16.04.2026 Views

Recyclepro (B)_2026-02_

  • No tags were found...

Transform your PDFs into Flipbooks and boost your revenue!

Leverage SEO-optimized Flipbooks, powerful backlinks, and multimedia content to professionally showcase your products and significantly increase your reach.

RECYCLEPRO.EU I JAARGANG 11 I NUMMER 2 2026 I MAART - APRIL

PLATFORM OVER DE GEHELE RECYCLINGSTROOM BINNEN DE BENELUX | RECYCLEPRO.EU

2

Digitalisering sleutel tot

gestroomlijnde administratie

‘Made in Europe’ label komt

ook recycling ten goede

Nieuwe wagens moeten gerecyclede

kunststoffen bevatten

Kwaliteitslat hoger voor

Menggranulaat 250+


Benelux • Duitsland • Noord-Frankrijk

Live track & trace via klantenportaal

160

walking floors

15

kippers

7.000

ton per dag

Contact

www.hertsens.eu

+32 3 250 12 20

planning@hertsens.eu

Heirbaan 395

9150 Kruibeke

België



ETS MACHINERY

Elenestraat 75

9620 Zottegem

+32 (0)492 61 51 61

www.ets-machinery.be

info@ets-machinery.be


UITGAVE

2

VOORWOORD

Oorlog is nooit de oplossing

Het Midden-Oosten staat in brand: de Verenigde Staten en Israël hebben uit het niets de aanval geopend op Iran dat op zijn beurt zowat

alle Golfstaten mee het bad heeft in getrokken. Een (voorlopig) ver-van-ons-bed-show als we naar de kilometers kijken, maar wel één die we

toch dicht bij huis voelen. Aan de pomp meer bepaald. De brandstofprijzen regen de recordprijzen aan elkaar de afgelopen weken. Zelfs de

covid records worden vlot van de tabellen gereden. Afhankelijk van welke persmededeling Trump morgen maakt (en welke aandelen hij heeft

gekocht), volgt overmorgen ongetwijfeld weer een nieuwe piek of tijdelijke daling. Maar een uitweg uit het conflict is vooralsnog niet in zicht.

Goed nieuws voor de sector van plastics recycling zou je dan denken. Een belangrijk element in de malaise van de afgelopen jaren zijn de

belachelijk lage prijzen voor virgin materialen, waartegen het moeilijk opboksen was met recyclaat. En die zijn nu zowat recht evenredig met de

olieprijzen de hoogte in aan het gaan. Hoewel het een welgekomen pleister op de wonde kan zijn en onze plastic recyclers wat welverdiende

ademruimte geeft, is dit niet de oplossing voor de problemen. Dat kan oorlog en menselijk leed nooit zijn. Punt. Tegelijk delen we als sector in

dezelfde brokken van gestegen energie- en transportprijzen als de producenten van virgin plastics. Want het stopt uiteraard niet bij de pomp.

Trump waarschuwde Europa al dat als het olie of gas wil, we het zelf maar moeten halen in de Straat van Hormuz.

Een deel van de concurrentiehandicap die plastic recyclers voelen, staat dus nog even hard overeind als voorheen. Om daar helemaal vanaf te

geraken zijn structurele verbeteringen nodig, waarmee we onze afhankelijkheid van de olieprijzen voor eens en voor altijd kunnen afschudden.

Plastics recyclers hebben met andere woorden geen nood aan eendagsvliegen maar aan langetermijnpartners. Wat hebben we daarvoor nodig?

Verplichtingen rond recycled content die de vraag naar recyclaat aanzwengelen en een eerlijk speelveld met producenten van virgin materialen.

Dat plastics die de Europese Unie binnenkomen onder dezelfde argusogen passeren als recyclaat dat de Europese Unie buiten gaat.

Wat hebben we vooral niet nodig? De extra administratieve verplichtingen (vanaf mei) en de exportban (vanaf november) die ons weldra op

de nek vallen. Want de vraag naar gerecyclede plastics is nog helemaal niet op gang gekomen. Hoogstens wat kunstmatig weer tot leven

gebracht door de hoge olieprijzen. De eisen naar recycled content in de PPWR gelden pas vanaf 2030. Op verplichtingen rond recycled content

van kunststoffen in wagens is het nog minstens zes jaar wachten. Dat zijn nog lange jaren om te overbruggen voor recyclingbedrijven die het

water tot aan de lippen zien komen. Er zijn vandaag initiatieven nodig om ze in leven te houden, zodat er nog genoeg plastics recyclers over

zijn om die targets te helpen halen.

Dat er ook vanuit onze industrie nog meer inspanningen zullen moeten volgen om de kwaliteit op te drijven, is duidelijk. Pioniers zoals Plastic

Recycling in Nederland hebben die boodschap alvast goed begrepen. Maar ook Galloo in België en Frankrijk heeft al bewezen dat het de kringloop

volledig kan sluiten voor bepaalde materiaalstromen uit autowrakken. Dat behoort immers eveneens tot de verplichtingen van de nieuwe

ELV-regelgeving. Maar om iedereen op die kar te krijgen is dat langetermijnperspectief broodnodig. Geef ons dat. Vandaag al.

Veel leesplezier!

Valérie Couplez


COLOFON

Jaargang 11 | nummer 2 | 2026

Verschijnt 5 x per jaar

recyclepro.eu

VERANTWOORDELIJKE UITGEVER

Schatbeurderlaan 6

6002 ED Weert

Postbus 249

6000 AE Weert

+31 495 45 00 95

info@louwersmediagroep.nl

louwersmediagroep.com

VESTIGING BELGIË

Kapellestraat 132/1

Gebouw G

8020 Oostkamp

+32 50 36 81 70

info@louwersmediagroep.be

louwersmediagroep..com

22 36

EINDREDACTIE

Valérie Couplez

REDACTIETEAM

Valérie Couplez, Els Goethals, Ferdi den Bakker,

Kris Vandekerckhove, Saar Bentein

PROJECTMANAGER

Kevin Desender

k.desender@louwersmediagroep.be

SECRETARIAAT

Elke Kina

Nancy Priem

Sylvie Vanneste

ADVERTENTIES

Een hoge resolutie PDF moet worden aangeleverd

via de AdPortal. Mocht u nog geen uploadlink

hebben ontvangen, stuur een email naar

traffic@louwersmediagroep.nl

ABONNEMENTSPRIJS

België: € 90,00 per jaar excl. BTW

Buiten België: € 142,00 per jaar excl. BTW

ING IBAN nr. BE33 3631 9320 5246

BIC: BBRUBEBB

t.n.v. Louwers Mediagroep

o.v.v. RecyclePro.

Informatie over abonnementen:

T +32 50 36 81 70

ADRESWIJZIGINGEN

Schriftelijk ten minste drie weken

voor verhuizing naar:

Kapellestraat 132/1 Gebouw G, 8020 Oostkamp

OPZEGGINGEN

Indien twee maanden voor het verstrijken van de

abonnementsperiode geen schriftelijk bericht van

op zegging is ontvangen, wordt het abonnement

automatisch met een jaar verlengd.

DOELGROEP

Verspreiding vindt plaats via abonnementen en

via gerichte distributie in controlled circulation aan

sloopbedrijven, grote aannemers, recycling- en

afvalverwerkingsbedrijven, facilitymanagers, federaties,

overheden, bedrijven gespecialiseerd in sanering en de

belangrijkste toeleveranciers van de sector.

Blijf gratis en eenvoudig op de hoogte van het laatste

nieuws. Volg ons op social media en meld je aan voor

onze nieuwsbrief!

Recyclingbedrijf in de kijker: “Kwaliteit plastic leveren die nu nog niet bestaat” 8

Sterk partnerschap voor maximale procesoptimalisatie 10

Plastic recycling tussen crisis en capaciteitstekort 12

Zware klussen op verplaatsing makkelijker dan ooit 15

De Pen, “Meer aandacht voor de afvalsituatie levert besparingen op” 16

De vernieuwde Antwerp Declaration en haar belang voor de recyclingindustrie 18

Tussen onrust en richting: waarom de plasticmarkt volwassen moet worden 20

DOSSIER ELV-VERORDENING

Wat betekent de nieuwe ELV-verordening voor recyclers? 22

Verplicht gebruik van recycled content in nieuwe wagens 24

Wat verandert er op vlak van ontmanteling en depollutie? 26

46

VORMGEVING/ART DIRECTION

studio@louwersmediagroep.nl

DRUKWERK

Drukkerij Hendrix, Peer

Niets uit deze uitgave mag worden over genomen of ver menig vuldigd zonder

uitdruk kelijke toestemming van de uitgever en zon der bronvermelding.

Hoewel dit blad op zorg vuldige wijze en naar beste weten is samen gesteld

kunnen uitgever en auteurs op geen enkele wijze instaan voor de juistheid

of volledig heid van de informatie. Zij aan vaar den dan ook geen enkele

aansprake lijkheid voor schade, van wel ke aard ook, die het gevolg is van

hande lingen en/of beslis singen die gebaseerd zijn op deze informatie.

Denuo: Making waste matter 29

Slim malen voor een veeleisende markt 36

Sterk dealerschap met focus op kwaliteit 40

Online event brengt best practices voor duurzame materialen en PFAS reiniging samen 42


INHOUD

58 64

80

88 82

DOSSIER SLOPEN & BREKEN

De motor achter vooruitgang in sloop, ontmanteling en recycling 46

Hercules onder de betonvergruizers weet meteen te overtuigen 48

Efficiënt slopen met gehuurde betonschaar 50

Menggranulaat 250+: wanneer de sector samen inzet op kwaliteit én circulariteit 52

Licence to drill 57

Baanbrekende recyclingtechniek voor cellenbeton 58

Vrouw in de kijker: “Zolang je maar weet waarover je praat” 61

Tandem zorgt voor maximale kwaliteit en efficiëntie 62

Circulariteit als motor voor concurrentiekracht 64

De slimme recyclinginstallatie van de toekomst, vandaag al realiteit 66

Internationaal vervoer – zeetransport 69

BRBS nieuws: branchevereniging breken en sorteren 71

Wolfraammarkt: van uitdagingen naar oplossingen? 80

Column Vooruit: Stoorstoffen in puingranulaten, een oplossing is voor handen 82

Maximale mobiliteit, hoge zeefprestaties 84

Safety first: Blootstelling aan emissie van dieselmotoren kan kanker veroorzaken 87

Impact Europese wetgeving op papier, karton en kunststoffen 88

Nieuwe ontpakkingsinstallatie blinkt uit in snelheid en duurzaamheid 92

Textiel op het kantelpunt 94

De harde cijfers 97

ETS MACHINERY – MINELLI MATERIAL

HANDLERS

Blijf gratis en eenvoudig op de

hoogte van het laatste nieuws.

Volg ons op social media en meld

je aan voor onze nieuwsbrief!

recyclepro.eu


RECYCLINGBEDRIJF IN DE KIJKER

“KWALITEIT PLASTIC LEVEREN

DIE NU NOG NIET BESTAAT”

Een kleine tien jaar vooruitkijken zet Broeckx Plastic Recycling op pole position om te profiteren van een plastic exportverbod. Algemeen

directeur Twan Hesselmans: “Het idee is om gemixte gebruikte industriële LDPE-verpakkingsfolies te sorteren op kleur, type en MFI. In mei

willen we operationeel zijn met de gloednieuwe sorteerlijn die dat mogelijk maakt.”

Tekst Ferdi den Bakker | Beeld Broeckx Plastic Recycling

Broeckx Plastic Recycling was niet altijd een

recyclingbedrijf. Het familiebedrijf startte als

transporteur. Ooms van Hesselmans zagen daarna

kansen voor de inzameling van landbouwfolie en

later kunststoffen. Vervolgens ontstond Broeckx

Plastics Recycling. Ondertussen staat de derde

generatie, die bestaat uit Twan Hesselmans en zijn

neef Koen Vromans, aan het roer met hun oom

Ad Broeckx. Het bedrijf bestaat inmiddels uit drie

takken: Plastic Recycling, Mega Plastics en Extract

Plastics. De eerste richt zich op de inzameling en

het verhandelen, Mega op de export en Extract op

de nieuwe sorteerlijn.

Het bedrijf bestaat inmiddels uit drie takken: Plastic Recycling, Mega Plastics en Extract Plastics.

Handelsonderneming

Van oudsher is de onderneming vooral een handelsbedrijf.

Hesselmans. “Jaarlijks sorteren en

verhandelen we ongeveer 30.000 ton plastic. Na

de sortering maken we er balen van, maar de nadruk

ligt vooral op het (internationaal) verhandelen.

Grotere volumes kopen we in bij oud papier

inzamelaars, afvalinzamelaars of rechtsreeks bij

de bron.”

Tijdens inspelen op nieuwe kansen

Het bedrijf ziet de markt veranderen. Hesselmans:

“De tendens is slecht, zelf mogen we als handelsbedrijf

niet klagen. Veel energie gaat naar het op

peil houden van de volumes en het effectief houden

van de organisatie door alle uitdagingen die

de export met zich meebrengen.” De directeur zag

China de deur acht jaar geleden dicht gooien, ook

is er veel nieuwe regelgeving geïntroduceerd. “Het

is daardoor meer dan ooit nodig om tijdig ergens

op in te spelen.”

Broeckx Plastic Recycling verwacht dat de markt draait van prijs- naar kwaliteitgedreven.

“Verwacht een switch van

prijs naar kwaliteit gerecycled

materiaal”

Met de Extract tak wil het bedrijf inspelen op de

druk om veel meer plastic binnen Europa te sorte-

8 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


RECYCLINGBEDRIJF IN DE KIJKER

ren en verwerken. “Nu is de markt erg prijsgedreven,

maar als bedrijf verwachten we dat dit gaat

veranderen. De nadruk op kwaliteit zal toenemen.”

Op het moment dat China de grenzen sloot

voor de import van plastic afval, verwachtte de

onderneming dat andere landen zouden volgen.

“Inmiddels heeft Europa een exportstop ingesteld,

wat ertoe leidt dat er heel veel plastic bij ons en

bij collega’s staat. Dit heeft de ontwikkeling van

de sorteerlijn alleen maar urgenter gemaakt.”

“Sorteerkwaliteit die nog niet

bestaat”

De nieuwe sorteerlijn laat het bedrijf op type,

kleur en MFI sorteren. Hesselmans: “Puur sorteren

op LDPE-naturel was niet voldoende en wilden we

niet. Het is ons doel om zo dicht mogelijk bij de

kwaliteit van virgin materiaal te komen zonder

zelf een re-granulaat te produceren. Samen met

producent Bollegraaf hebben we een sorteerlijn

ontwikkeld waarmee we de LDPE-folie behalve op

type en kleur ook in drie categorieën MFI kunnen

onderscheiden. Dit resulteert in een kwaliteit die

nog niet bestaat en is ontwikkeld op een moment

dat er in de markt eigenlijk nog geen concrete

vraag naar was.”

Van handelsbedrijf naar producent

De sorteerlijn moet uiteindelijk 13,5 ton per uur

verwerken. “Het is een gigantische lijn, maar

noodzakelijk als de vraag vanuit Europa aantrekt.

Als verpakkingsproducenten een bepaalde korrel

aan materiaal nodig hebben, moeten de recyclers

die wel kunnen leveren én wij onze balen folie

dus ook.” Hesselmans merkt in aanloop naar de

ingebruikname al veel interesse onder recyclers.

“Dat is fijn en welkom na een forse investering.

De oude sorteerlijn, waarop we beperkt en handmatig

sorteerden, is inmiddels gedemonteerd. De

handlingkosten daarvan lagen veel te hoog. De

switch naar deze nieuwe lijn betekent daarmee

een grote verandering. Van handelsbedrijf gaan

we meer toe naar een productiebedrijf. Maar het

leukste is dat de timing van iets wat je bijna tien

jaar geleden hebt bedacht, nu perfect is.” ❚

De nieuwe sorteerlijn laat het bedrijf op type, kleur en MFI sorteren.

‘De exportstop heeft de

ontwikkeling van de sorteerlijn

alleen maar urgenter gemaakt’

Directeur Twan Hesselmans: “Het leukste is dat de timing van iets wat je bijna

tien jaar geleden hebt bedacht, nu perfect is.”

De sorteerlijn kan tot 13,5 ton per uur verwerken.

RecyclePR

RecyclePR

.EU

.EU

9


VAN ZELFREGISTRATIE TOT GESTROOMLIJNDE ADMINISTRATIE

STERK PARTNERSCHAP VOOR MAXIMALE

PROCESOPTIMALISATIE

Als er één branche is die gebukt gaat onder een hoge administratieve druk, dan is het wel de sloop- en recyclingsector. Extra personeel

aanwerven dan maar? Daar is vaak geen ruimte voor … Hoe bied je deze uitdagingen dan wel het hoofd? Het antwoord ligt in digitalisatie.

Vanuit die overtuiging bundelen Organi en Alphatronics hun krachten om zo recyclingbedrijven maximaal te ondersteunen.

Tekst Els Goethals | Beeld Organi

Organi geniet naam en faam als Belgische ITspecialist

en ontwikkelt met zijn in-huis softwareplatform

Ordas gespecialiseerde ERP-systemen

voor diverse sectoren. Alphatronics op zijn beurt,

levert hoogwaardige maatwerkoplossingen voor

toegangscontrole: van slagbomen en nummerplaatherkenning

tot aanmeld- en bedieningszuilen.

Beide bedrijven slaan de handen in elkaar

om hardware en software in één pakket aan te

bieden.

Perfect complementair

“Deze totaaloplossing stelt kmo’s in staat om hun

bedrijfsprocessen te automatiseren en te optimaliseren,

zonder dat ze zelf IT-expert moeten zijn. Dit

betekent een enorme meerwaarde voor bedrijven

uit bijvoorbeeld de sloop- of recyclingsector, waar

regelgeving en procedures toenemen terwijl het

personeelsgebrek blijft. Zo wordt 1 + 1 écht meer

dan 2”, vertelt Johan Haghebaert, Sales Manager

van Organi. “Tussen Organi en Alphatronics was er

van bij de start een sterke match. Via automatisering

slaan we een brug tussen transportbewegingen,

activiteiten op het terrein en administratieve

bedrijfsprocessen. Door hardware en software op

elkaar af te stemmen, creëren we extra meerwaarde

voor de klant, wat zich uit in een sterk vereenvoudigde

administratie.”

Geen slimme hardware zonder

slimme software

“Onze expertises vullen elkaar perfect aan”,

klinkt het ook bij Jasmien Vanvooren, CEO van

Alphatronics. “Alphatronics installeert de fysieke

systemen, zoals slagbomen, ANPR-camera’s en

gebruiksvriendelijke aanmeldkiosken. Tegelijk

voorzien we een toegankelijke API voor een vlotte

integratie met automatiseringsoplossingen. Daar

krijgt de synergie concreet vorm: Organi connecteert

de realtime data met de ERP-software en

brengt alle elementen samen in één slim platform.”

Eén gestroomlijnd proces

Haghebaert schetst hoe een geautomatiseerde

logistieke keten concreet verloopt: “Zodra een

externe vrachtwagen arriveert, wordt de nummerplaat

automatisch herkend via een ANPR-camera,

waarna het systeem controleert of alle benodigde

gegevens voor de inkomende vracht gekend zijn

in het ERP systeem. Na hoogstens enkele aan-

Dankzij een geautomatiseerd toegangscontrolesysteem

met nummerplaatherkenning zet Sterhoek

een grote stap in digitalisering.

Sterhoek gebruikt Ordas om bedrijfsprocessen te stroomlijnen en investeerde daarnaast in een automatische

weegbrugtoepassing.

10 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


‘Automatisering slaat een brug tussen

transportbewegingen, activiteiten op het

terrein en administratieve bedrijfsprocessen’

vullingen door de weegbrugbediende krijgt de

chauffeur toegang en gaat de slagboom open.

Eigen chauffeurs kunnen via een mobiele app zelf

inchecken op de weegbrug. De nodige digitale

documenten worden aangemaakt en de software

wisselt deze gegevens rechtstreeks uit met de ERP.

Bij het verlaten van het terrein beslist de ERP op

basis van de nummerplaat of de klant via een

kiosk dient te betalen, of nadien via een automatisch

facturatieproces getarifeerd wordt, waarna

de slagboom opent. Dit is een mooi voorbeeld van

procesoptimalisatie, waarbij onze Ordas software

fungeert als het digitale hart dat alle systemen

verbindt. Hogere efficiëntie en lagere kosten zijn

enkele van de grote voordelen. Het stelt bedrijven

in staat te focussen op de échte kerntaken:

efficiënte bedrijfsvoering en -groei!”

Geautomatiseerde verwerking

“Nummerplaten ingeven, klanten en leveranciersgegevens

bijhouden, vrachtdocumenten of veiligheidscertificaten

controleren en registreren hoeveel

ton afvalstof er die dag is binnengekomen

of uitgegaan. Al deze administratieve registraties

worden nu geautomatiseerd, wat leidt tot snellere

processen”, vult Haghebaert aan. “Geen Excellijstjes

en tijdverlies meer. Wel een veel lagere

foutmarge als extra bonus.” Vanvooren beaamt:

“Samen met de hoogwaardige apparatuur van

Alphatronics vormt de Ordas software van Organi

Slagboomautomatisatie maakt het mogelijk om automatisch te registreren welk voertuig wanneer binnenkomt

of buitengaat.

een krachtige hefboom voor recyclingbedrijven

om hun logistieke, administratieve en boekhoudkundige

processen te stroomlijnen.”

Ambitieuze partnerschappen

“Samenwerking vormt een rode draad binnen

onze organisatie. Daarom blijven we investeren in

partnerships om onze impact verder te ver groten.

Zo boeken we zelfs veelbelovende resultaten met

een AI-proefproject waarbij automatisch nietconforme

materialen worden gedetecteerd bij de

ophaling van rolcontainers met papier- en kartonafval.

Software die onze klanten voorsprong geeft,

daar staat Organi voor”, besluit Haghebaert. ❚

RecyclePR

RecyclePR

.EU 11

.EU


STIJGENDE RECYCLINGVERPLICHTINGEN BOTSEN MET ECONOMISCHE REALITEIT

Plastic recycling tussen crisis en

capaciteitstekort

De Europese plastic recyclingsector bevindt zich in een paradoxale situatie. Terwijl Europa richting 2030 steeds hogere verplichtingen oplegt

voor het gebruik van recyclaat, staat de sector vandaag onder zware economische druk.

Tekst Kris Vandekerckhove | Beeld Leonie Swauwaert, iStock

Lage prijzen voor virgin plastics, internationale

concurrentie en hoge energie- en investeringskosten

zetten recyclers klem. Tegelijk verdwijnt

recyclingcapaciteit, terwijl die net zou moeten

groeien.

Perfect storm voor recyclers

Volgens Eric Van Roekel (Van Werven Plastic

Recycling Holding) wordt de markt momenteel

bepaald door een fundamenteel prijsprobleem.

Recyclers zitten gevangen tussen de kosten van

inzameling en verwerking enerzijds en de concurrentie

met goedkoop virgin plastic anderzijds: “Als

virgin materiaal goedkoop wordt, mag recyclaat

niet duurder zijn. Tegelijk kunnen wij de prijs aan

de voorkant niet verhogen, want dan gaan de stromen

naar verbranding of stort. Dat mechanisme

is vandaag volledig uit balans.” Daarbovenop

komt internationale concurrentie. Recyclers in

Europa hebben te maken met hogere energieprijzen,

strengere regelgeving en hogere loonkosten

dan producenten van nieuw plastic elders in de

In Europa is de voorbije jaren bijna één miljoen ton recyclingcapaciteit verdwenen .

wereld. Ook bij Vanheede Environment Group

merken ze dat de marktvraag moeilijker wordt.

Jeroen Blancke wijst op de afzet van gerecyclede

kunststofstromen, vooral wanneer het gaat om

donkere kleuren: “Voor lichte kleuren blijft de

vraag nog redelijk stabiel, maar voor donkere kwaliteiten

zien we duidelijk dat de markt moeilijker

wordt. Dat heeft vooral te maken met de prijsdruk

en het grote aanbod.”

De economische onzekerheid maakt investeringen moeilijk, terwijl financiering vaak een probleem vormt.

Capaciteit verdwijnt terwijl ze

nodig is

De economische druk heeft tastbare gevolgen. In

Europa is de voorbije jaren bijna één miljoen ton

recyclingcapaciteit verdwenen. Volgens Blancke is

dat een zorgwekkende evolutie: “Terwijl Europa

richting 2030 meer recyclingcapaciteit nodig

heeft, zien we vandaag bedrijven stoppen. Dat

is een gevaarlijke ontwikkeling.” Van Roekel sluit

zich daarbij aan. De sector moet volgens hem eigenlijk

snel opschalen, maar in de praktijk staat

12 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


alles eerder stil. “We weten dat we in de toekomst

meer moeten recyclen. Maar vandaag zitten veel

bedrijven in een moeilijke positie. Daardoor dreigen

we capaciteit te verliezen die we later hard

nodig zullen hebben.”

Paradox richting 2030

De Europese regelgeving verplicht producenten

om tegen 2030 een bepaald percentage gerecycled

materiaal te gebruiken in nieuwe producten.

Maar volgens de sector verloopt de voorbereiding

op die doelstelling traag. Blancke wijst erop

dat er nog miljoenen tonnen extra recyclingcapaciteit

nodig zijn om aan die verplichtingen te

voldoen: “Als je kijkt naar de geplande recycled

content doelstellingen, spreken we voor bepaalde

kunststofstromen over vijf à zes miljoen ton extra

capaciteit die nodig zal zijn.” Toch anticiperen

bedrijven vandaag nog te weinig op die toekomstige

vraag. De economische onzekerheid maakt

investeringen moeilijk, terwijl financiering vaak

een probleem vormt.

Bedrijven anticiperen vandaag nog te weinig op de toekomstige vraag.

hebben stabiliteit nodig om die stappen te zetten.”

Ondanks de moeilijke marktomstandigheden

blijven beide sprekers voorzichtig optimistisch. De

samenwerking binnen de sector groeit en het besef

van urgentie neemt toe. Blancke: “Er ontstaat

steeds meer dynamiek tussen alle schakels in de

keten. Dat geeft vertrouwen dat we samen stappen

kunnen zetten richting échte circulariteit.” ❚

‘De sector pleit

voor duidelijke

beleidskeuzes’

Van recycling naar circulariteit

Naast economische uitdagingen speelt ook een

inhoudelijke discussie. Volgens Blancke ligt de

focus vandaag te sterk op recyclingijfers, terwijl

circulariteit eigenlijk het echte doel moet zijn: “We

hebben jarenlang gekeken naar recyclinggraad:

hoeveel materiaal zamelen we in en verwerken

we. Maar de echte vraag is: komt dat materiaal

opnieuw in dezelfde toepassingen terecht?” Dat

betekent dat ook producenten en merkeigenaars

een grotere rol moeten spelen in de circulaire

keten. Zonder vraag naar recyclaat kan de circulaire

economie immers niet functioneren. Van

Roekel vat het scherp samen: “We hebben bijna

een circulaire economie opgebouwd, maar met

een lineair einde. Alles wordt ingezameld en gerecycled,

maar als het materiaal niet opnieuw gebruikt

wordt, stopt de cirkel alsnog.”

Nood aan duidelijke keuzes

De sector pleit daarom voor duidelijke beleidskeuzes.

Een graduele verplichting voor recycled

content – bijvoorbeeld startend met een laag

percentage en geleidelijk oplopend – kan volgens

beide sprekers helpen om de markt op gang te

brengen. “Als er duidelijke regels zijn, kan de sector

investeren”, zegt Van Roekel. “Maar bedrijven

Lage prijzen voor virgin plastics, internationale concurrentie en hoge energie- en investeringskosten zetten

recyclers klem.

Dit gesprek meer in de diepte

beluisteren? Luister naar Trash Talks.

RecyclePR

RecyclePR

.EU 13

.EU


CREATING A

WORLD OF

DIFFERENCE

DE NEXT-GEN MRF VAN BOLLEGRAAF

Über Bollegraaf

IFAT München

4-7 Mei

Stand

B5.327

Datagestuurde sorteerinstallaties met minder ongeplande stilstand

Lagere onderhoudskosten

Dashboards zorgen voor maximale grip op prestaties en kosten

www.bollegraaf.com


EEN ANTWOORD OP EEN GROEIENDE VRAAG

Zware klussen op verplaatsing

makkelijker dan ooit

Steeds vaker kregen we van klanten uit België en Nederland de vraag hoe ze hun brekers vlotter konden verhuizen. Lange tijd kon GM Recycling

daar geen eigen oplossing voor aanbieden. Maar zoals bedrijfsleider Brecht Martens het verwoordt: “Ik wil nooit moeten zeggen dat we iets

niet kunnen aanbieden. Dan zoeken we gewoon verder tot de juiste oplossing er is.”

Tekst & beeld GM Recycling

Wat deze Dolly uniek maakt, is het gebruiksgemak: de Dolly blijft altijd bij de breker, het verplaatsen vraagt geen dieplader meer én de operator kan veel sneller

schakelen tussen verschillende werven.

Twee jaar geleden begon de zoektocht naar een

partner die deze visie mee kon realiseren. Die vonden

ze bij De Buf, een Belgische specialist in zwaar

rollend materieel. Samen werkten ze aan een oplossing

die volledig aansluit bij de eigen filosofie van

GM: robuust, betrouwbaar, veelzijdig en gebruiksvriendelijk.

Het resultaat is de nieuwe GM Dolly,

een vijfassige, hydraulisch geveerde en volledig

gestuurd uitgevoerde transportoplossing, speciaal

ontwikkeld voor het snel en veilig verplaatsen van

grote brekers.

Gebruiksgemak boven

Wat deze Dolly uniek maakt, is het gebruiksgemak:

de Dolly blijft altijd bij de breker, het verplaatsen

vraagt geen dieplader meer én de operator kan

veel sneller schakelen tussen verschillende werven.

‘Een vijfassige,

hydraulisch geveerde

en volledig gestuurd

uitgevoerde

transportoplossing,

speciaal ontwikkeld

voor het snel en veilig

verplaatsen van grote

brekers’

De breker wordt eenvoudig op de Dolly gereden, aan

de voorzijde gekoppeld via een geïntegreerde kingpin,

en is meteen klaar voor transport. “Transport

regelen, wachten op planningen, afhankelijk zijn van

externe firma’s … dat is verleden tijd. Met deze Dolly

ben je meteen vertrokken”, aldus Martens.

