Dorpsvisie - Digitaal Dorp Zevenhuizen

7huizen.nl

Dorpsvisie - Digitaal Dorp Zevenhuizen

Zevenhuizen: dorp dat zijn

toekomst zelf bepaalt !!

„Ondertusschen waren de bewoners van

Zevenhuizen mannen van “Selfhelp”‟

(uit: Voorheen en Thans, C. Reijntjes 1901)

Dorpsvisie 2009-2019


Voorwoord 3

1 Ontwikkeling Dorpsvisie Zevenhuizen 4

2

1.1 AANLEIDING 4

1.2 WAT IS EEN DORPSVISIE? 4

1.3 WAAROM EEN DORPSVISIE? 5

1.4 WERKWIJZE 6

2 Achtergrond, situatieschets en beleid 7

2.1 ZEVENHUIZEN, HISTORISCH 7

2.2 VOORZIENINGEN EN ACTUELE ONTWIKKELINGEN. 8

2.3 OVERHEIDSBELEID 10

3. Inventarisatie 12

3.1 SWOT-ANALYSE 12

3.2 KEUKENTAFELGESPREKKEN PER THEMA 14

3.2.1. Leefbaarheid 14

3.2.2 Wonen, woningbouw 16

3.2.3. Voorzieningen 18

3.2.4. Werken , bedrijvigheid 22

3.2.5. Verkeer 23

3.2.6. Recreatie, toerisme 25

3.2.7. Buitengebied 25

3.2.8.Dorpsbeeld 26

3.2.9. Overige werkblad- thema‟s tijdens de keukentafelgesprekken 27

3.3. ACTIEPUNTEN / PRIORITEITSSTELLING 30

4 Samenvatting en aanzet tot vervolg 31

4.1 HOE NU VERDER 31

4.2 TOT SLOT 34

Bijlage 1. Werkgroepleden 35

Bijlage 2 Resultaten vragenlijst 36

Bijlage 3 Voorheen en Thans 52


Voorwoord

Zo nu en dan is het nuttig om na te denken over de eigen toekomst.

Dat geldt voor mensen maar ook zeker voor dorpen. Vandaar dat de

vereniging voor dorpsbelangen “Door Eendracht Sterk” (DES) het

voortouw heeft genomen om een dorpsvisie te maken.

Om een en ander voor te bereiden is er een werkgroep gevormd en is

er een enquête gehouden waar 263 dorpsbewoners op hebben

gereageerd. Al met al heeft dat een schat aan informatie opgeleverd

waar dit boekwerk uit is ontstaan.

De eerste bijeenkomst leverde gelijk een mooie uitspraak op: wie zijn

verleden niet kent hoeft over de toekomst niet na te denken. Vandaar

dat in de dorpsvisie ook zo nu en dan terug word gekeken naar het

verleden en daarbij wordt er geciteerd uit onder andere het boekwerkje

van C. Reijntjes met de titel “Voorheen en Thans”, Schetsen uit het

dorp Zevenhuizen uit 1901. Deze schetsen geven een mooi beeld weer

van het dorp een eeuw geleden vandaar dat dit boekwerkje als bijlage 3

is toegevoegd aan dit document.

De dorpsvisie is op 16 juni 2009 voor Burgemeester en Wethouders en

een groot deel van de raad gepresenteerd bij een bezoek aan het dorp

Zevenhuizen. Een week daarvoor konden dorpsbewoners kennis

nemen van de inhoud van de dorpsvisie.

Via deze weg willen we iedereen bedanken voor het meedenken, de

opmerkingen en de commentaren. Het was een leuk traject om te doen

het heeft ons veel stof tot nadenken gegeven.

De dorpsvisie staat nu op papier maar nu is het van denken naar doen.

Dat komt wel goed want het dorp Zevenhuizen is ontstaan door te

doen. In 1901 schreef Cornelis Reijntjes al “de bewoners van Zevenhuizen

zijn mannen van “Selfhelp”. 100 jaar later sprak een wethouder: “Ik heb altijd

het gevoel: ach Zevenhuizen redt zichzelf wel”.

Jan Hut,

Voorzitter DES

Zevenhuizen, 1 juli 2009

3


1 Ontwikkeling Dorpsvisie Zevenhuizen

1.1 Aanleiding

Dorpen worden zichzelf meer bewust van hun eigen kracht; ook de

dorpen in de gemeente Leek hebben een eigen idee over hoe zij als

dorp de toekomst in willen.

De gemeente Leek heeft daar oor voor gehad en daarom gestimuleerd

dat de dorpen de VGD konden inschakelen om hen te helpen bij het

opstellen van een visie over hoe hun dorp zich zou moeten

ontwikkelen in de komende jaren; er is een horizon van 10 jaar

vastgesteld; nog verder zou al gauw science fiction worden , korter is

niet realistisch omdat sommige, vooral ruimtelijke, plannen nu eenmaal

veel tijd kosten.

1.2 Wat is een dorpsvisie?

Een goede visie en goede projecten komen voort uit de ideeën van

dorpsbewoners. Hoe meer bewoners meedenken hoe beter. Daarvoor

worden “keukentafelgesprekken” (KTG‟s) belegd.

Dorpsbewoners worden benaderd om deel te nemen aan deze KTG‟s.

Bij de uitnodiging wordt de reden en de bedoeling van de gesprekken

alvast kort uitgelegd, namelijk om de meningen van de bewoners ten

aanzien van de toekomst van het dorp boven water te krijgen en op

basis daarvan een toekomstvisie te maken, een rode draad voor

Dorpsbelangen.

De gesprekken die plaatsvinden met dorpsbewoners, zijn een zo goed

mogelijke ‘doorsnede’ van alle inwoners. Dus: jong en oud,

verschillende straten, verschillende (levens)overtuiging, verschillende

inkomens, verschillende beroepen, uit de bebouwde kom en het

buitengebied, met en zonder kinderen enz… Op deze manier is

/ontstaat er ook belangstelling voor wat er met de ideeën gebeurt.

4


Op enkele avonden in het verenigingsgebouw voeren werkgroepleden

(twee-aan-twee: 1 gespreksleider en 1 notulist) gesprekken met zo‟n vijf

tot zeven mensen. De mensen wordt aan de hand van de werkbladen

gevraagd met ideeën (problemen, oorzaken daarvan en mogelijke

oplossingen) te komen.

Aan het eind van het gesprek zal worden gekeken welke ideeën het

meest in aanmerking komen om als prioriteit bestempeld te worden.

Prioriteiten worden niet alleen vastgesteld aan de hand van hoe vaak

iets genoemd is, maar hebben ook te maken met: of het samen met

anderen, bv met andere dorpen gedaan kan worden, de urgentie, of iets

op een redelijk korte termijn gerealiseerd zou kunnen worden, de

hoogte van de eventuele investering etc.

Over het algemeen ontstaat zo een beeld van wat de mensen

bezighoudt, een soort grootste algemene deler, de ervaring is

dat ideeën elkaar aanvullen en dus vaak in combinatie

kunnen worden uitgevoerd.

1.3 Waarom een dorpsvisie?

In de gemeente Leek spelen momenteel plannen die de toekomst van

de gemeente en dus de doren sterk gaan vormgeven voor de komende

jaren; we hebben het dan over het IGS en de regiovisie Groningen-

Assen waarbinnen geheel nieuwe concepten, maar vooral op het gebied

van woningbouw, ten uitvoer gebracht zullen gaan worden.

Het gemeentebestuur wil deze plannen niet alleen top-down laten

presenteren, maar heeft de betreffende dorpen gevraagd met eigen

ideeën te komen; dit mag gaan over woningbouw , maar ook over

andere zaken, maar moet in elk geval gaan over de toekomst en hoe die

volgens het dorp het beste ingegaan kan worden.

5


1.4 Werkwijze

In Zevenhuizen is door DES (Vereniging Dorpsbelangen) een speciale

werkgroep samengesteld die de dorpsvisie begeleid.

(in bijlage 1 staan de namen van de leden van deze werkgroep)

In een eerste bijeenkomst van deze werkgroep zijn tijdens een

werkgroepvergadering de thema‟s voor de dorpsvisie en de

keukentafelgesprekken vastgesteld. Dit is gebeurd via een SWOTanalyse

onder leiding van de VGD-adviseur (de sterke/zwakke punten,

kansen en bedreigingen voor Zevenhuizen werden op die avond in

beeld gebracht). Vervolgens heeft de VGD keukentafelformulieren

ontwikkeld waar de eerder vastgestelde thema‟s in terugkomen en zijn

deze besproken op een tweede bijeenkomst; ook zijn op die avond de

leden van de werkgroep geïnstrueerd voor hun aanstaande rol als

gespreksleider en notulist bij de keukentafelgesprekken. De werkgroep

heeft vervolgens een viertal avonden gepland op verschillende locaties

in het dorp en heeft middels de regionale kranten “de Krant” en de

Midweek” en het dagblad van het Noorden, de website

www.7huizen.nl, een brief aan de buurtverenigingen, de procedure en

werkwijze in het dorp bekend gemaakt.

In totaal hebben ong. 100 personen deelgenomen aan de KTG‟s. De

werkgroep heeft zich opgedeeld in koppels van twee: een

gespreksleider en een notulist. De notulist heeft de aantekeningen op

de werkbladen gemaakt en de gespreksleider zorgde ervoor dat alle

deelnemers aan het woord zijn gekomen en dat de relevante thema‟s

zijn besproken. Aan de hand van de uitkomsten van de gesprekken (en

dus de aantekeningen van de notulist(e) is door de VGD een conceptdorpsvisie

opgesteld.

6


2 Achtergrond, situatieschets en beleid

2.1 Zevenhuizen, historisch

De naam Zevenhuizen wordt in 1650 voor het eerst genoemd in de

boeken van Vredewold.

Tot dan wordt er over het huidige gebied van Zevenhuizen gesproken

over het Nijenoorter Veen

Een kaart uit 1600

Al dit veen werd gewonnen en dit bepaalde grotendeels het ontstaan

van het Dorp Zevenhuizen. De zogenoemde kanalen en wijken zijn

nog steeds zichtbaar. Met name ten westen van het dorp.

7


Het gebied is lang betwist door de heren van Nienoord, Coendersborg

en ook de boeren van Een dachten recht te hebben op een deel van het

grondgebied van Zevenhuizen. De slag om Bolmeer heeft zich

afgespeeld op het grondgebied van Zevenhuizen.

Zevenhuizen kreeg landelijke bekendheid bij de grote veenbrand in

1833 waar 5 mensen omkwamen en 2.173.692 ton turf opbrandde. De

Hervormde kerk is het oudste gebouw van het dorp en die werd

gebouwd in 1835.

De bevolking bestond lange tijd uit landbouwers en veenarbeiders. In

tegenstelling tot veel andere gebieden was in Zevenhuizen nauwelijks

onderscheid merkbaar tussen deze bevolkingsgroepen.

De arbeiders trokken na de vervening van het dorp naar Oost

Groningen of Noord Groningen om als seizoenarbeider de kost te

verdienen; de vrouw bleef vaak thuis om het eigen bedoeninkje te

verzorgen. Kenmerkend was de zelfredzaamheid want hoewel de

vervening veel geld heeft opgebracht kwam dit geld niet in

Zevenhuizen terecht maar bij de verveners die in Leek of elders

woonden.

2.2 Voorzieningen en actuele ontwikkelingen.

Zevenhuizen heeft voor een dorp met een omvang van 2800 inwoners

de voorzieningen goed op peil. Er is nog een plaatselijke middenstand

hoewel deze wel afneemt want bij iedere winkel die verdwijnt komt

lang niet altijd een nieuwe ondernemer terug. Het dorp beschikt over

een Zelfbediening, Bakker, Slager, Warenhuis, Bloemenwinkel, een

rijdende winkel, een Witgoedzaak, Postagentschap, meerdere

autobedrijven, diverse kappers en beautysalons, een sauna, 4

horecagelegenheden, bouwondernemingen en een winkel voor

dierbenodigdheden. Daarnaast kent het dorp een aantal bedrijven

gericht op de agrarische sector en talloze eenmanszaken onder andere

in de grafische sector, op het gebied van advieswerk en

klussenbedrijven.

8


Zevenhuizen heeft 3 kerken waarvan 2 kerken zijn verenigd in het

PKN. Deze beide kerken beschikken over een verenigingsgebouw.

Door de overname van uitgaansgelegenheid Pruim en huidige

verbouwing kunnen verenigingen niet meer vergaderen bij Pruim met

als gevolg dat er gebruik gemaakt wordt van de verenigingsgebouwen.

In het voormalig Groene kruis gebouw is een gezondheidscentrum

ingericht en daarbij zijn er enkele woningen gebouwd voor bejaarden:

de Groene borg. In de Groene borg is een huisartspraktijk gevestigd.

Aan de Kokswijk is er de Vijverborg waar 24 woningen zijn

ondergebracht voor ouderen die nog zelfstandig kunnen wonen.

Op het gebied van sport is er veel te doen in Zevenhuizen: de

vereniging SVA kent afdelingen op het gebied van tennis, gymnastiek,

volleybal en stuitbal. De Omnivereniging Sparta biedt onderdak aan

mensen die willen korfballen, klootschieten, fietscrossen en darten.

Natuurlijk beschikt Zevenhuizen over een voetbalvereniging maar

daarnaast is er ook nog een ijsbaanvereniging, een visclub en een

motor- en autoclub.

De muziekvereniging Concordia heeft ook verschillende onderdelen

zoals een bloaskapel, een jeugdband en natuurlijk de showband.

Kenmerkend voor het dorp zijn de vele buurtverenigingen: 25 in getal.

Naast de vele sportverenigingen zorgen die voor een sociale

samenhang waardoor er jaarlijks een grote feestweek kan worden

georganiseerd. Ook de 5 mei optocht die eens in de 5 jaar wordt

gehouden, wordt gedragen door de buurtverenigingen.

Zevenhuizen heeft 2 scholen voor basisonderwijs en een

peuterspeelzaal. Ook is er een bibliotheek gevestigd in het Wiekhuus.

9


Zevenhuizen heeft een begrafenisvereniging (De laatste Eer) een

Rederijkerskamer de Heidebloem die de oudste vereniging van het

dorp is en een vereniging voor Dorpsbelangen (Door Eendracht Sterk)

2.3 Overheidsbeleid

Zevenhuizen maakt deel uit van de gemeente Leek en beslaat qua

oppervlakte ongeveer 1/5 deel van het totale gemeentelijk

grondgebied. Zevenhuizen heeft 2780 inwoners en dat is ongeveer

14% van het totaal aantal gemeentelijke inwoners . Rond 1900 was het

inwoner aantal van Zevenhuizen ongeveer 40% van de gemeente Leek.

De Gemeente Leek heeft de laatste jaren geen herkenbaar beleid

gevoerd te opzicht van Zevenhuizen. Wel is er ongeveer 10 jaar

geleden begonnen met een dorpsvernieuwing waarbij de tot dan rechte

weg door het dorp, veranderd is door het aanbrengen van 2 bochten /

slingers ter hoogte van de Hervormde Kerk en er is een rotonde

aangebracht bij de kruising Hoofddiep / Kokswijk. Daarnaast zijn er

verbeteringen doorgevoerd in verschillende straten.

Tot voor kort was de gemeente Leek geen voorstander van het

ontwikkelen van een visie door de bewoners van de dorpen binnen de

gemeente, maar eind 2008 is daarin een beleidswijziging gekomen. Eén

van de meest directe aanleidingen daarvoor was het grote aantal

reacties op het Intergemeentelijk Structuurplan (IGS) waaruit bleek dat

er een grote discrepantie bestond tussen de plannen van de bestuurders

en de mening van de bevolking daarover.

De gemeente Leek is samen met de gemeente Noordenveld en de

Provincies Groningen en Drenthe, bezig met het opstellen van een

Intergemeentelijk Structuurplan (IGS) waarbij er een bouwopgave ligt

voor 5500 woningen tot het jaar 2030. Ook Zevenhuizen maakt deel

uit van dit plan en het dorp heeft er middels de Vereniging van

Dorpsbelangen in kunnen meedenken. Het behoud van de eigen

identiteit van de buitendorpen is één van de ambities uit het ontwerp

dat tot 4 juni 2009 ter inzage ligt en waar er een zienswijze op kan

worden ingediend.

10


In dit ontwerp is ook een nieuwe ontsluiting opgenomen naar de A7

die over het grond gebied van Zevenhuizen naar Roden gaat. De

gemeente Leek doet een beroep op de bevolking om actief deel te

nemen aan die discussie en daagt alle maatschappelijke organisaties mee

te denken.

In het voorliggende plan is er sprake van het weer terugbrengen van

het water in het centrum van het dorp en het dorp wordt ook omsloten

door water. Er wordt uitgegaan van een uitbreiding van het aantal

woningen van 300-350 stuks tot het jaar 2030.

