Spain in the Rain - Máxima Medisch Centrum

gynaecologiev2.mmc.nl

Spain in the Rain - Máxima Medisch Centrum

# 2

juni 2008

SMáSHflash is een uitgave van SMáSH, Stichting Máxima Specialisten Huisartsen, en wordt toegezonden aan regionale (verpleeg-)huisartsen,

specialisten, Huisartsenkring Zuidoost Brabant, regionale zorgverzekeraars en anderen. De volgende editie verschijnt in september 2008.

redactie: Anneke Dalinghaus, Robert Mertens, Mariëtte Oostindiër en Truus van der Werf

adres: SMáSH Postbus 7777, 5500 MB Veldhoven / telefoon 040 - 888 80 90 / e-mail m.oostindier@mmc.nl

Spain in the Rain

Wat een heerlijke start van het voorjaar, hoe anders dan verwacht! Waar wij Madrid-gangers ons opmaakten om de eerste zonnestralen van de

lente in den verre te ontvangen, wachtte ons slechts de hoon van de thuisblijvers. Thuisblijvers die op zonovergoten Hollandse terrassen tevreden

constateerden dat wij in Spanje meer kennis dan zonlicht absorbeerden. Madrid, parel aan de Spaanse kroon, een stad die zich moeilijker laat

beminnen dan pakweg Parijs, Rome of Barcelona. Voor u geen Eiffeltoren, Ponte Vecchio, klassieke oudheid of de geest van Gaudi. Uw

schoonheid ligt gevangen in de versteende stilte van de oude pallazio’s, groots maar afstandelijk, de trotse hooghartigheid van uw vorsten nog

steeds als een tastbare emotie op de achtergrond aanwezig. Het ontbreekt u aan de relativerende invloed van de zee en de havens, waar

eeuwenlang contacten met andere volken en culturen een opener volksaard oplevert, een bruisender stad, meer joi de vivre.

Wat dan te doen in Madrid, of nog erger, Madrid in de regen? Waar

Parijs het Louvre heeft en Sint Petersburg zijn Hermitage pronkt Madrid

met zijn Prado. Gedreven door de aloude band tussen arts en kunstenaar,

pincet en penseel, kunst en kunde, ontkomen we niet aan een paar uur

ronddwalen door de schier oneindige rij zalen die dit museum herbergt.

Vanwaar die belangstelling voor de kunst, die de medici doorgaans aan

de dag leggen. Wat delen wij met de kunstenaars? Is het de kunst van

het observeren? Als wij kijken naar een schilderij zien we dan meer dan

de gemiddelde kijker? Dwalend door het Prado hangen een paar prachtige

voorbeelden. Neem de drie gratiën van Rubens, drie voluptueuze naakte

vrouwen, dochters van Zeus, waarvan de middelste met haar goddelijke

rug en billen naar ons toegekeerd staat aan weerskanten geflankeerd

door haar eveneens naakte zussen. Aanschouwen wij slechts dit lieflijk of

eerder sensuele tafereel of zien we als arts de scoliose en de positieve

trendelenburg van de middelste dame die de andere kunstkenners

ontgaat? Als je naar de Hofdames (las Meninas) van Velasquez kijkt,

wordt onze blik dan niet automatisch afgeleid van het familietafereel

naar de achondroplast aan de rechter zijkant? Vaak zijn de bijfiguren uit

medisch oogpunt het meest interessant. Voor wie op de details let ziet

ook bij de hoofdfiguren allerhande door de genadeloze kwast vastgelegde

afwijkingen: artrose en reumatoïde artritis aan de rijk beringde vingers,

hypercholesterolemie met zijn onmiskenbare xanthelasma, een keur aan

ernstige en minder ernstige oogafwijkingen enz.

Als je meer in het hoofd van de kunstenaar wilt kruipen, is het een paar

100 meter verderop gelegen Reina Sofia museum voor moderne kunst

een aanrader. Wie wil nou niet psychoanalytisch meimerend voor Dali’s

Great Masturbator staan? Welke invloed had zijn impotentie op zijn werk?