Gemaakt voor zware machines én

voor de toekomst

De GM Dolly is de eerste in zijn soort binnen het

GM assortiment, maar zeker niet de laatste. “Dit

is geen lichtgewicht cliché-oplossing. Dit is een

echte werkmachine die perfect aansluit bij de GIPO

brekers die wij leveren.” Met deze Dolly speelt GM

Recycling in op de groeiende vraag naar meer

mobiliteit op de werf, minder transportkosten en

meer flexibiliteit voor klanten. ❚

RecyclePR

RecyclePR

.EU 15

.EU


DEPEN

‘Samenwerken met ketenpartners of de

buurman op een bedrijventerrein is de

volgende stap. Het zou heel mooi zijn

als meer bedrijven dit in gang zetten’

16

RecyclePR

RecyclePR

.EU

.EU


DEPEN

Elise Draijer,

Adviseur duurzaam ondernemen bij Stichting Stimular

“Meer aandacht voor

de afvalsituatie levert

besparingen op”

Bedrijven zouden wat meer aandacht moeten hebben voor hun afvalsituatie. Misschien wel juist in een turbulente

wereld met sterk oplopende spanningen en kosten. Reststromen beperken levert een kostenbesparing

op, iets wat ook geldt voor circulair werken en het gebruik van minder goederen. Ik zie dat veel bedrijven

kansen laten liggen en onnodige kosten maken.

Afval hoort er vaak een beetje bij, terwijl iets meer aandacht voor de afvalsituatie binnen een bedrijf tot hele mooie verbeteringen

kan leiden. Er valt echt wat te halen als ondernemingen hun denkwijze veranderen van ‘we kunnen niet zoveel

met afval, we genereren het ongeacht wat we doen’, naar iets ondernemen. Dus van bijvoorbeeld scheiden (recyclen) naar

hergebruiken tot het weglaten van materiaalgebruik. Je komt zomaar een paar stappen hoger uit op de R-ladder. Die ladder

geeft strategieën voor bedrijven om aan de slag te gaan met circulariteit.

Zelf open ik bij een bedrijfsbezoek altijd de afvalbakken. Ik wil weten wat er in zit en vaak zie ik dan niet plat gemaakte kartonnen

dozen of vervuild papier. Zonde, want dit zijn twee zaken die echt makkelijk aan te passen zijn. Bovendien komen er

ook vernieuwde richtlijnen aan die bedrijven aanzetten tot verbeteren, zoals de Packaging and Packaging Waste Regulation

(PPWR). Dat houdt onder andere in dat je als verpakkingsproducent verpakkingsmateriaal recyclebaar moet maken. Als gebruiker

kun je daar dus al op inspelen. Wat enorm zou helpen is als meer bedrijven één persoon aanwijzen die zich specifiek

met afval en circulariteit bezighoudt. Deze persoon kan binnen een organisatie de aanjager zijn van veranderingen, een soort

van afvalmanager die het goede voorbeeld geeft, uitlegt waarom scheiden belangrijk is en wat het oplevert. Ook is deze

afvalmanager hierdoor op de hoogte van regelingen, zoals de kans om gratis plastic afval te laten ophalen.

Wat mij betreft zijn er twee aspecten waar bedrijven snel stappen kunnen zetten: verpakkingsmateriaal en standaardafvalcontracten.

Verpakkingsmateriaal verminderen helpt altijd. Vraag bij een leverancier na of het mogelijk is om meer

artikelen in hetzelfde of minder verpakkingsmateriaal aan te leveren. Stel dat je een spoel met 20 m draad in plaats van

10 m bestelt, dan zijn er ook minder spoelen nodig. Minder artikelen bestellen is uiteraard het beste. Neem duurzaamheid

aanvullend mee in aanbestedingen.

Daarnaast passen veel bedrijven een afvalcontract zelden tot nooit aan. Het maakt de kans groot dat restafvalbakken te vaak

worden geleegd. Misschien kan de frequentie wel van twee naar één keer per week. Als je gaat monitoren wat je scheidt aan

afval, weet je ook welke stromen je wanneer moet laten ophalen.

Restafval is een dure stroom, dus als je afval gaat scheiden, dan levert dat vrijwel zeker iets op. Samenwerken met ketenpartners

of de buurman op een bedrijventerrein is de volgende stap. Het zou heel mooi zijn als meer bedrijven dit in gang

zetten. Niet alleen vanuit kostenoogpunt, maar ook omdat daarmee circulariteit weer een stap dichterbij komt. ❚

RecyclePR

RecyclePR

.EU

.EU

17


MADE IN EUROPE BELANGRIJK LABEL

DE VERNIEUWDE ANTWERP DECLARATION EN

HAAR BELANG VOOR DE RECYCLINGINDUSTRIE

In februari 2024 riep de Europese industrie op tot maatregelen om haar concurrentiekracht te versterken. Een noodkreet die niet in dovemansoren

viel, maar harde concrete actie bleef, ondanks veel goede wil, uit. In februari, aan de vooravond van de Europese top in Alden

Biesen verscherpte de industrie daarom haar toon. Niet met een tweede Antwerp Declaration maar met een aangepaste die vraagt om lagere

energie- en koolstofkosten, de ondersteuning van een eerlijke wereldhandel en verbeterde toegang tot financiering en om een aankoopbeleid

dat de voorkeur geeft aan Europese producten.

Tekst Valérie Couplez | Beeld iStock

delspraktijken. Het tempo waarin vestigingen sluiten

en banen verloren gaan in vitale sectoren is

ongekend. Het rapport-Draghi is niet uitgevoerd.

De situatie is slechter dan een jaar geleden, en

de komende vijf jaar zullen voor de Europese industrie

de meest uitdagende zijn in vele decennia.

Het rapport-Letta over de interne markt toonde de

versnippering ervan aan, en vormt het eerste obstakel

om te overwinnen.

Eisen van de industrie

De Europese industriële top dringt aan op maatregelen

die de urgentie weerspiegelen die in tijden

van crisis wordt gevoeld. Om de COVID-19-crisis

te overwinnen, werden maatregelen genomen

Het kern van het betoog van de bedrijvengemeenschap

achter de Antwerp Declaration is duidelijk:

er is geen veerkrachtig, veilig of sterk Europa

zonder een sterke Europese industrie. De huidige

geopolitieke schokken moeten voor Europa een

kans zijn. De verandering is blijvend. Nostalgie

lost onze problemen en onze structurele afhankelijkheden

niet op. De wereldwijde concurrentie

is meedogenloos. Europese burgers willen hoogwaardige

banen voor toekomstige generaties in

Europa. Kmo’s, de ruggengraat van het Europese

industriële en zakelijke weefsel, hebben overal het

moeilijk. De Europese industrieën en bedrijven

worden geconfronteerd met aanhoudend hoge

energie- en koolstofkosten, evenals oneerlijke handie

voorheen onmogelijk werden geacht. We hebben

dezelfde aanpak nodig voor het indu striële

concurrentievermogen. Om over te gaan van

diagnose naar uitvoering, en van plannen naar

resultaten, met één enkel doel: onze industrie redden.

Niet volgend jaar, niet volgende week, maar

vandaag. Volgens het monitoringrapport van de

Antwerp Declaration heeft ongeveer 83% van de

voor de EU gemonitorde KPI's geen significante

verbetering laten zien. De elektriciteitsprijzen blijven

binnen Europa nog steeds hoger dan in concurrerende

landen. Koolstofkosten zijn uniek voor

Europa en het systeem is zo ontworpen dat de kosten

jaar na jaar stijgen. China streeft ernaar om in

het komende decennium het equivalent van een

geheel nieuwe hightechsector aan zijn economie

toe te voegen en zal de industrie in hoog tempo

decarboniseren. De Verenigde Staten blijven een

assertieve industriële strategie hanteren, evenals

verstrekkende handelsmaatregelen om de productie

in het hele land nieuw leven in te blazen.

Hoewel de situatie nijpend is, is de uitkomst niet

onvermijdelijk. We kunnen dit overwinnen, als we

de Clean Industrial Deal omzetten in resultaten

die in 2026 op de werkvloer merkbaar zijn. We

roepen op tot gedurfde maatregelen op drie belangrijke

gebieden:

Vooral de focus op made in Europe moeten we verwelkomen. Want dat is recycling ten voeten uit. Veel lokaler

kan je je grondstoffen niet halen dan uit afval dat we hier geproduceerd hebben

- Verlaag de energie- en CO 2

-kosten. De energiekosten

in Europa zijn simpelweg te hoog

om te kunnen concurreren en worden niet alleen

bepaald door grondstofprijzen, maar ook

door regelgevingsheffingen.

- Steun eerlijke wereldhandel en verbeterde

toegang tot financiering. Vrijhandelsovereenkomsten

of andere soorten overeenkomsten

moeten de vitale bevoorrading van de industrie

veiligstellen, toegang tot nieuwe markten

mogelijk maken en de export vergroten.

18 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


Werk maken van de Antwerp Declaration is ook werk maken van een competitievere, veerkrachtigere recyclingindustrie.

De EU moet alle beleidsinstrumenten tegen oneerlijke concurrentie in

overweging nemen om een echt gelijk speelveld voor de EU-industrieën

te waarborgen, zowel op de binnenlandse als op de internationale markten,

inclusief bescherming tegen koolstoflekkage.

- Wees trots op het kopen van producten die in Europa zijn gemaakt. Geef

het goede voorbeeld via overheidsopdrachten en door de EU gesteunde

initiatieven van particuliere kopers. Geef consumenten (bedrijven en

particulieren) de mogelijkheid om te kiezen voor klimaatneutrale en circulaire

producten, op basis van transparante product- en milieu-koolstofvoetafdrukken,

en ondersteun zo hoogwaardige banen in Europa.

‘Een uniform afvalstoffenbeleid

over de hele Europese Unie zou

de administratieve rompslomp

gigantisch vereenvoudigen’

Belang voor recycling?

Wat moeten we daar nu uit meenemen voor recycling? Want hebben we als

sector net niet hogere koolstofkosten nodig om het verschil te maken met

virgin materialen? Misschien wel, maar er zit tegelijk veel in dat we als sector

kunnen verwelkomen. Lagere energiekosten bijvoorbeeld. Die kunnen ook al

helpen om de strijd aan te gaan tegen spotgoedkope virgin materialen en

recyclaat uit andere werelddelen. Maar vooral de focus op made in Europe

moeten we verwelkomen. Want dat is recycling ten voeten uit. Veel lokaler

kan je je grondstoffen niet halen dan uit afval dat we hier geproduceerd hebben

en waar we weer nuttige grondstoffen en producten mee maken. Volledig

circulair en met een al lagere koolstofkost. Europees kopen moet ook de vraag

naar Europees recyclaat aanzwengelen en mee de deur helpen sluiten voor

grondstoffen die de hele wereld rondreizen om hier te gebruiken. Daarnaast

wordt er in de Antwerp Declaration gepleit voor een echt eengemaakte interne

markt binnen Europa. En hoewel regelgeving vandaag belangrijk is om de

kwaliteit van recyclaat te garanderen, zou een uniform afvalstoffenbeleid over

de hele Europese Unie de administratieve rompslomp gigantisch vereenvoudigen.

Met andere woorden, werk maken van de Antwerp Declaration is ook

werk maken van een competitievere, veerkrachtigere recyclingindustrie. ❚

Voor elk (verzekerings-)

vraagstuk binnen de recycling

een oplossing!

Bij All Insurance Solutions B.V. bent u letterlijk verzekerd van een

partner (verzekeringen en risicomanagement) met ruime ervaring

in de recycling-branche.

• Vrijblijvende analyse van uw bedrijfsrisico’s

en verzekeringspakket

• 100% onafhankelijk

• Alles onder één dak

• Persoonlijk en creatief in (maatwerk-)oplossingen

• Altijd betrokken, communicatief en fanatiek

Helsinkilaan 8

3446 AH Woerden

www.ais.nl

088 - 00 191 50

Visit us!

Add contact

v-card Patrick

RecyclePR .EU 19

RecyclePR

.EU

Naamloos-1 Naamloos-8 1 14-07-2025 02-10-2025 12:49

15:01


Tussen onrust en richting:

waarom de plasticmarkt

volwassen moet worden

De plasticmarkt staat opnieuw onder spanning. Niet door één oorzaak, maar door een samenloop van factoren die elkaar versterken:

geopolitieke onrust, snel veranderende regelgeving en een marktstructuur die nog altijd sterk leunt op oude reflexen. Voor wie actief is in

recycling is dit geen onbekend terrein, maar de intensiteit en breedte van de huidige ontwikkelingen maken deze fase uitzonderlijk.

Tekst & beeld Eric van Roekel, Managing Director Van Werven Plastic Recycling Holding

De onrust in het Midden-Oosten is daar een duidelijk voorbeeld van. Conflicten

in deze regio raken direct aan energieprijzen, petrochemische productie

en mondiale logistieke stromen. Routes worden langer, risico-opslagen hoger

en leveringszekerheid minder vanzelfsprekend. Voor virgin plastics vertaalt

zich dat vrijwel direct in prijsdruk en volatiliteit. Wat jarenlang werd gezien als

een stabiele en voorspelbare grondstof, blijkt ineens kwetsbaar.

Gunstig voor recycling?

De reflex is dan vaak om te concluderen dat dit automatisch gunstig is voor

recycling. Hogere virginprijzen maken recyclaat immers relatief aantrekkelijker.

Die redenering is begrijpelijk, maar ook te eenvoudig. Recycling profiteert

niet automatisch van geopolitieke onrust; het deelt in veel gevallen dezelfde

kostenstijgingen. Energie, transport, financiering en residu-afzet worden

eveneens duurder. Bovendien is de recyclingmarkt nog altijd gevoelig voor

kortetermijnbewegingen en opportunistisch gedrag. Wat deze periode extra

interessant maakt, is dat geopolitieke druk samenvalt met een versnelling

in regelgeving. In Europa worden de contouren van de nieuwe plasticorde

steeds scherper zichtbaar. Verplichte recycled content, strengere eisen aan

traceerbaarheid, uitgebreide rapportageverplichtingen en toenemende aandacht

voor kwaliteit en toepassingszekerheid veranderen de markt fundamenteel.

Dit zijn geen tijdelijke maatregelen, maar structurele ingrepen die de

keten dwingen volwassen te worden.

‘Recycling is geen

noodoplossing voor dure

virgin, maar een volwaardig

onderdeel van een

toekomstbestendige

industrie’

Strategische pijler

Dat vraagt iets van alle spelers. Van producenten, die verder moeten kijken

dan alleen prijs per ton. Van beleidsmakers, die consistent moeten blijven,

ook als de markt tijdelijk tegenzit. En zeker ook van recyclers, die moeten

blijven investeren in kwaliteit, transparantie en schaal, juist in tijden van onzekerheid.

Recycling is geen restcategorie meer; het is een strategische pijler

onder grondstoffenvoorziening, klimaatbeleid en industriële autonomie. Toch

zie ik in de praktijk dat recycling nog te vaak wordt behandeld als afgeleide

van de virginmarkt. Alsof recyclaat pas bestaansrecht heeft, wanneer virgin

duur genoeg wordt. Dat is een kwetsbare positie. Het maakt de sector afhankelijk

van externe schokken in plaats van van eigen waardecreatie. Terwijl

juist die waarde steeds duidelijker wordt: lokale beschikbaarheid, lagere

CO 2

‐voetafdruk, minder afhankelijkheid van geopolitiek instabiele regio’s en

een directe bijdrage aan circulariteit. De huidige marktonrust legt een dieperliggend

probleem bloot: we hebben recycling jarenlang efficiënt gemaakt,

maar onvoldoende robuust. We hebben gestuurd op kosten, maar te weinig

op veerkracht. Dat wreekt zich nu. Een volwassen recyclingmarkt vraagt om

20 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


langjarige relaties, eerlijke prijsmechanismen en erkenning van risico’s die

niet alleen bij de recycler mogen liggen. Zonder dat blijven investeringen

kwetsbaar en blijft innovatie achter. Daar komt bij dat de aankomende regelgeving

geen ruimte laat voor vrijblijvendheid. Bedrijven zullen moeten aantonen

waar hun materialen vandaan komen, wat erin zit en hoe betrouwbaar

de keten is. Dat is alleen mogelijk als recyclingbedrijven financieel gezond

zijn en kunnen investeren in systemen, mensen en technologie. Een markt

die recycling structureel onderwaardeert, ondergraaft daarmee haar eigen

beleidsdoelen.

Katalysator

Kan de huidige onrust dan toch een katalysator zijn? Ik denk van wel maar

alleen als we de juiste lessen trekken. Niet door te hopen op blijvend hoge

virginprijzen, maar door te erkennen dat afhankelijkheid van fossiele grondstoffen

en lange aanvoerlijnen een strategisch risico is. De afgelopen jaren

hebben laten zien hoe snel zekerheden kunnen verdampen. Energiecrises,

pandemieën en geopolitieke conflicten zijn geen uitzonderingen meer,

maar structurele factoren. Recycling biedt hier een alternatief dat dichterbij,

stabieler en beter beheersbaar is. Maar dat alternatief werkt alleen als

we bereid zijn het serieus te nemen. Dat betekent dat prijs niet het enige

criterium mag zijn, dat kwaliteit wordt beloond en dat langjarige samenwerking

de norm wordt in plaats van de uitzondering. Het betekent ook

dat we als sector duidelijker moeten zijn over wat recycling kost, wat het

oplevert en welke risico’s ermee gepaard gaan. De komende periode wordt

bepalend. De markt zal testen waar de grenzen liggen: van regelgeving, van

leveringszekerheid en van bereidheid tot samenwerking. Mijn overtuiging

is dat recycling hier sterker uit kan komen, maar alleen als we stoppen met

reactief denken. Recycling is geen noodoplossing voor dure virgin, maar een

volwaardig onderdeel van een toekomstbestendige industrie. Onrust dwingt

tot keuzes. We kunnen blijven meebewegen met de grillen van de markt, of

we kunnen richting geven. Voor mij is duidelijk waar de toekomst ligt. Niet

in afwachten, maar in bouwen. Niet in afhankelijkheid, maar in autonomie.

En niet in kortetermijnvoordeel, maar in structurele waardecreatie voor de

hele keten. ❚

Eric van Roekel

RecyclePR

RecyclePR

.EU 21

.EU


DOSSIER ELV-VERORDENING

De bijdrage die de constructeurs leveren voor de verwerking van hun autowrakken zal in de toekomst afhangen van hoe goed de onderdelen ontmantelbaar,

herbruikbaar en recyclebaar zijn.

MEER INZETTEN OP TRACEERBAARHEID EN RECYCLEBAARHEID

Wat betekent de nieuwe

ELV-verordening voor recyclers?

De End-of-Life Vehicles (ELV) verordening zit in zijn finale fase. Bij het schrijven van dit dossier ontbreekt enkel nog de laatste formele

bekrachtiging, nadat de vertalingen van het document zijn afgerond. De vorige versie dateerde uit 2000, aan de nieuwe is jaren gewerkt - het

originele voorstel lag al in 2023 voor het eerst op tafel. Een lange bevalling die alles te maken heeft met het belang van de automobielsector

en het moeilijk vaarwater waarin ze beland is. De doelen voor de aanwezigheid van recycled content zijn wat afgezwakt maar de ambitie is

overeind gebleven: nieuwe wagens meer circulair maken. In dit artikel schetsen we het kader, in de volgende twee gaan we dieper in op

enerzijds de bepalingen voor recycled content en anderzijds de eisen rond ontmanteling.

Tekst Valérie Couplez | Beeld iStock

De herziene EU ELV-verordening vormt de volgende

stap in de Europese transitie naar een meer

circulaire auto-industrie. Ze brengt twee à drie

bestaande richtlijnen samen in één verordening,

met dus een rechtstreekse impact op elke lidstaat.

Dat maakt het een uniek document. Voor autofabrikanten

is circulariteit op zich niet nieuw. Het

demonteren van voertuigen, het terugwinnen van

materialen en rapportage over naleving maken al

lang deel uit van het regelgevingslandschap. Wat

verandert, is de mate van verantwoordingsplicht

die vereist is om aan te tonen dat de circulariteitsdoelstellingen

daadwerkelijk worden gehaald. De

verschuiving gaat minder over het invoeren van

geheel nieuwe verplichtingen en meer over het

operationaliseren van circulariteit binnen steeds

complexere materiaalstromen. In plaats van zich

uitsluitend te richten op de verwerking aan het

einde van de levensduur, richt het herziene kader

zich in toenemende mate op circulariteit gedurende

de gehele levenscyclus van het voertuig.

22 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


DOSSIER ELV-VERORDENING

Dit omvat:

- Minimale eisen voor recycled content voor

kunststoffen;

- Sterkere verwachtingen rond circulair ontwerp;

- Verplichtingen rond uitgebreide producentenverantwoordelijkheid

(UPV);

- Strikter toezien op de export van voertuigen

en depollutie- en ontmantelingsactiviteiten.

Naar meer traceerbaarheid

Dat er steeds meer autowrakken via export door de

mazen van het net glippen, is al langer een doorn

in het oog van Europa. Omwille van de veiligheid,

er is een reden waarom een auto het stempel wrak

krijgt, en omwille van de waardevolle materialen

die daarmee verloren gaan. De ELV-verordening

wil daarom zoveel mogelijk achter poortjes sluiten.

Dat begint met een uniforme Europese definitie

over wanneer een wagen een wrak wordt.

lijk Febelauto en ARN beschikken we al over een

beheerorganisme. Bovendien wil Europa dat de

recyclingsector ook met minstens één waarnemer

zetelt in de raad van bestuur. Een positieve zaak

om de volledige waardeketen dichter bij elkaar te

brengen. De bijdrage die de constructeurs leveren

voor de verwerking van hun autowrakken zal in de

toekomst afhangen van hoe goed de onderdelen

ontmantelbaar, herbruikbaar en recyclebaar zijn.

Ecomodulatie dus. Hoe slechter wagens scoren

op deze criteria, hoe hoger de UPV-bijdrage zal

zijn. Ook de recyclingsector in de lage landen is

de laatste jaren al die weg naar meer hergebruik

ingeslagen. Er zit ook waarde in onderdelen aanbieden

voor de tweedehandsmarkt. Hoe ze eruit

te halen en hoe ze aan te bieden aan professionele

actoren zijn de volgende stappen om hierin

te zetten.

Conclusie

De herziene ELV-verordening luidt een bredere

verschuiving in naar meer verantwoordingsplicht

en transparantie in de materiaalstromen binnen

de automobielsector. In plaats van zich uitsluitend

te richten op recyclingresultaten, eist het regelgevingskader

in toenemende mate dat fabrikanten

aantonen hoe materialen door circulaire terugwinningsprocessen

stromen – van de demontage

van voertuigen tot de productie van secundaire

grondstoffen. Voor fabrikanten wordt circulariteit

daarom niet alleen een duurzaamheidsdoelstelling,

maar ook een operationele uitdaging. Het halen

van doelstellingen voor gerecycled materiaal,

het aantonen van gereedheid voor circulair

ontwerp en het verifiëren van verwerkingsresultaten

zijn allemaal afhankelijk van betrouwbare

documentatie van wat er gebeurt, zodra voertuigen

en onderdelen opnieuw in terugwinningssystemen

terechtkomen. Het vastleggen van deze

processen op een gestructureerde en controleerbare

manier wordt een steeds belangrijker onderdeel

van circulariteitsprogramma's. ❚

‘De herziene ELVverordening

luidt een

bredere verschuiving

in naar meer verantwoordingsplicht

en

transparantie in de

materiaalstromen

binnen de automobielsector’

Daarnaast zal er een digitaal systeem ontwikkeld

worden om voertuigen beter doorheen lidstaten

te kunnen traceren. Dat moet binnen twee jaar

in voege zijn (de lidstaten hebben dan nog twee

jaar om aan te sluiten). Het is immers ‘slechts’

een kwestie van de databanken die elke lidstaat

al heeft, met elkaar te laten praten. Vijf jaar na

het ingaan van de ELV-verordening zal er ook een

exportban gelden voor niet-rijwaardige wagens.

Hoe die controles en de handhaving precies zullen

gebeuren, moet nog uitgewerkt worden in secundaire

wetgeving.

Uitgebreide

producentenverantwoordelijkheid

Voor België en Nederland is de verplichting van

een systeem voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid

minder impactvol. Met respectieve-

De doelen voor de aanwezigheid van recycled content zijn wat afgezwakt maar de ambitie is overeind

gebleven: nieuwe wagens meer circulair maken.

RecyclePR

RecyclePR

.EU

.EU

23


DOSSIER ELV-VERORDENING

TOT 25% GERECYCLEDE KUNSTSTOFFEN NA TIEN JAAR

VERPLICHT GEBRUIK VAN RECYCLED CONTENT

IN NIEUWE WAGENS

Dat een industrie zo groot als de automobielsector verplicht wordt om gerecyclede materialen in zijn nieuwe wagens te verwerken, is

uiteraard een bijzonder positief verhaal. En hoewel de doelstellingen in vergelijking met de eerste draft van de ELV-verordening flink zijn

afgezwakt en wat later in voege komen, moeten ze toch de vraag naar gerecylede kunststoffen helpen aanzwengelen de komende jaren. Wie

trouwens een bezoekje bracht aan het afgelopen Autosalon in Brussel zag dat het gebruik van gerecyclede materialen deel uitmaakt van de

branding bij verschillende merken. Hopelijk kan de afgeklopte wetgeving voor een extra stroomversnelling in de vraag zorgen.

Tekst Valérie Couplez | Beeld iStock

Na de officiële goedkeuring van de ELV-verordening krijgen autoconstructeurs

nog zes jaar de tijd om gerecyclede kunststoffen te sourcen voor

wagens die ze in Europa op de markt willen brengen. In eerste instantie

gaat het om een doelstelling van 15%. Nog eens vier jaar later wordt de

ondergrens opgetrokken tot 25%. Telkens een vijfde daarvan zullen zogenoemde

closed loop kunststoffen moeten zijn. Met andere woorden plastics

die specifiek afkomstig zijn uit autowrakken. Dat zoiets kan, bewijst de

recyclingsector trouwens al. Wat ook een opsteker is voor de sector is de

definitie waaraan deze kunststoffen moeten voldoen. Dat de gerecyclede

kunststoffen afkomstig moeten zijn uit post-consumer afval staat expliciet

benoemd in de ELV-verordening. Biobased plastics vallen hier niet onder.

Het recyclaat mag weliswaar afkomstig zijn van buiten Europa, maar dan

moet men kunnen aantonen dat het volgens evenwaardige milieu- en sociale

normen verwerkt is.

Telkens een vijfde daarvan zullen zogenoemde closed loop kunststoffen moeten zijn. Met andere woorden plastics die specifiek afkomstig zijn uit autowrakken.

24 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


DOSSIER ELV-VERORDENING

Audits uitgevoerd door onafhankelijke derde partijen zullen alle claims moeten hardmaken, bij constructeurs en bij recyclers

Recycled content van metalen

Voorlopig zijn nog geen expliciete targets vastgesteld voor staal en

aluminium. Toch wordt in de ELV-verordening al de opening gemaakt naar

deze materiaalstromen. De Europese Commissie zal een haalbaarheidsstudie

uitvoeren om te onderzoeken wat een gezonde ambitie is qua recycled

content voor metaal. Het resultaat daarvan moet dan twee jaar later leiden

tot verplichte doelstellingen. De vraag is hoe ambitieus men hierin zal zijn?

Vandaag worden gerecycled staal en aluminium al frequent toegepast bij

de constructie van nieuwe wagens. Een target die te dicht op de realiteit

van vandaag zit, zal weinig impact met zich meebrengen. Maar wil men

de duimschroeven aanspannen om meer inspanningen te vragen van een

automobielsector die het al moeilijk heeft?

Kritische materialen

Een ander aspect van circulariteit in de automobielsector is de economische

waarde die in de materialen van voertuigen besloten ligt. Hoewel metalen zoals

staal en aluminium het grootste deel van het gewicht van een voertuig

uit maken, komen sommige van de meest waardevolle materialen in veel

kleinere hoeveelheden voor. Zeldzame aardmetalen die bijvoorbeeld in elektromotoren

en magneten worden gebruikt, vormen slechts een fractie van de

totale massa van een voertuig, maar kunnen toch een onevenredig groot deel

van de materiaal waarde van het voertuig vertegenwoordigen. Edelmetalen in

katalysatoren en koper in kabelbomen volgen een vergelijkbaar patroon. Het

terugwinnen en opnieuw inbrengen van deze materialen in toeleveringsketens

is daarom niet alleen een duurzaamheidsdoelstelling, maar ook een economische

kans. Naarmate de grondstoffenmarkten krapper worden en kritieke grondstoffen

strategisch belangrijker worden, wordt het voor fabrikanten steeds relevanter

om deze terugwinningsstromen in kaart te brengen en te documenteren.

De Europese Commissie heeft daarom de taak gekregen om een haalbaarheidsstudie

op het getouw te zetten rond deze kritische materialen.

Meetmethodologie en handhaving

Doelstellingen opleggen is maar één kant van de medaille. Ze handhaven is

minstens even belangrijk om echt impact te creëren, al krijgt die minder aandacht.

De meetmethodologie om te beoordelen hoeveel gerecyclede plastics

in een wagen aanwezig zijn, zal uitgewerkt worden door middel van secundaire

wetgeving. Audits uitgevoerd door onafhankelijke derde partijen zullen

alle claims moeten hardmaken, bij constructeurs en bij recyclers. Het halen

van doelstellingen voor gerecycled materiaal, het aantonen van gereedheid

voor circulair ontwerp en het verifiëren van de juiste verwerkingsresultaten

zijn allemaal afhankelijk van betrouwbare informatie over materialen en

volumes in complexe toeleveringsketens en terugwinningsnetwerken. In veel

organisaties bestaat deze informatie al, maar is deze vaak versnipperd over

meerdere systemen en operationele fasen. Naarmate de eisen op het gebied

van circulariteit toenemen, wordt de uitdaging steeds meer een kwestie van

gestructureerd beheer van levenscyclusgegevens. ❚

Van bosbouw tot recycling en agricultuur:

ATWT levert hoogwaardige slijtdelen die presteren

onder de zwaarste omstandigheden.

www.atwteurope.nl

+31 0412 250 017

info@atwteurope.nl

BOSBOUW RECYCLING AGRICULTURE

RecyclePR

RecyclePR

.EU

.EU

25


Ook banden staan op het lijstje, net als bumpers.

