Recyclepro (B)_2026-02_
- No tags were found...
Transform your PDFs into Flipbooks and boost your revenue!
Leverage SEO-optimized Flipbooks, powerful backlinks, and multimedia content to professionally showcase your products and significantly increase your reach.
RECYCLEPRO.EU I JAARGANG 11 I NUMMER 2 2026 I MAART - APRIL
PLATFORM OVER DE GEHELE RECYCLINGSTROOM BINNEN DE BENELUX | RECYCLEPRO.EU
2
Digitalisering sleutel tot
gestroomlijnde administratie
‘Made in Europe’ label komt
ook recycling ten goede
Nieuwe wagens moeten gerecyclede
kunststoffen bevatten
Kwaliteitslat hoger voor
Menggranulaat 250+
Benelux • Duitsland • Noord-Frankrijk
Live track & trace via klantenportaal
160
walking floors
15
kippers
7.000
ton per dag
Contact
www.hertsens.eu
+32 3 250 12 20
planning@hertsens.eu
Heirbaan 395
9150 Kruibeke
België
ETS MACHINERY
Elenestraat 75
9620 Zottegem
+32 (0)492 61 51 61
www.ets-machinery.be
info@ets-machinery.be
UITGAVE
2
VOORWOORD
Oorlog is nooit de oplossing
Het Midden-Oosten staat in brand: de Verenigde Staten en Israël hebben uit het niets de aanval geopend op Iran dat op zijn beurt zowat
alle Golfstaten mee het bad heeft in getrokken. Een (voorlopig) ver-van-ons-bed-show als we naar de kilometers kijken, maar wel één die we
toch dicht bij huis voelen. Aan de pomp meer bepaald. De brandstofprijzen regen de recordprijzen aan elkaar de afgelopen weken. Zelfs de
covid records worden vlot van de tabellen gereden. Afhankelijk van welke persmededeling Trump morgen maakt (en welke aandelen hij heeft
gekocht), volgt overmorgen ongetwijfeld weer een nieuwe piek of tijdelijke daling. Maar een uitweg uit het conflict is vooralsnog niet in zicht.
Goed nieuws voor de sector van plastics recycling zou je dan denken. Een belangrijk element in de malaise van de afgelopen jaren zijn de
belachelijk lage prijzen voor virgin materialen, waartegen het moeilijk opboksen was met recyclaat. En die zijn nu zowat recht evenredig met de
olieprijzen de hoogte in aan het gaan. Hoewel het een welgekomen pleister op de wonde kan zijn en onze plastic recyclers wat welverdiende
ademruimte geeft, is dit niet de oplossing voor de problemen. Dat kan oorlog en menselijk leed nooit zijn. Punt. Tegelijk delen we als sector in
dezelfde brokken van gestegen energie- en transportprijzen als de producenten van virgin plastics. Want het stopt uiteraard niet bij de pomp.
Trump waarschuwde Europa al dat als het olie of gas wil, we het zelf maar moeten halen in de Straat van Hormuz.
Een deel van de concurrentiehandicap die plastic recyclers voelen, staat dus nog even hard overeind als voorheen. Om daar helemaal vanaf te
geraken zijn structurele verbeteringen nodig, waarmee we onze afhankelijkheid van de olieprijzen voor eens en voor altijd kunnen afschudden.
Plastics recyclers hebben met andere woorden geen nood aan eendagsvliegen maar aan langetermijnpartners. Wat hebben we daarvoor nodig?
Verplichtingen rond recycled content die de vraag naar recyclaat aanzwengelen en een eerlijk speelveld met producenten van virgin materialen.
Dat plastics die de Europese Unie binnenkomen onder dezelfde argusogen passeren als recyclaat dat de Europese Unie buiten gaat.
Wat hebben we vooral niet nodig? De extra administratieve verplichtingen (vanaf mei) en de exportban (vanaf november) die ons weldra op
de nek vallen. Want de vraag naar gerecyclede plastics is nog helemaal niet op gang gekomen. Hoogstens wat kunstmatig weer tot leven
gebracht door de hoge olieprijzen. De eisen naar recycled content in de PPWR gelden pas vanaf 2030. Op verplichtingen rond recycled content
van kunststoffen in wagens is het nog minstens zes jaar wachten. Dat zijn nog lange jaren om te overbruggen voor recyclingbedrijven die het
water tot aan de lippen zien komen. Er zijn vandaag initiatieven nodig om ze in leven te houden, zodat er nog genoeg plastics recyclers over
zijn om die targets te helpen halen.
Dat er ook vanuit onze industrie nog meer inspanningen zullen moeten volgen om de kwaliteit op te drijven, is duidelijk. Pioniers zoals Plastic
Recycling in Nederland hebben die boodschap alvast goed begrepen. Maar ook Galloo in België en Frankrijk heeft al bewezen dat het de kringloop
volledig kan sluiten voor bepaalde materiaalstromen uit autowrakken. Dat behoort immers eveneens tot de verplichtingen van de nieuwe
ELV-regelgeving. Maar om iedereen op die kar te krijgen is dat langetermijnperspectief broodnodig. Geef ons dat. Vandaag al.
Veel leesplezier!
Valérie Couplez
COLOFON
Jaargang 11 | nummer 2 | 2026
Verschijnt 5 x per jaar
recyclepro.eu
VERANTWOORDELIJKE UITGEVER
Schatbeurderlaan 6
6002 ED Weert
Postbus 249
6000 AE Weert
+31 495 45 00 95
info@louwersmediagroep.nl
louwersmediagroep.com
VESTIGING BELGIË
Kapellestraat 132/1
Gebouw G
8020 Oostkamp
+32 50 36 81 70
info@louwersmediagroep.be
louwersmediagroep..com
22 36
EINDREDACTIE
Valérie Couplez
REDACTIETEAM
Valérie Couplez, Els Goethals, Ferdi den Bakker,
Kris Vandekerckhove, Saar Bentein
PROJECTMANAGER
Kevin Desender
k.desender@louwersmediagroep.be
SECRETARIAAT
Elke Kina
Nancy Priem
Sylvie Vanneste
ADVERTENTIES
Een hoge resolutie PDF moet worden aangeleverd
via de AdPortal. Mocht u nog geen uploadlink
hebben ontvangen, stuur een email naar
traffic@louwersmediagroep.nl
ABONNEMENTSPRIJS
België: € 90,00 per jaar excl. BTW
Buiten België: € 142,00 per jaar excl. BTW
ING IBAN nr. BE33 3631 9320 5246
BIC: BBRUBEBB
t.n.v. Louwers Mediagroep
o.v.v. RecyclePro.
Informatie over abonnementen:
T +32 50 36 81 70
ADRESWIJZIGINGEN
Schriftelijk ten minste drie weken
voor verhuizing naar:
Kapellestraat 132/1 Gebouw G, 8020 Oostkamp
OPZEGGINGEN
Indien twee maanden voor het verstrijken van de
abonnementsperiode geen schriftelijk bericht van
op zegging is ontvangen, wordt het abonnement
automatisch met een jaar verlengd.
DOELGROEP
Verspreiding vindt plaats via abonnementen en
via gerichte distributie in controlled circulation aan
sloopbedrijven, grote aannemers, recycling- en
afvalverwerkingsbedrijven, facilitymanagers, federaties,
overheden, bedrijven gespecialiseerd in sanering en de
belangrijkste toeleveranciers van de sector.
Blijf gratis en eenvoudig op de hoogte van het laatste
nieuws. Volg ons op social media en meld je aan voor
onze nieuwsbrief!
Recyclingbedrijf in de kijker: “Kwaliteit plastic leveren die nu nog niet bestaat” 8
Sterk partnerschap voor maximale procesoptimalisatie 10
Plastic recycling tussen crisis en capaciteitstekort 12
Zware klussen op verplaatsing makkelijker dan ooit 15
De Pen, “Meer aandacht voor de afvalsituatie levert besparingen op” 16
De vernieuwde Antwerp Declaration en haar belang voor de recyclingindustrie 18
Tussen onrust en richting: waarom de plasticmarkt volwassen moet worden 20
DOSSIER ELV-VERORDENING
Wat betekent de nieuwe ELV-verordening voor recyclers? 22
Verplicht gebruik van recycled content in nieuwe wagens 24
Wat verandert er op vlak van ontmanteling en depollutie? 26
46
VORMGEVING/ART DIRECTION
studio@louwersmediagroep.nl
DRUKWERK
Drukkerij Hendrix, Peer
Niets uit deze uitgave mag worden over genomen of ver menig vuldigd zonder
uitdruk kelijke toestemming van de uitgever en zon der bronvermelding.
Hoewel dit blad op zorg vuldige wijze en naar beste weten is samen gesteld
kunnen uitgever en auteurs op geen enkele wijze instaan voor de juistheid
of volledig heid van de informatie. Zij aan vaar den dan ook geen enkele
aansprake lijkheid voor schade, van wel ke aard ook, die het gevolg is van
hande lingen en/of beslis singen die gebaseerd zijn op deze informatie.
Denuo: Making waste matter 29
Slim malen voor een veeleisende markt 36
Sterk dealerschap met focus op kwaliteit 40
Online event brengt best practices voor duurzame materialen en PFAS reiniging samen 42
INHOUD
58 64
80
88 82
DOSSIER SLOPEN & BREKEN
De motor achter vooruitgang in sloop, ontmanteling en recycling 46
Hercules onder de betonvergruizers weet meteen te overtuigen 48
Efficiënt slopen met gehuurde betonschaar 50
Menggranulaat 250+: wanneer de sector samen inzet op kwaliteit én circulariteit 52
Licence to drill 57
Baanbrekende recyclingtechniek voor cellenbeton 58
Vrouw in de kijker: “Zolang je maar weet waarover je praat” 61
Tandem zorgt voor maximale kwaliteit en efficiëntie 62
Circulariteit als motor voor concurrentiekracht 64
De slimme recyclinginstallatie van de toekomst, vandaag al realiteit 66
Internationaal vervoer – zeetransport 69
BRBS nieuws: branchevereniging breken en sorteren 71
Wolfraammarkt: van uitdagingen naar oplossingen? 80
Column Vooruit: Stoorstoffen in puingranulaten, een oplossing is voor handen 82
Maximale mobiliteit, hoge zeefprestaties 84
Safety first: Blootstelling aan emissie van dieselmotoren kan kanker veroorzaken 87
Impact Europese wetgeving op papier, karton en kunststoffen 88
Nieuwe ontpakkingsinstallatie blinkt uit in snelheid en duurzaamheid 92
Textiel op het kantelpunt 94
De harde cijfers 97
ETS MACHINERY – MINELLI MATERIAL
HANDLERS
Blijf gratis en eenvoudig op de
hoogte van het laatste nieuws.
Volg ons op social media en meld
je aan voor onze nieuwsbrief!
recyclepro.eu
RECYCLINGBEDRIJF IN DE KIJKER
“KWALITEIT PLASTIC LEVEREN
DIE NU NOG NIET BESTAAT”
Een kleine tien jaar vooruitkijken zet Broeckx Plastic Recycling op pole position om te profiteren van een plastic exportverbod. Algemeen
directeur Twan Hesselmans: “Het idee is om gemixte gebruikte industriële LDPE-verpakkingsfolies te sorteren op kleur, type en MFI. In mei
willen we operationeel zijn met de gloednieuwe sorteerlijn die dat mogelijk maakt.”
Tekst Ferdi den Bakker | Beeld Broeckx Plastic Recycling
Broeckx Plastic Recycling was niet altijd een
recyclingbedrijf. Het familiebedrijf startte als
transporteur. Ooms van Hesselmans zagen daarna
kansen voor de inzameling van landbouwfolie en
later kunststoffen. Vervolgens ontstond Broeckx
Plastics Recycling. Ondertussen staat de derde
generatie, die bestaat uit Twan Hesselmans en zijn
neef Koen Vromans, aan het roer met hun oom
Ad Broeckx. Het bedrijf bestaat inmiddels uit drie
takken: Plastic Recycling, Mega Plastics en Extract
Plastics. De eerste richt zich op de inzameling en
het verhandelen, Mega op de export en Extract op
de nieuwe sorteerlijn.
Het bedrijf bestaat inmiddels uit drie takken: Plastic Recycling, Mega Plastics en Extract Plastics.
Handelsonderneming
Van oudsher is de onderneming vooral een handelsbedrijf.
Hesselmans. “Jaarlijks sorteren en
verhandelen we ongeveer 30.000 ton plastic. Na
de sortering maken we er balen van, maar de nadruk
ligt vooral op het (internationaal) verhandelen.
Grotere volumes kopen we in bij oud papier
inzamelaars, afvalinzamelaars of rechtsreeks bij
de bron.”
Tijdens inspelen op nieuwe kansen
Het bedrijf ziet de markt veranderen. Hesselmans:
“De tendens is slecht, zelf mogen we als handelsbedrijf
niet klagen. Veel energie gaat naar het op
peil houden van de volumes en het effectief houden
van de organisatie door alle uitdagingen die
de export met zich meebrengen.” De directeur zag
China de deur acht jaar geleden dicht gooien, ook
is er veel nieuwe regelgeving geïntroduceerd. “Het
is daardoor meer dan ooit nodig om tijdig ergens
op in te spelen.”
Broeckx Plastic Recycling verwacht dat de markt draait van prijs- naar kwaliteitgedreven.
“Verwacht een switch van
prijs naar kwaliteit gerecycled
materiaal”
Met de Extract tak wil het bedrijf inspelen op de
druk om veel meer plastic binnen Europa te sorte-
8 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
RECYCLINGBEDRIJF IN DE KIJKER
ren en verwerken. “Nu is de markt erg prijsgedreven,
maar als bedrijf verwachten we dat dit gaat
veranderen. De nadruk op kwaliteit zal toenemen.”
Op het moment dat China de grenzen sloot
voor de import van plastic afval, verwachtte de
onderneming dat andere landen zouden volgen.
“Inmiddels heeft Europa een exportstop ingesteld,
wat ertoe leidt dat er heel veel plastic bij ons en
bij collega’s staat. Dit heeft de ontwikkeling van
de sorteerlijn alleen maar urgenter gemaakt.”
“Sorteerkwaliteit die nog niet
bestaat”
De nieuwe sorteerlijn laat het bedrijf op type,
kleur en MFI sorteren. Hesselmans: “Puur sorteren
op LDPE-naturel was niet voldoende en wilden we
niet. Het is ons doel om zo dicht mogelijk bij de
kwaliteit van virgin materiaal te komen zonder
zelf een re-granulaat te produceren. Samen met
producent Bollegraaf hebben we een sorteerlijn
ontwikkeld waarmee we de LDPE-folie behalve op
type en kleur ook in drie categorieën MFI kunnen
onderscheiden. Dit resulteert in een kwaliteit die
nog niet bestaat en is ontwikkeld op een moment
dat er in de markt eigenlijk nog geen concrete
vraag naar was.”
Van handelsbedrijf naar producent
De sorteerlijn moet uiteindelijk 13,5 ton per uur
verwerken. “Het is een gigantische lijn, maar
noodzakelijk als de vraag vanuit Europa aantrekt.
Als verpakkingsproducenten een bepaalde korrel
aan materiaal nodig hebben, moeten de recyclers
die wel kunnen leveren én wij onze balen folie
dus ook.” Hesselmans merkt in aanloop naar de
ingebruikname al veel interesse onder recyclers.
“Dat is fijn en welkom na een forse investering.
De oude sorteerlijn, waarop we beperkt en handmatig
sorteerden, is inmiddels gedemonteerd. De
handlingkosten daarvan lagen veel te hoog. De
switch naar deze nieuwe lijn betekent daarmee
een grote verandering. Van handelsbedrijf gaan
we meer toe naar een productiebedrijf. Maar het
leukste is dat de timing van iets wat je bijna tien
jaar geleden hebt bedacht, nu perfect is.” ❚
De nieuwe sorteerlijn laat het bedrijf op type, kleur en MFI sorteren.
‘De exportstop heeft de
ontwikkeling van de sorteerlijn
alleen maar urgenter gemaakt’
Directeur Twan Hesselmans: “Het leukste is dat de timing van iets wat je bijna
tien jaar geleden hebt bedacht, nu perfect is.”
De sorteerlijn kan tot 13,5 ton per uur verwerken.
RecyclePR
RecyclePR
.EU
.EU
9
VAN ZELFREGISTRATIE TOT GESTROOMLIJNDE ADMINISTRATIE
STERK PARTNERSCHAP VOOR MAXIMALE
PROCESOPTIMALISATIE
Als er één branche is die gebukt gaat onder een hoge administratieve druk, dan is het wel de sloop- en recyclingsector. Extra personeel
aanwerven dan maar? Daar is vaak geen ruimte voor … Hoe bied je deze uitdagingen dan wel het hoofd? Het antwoord ligt in digitalisatie.
Vanuit die overtuiging bundelen Organi en Alphatronics hun krachten om zo recyclingbedrijven maximaal te ondersteunen.
Tekst Els Goethals | Beeld Organi
Organi geniet naam en faam als Belgische ITspecialist
en ontwikkelt met zijn in-huis softwareplatform
Ordas gespecialiseerde ERP-systemen
voor diverse sectoren. Alphatronics op zijn beurt,
levert hoogwaardige maatwerkoplossingen voor
toegangscontrole: van slagbomen en nummerplaatherkenning
tot aanmeld- en bedieningszuilen.
Beide bedrijven slaan de handen in elkaar
om hardware en software in één pakket aan te
bieden.
Perfect complementair
“Deze totaaloplossing stelt kmo’s in staat om hun
bedrijfsprocessen te automatiseren en te optimaliseren,
zonder dat ze zelf IT-expert moeten zijn. Dit
betekent een enorme meerwaarde voor bedrijven
uit bijvoorbeeld de sloop- of recyclingsector, waar
regelgeving en procedures toenemen terwijl het
personeelsgebrek blijft. Zo wordt 1 + 1 écht meer
dan 2”, vertelt Johan Haghebaert, Sales Manager
van Organi. “Tussen Organi en Alphatronics was er
van bij de start een sterke match. Via automatisering
slaan we een brug tussen transportbewegingen,
activiteiten op het terrein en administratieve
bedrijfsprocessen. Door hardware en software op
elkaar af te stemmen, creëren we extra meerwaarde
voor de klant, wat zich uit in een sterk vereenvoudigde
administratie.”
Geen slimme hardware zonder
slimme software
“Onze expertises vullen elkaar perfect aan”,
klinkt het ook bij Jasmien Vanvooren, CEO van
Alphatronics. “Alphatronics installeert de fysieke
systemen, zoals slagbomen, ANPR-camera’s en
gebruiksvriendelijke aanmeldkiosken. Tegelijk
voorzien we een toegankelijke API voor een vlotte
integratie met automatiseringsoplossingen. Daar
krijgt de synergie concreet vorm: Organi connecteert
de realtime data met de ERP-software en
brengt alle elementen samen in één slim platform.”
Eén gestroomlijnd proces
Haghebaert schetst hoe een geautomatiseerde
logistieke keten concreet verloopt: “Zodra een
externe vrachtwagen arriveert, wordt de nummerplaat
automatisch herkend via een ANPR-camera,
waarna het systeem controleert of alle benodigde
gegevens voor de inkomende vracht gekend zijn
in het ERP systeem. Na hoogstens enkele aan-
Dankzij een geautomatiseerd toegangscontrolesysteem
met nummerplaatherkenning zet Sterhoek
een grote stap in digitalisering.
Sterhoek gebruikt Ordas om bedrijfsprocessen te stroomlijnen en investeerde daarnaast in een automatische
weegbrugtoepassing.
10 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
‘Automatisering slaat een brug tussen
transportbewegingen, activiteiten op het
terrein en administratieve bedrijfsprocessen’
vullingen door de weegbrugbediende krijgt de
chauffeur toegang en gaat de slagboom open.
Eigen chauffeurs kunnen via een mobiele app zelf
inchecken op de weegbrug. De nodige digitale
documenten worden aangemaakt en de software
wisselt deze gegevens rechtstreeks uit met de ERP.
Bij het verlaten van het terrein beslist de ERP op
basis van de nummerplaat of de klant via een
kiosk dient te betalen, of nadien via een automatisch
facturatieproces getarifeerd wordt, waarna
de slagboom opent. Dit is een mooi voorbeeld van
procesoptimalisatie, waarbij onze Ordas software
fungeert als het digitale hart dat alle systemen
verbindt. Hogere efficiëntie en lagere kosten zijn
enkele van de grote voordelen. Het stelt bedrijven
in staat te focussen op de échte kerntaken:
efficiënte bedrijfsvoering en -groei!”
Geautomatiseerde verwerking
“Nummerplaten ingeven, klanten en leveranciersgegevens
bijhouden, vrachtdocumenten of veiligheidscertificaten
controleren en registreren hoeveel
ton afvalstof er die dag is binnengekomen
of uitgegaan. Al deze administratieve registraties
worden nu geautomatiseerd, wat leidt tot snellere
processen”, vult Haghebaert aan. “Geen Excellijstjes
en tijdverlies meer. Wel een veel lagere
foutmarge als extra bonus.” Vanvooren beaamt:
“Samen met de hoogwaardige apparatuur van
Alphatronics vormt de Ordas software van Organi
Slagboomautomatisatie maakt het mogelijk om automatisch te registreren welk voertuig wanneer binnenkomt
of buitengaat.
een krachtige hefboom voor recyclingbedrijven
om hun logistieke, administratieve en boekhoudkundige
processen te stroomlijnen.”
Ambitieuze partnerschappen
“Samenwerking vormt een rode draad binnen
onze organisatie. Daarom blijven we investeren in
partnerships om onze impact verder te ver groten.
Zo boeken we zelfs veelbelovende resultaten met
een AI-proefproject waarbij automatisch nietconforme
materialen worden gedetecteerd bij de
ophaling van rolcontainers met papier- en kartonafval.
Software die onze klanten voorsprong geeft,
daar staat Organi voor”, besluit Haghebaert. ❚
RecyclePR
RecyclePR
.EU 11
.EU
STIJGENDE RECYCLINGVERPLICHTINGEN BOTSEN MET ECONOMISCHE REALITEIT
Plastic recycling tussen crisis en
capaciteitstekort
De Europese plastic recyclingsector bevindt zich in een paradoxale situatie. Terwijl Europa richting 2030 steeds hogere verplichtingen oplegt
voor het gebruik van recyclaat, staat de sector vandaag onder zware economische druk.
Tekst Kris Vandekerckhove | Beeld Leonie Swauwaert, iStock
Lage prijzen voor virgin plastics, internationale
concurrentie en hoge energie- en investeringskosten
zetten recyclers klem. Tegelijk verdwijnt
recyclingcapaciteit, terwijl die net zou moeten
groeien.
Perfect storm voor recyclers
Volgens Eric Van Roekel (Van Werven Plastic
Recycling Holding) wordt de markt momenteel
bepaald door een fundamenteel prijsprobleem.
Recyclers zitten gevangen tussen de kosten van
inzameling en verwerking enerzijds en de concurrentie
met goedkoop virgin plastic anderzijds: “Als
virgin materiaal goedkoop wordt, mag recyclaat
niet duurder zijn. Tegelijk kunnen wij de prijs aan
de voorkant niet verhogen, want dan gaan de stromen
naar verbranding of stort. Dat mechanisme
is vandaag volledig uit balans.” Daarbovenop
komt internationale concurrentie. Recyclers in
Europa hebben te maken met hogere energieprijzen,
strengere regelgeving en hogere loonkosten
dan producenten van nieuw plastic elders in de
In Europa is de voorbije jaren bijna één miljoen ton recyclingcapaciteit verdwenen .
wereld. Ook bij Vanheede Environment Group
merken ze dat de marktvraag moeilijker wordt.
Jeroen Blancke wijst op de afzet van gerecyclede
kunststofstromen, vooral wanneer het gaat om
donkere kleuren: “Voor lichte kleuren blijft de
vraag nog redelijk stabiel, maar voor donkere kwaliteiten
zien we duidelijk dat de markt moeilijker
wordt. Dat heeft vooral te maken met de prijsdruk
en het grote aanbod.”
De economische onzekerheid maakt investeringen moeilijk, terwijl financiering vaak een probleem vormt.
Capaciteit verdwijnt terwijl ze
nodig is
De economische druk heeft tastbare gevolgen. In
Europa is de voorbije jaren bijna één miljoen ton
recyclingcapaciteit verdwenen. Volgens Blancke is
dat een zorgwekkende evolutie: “Terwijl Europa
richting 2030 meer recyclingcapaciteit nodig
heeft, zien we vandaag bedrijven stoppen. Dat
is een gevaarlijke ontwikkeling.” Van Roekel sluit
zich daarbij aan. De sector moet volgens hem eigenlijk
snel opschalen, maar in de praktijk staat
12 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
alles eerder stil. “We weten dat we in de toekomst
meer moeten recyclen. Maar vandaag zitten veel
bedrijven in een moeilijke positie. Daardoor dreigen
we capaciteit te verliezen die we later hard
nodig zullen hebben.”
Paradox richting 2030
De Europese regelgeving verplicht producenten
om tegen 2030 een bepaald percentage gerecycled
materiaal te gebruiken in nieuwe producten.
Maar volgens de sector verloopt de voorbereiding
op die doelstelling traag. Blancke wijst erop
dat er nog miljoenen tonnen extra recyclingcapaciteit
nodig zijn om aan die verplichtingen te
voldoen: “Als je kijkt naar de geplande recycled
content doelstellingen, spreken we voor bepaalde
kunststofstromen over vijf à zes miljoen ton extra
capaciteit die nodig zal zijn.” Toch anticiperen
bedrijven vandaag nog te weinig op die toekomstige
vraag. De economische onzekerheid maakt
investeringen moeilijk, terwijl financiering vaak
een probleem vormt.
Bedrijven anticiperen vandaag nog te weinig op de toekomstige vraag.
hebben stabiliteit nodig om die stappen te zetten.”
Ondanks de moeilijke marktomstandigheden
blijven beide sprekers voorzichtig optimistisch. De
samenwerking binnen de sector groeit en het besef
van urgentie neemt toe. Blancke: “Er ontstaat
steeds meer dynamiek tussen alle schakels in de
keten. Dat geeft vertrouwen dat we samen stappen
kunnen zetten richting échte circulariteit.” ❚
‘De sector pleit
voor duidelijke
beleidskeuzes’
Van recycling naar circulariteit
Naast economische uitdagingen speelt ook een
inhoudelijke discussie. Volgens Blancke ligt de
focus vandaag te sterk op recyclingijfers, terwijl
circulariteit eigenlijk het echte doel moet zijn: “We
hebben jarenlang gekeken naar recyclinggraad:
hoeveel materiaal zamelen we in en verwerken
we. Maar de echte vraag is: komt dat materiaal
opnieuw in dezelfde toepassingen terecht?” Dat
betekent dat ook producenten en merkeigenaars
een grotere rol moeten spelen in de circulaire
keten. Zonder vraag naar recyclaat kan de circulaire
economie immers niet functioneren. Van
Roekel vat het scherp samen: “We hebben bijna
een circulaire economie opgebouwd, maar met
een lineair einde. Alles wordt ingezameld en gerecycled,
maar als het materiaal niet opnieuw gebruikt
wordt, stopt de cirkel alsnog.”
Nood aan duidelijke keuzes
De sector pleit daarom voor duidelijke beleidskeuzes.
Een graduele verplichting voor recycled
content – bijvoorbeeld startend met een laag
percentage en geleidelijk oplopend – kan volgens
beide sprekers helpen om de markt op gang te
brengen. “Als er duidelijke regels zijn, kan de sector
investeren”, zegt Van Roekel. “Maar bedrijven
Lage prijzen voor virgin plastics, internationale concurrentie en hoge energie- en investeringskosten zetten
recyclers klem.
Dit gesprek meer in de diepte
beluisteren? Luister naar Trash Talks.
RecyclePR
RecyclePR
.EU 13
.EU
CREATING A
WORLD OF
DIFFERENCE
DE NEXT-GEN MRF VAN BOLLEGRAAF
Über Bollegraaf
IFAT München
4-7 Mei
Stand
B5.327
Datagestuurde sorteerinstallaties met minder ongeplande stilstand
Lagere onderhoudskosten
Dashboards zorgen voor maximale grip op prestaties en kosten
www.bollegraaf.com
EEN ANTWOORD OP EEN GROEIENDE VRAAG
Zware klussen op verplaatsing
makkelijker dan ooit
Steeds vaker kregen we van klanten uit België en Nederland de vraag hoe ze hun brekers vlotter konden verhuizen. Lange tijd kon GM Recycling
daar geen eigen oplossing voor aanbieden. Maar zoals bedrijfsleider Brecht Martens het verwoordt: “Ik wil nooit moeten zeggen dat we iets
niet kunnen aanbieden. Dan zoeken we gewoon verder tot de juiste oplossing er is.”
Tekst & beeld GM Recycling
Wat deze Dolly uniek maakt, is het gebruiksgemak: de Dolly blijft altijd bij de breker, het verplaatsen vraagt geen dieplader meer én de operator kan veel sneller
schakelen tussen verschillende werven.
Twee jaar geleden begon de zoektocht naar een
partner die deze visie mee kon realiseren. Die vonden
ze bij De Buf, een Belgische specialist in zwaar
rollend materieel. Samen werkten ze aan een oplossing
die volledig aansluit bij de eigen filosofie van
GM: robuust, betrouwbaar, veelzijdig en gebruiksvriendelijk.
Het resultaat is de nieuwe GM Dolly,
een vijfassige, hydraulisch geveerde en volledig
gestuurd uitgevoerde transportoplossing, speciaal
ontwikkeld voor het snel en veilig verplaatsen van
grote brekers.
Gebruiksgemak boven
Wat deze Dolly uniek maakt, is het gebruiksgemak:
de Dolly blijft altijd bij de breker, het verplaatsen
vraagt geen dieplader meer én de operator kan
veel sneller schakelen tussen verschillende werven.
‘Een vijfassige,
hydraulisch geveerde
en volledig gestuurd
uitgevoerde
transportoplossing,
speciaal ontwikkeld
voor het snel en veilig
verplaatsen van grote
brekers’
De breker wordt eenvoudig op de Dolly gereden, aan
de voorzijde gekoppeld via een geïntegreerde kingpin,
en is meteen klaar voor transport. “Transport
regelen, wachten op planningen, afhankelijk zijn van
externe firma’s … dat is verleden tijd. Met deze Dolly
ben je meteen vertrokken”, aldus Martens.