De uitbreidingen van het dorp vinden plaats aan de oostzijde (fase 1),

ten noorden van het dorp (fase 2) en ten oosten van het dorp (fase 3)

Met name in de fase 2 is er ruimte voor wonen werken

11


3. Inventarisatie

Ter voorbereiding op de dorpsvisie is er een uitgebreide enquête

gehouden die door ruim 260 mensen is ingevuld. Een samenvatting

van de enquête is te vinden op bijlage 2 en voor zover mogelijk zijn de

resultaten verwerkt in de hoofdstukken 3 en 4.

3.1 SWOT-analyse

Tijdens de eerste bijeenkomst van de werkgroep dorpsvisie is met

elkaar een SWOT-analyse gemaakt; op die avond zijn , naar de mening

van de werkgroepleden, zowel de sterke als de zwakke punten van

Zevenhuizen , alsook de kansen en de bedreigingen in beeld gebracht;

op basis hiervan zijn de werkbladen opgesteld die werden gebruikt

voor de Keukentafelgesprekken (KTG‟s); één van de eerste

onderwerpen die tijdens de KTG‟s aan de orde kwam is wat de

deelnemers nu het sterkste punt van Zevenhuizen vonden; onderstaand

volgt een opsomming van de verschillende meningen

De sterke punten van Zevenhuizen:

12

- saamhorigheidsgevoel, sociaal gebeuren, het thuisgevoel, ons kent ons, de

eenheid

- de buurtvereniging is belangrijk: hier zijn verschillende “stromingen”niet van

belang

- zeer actief verenigingsleven‟ dit is een uitdrukking van saamhorigheid veren.

Dorpsbelangen heeft meer dan 500 leden

- “alles met z‟n allen”, onderlinge samenwerking

- sociale binding is een motief om te blijven wonen in Z.


- dorpskarakter /dorpsgevoel(moet zo blijven !)

- woongenot, leefbaarheid

- genoeg / veel / alle voorzieningen voor een klein dorp

- goede ondernemers

- mooi gesitueerd tussen Groningen Assen en Drachten, goede verbindingen

met

omgeving

- landelijk karakter, rust , natuur

- “weinig mensen, mooie uitzichten”

overig

- nieuwe bewoners worden snel opgenomen / allochtonen komen gedoseerd

binnen

- tolerantie is hoog, de samenhang, makkelijke acceptatie,

- het muziekkorps

Natuurlijk lokte zo‟n vraag ook uit wat dan de minpunten zijn, dus ook

daarvan is een opsomming te maken, maar omdat de essentie van een

dorpsvisie is dat aangegeven wordt welke zaken aangepakt moeten

worden , komen die punten elders in de rapportage weer terug en

wordt aangegeven hoe die minpunten verbeterd moeten worden.

13


3.2 Keukentafelgesprekken per thema

Stand van zaken / opmerkingen / suggesties / verbeteringen

NB “in cursief” zijn citaten weergegeven die op de avonden werden

genoteerd.

3.2.1. Leefbaarheid

Saamhorigheidsgevoel

Een door bijna elke deelnemer aan de keukentafelgesprekken genoemd

“sterk punt”is dan ook het „saamhorigheidsgevoel‟; door sommigen

wordt Zevenhuizen wel een „eiland„ genoemd, in de zin van dat er

weinig contacten zijn met de buitenwereld dwz met de dorpen in de

omgeving, dit is waarschijnlijk wat extreem geformuleerd, maar dit

betekent ook dat men heel erg intern, en dus op elkaar, is gericht;

“de saamhorigheid geeft het dorp een gezicht”

Het bijna verdwenen woord „noaberschap‟ leeft in Zevenhuizen nog

ten volle.

De laatste decennia is, net als elders in Nederland, ook in Zevenhuizen

sprake van ontzuiling; daarnaast is een bepaalde levensovertuiging, lid

zijn van een kerkelijke stroming, geen punt van discussie of anderszins

„scheiding der geesten„ meer en wordt steeds meer samengewerkt op

velerlei terreinen.

Duidelijk is dat een evenement als de feestweek sterk bijdraagt aan het

saamhorigheidsgevoel.

14


Verenigingen

Het is niet nader onderzocht of onderbouwd , maar volgens een

deelnemer aan de KTG‟s heeft Zevenhuizen de meeste verenigingen binnen

haar dorpsgrenzen in vergelijking met de wijde omgeving.

Deze bijzondere situatie in combinatie met maatschappelijke

ontwikkelingen als individualisering en het gigantische aanbod aan

(vrije)tijdsbestedingsmogelijkheden, leidt er in Zevenhuizen toe dat er

wel een gebrek aan vrijwilligers / bestuurders voor al deze verenigingen

is.

Dit wordt geïllustreerd met onderstaande opmerkingen:

- misschien zijn er wel te veel verenigingen, er is nl te weinig kader

- veel verenigingen hebben dezelfde personen als bestuurslid;

Ook a.g.v. toenemende regelgeving zijn er voor de organisatie van

evenementen ook steeds meer vrijwilligers nodig, waar ook nog eens

specifieke eisen aan worden gesteld

Het wordt er dus niet makkelijker op voldoende mensen te krijgen!

Suggesties om dit probleem het hoofd te bieden zijn:

- meer jeugd betrekken bij kaderfuncties in het bestuur, dat is de beste

garantie voor de toekomst; een betere mix van verschillende leeftijden

is niet alleen om die reden een noodzaak, maar geeft ook de

maatschappelijke situatie en belangen beter weer.

- als je ergens vrijwilligers voor nodig hebt, moet je hen persoonlijk

vragen en dus niet volstaan met een oproep in een blaadje

- door de bestuursperiode te verkorten, maak je een bestuursfunctie

voor meer mensen aantrekkelijker en wordt het daarmee

laagdrempeliger om in te stappen.

15


- vaak worden bestuurders ook als uitvoerders gezien en is hun inzet

ook bij uitvoerende zaken vereist; door activiteiten meer projectmatig

op te zetten, geeft dat minder langdurige verplichtingen en is men

sneller bereid zich hiervoor in te zetten, want de gevraagde inzet is

„eindig‟

- de bijkomende administratieve verplichtingen van een bestuurder

(m.n. het secretariaat en penningmeesterschap), vergen steeds meer

kennis; een (professionele) ondersteuning biedt hier veel soelaas;

- ook zou je kunnen denken aan samenvoeging van de administratie

van verschillende verenigingen; vooral sportverenigingen kunnen nog

meer samenwerken (en valt hier in dat opzicht nog veel efficiencywinst

te halen)

- en „last but not least‟ door vrijwilligers „beter‟ te waarderen, zal hun

motivatie toenemen

3.2.2 Wonen, woningbouw

De huidige bevolkingsgroei kan niet worden opgevangen met

huidige nieuwbouwaantallen.

Voor wie?

Vooral de jeugd (jongeren en 20+ ers

)geeft aan dat er voor hen te weinig

mogelijkheden zijn om in Zevenhuizen

te blijven wonen.

Je kunt nieuw gaan bouwen voor een

doelgroep, maar je kunt ook voor de

opvolgende categorie gaan bouwen en

dus daarmee de doorstroming bevorderen (er

is een wachtlijst van 2jr voor het Bosplantsoen,

16

Dus zijn woningen voor

starters gewenst; bv

starterswoningen in de

Vijverborg, want jongeren

zijn goed voor het „kader‟

van verenigingen, voor de

leefbaarheid, voor het

voorzieningen niveau, en

bieden tegenwicht voor de

vergrijzing.

dat dus zeer gewild is bij jongeren omdat het voor hen betaalbare

woonruimte is.‟


Teveel bouwen is ook niet goed want Zevenhuizen moet wel een dorp blijven.

Dus wordt een beperkte uitbreiding voorgestaan op verschillende

plekken, dwz liefst bouwen in “plukjes”, dwz kleinere concentraties. Benadrukt

wordt dat Zevenhuizen flexibel genoeg is om ook met een wat grotere

bouwstroom mee te gaan en, omdat er nu sprake is van een achterstand

, moet er ook eerst een inhaalslag gemaakt worden. Kortom, bouwen in

variabele aantallen met een gemiddelde van 20 per jaar

Locatie

Over de plek waar dan gebouwd moet / kan worden zijn

verschillenden ideeën;

inbreiding heeft de voorkeur (bv tpv Wiekhuus, Dr de Vrieshof, Bosplantsoen,

Bakkerstraat);

Ook de plek van het geref. verenigingsgebouw werd genoemd: dit zou

een mooie plek zijn voor winkels met erboven woningen en wellicht wat terrasjes.

Als inbreiding niet voldoende ruimte biedt dan moet nieuwbouw

plaatsvinden aan de stille kant / achter Hoofddiep (NB er is dan wel een veilige

oversteek, bv tunnel, nodig !)

Bouwen in het buitengebied is “not done” want het buitengebied moet

bereikbaar blijven;

en de landelijkheid moet bewaard blijven!

Type

Naast starterswoningen wordt ook aangegeven dat er „van alles wat‟

gebouwd moet worden: dus ook seniorenwoningen, huurwoningen,

koopwoningen.

17


Ouderen moeten kunnen blijven wonen, maar mensen komen ook op oudere leeftijd

weerterug naar Zevenhuizen, daar moet dus een bepaald aanbod in type

woningen voor zijn.

Iemand opperde ook het idee voor appartementen bij de rotonde, naar

voorbeeld van Ureterp; vooral voor senioren zou dit een interessante

locatie zijn en zoals hiervoor gezegd, wordt daarmee ook de

doorstroming bevorderd, zodat jongeren de plek van de ouderen in

kunnen nemen !

3.2.3. Voorzieningen

Voorzieningen algemeen

Tegengestelde meningen zijn er natuurlijk altijd en dat is maar goed

ook, al wordt het er dan niet makkelijker op om een ontwikkelingsvisie

te formuleren

- Voorzieningen zijn op peil

- Voorzieningen zijn verouderd

Of

- Door de ontwikkelingen op horecagebied is er behoefte aan een algemeen MFC,

voor alle leeftijden!

Het komt er in z‟n algemeenheid op neer dat er behoefte is aan een

openbaar voor verschillende activiteiten bruikbaar gebouw

a) Sportvoorzieningen

Er wordt nu gesport in het gymnastieklokaal aan de Molenweg en in

"De Til". Beide accommodaties laten technisch en qua uitrusting te

wensen over; voorgesteld wordt om 2 locaties te saneren en één nieuwe terug

te krijgen.

18


Ook anderen merken op dat er grote behoefte is aan een kwalitatief goede

sportzaal.

Omdat bij eenieder het besef leeft dat er niet zomaar even een groot

bedrag voor een dergelijke sportvoorziening op tafel komt, wordt

geopperd , de troffel en hamer zelf ter hand te nemen en dus door

zelfwerkzaamheid een eigen bijdrage te leveren en daarmee contante

kosten te besparen: Zevenhuizen heeft een grote „zelfwerkzaamheids-traditie” bv

voor sporthal bestaat de wens om de bouw hiervan zelf uit te voeren;

de financiering (het geld) moet door

Voor een

recreatievoorziening als

de ijsbaan bestaat de

wens deze

multifunctioneel te

maken bv verharding

biedt een mogelijkheid als

oefenruimte voor Concordia

en geeft tevens

combinatiemogelijkheden

met een skeelerbaan;

eventueel mag deze

combinatie op een andere

plek.

toezicht e.d. gecombineerd kunnen worden .

b) Andere voorzieningen

anderen / de gemeente worden geregeld:

de politiek moet durven investeren in de

voorzieningenstructuur !

Voor wat betreft de

buitensportvoorzieningen, is men

eensgezind tevreden.

Deze andere plek zou dan bij voorkeur

moeten aansluiten bij andere

buitensportvoorzieningen, zodat de rest

van de infrastructuur als

parkeervoorzieningen , verlichting,

Vooral plekken waar de jeugd kan samenkomen, staan hoog op het

verlanglijstje van de deelnemers aan de KTG‟s; niet eenieder is

gecharmeerd van de caravans die als „illegaal‟ jeugdhonk fungeren.

er zijn te weinig activiteiten voor jongeren(12-18 jr) zoals disco; ook is een

jeugdsoos gewenst bv in een club- en buurthuis

19


In het verlengde van de discussie over jongeren-voorzieningen werd

ook de suggestie gedaan dat er niet alleen voor jongeren , maar ook

door ouderen wel prijs werd gesteld op iets als een bruin café!

In het proces van samen op weg naar één kerk, speelt ook de daarmee

annexe voorziening van het verenigingsgebouw; 2 van deze gebouwen

exploiteren „kan niet uit‟ zo is eenieder duidelijk , maar welke dan moet

worden gesaneerd en welke moet blijven en voor iedereen toegankelijk

moet worden (overigens is dat nu ook al zo !!) , is nog geen

uitgemaakte zaak: de hervormde kerk moet blijven, samen met het

verenigingsgebouw, zo liet iemand noteren tijdens de KTG

In de sfeer van zorgvoorzieningen werden nog de volgende zaken

opgemerkt:

- apotheek is prima;

- gezondheidscentrum moet blijven en eventueel uitbreiden

- steunzorgpunt is gewenst

- dependance Vredewold Hoewel het dorp beschikt over 2 locaties voor

ouderen, de Vijverborg en de Groene Borg (appartementen zonder

zorgvoorziening), is er behoefte aan een woonvorm voor ouderen met

een zorgfunctie.

c) het Wiekhuus:

Kort samengevat kan worden gesteld dat de meningen over de

toekomst van het Wiekhuus verdeeld zijn; zo zijn er voorstanders van

behoud van het Wiekhuus, maar moet wel gekeken worden hoe je het

gebruik kunt intensiveren en optimaliseren; ook werden er pleidooien

gehouden voor clustering met andere activiteiten!

- het Wiekhuus moet overeind blijven , kan meer gebruikt worden

- geef jeugd (13-16 jr) een plek in het Wiekhuus

20


- niet alles in één MCF stoppen,

Maar er werden ook standpunten verdedigd dat de huidige functies van

het Wiekhuus beter elders konden worden ingevuld

M.a.w. als er een nieuw MFC komt, dan Wiekhuus saneren en

peuterspeelzaal en bibliotheek in het MFC

d) MFC:

Enerzijds is het een verschijnsel van deze tijd, en wellicht een beetje

modieus, maar anderzijds ook weer begrijpelijk, want efficiënt; de

maatschappij is niet meer verzuild en dus zijn er niet meer dezelfde

voorzieningen nodig voor verschillende „gezindten‟; dat bespaart niet

alleen veel kosten (in aanleg en onderhoud), maar er komen ook steeds

meer nieuwe vormen van vrijetijdsbesteding bij, die alleen te realiseren

/ exploiteren zijn bij wat grotere gebruikersaantallen.

Ook in Zevenhuizen is de roep om een MFC actueel, de voorzieningen

zijn nu te versnipperd;

Zo‟n nieuw gebouw moet dus echt multifunctioneel zijn en dus een “

bijenkorf” worden met voorzieningen en activiteiten als toneel / fysio /

filmhuis / peuterspeelzaal / bibliotheek /

jeugdsoos / feestzaal / aula /

buitenschoolse opvang, muziekruimte etc. etc

Er zijn ook al meer inhoudelijke

suggesties gedaan:

- MFC en sporthal gescheiden houden

creëer een beter, niet

kerkgebonden,

ontmoetingscentrum dat

functioneert voor buurt- en

andere verenigingen, voor

kerkelijke groepen, voor

sportverenigingen, voor scholen

etc.

- het moet een duurzaam gebouw worden (met zonne-energie etc.)

21


Over de locatie is ook al nagedacht: op de plek van het Anker, het geref.

verenigingsgebouw. Dit is mooi centraal gelegen, al vinden anderen dat

deze plek ook bij uitstek geschikt is voor seniorenwoningen (ligt nl bij

de Vijverborg) en zijn er ook suggesties gedaan voor winkels , horeca

met terrasjes o.i.d. ; kortom een intrigerende locatie waar met wat

creativiteit leuke combinaties zijn te maken. (zie ook opmerkingen bij

paragraaf over dorpsbeeld)

Wonen/werken éen bedrijventerrein bij de houthal. Dit wordt niet genoemd in het

eind besluit alleen maar Kokswijk en dat bedrijventerrein is te klein voor al die

ZZP-ers.

3.2.4. Werken , bedrijvigheid

Bedrijvigheid

De algemene teneur van de opmerkingen over bedrijvigheid in

Zevenhuizen was dat men eigenlijk niet veel affiniteit had met grote

bedrijven, maar veel meer met kleinschalige ondernemingen; dit past

heel goed in de plaatselijke cultuur van „zelf de handen uit de mouwen

steken‟ , eigen baas willen zijn etc.

Het aantal ondernemingen in en buiten het dorp (er zouden nu 227 ZZPers

zijn , dit is 1 op de 4 woningen !!!) behoort in Zevenhuizen samen met

het dorp Opende tot de hoogste van de provincie Groningen !

