prachtig beeld - Wij van PS

wijvanps.nl

prachtig beeld - Wij van PS

HûS fan fryslân


HûS fan fryslân


It lân it lân

Ik dream dy yn streamend ljocht fan slinken,

Blinkend leechlân yn leafdesgers en ieuwen

Winkend reid dat rûzet, in wetterfaam

Yn glinsterringen en fyn kristal allyk.

Yn har glimkjende eagen rint in do –

Dyn trinten iepen ik – op in treffen fan

Waarmhertige hanne en eagen ta

Dy’t sprekke: Jins dreamen no, jins skiednis skielk.

tjêbbe hettinga

fan fryslân


Inhoud: 00 Voorwoord

CdK p6, 01

Proloog p10, 02 HûS fan

Fryslân p12, bewoner 01 Lolke

Pruiksma p22, 03 Ontwerpfase

p26, bewoner 02 Alice van Unen

p36, fotodagboek sloop p40,

04 bouwfase p44, bewoner 03

Wieger van der Bij p54, 05

blauwdrukken p58, bewoner

04 Jacqueline Fahner p68, fotodagboek

opbouw p72, 06 elementen bouw p76, bewoner

05 Irona Groeneveld p86, fotodagboek afbouw

p90, 07 kantoorconcept p94, bewoner 06 Marcel

Visser p106, 08 provincie & samenleving p110,

veel geziene gast 07 Andries Bakker p118, fotodagboek

exterieur p122, 09 Epiloog p126,

fotodagboek laatste loodjes p131 Colofon/sponsors

p134, DVD de bouw

van het HûS fan fryslân

p138

5


00 voorwoord

Zichtbare

democratie

‘Kun je ergens thuis komen waar

je nooit bent geweest?’

John Jorritsma

Voor veel Friezen is het Provinsjehûs aan de Tweebaks-

markt in Leeuwarden een begrip. Voor mij is het nieuw. Mijn werkplek

was vanaf dag 1 in mei 2008 in het voormalige postverdeelcentrum naast de C1000

aan het spoor naar Harlingen. Op zich is dit een prima gebouw en een prima kantoor, maar

niet voor een organisatie die zichtbaar wil zijn in de Fryske Mienskip.

De democratie moet je niet verstoppen, die moet je zichtbaar maken. Vandaar dat ik met een

trots gevoel kijk naar die torentjes op het nieuwe Provinsjehûs, die al vanuit de verte zichtbaar

zijn. De provincie is nu echt aanwezig in het hart van de Friese hoofdstad. Dat verplicht

ons om er ook voor te zorgen dat we op andere terreinen ook zichtbaar zijn in de Friese

samenleving.

Architect Sjoerd Soeters heeft het nieuwe Provinsjehûs ontworpen vanuit een duidelijk visie.

Zijn leidende thema was: ‘Let the variety of each be dominated by the harmony of the whole’.

In het altijd kortere en krachtiger Fries is dit op te vatten als: Mei-inoar ien. Samen zijn we

één. g

7


In het uiterlijk van het gebouw is dit thema goed te herkennen. Ook het nieuwe Provinsje-

hûs is opgebouwd uit een veelheid aan afzonderlijke gebouwen, die samen één geheel vor-

men. Oud en nieuw, historisch en modern, het sluit uitstekend op elkaar aan.

Bovendien zitten Provinciale Staten, Gedeputeerde Staten en de ambtelijke organisatie in één

gebouw. Er is geen duidelijke fysieke afstand tussen de uitvoerende en de controlerende

macht, zoals die er bijvoorbeeld op landelijke schaal in Den Haag wel is. In Fryslân stralen we

uit: ‘We klaren deze klus samen’. In de bij de voordeur aangebrachte woorden van dichter

Tsjêbbe Hettinga: ‘Jins dreamen no, jins skiednis skielk’.

De volgende opdracht die we hebben, is om ervoor te zorgen dat iedere Fries zich thuis

voelt in het nieuwe Provinsjehûs. Architect Soeters verbeeldt de transparantie onder meer

door een publiek toegankelijke straat door het Provinsjehûs te laten lopen en binnen veel

glas te gebruiken.

Maar het is ook een kwestie van mentaliteit van de organisatie. Voorafgaand aan de Bedrijven-

contactdagen van 2011 hebben we een enquête laten uitvoeren: hoe kijken bedrijven tegen

de provincie als organisatie aan? De uitkomst was duidelijk, er is in ondernemersland nog

een wereld te winnen voor de provincie. Zo zijn er ook voor andere groepen uit de Friese

samenleving nog slagen te maken voordat we de rol van open en klantvriendelijke over-

heid hebben die we voor onszelf graag zien weggelegd.

Het nieuwe Provinsjehûs is daarom een uitstekende aanleiding voor ons om het thema

‘Mei-inoar ien’ als opdracht op te vatten. Als provincie moeten we laten zien dat we niet

alleen in het stadsbeeld zichtbaar zijn, maar dat we ook anderszins herkenbaar deel uitmaken

van de Fryske Mienskip. We zitten niet aan een zijspoor, we zitten in het hart van de

samenleving.

Iedere Fries, ieder bedrijf, iedere instelling moet zijn weg naar het Provinsjehûs weten te

vinden. Wie er binnenstapt, moet hetzelfde gevoel hebben als ik had toen ik voor het eerst

over de drempel kwam van het Provinsjehûs: hier voel ik me thuis, ook al ben ik er nooit

eerder geweest. Dit is ons Hûs fan Fryslân.

John Jorritsma

Commissaris van de Koninginrnare dui.

9


01 proloog

In het hart

1997 eerste signalen dat het provinciehuis niet meer voldoet

Het nieuwe provinciehuis staat. Tweeënhalf jaar lang is hard gewerkt aan het

‘HûS fan Fryslân’. Tijdens de bouw was de blik gericht op een mooi eindresultaat.

En dat is het geworden: een prachtig gerestaureerd historisch deel én een

moderne kantoortoren.

links Het provinciehuis in 2009, vlak voordat de sloop begint rechts hier nog bijschrift?

december 2000 kostenoverzicht verschillende varianten: 81-165 miljoen gulden

De bouwput is inmiddels vergeten. Het water in de kelder

weg. Het bereiken van het hoogste punt geschiedenis.

De geur van de nieuwe inrichting vervlogen. Dat

maakt het boeiend om nog even terug te blikken. In dit

boek wordt het proces van ontwerpen en bouwen getoond.

In woord en beeld, van begin tot eind. Meteen valt op

hoeveel werk is verzet. In de fotospreads is het enorme bouwtempo te zien. De bouwers

vertellen over de hoogtepunten en tegenvallers. Architecten laten zien waarom het gebouw

eruit ziet zoals het eruit ziet. Aan de buitenkant en aan de binnenkant. Ook wordt duidelijk

waarom de historische locatie zo belangrijk is, en wordt de bestuurlijke toekomst aangestipt.

Een modern en functioneel gebouw, dat voor de gebruikers goed voelt. Dat was het plan

en dat is het geworden. En een ieder beleeft het Hûs op zijn eigen manier, zo blijkt uit de

zeven portretten van medewerkers. Statenlid Irona Groeneveld verwoordt het op een bijzonder

manier: ‘Dit is onze plek, die mij in het hart raakt.’

11


02 HûS fan Fryslân

430 jaar

provinciehuis

januari 2001 onderzoek naar drietal scenario’s voor nieuw provinciehuis > Werpsterhoek wordt genoemd als optie

Het dagelijks provinciaal bestuur komt al meer dan vier-

honderd jaar aan de Tweebaksmarkt bij elkaar om te

vergaderen. Eerst het collegie, toen het gouvernement en vervolgens Gedeputeerde

Staten. De namen voor de bestuurders veranderden in de loop der tijd, maar

allemaal gingen ze hier naartoe om Fryslân te dienen. Ze traden de bestuurswereld binnen

door de smalle ingang met het wapen er boven. De deur, die nog steeds de oudste

gevel siert, sloot achter hen.

De provincie wil in deze tijd deze werelden meer met elkaar verbinden. Zij wil meer

naar buiten treden en zichtbaarder zijn voor de burgers. Een wens die past bij de heersende

open bestuurscultuur. Het nieuwe provinciehuis is dan ook gebouwd als een

open en toegankelijk modern bestuurscentrum. Het gebouw laat aan de buitenkant zien

wat er binnen gebeurt. De entree is ruim en laagdrempelig. Burgers kunnen via een

wandelroute van de Heerestraat naar de Tweebaksmarkt een kijkje nemen in het hart

van het provinciale bestuur.

links De nieuwe entree

rechts Het gebouw

van het college van

Gedeputeerde Staten

voor 1784

13


18 december 2002 Provinciale Staten kiezen voor nieuwbouw op de huidige locatie, waarbij de historische oudbouw in stand blijft

Friese staten erkennen Amerika

De Friese Staten erkennen in 1782 als eerste

in Nederland de onafhankelijkheid van de

Amerikaanse Staten. Dit initiatief wordt in

Amerika van grote betekenis geacht in de

geschiedenis, omdat het de jonge republiek de

mogelijkheid gaf om leningen te sluiten met

Amsterdamse bankiers. In 1909 schenkt The

Witt Historical Society of Tomkins County een

bronzen gedenkplaat aan Friesland als herinnering.

De koffiekamer en de gedeputeerdenzaal

Een van de meest oorspronkelijke vertrekken is

de koffiekamer, op de eerste etage van het Renaissancehuis

in de Korfmakersstraat. De kamer, die

gebruikt wordt voor vergaderingen en recepties,

is helemaal in oude stijl gebleven. Bijzonder zijn

onder meer de eikenhouten betimmering en de

gebrandschilderde ramen.

De gedeputeerdenzaal aan de Tweebaksmarktzijde

is in 1784 gebouwd en heeft kenmerken van de

zogenaamde Lodewijk XVI-stijl. Het stucplafond is

rijk gedecoreerd met attributen die verwijzen naar

de provincie en het bestuur. Een schilderij aan het

schoorsteenstuk verbeeldt het bezoek van Koningin

Sheba aan Salomo en wordt toegeschreven aan

Gerard de Lairesse. De kamer heeft dubbele

deuren, afluisteren is dus niet mogelijk.

Statenzaal

De Statenzaal heeft in de nieuwbouw een

prominentere plek gekregen dan in de oudbouw.

De neogotische Statenzaal ademt Friese

geschiedenis en symboliek. Vanaf de vrij toegankelijke

binnenplaats is de Statenzaal beter

zichtbaar gemaakt. De acht meter hoge ruimte

uit 1891-1894 is rijk versierd met spitsvensters,

met gebrandschilderde glazen, beeldhouwwerk

en schilderingen. In de schilderingen zijn

onder meer de wapens van de elf steden, dertig

grietenijen en drie kwartieren te zien. Een van

de taferelen op de noordelijke wand beeldt de

edelman Gemme van Burmania uit, die bij de

eedaflegging voor Filips II weigert te knielen.

Hij zou de volgende woorden hebben gesproken:

Wy Friezen knibbelje allinne foar God.’ Onder

de bogen van het balkon staan de Friese

spreekwoorden Wierhiet boppe al, Dy folle

praet, moat folle wier meitsje en It is mei

sizzen net to dwaen.

De provinciale taken vroeger en nu

Het woord provincie komt van het Latijnse

woord ‘provincia’, dat wingewest betekent.

Tegenwoordig wordt er geen overwonnen gebied

mee bedoeld, maar een deelgebied van een

land met een eigen overheid.

Friesland is net als de andere gewesten onder

de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden

(1588-1795) erg zelfstandig. De andere zes

‘Nederlanden’ zijn Holland, Zeeland, Utrecht,

Overijssel, Gelderland en Groningen. De meeste

hiervan groeien later uit tot de huidige provincies.

De gewesten functioneren als zelfstandige

staatjes met ieder hun eigen bestuur. Alleen op

het gebied van buitenlandse zaken en defensie

beslissen de Staten Generaal. Dat is het feitelijke

bestuur van de republiek en wordt gevormd

door vertegenwoordigers van alle gewesten.

De macht van de gewesten en dus ook van

Friesland wordt sterk ingeperkt als Nederland

na de Franse overheersing in 1814 een koninkrijk

wordt. g

links Commissaris van de Koningin H.P. Linthorst

Homan in zijn werkkamer in 1955 midden De gedeputeerdenzaal

in 1985 rechts De tribune van de

Statenzaal werd in de jaren tachtig ook al uitgebreid

15


november 2003 plannen voor een 84 miljoen euro kostend provinciehuis lopen spaak > plan gaat van tafel

Nederland wordt een gedecentraliseerde eenheidsstaat.

Den Haag krijgt het vooral voor het

zeggen en de bevoegdheden van de provincies

worden nauw begrensd om te voorkomen dat

ze te veel macht krijgen.

Toch blijft de gewestelijke identiteit in Friesland

sterk. Dat heeft vooral te maken met de lange

eigen politieke en culturele traditie.

De taken van de provincies worden in de grond-

wetten in 1814 en 1848 vastgelegd. De provinciewet

uit 1850 die er uit voortvloeit, houdt

vooral democratisering in. De provinciale staten

moe-sten bijvoorbeeld voortaan openbaar

vergaderen. De vanouds bestaande waterstaatstaak

en toezicht op gemeenten en waterschappen

worden benoemd, maar verder worden

geen andere taken duidelijk vastgelegd.

Het rijk zorgt er met wetgeving voor dat de provinciale

macht niet te groot wordt. Zo moet op

links De ingang van het provinciehuis in

1981 midden Tekening in vogelvluchtperspectief

van de Tweebaksmarkt door

Pieter Bast in 1603 rechts De sierlijke

gevels aan de Korfmakersstraat

alle provinciale verordeningen een Koninklijke

goedkeuring worden verleend.

Het provinciale bestuur ontwikkelt zich des-

ondanks en richt haar aandacht op terreinen

als elektriciteitsvoorziening (zoals het Provin-

ciaal Elektriciteits Bedrijf PEB), watervoorziening

en geestelijke gezondheidszorg. Na de

Tweede Wereldoorlog krijgt de provincie een

nog grotere betekenis, ook wettelijk. De provinciewet

van 1962 zorgt voor een sterke uitbreiding

van taken. Het coördineren, stimuleren en

subsidiëren van anderen, het toezicht houden

op gemeenten op het gebied van ruimtelijke

ordening, milieu en gezondheidszorg zijn het

meest belangrijk. Daarnaast richt de provincie

zich op taal en cultuur.

17 december 2003 PS besluit tot een sober nieuwbouwmodel

Behoud van historische bouw

Het nieuwe sluit echter het oude niet uit. Fryslân koestert haar verleden en de historische

plek waarop het provinciehuis is gegroeid. De historische oudbouw en de plek

zijn zo belangrijk voor Fryslân, dat opties om nieuw te bouwen aan de rand van de stad

of binnenstad worden afgewezen. Ook al zijn deze opties goedkoper dan verbouw op

de huidige locatie. In 2002 besluiten Provinciale Staten tot nieuwbouw op de huidige

plaats, met behoud van de historische oudbouw.

In de zestiende eeuw schitterde het oudste deel van het provinciehuis hier al. Tijdens

de Reformatie in 1580 hadden de bestuurders het van de stadhouder gekregen, toen

de calvinisten de macht van de katholieken overnamen. Zij hadden het bisschoppelijk

paleisje van bisschop Cunerus Petri geconfisqueerd, dat daarvoor woonhuis was van de

overste van het Barraconvent in Bergum.

De Friese Staten konden hier vanwege ruimtegebrek niet bij elkaar komen, maar vergaderden

verderop in de straat. In het in 1594 gebouwde Landschapshuis, naast de Kanselarij,

waar ook het Hof van Friesland zetelde. De staten waren gevolmachtigden van de

17


2 november 2004 zeven architecten presenteren hun ideeën, na een selectie uit 17 inschrijvingen

Tweebaksmarkt: markt voor beschuiten

Het provinciehuis staat aan de Tweebaksmarkt,

die samen met de Turfmarkt en Druifstreek

voor het oog eigenlijk één straat vormen. Ze

lopen ongemerkt in elkaar over. De straten-

reeks heette in de zestiende eeuw Nieuwe

Markt. De Turfmarkt, het meest zuidelijke

stuk, was eeuwenlang de plek waar turf werd

verhandeld. In de zestiende en zeventiende

eeuw werden aan de Tweebaksmarkt beschuiten

verhandeld.

