06.03.2026 Views

1 | 2026 Pi | Project & Interieur

Pi, onafhankelijk vakblad voor projectinterieurs is het toonaangevende magazine over interieurarchitectuur en interieurproducten voor de totale projectmarkt, en wordt gericht verspreid in Nederland en België. In Pi bespreken we 6 keer per jaar de meest bijzondere projecten, producten en concepten binnen de branche. In deze editie o.a.: Thema Zorg & Welzijn: De Uiterwaarden Deventer, RDC Adore Amsterdam, 't Spant Nootdorp, Watt the Health Gentbrugge, Interview met Femke Feenstra - Gortemaker Algra Feenstra, Jeroen de Willigen BNA en meer.

Pi, onafhankelijk vakblad voor projectinterieurs is het toonaangevende magazine over interieurarchitectuur en interieurproducten voor de totale projectmarkt, en wordt gericht verspreid in Nederland en België. In Pi bespreken we 6 keer per jaar de meest bijzondere projecten, producten en concepten binnen de branche. In deze editie o.a.: Thema Zorg & Welzijn: De Uiterwaarden Deventer, RDC Adore Amsterdam, 't Spant Nootdorp, Watt the Health Gentbrugge, Interview met Femke Feenstra - Gortemaker Algra Feenstra, Jeroen de Willigen BNA en meer.

SHOW MORE
SHOW LESS

Transform your PDFs into Flipbooks and boost your revenue!

Leverage SEO-optimized Flipbooks, powerful backlinks, and multimedia content to professionally showcase your products and significantly increase your reach.

VERKOOPPRIJS € 14,95

sinds 1989

verschijnt tweemaandelijks www.pi-online.nl

THEMA ZORG & WELZIJN

De Uiterwaarden Deventer 4

RDC Adore Amsterdam 10

’t Spant Nootdorp 17

Watt the Health Gentbrugge 23

Column EGM interieur 30

Productinformatie Projectstoffering 31

OPGELEVERD

Sigma Fabriek Amsterdam 34

Den Hartogh Basecamp Rotterdam 40

The Blurring Zone Amsterdam 46

Hotel VIA Antwerpen 52

INTERVIEW

Femke Feenstra Gortemaker

Algra Feenstra 58

Jeroen de Willigen BNA 64

Michael Parsser Kisch 66

BEURZEN

Destination Design 2026 68

Object Rotterdam 72

Material District 2026 74

Salone del Mobile 2026 77

PRODUCTINFORMATIE 78

ETCETERA 80

FEBRUARI-MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37


Showroom, kantoor en logistiek centrum

Edisonstraat 3 | Goirle | Nederland | T +31 13 534 00 34 | info@vervoort.nl | vervoort.nl


C

M

Y

CM

MY

CY

CMY

K

Vyva Fabrics PI.1 - 220x297 +3mm bleed.ai 1 27-Jan-26 10:23:45 AM

VERKOOPPRIJS € 14,95

COLOFON

Business

Content

Media

PI, project & interieur is een uitgave van

FEBRUARI-MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

sinds 1989

verschijnt tweemaandelijks www.pi-online.nl

Mezza

Peter van de Water

Business Content Media b.v.

Verantwoordelijke uitgevers

Richard van der Hak en Milan Potuznik

THEMA ZORG & WELZIJN

THEMA ZORG & WELZIJN

De Uiterwaarden Deventer 4

RDC Adore Amsterdam 10

’t Spant Nootdorp 17

Watt the Health Gentbrugge 23

Column EGM interieur 30

Business Content Media BV

Binckhorstlaan 36 – UNIT C0-52

2516 BE Den Haag

+31(0)70 – 221 19 44

info@businesscontentmedia.nl

www.businesscontentmedia.nl

BELLUS & LINEOS, A NEW INDOOR & OUTDOOR FABRIC COLLECTION.

Verschijning: tweemaandelijks

SOLUTION-DYED ACRYLIC COMBINE DURABILITY WITH A SOFT, LUXURIOUS FEEL.

LINEOS PRESENTS A LINEN LOOK WITH WARM TONES AND A TIMELESS TEXTURE.

BELLUS FEATURES A LAYERED, MARBLED PATTERN THAT ADDS DEPTH AND NUANCE.

WWW.VYVA FABRICS.NL

De Uiterwaarden Deventer | RDC Adore Amsterdam | ’t Spant Nootdorp | Watt the Health Gentbrugge | Projectstoffering

Productinformatie Projectstoffering 31

OPGELEVERD

Sigma Fabriek Amsterdam 34

Den Hartogh Basecamp Rotterdam 40

The Blurring Zone Amsterdam 46

Hotel VIA Antwerpen 52

INTERVIEW

Femke Feenstra Gortemaker

Algra Feenstra 58

Jeroen de Willigen BNA 64

Michael Parsser Kisch 66

BEURZEN

Destination Design 2026 68

Object Rotterdam 72

Material District 2026 74

Salone del Mobile 2026 77

PRODUCTINFORMATIE 78

ETCETERA 80

FEBRUARI-MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

Hoofdredacteur

Bas Hakker

bas@kleedkamer4.nl

Redactie

Linda Hulsman

linda.hulsman@businesscontentmedia.nl

Medewerkers

Eva Vroom, Peter van Kester,

Ingmar van der Hoek

RDC Adore is door een groot glazen

atrium – een ontwerp van Studio Hartzema

– verbonden met het naastgelegen

Amsterdam UMC Imaging Center.

atelierpro.nl

(Foto: Atelier PRO)

Postadres redactie

Bink 36, Binckhorstlaan 36, Unit C0-52

NL-2516BE, Den Haag

Traffic Linda van den Brink

+31(0)70 – 221 19 44

Sales Maureen Bremmer

maureen@businesscontentmedia.nl

+31 (0)6 553 667 53

Ontwerp ZiLtd., Amsterdam

Vormgeving Christiaan Hoogeveen

Druk Veldhuis, Meppel

Abonnementen

Abonnementenland

Postbus 20

1910 AA, Uitgeest

+31(0)251 257924

klantenservice@aboland.nl

PI wordt op basis van abonnementen verspreid. Tot de

lezers-doelgroep worden gerekend: architecten,

interieur-architecten, projectinrichters, hoofden van

dienst/facilitymanagers, inkopers van grote bedrijven

en interieurbouwers. Zij die menen voor een doelgroepabonnement

in aanmerking te komen, kunnen dit

aanvragen bij de uitgever. Abonnementen kunnen met

elk nummer ingaan, doch lopen steeds tot 31 december.

Het abonnement wordt zonder tegenbericht van de

abonnee (schriftelijk tot vijf weken vóór het einde van

het abonnementsjaar) jaarlijks automatisch verlengd.

Proefabonnementen lopen na twee maanden automatisch af.

© Niets uit deze uitgave mag worden gereproduceerd

zonder schriftelijke toestemming van de uitgever.

Copyright 2026 PI, ISSN 1384-4415

Abonnementsprijzen NL:

Jaarabonnement €84,00 per jaar. Overige

landen: jaarabonnement €94,00 per

jaar. Losse nummers (bestellen) € 14,95

Prijzen zijn exclusief btw.

www.beddingbusiness.nl

www.homedecobusiness.nl

www.vloerenbusiness.nl

www.vloerenbusiness.nl

www.interiorbusiness.nl

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

3


ZORG & WELZIJN De Uiterwaarden Deventer

De Uiterwaarden Deventer

Samen onder één dak

Studio Groen+Schild maakte van De Uiterwaarden een warm en functioneel

zorggebouw, waar zowel cliënten als medewerkers zich thuis voelen. De Uiterwaarden

in Deventer is een vestiging van De Parabool, een zorginstelling die kinderen, (jong-)

volwassenen en ouderen met een verstandelijke beperking ondersteunt.

Zorg ZORG & welzijn WELZIJN

FOTO BOVEN

Studio Groen+Schild

ontwierp voor De

Uiterwaarden een

huiselijk, warm en

persoonlijk interieur,

zonder kantooruitstraling.

Met kleinschalige woon- werk- en dagbestedingslocaties

richt De Parabool zich op persoonlijke ontplooiing,

sociale contacten en participatie in de samenleving. Wat

De Uiterwaarden speciaal maakt, is dat er zowel dagbesteding

als het Service Bureau van de organisatie gehuisvest

zijn. Studio Groen+Schild kreeg de opdracht om het

gebouw zó te ontwerpen, dat cliënten en medewerkers

hun eigen plek hebben, maar elkaar ook kunnen ontmoeten.

“De Parabool heeft in Zuidwest Overijssel veel

woon- en dagopvang locaties en het leek ze een goed

idee, om op één van die locaties ondersteuning en praktijk

te combineren”, legt architect Ellen Schild uit. De reden

4


TEKST Eva Vroom

FOTOGRAFIE Mike Bink

Opdrachtgever De Parabool

Architect en Interieurarchitect Studio Groen+Schild

Ontwerpteam Ellen Schild, Arnold de Bruin, Dyneke Kuiken,

Marcel van der Kroef

Landschapsarchitect Buro Harro

Bouwmanagement Kleissen Bouwmanagement en advies

Aannemer Nikkels Bouwbedrijf

FOTO BOVEN

De natuurlijke

uitstraling

van de houten

lamellengevel sluit

aan bij de groene

omgeving van het

nabijgelegen park.

FOTO ONDER

De trap is gemaakt

van door en door

gekleurd beton, met

stalen balustrades.

Al het staalwerk

heeft dezelfde

steenrode kleur als

de kozijnen in de

gevel.

voor de nieuwbouw was, dat het oude kantoor en enkele

dagbestedingslocaties niet meer aan de huidige eisen

voldeden. “Ze waren verouderd, lastig te onderhouden en

te verduurzamen.” Daarom besloot De Parabool een aantal

panden aan een ontwikkelaar te verkopen, en een nieuw

gebouw te realiseren aan de Brederodelaan in Deventer.

Toekomstbestendig

De Uiterwaarden biedt ruimte aan drie dagbestedingsgroepen

en het Service Bureau van de organisatie. In totaal

zijn dat zo’n zeventig tot tachtig cliënten en rond de veertig

medewerkers, samen onder één dak. Dit betekent niet

alleen dat er efficiënter gebruik gemaakt wordt van ruimte,

maar het draagt ook bij aan een betere samenwerking en

Constructeur WSP

Installateur Loohuis Installatietechniek

Lichtontwerp Spectrus

Interieurbouwer en leverancier systeemwanden Intermontage

Lift: Schindler

Betontrap in kleur HOP Prefab

Vloerbedekking Forbo Marmoleum Concrete; Ege Epoca Pro

Vloertegels Ceramica Rondine

Houten lamellenplafonds Derako

Losse inrichting SKO en deels hergebruik

meer verbinding tussen medewerkers en cliënten.

Het nieuwe pand moest duurzaam, flexibel en toekomstbestendig

zijn, zowel wat betreft het exterieur

als het interieur. Studio Groen+Schild vertaalde dit

naar een gebouw met een houten lamellengevel, die

met zijn natuurlijke uitstraling aansluit bij de groene

omgeving van het nabijgelegen park. Schild: “Het

gebouw dat hier oorspronkelijk stond, was maar

één verdieping hoog en vanuit stedenbouwkundig

oogpunt mochten we niet hoger bouwen. We zijn

in gesprek gegaan met de gemeente Deventer, en

hebben toch toestemming gekregen om twee-laags

te bouwen. De gevel is van Accoya hout, met een

gemetselde plint. In deze plint zijn bankjes verwerkt,

zodat er rondom het gebouw plekken zijn waar

mensen kunnen zitten, als ze bijvoorbeeld wachten

op de taxi.”

De Uiterwaarden Deventer

Zorg ZORG & welzijn WELZIJN

Huiselijk

Ook aan de biodiversiteit is gedacht: het gebouw

is natuurinclusief dankzij nestkasten voor vogels

en vleermuizen, in de plint zijn schuilplekken voor

egels. Rondom het gebouw heeft Buro Harro een

tuin ontworpen met wadi’s vol inheemse planten,

die in het voorjaar voor een grote bloemenzee

zorgen. Schild: “Zo’n tuin is best bijzonder voor een

zorginstelling, ik vind het mooi dat ze meegegaan

zijn in ons voorstel om Buro Harro te vragen voor

het landschapsontwerp. De Parabool is een prettige

opdrachtgever, we transformeren nu ook een boerderij

voor ze met nieuwbouw. Er zit een duidelijke

sociale component aan dit soort opdrachten.

Het interieurontwerp van De Uiterwaarden was

wel een puzzel. We wilden geen standaard zorggebouw

maken, dus we hebben eerst workshops

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

5


Zorg & welzijn

De Uiterwaarden Deventer

gehouden om erachter te komen wat de wensen

waren. Een grote groep medewerkers is

bij het ontwerp betrokken geweest. De vraag

aan ons was om een rustig en prikkelarm

interieur te ontwerpen. Het moest huiselijk,

warm en persoonlijk worden, zonder

kantoor-uitstraling. We hebben daarom geen

systeemplafonds toegevoegd, de constructie in

het zicht gehouden en akoestisch spuitwerk

toegevoegd voor een prettige nagalmtijd.

Dat was voor een aantal mensen binnen de

organisatie wel even wennen, maar ze hebben

het toch aangedurfd.”

Dagopvang

De plattegrond van het gebouw is vrij helder

en langgerekt. Vanwege de vraag om een prikkelarme

omgeving bevindt de entreehal met

trappartij zich in het hart van het gebouw,

waardoor het links en rechts daarvan rustig

is. De wanden van deze entreehal kregen

dezelfde houten afwerking als de gevel. Ook

FOTO LINKSBOVEN

In de plint zijn

bankjes verwerkt,

zodat er rondom

het gebouw plekken

zijn waar mensen

kunnen zitten.

FOTO RECHTSBOVEN

De entreehal met

trappartij bevindt

zich in het hart

van het gebouw.

De wanden kregen

dezelfde houten

afwerking als de

gevel. De balie is

van overgebleven

gevelhout.

FOTO ONDER

Er zijn geen

systeemplafonds

toegevoegd,

akoestisch spuitwerk

zorgt voor een

prettige nagalmtijd.

6


De Uiterwaarden Deventer

FOTO BOVEN

Voor de dagopvanglokalen ontwierp Studio

Groen+Schild een doorlopende kastenwand van

groen betonplex, dit geeft een rustig beeld.

FOTO ONDER

De keuken op de eerste verdieping is behoorlijk

groot, en wordt intensief gebruikt.

de baksteen van de plint loopt naar binnen door. Een bijzonder

detail is de houten balie, gemaakt van restmateriaal

van de gevel. Schild: “Accoya is kostbaar, het zou zonde

zijn om dat niet te gebruiken. In de entreehal hebben we

gekozen voor een tegelvloer, op de verdiepingen ligt marmoleum

en in de werkomgeving tapijt voor een betere

Zorg & welzijn

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

7


Zorg & welzijn

De Uiterwaarden Deventer

akoestiek.” De trap is gemaakt van door en door

gekleurd beton, met stalen balustrades. “Die trap is er

tijdens de ruwbouw al in gehesen. Al het staalwerk

heeft dezelfde steenrode kleur als de kozijnen in de

gevel. Dat staat mooi bij het hout en het metselwerk.”

Voor de dagopvanglokalen ontwierp Studio

Groen+Schild een opvallende doorlopende kastenwand

van groen betonplex. Schild: “De medewerkers

van bijvoorbeeld de Kleurmeesters, één van de

dagopvanggroepen, hadden heel veel opslagruimte

nodig voor materialen als klei en verf, voor pantry’s

en kleine begeleiderswerkplekken. Dit betekende wel

een stevige post voor de vaste inrichting, maar door

alles achter een dichte wand te verwerken creëer je

een veel rustiger beeld.”

FOTO BOVEN

De Uiterwaarden

heeft een groot

dakterras met overal

zicht op de groene

omgeving.

FOTO ONDER

In de werkomgeving

is gekozen voor

tapijt in verband met

de akoestiek.

Dakterras

Op de begane grond van het gebouw bevindt zich de

afdeling Industrieel Werk. Daar zijn de werkplekken

afgeschermd om een teveel aan prikkels te voorkomen.

Schild: “De kleurcontrasten zijn er niet groot,

we hebben nauwelijks zwart gebruikt en nergens wit,

alleen heel zacht grijs. In de dagopvang is de verlichting

dimbaar. In deze ruimtes hebben we een lijnverlichting

toegepast.” In het ontvangstgebied hangt

verlichting in de vorm van grote ringen, deze ringen

komen terug in de vergaderruimtes op de verdieping.

8


BOVEN

Plattegrond

begane grond.

ONDER

Plattegrond

verdieping.

Op deze verdieping bevindt zich ook de keuken.

Die is behoorlijk groot, en wordt intensief gebruikt.

“Mensen uit de dagopvang maken er regelmatig

broodjes voor medewerkers van het Service Bureau,

een mooie combinatie.”

Dankzij de integrale benadering van het project,

waarbij Studio Groen+Schild zowel exterieur

als interieur heeft ontworpen, sluiten vormen,

kleuren en materialen perfect op elkaar aan. ”We

hebben er op de studio met een mooi team aan

gewerkt; Arnold de Bruin en ik als architecten,

Dyneke Kuiken als interieurarchitect en Marcel

van der Kroef als projectleider. Het resultaat is een

samenhangend, warm en functioneel gebouw waar

zowel cliënten, medewerkers als bezoekers erg blij

mee zijn. Natuurlijk was het wel even wennen,

zegt Schild: “Op hun vorige locatie bevond de

dagopvang van ‘Op Maat’ zich op de begane grond,

waar je zo de tuin in kon lopen. Nu is een deel van

de dagopvang op de eerste verdieping.” Gelukkig

heeft het nieuwe gebouw een heel groot dakterras

met overal zicht op de groene omgeving. Voor

een aantal medewerkers betekende het overstappen

naar open werkplekken een omschakeling. “Ze

zaten voor de verhuizing in een oud, verkamerd

gebouw. Hoewel sommigen moesten wennen aan

de open werkplekken, zijn ze allemaal blij met

hun nieuwe huiselijke werkomgeving. Ook de

combinatie van dagopvang en Service Bureau is

een succes.”

studiogroenenschild.nl

De Uiterwaarden Deventer

Zorg & welzijn

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

9


ZORG & WELZIJN RDC Adore Amsterdam

ZORG & WELZIJN

RDC Adore Amsterdam

Geen gebouw dat wil

schreeuwen

FOTO BOVEN

Het gebouw is door

een groot glazen

atrium – een ontwerp

van Studio Hartzema

– verbonden met

het naastgelegen

Amsterdam UMC

Imaging Center,

waardoor mensen

elkaar makkelijk

kunnen ontmoeten en

kennis kunnen delen.

Aan de rand van het Amsterdam UMC, staat RDC Adore: het nieuwe Research &

Diagnostiek Centrum waar toponderzoek plaatsvindt en oncologie en neurologie

op een unieke manier zijn samengebracht. Het gebouw presenteert zich niet als

icoon of statement, maar als een zorgvuldig geordend instrument voor onderzoek.

De architectuur is terughoudend waar het moet en genereus waar het kan.

Nabijheid, ontmoeting en flexibiliteit vormen de kern van het ontwerp.

“Het is geen gebouw dat wil schreeuwen”, zegt architect

Martijn de Visser van atelier PRO. “Het moet vooral

goed werken. Als mensen hier prettig kunnen werken en

elkaar vanzelf tegenkomen, dan heeft het gebouw zijn

werk gedaan.’’ De ontstaansgeschiedenis van RDC

Adore is lang en complex. Al in 2012 start het project

als een aanbesteding waarin toekomstbestendige

criteria centraal staan: duurzaamheid, flexibiliteit,

10


TEKST Bas Hakker

FOTOGRAFIE atelier PRO

Opdrachtgever Reinier de Graaf Groep

Opdrachtgever Amsterdam UMC (Universitair Medisch

Centrum)

Locatie Van der Boechorststraat, Amsterdam

Grootte 22.820 m²

Periode 2012–2025

Oplevering 2025

Bouwkundig aannemer MedicomZes

Constructeur Zonneveld Raadgevende Ingenieurs

Adviseur bouwfysica Peutz Zoetermeer

Installatieadviseur Royal Haskoning DHV

Adviseur gevel Frontwise Facades

Atrium Studio Hartzema

RDC Adore Amsterdam

FOTO BOVEN

Het RDC Adore

presenteert zich

niet als icoon

of statement,

maar als een

zorgvuldig

geordend

instrument voor

onderzoek.

efficiënt ruimtegebruik en een logische organisatie van

functies. Wat aanvankelijk wordt uitgevraagd als onderzoeksgebouw,

ontwikkelt zich in de jaren daarna tot een

ruimtelijk antwoord op een veranderend wetenschappelijk

landschap. Terwijl het ontwerp zich vormt, verandert

ook de institutionele context. De fusie van het AMC

en de VU tot Amsterdam UMC heeft directe gevolgen

voor de organisatie van onderzoek, de positionering van

afdelingen en de onderlinge samenwerking.

“We zijn hier echt al heel lang mee bezig geweest”, zegt

De Visser. “Atelier PRO is in 2012 met de opdracht

begonnen en in die tijd zijn er steeds nieuwe inzichten

gekomen over hoe het gebouw gebruikt zou moeten

worden.’’ Gaandeweg wordt duidelijk dat de ambitie

verder reikt dan het huisvesten van afzonderlijke onderzoeksdisciplines.

Met name de relatie tussen oncologie

en neurologie komt steeds scherper in beeld. Juist op het

snijvlak van deze vakgebieden vindt onderzoek plaats

dat nieuwe perspectieven biedt op ziekteprocessen en

behandelingen. Die kruisbestuiving is geen bijzaak, maar

een fundamentele voorwaarde.

“Op een gegeven moment werd heel duidelijk dat

oncologie en neurologie samen onder één dak brengen

eigenlijk belangrijker was dan we in het begin dachten’’,

vertelt De Visser. “Daar gebeurt heel bijzonder onderzoek

en juist de uitwisseling tussen die twee vakgebieden kan

leiden tot nieuwe doorbraken.” Die inhoudelijke

verschuiving vraagt om een ruimtelijke vertaling.

Samenwerking mag geen toevallig bijeffect zijn, maar

moet worden ondersteund door de architectuur.

Tegelijkertijd verloopt het proces allesbehalve lineair.

Er zijn momenten waarop het project vrijwel opnieuw

moet beginnen. Een eerder ontwerp, groter en minder

compact, blijkt financieel niet haalbaar. Publieke functies

verdwijnen uit het programma en worden elders ondergebracht.

Ondertussen ligt een deel van de bouwkundige

structuur al vast: de kelder is gerealiseerd, met daarin

onder meer technische ruimtes en een mortuarium.

“Dat maakte het interessant én ingewikkeld”, zegt De

Visser. “Je begint niet helemaal vanaf nul. De kelder

lag er al, de hoofdstructuur was voor een groot deel

bepaald. Je moet dus binnen bestaande randvoorwaarden

opnieuw nadenken over het gebouw.” Wanneer De Visser

in 2020 bij het project betrokken raakt, wordt besloten

het ontwerp fundamenteel te herijken. Niet door groter

te denken, maar juist door compacter te worden. Die

keuze blijkt cruciaal. Compactheid wordt niet gezien als

beperking, maar als middel om nabijheid te organiseren.

“Het moment dat we besloten het gebouw compacter

te maken, was eigenlijk een keerpunt”, zegt hij. “Dan

worden loopafstanden korter, functies liggen dichter bij

elkaar en de kans op ontmoeting wordt veel groter.”

Heldere opzet

Het uiteindelijke ontwerp bestaat uit een vijflaags

gebouw met een heldere, rationele opzet. Laboratoria

en kantoren zijn niet gescheiden in afzonderlijke

volumes, maar liggen in directe nabijheid van elkaar.

Onderzoekers kunnen moeiteloos schakelen tussen

experiment en analyse, tussen laboratorium en bureau.

“Er wordt hier natuurlijk veel onderzoek gedaan in

labs, maar er wordt ook heel veel nagedacht, uitgewerkt

en geanalyseerd”, legt De Visser uit. “We vonden het

belangrijk dat die werelden heel dicht bij elkaar liggen,

zodat je makkelijk kunt

switchen tussen kantoorwerk en laboratoriumwerk.”

De laboratoria zijn geplaatst aan de noord- en zuidzijde

van het gebouw. Dat biedt gecontroleerde lichtcondities

en maakt een duidelijke zonwering mogelijk. De

kantoren liggen aan de oost- en westzijde, waar daglicht

en uitzicht bijdragen aan een prettig werkklimaat. Tussen

deze schillen bevindt zich het hart van het gebouw:

een centraal binnenhof dat alle verdiepingen met elkaar

verbindt. “In het midden hebben we een groot binnenhof

gemaakt’’, zegt De Visser. “Daar komen alle functies

samen. Dat is echt de plek voor ontmoeting, overleg en

uitwisseling.”

ZORG & WELZIJN

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

11


ZORG & WELZIJN

RDC Adore Amsterdam

Ontmoeting als thema

Het binnenhof is meer dan een circulatieruimte. Het

brengt daglicht diep het gebouw in en maakt visuele

relaties tussen verdiepingen mogelijk. Rondom dit hart

liggen lounges, informele werkplekken en overlegzones.