TOT 70% VAN AANWEZIGE GLAS APART VERWIJDEREN

WAT VERANDERT ER OP VLAK VAN

ONTMANTELING EN DEPOLLUTIE?

Een ander belangrijk item voor recyclingbedrijven in de ELV-verordening is wat de wetgever oplegt in verband met de ontmanteling van

autowrakken. Het uiteindelijk verdict zal op gemengde gevoelens onthaald worden in de sector. Sommige bedrijven zijn al uitgerust om de

nieuwe regels op te volgen, andere zullen moeten investeren. Vooral het verwijderen van glas zal nog een heikel punt zijn. Het is echter

wachten op de laatste invullingen van de wetteksten om te weten hoe het er op het terrein aan toe zal gaan.

Tekst Valérie Couplez | Beeld iStock

De Europese autoriteiten leggen ook verplichtingen

om rond het depollueren en ontmantelen van

end-of-life vehicles. Deze gaan in zes jaar na de formele

goedkeuring van de verordening. Dat moet

de sector volgens Europa voldoende tijd geven om

zich te organiseren. Wat het depollueren betreft,

kunnen we kort zijn. Voor Belgische en Nederlandse

recyclingbedrijven is het eigenlijk niks nieuws

onder de zon. De manier van werken kan ook onder

de nieuwe Europese regels behouden blijven.

Ontmanteling uitgebreid

Waar we ons wel aan zullen moeten aanpassen

zijn de verplichtingen om bepaalde componenten

handmatig of semi-automatisch te verwijderen.

Die mogen dus, hoe goed de toegepaste postshredder

technologie ook werkt, er niet zomaar

meer in. De grootste aanpassing heeft ongetwijfeld

te maken met glas. Volgens de finale teksten

zou70% van het aanwezige glas apart verwijderd

moeten worden. Wel wordt er nog een opening

26 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


DOSSIER ELV-VERORDENING

gelaten voor afwijkingen als zou blijken dat het

ontmantelen technisch of economisch niet haalbaar

is. Nog ruimte voor speculatie dus. Het zal

een kwestie zijn van samen met de overheden te

kijken naar wat er goed werkt en waar er moet

bijgestuurd worden. Andere onderdelen voor ontmanteling

op de lijst zijn autobatterijen, draagbare

batterijen en katalysatoren. Die gebeurt

in de lage landen vandaag al omwille van de

economische waarde die deze onderdelen nog

opleveren. Ook banden staan op het lijstje, net

als bumpers. Voor de direct beschikbare informatiesystemen

zijn de spelregels dan weer minder

duidelijk afgebakend. Dat wordt nog afwachten

wat de concrete invulling zal zijn. Feit is dat de

kosten voor de ontmanteling van voertuigen voor

88% door de recyclers gedragen worden. Door

meer manuele handelingen dreigen die te stijgen,

terwijl de investeringen die al gebeurd zijn in postshredder

technologie om de kwaliteit te verhogen

onderuit gehaald worden. Hopelijk houdt Europa

hier rekening mee in de uitwerking van zijn secundaire

wetgeving.

Kwaliteit van recyclaat

Daarnaast legt de ELV-verordening bijkomende

verplichtingen op in verband met de kwaliteit van

het gerecycled staal en aluminium. Het materiaal

dat dus uit de shredder komt. Er wordt vooral

streng gekeken naar de aanwezigheid van koper.

De percentages die nog toegelaten zijn liggen

vrij laag. Verder verwacht men ook een uitsortering

van aluminium in verschillende legeringen.

Dit gaat veel verder dan wat er vandaag

standaard aanwezig is bij verwerkers. Moet men

dan speciaal voor de auto-industrie zijn volledige

installaties aanpassen om aan die strengere

voorwaarden te voldoen? Het valt ook nog af te

wachten hoe de markt zal evalueren. Europa zal

eveneens actieplannen voor staal en aluminium

uitwerken. Hoe die dan correleren met deze wetgeving

valt te bezien. Ten slotte legt de EU nog

een aantal verplichtingen op aan het finale residu

dat overblijft in de shredder. Maar ook dat

zal voor deze regionen weinig tot geen aanpassing

vergen.

Conclusie

In de praktijk omvatten circulaire terugwinningsprogramma’s

veel meer dan alleen het rapporteren

van recyclingresultaten. Producten moeten eerst

worden teruggekocht, ingezameld en naar terugwinningsfaciliteiten

worden vervoerd. Onderdelen

worden gedemonteerd, materialen worden gescheiden

en recyclingpartners zetten deze om in

secundaire grondstoffen die mogelijk weer in de toeleveringsketens

kunnen worden opgenomen. Bij

dit hele proces zijn meerdere partners betrokken,

van logistieke dienstverleners tot demontagefaciliteiten

en gespecialiseerde recyclers. Het coördineren

van deze activiteiten en tegelijkertijd het documenteren

van de chain-of-custody gebeurtenissen,

materiaaltransformaties en teruggewonnen volumes

is essentieel om circulaire prestaties aan te tonen. ❚

‘Door meer manuele handelingen dreigen de

kosten te stijgen, terwijl de investeringen die al

gebeurd zijn in post-shredder technologie om

de kwaliteit te verhogen onderuit

gehaald worden’

Andere onderdelen voor ontmanteling op de lijst zijn autobatterijen, draagbare batterijen en katalysatoren. Die gebeurt in de lage landen vandaag al omwille van de

economische waarde die deze onderdelen nog opleveren.

RecyclePR

RecyclePR

.EU

.EU

27


UW PARTNER IN

RECYCLING VAN PAPIER,

KARTON & PLASTIEK

Dankzij ons ruime aanbod aan containers

(> 1.000 van verschillende grootte) kan u ook voor andere

afvalstromen (hout, restafval,…) bij ons terecht!

FLEXIBEL

& CONTRACTVRIJ

OPLOSSINGEN

OP MAAT

FAMILIAAL

EN LOKAAL

PERSOONLIJKE

AANPAK

Erkend Valipac-ophaler

Nijverheidslaan 31-40, 8560 Gullegem

T 056 41 64 35 - info@gilgemyn.be

www.gilgemyn.be


Making waste matter

RecyclePR

RecyclePR

.EU 29

.EU


We willen circulariteit, maar geven de sector

geen zuurstof

Europa en België zetten stevig in op een circulaire economie. De doelstellingen zijn duidelijk, de ambities hoog. Maar wie

naar de praktijk kijkt, ziet een andere realiteit. De sector die deze transitie moet waarmaken, krijgt het steeds moeilijker om

die rol effectief op te nemen.

De afval- en recyclingsector staat vandaag onder druk door randvoorwaarden

die niet volgen. Energieprijzen blijven hoog en onvoorspelbaar, terwijl net

onze sector energie-intensief is. Dat zet het concurrentievermogen onder

spanning, zeker in een internationale context waar die kosten niet overal

even zwaar doorwegen. Circulariteit organiseren is één zaak, ze economisch

haalbaar houden is een andere.

Daarnaast groeit de spanning rond eindverwerking. Meer recycling betekent

niet dat verbranding of storten overbodig worden. Voor bepaalde rest stromen

blijven veilige eindoplossingen noodzakelijk. Toch zien we dat net die

capaciteit onder druk staat. Projecten zoals de nieuwe asbestcementatielijn

van OVMB tonen nochtans hoe cruciaal zulke infrastructuur is. Ze zorgen

ervoor dat gevaarlijke materialen definitief en veilig uit de kringloop worden

gehaald. Zonder die schakels raakt de hele keten uit balans.

Tegelijk liggen er ook duidelijke kansen. Het engagement tot samenwerking

tussen Vlaanderen, Nederland en Noordrijn-Westfalen wijst op het potentieel

van een grensoverschrijdende circulaire markt. Schaalvergroting, betere

afstemming en een efficiëntere inzet van capaciteit kunnen de sector vooruit

helpen. Maar dat vraagt meer dan intenties alleen. Administratieve drempels

moeten verdwijnen, regels beter op elkaar worden afgestemd en procedures

vereenvoudigd.

De rode draad is duidelijk. Circulariteit werkt alleen als het volledige systeem

klopt. Als beleid, markt en infrastructuur op elkaar afgestemd zijn. Als

bedrijven kunnen investeren met voldoende zekerheid. En als alle schakels in

de keten erkend worden voor hun rol, ook wanneer die minder zichtbaar of

minder populair is.

In deze katern brengen we die spanningsvelden samen en schuiven we onze

prioriteiten naar voren. Niet om de ambitie in vraag te stellen, wel om ze

werkbaar te maken. Want wie de circulaire economie ernstig neemt, moet ook

de voorwaarden creëren om ze te laten slagen.

30 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


Energie als breekpunt voor circulariteit:

zonder competitieve prijzen geen competitieve

recyclingindustrie

De circulaire economie staat hoog op de Europese en Belgische agenda. Recycling moet onze afhankelijkheid van primaire

grondstoffen verminderen en tegelijk bijdragen aan klimaatdoelstellingen. Maar achter die ambitie groeit een fundamenteel

probleem. De bedrijven die deze circulaire economie mogelijk maken, verliezen vandaag aan concurrentiekracht.

De vraag dringt zich op: hoe bouwen we een circulaire economie als de industriële basis wegvalt?

Het recente jaarverslag van de Nationale Bank legt de vinger op de wonde:

de Belgische industrie staat onder druk door hoge energieprijzen, toenemende

regelgeving en internationale concurrentie. De recyclingsector voelt

deze realiteit als geen ander. Processen zoals sorteren, shredderen, wassen en

smelten zijn energie-intensief. Tegelijk moeten recyclingbedrijven concurreren

met producenten van virgin materialen én met recyclingcapaciteit in andere

landen waar energie goedkoper is of actief door de overheid wordt ondersteund.

Wanneer energieprijzen structureel hoger liggen dan bij concurrenten,

ontstaat een fundamenteel onevenwicht. Gerecyclede materialen worden

duurder, investeringen komen onder druk te staan en capaciteit verdwijnt. De

paradox is duidelijk: Europa wil meer recycling, maar ondergraaft tegelijk de

voorwaarden om die waar te maken.

Circulariteit vraagt een sterke industrie

Recycling is geen nicheactiviteit, maar een strategische pijler van de economie.

Ze verlaagt CO 2

-uitstoot, versterkt de bevoorradingszekerheid en creëert

lokale economische waarde. Maar die rol kan alleen worden vervuld als bedrijven

economisch competitief blijven. Afval is daarbij geen reststroom, maar

een grondstof. Europa zet vandaag sterk in op ‘Made in Europe’, maar dat

verhaal is onvolledig zonder ‘Made with European materials’. De grondstoffen

van morgen liggen immers in onze eigen afvalstromen. Als we die hier

niet meer kunnen verwerken, geven we niet alleen economische waarde uit

handen, maar ook onze strategische autonomie. Als we willen vermijden dat

de recyclingsector verder terrein verliest, zijn gerichte en structurele maatregelen

noodzakelijk. Niet op lange termijn, maar nu. Vanuit die urgentie

schuift Denuo een aantal duidelijke beleidsprioriteiten naar voren die het

concurrentievermogen van de sector opnieuw moeten versterken.

1. Zorg voor competitieve en voorspelbare

energieprijzen

De eerste prioriteit is duidelijk: energieprijzen moeten opnieuw competitief

worden. Vandaag vormen ze de grootste structurele handicap voor de recyclingsector.

Denuo pleit voor concrete maatregelen. Denk aan het plafonneren

van transmissie- en distributienettarieven, ook voor kmo’s en bedrijven

in industriële ketens. Daarnaast moeten accijnzen omlaag tot het Europees

minimum. Zonder deze ingrepen blijft recycling structureel duurder dan de

productie van virgin materialen.

2. Haal beleidskosten uit de energiefactuur

De elektriciteitsfactuur wordt vandaag gebruikt om allerlei beleidsmaatregelen

te financieren. Dat maakt energie onnodig duur voor bedrijven

die net bijdragen aan de klimaattransitie. Denuo vraagt daarom om deze

kosten via algemene middelen te financieren. De energiefactuur moet de

werkelijke energiekost weerspiegelen, niet fungeren als beleidsinstrument.

Dit is een cruciale stap om de structurele kostenhandicap weg te werken.

De eerste prioriteit is duidelijk: energieprijzen moeten opnieuw competitief worden.

Vandaag vormen ze de grootste structurele handicap voor de recyclingsector.

3. Creëer een gelijk speelveld met internationale

concurrenten

De recyclingsector opereert in een globale markt. Vandaag moeten Belgische

bedrijven concurreren met importstromen van recyclaat uit goedkopere regio’s

en met producenten van virgin materialen die vaak lagere kosten hebben of

steun genieten. Denuo vraagt strengere controles op import en een beleid dat

lokale, circulaire materialen erkent als strategische grondstoffen voor Europa.

Zonder een eerlijk speelveld verliest Europa niet alleen industrie, maar ook

controle over zijn grondstoffen.

4. Zorg voor stabiliteit en investeringszekerheid

Tot slot is er nood aan een stabiel en coherent regelgevend kader. Continue

wijzigingen en bijkomende nationale interpretaties zorgen voor onzekerheid

en remmen investeringen af. De recyclingsector heeft nood aan duidelijke,

voorspelbare regels die bedrijven toelaten om op lange termijn te investeren

in capaciteit en innovatie.

Van analyse naar actie

De analyse van de Nationale Bank is geen academische oefening, maar een

duidelijke wake-upcall. Industriële competitiviteit en klimaat- en circulariteitsdoelstellingen

kunnen niet los van elkaar worden bekeken. Wie inzet op

circulariteit, moet ook zorgen voor een industrie die die ambitie kan dragen.

Een coherent circulair beleid vraagt dus evenzeer een sterk industrieel en

energiebeleid dat rekening houdt met de realiteit van energie-intensieve

sectoren zoals de afval- en recyclingsector. Initiatieven zoals Alden-Biesen

toonden dat die bewustwording groeit, maar het gebrek aan concrete opvolging

op Europees niveau maakt duidelijk dat we er nog lang niet zijn. De

richting is gekend. Nu is het aan beleidsmakers om die ook te vertalen in

daadkrachtige keuzes.

RecyclePR

RecyclePR

.EU 31

.EU


Geen circulaire economie zonder veilige

eindverwerking: waarom ‘safe sinks’

cruciaal blijven

Europa en België zetten volop in op meer recycling en hergebruik. Maar wat met de materialen waarvoor er geen plaats

is in de kringloop? Van PFAS tot asbest: sommige stoffen willen we net uit onze samenleving verwijderen. Dat legt een

fundamenteel spanningsveld bloot. Want hoe maak je een circulaire economie werkbaar als niet alles circulair kán zijn? Het

antwoord ligt bij een vaak vergeten schakel in de keten: veilige eindpunten, of ‘safe sinks’. Maar die staan vandaag onder

druk. Tijd om het debat scherper te stellen.

De ambitie van België en Europa is duidelijk: materialen zo lang mogelijk

in omloop houden. Maar tegelijk moeten schadelijke stoffen ook sneller uit

circulatie worden gehaald. Een ambitie die extra kracht wordt bijgezet met

doelstellingen rond waterkwaliteit, bodem en gezondheid. Die dubbele ambitie

botst in de praktijk. Afvalstromen bevatten immers ook stoffen uit het

verleden die we vandaag niet langer willen gebruiken. Denk aan de enorme

asbesterfenis, maar ook de PFAS-verontreiniging. De afval- en recyclingsector

fungeert daarbij als filter: wat nog bruikbaar is, gaat terug de economie in.

De rest, de residu's zoals in de sector wordt gezegd, moet veilig worden verwijderd.

En precies daar wringt het schoentje.

De filter werkt, maar heeft een eindpunt nodig

Zelfs de meest performante recyclingprocessen produceren residu's. Het

gaat om stoffen die technisch en/of economisch niet verder kunnen worden

gerecycled, te vervuilend zijn of een risico voor mens en milieu vormen.

Denuo benadrukt daarom dat een robuuste circulaire economie niet zonder

veilige eindverwerking kan. Safe sinks, zoals gespecialiseerde verbrandingsinstallaties

en stortplaatsen, zijn geen alternatief voor recycling, maar

een noodzakelijke aanvulling. Ze zorgen ervoor dat niet-herbruikbare, nietrecyclebare

en schadelijke stoffen definitief uit de kringloop verdwijnen en

ondersteunen zo de kwaliteit van gerecyclede materialen. Die realiteit vraagt

om duidelijke keuzes. Als we willen dat de circulaire economie werkt in de

praktijk, dan moeten we ook erkennen dat niet alles in die kringloop past. Het

debat mag zich dus niet beperken tot enkel méér recycling, maar moet ook

gaan over hoe we omgaan met wat daarbuiten valt. Vanuit die invalshoek

schuift Denuo een aantal concrete beleidsprioriteiten naar voren om veilige

eindverwerking structureel te verankeren in het systeem.

1. Zorg voor voldoende safe sink capaciteit

Een eerste prioriteit is voldoende eindverwerkingscapaciteit. De aanname dat

minder afval automatisch leidt tot minder nood aan eindverwerking klopt

niet. Meer recycling betekent net ook meer residu's die niet meer kunnen

worden gerecycled. Daarom pleit Denuo voor een realistisch beleid dat erkent

dat een bepaald volume aan thermische verwerking en storten noodzakelijk

blijft. Zonder die capaciteit verschuift het probleem simpelweg naar andere

regio’s of ontstaat er een bottleneck in de keten.

2. Leg voorwaarden voor eindverwerking vast

Safe sinks moeten voldoen aan de hoogste kwaliteitsnormen. Het gaat om

gespecialiseerde installaties die garanderen dat schadelijke stoffen effectief

worden vernietigd of geïsoleerd, zonder risico voor mens en milieu. Denuo

vraagt daarom om duidelijke criteria vast te leggen waarop afvalstromen in

aanmerking komen voor eindverwerking. Die moeten gebaseerd zijn op drie

principes: niet recyclebaar, schadelijk en zwaar verontreinigd.

3. Focus op performantie in plaats van pure afbouw

In plaats van een generieke afbouw van eindverwerkingscapaciteit pleit

Denuo voor een performantiegericht beleid. Installaties die beter scoren op

klimaatimpact, energie-efficiëntie en materiaalrecuperatie moeten worden

gestimuleerd. Zo ontstaat een systeem dat innovatie beloont en de sector

continu verbetert. Een loutere focus op afbouw zonder onderscheid dreigt net

investeringen te ondermijnen en de circulaire ambities te vertragen.

4. Geef safe sinks een plaats in milieuwetgeving

Tot slot vraagt Denuo om safe sinks expliciet te verankeren in de milieuwetgeving.

Dat betekent niet dat de principes van de afvalhiërarchie worden

losgelaten, maar wel dat wordt erkend dat veilige eindpunten een structureel

onderdeel zijn van het systeem. Een duidelijke juridische basis creëert rechtszekerheid

voor investeringen en maakt het mogelijk om deze capaciteit op

lange termijn te garanderen.

Zelfs de meest performante recyclingprocessen produceren residu's. Het gaat om

stoffen die technisch en/of economisch niet verder kunnen worden gerecycled, te

vervuilend zijn of een risico voor mens en milieu vormen. Denuo benadrukt daarom

dat een robuuste circulaire economie niet zonder veilige eindverwerking kan.

Ook een sluitstuk is een cruciale schakel

De conclusie is helder: wie inzet op maximale circulariteit, moet ook investeren

in wat daarbuiten valt. Safe sinks zijn geen restcategorie, maar een essentieel

onderdeel van een goed werkend systeem. Zonder veilige eindpunten

geen vertrouwen in recycling. En zonder vertrouwen geen circulaire economie

die standhoudt.

32 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


Asbest onder controle: waarom veilige berging

een onmisbare schakel blijft

Sommige afvalstromen kan je recyclen. Andere moet je vooral veilig beheren. Asbest hoort duidelijk in die laatste categorie.

Hoewel Vlaanderen al jaren werkt aan een asbestveilig gebouwenbestand, blijft de hoeveelheid asbesthoudend materiaal

in onze samenleving enorm. En dus rijst een cruciale vraag: waar moet al dat materiaal naartoe? Bij OVMB in Gent hebben

ze daar een duidelijk antwoord op. Met een nieuwe asbestcementatielijn investeert het bedrijf in een veilige en gecontroleerde

behandeling van niet-hechtgebonden asbestvezels. Maar achter deze installatie schuilt ook een bredere boodschap

voor het afval- en recyclingbeleid: sommige materialen hebben nood aan een veilige eindbestemming.

OVMB (Oost-Vlaams Milieubeheer), onderdeel van de Eiffage groep, bouwde

de voorbije decennia een sterke expertise op in de acceptatie, verwerking en

veilige berging van complexe afvalstromen. Vanuit zijn sites in Gent, waaronder

de stortplaats en verwerkingsactiviteiten op de J.F. Kennedylaan en de

site Oudetragel, speelt het bedrijf een belangrijke rol in de verwerking van

gevaarlijke en moeilijk recyclebare materialen. Die ervaring vormde de basis

voor een nieuw investeringsproject. Na jaren ervaring met een proefinstallatie

besliste de Eiffage groep om te investeren in een volwaardige installatie voor

de behandeling van niet-hechtgebonden asbest. De installatie is sinds begin

2026 volledig operationeel. “De installatie is het resultaat van meer dan tien

jaar ervaring met onze proefopstelling”, zegt Nadia Casier, adjunct-directeur

van OVMB. “Die periode heeft ons toegelaten om het proces stap voor stap

te verfijnen en uiteindelijk een robuuste installatie te bouwen die volledig

inspeelt op de veiligheids- en milieueisen.” Met deze investering positioneert

OVMB zich als één van de weinige spelers in België die deze complexe en

risicovolle afvalstroom veilig kan verwerken.

Asbest: een erfenis van miljoenen tonnen

Hoewel het gebruik van asbest in België al sinds 2001 verboden is, blijft het

materiaal op grote schaal aanwezig in gebouwen en infrastructuur. Volgens

recente cijfers bevindt zich in Vlaamse gebouwen alleen al naar schatting

3,18 miljoen ton asbest. Het grootste deel daarvan is hechtgebonden asbest,

bijvoorbeeld in golfplaten, leien of buizen. Deze materialen kunnen relatief

veilig worden verwijderd zolang ze intact blijven. Maar een kleiner en

gevaarlijker deel bestaat uit niet-hechtgebonden asbest, zoals leidingisolatie,

pleisterlagen of lijmresten. In die toepassingen kunnen asbestvezels gemakkelijk

vrijkomen en vormen ze een groter gezondheidsrisico.

De nieuwe asbestcementatielijn van OVMB

Om deze complexe afvalstroom veilig te verwerken ontwikkelde OVMB

een volledig nieuwe installatie op zijn site Oudetragel. De installatie werd

ontworpen op basis van de ervaringen met een eerdere pilootinstallatie.

Afval met niet-hechtgebonden asbest wordt eerst ontvangen en vervolgens

in een afgesloten zone mechanisch verkleind. De vrijgekomen vezels worden

daarna gemengd met cementachtige toeslagstoffen en water, waardoor ze

worden vastgelegd in een stabiele matrix. Na uitharding ontstaat een hechtgebonden

materiaal dat veilig kan worden afgevoerd naar de stortplaats. De

installatie werkt volgens een hermetisch afgesloten proces waarbij veiligheid

centraal staat. “Tijdens de verwerking komt niemand in de hermetische zone”,

legt Casier uit. “Alles gebeurt mechanisch en onder sterke afzuiging. Zodra

een deur wordt geopend, valt de installatie automatisch stil. Veiligheid is hier

absoluut de eerste prioriteit.” De installatie heeft een capaciteit van circa

2.000 ton per jaar en vormt daarmee een belangrijke schakel in de verwerking

van niet-hechtgebonden asbest in België. Voor deze afvalstroom bestaan

in België immers slechts twee gespecialiseerde behandelingsinstallaties: één

in Geel bij Rematt en nu dus ook één bij OVMB in Gent.

Met de nieuwe asbestcementatielijn draagt OVMB bij aan een asbestveilig

Vlaanderen. Tegelijk toont het project aan dat de circulaire economie niet alleen

draait om recycling, maar ook om het veilig beheren van materialen die niet

kunnen worden hergebruikt.

Circulariteit waar mogelijk, veilige berging waar nodig

De circulaire economie staat vandaag centraal in het Europese en Vlaamse

afvalbeleid. Recycling en materiaalhergebruik krijgen terecht prioriteit. Maar

niet elke afvalstroom kan opnieuw in een productcyclus worden gebracht.

Asbest is daar het duidelijkste voorbeeld van. Voor dit materiaal bestaat

vandaag geen veilige en economisch haalbare recyclingtechnologie op industriële

schaal. “Voor sommige materialen is recycling gewoon geen optie”, zegt

Casier. “Onze taak is dan om ervoor te zorgen dat ze op de veiligst mogelijke

manier verwerkt worden.” Daarom pleit Denuo ervoor om in het afvalbeleid

ook voldoende aandacht te blijven hebben voor zogenaamde safe sinks:

installaties en stortplaatsen die noodzakelijk zijn voor afvalstromen die nietrecyclebaar

zijn of een permanent risico vormen. “Stortplaatsen zijn vaak het

laatste stuk van de keten waar niemand graag over spreekt”, zegt Casier.

“Maar voor materialen zoals asbest zijn ze absoluut noodzakelijk. Zonder die

capaciteit kan je de problematiek gewoon niet oplossen.”

Investeren in veiligheid voor de lange termijn

Met de nieuwe asbestcementatielijn draagt OVMB bij aan een asbestveilig

Vlaanderen. Tegelijk toont het project aan dat de circulaire economie niet

alleen draait om recycling, maar ook om het veilig beheren van materialen

die niet kunnen worden hergebruikt. “Wij zien dit als een investering op lange

termijn”, besluit Casier. “Zolang er asbest in onze maatschappij aanwezig is,

zullen we installaties nodig hebben die dat materiaal veilig kunnen behandelen.”

Want uiteindelijk is dat misschien wel de belangrijkste les: een duurzame

afvalketen heeft niet alleen nood aan circulaire oplossingen, maar ook aan

betrouwbare eindpunten. En precies daar spelen bedrijven zoals OVMB een

cruciale rol.

RecyclePR

RecyclePR

.EU 33

.EU


Drie regio’s, één circulaire ambitie:

tijd om administratieve drempels te slopen

De circulaire economie stopt niet aan de landsgrens. Dat geldt zeker in een regio als de onze, waar afval- en materiaalstromen

dagelijks de grens met Nederland en Duitsland kruisen. Maar regelgeving en administratieve procedures blijven

hardnekkig nationaal georganiseerd. Dat botst steeds vaker met de realiteit op het terrein. Net daarom tekenden Vlaanderen,

Nederland en Noordrijn-Westfalen een intentieverklaring om de circulaire economie in de drie regio’s een boost te

geven. De vraag is niet of samenwerking nodig is, maar hoe ze écht werkbaar wordt.

worden vaak verschillend geïnterpreteerd per regio. Dat zorgt voor onzekerheid,

extra kosten en vertragingen, zonder aantoonbare milieuwinst. De

federaties vragen daarom een gerichte aanpak om de administratieve lasten

structureel te verminderen:

• Meer harmonisatie zodat dubbele controles en overlappende procedures

wegvallen;

• Snellere procedures voor gekende en betrouwbare stromen;

• Een meer risico-gebaseerde benadering van toezicht;

• Circulariteit vraagt vertrouwen in plaats van papierlast.

Gelijke regels voor een gelijk speelveld

Een tweede aandachtspunt is het gelijk speelveld. Vandaag worden bedrijven

die actief zijn in meerdere regio’s geconfronteerd met uiteenlopende definities,

classificaties en interpretaties van Europese regels. Dat ondermijnt

investeringszekerheid en ontmoedigt innovatieve circulaire businessmodellen.

Denuo, VSOR en BW2E pleiten voor wederzijdse erkenning van vergunningen,

certificaten en kwaliteitsborgingssystemen waar dat mogelijk is. Wat in

de ene regio als veilige en hoogwaardige recyclingtoepassing wordt erkend,

mag in de andere niet plots als risico worden behandeld.

Grensoverschrijdende afvaltransporten, erkenningen en meldingsplichten zijn

complex, vragen tijd en worden vaak verschillend geïnterpreteerd per regio.

Dat zorgt voor onzekerheid, extra kosten en vertragingen, zonder aantoonbare

milieuwinst.

Met de ondertekening van een gezamenlijke intentieverklaring engageren

Vlaanderen, Nederland en Noordrijn-Westfalen zich om hun samenwerking

rond circulaire economie structureel te versterken. Die verklaring bouwt voort

op eerdere bilaterale initiatieven en legt de basis voor een meer gecoördineerde

aanpak, met aandacht voor onder meer batterijen, bouwmaterialen

en chemische producten. Voor Denuo is dit een positief signaal: samenwerking

op schaal van de reële markt is essentieel om circulariteit economisch en

ecologisch te laten renderen.

Vereenvoudig de administratie

De intentieverklaring erkent expliciet dat regelgeving en administratieve

lasten de circulaire economie vandaag vaak afremmen. Net daar ligt volgens

Denuo, VSOR en BW2E de grootste hefboom. Grensoverschrijdende afvaltransporten,

erkenningen en meldingsplichten zijn complex, vragen tijd en

Spreek met één stem richting Europa

De intentieverklaring biedt ook een kans om sterker op te treden richting

Europa. Vlaanderen, Nederland en Noordrijn-Westfalen delen dezelfde

uitdagingen bij de toepassing van Europese regelgeving, zoals de Waste

Shipment Regulation (WSR). Daarom vragen we dat Vlaanderen, Nederland

en Noordrijn-Westfalen hun standpunten beter afstemmen richting Europa,

en waar mogelijk gezamenlijke posities innemen bij de omzetting en toepassing

van EU-wetgeving. Wat in de ene regio als veilige en hoogwaardige

recyclingtoepassing wordt erkend, mag in de andere niet plots als risico

worden behandeld.

Samenwerking met de sector als randvoorwaarde

Tot slot benadrukken Denuo, BW2E en VSOR dat deze interregionale samenwerking

alleen kan slagen als de sector structureel betrokken wordt. Bedrijven

beschikken over cruciale praktijkkennis op het vlak van logistiek, verwerking

en marktwerking. Die kennis is onmisbaar om beleidsdoelstellingen te

ver talen naar haalbare en effectieve oplossingen.

Een kans die we moeten grijpen

De intentieverklaring is een sterk politiek signaal. Nu komt het erop aan om

de administratieve knelpunten die circulaire samenwerking vandaag afremmen,

ook daadwerkelijk weg te nemen. Als vereenvoudiging, harmonisatie en

samenwerking met de sector centraal staan, kan deze grensoverschrijdende

samenwerking uitgroeien tot een echte versneller van de circulaire economie.

