2026 05 31 Impromptus van Schubert - Imogen Cooper
Transform your PDFs into Flipbooks and boost your revenue!
Leverage SEO-optimized Flipbooks, powerful backlinks, and multimedia content to professionally showcase your products and significantly increase your reach.
Za 30 mei 2026
Grote Zaal
20.15 uur
Serie Piano
Impromptus van
Schubert
Imogen Cooper
Het gratis beschikbaar stellen van dit digitale
programmaboekje is een extra service
ter voorbereiding op het concert. Het is
uitdrukkelijk niet de bedoeling deze versie
tijdens het concert te raadplegen via je mobiele
telefoon. Dit is namelijk zeer storend voor de
andere concertbezoekers.
Bij voorbaat dank.
Programma
Impromptus van Schubert
Imogen Cooper
Serie Piano
Za 30 mei 2026
Grote Zaal
20.15 – 22.10 uur
ca. 50 minuten voor de pauze
ca. 45 minuten na de pauze
Imogen Cooper piano
Staat je mobiele telefoon al uit?
Dank je wel.
2
Programma
Franz Schubert (1797 - 1828)
Vier impromptu’s op. 90 D 899 (1827)
Nr. 1 in c Allegro molto moderato
Nr. 2 in Es Allegro
Nr. 3 in Ges Andante
Nr. 4 in As Allegretto
Ludwig van Beethoven (1770 - 1827)
Bagatellen op. 33 (1802)
Nr. 1 in Es Andante grazioso quasi allegretto
Nr. 2 in C Scherzo. Allegro
Nr. 3 in F Allegretto
Nr. 4 in A Andante
Nr. 5 in C Allegro, ma non troppo
Pauze
Ludwig van Beethoven
Bagatellen op. 33
Nr. 6 in D Allegretto quasi andante
Nr. 7 in As Presto
Franz Schubert
Impromptu’s op. posth. 142 D 935 (1827)
Nr. 1 in f Allegro moderato
Nr. 2 in As Allegretto
Nr. 3 in Bes Andante
Nr. 4 in f Allegro scherzando
3
Toelichting
Meestal prijkt er op een pianorecital wel een of andere sonate. Of een ander lang werk.
Maar het kan ook best eens anders. Vanavond is het de beurt aan het korte karakterstuk
voor piano. Uitsluitend stukken van beperkte omvang klinken.
Daarmee duik je regelrecht in de
romantiek. Waren eerder sonate, symfonie,
strijkkwartet bon ton, in de eerste decennia
van de 19e eeuw kwamen het lied en het
korte karakterstuk voor piano op. Niet
gestimuleerd, maar zeker ook niet gehinderd
door de eisen en wetten van de grote
vorm, kon daarin de romantische ziel vrij
zingen. Nieuwe emotionele lagen werden
blootgelegd. Wat zouden Robert Schumann,
Frédéric Chopin en Felix Mendelssohn zijn
geweest zonder het korte pianostuk? En
– zie vandaag – Franz Schubert? Ludwig
van Beethoven, een kwart eeuw eerder,
is nog geen romanticus, maar gaf met
zijn bagatellen misschien toch een soort
voorzetje.
Franz Schubert, dat is toch vaak ‘Himmlische
Länge,’ zoals Schumann Schuberts laatste
symfonie karakteriseerde. Lang is die, ja,
duurt een uur. Voor zijn strijkkwartet had
hij drie kwartier nodig. Toch was Schubert
op de korte baan evengoed in vorm. Méér,
misschien wel, dan in de sonate.
Een impromptu is zoveel als een
‘geïmproviseerd stuk’. Het was weliswaar
Schuberts uitgever, die deze naam aan twee
bundels pianostukken gaf, maar Schubert
had er ook zelf mee kunnen komen. Zoekend,
tastend, ontdekkend, vindend begeeft hij
zich in deze stukken op weg: wat zal het
worden? Het is improviseren geblazen, en
uitvinden. Ongeremd gaat Schubert zijn
gang, vrij, of de vorm nu redelijk beknopt is
of niet. Trouwens, bij hem is ‘kort’ nog best
‘lang’: een Schubert-impromptu duurt niet
zelden zo’n zeven minuten.
