Download Nederlandse versie - Lectorium Rosicrucianum

rozenkruis.nl

Download Nederlandse versie - Lectorium Rosicrucianum

NOVEROSA BOUWT EN VERNIEUWT

Een oproep om NOVEROSA gereed te maken voor de jeugd van de toekomst!


5 Noverosa – Nieuwe Roos

7 Noverosa

8 De oproep

9 Het plan

13 Noverosa bouwt voort

14 De noodzaak

16 Het jeugdwerk

18 Het begin

20 Uit de archieven

24 J. van Rijckenborgh, vriend van de jeugd

27 Geestverwantschap. Een toespraak J. van Rijckenborgh

32 Een impressie

35 Openingswoord van de Internationale Spirituele Leiding bij

het in gebruik nemen van de gerenoveerde Noverosatempel

40 Enkele fragmenten uit een D-groep weekeinde

43 Uit een dienst tijdens datzelfde weekeinde

46 Gedenksteen, gewijd aan J. van Rijckenborgh

Met dank aan de vrienden die deze brochure mogelijk hebben gemaakt


NOVEROSA BOUWT EN VERNIEUWT

Een oproep om NOVEROSA gereed te maken voor de jeugd van de toekomst!


Noverosa, als een toverkracht zingt haar woord in ieder kind.

‘Nieuwe roos, Noverosa’, dansen de klokken die hen roepen…

‘Die Hem vroeg in het leven zoeken, vinden Hem met zekerheid.’

De wonderschone opdracht meegegeven aan Noverosa,

het conferentieoord voor de jeugd van het Lectorium Rosicrucianum.

Het geheim van Noverosa is haar Lichtfeest.

Een nieuwe roos, gevonden in een geopend hart.

Een jonggeboren ziel wordt weer gekend.

Want wie zoekt, die vindt: schoonheid, waarheid, kracht.

5


Noverosa

Als leerlingen van de School van het Gouden Rozenkruis kennen wij het enorme belang

van een conferentieoord. Een plaats, een andere wereld midden in die van de voortsnellende

tijd. Een wereld waarin wij voor een korte tijd kunnen leven in het besef van de

nabijheid van de oneindige grootsheid van de ziel. Het is daarom een bijzonder voorrecht

dat wij voor onze jeugd een speciaal internationaal jeugdconferentieoord bezitten:

Noverosa, daar waar een bijzondere Tempel onafgebroken zijn speciale roep de wereld in

doet gaan.

Noverosa is een unieke plaats waar onze jeugd bijeen kan zijn in een voor hén toebereid

Licht en is een vrij, beschermend brandpunt van de School. Kinderen, jongeren, uit alle

landen ontmoeten elkaar hier en ervaren er op jonge leeftijd de absolute eenheid van

alle mensen op basis van de ziel. Zij nemen Noverosa mee de wereld in en dragen deze

ervaring uit, ook aan hen die te ver weg wonen om zelf naar Noverosa te komen.

Zij horen de verhalen en zij zingen de liederen over Noverosa’s Rozentuin, van waaruit

de rozenslinger zich windt rondom de aarde. Zij weten zich verbonden door het symbool

van het jeugdwerk dat zich ontvouwt in de wind, ‘de vlag van Noverosa’.

Door middel van dit boekje willen we u graag bekend maken met en betrekken bij het

plan om in de komende jaren Noverosa te vernieuwen om de jeugd uit vele landen te

kunnen blijven ontvangen.

7


De oproep

In goede samenwerking met alle betrokken besturen en volledig gesteund door de

Internationale Spirituele Leiding is nu het moment gekomen dat Noverosa een oproep

kan doen voor fondsenwerving.

De bouwactiviteiten van de nieuwbouw kunnen beginnen zodra het benodigde bedrag

bereikt is. De gehele nieuwbouw zal in principe worden uitbesteed.

De renovatie en de uitbreidingen vangen dit jaar al aan. Hier geldt dat we elk jaar één of

meer projecten zullen uitvoeren, al naar gelang de mogelijkheden. Ook zullen we steeds

bekijken of we delen in eigen beheer uit kunnen voeren.

Wij vragen onze vrienden in het buitenland mee te helpen met de nieuwbouw; voor de

renovatie en de uitbreiding willen wij ons in het Nederlandse werkveld sterk maken.

Samen met het Nationaal Bouwfonds willen we dit realiseren.

Daarom roepen we iedere leerling op om deze actie financieel en in praktische zin te

steunen. Elke steun is welkom! De fondsenwerving krijgt de vorm van een meerjarig

spaarplan. Voor gedetailleerde informatie over de fondsenwerving en het spaarplan zie

bijgaande brief.

