Gebruiksaanwijzing - Aansluiten zender - Draadloze FishFinder

draadlozefishfinder.free.fr

Gebruiksaanwijzing - Aansluiten zender - Draadloze FishFinder

Gebruiksaanwijzing - Aansluiten ontvanger

Knip de kabel door die gaat vanaf de fishfinder naar de kop. In deze kabel kunnen meer

draden zitten dan voor de kop alleen. Vaak zit er ook een temperatuursensor in. Bij

sommige Fishfinders moeten de temperatuursensordraden doorverbonden worden,

anders wil de FF niet opstarten.

Soldeer aan de Kop draden een Tulip (RCA) stekker. Deze stekker gaat in het contragedeelte

op de ontvanger.

Bevestig de ontvanger achter op de FF met klittenband, zodanig dat de antenne omhoog

wijst (verticaal) en dus boven de FF uitkomt. De voedingsaccu voor de FF en de

ontvanger kan u gebruiken als basisvoet door de FF bevestigingsbeugel hierop vast te

maken. Met ty-wraps of klitteband afhankelijk van model.

Tip: Het stroomverbruik van FF en de ontvanger is ongeveer 130 ma. Dus met een

4amp/12v loodaccu kunt u ruim een dag varen. Een 4 amp/12 volt loodaccu is een mooie

voet waarop de FF gemonteerd kan worden.

De ontvanger is beschermt tegen verwisselen van + en - van de accu. Of de FF dit ook is,

kunnen wij u uiteraard niet garanderen. Dus eerst goed kijken eer u de boel aansluit.

Voor de ontvanger, en meestal ook voor de FF geldt: Rood is + en Zwart is - pool accu.

Zodra u de spanning er op zet, en de FF zelf ook aanzet, geeft de ontvanger een

simulatieplaatje (als u tenminste de zender uit laat bij het

aanzetten!).( )

Dit plaatje is mooi om vast te stellen of eea goed werkt. U moet u een licht variërende

bodemlijn zien van ca 8.4 meter diep, en waarbij er regelmatig vissen te zien zijn. De

simulatie stopt zodra de ontvanger signaal krijgt van de zender.

Op de ontvanger zit een LED die oplicht zodra de zender in de lucht komt, en blijft

branden zolang de ontvanger signaal kan blijven ontvanger. De simulator mode blijft

afgeschakeld, ook al valt de ontvangst weg.

Positie van de ontvanger. De ontvangerset en de FF samen zet u op de grond of op een

klein plateau. Wel is het zo dat de reikwijdte meer wordt als u de antenne hoger zet.

U mag de ontvangst antenne inkorten, maar dat geeft ook minder bereik. Hoeveel is niet

te zeggen want dit hangt van veel factoren af. Standaardlengte van de antenne is 42 cm.

Gebruiksaanwijzing - Aansluiten zender

De kabel van de kop dient u zover in te korten dat deze in de voerboot kwijt kan.


De zender dient u zodanig op te stellen dat deze niet door spatwater geraakt kan

worden, maar dat toch de zendantenne rechtop de boot kan komen te staan. Eventueel

kunt u de zender in de boot inbouwen, en een verlengdraadje gebruiken tussen de

antenne en de aansluit-banaanstekker voor de zender. De lengte van deze aansluitdraad

dient u dan weer af te trekken van de lengte van de zendantenne (ca 42cm).

Voorbeeld: u bouwt de zendmodule in, en hebt ca 10cm verlengdraad nodig. De

zendantennelengte wordt dan 42-10=32 cm

De zender kunt u voeden vanuit de accu voor de motor(en). (bij 12 volt motoren).

Rood=+ en Zwart=-

De zender werkt wanneer u een licht tikkend geluid hoort vanaf de sonarkop.

Monteer de sonarkop op de juiste wijze: dat wil zeggen met de plattekant naar beneden.

De andere kant is vaak de bevestigingbeugel.

Wanneer u de zender aanzet, gaat de rode LED op de ontvanger branden, en stopt de

simulatie op de ontvanger. Zodra u de boot in het water zet, krijgt u een bodemlijn te

zien.

Gebruiksaanwijzing - Fishfinder type/aansluitingen

De Fishhunter is ontwikkeld voor de low-cost fishfinders zoals Eagle Cuda, Garmin 80 etc.

Zeer uitgebreide fishfinders zijn niet geschikt voor deze toepassing; vaak hebben deze FF

meerdere koppen, zodat eea toch niet aangesloten kan worden op de FishHunter.

Garmin 80:

Instelling gain: 0 houden

Kabel kop:

Zwart massa=buitenkant van de tulip-pluggen

Wit en groen: temperatuur sensor. Deze draden aan de zijde van de FF doorverbinden.

Aan de kant van de voerboot deze oplaten en afisoleren.

Rood: signaal. Deze aan de middenpin solderen van de tulip-pluggen.

Afscherming van de kabel: deze aan de zwarte draad meesolderen.

Eagle Cuda 168/242

Zwart massa=buitenkant van de tulip-pluggen

Wit en groen: temperatuur sensor. Aan de kant van de voerboot en eagle deze

afisoleren

Blauw: signaal. Deze aan de middenpin solderen van de tulip-pluggen.