Of ook Beethoven nu juist in zijn korte
stukken het meest thuis was, is echter de
vraag. We kennen hem van de symfonieën,
soloconcerten, sonates, strijkkwartetten.
Drie keer publiceerde hij een bundel met
zogenaamde ‘bagatellen’. Het woord alleen
al: verwijst impromptu naar het ruime
rijk der improvisatie, bagatel betekent
‘kleinigheid, ‘iets van weinig waarde’.
Beethoven, zelfbewust, was eigenlijk niet zo
van de ‘nietigheden’, maar wilde zijn kleinere
pianostukken kennelijk toch zo noemen; het
opschrift Des bagatelles in het manuscript
van de eerste bundel opus 33 is van hemzelf.
De stukken zijn aanmerkelijk beknopter
dan Schuberts impromptu’s en ademen een
heel andere sfeer. Overigens, mooie stukjes
die bagatellen, maar toch was Beethovens
uitgever er niet altijd blij mee: de tweede
bundel opus 119 retourneerde hij boos, hij
voelde zich door deze frutsels beledigd.
Hebben Schubert en Beethoven elkaar ooit
ontmoet? Ze woonden tegelijk in Wenen,
Beethoven was er vanuit Bonn als twintiger
naartoe getrokken, Schubert leefde er van
zijn geboorte tot aan zijn dood. Ze kenden
elkaars muziek. Beethoven moet op zijn
4
Toelichting
sterfbed een Schubert-partituur hebben
bekeken en hebben gezegd: ‘Waarlijk, in
Schubert schuilt een goddelijke vonk.’
En Schubert, ook kort voor zijn dood,
riep speciaal vier musici bijeen om zich
Beethovens revolutionaire Strijkkwartet op.
131 te laten voorspelen. Ze waardeerden
elkaar dus. Beethoven zag zijn 27 jaar
jongere collega en stadsgenoot wel zitten,
en Beethoven was voor Schubert zelfs zijn
grote voorbeeld.
Franz Schubert
Vier impromptu’s op. 90
Werd het niet eens tijd? Moest de naam
Franz Schubert nu niet eens in de mond
worden genomen als het om muziek ging?
Liep er in Wenen niet alleen de beroemde
Beethoven rond, maar ook dit kleine, wat
gezette, bebrilde mannetje met mooie,
roodbruine krullen dat niemand kende?
In 1827 is Schubert 30 jaar oud; hij zal
nog maar één jaar leven. Hij heeft al zo’n
800 werken op zijn naam, in vele vormen.
Maar zeker met de sonate, de symfonie, de
opera schiet het bij uitgevers en publiek
niet op. Zijn liederen ziet men soms wel
zitten, Schubert schrijft er 600. En korte
pianostukken, die ook in de mode zijn. Zijn
uitgever vraagt er nu zelfs om.
In de zomer van 1827 componeert Schubert
zijn eerste set van vier impromptu’s. Tobias
Haslinger publiceert bij Schuberts leven
alleen de eerste twee, de andere laat hij gek
genoeg tot bijna dertig jaar na Schuberts
dood liggen. Ze komen pas in 1857 op de
markt, op een vreemde manier. Nummer 3
is door de uitgever getransponeerd van Ges
naar G. Dat had een commerciële reden: G
oogt met één kruis aan de sleutel beduidend
makkelijker dan Ges met zes mollen (maar
speelt eigenlijk moeilijker). Schuberts
impromptu’s zijn over het algemeen heel
geschikt om ook door goede amateurs
te worden gespeeld, net als Beethovens
bagatellen.
Schubert was niet de uitvinder van de
impromptu. Dat was de Tsjech Václav Jan
Tomásek wiens muziek hij via Tomáseks
leerling Jan Václav Vorisek had leren
kennen. Impromptu nr. 1 laat al meteen
horen hoeveel lucht de vorm Schubert geeft.