(laten we Pfizer dankbaar zijn dat ze Viagra niet eerder ontdekt hebben

en Dali vervolgens alleen nog maar klaprozen zou aquarelleren!) Welke

emotie heeft Spanje’s grootste zoon tot de Guernica geïnspireerd: zijn

blauwe periode na de zelfmoord van Casagemas, de invloed van alle

vrouwen op zijn werk? Hoe briljant was de geniale gekte van Van Gogh?

Hoe gek moet je zijn om groot kunstenaar te worden? Hoeveel onrust

moet er in je hoofd zitten om werken als Picasso en Dali te maken?

Ach, de ware schoonheid van Madrid vind je als je er voor open staat

toch binnen de muren van zijn musea! Kunst kijken kan iedereen en alle

artsen kunnen tekenen, al zijn het maar recepten!

Robert Mertens, huisarts


Actie

ReActie

Specialist in de kunst

Máxima Medisch Centrum heeft zich gemeld als promotor van het

Van Abbemuseum, zoals te lezen was in het artikel in het Eindhovens Dagblad

van 30 mei 2008. Op de foto stond Harm Haak als de vertegenwoordiger van

Máxima Medisch Centrum. Reden om hem te interviewen over zijn affiniteit

met kunst. Maar we waren ook benieuwd naar de ervaringen van een arts die

zelf kunstenaar is, een zogenaamde Medicus Pictus, zoals we Laurens Vehmeijer

mogen noemen.

Harm Haak, internist

Máxima Medisch Centrum heeft ingezien dat kunst belangrijk is voor

kwaliteit van leven. Dat kunst mensen verrijkt, verdiept en mensen

losmaakt uit de werkelijkheid van de dag. Daarom ook deze relatie met

het Van Abbemuseum, dat vanaf de oprichting de burgers van

Eindhoven tracht te betrekken in het beleven van kunst. “Het van Abbe maakt beter” zou je

kunnen zeggen, omdat het je een goed gevoel geeft als je door dit mooie lichte museum loopt.

Dat is precies wat mij ook altijd in de kunst heeft aangetrokken. Ik heb echt een andere kijk op

de werkelijkheid gekregen, sinds ik me in kunst ben gaan verdiepen. Hetzelfde probleem op

een andere manier oplossen, vanuit een andere invalshoek, geweldig!

Ja, ik zie mezelf als een specialist in de kunst, als medisch specialist heb ik kunst eerst als

hobby benaderd, echter langzamerhand wordt het een tweede specialisme! De kunsthistorie is

natuurlijk belangrijk, ook ik heb ademloos voor de schilderijen van Goya, Velasquez en Picasso

in het Prado gestaan. Maar de hedendaagse kunst boeit me intenser, vanwege de relatie met

de actualiteit. Bijvoorbeeld de komst van nieuwe media, zoals performances en conceptuele

kunst. Ook de moderne kunstenaar zelf, die gefocust blijft op zijn eigen kunstuiting, zijn

mening bloot durft te geven, interesseert me. Misschien is dat weer de link naar de

geneeskunde, de interesse in mensen!”

Laurens Vehmeijer, huisarts

“Waarom ik schilder? Ja, dat weet ik eigenlijk niet eens, want ik heb al

van kinds af aan getekend. Eerst vooral dieren, later landschappen. In

die tijd dacht ik er wel aan om kunstenaar te worden, maar aangezien er

geen droog brood in te verdienen viel, ben ik geneeskunde gaan

studeren. Daar heb ik trouwens nooit spijt van gehad!

Ik zie ook veel overeenkomsten in het zoeken naar originele oplossingen in een schilderij en het

probleem dat de patiënt voorschotelt. Bijvoorbeeld zoals je als arts op zoek bent naar de

betekenis van het beeld: waarom komt de patiënt nu met dit probleem bij mij en wat wil hij

ermee? Hetgeen lijkt op de zoektocht om je ideeën in het juiste beeld op je schilderij te zetten.

Altijd bezig met de diepere laag eronder, dat is wat je als arts en als kunstenaar doet.

Want de oorsprong van het scheppen en zoeken is een zekere ontevredenheid, je streeft altijd

naar iets wat mooier is dan de werkelijkheid. In de spreekkamer bijvoorbeeld wat het leven

voor de mensen wat draaglijker maakt dan tevoren.

