever Ipse de Bruggen
Architect Gortemaker Algra Feenstra architects
Hoofdaannemer du Prie bouw & ontwikkeling
Bouwtoezicht Pelsuma bouwmanagement
Constructeur SWINN
Bouwadviseur Merosch
Installateur BRI Groep
Interieur Gortemaker Algra Feenstra architects
Composiet gevelband Flexipol
Buitenzonwering Schellekens
FOTO BOVEN
’t Spant is onderdeel
van de nieuwe
landschappelijke as
die alle gebouwen
op landgoed
Craeyenburch met
elkaar verbindt.
FOTO ONDER
Elke zorgfunctie
in het gebouw is
voorzien van een
andere kleur.
deel van de nieuwe landschappelijke as die alle gebouwen
op landgoed Craeyenburch met elkaar verbindt en is
ontworpen door Gortemaker Algra Feenstra architects.
Het project is gerealiseerd in een bouwteam met du Prie,
Swinn en Merosch.
Klik met de opdrachtgever
Femke Feenstra en Ellen Gedopt, directie-architecten bij
Gortemaker Algra Feenstra zijn beiden betrokken geweest
bij het project. Ellen vertelt: “De klik met de opdrachtgever
is doorslaggevend geweest in de gunning van deze
opdracht. Ons ontwerp sloot niet meteen op alle vlakken
aan bij wat ze voor ogen hadden, maar Ipse de Bruggen
had al snel in de gaten dat wij heel goed konden luisteren
naar hun wensen.” Femke vult aan: “Dat zit echt in onze
werkmethodiek, we hebben diverse workshopboxen waarmee
we gezamenlijk aan de slag zijn gegaan om tot het
ontwerp te komen. Zo hebben we bijvoorbeeld verschillende
behandelkamers geprint zodat we daarmee konden
schuiven op de plattegrond en daarna met behulp van VR
een beeld geschetst van het geheel.” Ook de creativiteit
van het architectenbureau speelde een rol. “Ellen had voor
Buitengevelisolatie LT afbouw
Mobiele paneelwand Multiwal
MS-wanden en plafonds Jansen Afbouw Nederland
Schilderwerk Van Beelen & Guijt Schilderwerken
Vloerafwerking Duracryl (Corques)
Prefab betontrappen Steenhuis
HSB-gevel Woodteq
Staalconstructie Hofman
Aluminium kozijnen Lieftink
Binnendeuren en hang- en sluitwerk Berkvens, Isero
Houten binnenkozijnen Janssen Herveld
Schuifwand Multiwal
Signing Silo Creative Agency
Losse inrichting Thereca
Bruto oppervlakte 4622 m 2
de presentatie, die online plaatsvond vanwege corona, thuis
een aantal kleiballetjes gemaakt en daarmee hebben we
schema’s gemaakt van hoe het expertisecentrum tot stand
zou kunnen komen. Uiteindelijk is er sinds de acquisitiepresentatie
niet veel veranderd aan het algehele concept
van het gebouw.”
Hart van het landgoed
In het ontwerp van Gortemaker Algra Feenstra bevinden
de functies voor de cliënten van Ipse de Bruggen zich op
de begane grond, zodat deze goed en zelfstandig te bereiken
zijn. Op de verdieping erboven liggen de kantoor- en
vergaderruimtes voor de medewerkers van ’t Spant. In
het lichte centrale atrium komen beide hoofdentrees en
de verschillende zorgfuncties samen. Het gebouw is ook
toegankelijk voor buurtbewoners die geen cliënt zijn bij
Ipse en voor cliënten die niet op landgoed Craeyenburch
wonen. Femke vertelt: “Het belangrijkste uitgangspunt
voor ons ontwerp was dat het gebouw echt het hart
zou vormen van het landgoed. Het expertisecentrum is
daarom van twee kanten te benaderen zodat iedereen er
gemakkelijk in en doorheen kan stromen.”
Daarnaast speelde het bieden van een geborgen omgeving
voor de cliënten een grote rol in het ontwerp. Femke: “De
cliënten van Ipse de Bruggen kunnen soms onrustig of
’t Spant Nootdorp
ZORG & WELZIJN
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
17
’t Spant Nootdorp
ZORG & WELZIJN
angstig zijn voor bijvoorbeeld het bezoek aan de
tandarts, daarom was het heel belangrijk dat het
een geruststellend
en geborgen gebouw zou zijn.” Ellen vult aan:
“We hebben meerdere meeloopdagen gehad bij
Ipse om te zien op welke manier zij alles precies
doen. Voor hun cliënten is naar de tandarts gaan
heel anders dan voor ons. Het meelopen gaf ons
heel veel inzicht daarin.”
De wachtruimte van de medische dienst, paramedische
dienst en tandarts zijn daarom gescheiden
van elkaar. Het zijn rustige ruimtes met vrij
uitzicht naar buiten. Stress is gemakkelijk overdraagbaar
en zo wordt voorkomen dat dit effect
heeft op andere cliënten die bijvoorbeeld naar de
fysiotherapeut gaan.
Oriëntatie
De route die de cliënten in het gebouw afleggen
is ontworpen als een rondje. “Dat heeft vooral te
maken met de oriëntatie. In een rondje kun je
namelijk niet verdwalen. Langs de route liggen
de balies van de verschillende zorgfuncties en je
komt altijd vanzelf weer bij de ingang uit. Deze
opzet helpt de cliënten gemakkelijk en zelfstandig
hun weg te vinden”, legt Ellen uit.
FOTO BOVEN
Op een aantal
vaste plekken zijn
plantenbakken met
groen geplaatst.
FOTO ONDER
De losse inrichting in
het expertisecentrum
is gedaan door
projectinrichter
Thereca.
18
’t Spant Nootdorp
Femke vult aan: “Als extra herkenningspunt hebben
we aan de ene kant de glazen wand met de
patio geplaatst en aan de andere kant van de route
een soort ‘lint’ ontworpen.
Dit is een neutrale wand met verticale houten
latten die in verschillende patronen zijn toegepast
maar overal dezelfde uitstraling heeft. Als je deze
wand blijft volgen kom je eigenlijk altijd op de
juiste plek uit.”
Op sommige wanden zijn daarnaast een aantal grafische
tekeningen van dieren weergegeven. Femke:
“Dit is eigenlijk een witte lijn die doorloopt over
de wand waaruit op sommige plekken bijvoorbeeld
een olifant of een vis verschijnt. Dit helpt
om soms de verbinding met een cliënt te maken of
om af te leiden.”
Pasteltinten
Elke zorgfunctie in het gebouw is voorzien van
een andere kleur. Het houten lint wordt onderbroken
door balies met een eigen kleur. Rust
en overzicht waren belangrijke uitgangspunten
daarom is er voor pasteltinten gekozen. Verder zijn
er op een aantal vaste plekken plantenbakken met
groen geplaatst.
Dankzij de patio met beweegtuin in het midden
van ’t Spant beschikken alle behandelruimtes over
genoeg daglicht en een rustgevend uitzicht. Alle
ruimtes dienden verder logischerwijs MIVAtoegankelijk
te zijn.
De vloeren in het gebouw zijn naadloos uitgevoerd
in linoleum en voor de plafonds heeft het
architectenbureau gekozen voor een mix van
FOTO LINKSBOVEN
Het ‘lint’ is een
neutrale wand
met verticale
houten latten die
in verschillende
patronen zijn
toegepast maar
overal dezelfde
uitstraling heeft.
FOTO MIDDEN
Het gebouw is ook
toegankelijk voor
buurtbewoners die
geen cliënt zijn bij
Ipse en voor cliënten
die niet op landgoed
Craeyenburch
wonen.
FOTO ONDER
Op sommige wanden
zijn een aantal
grafische tekeningen
van dieren
weergegeven.
ZORG & WELZIJN
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
19
ZORG & WELZIJN
’t Spant Nootdorp
vilten plafonds, systeem-plafonds en een akoestische
spuitpleister. In het centrale atrium zijn juist de houten
balken van de constructie zichtbaar gelaten.
Losse inrichting
De losse inrichting in het centrum is gedaan door
projectinrichter Thereca. Ellen vertelt: “We hebben
hierin wel advies gegeven ten aanzien van bijvoorbeeld
het kleurgebruik en zijn dan ook heel tevreden over het
eindresultaat. Het toegepaste meubilair past heel mooi in
het ontwerp.”
Naast de zorgfunctie voor cliënten biedt het expertisecentrum
ook diverse ruimtes waar zij actief kunnen
meewerken. Zowel in het restaurant als bij een deel van
de logistieke werkzaamheden spelen ze een rol. Zo is het
gebouw niet alleen voor hen, maar ook van hen.
’t Spant is verder duurzaam en energie-efficiënt ontworpen.
De thermisch gemodificeerde gevelbekleding vraagt
FOTO BOVEN
In het ontwerp van
Gortemaker Algra
Feenstra bevinden
de functies voor de
cliënten van Ipse
de Bruggen zich op
de begane grond,
zodat deze goed en
zelfstandig te bereiken
zijn.
FOTO ONDER
De route die de
cliënten in het gebouw
afleggen is ontworpen
als een rondje.
20
minimaal onderhoud en het dak is volledig voorzien van
zonnepanelen. Verwarming en koeling van het gebouw
verlopen via geothermie, in combinatie met een warmtepomp.
De houten draagconstructie biedt grote flexibiliteit
voor toekomstige veranderende zorgbehoeften zodat het
gebouw eenvoudig kan worden aangepast. Femke: “Het is
daarnaast echt een natuurinclusief gebouw geworden. Zo
hebben we in de gevel bijvoorbeeld diverse kastjes voor
vleermuizen en insecten opgehangen. Daar is bewust extra
aandacht aan besteedt in het ontwerpproces. De groene
omgeving van het landgoed vraagt daar ook om.”
Teamprestatie
Zowel opdrachtgever Ipse de Bruggen als de leden van
het bouwteam zijn heel tevreden over het eindresultaat.
Ellen: “Het is een mooi proces geweest om gezamenlijk
te onderzoeken wat Ipse de Bruggen precies nodig had
in het gebouw. Vanaf ons definitieve ontwerp zijn we in
bouwteam verder gegaan, waardoor het budget vanaf het
begin vast stond. Maar juist dankzij het bouwteam zijn er
veel alternatieven op tafel gekomen en hebben we veel in
overleg kunnen doen. Tijdens de opening kijk je dan rond
en zie je dat de toegepaste houtsoort bijvoorbeeld niet de
houtsoort is die we oorspronkelijk hadden gekozen en
dat de kozijnen een andere kleurstelling hebben, maar ons
initiële ontwerp is toch heel mooi overeind gebleven. Het
eindresultaat is absoluut geen uitgeklede versie van het
origineel geworden.”
Femke vult aan: “Het is heel mooi om te zien dat iedereen
zo trots is op het gebouw. Tijdens de opening hoorden we
zowel cliënten als medewerkers heel positief praten over
het gebouw. Dat voelt echt als een teamprestatie.”
’t Spant Nootdorp
ZORG & WELZIJN
gaf.eu
FOTO BOVEN
Het houten lint wordt
onderbroken door
balies met een eigen
kleur.
FOTO MIDDEN
Rust en overzicht
waren belangrijke
uitgangspunten daarom
is er voor pasteltinten
gekozen.
FOTO ONDER
Op de verdieping
liggen de kantoor- en
vergaderruimtes voor
de medewerkers van ’t
Spant.
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
21
ZORG & WELZIJN Watt the Health Gentbrugge
ZORG & WELZIJN
Watt the Health Gentbrugge
Clean, helder, logisch,
maar niet onpersoonlijk
FOTO BOVEN
De open
werkruimtes
bundelen alle
gemeenschappelijke
functies:
flexplekken,
phonebooths,
koffiecorners en
lunchzones vloeien
in elkaar over. Toch
voelt het geheel niet
chaotisch aan.
In Gentbrugge krijgt innovatie een ruimte die even doordacht is als de sector die
ze huisvest. ‘Watt the Health’ is een nieuwe innovatiehub waar zorg en technologie
elkaar ontmoeten en waar samenwerking centraal staat. Voor het interieurontwerp
klopte ontwikkelaar Revive aan bij architectenbureau Not A Bike Shop (NABS), onder
leiding van Kenny Decommer. Het resultaat is een gelaagd kantoorlandschap waarin
strakke, bijna laboratoriumachtige elementen samensmelten met warme materialen,
afgeronde vormen en een sterke aandacht voor gebruik en flexibiliteit. Geen klassieke
kantoorinrichting, maar een zorgvuldig georkestreerde omgeving die meegroeit met
haar gebruikers en bewijst dat functionele beperkingen net de motor kunnen zijn van
architecturale kwaliteit.
22
TEKST Bas Hakker
FOTOGRAFIE Save as Studio
FOTO ONDER
In dit project was de
architectuur van het
gebouw vrij neutraal,
met lichtgroene
raamprofielen.
Dat vroeg om een
interieur dat niet zou
botsen, maar ook
niet zou verdwijnen.
In Gentbrugge, op een plek waar zorg, industrie en wonen
elkaar al decennialang kruisen, krijgt innovatie een tastbare
vorm. Niet in de gedaante van futuristische gadgets of
steriele laboratoria, maar in een zorgvuldig ontworpen
werkomgeving die samenwerking, rust en flexibiliteit
samenbrengt. ‘Watt the Health’ is geen klassiek kantoorgebouw
en evenmin een traditionele zorgomgeving.
Het is een hybride plek, opgevat als innovatiehub waar
zorgverleners, onderzoekers, start-ups en technologiebedrijven
elkaar ontmoeten. Voor het interieurontwerp deed
ontwikkelaar Revive een beroep op NABS (Not A Bike
Shop), het architectenbureau onder leiding van Kenny
Decommer. Het resultaat is een gelaagd project waarin een
strak, bijna laboratoriumachtig uitgangspunt subtiel wordt
verzacht door materialiteit, rondingen en tactiliteit.
Wanneer je het gebouw zou binnenstappen, wordt meteen
duidelijk dat hier bewust is nagedacht over hoe mensen
zich door de ruimte bewegen. De argyle-vloer fungeert
niet alleen als grafisch element, maar ook als stille gids die
bezoekers en gebruikers door het plan leidt. Ze verbindt
functies, markeert overgangen en brengt ritme in een
interieur dat anders makkelijk rigide had kunnen
aanvoelen. “We wilden geen gangen die gewoon gangen
zijn”, vertelt Kenny Decommer. “Zeker in coworkingen
kantooromgevingen zie je vaak lange, monotone
circulatieruimtes. Dat hebben we hier echt willen
doorbreken.’’
Opdrachtgever Revive
Locatie Gentbrugge, België
Periode 2025
Ingenieur technieken Boydens Engeneering
Hoofdaannemer Vandenbussche
Architect Kras
Interieurarchitect NABS
Ambitie
Die ambitie typeert het hele project. ‘Watt the Health’ is
ontstaan vanuit een duidelijke programmatische vraag:
creëer een werkomgeving voor jonge, snelgroeiende
bedrijven binnen de gezondheidssector, met voldoende
flexibiliteit om mee te evolueren met hun noden. Tegelijk
moest het geheel financieel haalbaar blijven. “Dat is weinig”,
zegt Decommer zonder omwegen. “Maar het dwingt
je ook om creatief te zijn en om keuzes te maken die niet
louter esthetisch zijn, maar ook inhoudelijk kloppen.’’
Via persoonlijke contacten en eerdere samenwerkingen
werd NABS voorgesteld. Bovendien heeft het bureau
veel ervaring met co working-concepten. “We hebben
toen niet zomaar een ontwerp gepresenteerd”, herinnert
Decommer zich. “We hebben eerst naar het businessmodel
gekeken. Dit is een co-workingconcept, vergelijkbaar met
Watt the Health Gentbrugge
ZORG & WELZIJN
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
23
ZORG & WELZIJN
Watt the Health Gentbrugge
FOTO BOVEN
Decommer. “Dat
contrast met de
zachtere elementen
eronder maakt het
net interessant.’’ De
zichtbare balken, soms
massief en dominant,
worden in evenwicht
gebracht door
afgeronde vormen,
textiel en verlichting
die de schaal van de
ruimte verzacht.
wat we kennen uit eerdere projecten. Als de densiteit niet
klopt, als het plan niet slim is opgebouwd, dan werkt het
hele verhaal niet, hoe mooi het interieur ook is.’’
Die analyse leidde tot een hertekening van het plan, met
een hogere bezettingsgraad en een duidelijke modulariteit.
Centrale zones vormen het hart van elke verdieping en
kunnen relatief eenvoudig verschuiven of worden heringericht
naargelang bedrijven groeien of krimpen.
Technieken zijn daarop afgestemd, zodat wanden verplaatst
kunnen worden zonder ingrijpende werken. “We
wisten niet wie de eindgebruikers zouden zijn”, zegt
Decommer. “Maar we wisten wel dat het geen eenmanskantoren
zouden zijn. Dit zijn teams, vaak multidisciplinair,
die ruimte nodig hebben om samen te werken.’’
Dat onbekende gebruikersprofiel maakte het ontwerpproces
complexer, maar ook abstracter. In plaats van te
vertrekken vanuit concrete personen, baseerde NABS zich
op een inhoudelijke lezing van de sector. De medische
24
FOTO BOVEN
Opvallend is dat veel
verlichting speciaal
voor dit project werd
ontworpen. Niet
als duur maatwerk,
maar als doordachte
assemblage van
standaardprofielen.
Industriële
kokerprofielen
vormen de
basis en worden
opgewaardeerd
tot wandlampen,
vloerlampen of
hangarmaturen.
FOTO ONDER
Decommer:
“Marmer wordt
snel geassocieerd
met luxe, en dat
was niet wat de
opdrachtgever voor
ogen had. Maar
door het op een
sobere manier toe
te passen, zonder
ornament, wordt
het een rustig bijna
neutraal materiaal.”
wereld, en meer bepaald de laboratoriumcontext, vormde
een belangrijke referentie. “Clean, helder, logisch”, somt
Decommer op. “Maar we wilden absoluut vermijden dat het
klinisch of onpersoonlijk zou worden.’’ Die spanning tussen
strakheid en warmte vormt de rode draad doorheen het
interieur.
Zachtere tegenhangers
Materialiteit speelt daarin een cruciale rol. Roestvrij staal
is alomtegenwoordig, maar wordt steeds gecombineerd
met zachtere tegenhangers. Marmer en terrazzo brengen
een zekere tijdloosheid binnen, zonder luxueus of
opzichtig te worden. “We hebben daar echt discussies over
gehad”, vertelt Decommer. “Marmer wordt snel geassocieerd
met luxe, en dat was niet wat de opdrachtgever voor
ogen had. Maar door het op een sobere manier toe te
passen, zonder ornament, wordt het een rustig bijna
neutraal materiaal.”
Ook beton blijft zichtbaar waar mogelijk. Tijdens de
ruwbouwfase bleek de kwaliteit van het beton allesbehalve
perfect. De reflex zou zijn om het te verbergen achter
pleisterwerk of verlaagde plafonds, maar NABS pleitte
voor het tegenovergestelde. “Laat het ruw zijn”, aldus
Decommer. “Dat contrast met de zachtere elementen
eronder maakt het net interessant.’’ De zichtbare balken,
soms massief en dominant, worden in evenwicht gebracht
door afgeronde vormen, textiel en verlichting die de schaal
van de ruimte verzacht.
Opvallend schaars
Hout is opvallend schaars aanwezig. Op enkele specifieke
plekken na, zoals een houten bank, werd het bewust
Watt the Health Gentbrugge
ZORG & WELZIJN
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
25
Watt the Health Gentbrugge
ZORG & WELZIJN
beperkt ingezet. Tafels zijn vervaardigd uit gelakt MDF,
een kostenefficiënte keuze die tegelijk esthetisch werd
ingezet. “Het gaat niet om het materiaal op zich, maar om
hoe je het combineert”, zegt Decommer. “Door MDF
naast inox of beton te plaatsen, ontstaat er toch een spanningsveld
dat interessant is.”
De open werkruimtes bundelen alle gemeenschappelijke
functies: flexplekken, phonebooths, koffiecorners en
lunchzones vloeien in elkaar over. Toch voelt het geheel
niet chaotisch aan. Dat heeft veel te maken met de manier
waarop functies in de circulatie worden geïntegreerd.
Langs gangen verschijnen halfronde nissen en informele
zitplekken, plekken waar je even kan overleggen of
bellen zonder je af te zonderen in een gesloten ruimte.
“We noemen het geen gangen, maar kamergangen”, legt
Decommer uit. “Ze hebben een verblijfskwaliteit.’’
Verlichting versterkt dat idee. Door repetitieve armaturen
strategisch te plaatsen, wordt een perspectiefwerking
gecreëerd die ruimtes groter doet lijken dan ze zijn. Dat
is geen toevallige esthetische ingreep, maar een bewust
antwoord op de relatief beperkte oppervlakte van de
verdiepingen. Met ongeveer 3.500 m2 verdeeld over vier
verdiepingen is het project niet gigantisch, maar door
slimme ingrepen voelt het ruimer aan.