We beginnen rustig en onderzoekend, er
hoeft nog niet zoveel, ‘ik ga u iets vertellen’.
Het stuk blijkt uiteindelijk de meest
dramatische van de bundel en doet sterk
denken aan Der Wegweiser, een van de
somberste liederen uit de toch al zo donkere
liedcyclus Winterreise, die Schubert in de
zomer van 1827 ook onder handen had.
Bij nr. 2 realiseer je je, dat niet alleen iemand
als Beethoven van ‘bijna niets’ aan muzikaal
materiaal ‘eigenlijk alles’ wist te maken.
Schubert neemt de toonladder van Es groot,
maakt er triolen van en laat ze in vliegende
driekwartsmaat de piano op en af zoeven –
en het resultaat is iets geniaals. Etudestof
omgetoverd tot goud, een prachtig
perpetuum mobile.
5
Toelichting
Ook de muzikale bouwstenen van nr. 4
zijn eigenlijk zó gewoon, dat ze iedere
pianovirtuoos wel eens uit de vingers zijn
gerold: een as-kleindrieklank. Je herhaalt de
laatste noot, vervolgens daal je rustig even
het toetsenbord van de piano af en stopt nu
en dan. Een kind kan het bedenken, maar bij
Schubert wordt het muziek.
De beroemdste impromptu is zeker nr. 3,
in de ongebruikelijke toonsoort Ges groot.
Hij leidt inmiddels een eigen leven als
filmmuziek, zoals in het liefdesdrama Amours
van Michael Haneke over dwaalwegen van de
liefde op hogere leeftijd, of in Gattaca, waar
Michael Nyman hem arrangeerde voor een
genetisch gemanipuleerde pianist met twaalf
vingers. Een van de personages zegt: ‘Met
twaalf vingers of met één, het is maar hoe je
hem speelt.’ Waarop de ander antwoordt: ‘Dit
stuk kan alleen met twaalf vingers worden
gespeeld.’
Ludwig van Beethoven
Bagatellen op. 33
Zoals Schubert in de tijd van zijn
impromptu’s nog niet was doorgebroken,
zo was Beethoven tijdens zijn Bagatellen
op. 33 juist al een grote naam. Hij
had zich definitief gevestigd met een
symfonie, pianoconcerten, sonates en de
Strijkkwartetten op. 18.
Toen de Bagatellen ontstonden, was hij
ongeveer even oud als Schubert toen die
zijn Impromptu’s schreef: begin dertig.
Maar hij stond pas redelijk aan het begin
van zijn carrière, terwijl die van Schubert al
haast voorbij was. De datering van opus 33,
in mei 1803 gepubliceerd door het Bureau
des Arts et d’Industrie in Wenen, heeft
nog wat vraagtekens opgeleverd. In het
manuscript lees je doodleuk in Beethovens
handschrift het jaartal 1782. Toen was hij
11. Men is dat eens gaan onderzoeken.
Ideeën voor de bagatellen komen voor
in Beethovens schetsboeken uit de jaren
1801/02; de autograaf is uit 1802. Dat klinkt
een stuk aannemelijker, maar misschien
heeft hij, zoals voor de Eerste bagatelle,
toch ook nog materiaal uit zijn jaren in Bonn
benut. Beethoven liet wel vaker ideeën
lang sudderen in schetsvorm voor hij ze
uitwerkte en ze hun definitieve gedaante gaf.
Dat jaartal 1782 moet een verschrijving zijn
geweest – Beethoven keek niet zo op die
dingen.
Bagatelle nr. 1 is pastoraal van toon. De
Tweede bagatelle is een scherzo; in het
trio maakt Beethoven optimaal gebruik
van een simpele toonladder in tertsen.