Ik denk dat schilderen een emotionele uitlaatklep is, want als arts ben je vaak eenzaam bezig

met zeer ingrijpende problemen.

Het is ook een tegenreactie op het vak, want als je de hele dag met mensen bezig bent, wil je

wel eens even níet met hen bezig zijn. Daarom schilder ik vooral landschappen, een kruising

tussen realiteit en droom, in mooie kleuren. Dat er de laatste tijd mensen in voorkomen, dat is

mooi. Want ze kleden het landschap aan, zoals je ook kunt zien in de prachtige schilderijen van

de Engelse schilder Turner.”

Máxima Medisch

centrum eindhoven

gestroomlijnde

kliniek voor planbare

zorg; Acute opname

afdeling Máxima

Medisch centrum

Veldhoven

Máxima Medisch Centrum locatie Eindhoven

is vanaf september 2008 een gestroomlijnde

kliniek voor planbare zorg. De behandeling

van patiënten wordt dan niet meer doorkruist

door acute ingrepen. De diagnostiek en

behandeling van uw patiënten vindt in een

keer plaats en zal daardoor comfortabeler

zijn.

In Veldhoven wordt zorg voor patiënten met

acute en/of complexe zorgvragen verder

uitgebreid.

Op deze locatie wordt momenteel de unieke

multidisciplinaire acute kern ingericht met

het accent op snelle triage, diagnostiek,

behandeling en doorverwijzing.

Vanuit de eerste hulp kunnen patiënten direct

worden opgenomen op een specialistische

afdeling (IC, MC, CC, Stroke unit) of op een

acute opname afdeling (AOA). Hier verblijven

de patiënten maximaal 48 uur en daarna

gaan ze of naar huis of naar een reguliere

verpleegafdeling.

Het uitbreiden en stroomlijnen van acute

zorg voor locatie Veldhoven heeft uiteraard

invloed op de organisatie en huisvesting van

afdelingen. In dit kader wordt de eerste hulp

verbouwd en de OK-planning aangepast.

Uiteraard is het uitgangspunt bij alle

veranderingen dat uw en onze patiënten hier

geen hinder van ondervinden. De acute kern

op locatie Veldhoven zal in september 2008

gereed zijn.


Afscheid dr. Fred croiset van Uchelen;

30 jaar chirurg met accent op stomazorg

Een markant chirurg heeft na bijna 30 jaar afscheid genomen van Máxima Medisch Centrum. In de sfeer van ‘een dag niet gelachen

is een dag niet geleefd’, ‘samenwerking tussen alle geledingen draagt bij aan een kwalitatief betere zorg’ en ‘de akker is goed

geploegd, dus er kan worden gezaaid’, hebben we een terugblikkend gesprek met hem gehad.

Fred Croiset van Uchelen, chirurg

Antoniaanse opleiding

“Ik ben opgeleid in het St. Antonius ziekenhuis

in Nieuwegein (destijds Utrecht), waar we in

de geest van samenwerking werden getraind.

Samenwerking met verschillende (para)medische

disciplines, ongeacht je hiërarchische positie,

levert een kwalitatief betere zorg, dat werd ons

daar met de paplepel ingegoten. Ik moest erg

wennen in het toenmalige St. Joseph ziekenhuis.

Terwijl er in het St. Antonius ziekenhuis nauwelijks

onderscheid was in rang en stand, heerste er

binnen het St. Joseph ziekenhuis een duidelijk

verschil in verhoudingen. In het St. Joseph

ziekenhuis kregen de chirurgen bijvoorbeeld hun

lunch in een aparte kamer geserveerd, waarvan

in de deur een luik was, waardoor je broodjes kon

uitreiken aan zusters die aardig waren.”