Opvallend is dat veel verlichting speciaal voor dit project
werd ontworpen. Niet als duur maatwerk, maar als
doordachte assemblage van standaardprofielen. Industriële
kokerprofielen vormen de basis en worden opgewaardeerd
tot wandlampen, vloerlampen of hangarmaturen. “Het is
eigenlijk heel eenvoudig”, zegt Decommer. “Een profiel,
een ledstrip, goed gemonteerd. Maar doordat de vorm
afgestemd is op de ruimte, voelt het toch bijzonder aan.’’
Vergaderruimte
In de vergaderruimtes komt die aanpak het sterkst tot
uiting. Elke ruimte heeft een eigen maat en proportie,
maar ze delen een duidelijke vormentaal. Tafels zijn vaak
afgerond, verlichting volgt hun contouren en zware
betonnen balken blijven zichtbaar. In één ruimte loopt een
massieve balk dwars door het plafond, meer dan een meter
hoog. In plaats van die te verbergen, werd ze het ankerpunt
van de ruimte. “Dat is voor mij een van de sterkste
plekken van het project”, zegt Decommer. “Het zware,
brute beton wordt getemperd door alles wat eronder
gebeurt.’’
De phonebooths vormen dan weer kleine cocons binnen
het grotere geheel. Ze zijn volledig monochroom
uitgewerkt, met tapijt op vloer en wanden, en bieden
FOTO BOVEN
Decommer: “We
wilden geen gangen
die gewoon gangen
zijn.”
FOTO ONDER
Hout is opvallend
schaars aanwezig.
Op enkele specifieke
plekken na, zoals
een houten bank,
werd het bewust
beperkt ingezet.
26
MIDDEN
Plattegrond
5e verdieping.
ONDER
Plattegrond
6e verdieping.
akoestische rust. Hun ronde vorm contrasteert bewust met
de rechthoekige structuur van het gebouw. Die rondingen
verwijzen subtiel naar siloarchitectuur, een knipoog naar de
industriële context van Gentbrugge en de nabijheid van de
haven. “We wilden die industriële sfeer niet letterlijk kopiëren”,
legt Decommer uit, ‘maar wel vertalen naar een hedendaags
interieur.’
Context
Die relatie met de omgeving is voor NABS essentieel. Een
interieur mag volgens Decommer nooit losstaan van zijn
context. Zelfs in een nieuwbouw, waar gevel en interieur
door verschillende bureaus worden ontworpen, zoekt hij naar
samenhang. In dit project was de architectuur van het gebouw
vrij neutraal, met lichtgroene raamprofielen. Dat vroeg om een
interieur dat niet zou botsen, maar ook niet zou verdwijnen.
“Neutraliteit geeft vrijheid”, zegt Decommer. “Maar je moet er
wel bewust mee omgaan.’’
Het is nooit eenvoudig om in een project te stappen waar
de grote lijnen al zijn uitgezet. Toch groeide gaandeweg een
wederzijds respect, zeker op de werf. “Op een bepaald moment
verdedigden we samen het ontwerp tegenover de bouwheer”,
vertelt Decommer. “Dat ging bijvoorbeeld over gemeenschappelijke
ruimtes die men wilde schrappen om budget te besparen.
Daar hebben we echt voet bij stuk gehouden.’’
Die gemeenschappelijke zones zijn volgens NABS
essentieel voor het succes van een coworkingomgeving.
Ze zorgen voor ontmoeting, informele gesprekken en
een gevoel van gemeenschap. Zonder die plekken dreigt
een kantoor te verworden tot een verzameling losse
werkplekken. “Dan verlies je de ziel van het project”, zegt
Decommer. “En net dat is wat mensen aantrekt.’’
Dat denken vanuit gebruik en beleving loopt als een rode
draad door het ontwerp heen. Ook al waren de eindgebruikers
niet gekend, toch werd elk element afgetoetst
aan de vraag hoe het zou worden gebruikt. Waar ga je
bellen? Waar kan je even apart zitten? Waar eet je samen?
Die vragen kregen evenveel aandacht als materiaalkeuzes
of esthetiek.
Uiteindelijk is ‘Watt the Health’ een project dat toont
hoe beperkingen kunnen leiden tot scherpere keuzes.
Het is geen interieur dat schreeuwt om aandacht, maar
een omgeving die zich langzaam laat ontdekken. Strak
en rationeel, maar nooit kil. Industrieel, maar met een
menselijke maat. “Voor mij is het belangrijkste dat het
klopt”, besluit Decommer. “Dat mensen zich hier goed
voelen, dat ze er graag werken. Als dat lukt, dan is het
project geslaagd.’’
notabikeshop.eu
Watt the Health Gentbrugge
ZORG & WELZIJN
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
27
scoop
OFFICE / CONFERENCE | PUBLIC SPACES | CARE
Bezoek onze showroom
Edisonstraat 3, 5051 DS Goirle
Tel: +31 (0)13 534 91 67
www.brunner-group.com
COLUMN
Avelien Thoben (1984, Nijmegen, links) en Nelleke Minten (1985, Wanroij,
rechts) zijn interieurontwerpers bij EGM interieur. Dagelijks verwonderen
zij zich over het vak dat ze lief hebben en met passie uitvoeren om
mensen een prettige plek in een gezond gebouw te bieden. Hun werkveld
is breed met onder meer gemeentehuizen, kantoren, horeca, ziekenhuizen,
winkels en ambassades waarbij verrassende interieuroplossingen,
veeleisende opdrachtgevers, innovatieve materialen en hightech
technologieën haast als vanzelf stof opleveren voor deze column.
Avelien en Nelleke schrijven de column samen.
De verloren rust van het sanatorium
Onlangs werd in Rotterdam een bijzonder project
opgeleverd door Stichting Droom en Daad: het
voormalige tbc paviljoen in Het Park, gered van de
ondergang en getransformeerd tot een publiekstoegankelijk
parkpaviljoen. Een bescheiden, maar sympathiek
gebouw van de relatief onbekende architect C.J.
Hemmes kreeg dankzij Studio Makkink & Bey een
nieuwe toekomst. Geen groot gebaar, geen spektakelarchitectuur
– maar een zorgvuldig en betekenisvol
nieuw hoofdstuk.
Binnen ons bureau, werkend aan meerdere zorgprojecten
variërend van één OK tot een omvangrijk masterplan,
zet zo’n gebouw onvermijdelijk iets in beweging.
Het tbc paviljoen is niet zomaar een oud gebouw; het
is een tastbare herinnering aan een radicaal andere visie
op zorg. Patiënten die ‘vermoeid van lichaam en geest’
waren, kwamen hier kuren in zonlicht en frisse lucht.
Liggend in bed, vaak buiten, soms maanden, soms jaren.
Een healing environment avant la lettre.
Het contrast met de zorg van vandaag kan nauwelijks
groter zijn. Waar genezing vroeger werd gezocht in rust,
tijd en vertraging, zien we nu dat snelheid, efficiëntie
en doorstroming belangrijke indicatoren zijn. Er is
veel meer kennis en die willen we direct inzetten. De
moderne zorg is specialistisch, intensief en hoogtechnologisch
– en vooral: kort. Het ziekenhuisverblijf wordt
steeds vaker uitgedrukt in kosten per dag, en daar wordt
op gestuurd. Patiënten moeten in beweging komen, uit
bed en zo snel mogelijk naar huis. Niet alleen omdat de
zorg onder druk staat, maar ook omdat wetenschappelijk
is aangetoond dat actief herstel en een zoveel mogelijk
‘eigen’ omgeving het genezingsproces bevordert.
Als we niet oppassen is de hedendaagse patiënt enkel
een cijfer in een Excelfile in de snelle ziekenhuiswereld.
Het besef van wat er daadwerkelijk is gebeurd, komt
vaak pas later – thuis, wanneer de echte genezing begint.
Wat een verschil met het sanatorium, waar men letterlijk
lag te wachten op herstel.
En precies daar begint voor ons de ontwerpvraag.
Wat betekent deze versnelling voor de kwaliteit van onze
zorgomgevingen? Als het verblijf steeds korter wordt,
wordt de impact van die korte tijd misschien juist groter.
In onze ontwerpen proberen we daarom een brug te slaan
tussen heden en verleden. Natuurlijk is de medische infrastructuur
leidend en enorm verbeterd – maar we nemen
ook bewust de ogenschijnlijk ‘ouderwetse’ waarden van
het sanatorium mee.
Rust, stressreductie en contemplatie zien wij niet als
nostalgie, maar als actuele ontwerpinstrumenten. Heel
concreet vertaalt zich dat in aandacht voor daglichtbeleving,
uitzicht, oriëntatie en ritme. En ook een directe rol
voor naasten in de zorgomgeving. In het ontwerpen van
plekken waar je even kunt vertragen. En steeds vaker ook
letterlijk: mogelijkheden om met een ziekenhuisbed naar
buiten te kunnen, een dakterras op, de frisse lucht in.
Misschien is het juist zo dat, naarmate het verblijf korter
wordt, de ruimtelijke beleving langer blijft hangen. De
ervaring van het ziekenhuis reist mee naar huis, maakt deel
uit van het verdere herstel. Healing environment is daarmee
geen momentopname, maar een doorlopend proces.
Juist ook buiten de muren van de zorginstelling.
Zo proberen we in onze ontwerpen het verschil te maken
in het proces van ziek zijn, specialistisch geholpen worden,
je beter voelen en een gezond(er) leven. En misschien –
heel voorzichtig – brengen we daarmee iets terug van die
verloren rust van het sanatorium, vertaald naar de realiteit
van vandaag.
Dordrecht, februari 2026
EGM interieur
COLUMN
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
29
alle gordijnstoffen brandvertragend, ook na veelvuldig wassen • unieke bestekservice, aanbestedingsklaar
3000+ stoffen op voorraad • customized vanaf 50 meter • duurzaamheidscertificaten EU Ecolabel,
EPD en Oekotex • 10 jaar garantie
PRODUCTINFORMATIE Projectstoffering
Akoestiek met een luxe uitstraling
www.artimo.nl
De akoestische in-between Decibel van Artimo textiles biedt de perfecte balans
tussen functionaliteit en verfijning. De gordijnstof is ontworpen voor wie veiligheid,
comfort én esthetiek wil combineren in één interieurproduct. Decibel biedt niet
alleen een veilige oplossing door de brandvertragende garens, maar draagt ook actief
bij aan een prettige akoestiek in de ruimte. Met een geluidsabsorptiewaarde van Aw
0,50 (klasse D) helpt deze stof storende galm te verminderen, waardoor gesprekken
aangenamer klinken en rust ontstaat in elke projectomgeving. Ondanks de akoestische
werking blijft de stof verrassend helder en luchtig. Dit maakt Decibel ideaal
voor ruimtes waar licht en zicht belangrijk zijn, maar waar tegelijkertijd behoefte
is aan comfort en geluidsdemping. Wat de stof echt bijzonder maakt, is het subtiele
glanseffect. Dit verfijnde detail geeft de stof een luxe uitstraling, zonder overheersend
te zijn. Het resultaat is een elegante in-between die moeiteloos past binnen
uiteenlopende interieurstijlen: van modern en minimalistisch tot warm en klassiek.
De stof filtert het daglicht op een zachte manier en zorgt voor een lichte, open sfeer
in de ruimte.
Interieur dat zorg versterkt
www.lensen.nl
De Lensen-collectie is ontwikkeld voor zorgomgevingen waarin comfort, functionaliteit en uitstraling
samenkomen. Een collectie die aansluit op de dagelijkse praktijk in de zorg én bijdraagt aan een warme,
huiselijke beleving voor bewoners, cliënten en zorgprofessionals. Van zitmeubilair tot complete interieurconcepten:
elk product is ontworpen met oog voor ergonomie, duurzaamheid en onderhoudsgemak.
Materialen worden zorgvuldig geselecteerd op intensief gebruik, hygiëne en een lange levensduur, zonder
concessies te doen aan design en sfeer. De kracht van de Lensen-collectie ligt in flexibiliteit en maatwerk.
Dankzij een brede keuze in modellen, kleuren en afwerkingen sluiten de oplossingen naadloos aan
op uiteenlopende zorgconcepten – van woonzorgcentra en revalidatie tot GGZ en eerstelijnszorg. Met
Lensen draait het om meer dan meubels alleen. Het gaat om complete interieuroplossingen die bijdragen
aan welzijn, efficiëntie en toekomstbestendige zorgomgevingen. Van visie tot realisatie: elk interieur wordt
ontworpen om te werken, te inspireren en te ontzorgen.
Projectstoffering
PRODUCTINFORMATIE
Verfijnde balans
www.vyvafabrics.nl
De meubelstoffencollecties Bellus en Lineos van Vyva Fabrics bieden een verfijnde balans
tussen esthetiek, comfort en prestaties. Lineos vertaalt de uitstraling van linnen naar een
duurzame stof met een zachte, luxueuze uitstraling. De collectie is verkrijgbaar in 16 zorgvuldig
samengestelde kleuren. Warme en verfijnde kleurtonen brengen balans en sereniteit,
terwijl de subtiele textuur zorgt voor een natuurlijke en tijdloze basis die in uiteenlopende
omgevingen tot zijn recht komt. Bellus heeft een gelaagd karakter en is beschikbaar in 9
kleuren. Het gemarmerde patroon creëert diepte en nuance en nodigt uit tot creatief spel
met kleur, textuur en compositie, terwijl de uitstraling verfijnd en rustig blijft. Beide collecties
combineren duurzaamheid met een zachte, luxueuze touch. Ze zijn geschikt voor
binnen- en buitengebruik en vervaardigd uit 100 procent Solution Dyed Acryl. Daarnaast
zijn ze voorzien van een Non-PFAS water- en vlekafstotende finish en ontworpen voor
optimale prestaties bij intensief gebruik. De collecties dragen het OEKO-TEX Standard
100-label en zijn Lead Free en AZO Dye Free, wat zorgt voor langdurige kwaliteit en een
verantwoorde materiaalkeuze.
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
31
ADVERTORIAL Lensen x Works by Lensen
FundisHuis Gouda; een plek voor
verbinding, vitaliteit en vooruitgang
Het nieuwe Fundis hoofdkantoor in Gouda – het FundisHuis – staat in het teken van samenwerking,
gezondheid en toekomstbestendige ouderenzorg. Om deze visie te vertalen naar een uitnodigende,
functionele en duurzame inrichting hebben Lensen en Works by Lensen de handen ineengeslagen. Het
resultaat? Een werkomgeving waarin ontmoeting centraal staat – met ruimte voor geconcentreerd werken,
informeel overleg én gezamenlijke groei.
Lensen x Works by Lensen
ADVERTORIAL
Fundis en Lensen kennen elkaar al langer en onderhouden
een vertrouwde samenwerking. Voor de realisatie van dit
omvangrijke kantoorproject is Works by Lensen ingeschakeld.
Samen hebben we het volledige traject uit handen
genomen: van het eerste advies tot en met de montage en
oplevering. Een project van A tot Z, volledig afgestemd op
de wensen van Fundis.
Stimulerende werkomgeving
Het FundisHuis – een ontwerp van HofmanDujardin –
huisvest diverse bedrijven binnen de Fundis-organisatie.
De split-level indeling en open structuur zorgen voor
onverwachte ontmoetingen, korte lijnen en verbinding
tussen afdelingen. Deze ambitie en visie op samenwerking
vormen het vertrekpunt voor de inrichting:
• Kantoorruimtes zijn voorzien van ergonomische
werkplekken met zit-sta bureaus, comfortabele bureaustoelen
en maatwerkopslag.
• Overlegplekken en vergaderruimtes kregen een
uitnodigend karakter met tijdloze tafels en stoelen
die passen binnen de rustige, natuurlijke sfeer van het
gebouw.
• Personeelsrestaurant en werkcafé zijn flexibel in
te zetten – voor een gezonde lunch, een informeel
overleg of een spontane brainstormsessie. De combinatie
van losse tafels, stoelen en een op maat gemaakte
wandbank zorgen voor comfort én sfeer.
• Buitenmeubilair op het dakterras nodigt uit tot frisse
pauzes of vergaderingen in de kas – een plek die letterlijk
ruimte geeft aan nieuwe ideeën.
“Dankzij de korte lijnen konden we snel schakelen. In de
showroom van Lensen hebben we het voorgestelde meubilair
van verschillende leveranciers gepresenteerd. Het
projectteam van Fundis is komen proefzitten. Dat leverde
niet alleen een goede basis voor de inrichting op, maar
ook een gezellige en positieve dag. Het mooie is: dat enthousiasme
werkt door in het werkplezier van de mensen
die hier straks aan de slag gaan”, vertelt Joris Hillebrandt,
teammanager Works by Lensen.
32
ARCHITECT HofmanDujardin
FOTOGRAFIE HofmanDujardin, Matthijs van Roon
Duurzaam en mensgericht
Vanaf de start van het project is duurzaamheid centraal
gesteld. Het FundisHuis is gebouwd in hout, met aandacht
voor energie-efficiëntie en circulariteit. Works by Lensen
sluit hierbij aan met tijdloos meubilair en materialen die
passen binnen een duurzame levenscyclus.
De inrichting past bij de zachte, natuurlijke vormentaal van
het gebouw – met lichte kleuren, transparante materialen en
een warme, huiselijke uitstraling. Functioneel waar nodig,
sfeervol waar het kan. Alles in dienst van vitaliteit, welzijn en
verbinding.
Projectleider Mark Hooijmans begeleidde dit project van
A tot Z. “We hebben nauw samengewerkt met de verschillende
toeleveranciers en onze eigen meubelmonteurs. Door
vanaf het begin overzicht te houden en de lijnen kort te houden,
verliep alles soepel. Dat zie je terug in het eindresultaat.”
works-projects.nl
lensen.nl
Lensen x Works by Lensen
ADVERTORIAL
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
33
OPGELEVERD Sigma Fabriek Amsterdam
Hoe Barbara de Vries en Tinka
Heinzel een interieur ontwierpen en
er uiteindelijk zelf bleven werken
Sommige gebouwen lijken een geheugen te hebben. De oude Sigma Fabriek
(Cruquius) in Amsterdam is zo’n gebouw. Ooit een plek van verf, vaten en arbeid, nu
een verzameling werkruimtes waar nieuwe ideeën worden gemaakt. Toen Barbara de
Vries en Tinka Heinzel van interieurarchitectenbureau Heinzel de Vries hier voor het
eerst binnenstapten, wisten ze meteen: dit pand moet een soort thuis worden.
opgeleverd
Sigma Fabriek Amsterdam
FOTO ONDER
Veel meubels
van Nederlands
fabricaat.
34
TEKST Bas Hakker
FOTOGRAFIE Heinzel de Vries/Chantal Arnts
Opdrachtgever Barista Technology
Interieur Architect Heinzel De Vries
Aannemer De Bouwkakker
Maatwerk Keukens Maru Keukens
Vloer Senso
Wand Sigma Verf Schilderwerk & Tegels Winckelmans
Verlichting Xal
Staal Galesloot Constructie
Plafond Acosorb
Trap Bestaand
Planten & Bakken Meester In Bloemen
Intensieve samenwerking
De opdrachtgever is ondernemer in de wereld van professionele
koffieapparatuur. Zijn bedrijf is sterk technisch
georiënteerd: ontwerpen, ontwikkelen en produceren van
machines en onderdelen, met een relatief klein team. Het
kantoor speelt daarin een andere rol dan bij veel bedrijven.
Het is geen plek waar dagelijks grote aantallen mensen
werken, maar wel een ruimte waar wordt nagedacht,
getest, ontvangen en gedeeld. “Hij zit zelf heel erg in
de techniek,” vertelt Tinka. “Hij is ingenieur, ontwerpt
producten en bemoeit zich graag met details. Dat merk je
meteen in zo’n project.’’ De verdieping die hij aankocht
in de Sigma Fabriek is circa 400 vierkante meter groot en
bestaat in eerste instantie uit één open ruimte, gedragen
door zware betonnen kolommen. Het pand ademt zijn
industriële verleden, maar is tegelijkertijd klaar voor een
nieuwe invulling. Het eerste contact tussen opdrachtgever
en Heinzel de Vries ontstond op een bijna terloopse
manier. “We waren buren,” zegt Tinka. “We zaten in een
verzamelgebouw aan de Panamalaan. Vanuit de gang spraak
hij ons een keer aan en hij vertelde dat hij een verdieping
had gekocht in de Sigma Fabriek en vroeg of we eens mee
wilden denken.’’
Die informele kennismaking bleek het begin van een
intensieve samenwerking. Al snel werd duidelijk dat de
opdrachtgever niet op zoek was naar een standaard kantoorinrichting,
maar naar een interieur dat recht doet aan
het gebouw, zijn werk en zijn manier van denken.
Sigma Fabriek Amsterdam
opgeleverd
FOTO BOVEN
Het karakter van het
originele gebouw is
in stand gehouden.