Het is dan ook niet verwonderlijk als opmerkingen worden gemaakt als

meer ruimte voor ZZP-ers; gewenst is een bedrijventerrein met combinatie van

wonen en werken (oftewel bedrijfswoning + bedrijfsruimte op één kavel);

ook de locaties werd al genoemd: aan

de Kokswijk en op de locatie Houthal

(Hoofddiep Braker).

Op de Kokswijk zou ook een

bedrijfsverzamelgebouw goed passen

volgens anderen .

22

Kortom, meer kleinschalige

bedrijvigheid / dus geen”

industrieterrein”, maar

“ZZP- terrein”; geen grote

bedrijven in Zevenhuizen ,

de huidige schaal is goed


Bovendien past deze ambachtelijke bedrijvigheid bij de bestaande

infrastructuur: het bedrijventerrein moet niet teveel extra verkeer

aantrekken.

Winkels

Een belangrijke doelstelling is om te proberen de huidige bedrijven vast

te houden; zij maken immers deel uit van de leefbaarheid van het dorp !

De opmerking dat de consument wenst dat alle middenstand onder één dak

moet gaan zitten , werd gepareerd met dat het toch echt de ondernemer is

die het moet doen;

Sommigen willen clustering van winkelvoorzieningen (“wij willen

shoppen” en dus winkel in en winkel uit), van anderen mogen de winkels wel

verspreid blijven , als er maar goede parkeervoorzieningen zijn.

In dit tijdsgewricht is het overigens nu eenmaal ook zo dat een

supermarkt de trekker is voor andere winkels.

3.2.5. Verkeer

Verkeer

Dit thema roept vaak wat

tegenstrijdigheden op: iedereen wil

met de auto ergens optimaal kunnen

komen, maar als anderen dat ook met

hun auto willen, heeft men er nogal

eens last van.

Een „compromis„ ligt er in de scheiding

van bestemmingsverkeer en doorgaand verkeer

Dus wenst de één een

rondweg om het dorp

en vindt de ander dat een

rondweg de doodsteek voor

het dorp is, want zonder

verkeer in de hoofdstraat is

er geen middenstand;

Hoe dan ook is ook in de huidige situatie een betere veiligheid, bv met een

zebrapad, dringend gewenst.

23


Anderen wijzen erop dat juist een onoverzichtelijk verkeersbeeld , een hogere

verkeersveiligheid geeft.

Daarnaast vindt een aantal mensen de parkeervoorzieningen in het centrum

onvoldoende en merken anderen op dat er parkeerproblemen worden

veroorzaakt door vrachtauto‟s; om dit tegen te gaan is meer controle gewenst.

Opgemerkt werd dat van het fietspad Kokswijk het eerste stuk ontbreekt

Er zijn ook stemmen opgegaan voor een betere ontsluitingsweg naar de A7

( Roden , Leek-Tolbert)

Ook hier ligt een discussiepunt, want een beter ontsluiting is weliswaar

gewenst, maar dit mag niet betekenen dat de weg dan dwars door het

(noordelijk) buitengebied van Zevenhuizen gaat lopen, waardoor dit

buitengebied wordt afgesneden van de rest van Zevenhuizen; situaties

zoals in Tolbert en in Midwolde waar de A7 ook het buitengebied van

deze dorpen afsneed, worden als desastreus voor de

dorpsgemeenschap ervaren.

OV

Het algemene geluid dat tijdens de KTG‟s werd gehoord is dat het OV

nu “dramatisch” slecht is; dus fietsen de jongeren naar Leek, want daar hoef

je niet te wachten en de bus zit minder vol.

Een verzoek is derhalve aan Arriva om de frequentie van de busvertrektijden

te verhogen.

Ook zou voor sommigen een taxibusje / belbusje (vooral ‟s avonds) een

uitkomst zijn.

24


3.2.6. Recreatie, toerisme

Toerisme

De eerste reacties op dit thema zijn dat het nagenoeg niet speelt in

Zevenhuizen

„we hebben geen behoefte aan „overlast‟;

Hoewel het hele buitengebied eigenlijk geschikt is als fietsgebied, zijn meer

wandel- en fietsroutes gewenst en zag men graag dat oude historische

paden in ere werden hersteld vooral wandelpaden rondom het dorp

voorzien dan in een behoefte.

Een zeker enthousiasme voor de Billie Turf wandeltochten kon ook

worden bemerkt op de KTG‟s.

Sommigen vonden dat kleinschalig toerisme, zoals een B&B ,of

kamperen bij de boer,of een theetuin, wel past bij Zevenhuizen, en daar

moeten we wel „oog voor houden‟

Niet alleen voor toeristen, maar ook voor de eigen bevolking, zou een

nieuw café, bij voorkeur met een terrasje, welkom zijn

Hetzelfde geldt eigenlijk voor een weekmarkt; dit is sfeerverhogend en

dat geeft ook voor toerisme een leuke uitstraling.

3.2.7. Buitengebied

Zevenhuizen ligt „middenin de natuur ‟en dat moet vooral zo blijven, zo is

de algemene opvatting. Het buitengebied is dé kwaliteit van Zevenhuizen, dus

afblijven !

Een illustratie van deze opvatting is de mening over Oostindie, de

nieuwbouw uitbreiding van Leek, deze komt te dichtbij; er moet een buffer

tussen blijven

25


Het wijkenstelsel van de veen ontginning is rond Zevenhuizen nog

gaaf: er is nooit en ruilverkaveling geweest, en dat is waardevol om te

behouden

Ook het in stand houden van de coulissen / houtsingels wordt belangrijk

gevonden

Geheel in de geest van de ondernemende Zevenhuister, ziet een

enkeling graag wat meer bedrijvigheid in het buitengebied; de westkant biedt

kansen voor boeren en T&R ondernemers; en als dat wat „verrommeling‟ geeft

heeft niemand daar last van, dit hoort bij de streekcultuur.

3.2.8.Dorpsbeeld

Het dorpsbeeld is te saai; de entree‟s moeten worden verbeterd en er moet meer een

centrum worden gecreëerd, bv ter plaatse van het Gereformeerd

Verenigingsgebouw. Dit is een mooi centraal gelegen locatie die bij

uitstek geschikt is voor centrumactiviteiten zoals het MFC, en/of

winkels, horeca met terrasjes, of andere gebouwen voor

dienstverlening, eventueel met seniorenwoningen erboven; kortom een

intrigerende locatie waar met wat creativiteit leuke combinaties zijn te

maken. En dan kan tegelijkertijd de verkeersafwikkeling ter plaatse ook

worden meegenomen (rotonde moet anders)

Ook werden min of meer tegengestelde geluiden gehoord: de hoofdstraat

moet de kern blijven, Zevenhuizen heeft immers een lintbebouwingsstructuur;

Meer water en groen in het dorp is voor sommigen ook een wens, dit is

mooi voor de recreatie (vissen / bootjes); een enkeling zou het Hoofddiep

weer open willen.

Een meerderheid voelt hier echter weinig voor en wijst op de negatieve

kanten daarvan (onhandig, gevaarlijk, duur)

En …..als het centrum dan toch weer eens op de schop gaat , neem

dan ook de Firezone-locatie mee want de benzinepomp is bepaald geen

lichtend voorbeeld van een aantrekkelijke dorpskern.

26


3.2.9. Overige werkblad- thema’s tijdens de

keukentafelgesprekken

veiligheid en overlast

Zevenhuizen is natuurlijk geen plaats waar men zich in het algemeen

onveilig voelt;

het is een dorp en „iedereen kent iedereen‟, dus is er voldoende , -zoals

dat heet- , „sociale controle‟; ook is er geen sprake van misdaad,

waardoor men zich onveilig zou voelen; wel zijn er enkele plekken waar

niet iedereen zich behaaglijk en op z‟n gemak voelt als men daar langs

moet; bv het parkje.

Dit zijn de sociaal onveilige plekken , die met wat lichte ingrepen

(vormgeving, verlichting, wegnemen bossage e.d.) aangepast kunnen

worden.

Een suggestie die in preventieve zin het gevoel van veiligheid kan

versterken is de opmerking dat de buurtagent zich beter kenbaar moet

maken.

Waar veiligheid grenst aan het gevoel van overlast is bv bij de

vernielingen

die soms worden aangericht; met name bewoners in de nabijheid van

het uitgaanscentrum ervaren deze overlast van bezoekers.

Ook gedachteloos weggeworpen afval (colablikjes) en slingerend

huisvuil, vormen soms een bron van ergernis.

27


Overig

Bovenstaand is een reeks van onderwerpen aan de orde geweest waar

mensen tijdens de Keukentafelgesprekken hun mening, hun idee en

hun visie op hebben gegeven; de tijd was soms te kort, want er leeft en

speelt veel in Zevenhuizen.

Tot slot volgen daarom nog enkele onderwerpen, waar of minder

mensen een mening over hadden, of waarvoor de tijd gewoon te kort

was om er wat uitvoeriger over te praten.

Het thema “overig” stond ook als zodanig op de werkbladen; als je de

gemaakte opmerkingen nog eens nader beschouwt, blijken ze eigenlijk

allemaal betrekking te hebben op de PR van Zevenhuizen, dus op de

promotie, op de publiciteit, op de naamsbekendheid van het dorp, of

kort door de bocht geformuleerd, eenieder is trots op zijn / haar dorp

en vindt dat het tijd wordt dat anderen daar ook eens van op de hoogte

worden gesteld.

De suggesties binnen dit thema lopen dan uiteen van

de PR van Z. kan veel beter: hoe vindt je de ijsbaan?

tot

idee voor een Zevenhuistervlag (als die er nog niet is, dan graag het bestaande logo op

een vlag te printen)

Tijdens de meest recente Algemene Leden Vergadering in de Appelhof,

heeft DES deze suggestie al opgepakt en werden enkele varianten voor

een Zeuv‟mhuster vlag getoond.

(de praktische uitwerking heeft iets meer voeten in de aarde, want

vlaggen hangen meestal, - ondanks het veronderstelde winderige

Nederlandse klimaat, niet strak in de wind, dus moet er ook bij

windstilte iets te herkennen zijn van het logo, de kleurstellingen e.d ;

grofmazige vormen, dwz met weinig details, zijn daarom essentieel !

28


Voor het “inburgeren” van nieuwe dorpsbewoners werden ook enkele

aanbevelingen gedaan:

DES moet elke nieuwe dorpsbewoner “welkom” heten: bv samen met een

vertegenwoordiger van de betreffende buurtvereniging; ontwikkel een informatieboekje

met alle belangrijke en relevante dorpsgegevens en geef ze een vrijkaartje voor een

toneelvoorstelling van de Heidebloem. (waar dus niets meer aan valt toe te

voegen )

Bijzonder zijn de volgende 2 opmerkingen: de één “beschrijft” dat - er

eigenlijk “van nature” geen relatie is met (elders in) het Westerkwartier (dus niet

met andere plaatsen in Groningen maar ook niet met Fryslân, zoals

Haulerwijk of Bakkeveen)

Een ander merkt op dat er , omdat Zevenhuizen juist zo‟n typisch

dorp is (en misschien ook wel omdat er van oudsher weinig kontakten

met de „buitenwereld waren, er nu juist

behoefte is aan een “twinning” dorp in dezelfde situatie.

gewenst cursus internet voor ouderen;

De tijd schrijdt voort, dus misschien is deze opmerking wel in een

historisch perspectief te plaatsen: vanuit een relatief geïsoleerde ligging

(in het veen), maakt Zevenhuizen nu ook deel uit van het mondiale

netwerk dat niet fysiek, maar wel middels virtuele kontakten, dus via

internet, tot stand kan komen. Dat dit enige actuele vaardigheden

vereist is iedereen duidelijk; dat jongeren daar dagelijks mee in

aanraking komen is ook bekend, maar ouderen moeten hier meestal

iets nadrukkelijker bij worden betrokken; de suggestie van een

internetcursus in brede zin, is dan ook een aanbeveling die goed

weergeeft dat Zevenhuizen “bij de tijd” is en dus de blik heeft gericht

op de toekomst !!

29


3.3. actiepunten / prioriteitsstelling

De vorige paragraaf overziend, is er een stevige lijst te maken met

punten waar de komende periode aandacht aan moet worden

geschonken.

Duidelijk is dat er veel speelt en dus dat Zevenhuizen leeft en bruist !

Nog los van het feit dat niet alles even belangrijk is , kan ook niet alles

tegelijk worden opgepakt door DES; daarom moeten er prioriteiten

worden gesteld en moeten zaken die het meest dringend zijn, of zaken

die het meest structurerend zijn (dwz richtinggevend zijn voor andere

thema‟s), het eerst worden opgepakt.

Uit de Keukentafelgesprekken kwamen onderstaande thema‟s naar

voren die het meest werden genoemd:

30

- woningbouw

- verenigingen: samenwerking sportverenigingen

- sportvoorzieningen

- MFC

- verkeersvoorzieningen

- OV -> bus

- detailhandel,

- bedrijventerrein


4 Samenvatting en aanzet tot vervolg

4.1 Hoe nu verder

Algemeen

De werkgroep dorpsvisie heeft in samenwerking met DES de volgende

ambitie geformuleerd.

Omdat Zevenhuizen, - zonder overdrijving- , echt een bijzonder dorp

is, in de zin van het een hoge mate van zelfstandigheid heeft ,

zelfvoorzienend is, intern (op de dorpssamenleving) gericht is, een

hoog en intens verenigingsleven heeft, een sterk saamhorigheidsgevoel

kent, een sterke gemeenschapszin etaleert etc. en zich daarmee

onderscheidt van vele andere dorpen in de gemeente Leek, wordt

gepleit voor een “status aparte‟; Zevenhuizen wil niet over één kam

worden geschoren met de andere dorpen, wil ook dat het algemene

beleid van de gemeente Leek niet klakkeloos van toepassing wordt

verklaard op het grondgebied en de dorpssamenleving van

Zevenhuizen, maar wil hier in sterke mate zelf richting aan geven!

Dat voor een dergelijke standpunt, een sterke worteling in het verleden

geldt en dat dit heden ten dage nog in nagenoeg dezelfde mate wordt

uitgedragen (en dus bij na tegendraads te noemen is als je kijkt naar de

algemene trends van individualisering, schaalvergroting etc.), kan

regelmatig worden waargenomen in de diverse acties en activiteiten van

het dorp.

Zevenhuizen heeft voldoende realiteitsbesef om zich er rekenschap van

te geven dat dit niet van de ene op de andere dag geregeld is; maar het

gaat eerst om de politieke wil om hier ruimte voor te geven; natuurlijk

streeft Zevenhuizen dit niet alleen uit eigenbelang na; het dorp is trots

op haar inwoners en op het saamhorigheidsgevoel en wil dit ook graag

kenbaar maken aan en kortsluiten met, andere dorpen die in een

vergelijkbare situatie zitten; het gaat om de kwaliteit van het (dorps)

leven, om het gevoel dat je niet helemaal afhankelijk bent van anderen,

dat anderen niet vóór jou beslissen , maar dat je met elkaar daar zelf

31


een invulling aan kunt geven; oftewel “wat je op lokaal niveau kunt

regelen, moet je niet op een ander schaalniveau beslissen”.

Zevenhuizen stelt het niet alleen op prijs als de gemeente Leek dit idee

van een „status aparte‟ als “uutprobeersel“ zou willen honoreren, maar

zal zich ook met volle overgave erop werpen om het tot een succes te

maken.

Actiepunten

Uit het voorgaande is naar voren gekomen dat Zevenhuizen als dorp

van ong. 3000 inwoners streeft naar een gemêleerde

bevolkingssamenstelling en dat het dus woonruimte wil blijven bieden

aan jongeren en ouderen; het pleidooi om dan ook zelf te mogen

bepalen hoeveel woningen moeten worden gebouwd en welke

voorzieningen nodig zijn, is in de vorige paragraaf gehouden.

De werkgroep dorpsvisie heeft in dat kader de volgende standpunten

over de eerder genoemde thema‟s ingenomen en deze vervolgens

„verheven „tot actiepunten:

* Woningbouw

Zevenhuizen wil de achterstand op woningbouwgebied inlopen, eerst

moet dus een inhaalslag gemaakt worden om de tekorten op te heffen

en vervolgens is een variabele bouwstroom gewenst met een

gemiddelde van 20 nieuwbouwwoningen per jaar, in kleine clusters

bijeen gebouwd, op vrijkomende plekken in de bebouwde kom.

Het type woningbouw moet afgestemd zijn op de behoefte van de

bewoners met speciale aandacht voor de jeugd en voorzieningen voor

ouderen.

* MFC ( Multi Functioneel Centrum)

Vele dorpen gingen Zevenhuizen voor; maar ook in Zevenhuizen heeft

zich nu de situatie zodanig ontwikkeld dat een MFC een serieuze wens

is; DES gaat komende wintermaanden een programma van eisen

opstellen waarbij met name aandacht voor de afbakening van de

gewenste voorzieningen zal plaatsvinden, waar naar een locatie gezocht

gaat worden en een haalbaarheidsonderzoek gestart gaat worden

32


waarbij m.n. de kosten in beeld gebracht zullen gaan worden; zoals

eerder opgemerkt is zelfwerkzaamheid bij de bouw, het vertrekpunt

voor deze begroting.