Gemaakt voor zware machines én
voor de toekomst
De GM Dolly is de eerste in zijn soort binnen het
GM assortiment, maar zeker niet de laatste. “Dit
is geen lichtgewicht cliché-oplossing. Dit is een
echte werkmachine die perfect aansluit bij de GIPO
brekers die wij leveren.” Met deze Dolly speelt GM
Recycling in op de groeiende vraag naar meer
mobiliteit op de werf, minder transportkosten en
meer flexibiliteit voor klanten. ❚
RecyclePR
RecyclePR
.EU 15
.EU
DEPEN
‘Samenwerken met ketenpartners of de
buurman op een bedrijventerrein is de
volgende stap. Het zou heel mooi zijn
als meer bedrijven dit in gang zetten’
16
RecyclePR
RecyclePR
.EU
.EU
DEPEN
Elise Draijer,
Adviseur duurzaam ondernemen bij Stichting Stimular
“Meer aandacht voor
de afvalsituatie levert
besparingen op”
Bedrijven zouden wat meer aandacht moeten hebben voor hun afvalsituatie. Misschien wel juist in een turbulente
wereld met sterk oplopende spanningen en kosten. Reststromen beperken levert een kostenbesparing
op, iets wat ook geldt voor circulair werken en het gebruik van minder goederen. Ik zie dat veel bedrijven
kansen laten liggen en onnodige kosten maken.
Afval hoort er vaak een beetje bij, terwijl iets meer aandacht voor de afvalsituatie binnen een bedrijf tot hele mooie verbeteringen
kan leiden. Er valt echt wat te halen als ondernemingen hun denkwijze veranderen van ‘we kunnen niet zoveel
met afval, we genereren het ongeacht wat we doen’, naar iets ondernemen. Dus van bijvoorbeeld scheiden (recyclen) naar
hergebruiken tot het weglaten van materiaalgebruik. Je komt zomaar een paar stappen hoger uit op de R-ladder. Die ladder
geeft strategieën voor bedrijven om aan de slag te gaan met circulariteit.
Zelf open ik bij een bedrijfsbezoek altijd de afvalbakken. Ik wil weten wat er in zit en vaak zie ik dan niet plat gemaakte kartonnen
dozen of vervuild papier. Zonde, want dit zijn twee zaken die echt makkelijk aan te passen zijn. Bovendien komen er
ook vernieuwde richtlijnen aan die bedrijven aanzetten tot verbeteren, zoals de Packaging and Packaging Waste Regulation
(PPWR). Dat houdt onder andere in dat je als verpakkingsproducent verpakkingsmateriaal recyclebaar moet maken. Als gebruiker
kun je daar dus al op inspelen. Wat enorm zou helpen is als meer bedrijven één persoon aanwijzen die zich specifiek
met afval en circulariteit bezighoudt. Deze persoon kan binnen een organisatie de aanjager zijn van veranderingen, een soort
van afvalmanager die het goede voorbeeld geeft, uitlegt waarom scheiden belangrijk is en wat het oplevert. Ook is deze
afvalmanager hierdoor op de hoogte van regelingen, zoals de kans om gratis plastic afval te laten ophalen.
Wat mij betreft zijn er twee aspecten waar bedrijven snel stappen kunnen zetten: verpakkingsmateriaal en standaardafvalcontracten.
Verpakkingsmateriaal verminderen helpt altijd. Vraag bij een leverancier na of het mogelijk is om meer
artikelen in hetzelfde of minder verpakkingsmateriaal aan te leveren. Stel dat je een spoel met 20 m draad in plaats van
10 m bestelt, dan zijn er ook minder spoelen nodig. Minder artikelen bestellen is uiteraard het beste. Neem duurzaamheid
aanvullend mee in aanbestedingen.
Daarnaast passen veel bedrijven een afvalcontract zelden tot nooit aan. Het maakt de kans groot dat restafvalbakken te vaak
worden geleegd. Misschien kan de frequentie wel van twee naar één keer per week. Als je gaat monitoren wat je scheidt aan
afval, weet je ook welke stromen je wanneer moet laten ophalen.
Restafval is een dure stroom, dus als je afval gaat scheiden, dan levert dat vrijwel zeker iets op. Samenwerken met ketenpartners
of de buurman op een bedrijventerrein is de volgende stap. Het zou heel mooi zijn als meer bedrijven dit in gang
zetten. Niet alleen vanuit kostenoogpunt, maar ook omdat daarmee circulariteit weer een stap dichterbij komt. ❚
RecyclePR
RecyclePR
.EU
.EU
17
MADE IN EUROPE BELANGRIJK LABEL
DE VERNIEUWDE ANTWERP DECLARATION EN
HAAR BELANG VOOR DE RECYCLINGINDUSTRIE
In februari 2024 riep de Europese industrie op tot maatregelen om haar concurrentiekracht te versterken. Een noodkreet die niet in dovemansoren
viel, maar harde concrete actie bleef, ondanks veel goede wil, uit. In februari, aan de vooravond van de Europese top in Alden
Biesen verscherpte de industrie daarom haar toon. Niet met een tweede Antwerp Declaration maar met een aangepaste die vraagt om lagere
energie- en koolstofkosten, de ondersteuning van een eerlijke wereldhandel en verbeterde toegang tot financiering en om een aankoopbeleid
dat de voorkeur geeft aan Europese producten.
Tekst Valérie Couplez | Beeld iStock
delspraktijken. Het tempo waarin vestigingen sluiten
en banen verloren gaan in vitale sectoren is
ongekend. Het rapport-Draghi is niet uitgevoerd.
De situatie is slechter dan een jaar geleden, en
de komende vijf jaar zullen voor de Europese industrie
de meest uitdagende zijn in vele decennia.
Het rapport-Letta over de interne markt toonde de
versnippering ervan aan, en vormt het eerste obstakel
om te overwinnen.
Eisen van de industrie
De Europese industriële top dringt aan op maatregelen
die de urgentie weerspiegelen die in tijden
van crisis wordt gevoeld. Om de COVID-19-crisis
te overwinnen, werden maatregelen genomen
Het kern van het betoog van de bedrijvengemeenschap
achter de Antwerp Declaration is duidelijk:
er is geen veerkrachtig, veilig of sterk Europa
zonder een sterke Europese industrie. De huidige
geopolitieke schokken moeten voor Europa een
kans zijn. De verandering is blijvend. Nostalgie
lost onze problemen en onze structurele afhankelijkheden
niet op. De wereldwijde concurrentie
is meedogenloos. Europese burgers willen hoogwaardige
banen voor toekomstige generaties in
Europa. Kmo’s, de ruggengraat van het Europese
industriële en zakelijke weefsel, hebben overal het
moeilijk. De Europese industrieën en bedrijven
worden geconfronteerd met aanhoudend hoge
energie- en koolstofkosten, evenals oneerlijke handie
voorheen onmogelijk werden geacht. We hebben
dezelfde aanpak nodig voor het indu striële
concurrentievermogen. Om over te gaan van
diagnose naar uitvoering, en van plannen naar
resultaten, met één enkel doel: onze industrie redden.
Niet volgend jaar, niet volgende week, maar
vandaag. Volgens het monitoringrapport van de
Antwerp Declaration heeft ongeveer 83% van de
voor de EU gemonitorde KPI's geen significante
verbetering laten zien. De elektriciteitsprijzen blijven
binnen Europa nog steeds hoger dan in concurrerende
landen. Koolstofkosten zijn uniek voor
Europa en het systeem is zo ontworpen dat de kosten
jaar na jaar stijgen. China streeft ernaar om in
het komende decennium het equivalent van een
geheel nieuwe hightechsector aan zijn economie
toe te voegen en zal de industrie in hoog tempo
decarboniseren. De Verenigde Staten blijven een
assertieve industriële strategie hanteren, evenals
verstrekkende handelsmaatregelen om de productie
in het hele land nieuw leven in te blazen.
Hoewel de situatie nijpend is, is de uitkomst niet
onvermijdelijk. We kunnen dit overwinnen, als we
de Clean Industrial Deal omzetten in resultaten
die in 2026 op de werkvloer merkbaar zijn. We
roepen op tot gedurfde maatregelen op drie belangrijke
gebieden:
Vooral de focus op made in Europe moeten we verwelkomen. Want dat is recycling ten voeten uit. Veel lokaler
kan je je grondstoffen niet halen dan uit afval dat we hier geproduceerd hebben
- Verlaag de energie- en CO 2
-kosten. De energiekosten
in Europa zijn simpelweg te hoog
om te kunnen concurreren en worden niet alleen
bepaald door grondstofprijzen, maar ook
door regelgevingsheffingen.
- Steun eerlijke wereldhandel en verbeterde
toegang tot financiering. Vrijhandelsovereenkomsten
of andere soorten overeenkomsten
moeten de vitale bevoorrading van de industrie
veiligstellen, toegang tot nieuwe markten
mogelijk maken en de export vergroten.
18 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
Werk maken van de Antwerp Declaration is ook werk maken van een competitievere, veerkrachtigere recyclingindustrie.
De EU moet alle beleidsinstrumenten tegen oneerlijke concurrentie in
overweging nemen om een echt gelijk speelveld voor de EU-industrieën
te waarborgen, zowel op de binnenlandse als op de internationale markten,
inclusief bescherming tegen koolstoflekkage.
- Wees trots op het kopen van producten die in Europa zijn gemaakt. Geef
het goede voorbeeld via overheidsopdrachten en door de EU gesteunde
initiatieven van particuliere kopers. Geef consumenten (bedrijven en
particulieren) de mogelijkheid om te kiezen voor klimaatneutrale en circulaire
producten, op basis van transparante product- en milieu-koolstofvoetafdrukken,
en ondersteun zo hoogwaardige banen in Europa.
‘Een uniform afvalstoffenbeleid
over de hele Europese Unie zou
de administratieve rompslomp
gigantisch vereenvoudigen’
Belang voor recycling?
Wat moeten we daar nu uit meenemen voor recycling? Want hebben we als
sector net niet hogere koolstofkosten nodig om het verschil te maken met
virgin materialen? Misschien wel, maar er zit tegelijk veel in dat we als sector
kunnen verwelkomen. Lagere energiekosten bijvoorbeeld. Die kunnen ook al
helpen om de strijd aan te gaan tegen spotgoedkope virgin materialen en
recyclaat uit andere werelddelen. Maar vooral de focus op made in Europe
moeten we verwelkomen. Want dat is recycling ten voeten uit. Veel lokaler
kan je je grondstoffen niet halen dan uit afval dat we hier geproduceerd hebben
en waar we weer nuttige grondstoffen en producten mee maken. Volledig
circulair en met een al lagere koolstofkost. Europees kopen moet ook de vraag
naar Europees recyclaat aanzwengelen en mee de deur helpen sluiten voor
grondstoffen die de hele wereld rondreizen om hier te gebruiken. Daarnaast
wordt er in de Antwerp Declaration gepleit voor een echt eengemaakte interne
markt binnen Europa. En hoewel regelgeving vandaag belangrijk is om de
kwaliteit van recyclaat te garanderen, zou een uniform afvalstoffenbeleid over
de hele Europese Unie de administratieve rompslomp gigantisch vereenvoudigen.
Met andere woorden, werk maken van de Antwerp Declaration is ook
werk maken van een competitievere, veerkrachtigere recyclingindustrie. ❚
Voor elk (verzekerings-)
vraagstuk binnen de recycling
een oplossing!
Bij All Insurance Solutions B.V. bent u letterlijk verzekerd van een
partner (verzekeringen en risicomanagement) met ruime ervaring
in de recycling-branche.
• Vrijblijvende analyse van uw bedrijfsrisico’s
en verzekeringspakket
• 100% onafhankelijk
• Alles onder één dak
• Persoonlijk en creatief in (maatwerk-)oplossingen
• Altijd betrokken, communicatief en fanatiek
Helsinkilaan 8
3446 AH Woerden
www.ais.nl
088 - 00 191 50
Visit us!
Add contact
v-card Patrick
RecyclePR .EU 19
RecyclePR
.EU
Naamloos-1 Naamloos-8 1 14-07-2025 02-10-2025 12:49
15:01
Tussen onrust en richting:
waarom de plasticmarkt
volwassen moet worden
De plasticmarkt staat opnieuw onder spanning. Niet door één oorzaak, maar door een samenloop van factoren die elkaar versterken:
geopolitieke onrust, snel veranderende regelgeving en een marktstructuur die nog altijd sterk leunt op oude reflexen. Voor wie actief is in
recycling is dit geen onbekend terrein, maar de intensiteit en breedte van de huidige ontwikkelingen maken deze fase uitzonderlijk.
Tekst & beeld Eric van Roekel, Managing Director Van Werven Plastic Recycling Holding
De onrust in het Midden-Oosten is daar een duidelijk voorbeeld van. Conflicten
in deze regio raken direct aan energieprijzen, petrochemische productie
en mondiale logistieke stromen. Routes worden langer, risico-opslagen hoger
en leveringszekerheid minder vanzelfsprekend. Voor virgin plastics vertaalt
zich dat vrijwel direct in prijsdruk en volatiliteit. Wat jarenlang werd gezien als
een stabiele en voorspelbare grondstof, blijkt ineens kwetsbaar.
Gunstig voor recycling?
De reflex is dan vaak om te concluderen dat dit automatisch gunstig is voor
recycling. Hogere virginprijzen maken recyclaat immers relatief aantrekkelijker.
Die redenering is begrijpelijk, maar ook te eenvoudig. Recycling profiteert
niet automatisch van geopolitieke onrust; het deelt in veel gevallen dezelfde
kostenstijgingen. Energie, transport, financiering en residu-afzet worden
eveneens duurder. Bovendien is de recyclingmarkt nog altijd gevoelig voor
kortetermijnbewegingen en opportunistisch gedrag. Wat deze periode extra
interessant maakt, is dat geopolitieke druk samenvalt met een versnelling
in regelgeving. In Europa worden de contouren van de nieuwe plasticorde
steeds scherper zichtbaar. Verplichte recycled content, strengere eisen aan
traceerbaarheid, uitgebreide rapportageverplichtingen en toenemende aandacht
voor kwaliteit en toepassingszekerheid veranderen de markt fundamenteel.
Dit zijn geen tijdelijke maatregelen, maar structurele ingrepen die de
keten dwingen volwassen te worden.
‘Recycling is geen
noodoplossing voor dure
virgin, maar een volwaardig
onderdeel van een
toekomstbestendige
industrie’
Strategische pijler
Dat vraagt iets van alle spelers. Van producenten, die verder moeten kijken
dan alleen prijs per ton. Van beleidsmakers, die consistent moeten blijven,
ook als de markt tijdelijk tegenzit. En zeker ook van recyclers, die moeten
blijven investeren in kwaliteit, transparantie en schaal, juist in tijden van onzekerheid.
Recycling is geen restcategorie meer; het is een strategische pijler
onder grondstoffenvoorziening, klimaatbeleid en industriële autonomie. Toch
zie ik in de praktijk dat recycling nog te vaak wordt behandeld als afgeleide
van de virginmarkt. Alsof recyclaat pas bestaansrecht heeft, wanneer virgin
duur genoeg wordt. Dat is een kwetsbare positie. Het maakt de sector afhankelijk
van externe schokken in plaats van van eigen waardecreatie. Terwijl
juist die waarde steeds duidelijker wordt: lokale beschikbaarheid, lagere
CO 2
‐voetafdruk, minder afhankelijkheid van geopolitiek instabiele regio’s en
een directe bijdrage aan circulariteit. De huidige marktonrust legt een dieperliggend
probleem bloot: we hebben recycling jarenlang efficiënt gemaakt,
maar onvoldoende robuust. We hebben gestuurd op kosten, maar te weinig
op veerkracht. Dat wreekt zich nu. Een volwassen recyclingmarkt vraagt om
20 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
langjarige relaties, eerlijke prijsmechanismen en erkenning van risico’s die
niet alleen bij de recycler mogen liggen. Zonder dat blijven investeringen
kwetsbaar en blijft innovatie achter. Daar komt bij dat de aankomende regelgeving
geen ruimte laat voor vrijblijvendheid. Bedrijven zullen moeten aantonen
waar hun materialen vandaan komen, wat erin zit en hoe betrouwbaar
de keten is. Dat is alleen mogelijk als recyclingbedrijven financieel gezond
zijn en kunnen investeren in systemen, mensen en technologie. Een markt
die recycling structureel onderwaardeert, ondergraaft daarmee haar eigen
beleidsdoelen.
Katalysator
Kan de huidige onrust dan toch een katalysator zijn? Ik denk van wel maar
alleen als we de juiste lessen trekken. Niet door te hopen op blijvend hoge
virginprijzen, maar door te erkennen dat afhankelijkheid van fossiele grondstoffen
en lange aanvoerlijnen een strategisch risico is. De afgelopen jaren
hebben laten zien hoe snel zekerheden kunnen verdampen. Energiecrises,
pandemieën en geopolitieke conflicten zijn geen uitzonderingen meer,
maar structurele factoren. Recycling biedt hier een alternatief dat dichterbij,
stabieler en beter beheersbaar is. Maar dat alternatief werkt alleen als
we bereid zijn het serieus te nemen. Dat betekent dat prijs niet het enige
criterium mag zijn, dat kwaliteit wordt beloond en dat langjarige samenwerking
de norm wordt in plaats van de uitzondering. Het betekent ook
dat we als sector duidelijker moeten zijn over wat recycling kost, wat het
oplevert en welke risico’s ermee gepaard gaan. De komende periode wordt
bepalend. De markt zal testen waar de grenzen liggen: van regelgeving, van
leveringszekerheid en van bereidheid tot samenwerking. Mijn overtuiging
is dat recycling hier sterker uit kan komen, maar alleen als we stoppen met
reactief denken. Recycling is geen noodoplossing voor dure virgin, maar een
volwaardig onderdeel van een toekomstbestendige industrie. Onrust dwingt
tot keuzes. We kunnen blijven meebewegen met de grillen van de markt, of
we kunnen richting geven. Voor mij is duidelijk waar de toekomst ligt. Niet
in afwachten, maar in bouwen. Niet in afhankelijkheid, maar in autonomie.
En niet in kortetermijnvoordeel, maar in structurele waardecreatie voor de
hele keten. ❚
Eric van Roekel
RecyclePR
RecyclePR
.EU 21
.EU
DOSSIER ELV-VERORDENING
De bijdrage die de constructeurs leveren voor de verwerking van hun autowrakken zal in de toekomst afhangen van hoe goed de onderdelen ontmantelbaar,
herbruikbaar en recyclebaar zijn.
MEER INZETTEN OP TRACEERBAARHEID EN RECYCLEBAARHEID
Wat betekent de nieuwe
ELV-verordening voor recyclers?
De End-of-Life Vehicles (ELV) verordening zit in zijn finale fase. Bij het schrijven van dit dossier ontbreekt enkel nog de laatste formele
bekrachtiging, nadat de vertalingen van het document zijn afgerond. De vorige versie dateerde uit 2000, aan de nieuwe is jaren gewerkt - het
originele voorstel lag al in 2023 voor het eerst op tafel. Een lange bevalling die alles te maken heeft met het belang van de automobielsector
en het moeilijk vaarwater waarin ze beland is. De doelen voor de aanwezigheid van recycled content zijn wat afgezwakt maar de ambitie is
overeind gebleven: nieuwe wagens meer circulair maken. In dit artikel schetsen we het kader, in de volgende twee gaan we dieper in op
enerzijds de bepalingen voor recycled content en anderzijds de eisen rond ontmanteling.
Tekst Valérie Couplez | Beeld iStock
De herziene EU ELV-verordening vormt de volgende
stap in de Europese transitie naar een meer
circulaire auto-industrie. Ze brengt twee à drie
bestaande richtlijnen samen in één verordening,
met dus een rechtstreekse impact op elke lidstaat.
Dat maakt het een uniek document. Voor autofabrikanten
is circulariteit op zich niet nieuw. Het
demonteren van voertuigen, het terugwinnen van
materialen en rapportage over naleving maken al
lang deel uit van het regelgevingslandschap. Wat
verandert, is de mate van verantwoordingsplicht
die vereist is om aan te tonen dat de circulariteitsdoelstellingen
daadwerkelijk worden gehaald. De
verschuiving gaat minder over het invoeren van
geheel nieuwe verplichtingen en meer over het
operationaliseren van circulariteit binnen steeds
complexere materiaalstromen. In plaats van zich
uitsluitend te richten op de verwerking aan het
einde van de levensduur, richt het herziene kader
zich in toenemende mate op circulariteit gedurende
de gehele levenscyclus van het voertuig.
22 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
DOSSIER ELV-VERORDENING
Dit omvat:
- Minimale eisen voor recycled content voor
kunststoffen;
- Sterkere verwachtingen rond circulair ontwerp;
- Verplichtingen rond uitgebreide producentenverantwoordelijkheid
(UPV);
- Strikter toezien op de export van voertuigen
en depollutie- en ontmantelingsactiviteiten.
Naar meer traceerbaarheid
Dat er steeds meer autowrakken via export door de
mazen van het net glippen, is al langer een doorn
in het oog van Europa. Omwille van de veiligheid,
er is een reden waarom een auto het stempel wrak
krijgt, en omwille van de waardevolle materialen
die daarmee verloren gaan. De ELV-verordening
wil daarom zoveel mogelijk achter poortjes sluiten.
Dat begint met een uniforme Europese definitie
over wanneer een wagen een wrak wordt.
lijk Febelauto en ARN beschikken we al over een
beheerorganisme. Bovendien wil Europa dat de
recyclingsector ook met minstens één waarnemer
zetelt in de raad van bestuur. Een positieve zaak
om de volledige waardeketen dichter bij elkaar te
brengen. De bijdrage die de constructeurs leveren
voor de verwerking van hun autowrakken zal in de
toekomst afhangen van hoe goed de onderdelen
ontmantelbaar, herbruikbaar en recyclebaar zijn.
Ecomodulatie dus. Hoe slechter wagens scoren
op deze criteria, hoe hoger de UPV-bijdrage zal
zijn. Ook de recyclingsector in de lage landen is
de laatste jaren al die weg naar meer hergebruik
ingeslagen. Er zit ook waarde in onderdelen aanbieden
voor de tweedehandsmarkt. Hoe ze eruit
te halen en hoe ze aan te bieden aan professionele
actoren zijn de volgende stappen om hierin
te zetten.
Conclusie
De herziene ELV-verordening luidt een bredere
verschuiving in naar meer verantwoordingsplicht
en transparantie in de materiaalstromen binnen
de automobielsector. In plaats van zich uitsluitend
te richten op recyclingresultaten, eist het regelgevingskader
in toenemende mate dat fabrikanten
aantonen hoe materialen door circulaire terugwinningsprocessen
stromen – van de demontage
van voertuigen tot de productie van secundaire
grondstoffen. Voor fabrikanten wordt circulariteit
daarom niet alleen een duurzaamheidsdoelstelling,
maar ook een operationele uitdaging. Het halen
van doelstellingen voor gerecycled materiaal,
het aantonen van gereedheid voor circulair
ontwerp en het verifiëren van verwerkingsresultaten
zijn allemaal afhankelijk van betrouwbare
documentatie van wat er gebeurt, zodra voertuigen
en onderdelen opnieuw in terugwinningssystemen
terechtkomen. Het vastleggen van deze
processen op een gestructureerde en controleerbare
manier wordt een steeds belangrijker onderdeel
van circulariteitsprogramma's. ❚
‘De herziene ELVverordening
luidt een
bredere verschuiving
in naar meer verantwoordingsplicht
en
transparantie in de
materiaalstromen
binnen de automobielsector’
Daarnaast zal er een digitaal systeem ontwikkeld
worden om voertuigen beter doorheen lidstaten
te kunnen traceren. Dat moet binnen twee jaar
in voege zijn (de lidstaten hebben dan nog twee
jaar om aan te sluiten). Het is immers ‘slechts’
een kwestie van de databanken die elke lidstaat
al heeft, met elkaar te laten praten. Vijf jaar na
het ingaan van de ELV-verordening zal er ook een
exportban gelden voor niet-rijwaardige wagens.
Hoe die controles en de handhaving precies zullen
gebeuren, moet nog uitgewerkt worden in secundaire
wetgeving.
Uitgebreide
producentenverantwoordelijkheid
Voor België en Nederland is de verplichting van
een systeem voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid
minder impactvol. Met respectieve-
De doelen voor de aanwezigheid van recycled content zijn wat afgezwakt maar de ambitie is overeind
gebleven: nieuwe wagens meer circulair maken.
RecyclePR
RecyclePR
.EU
.EU
23
DOSSIER ELV-VERORDENING
TOT 25% GERECYCLEDE KUNSTSTOFFEN NA TIEN JAAR
VERPLICHT GEBRUIK VAN RECYCLED CONTENT
IN NIEUWE WAGENS
Dat een industrie zo groot als de automobielsector verplicht wordt om gerecyclede materialen in zijn nieuwe wagens te verwerken, is
uiteraard een bijzonder positief verhaal. En hoewel de doelstellingen in vergelijking met de eerste draft van de ELV-verordening flink zijn
afgezwakt en wat later in voege komen, moeten ze toch de vraag naar gerecylede kunststoffen helpen aanzwengelen de komende jaren. Wie
trouwens een bezoekje bracht aan het afgelopen Autosalon in Brussel zag dat het gebruik van gerecyclede materialen deel uitmaakt van de
branding bij verschillende merken. Hopelijk kan de afgeklopte wetgeving voor een extra stroomversnelling in de vraag zorgen.
Tekst Valérie Couplez | Beeld iStock
Na de officiële goedkeuring van de ELV-verordening krijgen autoconstructeurs
nog zes jaar de tijd om gerecyclede kunststoffen te sourcen voor
wagens die ze in Europa op de markt willen brengen. In eerste instantie
gaat het om een doelstelling van 15%. Nog eens vier jaar later wordt de
ondergrens opgetrokken tot 25%. Telkens een vijfde daarvan zullen zogenoemde
closed loop kunststoffen moeten zijn. Met andere woorden plastics
die specifiek afkomstig zijn uit autowrakken. Dat zoiets kan, bewijst de
recyclingsector trouwens al. Wat ook een opsteker is voor de sector is de
definitie waaraan deze kunststoffen moeten voldoen. Dat de gerecyclede
kunststoffen afkomstig moeten zijn uit post-consumer afval staat expliciet
benoemd in de ELV-verordening. Biobased plastics vallen hier niet onder.
Het recyclaat mag weliswaar afkomstig zijn van buiten Europa, maar dan
moet men kunnen aantonen dat het volgens evenwaardige milieu- en sociale
normen verwerkt is.
Telkens een vijfde daarvan zullen zogenoemde closed loop kunststoffen moeten zijn. Met andere woorden plastics die specifiek afkomstig zijn uit autowrakken.
24 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
DOSSIER ELV-VERORDENING
Audits uitgevoerd door onafhankelijke derde partijen zullen alle claims moeten hardmaken, bij constructeurs en bij recyclers
Recycled content van metalen
Voorlopig zijn nog geen expliciete targets vastgesteld voor staal en
aluminium. Toch wordt in de ELV-verordening al de opening gemaakt naar
deze materiaalstromen. De Europese Commissie zal een haalbaarheidsstudie
uitvoeren om te onderzoeken wat een gezonde ambitie is qua recycled
content voor metaal. Het resultaat daarvan moet dan twee jaar later leiden
tot verplichte doelstellingen. De vraag is hoe ambitieus men hierin zal zijn?
Vandaag worden gerecycled staal en aluminium al frequent toegepast bij
de constructie van nieuwe wagens. Een target die te dicht op de realiteit
van vandaag zit, zal weinig impact met zich meebrengen. Maar wil men
de duimschroeven aanspannen om meer inspanningen te vragen van een
automobielsector die het al moeilijk heeft?
Kritische materialen
Een ander aspect van circulariteit in de automobielsector is de economische
waarde die in de materialen van voertuigen besloten ligt. Hoewel metalen zoals
staal en aluminium het grootste deel van het gewicht van een voertuig
uit maken, komen sommige van de meest waardevolle materialen in veel
kleinere hoeveelheden voor. Zeldzame aardmetalen die bijvoorbeeld in elektromotoren
en magneten worden gebruikt, vormen slechts een fractie van de
totale massa van een voertuig, maar kunnen toch een onevenredig groot deel
van de materiaal waarde van het voertuig vertegenwoordigen. Edelmetalen in
katalysatoren en koper in kabelbomen volgen een vergelijkbaar patroon. Het
terugwinnen en opnieuw inbrengen van deze materialen in toeleveringsketens
is daarom niet alleen een duurzaamheidsdoelstelling, maar ook een economische
kans. Naarmate de grondstoffenmarkten krapper worden en kritieke grondstoffen
strategisch belangrijker worden, wordt het voor fabrikanten steeds relevanter
om deze terugwinningsstromen in kaart te brengen en te documenteren.
De Europese Commissie heeft daarom de taak gekregen om een haalbaarheidsstudie
op het getouw te zetten rond deze kritische materialen.
Meetmethodologie en handhaving
Doelstellingen opleggen is maar één kant van de medaille. Ze handhaven is
minstens even belangrijk om echt impact te creëren, al krijgt die minder aandacht.
De meetmethodologie om te beoordelen hoeveel gerecyclede plastics
in een wagen aanwezig zijn, zal uitgewerkt worden door middel van secundaire
wetgeving. Audits uitgevoerd door onafhankelijke derde partijen zullen
alle claims moeten hardmaken, bij constructeurs en bij recyclers. Het halen
van doelstellingen voor gerecycled materiaal, het aantonen van gereedheid
voor circulair ontwerp en het verifiëren van de juiste verwerkingsresultaten
zijn allemaal afhankelijk van betrouwbare informatie over materialen en
volumes in complexe toeleveringsketens en terugwinningsnetwerken. In veel
organisaties bestaat deze informatie al, maar is deze vaak versnipperd over
meerdere systemen en operationele fasen. Naarmate de eisen op het gebied
van circulariteit toenemen, wordt de uitdaging steeds meer een kwestie van
gestructureerd beheer van levenscyclusgegevens. ❚
Van bosbouw tot recycling en agricultuur:
ATWT levert hoogwaardige slijtdelen die presteren
onder de zwaarste omstandigheden.
www.atwteurope.nl
+31 0412 250 017
info@atwteurope.nl
BOSBOUW RECYCLING AGRICULTURE
RecyclePR
RecyclePR
.EU
.EU
25
Ook banden staan op het lijstje, net als bumpers.