Wat begon als een opdracht voor een ondernemer met
een liefde voor techniek en koffie groeide uit tot een
intensief ontwerpproces waarin historie, gebruik en detail
samenkwamen. En alsof dat nog niet bijzonder genoeg
was, besloten de architecten uiteindelijk zelf ook in het
pand te blijven. Hun eigen kantoor bevindt zich nu in
dezelfde ruimte die ze ooit voor een ander ontwierpen.
“Het project liet ons eigenlijk niet meer los’’, zegt Barbara.
“En op een gegeven moment voelde het bijna onvermijdelijk
dat we hier zelf zouden gaan zitten.’’
Een vloer, drie werelden
Vanaf het begin stond vast dat de verdieping te groot was
voor één gebruiker. De opdrachtgever wilde de ruimte
opdelen in drie delen: een afgesloten unit voor verhuur,
een kantoorruimte voor zijn eigen bedrijf en een tweede
kantoor voor zijn broer, die met een ander bedrijf op
dezelfde verdieping zou werken. Daarnaast moest er een
gedeelde kern komen: een plek waar ontmoeting, overleg
en ontspanning samenkomen. “De ruimte was één grote
open vloer met alleen maar kolommen,” zegt Barbara.
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
35
basis aansluitend op de architectuur) met kleur als accent en
statement. Zo werd een grote blauwe maatwerkkast ontworpen
die als zelfstandig object in de ruimte staat. De toiletruimte
werd juist volledig rood uitgevoerd: vloer, wanden
en plafond vormen daar één monochroom geheel. “Dat zijn
bewuste momenten’’, zegt Tinka. “Geen losse accentmuurtjes,
maar ruimtes of objecten die echt iets zeggen.” Deze aanpak
maakte het interieur niet alleen sterker, maar ook toekomstbestendig.
Omdat een deel van de verdieping verhuurd
zou worden, moest de basis neutraal genoeg zijn om door
verschillende gebruikers te worden gedragen. “We vinden het
belangrijk dat een ruimte tijdloos is,” zegt Barbara. “En dat
iemand er zijn eigen stempel op kan zetten zonder tegen het
ontwerp te vechten.’’
Het sociale hart: keuken en koffiebar
Centraal in de verdieping ligt het gezamenlijke hart: de
keuken en koffiebar. Voor de opdrachtgever was dit geen
bijzaak, maar een essentieel onderdeel van het programma.
Sigma Fabriek Amsterdam
opgeleverd
FOTO BOVEN
Een echte ontmoetingsplek.
FOTO ONDER
Er is veel
werkruimte
in de keuken.
“We hebben echt veel tijd gestoken in de vraag: hoe deel je
dit op zonder het karakter van de ruimte te verliezen?” Die
fase bestond niet alleen uit tekenen en schuiven, maar ook uit
onderzoek. Zoals bij veel projecten doken Barbara en Tinka
in de geschiedenis van het gebouw. Ze bezochten het online
stadsarchief, bekeken oude foto’s en probeerden te begrijpen
hoe de fabriek vroeger functioneerde. “We wisten dat het een
oude verffabriek was,” vertelt Tinka. “Maar pas als je oude
beelden ziet, begrijp je hoe kleur, schaal en materiaal toen
werden gebruikt.’’
Historie als uitgangspunt, niet als decor
Wat opviel in het archiefmateriaal was dat kleur in de
fabriek nooit decoratief was. Het zat in objecten: grote vaten,
machines en geschilderde lambrisering. Rood, blauw, groen;
krachtige, functionele tinten. Dat inzicht werd een belangrijk
uitgangspunt voor het interieurontwerp. “Het was verleidelijk
geweest om overal kleur te gebruiken,” zegt Barbara.
“Maar dat zou historisch gezien helemaal niet kloppen.” In
plaats daarvan kozen de architecten voor een rustige, tijdloze
36
FOTO BOVEN
De oude kleuren van
de verffabriek zijn
subtiel zichtbaar.
Zijn bedrijf draait om koffie en hij ontvangt hier regelmatig relaties.
“Hij zei meteen: hier moet een serieuze koffiebar komen’’,
vertelt Tinka. “Met een grote machine, niet iets symbolisch.” De
koffiebar is uitgevoerd in hout en heeft een uitgesproken baristauitstraling.
Eromheen staan verschillende zitplekken, waardoor
het een natuurlijke ontmoetingsplek is geworden. Mensen blijven
hangen, praten bij, werken kort of drinken samen koffie. Barbara:
“Het idee was dat dit echt een hangplek zou worden. Een plek
waar je vanzelf naartoe gaat.” Naast de koffiebar bevindt zich
een lange keuken, die verder gaat dan een standaard pantry. De
opdrachtgever houdt van koken en beschikt over professionele
apparatuur. Om afstand te nemen van de barista-sfeer en ruimte
te geven aan dat culinaireaspect, kozen de architecten hier voor
een ander materiaal. “We hebben de werkbladen in terrazzo uitgevoerd,”
zegt Tinka. “Die zijn hier in het werk gestort, inclusief
de wasbakken. Dat was echt bijzonder.’’
Techniek zichtbaar en doordacht
Wat dit project uitzonderlijk maakt, is de mate waarin techniek
onderdeel werd van het ontwerp. De opdrachtgever dacht actief
mee over installaties, ventilatie en afwerking. In plaats
van techniek weg te werken, werd die juist zichtbaar
gemaakt. “Hij ontwierp zelfs profielen voor de luchtinstallatie,”
vertelt Barbara. “En liet die poedercoaten
in een kleur die bij het interieur past.” Ook bij andere
details werd maatwerk toegepast. Om de originele
stalen kozijnen te behouden, werden speciale stucprofielen
ontwikkeld, ondanks de toevoeging van dikke
isolatie. Zelfs kleine onderdelen, zoals het kettinkje
van de rolgordijnen, werden uitgevoerd in RVS. “Dat
klinkt misschien overdreven,” zegt Tinka, ‘’maar juist die
consistentie zorgt ervoor dat alles klopt.’’ Een belangrijk
uitgangspunt voor Heinzel de Vries is de relatie tussen
binnen en buiten. Het interieur moest voelen als een
verlengde van het gebouw, niet als een decor dat er los
in staat. “Als je hier aankomt, voel je meteen dat het een
oud industrieel pand is’’, zegt Barbara. “Dat gevoel moet
binnen doorgaan.’’ Dat betekent: geen overdaad aan luxe
materialen die botsen met het rauwe karakter van het
gebouw, maar juist een dialoog tussen beton, staal, hout
en kleur. De betonnen balken en kolommen blijven
zichtbaar, net als de schaal en ritmiek van de gevel. Een
van de mooiste reacties kwam van iemand die het pand
goed kende. “Mijn man, die ook architect is, liep hier
binnen en vroeg: Wat hebben jullie eigenlijk gedaan?’’,
vertelt Tinka. “Dat was het grootste compliment. Het
voelde alsof het altijd al zo was.’’
Meubilair: klassiek en Nederlands
In het losse meubilair kozen de architecten voor een
combinatie van internationale designklassiekers en
Nederlandse ontwerpers. Bureaus van Vitra worden
gecombineerd met tafels van Arco, stoelen van
Gispen en verlichting van Nederlandse ontwerpers.
“We hebben bewust gekozen voor meubels met een
lange levensduur’’, zegt Tinka. “Ontwerpen die al jaren
meegaan en niet trendgevoelig zijn.” Houten bureaus
brengen warmte in de industriële basis, terwijl verschillende
zitplekken zorgen voor flexibiliteit. Het kantoor
voelt daardoor minder als een traditionele werkplek en
meer als een huiskamer waar gewerkt wordt. “Dat is ook
nodig,” zegt Barbara. “Mensen werken tegenwoordig
veel thuis. Als je wilt dat ze naar kantoor komen, moet
het beter voelen dan thuis.’’
Sigma Fabriek Amsterdam
opgeleverd
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
37
Sigma Fabriek Amsterdam
opgeleverd
Een onverwachte wending: zelf blijven
Oorspronkelijk was één van de units bedoeld voor verhuur.
Maar gaandeweg het project bleef die ruimte leeg. De
opdrachtgever stelde op een gegeven moment een simpele
vraag: waarom zouden Barbara en Tinka er zelf niet gaan
zitten? “Hij zei: ik kan voor jullie een goede prijs maken,”
vertelt Barbara. “En hij zorgde natuurlijk voor goede koffie.’’
Voor Heinzel de Vries was het moment precies goed. Hun
vorige kantoor voelde te klein en te tijdelijk voor de fase
waarin het bureau zich bevond. “We hadden hier iets ontworpen
waar we volledig achter stonden’’, zegt Tinka. “En
ineens realiseerden we ons: dit is eigenlijk precies de plek die
we zoeken.” Nu werken Barbara en Tinka dagelijks in het
interieur dat ze zelf ontwierpen. Ze ervaren het ontwerp
niet meer als makers, maar als gebruikers. “Je merkt dan
meteen of iets werkt’’, zegt Barbara. “Hoe mensen bewegen,
waar ze gaan zitten, waar gesprekken ontstaan.’’
FOTO BOVEN
Kantoor ontmoet
verffabriek.
FOTO ONDER
De toiletruimte.
Een ontwerp dat blijft werken
Het project in de Sigma Fabriek is voor Heinzel de Vries
meer dan een geslaagde opdracht. Het is een plek geworden
die hun manier van werken weerspiegelt: onderzoekend,
zorgvuldig en met oog voor detail. “Het mooiste is dat het
ontwerp echt gebruikt wordt’’, zegt Tinka. “De koffiebar
leeft, de ruimtes worden gedeeld, mensen blijven hangen.’’
heinzeldevries.com
38
The business event
for luxury and
boutique hotels.
DO BUSINESS
With over 200
hotel suppliers
LEARN
At over 30 talks
and workshops
EXPLORE
The latest
hotel trends
CONNECT IN
The Social
Business Space
Scan to view the website:
FIND OUT MORE AT:
www.independenthotelshow.nl
OPGELEVERD Den Hartogh Basecamp Rotterdam
Levendige campus voor
Den Hartogh Logistics
Sinds het voorjaar van 2025 hebben de medewerkers van Royal Den Hartogh Logistics
een nieuwe thuisbasis. Braaksma & Roos Architectenbureau ontwierp – samen met
Bremen Bouwadviseurs, Pieters Bouwtechniek en Buro Harro – Den Hartogh Basecamp:
een levendige campus met kantoorruimte, restaurant, skybar, sportruimte en een eigen
academy.
Den Hartogh Basecamp Rotterdam
FOTO ONDER
De hokkerige indeling
van het gebouw is
getransformeerd
naar een open
werklandschap met
verschillende soorten
werkplekken.
Familiebedrijf Royal Den Hartogh
Logistics werd ruim honderd jaar
geleden opgericht door Ko Den
Hartogh en is gespecialiseerd in
het transport van bulkgoederen
zoals chemicaliën, gas, polymeren
en vloeibare levensmiddelen.
Met vestigingen over de hele
wereld is het inmiddels één van
de grootste transportbedrijven
van ons land. Het Nederlandse
hoofdkantoor was na heel wat
jaren toe aan een nieuw onderkomen
dat hierbij past. Braaksma &
Roos Architectenbureau creëerde
in een integraal ontwerpteam met
Bremen Bouwadviseurs, Pieters
Bouwtechniek en Buro Harro het
Den Hartogh Basecamp. Architect
Kristof Houben vertelt: “De
opdrachtgever benaderde ons eind
opgeleverd
40
TEKST Linda Hulsman
FOTOGRAFIE Kester Den Hartogh en Linde Berends
Opdrachtgever Royal Den Hartogh Logistics
Omvang 23.500 m 2
Energielabel A++++, Paris Proof
Architect en aanvoerder integraal ontwerpteam Braaksma & Roos
Architectenbureau
Installatieadviseur Bremen Bouwadvies
Constructie Pieters Bouwtechniek
Landschap Buro Harro
Aannemer VOF BC Basecamp; Weboma BV, Dijkxhoorn bouw-
en aannemingsbedrijf
Installateur Croonwolter&dros
Sloop Bert van der Plas
Projectmanager CAS Huisvestingsadvies
Interieur restaurant en skybar KingKongs
Interieur academy Perspekt
Kantoorinrichting Plan@office
2020 met de vraag of wij een ontwerp
wilden maken voor het net door hem
aangekochte pand aan de Sluisjesdijk
in de haven van Rotterdam. In eerste
instantie wilde hij het gebouw slopen
en nieuwbouw realiseren, maar tijdens
de bezichtiging was voor ons al snel
duidelijk dat het pand niet gesloopt
moest worden. Er zit zoveel ruimte in
het gebouw, iets wat je met nieuwbouw
niet had kunnen realiseren.
Ook de authentieke elementen, zoals
de kenmerkende sheddaken, die moet
je koesteren.”
Landschap uitvoering VIC Landscaping
Beveiliging Klik security
Licht & advies Lightsale
AV apparatuur JNV audiovisuele smaakmakers, Darwin
Software
Gietvloer Arturo, Bolidt
Tapijten Tarket Desso, Interface, Ege, Textiles & More en Forbo
Schoonloopmat Forbo en Emco
Stoffering wand Kvadrat
Bronstegels entree Koninklijke Tichelaar
Vilten wandbekleding Refelt
Akoestische eiken wandpanelen Matude
Gordijnen Vescom en Textiles & More
Moswand Metiez
Den Hartogh Basecamp Rotterdam
Glasboard Chameleon
Terazzo wandtegels Ecostone, Intercodam
Tegels Mosa
Schakelmateriaal Jung
Plafond entree Metadecor
opgeleverd
Viltplafond boardroom Hunter Douglas
Akoestisch spuitplafond Acosorb
Systeemplafonds Ecophon
HPL-afwerking Egger, Formica, Dekodur, Pantoni, Pfleiderer
Thuisbasis
Het programma van eisen van de
opdrachtgever was vooral gericht op
het creëren van een plek waar iedereen
zich thuis zou voelen. Houben
legt uit: “Het oude kantoor van Den
Hartogh was een vrij standaard anoniem
kantoor en dat wilden ze graag
anders. Ze zijn een familiebedrijf dat
inmiddels internationaal opereert en
dat gevoel wilden ze ook uitdragen.
Zodat als medewerkers uit andere
landen langskomen, dat ook zij zich
thuisvoelen. Het ‘community-gevoel’
FOTO BOVEN
Het Den Hartogh
Basecamp bevindt zich
aan de Sluisjesdijk
in de haven van
Rotterdam.
FOTO ONDER
Op de werkvloer op de
begane grond staat een
opvallende ‘denktank’
in een omgebouwde
tankcontainer.
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
41
opgeleverd
Den Hartogh Basecamp Rotterdam
FOTO BOVEN
Medewerkers hebben
vanaf het restaurant
zicht op de oude
expeditieplaats die is
getransformeerd tot
een verblijfstuin met
terras en flexibele
buitenwerkplekken.
FOTO ONDER
De opdrachtgever wilde
van de vergaderruimtes
echt iets bijzonders
maken.
speelde dus een belangrijke rol in ons
ontwerp. Het nieuwe onderkomen
moest alleen absoluut geen ‘posh’
hoofdkantoor worden, maar echt een
thuisbasis oftewel ‘basecamp’ voor
iedereen. Daaruit ontstond de visie:
‘Home away from home’.”
Het ontwerpteam is in 2021 gestart
met het vaststellen van de identiteit
van het bedrijf. Wat is Den Hartogh,
wat doen ze precies en hoe vertellen
we hun verhaal? “Deze vertaling van
hun identiteit naar een gebouwontwerp
was voor de opdrachtgever ook
lastig te beantwoorden, het was dus
echt een gezamenlijke ontdekkingsreis”,
vertelt Houben. “Verschillende
sessies met moodboards en workshops
zorgden ervoor dat we uiteindelijk
een duidelijk beeld kregen
van het DNA van Den Hartogh. De
insteek van het interieurontwerp
werd industrieel maar met een zachte
toevoeging, een mix dus. Zoals de
opdrachtgever zelf heel mooi zei:
‘Wij zijn hard op de inhoud en zacht
op de relatie’.”
Dichtgetimmerd doolhof
Het pand, dat voorheen diende als
kantoor en werkplaats voor de maritieme
tak van Imtec, had zijn beste
tijd gehad. Houben: “In vijftig jaar
tijd was er al zoveel aan verbouwd,
het was een soort dichtgetimmerd
doolhof geworden. We hebben het
eerst helemaal ‘uitgepakt’ naar zijn
originele staat en vanuit daar zijn
we begonnen met opbouwen.” Het
betonskelet was het uitgangspunt in
het ontwerp. “We vonden het belangrijk
dat het ruwe karakter behouden
bleef, naast al het nieuwe materiaal
dat we zouden toevoegen.”
De hokkerige indeling van het
gebouw is getransformeerd naar een
open werklandschap met verschillende
soorten werkplekken. Houben
vertelt: “We hebben de bestaande
lichtstraten weer opengemaakt en aan
weerszijden twee vides gerealiseerd.
De ene vide is toegankelijk via een
houten spiltrap en de andere met
42
FOTO BOVEN
Het ontwerp van
Braaksma & Roos
Architectenbureau is
een rustige basis van
eikenhout, beton en
groen en daarbinnen
diverse vormen van
rood.
een grote tribunetrap, die tegelijkertijd
gebruikt kan worden als
informele plek voor bijvoorbeeld de
nieuwjaarstoespraak.”
Om de grote ruimte te doorbreken
zijn er diverse vergaderruimten
doorheen ‘gestrooid’. “Er zijn clusters
gecreëerd van acht á twaalf werkplekken
gevolgd door een vergaderruimte
of een reproruimte. Op die manier
hebben we kleinschaligheid weten
te creëren op een grote gezamenlijke
werkvloer.”
Eigen karakter
Alle vergaderruimtes hebben een
eigen karakter gekregen. “De
opdrachtgever wilde van deze
ruimtes echt iets bijzonders maken.
Daarom zijn ze allemaal uniek in
kleurstelling en beleving. Zo is er
bijvoorbeeld een ruimte met een
volledige whiteboard-wand, een
meditatieve-ruimte met zitzakken
en een groene ruimte met moswanden.
Vooral de connection-ruimte is
bijzonder. Deze is voorzien van een
halfronde bank waar je uitstekend
nieuwe klanten kunt ontvangen. Een
prachtige plek voor een warm welkom
met uitzicht op de Maas.”
Het toegepaste kleurenpalet van
‘50-shades-of-red’ is een knip-
FOTO ONDER
De grote tribunetrap
kan tegelijkertijd
gebruikt worden
als informele plek
voor bijvoorbeeld de
nieuwjaarstoespraak.
Den Hartogh Basecamp Rotterdam
opgeleverd
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
43
Den Hartogh Basecamp Rotterdam
opgeleverd
FOTO BOVEN
In de koffiebar toont
een wandvullende
vitrinekast met
miniaturen de rijke
historie van Den
Hartogh.
FOTO MIDDEN
Dankzij de diverse
zitmogelijkheden,
van lounge-achtige
banken in leer en
velours tot intieme
tafeltjes, is het
restaurant veelzijdig
in gebruik.
FOTO ONDER
In het restaurant
is gekozen voor
een warmere
vertaling van het
Den Hartoghkleurenpalet
oog naar het merk-DNA van Den
Hartogh. Houben: “Het rood van
Den Hartogh is een vrij harde tint
en niet echt warm. Dat hebben we
daarom gemixt met andere roodtinten.
Ook hebben we veel hout toegepast
in het interieur, als natuurlijk
contrast met het industriële beton.
Het resultaat is een rustige basis van
eikenhout, beton en groen en daarbinnen
diverse vormen van rood.”
Vanwege de harde materialen in het
kantoor heeft Braaksma & Roos
Architectenbureau ook veel vilt en
andere stofferingen gebruikt. “Het
was voor Den Hartogh erg belangrijk
dat de akoestiek in de ruimte goed
was. Ze hadden in het oude kantoor
geluidsoverlast en wilden dat nu
absoluut voorkomen. Het kantoorgedeelte
van Basecamp is een grote
open ruimte, maar voelt dankzij de
toegepaste zachte materialen heel
rustig aan.”
Rijke historie
Maar het Basecamp is meer dan
alleen een werkomgeving. Het is een
fysieke vertaling van de identiteit
van Den Hartogh. Bij binnenkomst
in de nieuwe entree benadrukt een
verlichte wereldkaart in het plafond
het internationale karakter van het
bedrijf en in de naastgelegen koffiebar
toont een wandvullende vitrinekast
met miniaturen de rijke historie.
Op de werkvloer op de begane grond
44
staat ook een opvallende ‘denktank’
in een omgebouwde tankcontainer.
Den Hartogh Basecamp beschikt
daarnaast over een sportruimte,
een restaurant en skybar en de Den
Hartogh Academy. Hier kunnen
nieuwe medewerkers worden
opgeleid en klanten en partners de
historie van het familiebedrijf beleven.