Denuo blijft dit dossier actief opvolgen en zet zich samen met VSOR en BW2E

in om van deze ambitie ook een tastbare realiteit te maken.

34 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


PRAKTISCH EVENEMENT INHOUD

23/04/2026

12:00-17:00

Courtyard by Marriott

Brussels

Olympiadenlaan 6

1140 Brussel

Plastic Matters - The end of plastic

waste exports: A catalyst for

Europe’s circular economy?

Europa staat op een keerpunt. Met het aanstaande verbod op de export van

plastic afval wordt de basis van het huidige recyclingsysteem fundamenteel

hervormd. Wat betekent dit voor de recyclingcapaciteit van Europa en voor de

levensvatbaarheid van een echt circulaire plasticwaardeketen? Tijdens deze

editie van Plastic Matters bespreken we de systemische gevolgen van het

exportverbod en de hefbomen waarover Europa beschikt om deze transitie

in de juiste richting te sturen. Tijdens een interactieve sessie zullen we deze

opties toetsen op hun haalbaarheid en impact.

24/04/2026

09.00-20.00

Veolia Neder-over-Heembeek

Vilvoordsesteenweg 218

1120 Neder-over-Heembeek

Denuo Move (to KickCancer) -

Stage 1: the social ride

Netwerken kan ook anders dan rond een vergadertafel. Met het nieuwe

initiatief Denuo Move brengen we leden, partners en sympathisanten

samen voor een sportieve actie ten voordele van het goede doel. Als eerste

Denuo Move voorzien we een social ride doorheen de Belgische afval- en

recyclingsector. Verwacht je aan twee lussen, start en finish in Brussel,

food & drinks en vooral veel goede vibes. De start en finish, alsook de

bevoorradingsstops voorzien we bij Denuo leden. Afspraak vrijdag 24 april!

24/04/2026

17.00-20.00

Veolia Neder-over-Heembeek

Vilvoordsesteenweg 218

1120 Neder-over-Heembeek

After Denuo Move

Op vrijdag 24 april organiseert Denuo voor het eerst een social ride, met als

afsluiter een gezellig after-event met food & drinks. Fiets je niet mee, maar

heb je wel zin in een informele babbel met sectorgenoten? Sluit dan gerust

aan. Iedereen is welkom.

30/04/2026

09:30-16:30

Silver Building,

Gebouw B, Verdieping 2

Auguste Reyerslaan 70

1030 Brussel

Basisopleiding over de Belgische

afval- en recyclingsector

De basisopleiding van Denuo geeft nieuwelingen, maar ook anciens, in de

Belgische afval- en recyclingsector een mooi overzicht van de wettelijke

bepalingen, de financiële en administratieve aspecten... van de afval- en

recyclingsector.

03/06/2026

10:00-14:00

UNIZO Nationaal

Willebroekkaai 37

1000 Brussel

UNIZO & Denuo KMO forum

UNIZO en Denuo brengen ondernemers uit de afvalbeheer- en recyclingsector

samen om beter in te spelen op wat kmo’s écht nodig hebben. We vertrekken

vanuit jouw praktijk: wat zijn de belangrijkste uitdagingen, waar liggen de

prioriteiten? Op basis van die input tonen we hoe we onze dienstverlening

nog beter kunnen afstemmen op jouw bedrijf.Kort gezegd: jouw behoeften

centraal, met concrete oplossingen waar je meteen mee aan de slag kan.

Voor inschrijvingen en informatie over evenementen in de afval- en recyclingsector: denuo.be/nl/agenda

RecyclePR

RecyclePR

.EU 35

.EU


Door het korfsysteem is de Tana Shark 440DT eco veelzijdig inzetbaar.

PRECISIE, CAPACITEIT EN SERVICE ALS SLEUTELS IN MODERNE RECYCLINGPROCESSEN

SLIM MALEN VOOR EEN VEELEISENDE MARKT

De eisen in de recyclingsector worden almaar strenger. Afvalstromen moeten fijner, zuiverder en consistenter verwerkt worden, terwijl

afnemers tegelijk rekenen op voldoende volumes en een stabiele kwaliteit. Dat vraagt niet alleen performante machines, maar ook partners

die meedenken over de juiste configuratie voor het gewenste eindproduct.

Tekst & beeld Kris Vandekerckhove

Bij André Celis Recyclage kwam die oefening

uit op de TANA Shark 440DT eco, geleverd door

Smart Equipment. Die shredder laat namelijk toe

om de uitgaande stukgrootte nauwkeurig te controleren

van 50 tot 500 mm, met het voordeel

dat vaak in één doorgang al de gewenste fractie

wordt bereikt.

Van afval naar grondstof

André Celis Recyclage verwerkt bouw- en sloopafval

uit eigen containerstromen én van derden.

De onderneming bouwde die activiteit door de jaren

heen uit tot een volwaardig recyclingcentrum

in Kampenhout, waar verschillende stromen zo

fijn mogelijk worden uitgesorteerd om opnieuw

ingezet te kunnen worden als grondstof, bouwstof

en/of brandstof. “De markt vraagt vandaag heel

specifieke producten”, zegt Peter Kennis, afdelingsverantwoordelijke

bij André Celis Recyclage.

“Het gaat niet meer om gewoon verkleinen, maar

om het afleveren van een homogene fractie die

meteen bruikbaar is.” Die nood is volgens hem

extra groot bij stromen zoals folie en kunststof,

waar afnemers strikte specificaties opleggen

inzake grootte en consistentie.

Nauwkeurigheid als troef

Precies daar moest de nieuwe installatie het verschil

maken. In het interview beklemtoont Kennis

dat de machine niet alleen grote volumes aankan,

maar vooral ook ‘specifiek op maat’ kan malen en

een homogene massa achterlaat. Dat is cruciaal

in een markt waar de vraag niet altijd gelijke tred

houdt met het aanbod en waar kwaliteit steeds

nadrukkelijker het onderscheid maakt. De gekozen

TANA Shark 440DT eco past in dat verhaal.

De mobiele machine is een industriële shredder

voor een breed scala aan materialen, met een

nominaal motorvermogen van 399 kW en een

rotorkoppel van 440 kNm. De traag draaiende

rotor en het korfsysteem moeten zorgen voor controle

over de eindmaat, terwijl de machine tegelijk

ontworpen is voor lage operationele kosten en

hoge inzetbaarheid. “Door het korfsysteem is de

De eisen in de recyclingsector vragen niet alleen

performante machines, maar ook partners die

meedenken over de juiste configuratie voor het

gewenste eindproduct (l: Peter Kennis | r: Matthias

De Coninck).

36 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


Tana Shark 440DT eco veelzijdig inzetbaar”, zegt

Matthias De Coninck, Sales Recycling Benelux bij

Smart Equipment. “Zowel in het maken van een

houtproduct met eindmaat als het voorbewerken

van lastige afvalstromen.” Hij wijst ook op het

hoge koppel en de bouwkwaliteit van de machine,

die volgens hem mee verklaren waarom zulke installaties

lang meegaan.

Op maat van de toepassing

Belangrijk in dit dossier is dat de machine niet als

standaardoplossing werd benaderd. De Coninck

maakt duidelijk dat Smart Equipment vertrekt van

een basismachine, die vervolgens samen met de

klant wordt aangepast aan specifieke noden. Dat

gold ook hier. Een expliciete wens van de klant

was de integratie van een extra sterke neodymium

magneetband om meer ijzer uit het verwerkte

hout te halen. Zo’n overbandmagneet wordt boven

een transportband geplaatst en haalt ferrometalen

automatisch uit de materiaalstroom,

zodat een schoner houtproduct overblijft en tegelijk

ook downstream apparatuur beter beschermd

wordt. Die keuze sluit perfect aan bij de bredere

marktevolutie naar zuiverdere recyclaatstromen

en minder verbranding. “Het afval gaat meer en

meer naar een volledig circulaire economie”, zegt

Kennis. “Deze machine hoort daar perfect thuis,

want het kan malen van groot naar klein, waardoor

al die producten kunnen worden gerecycled

tot een nieuw eindproduct.”

Bekijk hier de video..

Service blijft doorslaggevend

Toch stopt het verhaal niet bij techniek alleen.

Zowel klant als leverancier leggen in het interview

sterk de nadruk op service. “De service

vormt eigenlijk de basis van de relatie met de

klant”, zegt De Coninck. Hij verwijst daarbij

naar training na levering, online monitoring en

verdere ondersteuning op lange termijn. Voor

André Celis Recyclage is dat essentieel. “Je moet

zowel de kwantiteit als de kwaliteit blijven aanleveren

bij de afnemers”, besluit Kennis. “Dan

moet er onmiddellijk kunnen gereageerd worden.”

In een sector waar stilstand meteen doorweegt

op rendement en lever betrouwbaarheid,

is dat geen detail, maar een wezenlijk onderdeel

van de investering. ❚

Afval gaat meer en meer naar een volledig circulaire economie.

Het hoge koppel en de bouwkwaliteit van de machine zorgen ervoor dat dergelijke

installaties lang meegaan.

De mobiele machine is een industriële shredder voor een breed scala aan

materialen.

RecyclePR

RecyclePR

.EU 37

.EU




EEN AANSPREEKPUNT VOOR ALLE HERSTELLINGEN

STERK DEALERSCHAP MET FOCUS

OP KWALITEIT

ETS Machinery ondersteunt sloop- en recyclingbedrijven met zowel herstellingen als preventief onderhoud voor graafmachines van alle

merken. De betrouwbare partner in garagediensten zet nu een grote stap voorwaarts. Trots kondigt het bedrijf aan dat het optreedt als

Benelux-invoerder van Minelli overslagkranen en toebehoren.

Tekst Els Goethals | Beeld ETS Machinery

ETS Machinery ontpopte zich door de jaren heen

tot een gespecialiseerde garage voor overslagkranen,

graafmachines en bijhorende aanbouwdelen.

Oprichter en drijvende kracht Tom Van

Peteghem zet samen met zijn team alle expertise

in om machines optimaal te laten presteren. Daarmee

bewees ETS Machinery zich als een betrouwbare

partner voor sloop- en recyclingbedrijven.

Totaaloplossing garagediensten

“ETS zorgt voor een totaaloplossing. Te beginnen

met periodiek preventief onderhoud en herstellingen

voor alle merken. Tot zelfs volledige revisies,

waarbij we machines repareren en upgraden om

ze opnieuw in een zo goed als nieuwe staat te

brengen. Dat laatste gebeurt op onze tweede locatie:

onze werkplaats in Charleroi”, zegt Tom Van

Peteghem. “ETS Machinery, gevestigd in Zottegem,

is actief over heel Vlaanderen en Wallonië. In 90%

van de opdrachten gaat een van onze techniekers

met onze mobiele werkplaats naar het bedrijf toe.

Dat bespaart onze klanten tijd en een hoop logistieke

uitdagingen, omdat de graafkraan niet naar

de garage gebracht hoeft te worden.”

Nieuw dealerschap voor Minelli

Met trots kondigt ETS Machinery aan dat ze hun

activiteiten verder uitbreiden. Sinds begin dit

jaar is het bedrijf officieel invoerder van Minelli

overslagkranen en hydraulische hulp stukken. “Het

gamma omvat material handlers van 15 tot 48

ton, beschikbaar in zowel elektrische als dieseluitvoeringen.

Minelli staat bekend om hun uitstekende

afwerking, robuuste constructie en uitzonderlijke

betrouwbaarheid. De productie gebeurt

volledig in Italië met uitsluitend hoogwaardige

componenten, zoals Linde hydraulica en Perkins

motoren. Dit alles maakt de technologie tot een

garantie voor kracht, precisie en langdurige prestaties”,

licht Van Peteghem toe. “Naast diverse

gewichtscategorieën is elke machine volledig

De Minelli M35 is prima geschikt voor intensieve overslagwerkzaamheden.

Met hun mobiele werkplaats levert ETS Machinery directe service op locatie, wat klanten kostbare

verplaatsingstijd bespaart.

40 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


De Minelli M30 is voorzien van een 7 liter Perkins dieselmotor met een vermogen

van 151 kW.

De Minelli M18 is een krachtige, 18-tons mobiele overslagmachine ideaal geschikt

voor snelle, continue werkzaamheden.

custom made. Van type giek tot kraanarm: alles

wordt geproduceerd volgens de wensen van de

klant. Een sterke troef.”

Uitgebreid gamma aanbouwdelen

“De Europese makelij biedt als extra voordeel dat

we een snelle service kunnen garanderen en dat

ook onderdelen vlot beschikbaar zijn. Dit laat ons

toe kort op de bal te spelen en een nóg betere

service te bieden aan onze klanten in de sloop- en

recyclingsector. Naast de overslagkranen van

Minelli werd ook een uitgebreid assortiment hydraulische

hulpstukken, zoals grijpers, schrootscharen en

slopers, toegevoegd aan ons aanbod”, klinkt het.

Service en kwaliteit voorop

“Wat uniek is aan ETS Machinery is onze drive en

de inspanningen die we dagelijks leveren om elke

klant zo goed mogelijk te helpen. Service en kwaliteit

dragen wij hoog in het vaandel. Waarden die

we ook terugvinden bij Minelli als familiebedrijf

met meer dan 60 jaar ervaring. De samenwerking

‘Overslagkranen van Minelli staan

bekend om hun uitstekende afwerking,

robuuste constructie en uitzonderlijke

betrouwbaarheid’

biedt dan ook enorm veel potentieel”, aldus Van

Peteghem.

Uniek in de markt

Waar andere aanbieders vaak vooral focussen op

de verkoop van machines en herstellingen eerder

als bijzaak zien, koos ETS Machinery van bij de

start voor een andere weg. Van Peteghem en zijn

team bouwden net een sterke reputatie op met

complexe herstellingen waar anderen soms voor

terugdeinzen. Dankzij toewijding, vakmanschap

en expertise groeide het bedrijf uit tot een toonaangevende

garage die vandaag ook een kwaliteitsmerk

verdeelt. Een aanpak die echt uniek

is in de markt. “Met de nieuwe samenwerking

heeft ETS Machinery het volledige traject in eigen

beheer: verkoop, technisch advies, onderhoud,

herstellingen, dienst na verkoop. Een sterke combinatie

om voor elke klant de juiste oplossing te

vinden”, besluit Van Peteghem. ❚

Elke machine - in elke gewichtsklasse - wordt custom made geleverd volgens de

gekozen giek, kraanarm en andere uitrustingen.

De Minelli M40 is ontworpen voor zwaar industrieel werk, zoals

schrootverwerking, en is voorzien van een in hoogte verstelbare cabine.

RecyclePR

RecyclePR

.EU 41

.EU


Online event brengt best practices

voor duurzame materialen en PFAS

reiniging samen

Op 7 mei organiseert CDE het online symposium Circle 2026. De bedoeling is een beeld te geven van hoe de toekomst van recycling er zal

uitzien en hoe belangrijke uitdagingen zoals PFAS aangepakt kunnen worden. Eunan Kelly, hoofd Business development voor CDE, vertelt ons

waarom dit een niet te missen afspraak is voor iedereen in de wereld van recycling.

Tekst Valérie Couplez | Beeld CDE Group

Circle 2026 is een online event geworden om een wereldwijd publiek te kunnen

ontvangen, ondanks de huidige reisbeperkingen. “We hebben heel wat

internationale experten gestrikt om hun kennis te komen delen. Daardoor

wilden veel meer bedrijven uit binnen- en buitenland zich aanmelden. De lokale

situatie mag dan verschillen, wereldwijd lopen recyclingbedrijven tegen

dezelfde uitdagingen aan. Met Circle 2026 proberen we daar inspiratie en

oplossingen rond aan te reiken. Iedereen die interesse heeft, kan het event

online volgen.”

Reiniging voorwaarde voor veilige recycling

De hele dag lang zullen experten hun kennis delen over de belangrijkste

problematieken in recycling vandaag en morgen. Vooral PFAS staat vooraan

de agenda. “We zien dat in de constructiemarkt de focus verbreedt van

Voorbeeld van PFAS vervuilde grond.

Eunan Kelly: “Er is

heel veel ervaring

binnen het bedrijf

en opgebouwde best

practices die we tijdens

Circle 2026 willen

delen met het publiek.”

42

RecyclePR

RecyclePR

.EU

.EU


genereren. Dat doen we niet door het warm water

opnieuw uit te vonden, maar door bewezen

technologie op een innovatieve manier te gebruiken

in turn-key installaties, zodat ze zelfs aan de

strengste PFAS-normen tegemoetkomt. Dat is de

gamechanger.”

Duurzame oplossingen zijn nodig om circulair te worden en werk te maken van een net zero maatschappij.

Opportuniteiten maximaliseren

Het samengestelde programma is grosso modo

opgebouwd uit twee delen. “We schetsen eerst

het kader: waar lopen bedrijven vandaag tegen

aan en wat vraagt de wetgeving. Daarna gaan

we in op wat best practices ons geleerd hebben:

wat zeggen de data, waar zitten valkuilen, wat zijn

succesfactoren. We richten ons daarmee eigenlijk

op de hele waardeketen: ondernemers in recycling

die opportuniteiten willen maximaliseren, maar

evengoed mensen uit de academische wereld of

uit consultancy die hun kennis willen aanscherpen

over wat er vandaag op het terrein al kan gedaan

worden aan PFAS en andere vervuilingen. Deelnemers

maken zelf uit welke sessies ze interessant

vinden en sluiten aan wanneer ze willen. Om tegemoet

te komen aan de verschillende tijdzones,

zullen de sessies voor wie zich heeft ingeschreven

achteraf on-demand herbekeken kunnen worden.”

‘Je moet vervuilende

stoffen zoals PFAS

op een efficiënte

manier verwijderen

om op een veilige

manier te recyclen’

Het wassen van grond is de meest efficiënte methode om PFAS te verwijderen.

recycling van materialen naar reiniging. En daar

hebben vervuilende stoffen zoals PFAS alles mee

te maken. Je moet die op een efficiënte manier

kunnen verwijderen om op een veilige manier te

kunnen recyclen. Het kan niet de bedoeling zijn

om problemen gewoon door te schuiven naar de

volgende generatie. Als CDE hebben we al zeven

jaar geleden een eerste oplossing rond PFAS uitgewerkt

in Australië en recent nog drie plants opgeleverd

in Europa. Er is dus heel veel ervaring

binnen het bedrijf en opgebouwde best practices

die we tijdens Circle 2026 willen delen met het

publiek.”

Meer bewustzijn rond

de oplossingen

Kelly ziet een belangrijke rol weggelegd voor een

event als Cirle om meer bewustzijn te creëren.

“De uitdagingen die kent iedereen in de sector.

We moeten meer materialen recupereren en hergebruiken

als we aan hetzelfde tempo blijven

bouwen. Zo niet dreigt er schaarste. Maar dat er

ook al efficiënte oplossingen bestaan om PFAS bijvoorbeeld

uit de bodem te verwijderen, zodat we

meer zand kunnen recyclen, dat is minder geweten.

We kunnen met onze technologie recyclingbedrijven

echt helpen om meer business te

Impact blijven verlagen

“Uiteindelijk willen we met Circle een gemeenschap

opzetten. Als je kennis deelt, komt er ook

heel veel naar je terug. Voor CDE zijn de uitdagingen

van klanten morgen de oplossingen van vandaag.

Je moet altijd je eigen processen in vraag

blijven stellen om de impact op materiaalstromen

te verlagen. Onze filosofie bestaat erin om na te

denken over de volgende stappen die nodig zijn

en hoe we die kunnen vertalen in robuuste, toegankelijke

technologie. Zo creëren we een betere

wereld, één ton per keer”, besluit Kelly. ❚

Circle 2026 vindt plaats op 7 mei. Voor

meer informatie, het volledige programma

en registratie, bezoek cdegroup.com/

circle2026.

RecyclePR

RecyclePR

.EU 43

.EU


GEEF UW CELLENBETONAFVAL EEN TWEEDE LEVEN

LEVER HET AAN BIJ RECYCELL

VAN SLOOPAFVAL

NAAR HOOGWAARDIGE GRONDSTOF

RECYCELL

Steenovenstraat 80

8760 Tielt

056 17 12 00

info@recycell.be


Verkoop:

VERKOOP VERHUUR SERVICE

SAES International B.V. / Lozerweg 10-14, 6006 SR Weert / +31 (0)495 56 19 29 / info@saes.nl

demolitiontools.eu


DOSSIER SLOPEN & BREKEN

MEER KWALITEIT, MINDER ADMINISTRATIEVE LASTEN

DE MOTOR ACHTER VOORUITGANG IN SLOOP,

ONTMANTELING EN RECYCLING

Adams Polendam, een van de leden van VSOR, beschikt over mobiele breek- en zeefinstallaties die bouwafval recyclen tot een secundaire grondstof.

Europees, federaal, regionaal … Op elk beleidsniveau wordt regelgeving strikter. Bovendien lopen de bijhorende kosten al snel op. Heiligt

de regel nog steeds de middelen? Daarover waakt en onderhandelt sectorvereniging VSOR. Want de belangen van haar leden - sloop-,

ontmantelings- en recyclingbedrijven - staan steeds voorop.

Tekst Els Goethals | Beeld VSOR

De Belgische Vereniging van Sloop-, Ontmantelings-

en Recyclingbedrijven telt een honderdtal

leden. Met een sterke collectieve stem zet de organisatie

zich actief in voor een positieve evolutie

in de sector. “We doen dit vanuit drie fundamentele

pijlers: informeren, connecteren en mediëren”,

duidt Sven De Meuter, voorzitter van VSOR en bestuurder

bij grond- en sloopbedrijf De Meuter.

Informeren

“Vlarema, Standaardbestek 210, de Europese

REACH-verordening, het Materialeninformatiesysteem

(MATIS) … Heel wat leden zien door de

bomen het bos niet meer, als het op regelgeving

aankomt. Het is dan ook een van de kerntaken

van de VSOR om hen te informeren en te begeleiden”,

zegt De Meuter. “Een voorbeeld hiervan

is het Vlaams sectorprotocol ‘Veilig transport

asbesthoudende materialen’. Het is belangrijk

dat onze leden hiervan goed op de hoogte zijn en

vooral de impact kennen op hun dagelijkse werkzaamheden.

Daarom boden wij opleidingen aan

op meerdere locaties in Vlaanderen, waardoor de

verplaatsingstijd voor onze leden beperkt bleef.

De sessies werden verzorgd door een expert in

het vakgebied. Niettemin konden we dit op een

democratische manier aanbieden, met dank aan

de leden die hun locatie ter beschikking stelden.

Dit is slechts één voorbeeld, want ook rond andere

thema’s organiseert VSOR regelmatig waardevolle

infosessies en praktijkgerichte workshops.”

Connecteren en mediëren

“Naast leden en partners werkt VSOR samen met

verschillende stakeholders, zoals OVAM en de

certificatie-instellingen Copro en Certipro. Daarnaast

bundelt VSOR de krachten met Embuild,

Bouwunie, Buildwise en andere kennisinstellingen

zoals universiteiten, VITO en VLAIO. Door

deze partijen met elkaar te verbinden, creëren we

een nóg sterker draagvlak. Zo brachten we met

200 aanwezigen quasi de hele sector samen op

De trommelzeef is een cruciale machine in de

recyclingsector voor het efficiënt scheiden van

materiaalstromen.

46 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


DOSSIER SLOPEN & BREKEN

Aangesloten leden krijgen via het VSOR lidmaatschap concrete ondersteuning rond professionalisering,

wetgeving en netwerking.

‘Tijdens Open Bedrijvendag zetten

verschillende leden van VSOR

hun deuren open’

onze nieuwjaarsreceptie”, gaat de voorzitter verder.

“Naast informeren en connecteren, vormt

mediëren een derde pijler binnen VSOR. De wetgever

uit zijn ivoren toren halen en in contact

brengen met het werkveld, of sloop- en recyclingbedrijven

sensibiliseren rond het belang van regelgeving,

zodat er meer begrip ontstaat. Mediëren

werkt in twee richtingen. Dat is precies hoe VSOR

de brug slaat tussen de sector en diverse overheidsinstanties,

met één duidelijk doel: recycling

efficiënter maken. Dit werpt zijn vruchten af en

zorgt voor een betere balans tussen regelgeving

en wat technisch haalbaar is in de praktijk. Een

inhoudelijke gespreksdynamiek op gang brengen

is daarbij steeds de eerste stap.”

Gezamenlijke deelname

Open Bedrijvendag

“En er is meer om naar uit te kijken! VSOR doet

dit jaar mee met Open Bedrijvendag. Op zondag

Werken met hoogwaardig gerecycled betongranulaat

biedt zowel ecologische als economische voordelen.

4 oktober zetten verschillende van onze leden hun

deuren open voor het brede publiek. VSOR coördineert

het gezamenlijke initiatief en voegt extra

meerwaarde toe. Sloop- en recyclingbedrijven

staan nog te vaak in een negatief daglicht. Dat

beeld willen we doorbreken”, aldus De Meuter.

“De ambitie is om in elke provincie minstens één

deelnemend lid te hebben, zodat heel Vlaanderen

de sector beter leert kennen. Van producenten van

gerecyclede granulaten tot breekwerven, sloop- en

saneringsbedrijven. Ook onze partners dragen bij

aan het event met demonstraties van onder meer

technieken voor stofbestrijding, weegsystemen,

recyclingmachines en oplossingen voor het winddicht

maken van loodsen. Hou onze activiteitenkalender

in de gaten!” ❚

Het breken van betonpuin is onderworpen aan diverse regelgevingen, waaronder

de milieuwetgeving VLAREM.

Selectieve sloop zorgt ervoor dat het vrijgemaakte beton geen isolatie of hout

bevat, zodat het gerecycled kan worden tot hoogwaardig betongranulaat.

RecyclePR

RecyclePR

.EU

.EU

47


DOSSIER SLOPEN & BREKEN

MINIMAAL VERBRUIK, MAXIMALE EFFICIËNTIE

Hercules onder de betonvergruizers

weet meteen

te overtuigen

Met de uitbreiding van de U serie speelt het Japanse NPK in op de groeiende vraag naar krachtige betonvergruizers. Als exclusief importeur

voor de Belgische en Nederlandse markt, voegt DemTech hier maximale service aan toe. Dat kan ook Holcim Belgium in Grimbergen beamen,

dat als eerste de nieuwe crusher in ontvangst mocht nemen.

Tekst Els Goethals | Beeld DemTech

DemTech uit Zoeterwoude (Nederland) bouwde

de afgelopen 45 jaar een sterke reputatie op als

specialist in aanbouwdelen voor de sloop-, schrooten

recyclingindustrie. Intussen is het familiebedrijf

een klinkende naam in de hele Benelux. Met de

krachtige betonvergruizer NPK U-47JX als nieuwe

aanwinst breidt DemTech zijn portfolio verder uit.

Krachtpatser als nieuwkomer

Schrootscharen, sorteergrijpers, hydraulische

hamers en andere toebehoren van merken als

Genesis, Lehnhoff, Essig en Taets behoren tot

het kernassortiment, net als het Japanse NPK.

DemTech biedt de meeste van deze uitrustingsstukken

zowel te huur als te koop aan, geschikt

voor kranen van 0,7 tot 200 ton. “Voor het vergruizen

van gewapend beton en het direct scheiden

van betonijzer en puin ontwikkelde NPK

gespecialiseerde oplossingen: de G en U series”,

legt Arthur Polak, sales directeur bij DemTech uit.

“De uitbreiding zit in de U reeks. Deze uitrustingsstukken

waren tot nu toe verkrijgbaar voor graafmachines

van 19 tot 48 ton. Met de U-47JX introduceert

NPK een nieuw model voor de klasse tot

55 ton. De 50- à 55-tonner is een echte krachtpatser

op de werf. Als die toch al wordt ingezet,

is het wel zo efficiënt om het werk voort te zetten

met een compatibele crusher, in plaats van er nog

een lichtere graafmachine bij te halen.”

Primeur voor Holcim Belgium

Grimbergen

“Bij Holcim Belgium in Grimbergen, gespecialiseerd

in de grootschalige recycling van bouw- en

sloopafval, mochten we dit gloednieuwe type in

primeur leveren. De nieuwe aanwinst kan er meteen

op veel enthousiasme rekenen”, aldus Polak.

Het aanbouwdeel NPK U-47JX wordt ingezet voor het breken en vergruizen van gewapend beton.

‘Gewapend beton vergruizen en betonijzer

meteen scheiden van het puin? Nu nog

efficiënter dankzij NPK technologie’

48 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


DOSSIER SLOPEN & BREKEN

De technische specificaties van de NPK U-47JX

staan garant voor krachtige prestaties:

- Knipkracht: 195 ton;

- Bedrijfsgewicht: 3.950 kg (exclusief snelwissel);

- Maximale bekopening: 1.160 mm;

- Werkdruk: 280 bar;

- Olieflow: 300 liter per minuut.

“We zijn trots dat we als eerste met deze technologie

aan de slag kunnen gaan”, klinkt het bij

Jan Suykens, Plant Manager bij Holcim Belgium

Grimbergen, voor wie de NPK crusher een nieuwe,

maar meteen overtuigende keuze betekent.

Krachtige evolutie

“Elke betoncrusher van NPK beschikt over een

unieke troef: de PowerBooster. Dit systeem is

rechtstreeks geïnstalleerd op de hydraulische cilinder

en verhoogt automatisch de werkdruk van

de betonvergruizer, wanneer dat nodig is”, gaat

Polak verder. “Het resultaat? Een aanzienlijk kortere

cyclustijd en een hogere productiviteit dan

bij standaard- of differentiaalcilinders. Na verdere

verfijning van deze al geavanceerde techniek

biedt de U-47JX serie een merkbare efficiëntieboost:

meer productie, sneller werken en minder

draaiuren bij een lagere afstelling.” ❚

Met de U-47JX introduceert NPK een nieuw model betoncrusher voor graafmachines tot 55 ton.

RecyclePR

RecyclePR

.EU

.EU

49


Powered by TCPDF (www.tcpdf.org)

DOSSIER SLOPEN & BREKEN

Efficiënt slopen met

gehuurde betonschaar

Bij sloopprojecten draait alles om het juiste

materieel en een goede planning. Dat bleek

onlangs opnieuw tijdens een sloopproject

van Puinbreken Nederland in Baexem, waar

een voormalige koeienstal plaatsmaakte

voor nieuwbouw. Met behulp van een bij

Saes International gehuurde hydraulische

betonschaar verliep het verwijderen van

zware betonconstructies niet alleen sneller,

maar ook aanzienlijk efficiënter.