TOT 70% VAN AANWEZIGE GLAS APART VERWIJDEREN
WAT VERANDERT ER OP VLAK VAN
ONTMANTELING EN DEPOLLUTIE?
Een ander belangrijk item voor recyclingbedrijven in de ELV-verordening is wat de wetgever oplegt in verband met de ontmanteling van
autowrakken. Het uiteindelijk verdict zal op gemengde gevoelens onthaald worden in de sector. Sommige bedrijven zijn al uitgerust om de
nieuwe regels op te volgen, andere zullen moeten investeren. Vooral het verwijderen van glas zal nog een heikel punt zijn. Het is echter
wachten op de laatste invullingen van de wetteksten om te weten hoe het er op het terrein aan toe zal gaan.
Tekst Valérie Couplez | Beeld iStock
De Europese autoriteiten leggen ook verplichtingen
om rond het depollueren en ontmantelen van
end-of-life vehicles. Deze gaan in zes jaar na de formele
goedkeuring van de verordening. Dat moet
de sector volgens Europa voldoende tijd geven om
zich te organiseren. Wat het depollueren betreft,
kunnen we kort zijn. Voor Belgische en Nederlandse
recyclingbedrijven is het eigenlijk niks nieuws
onder de zon. De manier van werken kan ook onder
de nieuwe Europese regels behouden blijven.
Ontmanteling uitgebreid
Waar we ons wel aan zullen moeten aanpassen
zijn de verplichtingen om bepaalde componenten
handmatig of semi-automatisch te verwijderen.
Die mogen dus, hoe goed de toegepaste postshredder
technologie ook werkt, er niet zomaar
meer in. De grootste aanpassing heeft ongetwijfeld
te maken met glas. Volgens de finale teksten
zou70% van het aanwezige glas apart verwijderd
moeten worden. Wel wordt er nog een opening
26 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
DOSSIER ELV-VERORDENING
gelaten voor afwijkingen als zou blijken dat het
ontmantelen technisch of economisch niet haalbaar
is. Nog ruimte voor speculatie dus. Het zal
een kwestie zijn van samen met de overheden te
kijken naar wat er goed werkt en waar er moet
bijgestuurd worden. Andere onderdelen voor ontmanteling
op de lijst zijn autobatterijen, draagbare
batterijen en katalysatoren. Die gebeurt
in de lage landen vandaag al omwille van de
economische waarde die deze onderdelen nog
opleveren. Ook banden staan op het lijstje, net
als bumpers. Voor de direct beschikbare informatiesystemen
zijn de spelregels dan weer minder
duidelijk afgebakend. Dat wordt nog afwachten
wat de concrete invulling zal zijn. Feit is dat de
kosten voor de ontmanteling van voertuigen voor
88% door de recyclers gedragen worden. Door
meer manuele handelingen dreigen die te stijgen,
terwijl de investeringen die al gebeurd zijn in postshredder
technologie om de kwaliteit te verhogen
onderuit gehaald worden. Hopelijk houdt Europa
hier rekening mee in de uitwerking van zijn secundaire
wetgeving.
Kwaliteit van recyclaat
Daarnaast legt de ELV-verordening bijkomende
verplichtingen op in verband met de kwaliteit van
het gerecycled staal en aluminium. Het materiaal
dat dus uit de shredder komt. Er wordt vooral
streng gekeken naar de aanwezigheid van koper.
De percentages die nog toegelaten zijn liggen
vrij laag. Verder verwacht men ook een uitsortering
van aluminium in verschillende legeringen.
Dit gaat veel verder dan wat er vandaag
standaard aanwezig is bij verwerkers. Moet men
dan speciaal voor de auto-industrie zijn volledige
installaties aanpassen om aan die strengere
voorwaarden te voldoen? Het valt ook nog af te
wachten hoe de markt zal evalueren. Europa zal
eveneens actieplannen voor staal en aluminium
uitwerken. Hoe die dan correleren met deze wetgeving
valt te bezien. Ten slotte legt de EU nog
een aantal verplichtingen op aan het finale residu
dat overblijft in de shredder. Maar ook dat
zal voor deze regionen weinig tot geen aanpassing
vergen.
Conclusie
In de praktijk omvatten circulaire terugwinningsprogramma’s
veel meer dan alleen het rapporteren
van recyclingresultaten. Producten moeten eerst
worden teruggekocht, ingezameld en naar terugwinningsfaciliteiten
worden vervoerd. Onderdelen
worden gedemonteerd, materialen worden gescheiden
en recyclingpartners zetten deze om in
secundaire grondstoffen die mogelijk weer in de toeleveringsketens
kunnen worden opgenomen. Bij
dit hele proces zijn meerdere partners betrokken,
van logistieke dienstverleners tot demontagefaciliteiten
en gespecialiseerde recyclers. Het coördineren
van deze activiteiten en tegelijkertijd het documenteren
van de chain-of-custody gebeurtenissen,
materiaaltransformaties en teruggewonnen volumes
is essentieel om circulaire prestaties aan te tonen. ❚
‘Door meer manuele handelingen dreigen de
kosten te stijgen, terwijl de investeringen die al
gebeurd zijn in post-shredder technologie om
de kwaliteit te verhogen onderuit
gehaald worden’
Andere onderdelen voor ontmanteling op de lijst zijn autobatterijen, draagbare batterijen en katalysatoren. Die gebeurt in de lage landen vandaag al omwille van de
economische waarde die deze onderdelen nog opleveren.
RecyclePR
RecyclePR
.EU
.EU
27
UW PARTNER IN
RECYCLING VAN PAPIER,
KARTON & PLASTIEK
Dankzij ons ruime aanbod aan containers
(> 1.000 van verschillende grootte) kan u ook voor andere
afvalstromen (hout, restafval,…) bij ons terecht!
FLEXIBEL
& CONTRACTVRIJ
OPLOSSINGEN
OP MAAT
FAMILIAAL
EN LOKAAL
PERSOONLIJKE
AANPAK
Erkend Valipac-ophaler
Nijverheidslaan 31-40, 8560 Gullegem
T 056 41 64 35 - info@gilgemyn.be
www.gilgemyn.be
Making waste matter
RecyclePR
RecyclePR
.EU 29
.EU
We willen circulariteit, maar geven de sector
geen zuurstof
Europa en België zetten stevig in op een circulaire economie. De doelstellingen zijn duidelijk, de ambities hoog. Maar wie
naar de praktijk kijkt, ziet een andere realiteit. De sector die deze transitie moet waarmaken, krijgt het steeds moeilijker om
die rol effectief op te nemen.
De afval- en recyclingsector staat vandaag onder druk door randvoorwaarden
die niet volgen. Energieprijzen blijven hoog en onvoorspelbaar, terwijl net
onze sector energie-intensief is. Dat zet het concurrentievermogen onder
spanning, zeker in een internationale context waar die kosten niet overal
even zwaar doorwegen. Circulariteit organiseren is één zaak, ze economisch
haalbaar houden is een andere.
Daarnaast groeit de spanning rond eindverwerking. Meer recycling betekent
niet dat verbranding of storten overbodig worden. Voor bepaalde rest stromen
blijven veilige eindoplossingen noodzakelijk. Toch zien we dat net die
capaciteit onder druk staat. Projecten zoals de nieuwe asbestcementatielijn
van OVMB tonen nochtans hoe cruciaal zulke infrastructuur is. Ze zorgen
ervoor dat gevaarlijke materialen definitief en veilig uit de kringloop worden
gehaald. Zonder die schakels raakt de hele keten uit balans.
Tegelijk liggen er ook duidelijke kansen. Het engagement tot samenwerking
tussen Vlaanderen, Nederland en Noordrijn-Westfalen wijst op het potentieel
van een grensoverschrijdende circulaire markt. Schaalvergroting, betere
afstemming en een efficiëntere inzet van capaciteit kunnen de sector vooruit
helpen. Maar dat vraagt meer dan intenties alleen. Administratieve drempels
moeten verdwijnen, regels beter op elkaar worden afgestemd en procedures
vereenvoudigd.
De rode draad is duidelijk. Circulariteit werkt alleen als het volledige systeem
klopt. Als beleid, markt en infrastructuur op elkaar afgestemd zijn. Als
bedrijven kunnen investeren met voldoende zekerheid. En als alle schakels in
de keten erkend worden voor hun rol, ook wanneer die minder zichtbaar of
minder populair is.
In deze katern brengen we die spanningsvelden samen en schuiven we onze
prioriteiten naar voren. Niet om de ambitie in vraag te stellen, wel om ze
werkbaar te maken. Want wie de circulaire economie ernstig neemt, moet ook
de voorwaarden creëren om ze te laten slagen.
30 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
Energie als breekpunt voor circulariteit:
zonder competitieve prijzen geen competitieve
recyclingindustrie
De circulaire economie staat hoog op de Europese en Belgische agenda. Recycling moet onze afhankelijkheid van primaire
grondstoffen verminderen en tegelijk bijdragen aan klimaatdoelstellingen. Maar achter die ambitie groeit een fundamenteel
probleem. De bedrijven die deze circulaire economie mogelijk maken, verliezen vandaag aan concurrentiekracht.
De vraag dringt zich op: hoe bouwen we een circulaire economie als de industriële basis wegvalt?
Het recente jaarverslag van de Nationale Bank legt de vinger op de wonde:
de Belgische industrie staat onder druk door hoge energieprijzen, toenemende
regelgeving en internationale concurrentie. De recyclingsector voelt
deze realiteit als geen ander. Processen zoals sorteren, shredderen, wassen en
smelten zijn energie-intensief. Tegelijk moeten recyclingbedrijven concurreren
met producenten van virgin materialen én met recyclingcapaciteit in andere
landen waar energie goedkoper is of actief door de overheid wordt ondersteund.
Wanneer energieprijzen structureel hoger liggen dan bij concurrenten,
ontstaat een fundamenteel onevenwicht. Gerecyclede materialen worden
duurder, investeringen komen onder druk te staan en capaciteit verdwijnt. De
paradox is duidelijk: Europa wil meer recycling, maar ondergraaft tegelijk de
voorwaarden om die waar te maken.
Circulariteit vraagt een sterke industrie
Recycling is geen nicheactiviteit, maar een strategische pijler van de economie.
Ze verlaagt CO 2
-uitstoot, versterkt de bevoorradingszekerheid en creëert
lokale economische waarde. Maar die rol kan alleen worden vervuld als bedrijven
economisch competitief blijven. Afval is daarbij geen reststroom, maar
een grondstof. Europa zet vandaag sterk in op ‘Made in Europe’, maar dat
verhaal is onvolledig zonder ‘Made with European materials’. De grondstoffen
van morgen liggen immers in onze eigen afvalstromen. Als we die hier
niet meer kunnen verwerken, geven we niet alleen economische waarde uit
handen, maar ook onze strategische autonomie. Als we willen vermijden dat
de recyclingsector verder terrein verliest, zijn gerichte en structurele maatregelen
noodzakelijk. Niet op lange termijn, maar nu. Vanuit die urgentie
schuift Denuo een aantal duidelijke beleidsprioriteiten naar voren die het
concurrentievermogen van de sector opnieuw moeten versterken.
1. Zorg voor competitieve en voorspelbare
energieprijzen
De eerste prioriteit is duidelijk: energieprijzen moeten opnieuw competitief
worden. Vandaag vormen ze de grootste structurele handicap voor de recyclingsector.
Denuo pleit voor concrete maatregelen. Denk aan het plafonneren
van transmissie- en distributienettarieven, ook voor kmo’s en bedrijven
in industriële ketens. Daarnaast moeten accijnzen omlaag tot het Europees
minimum. Zonder deze ingrepen blijft recycling structureel duurder dan de
productie van virgin materialen.
2. Haal beleidskosten uit de energiefactuur
De elektriciteitsfactuur wordt vandaag gebruikt om allerlei beleidsmaatregelen
te financieren. Dat maakt energie onnodig duur voor bedrijven
die net bijdragen aan de klimaattransitie. Denuo vraagt daarom om deze
kosten via algemene middelen te financieren. De energiefactuur moet de
werkelijke energiekost weerspiegelen, niet fungeren als beleidsinstrument.
Dit is een cruciale stap om de structurele kostenhandicap weg te werken.
De eerste prioriteit is duidelijk: energieprijzen moeten opnieuw competitief worden.
Vandaag vormen ze de grootste structurele handicap voor de recyclingsector.
3. Creëer een gelijk speelveld met internationale
concurrenten
De recyclingsector opereert in een globale markt. Vandaag moeten Belgische
bedrijven concurreren met importstromen van recyclaat uit goedkopere regio’s
en met producenten van virgin materialen die vaak lagere kosten hebben of
steun genieten. Denuo vraagt strengere controles op import en een beleid dat
lokale, circulaire materialen erkent als strategische grondstoffen voor Europa.
Zonder een eerlijk speelveld verliest Europa niet alleen industrie, maar ook
controle over zijn grondstoffen.
4. Zorg voor stabiliteit en investeringszekerheid
Tot slot is er nood aan een stabiel en coherent regelgevend kader. Continue
wijzigingen en bijkomende nationale interpretaties zorgen voor onzekerheid
en remmen investeringen af. De recyclingsector heeft nood aan duidelijke,
voorspelbare regels die bedrijven toelaten om op lange termijn te investeren
in capaciteit en innovatie.
Van analyse naar actie
De analyse van de Nationale Bank is geen academische oefening, maar een
duidelijke wake-upcall. Industriële competitiviteit en klimaat- en circulariteitsdoelstellingen
kunnen niet los van elkaar worden bekeken. Wie inzet op
circulariteit, moet ook zorgen voor een industrie die die ambitie kan dragen.
Een coherent circulair beleid vraagt dus evenzeer een sterk industrieel en
energiebeleid dat rekening houdt met de realiteit van energie-intensieve
sectoren zoals de afval- en recyclingsector. Initiatieven zoals Alden-Biesen
toonden dat die bewustwording groeit, maar het gebrek aan concrete opvolging
op Europees niveau maakt duidelijk dat we er nog lang niet zijn. De
richting is gekend. Nu is het aan beleidsmakers om die ook te vertalen in
daadkrachtige keuzes.
RecyclePR
RecyclePR
.EU 31
.EU
Geen circulaire economie zonder veilige
eindverwerking: waarom ‘safe sinks’
cruciaal blijven
Europa en België zetten volop in op meer recycling en hergebruik. Maar wat met de materialen waarvoor er geen plaats
is in de kringloop? Van PFAS tot asbest: sommige stoffen willen we net uit onze samenleving verwijderen. Dat legt een
fundamenteel spanningsveld bloot. Want hoe maak je een circulaire economie werkbaar als niet alles circulair kán zijn? Het
antwoord ligt bij een vaak vergeten schakel in de keten: veilige eindpunten, of ‘safe sinks’. Maar die staan vandaag onder
druk. Tijd om het debat scherper te stellen.
De ambitie van België en Europa is duidelijk: materialen zo lang mogelijk
in omloop houden. Maar tegelijk moeten schadelijke stoffen ook sneller uit
circulatie worden gehaald. Een ambitie die extra kracht wordt bijgezet met
doelstellingen rond waterkwaliteit, bodem en gezondheid. Die dubbele ambitie
botst in de praktijk. Afvalstromen bevatten immers ook stoffen uit het
verleden die we vandaag niet langer willen gebruiken. Denk aan de enorme
asbesterfenis, maar ook de PFAS-verontreiniging. De afval- en recyclingsector
fungeert daarbij als filter: wat nog bruikbaar is, gaat terug de economie in.
De rest, de residu's zoals in de sector wordt gezegd, moet veilig worden verwijderd.
En precies daar wringt het schoentje.
De filter werkt, maar heeft een eindpunt nodig
Zelfs de meest performante recyclingprocessen produceren residu's. Het
gaat om stoffen die technisch en/of economisch niet verder kunnen worden
gerecycled, te vervuilend zijn of een risico voor mens en milieu vormen.
Denuo benadrukt daarom dat een robuuste circulaire economie niet zonder
veilige eindverwerking kan. Safe sinks, zoals gespecialiseerde verbrandingsinstallaties
en stortplaatsen, zijn geen alternatief voor recycling, maar
een noodzakelijke aanvulling. Ze zorgen ervoor dat niet-herbruikbare, nietrecyclebare
en schadelijke stoffen definitief uit de kringloop verdwijnen en
ondersteunen zo de kwaliteit van gerecyclede materialen. Die realiteit vraagt
om duidelijke keuzes. Als we willen dat de circulaire economie werkt in de
praktijk, dan moeten we ook erkennen dat niet alles in die kringloop past. Het
debat mag zich dus niet beperken tot enkel méér recycling, maar moet ook
gaan over hoe we omgaan met wat daarbuiten valt. Vanuit die invalshoek
schuift Denuo een aantal concrete beleidsprioriteiten naar voren om veilige
eindverwerking structureel te verankeren in het systeem.
1. Zorg voor voldoende safe sink capaciteit
Een eerste prioriteit is voldoende eindverwerkingscapaciteit. De aanname dat
minder afval automatisch leidt tot minder nood aan eindverwerking klopt
niet. Meer recycling betekent net ook meer residu's die niet meer kunnen
worden gerecycled. Daarom pleit Denuo voor een realistisch beleid dat erkent
dat een bepaald volume aan thermische verwerking en storten noodzakelijk
blijft. Zonder die capaciteit verschuift het probleem simpelweg naar andere
regio’s of ontstaat er een bottleneck in de keten.
2. Leg voorwaarden voor eindverwerking vast
Safe sinks moeten voldoen aan de hoogste kwaliteitsnormen. Het gaat om
gespecialiseerde installaties die garanderen dat schadelijke stoffen effectief
worden vernietigd of geïsoleerd, zonder risico voor mens en milieu. Denuo
vraagt daarom om duidelijke criteria vast te leggen waarop afvalstromen in
aanmerking komen voor eindverwerking. Die moeten gebaseerd zijn op drie
principes: niet recyclebaar, schadelijk en zwaar verontreinigd.
3. Focus op performantie in plaats van pure afbouw
In plaats van een generieke afbouw van eindverwerkingscapaciteit pleit
Denuo voor een performantiegericht beleid. Installaties die beter scoren op
klimaatimpact, energie-efficiëntie en materiaalrecuperatie moeten worden
gestimuleerd. Zo ontstaat een systeem dat innovatie beloont en de sector
continu verbetert. Een loutere focus op afbouw zonder onderscheid dreigt net
investeringen te ondermijnen en de circulaire ambities te vertragen.
4. Geef safe sinks een plaats in milieuwetgeving
Tot slot vraagt Denuo om safe sinks expliciet te verankeren in de milieuwetgeving.
Dat betekent niet dat de principes van de afvalhiërarchie worden
losgelaten, maar wel dat wordt erkend dat veilige eindpunten een structureel
onderdeel zijn van het systeem. Een duidelijke juridische basis creëert rechtszekerheid
voor investeringen en maakt het mogelijk om deze capaciteit op
lange termijn te garanderen.
Zelfs de meest performante recyclingprocessen produceren residu's. Het gaat om
stoffen die technisch en/of economisch niet verder kunnen worden gerecycled, te
vervuilend zijn of een risico voor mens en milieu vormen. Denuo benadrukt daarom
dat een robuuste circulaire economie niet zonder veilige eindverwerking kan.
Ook een sluitstuk is een cruciale schakel
De conclusie is helder: wie inzet op maximale circulariteit, moet ook investeren
in wat daarbuiten valt. Safe sinks zijn geen restcategorie, maar een essentieel
onderdeel van een goed werkend systeem. Zonder veilige eindpunten
geen vertrouwen in recycling. En zonder vertrouwen geen circulaire economie
die standhoudt.
32 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
Asbest onder controle: waarom veilige berging
een onmisbare schakel blijft
Sommige afvalstromen kan je recyclen. Andere moet je vooral veilig beheren. Asbest hoort duidelijk in die laatste categorie.
Hoewel Vlaanderen al jaren werkt aan een asbestveilig gebouwenbestand, blijft de hoeveelheid asbesthoudend materiaal
in onze samenleving enorm. En dus rijst een cruciale vraag: waar moet al dat materiaal naartoe? Bij OVMB in Gent hebben
ze daar een duidelijk antwoord op. Met een nieuwe asbestcementatielijn investeert het bedrijf in een veilige en gecontroleerde
behandeling van niet-hechtgebonden asbestvezels. Maar achter deze installatie schuilt ook een bredere boodschap
voor het afval- en recyclingbeleid: sommige materialen hebben nood aan een veilige eindbestemming.
OVMB (Oost-Vlaams Milieubeheer), onderdeel van de Eiffage groep, bouwde
de voorbije decennia een sterke expertise op in de acceptatie, verwerking en
veilige berging van complexe afvalstromen. Vanuit zijn sites in Gent, waaronder
de stortplaats en verwerkingsactiviteiten op de J.F. Kennedylaan en de
site Oudetragel, speelt het bedrijf een belangrijke rol in de verwerking van
gevaarlijke en moeilijk recyclebare materialen. Die ervaring vormde de basis
voor een nieuw investeringsproject. Na jaren ervaring met een proefinstallatie
besliste de Eiffage groep om te investeren in een volwaardige installatie voor
de behandeling van niet-hechtgebonden asbest. De installatie is sinds begin
2026 volledig operationeel. “De installatie is het resultaat van meer dan tien
jaar ervaring met onze proefopstelling”, zegt Nadia Casier, adjunct-directeur
van OVMB. “Die periode heeft ons toegelaten om het proces stap voor stap
te verfijnen en uiteindelijk een robuuste installatie te bouwen die volledig
inspeelt op de veiligheids- en milieueisen.” Met deze investering positioneert
OVMB zich als één van de weinige spelers in België die deze complexe en
risicovolle afvalstroom veilig kan verwerken.
Asbest: een erfenis van miljoenen tonnen
Hoewel het gebruik van asbest in België al sinds 2001 verboden is, blijft het
materiaal op grote schaal aanwezig in gebouwen en infrastructuur. Volgens
recente cijfers bevindt zich in Vlaamse gebouwen alleen al naar schatting
3,18 miljoen ton asbest. Het grootste deel daarvan is hechtgebonden asbest,
bijvoorbeeld in golfplaten, leien of buizen. Deze materialen kunnen relatief
veilig worden verwijderd zolang ze intact blijven. Maar een kleiner en
gevaarlijker deel bestaat uit niet-hechtgebonden asbest, zoals leidingisolatie,
pleisterlagen of lijmresten. In die toepassingen kunnen asbestvezels gemakkelijk
vrijkomen en vormen ze een groter gezondheidsrisico.
De nieuwe asbestcementatielijn van OVMB
Om deze complexe afvalstroom veilig te verwerken ontwikkelde OVMB
een volledig nieuwe installatie op zijn site Oudetragel. De installatie werd
ontworpen op basis van de ervaringen met een eerdere pilootinstallatie.
Afval met niet-hechtgebonden asbest wordt eerst ontvangen en vervolgens
in een afgesloten zone mechanisch verkleind. De vrijgekomen vezels worden
daarna gemengd met cementachtige toeslagstoffen en water, waardoor ze
worden vastgelegd in een stabiele matrix. Na uitharding ontstaat een hechtgebonden
materiaal dat veilig kan worden afgevoerd naar de stortplaats. De
installatie werkt volgens een hermetisch afgesloten proces waarbij veiligheid
centraal staat. “Tijdens de verwerking komt niemand in de hermetische zone”,
legt Casier uit. “Alles gebeurt mechanisch en onder sterke afzuiging. Zodra
een deur wordt geopend, valt de installatie automatisch stil. Veiligheid is hier
absoluut de eerste prioriteit.” De installatie heeft een capaciteit van circa
2.000 ton per jaar en vormt daarmee een belangrijke schakel in de verwerking
van niet-hechtgebonden asbest in België. Voor deze afvalstroom bestaan
in België immers slechts twee gespecialiseerde behandelingsinstallaties: één
in Geel bij Rematt en nu dus ook één bij OVMB in Gent.
Met de nieuwe asbestcementatielijn draagt OVMB bij aan een asbestveilig
Vlaanderen. Tegelijk toont het project aan dat de circulaire economie niet alleen
draait om recycling, maar ook om het veilig beheren van materialen die niet
kunnen worden hergebruikt.
Circulariteit waar mogelijk, veilige berging waar nodig
De circulaire economie staat vandaag centraal in het Europese en Vlaamse
afvalbeleid. Recycling en materiaalhergebruik krijgen terecht prioriteit. Maar
niet elke afvalstroom kan opnieuw in een productcyclus worden gebracht.
Asbest is daar het duidelijkste voorbeeld van. Voor dit materiaal bestaat
vandaag geen veilige en economisch haalbare recyclingtechnologie op industriële
schaal. “Voor sommige materialen is recycling gewoon geen optie”, zegt
Casier. “Onze taak is dan om ervoor te zorgen dat ze op de veiligst mogelijke
manier verwerkt worden.” Daarom pleit Denuo ervoor om in het afvalbeleid
ook voldoende aandacht te blijven hebben voor zogenaamde safe sinks:
installaties en stortplaatsen die noodzakelijk zijn voor afvalstromen die nietrecyclebaar
zijn of een permanent risico vormen. “Stortplaatsen zijn vaak het
laatste stuk van de keten waar niemand graag over spreekt”, zegt Casier.
“Maar voor materialen zoals asbest zijn ze absoluut noodzakelijk. Zonder die
capaciteit kan je de problematiek gewoon niet oplossen.”
Investeren in veiligheid voor de lange termijn
Met de nieuwe asbestcementatielijn draagt OVMB bij aan een asbestveilig
Vlaanderen. Tegelijk toont het project aan dat de circulaire economie niet
alleen draait om recycling, maar ook om het veilig beheren van materialen
die niet kunnen worden hergebruikt. “Wij zien dit als een investering op lange
termijn”, besluit Casier. “Zolang er asbest in onze maatschappij aanwezig is,
zullen we installaties nodig hebben die dat materiaal veilig kunnen behandelen.”
Want uiteindelijk is dat misschien wel de belangrijkste les: een duurzame
afvalketen heeft niet alleen nood aan circulaire oplossingen, maar ook aan
betrouwbare eindpunten. En precies daar spelen bedrijven zoals OVMB een
cruciale rol.
RecyclePR
RecyclePR
.EU 33
.EU
Drie regio’s, één circulaire ambitie:
tijd om administratieve drempels te slopen
De circulaire economie stopt niet aan de landsgrens. Dat geldt zeker in een regio als de onze, waar afval- en materiaalstromen
dagelijks de grens met Nederland en Duitsland kruisen. Maar regelgeving en administratieve procedures blijven
hardnekkig nationaal georganiseerd. Dat botst steeds vaker met de realiteit op het terrein. Net daarom tekenden Vlaanderen,
Nederland en Noordrijn-Westfalen een intentieverklaring om de circulaire economie in de drie regio’s een boost te
geven. De vraag is niet of samenwerking nodig is, maar hoe ze écht werkbaar wordt.
worden vaak verschillend geïnterpreteerd per regio. Dat zorgt voor onzekerheid,
extra kosten en vertragingen, zonder aantoonbare milieuwinst. De
federaties vragen daarom een gerichte aanpak om de administratieve lasten
structureel te verminderen:
• Meer harmonisatie zodat dubbele controles en overlappende procedures
wegvallen;
• Snellere procedures voor gekende en betrouwbare stromen;
• Een meer risico-gebaseerde benadering van toezicht;
• Circulariteit vraagt vertrouwen in plaats van papierlast.
Gelijke regels voor een gelijk speelveld
Een tweede aandachtspunt is het gelijk speelveld. Vandaag worden bedrijven
die actief zijn in meerdere regio’s geconfronteerd met uiteenlopende definities,
classificaties en interpretaties van Europese regels. Dat ondermijnt
investeringszekerheid en ontmoedigt innovatieve circulaire businessmodellen.
Denuo, VSOR en BW2E pleiten voor wederzijdse erkenning van vergunningen,
certificaten en kwaliteitsborgingssystemen waar dat mogelijk is. Wat in
de ene regio als veilige en hoogwaardige recyclingtoepassing wordt erkend,
mag in de andere niet plots als risico worden behandeld.
Grensoverschrijdende afvaltransporten, erkenningen en meldingsplichten zijn
complex, vragen tijd en worden vaak verschillend geïnterpreteerd per regio.
Dat zorgt voor onzekerheid, extra kosten en vertragingen, zonder aantoonbare
milieuwinst.
Met de ondertekening van een gezamenlijke intentieverklaring engageren
Vlaanderen, Nederland en Noordrijn-Westfalen zich om hun samenwerking
rond circulaire economie structureel te versterken. Die verklaring bouwt voort
op eerdere bilaterale initiatieven en legt de basis voor een meer gecoördineerde
aanpak, met aandacht voor onder meer batterijen, bouwmaterialen
en chemische producten. Voor Denuo is dit een positief signaal: samenwerking
op schaal van de reële markt is essentieel om circulariteit economisch en
ecologisch te laten renderen.
Vereenvoudig de administratie
De intentieverklaring erkent expliciet dat regelgeving en administratieve
lasten de circulaire economie vandaag vaak afremmen. Net daar ligt volgens
Denuo, VSOR en BW2E de grootste hefboom. Grensoverschrijdende afvaltransporten,
erkenningen en meldingsplichten zijn complex, vragen tijd en
Spreek met één stem richting Europa
De intentieverklaring biedt ook een kans om sterker op te treden richting
Europa. Vlaanderen, Nederland en Noordrijn-Westfalen delen dezelfde
uitdagingen bij de toepassing van Europese regelgeving, zoals de Waste
Shipment Regulation (WSR). Daarom vragen we dat Vlaanderen, Nederland
en Noordrijn-Westfalen hun standpunten beter afstemmen richting Europa,
en waar mogelijk gezamenlijke posities innemen bij de omzetting en toepassing
van EU-wetgeving. Wat in de ene regio als veilige en hoogwaardige
recyclingtoepassing wordt erkend, mag in de andere niet plots als risico
worden behandeld.
Samenwerking met de sector als randvoorwaarde
Tot slot benadrukken Denuo, BW2E en VSOR dat deze interregionale samenwerking
alleen kan slagen als de sector structureel betrokken wordt. Bedrijven
beschikken over cruciale praktijkkennis op het vlak van logistiek, verwerking
en marktwerking. Die kennis is onmisbaar om beleidsdoelstellingen te
ver talen naar haalbare en effectieve oplossingen.