* Sportvoorzieningen voor de jeugd:

Zevenhuizen ontbeert een goede binnensportvoorziening. Door de

bezuinigingen binnen de gemeente Leek is de realisatie van een goede

binnen sportvoorziening naar achteren geschoven. Voor dit onderdeel

zal m.n. in het kader van het onderzoek naar een MFC gekeken worden

in hoeverre hier combinatiemogelijkheden liggen; Voor realisatie wordt

ook gekeken naar andere financieringsmogelijkheden gecombineerd

met zelfwerkzaamheid.

* Verkeersvoorzieningen

Gezien de actualiteit heeft standpuntbepaling en overleg over de

nieuwe verbindingsweg tussen de A7 en Roden, de hoogste prioriteit !

Zoals de plannen nu overkomen lijkt het of de weg het dorp

Zevenhuizen in tweeën deelt; de bewoners van het buitengebied ten

noorden van de geplande nieuwe weg , moeten in contact kunnen

blijven met de rest van het dorp Zevenhuizen; dit betekent dat voor de

vormgeving / uitvoering van de nieuwe weg, actief meegedacht moet

worden en dat er creatieve oplossingen aangereikt moeten gaan worden

! (denk aan tunnel , of weg op palen , in ieder geval een barrièreloze

overgang.‟

Vanuit de enquête is er een waslijst ontstaan met 153 knelpunten deze

moeten worden geïnventariseerd geclusterd en doorgenomen met de

gemeente.

Daarnaast is er een lijst met klachten gekomen over het OV rond deze

punten word er contact gezocht met de nieuwe exploitant.

* Detailhandel

De Handelsvereniging wordt “verbreed“ naar een algemene

Ondernemersvereniging die primair belangenbehartiging en het

scheppen van voorwaarden tot haar takenpakket rekent; de doelstelling

t.a.v. de winkelvoorzieningen is dan ook inzet plegen om de

33


voorzieningen op peil te houden. Hierover wordt contact gezocht met

de gemeente Leek.

* Verenigingen

Ook t.a.v. andere verenigingen is DES initiator en stimulator;

DES gaat zich inzetten voor een intensievere samenwerking tussen de

sportverenigingen; de oorspronkelijke “maatschappelijke stromingen”

zullen niet meer bepalend zijn; samenwerking op gebied van “kader”,

huisvesting en kennisoverdracht, zullen worden geïntensiveerd !

4.2 Tot slot

In het voorgaande is een breed scala aan onderwerpen en thema‟s de

revue gepasseerd;

het is gebleken dat dit thema‟s zijn die volop leven in Zevenhuizen; de

werkgroep heeft aanbevelingen gedaan en actiepunten benoemd; DES

gaat ermee aan de slag, maar dat betekent natuurlijk niet dat het

daarmee nu ook geregeld is; er zal veel gesproken en vergaderd

moeten worden en ook op andere fronten zal aangepakt moeten

worden.

Ook zijn er verwachtingen gewekt, maar de realiteit is natuurlijk dat

niet alles in één keer gerealiseerd kan worden; het belangrijkste is echter

dat we aan de slag gaan, dat de enquête en de keukentafelgesprekken

ideeën losgeweekt hebben en dat deze nu vertaald worden in acties;

maar vooral betekent het ook dat er altijd nieuwe ideeën nodig en

welkom zijn; de tijd staat niet stil, de ontwikkelingen gaan door, dus zal

er altijd wat veranderd en aangepakt moeten worden.

Op hoofdlijnen kan Zevenhuizen even vooruit, maar niemand is er

bang voor dat dat in Zevenhuizen betekent dat men dan met de armen

over elkaar gaat zitten wachten !!

34


Bijlage 1. Werkgroepleden

Aafke Poeder

Geerko Bosman

Lukas Mulder

Harmannus Harkema

Maria Voogd-Vaandrager.

Jan Nieboer

Roelof Tijben

Rinne van der Velde

Yktje van der Velde

Yvonne Brandsma

Gerrit Havinga

Harry van Wijk

Jan Hut

35


Bijlage 2 Resultaten vragenlijst

36

Resultaten Vragenlijst

(Samenvatting)

als voorbereiding op de dorpsvisie

Zevenhuizen, januari 2009


Inleiding

Voor je ligt de samenvatting van de resultaten van de enquête die

gehouden is als voorbereiding op het maken van de dorpsvisie. De

resultaten overgenomen uit het online enquête programma. De

enquête heeft online gestaan tussen 6 november en 6 december. Er

zijn totaal 263 enquêtes ingevuld waarvan er 20 op papier zijn

ingeleverd en 1 enquête is gefaxt.

De enquête is door de mensen anoniem ingevuld. Er is niet gewerkt

met het verstrekken van een toegangscode hierdoor was me in staat

meerdere vragenlisten in te vullen. Op basis van het IP adres (een

uniek computernummer) was te constateren dat maximaal 4

vragenlijsten vanaf een adres zijn ingevuld, dit kunnen 4 leden van een

gezin zijn. Dit is echter maar in 1 geval geconstateerd.

Met name de open tekstvelden bevatten veel waardevolle informatie.

Deze zijn in deze samenvatting beknot weergegeven

De resultaten zijn niet representatief voor alle bewoners van het dorp,

er mag vanuit gegaan worden dat het merendeel actief betrokken is bij

het dorp. Het geeft wel een goede indruk van hoe door een grote groep

bewoners denkt over het wonen en leven in Zevenhuizen.

Deze enquête is de start van het proces om te komen tot een

dorpsvisie. Hiervoor is in het najaar van 2008 het initiatief genomen

door dorpsbelangen DES (Door Eendracht Sterk)

Mede namens de werkgroep Dorpsvisie worden alle respondenten

bedankt voor de inbreng . Daar waar mogelijk zullen we de informatie

verwerken in de op te stellen dorpsvisie. Mochten er vragen zijn over

de enquête dan kunnen die gemaild worden naar:

vragenlijst@7huizen.nl Ook kan daar de complete uitslag verkregen

worden.

Zevenhuizen, december 2008

37


Persoonlijke gegevens

De enquête is door 263 ingevuld. Een paar respondenten gaven een

postcode op buiten het dorp. Die resultaten zijn wel meegenomen omdat

het uit de antwoorden bleek te gaan om oud inwoners die recentelijk zijn

verhuist.

Er hebben 142 vrouwen en 121 mannen aan meegewerkt.

De gemiddelde leeftijd was 46 jaar. De jongste deelnemer was 12 en de

oudste 88.

207 deelnemers zijn gehuwd of samenwonend. 32 deelnemers gaven aan

nog thuis te wonen bij de ouders. 16 ondervraagden wonen alleen.

Van de deelnemers heeft 151 een betaalde baan en 37 zijn zelfstandig

ondernemer.

Wonen

De respondenten wonen gemiddeld 29 jaar in Zevenhuizen waarvan 105

buiten en 158 binnen de bebouwde kom. 77 personen die hebben

meegewerkt aan de enquete wonen al hun hele leven in

Zevenhuizen

94% zegt het wonen in Zevenhuizen prettig tot zeer prettig te vinden en

82% wil de komende jaren niet verhuizen.

Als reden voor het verhuizen wordt opgegeven door de groep die dat wel

willen om uit huis te gaan (11) deels wil graag een woningen buiten het

dorp(10), anderen zoeken een kleinere woning in het dorp (6) .

38


Een kleine groep van 20 mensen vind dat er niet gebouwd mag worden in

Zevenhuizen. Een grote groep van 74% vindt dat er wel gebouwd moet

worden maar niet te veel. 39 personen(15%) vindt dat er flink gebouwd

mag worden.

De te bouwen woningen moeten divers van aard zijn met een voorkeur

voor koopwoningen voor starters (189) en modale inkomens (166) maar

er is ook vraag naar huurwoningen voor starters (126) en modale

inkomens (84)

Voor de rest springen woningen voor alleenstaanden (61) en Zelfstandige

woningen voor ouderen of gehandicapten er uit.

De nieuwbouw moet zich bij voorkeur af spelen aan de oostkant van het

Hoofddiep (48%)of aan de westkant tussen Turflaan en Veldstreek.

(37%)

71% is van mening dat er zowel bouwkavels als kant en klare woningen

moeten komen.

38 personen geven aan serieus belangstelling te hebben voor een

bouwkavel.

Overlast door jongeren komt soms voor volgens 44% van de

respondenten. 18 personen geven aan dat het regelmatig voorkomt. Het

merendeel (80%) van de personen die aangeeft overlast te ondervinden

woont binnen de bebouwde kom.

Minder dan 10% geeft aan vaak last te hebben van : lawaai, overlast van

buren, in verval geraakte woningen of boerderijen en rommel of

vernieling in de buurt.

Van de overige overlast springt met name het verkeer (16X) en Pruim

(8X) er uit.

39


Zevenhuizen als gemeenschap

Men ervaart Zevenhuizen als een dorp waar saamhorigheid is (74%), waar

men naar elkaar omkijkt (87%).

78% vindt de binding, het dorpsgevoel erg belangrijk.

Over het algemeen vind men (72%) dat het gemakkelijk is om contacten

te leggen in Zevenhuizen

Bijna de helft van de respondenten is vrijwilliger voor het dorp en samen

besteden ze hier 447 uur per week aan.

Vervoer

Van de deelnemers aan de enquête maken maar weinig (10,6%) gebruik

van het openbaar vervoer.

205 mensen zeggen nooit gebruik te maken van de bus. Toch is men

ontevreden over het openbaar vervoer 18% zegt dat het openbaar

vervoer goed is geregeld. 108 mensen maken gebruik van de mogelijkheid

toe te lichten waarom ze ontevreden zijn.

De klachten gaan voornamelijk op het slechte schema en de slechte

aansluitingen. 15 % klaagt ook over de overvolle bussen.

Over het algemeen zijn er voldoende fiets / voetpaden in het dorp.

40


Maar er is een enorme waslijst (153) aan plekken die als onveilig worden

ervaren. Het hoogst scoren de kruisingen met Hoofddiep / Oudestreek

en de Haspel . Maar ook de kruising Oudewijk / haspelwijk springt er uit.

Daarnaast zijn er een aantal plekken waar de straatverlichting als

onvoldoende wordt ervaren.

Over het algemeen is men tevreden over het onderhoud van de wegen en

het openbare groen.

65 mensen reageren op de vraag of er plekken zijn waar mens ‟s avonds

liever niet komt . Die plekken zijn vaak terug te voeren op het ontbreken

van openbare verlichting op sommige plaatsen.

41


Voorzieningen in Zevenhuizen

Kan je van onderstaande voorzieningen aangeven hoe belangrijk je

het vindt om deze in het dorp te behouden of te krijgen?

42

Zeer

belangrijk

belangrijk Minder

belangrijk

Kinderopvang 74 142 39 8

Peuterspeelzaal 111 129 18 5

Bassisschool 206 50 4 3

Huisarts 213 48 2 0

Busverbinding 154 99 8 2

Sporthal 183 68 10 2

Dorpshuis 108 116 34 5

Hangplek voor

jongeren

27 103 98 35

Jeugdsoos 27 139 81 16

Postkantoor of

postagentschap

101 122 34 6

Bank 74 99 77 13

Geldautomaat 194 61 7 1

Niet

belangrijk


Supermarkt 216 46 0 1

Bakker 155 88 17 3

Slager 142 89 27 5

Groenteman 106 88 64 5

Over het algemeen is men tevreden over de speelvoorzieningen in het

dorp.

43


Sport en Recreatie

44

Van welke verenigingen ben je lid of donateur?

Antwoord Telling Percentage

Concordia (ver1) 110 41.83%

Sparta (ver2) 64 24.33%

SVA (ver3) 69 26.24%

Voetvbalvereniging (ver4) 70 26.62%

IJsvereniging (ver5) 116 44.11%

Heidebloem (ver6) 53 20.15%

Mac-Z (ver7) 24 9.13%

Handels vereniging (ver8) 27 10.27%

Hengelsport vereniging (ver9) 25 9.51%

Een buurtvereniging (ver10) 190 72.24%

De laatste Eer (ver11) 127 48.29%

Bibliotheek (ver12) 107 40.68%

DES (ver13) 121 46.01%

Jeu de boules (ver14) 6 2.28%


Welke sport beoefen je? (mag ook buiten Zevenhuizen zijn)

Antwoord Telling Percentage

Geen 76 28.90%

Voetbal 27 10.27%

Korfbal 26 9.89%

Volleybal 13 4.94%

Stuitbal 5 1.90%

Tennis 15 5.70%

Fietscross 2 0.76%

Gymnastiek 19 7.22%

Jeu de Boules 2 0.76%

Handbal 2 0.76%

Basketbal 1 0.38%

Schaatsen 15 5.70%

Wandelen 55 20.91%

Hardlopen 27 10.27%

Darts 11 4.18%

Vissen 22 8.37%

Motorsport 5 1.90%

Van de respondenten is 38% kerkelijk betrokken.

45% geeft aan nooit in het Wiekhuus te komen.

De feestweek leeft ook onder de respondenten, slechts 3% komt nooit

op de feestweek. 16% is als vrijwilliger betrokken bij de organisatie van

de feestweek.

Door 68 personen worden suggesties gedaan voor de feestweek : levend

tafelvoetbal, wielerronde, activiteiten bij de vijver , popconcert, survival

of highland games.

45


Ouderen

Er waren 43 personen ouder dan 60 en die hebben een apart set vragen

gekregen;

70% daarvan vind dat er voldoende voorzieningen zijn voor ouderen.

Wel wordt er door een aantal gevraagd om een algemene (dus niet

kerkelijke) voorziening om te kunnen recreëren.

90% van de ouderen voelt zich nooit eenzaam.

Gemiddeld geven ze een 7,3 als rapportcijfer op de leefbaarheid voor

ouderen in Zevenhuizen.

De helft van de ouderen geeft aan dat als ze niet meer zelfstandig kunnen

wonen ze graag in plaats van verhuizen, meer verzorging thuis willen

hebben.

30% denkt dat er onvoldoende hulp in de buurt is als er hulp nodig is.

7 ouderen geven aan dat ze niet of met moeite bij de dichts bijzijnde

bushalte kunnen komen.

De helft van de ouderen geeft aan zich zorgen te maken als ze

hulpbehoevend worden.

46


Jongeren

Er hebben 11 personen jonger dan 20 jaar de vragenlijst ingevuld.

Ze geven aan zich zelden te vervelen.

De helft van de jongeren die de vragenlijst hebben ingevuld willen graag

in Zevenhuizen of de omgeving blijven wonen de rest weet het nog niet.

De jongeren zien elkaar vaak op school, bij het sporten of thuis.

Van de jongeren geeft 1 aan zo snel mogelijk uit Zevenhuizen te

vertrekken als hij de kans krijgt.

Door de jongeren wordt er wel aangegeven dat er behoefte is aan een

skeelerbaan, sporthal of een andere voorziening waar jongeren elkaar

kunnen ontmoeten.

Tot slot

Er is door 82 mensen gebruik gemaakt van de mogelijkheid algemene

opmerkingen te maken.

Hierna volgt een kleine bloemlezing van de opmerkingen. Er zijn een

aantal dubbelen uitgehaald en ook de iets minder ter zake doende of

die al elders aan de orde zijn geweest.:

-Wanneer wordt het busvervoer nou eens aangepakt!!! Dit is

echt een drama!

Mooiste plek om te wonen. I'am proud to be a Zeumhuster

zie een goede sporthal(zaal) te krijgen al heeft de gemeente

niets over en een flitspaal ter hoogte van de Houthal gezien

de snelheid waar ze mee het dorp inkomen!

ik vind het fantastisch dat een groep mensen zich op deze

manier inzet voor

47


48

Zevenhuizen.

graag de leefbaar heid in het dorp behouden. zorgen dat het

niet te groot wordt.

Deze enquete is zeer goed samengesteld. Ga zo door!!

bereikbaarheid van het dorp moet beter, plattelandssfeer

moet behouden blijven, op letten dat niet teveel regelgeving

tijdens de feestweek het onmogelijk maakt van deze week te

genieten

laten we vooral bouwen!!!! We moeten het leefbaar houden

voor middenstand en accomodaties. Zonder woningbouw

redden we het anders niet

de braderie is een geslaagd evenement in zevenhuizen , wat

denken jullie van een kerstmarkt.

Ik voel me betrokken bij het dorp Zevenhuizen. Denk in de

keukentafelgesprekken graag verder met jullie mee. Succes

met het verdere project! Vriendelijke groet

al met al vind ik 7huizen een prettig dorp om in te wonen.