Integrale zorg

“Het opleidingsadagium ‘samenwerken maakt

sterk’, heb ik meegenomen en in de loop van

de jaren geprobeerd te introduceren in ons

ziekenhuis. In 1985 zijn de orthopedie en

chirurgie intensief gaan samenwerken op het

gebied van de traumatologie en is de maatschap

traumatologie opgericht. Binnen dit verband

hebben we ook chirurgische technieken verder

ontwikkeld, zoals de dynamische heupschroef en

de dorsale enkelplaatfixatie en de repositie van

AC-luxatie (de zogenaamde acromioclaviculaire

dislocatie) door middel van een oplosbaar bandje.

Daarnaast kreeg ik de opdracht om de

proctologie uit te bouwen en in het verlengde

daarvan de gehele darmchirurgie. In 1987/88

waren wij het eerste ziekenhuis die stomazorg

inrichtte, waarbij naast curatieve technieken ook

een groeiende plaats was voor de psycho-sociale

begeleiding van een stomapatiënt. Begin jaren

negentig werd dit gevolgd door de TME trial,

waarbij ik als consultant surgeon fungeerde.

Hiermee hebben we volgens het ‘teach the

teacher’ principe een nieuwe landelijke standaard

voor rectumchirurgie geïntroduceerd. Kijken in

elkaars keuken en het lef hebben om naakt te

zijn; deze introspectie heeft de kwaliteit van de

rectumchirurgie enorm verbeterd.”

Een chirurg is een doorzetter en weet niet van

opgeven

“Soms tegen de (bestuurlijke) stroom in en met

een lange adem heeft de chirurgie ook aan

de wieg gestaan van de introductie van de

intensivisten, de SEH-opleiding en de SEH-artsen,

de bariatrische chirurgie en de introductie van

een podotherapeut in de integrale aanpak van

patiënten met een diabetische voet. Eén van de

laatste nieuwe ontwikkelingen is de inzet van

(para)medische specialisten op een deelgebied

van de chirurgie. Het opleiden en inzetten van

een Physician Assistant (PA) bij de vaatchirurgie

en bijvoorbeeld een chirurg specifiek voor de

mamma of de laproscopische technieken zijn daar

goede voorbeelden van.

In 1985, de aanloop van de nieuwbouw van

het St. Joseph ziekenhuis, zijn er al vergaande

gesprekken gestart, stafbreed, om tot een

fusie van het toenmalige Diaconessenhuis te

komen, een ziekenhuis Noord, een ziekenhuis

Zuid. Helaas is dit destijds mislukt, waarbij de

verschillen tussen bisschop en het diaconaat een

rol speelden.

In 2000 zijn er gesprekken geweest met

het Catharina-ziekenhuis, het toenmalige

Diaconessenhuis en het St. Joseph ziekenhuis over

het opzetten van het ‘Trio-heel’. Dit centrum had

een soort Antoni van Leeuwenhoek in Zuidoost-

Brabant moeten worden. Helaas is het niet gelukt

om dit centrum op te richten. De akker was goed

geploegd, we konden en kunnen misschien nog

steeds (gaan) zaaien! Een chirurg geeft echter

niet gauw op, hij is taai en vecht door tot hij zijn

doel heeft bereikt.”

Samenwerking met de eerstelijn?

“In de jaren negentig werden de contacten tussen

specialist en huisarts steeds minder. Vroeger zag

je de huisarts elke week. Met de verhuizing naar

Veldhoven lijkt een omslag te zijn gekomen.

Men was druk en ging in deeltijd werken, zodat

een andere balans tussen werk en privé leven

ontstond. De chirurgie was in 1985 de eerste

afdeling die met parttime chirurgen werkte.

Eigenlijk vond men dat parttime werken niet

kon bij de chirurgie. Parttime werken noodzaakt

echter ook tot een nog betere patiëntoverdracht.

Het goed overdragen van patiëntgegevens tussen

eerste- en tweedelijn en vice versa blijft van

cruciaal belang

Via de huisartsenpost zouden we veel meer

kunnen overleggen met de huisartsen en meer

uitwisseling van kennis kunnen bewerkstelligen. Ik

vind het een goede zaak om de kennis die je hebt

uit te dragen. Naar mijn mening kan 70% van de

op de SEH behandelde patiënten terug naar de

huisarts.”

Eigen levenservaring

“Na het noodlottige ongeval van onze zoon, ben

ik met een andere passie aan het werk gegaan.