Een kans die we moeten grijpen
De intentieverklaring is een sterk politiek signaal. Nu komt het erop aan om
de administratieve knelpunten die circulaire samenwerking vandaag afremmen,
ook daadwerkelijk weg te nemen. Als vereenvoudiging, harmonisatie en
samenwerking met de sector centraal staan, kan deze grensoverschrijdende
samenwerking uitgroeien tot een echte versneller van de circulaire economie.
Denuo blijft dit dossier actief opvolgen en zet zich samen met VSOR en BW2E
in om van deze ambitie ook een tastbare realiteit te maken.
34 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
PRAKTISCH EVENEMENT INHOUD
23/04/2026
12:00-17:00
Courtyard by Marriott
Brussels
Olympiadenlaan 6
1140 Brussel
Plastic Matters - The end of plastic
waste exports: A catalyst for
Europe’s circular economy?
Europa staat op een keerpunt. Met het aanstaande verbod op de export van
plastic afval wordt de basis van het huidige recyclingsysteem fundamenteel
hervormd. Wat betekent dit voor de recyclingcapaciteit van Europa en voor de
levensvatbaarheid van een echt circulaire plasticwaardeketen? Tijdens deze
editie van Plastic Matters bespreken we de systemische gevolgen van het
exportverbod en de hefbomen waarover Europa beschikt om deze transitie
in de juiste richting te sturen. Tijdens een interactieve sessie zullen we deze
opties toetsen op hun haalbaarheid en impact.
24/04/2026
09.00-20.00
Veolia Neder-over-Heembeek
Vilvoordsesteenweg 218
1120 Neder-over-Heembeek
Denuo Move (to KickCancer) -
Stage 1: the social ride
Netwerken kan ook anders dan rond een vergadertafel. Met het nieuwe
initiatief Denuo Move brengen we leden, partners en sympathisanten
samen voor een sportieve actie ten voordele van het goede doel. Als eerste
Denuo Move voorzien we een social ride doorheen de Belgische afval- en
recyclingsector. Verwacht je aan twee lussen, start en finish in Brussel,
food & drinks en vooral veel goede vibes. De start en finish, alsook de
bevoorradingsstops voorzien we bij Denuo leden. Afspraak vrijdag 24 april!
24/04/2026
17.00-20.00
Veolia Neder-over-Heembeek
Vilvoordsesteenweg 218
1120 Neder-over-Heembeek
After Denuo Move
Op vrijdag 24 april organiseert Denuo voor het eerst een social ride, met als
afsluiter een gezellig after-event met food & drinks. Fiets je niet mee, maar
heb je wel zin in een informele babbel met sectorgenoten? Sluit dan gerust
aan. Iedereen is welkom.
30/04/2026
09:30-16:30
Silver Building,
Gebouw B, Verdieping 2
Auguste Reyerslaan 70
1030 Brussel
Basisopleiding over de Belgische
afval- en recyclingsector
De basisopleiding van Denuo geeft nieuwelingen, maar ook anciens, in de
Belgische afval- en recyclingsector een mooi overzicht van de wettelijke
bepalingen, de financiële en administratieve aspecten... van de afval- en
recyclingsector.
03/06/2026
10:00-14:00
UNIZO Nationaal
Willebroekkaai 37
1000 Brussel
UNIZO & Denuo KMO forum
UNIZO en Denuo brengen ondernemers uit de afvalbeheer- en recyclingsector
samen om beter in te spelen op wat kmo’s écht nodig hebben. We vertrekken
vanuit jouw praktijk: wat zijn de belangrijkste uitdagingen, waar liggen de
prioriteiten? Op basis van die input tonen we hoe we onze dienstverlening
nog beter kunnen afstemmen op jouw bedrijf.Kort gezegd: jouw behoeften
centraal, met concrete oplossingen waar je meteen mee aan de slag kan.
Voor inschrijvingen en informatie over evenementen in de afval- en recyclingsector: denuo.be/nl/agenda
RecyclePR
RecyclePR
.EU 35
.EU
Door het korfsysteem is de Tana Shark 440DT eco veelzijdig inzetbaar.
PRECISIE, CAPACITEIT EN SERVICE ALS SLEUTELS IN MODERNE RECYCLINGPROCESSEN
SLIM MALEN VOOR EEN VEELEISENDE MARKT
De eisen in de recyclingsector worden almaar strenger. Afvalstromen moeten fijner, zuiverder en consistenter verwerkt worden, terwijl
afnemers tegelijk rekenen op voldoende volumes en een stabiele kwaliteit. Dat vraagt niet alleen performante machines, maar ook partners
die meedenken over de juiste configuratie voor het gewenste eindproduct.
Tekst & beeld Kris Vandekerckhove
Bij André Celis Recyclage kwam die oefening
uit op de TANA Shark 440DT eco, geleverd door
Smart Equipment. Die shredder laat namelijk toe
om de uitgaande stukgrootte nauwkeurig te controleren
van 50 tot 500 mm, met het voordeel
dat vaak in één doorgang al de gewenste fractie
wordt bereikt.
Van afval naar grondstof
André Celis Recyclage verwerkt bouw- en sloopafval
uit eigen containerstromen én van derden.
De onderneming bouwde die activiteit door de jaren
heen uit tot een volwaardig recyclingcentrum
in Kampenhout, waar verschillende stromen zo
fijn mogelijk worden uitgesorteerd om opnieuw
ingezet te kunnen worden als grondstof, bouwstof
en/of brandstof. “De markt vraagt vandaag heel
specifieke producten”, zegt Peter Kennis, afdelingsverantwoordelijke
bij André Celis Recyclage.
“Het gaat niet meer om gewoon verkleinen, maar
om het afleveren van een homogene fractie die
meteen bruikbaar is.” Die nood is volgens hem
extra groot bij stromen zoals folie en kunststof,
waar afnemers strikte specificaties opleggen
inzake grootte en consistentie.
Nauwkeurigheid als troef
Precies daar moest de nieuwe installatie het verschil
maken. In het interview beklemtoont Kennis
dat de machine niet alleen grote volumes aankan,
maar vooral ook ‘specifiek op maat’ kan malen en
een homogene massa achterlaat. Dat is cruciaal
in een markt waar de vraag niet altijd gelijke tred
houdt met het aanbod en waar kwaliteit steeds
nadrukkelijker het onderscheid maakt. De gekozen
TANA Shark 440DT eco past in dat verhaal.
De mobiele machine is een industriële shredder
voor een breed scala aan materialen, met een
nominaal motorvermogen van 399 kW en een
rotorkoppel van 440 kNm. De traag draaiende
rotor en het korfsysteem moeten zorgen voor controle
over de eindmaat, terwijl de machine tegelijk
ontworpen is voor lage operationele kosten en
hoge inzetbaarheid. “Door het korfsysteem is de
De eisen in de recyclingsector vragen niet alleen
performante machines, maar ook partners die
meedenken over de juiste configuratie voor het
gewenste eindproduct (l: Peter Kennis | r: Matthias
De Coninck).
36 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
Tana Shark 440DT eco veelzijdig inzetbaar”, zegt
Matthias De Coninck, Sales Recycling Benelux bij
Smart Equipment. “Zowel in het maken van een
houtproduct met eindmaat als het voorbewerken
van lastige afvalstromen.” Hij wijst ook op het
hoge koppel en de bouwkwaliteit van de machine,
die volgens hem mee verklaren waarom zulke installaties
lang meegaan.
Op maat van de toepassing
Belangrijk in dit dossier is dat de machine niet als
standaardoplossing werd benaderd. De Coninck
maakt duidelijk dat Smart Equipment vertrekt van
een basismachine, die vervolgens samen met de
klant wordt aangepast aan specifieke noden. Dat
gold ook hier. Een expliciete wens van de klant
was de integratie van een extra sterke neodymium
magneetband om meer ijzer uit het verwerkte
hout te halen. Zo’n overbandmagneet wordt boven
een transportband geplaatst en haalt ferrometalen
automatisch uit de materiaalstroom,
zodat een schoner houtproduct overblijft en tegelijk
ook downstream apparatuur beter beschermd
wordt. Die keuze sluit perfect aan bij de bredere
marktevolutie naar zuiverdere recyclaatstromen
en minder verbranding. “Het afval gaat meer en
meer naar een volledig circulaire economie”, zegt
Kennis. “Deze machine hoort daar perfect thuis,
want het kan malen van groot naar klein, waardoor
al die producten kunnen worden gerecycled
tot een nieuw eindproduct.”
Bekijk hier de video..
Service blijft doorslaggevend
Toch stopt het verhaal niet bij techniek alleen.
Zowel klant als leverancier leggen in het interview
sterk de nadruk op service. “De service
vormt eigenlijk de basis van de relatie met de
klant”, zegt De Coninck. Hij verwijst daarbij
naar training na levering, online monitoring en
verdere ondersteuning op lange termijn. Voor
André Celis Recyclage is dat essentieel. “Je moet
zowel de kwantiteit als de kwaliteit blijven aanleveren
bij de afnemers”, besluit Kennis. “Dan
moet er onmiddellijk kunnen gereageerd worden.”
In een sector waar stilstand meteen doorweegt
op rendement en lever betrouwbaarheid,
is dat geen detail, maar een wezenlijk onderdeel
van de investering. ❚
Afval gaat meer en meer naar een volledig circulaire economie.
Het hoge koppel en de bouwkwaliteit van de machine zorgen ervoor dat dergelijke
installaties lang meegaan.
De mobiele machine is een industriële shredder voor een breed scala aan
materialen.
RecyclePR
RecyclePR
.EU 37
.EU
EEN AANSPREEKPUNT VOOR ALLE HERSTELLINGEN
STERK DEALERSCHAP MET FOCUS
OP KWALITEIT
ETS Machinery ondersteunt sloop- en recyclingbedrijven met zowel herstellingen als preventief onderhoud voor graafmachines van alle
merken. De betrouwbare partner in garagediensten zet nu een grote stap voorwaarts. Trots kondigt het bedrijf aan dat het optreedt als
Benelux-invoerder van Minelli overslagkranen en toebehoren.
Tekst Els Goethals | Beeld ETS Machinery
ETS Machinery ontpopte zich door de jaren heen
tot een gespecialiseerde garage voor overslagkranen,
graafmachines en bijhorende aanbouwdelen.
Oprichter en drijvende kracht Tom Van
Peteghem zet samen met zijn team alle expertise
in om machines optimaal te laten presteren. Daarmee
bewees ETS Machinery zich als een betrouwbare
partner voor sloop- en recyclingbedrijven.
Totaaloplossing garagediensten
“ETS zorgt voor een totaaloplossing. Te beginnen
met periodiek preventief onderhoud en herstellingen
voor alle merken. Tot zelfs volledige revisies,
waarbij we machines repareren en upgraden om
ze opnieuw in een zo goed als nieuwe staat te
brengen. Dat laatste gebeurt op onze tweede locatie:
onze werkplaats in Charleroi”, zegt Tom Van
Peteghem. “ETS Machinery, gevestigd in Zottegem,
is actief over heel Vlaanderen en Wallonië. In 90%
van de opdrachten gaat een van onze techniekers
met onze mobiele werkplaats naar het bedrijf toe.
Dat bespaart onze klanten tijd en een hoop logistieke
uitdagingen, omdat de graafkraan niet naar
de garage gebracht hoeft te worden.”
Nieuw dealerschap voor Minelli
Met trots kondigt ETS Machinery aan dat ze hun
activiteiten verder uitbreiden. Sinds begin dit
jaar is het bedrijf officieel invoerder van Minelli
overslagkranen en hydraulische hulp stukken. “Het
gamma omvat material handlers van 15 tot 48
ton, beschikbaar in zowel elektrische als dieseluitvoeringen.
Minelli staat bekend om hun uitstekende
afwerking, robuuste constructie en uitzonderlijke
betrouwbaarheid. De productie gebeurt
volledig in Italië met uitsluitend hoogwaardige
componenten, zoals Linde hydraulica en Perkins
motoren. Dit alles maakt de technologie tot een
garantie voor kracht, precisie en langdurige prestaties”,
licht Van Peteghem toe. “Naast diverse
gewichtscategorieën is elke machine volledig
De Minelli M35 is prima geschikt voor intensieve overslagwerkzaamheden.
Met hun mobiele werkplaats levert ETS Machinery directe service op locatie, wat klanten kostbare
verplaatsingstijd bespaart.
40 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
De Minelli M30 is voorzien van een 7 liter Perkins dieselmotor met een vermogen
van 151 kW.
De Minelli M18 is een krachtige, 18-tons mobiele overslagmachine ideaal geschikt
voor snelle, continue werkzaamheden.
custom made. Van type giek tot kraanarm: alles
wordt geproduceerd volgens de wensen van de
klant. Een sterke troef.”
Uitgebreid gamma aanbouwdelen
“De Europese makelij biedt als extra voordeel dat
we een snelle service kunnen garanderen en dat
ook onderdelen vlot beschikbaar zijn. Dit laat ons
toe kort op de bal te spelen en een nóg betere
service te bieden aan onze klanten in de sloop- en
recyclingsector. Naast de overslagkranen van
Minelli werd ook een uitgebreid assortiment hydraulische
hulpstukken, zoals grijpers, schrootscharen en
slopers, toegevoegd aan ons aanbod”, klinkt het.
Service en kwaliteit voorop
“Wat uniek is aan ETS Machinery is onze drive en
de inspanningen die we dagelijks leveren om elke
klant zo goed mogelijk te helpen. Service en kwaliteit
dragen wij hoog in het vaandel. Waarden die
we ook terugvinden bij Minelli als familiebedrijf
met meer dan 60 jaar ervaring. De samenwerking
‘Overslagkranen van Minelli staan
bekend om hun uitstekende afwerking,
robuuste constructie en uitzonderlijke
betrouwbaarheid’
biedt dan ook enorm veel potentieel”, aldus Van
Peteghem.
Uniek in de markt
Waar andere aanbieders vaak vooral focussen op
de verkoop van machines en herstellingen eerder
als bijzaak zien, koos ETS Machinery van bij de
start voor een andere weg. Van Peteghem en zijn
team bouwden net een sterke reputatie op met
complexe herstellingen waar anderen soms voor
terugdeinzen. Dankzij toewijding, vakmanschap
en expertise groeide het bedrijf uit tot een toonaangevende
garage die vandaag ook een kwaliteitsmerk
verdeelt. Een aanpak die echt uniek
is in de markt. “Met de nieuwe samenwerking
heeft ETS Machinery het volledige traject in eigen
beheer: verkoop, technisch advies, onderhoud,
herstellingen, dienst na verkoop. Een sterke combinatie
om voor elke klant de juiste oplossing te
vinden”, besluit Van Peteghem. ❚
Elke machine - in elke gewichtsklasse - wordt custom made geleverd volgens de
gekozen giek, kraanarm en andere uitrustingen.
De Minelli M40 is ontworpen voor zwaar industrieel werk, zoals
schrootverwerking, en is voorzien van een in hoogte verstelbare cabine.
RecyclePR
RecyclePR
.EU 41
.EU
Online event brengt best practices
voor duurzame materialen en PFAS
reiniging samen
Op 7 mei organiseert CDE het online symposium Circle 2026. De bedoeling is een beeld te geven van hoe de toekomst van recycling er zal
uitzien en hoe belangrijke uitdagingen zoals PFAS aangepakt kunnen worden. Eunan Kelly, hoofd Business development voor CDE, vertelt ons
waarom dit een niet te missen afspraak is voor iedereen in de wereld van recycling.
Tekst Valérie Couplez | Beeld CDE Group
Circle 2026 is een online event geworden om een wereldwijd publiek te kunnen
ontvangen, ondanks de huidige reisbeperkingen. “We hebben heel wat
internationale experten gestrikt om hun kennis te komen delen. Daardoor
wilden veel meer bedrijven uit binnen- en buitenland zich aanmelden. De lokale
situatie mag dan verschillen, wereldwijd lopen recyclingbedrijven tegen
dezelfde uitdagingen aan. Met Circle 2026 proberen we daar inspiratie en
oplossingen rond aan te reiken. Iedereen die interesse heeft, kan het event
online volgen.”
Reiniging voorwaarde voor veilige recycling
De hele dag lang zullen experten hun kennis delen over de belangrijkste
problematieken in recycling vandaag en morgen. Vooral PFAS staat vooraan
de agenda. “We zien dat in de constructiemarkt de focus verbreedt van
Voorbeeld van PFAS vervuilde grond.
Eunan Kelly: “Er is
heel veel ervaring
binnen het bedrijf
en opgebouwde best
practices die we tijdens
Circle 2026 willen
delen met het publiek.”
42
RecyclePR
RecyclePR
.EU
.EU
genereren. Dat doen we niet door het warm water
opnieuw uit te vonden, maar door bewezen
technologie op een innovatieve manier te gebruiken
in turn-key installaties, zodat ze zelfs aan de
strengste PFAS-normen tegemoetkomt. Dat is de
gamechanger.”
Duurzame oplossingen zijn nodig om circulair te worden en werk te maken van een net zero maatschappij.
Opportuniteiten maximaliseren
Het samengestelde programma is grosso modo
opgebouwd uit twee delen. “We schetsen eerst
het kader: waar lopen bedrijven vandaag tegen
aan en wat vraagt de wetgeving. Daarna gaan
we in op wat best practices ons geleerd hebben:
wat zeggen de data, waar zitten valkuilen, wat zijn
succesfactoren. We richten ons daarmee eigenlijk
op de hele waardeketen: ondernemers in recycling
die opportuniteiten willen maximaliseren, maar
evengoed mensen uit de academische wereld of
uit consultancy die hun kennis willen aanscherpen
over wat er vandaag op het terrein al kan gedaan
worden aan PFAS en andere vervuilingen. Deelnemers
maken zelf uit welke sessies ze interessant
vinden en sluiten aan wanneer ze willen. Om tegemoet
te komen aan de verschillende tijdzones,
zullen de sessies voor wie zich heeft ingeschreven
achteraf on-demand herbekeken kunnen worden.”
‘Je moet vervuilende
stoffen zoals PFAS
op een efficiënte
manier verwijderen
om op een veilige
manier te recyclen’
Het wassen van grond is de meest efficiënte methode om PFAS te verwijderen.
recycling van materialen naar reiniging. En daar
hebben vervuilende stoffen zoals PFAS alles mee
te maken. Je moet die op een efficiënte manier
kunnen verwijderen om op een veilige manier te
kunnen recyclen. Het kan niet de bedoeling zijn
om problemen gewoon door te schuiven naar de
volgende generatie. Als CDE hebben we al zeven
jaar geleden een eerste oplossing rond PFAS uitgewerkt
in Australië en recent nog drie plants opgeleverd
in Europa. Er is dus heel veel ervaring
binnen het bedrijf en opgebouwde best practices
die we tijdens Circle 2026 willen delen met het
publiek.”
Meer bewustzijn rond
de oplossingen
Kelly ziet een belangrijke rol weggelegd voor een
event als Cirle om meer bewustzijn te creëren.
“De uitdagingen die kent iedereen in de sector.
We moeten meer materialen recupereren en hergebruiken
als we aan hetzelfde tempo blijven
bouwen. Zo niet dreigt er schaarste. Maar dat er
ook al efficiënte oplossingen bestaan om PFAS bijvoorbeeld
uit de bodem te verwijderen, zodat we
meer zand kunnen recyclen, dat is minder geweten.
We kunnen met onze technologie recyclingbedrijven
echt helpen om meer business te
Impact blijven verlagen
“Uiteindelijk willen we met Circle een gemeenschap
opzetten. Als je kennis deelt, komt er ook
heel veel naar je terug. Voor CDE zijn de uitdagingen
van klanten morgen de oplossingen van vandaag.
Je moet altijd je eigen processen in vraag
blijven stellen om de impact op materiaalstromen
te verlagen. Onze filosofie bestaat erin om na te
denken over de volgende stappen die nodig zijn
en hoe we die kunnen vertalen in robuuste, toegankelijke
technologie. Zo creëren we een betere
wereld, één ton per keer”, besluit Kelly. ❚
Circle 2026 vindt plaats op 7 mei. Voor
meer informatie, het volledige programma
en registratie, bezoek cdegroup.com/
circle2026.
RecyclePR
RecyclePR
.EU 43
.EU
GEEF UW CELLENBETONAFVAL EEN TWEEDE LEVEN
LEVER HET AAN BIJ RECYCELL
VAN SLOOPAFVAL
NAAR HOOGWAARDIGE GRONDSTOF
RECYCELL
Steenovenstraat 80
8760 Tielt
056 17 12 00
info@recycell.be
Verkoop:
VERKOOP VERHUUR SERVICE
SAES International B.V. / Lozerweg 10-14, 6006 SR Weert / +31 (0)495 56 19 29 / info@saes.nl
demolitiontools.eu
DOSSIER SLOPEN & BREKEN
MEER KWALITEIT, MINDER ADMINISTRATIEVE LASTEN
DE MOTOR ACHTER VOORUITGANG IN SLOOP,
ONTMANTELING EN RECYCLING
Adams Polendam, een van de leden van VSOR, beschikt over mobiele breek- en zeefinstallaties die bouwafval recyclen tot een secundaire grondstof.
Europees, federaal, regionaal … Op elk beleidsniveau wordt regelgeving strikter. Bovendien lopen de bijhorende kosten al snel op. Heiligt
de regel nog steeds de middelen? Daarover waakt en onderhandelt sectorvereniging VSOR. Want de belangen van haar leden - sloop-,
ontmantelings- en recyclingbedrijven - staan steeds voorop.
Tekst Els Goethals | Beeld VSOR
De Belgische Vereniging van Sloop-, Ontmantelings-
en Recyclingbedrijven telt een honderdtal
leden. Met een sterke collectieve stem zet de organisatie
zich actief in voor een positieve evolutie
in de sector. “We doen dit vanuit drie fundamentele
pijlers: informeren, connecteren en mediëren”,
duidt Sven De Meuter, voorzitter van VSOR en bestuurder
bij grond- en sloopbedrijf De Meuter.
Informeren
“Vlarema, Standaardbestek 210, de Europese
REACH-verordening, het Materialeninformatiesysteem
(MATIS) … Heel wat leden zien door de
bomen het bos niet meer, als het op regelgeving
aankomt. Het is dan ook een van de kerntaken
van de VSOR om hen te informeren en te begeleiden”,
zegt De Meuter. “Een voorbeeld hiervan
is het Vlaams sectorprotocol ‘Veilig transport
asbesthoudende materialen’. Het is belangrijk
dat onze leden hiervan goed op de hoogte zijn en
vooral de impact kennen op hun dagelijkse werkzaamheden.
Daarom boden wij opleidingen aan
op meerdere locaties in Vlaanderen, waardoor de
verplaatsingstijd voor onze leden beperkt bleef.
De sessies werden verzorgd door een expert in
het vakgebied. Niettemin konden we dit op een
democratische manier aanbieden, met dank aan
de leden die hun locatie ter beschikking stelden.
Dit is slechts één voorbeeld, want ook rond andere
thema’s organiseert VSOR regelmatig waardevolle
infosessies en praktijkgerichte workshops.”
Connecteren en mediëren
“Naast leden en partners werkt VSOR samen met
verschillende stakeholders, zoals OVAM en de
certificatie-instellingen Copro en Certipro. Daarnaast
bundelt VSOR de krachten met Embuild,
Bouwunie, Buildwise en andere kennisinstellingen
zoals universiteiten, VITO en VLAIO. Door
deze partijen met elkaar te verbinden, creëren we
een nóg sterker draagvlak. Zo brachten we met
200 aanwezigen quasi de hele sector samen op
De trommelzeef is een cruciale machine in de
recyclingsector voor het efficiënt scheiden van
materiaalstromen.
46 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
DOSSIER SLOPEN & BREKEN
Aangesloten leden krijgen via het VSOR lidmaatschap concrete ondersteuning rond professionalisering,
wetgeving en netwerking.
‘Tijdens Open Bedrijvendag zetten
verschillende leden van VSOR
hun deuren open’
onze nieuwjaarsreceptie”, gaat de voorzitter verder.
“Naast informeren en connecteren, vormt
mediëren een derde pijler binnen VSOR. De wetgever
uit zijn ivoren toren halen en in contact
brengen met het werkveld, of sloop- en recyclingbedrijven
sensibiliseren rond het belang van regelgeving,
zodat er meer begrip ontstaat. Mediëren
werkt in twee richtingen. Dat is precies hoe VSOR
de brug slaat tussen de sector en diverse overheidsinstanties,
met één duidelijk doel: recycling
efficiënter maken. Dit werpt zijn vruchten af en
zorgt voor een betere balans tussen regelgeving
en wat technisch haalbaar is in de praktijk. Een
inhoudelijke gespreksdynamiek op gang brengen
is daarbij steeds de eerste stap.”
Gezamenlijke deelname
Open Bedrijvendag
“En er is meer om naar uit te kijken! VSOR doet
dit jaar mee met Open Bedrijvendag. Op zondag
Werken met hoogwaardig gerecycled betongranulaat
biedt zowel ecologische als economische voordelen.
4 oktober zetten verschillende van onze leden hun
deuren open voor het brede publiek. VSOR coördineert
het gezamenlijke initiatief en voegt extra
meerwaarde toe. Sloop- en recyclingbedrijven
staan nog te vaak in een negatief daglicht. Dat
beeld willen we doorbreken”, aldus De Meuter.
“De ambitie is om in elke provincie minstens één
deelnemend lid te hebben, zodat heel Vlaanderen
de sector beter leert kennen. Van producenten van
gerecyclede granulaten tot breekwerven, sloop- en
saneringsbedrijven. Ook onze partners dragen bij
aan het event met demonstraties van onder meer
technieken voor stofbestrijding, weegsystemen,
recyclingmachines en oplossingen voor het winddicht
maken van loodsen. Hou onze activiteitenkalender
in de gaten!” ❚
Het breken van betonpuin is onderworpen aan diverse regelgevingen, waaronder
de milieuwetgeving VLAREM.
Selectieve sloop zorgt ervoor dat het vrijgemaakte beton geen isolatie of hout
bevat, zodat het gerecycled kan worden tot hoogwaardig betongranulaat.
RecyclePR
RecyclePR
.EU
.EU
47
DOSSIER SLOPEN & BREKEN
MINIMAAL VERBRUIK, MAXIMALE EFFICIËNTIE
Hercules onder de betonvergruizers
weet meteen
te overtuigen
Met de uitbreiding van de U serie speelt het Japanse NPK in op de groeiende vraag naar krachtige betonvergruizers. Als exclusief importeur
voor de Belgische en Nederlandse markt, voegt DemTech hier maximale service aan toe. Dat kan ook Holcim Belgium in Grimbergen beamen,
dat als eerste de nieuwe crusher in ontvangst mocht nemen.
Tekst Els Goethals | Beeld DemTech
DemTech uit Zoeterwoude (Nederland) bouwde
de afgelopen 45 jaar een sterke reputatie op als
specialist in aanbouwdelen voor de sloop-, schrooten
recyclingindustrie. Intussen is het familiebedrijf
een klinkende naam in de hele Benelux. Met de
krachtige betonvergruizer NPK U-47JX als nieuwe
aanwinst breidt DemTech zijn portfolio verder uit.
Krachtpatser als nieuwkomer
Schrootscharen, sorteergrijpers, hydraulische
hamers en andere toebehoren van merken als
Genesis, Lehnhoff, Essig en Taets behoren tot
het kernassortiment, net als het Japanse NPK.
DemTech biedt de meeste van deze uitrustingsstukken
zowel te huur als te koop aan, geschikt
voor kranen van 0,7 tot 200 ton. “Voor het vergruizen
van gewapend beton en het direct scheiden
van betonijzer en puin ontwikkelde NPK
gespecialiseerde oplossingen: de G en U series”,
legt Arthur Polak, sales directeur bij DemTech uit.
“De uitbreiding zit in de U reeks. Deze uitrustingsstukken
waren tot nu toe verkrijgbaar voor graafmachines
van 19 tot 48 ton. Met de U-47JX introduceert
NPK een nieuw model voor de klasse tot
55 ton. De 50- à 55-tonner is een echte krachtpatser
op de werf. Als die toch al wordt ingezet,
is het wel zo efficiënt om het werk voort te zetten
met een compatibele crusher, in plaats van er nog
een lichtere graafmachine bij te halen.”
Primeur voor Holcim Belgium
Grimbergen
“Bij Holcim Belgium in Grimbergen, gespecialiseerd
in de grootschalige recycling van bouw- en
sloopafval, mochten we dit gloednieuwe type in
primeur leveren. De nieuwe aanwinst kan er meteen
op veel enthousiasme rekenen”, aldus Polak.
Het aanbouwdeel NPK U-47JX wordt ingezet voor het breken en vergruizen van gewapend beton.
‘Gewapend beton vergruizen en betonijzer
meteen scheiden van het puin? Nu nog
efficiënter dankzij NPK technologie’
48 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
DOSSIER SLOPEN & BREKEN
De technische specificaties van de NPK U-47JX
staan garant voor krachtige prestaties:
- Knipkracht: 195 ton;
- Bedrijfsgewicht: 3.950 kg (exclusief snelwissel);
- Maximale bekopening: 1.160 mm;
- Werkdruk: 280 bar;
- Olieflow: 300 liter per minuut.
“We zijn trots dat we als eerste met deze technologie
aan de slag kunnen gaan”, klinkt het bij
Jan Suykens, Plant Manager bij Holcim Belgium
Grimbergen, voor wie de NPK crusher een nieuwe,
maar meteen overtuigende keuze betekent.
Krachtige evolutie
“Elke betoncrusher van NPK beschikt over een
unieke troef: de PowerBooster. Dit systeem is
rechtstreeks geïnstalleerd op de hydraulische cilinder
en verhoogt automatisch de werkdruk van
de betonvergruizer, wanneer dat nodig is”, gaat
Polak verder. “Het resultaat? Een aanzienlijk kortere
cyclustijd en een hogere productiviteit dan
bij standaard- of differentiaalcilinders. Na verdere
verfijning van deze al geavanceerde techniek
biedt de U-47JX serie een merkbare efficiëntieboost:
meer productie, sneller werken en minder
draaiuren bij een lagere afstelling.” ❚
Met de U-47JX introduceert NPK een nieuw model betoncrusher voor graafmachines tot 55 ton.
RecyclePR
RecyclePR
.EU
.EU
49
Powered by TCPDF (www.tcpdf.org)
DOSSIER SLOPEN & BREKEN
Efficiënt slopen met
gehuurde betonschaar
Bij sloopprojecten draait alles om het juiste
materieel en een goede planning. Dat bleek
onlangs opnieuw tijdens een sloopproject
van Puinbreken Nederland in Baexem, waar
een voormalige koeienstal plaatsmaakte
voor nieuwbouw. Met behulp van een bij
Saes International gehuurde hydraulische
betonschaar verliep het verwijderen van
zware betonconstructies niet alleen sneller,
maar ook aanzienlijk efficiënter.