Het is een ruimte die uitnodigt tot vertraagde beweging:

even blijven staan, even zitten, even praten. Ontmoeting

is een expliciet thema in het ontwerp, maar nooit op een

dwingende manier. De Visser benadrukt dat architectuur

gedrag niet kan afdwingen, maar wel kan faciliteren.

Door ontmoetingsplekken strategisch te positioneren en

zichtbaar te maken, wordt de kans op interactie vergroot.

“We hebben heel bewust geprobeerd plekken te maken

waar je elkaar vanzelf tegenkomt’’, zegt hij. “Niet ergens

weggestopt, maar juist heel centraal in het gebouw.’’ Op

elke verdieping bevindt zich een lounge direct bij de liften

en trappen. Wie aankomt of vertrekt, passeert deze plek

automatisch. De koffievoorzieningen zijn hier gesitueerd,

waardoor dagelijkse routines samenvallen met momenten

van ontmoeting. “Je komt de verdieping op en het eerste

wat je ziet is die lounge’’, zegt De Visser. “Dan pak je

even een koffie, ga je zitten, en voor je het weet raak je in

gesprek.’’

FOTO BOVEN

Een opvallend element in het binnenhof is de houten

wenteltrap. Functioneel verbindt de trap de verdiepingen,

maar symbolisch staat hij voor verbinding en beweging.

FOTO ONDER

In de toekomst zal achter RDC Adore een grote tuin

worden gerealiseerd, een groene buitenruimte waar

omliggende gebouwen op uitkijken.

12


ZORG & WELZIJN

RDC Adore Amsterdam

FOTO BOVEN

De architectuur

is rationeel en

efficiënt, maar

krijgt warmte door

materiaalgebruik en

vormgeving.

FOTO ONDER

De reacties van

gebruikers zijn

overwegend positief.

Variatie

Belangrijk is ook de variatie aan plekken. Niet elke ontmoeting

vraagt om dezelfde setting en niet elke werkvorm

vraagt om dezelfde ruimte. RDC Adore biedt daarom

een spectrum aan werk- en verblijfsplekken: hoge tafels

voor kort overleg, banken voor informele gesprekken,

tafels voor gezamenlijk werken en rustige zones voor

concentratie. “We hebben bewust niet één type werkplek

gemaakt’’, zegt De Visser. “Je wil variatie. Soms wil je met

elkaar aan tafel zitten, soms juist even apart werken, soms

alleen met je laptop ergens zitten.’’ Die variatie zet zich

door in de kantoren zelf. Er zijn gedeelde werkruimtes,

kleinere kamers en concentratieplekken. Tegelijkertijd

vraagt de onderzoeksomgeving om zorgvuldigheid. Er

wordt gewerkt met gevoelige informatie en specifieke

protocollen. Openheid moet daarom altijd in balans zijn

met privacy en afscherming. “Sommige functies moeten

echt afgeschermd zijn”, zegt De Visser. “Je kunt niet alles

open maken. Het was zoeken naar een goede balans.’’

Niet klinisch

Hoewel RDC Adore een hoogtechnologisch onderzoeksgebouw

is, is er bewust voor gekozen om het niet klinisch

te laten aanvoelen. De architectuur is rationeel en efficiënt,

maar krijgt warmte door materiaalgebruik en vormgeving.

Ronde vormen verzachten het strakke grid. Eikenhout

brengt tactiliteit en menselijkheid. Zachte kleuren en

planten zorgen voor een huiselijke sfeer. “We wilden voorkomen

dat het een klinisch gebouw zou worden”, zegt

De Visser. “Het is geen ziekenhuis, maar een plek waar

mensen de hele dag werken, nadenken en samenwerken.”

Een opvallend element in het binnenhof is de houten

wenteltrap. Functioneel verbindt de trap de verdiepingen,

maar symbolisch staat hij voor verbinding en beweging.

In een verder strak en rationeel gebouw introduceert de

trap een sculpturaal en warm accent. “Die trap is eigenlijk

een soort verbeelding van verbinding’’, zegt De Visser. “Hij

verbindt alle verdiepingen en is tegelijkertijd een plek

waar je elkaar ziet en tegenkomt.’’ Ook in details wordt

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

13


ZORG & WELZIJN

RDC Adore Amsterdam

FOTO BOVEN

De koningin is ook

onder de indruk van

de prachtige trap.

gezocht naar betekenis. Privacyfolies op ramen zijn

gebaseerd op DNA-sequenties. Ze bieden afscherming

zonder het zicht volledig weg te nemen en verwijzen

subtiel naar de onderzoeksfunctie van het gebouw. “We

hebben echt nagedacht over hoe we die folies konden

laten verwijzen naar wat hier gebeurt”, zegt De Visser.

“Als je het herkent, is het leuk. Als je het niet herkent,

werkt het gewoon prettig.”

Meerdere gebouwen

De relatie met de campus speelt eveneens een belangrijke

rol. RDC Adore sluit aan op een atrium dat meerdere

gebouwen met elkaar verbindt. Dit atrium fungeert

als entreegebied en als publieke ontmoetingsruimte op

campusniveau. In de toekomst zal achter RDC Adore

een grote tuin worden gerealiseerd, een groene buitenruimte

waar omliggende gebouwen op uitkijken. “Het

atrium is echt het verbindende element”, zegt De Visser.

“Niet alleen tussen gebouwen, maar ook tussen binnen

en buiten.” Het atrium en het binnenhof vervullen verschillende

rollen. Het atrium is open, representatief en

geschikt voor grotere bijeenkomsten. Het binnenhof is

intiemer en gericht op de dagelijkse gebruikers. Samen

vormen ze een ruimtelijke sequentie die beweegt tussen

publiek en privé, tussen campus en werkvloer.

De reacties van gebruikers zijn overwegend positief.

Licht, ruimte en overzicht worden vaak genoemd,

net als het gemak waarmee men elkaar tegenkomt.

Natuurlijk zijn er ook kritische noten. Sommige

gebruikers personaliseren de ruimtes, richten plantenbakken

anders in of maken kleine ‘eigen’ plekken.

“Dat vind ik eigenlijk alleen maar leuk’’, zegt De Visser.

“Dan weet je dat het gebouw echt gebruikt wordt.

Mensen maken het zich eigen.’’ RDC Adore is geen

gesloten systeem, maar een raamwerk. Het gebouw

is ontworpen om mee te bewegen met veranderende

onderzoekspraktijken, nieuwe technologieën en andere

manieren van werken. De robuuste structuur maakt

aanpassingen mogelijk zonder het geheel te verstoren.

De compacte organisatie houdt relaties helder, ook

wanneer functies verschuiven. “Je weet nooit precies

hoe onderzoek zich ontwikkelt’’, zegt De Visser. “Dus

je moet een gebouw maken dat flexibel genoeg is om

mee te veranderen.’’

In RDC Adore komen oncologie en neurologie niet

samen omdat het moet, maar omdat het logisch voelt.

De architectuur ondersteunt die logica zonder zichzelf

op de voorgrond te plaatsen. Het gebouw is geen

manifest, maar een instrument. Een plek waar

kennisdeling ontstaat in de ruimte tussen laboratorium

en lounge, tussen trap en koffiebar, tussen gepland

overleg en toevallige ontmoeting. “Als mensen hier

nieuwe ideeën krijgen doordat ze elkaar toevallig

tegenkomen’’, zegt De Visser, “dan is dat misschien

wel het mooiste compliment dat je als architect kunt

krijgen.’’

atelierpro.nl

14


BOVEN

RDC en Atrium

dwarsdoorsnede.

MIDDEN

Plattegrond begane grond.

ONDER

Plattegrond eerste

verdieping.

RDC Adore Amsterdam

ZORG & WELZIJN

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

15


ZORG & WELZIJN ’t Spant Nootdorp

Geborgen zorgomgeving

voor Ipse de Bruggen

’t Spant Nootdorp

Ipse de Bruggen heeft eind vorig jaar zijn nieuwe expertisecentrum ’t Spant in Nootdorp

in gebruik genomen. Gortemaker Algra Feenstra architects is verantwoordelijk voor het

ontwerp van het gebouw dat het hart vormt van het groene landgoed Craeyenburch.

Ongeveer 350 mensen met een verstandelijke of meervoudige beperking wonen hier in

kleine woongroepen.

ZORG & WELZIJN

FOTO BOVEN

In het lichte centrale

atrium komen de

twee hoofdentrees

en de verschillende

zorgfuncties samen.

Zorgorganisatie Ipse de Bruggen biedt zorg en ondersteuning

aan volwassenen met een verstandelijke of meervoudige

beperking. Vanuit die zorggedachte is een aantal jaren

geleden besloten het bestaande centrale gebouw, waarin

diverse specialistische functies samenkomen, te vervangen.

Functies zoals fysiotherapie, logopedie, tandheelkunde,

gedragsdeskundigen en gespecialiseerde huisartsen, maar

ook een restaurant en ondersteunende diensten zoals

een magazijn en linnen opslag zijn samengevoegd in het

nieuwe expertisecentrum ’t Spant. Het gebouw is onder-

16


TEKST Linda Hulsman

FOTOGRAFIE Lucas van der Wee

Opdrachtgever Ipse de Bruggen

Architect Gortemaker Algra Feenstra architects

Hoofdaannemer du Prie bouw & ontwikkeling

Bouwtoezicht Pelsuma bouwmanagement

Constructeur SWINN

Bouwadviseur Merosch

Installateur BRI Groep

Interieur Gortemaker Algra Feenstra architects

Composiet gevelband Flexipol

Buitenzonwering Schellekens

FOTO BOVEN

’t Spant is onderdeel

van de nieuwe

landschappelijke as

die alle gebouwen

op landgoed

Craeyenburch met

elkaar verbindt.

FOTO ONDER

Elke zorgfunctie

in het gebouw is

voorzien van een

andere kleur.

deel van de nieuwe landschappelijke as die alle gebouwen

op landgoed Craeyenburch met elkaar verbindt en is

ontworpen door Gortemaker Algra Feenstra architects.

Het project is gerealiseerd in een bouwteam met du Prie,

Swinn en Merosch.

Klik met de opdrachtgever

Femke Feenstra en Ellen Gedopt, directie-architecten bij

Gortemaker Algra Feenstra zijn beiden betrokken geweest

bij het project. Ellen vertelt: “De klik met de opdrachtgever

is doorslaggevend geweest in de gunning van deze

opdracht. Ons ontwerp sloot niet meteen op alle vlakken

aan bij wat ze voor ogen hadden, maar Ipse de Bruggen

had al snel in de gaten dat wij heel goed konden luisteren

naar hun wensen.” Femke vult aan: “Dat zit echt in onze

werkmethodiek, we hebben diverse workshopboxen waarmee

we gezamenlijk aan de slag zijn gegaan om tot het

ontwerp te komen. Zo hebben we bijvoorbeeld verschillende

behandelkamers geprint zodat we daarmee konden

schuiven op de plattegrond en daarna met behulp van VR

een beeld geschetst van het geheel.” Ook de creativiteit

van het architectenbureau speelde een rol. “Ellen had voor

Buitengevelisolatie LT afbouw

Mobiele paneelwand Multiwal

MS-wanden en plafonds Jansen Afbouw Nederland

Schilderwerk Van Beelen & Guijt Schilderwerken

Vloerafwerking Duracryl (Corques)

Prefab betontrappen Steenhuis

HSB-gevel Woodteq

Staalconstructie Hofman

Aluminium kozijnen Lieftink

Binnendeuren en hang- en sluitwerk Berkvens, Isero

Houten binnenkozijnen Janssen Herveld

Schuifwand Multiwal

Signing Silo Creative Agency

Losse inrichting Thereca

Bruto oppervlakte 4622 m 2

de presentatie, die online plaatsvond vanwege corona, thuis

een aantal kleiballetjes gemaakt en daarmee hebben we

schema’s gemaakt van hoe het expertisecentrum tot stand

zou kunnen komen. Uiteindelijk is er sinds de acquisitiepresentatie

niet veel veranderd aan het algehele concept

van het gebouw.”

Hart van het landgoed

In het ontwerp van Gortemaker Algra Feenstra bevinden

de functies voor de cliënten van Ipse de Bruggen zich op

de begane grond, zodat deze goed en zelfstandig te bereiken

zijn. Op de verdieping erboven liggen de kantoor- en

vergaderruimtes voor de medewerkers van ’t Spant. In

het lichte centrale atrium komen beide hoofdentrees en

de verschillende zorgfuncties samen. Het gebouw is ook

toegankelijk voor buurtbewoners die geen cliënt zijn bij

Ipse en voor cliënten die niet op landgoed Craeyenburch

wonen. Femke vertelt: “Het belangrijkste uitgangspunt

voor ons ontwerp was dat het gebouw echt het hart

zou vormen van het landgoed. Het expertisecentrum is

daarom van twee kanten te benaderen zodat iedereen er

gemakkelijk in en doorheen kan stromen.”

Daarnaast speelde het bieden van een geborgen omgeving

voor de cliënten een grote rol in het ontwerp. Femke: “De

cliënten van Ipse de Bruggen kunnen soms onrustig of

’t Spant Nootdorp

ZORG & WELZIJN

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

17


’t Spant Nootdorp

ZORG & WELZIJN

angstig zijn voor bijvoorbeeld het bezoek aan de

tandarts, daarom was het heel belangrijk dat het

een geruststellend

en geborgen gebouw zou zijn.” Ellen vult aan:

“We hebben meerdere meeloopdagen gehad bij

Ipse om te zien op welke manier zij alles precies

doen. Voor hun cliënten is naar de tandarts gaan

heel anders dan voor ons. Het meelopen gaf ons

heel veel inzicht daarin.”

De wachtruimte van de medische dienst, paramedische

dienst en tandarts zijn daarom gescheiden

van elkaar. Het zijn rustige ruimtes met vrij

uitzicht naar buiten. Stress is gemakkelijk overdraagbaar

en zo wordt voorkomen dat dit effect

heeft op andere cliënten die bijvoorbeeld naar de

fysiotherapeut gaan.

Oriëntatie

De route die de cliënten in het gebouw afleggen

is ontworpen als een rondje. “Dat heeft vooral te

maken met de oriëntatie. In een rondje kun je

namelijk niet verdwalen. Langs de route liggen

de balies van de verschillende zorgfuncties en je

komt altijd vanzelf weer bij de ingang uit. Deze

opzet helpt de cliënten gemakkelijk en zelfstandig

hun weg te vinden”, legt Ellen uit.

FOTO BOVEN

Op een aantal

vaste plekken zijn

plantenbakken met

groen geplaatst.

FOTO ONDER

De losse inrichting in

het expertisecentrum

is gedaan door

projectinrichter

Thereca.

18


’t Spant Nootdorp

Femke vult aan: “Als extra herkenningspunt hebben

we aan de ene kant de glazen wand met de

patio geplaatst en aan de andere kant van de route

een soort ‘lint’ ontworpen.

Dit is een neutrale wand met verticale houten

latten die in verschillende patronen zijn toegepast

maar overal dezelfde uitstraling heeft. Als je deze

wand blijft volgen kom je eigenlijk altijd op de

juiste plek uit.”

Op sommige wanden zijn daarnaast een aantal grafische

tekeningen van dieren weergegeven. Femke:

“Dit is eigenlijk een witte lijn die doorloopt over

de wand waaruit op sommige plekken bijvoorbeeld

een olifant of een vis verschijnt. Dit helpt

om soms de verbinding met een cliënt te maken of

om af te leiden.”

Pasteltinten

Elke zorgfunctie in het gebouw is voorzien van

een andere kleur. Het houten lint wordt onderbroken

door balies met een eigen kleur. Rust

en overzicht waren belangrijke uitgangspunten

daarom is er voor pasteltinten gekozen. Verder zijn

er op een aantal vaste plekken plantenbakken met

groen geplaatst.

Dankzij de patio met beweegtuin in het midden

van ’t Spant beschikken alle behandelruimtes over

genoeg daglicht en een rustgevend uitzicht. Alle

ruimtes dienden verder logischerwijs MIVAtoegankelijk

te zijn.

De vloeren in het gebouw zijn naadloos uitgevoerd

in linoleum en voor de plafonds heeft het

architectenbureau gekozen voor een mix van

FOTO LINKSBOVEN

Het ‘lint’ is een

neutrale wand

met verticale

houten latten die

in verschillende

patronen zijn

toegepast maar

overal dezelfde

uitstraling heeft.

FOTO MIDDEN

Het gebouw is ook

toegankelijk voor

buurtbewoners die

geen cliënt zijn bij

Ipse en voor cliënten

die niet op landgoed

Craeyenburch

wonen.

FOTO ONDER

Op sommige wanden

zijn een aantal

grafische tekeningen

van dieren

weergegeven.

ZORG & WELZIJN

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

19


ZORG & WELZIJN

’t Spant Nootdorp

vilten plafonds, systeem-plafonds en een akoestische

spuitpleister. In het centrale atrium zijn juist de houten

balken van de constructie zichtbaar gelaten.

Losse inrichting

De losse inrichting in het centrum is gedaan door

projectinrichter Thereca. Ellen vertelt: “We hebben

hierin wel advies gegeven ten aanzien van bijvoorbeeld

het kleurgebruik en zijn dan ook heel tevreden over het

eindresultaat. Het toegepaste meubilair past heel mooi in

het ontwerp.”

Naast de zorgfunctie voor cliënten biedt het expertisecentrum

ook diverse ruimtes waar zij actief kunnen

meewerken. Zowel in het restaurant als bij een deel van

de logistieke werkzaamheden spelen ze een rol. Zo is het

gebouw niet alleen voor hen, maar ook van hen.

’t Spant is verder duurzaam en energie-efficiënt ontworpen.

De thermisch gemodificeerde gevelbekleding vraagt

FOTO BOVEN

In het ontwerp van

Gortemaker Algra

Feenstra bevinden

de functies voor de

cliënten van Ipse

de Bruggen zich op

de begane grond,

zodat deze goed en

zelfstandig te bereiken

zijn.

FOTO ONDER

De route die de

cliënten in het gebouw

afleggen is ontworpen

als een rondje.

20


minimaal onderhoud en het dak is volledig voorzien van

zonnepanelen. Verwarming en koeling van het gebouw

verlopen via geothermie, in combinatie met een warmtepomp.

De houten draagconstructie biedt grote flexibiliteit

voor toekomstige veranderende zorgbehoeften zodat het

gebouw eenvoudig kan worden aangepast. Femke: “Het is

daarnaast echt een natuurinclusief gebouw geworden. Zo

hebben we in de gevel bijvoorbeeld diverse kastjes voor

vleermuizen en insecten opgehangen. Daar is bewust extra

aandacht aan besteedt in het ontwerpproces. De groene

omgeving van het landgoed vraagt daar ook om.”

Teamprestatie

Zowel opdrachtgever Ipse de Bruggen als de leden van

het bouwteam zijn heel tevreden over het eindresultaat.

Ellen: “Het is een mooi proces geweest om gezamenlijk

te onderzoeken wat Ipse de Bruggen precies nodig had

in het gebouw. Vanaf ons definitieve ontwerp zijn we in

bouwteam verder gegaan, waardoor het budget vanaf het

begin vast stond. Maar juist dankzij het bouwteam zijn er

veel alternatieven op tafel gekomen en hebben we veel in

overleg kunnen doen. Tijdens de opening kijk je dan rond

en zie je dat de toegepaste houtsoort bijvoorbeeld niet de

houtsoort is die we oorspronkelijk hadden gekozen en

dat de kozijnen een andere kleurstelling hebben, maar ons

initiële ontwerp is toch heel mooi overeind gebleven. Het

eindresultaat is absoluut geen uitgeklede versie van het

origineel geworden.”

Femke vult aan: “Het is heel mooi om te zien dat iedereen

zo trots is op het gebouw. Tijdens de opening hoorden we

zowel cliënten als medewerkers heel positief praten over

het gebouw. Dat voelt echt als een teamprestatie.”

’t Spant Nootdorp

ZORG & WELZIJN

gaf.eu

FOTO BOVEN

Het houten lint wordt

onderbroken door

balies met een eigen

kleur.

FOTO MIDDEN

Rust en overzicht

waren belangrijke

uitgangspunten daarom

is er voor pasteltinten

gekozen.

FOTO ONDER

Op de verdieping

liggen de kantoor- en

vergaderruimtes voor

de medewerkers van ’t

Spant.

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

21


ZORG & WELZIJN Watt the Health Gentbrugge

ZORG & WELZIJN

Watt the Health Gentbrugge

Clean, helder, logisch,

maar niet onpersoonlijk

FOTO BOVEN

De open

werkruimtes

bundelen alle

gemeenschappelijke

functies:

flexplekken,

phonebooths,

koffiecorners en

lunchzones vloeien

in elkaar over. Toch

voelt het geheel niet

chaotisch aan.

In Gentbrugge krijgt innovatie een ruimte die even doordacht is als de sector die

ze huisvest. ‘Watt the Health’ is een nieuwe innovatiehub waar zorg en technologie

elkaar ontmoeten en waar samenwerking centraal staat. Voor het interieurontwerp

klopte ontwikkelaar Revive aan bij architectenbureau Not A Bike Shop (NABS), onder

leiding van Kenny Decommer. Het resultaat is een gelaagd kantoorlandschap waarin

strakke, bijna laboratoriumachtige elementen samensmelten met warme materialen,

afgeronde vormen en een sterke aandacht voor gebruik en flexibiliteit. Geen klassieke

kantoorinrichting, maar een zorgvuldig georkestreerde omgeving die meegroeit met

haar gebruikers en bewijst dat functionele beperkingen net de motor kunnen zijn van

architecturale kwaliteit.

22


TEKST Bas Hakker

FOTOGRAFIE Save as Studio

FOTO ONDER

In dit project was de

architectuur van het

gebouw vrij neutraal,

met lichtgroene

raamprofielen.

Dat vroeg om een

interieur dat niet zou

botsen, maar ook

niet zou verdwijnen.

In Gentbrugge, op een plek waar zorg, industrie en wonen

elkaar al decennialang kruisen, krijgt innovatie een tastbare

vorm. Niet in de gedaante van futuristische gadgets of

steriele laboratoria, maar in een zorgvuldig ontworpen

werkomgeving die samenwerking, rust en flexibiliteit

samenbrengt. ‘Watt the Health’ is geen klassiek kantoorgebouw

en evenmin een traditionele zorgomgeving.

Het is een hybride plek, opgevat als innovatiehub waar

zorgverleners, onderzoekers, start-ups en technologiebedrijven

elkaar ontmoeten. Voor het interieurontwerp deed

ontwikkelaar Revive een beroep op NABS (Not A Bike

Shop), het architectenbureau onder leiding van Kenny

Decommer. Het resultaat is een gelaagd project waarin een

strak, bijna laboratoriumachtig uitgangspunt subtiel wordt

verzacht door materialiteit, rondingen en tactiliteit.

Wanneer je het gebouw zou binnenstappen, wordt meteen

duidelijk dat hier bewust is nagedacht over hoe mensen

zich door de ruimte bewegen. De argyle-vloer fungeert

niet alleen als grafisch element, maar ook als stille gids die

bezoekers en gebruikers door het plan leidt. Ze verbindt

functies, markeert overgangen en brengt ritme in een

interieur dat anders makkelijk rigide had kunnen

aanvoelen. “We wilden geen gangen die gewoon gangen

zijn”, vertelt Kenny Decommer. “Zeker in coworkingen

kantooromgevingen zie je vaak lange, monotone

circulatieruimtes. Dat hebben we hier echt willen

doorbreken.’’

Opdrachtgever Revive

Locatie Gentbrugge, België

Periode 2025

Ingenieur technieken Boydens Engeneering

Hoofdaannemer Vandenbussche

Architect Kras

Interieurarchitect NABS

Ambitie

Die ambitie typeert het hele project. ‘Watt the Health’ is

ontstaan vanuit een duidelijke programmatische vraag:

creëer een werkomgeving voor jonge, snelgroeiende

bedrijven binnen de gezondheidssector, met voldoende

flexibiliteit om mee te evolueren met hun noden. Tegelijk

moest het geheel financieel haalbaar blijven. “Dat is weinig”,

zegt Decommer zonder omwegen. “Maar het dwingt

je ook om creatief te zijn en om keuzes te maken die niet

louter esthetisch zijn, maar ook inhoudelijk kloppen.’’

Via persoonlijke contacten en eerdere samenwerkingen

werd NABS voorgesteld. Bovendien heeft het bureau

veel ervaring met co working-concepten. “We hebben

toen niet zomaar een ontwerp gepresenteerd”, herinnert

Decommer zich. “We hebben eerst naar het businessmodel

gekeken. Dit is een co-workingconcept, vergelijkbaar met

Watt the Health Gentbrugge

ZORG & WELZIJN

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

23


ZORG & WELZIJN

Watt the Health Gentbrugge

FOTO BOVEN

Decommer. “Dat

contrast met de

zachtere elementen

eronder maakt het

net interessant.’’ De

zichtbare balken, soms

massief en dominant,

worden in evenwicht

gebracht door

afgeronde vormen,

textiel en verlichting

die de schaal van de

ruimte verzacht.

wat we kennen uit eerdere projecten. Als de densiteit niet

klopt, als het plan niet slim is opgebouwd, dan werkt het

hele verhaal niet, hoe mooi het interieur ook is.’’