Perspekt Studio’s uit Haarlem
ontwierp en bouwde deze experience:
rondom thema’s als transport,
veiligheid, community care en familie
ontvouwt zich een reis door de
wereld van Den Hartogh. Het interieurontwerp
voor het restaurant en de
skybar is gemaakt door KingKongs
uit Eindhoven. Medewerkers hebben
vanaf het restaurant zicht op de oude
expeditieplaats die is getransformeerd
tot een verblijfstuin met terras en
flexibele buitenwerkplekken.
In het restaurant is gekozen voor
een warmere vertaling van het Den
Hartogh-kleurenpalet met tinten
zoals terracotta, dieprood en zachte
groenen die worden gecombineerd
met hout en lichte materialen.
Dankzij de diverse zitmogelijkheden,
van lounge-achtige banken in leer
en velours tot intieme tafeltjes, is de
ruimte veelzijdig in gebruik.
Op de bovenste verdieping van
het gebouw is de skybar te vinden,
die aanvoelt als een hotelbar. Rijke
materialen als wortelhout en velours
worden gecombineerd met diepe
bordeauxrode tinten en opvallende
grafische prints.
Archieftekeningen
Het verbouwen van een bestaand
pand brengt volgens Houben altijd
uitdagingen met zich mee. “Ons
ontwerp is gebaseerd op archieftekeningen
en 3D-scans. Maar
als je begint met strippen blijkt
er bijvoorbeeld toch ergens een
balk te zitten die nergens op een
tekening te vinden is, dit vraagt
tijdens de uitvoering om creativiteit.
In dit project hebben we alle
benodigde installaties heel mooi
kunnen integreren.” Den Hartogh
Basecamp heeft een label A++++
door zeer energiezuinige installaties,
een goed geïsoleerde schil,
vloerverwarming en PV-panelen
op het dak. Daarmee is het gebouw
ruim Paris-Proof en klaar voor een
duurzame toekomst.
Houben is dan ook net als Den
Hartogh zeer tevreden over het
gehele proces en het eindresultaat.
“Het was voor ons een uniek proces
omdat we als aanvoerder van het
integraal ontwerpteam vanaf het
begin tot het eind betrokken waren.
De opdrachtgever was kritisch en
tegelijk zoekende, omdat het hun
eerste ervaring was met zo’n proces.
Het resultaat van die openheid en
wisselwerking met het ontwerpteam
is een gebouw dat heel goed bij Den
Hartogh past.”
Het kantoor voelt echt als een
tweede ‘thuis’. Houben vult aan: “Er
zijn zelfs medewerkers die voorheen
een aantal dagen vanuit huis
werkten, maar die nu iedere dag op
kantoor werken. Ze vinden het prettiger
om naar kantoor te komen, dan
kun je wel zeggen dat een ontwerp
geslaagd is.”
braaksma-roos.nl
FOTO BOVEN
Op de bovenste
verdieping van
het gebouw is de
skybar te vinden,
die aanvoelt als een
hotelbar.
ONDER
Aan weerszijden
van het gebouw zijn
vides gerealiseerd.
De ene vide is
toegankelijk via een
houten spiltrap en
de andere met een
grote tribunetrap.
Den Hartogh Basecamp Rotterdam
opgeleverd
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
45
OPGELEVERD The Blurring Zone Amsterdam
opgeleverd
The Blurring Zone Amsterdam
Volop ruimte voor
ontmoeting
Alles loopt gezellig door elkaar in The Blurring Zone. Beyond Space maakte van deze
publiek toegankelijke plint in The Pulse of Amsterdam een heerlijke hangout op de
Zuidas.
FOTO BOVEN
The Blurring Zone
vormt het visitekaartje
en de huiskamer
van The Pulse of
Amsterdam.
The Blurring Zone beslaat 1800
vierkante meter publieke ruimte op
de begane grond van The Pulse of
Amsterdam: een opvallende toevoeging
aan de Zuidas waarin wonen,
werken en recreëren samenkomen
en elkaar versterken. Het bijzondere
gebouw is een samenwerking van
MVSA, VMX en DELVA en bestaat
uit een kantoortoren en een woontoren,
verbonden door een multifunctionele
plint en een stadsbos op 35
meter hoogte. Deze multifunctionele
plint is The Blurring Zone: maar
liefst 125 meter lang, en met ruimte
voor een indrukwekkende combinatie
van functies. Hier komen bewoners
van het woongebouw, kantoormedewerkers,
maar ook bezoekers van
de inpandige foodcourt, bioscoop,
gym en supermarkt elkaar tegen.
46
TEKST Eva Vroom
FOTOGRAFIE Max Hart Nibbrig
Interieurarchitect Beyond Space
Maatwerkmeubilair Harryvan
Vloeren Duracryl
Wandafwerking Front/StoneCycling
Plafond Acosorb
Trappen EeStairs
Plantenbakken Klaas Kuiken
Beplanting Het Groenlab
Verlichting Modular
Meubilair BigBrands
Stoffering Siersema
The Blurring Zone brengt al deze
groepen samen in een toegankelijke,
levendige en uitnodigende ruimte
en vormt zo het visitekaartje en de
huiskamer van het gebouw. “De
architecten van The Pulse hadden de
begane grond bedacht als één grote
open ruimte”, vertelt Rolf van der
Leeuw, architect bij Beyond Space
dat verantwoordelijk was voor het
interieurontwerp van de plint.
FOTO BOVEN
De trappen landen in
royale plantenbakken
die dankzij de
betegeling en de
ingebouwde bankjes
het buitengevoel
oproepen.
FOTO MIDDEN
De wand van
gerecyclede baksteen
is gekozen om het
buitengevoel vast te
houden.
The Blurring Zone Amsterdam
opgeleverd
Binnen en buiten
Beyond Space heeft veel ervaring
met transformaties, niet alleen van
bestaande gebouwen maar ook van
BIM-modellen. Van der Leeuw: “Wij
staan bekend als architecten die zich
bezighouden met interieurs, en
we ontwerpen veel plinten van
gebouwen.” Een belangrijk onderdeel
van het gebouw, omdat dit ook de
eerste indruk, de identiteit vormt.
“We hebben om te beginnen met
MVSA en VMX gekeken hoe we de
FOTO ONDER
Beyond Space
markeerde de
overgang van de
entreeruimte naar
het horecagedeelte
met een trappartij
die het atrium op
Escher-achtige wijze
doorkruist.
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
47
opgeleverd
The Blurring Zone Amsterdam
FOTO BOVEN
In de entreeruimte zorgen comfortabel meubilair, zorgvuldig
gekozen verlichting en planten voor een aangename sfeer. De
hangende plantenbakken zijn ontworpen door Klaas Kuiken.
FOTO ONDER
In het lage middendeel bevindt zich de horeca. Om de schaal te
verkleinen zonder tussenwanden te plaatsen, zijn hier vloervelden
toegepast.
verschillende verkeersstromen het
beste door de ruimte konden leiden.
Het ontsluiten van de entree naar de
kantoren, de woningen, de bioscoop
en de horeca vormde een grote uitdaging.
De bezoekersstromen moeten
echt mengen hier, het is de bedoeling
dat je door de hele Blurring Zone
kunt lopen.” Beyond Space liet zich
voor het ontwerp inspireren door
Berlages Plan-Zuid: “Omdat het
een publieke ruimte is, eigenlijk een
overdekte voortzetting van de straat,
hebben we gespeeld met het contrast
tussen binnen en buiten.” Dit is direct
te zien aan de achterwand in de
entreeruimte. Deze is om het buitengevoel
vast te houden, afgewerkt met
gerecyclede baksteen. Ondanks dit
‘buiten’materiaal heeft The Blurring
Zone een warme uitstraling. Wie
vanaf het stationsplein de hoge, lichte
entreeruimte binnenkomt, waant zich
in een behaaglijke hotellobby. De
receptiebalie voor de kantoorentree
is uitgevoerd in groen natuursteen.
Comfortabel meubilair, zitjes langs de
gevel, zorgvuldig gekozen verlichting
en veel planten zorgen voor een
aangename sfeer. “Om de plafondhoogte
gevoelsmatig te verlagen
zonder hoogte te verliezen, hebben
we designer Klaas Kuiken gevraagd
48
FOTO BOVEN
Een houten podiumtrap
leidt vanuit het
horecadeel naar
de bovenliggende
bioscoopzalen.
FOTO ONDER
Het kleurgebruik is
ingetogen gehouden
om de materialen
te laten spreken. De
beplanting en de
natuurstenen balie
voegen kleur toe.
The Blurring Zone Amsterdam
om hangende plantenbakken te
ontwerpen.”
Menselijke maat
De entreeruimte wordt begrensd
door een opvallende trappartij. “We
hebben de trap zo geplaatst, dat deze
direct zichtbaar is bij binnenkomst”,
aldus Van der Leeuw. “Trappen organiseren
de ruimte, en maken deze
dynamisch.” Beyond Space ontwierp
alle trappen in The Pulse, en markeerde
de overgang van de entreehal
naar het horecagedeelte met een
trappartij die het atrium op Escher-
opgeleverd
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
49
neerd met bamboe, hout en linoleum.
Het kleurgebruik is ingetogen
gehouden. “In onze ontwerpen willen
we de materialen laten spreken”,
legt Vander Leeuw uit. “Het groen
van de planten en de natuurstenen
balie zorgen voor kleur. De trappen
hebben we bruin gemaakt, passend
bij de bamboe treden. En alle gipswanden
zijn lichtgrijs. Niet wit, want
daarmee geef je grote ruimtes al snel
een galerie- of kantoor-uitstraling.
Het meubilair in de entreeruimte
hebben wij gekozen, voor het
horecagedeelte hebben de uitbaters
dit zelf uitgezocht. Wat betreft de verlichting:
er komt natuurlijk erg veel
daglicht binnen, maar we hebben ook
veel hangende verlichting ingezet
om de plafondhoogte gevoelsmatig
lager te maken. Daarnaast hebben we
messing armatuurtjes gebruikt die
als kleine juweeltjes op de wanden
zitten.”
The Blurring Zone Amsterdam
opgeleverd
FOTO BOVEN
De trappen zijn
bruin gemaakt,
passend bij de
bamboe treden.
achtige wijze doorkruist. De trappen
landen in royale groenbeplanting,
met plantenbakken die dankzij de
betegeling en de ingebouwde bankjes
het buitengevoel oproepen. Van der
Leeuw: “De beplanting is substantieel,
in grote formaties. Dit heeft
het meeste effect.” De vele planten,
die profiteren van het overvloedige
daglicht, zijn van betekenis voor de
WELL-certificering van het gebouw.
Ze dragen bij aan een prettig binnenklimaat,
en maken de ruimte ook
minder overweldigend. Het atrium is
maar liefst 15 meter hoog, en loopt
door over vijf lagen.
In het lage middendeel van The
Blurring Zone bevindt zich de
horeca. Het plafond is er gewelfd
vanwege de bovenliggende bioscoopzalen,
die te bereiken zijn via een
houten podiumtrap. Beyond Space
deelde de horecaruimte in met
vloervelden, om de menselijke maat
te introduceren en de schaal enigszins
te verkleinen zonder tussenwanden
te plaatsen.
Materialen laten spreken
Ook de materialen en kleuren die
Beyond Space voor het interieur
gebruikte, zorgen ervoor dat The
Blurring Zone ondanks zijn formaat
een prettige en comfortabele uitstraling
heeft. Om warmte toe te voegen
zijn de terrazzo vloeren gecombi-
Complexe context
Een mooi detail vormt ook de
verlichting die subtiel in de trapleuningen
werd verwerkt, om de trappen
beter te belichten. Van der Leeuw: “Ik
ben heel tevreden met de trappen.
Het feit dat ze er in de complexiteit
van het project zo gekomen zijn,
is bijzonder. Daarnaast vind ik het
mooi, dat we in die grote ruimte
een onderverdeling hebben kunnen
maken, zonder openheid te verliezen.
De uitdaging is om te onderzoeken
waar de ruimte zit om het casco
ontwerp nog te optimaliseren, terwijl
deze plannen vaak al ver uitgewerkt
of zelfs al in uitvoering zijn als wij
worden aangehaakt. Wij kijken met
50
FOTO BOVEN
Een mooi detail vormt de verlichting
die in de trapleuningen is verwerkt.
Messing armatuurtjes zitten als
juweeltjes op de wand.
ONDER
Plattegrond Blurring Zone.
een andere bril naar het gebouw, waardoor
we vanuit de interieurbeleving misschien
andere keuzes zouden maken. Het is dan
de kunst om te weten wanneer je casco
wijzigingen voor kan stellen zonder het
proces te frustreren, dit is altijd een interessant
spanningsveld. Maar de samenwerking
met MVSA en VMX verliep heel prettig. Zij
waren blij dat wij de plint konden inrichten,
en zagen de meerwaarde van ons ontwerp.”
beyond-space.eu
opgeleverd
The Blurring Zone Amsterdam
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
51
OPGELEVERD Hotel VIA Antwerp Antwerpen
Hotel VIA Antwerp Antwerpen
opgeleverd
Geslaagde lokale
hub voor gasten en
buurtbewoners
FOTO ONDER
De lobby van het hotel,
met diverse stijlen LVT
als vloerbedekking.
De eigenaar van het Antwerpse hotel VIA, dat in september 2025 openging, had een
levendig hotel voor ogen dat de sfeer zou uitademen van “de huiskamer van een
stijlvolle vriend”, in de woorden van Merav Bustan. De interieurarchitect uit Berlijn
en haar studiomedewerkers hadden als vertrekpunt het creëren van een lokale hub
voor gasten en buurtbewoners: als pleisterplek voor logies, kunst, gastronomie en
cultuur. In die opzet is Bustan geslaagd; het hotel fungeert inmiddels al als een soort
buurtcentrum, naast de oorspronkelijke functie als een hotel.
52
TEKST Ingmar van der Hoek
FOTOGRAFIE Lars Nitsch (portret) en
Jules Reijnders Studio (interieurfoto’s)
“Design is altijd een doorlopend
creatief proces, zoals het schrijven van
een lied met meerdere coupletten
en een refrein”, is hoe Bustan haar
werkwijze omschrijft. Zij ziet het
ook als een resultaat van teamwork
met alle betrokken partijen. “Ik ben
meteen gaan praten met het team
van het hotel. Wat is praktisch voor
jullie? Van daaruit hebben we een
layout gemaakt en deze vertaald naar
3D-modellen.” Voor deze grote, open
ruimte was het de bedoeling om gasten
te serveren in de lobby, bar en het
restaurant op een efficiënte manier
zonder grote afstanden te hoeven
lopen. “Tijdens mijn studie werkte
ik zelf in de horeca, dus ik ben
ervaringsdeskundige.” Bustan heeft
inmiddels een ruime ervaring in het
ontwerpen van interieurs voor hotels
voor zowel ketens als voor boutique
hotels in heel Europa.
Art Deco invloeden
De totale openbare ruimte is 600
vierkante meter, zij integreerde
maatwerk timmerwerk in de
afscheidingen voor wat zij “smart
spacing” noemt die ook zorgen voor
intimiteit in combinatie met de
typische dinerbanken. Het gehele
hotel (Bustan ontwierp naast de bar
en het restaurant ook de 176 kamers,
gangen, wc’s, patio, lounge en de
lobby van VIA Antwerp) is in een stijl
uitgevoerd met opnieuw ontworpen
Art Deco accenten die goed
passen bij de buurt waar het hotel
ligt; Zurenborg. “De buurt heeft veel
gebouwen in deze stijl en ik wilde in
het interieur de typische ronde vormen
en grafische elementen van Art
Deco laten terugkeren, maar in een
moderne interpretatie. Antwerpen
heeft voor veel buitenlanders een
belegen, suffe reputatie en dat wilde
ik tegenspreken met dit ontwerp:
het is een levendige havenstad met
een beetje brutale houding en dat
zie je terug in dit hotel.” De eigenaar
wilde de buurt letterlijk en figuurlijk
Interieurarchitect Studio Merav Bustan, Berlijn
Tegels begane grond en toiletten Tonalite Tiles
Vloerbedekking begane grond Plusfloor click-LVT
Plinten en lijsten op de begane grond en in de hotelkamers Orac
Maatwerk tapijt in restaurant en in de vergaderkamer Bringtons
Verlichting van de lobby Lee Broom (model Orion)
Inlegwerk van houten tafelbladen en bar counter Florim
keramische tegels
naar binnen halen en daarom kozen
we voor het ophangen van werk
van lokale kunstenaars die passen
bij de moderne, levendige gasten en
buurtbewoners. “Ik zie hierin ook de
toekomst van hotels: niet alleen een
plek om te overnachten, maar ook
om van het leven te kunnen genieten
samen met de lokale bevolking.
Een soort community center. Na
de pandemie willen we weer meer
contact met elkaar, maar dan wel op
een spannende en bijzondere manier.
Daar leent VIA Antwerp zich bij
uitstek voor.”
FOTO ONDER
Zowel de hotelgasten
als de buurtbewoners
voelen zich hier thuis.
Hotel VIA Antwerp Antwerpen
opgeleverd
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
53
opgeleverd
Hotel VIA Antwerp Antwerpen
FOTO BOVEN
De gang is bewust
donker uitgevoerd,
als een portaal naar
verrassende ruimten.
FOTO ONDER
Art Deco invloeden zijn
ook goed zichtbaar in
de toiletruimte beneden.
Visuele verrassing
Bustan werkte eerder onder andere
als set designer voor filmproducties
en als visual merchandiser. De
ruimten in het hotel, van de bar tot
de wc’s en de gangen, zijn dan ook
zo ontworpen dat ze voor een visuele
verrassing zorgen, zeker bij de eerste
aanblik. “Ik heb de ruimten ontworpen
als ensceneringen, de gangen zijn
vrij donker en vol spanning uitgevoerd,
ze werken als een soort tijdmachine
naar een volgende ervaring, of
dat nu de hotelkamer, de lounge, de
bar of het restaurant is. Een bijzondere
beleving ervaren is het hoogste
goed in deze tijd, niet het bezitten
en tonen van een luxe product of
object. We hebben gestreefd naar een
bijna kinderlijke verwondering bij de
gasten en bezoekers van het hotel.”
De kamers zijn vol afgeronde vormen
en expressieve vormgeving maar
niet te wild in contrasten of kleuren:
“Hotelkamers zijn ook bedoeld om in
te ontspannen na de aankomst. Ik heb
een balans gezocht tussen rust en dramatiek
voor de hotelgasten.” Ze weet
ook uit ervaring dat de medewerkers
een essentieel onderdeel vormen van
de hotelbeleving: “Het bier dat men
schenkt is overal hetzelfde, de mensen
die er werken en met wie je omgaat
tijdens het verblijf bepalen hoe je
het verblijf herinnert. Samen met de
eigenaar en het team hebben we een
personage bedacht die de doelgroep
van het hotel belichaamt, wat mij
weer hielp met het ontwerpen van
de inrichting.” Ze ziet beleving door
het gehele hotel als het antwoord
op de vraag van de eigenaar: “Het is
een Brand Creation Process geweest,
waarbij de ruimten niet losgezongen
zijn van de context. Dat het functioneert
blijkt uit de mensen die er nu al
terugkeren en de lokale evenementen
die er plaatsvinden. De verbinding
54
Hotel VIA Antwerp Antwerpen
tussen het hotel en de omgeving is
gelukt, dat maakt me blij.”
Uitgebreide puzzel
Als designer is het volgens haar van
belang om te weten welke mensen
er verblijven in de ruimten: “Dat
heeft invloed op de beleving van
licht, akoestiek, op de prikkeling van
alle zintuigen. Een ontwerp gaat dan
ook veel verder dan een mooi plaatje
maken; het is een uitgebreide puzzel
waarin alle stukjes precies moeten
passen.” Daarbij moet er een evenwicht
worden gevonden tussen kosten,
budget en originaliteit. “We zijn
bijvoorbeeld op zoek gegaan naar een
relatief eenvoudige wandtegel waar
we een eigen patroon op konden
laten aanbrengen zonder te hoge
kosten. Hotels hebben post-Covid
lagere budgetten om te besteden, in
alle geledingen. Dus verwelkomden
we als studio de gelegenheid om
naar slimme oplossingen op zoek te
gaan die niet te duur en eenvoudig
te onderhouden zijn en een lange
levensduur hebben.” De ruimte
beneden had slechts twee plekken
met daglicht, dus ook in de verlich-
ting moest er slim, kostenbewust en
toch creatief worden gewerkt. Ook
bij de keuze voor vloeren: LVT dat
niet oogt of aanvoelt als kunststof in
uiteenlopende patronen, van simpele
planken tot houten visgraat als decor
van het LVT als bepalende elementen
voor de layout.
Inspireren
Als grootste uitdaging zag Bustan
het inspireren van betrokkenen om
mee te denken met het ontwerp en
ook mee te bewegen. “Neem zoiets
als ventilatie: een saai maar essentieel
onderdeel van de ruimten. Vaak
verpest een dergelijke installatie het
FOTO BOVEN
De studio ontwierp
eveneens de 176
kamers van het
hotel.