Het is goed dat er een Dorpsvisie komt .

meer werk gelegenheid,ondernemers. winkel centrum

Ik vind dat woningbouw aan een kant van het dorp moet

plaastvinden(veldstreek kant), zodat de anderekant mooi

groen blijft en het niet dichtgebouwd wordt tussen

zevenhuizen, roden en leek.

succes met de verwerking van de enquete blijf alert op het

steeds drukker wordende verkeer op de "hoofdader" in ons

dorp

organiseer eens een kinderdisco, jeugdsoos moet

aantrekkelijker, bijv 1 x in de 4 a 6 week, laatste weekend van

de maand laat de jeugd een eigen inbreng hebben in wat ze

willen, 1 x disco 1 x thema avond, 1x filmavond , afsluiten

d.m.v. een survival elders toegangskaartje kopen en inruilen

voor een comsumptie enzovoort.

proberen een kompakte winkelcentrum te creeren.

goh wat een goed idee om het zo te doen toppie

senioren die een eigen woning verkopen omdat ze het

gemakkelijker moeten hebben mogen niet alleen aangewezen


zijn op huur.

Een voorziening voor ouderen zoals de Groeneborg of de

Vijverborg. Maar dan met verzorging zoals bv Vredewold in

Leek de mensen die jaren in Zevenhuizen wonen ook

kunnen blijven wonen.

om de leefbaarheid van Zevenhuizen te behouden is het

misschien wel wat om wat meer ruimte cq bedrijventerrein te

realiseren om zo de detailhandel niet allemaal te zien

verdwijnen naar omliggende dorpen, op deze manier

voorkom je dat het een dorp wordt met weinig toekomst

perspectief voor ondernemers en bewoners

Ik vind het belangrijk dat het een dorp blijft,met wel met

goeie voorzieningen voor alledaagse behoeften.

Leegstand van panden, noodinrichting van evt etalage's

d.m.v. artikelen, van andere ondernemers in het dorp Meer

groen/bloem in het dorp langs de doorgaande wegen (bijv.

heg langs fietspad Oudestreek). Rotonde geheel beplanten of

uitbeelding dorps geschiedenis (Zie rotondes in Frankrijk)

Uitbreiding industrieterrein werkersveld Muziek podium

weer terug brengen Verharding wandelpaden sportpark

(t.b.v. kinderwagen,rolstoel,enz).

Ik woon hier goed, als er enkele resultaten komen door deze

enquete is het zeker zinvol.

graag algemene uitslag enquete bekend maken, Succes.

ik vond het wel leuk ik hoop dat mijn wensen uit komen

Een betere sporthal is van groot belang naar mijn mening

zowel voor de sportverenigingen in de uitvoering als de

binding (men komt sneller kijken) en het veel beter tot zijn

recht komen van zaken als een stratentoernooi of uitvoering.

ik woon in het buitengebied, lijkt dat ik minder betrokken

ben (verenigingsleven) maar dat voelt niet zo. kinderen

bezoeken school in ander plaats. daardoor ook gericht op

ander gebied.

Wonen moet een mix worden van goedkoop en duur,

benzine station verschrikkelijk Firesone kan die niet richting

Houthal. Centrum is niet echt aantrekkelijk geen vlees en

geen vis. Geref. kerk zal er wel afgaan en daar op de hoek

49


50

moet iets heel moois ontwikkeld worden. Het dorp mag wel

wat mee ballen krijgen. Ingang van de dorpen wel veel beter

woningen zijn daar aantrekkelijk, jammer dat de Houthal aan

het begin van het dorp staat. geeft het dorp wel iets. Pruim

ziet er ook erg haveloos uit toch een belangrijk centrum voor

het dorp daardoor kennnen ze Z huizen. Winkels zijn ook

niet echt van deze tijd, wordt weinig aan gedaan, maar Leek

en Roden liggen zo dicht bij met een aantrekkelijk aanbod.

Belangrijk is groen, het moet een dorp blijven. leek mag niet

dichterbij komen. Ergernis het pand van de Vries

Oudestreek, werkhuis moet ook eens klaar Poelstra achter de

broek. Vijverborg ook een arm gebouw heel jammer.

Bouw zeer beperkt a.u.b. want anders is Zevenhuizen geen

dorp meer, maar ook geen stad. En de bouw zou moeten

aansluiten bij de laatst gebouwde wijken aan de westkant van

Zevenhuizen, omdat daar de infrastructuur het snelst te

realiseren is. Ook omdat de lagere scholen zich daar allemaal

bevinden.

Pleit voor mooier uiterlijk van dorpskern. Het ziet er niet erg

aantrekkelijk uit... Meer groen, meer sfeer is welkom.

Ik vind 7 huizen een geweldig dorp om in te wonen. Met

deze enquête hoop ik dat jullie een duidelijk beeld krijgen

wat er zo in 7 huizen leeft. DES ga zo door.

Wij wonen hier met heel veel plezier, de mensen zijn er

vriendelijk.

ik vind deze vragenlijst een belangrijk iets. Voor mij geldt

over het algemeen dat het dorp mag groeien, zodanig dat de

bewoners hier alle fasen in hun leven kunnen doorbrengen.

Deze opmerking is met name gericht op geschikte woningen

en mogelijkheden om (sport) activiteiten te kunnen doen.

Met name een sporthal zal daarmee een grote aanvulling zijn

voor het dorp. Deze groei echter wel met mate, zodat de

dorpswaarden van Zevenhuizen worden behouden.

geen rondweg, anders wordt het een dood dorp (zie maar

naar Boerakker) zorg voor behoud school en supermarkt en

jonge gezinnen

Ik hoop dat ik nog lang in ons dorp vooral veilig en met

plezier kan wonen en leven.


Wij zijn van mening dat bouwplannen in beginsel prima zijn,

maar dat er wel rekening moet worden gehouden met de

maat van dit dorp. Dat geeft Zevenhuizen nu juist veel

charme en onderlinge betrokkenheid. Daarnaast zie je dat in

de noordelijke provincie sprake is van afname van de

bevolkingsaantallen. Wat wij verder nog missen in de

enquete is dat er voor de beoogde bouwlocaties slechts

uitbreidingslocaties worden genoemd. Wij denken dat er in

Zevenhuizen ook nog ruimte is voor inbreiding. BV sloop

van De Til en Wiekhuus en breng deze voorzieningen met

een kinderopvang onder bij de nieuw te bouwen sporthal.

Een andere inbreidingslocatie zou zijn die kleine

seniorenwoningen aan het bosplantsoen. Die voldoen niet

meer aan de eisen van deze tijd.

Vind dit een heel goed initiatief ,weet je ook eens wat er bij

de mensen leeft. mag vaker gedaan worden.

Goed dat zo'n enquete gehouden wordt.

Het landelijk wonen rondom zevenhuizen moet behouden

worden. De boerenbedrijven die er nog zijn moeten in stand

worden gehouden en zoveel mogelijk te gemoet gekomen

worden desnoods met geld. Als er plannen worden gemaakt

hier rekening mee houden en niet het bedrijf gelijk opkopen.

51


Bijlage 3 Voorheen en Thans

52


1 De Turfgraver

2 Zevenhuizen als Veenkolonie

3 De Communicatie

4 De groote Veenbrand

5 Hulp in Nood

6 Onze Volksvermakelijkheden

7 De Zevenhuisterdans

8 Het Groot-avond praten

9 Onze Taal

10Het nieuwe Tijdvak

Voorbericht ………………………… Het tiental

schetsen, dat hier in den vorm van een boekje in

het licht verschijnt kan dienen om een blik te

geven in de Zevenhuister veen kolonie en in het

leven, streven en werken der bewoners. Na eene

jarenlange worsteling toch begint Zevenhuizen,

dat altijd als een soort asschepoester geminacht

werd, zich langzaam maar zeker te ontwikkelen

tot een welvarend dorp en is er geene

zienersgave toe noodig om te voorspellen, dat het

over niet eens zoo heel langen tijd een zeer

belangrijk deel van de gemeente zal zijn.

Zevenhuizen heeft eene lijdensgeschiedenis

achter den rug, zooals er zeer zeker in onze

provincie geen tweede is aan te wijzen. Het kan

zijn nut hebben, dat voor het nageslacht bewaard

blijft, wat de voorvaderen gedaan hebben, hoe zij

hebben geleefd en hoe in een vergeten hoekje

van onze provincie geleden en gestreden is tot

53


men kwam tot de tegenwoordigen toestand. Het

is ook mogelijk dat het "jonge Zevenhuizen" er

zich door opgewekt gevoelt, om te blijven

volharden in den goeden strijd, in aanmerking

nemende, wat Zevenhuizen voorheen was en

thans is. Vooral wanneer dit laatste het geval

mocht wezen, zal de schrijver zich meer dan

beloond achten voor den tijd en de moeite, aan

de samenstelling van dit boekje besteed.

54


1. De Turfgraver Wanneer de Winter geweken is

en Paschen in't land komt, begint er leven en

beweging te komen onder de arbeidende klsse

van Ons Dorp. Want dan begint het veenwerk.

Naarmate de venen te Zevenhuizen in den loop

van de jaren afnamen, begon er natuurlijk ook

gebrek aan werk te komen. Vele huisgezinnen

vertrokken voor en na andere streken, waar

"veen aan snee" kwam; maar toch het

merendeel der arbeiders bleef en- zich naar tijd

en omstandigheden schikkende, trekt men

omstreeks Paschen met pak en en zak naar

Stadskanaal, Nieuweroord, Nieuw-Amsterdam,

Erica en Schoonoord. Het getal vertrekkende

turfgravers kan men jaarlijks wel op 400

schatten, d.i. ongeveer 1/5 deel van de geheele

bevolking en de opening van de veencampagne

veroorzaakt hier dus eene ware volksverhuizing.

Al zijn de gouden dagen voorbij, waarin een

veenwerker om middag 3 1/2 a 4 gulden had

verdiend en voor een rijksdaalder pas "in de lucht

wilde kijken" toch verdient hij nog een aardigen

stuiver.

De turfgraver begint zij dagwerk reeds voor de

zon het aardrijk komt beschijnen en eindigt

omstreeks de middag. Hij is dan bijzonder

matineus. In de gouden dagen van de turfgraferij

te Zevenhuizen was het een wedstrijd, wie het

eerst aan het werk was en daaruit is in later jaren

de zonderlinge gewoonte ontstaan onder de

arbeiders, welke bij den boer werk moeten

zoeken, punctum om 1 uur het werk te eindigen.

Zoo maakt hij dan in den wintertijd, als er op het

55


veld nog iets verricht kan worden, ook maar zeer

korte dagen, n.l. van "licht worden" tot een uur.

Dat vele landbouwers met deze methode niet

gediend zijn, hoeft niet gezegd te worden. De

Veenarbeiders moeten zwaar werken; gewoonlijk

zijn het stoere, dappere lui, voor wie men den

hoed moet afnemen. Den Veenarbeider gebruikt

zijne koffie en zijn brood op het veld. Over een

vuurtje boven het veen aangelegd, kookt hij de

koffie. Het is bekend, dat door onvoorzichtigheid;

waarmede maar al te vaak met vuur werd

omgesprongen, groote stukken veen in vlammen

opgingen of turfhoopen tot asch verteerden. Hij is

voor geen kleintje vervaard en spreekt van eene

wandeling van Zevenhuizen naar Schoonoord of

Nieuw-Amsterdam als van een alledaagsch ding.

Het tegenwoordige geslacht de Turfgravers heeft

het trouwens in de dezen oneindiger moeilijker

dan de voorouders; toen in de gulden tijden

tijdens het werk bij huis was en de venen van

Zevenhuizen nog volop te verdienen gaven.

De Turfgraver valt bij nadere kennismaking niet

af. Hij bezit eene vrij goede dosis gezond

verstand en is over 't geheel de leer toegedaan,

dat het hemd nader is dan de rok, een

karaktertrek, die zeker uit den moeilijken strijd

om het bestaan is ontsproten en die dan ook op

den echten Zevenhuister Turfgraver een

eigenaardigen stempel drukt.

De Zevenhuisters weten zeer goed, dat hun Dorp

niet in een al te besten reuk staat- vroeger waren

snij- en vechtpartijen aan de orde van den dag.

De annalen van de rechtbank te Groningen zullen

56


daaromtrent genoeg bijzonderheden bevatten.

Maar naarmate de beschaving in deze streken

doordrong, deed zij ook hier weldadigen invloed

gevoelen en thans behoren baldadigheden en

vechtpartijen tot de zeldzaamheden. Ja, ik ga niet

te ver door te beweren, dat Ons Dorp eene groote

mate van rust en veiligheid aanbiedt, als alle

andere dorpen.

Voor dat de Turfgraver, die met vrouw en kroost

gezegend is, naar de vreemde gaat, heeft hij het

zeer druk. Want eerst moet tuin of land omgespit

worden; opdat moeder, de vrouw, de noodige

aardappels of stamboonen kan verbouwen. Er is

hem dus alles aan gelegen, dat de Winter vroeg

eindigt. Duurt deze lang dan moeten alle handen

mee helpen, om op tijd klaar te komen, zelfs die

der vrouwen.

Vrijdag of Zaterdag voor Pinksteren komt de

Turfgraver terug met een aardig sommetje;

wanneer ten minste het gure voorjaarsweer en de

koude in zijne keet op het turfveld hem niet

eerder eene ziekte op den hals hebben gehaald,

om dan op de Pinkstermarkt te Leek 1 of 2 biggen

te koopen, die, gemest, dienen om in den Winter

te worden verkocht voor de noodige “ongelden".

Is het Turfgraven afgeloopen, dan verandert de

Turfgraver in boerenarbeider en trekt “naar de

klei" om koren te zichten. De landbouwers van

het Hoogeland kunnen het getuigen en zien de

Zevenhuister arbeiders gaarne als goede

werklieden verschijnen. Zoo komt eindelijk de

Winter en daarmede een tijd van welverdiende

rust. Dan volgen ook wel eens kwade dagen,

57


vooral; wanneer de verdiensten niet te ruim zijn

geweest; maar de welbekende liefdadigheidszin

helpt in de moeilijkste gevallen. Alles te zamen

genomen kent de Zevenhuister Turfgraver geene

armoede en steekt gunstig af bij den arbeidenden

stand van elders. Veelal bezit hij eene geit, een

schaap, soms eene koe. Nergens zullen de

socialisten minder succes van hun werk hebben

dan hier. Wij weten hier pas, wat socialisten zijn,

alleen komen van buiten daaromtrent

onbestemde geruchten tot ons. De ouden van

dagen leven meestal in ruste op een plekje

gronds in eene bescheidene woninge, een en

ander door zorgzame vlijt geheel of gedeeltelijk

overspaard. Zij begonnen met een stuk

heidegrond en met eene plaggen hut, later

vervormd tot een woonhuisje van steen en hout

met een flinken tuin of een kampje land. Eene

koe ontbreekt zelden. Hij voelt zich gelukkig in

zijn kleinen kring, hij bewerkt zijn akker, zamelt

zijne aardappelen en rogge in en trekt

minachtend de schouders op, als men hem wijs

wil maken dat hij het “min” heeft. Want hij

gevoelt dat dit niet waar is. De Turfgraver in

ruste ziet meesmuilend neer op het jongere

geslacht en de veranderde tijdsomstandigheden;

zeer zeker loopt naar zijne meening de wereld op

't eind van haar dagen met al die nieuwerwetsche

zaken als locomotieven, spoorwegen,

stoombooten telegrafen en dergelijke, waarvan

hij het rechte niet begrijpt, wat hem trouwens

niet euvel te duiden is. Op zijn “stee” leeft bij

onbezorgd en zonder beslommeringen voort;

58


eene mate van rust genietende, die hem menig

rijk stedeling zal benijden.

59


2 Zevenhuizen als Veenkolonie

De bevolking van ons dorp is tweeërlei. De

veenarbeiders vormen het kenmerkende, de

landbouwers echter het voornaamste deel van

ons dorp. Wij willen terstond opmerken, dat er

vermoedelijk in onze geheele provincie geen dorp

is, waar minder verschil van stand is te

bespeuren. Landbouwers en arbeiders leven als

gelijken, in de lange winter- avonden gaan zij

naar elkander op visite en de mindere man doet

daarbij zijn best om den meerdere zoo goed

mogelijk te onthalen. Want een karaktertrek van

de Zevenhuisters is, dat zij gastvrij zijn en gul.

Buiten de veenarbeiders en landbouwers heeft

Zevenhuizen eenige winkeliers, ambachtslieden

en nog enkele verveners. Want Zevenhuizen is

eene Veenkolonie. Naarmate het veen afgegraven

werd, is van den overblijvenden grond bouw- en

weideland gemaakt, meest bouwland; want uit

den aard der zaak zijn de hooge diluviale gronden

minder geschikt voor grasland. Toch liggen hier

en daar in de laagste streken, b.v. aan de

Jonkersvaart, Tetswijk en elders uitmuntende

graslanden.