Het stuk is in 3/4 maat, maar Beethoven
componeert daar in de slotmaten dwars
een 2/4 maat tegenin. De Derde bagatelle
is nog idyllischer dan de eerste. Nr. 4 roept
het larghetto uit het Pianoconcert KV 537
van Mozart in herinnering. Technisch de
meest veeleisende is nr. 5, die een beetje
begint als Chopins Etude op. 10 nr. 1, ook in C
groot. Veel ritmische levendigheid; hij loopt,
evenals nr. 2, al wat vooruit op een van de
veel latere Bagatellen op. 119. Een bijzonder
6
Toelichting
karakter-opschrift heeft nr. 6: ‘Con una certa
espressione parlante’ wat zoveel betekent
als met een zekere sprekende expressie. Is
het een conversatie, een dialoog? Het ene
themaatje uit zich nonchalant en speels, het
tweede lijkt een vraag te stellen en wordt dan
tot zwijgen gebracht door het eerste. Humor,
zoals meer bij de jonge Beethoven, zit in
de laatste bagatelle. In de schetsen prijkte
daarboven nog het opschrift ‘Minuetto’.
Interessant, om je dit Presto ook in gematigd
tempo voor te stellen.
Franz Schubert
Impromptu’s op. 142
Terug naar Schubert. Zijn tweede bundel
impromptu’s voltooide hij, net als de eerste,
in 1827, in december. Het openingsstuk
werd al eerder geschetst. De impromptu’s
behoren zo tot de productieve periode
waarin ook Schuberts beide pianotrio’s, de
Fantasie voor viool en piano en nog tal van
werken ontstonden.
De bundel, pas na Schuberts dood in 1839
gepubliceerd, is minder divers dan de eerste:
terwijl die ook nog uitwijkt naar ‘exotische’
toonsoorten als Ges (nr. 2) en as (nr. 4, zeven
mollen), beperkt Schubert zich hier tot twee
en vier mollen. Hoewel het vier losse stukken
zijn, vertoont opus 142 nogal wat samenhang.
Schubert-biograaf Alfred Einstein zag er
zelfs een vierdelige sonate in: de eerste
en laatste impromptu staan in dezelfde
toonsoort, f klein. Schubert zou deze ‘sonate’
om commerciële redenen hebben losgetornd,
maar dat is een fabel. In het manuscript valt
met enige moeite te lezen, dat hij de stukken
nummerde als nr. 5 tot 8, dus duidelijk als
een vervolg op opus 90 – waarschijnlijk
heeft de uitgever die getallen doorgekrast
en ze vervangen door 1 tot en met 4, zodat
de bundel als een zelfstandig, nieuw opus
verkocht kon worden.
Tastend, vertellend maar snel harmonische
progressie makend, begint Impromptu nr. 1.
De lyrische Impromptu nr. 2 heeft een trio
dat, hoewel melodisch schitterend, helemaal
uit triolen bestaat; bijna extatisch-hilarisch
is het langdurig klateren van A groot voor
de reprise van het trio. De derde, Andante, is
de bekendste. Je hoort hier de onschuldige
melodie uit Schuberts muziek voor het
toneelstuk Rosamunde. Schubert moet er
grote potentie in hebben gezien: niet alleen
in deze impromptu schreef hij er vijf variaties
op, hij varieerde hem eerder ook al uitvoerig
in het Rosamunde kwartet. Nr. 4 kent, zoals
nr. 1, Hongaarse invloed.
Stephen Westra
7
Biografieën
Componisten
Franz Schubert
Franz Schubert (1797 –
1828) was de zoon van
een schoolmeester die
hem al vroeg muziek
bijbracht. Zijn broer Ignaz
gaf hem pianoles, en
ook zang hoorde bij zijn
opleiding. Dankzij zijn
heldere jongensstem werd
hij op elfjarige leeftijd
toegelaten tot het koor
van de keizerlijke hofkapel
in Wenen. Daar kreeg hij
een degelijke muzikale en
algemene vorming aan het
prestigieuze Stadtkonvikt.