Tekst Roel van Gils | Beeld Puinbreken Nederland

Puinbreken Nederland is gespecialiseerd in mobiel

puinbreken. “Dat doen we voornamelijk op locatie

bij inzamelaars”, vertelt medeoprichter Jac Graef.

“Inkomend puin wordt ter plekke gebroken tot een

herbruikbaar product, dat vervolgens opnieuw

kan worden toegepast in de bouw. Daarnaast voeren

we in eigen beheer ook sloopwerkzaamheden

en grondwerk uit, waarbij we het totaalpakket

voor onze rekening nemen. Van de complete sloop

tot aan het opleveren van een gereed terrein voor

nieuwbouw.”

Van koeienstal naar

nieuwbouwlocatie

In Baexem werd het bedrijf ingevlogen voor de

sloop van een voormalige koeienstal. “In een

tijdsbestek van amper twee weken hebben we de

complete stal verwijderd. Eerst werd de bovenbouw

aangepakt, waarbij de spanten zijn gedemonteerd

en het bovengrondse deel van de stal

werd gesloopt. Daarna volgde het zware werk:

het verwijderen van de betonnen kelderwanden

en vloer”, legt Graef uit. Die kelderwanden waren

in het werk gestort en tot wel 60 cm dik. “Voor

dit soort betonconstructies is een hydraulische betonschaar

een ideale oplossing. In plaats van het

beton te hameren, worden de wanden simpelweg

doorgeknipt. Dat gaat vele malen sneller en zorgt

bovendien voor meer controle tijdens het sloopproces.

Voor zo’n schaar is een wand van 60 cm

overigens geen enkel probleem.”

Voor dit project werd een VTN PD25-betonschaar ingezet die speciaal voor de klus werd gehuurd bij SAES.

Materieel slim inzetten

Voor dit project werd een VTN PD25-betonschaar

ingezet die speciaal voor de klus werd gehuurd bij

SAES. Huren is volgens Graef een bewuste keuze.

50 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


DOSSIER SLOPEN & BREKEN

Het mooie van SAES is dat de grote aanbouwdelen

compatibel zijn met het OilQuick snelwisselsysteem.

In een tijdsbestek van amper twee weken is de complete stal gesloopt.

‘Dit soort betonscharen zijn niet

overal in de verhuur beschikbaar,

zeker niet in combinatie met

moderne snelwisselsystemen’

“Een betonschaar is geen aanbouwdeel dat we elke week nodig hebben”,

zegt hij. “In plaats van er zelf één aan te schaffen, huren we dit soort specialistisch

materieel, wanneer het project erom vraagt. Het mooie van SAES

is dat diens grote aanbouwdelen compatibel zijn met het OilQuick snelwisselsysteem.

Sinds enkele jaren zijn onze kranen voorzien van dit systeem, wat

maakt dat de machinist snel kan wisselen tussen verschillende aanbouwdelen,

zonder tijd te verliezen. Dat maakt in de praktijk een groot verschil.

Probeerden machinisten vroeger soms grotere stukken beton toch door een

breker te duwen, nu wisselen ze eenvoudig van aanbouwdeel. Het resultaat:

minder belasting voor machines en een efficiëntere workflow.”

Snel schakelen

SAES is een vaste partner voor Puinbreken Nederland. “Zij beschikken over

een breed verhuuraanbod van zware aanbouwdelen”, vertelt Graef. “Dit soort

betonscharen bijvoorbeeld zijn niet overal beschikbaar, zeker niet in combinatie

met moderne snelwisselsystemen. Daarnaast is het voor ons heel waardevol

dat SAES in de buurt is gevestigd. Als er tijdens een project extra materieel

nodig is, kan er snel worden geschakeld. Dat voorkomt stilstand op de bouwplaats

en zorgt ervoor dat projecten volgens planning kunnen doorgaan.”

Ook dit project laat zien hoe belangrijk het is om over de juiste machines

en aanbouwdelen te beschikken. Met een combinatie van eigen materieel

en gehuurde specialistische tools werd de voormalige stal in korte tijd klaargemaakt

voor de volgende fase: de bouw van een nieuwe opslagloods. ❚

Bij sloopprojecten draait alles om het juiste materieel en een goede planning.

RecyclePR

RecyclePR

.EU

.EU

51


DOSSIER SLOPEN & BREKEN

Het doel: een duidelijk, robuust en toekomstgericht kwaliteitskader ontwikkelen dat menggranulaat opnieuw de plaats geeft die het verdient binnen een circulaire bouwsector.

CERTIFICATIE ZORGT VOOR ZEKERHEID EN VERTROUWEN

MENGGRANULAAT 250+: WANNEER DE SECTOR

SAMEN INZET OP KWALITEIT ÉN CIRCULARITEIT

Het gebruik van menggranulaat is in Vlaanderen al lange tijd toegelaten binnen het Standaardbestek 250 (SB250) voor de wegenbouw. Toch

stond de toepassing ervan de voorbije jaren steeds meer onder druk. Twijfels over de kwaliteit — gaande van fysische verontreinigingen

tot een te hoog gehalte aan fijn materiaal — zorgden ervoor dat voorschrijvers minder vertrouwen hadden in deze gerecyclede granulaten.

Om dat vertrouwen structureel te herstellen, nam VSOR het initiatief om de kwaliteitslat hoger te leggen. Vanuit die ambitie bracht de federatie

de certificatie-instellingen COPRO en Certipro samen. Hun gezamenlijke doel: een duidelijk, robuust en toekomstgericht kwaliteitskader

ontwikkelen dat menggranulaat opnieuw de plaats geeft die het verdient binnen een circulaire bouwsector.

Tekst & beeld COPRO

52 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


DOSSIER SLOPEN & BREKEN

Het resultaat van deze samenwerking is een bijkomend

reglement voor Meng- en Metselwerkgranulaat

250+, van toepassing op granulaten

die beschikken over een technische fiche voor

(onder)funderingen volgens SB250. Dit reglement

trad op 1 januari 2026 in werking en wordt gedragen

door beide certificatie-instellingen. Door

de introductie van Menggranulaat 250+ kiest de

sector expliciet voor:

- Transparantie naar bouwheren, ontwerpers en

aannemers;

- Een verhoogd kwaliteitsniveau, afgestemd op

de noden van vandaag;

- Meer betrouwbare en duurzame circulaire

materialen;

- Deze stap geeft voorschrijvers opnieuw het

vertrouwen dat gerecycleerde granulaten

technisch voldoen aan de strengste eisen.

COPRO zorgt er mee voor dat gecertificeerd menggranulaat 250+ met zekerheid en vertrouwen kan worden

toegepast in onderfunderingen en gebonden funderingen in plaats van betongranulaat dat nu vaak in

wegfunderingen ingezet wordt.

Certificatie als kwaliteitsgarantie:

de rol van COPRO

Binnen dit nieuwe kader speelt COPRO een

cruciale rol als certificatie-instelling. Door het

valideren van technische fiches én het uitvoeren

van bijkomende controles, waaronder extra

staal names, wordt de kwaliteit objectief en onafhankelijk

bevestigd. COPRO zorgt er zo mee

voor dat gecertificeerd menggranulaat 250+ met

zekerheid en vertrouwen kan worden toegepast

in onder funderingen en gebonden funderingen

in plaats van betongranulaat dat nu vaak in

wegfunderingen ingezet wordt. ❯

UW KWALITEITSPARTNER

IN WEGENIS EN

INFRASTRUCTUUR.

www.copro.eu

CERTIFICATIE VAN PRODUCTEN, UITVOERINGEN,

SYSTEMEN EN PERSONEN.

ONPARTIJDIG CONTROLEREN

EN CERTIFICEREN

COPRO vzw

Z.1 Researchpark-Kranenberg 190

BE-1731 Zellik (Asse)

T +32 (0) 2 468 00 95

BE 0424.377.275 – RPR Brussel

info@copro.eu – www.copro.eu

COPRO certificeert:

RecyclePR

152491-ADV2-197x130-NL.indd 1 10/02/2025 17:03 53

.EU

RecyclePR .EU


BESTEMMING GEKEND

RECYCLAGE VERZEKERD

Valipac is de eerste Europese organisatie die erin geslaagd is de bestemming

van het bedrijfsmatig plastic verpakkingsafval in kaart te brengen en de recycleurs

te controleren. Een initiatief dat de effectieve recyclage van jouw verpakkingsafval

verzekert. Goed voor jou en de planeet!

Meer info op valipac.be


DOSSIER SLOPEN & BREKEN

‘Menggranulaat 250+ vormt een concrete stap

vooruit in het gebruik en de certificatie van

circulaire materialen’

Dit betongranulaat is dan beschikbaar voor hoogwaardigere

toepassingen zoals circulair beton

en opent nieuwe perspectieven voor de betonindustrie,

die dankzij deze certificatie meer circulaire

grondstoffen op een gecontroleerde manier

kan inzetten. Deze kwaliteitsgarantie is van groot

belang voor een sector die steeds meer inzet op

duurzaamheid, circulariteit en traceerbaarheid.

Samenwerking als fundament

voor circulariteit

Het traject rond Menggranulaat 250+ toont duidelijk

wat er mogelijk is wanneer federaties, producenten

en certificatie-instellingen de handen in

elkaar slaan. Deze samenwerking tilt niet alleen

de kwaliteit naar een hoger niveau, maar versterkt

ook de circulaire ambitie van de volledige keten.

Zoals Michaël Van Schelvergem, Certification

Manager Gerecycleerde Granulaten bij COPRO,

het treffend verwoordt: “Wanneer de sector haar

krachten bundelt, ontstaat er ruimte voor kwaliteit

die iedereen vooruithelpt. Deze trajecten zijn

daarvan een sprekend voorbeeld.” Menggranulaat

250+ is dus meer dan een technisch reglement:

het is een sectorbreed engagement om gerecyclede

granulaten volwaardig in te zetten als betrouwbare,

duurzame en hoogwaardige grondstof en zo

samen te bouwen aan een circulaire bouwwereld.

Menggranulaat 250+ vormt daarmee een concrete

stap vooruit in het gebruik en de certificatie van

circulaire materialen. ❚

Het traject rond Menggranulaat 250+ toont duidelijk wat er mogelijk is wanneer federaties, producenten en certificatie-instellingen de handen in elkaar slaan.

RecyclePR

RecyclePR

.EU

.EU

55


attachments

and much more

Tramac is al 55 jaar invoerder voor

Montabert in de Benelux Sinds kort

werken we voor Nederland samen

met dealers Demarec en Hyreco

WWW.HYRECO.NL

WWW.DEMAREC.NL

S.A. TRAMAC BENELUX NV

Avenue de l’Energie 11

B-4432 Alleur

T +32 4 263 99 84

E tramac@tramac.be

W www.tramac.be


DOSSIER SLOPEN & BREKEN

HYDRAULISCHE PERCUSSIEHAMERS VOOR DIVERSE TOEPASSINGEN

LICENCE TO DRILL

De Franse fabrikant Montabert is wereldwijd

erkend om de kwaliteit van zijn sloophamers,

maar de drifters zijn eveneens een

belangrijk onderdeel in hun productie.

Tekst & beeld Tramac NV

Drifters zijn hydraulische percussiehamers, ze

draaien en slaan als het ware zoals een handgestuurde

klopboormachine. De drifters worden

ingebouwd in ofwel autonome crawlers (meestal

voor gebruik in steengroeve) ofwel in de boormakelaar

CPA in de vorm van een eenvoudig aan

te pikken hydraulische attachment zoals de sloophamers

of sorteergrijper. Deze CPA’s draaien in de

Benelux op diverse toepassingen: verankeringen,

dynamiteren, kademuren versterken … zowel in

steengroeve als burgerlijke bouwkunde.

Flexibiliteit troef

De CPA-modellen zijn beschikbaar voor graafmachines

van 8 tot 50 ton met een boordiameter

van 22 tot 127 mm. De boordiepte kan op de grote

modellen (4 ton) oplopen tot 30 m diepte. Maar

vooral de micro-cpa van slechts 700 kg is vaak een

interessante tool: standaard uitgerust met een tilt

van 45° is deze ook in een 360° versie leverbaar.

De CPA-modellen zijn beschikbaar voor

graafmachines van 8 tot 50 ton met een

boordiameter van 22 tot 127 mm.

Vooral de micro-cpa van slechts 700 kg is vaak een interessante tool: standaard uitgerust met een tilt van 45°

is deze ook in een 360° versie leverbaar.

Het grote voordeel van de CPA is de flexibiliteit:

eenvoudige opbouw met hamerfunctie en lekleiding

en radiogestuurde bediening voor de operator.

De automatische revolver om boorstangen

te verlengen en de tiltfunctie laat in combinatie

met de bakcilinder van de graaf machine diverse

werkzaamheden toe in horizontale of verticale

positie. Daarenboven is de CPA compleet vrij van

trillingen voor de arm van de graaf machine. Om

vastlopen tijdens de werkzaamheden te vermijden

worden holle stangen gebruikt, opdat perslucht

(of eventueel water) de cuttings kan omhoog

blazen. Dit kan zowel een afzonderlijke als een

hydraulische compressor zijn die Tramac eveneens

monteert op de graafmachine. De lucht wordt

doorheen de drifter ingeblazen en vervolgens

wordt via de stangen de inhoud aan de voet van

het boorgat uitgestoten na passage in een filter

om onnodig stof te voorkomen. ❚

RecyclePR

RecyclePR

.EU

.EU

57


DOSSIER SLOPEN EN BREKEN

PRIMEUR: HOOGWAARDIGE KOOLSTOFARME VULSTOF VOOR BETONSPECIE

BAANBREKENDE RECYCLINGTECHNIEK

VOOR CELLENBETON

RecyCell maakt hoogwaardige terugwinning van cellenbetonafval mogelijk.

Dat selectief slopen hergebruik en recycling mogelijk maakt, hoeft geen betoog. Toch kan het effectieve hergebruik van materialen nog

flink uitbreiden. Een van de grote uitdagingen binnen de afvalstromen is cellenbeton, waarvoor tot vandaag geen volledig circulaire oplossing

bestond. Precies daar pakt RecyCell nu uit met een primeur door afval van cellenbeton te valoriseren tot een nieuwe bouwgrondstof.

Een echte doorbraak!

Tekst Els Goethals

| Beeld RecyCell

Na ruim vijf jaar geavanceerd wetenschappelijk

onderzoek lanceert RecyCell - dat staat voor

Cellular Concrete Solutions - een vernieuwend

circulair concept. Het West-Vlaamse bedrijf slaagt

erin om sloopafval van cellenbeton hoogwaardig

te recyclen. Een baanbrekende stap die de inzet

van nieuwe grondstoffen en de CO 2

-uitstoot aanzienlijk

verlaagt.

Next-level productontwikkeling

“Cellenbeton is een bouwmateriaal dat sinds de

jaren 70 veel wordt gebruikt in de woning- en

industriebouw. Een groot deel van deze infrastructuur

is vandaag verouderd en wordt dus

gesloopt, waardoor grote hoeveelheden van deze

afvalstroom vrijkomen”, opent bestuurder Kürt

Lisabeth. “Dankzij ons innovatief recycling- en

productieproces wordt cellenbetonafval niet langer

gedowncycled tot zandvervanger, maar opgewaardeerd

tot een hoogwaardige secundaire vulstof.

Op korte termijn vindt het materiaal zijn weg

naar betonproductie, waar het tot 40% primaire

grondstof kan vervangen en waarbij minstens

dezelfde druksterktes behaald worden. We bekomen

immers een ultrafijn en perfect droog mine-

Met een korrelgrootte van minder dan 50 µm biedt RecyCell een ultrafijn,

kwalitatief vulmiddel.

Sterkteproeven tonen aan dat beton met Recycell vulmiddel equivalente

druksterktes behaalt als referentiebeton met primaire grondstoffen.

58 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


DOSSIER SLOPEN EN BREKEN

raal materiaal dat als toevoeging aan vloeibare

betonspecie de verwerkbaarheid verbetert en de

dichtheid van het eindproduct optimaliseert. Op

langere termijn zijn zelfs nog heel wat andere industriële

toepassingen mogelijk.”

Van labfase tot grootschalige

productie

“Bij een dergelijke investering, ga je niet over één

nacht ijs”, vult bestuurder Thomas Casteleyn aan.

"Het uitgebreide R&D-traject verliep in samenwerking

met het laboratorium ResourceFull en

KU Leuven en richtte zich op het volledig sluiten

van de materiaalkringloop. Daardoor kan het

materiaal tot vijftienmaal opnieuw worden gerecycled

met behoud van kwaliteit. Na jaren van geavanceerde

testing, diepgaande duurzaamheidsanalyses

en kwaliteitsborging is RecyCell klaar

voor de volgende stap: inzameling en productie

op grote schaal.”

‘Het herwonnen

product voldoet aan

alle geldende normen

en voorschriften’

Van links naar rechts: Gilles Lisabeth, Niek Casteleyn, Kürt Lisabeth en Thomas Casteleyn van RecyCell.

maatschappij (OVAM) heeft verleend”, klinkt het

bij Thomas. “Daarnaast doorlopen we momenteel

ook het COPRO-certificatietraject volgens het

TRA40- reglement. Kortom, de herwonnen grondstof

werd uitvoerig getest op kwaliteit en voldoet

aan de vooropgestelde eisen.”

Straffe ondernemers

RecyCell klinkt als een nieuwe speler in de markt,

maar vergis je niet: achter het bedrijf staan sterke

boegbeelden. Met Thomas en Kürt (KMG-Consulting)

aan het roer wordt het bedrijf gedragen door

ondernemerschap en sectorkennis. Samen met

Niek Casteleyn en Gilles Lisabeth vormen zij een

complementair team dat expertise, innovatie en

operationele slagkracht samenbrengt. De redactie

wenst hen veel succes, al zit het duidelijk goed:

de inzameling komt goed op gang en binnenkort

draait in Meulebeke ook de productie op volle

toeren. ❚

Inzamelen van zuivere afvalstromen

“Aan potentieel recyclebaar materiaal is er alvast

geen gebrek. Jaarlijks komt er immers een groeiend

volume cellenbeton vrij. Hoogwaardige recycling

begint echter bij een zuivere aanvoer. Daarom

gaan, conform de VLAREMA-regelgeving, een

selectieve inzameling en een correcte sortering

aan het productieproces vooraf. Inzamel punten

spelen daarbij een belangrijke rol. Zij zien er onder

meer op toe dat de gescheiden inzameling voldoet

aan alle kwaliteitseisen en op deze manier is

de traceerbaarheid gegarandeerd. Hiervoor werd

een netwerk uitgebouwd met partners zoals T.R.S.

en andere inzamelaars”, duidt Kürt.

Gekeurd en getest door erkende

deskundigen

“Zoals eerder vermeld, komt de marktintroductie

tot stand dankzij sterke partnerschappen. Zo

krijgt ons initiatief ook ondersteuning van de

VSOR (Vereniging van Sloop-, Ontmantelings- en

Recyclagebedrijven). Bovendien gebeurt de verwerking

binnen een streng gereguleerd kader.

Gevalideerde testresultaten bevestigen dat het

materiaal erkend wordt als een veilig, inzetbaar

product. Dat blijkt onder meer uit de officiële

grondstofverklaring die de Openbare Afvalstoffen-

Dankzij Recycell wordt cellenbetonafval opgewaardeerd tot een hoogwaardige secundaire vulstof in plaats van

gedowncycled tot zandvervanger.

RecyclePR

RecyclePR

.EU

.EU

59


LIVING UP TO

IT’S NICKNAME!

HAMMEL VB950DK

RED GIANT

De Hammel VB950DK, beter bekend als ‘The Red Giant’, is

een krachtige shredder die uitblinkt in het verwerken van

uiteenlopende afvalstromen zoals hout, metaal, kunststof,

restafval en bouw- en sloopafval. Dankzij het robuuste

ontwerp en het geavanceerde dual-shaft systeem verwerkt

deze machine moeiteloos grote hoeveelheden materiaal op

een efficiënte en betrouwbare manier.

Meer informatie op

www.smart-equipment.eu

of via info@smart-equipment.com

Van puin naar potentieel,

via een goed uitgerust

betonlabo

Betrouwbare labo- en veldoplossingen

voor circulair bouwen

Met de juiste labo-uitrusting ga je van aannemen naar

aantonen. HiLAB helpt beton- en recyclagebedrijven

met performante labo’s (Controls Group, Memmert,

Haver & Boecker). Zo wordt kwaliteit meetbaar en

bouw je een sterke reputatie.

Topmerken voor labo-uitrusting

Razendsnelle indienststelling

Opleidingen op maat

All-round servicecenter

www.hilab.be

HiLAB

Meerken 13

B-9620 Zottegem

+32 (0)53 62 71 67

info@hilab.be

CONTROLS

AUTOMAX PRO

MEMMERT

UNIVERSELE OVEN


“ZOLANG JE MAAR WEET WAAROVER JE PRAAT”

De recyclingsector wordt nog te veel gezien als een mannenwereld. Niks is minder waar. Meer en meer vrouwen vinden een job en een

plaats in de wereld van afvalinzameling en -verwerking. En we stellen ze graag uitgebreid aan je voor. In elke editie laten we een vrouw uit

de sector aan het woord over haar job en wat die precies zo fijn maakt. Als eigenaar van Kayak Maritime Services zorgt Elisabeth Lemmens

ervoor dat afval van zeeschepen een tweede leven kan krijgen.

Tekst Valérie Couplez | Beeld Kayak Maritime Services

Wat de wereld van marine en recycling gemeen

hebben? Eenmaal de microbe je te pakken

heeft, laat ze je niet meer los. Kayak Maritime

Services opereert op het kruispunt van beide.

Elisabeth heeft het dan ook zwaar te pakken.

“Je weet ’s ochtends nooit wat de dag zal brengen.

Dat zal voor sommige mensen de hel zijn,

maar voor mij maakt dat het net zo boeiend.

Je moet eigenlijk vooral problemen oplossen en

als je daar dan met heel het team in slaagt,

dan krijg je er ook veel appreciatie voor terug.”

24/7

Kayak Maritime Service ontstond in ’97 als logistieke

dienstverlener. Maar al snel werd de

ophaling van vast afval van zeeschepen aan het

takenpakket toegevoegd. Vandaag is het de belangrijkste

activiteit. Zelf is Elisabeth juriste van

opleiding. Het avontuur begon ook met een juridische

vraag van haar zus Karine die toen aan

het roer stond. “Of ik niet kon helpen om het op

te delen toen zij en haar echtgenoot uit elkaar

gingen. Ik ben nooit meer vertrokken. Eerst als

administratieve kracht, maar in een familiebedrijf

dat 24/7 ter beschikking staat van zijn

klanten, rol je vanzelf in het operationele.”

Kleine gemeenschap

Ze hebben het tot 2013 met zijn twee gerund.

Vandaag doet ze het samen met haar echtgenoot

David Mahieu en een team van veertien

medewerkers dat opvallend veel vrouwen in

de rangen telt. “Dat hoeft geen nadeel te zijn

in deze wereld. Zolang je maar weet waarover

je praat. Dat is wat telt. Uiteindelijk is het een

kleine gemeenschap, waar je niet zo makkelijk

binnen raakt. Onze achternaam helpt wat

dat betreft, want ze heeft een lange geschiedenis

in de haven. Mijn vader haalde vroeger

afvalolie op bij schepen. Eenmaal je bewezen

hebt dat je hun problemen kan helpen oplossen,

word je snel in het hart gesloten. Ik kan

veel klanten vrienden noemen.”

Nog meer recupereren

Kayak brengt het ingezamelde afval van hun

klanten naar sorteercentra voor verdere verwer-

“Eenmaal je bewezen hebt dat je hun problemen kan helpen oplossen, word je snel in het hart gesloten.

Ik kan veel klanten vrienden noemen.”

‘60% gaat nu nog naar verbranding.

Door verschillende zakken voor verschillende

stromen te introduceren, zouden we nog

meer kunnen recupereren’

king. “Sinds schepen een vaste afvalbijdrage betalen

en daarna hun afval gratis kunnen afgeven in

gelijk welke haven, kregen de volumes een boost.

Een belangrijke stap voorwaarts voor het milieu

en onze sector, maar we zijn er nog niet. 60%

gaat nu nog naar verbranding. Door verschillende

zakken voor verschillende stromen te introduceren,

zouden we nog meer kunnen recupereren.

Maar dat vraagt om een wereldwijde aanpak.

Daar blijven we voor ijveren.” ❚

RecyclePR

RecyclePR

.EU 61

.EU


NIEUWE PRE-SHREDDER EN SHREDDER VOOR VERWERKING ALUMINIUM

Tandem zorgt voor maximale

kwaliteit en efficiëntie

Familiebedrijf en metaalrecycler Capiau uit

Lokeren is zich de afgelopen jaren steeds

meer gaan specialiseren in de inzameling en

verwerking van aluminium. Om zijn positie

in een snel veranderende markt te bestendigen

en om tegemoet te komen aan de

steeds hogere kwaliteitseisen, investeerde

het recent in nieuwe shreddertechnologie.

Zato’s Blue Devil pre-shredder waakt

er voortaan over een zuivere stroom voor

Zato’s Blue Shark, een shredder specifiek

geconfigureerd voor aluminium. Samen

zorgen ze voor maximale kwaliteit en

efficiëntie bij de recuperatie van materialen.

Tekst Valérie Couplez | Beeld Zato

Capiau Recycling ontstond in de jaren 80 als afbraakbedrijf.

Wim Capiau kocht al snel een terrein

in Lokeren waar hij met het eigen schroot naartoe

kon, maar waar ook anderen terecht konden met

hun metalen. Doorheen de jaar verschoof de focus

steeds meer naar de schroothandel. Toen het er

twintig jaar geleden ook aluminium begon bij

te nemen, vond Capiau Recycling zijn definitieve

koers. “Sinds juni vorig jaar nemen we geen ferro

stromen meer binnen. We leggen ons quasi volledig

toe op aluminium”, vertelt zoon Gio Capiau,

die intussen mede-eigenaar geworden is. Het

aluminium komt uit een straal van 400 km rond

Lokeren.

Totaaloplossing op maat

In 2019 werd er al een eerste shredderlijn gebouwd

die zich uitsluitend bezig hield met aluminium.

Die botste echter tegen haar limieten

aan: te traag, beperkte capaciteit en veel slijtage.

Capiau Recycling zocht daarom een meer duurzame

en productieve oplossing.

Gio (links) en Wim Capiau: “Zato levert geen

one-size-fits-all machines, maar bouwt een

totaaloplossing op maat van de noden van klanten.

Dat is wat je nodig hebt als recycler.”

62 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


Zato’s Blue Devil en Zato’s Blue Shark zorgen samen voor maximale kwaliteit en efficiëntie bij de recuperatie van materialen bij Capiau Recycling in Lokeren.

Gio nam contact op met Zato dat een uitstekende

reputatie heeft opgebouwd door de kwaliteit van

hun technologie. Een week later stonden ze bij

hem op het terrein. “Ze leveren geen one-size-fitsall

machines, maar bouwen een totaaloplossing

op maat van de noden van hun klanten. Dat is

wat je nodig hebt als recycler”, duidt hij de keuze.

In dit geval bestond die oplossing uit een sterke

tandem: Zato Blue Devil en Zato Blue Shark, een

pre-shredder en een shredder, gecombineerd met

de nieuwste sorteertechnologie. “Zo kunnen we

zuiverdere fracties leveren en tegemoet komen

aan de steeds hogere standaarden binnen de industrie”,

vertelt Gio.

om maximale efficiëntie te verkrijgen bij verdere

verwerking in de hamermolen.

Blue Shark: shredden met precisie

Dan is het aan de Blue Shark. Bij Capiau Recycling

werd de molen specifiek geconfigureerd om aluminium

te verwerken - en alleen aluminium - wat een

reeks op maat gemaakte keuzes mogelijk maakt

om een maximale outputkwaliteit en terugwinningsefficiëntie

te garanderen. Het belangrijkste

onderdeel is de volledig geautomatiseerde pusher,

die het materiaal met een constante snelheid in

de molenkamer doseert. Dit voorkomt plotse belastingschommelingen

die overvoeding of onnodige

restanten of verontreinigingen en maakt het

schroot klaar voor een efficiënte scheiding.

De standaard

Sinds oktober draaien Zato’s Blue Devil en Blue

Shark in tandem bij Capiau Recycling. Gio prijst ook

de service van de Italiaanse fabrikant. “We hebben

een WhatsApp groep met hun team. Als we een

probleem hebben, dan komen ze binnen enkele

minuten met oplossingen. Je staat er dus nooit

alleen voor. Daarmee onderscheiden ze zich echt

van andere machinefabrikanten.” Met deze investeringen

van 10 miljoen euro wil Capiau Recycling

de komende jaren de standaard voor aluminium

Blue Devil: uitgekiende

pre-shredding

Pre-shredden is om verschillende redenen interessant.

Voor de veiligheid bijvoorbeeld, bijna alle

risico’s op ontploffingen in de shredder worden al

geëlimineerd. Daarnaast helpt de installatie om

energie te besparen, omdat de hamermolen geen

hoge pieken hoeft te trekken. De Blue Devil is geknipt

voor de taak bij Capiau Recycling. Of het nu

gaat om balen of gegoten aluminium of extrusies,

hij verkleint het materiaal met een gecontroleerde

en constante kracht. Met behulp van 60 messen

op twee tegengesteld draaiende assen wordt het

aluminium geknipt in plaats van gescheurd, wat

een cruciaal verschil maakt bij de verwerking

van lichtere, non-ferro materialen. Het resultaat

is een gestage, dichte en uniforme stroom van

voorgesneden materiaal dat is geoptimaliseerd

‘Als we een probleem hebben,

dan komen ze binnen enkele minuten

met oplossingen. Je staat er dus nooit

alleen voor’

slijtage veroorzaken. De pusher werkt in harmonie

met de rotor en de hoofdaandrijving, waardoor

het materiaal zonder onderbreking continu door

de werkzone stroomt. De rasterconfiguratie speelt

een doorslaggevende rol bij het bepalen van de

outputgrootte en het verwerkingsgedrag. Dit garandeert

hoogwaardig aluminium zonder kleine

recycling op de Belgische markt worden. Naast de

shredderinstallatie hebben ze ook geïnvesteerd in

de laatste nieuwe sorteertechnieken. “We willen

bekend staan als dé plek om aluminiumschroot

naartoe te brengen, maar ook als een betrouwbare

leverancier voor smelterijen”, zegt Gio. “Stap voor

stap blijven we de lat hoger leggen.” ❚

RecyclePR

RecyclePR

.EU 63

.EU


Duurzame infrastructuren ontstaan pas door de interactie van uiteenlopende technologieën en strategieën.