Die analyse leidde tot een hertekening van het plan, met

een hogere bezettingsgraad en een duidelijke modulariteit.

Centrale zones vormen het hart van elke verdieping en

kunnen relatief eenvoudig verschuiven of worden heringericht

naargelang bedrijven groeien of krimpen.

Technieken zijn daarop afgestemd, zodat wanden verplaatst

kunnen worden zonder ingrijpende werken. “We

wisten niet wie de eindgebruikers zouden zijn”, zegt

Decommer. “Maar we wisten wel dat het geen eenmanskantoren

zouden zijn. Dit zijn teams, vaak multidisciplinair,

die ruimte nodig hebben om samen te werken.’’

Dat onbekende gebruikersprofiel maakte het ontwerpproces

complexer, maar ook abstracter. In plaats van te

vertrekken vanuit concrete personen, baseerde NABS zich

op een inhoudelijke lezing van de sector. De medische

24


FOTO BOVEN

Opvallend is dat veel

verlichting speciaal

voor dit project werd

ontworpen. Niet

als duur maatwerk,

maar als doordachte

assemblage van

standaardprofielen.

Industriële

kokerprofielen

vormen de

basis en worden

opgewaardeerd

tot wandlampen,

vloerlampen of

hangarmaturen.

FOTO ONDER

Decommer:

“Marmer wordt

snel geassocieerd

met luxe, en dat

was niet wat de

opdrachtgever voor

ogen had. Maar

door het op een

sobere manier toe

te passen, zonder

ornament, wordt

het een rustig bijna

neutraal materiaal.”

wereld, en meer bepaald de laboratoriumcontext, vormde

een belangrijke referentie. “Clean, helder, logisch”, somt

Decommer op. “Maar we wilden absoluut vermijden dat het

klinisch of onpersoonlijk zou worden.’’ Die spanning tussen

strakheid en warmte vormt de rode draad doorheen het

interieur.

Zachtere tegenhangers

Materialiteit speelt daarin een cruciale rol. Roestvrij staal

is alomtegenwoordig, maar wordt steeds gecombineerd

met zachtere tegenhangers. Marmer en terrazzo brengen

een zekere tijdloosheid binnen, zonder luxueus of

opzichtig te worden. “We hebben daar echt discussies over

gehad”, vertelt Decommer. “Marmer wordt snel geassocieerd

met luxe, en dat was niet wat de opdrachtgever voor

ogen had. Maar door het op een sobere manier toe te

passen, zonder ornament, wordt het een rustig bijna

neutraal materiaal.”

Ook beton blijft zichtbaar waar mogelijk. Tijdens de

ruwbouwfase bleek de kwaliteit van het beton allesbehalve

perfect. De reflex zou zijn om het te verbergen achter

pleisterwerk of verlaagde plafonds, maar NABS pleitte

voor het tegenovergestelde. “Laat het ruw zijn”, aldus

Decommer. “Dat contrast met de zachtere elementen

eronder maakt het net interessant.’’ De zichtbare balken,

soms massief en dominant, worden in evenwicht gebracht

door afgeronde vormen, textiel en verlichting die de schaal

van de ruimte verzacht.

Opvallend schaars

Hout is opvallend schaars aanwezig. Op enkele specifieke

plekken na, zoals een houten bank, werd het bewust

Watt the Health Gentbrugge

ZORG & WELZIJN

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

25


Watt the Health Gentbrugge

ZORG & WELZIJN

beperkt ingezet. Tafels zijn vervaardigd uit gelakt MDF,

een kostenefficiënte keuze die tegelijk esthetisch werd

ingezet. “Het gaat niet om het materiaal op zich, maar om

hoe je het combineert”, zegt Decommer. “Door MDF

naast inox of beton te plaatsen, ontstaat er toch een spanningsveld

dat interessant is.”

De open werkruimtes bundelen alle gemeenschappelijke

functies: flexplekken, phonebooths, koffiecorners en

lunchzones vloeien in elkaar over. Toch voelt het geheel

niet chaotisch aan. Dat heeft veel te maken met de manier

waarop functies in de circulatie worden geïntegreerd.

Langs gangen verschijnen halfronde nissen en informele

zitplekken, plekken waar je even kan overleggen of

bellen zonder je af te zonderen in een gesloten ruimte.

“We noemen het geen gangen, maar kamergangen”, legt

Decommer uit. “Ze hebben een verblijfskwaliteit.’’

Verlichting versterkt dat idee. Door repetitieve armaturen

strategisch te plaatsen, wordt een perspectiefwerking

gecreëerd die ruimtes groter doet lijken dan ze zijn. Dat

is geen toevallige esthetische ingreep, maar een bewust

antwoord op de relatief beperkte oppervlakte van de

verdiepingen. Met ongeveer 3.500 m2 verdeeld over vier

verdiepingen is het project niet gigantisch, maar door

slimme ingrepen voelt het ruimer aan.

Opvallend is dat veel verlichting speciaal voor dit project

werd ontworpen. Niet als duur maatwerk, maar als

doordachte assemblage van standaardprofielen. Industriële

kokerprofielen vormen de basis en worden opgewaardeerd

tot wandlampen, vloerlampen of hangarmaturen. “Het is

eigenlijk heel eenvoudig”, zegt Decommer. “Een profiel,

een ledstrip, goed gemonteerd. Maar doordat de vorm

afgestemd is op de ruimte, voelt het toch bijzonder aan.’’

Vergaderruimte

In de vergaderruimtes komt die aanpak het sterkst tot

uiting. Elke ruimte heeft een eigen maat en proportie,

maar ze delen een duidelijke vormentaal. Tafels zijn vaak

afgerond, verlichting volgt hun contouren en zware

betonnen balken blijven zichtbaar. In één ruimte loopt een

massieve balk dwars door het plafond, meer dan een meter

hoog. In plaats van die te verbergen, werd ze het ankerpunt

van de ruimte. “Dat is voor mij een van de sterkste

plekken van het project”, zegt Decommer. “Het zware,

brute beton wordt getemperd door alles wat eronder

gebeurt.’’

De phonebooths vormen dan weer kleine cocons binnen

het grotere geheel. Ze zijn volledig monochroom

uitgewerkt, met tapijt op vloer en wanden, en bieden

FOTO BOVEN

Decommer: “We

wilden geen gangen

die gewoon gangen

zijn.”

FOTO ONDER

Hout is opvallend

schaars aanwezig.

Op enkele specifieke

plekken na, zoals

een houten bank,

werd het bewust

beperkt ingezet.

26


MIDDEN

Plattegrond

5e verdieping.

ONDER

Plattegrond

6e verdieping.

akoestische rust. Hun ronde vorm contrasteert bewust met

de rechthoekige structuur van het gebouw. Die rondingen

verwijzen subtiel naar siloarchitectuur, een knipoog naar de

industriële context van Gentbrugge en de nabijheid van de

haven. “We wilden die industriële sfeer niet letterlijk kopiëren”,

legt Decommer uit, ‘maar wel vertalen naar een hedendaags

interieur.’

Context

Die relatie met de omgeving is voor NABS essentieel. Een

interieur mag volgens Decommer nooit losstaan van zijn

context. Zelfs in een nieuwbouw, waar gevel en interieur

door verschillende bureaus worden ontworpen, zoekt hij naar

samenhang. In dit project was de architectuur van het gebouw

vrij neutraal, met lichtgroene raamprofielen. Dat vroeg om een

interieur dat niet zou botsen, maar ook niet zou verdwijnen.

“Neutraliteit geeft vrijheid”, zegt Decommer. “Maar je moet er

wel bewust mee omgaan.’’

Het is nooit eenvoudig om in een project te stappen waar

de grote lijnen al zijn uitgezet. Toch groeide gaandeweg een

wederzijds respect, zeker op de werf. “Op een bepaald moment

verdedigden we samen het ontwerp tegenover de bouwheer”,

vertelt Decommer. “Dat ging bijvoorbeeld over gemeenschappelijke

ruimtes die men wilde schrappen om budget te besparen.

Daar hebben we echt voet bij stuk gehouden.’’

Die gemeenschappelijke zones zijn volgens NABS

essentieel voor het succes van een coworkingomgeving.

Ze zorgen voor ontmoeting, informele gesprekken en

een gevoel van gemeenschap. Zonder die plekken dreigt

een kantoor te verworden tot een verzameling losse

werkplekken. “Dan verlies je de ziel van het project”, zegt

Decommer. “En net dat is wat mensen aantrekt.’’

Dat denken vanuit gebruik en beleving loopt als een rode

draad door het ontwerp heen. Ook al waren de eindgebruikers

niet gekend, toch werd elk element afgetoetst

aan de vraag hoe het zou worden gebruikt. Waar ga je

bellen? Waar kan je even apart zitten? Waar eet je samen?

Die vragen kregen evenveel aandacht als materiaalkeuzes

of esthetiek.

Uiteindelijk is ‘Watt the Health’ een project dat toont

hoe beperkingen kunnen leiden tot scherpere keuzes.

Het is geen interieur dat schreeuwt om aandacht, maar

een omgeving die zich langzaam laat ontdekken. Strak

en rationeel, maar nooit kil. Industrieel, maar met een

menselijke maat. “Voor mij is het belangrijkste dat het

klopt”, besluit Decommer. “Dat mensen zich hier goed

voelen, dat ze er graag werken. Als dat lukt, dan is het

project geslaagd.’’

notabikeshop.eu

Watt the Health Gentbrugge

ZORG & WELZIJN

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

27


scoop

OFFICE / CONFERENCE | PUBLIC SPACES | CARE

Bezoek onze showroom

Edisonstraat 3, 5051 DS Goirle

Tel: +31 (0)13 534 91 67

www.brunner-group.com


COLUMN

Avelien Thoben (1984, Nijmegen, links) en Nelleke Minten (1985, Wanroij,

rechts) zijn interieurontwerpers bij EGM interieur. Dagelijks verwonderen

zij zich over het vak dat ze lief hebben en met passie uitvoeren om

mensen een prettige plek in een gezond gebouw te bieden. Hun werkveld

is breed met onder meer gemeentehuizen, kantoren, horeca, ziekenhuizen,

winkels en ambassades waarbij verrassende interieuroplossingen,

veeleisende opdrachtgevers, innovatieve materialen en hightech

technologieën haast als vanzelf stof opleveren voor deze column.

Avelien en Nelleke schrijven de column samen.

De verloren rust van het sanatorium

Onlangs werd in Rotterdam een bijzonder project

opgeleverd door Stichting Droom en Daad: het

voormalige tbc paviljoen in Het Park, gered van de

ondergang en getransformeerd tot een publiekstoegankelijk

parkpaviljoen. Een bescheiden, maar sympathiek

gebouw van de relatief onbekende architect C.J.

Hemmes kreeg dankzij Studio Makkink & Bey een

nieuwe toekomst. Geen groot gebaar, geen spektakelarchitectuur

– maar een zorgvuldig en betekenisvol

nieuw hoofdstuk.

Binnen ons bureau, werkend aan meerdere zorgprojecten

variërend van één OK tot een omvangrijk masterplan,

zet zo’n gebouw onvermijdelijk iets in beweging.

Het tbc paviljoen is niet zomaar een oud gebouw; het

is een tastbare herinnering aan een radicaal andere visie

op zorg. Patiënten die ‘vermoeid van lichaam en geest’

waren, kwamen hier kuren in zonlicht en frisse lucht.

Liggend in bed, vaak buiten, soms maanden, soms jaren.

Een healing environment avant la lettre.

Het contrast met de zorg van vandaag kan nauwelijks

groter zijn. Waar genezing vroeger werd gezocht in rust,

tijd en vertraging, zien we nu dat snelheid, efficiëntie

en doorstroming belangrijke indicatoren zijn. Er is

veel meer kennis en die willen we direct inzetten. De

moderne zorg is specialistisch, intensief en hoogtechnologisch

– en vooral: kort. Het ziekenhuisverblijf wordt

steeds vaker uitgedrukt in kosten per dag, en daar wordt

op gestuurd. Patiënten moeten in beweging komen, uit

bed en zo snel mogelijk naar huis. Niet alleen omdat de

zorg onder druk staat, maar ook omdat wetenschappelijk

is aangetoond dat actief herstel en een zoveel mogelijk

‘eigen’ omgeving het genezingsproces bevordert.

Als we niet oppassen is de hedendaagse patiënt enkel

een cijfer in een Excelfile in de snelle ziekenhuiswereld.

Het besef van wat er daadwerkelijk is gebeurd, komt

vaak pas later – thuis, wanneer de echte genezing begint.

Wat een verschil met het sanatorium, waar men letterlijk

lag te wachten op herstel.

En precies daar begint voor ons de ontwerpvraag.

Wat betekent deze versnelling voor de kwaliteit van onze

zorgomgevingen? Als het verblijf steeds korter wordt,

wordt de impact van die korte tijd misschien juist groter.

In onze ontwerpen proberen we daarom een brug te slaan

tussen heden en verleden. Natuurlijk is de medische infrastructuur

leidend en enorm verbeterd – maar we nemen

ook bewust de ogenschijnlijk ‘ouderwetse’ waarden van

het sanatorium mee.

Rust, stressreductie en contemplatie zien wij niet als

nostalgie, maar als actuele ontwerpinstrumenten. Heel

concreet vertaalt zich dat in aandacht voor daglichtbeleving,

uitzicht, oriëntatie en ritme. En ook een directe rol

voor naasten in de zorgomgeving. In het ontwerpen van

plekken waar je even kunt vertragen. En steeds vaker ook

letterlijk: mogelijkheden om met een ziekenhuisbed naar

buiten te kunnen, een dakterras op, de frisse lucht in.

Misschien is het juist zo dat, naarmate het verblijf korter

wordt, de ruimtelijke beleving langer blijft hangen. De

ervaring van het ziekenhuis reist mee naar huis, maakt deel

uit van het verdere herstel. Healing environment is daarmee

geen momentopname, maar een doorlopend proces.

Juist ook buiten de muren van de zorginstelling.

Zo proberen we in onze ontwerpen het verschil te maken

in het proces van ziek zijn, specialistisch geholpen worden,

je beter voelen en een gezond(er) leven. En misschien –

heel voorzichtig – brengen we daarmee iets terug van die

verloren rust van het sanatorium, vertaald naar de realiteit

van vandaag.

Dordrecht, februari 2026

EGM interieur

COLUMN

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

29


alle gordijnstoffen brandvertragend, ook na veelvuldig wassen • unieke bestekservice, aanbestedingsklaar

3000+ stoffen op voorraad • customized vanaf 50 meter • duurzaamheidscertificaten EU Ecolabel,

EPD en Oekotex • 10 jaar garantie


PRODUCTINFORMATIE Projectstoffering

Akoestiek met een luxe uitstraling

www.artimo.nl

De akoestische in-between Decibel van Artimo textiles biedt de perfecte balans

tussen functionaliteit en verfijning. De gordijnstof is ontworpen voor wie veiligheid,

comfort én esthetiek wil combineren in één interieurproduct. Decibel biedt niet

alleen een veilige oplossing door de brandvertragende garens, maar draagt ook actief

bij aan een prettige akoestiek in de ruimte. Met een geluidsabsorptiewaarde van Aw

0,50 (klasse D) helpt deze stof storende galm te verminderen, waardoor gesprekken

aangenamer klinken en rust ontstaat in elke projectomgeving. Ondanks de akoestische

werking blijft de stof verrassend helder en luchtig. Dit maakt Decibel ideaal

voor ruimtes waar licht en zicht belangrijk zijn, maar waar tegelijkertijd behoefte

is aan comfort en geluidsdemping. Wat de stof echt bijzonder maakt, is het subtiele

glanseffect. Dit verfijnde detail geeft de stof een luxe uitstraling, zonder overheersend

te zijn. Het resultaat is een elegante in-between die moeiteloos past binnen

uiteenlopende interieurstijlen: van modern en minimalistisch tot warm en klassiek.

De stof filtert het daglicht op een zachte manier en zorgt voor een lichte, open sfeer

in de ruimte.

Interieur dat zorg versterkt

www.lensen.nl

De Lensen-collectie is ontwikkeld voor zorgomgevingen waarin comfort, functionaliteit en uitstraling

samenkomen. Een collectie die aansluit op de dagelijkse praktijk in de zorg én bijdraagt aan een warme,

huiselijke beleving voor bewoners, cliënten en zorgprofessionals. Van zitmeubilair tot complete interieurconcepten:

elk product is ontworpen met oog voor ergonomie, duurzaamheid en onderhoudsgemak.

Materialen worden zorgvuldig geselecteerd op intensief gebruik, hygiëne en een lange levensduur, zonder

concessies te doen aan design en sfeer. De kracht van de Lensen-collectie ligt in flexibiliteit en maatwerk.

Dankzij een brede keuze in modellen, kleuren en afwerkingen sluiten de oplossingen naadloos aan

op uiteenlopende zorgconcepten – van woonzorgcentra en revalidatie tot GGZ en eerstelijnszorg. Met

Lensen draait het om meer dan meubels alleen. Het gaat om complete interieuroplossingen die bijdragen

aan welzijn, efficiëntie en toekomstbestendige zorgomgevingen. Van visie tot realisatie: elk interieur wordt

ontworpen om te werken, te inspireren en te ontzorgen.

Projectstoffering

PRODUCTINFORMATIE

Verfijnde balans

www.vyvafabrics.nl

De meubelstoffencollecties Bellus en Lineos van Vyva Fabrics bieden een verfijnde balans

tussen esthetiek, comfort en prestaties. Lineos vertaalt de uitstraling van linnen naar een

duurzame stof met een zachte, luxueuze uitstraling. De collectie is verkrijgbaar in 16 zorgvuldig

samengestelde kleuren. Warme en verfijnde kleurtonen brengen balans en sereniteit,

terwijl de subtiele textuur zorgt voor een natuurlijke en tijdloze basis die in uiteenlopende

omgevingen tot zijn recht komt. Bellus heeft een gelaagd karakter en is beschikbaar in 9

kleuren. Het gemarmerde patroon creëert diepte en nuance en nodigt uit tot creatief spel

met kleur, textuur en compositie, terwijl de uitstraling verfijnd en rustig blijft. Beide collecties

combineren duurzaamheid met een zachte, luxueuze touch. Ze zijn geschikt voor

binnen- en buitengebruik en vervaardigd uit 100 procent Solution Dyed Acryl. Daarnaast

zijn ze voorzien van een Non-PFAS water- en vlekafstotende finish en ontworpen voor

optimale prestaties bij intensief gebruik. De collecties dragen het OEKO-TEX Standard

100-label en zijn Lead Free en AZO Dye Free, wat zorgt voor langdurige kwaliteit en een

verantwoorde materiaalkeuze.

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

31


ADVERTORIAL Lensen x Works by Lensen

FundisHuis Gouda; een plek voor

verbinding, vitaliteit en vooruitgang

Het nieuwe Fundis hoofdkantoor in Gouda – het FundisHuis – staat in het teken van samenwerking,

gezondheid en toekomstbestendige ouderenzorg. Om deze visie te vertalen naar een uitnodigende,

functionele en duurzame inrichting hebben Lensen en Works by Lensen de handen ineengeslagen. Het

resultaat? Een werkomgeving waarin ontmoeting centraal staat – met ruimte voor geconcentreerd werken,

informeel overleg én gezamenlijke groei.

Lensen x Works by Lensen

ADVERTORIAL

Fundis en Lensen kennen elkaar al langer en onderhouden

een vertrouwde samenwerking. Voor de realisatie van dit

omvangrijke kantoorproject is Works by Lensen ingeschakeld.

Samen hebben we het volledige traject uit handen

genomen: van het eerste advies tot en met de montage en

oplevering. Een project van A tot Z, volledig afgestemd op

de wensen van Fundis.

Stimulerende werkomgeving

Het FundisHuis – een ontwerp van HofmanDujardin –

huisvest diverse bedrijven binnen de Fundis-organisatie.

De split-level indeling en open structuur zorgen voor

onverwachte ontmoetingen, korte lijnen en verbinding

tussen afdelingen. Deze ambitie en visie op samenwerking

vormen het vertrekpunt voor de inrichting:

• Kantoorruimtes zijn voorzien van ergonomische

werkplekken met zit-sta bureaus, comfortabele bureaustoelen

en maatwerkopslag.

• Overlegplekken en vergaderruimtes kregen een

uitnodigend karakter met tijdloze tafels en stoelen

die passen binnen de rustige, natuurlijke sfeer van het

gebouw.

• Personeelsrestaurant en werkcafé zijn flexibel in

te zetten – voor een gezonde lunch, een informeel

overleg of een spontane brainstormsessie. De combinatie

van losse tafels, stoelen en een op maat gemaakte

wandbank zorgen voor comfort én sfeer.

• Buitenmeubilair op het dakterras nodigt uit tot frisse

pauzes of vergaderingen in de kas – een plek die letterlijk

ruimte geeft aan nieuwe ideeën.

“Dankzij de korte lijnen konden we snel schakelen. In de

showroom van Lensen hebben we het voorgestelde meubilair

van verschillende leveranciers gepresenteerd. Het

projectteam van Fundis is komen proefzitten. Dat leverde

niet alleen een goede basis voor de inrichting op, maar

ook een gezellige en positieve dag. Het mooie is: dat enthousiasme

werkt door in het werkplezier van de mensen

die hier straks aan de slag gaan”, vertelt Joris Hillebrandt,

teammanager Works by Lensen.

32


ARCHITECT HofmanDujardin

FOTOGRAFIE HofmanDujardin, Matthijs van Roon

Duurzaam en mensgericht

Vanaf de start van het project is duurzaamheid centraal

gesteld. Het FundisHuis is gebouwd in hout, met aandacht

voor energie-efficiëntie en circulariteit. Works by Lensen

sluit hierbij aan met tijdloos meubilair en materialen die

passen binnen een duurzame levenscyclus.

De inrichting past bij de zachte, natuurlijke vormentaal van

het gebouw – met lichte kleuren, transparante materialen en

een warme, huiselijke uitstraling. Functioneel waar nodig,

sfeervol waar het kan. Alles in dienst van vitaliteit, welzijn en

verbinding.

Projectleider Mark Hooijmans begeleidde dit project van

A tot Z. “We hebben nauw samengewerkt met de verschillende

toeleveranciers en onze eigen meubelmonteurs. Door

vanaf het begin overzicht te houden en de lijnen kort te houden,

verliep alles soepel. Dat zie je terug in het eindresultaat.”

works-projects.nl

lensen.nl

Lensen x Works by Lensen

ADVERTORIAL

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

33


OPGELEVERD Sigma Fabriek Amsterdam

Hoe Barbara de Vries en Tinka

Heinzel een interieur ontwierpen en

er uiteindelijk zelf bleven werken

Sommige gebouwen lijken een geheugen te hebben. De oude Sigma Fabriek

(Cruquius) in Amsterdam is zo’n gebouw. Ooit een plek van verf, vaten en arbeid, nu

een verzameling werkruimtes waar nieuwe ideeën worden gemaakt. Toen Barbara de

Vries en Tinka Heinzel van interieurarchitectenbureau Heinzel de Vries hier voor het

eerst binnenstapten, wisten ze meteen: dit pand moet een soort thuis worden.

opgeleverd

Sigma Fabriek Amsterdam

FOTO ONDER

Veel meubels

van Nederlands

fabricaat.

34


TEKST Bas Hakker

FOTOGRAFIE Heinzel de Vries/Chantal Arnts

Opdrachtgever Barista Technology

Interieur Architect Heinzel De Vries

Aannemer De Bouwkakker

Maatwerk Keukens Maru Keukens

Vloer Senso

Wand Sigma Verf Schilderwerk & Tegels Winckelmans

Verlichting Xal

Staal Galesloot Constructie

Plafond Acosorb

Trap Bestaand

Planten & Bakken Meester In Bloemen

Intensieve samenwerking

De opdrachtgever is ondernemer in de wereld van professionele

koffieapparatuur. Zijn bedrijf is sterk technisch

georiënteerd: ontwerpen, ontwikkelen en produceren van

machines en onderdelen, met een relatief klein team. Het

kantoor speelt daarin een andere rol dan bij veel bedrijven.

Het is geen plek waar dagelijks grote aantallen mensen

werken, maar wel een ruimte waar wordt nagedacht,

getest, ontvangen en gedeeld. “Hij zit zelf heel erg in

de techniek,” vertelt Tinka. “Hij is ingenieur, ontwerpt

producten en bemoeit zich graag met details. Dat merk je

meteen in zo’n project.’’ De verdieping die hij aankocht

in de Sigma Fabriek is circa 400 vierkante meter groot en

bestaat in eerste instantie uit één open ruimte, gedragen

door zware betonnen kolommen. Het pand ademt zijn

industriële verleden, maar is tegelijkertijd klaar voor een

nieuwe invulling. Het eerste contact tussen opdrachtgever

en Heinzel de Vries ontstond op een bijna terloopse

manier. “We waren buren,” zegt Tinka. “We zaten in een

verzamelgebouw aan de Panamalaan. Vanuit de gang spraak

hij ons een keer aan en hij vertelde dat hij een verdieping

had gekocht in de Sigma Fabriek en vroeg of we eens mee

wilden denken.’’