Beschuiten heetten ook wel zwieback of tweebak,

omdat ze twee keer gebakken zijn. De

schepen met beschuit aan boord voeren door

de grachten en meerden hier aan.

In 1876 stelde stadsarchivaris Wopke Eekhoff

voor om de naam Tweebaksmarkt te vervan-

links Het provinciehuis

na de verbouwing

van 1790 midden

De demping van de

Tweebaksmarkt in

1894 rechts Het provinciehuis

in de jaren

tachtig

gen door Heerengracht. Er werd toen al twee

eeuwen geen beschuit meer verkocht. Eekhoffs

voorstel werd afgewezen. Wel werd een ander

deel midden negentiende eeuw hernoemd in

Druifstreek: naar de brouwerij De Druif op de

hoek met de Keizersgracht. De gracht van de

Tweebaksmarkt werd in 1894 gedempt toen

deze overbodig geworden was voor de scheepvaart.

Door de aanwezigheid van bestuurlijke instellingen

groeide in de loop van de eeuwen het aantal

voorname woonhuizen in de straat en omgeving.

Op deze statigheid van de straat is met de herinrichting

van de straat eind 2011 meer nadruk

gekomen.

23 november 2004 toekenning opdracht aan Soeters Van Eldonk

kwartieren Oostergo, Westergo en de Zevenwouden. Later kwam daar na veel strijd het

kwartier van de Elf Steden bij.

Toen in 1891 werd besloten dat er een nieuw gebouw voor de Friese Staten moest komen,

werden kosten noch moeite gespaard. ‘Laten deze muren getuigen van Frieslands

kracht en ontwikkeling’, zei de Commissaris der Koningin mr. B.P. baron van Harinxma

thoe Slooten in zijn openingsrede tijdens de eerste Statenvergadering op 3 maart 1896.

De Statenzaal met al haar pracht en praal is in de huidige nieuwbouw opgenomen.

Uitbreiding

Tegelijk met de taken van de provincie, breidt het provinciehuis zelf ook uit. Aan weers-

zijden van het oude paleis worden door de eeuwen heen panden aangekocht en ver-

bouwd. Eind achttiende eeuw ontstaat één geheel in de gebouwen van het ‘Kollegie

der Gedeputeerde Staten’ en komt er onder andere een verdieping op het bestaande

pand.

19


maart 2005 GS-besluit vaststelling taakstellend budget 61,4 miljoen euro

Op zijn elf en dertigst

De Friese Staten vormen de basis voor de uitdrukking

Op zijn elf en dertigst, wat betekent

dat het langzaam gaat. De afgevaardigden van

de elf Friese steden en dertig grietenijen vergaderden

blijkbaar nogal lang en traag. Toch

zou de uitdrukking in het begin van de zeventiende

eeuw juist een positieve klank hebben

gehad en betekende het: ‘zo als ‘t hoort, netjes.’

links De gevel aan de Tweebaksmarkt voor de verbouw van 1980-

1985 midden Aanbieding eerste kievitsei aan premier Lubbers en

Commissaris van de Koningin Wiegel in 1988 rechts De hal voor

2007

Van Friesland naar Fryslân

De provincie Friesland heet sinds 1 januari 1997

officieel Fryslân. Aanleiding voor de naamsverandering

is de Friese taal en het willen

uitdragen van een consequente houding hierin.

Twaalf jaar eerder hadden Provinciale Staten al

besloten dat de naam gewijzigd moest kunnen

worden. Daarvoor was een wetswijziging nodig

die in Den Haag aangevraagd moest worden.

Het voorstel werd op 24 april 1985 door

Provinciale Staten aangenomen.

22 juni 2005 Statenbesluit taakstellend budget 61,4 miljoen

Een sierlijke uitbreiding volgt in de Korfmakersstraat in de negentiende eeuw. Een nieuwe

vleugel aan de Heerestraat ontstaat als in 1966 enkele panden worden aangekocht. In 1970

kan dit deel onder andere in gebruik worden genomen als kantine op de bovenste verdieping.

Tussen 1980 en 1985 wordt door afbraak en nieuwbouw het oppervlak van het provincie-

huis verdubbeld. Sindsdien beslaat het provinciehuis het hele blok Heerestraat, Oosterstraat,

Tweebaksmarkt en Korfmakerstraat. Enkele herenhuizen worden gesloopt, maar

de voormalige openbare leeszaal aan de Tweebaksmarkt wordt in de nieuwbouw in-

gevlochten. In de huidige nieuwbouw van Sjoerd Soeters is dat opnieuw gedaan. De

architect en het bestuur vinden dat de nieuwbouw goed moet passen in het historische

centrum van Leeuwarden.

De 45 meter hoge toren vormt de bekroning van het gebouw. Het is een nieuw landmark

in de stad, het trotse topstuk van een provinciehuis dat midden in de samen-

leving staat.

21


maart 2006 selectie ontwerpteam oktober afgerond

2008 1 inschrijving op aanbesteding Bouwurk

‘Deze klus

nog afmaken

en dan met

pensioen’

Lolke Pruiksma

23


Lolke Pruiksma maakte als

opzichter werktuigbouw en elektrotechniek

meerdere ingrijpende

verbouwingen van de provincie

Fryslân mee. Apetrots is hij op het

laatste topstuk, waar hij zelfs zijn

pensioen voor uitstelde.

oktober 2008 1 inschrijving op aanbesteding Bouwurk

januari 2007 gemeenteraad Leeuwarden gaat akkoord met ver/nieuwbouw > windturbines op dak worden afgewezen

‘In 1977 kwam ik als ambtenaar

bruggen en sluizen

in dienst van provinciale

waterstaat en een paar

jaar later was ik monteur

onderhoud van het provinciehuis.

Daarna werd ik

opzichter werktuigbouwkundige

en elektrotechnische

installaties. Toezicht

houden op de aanleg/

uitbreiding van centrale

verwarmingsinstal-

laties, vervangen van regel-

en elektrotechnische installaties

en aanbrengen van

nieuwe luchtbehandelingsystemen

waren mijn

belangrijkste taken.

Ik heb meerdere grote

verbouwingen meegemaakt.

De verbouw in 1982, de

verbouw van het witte en

het hege hûs en de tijdelijke

huisvesting aan de

Snekertrekweg. Maar ook

de verbouw van het Fries

Museum, Tresoar en het

Wetterskip Fryslân vielen

onder toezicht van de

provincie.

Maar het grootse project

is toch wel deze ver/

nieuwbouw. Mijn collega

van bouwtoezicht vroeg

een paar jaar geleden:

,,Ga je nog één keer mee

bouwen?” Ik wilde dat

graag, maar hij zei er wel

bij: ,,dan moet je het wel

afmaken.” Daarom ga ik

later met pensioen, op mijn

64ste op 1 mei 2012.

Ik heb een magnifieke tijd

gehad, en nu is het ook

wel klaar. Ik kijk ernaar

uit om meer tijd met mijn

vrouw door te brengen.

In dertig jaar tijd is er veel

veranderd. Vroeger was ik

eigenlijk 24 uur per dag,

zeven dagen per week beschikbaar.

Alleen wanneer

ik naar huis reed was ik

niet bereikbaar, want mobiele

telefoons bestonden

toen nog niet. Als er een

storing in een ketel was,

ging ik vanuit Winsum

naar Leeuwarden om te

kijken wat er aan de hand

was. Vaak liep ik dan door

de duistere gangen met

alleen noodverlichting als

oriëntatie. Tegenwoordig

komt dat niet meer voor,

via de computersystemen

kan ik meteen zien waar

de storing zit en die vaak

ook meteen oplossen.

De techniek heeft de laatste jaren

een enorme vlucht genomen

en dat vind ik mooi om mee te

maken. Werd vroeger de centrale

verwarming op kolen gestookt,

later was dat olie en gas en in het

nieuwe provinciehuis zelfs met

aardwarmte.

Ook is er een compleet data-

netwerk aangebracht toen de

computer zijn intrede deed.

De apparatuur voor de dataopslag

produceerde nogal wat warmte,

waarvoor koelinstallaties nodig

waren. Het vorige provinciehuis

was geschikt voor carbonpapier

en typemachines, hierop was het

ventilatie- en koelsysteem destijds

berekend. Nu is dat ondenkbaar.

Het is trouwens lastig om het goed

te doen voor de medewerkers qua

ventilatie en warmte.

De één vindt het te koud, de ander

te warm of tochtig. Soms merkte

ik dat wat aandacht en een luisterend

oor al hielp. Mensen moeten

nu eenmaal wennen aan nieuwe

zaken. Uit de nieuwe ventilatiesystemen

komt gefilterde lucht,

die schoner is dan de buitenlucht.

Toch hebben mensen de neiging

om het raam open te willen zetten.

Het huidige provinciehuis heb ik

de afgelopen jaren zien groeien

van de fundering tot het dak. Ik

heb er veel energie in gestoken

en het is een topstuk geworden.’

25


januari 2007 provinciemedewerkers krijgen tijdelijk onderkomen in het voormalige PTT-gebouw aan de Snekertrekweg

03 ontwerpfase

Architect Sjoerd

Soeters:

‘Er moet continuïteit bestaan tussen

verleden, heden en toekomst’

links Architect Sjoerd Soeters op de binnenplaats voor de Statenzaal midden Oud en

nieuw naast elkaar rechts Het gebouw staat niet in één strakke lijn

Onze behoeftes zijn de afgelopen eeuwen niet wezenlijk

veranderd, zo is de visie van architect Sjoerd Soeters. Hij

ontwierp heel bewust een provinciehuis dat onderdeel is

van de stadse bebouwing. ‘Geen bastion dat de stad domi-

neert, maar juist integreert in de stad.’ Het gewone is een wezenlijk

uitgangspunt voor Soeters’ ontwerpproces. ‘Dat is volgens mij typisch voor Fryslân: het

gewone in al haar schoonheid. Dat inspireert me. Het past ook bij de mentaliteit’, aldus

Soeters, die samen met Jos van Eldonk eigenaar is van het architectenbureau Soeters Van

Eldonk in Amsterdam. Fryslân kent hij uit zijn jeugd. ‘Ik ben geboren in Nes op Ameland. Als

ik die huisjes in het dorp nu zie, is dat van een eenvoudige bijzondere schoonheid. Ik heb

geprobeerd die Friese mentaliteit in het ontwerp terug te laten komen. En dus geen arrogant

provinciehuis dat als bastion de stad domineert, zoals je dat elders wel ziet.’

Integratie in het stedelijk weefsel betekent volgens Soeters dat je het gevoel hebt dat het

gebouw bij de stad hoort. ‘Contained space noemen we dat in jargon. Het omvat de ruimte.’

Een van de aspecten om dat effect te bereiken zijn de geknikte rooilijnen. ‘Vooral als je door

de Heerestraat loopt, is dat duidelijk zichtbaar. Het gebouw staat niet in één strakke lange

27


februari 2007 start eerste aanbestedingsronde

Programma van eisen voor de inrichting

‘Het gebouw moet van entree tot de achterste

kamer goed aanvoelen en een inspirerende en

prettige werkomgeving zijn.’ Dat is de belangrijkste

samenvattende voorwaarde die wordt

genoemd in het programma van eisen voor

de inrichting.

Het programma van eisen werd samengesteld

op basis van onderzoeken naar inrichting bij

andere organisaties en brainstormen en interviews

met medewerkers, interne deskundigen

en leidinggevenden.

Het interieur moet een spiegel zijn van de

cultuur die de provincie Fryslân heeft en wil

uitstralen: een transparante, samenwerkingsgerichte,

levendige en flexibele organisatie.

links en midden Schetsen van het interieurontwerp

van OTH rechts De toren past volgens Soeters goed in

het Leeuwarder dakenlandschap

Deze elementen moesten dus terug te vinden

zijn in kleur- en materiaalgebruik, de overgangen

tussen ruimten, het wel of niet plaatsen van

wanden, toetreding van daglicht en inrichting

van ruimten.

De behoefte aan enige intimiteit moest volgens

het programma van eisen niet worden vergeten.

‘De juiste balans treffen tussen transparantie/

openheid enerzijds en intimiteit/thuis voelen

anderzijds in het devies.’

oktober 2007 eerste aanbestedingsronde ver/nieuwbouw mislukt

lijn, maar verspringt. In het begin van de straat zie je niet hoe het er verderop precies uitziet.

Dat roept spanning op. Je krijgt zin om verder te lopen. Het suggereert ook oudbouw.’

Zichtbaar

De provinciale organisatie wil van een intern gerichte organisatie meer naar buiten treden.

Ook dit vormt een uitgangspunt van het ontwerp. Aan de buitenkant van het provinciehuis

moet beter te zien zijn wat er binnen gebeurt. Soeters houdt echter niet van enorme oppervlakten

glas. ‘De ramen zijn nu als het ware tafereeltjes op schilderijen die je van buitenaf

kunt bekijken.’

Soeters maakt in navolging van dit accent op transparantie ook de negentiende-eeuwse Staten-

zaal beter zichtbaar. Via een route over de binnenplaats tussen de Heerestraat en de Tweebaks-

markt kan het publiek langs het markante gebouw met torentje wandelen. De neo-gotische

Statenzaal vol symboliek vindt Soeters geweldig. ‘In Nederland is men geneigd om te denken

dat alle oude gebouwen gesloopt moeten worden. Ik vind juist dat er continuïteit moet bestaan

tussen verleden, heden en toekomst. In het leven, en dus ook in de architectuur. In de

architectuur wordt naar mijn idee teveel naar de toekomst gekeken. Het schreeuwt erg: ‘Dit

is een andere tijd’, maar onze behoeften zijn sinds de tijd van Cleopatra weinig veranderd.

Mensen hebben nog steeds behoefte aan geborgenheid en veiligheid in gebouwen.’

29


Zichtbaar is ook vanzelfsprekend de toren. De 45 meter hoge ‘stadskroon’ is een nieuw land-

mark in de stad. De hoogte opzoeken is niet alleen om esthetische redenen gedaan, maar

vooral ook uit praktische overweging: het vergroten van het vloeroppervlak voor het werkgebied

van de ambtenaren. De toren moet volgens de architect echter geen moloch worden

die de stad domineert.

Het dak van de toren is geïnspireerd op de schilddaken die typerend zijn voor de huizen in

de Friese steden, de stadhuizen in het bijzonder. ‘We hebben daarom ook voor zwarte pannen

gekozen. Het gebouw past heel goed in het Leeuwarder dakenlandschap.’

Licht en kleur

Lichtinval is een cruciaal punt van het ontwerp. Het is immers van belang dat medewerkers

voldoende daglicht op hun werkplek krijgen. ‘Omdat met name de etages in de toren diep

zijn, zorgen we er met horizontale reflectievlakken tussen onder- en bovenramen voor dat

het licht diep de ruimte binnendringt.’

In de publiekshal en de bovengelegen werkruimten die de toren vormen, is optimaal gebruik

gemaakt van het daglicht dat door het ‘gat’ in de Oosterstraat achter de voormalige school

aan de zuidkant binnenvalt. De hal vangt ook licht vanaf de andere zijde, de binnenplaats.

november 2007 provinciehuis krijgt tijdelijke bewoners > negen studenten wonen er anti-kraak

Soeters en zijn team tekenen twee binnenplaatsen in plaats van de oude drie om juist zo

meer licht in het provinciehuis te krijgen.