Wij zullen u de komende jaren met regelmaat informeren over alle vorderingen.

Héél hartelijk dank voor uw hulp en uw aandacht!

8


Het plan

Diverse deskundigen in de School hebben door de jaren heen onderzoek gedaan naar de

mogelijkheden en de kosten van modernisering. De ruimte waarop gebouwd mag worden

is mede door bescherming van het landschap beperkt. Uitgangspunt moet zijn: de

contouren van het huidige gebouw met een beperkte mogelijkheid tot uitbreiding.

Er ligt nu een schetsplan, een voorlopig ontwerp, dat inhoudt: een gedeeltelijk nieuw en

gedeeltelijk te renoveren logiesgebouw met enkele kleine uitbreidingen, in fasen uit te

voeren om de kosten te spreiden.

Nieuwbouw slaapzalen in twee verdiepingen, inclusief sanitaire ruimtes

Kostenraming € 2.000.000, -

Renovatie en uitbreidingen, zoals een grotere keuken, technische ruimte,

vertaal- en spreekruimtes, creatieve ruimte en kantoor

Kostenraming € 1.700.000, -

9


isometrie voorzijde

aanzicht voorzijde

10


isometrie achterzijde (nieuwbouw slaapzalen)

aanzicht achterzijde

11


Noverosa bouwt voort

U weet, het bouwen in de stof is niet voor de eeuwigheid, een gebouw veroudert, wordt te

klein, of voldoet niet meer aan de eisen van de tijd.

Tijdens de werkweek in 2004 heeft de Groep Jonge Leerlingen een begin gemaakt met de

uitvoering van de plannen voor deze eeuw: een nieuwe infrastructuur is aangelegd voor

de energie- en watervoorziening en tijdens deze week is er een begin gemaakt met de

dringend noodzakelijke renovatie van de Tempel en de schrijversruimte, het chalet.

In maart 2005 is de vernieuwde Noverosatempel met een mede door de Internationale

Spirituele Leiding verzorgde feestelijke dienst in gebruik genomen.

En nu is Noverosa opnieuw een periode van bouw ingegaan, om haar toekomst zeker te

stellen. De Tempel, de basis van waaruit alle vernieuwing mogelijk is, staat weer stevig en

stralend op de zandgronden.

De ervaring met de verbouwingen van de Tempel en het chalet geeft ons de moed en het

vertrouwen door te gaan met de complete renovatie van Noverosa.

We kunnen echt niet langer wachten om het slaapgebouw te vernieuwen, de rest van het

gebouw grondig te renoveren, herindelingen en ‘kleine’ uitbreidingen door te voeren bij de

keuken, de technische ruimte, de speelzaal, de vertaalkamers, de schuur en het kantoor.

13


De noodzaak

We kunnen de verbouw en nieuwbouw van Noverosa niet langer uitstellen! Natuurlijk

vanwege de zeer slechte staat van delen van het gebouw maar ook vanwege de nieuwe

regelgeving. Maar vooral willen we dat onze jeugd zich in een moderne eigen omgeving –

binnen de School – kan ontplooien.

Een voorbeeld: kleinere slaapzalen. De ervaring leert ons dat een slaapzaal met maximaal

veertien bedden de rust bevordert en eventuele spanningen wegneemt, zowel voor de

kinderen als voor de volwassenen. Daarnaast is bijvoorbeeld meer sanitaire ruimte nodig.

Deze uitbreidingen passen niet in het huidige, oudste gedeelte van het gebouw.

Met het totale plan willen we bereiken dat we met behoud van de huidige capaciteit van

250 gasten de komende 25 jaren weer kunnen voldoen aan de normen.

Ons conferentieoord moet voldoen aan:

- functionele normen (bijvoorbeeld de grootte van de slaapzalen, het aantal sanitaire

voorzieningen, de grootte van de speel- en creatieve ruimtes, het aantal vertaalruimtes)

- wettelijke normen, zoals beschreven in de Gebruiksvergunning (brandveiligheidsnormen),

de Warenwet (keukens), de Milieuwetgeving (uitstoot verbrandingsgassen,

opslag brandstoffen), het Waterleidingbesluit (waterkwaliteit) en de bouwkundige

toestand (daken, gevels, constructie, isolatie, ventilatie, enz.)

- de hoge norm die we gewend zijn in onze conferentieoorden van het Lectorium

Rosicrucianum wat betreft algemene uitstraling en verzorging, waarbij het voor de jeugd

ook tegen een stootje moet kunnen.

14


Het jeugdwerk

Misschien is er geen groter belang dan dat van het kind, de nog opgroeiende jonge mens.