Tekst Roel van Gils | Beeld Puinbreken Nederland
Puinbreken Nederland is gespecialiseerd in mobiel
puinbreken. “Dat doen we voornamelijk op locatie
bij inzamelaars”, vertelt medeoprichter Jac Graef.
“Inkomend puin wordt ter plekke gebroken tot een
herbruikbaar product, dat vervolgens opnieuw
kan worden toegepast in de bouw. Daarnaast voeren
we in eigen beheer ook sloopwerkzaamheden
en grondwerk uit, waarbij we het totaalpakket
voor onze rekening nemen. Van de complete sloop
tot aan het opleveren van een gereed terrein voor
nieuwbouw.”
Van koeienstal naar
nieuwbouwlocatie
In Baexem werd het bedrijf ingevlogen voor de
sloop van een voormalige koeienstal. “In een
tijdsbestek van amper twee weken hebben we de
complete stal verwijderd. Eerst werd de bovenbouw
aangepakt, waarbij de spanten zijn gedemonteerd
en het bovengrondse deel van de stal
werd gesloopt. Daarna volgde het zware werk:
het verwijderen van de betonnen kelderwanden
en vloer”, legt Graef uit. Die kelderwanden waren
in het werk gestort en tot wel 60 cm dik. “Voor
dit soort betonconstructies is een hydraulische betonschaar
een ideale oplossing. In plaats van het
beton te hameren, worden de wanden simpelweg
doorgeknipt. Dat gaat vele malen sneller en zorgt
bovendien voor meer controle tijdens het sloopproces.
Voor zo’n schaar is een wand van 60 cm
overigens geen enkel probleem.”
Voor dit project werd een VTN PD25-betonschaar ingezet die speciaal voor de klus werd gehuurd bij SAES.
Materieel slim inzetten
Voor dit project werd een VTN PD25-betonschaar
ingezet die speciaal voor de klus werd gehuurd bij
SAES. Huren is volgens Graef een bewuste keuze.
50 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
DOSSIER SLOPEN & BREKEN
Het mooie van SAES is dat de grote aanbouwdelen
compatibel zijn met het OilQuick snelwisselsysteem.
In een tijdsbestek van amper twee weken is de complete stal gesloopt.
‘Dit soort betonscharen zijn niet
overal in de verhuur beschikbaar,
zeker niet in combinatie met
moderne snelwisselsystemen’
“Een betonschaar is geen aanbouwdeel dat we elke week nodig hebben”,
zegt hij. “In plaats van er zelf één aan te schaffen, huren we dit soort specialistisch
materieel, wanneer het project erom vraagt. Het mooie van SAES
is dat diens grote aanbouwdelen compatibel zijn met het OilQuick snelwisselsysteem.
Sinds enkele jaren zijn onze kranen voorzien van dit systeem, wat
maakt dat de machinist snel kan wisselen tussen verschillende aanbouwdelen,
zonder tijd te verliezen. Dat maakt in de praktijk een groot verschil.
Probeerden machinisten vroeger soms grotere stukken beton toch door een
breker te duwen, nu wisselen ze eenvoudig van aanbouwdeel. Het resultaat:
minder belasting voor machines en een efficiëntere workflow.”
Snel schakelen
SAES is een vaste partner voor Puinbreken Nederland. “Zij beschikken over
een breed verhuuraanbod van zware aanbouwdelen”, vertelt Graef. “Dit soort
betonscharen bijvoorbeeld zijn niet overal beschikbaar, zeker niet in combinatie
met moderne snelwisselsystemen. Daarnaast is het voor ons heel waardevol
dat SAES in de buurt is gevestigd. Als er tijdens een project extra materieel
nodig is, kan er snel worden geschakeld. Dat voorkomt stilstand op de bouwplaats
en zorgt ervoor dat projecten volgens planning kunnen doorgaan.”
Ook dit project laat zien hoe belangrijk het is om over de juiste machines
en aanbouwdelen te beschikken. Met een combinatie van eigen materieel
en gehuurde specialistische tools werd de voormalige stal in korte tijd klaargemaakt
voor de volgende fase: de bouw van een nieuwe opslagloods. ❚
Bij sloopprojecten draait alles om het juiste materieel en een goede planning.
RecyclePR
RecyclePR
.EU
.EU
51
DOSSIER SLOPEN & BREKEN
Het doel: een duidelijk, robuust en toekomstgericht kwaliteitskader ontwikkelen dat menggranulaat opnieuw de plaats geeft die het verdient binnen een circulaire bouwsector.
CERTIFICATIE ZORGT VOOR ZEKERHEID EN VERTROUWEN
MENGGRANULAAT 250+: WANNEER DE SECTOR
SAMEN INZET OP KWALITEIT ÉN CIRCULARITEIT
Het gebruik van menggranulaat is in Vlaanderen al lange tijd toegelaten binnen het Standaardbestek 250 (SB250) voor de wegenbouw. Toch
stond de toepassing ervan de voorbije jaren steeds meer onder druk. Twijfels over de kwaliteit — gaande van fysische verontreinigingen
tot een te hoog gehalte aan fijn materiaal — zorgden ervoor dat voorschrijvers minder vertrouwen hadden in deze gerecyclede granulaten.
Om dat vertrouwen structureel te herstellen, nam VSOR het initiatief om de kwaliteitslat hoger te leggen. Vanuit die ambitie bracht de federatie
de certificatie-instellingen COPRO en Certipro samen. Hun gezamenlijke doel: een duidelijk, robuust en toekomstgericht kwaliteitskader
ontwikkelen dat menggranulaat opnieuw de plaats geeft die het verdient binnen een circulaire bouwsector.
Tekst & beeld COPRO
52 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
DOSSIER SLOPEN & BREKEN
Het resultaat van deze samenwerking is een bijkomend
reglement voor Meng- en Metselwerkgranulaat
250+, van toepassing op granulaten
die beschikken over een technische fiche voor
(onder)funderingen volgens SB250. Dit reglement
trad op 1 januari 2026 in werking en wordt gedragen
door beide certificatie-instellingen. Door
de introductie van Menggranulaat 250+ kiest de
sector expliciet voor:
- Transparantie naar bouwheren, ontwerpers en
aannemers;
- Een verhoogd kwaliteitsniveau, afgestemd op
de noden van vandaag;
- Meer betrouwbare en duurzame circulaire
materialen;
- Deze stap geeft voorschrijvers opnieuw het
vertrouwen dat gerecycleerde granulaten
technisch voldoen aan de strengste eisen.
COPRO zorgt er mee voor dat gecertificeerd menggranulaat 250+ met zekerheid en vertrouwen kan worden
toegepast in onderfunderingen en gebonden funderingen in plaats van betongranulaat dat nu vaak in
wegfunderingen ingezet wordt.
Certificatie als kwaliteitsgarantie:
de rol van COPRO
Binnen dit nieuwe kader speelt COPRO een
cruciale rol als certificatie-instelling. Door het
valideren van technische fiches én het uitvoeren
van bijkomende controles, waaronder extra
staal names, wordt de kwaliteit objectief en onafhankelijk
bevestigd. COPRO zorgt er zo mee
voor dat gecertificeerd menggranulaat 250+ met
zekerheid en vertrouwen kan worden toegepast
in onder funderingen en gebonden funderingen
in plaats van betongranulaat dat nu vaak in
wegfunderingen ingezet wordt. ❯
UW KWALITEITSPARTNER
IN WEGENIS EN
INFRASTRUCTUUR.
www.copro.eu
CERTIFICATIE VAN PRODUCTEN, UITVOERINGEN,
SYSTEMEN EN PERSONEN.
ONPARTIJDIG CONTROLEREN
EN CERTIFICEREN
COPRO vzw
Z.1 Researchpark-Kranenberg 190
BE-1731 Zellik (Asse)
T +32 (0) 2 468 00 95
BE 0424.377.275 – RPR Brussel
info@copro.eu – www.copro.eu
COPRO certificeert:
RecyclePR
152491-ADV2-197x130-NL.indd 1 10/02/2025 17:03 53
.EU
RecyclePR .EU
BESTEMMING GEKEND
RECYCLAGE VERZEKERD
Valipac is de eerste Europese organisatie die erin geslaagd is de bestemming
van het bedrijfsmatig plastic verpakkingsafval in kaart te brengen en de recycleurs
te controleren. Een initiatief dat de effectieve recyclage van jouw verpakkingsafval
verzekert. Goed voor jou en de planeet!
Meer info op valipac.be
DOSSIER SLOPEN & BREKEN
‘Menggranulaat 250+ vormt een concrete stap
vooruit in het gebruik en de certificatie van
circulaire materialen’
Dit betongranulaat is dan beschikbaar voor hoogwaardigere
toepassingen zoals circulair beton
en opent nieuwe perspectieven voor de betonindustrie,
die dankzij deze certificatie meer circulaire
grondstoffen op een gecontroleerde manier
kan inzetten. Deze kwaliteitsgarantie is van groot
belang voor een sector die steeds meer inzet op
duurzaamheid, circulariteit en traceerbaarheid.
Samenwerking als fundament
voor circulariteit
Het traject rond Menggranulaat 250+ toont duidelijk
wat er mogelijk is wanneer federaties, producenten
en certificatie-instellingen de handen in
elkaar slaan. Deze samenwerking tilt niet alleen
de kwaliteit naar een hoger niveau, maar versterkt
ook de circulaire ambitie van de volledige keten.
Zoals Michaël Van Schelvergem, Certification
Manager Gerecycleerde Granulaten bij COPRO,
het treffend verwoordt: “Wanneer de sector haar
krachten bundelt, ontstaat er ruimte voor kwaliteit
die iedereen vooruithelpt. Deze trajecten zijn
daarvan een sprekend voorbeeld.” Menggranulaat
250+ is dus meer dan een technisch reglement:
het is een sectorbreed engagement om gerecyclede
granulaten volwaardig in te zetten als betrouwbare,
duurzame en hoogwaardige grondstof en zo
samen te bouwen aan een circulaire bouwwereld.
Menggranulaat 250+ vormt daarmee een concrete
stap vooruit in het gebruik en de certificatie van
circulaire materialen. ❚
Het traject rond Menggranulaat 250+ toont duidelijk wat er mogelijk is wanneer federaties, producenten en certificatie-instellingen de handen in elkaar slaan.
RecyclePR
RecyclePR
.EU
.EU
55
attachments
and much more
Tramac is al 55 jaar invoerder voor
Montabert in de Benelux Sinds kort
werken we voor Nederland samen
met dealers Demarec en Hyreco
WWW.HYRECO.NL
WWW.DEMAREC.NL
S.A. TRAMAC BENELUX NV
Avenue de l’Energie 11
B-4432 Alleur
T +32 4 263 99 84
E tramac@tramac.be
W www.tramac.be
DOSSIER SLOPEN & BREKEN
HYDRAULISCHE PERCUSSIEHAMERS VOOR DIVERSE TOEPASSINGEN
LICENCE TO DRILL
De Franse fabrikant Montabert is wereldwijd
erkend om de kwaliteit van zijn sloophamers,
maar de drifters zijn eveneens een
belangrijk onderdeel in hun productie.
Tekst & beeld Tramac NV
Drifters zijn hydraulische percussiehamers, ze
draaien en slaan als het ware zoals een handgestuurde
klopboormachine. De drifters worden
ingebouwd in ofwel autonome crawlers (meestal
voor gebruik in steengroeve) ofwel in de boormakelaar
CPA in de vorm van een eenvoudig aan
te pikken hydraulische attachment zoals de sloophamers
of sorteergrijper. Deze CPA’s draaien in de
Benelux op diverse toepassingen: verankeringen,
dynamiteren, kademuren versterken … zowel in
steengroeve als burgerlijke bouwkunde.
Flexibiliteit troef
De CPA-modellen zijn beschikbaar voor graafmachines
van 8 tot 50 ton met een boordiameter
van 22 tot 127 mm. De boordiepte kan op de grote
modellen (4 ton) oplopen tot 30 m diepte. Maar
vooral de micro-cpa van slechts 700 kg is vaak een
interessante tool: standaard uitgerust met een tilt
van 45° is deze ook in een 360° versie leverbaar.
De CPA-modellen zijn beschikbaar voor
graafmachines van 8 tot 50 ton met een
boordiameter van 22 tot 127 mm.
Vooral de micro-cpa van slechts 700 kg is vaak een interessante tool: standaard uitgerust met een tilt van 45°
is deze ook in een 360° versie leverbaar.
Het grote voordeel van de CPA is de flexibiliteit:
eenvoudige opbouw met hamerfunctie en lekleiding
en radiogestuurde bediening voor de operator.
De automatische revolver om boorstangen
te verlengen en de tiltfunctie laat in combinatie
met de bakcilinder van de graaf machine diverse
werkzaamheden toe in horizontale of verticale
positie. Daarenboven is de CPA compleet vrij van
trillingen voor de arm van de graaf machine. Om
vastlopen tijdens de werkzaamheden te vermijden
worden holle stangen gebruikt, opdat perslucht
(of eventueel water) de cuttings kan omhoog
blazen. Dit kan zowel een afzonderlijke als een
hydraulische compressor zijn die Tramac eveneens
monteert op de graafmachine. De lucht wordt
doorheen de drifter ingeblazen en vervolgens
wordt via de stangen de inhoud aan de voet van
het boorgat uitgestoten na passage in een filter
om onnodig stof te voorkomen. ❚
RecyclePR
RecyclePR
.EU
.EU
57
DOSSIER SLOPEN EN BREKEN
PRIMEUR: HOOGWAARDIGE KOOLSTOFARME VULSTOF VOOR BETONSPECIE
BAANBREKENDE RECYCLINGTECHNIEK
VOOR CELLENBETON
RecyCell maakt hoogwaardige terugwinning van cellenbetonafval mogelijk.
Dat selectief slopen hergebruik en recycling mogelijk maakt, hoeft geen betoog. Toch kan het effectieve hergebruik van materialen nog
flink uitbreiden. Een van de grote uitdagingen binnen de afvalstromen is cellenbeton, waarvoor tot vandaag geen volledig circulaire oplossing
bestond. Precies daar pakt RecyCell nu uit met een primeur door afval van cellenbeton te valoriseren tot een nieuwe bouwgrondstof.
Een echte doorbraak!
Tekst Els Goethals
| Beeld RecyCell
Na ruim vijf jaar geavanceerd wetenschappelijk
onderzoek lanceert RecyCell - dat staat voor
Cellular Concrete Solutions - een vernieuwend
circulair concept. Het West-Vlaamse bedrijf slaagt
erin om sloopafval van cellenbeton hoogwaardig
te recyclen. Een baanbrekende stap die de inzet
van nieuwe grondstoffen en de CO 2
-uitstoot aanzienlijk
verlaagt.
Next-level productontwikkeling
“Cellenbeton is een bouwmateriaal dat sinds de
jaren 70 veel wordt gebruikt in de woning- en
industriebouw. Een groot deel van deze infrastructuur
is vandaag verouderd en wordt dus
gesloopt, waardoor grote hoeveelheden van deze
afvalstroom vrijkomen”, opent bestuurder Kürt
Lisabeth. “Dankzij ons innovatief recycling- en
productieproces wordt cellenbetonafval niet langer
gedowncycled tot zandvervanger, maar opgewaardeerd
tot een hoogwaardige secundaire vulstof.
Op korte termijn vindt het materiaal zijn weg
naar betonproductie, waar het tot 40% primaire
grondstof kan vervangen en waarbij minstens
dezelfde druksterktes behaald worden. We bekomen
immers een ultrafijn en perfect droog mine-
Met een korrelgrootte van minder dan 50 µm biedt RecyCell een ultrafijn,
kwalitatief vulmiddel.
Sterkteproeven tonen aan dat beton met Recycell vulmiddel equivalente
druksterktes behaalt als referentiebeton met primaire grondstoffen.
58 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
DOSSIER SLOPEN EN BREKEN
raal materiaal dat als toevoeging aan vloeibare
betonspecie de verwerkbaarheid verbetert en de
dichtheid van het eindproduct optimaliseert. Op
langere termijn zijn zelfs nog heel wat andere industriële
toepassingen mogelijk.”
Van labfase tot grootschalige
productie
“Bij een dergelijke investering, ga je niet over één
nacht ijs”, vult bestuurder Thomas Casteleyn aan.
"Het uitgebreide R&D-traject verliep in samenwerking
met het laboratorium ResourceFull en
KU Leuven en richtte zich op het volledig sluiten
van de materiaalkringloop. Daardoor kan het
materiaal tot vijftienmaal opnieuw worden gerecycled
met behoud van kwaliteit. Na jaren van geavanceerde
testing, diepgaande duurzaamheidsanalyses
en kwaliteitsborging is RecyCell klaar
voor de volgende stap: inzameling en productie
op grote schaal.”
‘Het herwonnen
product voldoet aan
alle geldende normen
en voorschriften’
Van links naar rechts: Gilles Lisabeth, Niek Casteleyn, Kürt Lisabeth en Thomas Casteleyn van RecyCell.
maatschappij (OVAM) heeft verleend”, klinkt het
bij Thomas. “Daarnaast doorlopen we momenteel
ook het COPRO-certificatietraject volgens het
TRA40- reglement. Kortom, de herwonnen grondstof
werd uitvoerig getest op kwaliteit en voldoet
aan de vooropgestelde eisen.”
Straffe ondernemers
RecyCell klinkt als een nieuwe speler in de markt,
maar vergis je niet: achter het bedrijf staan sterke
boegbeelden. Met Thomas en Kürt (KMG-Consulting)
aan het roer wordt het bedrijf gedragen door
ondernemerschap en sectorkennis. Samen met
Niek Casteleyn en Gilles Lisabeth vormen zij een
complementair team dat expertise, innovatie en
operationele slagkracht samenbrengt. De redactie
wenst hen veel succes, al zit het duidelijk goed:
de inzameling komt goed op gang en binnenkort
draait in Meulebeke ook de productie op volle
toeren. ❚
Inzamelen van zuivere afvalstromen
“Aan potentieel recyclebaar materiaal is er alvast
geen gebrek. Jaarlijks komt er immers een groeiend
volume cellenbeton vrij. Hoogwaardige recycling
begint echter bij een zuivere aanvoer. Daarom
gaan, conform de VLAREMA-regelgeving, een
selectieve inzameling en een correcte sortering
aan het productieproces vooraf. Inzamel punten
spelen daarbij een belangrijke rol. Zij zien er onder
meer op toe dat de gescheiden inzameling voldoet
aan alle kwaliteitseisen en op deze manier is
de traceerbaarheid gegarandeerd. Hiervoor werd
een netwerk uitgebouwd met partners zoals T.R.S.
en andere inzamelaars”, duidt Kürt.
Gekeurd en getest door erkende
deskundigen
“Zoals eerder vermeld, komt de marktintroductie
tot stand dankzij sterke partnerschappen. Zo
krijgt ons initiatief ook ondersteuning van de
VSOR (Vereniging van Sloop-, Ontmantelings- en
Recyclagebedrijven). Bovendien gebeurt de verwerking
binnen een streng gereguleerd kader.
Gevalideerde testresultaten bevestigen dat het
materiaal erkend wordt als een veilig, inzetbaar
product. Dat blijkt onder meer uit de officiële
grondstofverklaring die de Openbare Afvalstoffen-
Dankzij Recycell wordt cellenbetonafval opgewaardeerd tot een hoogwaardige secundaire vulstof in plaats van
gedowncycled tot zandvervanger.
RecyclePR
RecyclePR
.EU
.EU
59
LIVING UP TO
IT’S NICKNAME!
HAMMEL VB950DK
RED GIANT
De Hammel VB950DK, beter bekend als ‘The Red Giant’, is
een krachtige shredder die uitblinkt in het verwerken van
uiteenlopende afvalstromen zoals hout, metaal, kunststof,
restafval en bouw- en sloopafval. Dankzij het robuuste
ontwerp en het geavanceerde dual-shaft systeem verwerkt
deze machine moeiteloos grote hoeveelheden materiaal op
een efficiënte en betrouwbare manier.
Meer informatie op
www.smart-equipment.eu
of via info@smart-equipment.com
Van puin naar potentieel,
via een goed uitgerust
betonlabo
Betrouwbare labo- en veldoplossingen
voor circulair bouwen
Met de juiste labo-uitrusting ga je van aannemen naar
aantonen. HiLAB helpt beton- en recyclagebedrijven
met performante labo’s (Controls Group, Memmert,
Haver & Boecker). Zo wordt kwaliteit meetbaar en
bouw je een sterke reputatie.
Topmerken voor labo-uitrusting
Razendsnelle indienststelling
Opleidingen op maat
All-round servicecenter
www.hilab.be
HiLAB
Meerken 13
B-9620 Zottegem
+32 (0)53 62 71 67
info@hilab.be
CONTROLS
AUTOMAX PRO
MEMMERT
UNIVERSELE OVEN
“ZOLANG JE MAAR WEET WAAROVER JE PRAAT”
De recyclingsector wordt nog te veel gezien als een mannenwereld. Niks is minder waar. Meer en meer vrouwen vinden een job en een
plaats in de wereld van afvalinzameling en -verwerking. En we stellen ze graag uitgebreid aan je voor. In elke editie laten we een vrouw uit
de sector aan het woord over haar job en wat die precies zo fijn maakt. Als eigenaar van Kayak Maritime Services zorgt Elisabeth Lemmens
ervoor dat afval van zeeschepen een tweede leven kan krijgen.
Tekst Valérie Couplez | Beeld Kayak Maritime Services
Wat de wereld van marine en recycling gemeen
hebben? Eenmaal de microbe je te pakken
heeft, laat ze je niet meer los. Kayak Maritime
Services opereert op het kruispunt van beide.
Elisabeth heeft het dan ook zwaar te pakken.
“Je weet ’s ochtends nooit wat de dag zal brengen.
Dat zal voor sommige mensen de hel zijn,
maar voor mij maakt dat het net zo boeiend.
Je moet eigenlijk vooral problemen oplossen en
als je daar dan met heel het team in slaagt,
dan krijg je er ook veel appreciatie voor terug.”
24/7
Kayak Maritime Service ontstond in ’97 als logistieke
dienstverlener. Maar al snel werd de
ophaling van vast afval van zeeschepen aan het
takenpakket toegevoegd. Vandaag is het de belangrijkste
activiteit. Zelf is Elisabeth juriste van
opleiding. Het avontuur begon ook met een juridische
vraag van haar zus Karine die toen aan
het roer stond. “Of ik niet kon helpen om het op
te delen toen zij en haar echtgenoot uit elkaar
gingen. Ik ben nooit meer vertrokken. Eerst als
administratieve kracht, maar in een familiebedrijf
dat 24/7 ter beschikking staat van zijn
klanten, rol je vanzelf in het operationele.”
Kleine gemeenschap
Ze hebben het tot 2013 met zijn twee gerund.
Vandaag doet ze het samen met haar echtgenoot
David Mahieu en een team van veertien
medewerkers dat opvallend veel vrouwen in
de rangen telt. “Dat hoeft geen nadeel te zijn
in deze wereld. Zolang je maar weet waarover
je praat. Dat is wat telt. Uiteindelijk is het een
kleine gemeenschap, waar je niet zo makkelijk
binnen raakt. Onze achternaam helpt wat
dat betreft, want ze heeft een lange geschiedenis
in de haven. Mijn vader haalde vroeger
afvalolie op bij schepen. Eenmaal je bewezen
hebt dat je hun problemen kan helpen oplossen,
word je snel in het hart gesloten. Ik kan
veel klanten vrienden noemen.”
Nog meer recupereren
Kayak brengt het ingezamelde afval van hun
klanten naar sorteercentra voor verdere verwer-
“Eenmaal je bewezen hebt dat je hun problemen kan helpen oplossen, word je snel in het hart gesloten.
Ik kan veel klanten vrienden noemen.”
‘60% gaat nu nog naar verbranding.
Door verschillende zakken voor verschillende
stromen te introduceren, zouden we nog
meer kunnen recupereren’
king. “Sinds schepen een vaste afvalbijdrage betalen
en daarna hun afval gratis kunnen afgeven in
gelijk welke haven, kregen de volumes een boost.
Een belangrijke stap voorwaarts voor het milieu
en onze sector, maar we zijn er nog niet. 60%
gaat nu nog naar verbranding. Door verschillende
zakken voor verschillende stromen te introduceren,
zouden we nog meer kunnen recupereren.
Maar dat vraagt om een wereldwijde aanpak.
Daar blijven we voor ijveren.” ❚
RecyclePR
RecyclePR
.EU 61
.EU
NIEUWE PRE-SHREDDER EN SHREDDER VOOR VERWERKING ALUMINIUM
Tandem zorgt voor maximale
kwaliteit en efficiëntie
Familiebedrijf en metaalrecycler Capiau uit
Lokeren is zich de afgelopen jaren steeds
meer gaan specialiseren in de inzameling en
verwerking van aluminium. Om zijn positie
in een snel veranderende markt te bestendigen
en om tegemoet te komen aan de
steeds hogere kwaliteitseisen, investeerde
het recent in nieuwe shreddertechnologie.
Zato’s Blue Devil pre-shredder waakt
er voortaan over een zuivere stroom voor
Zato’s Blue Shark, een shredder specifiek
geconfigureerd voor aluminium. Samen
zorgen ze voor maximale kwaliteit en
efficiëntie bij de recuperatie van materialen.
Tekst Valérie Couplez | Beeld Zato
Capiau Recycling ontstond in de jaren 80 als afbraakbedrijf.
Wim Capiau kocht al snel een terrein
in Lokeren waar hij met het eigen schroot naartoe
kon, maar waar ook anderen terecht konden met
hun metalen. Doorheen de jaar verschoof de focus
steeds meer naar de schroothandel. Toen het er
twintig jaar geleden ook aluminium begon bij
te nemen, vond Capiau Recycling zijn definitieve
koers. “Sinds juni vorig jaar nemen we geen ferro
stromen meer binnen. We leggen ons quasi volledig
toe op aluminium”, vertelt zoon Gio Capiau,
die intussen mede-eigenaar geworden is. Het
aluminium komt uit een straal van 400 km rond
Lokeren.
Totaaloplossing op maat
In 2019 werd er al een eerste shredderlijn gebouwd
die zich uitsluitend bezig hield met aluminium.
Die botste echter tegen haar limieten
aan: te traag, beperkte capaciteit en veel slijtage.
Capiau Recycling zocht daarom een meer duurzame
en productieve oplossing.
Gio (links) en Wim Capiau: “Zato levert geen
one-size-fits-all machines, maar bouwt een
totaaloplossing op maat van de noden van klanten.
Dat is wat je nodig hebt als recycler.”
62 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
Zato’s Blue Devil en Zato’s Blue Shark zorgen samen voor maximale kwaliteit en efficiëntie bij de recuperatie van materialen bij Capiau Recycling in Lokeren.
Gio nam contact op met Zato dat een uitstekende
reputatie heeft opgebouwd door de kwaliteit van
hun technologie. Een week later stonden ze bij
hem op het terrein. “Ze leveren geen one-size-fitsall
machines, maar bouwen een totaaloplossing
op maat van de noden van hun klanten. Dat is
wat je nodig hebt als recycler”, duidt hij de keuze.
In dit geval bestond die oplossing uit een sterke
tandem: Zato Blue Devil en Zato Blue Shark, een
pre-shredder en een shredder, gecombineerd met
de nieuwste sorteertechnologie. “Zo kunnen we
zuiverdere fracties leveren en tegemoet komen
aan de steeds hogere standaarden binnen de industrie”,
vertelt Gio.
om maximale efficiëntie te verkrijgen bij verdere
verwerking in de hamermolen.
Blue Shark: shredden met precisie
Dan is het aan de Blue Shark. Bij Capiau Recycling
werd de molen specifiek geconfigureerd om aluminium
te verwerken - en alleen aluminium - wat een
reeks op maat gemaakte keuzes mogelijk maakt
om een maximale outputkwaliteit en terugwinningsefficiëntie
te garanderen. Het belangrijkste
onderdeel is de volledig geautomatiseerde pusher,
die het materiaal met een constante snelheid in
de molenkamer doseert. Dit voorkomt plotse belastingschommelingen
die overvoeding of onnodige
restanten of verontreinigingen en maakt het
schroot klaar voor een efficiënte scheiding.
De standaard
Sinds oktober draaien Zato’s Blue Devil en Blue
Shark in tandem bij Capiau Recycling. Gio prijst ook
de service van de Italiaanse fabrikant. “We hebben
een WhatsApp groep met hun team. Als we een
probleem hebben, dan komen ze binnen enkele
minuten met oplossingen. Je staat er dus nooit
alleen voor. Daarmee onderscheiden ze zich echt
van andere machinefabrikanten.” Met deze investeringen
van 10 miljoen euro wil Capiau Recycling
de komende jaren de standaard voor aluminium
Blue Devil: uitgekiende
pre-shredding
Pre-shredden is om verschillende redenen interessant.
Voor de veiligheid bijvoorbeeld, bijna alle
risico’s op ontploffingen in de shredder worden al
geëlimineerd. Daarnaast helpt de installatie om
energie te besparen, omdat de hamermolen geen
hoge pieken hoeft te trekken. De Blue Devil is geknipt
voor de taak bij Capiau Recycling. Of het nu
gaat om balen of gegoten aluminium of extrusies,
hij verkleint het materiaal met een gecontroleerde
en constante kracht. Met behulp van 60 messen
op twee tegengesteld draaiende assen wordt het
aluminium geknipt in plaats van gescheurd, wat
een cruciaal verschil maakt bij de verwerking
van lichtere, non-ferro materialen. Het resultaat
is een gestage, dichte en uniforme stroom van
voorgesneden materiaal dat is geoptimaliseerd
‘Als we een probleem hebben,
dan komen ze binnen enkele minuten
met oplossingen. Je staat er dus nooit
alleen voor’
slijtage veroorzaken. De pusher werkt in harmonie
met de rotor en de hoofdaandrijving, waardoor
het materiaal zonder onderbreking continu door
de werkzone stroomt. De rasterconfiguratie speelt
een doorslaggevende rol bij het bepalen van de
outputgrootte en het verwerkingsgedrag. Dit garandeert
hoogwaardig aluminium zonder kleine
recycling op de Belgische markt worden. Naast de
shredderinstallatie hebben ze ook geïnvesteerd in
de laatste nieuwe sorteertechnieken. “We willen
bekend staan als dé plek om aluminiumschroot
naartoe te brengen, maar ook als een betrouwbare
leverancier voor smelterijen”, zegt Gio. “Stap voor
stap blijven we de lat hoger leggen.” ❚
RecyclePR
RecyclePR
.EU 63
.EU
Duurzame infrastructuren ontstaan pas door de interactie van uiteenlopende technologieën en strategieën.