Als Veenkolonie kan Zevenhuizen echter in de

verste verte niet op eene lijn staan met

Stadskanaal, Wildervank, Veendam of Pekela,

ofschoon de bodem hier, volgens lieden, die het

kunnen weten, in goede hoedanigheden bij

genoemde streken niet behoeft ten achteren te

staan. Terwijl men daar dadelijk met een

60


egelmatigen aanleg is begonnen en een

hoofdkanaal heeft, waarop alle andere kanalen

uitloopen, is de aanleg van Zevenhuizen zeer

onregelmatig en vertoont een chaos van `wijken'

(vaarten of kanalen). Bij het aanleggen is men

met groote slordigheid te werk gegaan. Men groef

eenvoudig de `splitting' en kruide den grond op

het omliggende veen. Zoodoende vindt men dan

ook nog heden overal onder die oude wallen langs

de wijken turf. Zelfs het turfgraven is niet

met de noodige zuinigheid geschied, men nam

maar gauw het beste weg, zonder zich veel om

de rest te bekommeren; zoodat in latere jaren

nog veel is nageveend. Te Boven-Zevenhuizen

moet de toestand vroeger zeer bijzonder geweest

zijn. Voor dat de Haspelwijk werd gegraven, had

men in dat bovengedeelte kleine wijken gemaakt,

die in de richting van de tegenwoordige Oude

Streek liepen; waar zij in den zoogenaamden

waterloop uitkwamen. Daar werd ongeveer op de

hoogte van het tegenwoordige Schoolpad het

water opgekeerd. De waterstand was veel hooger

dan thans en de bovenste sluis in het Hoofddiep

moet veel meer water gekeerd hebben dan later.

Toen de Haspelwijk gegraven werd, werd het

water zooveel verlaagd, dat de oude wijkjes

droog liepen en tegenwoordig de bodem er van

we1 een Meter hooger ligt dan de waterspiegel

van genoemdevaart. Oude menschen kunnen zich

dien toestand nog herinneren en spreken van

schepen, die boven op het veen voeren. Zoo zal

het wel geleken hebben! Merkwaardig is de bocht,

die het Hoofddiep maakt bij de Kromme Kolk.

61


Door eene of andere omstandigheid schijnt men

genoodzaakt te zijn geweest hier van richting te

veranderen. Zeker is dit niet vrijwillig geschied;

want men moest toen door eene zandhoogte

graven; terwijl men rechtuitgaande eene laagte

had kunnen volgen. Later werd de Veldstreekster

wijk of het zoogenaamde Mandeelig Hoofddiep

weer in de richting van het verlengde van het

oude Hoofddiep benoorden de Kromme Kolk

gegraven. Aan alle `wijken' zijn huizen gebouwd;

waaruit volgt, dat de bevolking zeer verspreid is.

In vergelijking echter met andere streken van de

gemeente Leek is Zevenhuizen vrij dicht bevolkt

want terwijl het in grootte ongeveer 1/5 gedeelte

der gemeente is, bedraagt het zielental 2/5. Het

moet onze verbazing wekken, dat Zevenhuizen

nog heeft kunnen worden, wat het is. Want het

kapitaal, dat de veenderijen opgebracht hebben,

is wel het minst aan Zevenhuizen ten goede

gekomen. Oorspronkelijk toch kwamen de venen

uit de handen van Nienoord en Ter Heijl in het

bezit van verschillende verveners. Deze

meenden, dat het in hun belang was, eerst de

turf af te graven, om dan later den ondergrond

voor veel geld te verkoopen. Maar deze

berekening faalde; want toen eindelijk de turf

voor het grootste gedeelte weg was, waren er

geene koopers voor den bodem. Alzoo ging het

kapitaal voor Zevenhuizen verloren en ontbrak

het geld voor ontginning van gronden. De

vervenerswerden rijk ten koste van Zevenhuizen

en wat meer is: zij gingen buiten het dorp wonen,

meestal te Leek; zoodat deze plaats dan ook van

62


de afgraving van de venen het meest heeft

geprofiteerd. Een ander gedeelte van het kapitaal

kwam in 's Rijks schatkist in den vorm van

turfbelasting. Zoo kwam het dan, dat men bij de

ontginning, of zich zelf moest helpen, of het geld

van buiten moest komen. Beide dingen zijn

geschied. Met taaie volharding legde

veenarbeider zich op de ontginning van het stuk

heideveld, dat hij of in eigendom, of in vaste huur

had weten te verkrijgen, toe en maakte zoo uit

niets iets; maar dit ging natuurlijk uitermate

langzaam. Wel waren er enkele verveners, die

zich met kracht op ontginning toelegden; maar

het was zelfs voor hen met de kapitalen, die zij

bezaten, niet mogelijk de groote uitgestrektheid

veengrond in cultuur te brengen. Van buiten

moest dus de meeste hulp komen. Voor en na

hebben zich uit verschillende streken van onze

provincie landbouwers in Ons Dorp neergezet.

Velen zal dit niet berouwd hebben. De malaise,

die elders den boerenstand heeft gedrukt, hebben

wij hier niet gekend; want het 1even is hier

eenvoudig en men kon betrekkelijk spoedig in de

behoeften voorzien. Zoo bestaat de bevolking van

ons dorp dan ook uit twee elementen, n.l. uit de

oude bewoners en uit hen die zich hier later

gevestigd hebben. In karakter, taal en leefwijze is

nog heden dit verschil goed op te merken.

Zevenhuizen is een dorp met veel natuurschoon

en - hoewel het in den Winter kaal en eentonig is

even als zoo vele andere dorpen - behoort het in

den Zomer tot de fraaistestreken van het

Zuidelijk Westerkwartier.

63


3 De Communicatie

Wij denken ons 20 a 25 jaar terug. Zevenhuizen

werd toen wel `de Buitenwereld' genoemd. En

daar was veel van aan. Het was met De Leek, de

hoofdplaats der gemeente, verbonden door een

slechten zandweg; die, slecht onderhouden, in

den Winter op een' modderpoel geleek, zoodat

zelfs de wagens soms vastraakten en de

goederen moesten afgeladen worden in den

modder of op het zandpad natuurlijk om weer los

te komen, inden Zomer een stofboel. Jaren

hebben de Zevenhuisters gestreden voor het

verharden van dien zandweg, bijna een geheel

geslacht is er over heen geleefd, en de oude

Provinciale Groninger Courant bevat daarover

zoovele ingezonden stukken, dat zij,

aaneengehecht, wel den geheelen weg naar De

Leek konden bedekken. Het verharden van dezen

weg is voor Zevenhuizen eene levenskwestie

geweest en er zou eene zeer interessante

geschiedenis over te schrijven zijn. Eindelijk

kreeg de zaak haar beslag en werd de weg door

de Gemeente gelegd met 50 pCt. subsidie van de

Provinciale Staten. Op den 12 Aug. 1893 werd hij

plechtig ingewijd. Toch is de ligging van Ons Dorp

nog al geisoleerd. Naar Haulerwijk bestaat nog

altijd de oude zandweg, die naar wij hopen, daar

door de Provincie een belangrijk subsidie is

verleend, eerlang in een' kunstweg zal veranderd

64


worden; Marum en De Wilp zijn alleen langs

omwegen - en nog wel zeer slechte - te bereiken,

de Drentsche plaatsen Roden en Een genieten de

eer van een `beunspoor', den primitiefsten weg,

dien men bedenken kan. Ondertusschen waren de

bewoners van Zevenhuizen mannen van

`Selfhelp'. Gebruik makende van het vrij goede

scheepvaartkanaal, werd er reeds voor,jaren een

stoomboot- dienst op Groningen aangelegd, vice

versa, welk veer, getuige de massa's goederen en

passagiers, die er mede vervoerd werden, in eene

langgevoelde behoefte voorzag. Langs den straks

genoemden zand- en modderweg liep vroeger

een voetpad. In den Herfst werd dit hersteld en

met wit zand bestrooid, zoo bleef het den

geheelen Winter vrij goed begaanbaar. Nog

heden vindt men in de meeste deelen van

Zevenhuizen dergelijke voetpaden, die met zorg

worden onderhouden. Waar deze paden over de

wijken gaan, zijn door de zorg van het

Gemeentebestuur in de laatste jaren goede

draaivonders met leuningen gelegd. Vroeger

evenwel lieten deze vrij wat te wenschen over en

het mag wel een wonder genoemd worden, dat er

in den goeden ouden tijd zoo weinig ongelukken

bij deze vaak zoo gebrekkige bruggetjes zijn

gebeurd, daar er nergens lantaarns waren ge-

plaatst. Dit in aanmerking nemende, moet

geconstateerd worden, dat het gezicht van de

Zevenhuisters goed is ontwikkeld. Het

voomaamste vaarwater is het Hoofddiep. Sedert

jaren staat het door een flink kanaal, de

Jonkersvaart, in verbinding met de Friesche

65


wateren. Vroeger was dit zoo niet, en vond men

even voorbij de plaats, waar in het afgeloopene

jaar de nieuwe sluis is gelegd, een dam. Het is

wel jammer, dat de Jonkersvaart slechts

zijdelings langs Zevenhuizen loopt. Het grootste

deel van het dorp heeft zoodoende van dit

vaarwater niet veel. Wat de veenwijken betreft,

deze beginnen meer en meer te vervallen, hoewel

sommige, zooals de Oost-Indische wijk, de

Kokswijk en het Mandeelige Hoofddiep (d.i. de

Veldstreekster wijk) voor enkele jaren op eigen

kosten door de Landbouwers verbeterd en

uitgediept zijn, ten behoeve van den af- en

aanvoer voor den landbouw. De waterstand wordt

geregeld door het Gemeentebestuur, dat hiervoor

met lofwaardigen ijver zorgt, en zoodoende aan

het Waterschap Westerkwartier een werk uit de

handen neemt. Vroeger, toen de kanalen zich zelf

nog niet konden voeden, werd in den Zomer het

water in onze vaarten opgemalen door drie

windwatermolens, welke gebouwd waren aan het

zoogenaamde Molenkanaal, dat even boven het

Bovenste verlaat in het Hoofddiep uitkwam. Maar

toen in 1868 de Middelste molen door den

bliksem werd in brand gestoken en bij die

gelegenheid tot den grond afbrandde, liet men de

andere molens vervallen, die nu al spoedig geheel

op ruine's geleken. Velen zullen zich b.v. nog den

ouden watermolen herinneren achter de huizen te

Leek, die jaren als een fraai schilderstuk heeft

gestaan zonder wieken. Nu wij toch over deze

zaak spreken, willen wij ter loops opmerken, .dat

deze watermolens eene rol hebben gespeeld in

66


het leggen van den kunstweg. De zaak was zoo.

De veeneigenaren konden eischen, dat de molens

weder in gang werden gebracht; maar dit was nu

juist niet zoo bepaald noodig, daar de kanalen te

Zevenhuizen, sedert zij met het Friesche water in

verbinding stonden, zich vrij wel konden voeden

en het Gemeentebestuur wilde het ook liever niet.

In eene vergadering van veeneigenaren en

grondbezitters te Zevenhuizen gehouden, werd

daarom besloten eene verklaring af te geven aan

het Gemeentebestuur, dat men niet verlangde de

molens herbouwd te zien, indien de Gemeente

den zoo zeer begeerden kunstweg wilde doen

opmeten en daarvan

bestek en begrooting wilde doen opmaken. Men

hoopte namelijk, dat als men hiertoe overging,

men ook zou besluiten tot het leggen van den

weg, daar aan deze opname enz. toch

betrekkelijk vrij aanzienlijke kosten verbonden

waren. Maar de Zevenhuisters verheugden zich

met eene doode musch. De weg werd

opgemeten, in kaart gebracht etc.; maar verder

kwam de zaak niet. Voor 30, 40 jaren gold eene

reis van Zevenhuizen naar Groningen als een

waagstuk van belang en nog heden zijn er in Ons

Dorp ouden van dagen te vinden, die de goede

oude stad nooit hebben gezien. In de jonge jaren

van deze Zevenhuisters was het Leeksterschip,

beter bekend als de `Leeksterbol', het eenige

algemeene middel van verkeer met Groningen.

Het voer vijf dagen in de week (Donderdags en

Zondags niet) des morgens om zeven uur van De

Leek naar Groningen en om drie uur van

67


Groningen weer terug. Nu behoeven wij niet te

zeggen, dat er b.v. in den Winter bij donkere

maan en den slechten weg in aanmerking

genomen, eene goede hoeveelheid moed,

wilskracht of wel noodzakelijkheid aanwezig

moest zijn om reeds des morgens om 7 uur op De

Leek aanwezig te wezen. Het oudere geslacht

denkt nog met schrik aan die reizen; wanneer bij

storm- en onweersvlagen of bij tegenwind over

het onstuimige Leekstermeer moest gelaveerd

worden, ja; wanneer er zelfs somtijds gevaar van

schipbreuk beston, gelijk in den beruchten

`Pinksterstorm' op den l8den Mei 1860 met de

zoogenaamde `wonnen vracht' 1 . Het getal

reizigers was doorgaans gering;10 man was veel.

En thans - als men des Dinsdag's morgens

tusschen 6 en 7 het dorp Leek bezoekt, kan men

zien, welk een enorm aantal marktbezoekers onze

streken aan Groningen levert. Men vraagt zich

onwillekeurig af, hoe heeft men zich vroeger wel

gered?

1 De `wonnen vracht' was de beurt van het Leeksterschip

van Groningen naar de Leek op Pinkster-Zondag, ter

gelegenheid van de kermis aldaar. Bij genoemde

gelegenheid stormde het zoo hevig, dat verscheidene

passagiers zeeziek werden. Niemand mocht zich tijdens de

vaart op het Meer, toen er gelaveerd werd, op het dek

vertoonen. Alles werd gesloten, alleen de kapitein en de

knechts bleven op het dek. De beradigde kapitein kwam

echter alle bezwaren te boven en zette omstreeks den

middag de kermisgangers te Leek behouden aan wal, onder

toeloop van eene goote massa volks; waarvan enkelen

meenden, dat zij het schip hadden zien verongelukken.

68


4 De groote Veenbrand

Het jaar 1834 staat men eene zwarte kool

aangeteekend in de geschiedenis van

Zevenhuizen. Het was in den voormiddag van

Dinsdag den 11den Juni. Geheel de arbeidende

bevolking ten getale van een paar duizend man

was druk in de weer. Hier was men aan het

turfgraven, daar aan het afschepen, elders aan

het veenbranden. Plotseling kwam er omstreeks

den middag eene donderbui op, vergezeld van

een hevigen wind zonder regen en in korten tijd

verspreidde het vuur van de brandende perceelen

zich en zette alles in vlam. Reeds om half drie

hadden de vlammen, aangeblazen door een

waren orkaan, zulk eene uitbreiding gekregen,

dat aan blusschen niet meer te denken viel en

ieder, met wat hij nog redden kon, zijn heil in de

vlucht zocht. Want niet alleen het veen geraakte

in brand; maar ook de reeds ter vervoer gereed

staande turfhoopen, benevens alle huizen,

struiken en boomen, die het brandende element

op zijn weg ontmoette. Het moet een vreeselijk

schouwspel geweest zijn die duizenden

turfhoopen in eene vuurzee te zien verdwijnen,

daartusschen de vluchtende arbeiders, hun

gereedschap in den steek latende. Hier zag men

een schip in vlammen opgaan, daar een ander

met volle zeilen gelukkig het gevaar ontsnappen,

hier vernielde het vurige element in een

oogenblik eene rij turfpramen, ginds verdween in

69


ook een groepje bij eenstaande woningen van

nijvere veenarbeiders. Tegen den avond kwam de

brandspuit van De Leek en weldra arriveerden

nog vier uit Groningen maar ze konden tegen de

vuurzee niets uitrichten. Zoo bracht men een

treurigen nacht door steeds strijdende tegen den

laaien gloed. Den volgenden morgen was de

brand genaderd tot de Kromme Kolk, altijd nog

aangeblazen door een stevigen Zuid- wester.

Reeds begon men te vreezen voor de dorpen De

Leek en Tolbert en menigeen pakte zijne

kostbaarste zaken bijeen. De hitte was vreeselijk

en het water dientengevolge zoo warm, dat de

visschen dood op de oppervlakte dreven.

Omstreeks den middag geraakte de Bovenste

watermolen in brand. Maar de vlammen werden

gelukkig gebluscht door een aantal meisjes van

De Leek, die te Zevenhuizen gekomen waren om

eens naar den veenbrand te zien. Het behoud van

dezen molen was van het hoogste belang. Was hij

opgebrand, dan zou Zevenhuizen den geheelen

zomer van water verstoken zijn geweest,

aangezien de veenkanalen toen nog niet, zooals

thans, in staat waren zich zelf te voeden. De

meisjes verrichten derhalve een waar heldenfeit.