De kleuren van de basis van de toren zijn ook op lichtbehoefte gekozen. De basis kreeg een

zandsteenachtige kleur, die goed past bij de Friese geeltjes op de binnenplaats. ‘Een donkere

kleur aan de basis zou de binnenplaats te massief en donker maken, daarom heb ik voor

de lichte grote bakstenen gekozen, die geïnspireerd zijn op de mooie natuurstenen uit het

Loire-gebied. De kleuren aan de buitenkant van het gebouw moeten moeiteloos naar binnen

zijn te vouwen, zo is het in het interieur terug te vinden, zoals bijvoorbeeld de lichte

publiekshal. Het oranjerood van de toren is daarvoor minder geschikt. Het architectenbureau

speelt ook met lichtval en contrasten in de buitengevels. Bijvoorbeeld door lichtkleurige bakstenen

elementen in de donkere gevel aan de Tweebaksmarkt. In de Heerestraat zijn enkele

gevels helemaal wit gemaakt.

links De publiekshal vangt veel

licht rechts De tafel is gemaakt

van samengeperste strookjes

gerecycled hout

31


maart 2008 fractievoorzitters weigeren extra geld uit te trekken voor nieuwe provinciehuis, melden zij in een brief aan de gedeputeerde > gestelde budget is 61,4 miljoen euro (ongeïndexeerd)

Tapijtkleuren

In de kleur van het tapijt zijn de tinten van het

Friese landschap terug te zien. In het souterrain

ligt tapijt in verschillende aardetinten. Groen

siert de drie etages daarboven. Het blauw van

de lucht ligt op de verdiepingen daarboven en

helemaal in de top is wit de basiskleur. ‘Dat is

de loft. Het is niet alleen het Friese woord voor

lucht, maar betekent ook zolder. Hier is de witte

kleur van wolken gebruikt.’ De typisch oranje

tint van de Friese dakpannen is als accentkleur

gebruikt, bijvoorbeeld in de zitjes en informele

overlegplekken op alle kantoorverdiepingen.

links De kleuren van de Friese natuur vormen

inspiratiebron voor de tapijtkleuren midden

Twee tinten bruin in de kommisjeromte

rechts Ontmoeten is een belangrijk thema

van het interieur

Het interieur: duurzaam en intiem

Duurzame materialen en veel natuurlijke kleuren sieren

het nieuwe provinciehuis. Niet alleen de buitenkant, maar

ook het interieur straalt een voorname soberheid uit.

Wij noemen het ingetogen chique’, aldus Ferdinand van

Dam van OTH, interieurarchitect uit Amsterdam. Fietsend door

Leeuwarden deden de interieurontwerpers inspiratie op. ‘Met volle teugen genoten we van

de rijke cultuur’, vertelt projectarchitect Ferdinand van Dam van OTH. De stedelijke monumenten,

de estriken op de vloeren en andere bijzondere elementen werden vastgelegd op

camera. ‘We hoorden toen dat de Friese politiek zich in de Middeleeuwen niet zozeer in de

stad afspeelde, maar juist op het platteland’, aldus Van Dam. Mede daarom tekende OTH

tijdens het proces dat volgde de kleuren van het Friese landschap in het ontwerp. ‘We hebben

ze eigenlijk van buiten naar binnen gehaald.’

Naast de kleuren van het landschap zijn Friese waarden als inspiratiebron gebruikt. Kwaliteiten

als openheid, duurzaamheid, identiteit en transparantie passen bij Fryslân en het provinciaal

bestuur. Duurzaamheid komt tot uiting in natuurlijke materialen van bijvoorbeeld

33


oktober 2008 presentatie bouwbedrag door gedeputeerde Tineke Schokker: 79,8 miljoen euro (geïndexeerd)

vloeren, trappen en vast meubilair. Er is goed nagedacht over de constructieve opbouw van

meubels, zodat deze ook weer demontabel zijn. De kasten zijn in samenwerking met firma

Rendemint modulair geconstrueerd. ‘De meubels zijn eenvoudig uit elkaar te halen zonder

gereedschap.’ Een ander voorbeeld zijn de tafels, die gemaakt zijn van samengeperste strookjes

gerecycled hout van oude kasten en ledikanten.

Architect Sjoerd Soeters gebruikte de genoemde waarden ook als inspiratiebron voor het ontwerp,

waarmee het interieur aansluit bij het exterieur. Bovendien is het effect van meerdere

gevels aan de binnenkant doorgetrokken door in het tapijt met kleurentinten de verschillende

zones aan te geven. ‘Dit vergroot de variatie op de kantoorvloeren en zorgt voor meer

intimiteit’, aldus Van Dam.

Van Dam en collega Angelina Bolten liepen in het beginstadium vaak binnen bij afdelingen

om de sfeer te proeven en de behoeften van de ambtenaren te peilen.

Ontmoeten

Ontmoeten is een ander belangrijk centraal thema van het interieur, dat aansluit bij het nieuwe

kantoorconcept. Centrale ruimtes zijn ontworpen voor informeel overleg en er is veel diversi-

teit in werkplekken. Aan het begin van een afdeling zijn vooral dynamische plekken te vinden

en aan het einde zijn meer rustige plekken gemaakt.

links en rechts Het restaurant

Om intimiteit in het restaurant te creëren is een indeling in niveaus gemaakt. Voor overleg

zijn er tafels maar ook loungeachtige zitbankopstellingen. De zogenaamde windowseats zijn

geschikt voor onderonsjes met een collega. Deze indeling en sfeer maakt het restaurant ook

aantrekkelijk voor gebruik buiten lunchtijden.

Tijdloos

Vóórdat begonnen wordt met het kiezen van kleuren en meubilair vindt een intensief proces

plaats: de functionele indeling van het gebouw. ‘Hoewel de globale indeling en routing met de

positie van diverse representatieve ruimten vast lag, zagen we kans om dit te optimaliseren’,

vertelt Van Dam. In overleg met de provincie en de architect isbijvoorbeeld het trappenstelsel

in de ontvangsthal gedraaid, waardoor een betere doorloop is gemaakt naar de Statenzaal

en het souterrain. ‘Het is een puzzel. Je wilt natuurlijk zo efficiënt mogelijk gebruik maken

van de ruimte. Er is dan ook gezamenlijk veel aandacht besteed aan de routing.’

Een zekere tijdloosheid in de stijl is volgens Van Dam belangrijk voor een publieksgebouw

als een provinciehuis. ‘Het moet de tand des tijds doorstaan, ook om de kosten binnen de

perken te houden.’ Gedeputeerde (Tineke) Schokker benadrukte dat het interieur, net als de

rest van het gebouw, een voorname soberheid moest uitstralen. Van Dam: ‘Onze vertaling

daarvan is: ingetogen chique.’

35


20 november 2008 gedeputeerde oktober Schokker 2008 1 inschrijving betoogt dat ver/nieuwbouw op aanbesteding niet Bouwurk goedkoper kan

‘Mijn

waardering

groeide met

iedere fase’

Alice van Unen

37


Alice van Unen wordt in de wandelgangen

de ‘boufrou’ van het

nieuwe provinciehuis genoemd.

Haar officiële functie is ambtelijk

opdrachtgever van de ver/nieuwbouw.

Ze is de spil tussen de

bouwcombinatie en het bestuur.

‘Ik moet ervoor zorgen dat

iedereen tevreden is.’

oktober 2008 1 inschrijving op aanbesteding Bouwurk

26 november 2008 Provinciale Staten stemmen in met verhoging van het benodigde bouwbudget

‘Mijn functie bevindt zich

tussen twee werelden: de

bouwcombinatie Friso

Bouwgroep, BAM Utiliteitsbouw

regio Noord,

Koopmans Bouwgroep en

het provinciaal bestuur.

Het belangrijkste van mijn

werk is dat ik de werkzaamheden

binnen het

budget van 79,8 miljoen

euro en de planning moest

houden. Dat is gelukt, en

daar ben ik best trots op.

Vertrouwen hebben en toch

zakelijk zijn, is voor mij

altijd het uitgangspunt.

Ik kom uit een ondernemersgezin,

daardoor

begrijp ik de bouwers erg

goed. ‘Afspraak is afspraak’,

en ‘het werk moet af’, zijn

hun credo’s. De politiek

handelt meer op gevoel.

Tussen die twee werelden

zit het spanningsveld waar

ik in beweeg. Ik voel me

soms een slangenmens die

wel geregeld de rug recht

moet houden.

Aan iedere zijde van het

speelveld krijg ik verzoeken

om meerwerk en zijn er

extra wensen, zoals ambtenaren

betreffende hun

bureau, werkplek of grootte

van de kamer. Iedereen

vindt daarbij iets van de

keuzes die je maakt, maar

daar kan ik wel tegen.

Het bouwen van de fundering

zorgde in het begin

voor een flinke uitdaging.

Bij het slaan van palen

onder de kelder werden

wellen geraakt, die zorgden

voor wateroverlast.

De kelder is toen onder

water gezet om tegendruk

te krijgen. Ook op andere

punten kom je natuurlijk

onvoorziene zaken tegen

bij een dergelijk project,

bijvoorbeeld op het gebied

van gebruiksvriendelijkheid

van het gebouw. En hoewel

je er van te voren over

nadenkt, is het vaak toch

net even anders. Je moet

dus proactief te werk gaan.

Waar nodig huurden we

deskundigen in voor zaken

waar wij als provincie maar

eenmaal mee te maken

krijgen, zoals een interieurontwerper.

Nieuwbouw is

immers niet ons dagelijks

werk.

Eerst vond ik het moeilijk voor te

stellen hoe de nieuwbouw eruit

zou komen te zien. Toen ik op

het terrein rondliep en alleen

nog maar grote blokken beton

zag, vergde dat wel wat van mijn

inlevingsvermogen. Stap voor stap

kreeg het vorm en ik heb iedere

fase heel bewust meegemaakt.

Mijn waardering voor het gebouw

is daardoor ook groot nu ik er

na vijf jaar Snekertrekweg weer

werk. Ik weet dat bij ieder materiaal

of ontwerp een weloverwogen

keuze is gemaakt.

Het resultaat is geweldig. Het is

een groot en toch warm kantoor

geworden waar we trots op mogen

zijn. Het gebouw heeft absoluut

allure. Over vorm, materiaal

en kleur ben ik met name erg

enthousiast. Het natuursteen in

combinatie met het hout in de

publiekshal bijvoorbeeld, prachtig

natuurlijk en duurzaam. Daar

in de buurt kom ik te werken,

maar ook op andere etages. Deze

functie is opgeheven en ik ga als

adviseur op andere beleidsterreinen

aan de slag. Hoe dan ook: ik

ben en blijf flexibel.’

39


24 februari 2009 tweede aanbesteding oktober leidt tot 2008 resultaat 1 inschrijving > aannemerscombinatie op aanbesteding Friso, Bouwurk BAM en Koopmans krijgt de opdracht het nieuwe Provinsjehûs te realiseren

41


25 februari 2009 bewoners oktober tonen 2008 1 zich inschrijving bezorgd over op aanbesteding overlast bouw Bouwurk tijdens informatie-avond > klankbordgroep met omwonenden en ondernemers wordt opgestart

juli 2009 sloop gerealiseerd tot maaiveld

43


maart 2009 de aannemer start met de sloop

04 bouwfase

‘Groot project

op kleine plek’

links In april 2009 wordt een begin gemaakt met de sloop. midden Op de plekken waar

de oudbouw moet blijven staan, worden voorzorgsmaatregelen getroffen. Zo worden de

glas-in-loodramen van de Statenzaal dichtgetimmerd.

foto

maart 2009 welstandscommissie Hûs en Hiem is bezorgd over kwaliteit bouwmateriaal provinciehuis

De afdeling ‘Bouwurk’ kreeg vanaf 2008 haar vaste werk-

plek in Post Plaza. De muren toonden bouwtekeningen

in alle soorten en maten. De afdeling heeft drie jaar lang

de bouw intensief begeleid. Gerard Jeunink en Doeke

Reinsma van de bouwcombinatie BAM-Koopmans-Friso

en Koos Stevens en Peter Buursma (Arcadis), projectleiders

voor de provincie, blikken gezamenlijk terug. ‘Het

is op alle fronten een hoogstandje geweest’, zo concluderen de mannen. Sloop, afvoer van

afval, aanvoer van grondstoffen, nieuwbouw en het behoud van de monumentale panden

vroegen het uiterste van de bouwploeg. ‘Om midden in een stad op zo’n kleine ruimte zo’n

groot gebouw neer te zetten, is een monsterklus. En het is ons gelukt. En ook nog eens binnen

het budget en de tijd,’ zo stelt de projectleider namens de provincie, Koos Stevens, met

gepaste trots. ‘En wat ook prettig is: iedereen is tevreden met het resultaat. De architect, wij

als bouwers. Ook de reacties uit de stad zijn goed. En het belangrijkste, de ambtenaren die

hier werken, zijn gelukkig met het gebouw.’

Gevraagd naar het meest spannende moment tijdens de verbouwing, komen de vier mannen

In september 2009 wordt een grote groene kraan geplaatst, die ruim een jaar

boven de stad uitsteekt. Vanuit de kraan is goed te zien dat het merendeel van

het provinciehuis is gesloopt.

45


maart 2009 PvdA Leeuwarden is bezorgd over versobering provinciehuis

Goodwill

‘We hebben ramen staan zemen bij buurt-

bewoners’, antwoordt Peter Buursma op de

vraag naar de memorabele momenten. Tijdens

de sloop was het een grote stofbende. ‘Ook al

hielden we het stof in bedwang met heel veel

water uit brandslangen. Op een gegeven moment

konden bewoners van de Heerestraat

werkelijk niets meer zien, zo vies waren de

ramen. Toen hebben we die gezeemd. Om zo

goodwill te kweken.’ Was er in het begin nog

grote weerstand vanuit de binnenstadbewoners

tegen de bouw, gaandeweg het proces sloeg dat

om. ‘We hebben iedere stap gecommuniceerd

met de bewoners. Ze zijn meerdere keren op

de bouw geweest. Dat heeft ontzettend goed

gewerkt. In plaats van tegenstanders, zijn ze

de ambassadeurs van het nieuwe provincie-

huis geworden.’

Het begin

Koos Stevens zucht nog eens diep als hij terugdenkt

aan het prille begin. ‘De aanloop naar

de nieuwbouw van het provinciehuis ging niet

altijd even makkelijk.’ Twee aanbestedingsrondes

leverden niet het gewenste resultaat. Het

beschikbaar gestelde budget kwam niet in de

buurt van de goedkoopste aanbieding.

Naast het financiële gat, begon ook de tijd te

dringen. En dus zat er eigenlijk maar één ding

op, net zolang praten tot er alsnog een oplossing

kwam. Projectleider Stevens reed in die

tijd iedere dag op een neer naar Sneek, naar

Bouwgroep Friso. g

juli 2009 problemen bij aanbrengen van de palen voor de fundering > werkzaamheden tijdelijk stilgelegd

met hetzelfde onderwerp. ‘De kelder, daar heb ik bij wijze van spreken, grijze haren van

gekregen’, aldus Peter Buursma. Gerard Jeunink, Koos Stevens en Doeke Reinsma kunnen het

beamen. ‘Dat heeft voor de meeste hoofdbrekens gezorgd.’ Om de fundering voor het nieuwe

gebouw aan te leggen, moesten er in de kelder van het bestaande pand 211 palen de grond

in. En bij het boren van de eerste paal, kwam er een groot probleem aan het licht. De grond

onder de kelder bleek niet alleen uit een afsluitende kleilaag te bestaan, er bevonden zich

ook zandlagen en enkele oude waterbronnen in die bodem. De druk in die zandlagen was

bijzonder hoog omdat het water via deze laag naar boven wilde. Het gevaar op uitspoeling

van de grond was groot. ‘Als dat was gebeurd, hadden we hier geen provinciehuis meer

kunnen bouwen. Dan is de grond alleen nog maar geschikt om er een plantsoen op aan te

leggen’, zo vat Stevens kort en krachtig samen. Stevens weet nog hoe hij in juli 2009 van-

af de camping in Frankrijk dagelijks contact had met z’n collega’s in Leeuwarden, Doeke

Reinsma van de Bouwgroep en gedeputeerde Tineke Schokker. ‘We hebben het toen voor

het eerst gehad over de mogelijkheid om de kelder onder water te zetten. Uiteindelijk

heeft het tot november geduurd voor we zover waren.’ Jeunink weet nog dat bijna alle

experts van Nederland om advies zijn gevraagd. ‘We wilden uiteraard geen enkel risico lopen.