60E EDITIE KIEST VOOR EEN VIERDAAGSE FORMAT
Circulariteit als motor voor
concurrentiekracht
Van 4 tot en met 7 mei 2026 viert IFAT München zijn 60-jarig jubileum. De toonaangevende vakbeurs voor milieutechnologie grijpt dat moment
aan om niet alleen terug te blikken op zes decennia innovatie, maar vooral om vooruit te kijken.
Tekst Kris Vandekerckhove / Van Ekeris Expo Service | Beeld Van Ekeris Expo Service
Met een vernieuwde positionering, een aangepast
beursformat en een scherpere inhoudelijke focus
onderstreept IFAT München haar rol als wereldwijd
platform voor oplossingen rond water, recycling
en circulariteit.
Vierdaags format voor meer
efficiëntie
Een belangrijke wijziging voor 2026 is de inkorting
van de beurs van vijf naar vier dagen. IFAT
München vindt voortaan plaats van maandag tot
en met donderdag. Volgens organisator Messe
München is deze beslissing genomen na uitgebreide
evaluaties en overleg met exposanten en
brancheorganisaties. Het nieuwe schema moet de
beurs efficiënter maken en tegelijk de middelen
van exposanten en bezoekers sparen. Met deze
aanpassing wil IFAT inspelen op de veranderende
noden van de markt. In een tijd waarin bedrijven
kritisch kijken naar tijdsbesteding, logistiek en
kostenstructuren, moet een beursbezoek maximaal
rendement opleveren. De openingstijden
blijven ongewijzigd, waardoor de beschikbare tijd
op de beursvloer optimaal benut kan worden.
De uitdagingen waar de sector voor staat zijn complex en sterk met elkaar verweven.
64 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
Nieuwe naam, duidelijke focus
Naast het aangepaste format krijgt IFAT München
een vernieuwde naam: IFAT München – Oplossingen
voor water, recycling en circulariteit. Daarmee
wordt expliciet gemaakt waar de beurs vandaag
voor staat. De uitdagingen waar de sector mee te
kampen heeft zijn complex en sterk met elkaar verweven:
schaarse grondstoffen, geopolitieke spanningen,
kwetsbare toeleveringsketens en klimaatverandering.
Leveringszekerheid, ecologische veerkracht
en economisch concurrentievermogen kunnen
niet langer los van elkaar worden gezien. Het
sluiten van materiaalkringlopen is geen vrijblijvende
ambitie meer, maar een strategische noodzaak.
Tegelijk benadrukt IFAT dat circulariteit slechts
een deel van de oplossing is. Duurzame infrastructuren
ontstaan pas door de interactie van
uiteenlopende technologieën en strategieën: van
efficiënt water- en afvalwaterbeheer tot digitale
tools en sectoroverschrijdende samenwerking.
Groei in uitdagende tijden
Dat milieutechnologie aan belang wint, blijkt ook
uit de cijfers. Vijf maanden voor de start van de
beurs ligt het aantal inschrijvingen al 10% hoger
dan bij de vorige editie. Er worden meer dan
3.000 exposanten uit ruim 60 landen verwacht,
verspreid over circa 300.000 m² beursoppervlakte
in achttien hallen en grote delen van het buitenterrein.
Opvallend is bovendien de groeiende
belangstelling vanuit politiek, wetenschap en
bedrijfsleven. In een periode van economische
stagnatie blijft de milieutechnologiesector groeien
en levert zij een wezenlijke bijdrage aan de toekomstige
concurrentiekracht van Europa.
Leveringszekerheid, ecologische veerkracht en economisch concurrentievermogen kunnen niet langer los van
elkaar worden gezien.
Kennisdeling en innovatie centraal
Zoals steeds vormt kennisuitwisseling een kernonderdeel
van het beursconcept. In 2026 wordt
het inhoudelijke programma georganiseerd rond
drie thematische podia. Blue Stage focust op waterbeheer,
waterhergebruik en klimaatbestendige
infrastructuur. Orange Stage legt de nadruk op
circulaire economie, grondstofefficiëntie, logistiek
en technologie in gemeentelijk beheer en afvalverwerking.
Op Green Stage presenteren exposanten
hun innovaties in directe interactie met het
publiek.
Daarnaast zijn er rondleidingen, themagebieden,
live demonstraties en wedstrijden. In de Startup
Area krijgen jonge bedrijven en nieuwe samenwerkingsmodellen
een prominente plaats. Met deze
combinatie van inhoudelijke verdieping, internationale
netwerking en technologische innovatie
positioneert IFAT München 2026 zich nadrukkelijk
als katalysator voor de transitie naar een circulaire
en grondstofefficiënte economie. Zestig jaar
na haar oprichting blijft de beurs niet alleen een
spiegel van de sector, maar ook een motor van
verandering. ❚
Het sluiten van materiaalkringlopen is geen vrijblijvende ambitie meer, maar een strategische noodzaak.
Er worden meer dan 3.000 exposanten uit ruim 60
landen verwacht, verspreid over circa 300.000 m²
beursoppervlakte in achttien hallen en grote delen
van het buitenterrein.
RecyclePR
RecyclePR
.EU 65
.EU
Om LDPE op een hoogwaardige manier te recyclen, bouwde Bollegraaf een sorteerinstallatie met een capaciteit van 13,5 ton per uur.
BAANBREKENDE PRIMEUR OP IFAT 2026
DE SLIMME RECYCLINGINSTALLATIE VAN
DE TOEKOMST, VANDAAG AL REALITEIT
Uitdagingen zijn er genoeg voor de recyclingindustrie. Denk aan complexere materiaalstromen, hogere kwaliteitseisen, structurele
personeelstekorten en de steeds strengere regelgeving. Toch ziet Bollegraaf als innovator en producent van recyclingfaciliteiten net ook
kansen. Met ‘NextGen MRF’ onthult de wereldmarktleider zijn gloednieuwe digitaliseringsprogramma. Ontdek deze veelbelovende innovatie
tijdens IFAT 2026 in München.
Tekst Els Goethals | Beeld Bollegraaf Groep
De Bollegraaf Groep is een toonaangevende Nederlandse producent van
hoogwaardige sorteer- en recyclinginstallaties. Met meer dan 65 jaar ervaring
in Europa en een sterke aanwezigheid in de VS en Canada, is de wereldspeler
traditioneel sterk in robuuste mechanische oplossingen. Van ballistische
scheiders en balenpersen tot volledig geïntegreerde sorteerfaciliteiten
en andere turnkey-oplossingen. Tegelijk staat innovatie nooit stil …
Mijlpaal in digitalisering
“Geavanceerde technologieën – zowel AI-toepassingen als andere uitbreidingen
– worden continu verder ontwikkeld. Zo ondersteunt Bollegraaf recycling-bedrijven
om toekomstbestendig te blijven, kostenefficiënter te werken en een hogere
zuiverheid van materiaalstromen te bekomen. We zijn dan ook trots te melden
dat Bollegraaf een nieuwe mijlpaal bereikt in digitalisering”, vertelt COO
Barry Haas. “Ons digitaliseringsprogramma ‘NextGen MRF’ maakt recyclinginstallaties
slimmer, meetbaarder en signaleert problemen nog vóór ze zich
voordoen. Dat bewijst het succesvolle pilootproject bij Broeckx Plastic Recycling
waarbij een baanbrekende, AI-gestuurde sorteerinstallatie gerealiseerd werd.”
Bij projecten zoals dat bij Broeckx staat Lubo Recycling Solutions, een volwaardige
dochteronderneming van Bollegraaf, in voor de ballistische scheidingstechnologie.
66 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
1 + 1 is meer dan 2
“Bij Bollegraaf brengen we complementaire domeinen samen: onze sterke
mechanische oplossingen, Greyparrot AI-camera’s, robotica en sensortechnologie.
Het resultaat is geen eenvoudige optelsom van functies, maar intelligente
installaties die tal van voordelen opleveren zoals lagere operationele
kosten en hogere winstmarges voor recyclingbedrijven”, duidt Tom Wijkel,
product manager digitalization bij Bollegraaf. “Door een digitale laag toe
te voegen, verzamelen we niet alleen data, maar verbeteren we pro-actief de
prestaties van de installaties. Waar een operator vroeger puur op eigen ervaring
een installatie bijstuurde, krijgt hij nu concrete, datagedreven inzichten
aangereikt. Zo vertaalt de kracht van Bollegraaf zich op de werkvloer.”
Digitale innovatie in primeur op IFAT
“Proactieve optimalisatie op basis van de enorme hoeveelheid data die het
systeem genereert, is geen droom meer, maar realiteit”, klinkt het bij Haas.
“IFAT München 2026 is dé place-to-be om dit met eigen ogen te zien. Bij
Bollegraaf maken we ons volop klaar om er in primeur onze eerste stap richting
‘NextGen MRF’ voor te stellen.” Dashboards tonen live hoe intelligente
technologie volledige recyclingprocessen inzichtelijk maakt en mee aanstuurt.
Experts uit verschillende afdelingen – onder wie Wijkel en Haas zelf –
staan klaar om specifieke vragen over installaties te beantwoorden. Benieuwd
hoe je je sorteer- en recyclingprocessen verder kunt optimaliseren? Bezoek
Bollegraaf op stand B5.327 tijdens IFAT van 4 tot 7 mei 2026. Je krijgt niet
elke dag de kans om digitale experts te spreken! Maar bij Bollegraaf is dat
net een grote troef. Zo vervoegde ook Fabrizio Radice recent de Bollegraaf
Groep als CCO, voorheen was hij sterk betrokken bij de digitalisering van de
Noorse groep Tomra Recycling.
Bollegraaf ontwerpt turnkey-oplossingen voor vrijwel elk type afvalstroom.
Proceskennis als toegevoegde waarde
“Dankzij onze decennialange ervaring in het ontwerpen en bouwen van complete
installaties op maat begrijpen we de doelstellingen en uitdagingen
van de recyclingsector door en door. Die bewezen expertise gaat verder dan
alleen machines. Het rendement voor de klant maximaliseren, dát is ons doel.
Daarom bekijken we als procesingenieurs het volledige recyclingproces. We
denken mee met de klant over hoe een groeipad eruit kan zien. Zelfs één
slimme schakel toevoegen kan een optimaliserend effect hebben op het hele
proces”, besluit Haas. ❚
‘NextGen MRF’ maakt recyclinginstallaties
slimmer, meetbaarder en beter voorspelbaar’
RecyclePR
RecyclePR
.EU
.EU 67
u n i v e r s a l w a s t e s h r e d d e r
Hall B6
stand 404
Uw garantie
voor een duurzame
shredderoplossing
4-7 mei 2026
• constante en instelbare dosering van uw outputstroom
• aanpasbare verkleiningsgraad
• zakkenopener functie
• capaciteit tot 200 m3/uur
• ultra resistent tegen stoorstoffen - beperkte voorsortering
vereist
• maximale beschikbaarheid
• lage operationele kosten
• e-Shred ® : volledig elektrische aandrijving
• Switch ® : snel verwisselbare snijtafel
• beschikbaar als shredder - cutter - ripper
100% designed and manufactured in Belgium
Nijverheidsstraat 13 • 8740 Pittem • België
tel. + 32 51 46 75 51 • rentec@rentec.be • www.rentec.be
RECYCLEPRO_202602 VL_197x130.indd 1 9/03/2026 10:31
Securing the technological lead—
at IFAT Munich.
Welcome to IFAT Munich—Solutions for Water, Recycling and Circularity
Whether resource efficiency, smart water use or the digitalization of cycles: IFAT Munich provides concrete solutions
for the industry of tomorrow. With leading technology providers from over 60 countries, expert knowledge and global
networking—it’s the meeting place for decision-makers and progress with impact.
May 4–7, 2026 | Messe München
Get your ticket now: ifat.de/en
ifat.de/en
260006 IFAT26_Anzeige_General-Industry_197x130_Recyclepro_E-Benelux.indd 1 21.01.26 14:20
INTERNATIONAAL VERVOER – ZEETRANSPORT
We leven in een multimodale wereld waarin goederen via uiteenlopende transportmodi de aarde rondreizen voordat ze hun eindbestemming
bereiken. In dit artikel focussen we op internationaal vervoer en in het bijzonder op zeetransport.
Tekst Group Casier | Beeld iStock
Geen twee zendingen zijn hetzelfde. Daarom moet een transportverzekering worden afgestemd op de specifieke eigenschappen en risico’s van de goederen.
Internationaal zeetransport blijft een efficiënte,
maar risicovolle schakel in de wereldhandel. Stormen
en ruwe zee kunnen containers doen verschuiven
of overboord slaan, terwijl brand aan boord
vaak zware schade veroorzaakt. Piraterij vormt in
bepaalde regio’s een bijkomend gevaar, net als
diefstal en beschadiging tijdens overslag in havens.
‘In een steeds complexere logistieke keten
blijft een transportverzekering een onmisbare
bescherming’
Incoterms en
internationale compliance
De gekozen Incoterm bepaalt de rechten en
plichten van koper en verkoper bij internationaal
goederenvervoer. Ze legt vast wie welke kosten
draagt en op welk moment het risico van verlies
of schade overgaat. Daarnaast moeten de
compliancevereisten van het bestemmingsland
worden nageleefd. In sommige landen is een
lokale verzekering verplicht voor het verdere
traject tot aan de uiteindelijke levering.
Maritieme principes en bijkomende
verplichtingen bij zeetransport
Wie voor zeetransport kiest en het risico zelf
draagt, blijft onderworpen aan maritieme regels
zoals Averij Grosse. Bij een noodsituatie waarbij
kosten of opofferingen worden gedaan voor het
gemeenschappelijk behoud van schip en lading
(zoals het overboord gooien van lading, sleepkosten
of noodreparaties), moeten alle ladingeigenaars
proportioneel bijdragen. Zonder verzekering
moet men vaak een aanzienlijke bankgarantie
stellen voordat de goederen worden vrijgegeven.
In België geldt daarnaast de classificatieclausule:
goederen moeten worden vervoerd op schepen
erkend door IACS of Nationale Vlag Maatschappij.
Transportverzekering als essentieel
vangnet
Een transportverzekering biedt tegen al deze
risico’s een noodzakelijke financiële buffer en
zorgt ervoor dat zowel materiële schade als bijkomende
kosten deskundig worden afgehandeld.
In een steeds complexere logistieke keten blijft ze
dan ook een onmisbare bescherming.
Waarom maatwerk onmisbaar is
Geen twee zendingen zijn hetzelfde. Daarom
moet een transportverzekering worden afgestemd
op de specifieke eigenschappen en risico’s van de
goederen. Sommige ladingen vereisen bijzondere
aandacht op het vlak van verpakking, behandeling,
opslag of vervoer. Denk aan deklading,
temperatuurgevoelige producten of gevaarlijke
goederen, die elk hun eigen aandachtspunten
meebrengen. Voor dergelijke ladingen volstaat
een standaardverzekering vaak niet, en is maatwerk
nood zakelijk om tijdens elke fase van het
transport de juiste bescherming te garanderen.
Heb je vragen of wens je meer info? Neem dan
contact op met Bart Pieters, Corporate Consultant
bij Group Casier, b.pieters@casier.be. ❚
RecyclePR
RecyclePR
.EU 69
.EU
FleXiever®
SCREENING SOLUTIONS
DE MARKTLEIDER VOOR
MINI- EN MIDI ZEEFOPLOSSINGEN
• Standaard modellen in Stock
• modulaire oploSSingen op maat
• Sterke prijS-kwaliteitverhouding
• eigen demo Site met 12 machineS
• afSpraak op zaterdag mogelijk
Contacteer ons voor meer info,
demo’s, bedrijfsbezoek, ...
Ontdek ons volledig gamma
op onze website!
Modulaire
maatwerkoplossingen!
+32 9 224 91 00
info@flexiever.be
www.flexiever.be | Nieuwendorpe 14, 9900 Eeklo | +32 9 224 91 00 | info@flexiever.be
Nieuwe kansen voor de circulaire
economie
Ondanks de circulaire ambities van onze overheid en samenleving staat de recyclingsector onder druk, onder grote druk zelfs.
Daar waar puinbrekers, afvalsorteerders en recyclers met hun 80% recyclingpercentage zorgen voor het zogenaamde succes
van onze circulaire economie, raken steeds meer van deze ondernemers bekneld in surrealistische wet- en regelgeving.
In de actualisatie van het Nationaal Programma Circulaire Economie dat eind
2025 is vastgesteld streeft het Ministerie van I&W naar 82% recycling in
2035, waarvan ook nog eens 15% hoogwaardig gerecycled moet zijn. Het
tussendoel in 2030 wordt aangepast naar een recyclingpercentage van minimaal
80% van het Nederlandse afval waarvan dan ook nog eens minimaal
11% hoogwaardig wordt gerecycled. Dat deze doelstellingen in schril contrast
staan met de doelstellingen uit 2016 is een feit, dat de vernieuwde doelstellingen
realistischer en concreter zijn eveneens. Sterker nog, met alleen het
recyclen van oud beton naar nieuw betongranulaat halen we op dit moment
al bijna die 11%. Dus die kans om de doelstellingen te bereiken hebben we
alvast ingevuld.
Maar er zijn meer kansen; neem bijvoorbeeld het repareren en refurbishen van
wit- en bruingoed, of het refurbishen van zonnepanelen en autolaadpalen.
Activiteiten die al op redelijke schaal plaatsvinden maar die hopelijk door
de verschillende taskforces voor circulaire elektronicaketens een boost gaan
krijgen. In dat kader kom ik nog even terug op mijn opmerking in de eerste
alinea van dit voorwoord. Nieuwe wet- en regelgeving brengt recyclers in de
knel, en daarmee ook die kansen om te komen tot een volledig circulaire
economie. Het meest nijpende voorbeeld is het besluit Financiële Zekerheid
Milieubeheer. Een besluit dat door een lobby van het IPO door de tweede
kamer is gedrukt en waardoor bonafide recyclingondernemingen ettelijke
miljarden euro’s moeten gaan alloceren ter dekking van mogelijke financiële
risico’s (dus geen ecologische risico’s) die worden veroorzaakt door start-ups
en malafide ‘zogenaamde’ recyclingondernemingen. Dood geld, dat niet
geïnvesteerd kan worden in innovatie en verduurzaming.
Hier ligt een kans voor minister Karremans van Economische Zaken: grijp in
op dit onzalige dossier en laat dit tevens één van 500 overbodige wetten en
regels zijn die onder uw bewind een halt zijn toegeroepen. Dit is niet alleen
een kans voor de minister, maar juist voor de circulaire economie.
Ik wens de minister veel wijsheid.
Otto Friebel, Directeur BRBS Recycling.
72 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
Europese productnormen worden
herzien; wat kunnen we verwachten?
In een eerder nummer van BEwerken schreven we over de herziene Bouwproductenverordening en de getrapte invoering
hiervan. Een belangrijk onderdeel van deze veranderingen is dat de Europese productnormen worden aangepast, op basis
waarvan CE markering moet worden afgegeven. De getrapte invoering betekent onder meer dat grote delen van de Bouwproductenverordening
pas van kracht zijn als deze productnormen gereed zijn. Wat kunnen we hier van verwachten?
De Bouwproductenverordening is per 1 januari
2024 van kracht geworden. In eerste instantie
betreft dit vooral onderdelen die het mogelijk
maken dat de Europese Commissie het heft in
handen neemt voor de herziening van de Europese
productnormen. Dat gebeurt via standardization
requests die per productgroep worden opgesteld
en die feitelijk de opdracht zijn voor CEN (Europese
Normalisatie Organisatie) om de normen aan te
passen. Hiervoor wordt zo’n drie jaar uitgetrokken,
inclusief het opstellen van de normen. Dit
proces wordt Acquis genoemd. De productgroep
aggregates (korrelvormige materialen waaronder
ook recyclinggranulaat) is de tiende productgroep
waarvoor dit proces is gestart. Dit was in het
voorjaar van 2025. In het najaar van 2025 is ook
de productgroep Road Materials (wegenbouwmaterialen)
gestart. De verwachting is dat het
standardization request veel bekends zal bevatten
uit de nu bekende Europese productnormen, zoals
de EN 13242 voor ongebonden aggregaten en de
EN 12620 voor toeslagmaterialen voor beton. Een
lastige eis die wordt gesteld is dat er maar één testmethode
mag bestaan voor een bepaalde eigenschap.
Een voorbeeld is de LA-waarde, waarvoor in
andere landen andere methoden worden gehanteerd.
Dit is een proef die iets zegt over de sterkte
van de korrels. Voor bijvoorbeeld de bepaling van
de alkali toeslagreactie bestaat er zelfs nog geen
geharmoniseerde methode. Hierover moet dus nog
de nodige discussie worden gevoerd.
Ook milieu-eigenschappen
Bovendien worden de productnormen uitgebreid
met methoden voor het testen van uitloging, milieukwaliteit
en voor de bepaling duurzaamheidsaspecten.
Dit betekent dat de prestatieverklaring
(verplicht document waarop de prestatie van het
product moet worden vermeld) wordt uitgebreid.
Dit houdt in dat de producent uitloogonderzoek
moet doen volgens de Europees vastgestelde
methode. Dit is echter een andere dan de huidige
Nederlandse methode. Ook volgen er afspraken
over monsterneming en bepaling van de keuringsfrequenties
uit de Europese normen en niet meer
vanuit de Nederlandse regelgeving. Voor mensen
die goed zijn ingevoerd in deze regels, is duidelijk
dat het grote problemen oplevert als dit niet goed
gebeurt. De aloude Nederlandse kolomproef en
aanpalende eisen moeten, rekening houdend met
een overgangsperiode, worden ingetrokken als de
Europese normen klaar zijn.
Andere veranderingen
Producenten worden volgens de nieuwe Bouwproductenverordening,
net als bij de oude, duidelijk
verantwoordelijk gesteld voor de kwaliteit van hun
producten en de levering van informatie daarover.
Dat gaat niet alleen via de prestatieverklaring, die
‘prestatie- en conformiteitsverklaring’ gaat heten,
maar ook via de CE markering, aanvullende veiligheidsinformatie,
gebruiksinformatie en ook informatie
over de afvalfase van de producten. Voor dit
alles wordt een productpaspoort ontwikkeld dat de
informatie vindbaar en zichtbaar moet maken. Dit
kan via digitale weg, want de Bouwproductenverordening
onderkent dat digitale informatie-uitwisseling
niet meer is weg te denken en administratieve
lasten kan voorkomen. Interessant is de ruimte die
de Bouwproductenverordening geeft voor private
keurmerken. De nieuwe tekst geeft aan: ‘andere
markeringen dan de CE-markering, met inbegrip
van particuliere merktekens, mogen alleen op
een product worden aangebracht, indien zij niet
aangeven dat de prestaties van het product met
betrekking tot essentiële kenmerken die onder
toepasselijke geharmoniseerde technische specificaties
vallen, moesten worden beoordeeld op een
andere wijze dan die welke in deze verordening
is vastgesteld’. Dit betekent dat een certificatieregeling
de essentiële kenmerken wel mag
vermelden, maar niet andere methoden mag voorschrijven
of dergelijke. Omdat de Bouwproductenverordening
de technische, milieu- en duurzaamheidseisen
samenbrengt, mag worden verwacht
dat dit voor Nederlandse certificatieregelingen ook
interessant kan zijn. Het is de moeite waard dit te
onderzoeken!
Rol Nederland
Nederland heeft gedegen en gedetailleerde milieuregelgeving,
die voor een groot deel moet worden
ingetrokken, als de productnormen van kracht
worden. De lidstaat Nederland dient daarom
Bouwafval.
adequaat in te spelen op de ontwikkelingen, om
te voorkomen dat de voorsprong die er bestaat
op gebied van bouwen, circulariteit en recycling
niet een remmende voorsprong wordt. Nederland
heeft haar regelgeving goed voor elkaar,
maar er is geen garantie dat dat zo blijft als de
Bouwproductenverordening geheel van kracht is.
Het gelijk speelveld voor secundaire en primaire
materialen en de goede balans tussen circulariteit,
recycling en bodem- en milieubescherming staan
al onder druk, maar dit neemt toe als dit niet
goed wordt bewaakt. Het belang van Nederland
vanuit recyclingoogpunt kan in deze niet genoeg
worden benadrukt. Elders in dit nummer is te lezen
dat er voorstellen worden gedaan om de eindeafvalregels
voor recyclinggranulaten te combineren
met de Europese productnormen. Dit brengt extra
zorgen met zich mee, omdat de afwijkende uitloogvoorschriften
die binnen de einde-afval regels
worden voorgesteld ook impact kunnen krijgen op
de productnormen.
Werk aan de winkel
De kans dat de strakke planning van de Europese
commissie wordt gehaald, is niet goed in te schatten.
Enerzijds zijn er vanuit technisch oogpunt nog
de nodige vertraging te verwachten. Anderzijds
heeft de Commissie laten zien (bij andere productgroepen),
dat zij in staat is om voldoende druk op
de ketel te zetten en de planning te halen. Dat kan
in theorie betekenen dat over pakweg 2,5 à drie
jaar er nieuwe normen zijn, die de bovengenoemde
nieuwe eisen implementeren. En die hebben
rechtstreeks invloed op de producenten van korrelvormige
materialen voor de bouw.
RecyclePR
RecyclePR
.EU 73
.EU
Ontwikkeling Europese einde-afval
eisen voor recyclinggranulaten:
grote gevolgen
De Europese Commissie werkt aan EU-brede einde afval (EoW) criteria voor recyclinggranulaten. Het Joint Research Centre
(JRC) wil op korte termijn de opdracht die het kreeg van de Europese commissie afronden. JRC doet voorstellen met
daarin onder meer uitloogeisen, invulling van REACH eisen en een voorstel om dit alles via de Europese productnormen
verplichtend op te leggen.
Omdat hier veel regelgeving en kennis bij elkaar
komt, is het voorstel complex en technisch, maar
het kan ingrijpende gevolgen hebben voor de
recyclingsector en de circulaire economie in
Nederland en Europa. In verschillende lidstaten
bestaan al goed functionerende nationale
EoW-regelingen voor recyclinggranulaten. Als
Europese einde-afvalcriteria worden ingevoerd,
moeten deze regelingen echter verdwijnen. JRC
motiveert de noodzaak van Europese criteria,
met argumenten over interne markt en Europese
uniformiteit. Omdat van grensoverschrijdende
handel maar beperkt sprake is en waar nodig dit
goed is geregeld, wordt dit in de sector niet als
knelpunt wordt ervaren. Europese harmonisatie,
die ook is gericht op wegnemen van handelsbelemmeringen,
is er al via de Bouwproductenverordening
en Europese productnormen.
Spanningen met CE-markering en
markttoegang
De meeste soorten gerecyclede aggregaten zijn
momenteel verplicht CE-gemarkeerd, waardoor ze
op de markt mogen worden gebracht, ook als ze
juridisch nog als afval gelden. JRC stelt nu voor
om de einde-afval criteria onderdeel te maken van
de CE-markering (de geharmoniseerde Europese
productnormen onder de Bouwproductenverordening).
Hiermee wordt EoW-naleving in de praktijk
een voorwaarde voor markttoegang. Dit kan
betekenen dat de groep recyclinggranulaten die
niet aan de EoW eisen voldoet, maar die vandaag
nog legaal mag worden toegepast, straks van de
markt moet verdwijnen. Terwijl deze eisen dus
niet gelden voor andere, concurrerende bouwproducten.
Bovendien wordt de legitimiteit van
het toepassen van de CE-markering afhankelijk
gemaakt van de vraag of het product einde-afval
is. Het mag duidelijk zijn dat dat veel onzekerheid
kan geven. Dus samenvattend leidt dit tot
extra kosten, nieuwe handelsbelemmeringen en
onzekerheid in een toch al gevoelige markt.
Gebrek aan risicobenadering en
impactanalyse
De uitloogwaarden en uitloogmethoden die
worden voorgesteld voor de vaststelling van de
einde-afvalstatus, zijn uit meerdere oogpunten
contraproductief. Ten eerste zijn ze onvoldoende
gebaseerd op een gedegen milieukundige risicoanalyse,
die rekening moet houden met lokale
(onder meer geologische) omstandigheden. Ten
tweede is de voorgestelde uitloogmethode niet
afgestemd op nationale en inmiddels Europees
geaccepteerde normen. Dubbel testen ligt dan
voor de hand. Ten derde is de ‘getrapte aanpak’
hoe de limietwaarden moeten werken geen oplossing.
Wat onontbeerlijk is, is dat de nadelen van
de geharmoniseerde Europese uitloogmethode
(kolomproef die een lange doorlooptijd heeft en
die deze praktisch onwerkbaar maakt) worden
opgevangen. Het Nederlandse statistische
(k-waarde) systeem is daarvoor bij uitstek bewezen
geschikt, maar behoeft nog zeker Europese lobby
en ondersteuning. De ‘getrapte aanpak’ betreft
de EU-brede EoW-criteria (limietwaarden voor
uitloging), met daarbovenop de mogelijkheid
voor lidstaten om lokaal strengere eisen te stellen.
In de praktijk leidt dit tot een onlogische situatie
Verwerking van minerale grondstoffen.
waarin een materiaal volgens EU-regels geen afval
meer is, maar nationaal alsnog als afval wordt
aangemerkt. Dat creëert juridische onzekerheid
voor producenten, afnemers en toezichthouders.
De criteria missen daardoor hun doel en lossen
niets op.
Samen optrekken en tijd voor
heroverweging
De sector trekt op Europese schaal eensgezind en
breed op om de discussie met JRC en de Europese
commissie aan te gaan. Het zou helpen als overheidspartijen
zich ook uitspreken. De omvangrijke
stroom bouwgrondstoffen zou bij uitstek voor
Nederland, als lidstaat die op dit gebied vooroploopt
en veel te verliezen heeft, rechtvaardigen
dat hier serieus naar wordt gekeken. De kernboodschap
vanuit de sector is duidelijk: de voorstellen
proberen een oplossing te bieden voor een
probleem dat in de praktijk niet bestaat. Inhoudelijk
zijn de voorstellen niet acceptabel. Voordat
de voorstellen worden opgenomen in bindende
EU-regels, is daarom een grondige herziening
noodzakelijk. Dit kan niet zonder gedegen analyse
van nationale ervaringen en een open dialoog
met de sector.