FOTO ONDER
Het werk van lokale
kunstenaars siert de
wanden.
opgeleverd
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
55
Hotel VIA Antwerp Antwerpen
opgeleverd
FOTO BOVEN
Een bijna
perfecte
symmetrie
in de bar.
FOTO
LINKSONDER
De interieurarchitect
Merav Bustan.
FOTO
RECHTSONDER
De ruimten
beneden zijn
ontworpen met
het hotelteam in
gedachten.
ontwerp. In dit geval hebben de
eigenaar, de aannemer, de architecten
en de timmerlieden meegedacht over
het onopvallend wegwerken, het
naadloos integreren van de installatie.
Het was niet de goedkoopste oplossing,
maar wel de mooiste, zo vond
iedereen.” Alle betrokkenen wilden
echt meewerken aan het mooiste
resultaat van de inrichting binnen
de grenzen van het budget. Daarom
vallen de akoestische plafondpanelen
in de ruimten ook niet op. “Het
was geen gedachte achteraf, maar
tijdens het ontwerpproces actief
samenwerken. Zo werk ik het liefst.”
Negentig procent van de inrichting
van VIA Antwerp is op maat gemaakt
zonder de kosten te overschrijden.
“Ik ben zelf bij de meubelfabrikanten
langsgegaan om wijzigingen in
de modellering te bespreken. Ieder
detail moest perfect passen binnen
het totale ontwerp.” Het was van
oorsprong al een hotel, maar totaal
verschillend van stijl en inrichting:
alles is daarom gestript en opnieuw
gebouwd, niets van het origineel
is bewaard gebleven. Toch is er een
gevoel van historie in de ruimten.
Bustan glimlacht: “De vibe is vintage,
maar de inrichting is dat zeker niet.”
Veelzijdigheid is vereist
Ze glimlacht opnieuw bij de vraag
hoe ze haar signature style, haar
handtekening als designer, zou willen
omschrijven: “Die vraag krijg
ik vaker en is er een gezien vanuit
het standpunt van ontwerpen voor
particulieren, vind ik. Als hospitality
designer heb ik geen terugkerende
designstijl, ik moet veelzijdig zijn.
Een herkenbare stijl werkt dan
eerder belemmerend. Ik heb wel een
rode draad in mijn ontwerpen: het
verbinden van ruimten tot een geheel
met cohesie. Zo naadloos mogelijk,
het mag de gast of bezoeker niet
opvallen. De wanden, de vloeren, de
plafonds, van ruimte tot ruimte, alles
is met elkaar verbonden en niets is
toevallig. Het is meer de designtaal
dan de designstijl die mijn ontwerpen
kenmerkt, denk ik. Ik zie een
ontwerp als een schilderij: ik maak
het, verkoop het en het hangt aan de
muur bij de eigenaar. Het is niet meer
van mij. Maar ik ga vaak zelf terug
naar de hotels die ik heb ontworpen,
om er te logeren. Om te zien hoe het
loopt, hoe het gaat met de mensen
met wie ik heb samengewerkt. Je
kent elkaar, bent bevriend geraakt.
Het is als thuiskomen.” Hoe kijkt zij
als designer naar trends? “Ik zie het
als een haakje waar je iets aan kunt
ophangen, meer niet. Trends zijn niet
duurzaam en voegen eigenlijk niets
toe aan een ontwerp, zeker niet wanneer
het bedoeld is om lang mee te
gaan.” Een trend waar ze echt moeite
mee heeft is het volledig ontwerpen
via AI. “Iedereen mag zich interieurdesigner
noemen, in tegenstelling
tot architect. Het maakt me gek: ik
zie zoveel flutontwerpen voorbij
komen van zelfbenoemde designers,
die nooit uitgevoerd kunnen worden.
Het ondermijnt het vak van designer.
Deze zelfbenoemde ontwerpers
hebben geen flauw benul van
akoestiek, van verlichting of van de
technische kennis die vereist is voor
dit werk. Bescherm het beroep. Ook
ik gebruik AI als gereedschap bij het
schetsen of renderen, maar wees er
voorzichtig mee. Het maakt dingen
die niet kunnen en die niet bij elkaar
passen. Het is een stuk gereedschap,
meer niet.”
mbdesign.studio
56
opgeleverd
Hotel VIA Antwerp Antwerpen
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
57
INTERVIEW Femke Feenstra
‘Architectuur lost de
zorgcrisis niet op, maar
kan wel ruimte maken
voor verandering’
Femke Feenstra
INTERVIEW
De zorg staat onder druk. Personeelstekorten lopen
op, kosten rijzen de pan uit en de vraag naar zorg
groeit sneller dan het aanbod. Architecten hebben
geen pasklare oplossing voor die problemen. Maar, zo
is de overtuiging van Femke Feenstra, directeur van
Gortemaker Algra Feenstra, de gebouwde omgeving
kan wél degelijk bijdragen aan gezondere cliënten,
tevredener medewerkers en een zorgsysteem dat beter
bestand is tegen de toekomst. In Rotterdam spreken we
haar uitgebreid over de rol van architectuur in de zorg,
over onderzoek als motor voor vernieuwing, over de
weerbarstige werkelijkheid van aanbestedingen en over
wat een politiebureau en een ziekenhuis onverwacht met
elkaar gemeen hebben.
FOTO RECHTERPAGINA
Femke Veenstra: “Wil
je gezondere cliënten?
Wil je personeel
behouden? Wil je
efficiënter werken?
Pas daarna kijken we
wat dat betekent voor
ruimte.”
Jullie bemoeien je – op een goede manier –
als architecten nadrukkelijk met de zorginhoud.
Waar komt die houding vandaan?
“Die betrokkenheid zit diep in het DNA van het
bureau. We bestaan al ruim honderd jaar en zijn
inmiddels zo’n zestig jaar actief in de zorg. Het eerste
ziekenhuisproject dat hier werd gedaan was het Clara
Ziekenhuis in Rotterdam, in de jaren zestig en sindsdien
is zorg nooit meer een bijzaak geweest. Die lange
geschiedenis betekent dat er hier enorm veel kennis is
opgebouwd over hoe zorg zich ontwikkelt, hoe organisaties
veranderen en wat dat vraagt van gebouwen”
Maar het is niet alleen historisch bepaald,
het lijkt ook iets persoonlijks.
“Dat klopt. Mijn eigen fascinatie komt voort uit hoe
mensen ruimte beleven. Niet alleen met hun ogen,
maar met al hun zintuigen. In de zorg is dat extra relevant,
omdat mensen daar vaak kwetsbaar zijn. Iemand
met psychische problemen ervaart ruimte anders dan
iemand die lichamelijk herstelt van een operatie. Dat vraagt
om nuance, om aandacht, om maatwerk. Die gelaagdheid
heeft me altijd aangesproken.”
Wanneer werd onderzoek een structureel onderdeel
van jullie werk?
“Dat moment viel samen met mijn aantreden als directeur.
Ik vond het niet meer logisch om alleen maar projecten
te doen zonder systematisch terug te kijken: wat werkt nu
eigenlijk? Wat draagt aantoonbaar bij aan herstel, aan welzijn,
aan werkplezier? Toen hebben we besloten om onderzoek
echt te verankeren in het bureau. Inmiddels lopen er
altijd meerdere onderzoeken tegelijk.”
Welke onderzoeken zijn dat concreet?
“Een belangrijk onderzoek richt zich op het reactiverend
ziekenhuis. Dat gaat over het stimuleren van beweging en
activiteit bij patiënten, zodat ze sneller herstellen en fitter
naar huis gaan. We doen evaluatieonderzoek bij opgeleverde
afdelingen, maar kijken ook vooruit: hoe zorg je ervoor dat
reactiveren al in de programmafase wordt meegenomen?
Niet als losse ambitie, maar als leidend principe. Daarnaast
doen we onderzoek naar woonomgevingen voor ouderen,
onder meer vanuit de Woonzorg Challenge. Het gaat
dan om mensen die ouder worden, maar zo lang mogelijk
zelfstandig willen blijven wonen. De klassieke verzorgingshuizen
zijn verdwenen, maar de behoefte aan nabijheid, veiligheid
en sociale verbinding is er nog steeds. Hoe ontwerp
je een woonomgeving die dat faciliteert zonder betutteling?
Een derde onderzoekslijn richt zich op de wisselwerking
tussen zorg en technologie. Technologie is geen losstaand
hulpmiddel, maar werkt altijd samen met gebouw en
organisatie. Zeker in de dementiezorg of bij reactiverende
ziekenhuizen is dat onlosmakelijk verbonden.”
Waarom is dat onderzoek zo belangrijk voor
jullie praktijk?
“Omdat we niet op onderbuikgevoel willen ontwerpen.
Onderzoek en projecten voeden elkaar continu, de
58
TEKST Bas Hakker
FOTOGRAFIE Gortemaker Algra Feenstra
INTERVIEW
Femke Feenstra
‘Mijn eigen
fascinatie komt
voort uit hoe
mensen de
ruimte beleven’
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
59
Femke Feenstra
INTERVIEW
FOTO ONDER
In het Arnhemse
Rijnstate staat
reactiveren
centraal.
wisselwerking maakt het interessant. Uit projecten
halen we data en ervaringen, die gebruiken we in
onderzoek, en de inzichten uit onderzoek nemen we
weer mee terug de praktijk in.”
Het reactiverend ziekenhuis is inmiddels een
bekend begrip. Dat was tien jaar geleden
anders.
“Toen wij ermee begonnen, kwam het nauwelijks voor
in programma’s van eisen. Nu zie je het bijna overal
terug. Dat vind ik een mooie ontwikkeling, al doen wij
dat natuurlijk niet alleen. Wat veranderd is, is dat afdelingen
niet meer automatisch rondom het bed worden
georganiseerd. Patiënten worden gestimuleerd om eruit
te komen, om te bewegen, om elkaar te ontmoeten.
Dat vraagt om andere plattegronden, andere zichtlijnen,
andere plekken.”
En dat levert aantoonbaar iets op?
“Ja. In projecten zoals bij Rijnstate krijgen we terug
dat patiënten zich prettiger voelen en personeel minder
hoeft te 'organiseren'. Als een omgeving uitnodigt
tot beweging en ontmoeting, ontstaan die activiteiten
vanzelf. Dat scheelt werkdruk en verhoogt de kwaliteit
van zorg.”
Opdrachtgevers zien die meerwaarde niet
altijd meteen, toch?
“Niet altijd meteen. Veel opdrachtgevers starten vanuit
een strak programma van eisen. Wat wij dan doen, is
dat programma even parkeren en eerst de vraag stellen:
wat wil je nou écht bereiken? Wil je gezondere
cliënten? Wil je personeel behouden? Wil je efficiënter
werken? Pas daarna kijken we wat dat betekent voor
de ruimte.”
Hoe krijg je die gesprekken op gang?
“Met workshops. We hebben per sector – ziekenhuizen,
wonen met zorg, onderwijs – speciale workshopboxen
ontwikkeld. Met kaarten, beelden en woorden
brengen we ambities letterlijk in beeld en leggen dat
samen vast in een conceptbord. Dat bord blijft het hele
proces meegaan. Zelfs in de technische ontwerpfase
kijken we: doen we nog recht aan wat we toen hebben
afgesproken?”
Je ziet daarin ook een verschuiving richting
aandacht voor personeel.
“Zeker. De personeelstekorten zijn zo groot dat
opdrachtgevers zich steeds meer realiseren: als we mensen
willen vasthouden, moeten we beter voor ze zorgen.
Dat zit in daglicht, in logische looplijnen, in buitenruimte,
maar ook in heel praktische dingen. Een plek
om je even terug te trekken, om rustig verslag te doen,
om je fiets op te laden. Het zijn geen luxe-eisen, maar
randvoorwaarden.”
Jullie zien zelfs de terugkeer van
personeelswoningen.
“Ja, verpleegappartementen op of nabij het ziekenhuisterrein.
Dat klinkt ouderwets, maar komt terug als
secundaire arbeidsvoorwaarde. Het laat zien hoe urgent
het probleem is.”
Zakelijk gezien is de zorg een lastige sector.
Alles draait om aanbestedingen.
“Dat klopt. Vrijwel elk project gaat via een aanbesteding,
openbaar of via een beperkte selectie. Elke
aanbesteding is anders, met andere eisen, andere
referentiekaders. Je investeert veel tijd en geld in een
inschrijving, zonder garantie op succes. Soms gaan daar
tonnen in zitten.”
‘Als een omgeving mensen
helpt om zich beter te
voelen, om beter te werken,
om sneller te herstellen,
dan heb je als architect
echt iets bijgedragen.’
60
Wat maakt dat zo ingewikkeld?
“De eisen verschillen enorm. De ene keer mogen
referenties drie jaar oud zijn, de andere keer vijf of tien.
Soms wordt kwaliteit zwaar meegewogen, soms lijkt
prijs doorslaggevend. En als je afvalt, is de feedback
vaak beperkt. Dan vraag je je af: waar zat het verschil
precies?”
Dat voelt niet altijd als de beste manier om
kwaliteit te selecteren.
“Nee. Uiteindelijk gaat het vaak om relatief kleine
verschillen in honorarium, terwijl architectuur maar
een klein deel is van de totale bouwkosten. Dan zou je
zeggen: kies de partij die het beste past bij je visie. Want
een goed ontworpen gebouw betaalt zich terug in
gebruik, flexibiliteit en tevredenheid. Het is belangrijk
om goed samen te werken met opdrachtgevers
en lange relaties te hebben door de jaren heen zodat
je echt mee kan denken over de ontwikkeling van de
zorg. Deze opdrachtgevers zijn voor ons van grote
waarde.”
stellen. Bezoekers komen daar vaak gespannen binnen.
Dat principe - hoe zorg je dat iemand zich niet verloren
of bedreigd voelt - passen we één op één toe in ziekenhuizen.
Dat begint al in de parkeergarage: hoe loop je naar
binnen, hoe word je begeleid, hoe voorkom je stress?”
Die kruisbestuiving werkt ook andersom?
“Absoluut. Van politiebureaus leren we veel over backoffice-logistiek
en veiligheid. Die kennis nemen we
weer mee naar ziekenhuizen, waar logistiek minstens zo
complex is. Zo versterken verschillende projecten elkaar
continu.”
Zijn er zorggebieden waar je graag meer zou
willen doen?
“De psychiatrie. Daar gebeurt relatief weinig, terwijl de
behoefte groot is. Het zijn vaak verouderde gebouwen,
terwijl deze doelgroep extra gevoelig is voor hun omgeving.
Buitenruimte, rust, keuzevrijheid, afstand kunnen
nemen, dat is daar cruciaal. Ik vind het jammer dat daar zo
weinig in wordt geïnvesteerd.”
FOTO BOVEN
Femke Feenstra:
“In een
politiebureau
draait het om
veiligheid, maar
ook om mensen
op hun gemak
stellen. Bezoekers
komen daar
vaak gespannen
binnen.”
Femke Feenstra
INTERVIEW
Jullie werken ook buiten de zorg,
bijvoorbeeld aan politiebureaus.
Wat leer je daarvan?
“De continue kennisuitwisseling tussen verschillende
soorten projecten maakt het bijzonder interessant. Je
leert van de ene discipline en kunt die inzichten weer
toepassen in een andere. In een politiebureau draait het
om veiligheid, maar ook om mensen op hun gemak
Tot slot: wat drijft je om hier zo intensief mee
bezig te blijven?
“De overtuiging dat architectuur ertoe doet. Niet als
oplossing voor alles, maar als stille kracht. Als een omgeving
mensen helpt om zich beter te voelen, om beter te
werken, om sneller te herstellen, dan heb je als architect
echt iets bijgedragen. En zeker in de zorg is dat de moeite
meer dan waard.”
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
61
EEN MODULAIR
ROOM-IN-ROOMCONCEPT
WAAR JE THUIS
KOMT OP KANTOOR
PAZIO is een modulair room-in-roomconcept, dat zich
laat samenstellen en integreren in kantoorprojecten
met ontwerpvrijheid voor de interieurarchitect. Van
overlegplek tot concentratieruimte en een informele
ontmoetingszone – de modulaire opbouw maakt het
systeem makkelijk te integreren in uiteenlopende
interieurconcepten en voegt zich naar de behoefte van
de klant en mogelijkheden van de ruimte. PAZIO biedt een
hoogwaardige oplossing voor hybride werkomgevingen
waarin flexibiliteit en sfeer centraal staan.
Plan Effect heeft PAZIO ontwikkeld vanuit de jarenlange
ervaring met het creëren van werkruimtes waar esthetiek,
akoestiek en gebruikscomfort samenkomen.
PLANEFFECT.NL/PAZIO
INTERVIEW Jeroen de Willigen BNA-voorzitter
‘Je kan geen
wedstrijd winnen
met elf Ronaldo’s’
Jeroen de Willigen BNA-voorzitter
INTERVIEW
Vier op de tien architectenbureaus beoordelen de marktsituatie als goed en de helft als
redelijk. Daarmee blijft het beeld stabiel en gematigd positief ten opzichte van het voorjaar.
Dat blijkt uit de BNA Conjunctuurmeting najaar 2025, uitgevoerd door Panteia in opdracht
van de Koninklijke Bond van Nederlandse Architectenbureaus. Op papier lijkt de sector
er dus solide voor te staan. Tegelijkertijd klinkt achter die cijfers een ander verhaal: een
verhaal van grote maatschappelijke opgaven, stroperige processen, personeelstekorten en
een sector die zoekt naar nieuwe vormen van samenwerking en vertrouwen.
De woningnood is hoog, de verduurzamingsopgave urgent
en de ruimtelijke claims stapelen zich op. Architecten bevinden
zich midden in dat krachtenveld. Wat zegt de
conjunctuurmeting nu echt over de staat van het vak? En
wat is er nodig om de bouwproductie structureel te versnellen?
We spreken BNA-voorzitter Jeroen de Willigen over
schaal, samenwerking, vertrouwen en de rol van de architect
in een systeem dat piept en kraakt.
De uitkomsten van de conjunctuurmeting zijn
stabiel en voorzichtig positief. Herken jij dat
beeld?
‘‘Ja, dat herken ik wel. Over het algemeen gaat het architectenbureaus
redelijk tot goed. Er is veel werk en de vraag
is onverminderd groot. Dat geeft een zekere basis en ook
vertrouwen. Tegelijkertijd is het geen uitbundig optimisme.
De opgaven zijn groot, maar de omstandigheden waarin we
moeten werken zijn complexer geworden. Dat zorgt voor
een gematigde toon.’’
Waar zit die terughoudendheid dan vooral in?
‘‘Die zit niet zozeer in de hoeveelheid werk, maar in de
uitvoerbaarheid ervan. Projecten komen moeizaam van de
grond. Procedures duren lang, vergunningstrajecten lopen
vast en capaciteit ontbreekt op cruciale plekken. Dat maakt
dat de energie die we in projecten stoppen niet altijd leidt
tot tempo of voortgang. Dat voelt wrang, juist omdat de
urgentie zo hoog is.’’
Je noemt capaciteit. Is dat een probleem dat
vooral bij de overheid ligt?
‘‘Nee, het is breder dan dat. Natuurlijk zien we bij overheden
een tekort aan mensen die plannen beoordelen, bege-
leiden en toetsen. Maar hetzelfde geldt voor de bouwsector
zelf, voor opdrachtgevers én soms ook voor architectenbureaus.
De hele keten staat onder druk. Iedereen is maximaal
bezet. Dat betekent dat we anders moeten gaan werken,
slimmer en efficiënter, omdat simpelweg opschalen met
mensen geen realistische oplossing meer is.’’
Wat bedoel je precies met slimmer werken?
‘‘Slimmer werken betekent niet alleen digitaliseren of
processen versnellen, maar vooral beter samenwerken. We
zijn in Nederland heel goed geworden in het organiseren
van deelbelangen. Iedereen bewaakt zijn eigen stukje, zijn
eigen verantwoordelijkheid, zijn eigen vinkjes. Daardoor
verliezen we de integrale afweging uit het oog. De vraag of
je hier iets kunt inleveren om daar iets te winnen, wordt te
weinig gesteld.’’
Is dat ook een kwestie van vertrouwen?
‘‘Zeker. Het vertrouwen tussen partijen heeft een deuk
opgelopen na de financiële crisis van 2008 en is eigenlijk
nooit volledig hersteld. Sindsdien is iedereen voorzichtiger
geworden, risicomijdender. Dat zie je terug in contracten,
in procedures en in samenwerkingen. Iedereen wil zich
indekken. Begrijpelijk, maar het werkt verlammend want je
kan geen wedstrijd winnen met elf Ronaldo’s.’’
Je moet samenwerken…
‘‘Het bouwproces bestaat uit allemaal sterke spelers:
opdrachtgevers, aannemers, architecten, overheden. Maar
als iedereen alleen voor zichzelf speelt, win je geen wedstrijd.