Dit moest in één keer goed. We konden ons geen enkele fout permitteren.’

47

links Om stofvorming tijdens de sloop

zoveel mogelijk tegen te gaan, worden

brandslangen ingezet. midden Om de

211 palen in de grond te krijgen die

nodig zijn voor de fundering van de

nieuwbouw, wordt de kelder onder

water gezet. rechts vlnr: Doeke Reinsma,

Peter Buursma, Gerard Jeunink en Koos

Stevens


23 augustus 2009 plaatsen eerste grote kraan

Friso had samen met BAM en Koopmans ingetekend

op de aanbesteding. Maar de geraamde

offerte lag ver boven het beschikbare budget.

‘We moesten dus bij elkaar zien te komen’, zo

licht Stevens de situatie toe. ‘En dat betekende

dat ik bij de provincie moest kijken naar extra

budget, het beschikbare bedrag was door de

jaren niet geïndexeerd. En de bouwcombinatie

moest kijken naar mogelijkheden om te bezuinigen.

We hebben in die tijd ontzettend veel

overleg en contact gehad. Er ging geen dag

voorbij zonder dat we elkaar spraken. Dat ging

ook in het weekend gewoon door.’

Als bewijsstuk haal Stevens een ordner uit de

kast. ‘Kijk’, zegt hij, ‘hier kun je punt voor punt

zien, hoe we bezuinigd hebben. Per punt

hebben we omschreven hoe het anders, goedkoper

kon en de besparing uitgerekend. Daar

heeft de bouwcombinatie ook ongelooflijk veel

tijd in gestopt en daar is ook letterlijk de basis

gelegd voor dit pand.’

links en midden De hele zomer wordt er

doorgebouwd, ook tijdens de weekenden

en de bouwvak. rechts Het afval wordt op

de bouwplaats gescheiden en afgevoerd.

24 augustus 2009 herstart funderingswerkzaamheden oktober 2009 plaatsen tweede grote kraan

Uiteindelijk weten de partijen bij elkaar te

komen, zonder veel aan kwaliteit in te boeten.

‘We hebben in dit proces aan het algemeen

belang gedacht. Hoe kunnen we ervoor zorgen

dat het provinciehuis op een verantwoorde

manier en met een verantwoord budget wordt

gebouwd,’ aldus projectleider vanuit de bouwcombinatie

Doeke Reinsma. Alle partijen zijn

dan ook enorm blij als de handtekening onder

de overeenkomst tussen de provincie en de

bouwcombinatie wordt gezet. Reinsma,

Jeunink, Stevens en Buursma zijn er alle vier

van overtuigd dat er tijdens die onderhandelingen

een fundament is gelegd voor de uiteindelijke

bouw. ‘Het is een heel intensief traject

geweest, waarin we elkaar hebben gevonden

en elkaar konden vertrouwen.’

Na het raadplegen van verschillende experts, wordt gekozen voor het onder water zetten

van de kelder. ‘Omdat we daar zo lang over na hebben kunnen denken, hebben we dat ook

heel efficiënt aan kunnen pakken. We hebben bedacht op welke manier we het water de kelder

in wilden hebben en hoe we daarna een zo schoon mogelijke kelder opgeleverd konden

krijgen. Dat is uiteindelijk wel de winst geweest’, aldus Peter Buursma. In de kelder komt

in november 2009 vijf meter water te staan, als tegendruk voor het grondwater dat via de

zandlagen omhoog wil. En tot grote opluchting van de technici werkt het zoals van tevoren

bedacht. ‘Toen konden we ook echt verder’, aldus Buursma.

Sterk staaltje

Aan die hele spannende fase van de kelder, was al een fase voorafgegaan: de sloop. Althans,

een gedeeltelijke sloop. De monumentale panden en gevels, zoals de Statenzaal en de voormalige

Openbare Leeszaal, ook wel pand 64 genoemd, moesten blijven staan. Een technisch

hoogstandje. ‘Sommige delen hebben we echt letterlijk laag voor laag af moeten pellen’, legt

Reinsma uit. ‘Dat slopen moet je uiterst zorgvuldig doen. Ook was het spannend of alles wel

zou blijven staan. Voor pand 64 hadden we besloten meer te laten staan dan oorspronkelijk

was gepland. Meer laten staan betekent minder nieuwbouw en dus minder kosten. En het

was ook nog eens veel beter voor de stabiliteit van het pand. In het oorspronkelijke plan zou

49


29/30 oktober 2009 de kelder van het provinciehuis wordt onder water gezet voor het boren van de laatste funderingspalen

alleen de gevel blijven staan, die volgens een kostbaar en ingewikkeld procedé in een soort

ijzeren kooi werd gezekerd. Omdat we veel meer van het pand hebben laten staan, konden

we ons die kosten besparen. Het is maar zeer de vraag of het pand, met die stalen bekisting,

was blijven staan’, zo denkt Reinsma na afloop. Bij de sloop kwam ook de oude Statenzaal

weer ‘bloot’ te liggen. Die was zo’n veertig jaar ingemetseld geweest. Bij die laatste

verbouwing in de jaren ’70 was het torentje van de statenzaal scheefgezakt. Bij het uit-

pellen zakte het torentje recht en kwam weer in de originele stand terug. ‘We hebben dat

torentje toen direct verankerd. We wilden absoluut niet het risico lopen dat het torentje er

bij de eerste de beste herfststorm af zou vallen’, zo vertellen Buursma en Jeunink. ‘We hebben

toen ook direct de perstribune tegen de Statenzaal gebouwd, om zo weer voor stabiliteit

te zorgen’, aldus Jeunink.

Logistiek

De sloop was ook een logistieke puzzel. Om het verkeer in de binnenstad van Leeuwarden

zoveel mogelijk te ontzien, werden de sloopmaterialen op gezette tijden afgevoerd. Bovendien

moest er op de kleine ruimte ook worden gesorteerd. ‘Je moet bouwafval gescheiden

aanbieden. Glas, puin, ijzer. Er is zoveel mogelijk gescheiden ingezameld. Dat was een forse

logistieke opgave in de binnenstad.’

december 2009 afronden funderingswerkzaamheden

We hadden een bouwdepot buiten de stad, zodat we op afroep spullen konden laten brengen.

Meestal deden we dat ’s ochtends voor zes uur, om het verkeer in de stad zo min moge-

lijk te hinderen. Ook hebben we twee verkeersregelaars ingezet. We moesten met grote

vrachtwagens in de binnenstad zijn. Dat vraagt ook heel wat van de chauffeurs. Achteraf

kunnen we gelukkig constateren dat zich geen ongelukken hebben voorgedaan en dat de

overlast beperkt is gebleven’, vertelt Buursma. Een ander essentieel punt tijdens de bouw

was de discipline op het bouwterrein. ‘We hebben ontzettend gedisciplineerd gewerkt.

Iedereen moest aan het einde van de dag opruimen. We wilden absoluut geen troep op

het bouwterrein. Simpelweg omdat er zeer beperkte ruimte was, maar ook om vandalisme

te voorkomen. Drie jaar is dit bouwterrein in de binnenstad geweest, en we hebben geen

enkele keer ellende gehad. Geen brandjes, vernielingen, helemaal niks. Het kan dus wel’,

aldus Reinsma.

Opbouw

Toen de sloop achter de rug was en de palen in de grond zaten, kon er vanaf maart 2010

echt gebouwd worden. En dat ging in een razend tempo. In nog geen anderhalf jaar tijd

is er een pand met vijftienduizend vierkante meter kantoorvloer neergezet. ‘Dat is in onze

wereld niet niks’, zo laat Stevens weten. Tijdens de hoogtijdagen van de bouw, liepen er zo’n

links De koude winter van 2010 speelt de bouwers parten. Er

wordt voornamelijk in de kelder gewerkt. In februari 2011 kan er

nog niet gebouwd worden aan de nieuwe kantoren. rechts Zodra

de winter voorbij is, gaat het razendsnel. In april 2010, nog geen

twee maanden later, zijn de eerste contouren al zichtbaar.

51


december 2009 de aannemer pompt in vier dagen het water in etappes uit de kelder

350 bouwvakkers rond. Om een duidelijke lijn in de bouw te krijgen, was er iedere morgen

‘keetoverleg’. ‘Om 11 uur moesten alle uitvoerders van de bouw in de keet zijn. We be-

spraken dan de plannen voor de volgende dag, de logistiek, mogelijke knelpunten en de

doorloop van het werk. Iedere keer zat een andere uitvoerder de vergadering voor. Alleen

wist je niet van tevoren wie dat zou zijn. Daarmee bereikten we dat iedereen uiterst goed

voorbereid naar dit overleg kwam. Als je iets in wilde brengen, moest het op dat moment’,

zo licht Reinsma toe. Voor uitvoerders was deze werkwijze in het begin wennen. ‘In de

reguliere bouw wordt ’s ochtends vroeg de dag doorgesproken. Maar wij haalden dat moment

naar voren, om te kunnen anticiperen. We hebben door deze manier van werken een

grote betrokkenheid bij het project voor elkaar gekregen. Iedereen was verplicht vooruit te

denken.’

Dat vooruitdenken gebeurde voor een groot deel al aan de tekentafels, zoals dat voor ieder

bouwproject geldt. ‘De timmerman moet natuurlijk wel weten wat de maatvoering is, en

de installateur moet ook weten waar hij zijn kabels moet leggen. Maar het vooruitdenken

ging verder. Zo hebben we bijvoorbeeld in het voortraject al bedacht dat de vloeren op

de begane grond extra dik moesten zijn zodat we er met heftrucks overheen konden om

materiaal aan te leveren.’

links Na opnieuw een strenge

winter, is in februari 2011 de

buitenkant zo goed als klaar.

Nu wordt er vooral binnen

gewerkt. midden In februari

2011 gaan de pannen op

het dak en is het gebouw

wind- en waterdicht. rechts

Vlnr: Wietske Spijkstra, Anne

Damsma, Jan Veldman en

Nellie Aukema.

januari 2010 bouwvakkers beginnen met het bouwen van het nieuwe provinciehuis

Unieke samenwerking

‘We hebben met z’n allen een hoogstandje geleverd. De kelderkwestie zorgde voor vertraging,

en toch waren we op tijd klaar. Dat kon omdat we elkaar vanaf het begin hebben

begrepen. We zijn in dit project gestapt met een gezamenlijk doel. We hebben steeds aan

het algemeen belang gedacht. En dat zie je terug’, concluderen de vier mannen. ‘Iedereen is

voor meer dan honderd procent in dit traject gestapt.’

Er is steeds gedacht in oplossingen. ‘Als het ergens tegenzat, keken we wat we alvast wel

konden doen. Dat betekende soms dat de hele planning over de kop moest. Zo hebben we er

uiteindelijk voor kunnen zorgen dat het provinciehuis op tijd af is.’ Wat ze straks het meeste

zullen missen? ‘Elkaar. We hebben drie jaar heel intensief samengewerkt en contact gehad

met elkaar. Maar zo gaat het in de bouw. We stappen straks weer in een nieuw project. Al

onze leermomenten en goede ervaringen nemen we mee.’

53


oktober 2008 1 inschrijving op aanbesteding Bouwurk

‘Iedereen

moet zich

hier welkom

voelen’

Wieger van der Bij

21 januari 2011 provincie huurt 305 parkeerplaatsen gemeente Leeuwarden > parkeergarage moet begin 2014 klaar zijn

55


Het duurt niet lang voordat Wieger

van der Bij het nieuwe provinciehuis

van haver tot gort kent. Hij

wandelt als bode namelijk het

hele gebouw door. Als receptionist

en telefonist is het voor hem van

belang dat alle gasten zich welkom

voelen.

oktober februari 2008 1 inschrijving 2010 vertraging op aanbesteding door strenge Bouwurk winter

‘In 1981 begon ik bij

de provinciale griffie. De

bibliotheekdienst was een

belangrijk onderdeel daarvan.

Het was nog voor het

digitale tijdperk. We bewaarden

alle wetgeving die

vanuit de Tweede Kamer

en Eerste Kamer kwam.

Ook alle kranten werden

verzameld en ingebonden.

Ambtenaren konden ze dan

raadplegen. Bibliotheekwerk

was dus dankbaar werk.

De bibliotheek zat in het

monumentale deel, op de

eerste etage. Het was een

sfeervolle kamer met een

grote opslagruimte.

Ook moesten we wel eens

informatie opsporen in de

provinciale bibliotheek aan

de Boterhoek.

Tegenwoordig gaat zoveel

mogelijk digitaal en scan

ik ingekomen post in, dat

wordt ingeboekt door DIM

(Documentair Informatie

Management) en daarna

gaat het naar betreffende

afdelingen. Daarnaast doe

ik zo nu en dan een boderondje,

en breng ik post

rond bij alle afdelingen.

De organisatie is enorm

10 maart 2010 eerste hoek Oosterstraat krijgt vorm

gegroeid. Destijds waren er

veel afzonderlijke diensten

als provinciale waterstaat en

planologische dienst maar

nu is alles samengevoegd,

waardoor het als één organisatie

functioneert.

Doordat ik al heel wat jaren

meedraai, ken ik heel wat

mensen. Voordeel daarvan

is dat ik heel vaak op af-

scheidsborrels word uitgenodigd.

Vroeger kende ik

bijna iedereen, maar met

ongeveer achthonderd ambtenaren

is dat niet te doen.

Het is in die zin wel wat

onpersoonlijker geworden.

Receptiedienst en telefoondienst

horen ook bij mijn

taken. Een goed visitekaartje

zijn voor de provincie is

voor mij erg belangrijk.

Gasten moeten zich hier

welkom voelen. Als een

burgemeester langskomt,

moet je als receptionist niet

hoeven vragen naar zijn

naam. Je moet je dus wel

wat verdiepen in nieuwe

ontwikkelingen in het bestuur

en de organisatie.

Ook voor de telefoondienst geldt

dat je gastvrij en behulpzaam moet

zijn. De telefoondienst zit nu apart

van de receptie trouwens, want

anders leidt het rumoer in de ontvangsthal

teveel af. Mensen bellen

soms met heel algemene vragen.

Omdat ik hier al lang werk, weet

ik precies welke afdeling wat doet.

Ik kan mensen dus eigenlijk altijd

naar de juiste persoon doorverbinden.

Het gebouw is mooi geworden.

Ik heb een vaste plek in de oudbouw

waar ik het scanwerk doe.

Het is wel prettig dat ik daar een

ladekastje voor mezelf heb. Het

restaurant is voor mij de belangrijkste

ruimte, want ik eet hier

tussen de middag altijd warm.

We hebben een hele goede kok!’

57


april 2010 vertraging strenge winter ingelopen

05 blauwdrukken

Ontwerpen is

geen lineair pad

De ontwerpfase is een proces dat architect Sjoerd Soeters vergelijkt met het

lopen van een pad. ‘Het is geen rechte lijn. Op sommige momenten moet je

terug, omdat een onderdeel niet aansluit bij het doel dat je voor ogen hebt’, aldus

Soeters, die met een team van medewerkers aan het project werkte. In het

blauwe katern hiernaast is iets van dit schetsproces te zien.

20 april 2010 start bouw toren

Veranderingen in het uiteindelijke ontwerp zijn volgens

Soeters geen grote aantasting, omdat het totaal eigenlijk

een lappendeken is aan kleine ontwerpen. ‘Het is een

eclectisch geheel. Oud, nieuw, verschillend materiaal. De lapjes zijn niet allemaal van zijde,

maar hebben ieder hun eigen kwaliteit. De kwaliteit van de lappendeken wordt bepaald door

de verschillende lapjes als compositie of als patroon.’

In eerste instantie tekende Soeters twee symbolische windmolens op het torendak die uiteindelijk

niet de goedkeuring kregen van de provincie. Vervolgens ontstond het idee van de

glazen torentjes als markering van de uiteinden van het zadeldak.