Die informele kennismaking bleek het begin van een

intensieve samenwerking. Al snel werd duidelijk dat de

opdrachtgever niet op zoek was naar een standaard kantoorinrichting,

maar naar een interieur dat recht doet aan

het gebouw, zijn werk en zijn manier van denken.

Sigma Fabriek Amsterdam

opgeleverd

FOTO BOVEN

Het karakter van het

originele gebouw is

in stand gehouden.

Wat begon als een opdracht voor een ondernemer met

een liefde voor techniek en koffie groeide uit tot een

intensief ontwerpproces waarin historie, gebruik en detail

samenkwamen. En alsof dat nog niet bijzonder genoeg

was, besloten de architecten uiteindelijk zelf ook in het

pand te blijven. Hun eigen kantoor bevindt zich nu in

dezelfde ruimte die ze ooit voor een ander ontwierpen.

“Het project liet ons eigenlijk niet meer los’’, zegt Barbara.

“En op een gegeven moment voelde het bijna onvermijdelijk

dat we hier zelf zouden gaan zitten.’’

Een vloer, drie werelden

Vanaf het begin stond vast dat de verdieping te groot was

voor één gebruiker. De opdrachtgever wilde de ruimte

opdelen in drie delen: een afgesloten unit voor verhuur,

een kantoorruimte voor zijn eigen bedrijf en een tweede

kantoor voor zijn broer, die met een ander bedrijf op

dezelfde verdieping zou werken. Daarnaast moest er een

gedeelde kern komen: een plek waar ontmoeting, overleg

en ontspanning samenkomen. “De ruimte was één grote

open vloer met alleen maar kolommen,” zegt Barbara.

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

35


basis aansluitend op de architectuur) met kleur als accent en

statement. Zo werd een grote blauwe maatwerkkast ontworpen

die als zelfstandig object in de ruimte staat. De toiletruimte

werd juist volledig rood uitgevoerd: vloer, wanden

en plafond vormen daar één monochroom geheel. “Dat zijn

bewuste momenten’’, zegt Tinka. “Geen losse accentmuurtjes,

maar ruimtes of objecten die echt iets zeggen.” Deze aanpak

maakte het interieur niet alleen sterker, maar ook toekomstbestendig.

Omdat een deel van de verdieping verhuurd

zou worden, moest de basis neutraal genoeg zijn om door

verschillende gebruikers te worden gedragen. “We vinden het

belangrijk dat een ruimte tijdloos is,” zegt Barbara. “En dat

iemand er zijn eigen stempel op kan zetten zonder tegen het

ontwerp te vechten.’’

Het sociale hart: keuken en koffiebar

Centraal in de verdieping ligt het gezamenlijke hart: de

keuken en koffiebar. Voor de opdrachtgever was dit geen

bijzaak, maar een essentieel onderdeel van het programma.

Sigma Fabriek Amsterdam

opgeleverd

FOTO BOVEN

Een echte ontmoetingsplek.

FOTO ONDER

Er is veel

werkruimte

in de keuken.

“We hebben echt veel tijd gestoken in de vraag: hoe deel je

dit op zonder het karakter van de ruimte te verliezen?” Die

fase bestond niet alleen uit tekenen en schuiven, maar ook uit

onderzoek. Zoals bij veel projecten doken Barbara en Tinka

in de geschiedenis van het gebouw. Ze bezochten het online

stadsarchief, bekeken oude foto’s en probeerden te begrijpen

hoe de fabriek vroeger functioneerde. “We wisten dat het een

oude verffabriek was,” vertelt Tinka. “Maar pas als je oude

beelden ziet, begrijp je hoe kleur, schaal en materiaal toen

werden gebruikt.’’

Historie als uitgangspunt, niet als decor

Wat opviel in het archiefmateriaal was dat kleur in de

fabriek nooit decoratief was. Het zat in objecten: grote vaten,

machines en geschilderde lambrisering. Rood, blauw, groen;

krachtige, functionele tinten. Dat inzicht werd een belangrijk

uitgangspunt voor het interieurontwerp. “Het was verleidelijk

geweest om overal kleur te gebruiken,” zegt Barbara.

“Maar dat zou historisch gezien helemaal niet kloppen.” In

plaats daarvan kozen de architecten voor een rustige, tijdloze

36


FOTO BOVEN

De oude kleuren van

de verffabriek zijn

subtiel zichtbaar.

Zijn bedrijf draait om koffie en hij ontvangt hier regelmatig relaties.

“Hij zei meteen: hier moet een serieuze koffiebar komen’’,

vertelt Tinka. “Met een grote machine, niet iets symbolisch.” De

koffiebar is uitgevoerd in hout en heeft een uitgesproken baristauitstraling.

Eromheen staan verschillende zitplekken, waardoor

het een natuurlijke ontmoetingsplek is geworden. Mensen blijven

hangen, praten bij, werken kort of drinken samen koffie. Barbara:

“Het idee was dat dit echt een hangplek zou worden. Een plek

waar je vanzelf naartoe gaat.” Naast de koffiebar bevindt zich

een lange keuken, die verder gaat dan een standaard pantry. De

opdrachtgever houdt van koken en beschikt over professionele

apparatuur. Om afstand te nemen van de barista-sfeer en ruimte

te geven aan dat culinaireaspect, kozen de architecten hier voor

een ander materiaal. “We hebben de werkbladen in terrazzo uitgevoerd,”

zegt Tinka. “Die zijn hier in het werk gestort, inclusief

de wasbakken. Dat was echt bijzonder.’’

Techniek zichtbaar en doordacht

Wat dit project uitzonderlijk maakt, is de mate waarin techniek

onderdeel werd van het ontwerp. De opdrachtgever dacht actief

mee over installaties, ventilatie en afwerking. In plaats

van techniek weg te werken, werd die juist zichtbaar

gemaakt. “Hij ontwierp zelfs profielen voor de luchtinstallatie,”

vertelt Barbara. “En liet die poedercoaten

in een kleur die bij het interieur past.” Ook bij andere

details werd maatwerk toegepast. Om de originele

stalen kozijnen te behouden, werden speciale stucprofielen

ontwikkeld, ondanks de toevoeging van dikke

isolatie. Zelfs kleine onderdelen, zoals het kettinkje

van de rolgordijnen, werden uitgevoerd in RVS. “Dat

klinkt misschien overdreven,” zegt Tinka, ‘’maar juist die

consistentie zorgt ervoor dat alles klopt.’’ Een belangrijk

uitgangspunt voor Heinzel de Vries is de relatie tussen

binnen en buiten. Het interieur moest voelen als een

verlengde van het gebouw, niet als een decor dat er los

in staat. “Als je hier aankomt, voel je meteen dat het een

oud industrieel pand is’’, zegt Barbara. “Dat gevoel moet

binnen doorgaan.’’ Dat betekent: geen overdaad aan luxe

materialen die botsen met het rauwe karakter van het

gebouw, maar juist een dialoog tussen beton, staal, hout

en kleur. De betonnen balken en kolommen blijven

zichtbaar, net als de schaal en ritmiek van de gevel. Een

van de mooiste reacties kwam van iemand die het pand

goed kende. “Mijn man, die ook architect is, liep hier

binnen en vroeg: Wat hebben jullie eigenlijk gedaan?’’,

vertelt Tinka. “Dat was het grootste compliment. Het

voelde alsof het altijd al zo was.’’

Meubilair: klassiek en Nederlands

In het losse meubilair kozen de architecten voor een

combinatie van internationale designklassiekers en

Nederlandse ontwerpers. Bureaus van Vitra worden

gecombineerd met tafels van Arco, stoelen van

Gispen en verlichting van Nederlandse ontwerpers.

“We hebben bewust gekozen voor meubels met een

lange levensduur’’, zegt Tinka. “Ontwerpen die al jaren

meegaan en niet trendgevoelig zijn.” Houten bureaus

brengen warmte in de industriële basis, terwijl verschillende

zitplekken zorgen voor flexibiliteit. Het kantoor

voelt daardoor minder als een traditionele werkplek en

meer als een huiskamer waar gewerkt wordt. “Dat is ook

nodig,” zegt Barbara. “Mensen werken tegenwoordig

veel thuis. Als je wilt dat ze naar kantoor komen, moet

het beter voelen dan thuis.’’

Sigma Fabriek Amsterdam

opgeleverd

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

37


Sigma Fabriek Amsterdam

opgeleverd

Een onverwachte wending: zelf blijven

Oorspronkelijk was één van de units bedoeld voor verhuur.

Maar gaandeweg het project bleef die ruimte leeg. De

opdrachtgever stelde op een gegeven moment een simpele

vraag: waarom zouden Barbara en Tinka er zelf niet gaan

zitten? “Hij zei: ik kan voor jullie een goede prijs maken,”

vertelt Barbara. “En hij zorgde natuurlijk voor goede koffie.’’

Voor Heinzel de Vries was het moment precies goed. Hun

vorige kantoor voelde te klein en te tijdelijk voor de fase

waarin het bureau zich bevond. “We hadden hier iets ontworpen

waar we volledig achter stonden’’, zegt Tinka. “En

ineens realiseerden we ons: dit is eigenlijk precies de plek die

we zoeken.” Nu werken Barbara en Tinka dagelijks in het

interieur dat ze zelf ontwierpen. Ze ervaren het ontwerp

niet meer als makers, maar als gebruikers. “Je merkt dan

meteen of iets werkt’’, zegt Barbara. “Hoe mensen bewegen,

waar ze gaan zitten, waar gesprekken ontstaan.’’

FOTO BOVEN

Kantoor ontmoet

verffabriek.

FOTO ONDER

De toiletruimte.

Een ontwerp dat blijft werken

Het project in de Sigma Fabriek is voor Heinzel de Vries

meer dan een geslaagde opdracht. Het is een plek geworden

die hun manier van werken weerspiegelt: onderzoekend,

zorgvuldig en met oog voor detail. “Het mooiste is dat het

ontwerp echt gebruikt wordt’’, zegt Tinka. “De koffiebar

leeft, de ruimtes worden gedeeld, mensen blijven hangen.’’

heinzeldevries.com

38


The business event

for luxury and

boutique hotels.

DO BUSINESS

With over 200

hotel suppliers

LEARN

At over 30 talks

and workshops

EXPLORE

The latest

hotel trends

CONNECT IN

The Social

Business Space

Scan to view the website:

FIND OUT MORE AT:

www.independenthotelshow.nl


OPGELEVERD Den Hartogh Basecamp Rotterdam

Levendige campus voor

Den Hartogh Logistics

Sinds het voorjaar van 2025 hebben de medewerkers van Royal Den Hartogh Logistics

een nieuwe thuisbasis. Braaksma & Roos Architectenbureau ontwierp – samen met

Bremen Bouwadviseurs, Pieters Bouwtechniek en Buro Harro – Den Hartogh Basecamp:

een levendige campus met kantoorruimte, restaurant, skybar, sportruimte en een eigen

academy.

Den Hartogh Basecamp Rotterdam

FOTO ONDER

De hokkerige indeling

van het gebouw is

getransformeerd

naar een open

werklandschap met

verschillende soorten

werkplekken.

Familiebedrijf Royal Den Hartogh

Logistics werd ruim honderd jaar

geleden opgericht door Ko Den

Hartogh en is gespecialiseerd in

het transport van bulkgoederen

zoals chemicaliën, gas, polymeren

en vloeibare levensmiddelen.

Met vestigingen over de hele

wereld is het inmiddels één van

de grootste transportbedrijven

van ons land. Het Nederlandse

hoofdkantoor was na heel wat

jaren toe aan een nieuw onderkomen

dat hierbij past. Braaksma &

Roos Architectenbureau creëerde

in een integraal ontwerpteam met

Bremen Bouwadviseurs, Pieters

Bouwtechniek en Buro Harro het

Den Hartogh Basecamp. Architect

Kristof Houben vertelt: “De

opdrachtgever benaderde ons eind

opgeleverd

40


TEKST Linda Hulsman

FOTOGRAFIE Kester Den Hartogh en Linde Berends

Opdrachtgever Royal Den Hartogh Logistics

Omvang 23.500 m 2

Energielabel A++++, Paris Proof

Architect en aanvoerder integraal ontwerpteam Braaksma & Roos

Architectenbureau

Installatieadviseur Bremen Bouwadvies

Constructie Pieters Bouwtechniek

Landschap Buro Harro

Aannemer VOF BC Basecamp; Weboma BV, Dijkxhoorn bouw-

en aannemingsbedrijf

Installateur Croonwolter&dros

Sloop Bert van der Plas

Projectmanager CAS Huisvestingsadvies

Interieur restaurant en skybar KingKongs

Interieur academy Perspekt

Kantoorinrichting Plan@office

2020 met de vraag of wij een ontwerp

wilden maken voor het net door hem

aangekochte pand aan de Sluisjesdijk

in de haven van Rotterdam. In eerste

instantie wilde hij het gebouw slopen

en nieuwbouw realiseren, maar tijdens

de bezichtiging was voor ons al snel

duidelijk dat het pand niet gesloopt

moest worden. Er zit zoveel ruimte in

het gebouw, iets wat je met nieuwbouw

niet had kunnen realiseren.

Ook de authentieke elementen, zoals

de kenmerkende sheddaken, die moet

je koesteren.”

Landschap uitvoering VIC Landscaping

Beveiliging Klik security

Licht & advies Lightsale

AV apparatuur JNV audiovisuele smaakmakers, Darwin

Software

Gietvloer Arturo, Bolidt

Tapijten Tarket Desso, Interface, Ege, Textiles & More en Forbo

Schoonloopmat Forbo en Emco

Stoffering wand Kvadrat

Bronstegels entree Koninklijke Tichelaar

Vilten wandbekleding Refelt

Akoestische eiken wandpanelen Matude

Gordijnen Vescom en Textiles & More

Moswand Metiez

Den Hartogh Basecamp Rotterdam

Glasboard Chameleon

Terazzo wandtegels Ecostone, Intercodam

Tegels Mosa

Schakelmateriaal Jung

Plafond entree Metadecor

opgeleverd

Viltplafond boardroom Hunter Douglas

Akoestisch spuitplafond Acosorb

Systeemplafonds Ecophon

HPL-afwerking Egger, Formica, Dekodur, Pantoni, Pfleiderer

Thuisbasis

Het programma van eisen van de

opdrachtgever was vooral gericht op

het creëren van een plek waar iedereen

zich thuis zou voelen. Houben

legt uit: “Het oude kantoor van Den

Hartogh was een vrij standaard anoniem

kantoor en dat wilden ze graag

anders. Ze zijn een familiebedrijf dat

inmiddels internationaal opereert en

dat gevoel wilden ze ook uitdragen.

Zodat als medewerkers uit andere

landen langskomen, dat ook zij zich

thuisvoelen. Het ‘community-gevoel’

FOTO BOVEN

Het Den Hartogh

Basecamp bevindt zich

aan de Sluisjesdijk

in de haven van

Rotterdam.

FOTO ONDER

Op de werkvloer op de

begane grond staat een

opvallende ‘denktank’

in een omgebouwde

tankcontainer.

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

41


opgeleverd

Den Hartogh Basecamp Rotterdam

FOTO BOVEN

Medewerkers hebben

vanaf het restaurant

zicht op de oude

expeditieplaats die is

getransformeerd tot

een verblijfstuin met

terras en flexibele

buitenwerkplekken.

FOTO ONDER

De opdrachtgever wilde

van de vergaderruimtes

echt iets bijzonders

maken.

speelde dus een belangrijke rol in ons

ontwerp. Het nieuwe onderkomen

moest alleen absoluut geen ‘posh’

hoofdkantoor worden, maar echt een

thuisbasis oftewel ‘basecamp’ voor

iedereen. Daaruit ontstond de visie:

‘Home away from home’.”

Het ontwerpteam is in 2021 gestart

met het vaststellen van de identiteit

van het bedrijf. Wat is Den Hartogh,

wat doen ze precies en hoe vertellen

we hun verhaal? “Deze vertaling van

hun identiteit naar een gebouwontwerp

was voor de opdrachtgever ook

lastig te beantwoorden, het was dus

echt een gezamenlijke ontdekkingsreis”,

vertelt Houben. “Verschillende

sessies met moodboards en workshops

zorgden ervoor dat we uiteindelijk

een duidelijk beeld kregen

van het DNA van Den Hartogh. De

insteek van het interieurontwerp

werd industrieel maar met een zachte

toevoeging, een mix dus. Zoals de

opdrachtgever zelf heel mooi zei:

‘Wij zijn hard op de inhoud en zacht

op de relatie’.”

Dichtgetimmerd doolhof

Het pand, dat voorheen diende als

kantoor en werkplaats voor de maritieme

tak van Imtec, had zijn beste

tijd gehad. Houben: “In vijftig jaar

tijd was er al zoveel aan verbouwd,

het was een soort dichtgetimmerd

doolhof geworden. We hebben het

eerst helemaal ‘uitgepakt’ naar zijn

originele staat en vanuit daar zijn

we begonnen met opbouwen.” Het

betonskelet was het uitgangspunt in

het ontwerp. “We vonden het belangrijk

dat het ruwe karakter behouden

bleef, naast al het nieuwe materiaal

dat we zouden toevoegen.”

De hokkerige indeling van het

gebouw is getransformeerd naar een

open werklandschap met verschillende

soorten werkplekken. Houben

vertelt: “We hebben de bestaande

lichtstraten weer opengemaakt en aan

weerszijden twee vides gerealiseerd.

De ene vide is toegankelijk via een

houten spiltrap en de andere met

42


FOTO BOVEN

Het ontwerp van

Braaksma & Roos

Architectenbureau is

een rustige basis van

eikenhout, beton en

groen en daarbinnen

diverse vormen van

rood.

een grote tribunetrap, die tegelijkertijd

gebruikt kan worden als

informele plek voor bijvoorbeeld de

nieuwjaarstoespraak.”

Om de grote ruimte te doorbreken

zijn er diverse vergaderruimten

doorheen ‘gestrooid’. “Er zijn clusters

gecreëerd van acht á twaalf werkplekken

gevolgd door een vergaderruimte

of een reproruimte. Op die manier

hebben we kleinschaligheid weten

te creëren op een grote gezamenlijke

werkvloer.”

Eigen karakter

Alle vergaderruimtes hebben een

eigen karakter gekregen. “De

opdrachtgever wilde van deze

ruimtes echt iets bijzonders maken.

Daarom zijn ze allemaal uniek in

kleurstelling en beleving. Zo is er

bijvoorbeeld een ruimte met een

volledige whiteboard-wand, een

meditatieve-ruimte met zitzakken

en een groene ruimte met moswanden.

Vooral de connection-ruimte is

bijzonder. Deze is voorzien van een

halfronde bank waar je uitstekend

nieuwe klanten kunt ontvangen. Een

prachtige plek voor een warm welkom

met uitzicht op de Maas.”

Het toegepaste kleurenpalet van

‘50-shades-of-red’ is een knip-

FOTO ONDER

De grote tribunetrap

kan tegelijkertijd

gebruikt worden

als informele plek

voor bijvoorbeeld de

nieuwjaarstoespraak.

Den Hartogh Basecamp Rotterdam

opgeleverd

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

43


Den Hartogh Basecamp Rotterdam

opgeleverd

FOTO BOVEN

In de koffiebar toont

een wandvullende

vitrinekast met

miniaturen de rijke

historie van Den

Hartogh.

FOTO MIDDEN

Dankzij de diverse

zitmogelijkheden,

van lounge-achtige

banken in leer en

velours tot intieme

tafeltjes, is het

restaurant veelzijdig

in gebruik.

FOTO ONDER

In het restaurant

is gekozen voor

een warmere

vertaling van het

Den Hartoghkleurenpalet

oog naar het merk-DNA van Den

Hartogh. Houben: “Het rood van

Den Hartogh is een vrij harde tint

en niet echt warm. Dat hebben we

daarom gemixt met andere roodtinten.

Ook hebben we veel hout toegepast

in het interieur, als natuurlijk

contrast met het industriële beton.

Het resultaat is een rustige basis van

eikenhout, beton en groen en daarbinnen

diverse vormen van rood.”

Vanwege de harde materialen in het

kantoor heeft Braaksma & Roos

Architectenbureau ook veel vilt en

andere stofferingen gebruikt. “Het

was voor Den Hartogh erg belangrijk

dat de akoestiek in de ruimte goed

was. Ze hadden in het oude kantoor

geluidsoverlast en wilden dat nu

absoluut voorkomen. Het kantoorgedeelte

van Basecamp is een grote

open ruimte, maar voelt dankzij de

toegepaste zachte materialen heel

rustig aan.”

Rijke historie

Maar het Basecamp is meer dan

alleen een werkomgeving. Het is een

fysieke vertaling van de identiteit

van Den Hartogh. Bij binnenkomst

in de nieuwe entree benadrukt een

verlichte wereldkaart in het plafond

het internationale karakter van het

bedrijf en in de naastgelegen koffiebar

toont een wandvullende vitrinekast

met miniaturen de rijke historie.

Op de werkvloer op de begane grond

44


staat ook een opvallende ‘denktank’

in een omgebouwde tankcontainer.

Den Hartogh Basecamp beschikt

daarnaast over een sportruimte,

een restaurant en skybar en de Den

Hartogh Academy. Hier kunnen

nieuwe medewerkers worden

opgeleid en klanten en partners de

historie van het familiebedrijf beleven.

Perspekt Studio’s uit Haarlem

ontwierp en bouwde deze experience:

rondom thema’s als transport,

veiligheid, community care en familie

ontvouwt zich een reis door de

wereld van Den Hartogh. Het interieurontwerp

voor het restaurant en de

skybar is gemaakt door KingKongs

uit Eindhoven. Medewerkers hebben

vanaf het restaurant zicht op de oude

expeditieplaats die is getransformeerd

tot een verblijfstuin met terras en

flexibele buitenwerkplekken.

In het restaurant is gekozen voor

een warmere vertaling van het Den

Hartogh-kleurenpalet met tinten

zoals terracotta, dieprood en zachte

groenen die worden gecombineerd

met hout en lichte materialen.

Dankzij de diverse zitmogelijkheden,

van lounge-achtige banken in leer

en velours tot intieme tafeltjes, is de

ruimte veelzijdig in gebruik.

Op de bovenste verdieping van

het gebouw is de skybar te vinden,

die aanvoelt als een hotelbar. Rijke

materialen als wortelhout en velours

worden gecombineerd met diepe

bordeauxrode tinten en opvallende

grafische prints.

Archieftekeningen

Het verbouwen van een bestaand

pand brengt volgens Houben altijd

uitdagingen met zich mee. “Ons

ontwerp is gebaseerd op archieftekeningen

en 3D-scans. Maar

als je begint met strippen blijkt

er bijvoorbeeld toch ergens een

balk te zitten die nergens op een

tekening te vinden is, dit vraagt

tijdens de uitvoering om creativiteit.

In dit project hebben we alle

benodigde installaties heel mooi

kunnen integreren.” Den Hartogh

Basecamp heeft een label A++++

door zeer energiezuinige installaties,

een goed geïsoleerde schil,

vloerverwarming en PV-panelen

op het dak. Daarmee is het gebouw

ruim Paris-Proof en klaar voor een

duurzame toekomst.

Houben is dan ook net als Den

Hartogh zeer tevreden over het

gehele proces en het eindresultaat.

“Het was voor ons een uniek proces

omdat we als aanvoerder van het

integraal ontwerpteam vanaf het

begin tot het eind betrokken waren.

De opdrachtgever was kritisch en

tegelijk zoekende, omdat het hun

eerste ervaring was met zo’n proces.

Het resultaat van die openheid en

wisselwerking met het ontwerpteam

is een gebouw dat heel goed bij Den

Hartogh past.”

Het kantoor voelt echt als een

tweede ‘thuis’. Houben vult aan: “Er

zijn zelfs medewerkers die voorheen

een aantal dagen vanuit huis

werkten, maar die nu iedere dag op

kantoor werken. Ze vinden het prettiger

om naar kantoor te komen, dan

kun je wel zeggen dat een ontwerp

geslaagd is.”

braaksma-roos.nl

FOTO BOVEN

Op de bovenste

verdieping van

het gebouw is de

skybar te vinden,

die aanvoelt als een

hotelbar.

ONDER

Aan weerszijden

van het gebouw zijn

vides gerealiseerd.

De ene vide is

toegankelijk via een

houten spiltrap en

de andere met een

grote tribunetrap.

Den Hartogh Basecamp Rotterdam

opgeleverd

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

45


OPGELEVERD The Blurring Zone Amsterdam

opgeleverd

The Blurring Zone Amsterdam

Volop ruimte voor

ontmoeting

Alles loopt gezellig door elkaar in The Blurring Zone. Beyond Space maakte van deze

publiek toegankelijke plint in The Pulse of Amsterdam een heerlijke hangout op de

Zuidas.

FOTO BOVEN

The Blurring Zone

vormt het visitekaartje

en de huiskamer

van The Pulse of

Amsterdam.