Het leed dat je bij de patiënten ziet, maakt je

bescheidener. Je relativeert meer, raakt met meer

compassie betrokken bij de patiëntenzorg en

benadert de situatie meer vanuit de patiënt. Maar

wel altijd met humor; de dag wordt begonnen

met een kwinkslag en een lach en dan gaan we

met z’n allen aan het werk.”

Toekomstplannen

“Door het werken in een ziekenhuis leef je in

een betrekkelijk kleine cirkel en ik heb hierdoor

weinig tijd voor hobby’s gehad. Na mijn afscheid

ga ik lekker uitwaaien, dingen zien die ik altijd

al heb willen zien, sporten, tuinieren en verder

zie ik wel wat op mijn pad komt. Ik wil samen

met mijn vrouw alleen nog maar leuke dingen

doen. Daarnaast wil ik me verder gaan verdiepen

in de parapsychologie, dat mijn belangstelling

heeft gekregen o.a. nadat ik die andere Croiset

(de paragnost) had ontmoet en ik op persoonlijk

vlak intensief werd geconfronteerd met de

betrekkelijkheid van het leven. Ik geloof dat er

meer is tussen hemel en aarde.”


Afscheid dr. Jo Jan Keuning, hematoloog en oncoloog

Met het symposium ‘Over veranderingen; de dingen die achterhaald zijn’, heeft Jo Jan Keuning, oncoloog/hematoloog, op 13 juni

2008 na 26 jaar afscheid genomen van Máxima Medisch Centrum. In een afscheidsinterview heeft hij ons de veranderingen van de

hemato-oncologie en de oncologische zorg binnen het ziekenhuis van de afgelopen kwart eeuw meegegeven.

Ontwikkelingen binnen de hemato-oncologie

“De hemato-oncologie is een relatief jong

vakgebied. Basis principes van diagnostiek en

behandeling van bijvoorbeeld Non Hodgkin

Lymfomen (NHL) gelden nog steeds, ze zijn alleen

veel verfijnder geworden. Door veranderende

inzichten en technieken in diagnostiek zijn diverse

typen NHL te herkennen met hun verschillen

in agressiviteit en immunologisch profiel. De

gouden standaard van de behandeling met

CHOP-kuren kon daarmee worden verfijnd.

Immunotherapie (Rituximab) heeft zijn intrede

gedaan als monotherapie of gecombineerd

met chemotherapie. Voor de NHL-patiënt

Jo Jan Keuning, hematoloog en oncoloog

betekent dit minder bijwerkingen en een

grotere kans op genezing. Mocht de standaard

eerstelijnstherapie niet aanslaan, dan is er voor

jongere patiënten ook nog de mogelijkheid

van een stamceltransplantatie (voorheen een

beenmergtransplantatie). Door deze nieuwe

technieken in diagnostiek, classificatie van NHL

en therapieën geënt op het biologische profiel

van de tumor (‘tailor made’), zijn patiënten met

NHL beter te behandelen dan 30 jaar geleden.”

Werken in Máxima Medisch Centrum

“In mijn dagelijkse ziekenhuisbestaan zie ik

verhoudingsgewijs meer oncologische patiënten

(60%) dan hematologische patiënten (20%) en

daarnaast zie ik ook nog patiënten met algemeen

interne geneeskundige klachten (20%).

Naast het medisch inhoudelijke deel van het werk,

is troost bieden en compassie tonen ook een rol

van de arts. Deze aspecten van het geneeskundig

beroep zijn niet veranderd, alhoewel alles wel

meer wordt uitgesproken dan vroeger.

Voor jongeren is de dood taboe. Voor ouderen is

de dood makkelijker te accepteren. Zij maken de

balans op van hun leven en komen vaak tot de

conclusie dat het voor hen niet meer hoeft.

Een globale inschatting over hoeveel maanden

een patiënt ongeveer nog te leven heeft, kunnen

we geven. Als er geen kans meer is op genezing,

is het aan de arts om de patiënt te begeleiden

en te troosten. De bijdrage van een klinisch

psycholoog bij dit acceptatieproces is ook heel

waardevol.