Rond zijn dertiende begon
hij liederen te componeren,
en op zijn zeventiende
stroomde het werk uit zijn
pen. Zijn liederen voerde
hij vaak zelf uit tijdens
zogeheten Schubertiades,
intieme bijeenkomsten van
vrienden en bewonderaars.
Schubert werkte meestal
zonder opdrachtgevers; hij
componeerde uit innerlijke
drang. Hij gaf pianoles aan
meisjes uit gegoede kringen
en speelde graag vierhandig
8
met hen. Zijn financiële
situatie bleef onzeker en
ambities om kapelmeester
te worden liepen op niets
uit. In 1822 werd hij ziek door
syfilis en zijn gezondheid
verslechterde snel. Een
tyfusinfectie in 1828 werd
hem uiteindelijk fataal. Hij
werd begraven in Wenen,
niet ver van het graf van zijn
grote voorbeeld Beethoven.
Biografieën
Ludwig van
Beethoven
Ludwig van Beethoven
(1770 – 1827) kreeg pianoles
van zijn vader, maar vanaf
1779 was hoforganist en
componist Christian Gottlob
Neefe zijn leraar. Die maakte
zijn leerling vertrouwd met
de ideeën van C.P.E. Bach
en met de humanistische
wereldbeschouwing van de
vrijmetselaars.
Vanaf 1792 woonde
Beethoven in Wenen, waar
de deuren openzwiepten
van de paleizen van de
families Lichnowsky, Kinsky,
Lobkowitz en Rasumovsky.
Vele adellijke meisjes kregen
pianoles van Beethoven, en
in de leskamer ontstonden
verliefdheden die helaas
nooit tot een door Beethoven
zo gewenst huwelijk leidden,
wegens het onoverbrugbare
standsverschil. Beethoven
werd in Wenen aanvankelijk
vooral beroemd als
pianovirtuoos en
improvisator. Al vanaf 1797
had hij gehoorproblemen,
en in 1802 schreef hij een
wanhopige afscheidsbrief
aan zijn twee broers: het
Heiligenstädter Testament.
In 1815 werd hij door zijn
beschadigde gehoor
genoodzaakt te stoppen als
uitvoerend pianist. Maar doof
en wel bleef hij componeren,
omringd door een kring
portret: Joseph Willebrord Mähler (1815)
van toegewijde kenners. De
verdieping die hij bereikte
in zijn late composities is
een wonder van menselijke
kracht en concentratie. Hij
liet een omvangrijk oeuvre na
met werken in alle genres.
9
Biografieën
Uitvoerende
Imogen Cooper
Piano
Imogen Cooper (Londen,
1949) is een van de
belangrijkste Britse
pianisten van haar
generatie, geroemd om
haar poëtische en integere
spel. Zij groeide op in een
muzikaal gezin: haar vader
was de musicoloog Martin
Cooper en haar moeder de
kunstenares Mary Stewart.
Al op jonge leeftijd
bleek haar talent; als
kind experimenteerde
zij intensief met muziek
en op vijfjarige leeftijd
besloot zij concertpianiste
te willen worden. Omdat
er in Engeland destijds
geen gespecialiseerde
muziekscholen waren,
vertrok zij op elfjarige leeftijd
naar Parijs. Daar studeerde
zij aan het Conservatoire
bij onder anderen Jacques
Février en Yvonne Lefébure,
die een blijvende invloed
hadden op haar muzikale
ontwikkeling. Zij behaalde
10
er zes jaar later de Premier
Prix de Piano. Na haar
terugkeer in Londen
kwam zij in contact met
grote pianisten als Arthur
Rubinstein en Clifford
Curzon. Een beslissende
artistieke vorming kreeg
zij vervolgens in Wenen
door haar intensieve
samenwerking met Alfred
Brendel, die haar muzikale
denken en interpretatie
blijvend heeft gevormd.