Want alles wat een mens in zijn jeugdjaren ervaart, bepaalt zijn verdere leven.

Dáárom heeft de Internationale School van het Gouden Rozenkruis een jeugdwerk en is

dit een belangrijk aanzicht in de Geestesschool. De jeugdconferenties op Noverosa

vormen het hart van het jeugdwerk. Hier is het dat de jonge mensen zich bewust worden

van hun in het hart ontluikende ziel. Want behalve dat er op Noverosa belangrijke, vaak

internationale, contacten voor het leven ontstaan, is het vooral de plek waar zij de Ander

ontmoeten, de ander in zichzelf. Hier leren zij het ontwakende vermogen van hun ziel

kennen.

‘Wie hem vroeg zoeken, zullen hem vinden.’

Het lichtfeest dat in de jonge harten mag ontvlammen, begint met de ervaring van

bijzondere momenten in het leven. De bijzondere momenten die op Noverosa beleefd

worden, staan als lichtbakens een leven lang te stralen.

16


Het begin

We kunnen werkelijk stellen dat Noverosa gegrondvest is op de pionierskracht van

het eerste begin. De gronden van Noverosa, eerst nog ‘De Haere’ genoemd, zijn in 1934

door de toenmalige leerlingenschare aangekocht, tien jaar na de oprichting van de

Geestesschool.

Daar begon het conferentiewerk voor volwassenen! Het waren primitieve omstandigheden,

maar de bereidwillige handen en de vurige harten konden volstaan met een

openluchtkeuken, noodeetzaal, slaaptenten, en de Tempeltent.

Toen voor het volwassenenwerk in 1946 ‘Elckerlyc’ werd gekocht, dat later Renova werd,

besloten de grootmeesters dat ‘De Haere’ een speciale plek voor de jeugd zou worden.

Pionierskracht is als een vuur, een brandend enthousiasme waarmee een groot werk

volbracht gaat worden. Een kracht die past bij jonge mensen die vol verwachting hun

leven beginnen.

Om ons te verbinden met die pionierskracht van de dertiger en veertiger jaren van de

vorige eeuw zijn een aantal passages uit toespraken van Z.W. Leene, Catharose de Petri en

J. van Rijckenborgh in deze brochure opgenomen.

Die kracht is de basis waarop het jeugdwerk verder bouwt. Ieder jong mens weet daarom

dat hij in dit leven geboren is om mee te werken aan het Godsplan, en dat in zichzelf te

bewijzen.

18


Z.W. Leene begroet een zomergast bij de ingang van ‘De Haere’

19


Uit de archieven

Op basis van ‘het groote succes van de 1933-weekends’ in Haarlem besloot de leiding van

het Rozekruisersgenootschap dat er in 1934 ‘meerdaagsche conferenties en weekendsamenkomsten

zouden worden gehouden, in de vrije natuur, in volledige kampentourage’.

Daartoe had men in de eerste maanden van 1934 stad en land afgezocht in de

omgeving van Haarlem, om een geschikte plaats te vinden voor een zomerkamp.

Z.W. Leene schrijft: ‘Al onze aandacht was geconcentreerd op een kamp in het

Kennemerland en zeer zeker zouden we daarin geslaagd zijn indien niet door een van die

plotselinge gebeurtenissen, waaraan wij in onze arbeid reeds zoo gewoon zijn, een

volledige planwijziging was opgetreden. Door een uiterst waardevolle en buitengewoon

acceptabele aanbieding werd ons geheele Kennemerkampplan opgenomen en midden op

de Veluwe neergezet.’

En verder: ‘ “De Haere” is een buitenplaats bij Nunspeet, te Doornspijk, groot 250 ha en

is zóó buitengewoon geschikt voor het doel, dat er geen moment van twijfel meer kon

bestaan bij den aanblik van zulk een zalig stuk ongerepte natuur, waar men kan dwalen,

uren en uren zonder iemand tegen te komen. Een vloedgolf van frisse heidelucht met

uitgestrekte bosschen, naald- en loofhout. Waar de warme zon, trillend boven het zandvlak

der zandverstuiving met een waas van lila er overheen, zulk een zeldzame bekoring

biedt, dat we ons afvragen: hoe komen we de enkele maanden die ons nog scheiden van

dit heerlijk natuurgenot door?

20


Er ligt op “De Haere” zulk een zuivere sfeer van ongereptheid, dat men zelfs na het

bezoek van enkele uren zich een ander mensch gevoelt en het lijkt wel of men daar

zuiverder denkt. Wanneer men scherp naar de horizon tuurt, ontdekt men een blauwen

damp, geheimnisvol en geweldig aanlokkend en steeds meer bosch en steeds meer heide

en steeds meer zaligheid. Vrienden, we kampeeren op “De Haere”!’