The Blurring Zone beslaat 1800

vierkante meter publieke ruimte op

de begane grond van The Pulse of

Amsterdam: een opvallende toevoeging

aan de Zuidas waarin wonen,

werken en recreëren samenkomen

en elkaar versterken. Het bijzondere

gebouw is een samenwerking van

MVSA, VMX en DELVA en bestaat

uit een kantoortoren en een woontoren,

verbonden door een multifunctionele

plint en een stadsbos op 35

meter hoogte. Deze multifunctionele

plint is The Blurring Zone: maar

liefst 125 meter lang, en met ruimte

voor een indrukwekkende combinatie

van functies. Hier komen bewoners

van het woongebouw, kantoormedewerkers,

maar ook bezoekers van

de inpandige foodcourt, bioscoop,

gym en supermarkt elkaar tegen.

46


TEKST Eva Vroom

FOTOGRAFIE Max Hart Nibbrig

Interieurarchitect Beyond Space

Maatwerkmeubilair Harryvan

Vloeren Duracryl

Wandafwerking Front/StoneCycling

Plafond Acosorb

Trappen EeStairs

Plantenbakken Klaas Kuiken

Beplanting Het Groenlab

Verlichting Modular

Meubilair BigBrands

Stoffering Siersema

The Blurring Zone brengt al deze

groepen samen in een toegankelijke,

levendige en uitnodigende ruimte

en vormt zo het visitekaartje en de

huiskamer van het gebouw. “De

architecten van The Pulse hadden de

begane grond bedacht als één grote

open ruimte”, vertelt Rolf van der

Leeuw, architect bij Beyond Space

dat verantwoordelijk was voor het

interieurontwerp van de plint.

FOTO BOVEN

De trappen landen in

royale plantenbakken

die dankzij de

betegeling en de

ingebouwde bankjes

het buitengevoel

oproepen.

FOTO MIDDEN

De wand van

gerecyclede baksteen

is gekozen om het

buitengevoel vast te

houden.

The Blurring Zone Amsterdam

opgeleverd

Binnen en buiten

Beyond Space heeft veel ervaring

met transformaties, niet alleen van

bestaande gebouwen maar ook van

BIM-modellen. Van der Leeuw: “Wij

staan bekend als architecten die zich

bezighouden met interieurs, en

we ontwerpen veel plinten van

gebouwen.” Een belangrijk onderdeel

van het gebouw, omdat dit ook de

eerste indruk, de identiteit vormt.

“We hebben om te beginnen met

MVSA en VMX gekeken hoe we de

FOTO ONDER

Beyond Space

markeerde de

overgang van de

entreeruimte naar

het horecagedeelte

met een trappartij

die het atrium op

Escher-achtige wijze

doorkruist.

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

47


opgeleverd

The Blurring Zone Amsterdam

FOTO BOVEN

In de entreeruimte zorgen comfortabel meubilair, zorgvuldig

gekozen verlichting en planten voor een aangename sfeer. De

hangende plantenbakken zijn ontworpen door Klaas Kuiken.

FOTO ONDER

In het lage middendeel bevindt zich de horeca. Om de schaal te

verkleinen zonder tussenwanden te plaatsen, zijn hier vloervelden

toegepast.

verschillende verkeersstromen het

beste door de ruimte konden leiden.

Het ontsluiten van de entree naar de

kantoren, de woningen, de bioscoop

en de horeca vormde een grote uitdaging.

De bezoekersstromen moeten

echt mengen hier, het is de bedoeling

dat je door de hele Blurring Zone

kunt lopen.” Beyond Space liet zich

voor het ontwerp inspireren door

Berlages Plan-Zuid: “Omdat het

een publieke ruimte is, eigenlijk een

overdekte voortzetting van de straat,

hebben we gespeeld met het contrast

tussen binnen en buiten.” Dit is direct

te zien aan de achterwand in de

entreeruimte. Deze is om het buitengevoel

vast te houden, afgewerkt met

gerecyclede baksteen. Ondanks dit

‘buiten’materiaal heeft The Blurring

Zone een warme uitstraling. Wie

vanaf het stationsplein de hoge, lichte

entreeruimte binnenkomt, waant zich

in een behaaglijke hotellobby. De

receptiebalie voor de kantoorentree

is uitgevoerd in groen natuursteen.

Comfortabel meubilair, zitjes langs de

gevel, zorgvuldig gekozen verlichting

en veel planten zorgen voor een

aangename sfeer. “Om de plafondhoogte

gevoelsmatig te verlagen

zonder hoogte te verliezen, hebben

we designer Klaas Kuiken gevraagd

48


FOTO BOVEN

Een houten podiumtrap

leidt vanuit het

horecadeel naar

de bovenliggende

bioscoopzalen.

FOTO ONDER

Het kleurgebruik is

ingetogen gehouden

om de materialen

te laten spreken. De

beplanting en de

natuurstenen balie

voegen kleur toe.

The Blurring Zone Amsterdam

om hangende plantenbakken te

ontwerpen.”

Menselijke maat

De entreeruimte wordt begrensd

door een opvallende trappartij. “We

hebben de trap zo geplaatst, dat deze

direct zichtbaar is bij binnenkomst”,

aldus Van der Leeuw. “Trappen organiseren

de ruimte, en maken deze

dynamisch.” Beyond Space ontwierp

alle trappen in The Pulse, en markeerde

de overgang van de entreehal

naar het horecagedeelte met een

trappartij die het atrium op Escher-

opgeleverd

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

49


neerd met bamboe, hout en linoleum.

Het kleurgebruik is ingetogen

gehouden. “In onze ontwerpen willen

we de materialen laten spreken”,

legt Vander Leeuw uit. “Het groen

van de planten en de natuurstenen

balie zorgen voor kleur. De trappen

hebben we bruin gemaakt, passend

bij de bamboe treden. En alle gipswanden

zijn lichtgrijs. Niet wit, want

daarmee geef je grote ruimtes al snel

een galerie- of kantoor-uitstraling.

Het meubilair in de entreeruimte

hebben wij gekozen, voor het

horecagedeelte hebben de uitbaters

dit zelf uitgezocht. Wat betreft de verlichting:

er komt natuurlijk erg veel

daglicht binnen, maar we hebben ook

veel hangende verlichting ingezet

om de plafondhoogte gevoelsmatig

lager te maken. Daarnaast hebben we

messing armatuurtjes gebruikt die

als kleine juweeltjes op de wanden

zitten.”

The Blurring Zone Amsterdam

opgeleverd

FOTO BOVEN

De trappen zijn

bruin gemaakt,

passend bij de

bamboe treden.

achtige wijze doorkruist. De trappen

landen in royale groenbeplanting,

met plantenbakken die dankzij de

betegeling en de ingebouwde bankjes

het buitengevoel oproepen. Van der

Leeuw: “De beplanting is substantieel,

in grote formaties. Dit heeft

het meeste effect.” De vele planten,

die profiteren van het overvloedige

daglicht, zijn van betekenis voor de

WELL-certificering van het gebouw.

Ze dragen bij aan een prettig binnenklimaat,

en maken de ruimte ook

minder overweldigend. Het atrium is

maar liefst 15 meter hoog, en loopt

door over vijf lagen.

In het lage middendeel van The

Blurring Zone bevindt zich de

horeca. Het plafond is er gewelfd

vanwege de bovenliggende bioscoopzalen,

die te bereiken zijn via een

houten podiumtrap. Beyond Space

deelde de horecaruimte in met

vloervelden, om de menselijke maat

te introduceren en de schaal enigszins

te verkleinen zonder tussenwanden

te plaatsen.

Materialen laten spreken

Ook de materialen en kleuren die

Beyond Space voor het interieur

gebruikte, zorgen ervoor dat The

Blurring Zone ondanks zijn formaat

een prettige en comfortabele uitstraling

heeft. Om warmte toe te voegen

zijn de terrazzo vloeren gecombi-

Complexe context

Een mooi detail vormt ook de

verlichting die subtiel in de trapleuningen

werd verwerkt, om de trappen

beter te belichten. Van der Leeuw: “Ik

ben heel tevreden met de trappen.

Het feit dat ze er in de complexiteit

van het project zo gekomen zijn,

is bijzonder. Daarnaast vind ik het

mooi, dat we in die grote ruimte

een onderverdeling hebben kunnen

maken, zonder openheid te verliezen.

De uitdaging is om te onderzoeken

waar de ruimte zit om het casco

ontwerp nog te optimaliseren, terwijl

deze plannen vaak al ver uitgewerkt

of zelfs al in uitvoering zijn als wij

worden aangehaakt. Wij kijken met

50


FOTO BOVEN

Een mooi detail vormt de verlichting

die in de trapleuningen is verwerkt.

Messing armatuurtjes zitten als

juweeltjes op de wand.

ONDER

Plattegrond Blurring Zone.

een andere bril naar het gebouw, waardoor

we vanuit de interieurbeleving misschien

andere keuzes zouden maken. Het is dan

de kunst om te weten wanneer je casco

wijzigingen voor kan stellen zonder het

proces te frustreren, dit is altijd een interessant

spanningsveld. Maar de samenwerking

met MVSA en VMX verliep heel prettig. Zij

waren blij dat wij de plint konden inrichten,

en zagen de meerwaarde van ons ontwerp.”

beyond-space.eu

opgeleverd

The Blurring Zone Amsterdam

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

51


OPGELEVERD Hotel VIA Antwerp Antwerpen

Hotel VIA Antwerp Antwerpen

opgeleverd

Geslaagde lokale

hub voor gasten en

buurtbewoners

FOTO ONDER

De lobby van het hotel,

met diverse stijlen LVT

als vloerbedekking.

De eigenaar van het Antwerpse hotel VIA, dat in september 2025 openging, had een

levendig hotel voor ogen dat de sfeer zou uitademen van “de huiskamer van een

stijlvolle vriend”, in de woorden van Merav Bustan. De interieurarchitect uit Berlijn

en haar studiomedewerkers hadden als vertrekpunt het creëren van een lokale hub

voor gasten en buurtbewoners: als pleisterplek voor logies, kunst, gastronomie en

cultuur. In die opzet is Bustan geslaagd; het hotel fungeert inmiddels al als een soort

buurtcentrum, naast de oorspronkelijke functie als een hotel.

52


TEKST Ingmar van der Hoek

FOTOGRAFIE Lars Nitsch (portret) en

Jules Reijnders Studio (interieurfoto’s)

“Design is altijd een doorlopend

creatief proces, zoals het schrijven van

een lied met meerdere coupletten

en een refrein”, is hoe Bustan haar

werkwijze omschrijft. Zij ziet het

ook als een resultaat van teamwork

met alle betrokken partijen. “Ik ben

meteen gaan praten met het team

van het hotel. Wat is praktisch voor

jullie? Van daaruit hebben we een

layout gemaakt en deze vertaald naar

3D-modellen.” Voor deze grote, open

ruimte was het de bedoeling om gasten

te serveren in de lobby, bar en het

restaurant op een efficiënte manier

zonder grote afstanden te hoeven

lopen. “Tijdens mijn studie werkte

ik zelf in de horeca, dus ik ben

ervaringsdeskundige.” Bustan heeft

inmiddels een ruime ervaring in het

ontwerpen van interieurs voor hotels

voor zowel ketens als voor boutique

hotels in heel Europa.

Art Deco invloeden

De totale openbare ruimte is 600

vierkante meter, zij integreerde

maatwerk timmerwerk in de

afscheidingen voor wat zij “smart

spacing” noemt die ook zorgen voor

intimiteit in combinatie met de

typische dinerbanken. Het gehele

hotel (Bustan ontwierp naast de bar

en het restaurant ook de 176 kamers,

gangen, wc’s, patio, lounge en de

lobby van VIA Antwerp) is in een stijl

uitgevoerd met opnieuw ontworpen

Art Deco accenten die goed

passen bij de buurt waar het hotel

ligt; Zurenborg. “De buurt heeft veel

gebouwen in deze stijl en ik wilde in

het interieur de typische ronde vormen

en grafische elementen van Art

Deco laten terugkeren, maar in een

moderne interpretatie. Antwerpen

heeft voor veel buitenlanders een

belegen, suffe reputatie en dat wilde

ik tegenspreken met dit ontwerp:

het is een levendige havenstad met

een beetje brutale houding en dat

zie je terug in dit hotel.” De eigenaar

wilde de buurt letterlijk en figuurlijk

Interieurarchitect Studio Merav Bustan, Berlijn

Tegels begane grond en toiletten Tonalite Tiles

Vloerbedekking begane grond Plusfloor click-LVT

Plinten en lijsten op de begane grond en in de hotelkamers Orac

Maatwerk tapijt in restaurant en in de vergaderkamer Bringtons

Verlichting van de lobby Lee Broom (model Orion)

Inlegwerk van houten tafelbladen en bar counter Florim

keramische tegels

naar binnen halen en daarom kozen

we voor het ophangen van werk

van lokale kunstenaars die passen

bij de moderne, levendige gasten en

buurtbewoners. “Ik zie hierin ook de

toekomst van hotels: niet alleen een

plek om te overnachten, maar ook

om van het leven te kunnen genieten

samen met de lokale bevolking.

Een soort community center. Na

de pandemie willen we weer meer

contact met elkaar, maar dan wel op

een spannende en bijzondere manier.

Daar leent VIA Antwerp zich bij

uitstek voor.”

FOTO ONDER

Zowel de hotelgasten

als de buurtbewoners

voelen zich hier thuis.

Hotel VIA Antwerp Antwerpen

opgeleverd

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

53


opgeleverd

Hotel VIA Antwerp Antwerpen

FOTO BOVEN

De gang is bewust

donker uitgevoerd,

als een portaal naar

verrassende ruimten.

FOTO ONDER

Art Deco invloeden zijn

ook goed zichtbaar in

de toiletruimte beneden.

Visuele verrassing

Bustan werkte eerder onder andere

als set designer voor filmproducties

en als visual merchandiser. De

ruimten in het hotel, van de bar tot

de wc’s en de gangen, zijn dan ook

zo ontworpen dat ze voor een visuele

verrassing zorgen, zeker bij de eerste

aanblik. “Ik heb de ruimten ontworpen

als ensceneringen, de gangen zijn

vrij donker en vol spanning uitgevoerd,

ze werken als een soort tijdmachine

naar een volgende ervaring, of

dat nu de hotelkamer, de lounge, de

bar of het restaurant is. Een bijzondere

beleving ervaren is het hoogste

goed in deze tijd, niet het bezitten

en tonen van een luxe product of

object. We hebben gestreefd naar een

bijna kinderlijke verwondering bij de

gasten en bezoekers van het hotel.”

De kamers zijn vol afgeronde vormen

en expressieve vormgeving maar

niet te wild in contrasten of kleuren:

“Hotelkamers zijn ook bedoeld om in

te ontspannen na de aankomst. Ik heb

een balans gezocht tussen rust en dramatiek

voor de hotelgasten.” Ze weet

ook uit ervaring dat de medewerkers

een essentieel onderdeel vormen van

de hotelbeleving: “Het bier dat men

schenkt is overal hetzelfde, de mensen

die er werken en met wie je omgaat

tijdens het verblijf bepalen hoe je

het verblijf herinnert. Samen met de

eigenaar en het team hebben we een

personage bedacht die de doelgroep

van het hotel belichaamt, wat mij

weer hielp met het ontwerpen van

de inrichting.” Ze ziet beleving door

het gehele hotel als het antwoord

op de vraag van de eigenaar: “Het is

een Brand Creation Process geweest,

waarbij de ruimten niet losgezongen

zijn van de context. Dat het functioneert

blijkt uit de mensen die er nu al

terugkeren en de lokale evenementen

die er plaatsvinden. De verbinding

54


Hotel VIA Antwerp Antwerpen

tussen het hotel en de omgeving is

gelukt, dat maakt me blij.”

Uitgebreide puzzel

Als designer is het volgens haar van

belang om te weten welke mensen

er verblijven in de ruimten: “Dat

heeft invloed op de beleving van

licht, akoestiek, op de prikkeling van

alle zintuigen. Een ontwerp gaat dan

ook veel verder dan een mooi plaatje

maken; het is een uitgebreide puzzel

waarin alle stukjes precies moeten

passen.” Daarbij moet er een evenwicht

worden gevonden tussen kosten,

budget en originaliteit. “We zijn

bijvoorbeeld op zoek gegaan naar een

relatief eenvoudige wandtegel waar

we een eigen patroon op konden

laten aanbrengen zonder te hoge

kosten. Hotels hebben post-Covid

lagere budgetten om te besteden, in

alle geledingen. Dus verwelkomden

we als studio de gelegenheid om

naar slimme oplossingen op zoek te

gaan die niet te duur en eenvoudig

te onderhouden zijn en een lange

levensduur hebben.” De ruimte

beneden had slechts twee plekken

met daglicht, dus ook in de verlich-

ting moest er slim, kostenbewust en

toch creatief worden gewerkt. Ook

bij de keuze voor vloeren: LVT dat

niet oogt of aanvoelt als kunststof in

uiteenlopende patronen, van simpele

planken tot houten visgraat als decor

van het LVT als bepalende elementen

voor de layout.

Inspireren

Als grootste uitdaging zag Bustan

het inspireren van betrokkenen om

mee te denken met het ontwerp en

ook mee te bewegen. “Neem zoiets

als ventilatie: een saai maar essentieel

onderdeel van de ruimten. Vaak

verpest een dergelijke installatie het

FOTO BOVEN

De studio ontwierp

eveneens de 176

kamers van het

hotel.

FOTO ONDER

Het werk van lokale

kunstenaars siert de

wanden.

opgeleverd

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

55


Hotel VIA Antwerp Antwerpen

opgeleverd

FOTO BOVEN

Een bijna

perfecte

symmetrie

in de bar.

FOTO

LINKSONDER

De interieurarchitect

Merav Bustan.

FOTO

RECHTSONDER

De ruimten

beneden zijn

ontworpen met

het hotelteam in

gedachten.

ontwerp. In dit geval hebben de

eigenaar, de aannemer, de architecten

en de timmerlieden meegedacht over

het onopvallend wegwerken, het

naadloos integreren van de installatie.

Het was niet de goedkoopste oplossing,

maar wel de mooiste, zo vond

iedereen.” Alle betrokkenen wilden

echt meewerken aan het mooiste

resultaat van de inrichting binnen

de grenzen van het budget. Daarom

vallen de akoestische plafondpanelen

in de ruimten ook niet op. “Het

was geen gedachte achteraf, maar

tijdens het ontwerpproces actief

samenwerken. Zo werk ik het liefst.”

Negentig procent van de inrichting

van VIA Antwerp is op maat gemaakt

zonder de kosten te overschrijden.

“Ik ben zelf bij de meubelfabrikanten

langsgegaan om wijzigingen in

de modellering te bespreken. Ieder

detail moest perfect passen binnen

het totale ontwerp.” Het was van

oorsprong al een hotel, maar totaal

verschillend van stijl en inrichting:

alles is daarom gestript en opnieuw

gebouwd, niets van het origineel

is bewaard gebleven. Toch is er een

gevoel van historie in de ruimten.

Bustan glimlacht: “De vibe is vintage,

maar de inrichting is dat zeker niet.”

Veelzijdigheid is vereist

Ze glimlacht opnieuw bij de vraag

hoe ze haar signature style, haar

handtekening als designer, zou willen

omschrijven: “Die vraag krijg

ik vaker en is er een gezien vanuit

het standpunt van ontwerpen voor

particulieren, vind ik. Als hospitality

designer heb ik geen terugkerende

designstijl, ik moet veelzijdig zijn.

Een herkenbare stijl werkt dan

eerder belemmerend. Ik heb wel een

rode draad in mijn ontwerpen: het

verbinden van ruimten tot een geheel

met cohesie. Zo naadloos mogelijk,

het mag de gast of bezoeker niet

opvallen. De wanden, de vloeren, de

plafonds, van ruimte tot ruimte, alles

is met elkaar verbonden en niets is

toevallig. Het is meer de designtaal

dan de designstijl die mijn ontwerpen

kenmerkt, denk ik. Ik zie een

ontwerp als een schilderij: ik maak

het, verkoop het en het hangt aan de

muur bij de eigenaar. Het is niet meer

van mij. Maar ik ga vaak zelf terug

naar de hotels die ik heb ontworpen,

om er te logeren. Om te zien hoe het

loopt, hoe het gaat met de mensen

met wie ik heb samengewerkt. Je

kent elkaar, bent bevriend geraakt.

Het is als thuiskomen.” Hoe kijkt zij

als designer naar trends? “Ik zie het

als een haakje waar je iets aan kunt

ophangen, meer niet. Trends zijn niet

duurzaam en voegen eigenlijk niets

toe aan een ontwerp, zeker niet wanneer

het bedoeld is om lang mee te

gaan.” Een trend waar ze echt moeite

mee heeft is het volledig ontwerpen

via AI. “Iedereen mag zich interieurdesigner

noemen, in tegenstelling

tot architect. Het maakt me gek: ik

zie zoveel flutontwerpen voorbij

komen van zelfbenoemde designers,

die nooit uitgevoerd kunnen worden.

Het ondermijnt het vak van designer.

Deze zelfbenoemde ontwerpers

hebben geen flauw benul van

akoestiek, van verlichting of van de

technische kennis die vereist is voor

dit werk. Bescherm het beroep. Ook

ik gebruik AI als gereedschap bij het

schetsen of renderen, maar wees er

voorzichtig mee. Het maakt dingen

die niet kunnen en die niet bij elkaar

passen. Het is een stuk gereedschap,

meer niet.”

mbdesign.studio

56


opgeleverd

Hotel VIA Antwerp Antwerpen

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

57


INTERVIEW Femke Feenstra

‘Architectuur lost de

zorgcrisis niet op, maar

kan wel ruimte maken

voor verandering’

Femke Feenstra

INTERVIEW

De zorg staat onder druk. Personeelstekorten lopen

op, kosten rijzen de pan uit en de vraag naar zorg

groeit sneller dan het aanbod. Architecten hebben

geen pasklare oplossing voor die problemen. Maar, zo

is de overtuiging van Femke Feenstra, directeur van

Gortemaker Algra Feenstra, de gebouwde omgeving

kan wél degelijk bijdragen aan gezondere cliënten,

tevredener medewerkers en een zorgsysteem dat beter

bestand is tegen de toekomst. In Rotterdam spreken we

haar uitgebreid over de rol van architectuur in de zorg,

over onderzoek als motor voor vernieuwing, over de

weerbarstige werkelijkheid van aanbestedingen en over

wat een politiebureau en een ziekenhuis onverwacht met

elkaar gemeen hebben.

FOTO RECHTERPAGINA

Femke Veenstra: “Wil

je gezondere cliënten?

Wil je personeel

behouden? Wil je

efficiënter werken?

Pas daarna kijken we

wat dat betekent voor

ruimte.”

Jullie bemoeien je – op een goede manier –

als architecten nadrukkelijk met de zorginhoud.

Waar komt die houding vandaan?

“Die betrokkenheid zit diep in het DNA van het

bureau. We bestaan al ruim honderd jaar en zijn

inmiddels zo’n zestig jaar actief in de zorg. Het eerste

ziekenhuisproject dat hier werd gedaan was het Clara

Ziekenhuis in Rotterdam, in de jaren zestig en sindsdien

is zorg nooit meer een bijzaak geweest. Die lange

geschiedenis betekent dat er hier enorm veel kennis is

opgebouwd over hoe zorg zich ontwikkelt, hoe organisaties

veranderen en wat dat vraagt van gebouwen”

Maar het is niet alleen historisch bepaald,

het lijkt ook iets persoonlijks.

“Dat klopt. Mijn eigen fascinatie komt voort uit hoe

mensen ruimte beleven. Niet alleen met hun ogen,

maar met al hun zintuigen. In de zorg is dat extra relevant,

omdat mensen daar vaak kwetsbaar zijn. Iemand

met psychische problemen ervaart ruimte anders dan

iemand die lichamelijk herstelt van een operatie. Dat vraagt

om nuance, om aandacht, om maatwerk. Die gelaagdheid

heeft me altijd aangesproken.”

Wanneer werd onderzoek een structureel onderdeel

van jullie werk?

“Dat moment viel samen met mijn aantreden als directeur.

Ik vond het niet meer logisch om alleen maar projecten

te doen zonder systematisch terug te kijken: wat werkt nu

eigenlijk? Wat draagt aantoonbaar bij aan herstel, aan welzijn,

aan werkplezier? Toen hebben we besloten om onderzoek

echt te verankeren in het bureau. Inmiddels lopen er

altijd meerdere onderzoeken tegelijk.”

Welke onderzoeken zijn dat concreet?

“Een belangrijk onderzoek richt zich op het reactiverend

ziekenhuis. Dat gaat over het stimuleren van beweging en

activiteit bij patiënten, zodat ze sneller herstellen en fitter

naar huis gaan. We doen evaluatieonderzoek bij opgeleverde

afdelingen, maar kijken ook vooruit: hoe zorg je ervoor dat

reactiveren al in de programmafase wordt meegenomen?

Niet als losse ambitie, maar als leidend principe. Daarnaast

doen we onderzoek naar woonomgevingen voor ouderen,

onder meer vanuit de Woonzorg Challenge. Het gaat

dan om mensen die ouder worden, maar zo lang mogelijk

zelfstandig willen blijven wonen. De klassieke verzorgingshuizen

zijn verdwenen, maar de behoefte aan nabijheid, veiligheid

en sociale verbinding is er nog steeds. Hoe ontwerp

je een woonomgeving die dat faciliteert zonder betutteling?