Anderzijds mag je de mooie momenten met je

patiënten soms meebeleven zoals bijvoorbeeld

pannenkoeken eten met een jongen met

het syndroom van Down, vijf jaar nadat we

hem genezen hadden verklaard van een

testiscarcinoom.”

Beenmergtransplantaties

“Met vier hematologen en een goed

bloedtransfusielaboratorium zouden wij voldoen

aan de eisen om beenmergtransplantaties

uit te voeren in Máxima Medisch Centrum.

De beenmergtransplantaties worden echter

in samenwerking met het UMC St. Radboud

uitgevoerd: de beenmergtransplantatie vindt

plaats in Nijmegen, wij doen de nazorg van deze

patiënten. Deze samenwerking heeft voor ons een

toegevoegde waarde, omdat de kennis en kunde

in een academisch centrum makkelijker up-todate

te houden is, dan in een perifere kliniek. De

beenmergtransplantatie techniek is namelijk snel

‘high tech’ geworden.

Veranderingen voor de patiënt

“De begeleiding van en de voorlichting aan de

patiënt met kanker is de laatste decennia sterk

verbeterd, ook door de opkomst van de integrale

kankercentra en het Koningin Wilhelmina Fonds

(KWF). De oncologieverpleegkundige heeft tevens

hiertoe bijgedragen. Daarnaast bespreekt de

patiënt zijn of haar situatie vaak met de huisarts.

De patiënt is tegenwoordig zo mondig dat hij/

zij zelf goed kan uitleggen wat het probleem is.

Toch zijn er soms communicatieproblemen, omdat

de ene specialist een zelfde probleem in andere

bewoordingen uitlegt dan een andere specialist.”

Intercollegiale samenwerking

“De intercollegiale samenwerking is niet

wezenlijk veranderd. Toen ik in 1982 in het

St. Joseph ziekenhuis begon, was er nog

geen verslag van de oncologiebespreking. Nu

hebben internist/oncoloog, chirurg en andere

betrokken specialismen een geïntegreerde

oncologiebespreking en zijn daardoor goed

op de hoogte van elkaars behandelstrategie.

Tevens is prof. C. Punt uit Nijmegen één keer per

maand aanwezig bij de oncologiebespreking en

dat is een verrijking. Complexe ziektegevallen

worden gepresenteerd en gezamenlijk wordt

een behandelplan opgesteld. Als er een studie

of protocol loopt in Nijmegen kunnen wij onze

patiënten hierin includeren en hoeven we het wiel

niet opnieuw zelf uit te vinden.

In de toekomst zullen de oncologiebesprekingen

anders worden georganiseerd, meer opgesplitst

naar tumorsoort. Het is bijvoorbeeld niet zinvol

dat een gynaecoloog bij de bespreking zit van

een maagtumor. Dit is een plan dat nog verder

moet worden uitgewerkt.”

Samenwerking met de eerstelijn

“Het contact met de eerstelijn is in de loop van

de jaren minder geworden. Vroeger werden

nascholingen door één van de stafleden verzorgd

en hierdoor was er een goede interactie tussen

de eerste- en tweedelijn en dat was prettig. De

specialist had de status van de patiënt bij zich

en had direct contact met de huisarts over de

patiënt.

Tegenwoordig worden de huisartsen bij de

oncologiebespreking uitgenodigd, maar de

huisarts is meestal niet aanwezig. Dat gebrek aan

persoonlijk contact is een gemis. Zo’n formule

zoals vroeger zouden we weer moeten opzetten

en we zouden weer petites conferences moeten

gaan organiseren.”

Hoe ziet uw toekomst na 13 juni er uit?

“Ik ga natuurlijk meer tijd besteden aan mijn

hobby’s, zoals varen, tuinieren en ga meer tijd

doorbrengen met mijn vijf kleindochters. Op 18

juni verhuizen we naar Friesland en gaan we een

tocht maken met de boot naar Zeeland. Als het

op mijn pad komt, zal ik waarschijnlijk iets op

bestuurlijk niveau gaan doen vanuit Friesland.”

SMáSH wenst dr. Croiset van Uchelen en dr.