Elk jaar bestond de Zomerschool uit eerst vier, en later vijf zomerweken waarin op

intensieve wijze de groep werd samengesmeed tot een pioniersgroep, die in staat was de

hogere leringen van het Rozenkruis in groepseenheid op te nemen. Honderden bezoekers,

in steeds toenemende mate, namen hieraan deel.

21


22

boven

rechts

De Tempeltent

Impressies van een dag op ‘De Haere’, 1934-1940


Vriend van de jeugd

Catharose de Petri over haar broeder, J. van Rijckenborgh, 1970

J. van Rijckenborgh was in het bijzonder een vriend van de jeugd!

In zijn conferenties met de jongeren wist hij altijd de juiste toon te treffen. Hij bezat de

gave om de meest brede en diepe onderwerpen in een voor de jonge mens begrijpelijk

woord te plaatsen. Zo besprak hij met hen, tijdens de D-groepweek in het jaar 1961 op

Noverosa een onderwerp dat hij zélf een waagstuk noemde, in verband met het feit dat

hij het zo veelomvattend vond, en vanwege de abstracte zijde van het onderwerp. ‘Maar,’

sprak hij destijds, ‘we zullen proberen ons erdoorheen te slaan met jullie medewerking.’

En de jongeren deden hun best te begrijpen, hoe zij bijvoorbeeld het zonnestelsel moesten

leren zien als een levenssysteem. En hij leerde hen, dat zij vervolgens het zonnestelsel

moesten leren zien als een astraal systeem waarvan alle delen wel samengevoegd zijn,

maar tóch in feite één lichaam vormen. Eén lichaam met vele leden. En hij leerde hen zien,

waar veel planeten behoren tot het zonnestelsel, hoe er sprake is van veel leden, en wij, als

stofgeboren mensen, met al die leden van het zonnestelsel innig verbonden zijn door ons

astrale lichaam. Hij leerde hen dat Christus de zonnegeest wordt genoemd, en al wat

Christus is, wil en doet primair de vervulling van een plan is. ‘De Christus, de grote

figuur,’ stelde hij, ‘gaat uit van het zonnehart van het zonnestelsel, en door middel van de

Christusradiaties, van die zonneradiaties, wordt het ganse al van het zonnestelsel naar een

bepaald doel toegestuurd.

24


Planvervulling op deze basis is:

wereldonthevenheid - wereldverlossing - wereldvervulling.’

De jongeren dachten er diep over na; spraken er met elkaar in alle ernst over; en wat hen

nog niet geheel duidelijk was, werd tijdens dezelfde jeugdconferentie tijdens een vragenavond

nader uiteengezet. Zij werden er diep van doordrongen, dat zij in dit leven geboren

waren om Gods werken groot te maken en die werken te bewijzen mede met en door

henzelf.

26


Geestverwantschap

Fragmenten uit een toespraak van J. van Rijckenborgh, gehouden in 1943

Woorden en gedachten die je direct bij je essentie bepalen hebben, hoe oud ze ook zijn,

altijd een verrassend actuele klank. Zo is het ook met de woorden van J. van Rijckenborgh.

Ook al sprak hij voor de jongeren in 1943, het uitgangspunt is in al die tijd niet veranderd:

Durft de jonge mens te kiezen voor het Licht?

Jonge mensen staan voor de ingang van de levenspoort. Gekomen uit het duistere diep

van het verleden, zijn zij - uit een vrouw geboren - de wereld van de verschijnselen binnengetreden.

Zoals bij de jonge vogels in het nest tussen de takken, was vrijwel hun eerste

kreet een kreet om voedsel. Ze zijn verzorgd door hun ouders met grote of minder

grote toewijding; ze zijn bij die eerste stappen door het leven beschermd onder de vleugels

van het gezin, met min of meer succes.

Er is daar die groei in het krachtveld van de ouders, er is daar die bloedverwantschap naar

de natuur. Volgens de wetten der natuur is daar de liefde van de ouders voor hun kind, en

van het kind voor de ouders. Of die reiziger – het kind – later een moordenaar of een heilige

zal zijn, het deert of het verblijdt de ouders niet. Ze weten niet, ze gaan op in hun

natuurdrift. Het kind groeit op en het voelt al spoedig een groot geheim, een geheim dat

daar wortelt in het duistere diep van het verleden. Dat geheim is in hun ogen en in hun

27


harten, het doortrilt hun bloed en hun levensdrift. Het stuwt hen voort, dwars door het

leven tot een psychologisch moment, tot een crisis. Dat geheim plooit zich als een gewaad

om hen heen, en het stelt zich tussen het kind en zijn ouders. Dat geheim is soms als een

muur, die sterker is dan het zelf.