74 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
Het wil maar niet vlotten met
de circulaire economie
De Integrale Circulaire Economie Rapportage 2025 van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) stelde in het voorjaar
van 2025 al dat Nederland niet op schema ligt voor een circulaire economie in 2050. Ondanks initiatieven, daalt het
grondstoffengebruik onvoldoende en neemt de afhankelijkheid van import toe. De transitie bevindt zich nog niet in de
versnellingsfase, wat de urgentie voor steviger beleid vergroot.
De belangrijkste punten uit de ICER 2025 zijn als volgt benoemd:
• geen versnelling: de transitie naar een circulaire economie verloopt te
traag, ondanks diverse maatschappelijke initiatieven;
• grondstoffengebruik: het lukt onvoldoende om het structurele gebruik
van primaire (nieuwe) grondstoffen te verminderen;
• kwetsbaarheid: de afhankelijkheid van de import van (kritieke) grondstoffen
is groot, wat de noodzaak voor circulariteit vergroot door
geo politieke spanningen;
• beleid: stevig, specifiek Europees en nationaal beleid is noodzakelijk om
de doelstellingen voor 2050 te halen.
Rapportage
Deze rapportage uit 2025 benadrukte nogmaals dat de huidige koers niet
voldoende is om de circulaire ambities te realiseren. Een conclusie die de
afval- en recyclingbranche deelt en die tevens vraagt om stevig ingrijpen
in wet- en regelgeving en beleid. Met de publicatie van het Nationaal
Programma Circulaire Economie 2025 is de eerste tweejaarlijkse actualisatie
van het circulaire economie-beleid voor Nederland bekendgemaakt. Het
programma benadrukt de economische noodzaak en kansen, maar stuit toch
op kritiek vanwege lagere ambities, onvoldoende financiering en stijgend
grondstoffengebruik in de voorgaande jaren. Het PBL stelt dan ook dat de
plannen en middelen nog onvoldoende zijn voor versnellen van de transitie
van een lineaire naar een circulaire economie.
Stientje van Veldhoven.
Houtafval.
Onbestaanbaar
Met het bovenstaande in het achterhoofd is het dan ook onbestaanbaar
dat het kabinet heeft besloten om de polymerenheffing niet in te voeren,
waarmee het kabinet tegemoet komt aan wensen van de Nederlandse
kunststofi ndustrie en het polymeerverwerkende midden- en kleinbedrijf. Hiermee
werd het probleem (en de verantwoordelijkheid) namelijk verschoven
van de voorkant van de keten naar de achterkant van de keten, de afval- en
recyclingsector. Het schrappen van deze belastingheffing creëert een gat van
567 miljoen euro, dat deels via de afvalstoffenheffing op de burger wordt
verhaald. Maar dit is niet alles. Door deze verschuiving is het op termijn
niet meer interessant om bijvoorbeeld bouw- en sloopafval, de grootste
afval fractie in Nederland, in eigen land te sorteren en verwerken. Hierdoor
verdwijnen potentieel hernieuwde grondstoffen naar het buitenland en sluit
een heel groot deel van de recyclingbedrijven de poorten voor dit type afval.
Er komt dus geen versnelling, geen grondstoffenhergebruik, meer kwetsbaarheid
en de doelen voor 2050 worden ook niet gehaald. Kortom: een slechte
maatregel voor de circulaire economie.
Hoe is het zover gekomen?
De afvalsector heeft breed aangegeven dat de verschuiving van de
compensatie van de inkomstenderving van de polymerenheffing richting
het afvaldomein onverstandig is. Als gevolg hiervan hebben de ministeries
van Infrastructuur en Waterstaat, Klimaat en Groene Groei en Financiën een
werkgroep de opdracht gegeven om alternatieven te vinden voor het gat
van 567 miljoen euro. Dit heeft men de werkgroep Afvalsector genoemd.
Het spreekt voor zich dat deze werkgroep, overwegend ingevuld met
RecyclePR
RecyclePR
.EU 75
.EU
Sloopkraan.
vertegenwoordigers van afvalverbrandingsinstallaties, pleit voor het ontzien
van afvalverbrandingsinstallaties en stortplaatsen en vooral de lasten bij
andere partijen neer wil leggen. Zo is dit probleem immers ook op hun bordje
terechtgekomen. Dat gaat echter helaas niets oplossen, aangezien de sector
die de hete aardappel toegeschoven krijgt deze ook zo snel als mogelijk weer
van tafel wil en doorgeeft aan een ander slachtoffer. Het probleem ligt bij de
lobby van de primaire industrie. Een primaire industrie die zo veel mogelijk
goedkope primaire grondstoffen wil gebruiken en helemaal niet gebaat is bij
hergebruik of recycling zolang als er geen schaarste is. Diezelfde industrie, die
onvoldoende wordt belast voor de nazorg (afvalfase) van hun producten en
waardoor de maatschappij met een afvalprobleem en de kosten blijft zitten.
Wat moet er dan wel gebeuren?
Op dit moment wordt het bereiken van een circulaire economie vooral
opgehangen aan wensdenken van politici en academici en het valideren
van rapporten van gerenommeerde en dure onderzoeksbureaus. De afval- en
recyclingsector, een voorname schakel in circulariteit, staat te popelen om de
transitie vorm te geven, maar zij wordt eerder gehinderd dan gestimuleerd.
De sector heeft ook al vele voorstellen gedaan over de wijze waarop een
circulaire economie op een praktische manier kan worden bereikt met behulp
van slimme regelgeving die niet direct veel geld hoeft te kosten. Het wordt
dus tijd dat de Haagse ivoren torens worden verlaten en er in de praktijk
wordt ervaren welke belemmeringen er zijn en wat er nodig is om de circulaire
doelstellingen te behalen. Grote kans dat de volgende oplossingen op tafel
komen:
• stimuleer de afzet van recyclaat (kunststof/mineraal/organisch/
bio-based/staal), door middel van fluctuerende verplichte toevoegpercentages,
op basis van het volumeaanbod;
• leg het gebruik van zeer zorgwekkende stoffen of potentieel zeer zorgwekkende
stoffen door de industrie aan banden en beprijs de consequenties
van het gebruik;
• stimuleer innovatie bij producenten en verwerkers van te hernieuwen
grondstoffen, op basis van realistische en economisch verantwoorde
business-cases i.p.v. financiering van knuffelprojecten.
Derk Loorbach.
Pijnlijke keuzes
Transitiegoeroe Derk Loorbach gaf bij de lancering van de eerste circulaire
beleidsplannen al aan dat er altijd pijnlijke keuzes moeten worden gemaakt,
wil men de doelen behalen. Tot op heden is de pijn neergelegd bij de afvalsector
die juist een zeer positieve bijdrage zou moeten leveren in deze transitie.
Wij rekenen op onze nieuwe minister van Klimaat en Groene Groei, Stientje
van Veldhoven, om haar woordelijke passie voor de circulaire economie in de
komende regeerperiode om te zetten in daden en de recyclingbranche hier
nadrukkelijk bij te betrekken.
76 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
Financiële Zekerheid, het resultaat van
een tweejarige pilotperiode
Het dossier financiële zekerheid voor afvalbedrijven kent een lange geschiedenis.
Nadat in de periode 2003 -2009 het Besluit Financiële Zekerheid Milieubeheer
van kracht was, leidde een aangenomen Kamermotie in 2009 tot een
einde voor de mogelijkheid voor de provincie om in de vergunning een eis tot
het stellen van financiële zekerheid op te nemen. De praktijk kende in deze
jaren een grote mate van willekeur, waarbij sommige provincies vrijwel alle
afvalbedrijven het stellen van zekerheid voorschreven en andere provincies
dit niet of nauwelijks deden. Omdat het stellen van zekerheid in die periode
vrijwel altijd plaatsvond door middel van een bankgarantie, leidde dit tot het
creëren van veel ‘dood geld’ met daardoor minder investeringen in het bedrijf
en daarnaast een forse mate van rechts- en concurrentieongelijkheid. Destijds
was de achtergrond van het Besluit een ‘vangnet voor probleembedrijven’
te vormen. In de praktijk waren er echter diverse provincies die voor afvalbedrijven
per definitie een bankgarantie in een vergunningvoorschrift
opnamen, ongeacht of er sprake was van een ‘probleembedrijf’.
Zorgen over gevolgen
Eind vorig decennium kwam dit dossier ambtelijk en politiek weer op de
agenda. Voor Seveso-inrichtingen was een en ander al eerder in gang gezet,
maar na een in 2018 aangenomen motie in de Tweede Kamer om dit ook
voor niet- Seveso-inrichtingen te onderzoeken ontstond de intentie dit tevens
voor afvalbedrijven wettelijk te gaan regelen. Voor Seveso-inrichtingen ging
de zogeheten ‘MOET-bepaling’ gelden, waaruit volgt dat het bevoegd gezag
een eis tot zekerheidstelling in de vergunning moet opnemen. Voor afvalbedrijven
werd een zogeheten ‘KAN-bepaling’ van kracht, die het bevoegd
gezag de wettelijke ruimte biedt een eis in de vergunning op te nemen. Het
georganiseerd bedrijfsleven heeft sinds het jaar 2019 op meerdere momenten
haar zorgen geuit over de gevolgen die dit besluit voor de circulaire
economie in het algemeen en de afval- en recyclingbedrijven in het bijzonder
zou gaan hebben. Hoewel het uitgangspunt dat de samenleving niet
mag opdraaien voor de kosten van faillissementen van (malafide) bedrijven
terecht is, staat de huidige invulling van de regeling niet in verhouding tot
de daadwerkelijke risico’s voor de maatschappij/belastingbetaler die door
deze regeling zouden moeten worden afgedekt. In veel gevallen zijn deze
risico’s bovendien reeds (gedeeltelijk) afgedekt (via bijvoorbeeld verzekeringen,
grondcontracten, verbeterd toezicht/handhaving ...) en zijn, daarnaast,
andere werkbaarder oplossingen mogelijk zoals ook gedurende de pilot door
de sector is voorgesteld.
Berenschot
Organisatieadviesbureau Berenschot is gevraagd een ‘eenvoudig en helder
denkmodel’ te ontwikkelen met behulp waarvan majeure risicobedrijven
in categorieën kunnen worden ingedeeld en per categorie kan worden
bepaald voor welk bedrag financiële zekerheid moet worden gesteld om
niet-verhaalbare milieukosten af te dekken. Het is het rapport ‘FINANCIËLE
ZEKERHEIDSTELLING VOOR MILIEUSCHADE BIJ MAJEURE RISICOBEDRIJ-
VEN - Een model voor het categoriseren van majeure risicobedrijven’, dat in
2016 verscheen, wat de basis is voor de grote onrust in de afval- en recycling-
Financiële zekerheid zorgt voor veel dood geld en minder investeringen.
RecyclePR
RecyclePR
.EU 77
.EU
branche. Het initiële Berenschot-rapport is gericht op, en bedoeld voor, ‘de
groep majeure risicobedrijven die een verzamelterm is voor bedrijven die
vallen onder het regime van het Besluit risico’s zware ongevallen (BRZO)
en de grote chemiebedrijven vallend onder categorie 4 van bijlage 1 bij de
Richtlijn Industriële emissies (RIE-4). Anders gezegd gaat het om circa 450
bedrijven waar grote hoeveelheden gevaarlijke stoffen boven een bepaalde
drempelwaarde aanwezig zijn.’ Dat bij deze bedrijven afval aanwezig is, of
kan zijn, wordt in het rapport duidelijk gemaakt aan de hand van een figuur
waarin drie finan ciële zekerheid bepalende componenten zijn benoemd: Afval,
Bodem en Water. Een BRZO bedrijf kan een afvalbedrijf zijn, doch ook
een niet-afval bedrijf kan afval op het terrein hebben. Een afvalbedrijf is echter
niet per definitie een BRZO-bedrijf. Afvalverwerkingsbedrijven nemen een
bijzondere positie in binnen de BRZO-bedrijven. ‘Vanwege de aard van de
bedrijfsactiviteiten (opslag en verwerking van afval), moet voor deze bedrijven
worden aangenomen dat bij een faillissement (al dan niet als gevolg van
een incident) alle voorraad beschouwd moet worden als afval’. Afvalbedrijven
met een BRZO-status werken doorgaans met chemische/gevaarlijke stoffen
hetgeen een negatief bedrag dat bijvoorbeeld gelijk staat aan de kosten voor
verwerking middels de minimum standaard, enigszins rechtvaardigt. Hierbij
geldt wel dat het uitgangspunt is dat ‘de hoogte van de financiële zekerheidstelling
gebaseerd moet zijn op een reëel scenario en volgens de onderzoekers
van Berenschot niet op het ergst denkbare scenario’.
De Groene Amsterdammer en Investico
Zoals eerder gememoreerd is in een later stadium, mede naar aanleiding van
een publicatie in ‘De Groene Amsterdammer (12 augustus 2020)’ gebaseerd
op onderzoek van Investico en vragen van GL-kamerlid Kroger, door de toenmalige
Staatssecretaris Van Veldhoven besloten om reguliere (niet BRZO/
IPCC) afvalbedrijven en recyclingbedrijven eveneens financiële zekerheidstelling
op te leggen, dezelfde financiële zekerheidstelling die de basis vormt als
gevolg van de uitkomsten van het Berenschot onderzoek bij majeure risicobedrijven.
Het IPO heeft het onderzoek van Investico en het besluit van de
Staatssecretaris omarmd doch gaat hiermee voorbij aan de eigen en gemeentelijke
VHT-taken die veel schade hadden kunnen voorkomen. In de praktijk
zijn immers ook situaties te zien waarbij het bestuur aarzelt om handhavend
op te treden om dat dan een bedrijf mogelijk gaat omvallen en de kosten voor
het opruimen van bijvoorbeeld afvalstoffen met een negatieve restwaarde
sowieso voor rekening van de samenleving komen.
De beleving van de pilot
Het bedrijfsleven, het IPO en het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat
hebben de afgelopen jaren een aantal keren overleg gevoerd over hoe het
instrument wordt ingezet.
Belangrijkste gesprekspunten waren daarbij:
• De uitkomsten van het rekenmodel Berenschot;
• Hoe de financiële draagkracht (als wegingsfactor voor de hoogte van de
Financiële Zekerheidstelling) te bepalen;
• De financiële zekerheid die uiteindelijk wordt gevraagd van een bedrijf;
• De acceptabele vormen van financiële zekerheid;
• De complexiteit die het wetsvoorstel in de uitvoering met zich meebrengt
(zowel voor bedrijven als voor omgevingsdiensten/bevoegde gezagen)
Wat het laatste betreft worden door zowel het bedrijfsleven als het IPO/
provincies vraagtekens gezet bij de doelmatigheid: er is – voor bedrijven waar
de provincies bevoegd zijn – per jaar indicatief 20 tot 40 miljoen euro nodig
ter dekking van niet-verhaalbare bestuursdwangkosten; als het voor bedrijven
niet mogelijk is van een collectieve voorziening gebruik te maken, betekent
dit dat bedrijven individueel een zekerheid moeten stellen. Dit kan optellen
tot een (ook indicatief) bedrag van 1 tot 1,5 miljard euro aan gestelde zekerheden.
Bovendien zal naar verwachting de uitvoering van een regeling per
bedrijf zowel de bedrijven als de omgevingsdiensten hoge uitvoeringslasten
– vanwege overleg en juridische procedures - met zich meebrengen. Op dit
moment is zelfs een geval bekend waarin alleen al één bedrijf een bedrag
van bijna 200 miljoen euro aan financiële zekerheid moet afdekken. Om de
hoogte van de financiële zekerheid te bepalen, kan een financieel model worden
toegepast. Het ontwikkelen van een ‘one size fits all’ model is echter
lastig vanwege de complexiteit in de afvalsector (door de grote hoeveelheid
en diversiteit aan afvalstromen en afvalbedrijven). De huidige denkrichting
van P*Q (prijs maal hoeveelheid) gaat tegen het principe van proportionaliteit
in. De totale omzet die de afval- en recyclingsector genereert komt uit
op circa 9 miljard euro per jaar. Ten opzichte van de 25 miljoen euro feitelijk
onderbouwde historisch geleden schade (in een periode van vijf jaar 2015-
2020) is dit buiten proportie. De complexiteit van het model zit in het in
kaart brengen van risicofactoren: bij welk soort bedrijven is het in het verleden
mis gegaan en wat waren onderliggende oorzaken? Kortom: de pilot heeft
tot meer vragen dan oplossing geleid en kan op basis van de beschikbare
informatie onmogelijk leiden tot opname in individuele vergunningen van
recyclingbedrijven.
Het vervolg
Naar verwachting wordt in het eerste kwartaal van 2026 de eindevaluatie
van de pilot openbaar gemaakt. Als branchevereniging blijven wij ons verzetten
tegen de uitwerking van het besluit Financiële Zekerheid en de negatieve
effecten die dit op de branche gaat hebben.
WWW.BRBS.NL
78 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
S
O
Strengths
Ons recyclagebedrijf is futureproof:
circulariteit is de toekomst!
We zetten in op innovatieve processen
en evolueren i.f.v. de markt.
Opportunities
Group Casier contacteren om ons te
laten adviseren in het beheer van onze
risico's en onze verzekeringen
SWOT Analysis
SWOT
Weaknesses
Threats
W
Wat we produceren of verwerken is vaak
gevoelig en/of licht ontvlambaar.
Onze aansprakelijkheid is complex.
T
Zonder risk management of degelijke
verzekeringsoplossingen is onze
toekomst onzeker.
Claims m.b.t. milieu en omgeving,
reputatieschade of bedrijfsonderbreking.
Meer info?
Contacteer ons via info@casier.be
www.casier.be
Waalvest 2/0001 , 8930 Menen
0405.468.215 ; RPR Gent, afdeling Kortrijk
www.casier.be
Naamloos-1 1 31-01-2023 08:48
S T O F
TOT NADENKEN
Stofbeheersing is een heikel punt voor veel
afvalverwerkings- en recyclagebedrijven.
Pulvi bekijkt het anders.
Bij Pulvi kunnen bedrijven terecht voor een ruim aanbod
aan diensten inzake stofbeheersing. Met het eigen
ontwikkeld en gepatenteerd vernevelingssysteem kan
Pulvi zich dé expert op het gebied van innovatieve
stofbeheersing noemen.
Vrombautstraat 121
BE-9900 Eeklo
+32 498 11 49 37
info@pulvi.eu
www.pulvi.eu
vernevelingslijnen | transportbandoverkappingen | rijstofbarrières | stofnetten | pompen | beregeningssystemen | waterfiltersystemen
NOOD AAN KWALITEIT ÉN KOSTENBEHEERSING
WOLFRAAMMARKT:
VAN UITDAGINGEN NAAR OPLOSSINGEN?
Dat een wolfraamcarbide-slijtlaag de levensduur van onderdelen aanzienlijk verlengt, staat buiten kijf. Maar is dat de enige heilige graal of
zijn er nog andere manieren om tot dezelfde superieure bescherming te komen? Een heel actueel vraagstuk, nu de prijzen van wolfraamcarbide
internationaal onder druk staan. Zelfs in uitdagende tijden weet specialist Geurts van Kessel Hardfacing het antwoord.
Tekst Els Goethals | Beeld Geurts Van Kessel Hardfacing
Waar vroeger de prijzen en beschikbaarheid van
wolfraam vrij stabiel waren, is dat onder invloed
van geopolitieke spanningen niet langer het
geval. China, dat zo’n 82% van het wereldwijde
wolfraam produceert, draaide vorig jaar namelijk
de kraan dicht. Dit heeft directe gevolgen
voor sectoren die afhankelijk zijn van carbideoplossingen,
waaronder de recyclingindustrie. De
kernvraag luidt: zijn er überhaupt alternatieven?
Door het slijtagebeeld te analyseren, werkt Geurts van Kessel Hardfacing naar de meest geschikte oplossing
toe.
nen van lastechnieken zit in ons DNA en geeft ons
vandaag een duidelijke voorsprong in een snel
evoluerende markt”, vertelt Kim Geurts van Kessel.
Innovatie in slijtageoplossingen
“Het blijft onzeker hoelang de huidige situatie
Slijtage-uitdagingen in
de recyclingindustrie
Als recyclingprofessionals ergens bij zweren, dan
is het wel bij wolfraamcarbide slijtlagen. Terecht,
want het is een van de hardste materialen die er
bestaan en verlengt de levensduur van onderdelen
tot wel drie à vier keer. Shreddermessen, hamers,
rotorsegmenten en slijtplaten zijn typische onderdelen
van recyclingmachines die blootgesteld
worden aan zware impact maar ook aan wrijving
en schuring (ook wel abrasie genoemd), waardoor
ze sneller slijten. Geurts van Kessel Hardfacing,
gevestigd in Heesch (Nederland), is al meer dan
twintig jaar gespecialiseerd in het aanbrengen
van slijtvaste lagen op deze en andere machineonderdelen.
Dat zorgt voor een constantere output,
minder stilstand, een lager brandstofverbruik
en lagere onderhoudskosten. “Het continu verfijvan
hoge prijzen en leveringstermijnen zal aanhouden.
Feit is dat de belangstelling voor duurzame
alternatieven groeit. We kunnen daarbij
de marktomstandigheden niet veranderen,
maar onderzoeken wel de oorzaken van slijtageproblemen.
Aan welke mechanische belasting
80 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
Geurts Van Kessel Hardfacing versterkt metalen componenten met slijtvaste
lagen, zoals CGP®.
Jarenlange verfijning van lastechnieken biedt een duidelijke voorsprong in een
snel evoluerende markt.
RecyClad biedt uitkomst
“Onze slijtlaag RecyClad, die wordt aangebracht
met een lasercladtechniek, is zo’n materiaalconcept
dat we met succes toepassen. Met lasercladden
brengen we via een gerichte laserstraal
een slijtvaste metaallegering aan op metalen
componenten. We smelten daarbij uitsluitend
het bovenste microniveau van het basismateriaal,
zodat het poeder een sterke metallurgische verbinding
vormt. Bijgevolg maakt deze methode
het mogelijk om een nauwkeurig gecontroleerde
slijtlaag aan te brengen met minimale verdunning
van het basismateriaal. Het resultaat is een harde
en slijtvaste microstructuur, waarvoor geen grote
hoeveelheden wolfraamcarbide nodig zijn.”
Met een slijtlaag in CGP® zijn hamers optimaal beschermd tegen slijtage, wat de levensduur verlengt.
zijn de onderdelen onderhevig? Welke materiaalstromen
worden verwerkt? Op die manier denken
we gericht mee met de klant en werken we naar
de meest geschikte oplossing toe. Daarbij kijken
we niet langer uitsluitend naar maximale hardheid,
maar nemen we ook factoren zoals taaiheid,
impactbestendigheid, repareerbaarheid en de
totale kost over de volledige levensduur van componenten
mee in de afweging. Hierdoor ontstaat
een diverser palet aan materiaaloplossingen, waarin
wolfraamcarbide nog steeds een belangrijke rol
speelt, maar niet langer de enige mogelijke benadering
vormt”, verduidelijkt Geurts van Kessel.
De werkelijke kosten:
meer dan alleen grondstof
“Door de keuze voor wolfraamcarbide grondig af
te wegen tegenover andere opties, kunnen stilstand
en outputverlies zo veel mogelijk beperkt
worden”, concludeert Geurts van Kessel. “Toch
blijft kwaliteit voor ons altijd vooropstaan. Een
goedkope oplaslaag die na twee weken alweer
vervangen moet worden, kost je uiteindelijk veel
meer dan een kwalitatieve oplossing die vijf keer
zo lang meegaat. Zelfs als die laatste in aanschaf
duurder is. Door elk slijtageprobleem afzonderlijk
te analyseren, zetten we onze expertise maximaal
in om tot de juiste en meest economische oplossing
te komen.” ❚
RecyclePR
RecyclePR
.EU 81
.EU
STOORSTOFFEN IN PUINGRANULATEN,
EEN OPLOSSING IS VOOR HANDEN
In de recycling van inerte beton- en puingranulaten is het verwijderen van
stoorstoffen cruciaal voor een goed eindproduct van de beste kwaliteit. De
aanwezige stoorstoffen zoals plastiek, hout, textiel … moeten verwijderd
worden doorheen het verwerkingsproces. Daarbij geldt: hoe sneller, hoe beter.
In het begin van het recyclingproces zijn de stoorstoffen doorgaans nog groot
en relatief gemakkelijk te herkennen en te verwijderen.
De uitdrukking zegt dat recyclen aan de poort begint. Dat
is weliswaar gemakkelijker gezegd dan gedaan. Men kan
op het eerste zicht een goede indruk krijgen van de graad
van vervuiling, maar men kan niet in het puin kijken. Ook
de locatie waar de verwerking gebeurt, speelt een rol. Op
een vaste site is er meer controle bij het storten van het
puin en is er een beter zicht op het type en de graad van
vervuiling. Anderzijds zijn er mobiele verwerkingssites die
enkele duizenden tonnen te verwerken krijgen. Doorheen
de opruiming van de site zullen de stoorstoffen selectief
verwijdert worden. Wat overblijft is een grote puinfraktie en
nog een klein deel te verwijderen rest/stoorstoffen.
Oplossingen voor stoorstoffen:
windzeefmachines
Voor zowel vaste als mobiele verwerkingsinstallaties zijn
er oplossingen om diverse stoorstoffen te verwijderen uit
het granulaat. Als deze groot genoeg zijn, kan dit in eerste
instantie manueel of met de kraan gebeuren. Dit is echter
arbeidsintensief en beperkt tot stukken groter dan 400
à 500 mm. Zodra het materiaal kleiner wordt, is dit niet
meer vanzelfsprekend of efficiënt. De meest gebruikte oplossing
is een windzeef om de lichte delen (ten opzichte
van het puin), zoals hout, kunststof en textiel, uit te blazen.
Hiervoor zijn aparte windzeefmachines beschikbaar in ver-
RM/Rubble Master: windzeef op retourband.
82 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
de zware delen naar de bodem zinken, waar ze worden opgevangen door een
schroef of transportband. Een schroef heeft als voordeel dat er minder bewegende
delen zijn. Een transportband kan dan weer een grotere variatie aan
stukgroottes verwerken zonder vast te lopen. De lichte, drijvende fractie wordt
met borstels via de oppervlakte over de rand afgevoerd. Dit is eenvoudig
maar heeft als nadeel dat er meer water verloren gaat. Een alternatief is het
gebruik van een open lattenband om eerst het water te verwijderen, waarna
de lichte materialen via een transportband worden afgevoerd.
Magneten voor verwijdering van ijzer
Ook ijzer is een stoorstof in puin. Hierover maakt men zich doorgaans minder
zorgen, maar het kan wel aanzienlijke schade veroorzaken indien het niet correct
verwijderd wordt. Door zijn vorm kan ijzer bij samenklitten opstoppingen
veroorzaken onder de rotor of op de daarop volgende zeefdekken. Daarnaast
kunnen de scherpe randen van de ijzerdelen gaten en scheuren veroorzaken
of vroegtijdige slijtage aan transportbanden. Ijzer wordt verwijderd met behulp
van magneten. Er bestaan verschillende soorten magneten (zoals ferriet
en neodymium), maar in de recycling worden ze doorgaans onderverdeeld
in twee types: permanente magneten (die continu aantrekken) en elektromagneten
(die in- en uitgeschakeld kunnen worden). Magneten zijn beschikbaar
in verschillende sterktes, afhankelijk van de toepassing. In de recycling
zijn overbandmagneten en koprolmagneten de meest gebruikte systemen.
Afhankelijk van de situatie kan een overbandmagneet dwars of in de lengterichting
boven de transportband worden geplaatst. Een dwarse opstelling is
compacter en wordt vaak gebruikt in mobiele installaties. Een lengterichting
heeft als voordeel dat het materiaal in de vlucht kan worden opgevangen,
maar vraagt meer ruimte en een complexere opbouw. Koprolmagneten zijn
daarentegen heel compact, omdat ze geïntegreerd zijn in het transportband
frame maar zijn doorgaans vooral voor kleinere ijzerdeeltjes die omwille van
hun positie (onder het puin) niet zijn opgepikt door de voorgaande dwarsmagneet.
Siebotec: drijf-zinkbad.
schillende breedtes, afhankelijk van de gewenste capaciteit. Vaste installaties
maken vaak gebruik van een draaiende trommel. De lichte delen worden door
de wind tegen de wegdraaiende trommel gedrukt en overgetrokken. Hiervoor
dient eerst de fijne zandfractie verwijderd te worden, anders ontstaat er een bijkomend
stofprobleem. Zodra de fijne fractie verwijderd is via een zeef, is dit probleem
verholpen en kan een optimale scheiding plaatsvinden. Een verhouding
van 1 op 3 is hiervoor ideaal. Voor een optimale werking kunnen windsnelheid,
windhoek, aanvoersnelheid en afstand geregeld worden. Windzeefinstallaties
kunnen ook op mobiele installaties worden toegepast. Hierbij worden meestal
op de overstortpunten na de nazeef blaasmonden geïnstalleerd die schuin
van onder naar boven de lichte fracties wegblazen. Een windmes op een
mobiele installatie heeft iets minder instelmogelijkheden, maar biedt door de
recirculatie van het materiaal het voordeel van een herkansing bij een tweede
passage van de stoorstoffen.
Alternatief: drijf- of zinksystemen
In sommige gevallen is een windzeef, omwille van de eigenschappen van de
stoorstoffen, niet de meest optimale oplossing. Als alternatief kan men een
scheiding uitvoeren op basis van een drijf-zinksysteem of waterbad. In dat
geval komt het afgezeefde materiaal terecht in een met water gevulde kuip.
Na onderdompeling zullen de lichte delen naar de oppervlakte stijgen, terwijl
Betere kwaliteit
Zoals je merkt, zijn er meerdere mogelijkheden om stoorstoffen uit granulaten
te verwijderen. Ze leiden tot betere analyseresultaten, waardoor gerecyclede
granulaten een hoogwaardig alternatief vormen en bijdragen aan de circulariteit
in de bouwsector. Bovendien worden de verwijderde stoorstoffen zelf ook
een waardevolle stroom binnen de recyclingketen. Vraag naar oplossingen bij
je leverancier. ❚
Integra: windzeef met trommel.