Dan mis je samenhang, afstemming en ritme. Samen
spelen betekent ook dat je elkaar iets gunt en soms een stap
terugdoet voor het grotere geheel.’’
64
TEKST Bas Hakker
FOTOGRAFIE BNA
Welke rol zie jij daarin voor de architect?
‘‘Architecten hebben een unieke positie. Wij zitten relatief
vrij in het proces, met minder directe financiële belangen
dan andere partijen. Daardoor kunnen we inhoudelijk sturen,
verbinden en uitleggen. We kunnen belangen zichtbaar
maken en tegen elkaar afwegen. Dat is misschien wel een
van de belangrijkste kwaliteiten van het vak, zeker in deze
tijd.’’
Toch hoor je vaak dat de overheid zelf de grootste
rem is. Hoe kijk jij daarnaar?
‘‘Dat is inderdaad een belangrijke factor. Na de financiële
crisis zijn we projecten steeds kleiner gaan maken. Dat leek
logisch: minder risico, meer overzicht, maar het gevolg
is dat we gebieden zijn gaan opdelen in tientallen kleine
projecten. Nu hebben we haast en weinig mensen, maar
durven we niet meer op te schalen. Terwijl het proces voor
een klein project vaak net zo zwaar is als voor een groot.’’
Je pleit dus voor grotere projecten en
meer schaal?
‘‘Ja, absoluut. Of je nu dertig of drieduizend woningen
bouwt, de procedures zijn grotendeels hetzelfde. Dan is het
inefficiënt om alles klein te houden. Door groter te denken,
kun je met minder partijen meer realiseren. Dat scheelt
overleg, afstemming en tijd.’’
Kun je een concreet voorbeeld geven waar die
manier van samenwerken al werkt?
‘‘Ja, een goed voorbeeld is de manier waarop woningcorporatie
Ymere samenwerkt met vaste bouw- en ontwerpteams
in gebiedsontwikkelingen. Daar worden meerjarige
afspraken gemaakt met aannemers, architecten en soms
ook beleggers. Niet per project opnieuw onderhandelen,
maar werken vanuit continuïteit. Dat zorgt voor rust in
het proces en maakt het mogelijk om sneller te schakelen.
Iedereen kent elkaars rol, belangen en werkwijze. Je ziet
dat projecten daardoor daadwerkelijk van de grond komen,
ondanks de complexiteit en druk op de sector.’’
Er wordt vaak gezegd dat grote projecten
onmenselijk worden. Hoe zie jij dat?
‘‘Dat is een misvatting. Kijk naar de wijken die begin
vorige eeuw zijn gebouwd, bijvoorbeeld in Amsterdam
Plan Berlage, waar ze aan het begin van de vorige eeuw
best grote projecten hebben gemaakt. Dat zijn grootschalige
projecten, ontworpen door één architect of één bureau
en ze zijn nog steeds geliefd. Ze zijn menselijk, leefbaar en
waardevol. Groot hoeft niet kil te zijn, zolang er visie en
samenhang is.’’
‘Architecten zijn hard nodig,
misschien wel harder dan ooit’
Hebben architectenbureaus die schaal vandaag de
dag nog in huis?
‘‘Ja, daar ben ik van overtuigd. Nederland heeft veel sterke
bureaus, groot en klein. Bovendien zijn architecten flexibel. Als
de opgave daarom vraagt, organiseren we ons anders. We werken
samen in combinaties, delen kennis en capaciteit. Het vermogen
is er. Wat ontbreekt, is vaak de ruimte en de continuïteit om het
goed te doen.’’
Continuïteit lijkt een sleutelbegrip in jouw verhaal.
Waarom is dat zo belangrijk?
‘‘Omdat langdurige samenwerking leidt tot vertrouwen en
lerend vermogen. Als je weet dat je tien jaar met elkaar verder
moet, ga je anders met elkaar om. Dan durf je opener te zijn,
eerlijker over kosten en belangen. Dat versnelt het proces uiteindelijk
enorm.’’
Zie je dat ook terug in de praktijk?
‘‘Ja, er zijn goede voorbeelden waar langjarige afspraken tussen
aannemers, corporaties en beleggers leiden tot voorspelbaarheid
en snelheid. Daar zie je dat projecten daadwerkelijk gerealiseerd
worden. Dat soort samenwerking zouden we vaker moeten
toepassen.’’
Wat betekent dit alles voor de toekomst van
architectenbureaus?
‘‘Ik ben ondanks alles optimistisch. Architecten zijn hard nodig,
misschien wel harder dan ooit. Niet alleen als ontwerpers, maar
als verbinders en regisseurs in een complex speelveld. Als we erin
slagen om groter te denken, langer samen te werken en het vertrouwen
te herstellen, dan kunnen we echt verschil maken. De
cijfers uit de conjunctuurmeting laten zien dat de basis er is. Nu
is het zaak om die potentie ook daadwerkelijk te verzilveren.’’
FOTO BOVEN
Jeroen de
Willigen:
‘‘Groot hoeft
niet kil te zijn.’’
Jeroen de Willigen BNA-voorzitter
INTERVIEW
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
65
INTERVIEW Michael Parsser Kisch
‘Stilstaan is geen optie,
want dan besta je over
drie jaar niet meer’
Al meer dan 130 jaar beweegt Kisch mee met zijn tijd. Wat begon als een klassiek
familiebedrijf in meubelbeslag, is vandaag een moderne, efficiënte organisatie die
technologie omarmt zonder het persoonlijke contact los te laten. Sinds 2021 staat de vijfde
generatie aan het roer: Michael Parsser runt het bedrijf samen met zijn broer en zus. In dit
gesprek vertelt hij openhartig over overnemen zonder druk, moderniseren zonder de ziel
te verliezen en groeien in een markt waar producten vaak hetzelfde zijn, maar mensen het
verschil maken.
Michael Parsser Kisch
INTERVIEW
Het is een echt familiebedrijf want jouw vader
runde het sinds de jaren tachtig, maar was het
altijd vanzelfsprekend dat jij en je broer en zus
het zouden overnemen?
‘‘Nee, absoluut niet. Onze vader heeft ons daar nooit in
gepusht. Hij zei altijd: je moet doen wat je zelf wilt. We
hebben alle drie ook eerst in totaal andere richtingen
gewerkt. Ik ben uiteindelijk zo’n twaalf jaar geleden als
eerste in het bedrijf gekomen en eerlijk gezegd zat ik toen
zelf een beetje op een dood spoor. Ik dacht: laat ik mijn
energie eens stoppen in het bedrijf van mijn vader en dat
voelde goed. De markt trok net weer aan na een lastige
periode en die combinatie van nieuwe energie en een
positiever sentiment werkte. Drie jaar later kwam mijn
broer erbij en weer een aantal jaren daarna mijn zus. Zo is
het heel organisch gegaan.’’
Wat trof je aan toen je begon en wat moest er
volgens jou veranderen?
‘‘Het was allemaal wat stoffig en de sfeer op de werkvloer
kon ook wel iets beter. Dat klinkt misschien hard,
maar zo voelde het. Ik ben van nature iemand die veel
waarde hecht aan positiviteit en een goede werksfeer.
In de tweede week heb ik al dingen aangepast, gewoon
praktisch: beter organiseren, duidelijker communiceren,
mensen meer meenemen. Niet omdat alles slecht was,
maar omdat het altijd beter kan. Ik ben echt iemand van
de vloer, wil weten wat er speelt en dat werkte snel door
in het team. Zakelijk moest ik nog veel leren, maar qua
energie en cultuur kon ik meteen verschil maken.’’
Kisch verkoopt geen unieke producten; meubelbeslag
is overal te krijgen. Waar zit dan
jullie onderscheid?
‘‘Dat is precies de kern. Onze producten kun je inderdaad
ook bij grote spelers kopen dus dan moet je jezelf
afvragen: waarom zou een klant voor ons kiezen? Voor
mij zit dat in persoonlijk contact, service en kennis. Grote
bedrijven zijn vaak efficiënt, maar ook afstandelijk terwijl
wij benaderbaar zijn. Klanten kennen ons, weten wie ze
bellen en we lossen dingen op. Als prijs en product gelijk
zijn, kiezen mensen liever voor een familiebedrijf waar
ze zich prettig bij voelen. Dat verhaal zijn we ook bewust
meer gaan vertellen, online en offline. Niet schreeuwerig,
maar wel eerlijk. Dat was ook het verhaal dat we wilden
vertellen.’’
‘Iedereen op onze binnendienst heeft
minimaal vijf jaar in het magazijn
gewerkt. Ze kennen elk product
letterlijk uit hun handen en daardoor
kunnen ze klanten écht helpen’
Hoe heb je dat verhaal concreet naar buiten
gebracht?
‘‘In het begin vooral via social media, toen nog veel via
Facebook. Later kwamen LinkedIn, Instagram, nieuwsbrieven
en zelfs TikTok erbij. We maken bedrijfsvideo’s,
delen inkijkjes en doen elk jaar iets ludieks, zoals een
kerstfilm. Niet om grappig te doen om het grappig doen,
maar om te laten zien wie we zijn. We bestaan al meer dan
66
TEKST Bas Hakker
FOTOGRAFIE Kisch
130 jaar en dat is op zich al een verhaal. Vorig jaar hebben
we dat ook echt gevierd. Door zichtbaar te zijn, leren mensen
ons kennen vóórdat ze klant zijn. Dat helpt enorm.’’
Jullie concurreren met zowel miljardenbedrijven
als kleinere nichepartijen. Is
dat vol te houden?
‘‘Het is niet altijd makkelijk, maar het kan zeker. Aan de
ene kant heb je enorme internationale spelers, aan de
andere kant hele kleine specialisten. Wij zitten daar precies
tussenin. Architecten en interieurbouwers werken vaak met
vaste voorschriften en tekeningen. Als iets eenmaal is voorgeschreven,
gaan ze niet snel verder zoeken, maar we zien
dat we de laatste jaren juist groeien. Dat komt doordat we
blijven investeren: in assortiment, in kennis, in efficiëntie.
We verbeteren continu, zowel extern als intern. Stilstaan is
geen optie, want dan besta je over drie jaar niet meer.’’
Die interne verbeteringen gaan steeds verder,
onder meer met technologie en AI. Hoe ziet dat
eruit in de praktijk?
‘‘Logistiek is daar een goed voorbeeld van. Op onze oude
locatie hadden we zes man nodig om een bepaald volume
te draaien en nu doen we met drie man het dubbele. Dat
komt door een veel slimmer ingericht magazijn en het
gebruik van scanners. Als tien klanten hetzelfde scharnier
bestellen, hoef je niet tien keer naar hetzelfde vak te lopen.
Dat lijkt een kleine verandering, maar dat tikt enorm aan.
Daarnaast zijn we bezig met AI, bijvoorbeeld met een
chatbot die technische vragen kan beantwoorden, ook ’s
avonds. We hebben daar heel veel documentatie in gestopt.
Het idee is niet om persoonlijk contact te vervangen, maar
om het aan te vullen. Overdag spreken klanten onze mensen,
’s avonds kunnen ze toch geholpen worden.’’
Hoe zorg je dat die persoonlijke benadering
behouden blijft, zeker nu alles digitaler wordt?
‘‘Dat is een bewuste keuze. Wij blijven klanten bezoeken.
Misschien niet meer zo vaak als vroeger, maar wel gericht.
Eén of twee keer per jaar goed langsgaan, echt praten.
Daarnaast organiseren we veel: ontbijtsessies voor architecten,
events, zelfs sportieve activiteiten zoals padel. We gaan
naar beurzen zoals de Milan Design Week. Dat persoonlijke
netwerk is cruciaal en intern geldt hetzelfde. Iedereen op
onze binnendienst heeft minimaal vijf jaar in het magazijn
gewerkt. Ze kennen elk product letterlijk uit hun handen
en daardoor kunnen ze klanten écht helpen. Technologie
helpt ons sneller te zijn, maar mensen blijven het verschil
maken.’’
‘Zakelijk moest ik nog veel leren,
maar qua energie en cultuur kon ik
meteen verschil maken’
Hoe bewaak je als familiebedrijf de interne
cultuur nu jullie groeien en professionaliseren?
‘‘Dat vind ik misschien wel één van de lastigste én belangrijkste
dingen. Vroeger was alles automatisch persoonlijk omdat je
klein was en nu we groeien, moet je daar echt bewust moeite
voor doen. We hebben ongeveer twintig mensen werken en
dan wil je niet dat het anoniem wordt. Daarom organiseren
we nog steeds dingen samen. Met kerst doen we altijd iets,
in de zomer gaan we vaak naar een festival, en in de winter
zoeken we ook iets leuks uit. Elke vrijdagmiddag is het
krokettenmiddag, dat klinkt klein, maar dat soort rituelen zijn
belangrijk. Mensen blijven hangen, maken een praatje, leren
elkaar kennen. Je merkt dat dat nodig is, want het werk wordt
steeds efficiënter en digitaler. Dan is het juist belangrijk om
dat sociale stuk te blijven voeden. Uiteindelijk geloof ik echt
dat als de sfeer goed is, klanten dat ook merken. Het zit in
hoe de telefoon wordt opgenomen, hoe iemand meedenkt,
hoe problemen worden opgelost. Dat is niet in een proces
te vatten, dat zit in mensen. En daar blijven we bewust in
investeren.’’
Kijk je al vooruit naar een volgende generatie?
‘‘Daar denk je natuurlijk over na, maar het is nog ver weg.
Onze kinderen zijn nog jong. We zijn nu met z’n drieën
eigenaar, dat is al anders dan vroeger toen mijn vader alleen
was. De ambitie is er zeker om het bedrijf in de familie te
houden, maar hoe en wanneer, dat zien we later wel. Het
mooie is: net als bij ons hoeft niets te worden afgedwongen.
Als de volgende generatie het wil, dan is dat prachtig. Zo niet,
dan hebben we in ieder geval een gezond, toekomstbestendig
bedrijf neergezet en dat is misschien wel het belangrijkste.’’
FOTO BOVEN
Een echt
familiebedrijf:
Michael (tweede
van links) met
zijn broer, zus en
vader.
Michael Parsser Kisch
INTERVIEW
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
67
BEURZEN Destination Design 2026
Destination Design 2026
bewijst dat vakbeurzen nog
steeds een toekomst hebben
Destination Design 2026
BEURZEN
Van 18 tot en met 20 januari 2026 vond in het Klokgebouw
in Eindhoven Destination: Design 2026 plaats. Deze
compacte beurs heeft al meerdere edities achter de
rug, deze keer was de stemming in de vier overzichtelijke
hallen van het voormalige fabrieksgebouw
echt opgewekt. Geen geringe prestatie in onzekere
geopolitieke en economische tijden, maar wie door
de hallen liep, de vele nieuwe modellen bekeek en in
gesprek raakte met de aanwezige jonge ontwerpers
(een gouden greep van de organisatie) werd vanzelf
aangestoken door het enthousiasme.
FOTO ONDER
Artifort F507
jubileumeditie.
Marieke van den Berg sprak als een van de initiatiefnemers
van Destination Design over het idee achter deze beurs:
“We hebben destijds de koppen bij elkaar gestoken omdat
we een alternatief nodig hadden voor IMM Keulen. We
zagen dat wat ons als initiatiefnemers verbond onze liefde
voor design is. Zonder design als idee is er niks. Ik ben
ook blij dat we in Eindhoven staan; dit is de designstad bij
uitstek. Hier worden ook jonge designers opgeleid. We
hebben deze keer nadrukkelijk jonge designers betrokken
bij de beurs. Ze werken samen met exposanten of tonen
wat ze in opdracht van exposanten hebben ontworpen.”
Ze ziet de beurs als een soort gezamenlijke huisshow:
“Zonder toegangsprijs, gratis catering, alles om interieur-
professionals zich welkom te laten voelen. We willen ieder
jaar beter worden en vernieuwen. Dat misten we destijds
bij veel andere evenementen.“
Selectief en gecontroleerd groeien
Op de vraag wat nu het businessmodel achter de beurs is
antwoordt zij: “We willen vooral inspireren, zonder direct
commercieel gewin. Wat we verdienen stoppen we in de
pot voor de volgende editie. We richten ons op designers,
architecten, stylisten, inrichters, opdrachtgevers en retailers,
kortom interieurprofessionals, uit Nederland, België en
Duitsland. Duitse bezoekers willen we nog actiever gaan
benaderen om hier te komen.” Is er een ambitie om te
groeien in omvang? “Ja, maar gecontroleerd en selectief.
We willen kijken naar andere gebouwen op dit terrein
voor een eventuele uitbreiding, want het Klokgebouw is
vol. En we moeten dus selectiever worden: een creatieve
grondslag voor een model telt zwaarder mee dan meeliften
op een trend. Het is geen lijst die we aftikken, maar we
kunnen dus nee zeggen. We hebben geen zin in een hal
vol kopieën van elkaar.” Zij gelooft ook in het minder
afval genereren door het volledig integreren en optimaliseren
van de productieketen en dit is een gedachte die alle
exposanten met elkaar delen. “Net als het bieden van een
podium aan jonge designers. Omarm hen, zij zijn de toekomst
van onze industrie.” Naast de beurs zelf was er ook
een programma met designstudio’s in Eindhoven die open
waren voor bezoekers: Design Open. “Ga vooral kijken
wanneer je hier de merken hebt gezien. Wat daar te zien is
vult heel mooi aan op wat hier staat.”
Kasten met magneten
De Duitse merken COR en Kettnaker hadden een
gezamenlijke stand, waarbij Kettnaker een modulair
kastensysteem met magnetische panelen toonde (CASE):
zo kan men zelf een kast samenstellen. Het model wat
werd getoond had een golvend oppervlak en was een
echte blikvanger. Lukas Heintschel is een jonge designer
uit München die voor het merk een gestoffeerde sidetable
(SOUP) en een opvallend magazinerek heeft ontworpen.
Liselot Cobelens ontwierp in samenwerking met CS Rugs
een wandkleed dat een rivierlandschap van bovenaf gezien
is, met hoogteverschillen en kleurgradaties. Het werk heet
Terra Brabant en is aangekocht door de provincie Noord-
68
TEKST
Ingmar van der Hoek
Brabant. CS Rugs trok aandacht met glinsterende
elementen in meanderende karpetten (Jewel). Arco
heeft het bekende en succesvolle modulaire kastenprogramma
Vision van Karel Boonzaaijer en Pierre
mazairac gedigitaliseerd in een configuratieprogramma
voor designers. Nu is het nog eenvoudiger om een
gewenste samenstelling van elementen te maken en te
presenteren aan opdrachtgevers.
Evergreens en jong talent
Gelderland/Pastoe toonde heruitgaven van bekende
modellen: de Amsterdammer kast, de Zwaan van
Gerrit Rietveld (gestoffeerd in fel oranje). Maar ook
een nieuwe elementenbank van Roderick Vos: City
Sofa. De naam slaat op het eenvoudiger transporteren
van het meubel door de nauwe gangen en smalle
trappenhuizen van stadsappartementen. Dirk Duif is
het jonge talent dat werd ontdekt tijdens de Dutch
Design Week en nu voor Gelderland een kandelaar
maat die is opgebouwd uit stalen stoeltjes van 10 x 5
cm die stapelbaar op elkaar kunnen worden gelast tot
iedere willekeurige vorm, voor op tafel of aan de wand,
gelakt in iedere gewenste kleur. Montis is nu een deel
van de Artifort/Lande groep en dit werd gevierd met
de bank Domino 18 Curved ontworpen door Dick
Spierenburg. De welvende vorm geeft deze bank een
bijzondere uitstraling die zowel thuis als in een lobby
prima past. De nieuwe Muffin stoel is net als het cakeje:
hard van buiten, zacht van binnen. Deze eetkamerstoel
zit geriefelijk en kan gestoffeerd worden met nieuwe
textiel- of leerkwaliteiten. De F507 van Artifort heeft
een jubileumeditie waarbij zitting en rug zo subtiel
zijn gecapitonneerd dat men er niets van merkt tijdens het
zitten. Max Lipsey ontwierp voor Montis de glazen tafel
Perry in opvallende kleuren en met een bijzonder geribbeld
patroon. De Yves Lounge van Gerard van den Berg
is er nu ook met verwisselbare hoezen voor het verlengen
van de levensduur. Later dit jaar komt er nog een barkruk
bij in deze serie. Artifort koos bewust voor het opstellen
van compacte uitvoeringen van modellen: er wordt steeds
vaker kleiner gewoond en deze kleinere modellen sluiten
hierop aan.
FOTO LINKSBOVEN
Arco Vision-modules.
FOTO RECHTSBOVEN
Vandenberg
LeanOnMe.
FOTO ONDER
CSrugs JEWEL.
Destination Design 2026
BEURZEN
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
69
BEURZEN
Destination: Design 2026
FOTO
RECHTSBOVEN
Castelijn heeft
een variant op
het Solo-dressoir
gemaakt
met afgeronde
hoeken: Rondo.
(Foto: Studio
Phylicia)
FOTO MIDDEN
De nieuwe tafel
Fasset van
Remy Meijers.