Een derde onderzoekslijn richt zich op de wisselwerking

tussen zorg en technologie. Technologie is geen losstaand

hulpmiddel, maar werkt altijd samen met gebouw en

organisatie. Zeker in de dementiezorg of bij reactiverende

ziekenhuizen is dat onlosmakelijk verbonden.”

Waarom is dat onderzoek zo belangrijk voor

jullie praktijk?

“Omdat we niet op onderbuikgevoel willen ontwerpen.

Onderzoek en projecten voeden elkaar continu, de

58


TEKST Bas Hakker

FOTOGRAFIE Gortemaker Algra Feenstra

INTERVIEW

Femke Feenstra

‘Mijn eigen

fascinatie komt

voort uit hoe

mensen de

ruimte beleven’

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

59


Femke Feenstra

INTERVIEW

FOTO ONDER

In het Arnhemse

Rijnstate staat

reactiveren

centraal.

wisselwerking maakt het interessant. Uit projecten

halen we data en ervaringen, die gebruiken we in

onderzoek, en de inzichten uit onderzoek nemen we

weer mee terug de praktijk in.”

Het reactiverend ziekenhuis is inmiddels een

bekend begrip. Dat was tien jaar geleden

anders.

“Toen wij ermee begonnen, kwam het nauwelijks voor

in programma’s van eisen. Nu zie je het bijna overal

terug. Dat vind ik een mooie ontwikkeling, al doen wij

dat natuurlijk niet alleen. Wat veranderd is, is dat afdelingen

niet meer automatisch rondom het bed worden

georganiseerd. Patiënten worden gestimuleerd om eruit

te komen, om te bewegen, om elkaar te ontmoeten.

Dat vraagt om andere plattegronden, andere zichtlijnen,

andere plekken.”

En dat levert aantoonbaar iets op?

“Ja. In projecten zoals bij Rijnstate krijgen we terug

dat patiënten zich prettiger voelen en personeel minder

hoeft te 'organiseren'. Als een omgeving uitnodigt

tot beweging en ontmoeting, ontstaan die activiteiten

vanzelf. Dat scheelt werkdruk en verhoogt de kwaliteit

van zorg.”

Opdrachtgevers zien die meerwaarde niet

altijd meteen, toch?

“Niet altijd meteen. Veel opdrachtgevers starten vanuit

een strak programma van eisen. Wat wij dan doen, is

dat programma even parkeren en eerst de vraag stellen:

wat wil je nou écht bereiken? Wil je gezondere

cliënten? Wil je personeel behouden? Wil je efficiënter

werken? Pas daarna kijken we wat dat betekent voor

de ruimte.”

Hoe krijg je die gesprekken op gang?

“Met workshops. We hebben per sector – ziekenhuizen,

wonen met zorg, onderwijs – speciale workshopboxen

ontwikkeld. Met kaarten, beelden en woorden

brengen we ambities letterlijk in beeld en leggen dat

samen vast in een conceptbord. Dat bord blijft het hele

proces meegaan. Zelfs in de technische ontwerpfase

kijken we: doen we nog recht aan wat we toen hebben

afgesproken?”

Je ziet daarin ook een verschuiving richting

aandacht voor personeel.

“Zeker. De personeelstekorten zijn zo groot dat

opdrachtgevers zich steeds meer realiseren: als we mensen

willen vasthouden, moeten we beter voor ze zorgen.

Dat zit in daglicht, in logische looplijnen, in buitenruimte,

maar ook in heel praktische dingen. Een plek

om je even terug te trekken, om rustig verslag te doen,

om je fiets op te laden. Het zijn geen luxe-eisen, maar

randvoorwaarden.”

Jullie zien zelfs de terugkeer van

personeelswoningen.

“Ja, verpleegappartementen op of nabij het ziekenhuisterrein.

Dat klinkt ouderwets, maar komt terug als

secundaire arbeidsvoorwaarde. Het laat zien hoe urgent

het probleem is.”

Zakelijk gezien is de zorg een lastige sector.

Alles draait om aanbestedingen.

“Dat klopt. Vrijwel elk project gaat via een aanbesteding,

openbaar of via een beperkte selectie. Elke

aanbesteding is anders, met andere eisen, andere

referentiekaders. Je investeert veel tijd en geld in een

inschrijving, zonder garantie op succes. Soms gaan daar

tonnen in zitten.”

‘Als een omgeving mensen

helpt om zich beter te

voelen, om beter te werken,

om sneller te herstellen,

dan heb je als architect

echt iets bijgedragen.’

60


Wat maakt dat zo ingewikkeld?

“De eisen verschillen enorm. De ene keer mogen

referenties drie jaar oud zijn, de andere keer vijf of tien.

Soms wordt kwaliteit zwaar meegewogen, soms lijkt

prijs doorslaggevend. En als je afvalt, is de feedback

vaak beperkt. Dan vraag je je af: waar zat het verschil

precies?”

Dat voelt niet altijd als de beste manier om

kwaliteit te selecteren.

“Nee. Uiteindelijk gaat het vaak om relatief kleine

verschillen in honorarium, terwijl architectuur maar

een klein deel is van de totale bouwkosten. Dan zou je

zeggen: kies de partij die het beste past bij je visie. Want

een goed ontworpen gebouw betaalt zich terug in

gebruik, flexibiliteit en tevredenheid. Het is belangrijk

om goed samen te werken met opdrachtgevers

en lange relaties te hebben door de jaren heen zodat

je echt mee kan denken over de ontwikkeling van de

zorg. Deze opdrachtgevers zijn voor ons van grote

waarde.”

stellen. Bezoekers komen daar vaak gespannen binnen.

Dat principe - hoe zorg je dat iemand zich niet verloren

of bedreigd voelt - passen we één op één toe in ziekenhuizen.

Dat begint al in de parkeergarage: hoe loop je naar

binnen, hoe word je begeleid, hoe voorkom je stress?”

Die kruisbestuiving werkt ook andersom?

“Absoluut. Van politiebureaus leren we veel over backoffice-logistiek

en veiligheid. Die kennis nemen we

weer mee naar ziekenhuizen, waar logistiek minstens zo

complex is. Zo versterken verschillende projecten elkaar

continu.”

Zijn er zorggebieden waar je graag meer zou

willen doen?

“De psychiatrie. Daar gebeurt relatief weinig, terwijl de

behoefte groot is. Het zijn vaak verouderde gebouwen,

terwijl deze doelgroep extra gevoelig is voor hun omgeving.

Buitenruimte, rust, keuzevrijheid, afstand kunnen

nemen, dat is daar cruciaal. Ik vind het jammer dat daar zo

weinig in wordt geïnvesteerd.”

FOTO BOVEN

Femke Feenstra:

“In een

politiebureau

draait het om

veiligheid, maar

ook om mensen

op hun gemak

stellen. Bezoekers

komen daar

vaak gespannen

binnen.”

Femke Feenstra

INTERVIEW

Jullie werken ook buiten de zorg,

bijvoorbeeld aan politiebureaus.

Wat leer je daarvan?

“De continue kennisuitwisseling tussen verschillende

soorten projecten maakt het bijzonder interessant. Je

leert van de ene discipline en kunt die inzichten weer

toepassen in een andere. In een politiebureau draait het

om veiligheid, maar ook om mensen op hun gemak

Tot slot: wat drijft je om hier zo intensief mee

bezig te blijven?

“De overtuiging dat architectuur ertoe doet. Niet als

oplossing voor alles, maar als stille kracht. Als een omgeving

mensen helpt om zich beter te voelen, om beter te

werken, om sneller te herstellen, dan heb je als architect

echt iets bijgedragen. En zeker in de zorg is dat de moeite

meer dan waard.”

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

61


EEN MODULAIR

ROOM-IN-ROOMCONCEPT

WAAR JE THUIS

KOMT OP KANTOOR


PAZIO is een modulair room-in-roomconcept, dat zich

laat samenstellen en integreren in kantoorprojecten

met ontwerpvrijheid voor de interieurarchitect. Van

overlegplek tot concentratieruimte en een informele

ontmoetingszone – de modulaire opbouw maakt het

systeem makkelijk te integreren in uiteenlopende

interieurconcepten en voegt zich naar de behoefte van

de klant en mogelijkheden van de ruimte. PAZIO biedt een

hoogwaardige oplossing voor hybride werkomgevingen

waarin flexibiliteit en sfeer centraal staan.

Plan Effect heeft PAZIO ontwikkeld vanuit de jarenlange

ervaring met het creëren van werkruimtes waar esthetiek,

akoestiek en gebruikscomfort samenkomen.

PLANEFFECT.NL/PAZIO


INTERVIEW Jeroen de Willigen BNA-voorzitter

‘Je kan geen

wedstrijd winnen

met elf Ronaldo’s’

Jeroen de Willigen BNA-voorzitter

INTERVIEW

Vier op de tien architectenbureaus beoordelen de marktsituatie als goed en de helft als

redelijk. Daarmee blijft het beeld stabiel en gematigd positief ten opzichte van het voorjaar.

Dat blijkt uit de BNA Conjunctuurmeting najaar 2025, uitgevoerd door Panteia in opdracht

van de Koninklijke Bond van Nederlandse Architectenbureaus. Op papier lijkt de sector

er dus solide voor te staan. Tegelijkertijd klinkt achter die cijfers een ander verhaal: een

verhaal van grote maatschappelijke opgaven, stroperige processen, personeelstekorten en

een sector die zoekt naar nieuwe vormen van samenwerking en vertrouwen.

De woningnood is hoog, de verduurzamingsopgave urgent

en de ruimtelijke claims stapelen zich op. Architecten bevinden

zich midden in dat krachtenveld. Wat zegt de

conjunctuurmeting nu echt over de staat van het vak? En

wat is er nodig om de bouwproductie structureel te versnellen?

We spreken BNA-voorzitter Jeroen de Willigen over

schaal, samenwerking, vertrouwen en de rol van de architect

in een systeem dat piept en kraakt.

De uitkomsten van de conjunctuurmeting zijn

stabiel en voorzichtig positief. Herken jij dat

beeld?

‘‘Ja, dat herken ik wel. Over het algemeen gaat het architectenbureaus

redelijk tot goed. Er is veel werk en de vraag

is onverminderd groot. Dat geeft een zekere basis en ook

vertrouwen. Tegelijkertijd is het geen uitbundig optimisme.

De opgaven zijn groot, maar de omstandigheden waarin we

moeten werken zijn complexer geworden. Dat zorgt voor

een gematigde toon.’’

Waar zit die terughoudendheid dan vooral in?

‘‘Die zit niet zozeer in de hoeveelheid werk, maar in de

uitvoerbaarheid ervan. Projecten komen moeizaam van de

grond. Procedures duren lang, vergunningstrajecten lopen

vast en capaciteit ontbreekt op cruciale plekken. Dat maakt

dat de energie die we in projecten stoppen niet altijd leidt

tot tempo of voortgang. Dat voelt wrang, juist omdat de

urgentie zo hoog is.’’

Je noemt capaciteit. Is dat een probleem dat

vooral bij de overheid ligt?

‘‘Nee, het is breder dan dat. Natuurlijk zien we bij overheden

een tekort aan mensen die plannen beoordelen, bege-

leiden en toetsen. Maar hetzelfde geldt voor de bouwsector

zelf, voor opdrachtgevers én soms ook voor architectenbureaus.

De hele keten staat onder druk. Iedereen is maximaal

bezet. Dat betekent dat we anders moeten gaan werken,

slimmer en efficiënter, omdat simpelweg opschalen met

mensen geen realistische oplossing meer is.’’

Wat bedoel je precies met slimmer werken?

‘‘Slimmer werken betekent niet alleen digitaliseren of

processen versnellen, maar vooral beter samenwerken. We

zijn in Nederland heel goed geworden in het organiseren

van deelbelangen. Iedereen bewaakt zijn eigen stukje, zijn

eigen verantwoordelijkheid, zijn eigen vinkjes. Daardoor

verliezen we de integrale afweging uit het oog. De vraag of

je hier iets kunt inleveren om daar iets te winnen, wordt te

weinig gesteld.’’

Is dat ook een kwestie van vertrouwen?

‘‘Zeker. Het vertrouwen tussen partijen heeft een deuk

opgelopen na de financiële crisis van 2008 en is eigenlijk

nooit volledig hersteld. Sindsdien is iedereen voorzichtiger

geworden, risicomijdender. Dat zie je terug in contracten,

in procedures en in samenwerkingen. Iedereen wil zich

indekken. Begrijpelijk, maar het werkt verlammend want je

kan geen wedstrijd winnen met elf Ronaldo’s.’’

Je moet samenwerken…

‘‘Het bouwproces bestaat uit allemaal sterke spelers:

opdrachtgevers, aannemers, architecten, overheden. Maar

als iedereen alleen voor zichzelf speelt, win je geen wedstrijd.

Dan mis je samenhang, afstemming en ritme. Samen

spelen betekent ook dat je elkaar iets gunt en soms een stap

terugdoet voor het grotere geheel.’’

64


TEKST Bas Hakker

FOTOGRAFIE BNA

Welke rol zie jij daarin voor de architect?

‘‘Architecten hebben een unieke positie. Wij zitten relatief

vrij in het proces, met minder directe financiële belangen

dan andere partijen. Daardoor kunnen we inhoudelijk sturen,

verbinden en uitleggen. We kunnen belangen zichtbaar

maken en tegen elkaar afwegen. Dat is misschien wel een

van de belangrijkste kwaliteiten van het vak, zeker in deze

tijd.’’

Toch hoor je vaak dat de overheid zelf de grootste

rem is. Hoe kijk jij daarnaar?

‘‘Dat is inderdaad een belangrijke factor. Na de financiële

crisis zijn we projecten steeds kleiner gaan maken. Dat leek

logisch: minder risico, meer overzicht, maar het gevolg

is dat we gebieden zijn gaan opdelen in tientallen kleine

projecten. Nu hebben we haast en weinig mensen, maar

durven we niet meer op te schalen. Terwijl het proces voor

een klein project vaak net zo zwaar is als voor een groot.’’

Je pleit dus voor grotere projecten en

meer schaal?

‘‘Ja, absoluut. Of je nu dertig of drieduizend woningen

bouwt, de procedures zijn grotendeels hetzelfde. Dan is het

inefficiënt om alles klein te houden. Door groter te denken,

kun je met minder partijen meer realiseren. Dat scheelt

overleg, afstemming en tijd.’’

Kun je een concreet voorbeeld geven waar die

manier van samenwerken al werkt?

‘‘Ja, een goed voorbeeld is de manier waarop woningcorporatie

Ymere samenwerkt met vaste bouw- en ontwerpteams

in gebiedsontwikkelingen. Daar worden meerjarige

afspraken gemaakt met aannemers, architecten en soms

ook beleggers. Niet per project opnieuw onderhandelen,

maar werken vanuit continuïteit. Dat zorgt voor rust in

het proces en maakt het mogelijk om sneller te schakelen.

Iedereen kent elkaars rol, belangen en werkwijze. Je ziet

dat projecten daardoor daadwerkelijk van de grond komen,

ondanks de complexiteit en druk op de sector.’’

Er wordt vaak gezegd dat grote projecten

onmenselijk worden. Hoe zie jij dat?

‘‘Dat is een misvatting. Kijk naar de wijken die begin

vorige eeuw zijn gebouwd, bijvoorbeeld in Amsterdam

Plan Berlage, waar ze aan het begin van de vorige eeuw

best grote projecten hebben gemaakt. Dat zijn grootschalige

projecten, ontworpen door één architect of één bureau

en ze zijn nog steeds geliefd. Ze zijn menselijk, leefbaar en

waardevol. Groot hoeft niet kil te zijn, zolang er visie en

samenhang is.’’

‘Architecten zijn hard nodig,

misschien wel harder dan ooit’

Hebben architectenbureaus die schaal vandaag de

dag nog in huis?

‘‘Ja, daar ben ik van overtuigd. Nederland heeft veel sterke

bureaus, groot en klein. Bovendien zijn architecten flexibel. Als

de opgave daarom vraagt, organiseren we ons anders. We werken

samen in combinaties, delen kennis en capaciteit. Het vermogen

is er. Wat ontbreekt, is vaak de ruimte en de continuïteit om het

goed te doen.’’

Continuïteit lijkt een sleutelbegrip in jouw verhaal.

Waarom is dat zo belangrijk?

‘‘Omdat langdurige samenwerking leidt tot vertrouwen en

lerend vermogen. Als je weet dat je tien jaar met elkaar verder

moet, ga je anders met elkaar om. Dan durf je opener te zijn,

eerlijker over kosten en belangen. Dat versnelt het proces uiteindelijk

enorm.’’

Zie je dat ook terug in de praktijk?

‘‘Ja, er zijn goede voorbeelden waar langjarige afspraken tussen

aannemers, corporaties en beleggers leiden tot voorspelbaarheid

en snelheid. Daar zie je dat projecten daadwerkelijk gerealiseerd

worden. Dat soort samenwerking zouden we vaker moeten

toepassen.’’

Wat betekent dit alles voor de toekomst van

architectenbureaus?

‘‘Ik ben ondanks alles optimistisch. Architecten zijn hard nodig,

misschien wel harder dan ooit. Niet alleen als ontwerpers, maar

als verbinders en regisseurs in een complex speelveld. Als we erin

slagen om groter te denken, langer samen te werken en het vertrouwen

te herstellen, dan kunnen we echt verschil maken. De

cijfers uit de conjunctuurmeting laten zien dat de basis er is. Nu

is het zaak om die potentie ook daadwerkelijk te verzilveren.’’

FOTO BOVEN

Jeroen de

Willigen:

‘‘Groot hoeft

niet kil te zijn.’’

Jeroen de Willigen BNA-voorzitter

INTERVIEW

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

65


INTERVIEW Michael Parsser Kisch

‘Stilstaan is geen optie,

want dan besta je over

drie jaar niet meer’

Al meer dan 130 jaar beweegt Kisch mee met zijn tijd. Wat begon als een klassiek

familiebedrijf in meubelbeslag, is vandaag een moderne, efficiënte organisatie die

technologie omarmt zonder het persoonlijke contact los te laten. Sinds 2021 staat de vijfde

generatie aan het roer: Michael Parsser runt het bedrijf samen met zijn broer en zus. In dit

gesprek vertelt hij openhartig over overnemen zonder druk, moderniseren zonder de ziel

te verliezen en groeien in een markt waar producten vaak hetzelfde zijn, maar mensen het

verschil maken.

Michael Parsser Kisch

INTERVIEW

Het is een echt familiebedrijf want jouw vader

runde het sinds de jaren tachtig, maar was het

altijd vanzelfsprekend dat jij en je broer en zus

het zouden overnemen?

‘‘Nee, absoluut niet. Onze vader heeft ons daar nooit in

gepusht. Hij zei altijd: je moet doen wat je zelf wilt. We

hebben alle drie ook eerst in totaal andere richtingen

gewerkt. Ik ben uiteindelijk zo’n twaalf jaar geleden als

eerste in het bedrijf gekomen en eerlijk gezegd zat ik toen

zelf een beetje op een dood spoor. Ik dacht: laat ik mijn

energie eens stoppen in het bedrijf van mijn vader en dat

voelde goed. De markt trok net weer aan na een lastige

periode en die combinatie van nieuwe energie en een

positiever sentiment werkte. Drie jaar later kwam mijn

broer erbij en weer een aantal jaren daarna mijn zus. Zo is

het heel organisch gegaan.’’

Wat trof je aan toen je begon en wat moest er

volgens jou veranderen?

‘‘Het was allemaal wat stoffig en de sfeer op de werkvloer

kon ook wel iets beter. Dat klinkt misschien hard,

maar zo voelde het. Ik ben van nature iemand die veel

waarde hecht aan positiviteit en een goede werksfeer.

In de tweede week heb ik al dingen aangepast, gewoon

praktisch: beter organiseren, duidelijker communiceren,

mensen meer meenemen. Niet omdat alles slecht was,

maar omdat het altijd beter kan. Ik ben echt iemand van

de vloer, wil weten wat er speelt en dat werkte snel door

in het team. Zakelijk moest ik nog veel leren, maar qua

energie en cultuur kon ik meteen verschil maken.’’

Kisch verkoopt geen unieke producten; meubelbeslag

is overal te krijgen. Waar zit dan

jullie onderscheid?

‘‘Dat is precies de kern. Onze producten kun je inderdaad

ook bij grote spelers kopen dus dan moet je jezelf

afvragen: waarom zou een klant voor ons kiezen? Voor

mij zit dat in persoonlijk contact, service en kennis. Grote

bedrijven zijn vaak efficiënt, maar ook afstandelijk terwijl

wij benaderbaar zijn. Klanten kennen ons, weten wie ze

bellen en we lossen dingen op. Als prijs en product gelijk

zijn, kiezen mensen liever voor een familiebedrijf waar

ze zich prettig bij voelen. Dat verhaal zijn we ook bewust

meer gaan vertellen, online en offline. Niet schreeuwerig,

maar wel eerlijk. Dat was ook het verhaal dat we wilden

vertellen.’’

‘Iedereen op onze binnendienst heeft

minimaal vijf jaar in het magazijn

gewerkt. Ze kennen elk product

letterlijk uit hun handen en daardoor

kunnen ze klanten écht helpen’

Hoe heb je dat verhaal concreet naar buiten

gebracht?

‘‘In het begin vooral via social media, toen nog veel via

Facebook. Later kwamen LinkedIn, Instagram, nieuwsbrieven

en zelfs TikTok erbij. We maken bedrijfsvideo’s,

delen inkijkjes en doen elk jaar iets ludieks, zoals een

kerstfilm. Niet om grappig te doen om het grappig doen,

maar om te laten zien wie we zijn. We bestaan al meer dan

66


TEKST Bas Hakker

FOTOGRAFIE Kisch

130 jaar en dat is op zich al een verhaal. Vorig jaar hebben

we dat ook echt gevierd. Door zichtbaar te zijn, leren mensen

ons kennen vóórdat ze klant zijn. Dat helpt enorm.’’

Jullie concurreren met zowel miljardenbedrijven

als kleinere nichepartijen. Is

dat vol te houden?

‘‘Het is niet altijd makkelijk, maar het kan zeker. Aan de

ene kant heb je enorme internationale spelers, aan de

andere kant hele kleine specialisten. Wij zitten daar precies

tussenin. Architecten en interieurbouwers werken vaak met

vaste voorschriften en tekeningen. Als iets eenmaal is voorgeschreven,

gaan ze niet snel verder zoeken, maar we zien

dat we de laatste jaren juist groeien. Dat komt doordat we

blijven investeren: in assortiment, in kennis, in efficiëntie.

We verbeteren continu, zowel extern als intern. Stilstaan is

geen optie, want dan besta je over drie jaar niet meer.’’

Die interne verbeteringen gaan steeds verder,

onder meer met technologie en AI. Hoe ziet dat

eruit in de praktijk?

‘‘Logistiek is daar een goed voorbeeld van. Op onze oude

locatie hadden we zes man nodig om een bepaald volume

te draaien en nu doen we met drie man het dubbele. Dat

komt door een veel slimmer ingericht magazijn en het

gebruik van scanners. Als tien klanten hetzelfde scharnier

bestellen, hoef je niet tien keer naar hetzelfde vak te lopen.

Dat lijkt een kleine verandering, maar dat tikt enorm aan.

Daarnaast zijn we bezig met AI, bijvoorbeeld met een

chatbot die technische vragen kan beantwoorden, ook ’s

avonds. We hebben daar heel veel documentatie in gestopt.

Het idee is niet om persoonlijk contact te vervangen, maar

om het aan te vullen. Overdag spreken klanten onze mensen,

’s avonds kunnen ze toch geholpen worden.’’

Hoe zorg je dat die persoonlijke benadering

behouden blijft, zeker nu alles digitaler wordt?

‘‘Dat is een bewuste keuze. Wij blijven klanten bezoeken.

Misschien niet meer zo vaak als vroeger, maar wel gericht.

Eén of twee keer per jaar goed langsgaan, echt praten.

Daarnaast organiseren we veel: ontbijtsessies voor architecten,

events, zelfs sportieve activiteiten zoals padel. We gaan

naar beurzen zoals de Milan Design Week. Dat persoonlijke

netwerk is cruciaal en intern geldt hetzelfde. Iedereen op

onze binnendienst heeft minimaal vijf jaar in het magazijn

gewerkt. Ze kennen elk product letterlijk uit hun handen

en daardoor kunnen ze klanten écht helpen. Technologie

helpt ons sneller te zijn, maar mensen blijven het verschil

maken.’’

‘Zakelijk moest ik nog veel leren,

maar qua energie en cultuur kon ik

meteen verschil maken’

Hoe bewaak je als familiebedrijf de interne

cultuur nu jullie groeien en professionaliseren?