Keuning een hele goede nieuwe fase in hun

leven, waarin het onontdekte ontdekt kan

worden.


Welke medicijnen gebruikt u?

Het is van cruciaal belang dat een behandelaar geïnformeerd is over de voorgeschreven

- en zelfmedicatie van patiënten die acuut worden opgenomen. Patiënten blijken zelf

vaak niet goed op de hoogte te zijn van de medicijnen die zij gebruiken.

Op vele manieren wordt regionaal gewerkt aan

een elektronisch medicatie voorschrijfsysteem en

elektronische transmurale overdracht van

voorgeschreven medicatie. Het zal echter tot

medio 2010 duren voordat deze systemen

operationeel zijn.

Reden waarom enkele verpleegkundigen van het

Observatorium (straks de nieuwe afdeling Acute

Opname Afdeling) in het kader van hun

afstudeerstage hebben onderzocht hoe de

kwaliteit van het continueren van thuismedicatie

bij acute opname kan worden verbeterd.

De patiënt kan een rol spelen bij deze gewenste

kwaliteitsverbetering. De patiënt kan een

medicijnpaspoort aanvragen bij de apotheek en

die regelmatig laten actualiseren. Daarnaast is

het handig als de patiënt in geval van acute

opname zowel dit medicijnpaspoort als voor

minimaal 24 uur zijn/haar thuismedicatie

meeneemt naar het ziekenhuis. Door middel van

een poster op verschillende plaatsen in het

ziekenhuis, bij de (stads)apotheken en in de

wachtkamer van de huisarts, vragen de

verpleegkundigen aandacht voor deze regierol

van de patiënt.

Laurens Vehmeijer

en Dominique

Rutgers vormen

samen één

huisartsenpraktijk

Laurens Vehmeijer, voor de meesten

welbekend, is al 21 jaar werkzaam als

huisarts op de Aalsterweg in Eindhoven.

Dominique Rutgers kwam eind 2005 bij

hem werken, aanvankelijk als waarnemer

en later als HIDHA. Het bleek een goede

match, zodat ze uiteindelijk hebben beslist

om alle werkzaamheden volwaardig te

delen. Ze hebben samen een goedlopende

praktijk met twee uitstekende assistentes en

praktijkondersteuning.

Dominique Rutgers is opgegroeid in

Eindhoven, heeft gestudeerd in Rotterdam

en de huisartsenopleiding gevolgd in

Utrecht. Ze is gehuwd en heeft 3 kinderen.

Laurens Vehmeijer en Dominique Rutgers

hopen beiden op een goede samenwerking

en laagdrempelige prettige contacten met

alle huisartsen en specialisten.


NeWS

FLASH

Onderscheiding voor Theôdor Vogels

Theôdor Vogels, nefroloog maatschappelijk werker op de dialyseafdeling van

Máxima Medisch Centrum heeft in april de International Social Workers

Award van de Council of Nephrology Social Workers van de Amerikaanse

National Kidney Foundation onderscheiding ontvangen. Theôdor is de eerste buitenlandse

maatschappelijk werkende die deze Award krijgt. Hij is door zijn collega’s verkozen vanwege zijn

verdiensten voor de begeleiding van chronische pre-dialyse, dialyse en niertransplantatie patiënten.

De uitreiking vond plaats op het internationale congres ‘Spring Clinical Meeting’, dat van 2 tot en

met 6 april 2008 werd gehouden in Dallas, Texas.

Koninklijke onderscheiding

Internist-nefroloog Paul Gerlag is benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje Nassau. Hij kreeg de

koninklijke onderscheiding tijdens een symposium over dialyse dat op vrijdag 28 maart 2008 werd

gehouden. Het symposium werd georganiseerd ter gelegenheid van het vertrek van dr. Gerlag die

na 31 jaar is afgezwaaid. Hij kreeg het lintje voor zijn jarenlange inzet voor de nierpatiënten.