Afscherming van de kabel: deze aan de zwarte draad meesolderen

Gebruiksaanwijzing - Radiostoring van motoren

Een van de problemen met de inbouw van de zender in de voerboot is de radiostoring die

de motor(en) maken. Vooral voerboten die voorzien zijn van 2 motoren produceren meer

dan 10x storing, omdat altijd 1 van de motoren tegen de juiste draairichting indraait. 3anker

motoren zijn helemaal storingsbronnen, omdat altijd 1 wikkeling tijdens het

draaien kortgesloten wordt. U ziet dit ook aan het vlammen van de koolborstels in de

motoren.

Een sonar zend/ontvanger is in feite een zeer gevoelige radio-ontvanger, afgestemd op

200 Khz.

Motorstoring komt ook voor in het frequentiebereik van 200Khz

Wanneer u storing hebt die inslaat op de zendermodule, valt bij het varen het beeld weg.

Zodra u stil gaat liggen komt het beeld weer terug.


Het verhelpen van de storing kan enige tijd en moeite kosten.

1. Probeer de zender los te voeden uit een aparte accu. Dit kan een kleine accu zijn

van ca 1 amp, want het stroomverbruik van de zender is slechts enkele 10-tallen

mamp's. Is de storing verdwenen komt deze dus via de bedrading -regelaarmotoren

in de zender.Om dit op de lossen kunt u ontstoorcondensatoren van

47NF proberen die van elke pool van de motor naar het motorhuis gesoldeerd

worden. U kunt ook ontstoorspoelen proberen die tussen de voedingsdraden naar

de zender gezet wordt. De meest eenvoudig en snelle methode is voortaan een

aparte accu voor de zender te gebruiken.

2. Wanneer de storing doorgaat -ook wanneer u een losse accu gebruikt- is de

storing dus directe inslag in de kop, de zender of de kabels. Probeert u eens de

zender op een ander plek om te kijken of dat helpt. Soms helpt een metalen

plaatje welke in de boot ter hoogte van de kop geplakt wordt. Soms helpt het om

de draden van de motoren af te schermen met een type kabel van 2 draden en

afscherming er omheen. De afscherming van de kabel zet u vast op het huis van

de motor.

3. Indien u de as van de motor verlengd hebt naar de schroef, dient u een kunststof

koppelstuk te gebruiken. Met een metalen koppelstuk wordt de storing die uit de

motor komt als het ware via de lange schroefassen uitgestraald. Deze assen

worden dan mooie antennes. Gebruik dus nooit metalen koppelstukken!

4. Als voorbeeld hierbij een schema voor een ontstoorsetje. Nodig zijn 2 spoelen

type toroide, 3 amp. en 3 condensatoren van 47nf.


Gebruiksaanwijzing - Waterschade

Een vervelend probleem wat bij sommige voerboten voorgekomen is, dat deze gezonken

waren, of waterschade ondervonden welke tot in het inwendige van de boot is

doorgedrongen.

1. Ook al hebt u geen waterschade gehad, zorg altijd dat de boot goed opdroogt na

gebruik. Vaak zit er nog vocht in, wat aanslag en aanvreting van de onderdelen

op de duur kan geven.

2. Indien de boot gezonken is, zorg dan dat deze zo snel weer boven water komt.

Een voerboot die pas na een week wordt opgedoken is onherstelbaar beschadigd.


3. Zodra boven water: trek direct de accu's los, anders gaat het proces van

elektrolyse door.

4. Indien er slechts weinig water is geweest, spatwater of regen, droog dan met de

haarföhn de besturing en de FF zender. Zeer waarschijnlijk zal de volgende dag,

wanneer alles goed opgedroogd is, alles weer werken.

5. Wanneer alle electronica onder water is geweest (boot is 'verzopen') maak dan

alles open, de besturing, de FF zender, de regelaar, en droog eerst met de

haarföhn de printplaten. Daarna maakt u met een kleine kwast en gedistilleerd

water de printen schoon. Dan droogt u opnieuw de printen met de föhn. Leg de

printen vervolgens op een plek waar het nog zeker 24 uur verder goed kan

drogen. Volgende dag kunt u dan proberen of het nog werkt............Zet beslist

nooit eerder de spanning er op, want vooral in de besturing zitten kleine

onderdelen die niet makkelijk drogen.

Technische gegevens - data

Afmeting zender en ontvanger: ca 5 cm bij 10 cm bij 2,5 cm hoog

Werkspanning ca 12 volt, zowel ontvanger als zender.

Stroomverbruik ontvanger: ca 30 ma

Stroomverbruik zender: ca 40 ma

Sonar

Dieptebereik sonar: 18 meter

minimale diepte: 20 cm

Nauwkeurigheid 0.3 % (6 cm nauwkeurigheid)

Te gebruiken fishfinder moet werken op 200 khz

Aantal updates per seconde : 7

HF uitvoering 169 Mhz (VHF)

1 vast kanaal

Afstand 500 meter (tot 1 km mogelijk!)

Vermogen 100mw

gevoeligheid ontvanger -118 dbm

Digitale verzending van de gegevens naar de fishfinder met foutcontrole

Antenne lengte: 42 cm. Kan bovenop de voerboot geplaatst worden

HF uitvoering 434.5 Mhz (UHF)

1 vast kanaal

Afstand 300-700 meter

Vermogen 10mw

gevoeligheid ontvanger -118 dbm

Digitale verzending van de gegevens naar de fishfinder met foutcontrole

Antenne lengte: 17 cm. Moet bovenop de voerboot geplaatst worden

More magazines by this user
Similar magazines