Tusschen 4 en 5 uur ging de wind liggen en

begon het te regenen; zoodat men tegen den

avond het vuur bijna overal meester werd. Op

vele plaatsen echter smeulde het nog dagen

aaneen voort en brandde diepe gaten in den

lossen veenbodem. De Drentsche kant van

Zevenhuizen bleef gelukkig gespaard 1 . De schade

was verschrikkelijk. Aan turf alleen was er voor

70


ongeveer een ton gouds opgebrand. Alle

veengereedschappen tot kruiwagens, planken en

pramen toe, waren door het vuur vernield,

benevens 72 woningen met al het huisraad, 5

schepen 2 en eene menigte te veld staande

vruchten. Het mag wel een wonder heeten, dat

slechts een persoon bij dit alles het leven verloor.

Het was een schipper, die in een stuk rogge

vluchtte; maar daar door't vuur werd achterhaald

en verbrandde. Vele personen overviel de brand

zoo plotseling, dat zij hem niet ontvluchten

konden; maar in greppels wegkruipende, het vuur

letterlijk over zich heen moesten laten gaan.

Verscheidene van deze personen waren met

zware brandwonden bedekt. Heel ouden van

dagen spreken nog altijd met schrik en ontzetting

van het jaar van den veenbrand, zij weten u

wonderen van moed en zelfopoffering mede te

deelen en wij gelooven hen gaarne; want het

moet inderdaad geweest zijn, of de elementen

gezworen hadden Zevenhuizen van den

aardbodem te zullen verdelgen. Twee duizend

arbeiders waren zonder werk, de meesten van

hen zonder woning, zonder voedsel of kleeding,

bij-na allen hadden hunne gereedschappen

verloren! Maar er kwam spoedig hulp opdagen.

Reeds hadden bij het blusschen van den brand

bijna alle mannen van De Leek en Tolbert hulp en

bijstand verleend en wij hebben gezien zelfs de

vrouwen. Thans voorzagen ook de ingezetenen

van beide dorpen in de eerste be-hoeften. Maar

zij konden niet alles en dat was ook niet te

eischen.

71


1 Het vuur werd gedeeltelijk gekeerd voor de Oost-

Indische wijk; toen het stil begon te worden.

2 In de 'wijk' voor de woning van Mart. Conraads in Oude-

Wijk moet nog het vlak liggen van een der verbrande

schepen.

72


5 Hulp in Nood

Er vormde zich derhalve eene commissie van

onderstand, bestaande uit de heeren Leuringh,

Wichers, ds. Meijer, Reijntjes en eenige anderen.

Zij deed een beroep op den liefdadigheidszin van

het Nederlandsche volk tot lening van de ramp.

Er werd veel gegeven. In zeer korten tijd kon de

Commissie beschikken over de kapitale som van

tweemaal honderd duizend gulden. Daarenboven

werden levensmiddelen, kleederen, dekens, in

een woord van allerlei dingen in ruime

hoeveelheid van alle zijden toegezonden. Waar

echter tweeduizend menschen, waaronder tal van

huisvaders van de openbare liefdadigheid moeten

leven, is twee ton natuurlijk een droppel water in

een emmer. De Commissie had dus, zooals het

meestal in zulke gevallen gaat, aan hare taak niet

te veel. Men begreep zeer goed, dat voor alles de

arbeiders weer aan het werk moesten. De

verveners begonnen dus, zoodra de nieuwe

gereedschappen gereed waren, opnieuw turf te

graven. Vervolgens trachtte de Commissie zoo

goed mogelijk de geleden schade te vergoeden.

A1 de 72 woningen werden weder opgebouwd en

daar men beter materiaal gebruikte dan dat;

waarvan de oude huizen waren opgetrokken,

zagen de nieuwe gebouwen er recht geriefelijk

uit. Menig veenarbeider verkreeg voor zijne keet

veel beter woning terug. Ieder, die kon

aantoonen, dat aan zijn huis steenen geweest

waren, werd daarvoor een geheel steenen

gebouw in de plaats gezet. Ook zorgde de

73


Commissie voor huisraad 1 , beddegoed en kleeren,

zoodat men mag aannemen, dat menig arbeider,

nadat hij op nieuw behoorlijk gestoffeerd was, vrij

wat voordeel van den brand had; want de

geleden schade aan huishoudelijke artikelen

moest maar op luk en raak, of volgens eigene

opgaaf getaxeerd worden. De Commissie – en dit

moet tot hare eer gezegd worden - was op dit

punt niet schriel. De verveners waren er minder

aan toe. Evenwel, zij konden de schade natuurlijk

het beste dragen en daar men meende, dat de

gelden, enz. eigenlijk ook alleen voor de

veenarbeiders gegeven waren, kende men aan de

groote veenbazen slechts 10 pCt.

schadevergoeding toe, de kleinere kregen 50 pCt.

De drie schippers, wier schepen verbrand waren,

kregen nieuwe vaartuigen met compleeten

inventaris. Door de verbazende veerkracht, die de

Commissie aan den dag legde, was tegen den

Winter bijna alles in orde en gingen de zaken te

Zevenhuizen den ouden gang, alsof er geen

veenbrand geweest was. Toen men ten slotte de

rekening ging opmaken, bleek er een batig saldo

te zijn van f 5400. De Commissie besloot deze

gelden zoo winstgevend mogelijk te maken en

opdat daarvan tevens dadelijk nog een goed deel

aan de Zevenhuister veenarbeiders als werkloon

ten goede zou komen, werd een groot stuk

heideveld (plm. 40 H.A.) aangekocht, omgespit

en met dennen beplant. Zoo dacht men met

verloop van tijd in het bezit te geraken van een

groot dennenbosch. De nieuwe aanplanting werd

`Neerlandsch bosch' genaamd, maar de

74


Zevenhuisters vonden deze benaming zeker

minder gepast en betitelden den aanleg met

`Commissiebosch'. Wie thans echter Zevenhuizen

bezoekt en het Commissiebosch wenscht te zien,

zal in zijne verwachtingen bitter te leur gesteld

worden. Want het is met de aanplanting treurig

afgeloopen, slechts een klein restantje

kreupeldennen, ongeschikt voor eenig ding, wijst

de plaats aan, waar men een trotsch bosch denkt

te vinden. De bodem scheen voor houtcultuur

minder geschikt, ook schijnt de vrij dikke oerlaag,

die in den grond zat, niet voldoende te zijn

losgebroken. Daarenboven is een groot deel van

de jonge dennen door brand venield. Op een paar

plaatsen in het Commissie-bosch is men thans

met gunstig gevolg bezig den bodem te

ontginnen. Voor eene herhaling van de

catastrophe van 1834 behoeft men thans te

Zevenhuizen niet bezorgd te zijn; want de

turfgraverij is geheel afgeloopen, ja, het tijdstip is

niet zoo bijzonder verre meer, dat er brandstof te

Zevenhuizen moet aangevoerd worden.

Bovendien houdt ons Gemeentebestuur een

streng toezicht op het veen- en heidebranden,

het staat dit alleen toe; wanneer men daarbij de

bijzondere bepalingen der daarop bedekking

hebbende gemeenteverordening in acht neemt en

bedreigt met boete of gevangenisstraf een ieder,

die deze bepalingen ontduikt of die door

boekweitlandbranden schade veroorzaakt aan te

veld staande gewassen of aan gebouwen; terwijl

hij verplicht is bovendien voor de aangerichte

schade vergoeding te betalen. In het bebouwde

75


gedeelte van ons dorp wordt hoogst zelden

vergunning voor veenbranden verleend.

1 Hier en daar wordt nog huisraad uit dezen tijd als

antiquiteit en ter gedachtenis bewaard.

76


6 Onze Volksvermakelijkheden

De Zomer is voor de ingezetenen van

Zevenhuizen een tijd van drukte en inspanning.

Maar - wanneer de oogst is binnengebracht, de

aardappelen zijn gerooid en vervolgens de

buitenwerkzaamheden zijn afgeloopen, breekt

een tijdvak aan van rust, uitspanningen en

gezellige bijeenkomsten. Dan beginnen even als

in andere dorpen de Winteravondvisites. Deze

visites droegen vroeger den eigenaardigen titel

van `groot-avondpraten' en in een der volgende

hoofdstukken zullen wij daarover het een en

ander mededeelen. Omdat wij van ouds in de

`Buitenwereld', lees: `Buiten de Wereld' wonen,

zijn wij in den Winter vooral te beschouwen als de

bewoners van het land der Buitenste Duisternis.

Daar in dit ondermaansche niets volmaakt is en

de lui hier zeer goed de onvolmaaktheden in hun

dorp schijnen op te merken, behoeft het niet

gezegd te worden, dat er op de

Winteravondvisites over allerlei zaken

geredeneerd wordt en dat Jan, Pieter en Paulus er

meestal nog al wat van langs krijgen; daar echter

gelukkig die praatjes meestal de ooren toch niet

bereiken van hen, over wie ze gaan, stichten ze

nog niet zoo bijzonder veel kwaad, althans den

schrijver dezes zijn nog geene gevallen bekend

dat er ongelukken door zijn ontstaan. Soms

brengt een boeldag of eene verkooping

afwisseling in het eentonige winterleven.

Wanneer zulk eene belangrijke gebeurtenis plaats

heeft, komen de Zevenhuisters van alle kanten

77


opdagen of ze gadingmakenden zijn of niet. Dit

alles geldt echter alleen voor de meer ouderen

van dagen, het jongere geslacht weet wel iets

anders te vinden. Wij hebben hier onderscheidene

malen eene zangschool gehad en zelfs jaren

aaneen eene rederijkerskamer, die over vrij

goede krachten kon beschikken; maar deze

dingen zijn nooit tot grooten bloei gekomen.

Soms wordt hier in den Herfst wel eens eene

harddraverij gehouden, dit is echter meer eene

uitspanning voor landbouwers; maar aan eene

hardrijderij op schaatsen doet oud en jong, rijk

en arm mee. Over’t geheel vindt men flinke

rijders en rijderessen in Ons Dorp, die ook op

vreemde plaatsen, zelfs wel in Groningen met

gelukkig gevolg om prijs en premie hebben

gekampt. Voor het jonkvolk zijn uitgangsdagen

de Zondag voor Sint Nicolaas, de Tweede

Kerstdag of Sint Stefanus en de zondag het

dichtst bij 22 Febr. 1 . Vooral Si t Stefanus is een

hoogst belangrijke uitgaansdag en het moet

gezegd worden, dat er door velen dan heel aardig

`ge-Sunt Steffend' kan worden, en dat er vroeger

wel eens tafereelen voorvielen, die de goede

Heilige zeker niet zoo grif weg voor bijzonder

heilig zou aanrekenen.De grootste

aantrekkingspunten voor de bewoners van

Zevenhuizen zijn de jaarmarkten in Ons Dorp en

in de omliggende dorpen Roden, Tolbert, Marum,

Norg en Nietap. Maar de kroon spant de

Pinkstermarkt te Leek. In vroegeren tijd waren er

tal van arbeiders, die bij hun veenbaas geregeld

wekelijks eenige stuivers lieten staan, om

78


zoodoende op de Pinksterkermis voldoend of zelfs

ruim zakgeld te hebben. Is de Zevenhuister

veenarbeider uit den aard der zaak zuinig, op de

Pinkstermarkt ziet hij niet op een dubbeltje. Dan

haalt hij zijn hart op in de `hokken' 2 en weet nog

jaren later met enthusiasme te spreken van de

kunsten, die hij zag vertoonen, of van het

`guchelspul' 3 ; waarvan hij geen hoogte kan

krijgen en staat terecht verbaasd over de velerlei

wijzen, waarop de menschen aan den kost

komen. Des middags en des avonds op

Pinkstermaandag; want dat is de kermisdag bij

uitnemendheid, werd er vroeger op het

Hoogehuis 4 duchtig geklonken en gedronken en

ten slotte ook stellig altijd gevochten; maar in

den loop der jaren is dit laatste langzamerhand

van het programma verdwenen. Er was vroeger

echter eerst leven in de brouwerij; wanneer de

paren voor de fioel 5 stonden en de Zevenhuister

dans gedanst werd. De Zevenhuister dans is

merkwaardig, hij kan alleen door echte outle

Zevenhuisters gedanst worden en ik zet het den

knapsten `professeur de danse' in zessen al de

onmogelijke passen op het eerste gezicht met

den noodigen zwier na te doen. Het jongere

geslacht kan die danspassen niet goed meer

maken, daarbij deugt de muziek gewoonlijk ook

niet, redenen, die den Zevenhuister dans uit de

mode doen geraken. Hij is evenwel merkwaardig

genoeg en het zou waarlijk jammer wezen, dat

deze merkwaardige volksdans, even als zoo vele

andere volkseigenaardigheden, van het

wereldtooneel ging verdwijnen. Daar is echter wel

79


kans op.

1 Vroeger hield men ach op dezen laatsten dag altijd bezig

met katknuppelen; maar dit wreedaardig spel is sedert lang

door de autoriteiten verboden.

2 Kermistenten.

3 Goochelspel.

4 Thans bewoond door C. Hillebrands.

5 Viool.

80


7 De Zevenhuister dans

Wij denken ons een 40tal jaren terug. Wanneer

wij ons dan op Pinkstermaandag naar Het

Hoogehuis begeven, zien wij daar te midden van

tabaksrook en jenever een tafereel het penseel

van Jan Steen of Ostade waardig. Aan den muur

op eene verhevenheid zetelen de muzikantdansmeester

met zijne viool, Jan Randel, en diens

vrouw Anke met eene tamboerijn. Jan Randel,

beter bekend onder den naam van Jan-Oom, is

een persoon geheel eenig in zijne soort. Hij is in

een woord een origineel. Zonder hem is er geen

leven in de brouwerij en allerlei grappen,

gezegden en aardigheden van hem leven nog in

den mond van het volk voort. Zoo betitelde hij de

dansende paren steeds met `ronde kerels en

bazen van vrouwluu!' De jongelui scharen zich

voor de danspartij op het commando van Jan-

Oom. Acht paren staan gereed; de jongens

hebben de petten af en de jassen uit. De muziek

begint. Sommigen, die heelemaal geen idee van

muziek hadden, hebben Jan-Oom wel eens

valschelijk beschuldigd met de opmerking, dat hij

nooit anders speelde dan

`Zeuven zieden spek is vierdehalf varken,

Vierdehalf varken is zeuven zieden spek!'

Maar wij mogen gerust aannemen, dat dit vuige

laster is. Jan Randel wist de meest mogelijke

afwisseling in zijne dansmuziek te brengen, hij

had eene goede viool, die nog in wezen is en hij

81


speelde daarop niet onverdienstelijk. Als hij recht

in zijn schik was, zong hij erbij op deze manier:

82

`En daar sprong een meid op krukken,

En zij brak haar been in stukken,

Falderalderire, falderalderare,

Falderalderire, fallala!'

of

`En onze olle geitebok

Vrat al zien zeuven jongen op.

Falderalderire, falderalderare,

Falderalderire, fallala!'

De dans zelf is eene soort quadrille. Er komen

onderscheidene passen in voor - en zooals ik

reeds heb opgemerkt - is hij nog zoo eenvoudig

niet en op 't eerste gezicht niet na te doen, zelfs

niet door een geoefend danser. Wanneer alles

eens heel mooi ging en de dansers en

danseressen flink `geoefend' waren, knielden

jongens en meisjes op een gegeven teeken vlak

voor elkander op de rechter knie en zongen met

daarbij passende gebaren:

`Zoo steek ik mijn na-del-tie, (Beweging van

draad in de naald steken.)

Zoo steek ik mijn dra-del-tje, (Beweging van

naaien.)

Zoo sla ik de plug in 't gat. (Beweging van koppen

op eene schoenzool.)

Waarna allen opsprongen en de dans werd

voortgezet. Maar deze variatie kon lang niet ieder


maken. Ook is het waarschijnlijk, dat zij

oorspronkelijk niet bij den dans behoorde maar

later er tusschen is gevoegd. De uitvinder van

den Zevenhuister dans is ontegenzeggelijk geen

Domoor geweest en ik waag de gissing, dat Jan

Randel aan het vaderschap niet geheel onschuldig

is, in allen gevalle heeft hij ter bevordering van

deze dorpsdans wel zooveel gedaan en er zooveel

voor geijverd, dat zijn naam er ten allentijde door

vereeuwigd blijft bij de danslustige jongelui.Even

als ieder ander geroutineerd dansmeester wist

Jan-Oom zeer goed de orde te handhaven onder

de dansende paren. Hij deed alles maar op zijn

oud-Hollandsch af. Van Caualier-seul, tour demain

of dergelijke uitdrukkingen wilde hij niets

weten, hij riep: jongens alleen, rondloopen, alle

meisjes, enz. Met eenige flinke streken op de

viool en een paar krachtige slagen op de

tamboerijn eindigde de muziek. Jan-Oom riep:

`rondo!' en sloeg daarbij met den sh-ijkstok op

de achterzijde van de viool. Dat wilde zeggen, dat

ieder jonkman 5 cent moest betalen aan den

muzikant-balletmeester. Men begrijpt dus wel,

dat zoo'n Pinkstermaandag aan Jan-Oom geene

windeieren lei. Met den dood van Jan-Oom was

de fleur weg. Na hem heben wel enkelen

beproefd zijn beroep op te vatten; maar het getal

lui, die den Zevenhuister dans op eene viool of op

eene harmonika kunnen spelen, is uiterst gering,

nog geringer het getal van hen, die den dans

goed kunnen leiden. Trouwens, zoo gaat het

meer. De veldwinnende beschaving en het

toenemende verkeer bedreigen alle van oudsher

83


estaande volkseigenaardigheden en trachten op

alles een zooveel mogelijk gelijken stempel te

drukken.