Het uiteindelijke resultaat zoals dat er nu staat, vindt Soeters prachtig. Hij is met name

gefascineerd door het spel van licht in de gebouwen. Eén van zijn favoriete plekken zijn

dan ook de zwaluwnestjes, zoals hij ze noemt. Dat zijn werkplekken hoog in de publiekshal

die veel licht vangen. Toch is het provinciehuis geen grote verassing voor hem als de

schetsen en tekeningen eenmaal tot leven wordt gewekt door de bouwvakkers. ‘Op papier

zie ik al helemaal voor me hoe het wordt. Ik proef al de sfeer. Als dat niet zo zou zijn,

ben ik geen goede architect.’

59


augustus 2010 plaatsen tijdelijke waterpompen voor provinciehuis

perspectief hoek Oosterstraat– Tweebaksmarkt

61


september 2010 start bouw loopbrug

de middenbouw

5 oktober 2010 leggen officiële eerste steen

63


plattegrond

6 oktober 2010 start metselwerk onderbouw voorkant

de torens

65


7 oktober 2010 start bouw gevels Heerestraat

principe daglichtplank

15 oktober 2010 aanbrengen kozijnen bestaande provinciehuis

Doorkijk op het Hûs

fan Fryslân vanuit

het Nieuwstraatje

67


20 oktober 2010 start voegwerk pand oktober 64

2008 1 inschrijving op aanbesteding Bouwurk

‘Ik ben

hier helemaal

op mijn

plek’

Jacqueline Fahner

69


Jacqueline Fahner werkte twintig

jaar bij de catering van het provinciehuis

en is sinds twee jaar

kamerbewaarder. Een stap die

ze achteraf gezien veel eerder had

kunnen maken. ‘Ik heb een superbaan.’

oktober 2008 1 inschrijving op aanbesteding Bouwurk

‘In het nieuwe provinciehuis

werk ik in de gerenoveerde

oudbouw. De

gedeputeerdenkamers zijn

helemaal opgefrist, maar

wel in historische stijl

gehouden. Ik werk in een

ruimte daar vlakbij, in de

buurt van de statenzaal.

Het is wel vrij ver naar het

restaurant lopen vanaf die

plek. Het gedeelte waar

ik in het oude provinciehuis

zat, is nu afgebroken.

Twintig jaar was ik met

plezier werkzaam bij de

catering, maar twee jaar

geleden moest ik terug

in uren, óf naar ‘boven’.

Met dat laatste werd

bedoeld: kamerbewaarder

voor de gedeputeerde

staten en commissaris van

de koningin. Ik bedien hen,

en het betekent vooral ook:

horen, zien en zwijgen.

Eerst keek ik tegen deze

functie op. Als ik vroeger

eens moest invallen als

kamerbewaarder vond ik

dat erg spannend. Maar

collega’s zeiden tegen me:

21 oktober 2010 aanbrengen overkapping tuin

Het is net wat voor jou.

En achteraf bleek dat ook.

Want toen ik de stap eenmaal

had genomen, vond

ik het geweldig. Ik ben hier

helemaal op mijn plek.

Ik haal de gasten van de vijf

gedeputeerden en de commissaris

op bij de receptie,

zorg dat ze rustig even

kunnen wachten, serveer

koffie of thee. Bij lange of

late vergaderingen regel ik

ook lunch of maaltijden via

het restaurant. Dinsdags is

de vaste vergaderdag van de

gedeputeerde staten. Het is

voor de gedeputeerden fijn

om één aanspreekpunt te

hebben. Wel zijn er twee

collega’s die mijn taken

prima kunnen overnemen.

We weten wat ze lekker

vinden en of ze bijvoorbeeld

wel of niet suiker

in de koffie drinken.

Ik dacht dat het een erg rustige

baan was, maar het is juist best

hectisch en afwisselend. Dat vind

ik prettig. Iedere dag maak ik wel

wat nieuws mee. Het ene moment

komt iemand met het eerste

kievitsei voor de commissaris, dan

weer krijgen we een ambassadeur

of minister op bezoek.

Een representatief uiterlijk is

erg belangrijk in deze functie en

daarom draag ik altijd een pak,

net zoals de bodes. We hebben een

leuk team, ik werk nauw samen

met de secretaresses van de vijf

gedeputeerden, de commissaris

en de directie. Het komt wel eens

voor dat ik ’s avonds nog terugkom

als de vergadering nog gaande is

en ik al naar huis ben gegaan.

Dan denk ik toch: ik moet nog

maar even kijken. En dan zeggen

ze soms: blij dat je er bent

Jacqueline.’

71


10 november 2010 voegwerk gevels Heerestraat oktober 2008 15 1 november inschrijving 2010 op aanbesteding aanbrengen plafonds Bouwurkonderbouw

16 november 2010 plaatsen dakgoten

73


17 november 2010 aanhouding oktober 22-jarige 2008 1 man inschrijving die ’s nachts op aanbesteding scooter op bouwplaats Bouwurk parkeert

75


18 november 2010 herplaatsen kroontje en wapen bij oude gedeelte

06 elementen bouw

Eyecatchers

van het HûS

Het meest markante element van het nieuwe provinciehuis is de oranjerode

toren, een nieuw landmark in Leeuwarden. Ook de binnenplaatsen, de natuur-

lijke materialen, de hekken met lisdodden en de oude Statenzaal springen in het

oog. De meest opvallende elementen van het nieuwe provinciehuis op een rij.

De toren: stadskroon

De oranjerode toren was vanaf het begin van de planvorming

het meest besproken element van de nieuwbouw.

Architectonische handigheid zorgde ervoor dat het

geen overheersend bouwwerk in de oude binnenstad is

geworden. ‘Het is de stadskroon in het silhouet van de

stad,’ aldus architect Sjoerd Soeters. De toren is opvallend en onopvallend

tegelijk. Door de abstractie van de gevel is het formaat van de toren op

afstand niet goed in te schatten. Dat is bewust zo gedaan door architect Soeters. De

schuine borstweringen en de naar voren en achteren geschoven ramen in de gevel zorgen

voor dit effect.

Met de begane grond meegerekend is de toren negen verdiepingen hoog. De constructie

staat op een bestaande kelder, die in eerste instantie zou worden gesloopt maar bij

nader inzien toch deels hergebruikt kon worden. Aan de voet van de toren zijn grote

lichtgekleurde stenen gebruikt die geïnspireerd zijn op natuurstenen uit het Loiregebied.

Daarboven koos Soeters voor een monochrome oranjerode kleur. Dat effect is

77

links Het hek met wuivende

lisdodden midden De

publieke doorgang rechts

Het dak van de toren is

geïnspireerd op de typisch

Friese daken


Vergelijk

De toren van het provinciehuis is 45 meter hoog.

Dat is ongeveer net zo hoog als de zestiendeeeuwse

Oldehove, die met houten opbouw 48

meter hoog is. De koepel van de Friesland Bank

is iets lager, ongeveer 42 meter. Het dichtstbijzijnde

hogere gebouw is de katholieke Sint-

Bonifatiuskerk (85 meter) aan de Voorstreek,

die sinds 1884 de stad siert. Verderop staan

de moderne torens van Avéro (77 meter) en

Achmea (120 meter). Deze laatste is het

hoogste gebouw van Leeuwarden.

beneden Het uitzicht vanuit de loft midden Het provinciehuis kan

zich meten met andere torens in Leeuwarden rechts De glazen

constructies hebben een esthetische functie

2 december 2010 snelle inval kou > bouwvakkers verhogen tempo

4 december 2010 hijsen eerste torentje Heerestraat

bereikt door de voegen dezelfde kleur als de stenen te geven. Het dak is geïnspireerd

op de typische Friese daken. De glazen constructies op de uiteinden doen qua vorm

denken aan schoorstenen, maar hebben alleen een esthetische functie. De torentjes zijn

via een ronde trap toegankelijk.

In eerste instanties had Soeters voor de dakuiteinden een moderne variant van de windturbine

bedacht, die zou gaan draaien in de wind. Soeters noemde het zelf ‘slagroomkloppers’

met een dak erop. De draaiende turbinevorm werd afgewezen uit vrees voor

lawaai en flikkering. De uiteindelijke vorm lijkt op dit eerste ontwerp, maar draait niet

en is met glas afgesloten.

Materiaalgebruik en kleur

Traditionele materialen als zink, baksteen, hardsteen en dakpannen zijn de basismaterialen

van het gebouw. Ze vormen een harmonie met de omgeving, omdat dit soort

materialen ook elders veel in de historische binnenstad terug zijn te vinden. Een ander

aspect van de gekozen materialen is dat deze duurzaam zijn en dus ook mooi blijven.

De gevels zijn opgebouwd uit verschillende kleuren baksteen. Op die manier ontstaat

‘een familie van gevels’. De onderste delen van de gevels zijn gemaakt van hardsteen in

verschillende bewerkingen. Ook zijn meerdere kleuren zink toegepast. De kozijnen zijn

79


8 december 2010 aanbrengen dakpannen

van aluminium. Dit alles zorgt er volgens het architectenbureau voor dat het relatief

grote gebouw teruggebracht wordt tot menselijke maat en de schaal van de binnenstad.

De gevels aan de binnenplaats zijn voornamelijk van glas en aluminium.

Geknipte rooilijnen

Het provinciehuis is één gebouw, maar lijkt door de suggestie van gevels, een dynamisch

samenspel van meerdere panden. De geknikte rooilijn draagt bij aan dit effect.

Een geknikte rooilijn houdt in dat de lijn waarop het gebouw in de straat staat niet recht

is. Het zonlicht valt hierdoor net even anders op iedere gevel. De ruimte ontvouwt zich

als het ware voor de voetganger.

Kozijnen

De ramen in aluminium kozijnen van de toren zijn zo vormgegeven dat ze zoveel moge-

lijk daglicht diep in de toren brengen. Het bovenraam staat in het voorvlak van de

gevel en het onderraam ligt verder terug. Tussen de twee ramen ligt een horizontale

plank met een spiegel erop. Het zonlicht dat door het bovenraam schijnt, wordt door

de spiegel op het plafond gereflecteerd. Het witte plafond brengt het licht vervolgens

verder de ruimte in. Het daglicht en het kunstlicht zijn op elkaar afgestemd. Hoe meer

links Het gebouw lijkt door de geknikte

rooilijn uit meerdere panden

te bestaan midden In mei 2011 zijn

alle steigers verdwenen en is het

werk buiten helemaal klaar. rechts

De zuidelijke binnenplaats vangt veel

licht door het ‘gat’ in de bebouwing

in de Oosterstraat

14 december 2010 verwijderen steigers bovenbouw Heerestraat

daglicht er binnenvalt, hoe minder kunstlicht automatisch gaat schijnen. Dat bespaart

energie. De plank doet ook dienst als zonwering voor het onderste raam. De medewerkers

die dichtbij de gevel zitten, kunnen op die manier hinder van direct zonlicht op

het beeldscherm voorkomen.

Binnenplaatsen en verbindingsroute

Het provinciehuis heeft twee binnenplaatsen. Het oude telde er drie. Op de binnenplaatsen

liggen Friese geeltjes en een lichtgekleurd soort grind: een kalksteen die in

fijnere vorm wel wordt gebruikt voor Franse jeu de boules banen. De lichte kleur is

gekozen om de binnenplaatsen zo licht mogelijk te maken.

De noordelijke binnenplaats bij de Statenzaal is 725 vierkante meter. Deels is die beplant,

maar er zijn geen bankjes. Vanaf de Tweebaksmarkt en de Heerestraat is deze binnenplaats

toegankelijk voor bezoekers. De verbindingsroute, die burgers als het ware het ge-

bouw in trekt, is een wezenlijk deel van het ontwerp. Mede op basis van dit idee van

Soeters en zijn medewerkers kreeg het architectenbureau de opdracht van de provincie

Fryslân.

De zuidelijke binnenplaats is 645 vierkante meter groot. Tussen de ‘opengeknipte’ gevel

aan de Oude Oosterstraat stroomt het daglicht diep de binnenplaats binnen. Ook het

81


15 december 2010 bereiken hoogste punt met hijsen tweede torentje

restaurant profiteert van het daglicht aan deze kant. Op het hogere gedeelte van de zuide-

lijke binnenplaats komt beplanting en een boom. Medewerkers kunnen zitten op hardstenen

randen en bij het restaurant kunnen ook stoelen en tafels buiten gezet worden.

Hekken

Drie stalen hekwerken omgeven het provinciehuis. De in Noorwegen wonende kunstenaar

Hans Pulles maakte in overleg met Soeters Van Eldonk het ontwerp, dat geïnspireerd

is op het Friese landschap. De hekken ‘ode aan het riet’ met doerebouten (lisdodden)

zijn helemaal van staal en computergestuurd uitgesneden. De hekken staan aan de openbare

ruimte: aan de Heerestraat, aan de Tweebaksmarkt en aan de Oude Oosterstraat.

Een vierde hek, met twee lelies, staat bij het torentje van de Statenzaal.

De kroon en het wapen

De kroon en het wapen die het oorspronkelijke hoofdgebouw aan de top van de gevel

sieren, zijn gerestaureerd. In november 2010 is de kroon herplaatst. Het Friese wapen is

een azuurblauw wapenschild met twee leeuwen. Het schild wordt ‘vastgehouden’ door

twee klimmende leeuwen. Boven de nieuwe hoofdentree hangt een nieuw gemaakt

wapen.

Restauratie van de Statenzaal

Uitbreiding van de publiekstribune is de belangrijkste

ingreep in de oude Statenzaal. Een dikke muur is weggebroken

en vervangen door een moderne uitbouw van

zink en staal. Het andere deel van de tussen 1895 en

1897 gebouwde neogotische Statenzaal is ook gerestaureerd.

De sloop van achtermuur van de publiekstribune was een van de meest spannende

momenten voor de mensen die aan de restauratie van de Statenzaal werkten. ‘Je

weet niet wat de rest van het oude gebouw gaat doen’, vertelt uitvoerder Tabe Soepboer

van Friso Bouwgroep. De muren bleken gelukkig stabiel. Door de ingreep staat de Statenzaal

weer helemaal los van de rest van de gebouwen. In de jaren tachtig was een deel

van de nieuwbouw aan de Statenzaal geplakt. Het oude torentje dat enigszins scheef was

gezakt, trekt nu ineens weer recht. Soepboer heeft er geen verklaring voor. ‘Het heeft

iets met de fundamenten te maken.’

De moderne uitbouw van staal en zink zorgt voor uitbreiding van de publiekstribune.

Aan de onderkant van dit overwelfd paviljoen worden vierkante vlakken reliëf gemaakt.

83

links De kroon en het wapen op

de gevel van het oorspronkelijke

hoofdgebouw zijn gerestaureerd

rechts De moderne uitbouw vormt

de publiekstribune van de Statenzaal


16 december 2010 voegwerk Statenzaal

‘Dat was een moeilijke tijdrovende klus’, stelt Soepboer. Een pinakel hoort op het puntje

van dit zinken dak, vindt hij. ‘Architect Sjoerd Soeters vond dat wel een goed idee, vandaar

dat er nu een moderne pinakel op staat.’

Na de uitbouw is de rest van de Statenzaal aan de beurt, die einde negentiende eeuw

ontworpen is door rijksbouwmeester Jacobus van Lokhorst. De twaalf glas-in-loodvensters,

waarin de wapens van de drie gouwen, elf steden en dertig grietenijen zijn afgebeeld,

geven de Statenzaal die typisch gekleurde lichtinval. De ramen, destijds gemaakt

door Nicolaas van Roermond, zijn nog in goede staat.

De ramen hoeven alleen maar goed schoongemaakt te worden. Eén raampje moet worden

vervangen. Een elektricien stootte het kapot door er een ladder tegenaan te zetten.

‘Die man kon wel vertrekken’, aldus Soepboer.

Zeventien verschillende vormen rode baksteentjes moesten op maat worden gemaakt om

de kapotte rode baksteentjes van de Statenzaal te vervangen. Ook stukken zandsteen werden

vervangen. Een dakkapel die in de jaren tachtig was geplaatst om een doorloop te maken

naar de nieuwbouw, is verwijderd.

De kozijnen, zinken dakgoten, overloopbakken voor de afwatering zijn waar nodig hersteld

en de koperen bliksemafleiders gecontroleerd. Het leien dak is grotendeels nog goed.