‘‘Dat vind ik misschien wel één van de lastigste én belangrijkste

dingen. Vroeger was alles automatisch persoonlijk omdat je

klein was en nu we groeien, moet je daar echt bewust moeite

voor doen. We hebben ongeveer twintig mensen werken en

dan wil je niet dat het anoniem wordt. Daarom organiseren

we nog steeds dingen samen. Met kerst doen we altijd iets,

in de zomer gaan we vaak naar een festival, en in de winter

zoeken we ook iets leuks uit. Elke vrijdagmiddag is het

krokettenmiddag, dat klinkt klein, maar dat soort rituelen zijn

belangrijk. Mensen blijven hangen, maken een praatje, leren

elkaar kennen. Je merkt dat dat nodig is, want het werk wordt

steeds efficiënter en digitaler. Dan is het juist belangrijk om

dat sociale stuk te blijven voeden. Uiteindelijk geloof ik echt

dat als de sfeer goed is, klanten dat ook merken. Het zit in

hoe de telefoon wordt opgenomen, hoe iemand meedenkt,

hoe problemen worden opgelost. Dat is niet in een proces

te vatten, dat zit in mensen. En daar blijven we bewust in

investeren.’’

Kijk je al vooruit naar een volgende generatie?

‘‘Daar denk je natuurlijk over na, maar het is nog ver weg.

Onze kinderen zijn nog jong. We zijn nu met z’n drieën

eigenaar, dat is al anders dan vroeger toen mijn vader alleen

was. De ambitie is er zeker om het bedrijf in de familie te

houden, maar hoe en wanneer, dat zien we later wel. Het

mooie is: net als bij ons hoeft niets te worden afgedwongen.

Als de volgende generatie het wil, dan is dat prachtig. Zo niet,

dan hebben we in ieder geval een gezond, toekomstbestendig

bedrijf neergezet en dat is misschien wel het belangrijkste.’’

FOTO BOVEN

Een echt

familiebedrijf:

Michael (tweede

van links) met

zijn broer, zus en

vader.

Michael Parsser Kisch

INTERVIEW

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

67


BEURZEN Destination Design 2026

Destination Design 2026

bewijst dat vakbeurzen nog

steeds een toekomst hebben

Destination Design 2026

BEURZEN

Van 18 tot en met 20 januari 2026 vond in het Klokgebouw

in Eindhoven Destination: Design 2026 plaats. Deze

compacte beurs heeft al meerdere edities achter de

rug, deze keer was de stemming in de vier overzichtelijke

hallen van het voormalige fabrieksgebouw

echt opgewekt. Geen geringe prestatie in onzekere

geopolitieke en economische tijden, maar wie door

de hallen liep, de vele nieuwe modellen bekeek en in

gesprek raakte met de aanwezige jonge ontwerpers

(een gouden greep van de organisatie) werd vanzelf

aangestoken door het enthousiasme.

FOTO ONDER

Artifort F507

jubileumeditie.

Marieke van den Berg sprak als een van de initiatiefnemers

van Destination Design over het idee achter deze beurs:

“We hebben destijds de koppen bij elkaar gestoken omdat

we een alternatief nodig hadden voor IMM Keulen. We

zagen dat wat ons als initiatiefnemers verbond onze liefde

voor design is. Zonder design als idee is er niks. Ik ben

ook blij dat we in Eindhoven staan; dit is de designstad bij

uitstek. Hier worden ook jonge designers opgeleid. We

hebben deze keer nadrukkelijk jonge designers betrokken

bij de beurs. Ze werken samen met exposanten of tonen

wat ze in opdracht van exposanten hebben ontworpen.”

Ze ziet de beurs als een soort gezamenlijke huisshow:

“Zonder toegangsprijs, gratis catering, alles om interieur-

professionals zich welkom te laten voelen. We willen ieder

jaar beter worden en vernieuwen. Dat misten we destijds

bij veel andere evenementen.“

Selectief en gecontroleerd groeien

Op de vraag wat nu het businessmodel achter de beurs is

antwoordt zij: “We willen vooral inspireren, zonder direct

commercieel gewin. Wat we verdienen stoppen we in de

pot voor de volgende editie. We richten ons op designers,

architecten, stylisten, inrichters, opdrachtgevers en retailers,

kortom interieurprofessionals, uit Nederland, België en

Duitsland. Duitse bezoekers willen we nog actiever gaan

benaderen om hier te komen.” Is er een ambitie om te

groeien in omvang? “Ja, maar gecontroleerd en selectief.

We willen kijken naar andere gebouwen op dit terrein

voor een eventuele uitbreiding, want het Klokgebouw is

vol. En we moeten dus selectiever worden: een creatieve

grondslag voor een model telt zwaarder mee dan meeliften

op een trend. Het is geen lijst die we aftikken, maar we

kunnen dus nee zeggen. We hebben geen zin in een hal

vol kopieën van elkaar.” Zij gelooft ook in het minder

afval genereren door het volledig integreren en optimaliseren

van de productieketen en dit is een gedachte die alle

exposanten met elkaar delen. “Net als het bieden van een

podium aan jonge designers. Omarm hen, zij zijn de toekomst

van onze industrie.” Naast de beurs zelf was er ook

een programma met designstudio’s in Eindhoven die open

waren voor bezoekers: Design Open. “Ga vooral kijken

wanneer je hier de merken hebt gezien. Wat daar te zien is

vult heel mooi aan op wat hier staat.”

Kasten met magneten

De Duitse merken COR en Kettnaker hadden een

gezamenlijke stand, waarbij Kettnaker een modulair

kastensysteem met magnetische panelen toonde (CASE):

zo kan men zelf een kast samenstellen. Het model wat

werd getoond had een golvend oppervlak en was een

echte blikvanger. Lukas Heintschel is een jonge designer

uit München die voor het merk een gestoffeerde sidetable

(SOUP) en een opvallend magazinerek heeft ontworpen.

Liselot Cobelens ontwierp in samenwerking met CS Rugs

een wandkleed dat een rivierlandschap van bovenaf gezien

is, met hoogteverschillen en kleurgradaties. Het werk heet

Terra Brabant en is aangekocht door de provincie Noord-

68


TEKST

Ingmar van der Hoek

Brabant. CS Rugs trok aandacht met glinsterende

elementen in meanderende karpetten (Jewel). Arco

heeft het bekende en succesvolle modulaire kastenprogramma

Vision van Karel Boonzaaijer en Pierre

mazairac gedigitaliseerd in een configuratieprogramma

voor designers. Nu is het nog eenvoudiger om een

gewenste samenstelling van elementen te maken en te

presenteren aan opdrachtgevers.

Evergreens en jong talent

Gelderland/Pastoe toonde heruitgaven van bekende

modellen: de Amsterdammer kast, de Zwaan van

Gerrit Rietveld (gestoffeerd in fel oranje). Maar ook

een nieuwe elementenbank van Roderick Vos: City

Sofa. De naam slaat op het eenvoudiger transporteren

van het meubel door de nauwe gangen en smalle

trappenhuizen van stadsappartementen. Dirk Duif is

het jonge talent dat werd ontdekt tijdens de Dutch

Design Week en nu voor Gelderland een kandelaar

maat die is opgebouwd uit stalen stoeltjes van 10 x 5

cm die stapelbaar op elkaar kunnen worden gelast tot

iedere willekeurige vorm, voor op tafel of aan de wand,

gelakt in iedere gewenste kleur. Montis is nu een deel

van de Artifort/Lande groep en dit werd gevierd met

de bank Domino 18 Curved ontworpen door Dick

Spierenburg. De welvende vorm geeft deze bank een

bijzondere uitstraling die zowel thuis als in een lobby

prima past. De nieuwe Muffin stoel is net als het cakeje:

hard van buiten, zacht van binnen. Deze eetkamerstoel

zit geriefelijk en kan gestoffeerd worden met nieuwe

textiel- of leerkwaliteiten. De F507 van Artifort heeft

een jubileumeditie waarbij zitting en rug zo subtiel

zijn gecapitonneerd dat men er niets van merkt tijdens het

zitten. Max Lipsey ontwierp voor Montis de glazen tafel

Perry in opvallende kleuren en met een bijzonder geribbeld

patroon. De Yves Lounge van Gerard van den Berg

is er nu ook met verwisselbare hoezen voor het verlengen

van de levensduur. Later dit jaar komt er nog een barkruk

bij in deze serie. Artifort koos bewust voor het opstellen

van compacte uitvoeringen van modellen: er wordt steeds

vaker kleiner gewoond en deze kleinere modellen sluiten

hierop aan.

FOTO LINKSBOVEN

Arco Vision-modules.

FOTO RECHTSBOVEN

Vandenberg

LeanOnMe.

FOTO ONDER

CSrugs JEWEL.

Destination Design 2026

BEURZEN

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

69


BEURZEN

Destination: Design 2026

FOTO

RECHTSBOVEN

Castelijn heeft

een variant op

het Solo-dressoir

gemaakt

met afgeronde

hoeken: Rondo.

(Foto: Studio

Phylicia)

FOTO MIDDEN

De nieuwe tafel

Fasset van

Remy Meijers.

Jaren tachtig nostalgie

Het Griekse merk Papadatos heeft een nieuw dressoir:

Rubik, inderdaad vernoemd naar de kubuspuzzel uit de

jaren tachtig. De afgeronde, vierkante elementen van dit

dressoir wordt in hoogglans lak of mat gelakt geleverd in

vele kleuren en met een totale lengte van 2 of 2.5 meter.

Het modulaire kastsysteem Amadore is tot 5 meter hoog

verkrijgbaar en kan ook als room divider worden ingezet.

Nieuw is de bank InCloud, ontworpen door Jacopo M.

Giagnoni, en de hoes hiervan kan ook worden afgenomen

en vervangen ter verlenging van de levensduur. Alle

meubelen worden in Athene gemaakt. Ignore presenteerde

een nieuwe salontafel door Marc van der Voorn met een

blad van Forbo Furniture linoleum dat in 24 kleuren kan

worden uitgevoerd. De nieuwste kleuren in deze collectie

zijn Blue Haze (hemelsblauw) en Macadamia (licht notentint).

Linoleum zien we ook terug in de armleggers van

een stoel bij Ignore en er kan fijn met contrasten tussen

tafelblad en armleggers worden gewerkt of juist niet. Qliv

en Perletta deelden een stand en de nieuwe tafel Fasset

van Remy Meijers heeft een poot die doet denken aan

een geslepen diamant (maar dan van hout) en een asymmetrisch

blad waarvan de ontwerper zegt: aan de punt eet

je intiem met twee, komen er meer mensen bij dan komt

de vorm tot zijn recht. Folda is een nieuwe, zeer zacht

aanvoelende modulaire sofa van Sven Schimmer met 45

diverse elementen en een lage, diepe zit voor veel comfort.

Als jong talent stond hier Stijn van Aardenne met een

3D-geprinte hanglamp en een staande lamp uit gerecyclede

ijskastonderdelen. Prachtige designs met een hoog

art deco gehalte die goed passen bij de Fasset en de Folda.

Van Aaardenne houdt zich ook bezig met het ontwikkelen

van 3D-print systemen (zoals roterende printers) en dat

maakt hem nog meer tot een all round designer.

Felblauw gezichtsbedrog

Jankurtz is bekend als leverancier van outdoor meubilair

maar de Duitse fabrikant maakt ook modellen voor binnen

en de nieuwe KINK-serie van de jonge ontwerper

Lukas Porstner is hier een mooi voorbeeld van. Er is een

fauteuil en een tweezitsbank en deze laatste stond er in

een felblauwe Kvadrat-stof. Het model oogde compact,

maar schrijver dezes en Jan Kurtz zelf, twee oudere heren

met een bovengemiddelde lengte, bleken royaal in dit

70


compacte model te kunnen zitten. Optisch gezichtsbedrog,

dus. Kurtz over jonge designers: “Zij zijn de

toekomst, ik ben zelf niet jong meer maar ik weet nog

hoe het was om als jonge designer te beginnen. Het

was lastig om ertussen te komen. Daarom wil ik hen

alle kansen en gelegenheid bieden om zich met hun

ontwerpen te presenteren.” Ohmann presenteerde naast

nieuwe leerkwaliteiten (het merk werkt samen met

bekende meubelfabrikanten) het Oostenrijkse merk

Steiner voor wollen plaids en meubelstoffering. De

combinatie leer en wol past opvallend goed bij veel

fauteuils en banken. Het Belgische merk Joli toonde de

Pulse-tafel met een keramisch blad dat oogt als travertin.

De Nido-stoel is zelf ontworpen en wordt lokaal geproduceerd,

zowel met ranke poten als op een draaivoet. De

tafel Tendo staat ook hoog op de slanke poten. Volgens

het merk zijn bordeaux en bruintinten erg populair op

dit moment als kleuren voor meubelstoffen en rondkijkend

op deze beurs klopt dit beeld. Castelijn heeft een

variant op het Solo-dressoir gemaakt met afgeronde

hoeken: Rondo. Het ontwerp van Marieke Castelijn

trok veel bekijks en werd zeer gewaardeerd. Het onderstel

is iets ranker, het topblad is iets dunner dan dat van

Solo. Rietgroen is hier de kleur, maar alle kleuren kunnen

onderling gecombineerd worden. Metallic tinten

horen daarbij.

Uit het lood

IJcoon presenteerde de Sponge bank, waarbij de

armleuning achter de rugleuning doorloopt naar de

andere armleuning. Dit ontwerp van Marc van der

Voorn is uiteraard modulair en voelt ook weer heel

zacht aan. Comfort is waar het om draait. Vera Curve

heeft nu als fauteuil een Uno variant die uit één kussen

voor rug en zitting bestaat. De Split-eetkamerstoel heeft

een karakteristiek gespleten dun, ijzeren frame in de rug

in opvallende contraskleuren met de stoffering. Tara is

een modulaire bank met losse kussens en opnieuw een

armleuning die achterlangs doorloopt, Arca is de nieuwe

serie salontafels en Feder is een natafel stoel waarbij

tijdens het uitbuiken de zitting iets naar voor schuift en

de rugleuning iets naar achteren gaat. Jess deelde de stand

met Sudbrock en toonde een nieuwe fauteuil gebaseerd

op de alomtegenwoordige puffer jacket: Puffer. Het

ontwerp van Lucie Koldova had inderdaad iets weg van

de jas met compartimenterende stiknaden. De Friese

fabrikant Pilat & Pilat presenteerde Lio van Bas van

der Veer. Deze massief houten stoel heeft vouwen en

krommingen ontleend aan de origami vouwtechnieken

en nodigt uit tot zitten. Ook nieuw is Rob, een tafel

ontworpen door Peter Tromop: het massief houten blad

is uit twee delen die niet helemaal op elkaar aansluiten

en dus staan de poten ook iets uit het lood ten opzichte

van elkaar. Een subtiel detail dat deze tafel een geheel

eigen identiteit geeft.

Een eigen identiteit geldt ook voor Destination Design

als geheel: eigenzinnig, origineel, compact, overzichtelijk,

met visie en betrokkenheid samengesteld en

gastvrij, ontspannen en inspirerend van karakter. Met

oog voor jong talent en voor de toekomst. De omlijsting

van de stands met identieke gordijnen (een ontwerp

van Daphna Laurens) zorgt ervoor dat de aandacht, de

blik van de bezoeker direct op de producten zelf wordt

gericht. Een ijzersterk beursconcept.

destinationdesign.nl

FOTO ONDER

De nieuwe

KINK-serie

van de jonge

ontwerper

Lukas

Porstner.

Destination: Design 2026

BEURZEN

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

71


BEURZEN Object Rotterdam

‘Wat van binnen gebeurt,

blijft verborgen’

Object Rotterdam

BEURZEN

De designbeurs Object Rotterdam staat bekend om

haar consequente keuze voor bijzondere locaties.

Geen neutrale hallen of anonieme beursvloeren, maar

gebouwen met geschiedenis, betekenis en rafelranden.

Dit jaar vond de beurs plaats in de oude bibliotheek van

Rotterdam, een plek die nog maar kort geleden zijn oorspronkelijke

functie verloor.

FOTO ONDER

De Jello-lamp

van Outil.

De opening werd verzorgd door directeur en eigenaar

Anne van der Zwaag, die in haar inleiding schetste

hoe deze editie onder grote tijdsdruk tot stand kwam.

Normaal beginnen de voorbereidingen al in september,

maar dit keer liep alles anders. Een alternatieve locatie

bleek nog in aanbouw, de maanden verstreken en pas in

november kwam de oude bibliotheek via de gemeente in

beeld. “Toen ik hier voor het eerst binnenliep, stonden de

boekenkasten er nog”, vertelde ze. “Je loopt dan letterlijk

tussen de boeken en vraagt je af: gaat dit echt lukken?”

Wat volgde was een intensief traject waarin in korte

tijd een volledige beurs moest worden opgebouwd.

Duizenden boeken werden verplaatst, meubels afgevoerd

en verdiepingen leeggeruimd. Van der Zwaag benadrukte

dat Object alleen kan bestaan bij de gratie van samenwerking.

Zonder sponsors, maar mét partners, teamleden,

gemeente en instellingen die vertrouwen geven. Die

gezamenlijke inspanning is volgens haar wat Object al vele

edities overeind houdt, juist op dit soort complexe locaties.

De keuze om het gebouw niet te verhullen, maar juist

te gebruiken zoals het is, was een bewuste. Ontwerpers

moesten zich verhouden tot de ruimte, tot het licht en

tot de zichtbare sporen van het verleden. Dat leverde een

beurs op waarin objecten niet los van hun omgeving

werden gepresenteerd, maar er deel van uitmaakten. Over

meerdere verdiepingen ontstond een mix van jonge talenten,

gevestigde namen, labels, galeries en afstudeerders van

verschillende academies.

Gebroken spiegels

In die setting spraken we de Iraans-Nederlandse ontwerper

Farzin Kavaji, wiens werk sterk leunt op emotie

en persoonlijke ervaring. Zijn spiegels en zitobjecten

zijn bewust gebroken. Niet als esthetisch effect, maar als

inhoudelijk statement. “Wij laten graag zien dat we sterk

zijn”, vertelde hij, “maar wat er vanbinnen gebeurt, blijft

vaak verborgen.” De barst in zijn werk staat voor dat

innerlijke spanningsveld. De spiegel reflecteert nog steeds,

maar nooit volledig of ongeschonden. Kavaji sprak over

gevoelens van machteloosheid, over het nieuws in Iran,

over samenwerken en hoop, maar ook over offers. “Om

iets open te breken, moet je soms iets opofferen”, zei hij.

Zijn werk wil geen antwoorden geven, maar ruimte laten

voor herkenning en reflectie. In de oude bibliotheek, waar

stilte en concentratie ooit centraal stonden, kregen die

thema’s extra lading.

Een andere benadering van ontwerp kwam naar voren in

het gesprek met Yoeri Nagtegaal van Outil.li. Het werk

van hem en zakenpartner Sjoerd Smit draait om maakbaarheid,

techniek en controle over het volledige productieproces.

Tijdens de beurs liet hij objecten zien die met

zelfgebouwde 3D-printers worden vervaardigd, laag voor

laag, lokaal geproduceerd en zonder voorraad.

72


TEKST Bas Hakker

FOTOGRAFIE Bas Hakker

In het gesprek vertelde Nagtegaal ook uitgebreid over

zijn ervaringen in een tv-programma in het Midden-

Oosten, waar hij twaalf jaar lang actief was als designmentor.

“Het was een groot televisieformat”, vertelde hij,

“waarin kandidaten in twee à drie maanden een product

ontwikkelden.” Het ging daarbij niet om eenvoudige

consumentenartikelen, maar om complexe toepassingen

in medische technologie, robotica en innovatie. Samen

met twee andere Rotterdamse ontwerpers werkte hij

in een Arabische studio-omgeving, onder continue

cameradruk. “Sommige deelnemers hadden nog nooit

een product gemaakt”, zei hij. “Dan moet je het hele

ontwerpproces terugbrengen naar de essentie.” Die periode

leerde hem snel schakelen, helder communiceren en

verantwoordelijkheid nemen voor elke ontwerpkeuze.

Die ervaring is volgens Nagtegaal nog steeds zichtbaar in

zijn huidige werk, waarin techniek niet wordt verhuld

maar juist leesbaar blijft. “Ik geloof erin dat we wel degelijk

het productieproces wat meer in eigen hand kunnen

houden. Niet alles hoeft in China gemaakt te worden, zo

lang je maar geen voorraden hebt.’’

Septa Chair

Ook het gesprek met designers Ariane Stracke

Henderson en Robert Henderson liet zien hoe breed

het spectrum van Object Rotterdam is. Voor Et Cetera

presenteerden zij een stoel die is opgebouwd via

robotische 3D-printtechnieken: de Septa Chair. Het

object bestaat uit meerdere lagen die in elkaar grijpen en

visueel complex ogen. Robert Henderson vertelde dat

het ontwerp verschillende betekenislagen heeft. “Het is

bedoeld als stoel, maar ook als plek om je even terug te

trekken,” zei hij. Ariane Stracke Henderson vulde aan dat

het proces minstens zo belangrijk was als het eindresultaat.

Door gebruik te maken van non-planar printing

en robotarmen konden vormen worden gemaakt die

met traditionele technieken nauwelijks mogelijk zijn.

Tegelijkertijd bleef comfort een belangrijk uitgangspunt.

“Het moet er niet alleen interessant uitzien”, zei ze, “je

moet er ook echt in willen zitten.”

Wat deze editie van Object Rotterdam leuk maakt, is de

manier waarop persoonlijke verhalen, technische keuzes

en zakelijke realiteit samenkomen. Ontwerpers spraken

openlijk over hun achtergrond en hun drijfveren die altijd

inhoudelijk zijn. De oude bibliotheek bleek daarvoor

een passende omgeving. Object Rotterdam liet hiermee

opnieuw zien waar het voor staat: een platform waar

design en verhalen samenkomen.

objectrotterdam.com

FOTO BOVEN

Gebroken spiegels van

Farzin Kavaji.

FOTO LINKSONDER

Anne van der Zwaag

(directeur OBJECT

Rotterdam) en Edgar

Bosman van de

Rotterdamse

bibliotheek bij de

opening van de beurs.

FOTO RECHTSONDER

De Septa Chair.

Object Rotterdam

BEURZEN

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

73


BEURZEN MaterialDistrict Utrecht 2026

MaterialDistrict Utrecht

presenteert NextNow

MaterialDistrict Utrecht 2026

BEURZEN

Van 4 tot en met 6 maart 2026 keert MaterialDistrict Utrecht terug in de

Werkspoorkathedraal. Tijdens deze 19e editie introduceert het platform

het nieuwe programma NextNow, waarin materiaalinnovatie centraal

staat voor opgaven zoals biobased en circulair bouwen, energietransitie,

klimaatadaptatie en gezonde binnenruimtes. De beurs biedt ontwerpers,

architecten, bouwprofessionals en beleidsmakers een actueel en

overzichtelijk beeld van de oplossingen die vandaag al beschikbaar zijn

voor de projecten van morgen.

Naast vertrouwde deelnemers verwelkomt

MaterialDistrict Utrecht

dit jaar een opvallend sterke lichting

nieuwe exposanten. Het Nederlandse

AcoustIQ laat zien hoe duurzame

akoestische spuitafwerkingen bijdragen

aan zowel esthetiek als geluidscomfort

in publieke en commerciële

ruimtes. Vanuit Den Haag brengt

Atelier Dasha Tsapenko biodesign

naar de beursvloer, met materialen en

objecten die ontstaan uit samenwerking

tussen mens, schimmel en plant.

Ook de houtsector is dit jaar sterk

vertegenwoordigd. Het Noorse

FINTI toont hoe innovatieve

houtproducten bijdragen aan een

lagere CO₂-footprint, terwijl het

Finse Koskisen een nieuwe generatie

dunfineer en plaatmaterialen

introduceert. Ook het internationale

Kronospan is aanwezig met duurzame

panelen voor de interieur- en

bouwsector.

Voor professionals die werken met

biobased materialen zijn er diverse

74


FOTOGRAFIE Viorica Cernica/Sjoerd Reitsma

primeurs. Het Nederlandse Reduco

presenteert bijvoorbeeld 100 procent

circulaire plaatmaterialen, geproduceerd

uit hout dat anders verloren

zou gaan. Het eveneens Nederlandse

SAM Panels toont circulaire panelen

en akoestische oplossingen op basis

van lokale reststromen — relevant

voor zowel bouwprofessionals als

interieurontwerpers.

Young Talent Programma

Ook in 2026 vormt het Young Talentprogramma

een belangrijk onderdeel

van de beurs. Curator Leonne

Cuppen selecteerde dit jaar zestien

veelbelovende ontwerpers, die vernieuwende

materiaalexperimenten,

biobased toepassingen en innovatieve

maakprocessen presenteren. De Young

Talents krijgen bovendien een eigen

podium in het Young Talent Theater,

waar zij hun onderzoek, visie en

materiaalontwikkelingen toelichten

aan ontwerpers, beleidsmakers en

andere professionals uit het veld.

Innovation Fund

Het MaterialDistrict Innovation

Fund biedt opnieuw ruimte aan

start-ups die zich richten op duurzame,

circulaire en toekomstgerichte

materiaalinnovatie. Dankzij deze

ondersteuning kunnen vernieuwende

jonge bedrijven deelnemen

aan de beurs en hun werk presenteren

aan architecten, designers,

R&D-teams en opdrachtgevers. Het

programma versterkt de positie van

MaterialDistrict als platform voor

innovatie en helpt nieuwe spelers om

door te groeien naar de markt.

NextNow-routes

Via speciale NextNow-routes op

de beursvloer ontdekken bezoekers

in één oogopslag welke materialen

direct toepasbaar zijn binnen thema’s

als biobased bouwen, energietransitie,

circulariteit en gezonde binnenruimtes.