60E EDITIE KIEST VOOR EEN VIERDAAGSE FORMAT

Circulariteit als motor voor

concurrentiekracht

Van 4 tot en met 7 mei 2026 viert IFAT München zijn 60-jarig jubileum. De toonaangevende vakbeurs voor milieutechnologie grijpt dat moment

aan om niet alleen terug te blikken op zes decennia innovatie, maar vooral om vooruit te kijken.

Tekst Kris Vandekerckhove / Van Ekeris Expo Service | Beeld Van Ekeris Expo Service

Met een vernieuwde positionering, een aangepast

beursformat en een scherpere inhoudelijke focus

onderstreept IFAT München haar rol als wereldwijd

platform voor oplossingen rond water, recycling

en circulariteit.

Vierdaags format voor meer

efficiëntie

Een belangrijke wijziging voor 2026 is de inkorting

van de beurs van vijf naar vier dagen. IFAT

München vindt voortaan plaats van maandag tot

en met donderdag. Volgens organisator Messe

München is deze beslissing genomen na uitgebreide

evaluaties en overleg met exposanten en

brancheorganisaties. Het nieuwe schema moet de

beurs efficiënter maken en tegelijk de middelen

van exposanten en bezoekers sparen. Met deze

aanpassing wil IFAT inspelen op de veranderende

noden van de markt. In een tijd waarin bedrijven

kritisch kijken naar tijdsbesteding, logistiek en

kostenstructuren, moet een beursbezoek maximaal

rendement opleveren. De openingstijden

blijven ongewijzigd, waardoor de beschikbare tijd

op de beursvloer optimaal benut kan worden.

De uitdagingen waar de sector voor staat zijn complex en sterk met elkaar verweven.

64 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


Nieuwe naam, duidelijke focus

Naast het aangepaste format krijgt IFAT München

een vernieuwde naam: IFAT München – Oplossingen

voor water, recycling en circulariteit. Daarmee

wordt expliciet gemaakt waar de beurs vandaag

voor staat. De uitdagingen waar de sector mee te

kampen heeft zijn complex en sterk met elkaar verweven:

schaarse grondstoffen, geopolitieke spanningen,

kwetsbare toeleveringsketens en klimaatverandering.

Leveringszekerheid, ecologische veerkracht

en economisch concurrentievermogen kunnen

niet langer los van elkaar worden gezien. Het

sluiten van materiaalkringlopen is geen vrijblijvende

ambitie meer, maar een strategische noodzaak.

Tegelijk benadrukt IFAT dat circulariteit slechts

een deel van de oplossing is. Duurzame infrastructuren

ontstaan pas door de interactie van

uiteenlopende technologieën en strategieën: van

efficiënt water- en afvalwaterbeheer tot digitale

tools en sectoroverschrijdende samenwerking.

Groei in uitdagende tijden

Dat milieutechnologie aan belang wint, blijkt ook

uit de cijfers. Vijf maanden voor de start van de

beurs ligt het aantal inschrijvingen al 10% hoger

dan bij de vorige editie. Er worden meer dan

3.000 exposanten uit ruim 60 landen verwacht,

verspreid over circa 300.000 m² beursoppervlakte

in achttien hallen en grote delen van het buitenterrein.

Opvallend is bovendien de groeiende

belangstelling vanuit politiek, wetenschap en

bedrijfsleven. In een periode van economische

stagnatie blijft de milieutechnologiesector groeien

en levert zij een wezenlijke bijdrage aan de toekomstige

concurrentiekracht van Europa.

Leveringszekerheid, ecologische veerkracht en economisch concurrentievermogen kunnen niet langer los van

elkaar worden gezien.

Kennisdeling en innovatie centraal

Zoals steeds vormt kennisuitwisseling een kernonderdeel

van het beursconcept. In 2026 wordt

het inhoudelijke programma georganiseerd rond

drie thematische podia. Blue Stage focust op waterbeheer,

waterhergebruik en klimaatbestendige

infrastructuur. Orange Stage legt de nadruk op

circulaire economie, grondstofefficiëntie, logistiek

en technologie in gemeentelijk beheer en afvalverwerking.

Op Green Stage presenteren exposanten

hun innovaties in directe interactie met het

publiek.

Daarnaast zijn er rondleidingen, themagebieden,

live demonstraties en wedstrijden. In de Startup

Area krijgen jonge bedrijven en nieuwe samenwerkingsmodellen

een prominente plaats. Met deze

combinatie van inhoudelijke verdieping, internationale

netwerking en technologische innovatie

positioneert IFAT München 2026 zich nadrukkelijk

als katalysator voor de transitie naar een circulaire

en grondstofefficiënte economie. Zestig jaar

na haar oprichting blijft de beurs niet alleen een

spiegel van de sector, maar ook een motor van

verandering. ❚

Het sluiten van materiaalkringlopen is geen vrijblijvende ambitie meer, maar een strategische noodzaak.

Er worden meer dan 3.000 exposanten uit ruim 60

landen verwacht, verspreid over circa 300.000 m²

beursoppervlakte in achttien hallen en grote delen

van het buitenterrein.

RecyclePR

RecyclePR

.EU 65

.EU


Om LDPE op een hoogwaardige manier te recyclen, bouwde Bollegraaf een sorteerinstallatie met een capaciteit van 13,5 ton per uur.

BAANBREKENDE PRIMEUR OP IFAT 2026

DE SLIMME RECYCLINGINSTALLATIE VAN

DE TOEKOMST, VANDAAG AL REALITEIT

Uitdagingen zijn er genoeg voor de recyclingindustrie. Denk aan complexere materiaalstromen, hogere kwaliteitseisen, structurele

personeelstekorten en de steeds strengere regelgeving. Toch ziet Bollegraaf als innovator en producent van recyclingfaciliteiten net ook

kansen. Met ‘NextGen MRF’ onthult de wereldmarktleider zijn gloednieuwe digitaliseringsprogramma. Ontdek deze veelbelovende innovatie

tijdens IFAT 2026 in München.

Tekst Els Goethals | Beeld Bollegraaf Groep

De Bollegraaf Groep is een toonaangevende Nederlandse producent van

hoogwaardige sorteer- en recyclinginstallaties. Met meer dan 65 jaar ervaring

in Europa en een sterke aanwezigheid in de VS en Canada, is de wereldspeler

traditioneel sterk in robuuste mechanische oplossingen. Van ballistische

scheiders en balenpersen tot volledig geïntegreerde sorteerfaciliteiten

en andere turnkey-oplossingen. Tegelijk staat innovatie nooit stil …

Mijlpaal in digitalisering

“Geavanceerde technologieën – zowel AI-toepassingen als andere uitbreidingen

– worden continu verder ontwikkeld. Zo ondersteunt Bollegraaf recycling-bedrijven

om toekomstbestendig te blijven, kostenefficiënter te werken en een hogere

zuiverheid van materiaalstromen te bekomen. We zijn dan ook trots te melden

dat Bollegraaf een nieuwe mijlpaal bereikt in digitalisering”, vertelt COO

Barry Haas. “Ons digitaliseringsprogramma ‘NextGen MRF’ maakt recyclinginstallaties

slimmer, meetbaarder en signaleert problemen nog vóór ze zich

voordoen. Dat bewijst het succesvolle pilootproject bij Broeckx Plastic Recycling

waarbij een baanbrekende, AI-gestuurde sorteerinstallatie gerealiseerd werd.”

Bij projecten zoals dat bij Broeckx staat Lubo Recycling Solutions, een volwaardige

dochteronderneming van Bollegraaf, in voor de ballistische scheidingstechnologie.

66 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


1 + 1 is meer dan 2

“Bij Bollegraaf brengen we complementaire domeinen samen: onze sterke

mechanische oplossingen, Greyparrot AI-camera’s, robotica en sensortechnologie.

Het resultaat is geen eenvoudige optelsom van functies, maar intelligente

installaties die tal van voordelen opleveren zoals lagere operationele

kosten en hogere winstmarges voor recyclingbedrijven”, duidt Tom Wijkel,

product manager digitalization bij Bollegraaf. “Door een digitale laag toe

te voegen, verzamelen we niet alleen data, maar verbeteren we pro-actief de

prestaties van de installaties. Waar een operator vroeger puur op eigen ervaring

een installatie bijstuurde, krijgt hij nu concrete, datagedreven inzichten

aangereikt. Zo vertaalt de kracht van Bollegraaf zich op de werkvloer.”

Digitale innovatie in primeur op IFAT

“Proactieve optimalisatie op basis van de enorme hoeveelheid data die het

systeem genereert, is geen droom meer, maar realiteit”, klinkt het bij Haas.

“IFAT München 2026 is dé place-to-be om dit met eigen ogen te zien. Bij

Bollegraaf maken we ons volop klaar om er in primeur onze eerste stap richting

‘NextGen MRF’ voor te stellen.” Dashboards tonen live hoe intelligente

technologie volledige recyclingprocessen inzichtelijk maakt en mee aanstuurt.

Experts uit verschillende afdelingen – onder wie Wijkel en Haas zelf –

staan klaar om specifieke vragen over installaties te beantwoorden. Benieuwd

hoe je je sorteer- en recyclingprocessen verder kunt optimaliseren? Bezoek

Bollegraaf op stand B5.327 tijdens IFAT van 4 tot 7 mei 2026. Je krijgt niet

elke dag de kans om digitale experts te spreken! Maar bij Bollegraaf is dat

net een grote troef. Zo vervoegde ook Fabrizio Radice recent de Bollegraaf

Groep als CCO, voorheen was hij sterk betrokken bij de digitalisering van de

Noorse groep Tomra Recycling.

Bollegraaf ontwerpt turnkey-oplossingen voor vrijwel elk type afvalstroom.

Proceskennis als toegevoegde waarde

“Dankzij onze decennialange ervaring in het ontwerpen en bouwen van complete

installaties op maat begrijpen we de doelstellingen en uitdagingen

van de recyclingsector door en door. Die bewezen expertise gaat verder dan

alleen machines. Het rendement voor de klant maximaliseren, dát is ons doel.

Daarom bekijken we als procesingenieurs het volledige recyclingproces. We

denken mee met de klant over hoe een groeipad eruit kan zien. Zelfs één

slimme schakel toevoegen kan een optimaliserend effect hebben op het hele

proces”, besluit Haas. ❚

‘NextGen MRF’ maakt recyclinginstallaties

slimmer, meetbaarder en beter voorspelbaar’

RecyclePR

RecyclePR

.EU

.EU 67


u n i v e r s a l w a s t e s h r e d d e r

Hall B6

stand 404

Uw garantie

voor een duurzame

shredderoplossing

4-7 mei 2026

• constante en instelbare dosering van uw outputstroom

• aanpasbare verkleiningsgraad

• zakkenopener functie

• capaciteit tot 200 m3/uur

• ultra resistent tegen stoorstoffen - beperkte voorsortering

vereist

• maximale beschikbaarheid

• lage operationele kosten

• e-Shred ® : volledig elektrische aandrijving

• Switch ® : snel verwisselbare snijtafel

• beschikbaar als shredder - cutter - ripper

100% designed and manufactured in Belgium

Nijverheidsstraat 13 • 8740 Pittem • België

tel. + 32 51 46 75 51 • rentec@rentec.be • www.rentec.be

RECYCLEPRO_202602 VL_197x130.indd 1 9/03/2026 10:31

Securing the technological lead—

at IFAT Munich.

Welcome to IFAT Munich—Solutions for Water, Recycling and Circularity

Whether resource efficiency, smart water use or the digitalization of cycles: IFAT Munich provides concrete solutions

for the industry of tomorrow. With leading technology providers from over 60 countries, expert knowledge and global

networking—it’s the meeting place for decision-makers and progress with impact.

May 4–7, 2026 | Messe München

Get your ticket now: ifat.de/en

ifat.de/en

260006 IFAT26_Anzeige_General-Industry_197x130_Recyclepro_E-Benelux.indd 1 21.01.26 14:20


INTERNATIONAAL VERVOER – ZEETRANSPORT

We leven in een multimodale wereld waarin goederen via uiteenlopende transportmodi de aarde rondreizen voordat ze hun eindbestemming

bereiken. In dit artikel focussen we op internationaal vervoer en in het bijzonder op zeetransport.

Tekst Group Casier | Beeld iStock

Geen twee zendingen zijn hetzelfde. Daarom moet een transportverzekering worden afgestemd op de specifieke eigenschappen en risico’s van de goederen.

Internationaal zeetransport blijft een efficiënte,

maar risicovolle schakel in de wereldhandel. Stormen

en ruwe zee kunnen containers doen verschuiven

of overboord slaan, terwijl brand aan boord

vaak zware schade veroorzaakt. Piraterij vormt in

bepaalde regio’s een bijkomend gevaar, net als

diefstal en beschadiging tijdens overslag in havens.

‘In een steeds complexere logistieke keten

blijft een transportverzekering een onmisbare

bescherming’

Incoterms en

internationale compliance

De gekozen Incoterm bepaalt de rechten en

plichten van koper en verkoper bij internationaal

goederenvervoer. Ze legt vast wie welke kosten

draagt en op welk moment het risico van verlies

of schade overgaat. Daarnaast moeten de

compliancevereisten van het bestemmingsland

worden nageleefd. In sommige landen is een

lokale verzekering verplicht voor het verdere

traject tot aan de uiteindelijke levering.

Maritieme principes en bijkomende

verplichtingen bij zeetransport

Wie voor zeetransport kiest en het risico zelf

draagt, blijft onderworpen aan maritieme regels

zoals Averij Grosse. Bij een noodsituatie waarbij

kosten of opofferingen worden gedaan voor het

gemeenschappelijk behoud van schip en lading

(zoals het overboord gooien van lading, sleepkosten

of noodreparaties), moeten alle ladingeigenaars

proportioneel bijdragen. Zonder verzekering

moet men vaak een aanzienlijke bankgarantie

stellen voordat de goederen worden vrijgegeven.

In België geldt daarnaast de classificatieclausule:

goederen moeten worden vervoerd op schepen

erkend door IACS of Nationale Vlag Maatschappij.

Transportverzekering als essentieel

vangnet

Een transportverzekering biedt tegen al deze

risico’s een noodzakelijke financiële buffer en

zorgt ervoor dat zowel materiële schade als bijkomende

kosten deskundig worden afgehandeld.

In een steeds complexere logistieke keten blijft ze

dan ook een onmisbare bescherming.

Waarom maatwerk onmisbaar is

Geen twee zendingen zijn hetzelfde. Daarom

moet een transportverzekering worden afgestemd

op de specifieke eigenschappen en risico’s van de

goederen. Sommige ladingen vereisen bijzondere

aandacht op het vlak van verpakking, behandeling,

opslag of vervoer. Denk aan deklading,

temperatuurgevoelige producten of gevaarlijke

goederen, die elk hun eigen aandachtspunten

meebrengen. Voor dergelijke ladingen volstaat

een standaardverzekering vaak niet, en is maatwerk

nood zakelijk om tijdens elke fase van het

transport de juiste bescherming te garanderen.

Heb je vragen of wens je meer info? Neem dan

contact op met Bart Pieters, Corporate Consultant

bij Group Casier, b.pieters@casier.be. ❚

RecyclePR

RecyclePR

.EU 69

.EU


FleXiever®

SCREENING SOLUTIONS

DE MARKTLEIDER VOOR

MINI- EN MIDI ZEEFOPLOSSINGEN

• Standaard modellen in Stock

• modulaire oploSSingen op maat

• Sterke prijS-kwaliteitverhouding

• eigen demo Site met 12 machineS

• afSpraak op zaterdag mogelijk

Contacteer ons voor meer info,

demo’s, bedrijfsbezoek, ...

Ontdek ons volledig gamma

op onze website!

Modulaire

maatwerkoplossingen!

+32 9 224 91 00

info@flexiever.be

www.flexiever.be | Nieuwendorpe 14, 9900 Eeklo | +32 9 224 91 00 | info@flexiever.be



Nieuwe kansen voor de circulaire

economie

Ondanks de circulaire ambities van onze overheid en samenleving staat de recyclingsector onder druk, onder grote druk zelfs.

Daar waar puinbrekers, afvalsorteerders en recyclers met hun 80% recyclingpercentage zorgen voor het zogenaamde succes

van onze circulaire economie, raken steeds meer van deze ondernemers bekneld in surrealistische wet- en regelgeving.

In de actualisatie van het Nationaal Programma Circulaire Economie dat eind

2025 is vastgesteld streeft het Ministerie van I&W naar 82% recycling in

2035, waarvan ook nog eens 15% hoogwaardig gerecycled moet zijn. Het

tussendoel in 2030 wordt aangepast naar een recyclingpercentage van minimaal

80% van het Nederlandse afval waarvan dan ook nog eens minimaal

11% hoogwaardig wordt gerecycled. Dat deze doelstellingen in schril contrast

staan met de doelstellingen uit 2016 is een feit, dat de vernieuwde doelstellingen

realistischer en concreter zijn eveneens. Sterker nog, met alleen het

recyclen van oud beton naar nieuw betongranulaat halen we op dit moment

al bijna die 11%. Dus die kans om de doelstellingen te bereiken hebben we

alvast ingevuld.

Maar er zijn meer kansen; neem bijvoorbeeld het repareren en refurbishen van

wit- en bruingoed, of het refurbishen van zonnepanelen en autolaadpalen.

Activiteiten die al op redelijke schaal plaatsvinden maar die hopelijk door

de verschillende taskforces voor circulaire elektronicaketens een boost gaan

krijgen. In dat kader kom ik nog even terug op mijn opmerking in de eerste

alinea van dit voorwoord. Nieuwe wet- en regelgeving brengt recyclers in de

knel, en daarmee ook die kansen om te komen tot een volledig circulaire

economie. Het meest nijpende voorbeeld is het besluit Financiële Zekerheid

Milieubeheer. Een besluit dat door een lobby van het IPO door de tweede

kamer is gedrukt en waardoor bonafide recyclingondernemingen ettelijke

miljarden euro’s moeten gaan alloceren ter dekking van mogelijke financiële

risico’s (dus geen ecologische risico’s) die worden veroorzaakt door start-ups

en malafide ‘zogenaamde’ recyclingondernemingen. Dood geld, dat niet

geïnvesteerd kan worden in innovatie en verduurzaming.

Hier ligt een kans voor minister Karremans van Economische Zaken: grijp in

op dit onzalige dossier en laat dit tevens één van 500 overbodige wetten en

regels zijn die onder uw bewind een halt zijn toegeroepen. Dit is niet alleen

een kans voor de minister, maar juist voor de circulaire economie.

Ik wens de minister veel wijsheid.

Otto Friebel, Directeur BRBS Recycling.

72 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


Europese productnormen worden

herzien; wat kunnen we verwachten?

In een eerder nummer van BEwerken schreven we over de herziene Bouwproductenverordening en de getrapte invoering

hiervan. Een belangrijk onderdeel van deze veranderingen is dat de Europese productnormen worden aangepast, op basis

waarvan CE markering moet worden afgegeven. De getrapte invoering betekent onder meer dat grote delen van de Bouwproductenverordening

pas van kracht zijn als deze productnormen gereed zijn. Wat kunnen we hier van verwachten?

De Bouwproductenverordening is per 1 januari

2024 van kracht geworden. In eerste instantie

betreft dit vooral onderdelen die het mogelijk

maken dat de Europese Commissie het heft in

handen neemt voor de herziening van de Europese

productnormen. Dat gebeurt via standardization

requests die per productgroep worden opgesteld

en die feitelijk de opdracht zijn voor CEN (Europese

Normalisatie Organisatie) om de normen aan te

passen. Hiervoor wordt zo’n drie jaar uitgetrokken,

inclusief het opstellen van de normen. Dit

proces wordt Acquis genoemd. De productgroep

aggregates (korrelvormige materialen waaronder

ook recyclinggranulaat) is de tiende productgroep

waarvoor dit proces is gestart. Dit was in het

voorjaar van 2025. In het najaar van 2025 is ook

de productgroep Road Materials (wegenbouwmaterialen)

gestart. De verwachting is dat het

standardization request veel bekends zal bevatten

uit de nu bekende Europese productnormen, zoals

de EN 13242 voor ongebonden aggregaten en de

EN 12620 voor toeslagmaterialen voor beton. Een

lastige eis die wordt gesteld is dat er maar één testmethode

mag bestaan voor een bepaalde eigenschap.

Een voorbeeld is de LA-waarde, waarvoor in

andere landen andere methoden worden gehanteerd.

Dit is een proef die iets zegt over de sterkte

van de korrels. Voor bijvoorbeeld de bepaling van

de alkali toeslagreactie bestaat er zelfs nog geen

geharmoniseerde methode. Hierover moet dus nog

de nodige discussie worden gevoerd.

Ook milieu-eigenschappen

Bovendien worden de productnormen uitgebreid

met methoden voor het testen van uitloging, milieukwaliteit

en voor de bepaling duurzaamheidsaspecten.

Dit betekent dat de prestatieverklaring

(verplicht document waarop de prestatie van het

product moet worden vermeld) wordt uitgebreid.

Dit houdt in dat de producent uitloogonderzoek

moet doen volgens de Europees vastgestelde

methode. Dit is echter een andere dan de huidige

Nederlandse methode. Ook volgen er afspraken

over monsterneming en bepaling van de keuringsfrequenties

uit de Europese normen en niet meer

vanuit de Nederlandse regelgeving. Voor mensen

die goed zijn ingevoerd in deze regels, is duidelijk

dat het grote problemen oplevert als dit niet goed

gebeurt. De aloude Nederlandse kolomproef en

aanpalende eisen moeten, rekening houdend met

een overgangsperiode, worden ingetrokken als de

Europese normen klaar zijn.

Andere veranderingen

Producenten worden volgens de nieuwe Bouwproductenverordening,

net als bij de oude, duidelijk

verantwoordelijk gesteld voor de kwaliteit van hun

producten en de levering van informatie daarover.

Dat gaat niet alleen via de prestatieverklaring, die

‘prestatie- en conformiteitsverklaring’ gaat heten,

maar ook via de CE markering, aanvullende veiligheidsinformatie,

gebruiksinformatie en ook informatie

over de afvalfase van de producten. Voor dit

alles wordt een productpaspoort ontwikkeld dat de

informatie vindbaar en zichtbaar moet maken. Dit

kan via digitale weg, want de Bouwproductenverordening

onderkent dat digitale informatie-uitwisseling

niet meer is weg te denken en administratieve

lasten kan voorkomen. Interessant is de ruimte die

de Bouwproductenverordening geeft voor private

keurmerken. De nieuwe tekst geeft aan: ‘andere

markeringen dan de CE-markering, met inbegrip

van particuliere merktekens, mogen alleen op

een product worden aangebracht, indien zij niet

aangeven dat de prestaties van het product met

betrekking tot essentiële kenmerken die onder

toepasselijke geharmoniseerde technische specificaties

vallen, moesten worden beoordeeld op een

andere wijze dan die welke in deze verordening

is vastgesteld’. Dit betekent dat een certificatieregeling

de essentiële kenmerken wel mag

vermelden, maar niet andere methoden mag voorschrijven

of dergelijke. Omdat de Bouwproductenverordening

de technische, milieu- en duurzaamheidseisen

samenbrengt, mag worden verwacht

dat dit voor Nederlandse certificatieregelingen ook

interessant kan zijn. Het is de moeite waard dit te

onderzoeken!

Rol Nederland

Nederland heeft gedegen en gedetailleerde milieuregelgeving,

die voor een groot deel moet worden

ingetrokken, als de productnormen van kracht

worden. De lidstaat Nederland dient daarom

Bouwafval.

adequaat in te spelen op de ontwikkelingen, om

te voorkomen dat de voorsprong die er bestaat

op gebied van bouwen, circulariteit en recycling

niet een remmende voorsprong wordt. Nederland

heeft haar regelgeving goed voor elkaar,

maar er is geen garantie dat dat zo blijft als de

Bouwproductenverordening geheel van kracht is.

Het gelijk speelveld voor secundaire en primaire

materialen en de goede balans tussen circulariteit,

recycling en bodem- en milieubescherming staan

al onder druk, maar dit neemt toe als dit niet

goed wordt bewaakt. Het belang van Nederland

vanuit recyclingoogpunt kan in deze niet genoeg

worden benadrukt. Elders in dit nummer is te lezen

dat er voorstellen worden gedaan om de eindeafvalregels

voor recyclinggranulaten te combineren

met de Europese productnormen. Dit brengt extra

zorgen met zich mee, omdat de afwijkende uitloogvoorschriften

die binnen de einde-afval regels

worden voorgesteld ook impact kunnen krijgen op

de productnormen.

Werk aan de winkel

De kans dat de strakke planning van de Europese

commissie wordt gehaald, is niet goed in te schatten.

Enerzijds zijn er vanuit technisch oogpunt nog

de nodige vertraging te verwachten. Anderzijds

heeft de Commissie laten zien (bij andere productgroepen),

dat zij in staat is om voldoende druk op

de ketel te zetten en de planning te halen. Dat kan

in theorie betekenen dat over pakweg 2,5 à drie

jaar er nieuwe normen zijn, die de bovengenoemde

nieuwe eisen implementeren. En die hebben

rechtstreeks invloed op de producenten van korrelvormige

materialen voor de bouw.

RecyclePR

RecyclePR

.EU 73

.EU


Ontwikkeling Europese einde-afval

eisen voor recyclinggranulaten:

grote gevolgen

De Europese Commissie werkt aan EU-brede einde afval (EoW) criteria voor recyclinggranulaten. Het Joint Research Centre

(JRC) wil op korte termijn de opdracht die het kreeg van de Europese commissie afronden. JRC doet voorstellen met

daarin onder meer uitloogeisen, invulling van REACH eisen en een voorstel om dit alles via de Europese productnormen

verplichtend op te leggen.

Omdat hier veel regelgeving en kennis bij elkaar

komt, is het voorstel complex en technisch, maar

het kan ingrijpende gevolgen hebben voor de

recyclingsector en de circulaire economie in

Nederland en Europa. In verschillende lidstaten

bestaan al goed functionerende nationale

EoW-regelingen voor recyclinggranulaten. Als

Europese einde-afvalcriteria worden ingevoerd,

moeten deze regelingen echter verdwijnen. JRC

motiveert de noodzaak van Europese criteria,

met argumenten over interne markt en Europese

uniformiteit. Omdat van grensoverschrijdende

handel maar beperkt sprake is en waar nodig dit

goed is geregeld, wordt dit in de sector niet als

knelpunt wordt ervaren. Europese harmonisatie,

die ook is gericht op wegnemen van handelsbelemmeringen,

is er al via de Bouwproductenverordening

en Europese productnormen.

Spanningen met CE-markering en

markttoegang

De meeste soorten gerecyclede aggregaten zijn

momenteel verplicht CE-gemarkeerd, waardoor ze

op de markt mogen worden gebracht, ook als ze

juridisch nog als afval gelden. JRC stelt nu voor

om de einde-afval criteria onderdeel te maken van

de CE-markering (de geharmoniseerde Europese

productnormen onder de Bouwproductenverordening).

Hiermee wordt EoW-naleving in de praktijk

een voorwaarde voor markttoegang. Dit kan

betekenen dat de groep recyclinggranulaten die

niet aan de EoW eisen voldoet, maar die vandaag

nog legaal mag worden toegepast, straks van de

markt moet verdwijnen. Terwijl deze eisen dus

niet gelden voor andere, concurrerende bouwproducten.

Bovendien wordt de legitimiteit van

het toepassen van de CE-markering afhankelijk

gemaakt van de vraag of het product einde-afval

is. Het mag duidelijk zijn dat dat veel onzekerheid

kan geven. Dus samenvattend leidt dit tot

extra kosten, nieuwe handelsbelemmeringen en

onzekerheid in een toch al gevoelige markt.

Gebrek aan risicobenadering en

impactanalyse

De uitloogwaarden en uitloogmethoden die

worden voorgesteld voor de vaststelling van de

einde-afvalstatus, zijn uit meerdere oogpunten

contraproductief. Ten eerste zijn ze onvoldoende

gebaseerd op een gedegen milieukundige risicoanalyse,

die rekening moet houden met lokale

(onder meer geologische) omstandigheden. Ten

tweede is de voorgestelde uitloogmethode niet

afgestemd op nationale en inmiddels Europees

geaccepteerde normen. Dubbel testen ligt dan

voor de hand. Ten derde is de ‘getrapte aanpak’

hoe de limietwaarden moeten werken geen oplossing.

Wat onontbeerlijk is, is dat de nadelen van

de geharmoniseerde Europese uitloogmethode

(kolomproef die een lange doorlooptijd heeft en

die deze praktisch onwerkbaar maakt) worden

opgevangen. Het Nederlandse statistische

(k-waarde) systeem is daarvoor bij uitstek bewezen

geschikt, maar behoeft nog zeker Europese lobby

en ondersteuning. De ‘getrapte aanpak’ betreft

de EU-brede EoW-criteria (limietwaarden voor

uitloging), met daarbovenop de mogelijkheid

voor lidstaten om lokaal strengere eisen te stellen.

In de praktijk leidt dit tot een onlogische situatie

Verwerking van minerale grondstoffen.

waarin een materiaal volgens EU-regels geen afval

meer is, maar nationaal alsnog als afval wordt

aangemerkt. Dat creëert juridische onzekerheid

voor producenten, afnemers en toezichthouders.

De criteria missen daardoor hun doel en lossen

niets op.

Samen optrekken en tijd voor

heroverweging

De sector trekt op Europese schaal eensgezind en

breed op om de discussie met JRC en de Europese

commissie aan te gaan. Het zou helpen als overheidspartijen

zich ook uitspreken. De omvangrijke

stroom bouwgrondstoffen zou bij uitstek voor

Nederland, als lidstaat die op dit gebied vooroploopt

en veel te verliezen heeft, rechtvaardigen

dat hier serieus naar wordt gekeken. De kernboodschap

vanuit de sector is duidelijk: de voorstellen

proberen een oplossing te bieden voor een

probleem dat in de praktijk niet bestaat. Inhoudelijk

zijn de voorstellen niet acceptabel. Voordat

de voorstellen worden opgenomen in bindende

EU-regels, is daarom een grondige herziening

noodzakelijk. Dit kan niet zonder gedegen analyse

van nationale ervaringen en een open dialoog

met de sector.