20 december 2010 verwijderen steigers binnenbouw

Het stukje toren dat tegen de jaren tachtig nieuwbouw aan stond, is met leien gedekt

die Soepboer bewaarde van een gesloopt deel.

Aan de binnenkant werkten acht schilders tien weken lang aan de restauratie van de

plafondschilderingen in 72 vakken. Daarin zijn de geslachten van de Friese grietmannen

te zien. Het vinden van exact de juiste kleur is een precies werkje waar één schilder bij-

na fulltime mee bezig is geweest. Ook de andere symbolische schilderingen, zoals de

wandschilderingen met taferelen uit de Friese geschiedenis worden schoongemaakt en

zo nodig bijgewerkt. Datzelfde geldt voor de achterwand waarop acht deugden staan ge-

schilderd en uitgebeeld.

De uitschuifbare bladen van de houten tafels zijn allemaal uit elkaar gehaald en hersteld zo-

dat ze weer soepel bewegen. Het hout van de bankjes en stoelen is in de was gezet en de

stoelen zijn opnieuw bekleed met groene stof. Ook is de rode wandbespanning vervangen.

Restauratie is fantastisch werk, vindt Soepboer. ‘De oude bouwmaterialen die vroeger wer-

den gebruikt zijn erg degelijk. Aan een bestek heb je niets, want alles is anders. Improviseren

vind ik prachtig. Het was een eer aan de Statenzaal te werken en ik vind het

resultaat geweldig.’

85

links Zeventien verschillende

vormen rode baksteen moeten

op maat worden gemaakt midden

Detail van de plafondschilderingen

rechts Acht schilders werken tien

weken lang aan de plafondschilderingen


20 januari 2011 weghalen steigers oktober gevel 2008 Tweebaksmarkt

1 inschrijving op aanbesteding Bouwurk

‘Deze plek

raakt mij

in

het hart’

Irona Groeneveld

87


Ze vergaderde nog in de oude

Statenzaal vóór de verhuizing van

het provinciehuis naar de Snekertrekweg.

Statenlid Irona Groeneveld

(GrienLinks) uit Burgum.

‘Je zit hier midden in de historie.’

oktober 2008 1 inschrijving op aanbesteding Bouwurk

4 februari 2011 leggen eerste stroken vloerbedekking

‘Mijn eerste Statenvergadering

herinner ik me

nog heel goed. Ik kon niet

van het laatje en uitschuifbare

tafelblad van het houten

bankje afblijven. Dat

was vóór de verbouwing.

Sinds 2003 ben ik Statenlid

en tegenwoordig fractievoorzitter

van de tweekoppige

GrienLinks fractie.

Toen we als Statenleden

samen met Leeuwarder

raadsleden vlak na

de oplevering rondkeken,

werd ik weer helemaal

warm en enthousiast.

Allerlei herinneringen

aan de periode 2003-

2007 kwamen boven.

Aan kwesties als de noodopvang

voor asielzoekers

en het streekplan bijvoorbeeld.

Wezenlijke discussies

werden gevoerd en in de

gangen van het bestuurscentrum

was het in die

dagen drukte van belang.

De noodhulp aan asielzoekers

is een onderwerp

dat me veel bezig heeft gehouden.

Net als duurzaamheid,

natuur, landbouw en

jeugdzorg. De laatste tijd

heeft de betrouwbaarheid

van de overheid ook mijn

aandacht. Het beeld dat bij

de burger ontstaat dat de

overheid niet betrouwbaar

is, baart me wel zorgen.

Sommige statenleden die

één periode hebben gediend,

tussen 2007 en

2011, hebben nooit in de

oude Statenzaal vergaderd.

Ze hebben wat gemist, het

is een prachtige ruimte.

Je moét gewoon naar de

plafondschilderingen staren.

De Statenzaal aan de

Snekertrekweg was functioneel,

maar zonder sfeer en

daglicht. Moderne provinciehuizen

die ik wel eens

bezoek zijn mooi en functioneel,

maar missen toch

een bepaalde sjeu. Aan de

Snekertrekweg zat je toch

ook wat in de periferie;

we zijn nu meer onderdeel

van de stad.

In de prachtig gerestaureerde

Statenzaal zijn we van alle gemakken

voorzien. Draadloos internet

bijvoorbeeld, zodat we de papierloos

kunnen vergaderen. Dat de

houten bankjes niet lekker zitten,

moeten we maar op de koop toe

nemen. Ik vind dat niet erg. We

vergaderen maar één woensdag

in de vier weken. De commissieruimte

zit in de kelder, waar een

groot raam wel voor daglicht zorgt.

Je zit hier midden in de historie.

Dat is voor mij van belang. De

wandschilderingen, de Latijnse

spreuk ‘Eendracht maakt macht’.

In de Statenzaal voel ik dat vóór

ons ook met hart en ziel is gewerkt

aan onze prachtige provincie.

De zichtbaarheid van de geschiedenis

motiveert. Tegelijkertijd

relativeert het. Wij zijn onderdeel

van een lange traditie. Met een

gebouw dat aansluit bij de historie

laat je zien waar je vandaan komt.

Het moderne deel is tegelijkertijd

fier en trots. Dit is onze plek, die

mij in het hart raakt. Hier Statenlid

zijn, heeft wat te betekenen. Daar

probeer ik mijn steentje aan bij te

dragen.’

89


10 februari 2011 weghalen steigers oktober Oosterstraat

2008 1 inschrijving op aanbesteding Bouwurk

91


oktober 2008 1 inschrijving op aanbesteding Bouwurk

14 maart 2011 weghalen kleine groene kraan

93


maart 2011 start plaatsen pantry’s

07 kantoorconcept

Het Nieuwe

Werken yn it HûS

Onoverzichtelijk, donker en vele, vele hokjes. Typeringen van medewerkers die

jarenlang in het oude provinciehuis werkten. Met het nieuwe provinciehuis wordt

ook meteen overgestapt naar een nieuwe werkwijze.

april 2011 start plaatsen printerhoeken

Ingegeven door een veranderende, transparantere samen-

leving is er een grote roep om openheid in de organisatie

en meer samenwerking tussen afdelingen. Daarmee wordt

een efficiencyslag gemaakt. Dit alles is terug te zien in de

ruimtelijke indeling van het nieuwe provinciehuis; de vele

hokjes zijn weg, de donkere kleuren zijn vervangen door

moderne, lichte kleuren. En er wordt anders gewerkt, ook

wel het nieuwe werken genoemd. Een provinciaal ambtenaar heeft geen

vaste werkplek meer. Wel een eigen telefoon, een eigen kastje voor persoonlijke spullen. En

een eigen inlognaam zodat overal op het netwerk gewerkt kan worden. ’s Ochtends vertrekt

iedereen naar zijn eigen afdeling, maar heeft geen vaste plaats. Digitaal werken is het uit-

gangspunt. In het concept wordt uitgegaan van een 80% bezettingsgraad. In totaal is uitge-

gaan van dik 700 werkplekken voor ongeveer 800 medewerkers. De afdelingen zijn nu

georganiseerd in grote ruimtes waarbij de medewerkers elkaar veel tegen (kunnen) komen.

95

links Elke ambtenaar

zoekt een plekje binnen

grote, open afdelingen

rechts Met elkaar overleggen

in pantry’s


3 mei 2011 weghalen grote zilverkleurige kraan 25 mei 2011 plaatsen hekken ‘Ode aan het Riet’

Vrijstelling

In het nieuwe provinciehuis houden de drie

directeuren, de gedeputeerden én de Commissaris

van de Koningin hun eigen bureau. In het

kader van vertrouwelijkheid en representativiteit

is hiervoor gekozen. De originele kamers van de

gedeputeerden zijn in volle glorie hersteld, in

overleg met monumentenzorg.

Directeur Uitvoering Jan van der Weij heeft een

kamer met een persoonlijke achtergrond. Zijn

kamer zit in de historisch oudbouw. Toevalligerwijs

is het dezelfde kamer waar hij ooit

zijn verloofde ophaalde, toen dat nog openbare

bibliotheek was.

links De vergaderkamer

van GS rechts In de

tafels zitten technische

faciliteiten voor de

laptops

‘Daarnaast zijn er op strategische plaatsen pantry’s gecreëerd waar kort overlegd kan worden’,

vertelt Herman Groenwold, projectleider inrichting. Medewerkers hebben nu de mogelijkheid

om makkelijker met elkaar te overleggen. ‘Overleg is hier natuurlijk core-business.’ Overleggen

kan in de vaste overlegzalen per afdeling, of in kleinere ruimten waar rustig gewerkt

wordt of in klein verband met elkaar gepraat wordt.

Cultuur

Feitelijk is de impuls voor nieuwbouw ingegeven door de behoefte aan een andere manier

van werken, een cultuuromslag. De cultuur die de provincie voor ogen heeft is samenwerkingsgericht,

flexibel, integer, efficiënt. Van de mensen die hierin functioneren wordt verwacht

dat zij een grote mate van eigen verantwoordelijkheid voelen.

De aanloop naar dit concept begon met een aantal pilots op de tijdelijke locatie aan de

Snekertrekweg. ‘In het begin stuitte het op veel verzet, het is een verandering die niet door

iedereen als nuttig werd ervaren’, vertelt Herman Groenwold. ‘Gaandeweg draaide het negatieve

gevoel en zagen mensen in dat dit idee beter bij de toekomst past. Wel is het natuurlijk

een kwestie van wennen, ook al ben je geen voorstander.’

97


De afdeling P&O was zo’n pilotafdeling in de tijdelijke huisvesting. Veel enthousiasme was

er in het begin niet bij de afdeling. ‘Ik weet nog goed dat we een eerste excursie hadden

naar de tijdelijke huisvesting. We kwamen in grote fabriekshallen waar nog de oude postzakken

van de PTT lagen. Weinig aansprekend’, vertelt P&O-medewerker Henk Tulner, werk-

zaam bij de provincie Fryslân sinds 2003. Van de kleine hokjes met rood en bruin in het

oude provinciehuis kwam zijn afdeling aan de Snekertrekweg in een lange pijpenla met dertig

bureaus terecht. ‘We moesten erg wennen aan het lawaai. Er waren prikkels, veel prik-

kels.’ Na een aantal aanpassingen ging het beter. Er werd bijvoorbeeld een glazen wand

geplaatst, en onderling afspraken gemaakt over telefoneren en praten op de werkvloer. ‘We

merkten dat de voordelen groter waren dan de nadelen. We hadden als afdeling meer en

makkelijker contact, ook de afstemming ging beter. Het gemeenschappelijke gevoel nam toe’,

vertelt Henk Tulner. Na een gewenningsperiode werd de pilot aangenomen.

Overlegruimtes

Over de ver/nieuwbouw van het provinciehuis is Tulner positief. ‘Het ziet er allemaal fantastisch

uit, het werkt prettig ondanks dat we nog moeten wennen.’ Met name de integratie

van oudbouw en moderne elementen spreekt hem aan.

15 juni 2011 oplevering patio’s in de tuinen 18 juli 2011 plaatsen en inrichten keuken kantine

Wennen aan de nieuwe manier van werken hoeven ze op de afdeling niet. ‘Dat hebben we

nu al een paar jaar gedaan. Zelfs werken met weinig vaste spullen waren we al gewend.

Vaste plekken hebben we niet op de afdeling P&O, al ontstaan na enige tijd vast en zeker

weer favoriete werkplekken. Dat het secretariaat een vaste plaats moet krijgen, dat hebben ze

al wel geconstateerd. Ook dat de grotere vergaderzaal een reserveringssysteem nodig heeft.

Voor de kleinere overlegruimtes en concentratiewerkplekken lijkt dat niet noodzakelijk.

Tulner heeft wel moeite met de glazen overlegruimtes in het midden van de afdeling. Door

het karakter van zijn werk heeft hij meer behoefte aan vertrouwelijke overlegruimtes. Die

zoekt hij nu buiten zijn afdeling. ‘De dinsdagen en donderdagen zijn drukke dagen. Dan

moet een deel van de medewerkers een andere plaats zien te vinden. Maar relatief valt het

mee, want als je langer dan een uur van je plaats bent, moet je je bureau opruimen en komt

je plek vrij. Dat geeft ook weer mogelijkheden.’

De anderhalve boekenplank ligt bij Tulner lang niet vol. ‘Je vergist je echt als je zegt dat het

niet veel is. Er kan heel wat op! Soms komt het wel eens voor dat een collega me om iets

vraagt dat ik een week of maand eerder net heb weggegooid Dat is echt opvallend en ook

wel eens jammer.’

Verhuizen naar de Tweebaksmarkt begin november 2011

99


Resultaat Pilots Snekertrekweg

In het nieuwe provinciehuis is het Nieuwe

Werken een gegeven, en geen keuze meer. Uit

de pilots blijkt dat de rol van de leidinggevende

belangrijk is om het nieuwe kantoorconcept

goed te laten slagen. Hij of zij heeft veel beter

overzicht wat er gebeurt op de afdeling, door de

ruimtelijkheid die erin gebracht is. De hokjes

zijn letterlijk en figuurlijk verdwenen. Groenwold:

‘Op deze manier kan de afdelingsleider

veel meer sturen met de extra informatie die

beschikbaar is. Juist de klacht dat langs elkaar

heen gewerkt wordt is weggenomen.’

links Werkplekken bovenin de publiekshal midden De kast aan het begin van

iedere afdeling waar de flexkoffers in kunnen rechts Een open overlegruimte

29 juli 2011 plaatsen eerste fietsenrekken garage 1 september 2011 bezemschoon opleveren pand

Demping

In het kantoorconcept zijn vier soorten werkplekken: de bureaus, overlegplekken, stiltewerk-

plekken en informele werkplekken. Ondanks de openheid is tijdens de inrichting veel rekening

gehouden met één duidelijke klacht die uit de pilots naar voren kwam: de moeite die

een deel van de mensen had om de concentratie vast te houden. Groenwold: ‘Er is veel meer

lawaai en onrust op de werkvloer. Mensen praten over de bureaus heen, horen elkaars telefoongesprekken

en er wordt meer gelopen op de afdeling. Tijdens de inrichting hebben we

goed gekeken naar de akoestiek, mede door de ervaring die we hebben uit de pilots.’ Door

het gebruik van geluidsdempende materialen in wanden, kasten en vloerbedekking is dat

sterk verbeterd. Zo is ook de ervaring van Henk Tulner: ‘Geluidsproblemen hebben ze op

de afdeling veel minder in vergelijking tot de tijdelijke locatie. De geluidsdemping blijkt veel

beter geregeld. Een verademing’

Telefoon

Twintig jaar lang heeft hij een eigen kantoor gehad, concerncontroller Theo Jellema. Nu zit

hij weer tussen zijn ‘eigen’ mensen, in totaal een man of zeven. Zijn mensen vormen een

aparte stafafdeling. Veel spullen heeft hij weggegooid en zijn werkkastje ziet er nog akelig

101


5 september 2011 start herinrichting Tweebaksmarkt

Basisgegevens

Iedere medewerker heeft de beschikking over

een eigen privékluisje dat wordt afgesloten met

een eigen ingevoerde code. Daarnaast heeft

elke medewerker zijn eigen draadloze telefoon

zodat achter elk bureau gewerkt kan worden en

de telefoon naar elk overleg meegenomen kan

worden. Verder heeft iedereen de beschikking

over anderhalve boekenplank in één van de houten

kasten. Medewerkers zijn ondergebracht in

een eigen afdeling, die vrij invulbaar is. Echter,

andere medewerkers kunnen ook plaatsnemen

als plaatsen nog niet ingevuld zijn en extra

werkruimte noodzakelijk is. Laptops kunnen

ingeplugd worden in de speciale pantry’s waar

stopcontacten in de tafel zijn verzonken.

10 oktober 2011 plaatsen computers

leeg uit. Zijn afdeling heeft afgesproken zoveel mogelijk bij elkaar te zitten, dat maakt het

werken effectiever. Jellema moet nog wennen aan de manier van werken: ‘Het is veel gehoriger,

onrustiger. Je wordt wel pragmatischer en maakt onderling goede afspraken, bijvoorbeeld

over het telefoneren. In dit mooie gebouw zijn daar vele plekjes voor gecreëerd.