Er komt een moment, dat het grote moeite kost elkaar te begrijpen en te herkennen,

want ieder mens wordt voortgedreven op een stroom, welks oorsprong stamt in dat duistere

diep van het verleden.

Jonge mensen zonder levenskeuze worden in de academische zee heen en weer geslingerd

en gekneusd en gehavend - straks ergens op een ongewild strand neergesmeten. Jonge

mensen zijn dan reeds al te spoedig oude mensen, die het juk van de gewenning op de

schouders nemen en voortsjokken daarheen, waar het lot hen drijft.

En er zijn er maar weinigen, die de moed, de kracht en het vermogen hebben om

opnieuw te beginnen. Jonge mensen, vanuit hun bloedskring op hún levensrivier voortgedreven

naar de academische zee, moeten klaar bewust, dynamisch en positief het roer

wenden in een bepaalde richting, of. . . zij moeten het roer vastzetten en zich laten drijven

waar het lot hen voert.

Jonge mensen staan voor dit dualisme: een besluit of besluiteloosheid!

Dat heeft de mystieke wetenschap altijd geweten en er haar leerlingen op gericht. Het pro

en het contra drijven ons beide tot een levenskeuze, het zijn twee innerlijke stemmen, die

28


lokken en roepen, het zijn de twee wegen, de brede weg en de smalle. De brede weg, de

weg van het contra, omdat die weg gemakkelijker te begaan is. De smalle weg, de weg van

het pro, de moeitevolle weg, want ze leidt naar boven, naar de lichtende bergspitsen.

Jonge mensen moeten nu de beide stemmen beluisteren, zij moeten Nemesis in het

gelaat staren, de hoedanigheid van pro en contra in hun eigen leven bestuderen, en aldus

hun sterke en hun zwakke zijde, hun mogelijkheden en hun tekortkomingen nauwgezet

vaststellen, een complete zelfanalyse dus, waartoe jonge mensen op een psychologisch

moment, en alle zoekende mensen van deze dag van nature worden gedrongen. En dan

moet komen de levenskeuze, het besluit, geboren uit de som van het verleden die iedere

ziel meedraagt bij zijn intrede in de tijd.

En op de basis van zulk een besluit moet het roer gewend worden in een bepaalde, vastbesloten

richting. Het gekozen doel moet worden nagejaagd met verbeten moed en alle

inspanning. Uit de som van het verleden, uit de hel van ons recente verleden, moeten jonge

mensen komen tot hun levenskeuze, en uit die som van het verleden wordt ook geboren

dat wat wij geestesgemeenschap noemen. In verglommen eeuwen hebben stemmen tot ons

gesproken, hebben ideeën ons verlicht, hebben wegwijzers ons gesteund bij het opbouwen

van ons levensactief, krachten die ons hebben geholpen om ons dichter te brengen bij het

Licht. En bij iedere nieuwe levensgang zijn die krachten opnieuw om ons en bij ons, om in

nieuwe offergave ons te steunen en te helpen op ons pad.

En nu gaat het er om, of wij die krachten van binnenuit herkennen. Zodra die herkenning

in ons wordt ontdekt, dan is er die gemeenschap, dat zich één gevoelen met een

29


idee, of een zaak, of een groep, of een mens.

En door die geestesgemeenschap wordt een brug geslagen, waarover alle hulp die een

mens maar verlangen kan, van Godswege tot ons reist. Nu begrijpen wij, dat het negatief

volgen nimmer bevrijdend kan zijn!

Er moet komen een positief volgen, dat berust op geestesgemeenschap. Wanneer Christus

dan ook spreekt: ‘Zijt mijne navolgers’, dan bedoelt hij geen kadaverdiscipline, dan

bedoelt hij het volgen op de basis van geestesgemeenschap, dan bedoelt hij geen stupide

geloven, doch een van binnenuit kennen, waar hij in het oeroude verleden ons reeds hielp

op ons pad en wij Zijn stem herkennen gaan, zoals het schaap de stem van de herder kent

en er op reageert. Op één psychologisch moment kan dat herkennen worden gevierd.

Daarom, het gaat hier om een universele levenswet: met keuze of zonder keuze! Met

keuze naar het Licht - zonder keuze naar de levensondergang! Daarom leert de waarheid,

dat Christus met ons bloedswezen verbonden is, dat niemand van hem afkomt. Wanneer

wij met hem willen gaan, dan gaat hij met ons! Wanneer wij hem niet willen of negeren,

dan breekt hij ons. Jullie staan voor de ingang van de levenspoort, jonge mensen! Geve

God, dat wij elkander mogen vinden in geestesgemeenschap onder de roos en het kruis.