74 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


Het wil maar niet vlotten met

de circulaire economie

De Integrale Circulaire Economie Rapportage 2025 van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) stelde in het voorjaar

van 2025 al dat Nederland niet op schema ligt voor een circulaire economie in 2050. Ondanks initiatieven, daalt het

grondstoffengebruik onvoldoende en neemt de afhankelijkheid van import toe. De transitie bevindt zich nog niet in de

versnellingsfase, wat de urgentie voor steviger beleid vergroot.

De belangrijkste punten uit de ICER 2025 zijn als volgt benoemd:

• geen versnelling: de transitie naar een circulaire economie verloopt te

traag, ondanks diverse maatschappelijke initiatieven;

• grondstoffengebruik: het lukt onvoldoende om het structurele gebruik

van primaire (nieuwe) grondstoffen te verminderen;

• kwetsbaarheid: de afhankelijkheid van de import van (kritieke) grondstoffen

is groot, wat de noodzaak voor circulariteit vergroot door

geo politieke spanningen;

• beleid: stevig, specifiek Europees en nationaal beleid is noodzakelijk om

de doelstellingen voor 2050 te halen.

Rapportage

Deze rapportage uit 2025 benadrukte nogmaals dat de huidige koers niet

voldoende is om de circulaire ambities te realiseren. Een conclusie die de

afval- en recyclingbranche deelt en die tevens vraagt om stevig ingrijpen

in wet- en regelgeving en beleid. Met de publicatie van het Nationaal

Programma Circulaire Economie 2025 is de eerste tweejaarlijkse actualisatie

van het circulaire economie-beleid voor Nederland bekendgemaakt. Het

programma benadrukt de economische noodzaak en kansen, maar stuit toch

op kritiek vanwege lagere ambities, onvoldoende financiering en stijgend

grondstoffengebruik in de voorgaande jaren. Het PBL stelt dan ook dat de

plannen en middelen nog onvoldoende zijn voor versnellen van de transitie

van een lineaire naar een circulaire economie.

Stientje van Veldhoven.

Houtafval.

Onbestaanbaar

Met het bovenstaande in het achterhoofd is het dan ook onbestaanbaar

dat het kabinet heeft besloten om de polymerenheffing niet in te voeren,

waarmee het kabinet tegemoet komt aan wensen van de Nederlandse

kunststofi ndustrie en het polymeerverwerkende midden- en kleinbedrijf. Hiermee

werd het probleem (en de verantwoordelijkheid) namelijk verschoven

van de voorkant van de keten naar de achterkant van de keten, de afval- en

recyclingsector. Het schrappen van deze belastingheffing creëert een gat van

567 miljoen euro, dat deels via de afvalstoffenheffing op de burger wordt

verhaald. Maar dit is niet alles. Door deze verschuiving is het op termijn

niet meer interessant om bijvoorbeeld bouw- en sloopafval, de grootste

afval fractie in Nederland, in eigen land te sorteren en verwerken. Hierdoor

verdwijnen potentieel hernieuwde grondstoffen naar het buitenland en sluit

een heel groot deel van de recyclingbedrijven de poorten voor dit type afval.

Er komt dus geen versnelling, geen grondstoffenhergebruik, meer kwetsbaarheid

en de doelen voor 2050 worden ook niet gehaald. Kortom: een slechte

maatregel voor de circulaire economie.

Hoe is het zover gekomen?

De afvalsector heeft breed aangegeven dat de verschuiving van de

compensatie van de inkomstenderving van de polymerenheffing richting

het afvaldomein onverstandig is. Als gevolg hiervan hebben de ministeries

van Infrastructuur en Waterstaat, Klimaat en Groene Groei en Financiën een

werkgroep de opdracht gegeven om alternatieven te vinden voor het gat

van 567 miljoen euro. Dit heeft men de werkgroep Afvalsector genoemd.

Het spreekt voor zich dat deze werkgroep, overwegend ingevuld met

RecyclePR

RecyclePR

.EU 75

.EU


Sloopkraan.

vertegenwoordigers van afvalverbrandingsinstallaties, pleit voor het ontzien

van afvalverbrandingsinstallaties en stortplaatsen en vooral de lasten bij

andere partijen neer wil leggen. Zo is dit probleem immers ook op hun bordje

terechtgekomen. Dat gaat echter helaas niets oplossen, aangezien de sector

die de hete aardappel toegeschoven krijgt deze ook zo snel als mogelijk weer

van tafel wil en doorgeeft aan een ander slachtoffer. Het probleem ligt bij de

lobby van de primaire industrie. Een primaire industrie die zo veel mogelijk

goedkope primaire grondstoffen wil gebruiken en helemaal niet gebaat is bij

hergebruik of recycling zolang als er geen schaarste is. Diezelfde industrie, die

onvoldoende wordt belast voor de nazorg (afvalfase) van hun producten en

waardoor de maatschappij met een afvalprobleem en de kosten blijft zitten.

Wat moet er dan wel gebeuren?

Op dit moment wordt het bereiken van een circulaire economie vooral

opgehangen aan wensdenken van politici en academici en het valideren

van rapporten van gerenommeerde en dure onderzoeksbureaus. De afval- en

recyclingsector, een voorname schakel in circulariteit, staat te popelen om de

transitie vorm te geven, maar zij wordt eerder gehinderd dan gestimuleerd.

De sector heeft ook al vele voorstellen gedaan over de wijze waarop een

circulaire economie op een praktische manier kan worden bereikt met behulp

van slimme regelgeving die niet direct veel geld hoeft te kosten. Het wordt

dus tijd dat de Haagse ivoren torens worden verlaten en er in de praktijk

wordt ervaren welke belemmeringen er zijn en wat er nodig is om de circulaire

doelstellingen te behalen. Grote kans dat de volgende oplossingen op tafel

komen:

• stimuleer de afzet van recyclaat (kunststof/mineraal/organisch/

bio-based/staal), door middel van fluctuerende verplichte toevoegpercentages,

op basis van het volumeaanbod;

• leg het gebruik van zeer zorgwekkende stoffen of potentieel zeer zorgwekkende

stoffen door de industrie aan banden en beprijs de consequenties

van het gebruik;

• stimuleer innovatie bij producenten en verwerkers van te hernieuwen

grondstoffen, op basis van realistische en economisch verantwoorde

business-cases i.p.v. financiering van knuffelprojecten.

Derk Loorbach.

Pijnlijke keuzes

Transitiegoeroe Derk Loorbach gaf bij de lancering van de eerste circulaire

beleidsplannen al aan dat er altijd pijnlijke keuzes moeten worden gemaakt,

wil men de doelen behalen. Tot op heden is de pijn neergelegd bij de afvalsector

die juist een zeer positieve bijdrage zou moeten leveren in deze transitie.

Wij rekenen op onze nieuwe minister van Klimaat en Groene Groei, Stientje

van Veldhoven, om haar woordelijke passie voor de circulaire economie in de

komende regeerperiode om te zetten in daden en de recyclingbranche hier

nadrukkelijk bij te betrekken.

76 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


Financiële Zekerheid, het resultaat van

een tweejarige pilotperiode

Het dossier financiële zekerheid voor afvalbedrijven kent een lange geschiedenis.

Nadat in de periode 2003 -2009 het Besluit Financiële Zekerheid Milieubeheer

van kracht was, leidde een aangenomen Kamermotie in 2009 tot een

einde voor de mogelijkheid voor de provincie om in de vergunning een eis tot

het stellen van financiële zekerheid op te nemen. De praktijk kende in deze

jaren een grote mate van willekeur, waarbij sommige provincies vrijwel alle

afvalbedrijven het stellen van zekerheid voorschreven en andere provincies

dit niet of nauwelijks deden. Omdat het stellen van zekerheid in die periode

vrijwel altijd plaatsvond door middel van een bankgarantie, leidde dit tot het

creëren van veel ‘dood geld’ met daardoor minder investeringen in het bedrijf

en daarnaast een forse mate van rechts- en concurrentieongelijkheid. Destijds

was de achtergrond van het Besluit een ‘vangnet voor probleembedrijven’

te vormen. In de praktijk waren er echter diverse provincies die voor afvalbedrijven

per definitie een bankgarantie in een vergunningvoorschrift

opnamen, ongeacht of er sprake was van een ‘probleembedrijf’.

Zorgen over gevolgen

Eind vorig decennium kwam dit dossier ambtelijk en politiek weer op de

agenda. Voor Seveso-inrichtingen was een en ander al eerder in gang gezet,

maar na een in 2018 aangenomen motie in de Tweede Kamer om dit ook

voor niet- Seveso-inrichtingen te onderzoeken ontstond de intentie dit tevens

voor afvalbedrijven wettelijk te gaan regelen. Voor Seveso-inrichtingen ging

de zogeheten ‘MOET-bepaling’ gelden, waaruit volgt dat het bevoegd gezag

een eis tot zekerheidstelling in de vergunning moet opnemen. Voor afvalbedrijven

werd een zogeheten ‘KAN-bepaling’ van kracht, die het bevoegd

gezag de wettelijke ruimte biedt een eis in de vergunning op te nemen. Het

georganiseerd bedrijfsleven heeft sinds het jaar 2019 op meerdere momenten

haar zorgen geuit over de gevolgen die dit besluit voor de circulaire

economie in het algemeen en de afval- en recyclingbedrijven in het bijzonder

zou gaan hebben. Hoewel het uitgangspunt dat de samenleving niet

mag opdraaien voor de kosten van faillissementen van (malafide) bedrijven

terecht is, staat de huidige invulling van de regeling niet in verhouding tot

de daadwerkelijke risico’s voor de maatschappij/belastingbetaler die door

deze regeling zouden moeten worden afgedekt. In veel gevallen zijn deze

risico’s bovendien reeds (gedeeltelijk) afgedekt (via bijvoorbeeld verzekeringen,

grondcontracten, verbeterd toezicht/handhaving ...) en zijn, daarnaast,

andere werkbaarder oplossingen mogelijk zoals ook gedurende de pilot door

de sector is voorgesteld.

Berenschot

Organisatieadviesbureau Berenschot is gevraagd een ‘eenvoudig en helder

denkmodel’ te ontwikkelen met behulp waarvan majeure risicobedrijven

in categorieën kunnen worden ingedeeld en per categorie kan worden

bepaald voor welk bedrag financiële zekerheid moet worden gesteld om

niet-verhaalbare milieukosten af te dekken. Het is het rapport ‘FINANCIËLE

ZEKERHEIDSTELLING VOOR MILIEUSCHADE BIJ MAJEURE RISICOBEDRIJ-

VEN - Een model voor ​het categoriseren van majeure risicobedrijven’, dat in

2016 verscheen, wat de basis is voor de grote onrust in de afval- en recycling-

Financiële zekerheid zorgt voor veel dood geld en minder investeringen.

RecyclePR

RecyclePR

.EU 77

.EU


branche. Het initiële Berenschot-rapport is gericht op, en bedoeld voor, ‘de

groep majeure risicobedrijven die een verzamelterm is voor bedrijven die

vallen onder het regime van het Besluit risico’s zware ongevallen (BRZO)

en de grote chemiebedrijven vallend onder categorie 4 van bijlage 1 bij de

Richtlijn Industriële emissies (RIE-4). Anders gezegd gaat het om circa 450

bedrijven waar grote hoeveelheden gevaarlijke stoffen boven een bepaalde

drempelwaarde aanwezig zijn.’ Dat bij deze bedrijven afval aanwezig is, of

kan zijn, wordt in het rapport duidelijk gemaakt aan de hand van een figuur

waarin drie finan ciële zekerheid bepalende componenten zijn benoemd: Afval,

Bodem en Water. Een BRZO bedrijf kan een afvalbedrijf zijn, doch ook

een niet-afval bedrijf kan afval op het terrein hebben. Een afvalbedrijf is echter

niet per definitie een BRZO-bedrijf. Afvalverwerkingsbedrijven nemen een

bijzondere positie in binnen de BRZO-bedrijven. ‘Vanwege de aard van de

bedrijfsactiviteiten (opslag en verwerking van afval), moet voor deze bedrijven

worden aangenomen dat bij een faillissement (al dan niet als gevolg van

een incident) alle voorraad beschouwd moet worden als afval’. Afvalbedrijven

met een BRZO-status werken doorgaans met chemische/gevaarlijke stoffen

hetgeen een negatief bedrag dat bijvoorbeeld gelijk staat aan de kosten voor

verwerking middels de minimum standaard, enigszins rechtvaardigt. Hierbij

geldt wel dat het uitgangspunt is dat ‘de hoogte van de financiële zekerheidstelling

gebaseerd moet zijn op een reëel scenario en volgens de onderzoekers

van Berenschot niet op het ergst denkbare scenario’.

De Groene Amsterdammer en Investico

Zoals eerder gememoreerd is in een later stadium, mede naar aanleiding van

een publicatie in ‘De Groene Amsterdammer (12 augustus 2020)’ gebaseerd

op onderzoek van Investico en vragen van GL-kamerlid Kroger, door de toenmalige

Staatssecretaris Van Veldhoven besloten om reguliere (niet BRZO/

IPCC) afvalbedrijven en recyclingbedrijven eveneens financiële zekerheidstelling

op te leggen, dezelfde financiële zekerheidstelling die de basis vormt als

gevolg van de uitkomsten van het Berenschot onderzoek bij majeure risicobedrijven.

Het IPO heeft het onderzoek van Investico en het besluit van de

Staatssecretaris omarmd doch gaat hiermee voorbij aan de eigen en gemeentelijke

VHT-taken die veel schade hadden kunnen voorkomen. In de praktijk

zijn immers ook situaties te zien waarbij het bestuur aarzelt om handhavend

op te treden om dat dan een bedrijf mogelijk gaat omvallen en de kosten voor

het opruimen van bijvoorbeeld afvalstoffen met een negatieve restwaarde

sowieso voor rekening van de samenleving komen.

De beleving van de pilot

Het bedrijfsleven, het IPO en het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat

hebben de afgelopen jaren een aantal keren overleg gevoerd over hoe het

instrument wordt ingezet.

Belangrijkste gesprekspunten waren daarbij:

• De uitkomsten van het rekenmodel Berenschot;

• Hoe de financiële draagkracht (als wegingsfactor voor de hoogte van de

Financiële Zekerheidstelling) te bepalen;

• De financiële zekerheid die uiteindelijk wordt gevraagd van een bedrijf;

• De acceptabele vormen van financiële zekerheid;

• De complexiteit die het wetsvoorstel in de uitvoering met zich meebrengt

(zowel voor bedrijven als voor omgevingsdiensten/bevoegde gezagen)

Wat het laatste betreft worden door zowel het bedrijfsleven als het IPO/

provincies vraagtekens gezet bij de doelmatigheid: er is – voor bedrijven waar

de provincies bevoegd zijn – per jaar indicatief 20 tot 40 miljoen euro nodig

ter dekking van niet-verhaalbare bestuursdwangkosten; als het voor bedrijven

niet mogelijk is van een collectieve voorziening gebruik te maken, betekent

dit dat bedrijven individueel een zekerheid moeten stellen. Dit kan optellen

tot een (ook indicatief) bedrag van 1 tot 1,5 miljard euro aan gestelde zekerheden.

Bovendien zal naar verwachting de uitvoering van een regeling per

bedrijf zowel de bedrijven als de omgevingsdiensten hoge uitvoeringslasten

– vanwege overleg en juridische procedures - met zich meebrengen. Op dit

moment is zelfs een geval bekend waarin alleen al één bedrijf een bedrag

van bijna 200 miljoen euro aan financiële zekerheid moet afdekken. Om de

hoogte van de financiële zekerheid te bepalen, kan een financieel model worden

toegepast. Het ontwikkelen van een ‘one size fits all’ model is echter

lastig vanwege de complexiteit in de afvalsector (door de grote hoeveelheid

en diversiteit aan afvalstromen en afvalbedrijven). De huidige denkrichting

van P*Q (prijs maal hoeveelheid) gaat tegen het principe van proportionaliteit

in. De totale omzet die de afval- en recyclingsector genereert komt uit

op circa 9 miljard euro per jaar. Ten opzichte van de 25 miljoen euro feitelijk

onderbouwde historisch geleden schade (in een periode van vijf jaar 2015-

2020) is dit buiten proportie. De complexiteit van het model zit in het in

kaart brengen van risicofactoren: bij welk soort bedrijven is het in het verleden

mis gegaan en wat waren onderliggende oorzaken? Kortom: de pilot heeft

tot meer vragen dan oplossing geleid en kan op basis van de beschikbare

informatie onmogelijk leiden tot opname in individuele vergunningen van

recyclingbedrijven.

Het vervolg

Naar verwachting wordt in het eerste kwartaal van 2026 de eindevaluatie

van de pilot openbaar gemaakt. Als branchevereniging blijven wij ons verzetten

tegen de uitwerking van het besluit Financiële Zekerheid en de negatieve

effecten die dit op de branche gaat hebben.

WWW.BRBS.NL

78 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


S

O

Strengths

Ons recyclagebedrijf is futureproof:

circulariteit is de toekomst!

We zetten in op innovatieve processen

en evolueren i.f.v. de markt.

Opportunities

Group Casier contacteren om ons te

laten adviseren in het beheer van onze

risico's en onze verzekeringen

SWOT Analysis

SWOT

Weaknesses

Threats

W

Wat we produceren of verwerken is vaak

gevoelig en/of licht ontvlambaar.

Onze aansprakelijkheid is complex.

T

Zonder risk management of degelijke

verzekeringsoplossingen is onze

toekomst onzeker.

Claims m.b.t. milieu en omgeving,

reputatieschade of bedrijfsonderbreking.

Meer info?

Contacteer ons via info@casier.be

www.casier.be

Waalvest 2/0001 , 8930 Menen

0405.468.215 ; RPR Gent, afdeling Kortrijk

www.casier.be

Naamloos-1 1 31-01-2023 08:48

S T O F

TOT NADENKEN

Stofbeheersing is een heikel punt voor veel

afvalverwerkings- en recyclagebedrijven.

Pulvi bekijkt het anders.

Bij Pulvi kunnen bedrijven terecht voor een ruim aanbod

aan diensten inzake stofbeheersing. Met het eigen

ontwikkeld en gepatenteerd vernevelingssysteem kan

Pulvi zich dé expert op het gebied van innovatieve

stofbeheersing noemen.

Vrombautstraat 121

BE-9900 Eeklo

+32 498 11 49 37

info@pulvi.eu

www.pulvi.eu

vernevelingslijnen | transportbandoverkappingen | rijstofbarrières | stofnetten | pompen | beregeningssystemen | waterfiltersystemen


NOOD AAN KWALITEIT ÉN KOSTENBEHEERSING

WOLFRAAMMARKT:

VAN UITDAGINGEN NAAR OPLOSSINGEN?

Dat een wolfraamcarbide-slijtlaag de levensduur van onderdelen aanzienlijk verlengt, staat buiten kijf. Maar is dat de enige heilige graal of

zijn er nog andere manieren om tot dezelfde superieure bescherming te komen? Een heel actueel vraagstuk, nu de prijzen van wolfraamcarbide

internationaal onder druk staan. Zelfs in uitdagende tijden weet specialist Geurts van Kessel Hardfacing het antwoord.

Tekst Els Goethals | Beeld Geurts Van Kessel Hardfacing

Waar vroeger de prijzen en beschikbaarheid van

wolfraam vrij stabiel waren, is dat onder invloed

van geopolitieke spanningen niet langer het

geval. China, dat zo’n 82% van het wereldwijde

wolfraam produceert, draaide vorig jaar namelijk

de kraan dicht. Dit heeft directe gevolgen

voor sectoren die afhankelijk zijn van carbideoplossingen,

waaronder de recyclingindustrie. De

kernvraag luidt: zijn er überhaupt alternatieven?

Door het slijtagebeeld te analyseren, werkt Geurts van Kessel Hardfacing naar de meest geschikte oplossing

toe.

nen van lastechnieken zit in ons DNA en geeft ons

vandaag een duidelijke voorsprong in een snel

evoluerende markt”, vertelt Kim Geurts van Kessel.

Innovatie in slijtageoplossingen

“Het blijft onzeker hoelang de huidige situatie

Slijtage-uitdagingen in

de recyclingindustrie

Als recyclingprofessionals ergens bij zweren, dan

is het wel bij wolfraamcarbide slijtlagen. Terecht,

want het is een van de hardste materialen die er

bestaan en verlengt de levensduur van onderdelen

tot wel drie à vier keer. Shreddermessen, hamers,

rotorsegmenten en slijtplaten zijn typische onderdelen

van recyclingmachines die blootgesteld

worden aan zware impact maar ook aan wrijving

en schuring (ook wel abrasie genoemd), waardoor

ze sneller slijten. Geurts van Kessel Hardfacing,

gevestigd in Heesch (Nederland), is al meer dan

twintig jaar gespecialiseerd in het aanbrengen

van slijtvaste lagen op deze en andere machineonderdelen.

Dat zorgt voor een constantere output,

minder stilstand, een lager brandstofverbruik

en lagere onderhoudskosten. “Het continu verfijvan

hoge prijzen en leveringstermijnen zal aanhouden.

Feit is dat de belangstelling voor duurzame

alternatieven groeit. We kunnen daarbij

de marktomstandigheden niet veranderen,

maar onderzoeken wel de oorzaken van slijtageproblemen.

Aan welke mechanische belasting

80 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


Geurts Van Kessel Hardfacing versterkt metalen componenten met slijtvaste

lagen, zoals CGP®.

Jarenlange verfijning van lastechnieken biedt een duidelijke voorsprong in een

snel evoluerende markt.

RecyClad biedt uitkomst

“Onze slijtlaag RecyClad, die wordt aangebracht

met een lasercladtechniek, is zo’n materiaalconcept

dat we met succes toepassen. Met lasercladden

brengen we via een gerichte laserstraal

een slijtvaste metaallegering aan op metalen

componenten. We smelten daarbij uitsluitend

het bovenste microniveau van het basismateriaal,

zodat het poeder een sterke metallurgische verbinding

vormt. Bijgevolg maakt deze methode

het mogelijk om een nauwkeurig gecontroleerde

slijtlaag aan te brengen met minimale verdunning

van het basismateriaal. Het resultaat is een harde

en slijtvaste microstructuur, waarvoor geen grote

hoeveelheden wolfraamcarbide nodig zijn.”

Met een slijtlaag in CGP® zijn hamers optimaal beschermd tegen slijtage, wat de levensduur verlengt.

zijn de onderdelen onderhevig? Welke materiaalstromen

worden verwerkt? Op die manier denken

we gericht mee met de klant en werken we naar

de meest geschikte oplossing toe. Daarbij kijken

we niet langer uitsluitend naar maximale hardheid,

maar nemen we ook factoren zoals taaiheid,

impactbestendigheid, repareerbaarheid en de

totale kost over de volledige levensduur van componenten

mee in de afweging. Hierdoor ontstaat

een diverser palet aan materiaaloplossingen, waarin

wolfraamcarbide nog steeds een belangrijke rol

speelt, maar niet langer de enige mogelijke benadering

vormt”, verduidelijkt Geurts van Kessel.

De werkelijke kosten:

meer dan alleen grondstof

“Door de keuze voor wolfraamcarbide grondig af

te wegen tegenover andere opties, kunnen stilstand

en outputverlies zo veel mogelijk beperkt

worden”, concludeert Geurts van Kessel. “Toch

blijft kwaliteit voor ons altijd vooropstaan. Een

goedkope oplaslaag die na twee weken alweer

vervangen moet worden, kost je uiteindelijk veel

meer dan een kwalitatieve oplossing die vijf keer

zo lang meegaat. Zelfs als die laatste in aanschaf

duurder is. Door elk slijtageprobleem afzonderlijk

te analyseren, zetten we onze expertise maximaal

in om tot de juiste en meest economische oplossing

te komen.” ❚

RecyclePR

RecyclePR

.EU 81

.EU


STOORSTOFFEN IN PUINGRANULATEN,

EEN OPLOSSING IS VOOR HANDEN

In de recycling van inerte beton- en puingranulaten is het verwijderen van

stoorstoffen cruciaal voor een goed eindproduct van de beste kwaliteit. De

aanwezige stoorstoffen zoals plastiek, hout, textiel … moeten verwijderd

worden doorheen het verwerkingsproces. Daarbij geldt: hoe sneller, hoe beter.

In het begin van het recyclingproces zijn de stoorstoffen doorgaans nog groot

en relatief gemakkelijk te herkennen en te verwijderen.

De uitdrukking zegt dat recyclen aan de poort begint. Dat

is weliswaar gemakkelijker gezegd dan gedaan. Men kan

op het eerste zicht een goede indruk krijgen van de graad

van vervuiling, maar men kan niet in het puin kijken. Ook

de locatie waar de verwerking gebeurt, speelt een rol. Op

een vaste site is er meer controle bij het storten van het

puin en is er een beter zicht op het type en de graad van

vervuiling. Anderzijds zijn er mobiele verwerkingssites die

enkele duizenden tonnen te verwerken krijgen. Doorheen

de opruiming van de site zullen de stoorstoffen selectief

verwijdert worden. Wat overblijft is een grote puinfraktie en

nog een klein deel te verwijderen rest/stoorstoffen.

Oplossingen voor stoorstoffen:

windzeefmachines

Voor zowel vaste als mobiele verwerkingsinstallaties zijn

er oplossingen om diverse stoorstoffen te verwijderen uit

het granulaat. Als deze groot genoeg zijn, kan dit in eerste

instantie manueel of met de kraan gebeuren. Dit is echter

arbeidsintensief en beperkt tot stukken groter dan 400

à 500 mm. Zodra het materiaal kleiner wordt, is dit niet

meer vanzelfsprekend of efficiënt. De meest gebruikte oplossing

is een windzeef om de lichte delen (ten opzichte

van het puin), zoals hout, kunststof en textiel, uit te blazen.

Hiervoor zijn aparte windzeefmachines beschikbaar in ver-

RM/Rubble Master: windzeef op retourband.

82 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


de zware delen naar de bodem zinken, waar ze worden opgevangen door een

schroef of transportband. Een schroef heeft als voordeel dat er minder bewegende

delen zijn. Een transportband kan dan weer een grotere variatie aan

stukgroottes verwerken zonder vast te lopen. De lichte, drijvende fractie wordt

met borstels via de oppervlakte over de rand afgevoerd. Dit is eenvoudig

maar heeft als nadeel dat er meer water verloren gaat. Een alternatief is het

gebruik van een open lattenband om eerst het water te verwijderen, waarna

de lichte materialen via een transportband worden afgevoerd.

Magneten voor verwijdering van ijzer

Ook ijzer is een stoorstof in puin. Hierover maakt men zich doorgaans minder

zorgen, maar het kan wel aanzienlijke schade veroorzaken indien het niet correct

verwijderd wordt. Door zijn vorm kan ijzer bij samenklitten opstoppingen

veroorzaken onder de rotor of op de daarop volgende zeefdekken. Daarnaast

kunnen de scherpe randen van de ijzerdelen gaten en scheuren veroorzaken

of vroegtijdige slijtage aan transportbanden. Ijzer wordt verwijderd met behulp

van magneten. Er bestaan verschillende soorten magneten (zoals ferriet

en neodymium), maar in de recycling worden ze doorgaans onderverdeeld

in twee types: permanente magneten (die continu aantrekken) en elektromagneten

(die in- en uitgeschakeld kunnen worden). Magneten zijn beschikbaar

in verschillende sterktes, afhankelijk van de toepassing. In de recycling

zijn overbandmagneten en koprolmagneten de meest gebruikte systemen.

Afhankelijk van de situatie kan een overbandmagneet dwars of in de lengterichting

boven de transportband worden geplaatst. Een dwarse opstelling is

compacter en wordt vaak gebruikt in mobiele installaties. Een lengterichting

heeft als voordeel dat het materiaal in de vlucht kan worden opgevangen,

maar vraagt meer ruimte en een complexere opbouw. Koprolmagneten zijn

daarentegen heel compact, omdat ze geïntegreerd zijn in het transportband

frame maar zijn doorgaans vooral voor kleinere ijzerdeeltjes die omwille van

hun positie (onder het puin) niet zijn opgepikt door de voorgaande dwarsmagneet.

Siebotec: drijf-zinkbad.

schillende breedtes, afhankelijk van de gewenste capaciteit. Vaste installaties

maken vaak gebruik van een draaiende trommel. De lichte delen worden door

de wind tegen de wegdraaiende trommel gedrukt en overgetrokken. Hiervoor

dient eerst de fijne zandfractie verwijderd te worden, anders ontstaat er een bijkomend

stofprobleem. Zodra de fijne fractie verwijderd is via een zeef, is dit probleem

verholpen en kan een optimale scheiding plaatsvinden. Een verhouding

van 1 op 3 is hiervoor ideaal. Voor een optimale werking kunnen windsnelheid,

windhoek, aanvoersnelheid en afstand geregeld worden. Windzeefinstallaties

kunnen ook op mobiele installaties worden toegepast. Hierbij worden meestal

op de overstortpunten na de nazeef blaasmonden geïnstalleerd die schuin

van onder naar boven de lichte fracties wegblazen. Een windmes op een

mobiele installatie heeft iets minder instelmogelijkheden, maar biedt door de

recirculatie van het materiaal het voordeel van een herkansing bij een tweede

passage van de stoorstoffen.

Alternatief: drijf- of zinksystemen

In sommige gevallen is een windzeef, omwille van de eigenschappen van de

stoorstoffen, niet de meest optimale oplossing. Als alternatief kan men een

scheiding uitvoeren op basis van een drijf-zinksysteem of waterbad. In dat

geval komt het afgezeefde materiaal terecht in een met water gevulde kuip.

Na onderdompeling zullen de lichte delen naar de oppervlakte stijgen, terwijl

Betere kwaliteit

Zoals je merkt, zijn er meerdere mogelijkheden om stoorstoffen uit granulaten

te verwijderen. Ze leiden tot betere analyseresultaten, waardoor gerecyclede

granulaten een hoogwaardig alternatief vormen en bijdragen aan de circulariteit

in de bouwsector. Bovendien worden de verwijderde stoorstoffen zelf ook

een waardevolle stroom binnen de recyclingketen. Vraag naar oplossingen bij

je leverancier. ❚

Integra: windzeef met trommel.