Functiebeschrijving
Kurt Longueville
VanderSpek Ternat
RecyclePR
RecyclePR
.EU 83
.EU
TROMMELZEEF OP RUPSEN
MAXIMALE MOBILITEIT,
HOGE ZEEFPRESTATIES
Met de nieuwe Terra Select T 70 op rupsen introduceert Eggersmann een trommelzeef die mobiliteit en capaciteit naadloos combineert.
Ontwikkeld voor professionele recycling- en composteeromgevingen, biedt deze machine een flexibele oplossing voor wie inzet op efficiëntie
én verplaatsbaarheid.
Tekst & beeld Van Laecke Group
Dankzij het geïntegreerde rupsonderstel verplaatst de T 70 zich moeiteloos
over uiteenlopende terreinen. Dit maakt haar bijzonder geschikt voor tijdelijke
werven of bedrijven waar machines frequent geherpositioneerd worden.
De robuuste constructie garandeert stabiliteit en betrouwbaarheid tijdens het
zeven, ook bij intensief gebruik.
De trommel heeft een lengte van 7.500 mm en een diameter van 2.200 mm,
wat resulteert in een groot zeefoppervlak en een hoge verwerkingscapaciteit.
Hoge verwerkingscapaciteit
De trommel heeft een lengte van 7.500 mm en een diameter van 2.200 mm,
wat resulteert in een groot zeefoppervlak en een hoge verwerkingscapaciteit.
Optioneel kan een steengrid worden gemonteerd voor een efficiënte voorzeving
van grovere fracties. Het geoptimaliseerde materiaaltransport staat
garant voor een nauwkeurige fractiescheiding van onder meer compost, biomassa,
houtafval, grond en andere organische of minerale stromen. Verschillende
trommelconfiguraties laten toe de zeefprestatie perfect af te stemmen
op de gewenste toepassing.
Met de nieuwe Terra Select T 70 op rupsen introduceert Eggersmann
een trommelzeef die mobiliteit en capaciteit naadloos combineert.
RecyclePR
84 RecyclePR
.EU
.EU
‘Dankzij het geïntegreerde
rupsonderstel verplaatst de
T 70 zich moeiteloos over
uiteenlopende terreinen’
Het geoptimaliseerde materiaaltransport staat garant voor een nauwkeurige
fractiescheiding.
Hoge operationele inzetbaarheid
Ook op vlak van onderhoud blinkt de T 70 uit. De goede toegankelijkheid tot
essentiële componenten beperkt stilstand en verhoogt de operationele inzetbaarheid.
De Terra Select T 70 op rupsen is daarmee een toekomstgerichte
investering voor bedrijven die flexibiliteit, productiviteit en betrouwbaarheid
centraal stellen in hun recyclingproces. ❚
RecyclePR
.EU
RecyclePR .EU 85
4-7 MAY 2026
Messe, Germany
SAFETY FIRST
THEMABLAD WAARSCHUWT VOOR GEVAREN
BLOOTSTELLING AAN EMISSIE VAN DIESELMOTOREN
KAN KANKER VEROORZAKEN
Extra aandacht voor veiligheid. Dat is geen overbodige luxe in de afval- en recyclingsector. In deze rubriek zetten we voortaan in elke editie
een initiatief in de kijker waar veiligheid prioriteit krijgt. Hoewel elektrificatie zich doorzet, worden nog veel voertuigen en machines in
recycling aangedreven door dieselmotoren. De emissies die daarbij vrijkomen, kan je niet altijd zien, maar kunnen wel ernstige gezondheidseffecten
veroorzaken. De Stichting Arbocatalogus Afvalbranche maakte een themablad rond de gevaren van dieselmotoremissie.
Tekst Valérie Couplez | Beeld Stichting Arbocatalogus Afvalbranche
Dieselmotorenemissie (DME) bestaat grotendeels uit fijn stof. Dat zijn deeltjes
die diep doordringen in de longen en vervolgens via de longblaasjes in
het bloed terechtkomen. Ze kunnen zich zo verspreiden naar organen als de
lever, nieren en het hart. De gezondheidseffecten zijn ernstig: naast longkanker
kan blootstelling leiden tot aandoeningen zoals bronchitis, kortademigheid
en hart- en vaatziekten. DME staat op de lijst van kankerverwekkende
processen, omdat het is geclassificeerd als ‘genotoxisch carcinogeen’. Voor
genotoxische carcinogenen wordt aangenomen dat er bij elk niveau van
blootstelling een kans op kanker is, met andere woorden: dat voor die carcinogenen
geen veilige blootstelling bestaat.
‘Het voorkomen of minimaliseren
van blootstelling aan
dieselmotorenemissie vraagt
om bijzondere aandacht bij
werkzaamheden zoals het rijden,
het laden en lossen en het
onderhoud aan voertuigen’
Wettelijke verplichtingen
Het voorkomen of zoveel mogelijk minimaliseren van blootstelling aan DME
vraagt om bijzondere aandacht bij werkzaamheden zoals het rijden met diesel
aangedreven voertuigen en arbeidsmiddelen, in hallen, bij het laden en
lossen en bij onderhoud aan voertuigen. Werkgevers zijn wettelijk verplicht
om blootstelling aan DME volledig te voorkomen, voor zover dat technisch
mogelijk is. Het voldoen aan de wettelijke grenswaarde geldt als maximale
bovengrens, maar bij blootstelling aan kankerverwekkende stoffen volstaat
dit niet. Ook onder de grenswaarde is de werkgever wettelijk verplicht de
blootstelling te beperken tot een technisch zo laag mogelijk niveau. In aanvulling
op het toepassen van de stand van de techniek moet de werkgever de
blootstelling zoveel mogelijk minimaliseren als haalbaar is door het treffen
van technische en organisatorische beheersmaatregelen die uitvoerbaar zijn
en in een gegeven situatie toepasbaar zijn.
Dieselmotoremissie (DME)
Je ziet het niet...
...maar het is er wel!
Bescherm jezelf.
arbocatalogus-afvalbranche.nl
Deze cartoon moet de boodschap helpen versterken voor recyclingbedrijven.
Themablad en cartoon
Het themablad geeft voor alle activiteiten (gebruik van een heftruck, laden
en lossen, voertuigonderhoud …) technische en organisatorische maatregelen
aan die helpen om de gevaren te beperken. Je kan het terugvinden
op de website van Stichting Arbocatalogus Afvalbranche, samen met een
cartoon die de boodschap helpt versterken. ❚
STOP
illustratie & vormgeving: www.seidell.nl
RecyclePR
RecyclePR
.EU
.EU
87
BETROUWBARE PARTNER VOOR ALLE STAKEHOLDERS
IMPACT EUROPESE WETGEVING OP
PAPIER, KARTON EN KUNSTSTOFFEN
Er komen op korte en middellange termijn heel wat nieuwe Europese regelgevingen aan die een diepe impact zullen nalaten op het
recyclinglandschap. Niet alleen het aanbod en de vraag zullen wijzigen, we staan voor een transformatie in de manier waarop we bedrijfsmatig
verpakkingsafval inzamelen, sorteren en recyclen. Xavier Lhoir, deputy managing director Valipac, schetst ons de toekomst waarin
Valipac zich wil blijven bewijzen als een partner om op te bouwen.
Tekst Valérie Couplez | Beeld Valipac
De eerstkomende wetgevende mijlpalen zijn die
van de Waste Shipment Regulation. “Iedereen
kijkt naar november, het moment dat kunststof
afval niet langer naar niet OESO-landen mag
worden geëxporteerd. Maar we zullen de impact
op de Europese markt al vroeger voelen”, waarschuwt
Lhoir meteen. “Vanaf mei geldt er immers
een verplichte notificatie. Volgens ons zijn het
de laagwaardige kunststofstromen die het ergste
getroffen zullen worden. Het is met dat idee
in het achterhoofd, dat Valipac in februari een
marktverkenning startte om voor de big bags en
de gekleurde folies, toch een lokale recycling te
garanderen. Het hoopt in juli daar partners voor
te kunnen aankondigen.
Geprivilegieerde partner
“Voor de andere stromen wachten we voorlopig
af om te zien hoe de markt zich ontwikkelt na de
exportban. Als blijkt dat ook voor andere materia-
len de marktwaarde niet positief blijft, hebben we
verschillende scenario’s in ons hoofd om verandering
op gang te trekken. Met dergelijke initiatieven
willen we ons bewijzen als een goede partner voor
alle stakeholders in de waardeketen van bedrijfsmatig
verpakkingsafval. Ons streefdoel is de recyclingdoelstelling
die onze klanten wordt opgelegd
zo efficiënt mogelijk te halen. Tegelijk willen we
ook voor ophalers een geprivilegieerde partner blijven.
We hebben immers iedereen nodig om zo snel
mogelijk terug te keren naar een positieve marktdynamiek”,
blikt Lhoir al vooruit.
De PPWR regels veranderen tevens de definitie van producent. Ook de producenten en herstellers van palletten
zullen dan aan Valipac moeten rapporteren.
Verandering definitie producent
Daar zou de komst van de Packaging & Packaging
Waste Directive (PPWR) een katalysator in kunnen
zijn. Vanaf 2030 legt ze concrete, verplichte
targets rond recycled content vast. Voor transportverpakkingen
ligt die bijvoorbeeld op 35%. “We
verwachten dat al vanaf 2028 à 2029 de vraag
naar en het aanbod van recyclaat weer beter in
evenwicht zullen raken.” Een evolutie waar de sector
van vooral kunststoffen nu naar snakt. Maar
dat is niet de enige impact die de PPWR regels
zullen hebben. “Ze veranderen tevens de definitie
van producent”, legt Lhoir uit. Hij geeft meteen
het voorbeeld van vormvaste verpakkingen zoals
palletten, waar ook targets rond hergebruik gelden.
“Vandaag worden de Belgische bedrijven die
ze gebruiken gezien als producent. Een voedingsbedrijf
als Coca-Cola rapporteert dus aan ons alle
palletten die het gebruikt. Met de PPWR worden
dat ook deels de producenten en herstellers van
palletten. Dan zullen zij aan Valipac moeten rapporteren
hoeveel palletten ze aan Coca-Cola leveren
en de bijdrage daarvoor betalen. Dat wordt
een ingewikkeld kluwen”, voorspelt Lhoir.
88 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
Valipac startte in februari een marktverkenning om voor de big bags en laagwaardige gekleurde folies toch een lokale recycling te garanderen.
‘Als we op dit moment een foto
zouden nemen van de markt van
bedrijfsmatig verpakkingsafval
en weer één in 2030, zullen die
fundamenteel verschillend zijn in
volume en in samenstelling’
Xavier Lhoir: “De markt onderschat de impact en de gevolgen die er zullen zijn
voor de volledige waardeketen.”
Minder materialen, andere materialen
Daarnaast moet het volume aan bedrijfsaval, onder meer door meer hergebruik,
dalen voor kunststof, hout, papier en karton en metaal. Een derde
gevraagde eis binnen de PPWR heeft te maken met de recyclebaarheid van
verpakkingen. Daar is de precieze definitie nog niet rond afgesproken. Wel
is al duidelijk dat Valipac als beheerorganisme ecomodulatie zal moeten implementeren
in zijn tarievenstructuur. Producenten zullen dan ook de recyclebaarheid
van hun producten moeten kunnen staven. “Als we op dit moment
een foto zouden nemen van de markt van bedrijfsmatig verpakkingsafval
en weer één in 2030, zullen die fundamenteel verschillend zijn in volume
en in samenstelling. De markt onderschat de impact en de gevolgen die er
zullen zijn voor de volledige waardeketen. Daarom proberen we daar via
deze publicatie, maar ook via eigen nieuwsbrieven meer bewustzijn rond te
creëren. Zoals gezegd willen we ons opwerpen als een betrouwbare partner
en gaan we graag in dialoog over wat de concrete gevolgen zullen zijn voor
alle stakeholders”, besluit Lhoir. ❚
RecyclePR
RecyclePR
.EU 89
.EU
De oplossing voor uw stof De overlast. oplossing voor uw stof overlast
De oplossing voor uw stof overlast
Zonder Beefoam
Met Beefoam
Zonder Beefoam
Met Beefoam
Vraag om een demo bij u op het bedrijf.
Vraag om een demo bij u op Vraag het om bedrijf. een demo bij u op het bedrijf.
35290 Info@beepro-bv.com +31-622935290www.beepro-bv.com
Info@beepro-bv.com www.be
CLOSING
THE GAP
BRUSSELS | 7 & 8 MAY 2026
JOIN US FOR
A CUTTING-EDGE
SYMPOSIUM
(RE)SHAPING
THE FUTURE OF
WASTE RECYCLING
Hosted by CDE, this event will
explore the future of the materials
that power our world – from
infrastructure to technology – and
how we can uncover innovative
strategies to balance sustainability
with progress, while redefining
waste as a valuable resource.
BE PART OF THE MOVEMENT
TOWARD A TRULY
CIRCULAR ECONOMY.
REGISTER
cdegroup.com/circle2026
TOT DRIEMAAL SNELLER ONTPAKKEN
NIEUWE ONTPAKKINGSINSTALLATIE BLINKT UIT
IN SNELHEID EN DUURZAAMHEID
De stap voor het vergisten is vaak het ontpakken. Dat heeft Guilliams in het verleden al gedaan om klanten uit de nood te helpen. Maar het
maakt er nu een nieuwe activiteit van binnen zijn dienstenaanbod. De aanpak? Zoals we het gewoon zijn van het familiebedrijf: zo efficiënt
mogelijk werken om zoveel mogelijk materiaal te recupereren. Zelfs als het daarvoor nieuwe machines moet ontwikkelen. Een gesprek met
zaakvoerder Rohald Guilliams.
Tekst Valérie Couplez | Beeld Guilliams Group
Ontpakkingsactiviteiten zijn voor de Guilliams
Group eigenlijk een logische aanvulling op het
aanbod. Met Guilliams Green Power beschikt het
immers over een biogasinstallatie, die gevoed
wordt met materialen uit de vergister van Guilliams
Recycle Solution in Boutersem. Toch heeft
het tot nu geduurd om alles rond te krijgen. “Op
de site in Boutersem konden we er geen vergunning
voor krijgen. Maar we vonden twee jaar geleden
een stuk grond van 0,5 ha in Tienen dat aan
al onze voorwaarden voldeed. Enkel niet zo groot
als we graag wilden, we mikten oorspronkelijk op
2 à 3 ha. Maar voldoende om gehoor te geven
aan de vraag van onze klanten om ontpakkingsactiviteiten
op te zetten. We zullen er alcoholische
en suikerhoudende dranken verwerken, net als
melkproducten uit bulktransport, industriële en
consumentenverpakkingen.”
Onder toezicht douane
Dat het twee jaar kostte om de vergunningen
rond te krijgen, heeft alles te maken met de accijnzen
die op alcoholhouden dranken gelden.
“De verwerking en vernietiging moet binnen
de 48 uur gebeuren onder het toezicht van de
douane, zodat onze klanten de reeds betaalde
accijnzen zonder problemen kunnen terugvorderen.
Er zijn maar enkele spelers actief hierin,
ook voor de douane was dit met andere woorden
geen vanzelfsprekende materie”, legt Guilliams
uit. Maar inmiddels is alle papierwerk in orde en is
Guilliams Recyce Solutions in Tienen vergund voor
het ontpakken van 300.000 ton afval. Dat zal als
grondstof dienen voor vergisters en biogasinstallaties.
Guilliams schat dat het er jaarlijks 90.000
ton zal verwerken.
Rohald Guilliams: “We hadden zelf eerst niet door hoe innovatief we wel waren.”
Onderste uit de kan
Een deel ervan gaat ook naar de eigen installatie
in Boutersem. “Echt jammer dat het daar niet
mocht, omdat we het milieu nog een grotere
92 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
dienst konden bewijzen door de aanwezigheid van
groene energie en een geavanceerde installatie
voor waterrecuperatie.” Maar dat heeft Guilliams
Recycle Solutions er niet van weerhouden om
het onderste uit de kan te halen. Letterlijk en
figuurlijk. “We hebben met een frisse blik naar het
ontpakkingsproces gekeken en nagedacht hoe we
dat het meest efficiënt konden aanpakken.” Neem
nu glazen flesjes. In een klassieke ontpakkingslijn
worden die kapotgeslagen om ze te legen en
erna van de scherven weer nieuw glas te maken.
“Je voelt aan alles dat zoiets wringt. We kiezen
ervoor om ze met een gepatenteerd systeem leeg
te zuigen, zodat we ze terug aan de klant kunnen
bezorgen of recupereren.”
In harmonie met omgeving
Op die manier kan Guilliams Recycle Solutions
als new kid on the block tot driemaal sneller ontpakken
en spaart het heel wat CO 2
uit, omdat
er geen nieuwe flesjes gemaakt moeten worden.
Guilliams: “We hadden zelf eerst niet door hoe innovatief
we wel waren. Maar we merkten meteen
hoe onder de indruk klanten waren van ons
productieproces. Het maakt dat we ook scherpe
prijzen kunnen aanbieden.” In totaal beschikt
Guilliams Recycle Solutions over vier productielijnen.
Die zijn ondergebracht in de bestaande
hangar. De bedoeling is om er nog een loods aan
te bouwen, samen met een nieuwe weegbrug.
Ontpakkingsactiviteiten zijn voor de Guilliams Group eigenlijk een logische aanvulling op het aanbod.
‘We hebben met een frisse blik naar het
ontpakkingsproces gekeken en nagedacht
hoe we dat het meest efficiënt konden
aanpakken’
“Daar zal het laden en lossen gebeuren en kunnen
we ook tussenopslag doen voor klanten. We
voorzien daarvoor zowel ondergrondse als bovengrondse
tanken. De bedoeling is om zoveel mogelijk
in harmonie met de omgeving te werken, zodat
er geen geurhinder is.” ❚
Guilliams Recyce Solutions is in Tienen vergund voor het ontpakken van 300.000 ton afval. Dat zal als grondstof dienen voor vergisters en biogasinstallaties.
RecyclePR
RecyclePR
.EU 93
.EU
MEER INZAMELING, MEER DRUK OP DE KETEN EN EEN CRUCIALE ROL VOOR SAMENWERKING
TEXTIEL OP HET KANTELPUNT
De textielketen staat onder hoge druk. Jaar na jaar stijgen de volumes afgedankt textiel, terwijl de kwaliteit van een deel van die stroom
afneemt en hoogwaardige recycling nog onvoldoende opgeschaald is. Toch is de textielcrisis volgens de gasten van de derde aflevering
van Trash Talks veel meer dan een afvalverhaal. De echte uitdaging zit in de volledige keten: van ontwerp en productie tot inzameling,
sortering, hergebruik en recycling. In gesprek met host Nele Roobrouck leggen Frederik Bal van Vlaams Inzamelcentrum Textiel en Koen
Tengrootenhuysen van Decathlon en Retexbel uit waar het vandaag wringt, én waar de kansen liggen.
Tekst Kris Vandekerckhove | Beeld Leonie Snauwaert
Dat de textielstroom groeit, merkt Bal elke dag
in de praktijk. Waar enkele jaren geleden nog ongeveer
5 à 6 kg textiel per inwoner werd ingezameld,
gaat het vandaag al om 8 à 10 kg. Die stijgende
volumes zijn volgens hem geen verrassing.
Consumenten kopen meer textiel en ruimen hun
kasten vaker op. De inzamelsector krijgt die goederen
vervolgens te verwerken. Opvallend is wel
dat vooral de bijkomende volumes vaak van lagere
kwaliteit zijn. Het aandeel topkwaliteit blijft relatief
stabiel, maar de extra stroom bestaat vaker
uit textiel dat niet meer rechtstreeks herbruikbaar
is en dus richting recycling moet. Daarmee groeit
de druk op sorteerders en verwerkers.
Hardnekkig misverstand over
verbranding
Bal wil tegelijk een aantal hardnekkige misverstanden
uit de wereld helpen. In het publieke
debat wordt geregeld gesuggereerd dat het
merendeel van het ingezamelde textiel in de verbrandingsoven
belandt. Dat beeld klopt volgens
hem niet. Van het textiel dat zijn organisatie
in Vlaanderen inzamelt, kan ongeveer 70% opnieuw
worden gebruikt. Nog eens 20 tot 30%
gaat grotendeels naar recyclingtoepassingen.
Enkel stromen die sterk vervuild zijn of niet in
de textielcontainer thuishoren, gaan naar energetische
valorisatie. “Een reguliere sector die
correct inzamelt en fijnmazig sorteert, verbrandt
in principe nul procent van de aanvaarde textielstroom.”
Volgens Bal is professionele inzameling,
gekoppeld aan erkende sorteercentra met een
doorgedreven sortering in tientallen tot honderden
fracties, essentieel om die resultaten te
behalen.
Zonder toegankelijke inzamelmogelijkheden verdwijnen bruikbare en recyclebare stromen veel sneller richting verbranding.
94 RecyclePR .EU
RecyclePR
.EU
Geen afvalprobleem,
maar een ketenprobleem
Ook voor Tengrootenhuysen is het duidelijk dat
de textielcrisis niet louter als afvalprobleem mag
worden bekeken. Volgens hem zit de kern van de
zaak bij overaanbod, een verstoord internationaal
speelveld en producten die zelden ontworpen
zijn met circulariteit in gedachten. Digitalisering
en e-commerce hebben de markt fundamenteel
veranderd. Kleding bestellen is eenvoudiger en
sneller dan ooit, waardoor volumes blijven toenemen.
Tegelijk is de sector daar structureel nog
onvoldoende op afgestemd. Dat zet druk op alle
schakels: inzamelaars, sorteerders, recyclers, producenten
én overheden.
Gratis inzameling blijft cruciaal
Een goed uitgebouwd inzamelnetwerk blijft volgens
beide sprekers een absolute voorwaarde voor
circulariteit. Vooral textielcontainers spelen daarin
een sleutelrol. Wanneer lokale besturen minder
inzetten op laagdrempelige inzameling, dreigt
meer textiel in het restafval terecht te komen. Gratis
inzameling stimuleert volgens hen niet de overconsumptie,
maar voorkomt wel dat waardevolle
grondstoffen verloren gaan. Zonder toegankelijke
inzamelmogelijkheden verdwijnen bruikbare en
recyclebare stromen immers veel sneller richting
verbranding.
Recycling botst op productontwerp
Na de inzameling begint het echte maatwerk. In
sorteercentra wordt elk stuk afzonderlijk beoordeeld
op potentieel voor hergebruik of recycling.
Vooral daar wordt duidelijk hoe moeilijk textiel
vandaag te verwerken is. Veel producten bestaan
uit mengvezels, elastaan, coatings, knopen, ritsen
en meerdere lagen materiaal. Zulke combinaties
maken recycling bijzonder complex. Zeker
vezel-tot-vezel recycling staat nog in haar kinderschoenen.
Vandaag gaat slechts een beperkt deel
van de textielstroom effectief terug naar nieuwe
textielvezels. Toch zien beide gasten daar toekomst
in. De technologie evolueert snel en bedrijven
investeren volop in innovatie. Ook arti ficiële
intelligentie kan daarbij helpen, bijvoorbeeld
om vezelsamenstellingen sneller en nauwkeuriger
te herkennen tijdens het sorteren. “Die 1%
fiber-to-fiber mag voor mij gerust maal tien”, zegt
Tengrootenhuysen. “Dat is de ambitie.”
‘De textielcrisis is
een kans om de
keten fundamenteel
slimmer, efficiënter
en meer circulair te
organiseren’
De echte uitdaging zit in de volledige keten: van
ontwerp en productie tot inzameling, sortering,
hergebruik en recycling.
UPV als kantelmoment
De nakende uitgebreide producentenverantwoordelijkheid
(UPV) wordt door beide gesprekspartners
gezien als een belangrijk kantelpunt.
Producenten zullen meer verantwoordelijkheid opnemen
voor wat er met textiel gebeurt op het einde
van de levensduur. Dat kan de omslag naar een
meer circulair systeem versnellen, op voorwaarde
dat de hele keten mee beweegt. Daarbij hoort
volgens de sector ook een duidelijke rolverdeling.
Professionele inzamelaars moeten inzamelen,
gespecialiseerde sorteerders moeten sorteren en
sociale economie kan een belangrijke rol spelen
in lokaal hergebruik en herstel. Net in die samenwerking
liggen nog grote kansen.
Samenwerking als enige weg vooruit
De conclusie van dit gesprek is helder: de textielsector
heeft nood aan realisme én ambitie. De
crisis vraagt geen simplistische diagnoses, maar
samenwerking over de volledige keten. België
beschikt vandaag al over veel expertise in inzameling,
sortering en hergebruik. De uitdaging
bestaat erin die sterktes te behouden, beter op
elkaar af te stemmen en stap voor stap verder uit
te bouwen. De textielcrisis is dus niet alleen een
uitdaging. Ze is ook een kans om de keten fundamenteel
slimmer, efficiënter en meer circulair te
organiseren. Maar dat lukt alleen als producenten,
inzamelaars, recyclers, sociale economie en
overheden samen dezelfde richting kiezen. ❚
De textielcrisis mag niet louter als afvalprobleem
worden bekeken.
Dit gesprek meer in de diepte
beluisteren? Luister naar Trash Talks.
RecyclePR
RecyclePR
.EU 95
.EU
Automatiseer je volledige recyclageproces
Van nummerplaatherkenning tot facturatie
Organi en Alphatronics bundelen hun expertise voor een
volledig geautomatiseerd recyclagepark.
Alles in één systeem
• Self check-in via kiosk of app
• Nummerplaatherkenning
• Geautomatiseerde weging
• Digitale documenten en facturatie
Organi en Alphatronics garanderen
• Slimme ERP voor recyclagebedrijven
• Eén platform voor al uw processen
• Realtime inzicht en automatisatie
• Persoonlijk aanpak, met kennis van uw sector
• Robuste hardware voor toegangscontroles
• Built to last, 40 jaar bewezen kwaliteit
Contacteer ons
DE HARDE
Meten is weten geldt het cliché. In elke editie van 2026 pakt RecyclePro daarom weer uit met cijfers over de afvalsector. Aan jou om er
inzichten uit te destilleren die jouw productieproces kunnen optimaliseren of jouw rendement verhogen. Deze keer duiken we in het Vlaamse
bedrijfsafval met de vierjaarlijkse sorteeranalyse van OVAM.
Tekst Valérie Couplez | Beeld OVAM
Uit de recente sorteeranalyse bedrijfsrestafval die
OVAM publiceerde, blijkt dat gemiddeld 34%
van het uitgesorteerde afval uit afzetcontainers
bestaat uit fracties die volgens de geldende
regelgeving verplicht selectief ingezameld hadden
moeten worden. In de sorteeranalyse van
2021-2022 was dit nog 43%. Bij rolcontainers
gaat het om gemiddeld 40% verplicht in te zamelen
fracties. In de sorteeranalyse van 2021-2022
was dit nog 55%. Een positieve trend dus, maar er
blijven verbeterpunten. Zo worden bedrijfsmatige
verpakkingen van papier of karton nog te gemakkelijk
bij het restafval in afzetcontainers gegooid.
Bij rolcontainers was er dan weer een stijging
van het pmd-afval ten opzichte van de vorige
sorteeranalyse.
Wat zit er nog in?
Als we dieper inzoomen op het bedrijfsrestafval
uit afzetcontainers blijkt dat de fracties hout en
inert puin sterk zijn afgenomen over de jaren.
De fractie folies, die in 2021-2022 nog verdubbelde,
is in de huidige studie teruggevallen naar
het niveau van de nulmeting. Ook voor papier/
karton zien we aanvankelijk een stijging, maar
opnieuw een daling in 2025. Het aandeel pmd
blijft op hetzelfde niveau als in 2021-2022 maar
is wel aanzienlijk hoger dan met de nulmeting in
2017, vermoedelijk door de uitgebreide sorteerinstructie.
Bij het bedrijfsrestafval uit rolcontainers
zijn folies en hout gehalveerd ten opzichte van de
nulmeting. Voedselafval vertoonde aanvankelijk
een stijging in 2021-2022, maar daalde daarna
tot 2 procentpunten onder het niveau van de nulmeting.
Pmd blijft verder stijgen met een toename
van 2 procentpunten ten opzichte van 2021-2022
en 6 procentpunten ten opzichte van 2017.
‘Met gerichte
begeleiding en
handhaving zullen
we ervoor zorgen dat
recyclebare materialen
niet langer verloren
gaan in het restafval’
Uit de recente sorteeranalyse bedrijfsrestafval die OVAM publiceerde, blijkt dat gemiddeld 34% van het
uitgesorteerde afval uit afzetcontainers bestaat uit fracties die volgens de geldende regelgeving verplicht
selectief ingezameld hadden moeten worden.
Gerichte begeleiding en handhaving
Vlaams minister van Omgeving Jo Brouns: “Vlaamse
bedrijven zetten duidelijke stappen vooruit in
het sorteren van hun afval, maar we zien nog
mogelijkheden tot verbetering. Goede bronsortering
begint op de werkvloer. Bedrijven, afvalophalers
en overheid hebben elk hun rol te spelen.
Met gerichte begeleiding en handhaving zullen
we ervoor zorgen dat recyclebare materialen niet
langer verloren gaan in het restafval.” ❚
RecyclePR
RecyclePR
.EU 97
.EU
Dank aan onze HOOFDPARTNERS
Scan mij voor onze
volledige bedrijvenindex
full liner in
recyclingmachines
WE ARE
RECYCLING
Als familiale KMO met jarenlange expertise
bieden we mobiele en stationaire machines op
maat voor de verwerking van grond-, steen-,
sloop- en groenafval.
Vanuit Zedelgem, nabij Brugge, en ons
servicepunt in Houten (NL), staan we garant
voor persoonlijke service, betrouwbare
ondersteuning en duurzame oplossingen.
BEKIJK MEER OP
ONZE WEBSITE
Voor advies op maat contacteer info@vanlaeckegroup.com
of bezoek onze website www.vanlaeckegroup.com
Remi Claeysstraat 66 | 8210 Zedelgem | België | +32 (0) 50 55 18 90
Powered by TCPDF (www.tcpdf.org)
Verkoop, verhuur, herstellingen
van brekers, zeefmachines, shredders,
transportbanden, picking stations
en windzifters
GIPO POWERSCREEN TEREX ECOTEC
MCLANAHAN
SCREENPOD
TROMMALL
Exclusieve importeur
KOMPLET
IMS
Krommeveldstraat 1
9971 Lembeke - Belgium
info@gmrecycling.be
+32 9 378 39 47
www.gmrecycling.be