30

Met God door zee!


32

Een impressie

Op zondag 29 juni 1958 was het zover!

J. van Rijckenborgh en Catharose de Petri wijdden op die dag de Noverosatempel, die is

gebouwd op een steenworp afstand van de plek waar het conferentiewerk begon. Een verslag

van een ooggetuige vertelt over dit vreugdevolle moment:

‘De Tempeldeuren gingen open en wij allen traden binnen. Dicht aaneengesloten zaten

wij daar en wachtten, met van vreugde en innige dankbaarheid kloppende harten, het

ogenblik af dat de heilige vlam, het goddelijk geschenk van de Gnosis, in de Tempel van

Noverosa ontstoken werd. En nu brandt daar de vlam! En wij allen hebben de geweldige

en heerlijke taak, haar door een liefdevolle levenshouding brandende te houden, opdat

haar stralende warmte en gouden lichtglans ontelbaren tot zegen mag zijn!’

Op de plaats waar 24 jaar lang elk jaar (met uitzondering van de oorlogsjaren) de tempeltent

had gestaan werd een tuin aangelegd, Noverosa’s Rozentuin.


Boven

Op het voorplein,

voor de wijding van de Tempel

Beneden

J. van Rijckenborgh met

E.T. Hamelink-Leene

en Catharose de Petri met

A. Hamelink tijdens

de eerste-steenlegging van de

Noverosatempel

33


Openingswoord van de

Internationale Spirituele Leiding

bij het in gebruik nemen

van de gerenoveerde Noverosatempel

op zaterdag 12 maart 2005

Het is voor ons allen een heerlijke feestelijke dag, een feestdag die wij vieren omdat wij

hier bijeen mogen zijn in deze vernieuwde Noverosatempel; een Tempel die wel vernieuwd

is, maar hetzelfde brandpunt van het Licht is gebleven, dat zij steeds is geweest.

NOVEROSA – DE TEMPEL VAN DE NIEUW GEOPENDE ROOS

Dat is het symbool dat ons wijst op de Lichtvonk die in ieder mensenkind met het hart verbonden

is. De meeste mensen weten dat niet, maar jullie is het verteld. Jullie hebben daar al

vele mooie verhalen over gehoord, vooral hier in de Tempel. Heel lang geleden is de

Lichtvonk door de Al-Vader ontstoken in het huis waarin wij nu wonen en is zij met ons

hart verbonden. Je weet, dat huis noemen wij de microkosmos, onze kleine wereld waarin

wij wonen en leven.

Wij noemen de Lichtvonk die midden in ons microkosmische huis nog altijd aanwezig is de

roos. Anderen die hier ook van hebben geweten, spreken van de heilige bloem, of van de

lotos, of van de eeuwige graankorrel, of van de monade.

‘Monade’, of ‘het Ene’, betekent beginsel. We duiden daarmee aan de kern van het oor-

35


spronkelijke leven dat de Al-Vader aan iedere mens, aan iedere microkosmos, heeft meegegeven.

Dat kernbeginsel, dat wij de roos noemen, is het zaadatoom, is eigenlijk onze ware ziel,

waaruit de eeuwige goddelijke mens opnieuw geboren kan worden. Dat is ook het grote

doel in ons leven. Daarom wordt dit beginsel – wanneer het zich als een bloem opent – de

roos genoemd, de heilige bloem van ons hart.

Welnu, jonge vrienden, dit Licht van de godsvonk straalt ook hier in deze Tempel, het is

verbonden met deze Tempel. Daarom kunnen deze beide Lichten elkaar hier ontmoeten

en herkennen.

Zevenenveertig jaar geleden, in 1958 waren wij hier ook bijeen met alle jeugdleden, jeugdleiders

en ouderen van toen. Toen werd deze Noverosatempel gewijd aan het Licht en in

haar dienst in gebruik genomen.

Toen werd het Licht ontstoken.

En sindsdien zijn tijdens al die zevenenveertig jaren hier in deze Tempel duizenden

jeugdleden op de jeugdconferenties geweest. Zij zijn in hun hart door dat Licht aangeraakt.

Al die duizenden jeugdleden van het Rozenkruis hebben Noverosa nooit meer

kunnen vergeten. Zij zullen in hun gedachten zeker nog van tijd tot tijd de roep van de

twee Noverosatempelklokken horen. Zij weten van de Lichtvonk in hun hart.