Het secretariaat heeft wel een eigen plaats, al is dat voor bezoekers niet herkenbaar.’

Zijn nieuwe werkplek geeft Jellema een trots gevoel. De bouw heeft hij tot in detail meebeleefd.

Als controller was hij aan het project toegevoegd en werkte hij op met het Bouwurkteam.

‘Het is iets om trots op te zijn, het gebouw dat er nu staat, op tijd opgeleverd en

binnen de begroting. Dat is te danken aan een fantastisch team met een groot onderling ver-

trouwen en een betrokken gedeputeerde.’

links Voldoende licht op de werkplek is van groot belang midden Verzamelde

telefoons van een afdeling rechts Een kleine overlegplek

103


15 oktober 2011 plaatsen loungeplekken

Beveiligers kennen gedeputeerde niet

Beveiligers hielden op een zondagmiddag in

de jaren negentig gedeputeerde Sicko Heldoorn

aan die in het provinciehuis was om wat stukken

te lezen. ‘Dat deed ik wel vaker, dan fietste ik

even naar het provinciehuis en ging ik werken

op mijn kamer’, aldus Heldoorn. Beveiligers

hielden hem echter die dag staande. ‘Men was

niet gewend aan relatief jonge gedeputeerden in

vrijetijdskleding.’ Het was volgens Heldoorn niet

gemakkelijk om de beveiligers te overtuigen van

zijn identiteit. ‘Ze sloten me in achter de receptie.

Uiteindelijk wist ik een folder achter de

balie vandaan te halen, waar ik met mijn

foto in stond.’

Het spookt

Beveiligers, in het algemeen geen watjes,

vinden het provinciehuis in de jaren tachtig

maar spooky. Verhalen gaan rond over bewegende

vitrages, vreemde geluiden en raar

gesmoezel. Beveiliger Gerrit Kootstra deed zijn

schoenen uit om het uit te zoeken. ‘Op mijn sokken

heb ik rondgelopen om uit te vinden waar

geluiden vandaan kwamen. Een keer zat op de

derde verdieping een postbak van het interne

systeem vast.’ Een andere keer was het enger.

‘In de GS-zaal hoorde ik allemaal gesmoezel,

na verschillende controles was ik er nog niet

achter en heb heel hard geroepen wie daar was

en geen reactie. Daar voelde ik me toch niet

prettig bij.’ Kootstra houdt nu zijn verhalen over

het provinciehuis voor zichzelf. ‘Mijn jongere

collega’s werden er bang van.’

17 oktober 2011 sleuteloverdracht

Nieuwe kunstwerken

Een driedelig kunstwerk van de in Harlingen geboren kunstenaar Hans van Houwelingen siert

het provinciehuis. Het is geïnspireerd op Friese tradities. In de loft staat de drie meter hoge

eikenhouten kast ‘Mecenaat’. Deze is bedoeld voor culturele archiefstukken. Elf witte porseleinen

harnassen staan in de publiekshal, gemaakt bij Tichelaar in Makkum. Van Houwelingen

heeft stad en land afgezocht naar authentieke harnassen om daar mallen van te maken.

Voor de GS-zaal schakelde Van Houwelingen de Chinese kunstenares Mu Xue in. Zij maakte

zes abstracte tekeningen van houtskool die in contrast staan met de statigheid van de zaal en

symbool staan voor ‘fensters iepen’.

De Wolkenman, een marmeren beeld van de in Oudebildtzijl geboren kunstenaar en schrijfster

Jannie Regnerus, is te vinden bij de entree. De Wolkenman is geïnspireerd op hoofdper-

sonen uit haar boek ‘De Ent’. Als de hoofdpersoon Rixt na lange tijd terugkeert naar haar ouder-

lijke huis, ziet ze haar vader in de tuin staan. Hij kijkt naar de wolken. Als er ooit een standbeeld

van mijn vader opgericht zou worden, moet hij er zo opstaan, denkt Rixt.

In het restaurant hangen vilten wandkleden die gemaakt zijn door Claudy Jongstra uit Spannum.

De ontwerpster probeert met haar werken de productiecyclus van de natuur duidelijk

te maken. Het hele productieproces houdt Jongstra in eigen hand. De wandkleden zijn een

geschenk van het aannemerstrio Friso, BAM en Koopmans.

links De bijzondere wandkleden van

Claudy Jongstra in het restaurant rechts

Houtskool op papier in de GS-zaal van

de Chinese kunstenares Mu Xue

105


18 oktober 2011 plaatsen koffieautomaten

oktober 2008 1 inschrijving op aanbesteding Bouwurk

‘Nieuw pand,

nieuwe

werkgewoontes’

Marcel Visser

107


Met zijn flexkoffer zoekt hij elke

ochtend een werkplek. Inkoopadviseur

Marcel Visser is de

verpersoonlijking van de ‘flexwerker’.

‘Het contrast tussen

het oude statische en nieuwe

dynamische is prachtig. Zowel

qua bouw als werkomgeving.’

oktober 2008 1 inschrijving op aanbesteding Bouwurk

‘De ramen kunnen open,

gelukkig. Het gebouw aan

de Snekertrekweg was een

betonnen isolement. Niet

geschikt als kantoorruimte.

Vier jaar geleden ben ik bij

de provincie gekomen. Ik

adviseer en begeleid Europese

aanbestedingstrajecten.

Alles op de werkvloer aan

de Tweebaksmarkt is splinternieuw,

want de huidige

inventaris was grotendeels

afgeschreven. Bovendien

horen bij een nieuw pand

moderne faciliteiten, zoals

mobile printing. Vanaf nu

kunnen we met de mobiele

telefoon een printopdracht

geven.

Het hagelnieuwe kantoor is

prachtig opgebouwd tussen

de twee oude panden.

De ouderwetse bankjes

en prachtige glas-in-loodramen

in de Statenzaal

staan in mooi contrast met

het duurzame meubilair en

grote open ramen van het

nieuwe pand. De verschillende

bouwstijlen en stenen

die zijn gebruikt om het in

één geheel op te laten gaan,

vind ik prachtig gelukt.

Het past perfect bij elkaar.

19 oktober 2011 aanbrengen wifi-installatie

De bereikbaarheid is niet

optimaal, maar de provincie

hoort in het centrum

van de hoofdstad. Het is

belangrijk dat de Statenzaal

behouden blijft. Een ruimte

met status en allure.

Het nieuwe pand brengt

ook een grote uitdaging

met zich mee; flexwerken.

De meeste medewerkers

zijn gewend om met een

paar collega’s in een kamer

te zitten. Een eigen bureau

met familiefoto erop, plant

ernaast en het koffiezetapparaat

binnen handbereik.

Dat is verleden tijd. Hoewel

de eerste stap naar flexwerken

is gezet aan de Snekertrekweg

door de grotere

werkruimtes, had vrijwel

iedereen een vaste plek.

Van een eigen bureau ben

ik langzaam gaan flexwerken.

Door te flexwerken integreer je

collega’s en afdelingen met elkaar.

Dat is ook het idee achter het nieuwe

kantoorconcept. Op die manier

creëer je ook weer een open

provincie. Dat begint bij de interne

organisatie. De poorten van de binnentuin

zijn elke dag al open voor

bezoekers.

Stap voor stap wordt de omslag

naar ‘het nieuwe werken’ gemaakt.

Er zijn trainingen over

gegeven. Maar bij het ontwikkelen

van het nieuwe kantoorconcept

merkte je nog heel erg de territoriumdrift.

Hoe krijg ik mijn eigen

werkplek? Je kunt het pand wel

verjongen met moderne faciliteiten

en een hagelnieuw kantoorconcept,

maar de ambtenaren moeten

het doen. Houd niet vast aan oude

werkgewoontes, dat is geweest.

Het nieuwe provinciehuis is een

pand waar we trots op kunnen zijn.

We zijn terug op de plek waar de

provincie hoort, alleen dan in een

nieuwe werkomgeving.’

109


24 oktober 2011 weghalen laatste containers Tweebaksmarkt

08 provincie & samenleving

Hart van

bestuurlijk Fryslân

Het kloppend hart van bestuurlijk Fryslân. Dat moet het nieuwe provinciehuis

zijn. Met een gebouw dat meer zichtbaar is voor de burger en tegelijkertijd aansluit

bij de historie.

De samenwerking met gemeenten en andere partners

is steeds belangijker. Een focus op kerntaken zal de

komende jaren nodig zijn. Deze bestuurlijke ontwikkelingen

sluiten naadloos aan bij het gebouw. Bestuurlijk Fryslân

zetelt al meer dan vier eeuwen aan de Tweebaksmarkt, één van de meest lommerrijke straten

van de Leeuwarder binnenstad. In 1579 zijn Gedeputeerde Staten en de Rekenkamer hier al

gevestigd. Provinciale Staten voegen zich eind negentiende eeuw bij hen in de Statenzaal,

die tegelijk met de nieuwbouw prachtig is gerestaureerd. Vóór 1579 is de Tweebaksmarkt

echter ook al het centrum van het Friese bestuur. Schuin tegenover het provinciehuis komen

de bestuurders bijeen op de Landdag, de voorloper van Provinciale Staten. Fryslân bestaat

dan nog niet als provinciale eenheid. Het Friese Land wordt bestuurd door grietenijen en

gouwen. Politiek, bestuur en rechtspraak zijn in die tijd nauw met elkaar verweven en van

een scheiding der machten is nog geen sprake. In de naastgelegen Kanselarij wordt door

dezelfde bestuurders ook recht gesproken in het ‘Hof van Friesland’, het hoogste rechtscollege

toentertijd.

111

links De oude ingang midden Het

provinciehuis beslaat de Tweebaksmarkt,

Oosterstraat, Heerestraat en

Korfmakersstraat rechts De landsmaagd,

de personificatie van Friesland

op het plafond van de GS-zaal.

Ze wordt omringd door putti en

attributen die verwijzen naar de

provincie en het bestuur


30 oktober 2011 plaatsing wandkleden Claudy Jongstra in het bedrijfsrestaurant > aangeboden door de aannemerscombinatie

Historisch versus visionair

Het wel of niet behouden van de historische locatie vormt rond 2000 de belangrijkste

kwestie in de bestuurlijke discussie over ver- of nieuwbouw. Moet het nieuwe provinciehuis

op de Tweebaksmarkt blijven? Of is huisvesting elders in de binnenstad, aan de rand van de

stad of zelfs buiten de stad ook een optie? Hoewel het logisch lijkt op de historische plek te

blijven, kost aanpassing van de oude locatie wel het meest: 165 miljoen gulden (75 miljoen

euro), zo is de schatting eind 2000. Nieuwbouw aan de stadsrand kost 113 miljoen gulden

(51 miljoen euro) en elders in het Leeuwarder centrum 145 miljoen gulden (65 miljoen

euro).

De standpunten van bestuurders en de bevolking lopen onderling sterk uiteen. Ook binnen

politieke partijen zorgt de kwestie voor verdeeldheid. In het college van Gedeputeerde

Staten wordt flink gediscussieerd. Gedeputeerde Gerard van Klaveren (VVD) ziet het liefst

een nieuw provinciehuis in het open landschap buiten de stad verrijzen. Ook vanwege de

betere bereikbaarheid. Hij laat zijn oog vallen op de Werpsterhoek, dat kilometers ten zuiden

van de stad ligt en de belangrijkste locatie is voor stadsuitbreiding de komende decennia.

Nieuwbouw aan dit knooppunt van autowegen is volgens Van Klaveren de beste optie

voor de toekomst. ‘Ik wilde vooruit kijken’, vertelt Van Klaveren tien jaar later als burgemeester

van Weststellingwerf. ‘Leeuwarden had groot belang bij economische ontwikkeling

en moest aansluiten bij de snelle ontwikkeling van de A7-zone. Een nieuw provinciehuis ten

zuiden van de stad had die aansluiting kunnen realiseren. Ik vond daarnaast de Tweebaksmarkt

geen representatieve locatie en de bereikbaarheid van en de parkeergelegenheid bij

het provinciehuis was ronduit slecht. Een toren zoals Soeters die heeft ontworpen zie ik

buiten de stad ook veel beter uitkomen. Het huidige ontwerp is mooi, maar het volume is

te groot voor een binnenstad. Mijn idee was blijkbaar te visionair’, aldus Van Klaveren.

De meeste andere gedeputeerden hechten zeer aan de (binnen)stad. Daarbij speelt ook moge-

lijk hergebruik van de oude panden als het bestuur en de ambtenaren zouden vertrekken. Ge-

deputeerde Sicko Heldoorn spreekt deze vrees uit. ‘Dat is vaak grote ellende, zeker met zo’n

groot complex’, aldus Heldoorn, tegenwoordig burgemeester van Assen. De discussie is stevig,

en Gedeputeerde Staten komen niet op één lijn. GS geven Provinciale Staten in april 2001 dan

ook een verdeeld advies, waarna de volksvertegenwoordiging uiteindelijk kiest voor de Twee-

baksmarkt.

Aanbesteding en stijging kosten

Vervolgens is de aanbesteding geen gemakkelijk traject. Het bouwproject is zo ingewikkeld dat

geen enkel bouwbedrijf zich in een periode van bouwcrisis aan de opdracht durft te wagen.

Als de aanbesteding van de parkeergarage en de nieuwbouw uit elkaar worden gehaald, schrijft

113

links Wel of niet blijven

op de historische locatie

vormt de belangrijkste

kwestie in het beslissingsproces

midden Voordat

de bouw los kan, is flink

onderhandeld rechts De

Snekertrekweg was vijf jaar

lang het onderkomen van

de provincie


een combinatie van bouwbedrijven zich in. De onderhandelingen moeten worden afgebroken

omdat de provincie de inschrijving te hoog vindt. Er moet een andere oplossing komen. ‘Er

werd hard onderhandeld’, herinnert verantwoordelijk gedeputeerde Tineke Schokker (CDA)

zich. ‘Maar wel op basis van vertrouwen.’ De aannemerscombinatie ziet kans om de begroting

naar beneden te brengen. Schokker moet vervolgens 18 miljoen euro extra budget van de

Staten lospeuteren om de indexering van de afgelopen jaren te kunnen dekken. Door enerzijds

te bezuinigen en anderzijds meer geld beschikbaar te krijgen, ligt er een goed voorstel

voor alle partijen. Het lukt haar om het voorstel door de Staten te loodsen. Zo komen beide

partijen bij elkaar.

Ook daarna is Schokker nauw betrokken bij de nieuwbouw, door haarzelf gesymboliseerd

door de mobiele telefoon die tijdens haar vakantie op Ameland in 2009 bijna letterlijk aan

haar oor vastplakt. In die zomer werd de bouw stilgelegd wegens problemen met de funderingswerkzaamheden.

In het najaar wordt dat opgelost door de kelder onder water te zetten

om de laatste funderingspalen in de grond te kunnen slaan. ‘We hebben gezamenlijk heel

hard gewerkt en de bouwbedrijven hebben klasse werk verricht.’

links De provincie zoekt

meer de samenwerking

met gemeenten en andere

organisaties midden Concordia

Res Parvae Crescunt

(eendracht maakt macht)

in de Statenzaal rechts De

dubbele deur naar de GSzaal

voorkomt afluisteren

2 november 2011 start verhuizing > overbrengen 1500 dozen en 2500 grote bakken > 40 verhuizers actief

Veranderende taken

De nieuwbouw past perfect bij de veranderende rol van de provincie in de bestuurlijke

arena. Dat heeft met een verschuiving in taken te maken, maar ook met een andere verhouding

met de bevolking.

Vroeger deelde de provincie in Fryslân bestuurlijk de lakens uit. Fryslân telde dertig jaar ge-

leden 44 voornamelijk kleine gemeenten. De verwachting is dat dit aantal binnen tien jaar

gereduceerd zal zijn. Gemeenten krijgen steeds meer overheidstaken toegeschoven, omdat

ze het dichtst bij de burger staan. Zorg en welzijn zouden primair aan de gemeenten overgelaten

moeten worden, zo luidde in 2008 al het landelijke advies van de commissie Lodders.