Functiebeschrijving

Kurt Longueville

VanderSpek Ternat

RecyclePR

RecyclePR

.EU 83

.EU


TROMMELZEEF OP RUPSEN

MAXIMALE MOBILITEIT,

HOGE ZEEFPRESTATIES

Met de nieuwe Terra Select T 70 op rupsen introduceert Eggersmann een trommelzeef die mobiliteit en capaciteit naadloos combineert.

Ontwikkeld voor professionele recycling- en composteeromgevingen, biedt deze machine een flexibele oplossing voor wie inzet op efficiëntie

én verplaatsbaarheid.

Tekst & beeld Van Laecke Group

Dankzij het geïntegreerde rupsonderstel verplaatst de T 70 zich moeiteloos

over uiteenlopende terreinen. Dit maakt haar bijzonder geschikt voor tijdelijke

werven of bedrijven waar machines frequent geherpositioneerd worden.

De robuuste constructie garandeert stabiliteit en betrouwbaarheid tijdens het

zeven, ook bij intensief gebruik.

De trommel heeft een lengte van 7.500 mm en een diameter van 2.200 mm,

wat resulteert in een groot zeefoppervlak en een hoge verwerkingscapaciteit.

Hoge verwerkingscapaciteit

De trommel heeft een lengte van 7.500 mm en een diameter van 2.200 mm,

wat resulteert in een groot zeefoppervlak en een hoge verwerkingscapaciteit.

Optioneel kan een steengrid worden gemonteerd voor een efficiënte voorzeving

van grovere fracties. Het geoptimaliseerde materiaaltransport staat

garant voor een nauwkeurige fractiescheiding van onder meer compost, biomassa,

houtafval, grond en andere organische of minerale stromen. Verschillende

trommelconfiguraties laten toe de zeefprestatie perfect af te stemmen

op de gewenste toepassing.

Met de nieuwe Terra Select T 70 op rupsen introduceert Eggersmann

een trommelzeef die mobiliteit en capaciteit naadloos combineert.

RecyclePR

84 RecyclePR

.EU

.EU


‘Dankzij het geïntegreerde

rupsonderstel verplaatst de

T 70 zich moeiteloos over

uiteenlopende terreinen’

Het geoptimaliseerde materiaaltransport staat garant voor een nauwkeurige

fractiescheiding.

Hoge operationele inzetbaarheid

Ook op vlak van onderhoud blinkt de T 70 uit. De goede toegankelijkheid tot

essentiële componenten beperkt stilstand en verhoogt de operationele inzetbaarheid.

De Terra Select T 70 op rupsen is daarmee een toekomstgerichte

investering voor bedrijven die flexibiliteit, productiviteit en betrouwbaarheid

centraal stellen in hun recyclingproces. ❚

RecyclePR

.EU

RecyclePR .EU 85


4-7 MAY 2026

Messe, Germany


SAFETY FIRST

THEMABLAD WAARSCHUWT VOOR GEVAREN

BLOOTSTELLING AAN EMISSIE VAN DIESELMOTOREN

KAN KANKER VEROORZAKEN

Extra aandacht voor veiligheid. Dat is geen overbodige luxe in de afval- en recyclingsector. In deze rubriek zetten we voortaan in elke editie

een initiatief in de kijker waar veiligheid prioriteit krijgt. Hoewel elektrificatie zich doorzet, worden nog veel voertuigen en machines in

recycling aangedreven door dieselmotoren. De emissies die daarbij vrijkomen, kan je niet altijd zien, maar kunnen wel ernstige gezondheidseffecten

veroorzaken. De Stichting Arbocatalogus Afvalbranche maakte een themablad rond de gevaren van dieselmotoremissie.

Tekst Valérie Couplez | Beeld Stichting Arbocatalogus Afvalbranche

Dieselmotorenemissie (DME) bestaat grotendeels uit fijn stof. Dat zijn deeltjes

die diep doordringen in de longen en vervolgens via de longblaasjes in

het bloed terechtkomen. Ze kunnen zich zo verspreiden naar organen als de

lever, nieren en het hart. De gezondheidseffecten zijn ernstig: naast longkanker

kan blootstelling leiden tot aandoeningen zoals bronchitis, kortademigheid

en hart- en vaatziekten. DME staat op de lijst van kankerverwekkende

processen, omdat het is geclassificeerd als ‘genotoxisch carcinogeen’. Voor

genotoxische carcinogenen wordt aangenomen dat er bij elk niveau van

blootstelling een kans op kanker is, met andere woorden: dat voor die carcinogenen

geen veilige blootstelling bestaat.

‘Het voorkomen of minimaliseren

van blootstelling aan

dieselmotorenemissie vraagt

om bijzondere aandacht bij

werkzaamheden zoals het rijden,

het laden en lossen en het

onderhoud aan voertuigen’

Wettelijke verplichtingen

Het voorkomen of zoveel mogelijk minimaliseren van blootstelling aan DME

vraagt om bijzondere aandacht bij werkzaamheden zoals het rijden met diesel

aangedreven voertuigen en arbeidsmiddelen, in hallen, bij het laden en

lossen en bij onderhoud aan voertuigen. Werkgevers zijn wettelijk verplicht

om blootstelling aan DME volledig te voorkomen, voor zover dat technisch

mogelijk is. Het voldoen aan de wettelijke grenswaarde geldt als maximale

bovengrens, maar bij blootstelling aan kankerverwekkende stoffen volstaat

dit niet. Ook onder de grenswaarde is de werkgever wettelijk verplicht de

blootstelling te beperken tot een technisch zo laag mogelijk niveau. In aanvulling

op het toepassen van de stand van de techniek moet de werkgever de

blootstelling zoveel mogelijk minimaliseren als haalbaar is door het treffen

van technische en organisatorische beheersmaatregelen die uitvoerbaar zijn

en in een gegeven situatie toepasbaar zijn.

Dieselmotoremissie (DME)

Je ziet het niet...

...maar het is er wel!

Bescherm jezelf.

arbocatalogus-afvalbranche.nl

Deze cartoon moet de boodschap helpen versterken voor recyclingbedrijven.

Themablad en cartoon

Het themablad geeft voor alle activiteiten (gebruik van een heftruck, laden

en lossen, voertuigonderhoud …) technische en organisatorische maatregelen

aan die helpen om de gevaren te beperken. Je kan het terugvinden

op de website van Stichting Arbocatalogus Afvalbranche, samen met een

cartoon die de boodschap helpt versterken. ❚

STOP

illustratie & vormgeving: www.seidell.nl

RecyclePR

RecyclePR

.EU

.EU

87


BETROUWBARE PARTNER VOOR ALLE STAKEHOLDERS

IMPACT EUROPESE WETGEVING OP

PAPIER, KARTON EN KUNSTSTOFFEN

Er komen op korte en middellange termijn heel wat nieuwe Europese regelgevingen aan die een diepe impact zullen nalaten op het

recyclinglandschap. Niet alleen het aanbod en de vraag zullen wijzigen, we staan voor een transformatie in de manier waarop we bedrijfsmatig

verpakkingsafval inzamelen, sorteren en recyclen. Xavier Lhoir, deputy managing director Valipac, schetst ons de toekomst waarin

Valipac zich wil blijven bewijzen als een partner om op te bouwen.

Tekst Valérie Couplez | Beeld Valipac

De eerstkomende wetgevende mijlpalen zijn die

van de Waste Shipment Regulation. “Iedereen

kijkt naar november, het moment dat kunststof

afval niet langer naar niet OESO-landen mag

worden geëxporteerd. Maar we zullen de impact

op de Europese markt al vroeger voelen”, waarschuwt

Lhoir meteen. “Vanaf mei geldt er immers

een verplichte notificatie. Volgens ons zijn het

de laagwaardige kunststofstromen die het ergste

getroffen zullen worden. Het is met dat idee

in het achterhoofd, dat Valipac in februari een

marktverkenning startte om voor de big bags en

de gekleurde folies, toch een lokale recycling te

garanderen. Het hoopt in juli daar partners voor

te kunnen aankondigen.

Geprivilegieerde partner

“Voor de andere stromen wachten we voorlopig

af om te zien hoe de markt zich ontwikkelt na de

exportban. Als blijkt dat ook voor andere materia-

len de marktwaarde niet positief blijft, hebben we

verschillende scenario’s in ons hoofd om verandering

op gang te trekken. Met dergelijke initiatieven

willen we ons bewijzen als een goede partner voor

alle stakeholders in de waardeketen van bedrijfsmatig

verpakkingsafval. Ons streefdoel is de recyclingdoelstelling

die onze klanten wordt opgelegd

zo efficiënt mogelijk te halen. Tegelijk willen we

ook voor ophalers een geprivilegieerde partner blijven.

We hebben immers iedereen nodig om zo snel

mogelijk terug te keren naar een positieve marktdynamiek”,

blikt Lhoir al vooruit.

De PPWR regels veranderen tevens de definitie van producent. Ook de producenten en herstellers van palletten

zullen dan aan Valipac moeten rapporteren.

Verandering definitie producent

Daar zou de komst van de Packaging & Packaging

Waste Directive (PPWR) een katalysator in kunnen

zijn. Vanaf 2030 legt ze concrete, verplichte

targets rond recycled content vast. Voor transportverpakkingen

ligt die bijvoorbeeld op 35%. “We

verwachten dat al vanaf 2028 à 2029 de vraag

naar en het aanbod van recyclaat weer beter in

evenwicht zullen raken.” Een evolutie waar de sector

van vooral kunststoffen nu naar snakt. Maar

dat is niet de enige impact die de PPWR regels

zullen hebben. “Ze veranderen tevens de definitie

van producent”, legt Lhoir uit. Hij geeft meteen

het voorbeeld van vormvaste verpakkingen zoals

palletten, waar ook targets rond hergebruik gelden.

“Vandaag worden de Belgische bedrijven die

ze gebruiken gezien als producent. Een voedingsbedrijf

als Coca-Cola rapporteert dus aan ons alle

palletten die het gebruikt. Met de PPWR worden

dat ook deels de producenten en herstellers van

palletten. Dan zullen zij aan Valipac moeten rapporteren

hoeveel palletten ze aan Coca-Cola leveren

en de bijdrage daarvoor betalen. Dat wordt

een ingewikkeld kluwen”, voorspelt Lhoir.

88 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


Valipac startte in februari een marktverkenning om voor de big bags en laagwaardige gekleurde folies toch een lokale recycling te garanderen.

‘Als we op dit moment een foto

zouden nemen van de markt van

bedrijfsmatig verpakkingsafval

en weer één in 2030, zullen die

fundamenteel verschillend zijn in

volume en in samenstelling’

Xavier Lhoir: “De markt onderschat de impact en de gevolgen die er zullen zijn

voor de volledige waardeketen.”

Minder materialen, andere materialen

Daarnaast moet het volume aan bedrijfsaval, onder meer door meer hergebruik,

dalen voor kunststof, hout, papier en karton en metaal. Een derde

gevraagde eis binnen de PPWR heeft te maken met de recyclebaarheid van

verpakkingen. Daar is de precieze definitie nog niet rond afgesproken. Wel

is al duidelijk dat Valipac als beheerorganisme ecomodulatie zal moeten implementeren

in zijn tarievenstructuur. Producenten zullen dan ook de recyclebaarheid

van hun producten moeten kunnen staven. “Als we op dit moment

een foto zouden nemen van de markt van bedrijfsmatig verpakkingsafval

en weer één in 2030, zullen die fundamenteel verschillend zijn in volume

en in samenstelling. De markt onderschat de impact en de gevolgen die er

zullen zijn voor de volledige waardeketen. Daarom proberen we daar via

deze publicatie, maar ook via eigen nieuwsbrieven meer bewustzijn rond te

creëren. Zoals gezegd willen we ons opwerpen als een betrouwbare partner

en gaan we graag in dialoog over wat de concrete gevolgen zullen zijn voor

alle stakeholders”, besluit Lhoir. ❚

RecyclePR

RecyclePR

.EU 89

.EU


De oplossing voor uw stof De overlast. oplossing voor uw stof overlast

De oplossing voor uw stof overlast

Zonder Beefoam

Met Beefoam

Zonder Beefoam

Met Beefoam

Vraag om een demo bij u op het bedrijf.

Vraag om een demo bij u op Vraag het om bedrijf. een demo bij u op het bedrijf.

35290 Info@beepro-bv.com +31-622935290www.beepro-bv.com

Info@beepro-bv.com www.be


CLOSING

THE GAP

BRUSSELS | 7 & 8 MAY 2026

JOIN US FOR

A CUTTING-EDGE

SYMPOSIUM

(RE)SHAPING

THE FUTURE OF

WASTE RECYCLING

Hosted by CDE, this event will

explore the future of the materials

that power our world – from

infrastructure to technology – and

how we can uncover innovative

strategies to balance sustainability

with progress, while redefining

waste as a valuable resource.

BE PART OF THE MOVEMENT

TOWARD A TRULY

CIRCULAR ECONOMY.

REGISTER

cdegroup.com/circle2026


TOT DRIEMAAL SNELLER ONTPAKKEN

NIEUWE ONTPAKKINGSINSTALLATIE BLINKT UIT

IN SNELHEID EN DUURZAAMHEID

De stap voor het vergisten is vaak het ontpakken. Dat heeft Guilliams in het verleden al gedaan om klanten uit de nood te helpen. Maar het

maakt er nu een nieuwe activiteit van binnen zijn dienstenaanbod. De aanpak? Zoals we het gewoon zijn van het familiebedrijf: zo efficiënt

mogelijk werken om zoveel mogelijk materiaal te recupereren. Zelfs als het daarvoor nieuwe machines moet ontwikkelen. Een gesprek met

zaakvoerder Rohald Guilliams.

Tekst Valérie Couplez | Beeld Guilliams Group

Ontpakkingsactiviteiten zijn voor de Guilliams

Group eigenlijk een logische aanvulling op het

aanbod. Met Guilliams Green Power beschikt het

immers over een biogasinstallatie, die gevoed

wordt met materialen uit de vergister van Guilliams

Recycle Solution in Boutersem. Toch heeft

het tot nu geduurd om alles rond te krijgen. “Op

de site in Boutersem konden we er geen vergunning

voor krijgen. Maar we vonden twee jaar geleden

een stuk grond van 0,5 ha in Tienen dat aan

al onze voorwaarden voldeed. Enkel niet zo groot

als we graag wilden, we mikten oorspronkelijk op

2 à 3 ha. Maar voldoende om gehoor te geven

aan de vraag van onze klanten om ontpakkingsactiviteiten

op te zetten. We zullen er alcoholische

en suikerhoudende dranken verwerken, net als

melkproducten uit bulktransport, industriële en

consumentenverpakkingen.”

Onder toezicht douane

Dat het twee jaar kostte om de vergunningen

rond te krijgen, heeft alles te maken met de accijnzen

die op alcoholhouden dranken gelden.

“De verwerking en vernietiging moet binnen

de 48 uur gebeuren onder het toezicht van de

douane, zodat onze klanten de reeds betaalde

accijnzen zonder problemen kunnen terugvorderen.

Er zijn maar enkele spelers actief hierin,

ook voor de douane was dit met andere woorden

geen vanzelfsprekende materie”, legt Guilliams

uit. Maar inmiddels is alle papierwerk in orde en is

Guilliams Recyce Solutions in Tienen vergund voor

het ontpakken van 300.000 ton afval. Dat zal als

grondstof dienen voor vergisters en biogasinstallaties.

Guilliams schat dat het er jaarlijks 90.000

ton zal verwerken.

Rohald Guilliams: “We hadden zelf eerst niet door hoe innovatief we wel waren.”

Onderste uit de kan

Een deel ervan gaat ook naar de eigen installatie

in Boutersem. “Echt jammer dat het daar niet

mocht, omdat we het milieu nog een grotere

92 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


dienst konden bewijzen door de aanwezigheid van

groene energie en een geavanceerde installatie

voor waterrecuperatie.” Maar dat heeft Guilliams

Recycle Solutions er niet van weerhouden om

het onderste uit de kan te halen. Letterlijk en

figuurlijk. “We hebben met een frisse blik naar het

ontpakkingsproces gekeken en nagedacht hoe we

dat het meest efficiënt konden aanpakken.” Neem

nu glazen flesjes. In een klassieke ontpakkingslijn

worden die kapotgeslagen om ze te legen en

erna van de scherven weer nieuw glas te maken.

“Je voelt aan alles dat zoiets wringt. We kiezen

ervoor om ze met een gepatenteerd systeem leeg

te zuigen, zodat we ze terug aan de klant kunnen

bezorgen of recupereren.”

In harmonie met omgeving

Op die manier kan Guilliams Recycle Solutions

als new kid on the block tot driemaal sneller ontpakken

en spaart het heel wat CO 2

uit, omdat

er geen nieuwe flesjes gemaakt moeten worden.

Guilliams: “We hadden zelf eerst niet door hoe innovatief

we wel waren. Maar we merkten meteen

hoe onder de indruk klanten waren van ons

productieproces. Het maakt dat we ook scherpe

prijzen kunnen aanbieden.” In totaal beschikt

Guilliams Recycle Solutions over vier productielijnen.

Die zijn ondergebracht in de bestaande

hangar. De bedoeling is om er nog een loods aan

te bouwen, samen met een nieuwe weegbrug.

Ontpakkingsactiviteiten zijn voor de Guilliams Group eigenlijk een logische aanvulling op het aanbod.

‘We hebben met een frisse blik naar het

ontpakkingsproces gekeken en nagedacht

hoe we dat het meest efficiënt konden

aanpakken’

“Daar zal het laden en lossen gebeuren en kunnen

we ook tussenopslag doen voor klanten. We

voorzien daarvoor zowel ondergrondse als bovengrondse

tanken. De bedoeling is om zoveel mogelijk

in harmonie met de omgeving te werken, zodat

er geen geurhinder is.” ❚

Guilliams Recyce Solutions is in Tienen vergund voor het ontpakken van 300.000 ton afval. Dat zal als grondstof dienen voor vergisters en biogasinstallaties.

RecyclePR

RecyclePR

.EU 93

.EU


MEER INZAMELING, MEER DRUK OP DE KETEN EN EEN CRUCIALE ROL VOOR SAMENWERKING

TEXTIEL OP HET KANTELPUNT

De textielketen staat onder hoge druk. Jaar na jaar stijgen de volumes afgedankt textiel, terwijl de kwaliteit van een deel van die stroom

afneemt en hoogwaardige recycling nog onvoldoende opgeschaald is. Toch is de textielcrisis volgens de gasten van de derde aflevering

van Trash Talks veel meer dan een afvalverhaal. De echte uitdaging zit in de volledige keten: van ontwerp en productie tot inzameling,

sortering, hergebruik en recycling. In gesprek met host Nele Roobrouck leggen Frederik Bal van Vlaams Inzamelcentrum Textiel en Koen

Tengrootenhuysen van Decathlon en Retexbel uit waar het vandaag wringt, én waar de kansen liggen.

Tekst Kris Vandekerckhove | Beeld Leonie Snauwaert

Dat de textielstroom groeit, merkt Bal elke dag

in de praktijk. Waar enkele jaren geleden nog ongeveer

5 à 6 kg textiel per inwoner werd ingezameld,

gaat het vandaag al om 8 à 10 kg. Die stijgende

volumes zijn volgens hem geen verrassing.

Consumenten kopen meer textiel en ruimen hun

kasten vaker op. De inzamelsector krijgt die goederen

vervolgens te verwerken. Opvallend is wel

dat vooral de bijkomende volumes vaak van lagere

kwaliteit zijn. Het aandeel topkwaliteit blijft relatief

stabiel, maar de extra stroom bestaat vaker

uit textiel dat niet meer rechtstreeks herbruikbaar

is en dus richting recycling moet. Daarmee groeit

de druk op sorteerders en verwerkers.

Hardnekkig misverstand over

verbranding

Bal wil tegelijk een aantal hardnekkige misverstanden

uit de wereld helpen. In het publieke

debat wordt geregeld gesuggereerd dat het

merendeel van het ingezamelde textiel in de verbrandingsoven

belandt. Dat beeld klopt volgens

hem niet. Van het textiel dat zijn organisatie

in Vlaanderen inzamelt, kan ongeveer 70% opnieuw

worden gebruikt. Nog eens 20 tot 30%

gaat grotendeels naar recyclingtoepassingen.

Enkel stromen die sterk vervuild zijn of niet in

de textielcontainer thuishoren, gaan naar energetische

valorisatie. “Een reguliere sector die

correct inzamelt en fijnmazig sorteert, verbrandt

in principe nul procent van de aanvaarde textielstroom.”

Volgens Bal is professionele inzameling,

gekoppeld aan erkende sorteercentra met een

doorgedreven sortering in tientallen tot honderden

fracties, essentieel om die resultaten te

behalen.

Zonder toegankelijke inzamelmogelijkheden verdwijnen bruikbare en recyclebare stromen veel sneller richting verbranding.

94 RecyclePR .EU

RecyclePR

.EU


Geen afvalprobleem,

maar een ketenprobleem

Ook voor Tengrootenhuysen is het duidelijk dat

de textielcrisis niet louter als afvalprobleem mag

worden bekeken. Volgens hem zit de kern van de

zaak bij overaanbod, een verstoord internationaal

speelveld en producten die zelden ontworpen

zijn met circulariteit in gedachten. Digitalisering

en e-commerce hebben de markt fundamenteel

veranderd. Kleding bestellen is eenvoudiger en

sneller dan ooit, waardoor volumes blijven toenemen.

Tegelijk is de sector daar structureel nog

onvoldoende op afgestemd. Dat zet druk op alle

schakels: inzamelaars, sorteerders, recyclers, producenten

én overheden.

Gratis inzameling blijft cruciaal

Een goed uitgebouwd inzamelnetwerk blijft volgens

beide sprekers een absolute voorwaarde voor

circulariteit. Vooral textielcontainers spelen daarin

een sleutelrol. Wanneer lokale besturen minder

inzetten op laagdrempelige inzameling, dreigt

meer textiel in het restafval terecht te komen. Gratis

inzameling stimuleert volgens hen niet de overconsumptie,

maar voorkomt wel dat waardevolle

grondstoffen verloren gaan. Zonder toegankelijke

inzamelmogelijkheden verdwijnen bruikbare en

recyclebare stromen immers veel sneller richting

verbranding.

Recycling botst op productontwerp

Na de inzameling begint het echte maatwerk. In

sorteercentra wordt elk stuk afzonderlijk beoordeeld

op potentieel voor hergebruik of recycling.

Vooral daar wordt duidelijk hoe moeilijk textiel

vandaag te verwerken is. Veel producten bestaan

uit mengvezels, elastaan, coatings, knopen, ritsen

en meerdere lagen materiaal. Zulke combinaties

maken recycling bijzonder complex. Zeker

vezel-tot-vezel recycling staat nog in haar kinderschoenen.

Vandaag gaat slechts een beperkt deel

van de textielstroom effectief terug naar nieuwe

textielvezels. Toch zien beide gasten daar toekomst

in. De technologie evolueert snel en bedrijven

investeren volop in innovatie. Ook arti ficiële

intelligentie kan daarbij helpen, bijvoorbeeld

om vezelsamenstellingen sneller en nauwkeuriger

te herkennen tijdens het sorteren. “Die 1%

fiber-to-fiber mag voor mij gerust maal tien”, zegt

Tengrootenhuysen. “Dat is de ambitie.”

‘De textielcrisis is

een kans om de

keten fundamenteel

slimmer, efficiënter

en meer circulair te

organiseren’

De echte uitdaging zit in de volledige keten: van

ontwerp en productie tot inzameling, sortering,

hergebruik en recycling.

UPV als kantelmoment

De nakende uitgebreide producentenverantwoordelijkheid

(UPV) wordt door beide gesprekspartners

gezien als een belangrijk kantelpunt.

Producenten zullen meer verantwoordelijkheid opnemen

voor wat er met textiel gebeurt op het einde

van de levensduur. Dat kan de omslag naar een

meer circulair systeem versnellen, op voorwaarde

dat de hele keten mee beweegt. Daarbij hoort

volgens de sector ook een duidelijke rolverdeling.

Professionele inzamelaars moeten inzamelen,

gespecialiseerde sorteerders moeten sorteren en

sociale economie kan een belangrijke rol spelen

in lokaal hergebruik en herstel. Net in die samenwerking

liggen nog grote kansen.

Samenwerking als enige weg vooruit

De conclusie van dit gesprek is helder: de textielsector

heeft nood aan realisme én ambitie. De

crisis vraagt geen simplistische diagnoses, maar

samenwerking over de volledige keten. België

beschikt vandaag al over veel expertise in inzameling,

sortering en hergebruik. De uitdaging

bestaat erin die sterktes te behouden, beter op

elkaar af te stemmen en stap voor stap verder uit

te bouwen. De textielcrisis is dus niet alleen een

uitdaging. Ze is ook een kans om de keten fundamenteel

slimmer, efficiënter en meer circulair te

organiseren. Maar dat lukt alleen als producenten,

inzamelaars, recyclers, sociale economie en

overheden samen dezelfde richting kiezen. ❚

De textielcrisis mag niet louter als afvalprobleem

worden bekeken.

Dit gesprek meer in de diepte

beluisteren? Luister naar Trash Talks.

RecyclePR

RecyclePR

.EU 95

.EU


Automatiseer je volledige recyclageproces

Van nummerplaatherkenning tot facturatie

Organi en Alphatronics bundelen hun expertise voor een

volledig geautomatiseerd recyclagepark.

Alles in één systeem

• Self check-in via kiosk of app

• Nummerplaatherkenning

• Geautomatiseerde weging

• Digitale documenten en facturatie

Organi en Alphatronics garanderen

• Slimme ERP voor recyclagebedrijven

• Eén platform voor al uw processen

• Realtime inzicht en automatisatie

• Persoonlijk aanpak, met kennis van uw sector

• Robuste hardware voor toegangscontroles

• Built to last, 40 jaar bewezen kwaliteit

Contacteer ons


DE HARDE

Meten is weten geldt het cliché. In elke editie van 2026 pakt RecyclePro daarom weer uit met cijfers over de afvalsector. Aan jou om er

inzichten uit te destilleren die jouw productieproces kunnen optimaliseren of jouw rendement verhogen. Deze keer duiken we in het Vlaamse

bedrijfsafval met de vierjaarlijkse sorteeranalyse van OVAM.

Tekst Valérie Couplez | Beeld OVAM

Uit de recente sorteeranalyse bedrijfsrestafval die

OVAM publiceerde, blijkt dat gemiddeld 34%

van het uitgesorteerde afval uit afzetcontainers

bestaat uit fracties die volgens de geldende

regelgeving verplicht selectief ingezameld hadden

moeten worden. In de sorteeranalyse van

2021-2022 was dit nog 43%. Bij rolcontainers

gaat het om gemiddeld 40% verplicht in te zamelen

fracties. In de sorteeranalyse van 2021-2022

was dit nog 55%. Een positieve trend dus, maar er

blijven verbeterpunten. Zo worden bedrijfsmatige

verpakkingen van papier of karton nog te gemakkelijk

bij het restafval in afzetcontainers gegooid.

Bij rolcontainers was er dan weer een stijging

van het pmd-afval ten opzichte van de vorige

sorteeranalyse.

Wat zit er nog in?

Als we dieper inzoomen op het bedrijfsrestafval

uit afzetcontainers blijkt dat de fracties hout en

inert puin sterk zijn afgenomen over de jaren.

De fractie folies, die in 2021-2022 nog verdubbelde,

is in de huidige studie teruggevallen naar

het niveau van de nulmeting. Ook voor papier/

karton zien we aanvankelijk een stijging, maar

opnieuw een daling in 2025. Het aandeel pmd

blijft op hetzelfde niveau als in 2021-2022 maar

is wel aanzienlijk hoger dan met de nulmeting in

2017, vermoedelijk door de uitgebreide sorteerinstructie.

Bij het bedrijfsrestafval uit rolcontainers

zijn folies en hout gehalveerd ten opzichte van de

nulmeting. Voedselafval vertoonde aanvankelijk

een stijging in 2021-2022, maar daalde daarna

tot 2 procentpunten onder het niveau van de nulmeting.

Pmd blijft verder stijgen met een toename

van 2 procentpunten ten opzichte van 2021-2022

en 6 procentpunten ten opzichte van 2017.

‘Met gerichte

begeleiding en

handhaving zullen

we ervoor zorgen dat

recyclebare materialen

niet langer verloren

gaan in het restafval’

Uit de recente sorteeranalyse bedrijfsrestafval die OVAM publiceerde, blijkt dat gemiddeld 34% van het

uitgesorteerde afval uit afzetcontainers bestaat uit fracties die volgens de geldende regelgeving verplicht

selectief ingezameld hadden moeten worden.

Gerichte begeleiding en handhaving

Vlaams minister van Omgeving Jo Brouns: “Vlaamse

bedrijven zetten duidelijke stappen vooruit in

het sorteren van hun afval, maar we zien nog

mogelijkheden tot verbetering. Goede bronsortering

begint op de werkvloer. Bedrijven, afvalophalers

en overheid hebben elk hun rol te spelen.

Met gerichte begeleiding en handhaving zullen

we ervoor zorgen dat recyclebare materialen niet

langer verloren gaan in het restafval.” ❚

RecyclePR

RecyclePR

.EU 97

.EU


Dank aan onze HOOFDPARTNERS

Scan mij voor onze

volledige bedrijvenindex


full liner in

recyclingmachines

WE ARE

RECYCLING

Als familiale KMO met jarenlange expertise

bieden we mobiele en stationaire machines op

maat voor de verwerking van grond-, steen-,

sloop- en groenafval.

Vanuit Zedelgem, nabij Brugge, en ons

servicepunt in Houten (NL), staan we garant

voor persoonlijke service, betrouwbare

ondersteuning en duurzame oplossingen.

BEKIJK MEER OP

ONZE WEBSITE

Voor advies op maat contacteer info@vanlaeckegroup.com

of bezoek onze website www.vanlaeckegroup.com

Remi Claeysstraat 66 | 8210 Zedelgem | België | +32 (0) 50 55 18 90


Powered by TCPDF (www.tcpdf.org)

Verkoop, verhuur, herstellingen

van brekers, zeefmachines, shredders,

transportbanden, picking stations

en windzifters

GIPO POWERSCREEN TEREX ECOTEC

MCLANAHAN

SCREENPOD

TROMMALL

Exclusieve importeur

KOMPLET

IMS

Krommeveldstraat 1

9971 Lembeke - Belgium

info@gmrecycling.be

+32 9 378 39 47

www.gmrecycling.be

Hooray! Your file is uploaded and ready to be published.

Saved successfully!

Ooh no, something went wrong!