Zij herinneren zich de roep die toen, als van heel ver, in de Noverosatempel in hun hart

opklonk. En overal waar jeugdleden van het Rozenkruis zijn, weten zij van de

36


Noverosatempel. Niet alleen in Nederland, Duitsland, Frankrijk en Spanje bijvoorbeeld,

maar ook in Afrika, Brazilië, en andere landen hier heel ver vandaan. Zij konden dan wel

nooit in deze Tempel zijn, omdat zij zo ver weg wonen, maar ook zij horen de mooie

verhalen en diensten die wij hier horen vertellen. En zij hebben ook de Noverosavlag met

in het midden de roos. Daarom is de Noverosatempel het Brandpunt van de Jeugd van

het Rozenkruis overal in de wereld.

Vijftig jaar geleden, voordat de Noverosatempel er was, gingen wij als jeugd van het

Rozenkruis van die tijd naar het jeugdkamp van het rozenkruis, waar wij in de

Tempeltent over de Lichtvonk in onze microkosmos hoorden.

Wij gingen niet naar Noverosa, maar naar ‘De Haere’. Want het werd toen nog niet

Noverosa genoemd.

Deze omgeving rónd ons conferentieoord wordt namelijk ‘De Haere’ genoemd. Wat betekent

‘De Haere’? Het betekent onder andere een droge steen en een zandachtige streek,

waar de wind overheen waait. Maar een andere betekenis van het woord ‘haere’ is heilig

bos, of heilig woud.

Nu willen wij niet zeggen dat de bossen hier heilige bossen zouden zijn. Misschien was

dat zo voor mensen die hier heel, heel lang geleden woonden. Maar toch kunnen we zeggen

dat er hier op ‘De Haere’ een bijzondere plaats is ontstaan, namelijk een brandpunt

van het Licht. Met in het middelpunt de Noverosatempel. Een brandpunt als middelpunt

voor de jeugd van het Rozenkruis, waar de vlam van de Gnosis brandt, zoals ook onze

Lichtvonk kan vlammen, opvlammen tot een gouden wonderbloem.

Sindsdien gingen wij, als jeugdleden van toen, in 1958 niet meer naar ‘De Haere’, maar

37


naar Noverosa, naar die bijzondere plaats voor ons op ‘De Haere’. En de Rozentuin

herinnert ons aan de tijd voordat de Tempel er was, want daar stond toen de Tempeltent.

Maar vandaag is er in ons werk hier weer een nieuwe periode aangebroken, speciaal voor

Noverosa met haar vernieuwde Tempel, waarin — zo hopen en bidden wij — nog vele

duizenden jeugdleden hun tempelfeest zullen mogen vieren en het Licht verder zullen

dragen in en door hun gehele leven.

Mogen wij allen staan in de fundamentele jeugd der verandering en de jeugd der

vernieuwing. Moge de gouden wonderbloem ons kruis der vernieuwing stralend sieren.

38


40

Enkele fragmenten uit

een D-weekeinde, waarin

de D-groep zelf meehielp

de diensten te schrijven

Wat bouwen wij met elkaar?

Wat kunnen wij van elkaar leren?

We praten altijd over vernieuwing:

Wat moeten wij vernieuwen?

Gebeurt dat vanzelf?

De jonge leerlingen en de leerlingen als levende bouwstenen

Het zou erg makkelijk zijn om in een dienst even op de bovenstaande vragen een

antwoord te geven en er een mooi verhaaltje van te maken. Helaas, of misschien juist

gelukkig, ligt het niet zo simpel.

Ik zit nu bijna een jaar in de D-groep en wat mij tot nu toe het meeste is opgevallen is de

groepseenheid. Iedere keer als mijn screensaver aanspringt en de foto’s van de D-week in

een slideshow voorbij komen over mijn beeldscherm, krijg ik weer een lach op m’n

gezicht. O, wat was de D-week leuk! Het is grappig om er met anderen aan terug te denken:

je blijft maar herhalen hoe leuk het was, maar het echt onder woorden brengen is

voor beiden te moeilijk. Toch merk je dat je elkaar begrijpt, dat je hetzelfde hebt ervaren


De eerste steen van de Noverosatempel,

op 3 november 1957 ingemetseld

achter de plaats van dienst

41


en ervan hebt genoten! En dit voorbeeld laat gelijk zien wat wij bouwen als groep, als

eenheid. Het bouwwerk dat wij maken met elkaar is niet zo makkelijk te beschrijven.