Stichting Huisartsen organisatie Kempen en omstreken (SHoKo) verhuist in oktober

dokterspost Veldhoven naar Máxima Medisch Centrum (MMC)

SHoKo verhuist op 1 oktober 2008 haar Veldhovense dokterspost naar Máxima Medisch Centrum,

locatie Veldhoven. Dit is tevens het startschot voor een nauwere samenwerking tussen SHoKo en MMC.

Aanvankelijk zou de huidige post aan de Kerkakkerstraat met ingang van april naar MMC locatie

Veldhoven verhuizen, maar deze datum bleek niet haalbaar. Het gebouw waar SHoKo zich gaat

vestigen zal pas in augustus beschikbaar zijn, waarna per 1 oktober de dokterspost wordt geopend.

De insteek van de nieuwe locatie blijft ongewijzigd: huisartsen gaan de avond- en weekenddiensten

voor Veldhoven verzorgen. Tijdens de nachten wordt vanuit deze post de Kempen bediend. SHoKo

en MMC zijn in goed overleg samen tot dit besluit gekomen.

ZorgDomein nieuws

Nieuwe verwijsafspraken:

- vanaf 15 juni 2008 is de verwijsafspraak bekkenbodempolikliniek beschikbaar in Máxima Medisch

Centrum op beide locaties (locatie Eindhoven is toegevoegd). U kunt deze verwijsafspraak vinden

onder het specialisme gynaecologie en urologie, onder het kopje incontinentie alsmede onder de

multidisciplinaire en een speciale polikliniek.

De logistiek binnen Máxima Medisch Centrum is bij deze verwijsafspraak iets anders. Na verwijzing

nemen de polikliniekmedewerkers contact op met de verwezen patiënt. Contactgegevens van de

patiënt zijn daarbij zeer behulpzaam.

- De verwijsafspraken voor het Vasculair Preventie Centrum zijn geunifomeerd voor beide locaties

van Máxima Medisch Centrum. De afspraken zijn te vinden onder interne geneeskunde bij de subkopjes

hypertensie, nefrologische aandoening en vetstofwisselingsstoornissen.

Digitaal opname- en ontslagbericht

Máxima Medisch Centrum verstuurt vanaf 12-06-2008 het bericht van opname of ontslag van uw

patiënten alleen nog digitaal. De digitale opname- en ontslagberichten worden per patiënt dagelijks

meerdere malen per dag verstuurd.

Bij klinische opname:

• datum van opname en afdeling waar uw patiënt wordt verpleegd.

• opnamediagnose en behandeling (indien beschikbaar).

• behandelend specialist.

Bij overplaatsing:

• naar IC, CCU of stroke unit.

• van de ene locatie naar de andere locatie van Máxima Medisch Centrum.

Bij ontslag:

• datum van ontslag of eventuele datum van overlijden in het ziekenhuis en de plaats waarnaar een

patiënt wordt ontslagen (huis, verpleeghuis of anders).

U krijgt dus geen bericht van opname en ontslag op de dagbehandeling

en/of interne overplaatsingen van patiënten voor niet levensbedreigende situaties.

Mocht u geen digitale post kunnen ontvangen, dan krijgt u twee maal per week een papieren

cumulatief overzicht van uw opgenomen en/of ontslagen patiënten

PRAKtiScHe

iNFORMAtie

Kalender

Bedside teaching locatie Eindhoven

9 oktober 2008

specialisme: chirurgie

Grote vergaderzaal, van 17.30 tot 19.00 uur

Bedside teaching locatie Veldhoven

28 augustus 2008

specialisme: nog niet bekend

Jordanszaal, van 16.45 tot 19.00 uur

Palliatieve zorgbespreking locatie

Veldhoven

2 september 2008

Sint Joseph Zaal, van 17.15 tot 18.30 uur

Master Class

2 oktober 2008

onderwerp: eigenwaarde

‘Met minder moeite meer bereiken’,

door Robert Benninga

Auditorium locatie Veldhoven, van 17.00 tot

19.30 uur

Staflunches locatie Veldhoven

Elke woensdag vinden staflunches plaats in

het auditorium van 12.45 tot 13.30 uur,

start voordracht exact om 13.00 uur.

De staflunches in Veldhoven komen in de

maanden juli en augustus te vervallen.

More magazines by this user
Similar magazines