Naast haar solocarrière
hecht Cooper groot
belang aan kamermuziek
en het liedrepertoire. Zij
werkte langdurig samen
met bariton Wolfgang
Holzmair en trad op met
uiteenlopende zangers en
instrumentalisten, waarbij
zij de gelijkwaardige rol
van pianist benadrukt. Tot
haar onderscheidingen
behoren onder meer het
Mozart Memorial Prize
(1969), de titel Commander
of the Order of the British
Empire (2007), de Queen’s
Medal for Music (2019)
en haar benoeming tot
Dame Commander of
the Order of the British
Empire (2021). Met het
concert van vanavond
neemt Imogen Cooper
afscheid van het podium.
Dit optreden vormt het slot
van haar indrukwekkende
internationale carrière.
Biografieën
foto: Clive Barda
11
Verwacht
Serie Piano
Vr 23 okt 2026
Grote Zaal
20.15 uur
Oorlog om de onschuld
Alexander Gavrylyuk
Dit concert combineert twee uitersten. Aan de ene kant
staat de wereld van de kinderlijke onschuld met Mozarts
levendige sonate en Tsjaikovski’s Album pour enfants.
Daartegenover staat de Zevende sonate van Prokofjev,
geschreven in 1942 en onderdeel van zijn zogeheten
Oorlogstrilogie. De Oekraïense pianist Gavrylyuk weet wat
oorlog betekent.
Alexander Gavrylyuk maakt zijn debuut in de serie Piano
van het Muziekgebouw met dit recital dat de wreedheid
in de wereld van vandaag laat zien, en dat voor hem diepe
betekenis heeft. Hij is een ongekend, duizelingwekkend
virtuoos pianist, wat hem in Liszts Tarantella en de sonate
van Prokofjev goed van pas komt.
Programma: Wolfgang Amadeus Mozart Pianosonate
in C KV330 / Frédéric Chopin Fantasie in f / Franz Liszt
Tarantella uit Venezia e Napoli / Pjotr Tsjaikovski Selectie uit
Album pour enfants / Sergej Prokofjev Pianosonate nr. 7
Alexander Gavrylyuk
foto: Marco Borggreve
12
Seizoen 2026-2027
Serie Piano
De piano heeft oneindig veel mogelijkheden. Van intiem fluisterend tot euforisch groots.
Aanstormende klavierleeuwen en beroemde meesters brengen een eindeloze wereld van
muziek, vol verrassende en vertrouwde composities.
2026
vr 23 okt / 20.15 uur
Oorlog om de onschuld
Alexander Gavrylyuk
za 14 nov / 20.15 uur
Weinberg, Beethoven en Schumann
Marc-André Hamelin
wo 16 dec / 20.15 uur
Beethovens Appassionata
Nikola Meeuwsen
2027
vr 22 jan / 20.15 uur
Drie romantische meesterwerken
Anna Vinnitskaya
do 25 feb / 20.15 uur
Van Bach tot Chopin
Angela Hewitt
wo 7 apr / 20.15 uur
Alle nocturnes van Chopin
Pavel Kolesnikov
vr 9 apr / 20.15 uur
Morton Feldmans intieme klankwereld
Pavel Kolesnikov
vr 23 apr / 20.15 uur
Twee monumentale sonates
Pierre-Laurent Aimard
za 15 mei / 20.15 uur
Virtuoze sonates en Spaanse vurigheid
Bruce Liu
Nikola Meeuwsen
foto: Simon van Boxtel
Zie voor het gehele programma
13
Verwacht
Mei
zo 31 mei / 16.00 uur
Black Sun
Nieuw Amsterdams Peil +
Katrien Baerts
Juni
wo 3 jun / 12.30 uur
João Snikkers +
Joséphine Aguerre-Zwart
Lunchconcert i.s.m. Het
Muziekinstrumentenfonds
wo 3 jun / 20.15 uur
If music...