Jaren tachtig nostalgie
Het Griekse merk Papadatos heeft een nieuw dressoir:
Rubik, inderdaad vernoemd naar de kubuspuzzel uit de
jaren tachtig. De afgeronde, vierkante elementen van dit
dressoir wordt in hoogglans lak of mat gelakt geleverd in
vele kleuren en met een totale lengte van 2 of 2.5 meter.
Het modulaire kastsysteem Amadore is tot 5 meter hoog
verkrijgbaar en kan ook als room divider worden ingezet.
Nieuw is de bank InCloud, ontworpen door Jacopo M.
Giagnoni, en de hoes hiervan kan ook worden afgenomen
en vervangen ter verlenging van de levensduur. Alle
meubelen worden in Athene gemaakt. Ignore presenteerde
een nieuwe salontafel door Marc van der Voorn met een
blad van Forbo Furniture linoleum dat in 24 kleuren kan
worden uitgevoerd. De nieuwste kleuren in deze collectie
zijn Blue Haze (hemelsblauw) en Macadamia (licht notentint).
Linoleum zien we ook terug in de armleggers van
een stoel bij Ignore en er kan fijn met contrasten tussen
tafelblad en armleggers worden gewerkt of juist niet. Qliv
en Perletta deelden een stand en de nieuwe tafel Fasset
van Remy Meijers heeft een poot die doet denken aan
een geslepen diamant (maar dan van hout) en een asymmetrisch
blad waarvan de ontwerper zegt: aan de punt eet
je intiem met twee, komen er meer mensen bij dan komt
de vorm tot zijn recht. Folda is een nieuwe, zeer zacht
aanvoelende modulaire sofa van Sven Schimmer met 45
diverse elementen en een lage, diepe zit voor veel comfort.
Als jong talent stond hier Stijn van Aardenne met een
3D-geprinte hanglamp en een staande lamp uit gerecyclede
ijskastonderdelen. Prachtige designs met een hoog
art deco gehalte die goed passen bij de Fasset en de Folda.
Van Aaardenne houdt zich ook bezig met het ontwikkelen
van 3D-print systemen (zoals roterende printers) en dat
maakt hem nog meer tot een all round designer.
Felblauw gezichtsbedrog
Jankurtz is bekend als leverancier van outdoor meubilair
maar de Duitse fabrikant maakt ook modellen voor binnen
en de nieuwe KINK-serie van de jonge ontwerper
Lukas Porstner is hier een mooi voorbeeld van. Er is een
fauteuil en een tweezitsbank en deze laatste stond er in
een felblauwe Kvadrat-stof. Het model oogde compact,
maar schrijver dezes en Jan Kurtz zelf, twee oudere heren
met een bovengemiddelde lengte, bleken royaal in dit
70
compacte model te kunnen zitten. Optisch gezichtsbedrog,
dus. Kurtz over jonge designers: “Zij zijn de
toekomst, ik ben zelf niet jong meer maar ik weet nog
hoe het was om als jonge designer te beginnen. Het
was lastig om ertussen te komen. Daarom wil ik hen
alle kansen en gelegenheid bieden om zich met hun
ontwerpen te presenteren.” Ohmann presenteerde naast
nieuwe leerkwaliteiten (het merk werkt samen met
bekende meubelfabrikanten) het Oostenrijkse merk
Steiner voor wollen plaids en meubelstoffering. De
combinatie leer en wol past opvallend goed bij veel
fauteuils en banken. Het Belgische merk Joli toonde de
Pulse-tafel met een keramisch blad dat oogt als travertin.
De Nido-stoel is zelf ontworpen en wordt lokaal geproduceerd,
zowel met ranke poten als op een draaivoet. De
tafel Tendo staat ook hoog op de slanke poten. Volgens
het merk zijn bordeaux en bruintinten erg populair op
dit moment als kleuren voor meubelstoffen en rondkijkend
op deze beurs klopt dit beeld. Castelijn heeft een
variant op het Solo-dressoir gemaakt met afgeronde
hoeken: Rondo. Het ontwerp van Marieke Castelijn
trok veel bekijks en werd zeer gewaardeerd. Het onderstel
is iets ranker, het topblad is iets dunner dan dat van
Solo. Rietgroen is hier de kleur, maar alle kleuren kunnen
onderling gecombineerd worden. Metallic tinten
horen daarbij.
Uit het lood
IJcoon presenteerde de Sponge bank, waarbij de
armleuning achter de rugleuning doorloopt naar de
andere armleuning. Dit ontwerp van Marc van der
Voorn is uiteraard modulair en voelt ook weer heel
zacht aan. Comfort is waar het om draait. Vera Curve
heeft nu als fauteuil een Uno variant die uit één kussen
voor rug en zitting bestaat. De Split-eetkamerstoel heeft
een karakteristiek gespleten dun, ijzeren frame in de rug
in opvallende contraskleuren met de stoffering. Tara is
een modulaire bank met losse kussens en opnieuw een
armleuning die achterlangs doorloopt, Arca is de nieuwe
serie salontafels en Feder is een natafel stoel waarbij
tijdens het uitbuiken de zitting iets naar voor schuift en
de rugleuning iets naar achteren gaat. Jess deelde de stand
met Sudbrock en toonde een nieuwe fauteuil gebaseerd
op de alomtegenwoordige puffer jacket: Puffer. Het
ontwerp van Lucie Koldova had inderdaad iets weg van
de jas met compartimenterende stiknaden. De Friese
fabrikant Pilat & Pilat presenteerde Lio van Bas van
der Veer. Deze massief houten stoel heeft vouwen en
krommingen ontleend aan de origami vouwtechnieken
en nodigt uit tot zitten. Ook nieuw is Rob, een tafel
ontworpen door Peter Tromop: het massief houten blad
is uit twee delen die niet helemaal op elkaar aansluiten
en dus staan de poten ook iets uit het lood ten opzichte
van elkaar. Een subtiel detail dat deze tafel een geheel
eigen identiteit geeft.
Een eigen identiteit geldt ook voor Destination Design
als geheel: eigenzinnig, origineel, compact, overzichtelijk,
met visie en betrokkenheid samengesteld en
gastvrij, ontspannen en inspirerend van karakter. Met
oog voor jong talent en voor de toekomst. De omlijsting
van de stands met identieke gordijnen (een ontwerp
van Daphna Laurens) zorgt ervoor dat de aandacht, de
blik van de bezoeker direct op de producten zelf wordt
gericht. Een ijzersterk beursconcept.
destinationdesign.nl
FOTO ONDER
De nieuwe
KINK-serie
van de jonge
ontwerper
Lukas
Porstner.
Destination: Design 2026
BEURZEN
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
71
BEURZEN Object Rotterdam
‘Wat van binnen gebeurt,
blijft verborgen’
Object Rotterdam
BEURZEN
De designbeurs Object Rotterdam staat bekend om
haar consequente keuze voor bijzondere locaties.
Geen neutrale hallen of anonieme beursvloeren, maar
gebouwen met geschiedenis, betekenis en rafelranden.
Dit jaar vond de beurs plaats in de oude bibliotheek van
Rotterdam, een plek die nog maar kort geleden zijn oorspronkelijke
functie verloor.
FOTO ONDER
De Jello-lamp
van Outil.
De opening werd verzorgd door directeur en eigenaar
Anne van der Zwaag, die in haar inleiding schetste
hoe deze editie onder grote tijdsdruk tot stand kwam.
Normaal beginnen de voorbereidingen al in september,
maar dit keer liep alles anders. Een alternatieve locatie
bleek nog in aanbouw, de maanden verstreken en pas in
november kwam de oude bibliotheek via de gemeente in
beeld. “Toen ik hier voor het eerst binnenliep, stonden de
boekenkasten er nog”, vertelde ze. “Je loopt dan letterlijk
tussen de boeken en vraagt je af: gaat dit echt lukken?”
Wat volgde was een intensief traject waarin in korte
tijd een volledige beurs moest worden opgebouwd.
Duizenden boeken werden verplaatst, meubels afgevoerd
en verdiepingen leeggeruimd. Van der Zwaag benadrukte
dat Object alleen kan bestaan bij de gratie van samenwerking.
Zonder sponsors, maar mét partners, teamleden,
gemeente en instellingen die vertrouwen geven. Die
gezamenlijke inspanning is volgens haar wat Object al vele
edities overeind houdt, juist op dit soort complexe locaties.
De keuze om het gebouw niet te verhullen, maar juist
te gebruiken zoals het is, was een bewuste. Ontwerpers
moesten zich verhouden tot de ruimte, tot het licht en
tot de zichtbare sporen van het verleden. Dat leverde een
beurs op waarin objecten niet los van hun omgeving
werden gepresenteerd, maar er deel van uitmaakten. Over
meerdere verdiepingen ontstond een mix van jonge talenten,
gevestigde namen, labels, galeries en afstudeerders van
verschillende academies.
Gebroken spiegels
In die setting spraken we de Iraans-Nederlandse ontwerper
Farzin Kavaji, wiens werk sterk leunt op emotie
en persoonlijke ervaring. Zijn spiegels en zitobjecten
zijn bewust gebroken. Niet als esthetisch effect, maar als
inhoudelijk statement. “Wij laten graag zien dat we sterk
zijn”, vertelde hij, “maar wat er vanbinnen gebeurt, blijft
vaak verborgen.” De barst in zijn werk staat voor dat
innerlijke spanningsveld. De spiegel reflecteert nog steeds,
maar nooit volledig of ongeschonden. Kavaji sprak over
gevoelens van machteloosheid, over het nieuws in Iran,
over samenwerken en hoop, maar ook over offers. “Om
iets open te breken, moet je soms iets opofferen”, zei hij.
Zijn werk wil geen antwoorden geven, maar ruimte laten
voor herkenning en reflectie. In de oude bibliotheek, waar
stilte en concentratie ooit centraal stonden, kregen die
thema’s extra lading.
Een andere benadering van ontwerp kwam naar voren in
het gesprek met Yoeri Nagtegaal van Outil.li. Het werk
van hem en zakenpartner Sjoerd Smit draait om maakbaarheid,
techniek en controle over het volledige productieproces.
Tijdens de beurs liet hij objecten zien die met
zelfgebouwde 3D-printers worden vervaardigd, laag voor
laag, lokaal geproduceerd en zonder voorraad.
72
TEKST Bas Hakker
FOTOGRAFIE Bas Hakker
In het gesprek vertelde Nagtegaal ook uitgebreid over
zijn ervaringen in een tv-programma in het Midden-
Oosten, waar hij twaalf jaar lang actief was als designmentor.
“Het was een groot televisieformat”, vertelde hij,
“waarin kandidaten in twee à drie maanden een product
ontwikkelden.” Het ging daarbij niet om eenvoudige
consumentenartikelen, maar om complexe toepassingen
in medische technologie, robotica en innovatie. Samen
met twee andere Rotterdamse ontwerpers werkte hij
in een Arabische studio-omgeving, onder continue
cameradruk. “Sommige deelnemers hadden nog nooit
een product gemaakt”, zei hij. “Dan moet je het hele
ontwerpproces terugbrengen naar de essentie.” Die periode
leerde hem snel schakelen, helder communiceren en
verantwoordelijkheid nemen voor elke ontwerpkeuze.
Die ervaring is volgens Nagtegaal nog steeds zichtbaar in
zijn huidige werk, waarin techniek niet wordt verhuld
maar juist leesbaar blijft. “Ik geloof erin dat we wel degelijk
het productieproces wat meer in eigen hand kunnen
houden. Niet alles hoeft in China gemaakt te worden, zo
lang je maar geen voorraden hebt.’’
Septa Chair
Ook het gesprek met designers Ariane Stracke
Henderson en Robert Henderson liet zien hoe breed
het spectrum van Object Rotterdam is. Voor Et Cetera
presenteerden zij een stoel die is opgebouwd via
robotische 3D-printtechnieken: de Septa Chair. Het
object bestaat uit meerdere lagen die in elkaar grijpen en
visueel complex ogen. Robert Henderson vertelde dat
het ontwerp verschillende betekenislagen heeft. “Het is
bedoeld als stoel, maar ook als plek om je even terug te
trekken,” zei hij. Ariane Stracke Henderson vulde aan dat
het proces minstens zo belangrijk was als het eindresultaat.
Door gebruik te maken van non-planar printing
en robotarmen konden vormen worden gemaakt die
met traditionele technieken nauwelijks mogelijk zijn.
Tegelijkertijd bleef comfort een belangrijk uitgangspunt.
“Het moet er niet alleen interessant uitzien”, zei ze, “je
moet er ook echt in willen zitten.”
Wat deze editie van Object Rotterdam leuk maakt, is de
manier waarop persoonlijke verhalen, technische keuzes
en zakelijke realiteit samenkomen. Ontwerpers spraken
openlijk over hun achtergrond en hun drijfveren die altijd
inhoudelijk zijn. De oude bibliotheek bleek daarvoor
een passende omgeving. Object Rotterdam liet hiermee
opnieuw zien waar het voor staat: een platform waar
design en verhalen samenkomen.
objectrotterdam.com
FOTO BOVEN
Gebroken spiegels van
Farzin Kavaji.
FOTO LINKSONDER
Anne van der Zwaag
(directeur OBJECT
Rotterdam) en Edgar
Bosman van de
Rotterdamse
bibliotheek bij de
opening van de beurs.
FOTO RECHTSONDER
De Septa Chair.
Object Rotterdam
BEURZEN
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
73
BEURZEN MaterialDistrict Utrecht 2026
MaterialDistrict Utrecht
presenteert NextNow
MaterialDistrict Utrecht 2026
BEURZEN
Van 4 tot en met 6 maart 2026 keert MaterialDistrict Utrecht terug in de
Werkspoorkathedraal. Tijdens deze 19e editie introduceert het platform
het nieuwe programma NextNow, waarin materiaalinnovatie centraal
staat voor opgaven zoals biobased en circulair bouwen, energietransitie,
klimaatadaptatie en gezonde binnenruimtes. De beurs biedt ontwerpers,
architecten, bouwprofessionals en beleidsmakers een actueel en
overzichtelijk beeld van de oplossingen die vandaag al beschikbaar zijn
voor de projecten van morgen.
Naast vertrouwde deelnemers verwelkomt
MaterialDistrict Utrecht
dit jaar een opvallend sterke lichting
nieuwe exposanten. Het Nederlandse
AcoustIQ laat zien hoe duurzame
akoestische spuitafwerkingen bijdragen
aan zowel esthetiek als geluidscomfort
in publieke en commerciële
ruimtes. Vanuit Den Haag brengt
Atelier Dasha Tsapenko biodesign
naar de beursvloer, met materialen en
objecten die ontstaan uit samenwerking
tussen mens, schimmel en plant.
Ook de houtsector is dit jaar sterk
vertegenwoordigd. Het Noorse
FINTI toont hoe innovatieve
houtproducten bijdragen aan een
lagere CO₂-footprint, terwijl het
Finse Koskisen een nieuwe generatie
dunfineer en plaatmaterialen
introduceert. Ook het internationale
Kronospan is aanwezig met duurzame
panelen voor de interieur- en
bouwsector.
Voor professionals die werken met
biobased materialen zijn er diverse
74
FOTOGRAFIE Viorica Cernica/Sjoerd Reitsma
primeurs. Het Nederlandse Reduco
presenteert bijvoorbeeld 100 procent
circulaire plaatmaterialen, geproduceerd
uit hout dat anders verloren
zou gaan. Het eveneens Nederlandse
SAM Panels toont circulaire panelen
en akoestische oplossingen op basis
van lokale reststromen — relevant
voor zowel bouwprofessionals als
interieurontwerpers.
Young Talent Programma
Ook in 2026 vormt het Young Talentprogramma
een belangrijk onderdeel
van de beurs. Curator Leonne
Cuppen selecteerde dit jaar zestien
veelbelovende ontwerpers, die vernieuwende
materiaalexperimenten,
biobased toepassingen en innovatieve
maakprocessen presenteren. De Young
Talents krijgen bovendien een eigen
podium in het Young Talent Theater,
waar zij hun onderzoek, visie en
materiaalontwikkelingen toelichten
aan ontwerpers, beleidsmakers en
andere professionals uit het veld.
Innovation Fund
Het MaterialDistrict Innovation
Fund biedt opnieuw ruimte aan
start-ups die zich richten op duurzame,
circulaire en toekomstgerichte
materiaalinnovatie. Dankzij deze
ondersteuning kunnen vernieuwende
jonge bedrijven deelnemen
aan de beurs en hun werk presenteren
aan architecten, designers,
R&D-teams en opdrachtgevers. Het
programma versterkt de positie van
MaterialDistrict als platform voor
innovatie en helpt nieuwe spelers om
door te groeien naar de markt.
NextNow-routes
Via speciale NextNow-routes op
de beursvloer ontdekken bezoekers
in één oogopslag welke materialen
direct toepasbaar zijn binnen thema’s
als biobased bouwen, energietransitie,
circulariteit en gezonde binnenruimtes.
Het programma geeft concrete
handvatten voor zowel ontwerpers
als gemeenten, woningcorporaties en
projectontwikkelaars die werken aan
urgente ruimtelijke opgaven.
Materialen beleven
Zoals ieder jaar vormt de materiaalexpositie
het kloppend hart van
de beurs. Bezoekers kunnen meer
dan 250 innovatieve samples zien
én ervaren, variërend van biobased
plaatmaterialen en akoestische oplossingen
tot nieuwe houtproducten
en experimentele bio-materialen.
Deze tastbare ervaring ondersteunt
professionals bij het maken van materiaalkeuzes
voor renovatie-, nieuwbouw-
en interieurprojecten.
MaterialDistrict Utrecht 2026
BEURZEN
Reserveer nu je toegangsticket op tickets.materialdistrict.com
Ga voor meer informatie naar utrecht.materialdistrict.nl
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
75
8 t/m 13. 3. 2026
Frankfurt am Main
info@netherlands.
messefrankfurt.com
Tel. +31
70 262 9071
Feel the spaces.
Experience the light.
Waar visie realiteit wordt en
trends beginnen te stralen.
Ontdek vandaag wat morgen
de wereld verlicht – live
en exclusief in Frankfurt.
’s Werelds toonaangevende vakbeurs voor
verlichting en gebouwautomatisering.
Beleef de toekomst
nu zelf live –
kijkt u hier maar.
77724-010_LB_Living_Light_ProjectInterieur_93x275 • PSO COATED V3 • CMYK • cd | DU: 18.11.25 NL
21 t/m 24. 4. 2026
FRANKFURT / MAIN
Peter Toeval.
De belangrijkste
gast op de beurs.
Want door toevallige ontmoetingen ontstaan
nieuwe ideeën. Algen die kogelvrije vesten
veiliger maken? Een rups die zorgt voor een
revolutie in de haute couture? De resultaten
van deze opmerkelijke materiaalinnovaties
zijn hier beter dan waar ook te zien en te
voelen.
info@netherlands.messefrankfurt.com
Tel. +31 70 262 9071
in parallel with
part of
78422-007_TT_AZ_Allgemein_ProjectInterieur_93x275 • PSO Coated v3 • CMYK • cd | DU: 02.02.2026 NL
BEURZEN Salone del Mobile 2026
Ook de Salone del Mobile
is zoekende in 2026
Tijdens de persconferentie voor de 64e editie
van de Salone del Mobile in Milaan werd het
duidelijk dat ook de meest toonaangevende
meubelbeurs van Europa niet ontkomt aan de
uitdagingen van veel andere beurzen: minder
aanmeldingen, minder belangstelling en het
gevoel minder relevant te zijn dan in de jaren
tot 2020. De Salone del Mobile 2026 is van 21
tot en met 26 april op de Fiera Milano-Rho.
De presentator van deze persconferentie ging in op de
veranderende wereld waarin de Salone en de exposanten
een weg moeten zien te vinden: “Ik woon
in Miami en zie daar billboards voor huishoudelijke
robots, aangestuurd door AI, die voor 600 dollar per
maand het huis schoon houden. We gaan uiteindelijk
samenleven met intelligente machines. AI begrijpt
steeds beter onze voorkeuren en handelt daarnaar,
dit geldt ook voor meubeldesign. Ik verwacht steeds
meer individueel toegesneden ontwerpen, uniek en
persoonlijk. Dit betekent dat een beurs ook meer een
meer diensten laat zien in plaats van concrete objecten.
Er staan nog wel meubelen, maar deze zijn er meer
als voorbeeld dan wat er daadwerkelijk wordt verkocht.” Hij wees ook op Age
Tech: we worden steeds ouder met steeds meer tegelijk en design voor ouderen
onttrekt zich steeds meer uit de medische sfeer. “AI speelt in design voor
ouderen ook een steeds grotere rol. Het weet al wat we willen voordat we het
zelf weten. Je koopt straks geen meubel meer, maar een service die voorspelt
wanneer jij iets nodig gaat hebben.”