84


8 Het Groot-avondpraten

Tegenwoordig gaan de buren en vrienden in de

lange winteravonden in Ons Dorp naar elkander

op `visite' en verschillen zulke winteravondvisites

niet van die in andere plaatsen. Maar vroeger was

dat anders en sprak men bescheidenlijk van

`avondpraten'. Dat `avondpraten' was klein of

groot. Het Klein-avondpraten was een zeer

gewoon iets. De man, het hoofd van het gezin,

ging omstreeks een uur of zes naar zijn buurman

of vriend. Daar besprak hij onder het genot van

een kop koffie met een `brug met kees'

(boterham met kaas) de merkwaardigste

dorpsgeschiedenissen. Om 8 uur, als het te huis

etenstijd was, ging hij weer heen. Maar het

`Groot-avondpraten' was eene zaak van belang.

December en Januari waren er den tijd van. Dan

kwamen man en vrouw te zamen. Dit

avondpraten begon om 6 uur. Het huis, waar de

gasten verwacht werden, was reeds des

namiddags zeer netjes in orde gebracht, alles

blonk en glom en de vloer was heel knapjes met

fijn zand bestrooid. Tegen den tijd, dat de Grootavondpraters

kwamen, had moeder de vrouw de

stoven reeds klaar gezet, stoven met groote

testen vol vuur. Daar was men toen, met vuur

n.l., niet zuinig mee; want turf was er genoeg.

Nadat men behoorlijk plaats had genomen; de

vrouwen boven de stoven en achter de tafel, de

mannen bij het vuur, want kachels waren er toen

nog niet en de huisheer in den hoek, werden de

korte `smeugels' volgestopt en weldra was het

85


geheele vertrek in tabaks- rook gehuld. Het moet

een echt huiselijk tafereel geweest zijn, waarde

lezer, stel u voor eene kamer, spaarzaam verlicht

door eene tuitlamp en een vuur van kienhout en

turf zoo kolossaal, alsof men een tweeden

grooten veenbrand wilde maken, alles gehuld in

een nevel van rook. Het spreekt van zelf, dat er

over veel en velerlei gesproken werd, over

dorpsnieuws, dat waar of niet waar gebeurd was,

over de buren, over de gebreken van anderen,

over de turfgraverij, enz. Ja, was er soms niet

veel nieuws in het dorp, nu, dan geschiedde het

ook wel, dat op dit Groot-avondpraten gauw wat

bij elkander gebabbeld werd om later voor `grif

waar' verder te worden verteld. Een ding was er

vooral, dat steevast een punt van de agenda

uitmaakte. Dat was de discussie over heksen,

spoken, klopgeesten, plaagbeesten en

voorloopen. Als ik het honderdste deel vertelde

van hetgeen op deze Grootavondpraterij van

genoemde dingen werd opgehaald, dan zouden

de lezers de haren er van ten berge rijzen.

Menigeen had waarlijk soms de aller griezeligste

dingen beleefd of gezien, of zich althans dat

verbeeld en enkele streken waren op dit punt

zeer berucht. Zoo is het een bekend feit, dat het

vroeger bij de Kromme Kolk lang niet pluis was.

Zelfs hebben de spoken daar in zekeren nacht

iemand, die op het zandpad wandelde, maar zoo

een, t.vee, drie zonder woord of wijs, over het

Hoofddiep getransporteerd naar de andere zijde;

gelukkig zonder schade voor den wandelaar. Of

men wist met smaak te vertellen van een viertal

86


guiten, die ergens op Diepswal op zekeren avond

eenige meisjes, welke uit `pieselen' (op visite)

waren geweest, eens geducht zouden doen

schrikken en daartoe eene wipkar midden op den

weg zetten en hier op gingen zitten, elk met een

wit hemd aan. Jammer genoeg werden toen onze

vier helden zelf zoo benauwd voor elkander, dat

zij ten.slotte hals over kop wegrenden; terwijl de

meisjes later daar passeerende er niet zonder

reden verbaasd over stonden eene ledige wipkar

op den weg te vinden. Het scheen wel, dat het

geesten-, spoken- en voorloopenrijk te

Zevenhuizen zijn zetel had opgeslagen. Gelukkig

is thans, nu de beschaving hier meer begint door

te dringen, dat verschrikkelijke goedje, dat er

maar alleen op uitscheen om menschen te

plagen, opgedoekt. Maar - om op ons Grootavondpraten

terug te komen. De gasten werden

gul onthaald; maar - en dit was een voordeel van

deze winteravondvisites - niet op veel spiritualien.

Men kreeg eerst koffie met een paar `bruggen

met kees'. Was de visite bijzonder deftig, dan

kreeg men wel een paar beschuiten en als de

huisheer van den bakker om Nieuwjaar eene

stoet op zijn brood toe gekregen had, nu ja, dan

maakte de kaas wel eens plaats voor eene snee

roggenstoet. Om 8 uur kregen de gasten koffie

met een klontje. Inmiddels had de huisvrouw een

pot met aardappelen boven het vuur gehangen en

nadat deze gaar waren eene pan met strepen

spek. Want er moest door de gasten gegeten

worden! Niet altijd echter werd de visite onthaald

op aardappels met uitgebraden spek, dit

87


geschiedde alleen, als er juist geslacht was.

Anders had er reeds den geheelen avond een pot

met stokvisch bij het vuur staan te pruttelen. Na

de aardappelen met spek of stokvisch kwam er

nog eene groote hoeveelheid brij op tafel. Zoo

verliep etende en pratende de tijd tot een uur of

elf, half twaalf. De koffieketel kwam weer ten

vure en de avondpraterij werd besloten met een

kop koffie met een klontje. Om een uur ging men

naar huis met volle magen. Waren er in het gezin

jongelui, dan gingen deze naar een der huizen

der gasten, het liefst natuurlijk daar heen, waar

zij van het andere geslacht konden vinden.

Gewoonte was dan, dat deze daar aten.

88


9 Onze Taal

In den Zevenhuister tongval speelt het Friesch

eene groote rol. Ieder, die met een Zevenhuister

spreekt, zal dit dadelijk opmerken. Dit behoeft

geene bevreemding te wekken; want de venen

strekten zich vroeger naar den Frieschen kant uit

en men mag aannemen, dat er van die zijde tal

van veenarbeiders gekomen zijn. Hoe verder dus

zuidwaarts, hoe meer het Friesche karakter der

taal uitkomt; te Haulerwijk is die reeds zuiver

Friesch, ook te Wilp spreekt men veel Friesch. De

Oud-Zevenhuister spreekt vlot Friesch met een

bewoner uit Friesland. Zoo zijn dan ook vele

Friesche woorden in onze dorpstaal overgegaan.

Naar de zijde van Drente is de afscheiding zeer

scherp. Komt men in het gehucht Een, dan is

dadelijk de Saksische tongval merkbaar. Dat is

niet te verwonderen. Naar de Drentsche zijde

strekten zich vroeger de venen niet ver uit en wat

er tegenwoordig nog verveend wordt, bestaat

grootendeels uit het vervenen van hier en daar

verspreide kliendobben. Zoo was dus

Zevenhuizen van Drente gescheiden door een

groot heideveld en dat is nog zoo. Er werd met de

Drenten weinig of geen gemeenschap

onderhouden. Het zachte, zoetvloeiende van het

Friesch valt dadelijk op. Op Pinkstermarkt werd

vroeger gedanst voor de fioel en wij zeggen: de

kiener kwammen er an. De Zevenhuister taal

heeft behalve dat zoetvloeiende nog een ander

karakter. In dit andere opzicht kunnen wij haar

niet als voorbeeld aanbevelen. Er komen n.l. vele

89


platte en ruwe uitdrukkingen in voor. Wij willen

het ontstaan daarvan maar op rekening stellen

van de geringe ontwikkeling en de weinige

beschaving, die vroeger te Zevenhuizen

heerschte. Gelukkig begint dat ruwe wel iets te

verdwijnen. Wanneer ik b.v. mededeel, dat de

echte Zevenhuister nooit zal zeggen van hoofd,

maar van kop, van bek in plaats van mond

enz.,dan kan ieder de rest wel begrijpen.

Natuurlijk hoort men hier ook lui in andere

tongvallen spreken, dat doen zij, die later van

buiten ingekomen zijn, van de Klei of uit Drente.

Maar men schikt zich spoedig naar het

Zevenhuister dialect. Ten slotte geven wij hier

eene vertelling in de Zevenhuister taal: `Doe wij

lest ut fen husers 1 harren, ben wij nog met

n'anner nao Veenhusen west tepieselen 2 . Dao

woonden ons bes en beppe 3 van mems 4 kaant.

Heit 5 wol graog, dat wij der es hen gingen. 't Was

op n' Dunnerdag en wij warren nog al'n bietje

bang veur zwaor weer; want 't was zoo waarm en

er zatten dunnerkoppen an de lucht. Wij mossen

over 't Eenerveld en harren docht, dat wij der

veurtied nog wel over komen konnen, maor doe

wij midden op't veld warren, begunde't al te

dunneren. Wij warren liekemallennig 6 ; want der

ston maor een huus en dat was nog 'n hiel enne

vot. 't Was ons slim genog; want 't zwaor weer

was hiel rempen 7

90

opkomen. Wij liepen hiel

haard en doe kwammen we nog krekts 8 veur 't

begunde te reegen bij dat huus. 't Frommes 9 dee

ons de deur open en zee: `Wat kwammen jim 10

daor haard anloopen!' Wij warren bliede, dat we


innen deur warren. 't Onweer liep beter af, als

wij docht harren; maor wij hemmen er toch nog

wel drie ketier schoelt. Ien Een he we nog 'n

schofke zeten en doe vertelden ze ons, dat er ien

Houlerwiek 'n huus opbraand was. De dunner was

toe de schosstien 11 ienkomen, zeen ze. Alles was

omtrent verbraand. Doe wij weer vot gingen,

kwam de Scheper net tuus met de schaopen. Hij

har't er stoer genog met had om ze bijnanner te

hollen en dicht bij hom was de dunner nog iene

grond slaogen. 't Was veul frisser worden nao 't

zwaor weer. Hoe dichter wij bij Veenhusen

kwammen, hoe meer 't regent har en dicht bij 't

huus van beppe en bes mossen wij an 'd enkels

toe deur de modder bagelen. Beppe har ons al

ankomen zien, zij kwam ons iene muut 12 en zee:

`Och, kiener, kiener, bin jim daor, wat hemmen

min weer troffen, niet!'

1 Gasten.

2 Op visite.

3 Grootvader en grootmoeder.

4 Moeders.

5 Vader.

6 Geheel alleen.

7 Onverwacht.

8 Juist.

9 Vrouwmensch.

10 Gij.

11 Schoorsteen.

12 Tegemoet.

91


10 Het Nieuwe Tijdvak

Een drietal eeuwen geleden lag er tusschen Leek,

de hooge zandgronden van Drente en de

tegenwoordig nog bestaande zandstuiving bij

Haulerwijk een groot hoogveen, dat een goed

deel des jaars niet was te passeeren. Het

beschermde een groot deel van Drente voor een

vijandelijken inval. Waar aan beide einden de

bodem een beteren verkeersweg mogelijk

maakte, had men schansen aangelegd, dat was

de Wolferschans bij De Leek en de Zwarte of

Zwartdijksterschans in de boven vermelde

duinen. De eerste is sedert lang verdwenen; maar

de laatste die vermoedelijk door Prins Maurits is

aangelegd, is nog heden in vrij goeden staat. Op

dit hoogveen, dat behoorde aan de heeren van

Nienoort, werd reeds vroegtijdig turf gegraven.

Wanneer evenwel meer bepaald dit veen `aan

snee' kwam is niet met zekerheid te zeggen. In

een oud porcesstuk vinden wij een twist vermeld

tusschen de heeren van Nienoort en de boeren

van Een, die bij de Zwarte schans turf kwamen

graven en boekweit verbouwden, welke daden

den heer van Nienoort aanleiding gaven om bij

Heeren Gedeputeer- den van `Stadt en Lande'

een sergeant en eene compagnie Guardes aan te

vragen, aan welk verzoek werd voldaan met

kennis van den `Gerichte van Vredewold', welke

troep er op uitging onder den toenmaligen

wedman Santee om den boeren van Een die

dingen af te leeren. Bij deze gelegenheid was de

passage over het veen zoo treurig, dat van wege

92


den slechten toestand van den weg en de

moerassige plaatsen, de door de boeren gegraven

turf niet kon worden vervoerd naar De Leek en

daarom maar in stukken werd gehakt en over het

veld gestrooid terwijl de te veld staande boekweit

werd vernield. Deze geschiedenis viel voor in

1746 op den lOden Augustus. En - in het boven

aangehaalde proces wordt eveneens vermeld, dat

eenige jaren voor 1792 de Gave op last van den

heer van Nienoort was `opgeruit en geschoond

ten behoeve van de turfschepen uit de venen van

Zevenhuizen'. Derhalve was voor 1792 het veen

reeds `aan snee'. Wij gaan nu met stilzwijgen het

tijdvak voorbij, waarin Zevenhuizen worstelen

moest om te zijn of niet te zijn, elders in

hoofdstuk 2 is daarvan reeds het een en ander

medegedeeld. De veenarbeider werd het

slachtoffer van een verkeerd ontginningssysteem

en half dorre, onbewerkte zandgrond was het

loon, dat een leven van moeilijken arbeid

verwierf. Had hij het goed zoo lang de campagne

duurde, de inkomsten waren niet zoo groot, dat

er van belang kon worden overgegaard, wat dan

aan de verbetering van den bodem in 't bijzonder

en aan de algeheele vooruitgang van de plaats in

't algemeen ten goede moest komen. Het is een

feit, dat er overal en ten allen tijde mannen zijn

geweest, die eene betere en diepere blik in de

toekomst hadden dan hunnen medeburgers. Aan

dergelijke mannen heeft het Zevenhuizen ook

niet ontbroken. Bij de ouderen van jaren zijn nog

zeer goed bekend de namen van Hendrik

Hendriks Kuiper, Klaas Berends Hofstee en Lukas

93


Stuut. Dit driemanschap heeft veel gedaan voor

den vooruitgang van Ons Dorp. Hoe vaak hebben

zij niet de ingezetenen van Zevenhuizen ter

vergadering opgeroepen, uit den dommel gewekt

en geadresseerd bij verschillende colleges!

Ingezetenen van Zevenhuizen! Op de stille

begraafplaats achter onze Hervormde kerk rusten

zij. Den hoed af, als gij hunne grafsteden voorbij

gaat! Zij hebben gestreden voor Ons Dorp! Het

jonge geslacht weet dat nu zoo niet meer; maar

het is hier de plaats om er aan te herinneren, dat

hunne namen in eere dienen te worden

gehouden. Met het leggen van den kunstweg in

1893 begint eigenlijk het Nieuwe tijdperk van de

ontwikkeling van Zevenhuizen. Later werden nog

nieuwe sluizen gebouwd en eenige

oudeveenwijken uitgediept ten behoeve van den

landbouw. de resultaten van genoemde

verbeteringen waren verrassend. De bodem rees

in waarde en daarmede hield het verbeteren van

den grond gelijken tred. Men mag aannemen, dat

in de laatste jaren reeds de opbrengst verdubbeld

is. Vooral legde men zich op de aardappelcultuur

toe en bracht men gronden, die voor een 10 tal

jaren pas 200 H.L. per H.A. opbrachten, tot eene

opbrengst van 350 H.L. en meer. Vooral het

oprichten van eene Landbouwvereeniging heeft

den bloei van Zevenhuizen ongemeen bevorderd.

Deze machtige corporatie, waartoe allengs bijna

alle groote en kleine landbouwers toetraden,

heeft nieuwe middelen en wegen aangewezen,

die Ons Dorp ten zegen zijn. En is ook niet de in

dezen Zomer gebouwde cooperatieve boterfabriek

94


te beschouwen a1s hare dochter? En zoo begint

Ons Dorp aan meer en meer met eere eene

plaats in te nemen in de rij der dorpen van onze

provincie. De oude toestanden bestaan niet meer,

het is alles nieuw geworden en op den

voormaligen moerassigen veenbodem, vroeger

een twistappel tusschen de heeren van Nienoort

en de boeren van Een, werkt thans eene nijvere

en – wij kunnen haast zeggen - welvarende

landbouwbevolking.

95

Similar magazines