Ik kwam toen ik net terug was van de D-week ’s avonds een vriendin tegen van school. Ik

had haar verteld dat ik op een soort ‘zomerkamp van mijn geloof’ ging en ze vroeg meteen

hoe het was geweest. Terwijl ik vertelde van de leuke dingen die we met elkaar

gedaan hadden, had ik steeds het gevoel dat ik haar niet alles vertelde. Iets waarvoor ik

geen woorden had, bleef steken in m’n keel. Juist dat was de essentie van de D-week.

Maar ik wist niet hoe ik het moest uitleggen. Ik besefte opeens dat zij dat gevoel helemaal

niet kent, dat zij nog nooit zoiets heeft meegemaakt als wat wij iedere zomer weer

opnieuw mogen beleven. En toen werd ik zo blij, zo ontzettend gelukkig dat ik samen

met al die andere D-groepers dat wél mag! Dat wij mee mogen bouwen aan het grote

bouwwerk van de school. Dat wij hier in deze Tempel met elkaar bijeen

zijn is zo bijzonder!

42


Uit een dienst tijdens datzelfde weekeinde

Dit is het punt waarop jullie staan, geen onbevangen kind meer maar zeker ook nog geen

vastgeroeste volwassene. En vastgeroest, dat hoeven jullie ook niet te worden, dat proberen

we allemaal niet te zijn. Openheid, werkelijke openheid, dat is waartoe we iedere mens zouden

willen oproepen.

Dan ontdek je iedere dag nieuwe dingen in het leven, hoe je zelf denkt en doet, de wereld

om je heen en ook de schoonheid van het leven. Dan kun je je laten verbazen, dan merk je

dat er nooit maar één manier is om naar de dingen te kijken. En weet je, die verbazing, die

openheid, dat maakt je leven zinvol. Omdat je dan de waarde in kunt schatten. De waarde

van de schat die jouw leven is. Juist omdat je bent geboren in jouw microkosmos met de

mogelijkheden die jij hebt. Jij maakt jouw eigen leven zinvol.

Ieder mens is uniek, geen mens is met een ander te vergelijken. Dat is nou zo leuk van mensen,

dat we allemaal verschillend zijn en denken en zelfs doen, ook al hebben we tegelijk

nog zoveel met elkaar gemeen. Dus ondanks de overeenkomsten blijven er altijd verschillen.

Ook al zijn we allemaal jeugdlid of leerling en dus vrienden van elkaar, toch kunnen we iets

wat we op hetzelfde moment meemaken anders ervaren. En tegelijkertijd beseffen we dat

het maar onze persoonlijke ervaring is, slechts een klein stukje, dat daarachter of eromheen

of hoe dan ook er een geheel is dat een en hetzelfde is, dat onveranderlijk is en niet op meerdere

manieren te interpreteren. Dat wat we waarheid noemen, eenheid, liefde.

43


En weet je, zelfs die roep ervaren jullie verschillend. Maar daarom is het bij de een niet

minder dan bij de ander, is de een die zijn gevoelens zo goed onder woorden kan brengen

niet beter of verder of wat dan ook dan de ander die twijfelt en weifelt. Welnee, juist al die

stemmen bij elkaar maken onze groep dynamisch, levend, sprankelend en nooit saai.

Daaruit kun je energie halen, mede je gerichtheid bepalen. Bewustwording, dat is ook

gewoon hard werken, zei één van jullie. En hij vergeleek het met een grote schoonmaak.

Als je eet, neem je voedingsstoffen op, je lichaam gaat met die voedingsstoffen aan de slag.

Zo filtert de lever de stoffen die je binnenkrijgt. Eten is het leveren van energie aan het

stoffelijk lichaam dus. En zo levert de lichtkracht ook energie. Misschien dat je lichaam

deze lichtenergie ook min of meer probeert om te zetten. Dat de lever de lichtkracht filtert

door het bloed te reinigen tot je een nieuw begin maakt, tot de gnostieke kracht je

astrale lichaam is binnengebroken. Omdat je lever bestemd is om juist astrale radiaties op

te nemen. Het is een soort schakel. Dan wordt de lichtkracht door je lever vastgehouden,

en werkt ze mee. Dan is er balans in je leven, dan is Noverosa er altijd, in jezelf.

45


Gedenksteen ter herinnering aan

onze grootmeester J. van Rijckenborgh,

geplaatst in de Rozentuin van Noverosa op 17 juli 1970

46

Op de vier zijden van de gedenksteen staan de teksten gegraveerd die hiernaast zijn weergegeven


Kennis – Liefde – Daad

De Drie verheven attributen

van den Christus

De Liefde die Redding zijt —

De Kennis des Lichts

die geopenbaard is —

De Daad,

die voert langs de rijzende Zuilengang

tot in de

Poort des Eeuwigen Levens

J. van Rijckenborgh

More magazines by this user
Similar magazines