Beursdirecteur Maria Porro: “Voor deze editie was het lastiger dan ooit om veel
internationale belangstelling te genereren, ondanks onze wereldtournee. We
willen graag de designcultuur op de Salone in stand houden, ondanks de economische
krimp. We bieden dit jaar hoe dan ook een gevarieerd aanbod voor
bezoekers; met Kitchen & Bath als deelexpo, het debuut van Salone Raritas
voor verzamelobjecten en unieke stukken en uiteraard weer een goedgevulde
Salone Satellite.” Concreet komt het neer op 169.000 vierkante meter en 1.900
exposanten (dit waren er 2.500 in 2025) uit 32 landen.
Porro: “De Salone is een hulpmiddel voor de meubelindustrie in onzekere
tijden. We gaan mee met bewegingen in de markt: we starten met Raritas als
reactie op een groeiende vraag naar unieke objecten op de beurs. We hebben de
hallen en de routes volledig gedigitaliseerd zodat bezoekers vanaf hun telefoon
direct zien wie ze kunnen bezoeken, waarbij we met algoritmes werken: u
zoekt dit bedrijf, dat bedrijf past bij wat u wellicht zoekt. Afspraken plannen,
tijd besparen. Elkaar ontmoeten, netwerken, samenwerken via de app van de
Salone.” De presentator knikte: “We moeten vindbaar zijn voor AI, anders tellen
we niet meer mee. Zeker wanneer we de jongere generaties naar de beurs
willen laten komen.”
www.salonemilano.it
Salone del Mobile
BEURZEN
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
77
PRODUCTINFORMATIE
Textiel wandbekleding combineert luxe met high-performance
www.vescom.com
Vescoms nieuwe textiele wandbekledingen Gemstone, Amber en Birch zijn ontworpen
voor high-end omgevingen waar uitstraling, prestaties en onderhoud hand in
hand gaan – van hospitality en retail tot publieke en commerciële ruimtes. Geweven
in Vescoms eigen weverij, combineren de drie producten een verfijnde, ambachtelijke
uitstraling met uitzonderlijke duurzaamheid. Dankzij de constructie van gemengde
garens, waaronder supersterk polyethyleen tapegaren, zijn ze bestand tegen intensief
gebruik. De met acrylaat gecoate oppervlakken zijn vrij van PFAS, licht- en kleurecht,
vochtwerend, eenvoudig te reinigen en voldoen aan de hoogste brandwerendheidsnorm
(B s1 d0). De wandbekledingen hebben elk een eigen karakter: Gemstone
is veelzijdig en gelaagd met een subtiele textuur, Amber brengt diepte en karakter
met een uitgesproken ambachtelijke uitstraling, terwijl Birch rust en verfijning toevoegt
met een ingetogen, architecturale structuur. Elk product is een duurzame en
veelzijdige materiaaloplossing die bijdraagt aan welzijn in projectinterieurs.
Uitnodigende zitoplossing
www.cascando.com
PRODUCTINFORMATIE
Werk hoeft niet altijd als werk te voelen. Mezza is een modulair zitsysteem
dat de grens tussen formeel en informeel verzacht. Ontworpen
door Peter van de Water voor momenten van ontmoeting, overleg
of een korte pauze. De losse elementen maken het eenvoudig om de
opstelling aan te passen aan de ruimte en het gebruik. De ruime keuze
in stoffering, kleur en textuur spelen daarin een belangrijke rol. Het
tafelelement voegt functionaliteit toe, terwijl de plantenbak zorgt voor
levendigheid en een natuurlijke balans in de ruimte. Samen vormen ze
een zitoplossing die uitnodigt. Rustig, flexibel en comfortabel.
Comfortabel licht
www.deltalight.com
Geïnspireerd door de mist van Milaan werd Nebbia geboren.
Deze reeks armaturen fascineert door het afgeronde geometrische
ontwerp, de tactiele glazen afdekking en het doordachte
kleurenpalet. Nebbia is verkrijgbaar voor zowel binnen als
buiten en in twee maten voor accentverlichting of algemene
verlichting voor wand- of plafondtoepassingen. Het hoogwaardige
ontwerp is verfijnd tot een beperkt aantal onderdelen, wat
het constructieproces vereenvoudigt en het materiaalgebruik
vermindert. Het aanpassingsvermogen van Nebbia komt tot
uiting in de 2700K- of 3000K-opties, aangevuld met een
optioneel aanwezigheids- en daglichtdetectiesysteem. De
dimbare functionaliteit past de verlichting aan elke sfeer aan
en creëert een licht dat natuurlijk comfortabel aanvoelt.
78
Flexibel stoelconcept
www.girsberger.com
De universele stoel Nava combineert een ingetogen vormgeving met creatieve veelzijdigheid en
duurzaam materiaalgebruik. Naast een variant in grijs bieden drie harmonieus op elkaar afgestemde
pastelkleuren creatieve combinatiemogelijkheden en maken ze zowel rustige ton-sur-ton oplossingen
als bewust geplaatste contrasten tussen zittingen, frames en bekleding mogelijk. De organisch gevormde
kunststof zitschalen worden gekenmerkt door heldere, vloeiende lijnen en zijn naast grijs ook verkrijgbaar
in leemrood, aragonietblauw en perengroen. Ze zijn gemaakt van post-consumer gerecycled
materiaal en vormen de basis voor een flexibel stoelconcept. Nava is verkrijgbaar zonder bekleding,
met zitkussen of volledig gestoffeerd; de bekleding kan lineair of gecontourneerd worden uitgevoerd en
kan zo nauwkeurig worden aangepast aan verschillende toepassingen en comfortvereisten. Dankzij het
rustige ontwerp is Nava geschikt voor gebruik op kantoor, in bistro’s en restaurants of in de woonomgeving.
De duurzame zittingen kunnen harmonieus worden afgestemd op frames en bekleding of juist
contrasteren en passen natuurlijk in verschillende interieurs. Voor de zitkuipen wordt gesorteerd polypropyleenafval
verwerkt tot een veelzijdig inzetbaar recompound van nieuw materiaal, dat – afhankelijk
van het kleurenaandeel – tot 100 procent uit gerecycled materiaal bestaat. Om de nodige stijfheid te
bereiken, wordt glasvezel aan het materiaal toegevoegd.
PRODUCTINFORMATIE
Zachte zitmeubelen
www.pedrali.com
Buddy Oasi is een verzameling van zachte zitmeubelen die de Buddy-collectie
verder uitbreidt. Ruim bemeten poefen en sofa’s die het contrast tussen de
robuuste volumes van de zitting en de lichte aluminium poten behouden.
Het onderscheidende kenmerk van Buddy Oasi is de beweegbare rugleuning
met een zachte, organische vorm. Deze is gemaakt van geïnjecteerd polyurethaanschuim
en kan eenvoudig en vrij op de zitting worden geplaatst om
verschillende configuraties te creëren. Een ballast en een antislipstof zorgen
voor stabiliteit. Buddy Oasi is ontworpen voor samenwerkingsruimtes en
ontspanningshoeken. Dankzij de royale afmetingen en diverse configuratiemogelijkheden
biedt het systeem comfort en flexibiliteit. Buddy Oasi is
verkrijgbaar in twee maten en twee hoogtes en in een outdoor-versie met
een volledig waterdichte voering en een afneembare hoes.
Verstelbare tafels: van zittafel tot statafel
www.vintable.nl
Een tafel die niet alleen geschikt is als zittafel, maar ook als statafel. Een tafel die ook
nog past in de moderne inrichtingen van nu. Met dat idee gingen Jorno Masselink en
Luc van Deth van Vintable aan de slag. Het resultaat is; de zit-sta tafel. “Deze zit-sta
tafel is zowel als zittafel, statafel, werktafel en als bureau te gebruiken, dat maakt deze
tafel multifunctioneel en uniek”, zegt Luc van Deth. “Via een bedieningspaneel is de
tafel eenvoudig in hoogte te verstellen. Je kiest zelf de gewenste hoogte. Dat maakt
de tafel ideaal voor het staan met een rechte rug, bij feestjes, voor thuiswerken of op
het werk voor staand vergaderen”. Eigenaar Jorno Masselink volgt: “Wij hebben al
meerdere zit-sta tafels, maar collega Luc is erin geslaagd een tafel te ontwerpen die
volstaat in de moderne woninginrichtingen of kantoren van nu. De verstelbare tafel is
in meerdere kleuren, vormen en maten verkrijgbaar. Zo staat de tafel het mooist met
een Deens Ovaal blad, een blad met afgeronde hoeken of een rond blad”.
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
79
Beurzen en
evenementen
Utrecht 4 – 6 maart
MaterialDistrict Utrecht
utrecht.materialdistrict.nl
Frankfurt a. M. 8 - 13 maart
Light+Building
light-building.messefrankfurt.com
Frankfurt a. M. 21– 24 april
Techtextil/Texprocess
techtextil.messefrankfurt.com
Milaan 21 – 26 april
Salone del Mobile.Milano /
Salone del Bagno
www.salonemilano.it
Amsterdam 22 – 23 april
Independent Hotel Show
www.independenthotelshow.nl
Cernobbio 5 – 7 mei
Proposte
www.propostefair.it
New York 17 – 19 mei
International Contemporary
Furniture Fair
www.icff.com
Londen 19 – 21 mei
Clerkenwell Design Week
www.clerkenwelldesignweek.com
Rotterdam 27 – 29 Mei
Design District
www.designdistrict.nl
ETCETERA
Architectuur in Nederland
Architectuur in Nederland is al bijna veertig jaar een onmisbaar overzichtswerk en inspiratiebron voor
iedereen die zich in de Nederlandse architectuur interesseert of er vakmatig bij betrokken is. Elk
jaar presenteert een onafhankelijke redactie in deze publicatie bijzondere projecten die in het voorbije
jaar zijn opgeleverd en worden de belangrijkste ontwikkelingen in de Nederlandse architectuur
beschreven. De redactie van het jaarboek 2025/2026 bestaat uit Stephan Petermann (MANN en
VOLUME), Annuska Pronkhorst (Crimson Historians & Urbanists) en Thomas Bedaux (Bedaux de
Brouwer Architecten). In voorgaande edities heeft de redactie de projectenselectie aangegrepen om
een dialoog met vakgenoten te starten over eigentijdse thema’s. Het jaarboek 2025/2026 bevraagt
met een vergelijkbare aanpak de voortdurende evolutie van het vak.
www.nai010.com
Architectuur in Nederland Jaarboek
2025/2026 | Redactie Stephan Petermann,
Annuska Pronkhorst, Thomas
Bedaux | Design Joseph Plateau |
Nederlands, Engels | 176 pag |
€ 44,95 | ISBN 978-94-6208-965-5 |
Publicatiedatum april 2026
ETCETERA
Chicago 8 – 10 juni
NeoCon
www.neocon.com
Rotterdam 9 – 10 september
Architect@Work
www.architectatwork.nl
Paris-Nord Villepinte
10 – 14 september
Maison&Objet
www.maison-objet.com
Londen 12 – 20 september
London Design Festival
www.londondesignfestival.com
Gorinchem 21 – 23 september
Interieur Collectie Dagen
www.interieurcollectiedagen.nl
Bologna 21 – 25 september
Cersaie
www.cersaie.it
Valencia 28 september
– 1 oktober
Feria Hábitat Valencia
www.feriahabitatvalencia.com
Kortrijk 15 – 16 oktober
Design Nation
kortrijk.design-nation.eu
Focused & Together – The Mindful Office
Hoe kunnen werkplekken zo worden ontworpen dat ze diepe concentratie mogelijk maken én tegelijkertijd
uitwisseling en samenwerking stimuleren? De uitdaging voor organisaties is om werkomgevingen
te creëren die beide behoeften – concentratie én interactie – met gelijke aandacht ondersteunen.'Focused
& Together – The Mindful Office', het leidende thema van de Sedus New Arrivals Winter 2025/2026, vat
deze spanning perfect samen. Het weerspiegelt een groeiende vraag naar mentale helderheid, akoestisch
comfort en ruimtelijke afbakening. Een van de internationaal toonaangevende namen op het gebied van
neuro-inclusieve werkplekdesign is Kay Sargent. Met bijna 40 jaar professionele ervaring zet de interieurarchitect
zich in voor levendige, inclusieve werkomgevingen in haar rol als senior principal bij HOK’s
Interiors Group. In de huidige
editie van Sedus Lookbook
nr. 03 bespreekt Kay Sargent
de principes en mogelijkheden
van neuro-inclusieve
werkomgevingen.
www.sedus.com/en/
knowledge/lookbook-3
Eindhoven 17 – 25 oktober
Dutch Design Week
www.ddw.nl
Dit overzicht werd met zorg samengesteld. In verband met
onvoorziene omstandigheden kan geen verantwoordelijkheid
worden genomen voor de volledige juistheid ervan.
80
Tentoonstellingen
Design Museum, Brussel
t/m 1-3
Design and Comics: Living in a Box
1-4 t/m 20-9
Designing Childhood. Een geschiedenis
van design voor kinderen
designmuseum.brussels
Design Museum, Den Bosch
t/m 1-4
Design!
t/m 6-4
Van Bauhaus naar Mekka
www.designmuseum.nl
Textielmuseum, Tilburg
t/m 15-3
Haus of fibre
t/m 31-5
Makersgeheimen #4
www.textielmuseum.nl
C-Mine, Genk
t/m 19-4
Station d’Artistes #2
c-mine.be
CID, Grand-Hornu
t/m 26-4
Patricia Urquiola. Meta-morphosa
www.cid-grand-hornu.be
Het Nieuwe Instituut, Rotterdam
t/m 31-5
Dutch, More or Less. Hedendaagse
architectuur, design en digitale cultuur
t/m 9-8
FUNGI. Anarchistische ontwerpers
hetnieuweinstituut.nl
ETCETERA
Nieuw bij Salone del Mobile in 2026:
Salone Raritas
Salone Raritas is het nieuwe initiatief van Salone del Mobile.Milano, gewijd aan verzamelbaar design, gelimiteerde
edities, design antiek en hoogwaardig creatief vakmanschap. De eerste editie vindt plaats van 21 tot
en met 26 april 2026 in hal 9 van Fiera Milano Rho. Samengesteld door Annalisa Rosso, editorial director
en cultural events advisor van de Salone del Mobile, en opgezet door Formafantasma, zal Salone Raritas
een brug slaan tussen ambachtelijk gemaakte producten en de hedendaagse designmarkt. Het doel is om
een netwerk- en verkoopplek voor gelijkgestemden te maken voor objecten die een zakelijke omgeving
of een interieur thuis een bijzondere uitstraling geven. De inrichting van Salone Raritas is gedaan door
Formafantasma, dat koos voor een “architecturale lantaarn, een poreus landschap dat zich niet opdringt aan
de getoonde objecten maar dat wel uitgesproken is en bijdraagt aan de storytelling van de getoonde objecten”,
aldus de beursorganisatie. Ontworpen met herkenbaarheid en ritme in het achterhoofd is de ruimte
ingedeeld in modulaire eilanden in een van tevoren bepaald kleurenpalet en met een centrale lounge voor
meetings en onderhandelingen. Salone del Mobile.Milano ziet dit initiatief als een verandering van snelheid
op de beurs: iedereen is steeds meer op
zoek naar limited editions om zich af
te keren van (zelfs high-end) eenheidsworst,
zowel bij projectinrichting als
bij mensen thuis. Iedereen zoekt een
nieuwe ‘value indicator’ in het interieur:
een object dat laat zien dat de eigenaar
van de ruimte beschikt over een aardige
smak geld en/of smaak. Of het nu in een
hotel, in een villa of in een openbare
ruimte is.
salonemilano.it
ABC Architectuurcentrum,
Haarlem
t/m 17-5
Post 65: Mooi geweest?
www.architectuurhaarlem.nl
Museum Het Schip,
Amsterdam
t/m 28-6
Ongekend Talent: Vrouwen van de
Amsterdamse School
www.hetschip.nl
Museum De Dageraad,
Amsterdam
t/m 28-6
Margaret Kropholler. Pionier,
vakvrouw en inspiratiebron
www.hetschip.nl
ARCAM, Amsterdam
t/m 31-3
Draagmuren – Daria Khozhai
t/m 26-4
Een Optimistisch Rampenplan –
Ontwerpen voor een wereld in
transitie
arcam.nl
Cuypershuis, Roermond
t/m 30-8
Presence in Process – 30 Years of Art
and Craft at Studio Claudy Jongstra
www.cuypershuisroermond.nl
De ontwerpprincipes van Dom
Hans van der Laan
In Dom Hans van der Laan in de praktijk ontrafelt architect Caroline Voet de ontwerpprincipes van de
Nederlandse benedictijner monnik en architect Dom Hans van der Laan (1904–1991). Zijn ideeën over
ruimte-ervaring en maatverhoudingen – in het bijzonder zijn unieke ontdekking van de reeks van het
plastische getal en het daaruit afgeleide matenstelsel – hebben grote invloed gehad en zijn vandaag nog
altijd springlevend. Voet hertekent stap voor stap Van der Laans filosofie van de architectonische ruimte en
verbindt die met zijn proportionele systeem van het plastische getal, in een reeks heldere, zorgvuldig opgebouwde
analyses. De principes van zijn elementaire architectuur – verder ontwikkeld door de Bossche
School – worden onderzocht aan de hand van gerealiseerde projecten, van kloosters tot woonhuizen.
Met Dom Hans van der Laan
in de praktijk biedt Voet
universele handvatten om
de gebouwde omgeving te
lezen en te koppelen aan
Dom Hans van der Laan in de
een gelaagde menselijke
praktijk | Auteur Caroline Voet |
schaal. Ze vormen krachtige
instrumenten voor de
Nederlands, Engels | 184 pag |
Design Koehorst in 't Veld |
complexe ontwerpopgaven
€ 29,95 | ISBN 978-94-6208-
van de toekomst.
947-1
ETCETERA
FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
81
Ruimte voor
oplossingen.
Al onze getoonde en genoemde decors zijn nabootsingen.
Decoratieve Collectie 26+
Nu beschikbaar: De Decoratieve Collectie 26+!
Met deze vernieuwde selectie authentieke, trendy decors en functionele producten liggen
uw ontwerpen altijd helemaal in lijn met de laatste trends. Creëer inspirerende ruimtes en
vergroot uw succes met innovatieve oplossingen die uw klanten enthousiast maken.
» Ontdek nu de collectie:
to.egger.link/decorative-collection-highlights
FEBRUARI-MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
VERKOOPPRIJS € 14,95
sinds 1989
Voorjaarsaanbieding
Project & Interieur
Blijf het hele jaar op de hoogte van trends, projecten en
makers in de wereld van interieur en design. Profiteer nu
verschijnt tweemaandelijks www.pi-online.nl
van deze exclusieve abonnementsactie.
THEMA ZORG & WELZIJN
THEMA ZORG & WELZIJN
De Uiterwaarden Deventer 4
RDC Adore Amsterdam 10
’t Spant Nootdorp 17
Watt the Health Gentbrugge 23
• 1 jaar = 6 edities van € 84 —> voor € 69
Column EGM interieur 30
US FEEL.
TEXTURE.
AND NUANCE.
WWW.VYVA FABRICS.NL
De Uiterwaarden Deventer | RDC Adore Amsterdam | ’t Spant Nootdorp | Watt the Health Gentbrugge | Projectstoffering
Productinformatie Projectstoffering 31
OPGELEVERD
Sigma Fabriek Amsterdam 34
Den Hartogh Basecamp Rotterdam 40
The Blurring Zone Amsterdam 46
Hotel VIA Antwerpen 52
INTERVIEW
Femke Feenstra Gortemaker
Algra Feenstra 58
Jeroen de Willigen BNA 64
Michael Parsser Kisch 66
BEURZEN
Destination Design 2026 68
Object Rotterdam 72
Material District 2026 74
Salone del Mobile 2026 77
PRODUCTINFORMATIE 78
ETCETERA 80
FEBRUARI-MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37
• 2 jaar = 12 edities van € 188 —> voor € 99
* Korting geldt alleen voor nieuwe abonnees.
Abonneer nu en mis geen enkele editie
• Ga naar: www.pi-online.nl/pi-project-interieur
• Of scan de QR-code.
Project & Interieur Magazine verschijnt 6 keer per jaar en richt zich op interieurprofessionals,
architecten en opdrachtgevers in het midden- en hoogsegment.
bestel je tickets
met 50% korting
19 E EDITIE
NEXT
NOW
ontdek de duurzame
materialen van vandaag
voor je projecten van morgen
utrecht.materialdistrict.nl
4 – 6
MAART
UTRECHT
WERKSPOORKATHEDRAAL
WWW.VYVA FABRICS.NL
BELLUS & LINEOS, A NEW INDOOR & OUTDOOR FABRIC COLLECTION.
SOLUTION-DYED ACRYLIC COMBINE DURABILITY WITH A SOFT, LUXURIOUS FEEL.
LINEOS PRESENTS A LINEN LOOK WITH WARM TONES AND A TIMELESS TEXTURE.
BELLUS FEATURES A LAYERED, MARBLED PATTERN THAT ADDS DEPTH AND NUANCE.