Jakub Józef Orliński +
Michał Biel
vr 5 jun / 19.45 uur / Atrium
Sneakpreview De Schat van
Scharlaken Rackham
Studenten HKU
vr 5, za 6 + zo 7 jun
6.00-10.00 uur
Terras Muziekgebouw
Listening with the IJ
Eco Acoustics, Maaike van
der Linde + Dario Calderone
zo 7 jun / 20.30 uur
Split Tooth: Saputjiji
Tanya Tagaq
di 9 + wo 10 jun / 20.30 uur
Salukat
Jameszoo, Gamelan Salukat,
Het Muziek
za 13 jun / 15.00 + 20.30 uur
zo 14 jun / 15.00 + 20.30 uur
WE ARE THE HOUSE
Tomoko Mukaiyama
zo 14 jun / 15.00 uur /
Plein Theater
Opdoemende fluisteringen
Irene Sorozábal,
Michele Mazzini +
Bea Álvarez
do 18 + vr 19 jun / 20.30 uur
Spem in Alium
Saburo Teshigawara,
Vox Luminis XL
di 23 + wo 24 jun / 19.00 uur
Foyerdeck 1
Deep Listening workshop
Dario Calderone,
Maaike van der Linde
di 23 + wo 24 jun / 20.30 uur
Where to From
Hildur Guðnadóttir
za 27 jun / 17.00 + 19.00 uur
Kleine Zaal
zo 28 jun / 14.00 + 16.00 uur
Kleine Zaal
HF Lab x DEGASTEN: JÖRĐ
DEGASTEN,
HF Lab
SoundLAB Workshop
Maak je eigen muziek met de
wonderlijkste instrumenten.
Voor kinderen (7+) met
volwassenen in de Atriumzaal
om 13.00 uur op verschillende
zondagen.
muziekgebouw.nl/soundlab
WannaSwing
Op de kade voor het
Muziekgebouw staat de
interactieve muziekinstallatie
WannaSwing van theatermaakster
Caecilia Thunissen
en scenograaf Jan Boiten. Acht
schommels sturen composities
aan van hedendaagse
componisten als Joey Roukens,
Mayke Nas en Rob Zuidam.
muziekgebouw.nl/wannaswing
Huil van de Wolff
Elke 22e van de maand
klinkt om 20.00 uur het
geluidsmonument Huil van de
Wolff van Martijn Padding ter
herinnering aan oprichter van
het Muziekgebouw Jan Wolff
(1941 - 2012).
muziekgebouw.nl/
huilvandewolff
Muziekgebouw 20!
Selectie van concerten
die klinkt als een
prachtige staalkaart.
muziekgebouw.nl/concerten20
14
Foto: Erik van Gurp
Op de hoogte blijven?
Mis geen enkel concert en schrijf je
in voor onze nieuwsbrief! Scan de
QR-code of ga naar muziekgebouw.
nl/nieuwsbrief. Of volg ons via
Facebook, LinkedIn of Instagram.
Dudok aan ‘t IJ
Kom voor of na het concert eten
in Dudok aan ‘t IJ. Reserveren:
020 788 2090 of dudokaanhetij.nl.
Rondom het concert
- Na aanvang van het concert heb je
geen toegang meer tot de zaal.
- Zet je mobiele telefoon uit voor
aanvang van het concert.
- Het maken van beeld- of
geluidsopnamen in de zaal alleen
met schriftelijke toestemming.
- Algemene Bezoekersvoorwaarden
zijn na te lezen op muziekgebouw.nl.
Bij de prijs inbegrepen
Reserveringskosten zijn bij de
kaartprijs inbegrepen.
Ook een drankje, tenzij anders
vermeld op je concertkaartje.
Word Vriend
Inkomsten uit kaartverkoop dekken
ten dele onze kosten.
Word vriend: met jouw steun
kunnen we concerten op het
hoogste niveau blijven organiseren.
Meer informatie:
muziekgebouw.nl/wordvriend.
Dank!
Wij kunnen niet zonder de steun van
onze vaste subsidiënten en Vrienden
van het Muziekgebouw. Wij zijn hen
daarvoor zeer erkentelijk.
Druk binnenwerk
druk & printservice
15