Het programma geeft concrete

handvatten voor zowel ontwerpers

als gemeenten, woningcorporaties en

projectontwikkelaars die werken aan

urgente ruimtelijke opgaven.

Materialen beleven

Zoals ieder jaar vormt de materiaalexpositie

het kloppend hart van

de beurs. Bezoekers kunnen meer

dan 250 innovatieve samples zien

én ervaren, variërend van biobased

plaatmaterialen en akoestische oplossingen

tot nieuwe houtproducten

en experimentele bio-materialen.

Deze tastbare ervaring ondersteunt

professionals bij het maken van materiaalkeuzes

voor renovatie-, nieuwbouw-

en interieurprojecten.

MaterialDistrict Utrecht 2026

BEURZEN

Reserveer nu je toegangsticket op tickets.materialdistrict.com

Ga voor meer informatie naar utrecht.materialdistrict.nl

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

75


8 t/m 13. 3. 2026

Frankfurt am Main

info@netherlands.

messefrankfurt.com

Tel. +31

70 262 9071

Feel the spaces.

Experience the light.

Waar visie realiteit wordt en

trends beginnen te stralen.

Ontdek vandaag wat morgen

de wereld verlicht – live

en exclusief in Frankfurt.

’s Werelds toonaangevende vakbeurs voor

verlichting en gebouwautomatisering.

Beleef de toekomst

nu zelf live –

kijkt u hier maar.

77724-010_LB_Living_Light_ProjectInterieur_93x275 • PSO COATED V3 • CMYK • cd | DU: 18.11.25 NL

21 t/m 24. 4. 2026

FRANKFURT / MAIN

Peter Toeval.

De belangrijkste

gast op de beurs.

Want door toevallige ontmoetingen ontstaan

nieuwe ideeën. Algen die kogelvrije vesten

veiliger maken? Een rups die zorgt voor een

revolutie in de haute couture? De resultaten

van deze opmerkelijke materiaalinnovaties

zijn hier beter dan waar ook te zien en te

voelen.

info@netherlands.messefrankfurt.com

Tel. +31 70 262 9071

in parallel with

part of

78422-007_TT_AZ_Allgemein_ProjectInterieur_93x275 • PSO Coated v3 • CMYK • cd | DU: 02.02.2026 NL


BEURZEN Salone del Mobile 2026

Ook de Salone del Mobile

is zoekende in 2026

Tijdens de persconferentie voor de 64e editie

van de Salone del Mobile in Milaan werd het

duidelijk dat ook de meest toonaangevende

meubelbeurs van Europa niet ontkomt aan de

uitdagingen van veel andere beurzen: minder

aanmeldingen, minder belangstelling en het

gevoel minder relevant te zijn dan in de jaren

tot 2020. De Salone del Mobile 2026 is van 21

tot en met 26 april op de Fiera Milano-Rho.

De presentator van deze persconferentie ging in op de

veranderende wereld waarin de Salone en de exposanten

een weg moeten zien te vinden: “Ik woon

in Miami en zie daar billboards voor huishoudelijke

robots, aangestuurd door AI, die voor 600 dollar per

maand het huis schoon houden. We gaan uiteindelijk

samenleven met intelligente machines. AI begrijpt

steeds beter onze voorkeuren en handelt daarnaar,

dit geldt ook voor meubeldesign. Ik verwacht steeds

meer individueel toegesneden ontwerpen, uniek en

persoonlijk. Dit betekent dat een beurs ook meer een

meer diensten laat zien in plaats van concrete objecten.

Er staan nog wel meubelen, maar deze zijn er meer

als voorbeeld dan wat er daadwerkelijk wordt verkocht.” Hij wees ook op Age

Tech: we worden steeds ouder met steeds meer tegelijk en design voor ouderen

onttrekt zich steeds meer uit de medische sfeer. “AI speelt in design voor

ouderen ook een steeds grotere rol. Het weet al wat we willen voordat we het

zelf weten. Je koopt straks geen meubel meer, maar een service die voorspelt

wanneer jij iets nodig gaat hebben.”

Beursdirecteur Maria Porro: “Voor deze editie was het lastiger dan ooit om veel

internationale belangstelling te genereren, ondanks onze wereldtournee. We

willen graag de designcultuur op de Salone in stand houden, ondanks de economische

krimp. We bieden dit jaar hoe dan ook een gevarieerd aanbod voor

bezoekers; met Kitchen & Bath als deelexpo, het debuut van Salone Raritas

voor verzamelobjecten en unieke stukken en uiteraard weer een goedgevulde

Salone Satellite.” Concreet komt het neer op 169.000 vierkante meter en 1.900

exposanten (dit waren er 2.500 in 2025) uit 32 landen.

Porro: “De Salone is een hulpmiddel voor de meubelindustrie in onzekere

tijden. We gaan mee met bewegingen in de markt: we starten met Raritas als

reactie op een groeiende vraag naar unieke objecten op de beurs. We hebben de

hallen en de routes volledig gedigitaliseerd zodat bezoekers vanaf hun telefoon

direct zien wie ze kunnen bezoeken, waarbij we met algoritmes werken: u

zoekt dit bedrijf, dat bedrijf past bij wat u wellicht zoekt. Afspraken plannen,

tijd besparen. Elkaar ontmoeten, netwerken, samenwerken via de app van de

Salone.” De presentator knikte: “We moeten vindbaar zijn voor AI, anders tellen

we niet meer mee. Zeker wanneer we de jongere generaties naar de beurs

willen laten komen.”

www.salonemilano.it

Salone del Mobile

BEURZEN

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

77


PRODUCTINFORMATIE

Textiel wandbekleding combineert luxe met high-performance

www.vescom.com

Vescoms nieuwe textiele wandbekledingen Gemstone, Amber en Birch zijn ontworpen

voor high-end omgevingen waar uitstraling, prestaties en onderhoud hand in

hand gaan – van hospitality en retail tot publieke en commerciële ruimtes. Geweven

in Vescoms eigen weverij, combineren de drie producten een verfijnde, ambachtelijke

uitstraling met uitzonderlijke duurzaamheid. Dankzij de constructie van gemengde

garens, waaronder supersterk polyethyleen tapegaren, zijn ze bestand tegen intensief

gebruik. De met acrylaat gecoate oppervlakken zijn vrij van PFAS, licht- en kleurecht,

vochtwerend, eenvoudig te reinigen en voldoen aan de hoogste brandwerendheidsnorm

(B s1 d0). De wandbekledingen hebben elk een eigen karakter: Gemstone

is veelzijdig en gelaagd met een subtiele textuur, Amber brengt diepte en karakter

met een uitgesproken ambachtelijke uitstraling, terwijl Birch rust en verfijning toevoegt

met een ingetogen, architecturale structuur. Elk product is een duurzame en

veelzijdige materiaaloplossing die bijdraagt aan welzijn in projectinterieurs.

Uitnodigende zitoplossing

www.cascando.com

PRODUCTINFORMATIE

Werk hoeft niet altijd als werk te voelen. Mezza is een modulair zitsysteem

dat de grens tussen formeel en informeel verzacht. Ontworpen

door Peter van de Water voor momenten van ontmoeting, overleg

of een korte pauze. De losse elementen maken het eenvoudig om de

opstelling aan te passen aan de ruimte en het gebruik. De ruime keuze

in stoffering, kleur en textuur spelen daarin een belangrijke rol. Het

tafelelement voegt functionaliteit toe, terwijl de plantenbak zorgt voor

levendigheid en een natuurlijke balans in de ruimte. Samen vormen ze

een zitoplossing die uitnodigt. Rustig, flexibel en comfortabel.

Comfortabel licht

www.deltalight.com

Geïnspireerd door de mist van Milaan werd Nebbia geboren.

Deze reeks armaturen fascineert door het afgeronde geometrische

ontwerp, de tactiele glazen afdekking en het doordachte

kleurenpalet. Nebbia is verkrijgbaar voor zowel binnen als

buiten en in twee maten voor accentverlichting of algemene

verlichting voor wand- of plafondtoepassingen. Het hoogwaardige

ontwerp is verfijnd tot een beperkt aantal onderdelen, wat

het constructieproces vereenvoudigt en het materiaalgebruik

vermindert. Het aanpassingsvermogen van Nebbia komt tot

uiting in de 2700K- of 3000K-opties, aangevuld met een

optioneel aanwezigheids- en daglichtdetectiesysteem. De

dimbare functionaliteit past de verlichting aan elke sfeer aan

en creëert een licht dat natuurlijk comfortabel aanvoelt.

78


Flexibel stoelconcept

www.girsberger.com

De universele stoel Nava combineert een ingetogen vormgeving met creatieve veelzijdigheid en

duurzaam materiaalgebruik. Naast een variant in grijs bieden drie harmonieus op elkaar afgestemde

pastelkleuren creatieve combinatiemogelijkheden en maken ze zowel rustige ton-sur-ton oplossingen

als bewust geplaatste contrasten tussen zittingen, frames en bekleding mogelijk. De organisch gevormde

kunststof zitschalen worden gekenmerkt door heldere, vloeiende lijnen en zijn naast grijs ook verkrijgbaar

in leemrood, aragonietblauw en perengroen. Ze zijn gemaakt van post-consumer gerecycled

materiaal en vormen de basis voor een flexibel stoelconcept. Nava is verkrijgbaar zonder bekleding,

met zitkussen of volledig gestoffeerd; de bekleding kan lineair of gecontourneerd worden uitgevoerd en

kan zo nauwkeurig worden aangepast aan verschillende toepassingen en comfortvereisten. Dankzij het

rustige ontwerp is Nava geschikt voor gebruik op kantoor, in bistro’s en restaurants of in de woonomgeving.

De duurzame zittingen kunnen harmonieus worden afgestemd op frames en bekleding of juist

contrasteren en passen natuurlijk in verschillende interieurs. Voor de zitkuipen wordt gesorteerd polypropyleenafval

verwerkt tot een veelzijdig inzetbaar recompound van nieuw materiaal, dat – afhankelijk

van het kleurenaandeel – tot 100 procent uit gerecycled materiaal bestaat. Om de nodige stijfheid te

bereiken, wordt glasvezel aan het materiaal toegevoegd.

PRODUCTINFORMATIE

Zachte zitmeubelen

www.pedrali.com

Buddy Oasi is een verzameling van zachte zitmeubelen die de Buddy-collectie

verder uitbreidt. Ruim bemeten poefen en sofa’s die het contrast tussen de

robuuste volumes van de zitting en de lichte aluminium poten behouden.

Het onderscheidende kenmerk van Buddy Oasi is de beweegbare rugleuning

met een zachte, organische vorm. Deze is gemaakt van geïnjecteerd polyurethaanschuim

en kan eenvoudig en vrij op de zitting worden geplaatst om

verschillende configuraties te creëren. Een ballast en een antislipstof zorgen

voor stabiliteit. Buddy Oasi is ontworpen voor samenwerkingsruimtes en

ontspanningshoeken. Dankzij de royale afmetingen en diverse configuratiemogelijkheden

biedt het systeem comfort en flexibiliteit. Buddy Oasi is

verkrijgbaar in twee maten en twee hoogtes en in een outdoor-versie met

een volledig waterdichte voering en een afneembare hoes.

Verstelbare tafels: van zittafel tot statafel

www.vintable.nl

Een tafel die niet alleen geschikt is als zittafel, maar ook als statafel. Een tafel die ook

nog past in de moderne inrichtingen van nu. Met dat idee gingen Jorno Masselink en

Luc van Deth van Vintable aan de slag. Het resultaat is; de zit-sta tafel. “Deze zit-sta

tafel is zowel als zittafel, statafel, werktafel en als bureau te gebruiken, dat maakt deze

tafel multifunctioneel en uniek”, zegt Luc van Deth. “Via een bedieningspaneel is de

tafel eenvoudig in hoogte te verstellen. Je kiest zelf de gewenste hoogte. Dat maakt

de tafel ideaal voor het staan met een rechte rug, bij feestjes, voor thuiswerken of op

het werk voor staand vergaderen”. Eigenaar Jorno Masselink volgt: “Wij hebben al

meerdere zit-sta tafels, maar collega Luc is erin geslaagd een tafel te ontwerpen die

volstaat in de moderne woninginrichtingen of kantoren van nu. De verstelbare tafel is

in meerdere kleuren, vormen en maten verkrijgbaar. Zo staat de tafel het mooist met

een Deens Ovaal blad, een blad met afgeronde hoeken of een rond blad”.

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

79


Beurzen en

evenementen

Utrecht 4 – 6 maart

MaterialDistrict Utrecht

utrecht.materialdistrict.nl

Frankfurt a. M. 8 - 13 maart

Light+Building

light-building.messefrankfurt.com

Frankfurt a. M. 21– 24 april

Techtextil/Texprocess

techtextil.messefrankfurt.com

Milaan 21 – 26 april

Salone del Mobile.Milano /

Salone del Bagno

www.salonemilano.it

Amsterdam 22 – 23 april

Independent Hotel Show

www.independenthotelshow.nl

Cernobbio 5 – 7 mei

Proposte

www.propostefair.it

New York 17 – 19 mei

International Contemporary

Furniture Fair

www.icff.com

Londen 19 – 21 mei

Clerkenwell Design Week

www.clerkenwelldesignweek.com

Rotterdam 27 – 29 Mei

Design District

www.designdistrict.nl

ETCETERA

Architectuur in Nederland

Architectuur in Nederland is al bijna veertig jaar een onmisbaar overzichtswerk en inspiratiebron voor

iedereen die zich in de Nederlandse architectuur interesseert of er vakmatig bij betrokken is. Elk

jaar presenteert een onafhankelijke redactie in deze publicatie bijzondere projecten die in het voorbije

jaar zijn opgeleverd en worden de belangrijkste ontwikkelingen in de Nederlandse architectuur

beschreven. De redactie van het jaarboek 2025/2026 bestaat uit Stephan Petermann (MANN en

VOLUME), Annuska Pronkhorst (Crimson Historians & Urbanists) en Thomas Bedaux (Bedaux de

Brouwer Architecten). In voorgaande edities heeft de redactie de projectenselectie aangegrepen om

een dialoog met vakgenoten te starten over eigentijdse thema’s. Het jaarboek 2025/2026 bevraagt

met een vergelijkbare aanpak de voortdurende evolutie van het vak.

www.nai010.com

Architectuur in Nederland Jaarboek

2025/2026 | Redactie Stephan Petermann,

Annuska Pronkhorst, Thomas

Bedaux | Design Joseph Plateau |

Nederlands, Engels | 176 pag |

€ 44,95 | ISBN 978-94-6208-965-5 |

Publicatiedatum april 2026

ETCETERA

Chicago 8 – 10 juni

NeoCon

www.neocon.com

Rotterdam 9 – 10 september

Architect@Work

www.architectatwork.nl

Paris-Nord Villepinte

10 – 14 september

Maison&Objet

www.maison-objet.com

Londen 12 – 20 september

London Design Festival

www.londondesignfestival.com

Gorinchem 21 – 23 september

Interieur Collectie Dagen

www.interieurcollectiedagen.nl

Bologna 21 – 25 september

Cersaie

www.cersaie.it

Valencia 28 september

– 1 oktober

Feria Hábitat Valencia

www.feriahabitatvalencia.com

Kortrijk 15 – 16 oktober

Design Nation

kortrijk.design-nation.eu

Focused & Together – The Mindful Office

Hoe kunnen werkplekken zo worden ontworpen dat ze diepe concentratie mogelijk maken én tegelijkertijd

uitwisseling en samenwerking stimuleren? De uitdaging voor organisaties is om werkomgevingen

te creëren die beide behoeften – concentratie én interactie – met gelijke aandacht ondersteunen.'Focused

& Together – The Mindful Office', het leidende thema van de Sedus New Arrivals Winter 2025/2026, vat

deze spanning perfect samen. Het weerspiegelt een groeiende vraag naar mentale helderheid, akoestisch

comfort en ruimtelijke afbakening. Een van de internationaal toonaangevende namen op het gebied van

neuro-inclusieve werkplekdesign is Kay Sargent. Met bijna 40 jaar professionele ervaring zet de interieurarchitect

zich in voor levendige, inclusieve werkomgevingen in haar rol als senior principal bij HOK’s

Interiors Group. In de huidige

editie van Sedus Lookbook

nr. 03 bespreekt Kay Sargent

de principes en mogelijkheden

van neuro-inclusieve

werkomgevingen.

www.sedus.com/en/

knowledge/lookbook-3

Eindhoven 17 – 25 oktober

Dutch Design Week

www.ddw.nl

Dit overzicht werd met zorg samengesteld. In verband met

onvoorziene omstandigheden kan geen verantwoordelijkheid

worden genomen voor de volledige juistheid ervan.

80


Tentoonstellingen

Design Museum, Brussel

t/m 1-3

Design and Comics: Living in a Box

1-4 t/m 20-9

Designing Childhood. Een geschiedenis

van design voor kinderen

designmuseum.brussels

Design Museum, Den Bosch

t/m 1-4

Design!

t/m 6-4

Van Bauhaus naar Mekka

www.designmuseum.nl

Textielmuseum, Tilburg

t/m 15-3

Haus of fibre

t/m 31-5

Makersgeheimen #4

www.textielmuseum.nl

C-Mine, Genk

t/m 19-4

Station d’Artistes #2

c-mine.be

CID, Grand-Hornu

t/m 26-4

Patricia Urquiola. Meta-morphosa

www.cid-grand-hornu.be

Het Nieuwe Instituut, Rotterdam

t/m 31-5

Dutch, More or Less. Hedendaagse

architectuur, design en digitale cultuur

t/m 9-8

FUNGI. Anarchistische ontwerpers

hetnieuweinstituut.nl

ETCETERA

Nieuw bij Salone del Mobile in 2026:

Salone Raritas

Salone Raritas is het nieuwe initiatief van Salone del Mobile.Milano, gewijd aan verzamelbaar design, gelimiteerde

edities, design antiek en hoogwaardig creatief vakmanschap. De eerste editie vindt plaats van 21 tot

en met 26 april 2026 in hal 9 van Fiera Milano Rho. Samengesteld door Annalisa Rosso, editorial director

en cultural events advisor van de Salone del Mobile, en opgezet door Formafantasma, zal Salone Raritas

een brug slaan tussen ambachtelijk gemaakte producten en de hedendaagse designmarkt. Het doel is om

een netwerk- en verkoopplek voor gelijkgestemden te maken voor objecten die een zakelijke omgeving

of een interieur thuis een bijzondere uitstraling geven. De inrichting van Salone Raritas is gedaan door

Formafantasma, dat koos voor een “architecturale lantaarn, een poreus landschap dat zich niet opdringt aan

de getoonde objecten maar dat wel uitgesproken is en bijdraagt aan de storytelling van de getoonde objecten”,

aldus de beursorganisatie. Ontworpen met herkenbaarheid en ritme in het achterhoofd is de ruimte

ingedeeld in modulaire eilanden in een van tevoren bepaald kleurenpalet en met een centrale lounge voor

meetings en onderhandelingen. Salone del Mobile.Milano ziet dit initiatief als een verandering van snelheid

op de beurs: iedereen is steeds meer op

zoek naar limited editions om zich af

te keren van (zelfs high-end) eenheidsworst,

zowel bij projectinrichting als

bij mensen thuis. Iedereen zoekt een

nieuwe ‘value indicator’ in het interieur:

een object dat laat zien dat de eigenaar

van de ruimte beschikt over een aardige

smak geld en/of smaak. Of het nu in een

hotel, in een villa of in een openbare

ruimte is.

salonemilano.it

ABC Architectuurcentrum,

Haarlem

t/m 17-5

Post 65: Mooi geweest?

www.architectuurhaarlem.nl

Museum Het Schip,

Amsterdam

t/m 28-6

Ongekend Talent: Vrouwen van de

Amsterdamse School

www.hetschip.nl

Museum De Dageraad,

Amsterdam

t/m 28-6

Margaret Kropholler. Pionier,

vakvrouw en inspiratiebron

www.hetschip.nl

ARCAM, Amsterdam

t/m 31-3

Draagmuren – Daria Khozhai

t/m 26-4

Een Optimistisch Rampenplan –

Ontwerpen voor een wereld in

transitie

arcam.nl

Cuypershuis, Roermond

t/m 30-8

Presence in Process – 30 Years of Art

and Craft at Studio Claudy Jongstra

www.cuypershuisroermond.nl

De ontwerpprincipes van Dom

Hans van der Laan

In Dom Hans van der Laan in de praktijk ontrafelt architect Caroline Voet de ontwerpprincipes van de

Nederlandse benedictijner monnik en architect Dom Hans van der Laan (1904–1991). Zijn ideeën over

ruimte-ervaring en maatverhoudingen – in het bijzonder zijn unieke ontdekking van de reeks van het

plastische getal en het daaruit afgeleide matenstelsel – hebben grote invloed gehad en zijn vandaag nog

altijd springlevend. Voet hertekent stap voor stap Van der Laans filosofie van de architectonische ruimte en

verbindt die met zijn proportionele systeem van het plastische getal, in een reeks heldere, zorgvuldig opgebouwde

analyses. De principes van zijn elementaire architectuur – verder ontwikkeld door de Bossche

School – worden onderzocht aan de hand van gerealiseerde projecten, van kloosters tot woonhuizen.

Met Dom Hans van der Laan

in de praktijk biedt Voet

universele handvatten om

de gebouwde omgeving te

lezen en te koppelen aan

Dom Hans van der Laan in de

een gelaagde menselijke

praktijk | Auteur Caroline Voet |

schaal. Ze vormen krachtige

instrumenten voor de

Nederlands, Engels | 184 pag |

Design Koehorst in 't Veld |

complexe ontwerpopgaven

€ 29,95 | ISBN 978-94-6208-

van de toekomst.

947-1

ETCETERA

FEBRUARI - MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

81


Ruimte voor

oplossingen.

Al onze getoonde en genoemde decors zijn nabootsingen.

Decoratieve Collectie 26+

Nu beschikbaar: De Decoratieve Collectie 26+!

Met deze vernieuwde selectie authentieke, trendy decors en functionele producten liggen

uw ontwerpen altijd helemaal in lijn met de laatste trends. Creëer inspirerende ruimtes en

vergroot uw succes met innovatieve oplossingen die uw klanten enthousiast maken.

» Ontdek nu de collectie:

to.egger.link/decorative-collection-highlights

FEBRUARI-MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

VERKOOPPRIJS € 14,95

sinds 1989

Voorjaarsaanbieding

Project & Interieur

Blijf het hele jaar op de hoogte van trends, projecten en

makers in de wereld van interieur en design. Profiteer nu

verschijnt tweemaandelijks www.pi-online.nl

van deze exclusieve abonnementsactie.

THEMA ZORG & WELZIJN

THEMA ZORG & WELZIJN

De Uiterwaarden Deventer 4

RDC Adore Amsterdam 10

’t Spant Nootdorp 17

Watt the Health Gentbrugge 23

• 1 jaar = 6 edities van € 84 —> voor € 69

Column EGM interieur 30

US FEEL.

TEXTURE.

AND NUANCE.

WWW.VYVA FABRICS.NL

De Uiterwaarden Deventer | RDC Adore Amsterdam | ’t Spant Nootdorp | Watt the Health Gentbrugge | Projectstoffering

Productinformatie Projectstoffering 31

OPGELEVERD

Sigma Fabriek Amsterdam 34

Den Hartogh Basecamp Rotterdam 40

The Blurring Zone Amsterdam 46

Hotel VIA Antwerpen 52

INTERVIEW

Femke Feenstra Gortemaker

Algra Feenstra 58

Jeroen de Willigen BNA 64

Michael Parsser Kisch 66

BEURZEN

Destination Design 2026 68

Object Rotterdam 72

Material District 2026 74

Salone del Mobile 2026 77

PRODUCTINFORMATIE 78

ETCETERA 80

FEBRUARI-MAART 2026 | #1 | JAARGANG 37

• 2 jaar = 12 edities van € 188 —> voor € 99

* Korting geldt alleen voor nieuwe abonnees.

Abonneer nu en mis geen enkele editie

• Ga naar: www.pi-online.nl/pi-project-interieur

• Of scan de QR-code.

Project & Interieur Magazine verschijnt 6 keer per jaar en richt zich op interieurprofessionals,

architecten en opdrachtgevers in het midden- en hoogsegment.


bestel je tickets

met 50% korting

19 E EDITIE

NEXT

NOW

ontdek de duurzame

materialen van vandaag

voor je projecten van morgen

utrecht.materialdistrict.nl

4 – 6

MAART

UTRECHT

WERKSPOORKATHEDRAAL


WWW.VYVA FABRICS.NL

BELLUS & LINEOS, A NEW INDOOR & OUTDOOR FABRIC COLLECTION.

SOLUTION-DYED ACRYLIC COMBINE DURABILITY WITH A SOFT, LUXURIOUS FEEL.

LINEOS PRESENTS A LINEN LOOK WITH WARM TONES AND A TIMELESS TEXTURE.

BELLUS FEATURES A LAYERED, MARBLED PATTERN THAT ADDS DEPTH AND NUANCE.

Hooray! Your file is uploaded and ready to be published.

Saved successfully!

Ooh no, something went wrong!