Provincies moeten zich volgens deze discussie over decentralisatie concentreren op

het ruimtelijk economisch terrein en cultuur. Een aantal taken van de provincie kan dus de

komende jaren verdwijnen.

De Friese gemeenten van de toekomst zijn groter en tellen meer inwoners, ambtenaren en

budgetten. Gemeenten zullen op sommige punten dus ook minder op de expertise van de

provincie leunen. ‘Ook deze ontwikkeling heeft de provincie ertoe gebracht haar rol opnieuw

te definiëren en bij te stellen. Integraal werken is veel meer het credo’, zo vat Tineke

Schokker het samen. De provincie is minder een overheidsinstantie die de gemeenten met

115


5 november 2011 einde verhuizing van onder andere 180 kasten, 350 bureaustoelen, 500 vergaderstoelen

opgeheven vinger toespreekt, maar zoekt juist veel meer de samenwerking met gemeenten

en tal van andere publieke en particuliere organisaties. ‘Meer faciliteren en initiëren’, zo

verwoordt Jan van der Weij het, directeur Uitvoering, en in die functie verantwoordelijk

voor de nieuwbouw.

Het richten op kerntaken is dus van belang. Fryslân weet volgens Van der Weij duidelijk wat

haar focus is. ‘Met name taal en cultuur zijn beleidsonderdelen die voor de provincie tot haar

identiteit behoren. Fryslân zal daarom ook de laatste provincie zijn die opgeheven wordt.’

De provincie Fryslân houdt wel rekening met een inkrimping van de eigen organisatie.

Dat zou betekenen dat de nieuwbouw mogelijk te ruim wordt voor het ambtelijk apparaat.

‘Samenwerkingspartners zouden ook hier gehuisvest kunnen worden als er door deze ontwikkelingen

veel plaats over is. Het gebouw sluit sowieso nauw aan bij de samenwerkingscultuur.

Het nodigt uit tot ontmoeten, overleggen en samenwerken.’

De provincie kent een veel minder hiërarchische structuur dan vroeger. Waar nu iedereen

een flexibele werkplek heeft, was dat in het oude gebouw uitgesloten. ‘Iemands positie kon

je aflezen aan het aantal collega’s waarmee hij of zij op een kamer zat. Als je alleen een

kamer had, dan had je echt status’, aldus Van der Weij.

De officiële verhuizing van het bestuur van de Snekertrekweg naar de Tweebaksmarkt

Betrokkenheid

De provincie heeft als bestuurlijke organisatie van oudsher een nauwe band met de bevolking.

‘Bij de vaststelling van streekplannen en ander belangrijk beleid zijn de tribunes vaak

goed gevuld’, vertelt Van der Weij. Toch is deze betrokkenheid niet meer vanzelfsprekend.

De verbinding met de bevolking wordt meer opgezocht. Ook in het ontwerp van het gebouw,

met bijvoorbeeld de doorgang van de Heerestraat naar de Tweebaksmarkt. ‘In die zin

moet het provinciehuis een ‘Hûs fan Fryslân’ zijn, en niet alleen de huisvesting van bestuur

en ambtenaren.’

Van der Weij kent de organisatie en de verschillende gebouwen door en door. Hij begon in

1979 als secretaris van de commissie kleine scholen en vervulde daarna nog dertien functies.

Hij herinnert zich nog goed hoe enthousiast iedereen was na de verbouwing begin jaren

tachtig. ‘Ook toen speelde er een discussie over kapitaalvernietiging.’ Een groot nadeel van de

aaneenschakeling van panden was volgens hem de tientallen vloerniveaus. ‘Het was echt trappetje

op, trappetje af.’ Bij de aanleg van ICT-voorzieningen, maar ook onderhoud en schoon-

maak bleek dit erg onhandig. Het nieuwe gebouw zal volgens Van der Weij langer meegaan

dan het vorige. ‘Daar durf ik wel een weddenschap op af te sluiten.’

117


6 november 2011 afronden schoonmaakoktober

2008 1 inschrijving op aanbesteding Bouwurk

‘Dit is

dé politieke

arena, hier

gebeurt het’

Andries Bakker

119


Als politiek verslaggever is

Andries Bakker van Omrop Fryslân

al bijna tien jaar een bekend

gezicht in het Provinciehuis.

Hij kent alle ins en outs van bestuurlijk

Fryslân. ‘De statenzaal

is voor mij nog steeds hét pronkstuk.’

oktober 2008 1 inschrijving op aanbesteding Bouwurk

7 november 2011 eerste werkdag ambtenaren > bouwurk biedt Schokker inrichting provinciekamer aan

‘Op het trapje voor de

Gedeputeerdenzaal heb

ik lange avonden doorgebracht.

Wachtend op

informatie en besluiten,

om als eerste het nieuws

te brengen. Alles heeft met

politiek te maken. Het provinciehuis

is ook een goede

plek voor onderzoeksjournalistiek.

Hier halen we

de ‘nieuws’-krenten uit de

pap tijdens vergaderingen

en commissies. Dat alles

geeft vorm aan het journalistieke

ambacht voor mij

als politiek verslaggever.

Het oude gedeelte van het

gebouw is ons domein. Het

is dé politieke arena, hier

gebeurt het.

Nu ik na vijf jaar weer

in de Statenzaal ben, valt

het me meteen op dat er

minder bankjes zijn, 48 in

plaats van 56. Het aantal

statenleden is immers van

55 teruggebracht naar 43.

Alle herinneringen komen

weer boven. De collegevorming

in 2007 waar

politieke dieptepunten voor

ons nieuwshoogtepunten

waren. Zoals de rode Ford

Ka van Anita Andriesen die

de plek van de geheime

college onderhandelingen

verraadde in Earnewâld.

Of toen ik tijdens de lunch

van het nieuwe college live

interviews af mocht nemen

en er achter kwam dat

Piet Adema gedeputeerde

werd terwijl hij fractievoorzitter

zou worden.

Maar ook de politieke heisa

rond de ATF-brand en het

onderzoek omdat iemand

een rapport naar mij had

gelekt.’

‘De Statenzaal is een

prachtig pronkstuk. Ik vind

het belangrijk dat de oude

authentieke zaal in stand

is gebleven. De publieke

tribune is een praktische

oplossing, maar niet mooi.

De lichte en grijzige kleuren,

de kuipstoeltjes, het

past minder bij het geheel.

Had wel wat statiger gemogen.

De oudbouw heeft wel

een prachtige verbinding

gekregen met de nieuwbouw.

Het is een strak en

statig geheel.

‘De diverse stijlen aan de buitenkant

vind ik mooi. Door verschillende

steensoorten te gebruiken

komt de oude stijl goed terug. De

twee torentjes vormen mede de

skyline van Leeuwarden. Maar de

hoogte van het gebouw valt me van

de voorkant niet echt op. Het past

prima in het straatbeeld.

Al met al is het een mooi gebouw

om in te werken. Zowel in ons

oude vertrouwde domein als het

nieuwe gedeelte dat alle technische

faciliteiten biedt voor de pers.

De publieksruimte beneden is een

prachtige locatie voor politieke

televisieprogramma’s. Ik zie mij

zelf daar al staan.

Ik ben blij dat het provinciehuis

op deze plek is gebleven. Het

gebouw is een verrijking voor de

stad. Dit hoort in het centrum van

Leeuwarden. Maar als journalist

ben en blijf ik kritisch. Ik vraag me

af, met de wetenschap van nu, of

nieuwbouw de investering waard is

geweest.’

121


10 november 2011 oktober ondernemers 2008 1 Tweebaksmarkt inschrijving op verwelkomen aanbesteding ambtenaren

Bouwurk

123


28 november 2011 schildersgroep oktober wint prijs 2008 voor 1 decoratiewerk inschrijving op oudbouw

aanbesteding Bouwurk

125


09 epiloog

It giet oan!

‘24 februari 2009: It giet oan!’ Het is de tekst op de pen waarmee het contract

met de Bouwcombinatie wordt ondertekend. Een tekst die de start aangaf van

de bouw van ons provinciehuis. It giet oan! Zo voelde het voor mij al in mei 2007

toen ik als gedeputeerde aantrad en mijn eerste overleg had met het team van

Bouwurk.

Tineke Schokker

30 november 2011 eerste vergadering Statenleden in oude Statenzaal

Een team dat toen al één en ander voor de kiezen had

gehad en verder moest met én een nieuwe gedeputeerde

én een nieuwe bouwmeester. De eerste vraag die de nieuwe bouwmeester

Koos Stevens me stelde was hoe ik wilde werken: meer op afstand of er bovenop.

De toen afgesproken werkwijze is mij prima bevallen: er bovenop en vooral het ‘slechte

nieuws’ steeds luid en duidelijk eerst te horen krijgen.

De aanbesteding was al van start gegaan en de aannemers waren geselecteerd. Een aantal

Friese aannemers was niet blij. Het project had, door onder meer de combinatie van provinciehuis

en parkeergarage, dermate hoge referentie-eisen dat zij geen kans zagen daaraan te

voldoen. In een gesprek met één van de ondernemers bleek vooral hun zorg over de Friese

werkgelegenheid. Ook vonden ze het jammer om zo’n mooi project al op voorhand mis te

lopen. Wat toen nog niemand kon weten: er kwam een herkansing. In oktober bleken we te

maken te hebben met een mislukte aanbesteding. Op een gegeven moment hadden twee van

de drie partijen afgehaakt en het college besloot, zo’n beetje tegelijk met het afhaken van

nummer drie, de aanbesteding te stoppen.

Een tweede aanbesteding werd voorbereid. Omdat het niet handig is belangrijke informatie

naar buiten te brengen als er nog een aanbesteding moet komen, werden de Staten in een ver-

127


7 december 2011 klankbordgroep wordt ontbonden, 80 bewoners en ondernemers aanwezig

trouwelijke commissie geïnformeerd. Dat zorgde voor reuring, vooral door de brede beveiligers

die voor de deuren van de commissiezaal stonden. Iedereen die te laat was, of je nou

statenlid was of gedeputeerde, werd tegengehouden. Ik had gevraagd om ‘beveiliging’ bij de

deuren en niet aangegeven dat in de sporadische gevallen van vertrouwelijke commissies die

‘beveiliging’ gewoon door de bodes werd uitgevoerd. Dus werd er keurig beveiliging ingehuurd

bij een gerenommeerd bedrijf.

Het werd weer spannend. Een (wereld)markt met sterk gestegen prijzen van grondstoffen en

aannemers die het een ingewikkeld project vonden. De beslissing om eerst het provinciehuis

aan te besteden en pas later de parkeergarage viel goed. Er werd nog een aantal zaken aangepast

die de aannemers hadden aangedragen als reden om af te haken en de tweede aanbe-

steding ging los. Uiteindelijk bleken de drie bedrijven waarvan wij vrijwel zeker wisten dat

ze serieus aan de gang waren zich verenigd te hebben tot één combinatie. Het bedrag van

inschrijving bleek hoog. Zo hoog, dat de aanbesteding werd afgebroken en er een onder-

handelingstraject volgde. En toen naar PS met het verzoek om extra geld om te kunnen

gunnen. Zo’n achttien miljoen euro meer was er nodig door de gestegen prijzen, maar ook

doordat in de periode 2003-2007 de Staten het budget met zo’n zeventien miljoen euro

omlaag hadden gebracht. Het onderhandelingstraject met de bouwcombinatie had één voordeel:

alles wat je normaal tijdens de bouw tegenkomt was nu al uitonderhandeld. PS stemden

december 2011 einde herinrichting Tweebaksmarkt

in en het contract kon worden getekend. It giet oan. De sloop kon beginnen. In rap tempo

verdween het bijgebouwde deel. En heel snel kon begonnen worden met de fundering. We

wisten dat dat technisch uitdagend was, maar dat het zo spannend zou worden... Ik heb

nog nooit zoveel gebeld tijdens een vakantie als in de zomervakantie van 2009. Uiteindelijk

besloten de bouwers de kelder onder water te zetten om de fundering af te maken. Toen

begin december het water er weer uitgepompt werd, was de fundering een feit.

Het bouwen ging in rap tempo. Elke keer als ik kwam was er van alles veranderd. En elke keer

ontmoette ik bouwers die wisten wat ze deden en die trots waren op hun werk. Er groeide

een gebouw dat in het echt nog mooier was dan op de tekeningen. Een prachtig moment:

het hoogste punt meemaken, bungelend in een bakje hoog boven de stad.

It giet oan! Terug in het Provinsjehûs. Naar een gebouw dat geworden is wat architect Sjoerd

Soeters had beloofd, dat snel en goed is gebouwd door Friso, Bam en Koopmans en dat

prachtig is ingericht door OTH. Aangestuurd door het Bouwurkteam, inclusief de externe

bouwmeester en projectleider. Een spannend project dat tot een goed einde kon worden

gebracht door een combinatie van vertrouwen, stevig onderhandelen en hard werken.

Tineke Schokker

Gedeputeerde

129


april 2012 plaatsing kunstwerk oktober ‘Mecenaat 2008 1 inschrijving Fryslân’ van op Hans aanbesteding van Houwelingen Bouwurk in de loft

131


oktober 2008 1 inschrijving op aanbesteding Bouwurk

eind april 2012 plaatsing kunstwerk ‘Harnassen’ van Hans van Houwelingen in de publiekshal

133


eind april 2012 plaatsing kunstwerk ‘Wolkenman’ van Jannie Regnerus in het entreegebied eind april 2012 plaatsing kunstwerk ‘Tekeningen’ van Mu Xue in de GS zaal

colofon

© Provincie Fryslân

Tekst, productie en eindredactie

PS Produkties – Jolanda Haven, Christel Pieper, Ellen Schat, Ingrid Spijkers

Fotografie en illustraties

Winfried Walta (Tresoar): p14,15,16,19,20,21. Tresoar: p16,18. Friesch Dagblad:

p20. Historisch Centrum Leeuwarden p13,14,17,18,19,20. Martin Rijpstra: p22,23,3

7,38,55,56,69,70,87,88,107,108,119,120,128. Jolanda Haven en Neeltsje Marije de

Boer: p2,5,7,8,26,27,29,32,33,35,40-53, 72-75,76,77,78,79,80,81,82,83,85,85,90-

93,95,96,97,98,99,100,101,102,103,105,110,111,112,114,115,116,117,122-125,

127,128,130-133. Provinsje Fryslân: p6,10,11,105,113. Soeters Van Eldonk

architecten: p54-66. OTH: p28,32,34,94.

DVD

PS Produkties – Ilona Vergonet, Mirjam van der Veen, Ingrid Spijkers, Christel Pieper

Vormgeving

Monique Vogelsang grafisch ontwerp

Druk

Grafische Industrie de Marne

B u r e a u v o o r a r c h i t e c t u u r e n i n t e r i e u r a r c h i t e c t u u r

w w w. o t h . n l

Dit boek is gedruk op TripleStar silk, Emotion en HV offset. TripleStar is PEFC gecertificeerd.

PEFC (Programme for Endorsement Forest Council) is opgericht in 1999 en is een internationale nonprofit

organisatie die het duurzaam beheer van bossen wereldwijd als doel heeft. Duurzaam beheer van

het bos houdt in dat men rekening houdt met zowel de economische, als ecologische en sociale functies

die het bos vervult. Nu en in de toekomst. Emotion is zacht houtvrij ongestreken papier uit FSC mixed

sources. Het blauwe katern is gedrukt op 80 grams houtvrij offset (FSC).

Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand,

of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch,

door fotokopieën, opnamen of op enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming

van de uitgever.

www.provinciefryslan.nl

Dit boek is mede mogelijk gemaakt door

Ontwerpgroep Trude Hooykaas, DHV BV, Arcadis Nederland BV, Cauberg Huygen Raadgevende

Ingenieurs BV, Schreuder Groep Ingenieurs/Adviseurs, Bouwcombinatie Friso,

Bam en Koopmans, Fugro Ingenieursbureau BV, Soeters Van Eldonk architecten BV,

Stevens Advies BV

Met dank aan

Historisch Centrum Leeuwarden en Tresoar

Frysk Histoarysk en Let terk undich Sint rum

135


mei 2012 officiële opening nieuwe Provinsjehûs

Similar magazines